RIS316315 Notulen van de raad van 5 juli 2023
Tekst van het document
toevoegen en er daarom een verschil is. Ja, je kiest er uiteindelijk nog steeds zelf voor of jij in je stadsdeel wil blijven wonen. Neem de stadsdelen waarover we het veel hebben. Zelf zou ik Scheveningen als voorbeeld noemen. Daar wordt niet enorm veel bijgebouwd. Dan kan je er ook voor kiezen om naar de Binckhorst te gaan, want daar wordt wel enorm veel bijgebouwd. Dan ben je misschien wat sneller aan de beurt. Dat maakt toch niet uit? De woningen die toegevoegd worden, blijven toch toegevoegd worden? Vincent Thepass (GroenLinks). In mijn inbreng heb ik dat geprobeerd duidelijk te maken. Stel, ik leef op Scheveningen en ik wil iets huren op Scheveningen. Dan is het inderdaad fijn. Maar als ik niet de specifieke wens heb om iets op Scheveningen te vinden, kan ik dat alsnog aangeven. Dan kan ik alsnog kijken of ik daarmee sneller iets kan vinden dan iemand uit Leidschenveen-Ypenburg. Het is dus wel degelijk een vorm van voorrang die je hiermee pakt ten opzichte van andere woningzoekenden. Dat is voor ons echt wel een relevant verschil. De voorzitter. Laatste keer, meneer De Ridder. Rutger de Ridder (VVD). Ik onderken ook zeker wel dat het een voorrangsprincipe is. Alleen begrijp ik gewoon niet waarom er een soort tegenstelling wordt gemaakt door GroenLinks, alsof dit de woningcrisis erger zou maken.
Met dit voorstel maken wij volgens mij gebieden, wijken en plekken in deze stad waar het fijn is om te wonen en om te blijven wonen. Ik zal dat zo meteen ook zeggen in mijn inbreng. Jammer dat GroenLinks dat dus niet wil. Vincent Thepass (GroenLinks). Misschien een laatste, korte reactie. Ik bedoel inderdaad niet dat we de algemene schaarste groter maken, maar het is natuurlijk wel hoe we met die schaarste omgaan. Dat willen wij zo eerlijk mogelijk doen. Tot zover. Robert Barker (PvdD). Voorzitter. In de commissie heb ik al aangegeven dat we als Partij voor de Dieren kritisch zijn op het invoeren van een voorkeursrecht voor mensen uit een stadsdeel. We vinden niet dat het bij het huren van een woning uit zou moeten maken waar je vandaan komt. Wat ons betreft is daarbij niet goed te motiveren waarom bij een bouwproject in Duindorp iemand die is opgegroeid in Belgisch Park voorrang zou moeten krijgen op iemand die is opgegroeid in de Bomenbuurt of Transvaal. Wij zullen daarom ondanks het verbeterde voorstel, waarvoor dank, tegen het initiatiefvoorstel stemmen. Rutger de Ridder (VVD). Voorzitter. Allereerst dank ik ChristenUnie/SGP en SP voor het indienen van het initiatief en het geduld dat zij hebben moeten hebben tot er een preadvies verscheen. Foei, wethouder, dat moet echt sneller voortaan! Zo, dat was dan mijn oppositiedebuut. Dan weet u ook een beetje hoe de toon is.
U weet, als ik praat over Den Haag komt Scheveningen vaak terug. Dat is niet zonder reden. Dat komt omdat ik mij Scheveninger voel. Ik ben ervan overtuigd dat vele Hagenaars en Hagenezen zich identificeren als Scheveninger of Loosduiner. Ik kan me voorstellen dat dat ook voor andere wijken geldt. Ik noem Spoorwijk of de Rivierenbuurt. Maar dan moet je er wel kunnen blijven wonen. Dat versterkt die identiteit. Mensen maken immers de wijk. Op dit moment zien we dat mensen te vaak niet kunnen blijven wonen in de wijk waarin zij opgegroeid zijn. Dat is niet goed. Dan verlies je een groot deel van de identiteit van de wijk. De VVD vindt het juist heel goed dat wij de diversiteit van wijken benadrukken. Een ander type wijk, een ander type mens, maar allemaal Hagenaar. De VVD is ervan overtuigd dat om de vrije keuze … De voorzitter. Er is een interruptie van mevrouw Tseggai. Mikal Tseggai (PvdA). Ja, want het gaat opeens over 'ander type mens, ander type wijk'. Moeten verschillende typen mensen niet gewoon lekker door elkaar wonen? Rutger de Ridder (VVD). Ik vind het jammer dat mevrouw Tseggai er zo naar kijkt. Ik voel mij Scheveninger en ik zou nergens anders willen wonen dan op Scheveningen. Ik kan mij dat voorstellen. 34
Het maakt mij ook wie ik ben. Dat is mijn identiteit. Ik zou denken dat de Partij van de Arbeid zeker op deze momenten identiteitspolitiek mooi vindt. Mikal Tseggai (PvdA). Dat is niet hoe ik ernaar kijk. De heer De Ridder zei net in zijn inbreng: ander type mens, ander type wijk. Den Haag is de meest gesegregeerde stad van Nederland. Als ik het goed begrijp, vindt de VVD dat terecht en wil de VVD dat ook nog een beetje extra? De voorzitter. Mevrouw Tseggai … Nee, meneer De Ridder. Rutger de Ridder (VVD). Dat is nou een vergissing die u niet moet maken, voorzitter. De voorzitter. Foei! Dank u wel. Rutger de Ridder (VVD). Wat mevrouw Tseggai zegt, is natuurlijk helemaal niet wat ik zeg. Ik zeg: je moet zorgen dat je wijken hebt waar mensen zich mee identificeren. Ze voelen zich onderdeel van die wijk. Ze voelen zich daar thuis. Ze voelen dat dat iets is van henzelf. Door dat gelijk weer in het negatieve te trekken, doe je geen recht aan het voorstel dat hier voorligt. En ja, Den Haag is een enorm gesegregeerde stad, maar ook in die diversiteit van wijken zit een kracht. Benadruk dat nou eens een keer. Mikal Tseggai (PvdA). Misschien ligt het aan mij hoor, maar ik hoorde de heer De Ridder zonet toch echt zeggen: ander type mens, ander type wijk. En die diversiteit van wijken is hartstikke mooi, maar de kracht van segregatie is op dit moment zeer onduidelijk in de stad.
Sterker nog, we moeten drie kwart van alle kinderen in Den Haag van school laten verhuizen om de onderwijssegregatie een beetje recht te trekken. Met dit plan worden dat soort nadelen alleen maar erger. Rutger de Ridder (VVD). Ik zei inderdaad 'ander type mensen', omdat mensen zich identificeren als onderdeel van hun wijk. Dat maakt dan toch een ander type mensen? De Partij van de Arbeid gaat gelijk weer in het negatieve denken. Kom op, een beetje positief! De zon schijnt! De voorzitter. Nou, ik weet niet of dat zo is. Maar mevrouw Tseggai kan er vriendelijk om lachen en dat is heel goed. Meneer De Ridder, u zet uw betoog voort. Rutger de Ridder (VVD). Nee, voorzitter, de zon schijnt vandaag niet, maar hij kan wel twee keer opgaan, zeg ik dan maar. Goed. Waar was ik? Ik vind het heel goed dat we de diversiteit benadrukken. Een ander type wijk, een ander type mens, Hagenaar … O ja. We zijn er overtuigd dat het versterken van de vrije keuze noodzakelijk is om te bekijken of en hoe we mensen meer ruimte kunnen geven om te blijven wonen in een wijk. Het initiatief van ChristenUnie/SGP en SP zorgt precies daarvoor. Het is een eerste stap om mogelijk te maken dat we mensen voorrang geven om te kunnen blijven wonen in hun eigen wijk en dus kunnen bouwen aan hun eigen wijk. Ik vind het wel jammer dat de indieners ervoor gekozen hebben om het voorstel aan te passen.
Het initiële voorstel was mijns inziens beter. Mijn vraag aan de indieners is dus: waartoe dient uw aanpassing; we moeten toch niet bang zijn met elkaar? In dat kader steunt de VVD ook de amendementen van Hart voor Den Haag en het CDA en de motie van het CDA. Zo kunnen kinderen dicht bij hun ouders blijven wonen en kunnen ouderen die hun huis te groot vinden en in hun wijk willen blijven wonen, in hun wijk blijven wonen. Peter Mekers (D66). Voorzitter. Dank aan de indieners voor hun werk. D66 is het met hen eens dat wooncarrière kunnen maken in je eigen wijk belangrijk is. Wat ons betreft bereik je dat door doorstroming te stimuleren, bestaande woningen beter te gebruiken en vooral ook woningen toe te voegen. D66 is uit principe tegen het opdelen van de woningvoorraad om bewoners op basis van hun locatie voorrang te geven. Mensen moeten vrij zijn om hun eigen plek te kiezen, hun plek waar ze onderdeel willen gaan zijn van de samenleving.
35
Een groot deel van deze raad is buiten deze stad geboren maar draagt hartstochtelijk bij aan onze stad. Nieuw bloed ís niet eng. Leer je nieuwe buren kennen en laat je verrassen door hun eigen kijk op de samenleving. Als je een taart in stukken snijdt, komt er niet ineens meer taart op tafel. Dit voorstel levert geen extra woningen op, en wat D66 betreft is het onwenselijk als woningen straks geclaimd worden door buurtbewoners. Als dat overal in het land gebeurt, belemmer je namelijk de vrijheid om je te vestigen waar je wil. Rutger de Ridder (VVD). Het voorstel suggereert toch ook niet dat er meer woningen worden toegevoegd? Peter Mekers (D66). Dat klopt. Dit voorstel levert geen extra woningen op. Dat heeft u goed gezien. Rutger de Ridder (VVD). Dat is een mooi debatantwoord, maar ik vroeg naar het volgende. U stelt het voor alsof het voorstel zou zeggen: nou, hierdoor lossen wij alle problemen op in de stad. Dat doet het voorstel niet en dat zegt het voorstel ook niet. Het voorstel zegt wel: we bouwen aan die sterke wijken. Snapt u die gedachte van ChristenUnie/SGP en SP? Peter Mekers (D66). Ik snap de manier waarop ze daarnaartoe denken, maar ik ben het ermee oneens. Ik denk dat het indammen en het bouwen van hekken - je mag niet op die woning reageren - de vrijheid beperkt van mensen en dus niet iets positiefs is.
Als dat namelijk overal gebeurt, heeft niemand meer de vrijheid om naar een andere plek te verhuizen als hij dat zou willen. De voorzitter. U zet uw betoog voort. Peter Mekers (D66). Met nieuwe wetgeving krijgen we al meer doelgroepen die voorrang kunnen krijgen op woningen. Er worden straks meer stukken van de taart gereserveerd. Nu nog een flink stuk reserveren voor bewoners uit de eigen wijk, voelt voor ons niet eerlijk tegenover anderen, die ook graag een stukje taart lusten. Daarom steunt D66 dit voorstel niet, en ook de amendementen en de moties niet. Sebastian Kruis (PVV). Voorzitter. Vandaag laat links eigenlijk precies zien wat ze Den Haag hebben aangedaan. Onze eigen inwoners kunnen de rambam krijgen, en de voorrangsregelingen die ze wel allemaal toejuichen, bijvoorbeeld voor statushouders, zouden niet mogen gelden voor mensen die in een bepaalde wijk zijn opgegroeid en daar graag zouden willen blijven wonen. Dat is erg triest voor de inwoners, maar niet heel verrassend. Ik dank de indieners … De voorzitter. Meneer Mekers. Nee, toch niet. Misschien was het gewoon een test of z'n dingetje het deed. Het is natuurlijk ook dé manier om een gloedvol betoog … Nee, dat was niet de bedoeling, hoor. Gaat uw gang. Sebastian Kruis (PVV). Ik wil de indieners dus graag bedanken voor het mooie voorstel.
Ik ben het inderdaad eens met bijvoorbeeld de heer De Ridder, die ik trouwens van harte welkom heet in de oppositie. Ik zit er al een tijdje in en het bevalt uitstekend, hoewel we natuurlijk graag aan die knoppen zouden zitten. Ik ben het wel met de heer De Ridder eens dat het oorspronkelijke voorstel eigenlijk beter was. Ik vraag me dus ook af waarom het is aangepast. Wie probeert u nou te behagen op deze manier? Ik wil ook mevrouw Arp complimenteren. Mevrouw Klokkenburg zit hier nu alle aandacht op te eisen, maar ik wil mevrouw Arp zeker niet onbenoemd laten. Ik wil de indieners ook complimenteren met de lay-out van het voorstel. Die leek vrij gedateerd, maar dat is precies het Nederland en het Den Haag dat ik voor ogen heb. Ik zeg altijd: ik wil het Nederland van Ot en Sien. Nou, als je dat dan vergelijkt met hoe het hier nu op straat gaat, snapt iedereen precies wat ik bedoel. Met veel enthousiasme en overtuiging hebben wij amendement van de heer Dubbelaar gesteund. We zullen ook voor het amendement van het CDA stemmen. Goed voorstel, mevrouw De Groot. 36
De voorzitter. Ik wijs de leden erop dat er hiernaast broodjes staan. Die mag u ook lekker buiten opeten. We gaan wel door, is mijn voorstel. Mikal Tseggai (PvdA). Voorzitter. Ik kan het kort houden. Ik kan me eigenlijk volledig aansluiten bij de inbrengen van D66 en GroenLinks. Zoals ik zonet zei, is Den Haag al de meest gesegregeerde stad van Nederland. Dat hoeven we niet met z'n allen nog erger te maken. De voorzitter. Dan kijk ik of er meteen geantwoord kan antwoorden. Nee, mevrouw Arp nog. Neem me niet kwalijk! Dat zou wel heel erg sneu zijn, terwijl er weinig sneu aan u is hoor, mevrouw Arp. Lesley Arp (SP). Ja, en ik moet natuurlijk echt van de gelegenheid gebruikmaken om de heer De Ridder te feliciteren met zijn oppositiemaidenspeech. Voorzitter. Het initiatiefvoorstel dat wij samen met ChristenUnie/SGP indienen was in de commissie voer voor een levendige discussie over de balans tussen recht doen aan sociale verbanden in de buurt en recht doen aan woningzoekenden in het algemeen, maar ook over de betekenis van de buurt als schaal voor ons dagelijks leven.
Is de plek waar je woont in feite niet meer dan een Googlecoördinaat, of is het een plek waar je diepe wortels kunt schieten? Net als de raadsleden in deze zaal zullen veel bewoners deze vraag allemaal anders beantwoorden, maar het moge duidelijk zijn dat mijn fractie samen met die van ChristenUnie/SGP in ieder geval wil kijken hoe we meer recht kunnen doen aan de vele mensen die het liefst geworteld blijven in hun eigen omgeving maar noodgedwongen hun geluk elders moeten beproeven. Die wens leeft niet alleen in de vele oudere volkswijken die in de commissiebehandeling de revue zijn gepasseerd, maar ook in nieuwe wijken zoals LeidschenveenYpenburg, zo leerden wij vorige week tijdens de bijeenkomst Raad in de stad. Daarom doen wij dit voorstel voor een proef volgens het Amsterdamse voorrangsmodel. Dat model werd daar geïntroduceerd door een links college, dat in dezelfde tijd koos voor 40% sociaal en 40% middelduur bij nieuwbouw. Woningnood bestrijden en recht doen aan sociale verbanden zouden wat de SP betreft dan ook hand in hand moeten gaan. Het is niet of-of maar en-en. Van een deel van de raad mag het initiatiefvoorstel veel verder gaan - dat wordt vandaag ook duidelijk - terwijl een ander deel van de raad twijfelt of dit het juiste middel is om sociale cohesie in wijken te bevorderen.
Daarom denkt mijn fractie dat het juist goed is dat dit voorstel gaat over een proef, die we ook gaan evalueren, en dat we niet direct overgaan tot aanpassing van de Huisvestingsverordening. Mijn fractie hoopt dat het college op korte termijn kan overgaan tot uitvoering van de proef, zodat we de levendige discussie in de raad snel kunnen voortzetten. Robert Barker (PvdD). Is de SP het met de Partij voor de Dieren eens dat het onwenselijk is om 50% van de sociale woningen voor de eigen wijk te bestemmen gegeven dat we te maken hebben met heel veel zorgdoelgroepen en bijvoorbeeld mensen die überhaupt geen dak boven hun hoofd hebben? Lesley Arp (SP). Ik probeer deze vraag even te duiden. Vraagt de heer Barker mij nu om een preadvies te geven over het voorstel van de heer Dubbelaar? Robert Barker (PvdD). Ik vraag de SP eigenlijk wat het SP-standpunt is over het verhogen van het percentage. Vindt de SP dat je bijvoorbeeld 50% van de woningen voor de eigen wijk moet bestemmen, en vooral de sociale woningen, gegeven dat we te maken hebben met heel veel zorgdoelgroepen in de stad en met dakloosheid? Vindt de SP dat we die 50% zouden moeten hanteren? Lesley Arp (SP). Ja, nu kan ik de vraag inderdaad beter duiden. We hebben natuurlijk niet voor niets voor die 25% gekozen. Dat was ook omdat we inderdaad geïnspireerd zijn door Amsterdam.
Tegelijkertijd wil ik nogmaals benadrukken - ik weet niet hoe vaak ik dat moet doen - dat het niet zou gaan om 50% van alle nieuwbouw. We zijn nog niet bij de fase van de Huisvestingsverordening, maar het werkt dan zo dat er een verordening is met een optie, net zoals de leraren- en de agentenoptie. Daar moet het college dan projecten aan hangen. Het betekent dus helemaal niet dat het percentage geldt voor de hele nieuwbouw. Maar ik heb inderdaad ook de gevoeligheden gehoord in de commissie. Ik 37
heb ook gehoord dat er een balans moet zijn in een nieuwbouwproject. Wij vonden die 25% fair. Maar goed, mevrouw Klokkenburg gaat daar vast meer over zeggen. De voorzitter. De heer Barker, laatste keer. Robert Barker (PvdD). Ik ben in ieder geval blij dat de SP met de Partij voor de Dieren zegt dat 50% echt te veel is, gegeven dat we in de stad te maken hebben met een groot probleem qua dakloosheid, waar je juist die sociale woningen voor nodig hebt. Het is dus fijn dat de SP daarin in ieder geval samen optrekt met de Partij voor de Dieren. Peter Mekers (D66). Ik zit het voorstel nog eventjes te herkauwen. Er komt toch een beetje een wij/zijgevoel uit. Dat is eigenlijk een vraag aan zowel de SP als aan ChristenUnie/SGP. Wij/zij: mensen die in de wijk wonen en wel voorrang zouden kunnen krijgen en mensen van buiten. Dat wij/zij ken ik eigenlijk normaal gesproken niet zo van ChristenUnie/SGP en de SP. Het klinkt nu toch meer als 'samen voor ons eigen' in plaats van als samen. Kan de SP, en straks misschien de ChristenUnie, er nog op ingaan waarom er nu wel een wij/zijgevoel gecreëerd kan worden? Lesley Arp (SP). Ik ga het nu echt even zeggen. Ik denk dat dat wij/zijgevoel vooral wordt gecreëerd door de interrupties die gedaan worden. Als je dit voorstel leest, zie je namelijk dat sociale cohesie echt het doel is en niet het beschermen van wijkidentiteit.
Natuurlijk komt dat nu voor in het debat, maar volgens mij is dat niet het grote punt voor de SP en de ChristenUnie/SGP. Het gaat er echt om om mensen in staat te stellen om bijvoorbeeld bij hun familie in de buurt te wonen. Dat dus over onze beweegredenen. Peter Mekers (D66). Dank voor dit antwoord. Mensen kunnen al voorrang krijgen als ze bij familie in de buurt willen wonen, bijvoorbeeld als het om mantelzorg gaat. Is dit dan eigenlijk nog wel nodig? Lesley Arp (SP). Ja. Ik heb eerder in relatie tot het initiatiefvoorstel Rivierenbuurt al gekeken hoe het zit met die mantelzorg. Daar zijn dan bijvoorbeeld veel strakke eisen aan verbonden, terwijl je ook andere vormen van mantelzorg hebt, die niet strikt als zorg gedefinieerd kunnen worden. Ik noem het kopje koffie, dus zorgen dat mensen niet vereenzamen. Dat kun je dan vaak niet onder dat soort criteria scharen. Wethouder Balster (PvdA). Voorzitter. Ook vanuit de zijde van het college nogmaals dank voor het initiatiefvoorstel dat de initiatiefnemers hebben verdedigd in de persoon van mevrouw Klokkenburg. We hebben hier een heel levendig commissiedebat over gevoerd met elkaar. Sterker nog, het was uiteindelijk het enige agendapunt in een hele lange commissie Ruimte. Er liggen twee amendementen op het voorstel, die ik pas zonet kreeg.
Als ik ze snel lees, hebben de beide amendementen nagenoeg dezelfde strekking ik zal daar zo op reageren. Eerst reageer ik nog in het algemeen. In reactie op het oorspronkelijke initiatiefvoorstel heeft het college benadrukt dat er nogal wat op de gemeente afkomt. Dat is in de eerste plaats omdat er heel veel aandachtsgroepen zijn die een plekje verdienen in een hele schaarse sociale huurvoorraad en voorraad in het middensegment, en het Rijk met de Wet regie volkshuisvesting bezig is, die we mogelijk al deze zomer tegemoet kunnen zien, waarin het Rijk van gemeenten gaat vragen om veel meer dan nu urgente groepen met voorrang te huisvesten. Dat maakt het noodzakelijk dat we die afweging met die schaarse voorraad - we zitten nog wel even in die grote wooncrisis - zorgvuldig willen maken. We zijn dan ook blij dat de initiatiefnemers daaraan de conclusie hebben verbonden om het experiment voorlopig even op het middensegment toe te passen, maar deze suggestie uiteraard wel mee te nemen in de voorbereiding van de Huisvestingsverordening. Dat zullen we dus ook doen. Ik benadruk hier ook nog maar even dat er wel degelijk ook al ruimte is om te werken aan de binding van de wijk.
Een voorbeeld daarvan is de mogelijkheid die we bewoners geven bij sloopnieuwbouw om in hun eigen wijk te blijven wonen en de voorrang die we in het lokale maatwerk al hebben voor ouderen die in hun eigen wijk kunnen doorstromen naar een kleinere, behapbaardere woning.
38
Arjen Dubbelaar (Hart voor Den Haag). Het valt mij op dat meneer Balster, die in dit geval namens het college spreekt, altijd komt met wat níét kan. Dat hebben de indieners niet voor ogen. Die zijn juist op zoek naar dat wat wél kan. Daarom dienen zij een initiatiefvoorstel in. Daarom vliegen zij het heel voorzichtig aan, met eerst een pilot. En dan nog hoor ik de wethouder roepen wat er níét kan. Waarom is dat? Wethouder Balster (PvdA). Misschien moet ik dan de conclusie herhalen dat het college zegt dat over het initiatiefvoorstel dat er nu in gewijzigde vorm ligt, het oordeel aan de raad gelaten kan worden. Dat zegt iets. We hebben ook met elkaar aangegeven dat we de nieuwe Huisvestingsverordening, die we straks met elkaar moeten vaststellen en waar ook de Wet regie volkshuisvesting een onderdeel van moet zijn, als het moment zien waarop we nog eens naar die totale sociale huurvoorraad kijken. We hebben straks te maken met een verplichting om mensen die dakloos zijn geraakt met voorrang te huisvesten, om plekken te vinden voor woonwagenbewoners en om voorrang te geven aan mensen die mantelzorg verlenen, en zo zijn er een heleboel groepen. Ik heb in de commissie ook benadrukt dat dat weleens ver zou kunnen uitgaan boven de 30% van de toewijzingen die we op dit moment als maximum hanteren in de corporatievoorraad.
We hebben ook een balans te zoeken tussen aandachtsgroepen en reguliere woningzoekenden, dus gewoon de starters die wachten op een sociale huurwoning. Arjen Dubbelaar (Hart voor Den Haag). Nogmaals, ik hoor de wethouder weer zeggen wat er niet kan. Het is leuk dat de wethouder al die doelgroepen opnoemt, maar we hebben nu eenmaal te maken met schaarste. En juist in tijden van schaarste zou het goed zijn om keuzes te maken. Daarom heeft de wetgever ons ook het instrumentarium gegeven om dat te doen. Het staat in de Huisvestingswet, dus ik zou tegen de wethouder willen zeggen: hou nou eens rekening met de mensen in deze stad. Wethouder Balster (PvdA). Ja, maar voorrang voor de een is achterstand voor de ander. Die afweging willen we met elkaar zorgvuldig maken. Ik heb geschetst waarom dat het geval is. U schetst het beeld alsof het college alleen maar in onmogelijkheden denkt. Nee, sterker nog, het college kan meegaan met het initiatiefvoorstel zoals het er in gewijzigde vorm ligt, én we hebben met elkaar een proces afgesproken om richting de nieuwe Huisvestingsverordening met elkaar het goede debat te gaan voeren over wie op welke manier met voorrang gehuisvest kan worden. De voorzitter. De heer Dubbelaar, laatste keer. Arjen Dubbelaar (Hart voor Den Haag). Maar de wethouder denkt in wat niet kan, want hij laat het initiatiefvoorstel aanpassen.
Dat adviseert hij en de indieners reageren daarop. Nu gaat het dus alleen nog om middelduur, terwijl het ook op sociaal vlak gewoon uitvoerbaar is, omdat het wettelijke instrumentarium aanwezig is. De wethouder kán het dus wel, maar de wethouder wíl het niet. Wethouder Balster (PvdA). Ik blijf mezelf herhalen. Het beeld dat u schetst is gewoon onjuist. Ik heb gezegd, ook al vrij uitvoerig in de commissie, dat we echt goed integraal moeten kijken, gegeven de grote schaarste en gegeven de grote woningnood voor heel veel aandachtsgroepen, wie er straks voorrang kan krijgen om het rechtvaardig en eerlijk te maken met elkaar. Zoals gezegd, kan het college het initiatiefvoorstel zoals het er in gewijzigde vorm ligt aan de raad laten. Dat betekent tegelijkertijd dat de beide ingediende amendementen, die zien op het toch weer terugvallen op het oorspronkelijke voorstel, met de bekende redenatie worden ontraden. Ik ben wat dat betreft ook wel benieuwd wat de indieners met hun initiatief doen in het kader van de voorliggende amendementen, maar dat zullen we ongetwijfeld zo dadelijk horen. De motie van mevrouw De Groot vraagt het college om ook te kijken naar de lokale voorrangsmogelijkheden. Ook daarop komt er wetswijziging aan. Ik heb in de commissie ook al aangegeven dat we straks uiteraard alle mogelijke opties op tafel hebben liggen.
In die zin is de motie dus overbodig en kan ik die aan de raad laten. Tot zover, voorzitter.
39
De voorzitter. Dank u wel, wethouder Balster. Dan geef ik de initiatiefnemer de gelegenheid om kort te reflecteren. Mevrouw Klokkenburg, u neemt daarbij meteen ook de vraag mee die niet zozeer aan u gesteld is als initiatiefnemer maar als vertegenwoordiger in de raad namens de ChristenUnie/SGP. Judith Klokkenburg (ChristenUnie/SGP). Voorzitter. Ook vandaag dank voor de diverse inbrengen, ook eerder in de commissie. We hebben hier in de commissie een levendig debat over gevoerd en vandaag toch ook wel weer. De heer De Ridder vroeg waarom het voorstel is aangepast. Ik heb geprobeerd om dat in mijn inleidende woorden te verantwoorden. Wij konden meekomen met de redenering van het college om eerst die Wet regie af te wachten en te kijken wat die doet met de verdeling van de woningen in het sociale segment. De verwachting is dat een groter deel van de woningen toebedeeld moet gaan worden aan specifieke groepen. Nog een extra groep daarbovenop zou wellicht wat te veel worden. Dat was de reden waarom wij het voorstel hebben aangepast, en hebben aangegeven eerst de wet te willen afwachten. Dan kom ik gelijk bij de preadvisering van het amendement van mevrouw De Groot over het in originele staat terugbrengen van het voorstel.
Wij hebben uitgelegd waarom we het voorstel hebben aangepast, maar u zult wellicht ook begrijpen dat we niet nu ineens gaan zeggen dat we volledig tegen het origineel zijn. Wij laten het dus volledig bij de fracties hoe daarover gestemd gaat worden. Arjen Dubbelaar (Hart voor Den Haag). Wat doet ChristenUnie/SGP? Judith Klokkenburg (ChristenUnie/SGP). Daarover moet ik nog met mijn fractie gaan overleggen. Dat zult u later op de dag meemaken. De heer Dubbelaar heeft ook een amendement ingediend, om het sociale segment terug te brengen en de pilot uit te breiden naar 50%. In het debat heb ik hier al iets over gezegd. Collega Arp is er zojuist ook op ingegaan. We hebben er bewust voor gekozen om het voorbeeld van Amsterdam te volgen en de 25% mee te nemen. Daar is het bewezen effectief gebleken en opgenomen in de Huisvestingsverordening. Met een pilot met een dergelijk percentage kunnen er al waardevolle inzichten verkregen worden. Als je gaat werken met 50% gooi je de boel iets meer op slot, wat wij nu nog niet zouden willen doen. Wij zouden eerst de pilot met 25% willen regelen en die goed willen evalueren. Wellicht kan dan het percentage heroverwogen worden, als blijkt dat de animo zo groot is en het effect op andere woningzoekenden kleiner is dan we nu wellicht verwachten. Daar zouden we het dus echt na die pilot over willen hebben.
Maar ook dit is uiteraard aan de raad om over te besluiten. Arjen Dubbelaar (Hart voor Den Haag). In de commissie werd bijvoorbeeld gesproken over een bouwplan op Loosduinen, dat volgens mij uit 78 woningen bestond. Als ik dan het percentage van de indieners neem, kom ik uit op nog geen 20 woningen in zo'n groot stadsdeel als Loosduinen. Daarom dacht ik: we hebben een pilot voor één project; als we daar de helft van nemen, is het nog wat. Want dat percentage is ook voorhanden binnen het wettelijk instrumentarium. Judith Klokkenburg (ChristenUnie/SGP). We hebben een project genoemd in Loosduinen dat wellicht zou kunnen dienen als pilot. Dat is niet vastgelegd; daar besluiten we ook niet over. Het kan dus ook een heel ander project worden. Ik denk ook dat niet zozeer het aantal woningen ertoe doet, maar het percentage dat je wil gaan toetsen. Het gaat er dus niet om of er nu 50 of 100 woningen beschikbaar komen voor die mensen. Je wilt het percentage toetsen, dus kijken of dat werkt, en niet het aantal woningen. De beraadslaging wordt gesloten. De voorzitter. Wethouder Van Asten is in aantocht, maar hij is er nog niet, dus ik stel voor dat we agendapunt J even overslaan. Arjen Dubbelaar (Hart voor Den Haag). Voorzitter, volgens mij gaat het heel voorspoedig, want we hadden een enorm lange agenda maar we gaan dus nu al naar Bellevue. Ik wilde eigenlijk voorstellen
40
om even te schorsen. Dan heb ik de gelegenheid om ook even een broodje te eten. Ik ben namelijk ook woordvoerder op Bellevue. De voorzitter. Ik snap het, hoor, maar mijn voorstel zou zijn om nu door te gaan naar agendapunt XX, over IPP, gewoon vanuit efficiency. Tenzij u dat agendapunt ook doet, want dan gun ik het u graag. Dat gaan we doen. Kan iemand wethouder Bruines oppiepen? Weet iemand waar wethouder Bruines is? Daarna hebben we de afrondingen debat, waar Kapteijns bij moet zijn. Die is er ook niet. Ja, we kunnen ook schorsen, maar ik kijk ook naar de vergadertijd. We schorsen voor tien minuten. Twee broodjes. De vergadering wordt van 12.47 uur tot 13.02 uur geschorst. Voorzitter: de heer Groenewold. De voorzitter. Dames en heren, ik begin met een korte mededeling. Ik hoop dat iedereen mij kan horen, ook op de gang en in de Foyer. Wethouder Van Asten is momenteel nog in Rotterdam voor een MRDH-overleg dat hij heeft overgenomen van een van zijn voorgangers. Daarom kan hij hier niet voor 14.00 uur zijn. We hopen dat hij er dan wel is. Daarom wil ik voorstellen om de afrondingsdebatten na dit onderwerp te doen, en om 14 uur, afhankelijk van hoever we dan zijn, Bellevue of nog het laatste afrondingsdebat af te maken. Kan iedereen die hier is, daarmee instemmen? Ja, ik zie instemmend geknik. Dan gaan we verder.
Aan de orde is: XX. Gewijzigd voorstel van het college inzake Zienswijzeprocedure IPP ontwerpprogrammabegroting 2024-2027 alsmede kennisname jaarrekening 2022 (RIS315536). De beraadslaging wordt geopend. Maarten De Vuyst (GroenLinks). Voorzitter. Ik had er eerst mee ingestemd dat dit stuk naar de besluitenlijst ging, en heb later gevraagd om het toch op de agenda te zetten, omdat ik in de commissie een amendement had aangekondigd. Het levert wel op dat we nu voor het eerst een nummering hebben die vernoemd is naar een band, namelijk The xx. De aanleiding was het volgende. Ik was samen met de heer Dubbelaar bij het 70-jarig bestaan van het IPP. Daar werd in een presentatie het potentieel van gelaagd bouwen genoemd. Hierbij worden bedrijfsgebouwen zo ontworpen dat elk niveau benut kan worden, ook het dak. Tegelijkertijd stonden er allemaal foto's van de verschillende terreinen van IPP, waarbij opviel dat veel van de gebouwen dat dakpotentieel helemaal niet benutten. Hiervoor werd op de bijeenkomst als reden genoemd - je leert nog eens wat bij een verbonden partij - dat de daken niet gebouwd zijn om dragend te zijn. Het zou een gemiste kans zijn als we op deze manier blijven bouwen. Daarnaast hebben we op bedrijventerreinen natuurlijk ook last van hittestress en wateroverlast, en liggen er kansen om natuurinclusief te bouwen.
Dat noem ik allemaal om te zeggen dat ik eigenlijk een tekst wil toevoegen aan het raadsbesluit als punt I.c. Daarvan luidt het dictum als volgt. De gemeenteraad geeft het IPP mee om te bezien hoe het bedrijven op zijn terreinen kan stimuleren om bij bouw en verbouw van panden de mogelijkheden tot verduurzaming van de gebouwen mee te nemen. Denk bijvoorbeeld aan het plaatsen van zonnepanelen en een groen dak op het dak, maar ook verticaal groen. Daarnaast wijst de gemeenteraad het IPP op de mogelijkheid van natuurinclusief bouwen, zoals Den Haag heeft vastgelegd in 'De Stad Natuurlijk - natuurinclusief bouwen in Den Haag'. De voorzitter. Door de heer De Vuyst wordt het volgende amendement (XX.A GL) voorgesteld:
41
Amendement XX.A GL Verder Verduurzamen IPP De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 5 juli 2023, ter bespreking van Gewijzigd voorstel van het college inzake Zienswijzeprocedure IPP ontwerp-programmabegroting 2024-2027 alsmede kennisname jaarrekening 2022 (RIS315536). Besluit om: • De volgende tekst aan het raadsbesluit toe te voegen, als punt I.c: De gemeenteraad geeft het IPP mee om te bezien hoe het bedrijven op zijn terreinen kan stimuleren om bij bouw en verbouwing van panden de mogelijkheden tot verduurzaming van de gebouwen mee kan nemen. Denk bijvoorbeeld aan het plaatsen van zonnepanelen en een groen dak op het dak, maar ook verticaal groen. Daarnaast wijst de gemeenteraad het IPP op de mogelijkheid van natuurinclusief bouwen, zoals Den Haag heeft vastgelegd in ‘De Stad Natuurlijk - natuurinclusief bouwen in Den Haag. Het amendement maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. De voorzitter. Dank u wel, meneer De Vuyst. Er was natuurlijk van tevoren geen sprekerslijst voor dit onderwerp, dus ik vraag of er nog andere fracties zijn die op dit punt het woord wensen. Dat is niet het geval. Dan geef ik direct het woord aan het college voor de appreciatie van het amendement. Wethouder Bruines (D66). Voorzitter. Dit amendement lijkt het college een uitstekende toevoeging aan de zienswijze van de raad die voorligt. De voorzitter.
Dat was kort maar krachtig. De beraadslaging wordt gesloten. De voorzitter. We gaan over dit agendapunt stemmen aan het einde van de dag. Het volgende agendapunt betreft de afrondingen debat, aangezien Bellevue dus pas op z'n vroegst om 14.00 uur kan beginnen. -
Afronding debat commissie.
Aan de orde is: K.
Risico's droogte en laag grondwater in nieuw droogteseizoen (RIS312195).
De beraadslaging wordt geopend. Vincent Thepass (GroenLinks). Voorzitter. Met de klimaatcrisis nemen de weerextremen toe. De voorzitter. Excuus. Er is een punt van orde van de heer Barker. Robert Barker (PvdD). Volgens mij is de wethouder er nog niet. De voorzitter. Ja, dat is een terecht punt van orde. Dat krijg je als je niet kan zien wie er achter je zit en je vergeet om te kijken. Ik wacht heel even totdat de wethouder er is. Excuus, meneer Thepass. We zijn even geschorst. De vergadering wordt enkele ogenblikken geschorst. 42
De voorzitter. De wethouder is er. Het woord is aan de heer Thepass namens GroenLinks. Vincent Thepass (GroenLinks). Dank u wel, voorzitter. Ik startte al met de onheilspellende cliffhanger dat de weerextremen toenemen, met meer regen, extreme regen, natte periodes en langere droogte. Dat heeft gevolgen voor de leefbaarheid, zeker in de meest versteende wijken. Als stad moeten we hier dus op voorbereid zijn, en dat kan gelukkig ook. Daarom dien ik de volgende motie in, genaamd 'Investeer standaard in waterberging op pleinen'. Het dictum luidt: verzoekt het college waterbuffers (en andere vormen van waterberging) op locaties waar het past binnen het grondwatersysteem, zoveel mogelijk de standaard te maken bij het herinrichten van pleinen, in het bijzonder in versteende buurten zoals Laak, Transvaal en Schilderswijk, te onderzoeken hoe waterbuffers in het bijzonder en andere klimaatadaptieve maatregelen in het algemeen standaard een plek kunnen krijgen en daar tijdig financiële ruimte voor te zoeken, bijvoorbeeld in de te ontwikkelen investeringsbegroting. Deze motie is meeondertekend door Leonie Gerritsen van de Partij voor de Dieren, Carlos Martinez van Andel van Hart voor Den Haag en Janneke Holman van de PvdA. De voorzitter. Door de heer Thepass, daartoe gesteund door mevrouw Gerritsen, wordt de volgende motie (K.1 GL) ingediend:
Motie K.1 GL investeer standaard in waterberging op pleinen De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 8 juni 2023, ter bespreking van Risico's droogte en laag grondwater in nieuw droogteseizoen (RIS312195) Overwegende, dat: • klimaatverandering zal leiden tot meer extremen in natte en droge seizoenen, wat per seizoen specifieke problemen met zich meebrengt; • de gevolgen van beide extremen kunnen worden beperkt door middel van waterberging, bijvoorbeeld in de vorm van waterbuffers; • klimaatadaptieve maatregelen zichzelf op de lange termijn uitbetalen in de vorm van een meer leefbare stad met positieve effecten op gezondheid. Constaterende, dat: • het Cromvlietplein in Laak sinds 2022 als eerste plein in Nederland een waterbuffer in de diepe ondergrond heeft, die water in natte periodes opvangt en in de zomer beschikbaar stelt voor een watertap, moestuin en kinderboerderij; • dit echter nog de enige locatie in Den Haag is met een dergelijke buffer, terwijl het ook op andere plekken mogelijkheden biedt; • er in lijn met het coalitieakkoord en de contourenbrief actualisatie financieel beleid (RIS314462) wordt gewerkt aan een investeringsbegroting, waar langjarige investeringen in de openbare ruimte ook een plek in zullen hebben.
Verzoekt het college: • waterbuffers (en andere vormen van waterberging), op locaties waar het past binnen het grondwatersysteem, zoveel mogelijk de standaard te maken bij het herinrichten van pleinen, in het bijzonder in versteende buurten zoals Laak, Transvaal en Schilderswijk; • te onderzoeken hoe waterbuffers in het bijzonder en andere klimaatadaptieve maatregelen in het algemeen standaard een plek kunnen krijgen en daar tijdig financiële ruimte voor te zoeken, bijvoorbeeld in de te ontwikkelen investeringsbegroting. En gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging.
43
Leonie Gerritsen (PvdD). Voorzitter. We hebben het de afgelopen tijd vaker gehad over jonge aangeplante bomen die uitdrogen. Het kost honderden euro's om dat soort boompjes te vervangen. Het is beter voor de bomen en voor de portemonnee om de nieuwe aanplant de eerste drie jaar goed te verzorgen. Daarbij kunnen we gebruikmaken van de oplettendheid van bewoners, vandaar de motie die ik indien samen met GroenLinks, PvdA, D66 en Hart voor Den Haag: verzoekt het college een quickscan uit te voeren naar hoe aangeplante bomen beter gemonitord en verzorgd kunnen worden en het mogelijk te maken voor bewoners om probleemgevallen te melden, en de raad te informeren over de uitkomsten. Ik vind het heel jammer dat GroenLinks niet twee moties heeft ingediend, want dan was dit K3 geweest, een mooie opvolging op XX. Helaas. Sebastian Kruis (PVV). Een meldpunt voor uitgedroogde jonge bomen. Is het niet beter als die buurtbewoners die bomen dan zelf even een slok drinken geven? Leonie Gerritsen (PvdD). Ja, zeker. Als je boom ziet die is uitgedroogd en je water kan geven, moet je dat zeker doen. Maar als je bijvoorbeeld door de stad fietst en op een andere plek ook uitgedroogde bomen ziet, is het handig als je dat kan aangeven bij de gemeente. Het hoeft niet per se een meldpunt te zijn. Ik geloof dat Het Haagse Groen hierin ook functioneel kan zijn.
Maar natuurlijk, als je ergens een boom uitgedroogd ziet raken, loop dan langs de sloot met een emmer en geef die boom water. Sebastian Kruis (PVV). Maar hoe kun je dan als bewoner aangeven waar die uitgedroogde jonge boom staat? Dat is gewoon een serieuze vraag. Ik bedoel, meestal hebben ze geen naam. De voorzitter. Dan gaat mevrouw Gerritsen daar gewoon een serieus antwoord op geven. Leonie Gerritsen (PvdD). Het is, denk ik, niet aan mij om dat exact uit te tekenen, maar ik kan me zo voorstellen dat je onder de oproep op de website hethaagsegroen.nl bijvoorbeeld een formuliertje hangt waarop mensen de locatie kunnen zetten en wat er aan de hand is. Dan kan de gemeente dat meenemen in haar route van waterwagens. De voorzitter. Meneer Kruis voor de laatste maal. Sebastian Kruis (PVV). Ik denk wel dat dat aan mevrouw Gerritsen is, want zij dient die motie in. Dan heb je daar blijkbaar een soort beeld bij. Misschien kun je ook denken aan tapplaatsen waar jonge bomen langs kunnen gaan voor gratis water. De voorzitter. Wilt u nog reageren, mevrouw Gerritsen? Nee, dat is niet het geval. Zijn er nog andere partijen die een motie willen indienen op dit agendapunt? Ook dat is niet het geval. Door mevrouw Gerritsen, daartoe gesteund door de heer Martinez van Andel, de heer Groenewold, de heer Thepass en mevrouw Holman, wordt de volgende motie (K.2 PvdD) ingediend:
Motie K.2 PvdD Quickscan jonge bomen De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 5 juli 2023, ter bespreking van risico's droogte en laag grondwater in nieuw droogteseizoen. Constaterende, dat: • in het coalitieakkoord is afgesproken om 5% extra kroonoppervlak te realiseren in 2030 door extra bomen aan te planten en groeiplaatsen te verbeteren; • klimaatverandering zorgt voor heftige omstandigheden, zoals lange periodes van droogte, afgewisseld door periodes van zware regenval; • het ongeveer € 600,- per boom kost om een nieuwe boom die is afgestorven (bijvoorbeeld door droogte) te vervangen. 44
Overwegende, dat: • het goed is dat de gemeente investeert in groen en klimaatadaptatie, maar dat deze het meest effectief is als dit een duurzame investering is; • er veel signalen uit de stad komen over het verdrogen en afsterven van nieuw aangeplante bomen. Verzoekt het college: • een quickscan uit te voeren naar hoe nieuw aangeplante bomen beter gemonitord en verzorgd kunnen worden en het mogelijk maken voor bewoners om probleemgevallen te melden; • de raad te informeren over de uitkomsten. En gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Wethouder Kapteijns (GroenLinks). Voorzitter. Het is goed om het over dit onderwerp te hebben. Het is ook goed om te constateren, in ieder geval voor de bomen en voor de natuur in de stad, dat de grondwaterstanden vanochtend weer wat aangevuld zijn. Ik zal de twee moties namens het college van een advies voorzien. De motie van GroenLinks gaat over het standaard een plek geven van waterberging op pleinen. Op zich is die motie sympathiek. We hebben daar ook een aantal hele mooie voorbeelden van in de stad, zoals het Cromvlietplein. Dat wordt ook in de constateringen genoemd. Dat heeft ook meerdere prijzen gewonnen. Het zijn wel hele kostbare ingrepen en het kan ook niet overal. Dat heeft te maken met de grondwaterspiegel en of zich daar een goede, niet-waterdoorlatende laag bevindt.
Maar het college kan deze motie aan de raad laten als ik die zo kan uitleggen dat we kijken hoe we de goede voorbeelden die we kennen in de stad meer standaard onderdeel kunnen maken van het beleid, en bij het ontwerp van pleinen ook kijken welke financiële mogelijkheden er zijn om dit mogelijk te maken. Dan de motie van de Partij voor de Dieren, over de jonge bomen. Er is mij verteld dat jonge bomen best wel tegen een stootje kunnen, net als het vorige college. Ook al lijken ze er een beetje treurig bij te staan, dat wil niet zeggen dat ze het niet redden. Ze kunnen er daarna best weer bovenop komen. Als je dus als leek denkt dat het niet goed gaat met een boompje, hoeft dat niet per se te betekenen dat dat boompje het niet redt. Toch denk ik dat het geen kwaad kan om hiervoor nog wat extra aandacht te hebben. Het heeft ook te maken met de contracten die we afsluiten. Vaak worden projecten door aannemers uitgevoerd en hoort daar in het contract ook bij dat de aannemer in ieder geval het eerste jaar verantwoordelijk is voor het water geven van de nieuwe beplanting. We kunnen er best eens naar kijken hoe die afspraken nageleefd worden en of daar nog wat extra aandacht voor is. Het is ook goed om daarvoor de signalen uit de stad te gebruiken. Ik zou niet voor een nieuw meldpunt of iets dergelijks zijn. Volgens mij hoeven we daarvoor niet per se iets op te tuigen.
We hebben gewoon 14070 waar mensen dit kunnen melden. Dan komt het bij de stadsdeelorganisatie terecht en wordt het opgepakt. Maar het college is zeker bereid om hiervoor als de motie aangenomen wordt aandacht te vragen, en ook in de uitvoering te kijken of het allemaal goed loopt en of er misschien verbetermogelijkheden zijn. De voorzitter. Voordat u verdergaat, heeft de heer Kruis een vraag aan u. Sebastian Kruis (PVV). Een opmerking. Ik zag dat er in de Vondelstraat een aantal jonge bomen staan die geen blad hebben en niet zo goed aarden. Wie gaat dat dan oplossen? De voorzitter. Een technische vraag. Wethouder Kapteijns (GroenLinks). Ja. Deze wethouder kent niet alle projecten uit het hoofd, maar ik fiets daar ook weleens en ik herken wat hier gezegd wordt. Die bomen staan er niet helemaal florissant bij, maar daarvoor zou prima kunnen gelden dat die bomen het toch gewoon gaan redden. Dit zou dus 45
zo'n project kunnen zijn waar we als de motie aangenomen wordt, lering uit kunnen trekken: heeft dit voldoende aandacht gekregen? Sebastian Kruis (PVV). Ik vind het allemaal leuk en aardig, maar dit wordt natuurlijk gewoon weer iets wat de gemeente zichzelf op de hals haalt. Je krijgt straks allemaal mensen die uitgedroogde jonge bomen gaan melden. Vervolgens zegt de gemeente: ja, misschien redden ze het nog. Vervolgens willen de mensen weer een terugkoppeling. Je creëert een soort van ambtelijke molen waar je volgens mij de stad echt geen plezier mee gaat doen. Als mensen dit constateren, laat ze zo'n boom dan zelf even water geven. Dat zou voor mij echt de makkelijkste oplossing zijn. Als ik uitgedroogde jonge bomen zie, haal ik ook meteen een emmer. Ik vind bomen namelijk superbelangrijk en ik denk dat heel veel mensen dat vinden, maar om daar nou die hele gemeente … De voorzitter. Heeft u nog een vraag voor de wethouder, meneer Kruis? Sebastian Kruis (PVV). Nou, mag ik even mijn verhaal afmaken? De voorzitter. Nee, dit is een interruptie en die is bedoeld voor een vraag. Sebastian Kruis (PVV). Oké, nee, ik heb geen vraag. Het was meer een opmerking. De voorzitter. Het was heel helder hoe u erover denkt. Dan mevrouw Gerritsen met een vraag voor de wethouder. Leonie Gerritsen (PvdD). Dank aan de wethouder voor het antwoord. Fijn dat hij hier positief tegenover staat.
Ik denk inderdaad wel dat die geluiden uit de stad kunnen bijdragen aan een beter beeld hiervan. Ik vroeg me dus het volgende af. Ik heb het niet over een nieuw meldpunt, hoor; 14070 is prima. Maar de website van Het Haagse Groen gebruiken om mensen ervan op de hoogte te stellen dat ze de gemeente kunnen helpen bij het constateren hiervan, is dat iets wat de wethouder wél voor zich ziet? Wethouder Kapteijns (GroenLinks). Ja, daar kan het college zich iets bij voorstellen; laat ik het zo een beetje formuleren. Ik denk dat heel veel bewoners die betrokken zijn bij het groen al gewoon gebruikmaken van de mogelijkheid om dit te melden. We hoeven daar dus inderdaad niet per se iets nieuws voor op te tuigen. Maar we kunnen mensen erop attenderen en in de communicatie ook de suggestie van de heer Kruis meenemen dat het natuurlijk helpt als mensen zelf daarin wat bijdragen als ze in de gelegenheid zijn. De beraadslaging wordt gesloten. De voorzitter. De stemming zal plaatsvinden aan het eind van de dag.
Aan de orde is: L.
6e stand van zaken energiecrisis (RIS315204).
De beraadslaging wordt geopend. Robin Smit (PvdD). Voorzitter. De Partij voor de Dieren wil dat het aanpakken van ernstige schimmelvorming niet, net als het isoleren van woningen, op de lange baan wordt geschoven. Er moeten duidelijke kaders gesteld worden voor wat we acceptabel vinden en voor de termijn die we daaraan koppelen voor de aanpak. Daarom dien ik de volgende motie in: verzoekt het college duidelijke kaders vast te stellen over binnen welke termijn en op welke wijze vocht- en schimmelproblemen moeten worden aangepakt, en deze kaders vast te leggen in de prestatieafspraken en de aanpak EFG-woningen. Ik dien deze motie in samen met de SP. 46
De voorzitter. Door de heer Smit, daartoe gesteund door mevrouw Arp, wordt de volgende motie (L.1 PvdD) ingediend:
Motie L.1 PvdD Pak vocht- en schimmelproblemen aan De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen ter bespreking van de 6e stand van zaken energiecrisis. Constaterende, dat: • de zorgen bij inwoners over vocht en schimmel door de energiecrisis toenemen; • inwoners soms jaren in een ongezonde woning moeten verblijven; • dit al jaren een groot probleem is, maar er geen duidelijke regels en kaders worden gesteld aan corporaties rondom vocht- en schimmelvorming. Overwegende, dat: • een onafhankelijke schimmelexpert lange termijn adviezen geeft aan corporaties, maar hier geen minimum termijn van uitvoering aan wordt gekoppeld; • inwoners afhankelijk zijn van de corporatie voor het aanpakken van vocht- en schimmelproblemen. Verzoekt het college: • duidelijke kaders vast te stellen over binnen welke termijn en op welke wijze vocht- en schimmelproblemen moet worden aangepakt; • deze kaders vast te leggen in de prestatieafspraken en de aanpak EFG woningen. En gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Fatima Faïd (HSP). Voorzitter. Wij willen graag de volgende motie indienen, met als titel 'Niet schipperen met de ruimtelijke kwaliteit in Zuidwest'. Het dictum luidt: verzoekt het college geen omgevingsvergunningen in Zuidwest meer … O, sorry! De voorzitter. Ja, ik zat ook heel even te denken … Fatima Faïd (HSP).
Ja, ik kom echt binnenrennen gewoon, hè … De voorzitter. Rustig, rustig! Dat is niet goed, hè. Rustig. We zijn bij agendapunt L, stand van zaken energiecrisis. We hebben dus alvast een voorproefje gehad van wat nog komen gaat, zullen we maar zeggen. Is er iemand die nog wel een motie wil indienen bij dit agendapunt? Nee, zie ik. Dan kijk ik naar het college. Hij stond niet op mijn lijst bij dit punt, maar meneer Balster mag dan de motie appreciëren, denk ik. Wethouder Balster (PvdA). Voorzitter. Dank voor de ingediende motie. Het college kan de motie omarmen en aan de raad laten. De voorzitter. Kort maar krachtig. Dat zien we graag. De beraadslaging wordt gesloten.
47
Aan de orde is: M.
Alweer aantasting Koekamp? (RIS314471).
De beraadslaging wordt geopend. Robert Barker (PvdD). Voorzitter. Terwijl we in de Koekamp en het Haagse Bos werken met vleermuisvriendelijke verlichting heeft Staatsbosbeheer bij zijn eigen gebouwen in de Koekamp zeer felle lampen hangen, die de natuur schaden. Vandaar de volgende oproep: verzoekt het college contact op te nemen met Staatsbosbeheer en hen erop te wijzen dat de Koekamp van belang is als leefgebied voor vleermuizen en andere nachtdieren, Staatsbosbeheer te verzoeken om in de avonduren ook rekening te houden met de natuurwaarden op de Koekamp door hun verlichting aan te passen om verstoring te verminderen. Sebastian Kruis (PVV). Ik heb een vraag aan de heer Barker. Is dat nou niet een vraag die hij aan het college kan stellen, in plaats van weer een motie in te dienen? Robert Barker (PvdD). Dat is een hele goede vraag. Eigenlijk heb ik dat door middel van schriftelijke vragen gedaan en vervolgens in een debat in de commissie. Het college was tot op dit moment niet bereid om hierover in gesprek te gaan met Staatsbosbeheer. Sebastian Kruis (PVV). Dat is niet goed van het college. Ik heb namelijk eerder zelf ook gevraagd of ze contact konden opnemen met Staatsbosbeheer toen het ging over de vosjes die daar waren en de afsluiting van het gebied. Toen was het college daar gaarne toe bereid.
Is er dan misschien een verschil tussen hoe het college omgaat tussen met vragen van de Partij voor de Dieren en met vragen van de PVV? De voorzitter. Meneer Barker, heeft u daar een mening over? Robert Barker (PvdD). Ik weet niet of ik die conclusie kan trekken uit twee voorbeelden, maar ik ben heel benieuwd of misschien de druk van de Partij voor de Dieren samen met de PVV op dit onderwerp ertoe leidt dat de wethouder deze motie nu omarmt en zegt: ik ga ermee aan de slag. De voorzitter. Door de heer Barker wordt de volgende motie (M.1 PvdD) ingediend:
Motie M.1 PvdD Bescherm vleermuizen op de Koekamp De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 5 juli 2023, ter bespreking van Alweer aantasting Koekamp? (RIS314471). Constaterende, dat: • vanaf het terrein van Staatsbosbeheer ‘s avonds regelmatig felle verlichting over de Koekamp schijnt; • vleermuizen en andere nachtdieren nu blootgesteld worden aan verhoogde lichtniveaus, wat hun leefgebied verstoort; • het beter is als zowel de gemeente als Staatsbosbeheer gezamenlijk optreden om de verstoring van de natuurwaarden op de Koekamp te minimaliseren. Overwegende, dat: • de Koekamp van groot belang is als leefgebied voor vleermuizen en andere nachtdieren;
48
• • •
het van belang is om de bescherming van de natuurwaarden op de Koekamp te waarborgen en verstoring van de leefomgeving van vleermuizen te voorkomen; de gemeente verantwoordelijkheid draagt voor de inrichting van de openbare ruimte en bij de afstelling van verlichting bij fietspaden rekening heeft gehouden met vleermuizen; Staatsbosbeheer medeverantwoordelijk is voor het beheer van het gebied en een rol kan spelen bij het verminderen van verstoring door verlichting.
Verzoekt het college: • contact op te nemen met Staatsbosbeheer en hen erop te wijzen dat de Koekamp van belang is als leefgebied voor vleermuizen en andere nachtdieren; • Staatsbosbeheer te verzoeken om in de avonduren ook rekening te houden met de natuurwaarden op de Koekamp door hun verlichting aan te passen om verstoring te verminderen. En gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Wethouder Kapteijns (GroenLinks). Voorzitter. De motie vraagt het college om hierover in gesprek te gaan met Staatsbosbeheer. Daartoe is het college bereid. Het is natuurlijk aan Staatsbosbeheer om de afweging te maken. Het college kan zich voorstellen dat sociale veiligheid of andere aspecten hierin een rol spelen, maar het is geen probleem om dit in het gesprek met Staatsbosbeheer aan de orde te stellen, en dat is wat deze motie vraagt. Isabel Bos (GroenLinks). Ik begrijp dat als deze motie wordt uitgevoerd, er een gesprek wordt gevoerd met Staatsbosbeheer over die verlichting. Ik hoor ook de zorgen van de wethouder over sociale veiligheid, en die deel ik ook. Juist de stationsomgeving kan voor veel mensen 's avonds spannend zijn om doorheen te lopen.
Als deze motie wordt aangenomen, wordt het gesprek daar dan ook over gevoerd? Of wordt er alleen maar gevraagd of die lampen gedimd kunnen worden? Is dat dan het standpunt van de gemeente? Wethouder Kapteijns (GroenLinks). Nee, de zorgen over sociale veiligheid, ook in dat stuk van de stad, wat een doorgaande fietsroute naar het station is waar veel gebruik van wordt gemaakt, ziet het college ook. We zullen in overleg gaan met Staatsbosbeheer. Staatsbosbeheer moet daarin tot een afweging komen en daar zullen we het gesprek over voeren. De beraadslaging wordt gesloten. De voorzitter. De stemmingen zijn aan het einde van de vergadering.
Aan de orde is: N.
Omgevingsvergunning voor het project Steenzicht.
De beraadslaging wordt geopend. Fatima Faïd (HSP). Hèhè, ben ik eindelijk aan de beurt! Ik dien de motie Niet schipperen met ruimtelijke kwaliteit in Zuidwest in. Het dictum luidt: verzoekt het college geen omgevingsvergunningen in Zuidwest meer af te geven zonder een positief oordeel van de Welstandscommissie over het gehele ontwerp inclusief de delen die voor het slagen van het ontwerp essentieel zijn. De voorzitter. Door mevrouw Faïd wordt de volgende motie (N.1 HSP) ingediend: 49
Motie N.1 HSP Niet schipperen met ruimtelijke kwaliteit in Zuidwest De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 5 juli 2023 ter bespreking van O Omgevingsvergunning voor het project Steenzicht. Overwegende, dat: • Den Haag Zuidwest aan de vooravond staat van verdichting; • er ook haast geboden is met de bouwopgaven om te voldoen aan de eisen van de woningbouwimpulsgelden; • ruimtelijke kwaliteit voor deze raad een belangrijk uitgangspunt is. Constaterende, dat: • in het geval van de omgevingsvergunning voor Steenzicht er geen compleet ruimtelijk ontwerp is voorgelegd aan de welstandscommissie; • de welstandscommissie het ontwerp van het dakpakket ( de laag waar de bomen in moeten komen te staan op het dak van de parkeergarage) en de aansluiting daarvan op de rest van het gebouw omschrijft als “essentieel voor het slagen van dit gebouw én de verdichting van Zuidwest”; • de welstandscommissie ondanks het ontbreken van dit onderdeel het ontwerp wel goedgekeurd heeft; • de welstandscommissie dit deel van het ontwerp graag terug wil zien voor een latere beoordeling; • dit echter pas gebeurd nadat de bouw al begonnen is, waardoor mogelijke aanpassingen aan het ontwerp aan kunnen lopen tegen praktische bezwaren in de uitvoering; • hierdoor de ruimtelijke kwaliteit van het ontwerp niet geborgd is.
Verzoekt het college: • geen omgevingsvergunningen in Den Haag Zuidwest meer af te geven zonder een positief oordeel van de welstandscommissie over het gehele ontwerp inclusief de delen die voor het slagen van ontwerp essentieel zijn. En gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Wethouder Balster (PvdA). Voorzitter. Over het algemeen zijn de moties van mevrouw Faïd zeer voortreffelijk, maar dit is een oplossing voor een niet bestaand probleem. Het college moet deze motie dus ontraden. We hebben goedkeuring van welstand, en welstand denkt juist in het vervolgproces heel erg goed mee over de kwaliteit van de buitenruimte. Op deze manier hebben we dus heel pragmatisch afspraken met elkaar kunnen maken. Het is ook belangrijk dat we tempo kunnen houden op de ontwikkeling, want zoals u weet staan deze woningen in Zuidwest leeg. Er is al gesloopt, dus we moeten snel beginnen met de nieuwbouw. Op deze manier houden we het tempo en de kwaliteit in acht. Arjen Dubbelaar (Hart voor Den Haag). De wethouder leest de motie misschien anders dan ik. Ik zie daarin namelijk staan: om geen vergunningen in Den Haag Zuidwest méér af te geven zonder … Méér dus. De wethouder zegt nu dat de vergunning is afgegeven, maar er komen nog meer vergunningen aan. Wethouder Balster (PvdA). We doen het altijd met een goedkeurende verklaring van welstand.
In dit geval zie je dat er pragmatisch is gehandeld. Waar de uitwerking van het ontwerp voor de buitenruimte en de tuin nog moet plaatsvinden, zegt welstand: we geven een positief advies en later 50
gaan we nog met elkaar in gesprek over de kwaliteit. Dat doen we gewoon binnen de bestaande mogelijkheden en daar hebben we geen motie bij nodig. Die is dus echt niet noodzakelijk. Arjen Dubbelaar (Hart voor Den Haag). Dus de motie is letterlijk overbodig. Die kan dus geen kwaad? Ik stel die vraag maar gewoon. Wethouder Balster (PvdA). Nee, de motie staat juist de pragmatische manier van werken in de weg die wij hanteren om snelheid te houden op de bouwontwikkeling. Daarom ontraadt het college deze motie. Fatima Faïd (HSP). Toch nog even dan. Het gaat natuurlijk over het hele ontwerp. U heeft het er steeds over dat we pragmatisch moeten zijn, maar onder dat pragmatisme valt natuurlijk dat u alvast dingen gaat doen nog zonder dat welzijn, nee, welstand, daar advies over gegeven heeft. Dat geeft u nu eigenlijk ook een beetje toe. U bent heel pragmatisch en dus gaat u aan de slag, en dan komt welzijn er later weer een beetje bij. Welstánd! Dit komt nooit meer goed. Wethouder Balster (PvdA). We kunnen hieraan zien dat mevrouw Faïd veel actief is in het sociale domein. Ik haal ze ook nog weleens door elkaar. Welstand heeft juist goedkeuring gegeven voor het plan. Dat maakt ook dat de omgevingsvergunning kan worden afgegeven. Maar de uitwerking van de tuin vindt nog plaats en daar wil welstand heel graag bij betrokken zijn.
Daarover gaan we dus ook met elkaar in gesprek op het moment dat het ontwerp van de tuin er is. Dat kunnen we op deze manier keurig oplossen. Fatima Faïd (HSP). Maar dan kunt u deze motie toch gewoon omarmen? Feitelijk zegt u nu namelijk: we betrekken welzijn er zó snel bij … Welstánd, bedoel ik. Ik zei al: dit gaat 'm niet meer worden vandaag. Dan kunt u deze motie natuurlijk gewoon hartelijk omarmen. Wethouder Balster (PvdA). Nee. Nog los ervan dat de vergunning hiervoor al is afgegeven, ook op basis van het welstandsadvies, zou dat ertoe leiden dat we moeten wachten tot het ontwerp van de tuin klaar is, en de bouw dus zou moeten stoppen tot het zover is. Dat zou natuurlijk zeer onwenselijk zijn, terwijl we nu met elkaar de hele pragmatische afspraak hebben kunnen maken dat welstand straks gewoon toetst op de eisen die ze stelt aan de tuin, dat gewoon keurig kan doen binnen de vergunning en we geen vertraging oplopen. Win-win. De voorzitter. Laatste maal, mevrouw Faïd. Fatima Faïd (HSP). U focust nu heel erg op de tuin, maar in de motie gaat het over het gehele ontwerp. Dat is groter dan de tuin, en daar is nog helemaal geen goedkeuring op van welstand. Wethouder Balster (PvdA). Jawel. Dat heb ik ook in de commissie benadrukt richting de heer De Boer, de collega van mevrouw Faïd. Er is gewoon goedkeuring van welstand op het ontwerp van het complex.