CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS325712 Notulen van de raad van 4 juni 2026

Gemeenteraad 9 juli 2026, gemeente Den HaagBij agendapunt: Vaststelling van de notulen van 4 juni 202657.486 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 6

Spreekt uit, dat: ▪ wanneer de voorgenomen opvang en huisvesting aan de Sportlaan geheel of gedeeltelijk geen doorgang vindt, hiervoor gelijktijdig gelijkwaardige alternatieve opvang- of huisvestingscapaciteit wordt gerealiseerd; ▪ het afblazen van de plannen voor de Sportlaan niet mag leiden tot een vermindering van de totale opvang- of huisvestingscapaciteit voor de betreffende doelgroepen; ▪ geen van de doelgroepen waarvoor de locatie Sportlaan was voorzien tussen wal en schip mag vallen als gevolg van bestuurlijke of politieke keuzes over deze locatie; ▪ het afblazen van de plannen voor de Sportlaan slechts plaatsvindt indien inzichtelijk wordt gemaakt op welke wijze en op welke locaties gelijkwaardige en gelijktijdige opvang voor de betreffende doelgroepen wordt gerealiseerd. En gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslagingen. De voorzitter. Door de heer Assad, daartoe gesteund door mevrouw Vavier, wordt de volgende motie (H.5 D66) ingediend: ───────────────────────────────────────────────────────── Motie H.5 D66 Ook alleenstaande asielzoekers zijn welkom in Den Haag De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 4 juni 2026, ter bespreking van Voortgang onderhandelingen.

32

Constaterende, dat: ▪ de momenteel over een coalitie onderhandelende partij Hart voor Den Haag publiekelijk onderscheid maakt tussen alleenstaande mannelijke asielzoekers en andere groepen vluchtelingen en asielzoekers; ▪ alleenstaande mannelijke asielzoekers onderdeel uitmaken van de groep mensen die in Nederland bescherming zoeken; ▪ deze groep regelmatig onderwerp is van maatschappelijk en politiek debat over opvang. Overwegende, dat: ▪ ieder mens, ongeacht afkomst, nationaliteit, geslacht, gezinssituatie of verblijfsstatus, recht heeft op gelijke menselijke waardigheid; ▪ alleenstaande mannelijke asielzoekers, net als ieder ander, mensen zijn met eigen verhalen, talenten, zorgen en ambities; ▪ het van belang is te waken voor beeldvorming waarbij mensen op voorhand worden beoordeeld op basis van hun geslacht en gezinssituatie. Spreekt uit, dat: ▪ alleenstaande mannelijke asielzoekers welkom zijn in Den Haag; ▪ deze groep met dezelfde menselijke waardigheid en hetzelfde respect dient te worden benaderd als ieder ander; ▪ beeldvorming waarbij alleenstaande mannelijke asielzoekers als groep fundamenteel anders worden behandeld dan andere mensen onwenselijk en gevaarlijk is; ▪ Den Haag zich blijft inzetten voor een menswaardige benadering van alleenstaande mannelijke asielzoekers. En gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslagingen.

De voorzitter. Door de heer Assad, daartoe gesteund door mevrouw Vavier, wordt de volgende motie (H.6 D66) ingediend: ───────────────────────────────────────────────────────── Motie H.6 D66 Samenwerking boven confrontatie De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 4 juni 2026, ter bespreking van Voortgang onderhandelingen. Constaterende, dat: ▪ de momenteel over een coalitie onderhandelende partij Hart voor Den Haag publiekelijk heeft aangegeven juridische stappen tegen het Rijk te willen zetten om de uit de Spreidingswet voortvloeiende Haagse opvangopgave aan te vechten; ▪ minister van Asiel en Migratie heeft aangekondigd gemeenten die onvoldoende bijdragen aan de opvangopgave uit de Spreidingswet uit te nodigen voor overleg over de wijze waarop zij alsnog aan hun wettelijke taak kunnen voldoen; ▪ voor Den Haag op grond van de Spreidingswet een wettelijke taakstelling geldt voor de opvang van asielzoekers. Overwegende, dat: ▪ een constructieve samenwerking tussen het Rijk, het COA en gemeenten noodzakelijk is om te komen tot voldoende en duurzame opvangcapaciteit; ▪ bestuurlijk overleg en samenwerking effectiever zijn dan (langdurige) juridische procedures;

33

▪ ▪ ▪

juridische conflicten tussen de gemeente en het Rijk veel tijd, capaciteit en publieke middelen vergen; Den Haag gebaat is bij een goede werkrelatie met het Rijk, het kabinet en de minister van Asiel en Migratie bij de uitvoering van wettelijke taken; de uitvoering van de Spreidingswet vraagt om samenwerking tussen alle overheidslagen en niet om bestuurlijke escalatie.

Spreekt uit, dat: ▪ een stabiel en betrouwbaar bestuur zich bij de uitvoering van de Spreidingswet constructief opstelt richting minister en het Rijk; ▪ actief deelneemt aan overleg met de minister wanneer Den Haag daartoe wordt uitgenodigd; ▪ eventuele geschillen over de uitvoering van de Spreidingswet via overleg en bestuurlijke samenwerking worden opgelost; ▪ kiest voor samenwerking met het Rijk en het kabinet en niet voor een confrontatiestrategie rondom de uitvoering van de Spreidingswet; ▪ en geen juridische procedures tegen het Rijk worden gestart met als doel de Haagse opvangopgave uit hoofde van de Spreidingswet te verlagen, te frustreren of te ontlopen. En gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslagingen. De voorzitter. Door de heer Assad, daartoe gesteund door mevrouw Vavier, wordt de volgende motie (H.7 D66) ingediend: ───────────────────────────────────────────────────────── Motie H.7 D66 Voer de Spreidingswet onverkort uit De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 4 juni 2026, ter bespreking van Voortgang onderhandelingen. Constaterende, dat: ▪ de momenteel over een coalitie onderhandelende partijen Hart voor Den Haag en VVD recentelijk publiekelijk twijfel hebben geuit over de uitvoering van de Spreidingswet door een toekomstig college.

Overwegende, dat: ▪ een stabiel en betrouwbaar bestuur gehouden is geldende wetgeving uit te voeren, waaronder de Spreidingswet; ▪ het daarom van belang is om tijdens de coalitieonderhandelingen twijfel over de uitvoering van de Spreidingswet weg te nemen en de onverkorte uitvoering daarvan expliciet in het coalitieakkoord vast te leggen. Spreekt uit, dat: ▪ een stabiel en betrouwbaar bestuur de Spreidingswet onverkort uitvoert; ▪ concrete afspraken maakt over de wijze waarop Den Haag zal voldoen aan de uit de Spreidingswet voortvloeiende taakstelling; ▪ gewenste en beoogde resultaten van lobby richting het Rijk om de Haagse taakstelling te verlagen niet vooruitlopend daarop worden meegeteld bij het voldoen aan de op grond van de Spreidingswet geldende opvangopgave; ▪ niet zal lobbyen voor een uitzonderingspositie waarmee de gemeente zich geheel zou onttrekken aan haar verantwoordelijkheid voor de opvang van asielzoekers; ▪ Den Haag als een van de grootste gemeenten van Nederland geen twijfel laat bestaan over de bereidheid de Spreidingswet uit te voeren.

34

En gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslagingen. De voorzitter. Interruptie van mijnheer Barker. Robert Barker (Partij voor de Dieren). Voorzitter, een vraag over de motie over die alleenstaande mannelijke vluchtelingen, die de heer Assad heeft ingediend. Kan de heer Assad nog even aangeven wat specifiek de aanleiding daarvoor is? De voorzitter. Mijnheer Assad. Youssef Assad (D66). Voorzitter, er zijn twee onderhandelende partijen die momenten met elkaar onderhandelen, die zich publiekelijk hebben uitgesproken tegen alleenstaande mannelijke asielzoekers, alsof dat een groep is die anders zou zijn dan andere asielzoekers. En ik vind dat gevaarlijk en onveilig voor die groep en niet menswaardig. Dat staat ook in de constatering. Op basis daarvan hebben we deze motie ingediend. De voorzitter. Mijnheer Barker. Robert Barker (Partij voor de Dieren). Het is eigenlijk een verwijt aan de VVD en Hart voor Den Haag, dat zij alleenstaande mannelijke asielzoekers niet echt als mensen behandelen. Is dat wat D66 nu zegt? De voorzitter. Mijnheer Assad. Youssef Assad (D66). In ieder geval veel minder welkom dan andere groepen asielzoekers. De voorzitter. Mevrouw van Bastenburg Batenburg. Lotte van Basten Batenburg (VVD).

Dan zou ik toch wel graag willen weten wanneer de Haagse VVD hier iets heeft gezegd over mannelijke asielzoekers, alleenstaand of anderszins. De voorzitter. Mijnheer Assad. Youssef Assad (D66). Ik kan me herinneren, toen er op Scheveningen een incident was met het stelen van een fatbike en het geruzie daarover tussen asielzoekers, dan wel statushouders en de buurtbewoners, dat een van de fractieleden van de VVD-fractie het had over testosteronbommen. Dat was een radio-interview op Omroep West, dat is nu gewoon terug te zoeken. Dat woord is letterlijk gebruikt. Als je zo praat over alleenstaanden asielzoekers, het waren volgens mij ook nog minderjarigen, het zijn testosteronbommen, dat vind ik kwalijk. Nu kunt u ook lachen, het is misschien heel grappig dat dat is gezegd. Maar dat is wat is gebruikt en daar refereer ik naar. De voorzitter. Mevrouw van Bastenburg Batenburg. Lotte van Basten Batenburg (VVD). Voorzitter, ik denk dat mijnheer Assad nog even heel goed moet kijken naar zijn bronnen, want dit gaat echt alle perken te buiten. Ik ga daar verder niet boos om worden. Ik gun mijnheer Assad het beste, maar ik denk dat het tijd is om te stoppen met zijn inbreng. De voorzitter. Mijnheer Assad. Youssef Assad (D66).

Voorzitter, u stelde mij de vraag waarom ik vind dat de VVD dat heeft gezegd, of in ieder geval waarom alleenstaande asielzoekers minder welkom zijn en ik deze motie indien. Ik

35

geef nu aan dat dit is gezegd, volgens mij ergens vorig jaar op de radio. Dat kunnen we gewoon allemaal opzoeken. En als u dat niet herkent, dan laat ik het voor u. Dan kunt u dat zelf opzoeken. De voorzitter. Zet uw betoog voort. Youssef Assad (D66). Voorzitter, de raad spreekt uit dat asielzoekers niet als doelgroep op voorhand van de locatie Sportlaan dienen te worden uitgesloten; besluiten over de invulling van de locatie Sportlaan worden genomen op basis van de geschiktheid van de locatie en niet op basis van het uitsluiten van een specifieke groep mensen, omdat ze asielzoekers zijn; Den Haag blijft zich inzetten voor een samenleving waarin mensen niet worden gestigmatiseerd vanwege hun achtergrond, afkomst of verblijfstatus. En gaat over tot de orde van de dag. Mede ingediend door Vavier van PRO. Spreekt uit dat bestaande opvanglocaties voor asielzoekers niet worden gesloten zonder dat daar gelijktijdige en gelijkwaardige vervangende opvangcapaciteit tegenover staat; indien opvangcapaciteit wordt afgebouwd concrete alternatieve locaties of maatregelen worden aangewezen, die beschikbaar zijn of op hele korte termijn beschikbaar zijn, waarmee deze capaciteit ten minste wordt gecompenseerd; de totale opvangcapaciteit binnen de gemeente ten minste op het niveau blijft, waarmee Den Haag kan voldoen aan de uit de Spreidingswet voortvloeiende taakstelling.

Mede ingediend door Vavier van PRO. Spreekt uit, dat alleenstaande minderjarige asielzoekers en vluchtelingen, waaronder kinderen die hun ouders hebben verloren door oorlog, geweld, vervolging en humanitaire crises in Den Haag welkom zijn; het voldoen aan de taakstelling uit de Spreidingswet geen reden mag zijn om af te zien van de opvang van alleenstaande minderjarige asielzoekers en vluchtelingen, waarin opvang mogelijk is; Den Haag zich blijvend inzet voor passende opvang, begeleiding en bescherming van alleenstaande minderjarige asielzoekers en vluchtelingen. Mede ingediend door Vavier van PRO.

Spreekt uit, dat toezeggingen, afspraken, beloften of andere verwachtingen die door de coalitie onderhandelende partijen zijn gedaan aan individuen, specifieke ondernemers, bedrijven, verenigingen, maatschappelijke organisaties of andere externe partijen en die betrekking hebben op hun belangen en daarmee op het toekomstig gemeentelijk beleid, inzichtelijk behoren te zijn voor de gemeenteraad; de nieuw te vormen coalitie na haar aantreden een openbaar overzicht aan de raad verstrekt van dergelijke toezeggingen, afspraken, beloften en verwachtingen; dit overzicht ten minste vermeldt door welke coalitiepartij aan welke organisatie of partij de toezegging, afspraak, belofte, of verwachting is gedaan, wat de inhoud daarvan is en welke gevolgen deze mogelijk heeft voor het toekomstig gemeentelijk beleid; maximale transparantie over dergelijke toezeggingen, afspraken, beloften en verwachtingen bijdraagt aan het versterken van integriteit, controleerbaarheid en het vertrouwen in het gemeentebestuur. De voorzitter. Door de heer Assad, daartoe gesteund door mevrouw Vavier, wordt de volgende motie (H.2 D66) ingediend: ───────────────────────────────────────────────────────── Motie H.2 D66 Eerst vervangen, dan sluiten De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 4 juni 2026, ter bespreking van Voortgang onderhandelingen.

Constaterende, dat: ▪ de momenteel over een coalitie onderhandelende partij Hart voor Den Haag publiekelijk heeft aangegeven bestaande opvanglocaties voor asielzoekers te willen sluiten; ▪ voor Den Haag op grond van de Spreidingswet een wettelijke taakstelling geldt voor de opvang van asielzoekers; ▪ het sluiten van opvanglocaties gevolgen kan hebben voor het aantal beschikbare opvangplaatsen binnen de gemeente.

36

Overwegende, dat: ▪ Den Haag dient te blijven voldoen aan de uit de Spreidingswet voortvloeiende taakstelling; ▪ het verminderen van opvangcapaciteit zonder gelijkwaardige vervangende capaciteit het risico met zich brengt dat niet langer aan de wettelijke opvangopgave wordt voldaan; ▪ inwoners, opvangorganisaties en andere betrokkenen gebaat zijn bij duidelijkheid en continuïteit in het opvangbeleid; ▪ een verantwoord opvangbeleid vraagt om een realistische en uitvoerbare strategie voor het behouden van voldoende opvangcapaciteit. Spreekt uit, dat: ▪ bestaande opvanglocaties voor asielzoekers niet worden gesloten zonder dat daar gelijktijdige en gelijkwaardige vervangende opvangcapaciteit tegenover staat; ▪ indien opvangcapaciteit wordt afgebouwd concrete alternatieve locaties of maatregelen worden aangewezen die beschikbaar zijn of op hele korte termijn beschikbaar zijn, waarmee deze capaciteit ten minste wordt gecompenseerd; ▪ de totale opvangcapaciteit binnen de gemeente ten minste op een niveau blijft waarmee Den Haag kan voldoen aan de uit de Spreidingswet voortvloeiende taakstelling. En gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslagingen. De voorzitter.

Door de heer Assad, daartoe gesteund door mevrouw Vavier, wordt de volgende motie (H.3 D66) ingediend: ───────────────────────────────────────────────────────── Motie H.3 D66 Geen uitsluiting aan de Sportlaan De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 4 juni 2026, ter bespreking van Voortgang onderhandelingen. Constaterende, dat: ▪ de momenteel over een coalitie onderhandelende partij Hart voor Den Haag heeft aangegeven de locatie Sportlaan niet open te willen stellen voor de opvang van asielzoekers; ▪ op de locatie Sportlaan voor Hart voor Den Haag wel ruimte kan blijven bestaan voor andere vormen van maatschappelijke huisvesting, opvang of verblijf; ▪ Den Haag als stad van Vrede en Recht staat voor gelijke behandeling en menselijke waardigheid.

Overwegende, dat: ▪ het expliciet uitsluiten van één specifieke groep op een locatie, enkel vanwege haar status als asielzoeker, een fundamenteel ander signaal afgeeft dan een keuze over de locatie zelf; ▪ het aanwijzen van asielzoekers als enige groep die op een bepaalde locatie niet welkom is, kan bijdragen aan stigmatisering en maatschappelijke uitsluiting; ▪ besluiten over locaties in beginsel gebaseerd dienen te zijn op ruimtelijke, bestuurlijke en maatschappelijke afwegingen en niet op de identiteit of herkomst van de groep waarvoor opvang wordt georganiseerd; ▪ het van belang is dat de gemeente voorkomt dat beleid of politieke keuzes de indruk wekken dat asielzoekers minder welkom zijn dan andere groepen die gebruikmaken van maatschappelijke voorzieningen. Spreekt uit, dat: ▪ asielzoekers niet als doelgroep op voorhand van de locatie Sportlaan dienen te worden uitgesloten;

37

▪ ▪

besluiten over de invulling van de locatie Sportlaan worden genomen op basis van de geschiktheid van de locatie en niet op basis van het uitsluiten van een specifieke groep mensen omdat ze asielzoekers zijn; Den Haag zich blijft inzetten voor een samenleving waarin mensen niet worden gestigmatiseerd vanwege hun achtergrond, afkomst of verblijfsstatus.

En gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslagingen. De voorzitter. Door de heer Assad, daartoe gesteund door mevrouw Vavier, wordt de volgende motie (H.8 D66) ingediend: ───────────────────────────────────────────────────────── Motie H.8 D66Voor kinderen op de vlucht geldt geen maximum De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 4 juni 2026, ter bespreking van Voortgang onderhandelingen. Constaterende, dat: ▪ wereldwijd miljoenen kinderen op de vlucht zijn voor oorlog, geweld, vervolging en humanitaire crises; ▪ alleenstaande minderjarige asielzoekers en vluchtelingen zonder ouders of verzorgers in Nederland aankomen en behoren tot de meest kwetsbare groepen binnen het asielstelsel; ▪ zich onder deze groep ook kinderen bevinden die hun ouders hebben verloren door oorlog en geweld. Overwegende, dat: ▪ ieder kind recht heeft op bescherming en menswaardige opvang; ▪ alleenstaande minderjarige asielzoekers en vluchtelingen vanwege hun leeftijd en kwetsbare positie bijzondere bescherming verdienen; ▪ solidariteit met kinderen op de vlucht niet afhankelijk zou moeten zijn van het al dan niet behalen van een wettelijke taakstelling; ▪ de opvang van alleenstaande minderjarige asielzoekers en vluchtelingen wordt gedaan vanuit medemenselijkheid.

Spreekt uit, dat: ▪ alleenstaande minderjarige asielzoekers en vluchtelingen, waaronder kinderen die hun ouders hebben verloren door oorlog, geweld, vervolging en humanitaire crises in Den Haag welkom zijn; ▪ het voldoen aan de taakstelling uit de Spreidingswet geen reden mag zijn om af te zien van de opvang van alleenstaande minderjarige asielzoekers en vluchtelingen wanneer opvang mogelijk is; ▪ Den Haag zich blijvend inzet voor passende opvang, begeleiding en bescherming van alleenstaande minderjarige asielzoekers en vluchtelingen. En gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslagingen. De voorzitter. Door de heer Assad, daartoe gesteund door mevrouw Vavier, wordt de volgende motie (H.9 D66) ingediend:

38

───────────────────────────────────────────────────────── Motie H.9 D66 Wie krijgt wat beloofd? De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 4 juni 2026, ter bespreking van Voortgang onderhandelingen. Constaterende, dat: ▪ momenteel wordt onderhandeld over de vorming van een nieuwe coalitie; ▪ coalitieonderhandelende partijen gesprekken voeren of hebben gevoerd met ondernemers, bedrijven, verenigingen, maatschappelijke organisaties en andere belanghebbenden; ▪ tijdens dergelijke gesprekken mogelijk toezeggingen, afspraken, beloften of verwachtingen worden gedaan aan specifieke individuen, organisaties of partijen die betrekking hebben op hun belangen of op voor hen relevant (toekomstig) gemeentelijk beleid.

Overwegende, dat: ▪ transparantie een essentiële voorwaarde is voor een integere en controleerbare bestuurscultuur; ▪ inwoners, ondernemers, verenigingen en maatschappelijke organisaties erop moeten kunnen vertrouwen dat politieke besluitvorming op een open en navolgbare wijze tot stand komt; ▪ de gemeenteraad inzicht behoort te hebben in toezeggingen, afspraken, beloften en verwachtingen die aan specifieke externe partijen zijn gedaan en die van invloed kunnen zijn op het (toekomstig) gemeentelijk beleid; ▪ maximale openheid over dergelijke toezeggingen bijdraagt aan het voorkomen van de schijn van belangenverstrengeling of voorkeursbehandeling; ▪ transparantie over dergelijke toezeggingen het vertrouwen in het gemeentebestuur versterkt.

Spreekt uit, dat: ▪ toezeggingen, afspraken, beloften of andere verwachtingen die door de coalitieonderhandelende partijen zijn gedaan aan individuen, specifieke ondernemers, bedrijven, verenigingen, maatschappelijke organisaties of andere externe partijen en die betrekking hebben op hun belangen en daarmee op het (toekomstig) gemeentelijk beleid, inzichtelijk behoren te zijn voor de gemeenteraad; ▪ de nieuw te vormen coalitie na haar aantreden een openbaar overzicht aan de raad verstrekt van dergelijke toezeggingen, afspraken, beloften en verwachtingen; ▪ dit overzicht ten minste vermeldt door welke coalitiepartij aan welke organisatie of partij de toezegging, afspraak, belofte of verwachting is gedaan, wat de inhoud daarvan is en welke gevolgen deze mogelijk heeft voor het (toekomstig) gemeentelijk beleid; ▪ maximale transparantie over dergelijke toezeggingen, afspraken, beloften en verwachtingen bijdraagt aan het versterken van de integriteit, controleerbaarheid en het vertrouwen in het gemeentebestuur. En gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslagingen. De voorzitter. Interruptie van de heer Partiman. Die was het eerste, tenminste, volgens mijn lijstje. Kavish Partiman (CDA). Voorzitter, ik vind nogal wat van deze motie. Dit is een motie die een verkapte beschuldiging van corruptie is, ook aan mijn partij.

Ik lees de constatering; coalitie onderhandelende partijen gesprekken voeren of hebben gevoerd met ondernemers, bedrijven, verenigingen, maatschappelijke organisaties en andere belanghebbenden; tijdens dergelijke gesprekken mogelijk toezeggingen, afspraken, beloften of verwachtingen worden gedaan aan specifieke individuen, organisaties of partijen die betrekking hebben op hun belangen of op voor hen relevant toekomstig gemeentelijk beleid. Voorzitter, dan wil ik man en paard horen. Welke van deze

39

vier partijen heeft met wie een afspraak gemaakt, dat er aanleiding is geweest voor de heer Assad om deze motie in te dienen? Dit vind ik zeer kwalijk. Er wordt geïnsinueerd dat onder andere mijn partij individuele belangen zou dienen aan de onderhandelingstafel. Dit zakt door elke ondergrens. De voorzitter. Mijnheer Assad. Youssef Assad (D66). Voorzitter, het is helemaal geen verkapte corruptiebeschuldiging. Misschien voor de helderheid, als ik zelf als onderhandelende partij dit bij de onderhandelingstafel zou hebben ingebracht, dan zou dat ook gelden voor onze partij. Het geldt gewoon voor elke partij die onderhandelt. Het geldt misschien voor u, omdat u nu onderhandelt. Dit zou net zo goed voor ons gelden als wij nog aan de tafel zaten. Dit is niet een heel ander idee, wat voor ons niet zou gelden. De voorzitter. Mijnheer Partiman. Kavish Partiman (CDA). Voorzitter, u constateert in die motie dat er gesprekken zijn gevoerd met individuele ondernemers of maatschappelijke organisaties. U constateert daarin ook tegelijk dat er toezeggingen worden gedaan aan de onderhandelingstafel. Hoe moet iemand anders dit dan lezen? Dit is een beschuldiging aan de vier partijen die aan tafel zitten. Ik hoor graag een duiding daarvan.

Wat is uw aanleiding hiervoor? Welke organisaties hebben hier een vinger in de pap aan de onderhandelingstafel en welke aanleiding heeft u daardoor? U heeft toch al alles uit die vertrouwelijke gesprekken naar buiten geklapt. Wellicht dat u dat nu ook weer kan? Youssef Assad (D66). Voorzitter, de heer Partiman geeft een lezing aan de motie en een conclusie waar ik geheel niet achter sta. En die ook niet met die lezing wordt ingediend. Nogmaals, dit overzicht zouden wij hebben ingebracht bij de onderhandelingen, om het ook voor ons te laten gelden. Er is helemaal geen sprake van een verkapte corruptiebeschuldiging of wat dan ook. Het is volstrekt normaal, dat heeft ook mijn fractie gedaan en mijn partij, dat we in gesprek gaan met ondernemers, met instellingen, culturele instellingen, met maatschappelijke organisaties. Daar is helemaal niks mee. Ik heb tijdens de campagne, daarvoor en op dit moment individuele gesprekken met ondernemers. Daar is toch helemaal niks mis mee? Ook al worden er dingen gezegd, of beloofd, of verwachtingen gecreëerd. In ons verkiezingsprogramma hebben wij ook dingen staan over culturele instellingen waar we investeringen in willen doen. Dat hebben we gezegd, dat is openbaar, dat is transparant. Dat is waar ik naartoe wil. Ik maak helemaal geen insinuaties.

Het is volstrekt normaal dat je met allerlei individuen, groepen, maatschappelijk organisaties gesprekken voert. De voorzitter. Mijnheer Partiman, laatste keer. Kavish Partiman (CDA). Voorzitter, eindelijk heb ik ergens in het betoog van de heer Assad iets gevonden waar ik het met hem eens ben. We voeren gesprekken, iedereen voert gesprekken. Die gesprekken worden op een gegeven moment vervat in een verkiezingsprogramma. Die verkiezingsprogramma's zijn openbaar te lezen voor iedereen. En daar staan de uitgangspunten van alle partijen in. Als dat is, waar de heer Assad naar op zoek is, tot uw dienst, die zijn er. Die zijn openbaar en dat is waar elke partij mee naar een onderhandelingstafel gaat. Maar hiermee insinueert u dat buiten deze verkiezingsprogramma's om er individuele belangen gediend gaan worden. Daar heeft u een reden toe. En dat vind ik verwerpelijk. Verwerpelijk voor een partij met wie we zo lang samen hebben gewerkt, dat zij deze insinuaties ook naar ons zouden doen, want ook onze partij valt onder deze beschuldigingen. Voorzitter, dit gaat echt alle perken te buiten. De voorzitter. Mijnheer Assad. Youssef Assad (D66). Voorzitter, ik herhaal het nogmaals. Dit zijn geen beschuldigingen over de woorden die de heer Partiman heeft gebruikt. Dit zou iets zijn wat we ook zouden hebben ingebracht, wat ook voor onze fractie zou gelden.

En het is helemaal niet de lezing die de heer Partiman hieraan geeft.

40

De voorzitter. Dan geef ik het woord aan mijnheer Van Wijngaarden. Tijmen Van Wijngaarden (SP). Dank, voorzitter. Ik had dezelfde vraag als de heer Partiman, ik zie af van mijn interruptie. De voorzitter. Dan kijk ik naar mevrouw Klokkenburg. U ziet er ook vanaf? Gaat u vooral door, mijnheer Assad. U was klaar. Dan twee minuten schorsing voor even een comfortmoment. Schorsing De voorzitter. Geachte leden van de raad, wilt u uw plaatsen weer innemen? Ik heropen de vergadering bij agendapunt H, Voortgang onderhandelingen. Ik geef het woord aan mevrouw Vavier namens PRO. Mariëlle Vavier (PRO). Dank, voorzitter. 78 dagen geleden ging Den Haag naar de stembus. Nog steeds is er geen zicht op een coalitie. Voorzitter, tot twee keer toe zijn de onderhandelingen geklapt over de vraag, of eigenlijk over de weigering van de heer De Mos om eerlijk en glashelder te zijn over of hij zich wel of niet aan de Nederlandse wet wil houden. Ook zojuist wilde de heer De Mos niet klip en klaar uitspreken dat hij zich aan de wet zou houden. Er is nog steeds geen zicht op voorstellen voor de komende jaren, geen zicht op oplossingen voor de grote maatschappelijke vraagstukken waar onze stad voor staat, een aanpak voor de woningcrisis, de energietransitie, een inclusieve stad waar iedereen zichzelf kan zijn.

Dit bevestigt onze al langer levende zorg dat het besturen en het verder helpen van de stad bij Hart voor Den Haag geen prioriteit is. Maar dat het gaat om politieke spelletjes, om campagne, om roepen over de rug van kwetsbare mensen. [er wordt door elkaar heen gepraat] De voorzitter. Dat konden wij niet zien. Ik schors de vergadering. Nu pas bent u in beeld. Gaat het nu weer goed? Geen beschuldiging? Als ik het zie dan- Nee, daarom. Nu doet mevrouw Van Basten Batenburg- Kunnen we even checken of dit goed gaat? Ja, zeker. Ik zie nu alleen mevrouw Van Basten Batenburg. Zal ik het een keer gewoon proberen? Dan geef ik de interruptie, dan kijken we of het goed gaat. En anders schorsen we. Het is allemaal al spannend genoeg, dan moeten we niet de techniek hebben die ons niet helpt. Ik geef gelegenheid voor een interruptie aan mevrouw Van Basten Batenburg. Lotte van Basten Batenburg (VVD). Dank u, voorzitter, fijn. Wel jammer, want het momentum is een beetje weg. Maar ik hoorde mevrouw Vavier allerlei zaken zeggen over de afgelopen 78 dagen en een coalitievorming. Wat heeft PRO gedaan de afgelopen 78 dagen om te zorgen dat er vlot een coalitie komt? De voorzitter. Mevrouw Vavier. Nee, ze verdwijnt weer. Nog een keer. Wil je het nog een keer proberen? Ja. Mariëlle Vavier (PRO). Dat is jammer dat inderdaad even de techniek niet mee werkte.

Maar voor ons is het ook een bevestiging van een langer levende zorg, dat het niet echt gaat over het vooruit helpen van de stad, maar dat het eigenlijk alleen maar belangrijk is om heel veel amok te maken over asielopvang, over de Sportlaan, et cetera. Dat is voor ons ook een reden geweest om na de uitslag van de verkiezingen aan te geven, wij doen een stap achteruit. De voorzitter. Mevrouw Van Basten Batenburg. Lotte van Basten Batenburg (VVD). Mag ik dat dan samenvatten als antwoord op mijn vraag, helemaal niets? De voorzitter. Mevrouw Vavier.

41

Mariëlle Vavier (PRO). Voorzitter, het is de afgelopen 78 dagen ook niet aan PRO geweest om te onderhandelen over een nieuwe coalitie. De voorzitter. Laatste keer, mevrouw Van Basten Batenburg. Lotte van Basten Batenburg (VVD). Dat is inderdaad het effect als je zelf zegt dat je weigert te gaan praten. Dan is inderdaad het effect daarvan, dat het niet aan PRO is geweest. Dan hoop ik dat PRO samen met de VVD en andere partijen, want dat hebben wij eerder gedaan met D66, juist het beste wenst en wil kijken wat je wel kan bereiken voor de stad aan tafel, als je wel bereid bent samen te werken. De voorzitter. Mevrouw Vavier. Mariëlle Vavier (PRO). Voorzitter, voor PRO is het net zo belangrijk om met de zeven zetels die we hier in de Haagse gemeenteraad hebben, te volgen wat de plannen zullen zijn en op te komen voor de mensen in de stad die dat heel erg hard nodig hebben. PRO Den Haag is de verkiezing ingegaan met een hele duidelijke boodschap. De stad is van iedereen. Onze stad moet ook een thuis zijn voor iedereen. Met een betaalbaar huis kansen voor alle kinderen en een eerlijk inkomen. Een energierekening waar je je niet kapot van schrikt. Zorg en ondersteuning die beschikbaar zijn als je dat nodig hebt. In een stad die groen en leefbaar is, waar iedereen naar vermogen kan meedoen. Met een stadsbestuur dat kijkt naar het brede belang van de stad en alle inwoners.

Niet alleen maar voor de hardste roepers, niet gaan voor het grote geld, niet het recht van de sterksten laten gelden, maar alle belangen meewegen en steeds streven naar een stad waar iedereen mee kan doen. Waar we grote opgaves ook eerlijk verdelen en waar we elkaar helpen. Voorzitter, er zijn in de campagne hele grote woorden gebruikt en ook grote beloftes gedaan. Beloftes waar we eigenlijk allemaal wel van wisten, dat die niet ingelost zouden kunnen worden. Want er is een Spreidingswet en er is een verantwoordelijkheid. Er is ook een brede wens hier in de raad om alle opgaves evenwichtig te verdelen over de stad. Maar die stad wordt nu wel door die grote woorden gegijzeld. Er wordt onderhandeld blijkbaar, daar is vandaag geen duidelijkheid over gekomen, of de derde stad van Nederland de wet wel moet uitvoeren. Of er ruimte is om 2000 mensen, die op de vlucht zijn voor oorlog en geweld op te vangen. Voorzitter, we moeten het over de echte problemen hebben, ons niet later afleiden van het feit dat er straks een harde rechtse coalitie zit, die niet zal investeren in betaalbare woningen, maar wel waarschijnlijk de Rotterdamwet zal invoeren, die als enige resultaat zal hebben de toename van stigmatisering van groepen die al gemarginaliseerd zijn. De voorzitter. Mevrouw Van Basten Batenburg heeft een interruptie. Lotte van Basten Batenburg (VVD). Dank u, voorzitter.

Als mevrouw Vavier deze vier partijen als rechts blijft bestempelen, moet ze oppassen, want voor je het weet, ga ik PRO nog als middenpartij zien. Dat gezegd hebbende, is het de afgelopen jaren gelukt om die 2000 mensen vanuit de verantwoordelijkheid, de taakstelling van de Spreidingswet op te vangen? Want ik heb het idee dat er partijen hebben gezeten die dat best wilden, maar dat het ook best moeilijk bleek te zijn in Den Haag. De voorzitter. Mevrouw Vavier. Mariëlle Vavier (PRO). Voorzitter, met alle plannen die er nu liggen en die ook nog naar de raad zouden toekomen, zouden we einde van dit jaar de taakstelling halen onder deze coalitie. De voorzitter. Mevrouw Van Basten Batenburg. Lotte van Basten Batenburg (VVD). Dan ben ik maar weer zo vrij om het verantwoord samen te vatten als, nee, dat is inderdaad niet gelukt de afgelopen drie jaar. De voorzitter. Mevrouw Vavier.

42

Mariëlle Vavier (PRO). Voorzitter, het was ook geen taakstelling van de afgelopen drie jaar. Voorzitter, er gaat straks een coalitie komen die zal gaan bezuinigen op armoedebestrijding en op inclusiebeleid, die ons afhankelijk houdt van fossiele brandstof, waardoor onze energierekening alleen maar zal stijgen en die het groener maken van de stad zal opofferen aan de auto. De voorzitter. Mijnheer Partiman. Kavish Partiman (CDA). Voorzitter, ik hoor mevrouw Vavier van alles en nog wat concluderen over een uitkomst van een onderhandeling, die net begonnen is. Waar baseert zij dit op? De voorzitter. Mevrouw Vavier. Mariëlle Vavier (PRO). Voorzitter, we hebben ook de verkiezingsprogramma’s goed gelezen. Het verkiezingsprogramma van Hart voor Den Haag is blijkbaar leidend bij de onderhandelingen. De voorzitter. Mijnheer Partiman. Kavish Partiman (CDA). Voorzitter, volgens mij zitten er vier partijen met elkaar aan tafel, met vier verschillende verkiezingsprogramma's. Die zijn met elkaar in gesprek. Als mevrouw Vavier zo goed weet wat de uitkomst van het akkoord is, kan ze dat alsjeblieft aan mij presenteren? Dan zijn we klaar, dan kunnen we aan de slag. Maar ik heb het akkoord nog niet gezien. Graag zie ik het ook. De voorzitter. Mevrouw Vavier. Mariëlle Vavier (PRO). Voorzitter, ik heb zojuist aangegeven waar PRO zich zorgen om maakt, wat er gaat gebeuren met deze coalitie.

De voorzitter. Laatste keer, mijnheer Partiman. Kavish Partiman (CDA). Voorzitter, zeg dat dan, dat dat uw zorgen zijn. Maar u concludeert hier dat er allerlei uitkomsten komen uit deze onderhandelingen. Ik vind het nogal een rare gang van zaken. De voorzitter. Mevrouw Vavier. Mariëlle Vavier (PRO). Dank, voorzitter. Ik sluit af. Voorzitter, PRO Den Haag zal altijd opkomen voor iedereen in Den Haag. En in het bijzonder voor mensen in kwetsbare posities, wiens stemmen minder luid zijn. Zeker als er straks een rechtse wind gaat waaien. De voorzitter. Interruptie van mijnheer Barker. Robert Barker (Partij voor de Dieren). Voorzitter, ik was eigenlijk doorgegaan op de vraag van de heer Partiman. Misschien baseert mevrouw Vavier dit uitgangspunt van die guur rechtse wind en het opofferen van groen voor de auto zich op de afgelopen jaren waarin de samenwerking heeft plaatsgevonden. Klopt dat? De voorzitter. Mevrouw Vavier. Mariëlle Vavier (PRO). De afgelopen jaren is het met meerdere linkse en groene partijen binnen de coalitie zeker een stuk makkelijker geweest om te kiezen voor groen in plaats van voor de auto. Maar dat heeft inderdaad af en toe voeten in aarde gehad. Dat heeft de hele raad ook mee mogen maken en de hele stad ook. De voorzitter. Dank u wel, mevrouw Vavier. Dan kijk ik naar de fractie van de VVD, mevrouw Van Basten Batenburg.

43

Lotte van Basten Batenburg (VVD). Dank u, burgemeester. Dank ook aan de heer Assad voor zijn input voor deze onderhandelingen die nu lopen. Als hij ook nog ideeën heeft over bezuinigingsmogelijkheden, dan houdt de Haagse VVD zich van harte aanbevolen. Want wij zoeken altijd geld voor nieuwe investeringen in de stad. Voorzitter, eind april ging D66 toch weer om tafel met Hart voor Den Haag. In tegenstelling tot de eerste ronde hebben ze dit keer ook inhoudelijke gesprekken gevoerd. Maar op 23 mei kwam toch het bericht dat ze er niet uitkwamen samen. En snel daarna kwam de vraag bij de Haagse VVD terecht of wij bereid waren om in gesprek te gaan. Nadat wij in eerste instantie, na de uitslag van de verkiezingen, het zeker niet aan ons voelden om het initiatief te nemen voor coalitievorming, is het inmiddels begin juni. Dat betekent dat de stad nog meer dan al in maart het geval was, snakt naar een nieuw stadsbestuur, dat er samen echt iets van wil maken. De Haagse VVD gaat die verantwoordelijkheid niet uit de weg. Dat betekent dat wij nu om tafel zitten in goede sfeer en dat wij er hopen uit te komen op korte termijn, zodat we vooruit kunnen met de stad en kunnen laten zien dat als je het echt wil met elkaar, dat het zeker wel kan. De voorzitter. Dank u wel. Dan kijk ik naar de fractie van DENK. Ik kijk naar mijnheer Icar. Nur Icar (DENK). Dank, voorzitter.

Ik had eerst een heel lang verhaal, maar ik denk dat ik het toch anders ga doen. Er is een beroep op ons gedaan om het gesprek aan te gaan. Ik ga niet herhalen dat wij links conservatief zijn. Dat heb ik toch gedaan. Rechtse wind, dat herken ik niet. Maar er is een beroep op ons gedaan om een gesprek aan te gaan. En we hebben altijd gezegd, ongeacht de samenstelling zijn we bereid dat gesprek aan te gaan. Die gesprekken zijn onder leiding van de heer Aboutaleb inmiddels gestart. Dit zijn inhoudelijke gesprekken, waar ik geen uitspraken over doe. We gaan dit rustig afwachten, zien wat de komende weken ons brengen. En dan komen we terug met of goed nieuws of slecht nieuws. Er is wel een ding dat ik wil meegeven. Er zijn heel veel moties ingediend vandaag, waarbij ik op voorhand wil zeggen dat wij tegen al deze moties zullen stemmen. Dat heeft te maken met het feit dat wij niet willen meedoen aan een situatie, waarbij de gesprekken onder druk komen te staan. Daarom stemmen we tegen deze moties. Niet omdat we wegkijken, niet omdat we geen mening hebben, maar omdat we vinden dat bestuurders problemen moeten oplossen in plaats van deze exploiteren. Voorzitter, ik wil het daarbij laten. De voorzitter. Mevrouw Vavier is iets sneller. Mevrouw Vavier. Mariëlle Vavier (PRO). Voorzitter, dank. Dank ook aan de heer Icar.

Ik heb op zich ook wel begrip voor zijn argumentatie waarom DENK tegen die moties zal stemmen. Ik heb wel een vraag. Wat is dan de insteek van DENK? Ik ken DENK ook als een partij die altijd opkomt voor mensen in kwetsbare posities, zeker voor mensen die op de vlucht zijn voor oorlog en geweld. De heer Icar is zelf een kind van mensen die op de vlucht zijn gegaan. Hoe kijkt de heer Icar dan naar de reden waarom het tussen D66 en Hart voor Den Haag niet is gelukt, als het blijkbaar gaat over het volgen van de Spreidingswet en het organiseren van asielopvang in onze stad? De voorzitter. Mijnheer Icar. Nur Icar (DENK). Dank, voorzitter. Even een kleine correctie, ik ben niet een kind van. Ik ben zelf onderwerp van gesprek vandaag. Ik ben een asielzoeker geweest en als kind naar Nederland gekomen. Ik heb zelf in een AZC gezeten. Ik luister in dit debat ook een beetje met een dubbel gevoel naar de gesprekken die er gevoerd worden. Ik mag als ervaringsdeskundige wel zeggen, dat ik weet wat de behoefte is van een specifieke doelgroep. Als het gaat om de situatie die ontstaan is, het wellesnietesspelletje dat hier zojuist heeft plaatsgevonden, dan weet ik niet zo goed wat ik daarvan moet vinden. U vraagt naar de inzet van DENK. De DENK van gisteren is de DENK van vandaag. Daar is niks aan veranderd. Als het gaat om het onderwerp asiel, heeft DENK een duidelijk standpunt.

Ik vond de heer De Mos heel zakelijk en formeel reageren. Dat is zijn goed recht. De wet staat niet ter discussie, in onze gesprekken niet, dat herken ik ook niet. En wat mij betreft zal dat ook nooit een discussiepunt worden. Al het andere kan en mag besproken worden en daar kunnen mensen anders

44

over denken. Maar wat dat betreft staat in ons verkiezingsprogramma ook duidelijk wat onze inzet is. En het klopt wat de heer De Mos zei, de verkiezingsprogramma’s liggen niet altijd op tafel. Ik denk dat de meesten het zelf geschreven hebben en het uit hun hoofd kennen. Maar de inzet van alle partijen is duidelijk. Dat betekent ook niet dat er een partij leidend is in die inzet. Of dat een verkiezingsprogramma leidend is. Er zijn vier partijen en dat zal ook zo blijven in die gesprekken. De voorzitter. Mevrouw Vavier. Mariëlle Vavier (PRO). Voorzitter, dank. Dank voor dit antwoord. Mag ik daaruit concluderen, voorzitter, dat DENK ook echt een rode lijn zal trekken als het gaat om het opvangen van asielzoekers in Den Haag en het voldoen aan de Spreidingswet in Den Haag, als dat op enig moment ter discussie zal komen te staan? De voorzitter. Mijnheer Icar. Nur Icar (DENK). Ik zal voor het gemak aangeven dat ik het proces niet onder druk wil laten staan, maar ik denk dat ik duidelijk ben geweest in hoe ik naar dit onderwerp kijk en hoe DENK naar dit onderwerp kijkt. Ik denk dat dat antwoord genoeg is. De voorzitter. Laatste keer, mevrouw Vavier. Mariëlle Vavier (PRO). Voorzitter, dank. Betekent dat dan ook dat de heer Icar daarmee zegt dat het niet onderhandelbaar is, om te voldoen aan de Spreidingswet en ook aan de taakstelling? De voorzitter. Mijnheer Icar. Nur Icar (DENK).

Wacht ik zal het in het Arabisch zeggen. De wet staat niet ter discussie voor DENK en de taakstelling ook niet. Dit debat, of wat hier gewisseld wordt, herken ik niet in de gesprekken die tot nu toe gevoerd zijn. Meer dan dat wil ik niet kwijt. De voorzitter. Zet u uw betoog voort? Dank u wel. Dan kijk ik naar de heer Barker, Partij voor de Dieren. Gaat uw gang. Robert Barker (Partij voor de Dieren). Voorzitter, ik stond hier de vorige keer en toen zei ik dat we naar een slechte B-film zaten te kijken. Eigenlijk heeft het zich wel voltrokken, nog erger dan ik had verwacht. Het was af en toe amusant, maar voor de stad niet echt heel goed, want het was elke keer kijken, D66 wel of niet in de coalitie met Hart voor Den Haag? Uiteindelijk zijn we maanden verder en is het gestrand. Het voelt een beetje als iets wat een blinde had kunnen zien aankomen. Ik vraag me echt af, waarom is er zo laat echt serieus over dit onderwerp gesproken en ook knopen over doorgehakt? Want uiteindelijk zit de stad natuurlijk gewoon te wachten op een coalitie. Mijn fractie heeft twijfels over hoe dat gaat, ook gegeven het circus wat zich hier net heeft afgespeeld. Er zijn ook twijfels over wat de informateur heeft gezegd. Ik ben wel benieuwd wat we hebben mogen aanschouwen en waar we nu zijn.

De Partij voor de Dieren staat in elk geval voor kwetsbare waarde, zoals groen, dieren en het milieu, maar ook voor kwetsbare mensen. En als ik het zo hoor, dan hebben wij wel enige vrees dat deze waarden onder druk komen te staan als er een guur rechts college zou komen. Als Partij voor de Dieren vinden we het voor Den Haag tragisch dat we daarop af lijken te stevenen, terwijl eigenlijk de links-rechtsverhouding in de raad niet is veranderd. Want er is wel een grote rechts-populistische partij gekomen, maar niet per se ter koste van de linkse partijen. Uiteraard moeten we eerst ook zien wat eruit komt. Maar de eerste tekenen zijn, zoals ik zei, niet goed. Wat betekent dit voor het welzijnswerk, het milieu of het helpen van mensen aan een baan? Ik hoop dat het meevalt. We hopen ook dat partijen als DENK en het CDA niet vergeten om ook af en toe voor leefbaarheid en inclusiviteit te staan en ook barmhartig willen zijn. Want bij de opvang van vluchtelingen lijken de eerste tekenen in elk geval niet goed. De Partij voor de Dieren vindt het gewoon belangrijk dat we staan voor een menswaardige stad, waarin vluchtelingen ook mogen worden opgevangen. Dat mensen worden opgevangen zou eigenlijk

45

ook geen links-rechtsthema moeten zijn, wat helaas wel zo is. Als mensen er zijn dan moet je er ook menswaardig mee omgaan, zou je denken. Voorzitter, dat is soms wel een ander uitgangspunt dan wat ik in deze raad hoor, ook van Hart voor Den Haag. Ik hoop dat dat in het coalitieakkoord niet zo uitkomt. Voorzitter, juist om ervoor te zorgen dat niet iedere gemeente, als er een rechts-populistische wind waait, stopt met het opvangen van mensen, is juist die Spreidingswet ingevoerd. Dit zodat elke gemeente zijn bijdrage levert en niet vooral naar de grens kijkt. Het Rijk heeft willen voorkomen dat anders elke gemeente het opvangen van kwetsbare mensen aan een ander laat. En die landelijke wet moeten we als gemeente naleven. Zo simpel is het. Ik hoop ook dat de informateur en de onderhandelende partijen dat zien. En dat de informateur ook staat voor rechtsstatelijkheid en als uitgangspunt altijd de wettelijke kaders hanteert. Vandaar de volgende motie die ik samen met de SP, ChristenUnie/SGP, Volt, D66 en PRO indien. Verzoekt de informateur bij de verdere onderhandelingen wettelijke verplichtingen van de gemeente niet als onderhandelbaar te beschouwen; en de raad hierover duidelijkheid te verschaffen. Voorzitter, we hopen dat de partijen in onderhandeling niet alleen oog hebben voor zichzelf, maar ook voor een ander.

Wat ons betreft, moeten we inzetten op een rechtvaardig, groen en diervriendelijk Den Haag. Dank u wel. De voorzitter. Door de heer Barker, daartoe gesteund door mevrouw Klokkenburg, de heer Van Wijngaarden, mevrouw Tabernal, de heer Assad, mevrouw Vavier, wordt de volgende motie (H.10 PvdD) ingediend: ───────────────────────────────────────────────────────── Motie H.10 PvdD Niet onderhandelbaar De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 4 juni 2026, ter bespreking van ‘Voortgang onderhandelingen’. Constaterende, dat: ▪ uit publieke uitingen van voorheen onderhandelende partijen blijkt dat het al dan niet voldoen aan wettelijke verplichtingen onderwerp van coalitieonderhandelingen is geweest; Overwegende, dat: ▪ gemeenten gehouden zijn de wet uit te voeren; ▪ de rechtsstaat niet begint na afloop van coalitieonderhandelingen maar daarvoor al bestaat; ▪ het niet uitvoeren van wettelijke taken geen politieke voorkeur is, maar bestuurlijk falen; Verzoekt de informateur: ▪ bij de verdere onderhandelingen wettelijke verplichtingen van de gemeente niet als onderhandelbaar te beschouwen; ▪ de raad hierover duidelijkheid te verschaffen. En gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslagingen. De voorzitter. Dank u wel, mijnheer Barker. Dan kijk ik naar het CDA, mijnheer Partijman. Gaat u gang. Kavish Partiman (CDA).

Voorzitter, het CDA heeft vanaf het begin gezegd dat het logisch was dat de grootste partijen eerst zouden onderzoeken of zij met elkaar tot een coalitie konden komen. Dat is geprobeerd, maar uiteindelijk niet gelukt. Dat is een politieke realiteit. Maar het mislukken van een formatie ontslaat partijen niet van hun verantwoordelijkheid. Den Haag staat voor grote uitdagingen en verdient een bestuur dat keuzes maakt voor de stad, in plaats van partijen die blijven hangen in het verleden of zich ingraven in politieke loopgraven. Toen het CDA werd gevraagd mee te werken aan 46

een nieuwe poging, om tot een coalitie te komen, hebben we daarom positief gereageerd. Niet omdat dit de makkelijkste weg is, maar omdat wij vinden dat politici de verantwoordelijkheid hebben om actief bij te dragen aan oplossingen voor de problemen waar onze stad mee kampt. Tegelijkertijd zien wij in het publieke debat rondom het mislukken van de vorige formatie steeds vaker dat de indruk wordt gewekt dat medemenselijkheid en het houden aan de wet onderdeel waren van de onderhandeling. Daarmee wordt niet alleen een oordeel geveld over de vorige gesprekken, maar ontstaat ook de suggestie dat partijen die nu aan tafel zitten kennelijk bereid zouden zijn te onderhandelen over medemenselijkheid. Die suggestie werp ik ver van mij. Solidariteit is een van de basisbeginselen van onze politieke ideologie en met die ideologie onder de arm bedrijven Christendemocraten politiek. Daarom heb ik een vraag aan de heer Aboutaleb. Wij kennen hem als iemand die gedurende zijn gehele bestuurlijke loopbaan heeft gestaan voor menselijke waardigheid, solidariteit en de rechtsstaat. Vandaar ook de waarde die wij als CDA hechten aan zijn oordeel.

Kan de heer Aboutaleb aangeven of er tijdens de vorige onderhandelingen voorstellen op tafel hebben gelegen, waarvan hij, gegeven zijn eigen waarden en normen en jarenlange staat van dienst heeft geoordeeld dat deze strijdig waren met menselijke waardigheid, fundamentele rechten of wettelijke verplichtingen van de gemeente? En als dergelijke voorstellen, daadwerkelijk op tafel hadden gelegen, zou de heer Aboutaleb die dan een überhaupt hebben laten passeren als serieus onderdeel van de onderhandelingen? Voorzitter, voor het CDA zijn menselijke waardigheid, solidariteit en verantwoordelijkheid geen onderwerpen waarover wordt onderhandeld. Dat zijn uitgangspunten van waaruit wij onze onderhandeling voeren. Ik zie uit naar de beantwoording van de informateur. De voorzitter. Dank u wel, mijnheer Partiman. Dan kijk ik naar de SP, naar de heer Van Wijngaarden. Tijmen Van Wijngaarden (SP). Dank, voorzitter. Ik kan hier eigenlijk mijn bijdrage van de vorige gemeenteraad opnieuw doen. Het enige verschil is dat er deze keer daadwerkelijk inhoudelijke gesprekken hebben plaatsgevonden, een groot stap vooruit. Gefeliciteerd. Een beetje plagen mag toch, Jan? De voorzitter. Omdat je zo’n kleuter bent. Tijmen Van Wijngaarden (SP). Ik kan het wel waarderen dat de nu formerende partijen zo snel na het klappen van de tweede formatie aan de slag zijn gegaan.

Los van de inhoud, die zal waarschijnlijk ver van mijn socialistische hart liggen. Ik denk dat het goed is dat er snel een nieuw stadsbestuur komt. Daar wacht de stad namelijk op. Ik schaam ook een beetje over de taferelen die we in de afgelopen weken en vandaag in deze zaal hebben gezien. Het vertrouwen van de stad in onze gemeenteraad is laag. Mensen hebben niet het idee dat hun stem uitmaakt en denken dat de politiek hun omstandigheden niet kan verbeteren. Het is aan ons allemaal om te laten zien, dat wij betekenisvolle veranderingen teweeg kunnen brengen in onze stad. Als ik spreek met mensen over de politieke situatie, krijg ik vaak de vraag, waar zijn jullie eigenlijk allemaal mee bezig? Mensen zien vooral de politieke spelletjes en dansjes en hebben niet het gevoel dat Den Haag van iedereen is. En dat moet anders. Tot zover. De voorzitter. Dank u wel, mijnheer Van Wijngaarden. Dan kijk ik naar de heer Van der Meijden namens Forum, maidenspeech. Robbert van der Meijden (Forum voor Democratie). Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, van oudsher worden maidenspeeches voorzien van ellenlange verhalen, waarin de levensloop, jeugd, schooltijd en hobby’s van de spreker de revue passeren. Dit is natuurlijk totaal irrelevant. Wie namelijk denkt dat de kiezer geïnteresseerd is in de lievelingskleur van haar vertegenwoordigers heeft het mis.

Zij wil simpelweg dat haar wens over de koers die de stad zou moeten varen tot uitdrukking komt in beleid. Helaas is dat op dit moment niet noodzakelijkerwijs het geval. Zo doet de kiezer, zodra hij stemt, eigenlijk al water bij de wijn. Je bent het immers nooit helemaal eens met alle standpunten van een partij. Vervolgens stellen deze partijen, zoals VVD, Hart voor Den Haag, CDA en DENK dat op dit moment ook doen, een coalitieakkoord op. Hierbij strepen zij over en weer standpunten tegen elkaar

47

weg, worden compromissen gesloten en uiteindelijk verwaterd de wijn verder. Het is dan ook heel goed mogelijk dat het uiteindelijke brouwsel een flauw, verdund, smerig goedje is, dat in niets lijkt op de smakelijke nectar waarmee gestart werd. Ik kan mij dan ook voorstellen dat er onder de bevolking helemaal geen meerderheid bestaat voor een groot deel van het huidige beleid. AZC’s, emissiezones, afzichtelijke kunst op straat, peperduur klimaatbeleid, het is heel goed mogelijk en wat ons betreft zelfs hoog aannemelijk dat niemand dit wil. En dan rijst de vraag, voorzitter, hoe trekken wij de eventuele scheefgroei tussen volkswil en beleidsvoering recht? Het antwoord ligt voor de hand, het referendum. Inwoners kunnen zich op deze manier direct uitspreken zonder dat hun stem vertroebeld wordt door de politieke uitruilpraktijken en stennismakerij rondom verkiezingstijd. Op dit moment kent Den Haag al een referendumvordering. Maar hier zitten nog een aantal haken en ogen aan. Zo kan zij uitsluitend geïnitieerd worden door de raad, geldt er een opkomstdrempel en heeft zij geen bindend karakter, waardoor de raad ervoor kan kiezen een uitslag gemakzuchtig naast zich neer te leggen. FVD pleit dan ook voor een referendum dat overal over kan gaan, dat makkelijk te organiseren is, die geen opkomstdrempel heeft en waarvan de uitslag altijd wordt gehonoreerd door de raad.

Dit is de enige manier om de kloof tussen de burger en politiek niet alleen te verkleinen, maar in z'n geheel te overbruggen. En is dit niet wat wij allemaal zo graag willen? Is dit niet de reden dat wij onszelf verkiesbaar hebben gesteld als volksvertegenwoordiger? Dank u wel. De voorzitter. Dank u wel, mijnheer Van der Meijden. Dan kijk ik naar de fractie van Volt, mevrouw Tabernal. Mylène Tabernal (Volt). Dank u wel, voorzitter. Ik hou het kort vandaag, want zoals al vaker gezegd, het duurt allemaal al veel te lang. Zoals ik in mijn vorige speech, inmiddels twee maanden geleden, al zei, de stad kan niet wachten. De stad kan het zich niet veroorloven om te wachten en haar inwoners verdienen het niet om te hoeven wachten. Dat zijn geen holle woorden, maar voor veel mensen is dat de realiteit, voor de meer dan duizend dakloze kinderen, voor de jongeren die al jaren op een woning wachten, voor een buurt die heen en weer geslingerd wordt in een welles-nietesspel, voor een stad die lamgeslagen wordt op een onderwerp, terwijl de talloze grote uitdagingen die er ook zijn aan de zijlijn staan te wachten. Volgens mij is mijn punt wel duidelijk. Voorzitter, ik ben er trots op om te wonen in deze internationale stad van vrede en recht. En dat is niet alleen een bijnaam maar een identiteit. En identiteit, dat draagt je uit.

Wat Volt betreft betekent dat vooruitgang, verantwoordelijkheid, eerlijkheid en medemenselijkheid. En dat we een beetje opschieten allemaal. Dank u wel. De voorzitter. Dank u wel. Dan geef ik ten slotte het woord aan mevrouw Klokkenburg namens ChristenUnie/SGP. Gaat uw gang. Judith Klokkenburg-Reedeker (ChristenUnie/SGP). Dank, voorzitter. Het is al gememoreerd vanmiddag, het is 78 dagen geleden dat onze inwoners naar de stembus mochten. Nu hebben we nog steeds te maken met een zittend minderheidscollege. Om het met een understatement te zeggen, het schiet niet op. Voorzitter, ik wil graag starten met een vraag aan de informateur. Er is vanmiddag veel onduidelijkheid gekomen over de vraag of partijen bij wie de onderhandelingen geklapt zijn, zich wilden houden aan wetten. Kan de informateur een reflectie geven op de inbreng van de fracties van Hart voor Den Haag en D66, concreet als het gaat om het wel of niet voldoen aan wettelijke eisen? Voorzitter, mijn fractie voelde vanmiddag ook veel ongemak toen citaten uit vertrouwelijke gesprekken langskwamen. Daarom vraag ik het presidium om in het op te stellen protocol, naar aanleiding van de motie van de VVD van 23 april, hoe ook de vertrouwelijkheid beter geborgd kan worden. Transparantie is goed, maar gesprekken moeten in vertrouwelijkheid gevoerd kunnen worden.

Is het presidium daartoe bereid? Voorzitter, de ChristenUnie/SGP heeft vanaf het begin gezegd dat het van belang is dat er een stabiele coalitie moet komen, die kan buigen op een brede meerderheid en samen met de gemeenteraad en met liefde voor de stad de grote opgaven wil aanpakken. Op weg naar een goede bestuurscultuur, in goede samenwerking met de raad, waar ook de inbreng van oppositiepartijen meegenomen wordt en er

48

sprake zal zijn van echt dualisme. De afgelopen jaren is er om meerdere redenen, ruimte geweest voor de raad. De ChristenUnie/SGP vraagt de onderhandelende partijen ook deze ruimte te blijven bieden. Ook richting een coalitieakkoord, zo roep ik hen en de informateur op, maar ook richting een begroting en noem maar op. Betrek de raad vroegtijdig. Voorzitter, daarnaast vind mijn fractie het belangrijk dat de onderhandelende partijen de stad betrekken, input ophalen in de haarvaten van onze stad. De wijsheid ligt immers niet alleen besloten in het stadhuis. Daarom een motie. Spreekt uit dat bij het opstellen van een coalitieakkoord de belangen van alle Hagenaars, Hagenezen en Scheveningers moeten worden meegenomen, ook van hen die niet van zich kunnen laten horen. En draagt de onderhandelende partijen op, hiertoe maatschappelijke en levensbeschouwelijke organisaties uit te nodigen, om inbreng te leveren aan het coalitieakkoord en ook het gesprek met hen aan te gaan. Voorzitter, tot zover. De voorzitter.

Door mevrouw Klokkenburg wordt de volgende motie (H.11 CU-SGP) ingediend: ───────────────────────────────────────────────────────── Motie H.11 CU.SGP betrek maatschappelijke en levensbeschouwelijke organisaties bij formatie De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 4 juni 2026 ter bespreking van het debat voortgang onderhandelingen, constaterende, dat: ▪ er sprake is van grote maatschappelijke vraagstukken in onze stad, zoals armoede- en schuldenproblematiek en dak- en thuisloosheid; ▪ een diversiteit aan maatschappelijke en levensbeschouwelijke organisaties een rol spelen bij deze vraagstukken en goede ideeën hebben voor oplossingen; overwegende, dat: ▪ mensen in kwetsbare posities vaak niet hun belangen onder de aandacht kunnen brengen bij het stadsbestuur, maar belangenorganisaties wel; ▪ draagvlak in en ideeën uit de stad van belang zijn om de grote vraagstukken aan te pakken en op te lossen; spreekt uit dat: ▪ bij het opstellen van een coalitieakkoord de belangen van alle Hagenaars, Hagenezen en Scheveningers moeten worden meegenomen, dus ook van hen die niet van zich kunnen laten horen; draagt de onderhandelende partijen op: ▪ hiertoe maatschappelijke en levensbeschouwelijke organisaties uit nodigen om inbreng te leveren aan het coalitieakkoord en ook het gesprek met hen aan te gaan, en gaat over tot de orde van de dag.

De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslagingen. De voorzitter. Dank u wel, mevrouw Klokkenburg. Daarmee zijn we gekomen aan het einde van de eerste termijn, agendapunt H, Voortgang onderhandelingen. Dan geef ik nu gelegenheid aan de heer Aboutaleb om te reageren. Dat zal ook de voorzitter van het presidium doen. A. Aboutaleb. Voorzitter, hartelijk dank. Ik heb goed geluisterd naar het debat en naar de gewisselde argumenten. Het is natuurlijk allemaal overwegend politiek. Daar behoor ik uit weg te blijven. Dat ga ik allemaal niet van commentaar voorzien. Ik heb er allerlei beelden bij, maar het past mij niet. Eerst terugkomend op mijn mededeling, waarom er gebroken is. Ik heb u een brief gestuurd. De brief is van 23 mei. Kunt u het misschien bij u houden of erbij pakken? Want ik wil daar namelijk uit citeren. Een

49

klein citaat: “Ik constateer dat in de onderhandelingen voortgang is geboekt”. Het woord voortgang heeft betekenis. Voortgang op het dossier asiel en opvang. Op dat dossier is naar mijn overtuiging in de gesprekken voortgang geboekt. En dan komt het. “Er is echter geen overeenstemming bereikt ten aanzien van de opvang aan de Sportlaan 598-600. Derhalve hebben de partijen besloten om af te zien van verdere onderhandelingen”. Hij is kort, maar de reden van breken is hier gemeld. Voorzitter, ik hecht eraan om te zeggen, hij is limitatief zo opgeschreven. Op het moment dat ik zelf besloot dat er blijkbaar geen rek meer zat in de gesprekken, zijn er geen andere argumenten gewisseld, waarom er gebroken zou zijn dan Sportlaan an sich. Misschien een kwestie van de Nederlandse taal, maar het is ook precies lezen. Deze alinea is limitatief bedoeld. Alle andere argumenten hebben hier geen plaats. Voorzitter, dat zegt alles. In wat voor overleg dan ook overigens, dat zit in de natuur van deze man, dat heeft mijnheer Partiman ook gezegd, als er geknaagd zou worden aan de wet, zou ik altijd kuchen. Dat is mijn natuur. Dat zou ik dan ook op allerlei plekken doen, als de wet in het geding zou zijn. Voorzitter, wat ik niet kan, u kunt mij veel kwaliteiten toedichten, maar ik kan natuurlijk in de onderhandelingen nooit weten welke impliciete argumenten mensen in hun mind hebben.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/17183673/1