RIS311016 Bijlage
Tekst van het document
340
3. Versoberen milieueducatie t.a.v. lessen en hobbytuinen 6. Versoberen inzet openbare orde en veiligheid
Cultuuraanbod
06 Onderwijs
Bedrag €1000 1.200
Voor een toelichting verwijzen we naar hoofdstuk 11.
300 2.800 320 1.250 3.800 100 2.250 450
200 580 2.700 2.700 240 480 1.360
500 38.595
26 Rapport Overzicht van opties dd. 18 januari 2022
10. Eneco-middelen
Budget per thema bij aanvang Projecten gereed, in uitvoering of juridis ch verplicht Bedragen cofinanciering expliciet vas tgelegd met externe partijen Keuzes zijn mogelijk, wel dient rekening te worden gehouden met beperkende randvoorwaarden en beleids matige gevolgen voor bes taande opgaven
De gemeenteraad heeft voor de aanwending van de Eneco-middelen vier thema’s vastgesteld: Kwaliteitsimpuls gebiedsontwikkeling en sociale woningbouw, Duurzame mobiliteit, (Sociale) woningbouwimpuls en Energietransitie. Voor elk van deze thema’s is een reserve ingesteld. Vervolgens is de aanwending van deze reserves, eveneens middels besluitvorming in de gemeenteraad, verder gespecificeerd naar onderwerp dan wel project. Hiermee is bestuurlijk richting gegeven aan de aanwending de Eneco-middelen. Dat wil niet zeggen dat binnen deze kaders geen nadere afwegingen gemaakt kunnen worden. Een nadere afweging kan ook een verschuiving tussen thema, een alternatieve programmatische invulling of een combinatie met opgaven op andere beleidsterreinen inhouden. Om verantwoord nadere afwegingen te kunnen maken, is het van belang nader in te zoomen op de bedragen per thema. Daarmee wordt inzichtelijk welke mogelijke afwegingsruimte er is en welke randvoorwaarden daarbij gelden. Vooraf wordt opgemerkt dat elk van deze thema’s ook landelijk gezien worden tot de grotere opgaven voor de komende jaren. Verder is van belang te beseffen dat apparaatslasten deels aan projecten wordt toegerekend. Als projecten worden geschrapt, leidt dit tot frictiekosten op het apparaat. Kwaliteitsimpuls gebiedsontwikkeling en sociale woningbouw Voor dit thema is € 123 mln. beschikbaar gesteld. Hiervan is € 48 mln.
in uitvoering dan wel dusdanig ver in voorbereiding dat heroverweging niet meer mogelijk is. Voor € 57,9 mln. is de gemeente harde cofinancieringsafspraken met het Rijk aangegaan. Het heroverwegen van deze afspraken houdt in dat de gemeente de reeds ontvangen rijksbijdrage van €75,5 mln. dient terug te betalen. Tot slot is € 16,1 mln. gereserveerd voor cofinanciering van rijksbijdragen. Dit heeft echter (nog) niet geleid tot een concrete aanvraag bij of toezegging van het Rijk. Voor dit bedrag kunnen daarom nadere afwegingen worden gemaakt. Dit heeft echter een aanzienlijke impact op de beoogde gebiedsontwikkeling in dit gebied.
27 Rapport Overzicht van opties dd. 18 januari 2022 Duurzame mobiliteit Vanuit de Eneco-middelen is € 297 mln. beschikbaar gesteld voor mobiliteit. De beoogde multiplier is 4,5: daarmee worden de €297 mln €1.338,3 miljard aan investeringen in de stad. Op het thema mobiliteit werkt de gemeente intensief samen met de buurgemeenten, MRDH, de provincie en het Rijk. De samenwerking leidt tot gezamenlijke afspraken. Dit kunnen harde afspraken over cofinanciering zijn, maar ook intenties waarbij de afspraken nog minder hard zijn. Duidelijk is wel dat als de gemeente bedragen heroverweegt, rekening gehouden dient te worden met deze afspraken. Heroverweging kan er ook toe leiden dat de gemeente ook minder bijdragen van de partners ontvangt. Van de beschikbare middelen is € 138 mln. in uitvoering dan wel dusdanig ver in de besluitvorming (reeds aan partners toegezegde cofinanciering) dat heroverweging niet voor de hand ligt. Van de € 159,3 mln. is voor € 154,3 mln. (inter)bestuurlijke afspraken gemaakt of projecten benoemd, maar is nog geen sprake van harde toezeggingen. Voor de resterende € 5 mln. zijn nog geen concrete projecten aangewezen. Voor de € 154,3 mln.
geldt dat nadere afwegingen mogelijk zijn, maar dat heeft dan wel gevolgen voor de onderliggende projecten of de bereidheid van de partners mee te betalen voor infrastructuur in Den Haag(veelal is cofinanciering 50% voor fiets, voor Metropolitane fietsroutes 70% en 75% voor tram/lightrail). Denk hierbij bijvoorbeeld aan de volgende onderwerpen. Voor de Koningscorridor is € 75 mln. voor fase 1 en 2 gereserveerd (van de benodigde € 0,444 miljard tot € 1,5 miljard). Hiermee dient de doorontwikkeling van de Binckhorst mogelijk te worden gemaakt (naar 10k of 12k woningen). Daarnaast is € 39 mln. aangemerkt als cofinanciering voor het programma Fiets. Heroverwegen kan, maar heeft aanzienlijke gevolgen voor de uitvoering van dit programma omdat veel middelen al zijn gereserveerd (€18,3 miljoen is hard), voorlopig ontwerp ligt in inspraak, ambtelijke voorbereiding loopt en er zijn toezeggingen aan bewoners gedaan.Daarnaast is er een effect op de mogelijkheid om bijdragen van derden te ontvangen. Een bedrag van € 10 mln. is bij een MIRT-aanvraag als cofinanciering ingediend voor het Nationaal Groeifonds t.b.v. vergroten capaciteit Laan van NOI en behoud IC-Status Den Centraal (van/naar Rotterdam) door aanleg 3e spoorboog HS-CS. Het Rijk neemt in de eerste helft van 2022 een besluit over deze aanvraag. Mocht de aanvraag worden afgewezen, dan komt het bedrag weer beschikbaar.
(Sociale) woningbouw Voor de impuls (sociale) woningbouw is € 50 mln. beschikbaar gesteld. Middels drie programmalijnen: voldoende betaalbare woningen, kwaliteit van de woningvoorraad en ondersteuning bewoners en tot slot project-/procesbegeleiding en handhaving arbeidsmigranten is invulling gegeven aan dit thema. De uitvoering hiervan is voorzien tot en met 2030. Tot en met 2022 zijn de middelen van concrete projecten voorzien (€ 26 mln.). Voor de resterende € 24 mln. kan dan een nadere afweging worden gemaakt. Ook hier heeft een nadere afweging direct invloed op de opgave ten aanzien van onder andere het urgentieprogramma betaalbare woningbouw. Energietransitie De energietransitie is een grote opgaven voor de komende jaren. Vanuit de Eneco-middelen is hiervoor € 185 mln. beschikbaar gesteld. Hiervan is € 85* mln. in uitvoering of dusdanig ver in voorbereiding dat heroverwegen niet meer mogelijk is. In het Bestedingsplan zijn voorgenomen meerjarige uitgaven opgenomen waarover voor een belangrijk deel afspraken zijn gemaakt met externe partijen. Het bestedingsplan is gebaseerd op een door de raad vastgestelde Stedelijke Energieplan. In de begroting zijn nagenoeg geen structurele middelen voor energietransitie opgenomen. Ook de apparaatskosten worden grotendeels uit deze Eneco middelen betaald. De *
Van de € 85 mln. is € 12 mln. gekoppeld aan de verduurzamingsopgave openbare verlichting en € 12 mln. aan de verduurzaming van sportaccommodaties.
28 Rapport Overzicht van opties dd. 18 januari 2022 besteding van de resterende € 100 mln. is indicatief vastgelegd in het bestedingsplan, maar is nog niet verplicht. Hierbij de volgende opmerkingen zijn de maken: •
• •
Het nieuwe kabinet zet het klimaatbeleid in als een van de speerpunten en zal verwachten dat gemeenten ook prioriteit hieraan geven. De middelen die hiervoor decentraal beschikbaar worden gesteld, zijn nog niet bekend. Landelijk is eerder een Nationaal Klimaatakkoord afgesloten, waar ook de stad Den Haag mee ingestemd heeft. Tevens is een Regionale Energiestrategie (RES) vastgesteld binnen de MRDH als uitwerking van het Klimaatakkoord. Het akkoord is nog niet voorzien van (rijks)dekking. Dat bij de uitvoering van het akkoord ook een (financieel) beroep op de gemeente wordt gedaan ligt voor de hand.
29 Rapport Overzicht van opties dd. 18 januari 2022
11. Overzicht opties per programma Inleiding In dit hoofdstuk worden de opties toegelicht op programmaniveau en op het niveau van begrotingsactiviteit.
opgenomen. De opties zijn structureel van karakter, met uitzondering van projecten en grondexploitaties.
De tabel met opties wordt per programma ingeleid met een algemene toelichting van de context. De opties zijn per begrotingsactiviteit gepresenteerd en bevatten naast de beschrijving ook het naar verwachting te behalen bedrag. Hierbij is de fasering over de jaren 2023 tot en met 2025
Na de beschrijving van de opties worden in algemene termen de gevolgen voor de stad toegelicht. De mate waarin de gevolgen zich zullen voordoen is afhankelijk van de keuze van de opties in samenhang met de invoering van nieuw beleid bij de coalitievorming.
30 Rapport Overzicht van opties dd. 18 januari 2022
2 College en bestuur Het college van burgemeester en wethouders vormt samen met de raad het Haags gemeentebestuur. De raad stelt de kaders vast van het beleid, het college zorgt dat dit beleid wordt uitgevoerd.
Begrotingsactiviteit Apparaat B&W
Optie 1a. Clusteren collegeleden en ondersteuning
Onder dit programma vallen de activiteiten en kosten van burgemeester en wethouders. Verder vallen hieronder de gemeentelijke bijdragen aan de Metropoolregio Rotterdam/Den Haag en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten.
Omschrijving optie
I/S
Het beperken van het aantal wethouders inclusief de ondersteuning met 1 wethouder en/of het clusteren van de ondersteuning, zijnde secretariaat, persvoorlichters, bestuursadviseurs en vervoer. De hoogte van de besparing is afhankelijk van de keuzes. Betreft ook P16, overhead. Dus niet alleen P2.
Eindtotaal
De optie heeft impact op portefeuilleverdeling. Kans is samenhangender portefeuilles en minder overleg. Risico is minder tijd voor thema’s en zichtbaarheid in de stad.
S
Optie x€1000
2023
2024
2025
1.200
1.200
1.200
1.200
1.200
1.200
1.200
1.200
Deze optie heeft voor € 0,9 mln. betrekking op programma 16.
31 Rapport Overzicht van opties dd. 18 januari 2022
3 Duurzaamheid, milieu en energietransitie Programma 3 bestaat uit de thema’s energietransitie, klimaatbestendige, schone en gezonde stad en grondstoffen(afval). De gemeente heeft de ambitie om Den Haag een klimaatneutrale stad te laten zijn in 2030. Samen met de stad werkt de gemeente aan de energietransitie, dat betekent dat de gemeente helpt bij energiebesparing en het duurzaam opwekken van energie. De groei van de stad en het veranderende klimaat vraagt om een klimaatbestendige, schone en gezonde stad. Daarom zijn maatregelen nodig voor schone lucht en bodem, maar ook bijvoorbeeld het vervangen van steen door groen. Gestimuleerd wordt het gebruik van elektrische voertuigen,
Begrotingsactiviteit Afvalverwijdering
Duurzaamheid
Luchtkwaliteit
Milieueducatie
Eindtotaal
Optie 71. Afvalstoffenheffing doorberekenen BCF
daarvoor is een goed laadnetwerk nodig. De gemeente wil minder restafval en meer hergebruik als grondstof. De gemeente vindt het belangrijk dat de bewoners van Den Haag van jongs af aan nadenken over milieu en duurzaamheid. Voor het basis- en het voortgezet onderwijs worden activiteiten aangeboden over voedsel, afval, energie, water, groen en de openbare ruimte. Op hobbytuinen kunnen Hagenaars zelf tuinieren. In de stadsboerderijen kunnen jong en oud zien wat zich dagelijks afspeelt op een boerderij.
Omschrijving optie Alle BCF doorberekenen: Binnen de begroting van de afvalstoffenheffing wordt niet alle BTW € 8 mln. doorberekend. Dat is al sinds jaar en dag zo. Het is mogelijk om nog een deel wel door te berekenen. Het ontvangen dividend HMS € 2 mln. wordt nu wel doorberekend terwijl dat niet verplicht is. Beide posten passen binnen de mogelijkheden van een gesloten heffingssysteem.
I/S
Optie x€1000
2023
2024
2025
S
10.000
10.000
10.000
10.000
77. Minder inzet op verwijderen bijplaatsingen
Afvalverwijdering: Minder inzet op het verwijderen van bijplaatsingen. Geen weekend inzet en alleen één keer in de week bijplaatsingen verwijderen (€ 4,3 mln.). Bij hogere ombuigingen kan volgens DSB de wettelijke taak niet meer worden uitgevoerd
S
4.300
4.300
4.300
4.300
5. Stoppen met kleine thema’s duurzaamheid
Binnen het duurzaamheidsbudget zijn er een aantal thema’s waaraan een relatief klein bedrag gekoppeld is: Stadslandbouwpakket, sturing op klimaatadaptie, voedsel en hittestress
S
340
340
340
340
4. Minder laadpalen dan 400 per jaar
Minder laadpalen: Korting op het budget voor laadpalen zou betekenen dat er minder laadpalen geplaatst kunnen worden. De ambitie is nu om 400 laadpalen per jaar te plaatsen.
S
300
300
300
300
Terugbrengen aanbod aan scholen en hobbytuinen: Dat betekent dat het aanbod aan scholen (minder lessen, leskisten en milieueducatie) en het gebruik van hobbytuinen wordt teruggebracht.
S
150
150
150
150
15.090
15.090
15.090
15.090
3. Versoberen milieueducatie t.a.v. lessen en hobbytuinen
32 Rapport Overzicht van opties dd. 18 januari 2022
Heroverwegingen binnen dit programma leiden tot bijstelling van de doelstellingen op duurzaamheid of het milieu en het verminderen van educatie op stadsboerderijen, scholen en hobbytuinen. Ander effect kan zijn minder milieuzones en geen of minder inzet op bijplaatsingen in het weekend met mogelijk langer rommel op straat.
33 Rapport Overzicht van opties dd. 18 januari 2022
4 Openbare orde en veiligheid De gemeente wil dat Den Haag een veilige stad is voor bewoners, ondernemers, organisaties en bezoekers. De gemeente gaat door met de effectieve aanpak van de afgelopen jaren, samen met partners. Prioriteit: het terugdringen en voorkomen van criminaliteit en overlast. Speerpunten veiligheidsbeleid 2019-2022: • • • •
Weerbaarheid in de stad versterken, zowel tegen radicalisering en polarisatie als tegen terrorisme en cybercrime. Intensievere aanpak van huiselijk geweld. Aanpak van ondermijning. Aanpak van overlast en gevaarlijke situaties door personen met verward gedrag.
Begrotingsactiviteit Bestrijding onveiligheid
Optie 6. Versoberen inzet openbare orde en veiligheid
Het college gaat in 2021 verder met de aanpak langs 3 sporen: 1. ‘High impact crimes’ zoals woninginbraak, overval en straatroof. 2. Gebiedsgericht, waarbij problemen in wijken en buurten worden aangepakt. 3. Ondermijnende criminaliteit, niet alleen strafrechtelijk maar vooral ook bestuurlijk Het college heeft voor de huidige collegeperiode incidentele middelen (€ 1,7 mln. per jaar) beschikbaar gesteld. Die vervallen aldus na deze periode.
Omschrijving optie
I/S
Terugschroeven inzet gemeente op Openbare orde en Veiligheid: minder inzet in preventie polarisatie, inrijbeperkende maatregelen bij evenementen, minder inzet high impact crime, minder verkeersbegeleiding bij calamiteiten, minder samenwerking met regiogemeenten (RSIV). Verder stoppen supporterscoördinator ADO, minder gebiedsgerichte aanpak veiligheid. Pas effect in 2023.
Eindtotaal
Meerdere effecten kunnen ontstaan, zoals minder evenementen toestaan,
minder zicht op risico-jongeren en mogelijk toename van overlast. Er
S
Optie x€1000
2023
2024
2025
1.600
1.100
1.300
1.600
1.600
1.100
1.300
1.600
kan druk ontstaan in de samenwerking met OM en Politie t.a.v. de gemeentelijke rol/ bestuurlijke maatregelen.
34 Rapport Overzicht van opties dd. 18 januari 2022
5 Cultuur en bibliotheek Programma 5 bestaat uit de bibliotheek, archief, media en cultuur. De kerntaak van het programma Cultuur is om ervoor te zorgen dat Den Haag een aantrekkelijke cultuurstad blijft met een breed kwalitatief aanbod voor iedereen. De middelen voor Cultuur bestaan vooral uit subsidiebudget, waarvan het grootste deel (zo’n 93%) is vastgelegd in het Meerjarenbeleidsplan Kunst en
Begrotingsactiviteit Bibliotheek
Optie 7. Bibliotheek sluiten filialen
8. Bibliotheek beperken openingsuren
Cultuuraanbod
9. Versoberen kunstenplan 2025
Cultuur 2021- 2024. Het huidige MJB is eind 2020 vastgesteld in uw raad, na uitvoerige discussie over verdeling van het budget. Vanaf 2025 is het mogelijk om andere keuzes te maken die gezien de vaak langdurige relaties met instellingen, een mate van frictiekosten (afbouw, gederfde huurinkomsten etc.) met zich mee zullen brengen.
Omschrijving optie Bibliotheek: Sluiten filialen: Door sluiting filialen (minder huisvestingslasten en minder personele lasten) kan minder gebruik worden gemaakt van de aangeboden faciliteiten. Bibliotheek Beperken openingstijden: Openingstijden verkleinen, minder inzet van personeel, minder overwerk uitbetaling. Nu wordt nog systematisch over gewerkt door bijvoorbeeld de openstelling op zondag. Door dit af te schaffen ontstaat ruimte om overwerk toeslagen te beperken.
Voor de activiteit Cultuur zijn verschillende scenario’s uitgewerkt gericht op het versoberen van het culturele aanbod. Subsidieregelingen stoppen (€ 1,8 mln.), ambitieniveau in beleidsnota’s significant verlagen en geen nieuw beleid uitvoeren (€ 0,3 mln.); culturele evenementen en festivals maximaal versoberen (€ 0,3 mln.); samenwerkingsovereenkomsten stoppen (€ 0,2 mln.). Meerjarenbeleidsplan Kunst en Cultuur (MJB) subsidiekader 2025-2028 voor culturele instellingen verlagen (€ 2,6 mln.) en MJB verlagen met € 5,1 mln.) pas effectief na huidige Kunstenplanperiode vanaf 2025
I/S
Optie x€1000
2023
2024
2025
S
500
-100
500
500
S
400
400
400
400
S
7.800
2.500
2.600
7.800
35 Rapport Overzicht van opties dd. 18 januari 2022 Begrotingsactiviteit Media
Optie 11. Stoppen subsidierelaties media
Musea
10. Versoberen MJB subsidiekader musea 2025
Omschrijving optie
I/S
Voor de activiteit Media zijn scenario’s uitgewerkt gericht op het beëindigen van subsidierelaties voor o.a. Stichting Atrium, FunX en journalistieke evenementen en het bezuinigen op de lokale omroep Den Haag FM TV Voor de activiteit Musea zijn 3 scenario’s uitgewerkt gericht op het verlagen van het MJB subsidiekader 2025 – 2028 voor Musea (€0,9 mln. na 2025 €1,9 mln. tot 2,8 mln.). Voor de periode 2021 – 2024 is dit beleid vastgesteld door de raad. Verlagen MJB subsidiekader 2025-2028, pas effectief na 2025
Eindtotaal
Bezuinigingen op cultuur kan leiden tot verminderen van het aanbod, hogere toegangsprijzen, beperken openingstijden en mogelijk sluiten van instellingen. Heeft mogelijk effect op uitstraling/ aantrekkelijkheid van de stad. Beperken fysieke openingstijden van de bibliotheek is ook beperken faciliteit van een prettige ontmoetingsplek.
Optie x€1000
S
300
S
2.800
11.800
2023
300
2024
2025
300
300
2.800
3.100
3.800
11.800
Cultuureducatie zal verschralen door minder aanbod en door hogere prijzen (voor scholen). Collectiebeheer door musea kan onder druk komen bij verdere bezuiniging. Op vlak van media zal subsidiebeperking leiden tot stoppen met evenementen, met name voor jongeren en er is minder ruimte voor lokale journalistiek.
36 Rapport Overzicht van opties dd. 18 januari 2022
6 Onderwijs Alle Haagse inwoners moeten ongeacht hun achtergrond de kans krijgen om via onderwijs het beste uit zichzelf te halen. De gemeente wil gelijke kansen voor alle kinderen en jongvolwassenen in Den Haag. Onderwijsachterstandenbeleid en taal is gericht op het bestrijden van taalachterstand in de kinderopvang en het primair onderwijs en betreft grotendeels een wettelijke taak. Om de brede inzet van de specifieke uitkering op gemeentelijk beleid mogelijk te maken is ook inzet van gemeentelijke middelen op het Onderwijsachterstandenbeleid noodzakelijk. Het beperken tot het wettelijke minimum van de activiteiten op het gebied van onderwijsachterstanden heeft als effect dat minder zorg voor de grootstedelijke problematiek mogelijk is.
Leerlingzaken, Leerlingenvervoer en Kinderopvang betreffen alle drie eveneens wettelijke taken. Op Kinderopvang is een beperkte besparing mogelijk door het ambitieniveau te verlagen. Dat heeft als consequentie dat Den Haag haar A-status kwijtraakt. Bij de activiteit Onderwijshuisvesting is reeds sprake van een knelpunt. Vanaf 2023 is het budget voor investeringen op. Zonder aanvullende maatregelen zullen de investeringen in schoolgebouwen ongeveer halveren. Vorig jaar is een onderzoek uitgevoerd naar de financiering van onderwijshuisvesting op de lange termijn met de conclusie dat voortzetting van het huidige beleid een oplopend budgettekort impliceert.
Stedelijk onderwijsbeleid en projecten betreft het overige beleid (waaronder VO, MBO, HBO, WO en schoolzwemmen). Hier is gekeken welke besparingen technisch haalbaar zijn. De netto-opbrengst is gering omdat er sprake is van aanzienlijke weglekeffecten. Begrotingsactiviteit Kinderopvang
Onderwijsachterstandenbeleid
Stedelijk onderwijsbeleid
Eindtotaal
Optie
Omschrijving optie
15. Toezicht kinderopvang verminderen tot wettelijk niveau
Het toezicht op Kinderopvang beperken tot het wettelijk minimum (o.a. toezicht op kwaliteit gastoudergezin).
13. Onderwijsachterstandenbeleid stoppen niet wettelijke taken
Stoppen met de niet wettelijke taken op het gebied van Onderwijs (ID banen en Brede buurtschool niet VVE), stoppen met de gratis voorschool Ooievaarspas
12. Versoberen stedelijk onderwijsbeleid
Stoppen met of minder bijdragen aan schoolmaatschappelijk werk, schoolzwemmen (inclusief vervoer), thema’s als Passend Onderwijs, gemeentelijk beleid hoger en internationaal Onderwijs
I/S
Optie x€1000
2023
2024
2025
S
320
230
320
320
S
1.250
250
1.250
1.250
S
3.800
2.885
3.800
3.800
5.370
3.365
5.370
5.370
37 Rapport Overzicht van opties dd. 18 januari 2022 Betrokkenheid van niet achterstandsscholen bij het gemeentelijk onderwijsbeleid zal verdwijnen. Voor ouders met een ooievaarspas wordt de eigenbijdrage gelijk aan de laagste eigen bijdrage van de kinderopvangtoeslag. Verminderen ondersteuning niet primaire proces en informatie voor scholen en kleine schoolbesturen, risico op verminderde zwemvaardigheid voor sommige kinderen door wegvallen vangnet zwemmen.
Ten aanzien van kinderopvang betekent verminderen van het preventieve toezicht, dat het “risicogestuurde toezicht” op termijn duurder zal kunnen worden en/of dat de kans op incidenten toeneemt.
38 Rapport Overzicht van opties dd. 18 januari 2022
7 Werk en inkomen Het beleid van werk en inkomen gaat in de kern om het bieden van bestaanszekerheid aan alle Hagenaars. Dat betekent concreet dat we instrumenten en middelen inzetten om Hagenaars die vallen onder de Participatiewet toeleiden naar werk of school. In de gevallen waar werk niet mogelijk is, helpen wij mensen met andere vormen van participatie, zoals in de wet bedoeld. Daarnaast voorzien we inwoners die vallen onder de Participatiewet rechtmatig van een bijstandsuitkering of loonkostensubsidie. Het minima- en schuldenbeleid biedt voorzieningen om Hagenaars met een minimuminkomen actief mee te laten doen in de samenleving. Bijzondere aandacht gaat daarbij uit naar kinderen. De insteek is schulden zoveel mogelijk te voorkomen. De gemeente ondersteunt mensen met schulden om deze zo snel en integraal mogelijk op te lossen. Inzet is perspectief voor iedereen, zodat iedereen kan meedoen aan de samenleving en zoveel mogelijk mensen zelfstandig in hun levensonderhoud kunnen voorzien. De middelen om de participatiewet en het armoede en schuldenbeleid uit te kunnen voeren, krijgen gemeenten van het rijk. Centrale idee daarachter is dat gemeenten beleid voeren om het bijstandsvolume zo beperkt mogelijk te houden. Gemeenten krijgen daarvoor, via het gemeentefonds, een participatiebudget, dat ingezet kan worden voor re-integratietrajecten en participatievoorzieningen.
Die middelen krijgen gemeenten, vanuit de beleidstheorie dat het inzetten van re-integratie instrumenten nodig is, om mensen uit te laten stromen uit de uitkering. Dat betekent dat minder inzet op re-integratie een weerslag zal hebben op het bijstandsvolume. Een benadering van dit effect is opgenomen in de berekeningen van de besparingsopties. Gemeenten voeren deze taken nu in volle omvang uit, sinds de decentralisaties die werden afgerond met de participatiewet van 2015. Die
decentralisaties gingen gepaard met een korting op het rijksbudget voor participatie/re-integratie. Een recente studie van Berenschot in opdracht van de VNG laat zien dat gemeenten nu circa € 1,5 miljard structureel tekortkomen om de opgave van de participatiewet te kunnen uitvoeren. Dit tekort neemt specifiek voor Den Haag de komende periode (2022-2025) verder toe, omdat we inmiddels weten dat het budget dat we van het Rijk voor deze taak ontvangen de komende jaren met nog eens € 7 mln. zal afnemen. Sinds de start in 2015 is de bijdrage van het Rijk voor dit beleid van € 66 mln. naar € 43 mln. teruggelopen.
De coronacrisis heeft veel van het domein Werk en inkomen gevraagd, en zal dat de komende tijd ongetwijfeld blijven doen. De aanpak die we daarvoor kiezen is in ontwikkeling. Er is breed behoefte aan een overheid die oog heeft voor de menselijke maat. De toeslagenaffaire en het maatschappelijke debat daarover laten dat klip en klaar zien. In Den Haag zijn we deze weg al eerder ingeslagen, met het werken volgens de Bedoeling. Die werkwijze ontwikkelen we door, met meer aandacht voor maatwerk, waar dat nodig is. Daarin wordt nauw samengewerkt met de dienst OCW, om vraagstukken integraal en adequaat op te kunnen pakken. In breder verband wordt binnen het sociaal domein veel informatie over beleid en uitvoering gedeeld en vergeleken. Divosa speelt hier een belangrijke rol in. Om die reden hebben we de opties die ten behoeve van dit rapport opgesteld zijn ook ambtelijk voorgelegd aan Divosa, om te toetsen op volledigheid en realisme.
39 Rapport Overzicht van opties dd. 18 januari 2022
Begrotingsactiviteit Armoedebeleid
Optie
Omschrijving optie
100. Afschalen minimabeleid naar 120% bijstandsniveau
Afschalen Minimabeleid: Bij die regelingen waar 130% (of meer) van bijstandsniveau de bovengrens van een regeling is, kan deze verlaagd worden naar 120%
101. OV-regeling aanpassen
OV-regeling aanpassen: Op dit moment kunnen kinderen met een ooievaarspas bij de stichting Leergeld zowel een fiets als een OV-pas krijgen voor weekenden en vakanties. Het schrappen van de OV-pas voor kinderen betekent niet dat zij zonder vervoer zitten, de mogelijkheid om een fiets te krijgen is nog steeds aanwezig en ook nog eens beter voor de gezondheid.
102. Strenger handhaven
103. Kindpakket in lijn met Rijksbijdrage
104. Schrappen regeling Chronisch zieken
105. Versoberen IIT
I/S
Optie x€1000
2023
2024
2025
S
1.000
1.000
1.000
1.000
S
550
550
550
550
S
200
200
200
200
S
4.100
4.100
4.100
4.100
Schrappen regeling Chronisch zieken: De regeling betreft een bijdrage van €125 per jaar voor met chronische ziekte gepaarde meerkosten die niet uit andere voorzieningen of de zorgverzekering betaald kunnen worden. Denk aan extra stookkosten of lidmaatschap van een patiëntenvereniging. Gezien de beperkte omvang en dus beperkte effect wordt voorgesteld deze regeling te schrappen.
S
140
140
140
140
Versoberen IIT: Een beperkte versobering van de IIT heeft gelet op de grote volumes meteen een forse impact. Den Haag heeft ten opzichte van de overige G4 een ruime IIT voorzieningen. Dit vanuit de gedachte dat langdurig rondkomen van een minimum inkomen de koopkracht verschraald waar het vervangingsuitgaven etc. betreft.
S
1.350
1.350
1.350
1.350
Strenger handhaven: Het recente verleden heeft geleerd dat stringente controle van het gebruikers bestand leidt tot lagere kosten. Deze manier van werken uitbreiden en handhaven leidt tot besparingen en verlagen van de groei van uitgaven Kindpakket in lijn brengen met Rijksbijdrage: Sinds enige jaren is met de zgn. Klijnsmamiddelen vanuit het Rijk een extra structurele bijdrage gegeven aan de ondersteuning van kinderen op of onder de armoedegrens. Dit voorstel gaat er van uit deze bijdrage nog in te zetten voor de hulp specifiek voor kinderen en de daarbovenop besteedde Haagse middelen van het Kindpakket te schrappen. Mocht ervoor gekozen worden om de OV regeling voor kinderen te schrappen dan is de besparing 0,55 mln. lager
40 Rapport Overzicht van opties dd. 18 januari 2022 Begrotingsactiviteit
Bijstand
Re-integratie
Optie
Omschrijving optie
19. Versoberen collectieve ziektekostenverzekering
Collectieve Ziektekostenverzekering: Bijdrage premie AOW-gerechtigden terugbrengen van €30 naar €20 per maand (en zo bijdrage gelijk te trekken met andere gebruikers) leidt tot € 1mln
99. Versoberen Kinderopvang
Kinderopvang: Door recent invoeren nieuw beleid en stringente handhaving is ruimte ontstaan op de activiteit die kan worden ingeleverd.
18. Inkomen: strenger handhaven
15. Focus op activiteiten met effectieve uitstroom
21. Re-integratie: stoppen met Stip
22. Deel Re-integratie jongeren stoppen (Spa's)
23. Re-integratie: stoppen innovatie Werk
De activiteit Inkomen gaat over de baten en lasten van de bijstand. In totaal gaat er € 420 mln. om in deze activiteit. Mensen die recht hebben op een uitkering krijgen een uitkering. De beleidsvrijheid is hier zeer beperkt. beleid op aantal briefadressen waardoor handhaving eenvoudiger wordt, aanscherpen invorderingsbeleid (verhaal bijstand op derden) en meer reactief bijstandsbeleid (initiatief bij burger laten, minder outreachen). Besparingspotentieel van €3 mln. - € 5 mln. Op termijn sprake van een weglekeffect verwachte voordeel nihil wordt. Focus aanbrengen op activiteiten die meeste bijdragen aan meedoen van mensen: De varianten bestaan uit algehele inzet laten afnemen met 50% (€ 22 mln.), met 25% (€ 11 mln.), alleen inzetten op kansrijke (binnen 18 maanden) € 19 mln., of de inzet focussen op beperking dienstverlening aan niet-uitkeringsgerechtigden (incl. jongeren) en minder preventief (€ 5 mln.). Stoppen met Stip: De huidige afspraken die binnen STiP zijn gemaakt lopen nog maximaal 2 jaar door (t/m 2023). Door het niet invullen van de beschikbare plekken komt er per jaar circa 4,2 mln. vrij. Dit is gelijk aan circa 400 plaatsingen. In deze variant wordt gestopt met dienstverlening van 260 niet uitkeringsgerechtigde jongeren en 165 jongen met een bijstandsuitkering. Er wordt nog dienstverlening gegeven aan 165 Jongeren met een bijstandsuitkering.
Dit leidt ook tot een toename van het aantal bijstandsuitkering voor de jongeren waar de dienstverlening stopt. Den Haag Werkt heeft een innovatiebudget om op deze wijze nieuwe werkwijzen op het terrein van re-integratie te ontwikkelen, maar ook om vernieuwing in werkprocessen en administratie door te kunnen voeren. Of om ondersteuning te bieden bij implementatie van wetten of regelgeving. Het is mogelijk te stoppen met deze vorm van innovatie
I/S
Optie x€1000
2023
2024
2025
S
1.000
1.000
1.000
1.000
S
100
100
100
100
S
3.000
3.000
-500
-500
S
2.000
2.000
2.000
2.000
I
5.100
5.100
-
-
S
1.700
1.700
1.700
1.700
S
1.200
1.200
1.200
1.200
41 Rapport Overzicht van opties dd. 18 januari 2022
Begrotingsactiviteit WSW
Optie
Omschrijving optie
I/S
17. WSW: sociaal werkgeverschap (75%/100%) stoppen
Sociaal werkgeverschap: kiezen om de werkplekken die vrij komen op sociaal werkgeverschap niet meer of tot 75% te bezetten met personen uit de doelgroep, potentiële structurele besparing van € 1,6 mln.
20. WSW: Beschut werk afschalen tot wettelijke afspraak
Beschut werk: ons beperken tot de wettelijke afspraken, potentiële structurele besparing van € 3 mln. vanaf 2023 en afname baten € 0,6 mln.
Eindtotaal
De bijstand is de belangrijkste inkomensvoorziening voor de meest kwetsbare mensen in onze samenleving. Dat betekent dat we deze inkomensvoorziening goed toegankelijk moeten houden. Bij zaken als handhaving en invordering is aandacht nodig voor het risico dat deze mensen zonder bijstandsvoorziening in financiële problemen kunnen komen. Dat heeft vaak grote maatschappelijke kosten als gevolg die dan toch vaak bij de gemeente terecht komen. Armoede en schulden: Het gaat om kwetsbare doelgroepen en we snijden direct in het beschikbaar inkomen, dat vaak al minimaal is. Daarmee ontstaan maatschappelijke effecten op schuldenzorgen, zelfredzaamheid, gezondheid, dak- en thuisloosheid, veiligheid. Het beroep op gemeentelijke voorzieningen zal hierdoor eerder toenemen dan afnemen.
Optie x€1000
2023
2024
2025
S
1.600
1.600
1.600
1.600
S
2.400
2.400
2.400
2.400
25.440
25.440
16.840
16.840
Effect van het stopzetten of beperken voor re-integratieactiveiten is dat de uitstroom uit de bijstand zal afnemen of minder mensen op andere manieren participeren. Daarbij nemen de kosten op het zogenaamde BUIG-budget toe. Sociaal Werk: Het gaat hier om de meest kwetsbare doelgroep op de arbeidsmarkt. De gemeente Den Haag is de grootste partij waar het gaat om arbeid en werkplekken voor deze doelgroep en ook het voorbeeld voor andere werkgevers. Iedere afbouw heeft direct gevolgen voor deze groep en maakt dat deze mensen eerder op bijstand zijn aangewezen, met mogelijk ook sociaal isolement tot gevolg.
42 Rapport Overzicht van opties dd. 18 januari 2022
8 Zorg, welzijn, jeugd en volksgezondheid Binnen bijna alle Nederlandse gemeenten is zowel het gebruik van de Wmo als het beroep op de jeugdhulp fors toegenomen. Ook Den Haag staat sinds een aantal jaren voor een grote uitdaging door de meerkosten. Sinds de begroting van 2020 is er daarom een taakstelling op dit begrotingsprogramma die oploopt tot € 24,6 mln. vanaf 2022. De sturingsmogelijkheden op de uitvoeringskosten van de jeugdzorg zijn beperkt, met name omdat de gemeente afhankelijk is van ketenpartners voor doorverwijzingen. Bij jeugdzorg zijn verschillende lokale en regionale lijnen in gang gezet om de uitgaven en budgetten meer in balans te brengen. Via de P&C-cyclus en de voortgangsrapportage wordt de raad periodiek geïnformeerd over de ontwikkeling van de kostenbeheersing. Na uitspraak van de arbitragecommissie stelt het Rijk voor 2022 incidenteel een bedrag van € 1,314 mld. extra beschikbaar. Den Haag ontvangt hiervan € 50 mln. De extra middelen zijn ter dekking van de tekorten en moeten deels worden geïnvesteerd om uitvoering te kunnen geven aan de afgesproken maatregelen die moeten leiden tot lagere uitgaven en voor het oplossen van bestaande knelpunten. Het Rijk en de VNG zijn gezamenlijk verantwoordelijk voor de inrichting en uitvoering van de Hervormingsagenda jeugd. Dat gaat o.a. om investeringen in de praktijkondersteuner Jeugd-GGZ, de aanpak van
Begrotingsactiviteit Beschermd wonen
Optie 27. Beschermd wonen: versoberen GGZwijkteams
wachtlijsten, de verlaging van caseloads bij de gecertificeerde instellingen. Het proces om te komen tot een hervormingsagenda, waarmee de jeugdhulp ook op termijn betaalbaar moet worden, is net gestart. Aanvullende voorstellen worden door Rijk en VNG uitgewerkt. De bijdragen van het Rijk t/m 2022 zijn incidenteel en bieden nog niet de noodzakelijke oplossing voor de structurele financiële problemen. Daarnaast geeft het geen antwoord op de gezamenlijke inhoudelijke uitdagingen om tot een goed functionerend stelsel voor kinderen en jongeren te komen. Zonder structurele bijdrage van het Rijk voor het landelijke tekort van € 1,7 mld., komt de uitvoering van de jeugdzorg in Den Haag op het huidige niveau uit op een structureel tekort van circa € 35 mln. De gemeente verwacht dat het Rijk voor 2023 en verder met een structurele oplossing voor dit vraagstuk komt. Het nieuwe kabinet zal hierover besluiten nemen. Onderstaande maatregelen hebben effect op elkaar. Als meerdere opties worden gekozen dan moet de totale netto besparing opnieuw berekend worden.
Omschrijving optie Geïntegreerde GGZ-wijkteams: OGGz, met name door het beëindigen van subsidie relaties voor de uitvoering van taken en van geïntegreerde wijkteams. Dit betreffen (deels) wettelijke verantwoordelijkheid van de gemeente, welke wordt uitgevoerd door een samenwerkingspartner. De geïntegreerde wijkteams worden voor een belangrijk deel gefinancierd via een specifieke rijksbijdrage ten behoeve van ambulantisering van de GGZ. Die rijksbijdrage zal ten behoeve van dat doel op een andere wijze moeten worden ingezet.
I/S
S
Optie x€1000
4.400
2023
4.400
2024
2025
4.400
4.400
43 Rapport Overzicht van opties dd. 18 januari 2022 Begrotingsactiviteit
Optie 28. Beschermd wonen minder inloopvoorzieningen
Emancipatie
Huiselijk geweld
Jeugdhulp
90. Versoberen emancipatie
83. Beperken lokale middelen Aanpak huiselijk geweld
29. Verplaatsen jeugdhulp naar kinderopvang
Omschrijving optie Minder inloopvoorzieningen en communities: laagdrempelige voorzieningen ten behoeve van dag invulling, activering en ontmoeting als ‘brug naar de maatschappij’ voor psychisch kwetsbare inwoners van Den Haag. Tevens vervullen zij een belangrijke signaleringsfunctie wanneer meer intensieve hulp nodig blijkt. Versoberen emancipatie: Bij een bezuiniging van 15% (zonder de kaasschaafmethode toe te passen) zal rigoureus gesneden moeten worden in één van de activiteiten. Om onze beleidsdoelstellingen te realiseren doen we twee hoofdactiviteiten: we financieren initiatieven in de stad en we organiseren zelf een aantal activiteiten. Heroverwegen betekent schrappen van één van deze twee hoofdactiviteiten. Dat betekent òf geen subsidies meer voor activiteiten uit de stad, of geen zichtbaarheid vanuit de gemeente (tijdens bijvoorbeeld de Vrouwenweek of Coming Out Day). Aanpak huiselijk geweld heroverweging op de lokale middelen: beperken inzet op bewustwordingsactiviteiten, scholing en training van professionals en vrijwilligers en/of beperken ontwikkelen en verspreiden van materialen en websites met relevante informatie, kennis, sociale kaart en routekaarten zodat belanghebbenden goed geïnformeerd kunnen zijn en de juiste weg weten te vinden naar passende steun en zorg.
Het verplaatsen van jeugdhulp in groepsverband (zoals MKD’s en KDC’s) naar reguliere kinderopvang of bso met extra ondersteuning. Kinderen vaker in de kinderopvang en de BSO blijven doordat vanuit de jeugdwet kleinere groepen mogelijk worden gemaakt en expertise uit de Jeugdhulp wordt ingezet de opvangkosten worden door de ouders betaald, het jeugdwetdeel door de gemeente. Kinderen die noch in de kinderopvang/bso noch in de bovenstaande groepen kunnen blijven (de zware zorgvragers), worden in de KDC’s bediend. Daar wordt ook onderzocht of deze kinderen o.g.v. de Wlz moeten worden bediend. Verschillende scenario’s moeten worden uitgewerkt inclusief de financiële effecten per scenario en onderzoek naar de haalbaarheid. Het kan op weerstand stuiten, bijvoorbeeld bij ouders die een bijdrage aan de kinderopvang moeten gaan betalen terwijl dit niet het geval is voor jeugdhulp. Het vraagt om medewerking van jeugdhulpaanbieders, kinderopvangorganisaties, scholen en ouders en de belastingdienst. De genoemde bedragen zijn gebaseerd op het AEF-rapport “Stelsel in groei, een onderzoek naar financiële tekorten in de jeugdzorg". Besparingen zijn op de middellange termijn, daarom oplopend.
I/S
Optie x€1000
2023
2024
2025
S
3.000
3.000
3.000
3.000
S
220
220
220
220
S
630
630
630
630
S
2.300
1.500
1.600
2.300
44 Rapport Overzicht van opties dd. 18 januari 2022 Begrotingsactiviteit
Optie 30. Jeugd: invoeren ondersteuning huisartsen POH
31. Jeugd: ondersteuning bij triage instroom gecertificeerde inrichting
95. Jeugdwetvervoer inkopen
96. Jeugd: verlagen informeel pgb-tarief
Maatschappelijke opvang
33. Versoberen maatschappelijke opvang
85. Stopzetten subsidie Barka
86. Versoberen bijdrage voorkoming huisuitzettingen
Omschrijving optie Structurele invoering van de praktijkondersteuner Jeugd bij huisartsen (POH Jeugd): Doel is om meer grip te krijgen op de grote verwijsstroom van huisartsen naar ingekochte jeugdhulp en de daarmee gepaard gaande jeugdhulpkosten. In 2020 is 42% van de jeugdigen in de ingekochte jeugdhulp door huisartsen verwezen. Het aandeel van verwijzende huisartsen in de jeugdhulpkosten is 24%. Ondersteuning GI bij triage en verwijzing jeugdhulp: De Gecertificeerde Instellingen (GI) zijn in Den Haag de ‘duurste’ verwijzer naar ingekochte jeugdhulp. Het aandeel van de GI in de jeugdhulpkosten is minimaal 23,4% (2019) . Om meer grip te krijgen op de verwijsstroom van de GI naar ingekochte jeugdhulp en de daarmee gepaard gaande jeugdhulpkosten wordt voorgesteld om meer ondersteuning van de GI bij triage bij verwijzingen naar jeugdhulp in te zetten. Jeugdwetvervoer inkopen bij de jeugdhulpaanbieders in plaats zelf organiseren: Sinds 2020 organiseren we het totale jeugdwetvervoer, met feitelijk contractering van de vervoerders en aansturing van hen. Ook alle administratieve taken die horen bij het uitvoeren van dit vervoer, ligt nu bij ons. Voorstel is dit weer terug te draaien vanwege de kosten en het perspectief van de cliënten en jeugdhulpaanbieders. Verlagen informeel pgb-tarief bij Jeugdhulp: Er wordt nu gerekend met € 20 per uur.
Conform de wet en antwoorden van de minister op Kamervragen is het toegestaan dit bedrag te verlagen tot het wettelijk minimumloon, dat circa € 11 bedraagt. Het stopzetten van niet-wettelijke subsidies van het Straatconsulaat en Straatpastoraat op het gebied van clientondersteuning en belangenbehartiging. Stoppen subsidie Barka: Het Ministerie van Veiligheid en Justitie subsidieert Stichting Barka. Barka biedt EU-migranten ondersteuning in geval van zelfstandig vertrek en bij het terugkeer proces. De bijdrage van Gemeente Den Haag aan hun subsidieregeling betreft €0,1 mln. Versoberen bijdrage voorkoming huisuitzettingen: Jaarlijks draagt OCW voor € 0,7 mln. bij aan personele inzet SZW ten behoeve van de aanpak. Vanuit de VWS-impulsmiddelen zal in 2021 een bedrag van €0,7 mln. worden geleverd en in 2022 zal dit nogmaals €0,7 mln. zijn. Vanaf 2023 zijn er nog geen afspraken gemaakt over continuering van de bijdrage. Met de bijdrage voor de aanpak wordt personeel ingezet. Indien de bijdrage van OCW wordt stopgezet, heeft dit of een lastenverhoging van SZW tot gevolg of zij moeten de aanpak afschalen en het team verkleinen (personeel ontslaan).
I/S
Optie x€1000
2023
2024
2025
S
1.800
960
1.480
1.800
S
1.960
2.160
1.960
1.960
S
1.500
1.500
1.500
1.500
S
540
540
540
540
S
500
500
500
500
S
100
100
100
100
S
700
700
700
700
45 Rapport Overzicht van opties dd. 18 januari 2022 Begrotingsactiviteit
Optie 87. Verhogen eigen bijdrage verblijf in opvang
88. Stopzetten niet wettelijke subsidies Soepbus, STEK, LdH 89. Strengere eisen toelating gezinsopvang en tijdelijke opvang
Openbare gezondheidszorg
Participatie, zorg en welzijn
84. Versoberen gezondheidspreventie
32. Versoberen sociale basis participatie/welzijn
Omschrijving optie Verhogen eigen bijdrage Dak- en thuislozen: Momenteel betalen dak- en thuislozen een kleine bijdrage voor hun verblijf in de opvang. Dit is onafhankelijk van het soort opvang (locatie en/of voorzieningen). •Huidige bijdrage nachtopvang is € 2 p.p.p.n. Prijzen in andere gemeenten tussen de € 3 en € 10 p.p.p.n. De eigen bijdrage is afgelopen tijd niet verhoogd, terwijl voorzieningen wel zijn verbeterd. Het stopzetten van één of meer niet-wettelijke subsidies, zoals LdH, STEK, Haags straatnieuws en de Soepbus Strengere eisen bij toelating gezinsopvang (€0,3 mln.) en kosten voor tijdelijk opvang van gezinnen bij terugkeer naar land van oorsprong (0,1 mln.). Alleen gezinnen opvangen die voldoen aan de criteria voor toegang tot de MO vanuit de WMO 2015. Daarnaast meegaan in de landelijke tendens om remigrerende gezinnen alleen voor een korte periode(max 4 weken) op te vangen zodat terugkeer naar land van herkomst kan worden geregeld. Deze groep, het proces en middelen ook gescheiden houden van de gezinnen die rechthebbend zijn in het kader van de WMO. Versoberen actieprogramma Preventie: De optie van 15% betreft versoberen op: GGZ preventie (€ 192.000), verslavingspreventie (€139.000), gezonde seksualiteit (€84.000) en Gezonde schoolprojecten (€38.000). Voor de activiteit Participatie, zorg en welzijn zijn 3 scenario’s uitgewerkt gericht de sociale basis.
Stoppen met Joods Maatschappelijk Werk / Inloophuis Haaglanden / Cardia Christelijk Maatschappelijk Werk €226, Stoppen met pilot levensbeschouwelijke organisaties €100, Stichting PEP terugbrengen naar kerntaken € 900, Stoppen met maaltijdregeling voor mensen met Ooievaarspas €153, Stoppen met uitbreiding Haags Ontmoeten €350, Stoppen met de taak initiëren van locaties voor groepswoonprojecten door Centrum Groepswonen €120, Stoppen met uitreiken van de jaarlijkse vrijwilligersprijzen €60, Stoppen met waarderingsfinanciering ouderensociëteiten €70, Stoppen met subsidieregeling Sociaal & Vitaal voor kwetsbare Hagenaars op het onderdeel netwerkversterking €440, Stopzetten onderdelen van de subsidieregeling Sociaal & Vitaal € 1,9 mln., Verminderen van de waardering, stimulering en versterking inzet mantelzorgers en vrijwilligers via de webwinkel €200, Stoppen met subsidieregeling Toegankelijke Stad €384, Stoppen met subsidieregeling Stimuleren Vrijwilligerswerk € 350, Verdere afbouw subsidieregeling Sociaal & Vitaal €640. Verlagen kwaliteit, intensiteit dienstverlening, verminderen aantal cliënten en sluiting aantal Servicepunten XL €725
I/S
Optie x€1000
2023
2024
2025
S
250
250
250
250
S
80
80
80
80
S
400
400
400
400
S
460
460
460
460
S
6.600
2.000
4.000
6.600
46 Rapport Overzicht van opties dd. 18 januari 2022 Begrotingsactiviteit WMO-voorzieningen
Optie
I/S
Optie x€1000
2023
2024
2025
106. Maatregelen AV070: invoering kilometermaximering
Maatregelen AV070: invoering kilometermaximering: Hagenaars met een indicatie voor AV070 die met Noot reizen, kunnen maximaal 1.500 kilometer per jaar reizen met AV070.
S
700
700
700
700
24. WMO invoeren draagkrachtberekening hulp huishouding
Invoeren draagkrachtberekening hulp bij huishouding: Door rekening te houden met een eenvoudige toets rondom draagkracht kan klant indringende worden aangesproken op zijn eigen mogelijkheden en kan mogelijk geld bespaard worden. Met name op hulp bij het huishouden is sprake geweest van een toestroom van huishoudens met hogere inkomens, die mogelijk ook op andere wijze hun hulp kunnen financieren. We moeten wel aansluiten bij het abonnementstarief. Burgers die al een andere voorziening hebben kunnen daarom niet nogmaals belast worden. Let op: Risico Bruto - Netto want de uitvoeringskosten zijn PM
S
6.400
6.400
6.400
6.400
S
4.870
4.870
4.870
4.870
S
250
250
250
250
37.660
31.620
34.040
37.660
25. Opheffen vrijstelling eigen bijdragen minima
26. Maatregelen AV070: invoeren ritbijdrage
Eindtotaal
Omschrijving optie
Opheffen vrijstelling eigen bijdrage minima: Iedereen die gebruik maakt van één (of meer) WMO voorziening(en), betaalt een wettelijke eigen bijdrage van € 19 per maand. Gemeenten kunnen bepaalde groepen hiervan vrij stellen. In Den Haag zijn minima met inkomen tot 130% van het sociaal minimum vrijgesteld. Opheffen leidt tot meer inkomsten. Sinds 1 juli 2017 worden Haagse sociale minima vrijgesteld van het betalen van een eigen bijdrage voor de Wmo-begeleiding en dagbesteding. Maatregelen AV070: invoeren ritbijdrage: Hagenaars met een indicatie voor AV070 die met Noot reizen, gaan per gereisde kilometer het OV-tarief betalen.
47 Rapport Overzicht van opties dd. 18 januari 2022
Minder preventieve voorzieningen kan tot gevolg hebben dat de zorgvraag toeneemt (bij o.a. maatschappelijke opvang, beschermd wonen, maatwerkvoorzieningen, jeugdzorg maar ook problematiek zoals schuldhulpverlening en armoede). Besparen hierop levert op andere dossiers meerkosten op. Wmo: Het zullen met name inwoners zijn die gebruik maken van Wmo waar voorstellen impact op hebben: •
•
•
Eigen bijdrage: Tijdens het Wmo-onderzoek wordt altijd kritisch doorgevraagd op de eigen financiële mogelijkheden van de cliënt. Daar kan een weerhoudende werking vanuit gaan. Een Wmo-voorziening niet verstrekken, vanwege de aanwezigheid van draagkracht is wettelijk niet toegestaan. Investering in wijkteams is nodig om dit in te voeren. Alleen verzekerde zorg (medische zorg) via wijkteams: Dan gaat de kwaliteit van de geleverde zorg omlaag, maar voldoet de gemeente nog wel aan haar wettelijke taak. Het gevolg zal zijn dat herstel van patiënten bemoeilijkt wordt en meer overlast ontstaat waardoor andere samenwerkingspartners (politie, etc.) mogelijk meer inzet moeten plegen. De OGGZ (bemoeizorg) is een wettelijke taak van de gemeente, maar hoeft niet persé door de huidige GGZ-wijkteams te worden uitgevoerd. Het gevolg zal zijn dat de reguliere wijkteams dit op zich moeten nemen. Uiteraard hangt daar ook een investering aan vast en is de kennis en kunde daar niet aanwezig. Relatie met minimabeleid SZW (mogelijk meer beroep daar) en wet tegemoetkoming chronisch zieken eveneens SZW.Beschermd Wonen Inloopvoorzieningen zullen worden
gesloten, noodzakelijke zorg komt op afstand te staan: Bij de betreffende doelgroep is langdurige en intensieve ondersteuning en behandeling nodig die snel moet kunnen worden op- en afgeschaald en aangepast aan een regelmatig wisselend toestandsbeeld. Met een budgetkorting van €2,9 mln. zou twee derde van het beschikbare budget verdwijnen. Voor de betreffende doelgroep leidt dat tot verschraling en niet optimale zorgverlening. Het betekent ook dat de GGZ-wijkteams 35 fte zullen moeten laten afvloeien. Jeugdzorg: Gemeenten zijn wettelijk verplicht om alle vormen van jeugdhulp te bieden. De heroverwegingen houden rekening met het blijven leveren van goede en betaalbare jeugdzorg. Maatregelen als ondersteuning huisartsen en de samenwerking met de GI’s dragen bij aan het leveren van passende zorg en het voorkomen van onnodig zware en daarmee dure trajecten. Meerdere hervormingen zoals normaliseren en afbakening Jeugdwet worden nu uitgewerkt in de landelijke hervormingsagenda. Besparingen die landelijk worden gevonden gaan af van de extra rijksmiddelen de komende jaren.
Participatie, zorg en welzijn: De afname van kwaliteit en intensiteit van de dienstverlening zal met name voor de groep kwetsbare inwoners effect hebben: daar waar Hagenaars geholpen zijn met informele hulp zullen zij moeten wachten totdat zij een beroep kunnen doen op de (geïndiceerde) formele zorg en/of zullen zij eenvoudigweg niet geholpen kunnen worden. Maatschappelijke opvang: Kwetsbare mensen zullen minder ondersteuning ontvangen, mogelijk meer overlast op straat
48 Rapport Overzicht van opties dd. 18 januari 2022
9 Buitenruimte Programma 9 heeft betrekking op de buitenruimte, het visitekaartje van Den Haag. Bezoekers, winkelend publiek, ondernemers en bewoners ervaren de stad namelijk vooral buiten. Aantrekkelijke en goed onderhouden wegen, straten, pleinen en goed onderhouden groen met aantrekkelijke watergangen maken van Den Haag een stad waar mensen graag wonen en bezoekers graag terugkomen. Het vergroenen van de stad met oog voor ecologie en biodiversiteit wordt steeds belangrijker voor Haagse bewoners. Het strand met de badplaatsen Scheveningen en Kijkduin vormen samen met het centrum een magneet voor het toerisme. Investeringen in de buitenruimte zijn essentieel voor de levendigheid van de stad en de stedelijke economie. De stad moet ook schoon zijn, dat geldt voor zowel het zwerfvuil als de bijplaatsingen bij de afvalcontainers. Dat vraagt om goede voorlichting, gemeentelijk inzet om op te ruimen en te handhaven. Vervuiling op straat trekt ook ratten aan en daarom is bestrijding van de overlast samen met bewoners noodzakelijk. Onkruid op straat geeft een slordig straatbeeld, veel bewoners zijn blij als de gemeente dit komt verwijderen. Begrotingsactiviteit Economische Havens
Handhaving
Onderhoud openbare verlichting
Optie 42. Verhogen havengelden/ liggelden
37. Verminderen handhavers
41. Versoberen openbare verlichting
Doordat het onderhoudsniveau van de buitenruimte terugliep waren extra investeringen in de wijken Bezuidenhout-Oost, Kraayenstein, Nieuw Waldeck en Mariahoeve noodzakelijk. Daarmee is de opgave niet klaar. Wijken als Bohemen, Bomenbuurt, Leyenburg, Laakkwartier, Schilderswijk. Transvaal en Moerwijk-Oost komen eveneens in aanmerking voor impuls. Handhaving vindt steeds vaker informatie gestuurd en gebiedsgericht plaats. Een voorbeeld daarvan is de aanpak in Scheveningen. Veiligheid wordt niet alleen geborgd met handhaving, maar ook met de inrichting van de buitenruimte en de kwaliteit en staat van de openbare verlichting. Het verduurzamen van de openbare verlichting was gekoppeld aan een taakstelling van €1,5 mln. (duurzame verlichting moet leiden tot een lager energieverbruik). Wanneer gekort wordt op het budget om de openbare verlichting te verduurzamen, zal ook een deel van de taakstelling teruggedraaid moeten worden.
Omschrijving optie De inkomsten uit de havengelden/liggeld bedragen nu € 380.000. Een tariefverhoging van 5-15% levert een beperkt bedrag op. Inkomsten binnenhavens bedragen ca. € 50.000 en zijn marginaal Voor de handhaving kan er budget worden vrijgespeeld door het aantal handhavers terug te brengen (uitgaande van 200 handhavers) op basis van het coalitieakkoord 2018-2022: alternatieven 10 (geen nieuwe taken) -20 (actieprogramma Scheveningen, minder diverse prioritaire gebieden), 30 fte ombuigen (nog minder toezicht) Openbare verlichting: De vervanging van masten, armaturen en het ondergrondse kabelnet kent een meerjarig onderhoudsopgave. Zo zullen tussen 2021 en 2024 20.000 armaturen vervangen worden door de eenmalige impuls van € 15 mln. vanuit Enecomiddelen. Tegenover deze impuls staat een structurele taakstelling van € 1,5 mln. Ombuigingen leiden tot minder vervangen van #armaturen (tot 900)
I/S
Optie x€1000
2023
2024
2025
S
45
45
45
45
S
2.250
2.250
2.250
2.250
S
362
362
362
362
49 Rapport Overzicht van opties dd. 18 januari 2022 Begrotingsactiviteit Onderhoud straatreiniging
Optie 38. Versoberen schoonhouden openbare ruimte
40. Stoppen met onkruidverwijdering
Onderhoud wegen
Openbaar groen
54. Versoberen onderhoud buitenruimte
2. Versoberen milieueducatie/ minder stadsboerderijen
35. Stoppen kapvergunningen achtertuinen
Omschrijving optie Verlagen kwaliteitsniveau voor schoonhouden van de openbare ruimte: Het kwaliteitsniveau in de stad loopt terug, dit wordt zichtbaar in heel Centrum, Escamp, Scheveningen, Laak en in meest vervuilende delen van de andere stadsdelen in de hele stad en (ook in de toeristische gebieden). Het kwaliteitsniveau zakt van een 8 naar een 6 leidt tot een hogere bezuiniging.
I/S
Optie x€1000
2023
2024
2025
S
4.570
4.570
4.570
4.570
Stoppen met onkruidverwijdering (geen wettelijke taak): Voor het verwijderen van onkruid op verhardingen is €1,0 mln. beschikbaar, daarmee kan één keer per jaar het onkruid worden verwijderd (beeldbepalende plekken twee keer per jaar). Omdat het verwijderen van onkruid geen wettelijke taak is, kan deze taak ook gestopt worden.
S
1.000
1.000
1.000
1.000
Onderhoud voor specifieke wijken, straten met minder kwaliteit uitvoeren: Door 10% budget in te leveren neemt het percentage areaal met onvoldoende of matig onderhoud toe met bijna 4 % per jaar. Dit ontstaat door minder klein onderhoud uit te voeren, dit komt tot uiting in vorm van het niet in gaan op alle meldingen. Ook zullen er (meer) keuzes gemaakt moeten worden in het groot onderhoudsprogramma. De kans bestaat op verwaarlozing, hetgeen op termijn tot (forse) hogere kosten zal leiden. Er zullen vaker onveilige situaties ontstaan.
S
2.240
2.240
2.240
2.240
Minder stadsboerderijen (€150k per stuk) Het totale budget voor Milieueducatie is € 3,0 mln. en wordt grotendeels besteed aan personeelskosten. Met minder uitvoeringsbudget zullen stadsboerderijen gesloten moeten worden. De 10 gemeentelijke stadsboerderijen zijn verdeeld over 8 stadsdelen en functioneren als laagdrempelige (educatieve) ontmoetingsplekken in de stad. Het budget voor de stadsboerderijen wordt voornamelijk uitgegeven aan personeelslasten.
S
450
450
450
450
Kapvergunningen voor achtertuinen laten vervallen: Voor een kapvergunning zijn de leges € 75. Uitgaande van ca. 700 aanvragen per jaar, zijn de inkomsten € 52.500. De werkelijke kosten voor het behandelen van deze aanvragen, zijn ca. € 600.000 per jaar. Een kostendekkend legestarief zou dus rond € 850 per kapvergunning moeten liggen. Ook is het mogelijk om, net als in Rotterdam, de bomen in achtertuinen vergunningsvrij te maken. Dit levert een besparing op van € 150.000.
S
150
150
150
150
50 Rapport Overzicht van opties dd. 18 januari 2022 Begrotingsactiviteit
Optie 43. Versoberen onderhoud openbaar groen
Riolering
73. Riolering: doorberekenen BCF
74. Riolering: stoppen klimaat adaptieve maatregelen (betrekken bij keuze OZB)
Toezicht & handhaving OR
Wegverharding
Eindtotaal
36. Stoppen met buurtbeheerbedrijven BBOZ en BMS
39. Tariferen terrassen en uitstallingen
Omschrijving optie
I/S
Optie x€1000
2023
2024
2025
Budget voor het groenbeheer is € 23 mln. beschikbaar (binnen programma 9 (DSB)en 14 (DPZ)), daarmee kan ca 78.% van het reguliere onderhoud worden uitgevoerd. Op dit moment wordt het gewenste kwaliteitsniveau net niet gehaald (residentieniveau CROW-B). Met minder budget zal er een lager kwaliteitsniveau vastgesteld moeten worden (CROW-C of lager) waarbij achterstallig beheer gaat oplopen. Daarnaast kunnen er minder bomen worden vervangen (inclusief budget bij programma 14)
S
3.450
3.450
3.450
3.450
Riolering Volledig doorberekenen BCF: Binnen de begroting van de rioolheffing wordt niet alle BTW doorbererekend. Dat is al sinds jaar en dag zo. Het is mogelijk om nog € 2,7 miljoen door te berekenen. Dat past binnen de mogelijkheden van een gesloten heffingssysteem.
S
2.700
2.700
2.700
2.700
Riolering: Stoppen met het uitvoeren van klimaat adaptieve maatregelen zoals het afkoppelen van hemelwaterafvoeren van het riool (€ 2 mln.). Wanneer het tarief van de rioolheffing wordt verlaagd, levert dit geen ruimte op voor de algemene middelen. Tenzij redeneerlijn van gelijkblijvende woonlasten wordt gevolgd (lagere rioolheffing uitruilen voor hogere OZB bij gelijkblijvende woonlasten). Opmerking: riolering kent een gesloten systeem, wanneer 2 miljoen minder wordt uitgegeven, zal dit leiden tot een lagere rioolheffing en niet tot vrij besteedbaar geld. Wel zou met het verlagen van de rioolheffing, de OZB met een vergelijkbaar bedrag verhoogd kunnen worden en dat geld is wel vrij te besteden (terwijl de woonlasten gelijk blijven).
S
2.000
2.000
2.000
2.000
Stoppen met buurtbeheerbedrijven BBOZ en BMS: Den Haag kent nog twee kleine buurtbeheerbedrijven, BBOZ en BMS. Deze doen additioneel werk op het vlak van leefbaarheid in het Zeeheldenkwartier en op Scheveningen (reiniging openbare ruimte, speeltuinbeheer etc.). Het totale budget is omstreeks € 0,7 miljoen. Aangezien het additioneel werk betreft, is besparing mogelijk. Dit zal leiden tot frictiekosten.
S
700
700
700
700
Momenteel wordt voor bepaalde activiteiten gemeentegrond om niet beschikbaar gesteld aan ondernemers. Het gaat daarbij o.a. terrassen en uitstallingen. Voor deze exploitatievlakken kan ook een huurtarief in rekening worden gebracht.
S
300
300
300
300
20.217
20.217
20.217
20.217
51 Rapport Overzicht van opties dd. 18 januari 2022
Minder handhaving: Zeer beperkte inzet t.b.v. Actieprogramma Scheveningen (waaronder nautisch team). Zeer beperkte inzet t.a.v. prioritaire gebieden. Geen uitbreiding bij stadsdeelteams, boswachters, biketeam), Geen ruimte om uitvoering te geven aan (nieuwe) taken en bevoegdheden (lachgas verkoop en gebruik, vergunningsplicht bedrijfsmatige activiteiten, fietsverbod Grote Markt, gevaarlijke honden/dierenwelzijn en in de toekomst straatintimidatie etc.). Met stoppen buurtbeheerbedrijven vervallen werkzaamheden voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt en vervalt ook een impuls voor de leefbaarheid in beide gebieden. Rekening moet gehouden worden met frictiekosten. Onderhoud straatreiniging: Het kwaliteitsniveau in de stad loopt terug, dit wordt het meest zichtbaar in heel Centrum, Escamp, Scheveningen, Laak en in meest vervuilde delen van de andere stadsdelen. Het kwaliteitsniveau zakt van een 8 naar een 6. De consequentie van stoppen met onkruidverwijdering is dat al het onkruid in de stad zichtbaar zal blijven.
Onderhoud openbaar groen: 65 % van het benodigde onderhoud kan nog worden uitgevoerd (werkvoorraad bomen loopt op met 210 bomen per jaar, geen bloembakken in de stad, stoppen met rosarium Westbroekpark en Japanse tuin). Onderhoud wegen: Als 15% van het budget wordt ingeleverd, neemt het percentage areaal met onvoldoende of matig onderhoud toe met bijna 4 % per jaar: minder klein onderhoud (niet in gaan op alle meldingen) en (meer) beperkingen in uitvoering groot onderhoudsprogramma. De kans bestaat dat dit op termijn tot (forse) hogere kosten zal leiden. Er zullen vaker onveilige situaties ontstaan. Riolering: Klimaat-adaptieve maatregelen zoals het afkoppelen van het hemelwater van het riool kunnen dan niet langer uitgevoerd worden. Toerekenen van omzetbelasting aan rioolheffing moet bezien worden in samenhang met de woonlasten.
52 Rapport Overzicht van opties dd. 18 januari 2022
10 Sport De raad heeft recentelijk het Haags Sport Akkoord vastgesteld (RIS 306192). De belangrijkste ambitie is 100% sport- of beweegdeelname in 2030. Elke Hagenaar moet mee kunnen doen; jong en oud, met en zonder beperking, ongeacht afkomst. Voor de één betekent dit wekelijks sporten en voor de ander is regelmatig sportief bewegen een mooie stap. En daarmee zorgen Hagenaars ook voor hun eigen gezondheid en levert sport besparingen op, op het terrein van volksgezondheid en levert het ook een bijdrage op gebied van de sociale cohesie en de leefbaarheid in de stad.