RIS325712 Notulen van de raad van 4 juni 2026
Tekst van het document
En waar het geld vandaan komt? Dat moet inderdaad gevonden worden voor deze plek, maar ook voor andere plekken. Dat klopt. De plaatsvervangend voorzitter. Gaat u verder, mijnheer Mekers. U was aan het einde van uw betoog? Hartelijk dank. Mijnheer Dubbelaar. Arjen Dubbelaar (Hart voor Den Haag). Voorzitter, dank u wel. Voorzitter, vandaag spreken we over een dossier met een lange en bewogen geschiedenis in onze mooie stad. Jarenlang is er een actief uitsterfbeleid gevoerd en was er structureel te weinig aandacht voor de woonwagencultuur. Ik durf hier vandaag wel te stellen dat mede door de jarenlange en onvermoeibare inzet van Hart voor Den Haag er nu eindelijk concreet resultaat is. Er ligt een nota die de gemeenschap de ruimte wil bieden om volgens eigen cultuur en in familieverband te leven. Heel goed. Voorzitter, laten we beginnen met het positieve. De gemeente verplicht zich om in lijn met het vonnis van de rechter uiterlijk in mei 2029 90 nieuwe standplaatsen te realiseren. We staan hiermee op een historisch kruispunt. De wethouder stelde zich tijdens het commissiedebat buitengewoon constructief op. Hart voor Den Haag zal dan ook haar verantwoordelijkheid nemen. Wij zullen vandaag instemmen met deze nota. Ook wil ik kort mijn waardering uitspreken voor het feit dat een
85
belangrijk zorgpunt rondom de locatie Henri Faasdreef direct is aangepakt. Want de wethouder is, zoals wij tijdens de commissie hebben verzocht, in gesprek gegaan met de bewonersorganisatie Leidschenveen over die groene inpassing en de veiligheid rondom de Henri Faasdreef. Kan de wethouder iets vertellen over deze gesprekken? Voorzitter, beleid op papier moet wel sneller naar de praktijk worden vertaald. De uitbreiding van acht standplaatsen bij Isabellaland duurt momenteel onacceptabel lang. Wat op de Henri Faasdreef qua versnelling kon, moet ook hier kunnen. Daarom dien ik vandaag de motie in Pak ruimte voor uitbreiding woonwagenlocatie Isabellaland. Hiermee roepen wij het college op om de maximale bestuurlijke ruimte te nemen. Daarom de motie Pak ruimte voor uitbreiding woonwagenlocatie Isabellaland. Moet ik hem helemaal voorlezen, voorzitter? Hij is altijd streng, deze voorzitter.
Voorzitter, ik verzoek het college de maximale bestuurlijke ruimte te nemen om iedere vorm van vertraging bij de realisatie van de acht extra standplaatsen op woonwagenlocatie Isabellaland te voorkomen; ik verzoek het college dezelfde versnellingsinstrumenten en bestuurlijke moed toe te passen, zoals ingezet bij de locatie Henri Faasdreef; ik verzoek het college vooruitlopend op definitieve vaststelling van het voorlopig ontwerp en ter versnelling van de realisatiefase waar mogelijk al de noodzakelijke voorbereidende werkzaamheden te verrichten; ik verzoek het college de raad via de kwartaalrapportages actief te informeren over de voortgang en de behaalde tijdwinst bij de uitbreiding op Isabellaland. Deze motie wordt mede ingediend door de heer Mekers van D66. De plaatsvervangend voorzitter. Door de heer Dubbelaar, daartoe gesteund door de heer Mekers, wordt de volgende gewijzigde motie (M.6 HvDH) ingediend: ───────────────────────────────────────────────────────── Motie M.6 HvDH Pak ruimte voor uitbreiding woonwagenlocatie Isabellaland De gemeenteraad van Den Haag, in vergadering bijeen op 4 juni 2026, ter bespreking van het Voorstel van het college inzake Nota Haags Woonwagenbeleid 2026 (RIS325084).
Constaterende dat, • de rechter op 29 mei 2024 heeft uitgesproken dat het Haagse uitsterfbeleid voor woonwagenstandplaatsen discriminatoir van aard was, en de gemeente het aan de woonwagenbewoners verplicht is om het vertrouwen te herstellen en de wachttijd binnen vijf jaar vergelijkbaar te maken met die van een sociale huurwoning; • in de 'Nota Haags Woonwagenbeleid 2026' staat opgenomen dat er aan de locatie Isabellaland 8 standplaatsen worden toegevoegd; • het beperken van vertraging bij het realiseren van deze noodzakelijke uitbreidingen topprioriteit moet zijn om de enorme wachtlijst van 303 personen daadwerkelijk terug te dringen. • De raad op 11 juli 2024 al heeft ingestemd met de ruimtelijke kaders voor uitbreiding van het aantal standplaatsen van de bestaande woonwagenlocatie Isabellaland door besluitvorming over de Nota van Uitgangspunten (RIS318914).
Overwegende dat, • de raad eerder de motie ‘Pak ruimte voor verhuizing’ (RIS321847) unaniem heeft aangenomen om het proces rondom de woonwagenlocatie Henri Faasdreef te versnellen; • het college bij de afdoening van die motie heeft aangegeven bestuurlijke ruimte te nemen om planvorming te versnellen, zoals het afwijken van participatievereisten op onderdelen waar al besluitvorming over was, het afzien van bindend advies, en het parallel laten lopen van bezwaar- en beroepstermijnen met de start van werkzaamheden; • veel redenen voor vertraging bij de uitbreiding van standplaatsen bestuurlijk en procesmatig van aard zijn, wat impliceert dat er ook bij Isabellaland beweegruimte is om het proces te versnellen.
86
Verzoekt het college, • de maximale bestuurlijke ruimte te nemen om iedere vorm van vertraging bij de realisatie van de 8 extra standplaatsen op woonwagenlocatie Isabellaland te voorkomen; • dezelfde versnellingsinstrumenten en bestuurlijke moed toe te passen zoals ingezet bij de locatie Henri Faasdreef (afzien van overbodige participatiestappen, het schrappen van bindend advies en het versnellen van aanbesteding- en vergunningstrajecten); • vooruitlopend op definitieve vaststelling van het Voorlopig Ontwerp en ter versnelling van de realisatiefase waar mogelijk al de noodzakelijke voorbereidende werkzaamheden te verrichten; • de raad via de kwartaalrapportages actief te informeren over de voortgang en de behaalde tijdwinst bij de uitbreiding op Isabellaland. En gaat over tot de orde van de dag.
De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslagingen. De plaatsvervangend voorzitter. Voordat u verder gaat, zie ik nog een interruptie van de heer Barker op het vorige punt. Mijnheer Barker. Robert Barker (Partij voor de Dieren). Voorzitter, ik ben wel benieuwd naar de achtergrond van deze motie, want op zich kan je natuurlijk altijd dit soort moties indienen. Maar het voelt eigenlijk als een brevet van onvermogen, want de raad heeft in juli ‘24 het voorstel vastgesteld. Dan zegt de heer Dubbelaar een paar jaar later van, vind dit net zo belangrijk. Toen het werd besproken, vond de raad het superbelangrijk en had dat ook heel duidelijk aan het college meegegeven. Is deze motie dan ook gewoon niet een brevet van onvermogen, dat hij dit indient, een paar jaar naar dato? De plaatsvervangend voorzitter. Mijnheer Dubbelaar. Arjen Dubbelaar (Hart voor Den Haag). Voorzitter, dat is de uitspraak van de heer Barker. Die zou ik niet willen herhalen. Ik doe vooral een oproep aan het college. We zijn nu twee jaar onderweg voor het realiseren van acht plekken, waarvan de locatie al bekend is en de ruimte is aanwezig. Ik wil zeggen, pak nu eens een keer door. En daar doe ik een oproep toe. De plaatsvervangend voorzitter. Mijnheer Barker. Robert Barker (Partij voor de Dieren). Voorzitter, ik snap de oproep om, als je twee jaar hebt gewacht, te zeggen, neem het serieus.
Maar dat debat staat me bij. Toen zei de raad ook al, neem het heel erg serieus. En dan zegt de heer Dubbelaar, ga de raad dan niet in elke stap weer meenemen, doe het sneller. Maar eigenlijk is dat toch gewoon een brevet van onvermogen? Dat hij na twee jaar een motie moet indienen van, neem het serieus. De plaatsvervangend voorzitter. Mijnheer Dubbelaar. Arjen Dubbelaar (Hart voor Den Haag). Voorzitter, ik zie hier een portefeuillehouder in het college zitten die daar sinds enkele maanden zit en een onderwerp heeft gekregen, waar een andere wethouder op gesneuveld is. Ik vind het lastig om daar nu op dit moment een uitspraak over te doen. De heer Barker heeft zelf twee jaar lang in de collegekamer gezeten. Wat heeft hij daar dan zelf zitten doen? Voorzitter, ik doe hier een oproep om vooral de bestuurlijke middelen aan te grijpen, om te zorgen dat die versnelling er komt. Want ik denk dat die woonwagenplekken er allang hadden kunnen zijn. De plaatsvervangend voorzitter. Mijnheer Barker, voor de laatste maal. Robert Barker (Partij voor de Dieren). Voorzitter, eigenlijk is de kern natuurlijk, wat zou er dan extra moeten gebeuren? Wat heeft het college dan extra nodig om het serieus aan te pakken? Want de heer Dubbelaar komt met allerlei dingen van neem het serieus, ga het wat sneller doen en ga wat processen 87
anders doen en zo. Maar die processen, daar is het college toch twee jaar mee bezig? Waarom gaat het zo traag? En waarom zou deze motie dan opeens het ei van Columbus zijn? De plaatsvervangend voorzitter. Mijnheer Dubbelaar. Arjen Dubbelaar (Hart voor Den Haag). Voorzitter, omdat het kan zorgen voor een versnelling. Ik hoop echt op een positieve reactie vanuit het college. Ik begrijp dat de heer Barker er niet enthousiast van wordt. Dat begrijp ik heel goed, want in het interruptiedebat kreeg ik al de indruk dat de heer Barker op cruciale momenten de verkeerde keuzes maakt. Ik doe hier vooral een oproep om de juiste keuzes te maken. Ik hoop dat het college daar voortvarend mee aan de slag gaat. De plaatsvervangend voorzitter. Mijnheer Van Wijngaarden. Tijmen van Wijngaarden (SP). Dank, voorzitter. Ik heb nog een andere vraag over de motie van de heer Dubbelaar. Als het gaat om de uitbreiding van Isabellaland, heeft de gemeente vaak ingezet op twee-onder-een-kap-woonwagens. Er is juist een wens vanuit de bewoners om in vrijstaande woonwagens te kunnen wonen. Ik vraag me af, in hoeverre geeft de heer Dubbelaar met deze motie de vrijheid aan het college om toch twee-onder-een-kap-woonwagens daar te forceren? De plaatsvervangend voorzitter. Mijnheer Dubbelaar. Arjen Dubbelaar (Hart voor Den Haag). Ik begrijp de zorg van de SP. Ik lees dat in ieder geval niet terug in mijn motie.
Het is ook geen oproep vanuit Hart voor Den Haag aan het college om dat te gaan doen. Ik zou vooral de plekken willen realiseren, zoals de bewoners op Isabellaland dat voor ogen hebben. De plaatsvervangend voorzitter. Gaat u verder, mijnheer Dubbelaar. Arjen Dubbelaar (Hart voor Den Haag). Voorzitter, dank u wel. Daarnaast zal ik, in het verlengde van mijn inbreng in de commissie, in die mooie, nieuwe commissiezaal, twee moties van de SP mee tekenen die voor Hart voor Den Haag van groot belang zijn. Ten eerste moet daar echt wooncarrière mogelijk worden. We hebben de heer Coret allemaal gehoord tijdens het commissiedebat. Ik zie hem daar zitten. Goedenavond, mijnheer Coret. We hebben vernomen dat een startend gezin muurvast zit, omdat de huur van een standplaats en een woonwagen in een gezamenlijk contract zitten. Het is een goede motie van de heer Van Wijngaarden. Ik teken de motie Verhuur woonwagen en standplaats altijd losgekoppeld daarom graag mee. Mijn tweede punt is die stip op de horizon. Daar hebben we in de commissie ook een uitvoerig debat over gehad. De eerste 90 plekken zijn een begin, maar de Stichting Sinti, Roma en Reizigers wijst terecht op 167 personen die soms al meer dan 10 jaar wachten. Het behoefteonderzoek spreekt ook over een verdere opschaling.
Ik teken daarom graag de motie Stel ambities vast met woonwagenbewoners mee, om ook die behoefte voor de langere termijn in gezamenlijkheid hard te maken. Voorzitter, er is nog een lange weg te gaan, maar met het instemmen met deze nota vandaag zetten we een definitieve streep onder dat Haagse uitsterfbeleid. Daar word ik echt heel gelukkig van. Dank u wel. De plaatsvervangend voorzitter. Interruptie van mijnheer Mekers. Peter Mekers (D66). Dank, voorzitter. Ik was eigenlijk nog wel benieuwd wat Hart voor Den Haag wil met de locatie die nu bij de Henri Faasdreef gebruikt wordt voor woonwagens. Willen zij daar in de toekomst een woontoren op hebben of toch ook reserveren voor woonwagens? De plaatsvervangend voorzitter. Mijnheer Dubbelaar. Arjen Dubbelaar (Hart voor Den Haag). Voorzitter, ik heb uw motie gezien. Ik was een beetje verrast, omdat ik me een debat in het verleden kan herinneren, juist met een wethouder van D66, die daar op
88
dat moment geen uitspraak over wilde doen. We zitten inmiddels in blessuretijd van de fractie van D66. Dat klinkt misschien een beetje flauw, maar daarom was ik verrast door deze motie. Ik word warm van de inhoud, ik sta hier vooralsnog heel positief tegenover. Ik hoop dat het college daar een positieve reactie op gaat geven. De plaatsvervangend voorzitter. Dank u wel, mijnheer Dubbelaar. En sowieso natuurlijk welkom aan alle betrokkenen bij dit agendapunt. Ik zie de collega's net kijken, we trekken volle zalen, want er is een hele grote groep binnengekomen van de zogenaamde werksafari. Dat zijn de medewerkers voor deze mooie gemeente. Ook van harte welkom. Leuk dat jullie er zijn. Dat gezegd hebbende gaan wij over naar de beantwoording van het college op dit agendapunt. We hebben alle sprekers van de zijde van de raad gehad. Ik wil graag het woord geven aan wethouder Verschuure. Wethouder Verschuure (D66). Dank u wel, voorzitter. We hebben er in de commissie al uitvoerig over gesproken, ook over alle gevoelens die gedeeld zijn. Ik wil die hier nogmaals vanuit het college weer teruggeven. Dank nogmaals aan de stichting, die ook op de tribune zit. Ciska, fijn dat je er bent. Henk, fijn dat je er bent.
Ik wil in die zin echt ook wel aangeven dat de gesprekken soms best stevig zijn geweest, ook met emotie, wat ook terecht is, denk ik, als je ziet wat er allemaal in het verleden is gebeurd. We hebben nog een hele lange weg te gaan. De heer Dubbelaar zei dat ook. Maar in ieder geval staan we op een kruispunt. Ik ben blij dat we daar staan. Maar er is hierna ook nog een hele lange weg te gaan. Dat wil ik echt benadrukken. Maar goed, ik ben wel heel blij dat we in goed gesprek zijn en dat we ook met elkaar de blik vooruit kunnen werpen en nu gaan bouwen. Misschien vrij parafraserend vanuit de stichting, heel leuk al die mooie nota’s, maar we willen ook actie zien, we willen ook resultaten zien en we willen gewoon standplaatsen erbij zien. Dat is, denk ik, wat we met elkaar hier te doen hebben, om zo snel mogelijk de spa in de grond te krijgen op verschillende plekken en dan te gaan bouwen aan vertrouwen. Voorzitter, er zijn volgens mij een zevental moties ingediend en een paar vragen. Ik ga ze op de volgorde van indienen allemaal behandelen. Ik kan heel kort zijn. De eerste motie, die ingediend is door de heer Van Wijngaarden, Stel de ambities vast, zou ik direct aan de raad willen laten en hem met al mijn gevoel over willen nemen. Ik ga ook dat gesprek aan. Tegelijkertijd wil ik wel een ding zeggen.
De woningnood is al hoog en het geldt zeker voor woonwagenbewoners, met de wachttijd die er is. Er is schrijnende overbewoning op plekken, waarbij soms drie generaties in een woonwagen wonen. Dat hier heel hard aan gewerkt moet worden, daar ben ik het direct helemaal mee eens. Het is een kwestie van de lange adem en het vraagt ook lange inzet van ons allemaal, politiek-bestuurlijk. Want dat gaat wel even duren, voordat we deze inhaalslag helemaal hebben gemaakt. Maar het vertrouwen is ook broos, zeg ik u. We kunnen hier een hele stevige en zware ambitie met elkaar formuleren, dat we die wachttijd in een hele korte tijd willen gaan inlopen en noem maar op. Ik wil geen dingen beloven en ik wil geen dingen doen, waarvan we over een paar jaar, ik zal het zelf vanuit deze positie niet meemaken, moeten constateren dat die ambitie misschien heel hoog is vastgesteld, maar dat het ons niet gelukt is. Ik wil heel graag dat gesprek voortzetten. Mijn opvolger zal ik dat ook absoluut adviseren, om dat te gaan doen. Eerst die 90, om zo snel mogelijk aan de slag te gaan. En of het nu die 147 zijn, die we in de nota hebben geformuleerd, of het worden er 167, die door de stichting zijn aangedragen, daarmee is het probleem ook nog niet direct opgelost. We zullen, net zoals we dat bij de sociale huurwoningen moeten doen, ook moeten blijven bijbouwen. Ik laat deze aan de raad.
Ook met het idee, laten we zo snel mogelijk aan de slag gaan. Het is ook een politieke keuze voor de komende jaren om hier keer op keer financiële middelen, maar ook ruimte voor te reserveren. Nogmaals, met heel mijn hart, zou ik graag deze motie over willen nemen. Maar ik wil ook die verwachting managen en richting de mensen die op de tribune zitten het eerlijke verhaal blijven vertellen. Voorzitter, de volgende motie Verhuur, woonwagens en standplaatsen altijd losgekoppeld. Ik heb in de commissie al gezegd dat er geen amendement op nodig was, volgens mij. Dat heb ik nog gecheckt, dat is inderdaad waar. Ik zie deze motie dan ook als een aanmoediging om met de woningbouwcoöperatie nadere afspraken hierover te maken. Want ik denk dat de situatie van woonwagenbewoners in die zin heel uniek is. Als je een wooncarrière wil maken en je staat op een huurplaats, om dan weer te verkassen, je hebt niet zomaar een andere plaats. Als je dan een woonwagen wil kopen, dan zit je direct in een probleem. Dat is anders dan dat het in de reguliere
89
woonmarkt is, waar je, als iemand een sociale huurwoning achterlaat en iets gaat kopen, makkelijk door kan verhuren. Ik denk dat dit een aanmoediging is om dat gesprek met de woningbouwcoöperatie te voeren. Ik laat hem ook met positieve appreciatie aan de raad. Voorzitter, dan kom ik bij de heer Thepass van PRO. Hij gaf ook een aantal dingen aan. We willen echt recht doen aan die gerechtelijke uitspraken. Ik heb er net al wat over gezegd, dat wil ik ook. En tegelijkertijd wil ik ook geen dingen beloven, waarvan ik bang ben dat dat ingewikkeld wordt. Daarom hebben we daar een rekensom op los gelaten. Daar kun je van alles op afdingen, dat ben ik direct met u eens. Maar we hebben wel gezocht naar een kader waar we dat mee moeten doen. Ik denk dat we er uiteindelijk heel veel aan hebben, als we ten eerste die slag richting die 90 kunnen maken en daarna door kunnen bouwen. Maar goed, ik snap uw ongemak en dat heb ik zelf ook. Er zijn nog steeds mensen die na de invulling van die hoeveelheid woningen, tien jaar op een wachtlijst staan. En dan voldoe je er eigenlijk ook niet aan. Maar het is ook wel zo dat deze gemeenschap al heel lang aan het wachten is op een wagen. Ik snap uw ongemak bij die rekensom, maar we hebben het als start genomen om nu perspectief te gaan bieden en echt aan de slag te gaan. Dan de motie over leges. Ik begin eerst met mijn oordeel.
Ik laat het graag aan de raad over, hoe u daarover oordeelt. We hebben dit gedaan, omdat je dit voor de reguliere woningmarkt ook doet. Ik doe dit ook om te voorkomen dat iedereen zich alleen maar opgeeft voor die wachtlijst en dat er een belang is om op die wachtlijst te gaan. Het is twaalf en een halve euro als je dat doorlopend doet. Ik kan niet in iemands portemonnee kijken, want voor sommige mensen zal dit best een bedrag zijn. Aan de andere kant hebben we ook die kosten te dragen. Maar ik snap uw redenering ook, als je een heleboel jaren moet wachten, terwijl er nog geen perspectief is, dan voelt dat ook wrang. Maar goed, in die zin heb ik u beide argumenten horen geven. Enerzijds willen we de Sinti, Roma en reizigers als groep gelijkstellen met reguliere woningzoekenden. Dan kun je leges vragen. Tegelijkertijd heeft u ook een punt als u zegt, sommigen zullen hier langer op moeten staan en er is een inhaalslag te maken. Als je dit financieel vertaalt, gaat dit niet over veel geld. Ik laat het graag aan u. Maar ik snap ook wel de voortgang die u wilt maken, met enige positiviteit wil ik hem ook wel appreciëren. Voorzitter, dan kom ik bij de heer Barker met zijn motie over netcongestie. Dat is een probleem in heel Nederland en steeds meer ook in Den Haag.
Voor de plannen die nu in de boeken staan rondom de eerste fase is het geen probleem, maar naar de toekomst toe, in potentie wel. Ik deel uw zorg. Ik zie het ook als een aanmoediging om het gesprek aan te gaan met Stedin en TenneT. Dat zijn we ook aan het doen richting de zomer. Ik moet daar ook eerlijk bij vertellen dat het voor ons in eigen huis, ook als het gaat om de woningbouwprojecten, wel steeds een urgenter probleem is. We zoeken ook naar oplossingen, om het gesprek met elkaar aan te gaan en hoe je hiermee om kunt gaan en ook wat per gebied wel kan. Dit signaal doorgeven aan de ACN, die straks die prioriteitenlijsten maakt, dat gaan we gewoon doen. Ik zou hem een beetje overbodig kunnen noemen, maar gezien het karakter van dit debat, zie ik het ook als een aanmoediging. Ik laat het ook positief graag aan de raad. Voorzitter, dan kom ik op de motie Laat zien wat de regio oplevert. We zijn met de regio eerder al in gesprek gegaan. Eind vorig jaar is het behoefteonderzoek in de stad Den Haag opgeleverd. We hebben de buurgemeenten en de regio gevraagd, we willen ook graag dat u dat onderzoek doet. Dat onderzoek loopt. De eerste stappen zijn de afgelopen maanden gezet met de regio. En we zijn ook met de regio in gesprek, wat zij kunnen doen en wat wij kunnen doen als dat onderzoek klaar is.
Voor de gemeenschap is vaak het wonen in familieverband, zoals u weet, het belangrijkst. Ik kan me zo voorstellen dat de gemeentegrens dan weer een heel ander facet is. De cultuur gaat over het wonen in familieverband. We hebben ook wel gezien in het behoefteonderzoek wat in Den Haag is uitgevoerd, dat daar ook mensen uit de gemeenschap uit buurgemeenten hebben gereageerd, dat ze eigenlijk graag in Den Haag willen wonen. Maar goed, prima, positief. We gaan erover rapporteren. Ik laat hem aan de raad. Dan voorzitter, de motie Fase 3 op de Henri Faasdreef van de heer Mekers. Ik ben onlangs daar op bezoek geweest. Op de tijdelijke locatie zit inderdaad nog een grondwaarde. Als je er iets anders mee wilt doen, dan zal je daar financiën voor moeten organiseren. Maar, zeg ik in alle eerlijkheid, dat geldt sowieso voor de ambitie die we met elkaar hier hebben geformuleerd. Voor het realiseren van die 90, of 147, of 167, net wat u wilt, moeten we de financiële middelen de komende periode voor bij elkaar rapen. Ik wil hier graag positief op adviseren en deze aan de raad laten. Als je er staat en je zou bedenken dat daar een fase 1, maar dan vervolgens ook fase 2 ontwikkeld wordt en daarna zou je een groot flatgebouw neerzetten. Ik geloof niet dat dat een passende invulling van die
90
locatie zou zijn. Ik denk dat dit verstandig zou zijn, om dit te doen. Maar nogmaals, ik zeg dit ook richting de heer Dubbelaar en andere mensen die hiermee bezig zijn, het is wel een vraag naar de toekomst toe, om het dan ook financieel te organiseren. De plaatsvervangend voorzitter. Voordat u verder gaat, interruptie van mijnheer Dubbelaar. Arjen Dubbelaar (Hart voor Den Haag). Voorzitter, we hebben in het verleden een debat hierover gevoerd, ik meen met D66-collega Van Asten. Dat is niet heel relevant, maar met een voorganger van de huidige wethouder. Het stond mij bij dat er een enorm tekort zat in die grondwaarde. Zijn wij op enig moment geïnformeerd over hoe groot dat tekort is? Want het is misschien wel bepalend hoe fracties hierover gaan stemmen. De plaatsvervangend voorzitter. Wethouder. Wethouder Verschuure (D66). Nu overvraagt u mij. Dan moet ik schorsen, om daar navraag naar te doen. Als u dat wilt, dan doe ik dat. In zijn algemeenheid weet ik nu wel dat er op de locatie een waarde is ingeboekt. Dat gold overigens ook voor fase 1, voor de rest van de Henri Faasdreef. Oorspronkelijk was dat gebied bedoeld voor woningbouw. Dat is in de boeken opgenomen. Volgens mij drukt de last nog op het puntje om het plat te zeggen. Hoe groot dat precies is, weet ik niet. Dat kan ik voor u navragen. Ik weet niet of we dat aangereikt kunnen krijgen.
Dan moet ik schorsen, voorzitter, als u dat wilt. De plaatsvervangend voorzitter. Wellicht dat u verder kunt gaan met uw beantwoording. Ik denk dat de vraag gehoord is, ook door uw ondersteuning. En dat dat zo meteen ook uw kant op komt. Mocht het dan nodig zijn, kunnen we nog kort schorsen. Dat is helemaal geen probleem. Maar dan is het goed, denk ik, dat we deze vraag parkeren en dat we daar wellicht zo meteen nog een antwoord op krijgen. Vervolgt u de beantwoording. Wethouder Verschuure (D66). Ik had ook nog een andere vraag van de heer Dubbelaar, die ging over het gesprek met de bewonersvereniging. Dat was inderdaad een constructief gesprek, dat heb ik teruggekregen. Ze hebben een aantal vragen gesteld. Hoe loopt de procedure van de vergunningverlening? Ze hadden nog wat vragen over geluid, milieu en over veiligheid, externe veiligheid. Ze hadden ook vragen over dat er een gasaansluiting in dit gebied komt. Dat was ook op het verzoek van de gemeenschap, om hier een uitzondering voor te maken, zodat de wagens ook een gasaansluiting kunnen krijgen. Er waren wat vragen over de groene afscheiding. We hebben vandaag een brief gestuurd met de beantwoording van die verschillende vragen. En we hebben veel zorgen kunnen wegnemen. Ik hoop dat we daarmee het vergunningentraject naar de volgende fase kunnen helpen.
Ook door bijvoorbeeld aan te geven dat er echt een groene afscheiding komt. De afstand van de wagens ten opzichte van de weg is groot genoeg voor de geluidsbelasting, van dat soort zorgen speelden daar. Wat ik terug heb gekregen, is dat er positief meegedacht is ook vanuit hun kant. Dan kom ik op de motie Pak de ruimte voor de uitbreiding van de woonwagenlocatie Isabellaland. Ik ben daar onlangs zelf ook geweest. Eigenlijk wat daar speelde, dat heb ik in de commissie ook al aangegeven, is dat er ergens ooit in een keer bedacht was dat er twee-onder-een-kapwoonwagens zouden komen. Dat is iets wat ik in Den Haag helemaal niet ken. De gemeenschap had ook zoiets van, dat past helemaal niet bij hoe wij dat zelf zouden zien. Daar zijn we vervolgens over in gesprek gegaan. De ruimte die er op de locatie is, is dan eigenlijk net te klein om acht wagens te plaatsen met de normale afstand die we hanteren, want dat is 5 meter. We kijken nu of het 3 meter kan zijn. Daar hebben we toestemming voor nodig van de brandweer en andere instanties. Die gesprekken voeren we. Het is wel zo, op het moment dat daar groen licht is, dan zouden we heel snel vaart kunnen maken. Dan doen zich inderdaad een aantal andere dingen voor. Je kunt bijvoorbeeld de bomen pas kappen buiten het broedseizoen, de grond daarna pas gaan verzwaren. Met die motie, zoals die voorligt, kunnen we daar iets meer gas op geven.
Ik zie dit als een positieve aanmoediging om daar dan ook snel mee te gaan starten. Ik wil hem ook positief appreciëren en aan uw raad laten. Voorzitter, dan heb ik de vragen en de moties behandeld. Dan vraag ik nog een minuut schorsing, vanwege de vraag over de grondwaarde.
91
De plaatsvervangend voorzitter. Dat gaan we zeker doen. We zijn kort geschorst. Schorsing De plaatsvervangend voorzitter. Ik heropen de vergadering na deze korte schorsing. Als iedereen zijn of haar plek zou willen innemen? Mag ik ook weer wat stilte in de zaal? Dan gaan we naar het antwoord van de wethouder op de vraag van de heer Dubbelaar over de grondwaarde. Het woord is aan de wethouder. Wethouder Verschuure (D66). Dank u wel, voorzitter. Ik heb het kort nagevraagd. U bent nog niet eerder over deze grondexploitatie geïnformeerd, want die is nog niet berekend. Mocht de motie het halen, dan gaan we in de afdoening van de motie u ook informeren over hoe het is. Maar de grondwaarde moet nog berekend worden. Als dat gebeurt, krijgt u daar informatie over. De plaatsvervangend voorzitter. Mijnheer Dubbelaar. Arjen Dubbelaar (Hart voor Den Haag). Voorzitter, mijn gevoel zegt, ik ben al een tijdje actief in de commissie Ruimte, dat het hier niet om een paar euro gaat, maar dat dit waarschijnlijk om heel veel geld gaat. Dan vraag ik me af of dit nu het juiste politieke instrument is, om dit dan te regelen. Want we moeten woonwagenplekken realiseren, dat wil Hart voor Den Haag dolgraag. Dat heb ik keer op keer ingebracht. Maar ik wil niet nu per motie een rekening van waarschijnlijk miljoenen bij iemand neerleggen, die dan totaal niet gedekt is.
Is de wethouder het met mij eens dat dit een raar politiek instrument is, om dat nu te doen? De plaatsvervangend voorzitter. Wethouder. Wethouder Verschuure (D66). Er ligt iets voor in mijn mond, maar ik ben gewend dat moties eigenlijk altijd gedekt zouden moeten zijn. Maar dit is een motie, volgens mij, waarvan je ook kunt zeggen, zie de onderzoeksrichting, zoek naar wat je op die plek gaat doen. Maar goed, permitteer me mijn eigen mening, in alle redelijkheid lijkt mij dit wel een hele logische plek om dit in de toekomst toe te voegen. Want we zouden dit moeten beredeneren. Maar als dat een plek zou zijn waar je nog commercieel een woontoren zou kunnen zetten, dan staat er voor zo'n bestemming veel meer geld in de boeken. Als je die bestemming daar dan af wilt halen en je wil die grondexploitatie omdraaien, dan moet je dat ergens in corrigeren. Dat is de logica. Maar dat geldt voor bijna alle andere plekken die we gaan vinden in de stad, waar je grond zou moeten aankopen. Die grond zal een bestemming hebben en als daar al een grondexploitatie op zit, dan moet je die gaan veranderen of dekken. Een lang verhaal kort, de motie heb ik geïnterpreteerd als zijnde, wijs het aan en ga onderzoeken of je dit kan gaan toevoegen. Dat lijkt me best een hele logische beweging, gezien de locatie.
Als u zegt, regel via een motie een hele grondexploitatie of het afschrijven, daar heb ik me niet in verdiept. Daarvan heb ik net gezegd, daar moet ik op terug komen, ook in de afdoening van de motie. De plaatsvervangend voorzitter. Mijnheer Dubbelaar. Arjen Dubbelaar (Hart voor Den Haag). Voorzitter, bij een vorige raadsvergadering had de wethouder volgens mij gezegd, dat we niet meer zouden uitspreken, als ik de motie zo mag lezen. Maar dat ter zijde. Maar als ik het goed begrijp, voorzitter, dan wordt mij gevraagd ergens mee in te stemmen, terwijl ik eigenlijk geen idee heb wat de uitwerking gaat kosten. Begrijp ik dat goed? De plaatsvervangend voorzitter. Wethouder. Wethouder Verschuure (D66). Voorzitter, ik ken de GREX hier niet van. Ik heb het bedrag nog niet, want dat moet nog berekend worden. Ik weet niet over hoeveel geld dat gaat. Die consequentie kan ik niet overzien. Daar kan ik u wel over informeren. Ik kan wel zeggen, als u deze motie aanneemt, gaan we dat berekenen. En dan weet je daarna ook wat dat zou moeten kosten. Ik kan u sowieso toezeggen
92
dat we dat doen. U kunt ook aan de heer Mekers vragen of hij de motie aanhoudt tot volgende week, of wanneer we het opnieuw hierover hebben. Maar in feite heeft u een punt, dat ik niet weet hoeveel het kost. De plaatsvervangend voorzitter. Ik zie mijnheer Mekers en mevrouw Klokkenburg. Misschien moet ik eerst het woord geven aan mijnheer Mekers, want u werd ook direct aangesproken. Peter Mekers (D66). Dank, voorzitter. Ter verduidelijking, ik vraag inderdaad expliciet om nadere plannen te ontwikkelen. Dit is geen blanco cheque, die ik hiermee bedoel af te geven aan een college, maar wel een aanmoediging om deze locatie te onderzoeken en bij ons terug te komen met het plan. We weten dat welke locatie we ook gaan kiezen, het geld kost. Dat dit geld gaat kosten, is evident. Maar ik ben ook op zoek naar wat. Dat wil ik juist laten uitzoeken. Dit lijkt een logische locatie. Dat is de insteek van de motie. Zo mag u hem ook lezen en zo mag het college hem ook uitvoeren. De plaatsvervangend voorzitter. Dan geef ik ook het woord aan de wethouder. Want het is eigenlijk een interruptie op de wethouder. Dan doen we het netjes. De wethouder. Wethouder Verschuure (D66). De heer Dubbelaar wijst mij er heel erg op dat ik geen moties meer moet gaan interpreteren. Dat is een les die ik hier heb geleerd. Voorzitter, in alle serieusheid, dan is het aan u om te interpreteren.
Ik wil hier wel de toezegging doen, dat als u hem aanneemt, dat wij bij u terugkomen over de financiële consequenties. Dat kan ik dan in de afdoening van de motie meenemen. De plaatsvervangend voorzitter. Dan wil ik graag het woord geven aan mevrouw Klokkenburg. Judith Klokkenburg-Reedeker (ChristenUnie/SGP). Dank, voorzitter. Toen het ging over het interpreteren van moties sloeg ik inderdaad ook een beetje aan. Want dat zouden we niet meer doen. Het gaat hier echt over aanwijzen, reserveren en versnellen ook nog eens. Het is echt een blanco cheque. Kan de wethouder hier niet gewoon toezeggen dat, los van deze motie, hij met de informatie komt over die GREX en dat we op basis daarvan verder gaan kijken, wat voor plannen er moeten komen? Daarvoor hoeft de motie niet te worden aangenomen. De plaatsvervangend voorzitter. Wethouder. Wethouder Verschuure (D66). Voorzitter, ik sta in de stand hier vandaag in de teneur van de commissievergadering. U zegt met elkaar maak snelheid college, kom uit de banken. Zo heb ik deze motie gelezen. Maar ik hoor u ook goed. Ik heb niet nagedacht over de GREX die hieronder lag. Dat heb ik me niet gerealiseerd. Ik ben zeer bereid om u die informatie te geven. Tegelijkertijd liggen hier een aantal moties. Er staat ook in, voeg een aantal standplaatsen toe.
Nogmaals, ik kom graag met informatie bij u terug, over wat dit dan zou kosten als je dit zou doen. Ik laat het dan aan u of u de motie nu in stemming wil brengen, of dat u hem aan wil houden. De plaatsvervangend voorzitter. Dat verzoek is dan aan de indiener inderdaad. Mevrouw Klokkenburg. Judith Klokkenburg-Reedeker (ChristenUnie/SGP). Dank, voorzitter. En via u ook de vraag aan de indiener om de motie aan te passen op wat hier in de raad wordt gezegd. Want ik vind het nogal ingewikkeld op deze manier. We zeggen, maak die GREX, maar we gaan ook al akkoord met dat die zwaar negatief is. Dan denderen we het toch door en laten we lekker aan die onderhandelingstafel zien hoe ze dat financieel gaan oplossen. Ik denk dat we echt eerst alles op tafel moeten hebben. Ik denk dat iedereen die versnelling onderstreept, maar dan moeten we wel weten op welke manier en hoeveel dat kost. De plaatsvervangend voorzitter. Ik denk dat de wethouder hier dan verder niet op hoeft te reageren. Dat is volgens mij duidelijk. Maar de heer Mekers wil daar nog wat over zeggen. Mijnheer Meekers, als indiener.
93
Peter Mekers (D66). Dank, voorzitter. Ik heb dat gehoord. Ik zal zorgen dat ik de motie verduidelijk en een nieuwe versie rondstuur. En dat ik dan ook aangeef dat ik hem gewijzigd ga indienen. De plaatsvervangend voorzitter. Hartelijk dank daarvoor. U was verder door uw betoog heen? Hartelijk dank aan de wethouder. Is er behoefte aan een tweede termijn? Ik kijk in het rond. Dat is niet het geval. Dan ga ik de beraadslaging hier sluiten. Dan zeg ik ook tegen de betrokkenen bij dit agendapunt dat er aan het einde van de vergadering gestemd wordt over de ingediende moties en het voorstel. Dan weet u dat ook. Dat is aan het einde van de vergadering. ───────────────────────────────────────────────────────── Aan de orde is: N. Commissiebrief inzake Voortgangsrapportage Woonagenda 2020-2023 - Woonvisie Den Haag 2022 over de jaren 2023 en 2024 (RIS324231) en Commissiebrief inzake Raamovereenkomst Wonen Den Haag 2026-2030 (RIS324210) De plaatsvervangend voorzitter. Dan gaan wij door naar afrondingen debat. Voordat ik daartoe over ga, wil ik aangeven, omdat de burgemeester afwezig is tot na de dinerpauze, dat de agendapunten O, P en Q na de dinerpauze worden behandeld. Dat is O, Actieplan overlastgevende buitenslapers, dat is P, Evaluatie actualisatie demonstratiebeleid en Q, Permanent monument Srebrenica genocide. Die agendapunten gaan dan doorgeschoven worden tot na de dinerpauze.
Dan is de burgemeester ook aanwezig, want die zal daarop moeten appreciëren. Dat gezegd hebbende, gaan we starten met de afrondingen debat. De eerste is N, commissiebrief inzake voortgangsrapportage Woonagenda. Daar heb ik voor ChristenUnie/SGP voor op het lijstje staan. Mevrouw Klokkenburg als eerste spreker. Het woord is aan u, mevrouw Klokkenburg. Judith Klokkenburg-Reedeker (ChristenUnie/SGP). Dank, voorzitter. De meerjarige raamovereenkomst bevat een hoop goede punten, maar maakt ook dat de sturingsmomenten van de raad op plannen minder worden. Bijvoorbeeld bij nieuwbouw, waar het college ambities vaststelt en middels een afsprakenbrief pas bij de bouwenvelop die naar de raad wil sturen. Allen zijn het collegebevoegdheden. Daar moet meer mandaat komen voor de raad. Daarom een motie, die luidt; Verzoekt het college de afsprakenbrief niet enkel onderdeel te maken van een bouwenvelop of een vergelijkbaar product, maar ruim voor het vaststellen van een bouwenvelop naar de raad te sturen ter instemming; tevens voor het opstellen van een afsprakenbrief samen met de betreffende corporatie en huurdersorganisatie een moment te organiseren, waarin de raad kan meegeven welke ambities zij graag in de betreffende afsprakenbrief ziet landen en de raad te informeren over de uitvoering van deze werkwijze.
Voorzitter, ook zien we ook dat bepaalde ambities die wel in beleidsdocumenten van de gemeente staan, zoals het realiseren van tenminste 40 Skaeve Huse, niet in deze bestuurlijke afspraken zijn geland. Die ambities mogen we niet loslaten. Daarom een motie; Verzoekt het college uit te werken op welke manier door de raad vastgestelde beleidsambities, die niet zijn geland in de Raamovereenkomst, zoals de 40 Bijzonder Thuisplekken voor 2030 behaald gaan worden en de raad hierover in de voortgangsrapportage van de Woonzorgvisie te rapporteren. Voorzitter, tot slot nog een motie die ik anderhalf jaar geleden al heb ingediend en toen op verzoek van de wethouder heb aangehouden, omdat hij ermee aan de slag zou gaan. Helaas is er nog geen voortgang te bespeuren. Daarom in gewijzigde vorm vandaag opnieuw; Verzoekt het college in de eerstvolgende realisatieagenda’s volgend uit de Raamovereenkomst bij de corporaties actief in Zuidwest, in te zetten op het benutten van tenminste 5 procent van de vrije toewijzingsruimte om de veerkracht in wijken te verbeteren, bijvoorbeeld door het huisvesten van onmisbare beroepsgroepen; en de raad hierover te informeren. De plaatsvervangend voorzitter. Door mevrouw Klokkenburg wordt de volgende motie (N.1 CU-SGP) ingediend: 94
───────────────────────────────────────────────────────── Motie N.1 CU.SGP ambities niet loslaten De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 4 juni 2026, ter bespreking van Afronding debat Raamovereenkomst Wonen Den Haag 2026, constaterende, dat: ▪ diverse ambities op het gebied van wonen zijn vastgesteld door de raad, zoals het toewijzen van woningen aan mensen met een onmisbaar beroep, de realisatie van ‘Bijzonder Thuisplekken’/Skaeve Huse en de verdubbeling van het aantal convenantwoningen; ▪ woningcorporaties een belangrijke rol hebben in het behalen van deze ambities, maar deze niet allemaal geland zijn in de Raamovereenkomst; overwegende, dat: ▪ de wethouder Volkshuisvesting wel heeft toegezegd voor de zomer de mogelijkheden met betrekking tot huisvesting voor onmisbare beroepsgroepen uit te werken; ▪ onduidelijk is hoe de vastgestelde ambitie van 40 ‘Bijzonder Thuis-plekken' behaald gaat worden als er geen concrete stappen landen in bestuurlijke afspraken, zoals de Raamovereenkomst 2026-2030; verzoekt het college: ▪ uit te werken op welke manier door de raad vastgestelde beleidsambities die niet zijn geland in de Raamovereenkomst, zoals de 40 Bijzonder Thuis-plekken voor 2030, behaald gaan worden en de raad hierover in de voortgangsrapportage van de Woonzorgvisie te rapporteren, en gaat over tot de orde van de dag.
De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslagingen. De plaatsvervangend voorzitter. Door mevrouw Klokkenburg wordt de volgende motie (N.2 CU-SGP) ingediend: ───────────────────────────────────────────────────────── Motie N.2 CU.SGP beter benutten van de vrije toewijzingsruimte De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 4 juni 2026, ter bespreking van Afronding debat Commissiebrief inzake Raamovereenkomst Wonen Den Haag 2026-2030, constaterende, dat: ▪ woningcorporaties de mogelijkheid hebben om maximaal 7,5% van hun woningen vrij toe te wijzen, dat wil zeggen “niet passend”; ▪ de in Den Haag actieve corporaties slechts 1 à 2% van die vrije toewijzingsruimte benutten (RIS319195) (Overzicht Raadsvragen beantwoording technische vraag 938); overwegende, dat: ▪ één van de hoofddoelen van de Raamovereenkomst is “de verbetering van de leefbaarheid en veerkracht in wijken”; ▪ de vrije toewijzingsruimte gebruikt kan worden om de veerkracht in wijken te versterken, specifiek in de wijken in Zuidwest; ▪ met de vrije toewijzingsruimte ook expliciet ruimte geboden kan worden aan mensen uit de onmisbare beroepsgroepen;
95
verzoekt het college: ▪ in de eerstvolgende realisatieagenda's volgend uit de Raamovereenkomst, bij de corporaties actief in Zuidwest, in te zetten op het benutten van tenminste 5% van de vrije toewijzingsruimte om de veerkracht in wijken te verbeteren, bijvoorbeeld door het huisvesten van onmisbare beroepsgroepen, en de raad hierover te informeren, en gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslagingen. De plaatsvervangend voorzitter. Door mevrouw Klokkenburg wordt de volgende motie (N.3 CU-SGP) ingediend: ───────────────────────────────────────────────────────── Motie N.3 CU.SGP grip op de afsprakenbrief De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 4 juni 2026, ter bespreking van Afronding debat Commissiebrief Raamovereenkomst Wonen Den Haag 2026-2030, constaterende, dat: ▪ in de Raamovereenkomst onder punt 2.29 staat dat de gemeente “zo vroeg mogelijk in het planproces een integrale afweging [maakt] welke beleidsambities op de specifieke locatie en/of gebied hard zijn, en waar ruimte zit voor nadere afweging en maatwerk.
De gekozen ambities worden op hoofdlijnen vastgelegd in een ‘afsprakenbrief', die onderdeel is van het Planuitwerkingskader (PUK), een bouwenvelop of een vergelijkbaar product”; overwegende, dat: ▪ de raad volgens de door het college vastgestelde werkwijze met de nieuwe planproducten in de meeste gevallen geen bouwenvelop meer krijgt en het vaststellen van een bouwenvelop een collegebevoegdheid is; ▪ de raad volgens punt 2.29 in de Raamovereenkomst óók de afsprakenbrief niet te zien krijgt vóór besluitvorming, gezien deze onderdeel is van een bouwenvelop; ▪ daarmee geen moment van sturing of invloed meer bestaat voor de raad voor de inhoud van de afsprakenbrief op basis waarvan een bouwenvelop wordt geschreven; van mening, dat: ▪ het onwenselijk is als de raad geen enkel moment heeft om inbreng te leveren, dan wel invloed uit te oefenen in het proces om tot een bouwontwikkeling te komen; verzoekt het college: ▪ de afsprakenbrief niet enkel onderdeel te maken van een bouwenvelop (of een vergelijkbaar product), maar ruim voor het vaststellen van een bouwenvelop naar de raad te sturen ter instemming; ▪ tevens vóór het opstellen van een afsprakenbrief samen met de betreffende corporatie en huurdersorganisatie een moment te organiseren waarin de raad kan meegeven welke ambities zij graag in de betreffende afsprakenbrief ziet landen en de raad te informeren over de uitvoering van
deze werkwijze, en gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslagingen.
96
De plaatsvervangend voorzitter. Dank u wel, mevrouw Klokkenburg. De SP heb ik ook op het lijstje staan. De heer Van Wijngaarden. En daarna nog PRO Den Haag. Mijnheer Van Wijngaarden, het woord is aan u. Tijmen van Wijngaarden (SP). Dank, voorzitter. Er is een grote gebiedsontwikkeling gaande in Den Haag-Zuidwest. Daarom heeft mijn oud-collega vijf jaar geleden een motie ingediend om een tweede verhuis-en-inrichtingsvergoeding beschikbaar te stellen voor huurders uit het gebied, die terug willen keren naar hun eigen wijk. Het college komt met een plan om dat te doen voor mensen die rond of onder de bijstandsnorm leven. Maar dat is wat mijn partij betreft niet voldoende. Daarom komen we met een motie; Verzoekt het college de tweede verhuis- en inrichtingsvergoeding beschikbaar te stellen voor alle huurders die terugkeren naar een sociale huurwoning; de raad hierover uiterlijk te informeren bij de programmabegroting. Mede ingediend door mevrouw Klokkenburg van de ChristenUnie/SGP. De plaatsvervangend voorzitter.
Door de heer Van Wijngaarden, daartoe gesteund door mevrouw Klokkenburg wordt de volgende motie (N.8 SP) ingediend: ───────────────────────────────────────────────────────── Motie N.8 SP Maak de tweede verhuis- en inrichtingsvergoeding eerlijk en toegankelijk voor sociale huurders De gemeenteraad van Den Haag, in vergadering bijeen op 4 juni 2026, ter bespreking van Commissiebrief inzake Raamovereenkomst Wonen Den Haag 2026 – 2030. Constaterende dat: ▪ bewoners die vanwege sloop of ingrijpende renovatie gedwongen hun woning moeten verlaten recht hebben op een verhuis- en inrichtingsvergoeding; ▪ het college voornemens is een tweede verhuis- en inrichtingsvergoeding mogelijk te maken voor een beperkte groep huishoudens met een inkomen op of rond het sociaal minimum, zoals beschreven in de brief van 18 maart jl.; ▪ bewoners die terugkeren naar een sociale huurwoning per definitie geen hoog inkomen hebben, mede doordat woningcorporaties passend moeten toewijzen; ▪ er hierdoor een ongelijkheid ontstaat tussen bewoners met een zeer laag inkomen en bewoners met een laag inkomen, terwijl beide groepen worden geraakt door exact dezelfde gedwongen verhuizing; ▪ bewoners niet vrijwillig kiezen voor deze verhuizing, maar worden geconfronteerd met dubbele verhuis- en inrichtingskosten door de sloop van hun woning; ▪ terugkeerders bovendien regelmatig te maken krijgen met een hogere
huurprijs dan vóór de sloop of renovatie; ▪ hierdoor ook huishoudens met een inkomen boven het sociaal minimum financieel in de knel komen, terwijl de terugkeerregeling voor hen onbereikbaar wordt. Overwegende dat: ▪ het doel van een terugkeerregeling juist is om bewoners daadwerkelijk de mogelijkheid te geven terug te keren naar hun eigen buurt waar ze al jaren deel uitmaken van een gemeenschap; ▪ een terugkeerregeling zonder passende financiële ondersteuning voor huurders met een laag of modaal inkomen een wassen neus wordt; ▪ solidariteit en gelijkwaardige behandeling vragen om ondersteuning van alle huurders van een sociale huurwoning die door gemeentelijk beleid of stedelijke vernieuwing gedwongen moeten verhuizen. Verzoekt het college: ▪ de tweede verhuis- en inrichtingsvergoeding beschikbaar te stellen voor alle huurders die terugkeren naar een sociale huurwoning;
97
▪
de raad hierover uiterlijk te informeren bij de programmabegroting.
En gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslagingen. De plaatsvervangend voorzitter. Dank u wel. PRO Den Haag, de heer Thepass. En daarna heb ik het CDA nog op het lijstje. De heer Thepass. Vincent Thepass (PRO Den Haag). Dank, voorzitter. Voorzitter, twee moties over de raamovereenkomst. Allereerst, de raamovereenkomst is een nieuw instrument en gaat over meerdere jaren. Wij vinden het belangrijk dat de raad ook in de komende jaren goed kan sturen op de uitvoer van die afspraken. We vinden het nu nog wat vaag, wat de afspraak er nu over is. Daarom is de eerste motie Democratiseer de raamovereenkomst. Daarin verzoeken wij het college uiterlijk in Q3 2026 een helder uitgewerkt voorstel aan de raad voor te leggen voor de betrokkenheid van de raad rondom uitvoering van de raamovereenkomst, met bijzondere aandacht voor de realisatieagenda’s en de jaarlijkse monitoringscyclus; hierbij als uitgangspunt te hanteren dat de gemeenteraad de monitoringsrapportages ten minste drie maanden voorafgaand aan het maken van nieuwe jaarafspraken met corporaties ontvangt, zodat ze via de reguliere route, via commissie en raad, kan sturen op de inzet en prioritering van het college. Voorzitter, deze motie is mede ondertekend door collega's Klokkenburg, De Groot en Barker. Daarnaast nog een andere motie.
Alweer twee jaar geleden nam onze raad een heel belangrijke motie aan, die ik indiende om het aantal convenantwoningen te verdubbelen. Dat is heel belangrijk in de strijd tegen dakloosheid. We kunnen dakloosheid alleen oplossen als we ook echt woningen beschikbaar krijgen voor mensen uit de opvang. Maar wij vonden dit nog niet concreet genoeg en te vaag in de raamovereenkomst terugkomen. Daarom de motie genaamd Aan de slag met verdubbeling convenantwoningen. Daarin verzoeken wij het college in 2026 met een tijdlijn te komen voor het realiseren van de overeengekomen verdubbeling van het aantal convenantwoningen; hierbij te concretiseren hoe 1) de verdubbeling en 2) de prioritering van uitstroom opvang extra bestendig gaat worden, zowel bij corporaties als in relevant gemeentelijk beleid. Deze motie is mede ondertekend door collega's Berkman van D66, Klokkenburg van ChristenUnie/SGP en Barker van de Partij voor de Dieren. De plaatsvervangend voorzitter. Door de heer Thepass, daartoe gesteund door mevrouw Berkman, mevrouw Klokkenburg en de heer Barker, wordt de volgende motie (N.6 PRO) ingediend: ───────────────────────────────────────────────────────── Motie N.6 PRO Aan de slag met verdubbeling convenantwoningen De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 4 juni 2026 ter bespreking van Commissiebrief inzake Raamovereenkomst Wonen Den Haag 2026-2030 (RIS324210).
Constaterende, dat: • het aantal vrijkomende convenantwoningen per jaar in Den Haag ver ligt onder de vraag vanuit de daklozenorganisaties en ook ver achterloopt ten opzichte van de rest van de G4; • de raad daarom eerder de motie ‘prioriteer uitstroom opvang’ (RIS321047) heeft aangenomen om het aantal convenantwoningen te verdubbelen, met prioritering voor uitstroom opvang en wonen eerst; • de afspraken in de raamovereenkomst (met name 5.13 (“We zoeken naar het zorgvuldig samen realiseren van de verdubbeling van convenantwoningen; deze verdubbeling zit in de 30% en gaat uit van de gezamenlijke zorg voor de groei van het absolute aantal woningen.”)) gepaard gaan met (te) veel onzekerheid en vrijblijvendheid, omdat een tijdlijn voor de verdubbeling ontbreekt, er niet wordt verwezen naar prioritering voor uitstroom opvang. 98
Overwegende, dat: ▪ Den Haag zich heeft gecommitteerd om dakloosheid in 2030 uit te bannen; ▪ dakloosheid volgens daklozenorganisaties én gemeentelijk beleid geen zorg, maar een woonprobleem is, en dus alleen via (sociale) woonoplossingen verholpen kan worden; ▪ convenantwoningen (in het bijzonder gekoppeld aan het concept wonen eerst) een onmisbaar zijn voor het verhelpen van dakloosheid én het realiseren van meer doorstroom in de opvang; ▪ de Wet Versterking regie volkshuisvesting van kracht wordt, die meer aandachtsgroepen toevoegt aan de wettelijke urgentiecategorieën. Verzoekt het college: • in 2026 met een tijdlijn te komen voor het realiseren van de overeengekomen verdubbeling van het aantal convenantwoningen; • hierbij te concretiseren hoe (1) de verdubbeling en (2) de prioritering van uitstroom opvang extra bestendigd gaat worden, zowel bij corporaties als in relevant gemeentelijk beleid. En gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslagingen. De plaatsvervangend voorzitter. Door de heer Thepass wordt de volgende motie (N.7 PRO) ingediend: ───────────────────────────────────────────────────────── Motie N.7 PRO Democratiseer de raamovereenkomst De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 4 juni 2026 ter bespreking van Commissiebrief inzake Raamovereenkomst Wonen Den Haag 2026-2030 (RIS324210).
Constaterende, dat: • er bij de raamovereenkomst is gekozen voor een nieuwe vorm van samenwerking met woningcorporaties, in de vorm van meerjarige afspraken; • er nog veel ruimte is opengehouden voor verdere invulling, uitwerking en monitoring van de afspraken, waarmee de realisatieagenda’s en monitoringcyclus (nog) belangrijker worden; • de raad in de oude systematiek van jaarlijkse prestatieafspraken al slecht gepositioneerd was om (bij) te sturen op de afspraken met corporaties, en dit zonder goede waarborgen in de nieuwe systematiek een nog groter probleem dreigt te worden. Overwegende, dat: ▪ het meerjarige karakter van de raamovereenkomst kan leiden tot een langere termijnperspectief, maar het tegelijkertijd de mogelijkheden voor (democratische) bijsturing kan beperken als dit procesmatig niet goed is ingepast; ▪ de gemeenteraad, naast de huurdersorganisaties, hét orgaan is dat sociale huurders democratisch kan en moet vertegenwoordigen, zeker wanneer zij er niet met hun verhuurder uitkomen of bij hun verhuurder en de gemeente tegen bureaucratische drempels aanlopen.
Verzoekt het college: • uiterlijk in Q3 2026 een helder uitgewerkt voorstel aan de raad voor te leggen voor de betrokkenheid van de raad rondom uitvoering van de raamovereenkomst, met bijzondere aandacht voor de realisatieagenda’s en de jaarlijkse monitoringscyclus; • hierbij als uitgangspunt te hanteren dat de gemeenteraad de monitoringsrapportages tenminste 3 maanden voorafgaand aan het maken van de nieuwe jaarafspraken met corporaties ontvangt,
99
zodat er via de reguliere route (via commissie en raad) kan sturen op de inzet en prioritering van het college. En gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslagingen. De plaatsvervangend voorzitter. Dank u wel. Mevrouw De Groot, namens het CDA. Hinke de Groot (CDA). Dank, voorzitter. Twee moties vanuit het CDA. Allereerst de motie Pas op de plaats, parkeren op eigen terrein bij woningcorporaties. Die verzoekt het college nog geen convenant te sluiten met individuele woningcorporaties op het parkeerdossier, zoals ten aanzien van het verplicht parkeren op eigen terrein, parkeertarieven, of het verminderen van parkeerplekken voor bewoners; Afspraken met woningcorporaties over samenwerking op het parkeerdossier eerst aan de raad voor te leggen en tot die tijd geen onomkeerbare stappen te nemen. Deze motie is mede ondertekend door de heer Haryouli van Hart voor Den Haag en mevrouw Peeck van de Haagse VVD. Een tweede motie, Doorstroming van senioren in eigen wijk.
Die verzoekt het college per stadsdeel een woononderzoek te doen naar de woonbehoefte onder senioren en hierover het gesprek te voeren met bewoners en woonorganisaties; Opties in beeld te brengen om te stimuleren dat senioren vanuit hun gezinswoningen kunnen doorstromen naar een kleinere woning; Per stadsdeel in beeld te brengen welke mogelijkheden er zijn om voorrang te geven aan senioren uit de eigen wijk in de segmenten sociale huur, middeldure huur en betaalbare koop met behulp van de wet Regie op de volkshuisvesting; In zowel gebiedsvisies als in de uitvoeringsdocumenten met de corporaties afspraken te maken over voorrang voor senioren uit de wijk en het stimuleren van doorstroming; en tot slot in de volgende voorgangsrapportage Woonagenda te rapporteren over senioren als specifieke doelgroep. Ook deze motie is mede ondertekenen door Hart voor Den Haag en de Haagse VVD. Tot zover, voorzitter. De plaatsvervangend voorzitter.
Door mevrouw De Groot wordt de volgende motie (N.4 CDA) ingediend: ───────────────────────────────────────────────────────── Motie N.4 CDA Doorstroming van senioren in eigen wijk De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 4 juni 2026, ter afronding debat van het debat over Commissiebrief inzake Voortgangsrapportage Woonagenda 2020-2023 - Woonvisie Den Haag 2022 over de jaren 2023 en 2024 (RIS324231) Constaterende dat: • de Wet regie op de volkshuisvesting aan gemeenten mogelijkheden biedt waarbij bewoners uit een stadsdeel voorrang kunnen krijgen bij toewijzing voor nieuwbouw; • doorstroming in de hele verhuisketen bijdraagt aan het beschikbaar komen van woningen voor verschillende levensfasen. Overwegende dat: • het belangrijk is om te bouwen aan gemeenschappen en bewoners een (t)huis kunnen vinden in hun wijk; • veel senioren in grote gezinswoningen wonen ondanks dat zij best kleiner willen wonen, maar er simpelweg geen geschikt alternatief beschikbaar is in hun eigen wijk. Verzoekt het college: • per stadsdeel een woononderzoek te doen naar de woonbehoefte onder senioren, en hierover het gesprek te voeren met bewoners en bewonersorganisaties;
100