RIS316017 Notulen van de raad van 20 april 2023
Tekst van het document
Kan de wethouder ook erkennen dat dit bij een aflopend erfpachtcontract voor grote maatschappelijke instellingen duizenden euro's aan extra lasten zal betekenen? Kan de wethouder aangeven wat voor oplossingen hij voor ogen heeft voor dergelijke panden? De wethouder heeft in de media onder andere aangegeven dat niemand zijn huis hoeft te verkopen. Ook heeft hij uitgesproken dat er steun zal zijn voor erfpachtgedupeerden. Kan de wethouder ingaan op de regeling volgens Amsterdams model? Hoe werkt die precies? Is dat een lening of een tegemoetkoming als gift? Wat ik hierover in de brief lees, is mij niet precies duidelijk. Afsluitend wil ik mijn steun uitspreken voor de twee sympathieke moties van collega Barker. Daarin is wat ons betreft geen woord te weinig of te veel gezegd. Wij hopen dan ook op een coulante houding, niet alleen van het college maar ook van de coalitiepartijen. Lesley Arp (SP). Voorzitter. Ook namens de SP dank aan de insprekers. Na een uiterst stroef debat in de commissie lijkt de wethouder in de brief die wij eerder deze week ontvingen in ieder geval iets meer te willen bewegen. Helaas weten we alleen nog niet of het genoeg zal zijn voor woningeigenaren die zijn opgeschrikt door een forse verhoging van de erfpachtcanon maar die nauwelijks kunnen ophoesten.
Als de onderzoeken van de wethouder voor hen niet zullen leiden tot een substantiële verlaging van de kosten verwacht ik eigenlijk wel weer een hoop heibel in de wijken en in deze raad. De deadline voor de erfpachters om gebruik te maken van het bod van de gemeente wordt nu verschoven naar 1 september en verschuift mogelijk verder als de hertaxaties langer duren. De resultaten van de onderzoeken naar de mogelijkheden om de pijn op de korte termijn te verzachten komen naar verwachting voor het zomerreces. De erfpachters die nu nog onder grote onzekerheid gebukt gaan, hebben tegen die tijd recht op een zorgvuldige behandeling van de voorgedragen oplossingen in de raad. Dat is ook de reden voor de SP om steun te verlenen aan de oproep van de heer Dubbelaar om de deadline verder te verplaatsen, naar het eind van het jaar. Ten slotte wil ik graag van de wethouder weten of hij een tijdspad kan geven voor zijn aangekondigde onderzoek naar een stelselaanpassing, om deze schokeffecten in de toekomst te voorkomen. Dat is iets waar mijn fractie in ieder geval in de commissie op heeft aangedrongen. Krijgt de raad nog een onderzoeksopzet te zien? Welke deskundigen zijn hierbij betrokken? De SP wil echt voorkomen dat we deze situatie in de toekomst weer moeten meemaken met een nieuwe groep erfpachters, met alle gevolgen van dien. Tot zover. Samir Ahraui (PvdA). Voorzitter.
De wereld op de woningmarkt is in een recordtempo aan het wijzigen, met stijgende rentes en zelfs weer dalende huizenprijzen, iets wat we al heel lang niet meer gezien hebben. Als we daar de energiemarkt en de inflatie bij optellen, zien we hoe we afhankelijk zijn geworden van bewegingen op de markt op allerlei fronten. Hoewel de vastgestelde 4% over een periode van 55 jaar, zoals we zien in de brief, eigenlijk relatief gezien laag is, zien we wat voor uitzonderlijk effect dit heeft in combinatie met de grondwaardeberekeningen die we nu voor ons zien. Zoals menig bewoner in berichten heeft aangegeven - dank ook voor de inspraak - is een verhoging an sich qua verwachting reëel, maar is het nu uitzonderlijk veel meer dan iedereen had kunnen zien aankomen. Het neemt dan ook niet weg dat wij als stad de plicht hebben om zorgvuldig om te gaan met de effecten die deze bewoners voor de kiezen krijgen. Ik sluit me aan bij de hierover gestelde vragen en wij ondersteunen de motie van het CDA om inzicht te krijgen in alle wijken.
In de commissie is een langdurig debat gehouden over de mogelijkheden en onmogelijkheden van de gemeente om bewoners te ondersteunen en hulp te bieden, en zijn er veel toezeggingen gedaan, bijvoorbeeld de hertaxatie, het onderzoek naar de schokgevoeligheid, het verschuiven van de aangeboden termijn en het toepassen van de Amsterdamse regeling voor eventuele tegemoetkomingen. Die lezen we ook terug in de brief, waarvoor dank. Deze moeten echter nog wel worden uitgewerkt. Dat betekent dat wij echt uitkijken naar die uitwerking. Het neemt tegelijkertijd ook niet weg dat veel bewoners natuurlijk in die tussenperiode nog met veel vragen blijven zitten. Vandaar ook mijn vraag aan het college wat het de komende weken en maanden gaat doen om de contacten met deze bewoners warm te houden en hen ook de komende weken te blijven ondersteunen. Tot zover. Rutger de Ridder (VVD). Ik vroeg me af wat de Partij van de Arbeid nu vindt van de brief, in casu de echte oplossing. Want het is vooral veel 'kijken' in de brief, toch? Er is nog niet echt een oplossing. Bent u dat met mij eens? 35
Samir Ahraui (PvdA). Ik lees in de brief dat er best wel wat onderzocht moet gaan worden voor de concrete oplossing die je de bewoners uiteindelijk kan aanbieden. We hebben de deadlines gezien die in de brief staan. De vraag is al voorbijgekomen wanneer we daarvan de eerste resultaten mogen verwachten. Die zijn volgens mij leidend in wat we straks ook echt concreet aan de bewoners zouden kunnen aanbieden en wat dat voor die situaties zal betekenen. Op het moment dat die resultaten zichtbaar zijn, zullen we weer met elkaar het gesprek moeten voeren over de effecten en over wat je wel en niet kunt doen. Rutger de Ridder (VVD). Ik heb een hele duidelijke vraag. Is er vanuit de Partij van de Arbeid commitment om dit probleem op te lossen? Samir Ahraui (PvdA). Er is vanuit de Partij van de Arbeid altijd commitment om problemen in de stad op een goede manier op te lossen. De voorzitter. Laatste keer, meneer De Ridder. Rutger de Ridder (VVD). Daar ben ik op zich heel erg blij mee. Dan kijk ik vanavond naar de stemmingen en zal ik waarschijnlijk drie PvdA-handjes zien voor mijn motie. Sebastian Kruis (PVV). Ik wilde eigenlijk zeggen dat ik niks meer wilde zeggen, omdat ik het eens was met wat de heer De Ridder als laatste zei. De voorzitter. Dan is dit de eerste termijn van de zijde van de gemeenteraad. Ik heb begrepen dat de wethouder vijf minuten wil schorsen.
De vergadering wordt van 15.28 uur tot 15.36 uur geschorst. Wethouder Balster (PvdA). Voorzitter. Het college neemt de signalen uit de stad, van de insprekers en van uw raad heel serieus. Door het nieuwe aanbod voor erfpacht dit jaar, en met name voor de mensen met een 75-jarig contract, is door unieke en lastige omstandigheden een forse stijging van de te betalen erfpachtbijdrage ontstaan. Het waren unieke omstandigheden bij elkaar, omdat de grondprijzen de afgelopen jaren sterk zijn gestegen en met name ook de rente een enorme stijging heeft doorgemaakt van 2022 op 2023, van 0,9% naar 4%. Dan kan je zeggen: mensen wonen al heel lang tegen relatief geringe kosten op de grond waar ze wonen, en ze zien dit toch al lang van tevoren aankomen, en anderen in de stad moeten de grond wel meefinancieren en betalen daardoor meer dan deze groep mensen. Daar is misschien wel wat van waar, maar dat neemt de schok niet weg. Het college neemt het buitengewoon serieus dat dit grote gevolgen voor mensen heeft. En dat is niet alleen vanwege de gestegen erfpachtlasten maar ook omdat dit om heel veel andere redenen een ingewikkelde tijd is, met de energiecrisis, de inflatie en ga zo maar door. We hebben dat de insprekers in de commissie en ook vandaag horen zeggen.
We hadden rekening gehouden met een forse stijging na afloop van het 75 jaar oude contract, maar dat het zo fors zou zijn, heeft ons behoorlijk verrast, zeiden ze. Dat is ook de reden geweest voor het college om een stevig pakket aan maatregelen te nemen, die ervoor zorgen dat mensen echt de garantie hebben dat zij niet in de financiële problemen komen. Ik heb daar vorige week al iets over gezegd, maar ik heb dat met name uitgelegd in de brief die ik u gisteren heb doen toekomen. We proberen de impact van de verhoging echt buitengewoon serieus te dempen met een aantal verschillende maatregelen. Dat doen we op de korte termijn. Voor de lange termijn willen we naar het stelsel kijken, om te voorkomen dat dit type schokken zo'n effect op mensen kan hebben. Met andere woorden: hoe kunnen we het stelsel schokbestendiger maken? Dat vraagt tijd. Robert Barker (PvdD). Ik hoor de wethouder zeggen dat hij het vervelend vindt dat mensen verrast zijn. Maar vindt de wethouder ook dat er duidelijk casussen tussen zitten waarbij het bedrag gewoon veel te hoog is en waarbij de stijging gewoon exorbitant is? 36
Wethouder Balster (PvdA). Daarin zitten twee elementen. Dat het een forse stijging is voor bijna alle 75-jarige rechten is evident. Dat neem ik niet weg. En de ene is nog hoger dan de andere. Voor de een heeft het ook meer impact dan voor de ander, maar gemiddeld genomen heeft dit gewoon hele grote impact. Of daarmee het systeem, het stelsel, niet goed is toegepast, daar gaan we nog onderzoek naar doen. U heeft daar ook een paar vragen bij. We gaan onderzoeken of de taxaties op de juiste wijze tot stand zijn gebracht. Dat is een tweede vraag. Die beide moeten we meewegen en die beide hebben we ook onder schot met elkaar. Robert Barker (PvdD). De wethouder beantwoordt vragen, maar het zijn niet precies de vragen die ik stelde. Ik stelde natuurlijk de vraag: vindt u dat deze stijging exorbitant is en dus onredelijk wordt? Wat is dus uw reflectie daarop? U heeft over heel veel casussen gehoord in de commissie. Zijn er casussen waarvan u zegt: dit is onredelijk en dit zouden we niet moeten willen als gemeente Den Haag? Wethouder Balster (PvdA).
Hoewel het heel individueel kan zijn wat onredelijk is, is dat precies de aanleiding waarom het college zo veel maatregelen neemt om nu de effecten van de stijging te dempen waar dat kan, door opnieuw naar de taxaties te kijken - ik kom daar zo wat uitgebreider op terug - en door met een regeling te komen die maakt dat mensen nooit door het ijs zullen zakken. De voorzitter. Laatste keer, meneer Barker. Robert Barker (PvdD). Dat 'door het ijs zakken' is natuurlijk pas het bijstandsniveau. Dat betekent dus gewoon dat mensen niet meer op vakantie kunnen en überhaupt gewone uitgaven niet kunnen doen. Dat is het bijstandsniveau waar je dan, als je het aan de wethouder overlaat, niet doorheen kan zakken. Maar mijn vraag is de volgende. De wethouder zegt allemaal onderzoeken toe en hij zegt dat ernaar gekeken zal worden, maar krijg ik van de wethouder echt de commitment dat de exorbitante stijgingen niet meer gaan plaatsvinden en dat we die gaan corrigeren? Wethouder Balster (PvdA). Ik kan geen garantie geven op stijgingen of dalingen van erfpacht, omdat ik nou eenmaal niet de wereldwijde rentes kan beïnvloeden. Dat weet de heer Barker, denk ik, ook heel goed. Waar ik samen met mijn collega's in het college voor kan zorgen, is dat deze extreme effecten van het stelsel dat u en ik ver in het verleden met elkaar hebben vastgesteld, niet onbehoorlijk negatief uitpakken voor mensen.
Daarom is het college in een paar dagen tijd met verschillende voorstellen gekomen om die effecten zo klein mogelijk te houden en om daar waar er alsnog een grote impact is, met elkaar te kijken hoe we die impact kunnen verminderen. Arjen Dubbelaar (Hart voor Den Haag). Als mensen door jouw beleid in de financiële afgrond terechtkomen, ga je toch het beleid aanpassen? Wethouder Balster (PvdA). De heer Dubbelaar heeft de brief kunnen lezen. Wij doen dus het maximale. We halen alles uit de kast om de effecten die dit voor mensen heeft, te verminderen. Het stelsel is overigens niet aangepast, hè, maar het pakt nu heel slecht uit voor mensen. Arjen Dubbelaar (Hart voor Den Haag). De wethouder gaat een regeling optuigen om mensen te helpen die door zijn beleid in de financiële afgrond terechtkomen. Dat is toch een hele gekke situatie? Wethouder Balster (PvdA). Het gaat om mijn beleid, uw beleid, het beleid dat we sinds 1986 hebben en dat bepalend is voor hoe we taxeren met elkaar en wat daarvan de uitkomst is, en het beleid van 75 jaar geleden, waarbij grondwaardes, grondbedragen en canon volgens de toen geldende regelingen zijn vastgesteld. Zeker, dat pakt nu gezien de bijzondere omstandigheden heel naar uit voor sommige mensen, en daar nemen we dus ook onze maatregelen op. De voorzitter. Meneer Dubbelaar, laatste keer.
37
Arjen Dubbelaar (Hart voor Den Haag). Dat vertaal ik als dat de wethouder met mij van mening is dat het beleid aangepast moet worden. Ik reken er dus op dat mijn moties omarmd worden. Wethouder Balster (PvdA). Ik kom zo bij de door de heer Dubbelaar ingediende moties. Drie zijn het er, geloof ik. Die zal ik dan alle drie appreciëren. Sebastian Kruis (PVV). Zelden zie je de schaamteloosheid van de Partij van de Arbeid zo klip-enklaar in beeld. Als dit de effecten zijn van het beleid waarover de wethouder zelf ook aangeeft dat hij verrast was door de gevolgen daarvan, deugt het beleid gewoon niet, zeg ik in het verlengde van wat de heer Dubbelaar zegt. En hoe kan het dat de wethouder daar verrast over is? Dat vraag ik me nog steeds af. Wethouder Balster (PvdA). U begint over het beleid, maar nogmaals, het beleid waar we vandaag over spreken en dat onder de nare uitkomsten ligt die dit heeft voor mensen, is echt veel ouder. Dat gaat deze collegeperiode echt ver te buiten, zoals u weet. Nu we te maken hebben met een grote impact voor mensen is het zaak dat het college verantwoordelijkheid neemt, handelt en die maatregelen neemt die ervoor zorgen dat mensen niet in de financiële problemen komen. Daar hebben we het vandaag over. Sebastian Kruis (PVV). De wethouder zegt 'u', maar het moet volgens mij via de voorzitter. Maar dat terzijde. Dan het andere punt.
Al die inspanningen die worden verricht om nu met een reddingsplan te komen, kunnen toch ook worden geïnvesteerd in het herzien van dit beleid? Waarom gaan we nou weer al die tijd verspillen aan een reddingsplan voor mensen die in de problemen komen door staand beleid, terwijl het beleid dus niet deugt? Wethouder Balster (PvdA). Dan zeg ik even iets ter nuancering. Wij nemen direct, in de komende maanden, een aantal maatregelen om ervoor te zorgen dat de mensen die dit nu raakt, dit kunnen dragen, maar we kijken ook naar de schokbestendigheid van het stelsel. Welke lessen trekken wij hier nu uit gegeven het feit dat we met oud beleid te maken hebben en gegeven de hele bijzondere omstandigheden? Hoe kunnen we nou voorkomen dat dit in de toekomst op dezelfde manier effect heeft? De voorzitter. Laatste keer, meneer Kruis. Sebastian Kruis (PVV). Dat gehoord hebbende, vraag ik of de wethouder daar nou zelf enig idee bij heeft. Is er misschien iets wat al in de gedachtepijplijn zit waardoor dit in de toekomst niet meer opnieuw kan gebeuren? Of is daar nog helemaal geen begin mee gemaakt? Wethouder Balster (PvdA). Er zullen zeker verschillende scenario's moeten worden uitgewerkt. Daarom vind ik het ook echt te vroeg om daar uitspraken over te doen. Die hebben namelijk grote gevolgen. Die kunnen ook grote financiële gevolgen hebben. Die kunnen grote gevolgen hebben voor mensen.
Het is zaak om dat echt zorgvuldig te onderzoeken, maar u heeft in de brief kunnen lezen dat we niet alleen iets op de korte termijn doen, maar ons ook voorgenomen hebben om die schokbestendigheid van het stelsel te onderzoeken en te kijken hoe we die kunnen verbeteren. Rutger de Ridder (VVD). Wisten wij op het moment dat we dat canonpercentage op 4% gingen zetten, dat dit kon voorvallen? Wethouder Balster (PvdA). Die stijging van de rente is natuurlijk heel bepalend voor de hoogte van het bedrag dat mensen op dit moment in het aanbod zien. Dat is het vroegtijdige aanbod, zoals u weet, want ruim tweeënhalf jaar voordat de periode afloopt doen we dit aanbod aan mensen. En de afgelopen maanden is duidelijk geworden dat die stijging heel fors is. Rutger de Ridder (VVD). Ik hoor via de linkerkant: dat is geen antwoord. Dat gevoel heb ik ook een beetje, want ik vroeg of wij op het moment dat we dit canonpercentage gingen vaststellen, in 38
december, al hadden konden bevroeden dat die enorme verhogingen er zo uit zouden gaan zien. Is dat iets wat al in het college bekend is op dat moment? Wethouder Balster (PvdA). Er moeten dan natuurlijk op basis van het nieuwe rentepercentage taxaties plaatsvinden. Dat heeft voor verschillende situaties weer verschillende gevolgen. Maar dat deze grote rentestijging een grote impact zou hebben, was bekend. Daarover hebben we ook met de beste wil van de wereld geprobeerd te communiceren. Er is een bewonersbijeenkomst gehouden. Het is altijd heel lastig om de precieze impact over te brengen, omdat elke situatie anders is en er aan eerste beelden moeilijk rechten te ontlenen zijn. Daar hebben we het in de commissie ook over gehad. Maar dat het een grote impact zou hebben, is de afgelopen maanden duidelijk geworden. Rutger de Ridder (VVD). Tot slot. Ik kan me voorstellen dat je op dat moment, dus als je die enorme stijging van 0,9% naar 4% ziet - voor het eerst in zoveel jaar stijgt het zo snel - denkt: misschien is het vaststellen op de manier waarop wij het doen niet goed. Is dat ook iets wat in het college is langsgekomen? Ik zie nu namelijk een op zich mooie brief, maar die brief is er pas gekomen toen de raad eigenlijk op z'n achterste benen stond. Wethouder Balster (PvdA).
Dat de precieze impact de afgelopen maanden in z'n volle omvang duidelijk is geworden, daarmee heeft de heer De Ridder een punt. Mede door het goede debat dat we vorige week met elkaar hebben gevoerd - laat ik daar ook klip-en-klaar over zijn - en het inzicht dat wij met elkaar in de afgelopen weken en maanden hebben opgedaan, hebben we geprobeerd om tot een gebalanceerd pakket aan maatregelen te komen, dat echt moeten voorkomen dat mensen in de problemen komen. Maar er is niet alleen dat. We willen ook lessen leren over hoe we erover communiceren als dit soort extreme en uitzonderlijke situaties zich voordoen. Ik vervolg mijn betoog. Ik gaf aan dat er veel redenen zijn die het op dit moment buitengewoon ingewikkeld maken om geconfronteerd te worden met een uitzonderlijk veel hogere erfpachtcanon. Dat is de reden voor het college om met een pakket aan maatregelen te komen dat er op de korte termijn voor zorgt dat we problemen voor mensen voorkomen en dat op de lange termijn het stelsel schokbestendiger maakt. Wij gaan mensen die de financiële gevolgen niet kunnen dragen, helpen. Het college garandeert met de nog te maken regeling dat mensen niet door het ijs zakken.
We komen ruim voordat de nieuwe bedragen gaan gelden voor de groep met een aflopend contract van 75 jaar geleden - dat duurt nog tweeënhalf jaar - met een regeling die een stevig vangnet biedt voor eenieder die in de problemen komt. Twee. We gaan hertaxeren, om te kijken of de eerder uitgevoerde taxaties correct zijn en of er aanleiding is om de taxatiewaardes bij te stellen. Voorzitter: de heer Sluijs. Hinke de Groot (CDA). Ik val weer bijna van mijn stoel, net als vorige week. We veroorzaken hier een probleem voor bewoners, die torenhoge bedragen op de mat krijgen. De wethouder zegt dat hij de rente niet kan beïnvloeden, maar het is toch een politieke keuze? Het is toch een keuze die op het stadhuis gemaakt kan worden dat we gewoon op basis van redelijkheid en billijkheid rekening houden met de omstandigheden en al proactief maatregelen nemen? De wethouder zegt het ook: we wisten dat het een grote impact had. Wethouder Balster (PvdA). Ik denk dat het goed is als mevrouw De Groot mij even mijn verhaal laat afmaken, want we nemen een aantal andere maatregelen. Mensen krijgen langer de tijd om in te gaan op het gemeentelijke aanbod, waar de korting in zit. Ik zal daar zo nog wat meer over zeggen, als ik inga op de motie van de heer Dubbelaar. Die korting geldt wat het college betreft tot het eind van het jaar.
We onderzoeken ook of we via een hogere korting op de grondprijs of via rentemiddeling eenmalig iets kunnen doen om deze schok te dempen en minder impactvol te maken voor de mensen om wie het gaat. Daar heeft mevrouw De Groot namelijk gelijk in. Voor de lange termijn gaan we de taxatie-instructie bekijken en gaan we door middel van onderzoek kijken of we het stelsel schokbestendiger kunnen maken. Dat laatste kost tijd - ik gaf dat net al aan - want het heeft juridische 39
consequenties en financiële consequenties. Ik moet daarover uiteraard ook met collega Bruines in overleg, omdat het financiële consequenties kan hebben. Dat vraagt tijd. Maar in de tussentijd zijn we volle bak aan de slag, met name ook omdat we de deadline van 1 juni die voor mensen gold, opschuiven naar verderop in dit jaar. Judith Klokkenburg (ChristenUnie/SGP). De wethouder heeft het over een eenmalige lagere korting en tegelijkertijd ook over de langere termijn. Wat gebeurt er dan in die tussentijd? Is het bijvoorbeeld ook mogelijk om die korting te laten doorlopen zolang er nog geen nieuw stelsel is? Wethouder Balster (PvdA). Zeker. Die korting loopt door. Judith Klokkenburg (ChristenUnie/SGP). Dus wat in die brief staat over 'eenmalig' kunnen we eigenlijk lezen als 'tot er een nieuw stelsel is'. Wethouder Balster (PvdA). Het is eenmalig voor deze groep gezien de enorme rentestijging en het effect daarvan op dit moment. De voorzitter. Mevrouw Klokkenburg, derde maal. Judith Klokkenburg (ChristenUnie/SGP). Ik moest 'm even laten landen, want volgens mij zit er wel licht tussen wat de wethouder nu weer zegt en wat hij net hiervoor zei over de interpretatie van de woorden 'eenmalig' en 'langere termijn'. Ik hoor graag helderheid over wat het voor de mensen die dit jaar dit aanbod krijgen betekent dat er een lagere korting kan komen. Wethouder Balster (PvdA).
Ik denk dat het goed is als we de maatregel voor de korting nog eens even aan u toelichten als we die uitgewerkt hebben. U krijgt die ook tijdig, dus voordat het eventuele nieuwe aanbod aan mensen wordt gedaan. Dat lijkt mij de beste manier om hiermee om te gaan. De groep om wie het gaat, die nu een bijzonder hoge verhoging meekrijgt, zou een extra korting kunnen krijgen op de grondprijs, die meerjarig doorwerkt. Daar gaat het om. Nogmaals, we hebben een aantal zaken echt goed te onderzoeken, maar daarom schuiven we ook die deadline op waarvoor mensen op het aanbod moeten ingaan. Robert Barker (PvdD). Ik hoor de wethouder veel praten over onderzoeken en het opschuiven van de deadline, maar dat betekent gewoon dat dit zwaard van Damocles boven de bewoners blijft hangen. Wanneer weten mensen of ze echt geholpen worden door de gemeente of dat eigenlijk gewoon het oude bedrag in stand blijft en ze niks wijzer zijn? Wethouder Balster (PvdA). Deze vraag verbaast mij een beetje. Wij hebben in de brief toch uitgelegd dat we de deadline opschuiven en dat dat betekent dat die hertaxatie kan plaatsvinden, en dat in de tussentijd wordt bekeken of de rentemiddeling dan wel de hogere korting een optie kan zijn, zodat we mensen een aanbod kunnen doen waarmee hopelijk het schokeffect van de nieuw vast te stellen bedragen wordt verminderd. Robert Barker (PvdD).
De wethouder legt nu weer uit: we gaan het onderzoeken en komen misschien met iets terug. Maar mijn vraag is wanneer bewoners nou echt weten of ze minder geld kwijt zijn aan de gemeente en dat bedrag lager wordt. Wanneer is het concrete moment waarop de bewoners eventueel geholpen worden? Wethouder Balster (PvdA). Dat is 1 september, hè. Dat hebben we in de brief vermeld. En in reactie op het verzoek van de heer Dubbelaar, die in zijn motie vraagt om het kortingspercentage tot eind van het jaar te laten gelden, had ik straks willen antwoorden dat we die datum op 1 december kunnen zetten, zodat we dit jaar tot een nieuw aanbod kunnen komen als dat nodig is en we mensen duidelijkheid kunnen geven. Een aantal maanden daarvoor zullen we dat aanbod dan moeten doen, want mensen zullen dan op 1 december op dat aanbod moeten ingaan.
40
De voorzitter. De heer Barker voor de derde maal. Robert Barker (PvdD). Ja, dus even concreet: tot 1 september weten mensen nog niet of ze geholpen worden door de gemeente, maar ze weten in ieder geval voor 1 september of de gemeente hun tegemoetkomt, en anders zouden we dan weer een raadsbehandeling moeten hebben. Wethouder Balster (PvdA). Ja. Wij hopen voor 1 september duidelijkheid te hebben over wat we precies kunnen doen, en dat moet dan ook landen in een aanbod aan de bewoners om wie het gaat. Dat heb ik ook genoemd in de brief. En anders gaan we u daar uiteraard over informeren. Rutger de Ridder (VVD). Ik heb een interruptie om helderheid te krijgen. De wethouder zegt: tot 1 september, en daarvoor moet het duidelijk zijn. Maar ik kan me toch voorstellen dat je het ruim daarvoor duidelijk wil hebben. Anders kan je zo'n bod toch niet accepteren? Het lijkt me toch niet de bedoeling om twee dagen voor 1 september te komen met: dit is het en succes ermee! Wethouder Balster (PvdA). Ik zei het wellicht wat snel, maar wij willen het nieuwe aanbod bij voorkeur doen voor 1 september, zodat mensen ruim de tijd hebben om dat bod te bestuderen en daar al dan niet op in te gaan. Dat is het vrijwillige aanbod dat we doen. Mensen hoeven daar niet op in te gaan; zo werkt het stelsel. Ze mogen ook wachten tot de datum van 1 januari 2026, waarop het nieuwe contract dient in te gaan.
Dan geldt de korting niet meer. Wij bieden de korting aan tot 1 december dit jaar, en mensen krijgen voor 1 september bij voorkeur een nieuw aanbod om op te reageren. Peter Mekers (D66). Ik krijg graag nog een verduidelijking over het onderzoek. Er wordt eigenlijk een onderzoek uitgevoerd dat voor deze groep mensen wat oplossingen moet bieden. Er wordt onder andere gekeken of eenmalig rentemiddeling kan worden toegepast. Maar als we gaan kijken hoe we het systeem verder toekomstbestendig moeten maken, wordt dat dan ook onderzocht? We hebben namelijk nog duizenden erfpachtherzieningen te gaan en het zou vervelend zijn als we elke keer opnieuw een eenmalige uitzondering moeten maken. Dat lijkt me niet te bedoeling. Wethouder Balster (PvdA). Dat is een goed punt van de heer Mekers. We kijken nu natuurlijk wat we binnen de spelregels van dit moment kunnen doen voor de mensen die nu al een aanbod hebben gehad, maar uiteraard gaan we juist ook kijken naar de toekomst. Daar is het laatste stukje in de brief ook voor bedoeld. Wat is er mogelijk om de schokbestendigheid van het stelsel te verhogen? Daarin kan dit zeker een variant zijn. In ieder geval gaan we dat ook daarin bekijken. Arjen Dubbelaar (Hart voor Den Haag). Ik zat even te overleggen met de heer Barker. Krijgen de mensen nu voor 1 september een nieuw aanbod? Wethouder Balster (PvdA). Ja. De voorzitter.
U vervolgt uw betoog. Wethouder Balster (PvdA). Ik kom nu bij de moties, en dan zal ik ter geruststelling daarna nog de overgebleven vragen uit uw raad proberen te beantwoorden. In kom in de eerste plaats bij de motie van de heer Barker met de titel 'Redelijkheid erfpachtbeleid'. Deze motie verzoekt het college om al voor de lange termijn met een oplossing te komen van een maximum aan de verhoging van de erfpachtbedragen. Daar kan het college niet in meegaan. Wij gaan wel alle scenario's onderzoeken en daarin zal dit vast ook een scenario zijn, maar het college kan er niet in meegaan om dit nu al zo te stellen. Er worden ook een aantal suggesties gedaan, bijvoorbeeld om het te baseren op de CPI en de grondprijsontwikkeling. Dat kunnen allemaal zaken zijn die meegenomen worden in de onderzoeken voor de lange termijn, maar we kunnen dat niet dit jaar stante pede toepassen. Deze motie moet het college dus ontraden.
41
Robert Barker (PvdD). De kern van de motie is natuurlijk om vanuit redelijkheid en billijkheid een maximum te stellen aan een verhoging. De wethouder zegt dus: we zijn niet bereid om vanuit dat soort kaders een maximale verhoging te doen vanuit het gemeentelijke beleid. Wethouder Balster (PvdA). Ik heb aangegeven dat we voor de schokbestendigheid op de lange termijn allerlei varianten gaan onderzoeken. Daarbij kunnen we uiteraard ook de zaken betrekken die in deze motie worden gesteld. Dat doe ik graag. Voor de korte termijn kunt u niet van het college vragen om nu, dit jaar, een maximum te stellen aan de verhoging van de erfpachtbedragen. Wij gaan proberen om de impact van de verhoging op een aantal verschillende manieren, die ik zojuist genoemd heb en die ook in de brief staan, te mitigeren. U kent die richtingen. Daar komen we hopelijk voor de zomer bij u op terug. Robert Barker (PvdD). De wethouder zegt: u kunt vanuit redelijkheid niet van het college vragen om een maximum te stellen. Waarom kan de raad dat niet van het college vragen? Wethouder Balster (PvdA). Wij hebben hier uitgebreid bij stilgestaan in de raadscommissie. Het geldende beleid zoals we dat hebben toe te passen, kunnen we niet met een knip van de vingers veranderen. Dat geldt voor iedereen en dat passen we in gelijke situaties gelijk toe. U vraagt hiermee om het beleid als het ware direct te veranderen.
Dat gaat niet, maar we gaan wel binnen het beleid kijken hoe we het maximale kunnen doen om de impact van deze verhogingen te mitigeren. Ik kan even geen beter woord vinden. De voorzitter. De heer Barker voor de derde maal. Robert Barker (PvdD). Natuurlijk hebben we deze discussie in de commissie gehad. Toen zei ik namelijk ook dat de wethouder een beetje handelt als een computer, omdat hij eigenlijk zegt: het kan niet want het is in strijd met het beleid. Maar als je ziet dat het beleid hele onredelijke gevolgen heeft, kan je je als gemeente toch een democratisch gekozen bestuursorgaan tonen en zeggen: we vinden het niet redelijk dus we passen het beleid aan? Dat is toch juist waar een gemeente voor bedoeld is? De gemeente is toch geen computer? De gemeente kan een eigen beleidsafweging maken. Wethouder Balster (PvdA). Dit is toch precies waarom het college alle maatregelen neemt die voorgesteld zijn in de brief? Er komt een vangnetregeling, we gaan kijken hoe we met rentemiddeling en een eventuele hogere korting het effect kunnen dempen en er wordt hergetaxeerd. Dat zijn allemaal maatregelen waarvan we de uitkomsten nog zullen presenteren. Dat heeft even tijd nodig, maar we gaan daarmee nu volle bak aan de slag om echt te voorkomen dat mensen door het ijs zakken. De voorzitter. Er is een interruptie van de heer Kruis. Ik zou willen vragen om iets meer rust in de zaal.
Sebastian Kruis (PVV). Ik vroeg me af of het misschien mogelijk was dat de wethouder de mensen op de tribune aankijkt als hij de moties ontraadt, zodat hij ziet hoe hij mensen de vernieling in helpt, in plaats van zo van het blaadje te lezen. Wethouder Balster (PvdA). Ik neem echt afstand van dit soort insinuaties. Ik kan daar niet stevig genoeg afstand van nemen. Wij passen hier met elkaar het beleid toe. Als dat naar uitpakt voor mensen, hebben we daar met elkaar een verantwoordelijkheid in te nemen. Die verantwoordelijkheid wil het college nemen. En, voorzitter, ik zou het ons toewensen dat we een beetje fatsoenlijk met elkaar omgaan, met respect voor elkaar, en ik hoop dat u daarop toe kunt zien. De voorzitter. Ik doe niet anders. De heer Kruis. Sebastian Kruis (PVV). Ik kan het niet vaak genoeg herhalen in deze zaal: het gaat niet om beleid; het gaat om mensen. En als de mensen de dupe zijn van het beleid van deze wethouder en hij niets wil doen om het beleid aan te passen, waardoor die mensen zouden zijn geholpen, dan help je mensen de 42
vernieling in. Wat de wethouder dus ook zegt over respect of over de omgang met elkaar, het gaat om de omgang met de stad en om gedegen bestuur. En dan trek ik me echt niets aan van wat deze wethouder zegt over wat ik net zei, want ik heb gelijk en hij niet. Wethouder Balster (PvdA). Ik hoorde geen vraag van de heer Kruis. Rutger de Ridder (VVD). Ik sloeg even aan op een zinnetje van de wethouder, namelijk: we gaan proberen de impact van de verhoging te mitigeren. Ik hoop dat het college gaat proberen om de verhóging te mitigeren en niet alleen de impact. Wethouder Balster (PvdA). Zo is het. Dank aan de heer De Ridder voor deze correctie. Zo is het. Hinke de Groot (CDA). Ik moet in dit debat wel vaak denken aan een van de insprekers, mevrouw Lambers, die zei: waar een wil is, is een weg. Volgens mij is het duidelijk dat we in deze commissie heel graag willen dat er een maximum wordt gesteld aan die verhogingen. De wethouder zegt dat hij het nog gaat onderzoeken, maar kunnen we niet gewoon stellen dat we daarop inzetten, dus dat we gewoon gaan zorgen dat er een maximum komt? Is de wethouder daartoe bereid? Wethouder Balster (PvdA). Ik heb te onderzoeken wat kan en wat niet kan, en wat daarvan de consequenties zijn. Dat is zorgvuldig bestuur. Als ik zaken beloof die ik niet kan waarmaken, ben ik een onverantwoordelijk bestuurder. Daar mag u mij aan houden.
Ik geef dus aan dat we alle mogelijke opties om het stelsel schokbestendig te maken, gaan bekijken in de komende tijd, en dat we voor een beleidswijziging echt grondig onderzoek nodig hebben. Dat is ook het eerlijke verhaal. Dat gaan we buitengewoon serieus doen en ik neem de suggesties van uw raad daarbij zeker heel erg serieus. De voorzitter. U vervolgt uw beantwoording. Wethouder Balster (PvdA). Ja. Ik ben bij de motie van de Partij voor de Dieren met de titel 'Begrijpelijke taxatie'. We hebben in de commissie en in de brief aangegeven dat we goed gaan kijken naar de taxatie-instructie en dat we na analyse van die taxatie-instructie gaan kijken of die instructie volstaat. Ik heb het gevoel dat de Partij voor de Dieren in de motie twee elementen een beetje door elkaar haalt. Het eerste is de analyse van de doorsnede van de tien tot vijftien taxaties die we doen om te kijken of die correct, conform de spelregels, zijn uitgevoerd. Op basis daarvan gaan we kijken of het nodig is om tot hertaxaties te komen. Het tweede is het kijken naar de taxatierichtlijn in het algemeen. Die beide zaken gaan we doen, maar nu verknoopt u die aan elkaar en daarom moet ik de motie op deze manier ontraden. Maar die beide elementen zoals ik die net schetste, gaat het college doen. Dan kom ik bij de motie van de VVD, met als titel 'College, los dit op!'. Ik kan deze motie aan de raad laten.
Er spreekt een stevige urgentie uit vanuit uw raad om tot een oplossing te komen. Hierbij geef ik toch nog even de winstwaarschuwing dat we schokken, dus stijgingen in de erfpachtbijdrage, natuurlijk nooit helemaal kunnen voorkomen. Ik verwijs daarmee naar de eerste woorden van het dictum. Maar u geeft hier een stevige opdracht mee aan het college, waarmee wij verder uit de voeten kunnen. Dan vraagt de heer De Ridder met de motie Erfpacht als sturingsmiddel het college om nog eens wat fundamenteler naar het stelsel te kijken, in de eerste plaats om het erfpachtstelsel schokbestendiger te houden. Dat gaat het college doen. Ook deze motie kan ik aan de raad laten, waarbij ik één opmerking maak over het derde element in het dictum. U geeft aan dat we kunnen onderzoeken of bij erfpacht die niet strategisch aangeduid kan worden, de erfpacht kan worden afgebouwd. Ik denk dat het belangrijk is om te vermelden dat het niet alleen gaat om strategische inzet. Erfpacht is bijvoorbeeld ook een middel om betaalbaar te bouwen. Er zijn verschillende publieke doelstellingen om erfpacht in te zetten, maar ik vat 'm maar even breed op. Dan heeft mevrouw De Groot een motie ingediend om inzicht te krijgen in de erfpachtverhoging in alle wijken. Dat is een uitstekende motie. Hier wordt al hard aan gewerkt, dus ik denk dat wij u daarover snel kunnen informeren.
Ook hierbij maak ik even een kleine kanttekening. U vraagt ons ook om aan te geven om welke kostenstijgingen het gaat. Dat kunnen wij natuurlijk enigszins vooruit doen, maar hoe verder we in de tijd komen, hoe ingewikkelder dat is, omdat we een 43
aantal factoren niet kunnen voorspellen, zoals het renteniveau. Met die opmerking erbij kan het college goed uit de voeten met deze motie. Dan kom ik bij de moties van Hart voor Den Haag. U vraagt in de motie Stop exorbitante erfpachtverhoging om een onderzoek naar demping van de canon en om de herziening ook nu al te heroverwegen. Daar kan het college niet in meegaan. We gaan eerst het onderzoek doen zoals ik dat zonet heb aangekondigd. Deze motie moet het college dus ontraden. Arjen Dubbelaar (Hart voor Den Haag). Wat is dan concreet het verschil met de motie College, los het op! van de VVD? Wethouder Balster (PvdA). Dat in de motie van Hart voor Den Haag wordt gesteld dat een redelijke verhoging als limiet gesteld moet worden. Dat maakt dat we dus nu al een bovengrens moeten formuleren met elkaar, en dat kan het college niet doen. Daarom moet ik de motie ontraden. Arjen Dubbelaar (Hart voor Den Haag). Nee, dat is juist de oproep aan de wethouder, namelijk om dat in de afdoening naar de raad te communiceren. Wethouder Balster (PvdA). Ik lees 'm anders, dus ik moet de motie op deze grond toch echt ontraden. Robert Barker (PvdD). Als de wethouder de motie zo zou lezen als de indiener, de heer Dubbelaar, die beoogt, zou hij de motie dan wel omarmen? Wethouder Balster (PvdA).
Ik denk dat het goed is dat de heer Dubbelaar en ik straks even samen kijken of de motie op een manier acceptabel kan worden. Dat doe ik natuurlijk graag, maar voorlopig hebben we echt een interpretatieverschil dat maakt dat ik de motie moet ontraden. De voorzitter. Maar voor de transparantie is het wellicht wel goed om dat nu te doen. Dan kan iedereen het volgen, lijkt me. Wethouder Balster (PvdA). Dan ontraadt het college deze motie dus. De voorzitter. Meneer Dubbelaar, u had nog één interruptie van zonet. U had zonet twee interrupties, dus u mag nu voor de laatste maal interrumperen over deze motie. Arjen Dubbelaar (Hart voor Den Haag). Ik ben gewoon benieuwd. Wat heeft de wethouder dan nodig zodat de raad hem richting kan geven? Wethouder Balster (PvdA). Dat u vertrouwt op de maatregelen die in de brief staan, waarbij we op dit moment een aantal elementen onderzoeken dan wel gaan invoeren om te zorgen dat we het effect van de verhoging van de erfpacht beperkt houden. De voorzitter. Meneer Barker, voor de laatste maal. U had er zonet één, dus met deze tweede is dit de derde. Robert Barker (PvdD). Ik hoor de wethouder eigenlijk zeggen dat hij wel bereid is om moties te omarmen, bijvoorbeeld van coalitiepartijen, of eigenlijk altijd van coalitiepartijen, als ze niet in strijd zijn met wat hij al van plan was te doen.
Maar we willen natuurlijk als raad juist dat de wethouder méér gaat doen. Waarom kan de wethouder bijvoorbeeld niet die motie van de heer Dubbelaar omarmen, die zegt: laten we een max stellen? Wethouder Balster (PvdA). Ik heb al eens eerder met de heer Barker in een interruptiedebat moeten vaststellen dat als ik hem 80% geef, hij 100% vraagt, en dat als ik hem 100% geef, hij 120% vraagt. Dit is daar weer een mooi voorbeeld van, maar ik denk dat ik heel duidelijk heb gemaakt waar de grens nu kan liggen voor het college om mee te gaan met de raad, om de effecten beperkt te houden voor deze groep, die hard getroffen wordt. 44
Rutger de Ridder (VVD). Volgens mij zijn de wethouder en de heer Dubbelaar niet zo heel ver van elkaar verwijderd. Ik doe een suggestie. Vindt de wethouder de motie interessant genoeg om te zeggen: verzoekt het college de canonherziening te heroverwegen en eventuéél een redelijke verhoging als limiet te stellen, en de raad hierover te informeren? Ik weet natuurlijk niet of de indiener dat wil, maar stel nou dat de indiener dat doet. Wat zegt de wethouder dan? Wethouder Balster (PvdA). Als de heer Dubbelaar mij vraagt om te onderzoeken of dit meegenomen kan worden bij het kijken hoe we het stelsel schokbestendig kunnen maken, komen we een eind. Maar we moeten inmiddels echt aan tekstexegese doen, en ik denk dat het verstandig is om dat even buiten de orde van deze vergadering te doen. Voorlopig ontraad ik de motie zoals die nu is. De voorzitter. Dit was een duidelijke vraag van de heer De Ridder via de wethouder richting Dubbelaar, dus laten we Dubbelaar even de kans geven om daar heel kort op te reageren. Arjen Dubbelaar (Hart voor Den Haag). Voorzitter, wij stemmen vanavond en ik kom de wethouder vast nog tegen zo meteen. De voorzitter. De wethouder. Mag ik rust in de zaal, graag? Wethouder Balster (PvdA). Ik heb de vraag of opmerking van de heer Dubbelaar niet kunnen horen. Arjen Dubbelaar (Hart voor Den Haag). Wij stemmen pas aan het einde van de avond.
Ik kom in de tussentijd de wethouder vast nog tegen. Wethouder Balster (PvdA). De koffie staat klaar! De voorzitter. U vervolgt de beantwoording. Wethouder Balster (PvdA). Ik vervolg de beantwoording. Ik kom bij de motie Tijdelijk stoppen met incasseren van de heer Dubbelaar. Ik heb daar net uitgebreid antwoord op gegeven. Wij moeten een deadline voor bewoners kunnen stellen van 1 december waarvoor zij moeten reageren op ons voorlopig aanbod, anders kunnen wij het niet tijdig verwerken en dan zouden we in strijd met onze eigen regels handelen. Dus ik wil de heer Dubbelaar vragen om '31 december' aan te passen naar '1 december'. Dan kan het college deze motie omarmen. In de motie Onafhankelijk onderzoek naar taxaties vraagt Hart voor Den Haag om de waarderingsmethodieken en de taxatie-instructie los te laten en geen certificering en onafhankelijkheid te eisen van de taxateurs. Daar kan het college, uiteraard wil ik bijna zeggen, niet in meegaan. Deze motie moet echt met klem worden ontraden, want dan zouden we echt in strijd handelen met ons beleid. Dan kom ik bij de moties van de ChristenUnie/SGP, allereerst Bescherm mensen met middeninkomens tegen financiële problemen. Als ik de motie zo mag opvatten dat we ook de effecten op middeninkomens meenemen in de nog te ontwerpen regeling, dan kan het college er positief op preadviseren. Arjen Dubbelaar (Hart voor Den Haag).
Een taxateur is geen vrij beroep. Ik heb het dus gewoon over gecertificeerde taxateurs. De voorzitter. Ik neem aan dat u het nu heeft over de vorige motie nog. Wethouder Balster (PvdA). De heer Dubbelaar vraagt om een ongeclausuleerde keuze van taxateurs en om de taxatie-instructie en waarderingsmethodieken niet te hanteren. Dat kan niet. Dat is in strijd met het beleid. Wij hanteren onafhankelijkheid, certificering en een uniforme taxatierichtlijn die voor iedereen gelijk is en voor iedereen moet gelden. Anders wijken we echt af van ons beleid en behandelen we mensen verschillend. Dat kan uiteraard niet de bedoeling zijn. 45
Arjen Dubbelaar (Hart voor Den Haag). Dan hebben die hele hertaxaties geen enkele zin. Wethouder Balster (PvdA). Uiteraard. Wij hanteren bepaalde uitgangspunten voor de taxaties. Die gelden voor elke taxateur, zodat elk geval op dezelfde manier wordt beoordeeld. Dus dat zal uiteraard moeten plaatsvinden. De voorzitter. Meneer Dubbelaar voor de derde maal. Arjen Dubbelaar (Hart voor Den Haag). Maar dan ga je hertaxeren met dezelfde taxatie-instructies. Dat heeft geen enkele zin. Wethouder Balster (PvdA). We kunnen toch niet bij de een deze spelregels hanteren en bij de ander die spelregels? Dan zou je toch ongelijke uitkomsten krijgen van de taxaties? Dat zou toch de wereld op zijn kop zijn? Dat kunt u mij toch niet vragen? Het college hanteert in gelijke situaties dezelfde spelregels en moet daarop toetsen. Dat doet het ook, conform de kwaliteitseisen die we daarvoor stellen. De voorzitter. Ik heb nog een interruptie van de heer Kruis. Ik wil echt vragen om meer rust in de zaal. Sebastian Kruis (PVV). Het zal wel aan mij liggen, maar in de tussentijd zijn toch de spelregels veranderd? Wethouder Balster (PvdA). Nee. Robert Barker (PvdD). In de taxatie-instructie van 1987 staat dat andere taxatiemethoden gehanteerd kunnen worden. Is de wethouder het daarmee eens? Wethouder Balster (PvdA).
Zoals aangegeven, gaan wij kijken of de taxatie-instructies uit 1986 of 1987 nog voldoen in deze tijd. Dat heb ik ook aangekondigd in de brief. We zullen kijken wat daar de uitkomst van is, maar wij hebben te handelen volgens de taxatie-instructie conform de AB 1986. Dat kan niet bij de een anders zijn dan bij de ander. Robert Barker (PvdD). Dat vroeg ik niet. Ik vroeg de wethouder of hij het ermee eens is dat in de taxatie-instructies staat dat andere taxatiemethoden gehanteerd kunnen worden, dat de gemeente dat gewoon als beleid heeft. Wethouder Balster (PvdA). Ik denk dat u mij hier even overvraagt. Ik probeer er zo even op terug te komen. Het is iets specifieker dan ik had verwacht, maar dat doe ik graag. Dat neemt niet weg dat wij altijd hebben te toetsen aan hetzelfde normenkader. Deze motie vraagt om daarvan af te wijken. Dat kan natuurlijk niet. De voorzitter. Meneer Barker voor de derde maal. Dat is de laatste maal op dit punt. Robert Barker (PvdD). De wethouder zegt dat je niet kan afwijken, omdat het in de taxatie-instructie staat. Dan zeg ik dat in de taxatie-instructie staat dat je kan afwijken en dan zegt de wethouder: geen idee. Wethouder Balster (PvdA). Ik heb net aangegeven dat ik daar zo even op terug probeer te komen. Het is een vrij technische vraag. Het lijkt me goed dat u daar het juiste antwoord op krijgt. De voorzitter.
Doet u dat in de eerste termijn of in de eventueel tweede termijn?
46
Wethouder Balster (PvdA). Ik ga proberen daar zo even antwoord op te geven. Het is een complex onderwerp. Anders proberen we het op een andere manier terug te laten komen. Peter Mekers (D66). U had het net over de eerste motie van de ChristenUnie/SGP en hoe u die wilde interpreteren. Ik had het knikje gemist van mevrouw Klokkenburg of de interpretatie juist was. Ja, ik zag een knikje. De voorzitter. Voor de kijkers thuis: het was een instemmend knikje. Lesley Arp (SP). Wat ik ingewikkeld vind aan de motie over de taxatie-instructie is het volgende. Ik meen dat een van de insprekers eerder in de commissie heeft gewezen op die optie. Nu zegt de wethouder dat hij daar nog naar moet kijken, maar hij komt wel al met een vrij stellig preadvies over de motie. Dan vraag ik me af wat er de afgelopen week met die suggestie is gebeurd. Is het wel gedegen onderzocht dan? Ik vind het wel een vreemde gang van zaken. Wethouder Balster (PvdA). Ik heb in de brief die ik aan de raad heb gestuurd, aangegeven dat een aantal zaken nog uitgezocht wordt, ook de komende periode, en dat we op een aantal zaken, ook in antwoord op de vragen van de bewoners en de brieven die zijn gestuurd, nog terug zullen komen. Er zitten verschillende elementen in deze motie. Het preadvies leek me wat dat betreft helder. Wij kunnen daar niet in meegaan. Lesley Arp (SP). Het is mij helaas nog niet helemaal helder.
Volgens mij kwam een inspreker vorige week met een concreet citaat uit de taxatie-instructie. Dat is net herhaald door collega Barker. Dan verwacht ik eigenlijk, zeker als er een week is verstreken, van de wethouder daar een heel helder antwoord op. Hebben we die uitzonderingsmogelijkheid of niet? Het verbaast me dat hij daar niet op kan reageren, maar wel met een heel stellig oordeel komt over de motie, die dus mogelijk wordt weggestemd, terwijl wij als raad niet de correcte informatie hebben. Wethouder Balster (PvdA). Neemt u mij niet kwalijk dat ik niet direct het antwoord heb op dat element in deze motie, maar ik heb natuurlijk net aangegeven dat er verschillende gronden zijn om deze motie te ontraden, onder andere omdat er wordt gevraagd om af te wijken van de onafhankelijkheid en de certificering van de taxateur. Dat kan het college uiteraard niet doen. Arjen Dubbelaar (Hart voor Den Haag). Voorzitter, ik wil echt een punt van orde maken. De wethouder zegt dingen over mijn motie die er gewoon niet in staan. Dat vind ik zeer bezwaarlijk. De voorzitter. Het punt is gemaakt. Wethouder? Wethouder Balster (PvdA). Het spijt me dat we de tekst die in uw motie staat, anders interpreteren. Maar ja, ik interpreteer die zo. Het spijt me, maar dat is echt wel een heel belangrijke grond om deze motie met klem te ontraden. We hebben mensen gelijk te behandelen in deze stad.
Daar draagt deze motie niet aan bij. Voorzitter. Ik ga naar de tweede motie van de ChristenUnie/SGP. Die vraagt om, mocht blijken uit de hertaxatie-exercitie met de tien tot vijftien referentiepanden dat de taxaties niet correct zijn uitgevoerd, dan ook te kijken naar de taxaties die eerder zijn uitgevoerd. Ik ben graag bereid om dat te doen, mits dat een significant verschil geeft, want dan geeft het ook aanleiding om dat te doen. Ik zie ook hier mevrouw Klokkenburg weer instemmend knikken. Arjen Dubbelaar (Hart voor Den Haag). Twijfelt de wethouder daaraan? Heeft de wethouder vandaag het AD gelezen? Al die taxateurs zeggen dat er iets aan de hand is in Den Haag. Wethouder Balster (PvdA). Ja, ik heb het AD gelezen. Arjen Dubbelaar (Hart voor Den Haag). Is de wethouder bereid om met de NVM in gesprek te gaan en de raad over de uitkomsten daarvan te informeren? 47
Wethouder Balster (PvdA). Uiteraard ben ik bereid om met de NVM in gesprek te gaan. We hebben inmiddels dat verzoek ook ontvangen. Ik ga graag op die uitnodiging in. De voorzitter. Meneer Dubbelaar, laatste maal. Arjen Dubbelaar (Hart voor Den Haag). Wil de wethouder de raad over de uitkomsten informeren? Wethouder Balster (PvdA). Ik heb al in de brief geschreven dat wij die hertaxaties gaan doen en dat wij naar de taxatierichtlijn gaan kijken. Als daar uitkomsten van zijn, gaan wij uw raad informeren. Dus dat ga ik doen. Voorzitter. De motie van de PVV, Erfpacht over de kop, vraagt om direct een moratorium in te stellen op de inning van alle erfpacht. Dat is een beetje vragen naar de bekende weg. Dat zou echt een flagrante afwijking van het erfpachtstelsel betekenen. Dat kan het college uiteraard niet doen. Wij moeten deze motie dus ontraden. Sebastian Kruis (PVV). De nieuwe uitkomsten van het huidige erfpachtstelsel zijn ook vrij frappant. Ik zou de motie natuurlijk ook nog kunnen aanpassen, zodat die enkel toeziet op mensen die bijvoorbeeld meer dan drie keer meer zouden gaan betalen met de nieuwe erfpachtcanon. Dat zou ook kunnen. Dan heb je ook gelijk een oplossing voor mensen die in de financiële problemen komen, is het niet? Wethouder Balster (PvdA). Laat ik dan iets aardigs zeggen richting de heer Dubbelaar.
Dan zou ik zeggen: steunt u dan de motie van de heer Dubbelaar die vraagt om de deadline voor de rentekorting te laten gelden tot 1 december en de voorlopige aanbiedingen uiterlijk 1 september opnieuw te doen. Sebastian Kruis (PVV). Heel toevallig sta ik al onder die motie. Dat helpt dus enorm om de heer Dubbelaar te steunen. Ik ben net overigens per abuis vergeten te zeggen dat de heer Dubbelaar ook mijn motie had gesteund. Dat pleit dan weer voor mijn motie, dunkt me. Wethouder Balster (PvdA). Wat doet u dit toch allemaal weer charmant, maar het oordeel over uw motie wordt er niet anders om, meneer Kruis. Het college moet die echt met klem ontraden. De voorzitter. Wethouder, u stelt dat '1 december' in de motie staat. Daar staat volgens mij nog '31 december' in. Het is aan de heer Dubbelaar om dat wel of niet nog aan te passen, maar voor de notulen: er staat '31 december'. Wethouder Balster (PvdA). Daar heeft u volstrekt gelijk in, voorzitter. Ik heb de heer Dubbelaar gevraagd om de motie zo te wijzigen, zodat die aanvaardbaar wordt voor het college. Als dat gebeurt, en ik ga ervan uit dat het gebeurt, de heer Dubbelaar kennende, dan kan het college ermee uit de voeten. De voorzitter. Helder, u vervolgt uw betoog. Wethouder Balster (PvdA). Ik kijk even of er nog vragen zijn blijven liggen.
Ik hoor mij al ingefluisterd worden dat de heer Mekers heeft gevraagd om een expertmeeting. Het lijkt mij zonder meer goed om eens wat fundamenteler met elkaar over het stelsel te praten, maar ik zou echt voor mijn beurt spreken als ik daar positief dan wel negatief op zou reageren, want het is natuurlijk helemaal aan de raad om dat te doen. We gaan u uiterlijk dit jaar een update geven van waar we staan met het nadenken over het stelsel zelf. Ik hoop dat we dan ver genoeg zijn om daar ook met u van gedachten over te wisselen. Tegen die tijd moeten we maar eens even kijken hoe we dat aan de vork steken. Mevrouw Bos heeft nadrukkelijk gevraagd om aandacht te hebben voor de communicatie en om een knipperend lampje, heb ik goed onthouden. Dat maakt dat we extra aandacht hebben voor die communicatie. De aanbiedingen die zijn gedaan dit jaar en de extreme effecten die het heeft, hebben ons natuurlijk ook echt geleerd dat we daar extra aandacht voor moeten hebben. Het blijft - dat hebben 48
we in de commissie ook gewisseld - een buitengewoon ingewikkelde materie. Ook al zijn onze brieven op B1-niveau, dan nog zijn het stelsel en de systematiek dermate ingewikkeld dat het niet eenvoudig is. Dat vraagt ook extra aandacht. Die proberen we nu alsnog te organiseren. We hebben een bewonersbijeenkomst gehad, een aankondiging drie jaar van tevoren en een aanbod tweeënhalf jaar van tevoren, maar het is echt noodzakelijk om meer te doen; een inloopspreekuur, onder andere, en ook individueel maatwerk en een individueel gesprek als dat nodig is. We gaan ook kijken wat er in de toekomst nodig is. Dus ik pak die handschoen graag op. Isabel Bos (GroenLinks). Dank aan de wethouder voor deze beantwoording. Hij refereerde aan mijn 'knipperende lampje' in de context van communicatie, maar volgens mij is dit nog breder dan enkel de communicatie. Het moet niet zijn: het lampje gaat knipperen, dus we sturen een wat lievere brief naar de bewoners. Het is: het lampje gaat knipperen, let op, er is hier iets aan de hand. Begrijp ik goed dat de wethouder het ook op deze wijze interpreteert of ziet hij dit echt alleen maar als een mogelijkheid om de communicatie aan te passen? Wethouder Balster (PvdA). Goed dat mevrouw Bos nog wat duidelijkheid daarover vraagt.
Eigenlijk ziet de motie van het CDA daar ook echt op: probeer meerjarig in beeld te hebben waar zich herzieningen voordoen, schat zo goed mogelijk in of die fors zullen zijn en zorg er dan voor dat je op alle fronten daarop anticipeert. We kijken in de toekomst naar de schokbestendigheid, sowieso, maar we hebben ook echt iets communicatiefs te doen, en wellicht ook in de eerdere aankondiging nog, om mensen daar eerder en beter op voor te bereiden. Isabel Bos (GroenLinks). Nu trekt de wethouder het toch weer wat breder, terwijl dit lampje juist bedoeld is om individuele gevallen beter in zicht te kunnen hebben. Ik snap dat wanneer een hele wijk bekeken wordt, het belangrijk is om te kijken: is dit nu een flinke stijging of niet? Maar juist in het systeem of in de berekeningen die je maakt, wil je dat al vrij snel duidelijk is of er afwijkingen zijn die groter zijn dan de gemiddelde verhoging. Dat is mijn bedoeling met dit 'lampje'. Kan de wethouder aangeven of je dit in het beleid mogelijk kan maken, dat je inderdaad een seintje krijgt - het hoeft geen letterlijk lampje te zijn - om ambtenaren scherp te houden op afwijkingen ten opzichte van de volledige wijk? Wethouder Balster (PvdA). Volgens mij is het heel belangrijk om dat te doen. Ik pak die handschoen graag op. Voorzitter.
De heer Icar heeft gevraagd naar de noodzaak om de taxaties aan te besteden; de heer Icar is niet meer aanwezig, maar dit heeft te maken met de omvang van de taxaties die we moeten doen. Daarmee komen we boven de drempelwaarde voor de taxaties en horen wij conform de wet Europees aan te besteden. Het is een grote opdracht. De heer Icar heeft ook aandacht gevraagd voor de religieuze organisaties die in de problemen zouden kunnen komen. Ik zou u allen willen vragen om signalen daarover aan ons door te geven, zodat we daarover het gesprek op individueel niveau kunnen aangaan om te kijken wat daar mogelijk is. Rutger de Ridder (VVD). Ik heb een vraag over de aanbesteding van die taxaties. Hoe zorgen we er nou voor dat het een vrije taxatiekeuze is als we het ook moeten aanbesteden? Dat lijkt mij ingewikkeld voor de bewoners. Klopt dat of zie ik dat verkeerd? Wethouder Balster (PvdA). Ik denk dat de heer De Ridder nu doelt op de deskundigenprocedure, waarvoor de bewoner een taxateur kan aanwijzen, de gemeente een taxateur kan aanwijzen, en die beide taxateurs nog een derde taxateur kunnen aanwijzen. Voor alles geldt dat wij werken met gecertificeerde taxateurs die de taxatierichtlijn hebben te volgen met elkaar. Voor de gemeentelijke inzet vragen we natuurlijk een aanbesteding als het gaat om een heel grote opdracht aan taxaties. Voorzitter.
Mevrouw Arp vroeg nog naar het tijdpad voor het onderzoek naar het schokbestendig maken. Ik kan daar nu nog niks over zeggen. We zullen goed moeten bekijken hoe het onderzoek er uit komt te zien. Laat ik in ieder geval toezeggen dat we u na de zomer, echt uiterlijk dit
49
jaar een update geven van waar we staan en dan ook het tijdpad proberen te verhelderen. We nemen u dan ook mee in wat ongeveer de scope van het onderzoek wordt. Daar vroeg u ook specifiek naar. Ik kijk of er nog vragen zijn blijven liggen. Ik denk het niet. Dan wil ik het hierbij laten, maar niet nadat mevrouw De Groot, denk ik, mij nog een vraag heeft gesteld. De voorzitter. Dat klopt helemaal. Mevrouw De Groot. Hinke de Groot (CDA). Ik had nog gevraagd aan de wethouder of hij kan kijken naar een maximaal percentage erfpacht op basis van de woningwaarde. Kan hij dat ook meenemen? Anders beraad ik mij op een motie in tweede termijn. Wethouder Balster (PvdA). Ik ga mij niet vastpinnen op op wat voor een manier we het stelsel schokbestendiger kunnen maken. We gaan alle opties bekijken. Ik zal deze optie ook bezien. Hinke de Groot (CDA). Het is in ieder geval goed om de toezegging te krijgen dat dit ook mee wordt genomen. Is de wethouder dan ook bereid om te kijken of erfpacht losgekoppeld kan worden van het rentepercentage? Het rentepercentage is nu 4%. Het zijn rentepercentages uit de markt. Onze wethouder is een sociaaldemocraat. Volgens mij moeten we een eerlijk erfpachtbeleid hebben. Is de wethouder dus bereid om te kijken of we dat los kunnen koppelen en of we tot een eerlijk bedrag kunnen komen in de toekomst? Wethouder Balster (PvdA).
Het is even uit de losse pols, want hier hebben we weer een hoop deskundigheid bij nodig, maar dit lijkt me buitengewoon oneerlijk ten opzichte van mensen die een hypotheek moeten afsluiten op de grond. Maar zoals aangegeven, gaan we kijken wat er nodig is om het stelsel schokbestendiger te maken. Met name dit type effecten, zoals we die nu hebben gezien, hopen we in de toekomst enigszins te voorkomen. Judith Klokkenburg (CU/SGP). Er is van mij een vraag blijven liggen. Ik heb gevraagd of de wethouder bereid is om de handreiking die nog komt vanuit het kabinet over erfpacht, mee te nemen in de herziening van het stelsel. Wethouder Balster (PvdA). Ja, zeker, dat doen we. We zijn ook bij die handreiking betrokken. Dus we nemen die zeker mee. Lesley Arp (SP). Ik heb nog een verhelderende vraag. Op een van de interrupties van collega Barker over die zin in de taxatie-instructie zei de wethouder: ik ga daarnaar kijken. Maar gaat hij daarnaar kijken voordat wij vanavond gaan stemmen over die motie of krijgen we dat later? Want dan lijkt het me een beetje irrelevant voor dit debat. Ik zou dus willen oproepen om die informatie te geven voordat wij gaan stemmen over de motie. Wethouder Balster (PvdA). Dat lijkt me goed. Het lukt op dit moment even niet om het precieze antwoord te geven.
Ik ga ervoor zorgen dat u vóór de stemmingen antwoord heeft op de gestelde vragen over de taxatie-instructies. Dat lijkt me van belang. De voorzitter. Meneer De Ridder heeft een punt van orde. Rutger de Ridder (VVD). Voorzitter. Wij hebben de mogelijkheid tot een tweede termijn. Ik heb allerlei moties gezien en gehoord waarvan ik denk dat het goed is om daarover te overleggen onder de woordvoerders om dan wellicht in tweede termijn een gewijzigde motie te zien voorbijkomen. Maar dan lijkt het me wel verstandig dat we de tweede termijn even parkeren achter bijvoorbeeld de volwaardige debatten. Dus dan kunnen we wel doorgaan als raad, maar dan kunnen we het even parkeren. Misschien is in de tussentijd de informatie waar we het net over hadden, dan al beschikbaar. Dat is voor mijn fractie wel belangrijk, maar ik weet of daar steun voor is natuurlijk.