CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS314681 Notulen van de raad van 19 januari 2023 def

Gemeenteraad 9 maart 2023, gemeente Den HaagBij agendapunt: Vaststelling van de notulen van 11 en 19 januari 202358.819 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 6

Daarom dienen wij straks een motie in, maar wat de heer Kruis nu inbrengt, is toch wel een beetje raar. Sebastian Kruis (PVV). Weet u wat heel raar is? Dat je met z'n allen op een snelweg met doorgaand verkeer gaan rennen. Ik heb allemaal automobilisten gesproken die zich rot schrokken en die opeens steil in de ankers moesten. We moeten ervoor zorgen dat dit afschrikt door als gemeente te zeggen: als jullie de A12 op rennen, een doorgaande snelweg, zullen wij terughoudend zijn met het afsluiten van de snelweg'. Het gaat om afschrikbeleid. Natuurlijk, als de linkse activisten straks op die hele A12 liggen opgestapeld, moet je op een gegeven moment wel, maar als je bij voorbaat zegt dat je de hele weg afsluit en dat je hen daar uren laat zitten, schrikt dat niet af. Ik denk dus mee met de dienst: hoe zorgen we ervoor dat die mensen daar überhaupt niet komen? Daarom moet je soms afschrikwekkende teksten uiten om ervoor te zorgen dat het daadwerkelijk afschrikwekkend is voor het doen van iets wat tegen de wet ingaat. De voorzitter. Ik heb dit heel even toegestaan, maar we krijgen straks een afrondend debat. Ik ga nu dus geen interruptie meer toestaan daarover. U heeft beiden iets mogen zeggen, maar laten we straks bij de afronding van het debat de overige argumenten uitwisselen. Dan kunt u verdergaan met het betoog met betrekking tot deze twee agendapunten. Sebastian Kruis (PVV).

Ik heb de moties van de heer Dubbelaar en - dat is dan nog in de toekomst van mevrouw Van Basten Batenburg van harte gesteund, maar ik wil ook zelf graag een afschrikwekkend beleidsvoorstel in het zakje doen, want we moeten afschrikken. Ik ben die blokkades spuug- en spuugzat. Wat ik ook spuugzat ben, is het geweld tegen hulpverleners. Ik heb daar de afgelopen tijd ook het een en ander over getwitterd, waar ik veel waardering voor heb gekregen. Wat ik graag zou willen - dat zou mijn voorstel zijn, eigenlijk aan het presidium - is dat er, al dan niet besloten, een werkbespreking wordt georganiseerd met de korpschef van het Haagse politiekorps. Ik wil namelijk echt weten wat hier nou precies allemaal achter ligt. Dan horen we ook eens wat er op oudjaarsnacht nou precies allemaal is gebeurd bij al die incidenten. Dan zou ik met de agenten en de korpschef daarover willen praten, zonder dat het weer een afschrikwekkend effect heeft op potentiële nieuwe agenten doordat links dan weer continu zou zeggen dat de agenten het wel aan zichzelf te danken zullen hebben. Ik wil namelijk echt weten wat daar precies achter zit en welke ideeën zij hebben om dit op te lossen. Ik heb zelf ook wel wat ideeën, maar dan krijg ik waarschijnlijk weer van die interrupties zoals die van de heer Dubbelaar. Ik wil daar dus gewoon eerst graag een informatieve werkbespreking over hebben.

35

Robin Smit (PvdD). De heer Kruis van de PVV zegt dat hij tegen incidenten met geweld tegen hulpverleners is. Dat zijn wij natuurlijk ook, maar het is u toch ook bekend dat de hulpverleners in zijn beschoten door vuurwerk? Sebastian Kruis (PVV). Ja, daarom had ik het ook over geweld tegen hulpverleners. Als je vuurwerk met de kracht van handgranaten naar agenten gooit, schaar ik dat onder de categorie geweld tegen hulpverleners. Robin Smit (PvdD). Zojuist hoorden we de Haagse PVV ook zeggen dat ze denkt in oplossingen. Waarom heeft de Haagse PVV dan niet het voorstel gesteund om een vuurwerkverbod in te stellen om dit juist te voorkomen? Sebastian Kruis (PVV). Omdat het overgrote deel van de mensen die vuurwerk afsteken, dat niet doen om dat vervolgens in de richting van Haagse agenten te gooien. Dat doet tuig. Ik wil tuig aanpakken, maar ik wil niet het pleziertje afpakken van mensen die om 01.00 uur 's nachts op 1 januari gewoon een mooie pot siervuurwerk de lucht in schieten in plaats van in de richting van agenten. Dit doet links steeds: doen alsof een vuurwerkverbod dat geweld tegen hulpverleners oplost. Dat doet tuig sowieso wel, met of zonder vuurwerk. Dat is dus een nepargument. Robin Smit (PvdD). Ik hoor de PVV hier eigenlijk geen keuze in maken om een oplossing voor te dragen. Dat is de conclusie die ik trek: jammer dat de PVV toch geen oplossingen aandraagt.

Sebastian Kruis (PVV). Het is vooral jammer dat meneer Smit van de dierenpartij voor geen meter luistert naar wat ik zeg, want dat heb ik niet gezegd. Mensen die de wet overtreden, vallen agenten aan en doen dat met vuurwerk of met andere middelen. Dat mag sowieso niet. Vuurwerk mag en het overgrote deel van de mensen die dat afsteekt, doet dat op een normale, feestelijke manier. Die doen dat dus niet in de richting van agenten. Dat moet je dus ook niet met elkaar in verband brengen. Het is toch niet zo dat iedereen die vuurwerk afsteekt, agenten heeft aangevallen? Of heeft meneer Smit daar andere signalen van? Dan moet hij dat zeggen, maar ik weet zeker dat hij die niet heeft. Ik word zó moe van elke keer die vragen naar de bekende weg. Dat geldt ook voor mijn overige fractieleden, fractievertegenwoordigers, geen Mo's. Ik denk dat ik nu verderga met mijn verhaal over de werkbespreking die ik voorstel in de richting van het presidium. Ik kijk even naar de voorzitter van het presidium. Ik vind dit erg belangrijk. Ik hoop dat daarover een positief oordeel kan komen, want zo'n werkbespreking met de korpschef van de Haagse politie over specifiek het geweld tegen hulpverleners - dus niet het hele Woodstockverhaal daaromheen, maar het geweld tegen hulpverleners - zou ik graag willen.

Dan kunnen we daarna misschien ook een brief daarover krijgen van de burgemeester om daar, als de werkbespreking niet bevredigend is, een debat over te voeren, zodat ik dan met onversneden PVVvoorstellen een einde ga maken aan het geweld tegen hulpverleners. Ik denk dat ook meneer Smit zijn vingers daarbij zou aflikken. Dan kom ik nu langzaam toe aan het einde, als u het mij toestaat. De voorzitter. Jazeker, meneer Kruis. Sebastian Kruis (PVV). Nou, bij dezen. De voorzitter. Als voorzitter van het presidium wil ik heel kort iets zeggen over het verzoek dat u aan het presidium heeft gedaan. Ik denk dat we de burgemeester even moeten vragen of ook hij zou willen reageren op dit verzoek om een werkbespreking met de top van de politie, want een werkbespreking kunnen we eigenlijk altijd aanvragen. Dat kunnen we ook altijd doen in de procedurevergadering of eventueel via een verzoek. Een werkbespreking kunnen we altijd aanvragen. Ik weet dus niet of het presidium daar echt specifiek op moet reageren. Het verzoek is helder. Wellicht kan de burgemeester daar iets over zeggen en kunnen we als raad uw verzoek dan gaan beoordelen. Is dat een idee?

36

Sebastian Kruis (PVV). Ja. De burgemeester zit achter u. Ik denk dus dat we heel snel uitsluitsel gaan krijgen. Daar verheug ik mij op. De voorzitter. Wij allemaal, meneer Kruis. Door de heer Kruis worden de volgende moties (J.2 PVV en J.3 PVV) ingediend:

Motie J.2 PVV Preventieve fouilleeracties De raad van de gemeente , in vergadering bijeen op 19 januari 2023, ter bespreking van Gewijzigd Voorstel van het college inzake Aanbieding Integraal Veiligheidsbeleid 2023-2026. Constaterende, dat: • in de laatste tijd veelvuldig incidenten plaatsvinden met vuur- en steekwapens; • de burgemeester eerder aangaf het instrument ‘preventief fouilleren’ in zijn binnenzak te hebben maar het nog niet nodig vond deze in te zetten. Overwegende, dat: • de recente incidenten aanleiding geven het college hier op terug te laten komen. Verzoekt het college: • snel preventief fouilleeracties in te voeren. En gaat over tot de orde van de dag.

Motie J.3 PVV Tijdelijk zero-tolerance beleid De raad van de gemeente , in vergadering bijeen op 19 januari 2023, ter bespreking van Gewijzigd Voorstel van het college inzake Aanbieding Integraal Veiligheidsbeleid 2023-2026. Constaterende, dat: • op velerlei fronten de stad verloedert als gevolg van gedrag van mensen in strijd met de APV. Overwegende, dat: • handhaving hierop kan handhaven maar dat niet altijd boetes worden uitgeschreven. Verzoekt het college: • tijdelijk een zero-tolerance beleid te voeren omdat er even niets door de vingers moet worden gezien ten einde de verloedering snel een halt toe te roepen. En gaat over tot de orde van de dag. De moties maken onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Lesley Arp (SP). Voorzitter. Graag wil ik allereerst namens mijn fractie een aantal dingen benoemen waarover wij erg tevreden zijn in het Integraal Veiligheidsbeleid. Het is goed dat het college meer inzet op de aanpak van onveiligheid in wijken. De SP kan zich ook goed vinden in de gemaakte keuzes voor gebieden die extra prioriteit krijgen, de eerder vastgestelde prioritaire gebieden en LaakCentraal. Daarnaast is het goed dat het college inzet op het verhogen van de meldingsbereidheid, al is het voor het vertrouwen in de politie natuurlijk ook belangrijk dat mensen goed geïnformeerd worden over wat er vervolgens met hun meldingen gebeurt.

Daarom heb ik de motie van Hart voor hierover medeondertekend.

37

Ander positief punt vindt de SP dat we meer gaan inzetten op het bieden van de juiste begeleiding aan jongeren voordat zij op het criminele pad dreigen te komen. De discussie die we hier vorige week in de raad voerden over het samenscholingsverbod in Vrederust, bewijst maar weer hoe belangrijk dit is. Minder positief was de SP over de brief 'Uitvoering motie: vervroegen sluitingstijden coffeeshops' die wij onlangs van het college ontvingen. Wat bleek? De burgemeester heeft nogal een loopje genomen met een aangenomen motie van de ChristenUnie/SGP die uitdrukkelijk verzocht om vrijwillige vervroegde sluiting van coffeeshops te onderzoeken. Ik leg nog maar even de nadruk op het woord 'vrijwillige', want nu klip-en-klaar is gebleken dat de bereidheid er niet is en coffeeshops ook diverse nadelen hebben aangekaart van vervroegde sluiting, ook voor omwonenden, wil de burgemeester de verplichte vervroegde sluiting via de APV onderzoeken. Uit de commissiebehandeling is gebleken dat verschillende partijen die de ChristenUnie/SGP-motie aan een meerderheid hebben geholpen, uitgingen van het principe van vrijwilligheid. De vraag is dus of deze gezette stappen wel op steun van de raad kunnen rekenen; in ieder geval niet op steun van mijn fractie. Daarom dienen wij de volgende motie in.

Die roept het college op te stoppen met het voornemen om coffeeshops in overconcentratiegebieden verplicht vervroegd te laten sluiten via de APV; in gesprek te blijven met de branche en bewonersorganisaties over hoe op andere manieren de overlast kan worden verminderd. Deze is mede ingediend door mevrouw Faïd van de Haagse Stadspartij en de heer Dubbelaar van Hart voor . De voorzitter. Door mevrouw Arp, daartoe gesteund door mevrouw Faïd en de heer Dubbelaar, wordt de volgende motie (J.4 SP) ingediend:

Motie J.4 SP Geen onvrijwillige vroegere sluiting coffeeshops De raad van de gemeente , in vergadering bijeen op donderdag 19 januari 2023, ter bespreking van Voorstel van het college inzake Aanbieding Integraal Veiligheidsbeleid 2023-2026. Constaterende, dat: • de raad in mei 2022 een motie heeft aangenomen die het college oproept om in gesprek met coffeeshopeigenaars en bewonersorganisaties te bespreken wat de mogelijkheden zijn voor het vrijwillig vervroegen van de sluitingstijden; • de Haagse Coffeeshops Vereniging in reactie op de motie heeft aangegeven dat er onder haar leden geen draagvlak is voor het vrijwillig vervroegen van de sluitingstijden; • de HCV daarbij een aantal bezwaren noemt: druk op de spreiding van het aantal bezoekers, daardoor druk op het aantal verkeersbewegingen, risico op dat eventuele minderjarigen opgaan in de drukte, onnodige druk op de toelevering van producten (meer verkoop, kortere tijd) en toename illegale verkoop; • de burgemeester nu op eigen houtje alsnog wil bekijken of hij het vervroegen van de sluitingstijden via de APV kan afdwingen.

Overwegende, dat: • de coffeeshopbranche de best gecontroleerde branche is met vier controles per jaar en een periodieke Bibob-toets; • de coffeeshops in de Weimarstraat nu al een uur eerder sluiten en extra beveiligers en gastheren en -dames inzetten; • ook steekt een aantal coffeeshophouders hun nek uit door in te zetten op verplaatsing met tot nu toe helaas weinig succes. Van mening, dat: • een maatregel om via de APV enkel coffeeshops eerder te laten sluiten in

38

overconcentratiegebieden en niet andere horeca of nachtwinkels die ook overlast kunnen veroorzaken een nog meer ongelijke behandeling ten opzichte van andere potentieel overlastgevende branches geeft. Roept het college op: • te stoppen met het voornemen om coffeeshops in overconcentratiegebieden verplicht vervroegd te laten sluiten via de APV; • in gesprek te blijven met de branche en bewonersorganisaties over hoe op andere manieren de overlast kan worden verminderd. En gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. De vergadering wordt van 15.44 uur tot 15.50 uur geschorst. De heer Van Zanen. Dank u wel, voorzitter. Dank u wel, leden van de raad, voor de gestelde vragen en de opmerkingen. Dat geldt ook voor de uitvoerige behandeling en bijdrage aan de commissie. Daar waren inderdaad ook een aantal fractievertegenwoordigers. Ik zal proberen per fractie op de gestelde vragen en de moties te reageren. Ik begin met de heer Dubbelaar. Meneer Dubbelaar, in meerdere debatten de afgelopen weken - u had andere belangrijke plichten en verantwoordelijkheden - hebben we uitvoerig weer over de politiecapaciteit gesproken. Ik vind dat er licht aan het einde van de tunnel is vanaf 2024. Dan komen de eerste extra agenten erbij. Maar het is allemaal betrekkelijk. Het duurt me allemaal veel te lang.

Ook veel langer dan ik dacht toen ik die opmerking maakte, op basis van de gegevens van toen. U vraagt of ik de stand van de capaciteit heb. In de werkbespreking heeft de politiechef de cijfers tot op de komma en per jaar precies aangegeven, maar terecht dat u daarop wijst, want op zo'n moment moeten we dat weten en kunt u het ook volgen. U heeft gevraagd of ik een brandbrief wil schrijven. Daar heb ik grote aarzelingen over, omdat ik ook wel wil, als ik een brandbrief schrijf, dat ik weet dat er enig zicht is op succes. De situatie in den lande is dat alle gemeenten en in ieder geval alle tien de politieregio's in ieder LOVP, het Landelijk Overleg Veiligheid en Politie, hun argumenten bespreken om bij de minister aan te dringen op spoed, om te zorgen dat de opleidingen vol zitten en om steeds nieuwe methoden te bedenken zodat we in ieder geval for the time being worden gered. Maar ik weet niet of een brandbrief schrijven iets oplevert, anders dan dat we misschien hier blij worden. Maar ik wil graag blij worden met resultaten die ik u kan laten zien. Dan heb ik liever de suggesties die u destijds heeft gedaan in uw tienpuntenbrief dan nu een brandbrief te schrijven waarbij ik zal stuiten, wíj zullen stuiten op een muur van onwil en onbegrip. 'U, burgemeester,' zullen ze dan tegen mij zeggen, 'weet toch hoe de situatie is'. Arjen Dubbelaar (Hart voor ).

Wij zijn de demonstratiehoofdstad van Nederland. Die cijfers kent de burgemeester. Hoe overtuigt de burgemeester de raad dat dit de hoogste prioriteit heeft in zijn gesprekken met de minister? De heer Van Zanen. Door te vertellen wat ik iedere keer en tegenwoordig twee keer per week doe en soms 's middags en 's avonds: dat ik iedere keer, samen met mijn negen collega-regioburgemeesters erop aandring dat we opschieten met de uitbreiding van de politiecapaciteit en dat we kiezen voor prioriteiten. Weet ook, meneer Dubbelaar, dat deze stad zo'n beetje de meeste bijstand krijgt uit het hele land van de politie. We staan er dus niet alleen voor. En overigens, meneer Dubbelaar, ik voel me altijd zeer door u gesteund, ook vandaag weer, maar neem dan ook van mij aan dat ik dat doe. Maar dat hebben we drie of vier keer in de commissie gewisseld - zolang er geen uitbreiding is, maar elke agent die extra naar Amsterdam of naar Venlo gaat, ten koste gaat van de inzet van een andere agent, gebeurt er niets en zijn alle argumenten even sterk. De voorzitter. U vervolgt uw betoog. 39

De heer Van Zanen. Dan wil ik iets zeggen over de moties van de heer Dubbelaar. Ik begin met motie K.7, Verlaag leeftijd identificatieplicht minderjarige. Er zijn op dit moment geen aanwijzingen dat jongeren onder de 14 jaar in wegkomen met het veroorzaken van onveilige situaties en zich tegelijkertijd niet kunnen identificeren, of dat ze vaker naar het bureau moeten worden gebracht. De identificatieplicht vanaf 14 jaar is een landelijke maatregel. Als de raad het wil, zal ik het natuurlijk onder de aandacht brengen. Mijn advies is oordeel raad. Ik kom bij motie K.2, Inzet Driehoek op illegale handel. Zowel online of offline - daar hebben we het ook in de commissie over gehad - is de politie zeer actief op het gebied van illegale wapenhandel en drugs. Naar aanleiding van EncroChat vindt opsporing plaats van illegale handel. Over deze online opsporing kan de politie vanwege het heimelijk karakter geen mededelingen doen, maar de politiechef heeft er wel iets over verteld. Vanuit de afdeling FinEC van de politie wordt veel aandacht besteedt aan zaken waarbij vals geld wordt geproduceerd en in omloop wordt gebracht. Zo wordt er onder meer samengewerkt met Europol. Een voorbeeld is een zaak waarbij met meerdere printers vals geld is geproduceerd, die 1 februari op zitting komt.

Het online opsporen van valse merkkleding heeft niet dezelfde prioriteit als het opsporen van wapens, drugs en vals geld, maar als er grote partijen valse merkkleding worden aangetroffen, wordt er natuurlijk wel geacteerd. De motie lijkt mij overbodig. Wel sympathiek, maar we doen er al van alles aan in de driehoek. Motie K.1, Betrek Haagse jongeren actief bij veiligheid, vind ik op zich zeer sympathiek. In 2024 vindt de rapportage plaats over het eerste jaar Preventie met Gezag. Meneer Sewtahal vroeg daar ook naar. Het uitvoeringsprogramma Preventie met Gezag komt eind februari, begin maart. Dan kunnen we dat dus begin 2024 controleren of daarover rapporteren. In vinden ook op dit moment al allerlei initiatieven plaats waarin jongeren participeren. Daar wordt ook gesproken over veiligheid. De Jongerenstadlabs, JONG doet mee!, de Haagse Jongerenambassadeurs en de nieuwe Jongerenraad spreken structureel mee met de gemeente. Ook op wijkniveau zijn verschillende kind- en jongerenparticipatiegroepen actief, zoals rond het Heeswijkplein, Moerwijk, Spoorwijk, Molenwijk, Houtrust en het Oude Centrum. We starten binnenkort met Preventie met Gezag. Ik sprak er net over. Onderdeel daarvan zal ook weer zijn het in gesprek gaan met jongeren. De bestaande initiatieven en uw suggestie voor jongerenpreventieteams wil ik graag daarbij betrekken.

Misschien kunt u de motie aanhouden tot ik meer zicht heb op de invulling van participatie door jongeren in het kader van Preventie met Gezag. Het eindadvies is dus aanhouden. Arjen Dubbelaar (Hart voor ). Dat ga ik met mijn fractie bespreken. Maar het gaat mij ook om de tweede bullet. Wij horen van jongeren dat zij niet als volwaardige gesprekspartner worden beschouwd. De heer Van Zanen. Dat is me een beetje te algemeen. Als dat zo is, wil ik daar graag naar kijken. Dan wil ik daar ook aan werken. Mijn ervaring rond het WK en de voorbereiding daarop, en mijn ervaring op weg naar oud en nieuw en met de evaluatie en ook weer terugkijkend, is dat daar steeds heel veel jongeren bij zijn betrokken. Ik heb vanochtend ook nog met een jongere gesproken over een situatie in Laak. Ik ben er dus van overtuigd dat de politie, maar ook de handhavers, die verbinding wel hebben. Maar er zullen ongetwijfeld momenten zijn dat dit niet zo is. Geef me nou even de kans, of geef het college de kans om in de sfeer van sowieso de brede participatie maar ook met Preventie met Gezag te kijken of we die gaten kunnen vullen. Als u aanwijzingen heeft, gewoon concrete voorbeelden, dan zal ik niet wachten en kan het bij wijze van spreken morgen. Motie K.3 is Maak werk van terugkoppeling bij melding en aangifte. Daar ben ik het zeer mee eens, maar toch denk ik dat die overbodig is.

Door de politie zijn plannen en doelstellingen opgesteld over dit onderwerp. Voor aangifte geldt dat de politie als doelstelling heeft om binnen veertien dagen na het doen van aangifte de aangever terugkoppeling te geven over de zaak. De percentages van gerealiseerde terugkoppelingen worden bijgehouden voor de gemeente . Hierin wordt onderscheid gemaakt tussen vier delicten. Bij woninginbraak wordt 80% binnen veertien dagen teruggekoppeld, bij geweld 83%, bij straatroof 84% en bij overvallen ook 84%. Die percentages kunnen nog verder omhoog, maar op zich wordt er dus stevig op gestuurd. Als iemand een melding maakt bij 112 - dat is dus geen aangifte - en deze melding niet binnen 30 minuten afgehandeld kan worden, wordt de melder telefonisch benaderd door de centralisten van het Operationeel Centrum. De meldingen of de terugbelverzoeken die binnenkomen via 0900-8844 worden uitgezet bij het betreffende team. Het team 40

streeft ernaar om binnen drie dagen het verzoek af te handelen en terug te koppelen aan de melder. Ik denk dus dat de motie overbodig is. Bovendien kunnen wij als college dat plan niet maken. Dat zou de politie dan moeten doen. Ik denk dat de politie dat doet. Het thema is mij zeer na aan het hart. U weet ook hoe we hier in de raad hebben gesproken over het ophalen van vragen en klachten en vervolgens het terugkoppelen aan bewoners en bedrijven bij integrale handhavingsacties. Dat geldt bij meer inzetten. Het is een thema dat hier leeft, maar ook zeer bij mij, omdat ik weet - dat ben ik zeer met u eens - dat het terugkoppelen na aangifte of melding enorm helpt en ook een boost geeft aan het vertrouwen. Dat heb ik volgens mij ook in de commissie gezegd tegen de fractievertegenwoordiger van DENK. Ik zou dus zeggen dat de motie overbodig is. Arjen Dubbelaar (Hart voor ). Ik krijg van de burgemeester als beoordeling van moties van Hart voor steeds te horen 'sympathiek' of 'ik ben het er zeer mee eens'. Dan krijg ik een verhaal en dan hoor ik 'maar ik wil de motie wel ontraden' of 'uw fractie kan die beter aanhouden'. Dat is toch een beetje een gek verhaal. De heer Van Zanen. Dat vind ik niet fair. Bij de jongerenpreventie zei ik net: als je nu een voorbeeld hebt, doe ik het vandaag nog; daar heb ik geen motie voor nodig.

Ik vraag om de motie aan te houden, want straks kun je in het kader van Preventie met Gezag het hele gebied overzien en initiatieven nemen. Maar op zich heeft u mijn steun als u zegt: betrek jongeren erbij, als jongeren zich niet gehoord voelen. Maar ik beoordeel dan zo'n motie als: dat doen we al, het is eigenlijk overbodig. Dan moet je de motie ontraden. Maar ik vind de motie helemaal niet onsympathiek. Dat geldt ook voor deze motie. Wie praat er nou het meest over terugkoppelen voor en achter de schermen? Dat ben ik zelf. Ik lees voor wat er allemaal gebeurt. Dan kun je wel aan het college een plan vragen, maar wij gaan niet over de politie, althans niet over het beheer van de politie. Dat ga ik helemaal niet doen. Maar terugkoppelen, daar blijf ik bovenop zitten. Dat doet de politie ook. De getallen liegen er niet om. Daar ben ik trots op. Maar iedere keer dat er niet teruggekoppeld is, is dat zonde van het werk en schendt dat het vertrouwen. Dat ben ik gewoon met u eens. Er is niks raars aan wat ik zeg. Je kunt het er niet mee eens zijn, natuurlijk. Arjen Dubbelaar (Hart voor ). Dan zou de burgemeester het ook aan de raad kunnen laten. Als Hart voor in de wijken komt, en dat doen wij nogal vaak, dan horen wij van bewoners zeer regelmatig 'er wordt toch niks mee gedaan'. Dat vindt mijn fractie heel zorgelijk. De heer Van Zanen.

Dat hebben we nu de afgelopen drie, vier keer in de commissie steeds gewisseld; ook in de werkbespreking. Toen heeft de politiechef er ook zeer duidelijk over gesproken, want hij weet dat. U ziet aan de cijfers en hoe de politie daarmee omgaat, dat dit zeer bewust is. U verzoekt nu aan het college om daar een plan voor te maken. Dat kan het college niet, want we gaan niet over de aangiftebereidheid van de politie. Wat we kunnen doen, is er opnieuw naar vragen. Ik meld u alleen wat er allemaal gebeurt. Ik erken dat het mij ook steeds wordt gezegd: maar ik hoor niks, maar ik hoor niks. Dat geld niet alleen voor de politie, maar soms ook voor ons werk, van de gemeentelijke organisatie. Nou, zo is het. Dat is wat ik heb te zeggen. De voorzitter. U vervolgt de beantwoording. De heer Van Zanen. Motie K.6 heet Verhoog aangiftebereidheid MKB. Die gaat ook over cyber. Cybercriminaliteit is een van de speerpunten van het Platform Veilig Ondernemen , PVO. Het PVO gaat samen met ondernemers aan de slag om hen weerbaarder te maken tegen cybercriminaliteit. Dat sluit ook aan bij de doelstelling van de agenda Digitaal Veilig van het college en de raad. Regionaal is een werkgroep digitale criminaliteit gestart. In de werkgroep zitten vertegenwoordigers van de brancheorganisaties, ondernemers, politie, gemeente, OM, PVO en andere gemeenten.

De werkgroep werkt momenteel de doelstelling uit van een regionaal beleidsplan in een regionale aanpak van cyber. Bewustwording van ondernemers en inwoners is daar onderdeel van. De kern van uw motie is: verzoekt het college een publiekscampagne te starten. Mag ik de motie zo lezen dat ik binnen het platform dat daar toch mee bezig is, vraag een publiekscampagne te starten in dat kader? Ik kan me

41

niet voorstellen dat ze dat niet gaan doen. Als ik de motie zo mag lezen, geef ik haar graag oordeel raad of zou ik haar zelfs willen omarmen. De voorzitter. Meneer Dubbelaar, wilt u daar iets op zeggen? De heer Van Zanen. Hij schrikt ervan, voorzitter. Arjen Dubbelaar (Hart voor ). Ik hoor dit wel vaker als wethouders of de burgemeester op een motie reageren. De burgemeester mag de motie zo lezen, maar het is sowieso standaardbeleid dat een college zelf over de afdoening gaat van een aangenomen motie. De voorzitter. Even procedureel: de burgemeester vraagt 'mag ik de motie zo lezen?'. Dat is een vraag aan de fractie van Hart voor . Daar kunt u dan ja of nee op zeggen. De heer Van Zanen. Dat laatste weet ik niet. De SP heeft mij nu al vier keer gekapitteld: wat denkt u wel, burgemeester, dat u een motie afdoet op een heel andere manier dan de bedoeling was? Daar ga ik zo voor de vierde keer graag nog even op in. Dan K.5, aanpak prioritaire gebieden. Ik doe het nu gewoon kort en goed, hè, want ik heb het er ook met de heer Guernaoui en de heer Balah over gehad. In het coalitieakkoord is afgesproken dat de regie bij wethouder Parbhudayal ligt. Ik heb geen enkele aanleiding om daar enige verandering in te brengen. Ik ontraad deze motie namens het college. Motie K.4, Meldpunt onveiligheid Zuidwest, ontraad ik ook.

Uitgangspunt in het Integraal Veiligheidsbeleid is dat een aantal reguliere meldpunten als eerste in aanmerking komt: 112 bij calamiteiten, 0900-8844 bij de politie voor niet-spoedeisende vragen of problemen en www.denhaag.nl of 14070 voor reguliere meldingen aan de gemeente. We kiezen ervoor als college om pas als we er echt een actieve rol in hebben, een meldpunt in te richten. Anders is het een fictie. Specifiek voor Escamp kan wel gebruikgemaakt worden van het mailadres escamp@denhaag.nl. Ten slotte: in het uitvoeringsprogramma Preventie met Gezag wordt aandacht besteed aan manieren om de meldingsbereidheid in Zuidwest te verbeteren. Uitgangspunt daarbij blijft het gebruik van bestaande reguliere meldpunten, want ik weet niet of weer een nieuw meldpunt wat oplevert. Wij ontraden deze motie. Dat waren de moties van meneer Dubbelaar. Meneer Smit heeft het amendement K.A, 'Pak dierenmishandeling aan!', ingediend. Zoals we bespraken in de commissie, is bij het opstellen van het regionaal beleidsplan dierenmishandeling door de samenwerkende partners niet als prioritair thema benoemd. Prioriteitstelling is natuurlijk nodig in verband met de beschikbare politiecapaciteit. Ik heb u toen ook gezegd dat dit de vorm heeft van een zienswijze. Ik vind altijd: als u een zienswijze wilt wijzigen, kunt u dat doen. Ik heb er geen bezwaar tegen. Dat is echt oordeel raad.

Volgens mij heb ik dat ook in de commissie aangegeven. Mevrouw Van Basten Batenburg heeft nog even aangezet wat in de commissie door de VVDfractie is aangedragen: de lik-op-stukcampagne en de positie van scholen. Daar ben ik vorige week uitvoerig op ingegaan. Ik snap dat heel goed. Mevrouw Faïd heeft opnieuw over jongeren en preventie gesproken, maar ook over geweld tegen vrouwen. Ik heb inderdaad de toezegging gedaan over deskundigheidsbevordering en registratie rond femicide. Mevrouw Klokkenburg had motie J.1, Werk maatregelen tegen drugsoverlast verder uit. Er volgt binnenkort een voortgangsrapportage over de aanpak van ondermijning. Ook dat is gewisseld, denk ik, in de commissie. Die is nog niet door het college, maar ik heb het inmiddels gezien. Daarin geven we aan - dat zeg ik ook tegen de heer Partiman, die er ook in eerdere commissies over heeft gesproken - dat we bezig zijn met het verrijken van het drugsbeeld in de stad. Dat is, in een technische term, een zogenaamd gestapeld drugsbeeld. Op basis daarvan kunnen we bepalen of een nieuw handelingsperspectief nodig is en hoe dat eruitziet. Een handelingsperspectief kun je ook een plan van aanpak noemen. Overigens, ook in Preventie met Gezag heeft de aanpak van drugscriminaliteit een plek. Ik zou me dus kunnen voorstellen dat u deze motie aanhoudt tot eind Q2.

Dan kom ik met zowel mijn ondermijningsbeeld als met een eventueel gestapeld drugsbeeld. Dus we gaan het doen.

42

Sebastian Kruis (PVV). We hoorden laatst mevrouw Halsema uit Amsterdam het een en ander zeggen over haar visie op het drugsbeleid. Zou het wellicht mogelijk zijn dat u eenzelfde soort visie neerlegt in een brief, zodat we daar eens over kunnen spreken? Want ik ben best wel benieuwd hoe daar in deze raad over wordt gedacht. Als we vanuit de grote steden daar een standpunt over naar buiten kunnen formuleren, is dat misschien ook iets wat landelijk vorm kan geven aan het toekomstig drugsbeleid. De heer Van Zanen. Ik zal dat eens in het college bespreken, ook met de collega's. Mevrouw Butt deed een oproep over jeugdcriminaliteit en preventie. Daar ben ik het mee eens. Daar heb ik ook ja op gezegd. Mevrouw Van Doorn had het over bewoners betrekken en straatintimidatie opnemen in de Veiligheidsmonitor. Ik bevestig nu hier dat ik dat heb toegezegd. Ik kom bij meneer Sewtahal van de Partij van de Arbeid. Ik herhaal hier dat de positie van ouders zeer belangrijk is. Ik zeg u ook toe dat we, waar mogelijk, in beeld zullen brengen in het uitvoeringsprogramma - hoe dat precies gaat, weet ik nog niet - wat de ouders zelf zeggen dat ze nodig hebben. Dat zou ik wel heel mooi vinden, want dan reageren ze tenminste. Dat zijn tenminste nog een beetje assertieve ouders. Dat komt dus goed. Daar gaan we althans een poging toe doen. Meneer Partiman heb ik beantwoord, ook over de motie.

Ik denk dat die aangehouden kan worden. Ik herhaal hier nog even de toezegging over ondermijning, dat we een vorm gaan zoeken om het in de wijken te doen. De heer Mahmood had het over de top-X. Ik wil verwarring daarover voorkomen. Die lijst is natuurlijk helemaal in het kader van de preventie. Het is een preventielijst voor het tegengaan van jonge aanwas in de drugscriminaliteit. Want je hoeft helemaal geen strafblad te hebben en het zegt ook verder niks, maar je bent dan wel - ik zeg het nu in mijn eigen woorden - iemand die dreigt af te glijden. Daar moeten we een aanpak op verzinnen. Zo is het bedoeld. Als dat verwarring oproept, dan hoor ik het wel. Dan kunnen we het er misschien nog even achter de schermen over hebben. Maar het is dus niet zozeer gekoppeld aan strafblad of niet. Adeel Mahmood (DENK). Het is natuurlijk prima om preventief te werk te gaan, maar waar ik meer duidelijkheid over wil hebben, is hoe we voorkomen dat er jongeren op terechtkomen die niks verkeerds en niks strafbaars doen. Hoe gaan we voorkomen dat zij een stempel opgedrukt krijgen door op zo'n lijst terecht te komen? De heer Van Zanen. Om verwarring te voorkomen: dit is dus allemaal in de preventieve zin. Ik ga ervan uit dat er voldoende waarborgen zijn dat dit niet gebeurt. Anders weet u me te vinden. Ik kan het ook nog een keer op papier zetten, als u dat wilt. Adeel Mahmood (DENK).

Ik maak daar graag gebruik van. Als de burgemeester dat op papier kan zetten, kunnen we het even goed doornemen en kijken wat wij daarvan vinden. De heer Van Zanen. Ik ga ervan uit dat het al ergens al op papier staat. Dat geven we u graag. Ik snap de vraag over etnisch profileren. Ik vind het ook een consequente vraag. Ik stel voor dat we het volgende doen. U heeft heel goed geciteerd wat de politiechef erover heeft gezegd. Daar was ik ook heel blij mee, en volgens mij de hele commissie. In de commissie heb ik de vragen van uw fractievertegenwoordiger gehoord. Hoe doen we het nou? Wat doen we nou? Kunnen we iets bedenken wat op een indicator lijkt? Dat is nog niet zo makkelijk, want het gaat nu natuurlijk op basis van klachten. We hebben na de commissie in de driehoek meteen besproken dat het misschien een idee is om de plaatsvervangend politiechef, die u ook gezien heeft toen, de heer Tolga Koklu, die het zogenaamde programma C doet, dit hier weer een keer te laten bespreken. Als we toch een werkbespreking krijgen - daar gaat u natuurlijk zelf over; ik zal het met de politie bespreken - dan zou ik die iets breder willen trekken, zoals de heer Kruis verzoekt. Ik kan me namelijk voorstellen dat we die werkbespreking in het kader stellen van de evaluatie van de jaarwisseling, want die komt er ook nog. Ik hoor wel of u dat wil.

Ik kan me niet voorstellen dat de politie dat niet zou willen. Mijn voorstel zou zijn om in overweging te geven bij de gemeenteraad om aan de politie te vragen of ze kunnen duiden hoe de jaarwisseling is geweest. Dan kan ik meneer Koklu vragen of hij terugkomt op 43

het thema etnisch profileren - dat doet hij heel graag - en ook een analyse geeft van het geweld tegen hulpverleners, hoe dat dit jaar is gegaan en wat we kunnen doen. U ziet ook, zeg ik tegen de gemeenteraad, dat dit ook een landelijke discussie is. Het is niet alleen in . Sebastian Kruis (PVV). Dit is dus precies wat ik niet bedoelde. Dan zit ik weer straks in een soort heksenkring met allemaal van die flierefluiters uren te praten over etnisch profileren. Ik wil juist specifiek enkel praten over het oplossen van geweld tegen hulpverleners. Ik heb al die voorgaande keren meegemaakt dat die werkbesprekingen met die Haagse politiechef een soort Woodstockachtige setting hebben met een dito karakter. Het gaat alleen maar over etnisch profileren. Dat is juist wat het voor mij zo onaantrekkelijk maakt, als man van kleur. De heer Van Zanen. Ik ben daar bij geweest, urenlang, net als u en vele anderen. Ik herken me totaal niet in het beeld dat u nu schetst. Ik vind het te belachelijk voor woorden om het een heksenketel te noemen. Dat doet onrecht - onrecht! - aan hetgeen we hebben besproken en hoe het is gegaan. Ik doe een praktisch voorstel, punt. Verder bedoel ik daar niets mee. Het is aan ú. Sebastian Kruis (PVV). Ik noemde het ook geen heksenketel maar een heksenkring.

Maar ik heb dan echt in een andere bijeenkomst gezeten dan u al die keren, want ik heb daar urenlang alleen maar linkse partijen horen vragen hoe we etnisch profileren gaan voorkomen. Ik heb toen zelf een keertje een aantal cijfers aangehaald waaruit bleek dat als etnisch profileren al een probleem is, het amper voorkomt. Maar dat is voor links geen enkele reden om het er niet uren en uren en uren over te hebben. Ik wil het niet uren en uren over etnisch profileren hebben. Ik wil het hebben over de veiligheid van onze agenten en niet over dat linkse scoren met etnisch profileren om agenten in het verdachtenbankje te plaatsen. De heer Van Zanen. Wij verschillen van mening. Ik heb echt iets heel anders meegemaakt. Ik geef het antwoord dat ik wil geven. Dat heb ik gedaan. De raad gaat over het aanvragen van werkbesprekingen, maar het lijkt mij een goed idee. Ik heb een praktische suggestie gedaan. De voorzitter. Daaraan toevoegend: de heer Kruis kan het verzoek doen dat hij wil doen. Hij kan via de mail exact verzoeken wat hij zou willen. Adeel Mahmood (DENK). Ik wil ook nog reageren. Ik vind het een prima voorstel van de burgemeester en praktisch ook om het in bredere kring te doen. We zullen verder in de commissie Bestuur moeten uitvechten hoe dit precies eruitziet en wat de rest van de raad en de collega's daarvan vinden. Daar gaan we dan ook op wachten.

Het is uiteindelijk aan de commissie Bestuur hoe we daar in meerderheid invulling aan willen geven. De heer Van Zanen. Ik wil graag nog een keer herhalen richting meneer Mahmood dat ik vind, maar dat vindt de driehoek ook, dat aangifte altijd moet kunnen, punt. Dat is het uitgangspunt. Ik wil weer aan de orde stellen in de driehoek om daarop te letten. Dat gebeurt heel vaak. Als u mij het voorbeeld wilt verstrekken, al dan niet achter de schermen, heel graag. Ik weet natuurlijk niet waar het over gaat, maar aangiften moeten gewoon worden opgenomen. Adeel Mahmood (DENK). Dat voorbeeld geef ik graag deze week nog aan de voorzitter, misschien via de mail, achter de schermen of op een andere manier. Ik wil alleen benadrukken dat wij dit voorbeeld al jarenlang heel vaak meekrijgen. We hebben als fractie weleens meegemaakt dat een collega daar kwam en de aangifte niet werd opgenomen. Als je het wat scherper bespreekbaar maakt met de politie, zou dat echt wel helpen, denk ik. De heer Van Zanen. Ik weet niet of dat helpt. Het gaat er natuurlijk om wat er gebeurt aan de balie. Het zijn ook allemaal mensen. Die maken ook weleens fouten. Maar de beleidslijn is dat aangifte gewoon moet kunnen. Wat er vervolgens mee gedaan wordt, is niet aan ons. Ik kom bij de twee moties van de PVV. Motie J.2 is Preventieve fouilleeracties.

Ik blijf zeggen dat ik het een interessant instrument vind, met allerlei kanten. Ik zal niet aarzelen om het toe te passen 44

en om een veiligheidsrisicogebied aan te wijzen. Maar, ook in de recente actualiteit, is gebleken - ook dat is gewisseld in de commissie - dat dit instrument geen enkel effect heeft, ook niet in de Beresteinkwestie. Daar bestaat de kern uit min of meer inmiddels bekende jongeren die in het licht gesteld moeten worden. Dat moet bekend worden. De informatiepositie van de politie moet worden verbeterd. Dat bereik je niet met een preventieve fouilleeractie, op dat moment in dat gebied. Dan ga je namelijk mensen fouilleren die er niets mee te maken hebben. Dat leidt allemaal tot niks. We gaan het dus niet doen. Ik ontraad deze motie, zoals ik dat vaker heb gedaan. Motie J.3 gaat over zero tolerance. We zetten ons in alle opzichten in om regelgeving daadwerkelijk te handhaven. Handhaven is meer dan alleen beboeten. Het gaat ook om overtreders aanspreken, uitleg geven over regels en waarschuwen. Bij gewone, duidelijke overtredingen wordt natuurlijk direct een boete geschreven. Het is alleen kiezen of kabelen. De handhavings- en politiecapaciteit zijn, zoals u weet, beperkt. Dat betekent dat er in de praktijk - dat was ook de interventie van de heer Dubbelaar - altijd prioriteiten moeten worden gesteld en keuzes moeten worden gemaakt. Dat zerotolerancebeleid, als je dat al zou willen, is praktisch gewoon onuitvoerbaar. Ten slotte de bijdrage van mevrouw Arp.

Dank voor de opmerking die de heer Hoefsloot heeft gemaakt en de kernpunten meldingsbereidheid, prioritaire gebieden en de juist begeleiding van jongeren, waar hij op heeft gehamerd. Mevrouw Arp heeft gezegd - dat was trouwens een charmante formulering - dat ik een loopje heb genomen met de motie. Mijn hemel, dat heb ik helemaal niet! Die motie is er. De raad heeft de motie aangenomen. Die doen wij af. Dat mogen wij. Dat mag ik ook. Ik ga volgens mij over de sluitingstijden. Ik heb hier de vergadering bijgewoond, ik heb de ondernemers gehoord, ik heb bewoners gehoord en ik denk dat er wel wat aan de hand is. Helaas is het nog niet gelukt om een verplaatsing te realiseren, maar wie weet wat de toekomst brengen mag. Met die inbreng van de heer Hoefsloot was ik het zeer eens. Maar ik vind dat ik wel mag overwegen om aan de politie een advies te vragen. Wat zouden jullie ervan vinden? Hoe zien jullie dit? Is dit wat? Dat kunt u nu inderdaad gewoon wegstemmen. Maar ik ontraad deze motie, want ik vind het gewoon netjes om, ook richting de bewoners, te laten kijken of het zin heeft. Daarmee overtreed ik geen enkele regel, want - en dat vind ik nogal principieel - het is mijn bevoegdheid. Ik hoef eigenlijk enkel achteraf verantwoording af te leggen.

Ik heb ook nog in de brief over de afdoening van de motie geschreven dat ik een voorstel zal doen en dat ik pas na beraadslaging met de raad zal besluiten. Koninklijker kan het niet. Als het dus al een loopje is, is het een heel sjiek loopje. Lesley Arp (SP). Ik wil er toch wel nog even een punt van maken dat wat de burgemeester voornemens is te doen, natuurlijk wel iets fundamenteel anders is dan waar in de motie om wordt gevraagd. Hij heeft het ook medegedeeld in een brief met de titel 'Uitvoering motie: vervroegen sluitingstijden coffeeshops'. Dat is een motie die uitging van vrijwilligheid. Nu gaan we toch naar een scenario dat er mogelijk een verplichting wordt opgelegd. Ik denk ook dat die motie het met een heel bont gezelschap heeft gehaald, omdat het een heel milde motie was. Ik bedoel, D66 en de ChristenUnie/SGP zijn nou niet bepaald partijen die enorm eensgezind zijn over het drugsbeleid. Er gebeurt wel iets heel geks met deze motie nu, zeker als de burgemeester expliciet refereert aan de motie bij wat hij gaat doen. Is de burgemeester dat niet met mij eens? De heer Van Zanen. Ik vind dit ook allemaal prima. De raad spreekt het uit. Als de raad nu zegt 'niet doen', dan mag ik nog steeds komen met een voorstel. Sterker nog, ik mag het besluiten. Alleen, dan weet ik wat er staat te gebeuren. Ik vind het een heel praktische afdoening.

Afdoening van de motie zoals bedoeld, lukt niet. Dan blijf ik toch verder werken. Zo heb ik het bedoeld. Lesley Arp (SP). We zijn het in dit opzicht gewoon niet met elkaar eens. Ik laat de motie gewoon in stemming brengen. Maar ik heb toch nog wel een vraag aan de burgemeester. De burgemeester overweegt nu een extra restrictie op de coffeeshops. Maar als we kijken naar dit stadsbestuur - niet de burgemeester zelf - de afgelopen tijd, als het gaat om dingen als de verplaatsing naar de Oude Haagweg, het opnieuw bekijken van de criteria, is dit stadsbestuur dan wel echt een partij geweest die heeft bijgedragen aan het oplossen van de overconcentratie? Moeten wij ook niet gewoon de hand in eigen boezem steken voordat wij weer een extra restrictie opgooien?

45

De heer Van Zanen. Dat is een heel andere vraag. Laat ik het vriendelijk en mild zeggen. Voor mij was het heel onbevredigend, als portefeuillehouder, om hier te worden ingehuldigd als burgemeester en na drie weken bijna te worden gekielhaald over de situatie Weimar, die al zeventien of twintig jaar speelde. Dan proberen we er met vallen en opstaan iets aan te doen, en in plaats van dat het makkelijker wordt gemaakt, wordt het moeilijker gemaakt. Dat is een beetje onbevredigend. Maar ik geef niet op. Desalniettemin, nu dat zo is, moet ik weer praktisch verder en zijn er ook bewoners die iets vinden. Ik werk ook aan het andere. Ik hoop ook weer op uw steun de volgende keer. Dit is nog niet zover. Dit moet ik even onderzoeken. Dan kom ik met een voorstel of niet. Maar ik vond het ook onbevredigend, ja. Dan zeg ik het mild. Kavish Partiman (CDA). Als we kijken naar de motie die de SP heeft ingediend en de namen die eronder staan, kunnen we inschatten dat die een meerderheid zal halen. Ik wil de burgemeester vragen of het mogelijk is dat hij zijn bevoegdheid gebruikt in dezen en een voorstel doet voor vroegtijdige sluiting in de overconcentratiegebieden. De heer Van Zanen. Ik ga niet speculeren over dingen die nog niet zijn gebeurd. Ik moet eerst zien of de raad dit nu echt onmogelijk maakt. Ik kan dan inderdaad nog steeds met een voorstel komen.

Ik ga het dan nog steeds doen op de manier zoals ik heb voorzien. Ik kom meteen met de openingszin: 'Hoewel u laatst een motie heeft aangenomen om het niet te doen en u zegt dat u het onwenselijk vindt, zeker zolang de overconcentratie niet is aangepakt, kreeg ik zo'n briljant advies van de politie dat ik toch zeg: geachte raad, wat vindt u ervan als ik het toch ga doen?' Maar dat weet ik helemaal nog niet. Ik sluit het niet uit, maar ik ga het ook nog niet toezeggen. Ik ga niet in mijn hokje zitten duimen als die motie wordt aangenomen. Als ik verantwoordelijkheid moet nemen, zal ik die nemen. Kavish Partiman (CDA). Er is ook nog zoiets als een burgemeestersbevoegdheid. Ik ben er blij mee dat de burgemeester die bevoegdheden hier stevig pakt. Stel dat er zo'n advies komt van de politie en de raad zich daar negatief over uitspreekt. Dan is het nog steeds de bevoegdheid van de burgemeester om er gevolg aan te geven. Ik ga er dan ook wel van uit dat hij niet voorbijgaat aan het advies van de politie. De heer Van Zanen. Dank u wel voor deze mooie hypothetische vraag, maar daar ga ik verder nu niet op in, want die situatie heeft zich nog niet voorgedaan; maar mooi verzonnen. Wethouder Mulder (VVD). Voorzitter. Er resteert nog een vraag over boa's. Onze buitengewoon opsporingsambtenaren zijn zeer van belang om de stad leefbaar en veilig te houden. Ik begrijp de vraag dus goed.

We hebben inderdaad vacatures. We zijn gisteren gestart met een wervingscampagne om zijinstromers aan te trekken. We hebben in samenwerking met mboRijnland een speciale opleiding gemaakt. Dan kunnen mensen maximaal twee dagen leren op school en drie dagen in de praktijk werken. Ik zal dat plan toesturen. Mevrouw Van Basten Batenburg wil ook een analyse waarom het achterblijft, ook in vergelijking met andere steden. Zit dat ook in salariëring, was ook de vraag. Ik zeg toe dat ik zo'n brief zal schrijven. Het moet even grondig. Die campagne kan ik vrij snel toesturen, want daar zijn we mee bezig, maar de analyse moet ik even grondig maken. Ik stel voor dat we die de raad in Q2 toesturen. De voorzitter. Ik zie mevrouw Van Basten Batenburg knikken. Hartelijk dank aan de wethouder. We zijn door de beantwoording van het college heen. Ik constateer dat er geen behoefte is aan een tweede termijn. De beraadslaging wordt gesloten. De voorzitter. Aan het einde van de vergadering gaan we stemmen over de ingediende moties en amendementen.

46

Aan de orde is: L. Raadsvoorstel Rekenkameronderzoek Lokaal Initiatievenfonds voor Schone Energie (LISE) (RIS313422). De voorzitter. Ik nodig de heer Twisk, de voorzitter van de Rekenkamer, uit om plaats te nemen naast mij. Welkom, meneer Twisk. Het woord is ook als eerste aan u om een korte toelichting te geven op dit raadsvoorstel. De heer Twisk. Dank u wel, voorzitter, dank u wel, raad, dat ik namens de Rekenkamer nog even het woord mag voeren. We hebben een constructieve discussie gehad in de commissie Samenleving, maar er ontstond daar wel wat verwarring. Ik hecht eraan om daar nog even op in te gaan, ook omdat er, naar ik begrepen heb, een amendement wordt voorbereid en straks in stemming wordt gebracht. Ik wil u erop wijzen dat wij als Rekenkamer de strekking daarvan niet helemaal goed begrijpen. Ik wil graag mogelijke verwarring proberen weg te nemen. U hebt de stukken hopelijk bij de hand. Het is misschien handig om in ons rapport op pagina 7 het schema er nog eens op na te slaan, want dat maakt het uitleggen wel heel erg makkelijk. Dat schema hebben we ook laten zien in de presentatie. Waar het om gaat, is dat onze beslispunten, I tot en met III, betrekking hebben op de pilot LISE. Daarvan hebben wij gezegd in de handreiking: er zijn een aantal uitgangspunten; neem die in overweging bij de vorming van een revolverend fonds.

Dan kan je eventueel nog wachten op de evaluatie, maar die heeft betrekking op LISE als zodanig. We zijn heel blij als u dat meeneemt, want dat betekent dat er straks een constructie is die gedragen is, maar ook past binnen de handreiking. So far, so good. De discussie doet zich vooral voor op beslispunten IV en V. Dat heeft als zodanig niet zoveel met LISE te maken. Dat heeft te maken met de geldstromen van de gemeente naar HEID en van HEID naar LISE of andere organisaties die door HEID worden gefinancierd. Daar hebben wij van geconstateerd in ons kortlopende onderzoek dat daar juridische risico's zitten. Het heeft dus helemaal niks te maken met het wel of niet doorgaan met LISE. Het heeft ermee te maken dat er juridische risico's zijn, waarbij de bestuursrechter HEID kan terugfluiten. Dan is, denk ik, de gemeente verder van huis. Daar gaan beslispunten IV en V over. Het is natuurlijk aan de raad om daar op een ander moment over verder te praten, maar dat wilde ik in ieder geval nog een keer gezegd hebben, zodat we daar geen misverstanden over hebben. De voorzitter. Dank u wel, meneer Twisk. U neemt daarmee inderdaad wel een voorschot op iets wat nog niet ingediend is, maar wellicht schept dit voor de indieners die dat gaan doen, de helderheid die misschien ook nodig is. Hartelijk dank voor deze toelichting.

Ik zou graag willen overgaan naar de eerste spreker van de zijde van de raad. Dat is de heer Barker van de Partij voor de Dieren. De beraadslaging wordt geopend. Robert Barker (PvdD). Voorzitter. Dank aan de Rekenkamer voor dit goede onderzoek. We hopen dat het college hier ook echt van leert en specifiek het LISE dus anders inricht dan het voornemen lijkt. Het onderzoek laat ook zien dat raadsleden weinig zicht hebben op het HEID in het algemeen, terwijl er wel veel gemeenschapsgeld naartoe gaat. We missen ook een inhoudelijke verantwoording van deze middelen. Wat ons betreft moet dat anders. Vandaar de motie die ik samen met GroenLinks indien. Die verzoekt het college om in overleg met de Stichting HEID ervoor te zorgen dat ten minste jaarlijks inhoudelijke verantwoording wordt afgelegd over de stichting en de onderliggende fondsen; hierbij in elk geval jaarlijks te rapporteren over de doelen van de fondsen van het afgelopen jaar en het komende jaar, in hoeverre die zijn behaald, welk effect is behaald en wat het komende jaar anders wordt gedaan om de doelen of meer effect te behalen. De voorzitter. Door de heer Barker, daartoe gesteund door de heer Thepass, wordt de volgende motie (L.1 PvdD) ingediend: 47

Motie L.1 PvdD GeHEID transparant De raad van de gemeente , in vergadering bijeen op 19 januari 2023, ter bespreking van Raadsvoorstel Rekenkameronderzoek Lokaal Initiatievenfonds voor Schone Energie (LISE). Constaterende, dat: • de Rekenkamer aangeeft dat het de raad aan genoeg informatie ontbreekt over resultaten van fondsen onder de Stichting Holdingfonds Economische Investeringen (HEID); • de Rekenkamer constateert dat de raad wel informatie over de resultaten nodig heeft om te kunnen sturen op de uitvoering; • inhoudelijke verantwoording volgens de Rekenkamer niet terugkomt in de stukken. Overwegende, dat: • het wenselijk is om de informatievoorziening rond de Stichting HEID en onderliggende fondsen richting de raad te verbeteren. Verzoekt het college: • om in overleg met de Stichting HEID ervoor te zorgen dat ten minste jaarlijks inhoudelijke verantwoording wordt afgelegd over de stichting en de onderliggende fondsen; • hierbij in elk geval jaarlijks te rapporteren over de (tussen)doelen van de fondsen van het afgelopen jaar en het komende jaar, in hoeverre die zijn behaald, welk effect is behaald en wat het komende jaar anders wordt gedaan om de doelen of meer effect te behalen. En gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Carlos Martinez van Andel (Hart voor ). Voorzitter.

Ik zie af van het woord, maar niet voordat ik nogmaals dank en waardering uitspreek richting de Rekenkamer voor het onderzoek. Chris van der Helm (VVD). Voorzitter. Veel dank aan de Rekenkamer voor het onderzoek en het vele werk. Voor mij is er echt wel een aantal interessante punten uit het onderzoek naar voren gekomen. Zoals de Rekenkamer aangeeft, zijn er uiteindelijk twee onderwerpen, als we naar de dicta kijken. Het gaat over het LISE, maar ook het Holdingfonds Economische Investeringen of het HEID. Daardoor zien we twee discussies ontstaan over het dictum in zijn algemeenheid. Er zijn best wel wat gedachten en misschien ook wel vragen over het HEID bij verschillende partijen in de raad. Wat ons betreft is het dan eigenlijk nog wat te vroeg om over de laatste twee dicta, IV en V, nu een besluit te nemen. Het is misschien wel veel beter om eerst nog samen met de raad een breder gesprek te hebben over het HEID. Het zou dus beter zijn om dat wat later te doen en dan ook bij die twee dicta stil te staan. De Haagse VVD wil de punten IV en V dus niet voorgoed schrappen, maar op een later moment bespreken. Ik wil daarom een amendement indienen met het volgende dictum: Besluit om dictumpunt IV en V uit het raadsvoorstel te schrappen. Dit amendement dien ik mede in namens Hart voor , CDA, GroenLinks, Partij van de Arbeid en D66. Ik heb nog een vraag aan het college.

Het moet wel geborgd worden dat er later wordt gesproken over dicta IV en V. Kan de wethouder toezeggen dat het college met een raadsvoorstel komt waarin breder wordt ingegaan op het HEID en waarin deze dicta, IV en V, uitgebreid worden meegenomen, zodat de raad zich dan in een brede bespreking kan buigen over het HEID? De voorzitter. Door de heer Van der Helm, daartoe gesteund door de heer Martinez van Andel, mevrouw De Groot, de heer Thepass, mevrouw Holman en de heer Assad, wordt het volgende amendement (L.A. VVD) voorgesteld:

48

Amendement L.A VVD Bespreek dicta IV en V op een later moment De raad van de gemeente , in vergadering bijeen op 19 januari 2023, ter bespreking van Raadsvoorstel: Rekenkameronderzoek Lokaal Initiatievenfonds voor Schone Energie (LISE). Besluit om dictumpunt IV en V uit het raadsvoorstel te schrappen. Het amendement maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Vincent Thepass (GroenLinks). Voorzitter. Van GroenLinks ook dank aan de Rekenkamer, niet alleen voor het onderzoek, maar vooral ook voor de handreiking voor het revolverend fonds. Juist voor zo'n best wel ingewikkeld technisch instrument is het heel fijn voor de raad als wij de bredere context hebben, zodat we de inhoudelijke afweging kunnen maken. Ik zal het kort houden. In de commissie was GroenLinks ook al duidelijk. We zijn al langer kritisch op het HEID. We denken dat deze verbonden partij een democratisch tekort heeft, omdat ze onvoldoende transparant is richting de raad. Daarom staan we ook onder de motie van de Partij voor de Dieren om in ieder geval richting de definitieve versie van LISE te kijken hoe we die transparantie wel regelen. Tegelijkertijd zien wij ook het punt dat onder andere de Haagse VVD maakt. We hebben binnenkort een bredere evaluatie van de verbonden partij en van het HEID.

Dat is voor ons bij uitstek het moment waarop we ook naar de fundamentelere problemen van het HEID kunnen gaan kijken. Daarom steunen we dan ook van harte het amendement van de Haagse VVD. Judith Klokkenburg (CU/SGP). Voorzitter. Van onze kant ook hartelijk dank voor het onderzoek van de Rekenkamer. Wat de ChristenUnie/SGP betreft, is het belangrijk dat de Handreiking resolverende fondsen goed en volledig gebruikt gaat worden bij het ontwikkelen van een revolverend fonds. Nogmaals dank. Wethouder Kapteijns (GroenLinks). Voorzitter. Ook namens het college veel dank aan de Rekenkamer voor het goede onderzoek. Ik beperk me kortheidshalve vooral tot de motie en het amendement, nadat ik gezegd heb dat LISE voor het halen van de duurzaamheidsdoelstellingen toch een belangrijk instrument zou kunnen gaan worden. We zijn er net mee gestart. Ik gaf in de commissie al aan dat er nog geen projecten helemaal door de pijplijn zijn, maar daar zijn we wel druk mee bezig. LISE moet er juist voor zorgen dat we als gemeente projecten die wat lastig subsidiabel zijn, maar nog niet door de markt worden gefinancierd, financieel mogelijk gaan maken. Dat is best wel zoeken. Vandaar dat het ook een pilot is en dat we die gaan evalueren. De motie die is ingediend door de Partij voor de Dieren en GroenLinks gaat wat breder dan alleen LISE.

Die vraagt om bij de verantwoording van alle HEID-fondsen nog wat meer in te gaan op ook de inhoudelijke kanten daarvan. Dat is in lijn met wat het college zelf ook al graag wilde doen en waar we ook al met de Rekeningencommissie vaker over hebben gesproken. Ik kijk ook even naar collega Bruines, die wat meer over het HEID gaat als wethouder Financiën. Wij kunnen met deze motie uit de voeten. Ik kan die dan ook aan de raad laten. Het amendement dat is ingediend door de Haagse VVD en een aantal andere partijen, is in lijn met zoals we er in de commissie over hebben gesproken. De eerste drie punten van het dictum gaan echt over LISE. Die punten kunnen we prima meenemen in de evaluatie die we nu aan het doen zijn en die rond de zomer klaar gaat zijn. We willen de exitstrategie verduidelijken. De staatssteuntoets, daar kunnen we naar kijken. We gaan natuurlijk ook heel nadrukkelijk kijken naar de voor- en nadelen van het onder het HEID brengen van dit instrument. De punten IV en V zijn wat fundamenteler. Die gaan meer in den brede in op de hele systematiek van het HEID. Het college heeft er echt een heel zeker gevoel over dat die ook de toets van de juristen zal doorstaan, maar om daar op een nader moment een wat breder en verdiepender debat over te hebben, lijkt het college prima. Ook het amendement kan het college dus aan de raad laten.

49

De voorzitter. Dank u wel, wethouder. Ik wil nog graag kort het woord geven aan de heer Twisk, de voorzitter van de Rekenkamer. De heer Twisk. Voorzitter. Ik denk dat het goed is dat bij het amendement het college zich ook expliciet uitspreekt over de oproep van het raadslid Van der Helm van de VVD om ook te borgen dat de beslispunten IV en V terugkomen. Ik zou het college graag wensen om vooral te kijken of de juridische waarborgen toereikend zijn. Wij hebben dat onderzocht. Wij hebben daar suggesties over gedaan. Daar ben ik dus blij om. Ik ben ook blij dat de beslispunten I tot en met III worden overgenomen en mee worden genomen in het besluit of LISE wel of niet definitief wordt. Ik vermoed dat dit wel het geval zal zijn. Dat betekent dat onze handreiking toch van nut is geweest. Daar is de Rekenkamer ook voor: om u op dat soort punten van dienst te zijn bij technisch ingewikkelde dingen. Ik zie uit naar de verdere evaluatie en het nieuwe raadsvoorstel van het college. De voorzitter. Dank u wel, meneer Twisk. De handreikingen van de Rekenkamer zijn altijd van nut voor de raad. Daar zijn we dus ook altijd dankbaar voor. Dank u wel, ook voor uw toelichting. Ik zie dat alleen de heer Barker het woord wenst in tweede termijn. Robert Barker (PvdD). Voorzitter.

Wij zijn natuurlijk geen voorstander van het amendement, maar ik zou graag van het college nog een reflectie krijgen op wanneer het dan terugkomt met het raadsvoorstel. Wethouder Kapteijns (GroenLinks). Voorzitter. Ik word, denk ik, voor iedereen hoorbaar gesouffleerd door collega Bruines: vóór de zomer kunnen we met een raadsvoorstel komen. Dan zoeken we ook even met de Rekeningencommissie naar een goed moment om dit gesprek in den brede te voeren. De voorzitter. Meneer Barker, is dat voor u duidelijk? Harstikke goed, dank u wel. De beraadslaging wordt gesloten. De voorzitter. Ik dank de heer Twisk van de Rekenkamer hartelijk voor zijn toelichting en zijn aanwezigheid. Aan het einde van de vergadering gaan we stemmen over de motie en het amendement.

Aan de orde is: M.

Voorstel van het college inzake Definitief maken transitievisie warmte (RIS313867).

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12466470/3