RIS310926 Bijlage 1 Evaluatie en voortzetting actieplan versie 1 4 23112021
Tekst van het document
Alles meegenomen zijn de kosten hoog ten opzichte van het resultaat dat met de analyses en de daaropvolgende is bereikt. Dit geldt ook voor de ingezette handhavingscapaciteit ten opzichte van het resultaat qua bijplaatsingen, boetes en waarschuwingen. Het uitbesteden van de vragenlijsten bij studenten en STIPbaan medewerkers droeg wel bij aan het beperken van handhavingscapaciteit. Advies Het is belangrijk om te handhaven, ook wanneer dit relatief weinig oplevert. Het handhaven op de regels die gelden, bekrachtigt de aanpak en zorgt voor rechtvaardigheid, ook voor degenen die zich wel aan regels houden. Met datagestuurd werken focussen we ons op de probleemgebieden en zetten we zo gericht mogelijk in. Het analyseren van hotspots en handhaven in burger buiten kantoortijden blijkt echter een erg intensieve aanpak om dit te bewerkstelligen. De enorme inzet die nodig was om enig resultaat te bereiken maakte duidelijk dat de interventie bijzonder arbeidsintensief is. Daar komt bij dat het uiteindelijke doel van de interventie niet was om boetes uit te schrijven, maar om het aantal bijplaatsingen terug te dringen. Met dat doel in het achterhoofd is de verhouding tussen inzet en resultaat nog meer uit balans. Het advies is dan ook om de interventie anders in te richten.
Omdat handhaving als sluitstuk van de aanpak van belang is, wordt geadviseerd voor een vervolg aan te sluiten bij de interventie Cameratoezicht uit het tweede jaar. Door gebruik te maken van de informatie voortkomend uit die interventie, kan gerichter worden ingezet.
25
26
7. Evaluatie Verbeteren inzet bij werkzaamheden 7.1 Interventie in het kort Bij civiele werkzaamheden is een deel van de straat en daarmee vaak ook een container niet bruikbaar. Bewoners dienen hun afval op die momenten op een andere plaats aan te bieden. Hoewel het proces hiervoor op papier goed georganiseerd lijkt te zijn, vinden er gedurende de uitvoering van civiele werkzaamheden in de praktijk toch vaak bijplaatsingen plaats. Het protocol is bij deze interventie voor een bepaalde periode proefondervindelijk getest en zijn en verbeterd. Het doel hiervan was om het protocol zo te verbeteren dat het ook in de praktijk tot een goede werkwijze en het tegengaan van overlast zou leiden. Na het uitvoeren van de interventie ‘Verbeteren inzet bij werkzaamheden’ is wisselend effect op bijplaatsingen waarneembaar. De methode die bij de interventie is uitgeprobeerd, het proefondervindelijk aanpassen van een protocol, blijkt nuttig; het protocol is aangepast, in de praktijk werkbaar en ergernis op de locaties lijkt verminderd. Het advies is om het aangepaste protocol te gebruiken en deze te blijven verbeteren totdat de bijplaatsingen verder zijn afgenomen. Zie voor meer informatie paragraaf 2 tot en met 8 van dit hoofdstuk.
7.2 Uitvoering Bij aanvang is het bestaande protocol op basis van een eerste analyse zo goed mogelijk aangepast. Dit betekende met name dat er voor het oplossen van afvaldumpingen één aanspreekpunt is benoemd en dat zijn/haar verantwoordelijkheden, maar ook de verantwoordelijkheden van andere partners duidelijk zijn omschreven. Ook is een stelpost in de opdrachtverstrekking opgenomen. Deze stelpost is bedoeld voor kosten die gemaakt worden om afvaldumpingen vanuit het werkgebied te verwijderen, de aannemer is hiermee verantwoordelijk om het afval naar een voor de inzamelaar bereikbare plaats te brengen. Het protocol is op verschillende locaties uitgeprobeerd: •
•
•
Rustenburg-Zuid: Rioolvervanging en bestratingswerkzaamheden Periode van 25 januari t/m 15 april 2021 ORAC’s: Ongeveer 10 Bijzonderheden locatie: Werkzaamheden beïnvloeden bereikbaarheid woningen en inzamelen Wolweversgaarde: Groot onderhoud straatwerk Periode van april 2021 t/m mei 2021 (Totale project loopt tot januari 2022) ORAC’s: Ongeveer 8 Bijzonderheden: Oorspronkelijk wegprofiel wordt gehandhaafd Jan van Beerstraat: Rioolvervanging en herinrichting Periode van april 2021 tot eind augustus 2021 ORAC’s: Ongeveer 10 Bijzonderheden locatie: Werkzaamheden beïnvloeden bereikbaarheid woningen en inzamelen
Voorafgaand aan de werkzaamheden worden bewoners door de aannemer geïnformeerd. De flyer van de interventie ‘communicatie in andere talen’ is bij de informerende brief gevoegd. Bij de uitvoering van deze interventie zijn ook woningcorporaties en stadsdelen van de informatie van de aannemer voorzien, zo konden zij bijdragen aan de informatieverstrekking. Het aantal bijplaatsingen 27
gedurende de werkzaamheden is vergeleken met een referentieproject. Gedurende het project is door de directievoerder van het project gemonitord of er volgens het protocol werd gewerkt en welke verbeteringen er verder konden worden aangebracht. Zo is de wijze van communicatie naar bewoners een aandachtspunt geweest en is deze aangepast. Deze proefondervindelijke manier van bijstellen is volgens plan van aanpak verlopen.
7.3 Data Omdat de meeste civiele projecten langer duren in uitvoering dan de duur van het Actieplan, zijn alleen de projecten Rustenburg-Zuid en Wolweversgaarde geanalyseerd. Voor de interventie civiele werken zijn bijplaatsingen gemonitord voor de werkgebieden van de civiele werken en stadsdeel Escamp. Voor beide gebieden zijn de onderstaande gegevens gemonitord: o o
Stops huisvuilzakken en dozen Totaal aantal van bijgeplaatste huisvuilzakken en dozen ▪ Het komt tijdens civiele werken vaak voor dat afval verspreid over het werkgebied wordt aangetroffen. Om inzicht te krijgen in dit vraagstuk is er voor gekozen om bij de monitoring niet alleen het aantal stops bij te houden, maar ook de aantallen huisvuilzakken en dozen.
Project Rustenburg-Zuid Werkgebied civiele werken Rustenburg-Zuid
Stadsdeel Escamp
Huisvuilzakken en dozen
Huisvuilzakken en dozen
Stops december
Verschil
50
Totaal hvz en dozen
Verschil
Stops
Verschil
Totaal hvz en dozen
Verschil
170
3180
11090 -15%
10326
-7%
Januari 21
26
-48%
113
-34%
2711
Februari 21
29
12%
398
252%
2286
-16%
20360
97%
Maart 21
31
7%
269
-32%
3133
37%
12231
-40%
April 21
39
26%
204
-24%
2771
-12%
9840
-20%
Mei 21
28
-28%
91
-55%
2535
-9%
8932
-9%
Juni 21
29
4%
80
-12%
3031
20%
10802
21%
Gebied civiele werken (Rustenburg) 60
Gebied civiele werken (Rustenburg) 600 400
40
200 20
0
0 dec-20 jan-21 feb-21 mrt-21 apr-21 mei-21 jun-21 Stops huisvuilzakken en dozen
Totaal hvz en dozen
28
Analyse De interventie civiele werken is eind januari gestart. Wat opvalt is dat er in februari een sterke stijging is in bijplaatsingen. Het aantal stops neemt toe met 12 procent ten opzichte van de maand januari. Met een totaal van 398 aan huisvuilzakken en dozen is de maand februari een enorm grote uitschieter. Een trend die overigens zichtbaar is in het gehele stadsdeel. Deze stijging kan verklaard worden door het extreme winterweer waardoor het inzamelen van afval in de gehele stad ernstig werd bemoeilijkt. In de maanden na februari blijft het aantal stops stijgen naar 31 in maart en 39 in april. Dit is een opmerkelijke toename omdat het aantal huisvuilzakken en dozen juist afneemt. Dit betekent dat er minder bijplaatsingen zijn maar dat de bijplaatsingen wel verspreid in het gebied gelegen zijn. Deze dalende trend in huisvuilzakken en dozen in maart en april is ongeveer gelijk aan de daling in het stadsdeel. In de maand mei zijn de civiele werken afgerond. In deze maand, en in mindere mate ook in de maand juni, neemt het aantal bijgeplaatste huisvuilzakken en dozen sterk af. Deze dalende trend is in de maanden mei en juni aanzienlijk sterker dan die van het stadsdeel. Project Wolweversgaarde Werkgebied civiele werken
Stadsdeel Escamp
Huisvuilzakken en dozen
Huisvuilzakken en dozen
Stops Februari 21
Verschil
67
Totaal hvz en dozen
Verschil
1162
Stops
Verschil
3180
Totaal hvz en dozen
Verschil
11090
Maart 21
96
43%
622
-46%
April 21
96
0%
500
-20%
2286
-16%
20360
97%
Mei 21
62
-35%
354
-29%
3133
37%
12231
-40%
Juni 21
88
42%
428
21%
2771
-12%
9840
-20%
Juli 21
76
-14%
290
-32%
2535
-9%
8932
-9%
Augustus 21
63
-17%
184
-37%
3031
20%
10802
21%
2711
-15%
10326
-7%
Gebied civiele werken (Wolweversgaarde)
Gebied civiele werken (Wolweversgaarde) 1400 1200 1000 800 600 400 200 0
120 100 80 60 40 20 0
Stops huisvuilzakken en dozen
Totaal hvz en dozen
Analyse De civiele werken zijn in de wolweversgaarde gestart in de maand april. Wat opvalt is dat het aantal bijgeplaatste huisvuilzakken en dozen een sterkere dalende trend kent dan het aantal stops. Deze 29
ontwikkelingen zijn ook duidelijk te zien in de lijngrafieken. Tussen april en augustus ligt het aantal stops tussen de 96 en de 62 waarbij in de laatst gemonitorde maand het aantal stops op 63 ligt. Er bestaat een verschil met de trend voor het aantal stops van stadsdeel Escamp. In Escamp is juist een licht stijgende trend waarneembaar. Qua aantal huisvuilzakken en dozen lijken de trends van het werkgebied en het stadsdeel sterker op elkaar. De sterk dalende trend is in het werkgebied echter sterker dan in het stadsdeel. In de periode tussen de maand april en augustus is er in het werkgebied een afname van 500 naar 184, een afname van 63%. In het stadsdeel is het verschil in augustus met april 9558, een afname van 47%.
7.4 Financiën Voor het proefondervindelijk verbeteren en testen protocol civiele werkzaamheden was 5.000 euro geraamd. Na afronding van de interventie is ongeveer 10% van dit bedrag besteed. Hiermee zijn de gerealiseerde kosten voor het proefondervindelijk verbeteren en testen protocol civiele werkzaamheden binnen de raming gebleven.
7.5 Arbeidsintensiviteit Voor deze interventie was ongeveer tweemaal per zes weken afstemmingsoverleg nodig. De uitvoering kon plaatsvinden binnen de gebruikelijke inzet voor werkzaamheden aangevuld met enkele gedeclareerde uren, terugkomend in de gerealiseerde kosten bij 7.4.
7.6 Bijkomende effecten Netwerkorganisaties zoals woningcorporaties zijn geïnformeerd over de aanpak. Door hen te betrekken kunnen bewoners beter worden geïnformeerd en kan er gemakkelijker worden gereageerd op knelpunten. Betrokkenen geven aan dat zij sneller contact met elkaar leggen doordat de contactgegevens bij aanvang met elkaar worden gedeeld. Bijplaatsingen konden relatief sneller van het werkterrein snel worden verwijderd. Er geen discussie over wie verantwoordelijk is voor het verwijderen van de ontstane dumpingen. Opzichters, omgevingsmanagers en andere betrokken hebben ervaren dat de ergernis van bewoners bij werkzaamheden door de aanpak is verminderd.
7.7 Analyse De resultaten van de interventies zijn, ondanks dat het geen wetenschap betreft, zo passend en zorgvuldig mogelijk gemonitord. De gegevens die hierbij zijn verzameld, worden in onderstaande tabel samengevat. De opsomming in de tabel toont overzichtelijk aan welke onderdelen positief zijn uitgepakt (groen) en op welke onderdelen een negatief resultaat is geboekt (rood). In sommige gevallen is het resultaat niet als positief en ook niet als negatief te beoordelen (oranje). Beoordeling per onderdeel 7.2 Uitvoering volgens plan verlopen?
Volgens plan
7.3 Vermindering van bijplaatsingen bereikt?
Vermindering bijplaatsingen en snellere verwijdering
7.4 Kosten binnen begroting en in verhouding tot de werkzaamheden?
Lage eenmalige kosten
7.5 Arbeidsintensiviteit in verhouding tot resultaat?
In verhouding
7.6 Positief effect op andere doelen gemeente?
Intensievere samenwerking betrokkenen en betere dienstverlening
30
7.8 Conclusie en vervolg De interventie is volgens het plan van aanpak uitgevoerd, waarmee het protocol proefondervindelijk is aangepast. Uitvoering, kosten, arbeidsintensiviteit Kortere lijnen en duidelijkheid over de verantwoordelijkheid hebben bijgedragen aan het sneller verwijderen van bijplaatsingen van een werkterrein. Er geen discussie over wie verantwoordelijk is voor deze verwijdering. De communicatie naar bewoners is verbeterd. Het aanpassen van de werkwijze kon binnen een relatief beperkte inzet en binnen de vooraf opgestelde begroting worden gerealiseerd. De verbeteringen die zijn doorgevoerd zullen ook in de toekomst hun vruchten blijven afwerpen; de nieuwe werkinstructie wordt bij nieuwe werkzaamheden in de stad gebruikt. Effect bijplaatsingen Het aantal zakken en dozen lijkt als gevolg van het aangepaste protocol af te nemen, het aantal stops is wisselend. Dat betekent dat er minder zakken en dozen liggen, maar dat deze over het algemeen wel verspreid in de wijk worden aangetroffen. Advies De interventie van proefondervindelijk doorvoeren van verbeteringen aan het protocol heeft laten zien dat verbeteringen op deze manier goed kunnen worden doorgevoerd. Het effect is echter nog niet dat het aantal stops om bijplaatsingen te verwijderen noemenswaardig terugloopt.
Voor het vergroten van het effect wordt geadviseerd de methode van het planmatig testen van een verbetering binnen een aantal proefperioden voor te zetten. Dit advies geldt ook voor de aanpak van nieuwe knelpunten in de uitvoering van civiele werken als voor knelpunten in andere werkprocessen.
31
32
8. Evaluatie Vaste ophaaldag grofvuil 8.1 Interventie in het kort De aanleiding voor deze interventie was de verwachting dat bewoners grofvuil dumpen omdat zij niet bekend zijn met de mogelijkheden om grofvuil naar een afvalbrengstation te brengen of te laten ophalen. Deze interventie is door velen genoemd als een goed instrument om bijplaatsingen en afvaldumping tegen te gaan. Met de vaste ophaaldag grofvuil zijn gedurende een bepaalde periode verschillende inzamelmiddelen op 1 vaste plaats/dag/tijd in de week beschikbaar gesteld. Bewoners in het gebied zijn geïnformeerd; zij konden hun grofvuil op het ‘ophaalmoment’ aanbieden en er was een gastheer ter plaatse die hen begeleidde in het gescheiden aanbieden. Ter plaatse organiseerden we bij deze interventie voorlichting over afvalscheiding en aanbiedmogelijkheden. Om de ervaring te peilen zijn ter plaatse enquêtes afgenomen.
Na het uitvoeren van de interventie Vaste ophaaldag grofvuil is wisselend effect op bijplaatsingen waarneembaar. De interventie is kostbaar en arbeidsintensief maar vergoot onze dienstverlening. Het advies is om de interventie voor herhaling te herontwerpen om effectiviteit te vergroten. Zie voor meer informatie paragraaf 2 tot en met 8 van dit hoofdstuk.
8.2 Uitvoering De vaste grofvuil ophaaldag is vooruitlopend op het Actieplan in stadsdeel Laak van start gegaan. Daarna is de actie herhaald op locaties, wederom in stadsdeel Laak, stadsdeel Centrum en stadsdeel Escamp. Bewoners zijn over de ophaaldag in hun wijk geïnformeerd via onder andere een bewonersbrief, een artikel in de Posthoorn, via wijkambassadeurs, op berichten in sociale media en via netwerkorganisaties. Er zijn verschillende inzamelmiddelen ingezet en bewoners zijn opgeroepen om spullen in te leveren zoals: grofvuil (meubels, planken, dozen en matrassen), spullen die nog te gebruiken zijn, oude fietsen, kleine (elektrische) apparaten (zoals mixer, stofzuiger, strijkijzer, maar ook speelgoed of gereedschap), verf, lampen, batterijen en ander klein chemisch afval. De planning van de grofvuil ophaaldagen is enigszins verschoven als gevolg van COVID-19 maatregelen, hierdoor moesten de perioden worden ingekort. Het aantal inzamelmiddelen is gedurende het verloop van het Actieplan beperkt. Op de communicatie naar bewoners is bijgestuurd, zo is de communicatie uitgebreid (meerdere mediakanalen) en niet alleen voorafgaand ingezet maar op een gegeven moment ook tijdens de periode van de vaste grofvuil ophaaldagen herhaald.
Gedurende de interventie in Laak is onbedoeld op dezelfde plaats een andere (schoonmaak)actie uitgevoerd, hierdoor is de meting van bijplaatsingen in de omgeving niet goed bruikbaar om het effect te meten.
33
8.3 Data Opbrengsten in kilo’s en aantal bezoekers Er hebben in totaal vier grofvuil ophaaldagen plaatsgevonden. In de tabel hieronder staat per grofvuil ophaaldag hoeveel kilogram aan grofvuil is opgehaald. Daarnaast is inzicht geboden in het aantal bezoekers. Grofvuil dagen
Totaal bezoekers
Gemiddeld aantal bezoekers
Opgehaald vuil (kg)
Gemiddeld opgehaald vuil (kg) per dag
Laak Jonckbloetplein
25
755
30,2
35450
1418
Laak Gouverneurplein
5
309
61,8
9269
1854
Centrum Kaapseplein
4
62
15,5
4440
1110
Escamp Heeswijkplein
4
98
25
5238
1310
Totaal
38
1224
32
54397
1432
Locatie
Bijplaatsingen Per grofvuil ophaaldag is gemonitord wat de ontwikkeling is wat betreft bijplaatsingen bij ORAC’s. Hiertoe is een onderscheid gemaakt tussen grofvuil enerzijds en huisvuilzakken en dozen anderzijds. Voor de grofvuil ophaaldag op het Jonckbloetplein is het totaal gemonitord voor de wijken Laakkwartier en Spoorwijk. Voor de andere drie ophaaldagen is naast het totaal van het stadsdeel ook een selectie gemaakt van ongeveer twintig ORAC-locaties in omgeving van de locatie van de grofvuil ophaaldag. Laak – Jonckbloetplein Vanaf 2 juli 2020 was er wekelijks een grofvuil ophaaldag. De laatste ophaaldag was op 17 december 2020. In totaal zijn er 25 grofvuil ophaaldagen geweest op het Jonckbloetplein.
Zakken en dozen bij ORAC’s
Grofvuil bij ORAC’s
Laakkwartier & Spoorwijk Stops Verschil*
Stad Den Haag
Laakkwartier & Spoorwijk Stops Verschil*
Stad Den Haag
Mei 20
793
4737
438
3787
Juni 20
1008
27%
4516
-5%
398
-9%
3441
-9%
Juli 20
989
-2%
4492
-1%
349
-12%
4120
20%
Augustus 20
808
-18%
4913
9%
260
-26%
3375
-18%
September 20
838
4%
6390
30%
290
12%
3256
-4%
Oktober 20
936
12%
6430
1%
320
10%
3281
1%
November 20
966
3%
6704
4%
298
-7%
2689
-18%
December 20
1209
25%
7729
15%
268
-10%
2742
2%
Januari 21
767
-37%
6527
-16%
186
-31%
2225
-19%
Stops
Verschil*
Stops
Verschil*
* De toe/afname in procenten is berekend ten opzichte van de maand ervoor
34
Laakkwartier & Spoorwijk
Stad Den Haag
1400 1200 1000 800 600 400 200 0
10000 8000 6000 4000 2000
Stops huisvuilzakken en dozen
Stops huisvuilzakken en dozen
Stops grofvuil
Stops grofvuil
jan-21
dec-20
nov-20
okt-20
sep-20
aug-20
jul-20
jun-20
mei-20
jan-21
dec-20
nov-20
okt-20
sep-20
aug-20
jul-20
jun-20
mei-20
0
Analyse zakken en dozen In de eerste maanden van de ophaaldag is een daling waarneembaar voor het aantal stops in Laakkwartier en Spoorwijk. In juli en augustus daalt het aantal stops t.o.v. de maand ervoor met respectievelijk 2 en 18 procent. Voor deze maanden is een trendverschil te zien met de stad Den Haag. In september is voor het eerst een lichte stijging te zien van het aantal stops in Laakkwartier & Spoorwijk. Deze stijging is echter aanzienlijk minder sterk dan de trend in de stad (4% tegen 30%). Oktober kent een sterkere stijging in Laakkwartier & Spoorwijk dan in de stad Den Haag (12% ten opzichte van 1%.). December kent echter een grote uitschieter in zowel Laakkwartier & Spoorwijk als in de gehele stad. Met een stijging van 25% t.o.v. de maand ervoor is de groei in Laakkwartier & Spoorwijk in december groter dan de ontwikkeling in de stad (15%). In januari daalt het aantal stops van 1209 naar 767, een verschil van 37%. Een analyse van de cijfers van één maand voor en één maand na de ophaaldag laat een opmerkelijk groot verschil zien tussen Laakkwartier & Spoorwijk en de gehele stad. Voor Laakkwartier en Spoorwijk zijn er in juni 1008 stops t.o.v. 767 in januari, dat is een daling van 24%. In het totaal van de stad zijn er in januari 6527 stops. Dat is een stijging van 45% t.o.v. de 4517 stops in juni.
Analyse grofvuil In de eerste maanden is er een sterke daling van het aantal stops grofvuil in Laakkwartier & Spoorwijk. In juli en augustus daalt het aantal stops met 12 en 26 procent van 398 stops naar 260 stops. Dat is een noemenswaardig verschil met de ontwikkeling in stops van de gehele stad waar in juli zelfs een stijging van 20% waarneembaar is. De trend draait zich om want in de maanden september en oktober is juist in de twee wijken een stijging van rond de tien procent in stops terwijl het aantal stops in de stad amper toeneemt. Vanaf november tot en met januari is een dalende trend te constateren (-7%, -10% en -31%). Deze dalende trend is gedeeltelijk sterker en minder wisselvallig dan de trend in de stad. Een analyse van de cijfers van één maand voor en één maand na de ophaaldag laat een verschil zien tussen Laakkwartier & Spoorwijk en de gehele stad. Het aantal stops in de twee wijken is in januari 52% lager dan in juni het jaar ervoor. In de stad is een minder sterke daling van 35% waarneembaar.
35
Laak – Gouverneurplein Vanaf 25 maart 2021 was er wekelijks een ophaaldag tot en met 22 april 2021. In totaal zijn er 5 grofvuil ophaaldagen geweest op het Jonckbloetplein. Zakken en dozen bij ORAC’s
Grofvuil bij ORAC’s
Selectie ORAC-locaties
Laakkwartier & Spoorwijk Stops Verschil*
Selectie ORAClocaties Stops Verschil*
Laakkwartier & Spoorwijk Stops Verschil*
767
15
186
Stops
Verschil*
Januari 21
200
Februari 21
168
-16%
647
-16%
10
-33%
132
-29%
Maart 21
176
5%
770
19%
18
80%
170
29%
April 21
170
-3%
839
9%
19
6%
181
6%
Mei 21
150
-12%
741
-12%
30
58%
244
35%
Juni 21
133
-11%
826
11%
8
-73%
208
-15%
* De toe/afname in procenten is berekend ten opzichte van de maand ervoor
Selectie orac-locaties
Laakkwartier & Spoorwijk
250
1000
200
800
150
600
100
400
50
200
0
0
Stops hvz en dozen bij oracs
Stops hvz en dozen bij oracs
Stops grofvuil bij oracs
Stops grofvuil bij oracs
Analyse zakken en dozen Het aantal huisvuilzakken en dozen stops is in april (proef liep van 25 mrt tot en met 22 april) voor de selectie van ORAC-locaties iets afgenomen (3%) terwijl voor geheel Laakkwartier & Spoorwijk in april juist een lichte toename (9%) te zien is in het aantal stops. De data van de maand mei laat zien dat het aantal huisvuilzakken en dozen stops voor de ORAC-locaties met 12 procent is afgenomen ten opzichte van de maand april. Deze afname in stops is gelijk aan de afname in stops van Laakkwartier & Spoorwijk. Analyse grofvuil Het aantal grofvuil stops is in april (proef liep van 25 mrt tot en met 22 april) voor de selectie van ORAC-locaties iets toegenomen (6%), een toename die in procenten gelijk is aan de toename in Laakkwartier & Spoorwijk. De data van de maand mei laat zien dat het aantal grofvuil stops voor de ORAC-locaties met 58 procent sterk toeneemt. Deze toename in stops is groter dan de toename in stops van het gehele stadsdeel (58% t.o.v. 35%). 36
Centrum – Kaapseplein Vanaf 6 mei 2021 tot en met 3 juni 2021 was er wekelijks een grofvuil ophaaldag op het Kaapseplein. In totaal zijn er 4 grofvuil ophaaldagen geweest.
Zakken en dozen bij ORAC’s
Grofvuil bij ORAC’s
Selectie ORAC-locaties
Stadsdeel centrum
Selectie ORAC-locaties
Stadsdeel centrum
Stops
Stops
Stops
Stops
Verschil*
Verschil*
2453
Verschil*
76
Verschil*
Januari 21
232
817
Februari 21
284
22%
2087
-15%
78
3%
486
-41%
Maart 21
325
14%
2577
23%
124
59%
718
48%
April 21
324
0%
2768
7%
84
-32%
691
-4%
Mei 21
268
-17%
2580
-7%
85
1%
777
12%
Juni 21
263
-2%
2978
15%
62
-27%
742
-5%
Juli 21
211
-20%
2645
-11%
42
-32%
333
-55%
* De toe/afname in procenten is berekend ten opzichte van de maand ervoor
Selectie ORAC-locaties 350 300 250 200 150 100 50 0
Stadsdeel centrum 3500 3000 2500 2000 1500 1000 500 0
Stops hvz en dozen bij oracs
Stops hvz en dozen bij oracs
Stops grofvuil bij oracs
Stops grofvuil bij oracs
Analyse zakken en dozen Het aantal huisvuilzakken en dozen stops laat vanaf de start voor de selectie van ORAC-locaties een afname zien. In april hebben er 324 stops plaatsgevonden. In juli waren dat er nog maar 211. Wat opvalt is dat de dalende trend bij de ORAC-locaties sterker is dan de dalende trend in het stadsdeel. Zo is er in juni een daling van 2% ten opzichte van een groei van 15% in het stadsdeel. Analyse grofvuil De trend voor stops grofvuil is bij de selectie van ORAC-locaties in de maanden mei en juni positiever dan de trend in het stadsdeel. Zo is in juni de afname van stops voor de ORAC-locaties 27% terwijl dit voor het stadsdeel slechts 5%. In de maand juli is er nog steeds een daling in het aantal stops grofvuil. Echter, de dalende trend in het stadsdeel is nu sterker (55% ten opzichte van 32%) 37
Escamp – Heeswijkplein Vanaf 17 juni 2021 tot en met 8 juli 2021was er wekelijks een grofvuil ophaaldag op het Heeswijkplein. In totaal zijn er 4 grofvuil ophaaldagen geweest. Huisvuilzakken en dozen Selectie ORAC-locaties Stops
Verschil*
Grofvuil Stadsdeel Stops
Selectie ORAC-locaties
Verschil*
2286
Stops
Verschil*
3
Stadsdeel Stops
Verschil*
Februari 21
130
338
Maart 21
127
-2%
3133
37%
43
1333%
491
45%
April 21
103
-19%
2771
-12%
15
-65%
292
-41%
Mei 21
161
56%
2535
-9%
23
53%
440
51%
Juni 21
157
-2%
3031
20%
19
-17%
210
-52%
Juli 21
122
-22%
2711
-11%
9
-53%
164
-22%
Augustus 21
98
-20%
2388
-12%
24
167%
416
154%
* De toe/afname in procenten is berekend ten opzichte van de maand ervoor
Selectie ORAC-locaties 180 160 140 120 100 80 60 40 20 0
Stadsdeel Escamp 3500 3000 2500 2000 1500 1000 500 0
Stops hvz en dozen
Stops grofvuil
Stops hvz en dozen
Stops grofvuil
Analyse huisvuilzakken en dozen Gedurende de looptijd van de ophaaldag (maanden juni en juli) is een afname waarneembaar van respectievelijk 2 en 22 procent. De afname van stops bij de ORAC-locaties is in deze twee maanden sterker dan in het stadsdeel. Dit verschil zet zich ook door in de maand augustus met een daling van 20% bij de ORAC-locaties en ‘slechts’ 12% in het stadsdeel. Analyse grofvuil Het aantal stops grofvuil is zowel voor de selectie van ORAC-locaties als voor het stadsdeel erg wisselvallig. Zo is er in juni en juli een daling van het aantal stops voor de geselecteerde ORAClocaties en het stadsdeel. In augustus is er echter een sterke correctie waardoor het aantal grofvuil stops weer terug is op het niveau van voor de ophaaldag.
38
Overzicht enquêtes Pilot
Totaal
Jonckbloetplein
Goeveneurplein
18
34
Bijzonderheden/Resultaten (algemeen, niet per stadsdeel) De respons voor de enquêtes is wisselend geweest naar gelang het aantal bezoekers per locatie
Over het algemeen wordt positief gereageerd op de mogelijkheid om dicht bij huis grofvuil te kunnen aanbieden
Uit de reacties blijkt dat de meeste geïnterviewden de weg wel kennen naar de voorzieningen van de gemeenten zoals afvalbrengstations en grofvuilafspraak. Kaapseplein
2
Heeswijkplein
Aantal enquêtes in Escamp is onbekend omdat de formulieren niet goed zijn verwerkt. De ervaring van betrokken professionals was dat de ervaringen overwegend goed waren.
Over het algemeen was de ervaring dat de geënquêteerde personen hun afval normaalgesproken ook op de juiste wijze aanboden en deze mogelijkheid als een extra vorm van dienstverlening beschouwden.
8.4 Financiën Voor de vaste ophaaldag grofvuil was 46.000 euro geraamd. Na afronding van de interventie is ongeveer 90% van dit bedrag besteed. Hiermee zijn de gerealiseerde kosten voor de vaste ophaaldag grofvuil net binnen de raming gebleven.
8.5 Arbeidsintensiviteit De vaste grofvuil ophaaldag is georganiseerd met de inzet van inzamelmiddelen, veelal een voertuig met chauffeur, gastheren, een milieubeheerder, en de hulp van een communicatieadviseur en een projectleider participatie & schoon. Dit betreft een behoorlijke personele inzet. Zonder deze inzet was de ophaaldag niet realiseerbaar. Er is communicatie nodig om bezoekers aan te trekken en er is een gastheer nodig om te voorkomen dat er onjuist afval wordt ingezameld, zoals bedrijfsafval. Bovendien is het voorlichten van bezoekers onderdeel van de inzet, een grofvuil ophaaldag is niet structureel en de wens is dat bewoners hun grofvuil na voorlichting op de juiste (reguliere) wijze zullen gaan aanbieden. De inzet van wagens en containers is belastend voor de openbare ruimte, parkeerplaatsen worden tijdelijk opgeofferd om de ophaaldag te realiseren. Zonder deze plaatsen vooraf te ‘reserveren’ is de ophaaldag niet realiseerbaar. Het was van belang enquêtes af te nemen om de resultaten te monitoren maar ook om op de interventie, bijvoorbeeld om het bezoekersaantal te vergroten, te kunnen bijsturen.
39
8.6 Bijkomende effecten Dit soort acties vergroot de samenwerkingsvaardigheden in de keten Schoon en biedt ons kansen om de communicatie met bewoners te verbeteren. De vaste grofvuil ophaaldag werd door veel partners in de stad als idee aangedragen. Door de uitvoering van de interventie geven wij gehoor aan de wensen die er binnen ons netwerk leven, het is een krachtige boodschap dat de gemeente zich inzet. De organisatie van de vaste grofvuil ophaaldag gaf ons de mogelijkheid samen te werken met bewonersorganisaties en op deze manier ook daar onze (reguliere) aanpak onder de aandacht te brengen. De invloed van de vaste grofvuil ophaaldag op andere elementen is zodanig aanwezig geweest, maar de impact, het effect op het aantal bijplaatsingen op straat of op gedragsverandering, is beperkt.
8.7 Analyse De resultaten van de interventies zijn, ondanks dat het geen wetenschap betreft, zo passend en zorgvuldig mogelijk gemonitord. De gegevens die hierbij zijn verzameld, worden in onderstaande tabel samengevat. De opsomming in de tabel toont overzichtelijk aan welke onderdelen positief zijn uitgepakt (groen) en op welke onderdelen een negatief resultaat is geboekt (rood). In sommige gevallen is het resultaat niet als positief en ook niet als negatief te beoordelen (oranje). Beoordeling per onderdeel 8.2 Uitvoering volgens plan verlopen?
Met tussentijdse aanpassingen ter verbetering
8.3 Vermindering van bijplaatsingen bereikt?
Wisselend effect, een aantal keer een grotere daling van bijplaatsingen dan in referentiegebied
8.4 Kosten binnen begroting en in verhouding tot de werkzaamheden?
Hoge kosten in verhouding tot bereik
8.5 Arbeidsintensiviteit in verhouding tot resultaat?
Zeer arbeidsintensief ten opzichte van resultaat
8.6 Positief effect op andere doelen gemeente?
Beperkte impact op andere elementen
8.8 Conclusie en vervolg Uitvoering, arbeidsintensiviteit, kosten Het is intensief en duur om een vaste grofvuil ophaaldag te organiseren. Op de vaste grofvuil ophaaldag komen relatief weinig bezoekers en de bewoners die de vaste grofvuil ophaaldag bezoeken, lijken veelal de bewoners te zijn die al op de hoogte zijn van de aanbiedmogelijkheden en hun afval normaalgesproken niet bijplaatsten. De inzet op gedragsverandering door voorlichting was in tegenstelling daartoe juist bedoeld voor bewoners die niet op de hoogte waren van de aanbiedmogelijkheden en door de interventie in de toekomst niet meer zouden bijplaatsen. De impact is daardoor beperkt. Effect bijplaatsingen De hoeveelheid bijplaatsingen is wisselend, de resultaten fluctueren maandelijks. Wel lijkt het een aantal keer het geval dat wanneer bijplaatsingen afnemen, dit in grotere mate gebeurt in het proefgebied ten opzichte van het referentiegebied. Advies De vaste grofvuil ophaaldag is een krachtige boodschap dat de gemeente zich inzet om bewoners tegemoet te komen, om die reden kan het eventueel op specifieke locaties van nut zijn. Wel is de interventie arbeidsintensief en is het bereik beperkt gebleken. Alle elementen overwegend zal de interventie moeten worden aangepast om minder arbeidsintensief maar meer effectief te zijn.
Het advies is om dit binnen de interventie Gebiedsgerichte inzet met meerdere acties in het tweede jaar uit te voeren.
40
41
9. Evaluatie Communicatie in andere talen 9.1 Interventie in het kort Om het gewenste gedrag te kunnen vertonen is het noodzakelijk dat bewoners op de hoogte zijn van de regels rondom afvalinzameling. Op het moment dat men deze kennis niet heeft als gevolg van een taalachterstand wordt er mogelijk onbedoeld op een onjuiste wijze afval aangeboden. Om dit te voorkomen werd bij deze interventie een communicatiemiddel in meerdere talen ontwikkeld. Het middel is vervolgens verspreid en getest, onder andere op basis van het foot-in-the-door principe. Bij het uitvoeren van de interventie Communicatie in andere talen is geen data over bijplaatsingen verzameld. De interventie is volgens het plan van aanpak uitgevoerd, in samenwerking met woningcorporaties en organisaties in de stad. Het advies is om de ontwikkelde flyer beschikbaar te stellen bij overlast en als voorbeeld te laten dienen voor andere meertalige instrumenten. Zie voor meer informatie paragraaf 2 tot en met 8 van dit hoofdstuk.
9.2 Uitvoering Als communicatiemiddel is gekozen voor een uitvouwbare meertalige afvalfolder in de talen: Nederlands, Turks, Arabisch (Marokkaanse), Engels, Pools en Bulgaars. In Den Haag is 24% van bewoners laaggeletterd. Bij bewoners met een migratie achtergrond is vaak ook sprake van laaggeletterdheid in de eigen moedertaal. Vanwege de hoge mate van laaggeletterdheid is besloten om de flyer óók geschikt te maken voor laaggeletterden. De teksten van de flyer zijn op A2 niveau geschreven, met eenvoudige woorden en korte zinnen. Daarnaast is gebruikt van afbeeldingen om de geschreven tekst te ondersteunen. Voor het testen van de meertalige afvalfolder zijn de volgende stappen doorlopen: • • •
Test op geschiktheid voor laaggeletterden bij een passende doelgroep; Test op begrip en leesbaarheid bij een klein deel van de doelgroep in Laak; Periode van aanpassingen doorvoeren en druk;
Test door verspreiding in stadsdelen Laak, Escamp en Centrum en bespreken ervaringen met partners. Het middel is in samenwerking met intermediairs/organisaties in de wijken verspreid, zoals bijvoorbeeld het Vadercentrum in Laak. Daarnaast is de meertalige afvalfolder gebruikt door milieubeheerders, woningcorporaties, handhavers, wijkambassadeurs en andere (stadsdeel)medewerkers die veel in contact staan met bewoners. Foot in the door principe De flyer is op verschillende wijzen ingezet. Tijdens de gesprekken met bewoners is ook gevraagd of bewoners zich willen inzetten om bijplaatsingen tegen te gaan. Zo hebben wijkambassadeurs containercoaches/adoptanten geworven en zijn er bewoners bij acties betrokken. De uitvoering is volgens het plan van aanpak verlopen.
42
9.3 Data Van deze interventie is geen data bijgehouden. De ervaringen van partners en de informatie die is verzameld met het testen van het product, zijn gebruikt tijdens de uitvoering (zoals door het inhoudelijk verbeteren van de flyer).
9.4 Financiën Voor de interventie communicatie in meerdere talen was 25.000 euro geraamd. Na afronding van de interventie is ongeveer 15% van dit bedrag besteed. Hiermee zijn de gerealiseerde kosten voor de interventie communicatie in meerdere talen binnen de raming gebleven.
9.5 Arbeidsintensiviteit Voor deze interventie was ongeveer tweemaal per zes weken afstemmingsoverleg nodig. De uitvoering kon plaatsvinden binnen de gebruikelijke inzet voor werkzaamheden en in samenwerking met een extern bureau.
9.6 Bijkomende effecten Na het beschikbaar komen van de flyer, kon deze onmiddellijk worden ingezet op overlastlocaties maar ook bij andere samenhangende interventies. Woningcorporaties hebben aangegeven dat zij het prettig vinden om de flyer te gebruiken bij in- en verhuizingen.
9.7 Analyse De resultaten van de interventies zijn, ondanks dat het geen wetenschap betreft, zo passend en zorgvuldig mogelijk gemonitord. De gegevens die hierbij zijn verzameld, worden in onderstaande tabel samengevat. De opsomming in de tabel toont overzichtelijk aan welke onderdelen positief zijn uitgepakt (groen) en op welke onderdelen een negatief resultaat is geboekt (rood). In sommige gevallen is het resultaat niet als positief en ook niet als negatief te beoordelen (oranje). Beoordeling per onderdeel 9.2 Uitvoering volgens plan verlopen?
Volgens plan
9.3 Vermindering van bijplaatsingen bereikt?
Dit is bij deze interventie niet meetbaar. Geen data.
9.4 Kosten binnen begroting en in verhouding tot de werkzaamheden?
Lage eenmalige kosten
9.5 Arbeidsintensiviteit in verhouding tot resultaat?
In verhouding
9.6 Positief effect op andere doelen gemeente?
Te gebruiken bij andere interventies en door andere partners
9.8 Conclusie en vervolg Uitvoering Het ontwikkelen van een meertalig communicatiemiddel is volgens plan verlopen, de flyer is hierbij ook geschikt gemaakt voor laaggeletterden. De testfase wees uit dat de folder goed te begrijpen was en uit de enquêtes bleek de folder een meerwaarde voor betrokkenen te hebben. De folder is ingezet in de overlastgebieden, veelal via intermediairs. Deze intermediairs hebben aangegeven dat zij de folder prettig vinden in gebruik. De ontwikkelingskosten voor de meertalige flyer zijn binnen de begroting gebleven. De ontwikkeling is een eenmalig proces. Nu de flyer is ontwikkeld, kan deze gemakkelijk worden bijgedrukt. Ook kan het als voorbeeld dienen voor nieuwe meertalige instrumenten. De flyer wordt inmiddels gebruikt bij verschillende afval gerelateerde activiteiten. Advies De interventie van het ontwikkelen van een meertalig communicatiemiddel is afgerond. Op het moment dat er behoefte aan de flyer is, kan deze worden bijgedrukt en verspreid. 43
44
10. Evaluatie Out-0f-the-box 10.1 Interventie in het kort Met nieuwe of bij afvalproblematiek ongebruikelijke partners ontwikkelden we bij deze interventie vernieuwende kansrijke initiatieven met een blijvend effect. Geen bekende initiatieven, maar ‘out-ofthe-box’ acties. Door verschillende van deze acties met partners te ontwikkelen, uit te voeren en te monitoren, onderzochten we wat de meerwaarde van deze werkwijze is ten opzichte van onze gebruikelijke inzet. Voor de initiatieven sloten wij aan bij bestaande communicatiekanalen. De initiatieven mochten breder zijn dan afval en ondergrondse containers, maar hadden wel als einddoel dat het aantal bijplaatsingen op de locatie zou verminderen.
Bij het uitvoeren van de interventie out-of-the-box is samengewerkt met (voor de aanpak bijplaatsingen) nieuwe partners in de stad. Een deel van de acties moet nog worden uitgevoerd, het directe resultaat op bijplaatsingen daarvan is ten tijde van de evaluatie nog niet bekend. Wel is het advies nu al om de methoden die bij deze interventie tot nu toe zijn uitgeprobeerd voor te zetten én om de samenwerking met nieuwe partners te behouden. Zie voor meer informatie paragraaf 2 tot en met 8 van dit hoofdstuk.
10.2 Uitvoering Het plan van aanpak voor deze interventie is in verschillende stappen opgebouwd, waarbij veel aandacht voor het opbouwen van relaties met nieuwe partners en bewoners in een wijk is gereserveerd. Woningcorporaties, welzijnsorganisaties en stadsdelen hebben samen met de projectleider verschillende probleemgebieden gedetecteerd, waarna voor deze gebieden kleine projectgroepen zijn gevormd. Samenwerking met ongebruikelijke maar relevante partners om de bijplaatsingen aan te pakken was een belangrijk doel van deze interventie. Deze samenwerking is in alle focusstadsdelen gevonden door via bijvoorbeeld de communitybuilder en de milieubeheerders in contact te komen met organisaties in de wijk. Zo waren er partners als de Moerwijk Coöporatie maar ook groepen actieve bewoners, zoals de Poolse gemeenschap of betrokken bewoners bij probleemlocaties Laak. Op de overlastlocaties is met betrokkenen een wensbeeld gevormd en vanuit dat wensbeeld is de benodigde aanpak ontwikkeld. Die methode heeft tot het ontwikkelen van 5 acties geleid. De acties zijn (deels) op verschillende locaties binnen de 3 focusstadsdelen uitgevoerd: •
•
Feestjes vieren: In tegenstelling tot het treffen van maatregelen waar afval aanbieden niet op de juiste wijze gebeurt, wordt bij deze interventie een feestje gevierd wanneer het juist op de goede wijze plaatsvindt. Dit gebeurt met het opfrissen van de straat met een bloembak, of het aanbieden van taart aan een (nieuwe) ORAC containercoach/adoptant. De actie is vooral gericht op het uitvergroten van voorbeeldgedrag, versterkt door media-aandacht. Het verbinden van af- of toename van bijplaatsingen als gevolg van deze eenmalige feestmomenten is moeilijk meetbaar gebleken. De actie ‘Feestjes vieren’ is gecombineerd met de werving van nieuwe containercoaches/adoptanten. Portiek poetsen: Bij portiek poetsen wordt de problematiek van vieze gemeenschappelijke binnenruimtes verbonden aan de omgang met de straat; de gemeenschappelijke buitenruimte. Tijdens ludieke portiekpoetsacties waaraan in samenwerking met woningcorporaties en bewonersorganisatie ‘Gewoon Sociaal’ invulling is gegeven, wordt ook ingegaan op de regels rondom afval aanbieden en het schoonhouden van de straat. Bij deze 45
•
•
actie is een Haags icoon, Haagse Harry, ingezet om mensen ‘wakker te schudden’ en te informeren over de actie. Samenwerking Welzijn in Laak: Samen met de Pools sprekende welzijnswerker is in contact met onder andere de Pools sprekende buurtbewoners ingezet op de aanpak van afvaloverlast. De actie bestaat uit 3 dagen waarbij gele zakken worden uitgedeeld, een flyer ‘van de buurt, voor de buurt’ wordt aangepast en waarbij de flyer wordt uitgedeeld. Voor het aanpassen van de flyer is een fotoshoot georganiseerd waarmee actieve betrokkenen op inspirerende wijze worden uitgelicht. Bewonersbijeenkomst probleemgebied: In stadsdeel Centrum is voor twee probleemgebieden intensief gesproken met bewoners, de welzijnsorganisatie en de woningcorporatie over mogelijke acties. Acties uitvoeren bleek binnen de afgelopen periode niet realiseerbaar, mede omdat de acties vooral uit zouden komen op de inzet van handhaving. De besprekingen hebben er wel toe geleid dat voor een van de gebieden een bewonersbijeenkomst zal worden georganiseerd om samen met de buurt te brainstormen over het schoonkrijgen en houden van de containerlocaties.
De uitvoering van verschillende acties staat ten tijde van het opstellen van deze evaluatie (deels) nog gepland. De realisatie is vertraagd als gevolg van de COVID-19 maatregelen; de benodigde interactie met bewoners voor bijvoorbeeld een schoonmaakactie was lange tijd lastig om in te plannen. De extra tijd die hierdoor beschikbaar kwam, maakte het wel mogelijk om de acties zorgvuldig voor te bereiden. Hiervoor zijn aangepaste methoden gebruikt, zoals een online brainstormsessie met bewoners. Om de acties alsnog te realiseren, loopt de out-of-the-box interventie ook na het opstellen van deze evaluatie door. Realisatie van alle geplande acties is verwacht in december 2021.
10.3 Data De interventie bestaat uit vijf acties. Voor elke actie wordt per maand bijgehouden wat de ontwikkeling is van het aantal stops bijplaatsingen. Voor elke actie zijn op basis van afstand tot de locatie waar de interventie heeft plaatsgevonden ORAC-locaties geselecteerd. Deze ORAC-locaties worden gemonitord op bijplaatsingen. Als gevolg van de vertraging in de uitvoering, is alleen de data voor de actie ‘feestjes vieren’ in deze evaluatie opgenomen. Aan de hand van de selectie van ORAC-locaties wordt de ontwikkeling in bijplaatsingen per interventie op twee manieren inzichtelijk gemaakt. 1. De ontwikkeling in het totaal aantal stops (grofvuil, huisvuilzakken en dozen) voor het totaal aan ORAC-locaties binnen het gebied van de out-of-the-box actie. 2. De maandelijkse ontwikkeling in de gemiddelde hoeveelheid bijplaatsingen per ORAC-locatie. Elke ORAC-locatie wordt maandelijks op basis van het gemiddelde aantal stops voor bijplaatsingen ingedeeld in één van de vijf categorieën. o ‘Geen categorie’ – minder dan 0,8 stops voor bijplaatsingen gemiddeld per week o ‘Blauw’ – tussen de 0,8 en 1,5 stops voor bijplaatsingen gemiddeld per week o ‘Oranje’ – tussen de 1,5 en 3 stops voor bijplaatsingen gemiddeld per week o ‘Rood’ – tussen de 3 en 4 stops voor bijplaatsingen gemiddeld per week o ‘Vlag’ – meer dan 4 stops voor bijplaatsingen gemiddeld per week
46
Op basis van een gemiddelde van zeven maanden voor de start van de interventie (tot en met april) is voor elke ORAC-locatie een referentiecategorie berekend. De ambitie is om per ORAC-locatie een verbetering te realiseren. Die verbetering moet minstens een categorie lager zitten dan de referentiecategorie (vlag wordt rood; rood wordt oranje enz.).
Voorbeeld De ORAC-locatie Delagoastraat 2 heeft over de maanden september tot en met april een gemiddeld aantal bijplaatsingen per week van 3,6. Omdat dit gemiddelde tussen de 3 en de 4 zit, is de referentiecategorie van de Delagoastraat 2 ‘rood’. De ambitie voor deze categorie is om minstens in categorie oranje (tussen de 1,5 en 3 bijplaatsingen) uit te komen. Voor de ORAC-locaties die per actie zijn geselecteerd wordt inzichtelijk gemaakt of de categorie is verbeterd (ambitieniveau behaald), gelijk is gebleven of is verslechterd ten opzichte van de referentiecategorie. Actie feestje vieren (stadsdeel Centrum) Totaal ORAC-locaties: 16 Looptijd interventie: 12 mei en 14 juni 2021 ORAC-locaties feestjes vieren
Stops totaal*
Toe/af-name**
Stadsdeel Centrum
Stops totaal*
Toe/af-name**
3907
Den Haag totaal
Stops totaal*
Toe/af-name**
December 20
244
10471
Januari 21
224
-8%
3247
-17%
8752
-16%
Februari 21
252
13%
2622
-19%
7138
-18%
Maart 21
317
26%
3295
26%
9517
33%
April 21
307
-3%
3.459
5%
9159
-4%
Mei 21
228
-26%
3357
-3%
8906
-3%
Juni 21
149
-35%
3720
11%
9568
7%
Juli 21
97
-35%
2978
-20%
7966
-17%
Augustus 21
111
14%
2679
-10%
7273
-9%
Bij de vooraf geselecteerde ORAC-locaties is gedurende de looptijd van de interventie een afname in aantallen stops waarneembaar. Zo is er een afname van 26% en 35% in de maanden mei en juni. In vergelijking met het stadsdeel en de stad is de afname in stops vele malen sterker in die maanden. Ook in juli wordt de dalende lijn voorgezet. In die maand zijn er 97 stops nodig voor het verwijderen van bijplaatsingen. Dat is een afname 35% ten opzichte van de vorige maand. In augustus is er met 111 stops een toename van 14% in de groep van geselecteerde ORAC’s. Vergeleken met de voorgaande maanden is het totaal van 111 nog redelijk laag. Zo waren er in april nog 307 stops nodig bij de selectie van ORAC-locaties.
47
Ontwikkeling van bijplaatsingen voor ORAClocaties Verslechterd
Gelijk
Verbeterd 13
14 11
12
10
10 7
8
6
6
6 4
4
3 1
2
3 0
0
0 mei
juni
juli
augustus
Toelichting: in totaal zijn 16 ORAC-locaties gemonitord op bijplaatsingen. Gedurende de looptijd van de actie (maanden mei en juni) is er een aanzienlijke verbetering opgetreden. Zo zijn er in mei 3 ORAC-locaties verslechterd. In juni is dat er nog maar één en in juli en augustus nul. Ook het aantal ORAC-locaties wat tijdens en na de interventies verbeterd ten opzichte van de referentiecategorie groeit gestaag. Van zes in mei naar dertien in juli. In augustus is een kleine stagnatie te zien ten opzichte van de maanden ervoor.
10.4 Financiën Voor de out-of-the-box interventie was 50.000 euro geraamd. Na afronding van de interventie is naar verwachting ongeveer 50% van dit bedrag besteed. Hiermee zijn de gerealiseerde kosten voor de interventie out-of-the-box binnen de raming gebleven. Omdat de acties nog doorlopen tot en met december nemen de kosten na opmaak van deze evaluatie nog toe. Er wordt echter geen overschrijding van de geraamde kosten verwacht.
10.5 Arbeidsintensiviteit De interventie out-of-the-box is arbeidsintensief; naast de inzet van de projectleider zijn diverse mensen vanuit de gemeentelijke organisatie betrokken. Het gaat door bestaande lijnen heen, kent een andere (vormvrije) aanpak en komt erbij naast bestaand werk.
10.6 Bijkomende effecten De samenwerkingsverbanden met de woningbouwcorporaties zijn bij deze interventie versterkt, dit effect verspreid zich tot in de stadsdelen op operationeel niveau. Ook zijn er verbindingen gelegd met welzijnsorganisaties zoals Zebra Welzijn en Mooi Welzijn, dit zijn partners waarmee samenwerking op afvaloverlast nog niet eerder vanzelfsprekend was. Daarnaast is gewerkt met organisaties zoals de Moerwijk Coöporatie en ‘Gewoon Sociaal’, ook met deze partijen werd eerder nog niet als vanzelfsprekend samengewerkt op thema’s zoals afval. In projectgroepen zijn de verschillende lokale partners samengebracht. Als gevolg van de COVID-19 maatregelen is geëxperimenteerd met een ander soort vorm van bewonersconsultatie, namelijk een digitale brainstorm. Hierdoor bleef het voorbereiden van een interventie ook tijdens de COVID-19 maatregelen mogelijk. Voor de verschillende acties is meermalen persaandacht geweest, door actief over de acties te communiceren is de boodschap breder verspreid dan alleen op de betreffende locatie.
48
10.7 Analyse De resultaten van de interventies zijn, ondanks dat het geen wetenschap betreft, zo passend en zorgvuldig mogelijk gemonitord. De gegevens die hierbij zijn verzameld, worden in onderstaande tabel samengevat. De opsomming in de tabel toont overzichtelijk aan welke onderdelen positief zijn uitgepakt (groen) en op welke onderdelen een negatief resultaat is geboekt (rood). In sommige gevallen is het resultaat niet als positief en ook niet als negatief te beoordelen (oranje). Beoordeling per onderdeel 10.2 Uitvoering volgens plan verlopen?
Deels, COVID-19 maatregelen beperkten interactie
10.3 Vermindering van bijplaatsingen bereikt?
Bij feestjes vieren is een daling te zien, verband met de interventie is lastig aan te tonen.
10.4 Kosten binnen begroting en in verhouding tot de werkzaamheden?
De interventie is binnen de begroting uitgevoerd
10.5 Arbeidsintensiviteit in verhouding tot resultaat?
Out of the box is erg arbeidsintensief, maar nieuwe verbindingen zijn ook voor de toekomst gemaakt
10.6 Positief effect op andere doelen gemeente?
Veel samenwerking met andere en nieuwe partijen
10.8 Conclusie en vervolg De interventie out-of-the-box was erop gericht om te onderzoeken of met nieuwe partners nieuwe en kansrijke ideeën konden worden ontwikkeld en uitgevoerd om bijplaatsingen tegen te gaan. Uitvoering De interventie is inhoudelijk volgens plan verlopen, het contact met nieuwe partners is gelegd en er zijn nieuwe ideeën uit ontstaan (zoals het portiek poetsen). De uitvoering is vertraagd als gevolg van de COVID-19 maatregelen. De invloed van de acties op bijplaatsingen is, op basis van de actie die op het moment van de evaluatie is afgerond, daardoor niet goed terug zien in de data. Nieuwe partners Nieuwe partners voor het ontwikkelen van acties zijn onder andere door tussenkomst van de communitybuilder en de milieubeheerders gevonden. Zij weten welke partijen in de wijk ruimte hebben en kennen hun voorwaarden. Welzijnsorganisaties, zoals opbouw- en maatschappelijk werk en organisaties zoals ‘Gewoon sociaal’ bleken een goede en voor dit thema nieuwe schakel naar bewoners te zijn. Samenwerking met deze partners en communiceren over acties heeft bijgedragen aan het verspreiden van onze boodschap; ‘Een schone buitenruimte belangrijk is en daar werken we gezamenlijk aan’.
Nieuwe overlegwijzen met bewoners en organisaties in de stad en andersoortige acties waarbij bijvoorbeeld gelijktijdig op de binnen- en buitenruimte is gefocust, zijn bij deze out-of-the-box interventie uitgeprobeerd. Dit heeft onze toolbox vergroot. Kosten, arbeidsintensiviteit De out-of-the-box interventie is binnen de daarvoor beraamde middelen uitgevoerd. Wel is de interventie erg arbeidsintensief. Het vergt veel overleg en afstemming om op een andere wijze dan gebruikelijk, niet volgens de reguliere protocollen en processen, acties te ontwikkelen. Deze investering in tijd, kan zich op de langere termijn terugverdienen omdat wij partners in de stad nu makkelijker kunnen vinden en benaderen. En omgekeerd, weten deze partners ons nu ook beter te vinden.
49
Advies De out-of-the-box interventie is na uitvoering van de laatste acties afgerond, dat is naar verwachting in december 2021. De afronding betekent niet dat ervaring verloren gaat. Met de interventie is ervaring en kennis opgedaan over hoe lokaal met nieuwe partners en bewoners, buiten de gebaande paden, kan worden ingezet op overlastlocaties. De verbinding met welzijnsorganisaties is gemaakt en de contacten en ervaringen kunnen worden gebruikt bij nog te ontwikkelen participatieactiviteiten. Inmiddels zijn de verbindingen met de stadsdelen ook versterkt waardoor zij in de toekomst gezamenlijk acties kunnen initiëren. Het advies is om bij participatieactiviteiten gebruik te blijven maken van deze werkwijze en samen te blijven weken met de nieuwe partners.
50
11. Voorstel tweede jaar 11.1 Lessons learned organisatie eerste jaar De ervaringen en lessen uit het eerste jaar nemen we mee bij de organisatie voor het tweede jaar. Experimenteren Het werken aan experimenten (die ook mogen mislukken) is belangrijk om te leren. Voor sommige betrokkenen was dit echter nieuw en vroeg dit om extra afstemming. Regulier bleek men erop gericht vooral interventies te stapelen totdat er effect is bereikt, waarbij het effect van een specifieke interventie nog maar moeilijk te detecteren is. Draagvlak en mandaat vanuit de Keten Schoon was voor de projectleiders noodzakelijk om de interventies in de praktijk te kunnen organiseren, ook wanneer hiervoor een andere route of andere werkwijze werd gehanteerd dan gebruikelijk. Daarnaast zal in het tweede jaar bij de organisatie meer expliciet worden gemaakt dat met experimenten wordt gezocht naar effectieve elementen. Monitoring Het opzetten van de monitoring is het eerste jaar intensief geweest, er is kennis en ervaring opgedaan met de keuze van cijfers om een representatief beeld van het effect van de interventie op bijplaatsingen in het gebied te schetsen. Dit heeft erin geresulteerd dat het aantal stops in een gebied (algemeen beeld) is gecombineerd met de ontwikkeling van de hoeveelheid bijplaatsingen per ORAC-locatie (genuanceerder beeld bij specifieke containers).
Bij sommige interventies bleek het niet of lastig mogelijk om de interventie direct aan het resultaat op bijplaatsingen te koppelen, zoals bij de meertalige flyer. Hierbij was het vooral van belang om te achterhalen of informatieoverdracht begrijpelijk was en voor een grotere doelgroep dan gebruikelijk plaatsvond. Online werken met bewoners Werken tijdens de COVID-19 maatregelen confronteerde ons met belemmerende factoren zoals de mogelijkheid om met bewoners samen te komen. Hierdoor hebben wij echter ook ervaring kunnen opdoen met de organisatie en uitvoering van online brainstormsessies in de wijk. Betrekken netwerkorganisaties Met de out-of-the-box interventies zijn welzijnsorganisaties zoals Mooi Welzijn, Zebra Welzijn maar ook bijvoorbeeld “Gewoon sociaal” betrokken bij beheerstaken van de gemeente. Deze samenwerking biedt ook voor de toekomst een mooie manier om met bewoners in een wijk in contact te komen over afval gerelateerde overlast. Van woningbouwcorporaties vragen we expliciet om met ons samen te werken bij de uitvoering van nieuwe acties. Samen voor een schone stad vraagt tijd en afstemming Wijkambassadeurs zijn vrijwilligers, maar krijgen in ruil voor hun inzet voor een schone stad wel een vergoeding.
Hiermee dragen de wijkambassadeurs hun eigen boodschap en die van het college uit: We gaan samen voor een schone stad! Deze rol vergt een verbindende rol van zowel de gemeente als van de wijkambassadeur, waar wederzijds begrip en samenwerking voorop staat om tot resultaat te kunnen komen. Deze samenwerking blijkt logischerwijs om regelmatige afstemming te vragen en vergt van beide partijen veel inzet, tijd en betrokkenheid. Die investering leidt op korte termijn niet altijd tot direct resultaat op straat, maar wel tot een toename in het vertrouwen dat het samen kan en dat er oplossingen komen.
51
11.2 Hoe zijn we tot nieuwe experimenten/interventies gekomen Om in het tweede jaar tot gedragen nieuwe experimenten te komen, zijn met de volgende acties ideeën verzameld: • • • • • • • • •
Werksessie met stadsdeelmedewerkers (milieubeheerders) Inventarisatie bij woningcorporaties Gesprekken met bewoners (en -verenigingen) Gesprekken met (en plannen van) welzijnsorganisaties Kennis van de aanpak in andere grote steden Raadpleging mogelijke interventies bijlage 2 Actieplan Schone stoep (RIS 305593) Werksessie met ketenpartners Schoon (zoals de Haagse Milieu Services en het Haags Veegbedrijf) Ervaringen projectleden en – leiders van de interventies uit het eerste jaar van het Actieplan Wensen van de raad, zoals motie Cameratoezicht bij hotspots afvaldumping (RIS 305977)
Wanneer werd aangegeven dat de reguliere aanpak op punten verbeterd dient te worden, is dit bij de betrokken partners belegd, deze verbeterslagen kunnen buiten het Actieplan om worden opgepakt. Denk bijvoorbeeld aan het plaatsen van ORAC’s in zakkenwijken, dit proces kent een eigen traject. Vanuit de overige vernieuwende ideeën is een selectie gemaakt van vaak genoemde en haalbare interventies.
11.3 Kaders tweede jaar In het tweede jaar van het Actieplan experimenteren we wederom met interventies tegen bijplaatsingen. Op basis van onze opgedane kennis en ervaring, weten we dat de volgende kaders van belang zijn: • • • • • •
•
Experiment: Het doel van de interventies, namelijk onderzoeken wat het effect van een interventie is, wordt bij aanvang aan alle betrokkenen kenbaar gemaakt. Plan van aanpak: Een interventie start niet voordat er een duidelijk plan van aanpak is, waarin het doel, werkwijze en dataverzameling wordt vastgelegd. Voortgang: Dit plan van aanpak wordt vertaald in een voortgangsrapportage, waarin de doelen en werkwijze structureel worden bijgehouden. Data-efficiëntie: We gebruiken voor alle interventies een zo een eenduidig mogelijke wijze van monitoring en data-analyse. Creativiteit: We geven onszelf de ruimte om binnen de kaders van het Actieplan ongebruikelijke paden te verkennen en bewandelen. Context: Gedurende de looptijd van het Actieplan worden andere acties tegen bijplaatsingen in de stad besproken in de Keten Schoon. Zo voorkomen we dat de monitoring van de actie onbedoeld door andere acties wordt verstoord. Actieplan is niet regulier: De Keten Schoon houdt oog voor de reguliere aanpak pakt knelpunten op. Het Actieplan is niet in plaats van een goede reguliere aanpak.
52
12. Interventie Inzet op doelgroep jongere bewoners Het wordt geregeld duidelijk dat afvalregels op locaties waar veel jongeren in Den Haag woonachtig zijn niet worden nageleefd. Dit zien we aan afval dat zowel binnen als buiten de complexen onjuist wordt aangeboden, ook wanneer er maatregelen zijn getroffen om dit te bemoeilijken. Voor stadsdelen en woningcorporaties blijkt het lastig om betrokkenheid te creëren bij jongeren bij een schone omgeving. Jongeren blijven vaak voor een kortere periode op de locatie woonachtig. Met deze interventie wordt gezocht naar een mogelijkheid om overlast van afvaldumpingen bij jongerencomplexen te verminderen. Doel: Minder bijplaatsingen bij jongerencomplexen. Wijze van uitvoering: in samenwerking de woningbouwcorporaties en vertegenwoordigers van de jongeren bespreken hoe de bijplaatsingen verminderd kunnen worden, er zal gekeken worden naar de voorzieningen, de communicatie gericht op gedragsverandering (en met name betrokkenheid creëren bij de omgeving waar je woont) en naar handhavingsmaatregelen (“belonen en straffen”). Tijdsplanning: planvorming 3 maanden, voorbereiding 2 maanden, maatregelen inzetten 6 maanden Kostenraming: 35.000
53
13. Interventie Cameratoezicht Op 14 juli 2020 werd door de gemeenteraad de motie Cameratoezicht bij hotspots afvaldumping (RIS 305977) aangenomen. Met de afdoening van deze motie is het volgende toegezegd: “De komende periode zal worden onderzocht of hiervoor met een pilot cameratoezicht gestart kan worden. Als uit onderzoek blijkt dat dit mogelijk is, zal er een pilot worden uitgevoerd bij containers waar vaak afvaldumpingen plaatsvinden, zogenoemde hotspots.” Zoals toegezegd is onderzoek gedaan naar de juridische basis, privacy en organisatie. Dat onderzoek is afgerond en biedt mogelijkheden voor een vervolg met preventief cameratoezicht op hotspots. Op basis van de kaders en voorwaarden die in de driehoek aan een vervolg zijn gesteld en met als uitgangspunt “privacy by design”, zal een project- en communicatieplan worden opgesteld. Dit omvat onder andere de keuze en huur van camera’s, de opslag en verwerking van de beelden, de operationele regie, het uitvoeren van de benodigde privacytoetsen, de informatievoorziening voor omwonenden en betrokkenen, het aanwijzen van een gebied en de plaatsing van de camera’s. Het streven is om de camera’s op experimentele basis voor het einde van 2021 te plaatsen. Bij de aangewezen ORAC’s zal onder andere worden onderzocht of en in welke mate cameratoezicht bij hotspots bijdraagt aan de vermindering van bijplaatsingen.
Het cameratoezicht zal niet als geïsoleerde interventie worden uitgevoerd maar sluit aan bij de realiteit. Andere maatregelen, zoals schoonmaakacties die in de buurt plaatsvinden hebben invloed op het resultaat. Hier wordt bij de monitoring rekening mee gehouden. Het inzetten van cameratoezicht heeft als bijeffect dat het ons informatie over mogelijke hottimes verschaft. Ook eventuele waterbedeffecten naar andere locaties worden inzichtelijk gemaakt. Deze informatie laten wij na de uitvoering van deze interventie niet verloren gaan. We gebruiken de informatie om passende maatregelen in te treffen. Waar we kennis hebben van hottimes, zal ingezet worden met handhaving in burger. Op deze wijze krijgt de interventie Handhaving in burger uit het eerste jaar op een meer gerichte wijze vervolg. Doel: Tegengaan van bijplaatsingen op locaties waar cameratoezicht plaatsvindt. Wijze van uitvoering: Op basis van verschillende experimenten wordt onderzocht of en op welke wijze cameratoezicht bijdraagt aan het terugdringen van bijplaatsingen. Tijdsplanning: Experiment vindt in 2021/2022 plaats Kostenraming: De kosten voor dit experiment vallen buiten de kosten van het Actieplan Schone stoep.