CConstaterende datDeventer
Koppel je AI →
Document · PDF

2021-05-19 Evaluatie Minimabeleid en schuldhulpverlening 2017-2020

Informatieve bijeenkomst 19 mei 2021, gemeente Deventer20.433 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

maatwerk, dit in de praktijk toch lastig lijkt te zijn. Een (nog) betere afstemming tussen professionals en vrijwilligers kan volgens de samenwerkingspartners van meerwaarde zijn om maatwerk te kunnen bieden. Vrijwilligers hebben een makkelijke ingang en kunnen ten op zichtte van professionals veelal efficiënt schakelen en zorgen voor snelle oplossingen. Daarnaast hebben ze minder te maken met het procedures, het afleggen van verantwoording of werkdruk. ‘’Maak daar gebruik van!’’ Zo wordt er voorgesteld om organisaties die dicht bij de mensen staan zogenoemd handgeld te geven om op basis van maatwerk mensen te kunnen helpen, bijvoorbeeld bij het aanschaffen van een ID-bewijs. De uitvoerende medewerkers en samenwerkingspartners vragen daarnaast aandacht voor het hebben van een brede blik en proactieve houding. Een voorbeeld hiervan is om bij aanvragen na te gaan of er kinderen in beeld zijn en daarop in te spelen door de aanvrager te attenderen op de diverse kindregelingen. Een laagdrempelige toegang In het beleidsplan beschrijft Gemeente Deventer dat zij streeft naar een laagdrempelige en brede toegang, zodat iedereen met een laag inkomen, financiële zorgen of met financiële vragen (bijvoorbeeld bij life-events) eenvoudig ondersteuning kan vragen. Een laagdrempelige toegang wordt bij de gesproken betrokkenen als essentieel gezien. Zo kan schaamte een belemmering vormen,

21

maar ook een taalbarrière of ingewikkelde procedures kunnen de drempel verhogen. De samenwerkingspartners lijken kritisch te zijn over dit onderwerp. Daarnaast is het aanvragen van de regelingen te complex. De verschillende regelingen hebben op dit moment verschillende procedures, de ene ingewikkelder dan de ander, die soms (te) lang kunnen duren. Zo komt in een gesprek met de samenwerkingspartners naar voren dat de bijzondere bijstand wordt ervaren als een ingewikkelde regeling, zeker voor laaggeletterden, en ook de bezwaar- en beroepsmogelijkheden zijn te juridisch ingestoken. Ook de Cliëntenraad en uitvoerende medewerkers geven aan dat de toegang van de regelingen beter kan. Het is lastig voor de klant om bij verschillende uitvoeringsinstanties een regeling aan te vragen. De klant moet dan ook meerdere malen zijn financiën op tafel leggen. De Cliëntenraad geeft aan dat een centrale registratie of balie daarin zou kunnen helpen. Daar kan een klant eenmaal zijn financiële situatie doorgeven en kunnen andere organisaties nagaan of er recht is. Dit sluit aan bij het idee van de uitvoerende medewerkers en de samenwerkingspartners. De uitvoerende medewerkers zouden het daarnaast als een plus zien als de draagkracht nog maar een keer per jaar wordt vastgesteld. Tussentijdse salarisverhoging c.q.

periodieke verhogingen zijn dan niet meer aan de orde, en bankafschriften hoeven tussentijds niet meer opgevraagd te worden. Een ander manier om drempels te verlagen zien de uitvoerende medewerkers en de samenwerkingspartners in het bieden van ondersteuning. De uitvoerende medewerkers denken aan een vast contactpersoon per klant, met wie de klant alles samen kan regelen. Iemand die de regels kent, kan doorverwijzen en de aanvragen kan doen. Voorgesteld wordt om tijd te nemen in het gesprek met de klant om alle mogelijkheden goed te bekijken. De samenwerkingspartners zien baat in een stabiele factor bij iemand in de buurt die kan ondersteunen in de wirwar van regels en het invullen van formulieren.

2.4 Financiën minimabeleid Hieronder is het financiële overzicht te zien van de minimaregelingen en bijzondere bijstand. 2017

2018

2019

2020

Bijzondere bijstand bewindvoering Individuele inkomenstoeslag Individuele studietoeslag Aanv. Bijstand levensonderhoud <21 jaar Bijzondere bijstand overigen

€ 1.409.060 € 389.820 € 48.329 € 243.874 € 472.568

€ 1.412.294 € 398.249 € 55.534 € 235.228 € 397.223

€ 1.373.540 € 418.684 € 84.672 € 130.230 € 355.973

€ 1.382.146 € 453.393 € 131.845 € 114.795 € 289.261

Rechtop! Salland gemeentepolis Totaal

€ 397.000 € 671.858 € 3.632.509

€ 368.894 € 746.900 € 3.614.322

€ 376.156 € 750.755 € 3.490.010

€ 396.800 € 752.667 € 3.520.907

2.5 Conclusie Minimabeleid

22

Met het minimabeleid van de gemeente wordt beoogd de maatschappelijke participatie van inwoners te verbeteren, met het uitgangspunt dat inkomen daarin geen rol zou mogen spelen. Het streven is dat niemand tussen wal en schip geraakt. Wat de data laat zien is dat het grote deel van de inwoners met een inkomen onder de 110% van de bijstand eenpersoonshuishoudens en eenoudergezinnen zijn. In vergelijking met de totale leeftijdsgroep, heeft 20% van de jongeren een inkomen onder de 110%, voor ouderen is dit 12% ten opzichte van de totale leeftijdsgroep. Zowel bij de inkomensondersteunende maatregelen als de participatiebevorderende maatregelen is over de jaren heen een daling in het gebruik te zien. Qua bereik en effectiviteit is niet met 100% zekerheid een conclusie te trekken. Kijkend naar bijzondere bijstand, wordt er bijvoorbeeld alleen in bepaalde gevallen ook bijzondere bijstand verstrekt. Anderzijds hebben we de afgelopen jaren (met name in 2019) te maken gehad met een aantrekken economie, waardoor ook het aantal huishoudens onder de inkomensgrens is afgenomen. Echter, we zien ook dat de bekendheid van regelingen is afgenomen en uit gesprekken met partners krijgen we terug dat, ondanks de vele informatie, inwoners lang niet altijd weten welke regelingen zijn, of ze er recht op hebben en hoe ze het aan moeten vragen.

Zij benadrukken het belang van sleutelfiguren en doorverwijzers evenals een makkelijke/laagdrempelige toegang tot regelingen. Met name de verschillende plekken waar regelingen aangevraagd moeten worden, wordt door partners als lastig bestempeld. Daarnaast wordt door partners aangegeven:  Tevreden over het aanbod van regelingen; met name ook over de gemeentepolis en Rechtop!.  De samenwerking onderling, maar ook met/binnen de gemeente wordt als positief en verbeterd beschouwd.  Maatwerk leveren binnen regelingen wordt al lastig en niet goed mogelijk beschouwd. Wellicht dat hierin ook partners een rol kunnen spelen, bijvoorbeeld door zogenoemd ‘handgeld’.  Dat het aanvragen van de regelingen bij verschillende loketten moet gebeuren, werkt drempelverhogend. De wens is dat de klant niet meer overal zijn financiële situatie zou moeten toelichten; dat zou centraal (bijvoorbeeld door de gemeente) geregistreerd kunnen worden.  We doen het goed, maar het kan ook beter. Er is nog steeds veel schaamte bij mensen, daar moet op ingezet worden.

23

3. Kansen voor Kinderen 3.1 Ontwikkeling doelgroep Helaas groeit er nog steeds een grote groep kinderen in Nederland op in armoede. Onderzoeken laten zien dat kinderen die opgroeien in armoede, ook minder gezond opgroeien, vaker lager scoren op school (want stress doet ook wat met hen) en bovendien kunnen zij daardoor niet altijd meedoen met leeftijdsgenootjes. Onderstaande grafieken laten zien hoeveel kinderen in Deventer in de periode van 2016-2018 opgroeien in een gezin met een inkomen tot 120% en hoe zich dit (in 2018) verhoudt tot de landelijke cijfers. Ter aanvulling: we gaan uit van 120% (en niet van 110% zoals bij de minimaregelingen uit het vorige hoofdstuk) omdat dit de inkomensgrens is bij Stichting Leergeld. In de eerste grafiek is te zien dat het aantal kinderen in deze doelgroep over de periode 2016-2018 afneemt, in elke leeftijdscategorie. Daarbij de kanttekening dat de daling in de groep 12-17 jarigen het grootste is, maar dit ook te maken kan hebben met het feit dat een kind 18 jaar wordt en om die reden niet meer in deze doelgroep valt. Grafiek 2 laat zien dat in 2018 in totaal 10,6% van de minderjarigen in Deventer opgroeit in een gezin met een inkomen tot 120%. Dat gaat om 15% van de totale huishoudens in Deventer. In Deventer ligt het percentage in alle leeftijdscategorieën hoger dan het landelijk gemiddelde.

3.2 Klijnsma-gelden In september 2016 heeft de toenmalig staatssecretaris Klijnsma de Tweede Kamer geïnformeerd over de aanstaande aanpak van kinderen in armoede. Het uitgangspunt daarbij was dat alle kinderen in Nederland kansrijk kunnen opgroeien, ook kinderen in een gezin met een laag inkomen. Om dit te realiseren is structureel 100 miljoen beschikbaar gesteld, waarvan 85 miljoen voor gemeenten. Voor Deventer betekent dit een structureel beschikbaar budget van € 525.000 per jaar. Middels een tweetal werkconferenties in 2017 en een in 2019 is in samenwerking met de partners in stad een richtlijn tot stand gekomen voor projecten/subsidies, op basis van een viertal thema's: Uitbreiden, samenwerken & verbinden • Stichting Leergeld • Project Raster

Gezondheid • Voedselbank Fruitproject • KinderResto • Deventer Fitkids

Onderwijs • IMC Basis, IMC On Tour & Zomerschool • Jeugd Educatie Fonds

Sport, cultuur & participatie • Stichting Leergeld • Talent Ontwikkelings Fonds • Zomerpretpakket • Project Raster • Speaking Minds

24

3.3 Projecten / Subsidies 3.3.1 Stichting Leergeld Stichting Leergeld Deventer is al jaren de uitvoerder van het Kindpakket in Deventer. Ouders met een inkomen tot 120% van de bijstandsnorm kunnen hier terecht voor: 1. Schoolkosten Hier vallen o.a. de ouderbijdrage en de kosten van het schoolreisje. Ook wordt er op een vijftal scholen huiswerkbegeleiding vormgegeven, gezien daar meer behoefte aan was. 2. Sport, Muziek en Dans Elk kind kan per schooljaar een voucher aanvragen t.w.v. € 250 om te kunnen sporten, muziekles of dansles te volgen. 3. Zwemles In samenwerking met Sportbedrijf Deventer kunnen kinderen hun zwemdiploma behalen. 4. Laptop Om er voor te zorgen dat er in elk gezien een laptop is, heeft Leergeld hier in een samenwerking met een lokale computerzaak zodat kinderen deze voor o.a. schoolwerk kunnen gebruiken. Bijzonderheden en ontwikkelingen:  Tot en met 2019 werd er ook een vergoeding voor de kosten van internet verstrekt. Deze is in 3 jaar afgebouwd en na 2019 gestopt. Daarvoor in de plaats wordt o.a. de huiswerkbegeleiding op scholen bekostigd  Ten tijde van de eerste lockdown in maart 2020 heeft St. Leergeld 600 extra laptops verstrekt aan kinderen zodat zij op een goede manier het digitale thuisonderwijs konden volgen.

 In samenwerking met Stichting Mojo51 worden voor kinderen van asielzoekers en vluchtelingen zogenaamde Stoeikruimellessen georganiseerd op het AZC in Schalkhaar. Middels deze lessen krijgen deze kinderen lessen op het gebied van sociale, cognitieve en motorische vaardigheden.  Vanaf 2020 zou er ook een bijdrage gedaan worden aan de kosten van schoolreizen op de middelbare school. Helaas heeft dit vanwege corona nog niet volledig ingezet kunnen worden. Resultaten en data K&V Onderstaande grafiek laat zien is dat er een dalende lijn is in het aantal kinderen in huishoudens met een inkomen tot 120%. Daarentegen blijft het aantal kinderen die ondersteuning krijgt via St. Leergeld in deze periode iets stijgen, wat resulteert in een steeds hoger percentage van bereik van de doelgroep, met een bereik van 80% in 2018. Hoewel we de CBS-cijfers van 2019 nog niet hebben, is de inschatting (gezien 2019 een jaar met gunstige economische omstandigheden was en er een daling in de algemene bijstand was) dat de trend zich ook voor 2019 heeft doorgezet.

Het absolute aantal kinderen dat via St. Leergeld is geholpen, heeft tot aan 2018 een stijgende lijn laten zien, waarna het aantal weer iets is gezakt. De opleving in 2020 (ondanks corona) is grotendeels te wijten aan de extra inzet van laptops tijdens de eerst lockdown in maart 2020. Totaal

25

werden in 2020, 1.669 kinderen via St. Leergeld ondersteund. Om een beeld te krijgen van de verschillende categorieën en hun aandeel in het totaal, zijn de verschillende onderdelen van het Kindpakket over het jaar 2019 hieronder in een cirkeldiagram weergegeven. Hieruit valt op te maken dat vanuit het Kindpakket met name ingezet wordt op de deelname aan sport, gevolgd door bijdragen aan schoolkosten en verstrekking van computers.

3.3.2 Voedselbank Fruitproject Een van de onderdelen waar we vanuit het minimabeleid sinds het project Kansen voor Kinderen meer aandacht aan geven is de gezondheid van kinderen. Onderzoek laat zien dat kinderen die opgroeien in armoede, vaker ook ongezonder opgroeien. Want feit is dat ongezond voedsel in veel gevallen toch goedkoper is dan gezond voedsel. Een deel van de inwoners met een laag inkomen, doet een beroep op de Voedselbank. De Voedselbank zorgt jarenlang (belangeloos) dat deze gezinnen elke week een pakket met voedsel kunnen ophalen. Dit doen ze op basis van giften die zij ontvangen, bijvoorbeeld van lokale supermarkten. Vanwege die afhankelijkheid was er altijd een tekort aan vers fruit om mensen in te voorzien. Om er voor te zorgen dat de kinderen die afhankelijk zijn van de Voedselbank toch elke dag fruit kunnen eten, is in 2018 het Voedselbank Fruitproject gestart. Geheel tegen de normale werkwijze van de Voedselbank in wordt, met een jaarlijkse subsidie van € 25.000,-, fruit ingekocht. In het beginstadium bij een bevriende fruitteler, toen deze met zijn bedrijf stopte, via een groothandel. Er worden vooral mandarijnen, bananen en appels gekocht. Met deze subsidie worden aan kinderen van 0-18 jaar, twee stuks fruit per dag meegegeven in het wekelijkse voedselpakket. In 2020 was dit wekelijks aan zo’n 230 kinderen.

Ook op andere gebieden probeert de Voedselbank gezondheid meer te bevorderen:  Het maken van recepten op basis van de producten en groenten die de betreffende week aanwezig zijn. Klanten worden hier op geattendeerd en kunnen deze gratis meenemen.  In samenwerking met de Nicolaaskerk in Lettele zijn in 2019 vrijwilligers begonnen om in de groentetuin van de kerk verse groenten te verbouwen voor de Voedselbank. Dit zorgt voor extra aanbod van groenten voor in de pakketten. Voor het beeld; in 2020 ging het onder andere om 1.5871 kroppen sla, 30 kratten boerenkool en 202 courgettes die op deze wijze extra beschikbaar waren. Een klein deel van de subsidie wordt ingezet om groentezaden in te kopen om nog meer zelf te kunnen verbouwen. 3.3.3 Talent OntwikkelingsFonds (TOF) TOF Deventer is op zoek naar zoals zij ze noemen: TOFfe Parels. Dat zijn kinderen tussen de 6 en 23 jaar met een bijzondere kunstzinnig talent en de ambitie hebben om dat talent te ontwikkelen.

26

Maar doordat het gezinsinkomen laag is (tot 120% van de bijstandsnorm) is het voor ouders lastig om bijvoorbeeld de extra muzieklessen te kunnen bekostigen. TOF werkt hierin nauw samen met St. Leergeld en vult aan waar de voucher van Leergeld stopt. Bijdrage kan zijn in de vorm van het bekostigen van extra lessen, maar ook in het vinden van een goede docent of de aanschaf van materiaal. TOF werkt, om de talenten te vinden en te bereiken, nauw samen met bijvoorbeeld het Etty Hillesum Lyceum (ISK), Kunstcircuit, Muziekhuis Deventer en scholen. Gemiddeld begeleid TOF ongeveer 10 leerlingen per jaar. 3.3.4 IMC Basis, IMC On Tour & Zomerschool Wie de serie Klassen van Human heeft gezien, heeft ook gezien hoe belangrijk het is dat kinderen kansen krijgen en hoe de achtergrond waarin je opgroeit bepalend kan zijn. Hoe een stressvolle thuissituatie kan zorgen voor minder goede schoolprestaties en wat het beeld is dat een kind heeft voor zijn/haar toekomst. De projecten IMC Basis (KC De Flint en KC Rivierenwijk), IMC on Tour (Taalschool de TinTaan) en de Zomerschool (KC Rivierenwijk) gaan daar over. IMC Basis (voor kinderen uit groep 7 en 8 van het regulier basisonderwijs) en IMC On Tour (voor kinderen tussen de 9 en 12 jaar in internationale schakelklassen) laten kinderen kennismaken met diverse beroepen. Dit met als doel het blikveld van kinderen te verbreden.

Ze krijgen zo niet alleen een reëler beeld van de samenleving maar doordat ze ook daadwerkelijk activiteiten uitvoeren in het kader van die beroepen ontdekken ze ook eigen talent en wat zij voor hun toekomst zouden willen. Gastdocenten worden veel in het eigen netwerk of in de stad gezocht. De IMC lessen worden verweven met het reguliere onderwijs; bij journalistiek wordt ook de reguliere taalles gekoppeld en bij architectuur juist weer het vak rekenen. Waar mogelijk volgt er ook een les op de locatie van het betreffende beroep of onderwerp. IMC is vooral heel praktisch ingestoken. Kinderen gaan zelf op ontdekking en aan de slag. Voorbeelden van projecten van de afgelopen jaren:  Journalistiek: samen met gastdocenten van RTV Oost, Bibliotheek Deventer en De Rocket Boys maakten de leerlingen een documentaire over de historie van Deventer.  Zorg & Welzijn: hierbij verzorgde de GGD IJsselland een gastles en konden kinderen op een speciale pop een corona-test uitvoeren.  Architectuur: samen met een architect gingen kinderen aan de slag om hun eigen droomhuis te ontwerpen, waarbij ook een maquette werd gemaakt en het ontwerp werd gepitched. Ten tijde van corona zijn de lessen, weliswaar in gepaste vorm, gewoon doorgegaan. Zo kregen kinderen middels een filmpje een opdracht van de brandweer.

En als voorbereiding op het vak politiek is er recent een online les met burgemeester Ron König geweest. De Zomerschool heeft als doel de 6 weken zomervakantie op een goede manier te overbruggen. Eventuele opgelopen hiaten worden bijgewerkt, kinderen starten beter aan het nieuwe jaar en zij hebben bovendien een goede invulling van de zomervakantie. De zomerschool is 3 weken lang, 6 uur per dag en wordt begeleid door leraren van de KC Rivierenwijk. De ochtend staat in het teken van taal, rekenen en lezen; de middag in die van wereldoriëntatie en sport. Ook worden er geregeld excursies georganiseerd; dit laatste was in 2020 vanwege corona nauwelijks mogelijk. In de zomervakantie van 2020 hebben 110 leerlingen deelgenomen aan de Zomerschool. Effecten en ervaringen  De kinderen zijn vooral heel enthousiast, met name als er excursies zijn.  Leraren geven aan dat kinderen een betere keuze voor de vervolgschool kunnen maken en ontdekken wat ze leuk vinden en wat juist niet. Maar bijvoorbeeld ook dat om architect te worden, rekenen en tekenen belangrijk zijn.

27

 

Vanaf 2018 wordt er gedurende 4 jaar (landelijk) onderzoek gedaan naar de effecten van IMC Basis. In totaal hebben in 2020, 132 kinderen deelgenomen aan de IMC-projecten en 110 kinderen aan de Zomerschool.

3.3.5 KinderResto In 2019 en 2020 hebben, in samenwerking met Raster, 6 cycli van KinderResto plaatsgevonden. KinderResto is een onderdeel van Stichting VanHarte en houdt zich enerzijds bezig met kinderen kennis laten maken met gezond eten (en hoe je dat klaarmaakt), maar anderzijds ook met sociale vaardigheden zoals samenwerken. Kinderen komen gedurende een cyclus van 10 weken, wekelijks bij elkaar. Elke week staat een ander onderwerp op het programma (onder andere; suiker, sport & bewegen en hygiëne). Gedurende de les gaan de kinderen zelf het eten bereiden, de tafels dekken en serveren. Aan het einde van de les mogen ook ouders aanschuiven en wordt er gezamenlijk gegeten. Voorafgaand aan het dineren, vertellen de kinderen wat ze hebben gemaakt en hoe dat is gegaan. Aan het einde van elke cyclus wordt er een feestdiner klaargemaakt, krijgen de kinderen alle recepten mee naar huis en ontvangen ze een certificaat. De lessen worden begeleid door een Kindercoach van Raster. Verdeeld over verschillende locaties in Deventer, hebben aan de 6 cycli gemiddeld 68 kinderen meegedaan. Resultaten:  Kinderen raken meer bekend met verschillende soorten eten (met name groenten). Het uitgangspunt van de Kindercoach is dat ze alles moeten proeven.

Zo waren er kinderen die ‘geen groene bladeren wilde eten’, maar na het zelf bereiden van een stamppot, toch alles op aten en het heel lekker vonden.  Het was per cyclus verschillend hoe betrokken ouders waren. Bij een aantal cycli kwam dit ook door de geldende coronamaatregelen.  Kinderen zijn gecommitteerd en blijven over het algemeen ook terugkomen als ze eenmaal een les hebben gevolgd.  Doordat kinderen zich op hun gemak voelde, kwamen gedurende de lessen ook andere thema’s ter sprake, zoals pesten, scheiden en ziekte. Onder begeleiding van de Kindercoach werd daar dan in de groep met elkaar over gesproken. 3.3.6 Zomerpretpakket Kinderhulp Kinderhulp zet zich in voor kinderen tussen de 0 en 21 jaar die opgroeien in armoede. Dit door praktische hulp te bieden wanneer die niet door andere instanties gegeven kan worden. Bijvoorbeeld in de vorm van een nieuwe fiets, een dagje uit of een cadeau tijdens Sinterklaas. Een aanmelding verloopt via een hulpverlener van de ouders/kinderen en is zo laagdrempelig mogelijk. In 2019 en 2020 zijn er door de gemeente respectievelijk 350 en 370 Zomerpretpakketten via Kinderhulp aangeschaft om uit te delen aan kinderen in de gemeente. Dit pakket bestond uit een sporttas boordevol leuke dingen voor tijdens de vakantie zoals; een spel, leesboek, buitenspeelpret en een dagje weg (met daarbij dan ook treinkaartjes als dat nodig was).

In 2020 was er een apart pakket voor basisschoolkinderen en tieners. Het doel van het pakket is allereerst om kinderen iets leuks mee te geven voor de zomervakantie. Om samen plezier te maken, waarbij het dagje uit voor gezinnen anders niet is weggelegd omdat de kosten daar te hoog van zijn. Bijkomend effect van het pretpakket is ook dat kinderen na de vakantie op school een verhaal te vertellen hebben over hoe hun vakantie was.

28

In 2019 zijn de pakketten verspreid door de medewerkers van het Sociaal Team. Vanwege corona was dat in 2020 niet mogelijk; de uitgifte is toen door St. Leergeld en de Voedselbank gedaan.

3.3.7 Jeugd Educatie Fonds In 2020 is de gemeente Deventer de samenwerking aangegaan met het Jeugd Educatie Fonds (JEF). Het JEF zet zich in om de ontwikkelingskansen van kinderen die opgroeien in armoede te vergroten. Dit doen zij in samenwerking met scholen, vanuit de gedachte dat de leerkracht goed weet wat er op kind- of klasniveau nodig is. Vanuit het JEF zijn er in Deventer nu 4 scholen gecertificeerd; KC Rivierenwijk, KC de Flint, KC Kleurrijk en de Cees Wilkeshuisschool. KC Rivierenwijk en KC de Flint waren ook voor 2020 al gecertificeerd, de andere twee scholen zijn geselecteerd op basis van leerlinggewicht en spreiding over de stad. Deze gecertificeerde scholen kunnen op een aantal ontwikkelingsgebieden aanvragen voor ondersteuning indienen. Voorbeelden hiervan zijn:  Sociaal-emotionele ontwikkeling  Maatschappelijke ontwikkeling  Verbetering van de thuissituatie  Gezondheid en beweging Naast individuele aanvragen kan een school ook een groepsaanvraag doen. Bijvoorbeeld een aanvraag voor een IMC Basis project of een leesproject. Na goedkeuring regelt het JEF de rest, qua o.a. de betaling. Het stelt scholen op deze manier in staat om bepaalde projecten of ondersteuning in te schakelen, waar dit anders (vanwege financiële middelen) niet mogelijk is. Qua financiering wordt 1/3 vanuit de gemeente bekostigd en de overige 2/3 via andere fondsen.

Voorbeelden van aanvragen die de 4 scholen in Deventer het afgelopen jaar gedaan hebben zijn kindercoaching, sportactiviteiten en een leesproject. 3.3.8 Deventer Fitkids Net als KinderResto, zet ook Deventer Fitkids zich in voor de verbetering van de gezondheid en leefstijl van kinderen. Fitkids zet echter in op het bereiken en opleiden van zogenaamde ambassadeurs; personen in een buurt of wijk die enthousiast zijn over het verbeteren van de leefstijl en gezonder leven. Deze ambassadeurs zetten zich in om ook anderen hun directe omgeving te stimuleren tot gezonder leven. Dit doen ze door bijvoorbeeld een workshop over het thema te organiseren in hun buurt. Onder begeleiding van voedingscoach Loes Aarnink volgen de ambassadeurs een vijftal workshops over een gezonde leefstijl. Daarnaast ontwikkelen ze samen een visie voor de buurt en worden ze getraind om de dialoog met andere ouders aan te gaan. Vervolgens gaan ze gezonde acties voor hun buurt bedenken en deze ook daadwerkelijk uit te voeren. Aan het eind van de training ontvangen de ambassadeurs een certificaat en blijven zij zich inzetten voor een gezonde leefstijl. Ook na de training blijft er contact met de ambassadeurs over onder andere vervolgacties.

29

Resultaat  De eerste training voor de ambassadeurs is inmiddels afgerond en 13 deelnemers hebben hun certificaat in ontvangst genomen. De tweede training heeft door corona helaas vertraging opgelopen, maar de inzet is deze in 2021 af te ronden.  De ambassadeurs hebben diverse acties uitgezet om gezond eten onder de aandacht te brengen. Acties zoals informatie te geven over van gezonde traktaties en gezond en betaalbaar koken. Ook hebben zij diverse workshops over gezond eten en bewegen gegeven. Met de acties hebben zij ruim 250 ouders en kinderen bereikt. 3.3.9 Project Raster “Iedereen kan Meedoen” De Kerngroep Het Normale Leven Versterken (via Raster) is aan de slag gegaan met de adviezen die de Raad van Kinderen Deventer in 2018 aan de gemeenteraad van Deventer heeft gegeven. Deze raad adviseerde dat kinderarmoede op de volgende manier aangepakt zou moeten worden: 1. Er moet meer begrip komen voor armoede als probleem. 2. Anonimiteit van kinderen die in armoede leven is enerzijds een probleem en anderzijds iets om te borgen. Op basis hiervan heeft Raster een plan gemaakt om in 2019 en 2020 zowel met een buurtaanpak (in Tuindorp, Zandweerd en Rivierenwijk) als met een stedelijke aanpak aan de gang te gaan. Daarbij bestaat de hulp uit 4 stappen: 1. Mensen echt leren kennen. En goed met ze praten om te horen wat er aan de hand is.

Het gaat dan over moeilijke dingen, maar ook over dingen waar ze juist weer blij van worden. 2. De medewerkers gaan naast mensen staan. Dat betekent dat ze gelijk zijn. 3. Gewoon doen! De medewerkers en vrijwilligers gaan met de kinderen en hun ouders aan de slag. 4. Werken om het vol te houden. Als het kinderen en hun ouders is gelukt om bijvoorbeeld beter met geld om te gaan, een baan te vinden of uit de schulden te raken, dan willen we natuurlijk dat dit zo blijft. Daarom houden onze medewerkers en vrijwilligers lange tijd een oogje in het zeil. En wat ze daar voor in gaan zetten:  Medewerkers die met het kind en het gezin in gesprek gaan.  Daarnaast ook inzetten op vrijwillige coaches en daar waar passend is verbinden met Sociaal Team of Carinova.  Een geldpotje, om snel iets te kunnen handelen als dat nodig is. Resultaten Vanwege corona kwam hulpverlening stil te liggen of was maar beperkt mogelijk. Daardoor heeft het project een langere doorloop dan vooraf gepland. De eindresultaten worden daarom medio/eind 2021 verwacht. Wel zijn er tussentijdse resultaten geboekt. Zo is in/van elke wijk (door bewoners) een woordwolk gemaakt; woorden/zinnen/uitdrukkingen die in de betreffende wijk kenmerkend zijn. Hier het voorbeeld van Tuindorp:

30

Op basis van dit ‘DNA’ zijn vervolgens acties uitgezet. In Tuindorp is dat voornamelijk op basis van ‘klein beginnen’ en aansluiten bij het initiatief en de energie van de bewoners. Een voorbeeld daarvan is het starten van een Zwerfboekenstation, omdat ouders in de wijk aangaven vaak geen abonnement op de bibliotheek nemen, uit angst dat boeken vergeten worden (met boetes tot gevolg). In de Rivierenwijk is juist gebruik gemaakt van daadkrachtige ervaringsdeskundigen, door bijvoorbeeld rondom Internationale Vrouwendag in maart 2020, verschillende bewoners bij elkaar te brengen om elkaar te inspireren. En specifiek voor jongeren zijn de jongerenwerkers hier met jongeren het gesprek over geld aan gegaan. Door open met elkaar te praten over ‘hoe geef jij je geld uit?’. Vanuit de stedelijke aanpak is ook in een aantal casussen al gebruik gemaakt van het ‘handgeld’, of zoals Raster het bestempelt; het ‘kansgeld’. Dit wordt ingezet op het moment dat er een door een jongere volgende stap gezet kan worden, maar die belemmert wordt door financiën. Het wordt ook alleen ingezet als het behapbaar is; wanneer er in een gezin meer financiële problemen blijken te zijn is er een warme overdracht naar het BAD. Bovendien wordt er ook bekeken of een jongere vervolgens iets terug zou kunnen doen als een vorm van wederkerigheid.

Een aantal voorbeelden waarbij het “kansgeld” is ingezet:  Via school werd een jongerencoach ingezet omdat een jongere altijd zijn zonnebril op had. Hij weigerde deze af te zetten en dit leidde tot conflict op school. Na inzet van de coach, bleek dat zijn gewone bril stuk was en zijn zonnebril (op sterkte) de enige andere optie was. Er was binnen het gezin geen geld voor een nieuwe bril en de jongen schaamde zich enorm om dit te moeten zeggen op school. Voor deze casus is budget ingezet voor een nieuwe bril.  Casus van een alleenstaande moeder. Haar zoon ging naar het voortgezet onderwijs in Zutphen. Ze had echter geen geld om een goede fiets voor haar zoon te kopen om iedere dag naar Zutphen te fietsen. Ook fietsen via bijvoorbeeld Cambio waren te duur. Er bleek verderop in de straat een buur te wonen die fietsen opknapt. Daar is met ondersteuning vanuit Raster contact mee gelegd. Met het kansgeld is een goede fiets voor haar zoon aangeschaft. Er is daarmee ook een mooie koppeling tussen buurtbewoners ontstaan, nu ook het onderhoud in de toekomst is geregeld en onderling voor elkaar gedaan wordt. 3.3.10 Pilot Kinderkamers opknappen In een samenwerking tussen Rechtop! en KC Rivierenwijk zijn in 2019, 6 kinderkamers opgeknapt, hiermee zijn 11 kinderen geholpen. De leerkrachten van KC Rivierenwijk gaan eens per jaar op huisbezoek bij hun leerlingen.

Zij krijgen zo ook een goed beeld van de woonsituatie. Daarbij werd ook geconstateerd dat lang niet alle kinderen beschikken over een fijne slaapkamer. Een plek om natuurlijk te slapen, maar ook een om je in terug te trekken, huiswerk te maken of met vriendjes te spelen. Vanuit Rechtop! houdt het Klussenteam zich bezig met klussen bij mensen thuis die dit ofwel niet zelf kunnen of niet kunnen betalen. Samen hebben ze de handen in een geslagen om een aantal kinderkamers op te knappen. Daarbij had KC Rivierenwijk de rol om gezinnen te selecteren en het eerste contact met hen te leggen; of zij deze hulp zouden willen krijgen. Pas daarna kreeg Rechtop! de namen van de gezinnen door om het project daadwerkelijk te starten. Tijdens een huisbezoek werd met de ouder(s) bekeken welke kamer opgeknapt zou worden en wat daar voor nodig was. Enerzijds een praktische insteek, maar ook nodig om vertrouwen op te bouwen. Voor veel ouders was er ook sprake van schaamte. In de situatieschetsen van de gezinnen waar Rechtop! is geweest geven zij onder andere de volgende situaties aan:

31

 

Gezin waarbij de jongste dochter op de slaapkamer van de ouders slaapt en de oudste twee kinderen een kamer delen, wat tot onrust leidt omdat er geen privacy is. Gezin wat noodgedwongen is verhuist en waar alleen de meest noodzakelijke spullen aanwezig zijn. Voor een van de kinderen is echter geen vast bed aanwezig

Uiteindelijk zijn de slaapkamers opgeknapt door:  Opnieuw behangen/verven  Kamers voorzien van accessoires en gordijnen. Voor de gordijnen werd het naaiatelier van Rechtop! ingezet  Vloerbedekking e/o vinyl leggen  Kasten, bedden etc. in elkaar zetten

Naast Rechtop en KC Rivierenwijk zijn ook andere partijen hier nauw bij betrokken geweest:  Gezinscoaches  Lokale winkels: zij gaven korting op de benodigde spullen of stelden deze zelfs gratis ter beschikking.  Cambio: droeg zorg voor de afvoer van oude spullen en afval. Resultaat  Het belangrijkste: er zijn 6 kamers opgeknapt waar 11 kinderen (en hun gezinnen) mee geholpen zijn. De reacties die het Klussenteam hierop hebben gekregen zijn hartverwarmend geweest. Zo kregen zij terug “Wow, wat mooi!!” maar ook “Mama, ik kan nu eindelijke vriendjes uitnodigen!”. Later kregen zij ook terug dat de veranderingen bij de gezinnen tot meer rust heeft geleid en kinderen beter in hun vel leken te zitten.  Ook bij het Klussenteam heeft dit project de nodige impact gehad. Enerzijds het besef (ook na gesprekken met KC Rivierenwijk) dat deze problematiek niet bij alleen deze 6 gezinnen speelde en anderzijds ook om heel praktisch iets te kunnen betekenen voor deze kinderen. 3.3.11 Speaking Minds Speaking Minds is een project van Stimulansz, Save the Children en Defence for Children. Dit project geeft jongeren in armoede een stem door mee te denken en te beslissen over het gemeentelijke armoedebeleid. Dat doen ze door met een concreet vraagstuk van de gemeente aan de slag te gaan.

Tevens zorgt het project er ook voor dat het gesprek over armoede en schulden in de klas wordt gevoerd, wat bijdraagt aan het doorbreken van het taboe. Het project van Speaking Minds sluit goed aan bij de wens van het College om tot een jongerenraad te komen en daarnaast komen we hiermee in gesprek met de doelgroep jongeren die we nu nog onvoldoende over dit onderwerp spreken. In Deventer is voor het project de samenwerking gezocht met De Marke. Het plan is om in een projectweek met een vmbo-klas aan de gang te gaan met het onderwerp ‘hoe vergroten we bereik van jongeren’. Het plan was om dit project in 2020 uit te voeren, echter vanwege corona heeft het nog niet kunnen starten. Omdat scholen voor een groot deel digitaal onderwijs hebben moeten geven, en het project (om er het meeste uit te halen) live plaats moet vinden. Als de maatregelen het toelaten, start het project alsnog voor de zomervakantie van 2021.

32

3.4 Financiën Kansen voor Kinderen Zoals eerder aangegeven krijgt Deventer structurele middelen ad. € 525.000 vanuit het Rijk voor “Kansen voor Kinderen”. Daarvan wordt een bedrag van € 275.000 ingezet voor de kosten van de bijzondere bijstand voor beschermingsbewind. Voor de overige gelden is hieronder een overzicht van de gelden. Hieronder is het financiële overzicht te zien van de projecten van Kansen voor Kinderen.

Structureel St. Leergeld, algemeen * St. Leergeld, uitbreiding doelgroep St. Leergeld, meer beweging Talent OntwikkelingsFonds Voedselbank Fruitproject KC Rivierenwijk, IMC Basis & Zomerschool Overigen (via. St. Leergeld Eenmalig St. Leergeld, communicatie Peeves * KinderResto IMC Basis, KC de Flint, TinTaan Geldfit Spreekuur * Fitkids Zomerpretpakket Opknappen Kinderkamers Speaking Minds Project Raster Jeugd Educatie Fonds Speelgoedbank De Boomhut * Kindervakantiekamp Rode Dorp Totaal

2017

2018

€ 551.000 € 45.000

€ 60.000

€ 557.926 € 90.000 € 50.000 € 7.500 € 25.000 € 60.000

€ 27.500

€ 17.500

€ 7.500

2019

2020

Aantal kinderen bereikt

€ 573.626 € 90.000 € 50.000 € 7.500 € 25.000 € 60.000

€ 568.500 € 90.000 € 50.000 € 7.500 € 26.500 € 60.000

1669 (2020) 10 (2020) 230 (per week 2020) 110 (zomerschool)

€ 17.500

€ 17.500

€ 35.000 € 25.000

 9.733

€ 30.250 € 20.000 € 58.400

€ 20.000 € 5.000 € 45.938 € 5.000

€ 5.000 € 45.800 € 17.170

€ 108.970 € 16.000

€ 760.733

€ 916.576

€ 1.000 € 3.000 € 992.534

68 (2019-2020) 132 (bij 3 scholen) 13 (ambassadeurs) 370 (2020) 11 (2019) n.n.b. n.n.b. n.n.b. 50

€ 923.970

Bij dit overzicht zijn een aantal kanttekeningen (gemarkeerd met een *): 1. Een groot deel van de kosten van St. Leergeld wordt vanuit de algemene middelen van het minimabeleid bekostigd en niet vanuit Kansen voor Kinderen. Om een totaalbeeld te schetsen van de gelden voor kindprojecten, is de totale subsidie van St. Leergeld in het overzicht weergegeven, onder de noemer “St. Leergeld, algemeen” 2. In het overzicht is ook de subsidie aan Peeves meegenomen, welke in 2017 is verstrekt. Bij de verantwoording van de subsidie is deze, vanwege het niet behalen van de doelstelling, door het College op nihil vastgesteld. Tegen dat besluit is Peeves in bezwaar gegaan. Uiteindelijk is na gerechtelijke uitspraak vastgesteld dat de helft van de subsidie terugbetaald dient te worden. Dit bedrag dient door Peeves uiterlijk in juni 2021 voldaan te zijn. 3. Het Geldfit Spreekuur is in 2017 en 2018 voldaan vanuit de gelden van Kansen voor Kinderen, in 2019 en 2020 vanuit de algemene middelen Armoedebeleid. 4. De Speelgoedbank heeft in 2019 een eenmalige subsidie ontvangen om door middelen van flyer materiaal e.d. hun bereik te vergroten. 5. In 2019 is er een eenmalige subsidie verstrekt voor Kindervakantiekamp Het Rode Dorp, van € 3.000,-. Het resterende benodigde bedrag ad. € 4.500 is vanuit WijDeventer voldaan. Hier konden ca. 50 kinderen aan deelnemen.

33

3.5 Conclusie Kansen voor Kinderen Er gebeurt op het gebied van Kansen voor Kinderen heel veel. Dat komt voor het overgrote deel ook vanwege de inzet en enthousiasme van de vele organisaties in Deventer. Op alle thema’s waar we als gemeente in 2017 van gesteld hebben op in te willen zetten, zijn projecten en organisaties actief en worden stappen gezet. We bieden aan de ene kant ondersteuning in praktische zin; om mee kunnen doen met sport of er voor te zorgen dat ook voor kinderen die afhankelijk zijn van de Voedselbank voldoende fruit is. Aan de andere kant gaan “Kansen voor Kinderen” ook over kansen op school en je wereldbeeld verbreden. En ook op dat gebied lopen meerdere initiatieven. Sommige projecten bereiken vele kinderen, zoals St. Leergeld, met een procentueel bereik van 80% in 2018 en een absoluut bereik van 1.669 kinderen in 2020, of het zomerpretpakket, met een bereik van 370 kinderen in 2020. Anderen lijken misschien een druppel op de gloeiende plaat, zoals 11 kinderen via het opknappen van de kinderkamers door Rechtop, maar hebben op het niveau van het individuele kind wel degelijk een enorme impact. Ook onze partners in de stad geven dit terug. Een aantal opmerkingen die zij meegeven:  Er is al veel aan regelingen, put/breid de bestaande uit in plaats van nieuwe te ontwikkelen.  Soms zijn er andere praktische bezwaren voor deelname.

Bijvoorbeeld dat een ouder zijn kind wel op voetbal wil laten gaan, maar niet weer hoe hem/haar daar dan heen te brengen  De stap om een regeling aan te vragen kan groot zijn, soms is daarbij begeleiding nodig,

34

4. Schuldhulpverlening Voor het beleid op het gebied van schuldhulpverlening is in het huidige beleidsplan de volgende doelstelling geformuleerd: Met schuldhulpverlening voorkomen we dat inwoners van Deventer in financiële problemen geraken of, als het daar te laat voor is, lossen we deze problemen structureel op of maken ze beheersbaar. Daarmee verruimen we de mogelijkheden van individuele burgers om hun leven naar hun eigen wensen in te richten, zich te ontwikkelen en maximaal deel te nemen in de samenleving. Bovendien dragen we bij aan de leefbaarheid van Deventer, want door financiële problemen weg te nemen voorkomen we ook de negatieve maatschappelijke effecten er van. Aan de hand van data-analyse, gesprekken met betrokkenen, en de analyse van jaarverslagen en DeltaView bekijken we in hoeverre de doelstellingen zijn bereikt en wat de uitwerking van het beleid is geweest. 4.1 Data-analyse In de data-analyse staan we stil bij algemene kenmerken en ontwikkeling van de doelgroep. Data die specifiek gericht is op de verschillende diensten binnen de schuldhulpverlening zijn weergeven bij de analyse van die specifieke diensten/onderdelen van het BAD.

Ontwikkeling doelgroep Als we het totale klantenbestand van het BAD bekijken (van alle producten zoals schuldregelingen en budgetbeheer) laten onderstaande tabellen zien hoe het klantenbestand zich ontwikkeld heeft op basis van leeftijd en huishoudtype. Wat opvalt is dat veruit de meeste klanten van het BAD alleenwonend zijn. De kleinste groep is die van de ongehuwd samenwonenden zonder kinderen, gevolgd door de eenoudergezinnen. Wat betreft leeftijd zijn de meeste klanten tussen de 25 en 44 jaar, hoewel dat aantal wel sinds 2019 daalt. Het aantal klanten boven de 65 jaar neemt toe en de groep jonger dan 25 jaar neemt af.

35

4.2 Aanbod en dienstverlening Het uitgangspunt is dat het BAD elke inwoner met geldzorgen of financiële problemen/schulden wil ondersteunen. Ondersteuning kan met een adviesgesprek, betalingsregeling of (als het daar te laat voor is) een schuldregeling. Veelal wordt dit laatste product ingezet. Onder brede noemer van schuldhulpverlening valt echter ook inkomensondersteuning. Wanneer een inwoner tijdelijk of voor langere periode niet zijn financiën zelf kan beheren, kan hier ondersteuning in geboden worden, in de vorm van budgetbeheer of beschermingsbewind. Daarnaast is ook de Kredietbank Salland een onderdeel van de gemeente: via deze gemeentelijke kredietbank is het mogelijk een lening te verstrekken aan inwoners die bij een commerciële bank niet terecht kunnen. Het aantal huishoudens waar het BAD contact mee heeft gehad in het kader van de schuldhulpverlening (excl. kredietverstrekking). Jaar 2017 2018 2019 2020

Aantal huishoudens 2.388 2.177 1.888 1.784

Deze tabel laat een duidelijke daling in het aantal huishoudens zien. Schuldhulpverlening Aantal aanvragen schuldhulpverlening vs. bereik Sinds de piek in 2014, toen het aantal aanvragen voor schuldhulpverlening rond de 1.100 lag, is er een dalende lijn ingezet, zoals te zien is in de onderstaande tabel. Dit beeld is ook conform het landelijke beeld: dat het aantal aanvragen tot 2019 stabiel bleef en in 2020 tijdens corona zelfs nog lager werd. Jaar 2017 2018 2019 2020

Aantal aanvragen 745 709 715 565

Oorzaak kan hier in liggen dat dienstverlening stil heeft gelegen e/o in aangepaste vorm aangeboden diende te worden. Ook doorverwijzers (zoals hulpverleners en diverse spreekuren) waren minder/anders bereikbaar dan voor corona. De verwachting is echter wel, dat het aantal aanvragen in 2021 weer verder toe gaat nemen. Branchevereniging NVVK heeft een schatting gedaan van een stijging van 30% van de aanvragen. Daarbij is ook de verwachting dat het aantal aanvragen van ondernemers gaat toenemen. Onderzoeken van het Nibud stelt dat slechts 14% van alle huishoudens met problematische schulden zich ook daadwerkelijk meldt. Als dit percentage ook voor Deventer zou gelden, zouden er in 2020, ruim 4.000 huishouden zijn met problematische schulden, waarvan 565 zich ook daadwerkelijk gemeld hebben. Doorlooptijden Een van de speerpunten van het BAD van de afgelopen jaren was het terugdringen van de doorlooptijden. Met doorlooptijden wordt bedoeld het aantal dagen vanaf de start van een traject tot aan het moment dat er een akkoord is met de schuldeisers. Hoe korter dat traject duurt, hoe eerder de klant a) een stuk minder stress ervaart, b) kan gaan aflossen aan schuldeisers en dus c) eerder een schone lei heeft.

36

Er zijn meerdere aanpassingen in het werkproces geweest bij het BAD om deze doorlooptijden te verkorten. Zoals:  het scheiden van eenvoudige en complexe dossiers  invoeren van Scrum-methodiek  meer werken volgens de principes van stress-sensitieve dienstverlening  het proces opknippen in kleine stappen  op de dag van aanmelding direct een gesprek met de inwoner  vaker vrijwilligers inzetten om de klant te ondersteunen (bij gesprekken, administratie e.d.). Deze vrijwilligers worden door het BAD opgeleid. Dit heeft de laatste jaren geleid tot sterke vermindering van de doorlooptijden, wat in onderstaande grafiek is weergegeven. Dat de daling pas vanaf 2018 echt is waar te nemen, heeft er ook mee te maken dat dossiers van voor dat moment niet of niet volledig volgens de nieuwe werkwijzen zijn behandeld. De nieuwe werkwijze is in 2019 aangeduid met “2019 N.W.” Concluderend is dat waar de oude werkwijze in 2017 nog betekende dat de gemiddelde doorlooptijd bijna 500 dagen was, dit in 2019 met de nieuwe werkwijze is teruggedrongen tot ruim onder de 300 dagen. Ook in 2020 is deze dalende lijn voorgezet. Het uiteindelijk doel om dit traject steeds korter te krijgen.

Voor 2017 t/m 2019 zijn ook vanuit de Benchmark Armoede en Schulden van Divosa, gegevens beschikbaar over de duur van de stabilisatiefase. Dit is de eerste fase in een schuldregeling, waarin het doel is rust te creëren bij de klant en in zijn/haar financiën. Uitgangspunt is dat deze fase maximaal 4 maanden duurt. Bovenstaande grafiek laat zien dat in Deventer in 2017 in 65% van de gevallen de stabilisatiefase langer duurde dan 4 maanden, daarmee lag dit percentage hoger dan de benchmark (44%) en de grootteklasse (32%). Twee jaar later is dit percentage in Deventer teruggebracht naar 20%, terwijl het percentage van de benchmark met 33% juist hoger lag dan in 2018. De grootteklasse bleef hierin gelijk. Schuldbemiddeling vs. schuldsanering Bij een schuldbemiddeling ‘spaart’ een klant 3 jaar lang zijn maximale aflossing waarmee zijn schuldeisers worden afbetaald. Er wordt vooraf een prognosevoorstel gedaan aan de schuldeisers, waarmee zij akkoord kunnen gaan. Achteraf kan het daadwerkelijke bedrag dat wordt terugbetaald hoger of lager uitgevallen zijn. Bij een schuldsanering wordt een krediet verstrekt (vanuit de Kredietbank Salland), waarmee de schuldeisers direct het afgesproken afkoopbedrag ontvangen. Voordeel hiervan is dat de schuldeisers ook direct het dossier kunnen sluiten en er tussentijds geen controles meer uitgevoerd hoeven worden.

Voordeel voor de klant is dat hij maar 1 schuldeiser

37

overhoudt, zijn aflossing gelijk blijft en het saldo van het krediet na de afgesproken termijn ook € 0,is. Met name voor de klant is dit stress verlagend, om deze reden wordt er steeds meer ingezet op saneringen, i.p.v. bemiddelingen. In 2019 was 70% van de schuldregelingen een saneringskrediet, ten opzichte van 56,3% in 2018. Streven is om dit percentage verder te verhogen. Resultaat schuldregelingen We onderscheiden hier twee verschillende resultaten: het oplossingspercentage en het slagingspercentage. Het slagingspercentage is het percentage aanvragen schuldregelingen waarin tot een akkoord is gekomen is met de schuldeisers. Het oplossingspercentage is het percentage huishoudens die uitstromen met opgeloste of beheersbare schulden. Onderstaande grafiek laat zien dat er ten opzichte 2017 een stijgende lijn te zien is in zowel het slagingspercentage als het oplossingspercentage.

Recidive Het uitgangspunt is dat we een inwoner een keer helpen bij zijn financiële problematiek en dat hij/zij daarna duurzaam kan uitstromen. Echter, in sommige gevallen blijkt dat iemand toch in de loop van de jaren weer in de financiële problemen raakt. We spreken van een recidive als: er bij een inwoner binnen 10 jaar nadat een minnelijke regeling is afgerond en de bestaande schulden daadwerkelijk zijn afbetaald of kwijtgescholden een nieuwe schuldenlast is ontstaan die in totaal hoger is dan 30x de maandelijkse afloscapaciteit en waarvan voor tenminste 1 vordering langer dan 2 maanden niet is voldaan aan de lopende betalingsverplichting. De ontwikkeling van dit percentage: Periode 2007-2017 2008-2018 2009-2019

% recidive 15,2% 12% 12%

Hieruit is op te maken dat het percentage na 2017 iets is gedaald, maar sindsdien stabiel is gebleven op 12%. Financieel beheer, budgetbeheer en beschermingsbewind Voor klanten met een schuldregeling, is financieel beheer een verplichting. Het inkomen dient dan op een persoonlijke rekening bij het BAD binnen te komen, waarnaar de aflossing wordt ingehouden. Het restant van het inkomen ontvangt de klant zelf en hij verzorgt ook zelf de betaling van de vaste lasten. In sommige gevallen is het beter voor de klant e/o de situatie dat het beheer tijdelijk van hem/haar wordt overgenomen. In deze gevallen wordt budgetbeheer ingezet. De budgetbeheerder betaalt alle vaste lasten en de klant ontvangt leefgeld voor de boodschappen. Budgetbeheer is vrijwillig en het

38

uitgangspunt is dat het van tijdelijke aard is. Als blijkt dat de klant vanwege psychische problematiek of schulden/verkwisting voor langere periode niet zijn financiën kan beheren, kan bij de Rechtbank beschermingsbewind aangevraagd worden. Er wordt dan een bewindvoerder aangesteld die de financiën gaat behartigen. Bovendien wordt de klant met deze uitspraak ‘handelingsonbevoegd’ verklaard. De bewindvoerder legt jaarlijks verantwoording af aan de Rechtbank. Onderstaand cirkeldiagram laat de verdeling tussen de drie vormen van inkomstenbeheer zien in 2020, waarbij voor het grootste deel budgetbeheer werd uitgevoerd; 533 huishoudens. Voor 445 huishoudens werd bewindvoering uitgevoerd, gevolgd door 204 huishoudens met financieel beheer. In de rechtertabel is de ontwikkeling van het aantal aanvragen budgetbeheer en bewindvoering te zien. Met name in het aantal aanvragen budgetbeheer is ten opzichte van 2016 een daling te zien. De aanvragen bewindvoering fluctueren in dezelfde periode.

Ontwikkeling bewindvoering Recentelijk heeft de kantonrechter geoordeeld dat het BAD tot 1 juli 2021 niet benoembaar is in nieuwe bewindvoeringszaken. Tevens is het BAD in 20 dossiers geschorst. Reden hiervan is dat de rechter van mening is dat het schort aan de cijfermatige juistheid van de financiële verantwoording die het BAD als bewindvoerder jaarlijks in moet dienen. Naar aanleiding hiervan heeft het College besloten een extern onderzoek te laten plaatsvinden. Daarbij is de vraagstelling tweeledig: enerzijds een scherpe analyse van de gebeurtenissen en anderzijds aanbevelingen voor verbetering (qua o.a. werkprocessen en monitoring). De resultaten van het onderzoek volgen voor de zomer van 2021. De aanbevelingen worden meegenomen in de verdere beleidsontwikkeling. Om deze reden wordt er in deze evaluatie niet verder ingegaan op de ontwikkeling van beschermingsbewind bij het BAD. Kredietbank Salland Naast schuldhulpverlening worden er, via de Kredietbank Salland, ook kredieten verstrekt aan inwoners van de gemeente. Voor een deel zijn dit de eerder genoemde saneringskredieten, maar ook persoonlijke leningen kunnen via de Kredietbank afgesloten worden. Deze vorm van kredieten worden verstrekt aan mensen die bij een commerciële bank niet terecht kunnen (bijv. vanwege hun leeftijd of BKR-notering).

De normen of iemand een krediet mag afsluiten (of het verantwoord is) zijn bij de gemeentelijke kredietbank hetzelfde als bij een commerciële bank. In 2019 was verreweg het grootste gedeelte van de kredieten, een saneringskrediet (44%), wat ook in de lijn is met de ontwikkeling binnen de schuldregelingen. Er werd dat jaar voor ruim 1,1 miljoen euro aan kredieten verstrekt, waarvan ruim 45% met een hoogte van het bruto krediet tussen de € 1.000 € 2.000 euro. In navolging van het besluit van het Ministerie van Financiën is het rentepercentage op de kredieten (als gevolg van de coronacrisis) per augustus 2020 teruggebracht naar 8% voor consumptieve kredieten en 10% voor saneringskredieten. 4.3 Vroegsignalering & Preventie

39

Uit onderzoek en uit ervaring weten we dat mensen met geldzorgen meestal jaren wachten voordat ze daar hulp bij zoeken. Vaak als ze dan de stap hebben durven zetten om hulp te vragen, zijn de problemen heel groot. We proberen dus op allerlei manieren mensen eerder te bereiken, in een stadium waarin de problemen nog klein/kleiner zijn. Dat dit ook landelijk als belangrijk wordt ervaren heeft ook doorgewerkt in de aanpassing van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening; per januari 2021 is vroegsignalering daarin verankert en daarmee een wettelijke taak van gemeenten geworden. De afgelopen beleidsperiode is middels projecten en initiatieven ingezet op vroegsignalering en preventie. Dit via onder andere:  Geldfit Spreekuur  Moedige Dialoog Salland  Team FIT en pilot Deltaview 4.3.1 Geldfit Spreekuur Het Geldfit spreekuur is een samenwerking tussen BAD, St. de Kern (Sociaal Raadslieden), Carinova Vrijwillige Thuisadministratie, Meester Geertshuis, Sociaal Team, Stichting Lezen & Schrijven, Voedselbank en Geldfit Nederland. Het spreekuur vindt elke woensdagochtend plaats in Bibliotheek Keizerslanden en iedereen met een financiële vraag kan langskomen. Het doel is dan dat de inwoner ook met een passende oplossing of antwoord de deur uit gaat. Doordat er veel verschillende partijen aanwezig zijn, kan er heel snel geschakeld worden.

Als een persoon bijvoorbeeld zijn administratie op orde wil/moet brengen, zijn er vrijwilligers van de thuisadministratie aanwezig om hier direct bij te ondersteunen. En als de belastingaangifte vragen oproep, kan een Sociaal Raadslid aanschuiven. Resultaten:  In totaal waren er in 2019, 339 bezoekers bij het Geldfit Spreekuur. In 2020 waren dit er 251. Dit had er ook mee te maken dat vanwege corona de bibliotheek meerdere malen moest sluiten, waardoor ook het spreekuur niet door kon gaan. Er heeft in die periode wel een online spreekuur plaatsgevonden.  Gemiddeld bezoeken 10 personen per week het spreekuur; dit aantal is sinds de start van het spreekuur groeiende. Streven is een aantal van 15 per week.  In het merendeel van de gevallen (ongeveer 75%) kan de vraag op het spreekuur ook afgehandeld worden. Voor het resterende deel wordt een vervolgafspraak gemaakt.  Er is tevens een taalcoach aanwezig die signaleert op laaggeletterdheid, zodat daar ook op ingezet kan worden.  Hieronder een weergave van de hulpvragen (over 2019)

4.3.2 Moedige Dialoog Salland De Moedige Dialoog Salland (tot april 2020: De Sallandse Dialoog), is een lokaal samenwerkingsverband dat zich inzet om mensen financieel redzamer te maken en draagt eraan bij dat minder mensen in financiële problemen komen of dat zij uit een schuldsituatie komen. In het bestuur van de Moedige Dialoog zitten partners vanuit o.a. de Rabobank, Ondernemers Huis Deventer, JPR Advocaten, BJK Gerechtsdeurwaarders en het BAD.

40

Een aantal van de projecten die zij de afgelopen jaren hebben gestart/uitgevoerd:  Financiële Educatie Jongeren. Om jongeren (ook in de overgang 18-/18+) te informeren en begeleiden bij vraagstukken over geld, werden o.a. de ‘schuldhulproute voor jongeren’ en het project ‘geldezels’ ontwikkeld.  Project Vroegsignalering ‘Ondernemen in zwaar weer’. In samenwerking met Ondernemershuis Deventer werden er voor ondernemers kennissessies over Tozo georganiseerd. Tijdens deze online sessies werd door de gemeente informatie gegeven over de Tozo en konden aanwezige ondernemers hun vragen hierover stellen.  Opleiden van vrijwilligers die vervolgens ingezet kunnen worden om bijvoorbeeld mensen bij hun administratie te helpen.  Bedrijvendesk. Hierbij werd contact gelegd met bedrijven om hun te voorzien van informatie en tools om werknemers met geldzorgen of schulden te kunnen helpen.  Organiseren van dialoogsessies. Dit waren sessies over verschillende onderwerpen (o.a. Kinderarmoede, geldzorgen) waarin partners van verschillende organisaties elkaar kunnen ontmoeten en in gesprek met elkaar kunnen gaan. 4.3.3 Team FIT en DeltaView Zoals eerder aangegeven is het belang groot om zo vroeg mogelijk met inwoners met geldzorgen of financiële problemen in contact te komen. In de eerste plaats voor de inwoner zelf, omdat we weten wat de stress van geldzorgen met iemand kan doen.

Anderzijds legt de wetswijziging (die per januari 2021 ingaat) gemeenten ook de taak op, om op elk signaal wat een gemeente krijgt over geldzorgen actie te ondernemen. Binnen het BAD houdt Team FIT (Financieel in Topvorm) zich bezig met vroegsignalering en preventie. Team FIT kan een financiële check uitvoeren als mensen beginnende schulden/geldzorgen hebben om bijvoorbeeld na te gaan of iemand wel van alle regelingen gebruikt maakt waar hij/zij recht op heeft. Om dat zo laagdrempelig mogelijk te maken is er een apart mailadres en whatsapp nummer. Ook is vanuit daar DeltaView ontwikkeld: een systeem dat signalen die we als gemeenten krijgen over betalingsachterstanden (van o.a. CAK en Vitens) weergeeft op de kaart van Deventer. Op deze manier is tot op adresniveau terug te vinden, waar zich schulden bevinden. Op basis daarvan is er een plan van aanpak opgesteld voor een pilot met dit systeem, welke in 2020 plaats zou vinden. Het doel van de pilot DeltaView zoals destijds in het plan van aanpak verwoord: “Met de huidige inrichting van DeltaView wordt er een pilot gestart waarbij twee groepen (van ca. 15 personen per groep) individuele ondersteuning ontvangen, hierbij is de achterstandenlijst van het CAK leidend. De twee groepen bestaan uit 1 groep met jongeren en een groep met mensen die al jaren op de lijst van het CAK voorkomen, maar niet bekend zijn bij het BAD.

Daarnaast wordt er ook een tweede pilot gestart waarbij een buurtgerichte aanpak onderzocht wordt. Deze zal uitgevoerd worden in de Gerard ter Borchbuurt. De pilot wordt uitgevoerd door 2 preventiemedewerkers en vindt plaats volgens de methodiek van Mobility Mentoring”

Deltaview & Corona Nog voor de start van de pilots brak de coronacrisis uit. Dit betekende dat de aanpak zoals beoogd niet kon plaatsvinden. Het vroeg veel aanpassingsvermogen van het systeem, maar ook van de preventiemedewerkers. De kern van de aanpak zit in het ‘erop af gaan’, huisbezoeken afleggen en

41

present zijn. Alle drie waren niet mogelijk tijdens de voortdurende coronamaatregelen. Daarnaast hebben medewerkers het afgelopen jaar niet volledig volgens de methode van Mobility Mentoring kunnen werken. Om op deze manier te kunnen werken is het noodzakelijk om elkaar ‘live’ te kunnen zien en dat was vaak niet mogelijk. De urgentie om inwoners met geldzorgen tijdig bereiken bleef door diezelfde corona maatregelen alleen maar stijgen. Daarop is, vanuit team FIT, snel geschakeld en zijn andere middelen ingezet om deze inwoners zo vroeg mogelijk te kunnen bereiken:  Lancering van een Whatsapp nummer die breeduit werd gedeeld via Social Media van de gemeente, maar ook via alle whatsappgroepen van jongerenwerkers, sociale teams en vrijwilligers.  Ontwikkeling van postcards en posters met duidelijke en aantrekkelijke zinnen waarop het whatsapp nummer duidelijk stond vermeld. Posters met teksten als “Raakt corona jou óók in je portemonnee?” Deze posters zijn opgehangen op plekken in de stad, zoals de huisarts, supermarkten en hallen van de kinderopvang.  Via schooldirecteuren werd deze informatie ook gedeeld via de portals waarmee zij ouders bereiken. Via deze inzet kwamen de vragen langzaam maar zeker op de verschillende kanalen binnen, in totaal 37 hulpvragen. Veelal ook exact de groep waar DeltaView voor opgezet was.

In de meeste gevallen waren het vragen die met kortdurende interventies opgelost konden worden. Een enkele keer was er een directe doorverwijzing naar schuldhulpverlening nodig. Pilots Ook de inwoners die op de lijsten voor de pilot stonden zijn geprobeerd te bereiken. Bij iedereen is een kaartje in de bus gedaan waarop duidelijk stond aangegeven dat er sprake was van betalingsachterstanden, met een handreiking om in contact te komen daarvoor. Hoewel er wel een aantal mensen hebben gereageerd, laat dit wel het belang van fysiek contact / huisbezoek zien. Op de handreiking via een kaartje wordt in veel gevallen niet gereageerd.  

Pilotgroep Jongeren: 117 kaartjes verstuurd, waarvan 14 jongeren hebben gereageerd. In 9 gevallen was de aangeboden hulp ook gewenst Pilotgroep Langdurige Zorgachterstand: 174 kaartjes verstuurd, 31 reacties. Daarvan hadden 6 mensen inmiddels al contact met het BAD en konden 8 mensen ook hulp gebruiken.

Geleerde lessen Ondanks alles beperkingen zijn er het afgelopen jaar verschillende lessen geleerd. Zo is er door de coronacrisis een ander beeld ontstaan van welke groep prioriteit heeft om als eerst te benaderen. De ondernemers, mensen met tijdelijke contracten, einde WW’ers; een groep die tot vorig jaar wel op onze radar stond, maar door deze maatschappelijke ontwikkelingen bovenaan zijn komen te staan. Er zijn een aantal ontwikkelingen nodig om deze groep goed in beeld te brengen. Zoals:  het aangaan van een samenwerkingen met team inkomensondersteuning (Tozo) en het UVW (tijdelijke contracten, WW’ers).  Juridische grondslagen opnieuw definiëren en toetsen. Op deze manier kan de nieuwe doelgroep aansluiten op de bestaande data. En zou binnen DeltaView gefilterd kunnen worden op “welke groep inwoners heeft naast Tozo óók een achterstand op één van de primaire levensbehoeftes?”. Andere lessen gaan over de technische kant van Deltaview. Zo kan er gesteld worden hoe belangrijk het is om onderbuikgevoel te kunnen onderbouwen met feitelijke informatie. Er is een grote behoefte in de organisatie aan zogenoemde ‘dashboards’, waarin de veranderingen en de veelheid aan informatie in duidelijke overzichten getoond kunnen worden. Daarnaast kunnen we de aanpassingen

42

aan de voorkant nog beter inrichten, zodat het toevoegen van informatie gestroomlijnder kan verlopen. Daarnaast is de noodzaak om kritisch te blijven op de ethische en juridische kanten van het gebruik maken van data. Vooruitblik 2021 Op basis van de eerste ervaringen en geleerde lessen in 2020 zijn de volgende plannen gemaakt voor 2021. Het primaire doel van Deltaview is en blijft inwoners met beginnende schulden vroegtijdig bereiken en hen op maat ondersteunen tot ze schuldenzorgenvrij zijn. De wettelijke grondslag om deze informatie te raadplegen vinden we in de Wgs en deze wettelijke taak is belegd bij het BAD. Te zetten stappen:  Deltaview wordt zodanig ingericht dat er maandelijkse overzichten richting het BAD gaan om die maand mee aan de slag te gaan.  De mogelijkheid om gebruik te maken van RIS Matching wordt onderzocht. Deze partij kan alle signaleren van zorg- en energiemaatschappijen veilig en compact aanbiedt waardoor dit proces efficiënter beloopt.  Maandelijks vindt er een terugkoppeling plaats tussen het BAD en de projectleider Deltaview, met de bereikte inwoners en het resultaat (voor zover meetbaar). Met deze informatie en de actuele informatie uit Deltaview wordt een dashboard ontwikkeling waarop zichtbaar is wie, waar en op welke manier bereikt is.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10130849/2