RIS310723 bijlage
Tekst van het document
STEENHUISMEURS BV
49
GEBOUWDOSSIER CS OOST
Centraal Station Oplevering: 1976 Architect: N.V. Spoorwegopbouw (K. van der Gaast) Functie: stationshal, kantoorgebouw van 11 verdiepingen, spooremplacement met semi-metrohaltes en busstation daarboven. Meerlaagse parkeergarage en onder de stationshal een fietsparkeergarage.
Babylon Oplevering: Architect: Interieur: Functie:
Het kantoorgebouw op het station kwam voort uit de wens om het stationsplein met ‘een gebouw van allure’ te begrenzen. Bij de bouw van het station werd rekening gehouden met de eventuele verlenging van de spoorlijnen naar Scheveningen.
Bronnen ‘Plan voor station Den Haag C.S.’ Bouw, 11-04-1970, 635. ‘Den Haag C.S.’, Polytechnisch Tijdschrift 26-6-1970. ‘Haagse stationsprobleem nog niet opgelost met Den Haag Centraal’ (1976). Wonen-TA/BK 14, 3-4 Hezik, M. van (1978). ‘Cityvorming rondom Station Den Haag Centraal’, de Architect 9 (9), 78-93.
50
CENTRAL INNOVATION DISTRICT DEN HAAG EN OMGEVING
Centraal Station, 1975. [HGA] Interieur van winkelcentrum Babylon, 1982. [HGA]
1978 Lucas en Niemeijer Janos Bartok winkels, kantoren (1500 personen), hotel (144 kamers waaronder 24 luxe hoeksuites), 2 bioscopen, food court, computer service center en lichtdrukservice. Twee parkeerkelders
De naam Babylon was niet alleen gebaseerd op het trapsgewijs opgebouwde volume, maar ook op de veelzijdigheid van functies en het ‘enigszins exotische’ interieur met fonteinen en sculpturen van Bartok.
Bronnen Hezik, M. van (1978). ‘Cityvorming rondom Station Den Haag Centraal’, de Architect 9 (9), 78-93.
Rijksarchief, R. Scheers, 1980. [HGA]
Algemeen Rijksarchief Oplevering: 1979 Architect: S. Schamhart Functie: 9 verdiepingen met daarover verdeeld het Rijksarchief met studiezaal voor 200 bezoekers en een depot van 26.000 m2, Rijksarchiefschool, Centraal Bureau voor Genealogie, Iconografisch Bureau en Koninlijk Geslachts- en Wapenkundig Genootschap. Bij de bouw werd rekening gehouden met een flexibele indeling. De vloeren van het depot zijn extra dik uitgevoerd, zodat, als de studiezaal moest uitbreiden, de depotruimte door het plaatsen van zogenaamde compactusstellingen kon slinken.
Bronnen Hezik, M. van (1978). ‘Cityvorming rondom Station Den Haag Centraal’, de Architect 9 (9), 78-93.
Conservatorium met links de Utrechtsebaan en onder het Prins Bernardviaduct, Stokvis, 1980
Koninklijk Conservatorium Oplevering: 1980 Architect: L.H.P. Waterman Functie: les- en ontmoetingsruimtes, concertzaal, theaterzaal, bibliotheek, balletschool, studiezalen en havo- en mavoschool. De architect, zelf bekwaam cellist, wilde stilte en geborgenheid scheppen op een uiterst druk verkeerspunt en gebruikte daarom de meer gesloten volumes (zoals de concertzaal) als buffer tussen het geraas en de stille hoven in het hart van het gebouw. De voorgevel met bandramen onderbrokken door kleine erkers doet denken aan een notenbalk.
Bronnen Hezik, M. van (1978). ‘Cityvorming rondom Station Den Haag Centraal’, de Architect 9 (9), 78-93. Straatman, F., ‘Koninklijk conservatorium in droombehuizing’, Trouw, 28 maart 1980 Knijtijzer, H., ‘Een introverte, begaafde architect. L.H.P. Waterman in Londen overleden’, NRC, 31-08-1988.
Links de Koninklijke Bibliotheek en op de achtergrond het Ministerie van Buitenlandse Zaken, C.L. van Pelt, 1985. [HGA]
Ministerie van Buitenlandse Zaken, 1989. [HGA]
Koninklijke Bibliotheek Oplevering: 1982 Architect: Arie Hagoort van OD205 Functie: Koninklijke Bibliotheek, Rijksbureau voor Kunsthistorische Documentatie, Nederlands Letterkundig Museum en Documentatiecentrum, het Bureau van de Rijkscommissie voor de Vaderlandse Geschiedenis.
Ministerie van Buitenlandse Zaken Oplevering: 1984 Architect: D.C. Apon van Apon, Van den Berg, Ter Braak en Tromp Functie: Kantoor voor ca. 1200 ambtenaren. Ondergrondse parkeergarage. Magazijnen, archieven en postdiensten op begane grond, entreehal, bedrijfsrestaurant en vergaderzalen op eerste verdieping, daarboven kantoren.
Voor het definitieve ontwerp van het complex ging Hagoort uit van een modulair maatsysteem. De hart-op-hartafstand was gebaseerd op de diepte van de stellingkasten en breedte van de tussenpaden.
Vanwege het krappe plot kreeg het gebouw een kruisvorm met diagonale opzet, om zo de langst mogelijke gevellengte te realiseren en daarmee maximale daglichttoetreding mogelijk te maken.
Bronnen Hezik, M. van (1978). ‘Cityvorming rondom Station Den Haag Centraal’, de Architect 9 (9), 78-93. ‘Koninklijke Bibliotheek te ‘s-Gravenhage’, Bouw 21, 15-101983, 44-50. Zwinkels, C. (1982). ‘De context van de Koninklijke Bibliotheek’, de Architect 13 (12), 42-54.
Bronnen Hezik, M. van (1978). ‘Cityvorming rondom Station Den Haag Centraal’, de Architect 9 (9), 78-93. Zwinkels, C. (1982). ‘De context van de Koninklijke Bibliotheek’, de Architect 13 (12), 42-54. ‘Ministerie van Buitenlandse Zaken te ‘s-Gravenhage’, Bouw 19, 14-09-1985.
STEENHUISMEURS BV
51
Paleis van Justitie, met links een van de twee bruggebouwen van Zwarts & Jansma, foto door Paul Lunenburg, van Dienst Stedelijke Ontwikkeling, 2001. [HGA]
Paleis van Justitie Oplevering: 1973, uitbreiding 1996 Architect: F. Sevenhuysen. Uitbreiding N.C. van Vugt van Elleman Lucas Van Vugt Functie: In de laagbouw openbare zittingzalen, in de hoogbouw kantoren, vergaderruimten en administratieve functies Het Paleis van Justitie was een van de eerste grootschalige nieuwbouwprojecten in CS-oost. Het oorspronkelijke gebouw bestond uit een laagbouwdeel, met daarboven een hoogbouw van elf bouwlagen. Later is het gebouw uitgebreid met een tweede hoogbouw, met gevels van rosebeige Braziliaans graniet.
Bronnen ‘Uitbreiding Paleis van Justitie’, Bouw 20, 2-10-1992.
52
CENTRAL INNOVATION DISTRICT DEN HAAG EN OMGEVING
STEENHUISMEURS BV
53
54
Uitbreiding van het Paleis van Justitie door Van Vught, 1996. [SteenhuisMeurs]
De Zürichtoren naar ontwerp van César Pelli, opgeleverd in 1999. De Muzentoren naar ontwerp van Rob Krier (niet afgebeeld) is ook onderdeel van De Resident, opgeleverd in 2001. [WC]
CENTRAL INNOVATION DISTRICT DEN HAAG EN OMGEVING
Castalia, het getransformeerde en opgetopte Transitorium, naar ontwerp van Michael Graves, geopend in 1998.
De Hoftoren, naar ontwerp van Kohn Pedersen Fox Associates, opende in 2003 [WC].
7. DE GEFRAGMENTEERDE STAD VERDER VERDICHT, 199 3-HEDEN Met het wethouderschap van Adri Duivesteijn van 1980 tot 1989 was er een andere wind gaan waaien. Internationale architecten werden, in combinatie met publiek-private arrangementen met marktpartijen, ingezet om de stad te vernieuwen. Zo’n publiek-privaat initiatief was de Stichting Den Haag Nieuw Centrum, opgericht in 1994, en nog altijd actief. Ontwikkelaars Hans van Veggel van Multi, Ton Meijer van MAB, directeur-generaal en Rijksgebouwendienstambtenaar Frans Evers, voormalig wethouder Adri Duivesteijn en zijn opvolger Peter Noordanus werkten gezamenlijk aan het stadhuis (1995), Turfmarkt, Spuiplein, Wijnhavenkwartier, Muzentoren, Muzenplein en andere projecten. Achtergrond van de samenwerking was het versterken van de centrumfunctie van Den Haag voor ministeries, deels door het ‘terughalen’ van ministeries uit Zoetermeer en Laan van NOI (zoals het Ministerie van Sociale Zaken van architect Herman Hertzberger, opgeleverd in 1990, nu slooplocatie). Tussen de singelgracht en het Centraal Station De overkluizingsplannen van de Utrechtsebaan, met de Malietoren (1996) en de overbouwingen ter hoogte van van de Theresiastraat, de Juliana van Stolberglaan en de Jan Pietersz. Coenstraat kregen ook in deze periode gestalte – allemaal pogingen om de wond van de verdiept gelegen autosnelweg te verzachten.
Ter hoogte van het Paleis van Justitie waren meerdere ingrijpende bouwplannen, waaronder twee woongebouwen aan de Juliana van Stolberglaan en het Prins Bernardviaduct, een grootschalige uitbreiding van het Paleis van Justitie (Ellerman, Lucas, Van Vught, 1997) en twee brugoverbouwingen (Zwarts & Jansma, 1999). De Spaanse Joan Busquets kreeg de
De Koningstunnel onder de Rijnstraat wordt aangelegd, op de foto de inrit onder de Koekamp met het Centraal Station op de achtergrond. Foto van Stokvis, 1997. [HGA]
opdracht om samenhang te scheppen en de tussenliggende buitenruimte in te richten. Hij stelde een vierkant plaza voor dat over de Utrechtsebaan heen lag. De verdiepte snelweg werd deels overkapt, maar de voorgestelde voetbruggen zouden niet worden gerealiseerd (zie ook hoofdstuk Ruimtelijke analyse ontwikkellocaties). Busquets richtte ook de Beatrixlaan en de Turfmarkt opnieuw in. Zijn hand is nog zichtbaar bij de Beatrixlaan in de natuurstenen banen van de trottoirs, maar een groot deel van de Turfmarkt is inmiddels opnieuw ingericht als onderdeel van de Haagse Loper. Het gebied rond het Centraal Station ging gebukt onder een enorme hoeveelheid verkeersaders en mensenstromen. Om het gebied voetgangersvriendelijker te maken en de verbinding tussen het station en het centrum via de Turfmarkt te verbeteren, werd in 1998 een verkeerstunnel onder de Rijnstraat, de Koningstunnel, opgeleverd. Het nieuwe millennium betekende ook nieuwe skyscrapers, de bouwhoogte werd in 2001 nog verder opgerekt. In 2003 werd de Hoftoren opgeleverd met een legendarische hoogte van 141,90 meter. Tot dan toe waren vooral kantoren of andere commerciële gebouwen afgebroken.
In 2008 werd echter het sociale woningbouwcomplex de Zwarte Madonna van Weeber gesloopt om plaats te maken voor de JuBiTorens, 146 en 131 meter hoog, waar de Ministeries van Justitie en Binnenlandse Zaken introkken na de oplevering in 2012. Dit werd gedaan onder luid protest van bewoners en er werd zelfs een rechtszaak gespannen, die in hoger beroep werd verloren.
STEENHUISMEURS BV
55
56
Uit het Masterplan Den Haag Nieuw Centraal, 2003. [commissiemer.nl]
CENTRAL INNOVATION DISTRICT DEN HAAG EN OMGEVING
Het Anna van Buerenplein, met op de voorgrond de witte tegels van de fontein en links achterin het nieuwe University College naar ontwerp van Wiel Arets. [SteenhuisMeurs]
Den Haag Nieuw Centraal, 2003 Den Haag Nieuw Centraal heette het sleutelproject van de gemeente Den Haag in samenwerking met onder andere NS en ProRail. In 2003 werd het masterplan naar ontwerp van Kraaijvanger Urbis en de Dienst Stedelijke Ontwikkeling gepresenteerd. Aanleiding was onder andere de komst van de Randstadrail, met de ruimtelijke afwikkeling van dien en het groeiende aantal reizigers. Het sleutelproject kende zeven focusplekken, die als vierkant blokje in een schuifspelletje werden weergegeven. Wat opvalt is wederom het denken in objecten, in strak begrensde ontwikkelplots, waarmee het lastig wordt om vanuit de logica van de openbare ruimte een goed functionerend stadsweefsel te maken. De voorgeschiedenis van het gebied, met de niveauverschillen en infrastructurele barrières maakt het gebied tot op de dag van vandaag een zeer complexe gebiedsopgave. In 2008 werd het oude winkel-kantorencentrum Babylon (1980) grondig verbouwd, waarna Den Haag, naast de Hoftoren, nu een tweede toren van 140+ meter kende. Den Haag Nieuw Centraal
De nieuwe stationshal van Den Haag Centraal, naar ontwerp van Benthem Crouwel, opgeleverd in 2016. [prorail.nl]
is inmiddels uitgebreid met de planvorming van Den Haag Central Innovation District, de volgende intensivering van het gebied, met opnieuw veel geprojecteerde sloopnieuwbouw. De zeven focusplekken waren: - Toegang tot de perrons vanaf het Prins Bernhardviaduct, inmiddels voltooid. - De inrichting van het nieuwe Anna van Buerenplein na de sloop van de parkeergarage van het station (2008) en de bouw van een nieuwe toren op dit plein. Deze toren werd de Leiden University College The Hague naar ontwerp van Wiel Arets, opgeleverd in 2003. De buitenruimte werd ontworpen door Ingenieursbureau Den Haag, met een vierkante fontein met een afbeelding van Anna van Bueren. - Transformatie van de stationshal, geopend in 2016 naar ontwerp van Benthem Crouwel Architects. Naast het busplatform op het dak werd het nieuwe startstation van metrolijn E ook in 2016 opgeleverd, naar ontwerp van Zwarts en Jansma, die tevens
-
-
-
-
Artist impression van Powerhouse Company en DELVA van het ontwerp voor het Koningin Julianaplein. De nieuwbouw overkapt een deel van het plein. [amvest.nl]
de ontwerpers waren van de Netkous in het Beatrixkwartier (2006). Het aanpassen van het busplatform boven de perrons. In 2019 werd het eerste deel, een golvende overkapping, van de herinrichting naar ontwerp van Benthem Crouwel in gebruik genomen. In 2020 zal het hele busplatform gereed zijn. Transformatie van Babylon tot New Babylon, in 2012 opgeleverd naar ontwerp van Meyer en Van Schooten. Bebouwing en aanpassing van het Koningin Julianaplein (het voorplein van het station. Het nieuwe gebouw, die een gedeelde van het plein overkapt, naar ontwerp van Powerhouse Company en DELVA, met 350 appartementen, een congrescentrum, winkels en horeca, wordt op dit moment ontwikkeld. De ‘Boulevard van het Actuele Verleden’, waarmee wordt gedoeld op de doorgangen tussen de KB en het Nationaal Archief. Planvorming hierover is nog niet rond.
STEENHUISMEURS BV
57
58
Artist impression van de publieksentree van de tijdelijke huisvesting van de Tweede Kamer in het voormalige Ministerie van Buitenlandse Zaken, naar ontwerp van Zecc architecten. [zecc.nl]
CENTRAL INNOVATION DISTRICT DEN HAAG EN OMGEVING
Artist impression van de nieuwe bebouwing ten oosten van de Koninklijke Bibliotheek: Grotius Towers, naar ontwerp van MVRDV. [mvrdv.nl]
Het voorlopig ontwerp voor het westelijke (uitgevoerde) deel van de Haagse Loper over en rond de Turfmarkt. [denhaag.nl]
CS Oost In de zone ten oosten van de Utrechtsebaan wordt het Ministerie van Buitenlandse Zaken door ZECC architecten omgebouwd tot tijdelijke zetel van de Tweede Kamer. Voor de Koninklijke Bibliotheek en het Nationaal Archief vindt planontwikkeling plaats. Meer naar het zuiden, voorbij de kansrijke herprogrammeringslocatie van het Conservatorium (zie episode 6 en de Paletkaart van de toekomst) realiseert Provast naar ontwerp van MVRDV twee woongebouwen aan de Grotiusplaats. In het Haagse Bos wordt de Malietoren-overkapping van de Utrechtsebaan naar het noorden uitgebreid met een groene brug om de verbinding tussen de Koekamp en het Bos voor wandelaars en fietsers te verbeteren. Haagse Loper In 2013 presenteerde de gemeente Den Haag het openbare ruimte kader De Haagse Loper; om het ‘binnenstedelijk’ karakter van het Nieuwe Centrum op ooghoogte te benadrukken. De Haagse Loper zou de routes en sferen vanaf het Centraal Station met het Spui en de Theresiastraat verbinden. Een deel van de Loper, van de Zwartebrug tot de Wijnhaven is opgeleverd. De inrichting van het Anna van Buerenplein aan de oostzijde van het Centraal Station was eerder al afgerond. Ook de passage onder het vernieuwde ministeriële complex aan Rijnstraat 8 (eigendom van het Rijksvastgoedbedrijf) is opnieuw ingericht.
Aan het Spuiplein verrijst momenteel Amare, het nieuwe onderkomen van het Koninklijk Conservatorium, het Residentie Orkest en het Nederlands Dans Theater.
STEENHUISMEURS BV
59
60
CENTRAL INNOVATION DISTRICT DEN HAAG EN OMGEVING
ONTWIKKELING DEN HAAG CENTRAAL EN OMGEVING SINDS DE DERTIENDE EEUW
1250-1588
1588-1870 g we tse
uid
z
Be
ka
e Ko
mp
zu
Be
ka
en
rt He
mp
Huis ten g Bosch ewe ts ou nh ide
os
eB
gs
a Ha
se
ag
Ha
se
ag
Ha
ou
h en
1907-1945
n OI) laa N ve n er va W aan L u (n
Ha
os
eB
s ag
1870-1907
s
Bo
s
Bo
er
old
np
e Ve
t
loo
ys he
Sc
grenzen bombardement
Leiden, Delft
1945-1962
1962-1993
>1993
BuZa
BuZa
P
P
KB
KB
Be
RA
ts
eb
el
ch
nn
re
stu
Ut
RA
ing
ns
Pri
CS
CS n Ko
v
rd rna
ct
u iad
aa
n
t
ark
e pt an ie a rd eb ve chts re Ut
rfm Tu e pt an ie a rd eb ve chts re Ut
t
ark
rfm Tu
STEENHUISMEURS BV
61
RUIMTELIJKE ANALYSE ONTWIKKELLOCATIES Momenteel wordt een uitvraag gedaan voor een Strategische Stedenbouwkundige Verkenning voor het gebied Den Haag CS Oost en de Campusboulevard met daarin gelegen de Schedeldoekshaven in Den Haag centrum. In de overkoepelende bestuursovereenkomst tussen het Rijk en Gemeente zijn de doelen benoemd aan de hand van vier thema’s: verdichten, verduurzamen, verplaatsen en verbinden. Onder de bestuursovereenkomst ligt een programmatisch afsprakenkader tussen het Rijk en de Gemeente. Voor dit programma zijn Gemeente en Rijk op zoek naar een stedenbouwkundige structuur, massa en functies die tegemoet komen aan het kwantitatieve en kwalitatieve wensbeeld van dit deel van de stad. Er is in de omgeving van het Centraal Station een zevental ontwikkellocaties aangewezen (zie het kaartje links). In dit hoofdstuk zoomen we in op deze plots, waarbij we steeds verwijzen naar de historische ontwikkeling die in het vorige deel van dit rapport is besproken en verbeeld. Vervolgens zetten we in een ruimtelijke analyse de kwaliteiten, kansen en aandachtspunten uiteen. Het stationsgebied wordt doorsneden door een aantal brede (spoor)wegen, de externe voegen. De velden daartussen variëren in historische gelaagdheid, sfeer en schaal. Zie ook de schetskaart op de volgende pagina.
Externe voegen De Bezuidenhoutseweg, een historische route, wordt gekenmerkt door een relatief smal profiel, een overwegend negentiende-, vroeg twintigste-eeuwse straatwand en
62
CENTRAL INNOVATION DISTRICT DEN HAAG EN OMGEVING
een sterke relatie met de Koekamp. Het is potentieel de eenvoudig oversteekbare toegang tot het Haagse Bos. De bebouwing heeft, met uitzondering van de ministeries en hoogbouw rond het station, drie tot vijf bouwlagen. De Utrechtsebaan ligt verdiept, is op veel plekken onzichtbaar, maar hoorbaar aanwezig en wordt geflankeerd door ventwegen, resulterend in een zeer breed profiel. De weg vormt een belangrijke stadsentree voor autoverkeer, wat wordt versterkt door een reeks brugoverbouwingen. De route over de Juliana van Stolberglaan en het Prins Bernhardviaduct ligt deels verhoogd en heeft ter hoogte van het Terminalgebouw een breed profiel dankzij de ventwegen aan beide zijden. Deze voeg vormt een harde grens tussen de woonbuurten in het zuiden en de grote massa’s en hoogbouw van het stationsgebied in het noorden. Interne routes Ook de velden tussen deze externe voegen hebben ieder een eigen sfeer en schaal. Bezuidenhout-West en Rivierenbuurt-Noord zijn fijnmazige woonbuurten met relatief kleinschalige bebouwing. Het gebied ten noorden van het Prins Bernhardviaduct (geel op de kaart) vormt een belangrijk entreegebied vanaf het station naar het centrum en wordt gedomineerd door de oost-west verbinding van de Turfmarkt, met daaromheen smallere, secundaire doorgangen.
De buitenruimte van CS-Oost (oranje) wordt gedomineerd door het Anna van Buerenplein met daaromheen meanderende routes onder en tussen gelede volumes. Deze routes zijn niet erg aantrekkelijk omdat ze vaak door achterkantsituaties worden geflankeerd. De wijk
Zeven ontwikkellocaties in het gebied rond Den haag Centraal
Schematische duiding van de externe routes en tussenliggende velden met interne routes. Het stationsgebied wordt doorsneden door een aantal brede (spoor)wegen, de externe voegen. De velden daartussen variëren in historische gelaagdheid, sfeer en schaal.
EXTERNE ROUTES Koekamp, Haagse Bos
INTERNE ROUTES
BEZUIDENHOUTSEWEG
Anna van Buerenplein
CS
Theresiastraat
Spuikwartier
Nieuwe Kerk
PRINS
Rivierenbuurt Noord
ARDV
IADUC
T
Bezuidenhout West
AAN HTSEB
UTREC
SPUI
BERN
achter het Paleis van Justitie (paars) is een vroeg twintigsteeeuwse en wederopbouw woonbuurt met terrasjes en winkels langs de Theresiastraat. Zowel het voormalige Ministerie van Landbouw als het Paleis van Justitie hadden nadrukkelijk een adres aan de Prins Clauslaan. Deze entrees zijn verplaatst naar de flanken van de gebouwen,
Beatrixkwartier
waardoor de Prins Clauslaan een vrijwel adresloze straat is geworden. Het Beatrixkwartier (grijsblauw) is een naoorlogse kantorenwijk, waar een groot deel van de gebouwen inmiddels weer is vervangen. De Beatrixlaan vormt de hoofdas en het Koninklijk Conservatorium ligt aan de noordelijke entree van het gebied.
Aandachtspunten De externe voegen zijn sinds de wederopbouw vrijwel altijd de grens van plannen geweest, maar ze waren er zelden onderdeel van. Weeber, Quist en Hertzberger stopten met tekenen bij het Prins Bernhardviaduct en Busquets slaagde er niet in de Utrechtsebaan te overbruggen met een stedelijk plaza. De woonbuurten, het Rijksarchief en de KB kregen hoge wanden langs de Utrechtsebaan en het Prins Bernhardviaduct. Aandachtspunt is het betrekken van deze externe voegen als integraal onderdeel van toekomstige plannen en ze in te zetten als verbindend element van het gefragmenteerde stationsgebied. Opvallend is dat zowel het Nationaal Archief als de Koninklijke Bibliotheek geen adres hebben aan het Prins Bernardviaduct, wat benadrukt wordt door de positie van de naar binnen gekeerde archiefvolumes. Dankzij de vele wijzigingen in het gebied en de grote aanwezigheid van de externe voegen zijn de interne routes zowel binnen de buurt als de randen vaak niet goed op elkaar aangesloten. De opgave is het aaneenrijgen van deze routes, onder andere bij de overgang tussen de Theresiastraat en het Prinses Irenepad (over de Utrechtsebaan). Het onderscheid tussen externe en interne routes is hierbij een interessant uitgangspunt: de meandering en doorwaadbaarheid van de interne routes in contrast met de openheid van de grote wegen.
De vormgeving van de interne voegen - de aansluiting tussen gebouw en veld - is bepalend voor de sfeer en kwaliteit van de openbare ruimte.
STEENHUISMEURS BV
63
ONTWIKKELLOCATIE 1 EN 2: SCHEDELDOEKSHAVEN
Fragment van kaart van Den Haag uit 1666. In het zwart gemarkeerd het huidige Terminalgebouw. 1: Nieuwe Kerk, 2: Spui, 3: Turfmarkt, 4: Schedeldoekshaven, 5: Ammunitiehaven, 6: Nieuwe Haven, 7: Wijd en Zijd en 8: singelgracht. [WC] De zes pandjes Wijd en Zijd aan de Nieuwe Haven met links de Ammunitiehaven, ca. 1900. [HGA]
Het hofje Ter Laak in het Spuikwartier aan de Nieuwe Haven in 1946. [HGA] De gedempte Schedeldoekshaven gezien vanaf het Spui richting de Nieuwe Haven, ca. 1905. [HGA]
3 1
6
2 4
8
7
5
Ruimtelijke ontwikkeling in hoofdlijnen • Aan de Lange Poten lag in de vijftiende en zestiende eeuw het vrouwenklooster van Sint-Maria in Galilea. Ten zuiden daarvan lagen de Schedeldoekshaven (4), de Ammunitiehaven (5) en de Nieuwe Haven (6). • Tijdens het Twaalfjarig Bestand (1606-1621) werd de singelgracht om de stad aangelegd (8). • Omstreeks 1860 werden de Ammunitiehaven en de Schedeldoekshaven gedempt. In episode 6 zagen we foto’s van de krotten van het Spuikwartier. Het was een fijnmazige wijk, met stegen en hofjes, zoals het Hofje ter Laak op de foto rechts. De wijk werd van noord naar zuid doorkruist door de Nieuwe Haven (gedempt in 1904). De Schedeldoekshaven en Ammunitiehaven waren brede, pleinachtige buitenruimtes (zie foto). Aan de Nieuwe Haven, vlak voor de huidige, westelijke kop van het Terminalgebouw, stonden zes pandjes, samen het Wijd en Zijd (7). • In 1870 opende het Rhijnspoorstation (later Staatsspoor) aan de andere kant van de singelgracht.
64
CENTRAL INNOVATION DISTRICT DEN HAAG EN OMGEVING
•
•
Nadat het naoorlogse plan van Dudok was verworpen (episode 5), verpauperde het Spuikwartier. In afwachting van wederopbouw en herstructurering werden grote delen van de krottenwijk afgebroken. In 1951 besloot de gemeenteraad van Den Haag
tot het aanleggen van een ringweg. Omdat het spooremplacement op het maaiveld bleef, werd voor het autoverkeer het Prins Bernhardviaduct aangelegd tussen de Schedeldoekshaven en de Ammunitiehaven. De nieuwe verkeersbaan werd in 1975 geopend.
Fragment van Plan Bezuidenhout-C., 1961, met daarin gemarkeerd het Prins Bernhardviaduct. [HGA] Het Terminal-gebouw in het plan voor het Forumgebied van Carel Weeber, ca. 1980. [Van der Sluijs, 1989, p. 150]
•
•
•
•
Zwarte Madonna Ministeries van Justitie en Binnenlandse Zaken
Het Prins Bernhardviaduct zou in de planvorming vooral de grens van planvorming ten noorden en zuiden van de weg bepalen, maar zelf zelden daarin worden meegenomen. Met de bouw van de Ministeries van Justitie en Binnenlandse Zaken (opgeleverd in 1975) werd de Nieuwe Haven ter hoogte van de Schedeldoekshaven afgeknot. Het Spui en de singelgracht waren nu de enige directe doorgangen van noord naar zuid. In 1974 werd Rijkskavel 6 ten zuiden van het Prins Bernhardviaduct bestemd als woningbouwlocatie (in plaats van de nieuwe locatie voor de Koninklijke Bibliotheek). Het woningbouwomplex (Groep 5 architecten, 1983) heeft een hoge wand aan de zijde van het verkeersgeruis en daarachter drie rijen woningen dicht op elkaar, verbonden via luchtbruggen. In de luwtes liggen groene hoven. In 1980 verkreeg het plan van Carel Weeber voor het Forumgebied de voorkeur ten opzichte van de plannen van Hertzberger en Quist (zie episode 6). Weeber maakte de Turfmarkt tot belangrijke oostwestverbinding en entree tot de stad vanaf het station. In de uitgewerkte variant voegde Weeber het Terminal-gebouw, naar ontwerp van ZZOP architecten (tegenwoordig ZZDP), toe. Voor de bouw van dit langwerpige kantoorgebouw (opgeleverd in 1987) werd het Prins Bernhardviaduct ingekort.
Rivierenbuurt-Noord
Terminal-gebouw, 1987
STEENHUISMEURS BV
65
De singelgracht tussen het station en het Spuikwartier. We zien de Zwarteweg (links) en Oranjebuitensingel aan weerszijde van de Singelgracht, vanaf het trapbruggetje ter hoogte van de Hekkelaan, ca. 1900 [HGA] Terminal-gebouw in aanbouw, 1990. [HGA]
Vogelvluchtperspectief van de Rivierenbuurt-Noord van Groep 5 architecten. Het complex trapt omlaag vanaf het Ammunitiehaven. Groen hof, met links de achterkant van de huizen aan de Nieuwe Haven en op de achtegrond de hoogbouw van het eerste gebouw voor de Ministeries van Justitie en Binnenlandse Zaken. Foto uit 1987. [HGA]
groen hof
groen hof
n, t c ave tieh dviadu i n ar mu Am Bernh s Prin
Nieu
we H aven
66
CENTRAL INNOVATION DISTRICT DEN HAAG EN OMGEVING
Ruimtelijke kwaliteiten en kansen • Vóór de sloop van het Spuikwartier werd dit gebied gekenmerkt door enkele brede, water- en boomrijke open ruimtes met daartussen fijnmazige luwtes en stegen. Deze sfeerbalans en ook de functie van de vroegere grachten (levendigheid, groen, water) bieden kansen voor toekomstige ontwikkeling. Ruimtelijke aandachtspunten • De kleinschaligheid van de Rivierenbuurt-Noord vormt een groot contrast met de grote massa’s en zakelijkheid van het nieuwe Spuikwartier. De zone van ontwikkellocaties 1 en 2 kan hier, zowel in sfeer als bouwhoogte en korrelgrootte, een overgangsgebied in vormen, die twee uiterst verschillende stedelijke karakters aan elkaar hecht. • Het Terminal-gebouw en het brede verkeerslint onderbreken de fysieke en visuele relatie tussen de Rivierenbuurt en het Spuikwartier. Aandachtspunten bij ontwikkellocaties 1 en 2 zijn het overbruggen van de brede voeg en het aaneen rijgen van de interne routes van deze twee buurten. • Het nieuwe gebouw voor de ministeries van Justitie en Binnelandse Zaken en de herontwikkelingsprojecten op de plek van het oude JuBi hebben steeds een voordeur aan de Turfmarkt. De logistieke functies zijn op de Schedeldoekshaven gericht. De leesbaarheid
•
•
•
en belevingswaarde van het aaneengekoekte profiel van de Schedeldoekshaven, het Prins Bernhardviaduct en de Ammunitiehaven vragen om aandacht. Vormen ze samen een breed profiel met bebouwing in het midden, of twee profielen aan weerszijde van deze bebouwing? In beide gevallen is het van belang dat het domein van de voetganger beter wordt gedefinieerd en veraangenaamd. Op de kopse kanten van de ontwikkellocaties (de kruising met het Spui in het westen en met de spooroverbouwing in het oosten) loopt het gebied weg. De buitenruimte vraagt hier om meer definitie en duidelijkheid. Het ‘oversteken’ van de singelgracht - de entree tot de stad - via de Schedeldoekshaven, het Prins Bernhardviaduct en de Ammunitiehaven is nauwelijks ervaarbaar. De ooit levendige kades van de singelgracht (Zwarteweg en Oranjebuitensingel) zijn verstild tot tussenruimtes en doorgangsroutes, met gesloten plinten. Met de afknotting van de Nieuwe Haven, de aanleg van de ringweg en Weebers plannen voor de Turfmarkt kreeg het gebied een nadruk op de oostwestrichting. Het gebied vormt echter ook de stadsentree vanaf de Schedeldoekshaven, de Rivierenbuurt-Noord en de daarachtergelegen Binckhorst. Verbinding en vewelkoming in beide richtingen zijn een belangrijke opgave.
Ruimtelijke analyse [GM en SMH]
Turfmarkt-gebied
Rivierenbuurt-Noord
Plot 1 en 2 (geel omkaderd) vormen overgangsgebied tussen de kleinschaligheid van Rivierenbuurt-Noord en de hoogbouw aan Turfmarkt.
De leesbaarheid van het aaneengekoekte profiel en het voetgangersomein daarin vraagt om aandacht. De bebouwing tussen de Turfmarkt en Schedeldoekshaven is met de logistieke zijde op het viaduct gericht.
Het ‘oversteken’ van de singelgracht is nauwelijks ervaarbaar en de kades en plinten aan de Zwarteweg, Oranjebuitensingel en Schedeldoekshaven zijn naar binnen gekeerd.
Aan de kopse kanten van de plots loopt het gebied weg in grote asfaltvlaktes en ongedefinieerde ruimtes. Op de foto de kruising met het Spui.
STEENHUISMEURS BV
67
ONTWIKKELLOCATIE 3: DE KONINKLIJKE BIBLIOTHEEK
Ruimtelijke ontwikkeling in hoofdlijnen • In de tijd dat het grafelijk hof op het Binnenhof was gevestigd werd hier, ten zuiden van het Haagse Bos, turf gestoken. Later werd het gebied ingepolderd en geschikt gemaakt voor landbouw (episode 1). • Op de plek van de huidige Koninklijke Bibliotheek en het Anna van Buerenplein lag eerst de tuin van Villa Boschlust (1838). In 1890 werd deze vervangen door een woonwijk naar ontwerp van de architect W.B van Liefland (zie episode 3 en de analyse van plot 5). • In ca. 1970 werd het gebied rond de parkeergarage aan de oostzijde van het Centraal Station volledig gesaneerd. De vooroorlogse straten maakten plaats voor drie Rijkskavels, waar nieuwe gebouwen voor het Ministierie van Buitenlandse Zaken (BuZa) en het Algemeen Rijksarchief (ARA) zouden komen. Het werd krap toen werd besloten dat ook de Koninklijke Bibliotheek hier een plek moest krijgen. • Voor de Rijksgebouwen werden verschillende architecten(teams) aangewezen. OD 05 ontwierp de Koninklijke Bibliotheek (1977-1981). De ontwerpers stelden dat het individu zich alleen thuis kan voelen als de schaal van de plannen daarmee rekening houdt, wat resulteerde in een gelede bouwmassa (Van Hezik, 1978, p. 86). Het gebouw trapt terug ten opzichte van het voetgangersgebied aan de ‘binnenkant’ van de plot (het latere Anna van Buerenplein) en kreeg een hogere wand langs de Utrechtsebaan.
De openbare ruimte werd maximaal ervaarbaar gemaakt op de krappe kavel via doorgangen, kleine hoven en verticale doorkijkjes. • Rijksbouwmeester Quist coördineerde de samenwerking tussen de architecten van de omliggende gebouwen, met het doel een kwalitatief hoogwaardige tussenruimte te realiseren. Arie Hagoort werd gevraagd een ontwerp 68
CENTRAL INNOVATION DISTRICT DEN HAAG EN OMGEVING
•
De achterzijde van Villa Boschlust met de vijver. Links achter de bomen de boerderij. Foto van W.F. Beeuwkes, ca. 1870. [HGA] Op het plot van de KB lag voor de grootschalige sloop van dit gebied de Pieter Bothstraat, onderdeel van het wijkje dat op het landgoed van Boschlust werd gebouwd. 1967 [HGA]
voor de buitenruimte te maken dat zich tussen en onder de verschillende Rijskgebouwen doorvlecht. Hagoort stelde zich ten doel eenheid en samenhang te scheppen en het binnengebied ten opzichte van de omliggende lange lijnen (Utrechtsebaan, Bezuidenhoutseweg en Prins Bernhardviaduct) beter bereikbaar te maken. Hij zocht naar een fysieke en visuele verbinding met de Koekamp aan de overzijde van de Bezuidenhoutseweg (zie de schets op p. 49), maar deze ging verloren in het uiteindelijke ontwerp. Zijn plan, onder andere bestaande uit halfronde keermuurtjes, een wintertuin voor het Rijksarchief en overdekte passages, werd gedeeltelijk gerealiseerd. Gebaseerd op het Masterplan Den Haag Nieuw Centraal werd de parkeergarage in 2008 afgebroken. De Randstadrailtrams reden nu over een viaduct en op het midden van het plein verrees in 2013 de hoogbouw van het Leiden University College naar ontwerp van Wiel Arets. Ingenieursbureau Den Haag ontwierp de buitenruimte en plaatste een grote, vlakke fontein met daarin een print van Anna van Bueren voor het Rijksarchief (episode 7).
Ruimtelijke kwaliteiten en kansen • Lange tijd was dit een gebied van weelde en sierlijkheid, dat in verbinding stond met de Koekamp. Het is interessant te bestuderen hoe een dergelijke groenblauwe structuur kan worden ingezet om eenheid en verblijfskwaliteit te brengen in het enigszins gefragmenteerde gebied. • De Koninklijke Bibliotheek is een bijzonder, goed bewaard voorbeeld van Post 65-architectuur (19651990). De volgende waarden, die opnieuw actueel zijn, stonden bij het ontwerp centraal:
Geleed bouwvolume Aandacht aan de menselijke schaal, zowel in architectuur als stedenbouw, vormde een belangrijk uitgangspunt voor de ontwerpers. Het gebouw past zich aan de omliggende stad aan. Langs de snelle, lange lijnen van de Utrechtsebaan en het Prins Bernhardviaduct zijn de wanden hoog en strak, aan de ‘binnenkant’ (huidige Anna van Buerenplein) trapt het pluriforme volume terug tot de schaal van de voetganger, in tegenstelling tot de nieuwere gebouwen, zoals New Babylon en University College Leiden.
De situatie ten oosten van het Centraal Station in 1973. De nieuwe parkeergarage is gebouwd, daaromheen is de voormalige woonwijk afgebroken en wachten de vrijgekomen kavels op invulling. [HGA] Stedenbouwkundig plan voor het gebied rond Den Haag Centraal, met daarin aangegeven vier van de zes Rijkskavels. Kavel 1: Ministerie van Buitenlandse Zaken, kavel 3: Koninklijke Bibliotheek, kavel 4: Algemeen Rijksarchief en kavel 6: woningbouw. 1973 [HGA]
Maquette van de Koninklijke Bibliotheek, met een gelede bouwmassa aan de ‘binnenzijde’ van het plot en een hoge, rechte wand langs de Utrechtsebaan. [Van Hezik, 1978, p. 86] De KB vanaf de Utrechtse Baan. Het rechterdeel ligt aan een binnenhof met het Ministerie van Buitenlandse Zaken (niet in de maquette). De lichtkoepels op het dak zorgen dat daglicht tot in de kern van het gebouw kan toetreden. [HNI]
Openheid en verticale verbinding in het interieur van de KB [BOUW, 1983, no. 21, p. 49]
STEENHUISMEURS BV
69
Ontwerp van Hagoort voor de buitenruimte die zich onder en tussen de nieuwe Rijksgebouwen en de parkeergarage door ) zijn entrees tot het gebied die zijn vlochten. Geel gemarkeerd ( geaccentueerd met passages en poorten. Tussen het ARA en de ), parkeergarage tekende Hagoort een overdekte wintertuin ( maar die werd niet gerealiseerd. [Zwinkels, 1982, p. 51] De buitenruimte voor het Rijksarchief. De volumes trappen terug ten opzichte van het voetgangersgebied. [HNI]
ARA
Parkeergarage
KB BuZa
70
CENTRAL INNOVATION DISTRICT DEN HAAG EN OMGEVING
Overdekte passage naar ontwerp van Hagoort, die voorbijgangers moest uitnodigen tot het binnengebied. [HNI]
Schets van Hagoort, die met een (niet-gerealiseerde) overdekte wintertuin zachtheid en verblijfsruimte beoogde te introduceren. Links de parkeergarage, rechts het Rijksarchief, ca. 1980. [HNI] Ontwerp van Ingenieursbureau Den Haag voor het Anna van Buerenplein uit 2013 na de sloop van de parkeergarage (2008). De tram loopt nu over een viaduct en in het midden staat de toren van Leiden University College naar ontwerp van Wiel Arets. [Ingenieursbureau Den Haag]
Doorwaadbaarheid en kleinschaligheid van de buitenruimte onder en rond de KB. [SteenhuisMeurs]
Ontwerp vanuit de contramal Ondanks de krappe kavel vouwt de KB zich, samen met het Rijksarchief en Buza, om de buitenruimte. Onderdoorgangen, hoven en verticale doorkijkjes brengen lucht in en rond de gebouwen. Doorwaadbaarheid van de grote volumes stond voorop, en er is getracht een goede verbinding te maken met onder andere de Theresiastraat aan de overzijde van de Utrechtsebaan. De vindbaarheid van entrees vraagt hier om aandacht. Gebouw als stad Intern moest het gebouw functioneren als een stad. Gestapelde interieurpleinen zijn verbonden via hoge vides en de plattegrond is ontworpen met het oog op flexibiliteit in gebruik en openheid. Gebouw als machine Gezien de bewaarfunctie en de grootte van het gebouw is klimaatbeheersing een integraal onderdeel van het
Anna van Buerenplein naar ontwerp van Ingenieursbureau Den Haag. De nieuwe gebouwen (links University College Leiden en rechts New Babylon) vormen massieve blokken ten opzichte van de gelede volumes van het ARA, de KB en BuZa. [SteenhuisMeurs]
architectonisch ontwerp. De kantoren vormen een schil en buffer om de magazijnen heen. Lichtkoepels op het dak en hoge hoven zorgen dat daglicht tot in de kern van het grote complex kan toetreden. De hart-ophartmaat van 7,65 m is gebaseerd op de breedte van de boekenkasten en looppaden.
Interne routes vs. externe voegen Samen met BuZa creëert de KB een wereld van geborgen hofjes en doorgangen, op de schaal van de voetganger en een welkome geborgenheid ten opzichte van de weidsheid van de externe voegen. De uitdaging, zowel bij herontwikkeling als bij renovatie van het gebouw, ligt bij het voortbouwen op de (deels verdwenen) kwaliteiten van weelderigheid, kleinschaligheid, meandering, beslotenheid en verrassing.
Dichte plinten en weinig levendigheid in een van de passages onder de KB. [SteenhuisMeurs]
Ruimtelijke knelpunten en aandachtspunten • De doorwaadbaarheid en meandering van de dwaalwereld op het maaiveldniveau zijn een onderscheidende kwaliteit, mits de buitenruimte prettig en overzichtelijk is ingericht en de plinten van de aangrezende bebouwing een open relatie (zowel fysiek als visueel) tussen interieur en exterieur mogelijk maken. • Als resultaat van verschillende (vaak slechts deels uitgevoerde) ontwerpen is de inrichting van de buitenruimte van het Anna van Buerenplein en de hoven en onderdoorgangen van de omliggende gebouwen onsamenhangend. • De aansluiting tussen de interne routes van dit binnengebied op de interne routes van o.a. Bezuidenhout-West en het gebied rond de Theresiastraat vraagt om aandacht. De lange lijnen (externe voegen) onderbreken deze zachtere verbindingen. STEENHUISMEURS BV
71
ONTWIKKELLOCATIE 4: PALEIS VAN JUSTITIE
De Engelse Kerk aan het einde van de 1e en 2e Van der Boschstraat, foto van H.W. Wollrabe, 1873. [HGA] Juliana van Stolberglaan gezien vanuit het oosten in de richting van het centrum, 1915. [HGA]
Luchtfoto van de wijk Bezuidenhout na het bombardement van 3 maart 1945. In het geel is ontwikkellocatie 4 aangegeven. [HGA] Luchtfoto met centraal het opgevelerde Paleis van Justitie. Het plot van het Koninklijk Conservatorium op de voorgrond is nog onbebouwd. Foto van P.G. Kempff, 1975. [HGA]
Bezuidenhoutseweg
Ruimtelijke ontwikkeling in hoofdlijnen • In de tijd dat het grafelijk hof op het Binnenhof was gevestigd werd hier, ten zuiden van het Haagse Bos, turf gestoken. Later werd het gebied ingepolderd en geschikt gemaakt voor landbouw (episode 1). • De eerste stedelijke bebouwing op dit plot was de Engelse Kerk, de zuidelijke afronding van een klein wijkje dat vanaf 1868 op het landgoed van Huis ter Noot (nu het plot van het Ministerie van Economische Zaken) werd gebouwd (episode 3). • De stad breidde vanaf 1903 ten zuiden en oosten van deze kerk uit volgens het uitbreidingsplan van Lindo (episode 3). Op de kruising van de Adelheidstraat en de diagonale Juliana van Stolberglaan (de zuidoostelijke hoek van de ontwikkellocatie) lag het imposante Juliana van Stolbergplein. • Het bombardement van 1945 verwoestte een groot deel van het Bezuidenhout, waaronder ook de Engelse Kerk en de panden aan de Juliana van Stolberglaan (episode 4). • Na verschillende wederopbouwplannen werd het plan Bezuidenhout-C. aangenomen in 1962. In 1965 nam het Rijk zes kavels over van de gemeente Den Haag, waarvan alleen kavel 2 direct beschikbaar was (episode 5). Dit werd de locatie van het nieuwe Paleis van Justitie. Alleen enkele panden aan de Adelheidstraat en de loop van de Theresiastraat herinneren nog aan de vooroorlogse wijk.
• Terwijl de Utrechtsebaan en het Prins Bernhardviaduct in aanbouw zijn en het gebied rond het Anna van Buerenplein nog een lege vlakte is (zie de luchtfoto uit 1975 rechtsonder), wordt in 1973 het nieuwe Paleis van Justitie opgeleverd, naar ontwerp van rijksbouwmeester F. Sevenhuijsen. In de laagbouw zijn 72
CENTRAL INNOVATION DISTRICT DEN HAAG EN OMGEVING
Adelheidstraat
Juliana van Stolbergplein
N
Nu: Paleis van Justitie
•
•
de openbare zittingzalen, in de hoogbouw de kantoren, vergaderruimten en administratieve functies (Trouw, 24-06-1966). In de lichthoven van het gebouw installeerden kunstenaars Joost van Santen en Fransje Killaers lichtkunstwerken met spiegels, gekleurd glas en doorzichtig textiel. Aan het begin van de jaren 90 waren er meerdere grote bouwplannen rond het kruispunt van de Utrechtsebaan
•
en de Juliana van Stolberglaan, waaronder de uitbreiding van het Paleis van Justitie door N.C. van Vugt en twee bruggebouwen over de Utrechtsebaan van Zwarts & Jansma. Niet alle geplande nieuwbouw (zie het kaartje op de volgende pagina) is gerealiseerd. Onder leiding van rijksbouwmeester Kees Rijnboutt werd in workshops met de betrokken architecten getekend aan de buitenruimte. Joan Busquets was verantwoordelijk voor de stedenbouwkundige inrichting.
Paleis van Justitie vanuit de lucht, met rechtsonderin de Adelheidstraat, 1981, foto van Delta-phot [HGA] Lichtkunstwerk van Joost van Santen in het Paleis van Justitie. [pinterest]
Plattegrond van geplande nieuwbouw rond het Paleis van Justitie en de Koninklijke Bibliotheek [Busquets, 1992, 119] Impressie van het stedenbouwkundig ontwerp voor de Grotiusplaats van Busquets. [Busquets, 1992, 19]
RUIMTELIJKE ANALYSE Naast dat het gebouw naar ontwerp van F. Sevenhuijsen architectonisch interessant is, heeft de inpassing van het Paleis van Justitie en de latere uitbreidingen en brugoverbouwingen een aantal stedenbouwkundige kwaliteiten, kansen en aandachtspunten. gerealiseerd ander plan gerealiseerd
Ruimtelijke kwaliteiten en kansen • Het Paleis van Justitie staat op de overgang tussen de vooroorlogse uitbreidingswijk van Lindo en de grote massa’s en razende infrastructuur van het stationsgebied en is zorgvuldig ingepast (zie ook de beeldanalyse op de volgende pagina’s):
Theresiastraat (noordzijde) De Theresiastraat heeft een levendige sfeer met terrassen en broodjeszaken. De uitbreiding van Zwarts & Jansma voltooit het westelijke uiteinde van deze straat en de zichtlijn op de Koninklijke Bibliotheek en begeleidt de (te versterken) langzaam verkeersroute tussen het Prinses Irenepad en Theresiastraat.
Busquets had een een plaza naar Barcelonees model voor ogen; makkelijk toegankelijk en levendig door de verschillende hoofdentrees die erop uitkwamen. Het plein zou worden omkaderd door de strakke wanden van de nieuwe gebouwen. Waterpartijen, fonteinen en cascades zouden het verkeersgeluid overstemmen en subtiele materiaalverschillen en grote lichtmasten moesten eenheid en verfraaiing brengen. Over de Utrechtsebaan plande hij ‘lichte voetbruggen’, die niet
werden gerealiseerd. Doel was ook om de beleving van de Utrechtsebaan als ‘stedelijke poort’ te versterken (Busquets, 1992, 117).
Adelheidstraat (oostzijde) Een rustige woonstraat, waarbij de woningen aan de westzijde uitkijken op de fraaie achterzijde van de rechtbank. Een belangrijke kwaliteit is de manier waarop de hoogtesprong tussen de twee stadsdelen binnen het kavelplot wordt gemaakt, waardoor de overgang vanaf de straat zachter en geleidelijker is. Juliana van Stolberglaan en Utrechtsebaan-Prins Clauslaan (zuid- en westzijde) Aan deze ‘snelle’ zijden is de bebouwing op het plot hoger en zwaarder, met strakke wanden langs de grote STEENHUISMEURS BV
73
De schaalsprong tussen de vooroorlogse woonbuurt en de grote volumes van de stationsbuurt worden binnen het kavelplot (geel gemarkeerd) van het Paleis van Justitie gemaakt. [GM]
verkeersaders. De brugoverbouwing, het woongebouw van Busquets in de zuidoostelijke hoek van het plot en de uitbreiding van de KB van OD 205 vormen samen een stedelijke wand die de Juliana van Stolberg en de daarboven gelegen trambaan begeleiden. Aan de Prins Clauslaan (de weg bovenlangs de Utrechtsebaan) kende het Paleis van Justitie een nadrukkelijk adres, met een genereuze, open entreehal. De hoofdingang is nu verplaatst naar de nis tussen de laagbouw en het bruggebouw.
Pr. Irenepad Theresiastaat
eids traa
t
de interne routes van de verschillende buurten, in het bijzonder de aanhechting van de Theresiastraat en het Prinses Irenepad (tussen de KB en BuZa) en de Adelheidstraat en de Prinses Beatrixlaan. De plint aan Juliana van Stolberglaan vraagt om verlevendiging en verzachting. Op de luchtfoto uit 1981 op de vorige pagina zien we een pleinachtige-inrichting met groenelementen en bomen.
t
n
Pr. Bernhardviaduc
•
lh Ade
uslaa
CENTRAL INNOVATION DISTRICT DEN HAAG EN OMGEVING
baan
74
chtse
Ruimtelijke aandachtspunten • Mede vanwege het onvoltooide plan is de buitenruimte tussen de twee brugoverbouwingen niet geworden tot het plaza dat Busquets voor ogen had. Hoewel de Utrechtsebaan uit het zicht is verdwenen, blijft het een brede en luidruchtige strook die het ‘plein’ in tweeën splitst. Bovendien is de auto nog steeds zichtbaar en aanwezig, op de Prins Clauslaan evenwijdig aan de Utrechtsebaan. De inrichting van de buitenruimte is hard, met veel natuursteen, harde banken die verloren in de ruimte staan en weinig groen. • Een tweede aandachtspunt is de aansluiting tussen
la Pr. C
Utre
De ontwikkeling van dit plot gaat over de schaal- en sfeerovergang tussen de woon- en terrasjesbuurt en de stationsbuurt. Hoe behoudt elke zijde zijn karakter, hoe sluiten de interne routes op elkaar en hoe overbruggen ze de externe voegen (Utrechtsebaan, Juliana van Stolberglaan)?
Juliana van Stolbergla
an
Ruimtelijke analyse [SteenhuisMeurs en GM]
Theresiastraat
Adelheidstraat
Prins Clauslaan/Utrechtsebaan
De nieuwbouw bij het Paleis van Justitie maakt de zichtlijn over de Theresiastraat af.
De woonhuizen aan de Adelheidstraat kijken uit op de fraaie achterzijde van het Paleis van Justitie. De schaalsprong is binnen het kavelplot opgelost.
De overwegend ‘harde’ buitenruimte tussen het Paleis van Justitie en de brugoverbouwingen met enigszins willekeurig geplaatste natuurstenen banken, vermoedelijk om veiligheidsredenen zo gepositioneerd.
Theresiastraat (vervolg)
Juliana van Stolberglaan
Prins Clauslaan/Utrechtsebaan (vervolg)
Dichterbij vraagt de (voetgangers)aansluiting tussen de Theresiastraat en het Prinses Irenepad (tussen KB en BuZa), dat wil zeggen: de aanhechting van de interne routes, om aandacht.
De woningbouw van Busquets, de brugoverbouwing van Zwarts & Jansma en de uitbreiding van de Koninklijke Bibliotheek van OD205 vormen samen een stedelijke wand langs de Juliana van Stolberglaan en de daarboven gelegen trambaan.
Hoewel de Utrechtsebaan vrijwel onzichtbaar is, heeft de buitenruimte tussen de Koninklijke Bibliotheek en het Paleis van Justitie niet de beoogde beleving van een plaza. De afkadering van het plein ten opzichte van de omliggende voegen van het Prins Bernhardviaduct en de Utrechtsebaan biedt kansen. STEENHUISMEURS BV
75
ONTWIKKELLOCATIE 5: MINISTERIE VAN BUITENLANDSE ZAKEN
Ruimtelijke ontwikkeling in hoofdlijnen • In de tijd dat het grafelijk hof op het Binnenhof was gevestigd werd hier, ten zuiden van het Haagse Bos, turf gestoken. Later werd het gebied ingepolderd en geschikt gemaakt voor landbouw (episode 1). • In 1595 verrees het Huis ter Noot op de plek van het huidige Ministerie van Buitenlandse Zaken (BuZa) en de Utrechtsebaan (episode 2). • Omstreeks 1838 liet Johannes van den Bosch Villa Boschlust bouwen op de plek van het huidige New Babylon, het station en de zuidwestrand van BuZa, met zwierige tuinen naar ontwerp van Zocher. De vijver van de tuin was verbonden met de vijver van de Koekamp (ook naar ontwerp van Zocher) (episode 3). • Vanaf 1868 werd het Huis ter Noot vervangen voor een kleine uitbreidingsbuurt met de 1e, 2e en haaks daarop 3e Van den Boschstraat (episode 3). Aan de Bezuidenhoutseweg stonden statige herenhuizen. • Omstreeks 1890 werd het landgoed eerst door de erfgenamen en later door de gemeente ontwikkeld tot een woonbuurt met vijf straten, waaronder de Daedelsstraat langs de zuidwestrand van het toekomstige BuZa (zie foto). • Vanaf 1920 vestigde zich aan de Bezuidenhoutseweg steeds meer winkels en café’s. In 1931 opende op de hoek van de Bezuidenhoutseweg en de 1e Van den Boschstraat (huidige plot van BuZa) de firma ‘Packard Nash’ van auto-importeur H. Engelbert (zie foto).
• Het bombardement van 1945 verwoestte een groot deel van het Bezuidenhout. De huizen tussen de Daedelsstraat en de 1e Van den Boschstraat vormden de westgrens van het gebombardeerde gebied (episode 4). • Na verschillende wederopbouwplannen werd het plan Bezuidenhout-C. aangenomen in 1962. In 1965 nam
Fragment van een kaart van Den Haag uit 1823. We zien de polder ten zuiden van de Bezuidenhoutseweg en enkele landgoederen, waaronder Huis ter Noot. Het toekomstige plot van BuZa is oranje gemarkeerd. [HGA] Villa Boschlust, foto van J.H. Bückman in 1855. [HGA] Fragment van het uitbreidingsplan van Lindo waarop we de straten zien die vanaf 1890 werden aangelegd op de plek van Villa Boschlust. 1903. [HGA]
1e van den Boschstraat (huidige Utrechtsebaan) gezien vanaf de Francois Valentijnstraat (ongeveer op de plek van het Prins Bernhardviaduct) richting de Koekamp. De firma Packard Nash in 1931, op de plek van het huidige Minsterie van Buitenlandse Zaken. [HGA]
Schets van D.C. Apon voor het Ministerie van Buitenlandse zaken met het kruis van diagonale vleugels om zoveel mogelijk zonlicht toe te laten treden, z.j. [De Architect (13) 12, 1982, 46] Maquette van het Ministerie van Buitenlandse Zaken naar ontwerp van D.C. Apon
Algemeen Rijksarchief
•
•
•
•
het Rijk zes kavels over van de gemeente (episode 5). Kavel 1 zou de locatie van BuZa worden. De buurt tussen de 1e Van den Boschstraat en het Staatsspoorstation, die grotendeels het bombardement had overleefd, werd aan het eind van de jaren 60 volledig afgebroken om plaats te maken voor het nieuwe station, winkelcentrum Babylon en drie Rijksgebouwen. D.C. Apon van het bureau Apon, Van den Berg, Ter Braak en Tromp kreeg de opdracht van het RGD om het Ministerie van Buitenlandse Zaken te ontwerpen. Dit ministerie, met 1200 ambtenaren, was destijds gevestigd in 20 verschillende panden verspreid door de stad. De verhuizing leidde tot tegenzin van de personeelscommissie die het voorname pand aan het Plein nabij het Binnenhof wilde behouden (Trouw, 21-02-1976). Het beschikbare plot was klein ten opzichte van het gewenste programma. Apon ontwierp een kruisvorm met diagonale opzet. Het op deze manier vergrote geveloppervlak en het terugspringen van de gevels zorgen voor maximale daglichttoetreding. In 1984 werd ‘de Apenrots’ opgeleverd. In de kelder was een tweelaagse parkeergarage en een noodbunker, op de begane grond magazijnen, werkplaatsen, archieven en post- en koeriersdiensten, op de eerste verdieping het bedrijfsrestaurant (zie foto) en vergaderzalen en daarboven kantoren. De buitenruimte tussen de KB en BuZa wordt ingericht naar ontwerp van A.
Hagoort (zie analyse ontwikkellocatie 3). In 2021 zal de Tweede Kamer gedurende vijf jaar zijn intrek nemen in het voormalige BuZa. Zecc Architecten ontwierp een publieksentree op het uiteinde van de vijver in het verlegde van het Pr. Irenepad.
Eerste ontwerp van Hagoort voor de KB
Het bedrijfsrestaurant van BuZa, foto van Milan Konvalinka, 1984 [HGA] Buitenhof met vijver achter BuZa, foto van Milan Konvalinska, 1984 [HGA]
Parkeergarage
Schets van Apon voor BuZa
STEENHUISMEURS BV
77
Ruimtelijke kwaliteiten en kansen • Ooit lagen hier weelderige tuinen en villa’s. Het is interessant om te bestuderen hoe deze zachtheid en sierlijkheid geherintroduceerd kunnen worden. Dit geldt ook voor de verbinding met de Koekamp en het Haagse Bos aan de overzijde van de Bezuidenhoutseweg. • Het Ministerie van Buitenlandse Zaken is een architectuurhistorisch fenomeen en, net als de KB, een bijzonder, goed bewaard voorbeeld van Post 65-architectuur. Het is ontworpen vanuit dezelfde architectonische en ruimtelijke principes: een geleed volume (in horizontale en verticale richting) dat terugspringt vanaf de straat en past bij de menselijke én stedelijke schaal. De vorm schikt zich naar de contramal en laat maximale daglichttoetreding toe. De structuralistische plattegrond staat een flexibel gebruik toe en maakt het gebouw interessant voor hergebruik. • De geleding van het gebouw, met een hoge plint en daarboven terugspringende bouwlagen, creëert een
Gesloten plint en de routing aan de zijde van het Anna van Buerenplein vraagt om aandacht. 78
CENTRAL INNOVATION DISTRICT DEN HAAG EN OMGEVING
•
onder- en bovenwereld, een verdeling die interessant kan zijn in de toekomstige gebiedsontwikkeling (zie de paletkaart voor de toekomst). Als een beschermende burchtwand vouwt het gebouw zich rond (half-)besloten buitenruimten. Samen met de gelede opbouw van de KB creëert het een wereld van geborgen hofjes en doorgangen, op de schaal van de voetganger, die in welkom contrast staat met de weidsheid van de omliggende externe voegen. De uitdaging, zowel bij herontwikkeling als bij renovatie van het gebouw, ligt bij het voortbouwen op de (deels verdwenen) kwaliteiten van weelderigheid, kleinschaligheid, meandering en verrassing.
•
•
van de plint en de direct aangrezende buitenruimte (aan alle zijden van het gebouw) is een belangrijk aandachtspunt. De relatie met de overzijden van de Bezuidenhoutseweg (Koekamp) en de Utrechtsebaan (het Ministerie van Economische Zaken en de buurt rond de Theresiastraat) is minimaal. De aanhechting van de langzaam verkeerrouttes vraagt om aandacht. Aan de zijde van de Anna van Buerenstraat vormen New Babylon, de Koninklijke Bibliotheek en de hoek van Buitenlandse Zaken een hoge wand (de geleding van de bouwvolumes is hier minder sterk doorgevoerd) met gesloten plinten. De routing voor de voetganger vraagt om verduidelijking, openheid en levendigheid. De voetgangerstoegang vanaf het Anna van Buerenplein tot de Koekamp is lastig vanwege de ingangen naar de parkeergarage en de meer logistieke functies in New Babylon.
Ruimtelijke aandachtspunten • Door de voornamelijk dienstgerichte programmering van de begane grond heeft het gebouw een burchtachtige uitstraling, met een dichte onderlaag die de buitenruimte de rug toekeert. Het verlevendigen
•
Het groene hof tussen de KB en BuZa. Hier wordt nu gebouwd aan de publieksentree van de tijdelijke huisvesting van de Tweede Kamer.
Het gelede volume gezien vanaf de Bezuidenhoutseweg. Aandachtspunten zijn de gesloten plint en de grijze en stenige buitenruimte.
STEENHUISMEURS BV
79
80
CENTRAL INNOVATION DISTRICT DEN HAAG EN OMGEVING
Juliana van Stolberglaan
n laa trix
Ruimtelijke ontwikkeling in hoofdlijnen • Omstreeks 1910 wordt dit plot, dan nog een landelijk gebied ten zuiden van de Bezuidenhoutseweg, bebouwd volgens het uitbreidingsplan van Lindo. Op de plek van het huidige Conservatorium ligt de Charlotte de Bourbonstraat, een diagonaal uit het plan van Lindo (episode 3). • Tijdens het bombardement in 1945 wordt dit deel van het Bezuidenhout volledig verwoest (episode 4). Decennialang blijven de gebombardeerde plots onbebouwd (zie luchtfoto’s). • In 1957 besluit de Gemeenteraad het Koninklijke Conservatorium te verhuizen naar de Juliana van Stolberglaan, aan de noordrand van het te ontwikkelen Beatrixkwartier. Ondanks dat het plot vrij is en langs de Prinses Beatrixlaan al meerdere kantoorgebouwen in aanbouw zijn, duurt het bijna twintig jaar voordat de bouw begint. • In 1966 wordt de ontwerpopdracht voor het nieuwe conservatorium toegekend aan architect L.H.P. Waterman (die zelf ook een conservatoriumopleiding ‘cello’ volgde). In 1972, als het ontwerp bouwklaar is, wordt het programma van eisen veranderd en moet het ontwerp worden aangepast (NRC Handelsblad, 31-081988; Trouw, 23-03-1980). • De bouw wordt in 1974 gestart en zes jaar later wordt het nieuwe conservatorium opgeleverd, een bijzonder ontwerp dat is beïnvloed door de ligging tussen drukke verkeersaders.
De meer gesloten bouwdelen (zoals de concertzaal) vormen een geluidsscherm
Bea
Bezuidenhout in 1964 (9 jaar na het bombardement) gezien vanuit het zuiden. In het geel de toekomstige locatie van het conservatorium. Let op de oliefantenpaatjes (in het Engels ‘desire paths’) over de kavels. [HGA] Bezuidenhout in 1970, gezien vanuit het noorden. De toekomstige locatie van het conservatorium is geel gemarkeerd. Daar rechtsboven zien we een overblijfsel van de vooroorlogse diagonaal Charlotte de Bourbonstraat. [bezuidenhout.nl]
Prin ses
laa n
Het plot van het toekomstige conservatorium in 1914. We zien de diagonale Charlotte de Bourbonstraat vanaf het Juliana van Stolbergplein. [HGA] Algemeen Handelsblad, 16-05-1957. [delpher]
Bea trix
Prin ses
ONTWIKKELLOCATIE 6: KONINKLIJK CONSERVATORIUM
Julian a
van S to
lbergla
an
De Prinses Beatrixlaan net na de oplevering van het conservatorium (rechts) in juli 1980. Foto door E. Renson. [HGA] Maquette van het conservatorium met functie-indeling: 1. lesgebouw, 2. ontmoetingsrulmten en bibliotheek, 3. concertzaal, 4. studievleugel, 5. theaterzaal en toneel, 6. balletchool, 7. havo en mavo en 8. grote hof. [De Architect (9) 9, 87]
De Netkous boven de Prinses Beatrixlaan [HGA] Profieltekening van J. Busquets voor de materialisatie van de Prinses Beatrixlaan [Six Projects for Den Haag, 2004. HGA]
•
ol
na
n va
St
n
aa
gl
r be
Pr
ins
es
Be
atr
ixla
an
ia
l Ju
•
Utre
chts
langs de in 1975 geopende Utrechtsebaan. De meer open bouwdelen (zoals de leszalen) zijn naar binnen gekeerd, rond twee hoven, ‘stiltecentra’ in het Bezuidenhout. De gevel aan het Juliana van Stolbergplein, ‘een prachtig staaltje bevroren muziek’ (Hulsman, 2014), doet denken aan een notenbalk (al was dat volgens Waterman zelf niet de achterliggende gedachte; Trouw, 23-03-1980). Volgens Waterman zijn muziekstudenten introverte mensen die behoefte hebben aan geborgenheid en hoekjes om zich in terug te trekken (o.a. de glazen erkertjes in de raambanden). Daglicht trad binnen via bovenlichten, glazen trappenhuizen en de hoven. Akoestiek (intern en het weren van extern geluid) vormde het lastigste aspect bij ontwerp en ontwikkeling. De aan de Utrechtsebaan grenzende studievleugel kreeg zwevende vloeren en toen de stoelen van de concertzaal te zacht bleken werden de muren met een akoestische lak bestreken (Trouw, 23-03-1980). In 2007 werd voor de oostgevel van het conservatorium de Netkous opgeleverd, het tramviaduct over de Prinses Beatrixlaan naar ontwerp van Zwarts & Jansma architecten. Het was onderdeel van het masterplan voor het Beatrixkwartier van Busquets, die ook een nieuwe materialsering voor de buitenruimte ontwierp.
ebaa
n
STEENHUISMEURS BV
81
Ruimtelijke kwaliteiten en kansen • Te midden van het omliggende infrastructuuren kantoorgeweld van de Utrechtsebaan, het stationsgebied en het Beatrixkwartier is dit een gebouw voor rust, introvertie en muziek. Belangrijk zijn de relatie tussen functie en vormgeving, de plastische opbouw van het ensemble en de wijze waarop het gebouw reageert op en is ingepast in de omgeving. De zorgvuldige vormgeving van de gevels, het beschermende karakter van het interieur (erkers, organisatie rond het binnenhof, etc.), de fraaie bouwkundige details en de ontroerende gedachte achter het ontwerp resulteerden in een uitzonderlijk gebouw. • De plastische compositie van de gebouwdelen staat in contrast met de rechtlijnige gebouwen en vlakke gevels in de rest van het Beatrixkwartier en markeert op een bijzondere manier de hoek tussen de Juliana van Stolberglaan en de Utrechtsebaan, alsmede de noordelijke entree van het Beatrixkwartier. • De binnenhoven hebben een bijzondere kwaliteit als besloten, groene plekken in de kantorenwijk. Ruimtelijke aandachtspunten • Bij het ontwikkelen van dit plot gaat het om de relatie tussen de nieuwe functie en de verschillende sferen van de omliggende buitenruimte, met de Utrechtsebaan als de grootste uitdaging.
Het gaat om het verlevendigen van de stedelijke buitenruimte als actieve tegenhanger van de stille binnentuinen, om de balans tussen stedelijkheid en het terugtrekken van die stedelijkheid. • Ook de plinten kunnen bijdragen aan deze overgang en aan het veraangenamen van de buitenruimte. Op veel 82