Programmarekening 2024 -.pdf
Tekst van het document
Er is in 2024 uitvoering gegeven aan het vastgoed en grondbeleid. De afstootnota is geactualiseerd. Het vigerende beleid heeft nog niet aan bruikbaarheid ingeboet. Wel zijn er gewijzigde wettelijke kaders en bestuurlijke ambities die vragen om het toevoegen van nieuwe beleidsthema’s. De raad is geïnformeerd over de opstelling van een nieuw vastgoed- en grondbeleid. Het proces voor het formeren van het nieuwe beleid is gestart. Onderhoudssystematiek De volgende uitgangspunten worden gehanteerd bij het onderhoud van maatschappelijk vastgoed: - Er is budgettair onderscheid tussen planmatig-, contract- en dagelijks onderhoud. - Er wordt gestreefd naar één onderhoudsvoorziening voor de gemeentelijke gebouwen (exclusief verbonden partijen en schoolgebouwen). - De jaarlijks benodigde dotatie in de voorziening wordt afgeleid uit de gemiddelde onderhoudslasten voor planmatig onderhoud voor de komende tien jaren. - Elke vier jaar vindt een algehele actualisatie van de MJOP plaats. Dit jaar is de volledige MJOP herzien op basis van een technische nulmeting conform NEN 2767. Duurzame maatregelen zijn opgenomen in het MJOP en/of herzien op basis van de huidige inzichten qua verduurzaming . Duurzaamheid vastgoedportefeuille In de gemeentelijk notitie vastgoedbeleid (2022-2024) is de aanpak voor het verduurzamen van het maatschappelijk vastgoed geformuleerd c.q.
ambities uitgesproken om te komen tot de reductie van Co2 uitstoot tot nihil richting 2040.
Programmarekening 2024 Gemeente Den Helder
65
Er is uitvoering gegeven aan dit beleid. Zo is bijvoorbeeld de gemeentewerf aan de Ambachtsweg nu volledig verduurzaamd met zonnepanelen en warmtepompen. Ook is het nieuwe stadhuis stadskantoor in beheer genomen. Dit is een volledig duurzaam en circulair gebouw. Onderwijshuisvesting De basis (vervangende) nieuwbouw van schoolgebouwen is bepaald in de Huisvestingsverordening en het Integraal Huisvestingsplan 2020 - 2025. De gemeenteraad heeft dit Integraal Huisvestingsplan 2020-2025 op 6 september 2021 vastgesteld. De verantwoordelijkheid voor bekostiging van nieuwbouw van schoolgebouwen ligt bij de gemeente. (Vervangende) nieuwbouw gebeurt conform het in het Integraal Huisvestingsplan vastgestelde investeringsoverzicht.
Programmarekening 2024 Gemeente Den Helder
66
Financiering Algemeen In de paragraaf Financiering wordt verslag gedaan over de van de treasury-taken. Daarbij gaan we in op de ontwikkelingen op het gebied van gemeentefinanciën, risicobeheer en financiering. Sinds 2001 geldt de Wet Financiering Decentrale Overheden (FIDO). Het doel van deze wet is het beheersen van financieringsrisico’s. De wet geeft de volgende randvoorwaarden voor het treasury-beleid: 1. Het aangaan en verstrekken van leningen en het verlenen van garanties is alleen toegestaan voor de uitoefening van de publieke taak. De raad heeft de nadere uitgangspunten hiervoor vastgelegd in de nota Gemeentelijke garanties en geldleningen; 2. Uitzettingen moeten een prudent karakter hebben en 3. De gemeente moet voldoen aan de zogeheten kasgeldlimiet en de renterisiconorm. De grondslag voor de financieringsparagraaf is het Treasurystatuut 2019. Hierin zijn de regels voor de uitvoering van de treasuryfunctie en de daarbij behorende bevoegdheden en verantwoordelijkheden opgenomen. Ons Treasurystatuut heeft als doelstellingen: 1. Het verzekeren van duurzame toegang tot Europese financiële markten tegen acceptabele condities; 2. Het beschermen van het gemeentelijk vermogen- en (rente)resultaten tegen ongewenste financiële risico’s; 3. Het minimaliseren van de interne verwerkingskosten en externe kosten bij het beheren van de geldstromen en financiële posities; 4.
Het realiseren van een flexibel en controleerbaar cashmanagement in de gemeentelijke organisatie; 5. Het optimaliseren van de renteresultaten binnen de kaders van de Wet financiering decentrale overheden (Wet FIDO), de Uitvoeringsregeling Financiering decentrale overheden, de Regeling uitzettingen en derivaten decentrale overheden (Ruddo), de Wet verplicht schatkistbankieren voor decentrale overheden en de Regeling schatkistbankieren decentrale overheden, respectievelijk de limieten en richtlijnen van het Treasurystatuut 2019. In 2024 is de actualisatie van het beleid verkend in de auditcommissie. Het geactualiseerde beleidskader wordt in 2025 voorgelegd ter besluitvorming.
Ontwikkelingen op het gebied van gemeentefinanciën Ontwikkelingen op het gebied van gemeentefinanciën In 2024 zijn er geen ontwikkelingen geweest in het door het Rijk voorgeschreven beleid ten aanzien van Treasury. De Wet verplicht schatkistbankieren voor decentrale overheden (Wet SKB), de Regeling schatkistbankieren decentrale overheden en de Wet houdbare overheidsfinanciën (Wet HOF) uit 2013 zijn nog steeds van kracht. Wet verplicht schatkistbankieren Deze wet verplicht schatkistbankieren bij het Rijk zonder leenfaciliteit voor gemeenten, provincies, waterschappen en gemeenschappelijke regelingen. Wij zijn verplicht overtollig geld in de schatkist van het Rijk onder te brengen. Er zijn twee uitzonderingen: 1. Gemeenten kunnen overtollig geld uitlenen aan andere overheden en daarmee een beter rendement behalen dan bij de schatkist. Voorwaarde is dat er geen sprake is van een directe toezichtverhouding. 2. Er geldt een zogenaamde doelmatigheidsdrempel van 2% van het begrotingstotaal indien het begrotingstotaal lager is dan € 500 miljoen, waarbij het drempelbedrag minimaal € 1 miljoen bedraagt. Hebben we minder middelen dan de doelmatigheidsdrempel beschikbaar, dan hoeven deze niet naar de schatkist. Voor Den Helder betekent dit een drempelbedrag voor 2024 van € 5.092.563 (op basis van het (primitieve) begrotingstotaal van 2024 van € 254.628.141).
Wij hebben er in 2024 voor gekozen om alleen geld bij de schatkist uit te zetten. Dit is gebeurd op basis van de dagelijkse saldovoorspellingen bij de BNG-bank, waarbij ook de rentepercentages worden gemonitord en de
Programmarekening 2024 Gemeente Den Helder
67
eventuele aanbiedingen die tussenpersonen doen. (Gemiddeld 2024: Schatkist 2,91 % tot 3,91% - Andere aanbieders 2,79 tot 3,895%). Wij hebben het drempelbedrag in 2024 niet overschreden. Wet houdbare overheidsfinanciën In de Wet houdbare overheidsfinanciën (HOF) staat hoe de Nederlandse overheid de afspraken wil doorvoeren die in Europees verband zijn gemaakt over de ontwikkeling van het EMU-tekort en de schuld van de overheid. In de Wet HOF wordt ook van de mede overheden een bijdrage in de tekortreductie verwacht. Tabel drempelbedrag schatkistbankieren Berekening benutting drempelbedrag (€ 1.000)
#
1e kwartaal
2e kwartaal
3e kwartaal
4e kwartaal
Schatkistbankieren
(1)
5.093
5.093
5.093
5.093
Kwartaalcijfers op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen
(2)
218
270
224
214
Ruimte onder het drempelbedrag
(3a) (1)>(2)
4.875
4.823
4.869
4.878
Overschrijding van het drempelbedrag
(3b) (2)>(1)
Berekening drempelbedrag
(1)
1
1
1
1
Begrotingstotaal verslagjaar
(4a)
254.628
Het deel van het begrotingstotaal dat kleiner of gelijk is aan € 500 miljoen
(4b)
254.628
Het deel van het begrotingstotaal dat het begrotingsbedrag te boven gaat
(4b)
0
Drempelbedrag =(4b)*0,002 met een minimum van € 1.000.000
(1)
5.093
Berekening kwartaalcijfer (*)
(2)
1e kwartaal
2e kwartaal
3e kwartaal
4e kwartaal
Som van de per dag buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen (negatieve bedragen tellen als nihil)
(5a)
19.794
24.547
20.585
19.706
Dagen in het kwartaal
(5b)
91
91
92
92
Kwartaalcijfer (*)
(2) (5a)/(5b)
218
270
224
214
(*) op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen
Er geldt een zogenaamde doelmatigheidsdrempel van 2% van het begrotingstotaal indien het begrotingstotaal lager is dan € 500 miljoen, waarbij het drempelbedrag minimaal € 1 miljoen bedraagt. Hebben we minder middelen dan de doelmatigheidsdrempel beschikbaar, dan hoeven deze niet naar de schatkist. Voor Den Helder betekent dit een drempelbedrag voor 2024 van € 5.092.563 (op basis van het (primitieve) begrotingstotaal van 2024 van € 254.628.141).
Programmarekening 2024 Gemeente Den Helder
68
Financiële risico's Kasgeldlimiet De renterisico’s die we lopen op de financiering met kortlopende middelen wordt door de wet begrensd met een kasgeldlimiet. Deze limiet is vastgesteld als een maximum percentage van het begrotingstotaal dat we met kortlopende middelen mogen financieren. De minister van Financiën heeft het percentage vastgesteld op 8,5%. Het streven is binnen de kasgeldlimiet een deel van de financieringsbehoefte te dekken door kortlopende leningen. Dit heeft de volgende voordelen: • De rente op kortlopende leningen is bijna altijd lager dan op langlopende leningen. •
Er is sprake van een grotere flexibiliteit.
De kasgeldlimiet bedroeg in 2024 € 21.643.392. Zoals uit de volgende tabel blijkt is het gehele jaar sprake geweest van een overschot aan kortlopende financieringsmiddelen, waardoor we het gehele jaar ruimschoots aan de norm hebben voldaan. Tabel kasgeldlimiet Kasgeldlimiet 1. Begrotingstotaal
1e kwartaal
2e kwartaal
3e kwartaal
4e kwartaal 254.628
254.628
254.628
254.628
2. Vastgesteld percentage
8,50%
8,50%
8,50%
8,50%
3. Kasgeldlimiet (1 x 2)
21.643
21.643
21.643
21.643
4. Financieringsmiddelen
-7.821
-20.179
-7.073
-4.560
5. Ruimte kasgeldlimiet (3 + 4)
13.822
1.464
14.570
17.084
Renterisiconorm De renterisiconorm beperkt het renterisico op de langlopende financiering. De norm bevordert de spreiding van looptijden van leningen op de kapitaalmarkt (looptijd lening > 1 jaar), zodat we niet in één jaar een groot deel van onze leningen tegelijk moeten aflossen. Het Rijk heeft deze norm vastgesteld op 20% van de totale lasten van de (primaire) begroting. Voor ons komt dit neer op € 50.926.000 (maximale omvang van leningen die in enig jaar mogen aflopen c.q. worden geherfinancierd). Uit de volgende tabel blijkt dat wij ruimschoots voldoen aan de risiconorm. Tabel renterisiconorm Renterisiconorm
2024
2025
2026
2027
1. Begrotingstotaal
254.628
254.628
254.628
254.628
2. Vastgesteld percentage
20%
20%
20%
20%
3. Renterisiconorm (1 x 2)
50.926
50.926
50.926
50.926
0
0
0
0
3.131
2.000
2.000
2.000
4. Renteherziening 5. Aflossingen 6. Renterisiconorm (4 + 5)
3.131
2.000
2.000
2.000
7. Ruimte(+)/Overschrijding(-) (3 - 6)
47.795
48.926
48.926
48.926
Het uitgangspunt voor de berekening van de renterisiconorm is het begrotingstotaal in het jaar T, waarbij het jaar T het huidige jaar (2024) is.
Krediet-/debiteurenrisico Bij de krediet-/debiteurenrisico’s bestaat de kans op een waardedaling van een uitstaande vordering, als gevolg van het niet (tijdig) nakomen van de verplichtingen door een debiteur. Het beheer van de debiteuren houdt verband met onze reguliere bedrijfsactiviteiten. Door een goed invorderingsbeleid kunnen we het kredietrisico als laag kwalificeren.
Programmarekening 2024 Gemeente Den Helder
69
Daarnaast staan we garant voor het betalen van de rente en aflossingen van geldleningen van verschillende partijen. In 2019 hebben we onder voorwaarden (zie de nota Gemeentelijke garanties en geldleningen) een aantal garantstellingen verstrekt. Bij de garantstellingen kunnen we onderscheid maken in een directe garantstelling of het aangaan van een achtervangpositie bij het Waarborgfonds Sociale Woningbouw (WSW). Dit laatste is bij de garantstelling voor woningcorporaties gebruikelijk. De gemeente staat dan voor 50% garant. Stichting Woontij, Stichting Woonzorg Nederland en Woningstichting Den Helder zijn aangesloten bij het WSW. Wij hebben voor de volgende instellingen een maximum afgesproken voor wat betreft de garantstellingen: 1. Woningstichting Den Helder (maximale garantstelling van € 250 miljoen). 2. Port of Den Helder bv (maximale garantstelling van € 13,3 miljoen). 3. Scholen aan Zee (maximale garantstelling van € 13,25 miljoen en een looptijd van 15 juli 2019 tot en met 15 juli 2043). Dit houdt in dat bovenstaande instellingen tot het door ons vastgestelde maximum aan geldleningen kunnen aantrekken, zonder tussenkomst van de gemeente. Uit de cijfers in de tabel blijkt dat bovengenoemde instellingen nog ruimte hebben binnen het gestelde maximum. Tabel gewaarborgde geldleningen Omschrijving
Oorspr. bedrag
% borg stelling
Schuld 01-01-2024
Schuld 31-12-2024
Woningstichting Den Helder NV Huisvuilcentrale Noord-Holland
7.170 598.528
100,00% 3,84%
3.451 23.428
3.226 21.706
Noordwest ziekenhuisgroep Veiligheidsregio Noord-Holland Noord
6.000 48.688
100,00% 9,00%
3.600 3.240
3.000 3.095
N.V. Port of Den Helder Stichting Blijf van mijn Lijf
14.750 500
100,00% 100,00%
12.326 403
11.801 403
Scholen aan Zee Subtotaal garanties zonder achtervang
13.250 688.886 a
100,00%
13.250 59.698
13.250 56.481
Stichting Woontij Woningstichting Den Helder
22.500 210.456
50,00% 50,00%
12.336 210.456
14.621 235.091
Stichting Woonzorg Nederland Subtotaal garanties met achtervang WSW
6.349 239.305 a
50,00%
3.152 225.944
3.726 253.438
Totaal
928.191
a
285.642
309.919
Opgenomen kortlopende geldleningen In 2024 was gedurende het hele jaar behoefte aan liquide middelen. Hiertoe zijn kortlopende (kasgeld)leningen aangetrokken bij de BNG Bank. Er zijn 27 leningen aangetrokken met ieder een looptijd die varieert van enkele dagen tot twee maanden. De omvang van de leningen houdt verband met het relatief onvoorspelbare verloop van de inkomsten als gevolg van specifieke subsidietoekenningen en onze eigen investeringen. In 2024 is er geen langlopende lening afgesloten in afwachting van een verdere daling van de rente voor langlopende leningen. De kasgeldlimiet bood ons voldoende ruimte hiervoor.
Opgenomen langlopende geldleningen In 2024 hebben we € 3.131.115 afgelost. Hierdoor was de restantschuld eind 2024 € 193.000.000. De totale rentelast bedroeg in 2024 € 1.258.403. Tabel leningen Opgenomen geldleningen Opgenomen geldleningen (x € 1 miljoen)
31-12-2023
31-12-2024
Algemene financiering
€ 151,1
€ 148,0
Ten behoeve van Woningcorporatie
€ 45,0
€ 45,0
Ten behoeve van scholen
€ 0,0
€ 0,0
€ 196,1
€ 193,0
Totaal
Programmarekening 2024 Gemeente Den Helder
70
Verstrekte langlopende geldleningen Wij hadden op 31 december 2024 voor € 67.210.509 aan verstrekte langlopende geldleningen uitstaan. De drie grootste geldnemers zijn: 1. Helder Vastgoed bv € 45.000.000 2. Willemsoord bv € 18.000.000 3. Alliander € 2.078.256 Tabel leningen Uitstaande geldleningen Uitstaande geldleningen (x € 1 miljoen)
31-12-2023
31-12-2024
Woningcorporatie
€ 45,0
€ 45,0
Overige instellingen
€ 22,3
€ 22,2
Totaal
€ 67,3
€ 67,2
Begrotingsgegevens Europese Monetaire Unie (EMU) Het EMU-saldo is het verschil tussen de inkomsten en uitgaven van de overheid. Een negatief saldo geeft aan dat de overheid een tekort heeft: de uitgaven zijn groter dan de inkomsten. Het EMU-saldo van de lokale overheden telt mee voor het saldo van de totale Nederlandse overheid en draagt daarmee dus bij aan het EMUtekort of overschot van de landelijke overheid. In het Verdrag van Maastricht is afgesproken dat het EMU-tekort van een land maximaal 3% van het Bruto Binnenlands Product (BBP) mag bedragen. Op basis van de Wet Financiering decentrale overheden (Wet FIDO) behoort ingrijpen door de centrale overheid tot de mogelijkheden bij een dreigende overschrijding van het 3% EMU-tekort, voor zover dit wordt veroorzaakt door een ongewenste ontwikkeling van het saldo van de lokale overheid. Afspraak is dat het EMU-saldo in de begroting van de lokale overheden wordt opgenomen, zodat er inzicht is in de ontwikkeling daarvan. In onderstaand tabel geven wij de verantwoording van het EMU-saldo over 2024 weer. Het verschil tussen de cijfers uit de jaarrekening 2024 en de bijgewerkte cijfers tot en met september 2024 is € 4.384.000 voordelig. Een van de grootste oorzaken is een daling van de (im)materiële vaste activa van € 6.182.000, wat een nadelig effect heeft.
Daarnaast is de mutatie in de voorraden gunstiger dan de bijgewerkte cijfers ad € 2.420.000. En het effect bij boekwinst/verlies tegenover van € 5.453.000. Veroorzaakt door een afwaardering onder de financiële vaste activa. Tabel EMU-saldo Omschrijving Bedragen x € 1.000
2024 (1)
2024 (2)
2025 (3)
Exploitatiesaldo vóór toevoeging aan, c.q. onttrekking uit reserves (zie BBV, artikel 17c)
-4.436
-8.111
3.871
Mutatie (im)materiële activa
21.313
15.131
12.954
Mutatie voorzieningen
3.152
1.997
740
Mutatie voorraden (incl. bouwgronden in exploitatie)
-4.772
-2.352
-2.083
125
-5.328
-17.950
-13.565
Verwachte boekwinst/verlies bij de verkoop van financiële vaste activa en (im)materiële vaste activa, alsmede de afwaardering van financiële vaste activa Berekend EMU-saldo
-6.260
(1) Volgens realisatie t/m september 2024, aangevuld met raming resterende periode (2) Volgens Jaarrekening 2024 (3) Volgens Begroting 2024
Berekening rente-omslag Over de activa van de gemeente wordt een interne rekenrente toegerekend aan de exploitatie. Op deze manier wordt de externe financiering van de gemeente door het aantrekken van geldleningen doorbelast naar de met deze geldleningen aangekochte activa.
Programmarekening 2024 Gemeente Den Helder
71
Bij de berekening van de rente-omslag worden de (verwachte) rentelasten en de reeds bekende rentebaten in ogenschouw genomen. Bij de berekening worden de specifieke rentebaten, zoals van de grondexploitatie en onze doorleningen, in mindering gebracht op de rentelasten. Wat resteert aan rentelasten wordt verdeeld over de boekwaarde van onze geactiveerde investeringen per 1 januari 2024. Bij deze investeringen worden de investeringen met een specifiek rentepercentage uitgezonderd. In de begroting kwam de gemeente Den Helder uit op een berekend percentage van 0,46%. Dit is afgerond op 0,5%. In de Tweede tussenrapportage is een actualisatie over 2024 gedaan waarbij we uitkwamen op een berekend percentage van 0,9%. Vanwege de geplande investeringen werd toen rekening gehouden met het aantrekken van nieuwe langlopende leningen met bijbehorende rentelasten. De rente is op dat moment door de hele begroting herberekend. Doordat de investeringen achterbleven op de planning en er een groot subsidievoorschot werd ontvangen, bleek nieuwe langlopende financiering niet nodig. Het berekend renteomslagpercentage op basis van de werkelijke cijfers bedraagt 0,57%. Dit percentage wijkt volgens de regelgeving teveel af van het begrote percentage. Hierdoor hebben we opnieuw een herverdeling van de rentelasten over de activa uitgevoerd, nu tegen 0,6%.
Deze wijziging kon niet meer in een begrotingswijziging worden vastgelegd. Tabel renteomslag a
Rente-omslag
a
a.
De externe rentelasten over de korte en lange financiering
2.817.000
b.
De externe rentebaten over de korte en lange financiering
-900.000
a
Saldo rentelasten en rentebaten
c1.
De rente die aan de grondexploitatie moet worden doorberekend
c2.
De rente van projectfinanciering die aan het betreffende taakveld moet worden doorberekend
c3.
De rentebaat van doorverstrekte leningen indien daar een specifieke lening voor is aangetrokken
a
Bedrag
1.917.000
-168.000
-739.000
(= projectfinanciering), die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend a
Aan taakvelden toe te rekenen externe rente
d1.
Rente over eigen vermogen
0
d2.
Rente over voorzieningen
0
a
Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente
e.
De aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag)
f.
Renteresultaat op het taakveld Treasury
a
Boekwaarde activa 01-01-2023
a
177.728.000
a
Rente-omslagpercentage
a
0,57%
Programmarekening 2024 Gemeente Den Helder
a
a
-907.000
1.010.000 -1.047.000 -37.000
72
Bedrijfsvoering Inleiding In deze paragraaf staan de belangrijkste beleidsmatige ontwikkelingen in de bedrijfsvoering: • Personeelsbeleid en organisatie(ontwikkeling). •
Planning & control en financiën.
• •
Informatiebeveiliging Rekenkamerzonderzoeken
• •
213a onderzoeken Toelichting rechtmatigheidsverantwoording
Personeelsbeleid en Organisatie(ontwikkeling) Personeel en inhuur In 2024 bedroeg de totale som voor personeel en inhuur € 52,8 miljoen. Hiervan is € 11,0 miljoen besteed aan inhuur, dat is 20,8 % van het totaal. In de decembernota werd een inzet van € 10 miljoen geraamd. De inhuur is bekostigd uit vacatureruimte, het budget voor calamiteiten, de inkomsten van het UWV (voor ziekte en zwangerschapsverlof) en uit taakbudgetten. Het aandeel op de taakbudgetten is 80%. Organisatie-ontwikkelplan 2024 In 2024 heeft de organisatie gewerkt vanuit het organisatie-ontwikkelplan om de ontwikkeling van de organisatie op verschillende vlakken te bevorderen. Het doel was om een efficiëntere en meer samenwerkende werkomgeving te creëren, met nadruk op energie en flow. Actiepunt 1 - Energie en Flow Het programma Energie en Flow heeft bijgedragen aan het vergroten van energie en vertrouwen binnen de organisatie. Initiatieven zoals workshops, sociale veiligheidstrainingen en de focus op een aantrekkelijk werkklimaat hebben een positieve invloed gehad. Vitaliteitsinitiatieven, zoals bedrijfsfruit en sportactiviteiten, hebben ook bijgedragen aan het welzijn van medewerkers. De medewerkersborrels en de Aftermovie in december 2024 hebben bovendien succesverhalen gedeeld, wat de verbondenheid en energie binnen de organisatie versterkt.
Actiepunt 2 - Focus en Verdeling Domeinen werden gecreëerd (Dienstverlening, Bedrijfsvoering, Ontwikkeling) om de efficiëntie en effectiviteit te verbeteren. Dit heeft geleid tot een betere balans en hernieuwde verbinding, maar de werkdruk blijft een aandachtspunt, zowel bij de teammanagers als de teams zelf. Actiepunt 3 - Opleiden en Ontwikkelen De oprichting van de Helder Academie heeft het opleidingsaanbod versterkt. Er is gewerkt aan het actualiseren van het traineebeleid, het verbeteren van het stagebureau en invulling geven aan het opleidingsbudget. Het onboardingsprogramma is uitgerold en er wordt gewerkt aan het invullen van de functie van loopbaanadviseur. Actiepunt 4 - Werkprocessen Optimaliseren Met behulp van de leanmethodiek zijn werkprocessen binnen het sociaal domein geoptimaliseerd. Kwaliteitsmedewerkers zijn opgeleid om de verbetering voort te zetten en de dienstverlening te verbeteren. Dit heeft geleid tot efficiënter gebruik van middelen en betere samenwerking. Actiepunt 5 - Doorontwikkeling Sociaal Domein De regiovisie sociaal domein is vastgesteld, en er is gewerkt aan de integrale en efficiënte uitvoering van de dienstverlening. De wijksteunpunten zijn uitgebreid in capaciteit en openingstijden om betere service te bieden aan de inwoners. Deze doorontwikkeling zorgt voor een meer klantgerichte aanpak.
Actiepunt 6 - Service en Empathie Het principe van hostmanship wordt centraal gesteld om de klantgerichte benadering te verbeteren. Dit is binnen de organisatie belegd als onderdeel van de werkprocesoptimalisatie en is nu een doorlopend verbeterpunt bij het team Dienstverlening. Actiepunt 7 - Leiderschap en Steun Binnen het managementteam (MT) is er meer onderlinge verbinding ontstaan, wat het leiderschap versterkt heeft. Teammanagers en opgavemanagers hebben verschillende (leiderschaps)trainingen gevolgd. Er is echter
Programmarekening 2024 Gemeente Den Helder
73
nog steeds werk aan de winkel door de hoge werkdruk en wisselingen binnen de directie, wat invloed heeft gehad op de stabiliteit. Actiepunt 8 - Doorontwikkeling Opgavegericht Werken De werkwijze opgavegericht werken is vastgelegd, wat de structuur en focus heeft verbeterd. Een gedetailleerd overzicht van opgaven is opgesteld, en er is extra capaciteit gepland om de opgaven effectief uit te voeren. De samenwerking met externe partijen is versterkt en heeft de effectiviteit van opgavegericht werken verder verbeterd. Actiepunt 9 - Inrichten Planbureau Er zijn verkennende gesprekken gevoerd over de behoefte aan een planbureau. Deze gesprekken hebben geleid tot een beter begrip van de rol van het planbureau, met focus op het beheren van opgaven en de capaciteit in relatie tot de bestuurlijke termijnkalender. Het daadwerkelijke inrichten van het planbureau zal in 2025 verder vorm krijgen. Actiepunt 10 - Groei en Ambitie Na gesprekken binnen het MT en HR over de huidige functie-indeling is besloten dat het bestaande functieboek passend is en voldoende ruimte biedt voor verdere groei en ontwikkeling. Er komt geen vervolg op dit actiepunt in 2025, omdat de huidige functiebeschrijvingen de organisatie goed ondersteunen.
De resultaten van 2024 bieden een stevige basis voor de verdere ontwikkeling van de organisatie in 2025, met nadruk op samenwerking, procesoptimalisatie en een sterk leiderschap. In de eerste helft van 2025 wordt opnieuw bekeken naar waar wij staan, welke stappen zijn er sinds 2023 gezet en welke effecten hebben deze gehad.
Planning & Control en Financiën De planning- en control-functie ziet niet alleen toe op de financiële bedrijfsvoering, maar op de bedrijfsvoering in brede zin. Zowel intern als extern: • Realiseren we onze activiteiten tijdig en juist? • • •
Wordt voorgenomen beleid samengesteld? Blijven we met onze bestedingen binnen de door de raad vastgestelde financiële kaders? en Bereiken we ook doelstellingen, bijvoorbeeld op het gebied van personeelsontwikkelingen en kaders op het gebied van ICT, zoals privacy en beveiliging?
Afwijkingen kunnen voor zover van toepassing in de tussentijdse rapportages worden vermeld. De afgelopen jaren zijn stappen in gezet in het ‘slanker’ en informatiever maken van de P&C-producties. De raad is betrokken bij het bepalen van de beleidsdoelstellingen in het Kadernota-proces en die te gebruiken bij de verantwoordingsinformatie. Dit is gestart in 2022 met het besluit van de gemeenteraad om te komen tot een nieuwe Visie op Planning & Control. Deze visie is in nauwe samenwerking met de Auditcommissie besproken en vastgesteld. Eind 2023 is het implementatieplan besproken met de Auditcommissie. De implementatie is gaande en zal zich uitstrekken tot in 2025. In 2024 zijn de eerste resultaten hiervan zichtbaar geworden. De indeling van de begroting 2025 (die is vastgesteld in november 2024) is aangepast. Deze wijziging is afgestemd met de auditcommissie zoals we alle wijzigingen in de P&C producten afstemmen met de auditcommissie. Het resultaat is dat begroting zichtbaar dunner is geworden. De volgende stap is kritisch te kijken naar de informatieve waarde. daarnaast is in 2024 gestart met het stuk voor de stuk actualiseren van de beleidskaders voor de paragrafen. Naast deze meer beleidsmatige producten krijgen ook de aanbevelingen van de accountant een belangrijke plaats in deze doorontwikkeling. .
In 2024 zijn als relatief grote issues de onderbouwing van de waarde van de deelneming Willemsoord uitgewerkt en is de methodiek van het bepalen van de restrisico's in de paragraaf weerstandsvermogen herzien. Deze onderdelen zijn volledig verwerkt in de jaarstukken 2024. Vanaf het verslagjaar 2023 moet het college van B&W zelf verantwoording afleggen over de naleving van regels die relevant zijn voor het financiële reilen en zeilen van de organisatie.
Programmarekening 2024 Gemeente Den Helder
74
Tijdens het opstellen van de jaarrekening over 2023 bestond er nog onduidelijkheid over wat nu de exacte eisen zijn. De eerdere richtlijnen waren nog onvoldoende afgestemd tussen de regering en de Algemene Rekenkamer. Voor de doorontwikkeling van de Planning en Control en de visie op concern control is de invulling van de rol van concerncontroller een voorwaarde. In 2024 is de functie van de concerncontroller niet ingevuld. Eind 2025 is de functie opnieuw opengesteld. In het tweede kwartaal van 2025 zal de nieuwe concerncontroller starten. Een belangrijke steunpilaar bij het signaleren van mogelijke afwijkingen is de interne controle. In Den Helder is dit vorm gegeven in een subteam VIC (Verbijzonderde Interne Controle). Het team toetst aan de hand van een meerjarenplan of de uitvoering van de verschillende processen voldoet aan de regelgeving en helpt de organisatie bij het maken van verbeterslagen. De laatste twee jaar is met behulp van het VIC-team een belangrijke verbeterstap gezet. Als onderdeel van de intern aangeboden opleidingen is in 2024 opnieuw aandacht besteed aan de planning en control-cyclus en wat dit betekent voor verschillende onderdelen in de organisatie. Als de kennis en planningen niet wordt gedeeld kunnen medewerkers dit ook niet toepassen. Tot slot zijn er in 2024 een aantal verbeteringen gerealiseerd in het hart van de financiële processen.
De structuren en route voor het in behandeling nemen van facturen zijn vereenvoudigd, getoetst op functiescheiding en voldoende betrokkenen voor een vlotte afwikkeling van facturen voor de aan de gemeente geleverde prestaties. Het resultaat hiervan is dat de gemiddelde betalingstermijn aanzienlijk is ingekort en facturen die voldoen aan de vereisten en de prestatielevering ruimschoots op tijd worden betaald. Het verwachte logische gevolg heeft zich ook gemanifesteerd, er worden minder betalingsherinneringen ontvangen. In 2025 wordt deze verbeteringen verder uitgebouwd met een geactualiseerde werkwerkwijze voor het vastleggen van verplichtingen en het vastleggen van de prestatieverklaring, in aanvulling op de door het systeem ondersteunde functiescheidingen en akkoordverklaringen.
Informatieveiligheid Informatiebeveiliging en Privacy Informatieveiligheid en zorgvuldige verwerking van persoonsgegevens zijn onderdeel uit van een zorgvuldig werkende overheid. Op het gebied van informatiebeveiliging en zorgvuldig omgaan met persoonsgegevens waren in 2024 de volgende doelen gesteld: 1. De gemeente opereert volledig volgens de eisen van de Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO), in voorbereiding op de NIS2 waarin de BIO een verplichtend karakter krijgt. Risicomanagement, waaronder bedrijfscontinuïteitsmanagement (BCM) is hierin het uitgangspunt en is bepalend voor de inzet van middelen (capaciteit van medewerkers, budget en tijd). 2. De volwassenheid van de organisatie op het gebied van gegevensbescherming en zorgvuldige verwerking van persoonsgegevens bevindt zich op het niveau 'beheerst' (schaal 3 op een schaal van 5). 3. De gemeente verhoogt planmatig en gestructureerd de informatiebeveiliging en bescherming van persoonsgegevens door het verhogen van de kennis van medewerkers, en zet in op het verbeteren van houding en het gedrag. De gemeente maakt dit meetbaar. 4. De gemeente Den Helder slaagt voor verplichte audits en inspecties op het gebied van informatieveiligheid en verwerken van politiegegevens. Uitvoering doelen in 2024. 1. De gemeente opereert volgens de eisen van de Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO).
De BIO is het gezamenlijk normenkader voor de overheid, gebaseerd op ISO27001/2. De BIO omvat een pakket maatregelen die betrekking hebben op de beschikbaarheid, integriteit en vertrouwelijkheid van informatie. Om te voldoen aan de BIO heeft de gemeente maatregelen om de veiligheid van informatie en persoonsgegevens te waarborgen. De maatregelen zijn zowel technisch als organisatorisch van aard. Een technische maatregel, een SIEM/SOC operationeel hebben is gerealiseerd. Daarnaast is er in beperkte mate een start gemaakt met de
Programmarekening 2024 Gemeente Den Helder
75
introductie van de NIS2 en de bijbehorende verplichtingen van de gemeente. Hierop wordt in 2025 verder op geacteerd om oktober 2025 voldoende te zijn voorbereid op de inwerkingtreding van de NIS2, waaronder het verplichte karakter van de BIO. 2. De volwassenheid van de organisatie op het gebied van bescherming van informatie en persoonsgegevens bevindt zich op het niveau beheerst. Uit onderzoek, (Rekenkamerrapport ‘informatieveiligheid’, 2024) is gebleken dat de taakvolwassenheid van de organisatie op het gebeid van informatieveiligheid en privacy groeipotentie heeft om op het niveau van beheerst te komen. In 2024 zijn plannen gemaakt om het team Informatieveiligheid en Privacy uit te breiden met een privacy-officer en information security officer om de organisatie op tactisch en operationeel niveau te versterken. In 2025 wordt ingezet op een groei in de taakvolwassenheid naar het beoogde niveau ‘beheerst’. 3. De gemeente verhoogt planmatig de informatiebeveiliging door het verhogen van de kennis van medewerkers en zet in op het verbeteren van de houding en het gedrag op gebied van iBewustzijn. De gemeente maakt dit meetbaar. Sinds 2021 werkt de gemeente met een communicatieplan en per 2022 de gemeente gestructureerd en planmatig activiteiten uit die de kennis van, en houding en gedrag ten aanzien van informatiebeveiliging en zorgvuldig verwerken van persoonsgegevens verhogen.
De medewerkers worden met een ibewustzijnscampagne (online trainingen, micro-learnings en modules) getraind in het bewust veilig en zorgvuldig omgaan met informatie en persoonsgegevens. In 2024 is een nieuw informatiebeveiligingsbewustzijnsprogramma oor de hele organisatie in gebruik wordt genomen. De resultaten van de toetsen van kennis van informatieveiligheid en privacybescherming worden gemeten en teruggevonden in dashboards waardoor inzichtelijk wordt op welke gebieden de medewerkers aanvullend training of kennis nodig hebben. Er is een goed bezochte interactieve workshop gegeven met een serious game over informatieveiligheid en beschermen van de privacy. Naast een generieke aanpak blijft de gemeente investeren in kennis van de individuele medewerker als voor de rol van de medewerker meer specialistische kennis van informatieveiligheid en bescherming van de privacy vereist is. 4. De gemeente Den Helder slaagt voor verplichte audits en inspecties. De gemeente verantwoordt zich jaarlijks over informatiebeveiliging en – kwaliteit middels (verplichte) ENSIA. Dat staat voor Eenduidige Normatiek Single Information Audit. De focus van ENSIA ligt op het afleggen van verantwoording van voldoen aan de ENSIA-normen aan de gemeenteraad en het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Over 2023 is gemeente Den Helder geslaagd voor de ENSIA.
De resultaten van de ENSIA-audit 2024 worden eind maart 2025 verwacht. Daarnaast verantwoordt de gemeente zich jaarlijks aan het college van burgemeester en wethouders over de zorgvuldige omgang met politiegegevens, wettelijk verplicht gesteld in de Wet politiegegevens. De audit op de zorgvuldige verwerking van politiegegevens over 2024 laat, ten opzichte van de resultaten van de audit 2022 en 2023, een stijgende lijn zien in het (aantoonbaar) voldoen aan zorgvuldige verwerking van politiegegevens. De resultaten van de audit 2025, uitgevoerd door een extern gecertificeerd auditor, worden (wettelijke verplichting Wet politiegegevens) aangeleverd bij de Autoriteit Persoonsgegevens.
Rekenkameronderzoek Vanuit de Rekenkamer is een tweetal onderzoeken actueel: 1. Informatiebeveiliging Uit het rekenkameronderzoek naar de informatiebeveiliging blijkt het volgende: 1. Er is onvoldoende tactisch beleid voor zowel informatiebeveiliging als privacy. 2. De organisatie heeft onvoldoende inzicht in de risico’s waarmee zij te maken heeft. 3. Er ontbreekt een bedrijfscontinuïteitsplan voor het geval van een cybercrisis. 4. Informatiebeveiliging is niet voldoende geïntegreerd in de organisatie, wat leidt tot een laag bewustzijn hierover. Naar aanleiding van dit onderzoek zijn in 2024 verschillende maatregelen genomen om het volwassenheidsniveau van de gemeente te verbeteren:
Programmarekening 2024 Gemeente Den Helder
76
1. 2.
3. 4.
Voor het verhogen en verbeteren van de informatieveiligheid van gemeente Den Helder is in 2024 begroot 1 fte ISO en 1 fte PO. In 2025 worden de beide vacatures open gesteld. Wetende in 2024 dat er nieuwe wetgeving in 2025 zou komen (NIS2, AI-act) zijn de werkzaamheden geparkeerd om te voorkomen dat er dubbel werk zou worden gedaan. In 2025 wordt een nulmeting en GAP-analyse gedaan om te bepalen wat er moet gebeuren om te voldoen aan de nieuwe aanvullende wetgeving op het gebied van informatieveiligheid en privacy (NIS2 en AI-Act). Dit zal geformuleerd worden in een PID initiatie-document en intern worden besproken in relatie tot tijd, mensen en middelen. Hiervoor geld de toelichting zoals beschreven bij punt 2. Busines ContinuIty Managment (BCM) is onderdeel van de (nieuwe) informatiebeveiligingswetgeving (NIS2). Ook hier verwijzen we naar punt 2. Er gaan, in de ruimste zin des woords, allerlei nieuwe en aanvullende werkprocessen komen in met als doel te voldoen aan (wettelijk) verplichte informatieveiligheid (NIS-2) en privacy (AI-act).
2. Verstrekte subsidies In opvolging van het rekenkameronderzoek is inmiddels de inzet van subsidies beter verbonden met de doelstellingen en beoogde maatschappelijke effecten door middel van de subsidieregeling sociaal domein. In de raadcommissie 23 september 2024 is de gemeenteraad geïnformeerd over de beoogde vervolgstappen. De aandachtspunten van de commissie zijn vervolgens meegenomen in het vervolg. De gemeenteraad heeft daarom op 10 maart 2025 de Algemene subsidieverordening en het afwegingskader subsidies vastgesteld. De aanbevelingen zijn daarmee opgevolgd en in rapportage in deze paragraaf afgerond. In het Afwegingskader subsidies zijn acties opgenomen voor het actie. De evaluaties van het beleid volgen de voorgeschreven structuur in de P&C cyclus.
Onderzoeken artikel 213a In de gemeentewet is in artikel 213a bepaalt dat het college verplicht is periodiek onderzoek te doen naar de doelmatigheid en doeltreffendheid van het door haar gevoerde bestuur. Hierover wordt in de paragraaf bedrijfsvoering gerapporteerd. Deze rapportage is vastgelegd in de Financiële verordening 2024, artikel 15, lid 3b. In 2024 is geen afzonderlijke onderzoek gestart, de aandacht IS uitgegaan naar de actualisatie van de drie beleidskaders (weerstandsvermogen, lokale heffingen en treasury.) De bevindingen hierin zijn in 2024 besproken en getoetst in de auditcommissie. De beleidskaders voor deze paragrafen zijn vervolgens in 2025 aangeboden aan de gemeenteraad ter vaststelling.
Toelichting rechtmatigheidsverantwoording In dit deel van de paragraaf bedrijfsvoering geeft de organisatie een toelichting op de rechtmatigheidsfouten en onduidelijkheden per rechtmatigheidscriterium. Hierbij geeft de organisatie aan welke verbetermaatregelen zij gaat treffen om rechtmatig handelen in de toekomst te borgen. In de rechtmatigheidsverantwoording legt het college verantwoording af over de volgende drie rechtmatigheidscriteria: • Begrotingsrechtmatigheid: handelt het college binnen de door de raad beschikbaar gestelde budgetten en kredieten. • Voorwaardencriterium: zijn de baten, lasten en balansmutaties in overeenstemming met wet- en regelgeving tot stand gekomen? • Misbruik en oneigenlijk gebruik: zijn in (de uitvoering van) het beleid voldoende waarborgen opgenomen om misbruik of oneigenlijk gebruik van wet- en regelgeving te voorkomen of tegen te gaan? De geconstateerde afwijkingen betreffen:
Programmarekening 2024 Gemeente Den Helder
77
Begrotingscriterium 1A
Overschrijding lasten programma's Programma 1 Samenwerkende gemeente - € 6.209 Programma 3 Vitale gemeente - € 3.266 Programma 4 Leefbare gemeente - € 456
€ 9.931 M
1B
Overschrijding investeringsbudgetten (kredieten) Voor de in 2024 afgesloten investeringsbudgetten (kredieten) is geen sprake van overschrijdingen groter dan € 100.000
€0M
2
Ongeautoriseerde reservemutaties
€0M
3
Overschrijding van baten en/of onderschrijding van lasten, investeringen en baten die niet tijdig tot een begrotingswijziging hebben geleid of niet tijdig aan de raad zijn gemeld.
€0M
Totaal begrotingsonrechtmatigheden
€ 9.931 M
Totaal van de begrotingsonrechtmatigheden (van onderdeel 1 en 2) dat past binnen het vooraf vastgestelde beleid en daarmee vooraf als acceptabel is geduid. In de rechtmatigheidsverantwoording wordt verwezen naar dit vooraf vastgestelde beleid.
€ 9.931 M
Totaal van de niet ‐acceptabele begrotingsonrechtmatigheden. Inhoudelijk in de rechtmatigheidsverantwoording en in de paragraaf bedrijfsvoering toegelicht.
€0M
4
Voorwaardencriterium 5
Inkopen ten onrechte niet Europees aanbesteed. Inhoudelijk in de rechtmatigheidsverantwoording en in de paragraaf bedrijfsvoering toegelicht.
€ 0.587 M
M&O criterium 6
Geen bevindingen. Totaal Onrechtmatigheden
€ 10.518 M
Waarvan acceptabel
€ 9.931 M
Waarvan niet-acceptabel
€ 0.587 M
Begrotingscriterium In de begroting zijn de door de raad beschikbaar en vastgestelde budgetten en kredieten opgenomen. Dit houdt in dat de financiële beheershandelingen dienen te passen binnen de begroting, waarbij het juiste programma, de omvang van het begrotingsbedrag, alsmede het begrotingsjaar van belang zijn. De organisatie heeft de begrotingsrechtmatigheid gecontroleerd. De toe te passen normen voor het begrotingscriterium zijn opgenomen in de financiële verordening Gemeente Den Helder 2024. Voor programma 1, Samenwerkende gemeente, is een overschrijding van de lasten geconstateerd die met name betrekking heeft op de dotatie aan de voorziening wethouderspensioenen en wachtgelden en op de getroffen voorziening van € 5.297.000 voor de waardering van de deelneming in Willemsoord. In het licht van de financiële verordening is deze overschrijding acceptabel. Op 10 maart 2025 heeft de raad ingestemd met het treffen van een voorziening voor de waardering van de deelneming in Willemsoord (artikel 19 lid 3 b). Voor programma 3, Vitale gemeente, is een overschrijding van de lasten geconstateerd van die met name betrekking heeft op de grondexploitaties (€ 3.103.000). In het licht van de financiële verordening is deze overschrijding acceptabel.
Tegenover de extra kosten staan extra opbrengsten die direct gerelateerd zijn aan die kosten (artikel 19 lid 3 e) en de overschrijding op de grondexploitatie past binnen de vastgestelde kaderstelling van de grondexploitaties.
Programmarekening 2024 Gemeente Den Helder
78
Voor programma 4, Leefbare gemeente, is een overschrijding van de lasten geconstateerd die betrekking heeft op het saldo van de lasten van verschillende onderliggende taakvelden zoals openbare orde en veiligheid, sportaccommodaties (waaronder het zwembad € 382.000), openbaar groen en (openlucht) recreatie. In het licht van de financiële verordening zijn de onderliggende overschrijdingen op taakveldniveau acceptabel. Voorwaardencriterium Het voorwaardencriterium heeft betrekking op de naleving van eisen/voorwaarden uit diverse interne en externe regelgeving bij de uitvoering van de financiële beheershandelingen. De organisatie heeft hierbij getoetst of de baten, lasten en balansmutaties tot stand zijn gekomen in overeenstemming met wet- en regelgeving. Met betrekking tot het proces inkopen en aanbesteden zijn vijf onrechtmatigheden geconstateerd van totaal € 587.405,23. Twee rechtmatigheidsfouten hebben betrekking op het laten doorlopen van twee contracten in het Sociaal Domein die in 2020 reeds als onrechtmatig zijn opgenomen. Er is bewust gekozen om deze contracten niet opnieuw aan te besteden, omdat het gaat om aflopende contracten. Drie rechtmatigheidsfouten hebben betrekking op een onjuist gevolgde aanbestedingsprocedure. Er is enkelvoudig of meervoudig onderhands aanbesteed in plaats van Europees.
De raming van de opdrachten inclusief mogelijke verlengingsopdrachten heeft onvoldoende plaatsgevonden. Om in het vervolg onrechtmatigheden te voorkomen, is extra aandacht voor het budgetbeheer en de verplichtingenadministratie en is organisatie breed benadrukt om Inkoop te betrekken bij op te starten aanbestedingen en daar waar mogelijk inhuur van externen te laten verlopen via ons Dynamisch Aankoopsysteem. Dat is een specifieke procedure binnen Europese aanbestedingen waarbij telkens een opdracht kan worden uitgezet waar verschillende partijen op kunnen reageren. Misbruik & Oneigenlijk gebruik criterium Op het moment dat overheidsgelden worden gebruikt voor een doel waarvoor deze niet bestemd zijn, is sprake van misbruik of oneigenlijk gebruik. Misbruik en oneigenlijk gebruik gaan over het handelen door derden, organisaties of inwoners. Het verschil tussen misbruik en oneigenlijk gebruik is dat bij oneigenlijk gebruik feitelijk wel gehandeld wordt in overeenstemming met wet- en regelgeving, maar dat er gebruik gemaakt wordt van de ‘mazen van de wet’. Bij misbruik is er sprake van onrechtmatig handelen, omdat er opzettelijk, niet tijdig, onjuist of onvolledig verstrekking van gegevens plaatsvindt met als doel ten onrechte overheidsgeld te verkrijgen dan wel een te laag bedrag aan heffingen aan de overheid te betalen.
De organisatie heeft getoetst of in de uitvoering van het beleid voldoende waarborgen zijn opgenomen om misbruik of oneigenlijk gebruik van wet- en regelgeving te voorkomen of tegen te gaan. Uit de controle blijken geen onrechtmatigheden in het kader van misbruik en oneigenlijk gebruik. Misbruik en oneigenlijk gebruik is mede via de gemeentelijke regelgeving ingebed in de processen van de organisatieonderdelen. Dit doet de gemeente door in regelgeving heldere definities en een nauwkeurige omschrijving van doel en doelgroepen te geven en door rechten, plichten en voorwaarden op te nemen in de regelgeving. Ook in de beschikkingen vermeldt de gemeente de rechten, plichten, voorwaarden en mogelijke maatregelen en er vindt toetsing op juistheid en volledigheid van de door derden verstrekte informatie plaats vóór het moment van beschikken, betalen of ontvangen van een voorziening, vergunning of uitkering.
Programmarekening 2024 Gemeente Den Helder
79
Verbonden partijen Algemeen De gemeente Den Helder werkt op vele fronten samen. Binnen dit scala aan samenwerkingsvormen zijn verbonden partijen de (zelfstandige) organisaties waaraan de gemeente zich bestuurlijk én financieel verbonden heeft. Een verbonden partij komt tot stand wanneer een publiek belang aan de orde is bij de uitvoering van een taak, die de gemeente niet per se zelf hoeft uit te voeren, en andere instrumenten, zoals inkoop of subsidie, niet toereikend zijn. Het heeft in dat geval een meerwaarde om een zelfstandige organisatievorm te kiezen die het beste past bij de publieke taak. En deze taak bepaalt dan of een publiekrechtelijke, of een privaatrechtelijke organisatie passend is. De definitie van een verbonden partij, zoals opgenomen in het BBV luidt als volgt: ‘een verbonden partij is een privaatrechtelijke of publiekrechtelijke organisatie, waarin de provincie of de gemeente een bestuurlijk én een financieel belang heeft’. Publiekrechtelijke organisaties zijn de gemeenschappelijke regelingen die op grond van de Wet Gemeenschappelijke regelingen (Wgr) in het leven zijn geroepen. Privaatrechtelijke organisaties zijn, onder andere, stichtingen, vennootschappen en verenigingen en vinden hun wettelijke bepalingen in het Burgerlijk Wetboek.
Een gemeente heeft een bestuurlijk belang als zij zeggenschap heeft, dit kan door: • Het hebben van een zetel in het bestuur door een vertegenwoordiger van de gemeente, of • Het hebben van stemrecht. Een gemeente heeft een financieel belang als zij middelen ter beschikking heeft gesteld die: • verloren gaat in geval van faillissement van de verbonden partij (leningen/aandelenkapitaal) en/of •
waarvoor de gemeente aansprakelijk gesteld kan worden (borgstellingen/garanties).
Relevante beleidskaders • Het beleidskader Verbonden partijen (vastgesteld, juni 2018) •
Informatievoorziening door gemeenschappelijke regelingen (vastgesteld 22 januari 2018)
Overzicht verbonden partijen: In de onderstaande tabel worden alle verbonden partijen weergegeven. Uit de tabel blijkt het aandeel van de gemeente in de partij en de bijdrage die in de begroting is opgenomen. Tevens is zichtbaar de verantwoordelijk portefeuillehouder, het omvang van de deelneming van de gemeente in risicodragend kapitaal (gestorte aandelen en agio). Tot slot is een risicoduiding opgenomen. De partijen zijn elk afzonderlijk uitgebreid toegelicht (inclusief beschrijven van het algemene doel) in de bijlage verbonden partijen . Risicoduiding verbonden partijen In de tabel is met een letter aangegeven welke risicobeeld de gemeente heeft bij de verbonden partijen. De tabel bevat nog de rekeningcijfers 2023. De jaarverslagen moeten nog worden ontvangen en vastgesteld. A De verbonden partij heeft geen verbijzonderd risico. De bijdrage aan de partij is onderdeel van de begroting van de gemeente en er is geen risicodragend kapitaal ingebracht. Veelal is er sprake van een gemeenschappelijke regeling. B De verbonden partij is een BV of NV, de gemeente heeft een financieel belang en de partij is gezond. C De verbonden partij is een BV of NV, de gemeente heeft een financieel belang en het ingebrachte risicodragende kapitaal staat onder druk, dan er is sprake van bijzondere ontwikkelingen. Er is sprake van een bijzonder risico.
Programmarekening 2024 Gemeente Den Helder
80
Wijzigingen in de structuur van de verbonden partij, of belangrijke wijzigingen in de opdracht en samenwerkingen maken ook dat een partij kan worden aangemerkt als risicobeeld C. In deze paragraaf staan we apart stil bij de benadering van de verbonden partijen met risicoclassificatie C. Dit betreft: • Willemsoord/Stichting Erfgoed Den Helder • •
Zeestad Luchthaven Den Helder BV/Den Helder Airport CV.
Willemsoord BV./Stichting Erfgoed Den Helder In 2019 is besloten om belangrijke onderdelen van het erfgoed in Den Helder onder te brengen bij de Stichting Erfgoed Den Helder (SEDH). Het betreft delen die in beheer zijn bij de SEDH en bij Willemsoord bv (WObv). WObv bleef als 100% deelneming van de gemeente als afzonderlijke (vastgoed) Bv. bestaan, terwijl het beheer en het personeel werd ondergebracht bij de stichting Erfgoed, waarmee de gemeente een subsidierelatie onderhoudt. Omdat het in stand houden van het monumentale erfgoed meer kost dan gedacht heeft adviesbureau Panteia eind 2023 een onderzoek uitgevoerd naar de voorwaarden die nodig zijn om het erfgoed in stand te houden. Naar aanleiding hiervan worden organisatorische aanpassingen doorgevoerd en zijn er vanaf 2025 extra middelen beschikbaar voor het in standhouden en ontwikkelen van het monumentaal erfgoed. Zeestad BV/CV In 2007 is Zeestad als zelfstandige ontwikkelbedrijf opgericht. Zeestad is betrokken bij de stedelijke vernieuwing van Den Helder voor de plangebieden Stadshart, Stelling van Den Helder en Nieuw Den Helder Centrum. De provincie Noord-Holland, de gemeente Den Helder en Zeestad BV zijn de aandeelhouders van Zeestad CV/BV. De onderhanden projecten in deze gebieden worden in de komende jaren afgerond.
De provincie Noord-Holland heeft in 2024 aangegeven zich eind 2024 terug te trekken als aandeelhouder van Zeestad CV/BV, maar de financiële toezeggingen m.b.t. de lopende projecten waar zij zich aan verbonden heeft gestand zal doen. Met het terugtreden van de provincie en de overdracht van de aandelen aan de gemeente, incl. het commanditaire aandeel (€ 1 nominaal) van de provincie in Zeestad C.V., heeft de gemeente 100% van de aandelen van Zeestad BV/CV. Luchthaven Den Helder BV/Den Helder Airport CV De financiële vermogenspositie van Luchthaven Den Helder BV (LDH) is in de afgelopen jaren relatief goed geweest. De verwachting is dat de resultaten in de komende jaren aanzienlijk zullen verslechteren als gevolg van dalende vliegbewegingen in de olie & gas industrie en de vanaf 1 januari 2026 fors verhoogde bijdrage voor het medegebruik van de luchthaven die haar 50% dochteronderneming Den Helder Airport CV (DHA) aan het Rijks vastgoed Bedrijf (RVB) moet gaan betalen. Deze verhoging wordt ingegeven door de verplichting om een marktconforme vergoeding te vragen, zoals voorgeschreven door de Wet Markt en Overheid.
De verhoging van de te betalen vergoeding is voor DHA dusdanig dat zonder concreet toekomstperspectief deze (nieuwe) financiële verplichting onhoudbaar is en het voortbestaan van (het civiele deel) van de luchthaven in het geding is, tenzij DHA door het ontwikkelen van nieuwe activiteiten en investeringen in staat is de financiële positie van de luchthaven te versterken. Een mogelijke oplossingsrichting kan worden gevonden in samenwerking met de provincie Noord-Holland, het ministerie van Defensie en andere relevante ministeries.
Programmarekening 2024 Gemeente Den Helder
81
Progr. Portefeuille houder
Overzicht verbonden partijen
Aandeel Bijdrage in 2024
Eigen vermogen
Vreemd vermogen
a
a
Risico
Bedragen x € 1.000 Gemeenschappelijke Regelingen
a a
a
a
Gesubsidieerde arbeid Kop van Noord-Holland (GrGA)
2 N. Nanning
33,3%
9.553
350
2.475
A
Veiligheidsregio Noord-Holland-Noord
3 J. de Boer
8,3%
4.132
5.135
48.362
A
Regionaal Historisch Centrum Alkmaar (RHCA)
4 F. Camara
12,5%
301
396
1.227
A
GGD Hollands Noorden
2 P. de Vrij
8,1 %
4.297
1.910
28.055
A
Omgevingsdienst Noord-Holland Noord (OD NHN)
3 M. Zuiddam
5,49%
1.690
3.566
6.759
A
Cocensus
1 P. van Diepen
7,1%
994
177
0
A
Stichtingen en Verenigingen
a
Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) Deelnemingen Den Helder (BV's, NV's en CV's)
a 1 n.v.t.
a
a
a a 0,3%
a 94
a a
a
a 56.306
a
a 118.850
a
A a
Ontwikkelings- en Exploitatiemaatschappij Willemsoord BV
3 N. Nanning
100%
0
5.463
18.470
C
NV Port of Den Helder
3 F. Camara
100%
700
26.826
32.751
B
Luchthaven Den Helder BV
3 F. Camara
100%
0
7.464
43
C
Zeestad CV
3 P. Bais
99%
0
0
68.025
C
Zeestad BV
3 P. Bais
100%
0
18
0
C
Ontwikkelingsmaatschappij Noord-Holland Noord
3 O.Wagner
5,9%
155
1.204
3.628
A
ROM Inwest
3 O. Wagner
5,2%
22
0
0
A
NV HVC
4 P. van Diepen
3,02%
0
255.575
966.359
A
NV Alliander
1 P. van Diepen
0,35%
976
6.038
3.873
A
Bank Nederlandse gemeenten
1 P. van Diepen
0,4%
0
480.000
7.200.000
A
Overige Mobipunten
a
a 3 O. Wagner
a a 33%
Programmarekening 2024 Gemeente Den Helder
a -99
a
a
415
9
82
A
Grondbeleid Algemeen In de paragraaf grondbeleid staat de wijze waarop de gemeente haar grondbeleid uitvoert en heeft uitgevoerd. We geven een actuele prognose van de te verwachten resultaten van alle grondexploitaties die de gemeenteraad heeft vastgesteld. Daarnaast brengen we de financiële risico’s voor de vastgestelde grondexploitaties in beeld.
Visie Het grond- en vastgoedbeleid staat in dienst van de ambities van de stad. Het is geen doel op zichzelf maar een middel om de visie op de stad te realiseren. Deze visie hebben wij vastgelegd in diverse beleidskaders en in de programmabegroting. De omgevingsvisie speelt een belangrijke rol in het geven van meer kader aan de ontwikkelingen waar Den Helder voor staat. Het gemeentelijk grondbeleid is vastgelegd in beleidskader Grondbeleid 2019 en in het beleidskader vastgoed 2022-2024. Vanuit de ontwikkelingen in de haven, ambities van de luchthaven en de ontwikkeling van de stad Den Helder en Julianadorp zelf is er een toegenomen vraag naar bedrijventerrein, havencapaciteit en grond voor woningbouw. Hiervoor is een goede ruimteverdeling nodig. Het is wenselijk dat de gemeente meer regie heeft op de ontwikkelingen die spelen in het havengebied, op de stedelijke vernieuwing in de binnenstad, bij de versterking van de wijken en de woningbouwontwikkeling.
Wijze van grondbeleid De situatie is bepalend voor de gemeentelijke rol in een gebiedsontwikkeling, ook wel situationeel grondbeleid genoemd. De keuze voor actief of faciliterend grondbeleid, of een combinatie hiervan, is met name afhankelijk van de geformuleerde doelstellingen en de rol die marktpartijen daarin kunnen spelen. Eigen grondbezit c.q. actief grondbeleid draagt altijd bij aan de realisatie van de doelen en is in veel gevallen noodzakelijk binnen de gemeente Den Helder om de doelen te bereiken. Maar betekent veelal dat de gemeente (financieel) risicodragend opereert. Doordat niet alle ruimtelijke doelen via faciliterend grondbeleid zijn te realiseren is actieve ontwikkeling, ondanks de kosten en/of risico's, vaak nodig. Om de huidige ambities die de gemeente heeft waar te maken speelt de gemeente een actieve rol in ontwikkelingen. Uitgangspunt is dat toekomstige ontwikkelingen per saldo een waardevolle en duurzame toevoeging moeten zijn voor de omgeving (mens en natuur) en zo min mogelijk negatieve effecten hebben op de omgeving. Onder de nieuwe Omgevingswet wordt een grondontwikkeling gezien als onderdeel van een gebiedsvisie. Dit betekent dat het integraal resultaat uitgangspunt vormt bij een gebiedsontwikkeling. Het gaat daarbij om zowel het financieel resultaat als het maatschappelijk resultaat.
Verschillende ontwikkelingen of wensen in een gebied kunnen we met elkaar in verbinding brengen, ook buiten de plangrenzen van het feitelijke ontwikkelingsgebied. Daarbij kijken we of er kostendragers in een gebied aanwezig zijn die ertoe kunnen leiden dat we gewenste maatschappelijke en/of ruimtelijke ontwikkelingen in samenhang kunnen realiseren.
Gronden per 1 januari in ontwikkeling genomen Overzicht lopende grondexploitaties Onderstaand geven we een overzicht van het geprognosticeerde planresultaat op eindwaarde van de per 1 januari 2025 in exploitatie genomen gronden. Het betreft het project Willem Alexanderhof en Molenwerf waarvoor de grondexploitaties al langer lopen en de op 11 maart 2024 vastgestelde grondexploitaties voor de projecten Tillenhof en Station Zuid. BoekNog te Nog te Rente Waarde Verliesvoor- Einddatum grex Omschrijving waarde maken maken einddatum ziening (bedragen *€ 31/12/2024 kosten baten 1.000 Molenwerf
288
564
0
6
858
-858
2025
W.A. Hof
17.447
6.319
15.485
330
8.611
-8.611
2027
Tillenhof
423
584
1.013
6
0
Station-Zuid Totaal
590
3.805
4.415
3
-17
18.748
11.272
20.913
345
9.452
2027 2027 -9.469
Programmarekening 2024 Gemeente Den Helder
83
Uit bovenstaand overzicht blijkt dat de gronden die we in exploitatie hebben genomen op eindwaarde een neutraal of positief resultaat hebben. Dit resultaat is inclusief de getroffen voorzieningen van € 9.469.271 (voorziening is bepaald op eindwaarde). In het geval van de grondexploitatie Station Zuid een positief resultaat van € 17.000. Analyse Onderstaand geven we een analyse van het planresultaat van de gronden die we in exploitatie genomen hebben per 1 januari 2025. De grondexploitaties van plangebieden rekenen we door met parameters voor rente, kostenstijging en opbrengstenstijging om het resultaat van kosten en opbrengsten op einddatum te kunnen berekenen. Vervolgens maken we het resultaat contant (NCW) naar een gewenste peildatum (meestal het begin van het lopend jaar) en bepalen we de eventuele verliesvoorziening op eindwaarde. We hebben de volgende parameters gehanteerd: • Rente 0,83% •
Willem-Alexander Hof: kostenstijging 2% en 3% en de opbrengstenstijging varieert van 0%, 0,5% en 1,5%.
• •
Molenwerf: kostenstijging 5%, opbrengstenstijging 2,0% Tillenhof en Station-Zuid: deze grondexploitaties zijn in de loop van 2024 vastgesteld. Actualisatie vindt plaats in de jaarstukken 2025.
We hebben de grondexploitaties op netto contante waarde (NCW) gebracht met een disconteringsvoet van 2% conform de regelgeving BBV (Besluit Begroting en Verantwoording). BBV De richtlijnen voor het BBV zijn een belangrijk instrument om de eenduidige uitvoering en toepassing van het BBV te bevorderen. Voor de grondexploitaties zijn de volgende richtlijnen, waarvan verwacht wordt dat deze opgevolgd worden, het belangrijkst: • Om de risico’s die samenhangen met zeer lang lopende projecten te beperken mag de looptijd van een grondexploitatiecomplex in beginsel maximaal 10 jaar bedragen. Indien een langere looptijd noodzakelijk is, is er een informatieplicht vanuit het college naar de raad.. Aangegeven moet dan worden wat de motivatie is voor de langere looptijd en een overzicht met onderbouwing van de risicobeperkende maatregelen. Deze moeten in de begroting en jaarstukken worden vermeld. Voor Den Helder geldt dat de huidige grondexploitaties binnen 10 jaar worden afgesloten. • De toegestane toe te rekenen rente aan bouwgrond in exploitatie is gelijk aan de omslagrente zoals vastgesteld in de begroting. Dit is conform de notitie grondexploitaties van de Commissie BBV 2023. • De disconteringsvoet die moet worden gehanteerd in de berekening van de contante waarde voor het treffen van een verliesvoorziening voor negatieve grondexploitaties wordt voor alle gemeenten gelijk gesteld.
Risicobeheersing Aan gebieden die we in ontwikkeling nemen, zijn risico’s verbonden, zoals: • Tegenvallende grondverkopen, waardoor de exploitatieperiode langer wordt. • •
Afwaardering van de grondprijzen door de actuele marktsituatie. Kostenstijgingen die optreden.
Andere voorbeelden van risico’s zijn: • •
Noodzakelijke, onverwachte investeringen. Veranderde wettelijke regelgeving.
•
Planologische procedures die langer duren en daardoor vertragend en kostenverhogend werken.
Om de risico's te verkleinen wordt in de voorbereiding van een project zoveel mogelijk onderzoek gedaan en risico's in kaart gebracht. Om het risico van een langere doorlooptijd te verminderen zetten we in op het zoveel mogelijk parallel plannen. Zo wordt in het planontwikkelingsproces de ontwikkelingstijd beperkt gehouden. Dit betekent ook dat het project minder gevoelig is voor veranderingen in de marktsituatie, wijzigingen in de wetgeving en wisselingen in de bestuurssamenstelling en daarmee de richting van het bestuursakkoord.