CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS322469 Bijlage 1 Omgevingsvisie Den Haag 2050 def

Gemeenteraad 18 september 2025, gemeente Den HaagBij agendapunt: Voorstel van het college inzake Omgevingsvisie Den Haag 2050 (RIS322469)36.188 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 5

Dit betekent een woningbouwopgave van 4.000 woningen per jaar.

DEEL B Visie

We houden er rekening mee dat de woningbouwafspraken gericht op een hoge bouwproductie verlengd worden tot 2035, vanwege verschillende vertragingsfactoren. Daarbij zorgen we dat alle categorieën aan bod komen: sociale huur, vrije sector huur en alle vormen van koop. Uiteraard in balans met vastgelegde (beleids)afspraken op het gebied van voorzieningen, openbare ruimte en leefbaarheid.

Bouwen en verbouwen in de hele stad

Het grootste deel van de te bouwen woningen komt de komende decennia terecht in drie lopende gebiedsontwikkelingen: het Central Innovation District (CID), de Binckhorst en Zuidwest. Het CID en de Binckhorst zijn zogenoemde grootschalige NOVEX-woningbouwlocaties, waarbij woningbouw in combinatie met werk-, leer en innovatiefuncties moet leiden tot de vorming van gemengde stadswijken. In alle drie de gebieden zijn de woningbouwprogramma’s gericht op starters, jongeren, kleine gezinnen en ouderen. Naast deze drie focusgebieden zijn er nog drie wijkvernieuwingsgebieden: Scheveningen, Mariahoeve en Loosduinen. Hier gaan we door met de reeds gemaakte plannen om nieuwe woningen te bouwen, nieuwe verbindingen aan te leggen en ruimte voor bedrijvigheid te creëren zonder (ingrijpende) veranderingen in de structuur van de wijk. De A4-Vlietzone is ook een vernieuwingsgebied, maar daar ligt de focus op het versterken van recreatie en groen en het ontwikkelen en intensiveren van werkgebieden.

In het Energiekwartier worden veel verschillende soorten woningen gebouwd: koop- en huurwoningen in zowel de vrije als sociale sector. Stadspark De Verademing is opgeknapt. Hier spelen kinderen, en komen mensen om te relaxen of te sporten. RandstadRail 2, 3 en 4 en tram 11 rijden tussen de wijk en het strand, de binnenstad en alle grote treinstations. Parkeren kan nu nog op straat, maar in de toekomst parkeert men in het eigen bouwblok.

79

De keuze om de komende jaren overal in de stad nieuwe woningen toe te voegen wijkt af van de lijn uit de Agenda Ruimte voor de Stad. We richten ons niet alleen op het toevoegen van buurtgerichte nieuwbouw, maar ook op het benutten van de potenties van de bestaande gebouwen. Denk aan transformatie, flexwonen, optoppen (toevoegen extra laag) en splitsen. Dit is niet alleen bedoeld om het woningtekort weg te nemen, maar ook om wijken vitaler te maken en van een kwaliteitsimpuls te voorzien – zoals beschreven in beweging 1. Met deze omgevingsvisie bevestigen we de speerpunten uit de Woonvisie 2040. Het gaat om betaalbaar (ver) bouwen in alle delen van de stad, passende huisvesting voor aandachtsgroepen, toekomstbestendige duurzame woningen en woonomgeving en vitale en leefbare wijken. De komende decennia zullen vele delen van Den Haag op de schop gaan. Dit gebeurt in een geleidelijk tempo. Voorop staat dat de leefbaarheid in stand blijft. Daarnaast zullen er altijd plekken in de stad zijn, in afwachting van een definitieve bestemming of waar functiewijzigingen zullen plaats vinden. Deze transformatieopgaven vragen om experimenten en placemaking. Dit betekent dat we ruimte geven voor het creëren van levendige, toegankelijke plekken door tijdelijk gebruik en creatieve interventies. Zo geven we ruimte om nieuwe ideeën te testen die de identiteit van een gebied versterken.

Sociale samenhang en ontmoeting wordt hiermee ook versterkt.

Knooppuntontwikkeling – zorgen voor nabijheid

In lijn met de Haagse traditie van verdichten rond goed bereikbare plekken – zoals voorzieningenclusters en openbaar vervoer knooppunten – zetten we met deze omgevingsvisie in op het versterken van de samenhang tussen verstedelijking en bereikbaarheid. Ook tot 2050 is een hoofdrol weggelegd voor openbaar vervoer knooppunten. Ze creëren nabijheid, waardoor dagelijkse functies en voorzieningen zo snel mogelijk te bereiken zijn. Ook op het schaalniveau van de Zuidelijke Randstad wordt de verstedelijkingsopgave gekoppeld aan knooppunten van openbaar vervoer. In dit gebied zijn de komende decennia ongeveer 240.000 nieuwe woningen nodig. Het grootste deel hiervan krijgt een plek in de zone langs de spoorlijn tussen Leiden en Dordrecht (de Oude Lijn). In de komende decennia ontwikkelt de Zuidelijke Randstad zich tot een samenhangende metropool, waarin de spoorlijn de kwaliteiten van de Leidse, Haagse, Rotterdamse en Dordtse regio’s met elkaar verbindt. De belangrijkste bestemmingen zijn door de uitstekende infrastructuur binnen 45 minuten bereikbaar. Daarnaast is het belangrijk dat de Zuidelijke Randstad goed verbonden blijft met de Noordwest-Europese Eurodelta en stedelijke regio’s in ons land. Verbindingen met de vliegvelden Rotterdam-The Hague Airport en Schiphol zijn belangrijk om de regio letterlijk internationaal te kunnen ontsluiten.

Tegelijkertijd is uitbreiding van het HSL-netwerk nodig om korte en middellange afstandsvluchten zoveel mogelijk terug te dringen. Concreet voor Den Haag is het belangrijk goed aangehaakt te worden op dit netwerk. In Den Haag zelf vindt knooppuntontwikkeling vooral plaats in het CID, door de gebieden rond de stations Laan van NOI, Den Haag Centraal en Den Haag HS te ontwikkelen tot zogenoemde ‘stationskwartieren’. Dit zijn aantrekkelijke en bruisende gebieden, passend bij het internationale profiel van Den Haag. Het station Den

80

Haag Centraal krijgt een hoogstedelijk karakter, met de ontwikkeling van de al aanwezige economische clusters tot een samenhangend innovatiemilieu met ruimte voor interactie, ontmoeting en start- en scale-ups (naast andere bedrijven en instellingen dan de Rijksoverheid). Het gebied rond Den Haag HS is straks dé plek voor talentontwikkeling, waar gestudeerd, gewerkt, gewinkeld en gewoond wordt. Vanwege de vele bedrijven in de (cyber)security-sector groeit station Laan van NOI uit tot een vooraanstaand innovatiemilieu en het hart van het Europese veiligheidscluster. Naast de drie grote treinstations stimuleren we op middellange termijn andere knooppuntontwikkelingen. Denk aan Knoop Moerwijk, station Mariahoeve en station Ypenburg. Knoop Moerwijk vormt straks een scharnier tussen het centrum, Zuidwest, Spoorwijk en Laakkwartier, met potenties voor stedelijke functies. Voor Mariahoeve en Ypenburg gaan we de komende jaren op zoek naar passende programma’s. De kustzone en de Internationale Zone zijn niet specifiek in beeld als nieuwe grootschalige knooppunten, maar dit zijn wel gebieden waar een onderscheidend ruimtelijk programma ontwikkeld wordt waarbij bereikbaarheid extra aandacht vraagt.

Mobiliteitstransitie op stedelijk en regionaal niveau

Als we de groeiende stad leefbaar, bereikbaar en verkeersveilig willen houden, zullen we anders moeten omgaan met mobiliteit. Daarom zetten we in op een transitie naar een toekomstbestendig en stadsvriendelijk mobiliteitssysteem, zoals vastgelegd in de Strategie Mobiliteitstransitie. De mobiliteitsbehoeften en wensen van bewoners en bezoekers staan daarbij centraal. We willen mensen meer vervoerkeuzevrijheid geven en bewoners en bezoekers stimuleren om vaker te kiezen voor schone en duurzame (deel)mobiliteit. De komende decennia werken we verder aan een duurzaam mobiliteitssysteem dat veilig, ruimte-efficiënt, schoon en op maat, verbonden en betaalbaar is. Een systeem dat meer ruimte biedt aan lopen, fietsen, openbaar vervoer en deelmobiliteit. Zo kunnen in dezelfde ruimte meer mensen zich verplaatsen, neemt de druk op het wegennet af en verbetert de doorstroming. Hierbij houden we rekening met de bereikbaarheid voor Nooden Hulpdiensten. De inzet van kunstmatige intelligentie (AI) en technologische innovaties, zoals autonome voertuigen en deelauto’s, biedt kansen om de mobiliteitsdoelen van Den Haag te realiseren. Zelfrijdende voertuigen kunnen in theorie verkeersongelukken verminderen, de verkeersdoorstroming optimaliseren en de uitstoot van schadelijke stoffen verlagen. Ze bieden ook kansen om de mobiliteit en toegankelijkheid voor gehandicapten en ouderen te verbeteren.

Ook de kwaliteit van het aanbod van deelmobiliteit kan door de verdere technologische ontwikkelingen sterk verbeteren. Hierdoor kunnen deelauto’s een aantrekkelijker alternatief worden voor het bezit van een eerste of tweede auto. Het aantal privéauto’s op de weg en in de openbare ruimte kan hierdoor worden verminderd, zodat verkeersopstoppingen afnemen, ruimte wordt vrijgespeeld en de uitstoot wordt verlaagd. We volgen technologische ontwikkelingen actief zodat we beleid kunnen ontwikkelen dat de voordelen van innovaties maximaal benut.

Omgevingsvisie Den Haag

Regionale context De mobiliteitstransitie voor de Haagse regio richt zich op minder autogebruik en meer ruimte voor lopen, fietsen en openbaar vervoer. Knooppuntontwikkelingen rondom stations stimuleren nabijheid van voorzieningen en verminderen de noodzaak van auto’s. Voor de regio is de betaalbaarheid en toegankelijkheid van emissievrije vervoersopties, zoals elektrische bussen en deelmobiliteit, essentieel. Mobiliteitshubs en nul-emissiezones zorgen voor een schoner en efficiënter vervoersysteem, waarbij vrachtverkeer naar overslagpunten buiten woonwijken wordt geleid. Deze aanpak draagt bij aan betere bereikbaarheid, verkeersveiligheid en een schoner milieu.

Grootschalige verstedelijkingslocatie Verdichtingszone langs OV Mogelijke OV gebonden verdichting P

Potentiële parkeerhub toekomst Spoorweg bestaand Station bestaand/nieuw HOV bestaand (tram, metro, bus) Invloedsgebied station Belangrijke HOV halte bestaand/nieuw Schaalsprong HOV Koningscorridor Nieuwe HOV Zuid Westlandcorridor Snelweg Bebouwd gebied

Een voorwaarde voor dit duurzame mobiliteitssysteem is nabijheid van werk, zorg, winkels maatschappelijke voorzieningen, de binnenstad, parken en natuurgebieden. De doorontwikkeling van ov-knooppunten is daarom een logische keuze. Door woningen en andere functies te concentreren rondom knooppunten van ov, ontstaat er een voedingsbodem voor voorzieningen waar de buurt van kan profiteren. Zo zijn de afstanden tot de belangrijkste bestemmingen klein en wordt het vanzelfsprekend om te voet, met de fiets of met het openbaar vervoer te reizen. De Haagse openbare ruimte richten we voortaan in volgens het STOMP-principe. Hiermee komt de prioritering in vervoerswijzen tot uiting. ‘Stappen’ heeft voorrang, dan ‘Trappen’, dan ‘Openbaar vervoer’, dan ‘Mobility as a service’ (vervoer op maat, bijvoorbeeld autodelen) en als laatste de eigen auto’. Door in buurten minder doorgaand verkeer toe te staan, op de meeste wegen de maximumsnelheid te verlagen naar 30 kilometer per uur, deelmobiliteit te stimuleren en het parkeren te concentreren in garages en zogenoemde mobiliteits- en parkeerhubs in plaats van op straat, verbeteren we de ruimtelijke kwaliteit en de verkeersveiligheid. Om te zorgen dat de groei van de stad niet evenredig leidt tot groei van de ruimte voor mobiliteit zal in nagenoeg heel Den Haag betaald parkeren worden ingevoerd en worden er minder parkeervergunningen uitgegeven.

We willen overigens dat de stad goed bereikbaar blijft voor de auto. Daarom is het belangrijk dat reizigers zoveel mogelijk kiezen voor andere vervoerswijzen. Om te voorkomen dat we moeten investeren in nieuwe infrastructuur, wordt gekeken naar oplossingen zoals het verminderen en voorkomen van piekmomenten voor auto en ov en het beter spreiden van de vervoersvraag over de dag. Aan de rand van de stad stimuleren we automobilisten om gebruik te maken van parkeerfaciliteiten en over te stappen op het openbaar vervoer of de fiets. In de vooroorlogse stadswijken en in het centrum zetten we zoveel mogelijk in op deelvervoer.

DEEL B Visie

Hierdoor wordt de schaarse ruimte efficiënt benut en komt er meer ruimte beschikbaar voor groen, spelen en een verkeersveilige inrichting. Om het wandelen en fietsen te stimuleren wordt de barrièrewerking van drukke wegen zoveel mogelijk weggenomen. Denk aan het doortrekken van de tramtunnel en een overkluizing van de Utrechtsebaan/ A12. Voor recreatief en sportief gebruik markeren we routes langs water en tussen parken. Voor de toenemende fietsersstroom komen meer doorgaande fietsroutes. Dit vergt onder meer een uitbreiding van het zogenoemde ‘sterfietsnetwerk’ en een intensiever gebruik van de ‘lange lijnen’. Er komt een ringstructuur om het centrum om doorgaande fietsers te verleiden niet door het centrum te gaan. Daarnaast realiseren we routes om wijken beter te verbinden. Aan de rand van het centrum en bij ov-knooppunten komen meer gelegenheden voor fietsparkeren. We werken aan goed openbaar vervoer: snelle en comfortabele bus-, tram- en metrolijnen die mensen van hun woning naar werk, school of andere bestemmingen brengen. Voor de Haagse regio gaat het om de ontwikkeling van de spoorlijn Leiden-Dordrecht (Oude Lijn) tot een hoogfrequente Citysprinter en de aanleg van de Koningscorridor (ov-verbinding tussen kust, centrum en Binckhorst en Zoetermeer en Delft) en de Zuidwestlandcorridor (van Zoetermeer via Den Haag-Zuidwest naar het Westland).

De realisatie van de Vlietlijn, de eerste fase van de Koningscorridor, tussen Den Haag Centraal en station Voorburg heeft prioriteit vanwege de samenhang met de herontwikkeling van de Binckhorst. We verkennen bovendien een doorgaande ov-verbinding in Zuidwest, met directe trajecten naar onder andere de stations Moerwijk, Laan van NOI, Rijswijk en Delft. Daarmee kunnen inwoners van Zuidwest makkelijker naar het centrum, andere treinstations en werklocaties in de regio. Een stap op de korte termijn is het gebruiken van langere bussen en trams op drukke momenten. Hierdoor wordt de capaciteit groter en kunnen er meer mensen mee.

81

Dit vergt aanpassingen, zoals het verlengen en verbeteren van tramhaltes. Het is belangrijk dat het openbaar vervoer en deelmobiliteit voor zowel reizigers als de gemeente betaalbaar en toegankelijk blijft. Het is fijn om een snelle en directe tramlijn naar het station te kunnen nemen. Tegelijkertijd moet er ook op loopafstand een bus of tram beschikbaar zijn. Zeker als fietsen en lopen geen optie is. De transitie naar duurzame en ruimte-efficiënte mobiliteit vergt tijd, consistent beleid en een zorgvuldige aanpak. We moeten hierbij rekening houden met mensen die voor hun werk of vanwege mantelzorg afhankelijk zijn van de auto. Zij moeten de mogelijkheid houden om met hun auto in de buurt te parkeren, bij voorkeur zonder lange zoektijd. Kortom, het is een langjarig proces dat in samenspraak met bewoners moet verlopen, in een tempo dat past bij de betreffende wijk.

Stedelijke logistiek

De groei van de stad zorgt voor een toename in logistiek en bedrijvigheid. Er zijn meer voedsel, pakketten, bouwmaterialen en andere producten nodig. Den Haag is nu al een drukke stad en we willen dat iedereen zich op een veilige en soepele manier door het verkeer kan bewegen. Omdat de ruimte beperkt is, zijn er slimme oplossingen nodig voor het ruimtebeslag van de logistiek in de stad. Tijdens de ontwerpfase van gebouwen brengen we deze oplossingen in beeld. Denk aan pakketkluizen en pakketpunten die toegankelijk zijn voor alle pakketvervoerders om het aantal bestelbussen aan de deur te verminderen. Maar ook slimme laad- en loszones die eenvoudig digitaal zijn te handhaven. De komende jaren zal de uitstoot van CO2 en stikstof binnen de logistieke stromen worden teruggebracht. Een belangrijke maatregel is de invoering van een zero-emissiezone voor logistiek vervoer. Waar mogelijk, verminderen we het aantal logistieke bewegingen en sturen we deze over een beperkt aantal veilige routes door de stad. Digitalisering van de toegang tot (delen) van de stad in combinatie met slimme laad- en loszones zijn relevante ontwikkelingen voor de nabije toekomst.

Het biedt de gemeente Den Haag instrumenten om vervoerders slim, schoon en gebundeld te laten leveren. Per wijk zal de aanpak verschillen. Dit werken we uit in het uitvoeringsprogramma stedelijke logistiek.

Omgevingsveiligheid

Verstedelijking en bereikbaarheid in samenhang vraagt specifiek aandacht voor omgevingsveiligheid bij toekomstige ontwikkelingen. Daarbij wordt rekening gehouden met veiligheidsafstanden en aandachtsgebieden voor brand, explosies en gifwolken. Dat betekent bijvoorbeeld een zorgvuldige inpassing van nieuwbouw in de buurt van transportroutes en buisleidingen ten behoeve van transport van gevaarlijke stoffen, en andere stationaire risicobronnen. Omgevingsveiligheid komt ook om de hoek kijken bij het realiseren van lithiumhoudende energieopslagsystemen (stads- en buurtbatterijen) en bij het realiseren van veilige parkeeroplossingen voor elektrische voertuigen waarbij heftige en moeilijk te blussen branden kunnen ontstaan. De gemeente Den Haag zet in op het beschermen van de inwoners tegen de effecten van omgevingsveiligheidsrisico’s. Dit doet de gemeente door het voorkomen en beperken van risico’s. Indien het niet mogelijk is om de bron van de risico’s aan te pakken is het belangrijk om de omgeving zo in te richten dat de gevolgen van de risico’s beperkt worden. Bijvoorbeeld door de afstand tot een risicobron te vergroten of de gebouwen en omgeving zo in te richten dat het bescherming biedt tegen de risicobronnen. In een compacte stad zoals Den Haag is het noodzakelijk om te zoeken naar creatieve oplossingen om verschillende ambities met elkaar te kunnen combineren.

Desondanks bestaat altijd de kans dat er een externe calamiteit kan plaatsvinden als gevolg van bijvoorbeeld een ongeval met gevaarlijke stoffen. De gemeente Den Haag zal daarvoor de deskundigheid van de Veiligheidsregio Haaglanden en Omgevingsdienst Haaglanden benutten voor het handhaven en mitigeren van onacceptabele risico’s. Hierbij zal gestuurd worden op bewustwording, bestrijdbaarheid en zelfredzaamheid door goede voorlichting en communicatie.

Mobiliteit: situatie nu en 2050 Door de maximumsnelheid in de stad te verlagen van 50 naar 30 kilometer per uur, ontstaan er grotere aaneengesloten gebieden. De aanpassing verhoogt de verkeersveiligheid en maakt sociale voorzieningen beter bereikbaar – te voet en met de fiets.

50-km wegen in 2025

82

Hierdoor neemt de noodzaak voor korte autoritten af, en dat creëert ruimte voor groen, spelen en ontmoeting. Het versterkt de ruimtelijke kwaliteit en het welzijn van bewoners.

50-km wegen in 2050

Omgevingsvisie Den Haag

Mobiliteitsnetwerken

1. Voetganger Grote aaneengesloten 30 kilometergebieden vergroten de bewegingsruimte van voetgangers (inclusief uitbreiden betaald parkeren in heel Den Haag). Meer ruimte voor de voetganger in de binnenstad, autoluw gebied rondom de binnenstad (S100/ Centrumring) en Scheveningen.

2. Fiets Inzetten op fietsroutes tussen wijken en naar stations op de Oude Lijn (en fietsenstallingen in hoogstedelijk gebied). Fietsparkeren bij grote ov-haltes. Realiseren van een centrumring voor fietsers om Grote Marktstraat te ontlasten.

Grote aaneengesloten gebieden

Fietsnetwerk, sterfietsroute

Prioriteit voetganger(sgebied)

Centrum fietsring

Prioriteit voetganger winkelgebieden

Nieuwe (regionale) fietsroute

Hoofdroutenetwerk

Fietsenstalling

3. Openbaar vervoer Schaalsprong: Zuidwestlandcorridor (verlengen tramtunnel Grote Marktstraat) en Koningscorridor (snellere ov-verbinding naar Internationale Zone/Scheveningen en alternatieve verbinding tussen wijken en stations buiten het centrum om.

4. Auto Structuur gericht op hoofdwegennet, netwerk niet gericht op faciliteren autoverplaatsingen binnen de stad, maar via S-routes naar A4/A12/A13. Onderzoek naar oplossen knelpunt Moerweg/Beatrixlaan. Meer inzetten op parkeren op afstand (P+R).

Oude Lijn (spoorlijn Leiden-Dordrecht)

Rijksweg

Koningscorridor

Hoofdwegenstructuur

Zuidwestlandcorridor

Ontvlechten / ongelijkvloerse oplossing

RandstadRail

P+R

Bustangent Station / halte Stationskwartier

DEEL B Visie

83

Toelichting opgaven per type gebiedsontwikkeling

Legenda Hoogstedelijke ontwikkeling (Binckhorst, CID) Gemengdstedelijke ontwikkeling (Zuidwest) Gebiedsgerichte ontwikkeling en wijkvernieuwing (Mariahoeve, Loosduinen, Scheveningen, Internationale Zone incl. concentratiegebied) Herstructurering recreatie- en werklandschap (A4/Vlietzone) Ontwikkeling stationskwartier (Den Haag Centraal, Den Haag HS, Den Haag Laan van NOI, Den Haag Moerwijk, Den Haag Mariahoeve, Den Haag Ypenburg) Integrale wijkverbetering

84

Disclaimer: Deze kaart geeft de bestaande en nieuwe gebiedsontwikkelingen voor 2050 weer. Ieder gebied kent een eigen opgave, waarbij de (plan)grenzen en scope nog kan veranderen.

Omgevingsvisie Den Haag

Hoogstedelijke ontwikkeling

(Door)ontwikkeling van wijken met een hoogstedelijke dichtheid met een mix van wonen, werken en kennisontwikkeling. Onderdeel van de ontwikkelingsopgave is de (ruimtelijke) balans tussen maatschappelijke voorzieningen, nachtleven, ruimte voor nutsvoorzieningen, klimaatadaptief en natuurinclusief groen en passende sportvoorzieningen.

Central Innovation District (CID)

Opgave: Ontwikkeling met een (hoog)stedelijke dichtheid met een mix van wonen, werken, onderwijs en voorzieningen. Nadruk ligt op het mengen van functies in hoge dichtheid met een kwalitatieve groene openbare ruimte. Goed verbonden met de rest van de stad. Meer ruimte voor voetgangers en fietsers.

Binckhorst

Opgave: transformatie van een monofunctioneel bedrijventerrein naar een hoogstedelijk woon- werkgebied met onderwijs en voorzieningen. Nadruk ligt op het mengen van functies in hoge dichtheid met een kwalitatieve groene openbare ruimte. Meer ruimte voor voetgangers en fietsers.

Gemengd stedelijke ontwikkeling

Ontwikkeling van woonbuurten met een stedelijke dichtheid en een groot aandeel niet-woonfuncties. Klimaatadaptief en natuurinclusief groen en sportvoorzieningen zijn onderdeel van de ontwikkelingsopgave.

Zuidwest

Opgave: ontwikkelen van een gemengd stedelijk leefmilieu met wonen, werken, onderwijs, recreatie en sport. Aantrekkelijk leefmilieu met voldoende groen en aantrekkelijke wandel en fietsroutes, speel- en ontmoetingsplekken met een diverse woningvoorraad.

DEEL B Visie

Gebiedsgerichte ontwikkeling en wijkvernieuwing

Versterking van bestaande buurten door nieuwe verbindingen, verduurzaming, toevoegen van woningen en/of ruimte voor bedrijvigheid, zonder (ingrijpende) veranderingen op structuurniveau.

Mariahoeve

Opgave: revitalisering van de wijk in combinatie met verdichting met aandacht voor de stedenbouwkundige opzet, ruimtelijke structuur. Optoppen en verduurzamen bestaande woningvoorraad.

Scheveningen

Opgave Haven: consolideren van economische functie (korte termijn), economische betekenis van de haven op langere termijn bepalen. Opgave Bad: mobiliteitsopgave (inclusief parkeren), samenhangende kansen voor verduurzaming en vergroening van de openbare ruimte. Ontwikkelkansen verouderd vastgoed. Jaarrond programmering (cultuur, horeca, bedrijvigheid).

Loosduinen

Opgave: versterken van het centrum (winkelcentrum Loosduinse Hoofdplein), verbeteren interne als externe verbindingen (Zuidwestlandcorridor). Behoud voorzieningenniveau en leefbaarheid. Versterken ecologische structuren. Gerichte verdichting t.b.v. structuurversterking.  

Internationale Zone

Opgave: Versterken van het internationale vestigingsmilieu als een integrale gebiedsontwikkeling met oog voor verblijfsklimaat, beveiliging en samenhang binnen het gebied.

Ontwikkeling stationskwartier

Ontwikkeling rond de stations Den Haag Centraal, HS, laan van NOI, Moerwijk, Mariahoeve en Ypenburg.

Opgave: ontwikkeling met een (hoog/ gemengd) stedelijke dichtheid rond knooppunten, knooppuntontwikkeling. Aantrekkelijke openbare ruimte. Nadruk ligt op het mengen van functies in hoge dichtheid met kwalitatief groen. Meer ruimte voor voetgangers en fietsers.

Herstructurering recreatieen werklandschap

Transformatie van de A4/Vlietzone. Opgave: herstructurering naar een robuuste landschappelijke stadsrandzone. Ruimte voor economische functies, sport en recreatie met een nieuwe verkeersontsluitingsstructuur. Verbeteren verbindingen vanuit Leidschenveen-Ypenburg met de rest van de stad (ov, fiets).

Integrale wijkverbetering

Vernieuwing van bestaand wijk inclusief bestaande woningvoorraad. Aandacht voor kwaliteit en ontmoeting in de openbare ruimte die klimaatadaptief, groen die natuurinclusief is ingericht.

Laak, Rustenburg en Oostbroek, Transvaal, Schilderswijk, Moerwijk

Opgave: woningverbetering en verduurzaming van de particuliere woningvoorraad, onderdeel van het Nationaal Programma Stadsrenovatie. Voor Schilderswijk ligt een specifieke opgave om de sociale woningvoorraad te vernieuwen en te verdichten aansluitend bij een centrumstedelijk leefmilieu. En om groen toe te voegen.

85

86

Omgevingsvisie Den Haag

Beweging 3

Verstedelijking en bereikbaarheid in samenhang Beweging Hoogstedelijk Centrumstedelijk Gemengd stedelijk Stedelijk Bedrijventerrein Hoogstedelijke ontwikkeling Gemengd stedelijke ontwikkeling Gebiedsgerichte ontwikkeling en wijkvernieuwing Integrale wijkverbetering Ontwikkeling Stationskwartier Schaalsprong (H)OV Regionale mobiliteitshub (P+R en tophaltes) Vitale wijken en buurten* Vitale wijken en buurten met mobiliteitshub* Wijk toekomstbestendig maken Lange Lijnen (deels onderdeel van SGH) Slechten van barrières Netwerk Spoorweg Treinstation intercity Treinstation sprinter / metro Autosnelweg Autoweg Ondergrond / in de regio Noordzee Hoofd oppervlaktewater Strand/Duin Bebouwing in de regio Historische kernen in de regio Verdichtingslocaties in de regio

DEEL B Visie

Zie toelichting op legenda op pagina’s 62-63 *) De hartjes staan voor vitale wijken en buurten. Ze zijn geplaatst op de huidige voorzieningecentra. De vitaliteit van deze voorzieningencentra is van belang vanuit het idee van de 15 minuten stad. Met deze legendaeenheid worden ook opgaven voor de omliggende buurten geagendeerd. Disclaimer: De programmatische opgave op de kaart en in de legenda is agenderend en indicatief en vormen een basis voor de doorwerkingen. Stadsbrede bewegingen staan op de visiekaart; deze facetkaart kan meer details en aanvullende onderwerpen tonen ten opzichte van de totale stadsbrede visiekaart. Niet alle sociale opgaven kunnen worden getoond op de kaart.

87

5.6 Beweging 4

Ruimte voor kennis en kunde Economische bloei en passende werkgelegenheid zijn van belang voor brede welvaart. Den Haag heeft een bijzondere internationale positie op het gebied van vrede, recht, humaniteit en veiligheid. Het bijbehorende netwerk van bedrijven, kennisinstellingen en initiatieven heeft grote potentie om verder te ontwikkelen en nog grotere betekenis te hebben voor brede welvaart, werkgelegenheid en maatschappelijke opgaven. We geven daarom volop ruimte aan werken, leren en innoveren in de breedte: kennisintensief en praktisch.

Strategische keuzes Bijsturen Bevorderen clustervorming onderwijs en werkgelegenheid

Met clustervorming versterken we de verbinding tussen onderwijsinstellingen, (internationale) bedrijven en overheden. Zo ontstaan plekken voor kruisbestuiving, innovatie en het opleiden van talent.

Behouden, verdichten en benutten bestaande bedrijventerreinen Op bestaande bedrijventerreinen blijven we ruimte bieden aan bedrijfsactiviteiten in hogere milieucategorieën. We zetten in op verduurzaming van gebouwen en bedrijfsprocessen.

88

Diensten en kleinschalige bedrijvigheid terug in de wijk In wijken zetten we in op de menging van woon- en werkfuncties in verschillende gradaties. Daardoor blijven kleinschalige werkruimtes behouden.

Tempo aanpassen Versnellen omslag naar circulaire economie

De transitie naar een circulaire economie speelt op drie schaalniveaus. Op stedelijk en regionaal niveau is ruimte nodig voor de inzameling en sortering van grondstoffen, afval en materialen, en circulaire bedrijfsactiviteiten. Op wijk- en buurtniveau komt er ruimte voor kleinschalige productieruimtes en reparatiewerkzaamheden. In (nieuwe) gebouwen moet voldoende ruimte zijn voor de gescheiden inzameling van afval.

Koers houden Versterken economische topmilieus: Regeringscentrum, Internationale Zone, Central Innovation District (CID)

Bestuur, vrede en recht, IT en technologie vormen ook in 2050 het fundament van de Haagse economie. Het tekort aan (hoogwaardige) kantoorruimte nemen we weg, en de unieke kwaliteiten van met name het Binnenhof en de Internationale Zone zetten we in om het vestigingsklimaat te versterken.

Omgevingsvisie Den Haag

De Haagse economie staat niet op zichzelf en maakt in 2050 nog meer onderdeel uit van een regionaal systeem. Dit bestaat bijvoorbeeld uit de high-techbranche in Delft, toegepaste innovatie en distributie in Zoetermeer en een innovatieve tuinbouwsector in het Westland. Grote en kleinere (MKB) bedrijven vormen samen deze Haagse economie. In de komende jaren stimuleren we vooral bedrijvigheid en economische activiteiten die de metropool vooruithelpen en de komende decennia voor (nieuw) verdienvermogen zorgen. Dan gaat het vooral om de duurzame en transitiegerichte kenniseconomie (dienstverlening, IT en technologie, impact economy, (cyber)veiligheid, innovaties op zee) én ‘stadsverzorgende’ bedrijvigheid (zoals loodgieters, installateurs, fietsenmakers, stomerijen, kinderopvang en zorg). We stimuleren bedrijvigheid door de hele stad, naast de doorontwikkeling van het Central Innovation District (CID), de Binckhorst en de Internationale Zone als economische brandpunten in de stad.

Bestuur, recht en vrede: economische pijlers onder de Haagse metropool

Bestuur vormt al eeuwen de grondslag van Den Haag. De overheid en belangenorganisaties zorgen voor heel veel banen. De zakelijke dienstverlening is hiermee verbonden. Ministeries, ambassades en internationale instellingen vormen ook in 2050 het visitekaartje van Den Haag. De identiteit van de Haagse binnenstad vindt zijn oorsprong in het hart van het landsbestuur: het Binnenhof. Hier komen bestuur, politiek en burgers elkaar tegen en staan ze soms lijnrecht tegenover elkaar.

DEEL B Visie

Het gebied ademt bestuur, recht en democratie. De omgeving van het Binnenhof blijft het bruisende hart van de Nederlandse rechtstaat. Het contrastrijke karakter is beter voelbaar dan ooit: koninklijk en alledaags, lokaal en internationaal, historisch en modern. De binnenstad is ook straks de plek waar mensen van alle leeftijden, culturen en achtergronden elkaar tegenkomen. Dit vraagt om aantrekkelijke gebeurtenissen en activiteiten die de bijzondere sfeer en het unieke karakter versterken. Naast bestuur en politiek blijven vrede en recht de tweede hoeksteen van de Haagse economie. Ze is gegrondvest in de stad met een open blik op de wereld en een traditie in het vreedzaam beslechten van geschillen. Den Haag is ook in 2050 de internationale stad waar vredesconferenties plaatsvinden, gerechtshoven een onderdak vinden en landen diplomatiek met elkaar in gesprek blijven. We zoeken naar de beste plek voor de bouw van een nieuwe faciliteit voor internationale congressen. Op het vlak van digitaal recht is er de komende jaren een wereld te winnen. Den Haag wil nadrukkelijk bijdragen aan het herstel van het vertrouwen in de digitale wereld (privacy, datagebruik, cybercriminaliteit). De komende jaren is een herstructurering van de Internationale Zone nodig. Want gevestigde instellingen groeien uit hun jasje en nieuwe instellingen kloppen op de deur.

We zullen onder andere aandacht geven aan de vernieuwing van het World Forum, zodat deze locatie blijft voldoen aan de gestelde eisen voor internationale congressen.

Den Haag mag zich een echte studentenstad noemen. Naast de Haagse Hogeschool, het Koninklijk Conservatorium en de Koninklijke Academie voor Beeldende Kunst zijn er vestigingen van Inholland, TU Delft en ISS (onderdeel van de Erasmus Universiteit). Op bijna 20 mbo-scholen krijgen jongeren praktijkonderwijs.

89

Intensiveren bedrijventerreinen Kavel

Nieuwe bedrijven

Bedrijven

Voorzieningen

Bedrijventerreinen zijn vaak individueel georganiseerd en dat vraagt veel ruimte.

Den Haag gaat bedrijventerreinen conserveren en intensiveren, huidige FSI (Floor Space Index) gemiddeld 0,7.

Het CID speelt op beide vlakken (bestuurscentrum en stad van vrede en recht) een sleutelrol. Het groeit de komende jaren uit tot een toplocatie. Een attractief, bereikbaar, multifunctioneel en hoogstedelijk gebied waar informele contacten, kennisuitwisseling en kruisbestuiving tot stand komen. Het CID is dé plek waar innovatieve oplossingen worden bedacht voor ingewikkelde maatschappelijke vraagstukken. Voor het welslagen van het CID is het nodig dat we innovatief talent aantrekken, opleiden en vasthouden. Het woningaanbod en de bijbehorende voorzieningen worden hierop aangepast.

Investeren in onderwijs

In Den Haag is werken, leren en innoveren op tal van plekken zichtbaar. We zetten in op het verder profileren en verbinden van een netwerk van locaties in de stad waar werken, leren en innoveren met bijbehorende partijen samenkomen. Hier wordt gewerkt aan maatschappelijke opgaven en is ruimte voor de banen van de toekomst op alle opleidingsniveaus. Hiermee sluiten we beter aan bij de arbeidsmarkt, het bedrijfsleven en onderwijs. Zodat er volop kansen ontstaan voor bedrijven om te starten, te groeien en te vernieuwen. Het is de bedoeling om onderwijsinstellingen over de stad te verspreiden. Onderwijs is namelijk een functie die goed te combineren valt met wonen en economische activiteiten. Parallel aan de praktijkgerichte opleidingen, zoals ROC Mondriaan en Johan de Witt scholengroep, groeit Den Haag verder uit tot een kennisstad, onder meer door dependances van universiteiten en hogescholen, zoals de TU Delft en Universiteit Leiden. Deze leggen een verbinding met Den Haag als stad van recht, veiligheid en bestuur, om zo maatschappelijke impact te maken.

90

Collectieve voorzieningen zorgen voor ruimte- en kostenbesparingen

Zulke plekken zijn broedplaatsen voor innovatie en daarom geschikt voor bijvoorbeeld start-ups en (jonge) creatieve ondernemers. We zetten ons in op het behoud van opleidingen die belangrijk zijn voor de toekomstige economische sectoren van Den Haag. Dit vraagt tegelijk om te investeren in een attractieve stad met voldoende passende huisvesting voor starters, studenten en nieuwkomers op de arbeidsmarkt. Om die kansen voor de toekomst volop te benutten, geven we ruimte aan andere ideeën en perspectieven, aan onderzoek, ontwikkeling en experiment. En aan makers met een andere kijk op het alledaagse. Om zulke plekken – het gaat onder meer om het CID, de Binckhorst, Scheveningen-Haven, Technology Park Ypenburg en Zuidwest – tot bloei te laten komen, moeten werkruimtes betaalbaar zijn en moeten dergelijke onderwijsclusters goed bereikbaar zijn voor voetgangers, fietsers en openbaar vervoer.

Meer en bereikbare werklocaties

De groei van de stad betekent niet alleen het toevoegen van woningen, maar ook het realiseren van voldoende (betaalbare) werkplekken en ruimte voor bedrijvigheid. Het is belangrijk om bestaande bedrijventerreinen te behouden en beter te benutten. Het uitgangspunt is om werkfuncties te mengen met andere stedelijke functies. Maar voor sommige bedrijfsactiviteiten dienen werkgebieden monofunctioneel te zijn, bijvoorbeeld vanwege geluid- of milieuhinder. Het ruimte geven aan en het realiseren van werkruimtes en -locaties zijn nodig om tot een complete en vitale stad te komen. Daarom werken we in de Haagse wijken, waar mogelijk, aan functiemenging en meervoudig ruimtegebruik.

Omgevingsvisie Den Haag

Regionale context De Haagse economie is steeds meer onderdeel van een regionaal netwerk, waarbij Den Haag profiteert van de high-tech in Delft, de distributie in Zoetermeer en de tuinbouw in het Westland. Den Haag en Rijswijk richten zich op de kenniseconomie (zoals ICT en recht) en ondersteunende stedelijke bedrijvigheid. Het Central Innovation District (CID) en de Internationale Zone zijn regionale centra, verbonden met omliggende gebieden via de Oude Lijn. Investeringen in onderwijs en werkgelegenheid, verspreid over de regio, bevorderen innovatie en economische veerkracht. Circulaire economie en duurzame distributie zijn regionale speerpunten, vooral op bedrijventerreinen.

Kustzone Kenniscluster toplocatie Bedrijventerrein Haven Internationale Zone Universiteit Horticampus Haven Schaalsprong HOV Konings-/ZuidWestlandcorridor Nieuwe regionale OV verbindingen Bestaande OV verbindingen en haltes Spoorlijn met bestaande en nieuwe haltes Snelweg Bebouwd gebied

Uitbreiding van de werkgelegenheid brengt mobiliteitsstromen met zich mee. De haalbaarheid van functiemenging zal daarom mede worden bepaald door de ruimte die in de toekomst beschikbaar is voor de auto en parkeerplekken. De mate van functiemenging verschilt per buurt en daarover is participatie nodig. Dat geldt met name voor kleine bedrijven in de maakindustrie en dienstverlening. We proberen hiermee zoveel mogelijk het aantal mobiliteitsbewegingen te beperken, zodat de reiskosten (bijvoorbeeld met openbaar vervoer) kunnen worden teruggedrongen. Voor de omslag naar een circulaire economie is er ruimte nodig voor onderhoud, reparatie en hergebruik. Die behoefte moet goed in beeld worden gebracht. Deze ruimte willen we faciliteren, zodat op bedrijventerreinen voldoende ruimte blijft voor bedrijven die alleen op een bedrijventerrein gehuisvest kunnen worden. Uitgangspunt is om het mengen van wonen en werken zoveel mogelijk te stimuleren, passend bij de filosofie van de 15-minutenstad. Niet alleen vanuit het oogpunt van nabijheid, maar ook om levendigheid te stimuleren.

Circulaire economie

De transitie naar een circulaire economie speelt op drie schaalniveaus. Op stadsniveau is ruimte nodig voor de inzameling en sortering van materialen, afval- en grondstoffenstromen en circulaire bedrijfsactiviteiten. Dit betreffen grote circulaire hubs. Op bedrijventerreinen is ruimte nodig voor de verwerking en het hergebruik van grondstoffen en materialen, op binnenstedelijke locaties voor reparatie en de deeleconomie. Dit vergt onder meer voldoende ‘milieugebruiksruimte’, waardoor combinaties met andere functies niet altijd mogelijk zijn. Per bedrijventerrein streven

DEEL B Visie

Disclaimer: De in deze kaart weergegeven ontwikkelingen buiten de gemeentegrenzen van Den Haag zijn indicatief en bedoeld om de samenhang van ruimtelijke ontwikkelingen in de regio in beeld te brengen. Zij hebben geen status.

we naar één locatie voor bedrijven die grondstoffen bewerken en uitwisselen. Op lange termijn is het de bedoeling om bedrijven te clusteren die elkaar nodig hebben voor materiaaluitwisseling. Voor gemeentelijke werkzaamheden, zoals onderhoud en inrichting van de openbare ruimte, komt een circulair bouwdepot. Op wijkniveau komen kleinschalige productieruimtes voor reparatiewerkzaamheden, opslag en distributie. Voor de inzameling van afval is een publieksvriendelijker systeem nodig dan het huidige netwerk van afvalstations. Voor Den Haag betekent dit in ieder geval vijf (grotere) locaties en verspreid over de wijken kleinere verzamelstations. Ook op gebouwniveau moet voldoende ruimte zijn voor de inzameling van afval en grondstoffen, het liefst op eigen terrein of inpandig, om zo de openbare ruimte te ontlasten. Alleen zo kunnen de binnenstad, Scheveningen-Bad en winkelgebieden leefbaar en aantrekkelijk blijven.

Toerisme

We streven naar meerdaags toerisme en een betere spreiding van bezoekers over het jaar – zodat de piekmomenten in het voorjaar en de zomer minder druk worden. Door een betere spreiding van bezoekers over het jaar ontstaat meer structurele werkgelegenheid in de toerisme- en recreatiesector, in plaats van de onzekere seizoensarbeid. Dit speelt met name in de horeca. De binnenstad blijft in trek bij toeristen, naast populaire bestemmingen als het Vredespaleis, Paleis Noordeinde, de landgoederenzone en de vele parken in en rond Den Haag. In Scheveningen-Bad ontwikkelt het toerisme zich duurzaam. Kijkduin behoudt haar profiel als comfortabele en ontspannen familiebadplaats met groenstedelijke woonmilieus. Daarmee is het een aanvulling op het drukkere en stadse Scheveningen.

91

92

Omgevingsvisie Den Haag

Beweging 4

Ruimte voor kennis en kunde Beweging Bedrijventerrein Hoogstedelijk ontwikkeling Regeringscentrum Internationale Zone Concentratie- en invloedgebied Internationale Zone Duurzaam werk- en recreatielandschap Bedrijventerrein / glastuinbouw in de regio Ontwikkeling Stationskwartier Clustervorming rond onderwijs Toeristisch hotspot (belevingseconomie) Circulaire hub Proeftuin op zee Toekomstbestendig Haven Kenniscluster Lokale wijk- en buurteconomie* Bovenlokale wijk- en buurteconomie* Hoofd oppervlaktewater Lange Lijnen (deels onderdeel van SGH) Schaalsprong (H)OV Regionale mobiliteitshub (P+R en tophaltes) Netwerk Spoorweg Treinstation intercity Treinstation sprinter / metro Autosnelweg Autoweg Ondergrond Noordzee Strand/Duin

Zie toelichting op legenda op pagina’s 62-63 *) De hartjes staan voor vitale wijken en buurten. Ze zijn geplaatst op de huidige voorzieningecentra. De vitaliteit van deze voorzieningencentra is van belang vanuit het idee van de 15 minuten stad. Met deze legendaeenheid worden ook opgaven voor de omliggende buurten geagendeerd. Disclaimer: De programmatische opgave op de kaart en in de legenda is agenderend en indicatief en vormen een basis voor de doorwerkingen. Stadsbrede bewegingen staan op de visiekaart; deze facetkaart kan meer details en aanvullende onderwerpen tonen ten opzichte van de totale stadsbrede visiekaart. Niet alle sociale opgaven kunnen worden getoond op de kaart.

DEEL B Visie

93

5.7 Beweging 5

Basissystemen op orde

Het elektriciteitsnetwerk, de digitale infrastructuur, de drinkwatervoorziening, de riolering en de warmtevoorziening zijn de levensaders van onze stad en regio. Het op orde brengen en houden van deze systemen is een grote uitdaging – zeker gezien geopolitieke spanningen, klimaatverandering, de energietransitie en de groeiopgave. We werken aan het behouden en versterken van deze vitale infrastructuur die nodig is om de Haagse metropool veerkrachtig en toekomstbestendig te houden.

Strategische keuzes Bijsturen Investeren in het bodem,- en watersysteem

Het watersysteem (zowel grond- als oppervlaktewater) is in 2050 robuust. Het is in staat om overtollig regenwater op te vangen, droge periodes te overbruggen en tegenwicht te bieden aan brak grondwater. Bij iedere ingreep verbeteren we de bodemkwaliteit.

Ruimte voor (toekomstige) drinkwaterbehoefte

Om in 2050 te voorzien in onze drinkwaterbehoefte zijn meer bronnen nodig, het liefst dichtbij, en moet de zuiveringscapaciteit omhoog.

Meer regie op de ondergrond

Er is een toename van bovengrondse en ondergrondse infrastructuur en tegelijkertijd minder beschikbare ruimte. De impact van de

94

vernieuwing en uitbreiding van deze infrastructuur op de leefbaarheid en de kwaliteit van de openbare ruimte, moet zo klein mogelijk zijn. Daarom gebeurt niets in de ondergrond zonder overleg en afstemming met de gemeente.

Tempo aanpassen

warmtebronnen wordt de metropool aardgasvrij. Voor de warmtetransitie is het noodzakelijk dat het Rijk de randvoorwaarden voor wetgeving en financiering op orde brengt.

Koers houden

Snelle ontwikkeling van een duurzaam elektriciteitsnet

Investeren in een robuuste kustverdediging

Versnellen aanleg van collectieve warmtenetten

Verduurzamen bestaande gebouwen

Het elektriciteitsnetwerk (kabels, leidingen, transformatorhuisjes) wordt uitgebreid en verzwaard. Dit is ook nodig voor de urgente opgave om de netcongestie op te lossen. De opwek van duurzame stroom vind grotendeels in de regio en op zee plaats.

Door de aanleg van (collectieve) warmtenetten, die gevoed worden door duurzame alternatieve

Om de veiligheid van bewoners en bezoekers te waarborgen, investeren we in een toekomstbestendige kustverdediging. Hiervoor maken we ruimte vrij. Zo zadelen we toekomstige generaties niet op met onomkeerbare gevolgen van bepaalde besluiten en investeringen.

Bestaande gebouwen isoleren en geschikt maken voor duurzame energie.

Omgevingsvisie Den Haag

Energietransitie: warmte en elektriciteit

Het verduurzamen, vernieuwen en uitbreiden van het energiesysteem is een belangrijke randvoorwaarde om onze opgaven te realiseren. Dit vraagt echter veel ruimte en mag niet ten koste gaan van de veiligheid, leefbaarheid en kwaliteit van de leefomgeving. De aanpak van de energietransitie is ook van invloed op waar en wanneer de nieuwbouw of transformatie van woningen en bedrijfspanden kan plaatsvinden. Daarom koppelen we de energietransitie sterker aan de stedelijke ontwikkeling. Daarnaast gaan we er in deze omgevingsvisie vanuit dat het Rijk de randvoorwaarden voor de warmtetransitie met betrekking tot de wetgeving en financiering op orde brengt. De gemeente Den Haag heeft de ambitie om in 2030 klimaatneutraal te zijn. Het energiesysteem wordt straks volledig gevoed door hernieuwbare bronnen. Alle woningen en panden gaan uiteindelijk van het aardgas af en worden aangesloten op alternatieve warmtevoorzieningen, zoals warmtenetten of warmtepompen. Naast verzwaring van het energiesysteem moet het energieverbruik omlaag, bijvoorbeeld door het isoleren van woningen met een slecht energielabel. Ook is demping van de piekvraag nodig. Hiervoor stimuleren we energieopslag in de wijk door bijvoorbeeld buurtbatterijen en het verkleinen van de afstanden tussen opwek en gebruik. Oftewel: de energie verbruiken waar het wordt gewonnen.

Locaties waar energie wordt opgewekt en opgeslagen kunnen branden omgevingsveiligheidsrisico’s met zich meebrengen. Daarom wordt hierover altijd eerst afgestemd met

DEEL B Visie

de Veiligheidsregio Haaglanden en Omgevingsdienst Haaglanden. Als nieuwe grootschalige energievragers zich aandienen, wordt hun vraag afgestemd met regiogemeenten, provincie en netbeheerders binnen de Energieraad Zuid-Holland. Daarom is er een duidelijk beeld nodig van toekomstige grootverbruikers. Op dit moment verbruiken in de Haagse metropool de glastuinbouw en de logistiek veel energie. Een deel van deze energievraag wordt geëlektrificeerd. Tegelijkertijd zet de glastuinbouw ook zwaar in op het benutten van restwarmte en geothermie voor hun warmtevraag. Uiterlijk 31 december 2026 stelt de gemeente een ‘warmteprogramma’ vast. Daarin staat hoe elke wijk voorzien wordt van een nieuw warmtesysteem. Dit programma wordt elke vijf jaar geactualiseerd. Voor de warmtetransitie zijn nieuwe warmtebronnen nodig. Vergaande elektrificatie van de warmtevraag (met warmtepompen) heeft een grote impact op het elektriciteitssysteem, zowel qua ruimtebeslag als verbruik. Om de impact te beperken moeten alternatieve warmtebronnen - geothermie, aquathermie, WKO en industriële restwarmte - in de stad en de regio zo goed mogelijk benut worden. De gemeente speelt een actieve rol in de verdeling van schaarse warmtebronnen. Door WarmtelinQ worden delen van Den Haag aangesloten op restwarmte uit de Rotterdamse Haven. Onderzocht moet worden of in de toekomst meer regionale warmtebronnen benut

Op het Piet Heinplein zijn de bruggen en kademuren vervangen, en is de gracht weer zichtbaar gemaakt. Het plein is nu een gebied voor langzaam verkeer en een plek om te ontspannen. Er is ruimte voor activiteiten op en rond het water. Door een steiger kunnen (rondvaart) boten aanleggen.

95

Regionale context

De energietransitie heeft een sterke regionale dimensie. Om CO2-vrij te zijn, wordt gebruikgemaakt van regionale warmtebronnen zoals geothermie en restwarmte uit de Rotterdamse haven. De elektrificatie van de warmtevraag en de sterk stijgende vraag naar elektriciteit vereisen nieuwe infrastructuur, deels buiten de stad. Windparken en zonnevelden in het omliggende gebied en op zee spelen een cruciale rol. Daarnaast zijn regionale samenwerkingen nodig voor waterbeheer, met piek- en seizoensberging in weidegebieden om wateroverlast en droogte tegen te gaan. WarmtelinQ Hoofdtransportlijn bestaand Hoofdtransportlijn nieuw Hoogspanningsnet 390kV Grondwaterbeschermingszone Drinkwatervoorziening Waterberging Boezemwater Glastuinbouw Haven Zoekgebied Wind Zoekgebied Zon Zoekgebied Zon/Wind Windenergie Warmte Bebouwd gebied

Disclaimer: De in deze kaart weergegeven ontwikkelingen buiten de gemeentegrenzen van Den Haag zijn indicatief en bedoeld om de samenhang van ruimtelijke ontwikkelingen in de regio in beeld te brengen. Zij hebben geen status.

kunnen worden, aanvullend op lokale warmtebronnen. Op korte termijn heeft het aanpakken van de netcongestie prioriteit. Zeker nu de vraag naar elektriciteit de komende jaren toeneemt met een factor 3 tot 4. Dit betekent dat uitbreiding van het elektriciteitsnet, zoals de aanleg van nieuwe kabels en de bouw van hoog-, midden- en laagspanningsstations nodig is. De bouw van elektriciteitsstations, transformatorhuisjes en de vernieuwing of uitbreiding van de ondergrondse infrastructuur vinden plaats in de bestaande stedelijke structuur – oftewel op bedrijventerreinen en in wijken. Op regionaal niveau wordt al gekeken naar mogelijke tracés voor nieuwe 380/150kV-leidingen. Er is onvoldoende capaciteit voor elektrificatie van de warmtevraag. Daarom is de keuze gemaakt om een groot deel van de bestaande woningen en andere panden aan te sluiten op warmtenetten. Hiermee beperken we bovendien gezondheidsrisico’s door elektromagnetische velden en geluidoverlast door warmtepompen. Het bestaande instrumentarium biedt voldoende mogelijkheden om deze gezondheidsrisico’s te minimaliseren. Om het elektriciteitsnet verder te ontlasten en minder kwetsbaar te maken, zetten we ook in op de ontwikkeling van ‘local (smart) grids’. Voor duurzame opwekking van elektriciteit met bijvoorbeeld zonnepanelen is in de stad beperkt ruimte.

Daarom zal een groot deel van de winning en opslag terecht komen in het buitengebied en op zee. Het gaat dan om windparken en zonnevelden. Hiervoor zijn al enkele zoekgebieden aangewezen. De energielandschappen van 2050 zijn, waar mogelijk, multifunctioneel. Ze doen dienst als recreatiegebied, versterken groen- en waterstructuren en dragen bij aan biodiversiteitsherstel. Bij de realisatie van (grootschalige) opwek zal bovendien onderzoek worden gedaan naar (financiële) participatie van de omgeving, bijvoorbeeld door energiecoöperaties.

96

Weerbare digitale infrastructuur

Als internationale stad van Vrede en Recht heeft Den Haag een uniek risicoprofiel wat betreft digitale dreigingen. Dit vraagt om continue investeringen in een weerbare digitale infrastructuur. We brengen in beeld welke precieze keuzes er moeten worden gemaakt voor deze digitale weerbaarheid en wat dit concreet betekent voor ingrepen binnen de leefomgeving. Zowel voor de boven- als ondergrond.

Robuuste kustverdediging

Het duingebied is niet alleen een divers natuurgebied, maar ook een stevige kustbescherming. Een breed en onbebouwd strand- en duingebied biedt idealiter de meest toekomstbestendige bescherming tegen golfslag en overstromingen. Voor de bebouwde kust van Scheveningen-Bad en -Dorp is dit lastig. Hier bestaat de kustbescherming uit een harde kering. Bovendien is dit het smalste stukje kust van Nederland, waardoor de zee dicht bij bestaande infrastructuur en bebouwing komt. Er is nauwelijks ruimte voor extra beschermingsmaatregelen tegen de stijgende zeespiegel. Daarom zetten we langs de Haagse kust in op een robuuste waterkering. Het realiseren van een strand- en duingebied langs de gehele kustlijn – dus ook ter hoogte van Scheveningen – is een kansrijke optie. Zo’n nieuwe duinenrij die de duingebieden ten noorden en ten zuiden van Scheveningen verbindt, kan over een lange periode opgebouwd worden door een combinatie van zandsuppleties en natuurlijke aangroei door dynamisch duinbeheer. Het is belangrijk dat de duinen onbebouwd blijven en de natuur alle ruimte krijgt. Zo voorkomen we knelpunten in de toekomst. Het is – afhankelijk van de zeespiegelstijging – mogelijk nodig om bij de Scheveningse haven een sluis te maken. Of om de haven richting zee te verplaatsen, buiten het versterkte duinlandschap.

Omgevingsvisie Den Haag

eD u in en

Nationale Park Hollandse Duinen

ijk tw ee Ka n Z aa Hi

or td p

m er et Zo

n va

r ee

n l e js rke nri Be ode R

at N

rk Pa

m da hie Sc

al

na io

a rd tte Ro

la

ol

H

m

se

nd

24

M

n

ne

a

ui

ud

Go

D

02

D

PH

4N

23

02

28

se

ho

los

Sc

4_

g_

kin

r we

uit

A4

4_ 02 g2

au

n_

rte

n ve ho

on

aa _k

8/

24

20

/ 29

De winning van voldoende schoon drinkwater vraagt om aandacht. Toenemende verstedelijking in combinatie met verzilting door zeespiegelstijging en langere periodes

Op de middellange termijn zoeken we buiten de duinen naar locaties voor regionale drinkwaterwinning. In de stad wordt gezocht naar een innamepunt voor oppervlaktewater. Naast het vinden van nieuwe en het aanboren van bestaande bronnen, zetten we in op terugdringen van het drinkwatergebruik door gedragsverandering en waterbesparende maatregelen. Het doel is om in 2035 het gebruik per dag tot 100 liter per persoon te beperken. Bij renovatie en nieuwbouw worden waterbesparende maatregelen genomen, zoals het hergebruik van huishoudwater en het gebruik van regenwater. Ook zetten we op regionaal niveau in op recirculatie van water door de glastuinbouw.

M

g_

lin

pa

be

gs

zin

en gr

be

Veel water moet via het regionale watersysteem naar zee worden gepompt. Dit systeem is krap en kwetsbaar. Verbreding van de watergangen is niet zomaar mogelijk. Als de watergangen het niet meer aankunnen, krijgen laaggelegen buurgemeenten te maken met wateroverlast. Het is dus belangrijk om het Haagse water als regionaal systeem te beschouwen. We zien in omliggende weidegebieden mogelijkheden voor piek- en seizoensberging. Vanaf 2040 wijzen we aan de randen van Nationaal Park Hollandse Duinen plekken aan voor recreatie, natuurontwikkeling en zoetwaterberging, die op de lange termijn beschikbaar zijn voor drinkwaterwinning. De haalbaarheid hiervan wordt geplaatst binnen de dan geldende strategie van het Deltaprogramma .

Nationaal Park Hollandse Duinen, verbindt natuur, stad en zee. Met een focus op recreatie, natuurontwikkeling en waterberging en drinkwaterwinning. Het officiële gebied van Nationaal Park Hollandse Duinen.

g e n ) vi jla d bi Ka ge and e ll ie (z it d l Om Ho u e er d at en ow ui en d- , W m lz dZ ed ) e a i e an g 3 o l rd lich rde ele fg rt d ( Haa , e sb g Er aa e aa er d o n , n t k g i r w n a n u o i 2, rfg De ev , e ng g g D e w er ( ev ltu ge el e arni • g d at • Cu jla re na om vin de i r e W Om u n e n o b s t e r l e as of mg ve en rd zie cu s ( W n- er el nh en o ing aa e le gsv w ati we one ke v ol n e u ge d) e b evin d) pD cre nju enz Ke sse • d la om lan n d g an (o Re oo er kr ed oe erp in ol d i om oll en ing g • -H op en go d ag en d-H lan in d t n i d i s n r o e La el K om Zu ra ro he uiZu bi g n m l sc de ge cie d no cie oed sve gi ans n lo op ovi erm pge vin dg ving ) a ol in ro lan e nd eco it, pr ch (o H p e g k s t a t g k i l be ee ing de om ol me al van dru an en r v • st den erm in id-H en e kw en oek op of n e ith rn ez or ch e Zu ed ijk d i e l s b U m or – be no cie eb pe urk e o d g p n • n ge ovi tie ha atu die n d tei c a s pr cre ds e n en, hte de n aa d n a e lic an en i r p l r en ph en • av n d o Du ve n (M Al d n r g Rij e e de Bo en se en t n) n t nd uin rea tui la d c ol de n re Ko t va ien

o No

lft De

d

s

ie

lui ss

aa

M

b ge

De realisatie van een goed watersysteem hangt nauw samen met de vergroening van de stad en de versterking van de Stedelijke Groene Hoofdstructuur (SGH). Daarom is het belangrijk waterberging te combineren met andere functies, zoals natuurontwikkeling en recreatie.

Officiële nationaal park gebied

van droogte leiden tot een gebrek aan drinkwater en tot watertekorten voor landbouw en natuur. Een uitbreiding van het kust- en duingebied voor Scheveningen biedt mogelijk ruimte aan een grotere zoetwatervoorraad onder de duinen. Dit moet verder worden onderzocht. Verder beschermen en benutten we bestaande waterwingebieden in de duinen. Als uitbreiding van de wincapaciteit nodig is, wordt in beeld gebracht op welke manieren dat kan.

Het opvangen, vasthouden, bergen en afvoeren van overtollig regenwater vraagt meer aandacht. Door water te laten infiltreren, vast te houden waar het valt en te bergen als sprake is van overschotten wordt wateroverlast en de effecten van droogte beperkt. Tijdens droge periodes kan dit regenwater hergebruikt worden. Afvoeren vindt alleen plaats als het niet anders kan. Meer woningen en meer neerslag vragen om vergroting van het afvalwatersysteem. Omdat dit beperkt kan, is scheiding en afkoppeling van hemelwater nodig om de capaciteit te vergroten.

DEEL B Visie

m go

n ide Le

m da en ch ids

Le

lle

rie

B le ië fic of

Een robuust watersysteem

Ruimte voor toekomstige drinkwaterbehoefte

lle

im he en ss

Sa

g

ijk ldw

a Na

aa nH De

n va ek nd Ho olla H

et

Bron: Aangepaste statusaanvraag voor nationaal Park Hollandse Duinen, sept 2024

Samenwerkingsgebied

Regie op de ondergrond

De ‘basis op orde te brengen’ voor duurzame energie, waterbescherming en waterbeschikbaarheid vraagt om een fikse opknapbeurt voor de ondergrondse en bovengrondse infrastructuur. Dit heeft zowel positieve als negatieve gevolgen voor de kwaliteit en het gebruik van de openbare ruimte. We zoeken steeds naar integrale oplossingen als antwoord op deze inpassingsopgave. Eisen aan onderhoud en beheer geven we daarin zo efficiënt mogelijk een plek. Bij ruimtedruk bundelen en stapelen we infrastructuur en stimuleren we meervoudig gebruik. Zo maken we ‘werk met werk’ en ruimen we op wat niet meer wordt gebruikt. De gemeente voert regie: het vertrekpunt is vernieuwing en vervanging in samenhang – niet meer per systeem.

97

98

Omgevingsvisie Den Haag

Beweging 5

Basissystemen op orde Beweging Waarborgen en versterken van de kustveiligheid Primaire en regionale waterkering Energiehub Hoofdverdeelstation (locaties indicatief) Warmteoverdrachtstation Bron voor geothermie (locaties indicatief) T

Bron voor aquathermie (locaties indicatief) Drinkwatervoorziening / innamelocatie oppervlaktewater (van drinkwater) Boezemgemaal Hoofd oppervlaktewater Uitbreiden boezemsysteem / afvoer van overtollig water (locaties indicatief) Warmtenetwerk Tracé 150 kV elektriciteit Warmtenetbuurt Buurt met warmtenetten en andere warmteoplossingen Innovatieve vormen van energieopwekking op zee Bedrijventerrein Netwerk Spoorweg Treinstation intercity Treinstation sprinter / metro Autosnelweg Autoweg Ondergrond Noordzee Strand/Duin

Zie toelichting op legenda op pagina’s 62-63 Disclaimer: De programmatische opgave op de kaart en in de legenda is agenderend en indicatief en vormen een basis voor de doorwerkingen. Stadsbrede bewegingen staan op de visiekaart; deze facetkaart kan meer details en aanvullende onderwerpen tonen ten opzichte van de totale stadsbrede visiekaart. Niet alle sociale opgaven kunnen worden getoond op de kaart.

DEEL B Visie

99

5.8 Samenhang tussen de vijf bewegingen De vijf bewegingen lopen parallel aan elkaar én zijn ook sterk met elkaar verweven. In de gebiedsgerichte of thematische uitwerking van de omgevingsvisie is het belangrijk de vijf bewegingen in samenhang te blijven bezien, omdat er sprake is van afhankelijkheden, kansen en spanningen tussen verschillende ontwikkelingen.

Afhankelijkheden

Gewenste ontwikkelingen binnen de ene beweging zijn afhankelijk van, of beïnvloeden de voortgang op een andere beweging. Zo is een aanpassing van de economische structuur nodig om minder afhankelijk te zijn van arbeidsmigratie en daarmee de druk op kwetsbare wijken te beperken. Op een meer concreet niveau is de ontwikkeling van een duurzaam elektriciteitsnet voorwaardelijk voor zowel de mobiliteitstransitie als voor verstedelijking. En het verbeteren van de luchtkwaliteit en het terugdringen van de stikstofbelasting op natuurgebieden is weer afhankelijk van de voortgang van de mobiliteitstransitie. Zo zijn er dus afhankelijkheden tussen verschillende beleidsambities binnen en tussen de bewegingen.

Koppelkansen

Er liggen ook kansen om verschillende ontwikkelingen te combineren, de koppelkansen. Bijvoorbeeld het vergroenen van de openbare ruimte kan goed samengaan met een meer verkeersveilige inrichting (zoals 30-kilometerstraten). Deze inrichting heeft weer positieve effecten op een beweegvriendelijke leefomgeving, waarin meer ruimte komt voor spelen, sporten en ontmoeting. Ook is er een koppeling te leggen met opgaven in de ondergrond, zoals rioolvervanging. Het bouwen voor de buurt biedt kansen om sociale doelen en verstedelijkingsopgaven te combineren. Tenslotte versterken we met verstedelijking rondom knooppunten van ov de aantrekkelijkheid van (nieuwe) economische topmilieus, door nabijheid van stedelijke voorzieningen en optimale bereikbaarheid voor de mensen die er komen werken.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15787081/1