RIS311906 Notulen van de raad van 20 januari 2022 (dagvergadering)
Tekst van het document
Het dictum van de motie luidt: verzoekt het college in de toegezegde evaluatie expliciet te onderzoeken wat de gevolgen van de opkoopbescherming zijn voor de (beschikbaarheid van) eengezinswoningen in de prijscategorie tot € 200.000 boven de vastgestelde grens van opkoopbescherming. De voorzitter. Door mevrouw Klokkenburg, daartoe gesteund door mevrouw Arp, wordt het volgende amendement (L.A CU/SGP) voorgesteld: Amendement L.A CU/SGP Bescherm 60% van de woningen tegen opkopers De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 20 januari 2022, ter bespreking van het Voorstel van het college inzake Vaststellen Verordening tot vierde wijziging van de Huisvestingsverordening Den Haag 2019 (RIS311098), Besluit: • Vast te stellen de volgende Verordening tot vierde wijziging van de Huisvestingsverordening Den Haag 2019: Artikel I De Huisvestingsverordening Den Haag 2019 wordt gewijzigd als volgt. A In artikel 1:1 worden op alfabetische rangschikking drie nieuwe begripsomschrijvingen toegevoegd, luidende:
- NHG-kostengrens:
- prijsgrens opkoopbescherming
- woonadres
- WOZ-waarde
de voor dat jaar vastgestelde NHGkostengrens van woonruimte zonder energiebesparende maatregelen, volgens de voorwaarden en normen van de NHG; de jaarlijks geïndexeerde grens die aangeeft welke woonruimten onder de opkoopbescherming vallen; het woonadres zoals omschreven in artikel 1.1 onder o, onder 1° van de Wet basisregistratie personen; de waarde vastgesteld als bedoeld in artikel 22 van de Wet waardering onroerende zaken; 52
-
Zestigprocentmethode
De zestigprocentmethode verdeelt op basis van de WOZ-gegevens van dat jaar alle woningen van eigenaar-bewoners in Den Haag in vijf categorieën van elk twintig procent: goedkoop, middelduur (laag), middelduur, duur en zeer duur. De prijsgrens opkoopbescherming is het bedrag waarop of waaronder de categorieën goedkoop, middelduur (laag) en middelduur zich bevinden;
B In artikel 2:7 worden in het eerste lid, na onderdeel g. twee onderdelen toegevoegd, luidende: h. de aanvraag toeziet op een woonruimte aangewezen in artikel 5:27, tenzij er op grond van artikel 5:28 een vergunning is verleend of op grond van artikel 5:31 een ontheffing op het verbod van artikel 41 van de Huisvestingswet 2014 is verleend; i.
de aanvraag toeziet op gebruik van een zelfstandige woonruimte dat naar het oordeel van burgemeester en wethouders als onzelfstandig wordt aangemerkt.
C Artikel 5:6 wordt als volgt gewijzigd: 1. In het eerste lid, onder a, wordt “2020” vervangen door: 2021. 2. Onder vernummering van het zesde lid tot en met negende lid tot het zevende lid tot en met het tiende lid wordt een zesde lid toegevoegd, luidende: 6.
Een vergunning als bedoeld in artikel 5:2, onder b, wordt geweigerd indien de aanvraag toeziet op een woonruimte als bedoeld in artikel 5:27, tenzij er op grond van artikel 5:31 een ontheffing op het verbod van artikel 41 van de Huisvestingswet 2014 is verleend.
D In artikel 5:10 wordt, onder vernummering van onderdeel d en onderdeel e tot onderdeel e en onderdeel f, een onderdeel toegevoegd, luidende: d. de woonruimte waarop de aanvraag van de ontheffing toeziet is aangewezen in artikel 5:27, tenzij de woonruimte onlosmakelijk deel uitmaakt van een winkel-, kantoor- of bedrijfsruimte; E In artikel 5:24 wordt, onder vernummering van onderdeel e en onderdeel f tot onderdeel f en onderdeel g, een onderdeel toegevoegd, luidende: e. de woonruimte waarop de aanvraag van de ontheffing toeziet is aangewezen in artikel 5:27, tenzij de woonruimte onlosmakelijk deel uitmaakt van een winkel-, kantoor- of bedrijfsruimte; F Na artikel 5:26 worden vijf nieuwe artikelen ingevoegd die luiden als volgt: Artikel 5:27 Categorie en gebied opkoopbescherming 1. Artikel 41 van de Huisvestingswet 2014 is van toepassing op zelfstandige woonruimten met de volgende kenmerken: a.
gelegen in een van de wijken van de gemeente Den Haag;
b.
met een WOZ-waarde lager of gelijk aan de prijsgrens opkoopbescherming, jaarlijks geïndexeerd op basis van de zestigprocentmethode, geldend voor het jaar waarin de datum van inschrijving van het openbare register van de akte van levering van die woonruimte aan nieuwe eigenaar valt.
2.
Artikel 41 van de Huisvestingswet 2014 is niet van toepassing op:
53
a.
onzelfstandige woonruimten die onderdeel uitmaken van zelfstandige woonruimten, welke conform de Huisvestingswet 2014 zijn omgezet; of
b.
woonruimten die na de toekenning van de bestemming wonen niet op enige wijze in gebruik zijn geweest.
Artikel 5:28 Aanvragen vergunning verhuur opkoopbescherming 1. In aanmerking voor een vergunning verhuur opkoopbescherming komt de eigenaar van een woonruimte aangewezen in artikel 5:27 binnen vier jaar na de datum van inschrijving in de openbare registers van de akte van levering van die woonruimte aan de nieuwe eigenaar, indien de woonruimte:
2.
a.
in gebruik wordt gegeven aan een woningzoekende die een bloed- of aanverwantschap in de eerste of tweede graad heeft met de eigenaar; of
b.
waarvan de eigenaar, na de datum van inschrijving in de openbare registers van de akte van levering van die woonruimte aan hem, ten minste twaalf maanden zijn woonadres heeft en de eigenaar met een woningzoekende schriftelijk overeenkomt dat de woningzoekende de woonruimte voor een termijn van ten hoogste twaalf maanden, anders dan voor toeristische verhuur, in gebruik neemt; of
c.
onlosmakelijk deel uitmaakt van een winkel-, kantoor- of bedrijfsruimte.
De aanvraag voor een vergunning op grond van het eerste lid wordt door de eigenaar ingediend door gebruikmaking van een door burgemeester en wethouders vastgesteld formulier, inclusief de hierin aangegeven verplichte documenten.
Artikel 5:29 Weigeringsgronden vergunning verhuur opkoopbescherming Een vergunning als bedoeld in artikel 5:28 wordt geweigerd als er naar het oordeel van burgemeester en wethouders een negatief oordeel uit een Bibob-toets voortvloeit ten aanzien van het verlenen van de vergunning. Artikel 5:30 Intrekken vergunning verhuur opkoopbescherming Een vergunning als bedoeld in artikel 5:28 wordt ingetrokken als er naar het oordeel van burgemeester en wethouders een negatief oordeel uit een Bibob-toets voortvloeit. Artikel 5:31 Ontheffing verbod verhuur opkoopbescherming 1. Burgemeester en wethouders zijn bevoegd om een ontheffing op het verbod van artikel 5:27 te verlenen. 2.
Het college legt de kaders van de ontheffing vast in de Beleidsregel ontheffing verbod verhuur opkoopbescherming.
3.
De aanvraag voor een ontheffing op grond van het eerste lid wordt door de eigenaar ingediend door gebruikmaking van een door burgemeester en wethouders vastgesteld formulier, inclusief de hierin aangegeven verplichte documenten.
Artikel 5:32 Prijsgrens opkoopbescherming 1. De in artikel 5:27 1 onder b genoemde prijsgrens opkoopbescherming wordt vanaf 1 juli 2023 elk jaar per 1 juli geïndexeerd via de zestigprocentmethode. 2. Burgemeester en wethouders publiceren de aldus geïndexeerde prijsgrens opkoopbescherming in het digitale gemeenteblad. G Artikel 7:2, eerste lid komt te luiden:
54
1.
Voor overtreding van de artikelen 8, 21, 22, 23a, 23b, 23c of 41 van de Huisvestingswet 2014, of het handelen in strijd met de voorwaarden of voorschriften, bedoeld in artikel 26 van de Huisvestingswet 2014, kunnen burgemeester en wethouders een bestuurlijke boete opleggen.
H De Bijlage II behorend bij artikel 7:2 wordt gewijzigd als volgt: Onderaan de tabel met bestuurlijke boetes van Bijlage II worden drie rijen toegevoegd, luidende:
Overtreding
1e keer
vanaf 2e keer
Art. 41 van de Huisvestingswet 2014: - niet-bedrijfsmatige exploitatie - bedrijfsmatige exploitatie
€ 10.000,€ 20.000,-
€ 20.000,€ 40.000,-
Artikel II Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 maart 2022. Het amendement maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. De voorzitter. Door mevrouw Klokkenburg wordt de volgende motie (L.1 CU/SGP) ingediend:
Motie L.1 CU/SGP aandacht voor gezinswoningen in evaluatie opkoopbescherming De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 20 januari 2022, ter bespreking van het Voorstel van het college inzake Vaststellen Verordening tot vierde wijziging van de Huisvestingsverordening Den Haag 2019 (RIS311098), constaterende, dat: • de voorgestelde actualisatie van de Nota voorraadbeleid, waarbij opkoopbescherming wordt ingevoerd, vergaande gevolgen heeft voor het aanbod op de woningmarkt; • de wethouder WWW in de commissie ruimte van 12 januari jl. heeft aangekondigd de maatregel na een jaar te evalueren; overwegende, dat: • door de zelfbewoningsplicht betaalbare eengezinswoningen beschermd zijn tegen opkopers en zo beter bereikbaar blijven voor gewone burgers; • beleggers c.q.
opkopers hun blik zullen richten op de prijscategorie net boven de opkoopbeschermingsgrens; • deze woningen voor doorstroomgezinnen minder bereikbaar worden, en zij langer in hun betaalbare koopwoning blijven of de stad verlaten; • het aandeel eengezinswoningen in Den Haag toch al aan het afnemen is en verder zal afnemen, omdat in nieuwbouwplannen (zoals het CID en Zuidwest) nauwelijks voorzien wordt in deze categorie; verzoekt het college: • in de toegezegde evaluatie expliciet te onderzoeken wat de gevolgen van de opkoopbescherming zijn voor de (beschikbaarheid van) eengezinswoningen in de prijscategorie tot € 200.000 boven de vastgestelde grens van opkoopbescherming, en gaat over tot de orde van de dag. 55
De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Sebastian Kruis (PVV). Voorzitter. Het voordeel van dat soort lange amendementen is dat men door de spreektijd heen vliegt. Ik denk dat dat een win-winsituatie is voor ons allemaal. Daarvoor dus dank, mevrouw Klokkenburg. Ik kan me vinden in dit voorstel van deze wethouder, die daarmee iets wil gaan doen met het idee van opkoopbescherming, want we zien nu dat de halve stad wordt verkocht aan institutionele beleggers en dat woningzoekenden dan langer in de rij staan, omdat ze daar gewoon niet tegenop kunnen bieden. Dat is niet vaak gebeurd en het is waarschijnlijk ook de eerste en laatste keer. Daar wil ik de wethouder voor complimenteren. Waar ik de wethouder niet mee wil complimenteren, is het volgende. Nou komt er een keertje een goed voorstel en dan gaat deze wethouder mensen tegen elkaar opzetten, want hij regelt dat opkoopbescherming niet geldt voor mensen die een huis kopen en die het vervolgens willen verhuren aan statushouders. Dan denk ik: toch weer discriminatie van Nederlanders. Ik dacht: nou hebben we een keer een goed voorstel; kan het een keertje zonder discriminatie bij de PvdA? Maar nee hoor, niets van dat alles. Er wordt dus weer geregeld dat mensen die bijvoorbeeld uit Syrië of Afghanistan komen, voorrang hebben ten opzichte van mensen uit bijvoorbeeld Loosduinen of Duindorp.
Dat is wat er feitelijk gebeurt. Mensen die net een Nederlands paspoort hebben gekregen, hebben dus meer kans op een woning dan mensen die al jaren zo'n paspoort hebben. Daarvoor zit ik in de gemeenteraad. Waarom moet ik mensen uit Afghanistan of Syrië paaien? Daarvoor zit ik hier niet. Ik zou de wethouder dus willen oproepen om mij straks toe te zeggen dat hij dit schrapt uit het voorstel. Misschien biedt hij een opening en wil hij nu gaan voor verbinding in plaats van de boel in de krant op te hitsen. Dan stem ik hiermee in en anders niet. Mikal Tseggai (PvdA). Voorzitter. Ik kan het kort houden. Mijn fractie is heel erg blij met dit voorstel voor de opkoopbescherming en wil het college daar complimenten voor geven. Ik ben erg benieuwd hoe het college aankijkt tegen de vragen van de ChristenUnie/SGP over het ophogen van de grens. Marieke van Doorn (D66). Voorzitter. Ook van de D66-fractie complimenten voor het invoeren van de opkoopbescherming. Volgens ons gebeurt dit op een goede manier. Het is ook prettig dat alle documenten worden geactualiseerd zoals beschreven wordt in de stukken. Jan Pronk (VVD). Ik wil mevrouw Van Doorn vragen wat zij vindt van het eventueel tijdelijk maken van deze maatregelen. Marieke van Doorn (D66). In de commissiebehandeling zegde de wethouder volgens mij toe dat er na een jaar wordt geëvalueerd.
Als u dat wilt beschouwen als 'tijdelijk maken', denk ik dat we het daarover eens zijn. Jan Pronk (VVD). Dat is buitengewoon positief. De voorzitter. Gaat u nu aan uw bijdrage beginnen? Jan Pronk (VVD). Ja, dat is helemaal goed. Voorzitter. Het is goed dat er iets wordt gedaan aan de oververhitte koopmarkt, maar het is een zeer vergaande maatregel waarmee we wat mij en de Haagse VVD betreft echt voorzichtig moeten omgaan. Daartoe hebben we dan ook een amendement gemaakt dat erop toeziet om de maatregel jaarlijks te evalueren en voor te leggen aan de raad voordat het besluit wordt genomen om de maatregel te verlengen en om voldoende middeldure huurwoningen toe te voegen of om het beleid aan te passen als blijkt dat dit segment te veel onder druk komt te staan. Dat amendement dienen we bij dezen van ganser harte in. De voorzitter. Door de heer Pronk wordt het volgende amendement (K.A VVD) voorgesteld:
56
Amendement K.A VVD Maatregelen voorraadbeleid ieder jaar evalueren. De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 20 januari 2022 ter bespreking van het Voorstel van het college inzake actualisatie Nota Voorraadbeleid Den Haag A. Besluit om twee dicta toe te voegen II. Ieder jaar maatregelen, zoals de opkoopbescherming, die tot doel hebben de woningmarkt te beïnvloeden teneinde de overspannenheid uit de markt te halen te evalueren en voor te leggen aan de Raad, en de maatregelen bij die evaluatie ten minste voor de volgende aspecten te beargumenteren op nut, noodzaak en proportionaliteit: Beïnvloeding van het aanbod woningen voor zowel de koop als huurmarkt Beïnvloeding van de prijsstijgingen in zowel de huur als koopmarkt III. Nauwgezet te monitoren wat de effecten van de opkoopbescherming zijn voor het aanbod van middeldure huurwoningen en bij negatieve effecten expliciet te maken welke maatregelen het college neemt om ofwel in dit segment voldoende woningen toe te voegen, dan wel ongewenste effecten van het beleid weg te nemen. Het amendement maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Isabel Bos (GroenLinks). Voorzitter. 'Mijn stad is niet jouw Monopolybord'; dat is de leuze waarmee ik de afgelopen zomer tijdens het eerste woonprotest mijn ongenoegen uitte over de losgeslagen woningmarkt.
Het spel Monopoly dat nu gespeeld wordt met de woningen in onze stad, wordt namelijk niet eerlijk gespeeld. De snelle jongens met het grote geld kopen alle vakjes op en met het startbudget van de gewone speler kom je niet meer aan kopen toe. Vervolgens moeten mensen die een huis zoeken, hun heil vinden in een veel te dure huurwoning die door diezelfde snelle jongens aan hen wordt verhuurd. Zo ontstaat een vicieuze cirkel van hoge huren en lage besteedbare inkomens. Met elke speelronde verkleint zo je kans op een passende woning. Met de invoering van de opkoopbescherming zetten we dit spel stop. Wij zien de spelregels en maken het spel eerlijker, zodat starters op de woningmarkt straks een woning binnen hun budget kunnen vinden en zodat een woning weer een recht is en geen beleggingsobject. Het zal daarom niet als een verrassing komen dat mijn fractie groot voorstander is van de voorgestelde opkoopbescherming. We zullen dit voorstel dan ook van harte steunen. Ook steunen we het voorstel van de VVD om dit instrument goed te monitoren, zodat we duidelijk zicht kunnen houden op de effecten. Laten we altijd proberen om de wooncrisis op een zo goed en eerlijk mogelijke manier op te lossen. Met dat als doel beloven de resultaten veel goeds. De voorzitter. Ik geef het woord nu aan de heer Bos van de Haagse Stadspartij. Ze zijn geen familie.
Dat zeg ik er maar even bij in verband met de transparantie. Peter Bos (HSP). Voorzitter. Vrouwen gaan voor. Ieder voorstel om de betaalbaarheid van de woningen in Den Haag weer een beetje op orde te krijgen, steunen wij. Wij zijn vooral gecharmeerd van het amendement van de ChristenUnie, dat volgens mij écht zoden aan de dijk gaat zetten. Cees Pluimgraaff (CDA). Voorzitter. Dit agendapunt werd inderdaad door de heer Partiman in de commissie behandeld. Hij heeft in die commissie al zijn twijfels uitgesproken over de juridische houdbaarheid van de voorgenomen wijze van toepassen van de opkoopbescherming. Het CDA is een groot voorstander van opkoopbescherming in wijken waar er zowel schaarste als leefbaarheidsproblemen heersen. Zoals wij de wetgeving lezen, is dit ook de bedoeling hiervan. De wethouder is hier een andere mening toegedaan. Wat wij ook in de commissie stelden, is dat het ons niet handig lijkt dat hier een experiment wordt aangegaan en deze regel stadsbreed wordt ingevoerd, zonder dat we zekerheid hebben dat die ook juridisch houdbaar is. We weten wat er wel kan. Dat is toepassing op wijkniveau, zoals in Rotterdam ook wordt gedaan. Daarom dienen we een amendement in met het volgende dictum: In 57
onderdeel F van artikel I op pagina 2 wordt de volgende zin geschrapt: 'a. gelegen in een van de wijken van de gemeente Den Haag;' en vervangen door de volgende zin: 'a. gelegen in een van de wijken in Den Haag waar de omvang van 'buy to let' meer dan 14 procent van het totaal aantal verkochte woningen in de wijk is.' Mikal Tseggai (PvdA). Ik heb een simpele vraag voor het CDA. Waarom zou het in andere steden wel juridisch houdbaar zijn en in Den Haag niet? Cees Pluimgraaff (CDA). Ik heb geen idee. De voorzitter. Dat is het eerlijkste antwoord dat we de hele ochtend hebben gehad! Mikal Tseggai (PvdA). Het is ongelofelijk eerlijk! Maar het is ook een beetje treurig, want het CDA dient dit amendement in met de aanname dat het invoeren van een stadsbrede opkoopbescherming juridisch onhoudbaar is. Dat zegt de heer Pluimgraaff net. Dus ik vraag me af waarom het volgens het CDA dan juridisch onhoudbaar is. Cees Pluimgraaff (CDA). Dat blijkt ook, omdat in de wetgeving staat te lezen wat de bedoeling precies is, zoals ik net in mijn inbreng heb gezegd. U mag die zo teruglezen, want ik heb die hier liggen. Daar kan dus geen misverstand over zijn. Je hoeft het dus niet stadsbreed te doen. Je kunt het ook op wijkniveau doen. Daarom lijkt de juridische houdbaarheid van stadsbreed voor ons als CDA niet echt zinvol. De voorzitter. Mevrouw Tseggai, laatste keer. Mikal Tseggai (PvdA).
Maar waarom zou het dan in andere steden wel kunnen? Cees Pluimgraaff (CDA). Daar heb ik geen idee van, waarom het in de ene stad wel kan en in de andere stad niet. Wat het CDA nu bepleit, is het amendement dat voorligt, punt. Judith Klokkenburg (ChristenUnie/SGP). Ik zit nog te zoeken naar het doel van dit amendement. Wat wil de heer Pluimgraaff nu bereiken, los van dat híj denkt dat het juridisch meer houdbaar is? Cees Pluimgraaff (CDA). Er staat nu 'gelegen in een van de wijken van de gemeente Den Haag' en wij hebben gezegd 'in een van de wijken waar'. Wij hebben het dus wat gespecificeerder opgesteld en laten daarmee een aantal wijken buiten beschouwing. Judith Klokkenburg (ChristenUnie/SGP). Ja, dat heeft de heer Pluimgraaff zojuist gezegd. Dat is ook te lezen in zijn amendement. Maar daarmee ontbreekt nog steeds het doel. Waarom wil de heer Pluimgraaff in minder wijken een opkoopbescherming? Cees Pluimgraaff (CDA). Omdat het voor een aantal wijken gewoon helemaal niet opgaat. Dan is het dus ook niet nodig. Op deze wijze kun je dat op een juiste manier verwoorden en vast laten leggen. De voorzitter. Laatste keer, mevrouw Klokkenburg. Judith Klokkenburg (ChristenUnie/SGP).
Ik begrijp nog vrij weinig van de argumentatie, maar ik begrijp wel dat de heer Pluimgraaff liever wil dat beleggers hun gang kunnen gaan dan dat doodnormale gezinnen kunnen doorstromen op de Haagse woningmarkt. Cees Pluimgraaff (CDA). Dat laatste onderschrijf ik vanuit het CDA zeker niet. Sebastian Kruis (PVV). Mijn vraag aan de heer Pluimgraaff is of iemand uit zijn fractie een vastgoedbelang heeft in de wijk waar het nu niet om gaat.
58
Cees Pluimgraaff (CDA). Dit vind ik heel bijzonder. Ik eh … Ik begin er zelfs van te stotteren. Of er binnen onze fractie iemand met vastgoedbelangen is? Ja, ik zoek voor mijn zoon een betaalbare woning. Dat lijkt me zinvol. Maar dat lukt op dit ogenblik niet, want op elke woning waar hij op biedt, wordt 90.000 overgeboden. Dus nee. Sebastian Kruis (PVV). Dat is inderdaad waar dit voorstel iets aan probeert te doen. Maar ik vind het wel opvallend dat u niet kunt beargumenteren waarom dit niet voor alle wijken zou moeten gelden. Dan brandt toch de vraag of er belangen zijn bij mensen uit uw fractie of binnen uw partij waardoor u niet kunt beargumenteren waarom dit niet voor elke wijk zou moeten gelden. De voorzitter. Gaat uw gang, meneer Pluimgraaf. Maar de vroeg oproepen, daarmee … Goed. Meneer Pluimgraaff. Cees Pluimgraaff (CDA). Zoals ik heb proberen te onderbouwen in de inbreng, die ik overigens van mijn collega heb aangereikt gekregen, staat in de wetgeving dat het helemaal niet de bedoeling is om hele steden plat te leggen. Daarom wordt het op deze wijze weergegeven in ons amendement. De voorzitter. Ik stel voor dat u gewoon 'nee' zegt, want anders blijft dit hangen. Dan ga ik ervan uit dat niet ooit blijkt dat het wel zo is, dat het klopt. U gaat over uw eigen antwoorden, maar anders blijft het hangen, weet u. Dat vind ik onaangenaam.
Daarmee is het een beloning voor een gestelde vraag. U snapt wat ik bedoel, meneer Pluimgraaff. Cees Pluimgraaff (CDA). In de val lokken. De voorzitter. 'In de val lokken.' Zo kun je het ook kunnen zeggen. Dat heeft hij niet zo bedoeld. Maar gaat uw gang. Cees Pluimgraaff (CDA). Dank u wel voor deze handreiking. Het antwoord is dus nee. De voorzitter. Meneer Kruis, laatste keer. Sebastian Kruis (PVV). Dat hopen we dan maar. Dan moet ik daar ook maar op vertrouwen. Dat vind ik dan ook wel blijken van politieke … De voorzitter. Lef? Sebastian Kruis (PVV). Nee, niet lef, maar vooral fatsoen en democratische gewoonte. De voorzitter. Oké. Dat is keurig. Door de heer Pluimgraaff, daartoe gesteund door de heer Partiman, wordt het volgende amendement (L.B CDA) voorgesteld: Amendement L.B CDA Opkoopbescherming is maatwerk op wijkniveau De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 20 januari 2022, ter bespreking van het voorstel van het college inzake vaststellen Verordening tot vierde wijziging van de Huisvestingsverordening Den Haag 2019. Besluit om: • Met besluit I in te stemmen met dien verstande dat in het voorstel van het college inzake de Verordening tot vierde wijziging van de Huisvestingsverordening Den Haag 2019 de volgende wijzigingen plaatsvinden: o
In onderdeel F van artikel I op pagina 2 wordt de volgende zinnen geschrapt: 59
‘a.
gelegen in een van de wijken van de gemeente Den Haag;’
en vervangen door de volgende zinnen: ‘a.
gelegen in een van de wijken in Den Haag waar de omvang van ‘buy to let’ meer dan 14 procent van het totaal aantal verkochte woningen in de wijk is.’
Het amendement maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Wethouder Balster (PvdA). Voorzitter. Vooraf toch even een opmerking over de amendementen. Ik ga ervan uit dat de amendementen die we voor de vergadering soms ook gedeeld hebben gekregen, dezelfde amendementen zijn zoals ze zijn ingediend. De voorzitter. Ja, dat is ook wel een dingetje. Daar móét ik van uit kunnen gaan. Anders gaat het hopeloos mis, mensen. Wethouder Balster (PvdA). Ik kan dat op dit moment niet controleren. Ik heb er geen aanleiding toe om daaraan te twijfelen. Maar mocht dat zo zijn, dan moet dat ruimte geven in de loop van de dag daar wellicht nog anders over te preadviseren dan ik nu doe. Maar ik ga daar op dit moment even van uit. De voorzitter. Ja, dat is heel onhandig allemaal. Ik zeg het vriendelijk, maar goed. Gaat uw gang. Wethouder Balster (PvdA). In die context ga ik graag in op de gestelde vragen en zal ik de preadviezen geven op de ingediende amendementen. Laat ik beginnen bij de gestelde vragen. Met name mevrouw Klokkenburg heeft gevraagd naar de snelheid waarmee dit gebeurt. We hebben het daar ook in de commissie over gehad. Wat mij betreft hadden we dit eerder gedaan. Het stond al twee jaar geleden in het coalitieakkoord, maar we moesten wachten op de wet. Toen hebben we het zo snel mogelijk ingevoerd. Nu is het daar. Ik kom bij uw amendement.
U heeft met dat amendement gevraagd of we de methode van onder meer Utrecht zouden kunnen toepassen. Hoewel ik, wat ik in de commissie ook heb aangegeven, wel snap dat u bevreesd bent dat buy to let het fenomeen gaat optrekken, hebben we naar de 355.000-grens, de NHG-grens, een uitvoerig onderzoek gedaan. We kunnen aantonen dat het proportioneel is en, zeg ik tegen de heer Pluimgraaff, juridisch stand gaat houden. Er is geen twijfel aan dat dit op orde is. Hij hoeft daar dus niet aan te twijfelen. Als we in uw voorstel zouden meegaan, dan zouden we wellicht een iets grotere bescherming hebben. Het is overigens goed om te weten dat we een groter aandeel buy to let afdekken met onze maatregel dan het Amsterdamse voorstel. Dat heeft alles te maken met een verschil in prijsniveau in de verschillende steden. Maar als we uw voorstel zouden uitvoeren, dan zouden we de opkoopbescherming op zijn minst later in moeten voeren. Zeker een maand later, want we moeten dan een onderbouwing maken en opnieuw onderzoek moeten doen naar de proportionaliteit. Daarmee zou de invoering überhaupt onzeker zijn. Ik zou eigenlijk willen voorstellen om het college de oproep te doen, net zoals de heer Pronk dat doet, om heel goed te volgen of deze maatregel proportioneel is en of de effecten zich wellicht ook in hogere segmenten gaan voordoen. Dat gaan we heel goed monitoren. Ik heb u dat ook aangegeven.
Het college kan ook het amendement van de heer Pronk omarmen om jaarlijks te evalueren en te kijken wat daarvan de conclusies zijn en of de maatregel nog altijd proportioneel is. Dan kunnen we nu aan de slag met de grens zoals we die nu hebben vastgesteld. Het college moet uw amendement dan ook met klem ontraden. U heeft een motie ingediend om meer aandacht te hebben voor gezinswoningen in de evaluatie van de opkoopbescherming. Ik omarm heel graag deze motie. Het is goed om dit te blijven monitoren. Overigens gaat het om behoorlijk dure woningen inmiddels, als we nog twee ton boven de NHG-grens zitten voor wat betreft de WOZ-waarde, maar het is ook goed om daar het effect te monitoren. Dan de vraag van de heer Kruis over statushouders en de uitzondering die we maken op de opkoopbescherming. Ik heb daar in de commissie ook het nodige over gezegd. Dat doen we omdat we met elkaar een doorbraakplan hebben vastgesteld - u komt daar volgende week nog over te spreken om ook buiten de sociale woningvoorraad woningen beschikbaar te krijgen voor statushouders om aan 60
de wettelijke taakstelling te voldoen. Den Haag, dit college voelt zich ook moreel verplicht om statushouders op te vangen. Dit biedt daar mogelijkheden voor. Sebastian Kruis (PVV). Wat ook een optie zou kunnen zijn, is om naar de minister te gaan en te zeggen dat ze die taakstelling op haar buik kan schrijven en dat we niet willen dat we daardoor in Den Haag Nederlanders gaan discrimineren. Wethouder Balster (PvdA). U weet hoe het college hierin staat. De wettelijke taakstelling en ook de morele verplichting die wij als stad van recht en vrede voelen om statushouders een plek te bieden, nemen wij heel serieus. Dat is ook uitgangspunt van ons doorbraakplan. Dat maakt ook dat wij hier een uitzonderingspositie hanteren in de opkoopbescherming om initiatiefnemers die statushouders kunnen huisvesten, daar ook de mogelijkheid toe te bieden. Sebastian Kruis (PVV). Een morele verplichting? U heeft een morele verplichting naar mensen die al tientallen jaren in Den Haag wonen, daar belasting betalen, wonen, werken, recreëren. Waarom geldt die morele verplichting alleen voor mensen uit Syrië en Afghanistan en niet voor mensen uit Scheveningen en Loosduinen? Wethouder Balster (PvdA). Hier moet ik toch even de heer Kruis confronteren met zijn eigen uitgangspunt om bijvoorbeeld niet sociaal te bouwen en überhaupt geen sociale woningen te willen realiseren.
Juist door daar een heel hoge ambitie op te zetten, kunnen we iedere Hagenaar en Hagenees in onze stad perspectief bieden op een betaalbaar huis. Daar zijn we nog lang niet. De woningnood is groot; daarom ook een urgentieprogramma, € 50 mln. extra investeringen, € 123 mln. Eneco-middelen in gebiedsontwikkelingen en sociale woningbouw. We zetten heel veel vaart achter die betaalbaarheid, juist om iedereen in onze stad een kans te bieden op een betaalbaar huis. De voorzitter. Laatste keer, meneer Kruis. Sebastian Kruis (PVV). Ja, als je iedereen wilt huisvesten, krijg je op den duur hier een soort Hongkong aan de Noordzee. Dat is wat je krijgt: de hele stad dichtgeslibd en helemaal overvol. Dat is wat je krijgt als je voor iedereen bouwt. Maar wat de wethouder zegt, klopt gewoon feitelijk niet, dat ik tegen sociale huur ben. Dat heeft hij ook in de krant geroepen. Dat slaat echt helemaal nergens op. Ik ben een enorme fan van sociale huur. Ik heb er zelf ook jarenlang in gewoond. En waarom ben ik dat? Dat is namelijk betaalbaar wonen voor mensen met een wat lager inkomen. Maar waar ik wel tegen ben, is dat al die huizen gaan naar mensen die er nu nog niet zijn, en dat mensen die al jarenlang op een wachtlijst staan, elke keer de dupe zijn. Dat is dus wat je krijgt als je de instroom ongemoeid laat.
Ik vind het een beetje vals van deze wethouder, en zo ken ik hem eigenlijk ook al jaren, dat hij de suggestie wekt dat ik tegen sociale huur ben. Nee, ik ben voor sociale huur voor onze eigen mensen, niet voor Jan en alleman uit Syrië en Afghanistan. Dat is wat anders. De voorzitter. Wilt u mijn naam niet ijdel gebruiken? Wethouder Balster (PvdA). Ik hoorde geen vraag, maar als we naar het stemgedrag van de heer Kruis kijken waar het gaat om betaalbare woningbouw, spreken de feiten voor zich. Sebastian Kruis (PVV). Voorzitter. De voorzitter. De wethouder zet zijn betoog voort. Dit is de vierde keer. Meneer Balster. Wethouder Balster (PvdA). Ik ben bij het amendement van het CDA. Dat richt zich erop om de opkoopbescherming niet in de hele stad van toepassing te verklaren, maar een aantal wijken daarvan uit te zonderen. Dat amendement moet het college met klem ontraden. Ook al in het voorstel heeft het college aangegeven dat er een heel groot risico bestaat op een waterbedeffect. Dat risico is heel erg groot. Ik wijs u er ook op dat wijken zoals Waldeck, waar toch ook in twee jaar tijd 30 woningen aan de woningvoorraad zijn onttrokken, dan buiten de opkoopbescherming zouden vallen. Daar 61
beschermen we dus betaalbare koopwoningen niet tegen het opkopen door beleggers als we met uw amendement zouden meegaan. En de juridische houdbaarheid is buitengewoon krachtig. Ik heb uw collega in de commissie ook aangegeven dat er twee criteria zijn op basis waarvan het college de opkoopbescherming onderbouwen kan. Dat is op basis van leefbaarheid en dat is op basis van schaarste. Op basis van schaarste acht het college het voorstel zoals het er ligt proportioneel en zijn we in staat om in de gehele stad deze maatregel op te leggen, om daarmee betaalbare koopwoningen te beschermen tegen het opkopen om ze vervolgens, wat we niet graag zien, duur in de huursector terecht te zien komen. Het college moet dit amendement dan ook met klem ontraden. Voorzitter. Ik denk dat ik daarmee alle vragen en voorstellen uit de raad heb beantwoord. Voorzitter: de heer Van der Helm. De voorzitter. Dank u wel. Tijdens het laatste deel van de beantwoording is er snel gewisseld van voorzitter. Goedemiddag allemaal. Volgens mij komt daarmee dan ook een einde aan de eerste termijn van het college. Is er nog behoefte aan een tweede termijn in de raad? Ik zie alleen de heer Kruis. Ik geef de heer Kruis het woord voor de tweede termijn. Sebastian Kruis (PVV). Voorzitter.
Ik had die eigenlijk liever niet gebruikt, maar als er zoveel onzin wordt gesproken en dat onweersproken blijft, dan moet ik natuurlijk wel nog wat zeggen. Want wat meneer Balster net zegt, klopt gewoon echt niet. Daarom wilde ik net een punt van orde maken. Ik ben niet tegen sociale huur. Ik stem tegen al die socialehuurwoningplannen omdat er elke keer mensen in komen die ik eigenlijk liever niet in onze stad zie komen. Voor mensen die al jarenlang in onze stad zijn, ben ik er helemaal niet op tegen. Het punt is dat die mensen nu niet aan de beurt komen. Als je de instroom ongemoeid laat, dan kun je blijven bijbouwen, maar dan krijg je ook een soort van glijdende schaal. Ik zie een interruptie van mevrouw Tseggai. Mikal Tseggai (PvdA). De heer Kruis is dus niet tegen sociale huur. Hij is tegen mensen die van buiten de stad komen, migranten. Dat is ook goed om te weten, voor de goede orde. Sebastian Kruis (PVV). Vergeet niet dat ik ook tegen de Partij van de Arbeid ben. Dat zou ik ook niet onbesproken willen laten. Ik ben inderdaad tegen massa-immigratie. We hebben gezien wat de PvdA de afgelopen 40 jaar in onze stad heeft aangericht. Daar ben ik tegen. Ik wil bouwen voor mensen uit Den Haag, voor Hagenaars en Hagenezen en Scheveningers. Daar wil ik voor bouwen. Daar heb ik ook nooit een geheim van gemaakt.
Nu denkt u een puntje te kunnen scoren door te zeggen 'dit is goed for the record'. Het zit ongeveer in het DNA van de PVV dat we tegen immigratie zijn. Ik neem dus aan dat ik u niets nieuws vertel. Mikal Tseggai (PvdA). Maar ik zie niet het verband tussen sociale huur bouwen en die massaimmigratie waar de heer Kruis het steeds over heeft. Mensen staan jarenlang op een wachtlijst. Iedere keer tegen de bouw van sociale huur stemmen gaat die wachtlijsten niet oplossen. Sebastian Kruis (PVV). We zien de laatste jaren een enorme toestroom van nieuwe migranten naar Den Haag. Die komen vaker terecht in sociale huurwoningen dan in de miljoenenvilla's in Zonnedael. Dat is uiteindelijk een gegeven. Door dat te ontkennen en alleen maar te blijven bijbouwen terwijl de instroom ongemoeid wordt gelaten, weet je eigenlijk niet voor wie je aan het bouwen bent. Want uiteindelijk is woningmarkt ook naar de vraag kijken in plaats van enkel naar het aanbod. De voorzitter. Mevrouw Tseggai voor de laatste maal. Mikal Tseggai (PvdA). Wat de heer Kruis hier verkondigt, is gewoon feitelijk niet waar. 3% van de sociale huurwoningen wordt verhuurd aan statushouders en de rest gewoon aan mensen die al heel lang op de wachtlijst staan of die een urgentie hebben om een andere reden. Misschien kan de heer Kruis zich opnieuw beraden op zijn standpunt over sociale huur.
De PVV lost op deze manier in ieder geval niet de lange wachtlijsten op.
62
Sebastian Kruis (PVV). U gaat zien na 16 maart hoe wij dat gaan oplossen. Dat is inderdaad zonder de PvdA en voor Hagenaars en Hagenezen. Ik wil dus heel duidelijk gaan regelen in die Huisvestingsverordening dat Hagenaars en Hagenezen met voorrang worden gehuisvest. Dan hebben mensen daar belang bij die meerjarig in Den Haag verblijven. Dat lijkt me de meest eerlijke verdelingssystematiek. Nu moeten er 13.000 statushouders met spoed worden gehuisvest, omdat al die azc's allemaal zijn volgestroomd dankzij de open uitnodiging van onder andere de Partij van de Arbeid om iedereen maar hiernaartoe te laten komen. Dan weet ik alweer wat er gaat gebeuren. Dan staan al die linkse partijen hier in de rij om al die mensen binnen te halen. Al die mensen moeten dan weer met voorrang worden gehuisvest. Dus ik zie de bui al hangen. Ik hoop dat na 16 maart de zon gaat schijnen en niet de donkere wolken van de PvdA boven dit stadhuis blijven hangen. De voorzitter. Ik constateer dat er verder geen behoefte is aan een tweede termijn. Ik hoorde geen vraag aan het college. Het college wil ook niet reageren. De beraadslaging wordt gesloten. De voorzitter. Vanavond wordt over alle stukken gestemd. Voordat we doorgaan naar agendapunt M, Voorstel van het college inzake Strategie mobiliteitstransitie Den Haag, schorsen we even voor een wisseling van woordvoerders en collegeleden.
De vergadering wordt van 13.45 tot 13.47 uur geschorst.
Aan de orde is: M. Voorstel van het college inzake Strategie mobiliteitstransitie Den Haag 2022 - 2040 (RIS311098). De beraadslaging wordt geopend. Maarten De Vuyst (GroenLinks). Voorzitter. De mobiliteitsstrategie markeert wat GroenLinks betreft op een mooie manier de omslag die dit college heeft durven maken: het omdraaien van de prioritering van de types mobiliteit. Te voet en op de fiets krijgen voorrang boven ov en ov voorrang boven de auto. En dat allemaal tegen de achtergrond van het uitgangspunt dat we betaalbare, veilige, toegankelijke en schone mobiliteit willen. Veel instemming van de GroenLinks-fractie dus. Op een aantal punten zouden we graag toch nog wat puntjes op de i zetten of, om wat meer in het jargon te blijven, de knooppunten verbinden. Daarom drie moties; de collega's zullen mijn stokpaardjes herkennen. Alle drie de moties dien ik in met de collega's Smit van de Partij voor de Dieren en Holman van de Partij van de Arbeid. De eerste heet '30 kilometer per uur is de norm!'.
Het dictum luidt: verzoekt het college te onderzoeken, indien relevant samen met de G4, wat er qua lokale en nationale wetgeving nodig is om in de G4 steden 30 km/u-wegen de norm te maken; te onderzoeken hoe er gehoor gegeven gaat worden aan de volgende ambitie uit het nationaal coalitieakkoord: 'Samen met de gemeenten wordt bezien waar binnen de bebouwde kom de maximumsnelheid zinvol verlaagd kan worden naar 30 km/uur.'; bij beide de inzet te hebben dat 30 km/u de norm wordt binnen de gemeentegrens van Den Haag. Dat was motie één. Motie twee: Autoluw centrum. Het dictum luidt: verzoekt het college plannen te gaan ontwikkelen om het gebied tussen de Stationsweg en de Gedempte Gracht verkeersluw te maken. Daar heb ik een hoop overwegingen en constateringen bij die u kunt nalezen in de motie; ik moet op mijn spreektijd letten. Vrachtwagens schoner is de titel van de derde motie. Die verzoekt het college om een milieuzone op te richten die grosso modo de hele gemeente bestrijkt en alleen dieselvrachtauto's en dieselautobussen met emissieklasse 6 en voertuigen die geen schadelijke stoffen uitstoten, toelaat; hierbij mee te nemen of het wenselijk en haalbaar is dat bedrijventerreinen hier ook onder zouden
63
moeten vallen; hierbij te bezien of de snelwegen op Haags grondgebied ook onder de milieuzone kunnen vallen. Dat was mijn derde motie. Tot slot een oproep tot creativiteit en proactiviteit. Veel van de discussies die we vandaag over mobiliteit zullen hebben, en ook over de tramhaltes, gaan over de betaalbaarheid. Hoe betalen we dat? Op dit moment is de Europese Unie een coronaherstelfonds aan het instellen. Landen kunnen met voorstellen komen hoe deze fondsen benut kunnen worden. Laten we deze kans niet missen als Den Haag. Daarom een oproep dat we hier als Den Haag proactief op inzetten en met voorstellen komen richting de nationale overheid, juist om een aantal van de gevolgen van corona voor de mobiliteit te kunnen opvangen. Ik denk hierbij aan de haltes die nu tijdelijk worden gesloten, maar wellicht ook om weer te werken aan de populariteit van het ov na de crisis, door dit ook betaalbaar te maken. We zullen het er later bij de moties van andere collega's nog over hebben. Ik hoor graag de reactie van de wethouder. De voorzitter. Door de heer De Vuyst worden de volgende moties (M.1 GL, M.2 GL en M.3 GL) ingediend:
Motie M.1 GL Vrachtwagens schoner De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 20 januari 2022, ter bespreking van Voorstel van het college inzake Strategie mobiliteitstransitie Den Haag 2022 - 2040. Overwegende, dat: • 36 procent van de CO2 uitstoot van autoverkeer komt door vrachtwagens; • 70 procent van stikstofuitstoot van autoverkeer afkomstig is van vrachtwagens. • Den Haag sinds 1 januari een milieuzone heeft waarin alleen dieselvrachtauto’s en dieselautobussen met emissieklasse 6 en voertuigen die geen schadelijke stoffen uitstoten in deze milieuzone mogen rijden. Constaterende, dat: • luchtkwaliteit verbetert, maar nog niet de alle WHO-normen haalt. En dit zijn effect heeft op longpatiënten én coronapatiënten; • Den Haag CO2 neutraal wil worden in 2030. Verzoekt het college: • om een milieuzone op te richten die grosso modo de hele gemeente bestrijkt en alleen dieselvrachtauto’s en dieselautobussen met emissieklasse 6 en voertuigen die geen schadelijke stoffen uitstoten toelaat; • hierbij mee te nemen of het wenselijk en haalbaar is of bedrijventerreinen hier ook onder zouden moeten vallen; • hierbij te bezien of de snelwegen op Haags grondgebied ook onder de milieuzone kunnen vallen. En gaat over tot de orde van de dag.
Motie M.2 GL autoluw centrum De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 20 januari 2022, ter bespreking van Voorstel van het college inzake Strategie mobiliteitstransitie Den Haag 2022 - 2040 . Overwegende, dat: • in diverse grote Europese steden zoals Madrid, Parijs en Brussel een beleid is ingezet op het autoluw maken van grote delen van het centrum; • Den Haag in dit opzicht niet achter mag blijven; 64
Constaterende, dat: • het raadsvoorstel inzake Strategie mobiliteitsstrategie Den Haag 2022-2040 grotendeels gebaseerd is op het STOMP-principe, waarbij lopen en fietsen prioriteit is, en op deze wijze een impuls wordt gegeven aan de walkable city; • in 2009 het Verkeerscirculatieplan is ingevoerd en dit de leefbaarheid van de binnenstad in ieder opzicht ten goede is gekomen; • bewoners en ondernemers van het oude centrum en de stationsbuurt regelmatig aangeven te lijden te hebben van doorgaand autoverkeer en parkerende bezoekers. Verzoekt het college: • plannen te gaan ontwikkelen om het gebied tussen de Stationsweg en de Gedempte Gracht verkeersluw te maken. En gaat over tot de orde van de dag.
Motie M.3 GL 30 kilometer per uur is de norm! De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 20 januari 2022, ter bespreking van Voorstel van het college inzake Strategie mobiliteitstransitie Den Haag 2022 - 2040. Overwegende, dat: • een maximumsnelheid van 30 km/u voor een veel kleinere kans op ernstig letsel tot zelfs dood zorgt vergeleken met een maximumsnelheid van 50 km/u; • een maximumsnelheid van 30 km/u een positieve werking heeft op milieu. Van mening dat: • wegen met 50 km/u zonder vrij liggend fietspad niet meer van deze tijd zijn en hierin zo spoedig mogelijk een verandering moet komen om zo de veiligheid van onze fietsers te kunnen garanderen (wellicht met uitzondering van industriegebieden). Constaterende, dat: • in het Haags coalitieakkoord 2019 -2022 is afgesproken dat 30 km/u in woongebied de norm zal worden; • in het voorstel van het college inzake Strategie mobiliteitstransitie Den Haag 2022 – 2040 wordt gesteld dat er meer 30 km/u straten en zone's moeten komen. • het landelijk coalitieakkoord stelt: "Samen met de gemeenten wordt bezien waar binnen de bebouwde kom de maximumsnelheid zinvol verlaagd kan worden naar 30 km/uur. ".
Verzoekt het college: • te onderzoeken, indien relevant samen met de G4, wat er qua lokale en nationale wetgeving nodig is om in de G4 steden 30 km/u wegen de norm te maken; • te onderzoeken hoe er gehoor gaat geven aan de volgende ambitie uit het nationaal coalitieakkoord: "Samen met de gemeenten wordt bezien waar binnen de bebouwde kom de maximumsnelheid zinvol verlaagd kan worden naar 30 km/uur." • bij beide de inzet te hebben dat 30 km/u de norm wordt binnen de gemeentegrens van Den Haag. En gaat over tot de orde van de dag. De moties maken onderdeel uit van de verdere beraadslaging.
65
Sebastian Kruis (PVV). Voorzitter. Ik was eigenlijk een beetje verbaasd dat ik na de heer De Vuyst was. Ik dacht dat ik me als eerste had ingeschreven. Ik dacht: dan beginnen we een keertje met het zoet. Ik heb bij de heer De Vuyst altijd het idee alsof je met je tong langs zo'n zure mat gaat. Maar goed, dat zal wel aan mij liggen. We hebben het over de mobiliteitsstrategie van deze wethouder. De strategie is vooral dat doorgaand verkeer overgaat naar stilstaand verkeer met deze massale bevolkingsgroei. Maar het is ook gewoon een strategie en een transitie. Ik hoop dat er nog een keertje een tweestrijd gaat komen tussen de duurzaamheidsidealen en het gezonde verstand, want dit kun je niet maken naar de automobilist. Ik vind het daarom best wel schrijnend dat uitgerekend de VVD, na vier jaar deelname aan het college, met een amendement komt om ook de automobilist een plekje te geven. Dan denk ik echt, en dat zeg ik dan ook tegen de VVD - ik kijk mevrouw Regts ook gewoon aan: had dat gedaan toen dit allemaal werd vormgegeven in plaats van nu achteraf even nog een amendement in te dienen voor de vorm en te denken 'volgende keer beter'. Zo werkt het dus niet. Ze hebben vier jaar lang hun gang kunnen gaan. De automobilist is de dupe geworden van het wanbeleid onder leiding van deze wethouder. Det Regts (VVD).
Meneer Kruis weet ook wel dat ik hier de afgelopen vier jaar voortdurend heb getamboereerd op de doorstroming van de auto. Maar ja, als wij hier een college hebben met een linkse meerderheid die dit niet wil, dan hebben wij natuurlijk het nakijken. Maar ik blijf erop hameren. Daarom heb ik ook deze motie ingediend. Ik hoop dat we in de volgende raadsperiode een andere samenstelling zullen hebben, zodat we dan in ieder geval ook nog wat aandacht kunnen besteden aan de doorstroming van de auto's, en het parkeren van de auto's ook. Sebastian Kruis (PVV). Dit is natuurlijk wel heel pijnlijk. Een collegepartij zegt: het is jammer dat we in het college zaten, maar dat we niets konden inbrengen. Je kunt ook onderhandelen en dan je eigen punten inbrengen. Ik heb destijds ook al een keertje tegen meneer Partiman van het CDA gezegd dat onderhandelen niet betekent een groen vinkje zetten bij alles wat GroenLinks zegt, maar dat je ook soms je eigen standpunten inbrengt. Al die standpunten van de VVD, als het gaat om de ondergrondse parkeergarages, de doorstroming, ruim baan voor de automobilist, daar is allemaal helemaal niets van terechtgekomen. Wij zijn de dupe, wij, de automobilisten. Kijk, dat meneer De Vuyst graag door de stad heen fietst, en deze wethouder, is niet mijn probleem.
Maar dat wordt het nu wel, want zij krijgen ruim baan in de toekomst, en wij staan in de file, ik met meneer Meinesz, bij de zoveelste wegversmalling. Ik zie de bui alweer hangen. Ik heb daar gewoon helemaal geen zin in. Dat neem ik de VVD kwalijk. Ik vind het dus ook echt best wel armoedig dat je dan zegt: het is jammer dat we een linkse meerderheid hadden in het college. Een college is geen gegeven. Je kunt een college ook laten vallen. Jullie hebben destijds ook je vorige coalitiepartner een paar messen in de rug gestoken. Dat hadden jullie dit keer ook kunnen doen toen het ging over alle klimaatplannen van uw coalitiepartners, toen ze alleen maar de fiets en het ov erdoorheen wilden fietsen en niet de automobilist. Dat had ook een optie kunnen zijn, dat je een keertje een grens trekt. Det Regts (VVD). Die optie hebben wij niet genomen. Maar ik stel voor dat meneer De Vuyst … meneer Kruis, sorry, en meneer Meinesz van Groep de Mos net als de VVD hun uiterste best zullen doen om zo veel mogelijk raadszetels te verzamelen, zodat we in een volgende raadsperiode echt de voorkeur voor de auto kunnen bepleiten. Dus ik zou zeggen: doe uw uiterste best. Sebastian Kruis (PVV). Bedankt voor de succeswensen van de VVD aan de PVV. Ik denk dat het voor de kiezer beter zou zijn als de VVD niet meer terugkomt en er een hele grote PVV komt.
Ik denk dat dan bij heel veel mensen de Nederlandse vlag uit gaat. Ik vind het wel beledigend dat u mij door de war haalt met de heer De Vuyst, want er is niemand in deze raadzaal die zo veel verschilt van mij als de heer De Vuyst. Daar is hij zelf heel erg blij mee. Ik heb gezegd 'ik ga voor hem campagne voeren', maar toen zag hij de bui al hangen, want dan weet je wat er gebeurt met de GroenLinksstemmer in het kieshokje. Nou ja, goed, hij zal hier blij mee zijn. Maar goed, even alle gekheid op een stokje, maar vooral in de raadzaal, ik heb een motie. Die had de VVD eigenlijk moeten inbrengen bij de coalitieonderhandelingen. Dat heeft ze nagelaten. Dan doe ik het maar, want we zijn op de wereld om elkaar te helpen, nietwaar? De motie heet Stop criminalisering automobilist: overwegende dat er de afgelopen jaren een antiautobeleid is gevoerd; 66
constaterende dat het linkse ideaal dat mensen auto's delen en vaker de fiets pakken gewoon niet werkt voor veel Hagenaars voor wie de auto onmisbaar is voor hun werk en alledaags gemak; verzoekt het college te stoppen met het criminaliseren van autorijden en de automobilist ruim baan te geven. Ik hoop dat meneer Meinesz zo meteen ook nog even meetekent, want je moet bondgenoten zoeken als je denkt dat je ze hebt, en de VVD heeft me geen één keer positief verrast in deze periode. De voorzitter. De heer Smit heeft een interruptie. Het scherm werkt niet best. Ik moet wel heel vaak drukken op de knop voordat ik iemand het woord kan geven. Robin Smit (PvdD). Het is gelukt, voorzitter, dank. Ik heb toch een vraag aan de PVV. De PVV pleit hier voor ruim baan voor de auto, maar kan de PVV ook een visie schetsen op waar dan straks al die auto's terecht gaan komen en welke keuzes zij dan links laat liggen? Sebastian Kruis (PVV). Ik laat in ieder alles links liggen wat links van mij zit. Dat is niet heel moeilijk en dat is een hele hoop. Waar laat ik al die auto's? Die auto's zijn er al. Het is dus niet zo dat er auto's bij gaan komen. Het is nu al zo dat niet iedereen een eigen auto heeft. We weten nu al dat … De voorzitter. Dit is fantastisch. Ik drukte u per ongeluk weg. De heer Kruis, nogmaals. Sebastian Kruis (PVV). Ja, zo fantastisch: gecensureerd door een VVD-voorzitter.
Het zal allemaal wel toeval zijn. De voorzitter. Dat heeft er niets mee te maken, meneer Kruis. Sebastian Kruis (PVV). Nee hoor, grapje, voorzitter. Dat was flauw. Ik was meneer Smit aan het beantwoorden. Ik laat die auto's nergens, maar die auto's kunnen we ook nergens kwijt, want er worden geen parkeerplaatsen bijgebouwd, er komen geen ondergrondse parkeergarages, die de VVD graag wilde. Ik wil gewoon dat we mensen die een auto nodig hebben voor hun alledaags gemak, zo veel mogelijk faciliteren, al dan niet in ondergrondse parkeergarages. We kunnen daar ook jaarlijks geld voor gaan reserveren, om die mensen allemaal kwijt te kunnen. Maar ik wil dus niet dat je wel mensen hebt met een auto, maar dat die vervolgens geen ruim baan krijgen. Dat is wat er nu gebeurt. De auto wordt eigenlijk weggepest uit de stad. Robin Smit (PvdD). In het stuk staat ook dat door de bevolkingsgroei ook het aantal auto's groeit. U geeft aan dat u de keuze maakt om langdurig te investeren in onder andere ondergrondse parkeergarages. Maar uiteindelijk wordt daar ook een max bereikt. U kiest er dus voor om ruimte te creëren voor de parkeerplaats voor een auto, maar daarmee laat u meer ruimte voor groen en kinderspeelplekken aan u voorbijgaan. Bent u dat met me eens? Sebastian Kruis (PVV). Echt nog niet een begin daarvan. Ik ben het er totaal mee oneens.
Ik denk wel dat links bepaalt hoe diep de ondergrond kan zijn Den Haag. Maar het andere punt is: ik wil die bevolkingsgroei niet. Ik weet niet of meneer Smit heeft opgelet de afgelopen jaren - ik denk van wel, want hij luistert altijd goed als ik aan het woord ben - maar wij willen die bevolkingsgroei niet. Als je die bevolkingsgroei niet wilt, dan krijg je dus ook niet al die auto's erbij, want wij willen die mensen niet. Het is dus niet los te zien van elkaar. Als je niet wilt dat die stad met 100.000 mensen groeit, komt er ook niet een dito aantal auto's bij. Uiteindelijk snap ik ook niet waarom de heer Smit niet aan mijn kant staat als het gaat om het tegengaan van de bevolkingsgroei, want ik weet dat de heer Smit liever een grasmat ziet dan een parkeerplaats. Dat kan dus niet als je 100.000 mensen erbij laat komen. Maar wat er nu gebeurt, is wel die 100.000 erbij laten komen, maar niet accepteren dat die mensen vervolgens misschien weleens een auto nodig hebben. Dat is wat er nu gebeurt. Er komen wel auto's bij, maar die worden niet gefaciliteerd. Dan krijg je dus dat de hele stad vastloopt, met alle gevolgen van dien. Weet u hoe slecht het is voor het klimaat, al die auto's die in de file staan? Dat is slechter dan doorstroming. De voorzitter. Meneer Smit, tot slot. 67
Robin Smit (PvdD). Ik hoor de PVV hier enorm in een tunnelvisie zitten die gestoeld is op het faciliteren van de autogebruiker. Nogmaals, de keuze van de PVV is dus echt doelbewust het realiseren van parkeerplaatsen? Daarmee laat u dus keuzes voor meer groen, meer ruimte voor speelplekken, meer hangplekken, meer plekken voor hondenlosloopgebieden rechts liggen. Sebastian Kruis (PVV). Nee, ik pleit al veel langer voor ondergrondse parkeergarages. Ik wil niet dat elke auto op straat wordt geparkeerd, maar zo veel mogelijk in ondergrondse parkeergarages. Dat wilde de VVD ook, maar zij hebben er geen één gerealiseerd. Maar ik kan me wel voorstellen dat na 16 maart op flink veel plaatsen graafmachines aan het werk gaan. Dan zorg ik ervoor dat er voor de heer Smit nog speelplaatsen overblijven om op de wipkip te gaan. De voorzitter. Door de heer Kruis wordt de volgende motie (M.4 PVV) ingediend:
Motie M.4 PVV Stop criminalisering automobilist De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 20 januari 2022, ter bespreking van Voorstel van het college inzake Strategie mobiliteitstransitie Den Haag 2022 - 2040 (RIS311098). Overwegende, dat: • er de afgelopen jaren een anti-auto beleid is gevoerd. Constaterende, dat: • het linkse ideaal dat mensen auto’s delen en vaker de fiets pakken gewoon niet werkt voor veel Hagenaars voor wie de auto onmisbaar is voor hun werk en alledaags gemak. Verzoekt het college: • te stoppen met het criminaliseren van autorijden en de automobilist ruim baan te geven. En gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Peter Bos (HSP). Voorzitter. Ik vervang Joris Wijsmuller. De mobiliteitsstrategie zit vol goede voornemens. Het lopen, het fietsen en het openbaar vervoer worden boven de auto gesteld. Je kunt dus moeilijk tegen deze mobiliteitsstrategie zijn. Maar wil je echt vooruitgang boeken en het autoverkeer verder terugdringen, dan ontbreken er naar de mening van de Haagse Stadspartij nog een aantal belangrijke punten. Daarom drie moties; twee over het openbaar vervoer. De eerste heet Geen tariefsverhoging openbaar vervoer.
Die spreekt uit af te zien van de jaarlijkse indexering; bij volgende concessies door de MRDH het gelijkstellen van de kilometerprijs voor Den Haag en Rotterdam als uitgangspunt te hanteren. Die dien ik in samen met mevrouw Arp. De tweede motie gaat over de toegankelijkheid van het openbaar vervoer. Die spreekt uit bij volgende concessies uit te gaan van een maximale halteafstand van 400 meter. Die is ook met mevrouw Arp. De laatste motie heet Geef het goede voorbeeld. Als we kijken naar de rittenstaat van het college, dan zien we dat een aantal collegeleden ongelofelijk vaak gebruikmaakt van de dienstauto, ook voor korte ritten. Er is één wethouder die eigenlijk alles met de fiets doet. Dat is de heer Van Asten. Deze motie roept de rest van het college op om ook het goede voorbeeld te geven en to practice what you preach, dus om het gebruik van de dienstauto te matigen en met name de hoeveelheid korte ritten aan banden te leggen. Die dien ik in samen met mevrouw Arp. De voorzitter. Door de heer Bos, daartoe gesteund door mevrouw Arp, worden de volgende moties (M.5 HSP, M.6 HSP en M.7 HSP) ingediend:
68
Motie M.5 HSP Geen tariefsverhoging OV De gemeenteraad van Den Haag in vergadering bijeen op 20 januari 2022 ter bespreking van het voorstel van het college inzake Strategie mobiliteitstransitie Den Haag 2022-2040 (RIS310664). Constaterende, dat: • uit de participatie komt naar voren dat men het OV te duur vindt; • Nederland heeft in Europa de hoogste OV-tarieven, Den Haag heeft een van hoogste OV tarieven in Nederland, en ook binnen de MRDH geldt voor de regio Den Haag een hogere kilometerprijs dan voor de regio Rotterdam. Overwegende, dat: • de OV-tarieven door de MRDH jaarlijks worden geïndexeerd zodat de tarieven sluipenderwijs steeds hoger worden; • gestreefd wordt naar een nieuwe invulling van concessies voor het OV. Spreekt uit: • af te zien van de jaarlijkse indexering; • bij volgende concessies door de MRDH het gelijkstellen van de kilometerprijs voor Den Haag en Rotterdam als uitgangspunt te hanteren. En gaat over tot de orde van de dag.
Motie M.6 HSP Geef het goede voorbeeld De gemeenteraad van Den Haag in vergadering bijeen op 20 januari 2022 ter bespreking van het voorstel van het college inzake Strategie mobiliteitstransitie Den Haag 2022-2040 (RIS310664). Constaterende, dat: • 43% van het autoverkeer op Haagse wegen (excl. snelwegen) minder dan 5 kilometer aflegt; • door het college van B&W veel gebruik wordt gemaakt van de dienstauto en de rittenstaat heel veel korte ritten in de stad laat zien. Overwegende, dat: • door het aanpassen van de infrastructuur, het verbeteren van de verkeersveiligheid en de inrichting van de openbare ruimte met prioriteit voor lopen en fietsen wordt nagestreefd om autoritten van minder dan 5 kilometer terug te brengen; • onnodige korte verplaatsingen met de auto worden ontmoedigd worden door zowel alternatieven te stimuleren als (doorgaand) autoverkeer te weren door middel van een andere verkeerscirculatie. Verzoekt het college: • om het gebruik van de dienstauto te matigen en met name de hoeveelheid korte ritten aan banden te leggen. En gaat over tot de orde van de dag.
69
Motie M.7 HSP Toegankelijk OV met halten op loopafstand De gemeenteraad van Den Haag in vergadering bijeen op 20 januari 2022 ter bespreking van het voorstel van het college inzake Strategie mobiliteitstransitie Den Haag 2022-2040 (RIS310664). Constaterende, dat: • voor goed en toegankelijk OV in stedelijk gebied, en voor ouderen en minder validen in het bijzonder, de nabijheid van OV-halten van groot belang is; • gestreefd wordt naar een nieuwe invulling van concessies van het OV met aandacht van vervoer van deur naar deur. Overwegende, dat: • het (tijdelijk) opheffen van tramhalten begrijpelijkerwijs op maatschappelijke weerstand stuit; • de MRDH als concessieverlener momenteel meer stuurt op reissnelheid dan op toegankelijkheid. Spreekt uit: • bij volgende concessies voor de stad Den Haag (centrummilieus, voor- en naoorlogse wijken) uit te gaan van een maximale halteafstand van 400 meter. En gaat over tot de orde van de dag. De moties maken onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Marieke van Doorn (D66). Voorzitter. De D66-fractie kan kort zijn. Wij zijn ontzettend blij met en trots op deze mobiliteitstransitiestrategie. Die geeft echt richting voor deze stad. We willen meer ruimte voor mensen en minder voor blik. Een visie, anders dan de struisvogelpolitiek die ik hier ook wel hoor in het debat. Dus wat ons betreft alle steun. De voorzitter.
Ik zie nog een vraag van mevrouw … Ja, ik weet het. De schermen zijn uitgevallen. We zijn ermee bezig. Thuis ook, begrijp ik. De livestream is ook uitgevallen, begrijp ik. Is er enig zicht op wanneer dat opgelost is? Dan gaan we even schorsen om te kijken hoe snel dat opgelost kan worden. Het is natuurlijk wel belangrijk dat dit allemaal wordt uitgezonden. De vergadering wordt van 14.10 tot 14.55 uur geschorst. De voorzitter. Het systeem is weer helemaal up and running. De storing is verholpen. We kunnen dus weer door met de vergadering. Ik zie alle woordvoerders. We waren gebleven bij de heer Çetinkaya. Tahsin Çetinkaya (Islam Democraten). Voorzitter. We hebben heel serieuze plannen voor het verduurzamen van onze stad. Er zijn allerlei doelstellingen, bijvoorbeeld om voor 2030 de uitstoot met een bepaald percentage te verminderen. We zien dat het college verkeerde keuzes maakt om deze doelstelling te realiseren. Om het gebruik van openbaar vervoer te stimuleren, moet je niet autobestuurders gaan pesten. Nee, je moet het openbaar vervoer juist geliefd maken bij iedereen. Zo kan je voor gedragsverandering zorgen. Het sluiten van wegen helpt niet om autorijden te verminderen. Je kan daarentegen beter het reizen met openbaar vervoer goedkoper maken. We moeten met name de jeugd verbinden aan het ov.