RIS318650 Notulen van de raad van 4 april 2024
Tekst van het document
Het enige wat wij wel kunnen zeggen is dat de kosten die je maakt voor de verduurzaming van het pand en het niet hoeven gebruiken van gas en elektra, die je voor een heel groot deel via zonnepanelen kan opwekken en gebruiken, voor de gebruiker lager zal zijn dan wanneer je dat niet doet. En hoeveel dat lager is, daar zijn ongetwijfeld ook kengetallen voor, maar dat zal uiteindelijk precies moeten blijken. Dat wordt ook nu verder uitgerekend. Rutger de Ridder (VVD). In dat laatste zinnetje zit precies mijn probleem: dat wordt nog verder uitgerekend. Er zitten ook risico's aan zonnepanelen. De terugverdientijd van zonnepanelen is gewoon langer. Dat was vorige week in het nieuws. Misschien gaan er wel allerlei andere regels spelen, bijvoorbeeld dat we geen zonnepanelen meer uit China mogen importeren omdat daar op een verschrikkelijke manier wordt geproduceerd, om wat te noemen. Daar zitten dus ook risico's aan, die we nu niet zien. Dat vind ik moeilijk. Wethouder Bruines (D66). Dat begrijp ik, maar deze redenering geldt voor de hele verduurzamingsoperatie die we op dit moment in alle gemeentelijke panden doen, en ook voor een heleboel partijen die dit in hun eigen panden doen. De weg die we opgaan, is van het gas af. De weg die we opgaan, is zo veel mogelijk zelfvoorzienend binnen het pand. U weet daar allemaal van.
We hebben gezegd: als we daar deze slag gelijk maken, wat we ook met een heleboel andere panden doen, dan zal dat in ieder geval een positief effect hebben op de servicelasten; laat ik het dan zo zeggen. U heeft ook in de stukken die we hebben meegeleverd, kunnen zien dat de bedragen van de servicelasten nog niet precies bekend zijn. Het pand is ook nog niet af. Het is nog niet geopend. We weten ook nog niet welke gebruikers er precies in gaan zitten. Dan zal dat moeten worden opgesteld. Ik baseer me op de cijfers waarmee gerekend wordt op dit moment. De aannames heeft u in de stukken kunnen vinden. Dat is waar we op dit moment mee werken. Waar het me nu om gaat, is dat we zo snel mogelijk voort kunnen gaan met fase twee van de bouw van dit pand, zodat de rest ook kan worden ingevuld. 82
Rutger de Ridder (VVD). Mijn redenatie van zonet klopt natuurlijk in algemene zin. In dit geval alleen wordt de belofte gegeven dat de servicelasten, de gebruikerslasten van de mensen die in dit pand komen, waarvan we willen dat ze weinig betalen omdat we die betaalbare plekken willen, substantieel omlaaggaan. Daarom moeten we ook een extra investering doen. Ik kan dat niet staven. En volgens mij de wethouder ook niet. Dat is het probleem. Wethouder Bruines (D66). Ik weet niet of u inmiddels zelf in uw eigen huis bent overgegaan naar of warmtepompen of zonnepanelen of wat dies meer zijn, maar dan zie je dat in ieder geval de maandelijkse kosten van gas en elektra, en zeker van gas, want dat is nogal een dure aangelegenheid, een stuk naar beneden gaan. Die investering is een eenmalige investering uit de energietransitie. De voordelen komen bij de gebruikers terecht. Dat is ook wat we willen. Voorzitter. Ik heb gezegd dat ik me kan voorstellen dat u zich ongemakkelijk voelt bij dit voorstel, ook omdat er niet zoveel keus is. Het alternatief is inderdaad - daar is door sommigen van u naar gevraagd - ook niet erg aantrekkelijk, want als we het niet afmaken, hebben we een onaf gebouw. Dan moeten we ook de ontvangen en inmiddels uitgegeven Europese subsidie terugbetalen. Daar moeten we dan dus extra dekking voor gaan zoeken.
Er moet dan misschien ooit een ander voorstel komen of we laten het leegstaan. Maar een volgend voorstel zal niet financieel goedkoper zijn, omdat dit ook gewoon de kosten zijn die eraan vastzitten, ongeacht of je die extra middelen voor verduurzaming inzet. Die materiaal- en bouwkosten gaan gewoon omhoog en zullen de komende tijd ook verder omhooggaan. Dat is dus inderdaad wel de catch-22 - terecht zegt u dat - waar we in zitten. Zo voel ik het ook. Ik vind het ook gewoon echt hartstikke rot. Ik ga een aantal vragen langs die gesteld zijn. Mevrouw Bos van GroenLinks en ook mevrouw Klokkenburg hadden het over het afwijken van het oorspronkelijke doel. Dat is wat mij betreft niet de bedoeling. We hebben afgesproken dat er ruimte komt voor broedplaatsen. Het is hartstikke mooi als Helicopter terugkomt. Er is ook gezegd - misschien dat dat in de tekst wat aangezet is, omdat er een motie is aangenomen van volgens mij Hart voor Den Haag indertijd - dat we ruimte maken voor een huisartsenpost. Daar is ook ruimte voor. We hebben een grote inventarisatie gemaakt - die heeft u ook bij de geheime stukken gekregen - van wie er mogelijk geïnteresseerd is. Daar zitten inderdaad een aantal zorgachtige bedrijven en instellingen bij, maar ook een heleboel andere. Wat het college betreft, wordt het een pand met naast die broedplaatsfunctie ook een buurtfunctie.
Daar is namelijk door de buurt van het begin af aan naar gevraagd. We moeten dus ook kijken, samen met de buurt, hoe we dat het beste vorm kunnen geven. Met ook een ontmoetingsplek, waar liefst alle gebruikers van het pand gebruik van kunnen maken. Met 'een' zorgvoorziening, zoals een huisartsenpost. Wat mij betreft is de rest allemaal voor maakindustrie, ambachtelijke maakindustrie, creatieve ondernemers, maar wel binnen het economisch segment. We willen graag dat de wijkeconomie op die plek kan opbloeien en dat er ook werkgelegenheid in die wijk ontstaat. Dat is ook de gedachte achter waarom we dat ooit gewild hebben op deze manier. Dat betekent ook dat wij als gemeente, als eigenaar van dat pand, een rol hebben om te bepalen wie er allemaal in mogen en te bekijken wie er passen in het profiel. En ook wie de huur kunnen betalen, want het is natuurlijk ook belangrijk dat dat gebeurt. Op basis van dat profiel kijken we daarnaar. Dat wordt ook op dit moment opgesteld. Hoe bepaal je dat dan? Ik kom straks bij de motie van mevrouw Arp nog terug op hoever je daarin kan gaan. Mevrouw Bos vraagt of we het pand echt in eigen bezit willen houden. Er is geen enkele aanleiding om dat niet te willen. Ik snap ook de gedachte daarachter. Je wil kunnen blijven sturen op wat er gebeurt op die plek. Dan wordt het voorbeeld van De Titaan aangehaald.
Daarvan hebben we gezegd: we gaan dat niet zelf doen, maar we willen wel die functie. Dat hebben we dus heel stevig in de erfpachtvoorwaarden vastgelegd. Dat is dus een ander instrument dat je kan gebruiken om te bepalen wat je wil. Maar wat dit pand betreft, zie ik geen enkele aanleiding, zoals ik ook in de commissie heb gezegd, om voor te sorteren op verkoop of wat dan ook. Hoe dan ook, de functie die we willen voor de wijkeconomie, de creatieve economie, hoort daar terecht te komen. Het moet echt een meerwaarde voor dat stukje Moerwijk zijn. Op de VVD ben ik al een beetje ingegaan. Meneer De Ridder stond er met tegenzin. Ik voel dat wel met hem mee. We hadden ook weinig andere keus dan dit toch aan u voor te leggen als we door willen gaan. Dat is ook voor het college een voldongen feit waar je toch iets mee moet. 83
Wisten we hier nou van? Vlak na de zomer vorige jaar heeft de aannemer ambtelijk laten weten aan de projectleiding: we moeten nog maar eens even zien of het allemaal gaat binnen de bedragen zoals we tot nu toe hebben afgesproken. Daar is binnen de projectorganisatie en onze ambtelijke diensten een toets op geweest. Er is over gesproken. Er is gekeken op wat voor manier het kon worden teruggeduwd. Uiteindelijk heeft dat geleid, eind vorig jaar, begin dit jaar, tot de constatering dat we hier echt wat mee moesten doen. Toen is men gaan kijken hoe we dat bedrag konden dekken. Dat heeft uiteindelijk geleid tot dit voorstel. Dus zo is dat gegaan. Rutger de Ridder (VVD). Ik moet daar toch wat over vragen. Na de zomer wordt het ongeveer bekend. Dat is september, zeg maar. Dat vind ik 'na de zomer'. Uiteindelijk 19 maart krijgen wij dan een brief. Hoe zit die tijdlijn in elkaar? Wethouder Bruines (D66). Dat is wat ik u zeg. Iedereen was het eind van het jaar wel eens over welke bedragen we het hadden. Vervolgens is gekeken binnen de hele organisatie hoe we dat gaan oplossen en dekken. Ik kan u vertellen dat daar ook de nodige gesprekken over hebben plaatsgevonden. Toen is dat op een gegeven moment ook met mij besproken. Daar vond ik ook nog wat van. Toen zijn we daar nog eens over gaan delibereren.
Uiteindelijk moet er dan een stuk gemaakt worden, wat ook niet in een dag geschreven is en op zo'n manier waarop je het naar de raad wil sturen. Dan zit je opeens in maart. Zo gaat dat. Aan de ene kant kan je zeggen: haastige spoed is zelden goed. Dat kunnen we misschien zeggen voor de eerdere fase. Maar ik heb ook wel gevraagd en willen weten: klopt dit nou echt, is dit nou zorgvuldig en is deze dekking ook verdedigbaar, hoe vervelend de situatie ook is? Rutger de Ridder (VVD). Ik zou dit geen haastige spoed noemen aan de bestuurderskant. Wat ik wel haastige spoed vind, is hoe het dan naar de raad gaat. Als er dan toch ook tijd is genomen om het allemaal zorgvuldig te doen, dan wordt er wel van ons verwacht om in één raadsvergadering te besluiten. Dan denk ik: wij moeten ook hard werken, het heel snel verwerken en allemaal geheime stukken tijdens Pasen nalezen, hoezo eigenlijk? Wethouder Bruines (D66). Ik ben het met u eens. Toen we de brief verstuurden, was er voldoende tijd om op tijd de commissiebehandeling te doen en deze behandeling. We zitten dus in een normale cyclus. Maar ik geef toe dat als je nog meer informatie wilde hebben, daar niet extra veel ruimte voor was. We zijn er wel in geslaagd om dat voor het weekend te doen toekomen. In die zin zitten we dus wel in een normale behandelcyclus. Voorzitter. Dan over de exploitatie.
Het is wat lastig praten over geheime stukken. Er wordt een vergelijking met Amare gemaakt. Ik wil niet de hele discussie over doen over het pand, over de gebruikers, over dingen. Dit is in feite een vrij normale situatie. Je hebt een pand met gebruikers, een pand wat iets kost en waar ook de stichtingskosten voor een deel moeten worden terugverdiend via de huur en via de afschrijvingen. U heeft in de stukken kunnen zien dat dat een simpele, in ieder geval vrij gebruikelijke opzet van een exploitatie is. Voor de huurders koersen we op bedrijven die we daar graag willen hebben en die daar ook in passen. Dat is ook wat daar de basis voor is. Uiteindelijk, naarmate de afbouw vordert en de bedrijven bij de planvorming worden gezocht, worden alle bedragen die nu voor een deel stelkosten zijn op basis van ervaringscijfers, steeds concreter. Dat is een vrij gebruikelijke gang van zaken. De HSP vroeg nog hoe het zit met de Paviljoensgracht. Daar heb ik het over gehad. Dan vraagt de SP nog hoe het zit met de huur. De gemiddelde huur is inderdaad hoog, maar ik wil toch wel stellen dat de bandbreedte zoals we die vastgesteld hebben, nog steeds zo is als die was. Ook de uitkomst van een toets bij een extern kantoor op welke functies je gebruikt voor welke huren, was conform dat advies. De voorzitter. Voordat u verder gaat, heeft mevrouw Arp een vraag aan u.
Ik heet gelijk de Gasten van de raad van harte welkom in de raadzaal. Lesley Arp (SP). Ik ben heel benieuwd hoe de bandbreedte uiteindelijk gaat uitpakken, maar ik heb nog wel een specifieke vraag. Het amendement van GroenLinks gaat ook over de ontmoetingsruimte en ik vind het heel terecht dat dit er in staat, want dat is wel zo voorgespiegeld. Waar het echter gaat 84
om een vergelijkbare ontmoetingsruimte, wijs ik bijvoorbeeld op de buurtkamers in Zuidwest. Ik vraag mij dan ook oprecht af of je wel een concurrerend tarief voor ontmoeting in deze dure bebouwing kan realiseren. Dus ik ben wel benieuwd hoe de wethouder daarop reflecteert. Wethouder Bruines (D66). Dat is wel een hele specifieke vraag. Uit het gesprek met de buurt en de klankbordgroep is gebleken dat men graag een plek terug wil in dit pand waar men elkaar kan ontmoeten, wellicht ook met een ondersteunende horecafunctie. Bij de uitwerking zal blijken hoe dat er dan precies uit komt te zien en welke huurprijs daarbij acceptabel is, wellicht ook in relatie tot wat er in de omgeving is. Misschien wordt het ook een heel ander type ontmoetingsplek dan bijvoorbeeld een buurtkamer. De praktijk zal dat moeten uitwijzen en er zal ook een formule gevonden moeten worden die ook een aanvulling is op wat er al is en die ook specifiek tegemoetkomt aan de wensen en de behoeften in die omgeving. Ik kan mij dan voorstellen dat, waar het gaat om mogelijk ondersteunende horeca, tenzij er goed verdienend vermogen in zit, je die dan op een huurniveau neerzet dat passend is. En wat dan passend is, kan ik op dit moment vanaf deze plek niet zo specifiek aangeven. Maar die functie is van harte welkom als de buurt dat wil en dan moeten we het ook op een zodanige manier inrichten dat die daar past.
De PvdA heeft wat ongemak over het proces en wijst op het belang van risicobeheersing. Ze vraagt tevens of dit het dan ook is. Wat betreft alle stukken en de berekeningen die nu door de dienst zijn gemaakt, moet dit het dan ook echt zijn en moet er ook voldoende marge en ruimte zitten in de cijfers die we hanteren om zowel tegenvallers als meevallers daarin te verwerken en op te lossen. Wat mij betreft moet dit het zijn en moet de exploitatie rondkomen binnen de randvoorwaarden die gesteld zijn en moet de bouw afgemaakt kunnen worden binnen het nu voorgestelde bedrag. Als dat niet zo is, dan hebben een heleboel mensen een probleem. Dus wat mij betreft is dit het echt. Leonie Gerritsen (PvdD). Met alle respect, maar dit is de vorige keer bijna letterlijk ook zo gezegd. Dus wat maakt dan dat de wethouder denkt dat het nu anders zal zijn? Wethouder Bruines (D66). Om te beginnen is inmiddels wel al een heel groot deel van de bouw af, met name het tweede deel. Dus we hebben wat dat betreft een veel specifieker inzicht. Zo zijn alle onderzoeken naar asbest en dingen die verwijderd moesten worden et cetera afgerond. Dus we weten veel specifieker dan toen welke investeringen nog nodig zijn om het pand af te krijgen. Ik kan ook weinig anders dan de dienst en de deskundigen vertrouwen dat dit het dan ook is, wat mij ook ten enenmale en ten anderen male is verzekerd.
Daarom voel ik mij ook vrij om dat aan u door te geven. Samir Ahraui (PvdA). Dank voor dit antwoord. De wethouder heeft nog geen antwoord gegeven op de vraag, mochten er zich nog risico's voordoen, hoe we er dan voor zorgen dat die huurprijzen, die nu al onder druk staan, niet verder onder druk komen te staan. Wethouder Bruines (D66). Volgens mij moeten die op dit gemiddelde niveau kunnen blijven. Er zit ook een differentiatie in. Sommige gebruikers zitten aan de onderkant en anderen kunnen wat meer betalen. Binnen het programma dat we hebben, moeten we daar een goed evenwicht in zien te krijgen. Het belangrijkste is dat het zo mooi en aantrekkelijk wordt dat we het pand zo snel mogelijk vol hebben met mensen die daar ook hun werkzaamheden goed kunnen doen en er een mooie zaak kunnen opbouwen, want daar is het uiteindelijk om te doen. We willen die buurteconomie graag aanzwengelen en daarmee moeten we dus ook aan de slag. Onzes inziens moet dat kunnen binnen de huidige berekeningen. Ik snap overigens het ongemak dat u heeft over hoe het er dan over een halfjaar of een jaar precies voorstaat.
Ik vind het ook prima om met u af te spreken om u op gezette tijden mee te nemen in alle vervolgstappen van de zijde van de gemeente in het zoeken van huurders, de verdere afbouw van het pand, de monitoring van de kosten en dat mocht zich iets anders voordoen dan we in eerste instantie hadden verwacht, ik dat direct met u bespreek of laat weten. Ik heb daar zelf ook om gevraagd; ik wil zelf bij wijze van spreken per week op de hoogte gehouden worden van de voortgang om na te gaan of we keurig binnen de planning blijven. Samir Ahraui (PvdA). Dank voor die toezegging, maar tegelijkertijd blijft het nog steeds een beetje gissen en kijken in de toekomst. Kan ik uit de woorden van de wethouder opmaken dat zij nu in feite 85
een paal neerzet en daarbij zegt: dit is echt de max en de bandbreedte waar men het mee moet doen en iets anders zal ook in de toekomst niet aan de orde zijn? Wethouder Bruines (D66). Wat mij betreft wel, want anders is het echt geen verhaal van het college. Dus dat realiseer ik mij heel erg goed, absoluut. U heeft het over de toekomst. Dan hebben we het natuurlijk ook over de jaren na nu. Daar zit dan wel inflatie of een prijsontwikkeling in die dan ook in de huren wordt doorberekend omdat we ervan uitgaan dat die bedrijven dat weer aan hun klanten zullen kunnen doorberekenen. Dat geldt natuurlijk voor de hele maatschappij en altijd en overal, dus daar is dit pand geen uitzondering op. De intentie is wel dat we het moeten doen voor wat er nu voorligt en ik ga er ook van uit dat dit kan. De ChristenUnie/SGP heeft het gehad over doelen die niet worden gehaald. We zitten inderdaad wat hoger in de gemiddelde prijs maar de doelen qua invulling staan wat mij betreft nog steeds fier overeind. Dat is inclusief het aanbod dat we hebben gedaan aan partijen of ondernemers die voorheen in het pand actief waren, om weer terug te komen. Dat zal niet voor iedereen gelden die daar al zat, maar er zaten ook een aantal bedrijfjes in die prima in dit profiel zouden passen. Dus die uitnodiging staat nog steeds.
Het amendement van mevrouw Bos komt eigenlijk neer op het goed overeind houden van het afgesproken profiel van een culturele ontmoetingsplek en een maakindustrie dat zeker de helft ervan moet uitmaken. Nou, ik zou zelf zeggen: meer dan de helft. Dus in die zin kunnen we dit amendement heel goed steunen en laten we derhalve het oordeel erover aan de raad. De motie van mevrouw Arp vraagt eigenlijk om te proberen zo veel mogelijk de lokale ondernemers, de ondernemers uit die buurt, ernaartoe te trekken. Kijkend naar de lijst, zijn er best veel ondernemers uit de buurt die dat heel graag willen. De bedrijfscontactfunctionaris heeft hier ook al een rol in. De motie vraagt verder om in het onderzoek ook huurprijs en contractvoorwaarden mee te nemen. Dat lijkt mij ook uitstekend. De wenselijkheid van een voorrangsregeling kunnen we onderzoeken, maar we hebben wel te maken met een level playing field, wat dus betekent dat we niet de ene ondernemer voortrekken ten opzichte van de ander, tenzij die beter in het profiel past, maar niet omdat die toevallig uit de buurt komt, want dan kom je in de war met andere wetgeving. Maar we willen wel kijken wat de mogelijkheden zijn om er zo mogelijk op te sturen. Verder vraagt de motie om de resultaten van de uitvraag onderdeel te laten worden van de volgende voortgangsrapportage in Q4 2024. Dat zullen we zeker doen.
Of het allemaal zo uitkomt zoals mevrouw Arp wenst, zullen we zien maar het onderzoek kunnen we zeker doen en ik zeg u ook toe dat ik dat met de grootste openheid en zorgvuldigheid zal doen om u zo goed mogelijk daarin tegemoet te komen, ondanks dat u toch tegen het voorstel stemt. De voorzitter. Mevrouw Arp heeft nog wel een vraag. Ik constateer overigens dat het college door zijn spreektijd heen is. Zoals de burgemeester dan altijd zegt, ga ik er wel van uit dat u gewoon antwoord wil blijven krijgen op de vragen en op de moties en amendementen die u als raad indient. Mevrouw Arp van de SP met een interruptie. Lesley Arp (SP). Meer met een kleine kanttekening over die voorrangsregeling. Ik snap natuurlijk heel goed dat het college rekening moet houden met wetten. De reden echter waarom we dit punt toch hebben aangestipt, is dat er in het participatieverslag waar het gaat om de ondernemers er ook echt concreet gevraagd is of er voorrang kan worden gegeven aan bedrijven in de wijk, waarop de gemeente niet een algeheel afwijzend antwoord heeft gegeven, in de zin dat gezegd is dat de mogelijkheden hiervoor moeten worden onderzocht. Dus er lijkt wat ruimte te zitten. Onze oproep is dan ook vooral om te kijken welke ruimte er is. Wethouder Bruines (D66). Ja, prima.
Ik gaf zo-even nog wel de winstwaarschuwing dat er misschien niet helemaal zal uitkomen wat het meest wenselijk is, maar het onderzoek om te kijken wat de mogelijkheden zijn op dit punt, kunnen we zeker doen. Dus ook het oordeel over deze motie kan ik aan de raad laten. Voorzitter. Ik meen hiermee alles wel beantwoord te hebben. Nogmaals, ik vind het zelf ook lastig en ik snap dat u zich overvallen voelt, maar het alternatief is een pand dat half af is én stijgende kosten. Dat is nu eenmaal de situatie waar we in zitten. 86
De beraadslaging wordt gesloten. De voorzitter. De afspraak is dat we de collega's die aan de ramadan doen, de mogelijkheid geven om het vasten te breken rond vijf voor half negen. Ik stel dan ook voor de vergadering nu te schorsen voor twintig minuten. De vergadering wordt van 20.20 uur tot 20.40 uur geschorst. Voorzitter: de heer Sluijs.
Aan de orde is: O.
Actieplan Kust 2024 (RIS318201).
De beraadslaging wordt geopend. De voorzitter. Dit debat is aangevraagd door de Partij voor de Dieren. Het woord is derhalve aan mevrouw Gerritsen. Leonie Gerritsen (PvdD). Voorzitter. De Partij voor de Dieren is enthousiast over het actieplan Kust maar mist wel aandacht voor de duinen. Deze kwetsbare natuur krijgt het zwaar te verduren tijdens de drukke zomermaanden, niet alleen door kampeerders. Daarom een motie met als dictum: verzoekt het college in gesprek te gaan met de boswachters, handhavers en leden van Stichting Duinbehoud die actief zijn in de duinen aan de Haagse kust over de problemen die zich voordoen en dit mee te nemen in het actieplan Kust en waar nodig maatregelen te nemen en handhaving in de duinen te versterken. De voorzitter. Door mevrouw Gerritsen wordt de volgende motie (O.1 PvdD) ingediend:
Motie O.1 PvdD Actief inzetten op bescherming van de duinen De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 4 april 2024, ter bespreking van Actieplan Kust 2024 (RIS318201). Overwegende, dat: ▪ zeker tijdens de drukke zomermaanden veel mensen zich buiten de paden begeven in de duinen; ▪ kwetsbare flora en fauna hierbij flink beschadigd kan raken; ▪ handhaving in de duinen voornamelijk wordt ingezet in gebieden waar veel wildslapers en illegale kampeerders worden aangetroffen. Constaterende, dat: ▪ een groot deel van de duinen aan de Haagse kust Natura2000 gebied is waar voorzichtig mee moet worden omgegaan; ▪ er momenteel onvoldoende kan worden gehandhaafd. Verzoekt het college: ▪ in gesprek te gaan met de boswachters, handhavers en leden van Stichting Duinbehoud die actief zijn in de duinen aan de Haagse kust over de problemen die zich voordoen en dit mee te nemen in het Actieplan Kust; ▪ waar nodig maatregelen te nemen en handhaving in de duinen te versterken.
87
En gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Fatima Faïd (HSP). Voorzitter. Nog te vaak zien we dat straatintimidatie bijna nooit tot aangifte leidt. Hier moet wat ons betreft verandering in komen. Daarom de motie Boulevardstewards tegen straatintimidatie, met als dictum: verzoekt het college Boulevardstewards van Meion zo snel mogelijk te informeren over de nieuwe wet die straatintimidatie vanaf 1 juli strafbaar stelt, om voor de Boulevardstewards een overzicht te maken, zodat zij slachtoffers van straatintimidatie beter kunnen steunen bij het doen van een aangifte, bij te houden in hoeveel gevallen van seksuele of straatintimidatie op de Boulevard het tot een aangifte is gekomen via deze aanpak en de raad voor de zomer van 2024 te informeren over de gesprekken met Meion. De voorzitter. Door mevrouw Faïd wordt de volgende motie (O.5 HSP) ingediend:
Motie O.5 HSP Boulevardstewards tegen straatintimidatie De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 4 april 2024, ter bespreking van Raadsmededeling actieplan kust 2024 (RIS17771). Constaterende, dat: ▪ gedurende de zomer boulevardstewards van Meion zijn ingezet om bezoekers van de boulevard aan te spreken op hun gedrag wanneer er straatintimidatie plaatsvond; ▪ de stewards incidenten van seksuele of straatintimidatie hebben bijgehouden en daders hebben aangesproken en slachtoffers (indien gewenst) hebben bijgestaan; ▪ ondernemers op de boulevard aangeven dat zij een positief effect zien in het gedrag van jongeren op de boulevard als de stewards aanwezig zijn. Overwegende, dat: ▪ straatintimidatie vanaf 1 juli 2024 strafbaar wordt door een nieuwe wet om seksuele misdrijven aan te pakken; ▪ boulevardstewards ervaring hebben met het bijstaan van slachtoffers van straatintimidatie; ▪ de gemeente de urgentie van de problematiek en het maatschappelijke belang om hiertegen op te treden onderstreept.
Verzoekt het college: ▪ boulevardstewards van Meion zo snel mogelijk te informeren over de nieuwe wet die straatintimidatie vanaf 1 juli strafbaar stelt; ▪ om voor de boulevardstewards een overzicht te maken, zodat zij slachtoffers van straatintimidatie beter kunnen steunen bij het doen van een aangifte; ▪ bij te houden in hoeveel gevallen van seksuele of straatintimidatie op de boulevard het tot een aangifte is gekomen via deze aanpak; ▪ de raad voor de zomer van 2024 te informeren over de gesprekken met Meion. En gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Coen Bom (Hart voor Den Haag). Voorzitter. Hart voor Den Haag heeft drie moties, hoewel we er eigenlijk nóg een hebben maar aangezien die gaat over de zero-emissiezone waar de kust overigens wel degelijk ook onder valt, hebben we die nu achterwege gelaten. De eerste motie heeft als titel 'Meer controles tijdens warme zomerdagen'. Die heeft voornamelijk te maken met het feit dat de Pier nogal last heeft van hangjeugd die vaak met de tram
88
komt. Vandaar het verzoek aan het college om op warme stranddagen de controles in en rondom het openbaar vervoer richting Scheveningen te intensiveren. De tweede motie heeft als titel 'Vol inzetten op acquisitie voor het vullen van futuristische paviljoen Noordboulevard'. Wat betreft dit paviljoen, ook wel het Soulsisterpand genoemd, moet echt wat gebeuren. Dus verzoeken wij het college Hommerson te helpen door actief in te zetten op acquisitie om het futuristische paviljoen als de wiedeweerga te vullen met een publiekstrekker van jewelste en de raad over de uitkomsten te informeren. Tot slot de motie Maak Sjaak aantrekkelijker. Die betreft Mister Fill, zoals de interactieve vuilnisbak kennelijk heet. Wat ons betreft kan de uitstraling daarvan een stukje gezelliger. We hebben het Oostblokgedeelte weggelaten waardoor Rutger de Ridder van de Haagse VVD de motie inmiddels wel heeft meeondertekend. De motie verzoekt het college de uitstraling van de interactieve vuilnisbak vrolijker, gezelliger en daarmee aantrekkelijker te maken en de stem van Sjaak Bral gewoon te handhaven en de raad hierover te informeren. De voorzitter. Door de heer Bom, daartoe gesteund door de heer De Ridder, wordt de volgende motie (O.2 HvDH) ingediend:
Motie O.2 HvDH Maak Sjaak aantrekkelijker De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 4 april 2024, ter bespreking van Actieplan Kust 2024. Constaterende, dat: ▪ op de Noordboulevard een interactieve vuilnisbak is geplaatst; ▪ het doel van de vuilnisbak is om mensen/kinderen te bewegen om vuilnis correct weg te gooien; ▪ de stem van Sjaak Bral te horen is als iemand iets weggooit in de vuilnisbak. Van mening, dat: ▪ het idee voor ‘Mister Fill’, zoals de vuilnisbak blijkbaar heet, erg leuk is en spelenderwijs kan zorgen voor een schonere boulevard; ▪ de uitstraling van de vuilnisbak totaal niet aantrekkelijk is. Verzoekt het college: ▪ de uitstraling van de interactieve vuilnisbak vrolijker, gezelliger en daarmee aantrekkelijker te maken; ▪ de raad hierover te informeren. En gaat over tot de orde van de dag. De voorzitter. Door de heer Bom worden de volgende moties (O.3 HvDH en O.4 HvDH) ingediend:
Motie O.3 HvDH Meer controles tijdens warme zomerdagen De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op donderdag 4 april 2024, ter bespreking van Actieplan Kust 2024. Constaterende dat, ▪ in 2023 veel overlast is ondervonden van hangjeugd in en rondom de Pier; ▪ dit bij veel bezoekers een gevoel van onveiligheid zorgt; ▪ de mate van overlast steeds ernstigere vormen aanneemt in deze stad.
89
Van mening dat, ▪ veel van deze jeugd met de tram naar Scheveningen komt ; ▪ het de taak van de gemeente Den Haag is dat mensen zich veilig voelen op de boulevard. Verzoekt het College: ▪ op warme (strand-) dagen de controles in en rondom het openbaar vervoer richting Scheveningen te intensiveren; ▪ de raad hierover te informeren. En gaat over tot de orde van de dag.
Motie O.4 HvDH Vol inzetten op acquisitie vullen futuristische paviljoen Noordboulevard De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 4 april 2024, ter bespreking van Actieplan Kust 2024. Constaterende, dat: ▪ het futuristische paviljoen op de Scheveningse Noordboulevard er mede door plannenmakerij van het college van B&W is gekomen; ▪ de splinternieuwe Noordboulevard met belastinggeld is gerealiseerd; ▪ ondernemers op basis van promotie én de belofte van een publiekstrekker in het futuristische paviljoen fors geïnvesteerd hebben; ▪ de Noordboulevard door blijvende leegstand van het futuristische paviljoen volgens ondernemers en bezoekers een spookboulevard is geworden. Verzoekt het college: ▪ Hommerson te helpen door actief in te zetten op acquisitie om hét futuristische paviljoen als de wiedeweerga te vullen met een publiekstrekker van jewelste; ▪ de raad over de uitkomsten te informeren. En gaat over tot de orde van de dag. De moties maken onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Wethouder Barker (PvdD). Voorzitter. Ik zal ingaan op motie O.1 over het actief inzetten op bescherming van de duinen. Het college is bereid om in gesprek te gaan over de problemen in de Haagse duinen en op basis daarvan kunnen we eventueel ook kijken naar de huidige inzet rond de handhaving, specifiek dan de boswachters.
Wel wil ik benadrukken dat er beperkte handhavingscapaciteit is. En met deze motie wordt niet opeens meer capaciteit gecreëerd. Dus mocht de motie worden aangenomen, zullen we het dus binnen de bestaande capaciteit moeten doen. Dan laat ik de motie aan het oordeel van de raad. Rutger de Ridder (VVD). Binnen de bestaande capaciteit van de boswachters. Dat wil niet zeggen dat we dan opeens andere boa's de duinen in gaan sturen? Wethouder Barker (PvdD). Dat klopt helemaal en bovendien hebben ze daar de bevoegdheid niet voor. De voorzitter. Wie mag ik vervolgens het woord geven namens het college? Wethouder Van Asten. Wethouder Van Asten (D66). Voorzitter. Er zit een motie bij die ik eerder heb behandeld; dus voor de consistentie blijf ik die doen en die gaat over het vol inzetten op acquisitie vullen futuristisch paviljoen Noordboulevard. Ik ben het sowieso met de indiener eens dat we die invulling snel moeten regelen. Ik heb twee opmerkingen over de motie. De eerste is van meer formele aard. Wat er gevraagd wordt in de 90
motie is echt niet onze taak, vandaar dat ik de motie moet ontraden. Dan mijn tweede punt. Ik heb nog even rondgebeld; de vorige keer dat de motie was ingediend, hebben we gezegd dat ze er heel druk mee bezig zijn en dat er nu wat uit moet gaan komen. Ik heb nog niet de definitieve 'go', maar we schijnen er wel erg dichtbij te zitten. Mijn verzoek is dan ook om de motie nog een raad aan te houden, want dan zou er iets bekend moeten zijn. Mocht dat dan niet het geval zijn, dan kunnen we altijd nog kijken of we er extra hulp bij nodig hebben. Dus ik vraag nog een klein beetje geduld. De voorzitter. Dan geef ik ten slotte het woord aan de burgemeester. De heer Van Zanen. Voorzitter. Ik zal iets zeggen over motie O.5 HSP, Boulevardstewards tegen straatintimidatie. We zullen de Boulevardstewards bij de start van hun opdracht in mei informeren over de nieuwe wet die seksuele intimidatie strafbaar stelt per 1 juli. Hierbij zullen we hun ook de instructie geven hoe zij slachtoffers kunnen informeren en adviseren bij het doen van aangifte. Stewards kunnen adviseren hoe men het beste tot aangifte kan komen maar slachtoffers van seksuele straatintimidatie kiezen vervolgens zelf of ze overgaan tot aangifte. Het is een individuele keuze van het slachtoffer waaraan verschillende persoonlijke overwegingen ten grondslag kunnen liggen.
Het is niet wenselijk dat de Boulevardstewards hierin sturen; ik zie mevrouw Faïd instemmend knikken. De politie kan periodiek worden gevraagd om inzicht te geven in het totaalaantal aangiftes op het gebied van seksuele straatintimidatie maar er kan op basis van deze rapportage niet een een-op-eenverband worden gelegd tussen het contact tussen de Boulevardstewards en de slachtoffers en de aangifte. Maar laten we hiermee maar beginnen. We zijn al een heel eind in de strijd, zal ik maar zeggen. Dus mijn advies zou zijn: omarmen. Dan motie O.3 HvDH, Meer controles tijdens warme zomerdagen. Deze motie is op twee manieren overbodig. Ten eerste: ik heb dit al eerder precies toegezegd en nog wel con amore, in de zin dat ik het een heel interessante suggestie vind. Dus eigenlijk moet ik dan streng zijn en zeggen: kom op, we gaan toch niet elke toezegging alsnog in een motie vervatten? Ten tweede nog dit. Ik ben overigens nog in de materie gedoken, want ik moest wat improviseren omdat wethouder Kapteijns even ergens anders moest zijn, zoals we weten. Wat betreft de sociale veiligheid in het openbaar vervoer gaat het echt de goede kant op. De HTM zet op zomerse stranddagen al extra mensen in op de lijnen naar het strand. Die inzet is ook gericht op crowd control, het zorgen dat het goed gaat op de drukke haltes. Er is dus al extra inzet op juist die lijnen.
Dat geldt ook waar het gaat om de integrale handhavingsacties, want daarbij is ook sprake van intensivering van de acties in het ov. Tijdens de bespreking in de commissie is door meerdere fracties gewezen op de evaluatie waaruit je kunt zien dat er een heleboel dingen beter gaan, wat hoopvol is - nu is het wachten op die schitterende zomer of het echt zo is - maar rond de Pier is er wel sprake van groepsvorming. Daarvan hebben we ook gezegd dat we dat herkennen en erkennen. Er komt een speciale werkgroep voor en we gaan kijken naar de herinrichting. Toen is er door u gezegd: dit komt er ook aan en kunnen we dat dus niet ook doen? Nou, ik wist toen niet zeker of dat zo was. Dat is inmiddels nagegaan en dat blijkt dus wel zo te zijn, maar ik doe mijn toezegging gestand; ik ga er bovenop zitten en het in de gaten houden, want hoewel het al is gebeurd, is het nog niet helemaal gelukt; anders hadden we het ook niet zo opgeschreven. Dus ik vind de motie heel sympathiek en zie die ook als ondersteuning van beleid maar een toezegging is een toezegging. En we doen het ook al voor 90%! Coen Bom (Hart voor Den Haag). Na dit fantastische antwoord van de burgemeester houden we deze motie graag aan. De voorzitter. Aangezien motie O.3 HvDH is aangehouden, maakt ze geen onderdeel meer uit van de beraadslaging. Wethouder Kapteijns, het woord is aan u. Wethouder Kapteijns (GroenLinks).
Voorzitter. Ik zal ingaan op de motie Maak Sjaak aantrekkelijker. Nu is Sjaak al behoorlijk aantrekkelijk wat ook geldt voor de Mister Fill. We krijgen ook geen signalen dat er iets mis zou zijn met de uitstraling van deze bakken, maar, zoals ik ook in het commissiedebat heb toegezegd, ben ik altijd bereid om daarnaar te kijken. Het is nu een pilot en op basis daarvan gaan we kijken of we er nog meer van gaan bestellen. Dus waar het dictum om vraagt, 91
heb ik al toegezegd, waardoor de motie eigenlijk overbodig is. Ik ga het al doen, maar: raad, doe wat je denkt wat goed is. Coen Bom (Hart voor Den Haag). Hier ben ik dan weer wat minder enthousiast over. De toezegging was om ernaar te gaan kijken, maar dat vind ik een beetje te weinig, want we vinden dat er echt wat moet gebeuren om de uitstraling te verbeteren. Ik zou er dan ook een wat hardere toezegging over willen krijgen, bijvoorbeeld dat er iemand op wordt gezet die er verstand van heeft, zoals een kunstenaar of iemand van de erven Rueb die Haagse Harry weer nieuw leven in kan blazen. Dus een beetje meer visie graag. Wethouder Kapteijns (GroenLinks). Nu vraagt u zelfs hóe we dat gaan doen. Zo ver zijn we nog niet. Ik heb toegezegd dat we er ernaar gaan kijken in de evaluatie van de pilot. Dan gaan we ook na of er andere geluiden zijn die bevestigen of er noodzaak toe is. Als dat zo is, dan zijn er denk ik genoeg creatieve ideeën om te kijken hoe we de vuilnisbak wat aantrekkelijker kunnen maken. Dus we moeten eerst nog even de noodzaak onderzoeken voordat we over het hoe gaan praten. Coen Bom (Hart voor Den Haag). Prima, dank u. De voorzitter. En het oordeel over de motie wordt aan de raad gelaten, zei de wethouder net. Coen Bom (Hart voor Den Haag). Gelet op wat wethouder Van Asten over het Soulsisterpand heeft gezegd, wens ik mijn motie daarover aan te houden.
De voorzitter. Aangezien motie O.4 HvDH is aangehouden, maakt ze geen onderdeel meer uit van de beraadslaging. De beraadslaging wordt gesloten.
Aan de orde is: P.
Klimaatadaptatie.
De beraadslaging wordt geopend. De voorzitter. Dit debat is aangevraagd door de Partij voor de Dieren. Het woord is aan de heer Van den Bos. Jan Willem van den Bos (PvdD). Voorzitter. De gemeente heeft de zorgplicht om regenwater te verwerken maar kan dat niet alleen. Als alles op het bordje van de gemeente komt, krijgen we òf torenhoge rioollasten òf steeds meer wateroverlast. Kaders voor wateropvang zijn wenselijk. Daarom dien ik een motie in om net als in tientallen andere gemeenten een hemelwaterverordening op te stellen. De motie verzoekt het college een voorstel uit te werken voor een Haagse hemelwaterverordening voor nieuwbouw en ingrijpende renovaties, of om op soortgelijke wijze dit te borgen via omgevingsregels in lijn met adviezen uit de VNG Handreiking Verordening afvoer hemelwater en omgevingsplan en dit voorstel uiterlijk in het laatste kwartaal van 2024 aan de gemeenteraad voor te leggen. Hinke de Groot (CDA). Ik heb hier nog wel een vraag over. Het CDA is er ook heel erg voorstander van om onze stad weerbaarder te maken tegen extreme regenbuien, maar ik vraag mij dan wel af of een verordening daarvoor de beste manier is. Ik ben dan ook benieuwd of de Partij voor de Dieren ook andere manieren voor ogen heeft dan een verordening en wat het effect is voor alle partijen in de stad, zoals grondeigenaren, want volgens mij hebben we dat nog niet voldoende inzichtelijk.
92
Jan Willem van den Bos (PvdD). Met een verordening kan je regelen dat het echt bindend wordt. Nu wordt via prestatieafspraken bijvoorbeeld de suggestie gedaan dat we het misschien wel kunnen, maar het probleem van toenemende wateroverlast is inmiddels zo groot dat het goed is om regels daarvoor te maken. Mocht het nodig zijn, dan kun je in een verordening ook uitzonderingsgronden opnemen. Het is dus niet zo dat je hiermee allerlei plichten oplegt. Het is meer: je werkt een voorstel uit om het goed te kunnen regelen. Hinke de Groot (CDA). Zou het dan niet beter zijn om eerst heel zorgvuldig te kijken wat daarvoor exact nodig is? Ziet de Partij voor de Dieren daarvoor nog ruimte in de uitwerking van de motie? Ik denk namelijk dat dit wel heel erg belangrijk is voordat we naar het meest extreme juridische middel grijpen. Jan Willem van den Bos (PvdD). Het is natuurlijk geen extreem juridisch middel, maar een juridisch middel dat veel duidelijkheid geeft. Wat betreft de uitwerking het volgende. Er zijn tientallen gemeenten, van Amsterdam tot Westland, die dit al doen. Wij willen het college tot het eind van het jaar de kans geven om een goed voorstel uit te werken en dan kunnen we het er vervolgens met elkaar over hebben wat we van die uitwerking vinden. De voorzitter. Door de heer Van den Bos wordt de volgende motie (P.1 PvdD) ingediend:
Motie P. 1 PvdD Haagse hemelwaterverordening De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 4 april 2024, ter bespreking van Klimaatadaptatie. Constaterende, dat: ▪ de gemeente een wettelijke zorgplicht heeft om afvloeiend hemelwater te verwerken; ▪ de ambities en de daaruit volgende normen van het klimaatadaptatiebeleid niet verplicht zijn op particulier terrein; ▪ een hemelwaterverordening een effectief juridisch middel is om heldere en afdwingbare regels vast te stellen; ▪ veel andere gemeenten (zoals Amsterdam en Westland) zo'n verordening reeds succesvol hebben ingevoerd. Overwegende, dat: ▪ Den Haag nog niet voldoende is voorbereid op de gevolgen van klimaatverandering, zoals extreme regenbuien, die kunnen leiden tot wateroverlast, schade aan gebouwen en infrastructuur, uitval van belangrijke diensten zoals elektriciteit, en verslechtering van de waterkwaliteit; ▪ het aantal extreme regendagen in Nederland in de afgelopen 70 jaar met 85% is toegenomen; ▪ recente KNMI klimaatscenario's wijzen op nattere winters en hevigere regenbuien in de toekomst; ▪ een hemelwaterverordening het beleid in één keer duidelijk kan maken, met ruimte voor uitzonderingen en flexibiliteit om het beleid aan te passen aan nieuwe inzichten.
Verzoekt het college: ▪ een voorstel uit te werken voor een Haagse hemelwaterverordening voor nieuwbouw en ingrijpende renovaties, of om op soortgelijke wijze dit te borgen via omgevingsregels in lijn met adviezen uit de VNG Handreiking Verordening afvoer hemelwater en en omgevingsplan; ▪ dit voorstel uiterlijk in het laatste kwartaal van 2024 aan de gemeenteraad voor te leggen. En gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. 93
De voorzitter. Dan is het woord aan mevrouw Faïd van de HSP om een motie in te dienen. Ik zou u toch willen vragen om naar het spreekgestoelte te komen. We doen dat allemaal. Het is ook zo'n grote eer om daar te mogen staan en dat willen we u niet ontzeggen, maar u vindt het waarschijnlijk iets te ver lopen, want u kijkt er zo verdrietig bij. Fatima Faïd (HSP). Voorzitter. Mijn fractie ziet ook kansen om bij onderhoudswerkzaamheden iets extra's te doen, vooral in de wijken met veel hittestress. Daarom de motie Kansen voor klimaatadaptatie bij onderhoud, met als dictum: verzoekt het college voortaan niet alleen bij integrale herinrichtingen maar ook bij onderhoudswerkzaamheden te zoeken naar de mogelijkheden voor het inpassen van klimaatadaptieve maatregelen en de raad hierover te informeren. De voorzitter. Door mevrouw Faïd wordt de volgende motie (P.3 HSP) ingediend:
Motie P. 3 HSP Kansen voor klimaatadaptatie bij onderhoud De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 4 april, ter bespreking van Q Klimaatadaptatie. Overwegende, dat: ▪ een groot deel van Den Haag te maken heeft met o.a hittestress en wateroverlast; ▪ de gevolgen van klimaatverandering ieder jaar toenemen en de effecten steeds heftiger zijn voor onze inwoners. Constaterende, dat: ▪ er voor klimaatadaptieve maatregelen nu vooral werk-met-werk gemaakt wordt bij grote herinrichtingen; ▪ kleine kostenneutrale ingrepen in de buitenruimte in de meeste gevallen ook mogelijk zijn bij onderhoudswerkzaamheden; ▪ op veel plekken waar inwoners te maken hebben met d gevolgen van klimaatverandering op korte termijn geen integrale herinrichting gepland staat. Verzoekt het college: ▪ voortaan niet alleen bij integrale herinrichting maar ook bij onderhoudswerkzaamheden te zoeken naar de mogelijkheden voor het inpassen van klimaatadaptieve maatregelen; ▪ de raad hierover te informeren. En gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Judith Klokkenburg (ChristenUnie/SGP). Voorzitter. Den Haag kent twee prachtige tramhokjes, namelijk aan het Spui en de Kalvermarkt, een met een groen dak en een met een zonnepaneel. Dat hadden er echter al veel meer kunnen en moeten zijn maar al jaren gebeurt er niets meer.
Daarom samen met collega Gerritsen een motie waarvan het dictum luidt: verzoekt het college bij de MRDH aan te dringen op vergroening van de abri's op de bus- en tramhaltes, met een vergroeningsplan voor de abri's te komen en hierin onder andere op te nemen dat bij grootschalige reparatie of vervanging een sedumdak, groene bekleding of zonnepaneel geplaatst wordt en dit plan bij de begroting 20252028 aan de raad te doen toekomen. De voorzitter. Door mevrouw Klokkenburg, daartoe gesteund door mevrouw Gerritsen, wordt de volgende motie (P.4 CU/SGP) ingediend:
94
Motie P. 4 CU/SGP groene abri's De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 4 april 2024, ter bespreking van afrondingsdebat Klimaatadaptatie, constaterende, dat: ▪ vele gemeenten in navolging van de gemeente Utrecht sinds 2019 groene abri's hebben gerealiseerd; ▪ groene abri's onder meer de biodiversiteit en luchtkwaliteit verbeteren en regenwater opvangen; overwegende, dat: ▪ Den Haag in 2020 een succesvolle pilot heeft gedaan met een abri met sedumdak en een met zonnepanelen, maar hier desondanks geen vervolg aan is gegeven; ▪ Den Haag circa 800 bus- en tramhaltes kent en vergroening van de abri's dus een aanzienlijke bijdrage aan de klimaatadaptatie van de stad kan leveren; verzoekt het college: ▪ bij de MRDH aan te dringen op vergroening van de abri's op de bus- en tramhaltes; ▪ met een vergroeningsplan voor de abri's te komen en hierin onder andere op te nemen dat bij grootschalige reparatie of vervanging een sedumdak, groene bekleding of zonnepaneel geplaatst wordt; ▪ dit plan bij de begroting 2025-2028 de raad te doen toekomen, en gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Dennis Groenewold (D66). Voorzitter.
Om te kijken hoe het klimaat nu al aan het veranderen is, gaan we uit van bepaalde modellen maar wie het afgelopen halfjaar de regen heeft zien vallen, vraagt zich af of die modellen nog wel up-to-date zijn. Daarom heb ik een motie geschreven waarvan het dictum luidt: verzoekt het college te onderzoeken in hoeverre de gevallen regen van het afgelopen halfjaar binnen de gehanteerde scenario's past, de neerslag van de komende jaren te monitoren om te zien of de momenteel gehanteerde scenario's overeenkomen met de werkelijkheid, zodat de scenario's voor Den Haag eventueel aangepast kunnen worden. De voorzitter. Door de heer Groenewold wordt de volgende motie (P.6 D66) ingediend: Motie P. 6 D66 Regen, regen, regen, … monitoren De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 4 april 2024, ter bespreking van het afrondend debat Klimaatadaptatie. Constaterende, dat: ▪ de gemeente voor de analyses van hoe het klimaat verandert, uitgaat van het meest zware scenario waarin het klimaat sterk verandert: het WH-scenario 2050; ▪ er het afgelopen half jaar extreem veel regen is gevallen. Overwegende, dat: ▪ het belangrijk is dat voor de impact van de verandering van het klimaat op de stad uit wordt gegaan van de meest concrete data; 95
▪
het daarom belangrijk is te monitoren of de regenval zoals die wordt ervaren nog binnen de modellen past waarop de toekomstscenario’s zijn gebaseerd.
Verzoekt het college: ▪ te onderzoeken in hoeverre de gevallen regen van het afgelopen halfjaar binnen de gehanteerde scenario’s passen; ▪ de neerslag van de komende jaren te monitoren om te zien of de momenteel gehanteerde scenario’s overeen komen met de werkelijkheid, zodat de scenario’s voor Den Haag eventueel aangepast kunnen worden. En gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Vincent Thepass (GroenLinks). Voorzitter. De financiële schade als gevolg van klimaatverandering wordt in sommige wijken van Den Haag geschat op meer dan € 100 mln. Dat baart GroenLinks grote zorgen maar het is momenteel nog geen uitgangspunt van het college om in zijn klimaatadaptieve beleid ook die financiële schade te voorkomen. Het klopt dat het volgens de landelijke regels allereerst de verantwoordelijkheid is van de eigenaar zelf, maar dat neemt niet weg dat wij als gemeente alsnog een rol op ons kunnen nemen.
Daarom de motie Rechtvaardige aanpak klimaatschade, met als dictum: verzoekt het college bij klimaatadaptief beleid in de bredere belangenafweging ook rekening te houden met het voorkomen van financiële klimaatschade voor bewoners, en hier in rapportages op terug te komen, hierbij in het bijzonder oog te hebben voor financiële klimaatschade in wijken met een zwakkere sociaal-economische status en bewoners met minder financiële veerkracht. Deze motie is meeondertekend door Janneke Holman van de PvdA. De voorzitter. Door de heer Thepass, daartoe gesteund door mevrouw Holman, wordt de volgende motie (P.5 GL) ingediend:
Motie P. 5 GL Rechtvaardige aanpak klimaatschade De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 4 april 2024 ter bespreking van Klimaatadaptie Overwegende, dat: ▪ rechtvaardig beleid voor klimaatadaptie rekening houdt met hoe de gevolgen van de klimaatcrisis terecht komen bij de meest kwetsbare mensen; ▪ voorkomen beter is dan genezen. Constaterende, dat: ▪ de gevolgen van de klimaatcrisis nu al een feit zijn en die gevolgen alleen maar zullen intensiveren; ▪ financiële schade voor Haagse bewoners als gevolg van onder andere wateroverlast en droogte bij verergerde klimaatveranderingen volgens schattingen tot de miljarden kunnen oplopen1 en de schadebedragen sterk per wijk verschillen (316606) en het geschatte bedrag van Laak op bijna 100 miljoen euro uitkomt; ▪ het college zich nu voornamelijk richt op het voorkomen van fysieke gevolgen van de klimaatcrisis, maar nog niet tot beperkt oog heeft voor potentiële financiële schade, de verdeling daarvan tussen bewoners en de lange termijn baten van investeringen in de preventie daarvan; ▪ de wettelijke eindverantwoordelijkheid bij gebouweigenaren ligt, en dit niet ter discussie staat.
96
Verzoekt het college: ▪ bij klimaat adaptief beleid in de bredere belangenafweging ook rekening te houden met het voorkomen van financiële klimaatschade voor bewoners, en hier in rapportages op terug te komen; ▪ hierbij in het bijzonder oog te hebben voor financiële klimaatschade in wijken met een zwakkere sociaaleconomische status en bewoners met minder financiële veerkracht. En gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Carlos Martinez van Andel (Hart voor Den Haag). Voorzitter. Klimaatadaptatie gaat over iets meer dan alleen wateroverlast, namelijk ook over hittestress. De huidige klimaatsubsidies voorzien niet in die hittestress. Refererend ook aan oud-wethouder Van Tongeren die altijd een flink punt maakte van de enorme temperatuurverschillen in versteende wijken, heb ik een motie die het college oproept om met een voorstel te komen teneinde de aanleg van witte daken binnen de bestaande middelen op te nemen in de subsidieregeling Klimaatadaptatie. De voorzitter. Door de heer Martinez van Andel wordt de volgende motie (P.7 HvDH) ingediend:
Motie P.7 HvDH Witte daken tegen hittestress De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 4 april 2024, ter bespreking van Klimaatadaptatie. Constaterende, dat: ▪ in verschillende Haagse wijken sprake kan zijn van hittestress; ▪ in wijken met hittestress tijdens warme dagen er een positief temperatuurverschil van 6 a 7 graden Celsius kan optreden in vergelijking tot wijken zonder hittestress; ▪ de “Haagse Daken Aanpak” over witte daken zegt: “Bieden koelte onder het dak en verminderen het urban heat island effect”; ▪ de Haagse Daken Aanpak over de positieve effecten van witte daken verder benoemt dat het: “de binnentemperatuur verlaagt, de levensduur verlengt en de energierekening verlaagt”. Overwegende, dat: ▪ de aanleg van witte daken een aanzienlijke bijdrage kan leveren in het terugdringen van hittestress; ▪ de huidige subsidieregeling “Klimaatadaptatie” geen subsidiemogelijkheden biedt voor de aanleg van witte daken; ▪ veel eigenaren van platte daken onvoldoende financiële middelen hebben voor de aanleg van een wit dak. Verzoekt het college: ▪ met een voorstel te komen teneinde de aanleg van witte daken binnen de bestaande middelen op te nemen in de subsidieregeling “Klimaatadaptatie”. En gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. De voorzitter. Dan is het woord aan de heer Van der Helm.
Volgens mij is dit ook de laatste motie die u gaat indienen als raadslid.
97
Chris van der Helm (VVD). Voorzitter, u heeft helemaal gelijk. Een paar sprekers terug zei u dat het een hele eer is om hier te staan. Ik moet zeggen dat ik dat na veertien jaar nog steeds zo vind. Dat ga ik straks dus wel ontzettend missen. Volgens mij neem ik de volgende raad overigens pas afscheid. Dus dan zal ik er wat meer over zeggen, maar dit is wel de laatste raad waarin ik nog een motie kan indienen. Stiekem had ik gehoopt dat die zou gaan over Loosduinen, Kraayenstein of de buitenruimte, maar goed, de onderwerpen rollen zoals ze gaan. Het onderwerp klimaatadaptatie staat nu op de agenda. Dat is ook een bijzonder belangrijk onderwerp, waar we ook goede debatten over hebben gehad, ook met deze wethouder. Het lijkt mij mooi om met, denk ik, een hele sympathieke motie mijn raadstermijn af te sluiten. De motie is sympathiek maar tegelijkertijd doet die ook echt wat. De titel is 'Geef groene gevels klimplanten'. De gemeente wil graag veel groene gevels en ze heeft er ook een informatiebrochure over op de website staan, maar het aparte is dat daarin niets staat over klimplanten. Juist dat verticale groen, met die mooie, grote groene gevels waar een klimplant zo omhooggaat, geeft ontzettend veel sfeer maar heeft ook een heel aantal voordelen, maar helaas staat daar helemaal niets over in de informatievoorziening. Vandaar een motie om dat beter voor elkaar te krijgen.
Het dictum ervan luidt: verzoekt het college op de website en in de informatiefolder over gevel- en boomtuintjes duidelijke informatie over de aanleg van groene gevels door middel van klimplanten toe te voegen, hierin duidelijk te maken dat klimplanten, mits correct gekozen en aangelegd, geen schade toebrengen aan gevels, maar juist voordelen bieden zoals isolatie, bescherming en luchtzuivering, hierbij een overzicht te verschaffen van geschikte klimplanten voor verschillende soorten gevels, inclusief advies over installatie en onderhoud, en Hagenaren en Hagenezen door middel van kleine inspanningen te ondersteunen bij het aanbrengen van de juiste bevestigingsmogelijkheden aan de gevel. Tot zover, voorzitter. Dat is 'm dan! (Geroffel op de bankjes) De voorzitter. Hartelijk dank, meneer Van der Helm. Op 25 april is inderdaad uw officiële afscheid, maar dit was in ieder geval het laatste politieke instrument dat u in deze zaal heeft ingezet. Dank daarvoor. Door de heer Van der Helm wordt de volgende motie (P.8 VVD) ingediend:
Motie P.8 VVD Geef groene gevels klimplanten De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 4 april 2024, ter bespreking van Klimaatadaptatie: Constaterende dat: • groene gevels een wijk niet alleen mooier maken, maar ook prettiger om in te wonen omdat klimplanten een belangrijke rol spelen in het verminderen van hittestress, het bevorderen van de afvoer van hemelwater naar de bodem, het verbeteren van de luchtkwaliteit en het verrijken van de biodiversiteit; • klimplanten in veel gevallen juist een positief effect hebben op de gevel, omdat het zorgt voor een natuurlijke bescherming van de muur en extra isolatie biedt tegen zowel temperatuur als geluid; • het aanmoedigen en faciliteren van groene gevels in overeenstemming is met de stedelijke verduurzamings- en klimaatadaptatie doelstellingen van Den Haag; • in de gemeentelijke folder over gevel- en boomtuintjes slechts een zin is opgenomen over het vergroenen van gevels en hierbij onterecht de suggestie wordt gewekt dat klimplanten schade toebrengen aan de gevel. Overwegende dat: • klimplanten door het beperkte bodemoppervlak een goede en effectieve manier zijn om dichtbebouwde en versteende straten te vergroenen;
98
• duidelijke informatie op de gemeentelijke website en andere communicatiekanalen cruciaal is om Hagenaren aan te moedigen en te ondersteunen in hun keuze voor de juiste klimplanten en het effectief vergroenen van hun omgeving; • de gemeente, net als bij het plaatsen van regentonnen, door kleine inspanningen waaronder het bieden van ondersteuning bij het aanbrengen van bevestigingskabels of muurroosters Hagenaren kan helpen een stap in de goede richting te zetten; • deze ondersteuning en het verstrekken van informatie over goede bevestiging en onderhoud van klimplanten bijdraagt aan het voorkomen van verrommeling van het straatbeeld. Verzoekt het college: • op de website en in de informatiefolder over gevel- en boomtuintjes duidelijke informatie over de aanleg van groene gevels door middel van klimplanten toe te voegen; • hierin duidelijk te maken dat klimplanten, mits correct gekozen en aangelegd, geen schade toebrengen aan gevels, maar juist voordelen bieden zoals isolatie, bescherming en luchtzuivering; • hierbij een overzicht te verschaffen van geschikte klimplanten voor verschillende soorten gevels, inclusief advies over installatie en onderhoud, en Hagenaren doormiddel van kleine inspanningen te ondersteunen bij het aanbrengen van de juiste bevestigingsmogelijkheden aan de gevel. En gaat over tot de orde van de dag.
De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Wethouder Barker (PvdD). Voorzitter. Een belangrijk onderwerp maar soms ook een complex onderwerp. Er zijn een aantal moties waarmee u mij heeft verblijd. Allereerst motie P.6 D66 over regen, regen en nog eens regen. Daarin wordt gevraagd te onderzoeken hoe het het afgelopen jaar is gegaan met de regen. Eigenlijk zijn er al best veel monitors. Bijvoorbeeld het KNMI doet er heel veel onderzoek naar en komt ook continu met nieuwe modellen. Daarnaast houden we er ook binnen de gemeente zicht op, bijvoorbeeld via het rioleringsplan waarbij we kijken of een en ander ook past binnen de uitgangspunten daarvan. Als we alleen naar de neerslag in Den Haag zouden kijken om te toetsen of klimaatmodellen zouden kloppen, dan is dat eigenlijk een soort van N=1-onderzoek dat niet heel veel zegt. Om die reden zou ik deze motie dan ook willen ontraden. Bij zo'n N=1-benadering kun je eigenlijk niet heel erg goed een conclusie trekken. Dit was een hele, hele natte winter maar in principe had dit ook tien, twintig jaar geleden gekund, maar alleen was de kans daarop heel klein. Dus als je alleen maar kijkt naar één winter, is het moeilijk om die conclusie te trekken. Dus om die reden, ook al vind ik het sympathiek om er wat verder in te duiken, zou ik deze motie willen ontraden. Dennis Groenewold (D66). Dank voor deze beantwoording.
Met het eerste deel ervan kan ik best wel meegaan. Als het al gemonitord wordt, ben ik daar op zich heel blij mee en heb ik mijn doel eigenlijk al bereikt. Ik snap de wethouder alleen niet zo goed toen hij had het over N=1. Als we monitoren wat er bijvoorbeeld in de riolering terechtkomt, dan heeft dat toch ook geen nut. Waarom doen we dat dan wel? Wethouder Barker (PvdD). Mijn punt is dat in de motie wordt verzocht te onderzoeken in hoeverre de gevallen regen van het afgelopen halfjaar binnen de gehanteerde scenario’s past. Het past in het huidige scenario maar het past ook in het scenario van tien jaar geleden, alleen was de kans toen heel klein. Als je gewoon de KNMI-modellen blijft checken en je nagaat of je totale meetbereik daarbinnen past, dan kan je er wat meer over zeggen als je heel veel N'en meer hebt, dus heel veel metingen meer hebt. Als je alleen maar naar een halfjaar kijkt, is het statistisch eigenlijk niet een juiste analyse. Dennis Groenewold (D66). Daarom roept mijn motie ook op om dit de komende jaren te blijven monitoren om te kijken of die aanname die ik doe klopt dat de afgelopen winter natter was dan 99
normaal; dat kon inderdaad in het verleden ook gebeuren maar als het zich vaker voordoet, krijg je wel een hoger percentage. Dat bedoel ik meer met die scenario's. Maar ik begrijp van de wethouder dat dit al in die KNMI-modellen zit. Dus voor nu houd ik mijn motie aan. Als ik de komende twee winters merk dat het toch zo vaak blijft regenen, kunnen we altijd nog kijken of we dit debat weer met elkaar moeten voeren. De voorzitter. Aangezien motie P.6 D66 is aangehouden, maakt ze geen onderdeel meer uit van de beraadslaging. Wethouder Barker (PvdD). Dank daarvoor. In de commissie heb ik ook al aangegeven dat het ook een soort van stap richting het rioolplan was, in de zin dat ik er dit jaar ook nog op zou kunnen terugkomen. Dan kunnen we het er ook over hebben hoe het gaat met die klimaatmodellen. Dan de motie van GroenLinks over een rechtvaardige aanpak klimaatschade. Als gemeente proberen we sowieso klimaatschade te voorkomen. We doen dat vooral op basis waarvan we de meeste schade verwachten en hoe we schade kunnen voorkomen. Ons beleid houdt in zekere zin secundair ook wel rekening met een bepaalde mate van financiële slagkracht, bijvoorbeeld via de Ooievaarspashouders die bepaalde klimaatmaatregelen 100% gesubsidieerd krijgen.