CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS321960 Bijlage Verkeersonderzoek Westvlietweg-Definitief eindrapport

Commissie Ruimte 14 mei 2025, gemeente Den HaagBij agendapunt: Ingekomen bestuurlijke stukken25.740 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Figuur 6-1: Principeprofielen alternatieve ontsluiting

30

datum projectnummer betreft

21 november 2024 0489378.100 Verkeersonderzoek Westvlietweg – definitief rapport

Alternatieve ontsluiting 1: langs GAVI-kavel Figuur 6-2 bevat varianten voor een ontsluiting langs de GAVI-kavel.

Figuur 6-2: Alternatieve ontsluiting langs de GAVI-kavel (variant met doorgetrokken lijn en variant met onderbroken lijn)

Aan de westzijde van de A4 is gekozen om de ontsluiting rechtstreeks aan te sluiten op de bestaande verkeersstructuur van het bedrijventerrein. Dit zorgt voor een zo rechtstreeks mogelijke ontsluiting van de bedrijven. Daarnaast maakt veel fietsverkeer gebruik van de Spoorlaan en is deze weg niet geschikt om her in te richten als ontsluitingsweg met daarnaast een fietsverbinding. De aansluiting op de bestaande verkeersstructuur kan op de Waterpas of verderop op de Winkelhaak. De bestaande wegen worden hierbij heringericht. Ter hoogte van het Prins Clausplein gaat het tracé onder de bestaande viaducten met de A4 door. Aan de oostzijde van de A4 loopt het tracé evenwijdig aan de A12 langs de GAVI-kavel en sluit het aan op de Guldenlaan. De Spoorlaan-Guldenpad-Guldenlaan is een snelfietsroute volgens de gemeente Den Haag. Het is daarom belangrijk dat de fiets hier een goede positie krijgt, als aanvulling op de al bestaande hoge ruimteclaim onder de A4. De verwachting is dat het kruispunt van de Guldenlaan en de Ypenburgse Stationsweg een capaciteitsuitbreiding moet krijgen. Een knelpunt hierbij is de beperkte beschikbare ruimte voor grote aanpassingen aan het kruispunt. Een alternatief hier is om de weg aan de andere kant van de GAVI-kavel te leggen en aan te sluiten ter hoogte van het Valutapad. In figuur 6-2 is dit met de gestreepte lijn weergegeven

31

datum projectnummer betreft

21 november 2024 0489378.100 Verkeersonderzoek Westvlietweg – definitief rapport

over het GAVI-kavel. Vanuit de gemeente is aangegeven dat rekening moet worden gehouden met de ecologische waarde van de Tedingerbroekplas. De ontsluiting kan niet te dicht tegen dit gebied aanliggen. Ten opzichte van sommige andere varianten is een voordeel dat deze variant over een relatief korte afstand over particuliere gronden gaat, wat het realiseren over het algemeen eenvoudiger maakt. Een mogelijke toekomstige ontwikkeling betreft de bedrijvigheid op de GAVI-kavel. De nieuwe bedrijven moeten ook worden ontsloten. Met deze variant kan daarmee een meekoppelkans ontstaan. De technische aanpassingen voor de viaducten van de A4 kunnen mogelijk meevallen. De eerste grove inschatting is dat voor de aanleg van de weg geen grote aanpassingen hoeven plaats te vinden aan de viaducten. Wel dienen grondkeringen te worden toegepast en is waarschijnlijk een overkluizingsconstructie nodig bij het kruisen van het tracé met een hogedruk gasleiding. Belangrijke kanttekening/aandachtspunt bij de mogelijkheden voor deze variant is het raakvlak met de ontwikkeling van de Koningscorridor. In de toekomst dient hier een HOV-verbinding gerealiseerd te worden die ook van deze onderdoorgang gebruik maakt. Naar verwachting wordt deze verbinding niet voor 2040 aangelegd, maar het is nu wel nodig om met een ruimtereservering rekening te houden (ca. 10-12m).

Daarnaast brengt de Koningscorridor met zich mee dat verderop langs de Guldenlaan de halte ADO gerealiseerd moet gaan worden. Ter hoogte Hofwijck (Voorburg) is mogelijk sprake van een ondergrondse inpassing. Momenteel zijn nog geen ontwerpen van de Koningscorridor inzichtelijk, waarmee de impact en (on)mogelijkheden die dit voor de alternatieve ontsluiting met zich mee brengt niet duidelijk zijn. Ook wordt door gemeenten gestudeerd op de Huygenstunnel, waarbij de A12 en de spoorinfrastructuur vanaf het Prins Clausplein richting Den Haag ondergronds gebracht wordt. Het doel is de barrièrewerking van de infrastructuur te verminderen en de leefbaarheid te vergroten in het stedelijk gebied van LeidschendamVoorburg en Den Haag. Dit zijn nog onderzoeken zonder status en eventuele uitvoering vindt pas in de verdere toekomst plaats. Deze plannen zijn nog te onduidelijk om nu rekening mee te houden. Subvariant bij alternatieve ontsluiting 1 Er is een subvariant denkbaar waarbij een doorsteek wordt gerealiseerd vanaf de GAVI-kavel onder de A12 door naar het Forepark, bijvoorbeeld in aansluiting op de Schelde. Vanaf het Forepark kan het verkeer dan worden ontsloten naar de snelweg. Deze variant kan de Ypenburgse Boslaan en Ypenburgse Stationslaan ontzien van extra verkeer. Echter, is een tunnel onder de A12 noodzakelijk wat dit een erg kostbare variant maakt.

Mogelijk zijn ook aanpassingen noodzakelijk aan de bestaande infrastructuur door het Forepark. Door de gemeente Den Haag is aangegeven dat deze subvariant niet mogelijk is in combinatie met de halte ADO van de Koningscorridor. Alternatieve ontsluiting 2: langs de A4 in zuidwestelijke richting Een andere variant betreft een alternatieve ontsluiting langs de A4 in zuidwestelijke richting. Deze variant is weergegeven in figuur 6-3. Door de ontsluiting direct aan te sluiten op de bestaande verkeersstructuur van het bedrijventerrein ontstaat een zo rechtstreeks mogelijke ontsluiting van de bedrijven. De aansluiting op de bestaande verkeersstructuur kan op de Winkelhaak of verderop op de Waterpas. De bestaande wegen worden hierbij heringericht. De variant met tracé dat aansluit op de Waterpas heeft minder gevolgen voor het golfterrein. Wel betreft het een minder directe ontsluiting van het bedrijventerrein. Bij de onderstaande figuur is de tracering in relatie tot een aantal gebouwen een aandachtspunt ter mogelijke optimalisering. Een aandachtspunt bij de bepaling van het tracé is de bestaande hogedruk gasleiding. Het nieuwe tracé komt hier langs te liggen. Wel wordt de leiding op enkele plaatsen gekruist, wat waarschijnlijk een overkluizingsconstructie vraagt. Hiervoor dient aandacht te zijn bij de eventuele verdere uitwerking.

32

datum projectnummer betreft

21 november 2024 0489378.100 Verkeersonderzoek Westvlietweg – definitief rapport

Figuur 6-3: Alternatieve ontsluiting langs de A4 in zuidwestelijke richting (variant met doorgetrokken lijn en variant met onderbroken lijn)

Alternatieve ontsluiting 3: langs de A4 in noordoostelijke richting met tunnel onder A12 Er is ook een variant inzichtelijk gemaakt met ontsluiting langs de A4 in noordoostelijke richting. Deze variant is weergegeven in figuur 6-4. Hierbij loopt de ontsluitingsweg vanaf de bestaande wegenstructuur van het bedrijventerrein naar de A4. De A12 en de verbindingsbogen tussen de A4 en de A12 dienen met een tunnel van circa 250 meter gekruist te worden. Vervolgens loopt het tracé parallel aan de A4 in noordwestelijke richting. De opgenomen tracering komt voort uit de kruising met de fietsbrug en de keuze om de ontsluitingsweg niet ter plaatse van het huidige (brom)fietspad te situeren. Gekozen is om het tracé aan de zuidwestzijde van CEVA aan te sluiten op de Westvlietweg om een kruising met het spoor te voorkomen. Een nadeel hiervan is de ligging in het cultuurhistorisch waardevolle vijfslagenlandschap. Een aandachtspunt is dat de tunnel deze variant duurder maakt. Daarnaast zorgt deze variant voor een omrijroute en lost hij naar verwachting niet voldoende het knelpunt op bij het zuidwestelijke deel van de verbinding Jan Thijssenweg – Westvlietweg – Vlietweg, waar de knelpunten het grootst zijn.

Figuur 6-4: Alternatieve ontsluiting langs de A4 in noordoostelijke richting met tunnel (blauw) onder de A12

Subvariant bij alternatieve ontsluiting 3

33

datum projectnummer betreft

21 november 2024 0489378.100 Verkeersonderzoek Westvlietweg – definitief rapport

Een subvariant kan zijn om de route niet voorlangs, maar achterlangs CEVA te laten lopen en de RandstadRail te kruisen. Dit biedt een ontsluiting voor een groter gebied, waardoor de Westvlietweg en Vlietweg meer worden ontlast. Dit vraagt aanvullend op de al benodigde tunnel bij de A12, tevens bij de kruising met RandstadRail zeer kostbare aanpassingen. Aansluiten op de N14 wordt ingewikkeld in verband met de beschikbare ruimte en is niet mogelijk voor alle richtingen. Een ontsluiting via de Vlietweg is dan alsnog noodzakelijk en zo ontstaat ook een omrijroute. Alternatieve ontsluiting 4: via Drievliet Figuur 6-5 bevat een alternatieve ontsluiting via Drievliet. Bij de toegang naar de tunnel van de Rotterdamsebaan/Drievliet ligt infrastructuur die misschien kansen biedt om op te waarderen. De toerit naar de verkeerslichten voor de Laan van Hoornwijck is al in functie voor verkeer van Drievliet. Aan de andere zijde kan op de toerit richting de tunnel mogelijk een uitvoegstrook gerealiseerd worden die eventueel tevens gecombineerd kan worden met een toegang naar Drievliet. Een variant is vervolgens een rechtstreekse verbinding naar de Westvlietweg. Deze verbinding raakt weinig functies.

Tegelijkertijd is de verwachting dat deze ontsluiting slechts op een klein deel van de Westvlietweg verkeer reduceert en deze takt bij het smalste deel van de Westvlietweg aan, wat minder wenselijk is. Een andere optie is een verbinding naar het bedrijventerrein. Deze variant is naar verwachting meer probleemoplossend. Echter, deze verbinding raakt meer functies zoals de manege, volkstuinen en tennisvereniging. Dit brengt een grote impact met zich mee en vraagt een herinrichting/herverkaveling van het gebied met het golfterrein, tuinhuisjes en tennisvelden.

Figuur 6-5: Alternatieve ontsluiting via Drievliet (variant met doorgetrokken lijn en variant met onderbroken lijn)

Nieuwe toe- en afrit A4 Tijdens de werksessie met de klankbordgroep was ook een nieuwe toe- en afrit op de A4 als oplossingsrichting ingebracht. Deze oplossingsrichting is niet uitgewerkt, omdat de verkeersstructuur van de A4 tussen Prins Clausplein en knooppunt Ypenbrug dermate complex is dat hier vanuit wegontwerp en verkeersveiligheid geen extra toe- en afrit mogelijk is. Ter plaatse van bestaande weefvakken en in- en uitvoegstroken zijn geen in- en uitvoegstroken mogelijk op de rijkswegen. Ook dient een minimale afstand aangehouden te worden ten opzichte van deze ontwerpelementen. Op dit wegdeel is daarom geen ruimte om extra aansluitingen te realiseren.

34

datum projectnummer betreft

21 november 2024 0489378.100 Verkeersonderzoek Westvlietweg – definitief rapport

6.1.2 Transformatie Westvlietweg Deze paragraaf gaat in op varianten voor de transformatie van de verbinding Jan Thijssenweg – Westvlietweg – Vlietweg: een fietsstraat, een erftoegangsweg en een eenrichtingsweg. Per variant wordt eerst ingegaan op het principeprofiel en vervolgens op de inpassing. Transformatie A: Fietsstraat Voor het principeprofiel voor de fietsstraat is vanuit eenduidigheid aangesloten bij de huidige fietsstraat op de Delftweg, welke in het verlengde van de Jan Thijssenweg ligt. De fietsstraat op de Delftweg heeft een rode verharding, duidelijke asmarkering, bebording voor een 30 km/u zone, het bord ‘fietsstraat, auto te gast’ en een trottoir. Dit betekent niet dat het fietsstraatprofiel van de Delftweg één op één gekopieerd kan worden, omdat de Westvlietweg haar eigen kenmerken heeft. Naar de specifieke inrichting moet nader gekeken worden. Bijvoorbeeld de beschikbare ruimte en parkeergelegenheid. Figuur 6-6 bevat meerdere fietsstraatprofielen, namelijk een krap en normaal principeprofiel voor een fietsstraat, met en zonder strook voor parkeren. Wat is een fietsstraat? Een fietsstraat is een 30 km/u erftoegangswegweg die is gedimensioneerd is op de fietser als hoofdgebruiker. Gemotoriseerd verkeer is ‘te gast’ en dient zich aan te passen aan het fietsverkeer, wat door de vormgeving wordt benadrukt. Vrachtverkeer is niet wenselijk op een fietsstraat.

Alleen bestemmingsverkeer. Fietsberaadnotitie ‘Aanbevelingen fietsstraten binnen de kom’ d.d. 1-3-2019 geeft het volgende aan: “Vanwege de onderlinge samenhang tussen auto-intensiteiten, rijbaanbreedte en fietsintensiteiten is het niet mogelijk eenvoudige intensiteitscriteria te geven voor de toepassing van fietsstraten. Of beter: voor een gemengd profiel op een hoofdfietsroute. • De maximale auto-intensiteit varieert van 200 motorvoertuigen/uur bij weinig fietsers tot 400 motorvoertuigen/uur bij relatief veel fietsers. De bijbehorende rijbaanbreedte is 6 tot 7 meter. • De bijbehorende verhouding fiets/auto varieert van 0,5/1 tot 1/1”.

35

datum projectnummer betreft

21 november 2024 0489378.100 Verkeersonderzoek Westvlietweg – definitief rapport

Figuur 6-6: Principeprofielen fietsstraat

Bijlage H bevat de indicatieve schetsmatige uitwerking van de fietsstraat op de verbinding Jan Thijssenweg – Westvlietweg – Vlietweg met de aanpijling van maatregelen zoals kruispuntvormen. Een fietsstraat is redelijk goed inpasbaar binnen het huidige profiel van de verbinding Jan Thijssenweg – Westvlietweg – Vlietweg. Het normaal profiel is te breed om overal in te passen. Doordat het fietsgedeelte gecombineerd wordt met de rijbaan ontstaat er ruimte voor een trottoir aan de zijde van de bebouwing en een voetpad langs het water. Indien/waar niet aan beide zijden voor voetgangersvoorzieningen gekozen wordt, ontstaat extra bermbreedte. Het aanbrengen van parkeerplaatsen gaat mogelijk ten koste van bermbreedte. Dit is te realiseren, maar -afhankelijk van de specifieke locatie- blijft uiteindelijk weinig ruimte voor groen over. De locatie van de toepassing van een fietsstraat dient in combinatie met de locatie van de alternatieve ontsluiting beschouwd te worden. Een fietsstraat kan mogelijk worden toegepast waar de toegang voor hulpdiensten in voldoende mate via de alternatieve ontsluiting wordt geborgd en de alternatieve ontsluiting voor een stevige reductie van het gemotoriseerde verkeer kan zorgen.

36

datum projectnummer betreft

21 november 2024 0489378.100 Verkeersonderzoek Westvlietweg – definitief rapport

Transformatie B: Erftoegangsweg Figuur 6-7 bevat principeprofielen voor een krappe en ruime erftoegangsweg, met en zonder strook voor parkeren en een trottoir aan de zijde van de bebouwing. Een tussenvorm betreft een profiel met toepassing van een trottoir op plekken waar geen parkeerstrook nodig is. Te zien is dat de maatvoering beperkt verschilt van een fietsstsraat. Bij de erftoegangsweg maken fietsverkeer en gemotoriseerd verkeer ook gemengd gebruik van dezelfde rijbaan. Hierbij ligt in de vormgeving minder de nadruk op het fietsverkeer.

Figuur 6-7: Principeprofielen erftoegangsweg

Bijlage H bevat de indicatieve schetsmatige uitwerking van de erftoegangsweg op de verbinding Jan Thijssenweg – Westvlietweg – Vlietweg met de aanpijling van maatregelen zoals kruispuntvormen. Een erftoegangsweg is redelijk goed inpasbaar binnen het huidige profiel van de Jan Thijssenweg – Westvlietweg – Vlietweg. Het normaal profiel is te breed om overal in te passen. Doordat er ten opzichte van de huidige situatie geen aparte fietsvoorziening meer is, ontstaat er ruimte voor een trottoir aan de zijde van de bebouwing en een voetpad langs het water. Indien/waar niet aan beide zijden voor voetgangersvoorzieningen gekozen wordt, ontstaat extra bermbreedte. Het aanbrengen van parkeerplaatsen gaat mogelijk ten koste van bermbreedte. Dit is te realiseren, maar afhankelijk van de specifieke locatie- blijft uiteindelijk weinig ruimte voor groen over. Een erftoegangsweg heeft gemengd verkeer. Dit type doet daarom minder recht aan de belangrijke fietsverbinding, omdat aanwezige specifieke fietsvoorziening, het vrijliggende fietspad, dan komt te vervallen. Wel wordt de snelheid verminderd naar 30 km/u. Een erftoegangsweg met vrijliggend fietspad is niet gebruikelijk en heeft een vergelijkbaar ruimtegebruik als de bestaande situatie. Dit type weg heeft doorgaans snelheidsremmende maatregelen en is voorzien van klinkers, dat laatste is op een dijklichaam over het algemeen niet wenselijk.

37

datum projectnummer betreft

21 november 2024 0489378.100 Verkeersonderzoek Westvlietweg – definitief rapport

De locatie van de toepassing van een erftoegangsweg dient in combinatie met de locatie van de alternatieve ontsluiting beschouwd te worden. Een erftoegangsweg kan mogelijk worden toegepast waar de toegang voor hulpdiensten in voldoende mate via de alternatieve ontsluiting geboden en de alternatieve ontsluiting voor een reductie van het gemotoriseerde verkeer kan zorgen, bij met name het zuidwestelijke deel van de verbinding. Transformatie C: Eenrichtingsverkeer Het derde principeprofiel voor de transformatie betreft een eenrichtingsweg, waarbij deze de categorisering wijkontsluitingsweg 50 km/h heeft. Hierbij blijft de Westvlietweg in één richting toegankelijk voor hulpdiensten. De andere richting (of ook beide richtingen) dienen dan via de alternatieve ontsluiting geborgd te worden. Voor het gemotoriseerd verkeer ontstaan bij deze variant omrijdbewegingen. Figuur 6-8 bevat principeprofielen voor deze eenrichtingsweg. Doordat dit profiel bestaat uit een rijbaan en een afzonderlijk vrijliggend fietspad, is de totale breedte van dit profiel groter.

Figuur 6-8: Principeprofielen eenrichtingsweg

Bijlage H bevat een indicatieve schetsmatige uitwerking van de eenrichtingsweg met de aanpijling van maatregelen zoals kruispuntvormen. Een eenrichtingsweg is redelijk goed inpasbaar binnen het huidige profiel van de Jan Thijssenweg – Westvlietweg – Vlietweg, waarbij wel het volgende moet worden opgemerkt. Door de smallere rijbaan ontstaat ruimte voor het voetpad langs het water en het trottoir aan de zijde van de bebouwing. Het normaal profiel is afhankelijk van de locatie wel te breed en dat geldt op de smalste locaties ook voor het krappe profiel. Concessies dienen gemaakt te worden in de rijbaanbreedte en bermbreedtes. Voor voetpad, trottoir en parkeerstrook is de ruimte op smalle locaties voor het krappe profiel te krap. Waar het voetpad langs het water en het trottoir aan de zijde van de bebouwing passen binnen het bestaande profiel, gaat dit ten koste van de bermbreedte. Op de smalste locaties dient de beveiliging/geleiderail langs het water behouden te blijven. Voetpad en/of fietspad via vlonder/overkluizing Vliet Tijdens de klankbordgroep kwam het idee naar voren om het voetpad en/of fietspad via een Vlonder op de Vliet in te passen. Vanuit de provincie is aangegeven dat dit bij het stuk tussen Delft en de aftakking naar de Binckhorst zeker niet mogelijk is. Op het andere stuk is dat eventueel wel mogelijk. Deze oplossing biedt een meerwaarde op de krapste delen.

Echter zijn er wel wat beperkingen. Bij de bruggen bevinden zich hoge kades, meerpalen en remmingswerken. De toepassing op het krapste deel is niet mogelijk vanwege scheepvaartbeperking. Deze oplossing lijkt daarom geen meerwaarde bieden in de getoonde varianten.

38

datum projectnummer betreft

21 november 2024 0489378.100 Verkeersonderzoek Westvlietweg – definitief rapport

6.1.3 Overige ideeën vanuit klankbordgroepsessie In de voorgaande paragrafen zijn varianten beschreven voor een alternatieve ontsluiting van bewoners en bedrijven en voor de transformatie van de Westvlietweg. In aanvulling hierop zijn ook andere ideeën in de werksessie met de klankbordgroep naar voren gekomen, die mogelijk buiten het kader van het voorliggende verkeersonderzoek een aanvullende bijdrage kunnen leveren aan de oplossing van de knelpunten. De hieronder opgenomen ideeën zijn nu niet in de verdere afweging meegenomen, maar één of meerdere van onderstaande suggesties, onafhankelijk van de keuze van de variant, kunnen wel meerwaarde hebben op de nadere uitwerking van de gekozen voorkeursvariant en zijn daarom hier wel benoemd.

• •

•

•

▪

6.2

Het verplaatsen van bedrijvigheid met het meeste vrachtverkeer naar de GAVI-kavel. Aanpassing verkeerscirculatie in andere wijken: Verkeer vanaf de Binckhorst via de tunnel laten rijden in plaats van via Voorburg-West en de Westvlietweg. Daarnaast het verkeer vanaf Voorburg-West via de Maanweg en A12 laten rijden. Hiertoe een knip toe te passen bij het kruispunt Binckhorstlaan – Maanweg. Aanpassen modal split (vervoerswijze) van auto naar fiets/OV: • OV-verbinding via de Westvlietweg; • mobiliteitshubs; • werkgeversaanpak (vanuit werkgevers de bevordering om via fiets of OV te reizen); • gedragsverandering (via campagne/pilots/acties inzetten op anders reizen). Een Metropolitaan HUB-systeem voor vervoer van goederen over water met kleine elektrische schepen. Dit wordt bestudeerd door MRDH voor bouwlogistiek en circulair/afval. Hier is ook afvalverwerking in het gebied. Alternatieve liggingen van kruisende fietsvoorzieningen, zodat deze op een betere plek op de Westvlietweg aantakken.

Keuze drie varianten ter nadere afweging

In een overleg van de ambtelijke begeleidingsgroep is tot drie varianten gekomen voor de analyse en beoordeling. Dit betreffen combinaties van een alternatieve ontsluiting voor bewoners en bedrijven en de transformatie van de Westvlietweg. Er is voor drie uiteenlopende varianten gekozen met verschillende alternatieve ontsluitingen voor bewoners en bedrijven, op verschillende plekken een knip voor gemotoriseerd verkeer en over verschillende lengtes een transformatie van de Westvlietweg. Op de betreffende plek van de knip is er geen doorgang mogelijk voor gemotoriseerd verkeer. Wel is op die plek doorgang voor langzaam verkeer, zoals fiets en voetgangers. Er zijn diverse uitvoeringsmogelijkheden voor een knip, zoals bebording, flitspalen, fysieke maatregelen (paaltjes, betonblok), geen doorgaand verkeer, maar wel bestemmingsverkeer (gemotoriseerd) toegang. Voor de transformatie van de Westvlietweg is in alle alternatieven uitgegaan van een fietsstraat om de aanwezigheid van langzaam verkeer extra te benadrukken. Bij deze vormgeving wordt de Westvlietweg verkeersveiliger voor kwetsbare deelnemers. Dit betekent dat de vorm eenrichtingsweg en erftoegangsweg niet verder is onderzocht in dit onderzoek. De alternatieve ontsluiting is op enkele vlakken op basis van het overleg met de ambtelijke begeleidingsgroep geoptimaliseerd.

Zo sluit de ontsluiting via de GAVI-kavel aan de oostzijde van de A4 op twee locaties aan (bij de Ypenburgse Stationsweg en de Ypenburgse Boslaan) om verkeer te spreiden, en bevat de ontsluiting langs de A4 in zuidwestelijke richting een andere situering aan de zijde van de Laan van Hoornwijck om bebouwing te ontzien. De alternatieve ontsluiting 3, zoals aangegeven in paragraaf 6.1, langs de A4 in noordoostelijke richting met tunnel onder de A12 is in dit onderzoek niet verder onderzocht. De reden hiervan is het te verwachte beperkte effect voor de Westvlietweg en de financiële impact van het realiseren van een dergelijke tunnel. De drie varianten zijn in tabel 6-1 opgenomen met hun belangrijkste kenmerken en in de figuren 6-9, 6-10 en 611 schematisch indicatief weergegeven. Bijlage I bevat de schematische indicatieve schetsen van de drie

39

datum projectnummer betreft

21 november 2024 0489378.100 Verkeersonderzoek Westvlietweg – definitief rapport

varianten op groot formaat met nader inzicht in de maatregelen en aandachtspunten. Deze maatregelen en aandachtspunten zijn leesbaar op de tekeningen in bijlage I. Uitgangspunt voor de gemeente Den Haag is dat als er een nieuwe ontsluiting komt, er geen vrachtverkeer meer rijdt op de Westvlietweg. Een nieuwe ontsluiting is dus een alternatieve ontsluiting voor vrachtverkeer, geen extra ontsluiting voor vrachtverkeer. De reden hiervan is dat een nieuwe ontsluitingsweg een behoorlijke investering vraagt van de gemeente. Een investering van een dergelijke omvang wordt niet uitgevoerd aan een extra ontsluiting terwijl de Westvlietweg in huidige vorm behouden blijft. Een aandachtspunt bij tabel 6-1 is dat het mogelijk is om elementen binnen de varianten later nog te mixen. Bijvoorbeeld een korte of lange fietsstraat, wel of geen knip in de Westvlietweg, of de locatie van de alternatieve ontsluitingsweg. De varianten staan daarmee niet vast qua inrichting. Daarnaast is het belangrijk te benadrukken dat elk onderdeel van de varianten zijn eigen voor- en nadelen heeft, en dat de effecten op de motelmatige doorberekening per maatregel kunnen variëren. Tabel 6-1: Kenmerken drie varianten ter analyse en beoordeling

Variant alternatieve ontsluiting Nadere toelichting tracéring Aanpassing bedrijventerrein

Wel/geen knip voor gemotoriseerd verkeer Transformatie Westvlietweg

Variant A: Ontsluiting via GAVI-kavel.

Variant B: Ontsluiting langs A4 in zuidwestelijke richting.

Variant C: Ontsluiting via Drievliet.

Aan oostzijde van de A4 aansluiting op twee locaties: bij de Ypenburgse Stationsweg en de Ypenburgse Boslaan. Behoud bestaande wegen bedrijventerrein, wel aanpassen interne verkeersstructuur bedrijventerrein. Knippen op de wegen van het bedrijventerrein voor aansluiting op de Westvlietweg. Op de Westvlietweg geen knip. De hele verbinding Jan Thijssenweg – Westvlietweg – Vlietweg tot N14 fietsstraat.

Aantakking op het bedrijventerrein aan de noordoostzijde.

Verbinding door het gebied wat een herinrichting van het gebied vraagt.

Aanpassing noordelijke weg bedrijventerrein naar wijkontsluitingsweg.

Bij zuidelijke weg bedrijventerrein een wijkontsluitingsweg.

Knip op de Westvlietweg net voor de aansluiting van de noordelijke weg van het bedrijventerrein op de Westvlietweg. Fietsstraat op de verbinding Jan Thijssenweg – Westvlietweg tot de knip.

Geen knip (overal doorgang voor gemotoriseerd verkeer).

Fietsstraat op de verbinding Jan Thijssenweg – Westvlietweg tot net voor de Winkelhaak.

Figuur 6-9: Variant A – ontsluiting via GAVI-kavel, wegen bedrijventerrein afgesloten van Westvlietweg en fietsstraat Jan Thijssenweg – Westvlietweg – Vlietweg (bijlage I grote kaart)

40

datum projectnummer betreft

21 november 2024 0489378.100 Verkeersonderzoek Westvlietweg – definitief rapport

Figuur 6-10: Variant B – ontsluiting langs de A4 in zuidwestelijke richting, knip op Westvlietweg voor aansluiting noordelijke weg bedrijventerrein en fietsstraat Jan Thijssenweg – Westvlietweg tot noordelijke weg bedrijventerrein (bijlage I grote kaart)

Figuur 6-10: Variant C – ontsluiting via Drievliet, geen afsluitingen voor gemotoriseerd verkeer en fietsstraat Jan Thijssenweg – Westvlietweg tot zuidzijde bedrijventerrein (bijlage I grote kaart)

41

datum projectnummer betreft

21 november 2024 0489378.100 Verkeersonderzoek Westvlietweg – definitief rapport

7 Analyse en beoordeling varianten 7.1

Analyse en beoordeling

Dit hoofdstuk bevat de brede beoordeling met analyse op hoofdlijnen van de varianten A, B en C zoals toegelicht in de paragraaf 6.2. Er worden beoordelingen gegeven op de aspecten verkeer, verkeersveiligheid, leefbaarheid, milieu, duurzaamheid, draagvlak en kosten.

7.1.1 Analyse en beoordeling per aspect 7.1.1.1 Verkeer De effecten van de varianten op verkeersintensiteiten zijn doorgerekend met het verkeersmodel V-MRDH. De gehanteerde uitgangspunten zijn gelijk aan de referentiesituatie, zie paragraaf 2.3: prognosejaar 2030/2040 Hoog, geen knip op de Geestbrugweg. Voor iedere variant zijn de maatregelen in het verkeersmodel doorgevoerd: Westvlietweg/Jan Thijssenweg (deels) als fietsstraat, nieuwe wijkontsluitingsweg, eventuele knips. Hierbij is de fietsstraat in het verkeersmodel opgenomen als ‘erftoegangsweg 30 km/u’ met de daarbij behorende (lagere) modelsnelheid zoals in het V-MRDH wordt aangenomen. Voorwaarde is dat de inrichting van de fietsstraat dan ook aanleiding geeft voor deze lagere snelheid dan 30 km/u. In Tabel 7-1 is het resultaat van de modelberekeningen voor de intensiteiten voor gemotoriseerd verkeer in 2040 weergegeven. Daarbij is ook het verschil aangegeven in intensiteiten tussen de variant en 2040 Referentie en de intensiteit/capaciteit-verhouding (I/C-verhouding). Per variant wordt hieronder de impact toegelicht. Bijlage J gaat ook in op de resultaten van het verkeersmodel. Tabel 7-1: Verkeersintensiteiten en Intensiteit/Capaciteit-verhouding (I/C-verhouding) referentiesituatie 2040 en varianten [motorvoertuigen/etmaal voor beide rijrichtingen samen, op basis van V-MRDH 3.0]

Nr Weg

2040 Referentie

Variant A

Variant B

Variant C

aantal

aantal en I/C

aantal en I/C

aantal en I/C

1 Westvlietweg

5400

2900

0,54

5500

1,02

5200

0,96

2 Westvlietweg

5500

100

0,02

2200

0,40

4700

0,85

3 Westvlietweg

7800

200

0,03

200

0,03

100

0,01

4 Laan van Vredenoord

7100

600

0,08

600

0,08

600

0,08

5 Geestbrugweg (Geestbrug)

9700

10600

1,09

10400

1,07

9900

1,02

6 Neherkade (Trekvlietbrug)

39600

39500

1,00

39500

1,00

39800

1,01

7 Rijswijkseweg

31100

31300

1,01

31300

1,01

31100

1,00

8 Haagweg (Hoornbrug)

29900

30700

1,03

30600

1,02

30100

1,01

9 Laan van Delfvliet

41700

42800

1,03

43000

1,03

42900

1,03

10 Laan van Hoornwijck

20900

20300

0,97

20900

1,00

21200

1,01

11 Ypenburgse Boslaan

11300

12300

1,09

11500

1,02

11500

1,02

12 Ypenburgse Stationsweg

11100

12100

1,09

11300

1,02

11200

1,01

13 Laan van Leidschenveen

14500

15300

1,06

14600

1,01

14400

0,99

14 Wijkerlaan (Wijkerbrug)

6200

700

0,11

4500

0,73

5700

0,92

15 Prinses Mariannelaan

10400

12300

1,18

11500

1,11

10900

1,05

16 Maanweg

33600

33600

1,00

33700

1,00

34000

1,01

17 Westenburgstraat

12400

13800

1,11

13400

1,08

12300

0,99

18 Binckhorstlaan (Broekslootbrug)

10200

9900

0,97

10000

0,98

10000

0,98

4900

1200

0,24

1600

0,33

19 Fonteynenburghlaan (Oude Tolbrug)

1900

0,39

20 A4

344200 347300

1,01 346300

1,01 345100

1,00

21 A4

281800 283600

1,01 283400

1,01 282400

1,00

42

datum projectnummer betreft

21 november 2024 0489378.100 Verkeersonderzoek Westvlietweg – definitief rapport

22 A12

189500 189700

1,00 189600

1,00 189400

1,00

23 N14

54400

55800

1,03

55000

1,01

54600

1,00

24 Prins Bernhardlaan

7800

8900

1,14

7800

1,00

7800

1,00

25 Parkweg

10100

12200

1,21

10900

1,08

10300

1,02

26 Kerkstraat (Kerkbrug)

1500

500

0,33

800

0,53

1600

1,07

27 Laan van Hoornwijck 28 Guldenlaan

17300

16600

0,96

18000

1,04

19900

1,15

1900 21000

3400 21700

1,79 1,03

1900 20300

1,00 0,97

1900 20100

1,00 0,96

1600 -

3100 3100

1,94 nvt

1600 3900

1,00 nvt

1600 7600

1,00 nvt

29 Ypenburgse Stationsweg 30 Valutapad Nieuwe weg (variant)

In de bovenstaande kaart zijn de meetpunten uit tabel 7-1 visueel weergegeven. Variant A In variant A wordt de Westvlietweg vrijwel alleen nog gebruikt voor bestemmingsverkeer. Doordat de fietsstraat over een grote lengte een lage rijsnelheid afdwingt, is deze onaantrekkelijk voor doorgaand gemotoriseerd verkeer. Op de punten die in de referentiesituatie het drukst zijn, neemt de verkeersintensiteit fors af tot minimale aantallen (alleen verkeer dat er écht moet zijn, enkele honderdtallen voertuigen per etmaal). Ook op de Wijkerbrug en Kerkbrug neemt de intensiteit af tot minder dan 1.000 mvt/etmaal. Vrachtverkeer is op genoemde wegen nagenoeg afwezig. Op de Westvlietweg ter hoogte van de N14 is in variant A nog 2.900 mvt per etmaal aanwezig. Ook dit deel van de Westvlietweg is een fietsstraat. De richtlijnen (Fietsberaadnotitie ‘Aanbevelingen fietsstraten binnen de kom’) geven aan dat 2.900 mvt/etmaal acceptabel is. Uit berekeningen in de referentiesituatie is gebleken dat de fietsintensiteit richting 4.000/etmaal gaat op dit wegvak. In variant A gaat dit verder toenemen omdat de route aantrekkelijker wordt voor fietsers. De verhouding fiets/auto is voor een fietsstraat op orde.

43

datum projectnummer betreft

21 november 2024 0489378.100 Verkeersonderzoek Westvlietweg – definitief rapport

Door de knips bij de aansluitingen van het bedrijventerrein op de Westvlietweg, wikkelt dit verkeer volledig af via de nieuwe weg. Daar worden 3.100 mvt/etmaal verwacht, die zich ongeveer evenredig verspreiden via de Ypenburgse Boslaan, Ypenburgse Stationsweg en Laan van Leidschenveen (elk circa 1.000 mvt/etmaal toename). Verkeer dat bestemming op de Westvlietweg heeft, is door de inrichting van de Westvlietweg als fietsstraat eerder geneigd via Voorburg en Rijswijk de doorgaande wegen te bereiken. Op de uitvalswegen van Den Haag, Rijswijk (Haagweg, Geestbrugweg) en Voorburg (Parkweg) nemen de intensiteiten als gevolg hiervan toe. In hoeverre dit in de praktijk ook een aantrekkelijke route vormt, is nog onzeker en hangt sterk af van de rijsnelheid op fietsstraat Westvlietweg in de praktijk. De verzadigingsgraden op kruispunten in V-MRDH blijven in deze variant grotendeels gelijk aan de referentiesituatie (of nemen af op de Westvlietweg). Er worden geen nieuwe knelpunten voor verkeersafwikkeling verwacht in deze variant. Variant B In variant B neemt de intensiteit op de Westvlietweg ook sterk af op het gedeelte waar een fietsstraat is voorzien, zowel door de lagere rijsnelheid als door de knip. Vrachtverkeer is hier nagenoeg afwezig.

Doordat noordoostelijk van het bedrijventerrein de rijsnelheid vergelijkbaar is met de huidige situatie, is daar de afname minder sterk dan in variant A. De nieuwe ontsluitingsweg neemt een deel van de functie van de Westvlietweg (ten zuidwesten van de A12) over. De Wijkerbrug wordt ongeveer 25% minder gebruikt dan in de referentiesituatie, de intensiteit op de Kerkbrug halveert. De nieuwe verbinding trekt iets minder dan 4.000 mvt/etmaal aan. Het grootste deel hiervan heeft als bestemming bedrijventerrein Westvlietweg. Omdat vanuit het bedrijventerrein de verbinding naar de Westvlietweg open blijft, is op het noordoostelijke deel van de Westvlietweg een beperktere reductie van (vracht)verkeer te vinden. Ten opzichte van variant A heeft variant B minder impact op omliggende gebiedsontsluitingswegen in Rijswijk, Den Haag en Voorburg. Dit omdat verkeer met bestemming Westvlietweg de nieuwe verbinding als alternatieve ontsluiting heeft (ten opzichte van huidige route die als fietsstraat met lage rijsnelheid is vormgegeven). De uitstraling van deze variant naar overige wegen in de omgeving is dus beperkt. De verzadigingsgraden op kruispunten in V-MRDH blijven in deze variant grotendeels gelijk aan de referentiesituatie (of nemen af op de Westvlietweg). Er worden geen nieuwe knelpunten voor verkeersafwikkeling verwacht in deze variant.

Aandachtspunt in deze variant is wel de aansluiting van de nieuwe weg op de Laan van ’s-Gravenmade. Aangezien dit op korte afstand van de Laan van Hoornwijck plaatsvindt, dient in eventuele verdere uitwerking rekening gehouden te worden met de benodigde opstelruimte voor verkeer (tussen Laan van Hoornwijck en de nieuwe verbinding) dat wacht voor het verkeerslicht. Variant C In deze variant is de aantrekkingskracht van de nieuwe verbinding naar bedrijventerrein Westvlietweg het grootst, omdat de route tussen de doorgaande wegen en de Westvlietweg het meest direct is. Uit de modelberekeningen blijkt een intensiteit van 7.600 mvt/etmaal. De nieuwe verbinding neemt de functie van de Westvlietweg/Jan Thijssenweg ten westen van de Fonteynenburghlaan volledig over, aangezien dit wegvak als fietsstraat wordt ingericht (met als resultaat zeer lage intensiteiten). Verkeer van/naar de Westvlietweg ontsluit voornamelijk via de nieuwe verbinding. De intensiteit op de Fonteynenburghlaan neemt eveneens sterk af (net als in andere varianten). Voor overige wegvakken is de impact van deze variant beperkt. De Kerkbrug en Wijkerbrug worden op eenzelfde niveau als in de referentiesituatie gebruikt. Alleen op de Laan van Hoornwijck is een aanzienlijke toename (+15%) te zien.

Net als in variant A en B worden in deze variant geen nieuwe knelpunten op het vlak van verkeersafwikkeling verwacht, op basis van de verzadigingsgraden van de kruispunten in V-MRDH.

44

datum projectnummer betreft

21 november 2024 0489378.100 Verkeersonderzoek Westvlietweg – definitief rapport

Algemeen Uit de modelberekeningen blijkt dat de effecten in 2030 vergelijkbaar zijn met 2040 (ongeveer dezelfde verschuiving in intensiteiten en vergelijkbare belasting van de nieuwe weg in iedere variant). Daarnaast is het advies bij verdere uitwerking van een variant de kruispunten nader door te rekenen d.m.v. COCON-berekeningen om gedetailleerder de verzadigingsgraden van de kruispunten in beeld te krijgen.

7.1.1.2 Verkeersveiligheid Variant A In variant A wordt de gehele verbinding Jan Thijssenweg-Westvlietweg-Vlietweg (tot N14) heringericht tot een fietsstraat. Dit is een lengte van ca. 4,4 km fietsstraat. Daarbij worden alle bestaande ontsluitingen van het bedrijventerrein op de Westvlietweg afgesloten. Het bedrijventerrein wordt in deze variant volledig ontsloten via de Ypenburgse Stationsweg en de Ypenburgse Boslaan. Dit op zijn beurt zorgt voor aanzienlijk minder vrachtverkeer op de Westvlietweg en daarmee een verkeersveiligere situatie op de fietsstraat. Variant A zorgt er wel voor dat het op andere wegen drukker wordt met verkeer. Met name op de Westenburgstraat, Prins Bernhardlaan en Parkweg. Gelet op de toename van het verkeer, de intensiteit/capaciteit van de weg, weginrichting en voorzieningen worden er geen nieuwe verkeersveiligheidsknelpunten verwacht op de Prinses Mariannelaan, Westenburgstraat en Prins Bernhardlaan. Langs de Parkweg is wel een aantal voorzieningen, zoals winkels aanwezig. Bij eventuele verdere uitwerking van variant A moet rekening worden gehouden met de oversteekbaarheid ter hoogte van de zebrapaden op de Parkweg. De nieuwe ontsluitingsweg wordt duurzaam veilig ingericht met vrijliggende fietspaden. Een aandachtspunt voor de verkeersveiligheid is de kruising met het toekomstig tramverkeer richting de geplande tramremise.

De Westvlietweg krijgt gemengd verkeer op de fietsstraat. Een belangrijk aandachtspunt met betrekking tot verkeersveiligheid is het ontwerp van de VRI-kruispunten. Deze moeten blijven staan in verband met de mogelijkheid dat de brug dicht is. Ook vanwege de om-en-omregelingen op de Wijkerbrug en de Kerkbrug. De lengte van de Westvlietweg zorgt ervoor dat bedrijven (niet gelegen in het bedrijventerrein Westvlietweg) met (vracht)verkeer op de fietsstraat ontsloten worden. De combinatie vrachtverkeer met fietsverkeer is vanuit verkeersveiligheid niet wenselijk in relatie tot grote massaverschillen. Ook zorgt de lengte van de fietsstraat er mogelijk voor dat bestuurders ongeduldig worden bij het inhalen van fietsers indien dat niet snel genoeg mogelijk is. Ondanks dit risico verbetert deze variant de balans in vorm-functie-gebruik-omgeving door de lagere intensiteiten en een verkeersveiligere inrichting ten opzichte van de huidige situatie. Dit geldt dan met name op het zuidelijke deel van de Westvlietweg en in mindere mate het noordelijke deel van Kerkweg tot N14 omdat hier een vrijliggend fietspad aanwezig is en meer fysieke ruimte. Het bedrijventerrein heeft in variant A maar één ontsluiting, via de GAVI-kavel. Bij een calamiteit moet het mogelijk zijn om vanaf het bedrijventerrein alsnog via de Westvlietweg te ontsluiten, zodat er minimaal twee ontsluitingsmogelijkheden zijn.

Dit is een aandachtspunt bij een verdere uitwerking. Variant B In variant B is een fietsstraat aanwezig tot de knip net voor de aansluiting van de noordelijke weg van het bedrijventerrein op de Westvlietweg. Dit is een lengte van ca. 2,1 km fietsstraat. Voor deze variant geldt dat op een groot deel van het onderzoekstraject aanzienlijk minder gemotoriseerd verkeer aanwezig gaat zijn vanwege de knip. Dit zorgt voor een bevordering in de verkeersveiligheid op de fietsstraat. De nieuwe ontsluitingsweg wordt duurzaam veilig ingericht met vrijliggende fietspaden. Een aandachtspunt is de aansluiting van de nieuwe ontsluitingsweg op de bestaande Westvlietweg. De fietsstraat wordt aangesloten op het fietspad.

45

datum projectnummer betreft

21 november 2024 0489378.100 Verkeersonderzoek Westvlietweg – definitief rapport

De Westvlietweg krijgt gemengd verkeer op de fietsstraat. Een belangrijk aandachtspunt met betrekking tot verkeersveiligheid is het ontwerp van het VRI-kruispunt met de Fonteynenburghlaan. Deze moet blijven bestaan in verband met de mogelijkheid dat de brug dicht is. Variant C In variant C is tevens een fietsstraat aanwezig. Deze loopt tot net voor de Winkelhaak. Dit is een lengte van ca. 1,7 km fietsstraat. Er zijn geen knips aanwezig in deze variant, wat betekent dat er overal doorgang is voor gemotoriseerd verkeer. Wel is een alternatieve verbinding gerealiseerd voor het bedrijventerrein. Deze loopt via Drievliet vanuit het zuiden. Het verkeersmodel heeft laten zien dat ook deze variant zorgt voor een reductie van het gemotoriseerd verkeer op de Westvlietweg. Daarmee kan worden geconcludeerd dat deze oplossing ook zorgt voor een verkeersveiligere situatie op het onderzoekstraject. De Westvlietweg krijgt gemengd verkeer op de fietsstraat. Een belangrijk aandachtspunt met betrekking tot verkeersveiligheid is het ontwerp van het VRI-kruispunt met de Fonteynenburghlaan. Deze moet blijven bestaan in verband met de mogelijkheid dat de brug dicht is. Zoals benoemd is in alle drie de varianten wordt de Westvlietweg (deels) een fietsstraat. Op basis van de modeluitkomsten lijkt er geen reden te zijn om aan te nemen dat de intensiteiten op de fietsstraat te hoog gaan worden.

Deze intensiteiten voldoen ook aan het criterium zoals beschreven in paragraaf 2.3. Het is echter belangrijk om op te merken dat het model mogelijk een optimistische uitkomst geeft. De rijsnelheid is in het model namelijk aanzienlijk lager dan 30 km/u. Hierin is variant B het minst gevoelig vanwege de harde knip op de Westvlietweg. Voor variant C is de verwachting dat de gevoeligheid beperkt is, omdat de nieuwe weg een gunstiger alternatief blijft. Voor variant A is de verwachting dat de neveneffecten op overige wegen een stuk minder gaan zijn. Dit komt vooral omdat de lengte met lage rijsnelheid op de Westvlietweg groter is dan bij variant B en C.

7.1.1.3 Leefbaarheid Voor het onderzoekstraject zijn drie varianten ontwikkeld, elk met hun eigen impact op de leefbaarheid van de omgeving. Deze ontwikkelingen beogen niet alleen het verbeteren van de doorstroming, maar ook het bevorderen van een veiliger, gezonder en aantrekkelijker leefklimaat van de Vlietzone. Per variant wordt dit hieronder toegelicht. Variant A In deze variant worden knippen toegepast op de zijwegen van het bedrijventerrein voor aansluiting op de Westvlietweg. Door de knips bij de aansluitingen van het bedrijventerrein op de Westvlietweg, wikkelt dit verkeer volledig af via de nieuwe ontsluiting langs de GAVI-kavel. Hierdoor is minder (zwaar) verkeer van het bedrijventerrein aanwezig op de Westvlietweg wat de leefbaarheid op de Westvlietweg ten goede komt. Daarnaast wordt de gehele verbinding Jan Thijssenweg-Westvlietweg-Vlietweg (tot N14) heringericht tot een fietsstraat. Deze ontwikkelingen zorgen voor een bevordering in de leefbaarheid, omdat langzaam verkeer meer de ruimte krijgt op de Westvlietweg. In het model is te zien dat deze resterende intensiteiten op de Westvlietweg hun herkomst/bestemming hebben in bijvoorbeeld Park Leeuwenbergh en de sportvelden (bestemmingsverkeer). Variant A zorgt er wel voor dat het op andere wegen drukker wordt. Met name op de Prinses Mariannelaan, Westenburgstraat, Prins Bernhardlaan en Parkweg.

Deze variant kan daarom een negatieve invloed hebben op de leefbaarheid van deze wegen. De Parkweg sluit bijvoorbeeld aan op de Van Schagenstraat waar op dit moment een terras aanwezig is. Variant A zorgt voor meer verkeer op de hierboven genoemde wegen waardoor een negatievere impact ontstaat op de bestaande leefbaarheid op deze locaties. Variant B In variant B is een fietsstraat aanwezig tot de knip net voor de aansluiting van de noordelijke weg van de bedrijventerrein op de Westvlietweg; de lengte van de transformatie is korter dan bij variant A. Door de alternatieve ontsluiting is minder (vracht)verkeer aanwezig op de Westvlietweg wat de leefbaarheid op de Westvlietweg ten goede komt. Het bedrijventerrein wordt ontsloten via een nieuwe weg langs A4 in zuidwestelijke richting. Ook deze variant zorgt voor een verbeterde leefbaarheid. De afname van verkeer op de Westvlietweg is in variant B wel minder dan bij variant A. Dat komt enerzijds omdat een deel van het verkeer op

46

datum projectnummer betreft

21 november 2024 0489378.100 Verkeersonderzoek Westvlietweg – definitief rapport

de Westvlietweg het nieuwe deel gebruikt om de knip op de Westvlietweg te 'omzeilen’. Een deel van het verkeer op de Westvlietweg blijft hier dan ook aanwezig. In vergelijking met variant A is de aantasting van leefbaarheid op andere wegen in het gebied minder. Variant C In deze variant loopt de fietsstraat tot de Winkelhaak; de Westvlietweg wordt bij deze variant over de kortste lengte getransformeerd. Aan de andere kant wordt ter ontsluiting van het bedrijventerrein een nieuwe verbinding aan de zuidzijde gerealiseerd. Deze verbinding loopt o.a. door een golfterrein, volkstuinen, een manege en een tennisvereniging. Bovendien zijn er geen knips aanwezig op de Westvlietweg, waardoor de route toegankelijk blijft voor gemotoriseerd verkeer. Variant C zorgt daarmee voor een negatieve impact op de bestaande leefbaarheid in het recreatiegebied (golfterrein, volkstuinen, manege en tennisvereniging) en Drievliet.

7.1.1.4 Milieuaspecten In deze quickscan milieuaspecten zijn de volgende onderwerpen behandeld: 1. Luchtkwaliteit 2. Geluid 3. Natuurwaarden 4. Bodemgesteldheid (draagkracht) 5. Water 6. Eigendomsverhoudingen 7. Bestemmingen gronden (inclusief overleg met Rijkswaterstaat) In bijlage K zijn de diverse kaarten van de milieuscan opgenomen. Luchtkwaliteit Nieuwe wegen zorgen voor verkeer dat bijvoorbeeld fijnstof uitstoot. Mensen kunnen daar hinder van ondervinden. Voor dit aspect is de afstand van het tracé tot omliggende woningen beschouwd. Dit aspect is beoordeeld op basis van de afstand van een scenario tot de woningen én de hoeveelheid woningen er binnen 50 meter van het tracé liggen. Hiermee krijgen we een indicatie van de hoeveelheid mogelijk gehinderden. Beoordeling Een deel van de bestaande route wordt een fietsstraat waar de auto te gast is. Hierdoor gaan minder gemotoriseerd verkeer over deze route rijden wat een verbetering is ten opzichte van de huidige situatie. Bij variant A wordt de grootste route getransformeerd naar een fietsstraat. Daarnaast staan er naast de alternatieve ontsluitingsweg maar een beperkt aantal woningen. Ten aanzien van de varianten B en C is er nauwelijks onderscheid te maken. Beide routes transformeren voor een deel de Jan Thijssenweg en Westvlietweg naar een fietsstraat.

Rondom de alternatieve ontsluitingsroutes zijn nauwelijks woningen aanwezig, met uitzondering van een aantal bedrijfswoningen. Deze routes scoren daarom gelijk. Geluid Nieuwe wegen emitteren geluid vanwege vervoersbewegingen op de weg. Voor dit aspect is de afstand van het tracé tot omliggende woningen beschouwd. Dit aspect is beoordeeld op basis van de afstand van een scenario tot de woningen én de hoeveelheid woningen binnen 60 meter van het tracé liggen. Beoordeling Net zoals bij het aspect luchtkwaliteit gaat minder gemotoriseerd verkeer over een fietsstraat rijden wat een verbetering is ten opzichte van de huidige situatie ten aanzien van de hoogte van de geluidbelasting. Daarom scoort variant A voor het aspect geluid het best. Bij variant A wordt namelijk de grootste route getransformeerd naar een fietsstraat. Daarnaast staan er naast de alternatieve ontsluitingsweg maar een beperkt aantal woningen. Ten aanzien van de varianten B en C is er nauwelijks onderscheid te maken. Beide routes transformeren voor een deel de Jan Thijssenweg en Westvlietweg naar een fietsstraat. De geluidbelasting rondom deze wegen gaat hierdoor dalen. Rondom de alternatieve ontsluitingsroutes zijn nauwelijks woningen aanwezig, met uitzondering van een aantal bedrijfswoningen. Deze routes scoren daarom gelijk. 47

datum projectnummer betreft

21 november 2024 0489378.100 Verkeersonderzoek Westvlietweg – definitief rapport

Natuurwaarden Voor het thema natuurwaarden is een beschouwing gedaan naar twee aspecten, namelijk Natura 2000gebieden en Natuurnetwerk Nederland (NNN). Er is beschouwd of de varianten binnen de beschermde natuurgebieden (Natura 2000 of NNN) gelegen is. Geen overlap betekent een goede score. Een minimale overlap (kruising van een paar meter) geeft een gemiddelde score. Indien de overlap groter is, dan scoort de variant slecht. Natura 2000 De Wet natuurbescherming (Wnb) regelt de bescherming van Natura 2000-gebieden, bescherming van soorten en de bescherming van houtopstanden. Natura 2000-gebieden zijn beschermd en hebben een wettelijke status. Natura 2000-gebieden zijn natuurgebieden van groot internationaal belang. Deze gebieden zijn aangewezen onder de Europese Habitat- en/of Vogelrichtlijn. Voor de gebieden en de daarbij aangewezen soorten en habitattypen zijn instandhoudingsdoelstellingen opgesteld. Een activiteit mag niet leiden tot significant negatieve effecten op deze doelen of tot een aantasting van de natuurlijke kenmerken. NNN Het Natuurnetwerk Nederland (NNN) is een stelsel van ecologisch hoogwaardige natuurgebieden; de Natura 2000-gebieden maken daar deel van uit. Naast de Natura 2000-gebieden bevat het NNN ook overige leefgebieden van soorten en – om isolatie te voorkomen - gebieden die een verbinding vormen tussen natuurgebieden.

Het NNN is onderdeel van het actieve beleid om bedreigde dier- en plantensoorten in een gunstige staat van instandhouding te brengen. Beoordeling De drie varianten liggen op grote afstand van Natura 2000-gebied. Op circa 5,5 km afstand is het dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied “Westduinpark & Wapendal” gesitueerd. Nabij alle varianten is Natuurnetwerk Nederland (NNN) aanwezig. Er is echter geen overlap tussen NNN en de varianten. Bodemgesteldheid (draagkracht) De bodemgesteldheid onder de varianten is in kaart gebracht. Dit is gedaan door middel van de draagkracht van de bodem per variant te onderzoeken. Hiervoor is de kaart draagkracht van de totale zetting gebruikt. Deze kaart geeft de gevoeligheid van een gebied voor zettingen aan. Dus: des te minder gevoelig een gebied voor zetting is als gevolg van bovenbelasting, des te draagkrachtiger de ondergrond daar is, en daarmee relatief geschikter voor de aanleg van bebouwing en constructies. De goede bouwgronden zijn stabiele zandgronden met veel draagkracht voor constructies. Slappe gronden met een geringe draagkracht, die gevoelig zijn voor zetting en waarin (niet goed gefundeerde) constructies kunnen wegzakken, bevatten veel klei en veen. Hoe slapper de grond, hoe slechter de score is voor een variant. Daarbij scoort een deel slecht als er zettingen voorkomen van 0,3 meter of slechter.

Een deel scoort goed als er voornamelijk gronden voorkomen die maximaal 0,01 meter of minder zakken. Beoordeling De bestaande route Jan Thijssenweg, Westvlietweg en Vlietweg gaat (deels) aangepast worden van “normale” weg naar een fietsstraat. Deze wegen zijn reeds geasfalteerd/bestraat. Dit betekent dat er een bestaande belasting bestaat op de bodem. Er worden derhalve geen (nieuwe) zettingen verwacht. Uitgaande van een gelijke hoeveelheid belasting. Het onderscheid voor dit aspect is daarom de nieuwe ontsluitingsroute. Variant C heeft een nieuwe ontsluitingsroute in gebied met een sterke ondergrond. Naar verwachting is het effect van zettingen hier minimaal. De ontsluitingsroute van variant B ligt voor het overgrote deel in gebied met een slappe ondergrond. Voor variant A geldt dat het voor bijna geheel van de nieuwe ontsluitingsroute gelegen is in slappe ondergrond. Waterhuishouding Uit openbare informatie zijn de watergangen in de omgeving van de varianten in beeld gebracht. Het kruisen van een watergang kan niet zomaar. Mogelijk zijn er effecten op het watersysteem. Een duiker of een andere maatregel is wellicht nodig. Hoe meer een variant oppervlaktewater kruist, hoe lager de score. Een goede score geeft men wanneer het tracé geen watergang kruist. Bij een kruising van enkele (1-2) watergangen scoort het tracé gemiddeld. Bij meer kruisingen is een negatieve score gegeven.

48

datum projectnummer betreft

21 november 2024 0489378.100 Verkeersonderzoek Westvlietweg – definitief rapport

Beoordeling De bestaande route Jan Thijssenweg, Westvlietweg en Vlietweg gaat (deels) aangepast worden van “normale” weg naar een fietsstraat. Deze wegen bestaan al en gaan daarom geen nieuwe watergangen kruisen. Voor dit aspect wordt daarom gekeken naar de nieuwe ontsluitingsroutes. Alle drie varianten kruisen circa evenveel watergangen. Er is op dit aspect geen duidelijk onderscheid te maken. Eigendomsverhoudingen Om een indicatie van de eigendomsverhoudingen in beeld te brengen is op basis van informatie van ruimtelijke plannen onderzocht wat de bestemmingen zijn waar het de varianten doorheen lopen. Ook zijn de bestemmingen rond 50 meter vanaf de hartlijn van de varianten bekeken. Mogelijk dient de variant nog gewijzigd te worden en zo zijn deze bestemmingen eveneens inzichtelijk. Het gaat hierbij om een inschatting op basis van de vigerende bestemmingen/functies. Er is een onderscheid gemaakt tussen percelen die vermoedelijk publiek op privé eigendom zijn. De percelen in privé eigendom zijn de bestemmingen ‘agrarisch’, ‘bedrijf’, ‘woonpercelen’, ‘gemengd’, ‘dienstverlening’ en ‘maatschappelijk’. Voor deze percelen is het grootste deel in privé eigendom gezien dit bestemmingen zijn die vaak door mensen of instanties gekocht zijn of verhuurde worden.

Daarnaast zijn de percelen in beeld gebracht die vermoedelijk grotendeels in publiek eigendom zijn, dit betreffen de bestemmingen ‘groen’, ‘sport’, ‘verkeer’, ‘water’, ‘bos’, ‘natuur’ en ‘recreatie’. Hoe meer een variant in en direct naast publiek eigendom ligt hoe beter het scoort aangezien privé eigendommen lastiger te verkrijgen zijn. Beoordeling De bestaande route Jan Thijssenweg, Westvlietweg en Vlietweg gaat (deels) aangepast worden van “normale” weg naar een fietsstraat. Deze wegen bestaan al en gaan niet significant worden aangepast qua ruimtegebruik. Het grootste deel van de routes van de drie varianten ligt in gebied dat vermoedelijk publiek terrein is. Een klein deel ligt naast privé eigendom, echter is er genoeg ruimte aan een andere zijde waar publiek terrein ligt. Dit aspect biedt geen significant onderscheid tussen de varianten. Bestemmingen gronden Door middel van informatie uit ruimtelijke plannen/regels op de kaart zijn de bestemmingen waarover de varianten lopen in kaart gebracht. Ook is onderzocht wat de bestemmingen rond 50 meter vanaf de hartlijn van de varianten zijn. Sommige van deze bestemmingen zoals bedrijven, (recreatie)woningen, watergangen gaan een harder obstakel zijn als een variant stukken grond daarvan nodig heeft. Andere bestemmingen zoals agrarisch, bos of groen gaan een minder hard obstakel zijn aangezien deze nog te compenseren zijn.

De bestemming verkeer is als zwakste obstakel aangemerkt. Op basis hiervan is een score gegeven per variant. Daarbij is de bestemming waarin het tracé ligt eerst beschouwd en daarna is de naastgelegen bestemmingen meegenomen. Een tracé volledig gelegen in verkeer krijgt een goede score. Indien er veel hardere obstakels langs dit tracé ligt, dan kan de score een stap lager komen te staan. Met Rijkswaterstaat heeft op 12-09-2024 een overleg plaatsgevonden. In dit overleg zijn de drie varianten besproken en is de haalbaarheid ingeschat op basis van raakvlakken en risico’s. De belangrijkste punten zijn hieronder weergegeven: • Variant A: De nieuwe ontsluiting gaat onder de A4 en een paar verbindingsbogen van de A12 ter hoogte van knooppunt Prins Clausplein. Om een ontsluitingsweg te realiseren onder deze kunstwerken moeten de taluds worden aangepast. De mogelijke uitbreiding van de A4 (A4 Haaglanden) heeft impact op de fysieke ruimte (beschikbaarheid) onder de kunstwerken en daarmee de beschikbare ruimte voor de nieuwe ontsluitingsweg. Het project A4 Haaglanden en ook een toekomstige fietsverbinding hebben ruimte nodig waardoor er mogelijk onvoldoende ruimte is voor een nieuwe ontsluitingsweg. • Variant B: het aandachtspunt bij deze variant is de beschikbare ruimte tussen de A4 en het golfterrein.

De exacte ligging van de eigendom- en beheergrenzen zijn hierin bepalend of er voldoende ruimte beschikbaar is tussen het golfterrein en de A4 om een ontsluitingsweg te creëren. Daarnaast bestaat de kans dat er nog geluidsschermen worden geplaatst langs de A4 vanuit het project A4 Haaglanden. Dit zorgt ervoor dat er nog minder ruimte beschikbaar is voor een nieuwe weg. Tot slot wordt aangegeven dat de aansluiting nabij de Rotterdamsebaan krap is. • Variant C: deze variant sluit niet direct aan op het rijkswegennet en heeft daardoor weinig raakvlakken.

49

datum projectnummer betreft

21 november 2024 0489378.100 Verkeersonderzoek Westvlietweg – definitief rapport

Beoordeling De delen van de varianten die gelegen zijn op de Jan Thijssenweg, Westvlietweg en Vlietweg worden beoordeeld als zwakste obstakel. Dit zijn immers reeds aanwezige wegen. Voor variant A geldt dat de route bestaande wegen volgen. Het oostelijke deel loopt door groen en water of agrarisch gebied. Wel moet variant A onder de bestaande A4 waar mogelijk ruimte gebrek is onder het talud. Ten aanzien van variant B ligt het grootste deel in gebied wat reeds bestemd is als weg (nabij de A4). Een deel ten hoogte van het bestaande bedrijventerrein gaat door de bestemming bedrijf heen. Dit is momenteel als parkeergelegenheid in gebruik of een bestaande weg. De beschikbare ruimte langs de A4 is een aandachtspunt. Variant C volgt voor een groot deel (noordelijk en zuidelijk) bestaande wegstructuren. Het middelste gedeelte gaat door een recreatiegebied met bestaande bebouwing. Ook kruist het bestaande sportgelegenheden (tennisvelden) inclusief sportcomplex. Dit zijn hardere obstakels. Scoringstabel milieuaspecten Delen

Luchtkwaliteit

Geluid

Natuurwaarden

Bodemgesteldheid (draagkracht)

Water

Eigendom

Bestemming en gronden

Variant A Variant B Variant C

De onderlinge verschillen ten aanzien van milieuaspecten zijn relatief klein. Alle drie de varianten hebben een aandachtspunt bij een verdere uitwerking. Bij variant A is de bodemgesteldheid van de nieuwe ontsluiting een aandachtspunt. Deze ligt voornamelijk op een slappe bodem (zettingen). Daarnaast is de mogelijke uitbreiding van de A4 (A4 Haaglanden) en de nieuwe fietsverbinding een risico i.v.m. beschikbare ruimte onder de kunstwerken. Bij variant B is het aandachtspunt de mogelijke geluidsschermen langs de A4 i.v.m. de resterende beschikbare ruimte tussen de A4 en het golfterrein. Bij variant C gaat een deel van de nieuwe ontsluiting door een recreatiegebied met bestaande bebouwing. Ook kruist het bestaande sportgelegenheden (tennisvelden) inclusief sportcomplex. Dit zijn hardere obstakels die bij verdere uitwerking aandacht behoeven.

50

datum projectnummer betreft

21 november 2024 0489378.100 Verkeersonderzoek Westvlietweg – definitief rapport

7.1.1.5 Duurzaamheid Circulariteit Circulariteit wordt kwalitatief afgewogen met behulp van de R-ladder (bron: Planbureau voor de Leefomgeving). De R-ladder is een hulpmiddel dat verschillende strategieën of niveaus beschrijft om circulariteit te bereiken. De ladder is gerangschikt waarbij R1 de meeste circulaire impact heeft en R6 de laagste.

Figuur 7-1: overzicht R-ladder

Het ontwerp van variant A is een voorbeeld van Rethink, de hoogste trede van de R-ladder. Door de fietser centraal te stellen is er in de gebruikersfase minder uitstoot. Dit heeft een positief effect op emissies, biodiversiteit en welzijn. Ook blijven de bestaande wegen van het bedrijventerrein behouden. Hiermee heeft variant A een hogere circulariteitsscore dan varianten B en C. Variant B heeft na variant A de meeste strekkende meters fietsstraat. Voor variant C wordt er gebruik gemaakt van bestaande infrastructuur wat goed is voor circulariteit. Echter, moet hier dermate veel grondverzet plaatsvinden dat de meerwaarde beperkt is. Hiermee scoort variant A het hoogst gevolgd door varianten B en C. MKI en CO2 Om de duurzaamheid van de varianten af te wegen zijn naast circulariteit ook de Milieu Kosten Indicator (MKI) en CO2 meegenomen in de beschouwing. Dit is gedaan op basis van de gehele levensduur van de weg. Het is in deze fase niet mogelijk om een exacte MKI of CO2 berekening te maken. Er is daarom een kwalitatieve inschatting gemaakt op basis van type materialen en indicatieve hoeveelheden vanuit de kostenraming. Voor alle drie de varianten zijn er mogelijkheden tot verduurzaming in de materialisatie echter zijn deze voor alle varianten dezelfde oplossingen en worden daarom niet als onderscheidend gezien.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15444909/1