CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS321383 Notulen van de raad van 14 november 2024

Gemeenteraad 13 februari 2025, gemeente Den HaagBij agendapunt: Vaststelling van de notulen van 13, 14, 28 en 29 november 202462.329 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 7

Want wat als we nog de trap-op-trap-afsystematiek gehad zouden hebben? Wat zou het dan nu geweest zijn? Daar moeten we op een gegeven moment toch een beetje van af, denk ik, want we zien dat er nu op een aantal hele concrete dossiers best ingewikkelde problemen gaan ontstaan, of het nou op de BUIG is of op de jeugdzorg, en zo zijn er misschien nog wel een paar. Daar moeten we de vinger echt even goed aan de pols houden, net als op de teruggave van de SPUK's of de btw. Ik zeg dus graag toe om daar bij de voorjaarsnota wat dieper op in te gaan. Hoe we dat precies doen, zien we tegen die tijd. Dan kom ik bij de motie van de HSP met de titel 'Ga het debat aan'. Er is inderdaad op dit moment geen debatfunctie opgenomen. Er is wel een aanvraag gedaan voor een debatfunctie, die negatief is beoordeeld door de adviescommissie. Daar hebben we dus mee te maken. Het is een debat dat al jaren gevoerd wordt, dus de behoefte is er. Er zijn ook een hoop instellingen, zowel vanuit de humanitaire als de culturele hoek, die zich hebben verenigd om het in ieder geval op verschillende plekken in de stad te doen. Men zegt ook dat het punt niet een gebrek aan ruimte is, maar het afstemmen van de programmering. Dat heeft nog niet geleid tot een duidelijk herkenbaar profiel, zeg ik maar even in mijn eigen woorden. Het feit dat het nu niet in het meerjarenbeleidsplan terechtgekomen is, helpt ook niet.

Het zit dus een beetje in de stilte. We weten dat er een aantal particuliere initiatieven zijn. De bibliotheek is natuurlijk uitgebreid met een plek op de vijfde etage waar steeds meer gedaan wordt. Ook de Humanity Hub organiseert vrij veel dingen. Maar het zit allemaal nog wel een beetje in de bubbels. We horen vaak dat men zoiets wil als De Balie of Pakhuis de Zwijger, maar vergeet niet hoeveel geld daarin gaat. Dat zeg ik met alle respect, want ik zou willen dat het er was. De vraag is ook of je dat als overheid uit de grond moet trekken of dat dit echt vanuit het veld en vanuit de stad moet komen. Er zijn dus initiatieven en waar die zich voordoen, willen we echt helpen en ondersteunen, bijvoorbeeld door plekken te zoeken, maar dat is het op dit moment. Het 16

is in die zin dus wel een positief preadvies, maar ik ga niet nog een nieuw onderzoek doen. Er is namelijk echt al heel veel. U moet dus maar even kijken, mevrouw Faïd, wat u daarmee wilt doen. Fatima Faïd (HSP). Dank u wel voor de beantwoording, wethouder. Nee, ik snap wel dat het veel geld kost. Het is ook meer bedoeld als signaal dat het gek is dat we als Den Haag niet zo'n functie in de stad hebben, terwijl er wel veel behoefte aan is. Is het een idee als ik de motie aanhoud en u even kijkt welke initiatieven er zijn en of daar nog pareltjes tussen zitten waar we iets mee kunnen, en dat we dan over een jaar of zo samen kijken wat de stand van zaken is en of het nog nodig is dat we een motie indienen? Is dat iets? Kunt u daarmee leven? Wethouder Bruines (D66). Dat lijkt me een uitstekend voorstel. Laten we dat afspreken. De voorzitter. Aangezien motie HSP.1 is aangehouden, maakt ze geen onderdeel meer uit van de beraadslaging. De wethouder vervolgt haar betoog. Ik zou haar wel willen vragen om een klein beetje tempo te maken. Het college heeft nog 28 minuten en u bent de eerste spreker. Verder wil ik u niet opjagen, maar het is toch gezegd. Gaat u verder. Wethouder Bruines (D66). Ik kom bij de motie Herzie onderzoek bedrijventerrein Westvlietweg, PvdD.4. We hebben daar in de commissie een lange discussie over gehad.

Het is een projectgroep die al langere tijd bestaat en die nu als taak heeft om de ambities van de bedrijven op het bedrijventerrein in beeld te krijgen, en die zich over het algemeen bezighoudt met de ontwikkeling van het bedrijventerrein op het gebied van verduurzaming en schoon, heel en veilig. Het toekomstbestendig maken van het bedrijventerrein is daar nu aan toegevoegd. Er wordt gekeken naar de wensen en behoeften van de ondernemers en ook van die van de grondeigenaren; dat klopt. Eigenlijk is dat onderzoekje, dat een bouwsteen gaat worden van de gebiedsvisie Vlietzoom, zo goed als klaar. U vraagt om het nu stop te zetten, maar dat lijkt ons geen verstandig plan, ook omdat die projectgroep meer taken heeft dan het leveren van bouwstenen voor de gebiedsvisie. In het tweede dictumpunt wordt gevraagd om de gemeenteraad op de hoogte te brengen van de onderzoeksvragen en de deelvragen die worden onderzocht. Eigenlijk wordt er nu al aan het eindrapport gewerkt. Ik zal daarin heel graag meenemen wat de onderzoeksvragen en de deelvragen zijn geweest, waar die nu op uitkomen en op welke manier dit nu verder een rol gaat krijgen in het proces van het ontstaan van de gebiedsvisie, waarop nog een uitgebreid proces van participatie wordt ingezet. Ik zeg u ook toe om op korte termijn even met de brievenschrijvers over Vlietzoom om tafel te gaan zitten om dit hele proces door te nemen.

Het is Vlietzoom, toch? Ja. Leonie Gerritsen (PvdD). Dank u wel, wethouder. Ik ben benieuwd naar het 'binnenkort' in de toezegging. We moeten natuurlijk altijd smart werken. Per wanneer zit de Vlietzoomalliantie aan tafel bij de wethouder? De wethouder zei ook dat er eigenlijk al aan het eindrapport wordt gewerkt. Dan begrijp ik dat zij zegt dat het niet gepauzeerd kan worden. Maar als dat proces maanden duurt … Wanneer ligt het eindrapport hier? Wethouder Bruines (D66). Ik verwacht dat nog voor de kerstvakantie. De voorzitter. Kijk, dat is hartstikke smart. Wethouder Bruines (D66). Ik heb nog geen afspraak gemaakt met die Vlietzoom, maar die ga ik maken voor de komende weken, afhankelijk van wanneer iedereen kan. Het signaal is helder en het college hecht ook zeer aan een goede betrokkenheid, vandaar dat er voor die gebiedsvisie ook een uitgebreide participatie komt.

17

Dan ga ik naar motie SP.1, Een echte herkansing. Die motie gaat over de termijn tussen uitslag en advies bij de vierjarige en de tweejarige regeling. Het lijkt mij heel goed om dat mee te nemen bij de evaluatie, mevrouw Arp. Het had er ook mee te maken dat het proces voor de begroting afgerond moest zijn, maar dit lijkt me een uitstekend punt. We gaan kijken hoe we dat volgend jaar gaan doen. Bij de volgende tweejarige zal dit in ieder geval niet spelen, omdat we dan niet ook de vierjarige erbij hebben. Dan kunnen we er dus iets meer tijd voor nemen. In die zin kan het college deze motie dus aan de raad laten. Dan motie CDA.2, over het stimuleren van familiebedrijven in de Haagse investeringsmarkt. Het college is een beetje zoekende. We begrijpen heel goed de waardering die het CDA, samen met het college en een hoop andere partijen, heeft voor de kracht en de relevantie van familiebedrijven. De heer Partiman heeft dat hier ook uitgelegd in zijn termijn. Wij proberen dus echt om, ook in het kader van het MKB-beleid en het accountmanagement rond bedrijventerreinen en BIZ'en, ook de familiebedrijven een warm hart toe te dragen en ze te helpen en te ondersteunen waar dat belangrijk en nodig is, net als alle andere bedrijven overigens. Ik denk onder andere aan de Parels en de mooie prijs die de heer Sluijs heeft bedacht voor het zoveel jarig bestaan van bedrijven.

Dat zijn allemaal opstekertjes, ook voor familiebedrijven. Maar in deze motie wordt gevraagd om te kijken welke maatregelen, zoals fiscale voordelen, investeringsondersteuning of vergunningenbeleid kunnen bijdragen, en daar raakt het CDA het college een beetje kwijt. We moeten namelijk wel iedereen op eenzelfde manier behandelen. We kunnen, en mogen, geen specifiek fiscaal beleid voor familiebedrijf gaan maken. Dat is voor het college dus een wat onheldere kwestie. Wij willen, om even een beeld te geven, best in kaart brengen hoe het landschap van de familiebedrijven eruitziet in Den Haag. Dat zouden we kunnen doen in een volgende economische rapportage van de Economische visie. Dat kunnen we natuurlijk altijd doen. Het eerste dictumpunt is voor ons dus prima en het tweede ingewikkeld. Kavish Partiman (CDA). Ik zou die motie dan misschien toch willen aanhouden. Ik kom dan eerst met een setje schriftelijke vragen om te kijken of we tot duidelijkheid kunnen komen. Wellicht dien ik dan bij de volgende rapportage weer zo'n motie in. De voorzitter. Aangezien motie CDA.2 is aangehouden, maakt ze geen onderdeel meer uit van de beraadslaging. Wethouder Bruines (D66). Dat is een constructieve oplossing. Dank daarvoor. Dan kwam mevrouw Klokkenburg nog met de motie Onderhoud de onderhoudspot. Die kan het college aan de raad laten. Dat was het, voorzitter. De voorzitter.

Dank aan de wethouder. Ik kijk even wie van het college ik nu het woord kan geven. Ik zie wethouder Vavier opstaan. Wethouder Vavier (GroenLinks). Voorzitter. Ik ga proberen het zo snel mogelijk te doen. Ik begin met amendement CU/SGP.2, Meerjarige financiering voor medische hulp aan dakloze mensen. Collega Bruines is al ingegaan op de dekking ervan en heeft gezegd dat het college daar niet voor kiest. Het amendement is ook voorbarig. Hoewel het ongelofelijk sympathiek van ChristenUnie/SGP is dat ze met mij meedenkt over de financiering van de uitvoering van het beleidskader, is het op dit moment echt niet nodig. We treffen al allerlei maatregelen om binnen de begroting te kunnen blijven. Deze motie ontraadt het college dus. Judith Klokkenburg (ChristenUnie/SGP). De wethouder eindigde met: we doen alles om binnen de begroting te blijven. We hebben echter ook een beleidskader vastgesteld, en in de commissie gaf de wethouder aan dat dat inderdaad wel gaat knellen, misschien niet komend jaar maar dan wel het jaar daarna. Ik begrijp dus niet helemaal wat we dan gaan doen om wel binnen de begroting te blijven. 18

Wethouder Vavier (GroenLinks). Onder andere treffen we dus maatregelen om met name de gezinsopvang op een andere manier in te richten, maar er zijn ook andere maatregelen die we kunnen treffen om binnen de begroting van het beleidskader te kunnen blijven. We weten natuurlijk ook - daar refereerde mevrouw Klokkenburg aan - dat we volgend jaar de ETHOS-telling hebben en we naar verwachting nieuwe maatregelen moeten treffen naar aanleiding daarvan. Maar het is, hoewel sympathiek, echt nog ongefundeerd om op dit moment € 1 mln. toe te voegen aan de financiële middelen voor het beleidskader Den Haag geeft thuis. Of ongefundeerd … Het is in ieder geval nog ononderbouwd. Vandaar dat het college dit amendement ontraadt. Ik ga een beetje kriskras door de ingediende moties heen, met uw goedvinden, voorzitter. Ik kom nu bij motie GL.1, Centrum Seksueel Geweld met alle disciplines. Die motie kan het college aan de raad laten. Dat kunnen we onderzoeken. Er zijn geen middelen voor, zoals we ook in de commissie hebben aangegeven, maar we kunnen wel degelijk volgen hoe het in Amsterdam verdergaat en onderzoeken, in gesprek met de regio, of we dit in Den Haag ook zouden willen. Fatima Faïd (HSP). Ik heb daar wel een vraagje over. We gaan dus iets onderzoeken maar we hebben eigenlijk geen geld en we weten dus ook niet precies waar dat dan gaat eindigen.

Heb ik het zo goed begrepen? Dan lijkt deze motie me namelijk gewoon overbodig. Wethouder Vavier (GroenLinks). Nou, ik zou de motie niet helemaal overbodig willen verklaren. Het is natuurlijk wel heel goed om te kijken hoe het in Amsterdam gaat en ook welke consequenties het daar heeft, en met name hoe het daar slachtoffers helpt. Het is dus wel degelijk heel goed om het te volgen. Als daaruit en uit de gesprekken met de regio komt dat het hier ook heel erg wenselijk is, ja, dan moeten we op zoek naar geld. Maar dan weten we in ieder geval wat een onderbouwing zou kunnen zijn. Fatima Faïd (HSP). Dank u wel voor de uitleg, maar dan wil ik toch het volgende weten. U kunt dit allemaal sowieso doen. Daar heeft u deze motie toch niet voor nodig? Er is namelijk helemaal geen geld en we gaan hier niet per se beleid op maken. U kunt gewoon met uw collega bellen en vragen: joh, hoe doen jullie het en waar zouden wij op moeten letten? Ik begrijp niet zo goed waarom u het aan de raad overlaat. Kijk, ik vind het wel belangrijk dat het er komt. Ik mis inderdaad ook de financiële onderbouwing hiervoor en ik had ook begrepen dat er geen geld was, maar ik wil wel duidelijk hebben waar ik nou voor ga stemmen. Voor niks, dus eigenlijk. De voorzitter. Ik weet dat de interrupties gratis zijn, maar ze mogen ietsjes korter, mevrouw Faïd. Jawel! Wethouder Vavier (GroenLinks).

Fair enough, ik begrijp deze interruptie van de Haagse Stadspartij heel goed. Tegelijkertijd wil aangeven dat op dit moment de capaciteit niet tegen de plinten klotst. We gaan dus ook niet automatisch uit onszelf een onderzoek opzetten naar de vraag of wij hetzelfde kunnen gaan doen als in Amsterdam. Als uw raad deze motie niet zou aannemen, is dat niet iets wat bovenaan het lijstje staat om te onderzoeken, ambtelijk gezien. De voorzitter. Mevrouw Faïd, voor de derde maal. Fatima Faïd (HSP). Even voor mijn helderheid. Als we een onderzoek gaan doen, kost dat geld, maar dat heb ik zonet niet van u begrepen. Dus u gaat u nu een onderzoek opstarten naar de vraag of we in Den Haag een Centrum Seksueel Geweld moeten oprichten en u neemt daarover contact op met buurtgemeentes en Amsterdam? Of gaat u gewoon bellen? Voor mij is dat nu echt essentieel.

19

Wethouder Vavier (GroenLinks). Nee, we gaan geen onderzoek opstarten. Maar deze motie vraagt ons om te volgen wat de effecten zijn in Amsterdam - dat is dus niet iets wat we nu al weten maar iets wat we in de toekomst weten - en op basis daarvan contact te zoeken met buurgemeenten. Dat is dus niet een onderzoek waarvoor we een onderzoeksbureau in de arm nemen, maar het is wel het op het netvlies houden, het in de gaten houden en het bovenaan het lijstje zetten, of in ieder geval iets minder onderaan, van acties die we ondernemen. Zo gaat het college hier dan mee om als uw raad deze motie aanneemt. Dan motie SP.2, Geen piepsysteem in de Wmo. Hierbij hebben we vrij uitgebreid stilgestaan in de commissie. Het zal ook geen verrassing zijn voor de Socialistische Partij dat het college deze motie ontraadt, en wel om de volgende redenen. Het zou echt betekenen dat we in de uitvoering een apart systeem ernaast moeten gaan zetten. Dan heb je dus twee systemen: resultaatgericht en urengericht. En dan hebben we ook op veel grotere schaal dan nu inwoners met een urenbeschikking of een resultaatsbeschikking. Dat betekent dat dan alle kennisdocumenten en alle werkinstructies moet worden aangepast en dat we de contracten met de zorgaanbieders moeten openbreken. Dat gaat allemaal geld kosten en levert extra bureaucratie op, vandaar dat het college deze motie ontraadt. Lesley Arp (SP).

De wethouder zei een aantal zeer interessante dingen. Het eerste waar ik op aanhaak, is het verhaal van de twee systemen. Nu zijn er in feite al twee systemen, want mensen die klagen en in bezwaar gaan, kunnen wel die extra urentoevoeging krijgen. Er bestaan dus eigenlijk al twee systemen. Dus dat er met deze motie twee systemen ontstaan, lijkt mij een vreemd argument. Wethouder Vavier (GroenLinks). Nou nee, want op dit moment gaat het om ongeveer 50 cliënten op de 13.000 cliënten. Op het moment dat je het zou gaan standaardiseren, zou het voor veel meer mensen in het systeem moeten worden aangepast. Daarnaast gaan cliënten op het moment dat ze een beschikking hebben met het geformuleerde gewenste resultaat, in gesprek met de zorgaanbieder. Op basis daarvan gaan ze dan samen het ondersteuningsplan opstellen, en daar komt eigenlijk ook altijd een inschatting uit van het aantal uren dat een hulpverlener beschikbaar is voor de cliënt. Daar zit het dus ook in. Maar het kost echt te veel bureaucratie om het formeel in het systeem van beschikkingen op te nemen. Ook moeten we daarvoor de contracten openbreken. Lesley Arp (SP). We voeren deze discussie over resultaatgericht beschikken al heel lang. Er zijn in het verleden moties ingediend die zeiden: helemaal afschaffen die hap. Dat is niet wat deze motie vraagt.

Deze motie vraagt ook niet om, als er een zorgaanvraag ligt, meteen een soort van keuzemoment te hebben, van: wilt u resultaatgericht of urengericht? De motie vraagt om gewoon eerlijk op te nemen, bijvoorbeeld in een brochure bij het ondersteuningsplan, dat die optie niet alleen maar aan de orde komt als iemand heeft geklaagd of bezwaar heeft gemaakt. Als je namelijk niet weet dat iets bestaat, ga je er ook niet naar vragen. Dat gaf ik in de commissie ook al aan. Wethouder Vavier (GroenLinks). Maar die mogelijkheid is er dus al. Je krijgt het dan weliswaar niet in een beschikking, maar het staat wel in het ondersteuningsplan. Die mogelijkheid is er dus verderop in het proces, op het moment dat een cliënt in gesprek gaat met de zorgverlener om een ondersteuningsplan op te stellen. Dan gaat het daar ook al over. Om het aan de voorkant in te regelen, moet je het systeem dus ombouwen, en het zit al verderop in het proces. De voorzitter. Mevrouw Arp, voor de derde maal. Lesley Arp (SP). Allereerst is deze motie toch echt een behoorlijke afzwakking ten opzichte van eerdere moties, die echt zeiden dat het systeem op de schop moet. Deze motie gaat vooral over transparantie, en niet alleen voor mensen die de weg naar bezwaarprocedures weten te vinden. Ik heb nog één laatste vraag. De wethouder heeft het over het openbreken van contracten. Hoe is het dan nu

20

al contractueel geregeld met al die mensen, die kleine groep, die dus wel een urenbeschikking krijgen? Dat gebeurt toch ook binnen de contracten? Wethouder Vavier (GroenLinks). Ja, maar dat gebeurt dan nadat er een bezwaar is ingediend. En dit gaat, nogmaals, om een hele kleine groep. Janneke Holman (PvdA). Ik begrijp het toch nog niet helemaal. Ik lees in deze motie namelijk ook niet dat er om een heel nieuw systeem wordt gevraagd dat ernaast komt te staan. Deze motie gaat, zoals mevrouw Arp zei, over het informeren van mensen over de mogelijkheid om die uren wel in de beschikking opgenomen te krijgen. Het zijn er nu dus 50. Ik denk niet dat het er straks duizenden gaan zijn, en ik vind het ook belangrijk dat we transparant zijn naar mensen toe over die mogelijkheid. Het moet niet zo zijn dat degenen die het luidst zijn, die uren wel op papier krijgen en anderen niet. Wethouder Vavier (GroenLinks). Het draait eigenlijk om het verschil tussen de beschikking, die nu een resultaatsbeschikking is, en het ondersteuningsplan dat samen wordt opgesteld door de cliënt en de zorgverlener. In dat ondersteuningsplan wordt wel degelijk ook over de ureninzet gesproken. Daarin wordt met name ook samen gekeken hoe het gewenste resultaat ingevuld kan worden en wat de zorgverlener daarvoor gaat doen.

Daar worden ook al afspraken in gemaakt, bijvoorbeeld: kom op dinsdagochtend tussen 10.00 uur en 12.00 uur. Op het moment dat je dat al voorafgaand aan de beschikking, in het keukentafelgesprek, als een optie benoemt, krijg je veel meer mensen die vragen om een urenbeschikking en dan moet je je systeem gaan wijzigen. Het gaat erom dat het nu nog een heel kleine groep is, van 50 op de 13.000 mensen, en dat we verwachten dat het dan een veel grotere groep gaat worden, waardoor je dus die systemen moet aanpassen en waardoor je ook op een andere manier met die zorgverleners in gesprek moet gaan. En daardoor moet ook je contractmanagement met de zorgverleners op een andere manier worden ingericht, omdat die zorgverleners hun planning baseren op die resultaatbeschikkingen. Janneke Holman (PvdA). Ik probeer het echt een beetje te begrijpen. Stel dat iemand een Wmoaanvraag doet en een fijn gesprek heeft over het ondersteuningsplan, waarin ook wordt gesproken over het aantal uren in de week. En stel dat je dan ook nog een informatiefolder of een brief meegeeft, met: vindt u het nou ook prettig om dit bevestigd te zien in een urenbeschikking, dan kan dat eventueel.

Als ontzettend veel mensen dan gaan zeggen 'ja, ik wil die zekerheid wel, want ik vertrouw het nu niet, na het fijne gesprek dat we hebben gehad over het ondersteuningsplan' en een urenbeschikking gaan aanvragen, dan hebben we een veel groter probleem als gemeente. Ziet de wethouder dat ook, dus dat het waarschijnlijk om een beperkte groep gaat die alsnog op dit aanbod zou ingaan als we mensen daar actief over informeren? Wethouder Vavier (GroenLinks). Maar dat gesprek over het ondersteuningsplan komt dus pas nadat de beschikking is afgegeven. Dan vindt het gesprek plaats tussen de zorgverlener en de cliënt over de manier waarop er gekomen zal worden tot het resultaat dat wekelijks of tweewekelijks - dat is een beetje afhankelijk van de beschikking - wordt bereikt. Die beschikking ligt er dan dus al. Het college ontraadt deze motie dus. Dan motie DENK.3, Gok op de juiste weg. Deze motie verzoekt het college om te onderzoeken hoe we jongeren voorlichting kunnen geven om ze bewust te maken van de mogelijkheden van een gokstop om verslaving tegen te gaan. Deze motie kan het college aan de raad laten. Dan hebben we twee moties van Hart voor Den Haag, HvDH.8 en HvDH.9, onder het kopje internationaal. Deze moties gaan over het herstellen van de stedenbanden met Turks-Koerdische steden en het nieuw leven inblazen van de stedenband tussen Den Haag en Paramaribo.

Het zijn twee zeer sympathieke moties, maar ook wel een beetje ouderwets. We hechten als college ontzettend veel waarde aan goede internationale samenwerking en verbanden. We zoeken ook actief de samenwerking 21

met steden en regio's in het buitenland. Dat doen we al sinds 2009 niet meer op deze manier. We doen dat op veel effectievere wijze, door bijvoorbeeld samenwerking in internationale netwerken. We hebben ons ook specifiek gericht op netwerken waarin samenwerking, kennisuitwisseling en beleidsbeïnvloeding een rol spelen. Dat zijn bijvoorbeeld het Resilient Cities Network, het Global Parliament of Mayors, Eurocities en United Cities and Local Governments, UCLG, waar de burgemeester voorzitter van is. Het college ontraadt deze twee moties dus, omdat we dit al op heel veel verschillende andere manieren doen. Richard de Mos (Hart voor Den Haag). Dit antwoord hadden we natuurlijk wel een beetje verwacht: het gaat allemaal crescendo en we doen het allemaal al. Ik ben toevallig in Turkije geweest en ik heb daar een aantal burgemeesters gesproken, en ze hebben geen idee wie het college van Den Haag is. De laatste samenwerking stamt uit 2009. In een brief van Jozias van Aartsen is de samenwerking opgezegd omdat stedenbanden niet meer bestaan. Ik doe hier ook geen ouderwets voorstel, want ik vraag om een economische stedenband. Handel dus. Daar vraag ik om. Ik vraag niet om de oude stedenband zoals die was. Die oude stedenband ging over milieu en stedelijke vergroening, over een ruil op het gebied van stedelijke planning, over cultuur en archeologie en over initiatieven van bewoners.

Dat is de oude stedenband. Daar vraag ik helemaal niet om. Ik vraag om een nieuwe handelsband, met steden in een regio waar 35.000 stadsgenoten vandaan komen. En u zegt gewoon: gaan we niet doen; dat doen we al. Nou, leg dat die burgemeesters maar eens uit, want die hebben nog nooit van mevrouw Vavier gehoord. Wethouder Vavier (GroenLinks). Dat kan kloppen, maar dat komt ook omdat we als college als geheel op allerlei verschillende manieren contacten onderhouden met steden, en juist ook in netwerken van steden. Over een stedenband voor handelsbetrekkingen is vorig jaar nog een besluit genomen in de uitwerking van het internationale economische beleid. Dat was in april 2023. Toen is besloten om op een andere manier vorm te geven aan internationale handel en acquisitie. Ook dit is vorig jaar dus al aan de orde geweest. Het college ontraadt deze twee moties. Richard de Mos (Hart voor Den Haag). Vorig jaar aan de orde geweest? Er is helemaal geen handel tussen die steden op dit moment. Dat is wat ik hier probeer te zeggen. Die steden zeggen allemaal dat ze dolgraag willen. Ze willen dolgraag marmerwinkels openen in Den Haag, of andersoortige winkels. Dat hebben die burgemeesters tegen mij gezegd. Ik heb gezegd dat ik me daar hard voor zou gaan maken. U zegt gewoon dat het al gebeurt. De burgemeesters daar zeggen: we willen heel graag maar het gebeurt niet.

Ondernemers daar zeggen: we willen graag winkels openen in Den Haag maar het kan niet, omdat we tegen muren aanlopen. Dus wat is nou het verhaal? Zijn die burgemeesters daar aan het jokkebrokken? Of is die samenwerking er? Dan ga ik namelijk vandaag die burgemeesters nog bellen om dat te verifiëren. Maar ik was daar van de zomer en toen zeiden ze allemaal: er is jammer genoeg helemaal geen contact met Den Haag. Wethouder Vavier (GroenLinks). Ik heb gezegd wat ik heb gezegd. Richard de Mos (Hart voor Den Haag). Nee … Wethouder Vavier (GroenLinks). Het college ontraadt deze motie. Over internationale handel en acquisitie zijn vorig jaar, in april 2023, afspraken gemaakt in de uitwerking van het internationaal economisch beleid van de gemeente Den Haag. Daarin kunt u lezen wat de afspraken zijn en op welke manier we dat vormgeven. Er is inderdaad geen directe handelsbetrekking met steden in Turkije, maar op het moment dat een stad in Turkije iets wil, zijn ze altijd van harte welkom om aan de bel te trekken. Dan kunnen ze daarover met het college in gesprek en dan zal het college daarbij de uitwerking van het internationaal economisch beleid, dat gaat over internationale handel en acquisitie, als onderlegger gebruiken. 22

Ik ga even door, voorzitter. De voorzitter. Meneer De Mos mag nog voor een derde maal. Richard de Mos (Hart voor Den Haag). Zeker, ja. U zegt dus dat er geen handel is. Mijn motie roept ertoe op om dat te gaan proberen, die contacten te gaan herstellen en te kijken wat er mogelijk is. Dat is wat de motie vraagt: gewoon handel. Dat is de motie over de steden in het Koerdische deel van Turkije. Ik had ook nog een motie over samenwerking met Paramaribo. Die sluit perfect aan bij wat de oud-voorzitter van de VNG - daar zit ie - vorig jaar nota bene met een wethouder die hier niet meer is, mevrouw Parbhudayal, heeft afgesproken om die samenwerking met Suriname te herstellen. Ik heb dat geverifieerd bij de Surinaamse gemeenschap. Na die brief is er niks meer gebeurd. U heeft het ook steeds maar over papier, maar papier is geduldig. Wat zijn nou de feiten? Moeten we even schorsen om naar de feiten te vragen over de samenwerking op dit moment tussen Den Haag en Suriname en de steden in Turkije die ik genoemd heb? U zegt namelijk dat het gebeurt. Dat wil ik dan even zien. Dan schorsen we even en dan komen de resultaten even bovendrijven. Wethouder Vavier (GroenLinks). De heer De Mos zegt dat ik zeg dat het gebeurt, en dat heb ik helemaal niet gezegd. Ik heb gezegd dat steden altijd van harte welkom zijn op het moment dat ze graag een samenwerking met Den Haag willen aangaan.

Ik ontraad de motie omdat die ons vraagt om een stedenband op te zetten. Het gaat om de vorm waar in deze motie om wordt gevraagd. Die ontraadt het college. Er zijn ook met Suriname afspraken over projecten en over samenwerking op projecten. De voorzitter. U heeft een punt van orde, meneer De Mos? Richard de Mos (Hart voor Den Haag). Ja, voorzitter. Dan zou ik graag willen schorsen, zodat we kunnen zien wat dan de status van die projecten is. Als die er zijn, willen we die gewoon graag zien. We nemen hier namelijk besluiten. Dan gaan we gewoon kijken welke resultaten er zijn van de handel tussen Den Haag en Paramaribo. Ik wil de motie ook best aanpassen met het verzoek om een handelsband in plaats van een stedenband. Het is mij om het even, als er maar geld verdiend wordt voor deze stad. De voorzitter. Het staat u natuurlijk vrij om om een schorsing te verzoeken. Dan moet ik even overleggen hoelang die schorsing moet duren. Meneer De Vuyst, u wilt daar ook wat over zeggen? Maarten De Vuyst (GroenLinks). Ja, ik vraag me af of dit echt een schorsing is voor een informatieverzoek. Zo brengt collega De Mos het, maar volgens mij vraagt hij om informatie die er niet is en dan is het wel degelijk een inhoudelijk punt.

U heeft gelijk dat het iedereen vrij staat om om een schorsing te verzoeken, maar ik weet wel wat er dan aan het eind van die schorsing ligt, de discussie gehoord hebbende. De voorzitter. Nee, daar ga ik heel eventjes op ingrijpen. Er is een informatieverzoek gedaan. Het staat ieder raadslid vrij om zo'n informatieverzoek te doen. Ik zou willen voorstellen om dat informatieverzoek door te geleiden naar het college en het college daarmee aan de gang te zetten. Maar ik weet niet of we daarvoor moeten willen schorsen. Ik kan me ook voorstellen dat u dat wel wilt, meneer De Mos. We kunnen het informatieverzoek, dat u misschien ook nog wat concreter kan maken, bij het college neerleggen. En meneer De Vuyst, dat is een verzoek dat bij het college ligt. Ik weet niet of u erop kan voorsorteren of daar wel of geen informatie uit komt. Ik wil de wethouder ook nog even het woord geven, en daarna de heer De Mos.

23

Wethouder Vavier (GroenLinks). Ik begrijp dat informatieverzoek prima, maar in dat geval zou de heer De Mos ook kunnen overwegen om deze twee moties even aan te houden. Dan kan het college toezeggen dat het met een brief komt over de manier waarop dit op dit moment vormgegeven wordt en welke projecten er op dit moment lopen. De voorzitter. Meneer De Mos, u mag daarop reageren en u mag natuurlijk ook uw verzoek nog verder toelichten. Richard de Mos (Hart voor Den Haag). Er wordt heel stellig beweerd dat er van alles gebeurt. Die stelligheid wil ik dan ook zien. Ik wil dan zien wat er met die genoemde Turkse steden gebeurt, en ik wil zien wat er op dit moment gebeurt met Paramaribo. Er wordt heel stellig gezegd dat er allerlei projecten zijn. Nou, de mensen die ik spreek, weten van niks. Dat wil ik dan vandaag even zien. Dat kan in een schorsing gebeuren, maar die informatie kan ook vóór de tweede termijn aangeleverd worden. Dat kan ook, maar ik wil wel boter bij de vis. De voorzitter. Ik denk dat het college dit moet uitzoeken en dat we er later op terugkomen, vóór de tweede termijn. Hoeveel tijd heeft het college hiervoor nodig, wethouder? Wethouder Vavier (GroenLinks). Het kost gewoon echt even tijd om op een rijtje te zetten op welke manier we nu bezig zijn met die internationale betrekkingen met steden.

De burgemeester is daarmee bezig, collega Van Asten is daarmee bezig, collega Bruines is daarmee bezig. De heer De Mos betrekt het steeds weer op die Turkse steden, terwijl ik hier namens het college heb gezegd dat we op andere manieren contacten onderhouden met steden en op andere manieren samenwerken met steden. Precies om deze reden ontraad ik de motie. De voorzitter. Er ligt nu een informatieverzoek, dat volgens mij betrekking heeft op de in de motie genoemde steden en op de andere stad, Paramaribo. Volgens mij is het concrete verzoek dat hier gedaan wordt om informatie te geven over hoe daarmee omgegaan wordt, en gaat het niet om andere steden. Ik kan het niet veel concreter maken dan dit. Meneer De Vuyst, u wilt ook weer wat zeggen? Het wordt er allemaal niet makkelijker op zo, hè. Maarten De Vuyst (GroenLinks). Het informatieverzoek is prima, als u dat als informatieverzoek beoordeelt. In de Gemeentewet staat dat we dat hebben et cetera, maar ik vind het lastig om de rest van de vergadering dan afhankelijk te maken van het informatieverzoek, wat nu gebeurt. Dan kan eenieder die nu een informatieverzoek doet, de vergadering dus opschorten. Vandaar dat ik zou zeggen: doe het informatieverzoek … De voorzitter. Nee, meneer De Vuyst. Ik ga nu toch … Maarten De Vuyst (GroenLinks).

Neenee, ik zeg: doe het informatieverzoek, maar hier staan ook termijnen voor, zoals overal termijnen voor staan. En die termijn is niet: voor de tweede termijn van dit debat. Dat vind ik eigenlijk niet zo fair. De voorzitter. Nee, meneer De Vuyst. Er wordt verzocht om moties aan te houden. Dat maakt ook onderdeel uit van het debat. Als een gemeenteraadslid dat wil afwegen en daar extra informatie voor nodig heeft, staat dat diegene vrij. En als er gestemd moet worden of als er een motie aangehouden moet worden, dan moet een raadslid daar wel een juiste afweging over kunnen maken. En volgens mij gebeurt dat op basis van de informatie die gevraagd is. Wij kunnen dus gewoon verder met de vergadering, maar … Mevrouw Van Basten Batenburg, heeft u een interruptie of heeft u hier iets op te zeggen?

24

Lotte van Basten Batenburg (VVD). Ik wilde eigenlijk een suggestie doen. Aan de ene kant zijn wij als VVD in het verleden bepaald geen voorstander geweest van stedenbanden. Ik krijg dus een beetje jeuk als ik dat voorstel zie. Ik vind het idee van de heer De Mos om te kijken waar we op het gebied van handel meer kunnen bereiken in het buitenland natuurlijk uitermate interessant. Ik hoor de wethouder eigenlijk ook zeggen dat het college daar best voor openstaat. Alleen zegt zij ook: klop maar bij ons aan. Mijn idee is dat de heer De Mos bij de wethouder aanklopt. Zouden de wethouder en meneer De Mos dus in het komende reces, misschien wel met kerst, niet samen naar Turkije moeten gaan voor zo'n handelsmissie? Maak daar nou samen wat moois van. Dat lijkt mij een mooie oplossing. De voorzitter. Dit is weer een ander ordeverzoek. Ik zou bijna in de verleiding komen om het in stemming te brengen, maar ik weet niet of we dat moeten doen! Nee, ik denk dat het informatieverzoek duidelijk is en ik hoop dat we daar voor het einde van de tweede termijn iets over kunnen zeggen. Ik wil het woord nu aan de wethouder geven en ik zou nu ook wel door willen gaan. Wethouder Vavier (GroenLinks). Aan het gezicht van de heer De Mos te zien, kijkt hij er niet naar uit om kerst met mij te vieren in Turkije. Hij zou eens wat vaker mogen lachen.

Over het informatieverzoek heb ik aangegeven dat er geen handelsbetrekkingen zijn met de zes in de motie genoemde Turkse steden. Ik heb ook aangegeven dat in die nota die vorig jaar april is besproken met collega Bruines, de afspraken zijn vastgelegd over het internationaal economisch beleid. Toen het ging over de handelsbetrekkingen met Paramaribo begon de heer De Mos met name over Suriname, en daar haakte ik op aan. Er zijn wel degelijk samenwerkingsprojecten met Suriname, bijvoorbeeld op het gebied van zorg. Daar kan ik verder op ingaan, maar over de handelsbetrekkingen met die zes Turkse steden kunnen we duidelijk zijn: daar zijn op dit moment geen handelsbetrekkingen mee. De voorzitter. Meneer De Mos, u mag daar nog een keer op reageren. Richard de Mos (Hart voor Den Haag). Dan kan ik straks de motie wijzigen met het oog op die handelsbetrekkingen. Dan ga ik het anders noemen om de VVD tegemoet te komen. Ik vraag om handel. Ik vraag niet om andere dingen. Ik vraag om handel met Paramaribo. Dat zou ik dan wel graag als informatieverzoek voor de tweede termijn doen, om te kunnen kijken wat ik met de Surinamemotie doe. En lachen? Ik ben gek op lachen, alleen is dit college één groot tranendal. Daar word ik dus verdrietig van. En om de relatie te verbeteren, sta ik altijd open voor een reisje naar Turkije met de wethouder. Dan gaan we samen naar de Mosporus. De voorzitter.

De Mosporus! Mevrouw Vavier. Wethouder Vavier (GroenLinks). De Mosporus. Laten we dan maar eens beginnen met een biertje en dan kijken of het leuk genoeg is om samen naar Turkije te gaan. Ja? De voorzitter. Nou, ik schiet er bijna van vol, wethouder. Gaat u vrolijk verder, want de sfeer zit er nu lekker in! Wethouder Vavier (GroenLinks). Ja, en die sfeer hebben we nodig, voorzitter, want er liggen hier nog twee moties, HvDH.21 en VVD.14, allebei over het plan Haga. Eerst motie HvDH.21, Zet de grootschalige opvangplannen on hold. Het zal geen verrassing zijn dat het college die motie ontraadt. We gaan ermee aan de slag en er start begin volgend jaar een aanbestedingsprocedure. Alles is er nog steeds op gericht om eind volgend jaar te starten met inhuizen. Richard de Mos (Hart voor Den Haag). We hebben in de motie een hele trits aan constateringen gedaan. Als u de motie ontraadt, is het toch wel aardig als u even puntsgewijs stilstaat bij de 25

constateringen en afvinkt hoe het allemaal geregeld is. Daar waren gisteren namelijk wat zorgen over bij de insprekers. Wethouder Vavier (GroenLinks). Dat wil ik natuurlijk met alle liefde doen, maar met uw welnemen was ik ook even aangehaakt op de aansporing aan het college om snel door de moties heen te gaan. We hebben vrij uitgebreid stilgestaan bij de verschillende punten rond veiligheid en leefbaarheid, ook die van de insprekers in het debat. Op dit moment worden daarover afspraken gemaakt met de werkgroep Leefbaarheid en veiligheid. Er komt binnenkort ook een bijeenkomst waarin het veiligheidsplan wordt gepresenteerd. Over het verantwoord zijn van de mix en omvang van doelgroepen heeft het collega al meermaals gezegd dat wij er vertrouwen in hebben dat het goedkomt. In dat plan leefbaarheid en veiligheid zit ook zo'n risicoanalyse, dus ook die komt er binnenkort aan. Ook dat wordt daar gepresenteerd. Er is wel degelijk duidelijkheid over de businesscase; die heeft u ook onder geheimhouding ontvangen, voor het investeringsbesluit dat deze raad in juli heeft genomen. Dat de toegezegde termijn meermaals niet wordt gehaald, bestrijdt het college. We hebben in het investeringsbesluit de datum van 1 juli 2025 genoemd en dat is nu verzet naar 1 november 2025 omdat we het hele plan zelf gaan regisseren in plaats van een deel zelf en een deel door het COA.

De communicatie vanuit het college naar de buurt is vaak onhelder en onjuist, lees ik ook. Ook dat bestrijdt het college en ook daarover hebben we het natuurlijk meermaals gehad. Soms is het erg van interpretatie afhankelijk, maar we hebben zeker verbeteringen doorgevoerd in de manier van communiceren. Het is even gegaan over het verslag. Dat was een verslag dat bij de stukken zat over de stand van zaken Haga. Daar refereerde de VVD aan. Dat is een gecombineerd verslag van de extra bewonersbijeenkomsten van 1, 2, 3, 5 en 6 juli naar aanleiding van de grote bewonersbijeenkomst. Mede op uw verzoek en ook op verzoek van de raad hebben we extra bijeenkomsten gehouden. Dat was nog voor het investeringsbesluit. Die verslagen worden gemaakt door onafhankelijke verslagleggers. De gemeente doet daar geen correcties op. Er staat een passagetje in dat begint met 'De termijn gaat lopen vanaf 1 juli'. Daarna staat er een zinnetje over dat per 1 november de PWO start. Op het moment dat je dat zou kunnen corrigeren … Sowieso is die 1 juli 2025 inmiddels achterhaald door de berichtgeving zoals we die twee weken geleden aan u hebben gestuurd, maar verslagen zijn geen collegebesluiten of raadsverslagen. Die verslagen worden opgesteld door onafhankelijke verslagleggers. Wij willen daar als gemeente ook ver buiten blijven.

We doen dit ook op verzoek van uw raad maar zeker ook op verzoek van de wijk en de bewoners in de wijk, om te zorgen dat er ook wat onafhankelijkheid is. Dan kan het dus inderdaad voorkomen dat er in een verslag, dat dus een oud verslag is, opmerkingen worden gemaakt die inmiddels achterhaald zijn. Vandaar ook dat we de motie van de VVD ontraden die ons vraagt om de termijn te laten ingaan per 1 november jongstleden. De voorzitter. Meneer De Mos voor de tweede maal. Voorzitter: de heer Van Zanen. Richard de Mos (Hart voor Den Haag). Ik begin even bij de constateringen. Het is fijn dat de wethouder haar best doet om die te beantwoorden, maar ik krijg geen duidelijkheid over de vraag of de veiligheid en de leefbaarheid in de wijk worden gegarandeerd. Daarover zegt de wethouder: dat komt nog; er komt nog een brief en we zijn ermee bezig. Ik weet niet of de wethouder op de hoogte is van het feit dat het aantal incidenten met asielzoekers schrikbarend toeneemt, en dat dit precies de zorg is van de insprekers van gisteren. En dan is het antwoord: het komt nog; gaat u rustig slapen. Er gaan allerlei dingen mis. Kijk naar Duinrell, hier dichtbij in Wassenaar. We hebben de insprekers gehoord. De criminaliteitscijfers nemen daar toe. Dat is ook de zorg van de bewoners. Maar de wethouder zegt: het komt nog.

Ook is er geen duidelijkheid over die onverantwoorde mix aan doelgroepen, maar de wethouder zegt: gaat u rustig slapen, want dat komt nog. Zo kan je toch geen besluitvorming doen?

26

Dat moet toch allemaal klip-en-klaar in orde zijn voordat je een besluit neemt en voordat je de buurt opzadelt met zo'n grootschalige opvang? Daar krijg ik graag een reflectie op. En dan zal ik mijn vraag afmaken met de communicatie, voorzitter. De voorzitter ziet er trouwens ineens heel anders uit. Is hij ervan opgeknapt? Nou, toch wel aardig. Over de communicatie liet de wethouder weten met de stichting in overleg te zijn, maar de stichting zegt: dat klopt helemaal niet. Er is geen communicatie, zegt de stichting, niet via de mail, niet via de telefoon en niet fysiek, nul. Dus de communicatie klopt ook al niet. Daar graag nog even op reflecteren. De voorzitter. Hij heeft een betere kapper. Wethouder Vavier (GroenLinks). Daar zal ik geen uitspraken over doen, voorzitter. Om even met het laatste te beginnen: de gemeente Den Haag is in gesprek met de Stichting Wijkbelang Segbroek. Dat is met name het stadsdeel, maar dat is ook de projectleider. Die zijn in gesprek. De stichting heeft namelijk ook gevraagd om op dezelfde manier behandeld te worden als bewonersorganisaties, en daar zijn afspraken over gemaakt met het stadsdeel. Dan het veiligheids- en leefbaarheidsplan.

De veiligheid en de leefbaarheid, het voorkomen van overlast en het met elkaar van gedachten wisselen over hoe we omgaan met ervaren overlast, zijn precies de onderwerpen die we juist heel graag met de wijk hebben opgepakt en waar dus echt al een aantal werkgroepbijeenkomsten over zijn geweest, samen met wijkbewoners, de BIZ, de handhaving, de politie en de zorgverleners die erbij betrokken zullen zijn. Binnenkort is er een presentatie over wat er uit die werkgroepen is gekomen en op welke manier we daar volgend jaar mee aan de slag gaan. Dat is dus ook echt iets waar we druk mee aan de slag zijn. De voorzitter. Meneer De Mos, laatste keer. Richard de Mos (Hart voor Den Haag). Maar dit is toch geen antwoord? Met alle respect. Het Wetenschappelijk Onderzoek- en Datacentrum, WODC, registreerde afgelopen jaar een toename van 43%. Dat is een gigantische toename. Verbale agressie, geweldsincidenten, fysieke agressie, nonverbale agressie en geweld: allemaal bij asielzoekerscentra. U gaat Den Haag opzadelen met een asielzoekerscentrum van meer dan 700 mensen en u zegt gewoon: 'Mensen, ga rustig slapen, want het komt allemaal nog. Over veiligheid zijn we met de buurt in gesprek. Dat komt allemaal nog.' Dat het veilig is en dat de leefbaarheid in de wijk niet onder druk komt te staan, moet toch aan de voorkant goed geregeld zijn? Wethouder Vavier (GroenLinks).

Maar dat is ook aan de voorkant goed geregeld. Wij hebben daar ervaring mee. We vangen namelijk 650 asielzoekers op op de Regulusweg. Er zijn ook allerlei opvanglocaties voor Oekraïense ontheemden. We hebben daar hartstikke veel ervaring mee en we hebben daar ook goede samenwerkingsafspraken over met het COA, dat ook altijd meteen goed reageert. En er komen geen 750 asielzoekers in het HagaZiekenhuis, maar 440. Ook daarover zullen hele strakke, goede afspraken worden gemaakt, ook op basis van de ervaring tot nu toe met het COA. Wij zien dat het in onze eigen asielopvanglocaties en in de locaties voor opvang voor Oekraïense ontheemden op dit moment goed gaat. Af en toe gebeurt daar wat, maar het loopt allemaal naar tevredenheid. Lotte van Basten Batenburg (VVD). Ik hoor de wethouder zeggen dat dit een onafhankelijk verslag is, dat het onafhankelijk gemaakte notulen zijn. Dat is in haar bewoordingen bijna een diskwalificatie. Ik zou denken dat als het een onafhankelijk gemaakt verslag is, we erop mogen rekenen dat het een correct verslag is en dat dit is wat er is gezegd op die avond. Als dat niet zo is, vind ik het heel kwalijk dat het niet gecorrigeerd is richting de buurt. Deze hele zaak, deze hele ophef, draait namelijk voor het grootste gedeelte om fouten in communicatie. En dit verslag wordt ook openbaar gedeeld.

Dan moet daar toch iets over in een brief staan? Ik vind dit echt heel erg, want de hele buurt heeft dit verslag 27

gekregen. De mensen hebben dat ontvangen op 24 juli van dit jaar en leven sindsdien in de veronderstelling dat dit klopt. Wethouder Vavier (GroenLinks). Uiteindelijk gaat het erom wat de communicatie is vanuit de gemeente Den Haag en vanuit het college. En het college is er altijd klip-en-klaar over geweest dat de termijn van vijf tot zeven jaar gaat lopen vanaf het moment van inhuizing van alle doelgroepen. Ook dat is gedeeld in de raadsvergadering en in iedere commissievergadering. Wat betreft de juistheid van de verslagen: dit verslag is een verzamelverslag van verschillende bewonersbijeenkomsten die we extra hebben georganiseerd na die ene bewonersbijeenkomst van juni. Die zijn op 1, 2, 3, 5 en 6 juli geweest. Het is een gecombineerd verslag. In het geval van onafhankelijke verslaglegging vind ik inderdaad dat we echt even goed moeten kijken op welke manier we daar als gemeente correcties op plegen of er eventueel een disclaimer aan koppelen. Uiteindelijk is de formele communicatie vanuit de gemeente over besluiten, dus de formele brieven die in het college zijn afgetikt en die naar de raad en naar de bewoners gaan, de communicatie waar de stad op moet rekenen. Lotte van Basten Batenburg (VVD). Dat vind ik prachtig, want de wethouder heeft net zelf gezegd dat dit een onderdeel is van de stukken die naar de raad zijn gegaan. Dit heeft de wethouder zelf aan de raad gestuurd.

Dit heeft de wethouder zelf laten verspreiden onder de bewoners. Hoe kan de wethouder dan nu zeggen: ja, we hebben het wel meegestuurd maar we hebben het niet zelf gemaakt dus dan is het niet geldig? Dit kan toch niet? Dit is toch weer de buurt voor de gek houden? Wethouder Vavier (GroenLinks). Nee. Dat is echt het ingewikkelde van die verslagen. Ik begrijp ook heel goed de onvrede daarover, maar in deze verslagen van bijeenkomsten van een paar maanden geleden wordt ook weer verouderde informatie opgetekend, of informatie die met de kennis van nu verouderd is. Dat gebeurt er nou eenmaal met bijeenkomsten en met de voortschrijding van dit project. De voorzitter. Laatste keer, mevrouw Van Basten Batenburg. Lotte van Basten Batenburg (VVD). Maar dan moet ik dus concluderen dat de wethouder zegt: 'Het kan zijn dat wij voor de zomer iets zeggen, maar ja, dan kunnen er dingen veranderen en dan is het na de zomer anders. Pech voor de buurt. U zoekt het maar uit. Het is voortschrijdend inzicht. We hebben u in die bijeenkomsten beloofd dat die termijn zou gaan lopen per november 2024.' Het staat hier letterlijk: 'Per november 2024 zal de PWO weer openen. Vanaf dat moment zal ook het termijn van vijf tot zeven jaar gaan lopen.' Het termijn, staat er ook nog. Er wordt nu gelachen, maar ik vind het niet grappig.

Ik vind het gênant en ik vind het verschrikkelijk onbetrouwbaar en onbehoorlijk bestuur naar die wijken toe. Het lijkt mij zo fijn als het college nu zou zeggen: ja, dit staat hier en wij gaan die termijn dan ook laten ingaan op dat moment. Ik wil het de wethouder nog één keer vragen. Doe dat nou, alsjeblieft. Kom je woord na. Wethouder Vavier (GroenLinks). Voorafgaand aan de zinnen die mevrouw Van Basten Batenburg zojuist heeft voorgelezen, staat dat op 1 juli 2025 de inhuizing start. De woorden over de start van de PWO per 1 november 2024 en de woorden 'de inhuizing start vanaf dan', hebben betrekking op die 1 juli 2025. Dat is altijd duidelijk geweest, in alle stukken die zijn gestuurd. Alleen in de laatste communicatie van de gemeente, de stand van zaken Haga of Sportlaan, heeft het college aangegeven dat 1 juli 2025 wordt verzet naar 1 november 2025, om de redenen zoals die zijn toegelicht en zijn besproken in de commissie. Marieke van Doorn (D66). Als er een fout is gemaakt in notulen, is het volgens mij goed gebruik om die gewoon recht te zetten en een gecorrigeerde versie te sturen naar de mensen die die notulen hebben gekregen. Ik wil de wethouder dus vragen om erover na te denken om dat te bewerkstelligen, ook al is er kennelijk verslag gelegd door een externe partij. Toen wij op onze openbare fractievergadering in 28

de Vogelwijk waren, merkten wij namelijk ook dat deze fout in de notulen veel verwarring heeft veroorzaakt. Wethouder Vavier (GroenLinks). Ja, en ik begrijp ook heel goed dat dat verwarring veroorzaakt. Zoals ik zojuist al aangaf, is dat ook echt een worsteling geweest, juist ook omdat er zo'n discussie was over de onafhankelijkheid. Is die notulist wel echt onafhankelijk? Ga je daar dan als gemeente een correctie op plegen of moeten we het op een andere manier doen? Daar zal het college dus ook echt een nieuwe werkwijze voor ontwikkelen of op hanteren. De voorzitter. Een nieuw punt, meneer De Mos? Richard de Mos (Hart voor Den Haag). Ja, natuurlijk, u kent mij als iemand die continu nieuwe punten aanbrengt, al is het moeilijk bij dit college. Ik neem aan dat de volgende keer gewoon iemand van de gemeente de notulen maakt en dat er een toezegging komt dat dit soort fouten niet meer gemaakt gaan worden. Hoe moet dit dan gezien worden? Wie is dan de brogem geweest die dit getikt heeft? Het termijn? Wie was dat? Maar goed, dat is even wat anders. Ik wilde eigenlijk vragen hoe de wethouder reflecteert op de druk die ze uitoefent en op het loslaten van participatie. De bewoners zeggen dat ze een juridisch gevecht aangaan, en dan zegt de wethouder: als jullie dat doen, als jullie dus gebruikmaken van je rechten, dan zal de termijn van vijf tot zeven jaar verder opschuiven.

Dat is toch geen participatie? U was vroeger als raadslid een voorvechter van participatie, maar u lijkt nu wel een halve dictator: krijg ik mijn zin niet, dan gaat de termijn van vijf tot zeven jaar opschuiven. Hoe reflecteert u daarop? De voorzitter. Ook geen halve dictator, maar goed. Wethouder Vavier (GroenLinks). De heer De Mos maakt twee punten in zijn interruptie over de onafhankelijke verslaglegging. Het college heeft gemeend dat te moeten doen, ook op verzoek van uw raad: zorg er nou voor dat niet de indruk gewekt kan worden dat de gemeente iets in het verslag opschrijft wat niet klopt. Nu blijkt dus dat die verslaglegging door een onafhankelijke verslaglegger ook niet helemaal scherp is. Maar als uw raad zegt 'doe het voortaan zelf', doen wij dat voortaan zelf. Dan de uitspraak, die volgens mij uit een krantenartikel komt, dat het opstarten van een procedure een opschortende werking heeft. Dat is gewoon een constatering. Dan duurt het wat langer voordat we kunnen starten en dan duurt het ook wat langer voordat de mensen ingehuisd kunnen worden. Dat is een constatering, niet meer en niet minder. De voorzitter. Meneer De Mos, echt iets nieuws, hè. Anders blijven we bezig. Gaat uw gang. Richard de Mos (Hart voor Den Haag). Ja, het is een belangrijk punt, voorzitter. Het wordt eigenlijk nog erger met de notulen.

Het hoogste orgaan, de raad, heeft dus gezegd dat er een onafhankelijke notulist moet komen. Die doet dat werk en vervolgens is dat werk gedaan en zegt het college: daar gaan we ons niet aan houden, want die startdatum die daar staat, hebben we niet gecontroleerd. Die is goedgekeurd naar de buurt gecommuniceerd en geparticipeerd, maar als die datum er is, is het: foutje, bedankt. Het wordt steeds erger bij u. De raad heeft dus gezegd dat er een onafhankelijk bureau moet komen en nu zegt u: dat bureau is niet goed en daar gaan we lekker niet naar luisteren. Wethouder Vavier (GroenLinks). Volgens mij heb ik hier al vrij uitgebreid op gereageerd, voorzitter. De voorzitter. Dan kijk ik naar mevrouw Van Basten Batenburg. Nog een nieuw punt, mevrouw Van Basten Batenburg.

29

Lotte van Basten Batenburg (VVD). Ik hoorde de wethouder zonet over de verslaglegging zeggen: is hij wel onafhankelijk? Ik vind dat wel een interessant punt. Kan de wethouder dat wat nader toelichten? De wethouder stelde net letterlijk in antwoord op mevrouw Van Doorn de vraag of deze verslaglegging wel onafhankelijk was gebeurd. Dan ben ik dus wel benieuwd wie de verslaglegging heeft gedaan. Wethouder Vavier (GroenLinks). Excuus, het was eigenlijk vooral mijn bedoeling om toe te lichten waarom er is gekozen voor een onafhankelijke verslaglegger. Dat was juist omdat we de schijn van niet-onafhankelijkheid of belangenverstrengeling of wat dan ook wilden voorkomen. Juist daarom is er een onafhankelijke verslaglegger gekomen. Lotte van Basten Batenburg (VVD). Voorzitter, ik vind het vervelend dat dit een tweede interruptie is, want de wethouder geeft geen antwoord op mijn vraag. Ik vraag waarom de wethouder hier hardop de vraag stelt: is hij wel onafhankelijk? Ik heb meegeschreven. Ze zei letterlijk: is hij wel onafhankelijk? Heeft de wethouder vraagtekens bij de onafhankelijkheid van het onafhankelijk ingeschakelde bureau? Wethouder Vavier (GroenLinks). Nee. Die hypothetische vraag had betrekking op de situatie waarin het een verslaglegger vanuit de gemeente zou zijn. De voorzitter. Laatste keer, mevrouw Van Basten Batenburg. Lotte van Basten Batenburg (VVD).

Nou, dat betwist ik dus, voorzitter. De wethouder zei zonet terecht dat ervoor stond: 1 juli 2025. Dat staat ook duidelijk aangegeven in de motie. Ik vind het heel belangrijk om hier te markeren dat de wethouder afstand neemt van een afspraak die eerder, voor de zomer, gemaakt is. Ze zegt: dingen kunnen veranderen; het project is veranderd en dus wordt deze afspraak losgelaten. Ik wil de wethouder echt nog één keer vragen om er eens heel goed over na te denken of ze dat wil doen. Wethouder Vavier (GroenLinks). Hier zijn we ook uitgebreid op ingegaan in de stand van zaken tijdelijke ontwikkeling Haga Sportlaan. Daarin hebben we vrij uitgebreid de reden toegelicht waarom 1 juli niet meer haalbaar is en het 1 november is geworden, met een verwachte inhuizing in de periode tussen september 2025 en januari 2026. De voorzitter. Wethouder, zet u uw betoog voort of was u inmiddels klaar? U bent klaar. Dank u wel, wethouder Vavier. Dan kijk ik naar wethouder Barker. Wethouder Barker (PvdD). Voorzitter. Ik heb best een aantal moties. Ik ga proberen om ze geclusterd te beantwoorden. Allereerst is er de motie over de verduurzaming van vastgoed van maatschappelijke organisaties. Wat erin staat, is sympathiek. Tegelijkertijd doen we het eigenlijk al.

Bij verduurzamings- en onderhoudsprojecten houdt de gemeente namelijk al zo veel mogelijk rekening met het laten doorgaan van de activiteiten van de maatschappelijke organisaties. We gaan snel in gesprek met de organisaties, bijvoorbeeld de huurders. Vaak wordt er dan voor gekozen om het anders te plannen of een ander uitvoeringsmoment te kiezen en wordt er pas op het allerlaatste moment gekeken naar tijdelijke opvang, als het niet op een andere manier mogelijk is. Het De Constant Rebecqueplein is een voorbeeld waarbij we het eigenlijk heel stapsgewijs hebben opgebouwd en we alleen op één plek een externe locatie hebben gekozen. Voor de rest doen we echter al waar de motie toe oproept.

30

Fatima Faïd (HSP). Ik heb een punt van orde. Kunnen de nummers van de moties ook opgenoemd worden, en het liefst ook de naam van de partij erbij? Dan kan ik mijn lijstje goed bijhouden. Ik denk dat dat geldt voor velen van ons. Dank u wel. De voorzitter. Het gaat om de inhoud, hè. Fatima Faïd (HSP). Het gaat altijd om de inhoud, maar haakjes zijn soms ook handig! De voorzitter. U zegt het. Kavish Partiman (CDA). Dank aan de wethouder voor zijn heldere antwoord. Ik ben blij dat dit de inzet is van de gemeente. Tegelijkertijd wordt in de motie ook de zorg genoemd die bij maatschappelijke organisaties bestaat dat zij tijdelijk en soms langdurig uit hun pand moeten als er op een gegeven moment verbouwd of verduurzaamd moet worden, omdat vervangende locaties een probleem zijn. Die zorg zou ik toch graag geadresseerd willen horen door de wethouder. Wethouder Barker (PvdD). Wat de heer Partiman zegt, klopt. Dat is een terechte zorg en daarom spreken we daar ook heel vroeg over met de partijen. Meestal is het dan niet nodig om op een andere plek te gaan zitten. We proberen dat dus juist zo veel mogelijk te voorkomen. Als ze naar een andere locatie zouden moeten, proberen we daarover op een heel vroeg moment in gesprek te gaan, maar de raad heeft het bijvoorbeeld ook gehad over het Haags Historisch Museum.

In dat soort gevallen kan het niet anders dan het gebouw in goed overleg tijdelijk te sluiten, maar over het algemeen proberen we het op te lossen door goed met maatschappelijke organisaties in contact te treden. Dat is dus eigenlijk precies wat het CDA aangeeft. Kavish Partiman (CDA). Het voorbeeld van het Haags Historisch Museum is een terecht voorbeeld, want dat is een heel ander type organisatie dan bijvoorbeeld een buurthuis of een maatschappelijke organisatie in een wijk. En daar liggen precies onze zorgen, want die organisaties hebben een wijkfuncties. Ze hebben binding met de wijk en mensen rekenen erop dat ze er terechtkunnen. Je wilt dus de continuïteit garanderen van de dienstverlening van die organisaties. Kan de wethouder dus toezeggen dat we de garantie hebben dat er, als zo'n gemeentelijk pand verduurzaamd wordt, in het licht van de continuïteit van de dienstverlening wel voor vervangende huisvesting wordt gezorgd voor de periode waarin dat nodig is? Dan kunnen we deze motie wat mij betreft aanhouden, maar dan wil ik wel die toezegging. Wethouder Barker (PvdD). Ja. Veel dank voor deze toegeving. Ik kan dat toezeggen. Als we een gemeentelijk pand verhuren met een normaal huurcontract, voelen we ons ook verantwoordelijk. Wat we bij de De Constant Rebecque hebben gedaan, willen we vaker doen. Dat kan ik dus toezeggen. De voorzitter.

Dus we houden CDA.5 aan? Kavish Partiman (CDA). Ja, voorzitter. We houden CDA.5 aan. De voorzitter. Aangezien motie CDA.5 is aangehouden, maakt ze geen onderdeel meer uit van de beraadslaging. Wethouder, ga gauw door. Wethouder Barker (PvdD). Ja, excuus. Ik zat even te kijken of ik meteen de nummers erbij kon pakken. Ik had de titels namelijk wel. De voorzitter. De partij erbij noemen helpt ook al voor mevrouw Faïd. 31

Wethouder Barker (PvdD). Hiernaast heb ik ook wat vragen gekregen over milieu. Ik begin nu even met de vragen. Er waren twee vragen en een motie over luchtkwaliteit. De VVD heeft een vraag gesteld over de zero-emissiezone. Er werd gevraagd naar garanties. De VVD weet wat je over garanties kan zeggen, maar ik durf te stellen dat we al het denkbare hebben gedaan om ondernemers te bereiken. Iedereen met een bestelbusje heeft een brief gekregen, meerdere zelfs. Ook recent nog hebben ze, met het oog op 1 januari aanstaande, allemaal een brief gekregen met: let op, uw voertuig kan er niet in. Daarnaast hebben we posters in de buitenruimte opgehangen en zijn er gerichte advertenties op social media en radiospotjes geweest. Ik ben ook langs geweest bij heel veel BIZ'en. We spreken ook via MKB Den Haag, VNO en KHN. Die organisaties hebben het ook in nieuwsbrieven verspreid. Ook hebben we een logistiek makelaar. Ik heb dus wel het idee dat we in ieder geval al het mogelijke hebben gedaan om mensen te bereiken. Mensen hebben gewoon post op hun adres gekregen, dus ik heb wel het idee dat we op die manier nagenoeg iedereen hebben bereikt. GroenLinks heeft een vraag gesteld over de luchtkwaliteitmeetstations. Zou je daar een bord aan kunnen koppelen, zoals in het verleden ooit gedaan is? Het klopt dat dat in het verleden is gedaan. Dat was in 2006, dus een tijdje terug.

Het idee is dat op dat bord de luchtkwaliteit weergegeven zou worden volgens die RIVM-meetstations. Dat bord zou per uur geüpdatet kunnen worden. Ik ben bereid om toe te zeggen dat ik wat uitgebreider ga kijken of het mogelijk is om in de buurt van die RIVMmeetstations weer zo'n bord terug te laten komen. Ik kan dus toezeggen om daar dit jaar of begin volgend jaar op terug te komen. Dan heb ik hier nog de motie van GroenLinks over stoken. Ik deel natuurlijk de wens van de GroenLinksfractie om wat te doen aan houtstook, gegeven de schadelijke gevolgen. Tegelijkertijd zijn hier eerder een aantal moties over aangenomen. Sommige van de dingen waarom in deze motie wordt gevraagd, zijn ook al geleverd, bijvoorbeeld in de Voortgangsrapportage luchtkwaliteit. Daarin is voor een deel ook ingegaan op wat er juridisch mogelijk is, maar ik ben bereid om daarover wat meer te zeggen in een brief als deze motie wordt aangenomen. Daarin kan ik dan de voordelen en de nadelen onder elkaar zetten. Het klopt wat GroenLinks zegt: houtstook is en blijft de belangrijkste bron van fijnstof in Den Haag. Dat liet de GGD zien. Ik laat de motie dus aan het oordeel van de raad. Dan een motie van de Partij voor de Dieren over dierenwelzijn, Help dieren uit de brand. Die kan ik oordeel raad geven. Mocht de motie worden aangenomen, dan zijn we bereid om in gesprek te gaan.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15142599/1