CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS320325 Notulen van de raad van 12 september 2024

Gemeenteraad 13 november 2024, gemeente Den HaagBij agendapunt: Vaststelling van de notulen van 12 september en 3 oktober 202458.698 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 5 van 6

Door de heer De Ridder worden de volgende moties (N.5 VVD, N.6 VVD, N.7 VVD en N.8 VVD) ingediend:

Motie N.5 VVD Behoud van openbare parkeerplekken in het plangebied MeLeCo De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op donderdag, 12 september 2024, ter bespreking van het voorstel van het college inzake het Planuitwerkingskader (PUK) MeLeCo; Constaterende dat: • het Planuitwerkingskader (PUK) voor MeLeCo voorziet in de herontwikkeling en verdichting van het aantal woningen in de wijk Morgenstond; • in de plannen is opgenomen dat 16 openbare parkeerplekken worden omgezet om ruimte te maken voor de zichtbaarheid en toegang van deelmobiliteit; • de parkeerdruk in de wijk al hoog is en verdere vermindering van openbare parkeerplekken dit probleem zou verergeren; • er al een deelmobiliteitshub in het plangebied gepland is, wat voldoende ruimte biedt voor deelmobiliteit zonder dat bestaande openbare parkeerplekken hoeven te verdwijnen. Overwegende dat: • het behoud van voldoende openbare parkeerplekken essentieel is voor de bereikbaarheid en leefbaarheid van de wijk; • veel bewoners en bezoekers afhankelijk zijn van deze openbare parkeerplekken voor hun mobiliteit; • het omzetten van 16 openbare parkeerplekken voor deelmobiliteit, terwijl er al een deelmobiliteitshub komt, zorgt voor een onnodige disbalans tussen deelmobiliteit en de parkeermogelijkheden voor bewoners met persoonlijke auto's.

Verzoekt het college: • de 16 openbare parkeerplekken die volgens het Planuitwerkingskader (PUK) MeLeCo zouden worden omgezet voor deelmobiliteit, te behouden als openbare parkeerplekken. En gaat over tot de orde van de dag.

68

Motie N.6 VVD Informatievoorziening en participatie over afwaardering Melis Stokelaan De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op donderdag, 12 september 2024, ter bespreking van het voorstel van het college inzake het Planuitwerkingskader (PUK) MeLeCo; Constaterende dat: • het Planuitwerkingskader (PUK) de afwaardering van de Melis Stokelaan naar 30 km/u overweegt; • deze afwaardering directe gevolgen zal hebben voor de verkeersdoorstroming in het plangebied, omliggende wijken en de rest van de stad; • het college nog met een definitief voorstel komt voor het afwaarderen van de Melis Stokelaan.

Overwegende dat: • het belangrijk is om af te wegen of de afwaardering van een doorgaande weg zoals de Melis Stokelaan wenselijk is, gezien het belang van deze route voor de verkeersafwikkeling in Zuidwest en omliggende wijken; • de impact op de verkeersdoorstroming zowel binnen de wijk als voor de hele stad goed in kaart moet worden gebracht, met specifieke aandacht voor het effect op omliggende verkeersroutes, mogelijke toename van verkeersdruk op andere straten en aanrijroutes voor hulpdiensten; • een onderbouwd voorstel moet bevatten: o de nut en noodzaak van de afwaardering, onderbouwd met een verkeersveiligheidsanalyse en verkeersdoorstroomdata; o een gedetailleerde impactanalyse van de verkeersdoorstroming, zowel binnen het plangebied als in omliggende wijken en de stad, inclusief eventuele negatieve gevolgen voor andere verkeersaders; o concrete alternatieven en mogelijke aanpassingen aan omliggende wegen om de gevolgen van de afwaardering te mitigeren; • bewoners en ondernemers vooraf actief betrokken moeten worden bij de besluitvorming en hun zorgen en suggesties meegenomen moeten worden in het uiteindelijke voorstel.

Verzoekt het college: • een volledig onderbouwd voorstel naar de raad te sturen en daarbij een participatietraject te organiseren waarbij bewoners, ondernemers en hulpdiensten actief worden betrokken; • de uitkomsten van dit participatietraject mee te nemen in het uiteindelijke voorstel aan de raad. En gaat over tot de orde van de dag.

Motie N.7 VVD Meerjarige onderhoudsafspraken voor binnentuinen MeLeCo De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op donderdag, 12 september 2024, ter bespreking van het voorstel van het college inzake het Planuitwerkingskader (PUK) MeLeCo. Constaterende dat: • het Planuitwerkingskader (PUK) voorziet in de aanleg van nieuwe binnentuinen binnen het projectgebied MeLeCo; • binnentuinen een belangrijk onderdeel vormen van de leefkwaliteit en het groene karakter van de wijk; • goed onderhoud van de binnentuinen noodzakelijk is om de kwaliteit op lange termijn te waarborgen.

69

Overwegende dat: • Haag Wonen een sleutelrol speelt als ontwikkelaar en beheerder van de binnentuinen in MeLeCo. Draagt het college op: • met Haag Wonen om concrete meerjarige afspraken te maken over het onderhoud van de binnentuinen binnen het MeLeCo-project; • de raad uiterlijk bij het vaststellen van de omgevingsvergunning te informeren over de gemaakte afspraken en hoe deze zullen worden gefinancierd en gehandhaafd. En gaat over tot de orde van de dag.

Motie N.8 VVD Ruimte voor bewoners parkeren in de mobiliteitshub De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op donderdag, 12 september 2024, ter bespreking van het voorstel van het college inzake het Planuitwerkingskader (PUK) MeLeCo; Constaterende dat: • het voorliggende Planuitwerkingskader (PUK) de realisatie van een mobiliteitshub beoogt binnen het projectgebied MeLeCo; • de mobiliteitshub primair gericht is op deelmobiliteit, zoals deelauto's en deelfietsen; • de wethouder tijdens het commissiedebat heeft aangegeven dat de inzet en invulling van de mobiliteitshub flexibel is en dat er geen voorwaarden zijn gesteld bij de subsidie van het rijk voor de mobiliteitshub. Overwegende dat: • een mobiliteitshub een integrale oplossing moet bieden die zowel deelmobiliteit als het parkeren van persoonlijke auto's faciliteert; • flexibiliteit in de invulling van de mobiliteitshub ruimte biedt om tegemoet te komen aan de parkeerbehoefte van bewoners; • meer deelmobiliteit in de toekomst kan worden ingezet als blijkt dat deelmobiliteit aanslaat en er hoogwaardig openbaar vervoer beschikbaar is. Van mening dat: • bewoners van Zuidwest de mogelijkheid moeten hebben om hun auto te parkeren in de mobiliteitshub.

Verzoekt het college: • in de eerste vijf jaar van de mobiliteitshub maximaal 6 plekken te reserveren voor deelmobiliteit en de overige 30 plekken beschikbaar te stellen voor bewonersparkeren; • de raad te informeren over de uitwerking hiervan. En gaat over tot de orde van de dag. De moties maken onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Jan Willem van den Bos (PvdD). Voorzitter. De Partij voor de Dieren steunt woningbouw op deze locatie en is blij dat renovatie onderdeel van de plannen is. Ik ga voor nu op drie punten in: dierenwelzijn, informatievoorziening en mobiliteit. Allereerst de egel. In de plannen voor de binnentuin worden hekwerken toegestaan die de egel opsluiten of buitensluiten. Dat willen we natuurlijk voorkomen. Egels hebben slechts een doorgang van 13 bij 13 centimeter nodig, zo eenvoudig maar zo belangrijk. Daarom dien ik de motie Egelvriendelijke hekken in, die het college verzoekt bij de uitwerking van PUK MeLeCo, indien er hekwerken worden geplaatst, te waarborgen dat deze egelvriendelijk zijn door voldoende ruimte te 70

laten; bij de actualisatie van het puntensysteem natuurinclusief bouwen de bewegingsvrijheid en leefomgeving van de egel beter te integreren. Rutger de Ridder (VVD). In de grand scheme of things lijkt dit misschien een klein ding, maar ik ben blij dat de Partij voor de Dieren dit inbrengt, want ook egels zijn onderdeel van onze stad. Jan Willem van den Bos (PvdD). Hartverwarmende woorden, die ik onderschrijf. Voorzitter. Dan informatievoorziening. De brief die we in juli kregen over PUK MeLeCo was summier over parkeren. De wethouder meldde dat lopende projecten niet onder een toekomstig nieuw parkeerbeleid vallen. Het klinkt misschien logisch, maar wat is dan eigenlijk een 'lopend project'? Is dat iets wat al in aanbouw is, waarvoor een vergunning is aangevraagd, of een project dat ergens als schets is getekend? Wat de Partij voor de Dieren betreft moeten we voorkomen dat we in te vage termen met elkaar communiceren. Daarom vraag ik het college of het nu helder kan zijn over wat een 'lopend project' dan precies is. Hoe kijkt het college naar het gebruik van deze term in de brief van juli? Afgelopen maandag kregen we een brief waaruit lijkt dat de toegekende rijkssubsidie, oftewel de Woningbouwimpuls, een uitzonderingsgrond is waardoor nieuw parkeerbeleid niet van toepassing is. De zorg van mijn fractie is dit. Stel dat iemand later bezwaar maakt en een rechtszaak begint.

Kan het college dan garanderen dat het uitzonderen van PUK MeLeCo op basis van een toegekende WBI juridisch stand houdt? Tot slot mobiliteit. De Partij voor de Dieren is blij dat er ruimte wordt gereserveerd voor een mobiliteitshub. Het succes valt of staat met de exploitatie. Dingen bouwen zonder over de exploitatie na te denken, is een bekend recept voor problemen. Kan het college aangeven wanneer we verder gaan praten over de exploitatie? Komt er een raadsvoorstel en, zo ja, op welke termijn? Hoe kan de raad meedenken over de scenario's voor zo'n hub en wat de rol van de gemeente hierin wordt? De keuzes die we maken bepalen hoe leefbaar onze stad is voor mens en dier. Idealiter doen we dit met zorg, overzicht en helderheid. Waar brieven die duidelijkheid niet boden, hopen we dat dit debat verheldering brengt. Lesley Arp (SP). Ik vind dat de heer Van den Bos heel terechte vragen stelt over de exploitatie van de hub en het meedenken daarover. Vindt de heer Van den Bos ook belangrijk dat we dat vandaag bekrachtigen met een motie of amendement? Of volstaat het om daar een reactie op te krijgen? Jan Willem van den Bos (PvdD). Ik begrijp de vraag van mevrouw Arp. Die is enigszins voorbarig. Een duidelijke toezegging kan voldoende zijn.

Mocht het allemaal nog vrij onduidelijk zijn wat er gaat gebeuren en het college weet het niet, dan kan het logisch zijn om na te denken of de raad hier een wat meer sturende uitspraak over moet doen. Lesley Arp (SP). Ik stel deze vraag natuurlijk niet voor niets. Het amendement dat ik heb ingediend en helaas niet heb op kunnen lezen - excuses daarvoor - beoogt natuurlijk om de raad aan zet te laten zijn als we op een gegeven moment moeten nadenken over de exploitatie van de hub. Ik was benieuwd hoe de heer Van den Bos daartegen aankijkt. Jan Willem van den Bos (PvdD). Er staan wel suggesties in de toelichting van het amendement waar mijn partij zorgen over heeft, namelijk de suggestie dat het logisch kan zijn om parkeerplekken toe te voegen. Dat brengt an sich ook veel risico's met zich mee voor de haalbaarheid van het project en of de parkeerplaatsen ook betaalbaar gaan worden. Maar ik begrijp wel waar het amendement vandaan komt. Mijn fractie zal dus goed naar het debat luisteren en dan een weging maken over of zo'n voorstel eventueel nodig is. De voorzitter. Door de heer Van den Bos wordt de volgende motie (N.9 PvdD) ingediend:

71

Motie N.9 PvdD Egelvriendelijke hekken De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 12 september 2024, ter bespreking van Voorstel van het college inzake Instemmen Planuitwerkingskader Melis Stokelaan Leggelostraat Coevordenstraat (PUK MeLeCo) (RIS319024). Constaterende, dat: ▪ in PUK MeLeCo staat dat het afsluiten van hekwerken in de avond en nacht kan bijdragen aan meer betrokkenheid en minder anonimiteit; ▪ in PUK MeLeCo met foto’s wordt verwezen naar "hekwerken met aandacht", met een gesloten onderkant en smalle afstand tussen de spijlen. Overwegende, dat: ▪ in de afgelopen 50 jaar meer dan 80% van de egels is uitgestorven, voornamelijk door verlies van leefgebied en voedselaanbod; ▪ de egel in Zuidwest voorkomt en een beschermde diersoort is; ▪ egels volgens experts een doorgang van minimaal 13x13 cm nodig hebben om veilig te kunnen passeren; ▪ het standaard ruimte laten voor egels in hekwerken geen extra moeite vergt, bijvoorbeeld door onderaan 13 cm open te laten; ▪ het onwenselijk is om egels per ongeluk op te sluiten of buiten te sluiten, omdat dit hun toegang tot voedsel en water beperkt.

Verzoekt het college: ▪ bij de uitwerking van PUK MeLeCo, indien er hekwerken worden geplaatst, te waarborgen dat deze egelvriendelijk zijn door voldoende ruimte te laten; ▪ bij de actualisatie van het puntensysteem natuurinclusief bouwen de bewegingsvrijheid en leefomgeving van de egel beter te integreren. En gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Judith Klokkenburg (ChristenUnie/SGP). Voorzitter. Waar we het vandaag hadden moeten hebben over nieuwe woningen voor de mensen in Morgenstond, die al jarenlang in schimmelhuizen moeten wonen, moeten we het weer hebben over procedures en informatievoorziening. Er is al veel over gezegd. Net voor de zomer hebben we het commissiedebat verplaatst, omdat de avond voor de behandeling er een hoop extra zeer relevante informatie kwam. Zo kwamen we te weten dat er al lang en breed rijkssubsidie was aangevraagd voor zaken waar we als raad nog niet toe besloten hadden, en ook dat er allerlei mogelijkheden met betrekking tot deelmobiliteit op tafel liggen waar nog niet over gesproken is. Mijn fractie heeft toen aangegeven dat het onmogelijk was om op dat moment het debat te voeren, omdat de raad de strategie deelmobiliteit en de parkeerstrategie nog niet besproken had. Beide zijn relevant voor de door de wethouder voorgestelde mobiliteitshub in het PUK MeLeCo.

De commissie heeft toen wijselijk besloten om het debat door te schuiven. Echter, onder het mom van hoge tijdsdruk en termijngebondenheid heeft de wethouder het dringende verzoek gedaan aan de raad om alsnog zo snel mogelijk MeLeCo te bespreken en de coalitiefracties stemden in, en vandaag nog een keer. Laat het duidelijk zijn: als er blijkbaar termijngebondenheid op stukken zit, moet de wethouder dat tijdig en duidelijk aan de raad laten weten. Maar nog belangrijker is dat de wethouder de relevante stukken dan ook tijdig en compleet aan de raad levert. De ChristenUnie/SGP is dan ook niet te spreken over hoe de raad of raadsleden persoonlijk soms verweten wordt dat mensen langer in schimmelwoningen wonen door trage besluitvorming door de raad. Het college dient de raad altijd actief en volledig te informeren en de stukken op tijd in orde te hebben. 72

Samir Ahraui (PvdA). Ik hoor mevrouw Klokkenburg weer zeggen dat raadsleden anderen verwijten dat mensen in schimmelwoningen wonen. Ik wil dan toch even horen waar in dit debat iemand tot nu toe een raadslid, een van ons, heeft beschuldigd van mensen in een schimmelwoning te laten wonen. Judith Klokkenburg (ChristenUnie/SGP). Ik heb niet gezegd dat raadsleden dat tegen elkaar zeggen, maar het wordt raadsleden wel verweten door andere mensen in dit huis. Samir Ahraui (PvdA). Maar dat waren niet de woorden die u net koos. U zegt dat mensen iets wordt verweten. Ik wil toch nog een keer de vraag stellen. Als dat verwijt hier kennelijk ligt, dan wil ik van mevrouw Klokkenburg horen waar in dit debat dat verwijt dan heeft plaatsgevonden. Want ik zou dat kwalijk vinden. En ik heb het ook niet gehoord. Dan zou ik het kwalijk vinden als dat frame in dit debat boven tafel blijft. Judith Klokkenburg (ChristenUnie/SGP). Ik heb niet gezegd dat in het openbare debat raadsleden dat elkaar verwijten. Ik heb gezegd dat het de raad of raadsleden persoonlijk verweten wordt dat er mensen langer in schimmelwoningen moeten wonen. Dat gebeurt niet in deze zaal, maar op andere plekken in dit stadhuis. De voorzitter. Zet uw betoog voort. Judith Klokkenburg (ChristenUnie/SGP). Keer op keer hebben we het hier in debatten over tijdsdruk.

Daarom heeft mijn fractie in januari gezegd 'kom nou eens met helderheid over rijksuitkeringen en het uitstellen van deadlines' en daar een motie over ingediend. Maar nog steeds is die motie niet afgedaan en wordt de raad onder druk gezet onder het mom van subsidies. Ik hoor graag een reactie van het college daarop. Ten tijde van de commissiebehandeling had de raad nog steeds niet de beschikking over de parkeerstrategie, een relevant document dat direct betrekking heeft op dit PUK, gezien de voorgenomen parkeeroplossing. Maar toch hebben we het er vandaag over en moeten we erover besluiten. Het betekent concreet dat mogelijk ingestemd wordt met de bouw van een mobiliteitshub waarvan nog alles onzeker is. De betaalbaarheid, de omvang, het eigenaarschap, de exploitatie, wie precies en wat voor deelvervoer, de langetermijnborging, niets van dat alles is zeker. Bovendien wordt voor de bewoners van MeLeCo 40% van de parkeereis ingevuld met deelmobiliteit, terwijl we in de afgelopen maandag aan de raad gestuurde parkeerstrategie hebben kunnen lezen dat men inziet dat dergelijke percentages voor Zuidwest niet passend zijn, namelijk veel te hoog. Toch wil het college dit voortschrijdend inzicht in de wind slaan, de kop in het zand steken voor de realiteit en snel door met plannen.

Kan de wethouder, kan het college aangeven wat voor wijk Zuidwest wordt als we vasthouden aan normen waarvan we nu al weten dat ze niet passend zijn? De huidige en toekomstige bewoners verdienen beter. Huizen bouwen is niet zo snel mogelijk stapelen van stenen. De randvoorwaarden moeten goed op orde zijn. In dit geval lijkt dit allerminst het geval. Het college vraagt om een uitzondering op regels, namelijk om het huidige parkeerbeleid te blijven hanteren, terwijl we weten dat dit niet passend is. Bij andere plannen wordt gezegd: de normen die gelden ten tijde van vergunningsaanvraag doen ertoe. Om consistent te zijn in beleid en te zorgen dat er in ieder geval duidelijkheid bestaat, het volgende amendement met collega Arp, waarvan ik wel het dictum voorlees: 'Besluit om dictumpunt II toe te voegen: de aanvraag van de omgevingsvergunning MeLeCo te toetsen aan de op dat moment geldende parkeernormen.' Voorzitter. Tijdens het besloten deel van de commissievergadering had ik enkele vragen gesteld die niet beantwoord konden worden en schriftelijk zijn afgedaan. Ik was verbaasd toen hier maandag in alle openheid antwoorden op kwamen. Waarom was het dan geheim? Maar dat maakt dat ik er hier nog wel vragen over kan stellen.

In de SPUK-aanvraag staat dat de deelmobiliteit van diverse ontwikkelingen in Morgenstond, zoals de Genemuidenstraat, de kop Leyweg en Steenwijklaan, worden opgenomen in de hubs. Graag krijg ik daar meer uitleg over, want het impliceert dat in die ontwikkelingen, die nog moeten gaan gebeuren, geen mobiliteitsoplossing worden getroffen. Graag een reactie.

73

Tot slot. Het is hoognodig om integraal naar de beeldkwaliteit van Morgenstond te kijken, want ook dit plan kan niet geheel onze goedkeuring wegdragen voor wat betreft het voorgestelde hoogteaccent en de afwerking daarvan. Daarom hebben wij van harte het amendement van collega Noorlander ondertekend. De voorzitter. Door mevrouw Klokkenburg wordt het volgende amendement (N.C CU/SGP) voorgesteld:

Amendement N.C CU/SGP De juiste parkeernormen De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 12 september 2024, ter bespreking van het Voorstel van het college inzake Instemmen Planuitwerkingskader Melis Stokelaan Leggelostraat Coevordenstraat (PUK MeLeCo) (RIS319024), Besluit om dictumpunt II toe te voegen: ▪ de aanvraag van de omgevingsvergunning MeLeCo te toetsen aan de op dat moment geldende parkeernormen. Het amendement maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Beytullah Çelik (DENK). Voorzitter. We hebben het vandaag over het PUK MeLeCo, een mooi project dat ten goede komt van Den Haag Zuidwest. Gezien de hoge woningnood waar ook onze mooie stad helaas mee te kampen heeft, zijn de 120 tot 150 woningen die erbij komen van harte welkom. Ik zou ook graag willen aangeven dat we blij zijn dat het college inzet op 40% van de parkeerplaatsen voor het deelvervoer in plaats van de gebruikelijke 50%. Echter staat er in het PUK op pagina 53 het volgende: bewoners, bezoekers en bedrijven komen niet in aanmerking voor een vergunning om op straat te parkeren omdat ze de beschikking hebben over parkeerplaatsen op eigen terrein en deelmobiliteit wordt toegepast. Maar wat nou als de parkeercapaciteit op eigen terrein niet voldoende blijkt te zijn? Hoe zou het college daar dan mee omgaan? Graag een duidelijke reactie van het college.

Uiteindelijk ligt Zuidwest, in tegenstelling tot andere gebieden waar ook ontwikkelingen plaatsvinden, toch wel een eind weg van een station. Het lijkt nu dan ook voor de hand liggend dat de auto nog steeds vaak gebruikt zal worden in Zuidwest. Tot slot staan we als fractie onder twee moties van collega De Groot van het CDA, die wij uiteraard aangenomen willen zien. De reacties op deze moties en de beantwoording van mijn eerder gestelde vragen zullen onder andere van invloed zijn op ons stemgedrag voor het PUK MeLeCo. Wethouder Balster (PvdA). Voorzitter. Dank voor de mooie discussie ook hier, net als in de commissie. Logisch ook bij een ingewikkeld project waarbij we heel veel uitgangspunten met elkaar proberen te combineren: betaalbaar wonen, een parkeeroplossing die passend is binnen ons beleid, maar ook duur, want we willen dat allemaal op eigen terrein oplossen, een ambitieuze binnentuin, een plek voor ontmoeting, en voorzieningen die al vooruitlopen op de toekomstige ontwikkelingen in het gebied, in Morgenstond. Er heeft uitgebreide participatie plaatsgevonden. De heer Ahraui heeft het een beetje in historisch perspectief geplaatst. Laat ik niet helemaal uitweiden over waarom het lang geduurd heeft, maar er zijn natuurlijk wel een paar factoren die daaraan bijgedragen hebben in den brede.

In Zuidwest en in vele delen van de stad was de positie van de woningcorporaties lange tijd kwetsbaar, waardoor veel investeringen zijn uitgesteld. We zien gelukkig dat we die investeringen en plannen nu weer goed op gang krijgen, mede ook geholpen door eigen financiële oplossingen en financiële steun van het Rijk. We gaan hier na de renovatie - een aantal van u heeft dat ook benoemd - een deel slopen en nieuw bouwen, althans, Haag Wonen en BPD. Met 280 woningen voegen we daar een groot aantal woningen toe. Voorzitter. Ik ga de verschillende woordvoerders langs en reageer daarbij op de ingediende moties en af en toe gestelde vragen. Ik begin bij de heer Martini, die een motie heeft ingediend met de titel Continuïteit bij deelvervoer. Die motie moet het college ontraden. Ze ligt een beetje op het terrein 74

van collega Kapteijns. De HTM heeft aangegeven geen deelvervoer te willen aanbieden. Ze zijn relatief kort geleden ook gestopt met de deelfietsen. Het onderbrengen bij het openbaar vervoer kan niet op korte termijn in verband met de Wet personenvervoer 2000. Als gemeente gaan we ook geen voertuigen exploiteren. Het college moet deze motie dus ontraden. De heer Noorlander heeft een amendement ingediend over de beeldkwaliteit. Ik weet dat hij daar altijd goed op let. Dit amendement vraagt om te toetsen aan het nieuwe, aanstaande beeldkwaliteitsplan. In een interruptiedebat met de heer Van den Bos kwam ook al even aan de orde dat het spannend is of dat op tijd is voor de toetsing van de omgevingsvergunning. Na het aannemen van de kaders, waar ook een aantal dingen in staan over de beeldkwaliteit, gaan de ontwikkelende partijen nu ook aan de slag met het ontwerp. Er komt waarschijnlijk begin volgend jaar een kwaliteitsplan voor Zuidwest, waarin we ook wat meer zullen zeggen over de beeldkwaliteit van de verschillende gebieden. Daaraan is toetsing in feite mogelijk voor de toetsing van de omgevingsvergunning. Als u het amendement zou aanpassen in die trant, dan kunnen we een moment inbouwen dat we met elkaar nog stil kunnen staan bij de beeldkwaliteit in dit gebied.

Ik zeg daarmee niet dat er heel veel ruimte is, want het moet ook passen in de omgeving en de welstandstoets, maar dan kunnen we die toets doen en het gesprek daarover nog met elkaar voeren. Dat zou ik u eigenlijk willen vragen, want in deze vorm moet het college, met het oog op eventuele vertraging die we met elkaar natuurlijk niet willen, het ontraden. Joren Noorlander (D66). Het beeldkwaliteitsdocument voor Morgenstond is natuurlijk best wel specifiek - of ik hoop dat het specifiek wordt - en het kwaliteitsdocument voor Zuidwest is natuurlijk redelijk breed. In hoeverre kunnen we daarmee goede kaders meegegeven worden voor deze ontwikkeling? Wethouder Balster (PvdA). We hebben met elkaar natuurlijk een aantal stappen te zetten. U heeft ze net in uw inbreng goed beschreven. Dat moeten we zorgvuldig doen. Maar ik ga er wel van uit dat we in het kwaliteitsplan alweer iets meer kunnen zeggen over de beeldkwaliteitsuitgangspunten voor de verschillende gebieden en daarmee ook weer een stapje verder kunnen gaan dan het PUK. Dan kunnen we met elkaar ook even de stand van dat moment bekijken. Joren Noorlander (D66). Ik zit nog wel een beetje met hoe hoog over het document is.

Kunnen we de kaders die in dit PUK staan, scherper krijgen en een verbeterslag maken? Is dat document dan geschikt? Is er genoeg ruimte voor om toch die aanscherping te maken in het kwaliteitsdocument? Wethouder Balster (PvdA). Daar moet zeker een aanscherping in komen. Ik denk dat dat een betere toets en nu ook wat meer waarborgen geeft voor wat we daar gaan ontwikkelen qua beeldkwaliteit dan het PUK nu op hoofdlijnen schetst. De voorzitter. Laatste keer, meneer Noorlander. Joren Noorlander (D66). Ik kan nu nog even niet zeggen wat ik met het amendement doe. Ik wil dat graag met mijn mede-indiener overleggen. Ik denk dat dit tijdens de vergadering wel kan. De voorzitter. Daar ga ik van uit. Isabel Bos (GroenLinks). Ik wil even kijken of ik de volgorde goed begrijp. Straks kan de initiatiefnemer een vergunning aanvragen. Dat begint zoals de wethouder aangaf met ontwerpen maken. Maar het gaat dus nog wel een tijdje duren voordat we dat beeldkwaliteitsplan hebben. Hoe voorkomen we dat we van de ontwikkelaar een claim krijgen van 'ik kende die regels niet, dus hoe kon ik daaraan voldoen?' of dat we toch iets krijgen wat niet in lijn is met de regels? Of, zoals de heer Van den Bos net in het interruptiedebatje ook al aangaf, dat we regels zo gaan schrijven dat het goed uitkomt voor deze casus? Wethouder Balster (PvdA). Dit zijn heel terechte vragen van mevrouw Bos.

Ik denk dat we moeten voorkomen - dat wil de heer Noorlander ook niet - dat we straks de omgevingsvergunning al hebben 75

afgegeven en dan een beeldkwaliteitsplan vaststellen, want dan kan die toets niet meer plaatsvinden. Ik zoek even, zo hardop nadenkend met de heer Noorlander, naar een mogelijkheid om wel nog een wat intensievere toets op de beeldkwaliteit te doen. Daarom stel ik voor om het kwaliteitsplan Zuidwest daarvoor te gebruiken, waar ook over de verschillende gebieden meer uitgangspunten voor de beeldkwaliteit in staan. Dan denk ik dat we op tijd zijn om dat goede gesprek over de beeldkwaliteit te voeren. Voorzitter. De heer Noorlander heeft ook een motie ingediend onder N.2, Flexibele mobiliteitshubs. Die ziet er vooral op dat als je in de toekomst leegstand krijgt, je daarop kan anticiperen. Die motie kan het college aan de raad laten. Mevrouw De Groot heeft twee moties ingediend die met name zien op het goed blijven monitoren van de parkeerontwikkeling. Beide moties kan het college aan de raad laten, waarbij ik nog wel even benadruk bij de motie Monitor parkeerdruk bij MeLeCo dat we die monitoring met name ook moeten doen op het moment dat het gebouw in gebruik is genomen en we dan kijken wat het doet met de parkeerdruk. Want dan zijn de gevolgen zichtbaar. De verwachting is natuurlijk ook, omdat we hier vooruitlopen - dank voor dat compliment - met de voorzieningen, dat dat een verlichting gaat geven.

Ook omdat het in combinatie gaat met het invoeren van betaald parkeren, waardoor alleen de bewoners de auto zullen parkeren in de buurt. Maar we gaan dat monitoren en we gaan daar in de rapportages over Zuidwest ook bij u op terugkomen. Hinke de Groot (CDA). Het gaat inderdaad om het moment dat het in gebruik is, maar ook om het moment daarvoor. Dat kwam in het commissiedebat ook naar voren. De parkeerdruk moet ook inzichtelijk gemaakt worden voordat het omgevingsplan komt. Ik hoop dat ik het zo goed heb begrepen. Wethouder Balster (PvdA). Zeker. We gaan over dat parkeren en de parkeerontwikkelingen en de parkeerdruk gewoon in de rapportage Zuidwest informeren over de stand van zaken. Ik bedoelde dat we het effect natuurlijk pas daarna echt gaan zien. Maar we hebben elkaar volgens mij goed begrepen op dit vlak. U stelde nog een vraag over de Badhuisweg. Dat was vorige week of de week ervoor in de commissie. Een groot verschil met MeLeCo is dat bij de Badhuisweg het niet uitmaakt welk regime geldt, omdat we daar onder de 30 of op de 30% deelmobiliteit zitten. Dus het nieuwe beleid zal daar geen effect voor hebben. Wat in het overgangsbeleid nu is geformuleerd - geef ik aan in de richting van de heer Van den Bos - is juridisch goed sluitend.

We hebben aangegeven dat projecten die al in een vergevorderd stadium zijn en waarvoor ook financiële afspraken zijn gemaakt, zoals het geval is bij MeLeCo, en daar dus de businesscase mee valt of staat, een uitzondering zullen vormen op het nieuwe beleid. Hinke de Groot (CDA). Bij de Badhuisweg ging het niet zozeer om de deelmobiliteit. Het ging er met name om dat bij de omgevingsvergunning de dan geldende parkeernorm geldt. Bij MeLeCo wordt gezegd: niet de dan geldende parkeernorm gaat gelden, maar de huidige. Ik vraag me af hoe dat juridisch zit. Kan het zomaar dat we bij de een dus wel dat regelen en bij de ander niet? Wethouder Balster (PvdA). Dat kan, omdat we het MeLeCo-project een expliciete uitzondering hebben gemaakt op het nieuwe beleid zoals dat nu in de stukken aan uw raad is toegestuurd. De voorzitter. Laatste keer, mevrouw De Groot. Hinke de Groot (CDA). Geldt dat alleen voor dit project of komen er nog meer aan? Er komt nog een brief met alle lopende en toekomstige projecten. Zit er nog meer in de pijplijn of is dit het nu? Wethouder Balster (PvdA). Er zijn in de voorstellen die collega Kapteijns naar de raad heeft gestuurd over de aanstaande, nieuwe norm voor deelmobiliteit een aantal projecten benoemd die in een vergaand stadium zijn en een uitzondering zullen zijn op de nieuwe norm. Daar blijft het bij.

Verder zullen alle nieuwe projecten worden getoetst aan de nieuwe normen die we hanteren.

76

Lesley Arp (SP). Mijn fractie had een aantal vragen over de informatievoorziening. Nu raken we volgens mij dat onderwerp. De wethouder zegt: we hebben een exclusieve uitzondering gemaakt voor MeLeCo. In juli heeft de raad een brief gekregen waarin is onderbouwd waarom het zo ongelooflijk belangrijk was dat we dit snel zouden doen. De wethouder wist dat een grote zorg van een aantal fracties zat in het parkeren. Waarom krijgen we dan twee zinnen van: MeLeCo is een lopend project, dus daarom gaat het volgens de oude norm? Waarom heeft de wethouder niet gewoon transparant gezegd: we hebben een exclusieve uitzondering gemaakt, ik heb dat geregeld met collega Kapteijns en dáárom valt het onder de oude parkeernorm? Dat was toch veel transparantere informatievoorziening geweest? Wethouder Balster (PvdA). In de brief die we uw raad hebben gestuurd, hebben we aangegeven dat het MeLeCo-project onder het oude beleid zou vallen. We hebben volgens mij ook gewisseld in het proceduredebatje dat we met elkaar hadden dat er nieuw beleid aan zat te komen. Dat is ook nog eens gemotiveerd in de brief die we u hebben gestuurd. We hebben daarbij aangegeven dat het MeLeCoproject onder het oude beleid, het geldende beleid zou blijven vallen en er dus ook geen reden was om te wachten op het nieuwe beleid.

Het college heeft wel zijn uiterste best gedaan om u het nieuwe beleid - dat heeft collega Kapteijns ook gedaan nadat het college daarover besloten had - zo snel mogelijk naar u toe te sturen, zodat u ook kunt terugzien dat MeLeCo een uitzondering vormt op de nieuw te besluiten deelmobiliteitsnorm. Lesley Arp (SP). Ik denk dat de wethouder en ik een fundamenteel ander idee hebben van wat transparantie is. De wethouder geeft aan: ik heb met mijn collega geregeld dat dit project een uitzondering is. In juli hebben wij gevraagd hoe het zit met dit project. Toen is gezegd: het is een lopend project, dus daarom valt het onder het oude beleid. We hebben toevalligerwijs in het debat met wethouder Van Asten geleerd dat dit helemaal niet de normale procedure is. Waarom heeft de wethouder niet gewoon gezegd in juli: we hebben een uitzondering geregeld specifiek voor dit project? Ik vraag er zo op door omdat het nogal wat uitmaakt natuurlijk, als je toevallig, omdat je net in dit project woont, met een andere normering te maken hebt dan bij een woningbouwproject dat pak 'm beet een paar maanden later wordt behandeld in de raad. Wethouder Balster (PvdA). Weet u wat het is? Grote nieuwbouwprojecten - dat weet u ook - hebben een heel lange aanloop en een heel lange geschiedenis voordat je op het moment bent dat je met elkaar spreekt over de kaders.

In dit geval, en dat hebben we ook in de brief toegelicht en daar hebben we u ook de stukken over verstrekt, is er naar financiering gezocht van een aantal zaken die van belang zijn om dit dure project met een hoog kwaliteitsniveau voor elkaar te krijgen. Daar zijn al lang gesprekken over gaande met de ontwikkelende partij. Dat maakt dat je op een gegeven moment op een punt komt dat je niet meer op de gemaakte afspraken terug wil komen, omdat je dan helemaal terug naar af moet. Dat is voor een aantal projecten het geval. Dat kunnen projecten zijn die hier zijn vastgesteld. Dat is heel evident. Dat kunnen ook projecten zijn die financieel in een heel vergevorderd stadium zijn en waar subsidies onder liggen die cruciaal zijn voor de ontwikkeling van een project. Dat is in dit geval zo. Om de mobiliteitshub onder andere te kunnen financieren, maar ook om in de buitenruimte investeringen te doen via de Woningbouwimpuls, heeft het college financiering verkregen. Dat maakt dat dit project in zo'n vergevorderd stadium is dat je dan niet meer met nieuwe spelregels kan gaan werken. Dat is natuurlijk niet alleen hier zo. Net kwam het voorbeeld van de betaalbaarheidsnormen op het gebied van woningbouw aan de orde; ik herinner me nog dat we de vorige keer een nieuwe woonagenda vaststelden.

Dan kijk je naar welke projecten nog beïnvloedbaar zijn en waar je nog kan bijsturen en voor welke projecten dat niet meer gaat en je ook een betrouwbare partner moet zijn richting de partijen met wie je samenwerkt. Dat heeft het college goed op een rij gezet de afgelopen tijd. Daar is onder andere MeLeCo uitgekomen, maar ook - u kunt dat terugzien in de lijst met projecten - de Loevesteinlaan, Dreven-Gaarden-Zichten en De Venen en de Steenwijklaan. Die zijn expliciet uitgezonderd in het beleid. Lesley Arp (SP). Dit is weer niet een antwoord op mijn vraag. Ik snap de hele toedracht hierachter. Ik snap dat de wethouder de ontwikkelaar comfort wil bieden. Ik vind trouwens nog steeds dat je je dan moet afvragen of de bewoners daar het meest bij gebaat zijn, maar dat terzijde. Ik vraag aan de 77

wethouder: waarom komen wij niet in juli erachter dat die exclusieve deal voor dit project er is en waarom vertelt hij dat via zijn collega drie dagen voordat we over dit project gaan beslissen? Snapt de wethouder dat ik daar de pest in heb in het kader van alle discussies over informatievoorziening? Wethouder Balster (PvdA). Nee, met de beste wil van de wereld snap ik dat niet, omdat we dit in de brief hebben gezet en ook in het proceduredebatje open en transparant hebben gewisseld met elkaar. Sterker nog, we hebben al een vooraankondiging gedaan op het nieuwe beleid, waarover het college nog niet had gesproken, om u te informeren dat dit eraan zat te komen, maar ook aan te geven dat het MeLeCo-project gewoon onder het oude regime zal doorgaan. Dat hebben we u dus juist zo vroeg mogelijk meegedeeld. Jan Willem van den Bos (PvdD). De wethouder schetst nu een beeld alsof in juli heel duidelijk is gecommuniceerd dat MeLeCo wordt uitgezonderd. Wat denk ik het probleem is waardoor destijds een verkeerde indruk is gewekt, is dat in die brief staat dat wijzigingen in nieuw parkeerbeleid niet van toepassing zijn op lopende projecten in algemene zin. Nu blijkt dat alleen specifieke projecten waar blijkbaar financiële afspraken gelden, worden uitgezonderd. Ziet de wethouder niet in dat die communicatie in juli te vaag geweest is misschien? Wethouder Balster (PvdA).

Het gaat natuurlijk om lopende projecten waarbij je rekening houdt met een hogere deelmobiliteitsnorm dan in het nieuwe beleid het geval zal zijn. Dat is natuurlijk wel waar je met elkaar naar kijkt. Of waarvan het nog niet zeker is maar je wel een kader hebt afgesproken. Want er zijn ook projecten die al lopende zijn, maar waar niet wordt gerekend met een mobiliteitsnorm van meer dan 30%. Die zullen dan ook geen uitzondering hoeven zijn. Dus wat we hebben gedaan in de tussentijd, is een analyse maken van de lopende projecten waarbij het nieuwe beleid zou betekenen dat je inmiddels in gang gezette afspraken zou moeten wijzigen. Die uitzonderingen die we moeten maken op het nieuwe beleid - maar daar moet u het nog over hebben - hebben we daarin gevat. Constant Martini (Hart voor Den Haag). Ik heb heel vaak het idee dat de wethouder, als hij een brief heeft gestuurd, denkt dat hij dan transparant is geweest. Maar hij realiseert zich niet dat het voor de ontvanger misschien transparant moet zijn. Daarom is er deze wat chaotische en zoekende weg. Ik vertrouw het voorstel niet, want voor mij is het niet transparant. De voorzitter. Dat is een constatering. Het is een constaterende interruptie. Het is ook aan u of u daarop reageert of niet, wethouder Balster. Wethouder Balster (PvdA).

Ik heb net aangegeven hoe het college de raad daarover heeft geïnformeerd in antwoord op de vraag van mevrouw Arp. Ik herhaal mezelf als ik daar opnieuw over begin. Judith Klokkenburg (ChristenUnie/SGP). Wat ik niet begrijp is dat er nieuw beleid wordt voorgesteld aangaande parkeren, omdat geconstateerd wordt dat wat we tot nog toe hadden blijkbaar niet werkt, dat deelmobiliteit in Zuidwest tot 50% niet werkt en we dat dus terugbrengen naar 30%. Ik begrijp niet dat je dat lopende een project ontdekt en dan niet op dat moment zegt 'we constateren dit en we gaan het er dus over hebben tijdens de bespreking van het plan', dat dan nog gewoon op de achtergrond speelt en niet naar de raad is gestuurd. Je moet dan niet koste wat kost doorgaan, wetende dat er nieuw beleid aankomt, omdat het oude beleid niet werkt. Wethouder Balster (PvdA). Ik denk dat dat niet helemaal een juiste voorstelling van zaken is. We hebben met elkaar parkeerbeleid waarbij er een uitzondering mag plaatsvinden tot 50% deelmobiliteit. Waarom we nu een pas op de plaats maken voor Den Haag Zuidwest, is dat we willen voorkomen in de toekomst dat alle projecten die allemaal heel dure parkeeroplossingen kennen, straks op 50% deelmobiliteit uitkomen. Want dat zou weleens te veel kunnen zijn. Daarom maken we nu een pas op de plaats.

Overigens is in de uitzonderingsprojecten die in de brief van collega Kapteijns staan het ook echt niet zo dat daar allemaal 50% deelmobiliteit in zit. Maar we willen die transitie stap voor stap en goed doen. Ik ga er ook vanuit dat uw fractie er blij mee is dat we dat stap voor stap doen. Dan gaan 78

we kijken hoe dat uitpakt. Maar we hebben gemeend nu een pas op de plaats te moeten maken om te voorkomen dat straks alle projecten op de 50% deelmobiliteit zitten, omdat dat mogelijk te snel zou gaan. Dat is waarom we dat op dit moment doen. Zeker met een lange aanlooptijd van projecten moeten we daar ook niet te lang mee wachten. Judith Klokkenburg (ChristenUnie/SGP). Die pas op de plaats is natuurlijk een beetje een wassen neus als je ongeveer alle projecten in Zuidwest uitzondert van die pas op de plaats. Maar je gaat nu toch willens en wetens op deze plek iets doen waarvan we weten dat het eigenlijk niet goed afloopt voor de bewoners daar? Wethouder Balster (PvdA). Dat ben ik echt niet met u eens. We voldoen natuurlijk gewoon aan het huidige beleid, maar zitten niet op de 50 maar op de 40%. We lopen daarbij ook nog eens vooruit met de extra deelmobiliteit in de hub, die ook op deze plek plaatsvindt. We verwachten dat dat goed gaat, maar we moeten natuurlijk ook naar het gebied als totaal kijken, naar Zuidwest als totaal. Daar heb ik net over aangegeven waarom het college heeft besloten om daar een pas op de plaats te maken met de maximaal toegestane deelmobiliteitsnorm. Rutger de Ridder (VVD). Wat ik zo irritant en zo vervelend vindt aan deze situatie, is dat we totaal geen zicht hebben op de uitspraak die de wethouder nu doet.

Hij zegt: als iedereen naar die 50% gaat, ja, dan hebben we een probleem. Maar dat overzicht hebben wij niet. Dat zit schijnbaar in het hoofd van de wethouder. Nou, lekkere zaak. Wethouder Balster (PvdA). Ik probeer een beetje te begrijpen wat de heer De Ridder met zijn vraag bedoelt. Er zijn natuurlijk nog een heleboel projecten aanstaande in Den Haag Zuidwest die ontwikkeld moeten worden. Als je daarbij een maximaal toegestane deelmobiliteitsnorm van 50% hebt, en daar hebben wij op te toetsen, dan mogen ontwikkelende partijen daarop gaan ontwikkelen zonder dat we daar met elkaar nog iets van kunnen vinden. Wat we nu zeggen - ik denk dat uw partij dat erg moet aanspreken, want u hebt zich vaker bezorgd geuit over de mate van deelmobiliteit - is: laten we dat wat lager maken om die transitie wat behoedzamer te doen. Dat is de reden waarom het college daar nu voor kiest. Daar moeten dan de toekomstige projecten straks ook aan gaan voldoen. Rutger de Ridder (VVD). Wat ik dan toch niet begrijp is waarom je, als je behoedzamer wil zijn, dat dan niet ook bij dit project volgens de nieuwe regels zou willen doen. Wethouder Balster (PvdA). Dat heeft er simpelweg mee te maken dat dit al een heel lange geschiedenis heeft, dat de hele businesscase al gefinancierd is en dat je op het punt staat van beginnen, bij wijze van spreken.

Het heeft een heel lange geschiedenis, werd ook al aangehaald. We zitten overigens niet op de 50% deelmobiliteit, maar op 40%. Met de mobiliteitshub lopen we ook nog eens vooruit op de wijkvoorzieningen die daar nodig zijn. De voorzitter. Laatste keer, meneer De Ridder. Rutger de Ridder (VVD). Wij besluiten toch vandaag of wij het eens zijn met dit PUK? Natuurlijk moeten wij ons houden aan de regels. Maar als wij zeggen in het PUK dat er een aantal meters af moet of een aantal dingen anders moet, dan heb je ook geen businesscase. Wethouder Balster (PvdA). We hebben op dit moment gewoon te toetsen aan de Nota parkeernormen. Die maakt het mogelijk om tot 50% te gaan. In het PUK en ook in de onderliggende businesscase gaan we nu naar 40%. Dat is waar het plan op getoetst zal worden. Voorzitter. Ik was bij de heer Ahraui. Hij had nog een concrete vraag gesteld of de mensen die zijn verhuisd, terug kunnen komen. Ik heb nog snel even gecheckt bij Haag Wonen. Dat kan, maar we moeten ervan uitgaan dat veel mensen die vrijwillig zijn verhuisd, inmiddels een plekje hebben gevonden en misschien niet meer terug willen komen. Maar in principe is daar ruimte voor. U heeft aandacht gevraagd, en die zorg deel ik met u, voor de WBI en de termijn die we hebben om te starten met de bouw. Die is krap. Die is zeker krap. Dat maakt dus ook dat we snelheid 79

willen maken met het project. Ik hoop dat we dat gaan halen. Dat zullen we zien. Dat zullen we goed monitoren. We gaan daar natuurlijk ook verslag van uitbrengen. Mocht dat anders lopen, dan zullen we uiteraard bij u terugkomen. U stelde ook nog een vraag over de parkeerplaatsen bij de koopwoningen. We hebben daar met elkaar over gesproken, ook in de commissie. Dat zijn gebonden parkeerplaatsen, daar heeft u gelijk in. Maar daar is wel vervolgens weer voor gecompenseerd in het project voor de huurders. Dus op die manier is dat hier opgelost. Bij gemengde projecten is dat altijd een wat ingewikkelde afweging. Maar het college vindt dat het op deze manier mooi is opgelost. Dan ga ik naar mevrouw Arp. Die heeft een amendement ingediend. Dat is ook het amendement waar mevrouw Klokkenburg uit citeerde, geloof ik, hè, want zij had niet nog een apart amendement ingediend? Wel een apart amendement; dat heb ik dan niet gekregen. Dat zou ik dan zo nog moeten bekijken. Het amendement van de SP moet het college ontraden. Het amendement laat ruimte voor een verschuiving tussen parkeerruimte in de reguliere parkeeroplossing en de mobiliteitshub. Dat zou de businesscase onderuit kunnen halen.

Wat ik u wel nog klip-en-klaar wil toezeggen - want daar vraagt u terecht naar - is om tijdig met elkaar, echt ruim voor het afgeven van de omgevingsvergunning, het debat te kunnen voeren over de exploitatieoplossing. Waarschijnlijk al dit najaar kunnen we daar met elkaar over van gedachten wisselen. Dat gaan we tijdig doen. Het amendement moet het college echt met klem ontraden. Hetzelfde geldt voor het amendement van mevrouw Klokkenburg. Voorzitter: de heer Sluijs. De voorzitter. Ik heb een interruptie van mevrouw Arp. Voordat we daarnaartoe gaan: het amendement van mevrouw Klokkenburg staat gewoon op het RIS. Dat is dus wel gedeeld. Wellicht dat uw ondersteuning het er nog even bij kan halen. Dan gaan we nu eerst even naar de interruptie van mevrouw Arp. Lesley Arp (SP). De wethouder ontraadt het amendement omdat het de businesscase zou schaden als we plekken uit de hub zouden toewijzen aan bewoners van MeLeCo in de situatie dat het nodig is. Nu heeft de wethouder Wonen in de commissie tot tig keer gezegd: we willen een flexibele hub, we gaan een flexibele hub bieden. Wat betekent dat dan, als we nu niet die flexibiliteit via dit amendement kunnen borgen? Wethouder Balster (PvdA). Daarbij heb ik in de commissie ook steeds een onderscheid gemaakt tussen de fase tot en met het besluit over de exploitatie en wat daarna gebeurt.

Daarna zullen we moeten monitoren hoe de hub en de reguliere parkeeroplossing worden ingevuld. Daarna zullen we kijken of het nodig is om daar flexibiliteit in te betrachten. Als we nu in de aanleg gaan schuiven met de uitgangspunten die we in de businesscase hebben zitten, vervalt de grond voor de verkregen rijkssubsidie en verliezen we de businesscase. Dat kunnen we ons niet permitteren. Vandaar dat het college dit amendement ontraadt. Lesley Arp (SP). Bij het opstellen van dit amendement heb ik juist heel goed geluisterd naar wat de wethouder in de commissie zei. De wethouder zei: tot de realisatie moeten we ons houden aan een xaantal plekken, maar bij de oplevering en de exploitatie kunnen we flexibiliteit betrachten. Volgens mij staat in het dictum juist exact: tot die realisatie gebeurt er niks, maar als we gaan exploiteren, dan moeten we die flexibiliteit voor ogen hebben. Wethouder Balster (PvdA). Het amendement laat in ieder geval heel veel ruimte om, voordat de parkeergarage en de hub in gebruik worden genomen, flexibiliteit toe te passen. Dat kan niet, want dan weten we ook nog niet in welke mate zowel de parkeervoorziening als de hub wordt gebruikt. Dat zullen we na verloop van tijd moeten zien. Daarna, en daar doelt de motie van D66 ook op, kunnen we kijken of er flexibiliteit nodig is, mocht het allemaal niet passen.

Maar we gaan er gewoon natuurlijk wel van uit dat het allemaal goed gaat. De voorzitter. Mevrouw Arp, voor de derde maal. 80

Lesley Arp (SP). Ik vraag me toch echt af of we hetzelfde amendement lezen. Er staat in mijn amendement heel duidelijk dat de raad ná de realisatie besluit over het aantal parkeerplekken dat ter beschikking wordt gesteld. Volgens mij lezen we het niet hetzelfde. Ik hoop dat de collega's het zelf even bekijken. Wethouder Balster (PvdA). Als er nu wordt vooruitgelopen op het wijzigen van het aantal parkeerplaatsen in zowel de reguliere parkeerbak als de parkeerhub, dan raak je aan de businesscase. Dat is de reden waarom het college het amendement blijft ontraden. Jan Willem van den Bos (PvdD). De wethouder gaf aan dat we mogelijk nog dit jaar, als ik het goed hoorde, over de mobiliteitshub gingen spreken. Ik was daar positief verbaasd over. Maar is dat dan ook echt zo concreet als in het amendement wordt gevraagd? Kunnen we dan dus echt spreken over het beoogde exploitatiemodel en hoe we omgaan met de toegankelijkheid en betaalbaarheid voor bewoners? Wethouder Balster (PvdA). Laat ik het hier duidelijk zeggen. Voordat we overgaan tot exploitatie en voordat we overgaan tot het afgeven van de omgevingsvergunning, moet u weten hoe de hub wordt geëxploiteerd en daarover kunnen spreken. We gaan u daar dus tijdig over informeren, zodat u dat gesprek kunt hebben. Jan Willem van den Bos (PvdD).

Waar dit amendement natuurlijk om vraagt, is om ook echt goed na te kunnen denken over de scenario's en om daar als raad ook echt grip op te hebben. Want dit is natuurlijk heel belangrijk voor de mobiliteitstransitie. Nu hoor ik de wethouder zeggen: u wordt erover geïnformeerd en u kunt erover praten. Kan dat iets concreter worden gemaakt? Welke rol voor de raad voorziet de wethouder om over die invulling van de mobiliteitshub verder te spreken? Wethouder Balster (PvdA). Waar het gaat om de exploitatie heeft onder andere de SP heel erg aangedrongen op een gesprek over welke vorm die exploitatie krijgt. Doe je dat privaat? Doe je dat publiek? Doe je dat op een andere manier? Dat zijn heel relevante zaken om straks die exploitatie goed te doen. Daar zijn de initiatiefnemers over in gesprek. Dat gaat overigens heel constructief. Maar daar willen we u tijdig over informeren, zodat u kunt zien hoe de exploitatie gaat. Dat is van belang. De vraag of straks de parkeergelegenheid - de heer Noorlander heeft daar goed op voorgesorteerd met zijn motie - goed genoeg gevuld is en ook de deelmobiliteitsmogelijkheid goed wordt benut, zullen we na oplevering en inhuizing bezien. Dan zullen we de effecten daarvan goed monitoren. Dat zullen we in de voortgangsrapportage Zuidwest doen. Dan kunt u daar vervolgens weer over spreken. De voorzitter. Meneer Van den Bos, voor de laatste maal.

Jan Willem van den Bos (PvdD). 'Tijdig informeren' kan soms een hele hoop betekenen. Mijn fractie is benieuwd. Krijgen we bijvoorbeeld een raadsvoorstel en krijgen we ook echt een keuze tussen scenario's en afwegingen? Worden we daar als raad ook in een vroeg stadium in meegenomen in plaats van dat we uiteindelijk een soort resultaat krijgen van: dit is de enige werkbare oplossing en zo gaan we het doen? Wethouder Balster (PvdA). Ruim voordat de exploitatie start, gaan we u goed in die afweging meenemen. In welke vorm dat zal zijn, zal ik nog even met collega Kapteijns - misschien dat hij daar zo nog iets over kan zeggen - afspreken. Maar het is ons vaste voornemen om uw raad heel zorgvuldig en tijdig in die afwegingen mee te nemen, zodat u daar een oordeel over kunt hebben en we daar met elkaar over kunnen spreken. De voorzitter. Gaat u verder. U wilde net naar het amendement van mevrouw Klokkenburg gaan. Wethouder Balster (PvdA). Ja. Dan wijk ik een beetje van de volgorde van de sprekers af, maar dit hoort, denk ik, bij het onderwerp van daarnet. Het amendement van mevrouw Klokkenburg om bij de 81

omgevingsvergunning te toetsen aan de op dat moment geldende parkeernormen, zou betekenen dat MeLeCo niet meer de uitzondering vormt op het nieuwe beleid. Dat haalt de businesscase onderuit. U begrijpt dat het college dit amendement met klem moet ontraden. Voorzitter. Ik ga naar de ingediende moties van de heer De Ridder. Hij heeft een motie ingediend over de informatievoorziening en participatie over de afwaardering van de Melis Stokelaan; uitgangspunten die u terug kunt lezen in de structuurvisie. Ik kan deze motie aan de raad laten, want er vindt participatie over de herinrichting plaats. Er zal ook een raadsvoorstel voor de herinrichting komen. Deze motie kan het college dus aan de raad laten. Dat geldt ook voor de motie over meerjarige onderhoudsafspraken voor de binnentuinen van MeLeCo. Goed dat u daar aandacht voor vraagt. Het is niet alleen de initiatiefnemer, maar straks ook de vereniging van eigenaren die dat moet borgen. We kunnen - we gaan u daar ook over informeren daar nog wel via de voortgangsrapportage afspraken over maken. Bijvoorbeeld via de erfpachtvoorwaarden, zeg ik maar even richting de heer De Ridder; zo belangrijk is dat instrument. Maar ook deze motie kan het college dus aan de raad laten. Dat geldt niet voor de motie Ruimte voor bewonersparkeren in de mobiliteitshub, want die raakt opnieuw aan de businesscase.

Die moet het college dus echt met klem ontraden, want dan gaan de voorwaarden voor de verkregen financiële middelen onderuit en daarmee de businesscase. Dat geldt ook voor de motie Behoud van openbare parkeerplekken in het plangebied MeLeCo. Die moet het college ook met klem ontraden. Hiermee vullen we een deel van de voor de wijk beschikbare deelmobiliteitsopgave in, ook voor de toekomst. Misschien ter geruststelling: een deel van de openbare parkeerplaatsen wordt straks ondergronds ingevuld, voor de bewoners van het nieuwe complex. Daarmee ontstaat de facto ook gewoon weer meer ruimte in de buitenruimte. In totaal gaat het, zeg ik even uit mijn hoofd, om zo'n 70 plaatsen minus de 16 deelmobiliteitsplaatsen. Deze motie moet het college ontraden. De motie van de Partij voor de Dieren over egelvriendelijke hekken kan het college aan de raad laten. Op mevrouw Klokkenburg ben ik zojuist ingegaan. De heer Çelik heeft nog gevraagd naar de parkeerdruk op straat. Het parkeren op eigen terrein, zoals we dat hier toepassen, kan alleen als betaald parkeren wordt ingevoerd. Dat moet de parkeerdruk op straat, omdat je dan bewonersparkeren hebt, echt doen verminderen. Maar nogmaals, ook hiervoor geldt dat we goed gaan monitoren hoe de parkeerdruk zich de komende tijd ontwikkeld. Dat heb ik in reactie op mevrouw De Groot en ook uw gezamenlijke moties zojuist benadrukt.

Beytullah Çelik (DENK). Stel dat er na het monitoren toch te weinig parkeerplekken blijken te zijn voor de bewoners die 's avonds thuis zijn. Komt er dan ook een oplossing van het college en, zo ja, wat voor een oplossing? Wethouder Balster (PvdA). Het flauwe antwoord is natuurlijk dat we hier gewoon onze parkeernormen hebben toe te passen en dat we, zoals volgt uit de structuurvisie, hier betaald parkeren invoeren. Maar we spreken met elkaar af dat we heel goed gaan monitoren wat er gebeurt. Dan zullen we moeten kijken of er maatregelen nodig zijn. Maar ik heb er echt alle vertrouwen in dat we met de parkeeroplossingen, waarmee we hier ook echt vooruitlopen en extra deelmobiliteit realiseren onder andere, goed kunnen voldoen aan de vraag. Judith Klokkenburg (ChristenUnie/SGP). Ik had het idee dat deze wethouder aan het einde was van zijn beantwoording, maar hij is alleen ingegaan op moties en amendementen en niet op gestelde vragen. Ik zou graag nog een antwoord willen. De voorzitter. Weet u nog welke vragen gesteld zijn door mevrouw Klokkenburg, wethouder? Anders gaan we die gewoon even herhalen. Misschien dat dat makkelijker is. Op welke vragen heeft u geen antwoord gekregen, mevrouw Klokkenburg? Judith Klokkenburg (ChristenUnie/SGP). Ik heb een vrij uitgebreide vraag gesteld over de stukken die afgelopen dinsdag zijn gekomen over de SPUK-aanvraag.

Ik heb een vraag gesteld over de niet afgedane motie over helderheid over de rijksuitkeringen. 82

Wethouder Balster (PvdA). Ik ben volgens mij in mijn inleiding of net in de interruptiedebatten al uitgebreid ingegaan op de brief van collega Kapteijns. Ik dacht dat u daarop doelde. Judith Klokkenburg (ChristenUnie/SGP). Nee. Deze wethouder heeft zelf afgelopen maandag of dinsdag een brief gestuurd over de beantwoording van de gestelde vragen in het besloten deel van de commissievergadering. Ik heb het volgende gevraagd. In de SPUK-aanvraag staat dat de deelmobiliteit van diverse ontwikkelingen in Morgenstond wordt opgenomen in de hubs, bijvoorbeeld de Genemuidenstraat, Steenwijklaan, kop Leyweg. Dat was voor mij onduidelijk. In de brief van afgelopen maandag staat geen duidelijkheid, want het impliceert dat de deelmobiliteit of de mobiliteit wordt opgelost in hubs. Ik hoor daar graag meer over. Het was voor mij totaal onduidelijk. Wethouder Balster (PvdA). Heldere vraag, ik snap de vraag ook. Heel precies kunnen we dat natuurlijk nog niet zeggen als we de andere plannen nog niet helemaal hebben vastgesteld. Het zal ook afhangen van de mobiliteitsoplossingen in die verschillende plannen. Maar de mobiliteitshub die we hier realiseren, loopt vooruit op een aantal toekomstige ontwikkelingen, waarvoor ook zal gelden dat de parkeeroplossingen duur zullen zijn en we in moeten zetten op deelmobiliteit.

Om dat efficiënt te organiseren, zetten we in Zuidwest - dat weet u denk ik ook nog uit de discussie over de structuurvisie - in op een aantal mobiliteitshubs. Daarmee voorzien we ook voor de toekomst in voldoende deelmobiliteit. We gaan dit ook in de voortgangsrapportages Zuidwest, natuurlijk afhankelijk van wanneer de projecten concreter worden, in beeld brengen. Judith Klokkenburg (ChristenUnie/SGP). Over deze hub, die nu in het PUK MeLeCo opgenomen staat: gaan dat dan deelauto's worden voor de andere ontwikkelingen of is het daadwerkelijk voor de wijk, voor alle bewoners die er nu al wonen? Wethouder Balster (PvdA). Voorlopig zijn ze nog niet gekoppeld aan toekomstige ontwikkelingen, maar het kan zijn dat toekomstige ontwikkelingen hier een deel van de parkeerbehoefte zullen opvangen. Maar we lopen hiermee dus al, zoals mevrouw De Groot dat net al mooi verwoorde, vooruit op de toekomstige ontwikkelingen. De voorzitter. Mevrouw Klokkenburg, voor de laatste maal. Judith Klokkenburg (ChristenUnie/SGP). Er was nog een andere vraag, namelijk over helderheid over de rijksuitkeringen. De voorzitter. Dit zie ik dan verder niet als een interruptie. U mag de vraag nog een keer herhalen. Judith Klokkenburg (ChristenUnie/SGP). Tof dat er zo goed geluisterd wordt in deze zaal.

Ik heb in januari een motie ingediend over helderheid over rijksuitkeringen en wat de regels zijn voor uitstel en noem maar op. Er wordt elke keer gezwaaid 'we hebben een uitkering, dus we moeten, moeten, moeten; raad, schiet op', terwijl ik ook hoor dat uitstel prima kan. Daar heb ik een motie over ingediend. Die is nog steeds niet afgedaan. Ik hoor daar graag meer over, omdat we dus keer op keer wél onder druk worden gezet met die subsidies. Wethouder Balster (PvdA). Ik heb nu niet paraat wanneer we uw motie gaan afdoen, maar ik zal ervoor zorgen dat dat zo snel mogelijk gebeurt, want ik snap de vraag. In het algemeen geldt voor rijkssubsidies waarbij een afspraak geldt dat je op een bepaald moment de bouw moet starten, dat dat een harde afspraak is. Het ministerie wijkt daar niet van af, totdat je op een gegeven moment door onvoorziene omstandigheden over zo'n deadline heen gaat. Dan is er soms een gesprek over mogelijk. Maar dat is niet vanzelfsprekend. Gemeenten zullen er alles aan moeten doen om die deadline te halen. Dat proberen we in dit project uiteraard ook te doen, want de businesscase is ons vanwege de beoogde kwaliteit en betaalbaarheid heel veel waard.

83

Wethouder Kapteijns (GroenLinks). Voorzitter. Er is mijn één specifieke vraag gesteld. Die zal ik beantwoorden. Verder kan ik aansluiten bij de reacties van collega Balster. We trekken hier heel intensief samen in op. Ik denk dat het ook goed is om te onderstrepen hoe belangrijk dat is. We hebben met elkaar een enorme woningbouwopgave. We willen tegelijkertijd de bereikbaarheid en de leefbaarheid van Den Haag Zuidwest, maar ook andere delen van de stad, maximaal op peil houden dan wel verbeteren. Dat betekent dat we in Den Haag net als in alle andere grote steden aan het zoeken zijn met elkaar hoe je dat het beste kunt doen. Dat doen we in de vorm van mobiliteitshubs - die zijn daar heel belangrijk bij - en ook met deelmobiliteit. De voorgestelde aanpassing van de nota op de parkeernormen die deze week naar uw raad is toegekomen, moeten we nog bespreken, eerst in de commissie en daarna in de raad. Het college stelt voor om in die ontwikkeling tijdig pas op de plaats te maken om ervoor te zorgen dat we in de kansen die we zien in deelmobiliteit, niet te grote stappen gaan zetten. Dat we in Den Haag Zuidwest van 50 naar 30% gaan voor nieuwe projecten, moet u in dat kader zien. Dat is wat het college betreft niet het eindpercentage.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14823398/1