CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS308420 Notulen van de raad van 4 maart 2021 dag

Gemeenteraad 15 april 2021, gemeente Den HaagBij agendapunt: Vaststelling van de Notulen van 4 maart 202156.793 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 6

Derhalve wil ik de volgende motie indienen: verzoekt het college om een commissie samen te stellen die de gemeente ondersteunt om, onder het mom van 'lead by example', meer vrouwen en meer mensen met een niet-westerse achtergrond toe te laten tot de top van alle overheidsinstellingen; en de raad hierover te informeren. De voorzitter. Door de heer Çetinkaya wordt de volgende motie (H.3 ID) ingediend:

Motie H.3 ID Meer vrouwen en meer mensen met een niet Westerse achtergrond toelaten tot de top van overheidsinstellingen. De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op donderdag 04 maart 2021, ter bespreking van voorstel van het college inzake Beleidsnota ‘Op weg naar een inclusieve samenleving' (RIS307542) Constaterende, dat: • de top van de overheidsinstellingen geen correcte weerspiegeling is van onze samenleving; • de balans man vs. vrouw en Westers vs. niet Westers in de top van onze overheidsinstellingen ongebalanceerd is; • de gemeente/overheid als voorbeeldfunctie te weinig doet om deze balans in evenwicht te brengen; Overwegende, dat: • een ongebalanceerde evenwicht man vs. vrouw en Westers vs. niet Westers de totstandkoming 34

• •

van een inclusieve samenleving in gevaar brengt; er veel talent verloren zal gaan; veel jongeren de hoop in een goede toekomst zullen verliezen;

Verzoekt het college: • om een commissie samen te stellen die de Gemeente ondersteunt om, onder het mom van "lead by example", meer vrouwen en meer mensen met een niet Westerse achtergrond toe te laten tot de top van alle overheidsinstellingen; • de raad hierover te informeren; En gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Mikal Tseggai (PvdA). Voorzitter. 'Dit soort restaurant is wel heel erg duur, hè, voor jullie soort mensen?' Of: 'Ik ben nog nooit met een zwarte vrouw naar bed geweest, dus ga je met mij mee naar huis?' Of: 'Nog zo'n allochtoon in de politiek die alleen maar voor haar eigen volk opkomt.' Het zijn allemaal opmerkingen die ik weleens naar mijn hoofd heb gekregen. Ik wil maar zeggen: racisme en discriminatie is gif in onze samenleving, dat je op ieder moment kan overkomen, in de horeca, in het onderwijs, op de arbeidsmarkt, maar vooral ook in sociale contacten tussen mensen. De vraag die mensen vaak stellen is dan ook: 'Discriminatie is toch van alle tijden? Wat kan de overheid daar nou aan doen?' Voor de PvdA is het helder. De overheid heeft wat ons betreft een voorbeeldfunctie én een voortrekkersrol als het gaat om het aanpakken van racisme en discriminatie. Já, ook wij als lokaal bestuur, juist in de stad van vrede en recht.

Want wat is ons stadsmotto van vrede en recht waard als we artikel 1 van onze Grondwet niet keihard verdedigen en uitdragen in onze stad? Sebastian Kruis (PVV). Ja, inderdaad, heel verwerpelijke opmerkingen haalt mevrouw Tseggai aan. Ik wil haar alleen wel meegeven dat zij zichzelf ook etaleert als iemand die continu haar identiteit inzet om politieke punten te maken: u als zwarte vrouw, u als dit. Als je zelf continu je eigen huidskleur erbij haalt, draagt dat dan niet bij aan een samenleving waarin huidskleur ineens ertoe doet, in welke zin dan ook? Discriminatie en racisme zijn altijd fout, maar u gebruikt ze ook, voor uw gevoel in positieve zin, maar wel gerelateerd aan uw huidskleur. Dat is volgens mij nergens voor nodig. Mikal Tseggai (PvdA). Ik heb eigenlijk niet echt de behoefte om hierop te reageren. Het enige wat ik de heer Kruis mee zou willen geven, is dat hij vooral degene is die bijdraagt aan een samenleving waarin huidskleur ertoe doet. Dus ik ga graag verder met mijn inbreng. De voorzitter. U mag door met uw betoog. Mikal Tseggai (PvdA). Voorzitter. Ik heb de nodige kritische opmerkingen gemaakt over deze nota tijdens de commissievergadering.

Ik zal er geen geheim van maken dat ik vind dat deze nota op punten concreter had gekund, want we moeten racisme en discriminatie zo gericht mogelijk aanpakken, op scholen, in onze Haagse wijken, bij sportverenigingen, in de horeca, op de woningmarkt et cetera. Er is nog meer dan genoeg te doen. Maar deze nota is een goed begin. Er wordt straks nog een aantal moties ingediend waarvan wij van harte mede-indiener zijn: de motie van de HSP over meldpunten in wijken, het amendement van de ChristenUnie over discriminerende algoritmes en de motie van NIDA over de pilot met discriminatierechercheurs. Volgens mij vormt een flink aantal moties dat straks wordt ingediend, een goede aanvulling op de nota die er nu ligt. Ik ben daarnaast blij om te lezen in de nota dat we ook met onze Haagse kinderen het gesprek aangaan over discriminatie door middel van lespakketten. Al met al denk ik dat we de goede richting opgaan met deze nota. We bevorderen het gesprek tussen individuen. De PvdA zal de uitvoering kritisch blijven volgen, zodat we ons stadsmotto, vrede en recht, met verve blijven dragen.

35

Jan Pronk (VVD). Ik herken me in delen van het betoog van collega Tseggai. Omdat zij een aantal moties aanhaalde waar zij met liefde onder staat, vroeg ik mij af of zij ook nog wat in de moties van de VVD zag, met name die om de meldingsbereidheid bij discriminatie te vergroten. Dat past volgens mij naadloos in haar verhaal. Ik zet haar met alle liefde nog even onder de motie. Ik dacht: misschien heeft ze die over het hoofd gezien. Mikal Tseggai (PvdA). Nee, ik heb die niet over het hoofd gezien. Ik ga er ook voor stemmen. Als het de heer Pronk ontzettend veel deugd doet, dan ga ik graag onder de motie staan. Sebastian Kruis (PVV). Ik hoorde mevrouw Tseggai net zeggen dat ze het belangrijk vindt dat we het gesprek aangaan in de stad. Dan vraag ik haar: als ik tijdens een debat gewoon een vraag stel over het inzetten van je identiteit om een politiek punt te maken, waarom reageert ze dan met een jij-bak en voelt ze geen behoefte om te reageren? Dus, uiteindelijk: het gesprek aangaan, ja, maar zelf het goede voorbeeld geven, mwah, nog niet echt. Kan mevrouw Tseggai misschien toch gewoon fatsoenlijk antwoord geven op mijn vraag? De voorzitter. Mevrouw Tseggai gaat over haar eigen antwoorden. Mevrouw Tseggai. Mikal Tseggai (PvdA). Nou ja, voorzitter, u zegt het zelf al. Ik ga over mijn eigen antwoorden. Ik heb daar eigenlijk verder niks aan toe te voegen. Jan Pronk (VVD).

Als we op zoek zijn naar verbinding, kan ik met het antwoord van mevrouw Tseggai een heel end komen. Ik vind de toon van het debat tot nu toe ook een stuk beter dan in de commissie. Dus volgens mij gaan we juist met elkaar ook wel de goede kant op. Dat is ook weleens goed om te onderstrepen. Ik zie ook wethouder Van Alphen instemmend lachen. Dat even als vrolijke noot op het einde. Ik heb verder geen vraag, voorzitter. Sebastian Kruis (PVV). Ik ben het wel eens met de heer Pronk. Maar toch herhaal ik mijn vraag. Als mevrouw Tseggai zegt dat we met elkaar het gesprek moeten aangaan, waarom gaat ze dan vervolgens jij-bakken naar een collega-raadslid? Ik snap dat werkelijk waar niet: je doet zelf een oproep aan de stad om dat vervolgens zelf direct niet te doen. Dat belooft nog wat voor de implementatie van deze nota. De voorzitter. Maar, meneer Kruis, dit is voor de derde keer dezelfde vraag. Dat zouden we niet meer doen. Sebastian Kruis (PVV). Ja, want ik krijg geen antwoord. De voorzitter. Nee, dat weet ik wel, maar u gaat niet over het antwoord van een ander. U gaat over uw eigen vragen. Dit was de derde keer. Mevrouw Tseggai, u krijgt voor de derde keer gelegenheid om te zeggen wat u ervan vindt. Dan is het klaar hiermee. Gaat uw gang. Mikal Tseggai (PvdA). Ik zal met de vrolijke noot van de heer Pronk verder gaan.

Ik wil best zeggen waarom ik geen antwoord wil geven op deze vraag. Dat is omdat ik zelf ga over mijn inbreng. Ik ga niet hier in de raadzaal een discussie voeren over wanneer ik wel of niet over mijn identiteit praat. Dat doe ik graag met de heer Kruis over een kop koffie, maar niet nu. We hebben het nu over de nota discriminatiebeleid. De heer Kruis zit er al klaar voor! De voorzitter. De koffie staat klaar, zie ik. Dan geef ik het woord aan de heer Mahmood. Adeel Mahmood (NIDA). Voorzitter. Dank aan de wethouder voor de beleidsnota Op weg naar een inclusieve samenleving, onze antidiscriminatienota. Het college komt in de nota met een visie langs de vier kerntaken die beschreven zijn. We zijn blij met de benadering van de wethouder op dit onderwerp. Dus complimenten voor wat er ín de nota staat, maar waar ik het vandaag over wil hebben, is over wat er níét in de nota staat. We hadden gehoopt - dat hebben we in de commissie ook laten 36

weten - op meer concrete maatregelen en acties, uitgesplitst per onderdeel. Ik begrijp dat het nog geen actieplan is, maar dat is wel wat we nodig hebben voor zo'n belangrijk onderwerp. We missen bijvoorbeeld de aandacht voor de aanpak van islamofobie en antimoslimracisme, een alsmaar groeiend probleem waar dagelijks vele Haagse burgers mee te maken hebben, op allerlei lagen, van de wieg tot aan het graf, van het onderwijs, de werkvloer en de publieke ruimte tot aan het politieke en maatschappelijke debat. De ethische grenzen verliezen steeds meer aan betekenis en islamofobie en moslimdiscriminatie zijn zo genormaliseerd dat mensen steeds verder af komen te staan van onze Grondwet en onze menselijke waardigheid. We willen naar een inclusieve samenleving. Dat kan, als we prioriteit geven aan de erkenning, registratie en aanpak van allerlei discriminatievormen. Maar als we het hebben over een gelijkwaardige aanpak, is er een inhaalslag nodig in de aanpak van racisme en islamofobie. Ik ben dan ook benieuwd wat de ambitie is van de wethouder op dit gebied. Graag een reactie. Het wordt tijd dat we nu echt een keer het verschil gaan maken en niet decennialang blijven praten over mogelijke algemene campagnes. Jan Pronk (VVD). Ik snap wat collega Mahmood zegt. Islamofobie is niet goed. Dat moet je aanpakken, zoals alle vormen van discriminatie en racisme.

Ik vroeg me wel af hoe de heer Mahmood aankijkt tegen heel radicale varianten van de islam, die ook in onze stad aanwezig zijn. Bijvoorbeeld in de As-Soennah moskee, waar vreselijke teksten worden gebezigd over vrouwen, homo's en afvalligen. Vindt hij ook dat je dat dan wel moet veroordelen? Adeel Mahmood (NIDA). Ik kan hier zeker een antwoord op geven, los van wat waar dan ook heeft gestaan en welke instelling dat doet. Discriminatie, in alle vormen, wie dat ook bezigt in de samenleving, moeten we bestrijden. Maar er moet ook wel sprake zijn van discriminatie en niet per se een mening over het zijn van discriminatie. Discriminatie is strafbaar. Dat moeten we vanuit de samenleving bestrijden, maar ook via de wet. Jan Pronk (VVD). Dank aan collega Mahmood voor het antwoord. Ik denk dat ons gevoeglijk bekend is wat voor een vreselijke teksten er over vrouwenbesnijdenis, over homoseksualiteit en over afvalligheid en de keuze om niet te geloven of anders te geloven worden gebezigd in de As-Soennah moskee. Ik kan u ook nog een feitenrelaas toesturen als u dat helpt. Dus ik zou in het bijzonder willen vragen of u daar dan ook afstand van neemt en of u straks mijn motie kunt medeondertekenen die oproept om dit soort organisaties aan te pakken. Dat lijkt me nou de verbinding waar wij volgens mij met z'n tweeën ook wel, ook soms weleens achter de schermen, al een tijdje naar zoeken.

Het is een open hand. Ik ben oprecht benieuwd naar uw reactie daarop. Adeel Mahmood (NIDA). Ik spreek heel graag met meneer Pronk hierover, maar ik kan niet oordelen over iets wat ik niet gelezen heb, dus ik kan er verder ook niet op ingaan op dit moment. Ik heb in mijn vorige antwoord al mijn statement gegeven op uw vraag. Laten we gewoon praten achter de schermen, natuurlijk over alle discriminatievormen die in onze stad hun gif spuiten. De voorzitter. De heer Mahmood zet zijn betoog voort. Adeel Mahmood (NIDA). Uit het SCP-rapport en vele andere rapporten, zoals het onderzoek van Meld Islamofobie, komt een zorgelijk beeld naar voren. Veel moslims ervaren chronische discriminatie, in veel gevallen zelfs zeven keer meer dan andere geloofsgemeenschappen. Sebastian Kruis (PVV). Ik wil de heer Pronk wel bijvallen, want ik snap niet waarom de heer Mahmood allemaal zaken ineens wil bespreken achter de schermen. Hij lijkt mevrouw Tseggai wel. De heer Pronk stelt een heel concrete vraag over een islamitische haatorganisatie als de stichting As-Soennah. Als misschien zo'n stichting bij uitstek bijdraagt aan de sfeer van islamofobie, dan geeft de heer Mahmood niet thuis, in het kader van oplossingsgericht denken of praten, hier, en plein public, in een raadsdebat.

37

Adeel Mahmood (NIDA). Ik heb net al een antwoord gegeven. Ik kan u vertellen dat ik vanuit die stichting niet heb meegekregen of heb gevoeld wat de heer Kruis hier in de schoenen van die stichting probeert te schuiven. Als er dingen zijn, dan wil ik graag feiten zien. Die ontbreken op dit moment. Sebastian Kruis (PVV). Een concreet voorbeeld is bijvoorbeeld een docent die in de As-Soennah moskee opriep tot vrouwenbesnijdenis. Die docent is veroordeeld door het Openbaar Ministerie en de rechtbank. Het stichtingsbestuur veroordeelde vervolgens die uitspraak. Dat is een concreet voorbeeld van iets wat haaks staat op de nota die nu voorligt en op de praatjes die u hier houdt. Dat is een concreet voorbeeld. Dat kennen we allemaal uit de kranten. Adeel Mahmood (NIDA). Meneer Kruis leest en hoort wat hij wil lezen en horen. Ik heb begrepen dat de stichting afstand heeft genomen van vrouwenbesnijdenis als zijnde iets islamitisch. That's it. De voorzitter. Meneer Mahmood, zet u uw betoog voort. Adeel Mahmood (NIDA). Ja, voorzitter. Dan probeer ik de motie in te dienen die ik net wilde indienen. In veel gevallen ervaren moslims zelfs zeven keer meer discriminatie dan leden van andere geloofsgemeenschappen. We willen graag een structurele aanpak van islamofobie en moslimdiscriminatie.

We dienen hiertoe de volgende motie in: verzoekt het college een voorstel te doen aan de raad voor een specifieke, structurele en integrale aanpak van moslimdiscriminatie, waaronder bewustwordingscampagnes op scholen, bij levensbeschouwelijke organisaties en in de publieke ruimte. Deze is mede-ingediend door collega Çetinkaya van Islam Democraten. In de nota komen een aantal hoofdlijnen aan bod. Het is een goede stap dat het college institutioneel racisme erkent. We hebben op het gebied van onderwijs nog een drietal moties. Leerlingen in ons land zijn bij meerdere incidenten opgeschrikt door de aanwezigheid van racistische antimoslim- en antizwart-inhoud van lesmateriaal. Schokkend natuurlijk dat kleine kinderen en scholieren hiermee te maken hebben in de klas. Dit is onacceptabel. We maken nog regelmatig mee dat er fout lesmateriaal opduikt. We dienen de volgende motie in: verzoekt het college om het onderwerp racisme en discriminatie in lesmateriaal te agenderen bij Haagse schoolbesturen middels een brief of bij een gezamenlijk overleg; om de schoolbesturen te vragen om alert te zijn op de aanwezigheid van discriminatoire en/of racistische inhoud en waar mogelijk lesmateriaal actiefdoor te lichten; en zo nodig actie te laten ondernemen door lesmateriaal/lesstof te laten herzien door schoolbesturen en uitgeverijen.

Dan hebben we een motie over uitsluiten bij stage en onderwijsdiscriminatie: verzoekt het college werkgevers of onderwijsinstellingen die zich schuldig maken aan onderwijs- en/of stagediscriminatie daar waar mogelijk uit te sluiten van gemeentelijke opdrachten en/of subsidies; hierbij ook naming and shaming toe te passen op deze werkgevers of onderwijsinstellingen. Tot slot een motie voor het verbreden van de antidiscriminatievoorziening Den Haag Meldt. We lezen dat het college al bezig is met de verbreding en hier ook extra middelen voor inzet. Onderadvisering is een bekend fenomeen. Het is bekend dat het college hier plannen voor maakt. Het lijkt ons een goed plan om een meld- en/of informatiepunt onderwijsdiscriminatie in te richten bij Den Haag Meldt. We krijgen regelmatig en recent nog signalen van ouders, met het verzoek om hulp en advies. Ze weten nog steeds niet waar ze terecht kunnen voor meer informatie of een melding. Ik dien hiervoor de volgende motie in: verzoekt het college bij Den Haag Meldt een meld- en/of informatiepunt onderwijsdiscriminatie in te richten met specifieke aandacht voor onderadvisering, waar Haagse burgers terechtkunnen met hun vragen, klachten en/of meldingen; en om een publiciteitscampagne rondom het meld- en informatiepunt te beginnen.

Ik heb nog drie moties: over meer aandacht voor grensoverschrijdend gedrag van de politie, over een pilot discriminatierechercheurs en over het verhogen van de aangiftebereidheid. Als we discriminatie serieus nemen en niet tolereren, dan geldt dat voor iedereen, zo ook zeker voor onze gewaardeerde politieagenten, die onze rechtsstaat dienen te beschermen. De Nederlandse Politiebond heeft meerdere malen gesteld dat er weinig aandacht is voor agenten die afglijden richting een etnisch profilerende houding. De verhalen zijn duidelijk en uitgebreid aan bod geweest. Ik hoef hier de woorden niet te herhalen. Er zijn signalen van diverse betrokkenen binnen de politie dat klachten over discriminatie, moslimhaat, seksuele intimidatie en ander grensoverschrijdend gedrag in de eigen 38

organisatie, stelselmatig worden genegeerd. Klokkenluiders worden weggepest, weggejaagd of ontslagen. De rotte appels moeten aangepakt worden. Vanzelfsprekend waarderen wij alle goede inzet van onze politie, maar feit is dat het vertrouwen vanuit de samenleving in de politie schade oploopt, als agenten die zich schuldig hebben gemaakt aan racisme en discriminatie niet worden vervolgd, en discriminatie niet de nodige aandacht krijgt. We dienen de volgende motie in: verzoekt het college om te zorgen voor meer aandacht binnen de politie voor grensoverschrijdend gedrag; en samen met de politieleiding ervoor te zorgen dat bij sprake van grensoverschrijdend en/of discriminerend gedrag binnen de politie desnoods tijdig overgegaan wordt tot schorsing of ontslag. Het is ook belangrijk om de aangiftebereidheid te verhogen. Ik merk dat meerdere partijen hier vandaag aandacht voor vragen. We zijn blij dat de gemeente de meldingsbereidheid wil verhogen, maar wij zien ook graag dat de aangiftebereidheid wordt verhoogd.

We dienen hiervoor de volgende motie in: verzoekt het college om bij de acties die worden ingezet door de gemeente en Den Haag Meldt om de meldingsbereidheid van racisme en discriminatie te vergroten, ook nadrukkelijk aandacht te hebben voor het vergroten van de aangiftebereidheid en waar mogelijk het vervolgen van de daders; in de campagnes ook de expliciete boodschap door te geven dat racisme en discriminatie strafbaar zijn. Tot slot. De politie komt met een pilot voor de inzet van gespecialiseerde rechercheurs bij discriminatie. De Tweede Kamer heeft het kabinet hierom gevraagd. Er is € 7 mln. beschikbaar voor de komende vijf jaar. We zien graag dat Den Haag de mogelijkheden verkent om zich hierbij aan te sluiten en dienen de volgende motie in: verzoekt het college om de mogelijkheden te verkennen om aan te sluiten bij de pilot discriminatierechercheurs; hierover in overleg te treden met de driehoek en de landelijke politieleiding. De motie dien ik mede in met collega Tseggai van de PvdA. Dan kom ik richting de afsluiting met de laatste twee moties. We zien graag meer resultaten van Den Haag Inclusief en dienen hiervoor de volgende motie in: verzoekt het college te onderzoeken welke resultaten Den Haag Inclusief tot nu toe heeft gehaald en hoe de aanpak in verhouding staat met de landelijke aanpak. Tot slot een motie over online racisme.

Online racisme is een bekend fenomeen. In mijn observatie loopt de aanpak van online racisme achter en worden de schadelijke effecten ervan onderschat. Natuurlijk begrijpen wij ook dat het niet zo eenvoudig is, maar meer dan nu is zeker wel mogelijk. We dienen de volgende motie in: verzoekt het college te inventariseren op welke wijze de aanpak van online racisme geïntensiveerd kan worden; en in de campagnes tegen racisme en discriminatie ook specifieke aandacht te hebben voor meer bewustzijn over en de bestrijding van online discriminatie. De voorzitter. Door de heer Mahmood worden de volgende moties (H.4 NIDA, H.5 NIDA, H.6 NIDA, H.7 NIDA, H.8 NIDA, H.9 NIDA, H.10 NIDA, H.11 NIDA en H.12 NIDA) ingediend:

Motie H.4 NIDA Aanpak online racisme De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 4 maart 2021 ter bespreking van het Voorstel van het college inzake Beleidsnota ‘Op weg naar een inclusieve samenleving’ (RIS307542). Constaterende, dat: • online discriminatie een wijdverbreid fenomeen is; • online discriminatie net als offline discriminatie schadelijke gevolgen kan hebben. Overwegende, dat: • het aantal meldingen over online discriminatie zorgelijk is, terwijl veelal geen melding wordt gedaan; • de schadelijke effecten van racistische uitingen op sociale media vaak worden onderschat, door zowel jong als oud; • racistische uitingen op sociale media zowel in de openbaarheid als in besloten groepen plaatsvinden.

39

Verzoekt het college: • te inventariseren op welke wijze de aanpak van online racisme geïntensiveerd kan worden; • in de campagnes tegen racisme en discriminatie ook specifieke aandacht te hebben voor meer bewustzijn over en de bestrijding van online discriminatie. • de raad hierover te informeren. En gaat over tot de orde van de dag.

Motie H.5 NIDA Pilot discriminatierechercheurs De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 4 maart 2021 ter bespreking van het Voorstel van het college inzake Beleidsnota ‘Op weg naar een inclusieve samenleving’ (RIS307542). Constaterende, dat: • de Tweede Kamer het kabinet heeft gevraagd om de mogelijkheden te onderzoeken voor de inzet van gespecialiseerde rechercheurs bij discriminatie; • de Minister van Veiligheid en Justitie op 5 november 2020 heeft aangekondigd dat de politie in 2021 een pilot zal starten, waarbij in nauw overleg met het OM zal worden onderzocht welke meerwaarde het kan hebben bij het verbeteren van de aanpak van discriminatie waaronder het herkennen van commune delicten met een discriminatieaspect, zogenaamde ‘CODIS-feiten’; • voor deze pilot in totaal zeven miljoen euro beschikbaar is gestel voor de komende vijfjaar. Verzoekt het college: • om de mogelijkheden te verkennen om aan te sluiten bij de pilot discriminatierechercheurs; • hierover in overleg te treden met de driehoek en de landelijke politieleiding; • de raad hierover te informeren. En gaat over tot de orde van de dag.

Motie H.6 NIDA Integrale aanpak Islamofobie en moslimdiscriminatie. De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 4 maart 2021 ter bespreking van het Voorstel van het college inzake Beleidsnota ‘Op weg naar een inclusieve samenleving’ (RIS307542). Constaterende, dat: • verschillende rapporten zorgelijke trends laten zien over moslimdiscriminatie zoals: o toename ernst van de incidenten; o zorgen over normalisering van moslimdiscriminatie; • uit het SCP Rapport (Ervaren discriminatie in Nederland II)(1) blijkt dat moslims niet alleen aanzienlijk meer discriminatie ervaren dan andere geloofsgemeenschappen en nietgelovigen, maar dat de discriminatie zich ook vaker strekt bij meerdere terreinen en dus vaker als chronisch wordt ervaren (wel 7X meer dan bijv, de groep christenen en nietgelovigen); • meld Islamofobie in haar onderzoek ‘Alledaagse islamofobie in Nederland’(2) uitgebreid ingaat op de verschillende vormen van moslimdiscriminatie en incidenten inzichtelijk maakt; • respondenten in het onderzoek van Meld Islamofobie aangeven dat zij moslimdiscriminatie en/of moslimhaat niet alleen ervaren via de politieke en maatschappelijke discoursen, maar ook online, op straat, in winkels, in het openbaar vervoer, op de werkvloer en op de arbeidsmarkt. “Met andere woorden: islamofobie is zo alledaags geworden”. 40

Overwegende, dat: • grondrechten als gelijke behandeling, vrijheid van meningsuiting, en vrijheid van godsdienst en levensovertuiging, voor iedereen gelden in Nederland; • een meer specifieke, structurele en integrale aanpak van islamofobie en moslimdiscriminatie in de stad ontbreekt en noodzakelijk is om moslimdiscriminatie aan te pakken. Van mening, dat: • het wenselijk is om gebruik te maken van externe expertise van organisaties als Meld Islamofobie over dit onderwerp. Verzoekt het college: • een voorstel te doen aan de raad voor een specifieke, structurele en integrale aanpak van moslimdiscriminatie waaronder bewustwordingscampagnes op scholen, bij levensbeschouwelijke organisaties en in de publieke ruimte. En gaat over tot de orde van de dag. (1) https://www.scp.nl/publicaties/publicaties/2020/Q4/02/ervaren-discriminatie-in-nederland-ii (2) https://www.meldislamofobie.org/rapport-alledaagse-islamofobie-in-nederland/

Motie H.7 NIDA Meer aandacht bij politie voor grensoverschrijdend/discriminerend gedrag De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 4 maart 2021 ter bespreking van het Voorstel van het college inzake Beleidsnota ‘Op weg naar een inclusieve samenleving’ (RIS307542). Constaterende, dat: • de Nederlandse Politiebond meerdere malen heeft gesteld dat er weinig aandacht is voor agenten die (onbewust) afglijden richting een etnisch profilerende houding; • eerder in Den Haag en onlangs in Rotterdam bleek dat agenten zich in onderlinge WhatsApp- groepen racistisch hebben uitgelaten; • er signalen zijn van diverse betrokkenen binnen de politie dat klachten over discriminatie, moslimhaat, seksuele intimidatie en ander grensoverschrijdend gedrag in de eigen organisatie stelselmatig worden genegeerd. Overwegende, dat: • racisme in het politiekorps onacceptabel is en keihard bestreden dient te worden; • voor een echte omslag een excuus en aantekening niet voldoende is maar structurele hervormingen, glasheldere grenzen en keiharde sancties nodig zijn; • het vertrouwen vanuit de samenleving in de politie schade oploopt als agenten die zich schuldig hebben gemaakt aan racisme en discriminatie niet worden vervolgd.

Verzoekt het college: • om te zorgen voor meer aandacht binnen de politie voor grensoverschrijdend en/of discriminerend gedrag van agenten • samen met de politieleiding ervoor te zorgen, dat bij sprake van grensoverschrijdend en/of discriminerend gedrag binnen de politie desnoods tijdig overgegaan wordt op schorsing of ontslag; • de raad hierover te informeren.

41

En gaat over tot de orde van de dag. Motie H.8 NIDA Meld- en informatiepunt ‘Onderwijsdiscriminatie inrichten bij Den Haag Meldt. De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 4 maart 2021 ter bespreking van het Voorstel van het college inzake Beleidsnota ‘Op weg naar een inclusieve samenleving’ (RIS307542). Overwegende, dat: • uit SEO-onderzoek van 2018 blijkt dat de kans op een schooladvies dat minimaal één niveau hoger is dan het toetsadvies, in Den Haag twee keer zo hoog is voor leerlingen met hoogopgeleide ouders dan voor leerlingen met laagopgeleide ouders; • bijstellingen als aandeel van heroverwegingen in Den Haag erg hoog is; • het schooladvies sinds 2014-2015 vaker lager dan de CET-score dan daarvoor is; • het college de verwachting deelt, dat vooral leerlingen met een migratieachtergrond en/of van wie de ouders geen HBO- of WO-opleiding en/of geen hoog inkomen hebben, een hoger advies zijn misgelopen; • elk kind recht heeft op gelijke kansen in het onderwijs; • in Den Haag alles gedaan moet worden om onderwijsdiscriminatie, onderwijssegregatie, en kansenongelijkheid tegen te gaan; • veel ouders niet op de hoogte zijn welke stappen zij kunnen ondernemen en/of waar zij terecht kunnen voor informatie voor het melden van en advies over de onderadvisering van hun kind.

Verzoekt het college: • bij Den Haag Meldt een meld- en/of informatiepunt ‘onderwijsdiscriminatie’ in te richten met specifieke aandacht voor onderadvisering waar Haagse burgers (in het bijzonder ouders) terecht kunnen met hun vragen, klachten en/of meldingen; • een publiciteitscampagne rondom het meld- en informatiepunt te beginnen. En gaat over tot de orde van de dag. Motie H.9 NIDA Doorlichting onderwijsprogramma’s Haagse scholen op racistische inhoud De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 4 maart 2021 ter bespreking van het Voorstel van het college inzake Beleidsnota ‘Op weg naar een inclusieve samenleving’ (RIS307542). Constaterende, dat: • leerlingen (en andere burgers) in ons land bij meerdere incidenten zijn opgeschrikt door de aanwezigheid van anti-moslims en antizwart racistische inhoud in lesmateriaal. Overwegende, dat: • bij de eerdere incidenten bleek dat zowel docenten als schoolbesturen niet voldoende sensitief waren voor de aanwezigheid van discriminerende of racistische inhoud in lesmateriaal en pas geschokt hebben gereageerd na ophef hierover.

Van mening, dat: • het onacceptabel is dat anti-moslim en anti-zwart racistische inhoud (en natuurlijk alle andere vormen van discriminerende of racistische inhoud) voorkomt in lesmateriaal en dat er een doorlichting nodig is van de onderwijsprogramma’s en gebruikte lesstof; • we (jonge) kinderen in bescherming dienen te nemen door te voorkomen dat zij (bewust of onbewust) bloot worden gesteld aan racistische of discriminerende inhoud.

42

Verzoekt het college: • om het onderwerp racisme en discriminatie in lesmateriaal te agenderen bij Haagse schoolbesturen middels een brief of bij een gezamenlijk overleg; • de schoolbesturen te vragen om (in samenwerking met het onderwijsveld en uitgeverijen) alert te zijn voor de aanwezigheid van discriminatoire en/of racistische inhoud in lesmateriaal en waar mogelijk lesmateriaal actief door te lichten; • en zo nodig actie te laten ondernemen door lesmateriaal/lesstof te laten herzien door schoolbesturen en uitgeverijen; • de raad hierover te informeren. En gaat over tot de orde van de dag.

Motie H.10 NIDA Resultaten van Den Haag Inclusief De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 4 maart 2021 ter bespreking van het Voorstel van het college inzake Beleidsnota ‘Op weg naar een inclusieve samenleving’ (RIS307542). Constaterende, dat: • arbeidsmarktdiscriminatie nog steeds een groot probleem is in Den Haag; • arbeidsmarktdiscriminatie één van de meest voorkomende terreinen van discriminatie is; • dat bedrijven wettelijk verplicht zijn om beleid te voeren op het bevorderen van gelijke kansen bij werving en selectie. Overwegende, dat: • Den Haag Inclusief handvatten ontwikkelt voor een inclusieve arbeidsmarkt en good practices deelt met Haagse bedrijven en organisaties; • het college het werkgeversnetwerk Den Haag Inclusief zal continueren; • het onduidelijk is hoe de aanpak van Den Haag Inclusief aansluit op landelijke aanpak van arbeidsmarktdiscriminatie. Verzoekt het college: • te onderzoeken welke resultaten Den Haag Inclusief tot nu toe heeft gehaald en hoe de aanpak in verhouding staat met de landelijke aanpak; • de raad hierover te informeren. En gaat over tot de orde van de dag.

Motie H.11 NIDA Uitsluiten bij stage- en onderwijsdiscriminatie De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 4 maart 2021 ter bespreking van het Voorstel van het college inzake Beleidsnota ‘Op weg naar een inclusieve samenleving’ (RIS307542). Overwegende, dat: • elk kind recht heeft op gelijke kansen in het onderwijs; • in Den Haag alles gedaan moet worden om onderwijsdiscriminatie, onderwijssegregatie, en kansenongelijkheid tegen te gaan. Verzoekt het college: • werkgevers of onderwijsinstellingen die zich schuldig maken aan onderwijs- en of stagediscriminatie daar waar mogelijk uit te sluiten van gemeentelijke opdrachten en/of subsidies; • hierbij ook naming and shaming toe te passen op deze werkgevers of onderwijsinstellingen die 43

zich schuldig maken aan onderwijs- en of stagediscriminatie. En gaat over tot de orde van de dag.

Motie H.12 NIDA Verhogen aangiftebereidheid racisme en discriminatie De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 4 maart 2021 ter bespreking van het Voorstel van het college inzake Beleidsnota ‘Op weg naar een inclusieve samenleving’ (RIS307542). Constaterende, dat: • Hagenezen en Hagenaren terecht kunnen bij anti-discriminatievoorziening Den Haag Meldt om melding te maken van racisme en discriminatie; • het college de meldingsbereidheid wil vergroten door meer en betere voorlichting; • Den Haag Meldt de wijken in zal gaan om trainingen te geven zodat de meldingsbereidheid vergroot wordt. Overwegende, dat: • het naast de signalerende functie van meldingen ook belangrijk is om de aangiftebereidheid te vergroten; • veel burgers onvoldoende op de hoogte zijn van de effecten van een aangifte en/of de strafbaarheid van racisme en discriminatie; • dat er geen opsporing en/of vervolging plaats kan vinden zonder aangifte; • een afschrikkende werking (aangifte, vervolging en veroordeling) kan bijdragen aan minder racistische en discriminatoire uitingen en het gebrek hiervan juist het tegenovergestelde effect kan hebben.

Verzoekt het college: • bij de acties die worden ingezet door de gemeente en Den Haag Meldt om de meldingsbereidheid van racisme en discriminatie te vergroten ook nadrukkelijk aandacht te hebben voor het vergroten van de aangiftebereidheid en waar mogelijk het vervolgen van de daders; • in de campagnes ook de expliciete boodschap door te geven dat racisme en discriminatie strafbaar zijn; • de raad hierover te informeren. En gaat over tot de orde van de dag. De moties maken onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Fatima Faïd (HSP). Voorzitter. Ik heb het in de commissie Samenleving op 18 februari al gezegd en ik zeg het nog een keer: de antidiscriminatienota is wat ons betreft uiterst teleurstellend. Er staan niet genoeg concrete acties in die direct gaan leiden tot de vermindering en de uiteindelijke verdwijning van racisme en discriminatie. Deze nota is zo nietszeggend, dat ons besluit of we er wel of niet mee instemmen afhankelijk is van verschillende moties die worden ingediend door onszelf en door collegaraadsleden, zoals die van de ChristenUnie, NIDA en de Partij van de Arbeid, om er een paar te noemen. We gaan het de slachtoffers van discriminatie niet aandoen dat we instemmen met een nota die gebaseerd is op oud landelijk beleid en passieve ontmoediging.

We hebben zelf de volgende vier moties om de nota te verscherpen en een impuls te geven die tot directe en concrete verandering leidt. Motie één, Concrete Haagse aanpak etnisch profileren door de Haagse Politie, met het dictum: roept het college op direct de inwoners van Den Haag te beschermen tegen etnisch profileren door de Haagse politie; om opnieuw rond de tafel te zitten met expertiseorganisaties, zoals Black Lives Matter Den Haag, Controle Alt Delete, Meldpunt Islamofobie en Den Haag Meldt, om op zeer korte termijn 44

gezamenlijk concrete acties te ontwikkelen op gemeentelijk niveau om etnisch profileren door de politie binnen de stad aan te pakken; waarbij een code of conduct voor de omgang tussen de Haagse politie en burgers leidend is. Deze motie is medeondertekend door NIDA. Motie twee, Aanpak discriminatie arbeids- en stagemarkt, met het dictum: roept het college op dat hbo- en mbo-scholen samen met Den Haag Meldt actief gaan bijhouden hoe vaak stagediscriminatie voorkomt en welke ondernemers in de Haagse regio zich hieraan schuldig maken; de gemeente en de verschillende onderwijsinstellingen het goede voorbeeld moeten gaan geven en niet meer samenwerken met dienstverleners, bemiddelaars en/of andere ondernemers die zich schuldig maken aan discriminatie; om vanuit de gemeente naast de reguliere stageplekken extra stageplekken te realiseren met in eerste instantie een quota voor studenten uit gemarginaliseerde groepen die door discriminatie niet aan een stageplek kunnen komen. Motie Meldpunten in de wijk, met het dictum: roept het college op om in de verschillende wijken laagdrempelige spreekuren/meldpunten op te zetten; en de raad hierover te informeren. Mevrouw Tseggai van de Partij van de Arbeid tekent hier mee.

Motie vier, Gezamenlijke campagne aangifte tegen discriminatie, met het dictum: roept het college op om gezamenlijk met de Haagse politie een campagne op te richten op het doen van aangifte op grond van racisme en discriminatie; en de raad hierover te informeren. De voorzitter. Door mevrouw Faïd worden de volgende moties (H.20 HSP en H.22 HSP) ingediend:

Motie H.20 HSP Aanpak discriminatie arbeid- en stagemarkt De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 4 maart 2021, ter bespreking van beleidsnota 'Op weg naar een inclusieve samenleving'. Constaterende, dat: • het college samen met Den Haag Meldt in gesprek wilt met met het mbo en het hbo over stagediscriminatie en hoe zij elkaar beter kunnen ondersteunen bij de aanpak daarvan; • het college vanuit hun voorbeeldfunctie twee stageplaatsen bij de beleidsonderdelen inclusie en antidiscriminatie willen realiseren. Van oordeel, dat: • de aanpak van stage discriminatie een hardnekkig probleem is; • er voldoende onderzoek is verricht naar de negatieve gevolgen van discriminatie op de arbeids- en stagemarkt voor jonge mensen; • na jaren van dialogen voeren met verschillende branche organisatie, wat nog steeds belangrijk is, het nu wel tijd is voor een extra push naar verandering.

Roept het college op: • dat hbo en mbo scholen samen met Den Haag Meldt actief gaan bijhouden hoe vaak stagediscriminatie voorkomt en welke ondernemers in de Haagse regio zich hieraan schuldig maken; • de gemeente en de verschillende onderwijsinstellingen het goede voorbeeld moet gaan geven en niet meer samenwerken met dienstverleners, bemiddelaars en andere ondernemers die zich schuldig maken aan discriminatie; • om vanuit de gemeente naast de reguliere stageplekken, extra stageplekken te realiseren met in eerste instantie een quota voor studenten uit gemarginaliseerde groepen die door discriminatie niet aan een stageplek kunnen komen; • de raad hierover op jaarlijkse basis te informeren. En gaat over tot de orde van de dag.

45

Motie H.22 HSP Gezamenlijke campagne aangifte tegen discriminatie De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 4 maart 2020, ter bespreking van beleidsnota 'Op weg naar een inclusieve samenleving'. Overwegende, dat: • er veel te weinig aangiftes worden gedaan bij de politie over discriminatie; • door het doen van aangifte ook actie kan worden ondernomen tegen een misdrijf. Constaterende, dat: • binnen een beleidsnota ‘Op weg naar een inclusieve samenleving' geen aandacht is besteed aan het doen van aangifte bij de politie. Roept het college op: • om gezamenlijk met de Haagse politie een campagne te gericht op het doen van aangifte op grond van discriminatie; • en de raad hierover te informeren. En gaat over tot de orde van de dag. De voorzitter. Door mevrouw Faïd, daartoe gesteund door de heer Mahmooed, wordt de volgende motie (H.24 HSP) ingediend:

Motie H.24 HSP Concrete Haagse aanpak etnisch profileren door Haagse politie De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 4 maart 2020, ter bespreking van beleidsnota 'Op weg naar een inclusieve samenleving'. Constaterende, dat: • de ‘Handelingskader Proactief Controleren (2017)’ en ‘De Kracht van het Verschil (2015)’ geen nieuwe initiatieven zijn en daardoor dus geen aanvulling zijn op een nieuw Antidiscriminatiebeleid voor Den Haag; • het college geen specifiek Haagse acties gaat ondernemen om etnisch profileren onder de Haagse politie aan te pakken, buiten ‘wijkagenten stimuleren om mee te doen aan antidiscriminatie projecten in de wijken’. Van oordeel, dat: • het ‘stimuleren’ van deelname aan antidiscriminatie projecten als enige gemeentelijke initiatief zeer teleurstellend en onvoldoende is; • de gemeente een significante rol moet spelen in het herstellen van het vertrouwen van de burgers in de Haagse Politie.

Roept het college op: • direct de inwoner van Den Haag te beschermen van etnisch profileren door de Haagse politie; • om (opnieuw) rond de tafel te zitten met expertise organisaties zoals BLM Den Haag, Controle Alt Delete, meldpunt Islamofobie en Den Haag Meldt; om op zeer kort termijn gezamenlijk concrete acties te ontwikkelen op gemeentelijk niveau om etnisch profileren door de politie binnen de stad aan te pakken; • waarbij een code of conduct voor de omgang tussen de Haagse politie en burgers leidend is; • en de raad hierover te informeren. 46

En gaat over tot de orde van de dag. De voorzitter. Door mevrouw Faïd, daartoe gesteund mevrouw Tseggai, wordt de volgende motie (H.21 HSP) ingediend:

Motie H.21 HSP Meldpunten in de wijk De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 4 maart 2021 ter bespreking van beleidsnota 'Op weg naar een inclusieve samenleving'. Constaterende, dat: • Den Haag Meldt een belangrijke plek heeft in de nota, maar niet heel veel bekendheid heeft of toegankelijk is bij de doelgroep; • bekendheid belangrijk is om de meldingsbereidheid te vergroten. Roept het college op: • om in de verschillende wijken laagdrempelige spreekuren/meldpunten op te zetten; • en de raad hierover te informeren. En gaat over tot de orde van de dag. De moties maken onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Birgül Özmen (D66). Voorzitter. Dank aan de wethouder voor de nota op dit belangrijke onderwerp. Mijn fractiegenoot Marije Mostert noemde het al eerder in de commissie: sinds de uitbraak van corona is er een toename van discriminatie. De urgentie is dus hoog. Helaas is een inclusieve samenleving nog steeds geen werkelijkheid. D66 vindt het goed dat er onderzoek is gedaan naar discriminatie op de woningmarkt en dat hiervoor mysteryguests zijn ingezet. We weten dat dit ook werkt bij het uitgaan en in de taxibranche. Mijn fractie is ook blij met de toezegging van de wethouder dat de inzet van mysteryguests wordt gecontinueerd en uitgebreid.

Zoals in de commissie ter sprake kwam, heeft het college in 2018, op voorzet van D66, toegezegd initiatieven van scholen waarbij contacten en uitwisselingen tussen verschillende buurten centraal staan, ruimhartig te ondersteunen. De wethouder stelde dat momenteel alleen het project De Muren hebben Oren loopt, maar dat er meer initiatieven volgen. Wat D66 betreft kunnen deze niet snel genoeg starten. Graag een reactie van de wethouder wanneer we hier meer over kunnen horen. Uitwisseling en ontmoeting alleen zijn natuurlijk niet genoeg om discriminatie aan te pakken. Het is goed dat meer mensen Den Haag Meldt weten te vinden, maar de meldingsbereidheid moet verder omhoog. Als de meldingen vervolgens serieus worden aangepakt, maak je echt een vuist tegen discriminatie. Er zijn een aantal moties ingediend door collega's op dit punt, die mijn fractie erg sympathiek vindt. Ik ben benieuwd naar de reactie van de wethouder hierop.

Sebastian Kruis (PVV). Ik heb een vraag aan mevrouw Özmen. Ze zegt dat het aantal meldingen omhoog moet, maar we zagen de afgelopen jaren dat het aantal meldingen is toegenomen. Die moeten worden onderzocht. Maar waarom moet het aantal meldingen omhoog? Uit het feit dat er meer meldingen zijn binnengekomen, blijkt toch al dat mensen het meldpunt prima weten te vinden? Het lijkt wel alsof u meldingen van discriminatie een doel op zich vindt, in plaats van gewoon eens te kijken naar welke meldingen er liggen en wat we daaraan kunnen doen eventueel. Birgül Özmen (D66). Volgens mij zijn er ook diverse signalen en onderzoeken waaruit blijkt dat soms, bijvoorbeeld in het geval van vrouwen, die bereidheid er niet is. Collega Van der Werf heeft 47

hier ook schriftelijke vragen over gesteld. Ik denk dat het alleen maar goed is dat we kijken naar mogelijkheden om die bereidheid toe te laten nemen. Ik snap het punt van de heer Kruis niet. De voorzitter. Meneer Kruis, niet? Oké, mevrouw Özmen zet haar betoog voort. Birgül Özmen (D66). Voorzitter. Tot slot zijn we benieuwd naar de effectiviteit van de aanpak die de wethouder voorstelt. Op welke termijn en hoe gaat de wethouder ons rapporteren over de voortgang hierop? Nino Davituliani (Hart voor Den Haag/Groep de Mos). Fijn dat D66 discriminatie wil aanpakken, want discriminatie moet te allen tijde worden aangepakt. Maar ik hoor D66 echt alleen maar over één vorm van discriminatie. Ik heb het idee dat D66 niet zo goed begrijpt dat er ook andere vormen van discriminatie bestaan binnen andere groepen in onze samenleving. Kan mevrouw Özmen hierop ingaan? Birgül Özmen (D66). Ik snap niet wat mevrouw Davituliani bedoelt. Mijn fractie zet zich in voor bestrijding van discriminatie tegen alle groepen. We hebben dat in het verleden gedaan voor de aanpak van homofobie en gelijkheid van mannen en vrouwen. Ik snap dus niet wat uw punt is. Nino Davituliani (Hart voor Den Haag/Groep de Mos). Mijn punt is dat D66 ons voorschotelt dat discriminatie echt alleen een fenomeen is voor een blanke man. Laatst zag ik een tweetje voorbijkomen met een verkiezingsslogan van D66.

Daarin stond dat elke Nederlander met een migratieachtergrond zich dag in, dag uit gediscrimineerd voelt. Kan mevrouw Özmen uitleggen waarom D66 zichzelf als spreekbuis presenteert voor alle mensen met een migratieachtergrond? Ik ben ook benieuwd of mevrouw Özmen, als iemand met een migratieachtergrond, zichzelf ook dagelijks gediscrimineerd voelt in deze stad. Birgül Özmen (D66). Mevrouw Davituliani stelt een aantal verschillende vragen tegelijk. U zei iets over mijn achtergrond. U mag weten: ik zet mij dag in, dag uit in voor de bestrijding van discriminatie. Gelukkig heb ik zelf geen dingen meegemaakt, maar dat betekent niet dat mensen die een andere achtergrond hebben, niet dag in, dag gediscrimineerd worden. Ik hoop dat Groep de Mos aan onze zijde staat om hiertegen te strijden en om mensen die gediscrimineerd worden, te beschermen. Sebastian Kruis (PVV). Zo'n tweet van D66 die zegt dat iedereen met een migratieachtergrond ermee te maken heeft, draagt bij aan … Ten eerste is het onzin. Het is echt onzin. Mevrouw Özmen is al een voorbeeld. Ik ben een voorbeeld. Mevrouw Davituliani is een voorbeeld. Waarom dan toch zulke polariserende tweets de wereld in helpen? Het lijkt wel alsof hier een soort conflict wordt gecreëerd dat er niet is, voor electoraal gewin. Birgül Özmen (D66). Ik hoorde geen vraag van de heer Kruis. Nino Davituliani (Hart voor Den Haag/Groep de Mos).

Los van dat mevrouw Özmen geen antwoord geeft op mijn vraag waarom D66 voor een hele groep mensen met een migratieachtergrond spreekt, terwijl dat eigenlijk niet zou moeten, want iedereen ervaart het gewoon anders, krijg ik geen antwoord op mijn vraag waarom D66 zich niet druk maakt om discriminatie binnen andere groepen in onze samenleving, bijvoorbeeld tussen verschillende groepen onderling. Kunt u daarop ingaan? Birgül Özmen (D66). Mevrouw Davituliani beschuldigt ons ervan een spreekbuis te zijn van bepaalde groepen. We zetten ons in voor de hele stad. We streven naar een inclusieve samenleving. Collega Marije Mostert heeft zich eerder bijvoorbeeld ook ingezet voor de aanpak van discriminatie in Duindorp. De aanpak is niet makkelijk. We hebben nog een lange weg te gaan daarin. Ik hoop dat we ook Groep de Mos aan onze zijde hebben om alle vormen van discriminatie aan te pakken. De voorzitter. Meneer Kruis, laatste keer, gaat uw gang. 48

Sebastian Kruis (PVV). Ik wil mevrouw Özmen toch nog een keer aanspreken op het verhaal dat iedereen met een migratieachtergrond ermee te maken zou hebben. Ik stel vast, en daar vraag ik mevrouw Özmen op te reageren, dat ze mensen tegen elkaar opzet, mensen zonder migratieachtergrond tegen mensen met een migratieachtergrond. Zij zegt namelijk dat mensen met een migratieachtergrond dagelijks lijden onder racisme en discriminatie van mensen zonder een migratieachtergrond. Dus waarom zet zij mensen tegen elkaar op? Is dat voor politiek gewin? Of zit daar een andere agenda achter? Birgül Özmen (D66). Ik heb zo'n uitspraak niet gedaan. Ik hoop dat de PVV aan onze zijde staat om al die vormen van discriminatie aan te pakken. De voorzitter. Mevrouw Davituliani, laatste keer. Nino Davituliani (Hart voor Den Haag/Groep de Mos). Ik constateer dat mevrouw Özmen doet alsof zij niet begrijpt waar ik het over heb. Ik zal een voorbeeld geven. Als een Marokkaans meisje zonder hoofddoek verliefd wordt op een Antilliaanse jongen, dan - laat ik vooropstellen dat niet iedereen van Marokkaanse afkomst zich daar schuldig aan maakt - is een jongen van Marokkaanse afkomst eerder geneigd om te zeggen dat dat meisje een negerhoer is dan een jongen met een Nederlandse achtergrond.

Ik vind het heel erg kwalijk dat er ook door uw partij met één maat wordt gemeten en dat er niet wordt gekeken naar alle vormen van discriminatie en discriminatie tussen verschillende groepen. Dat u er zo laconiek over doet, alsof dat niet bestaat en alsof discriminatie alleen een probleem van de witte man is, vind ik echt buitengewoon schandalig. De voorzitter. Interrupties zijn kort hè, meestal. Mevrouw Özmen, ten slotte. Birgül Özmen (D66). Ik zou mevrouw Davituliani willen verzoeken om op te houden met deze onzin. Als ze mij een beetje kent, weet ze dat ik me ook inzet om discriminatie binnen andere groepen tegen te gaan. Ik heb zelf een Koerdische afkomst en ik heb me er meerdere malen over uitgelaten dat er tussen de Turkse en Koerdische gemeenschappen spanningen zijn die niet terecht zijn. Ik hoop dus dat mevrouw Davituliani kan ophouden met deze beschuldigingen en dat we ons samen ervoor inzetten om onze stad inclusiever te maken. De voorzitter. Meneer Kruis, dank u wel, nu even niet. We hebben nu zes keer geïnterrumpeerd. Nee, nu niet meer. Het is nu mooi geweest. Mevrouw Özmen was aan het eind van haar betoog. Dan ga ik naar de heer Partiman van het CDA. Kavish Partiman (CDA). Voorzitter. Zoals ik al in de commissievergadering zei: racisme is een groot kwaad en moet uitgeroeid worden. Discriminatie doet pijn. We moeten het aanpakken.

De inzet van het college om verschillende vormen van discriminatie te lijf te gaan, is goed. Het is van belang over discriminatie na te denken vanuit de Haagse samenleving. Discriminatie verzwakt die samenleving, doordat het inhakt op de sociale cohesie, onze verbondenheid en het er voor elkaar zijn. Discriminatie op het werk bijvoorbeeld grijpt diep in op je welbevinden in de Haagse samenleving. Tegelijkertijd is het van belang de al bestaande gemeenschappen te leren waarderen. We mogen best trots zijn op het feit dat we onderdeel zijn van de Haagse samenleving en van een bepaalde traditie, cultuur en geschiedenis. We vragen nieuwkomers zich hieraan aan te passen en zich hiervoor in te spannen. Normen en waarden zijn ook bij het tegengaan van discriminatie sleutelbegrippen. Het gedeelde in de nota over de politie heeft dan ook echt de verkeerde insteek. Er wordt gesteld dat de Black Lives Matter-demonstraties hebben laten zien dat etnisch profileren en discriminatie een probleem zijn binnen de politie. Dit is naar mijn mening het negatief afschilderen van een heel korps en zeer onterecht. De politie staat elke dag in de frontlinie, juist om op te komen voor de veiligheid van alle inwoners van Den Haag. Rotte appels zijn er overal, maar we moeten zaken niet met elkaar verwarren. Black Lives Matter kwam uit Amerika en had betrekking op de misstanden daar.

Het is ronduit kwalijk om deze situatie op de Nederlandse politie te plakken en de suggestie te

49

doen dat verzet tegen de politie oké is vanwege het wanbeleid van onze politie. Dat is precies de omgekeerde wereld en gewoon onjuist. Fatima Faïd (HSP). Ik zit met verbazing te luisteren naar meneer Partiman. Is het aan hem helemaal voorbijgegaan dat er eigenlijk best wel veel rotte appels zijn en dat misschien het mandje nu toch wel echt een beetje aan het bederven is? Er zijn heel veel onderzoeken en publicaties over het feit dat er sowieso etnisch wordt geprofileerd en dat er ook best wel veel geweld gebruikt wordt tegen mensen van kleur, met name jongeren van kleur. Wat is daarop uw visie? Kavish Partiman (CDA). De politie heeft zelf ook erkend dat er rotte appels zijn binnen het korps en dat daaraan gewerkt wordt. Het is ook heel erg belangrijk dat daar aandacht voor is, maar ik vind het niet kunnen dat we een heel korps, al onze mensen in uniform, wegzetten op deze manier, want er is een hele grote groep die zich helemaal niet schuldig maakt aan dit soort taferelen. Het is dan ook niet terecht dat we op deze manier met deze mensen omgaan, mensen die voor ons soms hun leven op het spel zetten om de veiligheid te garanderen. Ik vind dat zeer onterecht. De voorzitter. Mevrouw Faïd, tweede keer. Fatima Faïd (HSP). Ik weet niet zo goed waarop meneer Partiman steeds baseert dat het gaat over het hele korps.

Meneer Partiman is toch gewoon wel met mij eens dat als je problemen agendeert, je het dan meestal niet per se hebt over individuele agenten, maar dat je het hebt over een systeem, in dit geval een systeem van institutioneel racisme. Wat vindt u daar eigenlijk van? U vernauwt het een beetje tot een soort - sorry dat ik het zeg - kinderlijk verhaaltje: boe, boe, boe, alle politieagenten doen hun best. Ja, dat is zo. Er zijn heel veel agenten die heel hard werken. Maar dat is het punt niet. Dus hoe kijkt u eigenlijk aan tegen het systeem van institutioneel racisme bij de politie? Kavish Partiman (CDA). Allereerst wil ik dat 'kinderlijke' verre van me werpen. Ik vind het heel erg denigrerend naar het politiekorps toe dat mevrouw Faïd op deze manier over ze praat. En over het systeem van institutioneel racisme: ja, er zijn rotte appels in het korps. Dat erkennen zij zelf ook. Maar ik vind niet dat we het hele korps van institutioneel racisme kunnen beschuldigen op deze manier. Dat is iets waar het CDA zich ver van wil distantiëren. De voorzitter. Mevrouw Faïd, dit is de derde keer, hè? U heeft vast een nieuw licht. Fatima Faïd (HSP).

Ja, voorzitter, ik hoop altijd dat ik een nieuw licht heb! Ik begrijp dat meneer Partiman vindt dat institutioneel … Laat ik het zo zeggen: wat is volgens de heer Partiman en het CDA institutioneel racisme? Wat is de mening van het CDA over institutioneel racisme? Kavish Partiman (CDA). Als ergens institutioneel racisme plaatsvindt, moet dat aangepakt worden. Dat is de mening van het CDA. Alleen is het CDA niet de mening toegedaan dat er institutioneel racisme plaatsvindt binnen het politiekorps Den Haag. Sebastian Kruis (PVV). Is de heer Partiman het met mij eens dat het beter zou zijn om te praten over individueel racisme, incidenten, incidenteel racisme, in plaats van over institutioneel racisme? Dan kan je veel beter recht doen aan racisme op zichzelf en dat oplossen in plaats van dat je hele groepen op basis van incidenten over één kam scheert en daarmee ook heel veel mensen onterecht in het beklaagdenbankje zet. Kavish Partiman (CDA). Uiteraard ben ik het met de heer Kruis eens dat we niet hele groepen weg moeten zetten. Daarom moet er gewoon gesproken worden over racisme. Als ergens racisme voorkomt, moet dat worden tegengegaan. Als dat institutioneel blijkt te zijn, nadat er gedegen onderzoek naar is gedaan, dan moet daar ook wat tegen gebeuren. We kunnen niet zomaar dingen roepen en hele groepen wegzetten op die manier. Dat ben ik met de heer Kruis eens.

De voorzitter. De heer Partiman zet zijn betoog voort. 50

Kavish Partiman (CDA). Voorzitter. Ik was bij het indienen van mijn amendement. Om deze zinsnede uit de nota te schrappen een amendement van het CDA, medeondertekend door de VVD, met als dictum: besluit om dictum 1 vast te stellen met dien verstande dat in de beleidsnota de eerste zin na de paragraaftitel 'Politie' geschrapt wordt. In de nota staan daarnaast ook een aantal gedenkdagen genoemd die verband houden met het tegengaan van discriminatie. Ik weet dat dit geen uitputtende opsomming is, maar in de ogen van het CDA en ook die van de medeondertekenaar Groep de Mos, mevrouw Roopram in dezen, zou het passend zijn om op die plek ook aandacht te besteden aan de dag van de Hindoestaanse Immigratie. Daarom een amendement van het CDA met als titel Gedenk ook 5 juni, de dag van de Hindoestaanse Immigratie. Daarvan luidt het dictum: besluit om dictum 1 vast te stellen met dien verstande dat in de beleidsnota aan de laatste zin van de paragraaf '1. Bewustmaking, erkenning, herkenning en stimuleren van de dialoog' in het hoofdstuk dat heet 'De vier kerntaken nader uitgewerkt', de volgende zinsnede wordt toegevoegd: '5 juni, de dag van de Hindoestaanse Immigratie'. Ter afsluiting. In deze nota wordt er erg vanuit de overheid gedacht.

Uiteraard ligt er een taak voor de gemeente om discriminatie aan te pakken, maar in de ogen van het CDA zou ook een onderwerp als discriminatie aanpakken beter lukken als meer vanuit de al bestaande Haagse samenleving gedacht wordt, vooral als er meer op de kracht van het gemeenschapsdenken en het zelfcorrigerend vermogen van de Haagse samenleving vertrouwd wordt. Wat mij betreft dus meer aandacht voor normen en waarden en de verantwoordelijkheid van elke inwoner van Den Haag om bij te dragen aan een hechte en pluriforme Haagse samenleving. Fatima Faïd (HSP). Ik vraag me af waarom het CDA specifiek kiest voor de hindoestaanse gemeenschap. Er is ook een Chinese, Javaanse, joodse gemeenschap. Er zijn natuurlijk heel veel verschillende gemeenschappen. Waarom kiest u voor één groep, en gelinkt aan herdenkingen van andere? Kavish Partiman (CDA). Er is onlangs ook gesproken over de herdenking van het slavernijverleden. Dat is onderdeel van de koloniale geschiedenis van Den Haag. Daar ben ik ook groot voorstander van. Uiteraard weten we ook dat een groot deel van de Haagse Surinamers in Den Haag van hindoestaanse komaf zijn. Ook de immigratie is een heel belangrijke bladzijde in de koloniale geschiedenis van Nederland, waarvan ook Den Haag deel is geweest. Vandaar dat ik dit belangrijk vond om eraan toe te voegen. Fatima Faïd (HSP). Dat geldt dan natuurlijk ook voor andere groepen.

Den Haag heeft ook een heel grote Indische gemeenschap. Dat hoort ook bij het koloniaal verleden van Den Haag. Waarom betrekt u dat er eigenlijk allemaal niet bij en richt u zich specifiek op één groep? U haalt het slavernijverleden erbij, maar dat is natuurlijk echt een heel ander verhaal dan wat u nu suggereert. De voorzitter. Oké, laatste keer op dit punt, meneer Partiman. Kavish Partiman (CDA). Om te zeggen dat het slavernijverleden een heel ander verhaal is, daar ben ik het niet mee eens. Ik heb heel wat geleerd over de koloniale geschiedenis. Als u dat een beetje kent, dan weet u dat in het land waar ik ben geboren, heel veel is misgegaan in het slavernijverleden. Aansluitend op het slavernijverleden hebben we Brits-Indische contractanten gehaald, die onder dezelfde erbarmelijke omstandigheden als de slaven daarnaartoe zijn gehaald en die in dezelfde slavenbarakken hebben gewoond en dezelfde behandeling hebben gekregen. Wat mij betreft was dit gewoon een verkapte vorm van slavernij. Daarnaast kijk ik naar deze nota. Het is iets wat in de hele stad speelt. Een groot deel van onze stad is van Surinaams-hindoestaanse komaf. Het zou dan ook mooi zijn, als we dan stilstaan bij enkele gedenkdagen, om deze groep daar ook bij te betrekken. Sebastian Kruis (PVV). Ik heb een vraag aan meneer Partiman.

Vindt u het ook vreemd dat mevrouw Faïd u aanvalt op uw voorstel om iets te doen voor één bepaalde groep, terwijl mevrouw Faïd ongeveer wakker wordt met hokjesdenken en groepsdenken? Is dat niet merkwaardig?

51

Kavish Partiman (CDA). Wat mevrouw Faïd vindt en denkt, is aan haar. De voorzitter. Zo is het. Sorry dat ik dat zei. Door de heer Partiman, daartoe ondersteund door de heer Pronk, wordt het volgende amendement (H.A CDA) voorgesteld:

Amendement H.A CDA Steun voor ons politiekorps, dat dagelijks de waarden van onze rechtsstaat verdedigd De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 4 maart 2021, ter bespreking van het voorstel van het college inzake Beleidsnota ‘Op weg naar een inclusieve samenleving’.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9987496/4