CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS315261 Bijlage 2 - Nota van Beantwoording Structuurvisie en MER Den Haag Zuidwest

Gemeenteraad 14 december 2023, gemeente Den HaagBij agendapunt: Gewijzigd voorstel van het college inzake Ontwerp Structuurvisie Den Haag Zuidwest 2040; Groen, stedelijk en vitaal Zuidwest (RIS315261)57.330 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 7

Geen aanpassing

Geen aanpassing

Geen aanpassing

Geen aanpassing

In de huidige Woonagenda 2020-2023 wordt aangegeven dat er een wens is voor 20% betaalbare koopwoningen waarvan 10% verschillende woonvormen. De categorie verschillende woonvormen, 10% van de nieuw te bouwen betaalbare koopwoningen, wordt gebruikt voor woonvormen zoals wooncoöperaties, groepswonen, ouderenhuisvesting, zelfbouw en/of collectief particulier opdrachtgeverschap (CPO).

In de kansenkaart is opgenomen waar mogelijkheden zijn voor verdichting en vernieuwing, het gaat om plekken waar nog niet eerder geherstructureerd is, waar afgelopen jaren geen renovatie heeft plaatsgevonden en met name waar corporatiebezit is. In deze kansrijke zones is op basis van verschillende thematische afwegingen bepaald wat de kansrijkheid van de verdichting en vernieuwing in de verschillende gebieden is (zie hoofdstuk 5.4 – Afwegingsthema’s in het kansenkaartboekje). Op basis daarvan is de kansenkaart opgesteld. De kansenkaart laat zien welke gebieden volgens de gemeente prioriteit hebben vanuit de

11

Nota van beantwoording zienswijzen Structuurvisie en Milieueffectrapportage Den Haag Zuidwest Datum zienswijze

Indiener

Nr.

Paragraaf zienswijze

Zienswijze Geef precies aan waar nog meer hoogbouw komt en waarom dit o.b.v. de hoogbouwvisie is toegestaan.

2a.12

2a.13

2a.14

Is van mening dat een parkeernorm van 0,4 niet reëel is mede gelet op het beperkt beschikbare en relatief dure OV. De in het ruimtelijk raamwerk vermelde verzamel-parkeeroplossing staat niet vermeld in de ontwerpstructuurvisie. Tips: • Geef aan op basis van welke gegevens, analyses, studies, voorbeelden elders een parkeernorm van 0,4/woning aannemelijk is. • Vermeld in de ontwerp-structuurvisie het aantal parkeergarages dat voorzien wordt. • Als de parkeergarages er niet komen, bouw dan minder bijkomende woningen. Is van mening dat sloop-nieuwbouw van sociale huurwoningen en toevoegingen van duurdere woningen bijdraagt aan verdringing van sociale huurders. Toevoeging van kapitaalkrachtiger bewoners aan de wijk (gentrification) kan ertoe leiden dat de problemen van kwetsbare bewoners minder goed zichtbaar worden. Tips: • Monitor waar sociale huurders die uit Zuidwest vertrekken, terechtkomen. • Beperk de sociale schade door de woningbouwcorporaties te dwingen tot maatwerk. • Zorg dat sociale huurders die in het actiegebied blijven wonen, hun rechten niet verliezen. • Keur alsnog een tweede verhuisvergoeding toe aan iedereen die wil terugkeren in de buurt. • Zie af van gentrification als recept voor oplossingen in Den Haag Zuidwest.

Wijst erop dat in de structuurvisie niet wordt vermeld dat bij toevoeging van 10.000 woningen 160.000 m2 nieuwe openbaar groen moet worden gerealiseerd en waar dit groen zou moeten komen. Tips: • Vermeld in de structuurvisie uitdrukkelijk dat er bij 10.000 nieuwe woningen 160.000 m2 nieuw openbaar groen moet bijkomen. • De som moet dus zijn: openbaar groen nu 880.141 m2 + 160.000 m2 = 1.040.141 m2. • Reserveer deze grond ook in de plannen, net als andere voorzieningen.

Beantwoording gemeente

Gevolgen voor de structuurvisie/ bijlagen

Gevolgen voor de M.E.R.

optelsom van opgaven en kansen. Vooral gebieden in Morgenstond en delen van Moerwijk krijgen van de gemeente meer prioriteit. In de kansenkaart staan ook de gebiedsontwikkelingen en projecten die al lopen. In de kansenkaart is per gebied globaal aangegeven hoeveel woningen daar zullen komen. Deze aantallen zijn ook meegenomen in de onderzoeken van de M.E.R. (bijvoorbeeld verkeersberekeningen). Waar de woningen precies worden gesitueerd is nu nog niet te zeggen. Omdat de gemeente bijna geen eigen grondbezit heeft, is de gemeente afhankelijk van andere partijen bij de ontwikkeling van woningen. De gemeente probeert daar met de structuurvisie sturing aan te geven, maar zal dat samen met de betrokken partijen op gebiedsniveau uitwerken. Daarnaast zijn in het kansenkaartboekje de verdichtingsprincipes opgenomen. Verdichting zal met name langs de randen en rondom de voorzieningen en belangrijke haltes een plek krijgen. De geldende Hoogbouwnota doet geen uitspraken waar wel of geen hoogbouw mag komen, maar heeft met name regels over kwaliteit en inpassing van hoogbouw. Momenteel wordt gewerkt aan de evaluatie van de Hoogbouwnota en daaropvolgend zal de Hoogbouwnota geactualiseerd worden. Er wordt verwezen naar het antwoord onder thema 2.

Geen aanpassing

Geen aanpassing

Geen aanpassing

Geen aanpassing

Geen aanpassing

Geen aanpassing

De gemeente heeft geconstateerd dat de norm van 0,4 niet op de wijze zoals indiener stelt is opgenomen in de structuurvisie.

In Zuidwest is bijna 70% van de woningvoorraad sociaal. Alle sociale woningen die gesloopt worden, worden in de sociale categorie teruggebouwd. Van de netto toevoeging aan woningen wordt tevens 30% sociaal gerealiseerd, conform de huidige Woonagenda 2020-2023. Dit betekent dat het aandeel sociaal nog steeds ca 60% bedraagt. Van de resterende 70% aan toe te voegen woningen is het grootste deel betaalbaar. Hierdoor zal geen enkele sprake zijn van gentrificatie. Bewoners kunnen terugkeren in Zuidwest volgens de wettelijke principes van het passend toewijzen. Afspraken met de bewoners van corporatiewoningen zijn/worden vastgelegd in het Sociaal Plan van de corporatie.

Het lijkt erop dat de indiener de Haagse referentienorm zodanig interpreteert dat er per nieuw gerealiseerde woning ook altijd 16 m2 aan nieuw openbaar gebruiksgroen moet worden gerealiseerd. Dat is niet correct. Het gaat erom dat in een gebied (in dit geval het plangebied van de structuurvisie) er sprake is van minimaal 16 m2 aan openbaar gebruiksgroen per woning. De norm heeft dus betrekking op de totale oppervlakte aan openbaar gebruiksgroen (bestaand en nieuw te realiseren) in relatie tot het totale aantal woningen (bestaand en nieuw te realiseren). Verder wordt er verwezen naar antwoord onder thema 3.

12

Nota van beantwoording zienswijzen Structuurvisie en Milieueffectrapportage Den Haag Zuidwest Datum zienswijze

Indiener

Nr.

Paragraaf zienswijze

Zienswijze

Beantwoording gemeente

2a.15

Wijst erop dat in Zuidwest 3 voetbalvelden vervallen, en is van mening dat deze elders in Zuidwest moeten worden gecompenseerd. Wijst erop dat bij toevoeging van 10.000 woningen min. 60.000 m2 extra voor buitensport benodigd is (en mogelijk zelfs meer, aangezien sommige gedeelten van Zuidwest in de “groenblauwe” zone liggen en niet in de “gemengdstedelijke”. Voor de “groenblauwe” zone is de referentienorm 10.000 m2 per 1000 woningen). Tips: • Compenseer de verloren gegane voetbalvelden elders in Zuidwest. • Realiseer het verplichte minimumaantal van 6.000 m2 buitensportaccommodatie per 1000 nieuwe woningen. • Ga serieus op zoek naar ruimte voor voetbalvelden binnen de wijk.

Zie antwoord bij zienswijze 1.9. NB: Er is in de planvorming geen sprake van het verminderen van 3 sportvelden. Op het sportpark Escamp I zal door een herindeling één voetbalveld minder terug komen maar daarvoor worden meerdere natuur-grasvelden omgebouwd naar kunstgras en worden ter compensatie veel individuele sportvoorzieningen voor openbaar/wijk-gebruik toegevoegd zodat er meer mogelijkheden zijn voor het sportief ongeorganiseerd gebruik. Daarnaast zal een hockeyveld worden toegevoegd aan de hockeyvelden aan de Leyweg. Op het sportcomplex Escamp III zal een investering plaatsvinden die tot realisatie van nieuwe 2 sportvelden zal leiden. Het sportveld aan de Steenwijklaan zal slechts tijdelijk aan de sport worden onttrokken. Per saldo wordt fors geïnvesteerd zodat zowel in de behoefte aan sport in georganiseerd verband als in de openbare ruimte kan worden voorzien.

2a.16

Vindt dat de gemeente – om goed te kunnen beoordelen hoeveel bomen moeten worden geplaatst ter compensatie van de te kappen bomen – alle bomen moet indelen in klassen o.b.v. grootte en dan tellen. Vindt dat bomen op daken en verticaal groen niet moeten worden beschouwd als groen cf. de referentienormen. Tips: • Deel de bomen in Zuidwest in klasses. Tel dan mét weging waar hoeveel bomen van welke soort blijven, verdwijnen en terugkomen. • Maak zo mét deze weging inzichtelijk hoeveel bomen er weer moeten bijkomen. • Bedenk daarbij dat je in totaal een even groot bladerdak moet realiseren als er nu is. Kijk of je daar nu al mee moet beginnen. • Tel de boompjes op garages en op flatgebouwen niet mee als bomen; deze moeten immers bij dak onderhoudt worden verwijderd. • Voorzie verticaal groen maar telt dit niet mee als m2 groen.

2a.17

Vindt dat de Haagse maatschappelijke referentienormen voor voorzieningen (met minimum oppervlaktes en aantallen van bepaalde voorzieningen per aantal woningen) in de structuurvisie moeten worden opgenomen. Is daarbij van mening dat de specifieke situatie in Zuidwest mogelijk meer (m2)/andere voorzieningen wenselijk maakt dan de norm. Tips: • Werk een specifieke visie uit op voorzieningen in Zuidwest die recht doet aan de sociaaleconomische en socio-culturele kenmerken van de bewoners van Zuidwest. • Lijst op waar er méér en ook andere voorzieningen moeten komen dan elders in de stad.

De gemeente is het eens met de indiener dat bij bomencompensatie ook gekeken moet worden naar de waarde van bomen. Dit is beschreven in het Routeboek Stadsbomen in Projecten, bijlage bij de Nota Stadsbomen (2021, RIS307827). Dit stedelijk beleid met betrekking tot bomen is ook voor Zuidwest leidend, en hoeft dus niet apart in de Structuurvisie te worden vastgelegd. In dit routeboek en de bijbehorende documenten wordt inderdaad onderscheid gemaakt in de verschillende klassen van boomgroottes. De waarde van bomen en bomengroepen wordt geïnventariseerd bij fysieke ontwikkelingen (Planbeoordeling Haagse Bomen). In de ontwerpfase wordt een BomenEffectAnalyse (BEA) opgesteld en worden de kansen voor de natuur geïnventariseerd (natuurkansenscan). Behoud is het uitgangspunt. Wanneer dit niet mogelijk is, gaan we uit van verplaatsing. Wanneer ook verplaatsen onmogelijk is en kappen onvermijdelijk, is de afspraak op een goede wijze te compenseren. Er moeten bomen in dezelfde categorie terugkomen. Met het opstellen het bomenbeleid heeft de gemeente een methode ontwikkeld die uitgaat van kroonoppervlak. Het beleid is +5% toe te voegen en het totale kroonoppervlak in de stad te vergroten. In het kader van natuurinclusief bouwen is het stimuleren van groen en bomen op daken en garages wel wenselijk en een uitgangspunt, maar worden zij niet meegeteld voor de referentienorm.

De teksten over de bomen zijn aangescherpt in paragraaf 5.7 van de structuurvisie en in hoofdstuk 3 van het Ruimtelijk raamwerk. Als uitgangspunt voor het Voorzieningenprogramma geldt de nota Haagse Referentienormen maatschappelijke voorzieningen. In Zuidwest zijn inderdaad ook andere voorzieningen nodig dan de norm. In het Voorzieningenprogramma staat: op pagina 25: Samenwerking tussen kennisinstellingen en (plaatselijke) bedrijven wordt aangemoedigd ten behoeve van talentontwikkeling en een betere aansluiting van de opleidingen op de arbeidsmarkt. Door de nabijheid van het Haga ziekenhuis, de Haagse Hogeschool in deSportcampus en ROC Mondriaan (Meppelweg) is samenwerking op het gebied van zorg & gezondheid kansrijk. Samenwerking tussen ROC-Mondriaan Techniek Innovatie Huis, ZKD-bedrijven en de lokale ondernemers biedt leer-, werk- en innovatiemogelijkheden op het gebied van maak & bouw. op pagina 32: Volgens de referentienorm is per stadsdeel één centrum voor Jeugd en Gezin voldoende. Omdat stadsdeel Escamp meer bewoners heeft dan een gemiddeld stadsdeel en bovendien veel uitgestrekter is, volstaat één CJG niet bij de verwachte groei met 10.000 woningen. Daarom wordt voorgesteld één of twee satellietlocaties op een strategische plek in het stadsdeel toe te voegen.

op pagina 36: Aandacht voor en zichtbaarheid van kunst en cultuur dragen ook bij aan een gevoel van trots op de wijken. Initiatieven van toonaangevende instellingen (Kunstmuseum, Mauritshuis, Museon/Omniversum) met een uitstraling die verder reikt dan Zuidwest kunnen dit gevoel verder versterken. Samen met het Kunstmuseum worden de mogelijkheden verkend om bewoners in aanraking met kunst te brengen.

13

Gevolgen voor de structuurvisie/ bijlagen Geen aanpassing

Gevolgen voor de M.E.R. Geen aanpassing

Wel aanpassing (zie paragraaf 5.7 van de Structuurvisie en hoofdstuk 3 van het Ruimtelijk Raamwerk)

Geen aanpassing

Geen aanpassing

Geen aanpassing

Nota van beantwoording zienswijzen Structuurvisie en Milieueffectrapportage Den Haag Zuidwest Datum zienswijze

Indiener

Nr.

Paragraaf zienswijze

2a.18

2a.19

Zienswijze

Wijst op het belang om bij grote gebiedsontwikkelingen de leefbaarheid voor bewoners in het oog te houden. Tip: Neem bepaling h. uit de structuurvisie voor het CID over in de structuurvisie Zuidwest: “Bij de vaststelling van de structuurvisie Zuidwest in de raadsvergadering van (datum) (RIS…) heeft de raad het college opgedragen bij de uitvoering als volgt te werk te gaan: bij alle ontwikkelingen de leefbaarheidseffecten (waaronder voorzieningen) in de bestaande wijken te inventariseren en bij negatieve effecten voorafgaand (eventueel als onderdeel van het bouwproject) mitigerende maatregelen te nemen.” Is van mening dat de gemeente bij het vaststellen van de noodzakelijke voorzieningen niet alleen moet uitgaan van de extra voorzieningen nodig bij toevoeging van 10.000 woningen, maar ook rekening moet houden met de huidige evt. tekorten aan voorzieningen. Ook v.w.b. leefbaarheid moet de gemeente eerst via een nulmeting de huidige situatie – dus vóór verdichting in beeld brengen. Tips: Meet de huidige situatie inzake leefbaarheid vóór toevoeging van extra woningen (nulmeting). Lijst de problemen met leefbaarheid op en geef daarbij de oplossingen aan. Lijst op waar de wijk nu al te weinig voorzieningen heeft & dit voor er verder gebouwd wordt. (= Maak een ‘nulmeting’ voor voorzieningen in de wijk.) Bereken hoeveel voorzieningen er moeten bijkomen op basis van die tekorten.

2a.20

Verwijst naar de opmerking in de structuurvisie dat de gemeente in ZW weinig grond bezit en de mogelijkheden om via grondbeleid de gewenste voorzieningen te realiseren daarom beperkt zijn. Is van mening dat de gemeente hiervoor ook oplossingen moet bedenken en noemen. Tips: • Noem niet alleen het gebrek aan grondbezit van de gemeente in Den Haag Zuidwest. Noem ook voor elke voorziening concreet de oplossingen. • Geef de grondpositie van de gemeente betr. Zuidwest. • Geef aan welke voorzieningen in de lopende “projecten” in Zuidwest contractueel zijn opgelegd. • Integreer in elk bouwproject in Zuidwest een aantal van de voorzieningen die op de lijst van maatschappelijke voorzieningen staan. • Leg bij elk toekomstig “project” met corporaties en/of private ontwikkelaars de realisatie van de voorzieningen contractueel vast.

Beantwoording gemeente De gemeente onderzoekt de mogelijkheid om elke wijk te voorzien van een openluchtpodium/ muziekkoepel in de openbare ruimte om zo een laagdrempelig podium voor talent te bieden. Dit kan bijdragen aan meer ontmoeting en levendigheid in de wijk. Door te investeren in de totstandkoming van betaalbare (verzamel)gebouwen ontstaat ruimte voor kleinschalige bedrijvigheid en voor de creatieve sector, waar huurders elkaar en de buurt kunnen inspireren of zelfs versterken. De herstructurering biedt kans de tijdelijk leegstaande panden te benutten voor onderzoek, ontwikkeling en experimenten van kunstenaars en mensen uit de buurt. De leefbaarheid en levendigheid in herstructureringswijken wordt hiermee versterkt. De ruimtes kunnen ook dienen als expositieruimte of als plek voor kunstonderwijs. In het Nationaal programma Zuidwest (Leefbaarheid en Veiligheid) wordt dit aspect integraal meegenomen. In de Regiodeal projecten wordt hier op kleinere schaal in Zuidwest al uitvoering aan gegeven. In de uitvoering zal het onderwerp Leefbaarheid en de afspraken daarover met partners meegenomen worden op wijkniveau in de wijkagenda's.

Gevolgen voor de structuurvisie/ bijlagen

Gevolgen voor de M.E.R.

Geen aanpassing

Geen aanpassing

De gemeente is het daarmee eens. Daarom is in het Voorzieningenprogramma het huidige aanbod per thema in kaart gebracht en beoordeeld. De getalsmatige tekorten en overschotten met betrekking tot onderwijs zijn opgenomen in het Integraal Huisvestingsplan Onderwijs en zijn in het voorzieningenprogramma als uitgangspunt meegenomen. Voor de sportvelden is de bespelingsnorm die sinds 1997 gebruikt wordt om sportvelden doelmatig te benutten als uitgangspunt genomen en heeft het Integraal Huisvestingsplan Sport als leidraad gediend. Het Integraal Huisvestingsplan voor Cultuur en Bibliotheken heeft als input voor de beoordeling van het aanbod en van de behoefte aan culturele voorzieningen op de langere termijn (tot 2032) gediend.

Geen aanpassing

Geen aanpassing

Zie antwoord 1.12

Geen aanpassing

Geen aanpassing

14

Nota van beantwoording zienswijzen Structuurvisie en Milieueffectrapportage Den Haag Zuidwest Datum zienswijze

Indiener

Nr.

Paragraaf zienswijze 2a.21

2a.22

2a.23

2a.24

Zienswijze

Beantwoording gemeente

Wijst erop dat de gemeente in de structuurvisie te pas en te onpas de plint (gelijkvloers van flatgebouw) noemt als gewenste locatie voor voorzieningen. Vindt dat gemeente kritisch moet kijken naar de praktijk, omdat plinten regelmatig leeg staan of weinig kwaliteitsvolle of rendabele activiteit bevat. Wijst erop dat de plint een geschikte plaats voor bepaalde voorzieningen kan zijn mits daarbij is voorzien in parkeren voor gebruikers, maatregelen tegen geluidsoverlast of andere hinder, toegankelijkheid van het flatgebouw. Adviseert de gemeente na te denken over andere mogelijkheden om de woonwijken te verlevendigen, bijv. met een combinatie van vrijstaande voorzieningen (scholen, een sporthal, jeugdhonken).

Maatschappelijke en commerciële voorzieningen in de plint van woongebouwen dragen bij aan een levendige en aantrekkelijke leefomgeving. Hoe groter het aantal en hoe gevarieerder de gebruikers van een gebied, hoe beter een gebied economisch, sociaal en maatschappelijk functioneert. Straten met verschillende functies in de plint zorgen voor verschillende gebruikers en gebruiksmomenten gedurende de dag en de week.

In de voorzieningennota bij de ontwerp-structuurvisie wordt vermeld dat nog niet voorzien is in gemeentelijke financiering van de ambities. Tips: • Voorzie in financiering van alle geplande voorzieningen. • Maak de structuurvisie leidend t.o.v. andere beheersmechanismen zoals bv. onderwijsinfrastructuurplannen. Vindt dat bij de planuitwerking eerst aandacht besteed moet worden aan inrichting van de buitenruimte – groen, sportvelden - vrijstaande maatschappelijke voorzieningen en openbaar vervoer, en pas daarna aan woningbouw. Vindt dat de verantwoordelijk wethouder bij bestuurlijk besluit controlemomenten voor gemeenteraad en bewoners moet vastleggen, zodat raad en bewoners nauwer betrokken worden bij de planuitwerking.

Gevolgen voor de structuurvisie/ bijlagen Geen aanpassing

Gevolgen voor de M.E.R. Geen aanpassing

De vaak genoemde en daardoor meest voor de hand liggende voorzieningen die in de plint gerealiseerd kunnen worden zijn culturele functies, welzijnsfuncties, ontmoetingsplekken voor bewoners en ruimte voor lokale ondernemers. Evenwel moet steeds worden afgewogen of een voorziening in de plint past in de omgeving (bewoners, bebouwing etc.) waarbij de voorziening een duidelijke meerwaarde moet opleveren, en tot meer dient dan alleen het vullen van leegstand of niet rendabele delen van een locatie. Een culturele functie bij voorbaat in de plint is in dat verband niet effectief voor de culturele voorziening noch voor de verhuurder. Een integrale kindvoorziening in de plint met woningen erboven ligt minder voor de hand. In zo’n geval is extra aandacht nodig voor het voorkomen van geluidsoverlast. In het Integraal Huisvestingsplan Onderwijs worden daarom alleen in hoogstedelijke gebiedsontwikkelingen (CID) mogelijkheden gezien om scholen met andere functies in hoogbouw te combineren. Wel zal met het onderwijsveld de mogelijkheid van multifunctioneel ruimtegebruik in bouwblokken worden verkend. Hierbij is het voorkomen van geluidsoverlast en hinder het uitgangspunt. Plintenstrategie (RIS312977) Het college heeft op 23 augustus 2022 de plintenstrategie (RIS312977) aan de raad voorgelegd.

Hierin worden maatregelen voorgesteld om te kunnen sturen op levendige, diverse en inclusieve plinten. uit een ladder van 30 instrumenten waarop de gemeente op verschillende manieren zou kunnen sturen op plintinvulling: van actief (harde sturing) naar passief (zachte sturing). De uitvoering van de plintstrategie vraagt maatwerk: het niveau van overheidsbetrokkenheid (van passief naar actief) hangt af van meerdere factoren zoals (gemeentelijk) eigendom, type gebied en ontwikkeling, prioriteiten (bv. leefbaarheid en betaalbaarheid), doelgroep, aanwezige stakeholders en beschikbare middelen (zoals geld en/of menskracht). Uitgangspunt voor de uitvoering van de plintstrategie zijn maatuitwerkingen per deelgebied en/of ontwikkeling. In deze uitwerking gaat het zowel om het programma als om de ruimtelijke inpassing (de juiste functie op de juiste plek). Dat vraagt om een nadere concretisering per deelgebied en/of ontwikkeling, waarbij afhankelijk van de fase van ontwikkeling en het daarbij behorende (ruimtelijk) document de invulling steeds concreter wordt (ontwikkelvisie, nota van uitgangspunten, planuitwerkingskaders). Een structuurvisie geeft de gewenste ruimtelijke ontwikkeling voor een periode van 20 jaar. Het is onmogelijk en ook niet nodig om voor deze gehele periode op voorhand de financiering te regelen.

Bij planontwikkeling en gebiedsontwikkeling vindt de gemeente het belangrijk dat wonen, voorzieningen, werken, openbare ruimte en mobiliteit integraal en in samenhang ontwikkeld worden. Meestal is een bepaald programma, zoals het toevoegen van woningen of werkruimte, de aanjager van de ontwikkeling. Maar dan wordt die opgave altijd gekoppeld aan de overige opgaven. De structuurvisie geeft de gemeente richting op welke wijze dat gedaan moet worden. Bewonersparticipatie is het uitgangspunt voor gedegen ruimtelijke besluitvormingsprocessen. Deze besluitvorming moet voor de stad en de gemeenteraad transparant zijn, door van het begin tot het einde scherp te maken welke besluiten wanneer worden genomen en in welke fase met welke beslissingsruimte een ontwikkeling zich bevindt. Het college wil ervoor zorgen dat de raad de kaderstellende rol goed kan invullen en bewoners op het juiste moment op de hoogte en betrokken zijn.

15

Geen aanpassing

Geen aanpassing

Geen aanpassing

Geen aanpassing

Geen aanpassing

Geen aanpassing

Nota van beantwoording zienswijzen Structuurvisie en Milieueffectrapportage Den Haag Zuidwest Datum zienswijze

Indiener

Nr.

Paragraaf zienswijze 2a.25

2a.26

Zienswijze

Beantwoording gemeente

Is van mening dat de ontwerp-structuurvisie een lijst moet bevatten van alle huidige en toekomstige voorzieningen in Zuidwest voor zover nu bekend inclusief de voorzieningen vermeld in het projectdocument Dreven-GaardenZichten – en de financieringswijze. Vindt dat daarnaast ruimte moet worden gereserveerd voor evt. extra benodigde voorzieningen. Vindt dat voorzien moet worden in sportvelden (met echt gras) conform tenminste de Haagse referentienormen, en dat de sportvelden die nu in het actiegebied verdwijnen moeten worden gecompenseerd.

In het Voorzieningenprogramma zijn de huidige voorzieningen per thema op een kaart weergegeven. De benodigde toekomstige voorzieningen staan in de tabel op pagina 4. Een overzicht van de huidige voorzieningen, voorzieningen die als gevolg van de herstructurering (tijdelijk) vervallen en de nieuwe voorzieningen maakt daar onderdeel van uit. De monitoringsmethode vormt een dynamisch systeem en is geen onderdeel van de structuurvisie. Zie pagina 43 en 77 van het Voorzieningenprogramma. In de verdichtende stad wordt de uitdaging steeds groter om de ruimte voor buitensport evenredig mee te laten groeien met het aantal inwoners. Om in de schaarste aan ruimte toch voldoende buitensport te realiseren geldt dat de referentienorm nog steeds uitgangspunt is met bijbehorende regels. Daar waar dat niet lukt geldt het compensatieregime volgens het IHP Sport om zo de sportbehoefte te kunnen faciliteren. Om aan de sportbehoefte te kunnen voldoen is het belangrijk de beschikbare ruimte optimaal te benutten. Hier dragen velden voorzien van kunstgras aan bij omdat deze intensiever bespeeld kunnen worden dan echte grasvelden. Belangrijk uitgangspunt voor de structuurvisie is dat het groene karakter van Zuidwest behouden blijft en versterkt wordt. Er worden geen woningen toegevoegd in de hoofdgroenstructuren van Zuidwest.

Uitgangspunt voor de Uithof is dat het groene karakter behouden blijft en versterkt wordt, dat de ecologische structuren robuuster worden, dat het gebied aantrekkelijker wordt voor recreatie en dat verbindingen ernaartoe verbeterd worden. Toevoegen van leisure kan alleen aan en rondom het Uithof complex, onder de voorwaarde dat het parkeren anders opgelost wordt en groenstructuren worden versterkt. Goede bereikbaarheid van leisure-programma is voorwaardelijk voor de ontwikkeling. Op dit moment wordt samen met de sportverenigingen en buurtorganisaties gewerkt aan een ontwerp om het sportcomplex Escamp I te optimaliseren, waar ook ruimte komt voor een vrij te gebruiken sportieve inrichting. De structuurvisie geeft de gewenste ruimtelijke ontwikkeling voor een periode van 20 jaar. De gemeente onderschrijft de genoemde onderwijsdoelstellingen. Op pagina 23 van het Voorzieningenprogramma verwoordt de gemeente dit als volgt: Ieder kind moet dezelfde kansen krijgen om zijn of haar talenten te ontwikkelen. De eerste jaren zijn daarvoor van cruciaal belang. Met het oog op kansengelijkheid zetten we in op het versterken van het binnenschools en buitenschools leren, het uitbreiden van leertijd, de brede talentontwikkeling van kinderen en het betrekken en ondersteunen van ouders.

In het Voorzieningenprogramma krijgt deze ambitie een ruimtelijke vertaling (pagina 23): De ambitie is dat in totaal tien IKC’s (Integrale kindcentra) worden gerealiseerd tot 2040. Door de kindcentra zo veel mogelijk te combineren met sport-, zorg- en culturele voorzieningen ontstaat de gewenste kruisbestuiving. Een voorbeeld hiervan is de Gezonde school: een school waar wordt gewerkt met kinderen aan een gezonde leefstijl. In het kader van de Gezonde school onderzoeken we kansen in combinatie met ruimte voor een moestuin, sportvelden en een lunchroom. De nabijheid van een gezonde lunchroom/kantine waar ouders na het brengen van hun kinderen kunnen samenkomen kan een rol spelen bij de gezonde levensstijl en de sociale cohesie vergroten. Daarnaast nodigen we scholen uit mee te doen aan pilots voor een Familieschool, een school waar leerlingen breed leren en waarbij ouders intensief betrokken zijn. Met betrekking tot het sluiten van scholen heeft de gemeente geen bevoegdheid. Het besluit tot het beëindigen van het bekostigen respectievelijk het opheffen van de school voor basisonderwijs is de autonome bevoegdheid van de minister. De voorwaarden die van toepassing zijn voor het opheffen van een school voor basisonderwijs zijn opgenomen in afdeling 9 ‘Beëindiging van de bekostiging’, artikel 153 en 154 van de Wet op het primair onderwijs.

Het aantal van vier extra basisscholen is gebaseerd op het uitgangspunt van 10.000 woningen, de referentienorm voor basisscholen, de bezetting van het huidige aanbod van basisscholen en de bevolkingsprognose.

2a.27

Vindt dat sport- en ontspanningscentrum De Uithof niet groter moet worden, omdat dit leidt tot meer (verkeers-)drukte in het park en het verdwijnen van groen. Vindt dat ook Zuiderpark en andere parken in het gebied groen moeten blijven. Tip: maak in de wijk een speelplek met groen en open water voor wat oudere kinderen.

2a.28

Vindt dat de visie op onderwijs kansengelijkheid in het onderwijs als uitgangspunt moet hebben, en noemt als voorwaarden: • Inzet van kwalitatief goede leraren en schoolleiders. • De kwaliteit van het onderwijs heeft prioriteit. • De kinderen krijgen extra zorg en ondersteuning waar nodig. • Het onderwijs vergroot de belevingswereld van de kinderen. Dat betekent ook: de wijk uit! • Scholen en ouders ondersteunen elkaar. Vindt dat aanvullende acties moeten worden ondernomen om • Kwalitatief goede leraren en schoolleiders voor het gebied te behouden, en • te voorkomen dat scholen ten onrechte worden gesloten door kritisch de bezettingsgraad en -prognose te onderzoeken en de resultaten af te stemmen met de schoolbesturen.

2a.29

Vindt dat onduidelijk is waarop de keuze voor vier extra basisscholen is gebaseerd. Tips: • Ga op basis van planologisch onderzoek na hoeveel nieuwe basisscholen er moeten komen.

16

Gevolgen voor de structuurvisie/ bijlagen Geen aanpassing

Gevolgen voor de M.E.R. Geen aanpassing

Geen aanpassing

Geen aanpassing

Geen aanpassing

Geen aanpassing

Geen aanpassing

Geen aanpassing

Geen aanpassing

Geen aanpassing

Nota van beantwoording zienswijzen Structuurvisie en Milieueffectrapportage Den Haag Zuidwest Datum zienswijze

Indiener

Nr.

Paragraaf zienswijze

Zienswijze •

2a.30

2a.31

2a.32

2a.33

Bedenk hoe kan worden voorzien in de benodigde leraren.

Vindt dat, als gymzalen en schoolpleinen van scholen buiten schooltijden voor anderen toegankelijk zijn, de gemeente het beheer en onderhoud van deze ruimtes moet betalen. Vindt dat – als besloten wordt in Zuidwest voortgezet onderwijs toe te voegen - dit een (vrijstaande) HAVO/Vwo-school zou moeten zijn (voor leerlingen uit Zuidwest en daarbuiten); evt. benodigd extra VMBO/praktijkonderwijs zou elders in Den Haag moeten worden gevestigd. Vindt dat in Zuidwest volwassenenonderwijs moet komen in taal, rekenen, ICT (aan volwassenen met verschillende vooropleiding).

Vindt dat in Zuidwest meerdere vrijstaande, duurzame jeugdhonken moeten worden gebouwd als sociaal-culturele ontmoetingsplaatsen waar jongens en meisjes zich kunnen ontspannen, kunnen leren organiseren en verantwoordelijkheid nemen.

Beantwoording gemeente De gemeente kan geen directe invloed uitoefenen op het aantrekken van leraren. Wel heeft de gemeente invloed op andere aspecten, zoals het realiseren van betaalbare woningen en een prettige leefomgeving. Dit kan ook voor leraren aantrekkelijk zijn. Maatregel 6, één van de Top10 maatregelen van de brede programma aanpak Zuidwest, is een maatregel om met voorrang docenten in Zuidwest te huisvesten. Met een pilot onderzoekt de gemeente wat de mogelijkheden zijn voor de sociale huurwoningen en de middeldure huurwoningen. Schoolbesturen zijn als juridisch eigenaar verantwoordelijk voor de exploitatie en de instandhouding van gebouwen. Bij verhuur ontvangen zij ook de opbrengsten. De gemeente heeft hierin dus geen rol. In het Voorzieningenprogramma wordt de ruimtelijke opgave voor een VO-school benoemd. Bij uitwerking van deze ruimtelijke opgave zullen zowel de eisen en wensen van de school als de mogelijkheden binnen Zuidwest in acht worden genomen. Ook voor volwassenenonderwijs zijn goede voorzieningen belangrijk. Het ROC Mondriaan biedt dit op verschillende locaties aan: Op de Waldorpstraat 120 kan men Nederlands voor beginners zowel overdag als ’s avonds volgen. Op 23 augustus 2022 is ROC Mondriaan ook van start gegaan aan de Meppelweg.

Het ROC ambieert hier buiten de reguliere schooltijden taaltrajecten voor inwoners van Den Haag Zuidwest aan te gaan bieden. Daarnaast verzorgt het ROC op basisscholen en in buurthuizen onderwijs aan volwassenen. Deze locaties vormen de meer laagdrempelige plekken, doordat ze vertrouwd en in de buurt zijn. Tegelijkertijd mag de belangrijke bijdrage van bevlogen vrijwilligers in de bibliotheken niet over het hoofd worden gezien. De bibliotheken Moerwijk, Escamp en Bouwlust bieden (digi)taalaanbod, zoals Taal in de Bibliotheek (een activiteit om spreekvaardigheid te oefenen met een goedgetrainde en begeleide vrijwilliger als moderator. Deelnemers oefenen samen in kleine groepjes de Nederlandse taal om nog beter Nederlands te leren spreken). Deze drie vestigingen bieden ook een (digi)taal spreekuur. Bij het spreekuur kunnen klanten terecht voor hulp bij digitale overheid (Digi-D en Coronacheck-app), hulp bij taal (moeilijke brieven, taalcursus), hulp bij smartphone, tablet of computer (internetbankieren, videobellen, Klik & Tik). Ook worden er in de vestigingen diverse computercursussen geboden, die zowel ondersteunend zijn aan de taal als digitale ontwikkeling. Dit gaat ook onder begeleiding van een vrijwilliger. Rekenen is een veelgehoorde behoefte. Daarom wordt bekeken hoe en of dit in de bibliotheken kan worden aangeboden.

Tot slot steunt de gemeente diverse initiatieven in Zuidwest van stichtingen die zich richten op educatie voor specifieke groepen volwassenen. De gemeente noemt hier graag de jongerenhub aan de Van Baerlestraat in Moerwijk als voorbeeld van de wijze waarop het college oog heeft en houdt voor ontmoetingsplekken voor jongeren. Op de Van Baerlestraat is in de voormalige fietsenwinkel een jongerenhub geopend: van, voor en door jongeren. Hier is een groep meiden een bedrijf gestart met een schaafijskar, die ze zelf op de locatie hebben gemaakt en waarmee ze nu op festivals en evenementen te vinden zijn. Er zijn jongeren actief die plantenbakken maken voor in de wijk, de buurtbroeders gaan een bedrijf starten en samen met het Roemer Visschercollege komt er onderwijs op het gebied van economie en ondernemen. Het jongerenpunt070 werkt vanuit deze plek, het JIT heeft plannen. Er komt een voorziening voor huiswerkbegeleiding en plek om te chillen. Jongeren uit de wijk zijn hier ‘in the lead’ voor de invulling, het logo, de communicatie, etc. Jongerenwerk en sociaal ondernemers hebben een coachende rol. In 2021 heeft het stadsdeel Escamp meerdere gesprekken gevoerd met woningbouwcorporaties, politie, jongerenwerkers, jongeren, moeders en coördinatoren van de buurtkamers. Daaruit heeft het stadsdeel Escamp geconstateerd dat de behoefte aan een jongerenplek zeer groot is.

Deze geluiden worden vanuit het stadsdeel Escamp zeer serieus genomen in de afweging om een of meer panden te realiseren. Bij uitwerking van de ruimtelijke opgave zullen we zowel de wensen van de jongeren als de mogelijkheden binnen Zuidwest in acht nemen.

17

Gevolgen voor de structuurvisie/ bijlagen

Gevolgen voor de M.E.R.

Geen aanpassing

Geen aanpassing

Geen aanpassing

Geen aanpassing

Geen aanpassing

Geen aanpassing

Wel aanpassing (zie pagina 31 in Voorzieningenprogramma)

Geen aanpassing

Nota van beantwoording zienswijzen Structuurvisie en Milieueffectrapportage Den Haag Zuidwest Datum zienswijze

Indiener

Nr.

Paragraaf zienswijze

Zienswijze

2a.34

Stelt voor in Zuidwest een gesubsidieerde academie voor muziek, dans, woord en beeld zou moeten worden gevestigd t.b.v. identiteitsvorming, kunstbeleving, ontmoeting, samenlevingsopbouw, vrijetijdsbesteding en buitenschools leren.

2a.35

Betwijfelt of extra kiosken toevoegen handig is gelet op het risico van overlast. Vindt dat een geschikte locatie beschikbaar moet komen voor wijkpolitie.

2a.36 2a.37

Vindt dat in de ontwerp structuurvisie de gemeentelijke keuzes m.b.t. mobiliteit onvoldoende zijn uitgewerkt. Verzoekt de gemeente de mobiliteitsvisie op te nemen voor personen- en goederenvervoer tussen wijken en daarbuiten.

2a.38

Wijst erop dat ook bij autobezit van 0,4 per woning er met de bouw van extra woningen en het verder uitbouwen van De Uithof veel extra auto’s in Zuidwest bijkomen. Verwacht daardoor verkeersopstoppingen op o.a. Erasmusweg en Lozerlaan.

2a.39

Verzoekt de gemeente om voor de beoogde deelmobiliteit in de wijken waar verdicht wordt: • de toegankelijkheid van deelmobiliteit te garanderen voor mensen met een verschillende beurs. • in de structuurvisie te vermelden van welk % deelmobiliteit de gemeente uitgaat, en hoe men tot dit % komt. • uit te leggen welk effect dat % heeft op het aantal parkeerplaatsen. • uit te leggen wat de relatie is met de onlangs vastgestelde Nota Parkeernormen. • voorbeelden te geven van plekken waar dit % deelmobiliteit gerealiseerd wordt en daarbij te vermelden in welke context dat gebeurt en welke voorbereidende maatregelen vooraf werden genomen. • aan te geven hoe de gemeente de inwoners gaat overtuigen van het voordeel deelmobiliteit zolang deze duurder blijft dan de eigen auto. • te beslissen vanaf welk % deelmobiliteit de gemeente overgaat tot het bouwen van minder huizen omdat de mobiliteit – een basisrecht – niet gegarandeerd kan worden.

2a.40

Vindt dat het toevoegen van woningen gepaard moet gaan met substantieel beter openbaar vervoer. Verzoekt de gemeente de gemaakte keuzes t.b.v. verbetering van het OV in de structuurvisie uit te werken incl. financiering, realisatietermijn en samenwerkingspartners, in plaats van te verwijzen naar andere beleidsstukken/plannen.

2a.41

Adviseert de gemeente de OV-verbinding ook te verbeteren tussen Zuidwest en resp. Westland en Rotterdam (incl. haven Rotterdam) i.v.m. de werkgelegenheid daar voor bewoners van Zuidwest. Verzoekt gemeente te verduidelijken welke stukken behorend bij de vrijgave voor inspraak (RIS312245) bij resp. visie en M.E.R. horen.

2a.42

Beantwoording gemeente In Cultuuranker Dakota kunnen bewoners genieten van (jeugd)theater, dans, film, literatuur, muziek of cabaret. Muziekschool Zuid57 (onderdeel van de Volksuniversiteit Den Haag) geeft cursussen en workshops aan kinderen en volwassenen op het gebied van muziek, dans/bewegen, theater, beeldende kunst en taal. Dit zijn evenwel aanknopingspunten om mede gegeven de toename van het aantal inwoners de huidige voorzieningen uit te breiden, bijvoorbeeld in de vorm van een multidisciplinaire academie voor kunst en cultuur. In de structuurvisie, als ook in het voorzieningenprogramma, staat niets opgenomen over kiosken. Daarvoor geldt het kioskenbeleid (Nota Markten, straathandel en kiosken, RIS283882). Den Haag Zuidwest heeft zeven wijkagenten die telefonisch en via sociale media te bereiken zijn. Hun standplaats is deels Bureau Zuiderpark en deels Bureau Beresteinlaan. De structuurvisie gaat in op Den Haag Zuidwest en sluit aan op overkoepelend beleid voor mobiliteit voor heel Den Haag. De belangrijkste beleidsstukken waarin het Haagse mobiliteitsbeleid en de mobiliteitsvisie zijn vastgelegd zijn de Strategie Mobiliteitstransitie Den Haag 2040 (RIS311098), Ruim baan voor de Fiets (RIS302960), de kadernota straten, wegen en lanen (RIS280303) en de strategie Parkeren (RIS308711). Ook wordt er gewerkt aan een nieuwe netwerkvisie voor de hele stad. In de M.E.R.

die hoort bij de structuurvisie zijn modelberekeningen gedaan om te bepalen of de bestaande wegen het extra verkeer als gevolg van de nieuwbouw kunnen verwerken. Hieruit bleek dat het wegennet het extra verkeer kan verwerken, mits er ook ingezet wordt op een mobiliteitstransitie en een aantal aanpassingen aan het wegennet zoals een ongelijkvloerse kruising Erasmusweg/Lozerlaan. Bij verdere uitwerking van de plannen zal aan de hand van verkeersonderzoek moeten worden aangetoond wat de effecten zijn op omliggende relevante wegen. Wat betreft de norm 0,4 wordt verwezen naar het antwoord onder thema 1. In de Nota Parkeernormen (RIS309940) is vastgelegd welke percentages deelmobiliteit gehanteerd mogen worden, en onder welke voorwaarden. In deze nota is ook de motivatie voor de gekozen norm en deelmobiliteit opgenomen. Het percentage deelmobiliteit kan dus per project verschillen. Op dit moment zijn er in Den Haag nog geen grote projecten met hoge percentages (>20%) deelmobiliteit gerealiseerd. Als er een aanvraag voor een ontwikkeling komt, zal deze altijd moeten voldoen aan de uitgangspunten van de nota.

Gevolgen voor de structuurvisie/ bijlagen Geen aanpassing

Geen aanpassing Geen aanpassing Geen aanpassing

Gevolgen voor de M.E.R. Geen aanpassing

Geen aanpassing Geen aanpassing Geen aanpassing

Geen aanpassing

Geen aanpassing

Geen aanpassing

Geen aanpassing

De gemeente doet momenteel in het kader van de Schaalsprong OV (beter openbaar vervoer) onderzoek naar de verbetering van het OV in, naar en van Zuidwest en de verbinding met de regio, waaronder Westland. In 2023 zal nader onderzoek in de vorm van een pre-verkenning starten. De structuurvisie geeft de ruimtelijke ontwikkeling van Zuidwest weer. Het OV overstijgt ruimschoots het gebied Zuidwest en daarmee worden keuzen ten aanzien van het OV juist in andere plannen/beleidsstukken bepaald. Zie antwoord 2a.40.

Geen aanpassing

Geen aanpassing

Geen aanpassing

Geen aanpassing

De stukken die behoorden bij de inspraak waren conform de inspraakreactie, namelijk:

Geen aanpassing

Geen aanpassing

Bij de projecten in Zuidwest is aandacht voor de betaalbaarheid en toegankelijkheid van deelmobiliteit. Hiervoor komt een toetsingskader. Er wordt verder gekeken dan alleen de deelauto, dus ook naar (elektrische) deelfietsen, deelscooters en bakfietsen.

18

Nota van beantwoording zienswijzen Structuurvisie en Milieueffectrapportage Den Haag Zuidwest Datum zienswijze

Indiener

Nr.

Paragraaf zienswijze

Zienswijze

Beantwoording gemeente

2a.43

Wijst erop dat de in de bijlagen bij de visie opgenomen kaartjes niet goed leesbaar zijn, wat de beoordeling ervan i.h.k.v. inspraak bemoeilijkt. Verzoekt de gemeente van deze kaartjes duidelijke versies digitaal beschikbaar te stellen.

- de structuurvisie (deze heeft als stukken ter onderbouwing 1. Het Voorzieningenprogramma. 2. Het Ruimtelijk Raamwerk en 3. de Kansenkaart). - de M.E.R., deze heeft ook een aantal onderzoeken als bijlagen ter verduidelijking/ onderbouwing. Zodra de gemeenteraad de structuurvisie Zuidwest heeft vastgesteld volgt een publicatie daarvan. In die publicatie zal duidelijk worden aangegeven welke stukken bij de structuurvisie horen en welke bij de M.E.R. De afbeeldingen en kaarten in de structuurvisie en het Ruimtelijk raamwerk zijn in het originele bestand van goede kwaliteit. Bij de kansenkaart zijn de kaarten soms wat klein, maar er is in het digitale document de mogelijkheid om door te klikken naar een groter formaat achter in het boekje.

2a.44

Verzoekt de gemeente onderstaande punten te verduidelijken: Noem de toekomstige status van de volkstuinen. Deze kan niet van de kaarten worden afgelezen. Ook tellen de volkstuinen blijkbaar niet mee als groen.

2a.45

Structuurvisie blz. 9 “Iedere buurt een eigen karakter”: Definieer het karakter dat iedere buurt zal krijgen, ondanks dat dezelfde projectontwikkelaars grote delen van de wijk bouwen.

2a.46

Structuurvisie blz. 11 “Er zijn buurten bouwblokken en gebouwen die cultuurhistorisch waardevol zijn. Als er woningen worden gesloopt en/of toegevoegd dan moeten we rekening houden met deze waarden.” Schrap de tweede zin en voeg toe: “Deze waarden moeten behouden blijven.

2a.47

Structuurvisie blz. 48 “Doorstromers zijn mensen die binnen Zuidwest willen verhuizen naar een grotere woning.” Definieer mensen die willen doorstromen naar een kleinere, nieuwere woning of een woning op een lagere verdieping. Structuurvisie blz. 54 over “binnentuinen als ontmoetingsplek”. Het is mooi als andere buurtgenoten ook gebruik kunnen maken van de binnentuinen. Maar de binnentuinen die in de Dreven, Gaarden en Zichten komen, daar staat een hek omheen, hetgeen niet echt uitnodigt voor andere buurtbewoners om er doorheen te wandelen. Ook worden veel binnengebieden verhoogd aangelegd i.v.m. het half ondergronds parkeren. De tuin is dan voor niet bewoners alleen via een trap te bereiken en dus niet of nauwelijks toegankelijk voor minder validen, rolstoelgebruikers en mensen met kinderwagens. Advies: Maak deze tuinen maximaal toegankelijk voor passanten. Maak daar ook een soort van hellingbaan voor die gebruikers.

2a.48

In de structuurvisie worden geen voorstellen gedaan om de status van de bestaande volkstuinen te veranderen, deze worden dus gehandhaafd. Ze tellen niet mee in de referentienorm voor openbaar groen (net zoals sportvelden, de grote groengebieden Zuiderpark, Uithof en ecologische zone en corporatiegroen), maar dat betekent niet dat ze geen belangrijke functie vervullen. In de kaarten zijn de bestaande volkstuinen duidelijker aangegeven. In de kaarten in de structuurvisie is de status van de volkstuinen verduidelijkt (zie kaarten hoofdstuk 5 Prettig samenleven, par. 5.6. Groene, stedelijke leefomgeving, par. 5.7. Gezonde groene en duurzame leefomgeving, en de Integrale visiekaarten in hoofdstuk 6). De structuurvisie heeft een bepaald abstractieniveau. Dat betekent dat er op buurtniveau niet wordt ingegaan op hoe bijvoorbeeld het karakter van verschillende buurten is of moet worden. In het nog op te stellen kwaliteitsplan en voor de beeldkwaliteitsplannen voor de gebieden zal nader worden ingegaan op wat de karakters van de verschillende buurten zijn. Het is inderdaad van belang om met de cultuurhistorische waarden rekening te houden. Het is namelijk bepalend voor de kwaliteit en het karakter van de wijk.

In de plannen voor de vernieuwing van de woningen is het behoud van de cultuurhistorische waarden een groot aandachtspunt, echter kan er niet gesteld worden dat alle cultuurhistorische waardevolle gebouwen/bouwblokken behouden kunnen blijven. Dit hangt af van de andere afwegingen die ook in het gebied gemaakt moeten worden (mogelijkheid tot verduurzamen, leefbaarheid, etc.), zoals opgenomen in het kansenkaart boekje, zie hoofdstuk 5.4. Doorstromers zijn bewoners in Zuidwest die willen doorstromen naar een andere woning in Zuidwest die voor hun "nieuwe"' situatie passend en geschikt is. Veranderingen in de woningbehoefte van de doorstromers zijn bijvoorbeeld een ander inkomen of gezinssamenstelling of de behoefte aan een toegankelijke woning. De gemeente onderschrijft de constatering dat de binnentuinen tot de kernkwaliteiten van Zuidwest behoren. De binnentuinen zijn bij voorkeur openbaar toegankelijke ontmoetingsplekken, maar kunnen bij onvoldoende ‘eigenaarschap’ van de omwonenden inderdaad ook overlast genereren. In sommige gevallen kan afsluiting wenselijk zijn. Daarbij zijn er verschillende typen binnentuinen (wel of niet onderdeel van een belangrijke looproute, wel of niet op het dak van een parkeergarage).

We stellen daarom voor in een nadere uitwerking samen met de corporaties gedetailleerder te benoemen welke binnentuinen altijd openbaar toegankelijk zouden moeten zijn (en onder welke voorwaarden), en welke (in ieder geval in de avond/nacht) afgesloten kunnen worden. De exacte manier van toegankelijkheid voor minder validen wordt in de projecten verder uitgewerkt, dat is te gedetailleerd voor de structuurvisie, maar de verhoogde binnentuinen zullen ook meestal met een lift bereikbaar zijn voor de bewoners. Een hellingbaan neemt in de meeste gevallen te veel ruimte in.

19

Gevolgen voor de structuurvisie/ bijlagen

Gevolgen voor de M.E.R.

Geen aanpassing

Geen aanpassing

Wel aanpassing (zie kaarten in hoofdstuk 5 en 6 van de Structuurvisie)

Geen aanpassing

Geen aanpassing

Geen aanpassing

Geen aanpassing

Geen aanpassing

Wel aanpassing

Geen aanpassing

Wel aanpassing (zie tekst Structuurvisie 5.1 en Ruimtelijk Raamwerk 5.4)

Geen aanpassing

Nota van beantwoording zienswijzen Structuurvisie en Milieueffectrapportage Den Haag Zuidwest Datum zienswijze

Indiener

Nr.

Paragraaf zienswijze

Zienswijze

Beantwoording gemeente

2a.49

Structuurvisie blz. 110 Morgenstond. “Het gebied tussen Loevesteinlaan en de Leyweg (… ) aantal hoge gebouwen. Ook rondom belangrijke OV-haltes in het gebied kan verdicht worden.” Definieer “belangrijke OV-halte”? Dit is gewoon het samenkomen van twee trambanen nl. 9 en 16.

2a.50

Structuurvisie blz. 114 Bouwlust. “Stedenbouwkundige opzet is rationeel en seriematig, de zogeheten “stempels”.” Definieer “stempels”?

2a.51

Structuurvisie blz. 114 over Bouwlust-Vrederust: “Het verdichten rondom de winkelcentra De Stede en de Ambachtsgaarde (…). De zone langs Meppelweg verdichten met hoogteaccenten. De Erasmusweg verdichten tot een stedelijke rand met hoogteaccenten (…).” Voeg daarbij de reeds goedgekeurde plannen voor Dreven, Gaarden en Zichten en je hebt heel Bouwlust-Vrederust getransformeerd tot hoogbouw. Definieer: waar géén hoogbouw in Bouwlust-Vrederust? Ruimtelijk raamwerk blz. 76 en Structuurvisie blz. 115: De “Dedemsvaartweg als enige verbindingsweg”. De Dedemsvaartweg ligt echter meer tegen Morgenstond aan. Dit komt door de ligging van de sportvelden achter de huizen aan deze straat, waardoor de Dedemsvaartweg in wezen verder van de wijken Bouwlust/Vrederust af ligt dan Morgenstond. Als de Beresteinlaan getransformeerd wordt tot een 30km/u straat met knip om doorgaand verkeer te vermijden, moeten alle wagens uit de wijk de Zichten eerst door de wijk naar de Dedemsvaartweg om daar de wijk te verlaten. Ruimtelijk raamwerk passim “het laten vervallen van parkeerplaatsen” en blz. 91 “(…) en centrale parkeeroplossing zijn daarbij een randvoorwaarde”. Becijfer het totale aantal parkeerplaatsen dat “vervalt” langs de “singels”. Waar wordt een centrale parkeeroplossing als randvoorwaarde voorzien? Dit beleid kan natuurlijk niet gerealiseerd worden bovenop een 0,4 parkeernorm en deelmobiliteit.

Voorzieningennota blz. 64: wat betekent “de gemeente staat aan de lat?”. Wat betekent “ruimtelijke begroting”? Dit is namelijk geen gangbare term. Hoe verstaat de gemeente de term “maatschappelijke grondprijs”? Wat bedoelt de tekstschrijver dus met de zin “De verwerving van deze gronden tegen maatschappelijke grondprijs en de bekostiging van de gebouwen ontbreken vooralsnog in de begroting…” Geldt dit ook voor de voorzieningen bepaald in het projectdocument bijlage 3 en bijlage 4 van de projecten Dreven, Gaarden en Zichten? Welke vaststaande afspraken zijn er hiervoor gemaakt t.a.v. het voorzieningenniveau in de samenwerking tussen Heijmans, Staedion en de gemeente? Onderzoek is niet wetenschappelijk, resultaten niet valide Een M.E.R. moet een wetenschappelijk onderbouwd document zijn. Deze M.E.R. beantwoordt niet aan de eisen van een wetenschappelijke studie.

De belangrijke haltes zijn de Melis Stokelaan/Leyweg en het busstation Hengelolaan/Leyweg. De eerstgenoemde is enige tijd geleden omgebouwd tot ‘TOP halte’. Aan de andere kant van de Leyweg is het busstation. De Leyweg is aan beide zijde goed ontsloten met OV, daarom zijn een aantal kansrijke zones rondom de Leyweg interessant om te verdichten. Een stempel is een verkavelingsprincipe dat in Nederland veel is toegepast in de wederopbouwperiode, in Zuidwest is dat vooral in Bouwlust-Vrederust. Stempel is een buurt die is opgebouwd als een samenhangend cluster van losse bouwblokken, vaak een combinatie en portiekflats en grondgebonden woningen. En dit cluster komt in herhalend patroon ook elders in de buurt of wijk terug. Er wordt een begrippenlijst opgenomen in de structuurvisie en daar wordt het woord stempel ook in opgenomen. Als er langs de randen verdicht wordt, betekent dat dat er in de buurten niet verdicht hoeft te worden, maar dat er kan worden aangesloten bij de maat en schaal van de wijk. Conform de verdichtingsprincipes uit het kansenkaartboekje. Dit betekent dat Bouwlust Vrederust ook heel veel plekken kent waar niet verdicht zal worden (zie kansenkaart pagina 43).

2a.52

2a.53

2a.54

8-7-2022

Indiener 2b

2b

2b.1

De M.E.R. vergelijkt de verkeerde scenario’s met elkaar

Gevolgen voor de structuurvisie/ bijlagen Geen aanpassing

Gevolgen voor de M.E.R. Geen aanpassing

Wel aanpassing (aan de structuurvisie wordt een begrippenlijst toegevoegd)

Geen aanpassing

Geen aanpassing

Geen aanpassing

De Dedemsvaartweg blijft als doorgaande verbindingsweg 50 km/uur. Bewoners uit De Zichten kunnen gebruik blijven maken van de Vrederustlaan, Melis Stokelaan en Hengelolaan. Deze straten krijgen een minder doorgaand karakter en een lagere maximumsnelheid.

Geen aanpassing

Geen aanpassing

De exacte locatie van de centrale parkeervoorzieningen en het aantal parkeerplaatsen dat komt te vervallen is nu nog niet bekend. Waar singels heringericht wordt gekeken naar de parkeersituatie. Indien nodig worden parkeerplaatsen gecompenseerd, bij voorkeur in een centrale parkeervoorziening waar naast autoparkeerplaatsen ook andere vormen van mobiliteit kunnen worden aangeboden.

Geen aanpassing

Geen aanpassing

Een terechte opmerking. Deze alinea is onduidelijk en is verwijderd in het Voorzieningenprogramma.

Wel aanpassing (de tekst op pag. 64 van het Voorzieningenprog ramma is gewijzigd)

Geen aanpassing

Onderzoek is niet wetenschappelijk, resultaten niet valide Het M.E.R. voldoet aan de vereisten van de Wet Milieubeheer (Wm). Dit is getoetst door de onafhankelijke commissie m.e.r. Het m.e.r. is op zichzelf geen wetenschappelijk document. Voor de M.E.R. is wel objectief onderzoek uitgevoerd (zoals voor de thema’s verkeer, geluid en stikstof). Deze onderzoeken zijn opgenomen in de bijlagen bij het M.E.R. Voor een aantal thema’s is geen kwantitatief onderzoek uitgevoerd, maar is gebruik gemaakt van expert judgement. Passend bij het abstractieniveau van het m.e.r. Dit mag volgens de vereisten uit de Wm, maar dit moet natuurlijk wel goed onderbouwd en navolgbaar zijn. Bij deze onderbouwingen is zo veel mogelijk gebruik gemaakt van wetenschappelijk onderzoek en publicaties. Voor de navolgbaarheid zijn deze onderzoeken als voetnoot benoemd in het M.E.R. Zie

Geen aanpassing

Geen aanpassing

20

Nota van beantwoording zienswijzen Structuurvisie en Milieueffectrapportage Den Haag Zuidwest Datum zienswijze

Indiener

Nr.

Paragraaf zienswijze

Zienswijze

Beantwoording gemeente

Een M.E.R. is een milieueffectenrapportage1. De M.E.R. onderzoekt verschillende mogelijkheden m.n. “alternatieven”. Doel van de M.E.R. is op basis van de vergelijking van die alternatieven de juiste keuze te maken. Het doel van deze M.E.R. is het effect op de transformatie in Zuidwest (blz. 2 1e alinea) ten gevolge van het toevoegen van huizen. Dat effect kan alleen maar beoordeeld worden als er een vergelijking wordt gemaakt met géén toevoeging van huizen c.q. toevoeging van woningen elders. Gebruikelijk zijn dat bij een M.E.R. nl. de onderzochte alternatieven: 1) het voorstel 2) niets doen 3) een oplossing die bedacht wordt buiten de reeds uitgezochte kaders. Alternatief 3) dient bedacht op basis van andere, de best mogelijke technieken. Het moet realistisch en financieel haalbaar zijn (dus i.c. niet “op de maan”). Indertijd heeft “out of the box” denken geleid tot de ontwikkeling van compleet nieuwe Vinex steden. Bij het vergelijken van het effect op de leefbaarheid op Zuidwest moeten in dit geval de verschillende onderzochte alternatieven dus zijn: Alternatief 1) = het voorstel nl. toevoegen van 10.000 woningen aan Zuidwest Alternatief 2) = niets doen nl. niet toevoegen van woningen Alternatief 3) = plan buiten de kaders nl. toevoegen van 10.000 woningen elders.

Voor alternatief 3) moeten we dus denken aan: • Een Vinex-aanpak in de buurt: 10.000 woningen in het Westland tegen de grens van Den Haag Deze aanpak is denkbaar als het Rijk zou betrokken worden in de zoektocht naar een plek voor 10.000 woningen in onze regio. Dat het Rijk betrokken zou worden is denkbaar als het college zich minder slaafs of meer als één geheel zou opstellen tegenover het Rijk dat vraagt naar bijkomende woningen, tegenover de projectontwikkelaars die lucratieve voorstellen doen, tegenover de corporaties die hun eigen verantwoordelijkheid verwaarlozen. De kassen in het Westland moeten op termijn toch verdwijnen gezien ze afhankelijk zijn van gas/fossiele grondstoffen. Deze “dorpstad” kunnen we “Nieuw Westland” noemen.

bijvoorbeeld paragraaf 6.1 over inclusiviteit. Hier wordt verwezen naar verschillende wetenschappelijke onderzoeken en meerdere publicaties van het Sociaal Cultureel Planbureau. Ook in de rest van de M.E.R. worden verschillende onderzoeken aangehaald van bijvoorbeeld van TNO, het RIVM en het Sociaal Cultureel Planbureau. Dit deel van de zienswijze leidt niet tot aanpassing van het M.E.R.

Een onderzoek naar vrije grond/vrij te maken grond in de buurt: 10.000 woningen in de luxe wijken van Den Haag Deze aanpak is denkbaar als het college en de administratie deze woningen niet ten laste van de armste wijk in Den Haag zouden willen realiseren. Bv. Zou de gemeente een aantal grote woningen kunnen uitkopen en daarop woontorens realiseren. • Een onderzoek naar vrije grond: 10.000 woningen op de plek van Shell of Unilever. Deze aanpak is denkbaar omdat deze bedrijven weggaan. Deze M.E.R. zet de besluitvormers en bewoners dus op het verkeerde been. Het zijn namelijk de verkeerde alternatieven die worden onderzocht. •

De M.E.R. gebruikt een onmogelijk voorstel als “alternatief” Iedereen weet dat het toevoegen van 10.000 woningen aan dat kleine gebied Zuidwest een quasi onmogelijke opgave is die slechts met veel hand- en spanwerk en ten koste van veel menselijk leed te behalen is. (Het gaat om een strook van 1,4 km op wat meer dan 4 km.)

De M.E.R. vergelijkt de verkeerde scenario’s met elkaar. In de Agenda Ruimte voor de Stad (RIS295016) is Zuidwest opgenomen als één van de gebiedsontwikkelingen waar Den Haag de groei van de stad wil inzetten. Zuidwest is hierin benoemd als herstructurerings- en verdichtingsgebied voor 4.500 woningen. Met de Agenda Ruimte voor de Stad als basis, is de ambitie om te verdichten in Zuidwest op verschillende manieren uitgesproken en vastgelegd, waaronder in het coalitieakkoord en de brief van 9 oktober 2018 (RIS300674) aan de commissie Ruimte. Om invulling te geven aan deze ambities heeft het college in 2019 door middel van de gebiedsverkenning ‘Bestemming Zuidwest’ (RIS 302569) uitgesproken dat de ambitie verder reikt dan de 4.200 extra woningen waarover in de Agenda Ruimte voor de Stad werd gesproken. Verdichting is één van de middelen om een aantrekkelijker en gedifferentieerder woonomgeving te creëren. De gebiedsverkenning laat zien dat er ruimte is voor een toename van ca. 10.000 woningen. Vervolgens is nader onderzoek uitgevoerd, waaronder een rapport van RIGO (2020). Het rapport geeft antwoord op de vraag of er voldoende behoefte is om 10.000 woningen toe te voegen in Zuidwest, niet alleen qua woningaantallen maar ook qua doelgroepen en type woningen. Het M.E.R. Zuidwest is bedoeld om de keuzes voor Zuidwest in perspectief te zetten, waaronder de keuze voor 10.000 woningen.

Wat zijn de effecten van deze ambitie op de omgeving? Daarbij is ook gekeken naar de situatie als er niets gebeurt (zie de leefomgevingsfoto), en wat er gebeurt als de ambitie wordt vergroot naar 15.000 woningen. Het M.E.R. laat met de alternatieven de hoeken van het speelveld zien. De uiteindelijke keuze is in de Structuurvisie gemaakt. Dit deel van de zienswijze leidt niet tot aanpassing van het M.E.R. De M.E.R. gebruikt een onmogelijk voorstel als “alternatief” De alternatieven zijn bedoeld om de hoeken van het speelveld te laten zien. Het minimale en maximale scenario zijn inzichtelijk gemaakt door te kijken naar de toevoeging van 3.500 woningen (Dreven, Gaarden en Zichten), 10.000 woningen én 15.000 woningen. RIGO heeft in 2020 onderzoek gedaan naar de woningbehoefte. Het alternatief met 10.000 woningen sluit daarop aan. Daarnaast is met het kansenkaartboekje de ruimtelijke inpassing van deze opgave getoetst. Dit deel van de zienswijze leidt niet tot aanpassing van het M.E.R. Opsplitsing in alternatieven en varianten Naast de woningbouwopgave is het ook relevant om voor andere grote opgaven alternatieven te onderzoeken. Deze alternatieven en varianten zijn inderdaad kruislings met elkaar vergeleken. Deze aanpak is gepresenteerd in de Notitie Reikwijdte en Detailniveau, waarop zienswijzen mogelijk waren.

Er is gekozen voor een kruislingse vergelijking met veel alternatieven/varianten omdat er anders appels met peren worden vergeleken in het M.E.R. Als je bijvoorbeeld het alternatief met 10.000B alleen afzet tegen 15.000C weet je niet of de verschillen in effecten voortkomen uit de extra woningen of uit de extra mobiliteitsmaatregelen. Dit wordt wel duidelijk wanneer de verschillende alternatieven en varianten naast elkaar worden gezet. We realiseren ons dat de vergelijking daarmee ingewikkelder wordt, maar deze biedt hierdoor wel in meer informatie.

Gevolgen voor de structuurvisie/ bijlagen

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12654933/1