RIS309813 Notulen van de raad van1 juli 2021 (dag)
Tekst van het document
Sebastian Kruis (PVV). Voorzitter. We spreken vandaag over een nieuw politiek instrument van links om zogenaamde zielige mensen aan zich te binden. Het slavernijverleden is een verleden en daar heeft het Westen van geleerd. Het slavernijheden zien we vooral terug binnen de islam. Daar kijkt links eigenlijk collectief van weg. Maar links heeft van dat slavernijverleden dus wel een soort nieuw instrument gemaakt om zichzelf weer in de kijker te spelen en mensen aan zich te binden. Ik las gisteren een interessant opiniestuk in De Telegraaf van een psycholoog, die zei dat het slaafsyndroom eigenlijk een soort excuus is geworden voor het eigen falen. Mensen hebben zich een soort posttraumatisch stresssyndroom laten aanpraten. Zo acteren ze ook. Dan hebben ze het over 'zwarte pijn' en over waar ze allemaal last van hebben, maar het is psychologisch eigenlijk onmogelijk om last te hebben van iets wat je zelf niet hebt meegemaakt. Maar er wordt gedaan alsof dat wel zo is. Om die zwarte pijn dan te compenseren, moeten allerlei maatregelen worden genomen. Er moet zelfs nog een vrije dag bij komen. Ook deze wethouder heeft zich daarover uitgesproken, zonder de raad daarover te horen. Dan zijn allemaal zaken waar we niet op zitten te wachten in Den Haag. Ik heb zelf ook een slavernijverleden, biologisch gezien.
Als ik in de spiegel kijk, zie ik de reflectie van iemand die net als van heel veel andere zaken in het leven heeft geleerd van dingen. Uiteindelijk maakt alles waarmee je bent opgegroeid, deel uit van wie je bent. Maar dat betekent niet dat ik, als ik in de spiegel kijk, een slachtoffer zie. Ik zie iemand die mogelijk slavernijroots heeft, maar die daar voor de rest niet de hele dag mee bezig is. Ik denk dat we, als we naar de geschiedenis kijken, de toekomst beter kunnen maken. Dat is volgens mij wat er gebeurt. Slavernij zal in het vrije Westen ook nooit meer opnieuw worden ingevoerd. Dat is hartstikke mooi. Als we vervolgens naar het slavernijheden kijken, valt er nog een hele stap te maken, zoals ik al zei. We zien bijvoorbeeld ook hier in Den Haag huwelijksdwang en misschien uitbuiting van arbeidsmigranten. Dat zijn van die zaken waar we in het heden wel iets aan kunnen doen. Ik denk dat we daar met z'n allen een prioriteit van moeten maken. We kunnen de gelden ook beter daaraan besteden. Ik zit dus ook niet op het gevraagde onderzoek te wachten. Dat kost allemaal geld en de uitkomsten weten we eigenlijk al: ja, Den Haag heeft vroeger een rol gehad in het slavernijverleden, maar dat is niet het Den Haag van nu. Daar hebben de mensen van nu ook totaal geen schuld aan. Daar hoeven we dus ook niets voor te betalen.
Dat is natuurlijk ook de gedachte hierachter: dat ze geld willen zien. Maar ik weet niet waaraan dat dan ten goede zou moeten komen. Volgens mij kunnen we het geld veel beter besteden aan de aanpak van moderne slavernij. Wij zullen dus met veel overtuiging tegen het voorliggende voorstel stemmen. Ik roep iedereen op om dat ook te doen. Fatima Faïd (HSP). Voorzitter. Het is noemenswaardig dat we het vandaag op 1 juli mogen hebben over het koloniale verleden en het slavernijverleden. Volgens ons is er geen betere datum om een positieve verandering te weeg te brengen. We zijn natuurlijk lovend over het initiatiefvoorstel. Daarom willen we met name NIDA heel hartelijk danken voor het initiëren en mogelijk maken hiervan en voor het feit dat wij hier ook aan hebben mogen deelnemen en erover hebben mogen nadenken. 51
Zoals meneer Mahmood zelf al deed, willen we in de Haagse raad natuurlijk ook de activisten bedanken die zich jaren hebben ingezet voor de erkenning van de geschiedenis en het daaruit voortkomende racisme. Ik heb het dan onder anderen over de tienjarige strijd van Kick Out Zwarte Piet, de fantastische activisten van Black Lives Matter Den Haag en al hun voorgangers. Want vergeet niet dat deze strijd al in de vorige eeuw ontstond, toen de eerste Surinaamse Nederlanders naar Nederland kwamen. We hopen dan ook dat het Rijk toezegt om het pleidooi te honoreren om van 1 juli, Keti Koti, een nationale feestdag te maken. Verder zien we graag gemeentelijke excuses tegemoet. In Amsterdam gaat dat vandaag gebeuren. Wij vinden het jammer dat Den Haag hier te lang mee gaat wachten, tot na het onderzoek, maar we gaan ervan uit dat uiteindelijk ook het Haagse college excuses aanbiedt. Mikal Tseggai (PvdA). Voorzitter. We bespreken vandaag, op 1 juli, Keti Koti, dit initiatiefvoorstel, waarvoor we met veel partijen in deze raad de handen ineen hebben geslagen. Ik wil allereerst dan ook mijn collega's bedanken voor deze goede samenwerking, maar net als mijn voorgangers ook het belangrijke werk van maatschappelijke organisaties en activisten niet onbenoemd laten. Vandaag is het precies 148 jaar geleden dat met de Emancipatiewet formeel een einde werd gemaakt aan de slavernij.
148 jaar lijkt lang geleden, maar het is slechts drie à vier generaties terug. Voor sommige mensen, toevallig ook voor iemand die ik vanmorgen nog sprak, gaat dit dus over hun overgrootopa of -oma. Op de dag af 148 jaar en 1 dag geleden waren sommige van onze stadsgenoten geen mens maar handelswaar. Je naam werd je ontnomen en je werd gebrandmerkt. Je vrijheid en je waardigheid waren daarmee ook weg. Keti Koti betekent 'verbroken ketenen', maar het gaat vandaag niet alleen om het vieren dat die ketenen gebroken zijn, maar ook over herdenken dat die ketenen er überhaupt kwamen. Bij veel mensen leeft het misverstand dat slavernij vooral iets van Amsterdam was. Het stadsbestuur in Utrecht kwam er onlangs achter dat ook hun voorgangers een fors financieel aandeel hadden in de slavenhandel, wat in die tijd prestigieus was. Als je hier op het Lange Voorhout loopt, is die geschiedenis er ook. Hoe mooi ook, de statige panden aan het Lange Voorhout zijn voor een deel gebouwd met geld dat rechtstreeks van de plantages kwam, net als bijvoorbeeld het Mauritshuis. Het toneelstuk Kraspoekol of de slavernij van Dirk van Hoogendorp, bekend als het eerste Nederlandse theaterstuk met een antislavernijstandpunt, werd slechts één keer opgevoerd, hier in de Casuariestraat, waar nu de Universiteit Leiden zit.
In theater Diligentia waren de eerste bijeenkomsten van de Nederlandse beweging tegen de slavernij. Het lijkt mij dus mooi als het slavernijmonument op het Lange Voorhout zou komen. Ik hoor graag hoe de wethouder daartegen aankijkt. In ons initiatiefvoorstel staan een aantal ideeën die ervoor moeten zorgen dat het slavernijverleden van deze stad een serieuze plek krijgt in de huidige stad. Ik wil de wethouder complimenteren voor de stappen die hij zelf al gezet heeft: de lobby voor een nationale feestdag en een onderzoek naar onze historische rol in het slavernijverleden. Maar ik wil hem ook op het hart drukken om voor het einde van deze periode concreet een aantal zaken te realiseren die door de raad gevraagd zijn: een monument, een herdenking, formele excuses en een onderwijsprogramma. Deze raad heeft nu een voorzetje gegeven, maar het is nu aan het college om deze zwarte bladzijde uit onze geschiedenis recht te doen. Wethouder Van Alphen, wij rekenen op u. Sebastian Kruis (PVV). Nu we vandaag toch aan het terugblikken zijn, wil ik even terugkomen op een debat van 30 juni vorig jaar. Toen heb ik mevrouw Tseggai geïnterrumpeerd. Dat werd toen door haar verkeerd begrepen, maar het ging om het gevoel dat zij zelf op Twitter uitte als vrouw van kleur in Den Haag.
Vervolgens plaatste een dag later een medewerker van de partij van mevrouw Tseggai een video daarvan op Twitter, met de opmerking: 'Nee, niet op deze dag; op deze dag kan dit niet'. Er werd mij toen vermeend racisme in de schoenen geschoven. Kan mevrouw Tseggai misschien erkennen dat dat valse framing was door die partij van haar, dat ik daardoor in een kwaad daglicht werd gesteld en dat de afschaffing van de slavernij dus eigenlijk werd misbruikt om nota bene een raadslid van kleur in de racismehoek te plaatsen? Mikal Tseggai (PvdA). Ik denk niet dat ik hier antwoord op ga geven, want dit is volstrekt buiten de orde van deze vergadering. Ik hoop dat u dat met mij eens bent.
52
De voorzitter. Nee, ik ben het daar niet mee eens, maar u gaat wel over uw eigen antwoord. Dus dit antwoord is prima, maar dit is niet buiten de orde. Sebastian Kruis (PVV). Ik vind het toch belangrijk om dit wél te noemen. Aangezien er vandaag zoveel waarde wordt gehecht aan die dag van 1 juli, is het, omdat jullie allemaal met huidskleur bezig zijn, eigenlijk te gek voor woorden dat nota bene een witte of blanke medewerker van de Partij van de Arbeid het slavernijverleden gebruikt voor politiek gewin om een andere partij zwart te maken, terwijl er niet eens op de dag zelf iets voorviel. Mikal Tseggai (PvdA). Met alle respect, ik zou het echt fijn vinden als u een einde zou kunnen maken aan deze persoonlijke aanval. De voorzitter. Volgens mij worden hier vragen gesteld. Ik was er niet bij. U moet zelf interpreteren wat hier gebeurt. Meneer Kruis, voor de laatste keer. Sebastian Kruis (PVV). Ja, ik denk dat we hier gewoon een debat met elkaar voeren. Een vraag stellen is geen persoonlijke aanval. Dat mevrouw Tseggai de vraag misschien niet leuk vond … Ik vond die tweet vorig jaar ook niet leuk. Ik hoef daar geen excuses voor, maar ik kan daar wel een vraag over stellen. Een nare vraag is geen persoonlijke aanval. Fatima Faïd (HSP). Ik heb hier toch wel echt moeite mee, want het gaat hier om medewerkers van de Partij van de Arbeid. Die zitten hier allemaal niet.
Ik begrijp dus niet zo goed wat meneer Kruis hiermee wil. Ik vind dat dit wél een persoonlijke aanval is en ik vind het ook echt buiten de orde. Ik stel dus voor dat we dit nu echt als buiten de orde gaan behandelen. We kunnen elkaar hier niet zo zwart gaan maken. Dat kan gewoon niet. Arjen Kapteijns (GroenLinks). Ik wil ook het punt van orde maken dat dit echt buiten de vergadering is. Hier worden medewerkers van partijen persoonlijk aangesproken op dingen die een jaar geleden gebeurd zouden zijn. Dat lijkt me politiek echt niet relevant. De voorzitter. Ik stel voor dat we deze discussie hier beëindigen. U heeft drie keer de kans gehad, meneer Kruis. Wij spreken hier weer over in het presidium; dat lijkt me verstandig. U heeft uw vragen kunnen stellen. Er is gereageerd, ook door anderen. Ik ben er 30 juni niet bij geweest; punt. Het onderwerp is belangrijk genoeg om nu gewoon te worden behandeld. Nino Davituliani (Hart voor Den Haag/Groep de Mos). Voorzitter. Er is in de commissievergadering veel gezegd over dit onderwerp. Wat ik hierover nog kan zeggen, is dat dit symboolpolitiek is van de bovenste plank en de samenleving op hoge kosten jaagt voor iets wat evident is in plaats van het geld uit te geven en te gebruiken voor de strijd tegen de moderne slavernij en voor hen die daar nu onder lijden en in slavernijachtige omstandigheden leven of werken.
Hiertoe heb ik de motie Onderzoek moderne slavernij, met als dictum: verzoekt het college in samenwerking met de randgemeenten een onderzoek in te stellen naar aard en omvang van moderne slavernij in de regio Haaglanden en de raad hierover te rapporteren. Robin Smit (PvdD). Ik ben benieuwd wat de motie van mevrouw Davituliani aan nieuwe inzichten brengt ten opzichte van de door ons vastgestelde huidige aanpak van mensenhandel en de onderzoeken van CoMensha die zijn gedaan naar moderne slavernij. Nino Davituliani (Hart voor Den Haag/Groep de Mos). Dank voor deze vraag. Moderne slavernij kent vele verschijningsvormen. Wij willen dat er onderzoek wordt gedaan naar alle vormen van moderne slavernij en dat hiermee ook het statement wordt gemaakt dat wij moderne slavernij heel serieus nemen en dat wij daar strijd tegen willen voeren. Wij weten dat het aantal mensen die in Nederland in moderne slavernij leven, op 30.000 ligt en we willen weten wat de cijfers zijn in Den Haag.
53
Robin Smit (PvdD). Dan stel ik de vraag wat concreter: wat voegt uw motie toe aan de vele onderzoeken die er al liggen? Waarom dient u geen motie in voor een hardere aanpak van moderne slavernij? Nino Davituliani (Hart voor Den Haag/Groep de Mos). Zoals ik net aangaf, willen wij eerst weten wat de aard en omvang zijn van alle vormen van moderne slavernij in Den Haag. Zodra we de antwoorden op die vragen hebben, zullen wij uiteraard de motie indienen die de heer Smit net voorstelde. Mikal Tseggai (PvdA). Ik vraag me opnieuw af wat deze motie te maken heeft met het initiatiefvoorstel over het slavernijverleden. Deze motie kan volgens mij ingediend worden bij de programmarekening, de begroting of veiligheidsdebatten, maar ik zie niet in waarom deze motie nu in de orde van deze vergadering valt. De voorzitter. Mevrouw Tseggai, dit maakt onderdeel uit van de vergadering. Dit gaat over slavernij. Ik ga de motie niet buiten de orde verklaren. Het spijt me vreselijk; punt. Nino Davituliani (Hart voor Den Haag/Groep de Mos). Mag ik daar nog op reageren? De voorzitter. Dat mag u doen, maar de vraag werd aan mij gesteld. Ik ga de motie niet buiten de orde verklaren. Nino Davituliani (Hart voor Den Haag/Groep de Mos). Hart voor Den Haag richt zich graag op de toekomst. We richten onze blik graag op de toekomst en op de actualiteiten.
Vandaar dat we deze motie absoluut binnen de orde van de vergadering achten en ook gewoon indienen. Lesley Arp (SP). Ik ben toch wel benieuwd. Het is goed dat Hart voor Den Haag zich bekommert over moderne slavernij, maar aan de andere kant zei u in relatie tot het initiatiefvoorstel dat we geen geld moeten uitgeven aan dingen die evident zijn. Dat vond ik eerlijk gezegd een erg kille reactie, maar de heer Smit gaf al aan dat naar dit onderwerp al onderzoeken zijn gedaan, bijvoorbeeld door FairWork en SHOP. Stelt u nu dus juist niet voor om geld uit te geven aan iets waar al onderzoek naar is gedaan? Is dat juist niet wat jullie nu doen als Hart voor Den Haag? Nino Davituliani (Hart voor Den Haag/Groep de Mos). Nee, dat vinden wij zeker niet, want wij weten nog steeds niet wat de aard en omvang zijn van alle vormen van moderne slavernij. Die willen we heel graag goed in kaart hebben. De instanties die u net noemde - FairWork, maar ook Femmes for Freedom - kunnen ook heel goed bij dit onderzoek worden betrokken. Sebastian Kruis (PVV). Mijn vraag aan mevrouw Davituliani is of zij het niet heel hypocriet vindt dat dezelfde partijen die nu pleiten voor een onderzoek van € 0,5 mln. naar het verleden, dat we al in grote lijnen kennen, nu wel vragen naar de meerwaarde van een onderzoek naar het heden? Nino Davituliani (Hart voor Den Haag/Groep de Mos).
Ja, dat vindt mevrouw Davituliani zeker. De voorzitter. Zet uw betoog voort. Nino Davituliani (Hart voor Den Haag/Groep de Mos). Zo ben ik aangekomen bij mijn volgende motie. Deze motie gaat over cameratoezicht bij het Indisch monument. Het dictum luidt: verzoekt het college om cameratoezicht te plaatsen bij het Indisch Monument. Arjen Kapteijns (GroenLinks). Het Indisch Monument is een monument in Den Haag ter nagedachtenis van alle Nederlandse burgers en militairen die in de Tweede Wereldoorlog het slachtoffer zijn geworden van de Japanse bezetting in het voormalige Nederlands-Indië. Mijn vraag aan mevrouw Davituliani is wat dit te maken heeft met dit initiatiefvoorstel.
54
Nino Davituliani (Hart voor Den Haag/Groep de Mos). Zij kwamen om in de strijd, onder dwangarbeid en in de kampen. Daar zou ik de heer Kapteijns aan willen herinneren. Arjen Kapteijns (GroenLinks). Ik moet hier bijna om lachen. Dit gaat om een andere periode in de geschiedenis en ook nog op een ander continent en in een totaal andere context dan waar we het hier over hebben. Het enige wat ik kan bedenken, is dat het allebei in het verleden gebeurd is, maar dan houdt het echt op. Ik vraag me echt af - dat vraag ik via de voorzitter - wat de inhoudelijke relatie is met deze behandeling. Nino Davituliani (Hart voor Den Haag/Groep de Mos). Ik kan niets anders zeggen dan dat wij het Indisch Monument heel graag willen beschermen, want vorig jaar is het beklad. Ik denk dat de heer Kapteijns daarvan op de hoogte is. Wij willen niet dat dat nog een keer gebeurt. Vandaar dat wij deze motie indienen. Arjen Kapteijns (GroenLinks). Op zich kan ik me dat voorstellen. Ook mijn fractie vindt bekladding van het monument heel erg, maar waarom dient u dit niet in bij de programmarekening of de begroting of op een ander moment, wanneer het wél past in de vergadering? Nino Davituliani (Hart voor Den Haag/Groep de Mos). Ik heb net uitgelegd waarom wij deze motie hier indienen, namelijk omdat dit wel degelijk met slavernij te maken heeft.
Verder maken wij natuurlijk zelf uit wanneer en op welk moment wij een motie indienen. Robin Smit (PvdD). Ik heb toch een vraag aan mevrouw Davituliani. Wat gaan zij en haar partij doen als haar beide moties worden aangenomen? Stemt zij dan voor of tegen dit voorstel? Nino Davituliani (Hart voor Den Haag/Groep de Mos). Welk voorstel bedoelt u? De voorzitter. Meneer Smit, kunt u het uitleggen? Robin Smit (PvdD). Ja, ik zal de vraag heel duidelijk stellen. Hoe gaat u stemmen over het initiatiefvoorstel over het slavernijverleden? Nino Davituliani (Hart voor Den Haag/Groep de Mos). Mijn stemadvies heb ik al in de commissievergadering aangegeven. Dat was: tegen het voorstel stemmen. Robin Smit (PvdD). Ook in de commissie gaf u natuurlijk aan dat dit symboolpolitiek is, maar doet u nu dan niet precies hetzelfde met uw twee moties? De voorzitter. Mevrouw Davituliani, voor de laatste keer op dit punt. Nino Davituliani (Hart voor Den Haag/Groep de Mos). Nee. Mikal Tseggai (PvdA). Misschien kan mevrouw Davituliani dan even toelichten waarom zij tegen dit initiatiefvoorstel is. Want je zou het bijna vergeten, maar we hebben het hier dus over een initiatiefvoorstel over het slavernijverleden. Nino Davituliani (Hart voor Den Haag/Groep de Mos). Dat heb ik bij de commissievergadering al heel duidelijk tegen mevrouw Tseggai gezegd. Wij richten onze blik graag op de toekomst.
Wij weten, iedereen weet, dat het slavernijverleden verschrikkelijk is. Het is goed dat het afgeschaft is. Wij richten ons graag op de actualiteit en willen graag dat het geld uitgegeven wordt aan dingen die mensen nu ten goede komen. Mikal Tseggai (PvdA). Ik verbaas me hier toch over. Ik ken Hart voor Den Haag als een partij die zich met passie inzet om de vaderlandse geschiedenis levend te houden en te herdenken en scholieren
55
naar allerlei plekken te sturen. Er komen nog net geen moties dat we het Wilhelmus moeten gaan zingen, maar dat zou me niet verbazen. Dus ik snap het niet zo goed. Nino Davituliani (Hart voor Den Haag/Groep de Mos). Mevrouw Tseggai snapt het niet zo goed. Daar kan ik niet zoveel mee. De voorzitter. Laatste keer, mevrouw Tseggai, over dit punt althans. Gaat uw gang. Mikal Tseggai (PvdA). Ja, ik ga het nog een keer proberen. Waarom is het zo moeilijk voor Hart voor Den Haag om te erkennen dat er ook vervelende dingen zijn gebeurd in onze geschiedenis en dat we die een plek moeten geven in de stad, bijvoorbeeld met een monument, bijvoorbeeld met een herdenking? Mevrouw Arp noemde het net een kille reactie. Ik ben het er eigenlijk wel mee eens. Nino Davituliani (Hart voor Den Haag/Groep de Mos). Ik merk nu dat mevrouw Tseggai mij dingen in de mond legt die ik totaal nooit gezegd heb. Ik heb nooit gezegd dat het niet erg is wat er is gebeurd. Het is verschrikkelijk dat we een slavernijverleden hebben. Dat beamen wij van harte. Maar nogmaals, mevrouw Tseggai, wij richten ons graag op de toekomst. Wij willen heel graag moderne slavernij aanpakken. Waaronder nu heel veel mensen lijden, mevrouw Tseggai. Kavish Partiman (CDA).
Zou mevrouw Davituliani mij kunnen uitleggen waarom het belangrijk is dat alle kinderen op basisscholen in dit land geschiedenisonderwijs krijgen? Nino Davituliani (Hart voor Den Haag/Groep de Mos). Dat is belangrijk voor het historisch besef van kinderen, maar waar doelt de heer Partiman op met deze vraag? Kavish Partiman (CDA). Hier spreekt mevrouw Davituliani zich wel een beetje tegen. Want aan de ene kant zegt ze dat het belangrijk is voor het historisch besef van kinderen en aan de andere kant zegt ze dat we te veel in het verleden blijven leven. Behoort een voorstel als dit, waarmee we terugkijken op ons verleden, niet tot het belang van het historisch besef? Nino Davituliani (Hart voor Den Haag/Groep de Mos). Nee. Er zijn geschiedenisboeken volgeschreven over het slavernijverleden. Die kunnen beter benut worden binnen het onderwijs. Daar zijn wij zeker voor. Wij zijn voor het beter verankeren van het slavernijverleden in het onderwijs. Dus de enige die hier zichzelf tegenspreekt, is het CDA, want het CDA was landelijk tegen al deze voorstellen, en nu komt het CDA hier in Den Haag wel met de vraag of Den Haag excuses wil aanbieden voor het slavernijverleden. De voorzitter. Laatste keer, meneer Partiman. Kavish Partiman (CDA). Dit is een heel makkelijke framing.
De christendemocraat Groen van Prinsterer is de eerste persoon geweest in dit land die heeft gepleit voor de afschaffing van de slavernij. De afschaffing van de slavernij hoort tot de essentie van het christendemocratisch gedachtegoed. Ik zou u daar wel even op willen wijzen. Maar los daarvan, u pleit hier aan de ene kant voor beter gebruik van geschiedschrijving over het slavernijverleden, maar zegt aan de andere kant dat we te veel in het verleden blijven hangen. Ik kan er geen touw meer aan vastknopen wat u precies wil. Nino Davituliani (Hart voor Den Haag/Groep de Mos). Het is volgens mij heel helder. Het slavernijverleden moet beter worden verankerd binnen het onderwijs. Dat wil niet zeggen dat we allerlei onderzoeken moeten uitvoeren naar van alles. Er zijn nog meer dingen gebeurd in het verleden waar je onderzoeken naar zou kunnen verrichten. Maar we kunnen daar niet mee bezig blijven. We moeten onze blik richten op de toekomst en op de actualiteiten. Dat is het standpunt van Hart voor Den Haag. En wat betreft het standpunt van het CDA: uw partijleider Hoekstra heeft heel duidelijk gezegd dat het aanbieden van excuses iets obligaats heeft. Dus vindt de heer Partiman niet dat het iets obligaats heeft dan?
56
De voorzitter. Goed! Ik dacht dat u ook aan het eind was van uw betoog. Door mevrouw Davituliani, daartoe gesteund door de heer De Mos, wordt de volgende motie ingediend (K.1 HvDH/GdM) ingediend:
Motie K.1 HvDH/GdM cameratoezicht bij Indisch monument De gemeenteraad van Den Haag in vergadering bijeen op 1 juli 2021 ter bespreking van agendapunt. Initiatiefvoorstel Het Haags koloniaal en slavernijverleden (RIS305697) Constaterende dat: • het Indisch monument vorig jaar een dag voor de Nationale Indië herdenking werd beklad. Overwegende dat: • dit ondanks waarschuwingen en rijdend toezicht niet kon worden voorkomen (RIS 306064); • het nationaal Indië-monument 1945-1962 in Roermond al 10 jaar wordt bewaakt door camera’s. Van mening dat: • het vernielen van Indische monumenten voorkomen moet worden. Verzoekt het college: • om cameratoezicht te plaatsen bij het Indisch Monument. En gaat over tot de orde van de dag. De voorzitter. Door mevrouw Davituliani wordt de volgende motie (K.2 HvDH/GdM) ingediend:
Motie K.2 HvDH/GdM onderzoek moderne slavernij De gemeenteraad van Den Haag in vergadering bijeen op 1 juli 2021 ter bespreking van agendapunt Initiatiefvoorstel Het Haags koloniaal en slavernijverleden (RIS305697). Constaterende dat: • diverse onderzoeken aantonen dat moderne slavernij ook in Nederland een groot en groeiend probleem is; • de vormen van de moderne slavernij zoals arbeids- en seksuele uitbuiting, mensenhandel en huwelijksdwang het meest voorkomen; • naar schatting meer dan 30.000 mensen in Nederland in meer of mindere mate slachtoffers zijn van de moderne vorm van slavernij. Overwegende dat: • gemeenten door het dagelijks contact met burgers oren en ogen zijn in de samenleving waarbij signalen van moderne slavernij kunnen worden opgevangen; • gemeenten een belangrijke rol hebben in de aanpak van moderne slavernij zijnde de beleidsmaker en regisseur van de integrale aanpak. Van mening dat: • deze vormen van moderne slavernij niet bijdragen aan de stad waar we voor willen staan; • moderne slavernij in alle verschijningsvormen bestreden moet worden.
57
Verzoekt het college: • in samenwerking met de randgemeenten een onderzoek in te stellen naar aard en omvang van moderne slavernij in de regio Haaglanden en de raad hierover te rapporteren. En gaat over tot de orde van de dag. De moties maken onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Arjen Kapteijns (GroenLinks). Voorzitter. Ik vervang vandaag mijn gewaardeerde collega Serpil Ateş op dit onderwerp. Het is inderdaad een bijzondere dag om het te mogen hebben over het initiatiefvoorstel over ons slavernijverleden. Het is vandaag Keti Koti, de dag dat we met z'n allen een zwarte pagina uit onze geschiedenis herdenken, maar ook vieren dat de slavernij werd afgeschaft. Ik dank de initiatiefnemers, waar wij er ook eentje van zijn, maar met name NIDA, voor het voortouw nemen in dit initiatief. Ik dank ook de wethouder en het college voor de stappen die nu al gezet worden. Ik dank ook vooral al die mensen in de stad voor wie dit echt een heel belangrijk onderwerp is. Ik heb echt het gevoel dat we met hun steun nu een volgende stap kunnen zetten. Twee jaar geleden diende mijn fractie samen met andere partijen een motie in om onderzoek te doen naar de behoefte aan een monument om het slavernijverleden te herdenken in de Haagse samenleving. Die behoefte bleek er zeker te zijn.
Er bleek zelfs behoefte te zijn aan meer dan een monument, namelijk ook aan jaarlijkse aandacht voor de viering van de afschaffing, lesmateriaal voor scholen en ook het onderzoek waar het college nu toe besloten heeft naar de rol van onze stad in de slavernij. Dat is ook heel erg belangrijk. Sebastian Kruis (PVV). Wat de heer Kapteijns zegt, klopt gewoon niet. Er is toen onderzoek verricht naar aanleiding van die motie. De uitkomst daarvan was dat er geen draagvlak was voor onder andere een monument. Aangezien de uitkomsten van dat onderzoek het college niet bevielen is toen een nieuw onderzoek ingesteld, maar het aanvankelijke onderzoek toonde aan dat er geen behoefte aan was. Is de heer Kapteijns met mij van mening dat uiteindelijk de uitkomst al vaststond bij dat nieuwe onderzoek? Arjen Kapteijns (GroenLinks). Nee, die mening deelt de fractie van GroenLinks niet. Er is overduidelijk gebleken dat er onder verschillende groepen in deze stad een enorme behoefte is aan een plek om op 1 juli maar ook op andere dagen in het jaar stil te kunnen staan bij onze gezamenlijke geschiedenis van het slavernijverleden. De voorzitter. De heer Kapteijns zet zijn betoog voort. Arjen Kapteijns (GroenLinks). Vandaag zetten we dus een volgende stap. GroenLinks is daar enthousiast over en ook trots dat we dit samen met elkaar mogen doen. Want we zijn nog niet klaar.
De nasleep van het slavernijverleden is nog steeds aanwezig in onze samenleving, zowel fysiek - de prachtige huizen aan het Lange Voorhout - als in de diepgewortelde erfenis van uitsluiting en benadeling van bepaalde groepen in onze samenleving. Iedere stap die we samen hierin kunnen zetten, is een stap naar een gelijkwaardiger en rechtvaardiger samenleving. Daarom hoop ik dat we volgend jaar al, maar als dat niet lukt, in 2023, maar ik hoop echt volgend jaar, met elkaar bij een monument gezamenlijk Keti Koti kunnen vieren. Marije Mostert (D66). Voorzitter. Veel dank aan de indieners van dit initiatiefvoorstel. Het is erg belangrijk om stil te staan bij slavernij. Het is ook nodig om te herdenken. Daarom is het ook juist mooi om dat vandaag te doen, omdat het vandaag Keti Koti is. D66 vindt het ook goed om specifiek naar de rol van de stad Den Haag te kijken in de geschiedenis van slavernij. Om deze helder te krijgen lijkt D66 een onderzoek juist essentieel. Mijn fractie ziet daarbij ook een grote rol weggelegd voor het Gemeentearchief. Hier is een schat aan informatie beschikbaar over de rol van Den Haag in relatie tot slavernij. Wie denkt dat slavernij verleden tijd is komt bedrogen uit. Ook anno 2021 komt slavernij in Den Haag voor. Het ziet er weliswaar niet hetzelfde uit of is soms zelfs onzichtbaar, maar het daglicht 58
verdragen kan het niet. De zorgen van D66 over de uitbuiting van arbeidsmigranten en gedwongen prostitutie zijn bekend. Dus herdenken, erkennen en reflecteren, zeker, maar de beste manier om respect te tonen voor het verleden is door ervan te leren. Laten we leren van het verleden en niet wegkijken van wat er nu speelt in onze stad. Kavish Partiman (CDA). Voorzitter. Nogmaals de complimenten aan de initiatiefnemers. Mooi dat we dit onderwerp op deze dag bespreken. Vandaag herdenken we een markant moment waarop we in Nederland zijn begonnen met het besef dat alle mensen gelijk zijn. Een eerste stap op een lange weg waarvan we het eindpunt nog niet bereikt hebben. Want zoals door vrijwel iedereen wordt erkend, gaat er ook in deze tijd nog veel mis en zijn gelijkheid en gelijke behandeling voor velen nog niet vanzelfsprekend. Maar door stil te staan bij de misstanden uit het verleden en lering te trekken uit die fouten, kunnen we gezamenlijk bouwen aan een samenleving vrij van onderdrukking, waar eenieder ongeacht kleur, geloof of herkomst als gelijke wordt behandeld. Tot slot, voorzitter. Het zou een mooie prestatie zijn als we dit mooie voorstel vandaag met grote meerderheid kunnen aannemen. En een fijne Keti Koti aan iedereen. Judith Klokkenburg (ChristenUnie/SGP). Voorzitter. Ik kan het kort houden. Hartelijk dank aan de initiatiefnemers voor het indienen van dit voorstel.
Wat de ChristenUnie/SGP betreft is het goed dat we onszelf als stad van vrede en recht in de spiegel kijken, onderzoeken wat onze rol exact is geweest in de slavernij en recht doen aan dat verleden. De ChristenUnie/SGP zal dan ook op deze voor dit voorstel passende dag, voor dit voorstel stemmen. Wethouder Van Alphen (GroenLinks). Voorzitter. Ook het college sluit zich aan bij het initiatiefvoorstel dat voorligt en dankt de indieners daarvoor. Ik wil toch wel even de naam van Cemil Yilmaz noemen, die daar hard aan gewerkt heeft de eerste periode. Er zijn verder geen vragen aan ons gesteld, behalve de aandrang om op het Voorhout een mooie plek te vinden. Die nemen we mee, mevrouw Tseggai. Ik weet niet of het allemaal gaat lukken, hè. Ook met het concreet regelen van activiteiten zullen we ons voordeel gaan doen. Ik mag erop wijzen dat op mijn facebook - ik weet niet hoe dat werkt en hoe het erop is gekomen - vandaag een aantal activiteiten staan in het kader van Keti Koti. Dus kijkt u daar nog even op en ga die zaken aan. De voorzitter. Dank u wel, wethouder Van Alphen. Nu is het even ingewikkeld. Ik zou reageren namens het college op de moties over onderzoek naar moderne slavernij en het cameratoezicht. Dat kan ik ook doen, hoor. Maar ik zie dat er nog een punt van orde is van de heer Kapteijns, of een vraag. Gaat uw gang, meneer Kapteijns. Arjen Kapteijns (GroenLinks).
Een punt van orde. We hebben in de interruptiedebatjes heel duidelijk beargumenteerd waarom deze beide moties geen onderdeel van deze vergadering kunnen zijn. Ze hebben geen relatie met het vergaderpunt. Ik zou in stemming willen brengen of we deze moties moeten toevoegen aan deze vergadering. De voorzitter. Meneer Kapteijns, dat kan niet, maar u kunt een punt van orde maken of de raad vindt dat ze buiten de orde moeten worden verklaard. Dat kunnen we inderdaad doen. Ik kijk even of iedereen er is. Ik ben het er overigens niet mee eens, maar dat doet er niet toe. Dat heeft u al gemerkt. Ik vind ook dat u zich op een glijdende schaal bevindt, want dit is zeer discutabel. Maar een punt van orde is een punt van orde. We lopen alle fracties langs. Zo moeten we het nu doen, want ze zijn niet allemaal live. Dus ik let ook even op. Ik hoop ook dat alle fracties zich realiseren dat er nu gestemd gaat worden over een punt van orde, dat ook nog wel een principiële kant heeft. Meneer Kruis. Sebastian Kruis (PVV). Voorzitter. Het is toch te gek worden dat links op het moment dat er iets wordt ingebracht wat ze niet aanstaat, gaat proberen om het uit stemming te halen? Dat kan toch ook gewoon niet in een vrij debat? De voorzitter. Ik wil weten of u het eens bent met het punt van orde.
59
Sebastian Kruis (PVV). Dan wil ik een punt van orde dat dit niet meer kan. Lesley Arp (SP). Volgens mij is er ook een andere manier om iets buiten de orde te verklaren. Dat is door gewoon tegen te stemmen. Dus ik ben tegen het punt van orde. Adeel Mahmood (NIDA). Voorzitter. Ik zie de relatie met het voorstel zelf ook niet in, maar ik laat het aan de burgemeester om dit wel of niet buiten de orde te verklaren. Marije Mostert (D66). Niet buiten de orde. Chris van der Helm (VVD). Niet buiten de orde, voorzitter. Er kan gewoon voor- of tegengestemd worden. Fatima Faïd (HSP). Voor buiten de orde. Robert Barker (PvdD). Niet buiten de orde. We kunnen er gewoon over stemmen. Judith Klokkenburg (ChristenUnie/SGP). Niet buiten de orde; over stemmen. Tahsin Çetinkaya (Islam Democraten). Niet buiten de orde, voorzitter. Kavish Partiman (CDA). Voorzitter, wat ons betreft brengen we ze gewoon in stemming. Mikal Tseggai (PvdA). Ik ben voor het ordevoorstel van de heer Kapteijns. Nino Davituliani (Hart voor Den Haag/Groep de Mos). Tegen het ordevoorstel, voorzitter. De voorzitter. Het ordevoorstel is verworpen. We gaan gewoon erover stemmen vanavond. Voorzitter: de heer Van der Helm. De voorzitter. We gaan verder met de beantwoording door de burgemeester. De heer Van Zanen. Voorzitter. Korte reactie op de motie Onderzoek moderne slavernij.
Het college heeft de neiging om het eens te zijn met de heer Smit en mevrouw Arp. In het in november aangenomen Actieprogramma mensenhandel richten we ons op de aanpak van mensenhandel in brede zin, seksuele uitbuiting, arbeidsuitbuiting en criminele uitbuiting. De eerste ambitie uit het actieprogramma is specifiek gericht op het verkrijgen van meer zicht op de aard en de omvang van mensenhandel. Het meer zicht krijgen hangt vooral af van het adequaat kunnen signaleren en melden. Daarom worden ook trainingen en voorlichting georganiseerd, zodat mensenhandel beter gesignaleerd kan worden en daarmee het zicht op mensenhandel vergroot. Daarnaast, maar dat is volgens mij u ook bekend, neemt de gemeente deel aan een onderzoek van het Centrum tegen Kinderhandel en Mensenhandel naar criminele uitbuiting. Het RIEC is dé aangewezen instantie, want dat is ook regionaal, om te zorgen dat gemeenten in de regio kunnen beschikken over de nodige kennis en expertise om mensenhandel aan te pakken. Nader onderzoek is vanuit dat oogpunt volgens ons niet nodig. Dus wij ontraden deze motie. Dan de motie Cameratoezicht bij Indisch monument. Ik ben het zeer met u eens - ik heb dat vaker gezegd, want we hebben het er eerder over gehad - dat het onacceptabel is dat monumenten, en ook dit monument, worden beklad of vernield.
Het is daarom ook dat de politie vorig jaar op basis van signalen 24 uur rijdend toezicht heeft uitgevoerd op het monument. En andere dingen ook nog, maar die zeg ik niet. U snapt wel waarom. Helaas heeft dit bekladding niet kunnen voorkomen. De politie werkt informatiegestuurd en monitort eventuele dreiging. Indien daar aanleiding toe is, worden maatregelen genomen. Dat kan in de vorm van zichtbare en onzichtbare maatregelen, zoals verscherpt rijdend toezicht, cameratoezicht en, in het uiterste geval, permanente bewaking. Op dit moment is daar geen aanleiding voor. Vorige week hebben we het er in de werkbespreking veiligheid over gehad. Het 60
aantal camera's is beperkt. Plaatsing van een camera op deze locatie zou ten koste gaan van het toezicht op locaties waar het wel echt nodig is. Ik ontraad de motie. Maar we blijven het natuurlijk wel monitoren en zullen maatregelen nemen als de situatie daarom vraagt. Nino Davituliani (Hart voor Den Haag/Groep de Mos). Het lijkt me evident dat rijdend toezicht het bekladden van het monument niet heeft kunnen voorkomen. Dus ik vraag me af waarom de burgemeester niet wil overgaan tot het plaatsen van een camera. De heer Van Zanen. Er is geen enkel signaal voor het plaatsen van camera's. Ik heb ze ook niet in de aanbieding. Er moet wel echt aanleiding voor zijn. Vorig jaar heeft er rijdend toezicht plaatsgevonden. Dat heeft helaas niet kunnen voorkomen dat er van bekladding sprake was. Daarna is er wel tijdelijk cameratoezicht geweest. Maar ik ga echt geen camera's neerzetten. Ik heb er net aan genoeg. Dus dat ga ik niet doen als er geen reden voor is. Het spijt me zeer. Nino Davituliani (Hart voor Den Haag/Groep de Mos). Wij vinden het ontzettend spijtig dat de burgemeester de bekladding van vorig jaar niet als reden ziet om nu echt maatregelen te nemen in de vorm van cameratoezicht. Ik denk dat de dreiging van activistische groeperingen die in principe aangekondigd hebben dat ze het monument willen bekladden, een reële reden is om echt op te treden en camera's te plaatsen.
De heer Van Zanen. Laat ik het dan anders formuleren. Ik ben het helemaal eens met mevrouw Davituliani. Zodra we maar de eerste aanwijzing krijgen dat er sprake is van mogelijke bekladding dat zou zomaar kunnen; ik ga de datum niet noemen, omdat u ook weet dat het ergens medio augustus is - dan zullen we dat doen wat nodig is. Dat zou zomaar cameratoezicht kunnen zijn. Maar niet permanent en zeker niet als er geen enkele aanleiding voor is. De voorzitter. We gaan naar de tweede termijn. Ik begin bij de heer Kruis. Sebastian Kruis (PVV). Voorzitter. Ik ben blij voor de initiatiefnemers dat het voorstel het lijkt te halen. Dat is heel goed voor hen. Wat ons betreft was het dus niet nodig. Dat gaf ik ook aan in de eerste termijn. Ik wil nog wel terugkomen op het interruptiedebat net. Ik werp verre van mij dat ik iets deed wat niet klopt. Ik heb geen namen genoemd van wie dan ook, van welke medewerker dan ook. Terwijl ik vorig jaar wel voor de bus ben gegooid, met dagenlang scheldpartijen over me heen. Dus kom bij mij niet aan met dat ik zogenaamd mensen erbij zou halen. Ik heb geen naam genoemd. Het tweede punt dat ik wil maken is dat ik het met de initiatiefnemers eens ben dat mensen nog een hoop te leren hebben over de geschiedenis van het slavernijverleden en de doorwerking naar het heden.
Ik vind het schrijnend dat op de dag dat we dit onderwerp bespreken, nota bene GroenLinks iets niet in stemming wil brengen omdat de mening ze niet aanstaat. Over leren van slavernij gesproken. De voorzitter. Ik constateer dat er verder geen behoefte is aan een tweede termijn. Ik heb ook geen vragen aan het college gehoord. Meneer Mahmood, u heeft nog een vraag? Adeel Mahmood (NIDA). Voorzitter. Als indiener van het voorstel zou ik nog willen reageren op de inbreng van de fracties. Ik wil alle fracties bedanken voor hun bijdrage. Ik wil wethouder Van Alphen bedanken voor de fijne samenwerking. Ik sluit me tot slot aan bij de oproep van collega Tseggai: wethouder Van Alphen, we rekenen nu op u. De voorzitter. Dank u wel. Dan komen we daarmee aan het einde van dit agendapunt. De beraadslaging wordt gesloten. De voorzitter. Vanavond wordt gestemd over de stukken. We schorsen een kort moment voordat we doorgaan naar agendapunt L. 61
De vergadering wordt van 13.58 uur tot 14.03 uur geschorst. Voorzitter: de heer Van Zanen.
Aan de orde is: L. Gewijzigd Initiatiefvoorstel Kinderburgemeester met een klein groen-geel hartje (RIS306178). De voorzitter. Ik geef de initiatiefneemster, mevrouw Davituliani, graag het woord voor een korte toelichting. Gaat uw gang. Nino Davituliani (Hart voor Den Haag/Groep de Mos). Voorzitter. Het kinderburgemeesterschap maakt het mogelijk voor kinderen om zich al eerder te laten horen. Een kinderburgemeester moet een brug vormen tussen de kinderen in de gemeente Den Haag en de lokale politiek. Op dit moment zijn er ruim 80 andere gemeenten met een kinderburgemeester. De ervaringen zijn erg positief. Met alle ervaring die er al is opgedaan kan onze gemeente haar voordeel doen. Voorzitter. Het college geeft in zijn preadvies aan dat er heel veel gebeurt op het gebied van kinderparticipatie. Dat gebeurt in andere gemeenten ook. Daarnaast gaat dit voorstel om de functie, de titel en de symboolwaarde, die uitstraalt dat de jeugd al vroeg bij de democratie wordt betrokken. De wijziging die Hart voor Den Haag/Groep de Mos heeft voorgesteld, is reeds toegevoegd aan het initiatiefvoorstel. Maar: ik hoor nu in de wandelgangen van diverse partijen mitsen en maren op het voorstel. Die partijen hebben in de commissievergadering echter nul inbreng gehad op dit initiatiefvoorstel.
Ik mag toch hopen dat we in dit huis zo met elkaar omgaan dat suggesties en ideeën in de commissies geleverd worden, zodat we gezamenlijk tot een breed gedragen plan kunnen komen. Zo hoort het uiteindelijk hier in de raad te gaan. Dit was mijn toelichting, voorzitter. Ik hoop alsnog op brede steun van de raad. De voorzitter. Dank u wel, mevrouw Davituliani. Ik kijk naar de lijst met sprekers. Meneer Kruis, PVV. De beraadslaging wordt geopend. Sebastian Kruis (PVV). Voorzitter. We hebben hier inderdaad in de commissie over gesproken. Toen had ik wat op- en aanmerkingen. Ik werd toen wel getriggerd door iets wat mevrouw Davituliani zei in haar beantwoording, namelijk dat ze het kinderburgemeesterschap ziet als een mogelijk verbindende rol tussen de verschillende Haagse wijken. Toen werd ik toch wel getriggerd, want we hebben in Den Haag enorme segregatieproblemen. Ik denk dat kinderen uit zeg maar Benoordenhout niet vaak in contact komen met kinderen uit bijvoorbeeld de Schilderswijk. Ik ben toch wel benieuwd hoe ook de wethouder in de uitwerking ziet dat de rol van kinderburgemeester er daadwerkelijk voor kan zorgen dat meer kinderen uit verschillende wijken met elkaar in contact komen. Ik denk dat je daar heel veel aan hebt. Dus ik ben wel benieuwd hoe de indiener dat ziet, maar ook de wethouder. Ik heb toen ook een kritische opmerking gemaakt over de financiering.
Ik begrijp dat dit uiteindelijk gewoon vanuit de gemeente gefinancierd zou kunnen worden. Dat bedrag is ook niet dermate groot dat we daar wakker van zullen liggen of heel erg lang over bezig zullen blijven. Dus ik ben toch wel overtuigd door mevrouw Davituliani. Nou identificeer ik mezelf ook, in ieder qua lengte, met kinderen. Maar ik vind het ook echt belangrijk dat kinderen in contact komen met kinderen uit andere wijken. Dat heb ik zelf vroeger in mijn jeugd ook gehad. Dus dank aan de initiatiefnemer. Wij zullen met die kanttekening voorstemmen. Arjen Kapteijns (GroenLinks). Voorzitter. Ook namens mijn fractie dank voor dit sympathieke initiatief. Er zijn al heel veel initiatieven, zoals het college ook aangeeft, voor de betrokkenheid van kinderen bij ons beleid. Mijn fractie ziet daarom niet helemaal de meerwaarde van dit initiatief. Ik zie 62
ook een aantal complicaties als het gaat om de exacte uitvoering hiervan. Mijn fractie zal dit voorstel dus niet steunen. Birgül Özmen (D66). Voorzitter. Dank aan mevrouw Davituliani voor haar inzet op dit onderwerp. Er zijn in Den Haag al diverse initiatieven en partijen die dezelfde doelstellingen nastreven, zoals de Raad van Kinderen, het project Raad en Daad, de Haagse jongerenambassadeurs, jeugdraden in wijken, JONG doet mee!, en bijvoorbeeld ook een college van B en W in Madurodam. Zo kunnen we nog wel even doorgaan. Daarnaast heeft mijn fractie niet lang geleden ook vragen gesteld over het faciliteren van een kindervragenuurtje, waar positief op is geantwoord. Hierover is afgesproken dat in de week van de kinderrechten, in de week van 20 november, het eerste kindervragenuur gaat plaatsvinden, zodat kinderen ook hierbij betrokken kunnen worden. Kortom, er gebeurt dus al het nodige op dit onderwerp. Het is, zoals het college aangeeft, raadzaam om scherp te zijn op de toegevoegde waarde van dit initiatief. Daarom stemmen we tegen. Wethouder Bredemeijer (CDA). Voorzitter. Wederom dank aan mevrouw Davituliani voor het initiatief. Een prachtig mooi initiatief als het gaat om de betrokkenheid van kinderen en het mogelijk vergroten daarvan, ook bij de lokale democratie.
Een onderwerp dat heel hoog op de agenda zou moeten staan en dat kinderen ook activeert om een actieve bijdrage te leveren daaraan. Dat is alleen maar hartstikke mooi en te waarderen. Er is één vraag gesteld aan het college, door de heer Kruis. Kan een kinderburgemeester een rol spelen in, in mijn woorden dan, het verkleinen van de segregatie of het samenbrengen van verschillende wijken? Ik vind dat nogal wat, hoor, dat je een kind gaat vragen om een rol te spelen in het segregatieprobleem van onze stad, want dat is een veelkoppig monster. Ik denk dat de manier waarop we dat nu proberen te doen met verschillende jeugdraden en jongerenraden, die uit heel veel verschillende geledingen van de stad komen, de manier is om dat vraagstuk te bespreken en op te lossen. Het idee van een kinderburgemeester zou op een iets ander niveau moeten worden bezien. Maar dat is mijn antwoord op de vraag. Mogelijk ziet mevrouw Davituliani dat anders. Het is natuurlijk aan de raad om daarover een oordeel te geven. Wat ik heb proberen aan te geven in het preadvies namens het college, is de mooie gedachte hierachter, de grote voordelen hiervan en een aantal aandachtspunten. Het is verder aan de raad om zich daarover uit te spreken. Nino Davituliani (Hart voor Den Haag/Groep de Mos). Dank voor het antwoord.
Waar ik alleen toch wel moeite mee heb, is dat er iedere keer wordt aangegeven dat er heel veel gebeurt op dit vlak. Ik wil wel even duidelijk aangeven dat dit ook in andere gemeenten gebeurt en er daarnaast gewoon een kinderburgemeester aangesteld is in die meer dan 80 gemeenten in Nederland. Ik vraag me af hoe de wethouder dat ziet als we dat in Den Haag niet hebben. Kinderraden en een kindercollege in Madurodam, dat zijn allemaal leuke concepten, maar we hebben echt een kinderburgemeester van Den Haag nodig. Een kinderburgemeester die een brug kan vormen tussen de lokale politiek en de kinderen in de stad, zodat het mogelijk wordt dat alle kinderen die daar behoefte aan hebben, die kinderburgemeester kunnen aanschrijven, zoals het in andere gemeenten gebeurt. Wat mij betreft is het een zwaktebod om te zeggen dat er genoeg initiatieven zijn. Er gebeurt ook heel veel op het gebied van veiligheid en openbare orde in Den Haag. Toch zeggen we niet dat we onze burgemeester afschaffen, lijkt me. Ik zou dus toch echt willen vragen aan de wethouder om wat constructiever in deze wedstrijd te zitten en toch dit voorstel te omarmen. Wethouder Bredemeijer (CDA). Het is geen kwestie van constructief of niet. Ik heb ook het nodige positieve erover gezegd.
Wat Den Haag natuurlijk uniek maakt ten opzichte van andere gemeenten, is dat we Madurodam hebben en dat we een college van burgemeester en wethouders hebben van Madurodam. Dat maakt ons weer uniek ten opzichte van andere steden. Ik vind het lastig om een oordeel te geven over hoe het precies is ingericht in andere steden, maar dit maakt ons in ieder geval wel uniek. Nino Davituliani (Hart voor Den Haag/Groep de Mos). Dat kan ik alleen maar beamen. Dat maakt ons zeker uniek. Het concept van Madurodam is een heel mooi concept. Daar wil ik absoluut niks aan af doen. Maar nogmaals, wij hebben een kinderburgemeester van Den Haag nodig. Dus gaat u dit 63
voorstel omarmen? Of zegt u 'we hebben geen kinderburgemeester nodig en het is goed zoals het is'? Ik wil wel graag duidelijkheid van de wethouder. Wethouder Bredemeijer (CDA). Duidelijker dan ik het heb aangegeven kan ik eigenlijk niet zijn. We hebben proberen te schetsen wat de verschillende situaties nu al zijn als het gaat om het betrekken van kinderen bij de lokale democratie en het om advies vragen. Als de gemeenteraad vindt dat een kinderburgemeester zoals die hier wordt voorgesteld, daar een bijdrage aan levert of een aanvulling op is, dan is dat aan de raad. De voorzitter. Geachte leden van de raad. Ik kijk naar de leden of er behoefte is aan een tweede termijn. Mevrouw Davituliani. Nino Davituliani (Hart voor Den Haag/Groep de Mos). Voorzitter. Ik hoop dat ik voldoende heb kunnen uitleggen waarom we een kinderburgemeester in Den Haag nodig hebben. Ik krijg naar aanleiding van het indienen van het voorstel reeds heel veel mooie, enthousiaste reacties van scholen. Die zijn ontzettend blij dat dit voorstel ingediend is. Zij hopen er echt vurig op dat het ook wordt aangenomen. Ik wil dus alle partijen nogmaals oproepen om voor dit voorstel te stemmen. Alvast bedankt! De voorzitter. Dank u wel, mevrouw Davituliani. De beraadslaging wordt gesloten. De voorzitter. We gaan enkele minuten schorsen. De vergadering wordt van 14.14 uur tot 14.19 uur geschorst.
Aan de orde is: M.
Gewijzigd Initiatiefvoorstel Haagse evenementen vrij van dierenleed (RIS303419).
De voorzitter. De initiatiefnemer, de heer Barker, mag een korte toelichting geven. Meneer Barker. Robert Barker (PvdD). Voorzitter. Het gebruik van dieren voor vermaak is allang niet meer van deze tijd. Toch zien we hier in Den Haag nog altijd uilen op braderieën, die op een stok gebonden zijn, of papegaaien zonder water op de boulevard, in de brandende zon. Dit zouden we als stad van vrede en recht toch niet moeten willen. Helaas kunnen we nu deze activiteiten niet verbieden. Vandaar dat een onderdeel van ons voorstel een oproep aan de minister is om dit op te pakken. Tot die tijd kunnen we als Den Haag dit gebruik wel ontmoedigen. Met het voorstel van de Partij voor de Dieren uit september 2019 doen we dit met het instellen van een vergunningsplicht. Niet alleen ontmoedigt dit het gebruik, het zorgt er ook voor dat mensen zich bewuster zijn van de schadelijke gevolgen voor dieren. Zo kan ook inspectie op dierenwelzijn plaatsvinden. Ten opzichte van de commissiebehandeling hebben we een aantal aanpassingen gedaan aan het voorstel. We hebben gehandhaafd dat voor evenementen en straatartiesten er een vergunningsplicht blijft, maar wat betreft straathandel hebben we het college een concrete opdracht meegegeven om de voor- en nadelen van de aanpassing op dit gebied in kaart te brengen.
We hebben het college ook een bredere opdracht meegegeven om te onderzoeken of ook andere regels kunnen worden gesteld om het dierenwelzijn meer te borgen. We hopen dat met deze aanpassingen dit voorstel met brede steun wordt aangenomen en we op die manier een stapje zetten naar een diervriendelijker Den Haag. De voorzitter. Dank u wel, meneer Barker, voor uw toelichting. Ik geef het woord aan GroenLinks, meneer Kapteijns.
64
De beraadslaging wordt geopend. Arjen Kapteijns (GroenLinks). Voorzitter. Ik vervang hier mijn geëngageerde woordvoerder dierenwelzijn van de fractie, meneer De Vuyst. Allereerst natuurlijk veel waardering voor dit belangrijke initiatief. Ik heb zelf ooit in 2012 al een punt gemaakt van wat we toen tijdens de Haagse ShoppingNight hadden, namelijk een chihuahuarace. Dat was een race met dames op hoge hakken die een klein hondje achter zich aan trokken. Dus dit onderwerp gaat mij persoonlijk aan het hart. Het onderdeel van de chihuahua's inderdaad, dank! Ik heb eigenlijk één vraag nog aan zowel de indiener als de wethouder. Als ik het gewijzigde preadvies van het college goed lees, kan het college toch nog steeds niet helemaal uit de voeten met dictum III over de Verordening straathandel. Ik wil dat toch wel even scherp hebben voordat wij hiermee in kunnen stemmen. Bülent Aydin (PvdA). Voorzitter. Ik kan er vrij kort over zijn. Dank aan de initiatiefnemers. Ik sluit mij aan bij de vraag van GroenLinks hierover. Voor de rest omarmen wij het initiatief. Laten wij dit punt even helder krijgen. Birgül Özmen (D66). Voorzitter. Dank voor de inspanningen van collega Barker op dit onderwerp. Ik sluit me aan bij de vragen die eerder zijn gesteld. Wethouder Bruines (D66). Voorzitter. Veel waardering voor de vasthoudendheid van de Partij voor de Dieren op dit onderwerp.
Het was even zoeken, want we willen allemaal ongeveer hetzelfde, de vraag is alleen welk instrumentarium daar goed bij past. Inmiddels is het stuk een aantal keren gewijzigd. Daar hebben we goed overleg over gehad. Ik moet een vraag van de heer Kapteijns en anderen beantwoorden. Volgens mij is helder wat ons nu te doen staat. We willen volgens mij allemaal hetzelfde. Wat het college betreft is de formulering nu zodanig dat wij voldoende ruimte hebben om dat goed te onderzoeken. Collega Van Tongeren is van het dierenwelzijn. Dit voorstel is bij mij terechtgekomen omdat het woord 'evenementen' erin stond, maar het gaat natuurlijk over veel meer. Het biedt haar voldoende ruimte, ook met de opdracht die al eerder gegeven is bij de Nota Dierenwelzijn, om dit verder uit te gaan werken. Dus wat het college betreft, kunt u blij akkoord gaan met dit initiatiefvoorstel. De voorzitter. Wilt u nog iets zeggen, meneer Barker, als initiatiefnemer? Robert Barker (PvdD). Voorzitter. Dank aan de wethouder. Volgens mij heeft de wethouder ook goed de vraag beantwoord die ook aan mij is gesteld. Hopelijk is het naar tevredenheid. We zullen het zien bij de stemmingen. De voorzitter. Ik constateer dat er geen behoefte is aan een tweede termijn. De beraadslaging wordt gesloten. De vergadering wordt van 14.24 uur tot 14.26 uur geschorst. -
Afronding debat commissie.
De voorzitter. We slaan agendapunten N en O even over en gaan snel door naar agendapunt P.
Aan de orde is: P.
Beantwoording schriftelijke vragen wachttijden Publiekszaken (RIS308395).
De beraadslaging wordt geopend.
65
Judith Klokkenburg (ChristenUnie/SGP). Voorzitter. Gisteren kregen we een brief die mijn wenkbrauwen behoorlijk deed fronsen en waar we het ongetwijfeld nog een keer over gaan hebben, namelijk over de dienstverlening. Want wat blijkt? Het aanvragen van identiteitsdocumenten is bijna geheel gecentreerd op stadsdeelkantoor Escamp, vanuit vele delen van de stad slecht bereikbaar met het ov en met weinig goede parkeergelegenheid en lange reistijden, naast de toch al lange wachttijden. Die spreiding over de stad kan en moet wat mijn fractie betreft beter. Daarom een motie met collega Arp om het extra personeel in te zetten op andere stadsdeelkantoren. Daarvan is het dictum: verzoekt het college de extra fte in te zetten bij een aantal gesloten stadsdeelkantoren. De voorzitter. Door mevrouw Klokkenburg, daartoe gesteund door mevrouw Arp, wordt de volgende motie (P.1 CU/SGP) ingediend:
Motie P.1 CU/SGP pop-up publiekszaken De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 1 juli 2021, ter bespreking van de Beantwoording schriftelijke vragen wachttijden Publiekszaken (308395), constaterende, dat: • de wachttijden voor een afspraak bij de balie Publiekszaken door een lagere bezetting en het sluiten van stadsdeelkantoren zijn opgelopen; • het op dit moment alleen mogelijk is om een rijbewijs, paspoort of identiteitskaart op afspraak aan te vragen op het stadhuis of stadsdeelkantoor Escamp; • vanaf 1 juli tot einde van dit jaar 5 fte extra wordt ingezet om de wachttijden terug te dringen (RIS309320); overwegende, dat: • voor het ophalen van een van bovenstaande documenten geen afspraak gemaakt hoeft te worden; • één van de redenen voor het sluiten van de stadsdeelkantoren was dat het minder efficiënt was, vanwege regels omtrent het bewaren van identiteitsbewijzen; • de wachttijd voor het stadhuis gemiddeld genomen langer is dan bij het stadsdeelkantoor Escamp en dit verder zal oplopen door het centreren van de aanvraag van reisdocumenten op stadsdeelkantoor Escamp; • het voor de bereikbaarheid en toegankelijkheid goed zou zijn als bijvoorbeeld het stadsdeelkantoor Scheveningen of Leidschenveen-Ypenburg open zou zijn voor het aanvragen van (reis)documenten; verzoekt het college: • de extra fte in te zetten bij (een aantal) gesloten stadsdeelkantoren, en
gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Tahsin Çetinkaya (Islam Democraten). Voorzitter. Ik sluit me helemaal aan bij mijn collega van de ChristenUnie. Ik heb net ook geprobeerd om een afspraak voor een rijbewijs te maken. Het blijkt dat de eerstvolgende beschikbare afspraakdata 8 en 10 augustus zijn. Daarom dien ik de motie Vrije inloop stadhuis in, met als dictum: verzoekt het college om de oorspronkelijke vrije inloop te realiseren, gezien de versoepelde coronamaatregelen dit toelaten; en de raad hierover te informeren. De motie is medegetekend door mijn collega Adeel Mahmood van NIDA en Sebastian Kruis van de PVV.
66
Mijn volgende motie is Heropen stadsdeelkantoor Laak, met als dictum: verzoekt het college om stadsdeelkantoor Laak te heropenen; de raad hierover te informeren. Deze is medegetekend door mijn collega Adeel Mahmood van NIDA. De voorzitter. Door de heer Çetinkaya, daartoe gesteund door de heer Mahmood, wordt de volgende motie (P.2 ID) ingediend:
Motie P.2 ID Heropen stadsdeelkantoor Laak De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op donderdag 1 juli 2021, ter bespreking van Beantwoording schriftelijke vragen wachttijden Publiekszaken (RIS308395). Constaterende, dat: • de wachttijden bij de huidige stadsdeelkantoren heel lang zijn; • de wachttijden veel langer zijn geworden sinds de coronapandemie; • het aantal inwoners van Den Haag in de afgelopen jaren is toegenomen door bijvoorbeeld arbeidsmigranten; • de druk op de medewerkers van de gemeente een toppunt heeft bereikt en klachten ontstaan dat de medewerkers overbelast zijn. Overwegende, dat: • de heropening van stadsdeelkantoor Laak de wachttijden en de overbelasting van de medewerkers zal verminderen. Verzoekt het college: • om stadsdeelkantoor Laak te heropenen; • de raad hierover te informeren. En gaat over tot de orde van de dag. De voorzitter. Door de heer Çetinkaya, daartoe gesteund door de heer Mahmood en de heer Kruis, wordt de volgende motie (P.3 ID) ingediend:
Motie P.3 ID Vrije inloop Stadhuis De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op donderdag 1 juli 2021, ter bespreking van Beantwoording schriftelijke vragen wachttijden Publiekszaken (RIS308395). Constaterende, dat: • de coronamaatregelen bijna geheel worden versoepeld; • nu ook de mondkapjesplicht is opgeheven; • er momenteel op het stadhuis lange wachttijden zijn; • we op het stadhuis nog steeds 2 aparte ingangen en 1 aparte uitgang hebben. Verzoekt het college: • om de oorspronkelijke vrije inloop te realiseren, gezien de versoepelde coronamaatregelen dit toelaten; • de raad hierover te informeren. En gaat over tot de orde van de dag.
67
De moties maken onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Wethouder Bruines (D66). Voorzitter. Dank, leden van de raad, voor de opmerkingen en de moties. Het college heeft u een vrij uitgebreide brief doen toekomen deze week, waarin we nog wat achtergronden schetsen van de ontstane situatie, maar ook over de maatregelen die de afgelopen tijd genomen zijn en die ook op dit moment nog gelden. Als u daar nog een keer over door wilt praten, prima. Wij houden elke dag heel goed bij wat er gebeurt, of er nieuwe knelpunten ontstaan en ook hoe de bestaande knelpunten worden opgelost. Ook de directeur van DPZ, van burgerzaken en dienstverlening, volgt het nauwlettend. Ik zal u in ieder geval na de zomer een stand-van-zakenbrief sturen over wat er is gebeurd en hoe het is gegaan. Het gaat om een tijdelijke piek door de reguliere zomerpiek en de boeggolf van na corona. Den Haag is daar niet uniek in. Laten we daar ook niet al te ingewikkeld over doen. Alle grote gemeenten, maar ook kleinere gemeenten, kampen hiermee. De Rijksdienst voor Identiteitsgegevens constateert over heel Nederland dat de gemeenten 50% boven de verwachte aanvragen zitten voor paspoorten. Dat heeft ook te maken met het feit dat onlangs, toch vrij plotseling, weer zo veel is vrijgegeven. Alle aandacht is gericht op de inzet van voldoende personeel. Er is ook aandacht voor de fysieke omstandigheden.
We hebben de afgelopen tijd ook een verbetering aan de balies uitgevoerd. Er zijn klachten over de wachttijden, maar we doen ook heel veel metingen van klanttevredenheid en daar scoren we gelukkig nog steeds heel hoog in. Mensen zijn dus wel ontevreden dat ze lang moeten wachten, maar ze zijn wel heel tevreden over de dienstverlening die ze vervolgens krijgen. Dat is denk ik ook heel belangrijk om even te memoreren. Ik wil daar ook de complimenten voor onze medewerkers voor geven. Ik kom op de motie van mevrouw Klokkenburg en mevrouw Arp. Het probleem zit 'm dus niet in het aantal balies. We hebben een aantal mensen die kunnen werken. We hebben het aantal mensen nog een beetje opgeschroefd. Het is specialistisch werk, waar mensen een bepaalde opleiding voor moeten hebben, want zeker met paspoorten wil je niet dat er gefraudeerd wordt enzovoort. Voor dat werk moet je gecertificeerd zijn. We hebben op zichzelf dus voldoende plekken voor mensen. De lange wachttijden kunnen alleen aangepakt worden door de capaciteit van de balies te verhogen. Daarvoor moeten we voldoende mensen hebben. Daar zetten we nu vol op in met extra medewerkers maar ook met langere openingstijden. Het gaat om een tijdelijke piek. Op de huidige twee locaties kan het aantal uren openstelling nog uitgebreid worden, mits we natuurlijk voldoende baliemedewerkers hebben. Die zijn wel bijna op.