CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS312898 Notulen van de raad van 7 juli 2022

Gemeenteraad 8 september 2022, gemeente Den HaagBij agendapunt: Vaststelling van de Notulen van 30 juni 2022 en 7 juli 202261.608 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 7

Ja, dat is een juiste conclusie van de heer Kruis. Alle fracties zijn vrij om zelf moties in te dienen en moties wel of niet te steunen. Helemaal correct! De voorzitter. De laatste keer, meneer Kruis. Sebastian Kruis (PVV). Voor de laatste keer concluderend: er zijn dus binnen de coalitie geen afspraken gemaakt dat geen één motie van de oppositie die geld kost wordt gesteund? Mariëlle Vavier (GroenLinks). Ik begrijp dat dit heel erg belangrijk is voor de heer Kruis, maar er zijn geen afspraken gemaakt. Er is niet gezegd: we houden alles dicht. Nee, we hebben per fractie onze eigen afwegingen gemaakt en we hebben dat uitgewisseld met elkaar. En dan als allerlaatste … O nee, toch niet. Nur Icar (DENK). Ik hou het kort. Er moet wel een soort van fair play zijn. Dus ik kan me wel voorstellen dat, omdat er onderhandelingen zijn, we zeggen: we wachten even voordat we iets gaan doen. Daar kan ik me wel in vinden. Alleen moet het niet de norm worden. Op deze manier zetten we alles klem en kan de raad zijn werk niet meer doen. Als de coalitiepartijen zeggen 'we gooien alles op slot', dan zitten we gewoon klem en kunnen we net zo goed naar huis gaan. Kunt u garanderen dat dit een eenmalig iets is of dat dit niet een gebruikelijke situatie gaat worden in Den Haag? Mariëlle Vavier (GroenLinks).

Ik mag hopen dat dit voorlopig de laatste keer is dat er onderhandelingen zijn voor een coalitie. We hebben het er al even over gehad, maar in de toelichting van de heer Donner aan de raad van vorige week hebben we allemaal kunnen horen dat we er financieel niet rooskleurig voorstaan. We zullen echt de tering naar de nering moeten zetten. Meer geld binnenhalen bij het Rijk en in Europa. Hard knokken voor boter bij de vis. Voor de GroenLinksfractie staat boven alles dat bij alles wat we doen de stad wordt meegenomen. En we versterken en beschermen wat kwetsbaar is. Fatima Faïd (HSP). Voorzitter, beste collega's. We bespreken hier natuurlijk de jaarrekening van 2021. Het is hopelijk de laatste jaarrekening van dit college, maar we zijn wel een beetje bang dat deze onderhandelingen heel lang gaan duren. We hopen dus dat daar een beetje schot in zit. Nu de onderhandelingen nog steeds in volle gang bezig zijn, hebben wij een drietal moties die wij graag 54

willen voorleggen aan de raad en natuurlijk ook aan de onderhandelende partijen. Misschien kunnen ze het meenemen in hun nieuwe coalitieakkoord. Het slavernijverleden en het leed dat is aangedaan aan de tot slaaf gemaakten heeft Den Haag lang willen negeren. Nog maar 150 jaar geleden werd de slavernij afgeschaft. We zijn als maatschappij laat en laks in het herdenken en erkennen van deze hoofdstukken uit onze geschiedenis. Ik heb het expres over hoofdstukken en niet over een donkere bladzijde, want we hebben het over eeuwen aan slavernij. Over hoe Nederland rijk is geworden over de rug van de koloniën. Over gezinnen die systematisch uit elkaar gerukt werden. Over generaties waarvan hun identiteit, hun DNA, hun zijn, zijn weggevaagd. Den Haag speelde een belangrijke rol in het slavernijverleden met het ministerie van Koloniën. Hier werden de wetten bedacht die dit alles goedpraatten, die mensen reduceerden tot een economisch product. De geboorte van institutioneel racisme, waar velen in onze stad tot op de dag van vandaag onder lijden. Gelukkig hebben we dankzij de jarenlange inzet van vele activisten stappen gezet om dit verleden ook een zichtbare plek te geven in onze stad.

Het is mooi om te zien dat de verschillende gemeenschappen in onze stad, van ADO Den Haag tot ondernemers, het onderwijs, bewonersorganisaties, de zwarte gemeenschap en zelforganisaties, samen nadenken over hoe vorm te geven aan een waardig herdenkingsmonument en hoe we een gezamenlijke geschiedenis hebben en op welke manier we deze willen en moeten doorgeven aan de volgende generatie. Tenslotte zijn wij één stad. Als het goed is, komt het college eind van dit jaar met het officiële onderzoek naar het Haags slavernijverleden. Misschien kan de wethouder aangeven hoe het daarmee staat. We steunen de oproep '1 juli vrij' dan ook van harte en we dienen daarom de motie Vrij(heid) met Keti Koti in om 1 juli tot een herdenkings- en feestdag te verklaren in Den Haag en ambtenaren van de gemeente vrij te geven. En we zijn niet de enigen. De motie wordt gesteund door mevrouw Arp van de SP, meneer Smit van de Partij voor de Dieren en meneer Icar van DENK. De motie heeft als dictum: roept het college op het voortouw te nemen en alle gemeentelijke ambtenaren betaald verlof te geven totdat het nationaal een vrije dag is. Van een hele andere orde zijn de fouten die we in de ontwikkeling van de stad maken. Herwaardering en hergebruik van bijzondere plekken en gebouwen zouden daarin centraal moeten staan.

Door capaciteitsgebrek moeten we echter wachten op definitieve waarderingen van gebouwen waarvan we nu al weten dat ze bijzonder zijn. Er wordt dankbaar gebruikgemaakt van deze maas in de regeling en het aantal sloopprojecten loopt snel op. Daarom hebben we de motie Betrek monumentenzorg eerder, waarmee we oproepen om in die gevallen monumentenzorg al eerder om advies te vragen zodat we fouten voorkomen. Deze motie, die ik samen met meneer Barker van de Partij voor de Dieren indien, heeft als dictum: verzoekt het college om bij de ontwikkelingen rondom gebouwen opgenomen in de inventarisatie '10 met een griffel' en 'post 65 architectuur' de monumentenzorg vroegtijdig en voorafgaand aan het vaststellen van een programma van eisen advies te laten uitbrengen over de waarde van deze gebouwen en de mogelijkheden daarvan. Last but not least hebben we een motie over cocreatie in de jeugd- en gezinshulp, de hoogste graad van participatie. Uit het kapstokoverleg met Straat Consulaat en uit het plan Haagse Jeugd, samen aan zet blijkt dat deze vorm van participatie iets meer tijd en flexibiliteit kost van de hulpverlenende organisaties. Echter zijn de behaalde resultaten erg positief. De hulpverlening maar belangrijker nog de cliënten voelen zich gehoord, gezien, serieus genomen.

Dit is niet zoals we toch vaak ook wel zien de achteraf 'we leggen het nog één keer uit'-participatie, maar daadwerkelijk meedenken en meebeslissen over de hulpverlening en hoe die vorm moet krijgen. De Haagse Stadspartij wil graag onderzoeken wat de mogelijkheden zijn om dit ook bij de jeugd- en gezinshulp toe te passen. De motie heeft als dictum: verzoekt het college te onderzoeken welke organisaties geschikt zouden kunnen zijn om cocreatie zoals ingezet in het plan Haagse Jeugd, samen aan zet samen vorm te geven, gesprekken te voeren met geschikte organisaties over de invulling en ontwikkeling van cocreatie voor de jeugd- en gezinshulp, en de raad daarover te informeren. De voorzitter. Door mevrouw Faïd worden de volgende moties (I.32 HSP en I.33 HSP) ingediend:

Motie I.32 HSP Betrek co-creatie bij het plan doorontwikkeling van jeugd- en gezinshulp De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 7 Juli 2022 ter bespreking van I.1 55

Voorstel van het college inzake Programmarekening 2021 (RIS312006) Overwegende, dat: • uit het recente kapstokoverleg met het Straatconsulaat duidelijk is geworden dat co- creatie een vorm van participatie is die in het verleden goede resultaten heeft opgeleverd met grote tevredenheid bij de betrokken partijen. • co-creatie de hoogste vorm van participatie betreft. Constaterende, dat: • er zeer positieve resultaten zijn behaald bij het plan ‘Haagse jeugd, samen aan zet’ (RIS298573) wat betreft participatie. • participatie in de jeugd- en gezinshulp nog onvoldoende wordt ingezet. Verzoekt het college: • te onderzoeken welke organisaties geschikt zouden kunnen zijn om co-creatie zoals ingezet bij het plan ‘Haagse jeugd, samen aan zet’ (RIS 298573) samen vorm te geven in de jeugd- en gezinshulp en de raad daarover te informeren. • gesprekken te voeren met geschikte organisaties over de invulling en ontwikkeling van cocreatie in de jeugd- en gezinshulp. En gaat over tot de orde van de dag.

Motie I.33 HSP betrek monumentenzorg eerder De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 7 juli 2022, ter bespreking van I Voorstel van het college inzake Programmarekening 2021 en voorstel van het college inzake Resultaatbestemming 2021. Overwegende, dat: • er in Den Haag verschillende inventarisaties zijn uitgevoerd naar nieuw erfgoed zoals de studie “10 met een griffel” en de inventarisatie “post65 architectuur”; • door gebrek aan capaciteit beschermingsvoorstellen voor scholen en post 65 architectuur nog steeds op zich laten wachten; • inmiddels een aantal bijzondere gebouwen uit deze inventarisaties zijn gesloopt, op de slooplijst staan of er plannen zijn voor sloop; • hergebruik vaak later in het proces is uitgesloten vanwege de eerdere beslissingen over het te realiseren programma. Van oordeel, dat: • in de commissievergadering de wethouder aangaf te weinig capaciteit te hebben om nu al direct met beschermingsvoostellen te komen; • het belangrijk is de cultuurhistorische waarde voorafgaand aan de planvorming te bepalen in plaats van nadat het besluit tot sloop is genomen; • hergebruik altijd duurzamer is dan sloop; • gerevitaliseerd erfgoed een grote rol kan spelen in de ontwikkeling van wijken en de stad.

Verzoekt het college: • om bij ontwikkelingen rondom gebouwen opgenomen in de inventarisatie “10 met een griffel” en “post 65 architectuur” de monumentenzorg vroegtijdig - en voorafgaand aan het vaststellen van een programma van eisen - een advies te laten uitbrengen over de waarde van deze gebouwen en de mogelijkheden daarvan. En gaat over tot de orde van de dag. 56

De voorzitter. Door mevrouw Faïd, daartoe gesteund door mevrouw Arp, de heer Smit en de heer Icar, wordt de volgende motie (I.34 HSP) ingediend:

Motie I.34 HSP Vrij(heid) met Keti Koti De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 7 juli 2022, ter bespreking van voorstel van het college inzake Programmarekening 2021 (RIS312461) Constaterende, dat: • 1 juli een historische dag is in de Nederlandse geschiedenis; • 1 juli 2023 is 150 jaar na de werkelijke afschaffing van de slavernij (1873); • op 1 juli 2023 zal Den Haag het Slavernijmonument onthullen; • het slavernijmonument ook de viering van Keti Koti in Den Haag (meer) op de agenda zal zetten. Van oordeel, dat: • Keti Koti een nationale herdenkings- en feestdag moet worden; • alle Haagse burgers het recht hebben om Keti Koti te vieren. Van mening, dat: • om punt 10 van het Haagse stembusakkoord anti-racisme uit te voeren en dus een inclusievere organisatie creëren, de viering van inclusieve feestdagen betrokken moet worden; • om punt 11 van het Haagse stembusakkoord anti-racisme uit te voeren moet iedereen de kans krijgen om Keti Koti op 1 juli in Den Haag te vieren. Roept het college op: • het voortouw te nemen en alle gemeentelijke ambtenaren (betaald) verlof te geven, totdat het nationaal een vrije dag is. • de raad hier verder over te informeren. En gaat over tot de orde van de dag. De moties maken onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Voorzitter: de heer Van der Helm. Janneke Holman (PvdA). Voorzitter.

2021 lijkt alweer een leven geleden, hopelijk het jaar dat onze herinnering ingaat als het laatste jaar van de coronapandemie, met volle ziekenhuisbedden, gesloten scholen en stille straten. Dat moeten we denk ik wel even afkloppen. Bijna een ondenkbare tijd, nu we de afgelopen weken weer hebben kunnen genieten van Parkpop, het Zeeheldenfestival of gewoon van de bingo in het buurthuis of een biertje op het terras. 'Zomer in de stad, iedereen maakt zowaar een beetje 'n gelukkige indruk' dichtte Remco Campert in 1969. Helaas overleed hij afgelopen maandag. En hoewel hij misschien meer Amsterdammer was, was hij, geboren aan de Beeklaan, toch ook wel een beetje van ons, van Den Haag. Terug naar 2021, het jaar waar we vandaag op terugkijken. We zagen het al aankomen, maar de heer Donner heeft het vorige week nog eens helder uiteengezet. Achter de ogenschijnlijk positieve resultaten in de programmarekening schuilen donkere wolken. Onduidelijkheid over de toekomstige middelen van het Rijk en tekorten in de jeugdzorg zorgen voor veel onzekerheid. Daarom blijft het belangrijk dat het college bij het Rijk op de deur blijft bonzen voor meer middelen en blijft nadenken over hoe we op een financieel gezonde manier kunnen blijven investeren in de stad en onze inwoners. Want dat is natuurlijk keihard nodig. Kijk bijvoorbeeld naar het onderwijs, waar nog steeds een

57

gigantisch lerarentekort is en waar het onderwijsachterstandenbeleid hard nodig blijft. We hebben hier in de commissie al uitgebreid bij stilgestaan. Door het geld dat we hebben vrijgemaakt vanwege de coronacrisis zijn er in de stad ook hele goede dingen gebeurd. In wijkcentrum Moerwijk richtten jongerenwerkers een ruimte in waar jongeren uit de wijk rustig huiswerk kunnen maken. Het lijkt klein, maar voor een jongere kan het een wereld van verschil maken. Laten we dit soort initiatieven blijven steunen en als gemeente creatief meedenken om dit mogelijk te blijven maken. Een van mijn collega's had het er ook al over: we moeten echt meer aandacht hebben voor mbo'ers in onze stad, die de afgelopen jaren worstelden met het vinden van een stageplek. Het is belangrijk om de opleiding af te kunnen maken en een baan te kunnen vinden in onze regio. Juist zij, de toekomstige vakmensen, zijn nu ontzettend hard nodig. Helaas blijkt uit de beantwoording in de commissie dat de gemeente weinig zicht heeft op het Haagse tekort aan stageplekken. Wij verwachten hier echt meer regie van de gemeente. Graag een reactie. Er zijn gigantische verschillen in de stad als je kijkt naar de kans op een gezond leven. De wachttijden voor Wmo-zorg zijn lang, in delen van de stad wordt minder gesport en er zijn meer mensen eenzaam.

Als gemeente zijn wij er om mensen te ondersteunen, met oog voor de behoeften van degene die hulp nodig heeft. Het voorbeeld van vandaag over de scootmobielers laat zien dat een algemene maatregel, namelijk het omlaag brengen van de snelheid, averechts werkt. We moeten ruimte blijven houden voor mensen die hun scootmobiel nodig hebben om buiten de wijk te komen en die prima verkeersveilig hiermee door de stad kunnen. Daarom zijn wij mede-indiener van een motie van de SP om maatwerk te leveren. Een belangrijke manier om de gezondheidsverschillen te lijf te gaan, maar ook gewoon omdat het leuk en gezellig is, is natuurlijk sport. De afgelopen jaren zijn juist minder mensen gaan sporten en dat tij moeten we echt keren. We hebben hier in de commissie aandacht voor gevraagd om dit prioriteit te blijven geven en goede maatregelen voort te zetten, zoals het tegengaan van de lange wachtlijsten voor zwemles en het behouden van initiatieven als Go Go Den Haag. Bovenal de belangrijkste manier om ervoor te zorgen dat iedereen gezond kan leven, is zorgen voor bestaanszekerheid. Juist dat staat nu onder druk. Boodschappen worden duurder en de energierekening stijgt. Ik ben blij met de extra acties van het college om mensen te helpen energie te besparen en woningen te verduurzamen, juist voor mensen die dat niet zelf kunnen betalen.

Ik ben ook blij dat minister Schouten heeft aangekondigd dat gemeenten meer ruimte krijgen voor soepelere regels in de bijstand. Hier hebben we al zo vaak aandacht voor gevraagd in deze zaal: het afschaffen van de kostendelersnorm, meer kunnen bijverdienen, het ontvangen van giften. Laten we in Den Haag hierin nog verder voorop gaan lopen. Tot slot. 2021 lijkt een leven geleden en dat komt ook door grote gebeurtenissen zoals de verschrikkelijke oorlog in Oekraïne. We mogen er trots op zijn dat Den Haag zijn verantwoordelijkheid neemt om mensen op te vangen. Landelijk dreigt er weer een tekort aan plekken. Daarom heb ik een vraag aan het college. In maart was aangekondigd dat Oekraïners opgevangen zouden worden aan het Hennegras in Ypenburg. In de wijk zijn werkgroepen ontstaan van bewoners die mensen willen verwelkomen en begeleiden. Toch staat het pand nog steeds leeg. Wat is hier aan de hand en wanneer worden hier mensen opgevangen? Als afsluiting maak ik toch nog even het gedicht van Remco Campert over de zomer af, want dat gaat hier ook een beetje over. 'alles is glanzend warm huiden en huizen ik eet meer fruit morgen word ik veertig en gisteren liepen ze op de maan geef vrede een kans en hoop op betere tijden.' Lesley Arp (SP). Voorzitter. Ook namens mijn fractie dank aan de insprekers.

Vorige week hadden we als raad de heer Donner op bezoek, die een grauw toekomstbeeld schetste. De jaarrekening over 2021, die we vandaag bespreken, heeft een positief resultaat, maar geeft ook een vertekend beeld. Door de coronamaatregelen was het aantal mensen dat in de bijstand kwam 58

lager dan verwacht en ook liepen grote projecten vertraging op. Tegelijkertijd vraag ik me af hoe de donkere wolken van de heer Donner zich verhouden tot het statement in de jaarrekening dat Den Haag een solide financieel beleid voert, gericht op de lange termijn. Kan de wethouder Financiën hierop reflecteren? De onderhandelaars in de Stadskwekerij moeten ongetwijfeld harde noten kraken over de plannen voor de stad op de lange termijn. Dat is ook niet gek, aangezien de wethouder Financiën, die nu waarschuwt voor grote financiële uitdagingen, met zijn lijsttrekkerspetje op de mensen in de stad belastingverlaging heeft beloofd. Er zullen dus ongetwijfeld nog wat luchtkastelen moeten worden lekgeprikt. Ook zullen we de komende tijd kritisch moeten kijken naar onze gemeentelijke taken en ambities. Het college kiest er bijvoorbeeld voor om een universiteit een subsidie van € 10 mln. te geven, en dat is strikt gezien geen gemeentelijke taak. Ook het aangenomen VVD-initiatiefvoorstel om de Haagse lanen meer allure te geven, zou zomaar gepaard kunnen gaan met een prijskaartje van tientallen miljoenen. Een collega-raadslid stelde mij vorige week hier in relatie tot een ander initiatiefvoorstel de vraag: hoe legt u dit uit aan bewoners van de Schilderswijk? Diezelfde vraag zouden we natuurlijk kunnen stellen in relatie tot deze ambitieuze coalitieplannen voor ons centrum.

Hoe zullen die vallen bij de bewoners van de volkswijken die zuchten onder hittestress, vervuiling, achterstallig onderhoud en overbewoning? Ik ben benieuwd welk antwoord het nieuwe coalitieakkoord hierop gaat bieden. In tijden van financiële krapte zou leefbaarheid boven prestige moeten staan. Leefbaarheid is niet alleen een schone straat of een schimmelvrij huis waar de wind niet doorheen waait. Het gaat ook om het aanbieden van de juiste voorzieningen die mensen in staat stellen om het beste uit zichzelf te halen en te leven in plaats van overleven. Opgelucht waren wij toen de afgelopen jaren bleek dat er niet bezuinigd werd op armoedevoorzieningen, maar hetzelfde gold helaas niet voor de zorg. Al jaren hamert de SP om meer inzicht in de zogenaamde 'verbeterlijnen' van dit college voor de zorg en de consequenties voor zowel zorgverleners als zorgbehoevenden. In de volksmond noemen we verbeterlijnen trouwens gewoon bezuinigingen. Leiden deze plannen daadwerkelijk tot verbeteringen? Stellen ze onze inwoners in staat om een gezonder en gelukkiger leven te leiden? Leiden ze tot meer werkplezier en zeggenschap voor onze zorgverleners? Het zal geen verrassing zijn dat de SP hier grote twijfels bij heeft.

Veel van de plannen van het college voor de zorg gaan nog te veel uit van een papieren werkelijkheid, bijvoorbeeld het idee dat thuiszorgmedewerkers heus wel tijd kunnen inplannen voor een praatje en een kopje koffie onder werktijd. Een zorgmanager vertelde deze week in het AD het eerlijke verhaal dat veel zorgmedewerkers dat onbetaald in hun eigen tijd doen. Ditzelfde signaal krijgt de SP al jaren van thuiszorgmedewerkers. Dat brengt mij bij de vraag wanneer de raad de evaluatie van zorgbezuinigingen krijgt onder zorgmedewerkers. Het is immers al een jaar geleden dat onze motie die hiertoe opriep, is aangenomen. Graag een reactie hierop van de wethouder Zorg. Ook stelt de SP al jaren kritische vragen over het programma zorg en innovatie. Natuurlijk moeten we niet bang zijn voor technologische vooruitgang, zolang deze maar ter ondersteuning en niet ter vervanging dient van de persoonlijke aandacht die onlosmakelijk onderdeel is van de zorg. Daarnaast zien we dat er onder de noemer zorg en innovatie ook veel activiteiten worden georganiseerd die vooral gericht lijken op economie, zoals netwerkbijeenkomsten en wedstrijden voor startende bedrijven. Voor de SP is het belangrijk dat dit soort activiteiten niet uit schaars zorggeld, maar uit het programma economie wordt bekostigd.

Hiertoe dienen wij de motie Zorggeld naar de zorg in, waarvan het dictum luidt: roept het college op in de begroting 2023 inzichtelijk te maken welke activiteiten binnen het Zorginnovatiefonds uit het programma economie en welke uit het programma zorg worden betaald, en hierbij voortaan het uitgangspunt te hanteren dat alleen activiteiten die tot een aantoonbare verbetering van de zorg voor onze inwoners leiden uit het programma zorg worden betaald en activiteiten die vooral gericht zijn op economische groei uit het programma economie worden betaald. De motie wordt mede ingediend door mevrouw Faïd van de Haagse Stadspartij, mevrouw Verdonk van Hart voor Den Haag en de heer Smit van de Partij voor de Dieren. Ten slotte wil de SP benadrukken dat de gemeente de menselijke maat moet hanteren. Mensen met een zorgbehoefte kun je niet in een hokje proppen. Onze stad telt vele mensen die ondanks hun beperking een rijk maatschappelijk leven hebben. De gemeente zou hierin geen drempels moeten opwerpen. Het verkleinen van de leefwereld van mensen staat haaks op de ambitie dat iedereen mee 59

moet kunnen doen. De maatregel om de snelheid van scootmobielen te verlagen klonk misschien ooit goed in de papieren werkelijkheid van het stadhuis, maar in de realiteit rammelt die aan alle kanten. Insprekers hebben dat vandaag haarfijn uitgelegd. Ik hoop dat de raad en het college vandaag goed luisteren naar hun oproep en dat we onder het motto 'beter ten halve gekeerd dan ten hele gedwaald' vandaag nog deze maatregel kunnen herzien. Hiertoe dien ik de motie Keuzevrijheid voor scootmobielgebruikers in, waarvan het dictum luidt: verzoekt het college het voornemen om de maximumsnelheid van scootmobielen te verlagen te herzien en vanaf heden de toewijzing van een 8 of 16 km-scootmobiel te baseren op een gesprek met de beoogde gebruiker (conform het advies van Voorall), waarbij de wens op basis van de gebruikersbehoeften zo veel mogelijk wordt gehonoreerd, te bezien hoe het aanbod aan rijinstructies verbeterd kan worden, te bezien hoe scootmobielgebruikers beter geïnformeerd kunnen worden over geldende snelheidslimieten op de stoepen en in winkelgebieden, en de raad over de vervolgstappen te informeren.

De motie wordt mede ingediend door mevrouw Verdonk van Hart voor Den Haag, de heer Smit van de Partij voor de Dieren, mevrouw Faïd van de Haagse Stadspartij, mevrouw Klokkenburg van de ChristenUnie/SGP, mevrouw Holman van de Partij van de Arbeid, mevrouw Van Doorn van D66, mevrouw Baboeram van GroenLinks en de heer Mahmood van DENK. De voorzitter. Door mevrouw Arp, daartoe gesteund door mevrouw Verdonk, de heer Smit, mevrouw Faïd, mevrouw Klokkenburg, de heer Mahmood, mevrouw Holman, mevrouw Van Doorn en mevrouw Baboeram, wordt de volgende motie (I.35 SP) ingediend:

Motie I.35 SP Keuzevrijheid voor scootmobiel-gebruikers De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 7 juli 2022, ter bespreking van Voorstel van het college inzake Programmarekening 2021 (RIS312461), Constaterende, dat: • de gemeente in februari 2020 gestart is met de pilot ‘Snelheid verlagen scootmobielen’; • het voorheen gebruikelijk was dat de gemeente scootmobielen verstrekte die 16 kilometer per uur kunnen bereiken; • de gemeente in november 2021 de belangenorganisatie voor Hagenaars met een beperking Voorall heeft gevraagd om advies uit te brengen over deze pilot; • Voorall in reactie op de gemeente heeft aangegeven dat het verlagen van de snelheid van scootmobielen naar 8 kilometer per uur op gespannen voet staat met wet- en regelgeving en de gemeentelijke beleidsuitgangspunten en daarom adviseert om voortaan maatwerk toe te passen bij de keuze om een 8 kilometer of 16 kilometer scootmobiel te verstrekken, in combinatie met een investering in de kwaliteit en kwantiteit van rij-instructies; • uit de beantwoording van schriftelijke vragen van de SP blijkt dat het college, ondanks het kritische advies van Voorall, juist wil vasthouden aan de maatregel om de snelheid van scootmobielen te verlagen (zie RIS311676).

Overwegende, dat: • toegankelijkheid en inclusie de norm moeten zijn in Den Haag; • bevorderen van zelfstandigheid, zelfredzaamheid en bestrijden van eenzaamheid belangrijke gemeentelijke ambities zijn; • de gemeente daarom de menselijke maat moet hanteren en de autonomie van mensen met een beperking niet moet belemmeren; • uit het advies van Voorall bovendien blijkt dat er grote vraagtekens te plaatsen zijn bij de redenering van de gemeente dat de pilot een kostenbesparing en meer verkeersveiligheid oplevert; • het openbaar vervoer en AV070 niet voor al onze inwoners met een beperking gelijkwaardige of geschikte alternatieven zijn voor de snellere scootmobiel.

60

Verzoekt het college: • het voornemen om de maximumsnelheid van scootmobielen te verlagen te herzien en vanaf heden de toewijzing van een 8 of 16 km scootmobiel te baseren op een gesprek met de beoogde gebruiker (conform het advies van Voorall), waarbij de wens op basis van de gebruikersbehoeften zoveel mogelijk wordt gehonoreerd; • te bezien hoe het aanbod aan rij-instructies verbeterd kan worden; • te bezien hoe scootmobiel-gebruikers beter geïnformeerd kunnen worden over de geldende snelheidslimieten op stoepen en in winkelgebieden; • de raad over de vervolgstappen te informeren. En gaat over tot de orde van de dag. De voorzitter. Door mevrouw Arp, daartoe gesteund door mevrouw Faïd, mevrouw Verdonk en de heer Smit, wordt de volgende motie (I.36 SP) ingediend:

Motie I.36 SP Zorggeld naar de zorg De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 7 juli 2022, ter bespreking van Programmarekening 2021 (RIS312461), Constaterende, dat: • er vanuit het programma Zorg, welzijn, jeugd en volksgezondheid 2,3 miljoen is uitgetrokken om een Zorg Innovatie Fonds op te richten binnen Innovation Quarter; • het fonds erop gericht is om samen met maatschappelijke partners en inwoners zorginnovaties te ontwikkelen en te toetsen, maar ook bedoeld is om het midden- en kleinbedrijf en ondernemers te laten groeien en nieuwe banen te laten ontstaan in de gezondheidszorg; • het voor sommige activiteiten binnen het Zorg Innovatie Fonds (denk aan een workshop voor ondernemers en het koppelen van ondernemers aan sociale vraagstukken) logisch zou zijn dat deze uit het programma economie worden betaald; • het niet altijd duidelijk is welke activiteiten binnen het Zorg Innovatie Fonds uit welk programma worden betaald. Van mening, dat: • in tijden van tekorten en bezuinigingen op zorggeld, zorggeld ook daadwerkelijk naar de zorg moet gaan.

Roept het college op: • in de begroting 2023-2026 inzichtelijk te maken welke activiteiten binnen het Zorg Innovatie Fonds uit het programma economie en welke uit het programma zorg worden betaald; • hierbij voortaan het uitgangspunt te hanteren dat alleen activiteiten die tot een aantoonbare verbetering van de zorg voor onze inwoners leiden uit het programma zorg worden betaald en activiteiten die vooral gericht zijn op economische groei uit het programma economie worden betaald. En gaat over tot de orde van de dag. De moties maken onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Kavish Partiman (CDA). Voorzitter. We kijken terug op een jaar waarin we geteisterd werden door een pandemie en terechtkwamen in een situatie die voor eenieder van ons nieuw en onbekend was. De problemen die op ons afkwamen, waren beangstigend en er lag geen handboek ergens in een ambtelijke la dat ons hapklare oplossingen bood. Ziekenhuizen waren overvol, zorgpersoneel overwerkt en een recordaantal demonstraties in onze stad eiste een grote tol van ons korps politie en 61

handhavers. Aan deze helden zeg ik vandaag nogmaals heel veel dank. Zonder jullie waren we deze moeilijke periode nooit doorgekomen. Ook in de rest van de stad ging het niet veel beter. Ons mkb leed enorm onder langdurige sluitingen, mensen raakten hun baan kwijt en de sociaal zwakkeren in onze samenleving dreigden in vergetelheid te raken. De rijksoverheid kwam met mooie ondersteuningsfondsen voor de ondernemers. Maar zoals we nu al van ze gewend zijn, werd de uitvoering naar de gemeente verwezen. Trots kijk ik dan ook terug op de uitvoering hiervan. Het ging natuurlijk niet allemaal vlekkeloos, maar wat verwacht je? Onder stoom en kokend water moesten we van alles voorbereiden en tegelijk ook uitvoeren. Terugkijkend is een compliment aan ons ambtelijk apparaat dan ook meer dan op zijn plaats. We hebben getoond dat we als stad in staat zijn om in tijden van crisis te presteren en ook rendement te leveren. Ook alle vrijwilligers in de stad die ondanks alle lockdowns en beperkingen bezig bleven met hun werk en de mensen in het onderwijs die ook bergen verzetten, zijn wij grote dank verschuldigd. We hopen natuurlijk niet dat we weer in een dergelijke situatie terechtkomen, maar we horen ook nu alweer waarschuwingen dat de winter wellicht wat minder kan worden en we weer last krijgen van corona. Ik zou graag van het college willen horen hoe we ervoor staan qua voorbereiding.

Dit jaar kunnen we ons immers niet meer beroepen op het feit dat we zijn overvallen. Graag een reactie. Dan naar de jaarrekening. Bij de presentatie kopte een van de kranten: Den Haag houdt € 70 mln. over op de jaarrekening 2021. Sebastian Kruis (PVV). De heer Partiman vraagt naar de voorbereidingen van het college. Dan is mijn vraag aan de heer Partiman: wat gaat u doen als het antwoord niet bevalt? Kavish Partiman (CDA). Dat zal van het antwoord afhangen. Sebastian Kruis (PVV). Ik ken dit soort vragen wel van dat soort coalitiepartijen. Er wordt een vraag gesteld, dan komt er een heel standaard antwoord en daar neemt hij dan genoegen mee, maar dan heeft hij zijn spreektijd opgemaakt en heeft hij voor dit, dit en dat aandacht gevraagd. Maar wat voegt dit soort vragen nou toe? Ze gaan toch sowieso een antwoord geven waar u genoegen mee gaat nemen? Kavish Partiman (CDA). Dan moet ik in herhaling treden. Ik heb het antwoord nog niet gehoord, dus ik kan er nog geen oordeel over vellen. De voorzitter. U gaat uw betoog vervolgen. Kavish Partiman (CDA). Bij de presentatie kopte een van de kranten: Den Haag houdt € 70 mln. over op de jaarrekening van 2021. Het klinkt uiteraard positief als je hoort dat er geld over is. Helaas is niets minder waar.

Als we kijken naar de staat van onze reserves, de tekorten op verscheidene bedrijfsterreinen en in het sociaal domein en de aankomende kortingen van het Rijk, is de situatie van onze financiën best zorgwekkend. Ik hoop dan ook van harte dat bij de presentatie van de nieuwe begroting inzichtelijk kan worden gemaakt hoe we meerjarig met deze structurele problematiek om zullen gaan. Van de overgebleven middelen hebben we intussen begrepen dat het gaat om een coronaeffect vanwege het vertragen van uitvoering bij een aantal projecten. Ik mag dan aannemen dat we de uitvoering alsnog kunnen zien in de komende rapportages. Toch wil ik graag stilstaan bij een aantal beleidsonderwerpen en niet alleen terugblikken, maar ook een korte blik vooruitwerpen. De woningmarkt staat onder druk. Den Haag is onbetaalbaar geworden voor starters, middeninkomens en onmisbare beroepsgroepen zoals politieagenten, leraren en verpleegkundigen. Mensen die we hard nodig hadden tijdens corona om de stad draaiende te houden. Mooi dat er in het jaar 2021 nieuwe woningen zijn gerealiseerd, maar dit was wel een lager aantal dan in de voorgaande jaren. Het CDA ziet het aantal betaalbare huur en koop voor deze doelgroepen graag verder stijgen de komende jaren.

We moeten doorstroming bevorderen, zodat mensen die overwegen te verhuizen naar een kleinere woning dat redelijkerwijs kunnen doen en woningen beschikbaar kunnen komen voor gezinnen. Het CDA is blij met de toezegging dat we na het reces meer informatie ontvangen over doorstroming en wat we als gemeente verder kunnen doen.

62

Maar in deze oververhitte woningmarkt moeten we ons niet blindstaren op alleen hogere aantallen. Bouwen aan de wijken waar Hagenaars en Hagenezen zich thuis voelen gaat niet over stenen stapelen. Het gaat wat mijn fractie betreft erom hoe we bouwen aan gemeenschappen, waar we fijn samenleven, elkaar ontmoeten en ons verantwoordelijk voelen voor onze omgeving, met een goede verhouding huur en koop, groen en voorzieningen in de wijk. Problemen moeten we aanpakken, zoals de overbewoning, misstanden bij de huisvesting van arbeidsmigranten, en we moeten ook onze buurgemeenten aanspreken op hun verantwoordelijkheid voor genoeg fatsoenlijke huisvesting. Naast het bouwen van huizen moeten we vandaag het realiseren van voorzieningen versnellen. Het CDA hoopt dat we in de komende programmarekening meer kunnen lezen over de behaalde successen met voorzieningen, groenprojecten en leefbaarheid. Juist tijdens de pandemie hebben we ervaren hoe belangrijk het is om te wonen in een fijne omgeving waar we oog hebben voor elkaar. In de achter ons liggende periode hebben we ook wat bizarre taferelen mogen meemaken. Ik kan me niet herinneren dat ik eerder heb meegemaakt dat demonstraties gepaard zijn gegaan met zo veel geweld. De manier van demonstreren is in korte tijd drastisch veranderd.

Waar ik respect heb voor mensen die opkomen voor hun belang en dat op een vredige manier doen, begin ik er best moe van te worden dat onze stad keer op keer weer het toneel is van verschillende groepen raddraaiers die enkel en alleen eropuit zijn de orde te verstoren. Demonstreren is zeker een recht, maar in onze stad hoort dat met fatsoen te gebeuren. Anders moeten daar consequenties tegenover staan. Graag hoor ik van de burgemeester of hij het hiermee eens is en hoe hij denkt dit in de voor ons liggende periode aan te pakken. Dat we te maken hebben met een veranderend klimaat is evident. En dat wij op individueel en gemeenschapsniveau een verantwoordelijkheid dragen om deze effecten te minimaliseren, is dat evenzo. Daarom ben ik ook trots om deel uit te maken van een stadsbestuur dat zich actief inzet om de uitstoot van broeikasgassen tegen te gaan. Als christendemocraat is rentmeesterschap immers een van onze pijlers. We zien het dan ook als onze taak om zuinig om te gaan met onze aarde. Ik kijk dan naar de plannen die zijn gemaakt op het gebied van duurzaamheid en de doelen die zijn behaald. Dan stemt het mij wel enigszins droevig dat wij in coronatijd toch veel minder voor elkaar hebben gekregen dan we hadden beoogd en dat subsidies veel minder goed zijn geland in bepaalde wijken, dit terwijl mensen in de rij stonden bij bouwmarkten om hun woningen te verbouwen.

Ik lees dat de renteloze leningen meer tijd kosten dan verwacht. Ook aan communicatie, participatie en dienstverlening is minder uitgegeven. Dit zijn zeer betreurenswaardige zinnen. Gelukkig merken we wel dat in de hele stad woningbezitters aan de slag gaan om hun woningen te verduurzamen, hun daken te bedekken met zonnepanelen en groen, muren en vloeren te isoleren, et cetera, et cetera. De urgentie zit erin bij onze bewoners. Ik hoop van harte dat we ook snel kunnen bijdragen aan dit proces, dat voor een groot deel al door eigen verantwoordelijkheid en marktwerking in gang is gezet. Het is immers al vijf over twaalf als het over het klimaat gaat, hoor ik vaak door vele demonstranten gezegd worden. In de afgelopen periode is wel duidelijk geworden hoe belangrijk we voor elkaar zijn. Velen raakten in eenzaamheid en dit beperkte zich niet alleen tot onze ouderen. Maar hoe mooi was het niet om te zien dat mensen elkaar ontmoetten in de buitenruimte? De parken waren vol, de bankjes werden gebruikt om even bij te praten, de buitensportfaciliteiten werden steeds meer gebruikt. We waren opeens niet alleen maar onderweg, maar ook ter plaatse. Dit laat nogmaals zien hoe belangrijk onze gemeenschappelijke faciliteiten zijn voor ontmoeten. Het CDA kijkt daarom ook zeer tevreden terug op de projecten die zijn uitgevoerd om de buitenruimte weer op een redelijk niveau terug te brengen.

Ik denk dan ook aan de broodnodige onderhoudsprojecten die nog niet afgerond zijn maar wel in gang zijn gezet in Loosduinen en Mariahoeve, maar ook aan de kleinere dingen zoals het plaatsen van meer groen en bloemen in wijken en het opfleuren van versteende omgevingen. Het blijkt maar weer dat die investeringen broodnodig zijn en echt bijdragen aan het samen zijn in onze stad. Nur Icar (DENK). Er wordt heel veel gezegd, maar tegelijkertijd ook vrij weinig. Wat ik me wel afvraag, is: kunt u kritisch reflecteren op de buitenruimte? Als ik geen Hagenaar ben en het zo hoor, dan zou ik denken: hé, alles is koek en ei daar. Maar kunnen we even een kritische reflectie krijgen van het CDA op: hoe is het de afgelopen vier jaar eraan toe gegaan en hoe zien we de komende vier jaar?

63

Kavish Partiman (CDA). Wellicht zeg ik veel, maar als de heer Icar luistert, dan hoort hij ook dat ik zeg dat ik blij ben met de dingen die in gang zijn gezet, maar dat ze nog niet zijn afgerond. De buitenruimte is gewoon een continu proces dat werk nodig heeft. Ik ben enorm trots dat we in elk geval in gang hebben gezet dat een aantal wijken die enorme achterstanden hadden zijn aangepakt. Maar tegelijkertijd kan ik samen met u constateren dat het echt nog geen werk is dat is afgerond. Nur Icar (DENK). Misschien moet ik het anders formuleren. Kunt u kritisch terugkijken op de afgelopen vier jaar waar het niet zo goed is gegaan en wat uw visie voor de komende vier jaar is om daar meer prioriteit aan te geven en het beter te laten verlopen? Kavish Partiman (CDA). Ik kijk wat minder negatief terug naar de afgelopen vier jaar; dat zal u niet verbazen. Ik ben het niet eens met de heer Icar dat het hartstikke mis is gegaan. We hebben heel wat goede dingen in gang gezet, maar ik zeg ook: er moet nog veel gebeuren. Dat traject is in gang gezet en er moeten investeringen komen - ik hoop van harte dat die investeringen er binnenkort zullen komen - om de rest van de buitenruimte aan te pakken. Maar die goede stappen hebben we genomen. De voorzitter. De heer Icar, tot slot. Nur Icar (DENK). Tot slot. 'Er moet nog veel gebeuren'.

Kunt u daarop ingaan? Wat moet er zoal gebeuren? Kavish Partiman (CDA). Er zijn nog grote delen van de stad die met onderhoudsachterstanden te maken hebben. Die onderhoudsachterstanden moeten op de een of andere manier ingelopen worden. Maar tegelijkertijd kunnen we ook constateren dat de financiën van de gemeente Den Haag niet oneindig zijn, dus zullen er keuzes gemaakt moeten worden. Ik hoop van harte dat we in de komende vier jaar de juiste keuzes maken en dat er onderhoudswerkzaamheden verricht kunnen worden die onze stad weer een beetje mooier eruit kunnen laten zien dan ze op dit moment is. Rachid Guernaoui (Hart voor Den Haag). U zegt net dat u trots bent op wat de afgelopen jaren is gebeurd. Als u kijkt naar de buitenruimte in Transvaal, bent u dan nog steeds trots? Kavish Partiman (CDA). Ik ben trots op het feit dat er heel veel projecten gestart zijn in gebieden waar dat echt nodig is. Ik zeg niet dat alles koek en ei is in de stad. Er moet nog veel gebeuren. Rachid Guernaoui (Hart voor Den Haag). Dat er nog veel moet gebeuren, ben ik met u eens. Daarom hebben we daar een aantal moties over ingediend. Maar ik wil u het volgende vragen. U komt vaak in Transvaal, dat weet ik. Als u daar kijkt, is het daar dan schoner geworden de afgelopen vier jaar? Kavish Partiman (CDA). Of het schoner of niet schoner is geworden, heeft met verschillende dingen te maken.

We hebben een afvalprobleem, niet alleen in Transvaal, maar ook in andere delen van de stad. Het stadsbestuur heeft enorm ingezet op meer ophalen, meer controleren, camera's plaatsen et cetera. Er zijn allerlei dingen gedaan om te proberen om het afvalprobleem aan te pakken. Of het helemaal gelukt is, betwijfel ik ook, want ik zie de foto's ook elke dag langskomen op Twitter. Maar er is wel inzet gepleegd om het te doen. Dat het meer inzet vergt, denk ik ook wel, ja. De voorzitter. U vervolgt uw betoog. Kavish Partiman (CDA). Voorzitter. Afsluitend wil ik toch even stilstaan bij de enorme opgaven die ons te wachten staan. Ondanks de lage verkiezingsopkomst hebben we toch een verantwoordelijkheid naar iedere inwoner van onze mooie stad. De uitdagingen zijn niet klein en de financiën zeker niet onbeperkt. Toch moeten we proberen om als overheid dienstbaar te zijn en samen met onze inwoners aan de slag te gaan om te bouwen aan een mooier Den Haag. Een Den Haag waar we ondanks onze pluriformiteit en veelheid aan verschillen toch op zoek gaan naar het gemeenschappelijke. Uiteindelijk hebben we allemaal elkaar nodig om deze stad leefbaar te houden en dragen we allemaal een klein stukje verantwoordelijkheid voor het deel van de stad dat we bewonen. De gemeentelijke overheid is 64

er dan ook om faciliterend op te treden en te kijken hoe we samen met de stad problemen kunnen oplossen. Dat is nou net iets waar we geenszins een tekort aan hebben. Tot zover, voorzitter. De voorzitter. Hartelijk dank. Het woord is aan de heer Kruis van de PVV. Sebastian Kruis (PVV). Dank u wel, hooggeëerde plaatsvervangend voorzitter, leden van de gemeenteraad. Vandaag kijken we terug op het jaar 2021, een jaar dat zich in mijn optiek liet kenmerken door het woord 'meer': meer immigratie, meer megalomane woningbouwplannen, meer straatintimidatie, meer onveiligheid, meer islam, meer Oost-Europese bedelaars, meer afvalproblematiek, meer woke-gekkigheid. Samengevat, steeds meer het Den Haag dat GroenLinks voor ogen heeft en helaas steeds minder perspectief op het herstel van Den Haag, zoals Den Haag zou moeten zijn. Want het is tijd voor de grote schoonmaak van onze straten. We moeten zo snel mogelijk de immigratie een halt toeroepen, we moeten korte metten maken met straatterreur en overlast, we moeten onze eigen cultuur en geschiedenis bijkans heilig verklaren en we moeten en wíllen vooral trots zijn op Den Haag. Maar dat is wel erg lastig, moet ik u eerlijk bekennen, met dit college van het niveau van likmevestje, totaal niet in staat om de grote problemen van Den Haag te adresseren.

Misschien is het goed als ik dat nog een keertje herhaal: totaal niet in staat om de grote problemen van Den Haag te adresseren. Dat is pijnlijk, want onze inwoners betalen, zoals u weet, de rekening daarvan. Ik heb een aantal vragen aan het college. Wanneer maakt u een einde aan de hemeltergende overlast van al die bedelaars in Den Haag? Het worden er steeds meer en ze zijn overal. Het wildkamperen neemt bijna epidemische vormen aan; verschrikkelijk. Ik heb zelf al meerdere voorstellen gedaan om hier een einde aan te maken, bijvoorbeeld door de inzet van undercover handhavers. Die zie ik dus nooit. Dat kan natuurlijk zijn omdat ze undercover zijn. (Hilariteit) Sebastian Kruis (PVV). Kijk, het probleem blijft, want het aantal bedelaars neemt alleen maar toe in plaats van af. Ik heb het nadrukkelijk dan niet over de Nederlandse Straatnieuwsverkopers, want dat zijn toppertjes en vaak matties van mij, maar over die Oost-Europese bedelaars. Daar worden veel inwoners knettergek van. Dus mijn vraag aan de burgemeester en, ik denk, wethouder … Ja, wie gaat er eigenlijk verder over? Ja, meneer Kapteijns, die gaat natuurlijk over bedelaars en dak- en thuislozen. Wat gaat er nou aan gebeuren? Rachid Guernaoui (Hart voor Den Haag). Ik zou zeggen: en daarom de motie Meer handhaven op het bedelverbod. Of zit u tegenwoordig in de coalitie? Sebastian Kruis (PVV).

Dat zou op zich heel goed zijn, als zijnde de partij met de grootste nietstemmende achterban. Het punt is dat ik er al heel vaak om heb gevraagd. De tactiek van meneer De Mos, of de partij van meneer De Mos, is dan vaak om maar moties te blijven indienen, indienen, indienen. Het actieplan dat er ligt, is in principe wel goed. Het gaat er alleen om dat het wordt uitgevoerd, dat daar werk van wordt gemaakt. Elke keer die moties opnieuw indienen om daarmee te scoren voor de leden op Twitter, daar ben ik niet zo van. Ik vraag nu netjes bij het terugkijken op het jaar 2021: jullie hebben gefaald; wat gaan jullie eraan doen om het dit jaar beter te maken, om zo snel mogelijk een einde te maken aan de bedeloverlast? Maar elke keer moties indienen? U scoort elke donderdag met al die aangenomen moties, maar Den Haag glijdt alleen maar verder af. Ik probeer nu gewoon wat constructiever mee te denken met het college door dit soort vragen te stellen vanaf deze plek. Wat gaan we er nou aan doen? Want het actieplan ligt er, we hebben gebieden waar niet mag worden gebedeld: handhaven! Rachid Guernaoui (Hart voor Den Haag). U bent een heel ervaren raadslid, maar zegt u nu: moties indienen heeft geen enkele zin?

65

Sebastian Kruis (PVV). Nee, dat heeft vaak geen enkele zin, inderdaad. Dat merkt u toch ook? Moties waar het vaak echt om gaat, moties bijvoorbeeld om islamisering te stoppen, haatzaaiende moskeeën te sluiten, de instroom te stoppen en een einde te maken aan de massa-immigratie, worden allemaal verworpen. Waar het dus om gaat, is dat we elke keer weer die signaalfunctie met verve vervullen, dat we elke keer die establishmentpartijen, die lekker aan het indommelen zijn daar op het pluche, wakker schudden en dat we aandacht vragen voor de problemen namens onze achterban. Dat doet u ook heel erg goed. Maar om nou elke keer, nu weer, voor de zoveelste keer dezelfde motie in te dienen, terwijl het beleid er gewoon ligt, maar het moet alleen worden uitgevoerd, heeft niet zoveel zin. De voorzitter. De heer Guernaoui, tot slot. Rachid Guernaoui (Hart voor Den Haag). Vorige week: La Cantina mag nu jaarrond dankzij een motie. Aangenomen moties hebben heel veel zin. Je moet wel de goede dingen doen. Doorgaan met uw islammoties heeft inderdaad geen enkele zin. Ik zou ook zeggen: stop daarmee. Maar blijf moties die op draagvlak kunnen rekenen vooral indienen, want daar bereiken we echt wel wat mee. Sebastian Kruis (PVV).

Ik ben het helemaal met de heer Guernaoui eens, alleen het punt is: we kunnen wel jaarrondexploitatie hebben van een strandtent bij Duindorp, maar als onze hele stad ten onder gaat aan de islamisering en de massa-immigratie, heb ik uiteindelijk als raadslid alsnog gefaald, ook al haalt mijn motie het. Die motie heb ik vorige week trouwens meeondertekend. Ik steun vaak moties als ik ze goed vind. Maar mijn moties, mijn voorstellen voor de écht grote problemen van Den Haag worden standaard verworpen. Dat is op zich niet heel gek in een gemeenteraad met zo veel linkse partijen en anderszins … zeg maar type partijen. Ik probeer nu gewoon opnieuw aandacht te vragen voor de bestaande plannen die er liggen. Waarom gebeurt daar niets mee? Waarom zie ik nooit die undercover handhavers? Daar werd net een beetje lacherig over gedaan, maar ik zie ze niet. Er moet gewoon werk van worden gemaakt. U vroeg er ook net naar. Dat is wat ik hier doe. Dankzij mij bijvoorbeeld, meneer Guernaoui, want nu ga ik ook eens even op mijn borst kloppen - dat wil ik ook wel eens een keertje doen - dankzij de heer Kruis die voor jullie staat, is er cameratoezicht gekomen op afvalhotspots. De heer Bredemeijer ging daarmee aan de gang toen het allemaal met veel bombarie werd gepresenteerd, want waar meneer Bredemeijer is, daar zijn camera's. Nou, laat dat nou ook toevallig mijn voorstel geweest zijn.

Maar goed, ik hoef niet per se de credits. Waar het mij om gaat is dat de stad leefbaar en schoon wordt. Ik vraag daar nu opnieuw aandacht voor op een gebruikelijke manier, namelijk door tijdens het debat vragen daarover te stellen. Als ik geen bevredigend antwoord krijg, dan sluit ik zeker niet uit dat ik zo meteen nog wel een motie daarover indien, want uiteindelijk neem ik er natuurlijk ook geen genoegen mee om zomaar met een kluitje in het riet gestuurd te worden, zoals u weet, meneer Guernaoui. Dan ga ik, denk ik, nu verder met mijn innemende betoog. De voorzitter. Ja, u vervolgt uw betoog. Sebastian Kruis (PVV). We zagen in 2021 ook de onzalige plannen van dit college weggestemd worden om de raamprostitutie te verplaatsen naar de Sporendriehoek. Achterbakse leugens en bedrog werden niet geaccepteerd door de raad. In een vinnig debat liet zelfs mevrouw Parbhudayal zien dat ze geen voorstel nodig heeft om door het ijs te zakken. De PVV was de voorhoede tijdens dit debat van het gezond verstand. Ik heb een vraag over - meneer Guernaoui, let u op - mijn aangenomen motie om een muur te bouwen tussen de Geleen- en Hunsestraat. Wat is daarvan de stand van zaken? Wanneer begint het metselwerk? Want hoe eerder die muur staat, hoe beter. En als het een succes blijkt, kunnen we wellicht ook op andere locaties muren gaan bouwen.

Ik heb ook nog een vraag aan de wethouder Buitenruimte. Er zijn al veel vragen gesteld, ook door mijn collega Guernaoui, over de enorme zooi in de stad, overal, in alle wijken. Zelfs meneer Partiman vroeg er net nog een soort van aandacht voor. Daar is dus in principe genoeg over gevraagd. Ik ben benieuwd naar de antwoorden. Maar ik heb een specifieke vraag over de omgeving van de Hofvijver. Er werd de onbegrijpelijke keuze gemaakt om een soort ponton te bouwen op de Hofvijver voor een ceremonie tijdens Veteranendag. Had dat nou niet op een andere plaats gekund? Want dit is onze toeristische hotspot en die werd wekenlang ontsierd door een hek waar je niet doorheen kon 66

kijken. Als er duizenden toeristen naar de stad trekken in deze mooie zomermaanden, is het toch zonde dat zij het moeten doen met hekken? Kunnen we nu eens kijken naar een andere mooie locatie om volgend jaar die ceremonie op te doen, om ervoor te zorgen dat de Hofvijver vrij toegankelijk en in beeld kan blijven voor al die toeristen die van onze mooie stad komen genieten? Ook al die bomen die nu zijn afgedekt met die houten platen; het ziet er gewoon niet uit. Dus graag een reflectie op deze gang van zaken, want ik wil graag naar een duurzame oplossing toewerken. Voorts moeten we in Den Haag na de sluiting van het Binnenhof zoeken naar nieuwe manieren om toeristen te trekken. We zijn gezegend met de mooiste binnenstad van Nederland, zoals u weet. Dan denk ik, samen met u, aan het Lange Voorhout, het Buitenhof en de Plaats. Zo kom ik op mijn punt om in de maanden november en december, vanuit het citymarketingbudget mogelijk, budget te reserveren en te investeren om van het hele gebied van de binnenstad één groot openluchtkerstdorp te maken, waarbij alle panden verlicht zijn. Dat kan heel veel mensen trekken. Bijvoorbeeld Deventer trekt ook heel veel mensen tijdens de Charles Dickensmarktperiode, maar wij hebben als Den Haag ook deze unieke locatie. Ziet de wethouder deze droom van de PVV ook voor zich? Droomt de wethouder mee met de PVV? Dan sluit ik af met een positieve noot.

Dat vind ik ook belangrijk. Na een kritische noot volgt er een positieve noot. Steeds meer inwoners zijn helemaal klaar met de establishmentpartijen, die Nederland in rap tempo afbreken. Dat blijkt ook uit alle peilingen. Ik zie dat met veel plezier en genoegen. Een filosofische afsluiting: het donkerste uur is vlak voordat het licht wordt. Judith Klokkenburg (ChristenUnie/SGP). Voorzitter. Dank aan wethouders, ambtenaren, gemeentelijke accountant en de Rekeningencommissie voor het opstellen en beoordelen van de programmarekening. Dank ook voor het beantwoorden van al onze technische vragen. Het bespreken van en stemmen over de programmarekening is het moment om terug te blikken op het afgelopen jaar. 2021 was een bijzonder jaar, waarin de stad nog steeds werd geconfronteerd met een pandemie en de gevolgen daarvan. We werkten nog steeds of weer massaal thuis, de scholen gingen weer een aantal weken dicht en meer mensen, en zeker jongeren, kregen te maken met mentale klachten door deze periodes van lockdowns. Het was ook een jaar waarin de financiële gevolgen van de coronacrisis steeds meer zichtbaar werden, niet alleen voor de inwoners van onze stad, maar ook voor de gemeente.

Er wordt gelukkig hard gewerkt om die reserves weer te vullen, maar het water staat ons financieel gezien nog steeds aan de lippen, zoals adviseur Donner ons vorige week nog eens in scherpe bewoordingen vertelde. Dat vraagt ook om scherpe keuzes richting de toekomst. Wat de ChristenUnie/SGP betreft is het belangrijk om oog te houden voor de meest kwetsbaren in onze stad, de mensen die geen stem hebben en die zich niet gehoord of gezien voelen, die worden gezien als voorwerpen die je kunt oppakken of verplaatsen. Afgelopen winter is dat goed gelukt. De ChristenUnie/SGP was zeer blij met de realisatie van een permanente winteropvang, opgestart in 2021, een volle Lozerhof, mensen die blij waren eindelijk ergens op adem te kunnen komen en te kunnen nadenken over de toekomst. Ik heb er diverse mensen gesproken die weer perspectief en hoop kregen in het leven, gewoon door een paar weken niet te hoeven nadenken over waar je die avond gaat slapen of hoe je aan eten gaat komen. Mensen die hun talenten ontdekten en weer aan werk konden gaan denken of zelfs weer aan het werk gingen. Juist die individuele verhalen laten zien hoe groot het belang is van huisvesting, van goede opvang, juist in een koude en donkere periode. Het is van groot belang dat we dit de komende winter ook weer gaan doen.

Dat moeten we vandaag ook besluiten wat mijn fractie betreft, want het nieuwe college laat misschien wel op zich wachten, maar de winter niet. Daarom dien ik een motie in met de collega's Smit van de Partij voor de Dieren, Faïd van de HSP en Arp van de SP. Het dictum daarvan luidt: verzoekt het college een permanente winteropvang van 1 november 2022 tot en met 1 april 2023 te realiseren en voldoende bedden beschikbaar te stellen voor iedereen; en daarvoor bij de begroting 2023-2026 voldoende geld te reserveren. Daarnaast natuurlijk steun voor het amendement dat collega Barker al heeft ingediend om de reserve uit de Maatschappelijke Opvang te oormerken voor een permanente winteropvang deze winter. Want mensen op straat laten slapen, zeker in de winter, past niet in onze stad. Een andere uitdaging waar we in 2021 veel mee bezig zijn geweest, is het verduurzamen van woningen. In de programmarekening is te lezen dat er nog een tandje bij kan als het gaat om het verduurzamen van woningen. Een goed moment om dat te doen is wanneer iemand toch al gaat 67

verbouwen, bijvoorbeeld als je je kozijnen gaat vervangen. Het zou mooi zijn als je dan gelijk bij de bouwmarkt of bij de aannemer gewezen wordt op de adviezen en subsidies van de gemeente. Daarom dien ik een motie in waarvan het dictum luidt: roept het college op in gesprek te treden met het MKB Den Haag om de gemeentelijke informatie over duurzaamheid breder te (laten) verstrekken, bijvoorbeeld via bouwmarkten of kleine en/of zelfstandige aannemers. Een ander thema in deze raadzaal is het afval op straat. Het is al vaker genoemd vandaag. Er worden steeds weer nieuwe manieren bedacht om afval zo goed mogelijk op te halen. Wat de ChristenUnie/SGP betreft moeten de drempels om afval aan te bieden, zo veel mogelijk worden weggenomen. De opruimdagen zijn wat ons betreft daarin een heel goed voorbeeld. Daarbij kun je grofvuil zonder afspraak inleveren in je eigen wijk; een prachtig initiatief. Maar het is daarbij wel goed om kritisch te kijken naar de locatie binnen de stadsdelen waar deze opruimdagen worden georganiseerd.

Daarom een motie met collega Martinez van Andel van Hart voor Den Haag, met als dictum: verzoekt het college samen met de stadsdeelkantoren te onderzoeken of de aangewezen locatie voor de opruimdag binnen hun stadsdeel de meest effectieve locatie is en daarbij te kijken naar onder andere de ligging en bereikbaarheid van de locatie en waar de behoefte het grootste is. In mijn inleiding had ik het al even onder de mentale gezondheid. Met name onder jongeren heeft de coronacrisis er hard ingehakt. Het is een van de vele redenen dat mijn fractie enthousiast is over de maatschappelijke diensttijd, MDT. Er lopen tal van initiatieven. Of het nou gaat om het ontdekken van je talent, op weg worden geholpen naar de arbeidsmarkt of impact maken in jouw wijk of buurt, er is voor ieder wat wils. In het bij elkaar brengen van vraag en aanbod kan de gemeente veel meer een verbindende en faciliterende rol spelen. Daartoe dien ik een motie in: verzoekt het college in navolging van Rotterdam vraag en aanbod van de diverse trajecten van maatschappelijke diensttijd bij elkaar te brengen om jongeren optimaal te wijzen op de kansen die MDT hun biedt. Tot slot. Dit debat is niet alleen een terugblik, maar ook een kleine voorbeschouwing op de coalitie die nu gevormd wordt en de komende jaren de stad gaat besturen, want er zijn grote uitdagingen in onze stad.

Ik noem de wooncrisis, de koopkrachtcrisis en de toenemende kloof tussen overheid en burger. Daar moet een antwoord op komen. Maar ook aan de gemeentelijke dienstverlening moet nog veel verbeterd worden. Laten we bekend staan als een overheid die dienstbaar is, waar je als inwoner terecht kunt voor simpele zaken als een paspoort, maar ook als je in de schulden terecht bent gekomen. Ik hoop en ik wens dat de onderhandelende partijen op al die thema's met een goed antwoord zullen komen. Maar ik wens hen vooral toe dat ze zich net als ik geïnspireerd mogen weten door de profeet Jeremia, die schreef: zet je in voor de vrede en de bloei van de stad. Rachid Guernaoui (Hart voor Den Haag). U noemt een aantal crisissen, maar ik heb u niets horen vertellen over de begrotingscrisis die de gemeente Den Haag heeft, de redenen daarvan en wat uw partij daarvan vindt. Judith Klokkenburg (ChristenUnie/SGP). Ik zou veel meer crisissen kunnen opnoemen. Ik heb er maar twee of drie genoemd. Dat rijtje is natuurlijk veel langer. Dat hebben wij ook in de diverse brieven aan de informateurs bijvoorbeeld laten weten. Voor dat hele lijstje zou ik daar dus naar willen verwijzen. Ik heb het niet over de begrotingscrisis gehad omdat we het nu hebben over de programmarekening. Rachid Guernaoui (Hart voor Den Haag). Die programmarekening gaat over de begroting.

Je ziet dat wij grote problemen hebben als Den Haag doordat wij stelselmatig financieel worden genegeerd door het kabinet, waar uw partij ook in zit. Wat doet u om dat op te lossen? Welke oplossing ziet u daarvoor? Judith Klokkenburg (ChristenUnie/SGP). Het klopt dat een deel van de partijen die ik hier vertegenwoordig in het kabinet zit. Een ander deel ook niet, dus dat maakt mijn positie hier ook heel bijzonder. U zult ook begrijpen, gezien de plek van mijn voorganger, dat wij in ieder geval zeer nauwe contacten hebben met de Tweede Kamerfractie, die het kabinet controleert. Wij doen daar dus onze uiterste best. We hebben daar onder andere een minister voor armoedebeleid, die met heel veel geld

68

onder andere naar Den Haag Zuidwest gaat komen. Dat zijn, denk ik, mooie resultaten waar we in Den Haag zeker van moeten gaan profiteren. De voorzitter. De heer Guernaoui, tot slot. Rachid Guernaoui (Hart voor Den Haag). Ik waardeer dat u uw best doet, maar tot nu toe heeft dat niet geholpen om de begrotingsproblemen op te lossen of de tekorten op het Gemeentefonds en het te weinig geld voor al die taken die we krijgen. Ik hoop dus dat u zich daar iets meer voor inzet en wel wat voor elkaar kunt krijgen aan de overkant. Judith Klokkenburg (ChristenUnie/SGP). Ik denk dat de heer Guernaoui mij iets te veel eer toeschrijft. Ik ben raadslid voor de stad Den Haag. Ik doe mijn uiterste best, net als de heer Guernaoui, denk ik. We hebben allemaal, op welke manier dan ook, lijntjes naar de landelijke politiek, zullen die ook gebruiken, maar u moet van mij niet verwachten dat ik ineens een schip met goud binnen kan halen voor Den Haag. De voorzitter. Door mevrouw Klokkenburg worden de volgende moties (I.37 CU/SGP en I.38 CU/SGP) ingediend:

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11713015/4