CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS313867 bijlage 2

Gemeenteraad 19 januari 2023, gemeente Den HaagBij agendapunt: Voorstel van het college inzake Definitief maken transitievisie warmte (RIS313867)48.175 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 5 van 6

17. In de planvorming en uitvoering dienen ook andere stakeholders actief betrokken te worden en waar mogelijk afstemming te zoeken. De afstemming met bijvoorbeeld netbeheerders is noodzakelijk over het vervangen/ verwijderen van gasleidingen en benodigde aanpassing van het elektranet. Dit geldt ook voor andere partijen in de stad, wijk en ondergrondse infrastructuur. 18. Tot op heden hebben we een communicatiestrategie en boodschap naar bewoners gemist; stads breed maar vooral gericht op de wijken. Deze is hard nodig om bewoners (huurders, eigenaar bewoners) in beweging te krijgen. Daarbij is belangrijk gasloos niet op te leggen, maar te denken

Reactie college Reactie gezamenlijke zienswijze woningcorporaties Arcade Haag Wonen, Staedion en Vestia: zie tekst bij #21. De term ‘transitiepad’ kan de suggestie wekken dat er met de transitievisie warmte al een blauwdruk ligt voor de hele energietransitie. Daarom is die term vermeden. Keuzes voor een energiesysteem, aanpassingen aan woningen en bijbehorende investeringsbeslissingen moeten in gezamenlijkheid met alle betrokkenen worden genomen. Het college onderschrijft deze oproep. De energietransitie raakt iedereen en het college is voornemens alle partijen die dat willen te betrekken. Nu en in de toekomst. De participatie en communicatieaanpak wordt verder geprofessionaliseerd. Een voorbeeld van het centraal stellen van bewoners zijn de burgerberaden waarmee is gestart.

76

vanuit de belangen van bewoners daarop aan te sluiten. Vooral ook om draagvlak te krijgen voor de maatregelen en bijbehorende overlast. Dit sluit aan op het uitgangspunt van de TVW om niet de techniek maar de mensen centraal te stellen. 19. Wij hebben veel huurwoningen in gemengde VvE-complexen, waar de besluitvorming en financiering op andere wijze geregeld is. Een brede aanpak voor de bewustwording en ondersteuning van VvE’s is noodzakelijk om ook in deze complexen stappen te kunnen zetten. Deze zijn vanuit perspectief corporaties ook hard nodig.

#24 Privé persoon 23-5-2022 In het klimaatakkoord dd 28 juni 2019 is het volgende tussen de bij het klimaatakkoord betrokken partijen vastgelegd mbt de afspraken tussen die partijen (zie klimaatakkoord 2019, blz 27): ad a 1. Gemeenten leggen met betrokkenheid van stakeholders in de transitievisie warmte het tijdpad vast voor een (stapsgewijze) aanpak richting aardgasvrij (waarbij isoleren een stap kan zijn, mits onderdeel van de wijkgerichte aanpak aardgasvrij) 2. Voor wijken waarvan de transitie voor 2030 is gepland, maken zij (=gemeenten) ook de potentiële alternatieve energie infrastructuren bekend en 3. bieden zij inzicht in de maatschappelijke kosten en baten en de integrale kosten voor eindgebruikers hiervan (zoveel als mogelijk geprogrammeerd op basis van de laagste maatschappelijke kosten en kosten voor de eindgebruiker. Mijn zienswijze: ad1 Zowel een tijdpad als een (stapsgewijze) aanpak als bedoeld in het klimaatakkoord ontbreekt in de nu voorliggende concept-transitievisie warmte Den Haag. Weliswaar is er sprake van 2 stappen met

14

Den Haag is een stad van VvE’s: grofweg gaat het in Den Haag zelfs om de helft van alle woningen. Om deze reden heeft Den Haag al jaren een VvE-balie, waar VvE’s terecht kunnen met een breed palet aan vragen: over hoe ze actief kunnen worden, sparen, periodiek onderhoud moeten plegen, maar ook over energie besparen en isoleren. De VvE-balie organiseert geregeld informatieavonden en grote (collectieve) acties in de stad over deze thema’s. Daarnaast lobbyt de gemeente Den Haag bij het Rijk om de gekwalificeerde meerderheid die nu nodig is bij het nemen van verduurzamingsmaatregelen (in tegenstelling tot een ‘gewone’ meerderheid bij regulier onderhoud) gelijk te trekken met de besluitvorming rondom onderhoud. In oktober 2022 is rondom dit thema ook in de landelijke media breder aandacht voor gevraagd, onder andere door Vereniging Eigen Huis. 14 Reactie college Het college gaat hieronder apart in op de drie genoemde punten.

In de ogen van het college sluit deze transitievisie warmte aan bij het in het Klimaatakkoord beoogde detailniveau. In Den Haag is wel gekozen om tot buurtniveau te verfijnen, waar het Klimaatakkoord het over wijken heeft.

Volkskrant, Vereniging Eigen Huis: ‘Laat woningeigenaren verduurzamen, ook als ze er met de buren in de vve niet uitkomen’, 17 oktober 2022

77

daaraan gekoppeld een jaartal (2030, 2040), maar dat is niet de verfijning die het klimaatakkoord beoogt. Bovendien legt de transitievisie warmte geen getuigenis af van de wijze waarop stakeholders betrokken zijn geweest bij de totstandkoming van de concept-transitievisie warmte mbt deze twee onderdelen (stappenplan, tijdpad)

ad2 Benoeming van de potentiële alternatieve energie infrastructuren per wijk ontbreekt in de concepttransitievisie warmte voor de wijken waarvan de transitie voor 2030 is gepland ad3 de concept-transitievisie warmte biedt geen inzicht in de maatschappelijke kosten en baten en de integrale kosten voor eindgebruikers hiervan. Bovendien: op de 3 gemeentelijke informatiebijeenkomsten is expliciet vermeld dat er alleen is uitgegaan van de laagste maatschappelijke kosten, en dus niet van de kosten voor de eindgebruiker zoals ik daaruit dan meen op te kunnen maken. Zou de eindconclusie per wijk er anders uitgezien kunnen hebben als de kosten voor de eindgebruiker wel meegewogen zouden hebben? Volgens mij dient de transitievisie warmte op de hierboven genoemde punten in te gaan en daar melding van te maken respectievelijk daar verslag van te doen/verantwoording over af te leggen. #25 Den Haag Fossielvrij 23-5-2022 Geachte leden van het College van Burgemeester en Wethouders, Hierbij ontvangt u van ons de zienswijze zoals wij die op deze laatste datum van inzending aan u kunnen sturen. Wij ziens ons genoodzaakt deze zienswijze in te sturen, hoewel wij verwacht hadden dat er gezien de nog lopende coalitiebesprekingen en de situatie in de wereld een andere procedure zou worden aangekondigd.

Veranderende wereld De transitievisie warmte is (beperkt) aangepast na fundamentele kritiek van de gemeenteraad. Zij werd op 23 februari 2022 ter inzage gelegd voor drie maanden. In de nacht van 23 op 24 februari 2022 kondigde president Poetin van de Russische Federatie een ‘Speciale Militaire Operatie’ aan die de wereld fundamenteel zou veranderen. We kijken nu, drie maanden later, naar een verouderd document waarin noch de ambities (klimaatneutraal 2030), noch

In uitvoeringsplannen zal, waar nodig, per buurt, wijk, of gebied een verdere uitwerking worden vastgesteld. Betrokkenheid van stakeholders wordt beschreven in zowel de transitievisie warmte als in de bijlage van de transitievisie warmte. Ook in deze nota van beantwoording is uitvoerig beschreven hoe de participatie tot stand is gekomen. De benoemde energieopties zijn bedoeld als alternatief voor de huidige warmtevoorziening. Het klopt dat de transitievisie warmte is gebaseerd op de laagste kosten gedurende de levensduur, zonder deze kosten en opbrengsten toe te wijzen aan partijen. Doordat subsidies, energietarieven en belastingen steeds veranderen is het niet voorspelbaar welke energierekening er voor de eindgebruiker ontstaat. Wat de transitievisie warmte doet, is de totale kosten minimaliseren, wat een goede basis legt voor lage eindgebruikerskosten. Aanpassing TVW: Dit wordt opgenomen in de transitievisie warmte.

Reactie college De transitievisie warmte laat per buurt zien wat goede opties zijn voor een duurzame energievoorziening. Dat gebeurt vanuit het doel om de Haagse impact op het klimaat te verminderen (en daarmee tegelijkertijd om de afhankelijkheid van onvriendelijke landen te verminderen). De transitievisie warmte schetst een beeld waar de komende jaren naar toe wordt gewerkt. Recente, actuele gebeurtenissen, hoe ingrijpend ook, zijn geen argument tegen de aanpak, eerder een onderbouwing van de noodzaak. De urgentie onderschrijft het college echter volledig. Aanpassing TVW: De actuele gebeurtenissen worden toegevoegd aan de TVW. Daarnaast wordt de urgentie van de energietransitie onderstreept.

78

de omgevingsfactoren (schaarste aan gas en onzekerheid over levering fossiele grondstoffen), noch de ernst van de gevolgen voor onze burgers (hoge energieprijzen, hoge inflatie) zijn opgenomen. Ook Den Haag Fossielvrij had deze oorlog niet voorspeld. Maar veel van de effecten van deze oorlog, zouden ook door klimaatverandering alleen optreden. Den Haag Fossielvrij realiseert zich al veel langer dat klimaatverandering zeer fundamenteel ingrijpt in onze manier van leven, zowel via de daarvoor noodzakelijke aanpassingen om de temperatuur wereldwijd niet verder te laten stijgen dan 1,5 graden celcius, als via de aanpassingen die nodig zijn om met deze temperatuurstijging wereldwijd en in de stad Den Haag om te gaan. De afgelopen vier jaar zijn talloze kansen door het College niet gegrepen. Er waren afspraken in het collegeakkoord die niet zijn nagekomen. En er zijn, bewust of onbewust, bekwaam of onbekwaam, maatregelen genomen die de situatie in Den Haag en wereldwijd verergerden. Hard powers en soft powers van de gemeente zijn niet of onjuist gebruikt. En daardoor zijn er kostbare jaren voorbij gegaan. Belangrijk is ons te realiseren dat we niet moeten doen wat haalbaar is, maar wat nodig is. Dat vraagt om een andere instelling.

Het college herkent zich niet in deze beschrijving van belangen.

De waarden van de burger Doen wat nodig is betekent niet dat burgers hun vrijheid ontnomen moet worden en een overheid bepaalt wat er waar precies gebeurt. Juist in tijden van transitie zijn het vaak de burgers die met de beste oplossingen kunnen komen. Die integraal verschillende oplossingen kunnen combineren en buiten de kaders kunnen treden waarin overheden denken. Burgers die hun diversiteit aan waarden inbrengen en die niet kiezen voor oplossingen die op papier werken, maar in de praktijk niet. Waar de overheid met een papieren werkelijkheid doelen kan afvinken, heeft de burger met de praktijk te maken. De praktijk nu, maar ook die in de toekomst.

In Den Haag krijgen bewonersinitiatieven en -groepen veel ruimte en steun krijgen van de gemeente. De transitievisie warmte verandert daar niets aan. De transitievisie warmte verplicht niemand om een bepaalde warmtevoorziening te kiezen.

Al in 2017 is door bewonersinitiatieven een Haags Warmtemanifest opgesteld met uitgangspunten voor de energietransitie. In hetzelfde jaar werd het Haags Klimaatakkoord gesloten waar 13 van de 15 partijen en meer dan 300 organisaties in de stad zich achter schaarden. Deze documenten, meer dan het Stedelijke Energieplan, verwoorden de waarden waarlangs de energietransitie met draagvlak in de stad plaats kan vinden. Doelstelling 1,5 graad en klimaatneutraal 2030 weer centraal In de afgelopen vier jaar heeft onder leiding van dit College een vreemde verschuiving van belangen opgetreden. De belangen van een duurzame wereld en de belangen van de burger hebben plaats gemaakt voor de belangen van commerciele partijen en woningcorporaties.

Het college herkent zich niet in deze beschrijving van belangen.

79

Tegelijkertijd vond een verschuiving plaats van het denken vanuit de doelstellingen waarheen we werken, naar losse stapjes zonder dat duidelijk wordt hoe daarmee het einddoel gehaald wordt. Duurzaamheid werd weggeschoven om de randvoorwaarden voor elk systeem, ‘betrouwbaar, haalbaar en betaalbaar’ centraal te stellen. Vergeten werd dat deze hele transitie noodzakelijk is, juist om het criterium duurzaam als centraal doel toe te voegen. 1,5 graden los laten is en was geen optie, net zoals klimaatneutraal 2030 loslaten geen optie is. Kostbare jaren zijn verloren. Dat betekent dat we sneller moeten, niet dat we langer de tijd hebben. Die urgentie spreekt niet uit deze transitievisie warmte. Gelukkig is, mede door de oorlog in Oekraine en het complex aan wereldwijde gevolgen daarvan, de urgentie in de periode dat deze transitievisie warmte ter inzage lag bij de burgers wel enorm toegenomen. Een andere visie op de transitie Den Haag Fossielvrij biedt u hierbij een andere visie op de transitie, waarvan we hopen dat deze wordt overgenomen als nieuwe transitievisie warmte. Vanzelfsprekend zijn wij graag bereid deze visie in samenwerking met het stadhuis te verwoorden in de vorm van een daadwerkelijk beleidsstuk en onze bijdragen te leveren om deze te verwezenlijken.

Het college vindt dat de energievoorziening duurzaam moet worden en betrouwbaar en betaalbaar moet blijven. Haalbaar is belangrijk, onhaalbaar is onwenselijk.

Na een mondelinge toelichting van Fossielvrij Den Haag, is duidelijk geworden wat de andere visie van Fossielvrij Den Haag inhoudt. In het kort heeft het college dit alternatief als volgt geïnterpreteerd: - Zet in op hybride warmtepompen met voldoende elektrisch vermogen om in de toekomst zonder cv-ketel zelfstandig voor voldoende verwarming te kunnen functioneren. - Zet in op zo laag mogelijke temperatuur. - Zet uitsluitend in op individuele of klein collectieve oplossingen. - In elke woning ontstaat in de zomer koelbehoefte wat er toe leidt dat overal een warmtepomp (air conditioning) aanwezig zal zijn. - Daarmee wordt gebruik van restwarmte uit Rotterdam voorkomen en verdwijnt de afhankelijkheid van monopolisten. - Inwoners van Den Haag kunnen zo hun eigen oplossingen realiseren en hebben minder vaste lasten waardoor minder energiegebruik leidt tot lage kosten. De transitievisie warmte en de visie van Fossielvrij Den Haag hebben voor grote delen van de stad vooral overeenkomsten. Het belangrijkste verschil is dat het college de inzet van midden temperatuur warmte ziet als oplossing die op korte en lange termijn lagere kosten met zich meebrengt en dat restwarmte uit Rotterdam in Den Haag bijdraagt aan onze transitie naar het

80

Werken vanuit beleidsprincipes Deze visie is gebaseerd op het werken vanuit beleidsprincipes. Beleidsprincipes zijn uitgangspunten die verankerd zijn in natuurwetten en de fundamenteel te bereiken doelstellingen op een hoger abstractieniveau. Beleidsprincipes bieden de mogelijkheid voor alle partijen in de stad om hun eigenoplossingsrichtingen te formuleren en te toetsen. De stad accomodeert en faciliteert met de randvoorwaarden om in de stad gewenste oplossingen snel en decentraal te kunnen toepassen. De gemeenteraad heeft al een aantal beleidsprincipes vernoemd in haar amendement op de warmtetransitievisie. Ook zijn er in het haags warmtemanifest en het haags klimaatpact beleidsprincipes opgenomen. Wij verzoeken de gemeente de beleidsprincipes in de bovengenoemde documenten hier als ingelast te beschouwen en evenals de onderstaande beleidsprincipes elk van een antwoord te voorzien. Wij hebben hierbij nog een flink aantal beleidsprincipes ter verwerking in de warmtetransitie visie opgenomen: - De risico’s van klimaatverandering worden met eenzelfde voortvarendheid opgepakt als andere risico’s als die in het verkeer, op ziekten enz. We zijn dus niet tevreden met een kans van 50% dat een risico zich voordoet.

- We willen zo snel mogelijk zo veel mogelijk CO2 en andere broeikasgassen besparen, waarbij we het eindplaatje van een CO2-vrije samenleving wel centraal blijft staan. Er is een maximale CO2-uitstoot die we nog kunnen realiseren, en een tijdelijk overschot is gevaarlijk omdat daardoor onbeheersbare natuurlijke tipping points kunnen bestaan. - Burgers staan centraal in de besluitvorming. Niet woningeigenaren/verhuurders/wooncorperaties. De burger is degene die de energierekening betaalt.

gebruik van minder aardgas. Het college wil ook voorkomen dat actieve koeling in elke woning nodig is. Het Haags Warmtemanifest en het Haags klimaatpact bevatten vele hoofdpunten. De transitievisie warmte sluit daarbij aan en werkt ze in ieder geval niet tegen. Uitzondering daarop zijn: • •

De transitievisie warmte ziet wel een rol voor WarmtelinQ. Een groot deel van de stad, maar niet de hele stad, kan in 2030 duurzaam worden verwarmd.

Er moet wel worden opgemerkt dat beide documenten een breder veld omvatten dan de transitievisie warmte. Mobiliteit en voedsel zijn daar voorbeelden van. Anderzijds is de transitievisie warmte vooral bedoeld om concreet aan te geven welke oplossingen in welke buurt een goede optie zijn. Onderstaande punten gaan deels over beleidsprincipes en later steeds meer over gedetailleerde uitwerking. Het college deelt de urgentie van oplossingen van het klimaatprobleem. Veel van de manieren om hier invloed op te hebben, liggen bij andere partijen. Denk aan gebouweigenaren, energiebedrijven en de landelijke overheid. Met de middelen die de gemeente heeft, is een stimulerende en regisserende rol mogelijk. De transitievisie warmte is een voorbeeld van de regisserende rol. Het college heeft het voortouw genomen om een beeld te schetsen van welke oplossingen waar in de stad een goede optie zijn. Niet alleen, maar in uitgebreid gesprek met de stakeholders. Ook de transitievisie warmte is gericht op het snel besparen van broeikasgassen met een CO2-vrije samenleving als einddoel. Woningeigenaren zijn degenen die het besluit kunnen nemen om aan de slag te gaan met verduurzamingsmaatregelen. Dat maakt hun rol in de besluitvorming belangrijk, net als die van bewoners.

81

- Het bedrag dat de burger maandelijks aan energie betaalt, kan ingezet worden voor investeringen en lagere energiekosten. Financieringsinstrumenten moeten zo toegankelijk zijn dat burgers onafhankelijk van hun situatie (financieel, huur/koop, etc.) de maandelijkse energielasten zo in kunnen zetten dat investeringen en energiekosten uitwisselbaar worden. - Betaalbaarheid gaat uit van total costs of ownership. Op overheidsniveau tellen de kosten voor het later uit de lucht halen van teveel uitgestootte CO2 even goed mee. Voor de burger wordt over een investering de betaalbaarheid afgezet tegen de tijd dat deze gebruikt kan worden. Isolatie gaat bijvoorbeeld gedurende de levensduur van een huis mee.

- Duurzame energie kent variatie in aanbod, waardoor energie niet langer alleen vraaggestuurd is, maar ook aanbodgestuurd.

- De opgave tot energiebesparing staat centraal. Deze opgave is het moeilijkst op die momenten en plaatsen waar er weinig aanbod is en veel vraag. Maar deze moeilijkste opgave is tegelijkertijd de belangrijkste. Deze specifieke opgave is het kostbaarst en wordt extra gewogen bij toepassing van oplossingen.

- Op hetzelfde tijdstip en hetzelfde moment zijn energie en de belastingen daarop voor iedereen even duur. Alleen dan is optimalisatie in gebruik en investeringen mogelijk. Dit principe blijft centraal staan in besluiten, ook wanneer het in de praktijk nog niet is ingevoerd. - Ook voor de levering van warmte zal een vergelijkbare energiebelasting gaan gelden. De huidige belastingvrijstelling voor levering van warmte wordt niet als een permanent voordeel voor bewoners voorgesteld.

Er wordt door de Rijksoverheid en de gemeente Den Haag hard gewerkt aan een breed palet van financieringsmogelijkheden.

Kosten van het uit de lucht halen van CO2 of zelfs van het opvangen van de gevolgen van klimaatverandering zouden een rol moeten spelen in deze berekeningen. De ingezette weg, om dit via een markt op CO2-uitstoot te regelen, hebben nog niet tot indrukwekkend resultaat geleid. Besluiten hierover zijn aan de Rijksoverheid en de Europese Commissie. Het afstemmen van vraag op aanbod (in plaats van andersom) is bij sommige energiedragers makkelijker (aardgas) dan bij anderen (warmte en elektriciteit). Deze afstemming is onontbeerlijk voor een goed werkend schoon energiesysteem. Oplossingen liggen in vraagsturing en in de opslag van energie. Ontwikkelingen hieromtrent worden op de voet gevolgd. Energiebesparing is inderdaad altijd de eerste stap die moet worden gezet. Op pagina 1 van de concept-transitievisie warmte is daarom het volgende opgenomen: “De eerste en makkelijkste stap is zorgen voor betere isolatie en ventilatie van woningen en gebouwen en aangepaste verwarming zodat we allemaal minder energie verbruiken.” Den Haag zet hier al vol op in. Met het gemeentelijke loket Hou van je Huis (waaronder óók de VvE-balie en de Huurbalie vallen) wordt bewoners gratis advies over energie besparen en isoleren geboden. Ook heeft de gemeente Den Haag uitgebreide subsidieregelingen en worden tal van bewonersinitiatieven en –groepen ondersteund.

Zie de website Duurzame Stad Den Haag voor alle ondersteuning en acties van Hou van je Huis. Er wordt, ook in Den Haag, geëxperimenteerd met tarieven voor energie die afhangen van vraag en aanbod op dat moment. Het college heeft geen zicht op plannen om de belastingstructuur op warmte te wijzigen. De Rijksoverheid werkt momenteel aan de Wet collectieve warmtevoorziening (Wcw), waarin een uitgangspunt is dat tarieven worden

82

- Bij veel aanbod en weinig vraag zal de prijs van energie en de belastingen daarop van nature laag zijn. Bij veel vraag en weinig aanbod volgt van nature een hoge prijs. Dit principe blijft centraal staan in besluiten, ook wanneer het in de praktijk nog niet is ingevoerd. Deze flexibele prijzen – veranderlijk in tijd, maar voor alle gebruikers groot en klein gelijk – zorgen dat flexibel gebruik en opslag rendabel zijn. De beste oplossingen zijn dus integrale oplossingen waarbij flexibel gebruik en opslag mogelijk zijn en waarbij de mogelijkheid van gebruik bij laag aanbod en hoge vraag het meest mee telt. - De kosten voor transport van elektriciteit over grotere afstanden (van meer dan enkele huizen tot tussen steden en landen) is een factor 100 efficienter dan het transport van warmte. Elektriciteit kan kostenefficient vervoerd worden binnen de stad en van bronnen ver van de stad gelegen.

- Elektriciteit en warmte zijn met elkaar verbonden. Elektriciteit kan immers eenvoudig in warmte worden omgezet. Met een warmtepomp is een veelvoud aan warmte uit 1 kWh elektriciteit op te wekken door warmte uit de omgeving op te waarderen. - De energiebalans tussen vraag en aanbod moet integraal benaderd worden. Zonnepanelen, heatpipes, warmtepompen, elektrische auto’s laden en ontladen, inductie koken, opslag van elektriciteit en warmte en het sturen op momenten waarop energieverbruikers aan slaan, moeten lokaal geoptimaliseerd worden. - Piekgebruik wordt beperkt door de capaciteit van netwerken, bronnen en/of apparatuur. Het ‘scheren van pieken’ (over de dag, op windstille donkere momenten, in de winter) om de beperkende factoren te ontzien verdient centrale aandacht en decentrale investeringen die centrale investeringen kunnen voorkomen. - Warmte is een lokaal evenwicht dat met een fractie van de verloren en op te waarderen energie in stand gehouden wordt. Het gros van de energie is al lokaal in de omgeving aanwezig, de fractie die in de vorm van elektriciteit gebruikt wordt, kan wanneer nodig van verder weg komen.

- Het paradigma van een bron met hoge temperatuur (gas verbranden, biomassa, elektriciteit in de vorm van een boiler/waterkoker gebruiken met warmterendement 1:1) waarvan de verbrandingstemperatuur in huis wordt verlaagd, verandert in het paradigma waarin we zoeken naar

gebaseerd op daadwerkelijke kosten die door warmteleveranciers worden gemaakt. Eén van de doelen is om warmte betaalbaar te houden. Extra belastingen op warmte zouden averechts werken. Goede, slim gestuurde opslag van energie en vooral warmte kan een enorme bijdrage leveren aan een efficiënt schoon energiesysteem. De eerste technieken die grootschalig inzetbaar lijken beginnen nu beschikbaar te komen.

Elektriciteit laat zich inderdaad makkelijker transporteren. Echter, in de omgeving van Den Haag is veel warmte beschikbaar die zich met geringe verliezen (<10%) naar Den Haag laat transporteren.

Een warmtepomp kan efficiënt “nutteloze” warmte uit de omgeving omzetten in bruikbare warmte. Een net om restwarmte te transporteren doet hetzelfde, maar dan nog efficiënter. Er wordt uitgebreid geëxperimenteerd met het afstemmen van aanbod en vraag, ook in Den Haag.

Peakshaving is nog niet echt doorgedrongen in Den Haag, en zou gestimuleerd kunnen worden. Hier ligt een rol voor verschillende partijen, de netbeheerder, de Rijksoverheid, de gemeente en energiebedrijven. Het college vindt het belangrijk om zoveel mogelijk lokale bronnen te gebruiken. Dit is ook één van de Haagse uitgangspunten. Op pagina 9 van de concept-transitievisie warmte wordt dit uitgebreider uitgelegd Het college onderschrijft deze notie.

83

evenwichten tussen aanbod en vraag, verlies aan warmte via de schil van het huis en het opwaarderen van de omgevingsenergie tot een niveau dat in huis bruikbaar is. - Met een warmtepomp wordt een veelvoud van energie uit de omgeving (lucht, water, bodem, riool) onttrokken, met een fractie van de (elektrische) energie. Zo is minder energietransport nodig, en een kleinere hoeveelheid primaire (elektrische) energie. - In een huis dient een evenwicht te ontstaan tussen het verlies aan energie door de schil (muren, ramen, etc.) en de toegevoegde energie door opwaarderen van de omgevingsenergie. - Een hogere afgiftetemperatuur in huis betekent een hogere noodzaak aan primaire elektrische energie. Hoe lager de afgiftetemperatuur, hoe beter de milieuprestatie.

- Een hoge temperatuur voor warmteafgifte is voor geen enkel huis het hele jaar nodig. Ook een slecht geisoleerd huis met oude radiatoren kan een groot deel van het jaar met een warmtepomp verwarmd worden. Een hybride warmtepomp werkt dus in elk huis. - Wanneer een hybride warmtepomp wordt aangeschaft, dient het vermogen van de warmtepomp (zonder gebruik van gas) voldoende te zijn om het gas af te kunnen sluiten wanneer het gewenste isolatieniveau is bereikt en het gewenste afgiftesysteem is geinstalleerd. Bij normering dient ‘gewenst’ hier ten minste als de economische en energetische optimalisatie gezien te worden. Een hybride warmtepomp moet dus in de eindsituatie voldoende vermogen hebben om het zonder het gasdeel alleen aan te kunnen.

- Elk huis met een gasketel dient gestimuleerd worden om daarbij een warmtepomp aan te schaffen. Warmtepompen kunnen prima met een bestaande gasketel samenwerken. Op deze wijze gaat de transitie veel sneller dan wanneer alleen bij vervanging van de gasketel een hybride oplossing wordt gekozen.

Het college onderschrijft deze notie.

Het college onderschrijft deze notie. Het college onderschrijft het belang van het beperken van de aanlevertemperatuur van warmtenetten. Daarmee wordt het mogelijk om meer bronnen in te zetten, zoals geothermie en centrale warmtepompen en zelfs de retourleiding van warmtenetten op hogere temperatuur. Zoals aangegeven speelt de noodzaak hierbij om tapwater tot boven 55 graden op te warmen een rol. Het is niet altijd efficiënt om daar een apart systeem voor in te richten. Het college onderschrijft deze notie. Het enige verschil is dat – naarmate een woning beter geïsoleerd is – de hybride warmtepomp efficiënter en vaker zelfstandig (zonder de cvketel) kan draaien. Het is mogelijk om bij aanschaf van een hybride warmtepomp direct voldoende vermogen te installeren zodat de woning na verdere aanpassingen volledig elektrisch kan worden verwarmd. Een hybride warmtepomp heeft echter niet altijd dit doel. Hybride warmtepompen met een hoger vermogen zijn een stuk duurder in aanschaf. Hoewel de geschetste situatie voor sommigen kan werken, is dit dus niet voor iedereen nodig. De transitievisie warmte en later de uitvoeringsplannen zijn hiervoor leidend. Bewoners kunnen dat meenemen in hun afweging en de keuze in samenspraak met hun installateur maken.

Het pleidooi voor warmtepompen (al dan niet hybride) wordt volledig onderschreven door het college en heeft zijn plek gekregen in de transitievisie warmte.

84

- Bewoners moeten de optie krijgen om bij vervanging van hun gasketel een ketel tijdelijk te huren, zodat ze niet in de kou zitten maar wel kunnen kiezen om geen nieuwe ketel aan te schaffen maar te investeren in alternatieven. - In een duurzaam huis moeten isolatie, afgiftesysteem van warmte en de wijze waarop omgevingswarmte wordt opgewaardeerd in evenwicht zijn. - Is een huis nog niet duurzaam, dan kunnen isolatie, afgiftesysteem en wijze waarop omgevingswarmte wordt opgewaardeerd in willekeurige volgorde worden uitgevoerd. Elk van de verbeteringen zorgt voor een verbetering in energiebesparing. - In een huis dat nog niet duurzaam is, wordt gas als onduurzame bron alleen gebruikt op de momenten dat op een andere manier het evenwicht niet bereikt kan worden tussen isolatie, afgiftesysteem en wijze waarop omgevingswarmte wordt opgewaardeerd. - De mate van isolatie, het aan te leggen afgiftesysteem en de capaciteit waarmee omgevingswarmte wordt opgewaardeerd moeten elk minimaal zo worden uitgevoerd dat als alle drie de werkzaamheden zijn gedaan het huis duurzaam is en er geen gas meer nodig is.

- Om in piek-winter situaties de vraag naar elektriciteit te minimaliseren (wegens beperkingen in duurzame bronnen en netwerkcapaciteit), dient de isolatie niet alleen vanuit een CO2-besparing door het jaar heen, maar ook vanuit de noodzakelijke (en financieel relevante) besparing bij piek-vraag bezien te worden. Datzelfde geldt voor het afgiftesysteem (warmtepompen zijn efficienter bij lagere afgiftetemperaturen) en het vermogen van de warmtepomp (in de pieken in de winter tijdelijk uit kunnen beperkt de toppen van de combinatie van winterpiek en dagpiek). - Zo lang het elektriciteitsnet en duurzame bronnen niet in staat zijn in de piek-piek-piek momenten (piek dag, windstil en donker, en winterkou) voorziening te voorzien, dient het gasnetwerk niet afgesloten te worden. Bestaande gasketels kunnen in die piekmomenten het elektriciteitsnet ontzien. - Warm tapwater moet separaat van de verwarmingswarmte bezien worden. Lokaal kan warm tapwater in twee stappen opgewarmd worden (van invoertemperatuur water tot verwarmingstemperatuur via verwarmingsbron; van verwarmingstemperatuur naar gebruikstemperatuur via andere bron of elektrisch). Voor het voorkomen van legionella zijn ook andere, energiezuinigere, oplossingen dan verwarming tot 60 graden beschikbaar. Tapwater kan danook bijvoorbeeld tot 45 graden verwarmd worden.

- Voor zover warmtenetten noodzakelijk zijn, is de bron duurzaam en lokaal, wordt de schaalgroottebeperkt en is de temperatuur in het warmtenet niet hoger dan 40 en in piek-winter 50 graden. Hogere temperaturen zorgen voor meer verlies, minder efficiente bronnen, minder kansen om bronnen te combineren en leiden tot een lock-in bij de warm tapwater voorziening en bij nietduurzame op verbranding gebaseerde bronnen.

Het is reeds mogelijk om cv-ketels te kopen, te huren of te leasen. Het staat bewoners vrij om deze afweging te maken. De transitievisie warmte en later de uitvoeringsplannen kunnen hierbij helpen. Het college onderschrijft deze notie. Het college onderschrijft deze notie.

In een ideale situatie wordt dit inderdaad de rol van nietduurzame bronnen als aardgas in de toekomst. Het college onderschrijft deze notie.

Het college is het er mee eens dat de voorzieningszekerheid op zeer hoog niveau moet blijven. Voor wat betreft het legionellavrij houden van tapwater, wordt vastgehouden aan landelijke voorschriften. Zodra er (grootschalige) ontwikkelingen zijn om tapwater efficiënter legionellavrij te houden, die binnen de regelgeving passen, dan worden die bij de herijking van de transitievisie warmte ook geïncorporeerd. Ter bescherming van de bodem is het belangrijk om een balans te houden tussen koeling en verwarming. De bodem mag niet te ver afkoelen en niet boven de 35 graden worden verwarmd.

85

- Bij geothermie worden hogere temperaturen dan 40-50 graden gebruikt voor warmtebatterijen.

- Naast warmte wordt ook koeling in de zomer noodzakelijk. Warmtepompen kunnen beide producten leveren. Omdat in de zomer op de momenten dat koeling nodig is de zon ook schijnt, mag verwacht worden dat er dan altijd goedkope (zonnepanelen-)elektriciteit aanwezig is. Bij warmte-koude opslag is de koudeopslag dus steeds minder relevant, en kan de focus meer gelegd worden op het opslaan van de zomerwarmte voor gebruik in de winter. - Bij de kosten van warmtenetten dienen de extra investeringen voor koeling in huis ook meegenomen te worden in de kosten. - Grote elektriciteitsgebruikers in huis, zoals inductiekoken, warmtepomp, accu en auto, dienen eenvoudig met elkaar te kunnen communiceren of te reageren op elkaars gebruik.

- De overheid dient data over lokaal, regionaal en landelijk duurzaam energieaanbod en energievraag gratis real-time in een open protocol ter beschikking te stellen zodat bedrijven en burgers hun apparaten slim kunnen maken. Datzelfde geldt voor voorspellingen daarvan. - De mogelijkheid om apparaten uit te schakelen dient bij de burger te liggen, die via prijsprikkels daartoe gestimuleerd kan worden. Voorkomen moet worden dat apparaten door anderen dan de burger op een moment uitgeschakeld kunnen worden. - Optimalisatie werkt het beste wanneer de burger zelf inzicht, bezit en controle heeft en de opbrengsten van zijn keuzes ook bij de burger terecht komen. - Energie is een nutsvoorziening en dient dus niet om winst mee te maken. Burgers dienen beschermt te worden tegen commerciele belangen.- Energie-cooperaties van burgers bieden de mogelijkheden om de burger en zijn belangen centraal te stellen, maar de burger tegelijkertijd te ontlasten. Daarvoor is professionalisatie van burger-cooperaties nodig. - Daar waar de openbare ruimte hier mogelijkheden toe biedt, helpt de gemeente burgers en burgercooperaties om optimalisaties in het systeem ook door gebruik van openbare ruimte mogelijk te maken.

Dit gaat om openbare ruimte boven de grond (laden en ontladen auto’s bijvoorbeeld) en onder de grond (warmtelussen boren onder de stoep, mini-warmtenetjes tussen huizen, gelijkstroomnetjes zonnepanelen – accu - auto). - Het herstellen van het evenwicht tussen warmteverlies en het opwaarderen van warmte uit de omgeving vraagt om huis- en gebouwspecifieke oplossingen. Wanneer een evenwicht geoptimaliseerd

Dit is een inzet van geothermie die past in de visie van Fossielvrij Den Haag, omdat er alleen lage temperaturen worden benut. In de transitievisie warmte is een temperatuur van 70 graden wenselijk. Die temperatuur kunnen geothermiebronnen in Den Haag leveren. Het college wil voorkomen dat in elke woning koeling nodig is. Groene daken, meer groen in de openbare ruimte, dakisolatie, zonwering en dakisolatie kunnen daaraan bijdragen.

Het college ondersteunt het pleidooi over slimme apparaten. Regelgeving daarover ligt echter bij de Rijksoverheid en Europese Commissie en het detailniveau gaat verder dan de bedoeling is van de transitievisie warmte. Voor intelligente aansturing van de warmtevoorziening is goede data nodig. Hiervoor is een ingreep van de Rijksoverheid nodig. Dit zal voor sommige bewoners kloppen. Anderen zullen kiezen om de bediening, binnen grenzen, wel uit handen te geven.

De energiemarkt en zeker de warmtemarkt is door de Rijksoverheid lang als marktactiviteit gezien. Er lijkt een kentering gaande, waarbij in ieder geval de infrastructuur weer als publieke voorziening wordt gezien. Alles wat inwoners en bedrijven op eigen grond kunnen doen, moet op eigen grond gebeuren. Als dat niet mogelijk is, komt de openbare ruimte in beeld.

De transitievisie laat per buurt zien wat voor de meeste woningen in de buurt een goede oplossing is. Het is geen

86

kan worden tussen naastgelegen gebouwen, wordt dat, op vrijwillige basis, mogelijk gemaakt. Het uitganspunt van buurten als eenheid voor beleid staat daar haaks op. - Het elektriciteitsnet moet sowieso aangepast worden voor elektrische auto’s, zonnepanelen, inductie koken en de vrije keuze die burgers hebben om een warmtepomp aan te sluiten of op andere wijze elektrisch te verwarmen. Als die aanpassing plaats vindt, dient overal – ook waar een warmtenet voorzien wordt – uitgegaan worden van een op elektriciteit gebaseerde warmtevoorziening. Zo worden dubbele werkzaamheden aan het elektriciteitsnet en een warmtemonopolie-lock-in voorkomen. - De energietransitie zal een steeds sneller verloop kennen, waardoor er van nature tekorten en knelpunten in de arbeidsmarkt ontstaan. De transitie moet dus zo ingericht worden dat burgers zo veel mogelijk dingen ook zelf kunnen doen en dat er geen volgtijdelijkheden nodig zijn waardoor er kettingvertragingen optreden. - Restwarmte en aftapwarmte, warmte uit afvalverbranding, warmte uit biomassa etc. dienen afgebouwd te worden, niet opgebouwd.

- Groene waterstof wordt met grote verliezen gemaakt uit duurzame elektriciteit. Doordat duurzame elektriciteit in de vorm van groene waterstof niet efficient gebruikt wordt, vertraagt groene waterstof de energietransitie. Doordat de installaties om groene waterstof te maken alleen rendabel zijn wanneer deze grote delen van het jaar werken, is het ook bij pieken met overschot aan elektriciteitsproductie niet zinnig groene waterstof als energiedrager te produceren. Wij menen dat er op basis van deze beleidsprincipes en de beleidsprincipes in het amendement op de eerdere concept-transitievisie, de beleidsprincipes in het Haags Warmtemanifest en het Haags Klimaatpact een nieuwe transitievisie warmte geschreven moet worden. Het Stedelijk Energieplan kan dan ook verdwijnen en de nieuwe transitievisie kan tevens als Stedelijk Energieplan dienen.

blauwdruk en laat alle ruimte voor andere oplossingen, individueel of in (klein) collectief. Stedin is verantwoordleijk voor het tijdig aanpassen van de capaciteit van het elektriciteitsnet. Zij investeren op basis van voorspellingen van de ontwikkelingen in de stad. Als in een warmtenetwijk veel aanvragen voor grotere aansluitingen komen wordt daar het elektriciteitsnet versterkt. De voorgestelde keuze om overal het elektriciteitsnet te versterken leidt tot onnodige investeringen. Het college staat open voor het zelf doen van werkzaamheden. Als één van de weinige steden heeft Den haag zijn isolatiesubsidies zo ingericht dat inwoners ook subsidie krijgen voor zelf uitgevoerde werkzaamheden. Het is geenszins de bedoeling van het college om te bevorderen dat er steeds meer warmte nodig is om gebouwen warm te houden. Dat gaat in tegen het idee dat energiebesparing de eerste en belangrijkste stap is. Het gebruik van restwarmte en aftapwarmte, warmte uit afvalverbranding, warmte uit biomassa etc. kan wel toenemen als het het verbranden van aardgas vervangt. In de transitievisie warmte is geen grote rol voor groen gas of waterstof weggelegd.

Opnieuw beginnen met de transitievisie warmte is niet wenselijk. Deze transitievisie warmte doet waar hij voor bedoeld is, zoals vastgelegd in het nationaal Klimaatakkoord, namelijk per buurt aangeven welke schone warmtevoorziening een goede optie is en op welke termijn deze gerealiseerd kan worden, onder andere op basis van laagste kosten. Opnieuw beginnen zou verdere vertraging van de energietransitie in de hand werken.

87

Geen misverstanden. Contact graag! Wij zijn ons ervan bewust dat deze beleidsprincipes vragen kunnen oproepen. Vanzelfsprekend zijn we graag bereid, en nodigen we onszelf hierbij actief uit, om deze te beantwoorden. Wij gaan ervan uit dat bij het verwerken van deze zienswijze in de definitieve transitievisie warmte alle beleidsprincipes los van elkaar worden beoordeeld en er in de antwoorden van de gemeente geen (aldan niet bewuste) misverstanden over deze zienswijze bestaan. Wij roepen de gemeente op eventuele misverstanden door actieve communicatie met Den Haag Fossielvrij te voorkomen. Handelingsperspectief burger en anderen ontbreekt Wij menen dat het in deze tijd van hoge urgentie onverantwoord is de stad per wijk/buurt in te delen in - (hybride) warmtepompbuurten - warmtenetbuurten (sec) voor 2030 - warmtenetbuurten (sec) na 2030 - mix van warmtepompen en warmtenetten- warmteoptie nog onduidelijk. Hybride warmtepomp mogelijk. Allereerst wordt met de keuze voor ‘warmtenetbuurt’ de facto niets zinnigs gezegd.

Is dit een fossielrestwarmtenet met een gasgestookte piekvoorziening? Of een cooperatief lage-temperatuur netwerk waarin burgers zelf energie invoeden, delen, opslaan en uitwisselen? Betekent dit dat het gasnet in deze buurt voor 2030 verdwijnt, of wordt het gasnet voor de piekvoorziening behouden? Wordt het elektriciteitsnet aangepast zodat burgers zonnepanelen, warmtepompen, elektrische auto’s, inductiekoken en opslag van elektriciteit en warmte kunnen aanschaffen? Kunnen ze onderling warmte en elektriciteit gaan uitwisselen? Kunnen ze warmte leveren aan het netwerk? Bij (hybride) warmtepompbuurten: blijft het gasnet dan dus? Komt er voldoende elektrische capaciteit om in de piek-winter een grote warmtepomp te laten draaien, of moet ik juist hybride kiezen omdat dat elektriciteitsnet het niet aan kan en we dan in de hele straat in het donker zitten? Bij warmtenetbuurten na 2030 vraagt de burger zich af hoe hij zich dat moet voorstellen. Den Haag is in 2030 klimaatneutraal, maar er gebeurt pas in de tien jaar daarna tot 2040 iets bij mij in de straat. Zit ik dan in de kou? Moet ik afwachten en me blauw blijven betalen aan de stijgende energiekosten? Kan ik toch zonnepanelen en een warmtepomp nemen? Wordt er in het elektriciteitsnet geinvesteerd? In

De transitievisie warmte wordt minimaal elke vijf jaar herijkt. Dan kunnen wijzigingen worden doorgevoerd op basis van nieuwe ontwikkelingen, inzichten en omstandigheden. Het college heeft deze oproep ter harte genomen en inmiddels een aantal keer gesproken met Den Haag Fossielvrij.

De indeling van de stad in buurten met daarin aangegeven welke warmteoptie een goede oplossing is, is een belangrijke stap in de energietransitie. Het geeft inwoners een beeld van welke opties in hun buurt een goede keuze zijn en een uitgangspunt waarmee verder kan worden gewerkt. Met warmtenetten worden warmtenetten bedoeld met een aanlevertemperatuur van 70 graden, midden temperatuur. Zie ook 3.1 op pagina 12 van de concept-transitievisie warmte. Beslissingen of het gasnet wordt verwijderd zijn aan de netbeheerder, Stedin. Vooralsnog mag Stedin op basis van de huidige wet en regelgeving geen gasnetten verwijderen, zolang daar nog klanten op zijn aangesloten. Wetgeving (Wet gemeentelijke instrumenten warmtetransitie) om te regelen dat gemeenten gebieden kunnen aanwijzen waar het aardgasnet binnen een redelijke termijn verdwijnt, is nog in voorbereiding. De transitievisie warmte maakt duidelijk dat er veel mogelijk is voor 2030, maar dat er ook na 2030 nog stappen moeten worden gezet in de energietransitie. Leveringszekerheid blijft geborgd.

88

2040 is het zoals het nu gaat misschien wel 2 graden of meer warmer. Hoezo warmtenet? Hoe zit het met mijn koeling? Dit is een kleine greep uit de vragen waar de burger nu antwoord op wil. Ze bepalen het gedrag en de keuzes die elke dag bij een grote groep Haagse burgers voorligt. Een nieuwe vloer, dan ook vloerverwarming? Koop ik een elektrische auto die kan laden maar ook kan terugleveren? Hoe veel zonnepanelen leg ik op het dak? Alleen voor mijn huidige gebruik, omdat dat voor de teruglevering centraal staat, of leg ik het hele dak vol, omdat ik daarmee met mijn buren kan uitwisselen en een deelauto kan aanschaffen? Complexer en nog dringender is het voor VVE’s en bewoners van wooncorporatieswoningen. Die beslissen niet alleen, maar moeten ook nog met elkaar overleggen. Krijg ik voldoende isolatie, hoe zit het met koeling in de zomer? Kan ik bezuinigen om mijn maandlasten als ik krap zit?

Niet op alle vragen die leven bij bewoners en bedrijven is nu al een antwoord te geven. Niet omdat er te weinig gestudeerd is, maar omdat beslissingen door andere partijen dan de gemeente genomen moeten worden. De transitievisie warmte geeft de resultaten van een analyse weer, gebaseerd op de gekozen uitgangspunten. In uitvoeringsplannen worden keuzes verder uitgewerkt, samen met bewoners en bedrijven. Daarna vallen beslissingen over investeringen die de gewenste duidelijkheid geven.

Net zoals dit voor de burger de vragen zijn waarop zij nu antwoord willen, zijn dit ook de vragen waar instituties als Stedin en woocorporaties antwoord op willen. Een warmtenet sec zegt niets. Daarnaast zijn dit vragen waar het MKB in Den Haag antwoord op wil. Innovatie, opleidingen, communicatie, het investeren in productie, ze zijn allemaal afhankelijk van een antwoord op deze vragen. Maar het zijn ook de vragen waar burgers die overwegen een cooperatie te starten mee zitten. Waar energiebedrijven van afhankelijk zijn voor hun investeringen. Duurzame lokale bronnen en initiatieven daarvoor komen nog steeds niet van de grond, omdat de gemeente ook in deze warmtetransitie visie geen antwoord geeft. Warmtenetten kan een eneco-monopolie op fossiele restwarmte betekenen, of de hoogste dichtheid van bewonersinitiatieven die tegelijkertijd speeltuintjes en deelauto’s introduceren. Waar staat de gemeente? Terugkijken en voorwaarts! Wij hebben de afgelopen jaren als Den Haag Fossielvrij vele malen ingesproken, onze kennis met burgerinitiatieven gedeeld en op de achtergrond raadsleden gevraagd en ongevraagd van advies voorzien. De wethouder heeft ons al die tijd ontweken, en ambtenaren werd gezegd dat ze niet met ons mochten praten.

Op de gemeenteraadsleden na die altijd bereikbaar en bereid waren, was er alleen sporadisch contact met het stadhuis, op een informele borrel, of in een formeel inspraakmoment dat veelal eenrichtingsverkeer vanuit de gemeente was. Wij gebruiken deze zienswijze ook om de gemeente te vragen in haar antwoord te formuleren hoe zij in de toekomst met Den Haag Fossielvrij wil omgaan. Den Haag is rijk aan burgerinitiatieven. Er is veel kennis over de warmtetransitie, de integratie met de elektriciteitstransitie en andere transitities. Velen willen hun kennis, ervaring, netwerk en werkzaamheden ook graag inzetten voor andere burgers in de stad die nu minder georganiseerd zijn.

Hier wordt een beeld geschetst waar het college nadrukkelijk afstand van neemt. Van een verbod of aanwijzing om niet met Fossielvrij Den Haag te praten is geen sprake geweest. Het college staat op verschillende manieren in nauw contact met de vele bewonersinitiatieven die onze stad rijk is. Deze initiatieven worden ondersteund door het college, met geld, middelen of tijd. Standpunten van inwoners en organisaties uit de stad worden zorgvuldig afgewogen. Als het college dan op basis van externe en interne expertise en bestuurlijke keuzes op een ander standpunt uitkomt, kan dat teleurstellend zijn. In de beschrijvingen van de gemeentelijke organisatie herkent het college zich niet.

89

Den Haag Fossielvrij mist de gemeentelijke inzet om deze broeiende humuslaag voor een cooperatieve, lokale energietransitie tot een welig bloeiende stadstransitie te helpen ontwikkelen. In plaats van in deze burgers te investeren, te professionaliseren en in een open gemeentelijke organisatiestructuur aan de burgers de tools en netwerken van de gemeente ter beschikking te stellen, ervaren wij meer een gesloten cultuur. Wij hebben de afgelopen vier jaar een gemeente gezien waarin de gemeenteraad keer op keer stuit op een hardleerse organisatie die niet wil leren en soicijns op een afgrond koerst. Een afgrond waarin de burger wel de rekening mag oppakken, maar slaafs moet toekijken wat er voor hem besloten wordt. Een college dat de armste, kwetsbaarste bewoners met de minste kennis en netwerkopties uitleverde aan de belangen van grote bedrijven en woningcorporaties. Wij ervaarden een gemeente waarin het college en de organisatie meer vertrouwen leek te hebben in grote bedrijven en corporaties dan in haar eigen burgers. Een college dat bestaande initiatieven van actieve, initiatiefrijke bewoners in de welgestelde wijken welliswaar steunde, maar tegelijkertijd de voedingsbodem langzaam vergiftigde voor nieuwe initiatieven en structuren in andere minder bedeelde wijken, die ook nodig zijn om te versnellen.

Er wordt ook een vijandbeeld geschetst van woningcorporaties en grote bedrijven. Ook dat is een gezichtspunt dat het college niet herkent. Het vergiftigen van een voedingsbodem voor bewonersinitiatieven is wederom een stelling waar het college zich niet in herkent.

Wij zijn de afgelopen gemeenteraad dankbaar dat ze het keer op keer in ruime meerderheid voor de burgers heeft opgenomen. Wij wensen een vruchtbare, open en communicatieve samenwerking met een nieuwe wethouder, een oprecht ambitieus college en een nog scherpere gemeenteraad! Op naar een klimaatneutraal Den Haag in 2030! #26 Haag Wonen 16-5-2022 Gezamenlijke zienswijze Arcade, Haag Wonen, Staedion en Vestia: zie tekst bij #21. Specifieke punten van Haag Wonen: 1. We herkennen ons niet in de temperatuurindeling in vier 'lage temperatuurbuurten’, namelijk: De Uithof, Erasmusveld, Lage veld en Kijkduin. Volgens de energiekansenkaart uit het Stedelijk Enerqieplan -die ten grondslag ligt aan de Buurtentabelen die voorafging aan de TVW-was eerder ingezet op midden temperatuur buurten. Bij het ophalen van onze input hebben we deze wijken ook besproken waarbij is aangegeven dat de woningen zich niet lenen voor een lage warmte aanvoertemperatuur. Alle vier de buurten lenen zich volgens ons meer voor midden of zelfs hoge warmteaanvoertemperatuur. Deze input hebben we ook gegeven. Het is ons dan ook onduidelijk wat de argumenten zijn voor het omzetten naar een lage temperatuur buurt. Wij zien de volgende

Reactie college Reactie gezamenlijke zienswijze woningcorporaties Arcade Haag Wonen, Staedion en Vestia: zie tekst bij #21. De kaart in het Stedelijk Energieplan (zie RIS306869) is gebaseerd op minder actuele en gedetailleerde informatie en analyse dan de transitievisie warmte. De input van Haag Wonen is meegenomen in de buurtentabel die onderdeel van de transitievisie warmte vormt. Daarin is, naar aanleiding van het overleg met Haag Wonen over Kijkduin, Uithof en Erasmusveld opgenomen dat voor enkele gebouwen in de betreffende buurten een aansluiting op een warmtenet

90

mogelijkheden per buurt: De Uithof: aan de overkant van de buurt ligt een warmtenet. Interessant om te onderzoeken of deze buurt hierop aangesloten kan worden. Ook in de energiekansenkaart was eerder ingezet op midden temperatuur. Erasmus Veld: ook hier ligt een warmtenet in de buurt. Het is daarom onduidelijk waarom er gekozen is voor lage temperatuur. Ook in de energiekansenkaart was eerder ingezet op midden temperatuur. Lage Veld: is 'oude’ nieuwbouw (bouwjaren 1998-2000). Juist voor die oudere woningen past een lage temperatuur niet. Kijkduin: wijk met ook aantal oudere woningen en die lenen zich niet voor lage temperatuur. 2. In Bijlage 4 in de Buurtentabel is een aantal buurten aangemerkt als gemengde temperatuur buurten. Dit zijn zeer diverse wijken qua bouwjaar en dus ook divers in aanvoertemperatuur. Hier is dus nog een nadere analyse nodig om te beoordelen wat de benodigde aanvoertemperatuur is op complexniveau. Bijvoorbeeld in het CID; nieuwbouw is uiteraard geen probleem op lage temperatuur maar bestaand bezit mogelijk wel. Dreven en Gaarde zijn onderdeel van de Proeftuin Den Haag Zuidwest dus goed om daar bij aan te sluiten. #27 Dunea 2-5-2022 Geachte leden van de Gemeenteraad van Den Haag,

logisch is, als dat in de buurt wordt gerealiseerd. Daarmee sluit de buurtentabel aan op deze inspraakreactie. In het algemeen geldt dat de transitievisie warmte per buurt een goede warmteoptie weergeeft met de verwachting dat er in een buurt een aantal gebouwen zal zijn waar een andere techniek wordt gekozen dan de meest voorkomende oplossing in die buurt.

De bevindingen uit de transitievisie warmte worden verder uitgewerkt in uitvoeringsplannen. Daarin wordt gedetailleerd naar elke buurt gekeken, wat ook kan leiden tot verschillende oplossingen die naast elkaar bestaan binnen één buurt. In buurten die in de Transitievisie zijn aangegeven als gemengde temperatuur, is nu al te zeggen dat dit het geval is. Dit is overeenkomstig de inspraakreactie. Reactie college Het college dankt Dunea voor de zienswijze en zal hieronder puntsgewijs inhoudelijk reageren.

Graag maakt Dunea van de gelegenheid gebruik een zienswijze in te dienen op de concepttransitievisie warmte, gepubliceerd op11 maart 2022. Voor een optimale maatschappelijke oplossing is het belangrijk dat de verschillende belangen van de energietransitie en drinkwaterlevering goed worden afgewogen en waar mogelijk elkaar versterken. Graag geven wij hiervoor als Dunea onderstaande punten mee om extra aandacht aan te besteden in de verdere uitwerking van deze conceptvisie. Neem het voorkomen van opwarming van drinkwater op als randvoorwaarde voor vergunningen voor de aanleg van warmtenetten. Er is een het risico dan de aanleg van warmtenetten de bodem verder opwarmt. Hiermee komt de kwaliteit van het leidingwater in het geding. Volgens het Drinkwaterbesluit mag een waterbedrijf drinkwater leveren met een temperatuur van maximaal 25°C. Wordt deze temperatuur overschreden,

Het belang van een goede en veilige drinkwaterlevering wordt volledig onderschreven. Sommige zaken worden reeds meegenomen in regulier onderzoek, of is verankerd in (wettelijke) eisen of regelgeving. Het college neemt de adviezen in deze zienswijze zeker ter harte en vervolgt, ook in de

91

dan kan dit resulteren in extra bacteriële groei met volksgezondheid-risico’s als gevolg. Om het water in de warme zomermaanden onder de 25 graden te houden en hittestress te voorkomen, zijn integrale en duurzame ruimtelijke keuzes noodzakelijk. Benader de ruimtelijke opgaves integraal: energietransitie en klimaatadaptatie kunnen elkaar versterken. Klimaat-adaptieve maatregelen verminderen het risico op opwarming van leidingwater. Denk hierbij aan: • • • • •

toekomst, graag het gesprek met Dunea als partner in de energietransitie en drinkwaterlevering. Gemeente Den Haag werkt aan klimaatadaptatie. Dit valt buiten het onderwerp van de transitievisie warmte, maar is wel terug te vinden in de Wegwijzer Den Haag klimaatbestendig (zie RIS308745). Ook in de Kadernota Duurzaamheid en in het coalitieakkoord is hier meer over terug te vinden.

Groen in plaats van verharding; Combineer groenstroken met ondergrondse infrastructuur; Verharding welke minder goed warmte vasthoud; Creëer schaduw –bijvoorbeeld met bomen; Zorg voor een vitale, vochtige bodem.

Bescherm de transportinfrastructuur van de drinkwatervoorziening welke ruim 1,3 miljoen mensen van drinkwater voorziet. Dunea hanteerteen beschermingszone van 9 meter voor transportleidingen >800mm, gemeten vanaf het hart van de leiding. Bij transportleidingen <800mm en >400 mm geldt er een beschermingszone van 5 meter. Deze leidingen zijn cruciaal voor de drinkwatervoorziening, het is van belang dat deze zones ten alle tijden bereikbaar zijn voor onderhouden/of storingen. Deze beschermingszones dienen geheel vrijgehouden te worden van objecten, zoals gebouwen, bomen, palen etc., om werkzaamheden aan deze leiding in de toekomst mogelijk te houden. Bij de aanleg, het onderhoud of de vervanging van de leiding is tijdelijk extra ruimte nodig om onder andere het tracé met machines te kunnen bereiken, voor de opslag van materialen en vrijgekomen grond, voor het prefabriceren van leidingwerk. Bescherm de distributie-en aansluitleidingen van de drinkwatervoorziening in Den Haag

In Den Haag wordt zo veel als mogelijk gebruik gemaakt van het door het college vastgestelde standaardprofiel waarbij voor warmteleidingen een tracé is bepaald onder de rijbanen, dus buiten het tracé voor waterdistributieleidingen. Bij aanleg van (grote transport-)leidingen voor stadsverwarming en/of WKO-systemen heeft de initiatiefnemer de verantwoordelijkheid om een tracéonderzoek te doen waarbij de aanwezige ondergrondse infra, inclusief de eisen die daaraan worden gesteld vanuit de netbeheerder, een belangrijk uitgangspunt is. Daarbij dient uiteraard ook gekeken te worden naar een tracé waarbij verleggingen zo veel als mogelijk voorkomen kunnen worden.

Het risico van opwarming van drinkwaterwater en toenemende ruimtedruk in de ondergrond maakt dat Dunea een aantal aandachtspunten wil meegeven aan gemeenten: •

Houd afstand van onze drinkwaterleidingen, die de Haagse bevolking voorzien van water uit de kraan, met de warmteleidingen. Als vuistregel wordt hierbij gehanteerd een afstand van

92

• • •

•

1,5 meter met leidingen die tussen de 40 en de 70 graden warmte leveren. Voor de afstand voor leidingen met temperaturen hoger dan 70 graden wordt 2 meter gehanteerd. Ook is het van belang om afstand te houden tussen midden en hoogspanningskabels en onze drinkwaterleidingen. Hiervoor is een dagmaat afgesproken van 0,6 meter. Integreer de NEN-normeringen in het gemeentelijk beleid (NEN7171, NEN3654) ten behoeve van een duurzame ordening ondergrondse infrastructuur. Houd rekening met ruimte die nodig is voor een eventuele toekomstige uitbreidingen van het drinkwaternet. Meer inwoners in Den Haag betekent vraag naar drinkwater betekent meer aansluitingen en kan ertoe leiden dat er meer ruimte nodig is in de ondergrond om het drinkwaternet verder uit te breiden Voorkomen is beter dan genezen: Creëer waarborgen bij besluitvorming over de uitrol van warmtenetten waarbij de impact op de drinkwaterinfrastructuur integraal wordt meegewogen en afwenteling van kosten van verleggingen zoveel mogelijk wordt voorkomen.

Geothermie en drinkwater: ons advies om rekening te houden bij aanvragen voor geothermievergunningen met waterwinbelangen in Den Haag: Dunea adviseert de gemeente Den Haag met betrekking tot waterwinning het volgende: 1.

2.

houdt een veiligheidszone van 200 meter rondom het huidige grondwaterbeschermingsgebied bij Meijendel en waterwingebied bij Solleveld aan. In dit gebied adviseren wij om geengeothermie putten te ontwikkelen in verband me trisico’s voor de drinkwaterwinning. Dit is een voorlopig advies, op basis van de kennis op dit moment. We behouden ons het recht om de zone bij te stellen naar aanleiding van toekomstige ontwikkelingen en nieuw wetenschappelijk onderzoek naar de risico’s van geothermie en adviezen over ervaringen. bij plannen binnen de 1 km zone vanaf het huidige beschermingsgebied (bij Meijendel is dat grondwaterbeschermingsgebied en bij Solleveld en Berkheide waterwingebied) zijn berekeningen per geval nodig. Dunea moet in de gelegenheid worden gesteld om criteria voor de effectenberekeningen in te brengen en deze ook te toetsen. Indicatieve berekeningen geven nu aan dat de zogenaamde 100-jaarszone op globaal 1 km ligt (in dat gebied komen alle waterdruppels binnen 100 jaar in onze winningen als we alle diepe winningen op maximale capaciteit gedurende 3 maanden aanzetten).

Het belang van veilig en voldoende drinkwater wordt volledig onderschreven. Bij geothermieboringen moet dat ook worden geborgd. De minister van Economische Zaken en Klimaat is vergunningverlener. De bescherming van drinkwaterwingebieden is geborgd in de Mijnbouwwet. In het advies dat door het ministerie van Economische Zaken wordt gevraagd aan de provincie worden gemeenten, waterschap en Dunea betrokken. In het advies wordt aandacht besteed aan de drinkwaterwingebieden. Waar nodig benadrukt het college deze adviezen. Naast bovenstaand advies, wordt advies gevraagd aan onder andere de Mijnraad, Staatstoezicht op de Mijnen en TNO, om een efficiënte en veilige winning van geothermie te borgen.

93

3.

vanuit het voorzorgsprincipe: volg de methodiek die de Omgevingsdienst hanteert bij de ontwikkeling van WKO-systemen in de nabijheid van de waterwinning. Dat is: zo snel mogelijk experts samen aan tafel om de criteria in de effectberekeningen te definiëren en te toetsen.

zorg voor een goede monitoring om de risico’s voor de waterwinning blijvend te kunnen volgen. We gaan er overigens vanuit dat er niet schuin zal worden geboord. De 200 meter veiligheidszone en de genoemde 1 km zone zijn op onderstaande kaart voor alle waterwingebieden aangegeven. #28 Arcade 18-5-2022 Gezamenlijke zienswijze Arcade, Haag Wonen, Staedion en Vestia: zie tekst bij #21. Specifieke punten van Arcade: Geen #29 Privé persoon 22-5-2022 Zienswijze transitievisie warmte voor Mariahoeve Warmtenetbuurten De wijk Mariahoeve wordt in de TVW aangemerkt als “warmtenetbuurt”. Ik mis in de TVW de visie bij wie het eigenaarschap van een warmtenet zal berusten, of wie deze warmtenetten zal gaan exploiteren. Ook wordt niet medegedeeld of de bewoners te maken krijgen met een monopolist. Draagvlak bewoners Het onderzoek schone energie in huizen, is niet representatief voor Mariahoeve. De steekproef is scheef en de gehanteerde correcties wat betreft vertegenwoordiging per wijk, persoonlijke kenmerken en woonsituatie zijn ondoorzichtig. Als gevolg hiervan geeft het onderzoek hooguit een indruk, maar hierop kan geen beleidsvisie ontwikkeld worden. Zo ontbreekt het ook aan een overzicht en/of analyse van bewonersinitiatieven en hoe de gemeente daarmee wil omgaan.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12152724/1