CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS308209 Notulen van de raad van 11 februari 2021-dagvergadering

Gemeenteraad 25 maart 2021, gemeente Den HaagBij agendapunt: Vaststelling van de Notulen van 21 januari 2021 en 11 februari 202162.153 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 7

Door de heer Wijsmuller, daartoe gesteund door mevrouw Arp, de heer Smit en de heer Grinwis, wordt de volgende motie (I.4 HSP) ingediend:

Motie I.4 HSP Operatie Strijkstok De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 11 februari 2021 ter bespreking van het Voorstel van het college inzake Inzet reservering Eneco-middelen voor duurzame mobiliteit (RIS307106). 48

Constaterende dat • De kosten in verband met voorbereiding, administratie en toezicht (VAT) en de benodigde personele capaciteit zijn geraamd op 20% per onderdeel van het bestedingsvoorstel voor duurzame mobiliteit; • Het totaal aandeel VAT-kosten in het bestedingsvoorstel voor duurzame mobiliteit neerkomt op 59,36 miljoen euro. Overwegende dat • Bij de bestedingsvoorstellen voor duurzaamheid en energietransitie, voor extra impuls sociale woningbouw en starterswoningen, voor ICT en voor verhogen kwaliteit gebiedsontwikkeling en sociale woningbouw eveneens substantiële bedragen worden aangewend ter dekking van apparaatskosten; • De opbrengsten van de verkoop van Eneco-aandelen primair zoveel mogelijk ten goede moeten komen aan de stad voor duurzame verbeteringen. Verzoekt het college • Per bestedingsvoorstel in beeld te brengen hoeveel van alle Eneco-opbrengsten voor Den Haag nu zijn geraamd voor de gemeentelijke organisatie en ter dekking van VAT-kosten en andere apparaatslasten; • Te onderzoeken hoe de geraamde kosten voor het gemeentelijk apparaat kunnen worden gereduceerd zodat er geld kan worden vrijgespeeld voor de stad en met voorstellen te komen voor concrete duurzame bestedingen. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Janneke Holman (PvdA). Voorzitter.

Ik kan me ook aansluiten bij de inbreng van de SP en van de ChristenUnie/SGP, want vervoersarmoede is een reëel probleem. Dat gaat niet alleen over de tarieven van tram- en buskaartjes, maar bijvoorbeeld ook over hoeveel potentiële banen je kunt bereiken vanaf je huis of hoe ver je moet reizen naar belangrijke voorzieningen, vrienden of familie. Daarom zijn vooral investeringen in sneller en beter ov naar Zuidwest keihard nodig. Dat was ook de kern van mijn inbreng in de commissievergadering. De kaders van het Rijk, die vooral zorgen voor investeringen in het ov wanneer dat zorgt voor minder files op de snelweg, staan ons hierbij in de weg, maar daar mogen wij ons niet te veel door laten leiden. Nu we eenmalig een keer wat meer te besteden hebben, moeten we juist kiezen voor de tramverbindingen in onze stad. Daarom steunen wij van harte de motie van de SP met de titel 'Den Haag Zuidwest verdient beter'. Adeel Mahmood (NIDA). Voorzitter. Ik ga het kort houden. Er is al veel gezegd en ik heb in de commissie al laten weten dat we blij zijn met de wijze waarop het geld nu al wordt bestemd.

Het is goed dat er wordt ingezet op duurzame mobiliteit en wordt gekeken naar de uitdagingen voor de toekomst, maar met de besteding van de Eneco-middelen van de Haagse burgers zouden wij meer hebben gedaan voor de huidige bewoners die ook een duurzame oplossing willen hebben voor de problemen die zij dagelijks ervaren. Ik ben van mening dat er straks flink geïnvesteerd moet worden, als we een duurzame en veilige oplossing willen voor onder andere de problemen bij de vijf-, zes- en zevensprong. Alleen moet het wel kunnen. We hadden graag dat niet al het geld bestemd zou worden, maar een deel van het geld daarvoor gereserveerd zou worden. Met het nu al uitgeven van alle gelden maken wij toekomstige investeringen voor de huidige problemen van de burgers lastiger. Zo ook de uitdagingen voor Zuidwest en vervoersarmoede. Wij steunen de inbreng en de motie van de SP over Zuidwest. Natuurlijk spreken we later in het jaar over de voorgestelde plannen voor de vijf-, zes- en zevensprong, maar we zien ook graag een eerlijke kans voor de ondertunneling van de Vaillantlaan. We moeten keuzes die wat geld kosten niet nu al bemoeilijken. Wat NIDA betreft blijft het geld voor mobiliteit gedeeltelijk gereserveerd. Wij kunnen niet voor het huidige voorstel stemmen. 49

Wethouder Van Asten (D66). Voorzitter. Dit is toch wel even een momentje om bij stil te staan: zo'n enorm groot bedrag waarvoor u vandaag de contouren vastlegt voordat de daadwerkelijke raadsvoorstellen u zullen gaan bereiken. Sommige hebben dat al gedaan. Kijk bijvoorbeeld naar het no-regretpakket Binckhorst of de fiets. In ieder geval gaat het om een kleine € 300 mln. We hebben een multiplier berekend vanwege de andere overheden, zoals de MRDH, het Rijk, de provincie en hopelijk ook nog Europa. Dat zit er nog niet in, maar we gaan daar natuurlijk wel heel hard achteraan om ervoor te zorgen dat we zo veel mogelijk geld daadwerkelijk in het duurzame vervoerssysteem van Den Haag kunnen investeren. Dat doen we natuurlijk maar om één reden, namelijk om in die steeds drukker wordende stad de veiligheid en de leefbaarheid te verbeteren. Natuurlijk zorgen we ervoor dat daarmee ook de economische ontwikkeling van de stad en de economische mogelijkheden van iedere Hagenaar worden vergroot. Dat is volgens mij de opdracht die wij hier als gemeentebestuur samen hebben en die hiermee een stap dichterbij wordt gebracht. Ik ga de moties en de opmerkingen langs.

De SP noemde het net zoals in de commissie ook al is gewisseld: we hebben nu een groot bedrag dat naar de Koningscorridor gaat om de Binckhorst te kunnen ontsluiten, maar daarmee hebben we nog te weinig perspectief op de Zuidwestcorridor. Daar hebben we uitgebreid over gesproken. We hebben benadrukt dat het echt de intentie is van het bestuur en van onze lobby om ervoor te zorgen dat zo veel mogelijk geld die kant opgaat, om ervoor te zorgen dat we daar in eerste instantie de lijnen gaan versnellen, maar ook dat we uiteindelijk toekomen aan verlenging van de tramtunnel om een substantiële verandering in de vervoermogelijkheden van die wijken mogelijk te maken. Een groot deel van onze Hagenaars woont daar, dus het is zeer belangrijk. De motie van de SP die daartoe oproept, vinden wij dan ook zeer ondersteunend en uitdagend om er verder mee aan de slag te gaan. Die leggen wij dan ook graag met een positief advies aan u voor. Wat de manier van financiering van het Rijk betreft, had de heer Grinwis een uitstekend punt te pakken. Ik bewaar het nummer van de heer Grinwis goed in mijn telefoon. Ik verwacht dat hij na 17 maart de overstap maakt. Ik hoop dat u een goede kamer krijgt waarin u lekkere koffie zet, meneer Grinwis, en natuurlijk dat u deze portefeuille heeft. Succes, zeg ik alvast richting uw campagne.

De heer De Vuyst noemde dat de verduurzaming van mobiliteit niet stopt bij het aanleggen van een fietspad of een tramlijn. We hebben ook een grote opgave in het verduurzamen van het wagenpark. Dat gaat gelukkig de goede kant op, maar het verdient ook nog wat investeringen. Samen met collega Van Tongeren werk ik daar hard aan. Er zal ook vanuit het programma mobiliteit de ruimte zijn om daar de juiste investeringen voor te doen. Ook dat is een hele belangrijke ontwikkeling en die moeten we daar als gemeente ondersteunen. De toezegging die ik u in de commissie deed, herhaal ik hierbij nogmaals. Dan Groep de Mos. We hadden net al dat debat bij Straten, wegen en lanen. U vond het te onevenwichtig: de auto wordt achtergesteld. Ik kan nog wel het lijstje noemen met alle projecten die we ook voor de automobilist uitvoeren. Dat is groot: van de Rotterdamsebaan, de A4 poorten en inprikkers tot aan de aanpassing van de N211, de ongelijkvloerse kruising Erasmusweg/Wippolderlaan. Het Hildebrandplein komt binnenkort uw kant op en ook de Noordwestelijke Hoofdroute. Kortom, er wordt echt substantieel geïnvesteerd in het bereikbaar maken voor elke modaliteit in deze stad.

De groei van het autoverkeer dwingt ons ook tot het aanbieden van die alternatieven, zodat mensen die daadwerkelijk de auto nodig hebben om zich te verplaatsen, van de loodgieter tot de persoon die wat slechter ter been is, in een normale tijd door de stad heen kunnen gaan. Dat vindt dit college, ikzelf ook, erg belangrijk. Ik zie die verdeling dus zeker wel. We hebben het nu over een verdeling van nog geen € 300 mln. Als we die afzetten tegen de Rotterdamsebaan als onderdeel van het € 1,3 mld. kostende project A4 poorten en inprikkers, denk ik dat de verhouding misschien wel een beetje zoek is. Want ik hoorde u ook net zeggen dat u graag die tunnel tot aan de Leyweg zou willen leggen voor de metro. Dat zal meer dan € 1 mld. kosten, dus eigenlijk moeten we samen op zoek gaan naar dat miljard. Ik hoop dat we daarin samen kunnen werken, meneer Meinesz. Dat is ook belangrijk voor Zuidwest. Even kijken. Ik moet wel de moties erbij houden. Dan moet ik weer naar mijn tweede scherm gaan. Ik mis toch het samen vergaderen in de raadzaal, moet ik u zeggen. Dan is het toch altijd wat makkelijker. Uw betoog was gericht op de motie die u daarbij indiende om uit te gaan van een realistische verdeling naar rato per modaliteit. Mijn betoog is dat die verdeling al ligt zoals die ligt en op dit 50

moment nog behoorlijk in het voordeel van de auto is. Ik wil daar geen waardeoordeel aan hechten, maar dit bedrag gaat naar duurzame mobiliteit, de mobiliteitstransitie zoals die in het coalitieakkoord van het vorige en dit college is opgenomen. Wij ontraden deze motie. De VVD. Mevrouw Regts herkennen we inmiddels goed op haar punt dat straten leger moeten om de leefbaarheid te vergroten. Dat is natuurlijk een mooi streven en dat delen wij ook. U roept, gesteund door de heer Partiman van het CDA, het college op: als het niet kan uit deze middelen voor de investeringen in duurzame mobiliteit, waar u achter staat, dan moeten we echt op zoek gaan naar andere middelen om te kijken of het mogelijk is om ondergrondse of inpandige parkeergelegenheden te ontwikkelen. Ik ga graag met de motie aan de slag om ervoor te zorgen dat we daar een stap op zetten. Wij kunnen de motie omarmen. D66 noemde nogmaals Europa: kijk naar meer fondsen zodat we ook de Zuidwestlijn zo snel mogelijk kunnen aanleggen. Dat ondersteunen wij natuurlijk. Ik was net al even ingegaan op de goede beschouwing van de ChristenUnie over hoe het Rijk op dit moment met de regels bezig is, maar we zijn ook in overleg om die te veranderen. Het CDA had complimenten voor het ambtelijk team dat hierachter zit. Het is altijd fijn voor ze om dat te horen.

Ik zie ook verder geknik, dus die gaan rechtstreeks door naar de ambtenaren, die nu ook niet op het Spui zitten maar thuis. Zij hebben er hard aan gewerkt. U vroeg wat we kunnen verwachten en vooral wanneer. Volgens mij heb ik in een eerder debat al toegezegd om per halfjaar een update te geven waar we staan met de schaalsprong ov en dergelijke. In die halfjaarlijkse rapportages kunt u lezen en zien hoe snel dat traject gaat. Dat zal ongetwijfeld niet snel genoeg zijn naar al onze wensen, maar er wordt heel hard aan gewerkt. De Stadspartij begon eerst - een beetje the good old Stadspartij - weer over de Rotterdamsebaan en het veranderen van de functie van die Rotterdamsebaan. Wat dat precies voor Zuidwest doet, durf ik zo niet te zeggen, maar volgens mij moeten we dat maar even vasthouden. Want als we die variant ook moeten onderzoeken, dan weet ik één ding zeker, en dat is dat de VATkosten dan flink worden verhoogd. U schudt 'nee', maar op het moment dat er meer onderzoek moet worden gedaan, wordt dat verhoogd. Dat kan het waard zijn, maar nu hij nog niet voor het publiek geopend is, wil ik eerst eens even zien wat dat voor gevolgen heeft. Lesley Arp (SP). Daaronder lag natuurlijk de vraag of we überhaupt een variantstudie gaan krijgen voor de Koningscorridor. Daar was ik nog wel even benieuwd naar. Wethouder Van Asten (D66).

We zijn druk bezig met de … Met de Koningscorridor? Sorry, ik dacht aan de Leyenburgcorridor. Ik zag u in beeld komen en ik dacht 'Leyenburgcorridor'. Binnenkort komen we met de nota van beantwoording op de MER-rapportage naar buiten. Dat doen wij gezamenlijk met de gemeente Voorburg-Leidschendam. Dat zal allebei op 3 maart in het college liggen. Daarin geven we aan welke varianten en dergelijke onderzocht worden. Ik ga daar heel graag met u over in discussie, maar we moeten heel even wachten totdat die erdoor is zodat beide gemeenteraden op hetzelfde moment worden geïnformeerd. Als ik mij niet vergis, heeft u de uitnodiging gekregen voor een bijeenkomst op 10 maart voor alle drie de gemeenteraden - Rijswijk, Voorburg-Leidschendam en Den Haag - om hierover op hetzelfde moment dezelfde informatie te krijgen. We hebben gemerkt dat daar grote behoefte aan is. Die informatie willen wij graag delen. Ik ga weer even terug naar de motie van de Stadspartij over de strijkstok. Toen ik de titel zag, had ik een beetje hetzelfde gevoel als mevrouw Van Doorn verwoordde, maar u lichtte het daarna toe. We zullen het maar overdrachtelijk zien en niet negatief. Zo bedoelde u het volgens mij ook niet. Dit is een motie in de categorie 'overbodig' tot 'ontraden'. Wij zijn natuurlijk altijd druk bezig om ervoor te zorgen dat onze organisatie zo scherp mogelijk werkt.

U weet ook dat de Dienst Stedelijke Ontwikkeling een hele klein groep mensen is met een schil daaromheen van mensen die projecten doen. Dat ligt nou eenmaal simpelweg aan de financiering waarop DSO draait vanuit projecten. Dat betekent dat we niet een heel stadhuis vol hebben met mensen die we continu in dienst hebben, maar dat we geregeld kennis van buiten moeten opdoen. We zijn er heel scherp om die kosten zo laag mogelijk te houden. Die zitten altijd ongeveer tussen de 18% en 22%, of het nu gaat over Straten, wegen en lanen, over instroom nieuwe trams of over dit. We willen absoluut heel scherp aan de wind zeilen als het gaat over elke aanbesteding, elk project dat we gaan doen. Maar u zegt ook dat er zo veel mogelijk van het Eneco-geld naar de projecten toe moet. Dat is absoluut waar, maar van die VAT51

kosten betalen we natuurlijk ook de ingenieur, de verkeerskundige, de communicatie, de participatie, et cetera. Dat zijn natuurlijk allemaal bedragen zonder welke een project nooit zal kunnen slagen. Dat geld is nu eenmaal nodig om een project erdoorheen te brengen. Als we bij elk project precies op de komma gaan uitrekenen wat de VAT-kosten dan precies zijn geweest en waaruit die zijn ontstaan, dan zal dat de kosten alleen maar omhoog brengen. Dat levert niets op. We zullen dat zo transparant mogelijk doen, zeg ik u uiteraard toe, maar deze motie gaat daar wel wat te ver in. De Partij van de Arbeid had ook harde ondersteuning voor Zuidwest en de motie die de SP daarover indiende. Die delen we en de motie is omarmd. Dan NIDA. De heer Mahmood had hetzelfde pleidooi als in de commissie. Daar wil ik niks aan afdoen. Hij zegt dat de toekomstige investeringen lastiger worden. U heeft gezien aan Straten, wegen en lanen dat we altijd geld hebben in het meerjarig investeringsplan. Als we de plannen kunnen maken voor de vijf-, zes- en zevensprong, zal ook dat in het meerjarig investeringsplan terecht kunnen komen. Het MIP, zeg ik tegen mevrouw Holman. Die weet dat de verklaring van het woord MIP nog een leuk filmpje waard is. Daar is echt ook geld buiten Eneco voor te vinden. De ondertunneling van de Vaillantlaan.

Op basis van de onderzoeken die u ook heeft kunnen lezen, denk ik niet dat dat de oplossing is. Ik hoop echt dat u voor deze plannen kunt stemmen, omdat die een goede start zijn voor de mensen in Zuidwest, voor de nieuwkomers in de Binckhorst en voor eigenlijk alle plannen die we hiermee willen realiseren. Ik zou u bijna willen uitnodigen: steunt u deze plannen, dan werken we samen hard door aan de plannen die ook u op een andere wijze weer belangrijk vindt. De voorzitter. Ik constateer dat er geen behoefte is aan een tweede termijn. De beraadslaging wordt gesloten. De vergadering wordt enkele ogenblikken geschorst.

Aan de orde is: J. Voorstel van het college inzake Verklaring van geen bedenkingen (Wabo) ten aanzien van aanvragen om omgevingsvergunning voor bouwplannen project 'Parelmoer' deel 1 en deel 2 (RIS307359). De beraadslaging wordt geopend. Robert Barker (PvdD). Voorzitter. Steeds meer worden we geconfronteerd met bouwplannen die afwijken van onze gemeentelijke uitgangspunten, hier weer met het verdwijnen van groen en sociale woningen. Hier verdwijnen duizenden vierkante meters aan groen. Op het moment dat het plan in definitieve vorm bij de raad ligt, hebben we eigenlijk maar twee keuzes: wel of niet instemmen. Volgens mij is het wenselijk om bij dit soort plannen met zulke grote gevolgen eerder te kunnen bijsturen en eerder geïnformeerd te worden. Vandaar een motie met het volgende dictum: verzoekt het college de raad op een vroeg moment te informeren over bouwplannen waar het aantal vierkante meter groen afneemt opdat de raad zich hierover kan uitspreken. De voorzitter. Door de heer Barker, daartoe gesteund door de heer Bos, wordt de volgende motie (J.1 PvdD) ingediend:

Motie J.1 PvdD Ruimte voor groen in de stad? De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 11 februari 2020, ter bespreking van Voorstel van het college inzake Verklaring van geen bedenkingen (Wabo) ten aanzien van aanvragen om omgevingsvergunning voor bouwplannen project 'Parelmoer' deel 1 en deel 2.

52

Constaterende, dat: • het uitgangspunt van de Agenda Ruimte voor de Stad is dat vergroenen en verdichten in samenhang plaatsvindt. Overwegende, dat: • er met voorliggend plan in de buurt van station Moerwijk juist wordt ontdicht met de bouw van eengezinswoningen. • de verstening met dit bouwplan met 2748 m2 toeneemt; • er derhalve niet invulling wordt gegeven aan de uitgangspunten de Agenda Ruimte voor de Stad; • de raad plannen vaak op een laat moment ziet wanneer er weinig ruimte voor aanpassing lijkt te zijn. Verzoekt het college: • de raad op een vroeg moment te informeren over bouwplannen waar het aantal vierkante meter groen afneemt opdat de raad zich hierover kan uitspreken.

En gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Mariëlle Vavier (GroenLinks). Voorzitter. Allereerst alle waardering voor collega Barker, die onvermoeibaar alle verklaringen van geen bedenkingen agendeert en er groene moties op formuleert. Maar ik moet eerlijk zeggen dat ik de motie zoals hij die net heeft ingediend wat al te gortig vind, want het zou betekenen dat er een gigantische bak bureaucratie op de raad afkomt. Niettemin deelt GroenLinks de zorgen over het verdwijnend groen in de stad. We hebben natuurlijk een enorme woningbouwopgave. We hebben daarover in het coalitieakkoord afgesproken dat we gaan verdichten en vergroenen, en het groen dat we hebben goed beschermen. Ik zou in ieder geval van het college willen weten op welke manier deze afspraak wordt verzilverd, hoe de balans tussen vergroenen en verdichten wordt georganiseerd en of het de raad daarover zou willen informeren. Robert Barker (PvdD). Mijn collega van GroenLinks gaf aan dat de motie te ver gaat. Waarom gaat die te ver? Vindt mevrouw Vavier niet dat het verstandig was geweest als we eerder hadden geweten dat zoveel groen ging verdwijnen? Vindt zij niet dat het op een laat moment langskomt, zodat we niet de keuze hebben om het af te wijzen of dat die keuze heel veel gevolgen heeft? Mariëlle Vavier (GroenLinks).

Ik denk dat de consequentie … Maar goed, dat weet het college natuurlijk een stuk beter, want ze hebben dit onderzocht. De wethouder gaat daar zo meer over zeggen, denk ik. Ik ga ervan uit dat, als we alle bouwplannen waar een of twee vierkante meter groen verdwijnt langs moeten krijgen om er iets van te vinden, we dan niet meer toekomen aan onze agenda. Ik heb veel liever dat het college een aantal normen ontwikkelt en laat zien op welke manier de balans tussen verdichten en vergroenen goed vormgegeven kan worden en dat wij daar dan aan kunnen toetsen, dat daar misschien ook verklaringen van geen bedenkingen aan worden getoetst. Ik heb veel liever dat wij met elkaar dit soort kaders kunnen vaststellen en dat het college dat allemaal goed uitvoert. Robert Barker (PvdD). Hier verdwijnen duizenden vierkante meters aan groen; het zijn er niet maar een paar. Zouden dit niet juist plannen zijn waarbij je eerder wordt geïnformeerd over het groen? We zitten nu met een plan waarbij we grootschalig gaan ontgroenen, wat in strijd is met het coalitieakkoord en met de Agenda Ruimte voor de Stad, waarin staat dat we gaan vergroenen. Vindt mevrouw Vavier het niet gek dat we als raad pas op dit moment kunnen besluiten om het af te wijzen of niet? Gegeven haar inbreng denk ik dat GroenLinks nu de keuze gaat maken om in te stemmen.

53

Maar zouden we niet eerder die keuze moeten krijgen, zodat eerder kan worden bijgestuurd op het verdwijnen van die duizenden vierkante meters aan groen? Mariëlle Vavier (GroenLinks). GroenLinks is eerder voor goede normen voor de balans tussen verdichten en vergroenen dan voor het schieten met een kanon op een mug. Lesley Arp (SP). Voorzitter. Ik kan het heel kort houden. In een eerder raadsdebat heeft mijn fractie al haar ongenoegen geuit over het feit dat dit plan een afname betekent van het aantal sociale huurwoningen. Die wordt bij lange na niet gecompenseerd met het bouwplan bij de nabijgelegen Twickelstraat. Daarom zijn wij tegen dit plan. De voorzitter. Eigenlijk gaan we nu naar de beantwoording van het college, maar de heer Barker geeft aan dat hij zijn motie nog wil aanpassen. Wilt u dat doen vóór de beantwoording? Robert Barker (PvdD). Voorzitter. Ik zou niet graag de indruk willen wekken dat de motie ziet op één vierkante meter groen of zo. Het gaat mijns inziens om significante veranderingen. Daarom zou ik het woord 'significant' willen toevoegen. Het gaat over bouwplannen waar het aantal vierkante meter groen significant afneemt opdat de raad zich hierover kan uitspreken. Dat is mijn aanpassing. De voorzitter.

Motie J.1 PvdD is in die zin gewijzigd dat het dictum thans luidt: verzoekt de raad op een vroeg moment te informeren over bouwplannen waar het aantal vierkante meter groen significant afneemt opdat de raad zich hierover kan uitspreken. Wethouder Balster (PvdA). Voorzitter. De heer Barker heeft zich ook in de commissie bezorgd geuit over de groenkwaliteit. In het ontwikkelgebied neemt het aantal vierkante meters af. In Moerwijk-Oost wordt gewerkt aan een plan voor de openbare ruimte en zal de balans positief zijn. Er komt ook echt een kwaliteitsimpuls voor het gebied waar deze ontwikkeling plaatsvindt. Het college hecht zeer aan de groenkwaliteit. Ik kan me dan ook vinden in de inbreng van mevrouw Vavier, die aandacht vraagt voor de groenkwaliteit in relatie tot de verdichtingsopgave. Ik ben daar met collega Bredemeijer heel druk doende mee. Het college moet de motie van de Partij voor de Dieren ontraden. Die zal een hoop bureaucratie geven. We proberen u al in een zo vroeg mogelijk stadium te informeren. Dat blijven we zo goed mogelijk doen. U weet dat er daarbij een onderscheid is tussen ontwikkelingen die op gemeentegrond plaatsvinden, waarbij we u bedienen met een nota van uitgangspunten, en particuliere ontwikkelingen die u soms pas langs de Wabotrajecten bereiken.

Daarbij kunnen we vaak niet eerder zijn dan wanneer u bijvoorbeeld over de verklaring van geen bedenkingen spreekt. Wij proberen u zo vroegtijdig mogelijk en ook zo precies mogelijk te informeren, maar de motie zoals door de heer Barker ingediend kunnen wij niet uitvoeren en moeten wij dus ontraden. Robert Barker (PvdD). De wethouder suggereert dat de raad op tijd en op een vroeg moment wordt geïnformeerd, maar dat is natuurlijk niet zo. In de commissie gaf de wethouder aan dat dit plan eigenlijk niet meer kan worden aangepast en dat de gemeente al heel lang in onderhandeling is over dit plan. Dan is het moment van de verklaring van geen bedenkingen niet het eerste moment waarop de raad kan worden geïnformeerd. Waarom kan de raad niet voor dat moment worden geïnformeerd, zodat we niet dan pas ja of nee moeten zeggen tegen het verdwijnen van duizenden vierkante meters aan groen? Wethouder Balster (PvdA). Zoals aangegeven proberen we de raad zo vroeg mogelijk te informeren. U weet ook dat we gaandeweg, naarmate de plannen concreter worden, vaak meer kunnen zeggen over de effecten voor het groen. Dan gaat het over het aantal vierkante meters, maar ook over de kwaliteitsimpuls. Zeker in dit gebied en ook in Moerwijk-Oost gaan we ongelofelijk hard aan de slag om de kwaliteit in algemene zin te verbeteren.

Dat zal leiden tot een positieve bomenbalans, tot een positieve waterbalans en ook tot meer vierkante meters groen. We proberen u zo tijdig mogelijk mee te nemen in de ontwikkelingen. U krijgt straks voor dit gebied een raadsvoorstel dat ik samen met

54

collega Bredemeijer zal opstellen, zodat we de groenkwaliteit in dit gebied op orde houden en, sterker nog, verbeteren. Robert Barker (PvdD). Waarom heeft de wethouder in dit geval de raad niet eerder geïnformeerd? In de commissie betoogde hij dat het allang is besproken, dat er al zo veel commitment is gegeven aan het college en dat het moeilijk is om nog iets te veranderen. Nu zegt hij: we informeren de raad altijd op tijd en we kunnen de raad echt niet eerder informeren. Het is toch niet een verschil tussen geen groen verliezen en opeens duizenden vierkante meters aan groen verliezen? Dan kan de wethouder de raad toch informeren voor de procedure van de verklaring van geen bedenkingen, wanneer alles al in onderhandeling? Waarom kiest de wethouder daar niet voor? Wethouder Balster (PvdA). Wij informeren de raad op het moment dat plannen concreet zijn en ook de afweging tussen verdichting en vergroening zo goed mogelijk is gemaakt. Dan presenteren we dat totale plan aan u, zodat u dat kunt beoordelen aan de hand van relevante informatie. Hierbij hebben we ook nog eens aangegeven dat we nog met een aanvullend raadsvoorstel voor het hele gebied gaan komen om de kwantiteit van het openbaar groen de kwaliteitsimpuls te geven die het verdient. Mariëlle Vavier (GroenLinks).

Ik hoor de wethouder zeggen dat hij samen met wethouder Bredemeijer druk doende is met het uitwerken van de balans tussen verdichten en vergroenen. Dat vind ik goed nieuws, maar zou de wethouder iets specifieker en concreter kunnen zijn over wat dat dan gaat opleveren en wanneer we dat als raad kunnen verwachten? Wethouder Balster (PvdA). Een eerste wapenfeit zal in ieder geval de nota van uitgangspunten voor de Dreven, Zichten en Gaarden zijn, waarbij we verdichten en ook de groenkwaliteit optimaal willen krijgen. Ik denk dat dat een goed moment is dat u kritisch bent op de contouren die we dan voor het groen meegeven, want dat is ongelofelijk belangrijk in deze ontwikkeling. Ik ben ook met collega Bredemeijer aan het kijken of er in het algemeen uitgangspunten zouden moeten gelden voor de groenkwaliteit bij verdichten. Daar wordt heel druk over nagedacht, omdat dat natuurlijk ongelofelijk belangrijk is voor de kwaliteit van de leefomgeving en de leefbaarheid van de gebieden waar we die verdichting toepassen. Mariëlle Vavier (GroenLinks). Dank aan de wethouder voor dit antwoord. Wanneer kunnen we die algemene uitgangspunten die nu uitgewerkt worden ongeveer verwachten? Wethouder Balster (PvdA). Ik gaf net al aan dat we daar in de nota van uitgangspunten voor de Zichten, Dreven en Gaarden specifiek op zullen ingaan.

Ik zal u dan ook informeren of, en zo ja, op welk moment er algemene uitgangspunten voor vergroening bij verdichting aan u worden verstrekt. De voorzitter. Ik constateer dat er geen behoefte is aan een tweede termijn. De beraadslaging wordt gesloten. De vergadering wordt enkele ogenblikken geschorst.

Aan de orde is: K. Voorstel van het college inzake Beleidsnota Nieuw in Den Haag, een goede start voor Haagse nieuwkomers (RIS307531). De beraadslaging wordt geopend. Nino Davituliani (Hart voor Den Haag/Groep de Mos). Voorzitter. Je zou denken dat we toch wat lessen hebben geleerd uit het verleden, maar niets is minder waar. Er zou veel meer gedaan moeten worden om mensen te laten inburgeren en vooral ook om te sanctioneren als ze dat weigeren. Want 55

mensen die hier gehuisvest zijn, worden geacht de Nederlandse taal te leren en zich te verdiepen in de Nederlandse normen en waarden. Ik kan het niet vaak genoeg zeggen. Het is dan ook diep bedroevend dat dit college verdergaat met het nodeloos pamperen van nieuwkomers, terwijl noch zij noch onze samenleving daarbij gebaat zijn. Immers, zachte heelmeesters maken stinkende wonden. We hebben daarom een motie … Serpil Ateş (GroenLinks). Zou mevrouw Davituliani kunnen uitleggen wat ze met 'pamperen' bedoelt? Volgens mij staat er helemaal niets over pamperen in de nota. Nino Davituliani (Hart voor Den Haag/Groep de Mos). Het klopt dat het in die woorden erin staat. Met 'pamperen' bedoel ik de vrijblijvendheid die van de nota af te lezen is. Serpil Ateş (GroenLinks). Dat betekent dat Groep de Mos, die zo enorm veel klaagt over stagnatie van de integratie, het goed vindt hoe de integratie nu loopt. Klopt dat? Nino Davituliani (Hart voor Den Haag/Groep de Mos). Juist niet. Dat vinden wij juist niet goed. Wij zeggen al jaren dat we staan voor een resultaatgericht en streng integratiebeleid. Het beleid dat uw wethouder nu voorstelt, is eigenlijk gebaseerd op vrijblijvendheid, op vrijheid en blijheid, waar GroenLinks voor staat.

Ik dien samen met collega Pronk van de VVD een motie in met het volgende dictum: verzoekt het college binnen de wetgeving een zo strikt mogelijke handhaving omtrent inburgering voor te stellen aan de gemeenteraad. Al jarenlang hamert Hart voor Den Haag/Groep de Mos erop dat de grootschalige instroom van statushouders problematisch voor Den Haag is. Het absorptievermogen van de stad qua nieuwkomers is al lange tijd bereikt. We zien dat de overbevolking op de leefbaarheid drukt en dat tal van de wijken het niet meer aankunnen. Daarom dienen we een motie in met het volgende dictum: verzoekt het college bij het Rijk aan te dringen op een inhoudelijke verdeelsleutel met betrekking tot huisvesten statushouders, en niet meer statushouders op te vangen dan het verplichte aantal conform de wettelijke taakstelling. De beleidsnota zoals voorgesteld door het college is na decennialang pappen en nathouden een volgende stap naar de verdere ontwrichting van de samenleving, want het doel van de inburgering moet arbeidstoeleiding zijn. Zonder inzicht in het aantal statushouders in de bijstand wordt bijsturing wat ons betreft onmogelijk.

Daarom dien ik een motie in met het volgende dictum: verzoekt het college te onderzoeken hoeveel statushouders en gezinsmigranten die de afgelopen jaren gevestigd zijn en deel uitmaken van de beroepsbevolking gebruikmaken van een bijstandsuitkering en de uitkomsten aan de raad te rapporteren, en dit overzicht regelmatig te verstrekken onder vermelding van de grootte van de beroepsbevolking, waaronder statushouders en gezinsmigranten in de bijstand, bijvoorbeeld middels een halfjaarrapportage. Serpil Ateş (GroenLinks). Ik hoor mevrouw Davituliani zeggen dat het doel van de inburgering zou moeten zijn toeleiding naar arbeid. Weet mevrouw Davituliani dat inburgering betekent dat een nieuwkomer opgenomen wordt in de samenleving? Nino Davituliani (Hart voor Den Haag/Groep de Mos). Wij verwachten van nieuwkomers dat ze hier zo snel mogelijk de taal leren, zodat ze daarna zo snel mogelijk aan het werk kunnen gaan. Serpil Ateş (GroenLinks). Ik hoor eerder Groep de Mos roepen dat we extra controle moeten uitvoeren. Dan zet je mensen weer in een hoekje waarin je ze criminaliseert. Dat zou je niet moeten doen, als je wil dat mensen worden opgenomen in onze samenleving.

Is mevrouw Davituliani het ermee eens dat deze druk op die manier integratie in de weg staat, dat dit mensen meer afschrikt en dat zij zich vervreemd voelen van onze Haagse samenleving? Nino Davituliani (Hart voor Den Haag/Groep de Mos). Nee, ik kan mij niet vinden in deze stelling. Het recht op vrije meningsuiting evenals het accepteren van lhbti's in de maatschappij hoort bij onze manier van leven. Daarom willen wij dat er bij de inburgering van statushouders en 56

gezinsmigranten nog dieper wordt ingegaan op het belang van het onderschrijven van deze waarden. Hiertoe dien ik samen met collega Pronk van de VVD een motie in met het volgende dictum: verzoekt het college aanbieders van inburgeringstrajecten in Den Haag te verplichten tot het breed bespreken van tolerantie ten aanzien van seksuele oriëntatie (lhbti+) en van het vrije woord in het lesonderdeel Kennis van de Nederlandse Maatschappij. Robin Smit (PvdD). Ik heb een vraag over de laatste motie die mevrouw Davituliani indient. Gebeurt niet al wat in de motie wordt verzocht? Nino Davituliani (Hart voor Den Haag/Groep de Mos). Wat ons betreft gebeurt dat nog niet in voldoende mate. We zien dat heel veel mensen uit andere landen naar dit land komen en vervolgens in Den Haag gehuisvest worden die heel ver staan van de manier van leven zoals wij het hier hebben ingericht. Robin Smit (PvdD). Dan ben ik toch benieuwd wat mevrouw Davituliani wil voorstellen om nog extra te doen. Dat hoor ik eigenlijk niet in het verhaal, maar dat komt ook niet naar voren in de motie. Kan zij dat misschien toelichten? Nino Davituliani (Hart voor Den Haag/Groep de Mos). Ik denk dat het heel goed naar voren komt in de motie. Ik verzoek om extra aandacht te besteden aan deze onderwerpen en daar intensiever lessen in aan te bieden. Verder is het ook aan het college.

Bij de afdoening kunnen we er verder over discussiëren hoe we het vorm kunnen geven. Vaststaat is dat wij streven naar een samenleving waarin mensen zich niet terugtrekken in hun eigen bubbel. We willen gewoon naar één open samenleving. Vandaar dat we willen dat het voor die mensen ook duidelijk wordt welke normen en waarden hier onderschreven dienen te worden. De voorzitter. Door mevrouw Davituliani, daartoe gesteund door de heer Pronk, worden de volgende moties (K.1 HvDH/GdM en K.4 HvDH/GdM) ingediend:

Motie K.1 HvDH/GdM Strikt handhaven op inburgering De gemeenteraad van Den Haag in vergadering bijeen op 11 februari ter bespreking van agendapunt L Voorstel van het college inzake Beleidsnota Nieuw in Den Haag, een goede start voor Haagse nieuwkomers (RIS307531) Constaterende, dat: • de gemeente kan handhaven op de intake- en PIP- afspraken; • de regels omtrent handhaving op de inburgeringswet worden vastgesteld in een gemeentelijke verordening die door de raad te zijner tijd wordt voorgelegd ter vaststelling; Overwegende, dat: •

de groep die onder de huidige wet moet inburgeren toeneemt en inburgeren niet vrijblijvend is;

Verzoekt het college: •

binnen de wetgeving een zo strikt mogelijke handhaving omtrent inburgering voor te stellen aan de gemeenteraad;

En gaat over tot de orde van de dag.

57

Motie K.4 HvDH/GdM Kennis over LHBTI+ voor statushouders De gemeenteraad van Den Haag in vergadering bijeen op n februari ter bespreking van agendapunt L Voorstel van het college inzake Beleidsnota Nieuw in Den Haag, een goede start voor Haagse nieuwkomers (RIS307531) Constaterende, dat: • statushouders conform de wet moeten inburgeren en daarvoor onder andere het lesonderdeel Kennis van de Nederlandse Maatschappij volgen; Overwegende, dat: • na afloop van het inburgeringstraject kennis van tolerantie ten aanzien van seksuele oriëntatie en het vrije woord te vaak nog ontbreekt; Verzoekt het college: • aanbieders van inburgeringstrajecten in Den Haag te verplichten tot het breed bespreken van tolerantie ten aanzien van seksuele oriëntatie (LHBTI+) en van het vrije woord in het lesonderdeel Kennis van de Nederlandse Maatschappij, En gaat over tot de orde van de dag. De voorzitter. Door mevrouw Davituliani worden de volgende moties (K.2 HvDH/GdM en K.3 HvDH/GdM) ingediend:

Motie K.2 HvDH/GdM Statushouders realistisch verdelen over gemeenten De gemeenteraad van Den Haag in vergadering bijeen op 11 februari aater bespreking van agendapunt L Voorstel van het college inzake Beleidsnota Nieuw in Den Haag, een goede start voor Haagse nieuwkomers (RIS307531) Constaterende, dat: • de Rijksoverheid jaarlijks gemeenten een taakstelling oplegt om statushouders te huisvesten die gebaseerd is op het inwonertal van de gemeente;

Overwegende, dat: • het absorptievermogen van de stad bereikt is;

Verzoekt het college: • bij het Rijk aan te dringen op een inhoudelijke verdeelsleutel met betrekking tot huisvesten statushouders; • niet meer statushouders op te vangen dan het verplichte aantal conform de wettelijke taakstelling; En gaat over tot de orde van de dag.

Motie K.3 HvDH/GdM Inzicht in bijstandsgebruik statushouders en gezinsmigranten De gemeenteraad van Den Haag in vergadering bijeen op 11 februari ter bespreking van agendapunt L Voorstel van het college inzake Beleidsnota Nieuw in Den Haag, een goede start voor Haagse 58

nieuwkomers (RIS307531) Constaterende, dat: • Statushouders veelal in bijstand terecht komen en blijven. Overwegende, dat: • het wettelijke inburgeringstraject voor statushouders en gezinsmigranten gericht is op taal, werk en participatie; • werk bijdraagt aan integratie; • verhoogde druk nu en in de toekomst op sociale voorzieningen voorkomen dient te worden; • inzicht in het aantal statushouders in de bijstand bijsturing beter mogelijk maakt. Verzoekt het college: • te onderzoeken hoeveel statushouders en gezinsmigranten die de afgelopen jaren gevestigd zijn en een deel uitmaken van de beroepsbevolking gebruik maken van een bijstandsuitkering en de uitkomsten aan de raad te rapporteren. • dit overzicht regelmatig te verstrekken onder vermelding van de grootte van de beroepsbevolking, waaronder statushouders en gezinsmigranten in de bijstand, bijvoorbeeld middels een halfjaarrapportage, En gaat over tot de orde van de dag. De moties maken onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Serpil Ateş (GroenLinks). Voorzitter. GroenLinks is zeer enthousiast over de visie van de wethouder over inburgering.

In tijden dat wij als stad bekendstaan als de meest gesegregeerde stad zal deze nieuwe frisse kijk zorgen dat wij de meest inclusieve stad worden, want deze visie slaat een nieuwe weg in die niet generaliserend of stigmatiserend, maar humaan en verbindend is en de inburgeraar centraal stelt. De taal leren is van levensbelang om in een nieuw land te kunnen socialiseren. Het meedoen is net zo essentieel. Want wanneer wij een bijdrage leveren, beginnen we ons verantwoordelijk te voelen en eigenaarschap te ontwikkelen. Dat is precies het moment dat nieuwkomers zich stadsgenoot en landgenoot voelen. Ook is er werk weggelegd voor de autochtone Hagenaars. De schandalige discriminatie bij makelaars toont dat ook die burgers een hand moeten reiken naar nieuwkomers om de inburgering te laten slagen. GroenLinks gelooft erin dat deze nota hierin perspectief biedt. Mijn fractie is ook erg tevreden over de benadering van de wethouder om de inburgeraar te benaderen vanuit de kracht van het individu en niet vanuit het verwachtingspatroon dat wij iemand opleggen. De tunnelvisie waaruit een inburgeringstraject tot nu toe bestond, belemmerde eerder de nieuwkomer om zo snel mogelijk deel te nemen aan onze samenleving. Want zoals in iedere samenleving zijn ook in de samenlevingen waar nieuwkomers vandaan komen veel verschillen.

Dit betekent dat de inburgeraar niet als een lid van een homogene groep benaderd moet worden, maar als een individu met een bagage aan kennis, ervaring en persoonlijke ontwikkeling. Mijn fractie is ervan overtuigd dat deze brede visie ervoor zal zorgen dat de nieuwkomer gemotiveerd aan de slag kan gaan met het inburgeren in het nieuwe leven. Bovendien zullen onbenutte talenten zichtbaar worden en is hiermee de nieuwe Hagenaar ook snel onderdeel van onze stad. Hoopvol gestemd kijkt mijn fractie uit naar een stad die mede dankzij deze nota de meest inclusieve samenleving heeft in het land. Sebastian Kruis (PVV). Voorzitter. Ik denk dat de inbreng van mijn collega-raadslid Ateş hiervoor precies duidelijk maakt waarom deze nota gaat bijdragen aan meer segregatie, maar goed. Ik zal het kort houden. Ik heb twee moties.

59

De motie 'Geen Nederlands, geen uitkering' verzoekt het college de bijstandsuitkering in te trekken van immigranten die geen Nederlands spreken en de taal niet willen leren. De motie 'Niet integreren maar remigreren' verzoekt het college niet de rode loper uit te rollen voor nog meer immigranten, maar in plaats daarvan nieuwe immigranten te stimuleren om te remigreren in plaats van te integreren. De voorzitter. Ik zie een vraag van de heer Mahmood aan u. Adeel Mahmood (NIDA). Ik heb een vraag over het stimuleren van het remigreren. Heeft de PVV misschien ook voorbeelden van op welke wijze dat zou kunnen? Sebastian Kruis (PVV). Wat je dan bijvoorbeeld moet doen, is niet alles gratis aanbieden, niet met voorrang een huurwoning, niet een gratis zorgverzekering, niet een gratis Ooievaarspas waardoor ze overal met korting als eerste aan de beurt zijn. Eigenlijk het idee dat ze een keertje in Den Haag niet op de eerste plaats staan, maar op de allerlaatste plaats. Want Den Haag is vol. We willen al die mensen niet. Daarom willen we, in plaats van ze te helpen te integreren, ze wijzen op de mogelijkheden die je biedt om terug te gaan naar waar ze vandaan komen. De voorzitter. De heer Mahmood, nog eenmaal op dit punt. Adeel Mahmood (NIDA). Dat is best een vaag antwoord van de PVV. Gelukkig hebben we in Nederland de Grondwet.

Wat NIDA betreft is iedereen die zich houdt aan de Grondwet en die hier woont, werkt en leeft gewoon welkom, ongeacht de afkomst. Het zou heel wat zijn als we uiteindelijk mensen uit Colombia zouden weigeren omdat zij een andere kleur zouden hebben. Dat lijkt me niet de bedoeling. Ik heb een vraag over een van uw moties. Daarin staat dat er stadsdelen in Den Haag onherkenbaar zijn veranderd in islamitische enclaves met hun eigen taal en cultuur. Als ik om me heen kijk, bijvoorbeeld in de Schilderswijk, worden er hier honderden talen gesproken naast de Nederlandse. Dus wat bedoelt u met 'hun eigen taal'? Welke taal is dat eigenlijk? Sebastian Kruis (PVV). Eigenlijk heeft de heer Mahmood de vraag al beantwoord door de manier waarop hij die stelde. Inderdaad, zoals hij zegt wordt in bijvoorbeeld de Schilderswijk heel vaak een andere taal gesproken dan het Nederlands. Vervolgens zitten we nu in een situatie waarin iedereen zich zorgen maakt over de achterstanden op het gebied van onderwijs et cetera, et cetera. Maar dat heeft natuurlijk ook voor een belangrijk deel te maken met het gegeven dat de Nederlandse taal amper wordt gesproken. Dat is dus een probleem en ook dat in de Schilderswijk niet de Nederlandse cultuur dominant is. De heer Mahmood begon net ook weer over de Grondwet en dat soort zaken. Het sloeg allemaal helemaal nergens op.

Uiteindelijk is het ook de vrijheid van meningsuiting om namens een partij hier te zeggen: we willen al die mensen niet en we hebben liever dat ze teruggaan naar waar ze vandaan komen. Dat is niet omdat we iets tegen die mensen hebben, maar omdat Den Haag vol is. Als je ziet dat sommige mensen die hier terecht zijn gekomen en hier al tientallen jaren wonen nog geen woord van de taal spreken, dan denk ik dat heel veel mensen beter af zijn in het land van herkomst in plaats van dat we hier jarenlang achter de feiten aan blijven lopen met leertrajecten, met sociale en maatschappelijke ondersteuning. U weet, zeker in uw eigen wijk, wat er allemaal voor nodig is om daar de boel een beetje leefbaar te houden, en dan nog lukt het vaak niet. Adeel Mahmood (NIDA). … De voorzitter. We doen twee interrupties, meneer Mahmood. Vandaar. Ik zie geen andere vragen. Adeel Mahmood (NIDA). Voorzitter, drie interrupties heb ik altijd begrepen. De voorzitter. Nee, we doen inmiddels in de raad echt al een tijd twee interrupties. Adeel Mahmood (NIDA). Nee, nee. Dat heb ik nooit meegekregen. 60

De voorzitter. Dat is wel zoals het vandaag steeds is en ook in de vorige raadsvergaderingen was. We doen ook vandaag twee interrupties. Adeel Mahmood (NIDA). Ik maak hier toch bezwaar tegen, want ik heb nooit begrepen dat de regels zijn veranderd. Volgens mij zijn de regels altijd dat je drie keer mag interrumperen. De voorzitter. Het reglement zegt dat de voorzitter in beperkte mate interrupties toestaat. Die beperkte mate is twee interrupties per keer. Dat betekent niet per volledig onderwerp; het is steeds per setje. Als u nog een hele nieuwe vraag heeft, kunt u ook weer twee keer interrumperen. Maar volgens mij wilt u nog een derde vraag … Adeel Mahmood (NIDA). Ik heb toch de behoefte om te reageren. Ik ben benieuwd wat de rest van de raad daarvan vindt, want ik heb altijd begrepen … Ik wil dan toch een punt van orde maken om die laatste interruptie toe te staan. Als de regels zijn veranderd, was het fijn geweest als ik daar van tevoren van op de hoogte was. De voorzitter. Dit doen we echt al een tijd. Ik zie dat de heer Barker het woord wil. Robert Barker (PvdD). Een punt van orde, dan wil ik er wel wat van zeggen. Volledige steun aan de heer Mahmood. We hebben in het fractievoorzittersoverleg afgesproken dat het drie interrupties zijn. We hebben ook afgesproken dat we af en toe terughoudend zijn met de derde.

Maar we hebben afgesproken dat, als iemand behoefte heeft aan een derde, die wordt toegestaan. Dus volledige steun aan de heer Mahmood. De voorzitter. Het kan best zijn dat er af en toe een derde interruptie nodig is of dat het antwoord zodanig nieuwe vragen oproept dat een derde interruptie kan. Het is aan de voorzitter om te kijken hoe dat precies zit, maar de grondhouding nu is steeds twee interrupties. In commissies is het nog wel drie, maar daar heb je vaak veel meer technische vragen. Voor de raad is het nu twee. Ik zou daar ook aan vast willen houden. Bovendien zegt het Reglement van orde: de voorzitter staat het in beperkte mate toe. Robert Barker (PvdD). Dan is dit misschien een moment om daar gewoon over te stemmen. We hebben deze discussie al een paar keer in het presidium en ook in het fractievoorzittersoverleg gehad. We hebben altijd besloten dat het drie is, als het raadslid daar behoefte aan heeft. Ik heb de afgelopen paar vergaderingen nooit drie gebruikt, maar nu is er een duidelijke behoefte. Ik zou zeggen: of u staat het toe of we brengen dit voorstel in stemming. Dan krijgen we daar in ieder geval duidelijkheid over. De voorzitter. Het is inderdaad al een aantal keren besproken in het fractievoorzittersoverleg en het presidium.

Het lijkt me daarom heel goed om dat in het eerstvolgende volgende overleg daar te bespreken in plaats van er nu ineens ten tijde van deze vergadering over te gaan stemmen. Ik zou door willen gaan met de volgende spreker. Adeel Mahmood (NIDA). Voorzitter, ik wil toch een punt maken. Ik vind het echt onhandig dat dit zo gebeurt. Die derde interruptie had niet zo veel tijd hoeven te kosten en zolang loopt dit onderwerp ook niet. Het is geen hele uitgebreide behandeling waarbij we tijd tekortkomen of zo. Ik wil toch gebruikmaken van mijn recht om drie keer te interrumperen. Dat is eerder vandaag ook gebeurd, lees ik net. Als we daar een andere mening over hebben, wil ik toch graag de raad vragen om daar een uitspraak over te doen. Dan wil ik graag een stemmingsronde hierover om te zien hoe mijn collega's hierover denken. De voorzitter. Als u een nieuwe vraag heeft, dan kunt u nu natuurlijk nog een interruptie plegen. Dat heb ik net aangegeven. Als u nu nog een nieuwe vraag heeft, kunt u zeker een interruptie plegen. Sterker nog, dan kunt u er twee plegen. Ik denk dat het het beste is om dit te bespreken in het presidium en in het fractievoorzittersoverleg, waar het al eerder is langsgekomen. 61

Adeel Mahmood (NIDA). Nee, voorzitter. We voeren de discussie nu. Het heeft geen zin om dat op een later moment te doen. Ik wil nu een vraag stellen. Ik kan het best anders verpakken zodat het op een nieuwe vraag lijkt, maar ik wil gewoon reageren op wat meneer Kruis zegt. Volgens mij hoor ik daar ook gewoon de ruimte voor te krijgen. De voorzitter. Ik begrijp dat u dan een nieuwe vraag heeft. Adeel Mahmood (NIDA). Goed, dan gaan we het zo doen. Als we het zo moeten doen, dan maar zo. Ik heb meneer Kruis net gehoord over de Grondwet. Ik kan begrijpen dat ze dat niet heel belangrijk vinden. Kijk maar naar hun verkiezingsprogramma, dat vol staat met ongrondwettelijke voorstellen. Daarmee is de PVV een van de grootste promotors en aanmoedigers van onder andere de toeslagenaffaire. Ze blazen nu hoog van de toren en komen zogenaamd op voor mensen, terwijl het puur hetzelfde voorstel is: het pakken van mensen van kleur. Dat doet de PVV al decennia … De voorzitter. Wat is uw vraag? Adeel Mahmood (NIDA). Daarom wil ik meneer Kruis vragen: de Grondwet niet zo belangrijk vinden, wat vindt u daarvan? Wat vindt u van uw eigen ongrondwettelijke voorstellen in het PVVverkiezingsprogramma? Sebastian Kruis (PVV). Ten eerste moet de heer Mahmood een keertje ophouden met elke keer beginnen met dat we het over mensen van kleur zouden hebben. We hebben het daar echt nog nooit over gehad.

Ik zou zelf de laatste zijn die daarover zou beginnen om het simpele feit dat het helemaal niets uitmaakt. Elke keer de suggestie wekken alsof het gaat om mensen van kleur, dat is echt flauwekul. Wij rekenen mensen af op hun gedrag en wij vinden in zijn algemeenheid dat Den Haag vol is. Uiteindelijk bestaat Den Haag al voor bijna 60% uit allochtonen, dus uiteindelijk is het 'genoeg is genoeg', ook met deze mensen erbij. Dus stop met het elke keer beginnen over de kleur. Hij moet niet klagen over een partijprogramma van een politieke partij, die uiteindelijk dat gedachtegoed mag voorleggen aan de kiezer. De kiezer bepaalt uiteindelijk en de kiezer kan instemmen met iets wat ze ook vinden of niet. Dat is uiteindelijk heel grondwettelijk en democratischer dan het ooit binnen de islam zal zijn. U weet dat als geen ander. Kom bij mij niet aan over rechten, als u vorige week tegen een queernota stemt en daarmee zelfs uw eigen fractie verbaast. Dus kom bij mij niet aan over gelijke rechten. Ik wil u ook wel een lesje mensenrechten en Nederlandse normen en waarden meegeven, maar hou alsjeblieft dit soort interrupties voor u. De voorzitter. Tot slot nog een korte vraag van de heer Mahmood. Ik zou ook aan de raad willen vragen om niet de persoon, maar de partij aan te spreken via de voorzitter. Adeel Mahmood (NIDA).

Blijkbaar heeft de PVV, als ik hun eigen woorden begrijp, geen problemen met mensen van kleur, maar een moslimprobleem. Want in de Schilderswijk wordt de moslimtaal gesproken en dat is blijkbaar een probleem. U heeft het over mijn stemgedrag. Ik verwijs u naar mijn stemverklaring. Die mag u nakijken. Ik denk dat dat een heel ander beeld geeft van mij als persoon of partij dan uw tegenstem in de vorige raad. Ik nodig u uit om mijn stemverklaring van de vorige keer goed te beluisteren. Dan heeft u gelijk antwoord. Sebastian Kruis (PVV). Waar zal ik beginnen met reageren? Wat de heer Mahmood zegt slaat allemaal helemaal nergens op. Waar heeft de heer Mahmood het over? Moslimtaal? Het gaat niet om moslims, het gaat niet om de moslimtaal. Welke taal is de moslimtaal? Ik moet me elke keer verdedigen tegen insinuaties van die partijen waar ik zelf nooit over heb gesproken. Ik heb het nooit gehad over moslims, ik heb het nooit gehad over moslimtaal. Ik bedoel: wat is moslimtaal? Ik heb het erover gehad dat Den Haag vol is en dat er dus niet meer mensen bij moeten komen, ongeacht wie dat zijn. Den Haag is vol, punt. Dus moeten we er beleid op voeren dat Den Haag niet nog groter en voller wordt dan het nu al is. Dat is het verhaal, niet heel veel meer dan dat. Ik ben echt een beetje klaar met 62

al die insinuaties van de heer Mahmood, maar die heeft hij blijkbaar nodig om nog een beetje in de picture te staan. Adeel Mahmood (NIDA). Voorzitter, I rest my case. Het is duidelijk zo. De voorzitter. Nee, meneer Mahmood. Dat gaan we niet doen. Door de heer Kruis worden de volgende moties (K.5 PVV en K.6 PVV) ingediend:

Motie K.5 PVV Niet integreren maar remigreren De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 11februari 2021, ter bespreking van Voorstel van het college inzake Beleidsnota Nieuw in Den Haag, een goede start voor Haagse nieuwkomers (RIS307531). Constaterende, dat: • Er nu al geen woning meer te krijgen is voor de huidige generatie Hagenaars; • De wegen, trams, en bussen normaal gesproken al bomvol zijn; • Den Haag jaarlijks honderden miljoenen euro’s kwijt is aan uitkeringen en armoedebeleid; • Er stadsdelen onherkenbaar zijn veranderd in islamitische enclaves met hun eigen taal en cultuur. Overwegende, dat: • Het absorptievermogen van Den Haag is bereikt en onze stad vol is; • Het verwelkomen van nog meer nieuwkomers ten koste gaat van de leefbaarheid in de stad voor de huidige Haagse inwoners. Verzoekt het college: • De rode loper niet uit te rollen voor nog meer immigranten maar in plaats daarvan nieuwe immigranten te stimuleren om te remigreren. En gaat over tot de orde van de dag.

Motie K.6 PVV Geen Nederlands, geen uitkering De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 11 februari 2021, ter bespreking van Voorstel van het college inzake Beleidsnota Nieuw in Den Haag, een goede start voor Haagse nieuwkomers (RIS307531). Overwegende, dat: • Veel migranten niet willen meedoen in de Haagse samenleving en weigeren de Nederlandse taal te leren. Verzoekt het college: • De bijstandsuitkering in te trekken van immigranten die geen Nederlands spreken en de taal niet willen leren. En gaat over tot de orde van de dag. De moties maken onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Mikal Tseggai (PvdA). Voorzitter. Ook ik zal het niet te lang maken. We hebben het vandaag over inburgering, over hoe we nieuwkomers in onze stad opvangen. Nieuwkomers die soms van het bestaan 63

van Den Haag niet eens afweten als ze naar Europa komen, omdat ze vluchten voor oorlog en geweld en maar zo snel mogelijk weg moeten uit hun thuisland. Of nieuwkomers die, zoals we vanmorgen allemaal in de NRC hebben kunnen lezen, liever dakloos in Den Haag verblijven dan teruggaan naar de bittere armoede in bijvoorbeeld Polen. Dat is meteen mijn eerste punt: iedere nieuwkomer is anders, heeft een eigen verhaal, een eigen droom, eigen vaardigheden en talenten. Te lang hebben we daar in Nederland geen rekening mee gehouden. Ik zou de wethouder dat echt mee willen geven. Hoewel ik blij ben om te zien dat een tweetal groepen gedestilleerd is in de inburgeringsnota, zou ik de wethouder hier nogmaals willen vragen om te reflecteren op hoe we maatwerk gaan leveren. Ik maak me daar nog zorgen over. Ik moet er meteen bij zeggen dat ik niet wist hoe ik die zorgen in een motie moest gieten, dus ik dacht: ik kan het beter gewoon even hier in het debat vragen. Ik heb nog twee andere korte punten. Allereerst zien we dat het voor mensen die met een diploma naar Nederland komen heel moeilijk is om hier een doorstart te maken in het beroep dat ze in hun thuisland beoefenden. Ik vroeg me af wat de wethouder daarmee doet, want daarover lees ik vrij weinig in de inburgeringsnota. Ik denk toch dat de erkenning van buitenlandse diploma's in Nederland beter kan.

Ik realiseer me dat dat een taak is van de landelijke overheid, maar ik ben toch benieuwd hoe de wethouder daarin staat. Ten slotte zou ik de wethouder willen vragen om met een brief te komen over hoe we ons voorbereiden op de inburgeringswet, want die komt er denk ik toch echt aan. Ik lees daar in de nota vrij weinig over en zou dat wel nog graag willen weten. Na deze twee vragen en wat kritiek wil ik toch afsluiten met dat ik het wel een mooie inburgeringsnota vind en dat ik me kan vinden in hoe wij als waard onze gasten vertrouwen, zoals ik eerder al zei in de commissievergadering. Hanneke van der Werf (D66). Voorzitter. We willen allemaal dat de inburgering van onze nieuwe stadsgenoten zo goed mogelijk verloopt. De intakegesprekken en de persoonlijke inburgerings- en participatieplannen spelen daar een sleutelrol in. Nieuwkomers komen nu vaak niet op de juiste plek terecht, waardoor de inburgering misloopt of vertraagt. Hoe beter de intake, hoe groter de kans op een goede match. Dat vereist specifieke competenties van een professional die die intake afneemt. D66 is nog niet gerustgesteld naar aanleiding van de beantwoording van de wethouder in de commissie. Het gaat dan specifiek om de waarborging van de kwaliteit van de intake.

Kan de wethouder uitgebreider ingaan op hoe dit wordt aangepakt? Zijn de benodigde competenties aanwezig bij deze professionals of moeten zij nog worden bijgeschoold? Hoe wordt bijvoorbeeld tussentijds geëvalueerd of dit goed gaat? Welke professionals uit het sociaal domein zijn hierbij betrokken? D66 zou graag zien dat de raad wordt geïnformeerd over de voortgang hiervan. Kan de wethouder dit toezeggen? Wat wordt dan het eerste meetmoment? Dan wil ik graag stilstaan bij de jonge nieuwkomers. In de commissie vertelde mijn fractiegenoot Marije Mostert al over haar ervaring met jongeren die kampen met psychische klachten zoals herbelevingen, verlies en rouw als gevolg van trauma. Hoe kan je goed opnieuw beginnen met een nieuw leven in Nederland, als die trauma's ervoor zorgen dat je je studie of je baan niet volhoudt, als je door psychische problemen in de schulden komt of, nog erger, verslaafd raakt of suïcidaal wordt? Op tijd hierbij zijn, op tijd behandelen is dan letterlijk van levensbelang. D66 maakt zich zorgen over de toegankelijkheid van de traumabehandeling voor deze jongeren. Mijn fractie krijgt signalen dat hulpverleners onvoldoende op de hoogte zijn van mogelijke financiële steun en de voorzieningen die hier allemaal zijn.

Kan de wethouder uiteenzetten welke bestaande voorzieningen voor deze groep mogelijk zijn en hoeveel jongeren er al gebruikmaken van deze voorzieningen? Hoe kan de bekendheid hiervan en het gebruik worden gestimuleerd? Graag een concrete reactie van de wethouder. Pieter Grinwis (ChristenUnie/SGP). Voorzitter. Zoals mijn fractie al in de commissie heeft genoemd, zijn wij blij met de landelijke integratieaanpak, maar vinden we de lokale inkleuring nog wat slapjes. We zijn dan ook blij met de toezegging van de wethouder in de commissie dat hij wil kijken naar welkomhuizen om informatie, begeleiding en het bouwen aan een sociaal netwerk te bundelen. In de commissie heeft mijn fractie ook gevraagd naar de implementatie van het in 2016 breed aangenomen initiatiefvoorstel waardig welkom; heel belangrijk omdat de kennismaking met onze 64

waarden en normen, de onderdompeling daarin, centraal stond. Dat is destijds verwerkt in de methode SamenHaags, die ook nu terugkomt in het inburgeringsbeleid. Een nadere uitwerking daarvan zou nog volgen. Mijn fractie ziet daar zeker op toe en zal het nauwlettend in de gaten houden. Voor de zekerheid staan we ook nog onder de motie van mijn collega Pronk, maar eigenlijk is het gewoon staand beleid en moet het college dat nadrukkelijk opnemen in zijn stukken. Ik vind het opvallend dat er zo weinig aandacht is voor co-housing. Naar aanleiding van onze aangehouden motie in 2015 is het punt opgenomen in de nota huisvesting statushouders. Nu wordt er ingezet op groepswonen met andere statushouders, terwijl er bijvoorbeeld verzorgingshuizen in onze stad leegstaan zoals het Willem Dreeshuis. Dat is een perfecte locatie voor co-housing. Dan leren jonge statushouders andere Nederlandse jongeren kennen en kunnen ze bouwen aan hun netwerk. Daarom dien ik een motie in met het volgende dictum: verzoekt het college in de nota over de huisvesting van doelgroepen, zoals jonge statushouders, met concrete voorstellen voor co-housing te komen. Daarnaast valt het mij op dat vooral wordt ingezet op jonge statushouders en arbeidsmigranten.

Deze groepen verdienen natuurlijk aandacht en focus, maar ik ben bang dat mensen die hier al wat langer wonen en nog steeds niet goed verbonden zijn aan Den Haag en de taal niet goed spreken uit het oog worden verloren. Ook zij moeten worden verbonden met onze stad en haar inwoners. Daarom dien ik met de collega's Pronk en Davituliani een motie in met het volgende dictum: verzoekt het college een actieplan op te stellen om migranten die al langer in Nederland wonen in te laten burgeren en hierbij zoveel mogelijk aan te sluiten bij bestaande initiatieven op het gebied van inburgering en NT2-onderwijs. De voorzitter. Door de heer Grinwis wordt de volgende motie (K.7 CU/SGP) ingediend:

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9902759/4