RIS308207 Notulen van de raad van 21 januari2021 dag
Tekst van het document
Vorig jaar november hebben we met het Transgender Netwerk Nederland een zichtbaarheidsactie ingezet: een week lang dwars door Den Haag posters en … De voorzitter. Wethouder, u valt weg. U bent er weer. Gaat u door. Wethouder Van Alphen (GroenLinks). Ik wil alleen maar zeggen dat ik niet voldoende geld heb om grootschalige acties meerdere malen te doen, maar we doen binnen ons budget zo veel mogelijk om dit breeduit neer te zetten. In die zin is de motie dus overbodig. Mikal Tseggai (PvdA). Op zich snap ik wat de wethouder zegt, maar zou de wethouder dan niet kunnen onderzoeken wat er binnen het budget dat we nu hebben, wél kan met mupi's en bushaltes? Want niet iedereen loopt iedere dag langs de regenboogvlag op het stadhuis. Ik denk dus dat het heel goed is om ook juist in de wijken die bushaltes en die mupi's echt aan te kleden met trots op onze queercommunity in Den Haag. Wethouder Van Alphen (GroenLinks). Over die bushaltes gaat de HTM natuurlijk, maar uw pleidooi is duidelijk. We proberen daar binnen het budget dat we hebben, ook zo veel mogelijk aan te doen. Ik heb voorbeelden gegeven, onder andere de Transgender Gedenkdag. Daar gaan we dat inderdaad ook 40
doen. Zo zijn er verschillende activiteiten die wij extra onder de aandacht brengen. Maar als u bereid bent om in de komende periode hiervoor meer geld vrij te maken, hoor ik dat graag. Mikal Tseggai (PvdA). Ik heb geen antwoord gekregen op mijn vraag. Mijn vraag was: wat kunnen we met het budget dat we hebben, wél doen met bushaltes en mupi's? Kunnen we niet iets afspreken met de HTM et cetera? Ik wil best kijken hoe we in de volgende periode meer geld vrij kunnen maken voor queeremancipatie, maar mijn vraag gaat over wat er nu mogelijk is. Wethouder Van Alphen (GroenLinks). Voor zover het zich voordoet en voor zover er vraag en aanbod zijn, gaan we in overleg met al degenen die met de mupi's te maken hebben. Zo hebben we dat dus met de Transgender Gedenkdag gedaan. Wij zijn zelf naar de mensen gestapt die daarover gaan en we hebben binnen het college afgesproken dat daar binnen bepaalde thema's en bepaalde portefeuilles gebruik van mag worden gemaakt. Zo gaan we het dus ook doen. We hebben ook afspraken met de HTM om te kijken of we dit op de trams kunnen doen. Zo hebben we de vlaggetjes tijdens Pride Day, enzovoorts. We doen dus erg veel aan het naar buiten brengen van dit soort zaken, via de geijkte middelen maar ook daarbuiten. Het is dus een onderdeel van ons beleid in dezen. De voorzitter. Zet u uw betoog voort. Wethouder Van Alphen (GroenLinks). Dat zal ik doen.
We zijn het er van harte mee eens dat het Internationale Homomonument meer aandacht verdient, ook internationaal. Voor alle duidelijkheid: de huidige locatie van het Homomonument valt onder het bestemmingsplan Den Haag Centraal uit 2018. Ik zeg het heel technisch: op de plankaart is de specifieke bouwaanduiding ter plaatse van het monument: 'gedenkteken en/of standbeeld'. Formeel is daar dus een gedenkplaats, een monument, een standbeeld voor het Homomonument. Dat is dus geformaliseerd. Dat moeten we ook uitdragen. Vandaar dat we zeer goed kijken naar de vlag die daarbij gehesen kan worden. Ik zal nog even formeel laten uitzoeken hoe die gedenkplaats er daadwerkelijk uitziet en we zullen daar een formele plaats van maken, voor zover het dat al niet is, en daarmee naar buiten komen. Dan zullen we ook kijken in hoeverre we de vlag daar regelmatig kunnen laten wapperen. We moeten nog wel even in overleg met de ontwerper van het Homomonument om te vragen of daar zomaar een vlag naast geplaatst kan worden, maar Theo ten Have en ik kennen elkaar. Ik denk dus dat we daar wel uit komen. Dan de motie van mevrouw Roopram. Ik ben een beetje geschokt door de titel die u daarbij gebruikt, want die is in tegenspraak met datgene wat u eigenlijk vraagt. We hebben het in de commissievergadering uitgebreid gehad over het woord 'queer'.
We hebben geprobeerd om - dat klinkt heel lullig - een verzamelterm voor deze groep te gebruiken. Zoals de burgemeester mij eerder heeft aangegeven, kun je het nooit iedereen naar de zin maken. Dat is ook zo. De een is hiervoor, de ander is hiertegen. Er is met deze term altijd wat, zou ik hierover willen zeggen. Ik heb in de commissievergadering ook aangegeven dat er verschillende geuzennamen zijn geweest enzovoorts. Ik wil best nog een keer rond de tafel met de oudere roze VVD-groep om deze term onder het genot van een kopje koffie en famille - dat zeggen wij dan onder ons - nader te bespreken. Maar laten we onze tijd en de inhoud niet gebruiken om nu veel uit te gaan weiden, onderzoek te gaan doen en draagvlak te creëren voor een term die nooit goed is. Janice Roopram (Hart voor Den Haag/Groep de Mos). Dank voor de beantwoording door de wethouder namens het college, maar ik neem aan dat het iedereen bekend is wat het woord 'opflikkeren' betekent; dat staat ook in het woordenboek van Van Dale. Laat dat dus duidelijk zijn. Ik heb ook aangegeven dat het een statement is, maar mijn vraag aan de wethouder is dat het toch niet aan de gemeente, aan een overheidsinstantie, is om te bepalen hoe een groep genoemd moet worden. Wat vindt u van de mensen die tegen de term 'queer' zijn? Wethouder Van Alphen (GroenLinks). Nee, maar ook dit is een term die we gebruiken.
De interpretatie daarvan is heel verschillend, net zoals 'opflikkeren' of 'flikker op' op verschillende manieren interpretabel is. Dat wil ik alleen maar aangeven. Daarbij geef ik aan dat 'queer' in de homostrijd in de jaren tachtig en negentig een heel belangrijke term is geweest. Die term werd toen gebruikt in 'we're here, we're queer en we're here to stay'. Dat is een heel belangrijk statement geweest. 41
Heel veel jongeren in deze situatie vinden dit nog steeds een belangrijke term. Het is een interpretatie; dat is duidelijk. Ik kan me ook voorstellen dat anderen daar een andere visie op hebben. Dat mag ook en dat kan ook. Wij gebruiken hier deze term. We verplichten niemand om dit te doen, maar wij proberen aan te geven dat we hiermee de grootste groep bedoelen. Janice Roopram (Hart voor Den Haag/Groep de Mos). U verplicht niemand, maar u bent wel wethouder Emancipatie van deze stad. Deze stad heeft geluiden aangegeven waaruit blijkt dat men zich daar niet prettig bij voelt. Dus nogmaals, kan de wethouder aangegeven of hij ervoor openstaat om daarover in gesprek te gaan met de ouderen, zoals mijn collega mevrouw Oudshoorn heeft aangegeven? Maar het zijn niet alleen oudere mensen. Er zijn ook mensen van middelbare leeftijd die hebben aangegeven dat zij hier niet blij mee zijn. Kijk nogmaals naar de mediaberichten en de reacties op de socialmediakanalen. Wethouder Van Alphen (GroenLinks). Dat is duidelijk. Ik heb ook aangeboden dat ik met alle gemeenschappen in gesprek wil gaan. Als daar maar een kopje koffie bij is, vind ik dat best. Er zijn ook heel veel geluiden, misschien op andere sociale media, die u niet bekend zijn - hoewel u er heel veel kent - die aangeven dat dit een juiste term en dat men er blij mee is. Dat zijn met name jongeren.
U kunt wel nee schudden, maar dat is dus wel zo. Die berichten bereiken u misschien niet, omdat ze u niet durven te bereiken, maar ze bereiken mij en ook anderen in de raad in ieder geval wel. Zoals ik zei, nogmaals de burgemeester citerend: je kunt het nooit iedereen naar de zin maken. De voorzitter. Zet u uw betoog voort? Of was u klaar? Wethouder Van Alphen (GroenLinks). Nee, ik was nog bezig met de moties. Ik ben bij de motie van de VVD om ervoor zorg te dragen dat alle inburgeraars informatie krijgen over seksuele diversiteit en gender- en seksediversiteit. Alle inburgeraars volgen het participatieverklaringstraject, dat zich richt op de Nederlandse kernwaarden vrijheid, gelijkheid, solidariteit en participatie. Queerrechten maken daar onderdeel van uit. Daarbij hebben we als gemeente, zoals u weet, ook nog een integraal inburgeringsstelsel waarbij het participatieverklaringstraject niet losstaat van andere inburgeringsonderdelen, waaronder taallessen en dialoog over deze waarden en normen. Die gaan we dus ook faciliteren. De kernwaarden zullen dus zeker breder aan bod komen, ook in de naturalisatieceremonie. Ik weet niet of u die weleens heeft bijgewoond. Zij wordt niet meer uitgevoerd, maar met name in het filmpje wordt heel duidelijk aangegeven dat de Haagse samenleving heel divers is. Daar komen ook tot tweemaal toe queerstelletjes aan de orde.
We besteden hier dus in alle facetten aandacht aan. We ontraden deze motie dan ook. Dan de motie over het vergroten van de sociale acceptatie van seksuele diversiteit en genderdiversiteit bij bepaalde culturele en religieuze groepen. Het actieprogramma heeft juist als doel acceptatie door alle groepen. Apart beleid voor specifieke groepen is op dat gebied wat ons betreft dan ook niet aan de orde, omdat het beleid het totaal al omvat. Het veiligheidsoverleg, waaraan verschillende queerorganisaties, zoals Roze in Blauw Eenheid Den Haag en Den Haag Meldt, deelnemen, is juist bedoeld om te komen tot acties die de veiligheid … De voorzitter. Wethouder, u valt weer weg. Kunt u de vorige zin nog even herhalen? Wethouder Van Alphen (GroenLinks). Het veiligheidsoverleg, waaraan verschillende queerorganisaties, zoals Roze in Blauw Eenheid en Den Haag Meldt, deelnemen, is juist bedoeld om te komen tot acties die de veiligheid van queerpersonen in Den Haag vergroten. Daarnaast wordt bij de activiteiten van The Hang-Out 070, dat zich richt op het versterken van de eigen kracht en het netwerk, ook de queeremancipatiewerker ingezet die we hebben aangenomen. Die benadert ook actief sociaalmaatschappelijke organisaties en groepen met een religieuze achtergrond.
De queeremancipatiewerker biedt informatie, advies en ondersteuning bij het bespreekbaar maken van seksuele diversiteit en genderdiversiteit. Met andere woorden, het is een onderdeel van zijn of haar werkzaamheden om dit onder de aandacht te brengen van alle groeperingen. Het totale plan heeft daar alle aandacht voor, in alle facetten. Dus we ontraden deze motie.
42
Het Roze Loper-keurmerk vinden we uiteraard heel sympathiek. Zeker als het gaat om roze ouderen ben ik daar ook persoonlijk zeer van gecharmeerd. Ik ben in dezen wel afhankelijk van de beschikbare middelen; dat begrijpt u ook. Ik wil mijn ambitie best bijstellen, zoals ik ook in de commissievergadering heb gezegd. Ik ga daar ook mijn best voor doen. Ik zal in de jaarlijkse rapportage ook de vorderingen melden. Ik ben best bereid om te kijken of we het in 2023 halen om alle organisaties daarbij te betrekken. Ik laat het dus aan de raad om hier een uitspraak over te doen. Mijn ambitie kan niet hoog genoeg zijn. Dat onderschrijf ik. Als u mij daarop wil afrekenen, laat ik dat verder aan de raad. De Haagse Stadspartij pleit ervoor om in plaats van 'bicultureel queer' de term 'queerpersonen met een kleur' te gebruiken. We hebben het net een beetje over de term gehad. Ik wil daar even over nadenken om te kijken hoe we dat kunnen implementeren. Ik laat dus ook deze motie over aan de uitspraak van de raad. Dan de motie over de roze woonnota, met het verzoek om samen met de belangenorganisaties te onderzoeken op welke manier er behoefte is aan een vorm van groepswonen. We hebben daar in het verleden een aantal projecten voor gehad en ook ondersteund. Ik ben bereid om onderzoek te doen naar de mogelijkheden. We gaan ze niet zelf oprichten; dat moge duidelijk zijn.
We gaan kijken waar mensen ondersteuning nodig hebben wanneer zij zo'n initiatief nemen. Dan de motie die verzoekt om binnen de instellingen aandacht te vragen voor signalen van discriminatie in de hulpverlening. Ook dat zijn signalen die bij ons terecht zijn gekomen. Wij kunnen deze motie dus omarmen, evenals de motie van de heer Grinwis, die het college verzoekt om bij de uitvoering en doorontwikkeling van het actieprogramma deze organisaties te betrekken. Dat doen we uiteraard. Ook die motie kunnen we dus omarmen. De voorzitter. Ik kijk naar de raad. Heeft u behoefte aan een tweede termijn? Judith Oudshoorn-van Ginderen (VVD). Ik heb alleen een klein vraagje. Heeft de wethouder de inschrijving al rond voor de Roze Zaterdag van 2023? De voorzitter. Daar heeft u nu twee keer reclame voor gemaakt. Wethouder Van Alphen (GroenLinks). Wij hebben daar al eerder over gesproken. Ik ga zeer binnenkort met een voorstel naar het college. Hier is aandacht voor en we gaan het proberen. Robin Smit (PvdD). Voorzitter. Ik zou motie H.4 PvdD graag willen aanhouden naar aanleiding van de toezegging van de wethouder. De voorzitter. Helder. Aangezien motie H.4 PvdD is aangehouden, maakt zij geen onderdeel van de beraadslaging meer uit. Ik constateer dat er verder geen behoefte is aan een tweede termijn. De beraadslaging wordt gesloten. De voorzitter.
De stemmingen en de stemverklaringen over deze voorstellen vinden vanavond plaats. De vergadering wordt van 11.56 uur tot 12.00 uur geschorst.
Aan de orde is: I.
Gewijzigd initiatiefvoorstel: Maak Transvaal snel leefbaar (RIS304695).
De voorzitter. Aan de orde is agendapunt I: het gewijzigde voorstel inzake Maak Transvaal snel leefbaar. Dit is een initiatiefvoorstel van mevrouw Davituliani. Ik geef haar graag gelegenheid voor een korte toelichting. Gaat uw gang.
43
Nino Davituliani (Hart voor Den Haag/Groep de Mos). Voorzitter. We hebben een prachtig initiatiefvoorstel ingediend aan de hand van de aanbevelingen van de bewoners uit de buurt, die enorme overlast ondervinden van de problemen die zich op en rond het Kaapseplein manifesteren. Uit de reactie van het college en de collegepartijen in de commissievergadering blijkt maar weer hoe doof het college is voor geluiden uit de stad. De voorstellen die we doen, zijn praktisch en oplossingsgericht. Wij beogen met dit initiatiefvoorstel de leefbaarheid in Transvaal, die ernstig onder druk staat, te verbeteren. Wij hebben het voorstel inmiddels aangepast. Wij hebben punt 2, Eén huishouden per woning, eruit gehaald, omdat er bij het indienen van het voorstel onvoldoende kaders waren waarmee we de problemen het hoofd konden bieden. Daar is nu verandering in gekomen. Dus dit punt hebben we eruit gehaald. Ook het punt betreffende deur-aan-deurinventarisatie, waar heel veel partijen over vielen, hebben we geheel uit het voorstel gehaald. We hebben een geheel nieuw punt aan het voorstel toegevoegd over een gemeentelijk meldpunt voor klachten uit de buurt over uitbuiting, mensenhandel en dergelijke. Ik hoop op brede steun voor dit voorstel en een constructieve benadering door de collegepartijen. De beraadslaging wordt geopend. Lesley Arp (SP). Voorzitter.
Allereerst wil ik opmerken dat mijn fractie het in ieder geval goed vindt dat de deur-aan-deurinventarisatie uit het voorstel is geschrapt. Volkomen terecht dat Hart voor Den Haag de leefbaarheidsproblemen in Transvaal op de agenda zet, maar dit rechtvaardigt in de ogen van mijn fractie niet een dergelijke inbreuk op de privacy van álle wijkbewoners. Nog belangrijker vindt mijn fractie dat we de oorzaken van deze leefbaarheidsproblemen aanpakken. Die liggen grotendeels in uitbuiting. Hart voor Den Haag stelt in het gewijzigde initiatiefvoorstel voor om een meldpunt hiervoor in het leven te roepen, maar dat gaat mijn fractie niet ver genoeg. In het jaar 2000 schreef dagblad Trouw al over een arbeidsbeurs in het halfduister in Transvaal. We zijn inmiddels twintig jaar verder en de signalen van arbeidsmigranten die urenlang in de kou wachten om een dag te kunnen werken, zijn er nog steeds. De SP is dan ook van mening dat er nu al voldoende aanleiding is om de activiteiten van uitzendbureaus op de daglonersmarkt op het Kaapseplein onder de loep te nemen, al is het maar om een signaal af te geven dat wij in deze stad van vrede en recht geen uitbuiting tolereren.
Daarom dient mijn fractie een motie in waarvan het dictum luidt: roept het college op in overleg te treden met de inspectie van het ministerie van SZW over de mogelijkheden voor het controleren van uitzendbureaus die gebruikmaken van de daglonersmarkt op het Kaapseplein, zodat mogelijke malafide activiteiten aan banden kunnen worden gelegd; en de raad te informeren over de uitkomsten. Deze motie dien ik mede in met de heer Çetinkaya van de Islam Democraten en de heer Grinwis van de ChristenUnie/SGP. De voorzitter. Door mevrouw Arp, daartoe gesteund door de heer Çetinkaya, wordt de volgende motie (I.1 SP) ingediend:
Motie I.1 SP Laat arbeidsmigranten niet in de kou staan De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 21 januari 2021, ter bespreking van het Initiatiefvoorstel: Maak Transvaal Snel Leefbaar (RIS304695). Constaterende, dat: Het Kaapseplein sinds jaar en dag bekend staat als plek waar dagloners worden opgepikt om vervolgens per busje naar de plaats van arbeid vervoerd te worden; Het al jaren in meer of mindere mate voorkomt dat de arbeid ook op het Kaapseplein verdeeld wordt, waarbij de dagloners die niet worden uitgekozen om te werken op het plein blijven rondhangen; De arbeidsmigranten soms wel uren op het Kaapseplein moeten wachten voordat ze werk hebben gevonden. 44
Overwegende, dat: Het concept ‘daglonersmarkt’ met oog op de menselijke waardigheid in 2020 niet meer voor zou mogen komen; Het initiatiefvoorstel ‘Maak Transvaal Snel Leefbaar’ en de brief ‘Focus op het Kaapseplein’ uit december 2019 (RIS304151) ten aanzien van de busjes en de uitzendbureaus vooral gericht zijn op het terugbrengen van de verkeersoverlast in de wijk, maar niet op het aan banden leggen van de rekrutering of verdeling van arbeid op straat; De kans bestaat dat achter de daglonersmarkt op het Kaapseplein malafide activiteiten schuilgaan. Roept het college op: In overleg te treden met de inspectie van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid over de mogelijkheden voor het controleren van uitzendbureaus die gebruikmaken van de daglonersmarkt op het Kaapseplein, zodat mogelijke malafide activiteiten aan banden kunnen worden gelegd; De raad te informeren over de uitkomsten. En gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Tahsin Çetinkaya (Islam Democraten). Voorzitter. Er zijn veel dingen mis in de wijk Transvaal. Een aantal weken geleden is bijvoorbeeld bekend geworden dat een man van 51 een meisje van 13 heeft verkracht. Een onschuldig meisje van 13 van Griekse komaf, die tegen haar wil is misbruikt en verkracht.
Hoe kan dit gebeuren? Hoe hebben we het zo ver laten komen? Heeft het te maken met de situatie van de arbeidsmigranten hier, die in erbarmelijke situatie hun leven voortzetten in dit land? De arbeidsmigranten zijn vaak erg afhankelijk van hun werkgevers, omdat de werkgevers invloed hebben op alle facetten van het dagelijks leven van een arbeidsmigrant. Telers nemen meestal arbeidsmigranten in dienst via uitzendbureaus, die vervolgens onderling verbonden arbeidshuisvesting, transport en zorgverzekeringscontracten aanbieden. Dergelijke constructies van individuele afhankelijkheid plaatst de arbeidsmigrant in een uiterst kwetsbare positie. Door hun flexibele contracten is er een constant risico op ontslag, wat niet alleen inkomstenonzekerheid met zich meebrengt, maar ook het risico om dakloos te worden. Door deze situatie zijn werknemers bang om klachten over misstanden aan te kaarten, zoals de onbetaalde vakantietoeslag of uitkering voor overuren, of, ernstiger: werkgevers dreigen met ontslag als werknemers ziekteverlof eisen. Omdat de arbeidsmigranten vaak moeten wonen in een kleine kamer, brengen zij hun tijd vooral op straat door. Ze hangen rond op straat, op het plein en voor winkels en supermarkten. Dit veroorzaakt een onaangenaam zicht en een onveilig gevoel op latere tijdstippen. We hebben een halfjaar geleden een motie ingediend om hangmannen aan te pakken.
Die is aangenomen door de raad. Helaas zien we weinig terug hiervan. Het is de hoogste tijd om dit probleem aan te pakken, want de buurtbewoners zijn het helemaal zat. Daarnaast is een publiek vergunningensysteem voor uitzendbureaus een must. Op deze manier kan de gemeente minimumvereisten en voorwaarden vaststellen voordat uitzendbureaus kunnen worden opgericht. Een dergelijk vergunningensysteem bestond in Nederland tot 1998 en wordt momenteel gebruikt in andere EU-lidstaten. Om dit te kunnen bewerkstelligen, wil ik de volgende motie, Pak malafide uitzendbureaus aan, indienen, met als dictum: verzoekt het college om een onderzoek te doen naar de mogelijkheden om een vergunningensysteem te ontwikkelen zodat er minimumvereisten worden gesteld voor het oprichten van een uitzendbureau; om meer te handhaven in de buurt zodat inhumane praktijken sneller worden geconstateerd en verholpen; en de raad hierover te informeren. De voorzitter. Door de heer Çetinkaya wordt de volgende motie (I.2 ID) ingediend:
45
Motie I.2 ID Pak malafide uitzendbureaus aan De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op donderdag 21 januari 2021, ter bespreking van gewijzigd Initiatiefvoorstel: Maak Transvaal snel leefbaar (RIS304695) Constaterende, dat: De arbeidsmigranten die in Transvaal wonen erg afhankelijk zijn van hun werkgevers; De uitzendbureaus zowel de arbeidscontracten regelen als wel de huisvestings- en transportcontracten van de arbeidsmigranten; Dergelijke constructies van individuele afhankelijkheid arbeidsmigranten in een uiterst kwetsbare situatie plaatst; Overwegende, dat: Deze situatie de arbeidsmigranten terughoudend maakt om een klacht in te dienen, omdat ze dan hun baan en woning vrezen te verliezen; Dit fenomeen een blijk geeft van moderne slavernij en dit niet te tolereren is anno 2021; Verzoekt het college: Om een onderzoek te doen naar de mogelijkheden om een vergunning systeem te ontwikkelen zodat er minimumvereisten worden gesteld voor het oprichten van een uitzendbureau; Om meer te handhaven in de buurt zodat inhumane praktijken sneller worden geconstateerd en verholpen; De raad hierover te informeren; En gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Janice Roopram (Hart voor Den Haag/Groep de Mos). Voorzitter.
Een prachtig mooi initiatiefvoorstel naar aanleiding van een wijkschouw, dicht bij de burgers; dat doen wij. Dank aan de initiatiefnemers. Het is een prachtig voorstel waarin de oplossingen van de kant van de bewoners, van de directe omgeving van het Kaapseplein, duidelijk naar voren komen. Dus steun natuurlijk voor het voorstel. Hulde! Arjen Kapteijns (GroenLinks). Voorzitter. Goed dat we hier over Transvaal praten. De leefbaarheid staat daar sterk onder druk. Ook de positie van arbeidsmigranten verdient snel verbetering. Dat is echt urgent. Heel verstandig van de initiatiefnemers, Groep de Mos, dat ze alle ondoordachte en onuitvoerbare onderdelen nu uit het dictum hebben gehaald. Wat overblijft, doen we naar de mening van de fractie van GroenLinks eigenlijk al. Dat geldt ook voor het nieuwe punt, een meldpunt uitbuiting. Volgens mij is daar al een landelijk meldpunt voor. Ik ben heel benieuwd naar de collegereactie. Steun van mijn fractie voor de motie van de SP. Het lijkt ons heel goed om verdere stappen tegen de uitzendbureaus te zetten. Ayşe Yilmaz (VVD). Voorzitter. Ik kan kort zijn over dit onderwerp. Ondanks dat het lovenswaardig is dat een politieke partij een initiatiefvoorstel ten behoeve van de leefbaarheid van een stukje van onze stad indient, is mijn fractie niet van mening dat de voorgestelde voorstellen leiden tot een nog leefbaarder Transvaal.
Dat is eigenlijk wat de heer Kapteijns al benoemde zojuist. Daar hebben we in de commissie het nodige over gewisseld. Het gewijzigde voorstel leidt bij mijn fractie niet tot een gewijzigd oordeel, zoals eerder aangekondigd. Ismet Bingöl (CDA). Voorzitter. Het CDA Den Haag is voor veel elementen uit dit initiatiefvoorstel. Er staan goede zaken in, zoals een zelfbewoningsplicht in Transvaal. Als CDA zijn we in Transvaal voor een harde en een zachte aanpak. Wat betreft de harde aanpak: als CDA pleiten we al geruime tijd voor een heel aantal zaken die worden voorgesteld. Ja, we moeten locaties aanwijzen waar de busjes 46
arbeidsmigranten oppikken. Ja, we moeten scherper zijn op malafide uitzendbureaus. Ja, er moet een samenscholingsverbod uitgevaardigd worden. Maar dit moeten we vooral ook gaan doen. Intensiveer de handhaving op het alcoholverbod, versterk de handhaving op busjes die arbeidsmigranten oppikken en voor overlast zorgen en treed, als de mogelijkheid bestaat, op tegen samenscholing. Ga dat daadwerkelijk doen en vaardig veel vaker die verboden uit. De harde aanpak gaat wat ons betreft samen met een zachte aanpak: handhaaf keihard op misstanden en investeer tegelijkertijd keihard in mensen. Transvaal is een wijk met een enorm vitale samenleving. Transvaal is heel divers en bruist. Geef vertrouwen en investeer in pijlers onder deze mooie wijk. Zet in op het sociale weefsel van deze prachtige wijk, van verenigingen en sportclubs tot aan kerken en moskeeën, maar ook levensbeschouwelijke organisaties. Combineer een harde aanpak van handhaving op wat er misgaat met een zachte aanpak van investeren in de bewoners van Transvaal. Ga samen met de inwoners van Transvaal aan de slag voor de leefbaarheid van Transvaal. Marieke van Doorn (D66). Voorzitter. Dank aan Hart voor Den Haag/Groep de Mos voor het schrijven van dit initiatiefvoorstel. Veel dank voor al het werk en de aandacht die uw partij hiermee terecht vestigt op de problematiek in Transvaal.
De D66-fractie deelt de meeste zorgen van de bewoners rondom het Kaapseplein, maar helaas weinig van de door de initiatiefnemers voorgestelde oplossingen. Bijvoorbeeld: een gemeentelijk meldpunt tegen uitbuiting bestaat al, namelijk in de vorm van de Haagse ombudsman. Mevrouw Stehouwer kan ook echt wat doen voor melders, zoals vervangende huisvesting regelen in geval van uitbuiting. Waarom kiezen de indieners, toch zelfbenoemde uitoefenaars van de ombudspolitiek, er niet voor om die ombudsman bekender te maken in plaats van weer een nieuw meldpunt zonder verdere bevoegdheden en weinig bekendheid ernaast te zetten? Het ministerie van SZW heeft daarnaast inderdaad al een meldpunt voor arbeidsuitbuiting. Collega Kapteijns wees er al op. Een ander voorbeeld waarbij we de oplossingen niet delen met de indieners, is het verplaatsen van de overlast van het Kaapseplein naar een andere zwakke wijk in Den Haag: de Groente- en Fruitmarkt. Op het Kaapseplein moeten arbeidsmigranten vaak onderhandelen over hun dagprijs. Alleen de goedkoopste arbeidskrachten mogen mee met het busje van de uitzendbureaus. Een praktijk die een internationale stad van vrede en recht onwaardig is. Wij steunen daarom vanavond graag de SP-motie over meer inzet van de landelijke inspectie. Tahsin Çetinkaya (Islam Democraten).
Wat is er mis mee als aan de Schouwburgstraat bij het gemeentelijke informatiecentrum ook een meldpunt gecreëerd wordt? Het is niet zo ver van het Kaapseplein namelijk. Marieke van Doorn (D66). Het gaat erom dat er al meldpunten zijn, zoals bij de ombudsman. Die ombudsman kan ook werkelijk actie ondernemen om mensen te helpen. Dan blijft het niet alleen bij melden. Daar moet meer bekendheid aan worden gegeven. Als dat op de locatie kan komen die u voorstelt, vind ik dat prima. Maar om er weer iets nieuws naast te zetten, wat mensen dan ook weer niet kunnen vinden, lijkt mij onhandig. Dus vandaar mijn opmerkingen daarover. Voorzitter. Wat de D66-fractie betreft, gaan arbeidsmigranten zo veel mogelijk zelfstandig en met het ov naar hun werk. We zullen daarom bij de MRDH om een onderzoek vragen naar het aanboren van deze reizigersgroep. We hebben veel signalen ontvangen van bewoners van de Groente- en Fruitmarkt nadat het voornemen van het college bekend werd om de ophaallocatie van het Kaapseplein te verplaatsen naar hun wijk. Tahsin Çetinkaya (Islam Democraten). Ik wilde alsnog reageren op het punt van het meldpunt. Juist deze groep mensen heeft een groot communicatieprobleem. Ze beheersen de taal niet. Een meldpunt in hun eigen taal is echt een inhaalslag, en een verbeterpunt. Marieke van Doorn (D66). Dat ben ik helemaal met de heer Çetinkaya eens.
Ik heb daar ook al eens om gevraagd bij de wethouder. Het beschikbaar maken van dat soort informatie in talen van landen van herkomst zou volgens mij terugkomen in de integratienota.
47
Voorzitter. We hebben dus veel signalen ontvangen van bewoners van de Groente- en Fruitmarkt nadat het voornemen van het college bekend werd om de ophaallocatie van het Kaapseplein te verplaatsen naar hun wijk. De D66-fractie is bezorgd dat de huidige overlast voor dit deel van de stad, bijvoorbeeld het dubbel parkeren voor de uitzendbureaus, die tot in de woonwijk zitten, het illegale onderverhuren van woningen en het lachgasgebruik op het parkeerterrein achter De Schilde 's nachts, alleen maar erger zullen worden met de voorgenomen verplaatsing. De Groente- en Fruitmarkt, zo wist mijn collega Sahla me te vertellen, is al één van de drie wijken in de stad met de grootste onderwijsachterstanden. Goed opgeleide bewoners zullen vertrekken uit de wijk wanneer de grote problemen van het Kaapseplein bovenop die van hun wijk komen, waardoor het daar helemaal een bar en boze woestenij gaat worden. Wij vragen de wethouder daarom ten eerste in hoeverre hij met de bewoners van de Groenteen Fruitmarkt in gesprek is gegaan over de voorgenomen verplaatsing en of hij dat middels enquêtes of online bijeenkomsten van plan is te gaan doen.
Ten tweede vragen we de wethouder of hij bereid is om structurele oplossingen in kaart te brengen in plaats van alleen de focus te leggen op de kortetermijnverplaatsing van de problematiek, want anders hebben we volgend jaar weer hetzelfde te bespreken, maar dan over de leefbaarheid van de Groente- en Fruitmarkt. Als laatste vragen we de wethouder graag hoe hij verplaatsing denkt te gaan regelen. Worden er pollers geplaatst rondom het Kaapseplein? Want als je verplaatst, dan moet je het wel goed doen, om niet op twee plekken overlast voor omwonenden te creëren. Adeel Mahmood (NIDA). Voorzitter. Ik wil mevrouw Davituliani van Hart voor Den Haag bedanken voor het initiatiefvoorstel Maak Transvaal weer snel leefbaar. Ook NIDA wil de leefbaarheid in Transvaal snel verbeteren. In het oorspronkelijke voorstel zaten een aantal voorstellen die naar de mening van NIDA niet alleen niet uit te voeren waren, maar ook niet de juiste waren, omdat je hiermee ook de wijk problematiseert. Zoals de deur-aan-deurinventarisatie, die totaal niet uitvoerbaar was vanwege de hoge kosten, maar ook veel bewoners in Transvaal onnodig lastig zou vallen. We zijn blij dat dit uit het voorstel is gehaald, maar het raakt het voorstel wel in de kern. Hieruit blijkt namelijk wat de visie van de indieners is en op welke wijze de indieners Transvaal weer snel leefbaar willen maken.
Er moet veel gebeuren om de omstandigheden van bijvoorbeeld de arbeidsmigranten te verbeteren, aan de druk op de woningmarkt en aan de kwaliteit van de openbare ruimte. Nee, we zijn er nog lang niet. Maar zoals collega Bingöl ook zei: de vele maatschappelijke partners kunnen en dienen hier ook een rol in te spelen. Om tot een afronding te komen: ja, ook wij willen Transvaal weer snel leefbaar, maar dat zie ik met dit voorstel niet gebeuren. Pieter Grinwis (ChristenUnie/SGP). Voorzitter. Dank aan de indieners van dit voorstel. We mogen deze bewoners en geplaagde wijk niet in de steek laten. De inwoners van Transvaal worden te vaak geconfronteerd met ondermijning, roekeloze praktijken van huisjesmelkers et cetera. Dat alles draagt, zachtjes gezegd, niet bij aan de leefbaarheid van deze mooie wijk. De onderwerpen die worden aangesneden zijn zeker van belang om Transvaal leefbaarder te maken, zoals een zelfbewoningsplicht, die wethouder Balster overigens ook van plan is in te voeren zodra het Rijk groen licht geeft. Dat geldt wel voor meer voorstellen: het is al voorgenomen of staand beleid. Bij een voorstel dat de indiener overeind heeft gelaten, heb ik nog een vraag. Het college is heel duidelijk geweest over de juridische onmogelijkheden om tot het invoeren van een stopverbod voor busjes te komen. Waarom heeft de indiener dit toch laten staan? Wethouder Van Alphen (GroenLinks).
Voorzitter. Dank aan Hart voor Den Haag/Groep de Mos en mevrouw Davituliani voor dit voorstel. Het is niet kunnen komen omdat het college doof is voor de geluiden uit de stad. Mag ik er nog even bij opmerken dat niet alleen het college, maar ook bijvoorbeeld de heer Çetinkaya aan de vooravond van de totstandkoming van dit initiatiefvoorstel al regelmatig heeft overlegd met de mensen van Groep de Mos om te zorgen dat dit tot stand is gekomen? Ik wil wel even zeggen dat we daar vanaf het begin in hebben samengewerkt. We hebben een eerste reactie gegeven in het preadvies. Daar is door de fractie goed naar gekeken. Ze hebben een aantal dingen aangepast. We zijn het niet op alle punten met elkaar eens, maar
48
in zijn totaliteit zien we wel dat veel zaken van het preadvies zijn overgenomen en op hun realiteit zijn bekeken. We kunnen het dan ook aan de raad overlaten. We zullen het niet afwijzen of wat dan ook. Ik ga in op de bijdragen. Mevrouw Arp heeft het over de inspectie van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, zeker op dit punt. Uiteraard zijn wij ook bezig met deze problematiek. We willen deze motie graag omarmen, om samen met de inspectie van SZW daar aandacht voor te vragen. Dat geldt iets anders voor de motie die de heer Çetinkaya, die hier ook heel stevig aan heeft meegewerkt, heeft ingediend over een vergunningensysteem voor uitzendbureaus. Dat is er al, meneer Çetinkaya. Een uitzendbureau moet voldoen aan diverse certificeringen en kwaliteitseisen. Die staan op papier. Dan gaat het bijvoorbeeld over NEN 4400-1. Ik begrijp uw punt als u zegt dat er een hoop malafide uitzendbureaus zijn. Die moeten we proberen aan te pakken. Het rapport-Roemer geeft aan dat dat inderdaad een van de grootste knelpunten is. We trekken daar samen in op met zowel het Rijk als met inspecties en dergelijke om te proberen die malafide uitzendbureaus goed aan te pakken. Dus de certificering is er al. Deze motie moeten we dus ontraden. Mevrouw Van Doorn heeft het met name over het verplaatsen van de opvang. We zijn ons er zeer van bewust dat dat enorm veel voeten in de aarde heeft.
We zijn op zoek naar een ruimte. Daarvoor hebben we deze locatie die u aanhaalt, inderdaad in gedachten. We kijken of we het totaal kunnen faciliteren, zonder dat daar al te veel overlast zoals nu op het Kaapseplein wordt ervaren overdag. Daar zijn we nu nog mee bezig. We zijn aan het onderzoeken en aan het rondkijken. De elementen die u aandraagt, zullen daarin zeker meegenomen worden. Naar het hele participatieproces, voor zover dat van start gaat, moeten we nog kijken. We zijn in eerste instantie aan het kijken wat haalbaar is. Al die omgevingsfactoren die u noemt, spelen daar een rol in. Maar we zijn wel aan het kijken om een oplossing te vinden voor het probleem dat zich rond het Kaapseplein voordoet. Dus we komen daarop terug bij u. De vraag van de heer Grinwis moet mevrouw Davituliani beantwoorden. Wij kunnen tot de conclusie komen dat het initiatiefvoorstel onderdelen omvat waar we niet helemaal enthousiast over zijn, zaken die we al doen en punten die we hebben overgenomen. Dat staat ook in het preadvies. Het college laat het oordeel over dit initiatiefvoorstel in zijn geheel over aan de raad. De voorzitter. Dank u wel, wethouder Van Alphen. Ik kijk naar de initiatiefnemer. Mevrouw Davituliani, wilt u kort nog iets zeggen? Nino Davituliani (Hart voor Den Haag/Groep de Mos). Voorzitter.
De wethouder geeft wederom aan dat veel zaken die in het voorstel staan, al gebeuren, maar dan vraag ik mij af op welke manier die zijn gecommuniceerd aan de raad. Wij hebben het voorstel ingediend. Vervolgens heeft het voorstel een aantal maanden in de kast gelegen. We hebben er niets over vernomen. Nu zegt het college dat ze al bezig waren met de zaken die wij voorstellen. Dat zie ik als vals spel. Ik wil nog kort reageren op de partijen die zeggen dat het verplaatsen van de ophaallocaties het probleem zal verplaatsen. Dat is niet de bedoeling, natuurlijk. Het zal ook niet gebeuren, omdat op de locaties die we gekozen hebben veel minder omwonenden zijn dan op de huidige locatie. De omwonenden die er zijn, zijn al gewend aan het feit dat er haltes voor de deur zijn waar bussen en trams stoppen en mensen geregeld op vervoer wachten. Dus zo vreemd is het daar niet. Het is uiteindelijk aan het college om het gebied waar het verbod geldt, aan te duiden en, wat mij betreft, ook verder uit te breiden. Wat ons betreft zijn een derde of meer ophaallocaties daardoor ook mogelijk. We creëren daarmee als het ware bushaltes in gebieden waar het veelvuldig voorkomt dat mensen worden opgehaald en afgezet. Goed handhaven zorgt voor snelle gedragsverandering.
Wat betreft de reactie van D66: in plaats van onze praktische voorstellen te steunen, komt D66 met langetermijnidealen, eigenlijk niet eens oplossingen. We weten niet eens of het oplossingen zijn. Het zijn idealen. Het is niemand gelukt om die idealen te realiseren. Ik zie dat ook niet zo snel gebeuren. Dus steun ons initiatiefvoorstel, want hier staan praktische oplossingen in die direct een verbetering bieden voor de leefbaarheid in dat gebied. De ChristenUnie vraagt waarom wij het stopverbod erin hebben laten staan. Het college geeft inderdaad aan dat het juridisch niet mogelijk is, maar dat doet het college vaker. We zien dat het in 49
andere gemeenten wel gelukt is. Wellicht op een andere manier en op punten die voor die gemeenten passend waren, maar voor onze gemeente zijn deze maatregelen passend. Het gaat erom dat de APV wel degelijk gewijzigd kan worden op dit punt. Daarom hebben we dit punt ook erin gelaten. De voorzitter. Dank u wel. U bent nu even de initiatiefnemer. U neemt niet deel aan het raadsdebat; tenminste, niet namens uw fractie. Is er behoefte aan een tweede termijn? Ik zag in ieder geval dat mevrouw Van Doorn een tweede termijn wil. Marieke van Doorn (D66). Voorzitter. Ik wil graag vragen aan de initiatiefnemer of zij dezelfde gesprekken met de bewoners van de Groente- en Fruitmarkt zou willen houden als zij heeft gedaan rondom het Kaapseplein. Zij redeneert dat ze daar toch al gewend zijn aan reuring. Als je dat over het Kaapseplein zou zeggen, dan zouden we helemaal niets hoeven doen. Die redenering volg ik dus echt helemaal niet. Wij krijgen ontzettend veel zorgen binnen. Wil Groep de Mos ook luisteren naar de bewoners van de Groente- en Fruitmarkt? Nino Davituliani (Hart voor Den Haag/Groep de Mos). Zeker, we luisteren naar alle bewoners van Den Haag. In de straat waar deze problemen zich manifesteren is, de hele dag door, een overconcentratie van busjes. Het is de drukste straat. Die moet nu ontlast worden van deze drukte en chaos. Dat is waar het om gaat.
We kunnen het ook in de vorm van een pilot doen en kijken hoe dat gaat. Wat mij betreft is dit een praktische oplossing die gelijk verbetering biedt in Transvaal. Marieke van Doorn (D66). Maar is Groep de Mos bereid om te kijken naar meer structurele oplossingen? Want ik kan me voorstellen dat het praktisch lijkt om op korte termijn het probleem even te verplaatsen, maar dan hebben we toch volgend jaar weer precies zo'n debat? Dan heeft u weer een initiatiefvoorstel over de leefbaarheid van de Groente- en Fruitmarkt. De voorzitter. Heel kort, mevrouw Davituliani. Nino Davituliani (Hart voor Den Haag/Groep de Mos). Wij zijn bereid om heel constructief te kijken naar alle goede voorstellen die structurele oplossingen bieden. De beraadslaging wordt gesloten. De voorzitter. We stemmen vanavond over het voorstel en de aanvullende voorstellen. De vergadering wordt van 12.29 uur tot 12.33 uur geschorst. Voorzitter: de heer Van der Helm. De voorzitter. Dames en heren, goedemiddag. Zoals de burgemeester vanochtend heeft aangegeven, gaat hij nu naar de VNG. Dat is de reden waarom ik nu de vergadering voorzit.
Aan de orde is: J.
Voorstel van het college inzake HEA-jaarplan 2020-2021 (RIS306622).
De voorzitter. Er is een flinke sprekerslijst. Als het goed is, heeft u in de app zojuist de spreektijden ontvangen. Ik wil u er ook op wijzen dat we nog een flink aantal onderwerpen hebben te gaan. We hebben tot ongeveer 18.00 uur, omdat we ook de avondvergadering nog moeten voorbereiden. Dus let u op uw spreektijd in uw inbreng. De beraadslaging wordt geopend.
50
Nino Davituliani (Hart voor Den Haag/Groep de Mos). Voorzitter. Omwille van de tijd ga ik mij beperken tot het oplezen van de dicta van mijn moties. De eerste is Rust in de klas door Haagse onderwijscode: verzoekt het college een Haagse onderwijscode op te stellen met daarin uniforme gedragsregels waar leerlingen en ouders zich aan moeten houden en die de docenten houvast bieden bij de handhaving van de orde in de klas; in de onderwijscode in ieder geval de volgende concentratie bevorderende uniforme gedragsregels op te nemen: de leraar met 'u' aanspreken en beperkter gebruik van smartphones in de klas. De volgende motie is Leraren terugwinnen voor het onderwijs: verzoekt het college te inventariseren hoeveel voormalig leraren in Den Haag momenteel geen baan hebben, een andere baan hebben of met pensioen zijn; te onderzoeken wat de meest effectieve manieren zijn waarmee deze leraren ertoe bewogen kunnen worden om weer voor de klas te gaan staan; en de raad hierover te rapporteren.
De derde motie heet Meer aandacht voor thuiszittende kinderen: verzoekt het college te onderzoeken welke ouders en kinderen de meeste behoefte hebben aan meer begeleiding wanneer ze in conflict komen te staan met de instanties in Den Haag, vaak tegen diverse obstakels aanlopen en op onderwijsmogelijkheden en/of opvang wachten; de uitkomsten van het onderzoek bij de gezamenlijke verbeteragenda Passend Onderwijs - Jeugd te betrekken. De voorzitter. Door mevrouw Davituliani worden de volgende moties (J.1 HvDH/GdM, J.2 HvDH/GdM en J.3 HvDH/GdM) ingediend:
Motie J.1 HvDH/GdM Leraren terugwinnen voor het onderwijs De gemeenteraad van Den Haag in vergadering bijeen op 21 januari 2021 ter bespreking van agendapunt K Voorstel van het college inzake HEA-Jaarplan 2020-2021 (RIS306622). Constaterende dat, • Er een lerarentekort is in Den Haag; • Uit meerdere artikelen blijkt dat gekwalificeerde leraren geen werk hebben; Van mening dat: • Het zonde is dat sommige leraren geen baan hebben, terwijl er een schreeuwend lerarentekort is; • Door het opnieuw inzetten van voormalige leraren, het lerarentekort teruggedrongen kan worden. Verzoekt het college: • Te inventariseren hoeveel voormalig leraren in Den Haag momenteel geen baan hebben, een andere baan hebben of met pensioen zijn; • Te onderzoeken op welke meest effectieve manier(en) deze leraren ertoe bewogen kunnen worden om weer voor de klas te gaan staan; • De raad hierover te rapporteren, En gaat over tot de orde van de dag.
Motie J.2 HvDH/GdM meer aandacht voor thuiszittende kinderen De gemeenteraad van Den Haag in vergadering bijeen op 21 januari 2021 ter bespreking van agendapunt K Voorstel van het college inzake HEA-Jaarplan 2020-2021 (RIS306622). Constaterende dat: • Er nog altijd honderden kinderen zonder onderwijs, middelen of begeleiding thuis zitten en dit 51
• • •
aantal landelijk boven de 5000 ligt; De groep die passend onderwijs behoeft uit kinderen met een beperking, autisme of hoogbegaafdheid bestaat; Dat ouders van deze diverse groep soms hinder ondervinden bij het vinden van passend onderwijs; Thuiszittende kinderen en ouders onvoldoende worden gehoord maar eerder worden veroordeeld, omdat ze naar bescherming en veiligheid streven.
Van mening dat: • Scholen een zorgplicht hebben, maar dat dit in de praktijk soms botst met het gewenste maatwerk; • Kinderen bij wie het reguliere onderwijs niet lukt hierdoor thuis komen te zitten, waardoor ouders in conflict komen met Veilig Thuis omdat het ontduiken van de leerplicht strafbaar is; Verzoekt het college: • te onderzoeken welke ouders en kinderen de meeste behoefte hebben om meer begeleiding wanneer ze in conflict komen te staan met de instanties in Den Haag, vaak tegen diverse obstakels aanlopen en op onderwijsmogelijkheden of/of opvang wachten; • de uitkomsten van het onderzoek bij de gezamenlijke verbeter agenda Passend Onderwijs – Jeugd te betrekken; En gaat over tot de orde van de dag.
Motie J.3 HvDH/GdM rust in de klas door Haagse onderwijscode De gemeenteraad van Den Haag in vergadering bijeen op 21 januari ter bespreking van agendapunt J Voorstel van het college inzake HEA-Jaarplan 2020-2021 (RIS306622) Constaterende dat: • Gemotiveerde leerlingen en leraren, door een gebrek aan respect en discipline regelmatig last ondervinden van overlastgevende leerlingen; • Leraren daardoor onevenredig veel tijd kwijt zijn aan het bewaken van de orde in de klas. Van mening dat: • Een leraar met ‘Je’ en ‘Jij’ aanspreken veel leerlingen een verkeerd beeld geeft van de verhoudingen in de klas; • De aanwezigheid van smartphones in de klas negatieve bijdrage levert aan het leerproces; • Discipline een belangrijke voorwaarde is voor een geslaagde kennisoverdracht; • Een gedragscode met uniforme regels leidt tot disciplinering en bewustwording.
52
Verzoekt het college: • Een Haagse onderwijscode op te stellen met daarin de uniforme gedragsregels, waar leerlingen en ouders zich aan moeten houden en de docenten houvast bieden bij de handhaving van de orde in de klas, • In de onderwijscode in ieder geval de volgende concentratie bevorderende uniforme gedragsregels op te nemen: de leraar met ‘u’ aanspreken en beperkter gebruik van smartphones in de klas, En gaat over tot de orde van de dag. De moties maken onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Robin Smit (PvdD). Voorzitter. Niet alleen de Partij voor de Dieren vindt het belangrijk om aandacht te besteden aan klimaatverandering, maar ook de jeugd. De wethouder gaf in de commissie aan dat schoolbesturen daar al veel mee bezig zijn, dat hij hierover al gesprekken voert met schoolbesturen en dat hij er positief tegenover staat om klimaat op te nemen als thema. Vandaar dat we de motie indienen met het dictum: verzoekt het college het thema 'klimaat' op te nemen in de nieuw op te stellen Haagse Educatieve Agenda. De voorzitter. Door de heer Smit wordt de volgende motie (J.29 PvdD) ingediend:
Motie J.29 PvdD Lees klimaatverandering de les De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 21 januari 2021, ter bespreking van het voorstel van het college inzake HEA-jaarplan 2020/2021 (RIS306622). Constaterende dat: • de wethouder in de commissie aangaf dat er al veel aandacht is voor onderwijs omtrent klimaatverandering; • klimaatverandering nu niet is opgenomen als een van de thema’s die worden besproken met schoolbesturen; • de huidige Haagse Educatieve Agenda tot 2022 loopt. Overwegende dat: • lessen over samenleven en burgerschap onlosmakelijk verbonden zijn met het klimaat; • momenteel gewerkt wordt aan de nieuwe Haagse Educatieve Agenda; • de wethouder in de commissie positief reageerde op het voorstel om het thema onder de aandacht te brengen van schoolbesturen; Verzoekt het college: • het thema ‘klimaat’ op te nemen in de nieuw op te stellen Haagse Educatieve Agenda En gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Joris Wijsmuller (HSP). Voorzitter. Door segregatie in het onderwijs, het lerarentekort en corona neemt de kansenongelijkheid voor kinderen toe. Dit mogen we nooit laten gebeuren. Ik heb de wethouder in de commissie ertoe opgeroepen om de barricades op te gaan. Ik ben blij dat hij deze handschoen heeft opgepakt.
Hij laat zich de afgelopen weken in de media horen en heeft ons aanvullend een brief gestuurd over de aanpak van te lage schooladviezen. Wij mogen nooit accepteren dat kinderen bij advisering worden achtergesteld vanwege kleur, postcode of culturele achtergrond. Erkent de wethouder dat onderadvisering een vorm is van institutioneel racisme? 53
Het talent van ieder kind moet vooropstaan. Daarom moeten we systematische uitsluitingsmechanismen, bewust of onbewust, tegengaan. Ik dien daarom ook samen met Lesley Arp van de SP de motie Actieplan onderadvisering in, met het verzoek om samen met academici, docenten en burgers een Haagse gedragscode voor een effectieve aanpak van onderadvisering op te stellen, en hier prestatie-indicatoren aan te koppelen, want dit kan natuurlijk geen vrijblijvende aanpak zijn. Bij een indicatie voor vroeg- en voorschoolse educatie zien we dat er nog wordt gewerkt met verouderde modellen, zoals de balansmethode van Bakker uit 1998, waarbij kinderen worden geïndiceerd op basis van factoren als echtscheiding en culturele achtergrond. Daarom de motie Vve's inclusief, die verzoekt om de aanpak en werving van vve's door te lichten met het oog op inclusiviteit passend bij een hedendaagse visie op diversiteit in de stad. Tot slot. In december had de Haagse stadspartij de motie Pop-up studieplekken voorbereid, maar dit is nu, met de aangescherpte lockdownmaatregelen, wel lastig. Ik begreep dat er op dit gebied inmiddels ook het nodige gebeurt. Daar hoor ik graag meer over van de wethouder. De voorzitter. Door de heer Wijsmuller worden de volgende moties (J.4 HSP en J.5 HSP) ingediend:
Motie J.4 HSP Actieplan Onderadvisering De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 21 januari 2021, ter bespreking van het voorstel van het college inzake HEA-jaarplan 2020-2021 (RIS306622). Constaterende, dat: • In het voorliggende jaarplan geen concrete aanpak tegen het weerbarstige probleem van onderadvisering in de stad is beschreven; • Uit onderzoek bekend is dat het belangrijk is dat er hoge verwachtingen zijn van kinderen waarmee hogere studieresultaten worden gestimuleerd; • Een van de onderdelen van een schooladvies is het meenemen van een zorgdossier met inbegrip van de (leef)omstandigheden van een leerling om risico's te reduceren; • Kinderen zelf geen tot weinig invloed hebben op het zorgdossier; • Uit recent onderzoek van RTL nieuws blijkt dat 30% van de leerlingen te maken heeft met onderadvisering. Overwegende, dat: • Kansenongelijkheid in het onderwijs een institutioneel probleem is; • Met name het meewegen van het zorgdossier leerlingen in onze stad beperkt in het advies voor middelbaar onderwijs; • Gelijke kansen topprioriteit is in de HEA waarvoor een concrete aanpak van onderadvisering noodzakelijk is.
Verzoekt het college: • Een Haagse gedragscode op te stellen in co-creatie met academici, veldwerkers (docenten) en burgers voor een effectieve aanpak van het weerbarstige probleem van onderadvisering; • Kritieke prestatie indicatoren te koppelen aan de aanpak van onderadvisering. En gaat over tot de orde van de dag. Motie J.5 HSP VVE’s inclusief De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 21 januari 2021, ter bespreking van het voorstel van het college inzake HEA-jaarplan 2020-2021 (RIS306622).
54
Constaterende dat: • In het HEA Jaarplan 2021 prioriteit wordt gegeven aan kinderen met een risico op een ontwikkelachterstand; • VVE's in dit kader worden ingezet als instrument voor kansengelijkheid; • Het Balansmodel van Bakkeruit 1998 van het Nederlands Jeugd Instituut wordt gebruikt voor de selectie van kinderen waarbij verouderde risicofactoren worden gehanteerd; • Dit model geen eer doet aan de diversiteit in de stad en niet inclusief is. Overwegende dat: • Diversiteit die onze stadsgenoten met zich meedragen een verijking is; • Het van belang is dat beleid werkt en passend is voor de stad. Verzoekt het college: • De aanpak en werving van VVE's door te lichten met het oog op inclusiviteit en diversiteit passend bij een hedendaagse visie op diversiteit in de stad. • Culturele minderheden in beleid niet langer gelijk te stellen aan risico's en culturele diversiteit niet te problematiseren. En gaat over tot de orde van de dag. De moties maken onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Serpil Ateş (GroenLinks). Voorzitter. GroenLinks maakt zich zorgen over de kwetsbare leerlingen die tijdens deze coronacrisis thuis komen te zitten. Zoals de recente commissiebrief van de wethouder laat zien, is het doelgroepenbereik van voorschoolse educatie dit jaar gedaald, terwijl het juist nu zo belangrijk is dat scholen zicht blijven houden op degenen die het extra moeilijk hebben.
Dit geldt met name voor kinderen met een migratieachtergrond. De taalachterstand neemt toe. Daarnaast kunnen anderstalige ouders hun kinderen minder goed begeleiden met de Nederlandse lesstof. Het is zeer complex om een leer-, taal- of ontwikkelachterstand op een later moment in te halen. Daarom moet het college alle zeilen bijzetten om een achterstand op voorhand te voorkomen. GroenLinks dient daarom samen met ChristenUnie/SGP, Partij van de Arbeid en NIDA een motie in met het volgende dictum: verzoekt het college te onderzoeken hoe anderstalige ouders tijdens de coronacrisis beter ondersteund kunnen worden bij de begeleiding van hun kind en de mogelijkheid voor een buddy-oudersysteem in dit onderzoek mee te nemen; met een aanvullend plan van aanpak te komen om te voorkomen dat er leer- en ontwikkelachterstanden binnen deze groep ontstaan. Het zijn echter niet alleen de Haagse leerlingen en studenten die het zwaar hebben. Jongeren zijn in het algemeen extra kwetsbaar voor de gevolgen van de coronacrisis. Zij hebben vaker flexcontracten en hebben nog niet zoveel werkervaring, omdat zij zich nog volop aan het ontwikkelen zijn. Hierdoor neemt de werkloosheid onder jongeren flink toe en bevinden velen van hen zich in een uitzichtloze situatie. Dat geldt onder anderen voor de groenplukkers.
Deze groep jongeren is een aantal jaar geleden vroegtijdig met hun studie gestopt, omdat zij wegens de krappe arbeidsmarkt ook zonder een startkwalificatie een baan aangeboden hebben gekregen. Een deel van hen zal tijdens de coronacrisis hun baan verliezen en zonder diploma thuis komen te zitten. Zij worden vervolgens niet door Leerlingzaken benaderd om hen te koppelen aan het onderwijs, omdat zij al enkele jaren geleden met hun opleiding gestopt zijn of omdat zij ouder dan 23 jaar zijn. GroenLinks vindt dat wij de groep groenplukkers niet in de kou mogen laten staan en dient daarom samen met de ChristenUnie/SGP en Partij van de Arbeid een motie in met het volgende dictum: verzoekt het college de groep vroegtijdige schoolverlaters die door de coronacrisis werkloos zijn geworden in kaart te brengen; te onderzoeken hoe deze groep zo effectief mogelijk weer aan een studie gekoppeld kan worden en de ervaring met soortgelijke initiatieven ten tijde van de vorige economische crisis hierin mee te nemen; te onderzoeken of een proactieve benadering vanuit Leerlingzaken of andere instanties ook mogelijk is voor deze groep groenplukkers, en jongeren tot minimaal 27 jaar in deze aanpak mee te nemen.
55
De voorzitter. Door mevrouw Ateş wordt, daartoe gesteund door mevrouw Tseggai en de heer Grinwis, wordt de volgende motie (J.6 GL) ingediend:
56
Motie J.6 GL Koppel vroegtijdige schoolverlaters aan het onderwijs De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 21 januari 2020, ter bespreking van Voorstel van het college inzake HEA-Jaarplan 2020-2021. Constaterende, dat: • Jongeren (18 tot 23-jarigen) die recent zijn gestopt met hun studie worden benaderd door Leerlingzaken om te evalueren of zij alsnog hun starterskwalificatie kunnen behalen; • Deze proactieve benadering ervoor zorgt dat meer jongeren alsnog een diploma behalen en daardoor meer baanzekerheid ervaren gedurende hun loopbaan. Overwegende, dat: • De krappe arbeidsmarkt er de afgelopen jaren voor gezorgd heeft dat een grote groep studenten hun starterskwalificatie niet heeft behaald doordat zij zonder diploma een baan aangeboden kregen; • De coronacrisis een einde heeft gemaakt aan deze krapte en tot een forse toename van de werkloosheid onder jongeren heeft geleid; • Deze jongeren momenteel niet door Leerlingzaken benaderd worden omdat zij al enkele jaren geleden zijn gestopt met hun studie, maar hier mogelijkerwijs wel baat bij zouden hebben zodat zij alsnog hun starterskwalificatie kunnen behalen.
Van mening, dat: • Het wenselijk is dat ook deze groep groenplukkers proactief benaderd wordt om hen aan het onderwijs te koppelen zodat hun ontwikkeling zo veel mogelijk wordt gestimuleerd; • Een dergelijke aanpak gezien de economische gevolgen van de coronacrisis ook wenselijk kan zijn voor jongeren ouder dan 23 jaar. Verzoekt het college: • De groep vroegtijdige schoolverlaters die door de coronacrisis werkloos zijn geworden in kaart te brengen; • Te onderzoeken hoe deze groep zo effectief mogelijk weer aan een studie gekoppeld kan worden en de ervaring met soortgelijke initiatieven ten tijde van de vorige economische crisis hierin mee te nemen; • Te onderzoeken of een proactieve benadering vanuit Leerlingzaken of een andere instantie ook mogelijk is voor deze groep groenplukkers en jongeren tot minimaal 27 jaar in deze aanpak mee te nemen. En gaat over tot de orde van de dag. De voorzitter. Door mevrouw Ateş, daartoe gesteund door de heer Mahmood, de heer Grinwis en mevrouw Tseggai, wordt de volgende motie (J.7 GL) ingediend:
Motie J.7 GL Help anderstalige gezinnen de coronacrisis door De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 21 januari 2021, ter bespreking van Voorstel van het college inzake HEA-Jaarplan 2020-2021. Overwegende, dat: • Het college met de HEA streeft naar kansengelijkheid voor alle kinderen in Den Haag. Constaterende, dat: • Het doelgroepenbereik in 2020 is gedaald naar 59%, waaruit blijkt dat de huidige maatregelen 57
• • •
ten behoeve van de kansengelijkheid gedurende de coronacrisis onvoldoende toereikend zijn; Thuisonderwijs de kansenongelijkheid versterkt doordat gezinnen uit hogere sociaaleconomische milieus vaak beter in staat zijn de benodigde ondersteuning, faciliteiten en (studie)ruimte aan hun kinderen te bieden dan gezinnen die het minder breed hebben; Kinderen van anderstalige gezinnen extra moeilijkheden ervaren doordat zij een taalachterstand kunnen ontwikkelen en doordat hun ouders minder goed in staat zijn hen te begeleiden bij het leren van de lesstof; Anderstalige ouders door het gebrek aan persoonlijk contact mogelijkerwijs minder goed op de hoogte zijn van bestaande doorstroommogelijkheden en ondersteuningsregelingen die ten goede komen van de ontwikkeling van hun kind.
Van mening, dat: • Het erg complex is om opgelopen achterstanden in een later stadium in te halen en daarom te allen tijde voorkomen moet worden dat kinderen van anderstalige ouders gedurende de coronacrisis achterop raken; • Er op korte termijn een plan van aanpak nodig is om deze kinderen de benodigde ondersteuning te kunnen bieden. Verzoekt het college: • Te onderzoeken hoe anderstalige ouders tijdens de coronacrisis beter ondersteund kunnen worden bij de begeleiding van hun kind en de mogelijkheid voor een buddy-oudersysteem in dit onderzoek mee te nemen; • Met een aanvullend plan van aanpak te komen om te voorkomen dat er leer- en ontwikkelachterstanden binnen deze groep ontstaan. En gaat over tot de orde van de dag. De moties maken onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Fonda Sahla (D66). Voorzitter. Zelden was het bespreken van de HEA zo belangrijk. De coronacrisis heeft voor flinke ongelijkheid gezorgd in het onderwijs. We moeten als gemeente keihard werken om dit samen met de scholen op te lossen, want gelijke kansen beginnen in de klas. Vorige zomer mocht ik een zomerschool openen in Transvaal. Tijdens deze opening werd ik aangesproken door een aantal ouders. Deze ouders wilden hun kind inschrijven in Transvaal, omdat hun school in Escamp geen zomerschool aanbood en na weken van thuisonderwijs was de zomerschool hard nodig om de achterstanden in te halen.
Ik werd hier als raadslid aangesproken, maar kon toen niets voor ze doen. Maar komende zomer kunnen we wel iets doen voor deze ouders en hun kinderen. In Rotterdam werken ze namelijk wijkgericht: een zomercampus waar alle kinderen uit de wijk welkom zijn, ongeacht op welke school ze zitten. Dit is een samenwerking tussen de scholen, het welzijnswerk en de cultuursector. Dit project heeft daar al een aantal vakanties plaatsgevonden en de scholen zijn ontzettend tevreden. Naast het feit dat je een stukje werkdruk en organisatie weghaalt bij de scholen, zorg je voor minder Summer learning loss bij de kinderen en zitten ze meteen in de leerstand na de vakantie. En het allerbelangrijkste: alle kinderen hebben evenveel recht op toegang, ongeacht op welke school ze zitten. Zo pakken we de onderwijsachterstanden keihard aan. Wat mijn fractie betreft, is dit zeker de moeite waard om te onderzoeken.