RIS310282 bijlage 4 bijlage bij toelichting
Tekst van het document
zomereik
Quercus robur
1
358
P3501
Centrum
Sophialaan 12, boom 1
Hollandse linde, tweest.
Tilia x europaea
1
213/226
P3502
Centrum
Sophialaan 12, boom 2
paardenkastanje
Aesculus hippocastanum
1
361
P3503
Centrum
Sophialaan 12, boom 3
paardenkastanje
Aesculus hippocastanum
1
349
P3504
Centrum
Plein 1813 1, boom 1
paardenkastanje
Aesculus hippocastanum
1
327
P3505
Centrum
Plein 1813 1, boom 2
witte esdoorn
Acer sacharinum 'Pyramidale'
1
348
P3506
Centrum
Plein 1813 1, boom 3
bruine beuk
Fagus sylvatica 'Atropunicea'
1
345
P3507
Centrum
Plein 1813 1, boom 4
zomereik
Quercus robur
1
304
P3510
Centrum
Plein 1813 3, boom 1
gewone esdoorn
Acer pseudoplatanus
1
355
P3511
Centrum
Plein 1813 3, boom 2
treurbeuk
Fagus sylvativa Pendula
1
308
P3512
Centrum
Plein 1813 3, boom 3
bruine beuk
Fagus sylvatica 'Atropunicea'
1
342
P3513
Centrum
Plein 1813 3, boom 4
bruine beuk
Fagus sylvatica 'Atropunicea'
1
399
P3514
Centrum
Plein 1813 3, boom 5
bruine beuk
Fagus sylvatica 'Atropunicea'
1
336
P3515
Centrum
Plein 1813 3, boom 6
bruine beuk
Fagus sylvatica 'Atropunicea'
1
458
P3516
Centrum
Plein 1813 3, boom 7
zomereik
Quercus robur
1
286
P5501
Centrum
Koninginnegracht 34
gewone taxus
Taxus baccata
1
146
P5502
Centrum
Laan 257-259
bruine beuk
Fagus sylvatica 'Atropunicea'
1
289
P5503
Centrum
Laan 257-259
gewone plataan
Platanus x acerifolia
1
428
P5504
Centrum
Laan 257-259
witte paardenkastanje
Aesculus hippocastanum
1
331
P5505
Centrum
Laan 19-245
treurbeuk
Fagus sylvatica 'Pendula'
1
177
P5506
Centrum
Nieuwe Schoolstraat
gewone plataan
Platanus x acerifolia
1
440
P5507
Centrum
Speijckstraat, van 50
gewone plataan
Platanus x acerifolia
1
485
P5508
Centrum
Westeinde 22
moerbei zwart
Morus (alba of nigra?)
1
49 -58
P5509
Centrum
Heilige Geesthofje
juttepeer
Pyrus communis 'Juttepeer'
1
280
P5601
Laak
Binckhorstlaan 249
Spaanse aak
Acer campestre
1
189
P701
Haagse Hout
Hofzichtl/Bezuidenhoutsewg vml. locatie boerderij
paardenkastanje
Aesculus hippocastanum
1
270
P702
Haagse Hout
Koningskade 40, zijtuin
paardenkastanje
Aesculus hippocastanum 2-stammig
1
270/220
P703
Haagse Hout
Bezuidenhoutseweg 40, school
treurbeuk
Fagus sylvatica 'Pendula'
1
335
P705
Haagse Hout
Zijdelaan 20, boomnr. 2
Hollandse linde
Tilia x europaea
1
225
P706
Haagse Hout
Zijdelaan 20, boomnr. 3
Hollandse linde
Tilia x europaea
1
235
P707
Haagse Hout
Zijdelaan 20, boomnr. 4
bruine beuk
Fagus sylvatica 'Atropunicea'
1
220
P708
Haagse Hout
Zijdelaan 20, boomnr. 5
paardenkastanje
Aesculus hippocastanum
1
350
P709
Haagse Hout
Hoogwerflaan 12, voortuin
berk, meerstammig op 2,5m
Betula pendula
1
179
P2701
Haagse Hout
Weissenbruchstraat 190, links ingang school
wintergroene eik, 6-stammig
Quercus turneri 'Pseudoturneri'
1
173
TOTAALLIJST VIJFDE TRANCHE MONUMENTALE BOMEN IN DEN HAAG 2013
Officieel P2706
Haagse Hout
Wassenaarseweg 76
taxus, 4 boomgroepen
Taxus baccata
18
130/156
P2715
Haagse Hout
Van Maudricstraat 10, Huize Waalsdorp
paardenkastanje
Aesculus hippocastanum
1
349
P2718
Haagse Hout
Van Montfoortlaan 15
Hollandse linde
Tilia x europaea
1
270
P2721
Haagse Hout
Koekamp, hertenkamp, 1
paardenkastanje
Aesculus hippocastanum
1
289
P2722
Haagse Hout
Koekamp, hertenkamp, 2
zomereik
Quercus robur
1
411
P2724 was O2708
Haagse Hout
Oostduin, oprijlaan v.a. ingang Wassenaarseweg, 1
beuken
Fagus sylvatica
42
35 / 289
P2725 was O2710
Haagse Hout
Oostduin, in gazon, t.o. heidetuin, 2
gewone esdoorn - bontbladig
Acer Ps. Leopoldii
1
289
P2726 was O2711
Haagse Hout
Oostduin, in gazon, 3
gewone esdoorn
Acer pseudoplatanus
1
273
P2727 was O2712
Haagse Hout
Oostduin, lgs vijver, 4
bruine beuk
Fagus sylvatica 'Atropunicea'
1
402
P2728 was O2715
Haagse Hout
Oostduin, bij doorgang brug Arendsdorp, 5
zomereiken
Quercus robur
5
214/405
P2729 was O2716
Haagse Hout
Oostduin, 6
zomereik, tweestammig
Quercus robur
1
393
P2730 was O2717A
Haagse Hout
Oostduin, 7
zomereik
Quercus robur
1
314
P4701
Haagse Hout
van Nijenrodestraat
Oostenrijkse den
Pinus nigra 'Nigra'
1
254
P5701
Haagse Hout
Hogenhoucklaan 40 - 50 'eiland'
Oostenrijkse Den
Pinus nigra nigra/austriaca
1
208
P5702
Haagse Hout
Voorschotenlaan, van 12
hemelboom
Ailanthus altissima
1
264
P5703
Haagse Hout
Diamanthorst 185
gewone plataan
Platanus x acerifolia
1
313
P704
Haagse Hout
Zijdelaan
Hollandse linde
Tilia x europaea
1
242
P5801
Leidschenveen-Ypenburg
Westvlietweg 148 - Zeerust
Oosterse plataan
Platanus orientalis
1
377
P5802
Leidschenveen-Ypenburg
Westvlietweg 148 - Zeerust
Hollandse linde
Tilia x europaea
2
305
P5803
Leidschenveen-Ypenburg
Westvlietweg 148 - Zeerust
gewone es
Fraxinus excelsior
1
347
292
Openbare bomen O2104
Loosduinen
Ockenburgh, voor Theeschenkerij, 1
beuk
Fagus sylvatica
1
377
O2106
Loosduinen
Ockenburgh, pad t.o. Crematorium, 2
Hollandse linde
Tilia x europaea
1
484
O2108
Loosduinen
Ockenburgh, t.o. brug weiland, 3
beuk, meerstammig
Fagus sylvatica
1
399
O2110
Loosduinen
M. van Hennebergweg 2/4, links van pad
Hollandse iep, meerstammig
Ulmus x hollandica
1
286
O2115
Loosduinen
Bosjes van Pex, bij kantine Berg en Dal
Hollandse linde
Tilia x europaea
1
242
O2118
Loosduinen
Oude Haagweg t.o. 417, zijde water Houtwijk
paardenkastanje
Aesculus hippocastanum
1
283
O2119
Loosduinen
Begraafplaats Westduin, 1
Oostenrijkse dennen
Pinus nigra
41
100/201
O2121
Loosduinen
Begraafplaats Westduin, 2
zomereikenstoof
Quercus robur
1
267
O4101
Loosduinen
Landgoed Ockenburg, n-rand weide
zomereik
Quercus robur
1
311
O4102 was O4304
Loosduinen
Notenplein
Hongaarse eik
Quercus frainetto
1
254
O4103 was O4305
Loosduinen
Notenplein
zelkova
Zelkova carpinifolia
1
188
O4104 was O4306
Loosduinen
Notenplein
hopbeuk
Ostrya carpinifolia
1
170
O4105 was O4307
Loosduinen
Notenplein
walnoot
Juglans regia
1
204
O201
Escamp
Volendamlaan, vml. buitenplaats, oprijlaan
Hollandse linde
Tilia x europaea
11
190/230
O202
Escamp
Volendamlaan, vml. buitenplaats, boomnr. 1
paardenkastanje
Aesculus hippocastanum
1
320
O2212
Escamp
Zuiderpark, ringweg, 3
moerascypres
Taxodium distichum
29
72/276
O2213
Escamp
Zuiderpark, J. Naberweg, 4
paardenkastanje
Aesculus hippocastanum
14
280/330
O2216
Escamp
Zuiderpark, Openluchttheater, 5
Amerikaanse eik
Quercus rubra
1
298
O2218
Escamp
Zuiderpark, Manege De Eendenkooi, 6
paardenkastanje
Aesculus hippocastanum
1
311
O2219
Escamp
Zuiderpark, grote speelweide, 7
Canadese populier
Populus x canadenis 'Robusta'
1
471
TOTAALLIJST VIJFDE TRANCHE MONUMENTALE BOMEN IN DEN HAAG 2013
Officieel O2220
Escamp
Zuiderpark, grote speelweide, 8
Canadese populier
Populus x canadenis 'Robusta'
1
440
O2222
Escamp
Zuiderpark, grote speelweide, 9
Canadese populier
Populus x canadenis 'Robusta'
1
449
O4201
Escamp
Zuidlarenstraat, Mondriaancollege
dubbelbloemige paardenkastanje
Aesculus hippocastanum 'Baumannii'
4
217/267
O4202
Escamp
Zuidlarenstraat, Mondriaancollege
oosterse plataan
Platanus orientalis
1
232
O4204
Escamp
Drakesteinweg
zelkova
Zelkova serrata
11
167/239
O5201
Escamp
Effenstraat, van
gewone vleugelnoot
Pterocaria fraxinifolia
9
309 - 401
O5202
Escamp
Maartensdijklaan, glooiing, A, B en C
grootbladige els
Alnus x spaethii 'Spaeth'
3
255 - 260 -280
O5203
Escamp
Maartensdijklaan, glooiing, D
Kaukasische els
Alnus subcordata
1
261
O5204
Escamp
Zweeloostraat
dubbelbloemige paardenkastanje
Aesculus hippocastanum 'Baumannii'
3
255 - 260 - 277
O301
Segbroek
Klimopstraat hoek Klaproosstraat
vleugelnoot
Pterocarya fraxinifolia
1
275
O302
Segbroek
Nachtegaallaan
monumentaaliep
Ulmus carpinifolia 'Sarniensis'
16
210
O2301
Segbroek
Morelstraat
paardenkastanje
Aesculus hippocastanum
1
264
O4301
Segbroek
Fahrenheit-/Cypresstraat
Hollandse linde
Tilia x europaea
1
185
O4302
Segbroek
Fahrenheit-/Cypresstraat
dubbelbloemige paardenkastanje
Aesculus hippocastanum 'Baumannii'
2
270/292
O4303
Segbroek
Ln. van.Eik en Duinen/Vlierboomstraat
iep
Ulmus pumila
8
119/295
O5301
Segbroek
Houtrustweg Sluis Verversingskanaal
dubbelbloemige paardenkastanje
Aesculus hippocastanum 'Baumannii'
3
251 - 305
O5301
Segbroek
Houtrustweg Sluis Verversingskanaal
witte paardenkastanje
Aesculus hippocastanum
1
218
O5302
Segbroek
Gaslaan, voorm St Groenestein
witte paardenkastanje
Aesculus hippocastanum
1
165
O5303
Segbroek
Hyacinthweg
Japanse sierkers
Prunus serrulata
1
289
O5304
Segbroek
Sijzenlaan - kerk - Sprietplein
hemelboom
Ailanthus altissima
3
198 - 212 - 245
O401
Scheveningen
Joh.v.Oldeb. ln/Eisenhowerln., groep, boomnr. 1
Hollandse iep
Ulmus x hollandica
1
368
O402
Scheveningen
Joh.v.Oldeb. ln/Eisenhowerln., groep, boomnr. 2
Hollandse iep
Ulmus x hollandica
1
280
O403
Scheveningen
Joh.v.Oldeb. ln/Eisenhowerln., groep, boomnr. 3
Hollandse iep
Ulmus x hollandica
1
305
O405
Scheveningen
Cornelis de Wittlaan t.o. 91
zelkova
Zelkova serrata
1
270
O406
Scheveningen
Frederik Hendrikplein t.o. nr. 22, boomnr. 1
gewone esdoorn
Acer pseudoplatanus
1
303
O407
Scheveningen
Frederik Hendrikplein t.o. nr. 20, boomnr. 2
gewone esdoorn
Acer pseudoplatanus
1
350
O409
Scheveningen
Frederik Hendrikplein, t.o. nr. 8, gazon
Japanse notenboom
Ginkgo biloba
1
220
O410
Scheveningen
Frederik Hendrikplein, t.o. nr. 34, gazon
prieeliep
Ulmus glabra 'Camperdownii'
1
214
O411
Scheveningen
Duinweg, bij uitzichtpunt, achter lichtmast 38
zomereik
Quercus robur, stoof, 9 stammig
1
190
O412
Scheveningen
Wagenaarweg
paardenkastanje
Aesculus hippocastanum
31
174/279
O413 was P403
Scheveningen
Gemeentemuseum, achterzijde Museon
zachte bitternoot
Carya tomentosa
1
229
O2402
Scheveningen
Andries Bickerweg, nabij vijver
els
Alnus spaethii
1
301
O2410
Scheveningen
Stadhouderslaan, 2
Hollandse iep
Ulmus x hollandica 'Belgica'
1
289
O4401
Scheveningen
Nieuwe Parklaan
hemelboom
Ailanthus altissima
2
198/232
O4402
Scheveningen
Nieuwe Parklaan
iep
Ulmus x hollandica
1
320
O4403
Scheveningen
van Boetzelaerlaan
iep
Ulmus x hollandica
9
239/323
O4404 was O4503
Scheveningen
Tasmanstraat
tamme kastanje
Castanea sativa
1
185
O5401
Scheveningen
Statenplein
abeel
Populus alba
1
389
O502
Centrum
Paleistuin, speelweide t.o. vijver
moerascypres
Taxodium distichum
1
358
O503
Centrum
Delistraat, t.o. Batjanstraat
bruine beuk
Fagus sylvatica 'Atropunicea'
1
377
O504
Centrum
Huygenspark t.o. 39, boomnr 1
plataan
Platanus x Hispanica
1
427
O505
Centrum
Huygenspark t.o. 39, boomnr 2
plataan
Platanus x Hispanica
1
449
TOTAALLIJST VIJFDE TRANCHE MONUMENTALE BOMEN IN DEN HAAG 2013
Officieel O506
Centrum
Huygenspark t.o. 39, boomnr 3
plataan
Platanus x Hispanica
1
386
O507
Centrum
Huygenspark t.o. Huygensstraat 14 A
Hongaarse eik
Quercus frainetto
1
349
O508
Centrum
Paleisstraat t.o. 4, achter monument
bruine beuk
Fagus sylvatica 'Atropunicea'
1
352
O509
Centrum
Paleisstraat t.o. paleis, De Postzegelboom
dubbelbloemige paardenkastanje
Aesculus hippocastanum 'Baumannii'
1
327
O510
Centrum
Prinsevinkenpark t.o. 12
gewone esdoorn
Acer pseudoplatanus 'Leopoldii'
1
289
O512
Centrum
Rond de Grote Kerk, boomnr. 2
plataan
Platanus x Hispanica
1
305
O513
Centrum
Rond de Grote Kerk, boomnr. 3
plataan
Platanus x Hispanica
1
358
O514
Centrum
Zeestraat t.o. 82/84
bruine beuk
Fagus sylvatica 'Atropunicea'
1
345
O516
Centrum
Bezemstraat/St. Jacobstraat, boomnr. 1
plataan
Platanus x Hispanica
1
305
O517
Centrum
Bezemstraat/St. Jacobstraat, boomnr. 2
plataan
Platanus x Hispanica
1
308
O518
Centrum
Bezemstraat/St. Jacobstraat, boomnr. 3
plataan
Platanus x Hispanica
1
251
O519
Centrum
Bezemstraat/St. Jacobstraat, boomnr. 4
plataan
Platanus x Hispanica
1
242
O520
Centrum
Javastraat, Javabosje boomnr. 1
Hollandse iep
Ulmus x hollandica
1
327
O521
Centrum
Javastraat, Javabosje boomnr. 2
Hollandse iep
Ulmus x hollandica
1
374
O526
Centrum
Carnegieplein bij monument, boomnr. 1
paardenkastanje
Aesc. hippocastanum, tweestammig
1
276
O527
Centrum
Carnegieplein bij monument, boomnr. 2
gewone esdoorn
Acer pseudoplatanus
1
276
O529
Centrum
Nassaulaan
dubbelbloemige paardenkastanje
Aesculus hippocastanum 'Baumannii'
32
gemid. 230
O530
Centrum
Sophialaan
dubbelbloemige paardenkastanje
Aesculus hippocastanum 'Baumannii'
29
280/353
O531
Centrum
Plein 1813
dubbelbloemige paardenkastanje
Aesculus hippocastanum 'Baumannii'
32
129/327
O532
Centrum
Lange Voorhout, laan, 337 stuks
Hollandse linde
Tilia x europaea
325
div
ensembe
dubbelbloemige paardenkastanje
Aesculus hippocastanum 'Baumannii'
6
div
Hollandse iep
Ulmus x holl. 'Vegeta'
6
div
Lange Vijverberg, laan, 106 stuks
rode paardekastanje
Aesculus x carnea
18
div
ensembe
dubbelbloemige paardenkastanje
Aesculus hippocastanum 'Baumannii'
8
div
Hollandse linde
Tilia x europaea
75
div
O533
Centrum
nog aan te planten
5
O534
Centrum
Korte Vijverberg
dubbelbloemige paardenkastanje
Aesculus hippocastanum 'Baumannii'
4
185/207
O2505
Centrum
Koninginnegracht, ts Riouwstraat/Dr Kuyperstr. lgs water
dubbelbloemige paardenkastanje
Aesculus hippocastanum 'Baumannii'
25
220/280
O2506
Centrum
Kaapstraat + gedeelte Kaapseplein
dubbelbloemige paardenkastanje
Aesculus hippocastanum 'Baumannii'
19
223/283
O2508
Centrum
Oranjeplein, tussen nrs. 52 - 69
wilgen
Salix babylonica
3
323/411
O2509
Centrum
Oranjeplein, rondom
vleugelnoten
Pterocarya fraxinifolia
23
100/342
O2517
Centrum
Algemene Begraafplaats Kerkhoflaan, 5
moseik
Quercus cerris
1
242
O2523
Centrum
Huygenspark bij Stationsweg, cirkel vml peperbus
pluimiepen
Ulmus glabra 'Exoniensis'
5
151/182
O2526 was P2525
Centrum
Viljoenstraat 97, schoolplein, 1
plataan
Platanus x Hispanica
1
320
O2527 was P2526
Centrum
Viljoenstraat 97, schoolplein, 2
plataan
Platanus x Hispanica
1
317
O4501
Centrum
Schelpkade
beuk
Fagus sylvatica 'Rotundifolia'
1
179
O4502
Centrum
Huygenspark
plataan
Platanus x Hispanica
1
298
O4504
Centrum
Hogewal
moerascypres
Taxodium distichum
1
232
O5501
Centrum
Carnegieplein
hemelboom
Ailanthus altissima
1
303
O5502
Centrum
Vailantplein/Delftselaan
zilverlinde
Tilia tomentosa
1
232
O5503
Centrum
Vermeerstraat - Fabritiusstraat
gewone plataan
Platanus x acerifolia
1
330
O5504
Centrum
Vermeerstraat - v.d. Lissestraat
gewone plataan
Platanus x acerifolia
1
341
O5505
Centrum
Vermeerstraat schoolplein langs Fabritiusstraat
dubbelbloemige paardenkastanje
Aesculus hippocastanum 'Baumannii'
3
211 - 273
O5506
Centrum
Vermeerstraat schoolplein v.d. Lissestraat
dubbelbloemige paardenkastanje
Aesculus hippocastanum 'Baumannii'
3
211 - 273
O5507
Centrum
Grevelingenveld (Reggestraat)
Hollandse linde
Tilia europaea
1
243
TOTAALLIJST VIJFDE TRANCHE MONUMENTALE BOMEN IN DEN HAAG 2013
Officieel O5508
Centrum
Noordwal 117
dubbelbloemige paardenkastanje
Aesculus hippocastanum 'Baumannii'
1
312
O4601
Laak
Vliegwielstraat
gewone vleugelnoot
Pterocarya fraxinifolia
5
245/355
O701
Haagse Hout
't Hoenstraat t.o. 23
beuk
Fagus oriëntalis
1
528
O702
Haagse Hout
't Hoenstraat t.o. 9
Japanse notenboom
Ginkgo biloba
1
246
O707
Haagse Hout
Le Grandbos langs pad, boomnr 1
zomereik
Quercus robur
1
422
O708
Haagse Hout
Clingendael pad naar Theeschenkerij boomnr 1 (Wassenaar) westerse levensboom
Thuja occidentalis, 16-stammig
1
190
O709
Haagse Hout
Clingendael pad naar Theeschenkerij boomnr 2 (Wassenaar) bruine beuk
Fagus sylvatica 'Atropunicea'
1
440
O710
Haagse Hout
Clingendael pad naar Theeschenkerij boomnr 3 (Wassenaar) zilverlinde
Tilia tomentosa
1
273
O712
Haagse Hout
Marlot, open plek t.o. kwekerij Ketel
beuk
Fagus sylvatica
1
505
O713
Haagse Hout
Marlot, open plek t.o. kwekerij Ketel
tamme kastanje
Castanea sativa
1
416
O714
Haagse Hout
Marlot, villa oprijlaan links v.a. Leidsestraatweg
plataan
Platanus x Hispanica
1
517
O716
Haagse Hout
Marlot voor de villa, boomnr. 1
Hollandse linde
Tilia x europaea
1
264
O717
Haagse Hout
Marlot voor de villa, boomnr. 2
Hollandse linde
Tilia x europaea
1
307
O718
Haagse Hout
Marlot voor de villa, boomnr. 3
Hollandse linde
Tilia x europaea
1
302
O719
Haagse Hout
Marlot, ingang Hoogwerfln., boomnr. 1
zomerlinde
Tilia platyphyllos
1
285
O720
Haagse Hout
Marlot, ingang Hoogwerfln., boomnr. 2
zomerlinde
Tilia platyphyllos
1
285
O721
Haagse Hout
Marlot, ingang Hoogwerfln., boomnr. 3
zomerlinde
Tilia platyphyllos
1
323
O722
Haagse Hout
Marlot, langs pad kopzijde weiland boomnr. 1
zomereik
Quercus robur
1
420
O723
Haagse Hout
Marlot, langs pad kopzijde weiland boomnr. 2
zomereik
Quercus robur
1
345
O724
Haagse Hout
Marlot, langs pad kopzijde weiland boomnr. 3
zomereik
Quercus robur
1
305
O727
Haagse Hout
Ridderlaan t.o. 22, boomnr. 1
zomereik
Quercus robur
1
311
O728
Haagse Hout
Ridderlaan t.o. 18, boomnr. 2
zomereik
Quercus robur
1
314
O729
Haagse Hout
Ridderlaan t.o. 16, boomnr. 3
zomereik
Quercus robur
1
265
O730
Haagse Hout
Ridderlaan t.o. Teddingerbrouckstraat
gewone wilg
Salix alba 'Vitalina'
1
656
O731
Haagse Hout
Van Alkemadelaan hoek van Ouwenlaan
groenblijvende eik
Quercus turneri 'Pseudoturneri'
1
213
O732
Haagse Hout
Burnierstraat
Hollandse linde
Tilia x europaea
18
222/274
O733
Haagse Hout
Schenkkade t.o. 280 langs Schenk
treurwilg
Salix sepulcralis 'Tristis'
1
330
O734
Haagse Hout
Corn. v.d. Lijnstr./v.Lansbergenstr., groep, boomnr. 1
beuk
Fagus sylvatica 'Rotundifolia'
1
315
O735
Haagse Hout
Corn. v.d. Lijnstr./v.Lansbergenstr., groep, boomnr. 2
beuk
Fagus sylvatica 'Rotundifolia'
1
215
O736
Haagse Hout
Corn. v.d. Lijnstr./v.Lansbergenstr., groep, boomnr. 3
beuk
Fagus sylvatica 'Rotundifolia'
1
315
O737
Haagse Hout
Oostduinlaan t.o. 135, boomnr. 1
amberboom
Liquidamber styracyflua
1
175
O738
Haagse Hout
Oostduinlaan t.o. 135, boomnr. 2
amberboom
Liquidamber styracyflua
1
247
O739
Haagse Hout
Hoogwerflaan t.o. nr. 1
zilverlinde
Tilia tomentosa
1
300
O740
Haagse Hout
Van Hoeylaan, herdenkingsboom
Hollandse linde
Tilia x europaea
1
170
O741
Haagse Hout
Koekamp, Koningskade boomnr 1, t.o. lm 4
Hollandse linde
Tilia x europaea
1
345
O742
Haagse Hout
Koekamp, t.o. poffertjeskraam/lp 4, boomnr 2
paardenkastanje
Aesculus hippocastanum
1
421
O2701
Haagse Hout
Neuhuyskade hoek Weissenbruchstraat
zilverlinde
Tilia tomentosa
1
246
O2702
Haagse Hout
Neuhuyskade t.o. 57
moerascypres
Taxodium distichum
1
308
O2722
Haagse Hout
Ridderlaan, plantsoen t.o. Ruychrocklaan 38
rondbladige beuk
Fagus syl. Rotundifolia
1
216
O2723
Haagse Hout
Ruychrocklaan t.o. 148
zilveresdoorn
Acer sacharinum 'Pyramidale'
1
320
O2726
Haagse Hout
Wassenaarseweg, t.o. 156, hoek Van Hogenhoucklaan
Amerikaanse eik
Quercus rubra
1
340
O2727
Haagse Hout
Wassenaarseweg, 3 zijden, ts Fl. Grijptraat/v Hoytemastr.
vleugelnoten
Pterocarya fraxinifolia
22
125/393
O2728
Haagse Hout
Wassenaarseweg, t.o. 28-30
hemelboom
Ailanthus altissima
1
293
TOTAALLIJST VIJFDE TRANCHE MONUMENTALE BOMEN IN DEN HAAG 2013
Officieel O2729
Haagse Hout
Therese Schwarzestraat links ingang Juliana Kazerne
bruine beuk
Fagus sylvatica 'Atropunicea'
1
334
O2730
Haagse Hout
Oosterbeek, langs groot gazon, 1
beuken
Fagus sylvatica
5
283/436
O2731
Haagse Hout
Oosterbeek, op groot gazon, 2
treurbeuk
Fagus sylvatica 'Pendula'
1
330
O2732
Haagse Hout
Oosterbeek, op groot gazon, 3
zomereik
Quercus robur
1
302
O2737
Haagse Hout
Clingendael, Slangenmuur, 1
Hollandse linde
Tilia x europaea
1
367
O2738
Haagse Hout
Clingendael, Slangenmuur, 2
beuk
Fagus sylvatica
1
345
O2739
Haagse Hout
Clingendael, Slangenmuur, 3
beuk
Fagus sylvatica
1
467
O2740
Haagse Hout
Clingendael, Slangenmuur, 4
zomereik
Quercus robur
1
330
O2744
Haagse Hout
Paschalispad
Zweedse meelbes
Sorbus intermedia
1
227
O2745
Haagse Hout
Breitnerlaan, pleintje bij 112-128
honingboom
Sophora japonica
1
230
O4701
Haagse Hout
van Soutelandelaan bij Alkemadeln.
beuk
Fagus sylvatica
1
389
O4704
Haagse Hout
Clingendael t.o. Rosarium
amberboom
Liquidambar styraciflua
1
232
O4705
Haagse Hout
Clingendael pad naar theehuis
Hollandse linde
Tilia x europaea
1
323
O4706
Haagse Hout
Ridderlaan
sierappel
Malus cv.
1
232
O4707
Haagse Hout
Neuhuyskade
moerascypres
Taxodium distichum
1
276
O5701
Haagse Hout
Wassenaarseweg to 149
gewone beuk - rondbladig
Fagus sylvatica 'Rotundifolia'
1
326
O5702
Haagse Hout
Alkemadelaan, van - brug ingang Clingendael
ruwe berk
Betula verrucosa
1
228
O5703
Haagse Hout
Hofzichtlaan, bij ingang Marlot Hoogwerflaan
mispeleik
Quercus petraea 'Mespilifolia'
1
239
O5704
Haagse Hout
Clingendael, Landgoed - schapenwei
Hollandse linde
Tiliea europaea
1
417
1000
Totaal aantal
Particuliere bomen = Openbare bomen = Totaal aantal =
292 1000 1292
1292
Aanmeldnotitie in het kader van vormvrije m.e.r.beoordeling Randveen 64 te Den Haag projectnummer 18115
Opdrachtgever:
Stebru Ontwikkeling B.V. t.a.v. V. van Valen
Versienummer:
Definitief
Datum:
23 maart 2021
Auteur:
T.J. de Baare BSc LL.B.
Controle:
drs. ing. M.L.W. Andela
Paraaf:
Mees Ruimte & Milieu | Postbus 854 | 2700 AW Zoetermeer info@meesruimteenmilieu.nl | www.meesruimteenmilieu.nl | IBAN NL94ABNA0587770562 | KvK 34237628
Pagina | 1
COLOFON Mees Ruimte & Milieu | Postbus 854 | 2700 AW Zoetermeer 085 – 744 08 38 085 – 744 08 37
Mees Ruimte & Milieu | 18115.01 aanmeldnotitie
Pagina | 2
Inhoudsopgave
pagina
1
Inleiding ...................................................................................................................................5 1.1 Aanleiding ........................................................................................................................ 5 1.2 Planologische toetsing ..................................................................................................... 6 1.3 Milieueffectrapportage ..................................................................................................... 7 1.4 Leeswijzer ...................................................................................................................... 10
2
Kenmerken van het project ....................................................................................................11 2.1 Inleiding ......................................................................................................................... 11 2.2 Beschrijving en omvang project ..................................................................................... 11 2.3 Overige kenmerken van het project ............................................................................... 12 2.3.1 Cumulatie met andere projecten ................................................................................ 12 2.3.2 Gebruik van natuurlijke hulpbronnen .......................................................................... 15 2.3.3 Productie van afvalstoffen .......................................................................................... 16 2.3.4 Verontreiniging en hinder............................................................................................ 16 2.3.5 Risico van ongevallen ................................................................................................. 19
3
Plaats project .........................................................................................................................20 3.1 Inleiding ......................................................................................................................... 20 3.2 Het bestaande grondgebruik .......................................................................................... 20 3.3 Het opnamevermogen van het natuurlijk milieu .............................................................. 21 3.3.1 Inleiding ...................................................................................................................... 21 3.3.2 Overzicht gevoelige gebieden bijlage III EU-Richtlijn ................................................... 21 3.3.3 Toetsing overige gevoelige gebieden .......................................................................... 23
4
Kenmerken van het potentiële effect ......................................................................................24 4.1 Inleiding ......................................................................................................................... 24 4.2 Te beoordelen aspecten ................................................................................................ 24 4.3 Verkeer .......................................................................................................................... 27 4.3.1 Huidige situatie ........................................................................................................... 27 4.3.2 Effecten ontwikkeling .................................................................................................. 27 4.4 Geluid ............................................................................................................................ 28 4.4.1 Huidige situatie ........................................................................................................... 28 4.4.2 Effect ontwikkeling ...................................................................................................... 28 4.5 Luchtkwaliteit .................................................................................................................
29 4.5.1 Huidige situatie ........................................................................................................... 29 4.5.2 Effecten ontwikkeling .................................................................................................. 30 4.6 Ecologie ......................................................................................................................... 31 4.6.1 Huidige situatie ........................................................................................................... 31 4.6.2 Effecten ontwikkeling .................................................................................................. 31 4.7 Externe veiligheid ........................................................................................................... 32 4.7.1 Huidige situatie ........................................................................................................... 32 4.7.2 Effecten ontwikkeling .................................................................................................. 32 4.8 Gezondheid ................................................................................................................... 33 4.8.1 Huidige situatie ...........................................................................................................
33 4.8.2 Effecten ontwikkeling .................................................................................................. 33
5
Conclusie ...............................................................................................................................55
Bijlagen Aanvullend en nader bodemonderzoek - BK Ingenieurs Bezonning - LBP|SIGHT Wind - LBP|SIGHT
Mees Ruimte & Milieu | 18115.01 aanmeldnotitie
Pagina | 3
4 5 6 7 8
Parkeerbalans - Adviesbureau Omega V6 Geluidsbelasting omgeving Maestro - LBP|SIGHT Actualiserende Quickscan beschermde planten- en diersoorten - Mertens Stikstofdepositieonderzoek - Mees Ruimte en Milieu Externe veiligheid - Peutz
Mees Ruimte & Milieu | 18115.01 aanmeldnotitie
Pagina | 4
1
Inleiding
1.1
Aanleiding
Stebru Ontwikkeling B.V. is voornemens het woon-zorgcomplex, gelegen aan de Randveen 64 te Den Haag, te herontwikkelen. Het woon-zorgcomplex is gespecialiseerd in zware zorg voor met name dementerende ouderen. De Lozerhof beschikt over ruimte voor circa 130 bewoners. Het gebouw is verouderd en binnen afzienbare tijd functioneel niet meer te gebruiken. Renovatie is niet mogelijk, mede omdat het gebouw specifiek is ontworpen voor de huidige functie. De sloopnieuwboutontwikkeling van de locatie betreft een woningbouwontwikkeling en behelst de realisatie van maximaal 388 wooneenheden. Hiervan zullen 136 woningen specifiek bestemd zijn als zorgeenheden welke worden beschouwd als sociale woning. Vanwege de hoogbouw biedt het gebied kansen om een gemengd complex met voornamelijk woningen in het middensegment te realiseren. In de plint van het gebouw, aan de kant van de Randveen, komen voorzieningen in het kader van commerciële- en maatschappelijke voorzieningen. Tevens wordt een parkeergarage gerealiseerd, welke voorziet in voldoende parkeerplaatsen op basis van het programma en de overeengekomen berekeningsmethodiek, welke heeft geresulteerd in de parkeerbalans met deels parkeerplaatsen in de garage en deels op maaiveld. figuur 1. Luchtfoto projectlocatie (bron: QGIS eigen bewerking)
Mees Ruimte & Milieu | 18115.01 aanmeldnotitie
Pagina | 5
figuur 2. Impressie toekomstige situatie.
1.2
Planologische toetsing
Het vigerende bestemmingsplan is het bestemmingsplan ‘Bouwlust’, vastgesteld op 1 november 2015 door de raad van de gemeente Den Haag. De projectlocatie heeft de enkelbestemming ‘Maatschappelijk - 1’ en de dubbelbestemming ‘Waarde – Archeologie’. De gronden met de bestemming ‘Maatschappelijk – 1’ zijn bestemd voor onder andere een bibliotheek, medische en paramedische voorzieningen, buitenschoolse opvang, onderwijs, zorgboerderij en religie. Er geldt een bouwvlak. figuur 3. Uitsnede bestemmingsplankaart (bron: QGIS eigen bewerking)
Mees Ruimte & Milieu | 18115.01 aanmeldnotitie
Pagina | 6
De bouwhoogtes zijn verschillend. De maximaal toegestane bouwhoogte bedraagt 30 meter en minimaal toegestane bouwhoogte bedraagt 7 meter. figuur 4. Indicatieve uitsnede bestemmingsplankaart met maatvoering (bron: QGIS eigen bewerking)
Toets aan bestemmingsplan De herontwikkeling van de Lozerhof is op de volgende onderdelen in strijd met het bestemmingsplan dat ter plaatse vigeert: • • •
Wonen, evenals de commerciële c.q. zorgvoorzieningen (zoals arts c.q. maatschappelijk en kantoor) is niet toegestaan binnen de vigerende maatschappelijke bestemming. Bebouwing wordt gerealiseerd buiten het huidige bouwvlak. De maximale bouwhoogte van 30 meter wordt tevens overschreden.
Om de genoemde strijdigheden weg te nemen dient het project planologisch mogelijk gemaakt te worden en dient een planologische procedure doorlopen te worden. Voor voorliggend plan wordt een (postzegel)bestemmingsplanprocedure doorlopen.
1.3
Milieueffectrapportage
Het instrument milieueffectrapportage De milieueffectrapportage (m.e.r.) is een hulpmiddel bij het nemen van besluiten. Op deze manier krijgt het milieubelang een volwaardige plaats in de besluitvorming. De m.e.r.-procedure is gekoppeld aan de 'moederprocedure'. Dit is de procedure op grond waarvan de besluitvorming plaatsvindt, bijvoorbeeld de bestemmingsplanprocedure, of een omgevingsvergunningsprocedure. De basis van de milieueffectrapportage wordt gevormd door de EU-richtlijn m.e.r. Deze richtlijn is in Nederland geïmplementeerd in de Wet milieubeheer en het Besluit m.e.r. In het Besluit m.e.r. bestaat een belangrijk onderscheid tussen bijlage C en bijlage D. Voor activiteiten die voldoen aan de diverse criteria uit bijlage C geldt een m.e.r.-plicht. In bijlage D staan de activiteiten benoemd
Mees Ruimte & Milieu | 18115.01 aanmeldnotitie
Pagina | 7
waarvoor een m.e.r.-beoordelingsplicht dan wel een plan-m.e.r. plicht geldt indien de grenswaarden worden overschreden in geval van respectievelijk een besluit of een plan. Bij de m.e.r.-boordeling dient te worden beoordeeld in hoeverre er sprake is van (mogelijke) belangrijke nadelige milieugevolgen. Kunnen belangrijke nadelige milieugevolgen worden uitgesloten, dan is een m.e.r. niet noodzakelijk. Voor elk besluit dat betrekking heeft op activiteit(en) die voorkomen op de D-lijst die onder de drempelwaarden vallen moet een toets worden uitgevoerd in hoeverre belangrijke nadelige milieugevolgen kunnen worden uitgesloten. Voor deze toets wordt de term vormvrije m.e.r.beoordeling gehanteerd. figuur 5. Overzicht verschillende m.e.r. procedures (bron: infomil.nl)
Met het op 7 juli 2017 in werking getreden wijziging Besluit m.e.r. dient bij elke aanvraag waarbij een vormvrije m.e.r.-beoordeling aan de orde is door de initiatiefnemer een aanmeldnotitie te worden opgesteld. Toetsing aan het Besluit m.e.r. De herontwikkeling van het projectgebied naar woningbouw en commerciële functies valt te kwalificeren als een stedelijke ontwikkelingsproject in de zin van het Besluit m.e.r. (tabel 1). tabel 1.
D 11.2
Stedelijk ontwikkelingsproject in het kader van de m.e.r. Kolom 1 Activiteiten De aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject met inbegrip van de bouw van winkelcentra of parkeerterreinen.
Kolom 2 Gevallen In gevallen waarin de activiteit betrekking heeft op: 1°. een oppervlakte van 100 hectare of meer, 2°. een aaneengesloten gebied en 2.000 of meer woningen omvat, of 3°. Een bedrijfsvloeroppervlakte van 200.000 m2 of meer.
Kolom 3 Plannen De structuurvisie, bedoeld in de artikelen 2.1, 2.2 en 2.3 van de Wet ruimtelijke ordening, en het plan, bedoeld in artikel 3.1, eerste lid, van die wet.
Kolom 4 Besluiten De vaststelling van het plan, bedoeld in artikel 3.6, eerste lid, onderdelen a en b, van de Wet ruimtelijke ordening dan wel bij het ontbreken daarvan van het plan, bedoeld in artikel 3.1, eerste lid, van die wet.
De beoogde herontwikkeling bestaat uit de realisatie van maximaal 388 woningen, waarvan 136 woningen als zorgeenheden. In de plint van het gebouw, aan de kant van de Randveen, komen voorzieningen ten behoeven in het kader van zorg (arts/ maatschappelijk) en een commerciële ruimte ten behoeve van kantoor. Het aantal beoogde woningen valt ruim onder de drempelwaarde van 2.000 woningen waarvoor een m.e.r.-boordeling dan wel een plan-mer plicht geldt. Dit geldt eveneens voor het volume aan commerciële ruimte. De bedrijfsvloeroppervlakte van de (commerciële)voorzieningen in de plint zal ruim onder de 200.000 m2 vallen, die als drempelwaarde geldt ten aanzien van de m.e.r.beoordelingsplicht/ plan-m.e.r. plicht. Het totale project ligt hiermee onder de drempelwaarden waarvoor een m.e.r.-beoordelingsplicht dan wel een plan-m.e.r. plicht geldt (kolom 2). Op basis van Europese regelgeving dient een vormvrije m.e.r.-beoordeling plaats te vinden.
Mees Ruimte & Milieu | 18115.01 aanmeldnotitie
Pagina | 8
Doel vormvrije m.e.r.-beoordeling Het doel van de vormvrije m.e.r.-beoordeling is het toetsen of een plan of besluit voorziet in, of een kader vormt voor, activiteiten die (mogelijk) belangrijke nadelige gevolgen kan hebben voor het milieu. Het bevoegd gezag dient te beoordelen in hoeverre volstaan kan worden met een vormvrije m.e.r.-beoordeling. Een dergelijk besluit wordt genomen aan de hand van de aanmeldnotitie en vormt een bijlage bij het ruimtelijk besluit (in casu het bestemmingsplan). Voorliggende rapportage betreft de aanmeldnotitie waarin de vormvrije m.e.r.-beoordeling is doorlopen. Op basis hiervan wordt het bevoegd gezag gevraagd een m.e.r.-beoordelingsbeslissing te nemen. Criteria voor toetsing Voor de vormvrije m.e.r.-beoordeling bestaat vrijwel dezelfde procedurele vereisten als voor de (formele) m.e.r.-beoordeling (artikelen 7.16, 7.17, eerste tot en met vierde lid, 7.18, 7.19, eerste en tweede lid, en 7.20a van de Wm).). Met betrekking tot de inhoud moet aandacht worden besteed aan alle criteria die zijn opgenomen in Bijlage III bij de Europese richtlijn, zie onderstaande tabel.
Mees Ruimte & Milieu | 18115.01 aanmeldnotitie
Pagina | 9
tabel 2. Criteria uit bijlage III van de Europese richtlijn m.e.r. 1. Kenmerken van de projecten Bij de kenmerken van de projecten moet in het bijzonder in overweging worden genomen: • de omvang van het project, • de cumulatie met andere projecten, • het gebruik van natuurlijke hulpbronnen, • de productie van afvalstoffen, • verontreiniging en hinder, • risico van ongevallen, met name gelet op de gebruikte stoffen of technologieën. 2. Plaats van de projecten Bij de mate van kwetsbaarheid van het milieu in de gebieden waarop de projecten van invloed kunnen zijn moet in het bijzonder in overweging worden genomen: • het bestaande grondgebruik, • de relatieve rijkdom aan en de kwaliteit en het regeneratievermogen van de natuurlijke hulpbronnen van het gebied, • het opnamevermogen van het natuurlijke milieu, met in het bijzonder aandacht voor de volgende typen gebieden: o wetlands o kustgebieden o berg- en bosgebieden o reservaten en natuurparken o gebieden die in de wetgeving van lidstaten zijn aangeduid of door die wetgeving worden beschermd; speciale beschermingszones door de lidstaten aangewezen krachtens Richtlijn 79/409/EEG (= Vogelrichtlijn) en Richtlijn 92/43/EEG (= Habitatrichtlijn) o gebieden waarin de bij communautaire wetgeving vastgestelde normen inzake milieukwaliteit reeds worden overschreden; o gebieden met een hoge bevolkingsdichtheid o landschappen van historisch,
cultureel of archeologisch belang 3. Kenmerken van het potentiële effect Bij de potentiële aanzienlijke effecten van het project moeten in samenhang met de criteria van de punten 1 en 2 in het bijzonder in overweging worden genomen: • het bereik van het effect (geografische zone en grootte van de getroffen bevolking), • het grensoverschrijdende karakter van het effect • 'de waarschijnlijkheid van het effect, • de duur, de frequentie en de omkeerbaarheid van het effect.
Voor de procedure en het beoordelingskader bestaat vrijwel geen verschil tussen de vormvrije m.e.r.-beoordeling en de (formele) m.e.r.-beoordeling voor gevallen boven de drempelwaarde. Wel kan er een duidelijk verschil zijn tussen de diepgang waarmee een vormvrije m.e.r.-beoordeling en m.e.r.-beoordeling worden uitgevoerd. Effectbeoordeling Bij de effectbeoordeling wordt ingegaan op de effecten van zowel de aanlegfase als de gebruiksfase.
1.4
Leeswijzer
De aanmeldnotitie volgt de indeling van bijlage III van de Europese richtlijn m.e.r: • Hoofdstuk twee gaat in op de kenmerken van het project; • Hoofdstuk drie beschouwt de plaats van het project; • Hoofdstuk vier beschrijft de kenmerken van de potentiële effecten van het project; • Hoofdstuk vijf geeft de conclusie weer.
Mees Ruimte & Milieu | 18115.01 aanmeldnotitie
Pagina | 10
2
Kenmerken van het project
2.1
Inleiding
In dit hoofdstuk worden de kenmerken van het project besproken. De aard en omvang van het project worden in beeld gebracht. Tevens komen de overige aspecten aan bod, te weten cumulatie, het gebruik van natuurlijke hulpbronnen, de productie van afvalstoffen, verontreiniging en hinder en de risico op ongevallen.
2.2
Beschrijving en omvang project
Voor de voorgenomen sloop-nieuwbouwontwikkeling is reeds door gemeente Den Haag een Planuitwerkingskader (PUK) opgesteld (september 2019). Het PUK heeft een drieledig doel: 1. Het biedt een ruimtelijke analyse en visie op hoofdlijnen voor de herontwikkeling van De Lozerhof in stedenbouwkundige context. 2. Het biedt ruimtelijke en functionele randvoorwaarden. 3. Het functioneert als ruimtelijke onderbouwing voor een nog op te stellen bestemmingsplanwijziging of een nog te volgen WABO-procedure. Het PUK is vastgesteld door het college van B&W van gemeente Den Haag en de inhoud van het PUK is ambtelijk afgestemd met de verschillende vakdisciplines. In het PUK zijn een aantal ruimtelijke en stedenbouwkundige randvoorwaarden opgenomen, welke als leidraad dienen voor het ontwerp van de voorgenomen ontwikkeling. Het initiatiefplan op basis waarvan dit PUK is opgesteld, is globaal van opzet, waardoor verschillende onderzoeken nog moeten worden uitgevoerd of bij verdere uitwerking om nadere verdieping vragen. De Lozerhof is een groot verpleeghuis/woon-zorgcomplex, dat echter sterk verouderd en gedateerd is. Het programma van de voorgenomen sloop-nieuwbouwontwikkeling omvat de realisatie van maximaal 388 wooneenheden en aanvullende voorzieningen in de plint. Van de 388 wooneenheden zullen voor de zorginstelling en verhuurder maximaal 136 zorgwooneenheden gerealiseerd worden.
Het programma is als volgt onderverdeeld: • 252 vrije sector appartementen • Parkeergarage met ca. 214 p-plaatsen • Collectieve fietsenbergingen • Ca. 363 m2 commerciële ruimten onder de woontoren en aan het Randveen • Grote gemeenschappelijk daktuin. • 136 volwaardige zorg-wooneenheden (ZZP VV 4 t/m 10, intramuraal) met faciliteiten Faciliteiten zoals depotheek, fysio, kapper, keuken, magazijn, pedicure, restaurant, tandarts. Het initiatiefvoorstel voorziet daarnaast in het opnemen van ‘plint-functies’ in het woongebouw van 500 m² en is bestemd voor kleinschalige dienstverlening en maatschappelijk gerelateerde functies die ook voor de omgeving een toegevoegde waarde hebben. Van deze 500 m2 is 137 m2 bestemd voor arts/ maatschappelijke functies en 363 m2 kantoor/dienstverlening. Tot slot wordt er onder het bouwblok een parkeergarage gerealiseerd die voorziet in totaal in ca. 214 parkeerplaatsen. Tevens worden er op maaiveld enkele extra parkeerplaatsen gerealiseerd. De voorgestelde verkaveling van de ontwikkeling bestaat uit een gesloten bouwblok voorzien van een hoogteaccent en een collectieve binnentuin. Voor de plint van het gebouw geldt een minimale bouwhoogte van 3,5 meter. Onderstaand figuur betreft een 3D weergave van het initiatief.
Mees Ruimte & Milieu | 18115.01 aanmeldnotitie
Pagina | 11
figuur 6. 3D weergave initiatief Maestro.
Er dient gebruik gemaakt te worden van materialen met een aangename tactiele waarde of natuurlijke uitstraling en zijn zorgvuldig gedetailleerd met aandacht voor ritmiek en dieptewerking. De plint van het gebouw bevat de meer publieke of semipublieke voorzieningen, zoals dienstverlening of werkruimten. De bouwhoogte van de stedelijke laag varieert van minimaal 18 tot maximaal 25 meter hoog en is herkenbaar in de opbouw van de bouwmassa. De volume opbouw is zodanig dat winhinder wordt beperkt en bezonning van de buitenruimte wordt geoptimaliseerd. De rooilijn van het bouwblok vormt de uiterste contour van de bebouwing. Omdat de Hengelolaan een zeer breed profiel kent, is voor de toren een uitzondering gemaakt: deze mag in beperkte mate de rooilijn overkragen. Hierdoor kan de toren zich, in navolging van de karakteristiek van de bestaande hoogbouw in Zuidwest, als een ‘solitair object’ onderscheiden. De afwijking krijgt een zeker subtiliteit door het brede profiel van de Hengelolaan. Op de stedelijke laag staat één hoogbouw toren, aan de Hengelolaan en één hoogte accent van maximaal 75 meter aan het Hengelolaanpark. De hoogte aan het Hengelolaanpark mag geen belemmering vormen voor het schoolgebouw aan het Laagveen.
Volgens de nota ’Haagse Hoogbouw Eyeline & Skyline’ hebben torens een slank voorkomen en voldoen aan de volgende uitgangspunten: • Voor torens tot 70 meter geldt een maximale diagonaal van de footprint van de toren van 45 meter; • Voor de categorie torens hoger dan 70 meter zijn twee voorwaarden genoemden: o Voor de eerste 70 meter is de maximale diagonaal van de footprint van de toren 56 meter; o Vanaf 70 meter hoogte is de maxiamel diagonaal 45 meter. • De torens hebben in alle gevallen een alzijdige orientatie. Binnen het plangebied is voldoende ruimte gereserveerd om in de eigen parkeerbehoefte (bewoners en bezoekers) te voorzien. Parkeren voor bewoners van het complex en werknemers van de commerciële of publieke functies dient plaats te vinden op eigen terrein. Parkeren wordt opgelost binnen het plangebied en is niet zichtbaar vanaf de straat.
2.3
Overige kenmerken van het project
2.3.1
Cumulatie met andere projecten
De stad Den Haag is aan verandering onderhevig. Vele verschillende ontwikkelingen zijn in voorbereiding of worden op dit moment uitgevoerd. De volgende ontwikkelingen zijn actueel: gebiedsontwikkelingen Scheveningen Kust en Binckhorst, ontwikkelingen rond Den Haag Centraal
Mees Ruimte & Milieu | 18115.01 aanmeldnotitie
Pagina | 12
en Hollands Spoor en ontwikkelingen Erasmus Veld, Rivierenbuurt, Energiekwartier, Laakhavens, Internationale Zone, Kijkduin, Willem Royaardsplein, Scheveningen Haven, Leyweg, Spui en Museumkwartier.1 Bovengenoemde ontwikkelingen vinden plaats op grote afstand van de ontwikkellocatie gelegen aan Randveen 64. De dichtstbijzijnde ontwikkelingen ten opzichte van het projectgebied zijn de ontwikkelingen rondom het Hageziekenhuis gelegen aan de Leyweg en Erasmus Veld. Beide gebieden zijn gelegen op een afstand van circa 1,6 kilometer. Ontwikkeling De Schoone Ley In de komende jaren worden rondom het HagaZiekenhuis ruim 600 woningen gebouwd en een nieuw plein met publieke voorzieningen. ‘De Schoone Ley’ is de verzamelnaam voor de ontwikkelingen in het gebied bij en rond het HagaZiekenhuis. Het ziekenhuis zelf is de afgelopen jaren al gemoderniseerd en uitgebreid met nieuwbouw. Met de ontwikkelingen in het gebied rond het HagaZiekenhuis worden 450 appartementen en 160 eengezinswoningen in diverse sectoren gerealiseerd. Zo wordt voorzien in de ontwikkeling van koopwoningen, sociale huurwoningen een vrije sector huurwoningen. De afstand van de projectlocatie tot deze ontwikkeling bedraagt circa 1,6 kilometer. Ontwikkeling Erasmus Veld De ontwikkeling ‘Erasmus Veld’ betreft een nieuwe duurzame en klimaatbestendige en ecologische woonwijk. Hier komen ruim 800 nieuwbouwwoningen.
Er komen verschillende soorten koopwoningen, van eengezinswoningen tot appartementen. Circa 30% van de nieuwbouw bestaat uit huurwoningen. De plannen binnen Erasmus Veld betreffen: • Haags Buiten (circa 300 woningen); • Proeftuin Erasmusveld (circa 350 woningen); • Lof Erasmus Veld (circa 190 woningen); • Park Rhijnenhove (11 vrijstaande woningen); • Erasmushove (25 kavels voor zelfbouw). Voor deellocatie ‘Haags Buiten’ is op 25 juni 2019 het bestemmingsplan en de omgevingsvergunning onherroepelijk geworden en voor deellocatie ‘Proeftuin Erasmusveld’ is de planologische procedure tevens reeds doorlopen. Hierin is aandacht geschonken aan het Besluit m.e.r.. Bovengenoemde ontwikkelingen vinden plaats op minimaal 1,5 kilometer van de projectlocatie. Dreven, Gaarden en Zichten De gemeente Den Haag staat voor een opgave van de herstructurering van de buurten Dreven, Gaarden en Zichten in Den Haag Zuidwest. Het is de ambitie om de drie buurten te transformeren tot aantrekkelijke Haagse wijken, met goede, comfortabele en energiezuinige woningen. De woningen zijn aantrekkelijk voor verschillende doelgroepen: de blijvers, de stijgers en de nieuwkomers. Door goede verbindingen van de buurten en Zuidwest met de omgeving zullen centrum, kust en parken beter bereikbaar worden. De Dreven heeft grotendeels de status van beschermd stadsgezicht.
Hier wordt gekozen voor verdichting met bouwblokken die refereren aan de oorspronkelijke verkaveling, maar met een nieuw stedelijk woonmilieu. In Gaarden zal de bestaande bebouwing gesloopt worden. De nieuwe bouwblokken vormen een gedifferentieerd woonmilieu, met representatieve stedelijke randen. In de Zichten vormen de nabijheid van winkelcentrum de Stede en de grote groenstructuren daar omheen veel kansen tot transformatie naar een compacte stedelijke buurt in een groene setting. De vernieuwing van de drie buurten duurt ongeveer 15 tot 20 jaar en het is de ambitie om in 2023 te starten met bouwen. De
1
https://www.denhaag.nl/nl/in-de-stad/wonen-en-bouwen/ontwikkelingen-in-de-stad.htm
Mees Ruimte & Milieu | 18115.01 aanmeldnotitie
Pagina | 13
ontwikkelingen in Zichten vindt plaats op ruim 1,0 kilometer van de projectlocatie. Gaarden is gelegen op circa 1,2 kilometer en Dreven op 700 meter. Ontwikkeling De Uithof De gemeente wil natuurgebied De Uithof de volgende 10 jaar verbeteren en aantrekkelijker maken voor bewoners. Hiertoe wordt beoogd een betere verbinding aan te leggen voor voetgangers en fietsers. Ook dienen meer plekken voor ontspanning en vrije tijd aangelegd te worden. Op dit moment spelen de volgende voorbereidende werkzaamheden van de ontwikkeling die van toepassingen zijn op voorliggende sloop-nieuwbouwinitiatief De Lozerhof: • Verkenning Zuidwest; • Vergroenen van de Hengelolaan; • Verdichten langs de stadstraten met woningen en voorzieningen; • Verkenning Lozerlaan; • Mogelijk afkoppelen Hengelolaan van Lozerlaan; • Verbeteren oversteekbaarheid naar De Uithof; • Verkenning de Venen; • Verdichten en renoveren van de woningvoorraad voor de verschillende corporaties. De Uithof is gelegen aan de overzijde van de Lozerlaan, ten zuiden van de projectlocatie op circa 120 meter. Geen van deze verkenningen binnen ‘De Uithof’ en ‘Gaarden, Dreven en Zichten’ is reeds dusdanig geconcretiseerd en in de directe omgeving van de projectlocatie zijn eveneens geen bestemmingsplannen die recent zijn vastgesteld, dan wel op korte termijn worden vastgesteld.
Derhalve zijn er geen plannen dermate geconcretiseerd om van cumulatie te spreken. De toekomstige bestemmingsplannen in de directe omgeving dienen wel rekening te houden met de voorgenomen sloop-nieuwbouwontwikkeling op de projectlocatie Lozerhof aan het Randveen.
Mees Ruimte & Milieu | 18115.01 aanmeldnotitie
Pagina | 14
2.3.2
Gebruik van natuurlijke hulpbronnen
Sloopfase Tijdens de sloop zal gebruik worden gemaakt van het gebruikelijk sloopmaterieel. In deze fase worden alleen fossiele brandstoffen verbruikt door het sloopmaterieel. Bij de sloop wordt zoveel mogelijk uitgegaan van circulair slopen, waarbij het traject begint met het inventariseren van de vrijkomende reststoffen. Na inventarisatie zal per stroom worden bekeken wat de beste herbestemming kan worden, waarbij het de absolute voorkeur heeft de stromen minimaal gelijkwaardig her te gebruiken. Hierbij wordt ook rekening gehouden met eventueel benodigde bewerkingen, wel of niet, en de afstand vanaf de plek waar de reststoffen vrijkomen tot de plaats van verwerking. Bij uitvoering zal een BRL-SVMS 007 gecertificeerd bedrijf, die bekend is met milieukundig sloopwerk, de werkzaamheden voor zijn rekening nemen. Na uitvoering zal een evaluatie worden gemaakt en een berekening worden uitgevoerd van het percentage reststromen dat weer is opgenomen in de kringloop. Bouwfase Voor de realisatie van de beoogde ontwikkeling zal gebruik worden gemaakt van de gebruikelijke bouwstoffen, Hierbij worden zoveel mogelijk materialen gebruikt die minder milieubelastend, volledig recyclebaar, maar niet kostenverhogend zijn. Het volledige ontwerp wordt zoveel mogelijk gerealiseerd met ‘gezonde’ materialen (bijvoorbeeld zo min mogelijk verlijmde producten) en afwerkingen.
De planologische procedure dient nog opgestart te worden om het voorgenomen initiatief juridischen planologisch mogelijk te maken. Ten behoeve van de stikstofdepositieberekening heeft een inventarisatie plaats gevonden van het materieel voor de bouwfase. De aanlegfase is gepland tussen 2021 en augustus 2024. Voor de resultaten van de stikstofdepositieberekening wordt verwezen naar paragraaf 4.7.2 van onderhavig rapport. Gebruiksfase Gebouwverwarming De voorgenomen ontwikkeling wordt gasloos uitgevoerd, waardoor geen gebruik (meer) wordt gemaakt van de fossiele brandstof aardgas zoals in de huidige situatie. Voor de warmte-opwekking van de voorgenomen ontwikkeling wordt door de ontwikkelaar met aanbieders (zoals Eneco) gezocht naar de mogelijkheid om aan te sluiten op het zeer duurzame Haagse Aardwarmte Leyweg B.V. (HAL) met een warmtenet op basis van de geothermie. Dit netwerk wordt in de loop van 2020 gevoed door onder meer de binnenstedelijke geothermiebron aan de Leyweg, met de ambitie om in 2028 de gehele wijk aardgasvrij gemaakt te hebben. De wijk waartoe de projectlocatie behoort (Bouwlust Vrederust) is onderdeel van de nationale proeftuin klimaatneutrale wijken. De ontwikkelaar en de gemeente werken actief aan een gebiedsgerichte energietransitie waarbij De Lozerhof een optimale duurzame energievoorziening kan realiseren.
Hierin zullen geothermie en WKO’s aan de orde komen. Toepassing en borging maatregelen Door de toepassing van bovengenoemde maatregelen zal de uitstoot van CO2 sterk gereduceerd worden ten opzichte van de huidige situatie, waarin het gebouw op het gas is aangesloten. Geothermie stoot nauwelijks CO2 of andere producten uit, waardoor de energievoorziening voor de bewoners van de woningen en de gebruikers van de commerciële ruimten hiermee zo duurzaam mogelijk wordt ingericht. In de omgevingsvergunning activiteit bouwen (en de eventueel andere benodigde vergunningen voor het systeem), worden de toegepaste maatregelen nader uitgewerkt en getoetst aan de daarvoor en dan geldende regelgeving.
Mees Ruimte & Milieu | 18115.01 aanmeldnotitie
Pagina | 15
2.3.3
Productie van afvalstoffen
Sloop- en bouwfase Bij de realisatie van het project komen de gebruikelijke bouw en sloopafvalstoffen vrij. Deze afvalstoffen zullen zoveel mogelijk worden hergebruikt alvorens te worden aangeboden aan een erkende verwerker, waarbij de afvalstoffeninrichting het liefst zo dicht mogelijk bij de sloop/bouwplaats is gelegen. Deze verwerker zal zoveel als mogelijk de verschillende deelstromen uit bouw- en sloopafval gereedmaken om als grondstof toe te passen in nieuwe producten. Het hergebruik en de toepassing van secundaire grondstoffen bespaart het gebruik en daarmee de productie van primaire grondstoffen. Naast besparing van schaarse grondstoffen wordt met hergebruik en recycling tevens energie gespaard en de daarmee samenhangende broeikasgasemissie verlaagd. Circulair bouwen betekent waar mogelijk hergebruik van gebouwen of tenminste het skelet en op deze manier beperking van het sloopafval. Beton als gevolg van de sloopfase is moeilijk her te gebruiken, behalve als betongranulaat onder nieuwe wegen. In het plan wordt met beton gebouwd, wat niet demontabel is. Daarnaast geldt dat de zorgappartementen zo worden ingericht dat hergebruik van de appartementen als particuliere woning zonder grote bouwwerkzaamheden gerealiseerd kunnen worden. Gebruiksfase Huishoudelijk - en bedrijfsafval De voorgenomen ontwikkeling zal het gebruikelijke huishoudelijk en bedrijfsafval produceren.
Conform het Planuitwerkingskader (PUK) dat is opgesteld voor de voorgenomen ontwikkeling, moet voor wat betreft de afvalinzameling ontwikkeling voldaan worden aan het ‘Huishoudelijk afvalplan’ van gemeente Den Haag. Dit houdt in dat er geen utilitaire functies voor afval en stalling in de openbaar buitenruimte aanwezig dient te zijn. Het afval dient bij voorkeur inpandig of op eigen terrein opgeslagen te worden. Daarnaast wordt het scheiden van afval gefaciliteerd en gestimuleerd. In de buurt van De Lozerhof bevindt zich een buurtcompostplek ‘Tuin van Venen (Hoogveen 213). Hier kunnen de bewoners terecht met hun GFTE. Glas en textiel kan aangeboden worden nabij het afvalsorteerstraatje Plantenoord/ Hengelolaan Afvalwater Bij het gebruik van de appartementen en de commerciële ruimte zal tevens sanitair afvalwater ontstaan. Dit sanitaire afvalwater zal worden aangesloten op het vuilwaterriool en geleid naar een waterzuiveringsinstallatie. Hier wordt het afvalwater gezuiverd alvorens het wordt geloosd op het oppervlakte water. Hiermee wordt voorkomen dat het oppervlaktewater vervuild raakt met sanitaire afvalstoffen. 2.3.4
Verontreiniging en hinder
Sloop- en bouwfase In de sloop- en bouwfase van het project kan luchthinder-, stof-, geur-, geluid- licht- en bodemhinder ontstaan. Luchthinder Tijdens de sloop- en bouwfase zal materieel, dat wordt ingezet, leiden tot de uitstoot van luchtverontreinigende stoffen zoals stikstofoxiden. Door dit materieel te vervangen door elektrische dan wel gebruik te maken van het nieuwste materieel (Euro 6 trucks, stage klasse IV) wordt de uitstoot van onder andere stikstof zo laag mogelijk gehouden. De emissiefactor (g/kWh) van dergelijk materieel bedraagt 0,4. In paragraaf 4.3 van onderhavig rapport wordt nader ingegaan op het aspect luchtkwaliteit en in paragraaf 4.6 wordt nader op het onderdeel stikstof ingegaan. Stofhinder en geurhinder
Mees Ruimte & Milieu | 18115.01 aanmeldnotitie
Pagina | 16
Bij bouw- en sloopwerkzaamheden komt stof vrij. Er kunnen plaatselijk en tijdelijk verhoogde concentraties grof stof en fijnstof (PM10) voorkomen. Het grof stof is het stof dat zichtbaar aanwezig is op ramen, auto’s en buitenmeubels. Dit vormt geen bedreiging voor de gezondheid omdat dit stof al in de neus en keel wordt afgevangen en dus niet in de longen terecht komt. Wat betreft het fijn stof blijkt uit onderzoeken dat het op bouwplaatsen voornamelijk gaat om de grovere fractie (PM2,5-10) van het fijnstof. Deze wat grotere deeltjes bereiken de longen doorgaans niet. Ze blijven hangen in de bovenste luchtwegen. Mensen met luchtwegklachten (zoals astma) kunnen wel last hebben van deze fractie van fijnstof. Deze fractie kan luchtwegen irriteren en daardoor luchtwegklachten verergeren. Door te sproeien tijdens periodes van droogte kan geur- en stofhinder tot een minimum worden beperkt. Zo kan onder andere gebruik worden gemaakt van nevelkanon(nen). Deze machine produceert door middel van vele nozzles een fijn mistgordijn dat bindt met stof- en geurdeeltjes in de lucht. Deze gebonden deeltjes slaan vervolgens neer op de grond. De lucht wordt hierdoor als het ware ‘gewassen’. Geluidhinder Hoewel tijdelijk van aard, geldt bouwlawaai als één van de meest invloedrijke hinderaspecten.
Om de hinder van bouw- en slooplawaai zoveel mogelijk te voorkomen dienen de handvatten uit het Bouwbesluit 2012 en de circulaire Bouwlawaai 2010 gebruikt te worden. Door tijdens de bouwfase gebruik te maken van de best beschikbare stille technieken wordt geluidhinder zoveel mogelijk beperkt. Lawaai kan leiden tot gezondheidsklachten bij mensen. Ook dieren kunnen geluidshinder ervaren. Kortdurende heftige en langdurende gematigde lawaaiomstandigheden kunnen allebei nadelig zijn voor vogels, maar hebben andere effecten. Vooral onverwachte en plotselinge geluiden kunnen stress veroorzaken, met fysiologisch meetbare veranderingen zoals een verhoogde hartslag of een toename in stresshormoonniveaus in het bloed. Ook verstoring en verjaging zijn meer waarschijnlijke gevolgen van kortdurende extreme blootstellingen. De ernst hiervan hangt af van het moment in het seizoen of het belang van een lokale voedselbron. Maskering van signalen is meer waarschijnlijk bij langdurig, gematigd lawaai en kan de functie van vogelgeluiden ondermijnen bij het verdedigen van een territorium, het aantrekken van vrouwtjes, of het waarschuwen voor gevaar. De hierboven genoemde gevolgen van lawaai betreffen vaak onmiddellijke effecten en het is meestal onduidelijk of en hoe ze doorwerken op de middellange en lange termijn.
Binnen de gemeente geldt de ‘beleidsregel bouw- en sloopgeluid Den Haag 2017’ (RIS297432). Bouw- en slooplawaai moet binnen grenzen blijven die vooraf met de bouwer worden afgesproken. Het college van burgemeester en wethouders heeft beleidsregels opgesteld voor bedrijfsmatig bouw- en sloopgeluid. Het uitgangspunt hiervoor is het aanwezige achtergrondgeluid op de betreffende locatie. Op grond hiervan mag de maximale dagwaarde voor geluid van bedrijfsmatige bouw- en sloopwerkzaamheden in Den Haag van maandag tot en met vrijdag in de dag- en avondperiode liggen op het niveau van het ter plaatse gemeten achtergrond geluid, verhoogd met 5dB(A). Aangezien de bouw- en sloopwerkzaamheden een beperkte duur hebben en niet plaatsvinden in de avond- en nachtperiode zullen deze werkzaamheden niet leiden tot slaapgestoorden en de gezondheidsrisico’s voor de mens te overzien zijn. Dit geldt naar verwachting eveneens voor de dieren in de directe omgeving van de projectlocatie. Lichthinder Indien gebruik wordt gemaakt van bouwlampen tijdens bouw- en sloopwerkzaamheden kan lichthinder ontstaan. Met name geldt dit voor de naastgelegen ecologische verbindingszones waar lichtgevoelige soorten zoals vleermuizen gebruik van maken. De bouw- en sloopwerkzaamheden zullen plaatsvinden zonder gebruik van kunstlicht. Indien het toch noodzakelijk is om
Mees Ruimte & Milieu | 18115.01 aanmeldnotitie
Pagina | 17
werkzaamheden uit te voeren met kunstlicht zal dit licht zodanig worden afgeschermd (met lichtkappen) en afgesteld zodat uitstraling buiten het bouwterrein, naar onder andere de ecologische verbindingszones en woonbebouwing wordt voorkomen. Bodemhinder Door in de bouw geen uitloogbare materialen te gebruiken op plaatsen die in contact kunnen komen met hemelwater en eventuele aanwezige vloeistoftanks, die bodembedreigende stoffen bevatten, te plaatsen in of boven een lekbak wordt verontreiniging van de bodem en grondwater voorkomen. Conclusie Tijdens de bouw- en sloopfase zal hinder ontstaan. Dit betreft, op stikstofdepositie na, over het algemeen hinder die ervaren wordt in de nabijheid van de projectlocatie. Door gebruik te maken van de best beschikbare technieken wordt hinder zoveel mogelijk beperkt. Deze hinder is van tijdelijke aard (gedurende het bouw- en sloopproces). Gebruiksfase Ook in de gebruiksfase van het project kan hinder ontstaan voor wat betreft lucht-, stof- ,geur-, geluid- licht- en bodem. Luchthinder Door de gebouwen gasloos uit te voeren wordt stikstofdepositie door gebouwverwarming voorkomen. Als uitgangspunt geldt dat parkeren onder het maaiveld en uit het zicht dient plaats te vinden. Er zijn diverse luchtvoorschriften voor parkeergarages van toepassing en de parkeergarage dient in de nieuwe situatie mechanisch geventileerd te zijn.
Omdat de parkeergarage over meer dan 20 parkeerplaatsen zal beschikken, zijn de standaardeisen uit het Activiteitenbesluit milieubeheer van kracht om emissies van verkeer uit de parkeergarage doelmatig te verspreiden, dan wel het beperken van geurhinder of het voorkomen van dan wel beperken van luchtverontreiniging door benzeen. Tevens stelt het Bouwbesluit eisen aan ventilatieaspecten bij het stallen van motorvoertuigen. Door aan dergelijke voorschriften en aspecten te voldoen, in combinatie met de heersende achtergrondconcentraties ter plaatse van de projectlocatie, zal voldaan worden aan de eisen uit de Wet milieubeheer. Stofhinder en geurhinder In de gebruiksfase zal mogelijke stof- en geurhinder met name afkomstig zijn van de beoogde bedrijvigheid in de commerciële plint. Dergelijke lichte bedrijvigheid die hier wordt toegestaan betreft bedrijvigheid die volledig onder het Activiteitenbesluit valt. De voorschriften uit dit besluit en de bijbehorende regeling zorgen ervoor dat hinder naar de omgeving tot een minimum wordt beperkt. Zo dienen bedrijven die voedsel bereiden, zoals restaurants, ten behoeve van het voorkomen, dan wel, voor zover dat niet mogelijk is, het tot een aanvaardbaar niveau beperken van geurhinder, afgezogen dampen en gassen van het bereiden van voedingsmiddelen die naar de buitenlucht worden geëmitteerd: a.