CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS312890 Notulen van de raad van 30 juni 2022

Gemeenteraad 8 september 2022, gemeente Den HaagBij agendapunt: Vaststelling van de Notulen van 30 juni 2022 en 7 juli 202261.922 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 7

vaststelling van de ontwikkelvisie Laakhavens een overeenkomst met Included te sluiten over de ontwikkeling van The Embrace, waarin ten minste afspraken worden vastgelegd over het realiseren van 50% sociale huurwoningen; • deze afspraken te maken onder voorbehoud van goedkeuring door de raad en de raad te betrekken bij de afspraken en bijbehorende consequenties; en gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Lotte van Basten Batenburg (VVD). Voorzitter. Ik kan het heel erg kort houden. We hebben een uitgebreid debat gehad in de commissie waarin veel van onze vragen en zorgen zijn besproken en van een reactie zijn voorzien. Alles afwegend kan deze lelijke plek in de stad mede door de bouw van The Grace wat mooier en ook wat groener worden. Er komen meer dan 1.400 woningen bij op een plek waarvan wij vinden dat dat past. Daarom vindt de VVD deze ontwikkeling een verbetering voor de stad. We vinden het wel heel belangrijk dat de voorzieningen die nodig zijn in de omgeving ook echt worden gerealiseerd. Daarom zullen we een aantal moties van collega's steunen. Judith Klokkenburg (ChristenUnie/SGP). Voorzitter. 'Amazing grace' is een zeer bekend en oud lied uit de christelijke geschiedenis. Het betekent 'geweldige genade', het middelpunt van het christelijk 50

geloof. Maar toen ik de plannen zag voor The Grace, dacht ik niet gelijk: what amazing. Natuurlijk, meer woonruimte is broodnodig in onze stad. En een ontwikkelaar die meer dan 1.400 woningen wil bouwen, waarvan 30% sociaal, is in principe van harte welkom om te bouwen in onze stad. Maar dan moeten de randvoorwaarden ook goed geregeld zijn. En daar ontbreekt het tot nu toe aan in dit project. De ChristenUnie/SGP heeft zorgen over de gevolgen van de bouw van deze toren. Op sommige plekken zal er veel last zijn van windhinder en heel wat woningen in de omgeving krijgen een stuk minder zon of zelfs geen zon meer. Ook maken wij ons zorgen over het gebrek aan voorzieningen. Mensen moeten er namelijk niet alleen kunnen wonen, maar ook kunnen leven. Er wordt wel een aantal voorzieningen gerealiseerd, maar dit zijn er niet genoeg voor de toekomstige bewoners. En bovendien is er in dit gebied al een tekort aan voorzieningen. Mijn fractie maakt zich daar grote zorgen over. We hoorden vanochtend de huisartsen, waar te weinig ruimte voor is, maar ook andere sectoren hebben betaalbare bedrijfsruimte nodig. Broodnodige voorzieningen waarin onvoldoende wordt voorzien. Daarnaast ontbreekt het in het plan aan voldoende groen waar bewoners gebruik van kunnen maken. Ik steun daarom ook moties en amendementen van collega's die hier iets aan willen veranderen.

Een gedeelte van de voorzieningen, zoals sportfaciliteiten en een bioscoop, zijn niet toegankelijk voor de buurt. Daardoor dreigt deze ontwikkeling een eiland te worden, waarbij de verbinding met de rest van de wijk ontbreekt. De ChristenUnie/SGP is van mening dat juist de voorzieningen die er zijn, gedeeld moeten worden met de buurt. Daarom een motie met de collega's Arp en Faïd, met als dictum: verzoekt het college bij de ontwikkelaar (en de belegger) aan te dringen op het openbaar toegankelijk maken van de niet-publieke voorzieningen in de stedelijke laag, en deze zodanig in te vullen dat het van toegevoegde waarde is voor de buurt. Een andere zorg van de ChristenUnie/SGP zijn de huurprijzen van de sociale woningen. De huur van een heel groot deel van de sociale woningen zit tegen de liberalisatiegrens aan. Als er dan ook nog hoge servicekosten bijkomen, gaat de totale prijs er overheen en kan het gebeuren dat de bewoners geen recht meer hebben op huurtoeslag. Dan is de sociale huur in dit plan een farce. Dat moeten we voorkomen. Daarom een motie met collega's Arp, Faïd en Barker, met als dictum: verzoekt het college in overleg te treden met de ontwikkelaar en de belegger om te borgen dat de hoogte van de servicekosten er niet toe zal leiden dat huurders van de sociale huurwoningen geen recht meer hebben op huurtoeslag. Hinke de Groot (CDA).

Is de ChristenUnie/SGP ermee bekend dat servicekosten deels ook niet meetellen in die huurtoeslaggrens? Er wordt met rekenhuur gerekend, dus niet alle servicekosten hebben meteen gevolgen voor de liberalisatiegrens. Is de ChristenUnie/SGP met die landelijke wetgeving bekend? Judith Klokkenburg (ChristenUnie/SGP). Uiteraard zijn we daarmee bekend. Het is alleen wel zo dat de kale huur vrij hoog is. Wat betreft de servicekosten wordt € 48 meegerekend ten aanzien van de rekenhuur zodat dit boven die grens zal vallen. Naar ik heb begrepen, zullen er dan 249 sociale huurwoningen uit het sociale segment gaan vallen. Ik vervolg. Amazing grace, ik zou het graag zeggen. Ik ben benieuwd of de wethouder mij vandaag nog kan overtuigen waarom dit plan goed is voor de leefbaarheid in dit gebied, hoe hij bij gaat sturen op een aantal zaken, zoals de voorzieningen en de servicekosten. De voorzitter. Door mevrouw Klokkenburg, daartoe gesteund door mevrouw Arp en mevrouw Faïd, wordt de volgende motie (K.4 CU/SGP) ingediend:

Motie K.4 CU/SGP maak alle voorzieningen vrij toegankelijk De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 30 juni 2022, ter bespreking van het Voorstel van het college inzake Verklaring van geen bedenkingen (Wabo) t.a.v. de aanvraag omgevingsvergunning voor het bouwen van 2 woontorens met ruimten voor commerciële voorzieningen (The Grace) t.p.v. het te slopen kantoorgebouw Rijswijkseweg 60 t/m 86A (RIS312442), 51

constaterende, dat: • er naast de commerciële voorzieningen in de stedelijke laag van The Grace ook voorzieningen komen die exclusief toegankelijk zijn voor bewoners, waaronder sportvoorzieningen en een bioscoop; overwegende, dat: • het bouwplan niet voorziet in de voor deze woningen benodigde maatschappelijke voorzieningen zoals vastgesteld in de Haagse referentienormen maatschappelijke voorzieningen (RIS307513); • in de Laakhavens überhaupt een tekort is aan voorzieningen, zoals huisartsen, fysiotherapeuten en tandartsen; • het daarom onwenselijk is om de weinige voorzieningen die gerealiseerd worden in de stedelijke laag deels niet-publiek toegankelijk te maken; verzoekt het college: • bij de ontwikkelaar (en de belegger) aan te dringen op het openbaar toegankelijk maken van de niet-publieke voorzieningen in de stedelijke laag, en deze zodanig in te vullen dat het van toegevoegde waarde is voor de buurt, en gaat over tot de orde van de dag. De voorzitter. Door mevrouw Klokkenburg, daartoe gesteund door mevrouw Arp, mevrouw Faïd en de heer Barker, wordt de volgende motie (K.5 CU/SGP) ingediend:

Motie K.5 CU/SGP maak sociale huur écht sociaal De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 30 juni 2022, ter bespreking van het Voorstel van het college inzake Verklaring van geen bedenkingen (Wabo) t.a.v. de aanvraag omgevingsvergunning voor het bouwen van 2 woontorens met ruimten voor commerciële voorzieningen (The Grace) t.p.v. het te slopen kantoorgebouw Rijswijkseweg 60 t/m 86A (RIS312442), constaterende, dat: • er 30% sociale huurwoningen worden gerealiseerd in ‘The Grace’, wat neerkomt op een totaal van 424 sociale huurwoningen; • van deze 424 sociale huurwoningen, er 249 een huurprijs net onder de liberalisatiegrens hebben; • er naast de commerciële voorzieningen ook nog voorzieningen komen die exclusief toegankelijk zijn voor bewoners, waaronder sportvoorzieningen, een bioscoop en een ‘skylounge’; overwegende, dat: • de voorzieningen die exclusief bedoeld zijn voor bewoners de servicekosten omhoog zullen stuwen; • de mogelijkheid bestaat dat de sociale huurprijs en de servicekosten samen zorgen voor een huurprijs boven de liberalisatiegrens, waardoor de woningen onbereikbaar worden voor een deel van de sociale doelgroep; verzoekt het college: • in overleg te treden met de ontwikkelaar en de belegger om te borgen dat de hoogte van de servicekosten er niet toe zal leiden dat huurders van de sociale huurwoningen geen recht meer hebben op huurtoeslag, 52

en gaat over tot de orde van de dag. De moties maken onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Nur Icar (DENK). Voorzitter. Ik sluit mij allereerst graag aan bij de inbreng van mevrouw Klokkenburg. Wij zijn niet per se tegen hoogbouw. We zijn ook voorstander van 'bouwen, bouwen, bouwen' maar er moet wel goed nagedacht worden voordat je iets gaat bouwen. Op deze manier helpen we mensen wel aan een woning, maar hoogbouw mag geen rampbouw worden. Mensen die langs The Grace lopen, moeten niet in een openbare skydive terechtkomen. Ik weet niet of mensen wel eens langs het Strijkijzer zijn gelopen als het een beetje winderig is, want ik kan u zeggen dat je dan heel makkelijk wegwaait, wat best wel gevaarlijke situaties creëert. Dus we moeten niet al te licht denken over deze problematiek. Het windklimaat moet in de plannen dan ook optimaal worden meegenomen en niet halfslachtig. Een ander punt dat ons zorgen baart is de parkeervoorziening. Als we aangeven dat er een 30%-norm is voor sociale huur, waarbij we nu eigenlijk al de vraag kunnen stellen in hoeverre daarvan echt sprake is, moeten we ook rekening houden met een groep mensen die noodzakelijkerwijs gebruik moet maken van een auto. Het lijkt erop dat dit een D66-toren gaat worden terwijl wel degelijk veel Hagenaars behoefte hebben aan een auto.

Je kunt bijvoorbeeld denken aan een jong stelletje met een baby, mantelzorgers die hun ouders moeten vervoeren en ondernemers die hun auto ergens kwijt moeten kunnen. Ik vind het dan ook een beetje vreemd om hier te bepalen dat men in dit geval geen auto nodig heeft en men dus maar gewoon het ov moet gebruiken. Ik denk dat we van die gedachtegang af zouden moeten. Als alternatief zijn er 150 parkeerplekken in de Laakhavengarage opengesteld. Voor mijn gevoel is er best veel afstand tussen sommige partijen hier en de gewone burgers, want: hoe duur is zo'n plek in die parkeergarage? Hoeveel mensen kunnen dat daadwerkelijk betalen? De oplossingen die worden aangedragen zijn niet realistisch en betaalbaar voor heel veel Hagenaars. Op die manier zijn we hiermee oplossingen aan het aandragen om oplossingen aan te dragen, terwijl het ons dan eigenlijk vrij weinig interesseert wat er daadwerkelijk gebeurt. Ik zie dat er een interruptie is, voorzitter. De voorzitter. Zeker, het verrast mij ook. Het is de heer Kruis. Sebastian Kruis (PVV). Dat is best wel raar. Ik heb nu drie, vier interrupties gedaan. Ik bedoel, ik heb gewoon mijn spreektijd … De voorzitter. U heeft er inmiddels twaalf gedaan. Maar gaat uw gang, meneer Kruis. Sebastian Kruis (PVV). Daar is ook mijn spreektijd voor. Ik vind dit onderwerp namelijk ook heel erg belangrijk.

Mijn vraag aan de heer Icar is of hij dan voor of tegen dit voorstel stemt. Nur Icar (DENK). Ik denk dat u daar straks achter gaat komen. We zijn nu nog bezig met het debat, maar ik denk dat u aan mijn inbreng wel kunt horen welke kant ik op neig. Verder vraag ik mij af of dit gebouw wel inclusief genoeg is. Het is een mooie toren maar ik weet niet of alle Hagenaars hier profijt van zullen hebben. Zijn gezinnen met kinderen of mensen met een minimuminkomen daar wel welkom? Zoals het plan nu is opgesteld, is dat volgens mij niet echt het geval. Joren Noorlander (D66). Ik hoor meneer Icar eerst zeggen 'bouwen, bouwen, bouwen' en hoor hem vervolgens zeggen: er moeten voorzieningen moeten komen en ik weet het nog niet zo goed. Gaat hij zich dan onthouden van stemming straks? Nur Icar (DENK). We hebben aangegeven het belangrijk te vinden dat er meer gebouwd wordt. Punt is echter dat hoogbouw geen rampbouw moet zijn. Het principe moet niet sec bouwen zijn, maar moet juist zijn dat er voor iedereen gebouwd wordt. En dat deel mis ik nu.

53

De voorzitter. Hiermee zijn we gekomen aan het eind van de eerste termijn van de raad. Ik schors de vergadering voor enige minuten. De vergadering wordt van 13.50 uur tot 13.56 uur geschorst. De voorzitter. Ik geef het woord aan wethouder Mulder. Wethouder Mulder (VVD). Voorzitter. We spreken vandaag over The Grace. Heel veel mensen hebben daar al woordgrappen en zinsspelingen over gemaakt; ik zal mij daar niet bij voegen. Door velen van u is ook gezegd dat The Grace een belangrijke toevoeging is voor de broodnodige woningen in Den Haag en met name Laak. Bovendien draagt het bij aan de ontwikkeling van Laakhavens. Deze plek waar nu het spiegelpaleis staat, kan eigenlijk alleen maar beter worden. Ik zeg er gelijk bij dat het traject hiernaartoe niet makkelijk was. Binnen de randvoorwaarden zoals eerder vastgesteld in de nota van uitgangspunten en ander gemeentelijk beleid hebben we deze vergunning getoetst. Daar hebben we ruim een jaar over gedaan en het heeft ook geleid tot stevige gesprekken met de ontwikkelaar. Zo zijn er op onze instigatie aanpassingen gedaan aan wind en geluid en aan het woonprogramma. Bij elkaar resulteert het wat ons betreft in een ontwerp waar de ontwikkelaar met recht trots op mag zijn en wat we kunnen zien als een aanwinst voor de stad.

Het project levert ook huiswerk op, waarbij ik noem de bijbehorende voorzieningen, de groennorm en de afgesproken woningcompensatie. In het kader van de voorzieningen heeft u eind 2021 een belangrijkste stap gezet toen u instemde met het voorstel van het college inzake investeren in een groen Hollands Spoorkwartier. Daarmee hebben we ook middelen verkregen om de bij dit bouwplan horende groenvoorzieningen te realiseren, waarmee we inmiddels ook aan de slag zijn. De volgende grote stap die we gaan maken, is de ontwikkelvisie Laakhavens, die we na de zomer, als de raad dat wil, met elkaar kunnen bespreken. In die ontwikkelvisie schetsen we het langetermijnperspectief voor dit gebied, waarbij de woningen, de voorzieningen en het groen hand in hand en stap voor stap worden gerealiseerd. Er is een aantal vragen gesteld. Ik stel voor dat ik die ook betrek bij de beoordeling van de amendementen en de moties. Er is nog één vraag apart gesteld en die is of de sociale woningen ook op Woonnet worden gepubliceerd. Ja, dat is het geval. De sociale woningen verschijnen ook op Woonnet, zodat iedereen het kan raadplegen. Dan wil ik nu ingaan op de ingediende amendementen en moties. Op voorhand wil ik daar wel iets over zeggen. Ik zei zo-even al dat we stevige gesprekken hebben gevoerd met de ontwikkelaar en we zullen ook nog een aantal gesprekken gaan voeren.

Als u aantal moties aanneemt waarbij u mij oproept om er verder over in gesprek te gaan met de ontwikkelaar, dan kan ik dat doen, maar wel denk ik dat een aantal dingen die u vraagt niet afdwingbaar zijn. Dan is het wel zo dat, hoe meer vragen ik bij hen leg, hoe kleiner de slagingskans is op een positief antwoord. Dus focus helpt altijd wel als je iets wil. Ik begin met motie K.2 CDA, Bouwen aan een leefbaar Laakhavens. De motie vraagt eigenlijk drie dingen. Ten eerste vraagt ze om een overzicht van de voorzieningen, specifiek voor The Grace, en hoe we daaraan werken. Dat kunnen we uiteraard in beeld brengen. Dat hebben we eerder ook voor andere bouwprojecten gedaan. Ik zeg u toe dat ik u dat zal toesturen, voorafgaand aan de bespreking van de ontwikkelvisie Laakhavens in deze commissie. Verder vraagt de motie om afspraken te maken met de ontwikkelaar over de maximale huurprijzen in de commerciële ruimtes van de plint. Dat kan ik zeker doen met deze motie in de hand, maar, zoals ik net al heb gezegd, is het niet afdwingbaar. Bovendien is het op voorhand niet gratis. Dus ik kan dit deel van de motie uitvoeren en ik kan u daarover informeren bij de afdoening van deze motie, maar dan wel met genoemde disclaimer erbij. Daarnaast vraagt de motie om een halfjaarlijkse rapportage.

Dat lijkt mij een goede manier voor de raad om een vinger aan de pols te houden als het gaat om de ontwikkelingen en de verhouding tussen woningen, voorzieningen en groen. Dus ik kan deze motie op alle drie de punten omarmen. Dan amendement K.B PvdD, Maak voorzieningen concreet. Net als de motie van het CDA vraagt dit amendement om het concreet in beeld brengen van de voorzieningen. Echter, de Partij voor de Dieren gaat er een stapje verder in en vraagt ook naar de exacte locaties, de invulling en de financiering in plaats van hoe we bezig zijn die te realiseren. De ontwikkelvisie Laakhavens geldt voor 54

twintig jaar. We hebben niet in het eerste jaar alles al helemaal uitgewerkt en dat kunnen we dus ook niet af hebben op het niveau dat de heer Barker vraagt. Daarom moet ik dit amendement ontraden. Robert Barker (PvdD). Eigenlijk betekent dit dat de wethouder zegt: er komen 1.400 woningen bij maar we willen niet zeggen waar de voorzieningen voor die woningen concreet komen en wat de financiering daarvan is. Dat betekent dat we wel woningen gaan bouwen maar dat de voorzieningen niet op tijd klaar zijn. Wethouder Mulder (VVD). De heer Barker weet iets ingewikkelds samen te vatten tot iets compacts waarbij je even de vraag moet stellen of hij daarbij dan wel recht doet aan de werkelijkheid. Kijkend naar onder andere de ontwikkelvisie Laakhavens ziet u dat we druk bezig zijn de zaken in te tekenen. Met zo'n plan ga je dan op stap om ook de financiering te regelen op onze eigen begroting en bijvoorbeeld bij het ministerie van Binnenlandse Zaken en het ministerie voor Wonen. De suggestie van de heer Barker dat we nu aan de slag gaan zonder dat er zicht is op wat dan ook, klopt natuurlijk niet. We gaan hier voortvarend mee aan de slag, waarbij voorzieningen, woningen en groen gelijke tred met elkaar moeten houden. Robert Barker (PvdD).

De wethouder zegt dat het gelijke tred moet houden maar dan is mijn vraag hoe je dat borgt als je niet concreet weet waar die voorzieningen komen en wat de financiering ervan is. Wethouder Mulder (VVD). Daar heb ik de vorige keer ook iets over gezegd en volgens mij kom ik nu bij motie K.6 CDA, Versnel ontwikkeling groene buitenruimte Laakhavens. Deze motie vraagt om de vergroening van het campusgebied te versnellen en een buitenruimteplan op te leveren voor de omgeving van The Grace en over beide punten in het derde kwartaal te rapporteren. Dat gaan we doen want voor dit gebied zijn reeds middelen beschikbaar gesteld. Samen met de cofinanciering, € 20 mln. van de gemeente, en € 20 mln. van het Rijk hebben we dus al € 40 mln. beschikbaar voor de doorontwikkeling van de buitenruimte. Daar gaan we natuurlijk gelijk mee aan de slag. Ook de ontwikkelaar draagt substantieel bij in het kader van de anterieure overeenkomst. Deze motie kan ik dan ook omarmen. Robert Barker (PvdD). Wat de wethouder nu doet, is natuurlijk echt ridicuul. Het college heeft in 2019 exact dit toegezegd. Die voorzieningen zouden in 2019 in kaart zijn gebracht en dat geldt ook voor het openbareruimteplan. En nu zegt de wethouder: goed dat we er nu over praten zodat ik ermee aan de slag kan. Dit zonder enige dekking en zonder enig concreet plan.

Het is echt een aanfluiting als dit de manier is waarop zo'n belangrijk deel van de stad vorm wordt gegeven. Wethouder Mulder (VVD). Ik weet niet of wat de heer Barker nu zegt, wordt onderbouwd door de feiten. Ik heb het net al gehad over de financiering van € 40 mln., geld dat wel beschikbaar is. Dus we zijn stapje voor stapje dat geld aan het binnenhalen en deze ruimtes aan het intekenen. Zeker na het debat vorig jaar over de structuurvisie zie je dat dat ook inmiddels volop op de kaart staat. Volgens mij willen alle fracties, willen alle partijen gelijke tred tussen de voorzieningen en de woningen. Joren Noorlander (D66). Ik heb ook nog een vraag over motie K.6 CDA. Ik hoor net van de heer Barker dat in 2019 is toegezegd dit te gaan doen. Acht de wethouder deze motie dan nog wel nodig en bruikbaar? Wethouder Mulder (VVD). Ik heb die toezegging uit 2019 niet direct paraat, maar ik kan heel goed uit de voeten met deze motie. Dus die omarm ik en dan kom ik er bij de verdere uitwerking op terug. Sebastian Kruis (PVV). Dit is gewoon een aanfluiting want het is al toegezegd. Omdat deze wethouder heeft nagelaten om het vooraf te regelen, gaat hij nu deze motie omarmen om dan achteraf te kunnen zeggen: ja, maar we hebben toen die motie aangenomen gekregen waardoor ik ermee aan de slag ben gegaan.

Maar we lopen als gemeente continu achter de feiten aan, terwijl dat juist iets is wat we wilden voorkomen. Dus hoe ziet de wethouder dat? 55

Wethouder Mulder (VVD). Ik merk wel dat er sinds 2019 veel is gebeurd in deze raad als het gaat om groen, voorzieningen en woningen tegelijkertijd. De motie van het CDA die vraagt om hierover in het derde kwartaal te rapporteren, gaan we uitvoeren. Die vorige toezegging heb ik niet paraat, maar wat hier staat, gaan we doen in het derde kwartaal. Als zodanig zie ik dit als steun in de rug en ook als een duw in de rug de goede kant op. Dus een prima motie. Constant Martini (Hart voor Den Haag). Ik ben ontzettend benieuwd te vernemen wanneer de wethouder zijn toezegging nakomt. De heer Barker heeft het uitvoerig beschreven in de toelichting op zijn amendement K.B. U zegt nu in feite: nou ja, die toezegging uit 2019 kan ik mij niet zo goed meer herinneren, maar, weet je wat, ik zeg het opnieuw toe. Dat kan toch niet? Er moet iets gebeuren. Of de raad moet nu iets lelijks gaan doen naar u toe of u gaat gewoon diep door het stof door te zeggen: ik ken mijn stukken niet. Wethouder Mulder (VVD). Ik laat de woorden van de heer Martini voor zijn rekening. Ik constateer nu dat er een motie ligt over versnelde doorontwikkeling groene buitenruimte. Ik heb gezegd dat ik daarmee kom in Q3. Wij kunnen daarmee uit de voeten en wij gaan ook zorgen dat dat rapport in het derde kwartaal van dit jaar bij de raad ligt. Dan kom ik op motie K.1 Hart voor Den Haag, Maak bouwen mogelijk.

Deze motie vraagt bouwontwikkelingen pas mogelijk te maken als de financiering voor alle voorzieningen en het groen gedekt zijn voor heel Laakhavens. Ja, dat is natuurlijk de ideale situatie. Ik zou het er graag mee eens zijn als dat zou kunnen. Alleen, het is niet realistisch. We hebben het hier over de ontwikkeling voor de komende twintig jaar, waarbij het de bedoeling is dat de zaken hand in hand gaan. Als blijkt dat het een op het ander achterblijft dan moet je gaan temporiseren. Maar alles on hold zetten totdat alle dekking is geregeld, maakt dat ik de motie moet ontraden. De heer Martini schetste zelf ook al het dilemma; de woningnood is groot, dus laten we alvast beginnen en niet alles stilleggen. Constant Martini (Hart voor Den Haag). Mijn bijdrage ging over The Grace en waar u nu over praat, is de uitwerking van datgene wat tekortkomt in Laakhaven Centraal. Daar heeft u u geen financiering voor en daarvan heeft u in de commissie gezegd: als ik het geld voor het groen niet voor elkaar krijg, dan temporiseren we de woningbouw. Nou, dat zal de heer Balster natuurlijk als muziek in de oren geklonken hebben. Wethouder Mulder (VVD). Het is heel belangrijk om hier met z'n allen te constateren welke debatten we in het verleden al hebben gevoerd over de structuurvisie.

Er lag de heel duidelijke wens van de gemeenteraad om ervoor te zorgen dat voorzieningen, groen en woningen hand in hand zouden gaan. We hebben toen ook tegen elkaar gezegd dat de raad de vinger aan de pols moet kunnen houden. Dat betekent dat als het groen achter dreigt te blijven ten opzichte van de woningen, je moet temporiseren. Dan moet je zeggen: even pas op de plaats totdat er weer sprake is van een gelijke tred. Je wil namelijk graag mooie, groene en leefbare buurten creëren. Maar wat de heer Martini vraagt, is onrealistisch, want je kan niet de hele financiering rond hebben voordat je gaat bouwen, want dan doe je ook geen recht aan het woningtekort. Maar dat streven als zodanig is heel goed. In de ideale situatie zou dat fantastisch zijn. Sebastian Kruis (PVV). Het punt is dat je niet kunt temporiseren als je eenmaal bent begonnen met de bouw van die toren. Uiteindelijk zal die toren er straks staan en dan ontbreken de voorzieningen in een gebied waar nu al te weinig voorzieningen zijn. Dus ik vind het antwoord van de wethouder echt niet voldoende. Nu maakt dat voor mijn afweging niet uit, maar ik vind het heel raar dat mijn andere collega's die er in 2019 wel bovenop zaten, hier nu wel genoegen mee nemen. Maar dat is een observatie mijnerzijds. Wethouder Mulder (VVD). Dan kom ik op motie K.4 CU/SGP, Maak alle voorzieningen vrij toegankelijk.

Hierover zal ik in gesprek gaan met de ontwikkelaar. In het debat van vorige week hebben we het hierover gehad. Het idee dat er een bioscoop zou komen voor bewoners, was slechts een idee dat nog helemaal niet vastlag. Maar ik zal erop aandringen dat ervoor gezorgd wordt dat er 56

een verbinding is met de buurt en dat de stedelijke laag toegankelijk wordt gehouden. Ik maak hierbij wel de disclaimer over het stapelen van vragen, maar dat gezegd hebbende, omarmen we deze motie en zullen we dit punt meenemen. Vervolgens kom ik op amendement K.C PvdD, Waai niet weg. Met de ontwikkelaar hebben we al stevige aanpassingen gedaan aan het ontwerp om ervoor te zorgen dat er een acceptabel windklimaat is. Ondanks dat je de windhinder vanwege het gebouw zelf wil oplossen, is dat, zoals ook is bevestigd door de TU Eindhoven, niet helemaal gelukt. Dan zou je namelijk een gat moeten maken in het gebouw of je zou het gebouw drastisch moeten verlagen, wat weer leidt tot minder woningen en een andere businesscase. Daarom hebben we gekozen voor een afwijking. Dat zit dan in de soort maatregelen die niet betrekking hebben op het gebouw zelf maar op de buitenruimte. Je moet er dan tevens voor zorgen dat de functies in het gebied ook passen bij het windklimaat. Ik zei al dat je eigenlijk fysieke maatregelen wil nemen en dat je dat wil overleggen met de ontwikkelaar. Aangezien dat in dit geval echter niet lukt, nemen we nu maatregelen voor de buitenruimte. Daarom zijn we ook in gesprek met de ontwikkelaar om hem die kosten te laten betalen.

Als we in de toekomst ook nog meer groen toevoegen bij de herinrichting kun je nog een verdere kwaliteitsslag maken als het gaat om het windklimaat. Maar ja, groen is weer een extra die we dus niet door kunnen berekenen. We willen groen namelijk niet alleen met het oog op windhinder maar ook omdat we er een mooi gebied van willen maken. Dus we kunnen de ontwikkelaar niet vragen om ook die maatregelen te betalen. Daarom moet ik het amendement ontraden. Wel doet de ontwikkelaar een bijdrage voor het inrichten van de buitenruimte. Robert Barker (PvdD). Waarom framet de wethouder die bomen als een extraatje? De ontwikkelaar voldoet niet aan de windnormen. Er zal daar dan sprake zijn van een slecht windklimaat. De wethouder zegt vervolgens: bomen kunnen dat windklimaat verbeteren maar dat willen we de ontwikkelaar niet laten betalen. Waarom is dat? Wethouder Mulder (VVD). Het windklimaat is al acceptabel en met groen maak je het nog beter. Dit is een extra, bovenop iets wat al aan de norm voldoet. Dan kan je het dus niet vragen van de ontwikkelaar, temeer ook omdat we het niet alleen doen vanwege windhinder maar ook omdat we een mooie groene buitenruimte willen hebben. Dat zit erachter. Robert Barker (PvdD). De windhinder is niet acceptabel. Ook uit onderzoek blijkt dat de windhinder daar slecht is.

De wethouder framet het als acceptabel maar dat is in strijd met gemeentelijk beleid. Dus waarom kan de wethouder er niet voor zorgen dat de ontwikkelaar meebetaalt aan de bomen die de windhinder tegengaan? Wethouder Mulder (VVD). Ik heb net gezegd dat de windhinder acceptabel is. Groen maakt het beter maar het is al acceptabel en daardoor kun je dat niet doorberekenen. De voorzitter. Laatste keer, meneer Barker. Robert Barker (PvdD). De wethouder blijft framen dat de windhinder acceptabel is, maar de TU zegt heel duidelijk in haar rapport: onacceptabele windhinder. Dus laten we niet doen alsof het een lekker zomers briesje is. Het is gewoon heel slechte windhinder. Wethouder Mulder (VVD). Dat laat ik verder aan de heer Barker. De heer Noorlander heeft gevraagd naar het effect van windhinder op sterfietsroutes. Het te verwachten windklimaat bij de aan te leggen velostrada, dus de brug, de fietsroute en de sterfietsroute, ligt grotendeels onder de 10 en ligt plaatselijk tussen de 10 en 20. Voor fietsen is dat geen probleem. Bovendien is nergens in het plangebied sprake van windgevaar. Dan amendement K.D SP, Harde afspraak over compensatie sociale woningbouw. Dit amendement vraagt om voor The Embrace nu alvast vast te leggen dat we 50% sociale woningbouw gaan realiseren. Ik moet dit amendement ontraden.

We hebben deze locatie inderdaad op het oog voor de afgesproken compensatie, wat ook staat in de brief over sturing betaalbare woningbouw in lopende projecten, maar dit project zit op dit moment nog in de ontwerpfase. De eerste stap is het vaststellen 57

van de ontwikkelvisie Laakhavens door de raad. Dan geeft u aan dat u een ontwikkeling van deze schaal passend vindt op deze locatie. Daarover moet u nog besluiten. Daarnaast moeten we nog een aantal afspraken maken met Included zoals over de verwerving van drie gebouwen en een strook grond van de gemeente. Met het Didam-arrest mag je namelijk niet een-op-een die grond uitgeven. Bovendien moeten we nog onderhandelen over de bijdrage van de gemeente voor de extra sociale woningen in dit project. Dus we hebben wel het positieve perspectief om dit vast te gaan leggen maar het is nu nog te prematuur. Als u nu een overeenkomst randvoorwaardelijk maakt aan het verlenen van de VVGB dan zal dat grote consequenties hebben voor de planning en daarmee de haalbaarheid van The Grace. Hoewel de motie op zichzelf sympathiek is, moet ik die dus ontraden. Ik zeg er wel bij dat het college is gecommitteerd aan het realiseren van de compensatie. We komen nog bij u terug om precies aan te geven hoe dat gaat gebeuren. Dan motie K.2 SP, Extra sociaal in The Embrace. Het amendement van de SP moest ik ontraden, deze motie kan ik omarmen. Het college werkt er hard aan om ervoor te zorgen dat de toegezegde extra compensatie er komt. We hebben niet voor niets deze locatie al opgenomen in het raadsvoorstel.

Deze motie geeft ons de ruimte om de punten die ik zojuist heb aangegeven bij het ontraden van het amendement, eerst uit te werken voordat we een overeenkomst sluiten hierover. Het doet bovendien ook recht aan het feit dat u als raad nog moet beslissen over de ontwikkelvisie Laakhavens. Ik hoop hiermee ook meteen antwoord gegeven te hebben op de vraag van de PvdA over de 250 en het hoe, waar en wanneer. Motie M.5 CU/SGP, Maak sociale huur echt sociaal, gaat over servicekosten, een punt waarvoor mevrouw Klokkenburg ook vorige week aandacht heeft gevraagd. Zij wil dat de huurders nog steeds huurtoeslag kunnen ontvangen. Op zich is het een sympathieke motie, maar dit is niet iets waarbij wij als gemeente kunnen sturen in ontwikkelingen. Dat doen we niet hierbij en ook niet bij andere locaties. Het is ook geen onderdeel van de Woonagenda. Met de ontwikkelaar hebben we al stevige gesprekken gevoerd over de sociale programmering en we hebben er ook afspraken over gemaakt. Dus ik kan niet nogmaals terugkomen met een nieuwe vraag hierover. Ik kan niet steeds terugkomen bij een partij met nog weer een eis. We moeten ook een betrouwbare overheid blijven. Daarom moet ik deze motie ontraden. Lesley Arp (SP). Ik wil dan even verwijzen naar het debat over de Zichten, Gaardes en Dreven. Er waren toen zorgen over de servicekosten in relatie tot parkeren.

Toen heeft de andere wethouder gezegd ernaar te gaan kijken. Dus vanwaar deze willekeur? Wethouder Mulder (VVD). Het is niet zo dat ik hier willekeur wil bedrijven. Wat ik zeg is het volgende. We willen heel veel van de ontwikkelaar en nu voegt u er weer een aantal vragen aan toe. We hebben het er de vorige week ook over gehad dat we betrouwbaar moeten zijn, dat als je in Den Haag investeert, je dan ook weet wat de kaders zijn waar de gemeente zich mee bemoeit. Als je daar steeds vragen en eisen aan toevoegt, wordt het heel onzeker voor partijen. Dit zijn grote partijen, want hier zit zo'n € 250 mln. aan beleggingen achter. Zij willen ook weten waar ze aan toe zijn en ze willen zich niet afvragen of ze elke keer weer door een nieuwe hoepel moeten springen vanwege de gemeente Den Haag. Dus vandaar dat ik op dit moment voor dit project zeg: dat moeten we niet doen, want we hebben al zo veel gevraagd. Lesley Arp (SP). Ik hoop dat de wethouder begrijpt dat het aantal sociale huurwoningen in The Grace voor veel partijen al schraal is. Ze zijn tijdelijk en sommige zitten onder de 30 m2. Als we dan lezen dat er een bioscoop komt en een soort skylounge, dan gaan bij mij de alarmbellen af dat die voorzieningen worden verrekend op de huurders. Dan wil ik toch wel wat meer zekerheid dan dat hele vage briefje dat we van Included hebben gehad daarover. Wethouder Mulder (VVD).

Ik begrijp de vraag van mevrouw Arp over de voorzieningen, maar ik heb ook net gezegd dat we al zo veel vragen aan de ontwikkelaar. Op een gegeven moment moet je kunnen zeggen: hier houdt het op.

58

Lesley Arp (SP). Maar als de consequentie dan is dat de doelgroep voor de sociale huurwoningen er niet kan komen te wonen, dan zijn die sociale huurwoningen in The Grace toch een enorme fopspeen als we deze motie niet aannemen? Wethouder Mulder (VVD). De afgelopen anderhalf jaar zijn we ontzettend druk geweest met The Grace. Het heeft niet voor niets meer dan een jaar geduurd voordat de vergunning er kwam. We hebben er alles aan gedaan om The Grace te persen in de huidige Woonagenda. Dat doe je niet zomaar, want anders zegt de ontwikkelaar: ik heb te maken met de vigerende Woonagenda als ik hier wil investeren, maar nu past u het beleid aan terwijl ik daar nog niet van uit kon gaan. Dus je moet ontzettend oppassen om tijdens het spel de spelregels te veranderen. Ik begrijp de vraag van de SP wel, maar het gevolg is dat je dan een onbetrouwbare partner wordt. Het gevolg daarvan is weer dat partijen die in Den Haag willen investeren schuw worden om hiernaartoe te komen, terwijl we hier een enorme woningbouwopgave hebben waar miljoenen in omgaan. En dat is het gevolg van het stapelen van eisen en dat moet je niet willen, want voordat je het weet heb je wel een stapel eisen maar geen woningen. Dat is wat je niet wil, want in een stapel eisen kun je niet wonen. Isabel Bos (GroenLinks).

Het blijft voor mijn fractie toch een beetje een lastige kwestie wanneer we door beleggers woningen laten realiseren in het segment sociale huur, om in te schatten welke haken en ogen daaraan zitten, welke regels we daarvoor vaststellen en welke mogelijkheden we als raad nog hebben om er extra op te sturen. Kunnen we daar extra informatie over ontvangen? In de programmarekening viel mij op dat in het afgelopen jaar door geen enkele belegger sociale woningen zijn toegevoegd. Het lijkt mij dan ook goed om het hierover eens in een breder debat te hebben, dus buiten deze vergadering. Wethouder Mulder (VVD). Deze wethouder kijkt natuurlijk nu meteen naar zijn rechterkant, voor de heer Balster zijn linkerkant, want hiermee kom je op het terrein van wonen. Ik begrijp de wens van uw raad om daarover te willen spreken, maar die zou ik dan moeten doorgeleiden naar collega Balster om na te gaan of dat wel of niet kan. Ik zeg dit niet om het af te schuiven maar dat is gewoon de portefeuilleverdeling die we hebben in het college. Dan amendement K.A PvdD, Blijf duurzaam bouwen. Dit amendement vraagt om alsnog de zogeheten GPR-scores als eis aan te houden. Tijdens het commissiedebat hebben de Partij voor de Dieren en ook andere partijen mij gewezen op de eerder gedane toezegging door mijn voorganger.

Het is vervelend wat er is gebeurd en ik kan kan niet anders concluderen dan dat wij deze toezegging niet zijn nagekomen, maar dat was niet uit onwil maar omdat dit oprecht gewoon niet op het netvlies stond. Ik zou u graag tegemoetkomen om dat meteen recht te zetten maar dat is op dit moment niet meer mogelijk, want we hebben deze eis nooit met de ontwikkelaar gecommuniceerd en kunnen die dus ook niet alsnog opleggen. Daarom moet ik dit amendement ontraden. Wel is het zo dat de totaalscore van The Grace uitkomt op een 7,9. Het ingenieursbureau dat hiernaar kijkt, noemt dat wel 'best in class' en uniek in zijn soort. Dus we scoren behoorlijk hoog. Robert Barker (PvdD). De wethouder heeft het over een toezegging die niet is nagekomen, maar dit is iets wat aan de lopende band gebeurt. Er is maar één vergadering geweest over dit bouwplan en al die toezeggingen zijn niet nagekomen. Dus hoe reflecteert de wethouder hier nou op? Wethouder Mulder (VVD). Ik heb daar vorige week al iets over gezegd. Dit is vervelend en het verstoort ook de relatie tussen raad en college. Het is zeer te betreuren dat dit is gebeurd. Dat is niet goed. Robert Barker (PvdD). Ik ben dan wel benieuwd hoe dit gebeurt.

Want een ontwikkelaar kijkt naar die commissievergadering, al die ambtenaren zitten bij die commissievergadering, de wethouder, het college zit bij die commissievergadering, en toch krijgt iedereen het voor elkaar om alle toezeggingen niet uit te voeren. Hoe lukt dat? Wethouder Mulder (VVD). Ja, hoe lukt dat? Het is van belang om in de toekomst goed te kijken welke toezeggingen zijn gedaan, die vast te leggen - dat doet de raad ook - en dat wij en de rest van het 59

stadhuis dan regelmatig door de toezeggingenlijst lopen om ervoor te zorgen dat de toezeggingen die aan u zijn gedaan en waarvan u terecht vindt dat wij die moeten nakomen, ook worden nagekomen. Wij moeten dus scherper zijn op de toezeggingen die wij doen en vooral ook op het naleven daarvan. Robert Barker (PvdD). Vroeger dachten we waarschijnlijk dat toezeggingen gewoon adviezen waren en niet echt iets wat je moet uitvoeren. Is dat wat de wethouder betoogt? En dat toezeggingen nu wel wat serieuzer worden genomen? Wethouder Mulder (VVD). Ik heb net al gezegd en ook in de commissie dat het zeer, zeer vervelend en te betreuren is hoe het is gelopen met deze toezeggingen. Dat betekent dat wij, wethouders, ambtenaren, scherper moeten zijn op de toezeggingen die worden gedaan en dus regelmatiger de toezeggingenlijst moeten doorlopen om te zorgen dat dit niet nog een keer voorkomt. Daarmee ben ik aan het einde van mijn betoog. De voorzitter. Ik constateer dat alleen mevrouw Klokkenburg behoefte heeft aan een tweede termijn. Judith Klokkenburg (ChristenUnie/SGP). Voorzitter. Windhinder blijft een punt van zorg. We hebben ook zorgen over dat er nog geen afspraken zwart op wit staan over de noodzakelijke aanpassingen die in de buitenruimte moeten worden gedaan.

Collega Barker heeft in de eerste termijn een voorstel ingediend waarmee ook de bomen door de ontwikkelaar zouden moeten worden betaald. Ik begrijp van de wethouder dat dit niet haalbaar is. Daarom dien ik een amendement in waarvan het dictum luidt: 'Besluit om een dictumpunt aan het besluit toe te voegen: in overleg met de ontwikkelaar vast te leggen dat deze alle noodzakelijke fysieke maatregelen in de openbare ruimte betaalt om de windhinder tegen te gaan.' De voorzitter. Door mevrouw Klokkenburg wordt het volgende amendement (K.E CU/SGP) voorgesteld:

Amendement K.E CU/SGP laat ontwikkelaar betalen voor maatregelen windhinder De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 30 juni 2022, ter bespreking van het Voorstel van het college inzake Verklaring van geen bedenkingen (Wabo) t.a.v. de aanvraag omgevingsvergunning voor het bouwen van 2 woontorens met ruimten voor commerciële voorzieningen (The Grace) t.p.v. het te slopen kantoorgebouw Rijswijkseweg 60 t/m 86A (RIS312442), Besluit om een dictumpunt aan het besluit toe te voegen: • in overleg met de ontwikkelaar vast te leggen dat deze alle noodzakelijke fysieke maatregelen in de openbare ruimte betaald om de windhinder tegen te gaan. Het amendement maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Wethouder Mulder (VVD). Voorzitter. Ik kan dit amendement omarmen. De beraadslaging wordt gesloten.

Aan de orde is: L.

Voorstel van het college inzake Doorontwikkeling jeugd- en gezinshulp (RIS312349).

De beraadslaging wordt geopend.

60

Lesley Arp (SP). Voorzitter. De SP heeft al eens een motie met de titel Haal de markt uit de jeugdzorg ingediend. Die was aangenomen, maar het college heeft deze oproep naast zich neergelegd omdat de rechtsvorm niet afdwingbaar zou zijn in de aanbesteding. Dit terwijl het een belangrijk middel kan zijn om daadwerkelijk het aantal aanbieders te verminderen en de markt uit de jeugdzorg te halen. In de afgelopen jaren is door decentralisaties het jeugdzorglandschap uitgegroeid tot een wirwar aan zorgaanbieders die allerlei producten voor de jeugd ontwikkelden, met het gevolg dat er te weinig gekeken is naar wat er op de lange termijn het beste is voor de jeugdigen. Een coöperatieve vorm heeft een aantal duidelijke voordelen, zoals het verminderen van het aantal aanbieders, een dekkend en passend zorgaanbod door intensieve samenwerking, en jeugdigen die dichtbij, in hun eigen omgeving worden geholpen, zonder al te veel wisselingen. Heerlen, Landgraaf en Vroondaal laten hierop al een positieve ontwikkeling zien. Daarnaast is er zelfs geld bespaard door het inrichten van de jeugdzorg op deze manier. Wij willen dat het college kijkt naar hoe dit in Den Haag mogelijk gemaakt kan worden. Daarom dienen wij de motie Haal de markt uit de jeugdzorg 2.0 in.

Die roept het college op de aanbesteding voor jeugd- en gezinshulp dusdanig in te richten dat de coöperatieve samenwerkingsverbanden een streepje voor hebben; hierbij te denken aan eisen over vergaand samenwerken en het opstellen van een gezamenlijke missie en visie die ook verankerd is in de organisatiestructuur van het samenwerkingsverband. De voorzitter. Door mevrouw Arp wordt de volgende motie (L.1 SP) ingediend:

Motie L.1 SP Haal de markt uit de jeugdzorg 2.0 De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 30 juni 2022, ter bespreking van Doorontwikkeling jeugd- en gezinshulp (RIS312349) Constaterende, dat: • het college de jeugd- en gezinshulp gebiedsgericht gaat organiseren; • het hierbij per gebied met een geformaliseerd samenwerkingsverband van een beperkt aantal aanbieders voor de tweedelijns jeugdhulp wil werken; • de gemeenteraad middels de aangenomen motie ‘haal de markt uit de jeugdzorg’ (RIS310764) het college heeft opgeroepen erop in te zetten dat de samenwerkingsverbanden een coöperatieve vorm krijgen; • Het college deze oproep naast zich neerlegt omdat de rechtsvorm niet afdwingbaar zou zijn in de aanbesteding.

Overwegende, dat: • de gemeenten Heerlen, Voerendaal en Landgraaf al eerder zijn overgestapt op coöperatieve samenwerkingsverbanden van jeugdhulp aanbieders; • een coöperatieve vorm een aantal duidelijke voordelen heeft ten opzichte van een los samenwerkingsverband: naast dat er geen winst gemaakt wordt, moeten partijen vanuit een gezamenlijke missie en visie werken en doordat deze verankerd zijn in de organisatiestructuur kan men elkaar ook beter houden aan gemaakte afspraken; • hoewel de rechtsvorm niet afdwingbaar was, de gemeenten Heerlen, Voerendaal en Landgraaf het niet onder stoelen of banken hebben geschoven dat ze graag een coöperatieve vorm wilden zien. Roept het college op: • de aanbesteding voor jeugd- en gezinshulp dusdanig in te richten dat de coöperatieve samenwerkingsverbanden een streepje voor hebben; • hierbij te denken aan eisen over vergaand samenwerken en het opstellen van een gezamenlijke missie en visie die ook verankerd is in de organisatiestructuur van het samenwerkingsverband. En gaat over tot de orde van de dag. 61

De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Janneke Holman (PvdA). Voorzitter. Wij steunen het plan voor de doorontwikkeling van de jeugden gezinshulp om te komen tot populatiebekostiging en daarmee een beperkt aantal aanbieders per gebied. Tijdens de commissievergadering heb ik nog wel mijn zorgen geuit over de toegang tot specialistische jeugdzorg in dit plan, dat behandelingen te vroeg worden afgekapt en of er nu serieuze stappen gezet worden richting ontschotting tussen jeugdhulp, gezinshulp, volwassenen-ggz, maar ook op andere vlakken in het sociaal domein. Ook hadden partijen terecht vragen over hoeveel aanbieders er nu precies in zo'n consortium aan de slag gaan. Daarom is het belangrijk dat wij als raad goed betrokken blijven bij de uitwerking van dit plan en de vervolgstappen. De wethouder heeft de toezegging gedaan om in het najaar een uitgebreidere opzet naar de raad te sturen. Daar ben ik blij mee, maar het gaat hier over een vrij grote en ingrijpende operatie waar we als raad ook daarna nog betrokken moeten blijven. Daarom ben ik benieuwd hoe de wethouder hier invulling aan gaat geven, ook nadat we het stuk in het najaar hebben besproken. Ik ben ook heel benieuwd naar de reactie van de wethouder op het amendement hierover van de ChristenUnie/SGP. Judith Klokkenburg (ChristenUnie/SGP). Voorzitter.

Een mooiere aankondiging dan door collega Holman kon er niet zijn. De doorontwikkeling van de jeugd- en gezinshulp is een van de belangrijkste opgaven voor onze stad. De ChristenUnie/SGP staat voor betaalbare jeugdzorg dicht bij het gezin, en integrale zorg. We zijn dan ook blij met de rol van bijvoorbeeld gezinsregisseurs. Ook zien we kansen voor gebiedsgericht werken. Maar de uitgangspunten waar we vandaag als raad over stemmen, zijn zeer ruime kaders. Veel vragen zijn nog onbeantwoord, zoals over de financiën en de verdere inkadering. Die zijn nog onduidelijk. Wij willen dat de raad nauw betrokken blijft en besluitvaardig over hoe de jeugdzorg in Den Haag eruit komt te zien. Dat missen we in dit raadsvoorstel. Om die rol van de raad te verankeren, dienen wij een amendement in met collega Faïd met het besluit om dictum II te wijzigen door daaraan toe te voegen 'en de raad per fase van de invoering en bij de financiële uitwerking van de uitgangspunten te betrekken'. De voorzitter. Door mevrouw Klokkenburg, daartoe gesteund door mevrouw Faïd en mevrouw Holman, wordt het volgende amendement (L.A CU/SGP) voorgesteld:

Amendement L.A CU/SGP veranker de rol van de raad in de doorontwikkeling jeugdhulp De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 30 juni 2022, ter bespreking van het voorstel van het college inzake Doorontwikkeling jeugd- en gezinshulp (RIS312349), Besluit om dictum II als volgt te wijzigen: • II. Akkoord te gaan met realisatie van bovengenoemde aanpak en gefaseerde invoering, waarvan de eerste stappen worden gezet in 2023 en die in 2026 zijn definitieve vorm heeft, en de raad per fase van de invoering en bij de financiële uitwerking van de uitgangspunten te betrekken. Het amendement maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Caroline Verduin (D66). Voorzitter. D66 is blij met de koers die het college nu inslaat. Zeven jaar na de decentralisatie van de jeugdzorg moeten we de conclusie trekken dat het anders moet. De werkdruk is hoog, wachtlijsten zijn lang, regie ontbreekt en de huisartsen deden een heel terechte oproep vanochtend: we moeten ook de versnippering tegengaan. Het moet anders. Een voorstel is een stap in de goede richting. Mijn collega's zeiden dit ook. Een gemeentelijke gezinsregisseur, populatiebekostiging en de jongeren worden betrokken als een belangrijke gesprekspartner; daar zijn we blij mee. Ik heb nog twee vragen vanuit D66.

Over de gebiedsgerichte aanpak: wij willen heel graag dat de raad goed betrokken is bij hoe de gebieden worden verdeeld. Dit sluit aan bij het amendement van 62

mijn collega van de ChristenUnie/SGP. Wij zouden dus graag zien dat de raad eerder wordt betrokken. Kan de wethouder toezeggen dat de raad in het najaar van 2022 alvast een technische briefing krijgt over de beoogde gebiedsindeling? Daarnaast vinden wij het belangrijk dat ervaringsdeskundigen een rol krijgen in de verdere uitwerking van het beleid. Welke rol krijgen zij nou precies? Kan de wethouder aangeven hoe ouders, die natuurlijk ook ervaringsdeskundigen zijn, hier ook bij worden betrokken? Lenne Baboeram (GroenLinks). Voorzitter. GroenLinks is positief gestemd over de doorontwikkeling van de jeugdhulpverlening naar een gezinsgerichte benadering. In het kader van deze doorontwikkeling willen wij aandacht vragen voor een aantal verschillende zaken. Ten eerste vindt mijn fractie dat jeugdigen en gezinnen nog te weinig worden betrokken bij het bepalen van de doelen van de in te zetten hulp en de vormgeving van het hulpverleningstraject. Daarom doen wij de oproep om de inspraak van jongeren te versterken bij hulp, ondersteuning en beleid. Ook is het noodzakelijk om een preventieve en integrale aanpak in te stellen. Door alle partijen te betrekken, zoals artsen, scholen en natuurlijk het gezin, kunnen we zorgen voor een goed behandeltraject voor kinderen, jongeren en gezinnen. Helaas loopt dit niet altijd zo soepel.

Veel jeugdprofessionals komen in de knel door de administratieve lasten en bureaucratie binnen de zorg. Ze zijn daarom vaak niet zo goed in staat om de hulp te bieden die nodig is. Kwetsbare kinderen, jongeren en hun gezinnen zijn hiervan de dupe. Ze kunnen er niet altijd op rekenen dat ze tijdig worden geholpen. Je zou denken dat we weten wat er te doen staat: vereenvoudig en uniformeer administratieve verplichtingen. De voorzitter. Ik hoor nooit een punt. Ik geef nu even het woord aan meneer Smit, want die hangt al een tijdje. Robin Smit (PvdD). Dank, voorzitter. Het ging over een eerder punt dat mevrouw Baboeram namens GroenLinks maakte. Dat ging over de betrokkenheid van organisaties en jongeren bij het beleid. Kan GroenLinks nogmaals aangeven wat zij nou voor ogen hebben om die betrokkenheid te vergroten? Welke concrete ideeën leven er? Die vraag heb ik ook in de commissie gesteld. Daar heb ik geen antwoord op gekregen. Ik probeer het dus opnieuw. De voorzitter. We zouden toch niet de commissie herhalen? Lenne Baboeram (GroenLinks). In het plan is aangegeven dat we uitgaan van integrale samenwerking. Je hebt alle partijen nodig om tot de juiste oplossingen te komen. We zien in de praktijk dat scholen niet altijd adequaat of op het juiste moment worden ingeschakeld. Scholen moeten ook gewoon betrokken worden bij problemen die spelen. Dat gebeurt niet altijd.

We zien in de praktijk dat scholen vaak niet - dat hoor je van leerkrachten - de tijd en ruimte hebben om die signaleringen op te pakken. Ze zijn er om les te geven. Je hoort ook vaak: we zijn geen hulpverleners of maatschappelijk werkers. Niet alle scholen hebben ook de mogelijkheid om maatschappelijk werkers in dienst te nemen. Hoe dat precies zit, zou ik niet weten, maar die betrokkenheid van al die partijen is heel belangrijk. Dat is dus wel iets waar we naartoe willen. Dat staat tenminste in het plan. Maar hoe dat in de praktijk er uitziet, is voor mij soms ook een vraag. Want als ik professionals of hulpverleners hoor, merk ik toch wel dat niet altijd alle partijen worden betrokken. Robin Smit (PvdD). Het was natuurlijk geen herhaling van de commissie, omdat er ook een motie ten grondslag ligt aan dit idee. Die heeft u niet ingediend en gaat u ook niet indienen, want er is een andere motie aangekondigd. Kunt u ons meenemen in de overweging waarom u die motie niet gaat indienen? Lenne Baboeram (GroenLinks). De motie is ingetrokken omdat het college heeft aangegeven dat het al in het plan staat. Het wordt al uitgevoerd. Het zou dus een overbodige motie zijn. De voorzitter. Dat is keurig. Daar kun je wat van leren, Smit! Gaat u door.

63

Lenne Baboeram (GroenLinks). Veel jeugdprofessionals komen in de knel door de administratieve lasten en bureaucratie binnen de zorg. Ze zijn daarom niet goed in staat om de hulp te bieden die nodig is. Kwetsbare kinderen, jongeren en hun gezinnen zijn hiervan de dupe. Ze kunnen er niet altijd op rekenen dat ze tijdig worden geholpen. Vandaar mijn motie getiteld Verminder administratiedruk jeugd- en gezinshulp, met als dictum: verzoekt het college in overleg te treden met zorgaanbieders om te achterhalen waar zij de meeste administratieve lasten ervaren; de uitkomsten mee te nemen in de verdere uitwerking van de inkoopleidraad, bijvoorbeeld in KPI's; de resultaten, samen met het voortgangsbericht, voor het einde van het jaar de raad te doen toekomen. De voorzitter. Door mevrouw Baboeram, daartoe gesteund door mevrouw Peeck, wordt de volgende motie (L.2 GL) ingediend:

Motie L.2 GL Verminder administratiedruk jeugd- en gezinshulp De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op Voorstel van het college inzake Doorontwikkeling jeugd- en gezinshulp, ter bespreking van 30-06-2022. Overwegende, dat: • jeugdzorgwerkers onnodig veel tijd kwijt zijn aan administreren en 76 procent van de medewerkers wel eens overweegt om te stoppen met hun werk vanwege de hoge administratielast; • de primaire taak van jeugd en gezinshulporganisaties het ondersteunen van jeugdigen en hun gezinnen is en administreren hieraan secundair is. Constaterende, dat: • jeugdzorgaanbieders zelf weten waar de meeste administratieve lasten worden ervaren; • gebruik van KPI’s kan organisaties aanmoedigen om verandering te brengen in hun administratieve processen; • alsmede dat het aanpassen vainkoopleidraad op vermindering van administratie lasten ook kan zorgen voor verdere verlichting. Verzoekt het college: • in overleg te treden met zorgaanbieders om te achterhalen waar zij de meeste administratieve lasten ervaren; • de uitkomsten mee te nemen in de verdere uitwerking van de inkoopleidraad, bijvoorbeeld in KPI’s; • de resultaten, samen met het voortgangsbericht, voor het einde van het jaar de raad te doen toekomen. En gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Wethouder Parbhudayal (VVD). Voorzitter.

Dank aan de raad voor het nog een keer agenderen van dit onderwerp. Het is heel belangrijk om verder aan de slag te gaan met de doorontwikkeling van jeugdzorg naar jeugd- en gezinshulp. Ik hoor ook al steun van een aantal van u. Dat is sowieso goed. We hebben een goed debat gehad twee weken geleden. Daarom wil ik snel gaan naar de moties en in volgorde van inbreng de vragen van PvdA en D66 beantwoorden. Ik begin met de motie van mevrouw Arp over de marktwerking. We zijn daar uiteraard al een hele tijd mee bezig, want we hebben in onze regio heel veel aanbieders, waardoor ook huisartsen door de bomen het bos niet meer zien, wisten ze me vanmorgen ook nog te vertellen. U ziet ook in de uitgangspunten dat we die stap gaan maken: gezinsgericht, gebiedsgericht. Met populatiebekostiging moet dat ook in onze regio gaan lukken. Wij vinden de motie ingewikkeld, want eigenlijk is die 64

overbodig. Heel veel dingen die hierin staan, vergaande samenwerking, het opstellen van een gezamenlijke missie en visie, zijn namelijk verankerd in de uitgangspunten van het stuk dat vandaag voorligt. Er staan in het dictum een paar dingen, zoals een streepje voor geven aan aanbieders die je moet selecteren in de samenwerking, die juridisch erg moeilijk zijn. We hebben in onze regio een nare ervaring met rechtszaken en jeugdzorgaanbieders. Die hebben we overigens in 2019 verloren. Eigenlijk zou ik willen zeggen dat het college nul risico's moet nemen met dit soort afspraken die wij moeten maken met de raad. Dus laten we met elkaar gaan naar dat kleiner aantal aanbieders - u heeft daar echt heel veel vragen over gesteld in de commissie - en dan komen we uiteraard op een betere samenwerkingsvorm dan nu. Lesley Arp (SP). De wethouder zegt dat ze naar minder aanbieders gaat. Daar is de SP natuurlijk voor. Maar naar minder aanbieders gaan betekent niet per definitie dat de samenwerking vervolgens goed verloopt.

Wat ik lees over de ervaringen in Heerlen en Landgraaf, is dat het vooraf formuleren van de bereidwilligheid om samen te werken met een aantal andere partijen en het formuleren van een gemeenschappelijke visie, in een coöperatieve vorm bijvoorbeeld, enorm helpen, omdat je dan elkaar ook kan aanspreken van 'hé, we hebben ooit die visie samengesteld met zijn allen, dus we willen ook van elkaar dat we elkaar daaraan houden'. Wethouder Parbhudayal (VVD). Over de beweging die we willen maken naar minder aanbieders is volgens mij iedereen het eens. Daarom gaan we ook naar een samenwerkingsverband. U stelt: waarom niet een coöperatieve vorm, want die hebben we in den lande ook wel bij andere vormen van zorg. Wij willen dat nog vrij laten. In Utrecht, waar er ook al zo'n samenwerkingsverband bestaat, heet het bijvoorbeeld een stichting. Wij willen daar dus echt maximale vrijheid en flexibiliteit in hebben om te kijken wat het beste is voor onze regio. Of het nou een coöperatieve vorm wordt of een andere vorm, het doel dat bereikt moet worden met dit middel is minder aanbieders. Daar gaat het ons om. In dat opzicht wil ik de motie als overbodig bestempelen. Lesley Arp (SP).

Even los van de vraag over de rechtsvorm: in het tweede dictum van de motie staat bijvoorbeeld 'te denken aan eisen over vergaand samenwerken en het opstellen van een gezamenlijke missie en visie', dat organisaties al vooraf zeggen 'ik ben bereid om met die andere partijen samen te werken en we hebben die ideeën erover'. Kan de wethouder daar niet in de aanbesteding mee uit de voeten, zonder zich specifiek vast te pinnen op de rechtsvorm? Wethouder Parbhudayal (VVD). De tweede bullet is in principe overbodig. Dit staat bijna letterlijk in de uitgangspunten die we vandaag vaststellen. In dat opzicht is deze motie echt overbodig. Op het punt van het samenwerkingsverband: geef het college de vrijheid om te kijken waar we uitkomen, met als doel minder aanbieders. Lesley Arp (SP). Dus even voor mijn duidelijkheid: in de aanbestedingsvorm nu wordt ook echt gevraagd van alle mensen die meedoen aan de aanbesteding met welke partijen ze van plan zijn samen te werken en om heel concreet aan te geven wat hun visie is? Zegt de wethouder dat? Wethouder Parbhudayal (VVD). Absoluut. Dat wordt een van de belangrijkste criteria. Dat gaan we nog uitwerken. Als partijen daar niet aan voldoen, kunnen ze niet in een samenwerkingsverband bij elkaar komen om bij te dragen aan.

Dat is exact de bedoeling van het samenwerkingsverband en van de criteria die we gaan vaststellen bij de komende aanbesteding. Voorzitter. Ik ga snel naar het amendement van mevrouw Klokkenburg. Mevrouw Holman stelt deze vraag ook. We hebben heel lang gepraat. Er zijn toezeggingen gedaan in de commissie. Wat is de strekking van de toezeggingen? Ik heb het nog even heel goed voor mezelf opgeschreven. We hebben echt afgesproken dat we kijken hoe we Den Haag in gebieden gaan verdelen en dat ik daarvoor met een voorstel kom in het najaar. Tegelijkertijd hebben we het gehad over de criteria op basis waarvan wij de aanbieders willen selecteren. Dat is precies het punt waar mevrouw Arp op doelt. Ik heb toegezegd dat ik u daartoe een voorstel doe. We hebben het zelfs gehad over hoe we meer inzicht, overzicht maar ook grip krijgen op wat de jeugdzorg de komende jaren gaat doen en hoe die zich gaat bewegen. Ik heb afgesproken - ik zeg het bijna met de woorden die we ook in de commissie hebben 65

gebruikt - dat we à la de GRIP-rapportage gaan kijken naar indicatoren en risico's. Hoe ga je dan om met risico's? Daar moet je maatregelen voor bedenken als college en raad, zodat we de komende vier jaar ook een beetje grip krijgen op de jeugdzorg. Tegelijkertijd is gevraagd of ik u van een technische werkbespreking kan voorzien. Daar hebben we een afspraak over gemaakt. U bent zelfs zo ver gegaan, of bent zo vriendelijk geweest, om te vragen of ook een paar jeugdzorgaanbieders die we nu ook al hebben in de kern van ons zorgaanbod en die ook straks partij worden in dat nieuwe consortium of samenwerkingsverband, kunnen komen. Daarvan heb ik van jeugdzorgaanbieders nu al gehoord: ja, wij willen heel graag aan de raad uitleggen hoe wij die toekomst zien. We hebben dus veel dingen met elkaar afgesproken. Ik heb tegen u gezegd dat we komen met een eerste rapportage, een nulmeting, een GRIP-rapportage - al die woorden hebben we gebruikt - zodat we met elkaar kunnen vaststellen of dit de zaken zijn op basis waarvan u het college kunt controleren. Als dat er is, dan kunnen we verder. Dan moet u natuurlijk beslissen of we er genoeg grip op hebben. In dat opzicht vind ik dat de toezeggingen die gedaan zijn, ver gaan. We zijn ermee bezig. Ik moet het amendement op dit punt ontraden. Daarmee ben ik ook ingegaan op de vraag van mevrouw Holman. Judith Klokkenburg (ChristenUnie/SGP).

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11711627/5