RIS308207 Notulen van de raad van 21 januari2021 dag
Tekst van het document
Daarom dien ik graag de motie in met het volgende dictum: verzoekt het college in overleg te gaan met de initiatiefnemers van Campus 010 en de collega's uit Rotterdam om kennis te nemen van dit brede, kwalitatief hoogstaande, programma; onderzoek te doen naar de behoefte/bereidheid binnen het onderwijs in Den Haag om het initiatief als de zomercampus aan te bieden zonder de werkdruk op school te vergroten; na dit onderzoek in gesprek te gaan met schoolbesturen en het maatschappelijk werkveld om hier samen in op te trekken; en de raad over de uitkomsten te informeren voor de behandeling van het volgende HEA-jaarplan 2021-2022. Zij is medeondertekend door Ismet Bingöl van het CDA, Pieter Grinwis van de ChristenUnie, Mikal Tseggai van de Partij van de Arbeid, Serpil Ateş van GroenLinks en Chris van der Helm van de VVD.
58
Een ander onderwijsprobleem waar we al een tijdje mee te maken hebben, is het lerarentekort. Maar het gebrek aan docenten is niet het enige probleem. We moeten meer oog hebben voor het tekort en het snelle verloop van schoolleiders. Want een school waar geen stabiliteit is voor het lerarenteam, is een school die leraren ook sneller kwijtraakt. We hebben in onze stad zelfs scholen met meerdere locaties die geen directeur en geen locatieleiders hebben. Het ministerie kan dan tig tranches uitzetten voor subsidies om achterstanden in te lopen, maar als er geen leidinggevende is die dit in orde kan brengen, dan schieten we niets op. Het is slecht voor de schoolkwaliteit. Het is slecht voor de docenten. Het is slecht voor onze kinderen. Daarom dient mijn fractie graag een motie in om naast het lerarentekort ook onderzoek te doen naar het sluipende schoolleiderstekort, met als dictum: verzoekt het college aanvullend op het Noodplan Lerarentekort in samenwerking met de schoolbesturen onderzoek te doen naar de instroom en uitstroom van schoolleiders en een doorkijk te geven naar een duurzame inzetbaarheid; na dit onderzoek in samenwerking met schoolbesturen beleid te maken voor een duurzame inzetbaarheid van schoolleiders; en de raad hierover te informeren voor de behandeling van het volgende HEA-jaarplan 2021- 2022.
Zij is medeondertekend door Ismet Bingöl van het CDA, Pieter Grinwis van de ChristenUnie, Mikal Tseggai van de Partij van de Arbeid, Serpil Ateş van GroenLinks en Chris van der Helm van de VVD. Tot slot. Mijn fractie steunt het initiatief van de wethouder om samen met de G4 op te trekken richting de minister, want een goede toekomst begint bij goed onderwijs. De voorzitter. Door mevrouw Sahla, daartoe gesteund door de heer Grinwis, wordt de volgende motie (J.8 D66) ingediend:
Motie J.8 D66 Onderzoek oplossing voor tekort schooldirecteuren De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 21 januari 2021, ter bespreking van het voorstel van het college inzake het HEA-jaarplan 2020-2021 (Ris 306622). Constaterende dat: • Den Haag naast een groot tekort aan leraren ook kampt met een tekort aan schooldirecteuren in het primair onderwijs; • het tekort de komende jaren gaat oplopen door pensionering en te weinig nieuwe instroom. Van mening dat: • het probleem van het tekort aan schooldirecteuren nog onderbelicht is; • het werven en behouden van schooldirecteuren bijdraagt aan het behoud van leerkrachten, het versterken van de onderwijskwaliteit, het bieden van een veilige plek aan kinderen en leerkrachten en het scheppen van een klimaat voor gelijke kansen; • de tekorten groot zijn en er de komende jaren onverminderd hard moet worden gewerkt om de tekorten aan te pakken en de continuïteit te waarborgen. Verzoekt het college: • aanvullend op het Noodplan Lerarentekort in samenwerking met de schoolbesturen onderzoek te doen naar de instroom en uitstroom van schoolleiders en een doorkijk te geven naar een duurzame inzetbaarheid; • na dit onderzoek in samenwerking met schoolbesturen beleid te maken voor een duurzame inzetbaarheid van schoolleiders; • de raad hierover te informeren voor de behandeling van het volgende HEA jaarplan 2021-2022.
En gaat over tot de orde van de dag. De voorzitter. Door mevrouw Sahla wordt de volgende motie (J.9 D66) ingediend:
59
Motie J.9 D66 Onderzoek rol Campus070 om kansengelijkheid in het Haagse De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 21 januari 2021, ter bespreking van het voorstel van het college inzake HEA-jaarplan 2020-2021 (RIS306622). Constaterende dat: • het Rijk aan scholen extra middelen beschikbaar heeft gesteld om de door de coronaperiode veroorzaakte achterstanden bij leerlingen in het primair en voortgezet onderwijs in te halen middels vakantie- en weekendscholen; • de kwaliteit van het onderwijs onder druk staat door de groeiende achterstanden, overvolle klassen en het toenemende leraren- en directeurentekort; • het nu nog aan de scholen zelf is om een passend aanbod te verzorgen en daar verschillende keuzes in te maken, maar dat scholen daar niet altijd de ruimte, tijd en mankracht voor hebben.
Van mening dat: • het probleem van een te hoge werkdruk niet alle scholen in staat stelt extra onderwijsleertijd aan te bieden; • in Rotterdam een breed en kwalitatief hoogstaand programma is ontwikkeld voor scholen, genaamd Campus010, dat aansluit op de bestaande leerlijnen van scholen zonder de scholen met extra werkdruk te belasten; • in Den Haag ook een grote behoefte is aan initiatieven zoals Zomercampus 010; • een Campus070 een serieuze bijdrage zou kunnen leveren om de kansengelijkheid te verhogen van alle Haagse kinderen voor wie dat niet vanzelfsprekend/mogelijk is binnen eigen school/wijk/gezin. Verzoekt het college: • in overleg te gaan met de initiatiefnemers van Campus010 en de collega’s uit Rotterdam om kennis te nemen van dit brede, kwalitatief hoogstaande, programma; • onderzoek te doen naar de behoefte/bereidheid binnen het onderwijs in Den Haag om het initiatief als de Zomercampus aan te bieden zonder de werkdruk op school te vergroten; • na dit onderzoek in gesprek te gaan met schoolbesturen en het maatschappelijk werkveld om hier samen in op te trekken; • de raad over de uitkomsten te informeren voor de behandeling van het volgende HEA jaarplan 2021-2022. En gaat over tot de orde van de dag. De moties maken onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Mikal Tseggai (PvdA). Voorzitter.
Iets meer dan een maand geleden mocht ik mijn diploma ophalen bij de Universiteit Leiden. Dat maakte mij de eerste uit mijn familie met een universitair diploma. Hopelijk volgen nog een aantal van mijn zusjes, neefjes en nichtjes. Natuurlijk ben ik superblij dat het met mij zo ver heeft mogen komen. Toch bleef ik na mijn diploma-uitreiking met een superbittere nasmaak achter. Het zien van de documentaireserie Klassen maakte een diepe indruk op mij en deed me beseffen dat kinderen die zo'n vijftien jaar jonger zijn dan ik nog steeds tegen dezelfde problemen rondom kansenongelijkheid aanlopen. En dat niet alleen: legio rapporten en onderzoeken laten zien dat de kansenongelijkheid in het Nederlandse onderwijs zelfs aan het toenemen is. Geluk hebben met je afkomst, je financiële situatie en de opleiding van je ouders lijkt beter te zijn voor je kansen op school dan je daadwerkelijke talenten. We zijn sinds mijn tijd op de basisschool - dat is op zich niet superlang geleden, maar wel vijftien jaar geleden - bijna een gehele generatie verder en er is niets veranderd. En dat terwijl heel veel mensen binnen en buiten het onderwijs hun best doen. Ik moet me aansluiten bij de heer Wijsmuller: dat geldt ook voor deze wethouder. Maar het is vechten tegen de bierkaai, want we moeten natuurlijk meer doen dan alleen weekendscholen en betaalbare huiswerkbegeleiding.
We moeten, met zijn allen in dit land, het 60
systeem veranderen. Want ik wil heel graag over vijftien jaar tegen mijn jongste zusje van nu nog geen jaar oud kunnen zeggen dat het niet heeft uitgemaakt dat haar ouders laag opgeleid zijn of een buitenlandse achternaam hebben voor de kansen die zij kreeg in het onderwijs. Daar staat tegenover dat het vorige schooljaar, en ook dit schooljaar, de moeilijkste schooljaren sinds de Tweede Wereldoorlog zijn. We zitten middenin een pandemie en het Haagse onderwijs had het al moeilijk voor deze crisis. De ongelijkheid wordt alleen maar groter. We staan dus voor een aantal fundamentele keuzes, ook vandaag hier in de gemeenteraad. Hoe zorgen we ervoor dat niet ook ons onderwijs in een enorme crisis terecht gaat komen en dat het allemaal veel erger wordt als we hopelijk eindelijk uit deze pandemie zijn? Sommigen zullen zeggen: we zitten er in het onderwijs al middenin. Vandaag stellen we als het goed is dit HEA-jaarplan vast. Op zich ben ik best tevreden. Maar zoals mijn Amsterdamse partijgenoot Marjolein Moorman altijd zegt: ongelijkheid is een keuze. We kunnen vandaag kiezen om de ongelijkheid tegen te gaan. Ik roep dan ook de hele raad op om voor dit jaarplan te stemmen, maar ik heb wel een aantal voorstellen die het misschien nog iets beter kunnen maken.
Om het lerarentekort aan te pakken, is het belangrijk dat we ook mensen die vanuit een functie op mbo 4-niveau in het onderwijs willen zijinstromen, bijvoorbeeld als onderwijsassistent, die mogelijkheid en ruimte bieden. Ik dien daarom de motie in met het volgende dictum: roept het college op te onderzoeken hoe we het voor mensen met een mbo 4-niveau makkelijker kunnen maken om als zij instromer hun onderwijsbevoegdheid te halen en daarbij met name te kijken naar het financiële aspect; en de raad hierover te informeren. Deze motie dien ik in samen met mevrouw Ateş van GroenLinks. We moeten ook het keuzemoment en het selectiemoment in het Nederlandse onderwijs uitstellen. Gelukkig ziet deze wethouder dat ook in. Ik vond het mooi dat hij daartoe ook opriep in de media. Maar ik wil nog iets verder gaan. Daarom dien ik een motie in met het dictum: verzoekt het college te onderzoeken of het aantal brede brugklassen in Den Haag kan worden uitgebreid en welke rol de gemeente kan spelen bij het stimuleren hiervan; te onderzoeken of we dan niet kunnen werken met de bredebrugklasbonus in Den Haag, waarbij scholen subsidie krijgen van de gemeente als zij kiezen voor een brede brugklas en of dat onderdeel kan worden van het volgende HEA-jaarplan; en de raad hierover te informeren voor het uitkomen van het volgende HEA-jaarplan.
Deze motie dien ik samen in met de heer Wijsmuller en mevrouw Ateş. Het is mooi als we meer brede buurtscholen in Den Haag faciliteren. Sommige van mijn collega's zijn misschien weleens op de brede buurtschool O3 in de Rivierenbuurt geweest. Volgens mij is dat een supermooi voorbeeld van hoe deze scholen functioneren, namelijk ook als ouder- en kindcentrum. Samen met belangrijke organisaties uit de buurt zijn zij dan bezig met de ontwikkeling van het kind in de leeftijd van ongeveer 0 tot 12. Daarom dien ik hiervoor de volgende motie in: verzoekt het college te onderzoeken of er in het volgende HEA-jaarplan meer subsidiegelden voor het realiseren van nieuwe brede buurtscholen beschikbaar kunnen worden gesteld; en de raad hierover te informeren. Dit omdat wij uit het onderwijsveld hebben begrepen dat we vanuit de totale subsidies voor brede buurtscholen geen nieuwe brede buurtscholen meer kunnen ondersteunen. Dus er is eigenlijk niet genoeg geld. Ik snap dat de wethouder geen geld over heeft, maar het zou fijn zijn als hij in ieder geval zou kunnen kijken wat er wél mogelijk is. Ik rond graag af. Ik wil dat echt nog een keer doen met grote complimenten aan deze wethouder.
Ik ben blij dat we na tien jaar een toch ietwat afwachtende houding van de gemeente op het gebied van kansenongelijkheid te hebben gehad, nu weer een wethouder hebben die proactief aan de slag gaat met dit onderwerp. Dus veel complimenten daarvoor. De voorzitter. Door mevrouw Tseggai worden de volgende moties (J.10 PvdA, J.11 PvdA en J.12 PvdA) ingediend:
Motie J.10 PvdA Zet in op brede brugklassen De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 21 januari 2021 ter bespreking van het HEA jaarplan 2020-2021 61
Constaterende, dat: • In ons huidige systeem de selectie op niveau relatief vroeg plaatsvindt in de schoolcarrière van Nederlandse kinderen; • Er veel sprake is van onderadvisering in het Nederlandse onderwijs, ook in Den Haag Overwegende, dat: • Brede brugklassen een bewezen effectief middel zijn tegen kansenongelijkheid en uiteenlopende schooladviezen van kinderen met verschillende sociaal economische achtergronden • In Amsterdam scholen worden gestimuleerd om een brede brugklas in te voeren, door een subsidie waarmee de klas gefinancieerd wordt en de bonus hoger wordt naarmate de variatie in schoolniveaus stijgt; • Scholen hiermee kinderen in een brede brugklas met extra aandacht en verdieping kunnen onderwijzen; • Dit uiteindelijk leidt tot meer kinderen die terecht komen op een niveau dat beter bij hen past (https://nationale-denktank.nl/oplossing/de-brugklasbonus/) Verzoekt het college: • Te onderzoeken of het aantal brede brugklassen in Den Haag kan worden uitgebreid en welke rol de gemeente kan spelen bij het stimuleren hiervan; • Te onderzoeken of in navolging daarvan de brede brugklasbonus in Den Haag onderdeel kan worden van het volgende HEA jaarplan; • En de raad hierover te informeren.
Motie J.11 PvdA Help MBO’ers instromen De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 21 januari 2021, ter bespreking van het HEA jaarplan 2020-2021 Constaterende, dat: • Er in Den Haag een aanzienlijk tekort aan leraren is, met grote verschillen tussen stadsdelen in de tekorten; Overwegende, dat: • Zij-instromers het tij van het lerarentekort kunnen creeëren; • Mensen met een MBO-opleiding in een ondersteundende functie vaak willen doorstromen naar de functie van leerkracht; • Het op dit moment financieel gezien ingewikkeld voor hen is, omdat zij vaak geen recht hebben op allerlei vergoedingen die mensen die vanuit HBO en WO niveau doorstromen wel krijgen; • Het een grote groep van mensen betreft die al veel onderwijservaring hebben; Verzoekt het college: • Te onderzoeken hoe we het voor mensen met een MBO-4 niveau makkelijker kunnen maken om als zij instromer hun onderwijsbevoegdheid te halen en daarbij met name te kijken naar hun financiële positie; • En de raad hierover te informeren.
Motie J.12 PvdA Ruimte bieden aan nieuwe brede buurtscholen De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 21 januari 2021, ter bespreking van het HEA jaarplan 2020-2021.
62
Constaterende, dat: • Brede buurtscholen ouderbetrokkenheid en verschillende organisaties in één school(gebouw) combineren, waarbij samengewerkt wordt om zoveel mogelijk ontwikkeling van kinderen in de leeftijd van 0-12 te bevorderen; • Brede buurtscholen een goed middel zijn om kansenongelijkheid en achterstanden tegen te gaan; Overwegende, dat: • Er op dit moment al een aantal zeer succesvolle brede buurtscholen zijn in Den Haag; • Er op dit moment geen subsidie meer is voor nieuwe brede buurtscholen; Verzoekt het college: • Te onderzoeken of er in het volgende HEA jaarplan meer subsidiegelden voor het realiseren van nieuwe brede buurtscholen beschikbaar kunnen worden gesteld; • En de raad hierover te informeren. De moties maken onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Tahsin Çetinkaya (Islam Democraten). Voorzitter. Dat er een nijpend lerarentekort is, is een bekend fenomeen. De situatie wordt alleen maar erger door de coronacrisis. Het is daarom handig om te kijken hoe we ervoor kunnen zorgen dat Den Haag leraren kan aantrekken. Dit geldt overigens niet alleen voor leraren, maar ook voor zorgmedewerkers, die we nu zo hard nodig hebben. Een goed voorbeeld zien we in Amsterdam. De gemeente Amsterdam heeft een actieplan opgezet waarin punten zijn opgenomen die de aantrekkingskracht van de stad vergroten.
Zo hebben zij bijvoorbeeld een voorrangsregeling voor huurwoningen en voor docenten en laatstejaarsstudenten pabo en lerarenopleidingen. Hetzelfde kan gedaan worden voor zorgmedewerkers. Daarnaast biedt de gemeente Amsterdam een extra reiskostenvergoeding aan voor docenten die buiten de stad wonen en parkeervergunningen voor scholen. Op deze manier trekt Amsterdam leraren en zorgmedewerkers naar zich toe. Het zou een goede zet zijn van de gemeente Den Haag als ze met een soortgelijk actieplan komen. Derhalve wil ik de motie Trek docenten en zorgmedewerkers naar Den Haag indienen, met het dictum: verzoekt het college om met een actieplan te komen om leraren en zorgmedewerkers aan te trekken, zodat we het leraren- en zorgmedewerkerstekort kunnen dichten; en de raad hierover te informeren. De prognose dat een kind speciaal onderwijs nodig heeft, komt vaak te laat. De kinderen en hun ouders maken hierdoor moeilijk de omschakeling en komen in een nare situatie terecht. Daarnaast zien we vaak dat scholen het besluit om een kind naar speciaal onderwijs te sturen, te makkelijk nemen. Wanneer de prognose in een vroeg stadium wordt gemaakt, zal het makkelijker zijn voor de kinderen en hun ouders om dit op te pakken.
Bovendien zou de school ook een alternatief kunnen bieden voor speciaal onderwijs binnen de eigen school, zodat het kind makkelijker door kan gaan met zijn of haar ontwikkeling. Derhalve wil ik de motie Speciaal onderwijs alternatieven indienen: verzoekt het college om te onderzoeken of de prognose om kinderen, wanneer zij dat nodig hebben, naar speciaal onderwijs te sturen in een vroeger stadium kan gemaakt worden; om in gesprek te gaan met scholen om een alternatief lesprogramma te bieden binnen de school dat voorkomt dat een kind te makkelijk naar een speciaal onderwijs gaat; en de raad hierover te informeren. Fonda Sahla (D66). Bent u bekend met de integratieklassen? Tahsin Çetinkaya (Islam Democraten). Nee, eerlijk gezegd ben ik daar niet mee bekend. Ik weet wel dat een aantal scholen wel voor interne opleidingen zorgen, maar dat geldt niet voor alle scholen. De voorzitter. Mevrouw Sahla, nog eenmaal op dit punt. Fonda Sahla (D66). Ik wil meneer Çetinkaya meegeven dat de wethouder in de commissie heeft toegezegd dat de integratieklassen staand beleid zijn geworden en dat we in Transvaal twee scholen hebben met integratieklassen. Dat is precies wat de heer Çetinkaya net in zijn motie heeft verwoord. 63
Tahsin Çetinkaya (Islam Democraten). Deze motie gaat niet over Transvaal. Die geldt Den Haagbreed. Ik ben echt naar scholen gegaan. Ik heb alles bijgehouden. Ik heb ondertussen acht scholen bezocht waar dit niet aangeboden wordt. De voorzitter. U vervolgt uw betoog. Tahsin Çetinkaya (Islam Democraten). Voorzitter. Het lerarentekort neemt met de dag toe. Scholen zoeken allerlei manieren om aan leerkrachten te komen. Daar komt bij dat het salaris van een leraar een bepalende factor is voor het niet volgen van een lerarenopleiding of het niet kiezen voor het beroep. Een hoger salaris zal de opleiding en het beroep aantrekkelijk maken. Wanneer we dit kunnen realiseren, zullen we eerder op langere termijn het lerarentekort kunnen oplossen. Daarom wil ik de motie Structurele salarisverhoging leraren indienen, met als dictum: verzoekt het college om in gesprek te gaan met de minister van Onderwijs en gezamenlijk de mogelijkheid te onderzoeken van een structurele salarisverhoging voor leerkrachten in het onderwijs, en met name in het basisonderwijs; en de raad hierover te informeren. Fonda Sahla (D66). Excuus, voorzitter. Ik heb een interruptie op het vorige onderwerp, maar waarschijnlijk mocht ik maar twee keer. De voorzitter. Dat klopt: twee interrupties op een onderwerp. Meneer Çetinkaya, u vervolgt uw betoog. Tahsin Çetinkaya (Islam Democraten). Ik ben klaar. De voorzitter.
Door de heer Çetinkaya worden de volgende moties (J.13 ID, J.14 ID en J.15 ID) ingediend:
Motie J.13 ID Structurele salarisverhoging leraren De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op donderdag 21 januari 2021, ter bespreking van voorstel van het college inzake HEA-Jaarplan 2020-2021 (RIS306622). Constaterende, dat: - Het lerarentekort met de dag toeneemt en dat scholen allemaal manier zoeken om aan leerkrachten te komen; - Het salaris van een leraar een bepalend factor is bij het niet volgen van een lerarenopleiding of kiezen voor het beroep; Overwegende, dat: - Een hoger salaris de opleiding en het beroep aantrekkelijk zal maken; - Hierdoor op langer termijn het lerarentekort opgelost zal worden; Verzoekt het college: - Om in gesprek te gaan met de minister van onderwijs en gezamenlijk te onderzoeken naar structurele salaris verhoging voor leerkrachten in het onderwijs, en met name in het basisonderwijs; - De raad hierover te informeren; En gaat over tot de orde van de dag.
Motie J.14 ID Speciaal onderwijs alternatieven 64
De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op donderdag 21 januari 2021, ter bespreking van voorstel van het college inzake HEA-Jaarplan 2020-2021 (RIS306622). Constaterende, dat: • De prognose dat een kind speciaal onderwijs nodig heeft vaak veel te laat gebeurt; • De kinderen en hun ouders hierdoor de omschakeling moeilijk maken en in een nare situatie belanden; • De scholen het besluit om een kind naar speciaal onderwijs te sturen soms te makkelijk gaat; Overwegende, dat: • Wanneer de prognose in een vroeger stadium wordt gemaakt, dit makkelijker is voor de kinderen en hun ouders om dit op te pakken; • Wanneer scholen ook een alternatief bieden voor speciaal onderwijs, het kind makkelijker door kan gaan met zijn/haar ontwikkeling; Verzoekt het college: • Om te onderzoeken of de prognose om kinderen, wanneer zij dat nodig hebben, naar speciaal onderwijs te sturen in een vroeger stadium kan gemaakt worden; • Om in gesprek te gaan met scholen om een alternatief lesprogramma te bieden binnen het school dat voorkomt dat een kind te makkelijk naar een speciaal onderwijs gaat; • De raad hierover te informeren; En gaat over tot de orde van de dag.
Motie J.15 ID Trek docenten en zorgmedewerkers naar Den Haag De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op donderdag 21 januari 2021, ter bespreking van voorstel van het college inzake HEA-Jaarplan 2020-2021 (RIS306622). Constaterende, dat: • Het lerarentekort met de dag toeneemt sinds de coronacrisis; • Daarnaast nu ook een zorgmedewerkerstekort is ontstaan door volle IC’s; Overwegende, dat: • De gemeente dit tekort kan dichten door de beroepen aantrekkelijker te maken in Den Haag; • Een voorrangsregeling in de woonsector en allerlei andere voordelen voor deze beroepen een sterke aantrekkingskracht zal zijn voor Den Haag; Verzoekt het college: • Om met een actieplan te komen om leraren en zorgmedewerkers aan te trekken zodat we de leraren- en zorgmedewerkerstekort kunnen dichten; • De raad hierover te informeren; En gaat over tot de orde van de dag. De moties maken onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Ismet Bingöl (CDA). Voorzitter. Het college trekt met het sociaaleconomisch herstelplan terecht de portemonnee om kansenongelijkheid aan te pakken en onderwijsachterstanden in te lopen. Zeer 65
belangrijk in deze coronacrisis, die zo veel impact op onze kinderen heeft. Het gaat hier om extra hulp in de klas door studenten, maar ook om activiteiten en huiswerkbegeleiding in buurthuizen en bij welzijnsinstellingen. Maar ook om het uitdelen van nog meer laptops aan de kinderen die deze hard nodig hebben en om stageplekken te creëren en stagebegeleiding te organiseren. Ook zet het college nadrukkelijk in op het tegengaan van het lerarentekort. Geen gemakkelijke opgave, maar goed dat het college kiest voor een duurzame aanpak in plaats van een aanpak die alleen werkt op korte termijn. We moeten uitkijken dat deze coronacrisis geen samenlevingscrisis tot gevolg heeft. Daarom wil ik een van de ambities in dit jaarplan eruit lichten: de ambitie om te leren samenleven op school. Dit is ontzettend belangrijk. Het is belangrijk dat we blijven omzien naar elkaar, dat we er voor elkaar zijn. Juist ook in het onderwijs krijgt dit vorm. Dat onze kinderen verschillen niet als een probleem zien, maar ze leren waarderen. Dat kinderen iets leren van onze taal, cultuur en geschiedenis. Dat we een gezamenlijk fundament hebben, maar ook dat we met respect met elkaar omgaan. Goed dat het college op deze zaken inzet. Adeel Mahmood (NIDA). Voorzitter. Vandaag wordt het HEA-jaarplan besproken. Collega Yilmaz heeft in de commissie al een uitgebreide bijdrage geleverd.
Omdat ik beperkte spreektijd heb, zal ik mij vooral focussen op de moties die wij vandaag willen indienen. Wij focussen ons hierbij vooral op onderadvisering en kansenongelijkheid. De behandeling van dit soort onderwerpen doet erg veel pijn. Onze samenleving is de afgelopen decennia namelijk heel veel pijn gedaan doordat van jonge kinderen niet de talenten doorslaggevend waren, maar het beeld van de thuissituatie, waardoor systematisch lagere schooladviezen zijn gegeven. Het doet pijn dat wij na decennia nog steeds bezig zijn met het formuleren van maatregelen om dit tegen te gaan. De afgelopen decennia heb ik zoveel casussen meegemaakt die ik als voorbeeld kan noemen. Maar ik hoef niet eens ver te zoeken. Ik kan heel goed dicht bij huis blijven, in huize Mahmood, of de buren, of de kinderen van familie, of de kinderen van de vrienden van mijn vader, of mijn vrienden en een generatie later weer hun kinderen. Generatie na generatie ondergeadviseerd worden om jezelf vervolgens in de brugklas te bewijzen om hogerop te komen, al dan niet met een route die enkele jaren meer kost. Dus los van de mentale schade is er ook de economische schade door het missen van een aantal jaarsalarissen. Hoe dan ook, het raakt de toekomst van de kinderen en hun motivatie om hun best te doen en het uiterste te halen uit hun talenten. Laat ik nu naar de moties gaan.
Het zijn er wel wat, dus ik ga er wat sneller doorheen in verband met de tijd. We hebben de nieuwe brief van de wethouder gelezen. We steunen de strijd die hij heeft uitgesproken voor het onderwerp. Ik denk dat we elkaar op veel onderwerpen dan ook kunnen vinden, maar wat ons betreft moeten we de druk blijven opvoeren voor dit belangrijke onderwerp. Ik sluit me aan bij de vragen van collega's over de zorgen over onderwijs ten tijde van de coronacrisis. De motiveringen voor de moties staan beschreven in de moties zelf, die jullie hebben ontvangen. Vanwege de tijd lees ik alleen de dicta op. Dank aan collega Yilmaz voor de voorbereiding van de moties. De eerste motie is Meer concrete maatregelen tegen onderadvisering: verzoekt het college op basis van de documenten 'Onderwijsstromen en gelijke kansen in Den Haag' en de 'Startfoto Gelijke Onderwijskansen Den Haag' het raadsvoorstel HEA-jaarplan uit te breiden met meer concrete acties, interventies en/of maatregelen om onderadvisering tegen te gaan.
De volgende motie is Pilot onafhankelijke schooladviezen met externe deskundigen: verzoekt het college een pilot uit te voeren samen met onderwijsorganisaties uit het primair onderwijs, waarbij onafhankelijke externe deskundigen betrokken worden bij de schooladviezen van leerlingen die doorstromen naar het voortgezet onderwijs; hierbij zich te richten op de criteria cijfers en testresultaten; en gedrag en thuissituatie buiten beschouwing te laten als criteria. Dan een motie Aanvulling HEA-jaarplan: verzoekt het college de aanpakken van gemeente Rotterdam en Amsterdam om onderwijssegregatie, onderwijsdiscriminatie en kansenongelijkheid tegen te gaan te analyseren; en op basis hiervan het HEA-jaarplan aan te vullen met nieuwe accenten om onderwijssegregatie, onderwijsdiscriminatie en kansenongelijkheid tegen te gaan. Ja, voorzitter, ik zet de vaart erin. Dan de volgende motie: Afspraken met so, po, vo, mbo, hbo en wo. Hierin verzoeken wij het college om met onderwijsorganisaties uit het speciaal, primair, voortgezet, middelbaar, hoger en 66
wetenschappelijk onderwijs afspraken te maken, bijvoorbeeld door middel van convenanten, om kansengelijkheid en inclusie te stimuleren en om onderwijsdiscriminatie en segregatie tegen te gaan. Dan een motie over de aanpak van stage- en onderwijsdiscriminatie; ook heel belangrijk. Hiermee verzoeken wij het college om te komen met een integrale aanpak stage- en/of onderwijsdiscriminatie door middel van pilots met het mbo, hbo en wo; en dit ook onderdeel te maken van de antidiscriminatieaanpak in Den Haag. Als we het hebben over onderwijsdiscriminatie, vinden we dat we harder mogen zijn dan we de afgelopen decennia zijn geweest. Wij verzoeken hierbij het college om werkgevers of onderwijsinstellingen die zich schuldig maken aan onderwijs- en/of stagediscriminatie daar waar mogelijk uit te sluiten van gemeentelijke opdrachten en/of subsidies; hierbij ook naming and shaming toe te passen op deze werkgevers of onderwijsinstellingen die zich hieraan schuldig maken. Laten we aan de samenleving laten merken dat wij dit heel serieus nemen.
Dan een motie Monitor kansengelijkheid en onderwijsdiscriminatie: verzoekt het college om een jaarlijkse monitor te ontwikkelen en in te richten gericht op onderadvisering, segregatie, kansengelijkheid en onderwijsdiscriminatie; hierin schooladvies, CET-scores, heroverwegingen en bijstellingen op basis van die heroverwegingen mee te nemen; de monitor jaarlijks gemeentebreed te publiceren en bij ouders onder de aandacht te brengen; en op basis van die monitor beleidsinterventies, maatregelen en andere initiatieven te ontwikkelen om onderadvisering tegen te gaan. Dan kom ik op een motie om iets toe te voegen aan Den Haag Meldt, namelijk een meld- en informatiepunt onderwijsdiscriminatie: verzoekt het college bij Den Haag Meldt een meld- en/of informatiepunt 'onderwijsdiscriminatie' in te richten met specifieke aandacht voor onderadvisering waar Haagse burgers terecht kunnen met hun vragen, klachten en/of meldingen; en hierbij ook een publiciteitscampagne rondom het meld- en informatiepunt te beginnen. We merken nog al te vaak dat ouders niet weten waar zij terechtkunnen. Ik heb nog een drietal moties. Ik hoop dat ik nog spreektijd over heb.
De motie Stimuleer en faciliteer succesvolle onderwijsinitiatieven: verzoekt het college om meer financiële ruimte te creëren voor maatschappelijke organisaties om onderwijssegregatie, onderwijsdiscriminatie en kansenongelijkheid tegen te gaan; hierbij te kijken welke financiële ruimte er ligt binnen bijvoorbeeld het welzijn en sociaal domein; hierbij te kijken naar het wegnemen van drempels die de voorwaarden rondom de Ooievaarspas met zich meebrengen; hierbij te onderzoeken op welke wijze succesvolle initiatieven meer gestimuleerd en gefaciliteerd kunnen worden; en hierbij te kijken hoe er meer samenwerking in het onderwijsveld gecreëerd kan worden tussen onderwijs- en maatschappelijke organisaties om gevoelens van concurrentie te voorkomen. De voorzitter. Meneer Mahmood, u heeft nog tweeënhalve minuut spreektijd. Ik zeg het even voor de zekerheid, zodat u ongeveer weet waar u staat qua tijd. Adeel Mahmood (NIDA). Hartstikke bedankt, heel nuttig, voorzitter. Dank daarvoor. Ik ga het snel afronden. Dan een motie Stimuleer en faciliteer trainingen voor docenten: verzoekt het college trainingen te stimuleren en te faciliteren voor docenten over het koloniale verleden en slavernij- en migratieverleden, en onbewuste vooroordelen, houding, verwachtingspatronen en onderadvisering tegen te gaan; en de trainingen ook onderdeel te maken van de integratienota.
Dan de laatste twee moties. Meer diversiteit in onderwijsorganisaties: verzoekt het college bij de nog te maken afspraken, bijvoorbeeld in de vorm van convenanten, met onderwijsorganisaties uit het speciaal, primair, voortgezet onderwijs meer afspraken vast te leggen over culturele diversiteit in hun personeelssamenstelling; en hierbij de aandacht te hebben voor lerarenteams, ondervertegenwoordiging, medezeggenschap, raden van advies, raden van toezicht en schoolbesturen. De laatste motie is Versterken relatie tussen school, kind, ouder en andere maatschappelijke partners: verzoekt het college om faciliterende teams op en in te zetten om de vierhoekrelatie tussen school, kind, ouder en andere maatschappelijke partners te versterken; en hierbij zowel aandacht te hebben voor het kind en de ouders als de school en andere maatschappelijke partners. Dit waren mijn moties. Dank voor uw aandacht.
67
De voorzitter. Door de heer Mahmood worden de volgende moties (J.17 NIDA, J.18 NIDA, J.19 NIDA, J.20 NIDA, J.21 NIDA, J.22 NIDA, J.23 NIDA, J.24 NIDA, J.25 NIDA, J.26 NIDA, J.27 NIDA en J.28 NIDA) ingediend:
Motie J.17 NIDA Aanvulling HEA-jaarplan De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 21 januari 2021 ter bespreking van het Raadsvoorstel HEA-Jaarplan 2020-2021 en brief van wethouder Onderwijs, Kenniseconomie en Internationaal inzake Onderwijsstromen en gelijke kansen Den Haag. Overwegende, dat: • uit SEO-onderzoek van 2018 blijkt dat de kans op een schooladvies dat minimaal één niveau hoger is dan het toetsadvies, in Den Haag twee keer zo hoog is voor leerlingen met hoogopgeleide ouders dan voor leerlingen met laagopgeleide ouders; • bijstellingen als aandeel van heroverwegingen in Den Haag erg hoog is; • het schooladvies sinds 2014-2015 vaker lager dan de CET-score dan daarvoor is; • het college de verwachting deelt, dat vooral leerlingen met een migratieachtergrond en/of van wie de ouders geen HBO- of WO-opleiding en/of geen hoog inkomen hebben, een hoger advies zijn misgelopen; • elk kind recht heeft op gelijke kansen in het onderwijs; • in Den Haag alles gedaan moet worden om onderwijsdiscriminatie, onderwijssegregatie, en kansenongelijkheid tegen te gaan; • onderwijsdiscriminatie, onderwijssegregatie, en kansenongelijkheid niet in een jaar opgelost kunnen worden.
Verzoekt het college: • de aanpakken van gemeente Rotterdam en Amsterdam om onderwijssegregatie, onderwijsdiscriminatie en kansenongelijkheid tegen te gaan te analyseren; • op basis hiervan de HEA-jaarplan aan te vullen met nieuwe accenten om onderwijssegregatie, onderwijsdiscriminatie en kansenongelijkheid tegen te gaan. En gaat over tot de orde van de dag.
68
Motie J.18 NIDA Versterken relatie tussen school, kind, ouder en andere (maatschappelijke) partners. De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 21 januari 2021 ter bespreking van het Raadsvoorstel HEA-Jaarplan 2020-2021 en brief van wethouder Onderwijs, Kenniseconomie en Internationaal inzake Onderwijsstromen en gelijke kansen Den Haag. Overwegende, dat: • het college de verwachting deelt, dat vooral leerlingen met een migratieachtergrond en/of van wie de ouders geen HBO- of WO-opleiding en/of geen hoog inkomen hebben, een hoger advies zijn misgelopen; • elk kind recht heeft op gelijke kansen in het onderwijs; • in Den Haag alles gedaan moet worden om onderwijsdiscriminatie, onderwijssegregatie, en kansenongelijkheid tegen te gaan; • ouderparticipatie en betrokkenheid essentieel is in de (school)ontwikkeling van het kind. Verzoekt het college: • om faciliterende teams (sociale en/of onderwijsmakelaars) op en in te zetten om de vierhoekrelatie tussen school, kind, ouder en andere (maatschappelijke) partners te versterken; • en hierbij zowel aandacht te hebben voor het kind en de ouders als de school en andere (maatschappelijke) partners. En gaat over tot de orde van de dag.
Motie J.19 NIDA Afspraken met SO, PO, VO, MBO, HBO en WO De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 21 januari 2021 ter bespreking van het Raadsvoorstel HEA-Jaarplan 2020-2021 en brief van wethouder Onderwijs, Kenniseconomie en Internationaal inzake Onderwijsstromen en gelijke kansen Den Haag. Overwegende, dat: • elk kind recht heeft op gelijke kansen in het onderwijs; • in Den Haag alles gedaan moet worden om onderwijsdiscriminatie, onderwijssegregatie, en kansenongelijkheid tegen te gaan. Verzoekt het college: • met onderwijsorganisaties (besturen) uit het Speciaal-, Primair, Voortgezet, Middelbaar, Hoger en Wetenschappelijk Onderwijs afspraken te maken (bijvoorbeeld d.m.v. convenanten) om kansengelijkheid en inclusie te stimuleren en om onderwijsdiscriminatie- en segregatie tegen te gaan. En gaat over tot de orde van de dag.
Motie J.20 NIDA Integrale aanpak stage- en onderwijsdiscriminatie. De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 21 januari 2021 ter bespreking van het Raadsvoorstel HEA-Jaarplan 2020-2021 en brief van wethouder Onderwijs, Kenniseconomie en Internationaal inzake Onderwijsstromen en gelijke kansen Den Haag. Overwegende, dat: 69
• •
elk kind recht heeft op gelijke kansen in het onderwijs; in Den Haag alles gedaan moet worden om onderwijsdiscriminatie, onderwijssegregatie, en kansenongelijkheid tegen te gaan.
Verzoekt het college: • om te komen met een integrale aanpak stage- en/of onderwijsdiscriminatie d.m.v. pilots met het MBO, HBO en WO; • dit ook onderdeel te maken van de anti-discriminatie aanpak in Den Haag. En gaat over tot de orde van de dag.
Motie J.21 NIDA Meer concrete maatregelen tegen onderadvisering De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 21 januari 2021 ter bespreking van het Raadsvoorstel HEA-Jaarplan 2020-2021 en brief van wethouder Onderwijs, Kenniseconomie en Internationaal inzake Onderwijsstromen en gelijke kansen Den Haag. Overwegende, dat: • uit SEO-onderzoek van 2018 blijkt dat de kans op een schooladvies dat minimaal één niveau hoger is dan het toetsadvies, in Den Haag twee keer zo hoog is voor leerlingen met hoogopgeleide ouders dan voor leerlingen met laagopgeleide ouders; • bijstellingen als aandeel van heroverwegingen in Den Haag erg hoog is; • het schooladvies sinds 2014-2015 vaker lager dan de CET-score dan daarvoor is; • het college de verwachting deelt, dat vooral leerlingen met een migratieachtergrond en/of van wie de ouders geen HBO- of WO-opleiding en/of geen hoog inkomen hebben, een hoger advies zijn misgelopen; • elk kind recht heeft op gelijke kansen in het onderwijs; • in Den Haag alles gedaan moet worden om onderwijsdiscriminatie, onderwijssegregatie, en kansenongelijkheid tegen te gaan.
Verzoekt het college: • op basis van de documenten ‘Onderwijsstromen en gelijke kansen in Den Haag en de Startfoto Gelijke Onderwijskansen Den Haag’ het raadsvoorstel HEA-jaarplan uit te breiden met meer concrete acties, interventies en/of maatregelen om onderadvisering tegen te gaan. En gaat over tot de orde van de dag.
Motie J.22 NIDA Meer diversiteit in onderwijsorganisaties De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 21 januari 2021 ter bespreking van het Raadsvoorstel HEA-Jaarplan 2020-2021 en brief van wethouder Onderwijs, Kenniseconomie en Internationaal inzake Onderwijsstromen en gelijke kansen Den Haag. Overwegende, dat: • elk kind recht heeft op gelijke kansen in het onderwijs; • in Den Haag alles gedaan moet worden om onderwijsdiscriminatie, onderwijssegregatie, en kansenongelijkheid tegen te gaan; • de personeelssamenstelling van onderwijsorganisaties nog geen representatie is van Den Haag. Verzoekt het college: 70
•
bij de nog te maken afspraken (bijvoorbeeld in de vorm van convenanten) met onderwijsorganisaties (besturen) uit het Speciaal-, Primair, Voortgezet, Middelbaar, Hoger en Wetenschappelijk Onderwijs te sturen op het vastleggen van afspraken over meer (culturele) diversiteit in hun personeelssamenstelling; • hierbij de aandacht te hebben op lerarenteams, ondervertegenwoordiging, medezeggenschap, raden van advies, raden van toezicht en schoolbesturen. En gaat over tot de orde van de dag. Motie J.23 NIDA Meld- en informatiepunt ‘Onderwijsdiscriminatie inrichten bij Den Haag Meldt De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 21 januari 2021 ter bespreking van het Raadsvoorstel HEA-Jaarplan 2020-2021 en brief van wethouder Onderwijs, Kenniseconomie en Internationaal inzake Onderwijsstromen en gelijke kansen Den Haag.
Overwegende, dat: • uit SEO-onderzoek van 2018 blijkt dat de kans op een schooladvies dat minimaal één niveau hoger is dan het toetsadvies, in Den Haag twee keer zo hoog is voor leerlingen met hoogopgeleide ouders dan voor leerlingen met laagopgeleide ouders; • bijstellingen als aandeel van heroverwegingen in Den Haag erg hoog is; • het schooladvies sinds 2014-2015 vaker lager dan de CET-score dan daarvoor is; • het college de verwachting deelt, dat vooral leerlingen met een migratieachtergrond en/of van wie de ouders geen HBO- of WO-opleiding en/of geen hoog inkomen hebben, een hoger advies zijn misgelopen; • elk kind recht heeft op gelijke kansen in het onderwijs; • in Den Haag alles gedaan moet worden om onderwijsdiscriminatie, onderwijssegregatie, en kansenongelijkheid tegen te gaan. Verzoekt het college: • bij Den Haag Meldt een meld- en/of informatiepunt ‘onderwijsdiscriminatie’ in te richten met specifieke aandacht voor onderadvisering waar Haagse burgers terecht kunnen met hun vragen, klachten en/of meldingen; • een publiciteitscampagne rondom het meld- en informatiepunt te beginnen. En gaat over tot de orde van de dag.
Motie J.24 NIDA Monitor kansengelijkheid en onderwijsdiscriminatie De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 21 januari 2021 ter bespreking van het Raadsvoorstel HEA-Jaarplan 2020-2021 en brief van wethouder Onderwijs, Kenniseconomie en Internationaal inzake Onderwijsstromen en gelijke kansen Den Haag. Overwegende, dat: • uit SEO-onderzoek van 2018 blijkt dat de kans op een schooladvies dat minimaal één niveau hoger is dan het toetsadvies, in Den Haag twee keer zo hoog is voor leerlingen met hoogopgeleide ouders dan voor leerlingen met laagopgeleide ouders; • bijstellingen als aandeel van heroverwegingen in Den Haag erg hoog is; • het schooladvies sinds 2014-2015 vaker lager dan de CET-score dan daarvoor is; • het college de verwachting deelt, dat vooral leerlingen met een migratieachtergrond en/of van wie de ouders geen HBO- of WO-opleiding en/of geen hoog inkomen hebben, een hoger advies zijn misgelopen; • elk kind recht heeft op gelijke kansen in het onderwijs; • in Den Haag alles gedaan moet worden om onderwijsdiscriminatie, onderwijssegregatie, en 71
kansenongelijkheid tegen te gaan. Verzoekt het college: • om een jaarlijks monitor/dashboard te ontwikkelen en in te richten gericht op onderadvisering, segregatie, kansengelijkheid en onderwijsdiscriminatie voor het Primair Onderwijs; • hierin schooladvies, CET-scores, heroverwegingen en bijstellingen op basis van die heroverwegingen mee te nemen; • de monitor jaarlijks gemeentebreed te publiceren en bij ouders onder de aandacht te brengen; • op basis van die monitor beleidsinterventies, maatregelen en andere initiatieven te ontwikkelen om onderadvisering tegen te gaan. En gaat over tot de orde van de dag.
Motie J.25 NIDA Pilot onafhankelijke schooladviezen met externe deskundigen De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 21 januari 2021 ter bespreking van het Raadsvoorstel HEA-Jaarplan 2020-2021 en brief van wethouder Onderwijs, Kenniseconomie en Internationaal inzake Onderwijsstromen en gelijke kansen Den Haag. Overwegende, dat: • uit SEO-onderzoek van 2018 blijkt dat de kans op een schooladvies dat minimaal één niveau hoger is dan het toetsadvies, in Den Haag twee keer zo hoog is voor leerlingen met hoogopgeleide ouders dan voor leerlingen met laagopgeleide ouders; • bijstellingen als aandeel van heroverwegingen in Den Haag erg hoog is; • het schooladvies sinds 2014-2015 vaker lager dan de CET-score dan daarvoor is; • het college de verwachting deelt, dat vooral leerlingen met een migratieachtergrond en/of van wie de ouders geen HBO- of WO-opleiding en/of geen hoog inkomen hebben, een hoger advies zijn misgelopen; • elk kind recht heeft op gelijke kansen in het onderwijs; • in Den Haag alles gedaan moet worden om onderwijsdiscriminatie, onderwijssegregatie, en kansenongelijkheid tegen te gaan.
Verzoekt het college: • een pilot uit te voeren samen met onderwijsorganisaties uit het Primair Onderwijs waarbij (onafhankelijke) externe deskundigen betrokken worden bij de schooladviezen van leerlingen die doorstromen naar het Voortgezet Onderwijs; • hierbij zich te richten op de criteria: cijfers en testresultaten; • gedrag en thuissituatie buiten beschouwing te laten als criteria; • op basis van de evaluatie van de pilots met een uitrol te komen over heel Den Haag. En gaat over tot de orde van de dag.
Motie J.26 NIDA Stimuleer en faciliteer trainingen voor docenten De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 21 januari 2021 ter bespreking van het Raadsvoorstel HEA-Jaarplan 2020-2021 en brief van wethouder Onderwijs, Kenniseconomie en Internationaal inzake Onderwijsstromen en gelijke kansen Den Haag. Overwegende, dat: • uit SEO-onderzoek van 2018 blijkt dat de kans op een schooladvies dat minimaal één niveau hoger is dan het toetsadvies, in Den Haag twee keer zo hoog is voor leerlingen met hoogopgeleide ouders dan voor leerlingen met laagopgeleide ouders; • bijstellingen als aandeel van heroverwegingen in Den Haag erg hoog is; 72
• •
• •
het schooladvies sinds 2014-2015 vaker lager dan de CET-score dan daarvoor is; het college de verwachting deelt, dat vooral leerlingen met een migratieachtergrond en/of van wie de ouders geen HBO- of WO-opleiding en/of geen hoog inkomen hebben, een hoger advies zijn misgelopen; elk kind recht heeft op gelijke kansen in het onderwijs; in Den Haag alles gedaan moet worden om onderwijsdiscriminatie, onderwijssegregatie, en kansenongelijkheid tegen te gaan.
Verzoekt het college: • trainingen te stimuleren en te faciliteren voor docenten over het koloniaal-, slavernij- en migratieverleden, (on)bewuste) vooroordelen, houding, verwachtingspatronen en onderadvisering; • en de trainingen ook onderdeel te maken van de integratienota. En gaat over tot de orde van de dag.
Motie J.27 NIDA Uitsluiten bij stage- en onderwijsdiscriminatie De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 21 januari 2021 ter bespreking van het Raadsvoorstel HEA-Jaarplan 2020-2021 en brief van wethouder Onderwijs, Kenniseconomie en Internationaal inzake Onderwijsstromen en gelijke kansen Den Haag. Overwegende, dat: • elk kind recht heeft op gelijke kansen in het onderwijs; • in Den Haag alles gedaan moet worden om onderwijsdiscriminatie, onderwijssegregatie, en kansenongelijkheid tegen te gaan. Verzoekt het college: • werkgevers of onderwijsinstellingen die zich schuldig maken aan onderwijs- en of stagediscriminatie daar waar mogelijk uit te sluiten van gemeentelijke opdrachten en/of subsidies; • hierbij ook naming and shaming toe te passen op deze werkgevers of onderwijsinstellingen die zich schuldig maken aan onderwijs- en of stagediscriminatie. En gaat over tot de orde van de dag.
Motie J.28 NIDA Stimuleer en faciliteer succesvolle onderwijsinitiatieven De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 21 januari 2021 ter bespreking van het Raadsvoorstel HEA-Jaarplan 2020-2021 en brief van wethouder Onderwijs, Kenniseconomie en Internationaal inzake Onderwijsstromen en gelijke kansen Den Haag. Overwegende, dat: • uit SEO-onderzoek van 2018 blijkt dat de kans op een schooladvies dat minimaal één niveau hoger is dan het toetsadvies, in Den Haag twee keer zo hoog is voor leerlingen met hoogopgeleide ouders dan voor leerlingen met laagopgeleide ouders; • bijstellingen als aandeel van heroverwegingen in Den Haag erg hoog is; • het schooladvies sinds 2014-2015 vaker lager dan de CET-score dan daarvoor is; • het college de verwachting deelt, dat vooral leerlingen met een migratieachtergrond en/of van wie de ouders geen HBO- of WO-opleiding en/of geen hoog inkomen hebben, een hoger advies zijn misgelopen; • elk kind recht heeft op gelijke kansen in het onderwijs; 73
•
in Den Haag alles gedaan moet worden om onderwijsdiscriminatie, onderwijssegregatie, en kansenongelijkheid tegen te gaan.
Verzoekt het college: • meer (financiële) ruimte te creëren voor maatschappelijke organisaties om onderwijssegregatie, onderwijsdiscriminatie en kansenongelijkheid tegen te gaan; • hierbij te kijken welke (financiële) ruimte er ligt binnen bijvoorbeeld het welzijn en sociaal domein; • hierbij te kijken naar het wegnemen van drempels die de voorwaarden rondom de ooievaarspas met zich meebrengen; • hierbij te onderzoeken op welke wijze succesvolle initiatieven (zoals Leren voor de Toekomst) die erop gericht zijn om onderwijssegregatie, onderwijsdiscriminatie en kansenongelijkheid tegen te gaan, nog beter gestimuleerd en gefaciliteerd kunnen worden; • en hierbij te kijken hoe er meer samenwerking in het onderwijsveld gecreëerd kan worden tussen onderwijs- en maatschappelijke organisaties om (gevoelens) van concurrentie tevoorkomen. En gaat over tot de orde van de dag. De moties maken onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Pieter Grinwis (ChristenUnie/SGP). Voorzitter. Dat er veel werk aan de winkel is in het Haagse onderwijs, staat als een paal boven water. Het tegengaan van het lerarentekort, het tegengaan van kansenongelijkheid et cetera. Juist ook nu weer, nu kinderen weer een flinke periode thuisonderwijs krijgen, neemt die ongelijkheid alleen maar toe. Alle acties op het gebied van huiswerkbegeleiding, extra schooluren en zo, juicht mijn fractie van harte toe.
Hopelijk blijven de resultaten niet achter, want elk kind verdient dezelfde kans. Hopelijk gaan over enkele weken de scholen weer open, maar hoe coronaproof zijn deze dan? Juist nu de Britse variant oprukt en kinderen daar mogelijk vatbaarder voor zijn en we ons moeten voorbereiden op andere mutanten, wordt de noodzaak van afstand houden en hulpmiddelen als schermen en goede ventilatie alleen maar groter. Daarom een motie samen met collega Mahmood van NIDA, met als dictum: verzoekt het college de raad zo snel mogelijk, het liefst voor het heropenen van de scholen, te informeren over het aantal scholen in de stad dat coronaproof is en hoe de gemeente zich, samen met de scholen, inspant voor het coronaproof maken van de overige scholen. Binnenkort komt er een brief van de wethouder. Hopelijk staat er niet alleen heel veel in over beleid en geld en plannen en over wat het Rijk moet doen, maar vooral ook feitelijke informatie over hoe de situatie op scholen is, wat er op dit moment gebeurt en hoe hij als onderwijsgebouwenwethouder regie voert. De voorzitter. Door de heer Grinwis, daartoe gesteund door de heer Mahmood, wordt de volgende motie (J.16 CU/SGP) ingediend:
Motie J.16 CU/SGP coronaproof maken Haagse scholen De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 21 januari 2021, ter bespreking van het Voorstel van het college inzake HEA-Jaarplan 2020-2021 (RIS306622), constaterende, dat: • op 1 oktober bleek dat ten minste 11% van de scholen in Nederland geen ‘coronaproof ventilatiesysteem heeft (https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/coronavirus-covid19/onderwijs-en- kinderopvang/basisonderwijs-en-speciaal-onderwijs/corona-en-ventilatieschoolgebouwen ); • het Rijk € 360 miljoen beschikbaar stelt om scholen te helpen hun ventilatie op orde te krijgen; 74
•
de Britse coronamutant is gearriveerd in Nederland, welke voor alle leeftijdsgroepen extra besmettelijk is; (https://nos.nl/artikel/2362800-steeds-meer-bekend-over-britse-variantbesmettelijker-maar-onzekerheid- blijft.html)
overwegende, dat: • het onduidelijk is in hoeverre Haagse scholen voorbereid zijn op het ‘coronaproof heropenen van de scholen, zowel met betrekking tot het op orde hebben van het ventilatiesysteem als het implementeren van een eventueel afstandscriterium in het basisonderwijs; verzoekt het college: • de raad zo snel mogelijk, het liefst voor het heropenen van de scholen, te informeren over het aantal scholen in de stad dat 'coronaproof’ is en hoe de gemeente zich, samen met de scholen inspant, voor het ‘coronaproof’ maken van de overige scholen, en gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Lesley Arp (SP). Voorzitter. Tijdens de commissievergadering heeft mijn collega Rick Hoefsloot al onze visie en standpunten uiteengezet wat betreft het lerarentekort, het belang van kleine klassen, het tegengaan van onderadvisering en het verkleinen van de kansenongelijkheid in onze stad. Wat betreft onderadvisering gelooft mijn fractie dat het college er nog wel een schepje bovenop mag doen. Doordat het zo'n complex probleem is, lijkt een actieplan onderadvisering zoals de HSP voorstelt, een goede toevoeging aan het beleid. Hier staan wij dan ook van harte onder. Tot slot wil mijn fractie graag het college oproepen om met corona en de economische gevolgen ervan, vol in te zetten op stageplekken voor jongeren.
Als bedrijven terughoudend worden met het aannemen van stagiairs, zal de gemeente leerlingen op een andere manier moeten helpen. Een voorbeeld hiervan is het initiatief van de Binck Academie voor co-werkplekken in de Binckhorst. Dit soort initiatieven, waar leerlingen uit hun schoolomgeving worden gehaald en praktijkervaring kunnen opdoen, niet specifiek bij één bedrijf, maar wel buiten een schoolomgeving en in samenwerking met een aantal bedrijven uit de buurt, lijken ons een interessant en belangrijk middel. De voorzitter. Daarmee komen we aan het einde van de eerste termijn van de raad. Ik zie dat de wethouder een paar minuten schorsing wil. Dan schorsen we kort. Daarna gaan we snel verder, want we hebben nog meer onderwerpen. De vergadering wordt van 13.08 uur tot 13.12 uur geschorst. De voorzitter. Wethouder Bredemeijer, aan u het woord voor de beantwoording. Wethouder Bredemeijer (CDA). Voorzitter. Dank aan de raadsleden. Daar zitten we weer over het onderwerp onderwijsachterstanden corona. Het is een belangrijk onderwerp, maar het is vooral ook een onderwerp dat ons allemaal bezighoudt. Dat blijkt ook wel uit de inbrengen van de leden. Het is gewoon heftig. De verhalen zijn heftig. Er gebeurt echt ongelooflijk veel in het onderwijs om de achterstanden te voorkomen, maar we kijken er met zijn allen naar en het gebeurt. Achterstanden worden gewoon opgelopen.
Dat is vreselijk heftig om te zien. We moeten er echt alles aan doen met elkaar om dat te voorkomen. En, daarnaast, maar dat gebeurt sowieso, om de juiste plannen te maken, de juiste dingen te doen om de achterstanden straks weer in te lopen. Dank voor de woorden die zijn gesproken over de inzet die we als college daarin doen. Die is ook, moet ik zeggen, mede ingegeven door de behandeling die wij in de commissie met elkaar hebben gedeeld. Dus dank ook daarvoor, want volgens mij staan we er met elkaar voor. Zo zie ik het in ieder geval. Dus ik weet me daarin gesterkt door de inbreng van de commissieleden en de raadsleden. Volgens mij doe ik wat ik doe namens ons allemaal. Daar gaan we mee door, onder andere via de G4 en de brief aan de minister waarin we een aantal dingen zeggen, ook expliciet op het onderwerp onderadvisering. Daar heb ik inderdaad die aparte brief nog over geschreven. Daar kom ik straks op 75
terug. Het is echt nu aan ons om die prioriteit te geven, ook aan dit thema: het inlopen van de achterstanden, het voorkomen van achterstanden, het geven van de juiste adviezen, het geven van de juiste mogelijkheden voor doorstroming naar de opleiding waar een kind uiteindelijk thuishoort. De verhalen die je daarover hoort, komen aan. Er is er net ook een aantal gedeeld. Het is heftig dat we dat in een land als Nederland nog steeds met elkaar moeten zien en dat het nog steeds zo aan de orde van de dag is. Onacceptabel wat mij betreft. Daar moeten we echt mee aan de slag, op een aantal manieren. Ik ga daar niet al te lang bij stilstaan. Brede brugklassen en dergelijke; volgens mij is daar veel over gezegd. Nu bespreken we het HEA-jaarplan, maar we komen natuurlijk ook alweer op het moment dat we de nieuwe HEA met elkaar gaan vaststellen. Dit zijn de onderwerpen waar ik mee aan de slag wil, samen met de scholen, met de leraren, met de kinderen, met de schoolbesturen, met de schoolleiders. Dit zijn de thema's die we moeten uitwerken met elkaar, want we staan echt op een belangrijk punt in de geschiedenis van het onderwijs. Ik hou even op met mijn introductie. Ik ga naar de moties, maar niet voordat ik nog even heb stilgestaan bij de commissievergadering van 10 december. Er stond van toen nog een klein aantal vragen open. Het is misschien goed om die nu te beantwoorden.
Dan kunnen we daar wellicht nog een gesprek over voeren. Van mevrouw Ateş was er nog een vraag over de communicatie van scholen met anderstalige ouders. Ik heb daar in mijn nieuwe brief, die ik na de commissie heb gestuurd, onder andere naar aanleiding van de commissie, maar ook naar aanleiding van de onderzoeken die er zijn geweest, gezegd heb dat we vooral door het inzetten van meer schoolmaatschappelijk werk proberen het gesprek met ouders tot stand te laten komen. Dat gebeurt natuurlijk op zich al wel, maar er kan echt meer. Daar willen we de scholen ook bij helpen, onder andere door toch weer dat schoolmaatschappelijk werk extra aan te gaan bieden. Dat is echt ook bedoeld voor dat gesprek met de ouders. Wat is de rol van ouders in de toekomst van hun kind? Wat is de rol van ouders in het vaststellen van het juiste advies? Daarin willen we de thuissituatie niet langer laten meewegen, maar het gesprek tot stand brengen. Dus dat gaat over die taal. Dat geldt ook voor de vraag over de informatie over primaire voorzieningen. Hoe bereiken we meer kwetsbare gezinnen en bereiken we die voldoende? Dat was de vraag van mevrouw Ateş. Ik denk echt dat schoolmaatschappelijk werk daar een bijdrage aan kan leveren, dat dat het middel zou moeten zijn.
De laatste vraag van mevrouw Ateş die nog openstond, ging over de extra aandacht voor vroegtijdig schoolverlaters, om die weer terug aan de studie te helpen. Ik heb net gehoord dat daar een nieuwe motie over ingediend is. Dit is echt wat wij doen met de Servicepunten Arbeid en de LeerWerkmakelaar. Ik kom daar straks bij de motie nog op terug. Dan stond er van de heer Smit nog een vraag open over de doorstroming van het mbo naar het hbo, onder andere. Dat was althans het voorbeeld. Er gebeurt veel op dat gebied, onder andere samen met het programmabureau Spirit4you. Dat bureau financieren wij als gemeente. Dat is actief om voor de leerlingen de doorstroom te verbeteren, met name naar het hbo. Het is wel aardig om dat er eens bij te pakken. De website is bekijkjetoekomstnu.nl. Spirit4you is echt een mooi programma. Serpil Ateş (GroenLinks). Dank voor de antwoorden van de wethouder. Ik begrijp uit de antwoorden dat er een enorm pakket wordt neergelegd bij schoolmaatschappelijk werk. Ik ben ooit zelf als schoolmaatschappelijk werker begonnen. Ik weet dat er een enorme opgave voor ze ligt, vooral in de moeilijker wijken, waar kinderen van multiproblem-gezinnen heel veel zorg nodig hebben. Ik zie alleen niet hoe schoolmaatschappelijk werk zou kunnen helpen met het bereiken van mensen die we nu niet kunnen bereiken. Hoe ziet de wethouder dat voor zich? Wethouder Bredemeijer (CDA).
Mooi dat mevrouw Ateş zelf die ervaring heeft. Ik denk dat scholen hulp kunnen gebruiken bij het bereiken van ouders en dat schoolmaatschappelijk werk die bijdrage kan leveren. Dat betekent dus dat we de scholen echt die ondersteuning geven. Op het moment dat de betrokkenheid van ouders, of dat nou bewust of onbewust is, onvoldoende is, dan denk ik dat we daar extra effort op moeten zetten. Dat zie ik als die bijdrage die we daaraan leveren. Serpil Ateş (GroenLinks). Nou is het normaliter zo - verbeter me als het niet zo is - dat er gemiddeld één of max twee schoolmaatschappelijk werkers per school beschikbaar zijn. Dat betekent dat zij dus en verantwoordelijk zijn voor de zorgkinderen, dadelijk het pakket krijgen om de communicatie tussen 76
anderstalige ouders en de school te verbeteren, en daarnaast ook nog eens in de wijk moeten gaan kijken naar ouders of doelgroepen die we niet goed bereiken. Is dat niet een enorme last voor het aantal schoolmaatschappelijk werkers per school? Hoe wordt daar invulling aan gegeven? Wethouder Bredemeijer (CDA). Het is niet de bedoeling dat we alleen de taken van schoolmaatschappelijk werk opplussen. Het is ook de bedoeling dat daar meer schoolmaatschappelijk werkers tegenover staan. Dus wat mij betreft neemt dat aantal toe. Dat is wat we willen gaan doen als gemeente om die bijdrage vanuit ons extra te leveren aan de scholen. Meer taken, meer mensen. Mevrouw Sahla vroeg: kunnen we een overzicht krijgen van welke scholen lange wachtlijsten voor bijzonder onderwijs hebben? De raad sprak daar net al even over. Er staat 'bijzonder onderwijs', maar er wordt waarschijnlijk 'speciaal onderwijs' bedoeld. Het antwoord daarop is dat het lastig is. De leerling die naar het speciaal onderwijs moet, blijft op de school waar hij zit, en de school is verantwoordelijk. Dus de school gaat uiteindelijk over de doorgeleiding van het kind naar het speciaal onderwijs. Samenwerkingsverbanden hebben daar natuurlijk een belangrijke rol in. Wij hebben als gemeente daar geen overzicht van.