RIS325712 Notulen van de raad van 4 juni 2026
Tekst van het document
Het verdorde middenstuk, het werd net door collega Van Wijngaarden al genoemd, is nu nog niet meegenomen in het voorontwerp. D66 wil graag meer hoogwaardig groen op die plek. Daarom de volgende motie, Laat het Lorentzplein bloeien, met als dictum: Verzoekt het college bij de uitwerking van het definitief ontwerp meer hoogwaardig groen van het midden van het Lorentzplein mee te nemen in het ontwerp. En gaat over tot de orde van de dag. Deze motie is mede
67
ondertekend door de heer Van Wijngaarden van de SP, mevrouw Klokkenburg van de ChristenUnie/SGP en de heer Demaree van de Partij voor de Dieren. De voorzitter. Door mevrouw Mostert, daartoe gesteund door de heer Van Wijngaarden, mevrouw Klokkenburg en de heer Demaree, wordt de volgende motie (L.4 D66) ingediend: ───────────────────────────────────────────────────────── Motie L.4 D66 Laat het midden van het Lorentzplein bloeien De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 04-6-2026 ter bespreking van Voorstel van het college inzake de herinrichting van de Van Musschenbroekstraat-Lorentzplein (RIS324411) Constaterende, dat: ▪ het voorstel van het college inzake de herinrichting van de Van MusschenbroekstraatLorentzplein, in het voorontwerp niet het midden van het Lorentzplein naast de tramrails heeft meegenomen. Overwegende, dat: ▪ dit verdorde stuk grasveld naast de tramrails kansen biedt voor hoogwaardiger groen dat meer bijdraagt aan klimaatbestendigheid, de bestrijding van hittestress, en een mooier aangezicht van het Lorentzplein. Verzoekt het college: ▪ bij de uitwerking van het Definitief Ontwerp meer hoogwaardig groen van het midden van het Lorentzplein mee te nemen in het ontwerp. En gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslagingen. De voorzitter. Interruptie van de heer De Ridder. Rutger de Ridder (VVD).
Voorzitter, hoe financiert D66 deze motie? Want er zit volgens mij geen geld of geen ruimte in het budget om dat middenplein te doen. We zijn het eens over dat het misschien wel moet gebeuren, maar hoe doet u dat? De voorzitter. Mevrouw Mostert. Marije Mostert (D66). Wat D66 betreft zit er genoeg ruimte in hoe het voorontwerp is vormgegeven om dit kleine stukje, we hebben het over een relatief klein stukje, mee te nemen. Ik zou bijna durven stellen zelfs, dat als je het niet zou meenemen, dat het misschien wel meer geld kost. De voorzitter. Mijnheer De Ridder. Rutger de Ridder (VVD). Dan vraag ik me af hoe mevrouw Mostert dat dan berekent, dat dat kan. Heeft mevrouw Mostert dan die cijfers gezien? Ik niet. De voorzitter. Mevrouw Mostert. Marije Mostert (D66). De cijfers zijn gewoon zoals het voorontwerp nu begroot is. De voorzitter. Laatste keer mijnheer De Ridder.
68
Rutger de Ridder (VVD). Dan zegt mevrouw Mostert dat er ruimte zit in het voorontwerp om die vergroening te doen. Als dat zo is, dan hoor ik dat graag van de wethouder. Maar stel dat de wethouder zegt dat er geen ruimte in zit. Trekt mevrouw Mostert dan die motie in? De voorzitter. Mevrouw Mostert. Marije Mostert (D66). We luisteren uiteraard heel graag naar het advies van de wethouder. Maar wij zijn positief gestemd. Wij gaan er echt vanuit dat er binnen de begroting ruimte is, om dit kleine stukje hoogwaardig groen te maken voor een prettiger verblijf daar op het plein. De voorzitter. Dank u wel, mevrouw Mostert namens D66. Dan kijk ik naar de Partij voor de Dieren. Mijnheer Demaree. Kun je komen, Ralf? Diego Demaree (Partij voor de Dieren). Dank, voorzitter. Een groene stad is een gezonde stad, ik heb het al vaker gezegd. Ook bij de herinrichting van de Van Musschenbroekstraat en het Lorentzplein juicht de Partij voor de Dieren het planten van extra groen toe. Zeker de meest versteende wijken van Den Haag verdienen zo snel mogelijk extra kwalitatief groen. We hoorden het vanochtend nog bij het Kindervragenuur. Juist die kwaliteit van het groen moeten we ook voor waken. Dat betekent dat we erop moeten letten dat we groen planten, dat bijdraagt aan het lokale ecosysteem en dat we daarmee aansluiten bij het Haagse bomenbeleid.
Vandaar de volgende motie, mede ingediend door mevrouw Van de Voort van PRO Den Haag. Deze verzoekt het college Acer negundo en andere boomsoorten met een aantoonbaar invasief karakter of zeer lage ecologische waarde niet toe te passen binnen dit project; in het definitieve ontwerp uitsluitend boomsoorten op te nemen die aansluiten bij de uitgangspunten van de Nota Stadsbomen. Dank u wel. De voorzitter. Door de heer Demaree, daartoe gesteund door mevrouw Van de Voort, wordt de volgende motie (L.5 PvdD) ingediend: ───────────────────────────────────────────────────────── Motie L.5 PvdD Plant geen probleem De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 4 juni 2026, ter bespreking van Voorstel van het college inzake de herinrichting van de Van Musschenbroekstraat-Lorentzplein (RIS324411). Constaterende, dat: ▪ het college in dit voorstel aangeeft dat bestaande valse acacia’s worden vervangen omdat deze soort zich invasief kan gedragen en een lage ecologische waarde heeft; ▪ het beplantingsplan voor bomen onder meer voorziet in de mogelijke aanplant van Acer negundo (Californische esdoorn/vederesdoorn); ▪ Acer negundo voorkomt op de zwarte lijst van Natuur & Milieu van boomsoorten die niet meer geplant zouden moeten worden vanwege hun negatieve effecten op de natuur.
Overwegende, dat: ▪ voldoende alternatieve boomsoorten beschikbaar zijn die beter aansluiten bij het Haagse bomenbeleid; ▪ het college recent zelf heeft erkend dat beleid uit de Nota Stadsbomen nog niet altijd voldoende doorwerkt in de dagelijkse praktijk (RIS322880). Van mening, dat: ▪ het onlogisch is om soorten met een lage ecologische waarde of een invasief karakter te verwijderen en vervolgens andere ecologisch ongewenste soorten terug te planten; ▪ gemeentelijk bomenbeleid geloofwaardig moet worden uitgevoerd en niet alleen op papier mag bestaan.
69
Verzoekt het college: ▪ Acer negundo en andere boomsoorten met een aantoonbaar invasief karakter of een zeer lage ecologische waarde niet toe te passen binnen dit project; ▪ in het definitieve ontwerp uitsluitend boomsoorten op te nemen die aansluiten bij de uitgangspunten van de Nota Stadsbomen. En gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslagingen. De voorzitter: Ralf Sluijs. De plaatsvervangend voorzitter. Dank u wel. Mevrouw Klokkenburg, namens ChristenUnie/SGP. En daarna heb ik mijnheer Meinesz op de lijst staan. Judith Klokkenburg-Reedeker (ChristenUnie/SGP). Dank, voorzitter. Ik waarschuw gelijk de heer Meinesz al dat ik niet zo'n lange inbreng heb, zodat hij klaar moet staan. Voorzitter, de plannen voor de Van Musschenbroekstraat zijn een duidelijke verbetering, maar tegelijkertijd is er, wat de ChristenUnie/SGP betreft, een onnodige keuze gemaakt met het verwijderen van in totaal vijftien parkeerplekken terwijl de parkeerdruk al zo hoog is. De wethouder heeft in de commissie al toegezegd dat op het Pasteursplein acht plekken kunnen worden gecreëerd. We zijn benieuwd of er in het definitief ontwerp nog meer plekken kunnen bijkomen, zodat de parkeerbalans ook daadwerkelijk in balans is. Voorzitter, voor een plan dat herinrichting Van Musschenbroekstraat en Lorentzplein heet, komt het Lorentzplein er wel bekaaid vanaf.
Het middendeel is buiten het plan gelaten en de fietsoversteek bij de Oudemansstraat is ook niet meegenomen. Gemiste kansen en daarom steunen we van harte de motie van collega Van Wijngaarden en de motie van collega Mostert. De plaatsvervangend voorzitter. Mijnheer Meinesz, namens Hart voor Den Haag. Jelle Meinesz (Hart voor Den Haag). De herinrichting van de Van Musschenbroekstraat. Als ik de nota van beantwoording lees, dan krijg ik niet de indruk dat er veel enthousiasme is voor het schrappen van parkeerplaatsen in dit plan. Wat vooral opvalt, is dat veel van deze zienswijzen gaan over parkeren, bereikbaarheid en verkeersafwikkeling. Dat zijn precies de signalen die wij uit de wijk ontvangen. Sterker nog, in een van de zienswijzen wordt verwezen naar het oorspronkelijke idee achter deze herinrichting; de weg versmallen, meer groen toevoegen en parkeerplaatsen behouden of zelfs uitbreiden. Voorzitter, ik maak me ook zorgen over de ondernemers op het Lorentzplein. Tijdens de vorige bespreking heb ik specifiek aandacht gevraagd voor de viskraam. Weet deze ondernemer inmiddels waar zijn nieuwe standplaats komt? Is daar inmiddels al duidelijkheid over, vraag ik aan de wethouder. Ondernemers moeten weten waar ze aan toe zijn. Ik heb eerder ook aandacht gevraagd voor de bereikbaarheid van de HMS, de vuilnisdiensten, in de nieuwe situatie.
Daarbij had ik mijn twijfels of de voertuigen wel door de voorgestelde route zouden passen. Inmiddels blijkt dat bij de berekening is gerekend met kleinere voertuigen. Daardoor is de doorgang krapper dan oorspronkelijk werd aangenomen. De HMS heeft inmiddels zelf aangegeven niet meer akkoord te zijn met de voorgestelde situatie. Mijn zorg bleek niet onterecht. Het college schrijft dat er nog gesprekken lopen en dat in de DO-fase naar een oplossing wordt gezocht, maar dan is natuurlijk de logische vraag, blijft de doorgang tussen de Miquelstraat en het Lorentzplein dan voorlopig gewoon open? Voorzitter, het lijkt erop dat het beleid hier belangrijker wordt gevonden dan de wens van de bewoners. Wij vinden dat parkeerplaatsen pas mogen verdwijnen als daar een aantoonbare noodzaak voor bestaat. Niet op basis van een verwachting. Voor Hart voor Den Haag is het inmiddels heel simpel, er moet in Den Haag geen parkeerplaatsen meer verdwijnen. Sterker nog, er moeten parkeerplaatsen bijkomen. De afgelopen jaren zijn er al duizend parkeerplekken verdwenen, maar het is mooi geweest nu. We hebben al eerder aangegeven dat plannen waarbij parkeerplaatsen verdwijnen niet op onze steun kunnen rekenen. 70
Daarom dienen we een amendement in dat ervoor zorgt dat bij deze herinrichting geen enkele parkeerplaats verloren gaat. Dan ga ik nu het amendement voorlezen. We willen graag een dictumpunt toevoegen. Met dien verstande dat in het definitieve ontwerp geen parkeerplaatsen verdwijnen ten opzichte van de huidige situatie en dat het ontwerp hierop zo nodig wordt aangepast. Een kleine toelichting. In het voorliggende ontwerp verdwijnen parkeerplaatsen in een wijk waar de parkeerdruk reeds hoog is en ook ontzettend hoog. Bewoners en ondernemers geven aan dat de beschikbaarheid van parkeerplaatsen nu al onder druk staat. Hart voor Den Haag vindt het onacceptabel dat bij een herinrichting opnieuw parkeerplaatsen worden opgeofferd zonder dat daarvoor een volwaardig alternatief wordt geboden. Uitgangspunt moet zijn dat de leefbaarheid, bereikbaarheid en parkeermogelijkheden voor bewoners behouden blijven. Daarom dient het definitieve ontwerp zodanig te worden aangepast dat geen enkele parkeerplaats verloren gaat. Deze is mede ondertekend door Rutger de Ridder van de VVD en mevrouw Hinke de Groot van het CDA. Dank u, voorzitter. De plaatsvervangend voorzitter.
Door de heer Meinesz wordt het volgende amendement (L.D HvDH) ingediend: ───────────────────────────────────────────────────────── Amendement L.D HvDH Geen verlies van parkeerplaatsen bij herinrichting Van Musschenbroekstraat – Lorentzplein De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 4 juni 2026 ter bespreking van het Voorstel van het college herinrichting Van Musschenbroekstraat – Lorentzplein (RIS324411), Besluit om: • aan dictum I het volgende toe te voegen: “met dien verstande dat in het definitieve ontwerp geen parkeerplaatsen verdwijnen ten opzichte van de huidige situatie en dat het ontwerp hierop zo nodig wordt aangepast.” Het amendement maakt onderdeel uit van de verdere beraadslagingen. De plaatsvervangend voorzitter. Interruptie van mijnheer Demaree. Diego Demaree (Partij voor de Dieren). Voorzitter, dank. Ik heb het amendement gehoord over de parkeerplaatsen. Maar hoe ziet de heer Meinesz dit dan in het licht van de herinrichting? Want je kunt toch niet zeggen van, we gaan herinrichten, maar er kan helemaal niks aan die parkeerplaatsen verschuiven. De plaatsvervangend voorzitter. Mijnheer Meinesz. Jelle Meinesz (Hart voor Den Haag). Dat is natuurlijk al jaren gaande. Er is een college geweest en dat is natuurlijk, zoals altijd met dat principe in hun hoofd bezig geweest, om de stad te herinrichten.
Maar iedereen die LEGO heeft gehad vroeger, die kan zien dat er genoeg ruimte is om parkeerplaatsen toe te voegen. Hoe is het mogelijk dat je een weg gaat versmallen en geen ruimte hebt om parkeerplaatsen erbij te maken? Dat vraag ik me dan wel af. De plaatsvervangend voorzitter. Mijnheer Demaree. Diego Demaree (Partij voor de Dieren). Voorzitter, dank. Maar op het moment dat je zegt, we moeten die parkeerplaatsen houden zoals het is, dan geef je helemaal geen beweegruimte. Terwijl volgens mij ook veiligheid een van de redenen was waarom daar enkele parkeerplaatsen moesten verdwijnen. En dat lijkt me toch ook belangrijk bij deze herinrichting. De plaatsvervangend voorzitter. Mijnheer Meinesz.
71
Jelle Meinesz (Hart voor Den Haag). Wij vinden gewoon dat er geen enkele parkeerplaats moet verdwijnen. Daar zijn we heel duidelijk in. Al zolang ik hier sta, zeg ik dat als er een parkeerplek weggaat, we die planen niet gaan steunen. Dat is waar dit amendement om gaat. Ik vertrouw er zomaar op dat er genoeg knappe koppen zijn, die het wel goed in kunnen richten op deze manier. De plaatsvervangend voorzitter. Mijnheer Demaree voor de derde maal. Diego Demaree (Partij voor de Dieren). Voorzitter, dank. Ik hoor het standpunt van de heer Meinesz over de parkeerplaatsen. Maar dan zou je toch in plaats van dat je dit amendement indient, wat geen beweegruimte geeft, tegen dit voorstel kunnen stemmen? Want de vraag is, waarom is dit dan een amendement, waarmee je eigenlijk niks meer kan? De plaatsvervangend voorzitter. Mijnheer Meinesz. Jelle Meinesz (Hart voor Den Haag). Dat laat ik dan aan degenen die dit plan maken. Ik denk dat er voldoende ruimte is om het wel op te lossen. Wij wachten het gewoon af. De plaatsvervangend voorzitter. U was aan het einde van uw betoog, mijnheer Meinesz? Hartelijk dank. De heer Mahmood, namens DENK. Adeel Mahmood (DENK). Dank, voorzitter. Dank aan het college voor het voorstel. We hebben het er in de commissie natuurlijk ook al over gehad. DENK is blij dat we uiteindelijk iets gaan doen aan de staat van de buitenruimte in dit gebied.
Het is prima dat er nu meer vergroening komt, meer bomen, een fijnere plek om te verblijven en over te wandelen. Tegelijkertijd hadden we ook een zorgpunt en dat was het schappen van parkeerplaatsen. En dat zorgpunt wordt ook gedeeld door bewoners, in gesprekken die wij daar hebben gehad met bewoners. Je ziet het ook terug in het participatieverslag. Laak kent al een behoorlijk hoge parkeerdruk. Probeer daar in de avonden maar te parkeren. Daar moet je gewoon extra tijd voor gaan nemen. We zijn ook blij met de reactie van het college in de commissievergadering. Het college gaf aan dat ze zeker bereid is, om te kijken naar wat er eventueel minder kan, in het schrappen van het aantal parkeerplaatsen. Daarnaast maken we ons ook met de VVD zorgen over het schrappen van een rijstrook ter hoogte van de Rijswijkseweg en de gevolgen voor doorstroming. Collega's hebben vandaag al verschillende voorstellen ingediend daarover, zowel over het parkeren als over de rijstrook. Ik ben benieuwd naar de reactie van het college. Dank u. De plaatsvervangend voorzitter. Dank u wel, mijnheer Mahmood. U was de laatste spreker van de zijde van de raad. Dan kijk ik direct naar het college. Wethouder Icar is onderweg. Het woord is aan de wethouder. Wethouder Icar (DENK). Dank, voorzitter. Ik zal proberen het tempo erin te houden. Hart voor Den Haag had vragen over de viskiosk.
Die blijft staan op dezelfde plek. De doorgang Miquelstraat blijft open tot er een oplossing gevonden is. Daar verandert ook niks aan de situatie. Dan de moties van het middendeel Lorentzplein, door D66 ingediend en door de SP. Beiden wil ik oordeel raad laten. Het is hier wel gewisseld net. Hou er rekening mee dat je in dat deel geen bomen kunt plaatsen. We moeten op een slimme manier kijken hoe we dat kunnen vergroenen. We proberen het binnen het budget, want de VVD gaf ook al aan dat er geen geld voor is. We proberen het binnen de bestaande middelen in het definitief ontwerp. Als het nodig is, komen we dan ook met een budgetvoorstel, mocht het zo zijn dat het daar niet mee lukt. Expectation management, dit is een klein stukje waar je geen bomen kan plaatsen. Het zal gewoon vergroend worden. Die twee moties kan ik aan de raad laten. De SP had de motie Veilig fietsen rond het Lorentzplein. Het verzoek is om dit aan te houden, want de locatie waar de motie naar verwijst, valt buiten de scope van het project. Binnenkort start het traject voor planvorming, dat is rond de Jan van de Heijdenstraat. Dan is het een goed moment om bij die plannen dit voorstel nog eens mee te nemen. Het verzoek is om dit aan te houden. Dan ga ik naar het amendement Opstelstrook, rechtdoor en rechtsaf naar Rijswijkseweg behouden, van de VVD. Dit kan ik aan de raad laten.
Berlagemasten, amendement van de VVD, dit is wat lastiger. Dit moet ik wel ontraden, omdat hier een financiële claim aan vast zit. Mijn voorstel zou
72
zijn om dit aan een andere tafel te bespreken, want als je aangeeft dat het hele gebied meegenomen moet worden, zal dit aardig wat centjes kosten. De plaatsvervangend voorzitter. Mijnheer De Ridder. Rutger de Ridder (VVD). Voorzitter, ik snap op zich wel wat de wethouder zegt. Alleen, voor dat budget voor die verduurzaming lantaarnpalen staat 7,5 miljoen in de begroting. Ik kan me niet voorstellen dat die masten van Berlage 7,5 miljoen gaan kosten. Volgens mij is er voldoende dekking. Als dan op een gegeven moment blijkt dat er ander geld voor verduurzaming openbare verlichting moet zijn, dan zien we wel weer verder. Maar daar is nog geen doel voor, behalve dat het ingeboekt is om er een keer iets mee te gaan doen. Maar er zijn nog geen concrete projecten, volgens mij. De plaatsvervangend voorzitter. De wethouder. Wethouder Icar (DENK). Ik begrijp de denkrichting van de VVD, maar het college moet dit amendement ontraden. Daar blijf ik bij. Dan hebben we Afwaarderen zodra het kan, van PRO. Hier hebben we ook wel over van gedachten gewisseld tijdens de commissie. Het probleem waar we mee zitten, is dat het leidend is wat de hulpdiensten nodig hebben. Als daar aangegeven wordt, hier kunnen we niet mee verder, dan is dat iets waar we rekening mee moeten houden. In deze motie vraagt u om nog een keer in gesprek te treden, om te kijken waar er ruimte is.
Daar kan ik geen nee tegen zeggen. Ik wil dit aan de raad laten, met de kanttekening dat als de hulpdiensten aangeven dat dit een no-go is, dat dan ook mijn mening zal zijn en mijn standpunt. Maar ik ga het gesprek graag aan. Dan heb ik de motie van de Partij voor de Dieren, Plant geen probleem. De plaatsvervangend voorzitter. Voordat u verder gaat, wethouder, ik zie nog een interruptie van mijnheer De Ridder. Rutger de Ridder (VVD). Voorzitter, ik hoor de wethouder goed. Hij zegt, ik ga het gesprek graag aan met de hulpdiensten. Maar hoe gaat hij dan dat gesprek aan? Met de gedachte, ik wil graag dat dit 30 kilometer per uur wordt? Of gaat hij dit gesprek aan met de gedachte, denkt u dat het zou kunnen met 30 kilometer per uur, wij hebben niet per se een voorkeur daarin? De plaatsvervangend voorzitter. De wethouder. Wethouder Icar (DENK). Ik ga dat gesprek heel neutraal in. Ik wil aanhoren hoe de hulpdiensten hiernaar kijken en op basis daarvan zal ik die terugkoppeling geven. De plaatsvervangend voorzitter. Mijnheer De Ridder. Rutger de Ridder (VVD). Op zich klinkt dat goed, voorzitter. Ik hoop dat de wethouder dat gesprek aangaat met de gedachte dat wat ons betreft 50 kilometer per uur geen issue is hier. Maar we horen graag of de hulpdiensten zien, dat het in de toekomst wellicht naar iets anders zou kunnen. Ik hoop dat dat de instelling is. De plaatsvervangend voorzitter.
De wethouder. Wethouder Icar (DENK). Dank, voorzitter. Ik kan dat meenemen. Nogmaals, ik ga echt neutraal en objectief het gesprek in. Dan kijk ik naar de mogelijkheden die daar besproken worden. De plaatsvervangend voorzitter. Interruptie van mijnheer Meinesz. Jelle Meinesz (Hart voor Den Haag). Bedankt, voorzitter. Ik had bij de vorige vergadering gevraagd of u voor mij een onderzoek kon opsnorren, waaruit blijkt dat 30 kilometer per uur veiliger is. Dat zou u nog voor mij uit gaan zoeken.
73
De plaatsvervangend voorzitter. De wethouder. Wethouder Icar (DENK). Let me google that for you. Ik check of dat gebeurd is en zo niet, dan kom ik die toezegging graag na, zodat u die informatie krijgt. De plaatsvervangend voorzitter. Mijnheer Meinesz. Jelle Meinesz (Hart voor Den Haag). Volgens mij zou u dat aan wethouder Kapteijns gaan vragen, of hij zo’n onderzoek had, maar ik begrijp dat dat inmiddels nog niet boven water is komen. De plaatsvervangend voorzitter. Via de voorzitter. De wethouder. Wethouder Icar (DENK). Dank, voorzitter. Dan ga ik naar de motie van de Partij voor de Dieren, Plant geen probleem. Dit is een motie die ik aan de raad kan laten. De parkeerbalans zoveel mogelijk in balans van de ChristenUnie. Ik heb niet scherp of het amendement ingediend is of niet. Maar de toezegging blijft staan in ieder geval. Dan heb ik nog de motie van Hart voor Den Haag, Geen verlies van parkeerplaatsen bij herinrichting. Hier hebben we het ook tijdens de commissie over gehad. Ik begrijp uw denkrichting zeker, maar ik moet hem ontraden. Tijdens de commissie heb ik ook aangeven, dat ik er heel graag aan tegemoet wil komen, omdat er verschillende inzichten zijn binnen uw raad. Ik vind dat ik daar heel coulant in ben geweest en dat ik u ook tegemoet ben gekomen. Als u aangeeft, helemaal geen parkeerplekken weg, dan moet ik dat zeker ontraden. De plaatsvervangend voorzitter.
Mijnheer Meinesz. Jelle Meinesz (Hart voor Den Haag). Maar u bent het toch eens met Hart voor Den Haag, via de voorzitter, dat zeker daar in Laak geen enkele parkeerplek mag verdwijnen? Ik bedoel, er is zoveel problematiek met overbewoning, busjes. Wat je nu gaat creëren, is dat er meer busjes en auto's op de stoep gaan staan en fout gaan parkeren, waardoor het misschien nog onveiliger wordt. De plaatsvervangend voorzitter. De wethouder. Wethouder Icar (DENK). Het systeem raakt in paniek als het over parkeren gaat. Ik ben het eens met Hart voor Den Haag dat we iets moeten doen aan het parkeerprobleem. Tegelijkertijd vind ik ook dat we iets moeten doen aan het verbeteren van de leefbaarheid in die wijk. Als we het dan aangeven, in plaats van vijftien parkeerplekken worden het er zeven, dan denk ik dat Hart voor Den Haag ook wel mag inschikken en zeggen, goed plan. Wat voor mij belangrijk is, is dat we hiermee doorgaan en niet een blokkade opwerpen. Ik ben bang dat als we zeggen, helemaal geen parkeerplekken weg, dat we dan terug in de tijd gaan en er helemaal niks gebeurt. Dat is wel iets wat ik wil voorkomen. Ik ben daar ook verantwoordelijk voor, vandaar dat ik uw motie ontraad. De plaatsvervangend voorzitter. Mijnheer Meinesz. Jelle Meinesz (Hart voor Den Haag). Allereerst, het is een amendement, maar dat geeft niet. Maar u heeft het over leefbaarheid.
Die leefbaarheid komt toch juist onder druk te staan als er minder parkeerplekken komen? De plaatsvervangend voorzitter. De wethouder. Wethouder Icar (DENK). Ik wil geen cassettebandje zijn dat de hele tijd rewind, maar ik blijf erbij. Ik ben van mening dat dit plan doorgevoerd moet worden. En dat kan alleen als u akkoord gaat met de aanpassing die wij voorstellen. En niet meer dan dat. De plaatsvervangend voorzitter. Mijnheer Demaree heeft nog interruptie.
74
Diego Demaree (Partij voor de Dieren). Voorzitter, dank. Dan misschien ook dezelfde vraag aan de wethouder, die ik net aan mijnheer Meinesz stelde. Is de wethouder het met de Partij voor de Dieren eens, dat op het moment dat je dit amendement zou aannemen, dat er eigenlijk helemaal geen beweegruimte is en dat dan het hele plan niet van de grond komt? De plaatsvervangend voorzitter. De wethouder. Wethouder Icar (DENK). Ja, ik wil aan de Partij voor de Dieren doorgeven dat dat ook mijn afweging is. De plaatsvervangend voorzitter. Mijnheer Meinesz. Dit is dan uw derde interruptie op dit punt. Jelle Meinesz (Hart voor Den Haag). Bedankt, voorzitter. Kort samengevat, het is natuurlijk een heel plan. En je zou in dat plan kunnen zoeken naar die parkeerplekken, het is niet zo dat die precies op die plek hoeven te blijven staan. In het kader van het hele plan natuurlijk. En dat moet volgens mij gewoon mogelijk zijn. De plaatsvervangend voorzitter. De wethouder. Wethouder Icar (DENK). Die mogelijkheid hebben we gecheckt en ook tijdens de commissievergadering zijn we daarop teruggekomen. Daarom is het zo, dat we acht parkeerplekken kunnen behouden. De plaatsvervangend voorzitter. Mijnheer Mahmood. Adeel Mahmood (DENK). Dank, voorzitter. Gezien de discussie, toch wat duidelijkheid.
Er wordt ook gezegd van, stel je voor dat je helemaal geen parkeerplaatsen laat verdwijnen, dan kan dat plan niet doorgaan. Maar is er ook de mogelijkheid dat die plannen wel doorgaan, maar misschien met iets minder vergroening, maar wel het maximale er uithalen wat er wel mogelijk is met behoud van parkeerplaatsen? De plaatsvervangend voorzitter. Wethouder. Wethouder Icar (DENK). Het simpele antwoord daarop is nee. Dan stuur je ons terug naar de tekentafel en dan kunnen we niet verder waar we nu zijn. Dat is ook de reden waarom ik aangeef, eerst was het vijftien parkeerplaatsen, nu is het zeven. Ik doe een beroep op de redelijkheid van de raad. Als wij willen dat dit traject doorgaat, dat we daar gaan vergroenen en de leefbaarheid gaan verbeteren, dan moet u dit als realiteit accepteren. De plaatsvervangend voorzitter. Mevrouw Klokkenburg. Judith Klokkenburg-Reedeker (ChristenUnie/SGP). Toch nog een vraag, om het heel duidelijk te hebben. De wethouder heeft het over dat de parkeerbalans dan min zeven wordt. Dat betekent dat in het definitief ontwerp die acht parkeerplaatsen aan het Pasteurplein blijven? De plaatsvervangend voorzitter. Wethouder. Wethouder Icar (DENK). Ja, dat is correct. De plaatsvervangend voorzitter. Gaat u verder, wethouder. U was helemaal door uw betoog heen? Hartelijk dank. Is er behoefte aan een tweede termijn? Ik kijk rond. Dat is niet het geval.
Dan is deze beraadslaging gesloten. We stemmen aan het einde van de vergadering over de ingediende moties en amendementen.
75
───────────────────────────────────────────────────────── Aan de orde is: M. Voorstel van het college inzake Nota Haags Woonwagenbeleid 2026 (RIS325084) De plaatsvervangend voorzitter. Dan heb ik als eerste de heer Van Wijngaarden namens de SP op de sprekerslijst staan. En daarna de heer Thepass. Het woord is aan de heer Van Wijngaarden. Tijmen van Wijngaarden (SP). Dank u, voorzitter. Ik heb de afgelopen weken het genoegen gehad om veel samen te werken met iedereen die zich hard inzet voor woonwagenbewoners. Dit woonwagendossier is zeer pijnlijk voor mensen die noodgedwongen in een stenen huis of in de wagen van een familie of vrienden wonen, voor volwassen kinderen die dolgraag een eigen plek willen, maar die niet kunnen krijgen en voor de mensen die zich elke dag inzetten voor gelijkwaardig behandeling. Als het gaat om dit dossier, vind ik het belangrijk om te benadrukken dat het gebrek aan standplaatsen geen natuurverschijnsel is, maar een gevolg van decennia lang keihard gemeentelijk beleid. We hebben een grote inhaalslag te maken. Ik wil de wethouder daarom nogmaals oproepen om haast te maken met het realiseren van nieuwe standplaatsen. Daarmee komen we op mijn eerste motie. Woonwagenbewoners maken zich namelijk zorgen dat de gepresenteerde ambities van het realiseren van standplaatsen de wachtlijsten niet duurzaam zal verlagen. Deze zorg deel ik.
Er zijn grote verschillen tussen de getallen die de gemeente noemt en de rekensommen die woonwagenbewoners zelf maken. Daarom kom ik met mijn eerste motie genaamd Stel ambities vast met woonwagenbewoners. Deze verzoekt het college de ambities voor het aantal te realiseren woonwagenstandplaatsen van 90 standplaatsen tot 2029 en 57 standplaatsen na 2029 op te schalen; deze nieuwe ambities en precieze aantallen van het aantal te realiseren standplaatsen te baseren op het behoefteonderzoek en samen vast te stellen met vertegenwoordigers van woonwagengemeenschappen, waarbij draagvlak onder de gemeenschappen voorwaardelijk is. Deze motie wordt mede ingediend door Arjen Dubbelaar van Hart voor Den Haag, Vincent Thepass van PRO Den Haag en Robert Barker van de Partij voor de Dieren. De tweede motie gaat over het loskoppelen van de huur van een woonwagen en standplaats. Ik merkte wat argwaan van de wethouder op dit punt in het debat. Als het niet goed was vastgelegd in de nota, moesten we met een amendement komen. Wat mij betreft staat het wel goed verwoord in de nota, maar ik ontvang signalen dat de woningcorporaties het ingewikkeld vinden en de huur van beiden in een contract willen bundelen. Woonwagenbewoners zouden dan de contracten moeten wijzigen met de corporatie, als ze de huur van een woonwagen willen opzeggen, maar de standplaats willen houden.
Technisch gezien misschien mogelijk, maar ingewikkelder dan simpelweg het opzeggen van een huurcontract. Daarom kom ik met een tweede motie genaamd Verhuur woonwagen en standplaats altijd losgekoppeld. Die verzoekt met de woningcorporaties nadrukkelijk af te spreken dat de verhuur van standplaatsen en woonwagens altijd van elkaar losgekoppeld moeten zijn. En gaat over tot de orde van de dag. Mede ingediend door Arjen Dubbelaar van Hart voor Den Haag. Dat was hem. De plaatsvervangend voorzitter. Door de heer Van Wijngaarden, daartoe gesteund door de heer Dubbelaar en de heer Thepass, wordt de volgende motie (M.1 SP) ingediend: ───────────────────────────────────────────────────────── Motie M.1 SP Verhuur woonwagen en standplaats altijd losgekoppeld De raad van Den Haag, in vergadering bijeen op 4 juni 2026, ter bespreking van Voorstel van het college inzake Nota Haags Woonwagenbeleid 2026 (RIS325084). Constaterende, dat: ▪ volgens de Nota Haags Woonwagenbeleid, woningcorporaties de verhuur van alle standplaatsen overnemen; 76
▪ ▪
de huur van de woonwagen en standplaats losgekoppeld horen te zijn, zodat woonwagenbewoners ook een koopwoonwagen op hun gehuurde standplaats kunnen plaatsen; uit beantwoording van een brief van woonwagenbewoners, gedateerd 11 mei jongstleden, blijkt dat verhuur van standplaats en woonwagen via één gezamenlijk contract worden verhuurd.
Overwegende, dat: ▪ er een grote wens bestaat binnen de gemeenschap van woonwagenbewoners om met hun eigen koopwoonwagen op een gehuurde standplaats te kunnen staan. Verzoekt het college: ▪ met de woningcorporaties nadrukkelijk af te spreken dat de verhuur van standplaatsen en woonwagens altijd van elkaar losgekoppeld moeten zijn. En gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslagingen. De plaatsvervangend voorzitter. Door de heer Van Wijngaarden, daartoe gesteund door de heer Dubbelaar, de heer Thepass en de heer Barker, wordt de volgende motie (M.7 SP) ingediend: ───────────────────────────────────────────────────────── Motie M.7 SP Stel ambities vast met woonwagenbewoners De raad van Den Haag, in vergadering bijeen op 4 juni 2026, ter bespreking van Voorstel van het college inzake Nota Haags Woonwagenbeleid 2026 (RIS325084).
Constaterende, dat: - het college voornemens is om 90 standplaatsen te realiseren om te voldoen aan de uitspraak van de rechtbank Den Haag van 24 mei, om binnen vijf jaar de wachttijd voor een woonwagenstandplaats vergelijkbaar te maken met de wachttijd voor een grondgebonden sociale huurwoning in Den Haag; - de gemiddelde wachttijd voor een grondgebonden sociale huurwoning 110 maanden is; - uit het behoefteonderzoek blijkt dat er 142 mensen op de wachtlijst staan die zich voor 2016 hebben ingeschreven; - er sinds 2000 110 standplaatsen zijn verwijderd; - uit het behoefteonderzoek blijkt dat 451 woonwagenbewoners op zoek zijn naar een eigen standplaats. Overwegende, dat: - met het toevoegen van 90 standplaatsen het aantal vrijkomende standplaatsen mogelijk toeneemt naar gemiddeld 3-5 vrijkomende standplaatsen per jaar, waardoor de wachttijd niet aanzienlijk af zal nemen; - het college eerder heeft uitgesproken dat het behoefteonderzoek de basis zou vormen voor het aantal op de lange termijn te realiseren standplaatsen; - de Stichting Sinti, Roma en Reizigers ervan uitgaat dat er 167 extra standplaatsen nodig zijn om te voldoen aan het vonnis van de rechter.
Verzoekt het college: - de ambities voor het aantal te realiseren woonwagenstandplaatsen van 90 standplaatsen tot 2029 en 57 standplaatsen na 2029 op te schalen; - deze nieuwe ambities en precieze aantallen van het aantal te realiseren standplaatsen te baseren op het behoefteonderzoek en samen vast te stellen met vertegenwoordigers van woonwagengemeenschappen, waarbij draagvlak onder de gemeenschappen voorwaardelijk is. 77
En gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslagingen. De plaatsvervangend voorzitter. Hartelijk dank, mijnheer Van Wijngaarden. De heer Thepass, namens PRO Den Haag, het woord is aan u. Vincent Thepass (PRO Den Haag). Dank u, voorzitter. Het Haagse uitsterfbeleid voor woonwagens uit het verleden was discriminerend en zorgt ervoor dat wij als Den Haag een ereschuld hebben. Het College van de Rechten van de Mens was daar glashelder over, de rechter deed hier een keiharde uitspraak over. Het zijn de woonwagenbewoners zelf die hier veel menselijk leed door hebben ondervonden, waarmee het voor hen een nieuw hoofdstuk was in een langere, pijnlijke geschiedenis. Voor PRO is de insteek van dit debat dan ook glashelder. We moeten de ereschuld inlossen. En dat kan alleen als we ervoor zorgen dat we zo goed als mogelijk aan de rechterlijke uitspraak voldoen, op basis van een goede samenwerking met de woonwagenbewoners zelf. De vraag die vandaag voorligt, is daarom niet alleen, hoe zorgen we ervoor dat we genoeg woonwagenplaatsen toevoegen, waarbij we recht doen aan de rechterlijke uitspraak en het discrimineren blijvend achter ons laten. Het gaat vandaag ook over de vraag hoe we dat op zo’n manier doen, dat het ook onder de mensen waar het over gaat draagvlak heeft. Juist daarom vroeg ik tijdens het commissiedebat om extra informatie en uitleg.
Ik wil het college ook bedanken voor de helderen brief die we daarover hebben ontvangen. Ik heb mij toch wel verbaasd over de rekensom die de gemeente maakte, waarmee men tot het doel van 90 woonwagens kwam. Er lijkt een wel erg creatieve definitie van wachttijd gekozen te zijn. Bij de gemeentelijke berekening wordt de gemiddelde wachttijd namelijk losgekoppeld van de vraag of mensen ook daadwerkelijk een woonwagen krijgen. Terwijl dit perspectief op een woonwagen natuurlijk juist de kern is van die rechterlijke uitspraak. PRO kan dit niet uitleggen richting de woonwagenbewoners en daarom steunen wij ook de motie van de SP, die wat ons betreft een goede oplossing biedt. We noemen niet een concreet aantal, maar we zeggen wel dat we het gaan opschalen. We gaan het vooral ook samen met de woonwagenbewoners doen. Daarbij, nogmaals, zorgen we niet alleen dat onze ambitie in lijn is met wat de rechter van ons vraagt. Maar we laten vooral ook zien dat we het samen doen met de mensen waar het uiteindelijk om gaat. Daarnaast zal mijn fractie in principe wel voor deze nota stemmen. Er staan ook genoeg goede dingen in. Dank daarvoor. Maar daarbij heb ik tot slot nog wel een motie. Die motie gaat over de leges voor de wachttijden.
Die roept er toe op om die leges voor de wachtlijst eigenlijk pas in te voeren als die wachttijd ook echt gelijk is met de sociale huurders bij een grondgebonden woning. Dan zorgen we immers echt voor een eerlijk, gelijk speelveld. Die motie heet Geen kansloze leges. Die roept het college op het invoeren van de jaarlijkse leges voor een inschrijving op de wachtlijst voor een woonwagenstandplaats uit te stellen, totdat de wachttijd voor een woonwagenstandplaats vergelijkbaar is met de wachttijd van een grondgebonden sociale huurwoning. Deze is mede ondertekend door collega Barker van de Partij voor de Dieren. Tot zover. De plaatsvervangend voorzitter. Door de heer Thepass wordt de volgende motie (M.2 PRO) ingediend: ───────────────────────────────────────────────────────── Motie M.2 PRO Geen kansloze leges De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 4 juni 2026, ter bespreking van Nota Haags Woonwagenbeleid 2026. Overwegende, dat: • het college voornemens is om met de Nota Haags Woonwagenbeleid 2026 (RIS325084) de wachtlijst voor een woonwagenstandplaats te digitaliseren, om deze toegankelijker en duidelijker te maken; 78
•
het college bij de digitalisering van de wachtlijst voornemens is om jaarlijkse leges te heffen voor de inschrijving op de wachtlijst voor een woonwagenstandplaats, vergelijkbaar met reguliere woningzoekenden.
Constaterende, dat: • de gemeente Den Haag is veroordeeld is door de rechter omdat de wachttijd voor een woonwagenstandplaats vele maten langer is dan de wachttijd voor een grondgebonden sociale huurwoning en het onwenselijk is een jaarlijkse lege in te voeren voor een onevenredig lange wachttijd; • het invoeren van een jaarlijkse lege een drempel kan opwerpen voor inschrijving, wat niet bevorderlijk is voor de ambitie van het college om de wachtlijsten toegankelijker en te maken. Verzoekt het college: • het invoeren van de jaarlijkse leges voor een inschrijving op de wachtlijst voor een woonwagenstandplaats uit te stellen totdat de wachttijd voor een woonwagenstandplaats vergelijkbaar is met de wachttijd voor een grondgebonden sociale huurwoning. En gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslagingen. De plaatsvervangend voorzitter. Een interruptie van de heer Dubbelaar. Arjen Dubbelaar (Hart voor Den Haag). Dank u wel, voorzitter. Ik heb de motie van de heer Thepass over geen kansloze leges echt met veel belangstelling zitten lezen en ik snap de positieve grondhouding, die daarin naar voren komt. Ik was in eerste instantie ook positief, maar toen ik daar wat langer over nadacht, dacht ik bij mezelf, we creëren hier dan juist een aparte behandeling van woonwagenbewoners. Volgens mij was dat juist iets waar we vanaf wilden.
Hoe kijkt u daar tegenaan? Dat zeg ik via de voorzitter. De plaatsvervangend voorzitter. Mijnheer Thepass. Vincent Thepass (PRO Den Haag). Voorzitter, wat we volgens mij met deze motie doen, is dat we het uiteindelijk gaan gelijktrekken. Dit vraagt alleen om de timing gelijk te trekken met wanneer je op de wachtlijst gaat en een vergelijkbaar perspectief hebt op die plaatsing. Wat ik wil voorkomen, is dat we aan de ene kant wel de kosten gelijk trekken, maar bij wat je voor de kosten terugkrijgt, namelijk het perspectief op een uiteindelijke woning, trekken de woonwagenbewoners aan het kortste eind. Dit schaft ook die invoering van de leges niet af. We zorgen alleen dat we die invoering op een nette manier timen. De plaatsvervangend voorzitter. Mijnheer Dubbelaar, tweede interruptie. Arjen Dubbelaar (Hart voor Den Haag). Maar, voorzitter, dit kan je dan op geen enkele andere wijze uitleggen, dan dat je de woonwagenbewoners toch anders behandelt dan andere woningzoekenden? Daarom begrijp ik het niet goed. Ik begrijp dat mijnheer Thepass het anders ziet, maar misschien kan hij het nog proberen uit te leggen, wat hij hier dan precies bedoelt. De plaatsvervangend voorzitter. Mijnheer Thepass. Vincent Thepass (PRO Den Haag). Voorzitter, ik zal het nog een keer proberen toe te lichten. We zijn er allemaal voor dat we uiteindelijk gelijke spelregels voor iedereen hebben.
De kern van de uitspraken en van het beleid is dat we daarnaartoe gaan werken. Wat ik met deze motie wil voorkomen, is dat je gelijk al, want dat bleek uit het commissiedebat, leges moet betalen elk jaar, om op de wachtlijst te blijven staan, terwijl het misschien nog jaren gaat duren voordat je die wachttijd voor een woonwagenplaats vergelijkbaar met de grond van een sociale huurwoning gaat krijgen. 79
Daarvan heeft de rechter juist gezegd, zolang je dat niet gelijk hebt, is het nog discriminerend. Wat wil ik hiermee doen? We gaan het allemaal gelijk trekken, maar dat doen we wel op een gelijk tempo, anders vragen we van de woonwagenbewoners al een bijdrage, voordat wij als gemeente onze kant van de afspraak uitvoeren. De plaatsvervangend voorzitter. Interruptie van de heer Mekers. Peter Mekers (D66). Dank, voorzitter. Een beetje in dezelfde richting. Ook reguliere woningzoekenden via Woonnet Haaglanden hebben verschillende kansen om snel een woonruimte te vinden. Die betalen wel allemaal hun inschrijfgeld. Ik zit een beetje op het spoor van de heer Dubbelaar. Ik vind het lastig uit te leggen om het hier niet te doen. Ik snap dat we hier een inhaalslag moeten maken. Maar ik zou het ook vervelend vinden om ze juist hier weer anders te behandelen. Ik zou juist willen dat we zoveel mogelijk de boel gelijk trekken. De inschrijfgelden misschien zelfs wel gelijk trekken. Zorgen dat er echt geen onderscheid in zit. Kan PRO zich dat voorstellen? De plaatsvervangend voorzitter. Mijnheer Thepass. Vincent Thepass (PRO Den Haag). Voorzitter, nogmaals, dat kan PRO zich heel goed voorstellen. Daarom gaan we naar die gelijke situatie toe.
Maar wat we willen voorkomen, is dat woonwagenbewoners aan de ene kant wel die bedragen gaan betalen, maar nog heel lang niet dat gelijkwaardige uitzicht op die plek hebben. Ik heb hier ook over gesproken met de woonwagenbewoners zelf. Dit is ook een zorg die onder hen speelt. Het kan ook ontmoedigend werken, dat je aan de ene kant geen reëel perspectief hebt op een plek, maar wel elk jaar moet gaan betalen. Dat kan ook het gevolg hebben dat mensen vervolgens maar niet meer op de lijst gaan staan, helemaal ontmoedigd raken. Dat wil ik voorkomen. Hierbij zorgen we alleen ervoor dat we de timing van het invoeren van die leges gelijk trekken. Dat is ook wat wij juridisch gezien als gemeente aan hen verschuldigd zijn. Dat vinden wij de eerlijkste manier. Anders is het een eenzijdige vorm van gelijkwaardigheid en dat lijkt ons niet eerlijk. De plaatsvervangend voorzitter. Hartelijk dank. De heer Barker namens de Partij voor de Dieren. En daarna de heer Mekers. Het woord is aan de heer Barker. Robert Barker (Partij voor Dieren). Dank u, voorzitter. In 2024 was de rechter onverbiddelijk, want een mensenrecht werd geschonden door de manier waarop opeenvolgende colleges om waren gegaan met de woonwagenbewoners. Hier mogen we ons als gemeente heel diep voor schamen, denk ik. Na de uitspraak kwam er onder wethouder Van Asten natuurlijk wat schot in de zaak.
Echter, we hebben als Partij voor Dieren gezien dat het ook weer als een plumpudding is ingestort. Want we zien dat alle woonwagenplekken waar nu aan gewerkt wordt, allemaal weer in de vertraging zitten. Terwijl daardoor juist kritiek in de raad ontstond. Het lijkt een beetje een stuurloos schip te zijn geworden. We roepen eigenlijk vooral een volgend college op om hier ook serieus werk van te maken. We hebben een aantal moties op dit onderwerp. Een van de onderwerpen waar nu vertraging lijkt te zitten is de netcongestie. Je moet op tijd een aansluiting aanvragen en dat lijkt niet te gebeuren. Daarom dien ik samen met de SP een motie in. Verzoekt het college in ieder geval de nieuwe standplaatsen die nodig zijn voor de uitvoering van het Haagse woonwagenbeleid en het voldoen aan het vonnis als prioriteit aan te melden bij de ACM rond netcongestie; deze projecten tijdig aan te melden voor een elektriciteitsaansluiting en waar dat niet lukt in oktober een prioriteitsreservering te verzorgen via eerder aanvragen; actief te overleggen met Stedin, TenneT en andere betrokken partijen om vertraging door netcongestie te voorkomen; de raad in de Kwartaalrapportage Woonwagenzaken, uiterlijk in Q3, te informeren over de genomen maatregelen.
Verder zien we in het woonwagenbeleid dat heel vaak naar de regio wordt verwezen, maar dat er eigenlijk niks in de regio gebeurt en ook niet heel veel lijkt te worden gezegd in de regio. Vandaar de motie die ik samen met de SP en PRO indien; Verzoekt het college in iedere kwartaalrapportage expliciet te beschrijven welke acties richting regiogemeenten of in regioverband zijn ondernomen, welke resultaten dat heeft opgeleverd en welk concreet perspectief bestaat op extra woonwagenplaatsen in de regio; de regio pas als wezenlijk onderdeel van de oplossing te presenteren
80
zodra er iets te presenteren is, zoals concrete locaties, bestuurlijke afspraken of andere aantoonbare vooruitgang. Dank u wel, voorzitter. De plaatsvervangend voorzitter. Door de heer Barker, daartoe gesteund door de heer Van Wijngaarden, wordt de volgende motie (M.3 PvdD) ingediend: ───────────────────────────────────────────────────────── Motie M.3 PvdD Laat netcongestie geen blokkade worden voor woonwagenstandplaatsen De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 4 juni 2026, ter bespreking van Voorstel van het college inzake Nota Haags Woonwagenbeleid 2026 (RIS325084). Constaterende, dat: ▪ de rechtbank heeft geoordeeld dat het Haagse beleid voor woonwagenstandplaatsen discriminatoir is (geweest); ▪ de gemeente ook daarom een grote opgave heeft om de komende jaren extra woonwagenstandplaatsen te realiseren; ▪ netcongestie een ernstige rem is op de (snelle) realisatie van woningbouwprojecten; ▪ woningbouwprojecten die niet tijdig worden aangemeld voor een aansluiting of reservering op het elektriciteitsnet een groot risico lopen jarenlang vertraging op te lopen.
Overwegende, dat: ▪ woonwagenbewoners in Den Haag al jarenlang wachten op nieuwe standplaatsen; ▪ het onaanvaardbaar zou zijn wanneer projecten die juist bedoeld zijn om eerder door de overheid veroorzaakt onrecht te herstellen opnieuw worden vertraagd; ▪ de gemeente zelf verantwoordelijk is voor het realiseren van nieuwe standplaatsen op locaties zoals Isabellaland, Henri Faasdreef, Brasserskade en andere uitbreidingslocaties uit het woonwagenbeleid; ▪ voorkomen moet worden dat deze projecten door administratieve of procedurele vertraging buiten de boot vallen bij de verdeling van schaarse netcapaciteit. Verzoekt het college: ▪ in ieder geval de nieuwe standplaatsen die nodig zijn voor de uitvoering van het Haagse woonwagenbeleid en het voldoen aan het vonnis als prioriteit aan te melden bij de ACM rond netcongestie; ▪ deze projecten tijdig (voor 1 juli) aan te melden voor een elektriciteitsaansluiting en waar dat niet lukt in oktober een prioriteitreservering te verzorgen via 'eerder aanvragen'; ▪ actief te overleggen met Stedin, TenneT en andere betrokken partijen om vertraging door netcongestie te voorkomen; ▪ de raad in de Kwartaalrapportage Woonwagenzaken, uiterlijk in Q3 2026, te informeren over de genomen maatregelen. En gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslagingen. De plaatsvervangend voorzitter.
Door de heer Barker, daartoe gesteund door de heer Van Wijngaarden en de heer Thepass, wordt de volgende motie (M.4 PvdD) ingediend:
81
───────────────────────────────────────────────────────── Motie M.4 PvdD Laat zien wat de regio oplevert De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 4 juni 2026, ter bespreking van Voorstel van het college inzake Nota Haags Woonwagenbeleid 2026 (RIS325084). Constaterende, dat: ▪ de gemeente al vele jaren aangeeft dat (een deel van) de oplossing voor het tekort aan woonwagenstandplaatsen (ook) in de regio gevonden moet worden; ▪ tot op heden geen concrete extra standplaatsen in de regio beschikbaar zijn gekomen voor de Haagse woonwagengemeenschap. Overwegende, dat: ▪ woonwagenbewoners in Den Haag al jarenlang wachten op nieuwe standplaatsen; ▪ de gemeente uitvoering moet geven aan de gerechtelijke uitspraak en een grote verantwoordelijkheid heeft om daadwerkelijk nieuwe standplaatsen te realiseren; ▪ het herstel van vertrouwen vraagt om zichtbare handelingen en resultaten vanuit de gemeente en niet alleen om toekomstige mogelijkheden; ▪ regionale samenwerking oplossingen kan brengen, maar zonder resultaat geen vervanging mag worden voor concrete voortgang binnen de eigen opgave.
Verzoekt het college: ▪ in iedere kwartaalrapportage expliciet te beschrijven welke acties richting regiogemeenten of in regioverband zijn ondernomen, welke resultaten dat heeft opgeleverd en welk concreet perspectief bestaat op extra woonwagenstandplaatsen in de regio; ▪ 'de regio' pas als wezenlijk onderdeel van de oplossing te presenteren zodra er iets te presenteren is zoals concrete locaties, bestuurlijke afspraken of andere aantoonbare voortgang. En gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslagingen. De plaatsvervangend voorzitter. Interruptie van de heer Dubbelaar. Arjen Dubbelaar (Hart voor Den Haag). Ik was benieuwd of de heer Barker misschien kansen ziet in de regio. De plaatsvervangend voorzitter. Mijnheer Barker. Robert Barker (Partij voor de Dieren). Ik denk dat er verschillende gemeentes zijn waar je wel het gesprek mee aan zou kunnen gaan, maar tot nu toe is dat weinig gebeurd. De plaatsvervangend voorzitter. Mijnheer Dubbelaar. Arjen Dubbelaar (Hart voor Den Haag). Dat snap ik, voorzitter. Ik vraag me alleen af hoe de Partij voor de Dieren dan in dit dossier staat. Bijvoorbeeld als dat ten koste gaat van een stukje groen op een specifieke locatie.
Moet dat dan wat betreft de Partij voor de Dieren altijd gecompenseerd worden? Of zouden we er bijvoorbeeld ook wel eens voor kunnen kiezen, om ergens een uitbreiding toe te staan en dat het stukje groen dan niet altijd direct gecompenseerd wordt? Of is dat uitgesloten voor wat de Partij voor de Dieren betreft? De plaatsvervangend voorzitter. Mijnheer Barker.
82
Robert Barker (Partij voor de Dieren). De heer Dubbelaar stelt heel veel vragen tegelijk, want volgens mij begint de heer Dubbelaar over de regio, waarbij wij niet gaan over hoe de regio die plekken zoekt. Maar wat we als Partij voor de Dieren inderdaad belangrijk vinden, is het groen. We hebben net een debat gezien met Hart voor Den Haag, waarbij Hart voor Den Haag bij elk onderwerp zegt, geen parkeerplekken verwijderen. Ik zou de vraag ook terug kunnen stellen aan Hart voor Den Haag. Zou Hart voor Den Haag bereid zijn parkeerplekken op te offeren voor woonwagens? Maar hoe we als Partij voor de Dieren daar tegenaan kijken, is dat er een hele duidelijke, rechterlijke uitspraak is, waar we een grondrecht hebben geschonden. Daar mag je ook iets voor terug doen. Dat is de reden dat de Partij voor de Dieren ook Isabellaland heeft gesteund, wat ten koste gaat van groen en ten koste gaat van de ecologische zone. Daar is inderdaad compensatie voor geregeld. Dat is gewoon het standaard beleid. Als je in de ecologische zone of stedelijke hoofdstructuur bouwt, moet je compenseren. Dat geldt niet voor alle andere plekken. Daar kan je een andere afweging maken. Maar in principe vinden we als Partij voor de Dieren dat groen al genoeg onder druk staat en dat er in het verleden ook al genoeg groen is weggegaan.
Want toen de Escamplaan werd ontruimd, wat door vorige colleges werd gedaan, wat ik een heel slecht idee vond, is vervolgens ook heel veel groen daar weggehaald. Al die volkstuinverenigingen zijn ook weggegaan. Meer en meer groen is verdwenen. Ik zou zeggen, volgens mij is het goed om groen te behouden. De plaatsvervangend voorzitter. Mijnheer Dubbelaar. Arjen Dubbelaar (Hart voor Den Haag). Van groen worden mensen gelukkig, dat begrijp ik allemaal wel. Maar ik zie vooral dat we de randen gaan opzoeken, dat is volgens mij ook wat de Partij voor de Dieren hier voorstelt, dat we het regionaal aanpakken, wat op zich een goede zaak is, want ik ben absoluut voornemens om de motie te steunen. Maar ik vraag me tegelijkertijd wel af of ik dan de Partij voor de Dieren ook als bondgenoot kan zien, op het moment dat het misschien ten koste gaat van een klein stukje groen. Want dan denk ik toch dat het uitbreiden van die woonwagenplekken daarop iets van voorrang zou moeten krijgen. Kan ik de Partij voor de Dieren dan als bondgenoot zien? De plaatsvervangend voorzitter. Mijnheer Barker. Robert Barker (Partij voor de Dieren). Voorzitter, volgens mij hebben we dat de hele tijd laten zien, dat we staan voor het goed voldoen aan die zaak en het staan voor de woonwagenbewoners. De heer Dubbelaar zegt gekscherend, een klein stukje groen. Het gaat natuurlijk vaak niet over kleine stukjes groen.
Want dan is het niet problematisch. Het is problematisch als het gaat om heel veel groen. Wat ons betreft is dat ook niet per se waar je het moet zoeken. Volgens mij kan je ook andere keuzes maken. Kan je ook kijken naar parkeerplekken. Er zijn soms hele grote parkeerterreinen die je zou kunnen gebruiken. Er zijn ook woningbouwplots waar je ook een andere keuze zou kunnen maken. Bijvoorbeeld juist die plekken die allemaal weg zijn. Er zijn meer plekken weggegaan dan in de nieuwe nota staan als uitgangspunt voor erbij komen. Daar zijn allemaal woningen op gebouwd. Je zou ook kunnen kijken naar plekken waar nu woningbouw gepland staat, om daar woonwagens te zetten. Er zijn heel veel opties en je hoeft niet alleen maar naar het groen te kijken. De plaatsvervangend voorzitter. Dat was het einde van uw betoog? Hartelijk dank. Mijnheer Mekers, namens D66. En daarna de heer Dubbelaar. Mijnheer Mekers, het woord is aan u. Peter Mekers (D66). Dank, voorzitter. Voor D66 draait wonen om kansengelijkheid. Iedereen verdient een plek om thuis te zijn, ongeacht achtergrond of woonvorm. Het geldt ook voor woonwagenbewoners. Den Haag heeft hierin een duidelijke ereschuld, want jarenlang beleid heeft geleid tot achterstand en ongelijkheid. De rechter heeft dat ook bevestigd. Dat vraagt van ons niet alleen woorden, maar ook daden.
Het actief herstellen van vertrouwen en het daadwerkelijk realiseren van voldoende standplaatsen. Voorzitter, de voorliggende aangepaste woonwagennota is een belangrijke stap vooruit. Wij steunen deze nota juist ook omdat die concreter wordt, meer regie pakt en ook erkent dat de versnelling nodig is. Er zijn meer locaties voor woonwagens nodig dan nu in beeld zijn. Maar we moeten ook door. Daarom dienen we daarvoor ook nog een extra motie in over de huidige, tijdelijke
83
woonwagenlocatie op de Henri Faasdreef. Met het volgende dictum: Verzoekt het college om de huidige tijdelijke locatie aan de Henri Faasdreef aan te wijzen en te reserveren voor extra, permanente standplaatsen voor woonwagens. Nadat WarmtelinQ hier vertrekt en hiervoor, in participatie met de omgeving en vertegenwoordigers uit de woonwagengemeenschap nadere plannen te ontwikkelen; dezelfde versnellingsinstrumenten en bestuurlijke moed toe te passen, zoals ingezet bij de overige fases op de locatie Henri Faasdreef (afzien van overbodige participatiestappen, het schrappen van bindend advies en het versnellen van aanbestedings- en vergunningstrajecten) en de raad hierover uiterlijk in Q3 ‘26 te informeren. En gaat over het orde van de dag. Want voorzitter, als we het menen met kansengelijkheid, dan moeten we hier ook tempo op maken. Deze motie helpt daarbij. De plaatsvervangend voorzitter. Door de heer Mekers wordt de volgende motie (M.5 D66) ingediend: ───────────────────────────────────────────────────────── Motie M.5 D66 Fase 3 op de Henri Faasdreef De gemeenteraad van Den Haag, in vergadering bijeen op 4 juni 2026, ter bespreking van het Voorstel van het college inzake Nota Haags Woonwagenbeleid 2026 (RIS325084).
Constaterende dat, • de rechter op 29 mei 2024 heeft uitgesproken dat het Haagse uitsterfbeleid voor woonwagenstandplaatsen discriminatoir van aard was de gemeente het aan de woonwagenbewoners verplicht is om het vertrouwen te herstellen en de wachttijd binnen vijf jaar vergelijkbaar te maken met die van een sociale huurwoning; • er nu op een tijdelijke locatie op de Henri Faasdreef woonwagens staan in afwachting van het beschikbaar komen van de definitieve locatie Henri Faasdreef in twee fases; • deze tijdelijke locatie daarna door WarmtelinQ tijdelijk in gebruik zal worden genomen, waarna nog geen definitieve bestemming voor deze locatie is vastgesteld.
Overwegende dat, • de raad eerder de motie ‘Pak ruimte voor verhuizing’ (RIS321847) unaniem heeft aangenomen om het proces rondom de woonwagenlocatie Henri Faasdreef te versnellen; • het college bij de afdoening van die motie heeft aangegeven bestuurlijke ruimte te nemen om planvorming te versnellen, zoals het afwijken van participatievereisten op onderdelen waar al besluitvorming over was, het afzien van bindend advies, en het parallel laten lopen van bezwaar- en beroepstermijnen met de start van werkzaamheden; • de gemeente Den Haag nog op zoek moet naar extra standplaatsen om aan de gerechtelijke uitspraak te voldoen; • er op de huidige tijdelijke locatie na afronding van de werkzaamheden van WarmtelinQ ruimte is voor permanente standplaatsen.
Verzoekt het college, • om de huidige tijdelijke locatie aan de Henri Faasdreef aan te wijzen en te reserveren voor extra permanente standplaatsen voor woonwagenstandplaatsen nadat WarmtelinQ hier vertrekt en hiervoor, in participatie met de omgeving en vertegenwoordigers vanuit de woonwagengemeenschap, nadere plannen te ontwikkelen; • dezelfde versnellingsinstrumenten en bestuurlijke moed toe te passen zoals ingezet bij de overige fases op de locatie Henri Faasdreef (afzien van overbodige participatiestappen, het schrappen van bindend advies en het versnellen van aanbesteding- en vergunningstrajecten); • de raad hierover te informeren in uiterlijk Q3 2026. En gaat over tot de orde van de dag.
84
De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslagingen. De plaatsvervangend voorzitter. De heer Barker heeft een interruptie hierop. Robert Barker (Partij voor de Dieren). Voorzitter, een interessante motie. Fijn dat D66 dit belangrijk vindt. Wat ik me bij deze motie afvroeg, was dat in het verleden werd gezegd, dat dit niet kon. Toen heeft de Partij voor de Dieren meermaals hiernaar gevraagd. Het kon niet, omdat het miljoenen zou kosten. Waar haalt D66 die vandaan? Hoe wordt dat punt gedekt? Want op zich vinden wij dat heel interessant. De plaatsvervangend voorzitter. Mijnheer Mekers. Peter Mekers (D66). Dank voor die vraag. Dit is niet de enige plek waar we nog iets moeten vinden. We zien in de Woonwagennota en ook in de ambitie die we nu uitspreken, maar die eigenlijk nog hoger mag zijn, dat we überhaupt geld tekort komen. Dat is een opdracht aan de onderhandelende partijen, om geld te vinden. Maar het zou raar zijn om deze locatie, waar nu infrastructuur ligt, die tijdelijk gebruikt wordt door WarmtelinQ, niet opnieuw te gaan gebruiken voor woonwagenplekken als wij nog tientallen plekken tekort komen. Hoe dan ook, wij moeten aan die gerechtelijke uitspraak voldoen, daar moeten we nog geld voor vinden.
Dit is een van de puzzelstukjes waar we de locatie in ieder geval voor kunnen reserveren, maar waar inderdaad het geld nog voor moet worden gevonden, net als die andere plaatsen die er nog aankomen. De plaatsvervangend voorzitter. De heer Barker. Robert Barker (Partij voor de Dieren). Voorzitter, ik ben benieuwd waar D66 dat geld dan vandaan haalt, gewoon om het goed te weten. Komt het uit het budget van de woonwagens, wat al voor andere plekken bestemd was? Of komt het, omdat het een grondexploitatie is, uit de andere grondexploitaties omdat je dat met elkaar verrekent? Want hier stond grondwaarde op die grond. Betekent het dat binnen de grondexploitatie dan miljoenen verschoven worden? Wat gebeurt er precies met deze motie? De plaatsvervangend voorzitter. Mijnheer Mekers. Peter Mekers (D66). Dank u, voorzitter. Dat is juist waar ik om vraag, om daar met plannen over te komen. Dit zijn opties die er zijn. We moeten nog meer geld vinden voor andere locaties, die we ook nog moeten aanwijzen. Dit is een vraag waar we als raad en als college, welk college er dan ook zit, nog een antwoord op moeten geven. Dat heb ik nu niet klip en klaar. Ik weet alleen wel dat deze locatie beschikbaar kan blijven voor woonwagenplekken en dat het zonde zou zijn als we daar nu een andere bestemming op laten toepassen. Dat moet in ieder geval niet kunnen. Daar is deze motie voor.