CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS323626 Bijlage 2 Final Eindrapport Verkenning bereikbaarheid World Forum-gebied

Commissie Ruimte 19 november 2025, gemeente Den HaagBij agendapunt: Ingekomen bestuurlijke stukken29.590 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

1.2

Doelgroepenanalyse Het gebied kenmerkt zich door dat er – naast bewoners – veel mensen werken en dat er zich relatief veel evenementlocaties bevinden. Daarom zijn In het onderzoek drie doelgroepen onderscheiden: bewoners in het gebied, werknemers (bij bedrijven die in het gebied gevestigd zijn) en bezoekers van evenementlocaties in het gebied. Binnen de groep werknemers zijn er in dit gebied relatief veel internationale krachten, zodat we binnen de doelgroep werknemers onderscheid maken tussen nationale en internationale werknemers. Het is immers mogelijk dat de mobiliteitspatronen tussen deze groepen verschillen. Bewoners Bewoners staan positief tegen meer duurzame vervoermiddelen. Om deze ook echt (vaker) te gaan gebruiken, zijn de volgende maatregelen noodzakelijk: • betere OV-verbindingen directer naar vaak voorkomende bestemmingen, • betere fietsverbindingen (fietspaden) en -voorzieningen, • een groene golf voor fietsers op belangrijke doorgaande fietsroutes. Verder valt op dat de auto met name populair is voor recreatieve doeleinden, winkelen en boodschappen doen. Voor boodschappen doen komt dit mogelijk door bagagemogelijkheden. Er zijn diverse mogelijkheden om hier de bakfiets te promoten. Daarnaast wordt deelvervoer nog weinig gebruikt, hier liggen kansen voor promotie – met name op de plekken waar het OV op korte termijn nog niet verbeterd kan worden.

Tot slot zijn de meningen over parkeervoorzieningen verdeeld. Zo wordt er onder andere door een deel van de bewoners een tekort aan parkeermogelijkheden en overlast door het bezetten van parkeerplaatsen door bijvoorbeeld ouders die kinderen naar school brengen ervaren. De gemeente moet beslissen welke verbeteringen wenselijk en mogelijk zijn. Meer parkeervoorzieningen zijn vanuit duurzaamheidsoverwegingen onwenselijk. Werknemers Werknemers die bereid zijn andere vervoermiddelen te gebruiken, geven vooral de voorkeur aan de e-bike. Voor het benutten van deze potentie kan gedacht worden aan maatregelen als e-bike probeerpools, het stimuleren van e-bike gebruik door werkgevers (werkgeversaanpak mobiliteit) en het mogelijk bespoedigen van de mogelijkheid om elektrische ov-fietsen te huren op stations.

1

Deze leefstijlen zijn beschreven in het rapport van Motivaction uit 2019, getiteld "Speelruimte voor Den Haag: Stimuleren van duurzame mobiliteit met mobiliteitsstijlen" in opdracht van de Gemeente Den Haag. Een leefstijl verwijst naar de manier waarop mensen hun leven organiseren, inclusief de voorkeuren voor mobiliteitsgedrag binnen verschillende groepen. Motivaction heeft in Den Haag acht leefstijlen geïdentificeerd op basis van waardenprofielen. Zij noemen deze leefstijlen: postmaterialisten, kosmopolieten, postmoderne hedonisten, nieuwe conservatieven, traditionele burgerij, opwaarts mobielen, gemaksgeoriënteerden en moderne burgerij.

Gedragsonderzoek World Forum gebied Den Haag

3

Verder staan werknemers positief tegenover actieve mobiliteit (fietsen en lopen) en openbaar vervoer. Hier liggen kansen om bedrijven te stimuleren meer duurzaam vervoer op te nemen in hun mobiliteitsbeleid richting hun werknemers en dit aantrekkelijker te maken. De werkgeversaanpak biedt hier diverse mogelijkheden in. Bezoekers De groep bezoekers is klein, waardoor de data met voorzichtigheid geïnterpreteerd moet worden. Uit het gedragsonderzoek blijkt dat bezoekers kiezen voor de meest praktische vervoerwijze, of voor de kortste reistijd. De helft van de bezoekers overweegt ook geen enkel alternatief vervoermiddel. Dit geldt ook voor de bezoekers die momenteel met de auto naar de evenementlocatie komen. Bezoekers die met de auto komen en wel openstaan voor alternatieven staan open voor diverse vervoermiddelen zoals de motor, fiets, e-bike en bus. Omdat bezoekers in ons onderzoek naar verwachting dichtbij de evenementlocaties wonen kan in het kader van meer duurzaam vervoer gedacht worden aan e-bike probeerpoules en het stimuleren van actieve mobiliteit. Bij de groep bezoekers bestaat onvrede over de parkeermogelijkheden. Of dit verbeterd moet worden, of dat juist ingezet moet worden op meer openbaar vervoergebruik, is een keuze die de gemeente samen met de evenementenlocaties moet nemen.

1.3

Vervolgonderzoek Voor vervolgonderzoeken raden we per doelgroep de volgende richtingen aan voor vervolgonderzoek: Algemeen Zoals aangegeven hebben wij gebruik gemaakt van vragenlijstonderzoek. We adviseren dit onderzoek uit te breiden door middel van focusgroepen en/of diepte-interviews met de verschillende doelgroepen om de kansen uit dit onderzoek verder te onderbouwen. Bewoners • Om het verbeteren van OV en fietsverbindingen optimaal in te zetten raden wij aan om te onderzoeken op welke locaties in de internationale zone deze het meeste positieve effect teweeg kunnen brengen. Hiervoor moet worden gekeken naar kansrijke fietsverbindingen en ontbrekende schakels in het openbaar vervoernetwerk in het gebied. • Om de mogelijkheid om boodschappen te doen met de bakfiets in plaats van de auto te stimuleren is vervolgonderzoek nodig naar de motieven en weerstanden in vervoermiddelkeuze voor dit reismotief. • Er is onderzoek nodig naar of de subjectieve parkeerproblematiek van bewoners overeenkomt met de objectieve parkeerproblematiek, alvorens er maatregelen ingezet worden. Werknemers • Er liggen diverse kansen bij een werkgeversbenadering bij diverse (grote) bedrijven in het gebied. Hiervoor is eerst een draagvlakpeiling voor zo’n aanpak nodig bij deze bedrijven.

• Om kansen van een werkgeversbenadering te optimaliseren kan er onderzoek gedaan worden naar de geldende bedrijfscultuur en in welke mate deze duurzaam reisgedrag stimuleert. • Om duurzaam reisgedrag voor werknemers aantrekkelijker te maken kan er naar het mobiliteitsbeleid bij de diverse werkgevers gekeken worden ter inventarisatie van welke mogelijkheden er liggen dit te stimuleren. Bezoekers • De groep bezoekers in de enquête is klein, en komt naar verwachting met name uit de buurt van de evenementenlocaties. Het is zeer waarschijnlijk dat bezoekers die grotere afstanden moeten afleggen ander reisgedrag vertoont. Om de groep bezoekers te stimuleren duurzamer te reizen is dus meer onderzoek gewenst naar het reisgedrag van de bezoekers.

Gedragsonderzoek World Forum gebied Den Haag

4

2. Onderzoeksvragen Het Worldforum gebied in Den Haag, ook wel ‘Internationale Zone’ genoemd, is een gebied met een sterk internationale karakter. De Dienst Stedelijke Ontwikkeling, afdeling Mobiliteit van de gemeente Den Haag wil er voor zorgen dat dit gebied nu en in de toekomst goed en duurzaam bereikbaar is en blijft. Ze is een verkenning gestart hoe dit gegarandeerd kan worden. Aangezien bereikbaarheid en duurzaamheid vaak gepaard gaat met gedragsverandering, is een gedragsonderzoek onderdeel van deze verkenning, welke is uitgevoerd in februari en maart 2024. Het gebied kenmerkt zich door dat er – naast bewoners – veel mensen werken en dat er zich relatief veel evenementlocaties bevinden. Daarom zijn In het onderzoek drie doelgroepen onderscheiden: bewoners in het gebied, werknemers (bij bedrijven die in het gebied gevestigd zijn) en bezoekers van evenementlocaties in het gebied. Binnen de groep werknemers zijn er in dit gebied relatief veel internationale krachten, zodat we binnen de doelgroep werknemers onderscheid maken tussen nationale en internationale werknemers. Het is immers mogelijk dat de mobiliteitspatronen tussen deze groepen verschillen. Doel van het gedragsonderzoek is te achterhalen welke mogelijkheden er zijn om mobiliteitsgedrag van bewoners, bezoekers en werknemers in het gebied te verduurzamen in lijn met de strategie Mobiliteitstransitie.

We onderzoeken de mogelijkheden tot verduurzaming van mobiliteitsgedrag aan de hand van de volgende onderzoeksvragen: •

Wat is het mobiliteitsgedrag van bewoners, werknemers en bezoekers (van internationale organisaties) in- en door dit gebied?2

• •

Hoe denken zij over het gebruik van meer duurzame en ruimte efficiënte vervoerwijzen? Welke parkeer- en bereikbaarheidsproblemen ervaren bezoekers, werknemers en bewoners in het gebied en hoe denken zij dat

dit verbeterd kan worden? Deze drie vragen leiden tot het antwoord op de centrale onderzoeksvraag: •

Welke maatregelen zijn effectief (op basis van een gebieds- en doelgroepenanalyse) om meer duurzaam mobiliteitsgedrag in de internationale zone te stimuleren en de bereikbaarheid van het gebied te verbeteren?

In het gedragsonderzoek doorlopen we een aantal stappen om tot antwoord op de onderzoeksvragen te komen: • Gebiedsanalyse: We analyseren het gebied door middel van bureauonderzoek. Zo brengen we mobiliteitsmogelijkheden van de verschillende wijken in beeld. • Doelgroepenanalyse: Daarnaast analyseren we de verschillende doelgroepen in de wijk door hen een online enquête voor te leggen. Hiermee krijgen we zicht op het huidige reisgedrag van de doelgroepen en hoe dit te veranderen is in een meer duurzame richting. De gebiedsanalyse en doelgroepenanalyse samen leiden tot inzicht in welke mogelijke maatregelen het mobiliteitsgedrag van bewoners, bezoekers en werknemers in het gebied kunnen verduurzamen.

22

In overleg met de gemeente Den Haag is besloten alleen de mobiliteit voor verschillende doelgroepen in het gebied te verkennen en doorgaande reizigers niet in het onderzoek te betrekken. Dit besluit is genomen op basis van de gekozen onderzoeksopzet en het accent dat in dit onderzoek wordt gelegd op Worldforum als verblijfsgebied.

Gedragsonderzoek World Forum gebied Den Haag

5

3. Gebiedsanalyse Het Worldforumgebied is onderdeel van stadsdeel Scheveningen en wordt door de gemeente Den Haag benoemd als de ‘Internationale Zone’. Het gebied kent relatief gezien weinig woningen en biedt huisvesting aan (1) instellingen voor kunst en cultuur, (2) congreshallen en hotels en (3) kantoren en ambassades. We onderscheiden vier wijken in de Internationale Zone: (1) Statenkwartier, (2) Zorgvliet, (3) Van Stolkpark en Scheveningse Bosjes en (4) Stadhoudersplantsoen (zie Figuur 1). Deze wijken liggen niet geheel in de internationale zone. Een deel van deze wijken valt er dus buiten. In een onderzoek naar leefstijlen in de verschillende wijken van Den Haag3 zijn ook de wijken uit ons onderzoeksgebied meegenomen. Bij de beschrijving van de wijken hieronder, gaan we in op welke leefstijlen in deze wijken dominant zijn. Een leefstijl is de manier waarop mensen hun leven inrichten (denk hierbij aan meningen over cultuur, hun mediagebruik, voorkeuren voor sport en ontspanning, maar ook de voorkeuren in mobiliteitsgedrag van groepen mensen). Bureau Motivaction heeft een indeling van leefstijlen opgesteld. Zij onderscheiden acht kenmerkende waardenprofielen, gebaseerd op de persoonlijke opvattingen, houdingen en waarden die aan leefstijlen ten grondslag liggen. Binnen een profiel hebben mensen sterk overeenkomstige waarden en meningen.

De 8 leefstijlen zijn als volgt gelabeld: postmaterialisten, kosmopolieten, postmoderne hedonisten, nieuwe conservatieven, traditionele burgerij, opwaarts mobielen, gemaksgeoriënteerden en moderne burgerij. Motivaction heeft in 2019 voor alle wijken van Den Haag de verdeling van leefstijlen in beeld gebracht. Wat betreft mobiliteitsgedrag staat de ene leefstijl meer open voor het verruilen van de auto voor de fiets of OV, elektrisch rijden, het gebruik van deelvervoer en een meer duurzame inrichting van de openbare ruimte dan de andere. Van de leefstijlen die het meest in de wijken voorkomen, zullen we daarom kort weergeven hoe zij tegenover meer duurzaam vervoer en een meer duurzame inrichting van de wijk staan. We hebben het dan over de meest voorkomende mobiliteitsstijl in de wijk, hetgeen niet betekent dat er geen andere leefstijlen in de wijk voorkomen. Beleid gebaseerd op de meest voorkomende leefstijl in een wijk, richt zich dus niet primair op alle bewoners in deze wijk.

Figuur 1. De verschillende wiken in het onderzoeksgebied

De wijken uit Figuur 1 liggen allen deels binnen het onderzoeksgebied. We beschrijven hieronder de karakteristieken van deze wijken als geheel en nemen daar dan dus ook de delen in mee die grenzen aan het onderzoeksgebied.

3

Motivaction, 2019, Speelruimte voor Den Haag Stimuleren van duurzame mobiliteit met mobiliteitsstijlen, Gemeente Den Haag.

Gedragsonderzoek World Forum gebied Den Haag

6

3.1

Beschrijving van de verschillende wijken In Tabel 1 zijn enkele belangrijke kenmerken van de wijken Statenkwartier, Zorgvliet, Van Stolkpark/Scheveningse Bosjes en Stadhoudersplantsoen vermeld, ten opzichte van Den Haag als geheel. In deze tabel zijn geen gegevens over deelvervoervoorzieningen opgenomen, aangezien deze niet beschikbaar waren. Den Haag

Statenkwartier

Zorgvliet

Van Stolkpark en Scheveningse Bosjes

Stadhoudersplantsoen

Totaal aantal inwoners

562.839

10.615

705

845

2860

% inwoners (tot 15 jaar)

16%

16%

12%

12%

13%

% inwoners (15 tot 25 jaar)

13%

13%

5%

11%

9%

% inwoners (25 tot 45 jaar)

30%

24%

16%

20%

36%

% inwoners (45 tot 65 jaar)

26%

30%

28%

30%

25%

% inwoners (65 jaar en ouders)

15%

18%

38%

27%

17%

% Herkomst Nederland

41%

48%

51%

47%

47%

% Herkomst Europa

17%

29%

28%

28%

30%

% Herkomst buiten Europa 42%

23%

22%

24%

23%

Aantal huishoudens

281.186

5.100

370

410

1.650

Gemiddelde huishoudensgrootte

2,0

2,0

1,9

2,0

1,7

Aantal personenauto’s per 0,7 huishouden

0,8

1,0

1,0

0,6

Netto arbeidsparticipatie

64%

63%

49%

55%

67%

% Inwoners met een laag opleidingsniveau

22%

12%

4%

8%

8%

% Inwoners met een midden opleidingsniveau

26%

16%

24%

18%

20%

% Inwoners met een hoog 28% opleidingsniveau

44%

40%

45%

50%

Gem. inkomen per inkomensontvanger

€36.900

€66.300

€69.400

€86.400

€47.400

Totaal aantal bedrijfsvestigingen

91.810

1.925

305

225

475

Aantal tramhaltes

17

13

8

2

Aantal bushaltes

17

8

5

4

Algemene kwaliteit fietspaden

3 (uit 5)

3 (uit 5)

2 (uit 5)

2 (uit 5)

Afstand tot Centraal station

4-5 km

4-5 km

3-4 km

4-5 km

Afstand tot Holland Spoor

4-5 km

5-6 km

5-6 km

4-5 km

Tabel 1. De kenmerken van Den Haag en de daarin gelegen wijken Statenkwartier, Zorgvliet, Van Stolkpark/Scheveningse Bosjes en Stadhoudersplantsoen

Het Statenkwartier Gebiedsanalyse Het Statenkwartier ligt binnen de wijk Geuzen- en Statenkwartier in de gemeente Den Haag. Het gebied heeft een hoge adressendichtheid (4.241 adressen per km2). De gemiddelde afstand tot een huisartsenpraktijk en een grote supermarkt is beide 500 meter. Op gemiddeld 600 meter zit een basisschool en op 300 meter een andere dagelijkse levensmiddelenwinkel en een grote supermarkt. Daarmee zijn de voorzieningen iets dichterbij dan gemiddeld in Den Haag. In 2023 wonen er 10.615 inwoners, waaronder 5.110 mannen en 5.505 vrouwen. De bevolking is de afgelopen 5 jaar met 9% sterk gegroeid en deze stijging is hoger dan gemiddeld in Den Haag (deze is 5%). Een mogelijke verklaring is een groei van de woningvoorraad met 7,3% in de afgelopen 5 jaar. Verder wonen in deze wijk veel mensen met een hoog opleidingsniveau. Het gemiddeld jaarinkomen ligt ruim boven het gemiddelde in Den Haag.

Gedragsonderzoek World Forum gebied Den Haag

7

In deze wijk zijn diverse OV mogelijkheden aanwezig. Zo rijden er 3 tramlijnen (1, 11 en 17) en 4 buslijnen (21, 22, 24 en 28) door het gebied, waarmee onder andere Scheveningen, Rijswijk en NS station Den Haag HS mee kunnen worden bereikt. Daarnaast is het autobezit in deze wijk (0,8) iets hoger dan gemiddeld in Den Haag (0,7). Meest voorkomende leefstijl De meest voorkomende leefstijl in het Statenkwartier is die van de kosmopolieten. Kosmopolieten kunnen worden gezien als open en kritische wereldburgers met een focus op zowel ontplooien als materialisme. Verder vinden kosmopolieten flexibiliteit en milieu belangrijk, dit laatste is terug te zien is in een laag autobezit en -gebruik en hoog gebruik van fiets en OV. Reizen per fiets en openbaar vervoer wordt door deze groep met name prettig ervaren omdat het een gevoel van vrijheid geeft. Een reden om (nog) niet met het OV te reizen is voor deze groep dat ze dan minder flexibel zijn. Zorgvliet Gebiedsanalyse Zorgvliet onderscheidt zich van de andere wijken doordat het een groene wijk is met een mix van monumentale en moderne villa’s. Het is dé ambassadewijk van Den Haag. De villa’s staan rondom het park Zorgvliet. Hoewel het gebied groener is dan de andere wijken, heeft het een hoge adressendichtheid van 4.304 adressen per km2.

In Zorgvliet zijn een grote supermarkt en een winkel voor dagelijkse levensmiddelen gemiddeld iets verder weg dan elders in Den Haag. Echter, een huisarts en een basisschool zijn in Zorgvliet weer iets dichterbij dan gemiddeld in Den Haag. In 2023 wonen er 705 inwoners, waaronder 345 mannen en 360 vrouwen. Hier is de bevolking in de afgelopen 5 jaar met 41% zeer sterk gegroeid (veel hoger dan de gemiddelde stijging in Den Haag (5%). Deze sterke groei is te verklaren door de groei in de woningvoorraad met 19,5% in de afgelopen 5 jaar. Gemiddeld leven er in deze wijk veel mensen met een gemiddeld of hoog opleidingsniveau; het gemiddeld jaarinkomen ligt ruim boven het gemiddelde in Den Haag. In deze wijk zijn er diverse mogelijkheden om gebruik te maken van het OV. Zo rijden er 3 buslijnen (21, 24 en 28) en 2 tramlijnen (1 en 17) door het gebied waarmee onder andere Scheveningen, Wateringen en Den Haag Kijkduin mee kunnen worden bereikt. Daarnaast is er een hoog autobezit (1,0) te zien in de wijk, wat hoger is dan gemiddeld in Den Haag (0,7). Meest voorkomende leefstijl In Zorgvliet is de meest voorkomende leefstijl die van de nieuwe conservatieven. Nieuwe conservatieven kunnen worden gezien als de liberaal conservatieve maatschappelijke bovenlaag die openstaat voor technologische ontwikkeling en autonomie belangrijk vindt.

Deze groep hecht waarde aan autobezit maar fietst ook graag. Deze groep reist verder relatief minder met het OV, de belangrijkste opgegeven redenen hiervoor zijn beperkte flexibiliteit en een verminderd gevoel van vrijheid. Het Van Stolkpark/Scheveningse Bosjes Gebiedsanalyse Het Van Stolkpark/Scheveningse Bosjes is een groene, statige villawijk met lange gebogen straten. Hier staan veel grote monumentale panden. In de meeste villa’s zijn ambassades gevestigd. De adressendichtheid is gemiddeld met 3.543 adressen per km2. In deze wijk is de gemiddelde afstand tot een grote supermarkt 1100 meter, tot een huisartsenpraktijk 900 meter, tot een basisschool 800 meter en tot een andere dagelijkse levensmiddelenwinkel 700 meter. Voorzieningen in Het Van Stolkpark/Scheveningse Bosjes zijn daarmee verder dan gemiddeld in Den Haag, met name een grote supermarkt (gemiddeld in Den Haag is 600 meter). Deze wijk is erg geliefd bij expats en behoort tot de duurste wijken van Den Haag. In 2023 wonen er 845 inwoners, waaronder 415 mannen en 430 vrouwen. De bevolking is de afgelopen 5 jaar met 13% gegroeid hetgeen hoger is dan in Den Haag gemiddeld (5%). Dit kan deels verklaard kan worden door de groei in aantal huishoudens. Gemiddeld leven er in deze wijk veel mensen met een gemiddeld of hoog opleidingsniveau; er wonen gemiddeld minder mensen met een laag inkomen.

Het gemiddeld jaarinkomen ligt erg hoog in deze wijk: meer dan het dubbele van het gemiddelde in Den Haag. Binnen de wijk zijn verschillende OV opties beschikbaar. Zo zijn er twee buslijnen (21 en 22) en twee tramlijnen (1 en 9), waarmee onder andere Scheveningen, Delft en Den Haag Duindorp kunnen worden bereikt. Verder is het autobezit in deze wijk hoog (1,0), en ook hoger dan gemiddeld in Den Haag (0,7). Een mogelijke verklaring hiervoor is dat veel huizen in de wijk een eigen oprit hebben en zodoende de auto(‘s) makkelijk kunnen parkeren op eigen terrein.

Gedragsonderzoek World Forum gebied Den Haag

8

Meest voorkomende leefstijl De meest voorkomende leefstijl in Het Van Stolkpark/Scheveningse Bosjes is die van de traditionele burgerij. Deze groep is te omschrijven als bestaande uit moralistische, plichtsgetrouwe en op status-quo gerichte burgerij die waarde hechten aan tradities en materiële bezittingen. Deze groep heeft een lager dan gemiddeld autobezit en -gebruik en staan positief tegenover openbaar vervoer (met name de bus) en de fiets, ook al worden deze niet veel gebruikt. Het Stadhoudersplantsoen Gebiedsanalyse Het Stadhoudersplantsoen ligt in de wijk Duinoord en kenmerkt zich door de brede groenstrook aan de rand van de wijk met bomen, water en enkele sportvelden. Er bevinden zich veel gebogen straten en karakteristieke grote herenhuizen van rond 1900. De gemiddelde dichtheid van adressen ligt in Stadhoudersplantsoen fors hoger dan de andere wijken (5.422 adressen per km2). De gemiddelde afstand tot een basisschool en een grote supermarkt is beide 400 meter. Op gemiddeld 300 meter zit een huisartsenpraktijk en op 200 meter een andere dagelijkse levensmiddelenwinkel en een grote supermarkt. Daarmee zijn de voorzieningen iets dichterbij dan gemiddeld in Den Haag. In 2023 wonen er 2.860 inwoners, waaronder 1.355 mannen en 1.500 vrouwen.

De bevolking is de afgelopen 5 jaar met 45,4% zeer sterk gegroeid, een groei die ook vele malen hoger is dan in Den Haag gemiddeld (5%). Dit is te verklaren door de sterke woninggroei van 39,5% in de afgelopen 5 jaar. Van alle wijken in ons onderzoeksgebied kent deze wijk het hoogste percentage hoog opgeleiden. Opvallend is dat het gemiddeld jaarinkomen het laagst is van alle wijken uit ons onderzoeksgebied en het dichtst bij het gemiddelde van Den Haag als geheel ligt (al ligt het daar nog wel boven, zie Tabel 1). In de wijk zijn een beperkt aantal OV opties aanwezig, mogelijk te verklaren door de relatief kleine oppervlakte van deze wijk. Zo is er één buslijn (21) en één tramlijn beschikbaar (11), waarmee onder andere Scheveningen bereikt kan worden. Daarnaast is het autobezit in deze wijk met 0,6 personenauto’s per huishouden laag, en ook het laagste ten opzichte van alle bovenstaande wijken (zie Tabel 1). Ook is dit lager dan het gemiddelde van Den Haag (0,7). Meest voorkomende leefstijl De meest voorkomende leefstijl van de inwoners van het Stadhoudersplantsoen is, net zoals in het Statenkwartier, die van de kosmopolieten. Kosmopolieten kunnen worden gezien als open en kritische wereldburgers met een focus op zowel ontplooien als materialisme.

Deze groep vindt flexibiliteit en milieu belangrijk, waarvan dit laatste terug te zien is in laag autobezit en -gebruik en hoog gebruik van fiets en OV.

Aanbevelingen vanuit de meest voorkomende leefstijlen Bovenstaand is beschreven welke leefstijl per wijk het meeste voorkomt. Per leefstijl en wijk zijn verschillende maatregelen effectief, welke hieronder worden beschreven. We wijzen er nogmaals op dat deze maatregelen gebaseerd zijn op de meest voorkomende leefstijl in de wijk, maar dus niet op alle inwoners van de wijk. Voor kosmopolieten (Statenkwartier en Stadhoudersplantsoen) geldt dat het gebruik van de auto relatief laag is, en deze groep open staat voor het beperken van de ruimte van de auto. Verder is het gebruik van de fiets en het OV relatief hoog. Het gebruik van de fiets zou kunnen worden vergroot door het verbeteren van fietsroutes (ruimte, gemakkelijker doorfietsen) en stallingsmogelijkheden. Kosmopolieten zijn gevoelig voor het milieuargument. Ook is flexibiliteit belangrijk voor hen en in dit opzicht scoort het OV over het algemeen nog laag. Frequentieverhoging en meer rechtstreekse verbindingen versterken de flexibiliteitsbeleving van het ov, maar zijn niet altijd makkelijk te realiseren. Het promoten en aanbieden van deelvervoer als aanvulling op ov-gebruik (ov-fiets, deelauto’s) maakt het ov flexibeler en is wellicht makkelijker te realiseren. Ook kan de MaaS-app, waarmee mobiliteit als een dienst in plaats van een middel wordt aangeboden duurzaam gedrag bevorderen voor dit type leefstijl.

Voor de nieuwe conservatieven (Zorgvliet) geldt dat zij waarde hechten aan autobezit, en minder open staan voor het beperken van de ruimte voor de auto. Door oplaadmogelijkheden in deze wijk te stimuleren wordt hun interesse in de elektrische auto mogelijk vergroot. Daarnaast kan beter openbaar vervoer hen over de streep kan trekken om de auto minder te gebruiken, met veel keuze-opties en flexibiliteit. MaaS is wat dat betreft ook hier veelbelovend. Verder fietst deze groep graag. Om dit fietsgebruik te stimuleren dient de fietsinfrastructuur in deze wijk verder verbeterd worden.

Gedragsonderzoek World Forum gebied Den Haag

9

De ‘traditionele burgerij’ (Van Stolkpark en Scheveningse Bosjes) is geïnteresseerd in het verruilen van parkeerruimte voor meer groen en meer ruimte voor fietsen en om te spelen. De vraag is echter in hoeverre dit opgaat voor het Van Stolkpark/Scheveningse Bosjes (waar deze leefstijl dominant is), omdat dit al een zeer groene wijk is met veel openbare ruimte. Het valt in deze wijk op dat de feitelijke statistische cijfers niet goed overeenstemmen met de verwachte kenmerken vanuit het leefstijlenonderzoek. Dat maakt het lastig om aan te geven welke maatregelen hier effectief zijn. Beter OV en het stimuleren van het gebruik van de fiets door het verbeteren van fietsroutes (ruimte, gemakkelijker doorfietsen) en stallingsmogelijkheden kunnen natuurlijk geen kwaad bij het stimuleren van duurzaam gedrag, maar of het effect hiervan groot is, valt te betwijfelen gezien het hoge autobezit en het zeer hoge gemiddelde inkomen.

Gedragsonderzoek World Forum gebied Den Haag

10

4. Doelgroepenanalyse In het onderzoek hebben we drie doelgroepen onderscheiden: • Bewoners in het gebied; • Werknemers bij bedrijven die in het gebied gevestigd zijn; • Bezoekers van evenementlocaties in het gebied. Om er veel internationale werknemers in het gebied zijn en deze mogelijk andere mobiliteitspatronen hebben dan nationale werknemers maken we onderscheid tussen nationale en internationale werknemers. De verschillende doelgroepen in de internationale zone zijn benaderd met een online vragenlijst over diverse mobiliteitsvraagstukken. Deze vragenlijst was omwille van internationale medewerkers zowel in het Nederlands als in het Engels beschikbaar. De online vragenlijst is hoofdzakelijk vanuit de gemeente Den Haag verspreid. Voor bewoners betrof dit het verspreiden via wijkverenigingen en een campagne via de sociale mediakanalen van de gemeente, werknemers werden benaderd via een nieuwsbrief en een directe mailing naar diverse bedrijven en bezoekers zijn benaderd via diverse evenementlocaties. In totaal heeft de vragenlijst 4 weken uitgestaan. Tussen 19 februari en 18 maart hadden respondenten de kans om de vragenlijst in te vullen. Tijdens deze periode hebben 912 personen de enquête volledig ingevuld. Voordat de data die met de enquête verkregen zijn, werden geanalyseerd is deze allereerst opgeschoond.

Dat wil zeggen dat respondenten die niet aan gestelde eisen voldeden zijn uitgesloten. We bedoelen hier bijvoorbeeld respondenten die de vragenlijst niet hebben afgerond binnen een realistisch tijdsbestek (bijvoorbeeld de hele vragenlijst in minder dan een minuut ingevuld) of respondenten die niet binnen de doelgroep vielen (bijvoorbeeld bewoners van een wijk buiten de internationale zone). In totaal zijn zo 41 respondenten uitgesloten, wat betekent dat er een uiteindelijke respons was van 871. Voor de analyse is gebruik gemaakt van SPSS. Omdat niet alle vragen in de enquête verplicht waren, zijn niet alle vragen door een gelijk aantal respondenten beantwoord. Wanneer we in onderstaand verslag refereren aan percentages van het geheel, betreft het geheel niet de gehele steekproef, maar slaat dit op het percentage van de respondenten die op de betreffende vraag heeft geantwoord. In het onderzoek is sprake van zelf-gerapporteerd gedrag. Respondenten geven aan hoe zij zich gedragen en wat ze denken. Daarbij bestaat het risico van sociaal wenselijk te antwoorden; men zegt dan niet helemaal wat men zelf denkt of doet, maar meer wat men denkt dat de onderzoeker graag wil horen of wat maatschappelijk het meest geaccepteerd is. Ook is er bij dit type onderzoek sprake van de zogeheten ‘implementation gap’.

Dit wil zeggen dat mensen wel de intentie uitspreken om bepaald gedrag te vertonen, maar dat dit lang niet altijd in de praktijk ook tot het gewenste gedrag leidt. We wijzen er op dat dit onderzoek een eerste stap is om zicht te krijgen op de mobiliteitswensen en -mogelijkheden van de diverse doelgroepen in het gebied, in het licht van de mobiliteitstransitie. Diverse resultaten uit dit onderzoek vragen een verdiepingsslag die in vervolgonderzoek gemaakt kan worden. In hoofdstuk 4 geven we enkele aanbevelingen voor vervolgonderzoek.

Gedragsonderzoek World Forum gebied Den Haag

11

4.1

Demografische gegevens Qua leeftijd is de groep respondenten redelijk normaal verdeeld over diverse leeftijdscategorieën, al is de groep respondenten tussen de 18 en 25 jaar oud relatief wat kleiner (zie Grafiek 1). Dit geldt ook voor de groep tussen 26 en 35 jaar oud. De meerderheid van de respondenten is vrouw (59,6%).

Leeftijdsverdeling respondenten Aantal respondenten

300 250 200 150

100 50 0 Tussen de 18 Tussen de 26 Tussen de 36 Tussen de 46 Tussen de 56 en 25 jaar oud en 35 jaar oud en 45 jaar oud en 55 jaar oud en 66 jaar oud

67 jaar of ouder

Wil ik liever niet zeggen

Grafiek 1. De leeftijdsverdeling van de respondenten

4.2

Samenstelling steekproef Wat betreft de drie doelgroepen die we onderscheiden hebben, is de verdeling over de gehele populatie als volgt: Doelgroep

Aantal respondenten

Percentage

Bewoners

617

70,8%

Werknemers

208

23,9%

•

Internationale werknemers

134

15,4%

•

Nationale werknemers

74

8,5%

Bezoekers

46

5,3%

Totaal

871

100%

Tabel 2. De verdeling van de respondenten over de doelgroepen

De doelgroepen verschillen dus in omvang wat betreft deelname aan de enquête. De omvang van de doelgroep bezoekers is gering (n=46, zie Tabel 2). Dit komt doordat een aantal evenementlocaties zelf onderzoek doet onder hun bezoekers naar allerlei verschillende belevingsaspecten en men ‘nog een vragenlijst uitzetten’ te veel vond voor hun bezoekers. Gevolg is wel dat er over deze groep minder betrouwbare uitspraken gedaan kunnen worden.

Gedragsonderzoek World Forum gebied Den Haag

12

4.3

Mobiliteit in de internationale zone In de vragenlijst zijn diverse thema’s aan bod gekomen: het mobiliteitsgedrag in de internationale zone, de attitude tegenover vervoerwijzen en de ervaren parkeer- en bereikbaarheidsproblemen. In deze paragraaf lichten we deze thema’s toe. Mobiliteitsgedrag Om de onderzoeksvraag ‘Wat is het mobiliteitsgedrag van bewoners, werknemers en bezoekers in dit gebied?’ te beantwoorden, is in de enquête gevraagd naar het mobiliteitsgedrag in de internationale zone. Hierin zijn de vervoermiddelen verdeeld over de categorieën ‘gemotoriseerd vervoer’, ‘actieve mobiliteit’, ‘openbaar vervoer’ en ‘deelvervoer’. Binnen deze categorieën onderscheiden we de volgende vervoerwijzen: • Gemotoriseerd vervoer: privé gemotoriseerde vervoermiddelen, namelijk de auto, motor en scooter • Actieve mobiliteit: fiets, e-bike, bakfiets en lopen (>1 kilometer) • Openbaar vervoer: tram en bus. De trein is hierin niet meegenomen aangezien het niet mogelijk is om binnen de internationale zone te verplaatsen per trein • Deelvervoer: deelauto en deel/OV fiets of scooter Om het mobiliteitsgedrag van werknemers en bezoekers in kaart te brengen is er gevraagd naar hun reistijd, de combinatie van vervoermiddelen die zij gebruiken om naar hun werk of de door hun bezochte evenementlocatie te gaan, en wat de achterliggende redenen zijn van het huidig vervoermiddelgebruik.

Verder is gevraagd voor welke vervoersalternatieven deze groepen open staan, en met welke achterliggende redenen. Omdat de reismotieven binnen de groep bewoners zeer divers zijn - in tegenstelling tot de werknemers en bezoekers, die overwegend naar één specifieke locatie reizen – is de vraagstelling in deze groep anders. Van hen is het vervoersgedrag per reismotief in beeld gebracht. Attitude over vervoerwijzen Om de vraag ‘Hoe denken zij over het gebruik van meer duurzame en ruimte efficiënte vervoerwijzen?’ te beantwoorden wordt er gekeken naar de attitude van de doelgroepen over het gebruik van de diverse vervoerwijzen. Hiervoor is gevraagd naar hoe zij het gebruik van deze vervoermiddelen zelf beoordelen en hoe zij inschatten dat hun sociale omgeving (buren, collega’s of vrienden) deze vervoermiddelen beoordeelt. Dit laatste is gedaan omdat mensen doorgaans de mening van voor hen ‘belangrijke anderen’ in hun omgeving belangrijk vinden en hun eigen mening daar mede op baseren. We hebben de respondenten een aantal stellingen over deze onderwerpen voorgelegd waarbij ze konden aangeven in hoeverre zij het er mee eens of oneens waren.

Ervaren parkeer- en bereikbaarheidsproblemen Om de vraag ‘Welke parkeer- en bereikbaarheidsproblemen ervaren bezoekers, werknemers en bewoners in het gebied en hoe denken zij dat dit verbeterd kan worden?’ te beantwoorden is gevraagd of, en zo ja in welke mate, de diverse groepen parkeer- en bereikbaarheidsproblemen ervaren. Zo is er gevraagd of de verschillende groepen hun bestemming kunnen bereiken binnen de geplande tijd, en zo niet, wat daarvan de oorzaak is. Er is ook gevraagd of de diverse groepen over het algemeen in staat zijn om hun auto op de bestemming te parkeren, en zo niet, wat de oorzaak daarvan is.

Gedragsonderzoek World Forum gebied Den Haag

13

Bewoners Zoals te zien in Tabel 3 komen de meeste respondenten uit de doelgroep bewoners uit het Statenkwartier (76%). Deze wijk beslaat ook het grootste deel van de internationale zone. In het algemeen kunnen we zeggen dat de verdeling qua herkomst uit de verschillende wijken in onze steekproef goed overeenkomt met de omvang van de wijken binnen de internationale zone. Woonwijk

Aantal bewoners

Aantal respondenten

Statenkwartier

10.615 (70,6%)

469 (76%)

Stadhoudersplantsoen

2860 (19%)

79 (12,8%)

Van Stolkpark en Scheveningse Bosjes

845 (5,6%)

36 (5,8%)

Zorgvliet

705 (4,7%)

33 (5,3%)

Tabel 3. De verdeling van respondenten uit de doelgroep bewoners over de verschillende woonwijken in het World Forum gebied

Mobiliteitsgedrag in de internationale zone De groep bewoners gebruikt voor vrijwel alle reismotieven veelvuldig ‘actieve mobiliteit’ (met uitzondering van het brengen en/of halen van personen, zie Grafiek 2). Gemotoriseerd vervoer (met name autogebruik als bestuurder) wordt het meest gebruikt bij recreatieve doeleinden, gevolgd door winkelen en boodschappen doen. Openbaar vervoer wordt met name voor recreatieve- en woon-werk doeleinden gebruikt, waarin de tram een iets groter aandeel heeft dan de bus. Deelvervoer wordt door bewoners het minst gebruikt bij alle verschillende reismotieven.

Vervoermiddelengebruik bewoners Aantal respondenten

4.4

800 700 600 500 400 300 200 100 0

Gemotoriseerd vervoer

Actieve mobiliteit

Openbaar vervoer

Deelvervoer

Grafiek 2. Het vervoermiddelengebruik van de bewoners per reismotief

Attitude over vervoerwijzen Zoals te zien is in Grafiek 3 kijken bewoners over het algemeen positief tegen meer duurzame vervoermiddelen aan. Actieve mobiliteit en openbaar vervoer worden het meest positief beoordeeld. Bewoners die deze vervoermiddelen positief beoordelen noemen dat dit komt door goede ov-verbindingen naar hun bestemmingen en de aanwezigheid van goede fietsinfrastructuur. Gemotoriseerd vervoer wordt gemengder, maar overwegend positief beoordeeld. Bewoners beoordelen dit positief vanwege ‘ goede verbinding met uitvalswegen’. Negatieve beoordelingen van gemotoriseerd vervoer komen voort uit ‘drukte op de wegen’ en ‘ervaren parkeerproblemen’.

Gedragsonderzoek World Forum gebied Den Haag

14

Aantal respondenten

Beoordeling gebruik vervoermiddelen (bewoners) 1000 800 600

400 200 0 (Heel) negatief

Gemotoriseerd vervoer

Niet negatief/niet positief

Actieve mobiliteit

Openbaar vervoer

(Heel) positief

Deelvervoer

Grafiek 3. De beoordeling van het vervoermiddelengebruik van de bewoners

De beoordeling van het gebruik van de vervoermiddelen van de bewoners komt overeen met hun inschatting over hoe buren denken over vervoermiddelen. Verder zijn de bewoners een aantal stellingen voorgelegd over duurzaam reizen. Stelling

(Helemaal) oneens

Neutraal

(Helemaal) eens

Weet ik niet

Als het openbaar vervoer goedkoper zou zijn, dan zou ik daar vaker gebruik van maken

22%

28%

48%

3%

Met het openbaar vervoer reizen naar mijn bestemming vanuit huis is prettig

16%

20%

62%

2%

Sommige ritten die ik met de auto maak, zou ik best op de fiets willen maken

33%

14%

34%

18%

Mijn manier van reizen is vaak anders dan die van mijn buren

21%

24%

28%

27%

Tabel 4. Uitkomsten stellingen over duurzaam reizen van de bewoners

De meerderheid van de bewoners vindt het reizen per openbaar vervoer dus prettig, en zou dit vaker gebruiken als dit goedkoper was (bijna de helft van de bewoners). Dit komt vooral naar voren bij bewoners die recreatief reizen als reismotief hebben. Ongeveer een derde van de bewoners ziet kans om sommige autoritten te vervangen door fietsritten; eveneens een derde ziet hier geen kans toe. Hierbij is de vraag of dit volledig te maken heeft met de attitude tegenover fietsen (motivatie), of ook met de (on)mogelijkheid om dit te doen (denk bijvoorbeeld aan het vervoeren van veel bagage of het afleggen van lange afstanden).

Gedragsonderzoek World Forum gebied Den Haag

15

Ervaren parkeer- en bereikbaarheidsproblemen Van de bewoners geeft 88% aan hun bestemming(en) in het gebied meestal binnen de geplande tijd te kunnen bereiken. De groep van 12% die aangeeft dat dit niet het geval is, wijt dit met name aan te veel ander verkeer onderweg en weinig openbaar vervoer opties/verbindingen naar hun bestemming. Verder wordt verkeersdrukte door hoge parkeerdruk (en daarmee auto’s die moeten zoeken naar een plaats) genoemd.

Reden voor niet binnen geplande tijd kunnen bereiken van bestemming(en) in het gebied (bewoners) Anders, namelijk..

Er zijn te weinig goede fietspaden naar mijn bestemming Er zijn weinig openbaar vervoer opties/verbindingen naar mijn bestemming Ik moet vaak wachten voor verkeerslichten Er is teveel ander verkeer onderweg 0

5

10

15

20

25

30

35

40

Aantal respondenten Grafiek 4. De opgegeven reden voor het niet binnen de geplande tijd kunnen bereiken van bestemming(en) in het gebied door bewoners

Van de bewoners geeft 57% aan hun auto meestal gemakkelijk te kunnen parkeren bij hun huis. Voor 25% van de bewoners is dit niet het geval, met name door een tekort aan parkeerplaatsen. Ook wordt aangegeven dat parkeren bij de woning niet is toegestaan of niet mogelijk is doordat er fietsen of scooters op de autoparkeerplaatsen staan. Een enkeling geeft aan dat door te smalle straten er snel schade is aan geparkeerde auto’s en dat de hotels en scholen in de wijk er extra parkeerproblemen veroorzaken tijdens vakanties en haal- en brengtijden. De overige bewoners (17%) geven aan dat dit niet voor hen van toepassing is.

Reden voor niet gemakkelijk kunnen parkeren bij hun huis (bewoners) Anders, namelijk.. Parkeren bij mijn huis kost veel geld Er is veel ander verkeer aanwezig waardoor ik druk ervaar om op te schieten Er zijn te weinig laadplekken waar ik mijn elektrische auto kwijt kan Er zijn te weinig parkeerplaatsen

0

20

40

60

80

100

120

140

160

Aantal respondenten Grafiek 5. De opgegeven reden voor het niet gemakkelijk thuis te kunnen parkeren door bewoners

Gedragsonderzoek World Forum gebied Den Haag

16

Werknemers De meeste respondenten uit de doelgroep werknemers werken bij Europol (42,8%), gevolgd door werken bij diverse ambassades (13%) en het Kunstmuseum Den Haag (9,6%). De werknemers bij Europol zijn vrijwel uitsluitend internationale werknemers (96,6%).

Aantal respondenten

Werkgevers 100 90 80 70 60 50 40 30 20 10 0

Grafiek 6. De verdeling van respondenten uit de doelgroep werknemers over de verschillende werkgevers in het World Forum gebied

Omdat het autogebruik in dit onderzoek een belangrijke plaats inneemt (vanuit duurzaamheids- en leefbaarheidsoverwegingen is dit het beste te vervangen door gebruik van het openbaar vervoer en de fiets), is binnen de groep werknemers nadrukkelijk gekeken naar hen die aangeven soms, vaak of altijd de auto te gebruiken om naar werk te komen. Deze groep bestaat binnen de internationale werknemers uit 50 personen (37,3% van de internationale werknemers) en bij de nationale werknemers uit 33 personen (44% van de nationale werknemers). Mobiliteitsgedrag in de internationale zone De meerderheid van de internationale werknemers heeft een reistijd van 10 tot 20 minuten. Bij nationale werknemers is er meer spreiding te zien in reistijd naar werk.

Reistijd naar werk (internationale werknemers) 80 60 40 20 0 Minder dan 10 tot 20 10 minuten minuten

20 tot 30 Langer dan minuten 30 minuten

Grafiek 7. De reistijd naar werk voor de internationale werknemers

Reistijd naar werk (nationale werknemers) Aantal respondenten

Aantal respondenten

4.5

30 25 20 15 10 5 0 Minder dan 10 tot 20 10 minuten minuten

20 tot 30 Langer dan minuten 30 minuten

Grafiek 8 De reistijd naar werk voor de nationale werknemers

Verder is onder internationale en nationale werknemers is een vergelijkbaar vervoermiddelengebruik te zien vergeleken met de bewoners. Hierbij wordt actieve mobiliteit het meest gebruikt, waarin de fiets de grootste rol speelt gevolgd door lopen. Bij nationale werknemers is het e-bikegebruik relatief hoger dan bij internationale werknemers.

Gedragsonderzoek World Forum gebied Den Haag

17

Vervoermiddelengebruik naar werk (internationale werknemers)

Vervoermiddelengebruik naar werk (nationale werknemers) Deelvervoer

Deelvervoer Openbaar vervoer Actieve mobiliteit Gemotoriseerd vervoer

Openbaar vervoer Actieve mobiliteit Gemotoriseerd vervoer 0

50

100

0

150

Vaak

Altijd

40

60

80

Aantal respondenten

Aantal respondenten Soms

20

Soms

Vaak

Altijd

Grafiek 9. Het vervoermiddelengebruik naar werk van internationale

Grafiek 10. De opgegeven reden voor het niet binnen de geplande tijd

werknemers

kunnen bereiken van bestemming(en) in het gebied door internationale werknemers

Als motivatie voor de keuze van hun huidige vervoermiddel richting werk, voor zowel nationale als internationale werknemers, geeft men het volgende aan: • een korte reistijd naar werk (56,7% van de internationale en 55,4 % van de nationale werknemers); • dit vervoermiddel is de meest praktische manier om te reizen (respectievelijk 38,1% en 44,6%). De werknemers die momenteel geregeld met de auto (als bestuurder) naar het werk komen, geven als belangrijkste reden daarvan op: • een korte reistijd (64% internationaal en 63,6% nationaal); • comfort (respectievelijk 52% en 48,4%), en • praktische overwegingen (44% en 42,4%). Van de internationale werknemers overweegt 33,5% in de toekomst geen alternatieven voor de huidige vervoerwijze. Van de nationale werknemers betreft dit een percentage van 51,3%. Dit is een groot verschil, een mogelijke verklaring hiervoor is dat internationale werknemers minder vast zitten in routinematige reispatronen (gewoontegedrag) ten opzichte van de nationale werknemers. Van de vervoermiddelen die wel overwogen worden, wordt bij beide groepen werknemers de e-bike het meest genoemd (respectievelijk 21,6% en 20,3%), gevolgd door de fiets (11,9% en 10,8%) en tram (10,4% en 10,8%).

De redenen voor het overwegen van alternatieve vervoerswijzen zijn in lijn met de motieven voor het gebruik van de huidige vervoerwijze: • een korte reistijd naar het werk; • omdat dit vervoermiddel de meest praktische manier is. Voor de werknemers die momenteel geregeld de auto (als bestuurder) gebruiken om naar het werk te komen, overweegt 24% (internationaal) en 48,8% (nationaal) geen andere vervoerwijze in de toekomst. Opnieuw is dit verschil tussen internationale en nationale werknemers groot, gewoontegedrag kan dit mogelijk verklaren. Bij hen die wel een alternatief overwegen, is met name de e-bike populair (20% internationaal en 27,3% nationaal). Attitude over vervoerwijzen Werknemers kijken met name positief aan tegen actieve mobiliteit, gevolgd door openbaar vervoer. Werknemers die positief zijn over deze vervoerwijzen noemen dat dit komt door goede fietspaden, de milieu impact en nabijgelegen haltes. Deze redenen komen zowel bij internationale als nationale werknemers terug, waarin opvalt dat de milieu impact vaker genoemd wordt door internationale werknemers. Werknemers beoordelen gemotoriseerd vervoer gemengder. Internationale werknemers beoordelen gemotoriseerd vervoer licht negatief, terwijl nationale werknemers deze vervoerwijze relatief iets positiever beoordelen. Een mogelijke verklaring

Gedragsonderzoek World Forum gebied Den Haag

18

hiervoor is dat nationale werknemers vaker van verder weg komen ten opzichte van internationale werknemers die vaker dichter bij werk wonen (zie Grafiek 9 & 10). Werknemers die gemotoriseerd vervoer negatief beoordelen noemen dat dit komt door drukte op de wegen, de tijd die nodig is om de stad uit te komen en de hoge parkeerkosten. Werknemers die gemotoriseerd vervoer positief beoordelen noemen onder andere dat dit komt door de kortere reistijd met de auto ten opzichte van het openbaar vervoer. Werknemers die momenteel geregeld de auto (als bestuurder) gebruiken om naar het werk te gaan beoordelen de vervoermiddelen overwegend hetzelfde als de totale groep internationale en nationale werknemers. Wel valt op dat deze groep gemotoriseerd vervoer relatief iets positiever, en actieve mobiliteit en openbaar vervoer relatief iets minder positief beoordelen.

Aantal respondenten

Beoordeling gebruik vervoermiddelen (internationale werknemers) 300 200 100 0 (Heel) negatief

Niet negatief/niet positief

Gemotoriseerd vervoer

Actieve mobiliteit

Openbaar vervoer

(Heel) positief Deelvervoer

Grafiek 11. De beoordeling van het vervoermiddelengebruik van de internationale werknemers

Aantal respondenten

Beoordeling gebruik vervoermiddelen (nationale werknemers) 100 80 60 40 20 0 (Heel) negatief

Niet negatief/niet positief

Gemotoriseerd vervoer

Actieve mobiliteit

Openbaar vervoer

(Heel) positief Deelvervoer

Grafiek 12. De beoordeling van het vervoermiddelengebruik van de nationale werknemers

Aantal respondenten

Beoordeling gebruik vervoermiddelen (werknemers die geregeld met de auto naar werk gaan) 150 100 50 0 (Heel) negatief

Niet negatief/niet positief

Gemotoriseerd vervoer

Actieve mobiliteit

(Heel) positief Openbaar vervoer

Weet ik niet Deelvervoer

Grafiek 13. De beoordeling van het vervoermiddelengebruik van de werknemers die geregeld de auto gebruiken om naar werk te gaan

De inschatting over hoe collega’s denken over vervoermiddelen komt overeen met het eigen beeld van de vervoermiddelen. Wel schat men in dat collega’s positiever denken over het gebruik van gemotoriseerd vervoer en ook neutraler staan ten

Gedragsonderzoek World Forum gebied Den Haag

19

opzichte van actieve mobiliteit en deelmobiliteit dan zijzelf. Men schat zichzelf dus iets positiever in op het gebied van hun houding ten opzichte van duurzame mobiliteit. Dat kan een gevolg zijn van sociaal wenselijk antwoorden, maar kan ook duiden op een bedrijfscultuur waarin de auto/gemotoriseerd verkeer (licht) dominant is en de ondervraagden daar iets genuanceerder in staan. Vervolgonderzoek bij betreffende bedrijven zou daar meer duidelijkheid over kunnen geven. Bedrijven met een ‘auto-gerichte’ bedrijfscultuur kunnen met behulp van een werkgeversbenadering letterlijk en figuurlijk in beweging worden gebracht4. Werknemers die geregeld met de auto schatten in dat collega’s positiever denken over het gebruik van actieve mobiliteit en openbaar vervoer, en neutraler ten opzichte van gemotoriseerd vervoer. Mogelijk komt dit doordat men zich bewust is van de eigen (sterke) oriëntatie op de auto en daarom denkt dat verhoudingsgewijs collega’s wel minder ‘auto-minded’ zullen zijn. Een andere mogelijke oorzaak is dat de cultuur bij deze bedrijven in het teken staat van duurzaam vervoer en dat de ondervraagden automobilisten daar in negatieve zin van afwijken. Nader onderzoek is nodig om dit goed te kunnen duiden. Aan de werknemers zijn een aantal stellingen voorgelegd over duurzaam reizen, waarbij zij konden aangeven in hoeverre zij het daarmee eens of oneens waren.

In onderstaande tabel geven de grijsgekleurde percentages de mening van internationale werknemers weer en de groengekleurde percentages die van nationale werknemers. De oranjegekleurde percentages geven de percentages van werknemers weer die geregeld de auto (als bestuurder) naar het werk gebruiken. Stelling

(Helemaal) oneens

Neutraal

(Helemaal) eens

Weet ik niet

Als mijn werkgever het openbaar vervoer zou vergoeden, dan zou ik daar vaker gebruik van maken voor reizen naar mijn werk

20%/28%/29%

14%/14%/17%

55%/42%/43%

10%/16%/10%

Met het openbaar vervoer 26%/41%/43% reizen naar mijn werk is prettig

29%/20%/23%

40%/30%/25%

5%/9%/7%

Sommige ritten die ik met de 10%/14%/17% auto maak naar mijn werk, zou ik best op de fiets willen maken (als dat kan)

10%/9%/14%

46%/38%/55%

37%/39%/12%

Ik zou (meer) willen 15%/23%/20% thuiswerken als mijn werkgever dat zou faciliteren

16%/9%/10%

57%/30%/45%

13%/38%/25%

Mijn manier van reizen is vaak anders dan die van mijn collega’s

24%/22%/25%

37%/24%/22%

10%/20%/17%

28%/34%/35%

Tabel 5. Uitkomsten stellingen over duurzaam reizen van de werknemers

De meerderheid van de werknemers zou vaker het openbaar vervoer naar het werk gaan, als de werkgever dat zou vergoeden. Dit komt sterker naar voren bij de internationale werknemers dan bij nationale werknemers. De nationale werknemers en de werknemers die geregeld met de auto naar werk komen zijn negatiever over het reizen met het openbaar vervoer naar het werk. Verder staat een merendeel van de groep open voor meer fietsen naar werk (wanneer dit kan) en thuiswerken wanneer de werkgever dit faciliteert. Dit beeld is sterker onder de internationale werknemers en de werknemers die momenteel geregeld met de auto naar werk komen. Over het algemeen verwachten werknemers dus actie van hun werkgever om meer duurzaam te gaan reizen. Dit biedt aanknopingspunten voor een werkgeversaanpak4.

4

Zie onder meer rwsduurzamemobiliteit.nl (toolbox-slimme-mobiliteit)

Gedragsonderzoek World Forum gebied Den Haag

20

Ervaren parkeer- en bereikbaarheidsproblemen Van de internationale werknemers geeft 87% aan hun werk binnen de geplande tijd te kunnen bereiken, voor nationale werknemers betreft dit 93%. De werknemers die aangeven dat dit niet het geval is (13% en 7% van de internationale en nationale werknemers, respectievelijk) wijten dit met name aan een tekort aan openbaar vervoer opties/verbindingen naar hun werk en het moeten wachten voor verkeerslichten.

Reden voor niet binnen geplande tijd kunnen bereiken van werk (internationale werknemers) Anders, namelijk..

Er zijn te weinig goede fietspaden naar mijn werk Er zijn te weinig openbaar vervoer opties/verbindingen naar mijn werk Ik moet vaak wachten voor verkeerslichten Er is teveel ander verkeer onderweg

0

2

4

6

8

10

12

14

Aantal respondenten Grafiek 14. De opgegeven reden voor het niet binnen de geplande tijd kunnen bereiken de werklocatie in het gebied door internationale werknemers

Reden voor niet binnen geplande tijd kunnen bereiken van werk (nationale werknemers) Er zijn te weinig openbaar vervoer opties/verbindingen naar mijn werk Ik moet vaak wachten voor verkeerslichten Er is teveel ander verkeer onderweg 0

0,5

1

1,5

2

2,5

3

3,5

Aantal respondenten Grafiek 15. De opgegeven reden voor het niet binnen de geplande tijd kunnen bereiken van de werklocatie in het gebied door nationale werknemers

Gedragsonderzoek World Forum gebied Den Haag

21

Van de werknemers geeft 51%5 van de internationale werknemers aan hun auto meestal makkelijk te kunnen parkeren bij hun werk. Van de nationale werknemers is dit 45%. Voor respectievelijk 10% en 18% is dit niet het geval. Het resterende percentage geeft aan niet per auto naar het werk te reizen. Met name de nationale werknemers geven aan dat parkeren bij hun werk veel geld kost. Daarnaast ervaren zowel internationale als nationale werknemers dat er te weinig parkeerplaatsen op hun werklocatie zijn.

Reden voor niet gemakkelijk kunnen parkeren bij werk (internationale werknemers)

Reden voor niet gemakkelijk kunnen parkeren bij werk (nationale werknemers)

Parkeren bij mijn werk kost veel geld

Parkeren bij mijn werk kost veel geld

Er is te veel ander verkeer aanwezig waardoor ik druk ervaar om op te schieten Er zijn te weinig laadplekken waar ik mijn elektrische auto kwijt kan

Er is te veel ander verkeer aanwezig waardoor ik druk ervaar om op te schieten Er zijn te weinig laadplekken waar ik mijn elektrische auto kwijt kan

Er zijn te weinig parkeerplaatsen

Er zijn te weinig parkeerplaatsen 0

2

4

6

8

10

0

Aantal respondenten

2

4

6

8

10

Aantal respondenten

Grafiek 16. De opgegeven reden voor het niet bij werk kunnen parkeren voor

Grafiek 17. De opgegeven reden voor het niet bij werk kunnen parkeren voor

internationale werknemers

nationale werknemers

ereiken van bestemming(en) in het gebied door internationale werknemers

ereiken van bestemming(en) in het gebied door internationale werknemers

5

Deze enquêtevraag ging over of men makkelijk bij hun werk kon parkeren, waarbij de antwoordmogelijkheden ‘ja’, ‘nee’ en ‘niet van toepassing voor mij/ik reis niet met de auto naar werk’ waren. Deze vraag kan ook met ‘ja’ worden beantwoord door mensen die zeer incidenteel met de auto naar werk reizen. De hoogte van dit percentage hangt niet direct samen met veelvuldig autogebruik.

Gedragsonderzoek World Forum gebied Den Haag

22

Bezoekers Van de bezoekers bezoekt het overgrote deel van onze respondenten het Kunstmuseum (58,7%), het Fotomuseum (41,3%) en/of andere het Omniversum (36,9%). Daarnaast geeft 43,5% van deze doelgroep bezoekt in ons onderzoek het gebied voor andere evenementlocaties. Omdat meerdere antwoorden mogelijk waren, is de som van de percentages hoger dan 100%.

Bezochte evenementlocaties 30 25 20 15 10 5 0

Grafiek 18. De bezochte evenementlocaties van de bezoekers

Omdat het autogebruik in dit onderzoek een belangrijke plaats inneemt (vanuit duurzaamheids- en leefbaarheidsoverwegingen is dit het beste te vervangen door gebruik van het openbaar vervoer en de fiets), is binnen de groep bezoekers nadrukkelijk gekeken naar hen die aangeven soms, vaak of altijd de auto te gebruiken om naar de evenementlocaties te komen. Deze groep bestaat uit 19 personen (41,3% van de bezoekers). Mobiliteitsgedrag in de internationale zone Bezoekers kiezen bij voorkeur ‘actieve mobiliteit’ om op hun bestemming te komen. Dit is een indicatie dat zij voornamelijk dicht bij de evenementlocatie wonen, wat ondersteund wordt door een meerderheid van bezoekers die aangeeft een reistijd van 10 tot 20 minuten te hebben. Vooral de fiets wordt veel gebruikt. Openbaar vervoer en gemotoriseerd vervoer worden beiden ongeveer evenveel gebruikt. De tram en bus hebben ongeveer een gelijk aandeel hierin, bij het gemotoriseerd vervoer bedoelt men met name de auto als bestuurder.

Vervoermiddelgebruik naar evenementlocatie

Reistijd naar evenementlocatie

Deelvervoer

Openbaar vervoer Actieve mobiliteit Gemotoriseerd vervoer

0

20

40

60

Aantal respondenten

4.6

30 25 20 15 10 5 0 Minder dan 10 tot 20 10 minuten minuten

Aantal respondenten Soms

Vaak

20 tot 30 Langer dan minuten 30 minuten

Altijd

Grafiek 19. Het vervoermiddelengebruik naar evenementlocaties

Grafiek 20. De reistijd naar evenementlocaties voor bezoekers

door bezoekers

ereiken van bestemming(en) in het gebied door internationale ereiken van bestemming(en) in het gebied door internationale

Gedragsonderzoek World Forum gebied Den Haag

werknemers

werknemers

23

Bezoekers baseren hun vervoermiddelkeuze voornamelijk op ‘wat het meest praktisch is’ (60,9%), gevolgd door ‘een korte reistijd’ (45,7%) en ‘comfort’ (37%). Bezoekers die geregeld gebruik maken van de auto (als bestuurder) om naar evenementlocaties te komen, noemen dezelfde redenen, zij het in een iets andere verhouding: 57,9% noemt als reden dat dit het meest praktisch is, 47,3% geeft aan een korte reistijd belangrijk te vinden en 52,6% comfort. Van de bezoekers overweegt 47,8% geen alternatieven voor hun huidige vervoermiddelengebruik. Zij die wel openstaan voor alternatieven, denken daarbij vooral aan de e-bike (17,4%), gevolgd door de tram en de gewone fiets (beiden 13%). Van de bezoekers die geregeld met de auto komen, overweegt 52,6% geen alternatieven in de toekomst. Voor hen die wel alternatieven zien, geldt dat zij verdeeld zijn over welke alternatieven het meest in aanmerking komen (geen duidelijke uitschieters). Zo worden zowel de motor, fiets, e-bike en bus evenveel genoemd als alternatief. Attitude over vervoerwijzen Bezoekers kijken met name positief aan tegen ‘actieve mobiliteit’. Ze zien dit als snel en goedkoop, mits de infrastructuur in orde is. Openbaar vervoer wordt ook overwegend positief beoordeel. Gemotoriseerd vervoer daarentegen (licht) negatief.

Dit laatste wordt vooral veroorzaakt door filevorming in de stad, hetgeen de auto vooral bij korte afstanden als vervelend wordt ervaren. Bezoekers die momenteel veelal de auto (als bestuurder) gebruiken kijken ook met name positief aan tegen actieve mobiliteit. Verder beoordeelt deze groep openbaar vervoer gemengd en gemotoriseerd vervoer relatief overwegend positiever dan de totale groep bezoekers.

Aantal respondenten

Beoordeling gebruik vervoermiddelen (bezoekers) 60 40 20 0 (Heel) negatief

Niet negatief/niet positief

Gemotoriseerd vervoer

Actieve mobiliteit

Openbaar vervoer

(Heel) positief Deelvervoer

Grafiek 21. De beoordeling van het vervoermiddelengebruik van de bezoekers

Aantal respondenten

Beoordeling gebruik vervoermiddelen (bezoekers die geregeld met de auto naar de evenementlocatie komen) 30 20 10 0 (Heel) negatief

Niet negatief/niet positief

Gemotoriseerd vervoer

Actieve mobiliteit

(Heel) positief Openbaar vervoer

Weet ik niet Deelvervoer

Grafiek 22. De beoordeling van het vervoermiddelengebruik van de bezoekers die geregeld met de auto (als bestuurder) naar de evenementlocatie komen

De inschatting van bezoekers over hoe positief of negatief hun vrienden/familie denken over vervoermiddelen komt overeen met hoe zij zelf over deze vervoermiddelen denken. Wel schat men in dat vrienden/familie positiever denken over het gebruik van gemotoriseerd vervoer. Mogelijkerwijs komt dit doordat de norm binnen vriendengroepen die positief is ten opzichte van

Gedragsonderzoek World Forum gebied Den Haag

24

de auto/gemotoriseerd verkeer en waarbij de respondent daar zelf genuanceerder in staat of zich genuanceerder voordoet vanuit sociale wenselijkheid. Bezoekers die momenteel vooral de auto (als bestuurder) gebruiken schatten in dat vrienden/familie overwegend positiever zijn over gemotoriseerd vervoer en actieve mobiliteit. Ze zijn zich mogelijk bewust van hun vele autogebruik en schatten daarom het gedrag van anderen relatief minder ‘pro-auto’ in. Ook aan de bezoekers is een aantal stellingen voorgelegd over duurzaam reizen met de vraag in hoeverre zij het hiermee eens of oneens zijn. De grijsgekleurde percentages hebben betrekking op de totale groep bezoekers, de groengekleurde percentages hebben betrekking op de bezoekers die geregeld de auto (als bestuurder) gebruiken. Stelling

(Helemaal) oneens

Neutraal

(Helemaal) eens

Weet ik niet

Als het openbaar vervoer goedkoper zou zijn, dan zou ik daar vaker gebruik van maken om naar mijn bestemming te reizen

17%/26%

35%/26%

41%/37%

7%/10%

Met het openbaar vervoer 28%/47% reizen naar mijn bestemming is prettig

22%/21%

39%/21%

11%/10%

Sommige ritten die ik met de auto naar mijn bestemming maak, zou ik best op de fiets willen maken (als dat zou kunnen)

15%/32%

20%/32%

37%/26%

28%/10%

Mijn manier van reizen is vaak anders dan die van mijn vrienden/familie

20%/5%

35%/47%

30%/32%

15%/16%

Tabel 6. Uitkomsten stellingen over duurzaam reizen van de bezoekers

In bovenstaande tabel is te zien dat 41% van de bezoekers aangeeft open te staan voor meer openbaar vervoergebruik als dit goedkoper zou zijn. De bezoekers hebben overwegend een positieve houding tegenover vaker de fiets pakken (in plaats van met de auto) wanneer dit kan. Gekeken naar bezoekers die momenteel nog veelal de auto (als bestuurder) gebruiken valt op dat het reizen met het openbaar vervoer naar de bestemming door deze groep door 47% als niet prettig te worden ervaren.

Gedragsonderzoek World Forum gebied Den Haag

25

Ervaren parkeer- en bereikbaarheidsproblemen Van de bezoekers geeft 80% aan hun bestemming(en) in het gebied meestal binnen de geplande tijd te kunnen bereiken. De overige 20% heeft hier verschillende redenen voor, maar geeft vooral aan het openbaar vervoer te weinig opties biedt om op hun bestemming te komen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16176244/1