CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS319148 Notulen van de raad van 25 april 2024

Gemeenteraad 20 juni 2024, gemeente Den HaagBij agendapunt: Vaststelling van de notulen van 25 april en 30 mei 202460.906 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 6

standhield. Ik hoop dat ze nu wel willen meepraten over de invulling van de groenstrook. Dus daar gaan we mee aan de slag. We volgen de gebruikelijke procedures hierin. De voorzitter. U was eigenlijk al drie keer geweest, meneer Van den Bos, maar u heeft één keer een verduidelijking gegeven, dus vooruit. Jan Willem van den Bos (PvdD). Mijn vraag aan de wethouder is wat dan eigenlijk de status is van het compensatieplan dat nu als bijlage bij het bestemmingsplan ligt. Is dat een soort schets? Wat heeft dat voor betekenis? Wethouder Van Asten (D66). De bomen die hier gekapt gaan worden, worden dubbel gecompenseerd. Daarvoor moeten we eerst invullen hoe die rondom en eventueel op het terrein komen. Dan gaan we kijken welke bomen nog niet zijn herplant. Die komen dan elders in het gebied of in het compensatiesysteem dat we hebben als stad. Dan kunnen we, zoals de heer Dubbelaar dat zo eloquent zei, als gemeente gratis bomen neerzetten. Met andere woorden, wij kunnen flink volume toevoegen aan de stad. Daarmee doet de politie dus het dubbele van wat ze eigenlijk zouden moeten doen. Arjen Dubbelaar (Hart voor Den Haag). Ik vind dat gek. Je slaat de krant open en dan staat zo'n wethouder leuk te doen dat hij gratis bomen weggeeft. Maar gratis bestaat natuurlijk niet, maar dat terzijde. Ik vraag me alleen af waarom ik de BEA onder de deur doorgeschoven krijg van iemand.

Waarom wordt die niet gewoon door het college toegestuurd? Wethouder Van Asten (D66). Zodra de kapvergunning wordt aangevraagd, wordt ook de Boom Effect Analyse opgesteld en gedeeld. Dan krijgt u die en dan niet onder de deur doorgeschoven, maar keurig in de brievenbus. Arjen Dubbelaar (Hart voor Den Haag). Maar ik krijg die van iemand uit de stad. Waarom wordt die niet gewoon door het college toegestuurd? Waarom zit die niet bij de stukken? We hadden die bij de commissiebehandeling bijvoorbeeld kunnen betrekken en het erover kunnen hebben met elkaar. Wethouder Van Asten (D66). De Boom Effect Analyse wordt altijd bij de kapvergunning behandeld. Dan zult die ook krijgen. Voorzitter. Hart voor Den Haag stelt niet ter discussie dat ze een plek nodig hebben. Daar zijn we het mee eens. Dit is inderdaad een prima plek. We hebben uitgebreid gesproken over wel of niet locatiestudies en dergelijke. Ik heb u in de commissievergadering uitgelegd dat dit een dienst is waarmee enige terughoudendheid geboden is in hoe precies zo'n functie eruit gaat zien en wat de eisen zijn. Dat kan allemaal dus niet gedeeld worden door de politie. Daarbij is het ook nog eens een private ontwikkeling. Iemand wil hier een gebouw neerzetten.

Vervolgens kijkt de gemeente: kan dat hier en onder welke voorwaarden kan dat? Bij een willekeurig andere bestemming ergens in de stad, als zich ergens een vastgoedketen gaat vestigen, gaan wij ook niet vragen 'heeft u al een uitgebreide locatiestudie gedaan, laat dat eens even zien' en dergelijke, en zeker niet bij zo'n belangrijk onderdeel van de politie. Arjen Dubbelaar (Hart voor Den Haag). Het gaat hier niet over een vastgoedketen, het gaat over een schietbaan. Een schietbaan voor zware wapens, waardoor bewoners opgezadeld worden met geluidsoverlast. De wethouder moet toch erkennen dat dat iets totaal anders is? In de commissie bracht hij dat namelijk ook al in. Wethouder Van Asten (D66). De geluidsbelasting op de gevel blijft ruim onder de toegestane hoeveelheid. Waarschijnlijk hebben de bewoners meer last van de A13 dan uiteindelijk van deze baan, die prima geïsoleerd wordt. Voorzitter. GroenLinks vroeg naar de groenstrookmotie. Daar zijn we dus mee aan de slag geweest en dat zullen we blijven doen. Bewoners zullen worden uitgenodigd. Overigens, over participatie gesproken, ook voor dit bestemmingsplan zijn alle bewoners wederom uitgenodigd per brief voor een informatieavond, zoals wij gebruikelijk zijn te doen. Ze zijn dus keurig betrokken. 48

De Partij voor de Dieren vindt het belang van de schietbaan minder dan van het bosplantsoen. Dat is uw keuze. Wij vinden deze schietbaan met de hele functie van deze dienst van de politie erg belangrijk voor deze stad. Daarom legt het college dat aan u voor. Isabel Bos (GroenLinks). Dank aan de wethouder voor de beantwoording. Hij geeft aan dat de bewoners weer uitgenodigd zullen worden voor de participatie. Maar wat we in de hoorzitting toch echt hoorden, waren mensen die zijn afgehaakt, die geen vertrouwen erin hadden dat er naar ze geluisterd zou worden. Vergt dat dan niet iets meer van de gemeente dan wat we normaal doen bij een participatietraject? Moeten we niet juist, wat ik aangaf, repareren wat er nu kapot is gegaan? Wethouder Van Asten (D66). Dan kom je bijna bij een fundamentele discussie. Er is een bestemmingsplan in eerste instantie geweest met een heel participatietraject. Zoals wel vaker voorkomt, zijn er ook bewoners die dat liever niet zien. Ik kan me echt wel voorstellen dat mensen dat liever niet voor hun deur hebben, ook al zit daar die brede sloot bij en dat bosplantsoen van 16,5 meter, gevolgd door een continu groene wand. Ik snap dat je dat vervelend vindt. Dan ga je naar de Raad van State.

Uiteindelijk zegt de Raad van State: al die argumenten die u inbrengt, zijn niet valide, maar er is een punt, van die kantorenlocatie, waarop we het bestemmingsplan afkeuren. Dan gaat de gemeente kijken: oké, hoe zien we dat nu eigenlijk, wat is de grond geweest? Wij vinden dat een verkeerde lezing van de Raad van State van het kantorenbeleid van Zuid-Holland. Sterker nog, dat vindt Zuid-Holland zelf ook van de interpretatie van het eigen beleid. We kozen ervoor om dat beter uit te leggen in het bestemmingsplan en het dan weer voor te leggen. Daarna leggen we het ook bij de bewoners voor. Maar ik snap heel goed dat die bewoners zeggen: moeten we dan weer strijden om dit van onze voordeur weg te houden? Ze hebben ook ruimschoots aangegeven dat te gaan doen. Het staat iedereen vrij om te denken op die wijze zijn recht te kunnen halen. Wat wij als gemeente kunnen doen, is ze nog steeds erbij betrekken. Er wordt dadelijk gebouwd. We willen gaan kijken hoe we die groene strook voor hun deur zo goed mogelijk invullen. Dat zijn dan de punten waar de participatie over kan gaan. Dan is het aan de bewoners zelf of zij daaraan willen meedoen. Isabel Bos (GroenLinks). Dan zit er volgens mij nog echt wel een verschil tussen met bewoners in gesprek gaan op basis van onenigheid die je hebt - het wisselen van ideeën wanneer er bezwaar is gemaakt - of werken aan de relatie.

Ik hoop toch echt dat de wethouder wel zijn best wil doen om ook zeker te gaan werken aan die relatie om het wantrouwen weg te nemen, zodat het ook gedragen kan worden en niet de bewoners straks een brief ontvangen van 'kom participeren', maar vervolgens niet op komen dagen. Wethouder Van Asten (D66). Dan zou ik heel benieuwd zijn wat mevrouw Bos zich daar precies bij voorstelt. Er kan altijd iets gebeuren. Het gebeurt wel vaker in de stad dat wij als college iets voorstellen of dat er een functie in de stad wordt toegevoegd die de buurt of een aantal bewoners liever niet heeft. Vervolgens weegt u hier als volksvertegenwoordiger het algemeen belang tegen het private belang. Dat is volgens mij het zuivere proces, waar mensen hopelijk wel vertrouwen in hebben. Want als ze geen vertrouwen hebben in het debat in deze raad, dan zou het daar mis gaan. Ik zie niet hoe dat op een andere manier kan worden hersteld dan duidelijk aan te geven: er is een beslissing genomen door de raad, dit is het bestemmingsplan. Dan weten zij zelf of ze daartegen in beroep willen gaan. Maar dan zeggen we wel: dit is de manier waarop het het beste kan worden ingepast, denkt u daarover mee, want dit is wel de beslissing die genomen is. De voorzitter. Mevrouw Bos, voor de laatste maal. Isabel Bos (GroenLinks).

Ik doe dan toch de suggestie aan de wethouder dat hij misschien zelf dan aanwezig is bij zo'n participatieavond en dat hij openstaat voor gesprekken als wethouder zelf, om te laten zien dat wij als gemeente willen werken aan die relatie. Ik denk dat dat de beste suggestie is die ik kan doen hierin. Wethouder Van Asten (D66). Ik zal kijken of dat haalbaar is, want dat gaat dan over de invulling van het bosplantsoen. Ik ben fanatiek achtertuintuinier, maar niet de beste persoon om daar advies over te 49

geven. Maar ik hoor u. Ik zal kijken of het past. Ik denk dat ze in ieder geval met de juiste mensen daar moeten zitten. De Partij voor de Dieren zei dat er iets verdwenen zou zijn over de participatie, maar wij zien in 4.2 dat daar nog steeds die participatieverplichting staat voor de bouw. Wij kunnen dat dus niet helemaal plaatsen. Jan Willem van den Bos (PvdD). Ik ben uiteraard graag bereid dat toe te lichten. In de vorige versie van het bestemmingsplan en in de uitspraak van de Raad van State - dat is ook door de Raad van State meegenomen als overweging van wat voor de gemeenteraad belangrijk is geweest - waren specifiek die adressen specifiek benoemd als de bewoners met wie overleg moest plaatsvinden. In de publieke stukken die via de Wet open overheid online staan, zie je dat dat niet is gelukt. Het is, wat de bewoners ook aangeven bij de inspraak, niet gelukt om dat overleg te laten plaatsvinden. Wat nu in de bouwregel staat is dat alleen aan die mensen kennisgegeven moet worden van de plannen, waarop zij de mogelijkheid hebben om aanbevelingen te doen. Dat is dus eigenlijk een soort verarming van participatie. In plaats van overleggen, sturen we een brief. Het feit dat dat gebeurd is en dat het aangepast is, duidt er toch op dat het bekend was dat het misging, dat het niet goed ging. De voorzitter. Het mag iets korter, hoor. Dit is bijna een tweede termijn.

Jan Willem van den Bos (PvdD). Dank u voor de aanmoediging. Maar wat ik dus wil aangeven, is dat er een hoop mis is gegaan. We missen het stukje dat het college dat erkent. Wethouder Van Asten (D66). Het college is het er niet mee eens dat het zo is misgegaan. De Raad van State heeft op basis van een bepaalde interpretatie van het provinciaal kantorenbeleid dit bestemmingsplan afgeschoten. Alle andere inbrengen die de bewoners daar als reclamanten hebben ingebracht, zijn door de Raad van State beoordeeld als niet ter zake doende. Wat is dus daar nu precies misgegaan, is bijna mijn wedervraag. De voorzitter. Meneer Van den Bos, hou het kort, hè? Jan Willem van den Bos (PvdD). Ik wil niet vervallen in een discussie over de Raad van State. Mevrouw Bos refereerde aan hoe de insprekers hier stonden en op welke manier zij geraakt zijn door dit proces. In die relatie tussen overheid en inwoners is iets misgegaan wat mijn fractie betreft. Wethouder Van Asten (D66). De bewoners, voor zover ik dat heb begrepen, vinden het - de kwalificatie laat ik bij hen, maar - in ieder geval vreemd dat wij hier wederom dit bestemmingsplan in stemming brengen, dat wij aan hebben gepast op basis van de uitspraak van de Raad van State. Dat is niet ongebruikelijk. Dat weet u ook. Het is een andere invulling dan zij graag zien.

Wij zien alleen nog steeds graag, net als de politie, dat deze dienst hier een plek krijgt in onze stad. Voorzitter. De SP vroeg naar de bomenkap. Ik heb wel een tijdlijntje. Ik zou toch willen vragen - want u gaat het er ongetwijfeld heel lang over willen hebben - om mij de tijd te geven om een brief op te stellen, zodat daar de tijdlijn goed in komt te staan. Dan heb ik het duidelijk op papier. Met permissie doe ik dat. De VVD vraagt of er contact is geweest met de bewoners. Bij het in procedure brengen van het nieuwe bestemmingsplan zijn de bewoners weer uitgenodigd. Zijn er zaken die we beter kunnen doen? Dat is misschien ook nog een reactie op mevrouw Bos. Ik denk dat wij eerder het voornemen kenbaar hadden moeten maken van: wij gaan toch weer aan de slag, want wij willen dit repareren. Nu is het eerste contact de uitnodiging geweest: kom participeren, want wij brengen het bestemmingsplan weer in procedure. Ik snap dat dat rauw op het dak valt. Ik denk dat we dat beter moeten doen. Kunnen we aan de bezwaren nog tegemoetkomen? Aan sommige fundamentele bezwaren niet. Zij willen die schietbaan niet. Ja, dat is een integraal onderdeel ervan. Er is natuurlijk wel ingekomen dat de hele wand van de schietbaan, die van negen naar acht meter is gegaan, een wand wordt die het hele jaar door groen is, met die 16,5 meter.

Men kan erover meepraten hoe we die 16,5 meter goed gaan invullen. Dat zijn eigenlijk de grootste bezwaren geweest. Ik hoorde ook nog bezwaren tegen de verkeersafhandeling daar. Wij denken dat dat op een goede manier kan. Ik denk dat we ook nog prima 50

kunnen praten over hoe we zorgen dat het zo veilig mogelijk is. Als men zorgen heeft over de uitrukroute vanaf het terrein over een fietspad de Brasserskade op, dan willen wij zeker graag meekijken of dat op de beste manier al is aangelegd of dat we daar nog verbeteringen in kunnen aanbrengen. Ik wil daar dus zeker graag over meedenken met de bewoners. Ik nodig ze uit dat vice versa te doen. Op de provincie ben ik ingegaan. Volgens mij waren dat de vragen die in dit debat zijn gesteld. Arjen Dubbelaar (Hart voor Den Haag). De wethouder bagatelliseert toch een beetje het vernietigen van het vorige bestemmingsplan, vind ik. Wat doet de wethouder als de bewoners wederom succesvol het bestemmingsplan aanvechten? Wethouder Van Asten (D66). Ik bagatelliseer helemaal niets. Ik leg alleen uit wat hier is gebeurd, op basis waarvan de Raad van State een uitspraak heeft gedaan en op welke wijze wij dat nu in het nieuwe bestemmingsplan menen, met al de kennis die in dit huis is, op een juiste manier nogmaals te hebben voorgelegd. Als de bewoners weer naar de Raad van State gaan, dan zullen we die uitspraak moeten afwachten. Ik kan niet speculeren op een eventuele uitkomst. De voorzitter. Ik constateer dat er geen behoefte is aan een tweede termijn. De beraadslaging wordt gesloten. De voorzitter. Aan het einde van de vergadering gaan wij stemmen over datgene wat ingediend is.

Wij lopen nu een klein beetje voor op schema. Ik wil even met u overleggen. Als we nu nog naar de beantwoording gaan van agendapunt K, dan gaan we, denk ik, erg uit de tijd lopen. Het is nu tien voor zes. Ik zou eigenlijk voor willen stellen om nu te gaan schorsen voor de dinerpauze, maar ik kijk natuurlijk wel eventjes naar u allen wat we gaan doen. Rutger de Ridder (VVD). Misschien was ik degene met het meeste commentaar. Ik denk dat ik het kort hou in de reacties op de wethouder. Ik denk dus dat het snel kan. De voorzitter. Maar ik kan niet inschatten of de wethouder het kort houdt! We zitten daarin met elkaar in een soort spagaat waarvan ik nu niet weet hoe dat gaat aflopen. Dan zitten we straks om half zeven elkaar aan te gluren van: goh, het loopt toch wel een beetje uit. Ik zou dus het volgende voorstellen. We lopen nu een klein beetje voor. Het is tien voor zes. We gaan nu schorsen voor de dinerpauze tot kwart voor zeven. Volgens mij zie ik daar voldoende steun voor. Dan gaan wij schorsen tot kwart voor zeven. De vergadering wordt van 17.48 uur tot 18.50 uur geschorst. Voorzitter: de heer Van Zanen. De voorzitter. Ik constateer dat de gemeenteraad er nog niet helemaal is, maar wel een voldoende aantal mensen om te kunnen beginnen. We gaan zo meteen beginnen met de beantwoording van het college bij agendapunt K. Maar voordat we dat doen, vertel ik u even het volgende.

Gisteravond was er een ontvangst hier in de raadzaal van de Mayor's Club van de Oekraïne. Dat zijn achttien ambtgenoten van mij en wethouders van gemeenten die nu een bezoek brengen aan onze regio. Gisteravond hebben ze gesproken met onze Haagse delegatie naar Oekraïne van vorige week. Vanavond laat komt deze delegatie naar het stadhuis en weer naar de raadzaal om mee te kijken naar de stemmingen en daarna nog even met u na te praten. U krijgt dan de unieke kans om met de collega's uit de Oekraïne kennis te maken. Ik vond dat u dat moest weten. Het zal allemaal heel informeel zijn. Maar het lijkt me de moeite waard. Deze mensen doen hun werk voor de lokale publieke zaak daar onder barre omstandigheden.

51

Aan de orde is: K. Voorstel van het college inzake Verordening tot wijziging van de Algemene plaatselijke verordening voor de gemeente Den Haag (APV) (RIS318222). De beraadslaging wordt hervat. Wethouder Kapteijns (GroenLinks). Voorzitter. We hadden beloofd het kort te houden. Dat ga ik dus ook proberen te doen. Er liggen twee amendementen voor bij de behandeling van deze APV-wijziging. Het amendement van het CDA stelt voor om op twee punten toevoegingen te doen. Daar zijn wat opmerkingen bij te maken. Allereerst is het belangrijk om op te merken uit juridisch oogpunt dat je in de APV hoofdlijnen regelt en dat de kaders op een andere plek worden vastgesteld. In dit geval liggen de kaders vast in de Transitievisie Warmte en in het Stedelijk Energieplan. Het enige wat we hier nu regelen is dat organisaties of bedrijven die een warmtenet willen aanleggen, niet alleen een melding moeten doen, maar dat we daar ook eisen aan kunnen stellen. Ik kijk inhoudelijk naar het amendement: 'het belang van het stimuleren van lokale en lage temperatuur warmtebronnen in Den Haag'. Dat is precies wat het college ook beoogt. Dat is een van de kernpunten van de Transitievisie Warmte. Het eerste dictum is dus overbodig. Het tweede dictum stelt dat de kaders van de raad leidend moeten zijn. Dat is in de Gemeentewet geregeld. Dus ook het tweede dictum is overbodig.

Het amendement is dus ook in zijn geheel overbodig. Rutger de Ridder (VVD). Als het nu voor dat voorstel van het CDA in de APV geregeld zou worden, dan moet het toch aantoonbaar zijn om die weigeringsgrond te geven, in plaats van dat het niet aantoonbaar moet zijn voor die weigering? Wethouder Kapteijns (GroenLinks). Artikel 9 regelt al dat we op basis van de kaders die we hebben, eisen kunnen stellen aan de vergunning die bedrijven nodig hebben om een warmtenet aan te leggen. We hoeven dus niet nog een keer die twee dingen eruit te halen, want, wat ik net uitlegde, die zijn al onderdeel van de kaders. De APV is ook niet bedoeld om allerlei inhoudelijke dingen in op te hangen. Die staan al voldoende beschreven in de Transitievisie Warmte en straks ook in de Omgevingswet, waar u als raad natuurlijk ook over gaat. Daar leg je de kaders in vast. Rutger de Ridder (VVD). Even voor de techniek: u zegt dat het eerste dictum eigenlijk al onder 9b hangt? Want u zegt dat het overbodig is, omdat het via 9b al in onze regels en kaders is ondervangen en daarom hoeven we het niet nog een keer op te schrijven. Dat is wat u zegt, toch? Wethouder Kapteijns (GroenLinks). Ja, in feite voegt dit niet heel veel toe, want in de Transitievisie Warmte en het Stedelijk Energieplan staan de kaders.

Daar is het stimuleren van lokale en laagtemperatuurwarmtebronnen het vertrekpunt waar we elkaar op vinden. Dat is ook precies wat het college beoogt met het stimuleren van warmtenetten in onze stad. Constant Martini (Hart voor Den Haag). Ik dacht dat het amendement meer een motie is dan een amendement, maar ik begrijp dat u het, als het een motievorm had, ook zou ontraden. Kunt u geen punt zetten achter de eerste zin, 'waarbij de kaders van de raad leidend zijn'? Want dan is het normaal. Wethouder Kapteijns (GroenLinks). Ik constateer dat het in de vorm van een amendement is ingediend. Daar is mijn appreciatie dus op gebaseerd. Hetzelfde geldt eigenlijk voor uw suggestie. Als we die punt zouden zetten, dan zou dat niets afdoen aan de appreciatie, want de kaders worden altijd door de raad bepaald. Kavish Partiman (CDA). Luisterend naar de wethouder kan ik het wel begrijpen. Hij geeft aan dat het al ons beleid is. Wij vinden het belangrijk om uit te stralen middels alle vormen van ons beleid dat de coöperatieve vorm van warmtenetten zoals dat in wijken bijvoorbeeld kan gebeuren, heel belangrijk 52

is. Daarom is dit ook op deze manier ingediend. Ik begrijp dus ook van de wethouder dat het niet schadelijk is als het amendement wordt aangenomen. Wethouder Kapteijns (GroenLinks). Ik weet niet wat precies bedoeld wordt met 'schadelijk'. Het amendement is overbodig. U mag daar dan als raad zelf een verdere appreciatie aan toekennen. Kavish Partiman (CDA). De wethouder zegt dat het overbodig is in de zin van 'we doen het al'. Dus als het amendement wordt aangenomen, heeft hij er geen last van in zijn beleid? Wethouder Kapteijns (GroenLinks). In zoverre dat het college het niet nodig vindt. De voorzitter. Meneer Partiman, laatste keer. Kavish Partiman (CDA). Er zijn twee verschillende dingen daarin. Dat vraag ik me dus af. De wethouder zegt 'overbodig' en dan zegt hij 'in zoverre dat het college het niet nodig vindt'. Dat het college iets niet nodig vindt, maakt het niet per definitie overbodig. Daar ben ik dus naar op zoek. Is dit nu een amendement waarvan u zegt: ik heb het niet per definitie nodig, maar als het wordt aangenomen, gaat mijn beleid gewoon door? Want dat idee hebben wij niet. Of zegt u: ik wil dit gewoon niet hebben op deze manier? Zeg dat dan op die manier. Wethouder Kapteijns (GroenLinks). Ik ben even aan het zoeken naar waar de CDA-fractie naar op zoek is.

Volgens mij ben ik heel duidelijk in dat ik het amendement ontraad omdat het overbodig is, omdat we op andere plekken in kaders die door de raad zijn vastgesteld, deze uitgangspunten al hebben vastgelegd. Dat hoeven we dus niet nog een keer in de APV te regelen, want dat hebben we al geregeld. De voorzitter. Zet uw betoog voort. Wethouder Kapteijns (GroenLinks). Ik ben bij het amendement van de VVD. Dat wil ik ook ontraden. Dit slaat de grond onder een belangrijk mogelijkheid vandaan die we straks hebben om regie te kunnen voeren op de warmtekavels en de manier waarop warmtenetten in de stad zich ontwikkelen. Ik zou het willen omdraaien, want ik heb goed naar het betoog van de VVD-fractie geluisterd. Het maakt het juist moeilijker voor lokale initiatieven om warmtenetten aan te leggen, want op basis van dit artikel hebben we de mogelijkheid om ontwikkelingen die lokale initiatieven in de weg zitten - en dat zijn de initiatieven die we met voorrang willen stimuleren - te weigeren. Om die reden zou het college dit amendement willen ontraden. Voorzitter: de heer Sluijs. Constant Martini (Hart voor Den Haag). Ik had zelf om een toezegging gevraagd of de wethouder of het college een keer per jaar zou kunnen aangeven hoeveel vergunningen ze afgegeven hebben en waarvoor, en welke geweigerd zijn, met een korte motivering. Daar heb ik geen antwoord op gehoord.

Wethouder Kapteijns (GroenLinks). Excuus. Daar had u inderdaad om gevraagd. Ik kan namens het college toezeggen dat we in de programmarekening hier ieder jaar op terug zullen komen. We zullen in de programmarekening rapporteren over het aantal vergunningen dat is aangevraagd en afgegeven. Voorzitter: de heer Van Zanen. De voorzitter. Dank u wel. Er was even een paniektelefoontje, maar dat wordt nu behandeld. Ik constateer dat er geen behoefte is aan een tweede termijn. De beraadslaging wordt gesloten. De voorzitter. De stemmingen volgen vanavond. 53

-

Afronding debat commissie.

Aan de orde is: M.

Start Kracht en rondom jou (RIS318512).

De beraadslaging wordt geopend. Lesley Arp (SP). Voorzitter. Allereerst wil ik benadrukken dat mijn fractie geen twijfel heeft over de noodzaak van de transitie die nu gaande is, maar dat juist nu een goede en gelijke informatiepositie voor ouders en jeugdigen nodig is wat ons betreft. Daarom de volgende motie, die het college verzoekt: duidelijker aan te geven dat er ruimte voor maatwerk is met betrekking tot continuering van de zorg tijdens de transitie en dat niemand van zorg naar wachtlijst zou mogen gaan; een gemeentelijk informatienummer en e-mailadres te communiceren waar ouders en jeugdigen terecht kunnen met hun vragen over de mogelijkheden voor maatwerk; en deze informatie te publiceren op de website www.jeugdhulpdenhaag.nl en de raad hierover te informeren. Deze is mede-ingediend door mevrouw Klokkenburg van de ChristenUnie/SGP, de heer Smit van de Partij voor de Dieren, mevrouw Faïd van de Haagse Stadspartij en mevrouw Baboeram van GroenLinks. Rita Verdonk (Hart voor Den Haag). Ik zie een heel ander dictum dan in een eerdere motie. Zijn dit eigenlijk ook al niet allemaal toezeggingen geweest van de wethouder? Lesley Arp (SP). Wij hebben inderdaad vandaag een nieuwe versie rondgestuurd. Het kan zijn dat die u niet bereikt heeft, maar volgens mij hebben alle fracties die gehad.

Ik denk dat de wethouder in algemene zin een aantal dingen heeft gezegd over de mogelijkheden voor maatwerk in relatie tot een casus van een inspreker. Wat mijn fractie heel belangrijk vindt, en de reden waarom wij ook deze motie indienen, is het volgende. Bij een transitie gebeuren dingen die wellicht niet zo bedoeld zijn of onwenselijk zijn. Mensen werken keihard achter de schermen, maar het is een heel grote transitie. Ik denk dat het heel belangrijk is dat ook mensen die niet de weg naar een gemeenteraadsfractie of de jeugdombudsman weten te vinden, deze informatie duidelijk hebben, dus bijvoorbeeld de punten die de wethouder heeft benoemd in de commissie. Rita Verdonk (Hart voor Den Haag). Dank aan de SP. Ten eerste. Ik had de motie wel degelijk al, dus daar gaat het helemaal niet om. Ten tweede. De mensen in Den Haag kunnen het dan nog niet weten, maar de SP weet toch wel wat de wethouder heeft toegezegd? Dan komt toch gewoon op een gegeven moment die informatie? Lesley Arp (SP). Ik heb het debat natuurlijk ook nog teruggeluisterd en alle punten die de wethouder daarin heeft genoemd. Wat ik gehoord heb, maar de wethouder kan er natuurlijk ook altijd in zijn reactie op terugkomen, is dat een aantal algemene dingen is gezegd. Bijvoorbeeld dat als de zorgcontinuïteit mogelijk onder druk komt te staan, er een aantal oplossingen zijn waaraan hij zou kunnen denken.

Maar deze motie gaat ook over de informatiepositie. Ik wil ook benadrukken dat de brief van de jeugdombudsman naar aanleiding van het commissiedebat is binnengekomen. Die legt ook nadruk op het belang van juist die informatiepositie van iedereen, dus ook van mensen die niet de commissie Samenleving volgen en die niet de weg naar een fractie of naar de jeugdombudsman weten te vinden in deze heel belangrijke periode. De voorzitter. Door mevrouw Arp, daartoe gesteund door mevrouw Klokkenburg, de heer Smit en mevrouw Faïd, wordt de volgende motie (M.1 SP) ingediend:

54

Motie M.1 SP Helderheid over ruimte voor maatwerk De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op donderdag 25 april 2024, ter bespreking van Raadsmededeling: Start Kracht en rondom Jou. Constaterende, dat: ▪ de jeugdhulp voor jeugdigen is veranderd per 1 januari 2024; ▪ er een overgangstermijn is voor geleverde zorg tot 1 juli 2024; ▪ er jeugdigen zijn die specialistische jeugdhulp ontvangen, die nu door deze overgang mogelijk in de problemen kunnen komen omdat de aanbieder geen contract heeft met de samenwerkingspartners. Overwegende, dat: ▪ de wethouder Onderwijs, Jeugd, Sport en Dienstverlening in de commissie Samenleving van 18 april 2024 heeft gezegd dat er altijd oog moet zijn voor de kinderen en dat het over de zorgcontinuïteit en de persoonlijke zorg per kind moet gaan; ▪ de verordening en regeling waar de transitie in de jeugd en gezinshulp op berust ruimte bieden om maatwerk te regelen; ▪ de wethouder in diezelfde commissie heeft gezegd dat wanneer een jeugdige voor specialistische hulp bijvoorbeeld afhankelijk is van één aanbieder en deze niet aangesloten is bij het samenwerkingsverband waar het kind onder valt, één van de oplossingen waar hij aan denkt is dat deze tijdelijk door kan gaan bij de huidige aanbieder na 1 juli als onderaannemer; ▪ ouders, jeugdigen en hulpverleners niet altijd op de hoogte zijn van het feit dat maatwerk in sommige gevallen

mogelijk is. Verzoekt het college: ▪ ⁠duidelijker aan te geven dat er ruimte voor maatwerk is met betrekking tot continuering van de zorg tijdens de transitie en dat niemand van zorg naar wachtlijst zou mogen gaan; ▪ een gemeentelijk informatienummer en emailadres te communiceren waar ouders en jeugdigen terecht kunnen met hun vragen over de mogelijkheden voor maatwerk; ▪ ⁠deze informatie te publiceren op de website www.jeugdhulpdenhaag.nl en de raad hierover te informeren. En gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Lenne Baboeram (GroenLinks). Voorzitter. Wij willen allen dat de overgangsfase naar het nieuwe Haagse jeugdhulpstelsel zo soepel mogelijk verloopt. Daarom de volgende motie, waarin we het college oproepen het overzicht en de regie te houden: verzoekt het college om aan samenwerkingsverbanden Kracht en Rondom Jou te verzoeken op korte termijn een plan van aanpak en een tijdspad te maken, waarin uitgewerkt is hoe en wanneer de diverse problemen die naar voren zijn gekomen tijdens de doorontwikkeling van het Haagse jeugdhulpstelsel met betrekking tot maatwerk, bezwaren en klachten, wachtlijsten en overdrachten, worden opgepakt en opgelost; en de raad voor de zomer 2024 over de uitkomsten te informeren. Deze is medeondertekend door mevrouw Holman, PvdA, mevrouw Faïd, Haagse Stadspartij en de heer Mahmood van DENK.

Judith Klokkenburg (ChristenUnie/SGP). Dank aan collega Baboeram voor in ieder geval de motietitel, want natuurlijk moet geen kind de dupe worden. Ik vraag me alleen af of kinderen nou echt geholpen worden met deze motie, omdat die vraagt om nog meer papierwerk vóór de zomer blijkbaar, terwijl ze juist nu zo hard bezig zijn om die transitie vorm te geven.

55

Lenne Baboeram (GroenLinks). Dank voor de vraag. Zo'n transitie vraagt inderdaad heel veel aandacht, juist omdat het een behoorlijk grote transitie is. Met deze motie beogen we als fractie dat we al die hobbels waar we tegenaan kunnen lopen, kunnen tackelen. Daarom is het heel belangrijk om als gemeente dit goed in de gaten te houden. Deze motie is veel breder. Het gaat er uiteindelijk inderdaad om dat de kinderen hier niet de dupe van moeten worden. Judith Klokkenburg (ChristenUnie/SGP). Maar worden de kinderen niet juist de dupe als we gaan vragen aan al die medewerkers die nu heel hard bezig zijn om al die kinderen een goede plek te geven, om op papier te zetten waar ze nu tegen aanlopen en hoe ze dat gaan oplossen? Die tijd hebben ze nu toch juist nodig om die kinderen te helpen? Lenne Baboeram (GroenLinks). Dat klopt. Het is de bedoeling dat ze zich met kinderen bezighouden. Maar het is ook belangrijk dat kinderen en ouders die net tussen wal en schip vallen, goed worden opgepakt. Daar dient deze motie ook voor. De voorzitter. Laatste keer, mevrouw Klokkenburg. Judith Klokkenburg (ChristenUnie/SGP). Maar dat staat niet in de motie. De motie vraagt om meer papierwerk door de hulpverleners en niet om de kinderen goed te gaan helpen. Lenne Baboeram (GroenLinks). Het is jammer dat u dat zo ziet. Dat is juist niet de bedoeling.

Ik denk dat het goed is om in de beginfase in beeld te brengen waar de samenwerkingsverbanden tegen aanlopen en dat in samenwerking met de gemeente. Het is heel goed om dat in de beginfase te tackelen. Als we dit heel goed doen, kunnen we op termijn heel veel tijd en kosten besparen. Rita Verdonk (Hart voor Den Haag). Mevrouw Baboeram en ik vinden elkaar heel vaak als het gaat om vertrouwen in de professionals. Dat vertrouwen lees ik hier helemaal niet terug. Lenne Baboeram (GroenLinks). Dat hoeven we niet te benoemen. We hebben vertrouwen in de professionals. Dat staat als een paal boven water. Maar er komen signalen binnen dat het niet altijd helemaal vlekkeloos verloopt. Dat is niet te wijten aan dat de professionals misschien hun werk niet goed doen. Dat heeft met heel veel andere aspecten te maken. Wij twijfelen niet aan de professionaliteit van de medewerkers. Rita Verdonk (Hart voor Den Haag). Dat lees ik toch wel in de motie, want daarin staat dat die professionals een plan van aanpak en een tijdpad moeten gaan maken, en dan niet over één onderwerp, maar over een stuk of zes onderwerpen. Dat kost tijd. U kunt er ook op vertrouwen dat professionals gewoon goed hun werk doen. Lenne Baboeram (GroenLinks). Zoals ik al eerder heb aangegeven, zegt deze motie niet dat wij geen vertrouwen hebben in de professionals.

Juist met zo'n transitie, met zo'n grote overgang naar een nieuw systeem, is het belangrijk om bij te houden wat er gebeurt, wat er gaande is en dat we de ouders kunnen volgen. Naast dat we signalen binnenkrijgen, zien we ook dat ouders niet altijd de weg weten te vinden. Die professionals kunnen dat wel, in samenwerking met de gemeente. De voorzitter. Laatste keer, mevrouw Verdonk. Rita Verdonk (Hart voor Den Haag). Het allerbelangrijkste is de zorgcontinuïteit. Er ligt een heel duidelijke toezegging van de wethouder: voor 29 mei komt hij met een verslag over hoe het zit met de zorgcontinuïteit. Kunt u daar niet gewoon tevreden mee zijn en de professionals hun goede werk laten doen? Lenne Baboeram (GroenLinks). Nogmaals, wij twijfelen niet aan de professionals. We zitten in een transitie. 1 juli moet dat allemaal gaan plaatsvinden. Eind mei hebben we een technische werkbespreking. Het is toch alleen maar fijn of goed dat we met zijn allen hier werk van maken, dat 56

we juist in die overgang dingetjes oppakken en regie houden als gemeente? Want er zijn wel degelijk signalen binnengekomen. Dat moeten we niet onderschatten. We hebben van de ombudsman ook wat aanbevelingen. Die moeten we wel serieus oppakken. De voorzitter. Door mevrouw Baboeram, daartoe gesteund door mevrouw Holman, mevrouw Faïd en de heer Mahmood, wordt de volgende motie (M.2 GL) ingediend:

Motie M.2 GL Geen kind de dupe van de doorontwikkeling van het jeugdhulpstelsel De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 25 april 2024, ter bespreking van het afrondend debat Start Kracht en rondom jou (RIS318521). Constaterende, dat: ▪ de overgangsfase naar het nieuwe Haagse Jeugdhulpstelsel nog diverse problemen kent. Overwegende, dat: ▪ het nog onduidelijk is hoe kinderen met ‘zware’ (multi-) problematiek en hun gezin, die tijdens de overgangsfase op zorginhoudelijke grond gebaat zijn bij maatwerk, over deze mogelijkheid geïnformeerd worden en hierin begeleid worden; ▪ het nog onduidelijk is waar en op welke manier kinderen en ouders, die geconfronteerd worden met de doorontwikkeling van het Haagse jeugdhulpstelsel, terecht kunnen voor het indienen van bezwaren en klachten; ▪ het nog onduidelijk is hoe omgesprongen wordt met bestaande wachtlijsten tijdens de doorontwikkeling naar het nieuwe Haagse jeugdhulpstelsel; ▪ het nog onduidelijk is hoe een warme overdracht gegarandeerd wordt naar het nieuwe Haagse jeugdhulpstelsel; ▪ het nog onduidelijk is hoeveel Haagse kinderen, ouders, behandelaars en instanties tegen de diverse problemen oplopen. Van mening dat: ▪ geen enkele systeemverandering zonder uitdagingen is; ▪ geen enkel kind de dupe mag worden van de doorontwikkeling naar het nieuwe Haagse jeugdhulpstelsel.

Verzoekt het college: ▪ om aan samenwerkingsverbanden Kracht en Rondom Jou te verzoeken op korte termijn een plan van aanpak en een tijdspad te maken, waarin uitgewerkt is hoe en wanneer de diverse problemen, die naar voren zijn gekomen tijdens de doorontwikkeling van het Haagse jeugdhulpstelsel, m.b.t. maatwerk, bezwaren en klachten, wachtlijsten en overdrachten, worden opgepakt en opgelost; ▪ en de raad voor de zomer 2024 over de uitkomsten te informeren. En gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Wethouder Bredemeijer (CDA). Voorzitter. Dank aan de raad en aan de commissie Samenleving, waarin we het goede debat hebben gevoerd. De korte interruptiedebatjes van zojuist geven wel aan dat er veel betrokkenheid is bij de transitie. Dat is mooi en belangrijk. Het is een ontwikkeling die door de samenwerkingsverbanden vorm wordt gegeven. Ik weet zeker dat de samenwerkingsverbanden ook met veel interesse luisteren naar de appreciatie van de commissie en de raad, op dit moment verwoord in twee moties, die ik beide aan het oordeel van de raad zou willen overlaten. Ik vind het belangrijk dat er geen enkele twijfel bestaat bij individuele leden van de commissie Samenleving of de raad over deze transitie en over het gegeven dat deze transitie nodig is. Ik ben ook blij dat dat benadrukt is. De 57

transitie is nodig, maar mag zeker niet ten koste gaan van kinderen die zorgbehoevend zijn. We zijn in een beweging bezig. Die gaat uiteindelijk echt leiden tot minder aanbieders. Die 190 aanbieders ongeveer waar sprake van was voor januari, gaan wij echt terugduwen naar fors minder aanbieders. De markt gaat daarmee uit het systeem. De perverse prikkels gaan uit het systeem. Voor de kinderen die nu zorg hebben, is de zorgcontinuïteit gegarandeerd. De transitieperiode houdt op 1 juli op, maar ook na 1 juli zullen de samenwerkingsverbanden er voor ons voor zorgen dat kinderen die zorgbehoevend zijn, die zorg ook zullen krijgen. Beide moties zal ik dus aan het oordeel van de raad laten en als ze aangenomen worden, ook op die manier met de samenwerkingsverbanden bespreken. De beraadslaging wordt gesloten.

Aan de orde is: N.

Vervoersplanprocedure 2025 MRDH.

De beraadslaging wordt geopend. Caroline Peeck (VVD). Voorzitter. In de afgelopen tijd zijn we heel vaak opgeschrikt door allerlei berichten over heftige geweldsincidenten tegen reizigers en medewerkers in het Haagse openbaar vervoer. We hebben gezien dat de MRDH een bezuiniging hierop heeft gedaan. We denken als Haagse VVD dat de toename van het aantal heftige geweldsincidenten aantoont dat we niet kunnen bezuinigen op de sociale veiligheid in het ov. Daarom een motie met het dictum: verzoekt het college met de HTM afspraken te maken over de benodigde extra maatregelen voor verbetering van de veiligheid van medewerkers en passagiers en om het veiligheidsgevoel te vergroten; zich maximaal in te spannen om deze maatregelen mee te laten nemen in de financiering van de vervoersplannen van de MRDH; en de raad uiterlijk 8 juli 2024 over de uitkomsten te informeren. Deze motie is mede ingediend namens Coen Bom van Hart voor Den Haag. De voorzitter. Door mevrouw Peeck, daartoe gesteund door de heer Bom, wordt de volgende motie (N.10 VVD) ingediend:

Motie N.10 VVD Extra aandacht voor veiligheid in de vervoerplannen voor onze stad De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 25 april 2024, ter afronding van het debat over de vervoersplanprocedure 2025 MRDH. Constaterende dat: • we ook in Den Haag steeds vaker worden opgeschrikt door heftige geweldsincidenten tegen reizigers en medewerkers in het Haagse openbaar vervoer. Overwegende dat: • de MRDH € 24 miljoen had gereserveerd voor onder andere sociale veiligheid in het Haagse openbaar vervoer, maar besloten heeft hierop te bezuinigen. Van mening dat: • de toename van het aantal heftige geweldsincidenten aantoont dat we niet kunnen bezuinigen op de (sociale) veiligheid in het OV. Verzoekt het college: • met de HMT afspraken te maken over de benodigde extra maatregelen voor verbetering van de veiligheid van medewerkers en passagiers en om het veiligheidsgevoel te vergroten; 58

• •

zich maximaal in te spannen om deze maatregelen mee te laten nemen in de financiering van de vervoersplannen van de MRDH; de raad uiterlijk 8 juli 2024 over de uitkomsten te informeren.

En gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Lesley Arp (SP). Voorzitter. Ik heb een motie met een simpel verzoek: verzoekt het college om de subsidie voor het project 'Conducteurs op de tram' structureel te maken zodat HTM de krachten voor het project 'Conducteurs op de tram' in vaste dienst kan nemen. De voorzitter. Door mevrouw Arp, daartoe gesteund door de heer Bom en mevrouw Klokkenburg, wordt de volgende motie (N.9 SP) ingediend:

Motie N.9 SP Maak conducteur op tram structureel De gemeenteraad van Den Haag, in vergadering bijeen op 25 april 2024, ter bespreking van Vervoersplanprocedure 2025 MRDH. constaterende, dat: ▪ het college al sinds 2007 het project ‘Conducteurs op de tram’ per collegeperiode verlengt met een jaarlijkse incidentele subsidie; ▪ voor de uitvoering van het project door de HTM externe krachten worden ingehuurd. overwegende, dat: ▪ het project ’Conducteurs op de tram’ positief wordt ontvangen door zowel reizigers als door het rijdend personeel; ▪ de HTM tijdens het werkbezoek Sociale Veiligheid in het ov aangaf de externe krachten graag in vaste dienst te willen nemen, maar dat dit nu niet mogelijk is door de incidentele aard van de subsidie; ▪ sinds 2018 steeds 2 miljoen voor het project beschikbaar gesteld is; ▪ met het in vaste dienst nemen van deze krachten minder geld hoeft te worden uitgegeven aan externe inhuur, waardoor het bespaarde geld weer ingezet zou kunnen worden voor de kwaliteit van ons openbaar vervoer; ▪ de HTM bij externe inhuur weinig invloed heeft op de kwaliteit en vaardigheden van de werknemers, en door de werknemers zelf aan te nemen het ook mogelijk wordt om trainingen te geven en lange-termijn werkafspraken te maken; ▪ het beter is zoveel mogelijk met vast personeel te werken zodat bedrijven en werknemers weten waar ze aan toe zijn; ▪ de sociale veiligheid

en veiligheidsbeleving in het ov onze permanente aandacht verdient en dat ook in dit licht een structurele subsidie logischer is. verzoekt het college: ▪ de subsidie voor het project ‘Conducteurs op de tram’ structureel te maken zodat HTM de krachten voor het project ‘Conducteurs op de tram’ in vaste dienst kan nemen. En gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Fatima Faïd (HSP). Voorzitter. Zoals u weet, is het openbaar vervoer voor de Haagse Stadspartij een belangrijk punt. We denken graag mee om de reiservaringen te verbeteren en de mobiliteit te ondersteunen. Daarvoor heb ik een vijftal moties. De eerste motie heet Busje komt vaker: verzoekt het 59

college met HTM in overleg te treden om in de zomer buslijn 28 zes keer per uur en 's avonds vier keer per uur te laten rijden; en de raad daarover te informeren. Peter Mekers (D66). Een sympathiek initiatief, ik vroeg me alleen af: per wanneer, waar wordt het uit betaald en hebben we deze zomer al voldoende personeel, denkt mevrouw Faïd? Fatima Faïd (HSP). Er gaan al heel veel bussen naar de andere kant van Scheveningen. Ik zou me zo kunnen voorstellen dat we met de HTM erover nadenken hoe we eventueel kunnen zorgen dat er meer bussen richting het Zuiderstrand gaan en op andere lijnen iets minder. Het punt is natuurlijk ook dat we op het Zuiderstrand niet genoeg fietsplekken hebben. Maar het zou kunnen dat u een motie gaat indienen voor wat bredere fietsplekken daar. Die gaan we dan misschien ook ondersteunen. De voorzitter. We laten ons graag verrassen. Fatima Faïd (HSP). Ik laat me zeker graag verrassen. Motie twee heet Busje komt toch. De voorzitter. U heeft nog geen woord uitgesproken en mevrouw Gerritsen heeft nu al een vraag. Of gaat het over het vorige punt, mevrouw Gerritsen? Leonie Gerritsen (PvdD). Over het vorige punt inderdaad. Ik dacht er nog een vervolgvraag kwam van meneer Mekers. Mevrouw Faïd zei namelijk dat andere bussen wat minder kunnen rijden, maar welke dan? Het is dan wel handig dat dit ook in de motie staat. Fatima Faïd (HSP).

Ik zou me kunnen voorstellen - dat is ook wat de motie vraagt - dat je met de HTM in overleg treedt over welke bussen we dan minder kunnen laten rijden richting Scheveningen. Want er rijdt natuurlijk ook nog zo'n Strandexpress. Ik zou me kunnen voorstellen dat die dan misschien wat minder rijdt. Volgens mij is daar best wel iets voor te regelen. Leonie Gerritsen (PvdD). Ik snap de toelichting, maar in de motie staat niet: in gesprek gaan met de HTM over welke lijnen dan minder. Ik zou het zelf beter begrijpen als ik dan ook weet ten koste van wat het gaat, want dat zie ik nu niet. Dan is het alleen maar een intensivering. Als mevrouw Faïd daar nog een toevoeging aan heeft, dan hoor ik die graag. Fatima Faïd (HSP). Volgens mij is de motie heel helder: ga met de HTM in overleg hoe je bus 28 wat vaker kan laten rijden. Ik denk dat de HTM heel goed in staat is om aan te geven wat wel kan en wat niet kan. Wij denken dat je moet kijken naar de andere kant van Scheveningen. Daar rijden best wel veel trams en bussen naartoe. Ook belangrijk, maar ik kan me voorstellen dat de HTM daar zelf ook heel goede ideeën bij heeft. De voorzitter. Mevrouw Gerritsen, laatste keer. Leonie Gerritsen (PvdD).

Ik denk ook dat ze daar ideeën bij hebben, maar is het dan zo dat dat in deze Vervoersplanprocedure 2025 zou moeten worden aangepast en moet dat dan eerst worden teruggekoppeld aan de raad? Dan wordt het qua tijdpad onhaalbaar, denk ik. Hoe ziet mevrouw Faïd dat voor zich? In welk plan moet dat terugkomen? Fatima Faïd (HSP). Misschien is het niet heel aardig om te zeggen, maar als we wat sneller zouden vergaderen, zou het misschien ook allemaal wat sneller kunnen. Natuurlijk heeft zo snel mogelijk onze voorkeur. Ik kan me voorstellen dat de HTM dat ook een heel goed idee vindt en denkt: misschien is het wel mogelijk. Als wij met zijn allen ook wat strakker in de wedstrijd gaan zitten, lukt het misschien ook eens een keertje om dingen op tijd te doen. De voorzitter. Mevrouw Faïd zet haar betoog voort.

60

Fatima Faïd (HSP). Ik was bij de motie Busje komt toch: verzoekt het college MRDH te vragen te onderzoeken of het mogelijk is chauffeurs uit te wisselen tussen alle aangesloten vervoersbedrijven; en de raad daarover te informeren. Peter Mekers (D66). Ik was in de veronderstelling dat we de MRDH al gevraagd hadden onderzoek te doen en dat ze ook toegezegd hebben onderzoek uit te voeren naar de arbeidsmarkt en de samenwerking et cetera. Ik was ook in de veronderstelling dat dit een van de aspecten is die eigenlijk al zou worden meegenomen daarin. Ik vroeg me dus af: wordt dit niet al uitgevoerd en is het niet overbodig om dit nog een keer te vragen? Fatima Faïd (HSP). Moties van de HSP zijn nooit overbodig, meneer Mekers, dat is echt onmogelijk. Nee, dit is een extra zetje om te zorgen dat we dit echt gaan doen. Ik had namelijk niet de indruk dat het een heel harde toezegging was. Peter Mekers (D66). Ik ben ook benieuwd naar de planning. Het onderzoek staat namelijk los van de vervoersplanprocedure. Volgens mij is de opdracht voor het onderzoek inmiddels ook al de deur uitgegaan. Is het niet mosterd na de maaltijd? Fatima Faïd (HSP). Dan hoor ik zo van de wethouder dat het al helemaal in kannen en kruiken is. Ik ben heel benieuwd. Ik denk het niet, heel eerlijk gezegd. De voorzitter. Gaat u vooral verder met uw betoog. Fatima Faïd (HSP).

Ik heb de motie Veiligheidsbeleving HTM-personeel: verzoekt het college met HTM in overleg te treden over de mogelijkheid om de veiligheidsbeleving van personeel te betrekken in de kwartaalrapportages sociale veiligheid; en de raad over de uitkomsten te informeren. Deze is medeondertekend door mevrouw Peeck van de VVD. Peter Mekers (D66). Volgens mij is dit ongeveer letterlijk in de commissie toegezegd door de wethouder. Als die cijfers er zijn en de HTM die wil delen, dan worden ze meegenomen in de rapportages. Ik snap dus ook hier niet wat deze motie toevoegt. Fatima Faïd (HSP). Volgens mij zegt u heel goed: als de HTM het wíl delen. Deze motie roept ertoe op dat de HTM het gewoon deelt en het dus ook aan de mensen moet gaan vragen. Het is heel belangrijk dat we juist ook van de mensen die daar werken, horen wat ze meemaken en wat voor adviezen zij aan ons kunnen geven. De voorzitter. Mevrouw Faïd, gaat u gauw door. Fatima Faïd (HSP). Ik ga snel door inderdaad. Help reizigers gericht (noodnummer HTM): verzoekt het college met HTM in overleg te treden om de mogelijkheden voor een noodnummer in trams en bussen te onderzoeken; en de raad over de uitkomsten te informeren. Leonie Gerritsen (PvdD). Het wordt een beetje een repetitiedingetje, maar ook dit is al gebeurd. We hebben tijdens de werkbespreking bij de HTM geleerd dat ze een pilot hebben gedaan met een noodnummer.

Wat voor ander soort pilot moet er dan plaatsvinden volgens mevrouw Faïd? Fatima Faïd (HSP). Er moet helemaal geen pilot plaatsvinden. Er moet gewoon een noodnummer komen. Dat is wat wij willen. Er moet een noodnummer komen, en dat komt er niet. Leonie Gerritsen (PvdD). Dat is omdat getest is of het werkt en het werd niet gebruikt. Dat is waarom het toen niet is doorgevoerd. We hebben het er ook wel over gehad bij de werkbespreking of het op een andere manier kon, met een website, een app, een QR-code of dat soort dingen. Maar HTM zelf was daar niet heel erg over te spreken. Ik vroeg me dus af op welke manier dat dan zou moeten werken. 61

Fatima Faïd (HSP). Het is heel simpel. De NS heeft ook gewoon een noodnummer. Dat werkt echt als een tierelier. Dat de HTM het zelf niet wil, kan, maar we zitten hier natuurlijk niet alleen voor de HTM, maar vooral ook voor de mensen die gebruikmaken van HTM. Wij willen een noodnummer en velen met ons. De voorzitter. Andere dingen nog, mevrouw Faïd, althans voor dit agendapunt? Fatima Faïd (HSP). Nee, voorzitter. De voorzitter. Bent u er nou toch een vergeten? Het zijn kleine lettertjes, hè? Fatima Faïd (HSP). Ik moet een nieuwe bril. Dat is wel weer helder. De motie Informeer tijdig bij afschalingen: verzoekt het college met HTM in overleg te treden over een gepaste termijn van informeren bij afschaling of ingrijpende wijzigingen in de dienstregeling; hierbij aan te geven dat de gemeenteraad sneller op te hoogte gesteld wil worden van geplande wijzigingen in de dienstregeling, bij voorkeur binnen drie maanden; en de raad over de uitkomsten te informeren. Peter Mekers (D66). Betekent 'bij voorkeur binnen drie maanden' dat er minimaal drie maanden tussen het communiceren en het ingaan moet zitten, of moet het binnen drie maanden ingaan? Dat was me even niet duidelijk. Fatima Faïd (HSP). De motie roept op het zo snel mogelijk te doen.

Ik kan me herinneren dat u de vorige keer ook uit uw panty was geschoten omdat ze een beetje te laat waren - bij wijze van spreken, want anders gaan we daar weer over nadenken en krijgen we allemaal beelden! Het gaat er natuurlijk over dat we als raad de vorige keer not amused waren dat we een beetje te laat waren geïnformeerd. Het gaat er dus om dat het zo snel mogelijk gebeurt. Als dat binnen drie maanden kan, helemaal prima. Peter Mekers (D66). Ik denk dat ik hetzelfde bedoel als mevrouw Faïd. Daarom vroeg ik het ook specifiek even ter verduidelijking. Wilt u dat de HTM minimaal drie maanden voordat zo'n dienstregeling ingaat, dat aan ons gecommuniceerd heeft? Er wordt nu een termijn genoemd en ik snap even niet wat daar de bedoeling van is. Fatima Faïd (HSP). Drie maanden; er staat gewoon 'drie maanden'. De voorzitter. Door mevrouw Faïd worden de volgende moties (N.2 HSP, N.3 HSP, N.4 HSP, N.5 HSP en N.6 HSP) ingediend:

Motie N.2 HSP Busje komt toch De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 25 april 2024, ter bespreking van Vervoersplanprocedure 2025 MRDH Constaterende, dat: ▪ HTM aangeeft met personeelstekort te kampen; ▪ EBS aangeeft volgend jaar genoeg personeel te hebben; ▪ er weinig uitwisseling tussen vervoersbedrijven plaats vindt. Overwegende, dat: ▪ er mogelijk voldoende kennis is over personeelstekorten;

62

▪ ▪

het faciliteren van personeelsuitwisseling de vervoersbedrijven kan helpen flexibeler en veerkrachtiger te worden; in tijden van krapte op de arbeidsmarkt gemakkelijker en sneller gereageerd kan worden door gebruik te maken van externe chauffeurs.

Verzoekt het college: ▪ MRDH te vragen te onderzoeken of het mogelijk is chauffeurs uit te wisselen tussen alle aangesloten vervoersbedrijven; ▪ de raad daarover te informeren. En gaat over tot de orde van de dag.

Motie N.3 HSP Busje komt vaker De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 25 april 2024, ter bespreking van Vervoersplanprocedure 2025 MRDH Constaterende, dat: ▪ Buslijn 28 de enige vervoerslijn is naar het Zuiderstrand; ▪ Buslijn 28 maar vier keer per uur rijdt en ’s avonds slechts maar twee keer per uur. Overwegende, dat: ▪ er vele trams en bussen naar het Scheveningen strand rijden, zelfs een ‘Strandexpress’; ▪ mensen ook graag naar het Zuiderstrand komen zonder de auto te hoeven nemen; ▪ er bij het Zuiderstrand lokaal te weinig fiets parkeerplekken zijn; ▪ in de zomer elke 10 minuten een bus nodig is om strandbezoekers goed van dienst te zijn Verzoekt het college: ▪ met HTM in overleg te treden om in de zomer buslijn 28 zes keer per uur en ’s avonds vier keer per uur te laten rijden; ▪ de raad daarover te informeren. En gaat over tot de orde van de dag.

Motie N.4 HSP Help reizigers gericht (noodnummer HTM) De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 25 april 2024, ter bespreking van Kwartaalrapportages 2023 HTM sociale veiligheid. Overwegende, dat: ▪ het aantal heftige incidenten stijgt; ▪ er in de nieuwe trams geen contact meer mogelijk met de bestuurder waardoor mensen mogelijk langer dan nodig in een onveilige situatie verkeren. Constaterende, dat: ▪ er maar beperkte inzet van beveiliging mogelijk is op de dienstregeling van HTM; ▪ het gebruik van een noodnummer in de treinen van NS bijdraagt aan een veiligere reisomgeving.

63

Van oordeel, dat: ▪ het hebben van een vast noodnummer waarnaar mensen kunnen Whatsappen of sms’en bijdraagt aan meer sociale veiligheid in het OV; ▪ beveiligers en conducteurs niet alles kunnen waarnemen wat zich in de bus of tram afspeelt, sommige vormen van seksuele intimidatie zijn heel subtiel; ▪ het hebben van een vast noodnummer ervoor zorgt dat HTM gericht hulp kan bieden aan mensen in nood. Verzoekt het college: ▪ met HTM in overleg te treden om de mogelijkheden voor een noodnummer in trams en bussen te onderzoeken; ▪ de raad over de uitkomsten te informeren. En gaat over tot de orde van de dag.

Motie N.5 HSP Informeer tijdig bij afschalingen De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 25 april 2024, ter bespreking van Vervoersplanprocedure 2025 MRDH. Overwegende, dat: ▪ er zorgen zijn rondom het al dan niet tijdig informeren van de raad bij afschalingen of ingrijpende wijzigingen in de dienstregeling; ▪ tijdig informeren zou kunnen bijdragen aan het sneller oplossen van eventuele tegenslagen. Constaterende, dat: ▪ HTM kampt met een personeelstekort; ▪ in de vervoersplannen geen afschalingsscenario is meegenomen voor aanhoudend personeelstekort; ▪ bij een vorige afschaling wegens personeelstekort de raad pas een maand voor het ingaan geïnformeerd werd. Verzoekt het college: ▪ met HTM in overleg te treden over een gepaste termijn van informeren bij afschaling of ingrijpende wijzigingen in de dienstregeling; ▪ hierbij aan te geven dat de gemeenteraad sneller op te hoogte gesteld wil worden van geplande wijzigingen in de dienstregeling, bij voorkeur binnen drie maanden; ▪ de raad over de uitkomsten te informeren. En gaat over tot de orde van de dag.

Motie N.6 HSP Veiligheidsbeleving HTM personeel De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 25-04-2024, ter bespreking van Kwartaalrapportages 2023 HTM sociale veiligheid. Overwegende, dat: ▪ medewerkers van HTM zich soms onveilig voelen tijdens hun werk; ▪ de veiligheidsbeleving van HTM personeel belangrijk is voor de algehele sociale veiligheid. Constaterende, dat: ▪ in de kwartaalrapportage geen cijfer over de veiligheidsbeleving is opgenomen voor de medewerkers van HTM; 64

▪

de gemeenteraad weinig inzicht heeft in trends wat betreft de veiligheidsbeleving van personeel en eventuele verbanden.

Van mening, dat: ▪ het betrekken van de veiligheidsbeleving van het HTM personeel zou kunnen bijdragen aan het ontdekken van trends binnen het algehele veiligheidsgevoel; ▪ iedereen zich veilig zou moeten kunnen voelen op diens werk. Verzoekt het college: ▪ met HTM in overleg te treden over de mogelijkheid om de veiligheidsbeleving van personeel te betrekken in de kwartaalrapportages sociale veiligheid; ▪ de raad over de uitkomsten te informeren. En gaat over tot de orde van de dag. De moties maken onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Maarten De Vuyst (GroenLinks). Voorzitter. Mijn motie heet 'Het OV verdient meer!', maar ik overweeg nu haar 'Het busje verdient meer!' te noemen, in de hoop dat ze dan meer steun krijgt. De aanleiding, heel kort, was dat de heer Van der Heijden van ROVER zei dat de Brede Doeluitkering Verkeer en Vervoer niet wordt geïndexeerd. Daar ben ik ingedoken. Het rare is dat op provinciaal niveau de brede doeluitkering is verdwenen. Dat gaat via het Provinciefonds en dat wordt geïndexeerd. Voor de vervoersautoriteiten MRDH en Amsterdam gebeurt dat matig. Daarom heb ik een spreekt-uiten verzoekmotie. 'Spreekt uit dat om een toekomstbestendig ov in Den Haag en de MRDH-regio te kunnen blijven houden, het noodzakelijk is dat de Brede Doeluitkering Verkeer en Vervoer jaarlijks wordt aangepast aan de loon- en prijsbijstelling.

Verzoekt het college in haar lobby te pleiten voor het indexeren van de Brede Doeluitkering Verkeer en Vervoer, omdat een goed gefinancierd ov voorwaarde is voor de grote uitdagingen waar gemeentes zich voor gesteld zien; hierbij ook te benadrukken dat het niet te verklaren is voor lokale besturen dat provincies wel een geïndexeerde bijdrage via het Provinciefonds krijgen en lokale vervoersautoriteiten niet; en hierbij op te trekken met andere gemeenten.' Ik heb deze motie mede-ingediend en mede-opgesteld met de leden Mekers en Gerritsen van D66 en Partij voor de Dieren. De voorzitter. Door de heer De Vuyst, daartoe gesteund door de heer Mekers en mevrouw Gerritsen, wordt de volgende motie (N.7 GL) ingediend:

Motie N.7 GL Het OV verdient meer! De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 25-4-2024 , ter bespreking van Vervoersplanprocedure 2025 MRDH. Overwegende, dat: ▪ de brede Doeluitkering (BDU) Verkeer en Vervoer het openbaar vervoer dat niet door de provincie wordt geregeld, financiert; ▪ uit de begroting van de MRDH voor 2024 blijkt dat 92,7 procent van de inkomsten uit de BDU komt; ▪ er rond de 20 miljoen keer per maand iemand instapt in een vervoersmiddel van de MRDH (cijfers 2022); ▪ een goed OV-systeem randvoorwaardelijk is voor het aanpakken van een aantal gemeentelijke uitdagingen zoals het bevorderen van woningbouw en het tegen gaan van stikstofproblematiek.

65

Constaterende, dat: ▪ het Rijk voor provincies het openbaar vervoer via het Provinciefonds betaalt en dit fonds geïndexeerd wordt voor de jaarlijkse loon- en prijsbijstelling; ▪ de vervoersautoriteiten MRDH en Amsterdam via de BDU Verkeer en Vervoer van het rijk een bijdrage ontvangen voor het openbaar vervoer en dat voor deze BDU geen automatische indexatie plaatsvindt, waardoor de lokale vervoersautoriteiten achter worden gesteld ten opzichte van provincies; ▪ de gemiddelde inflatie de afgelopen 10 jaar 2,55 procent was met een recente uitschieter van 10 procent in 2022. Spreekt uit dat: ▪ om een toekomstbestendig OV in Den Haag en de MRDH-regio te kunnen blijven houden, het noodzakelijk is dat de brede doeluitkering Verkeer en Vervoer jaarlijks wordt aangepast aan de loon- en prijsbijstelling. Verzoekt het college: ▪ in haar lobby te te pleiten voor het indexeren van de Brede Doeluitkering Verkeer en Vervoer, omdat een goed gefinancierd OV voorwaarde is voor de grote uitdagingen waar gemeentes zich voor gesteld zien; ▪ hierbij ook te benadrukken dat het niet te verklaren is voor lokale besturen dat provincies wel een geïndexeerde bijdrage via het Provinciefonds krijgen en lokale vervoersautoriteiten niet; ▪ hierbij op te trekken met andere gemeenten. En gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Leonie Gerritsen (PvdD).

Voorzitter. Ik kan het kort houden. De Partij voor de Dieren is blij dat het college twee haltes wil gaan heropenen. Daar is veel voor gepleit. Wij kunnen echter niet instemmen met de manier waarop de HTM, die tijdelijk haltes heeft gesloten in coronatijd, nu zonder participatieproces de haltes permanent wil sluiten. Dat is niet hoe we dat willen doen. Daarom dien ik een motie in met de heer Mekers van D66 en mevrouw Arp van de SP: verzoekt het college MRDH en HTM te verzoeken de aangegeven haltes niet definitief te schrappen in het Vervoersplan 2025; voor het Vervoersplan 2025 in te zetten op het heropenen van halte Fahrenheitstraat (tram 2) en halte Copernicusplein (tram 12); en met bewoners- en belangenorganisaties in gesprek te gaan over de effecten van het behouden of sluiten van de aangegeven haltes en een door bewoners en raad gedragen opdracht in te dienen bij HTM en MRDH over de tijdelijk opgeheven haltes voor het Vervoersplan 2026. Fatima Faïd (HSP). Supersympathieke motie; volgens mij hebben wij ook ooit een motie hierover ingediend. Maar een van de redenen die de HTM noemt, is dat ze geldtekort hebben. Op welke manier wilt u dit dan dus betalen tot 2025? Leonie Gerritsen (PvdD). De suggestie om die twee haltes te openen, komen uit de brief van het college. Dat kost dus geen extra geld. De rest van het verzoek gaat over de vervoersplanprocedure 2026.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14336879/1