RIS320386 Notulen raad 3 oktober 2024
Tekst van het document
Hera Butt (GroenLinks). Ja, zeker, een nieuw stukje doorgaan! De voorzitter. Oké, gaat uw gang. Hera Butt (GroenLinks). Het is een verduidelijkende vraag. Heb ik goed begrepen dat DENK discriminatie van queerpersonen wil tegengaan? Inzet van de overheid hoort daarbij. Wat GroenLinks betreft, betekent dat ook dat het tegengaan van discriminatie soms een zekere zichtbaarheid vraagt, ook in de openbare ruimte. De overheid moet daarin soms ook voorzien met middelen. Kan DENK daar ook achter staan? Adeel Mahmood (DENK). Niet alleen DENK wil dat, maar ik zou dat persoonlijk ook heel graag willen. Ik ben ook blij dat we dit gesprek nu voeren en dat we hierover een open discussie hebben. Misschien helpt het als we hierover doorpraten. Ik vind de uitnodiging van mevrouw Lotte van Basten Batenburg leuk, maar misschien is een kopje koffie ook handig om even verder bij door te praten op dit onderdeel, zodat we elkaar beter begrijpen en ook meer begrip hebben voor elkaars situatie. Ik heb een keer meegemaakt dat iemand in mijn netwerk uit de queercommunity voor een opdracht naar een festival moest. Dat was geen pridefestival maar een ander festival. Ik merkte dat mensen niet met hem naar dat festival toe wilden gaan. Ik was toen degene die zei: kom, we gaan samen. Ik vind het toch goed om dit hier met u te delen ter illustratie, om aan te geven dat deze discussie niet zo zwartwit is.
Het is niet van: dit wel en dit niet. Nee, echt iedereen moet zich welkom kunnen voelen hier in Den Haag. We moeten ook iedereen meenemen. Als mensen achterlopen of hulp of ondersteuning nodig hebben, dan moeten we dat faciliteren. Dat vindt niet alleen mijn fractie, maar ik zit daar persoonlijk ook zo in. Rita Verdonk (Hart voor Den Haag). Dat voorstel van Van Alphen was in 2020. We zijn nu vier jaar verder. Welke voorstellen heeft u toen wel gesteund en welke voorstellen heeft u toen niet gesteund? Want dat zou dan nu weer hetzelfde zijn. Adeel Mahmood (DENK). Dat is een goede vraag. Dan moet ik even graven in mijn geheugen. Volgens mij hadden we toen een digitale vergadering en zat ik in mijn kamertje thuis. Ik kan me niet meer herinneren hoe dat exact is gegaan. Dan moet ik echt graven in mijn geheugen. Maar we hebben gelukkig ook de website van de gemeente Den Haag met daarop de raadsuitzendingen, waarop u dat allemaal terug kan luisteren. Het is misschien goed als ik dat ook even ga doen. Rita Verdonk (Hart voor Den Haag). Ik reageer zo omdat u zonet zei dat u nu voorstellen steunt en niet steunt volgens dezelfde lijn als bij het voorstel van Van Alphen in 2020. Dus wat zijn dan de voorstellen die u wel en niet steunt? Adeel Mahmood (DENK). In hoofdlijnen zijn dat alle voorstellen die raken aan de aanpak van discriminatie. De voorzitter.
Meneer Mahmood, was u aan het eind van uw bijdrage? Adeel Mahmood (DENK). Volgens mij wel, voorzitter, want ik wilde eindigen met dit punt. Tot slot nog een laatste paar zinnen. Daarnaast staan we ook onder een aantal moties van de PvdA en zullen we instemmen met het voorstel. Een stemverklaring over het geheel heb ik zojuist afgegeven. Robin Smit (PvdD). Voorzitter. Ik sta hier met trots, trots om wie ik ben, om van wie ik hou en om wat ik doe. Ik ben ook trots dat het stadsbestuur, het college, en de burgemeester een mooie pride hebben georganiseerd. Dat deed ons allen goed. Voorzitter. Mededogen, respect en verbinding zijn voor de Partij voor de Dieren waarden die leidend moeten zijn in onze samenleving. We staan hier dan ook voor iedereen die 's ochtends uit bed stapt en zich zorgen maakt of hij zichzelf kan zijn, bang is om uitgescholden te worden of om moet 64
kijken wat er achter zijn rug gebeurt. We staan daarom achter deze nota, maar we hebben nog wel een aantal voorstellen. Allereerst willen we integraal kijken naar inclusie. Uitsluiting en discriminatie komen voor in alle lagen van het leven van mensen. Beleid moet daarom integraal worden uitgezet maar ook gemonitord, zodat er ook op andere beleidsterreinen stappen worden gezet om acceptatie en inclusie te vergroten. Mijn fractie vindt het daarom belangrijk dat er meer grip en monitoring komt op het gehele beleid. Daarom dienen wij een motie in met het volgende dictum. Verzoekt het college uitgangspunten op te stellen voor integraal inclusief beleid waaraan te ontwikkelen beleid binnen de gemeente kan worden getoetst, een handreiking op te stellen voor inclusief beleid, die binnen de gemeente als leidraad werkt, en alle lopende actielijnen (ook vanuit andere domeinen) op het thema inclusie op te nemen in het nog te ontwikkelen meetplan, met daarbij ook gekoppelde doelstellingen en tijdspad. Deze motie dien in mede in namens mevrouw Mostert. Massimo Etalle (FVD). Wat voor doelstellingen zouden dit zijn? Robin Smit (PvdD). Daar kan ik heel kort en krachtig over zijn: om gewoon meer te bereiken. Massimo Etalle (FVD). De heer Smit wil meer bereiken, maar in welke richting wil de heer Smit meer bereiken? Dit klinkt namelijk nog niet heel concreet. Robin Smit (PvdD).
Laat ik me dan zo uitdrukken: ik wil aan de goede kant van de geschiedenis staan. Ik hoop dat ik me daarmee goed uitdruk. De voorzitter. Laatste keer, meneer Etalle. Massimo Etalle (FVD). Daar gaat mijn derde interruptie. Wat wil de heer Smit bereiken? Doelstellingen, goede kant van de geschiedenis, meer bereiken: het is allemaal niet concreet. Over wat voor doelstellingen gaat het? Noem een paar doelstellingen die u zou willen bereiken naast aan de goede kant van de geschiedenis staan. Robin Smit (PvdD). Dan kan ik eigenlijk weer helemaal opnieuw beginnen met mijn inbreng. Dat wil ik best doen, maar ik heb daar de spreektijd niet voor. Maar laat ik zeggen dat mededogen, respect en verbinding voor de Partij voor de Dieren waarden zijn die leidend moeten zijn in onze samenleving. Daar kan je toch doelstellingen aan koppelen? De voorzitter. Geen vragen stellen, meneer Smit, want hij mag niet meer antwoorden. U zet uw betoog voort. Robin Smit (PvdD). Uit meerdere onderzoeken blijkt dat ongeveer 20% van de jongeren zegt dat je op school beter niet kunt uitkomen voor je seksuele oriëntatie, terwijl de basisvoorwaarde om goed te kunnen leren en jezelf te kunnen ontwikkelen is dat je je veilig voelt. Al vaak heeft onze fractie gemeld signalen te hebben ontvangen dat voorlichters van het COC niet binnenkomen bij scholen of zelfs dat het starten van een GSA wordt gedwarsboomd.
Helaas blijkt uit inspraak van het COC tijdens het commissiedebat dat nog steeds diezelfde last wordt ervaren. Ik zie een interruptie. Nick Kaptheijns (PVV). Op welke scholen doelt de heer Smit? Is het funderend onderwijs? Het hoger onderwijs? Robin Smit (PvdD). Het gebeurt op verschillende typen onderwijs. Nick Kaptheijns (PVV). Nou ja, verschillende typen … Dit is toch gewoon een hele normale vraag? Je kunt toch gewoon zeggen of het op de basisschool of in het voortgezet onderwijs is? Robin Smit (PvdD). Het gebeurt zowel op het hoger onderwijs als op het middelbaar beroepsonderwijs. Het gebeurt gewoon nog overal. 65
De voorzitter. Laatste keer, meneer Kaptheijns. Nick Kaptheijns (PVV). Ter verduidelijking: ik stel deze vraag omdat we eigenlijk niet zo veel met seks en seksuele voorkeur bezig zouden moeten zijn op de basisschool. Deelt de heer Smit deze mening? Robin Smit (PvdD). Nee. Als ik terugkijk op mijn eigen kindertijd, zie ik dat ik megaveel gepest ben op het middelbaar beroepsonderwijs en het voortgezet onderwijs. Waar werd ik niet gepest? Dat was juist op de basisschool, omdat daar wel gewoon alles bespreekbaar is en iedereen wel in een normale, leuke wereld leeft. Misschien moeten we teruggaan naar de kindertijd. Als ik onszelf een recensie zou moeten geven, zou ik zeggen dat dat hier af en toe wel gebeurt, maar laten we daar dan ook die vrolijkheid aan toevoegen. De voorzitter. Breng ze niet op een idee, meneer Smit. Het duurt me allemaal al lang zat! Gaat u rustig verder. Robin Smit (PvdD). Ik zou er juist voor willen pleiten dat we meer praten over seks en genderdiversiteit. Zo zal de heer Kaptheijns onze partij ook kennen. Daarom dienen we dus een motie in met het volgende dictum.
Verzoekt het college een uitvraag te doen bij schoolbesturen wat de belemmeringen en beperkingen zijn om een GSA op hun school op te richten, periodiek in gesprek te gaan met belangenorganisaties en onderwijsinstellingen en daarin ook te overleggen welke rol de gemeente kan hebben in het faciliteren en ondersteunen van het oprichten van een GSA, en in de voortgangsrapportage hierover te informeren. Ook deze motie dien ik in mede namens mevrouw Mostert. Fatima Faïd (HSP). Even ter verheldering: ik neem aan dat de Partij voor de Dieren ook weet dat de GSA vooral ontstaat door actieve scholieren. Dat is ook de bedoeling ervan. Het is eigenlijk een heel loos symbool als we dat van bovenaf gaan opleggen. Mijn vraag is dus wat deze motie meer doet om veiligheid op scholen te creëren. Want dat zie ik nu even niet. Robin Smit (PvdD). Ik vind het eigenlijk best jammer dat de Haagse Stadspartij hier spreekt over symbolen in het kader van mijn inzet op dit dossier. Dat doet mijn inzet een beetje teniet. Ik denk niet dat deze motie een symbool is. Wij zeggen niet top-down 'daar moet een GSA komen', maar wij hebben van meerdere mensen gehoord dat er belemmeringen zijn, vanuit schoolbesturen of om andere redenen, voor scholieren die wel een GSA willen realiseren. Misschien zijn er ook belemmeringen bij het organiseren van een voorlichtingsles.
Niet alles leidt meteen tot een GSA; misschien wil je eerst een voorlichtingsles organiseren. Ik denk dat we eerst die deur open moeten zetten voordat we verder gaan kijken. Daar doelt deze motie op. Fatima Faïd (HSP). Allereerst zou ik niet durven om u op dit dossier niet deskundig te vinden. Helemaal niet. Het gaat mij erom dat zo'n GSA ontstaat vanuit scholieren. Dat is ook het mooie ervan. Het is ook de kracht van een GSA. Maar als je op een onveilige school zit of je onveilig voelt op school, wat doet deze motie dan primair aan die onveiligheid? Dat was meer mijn vraag. Robin Smit (PvdD). Nu begrijp ik uw vraag beter. Daarover gaat het tweede dictum van de motie. Het gaat erom dat dit onderwerp, dus queeracceptatie op scholen, ook periodiek met schoolbesturen wordt besproken. Iedereen weet dat scholen druk zijn en dat er vaker met scholen wordt gesproken, maar wij vinden dat we dit moeten prioriteren, juist om de veiligheid van de scholieren te garanderen. Want het kan niet een wensenlijstje zijn waarbij we vervolgens hopen dat het misschien ergens een keer wordt besproken. Nee, wij vinden dat je dit stelselmatig moet bespreken. Wij hebben namelijk ook gehoord dat de belangenorganisaties niet altijd aan tafel komen bij schoolbesturen. Dat is zonde en dat zouden we moeten doorbreken. De voorzitter. Laatste keer, mevrouw Faïd. 66
Fatima Faïd (HSP). Dank u wel voor de verheldering. Maar als u het heeft over het aangaan van het gesprek, bedoelt u dan dat de wethouder dit bespreekbaar moet maken als hij met die scholen om de tafel zit? Want wij gaan hier vaak nergens over. Wie moeten er nu regelmatig met elkaar om tafel komen te zitten? Een aantal scholen wil dit namelijk helemaal niet. Robin Smit (PvdD). Ik hoop dat ik u goed begrijp. Er zijn in ieder geval nu al reguliere periodieke gesprekken tussen schoolbesturen en onderdelen van het stadhuis. Omdat die gesprekken er toch al staan, zie ik een win-winsituatie. Zorg dan dat wij vanuit de gemeentelijke kant ook queeracceptatie inbrengen. Dan hoop ik dat het een hele mooie en veilige wereld wordt, mevrouw Faïd. Lotte van Basten Batenburg (VVD). Ik hoorde de heer Smit aan het begin van zijn betoog zeggen dat iedereen zich veilig moet voelen en dat mensen niet achterom zouden moeten hoeven kijken of ze wel veilig zijn. Dat komt natuurlijk altijd ergens vandaan. Je kijkt niet achterom omdat er ineens iets naar beneden valt. Er is iemand die het onveilig máákt. Mijn fractie mist binnen deze aanpak van het college heel erg de aanpak van daders. Dat hebben we ook in de commissie aangegeven. Hoe kijkt de Partij voor de Dieren daarnaar? Robin Smit (PvdD).
Ik denk dat de VVD en de Partij voor de Dieren daarin iets verder van elkaar af staan, omdat wij juist denken dat we preventief moeten werken. Door het op school aan te pakken, hopen we het daarna te voorkomen. Ik denk dat je het bij de wortel moet aanpakken. Daarmee wil ik niet gelijk uitsluiten dat we de daders aanpakken. Dat zeg ik echt niet, maar wij proberen het probleem juist aan de voorkant op te lossen. Lotte van Basten Batenburg (VVD). Dat begrijp ik ook best, en voor een deel ga ik daar ook in mee met de heer Smit, maar het is nú een probleem. Als we moeten wachten tot iedereen die dit probleem veroorzaakt, dus de daders van nu, er niet meer is, ben ik bang dat we nog een jaar of 80 kunnen wachten voordat de heer Smit niet meer over zijn schouder hoeft te kijken. Is de heer Smit het met de VVD eens dat we dat niet mogen laten gebeuren en dat de tolerantie in Den Haag echt nul moet zijn? Robin Smit (PvdD). Ik ga voor een groot deel wel mee met het verhaal van mevrouw Van Basten Batenburg, maar hoe zorg je dan dat je de dader op heterdaad betrapt? Dat is dan uiteindelijk de kwestie. Roze in Blauw is daar bijvoorbeeld echt actief mee bezig. Ik spreek even vanuit mijn eigen ervaring. Je doet een melding en je doet aangifte, maar uiteindelijk komt de dader er wel mee weg, en ik hou hem ook niet vast. Het blijft dan zoeken hoe je daders op heterdaad kunt betrappen.
Ik denk dat je dan weer komt bij het grondbeginsel dat je moet investeren in politie. Dat is iets voor de landelijke overheid. Ik doe nogmaals een oproep aan de kabinetspartijen in ons midden. De voorzitter. Partij. Nee, partijen; je hebt gelijk. Lotte van Basten Batenburg (VVD). Op zich is dit een mooie oproep, die mijn fractie natuurlijk van harte steunt. Maar de conclusie is wel dat er in dit plan, waar jaarlijks € 6 mln. naartoe gaat, niets zit over het aanpakken van daders. Helemaal niets. Dat is voor mijn fractie reden om ertegen te moeten stemmen. Het plan is niet volledig en er gaat heel veel geld naartoe maar het probleem wordt niet bij de wortel aangepakt. Robin Smit (PvdD). Ik denk dat we daarin toch een klein beetje verschillen. Ik denk namelijk wel dat wij een deel van de wortel aanpakken. Een ander deel van de wortel zal ook landelijk moeten worden aangepakt, omdat wij daar als lokale overheid ook niet veel mee kunnen. Onze spaarvarkens zijn namelijk beperkt. De voorzitter. U zet uw betoog voort. Robin Smit (PvdD). Ik sluit af met gendernormen. Om de emancipatie van vrouwen en queerpersonen te bevorderen, moeten ook mannen veranderen. Traditionele overtuigingen over wat mannelijkheid is, 67
moeten we doorbreken. Hier moet meer aandacht voor komen, vandaar de volgende motie. Het dictum luidt: verzoekt het college de rol van de man en daarbij ook gedragsveranderingen van mannen mee te nemen binnen het uitvoeringsprogramma van de nota Inclusief Samenleven om gendergelijkheid te bevorderen, externe expertise in te zetten bij het ontwikkelen van de juiste interventies op het gebied van mannenemancipatie, zoals Emancipator, Atria en Centrum Seksueel Geweld, en hierover te rapporteren in de voortgangsrapportage van de nota Inclusief Samenleven. Fatima Faïd (HSP). U zegt 'mannen', maar ik hoor u ook veel over voorlichting en bewustwording. Heeft u het dan niet in eerste instantie over jongens? Want hoe ga je een dader van seksueel geweld ik noem maar wat - nu met deze motie bereiken? Volgens mij gaat het dan over jongens en niet per se over mannen. Robin Smit (PvdD). Het kan ook over jongens gaan. En jongens zijn mannen, in mijn optiek. Nick Kaptheijns (PVV). Zou de heer Smit kunnen toelichten hoe hij dit precies wil gaan veranderen en wat hij precies wil gaan veranderen? Dit klinkt namelijk als: mannen deugen niet. Ik wil daar heel graag wat meer over horen. De voorzitter. Stilte graag. De heer Smit. Robin Smit (PvdD).
Ik hoor hier nu een suggestie die ik maar niet ga herhalen! Maar wat ik wil veranderen en wat voor wereld ik wil … Volgens mij heb ik daar aan het begin van mijn inbreng iets over gezegd. Het gaat erom dat wij hier al meerdere malen werkbesprekingen en discussies hebben gehad over het aanpakken van geweld van mannen richting vrouwen. Er zijn natuurlijk al best veel goede suggesties gedaan en ik denk ook echt dat we een goede lijn hebben uitgezet, maar wij willen ook de samenwerkingen intensiveren om op preventief gebied nog meer voor elkaar te krijgen. Dat staat hier eigenlijk, kort samengevat. Nick Kaptheijns (PVV). Begrijpt de heer Smit dat het nogal onsamenhangend overkomt? Enerzijds wilt u eigenlijk heel weinig doen op het moment dat het kwaad al geschied is. De VVD refereerde daar ook aan. Dit komt ontzettend veel voor, maar daar wilt u eigenlijk vrijwel niets aan doen. Er wordt ook bijna met geen woord over gesproken. U heeft het alleen over 'preventief' en 'bij de wortel aanpakken', maar daar lossen we de problemen toch niet mee op? Ik zou eerder denken aan vergelding. Robin Smit (PvdD). Het is niet zo dat ik niet wil doen wat de heer Kaptheijns hier zegt, dus dit bij de wortel aanpakken en handhaven. Ik heb niet gezegd dat dat niet moet gebeuren. Maar als je daar geen financiële middelen voor hebt, hoe ga je dan een oplossing realiseren? De voorzitter.
Laatste keer, meneer Kaptheijns. Nick Kaptheijns (PVV). Nou, daar ligt de focus ook helemaal niet in wat u hier betoogt. De focus zou moeten liggen bij: het komt voor en wij moeten dat keihard bestraffen en niet alleen maar zeggen dat we meer blauw op straat moeten hebben. Het moet natuurlijk institutioneel opgelost worden. Er moeten bijvoorbeeld strengere straffen voor komen. Daar gaan wij niet over in dit huis, maar daar zou natuurlijk wel voor gelobbyd kunnen worden. Er zou een warm pleidooi voor gehouden kunnen worden. Al die organisaties die binnen die queer movement zitten, zouden daar ook een warm pleidooi voor kunnen houden. Robin Smit (PvdD). Ik kan het blijven roepen, maar volgens mij heb ik zonet ook het pleidooi gehouden dat het kabinet nu eens met die spaarvarkens moet komen. Dat is een van de eerste dingen die ik hier heb gezegd. Met geld alleen kom je er ook niet, want je moet ook de mensen hebben. Dat is punt twee. Ten derde gebeurt er echt best veel bij Roze in Blauw. Daar hebben we al meerdere keren informatie over gekregen in een werkbespreking. We zijn er ook zelf geweest. Ik heb ze hierover al vaak genoeg gesproken. Zij zijn dus echt wel beter georganiseerd om ervoor te zorgen dat mensen
68
überhaupt aangifte gaan doen. Daardoor kan je ook beter acteren. Als je meerdere aangiftes hebt, kan je beter acteren. De voorzitter. Meneer Etalle, u heeft een nieuw element, hè? Massimo Etalle (FVD). De heer Smit heeft een motie ingediend over een gedragsverandering bij mannen. Nou vraag ik me toch iets af. Wat is een man eigenlijk volgens de heer Smit? De voorzitter. Kort graag, meneer Smit. Robin Smit (PvdD). Sorry, voorzitter, maar het debat zinkt nu naar een niveau dat onder mijn gordel zit. De voorzitter. Dat is een briljante opmerking. Maar het is helemaal niet lollig en zo bedoel je het ook niet. Massimo Etalle (FVD). We kunnen wel lollig doen, maar dit is zeker geen antwoord op mijn vraag. Uit onderzoek blijkt namelijk dat mannen die zich identificeren als vrouw nog vaker zedendelinquent zijn dan normale mannen. Ik vraag me dus af of de heer Smit dit ook meeneemt in zijn motie over een gedragsverandering bij mannen. De voorzitter. Vreselijk. Meneer Smit. Robin Smit (PvdD). Laat ik heel duidelijk zijn: wat we hier vandaag horen, toont nogmaals aan dat we werk moeten maken van acceptatie en inclusie. Daar laat ik het bij. De voorzitter. Laatste keer, meneer Etalle. Massimo Etalle (FVD).
Accepteert de heer Smit dan gewoon dat mannen die zich identificeren als vrouw vaker zedendelinquent zijn? Vindt hij dat we dat moeten includeren in onze samenleving? Of vindt de heer Smit dat daar geen plek voor is? Robin Smit (PvdD). Laat ik hierop als volgt reageren. Ik vind het stuitend dat hier groepen worden weggezet. Ik bevecht hier ieder recht, omdat iedereen ertoe doet. Het stoort mij enorm dat iemand in dit huis dit bezigt. Ik ga hier gewoon verder niet op in. Ik ben er klaar mee! De voorzitter. Door de heer Smit, daartoe gesteund door mevrouw Mostert, worden de volgende moties (H.7 PvdD en H.9 PvdD) ingediend:
Motie H.7 PvdD Inclusie op alle beleidsterreinen De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 3 oktober 2024, ter bespreking van het voorstel van het college Nota Inclusief Samenleven: allemaal anders, iedereen Haags (RIS318932). Constaterende, dat: ▪ inclusief samenleven verschillende beleidsterreinen raakt waaronder Wonen, Onderwijs, Werk en Inkomen, Zorg en Welzijn, Kunst en Cultuur en Sport; ▪ er acties lopen vanuit verschillende beleidsterreinen die inclusief samenleven moeten bevorderen, maar er in de Nota Inclusief Samenleven nog onduidelijk is hoe de coördinatie verloopt en actielijnen worden uitgewerkt en gemonitord. Overwegende, dat: ▪ discriminatie en uitsluiting plaatsvindt op verschillende terreinen in het leven van Haagse inwoners zoals op school, op werk en op de sport vereniging; 69
▪ ▪
het van belang is dat niet alleen vanuit de Nota Inclusief Samenleven naar het thema wordt gekeken, maar dat vanuit alle beleidsterreinen dit thema moet worden opgepakt; inclusie en antidiscriminatie naast domeinoverstijgend ook moeten worden meegenomen aan de voorkant, van te ontwikkelen beleid;
Verzoekt het college: ▪ uitgangspunten op te stellen voor integraal inclusief beleid waaraan te ontwikkelen beleid binnen de gemeente kan worden getoetst; ▪ een handreiking op te stellen voor inclusief beleid, die binnen de gemeente als leidraad werkt; ▪ alle lopende actielijnen (ook vanuit andere domeinen) op het thema inclusie op te nemen in het nog te ontwikkelen meetplan, met daarbij ook gekoppelde doelstellingen en tijdspad. En gaat over tot de orde van de dag.
Motie H.9 PvdD Prioriteer queeracceptatie op scholen De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 3 oktober 2024, ter bespreking van het voorstel van het college Nota inclusief samenleven: Iedereen anders, allemaal Haags (RIS318932). Constaterende, dat: ▪ momenteel 23 van de 102 VO scholen in Den Haag een Gender & Sexuality Alliance (GSA) hebben; ▪ in de Nota Inclusief Samenleven geen nieuwe doelen zijn opgenomen die we als stad willen behalen wat betreft queeremancipatie en veiligheid voor queerjongeren op scholen. Overwegende, dat: ▪ al langer signalen bekend zijn dat belangenorganisaties, studenten of docenten zelf tegen belemmeringen aan lopen voor het starten van een GSA of andere activiteiten ten behoeve van het bevorderen van acceptatie en tolerantie richting queer personen; ▪ dit signaal tijdens de commissievergadering wederom werd bevestigd. Van mening, dat: ▪ iedere wijk in Den Haag minstens 1 school moet hebben met een GSA, om inclusie en veiligheid te bevorderen.
Verzoekt het college: ▪ een uitvraag te doen bij schoolbesturen wat de belemmeringen en beperkingen zijn om een GSA op hun school op te richten; ▪ periodiek in gesprek te gaan met belangenorganisaties en onderwijsinstellingen en daarin ook te overleggen welke rol de gemeente kan hebben in het faciliteren en ondersteunen van het oprichten van een GSA; ▪ in de voortgangsrapportage hierover te informeren. En gaat over tot de orde van de dag. De voorzitter. Door de heer Smit wordt de volgende motie (H.8 PvdD) ingediend:
Motie H.8 PvdD Ook mannen moeten veranderen voor gendergelijkheid De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 3 oktober 2024, ter bespreking van het voorstel van het college Nota Inclusief Samenleven: allemaal anders, iedereen Haags (RIS318932).
70
Constaterende, dat: ▪ 45% van alle vrouwen ooit in haar leven fysiek en/of seksueel geweld meemaakt; ▪ maatschappelijke opvattingen over gendernormen vaak ten grondslag liggen aan geweld tegen vrouwen; ▪ via deze gendernormen jongens en mannen van jongs af aan meekrijgen dat seksistisch en gewelddadig gedrag mannelijk is. Overwegende, dat: ▪ de overheid een verplichting heeft om geweld tegen vrouwen te voorkomen en te bestrijden; ▪ uit onderzoek blijkt dat mannen een cruciale rol spelen om gendergelijkheid te bereiken. Verzoekt het college: ▪ de rol van de man en daarbij ook gedragsveranderingen van mannen mee te nemen binnen het uitvoeringsprogramma van de Nota Inclusief Samenleven om gendergelijkheid te bevorderen; ▪ externe expertise in te zetten bij het ontwikkelen van de juiste interventies op het gebied van mannenemancipatie, zoals Emancipator, Atria en Centrum Seksueel Geweld; ▪ hierover te rapporteren in de voortgangsrapportage van de Nota Inclusief Samenleven. En gaat over tot de orde van de dag. De moties maken onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Hera Butt (GroenLinks). Voorzitter. Ik moet toch even bijkomen van wat er zonet aan het eind van de termijn van de Partij voor de Dieren is gezegd. Ik vind het eigenlijk wel kwalijk dat het zo gaat en dat mensen zo met elkaar omgaan, tot verdriet aan toe. Ik wil dat wel even gezegd hebben, want ik vind dat erg.
Dan ga ik nu naar mijn eigen spreektekst. Den Haag staat voor inclusie. We zijn daarom ook bij met deze nota Inclusief Samenleven. Hagenaars laten zich niet vangen in hokjes en dat komt ook mooi terug in deze nota, met de ondertitel 'Allemaal anders, iedereen Haags'. Complimenten daarvoor. Mijn inhoudelijke punten heb ik in de commissie al gemaakt, dus ik ga die hier vanwege de tijd niet allemaal herhalen. Mijn fractie staat ervoor dat iedereen zichzelf moet kunnen zijn in Den Haag, ongeacht je uiterlijk, je godsdienst of van wie je houdt. Wel zou ik nog even terug willen komen op een onderwerp dat ik ook heb aangestipt tijdens de commissie. We hebben daarop toen nog niet echt een antwoord gekregen. Mijn fractie ontvangt verschillende signalen vanuit regenboog- en meeroudergezinnen die hindernissen ervaren op het gebied van zorg, onderwijs en sport. Wat mijn fractie betreft, organiseert de gemeente daarover dialooggesprekken met deze doelgroep, om deze hindernissen beter in kaart te brengen en hiervoor oplossingen te bedenken. Ik hoor graag van de wethouder of zij bereid is om dit toe te zeggen. Tot slot. Helaas blijkt nog steeds dat deze nota hard nodig is. Niet iedereen kan zichzelf zijn en niet iedereen voelt zich veilig of ís veilig in onze stad. Er is nog te veel discriminatie en uitsluiting, op de arbeidsmarkt maar ook gewoon op straat.
In de commissie benoemde ik diverse incidenten met bijvoorbeeld moslima's die agressief zijn bejegend in Den Haag vanwege hun hoofddoek. We hebben vorige week tijdens het commissiedebat over veiligheid van vrouwen met een hijab gehoord wat zij meemaken in Den Haag en hoe ze zich voelen. En natuurlijk hoorden we dat vanochtend van inspreker mevrouw Benali ook weer. Het is goed dat het college een aanpak ontwikkelt om moslimdiscriminatie - het is hoog tijd daarvoor - en haat tegen te gaan, en daarvoor in gesprek gaat met ervaringsdeskundigen, samen met de burgemeester. Mensen die ik spreek, waarderen dit echt enorm. Mijn fractie zal dit nauw volgen en heeft in dit kader ook een manifest tegen moslimdiscriminatie opgesteld, dat het college vandaag zal ontvangen, net als de raad natuurlijk. Dan het afschuwelijke incident recentelijk in de tram, waar jullie waarschijnlijk allemaal mee bekend zijn. Geïnspireerd door de omstander die zich daarbij heeft uitgesproken tegen de intimidatie, heb ik de volgende motie, met de titel 'Wees geen stille omstander, spreek je uit!' Het dictum luidt als volgt. Verzoekt het college de mogelijkheden in kaart te brengen voor een brede publiekscampagne in Den Haag over het omstandereffect en het uitspreken bij het zien van discriminatie, intimidatie of 71
ander grensoverschrijdend gedrag, eventueel en graag in samenwerking met de HTM, discriminatie.nl, Slachtofferhulp en andere relevante partijen, en de raad over de voortgang hiervan te informeren. Marije Mostert (D66). Dank aan GroenLinks. Dit is een heel belangrijk thema. Is mevrouw Butt zich ervan bewust dat de bystandertraining al in Den Haag wordt aangeboden, onder andere aan diverse welzijnsorganisaties? Hera Butt (GroenLinks). Ja. Marije Mostert (D66). Ik was heel benieuwd wat GroenLinks dan hoopt dat er nu extra gaat gebeuren binnen de stad. Wat is de verwachting van deze motie? Ik ben even op zoek naar de meerwaarde, want het klinkt enigszins overbodig. Hera Butt (GroenLinks). Wat GroenLinks betreft is dit zeker niet overbodig. We zien in de stad nog steeds veel discriminatie, intimidatie en grensoverschrijdend gedrag. Het tramincident laat duidelijk zien dat we in de goede richting zitten, maar dat we er nog lang niet zijn. Wat GroenLinks betreft zou er een brede publiekscampagne uitgerold moeten worden, bijvoorbeeld in het openbaar vervoer. Ook op straat zou die zichtbaar moeten zijn. Dat is dus niet alleen voor welzijnsorganisaties maar echt breed, voor iedereen, ook voor u en mij, zodat wij het onszelf ook aantrekken: als je iets ziet, spreek je dan uit, als dat veilig voelt natuurlijk.
We moeten het echt met z'n allen doen en GroenLinks vindt dat dat voor nu beter en intensiever kan. De voorzitter. Laatste keer, mevrouw Mostert. Marije Mostert (D66). Ik ben wel benieuwd wat GroenLinks en mevrouw Butt vinden van de campagne die er nu is. Ik weet niet of u bekend bent met de campagne tegen straatintimidatie. Daarin wordt ook echt stevig gerefereerd aan de omstanders. Wat vindt mevrouw Butt verder van die campagne? Hera Butt (GroenLinks). Ik vind het een goede stap. Ik vind het mooi dat het college dit doet en dat de gemeente Den Haag zich daarvoor inzet. Ik denk wel dat het nog intensiever kan, zeker gezien het tramincident. Persoonlijk zou ik het gegeven van een omstander die zich zo uitspreekt - wat GroenLinks betreft is hij een soort held - wel uitmelken, denk ik, en groot neerzetten in een campagne. Dan zien mensen: o ja, zo kan het ook, en mensen staan achter je als je dit doet. Rita Verdonk (Hart voor Den Haag). U wilt weer een grote publiekscampagne. Zou dat nou wel zin hebben? Als mensen iets in de tram tegen iemand willen zeggen, denken ze toch ook: straks heeft hij een mes in zijn zak en dan is het gebeurd? Hera Butt (GroenLinks). De zorg van Hart voor Den Haag dat het niet altijd veilig kan, deel ik.
Ik moet eerlijk zeggen dat ik zelf in Den Haag ook op bepaalde momenten denk: zal ik hier wat van zeggen of zal ik gewoon doorlopen? Die zorg deel ik, en ik vind het eigenlijk ook erg van mezelf dat ik dan zo denk en vaak ook doorloop. En als het om anderen gaat, is het natuurlijk nog erger. Dan denk je: ik ben een omstander en ik heb niks gedaan. Ik zou willen voorkomen dat we straks echt doorlopen als maatschappij, terwijl polarisatie en geweld op straat steeds erger worden, bijvoorbeeld door de messen waar Hart voor Den Haag het over heeft. Rita Verdonk (Hart voor Den Haag). Ik ben blij dat we elkaar daarin vinden, want ik herken dat gevoel ook. Maar zou een publiekscampagne nou echt gaan helpen om dit te veranderen? Hera Butt (GroenLinks). Ik denk niet dat het de oplossing is. Ik denk wel dat het kan bijdragen aan een oplossing. Ik denk dat dé oplossing misschien wel bij ons allemaal zit, en bij hoe wij ons gedragen. Ik denk niet dat een publiekscampagne ieders gedrag kan veranderen of beïnvloeden, maar wat GroenLinks betreft moeten we wel alles inzetten om die verandering in gang te zetten. Wat
72
GroenLinks betreft zou dit een manier kunnen zijn waarmee we wellicht de goede richting op kunnen gaan. GroenLinks vraagt om maximale inzet van het college hierop. De voorzitter. Laatste keer, mevrouw Verdonk. Rita Verdonk (Hart voor Den Haag). Ja, voorzitter, ik weet het. Wat denkt mevrouw Butt dat zo'n campagne kost? Hera Butt (GroenLinks). Ik heb geen idee. Ik ben benieuwd. Ik ga dat als vraag doorgeven aan het college, want ik weet niet hoeveel het kost, nee. De voorzitter. Ik denk dat u nu uw betoog kunt voorzetten. Hera Butt (GroenLinks). Ik ben klaar, voorzitter. De voorzitter. Dan kunnen we naar de volgende spreekster, mevrouw Mostert van D66. Nee, ik zie toch nog een interruptie. Lotte van Basten Batenburg (VVD). Ik heb even gewacht met interrumperen, omdat ik mevrouw Butt eerst haar verhaal wilde laten afmaken. Er ligt nu een nota met acties voor, de ene wat concreter dan de andere. Er is € 6 mln. per jaar beschikbaar voor het uitvoeren van die acties. Wat verwacht GroenLinks nou als concreet resultaat van deze acties? Waar staan we over vier jaar, als al deze acties zijn uitgevoerd, en hoe meten we dat? Hera Butt (GroenLinks).
Wat GroenLinks betreft, moet de nota bijdragen aan meer inclusiviteit en minder exclusiviteit, dus minder discriminatie, minder geweld en minder grensoverschrijdend gedrag, en aan het gevoel van mensen in Den Haag dat ze vrij en veilig zichzelf kunnen zijn. Lotte van Basten Batenburg (VVD). Ik vind dat natuurlijk hele mooie woorden, en met het een ben ik het misschien nog net iets meer eens dan met het ander. Zeker op dat laatste, dus je vrij en veilig voelen in Den Haag, vinden we elkaar. Het was ook de titel van ons verkiezingsprogramma als Haagse VVD. Maar hoe gaan deze acties daar nou concreet aan bijdragen? Want mijn fractie mist de concreetheid van die acties. Wat zijn nou de doelen, hoe gaan we die behalen en hoe gaan we bekijken of die acties ook gewerkt hebben? Hera Butt (GroenLinks). Als voorbeeld draag ik dan even het stuk aan over het bestrijden van moslimdiscriminatie. Ik verwacht van het college dat daar goede gesprekken over worden gevoerd met ervaringsdeskundigen, met belangenbehartigers en met mensen met expertise op dat gebied, en dat het college dan op korte termijn met een goede aanpak komt, waar hopelijk een groot deel van de mensen waar het over gaat zich in kan herkennen. Ik denk niet dat we over vier jaar helemaal geen moslimdiscriminatie meer hebben op de arbeidsmarkt of op straat in Den Haag.
Dat denk ik niet, maar ik hoop wel dat de situatie verbetert en de inzet van het college vruchten afwerpt in de gemeenschap waarin we leven. Maar ik kan ook niet heel concreet voorspellen dat de nota, en uiteindelijk de aanpak tegen moslimdiscriminatie, zorgt voor 'een daling van 20%' of 'meer veiligheidsgevoel'. De voorzitter. Laatste keer, mevrouw Van Basten Batenburg. Lotte van Basten Batenburg (VVD). Ik snap heel goed dat dat moeilijk te voorspellen is voor GroenLinks. Aan de andere kant mag men van ons verwachten dat we weten waar het beleid toe leidt dat we in dit huis maken, en zeker als we er zo veel geld aan uitgeven. Daarover hoor ik wel wat dromen van GroenLinks, maar geen concrete doelen. Ik ken zeker de fractievoorzitter van GroenLinks als iemand die zich erg inzet voor harde en meetbare resultaten en voor het zorgvuldig omgaan met belastinggeld. Ziet GroenLinks dat nu echt terug in deze nota?
73
Hera Butt (GroenLinks). GroenLinks ziet in ieder geval terug dat dit college inclusiviteit in de stad heel erg serieus neemt, er een inzet op wil doen en er geld voor vrijmaakt. Als de VVD daar nadere ideeën bij heeft, zou de GroenLinksfractie daar op zich wel open voor staan. Ook zijn de tussenevaluaties en actieplannen die het college in de nota heeft aangekondigd natuurlijk allemaal momenten waarop de raad kritisch mee kan kijken en mee kan praten. Ik neem het in ieder geval echt op me om te monitoren wat het college precies gaat doen, en het liefst met resultaten natuurlijk. Want daar doen we het wel allemaal voor: het moet wat betekenen voor de stad en de mensen. Nick Kaptheijns (PVV). In toenemende mate heeft de Joodse gemeenschap te maken met antisemitische incidenten, bijvoorbeeld op scholen en hier op de universiteit. Wat vindt mevrouw Butt eigenlijk van wat er in de nota staat om dat tegen te gaan? Hera Butt (GroenLinks). Het is goed dat het college daar aandacht aan heeft besteed. Dit is natuurlijk een zorg in Den Haag. Het college heeft ook aangekondigd om met een plan te komen en daar ben ik heel benieuwd naar. Nick Kaptheijns (PVV). Wat vindt mevrouw Butt van het voornemen om op 7 oktober een sit-in te organiseren op Den Haag Centraal? Is mevrouw Butt voornemens om daar zelf ook weer bij aanwezig te zijn? Hera Butt (GroenLinks). Ik begrijp de vraag niet helemaal.
Wat ik vind van een voornemen van het college om een sit-in te organiseren? Waar heeft de PVV het over? De voorzitter. Laatste keer, meneer Kaptheijns. Nick Kaptheijns (PVV). Laatste keer? Dit vind ik wel heel vreemd, want ze loopt deze vraag eigenlijk gewoon een beetje te saboteren. Laten we het daar maar op houden. Ik heb het college helemaal niet genoemd en mevrouw Butt weet heel goed waar het over gaat. Er wordt een sit-in georganiseerd op vijftien stations in Nederland, waaronder ook Den Haag Centraal, op 7 oktober. Op 7 oktober gaan mensen daar dus zitten om zogenaamd te demonstreren tegen Israël. Ik wil wel graag de mening van mevrouw Butt daarover weten, zeker als ze hier hoog van de toren staat te blazen over inclusie et cetera, en vooral over moslimdiscriminatie natuurlijk. Hera Butt (GroenLinks). Dan gaan we toch naar wat GroenLinks vindt van het demonstratierecht, even een sidetrack. GroenLinks staat voor het demonstratierecht van iedereen, ook in Den Haag. Dat wordt maximaal gefaciliteerd wat GroenLinks betreft. Wat ik persoonlijk vind van de inhoud van bepaalde demonstraties, is niet relevant in deze raad en dat is het tot nu toe ook niet geweest. De voorzitter. Door mevrouw Butt wordt de volgende motie (H.10 GL) ingediend:
Motie H.10 GL Wees geen stille omstander, spreek je uit! De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 3 oktober 2024, ter bespreking van Voorstel van het college inzake Nota Inclusief Samenleven: allemaal anders, iedereen Haags (RIS318932). Overwegende, dat: ▪ het Omstander effect (of 'bystander effect’) “het fenomeen is waarbij een groep mensen toekijkt bij een noodsituatie, maar niemand in actie komt. De theorie zegt bovendien dat hoe meer mensen er toekijken, hoe minder ze geneigd zijn om een slachtoffer te hulp te schieten.” (definitie: slachtofferwijzer.nl); ▪ er recent in een Haagse tram een incident heeft plaatsgevonden dat veel in de media is gekomen. Het ging om een persoon die werd geïntimideerd/uitgescholden vanwege het dragen van nagellak. Een omstander greep in door zich uit te spreken. 74
Constaterende, dat: ▪ er ook in Den Haag helaas nog te vaak sprake is van racisme, discriminatie, (zinloos) geweld en uitsluiting op verschillende gronden. Van mening, dat: ▪ het bewonderenswaardig is dat de omstander in de Haagse tram zich heeft uitgesproken en is opgekomen voor het slachtoffer; ▪ niet alleen formele handhavende instanties een rol zouden moeten spelen bij het tegengaan van discriminatie, intimidatie of ander grensoverschrijdend gedrag, maar omstanders ook een rol zouden kunnen spelen op het moment zelf; ▪ een brede (en verantwoorde) publiekscampagne over je uitspreken als je getuige bent van discriminatie, intimidatie of ander grensoverschrijdend gedrag, bij kan dragen aan gedragsverandering in de samenleving en solidariteit. Verzoekt het college: ▪ de mogelijkheden in kaart te brengen voor een brede publiekscampagne in Den Haag over het omstandereffect en het uitspreken bij het zien van discriminatie, intimidatie of ander grensoverschrijdend gedrag, eventueel in samenwerking met de HTM, Discriminatie.nl, Slachtofferhulp en andere relevante partijen; ▪ de raad over de voortgang hiervan te informeren. En gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Marije Mostert (D66). Voorzitter. Dank aan het college voor deze nota. We hebben al behoorlijk wat besproken, eerst in de commissie en nu hier.
Het uitgangspunt van D66 is dat iedereen in Den Haag vrij en veilig zichzelf moet kunnen zijn. En zo vanzelfsprekend is dat dus niet, getuige ook de discussie van vandaag in deze zaal. Wat ons betreft maken we daarin geen onderscheid. Het maakt niet uit of je van kleur bent, welk geloof je hebt of hoe je eruitziet; wij zijn er voor iedereen. Massimo Etalle (FVD). Mevrouw Mostert zegt dat de discussie van vandaag onderschrijft dat niet iedereen veilig is of zich thuis voelt in Den Haag. Welke discussie bedoelt zij en hoe onderschrijft die discussie dit? Marije Mostert (D66). Het is belangrijk om ook goed te luisteren als je een debat voert. Ik zei dat de discussie die hier in de afgelopen uren heeft plaatsgevonden aantoont hoe belangrijk het is om aandacht te besteden aan dit onderwerp. De voorzitter. U zet uw betoog voort. Marije Mostert (D66). Ik wil vanuit onze fractie graag de nadruk leggen op de regenboogcommunity. We hebben de wethouder voorafgaand aan de commissievergadering een actieplan overhandigd van mijn college Peter Mekers en mijzelf. We wachten de spoedige reactie van de wethouder af. Ik wil hier ook absoluut niet mijn hele inbreng gaan herhalen, maar wel een aantal speerpunten benoemen. Dat is met name het versterken van Roze in Blauw; er werd zonet al aan gerefereerd.
Het is natuurlijk hartstikke goed dat Roze in Blauw er is, maar wat D66 betreft, zou het heel mooi zijn als wij als Den Haag met een pilot kunnen komen, als eerste stad van … Dit is ook voor de burgemeester heel belangrijk om te horen! Het zou heel mooi zijn als Den Haag als eerste stad van Nederland een pilot zou gaan draaien met Roze in Blauw als een betaalde functie, dus niet als iets wat je erbij doet. Daartoe roep ik hier dus op, want het is gewoon erg belangrijk dat we dit versterken. Nu is het een taak die erbij komt, en de politie is al behoorlijk overbelast. Ook op scholen moet het veilig zijn. Het debat ging daar zonet al over. Je moet veilig en zichtbaar jezelf kunnen zijn en een school moet een veilige omgeving zijn om samen te komen. 75
Voorlichting op scholen is belangrijker dan ooit. Het praten over seksueel gewenst gedrag voorkomt eventueel seksueel misbruik en is dus essentieel in de aanpak. Dat wilde ik hier toch nog even benoemen, zeker vanwege de meer conservatieve tegenwind die er op dit moment door ons land waait. Zonet werd het al even genoemd: het is een hele mooie nota, maar wat verwachten we nu en wat gaat er uiteindelijk gebeuren? Ik heb die vraag ook gesteld tijdens de commissie en toen heeft de wethouder aangegeven dat dit een nota is en dat er nog verschillende uitvoeringsberichten naar ons toe komen. Daar zijn we heel benieuwd naar, want als je doelen stelt, wil je die doelen natuurlijk ook graag behalen. Wij kijken daar dus erg naar uit en we gaan het kritisch volgen. Tot slot wil ik toch nog één punt benoemen. Wat D66 betreft, wordt het internationaal homomonument een trouwlocatie; dat gaf u ook aan. Het college heeft gezegd dat het dat gaat onderzoeken. Hierbij doe ik een oproep aan de kijkers thuis en aan u allen hier in de zaal. Mocht u trouwplannen hebben en kiezen voor dit schitterende monument, dan meld ik mij alvast aan als babs, beschikbaar op die dag. Hinke de Groot (CDA). Voorzitter. Het CDA staat voor een inclusieve samenleving waarin iedereen zich thuis voelt en zichzelf kan zijn. Een samenleving kunnen we alleen zijn als we het ook samen doen.
Daarin hebben volgens het CDA ook maatschappelijke organisaties een cruciale rol. Onze Astrid Frey heeft daar al een uitgebreid betoog over gehouden in de commissie. Ik zal me dan ook beperken tot het indienen van een motie, die mede door haar is voorbereid, met als titel 'Maatschappelijke organisaties horen bij de participatiestrategie voor een inclusieve samenleving'. Het dictum luidt: roept het college op in de participatiestrategie maatschappelijke organisaties op te nemen, en maatschappelijke organisaties in beleid rondom participatie explicieter te benoemen, en ook op te nemen in de genoemde perspectievenaanpak, in de focusgroepen, bij de online uitvragen en bij te voeren interviews. Deze motie is mede ingediend door de heer Mahmood van DENK en mevrouw Verdonk van Hart voor Den Haag. De voorzitter. Door mevrouw De Groot, daartoe gesteund door de heer Mahmood en mevrouw Verdonk, wordt de volgende motie (H.11 CDA) ingediend:
Motie H.11 CDA Maatschappelijk organisaties horen bij de participatiestrategie voor een inclusieve samenleving De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 3 oktober 2024, ter bespreking van het Voorstel van het college inzake Nota ‘Inclusief samenleven, allemaal anders, iedereen Haags’ (RIS318932). Constaterende dat: • de participatiestrategie bedoeld is om met de stad in gesprek te blijven over het beleid voor inclusief samenleven en de toepassing ervan; • de strategie zich specifiek richt op individuele inwoners en slechts in één zin aangeeft dat er ook gesproken gaat worden met ‘partners’ en ‘bekende partijen’; • dat onze stad sportverenigingen, buurthuizen, bewonersorganisaties, scouting, organisaties voor kunst en cultuur, vrijwilligersorganisaties kent; • deze partijen effecten van beleid voor de samenleving ten volle kunnen ervaren en ideeën over de toepassing ervan hebben. Overwegende dat: • maatschappelijke organisaties een cruciaal onderdeel zijn van het sociale weefsel van de stad; • maatschappelijke organisaties en belangrijke bijdrage leveren aan de samenleving in Den Haag; • inwoners niet op zichzelf staan, maar samenkomen in allerlei verschillende soorten maatschappelijke organisaties, of er op één of andere manier mee te maken hebben;
76
•
er in de perspectieven aanpak en onderzoeksmethoden voor het ophalen van informatie, zoals interviews en focusgroepen, ook vertegenwoordigers van maatschappelijke organisaties opgenomen kunnen worden.
Roept het college op: • in de participatiestrategie maatschappelijke organisaties op te nemen; • maatschappelijke organisaties in beleid rondom participatie explicieter te benoemen, en ook op te nemen in de genoemde perspectievenaanpak, in de focusgroepen, bij de online uitvragen en bij te voeren interviews. En gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Massimo Etalle (FVD). Voorzitter. Allereerst wil ik even terugblikken op wat er zonet is gebeurd. Ik stelde een vraag aan de heer Smit en nog voordat die beantwoord was, werd mijn vraag door de voorzitter 'vreselijk' genoemd. En nadat de heer Smit boos stampvoetend weggelopen is, ben ik door hem een klootzak genoemd. Ik wil daar excuses voor, van de heer Smit vooral. De voorzitter. Jajaja. Weet u, zullen we … Eén. Ik bemerk dat de woorden, de wisseling van argumenten, aan meerdere kanten, bij de spreker en ook bij mij, de nodige emoties heeft opgeroepen. Ik ga dat nu ook gewoon zeggen, want ik weet hoe ingewikkeld het is. Ik weet ook dat we hierop bij het fractievoorzittersoverleg ongetwijfeld even terug zullen komen. Het is voor mij onmogelijk om ieder als stelling of feit gepresenteerd statement te beoordelen op waarheidsgehalte. Als u dat denkt: dat kan ik niet. Het werd ook niet bestreden. Ik heb dat dus gezien als een feit.
Ik wil hier wel in het openbaar zeggen dat zelfs als het een feit zou zijn, ik het zeer - wat is ook alweer het woord in het Reglement van orde? - onbetamelijk of onprettig vind, in mijn eigen woorden, dat daarmee de suggestie wordt gedaan om een hele groep te schande te zetten. Dat wilde ik gezegd hebben. Twee. Ik was er niet bij, dus ik weet niet welke betiteling of welk woord onder welke omstandigheden tegen u is gebruikt. Ik vind het onbetamelijk als raadsleden elkaar voor de camera of achter de camera zo betitelen, maar ik snap wel dat emoties soms hoog oplopen. We hebben het erover in het fractievoorzittersoverleg. U zet uw betoog voort, meneer Etalle. Gaat uw gang. O nee, meneer Smit, met een punt van orde of een persoonlijk feit, denk ik. Robin Smit (PvdD). Laat ik eerst zeggen wat ik heb gezegd. Ik heb 'graftak' gezegd en geen 'klootzak'. Dat wil ik bij dezen gewoon gezegd hebben. Het zijn misschien niet de juiste bewoordingen - dat weet ik allemaal - maar wat er ook werd gezegd schendt voor mij meer de gedragscode die wij als raadsleden met elkaar hebben vastgesteld, ook naar de buitenwereld, die wij dienen, en ook naar de mensen die op ons stemmen. Daarom vond ik het wel gepast om in te grijpen op desinformatie die werd gedeeld in ons huis. Dat betreurt mij gewoon en dat gaat me aan het hart. Dat heb ik ook gezegd.
Ik ga evengoed met iedereen door één deur, maar door dat soort dingen te bezigen in ons huis, torn je aan de gedragscode die wij hier met elkaar samenstellen. De voorzitter. We hebben het erover. Dank u wel. Gaat uw gang, meneer Etalle. Massimo Etalle (FVD). Biedt de heer Smit dan zijn excuses aan voor het feit dat hij mij een graftak heeft genoemd? Ik identificeer me namelijk niet als graftak. De voorzitter. We gaan het erover hebben in het fractievoorzittersoverleg. Gaat uw gang, meneer Etalle. Massimo Etalle (FVD). Voorzitter. Vol trots heeft GroenLinkswethouder Vavier de nota Inclusief Samenleven gepubliceerd, met 37 pagina's Amerikaans diversiteitsgebrabbel. Iedereen moet zich thuis voelen in Den Haag, zo luidt het credo. Dat betekent volgens de wethouder dat er ruimte moet zijn voor alle identiteiten die onze stad rijk is. Dat is een grote opgave, aangezien iedereen volgens deze 77
nota meerdere identiteiten heeft. Zo lees ik: 'Wie we zijn bestaat uit verschillende lagen. Op een of meerdere van die lagen kun je ervaren buitengesloten te worden. Dat heet intersectionaliteit.' Intersectioneel denken is dus de basis voor het Haagse diversiteitsbeleid. Dit denken draait om de verschillende ervaringen van verschillende raciale, seksuele en sociale groepen. In de nota staan daarom ook geen concrete voorbeelden van discriminatie, maar uitsluitend statistieken over ervaringen. Afgewezen voor een baan? Het ligt niet aan je cv maar aan je huidskleur. Uitgelachen op straat? Het ligt niet aan je uitstraling maar aan je seksualiteit. Dat hoeft allemaal niet waar te zijn, als je het maar zo voelt. Hiermee speelt wethouder Vavier in op onderbuikgevoelens. En in plaats van die te weerspreken, besluit de wethouder ze aan te wakkeren. Zo gaan mensen niet bij zichzelf te rade, maar zullen zij anderen de schuld geven van hun ellende. Normaal gesproken worden dit soort waanideeën in de kiem gesmoord, maar door het intersectioneel denken zijn slachtofferervaringen het ideologische middelpunt van de samenleving geworden. Zo wordt alles wat succesvol is, verdacht gemaakt. Blanken bijvoorbeeld hebben hun succes niet te danken aan hun cultuur, hun geschiedenis of hun aard, maar aan de systematische onderdrukking van anderen.
Dit is een gevaarlijke complottheorie, die door de wethouder verspreid wordt. Anti-Nederlands ressentiment wordt door de Staat goedgekeurd, gesteund en gesubsidieerd. Er wordt geld vrijgemaakt voor herdenkingen, vieringen en monumenten over ons koloniale verleden. Nee, niet om er trots over uit te spreken, maar om er schande van te spreken. Marije Mostert (D66). Ik merk bij mezelf dat ik denk: wat ga ik hier nou van vinden? Er worden hier zulke bijzondere dingen gezegd. Het enige wat bij me opkomt en wat ik heel duidelijk wil vermelden is dat D66 de ideologieën die hier worden gedeeld, verre van zich werpt. Ik hoop dat dit voor meer mensen in deze raadzaal geldt. Ik vind het eigenlijk een schande dat we dat hier in dit huis moeten laten gebeuren. Massimo Etalle (FVD). Neemt mevrouw Mostert dan afstand van dit volgens mij gestoorde intersectionaliteitsdenken, of neemt ze afstand van mijn idee, namelijk dat mensen op hun inhoud en op hun waarde beoordeeld moeten worden? De voorzitter. Mevrouw Mostert, als u daar behoefte aan heeft. Nee? Meneer Etalle zet zijn betoog voort. Massimo Etalle (FVD). Er wordt geld vrijgemaakt voor herdenkingen, vieringen en monumenten om schaamte over ons glorieuze koloniale verleden aan te wakkeren.
Dat wij beschaving hebben gebracht naar de rest van de wereld is volgens dit denken niet iets om trots op te zijn, maar iets waarvoor we ons diep moeten schamen. En wie haat zaait, zal geweld oogsten. Hoewel discriminatie en geweld tegen Nederlanders niet worden bijgehouden in de zieligheidsenquêtes van de gevestigde instituten, zijn die wel aan de orde van de dag. Op een minuut lopen van deze raadzaal werd een blanke vrouw neergestoken door een Antilliaanse psychopaat. Hij geloofde gediscrimineerd te zijn, omdat zwarten met hem oververtegenwoordigd waren in de psychiatrische inrichting. Dit was zijn wraak. In Soest is vorig jaar een vrouw van 73 opzettelijk aangereden door een illegale Turk die, en ik citeer, 'Hollanders haatte'. Lotte van Basten Batenburg (VVD). Waar in Den Haag ligt Soest precies? Massimo Etalle (FVD). Nee, in Den Haag is een vrouw neergestoken in de Albert Heijn, enkele honderden meters verderop. En Soest is een dorp of stad in de buurt van Utrecht. Lotte van Basten Batenburg (VVD). Mijn voorstel zou zijn om het te houden bij Den Haag. Daar gebeuren genoeg verschrikkelijke dingen om uit te kunnen quoten. Massimo Etalle (FVD). De koloniën liggen ook niet in Den Haag, maar die worden wel uitgebreid besproken in deze nota. Ik denk dus dat we het best kunnen hebben over alles wat onze samenleving op dit moment aangaat.
78
Ook op institutioneel niveau zijn Nederlanders de enigen die vanwege hun afkomst geweigerd worden voor overheidsfuncties. Zo bleek uit een experiment met anoniem solliciteren bij de gemeente Arnhem dat er niet meer, maar minder allochtonen werden aangenomen wanneer er uitsluitend naar het cv gekeken werd. Dit experiment werd dan ook snel stopgezet, zodat Nederlanders weer benadeeld konden worden. De Erasmus Universiteit biedt een ondersteuningsprogramma aan met extra begeleiding en een beurs van € 10.000 … Ah, een vraag. Samir Ahraui (PvdA). De heer Etalle noemt nu het anoniem solliciteren bij de gemeente Arnhem, maar we doen dat als gemeente Den Haag zelf ook, en volgens mij hebben we gewoon evaluaties waaruit blijkt dat het werkt en dat we onze gemeentelijke organisatie op die manier diverser krijgen. In lijn met wat collega Van Basten Batenburg zei, zeg ik dus: kijk nou naar onze eigen gemeentelijke organisatie en kijk naar die evaluatie; het werkt. Massimo Etalle (FVD). Wat beschouwt de heer Ahraui dan als 'werken'? En wanneer is dit experiment gedaan? Samir Ahraui (PvdA). Ik constateer dat de heer Etalle bij zijn voorbereidende werk niet heeft gekeken naar de maatregelen die we getroffen hebben en naar wat wij als gemeentelijke organisatie doen.
Ik zou hem eigenlijk willen uitnodigen om te kijken naar onze eigen evaluaties en om ook de eigen onderzoeken serieus te nemen die wij als gemeente Den Haag doen, en om daarna pas te komen met zijn oordeelvorming, in plaats van te refereren aan allerlei andere gemeenten. Massimo Etalle (FVD). Voorzitter. De Erasmus Universiteit biedt een ondersteuningsprogramma aan met extra begeleiding en een beurs van € 10.000 cursusgeld. Alleen mensen met een migratieachtergrond kunnen zich hiervoor aanmelden. Het doel? Minder blanken in de top van de universiteit. Dit anti-Nederlandse denken leidt tot de afbraak van Nederland en moet onmiddellijk ontmanteld worden. Daarom heb ik enkele vragen aan de wethouder. Erkent de wethouder dat ervaringen niet altijd een realistische afspiegeling zijn van de werkelijkheid? Waarom baseert de wethouder zich in de nota uitsluitend op ervaringen om dit beleid te onderbouwen? Erkent de wethouder dat ook blanken slachtoffer kunnen worden van discriminatie wegens hun achtergrond, ook in Nederland? En is er ruimte om dit soort discriminatie te melden? Is de wethouder van mening dat alle verschillen in bevolkingsstatistieken het gevolg zijn van racisme? Als er meer blanken in bedrijfstoppen zitten, is dat dan het gevolg van racisme? En zijn verschillende atletische prestaties ook het gevolg van racisme? Ik kijk erg uit naar de beantwoording door de wethouder.
Nick Kaptheijns (PVV). Voorzitter. Vandaag bespreken we de nota Inclusief Samenleven. Onze fractie heeft grote bezwaren tegen de nota, waarbij onze fractie zeker niet zegt dat discriminatie niet voorkomt. Maar als je dan zo nodig met een dikke nota van 37 bladzijdes wil komen, waarom dan geen enkele aandacht voor discriminatie van blanke mensen? En hoe zit het met discriminatie tussen de genoemde doelgroepen? Het is geen publiek geheim dat veel mensen met een islamitische achtergrond zeer negatief staan tegenover Joodse mensen en homoseksuelen. Wat wordt daaraan gedaan? Graag een reactie van de wethouder. Nog belangrijker is dat de nota uitgaat van slachtofferschap en, sterker nog, zelfs het stapelen van slachtofferschap, aangezien ook de term 'intersectionaliteit' genoemd wordt. Dat vinden wij zeer zorgelijk, aangezien je dan naar een samenleving toe gaat waarin iedereen wel ergens over in een kramp schiet. Het gevolg zal zijn dat mensen steeds voorzichtiger worden om ook maar iets te zeggen. Dat moeten we niet willen met z'n allen. Het leven is niet altijd rijstepap met krenten. Het vraagt ook om enige weerbaarheid. Sommige claims in de nota vond onze fractie ook opmerkelijk. Zo wordt het voorbeeld gegeven van mensen die vanwege een niet-Nederlandse achternaam moeilijk aan een woning kunnen komen. Iederéén kan tegenwoordig moeilijk aan een woning komen.
Waar de PVV ook moeite mee heeft, zijn voorlichtingslessen op onder andere scholen over seksuele diversiteit en sekse- en genderdiversiteit, vandaar mijn vraag van zonet binnen welk onderwijs we dat zouden moeten gaan inrichten. Ons lijkt dat leerlingen beter goed kunnen leren lezen en schrijven, aangezien bijna een kwart van de leerlingen semi-analfabeet is. In sommige wijken van 79
Den Haag is dat meer dan de helft. Wat de PVV betreft, kunnen de miljoenen euro's die al deze plannen kosten wel wat beter worden besteed. Ik heb ook nog een motie, waarvan het dictum luidt: verzoekt het college zo snel mogelijk onderzoek te doen naar discriminatie, racisme en uitsluiting van blanke mensen in Den Haag. Deze motie is medeondertekend door mijn collega Massimo Etalle van Forum voor Democratie. De voorzitter. Door de heer Kaptheijns, daartoe gesteund door de heer Etalle, wordt de volgende motie (H.12 PVV) ingediend:
Motie H.12 PVV Onderzoek naar anti-blank racisme De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 3 oktober 2024, ter bespreking van Nota Inclusief Samenleven (RIS318932). Constaterende, dat: ▪ het college in de nota specifiek beleid heeft opgenomen voor vrouwen, zwarte-, moslim-, Joodse- en queergemeenschappen en mensen met een beperking; ▪ het college van mening is dat op die manier gericht ongelijkheid wordt bestreden voor de mensen die dat het hardst nodig hebben. Overwegende, dat: ▪ het zeer aannemelijk is dat blanke mensen ook discriminatie, racisme en/of uitsluiting ervaren; ▪ blanke mensen in de nota niet genoemd worden. Verzoekt het college: ▪ zo snel mogelijk onderzoek te doen naar discriminatie, racisme en uitsluiting van blanke mensen in Den Haag. En gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Wethouder Vavier (GroenLinks). Voorzitter. Dank aan de leden van de raad voor de gestelde vragen en de ingediende moties en ook voor het debat in de commissievergadering. Dank ook aan mevrouw Jouwe van de Adviescommissie koloniaal en slavernijverleden, die vanmorgen een inspraak heeft gedaan om de steun van de adviescommissie uit te spreken voor deze nota en om die aan te vullen met een aantal opmerkingen. Veel dank. Die zullen we ook meenemen in het vervolg.
Het leek hier en daar wel een commissievergadering, zo veel technische vragen zijn er gesteld. Ik ga proberen om die zo goed mogelijk te beantwoorden. Nee, mevrouw Van Basten Batenburg, ik kijk misschien naar u, maar ik bedoel u niet, hoor! Ik begin met de vragen die gesteld zijn door Hart voor Den Haag. Ik hoorde eigenlijk een herhaling van de vraag die ook in de commissie is gesteld. Waarom worden Bevrijdingsdag en Koningsdag niet genoemd? We hebben niet alle feestdagen in de nota gezet, maar alle feestdagen wordt natuurlijk wel een warm hart toegedragen. Met de opmerking over het heldere kader van de Nederlandse waarden en normen is het college het natuurlijk eens, want deze waarden en normen, die voortvloeien uit de Nederlandse Grondwet, staan centraal. Dat zijn vooral vrijheid, gelijkwaardigheid, solidariteit en een gedeelde verantwoordelijkheid. Dat is ook teruggekomen in de meeste inbrengen vandaag. Het zijn algemeen erkende grondbeginselen van de Nederlandse democratische rechtsstaat en die staan centraal in ons werk. Rita Verdonk (Hart voor Den Haag). Ik vraag me dan toch af waarom er niet gewoon staat 'Nederlandse waarden en normen' in plaats van overal 'gemeenschappelijke waarden en normen'.