RIS307804 Notulen van de raad van 16 december 2020 dag
Tekst van het document
Daarnaast gaat het om zaken die jaarlijks met geld uit de begroting gedekt dienen te worden, zoals handhaving van vergunningen, onderhoud, de VvE-balie et cetera. Mijn conclusie is dat het Eneco-geld tegen de afspraken in wordt misbruikt om gaten in de begroting te dichten en vooralsnog geen enkele sociale woning oplevert. Daarom de volgende drie moties. De eerste motie heeft als titel 'Meer geld betekent meer sociale woningen' en heeft als dictum: verzoekt het college om bij elk project dat uit deze middelen wordt ondersteund expliciet te maken hoeveel sociale woningen extra worden gerealiseerd bovenop de reguliere geldende afspraken uit het coalitieakkoord. De tweede motie heet 'Investeer meer in huisvesting arbeidsmigranten' en die verzoekt het college om bij het besteden van de € 2 mln. ten behoeve van arbeidsmigranten, de helft in te zetten voor handhaving en de andere helft voor het creëren van huisvesting van arbeidsmigranten. De laatste motie, 'Eneco-middelen voor initiatieven van onderop', verzoekt het college om te komen tot een voorstel om de stad expliciet uit te nodigen om mee te denken en zelf mee te ontwikkelen aan de bouwopgave van de stad, deze regeling laagdrempelig op te zetten en gemeentelijke ondersteuning te bieden voor het ontwikkelen van dergelijke initiatieven en daarvoor een substantieel bedrag te reserveren uit de Eneco-middelen. De voorzitter.
Door de heer Bos worden de volgende moties (Eneco betaalbaar wonen en starterswoningen.6 HSP, Eneco betaalbaar wonen en starterswoningen.7 HSP en Eneco betaalbaar wonen en starterswoningen.8 HSP) ingediend:
Motie Eneco betaalbaar wonen en starterswoningen.6 HSP De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 16 december 2020, ter bespreking van het voorstel van het college inzake bestedingsvoorstel Enecomiddelen extra impuls voor betaalbaar wonen voor sociale woningbouw en starterswoningen (RIS307127). Constaterende, dat: • in het voorstel onduidelijk is wat een bijdrage van Enecomiddelen aan een project de stad nu precies oplevert.
68
Overwegende, dat: • het buitengewoon belangrijk is dat er meer sociale woningbouw wordt gerealiseerd in Den Haag. Van mening dat: • een bijdrage vanuit de extra impuls voor betaalbaar wonen voor sociale woningbouw altijd moet leiden tot meer sociale woningen. Verzoekt het college: • om bij elk project dat uit deze middelen wordt ondersteund expliciet te maken hoeveel sociale woningen extra worden gerealiseerd bovenop de reguliere geldende afspraken uit het coalitieakkoord. En gaat over tot de orde van de dag.
Motie Eneco betaalbaar wonen en starterswoningen.7 HSP De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 16 december 2020, ter bespreking van het voorstel van het college inzake bestedingsvoorstel Enecomiddelen extra impuls voor betaalbaar wonen voor sociale woningbouw en starterswoningen (RIS307127). Constaterende dat: • in het voorstel € 1,5 mln. gaat naar handhaving van woonomstandigheden van arbeidsmigranten; • uit eerdere stukken blijkt dat er in Den Haag een groot tekort is aan geschikte huisvesting; • in het voorstel slechts € 500.000 gaat naar het creëren van meer geschikte huisvesting. Van mening dat: • handhaving van de woonomstandigheden van arbeidsmigranten alleen effectief is als er voldoende aanbod is van geschikte huisvesting. Verzoekt het college: • om bij het besteden van € 2 mln. t.b.v. arbeidsmigranten, de helft in te zetten voor handhaving en de andere helft voor het creëren van huisvesting van arbeidsmigranten. En gaat over tot de orde van de dag.
Motie Eneco betaalbaar wonen en starterswoningen.8 HSP De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 16 december 2020, ter bespreking van het voorstel van het college inzake bestedingsvoorstel Enecomiddelen extra impuls voor betaalbaar wonen voor sociale woningbouw en starterswoningen (RIS307127). Constaterende, dat: • als hoofdlijn wordt voorgesteld om het geld in te zetten om voldoende betaalbare woningen (voor verschillende doelgroepen) te bouwen; • in het voorliggende voorstel geen geld specifiek is gereserveerd voor initiatieven van onderop; • initiatieven van onderop wel worden genoemd in het coalitieakkoord;
69
Overwegende, dat: • in de Woonagenda is opgenomen dat 10% van de nieuw te bouwen betaalbare koopwoningen wordt gebruikt voor verschillende woonvormen zoals wooncoöperaties, groepswonen, ouderenhuisvesting, zelfbouw en/of collectief particulier opdrachtgeverschap (CPO); • de raad al eerder een motie heeft aangenomen die het college oproept buurtcorporaties gericht op het verbeteren van de eigen buurt te faciliteren; • initiatieven vaak ook financiële steun in de opstartfase nodig hebben. Van mening, dat: • initiatieven in de vorm van zelfbouw, groepswonen, nieuwe wooncoöperaties, cpo, etc, kunnen bijdragen aan een extra impuls voor sociale woningbouw en starterswoningen; • initiatieven vanuit burgers voor een betere stad moeten worden omarmd. Verzoekt het college: • om te komen tot een voorstel om de stad expliciet uit te nodigen om mee te denken en zelf mee te ontwikkelen aan de bouwopgave van de stad; • deze regeling laagdrempelig op te zetten en gemeentelijke ondersteuning te bieden voor het ontwikkelen van dergelijke initiatieven; • daarvoor een substantieel bedrag te reserveren uit de Eneco middelen. En gaat over tot de orde van de dag. De moties maken onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Lesley Arp (SP). Voorzitter. Ook bij deze bestedingsvoorstellen lijkt het erop dat de Eneco-miljoenen als een soort stroppenpot worden gebruikt.
Zo krijgen we achteraf een bonnetje gepresenteerd voor € 8,4 mln. aan organisatie- en voorbereidingskosten en wordt ook bijna € 1 mln. uit de pot voor betaalbare woningbouw geleend voor een Legolandbouwblunder. Of en wanneer we dat geld terugkrijgen, kon wethouder Mulder ons niet vertellen. Als het gaat om de uitwerking van de voorstellen is mijn fractie verreweg enthousiaster over het bestedingsvoorstel van wethouder Balster, maar ook hiervoor geldt dat er uitgaven in zijn geschoven waarvan het eigenlijk de vraag is of deze niet in de reguliere programmabegroting thuishoren omdat ze structureel van aard zijn. Denk aan handhavingskosten. Het idee van de Enecoverkoop was juist dat we hiermee uitgaven zouden doen die additioneel zijn. Mijn fractie kan enkel concluderen dat beide bestedingsvoorstellen slechts voor een deel tegemoetkomen aan deze belofte. En dat is link, want als we deze weg inslaan wordt de verleiding straks natuurlijk alleen maar groter om bij tegenvallers, incidenteel of structureel, wat Eneco-geld weg te snoepen. Graag hoor ik hoe het college de verleiding gaat weerstaan om bijvoorbeeld bij toekomstige bouwblunders met zijn vingers uit de Eneco-snoeptrommel te blijven. Mariëlle Vavier (GroenLinks). Voorzitter. We hebben het al uitgebreid over deze voorstellen gehad in de commissie Ruimte de vorige week, dus ik zal het kort houden.
GroenLinks is heel blij met de extra impuls om meer betaalbare woningen, zowel huur als koop, te realiseren in Den Haag. We kijken ook reikhalzend uit naar het onderzoek dat de wethouder heeft toegezegd naar bijzondere woonvormen waarmee hij in het voorjaar zal komen, want voor GroenLinks is het ook erg belangrijk dat die 10% bijzondere woonvormen ook echt van de grond gaat komen in de komende periode en er bijvoorbeeld meer groepswonen of kleinschalig opdrachtgeverschap gerealiseerd kan worden. Verder ben ik blij met de toezegging van de wethouder dat er over de hele besteding van de Eneco-middelen jaarlijks wordt gerapporteerd zodat we kunnen controleren of het geld goed wordt uitgegeven en we daarnaar niet hoeven te zoeken in de programmarekening. Al met al zijn we dus tevreden over beide voorstellen.
70
Mikal Tseggai (PvdA). Voorzitter. Ik kan mij sowieso aansluiten bij de laatste vraag van mijn collega van GroenLinks over hoe we als raad meegenomen worden in het uitgeven van dit geld nadat we deze bestedingsvoorstellen straks hopelijk hebben vastgesteld. Ik heb nog twee vragen. Ik begrijp de keuze van het college om ook geld te steken in de ambtelijke ondersteuning en ik snap ook de kritiek vanuit de raad dat er geld gaat naar zaken die misschien eerder structureel in de begroting zouden passen, maar ik vind het het allerbelangrijkste dat er geld voor vrijgemaakt wordt, hetgeen nu dus gebeurt. Ik ben wel benieuwd waarom dit geld uit de Eneco-middelen wordt gehaald en waarom het niet in de gewone begroting staat. Is dat omdat we tekorten hebben et cetera? In het kader van de coronacrisis en de tweede lockdown vraag ik mij af of het eventueel nog zou kunnen lukken om bepaalde investeringen uit deze gelden, bijvoorbeeld voor impulsen voor sociale woningbouw of bepaalde gebieden, wat meer naar voren te halen om te kijken hoe we de werkgelegenheid een duwtje kunnen geven in bijvoorbeeld de bouw. Verder is mijn fractie erg tevreden met de voorliggende bestedingsvoorstellen en zijn we blij dat de Haagse woningmarkt hiermee een flinke impuls krijgt. Marieke van Doorn (D66). Voorzitter.
De woningnood in Den Haag is groot en de D66-fractie steunt daarom dat in het coalitieakkoord middelen uit de Eneco-verkoop zijn gereserveerd om de grote uitdaging het hoofd te bieden om voldoende woningen en ook voldoende betaalbare woningen te bouwen. Het bestedingsvoorstel onder J met betrekking tot de € 50 mln. die naar sociale woningbouw gaat, heeft onze volledige steun. Vorige week tijdens de commissievergadering gaven we al aan kritisch te zijn ten opzichte van het voorliggend voorstel onder K over de gebiedsontwikkeling en de sociale woningbouw ten bedrage van € 122 mln., omdat we in dat voorstel echt een heldere visie en een meer specifieke onderbouwing missen. De D66-fractie verwacht een visie op hoe we de zes prioritaire gebieden gaan ontwikkelen, met de stad en ook toekomstbestendig voor iedereen in de stad. Dus graag aandacht voor participatie van bewoners, hoe ontwikkelaars kunnen bijdragen aan de aanleg van voldoende ov, hoe we in deze gebieden toegankelijke woningen en buitenruimtes gaan ontwikkelen voor iedereen … De voorzitter. Er is een interruptie van de heer Grinwis. Pieter Grinwis (ChristenUnie/SGP). Mevrouw Van Doorn had in de commissie ook al een heel goede bijdrage waar ik mij graag bij heb aangesloten, maar het punt is dat er in de tussentijd niets is veranderd.
Dus kan zij vandaag dan wel instemmen met het voorstel en, zo ja, waarom? Marieke van Doorn (D66). De heer Grinwis is, zoals vaker, net iets te snel. Ik kom daar zo namelijk nog op. Als hij mijn betoog verder afwacht, dan denk ik dat hij hoort waarom ik in kan stemmen. Ik hoop dat hij dat geduld kan opbrengen. De voorzitter. Ga vooral uw gang. Marieke van Doorn (D66). Ik had het er net over dat we in die visie graag zien dat we de stad ontwikkelen met en voor iedereen, ook als je minder goed ter been bent en dat we duurzaam en natuurinclusief gaan bouwen met voldoende voorzieningen. De recent aangetreden wethouder vroeg tijd om een en ander goed uit te werken en beloofde de bedragen voor de gebiedsontwikkelingen die nog niet zijn uitgewerkt in de reserve te laten staan. Dat vonden we een goede uitleg. We geven de wethouder dan ook graag wat meer tijd maar we horen wel graag vandaag van hem hoe lang hij nog nodig denkt te hebben voor die uitwerking. Wanneer kunnen we een en ander veel beter onderbouwd behandelen in de raad? Ik hoop dat dit de heer Grinwis geruststelt. Aan wethouder Balster vragen we naar aanleiding van deze bestedingsvoorstellen om helderheid over verkameringsregels te geven met in het achterhoofd het grote aantal woningen dat we willen toevoegen.
Als we in wijken zoals het CID, de Rivierenbuurt, Bezuidenhout en het Oude Centrum meer woningen willen toevoegen, hoe zit het dan met het percentage van 5% en de WOZwaarde waaronder verdere verkamering wordt toegestaan? Deze wijken vragen of het niet verstandiger
71
is om ook met het oog op voldoende voorzieningen verkamering te bevriezen of in samenwerking met bewonersorganisaties af te stemmen hoeveel verkamering deze wijken aankunnen. Pieter Grinwis (ChristenUnie/SGP). Ik begrijp dat mevrouw Van Doorn het verzoek doet om een concreter uitgewerkt voorstel. Is het volgens haar dan niet beter om integraal te stemmen over dat voorstel samen met dit voorstel? Want mevrouw Van Doorn geeft hiermee nu wel een soort van carte blanche aan de wethouder. Marieke van Doorn (D66). Zo zie ik dat niet, want alles staat gewoon in de reserve en er wordt ook helemaal niks uitgegeven voordat de raad ernaar kijkt als er meer dan € 2,5 mln. moet worden uitgegeven. Er stonden in dit voorstel natuurlijk ook al een paar dingen die al uitgegeven zijn. In die zin snap ik dat de wethouder zegt: ik ben nieuw, geef mij wat tijd, laten we nu stemmen over wat er al wel helder is en de rest laat ik in de reserve, waarover ik nog met een uitwerking komt. Ikzelf ben dan wel heel benieuwd wanneer hij met die uitwerking komt. Robert Barker (PvdD). Voorzitter. In de commissie was onze kritiek op de Eneco-plannen duidelijk. Het lijkt een potje geld met smeermiddelen zonder duidelijke omkadering of criteria. Ook gaat 20% naar ambtenaren. Rond betaalbaar wonen hebben we nog een extra zorg.
Als we een plicht instellen om per project 30% sociaal te bouwen, zouden we dit niet met gemeentelijke middelen moeten bekostigen. Dat zorgt voor ondoelmatige uitgaven maar ook voor willekeur. Een projectontwikkelaar die zijn handje bij de gemeente ophoudt, krijgt geld voor iets wat hij verplicht was te doen en anderen delven het onderspit. Vandaar een motie waarin we het college verzoeken de € 43,5 mln. aan Enecomiddelen slechts in te zetten indien dit leidt tot meer woningen dan op basis van de Woonagenda voor een dergelijk project verplicht was. De voorzitter. Door de heer Barker wordt de volgende motie (Eneco betaalbaar wonen en starterswoningen.2 PvdD) ingediend:
Motie Eneco betaalbaar wonen en starterswoningen.2 PvdD De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op woensdag 16 december 2020, ter bespreking van het Voorstel van het college inzake bestedingsvoorstel Enecomiddelen extra impuls voor betaalbaar wonen voor sociale woningbouw en starterswoningen (RIS307127). Constaterende, dat: ▪ in de Woonagenda 2020 – 2023 (RIS305711) is vastgelegd dat bij nieuwbouw een norm van 30% sociale woningbouw per project geldt; ▪ op die manier voor elk toekomstig project geborgd zou moeten zijn dat 30% sociaal wordt gebouwd; ▪ de extra 43,5 miljoen aan Enecomiddelen zouden moeten zorgen voor extra middelen. Overwegende, dat: ▪ het onwenselijk is dat projectontwikkelaars die niet aan de 30%-plicht willen voldoen direct of indirect worden gecompenseerd voor het realiseren van sociale woningbouw; ▪ onwelwillende ontwikkelaars op die manier worden beloond en goedwillende niet; ▪ zo een ongelijk speelveld ontstaat; ▪ de middelen voor sociale woningen bovendien zo gebruikt worden voor het voldoen aan een al bestaande plicht en dit een ineffectieve inzet van beleidsinstrumenten is; ▪ de middelen daardoor niet kunnen worden gebruikt voor projecten die een hoger percentage sociale bouw realiseren.
Verzoekt het college: ▪ de 43,5 miljoen aan Enecomiddelen slechts in te zetten indien dit leidt tot meer woningen dan op basis van de woonagenda voor een dergelijk project verplicht is. 72
En gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Cees Pluimgraaff (CDA). Voorzitter. In de commissie heeft het CDA zijn zorgen reeds uitgesproken over het type woningen dat zal worden toegevoegd aan de huidige woningvoorraad. Er is vrijwel geen ruimte voor grondgebonden eengezinswoningen. In de Binckhorst, bij de stations en in het CID kunnen we alleen de lucht in. In Zuidwest is die ruimte er misschien nog wel. Echter, het CDA vreest dat onder leiding van de PvdA-wethouder hier alleen nog oog is voor betaalbare en sociale huur terwijl er reserveringen moeten komen voor betaalbare koopwoningen, woningen voor gezinnen, niet gestapeld. Ook hierbij kun je onrendabele toppen krijgen als je dit onder de noemer betaalbare koop wil realiseren en indien blijkt dat de grond- en de bouwkosten hoog uitvallen. Daarvoor is in het coalitieakkoord dan ook € 50 mln. vrijgespeeld en geoormerkt. Daarmee wil het CDA werkende gezinnen graag in onze stad behouden. Het aanjaagteam gaat nieuwe locatievoorstellen doen om een additioneel programma sociale en betaalbare woningen te realiseren. Dus … Nu kan ik mijn eigen handschrift niet meer lezen … Los van de vraag of er niet voldoende wordt volgebouwd met de huidige lopende plannen vraagt het CDA zich af waar voor dit college de grenzen van de mogelijkheden liggen.
Waar vinden we nog plek voor de grondgebonden betaalbare koop voor de man/vrouw politieagent, leraar en verpleger? Daartoe dient het CDA, mede gesteund door de ChristenUnie/SGP, een motie in, waarvan het dictum luidt: roept het college op te onderzoeken waar in Den Haag plek is, of plek kan worden gevonden, voor de bouw van grondgebonden betaalbare koopwoningen en de gemeenteraad uiterlijk in het vierde kwartaal van 2021 te informeren over de uitkomsten van dit onderzoek. De voorzitter. We hebben het allemaal wel eens dat je je eigen handschrift niet kunt lezen, en dat terwijl we niet eens huisarts zijn. Door de heer Pluimgraaff wordt de volgende motie (Eneco betaalbaar wonen en starterswoningen.4 CDA) ingediend:
Motie Eneco betaalbaar wonen en starterswoningen.4 CDA De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 16 december 2020, ter bespreking van het Bestedingsvoorstel Enecomiddelen extra impuls voor betaalbaar wonen voor sociale woningbouw en starterswoningen (RIS 307127). Constaterende dat: • we op veel locaties in onze stad alleen ‘de lucht in kunnen’ bij het bouwen van woningen; • er in Zuid-West wel wat ruimte lijkt te zijn voor grondgebonden eengezinswoningen. Overwegende dat: • we nu niet precies weten waar en hoeveel plek er in onze stad is voor de bouw van grondgebonden betaalbare koopwoningen. Roept het college op: • te onderzoeken waar in Den Haag plek is, of plek kan worden gevonden, voor de bouw van grondgebonden betaalbare koopwoningen; • de gemeenteraad uiterlijk in het vierde kwartaal van 2021 te informeren over de uitkomsten van dit onderzoek. En gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. 73
Jan Pronk (VVD). Voorzitter. Los ervan dat mensen hun handschrift niet kunnen lezen, kunnen sommige mensen ook de spreektijd niet in de gaten houden. Omdat de spreektijd bij de VVD nu nog maar zo beperkt is, moet ik nu helaas verder van het woord afzien. Dus volsta ik met deze bijdrage, tot mijn grote spijt. De voorzitter. U doet dat wel heel charmant, want ik zou zijn ontploft. Ik had het vroeger namelijk ook weleens dat mensen die voor mij spraken, alle tijd van de fractie opvraten. Zo gaan die dingen, maar het was goed om aan te horen hoor, meneer Van der Helm. Dan geef ik het woord aan de heer Ҫetinkaya. Tahsin Çetinkaya (Islam Democraten). Voorzitter. Omdat Hagenaars heel moeilijk aan een sociale huurwoning komen, zijn ze genoodzaakt een huis in de private sector te huren. De huurprijzen zijn daar in vergelijking met sociale huurwoningen immens hoog. De huurprijzen worden bovendien elk jaar nog eens met een hoog percentage verhoogd. Mensen kunnen moeilijk hun huur betalen, vooral nu met de coronacrisis en haar gevolgen. Heel veel mensen zijn hopeloos en in het ergste geval raken ze zelfs hun huis kwijt. Hier moeten we wat aan doen. Derhalve dien ik een motie in waarin het college wordt verzocht om te onderzoeken hoe de stijging van woninghuren in de vrije sector begrensd kan worden met een maximum en de raad hierover te informeren. De voorzitter.
Door de heer Ҫetinkaya wordt de volgende motie (Eneco betaalbaar wonen en starterswoningen.5 ID) ingediend:
Motie Eneco betaalbaar wonen en starterswoningen.5 ID De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op woensdag 16 december 2020, ter bespreking van voorstel van het college inzake bestedingsvoorstel Enecomiddelen extra impuls voor betaalbaar wonen voor sociale woningbouw en starterswoningen (RIS307127). Constaterende, dat: - de huurstijgingen de afgelopen tijd ongeremd verder gaat, met name in de vrije sector; - Den Haag de meeste steden overtrof in de percentage van huurstijgingen in 2020. Overwegende, dat: - het steeds onmogelijker wordt om de huur te betalen als de huurstijgingen niet worden gereguleerd; - het vooral nu met de coronacrisis een huurstijgingsremming een mooi gebaar richting de burgers toe zal zijn. Verzoekt het college: - om te onderzoeken hoe de huurstijging van woninghuren in de vrije sector begrensd kan worden met een maximum; - de raad hierover te informeren. En gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Pieter Grinwis (ChristenUnie/SGP). Voorzitter. Als eerste het plan sociale woningbouw en gebiedsontwikkeling: dat is niet zo best. Dat is echt het slechtste bestedingsvoorstel van vandaag. Het voorstel is te vaag, slecht onderbouwd en slecht uitgewerkt. Zoals het er nu ligt, kan ik er eigenlijk niet mee instemmen.
Behalve een procentuele verdeling over een aantal kerngebieden hebben we eigenlijk geen idee waar we namelijk mee instemmen. Nou blijft er veel achter in de reserve, wat helpt, maar tegelijkertijd worden wel veel middelen uitgegeven aan personeel en voorbereidingskosten. Dat vind 74
ik eigenlijk niet verantwoord. Dat moet gewoon uit de reguliere ambtelijke capaciteit komen. Is de wethouder bereid dit voorstel aan te passen en het niet in stemming te laten brengen en om het, als het meer uitgewerkt is, opnieuw in de raad in te brengen? Zo niet, dan stemt mijn fractie tegen. Het voorstel van de andere wethouder spreekt mij een stuk meer aan. Vrije bestedingsruimte en een duidelijk plan om te investeren in sociale woningbouw. Het punt is alleen dat we vooral investeren op het veen en niet op het zand. Dat is gelet op de grote gebiedsontwikkelingen natuurlijk ook weer niet helemaal onlogisch maar, let wel, het bestrijden van segregatie moet van twee kanten komen: duurdere koopwoningen en huurwoningen op het veen maar dan ook, waar de kans zich voordoet, sociale woningbouw op het zand. Daarom een motie met als dictum: verzoekt het college de beschikbare middelen voor het bouwen van voldoende betaalbare woningen ook in te zetten voor het overbruggen van de onrendabele top van sociale huurwoningen in de duurdere wijken van Den Haag met relatief weinig sociale huurwoningen. De voorzitter. Door de heer Grinwis wordt de volgende motie (Eneco betaalbaar wonen en starterswoningen.1 CU/SGP) ingediend:
Motie Eneco betaalbaar wonen en starterswoningen.1 CU/SGP De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 16 december 2020, ter bespreking van het Voorstel van het college inzake Bestedingsvoorstel Enecomiddelen extra impuls voor betaalbaar wonen voor sociale woningbouw en starterswoningen (RIS307127), constaterende, dat: ▪ vanuit de Enecomiddelen € 43,5 miljoen euro beschikbaar wordt gesteld voor het bouwen van voldoende betaalbare woningen in 4 tranches; ▪ in veel bestaande woonwijken geen grootschalige woningbouwontwikkelingen zijn en dat daarmee de meeste woningen de komende jaren zullen worden gebouwd op het ‘veen’ en niet op het ‘zand’; ▪ in het bestedingsvoorstel en in de programmabrief betaalbare woningbouw (RIS 305713) voor wat betreft betaalbare woningbouw wordt ingezet op realisatie daarvan in de Binckhorst, Zuidwest en andere grotere gebiedsontwikkelingen; overwegende, dat: ▪ het bouwen van sociale huurwoningen een onrendabele activiteit is, dat de onrendabele top bij een bouwen in hoogstedelijk gebied en/of op relatief dure grond groter is, en dat een onrendabele top meestal gemakkelijker te verrekenen is in een grotere integrale gebiedsontwikkeling dan in een ‘postzegelontwikkeling’; ▪ in bestaande wijken op het zand alleen sprake is van ‘postzegelontwikkelingen’; ▪ we segregatie in Den Haag niet van één kant kunnen oplossen, en dat waar een
woningbouwkans op het zand zich voordoet, deze ook gegrepen moet worden voor de bouw van sociale huurwoningen; verzoekt het college: ▪ de beschikbare middelen voor het bouwen van voldoende betaalbare woningen ook in te zetten voor het overbruggen van de onrendabele top van sociale huurwoningen in de duurdere wijken van Den Haag met relatief weinig sociale huurwoningen, en gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Adeel Mahmood (NIDA). Voorzitter. Ik kan het ook kort houden. Aan onze inbreng in de commissie hebben we niet veel toe te voegen. De uitdagingen op de woningmarkt zijn voor niemand verborgen en dat geldt met name de betaalbaarheid van woningen. De komende periode hopen we daar wel wat 75
verbetering in te zien, maar de vraag is wel wat de daadwerkelijke uitwerking zal zijn van de investeringen van tientallen miljoenen. Ook zijn we kritisch over de wijze waarop het geld nu wordt uitgegeven. Ik sluit mij dan ook aan bij de vragen die daarover zijn gesteld. Bovendien steunen we een aantal aantal moties, onder andere die van de Haagse Stadspartij, over de sociale woningbouw. De voorzitter. Dit was de eerste termijn van de zijde van de raad over beide voorstellen. Dan geef ik nu al eerste namens het college het woord aan wethouder Balster. Wethouder Balster (PvdA). Voorzitter. Dank aan de leden van de raad voor de complimenten over de voorstellen, specifiek ook het voorstel dat ziet op betaalbare woningbouw en starterswoningen. Het is ongelofelijk hard nodig dat we de komende tijd daarin investeren en deze middelen gaan daar ontzettend bij helpen. En ja, we hebben ook oog voor de bestaande woningvoorraad waar de druk heel erg groot is, de leefbaarheid onder druk staat en veel huurders in een kwetsbare positie zitten. Het is ook nodig om te handhaven op misstanden en om goed verhuurderschap af te dwingen, wat we op deze manier effectief kunnen doen. Een aantal van u heeft vragen gesteld over de uitwerking en de rapportage. Mevrouw Vavier en mevrouw Tseggai vroegen daar met klem naar. We gaan u elk halfjaar informeren.
Bij de grotere uitgaven komen raadsvoorstellen langs, zoals u weet. Daarbij hebben we ook oog voor het zand én het veen, gegeven het uitgangspunt dat we in de prioritaire gebieden natuurlijk de meeste meters kunnen maken en we in de bestaande stad overal kijken waar we kunnen toevoegen; en daar waar we dat kunnen, bouwen we ook evenwichtig, betaalbaar, sociaal en middenhuur. In reactie op het pleidooi van het CDA: zoals ik ook al in de commissie heb benadrukt, heeft het college daarbij ook aandacht voor betaalbare koop. Zeker in Zuidwest zien we daar mogelijkheden. Dat zullen niet altijd grondgebonden woningen zijn, aangezien de grond in Den Haag beperkt is, maar ook gestapeld, in appartementencomplexen en in verdichte situaties gaan we bouwen voor gezinnen met modale inkomens zodat iedereen een plek in de stad kan vinden. Mevrouw Van Doorn vroeg specifiek naar de gevolgen van de verdichting wat betreft de spelregels ten aanzien van kamerbewoning. U heeft het college met het initiatiefvoorstel dat uit uw raad is gekomen en ook met het coalitiekakkoord en de afspraken die daarin zijn gemaakt, opdracht gegeven om met nieuwe spelregels te komen. Die heeft u ook kunnen aantreffen in het voorstel tot wijziging van de Huisvestingsverordening, de derde wijziging die u vorige week heeft gekregen. Daarin hebben we onder andere een quotum opgenomen van 5%.
En dat gaat natuurlijk de komende tijd meebewegen met de ontwikkelingen in de stad. We gaan ook elk jaar in beeld brengen hoe zich dat ontwikkelt om vervolgens daar waar het problemen geeft, tot beperkingen te komen. We houden de WOZ-waarde daarbij ook in de gaten. U komt nog te spreken over de uitgangspunten die we daarbij hanteren, maar we gaan uiteraard de leefbaarheid in de stad monitoren en kijken hoe dat past bij de spelregels die we hanteren. Dan ga ik naar de moties. De heer Barker van de Partij voor de Dieren verzoekt het college om de Eneco-middelen slechts in te zetten indien dit leidt tot meer woningen dan op basis van de Woonagenda voor een dergelijk project verplicht was. We zullen heel hard moeten werken om de grote ambitie die het college heeft om betaalbaar te bouwen, te realiseren. Daarbij zal het af en toe nodig zijn om bij gemeentelijke grondexploitaties onrendabele toppen af te dekken teneinde actief grondbeleid te voeren om ontwikkelingen mogelijk te maken maar het beeld dat u oproept dat we onwillende projectontwikkelaars betalen om toch maar sociaal te realiseren, strookt niet met de werkelijkheid. We gaan proberen met de middelen die de gemeente heeft via de grondexploitaties overal in de stad sociale woningbouw, middeldure huur en betaalbare koop te stimuleren en te realiseren. Het college moet de motie dan ook ontraden.
De motie van Hart voor Den Haag vraagt het college om het terugdringen van de inschrijfduur tot onderdeel van beleid te maken. Dat is al zo. Robert Barker (PvdD). Nog even over het vorige punt. Als de wethouder de motie zo kan lezen dat het gaat om het niet subsidiëren van projectontwikkelaars maar dat er wel mogelijkheden zijn voor gemeentelijke grondexploitaties, kan hij de motie dan wel omarmen? Want dat was eigenlijk het idee van de motie.
76
Wethouder Balster (PvdA). Het is staande praktijk dat we langs de mogelijkheden die de gemeente heeft, met name via het grondbeleid, ervoor zorgen dat de ontwikkelingen tot stand gebracht worden die we met elkaar willen. Het dictum van uw motie spreekt over meer doen dan de Woonagenda van ons vraagt en daarin roept u ook het beeld dat wij ontwikkelaars zouden subsidiëren. Nee, we maken betaalbare woningbouw via deze middelen, via de grondexploitaties mogelijk. Dus het college moet uw ontraden. Ik was bij de motie van Hart voor Den Haag over de inschrijfduur. Het verkorten van de inschrijfduur is onderdeel van het beleid, want naarmate wij er beter in slagen om die betaalbare woningbouwproductie te realiseren, moet dat ook een effect hebben op de inschrijfduur. De motie is dan ook overbodig en zou ik in deze vorm ook willen ontraden omdat de inschrijfduur niet alleen wordt beïnvloed door de eigen woningbouwproductie maar ook door de woningbouwproductie in de omliggende gemeenten. Zoals u weet, proberen we in dat verband ook afspraken te maken maar we hebben natuurlijk niet 100% invloed op wat men in Zoetermeer, Westland of Wassenaar bouwt. Maar uiteraard proberen we met die enorme ambitie die we hebben voor betaalbare woningbouw, die inschrijfduur naar beneden te krijgen, want die loopt enorm op. Dan de motie van de heer Pluimgraaff.
Ik zei net al iets over het uitgangspunt van het college om ook zo veel mogelijk betaalbare koop te realiseren. Dat is ook een van de ambities in het coalitieakkoord en de Woonagenda. Dat onderstrepen wij ook. De motie vraagt specifiek naar grondgebonden betaalbare koopwoningen. Dat is niet een een doel op zich, maar we kijken bij verschillende ontwikkelingen absoluut hoe we betaalbare woningbouw kunnen realiseren. In die zin is uw motie overbodig maar tegen aanvaarding ervan heeft het college ook geen bezwaar want betaalbare koop is ook een van de ambities van het college. Dan kom ik op de motie van de heer Ҫetinkaya die ook al eerder een dergelijke motie indiende om lokaal beleid te voeren ten aanzien van de huurontwikkeling in de vrije sector. Ik heb u eerder aangegeven dat ik daar geen instrumenten toe heb. Wel is het zo dat we bij nieuwbouw afspraken maken over maximale huurprijsstijging, waarbij we de stelregel hebben dat we dat 1% boven inflatie doen. Bovendien is het inmiddels rijksbeleid, met dank aan een aantal oppositiepartijen, dat de maximale huurprijsstijging aan banden is gelegd. Daar zijn we blij mee, maar ik heb zelf lokaal geen instrument om de huurprijs in de vrije sector te beïnvloeden.
Wel sturen we met de huisvestingsvergunning op het toewijzen van middeninkomens op de middeldure huur zodat het ook passend is, maar de motie zoals nu geformuleerd moet het college ontraden. De Haagse Stadspartij vraagt bij motie om de € 2 mln. die wordt besteed aan arbeidsmigranten voor de helft in te zetten voor het creëren van huisvesting voor arbeidsmigranten. Het college ziet werkgevers en uitzenders op de eerste plaats verantwoordelijk voor het realiseren van die huisvesting. Het grote probleem zit 'em in het vinden van geschikte locaties. Daar werkt het college heel hard aan. Wij informeren u een dezer dagen ook over de stand van zaken. Sinds ik u de vorige keer heb geïnformeerd, hebben we gelukkig weer een aantal extra plekken voor arbeidsmigranten in de stad kunnen realiseren. We zijn met een locatiescan ook aan het kijken hoe we groepslocaties voor de short stay voor arbeidsmigranten kunnen toevoegen. Uiteraard zijn we ook in overleg met omliggende gemeenten om dat te realiseren, maar om er nu een bedrag voor te reserveren en er zelf de financiële last voor te dragen, daar is het college geen voorstander van. Vandaar dat ik uw motie moet ontraden. Tahsin Çetinkaya (Islam Democraten). Ik heb nog een vraag aan de wethouder over mijn motie.
Kan hij de motie wel omarmen als ik die zodanig wijs dat het college wordt verzocht in overleg te treden met de woningcorporaties over wat u wel kunt doen wat betreft de huurstijging? Wethouder Balster (PvdA). Dat doet het college al. Sterker nog, ik heb u de vorige week de prestatieafspraken voor het komend jaar met de woningcorporaties toegezonden en daaruit blijkt dat de corporaties met de gemeente en de huurdersverenigingen zijn overeengekomen de huren niet boven inflatie te verhogen. Dus daarmee voldoen we al aan uw wens om de huren niet te laten stijgen. Dan kom ik bij de motie van de Haagse Stadspartij met de titel 'Meer geld betekent meer sociale woningen'. U vraagt daarin om eigenlijk meer te doen dan in de Woonagenda en in het coalitieakkoord is afgesproken. Het is al een enorme opgave om de ambitie van 1.200 sociale huurwoningen te realiseren. We werken eraan om dat te doen, maar om daarbovenop een extra ambitie te zetten, acht het college niet realistisch. U begrijpt natuurlijk dat deze wethouder zich tot het uiterste 77
inspant om alles wat extra kan, ook te doen, maar zoals de motie nu geformuleerd is, kan het college die niet omarmen en moeten we die dus ontraden. Vervolgens kom ik op de motie van de Haagse Stadspartij over initiatieven van onderop. Ik heb ook in de commissie aangegeven dat ik dit sympathiek vind. U vraagt nu om een specifiek bedrag te reserveren vanuit de Eneco-middelen. Ik vind dat nog wel een beetje vroeg. Ik zou u willen vragen om deze motie nog even aan te houden. Ik geloof dat het mevrouw Vavier was die al verwees naar het onderzoek dat we op dit moment uitvoeren naar bijzondere woonvormen. De wooncoöperatie, het particulier opdrachtgeverschap en het groepswonen zijn elementen van die analyse. In april hoop ik met de resultaten van dat onderzoek te komen. Ik zou willen vragen om uw motie tot dan aan te houden. Het is goed dat u weet dat er binnen de huidige impuls al mogelijkheden zijn om initiatieven vanuit de stad te honoreren. Dus daarbinnen proberen wij al wel te kijken naar bijzondere woonvormen. Tahsin Çetinkaya (Islam Democraten). Na de toezegging dat de wethouder met woningcorporaties in gesprek is en blijft, houd ik mijn motie aan. De voorzitter. Aangezien motie Eneco betaalbaar wonen en starterswoningen.5 ID is aangehouden, maakt ze geen onderdeel meer uit van de beraadslaging. Wethouder Balster (PvdA). Uitstekend.
Dan kom ik ten slotte op de motie van de heer Grinwis die vraagt om de woningimpuls ook in te zetten voor sociale woningbouw op het zand. Ik geef net al aan dat we dat al doen. Waar zich op het zand mogelijkheden voordoen om betaalbaar te bouwen, proberen we dat ook met deze middelen en met het urgentieprogramma dat we inzetten, te realiseren. In de lijst van projecten die voor de eerste tranche in beeld zijn, heeft u ook al een aantal projecten op het zand kunnen aantreffen. Dus in die zin is deze motie overbodig maar ik laat het aan de raad of die het noodzakelijk vindt om er nog een extra duwtje op te zetten. Tot zover mijn bijdrage, voorzitter. Wethouder Mulder (VVD). Voorzitter. We spreken vandaag over de besteding van de Eneco-gelden, waarbij een aantal leden wat ongeduldig is als het gaat om die besteding. Mevrouw Van Doorn wil graag weten wanneer het geld wordt besteed en waaraan. Ik begrijp die vraag goed. Bijvoorbeeld waar het gaat om de bedragen voor het HS Kwartier verwacht ik in het eerste kwartaal van het volgend jaar jaar met een voorstel in uw richting te komen. Als het gaat om Laan van Nieuw Oost-Indië en CS is dat later in dat jaar maar nog wel voor de zomer. Een van de redenen waarom ik nog even wacht, is dat we ook subsidie hebben aangevraagd bij het ministerie van Binnenlandse Zaken voor cofinanciering.
Het zou fijn zijn als dat lukt en daar hebben we ook bedragen voor gereserveerd. Dus dat is een van de redenen waarom het nog even op zich laat wachten, maar ik wil natuurlijk ook zo snel mogelijk aan de slag. De besteding van dat geld doen we natuurlijk integraal. Het moet duurzaam zijn met woningen voor iedereen. De openbare ruimte is belangrijk. Natuurlijk moeten ontwikkelaars ook bijdragen, hetgeen gebeurt via de zogenaamde anterieure overeenkomsten. Participatie is ook belangrijk. Ik heb de vorige week gesproken met de bewonersorganisaties van het CID over participatie en ik ga dat ook vaker doen, zoals we hebben afgesproken. Dus de voorstellen komen volgend jaar uw kant op en we hopen nog een subsidie te krijgen van Binnenlandse Zaken. Dan de voorbereidingskosten. Daar hebben we de vorige week al uitvoerig over gesproken. Ik heb ook een brief aan uw raad gestuurd waarin nog eens uitgesplitst is waar het geld per gebied precies naartoe gaat en waaraan het wordt besteed. In het coalitieakkoord stond al dat er extra inzet van het ambtelijk apparaat nodig is. Of je nou wil of niet, je moet plannen maken en voorbereidingen treffen want je kunt niet zomaar stenen gaan stapelen of een bos aanleggen. Dat is dus nodig. Gevraagd is of dit alles niet kan worden gerealiseerd vanuit het bestaande ambtelijk apparaat. Zoals ook in de brief staat, is dit niet structureel gefinancierd.
Eigenlijk wordt dus een deel van de ambtenaren per project betaald. Ik wijs ook op het verleden. Toen in 2008 het aantal projecten in de stad opdroogde, betekende dat ook gelijk dat we een aantal ambtenaren niet meer konden betalen en dat ze moesten vertrekken. Dus dat zit daarachter. 78
Dan de € 0,8 mln., waarop mevrouw Arp heeft gewezen. We hebben het daarover al eerder gehad dat we die willen verhalen bij de ontwikkelaar. De voorzitter. Dat was de eerste termijn van het college. Dan gaan we nu over naar de tweede termijn van de raad. Peter Bos (HSP). Voorzitter. Wat betreft onze motie over de huisvesting van arbeidsmigranten zou ik nog graag van het college willen weten wanneer er plannen komen voor concrete locaties. Onze motie over meer geld, meer sociale woningen heeft de wethouder verkeerd begrepen. Het gaat ons om het inzichtelijk maken van de opbrengst van de besteding, dus wat het oplevert. Het gaat er dus niet om om meer te doen maar om het inzichtelijk maken. Ten slotte onze motie over initiatieven van onderop. Als ik het laatste deel van het dictum schrap, is de wethouder dan eventueel wel bereid deze motie te omarmen? Zo ja, dan kan ik dat deel er wel uithalen. De voorzitter. Dan geef ik in de tweede termijn van het college het woord aan wethouder Balster. Wethouder Balster (PvdA). Voorzitter. De heer Bos vroeg wanneer er locaties in beeld komen voor het huisvesten van arbeidsmigranten. Wij zijn met een hele brede analyse bezig voor locaties voor alle relevante doelgroepen, waaronder arbeidsmigranten en statushouders. Wij hopen in het voorjaar met concrete voorstellen hiervoor te komen.
Ik heb al eerder aangegeven dat het een buitengewoon ingewikkelde opgave is. Ten aanzien van de arbeidsmigranten gaf ik net al aan dat we gelukkig al wat vooruitgang hebben geboekt, waarover ik u een dezer dagen ook ga informeren. Dus er zijn alweer wat extra plekken gerealiseerd in de stad. We blijven naarstig zoeken naar nieuwe mogelijkheden maar qua locaties is dat ingewikkeld. Dus daar wordt alle energie op gezet. De heer Bos gaf aan een andere interpretatie te hebben dan die welke ik had van de motie 'Meer geld betekent meer sociale woningen'. Hij zei dat deze motie vooral ziet op de monitoring. Welnu, dat doen wij al. Wij informeren u in het kader van het urgentieprogramma heel precies over de resultaten die we boeken om betaalbare woningen toe te voegen. Dus in die zin is de motie overbodig. Vervolgens deed de heer Bos de suggestie om zijn motie over initiatieven van onderop aan te passen door het laatste deel van het dictum, te weten 'daarvoor een substantieel bedrag te reserveren uit de Eneco- middelen', te schrappen. Maar dan vraagt de motie nog steeds om een regeling en dat vind ik toch een beetje vooruitlopen op de zaken. Hoewel ik de motie sympathiek vind en we ook echt nadenken over hoe we de stad kunnen uitnodigen om zelf met initiatieven te komen, vind ik het vooruitlopen op een regeling nu te vroeg.
Dus moet ik de motie nu ontraden maar als u die aanhoudt, kunnen we u wellicht in het voorjaar al een heel stuk tegemoetkomen. Peter Bos (HSP). Ik wil dan wel meegaan met het verzoek van de wethouder om de motie over initiatieven van onderop aan te houden. De voorzitter. Aangezien motie Eneco betaalbaar wonen en starterswoningen.8 HSP is aangehouden, maakt ze geen onderdeel meer uit van de beraadslaging. De beraadslaging wordt gesloten. De voorzitter. De digitale stemming over de moties en de voorstellen J en K vindt vanavond plaats.
Aan de orde is: L. Voorstel van het college inzake gewijzigde vaststelling bestemmingsplan Wateringse Veld Noord 2de herziening (Lof) (RIS306858). De beraadslaging wordt geopend.
79
William de Blok (Hart voor Den Haag/Groep de Mos). Voorzitter. Ik wil mij beperken tot het oplezen van het dictum van mijn motie: verzoekt het college er bij de ontwikkelaar op aan te dringen samen met de bewoners van de aangrenzende villa's tot een keuze voor de afscheiding te komen in zowel ontwerp, hoogte en situering ervan. De voorzitter. Door de heer De Blok wordt de volgende motie (Bestemmingsplan Wateringse Veld Noord.1 HvDH/GdM) ingediend:
Motie Bestemmingsplan Wateringse Veld Noord.1 HvDH/GdM De gemeenteraad van Den Haag in vergadering bijeen op 16 december ter bespreking van agendapunt O Voorstel van het college inzake Gewijzigde vaststelling bestemmingsplan Wateringse Veld Noord 2e herziening (LOF) (RIS 306858). Constaterende, dat: • er door de situering van een appartementengebouw in de Erasmushove meer inkijk ontstaat aan de achterzijde van de aangrenzende villa’s; • de ontwikkelaar heeft aangegeven mee te willen denken over een oplossing voor de inkijk. Overwegende, dat: • de afscheiding onderdeel wordt van het uitzicht van de bewoners van de aangrenzende villa’s. Verzoekt het college: • er bij de ontwikkelaar op aan te dringen samen met de bewoners van de aangrenzende villa’s tot een keuze voor de afscheiding te komen in zowel ontwerp, hoogte en situering ervan. En gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. De voorzitter. Ik constateer dat geen andere leden van de raad het woord wensen te voeren over dit voorstel, zodat ik het woord kan geven aan wethouder Balster. Wethouder Balster (PvdA). Voorzitter. Het gebrek aan bijdragen getuigt, denk ik, van grote steun voor het voorstel en daar is het college natuurlijk heel blij mee.
De heer De Blok vraagt in zijn motie aan het college om bij de ontwikkelaar erop aan te dringen om tot een afscheiding te komen tussen het nieuwe bouwplan en de bestaande woningen in het gebied. Daar werkt het college graag aan mee. Dus het college kan deze motie omarmen. De beraadslaging wordt gesloten. De vergadering wordt enige ogenblikken geschorst.
Aan de orde is: M. Voorstel van het college inzake vaststelling bestemmingsplan 'Kop Assumburgweg' (RIS306859). De beraadslaging wordt geopend. Robert Barker (PvdD). Voorzitter. In 2018 bij de vaststelling van het plan over het gebied bij station Moerwijk is besloten dat er geen millimeter in de ecologische zone zou worden gebouwd. En wat schetst twee jaar later onze verbazing? In plaats van het gigantische huidige bouwvlak te gebruiken 80
wordt ook nog de ecologische zone en veel van het aanwezige groen opgeofferd. En zo verdwijnen ecologische verbindingen voor dieren. Wat is de nota Stadsnatuur waard als we steeds kiezen om de zone voor allerlei plannen op te offeren? Denkt de wethouder dat vleermuizen echt door gebouwen kunnen vliegen? In totaal neemt de verharding met 2.100 m2 toe en worden 65 bomen gekapt en dit op het snijvlak van meerdere ecologische zones. Wat de Partij voor de Dieren betreft is dit onacceptabel en zelfs onbehoorlijk. Ik noemde al dat dit in strijd is met wat in 2018 is vastgesteld, maar het is ook in strijd met onze eerder aangenomen motie en het oude coalitieakkoord waarin werd ingezet op het verbeteren van de ecologie. In de afdoening van onze motie werd zelfs aangegeven dat ecologische verbindingszones langs de Erasmusweg en de verbindingszone parallel aan de spoorlijn bij Knoop Moerwijk zouden worden verbonden en hersteld. En nu gebeurt dus precies het tegenovergestelde. De drie bestaande groene verbindingen die deze zone verbinden, zullen met dit plan allemaal verdwijnen. Graag een reactie waarom deze afdoening opeens uit het raam is gegooid. Ik dien daarom samen met de HSP een motie in met als dictum: verzoekt het college het bestemmingsplan in te trekken en te komen met een aangepast plan waarin de ecologische verbindingszone niet wordt aangetast. De voorzitter.
Door de heer Barker, daartoe gesteund door de heer Bos, wordt de volgende motie (Bestemmingsplan Kop Assumburgweg.2 PvdD) ingediend:
Motie Bestemmingsplan Kop Assumburgweg.2 PvdD De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 16 december 2020, ter bespreking van bestemming “Kop Assumburgweg” (RIS306859). Constaterende, dat: ▪ het gemeentebestuur zich in de Agenda Groen voor de Stad (RIS294705) heeft verplicht om de Stedelijke Groene Hoofdstructuur op eenduidige en herkenbare wijze duurzaam in stand te houden; ▪ in het bestemmingsplan aan de kop van de Assumburgweg ruimte wordt geschapen voor een gebouw in de ecologische verbindingszone; ▪ er hierdoor groen en de (mogelijk in de toekomst te verbeteren) verbinding tussen de verschillende ecologische verbindingszones verdwijnt; ▪ in de afdoening van de motie Eerder herstel Erasmuszone (RIS300960) is aangegeven dat de ecologische verbindingszone langs de Erasmusweg en de verbindingszone parallel aan de spoorlijn bij knoop Moerwijk zouden worden verbonden en hersteld.
Overwegende, dat: ▪ dit met dit bouwplan onmogelijk wordt; ▪ het college bovendien in de commissiebespreking 11 januari 2020 heeft toegezegd dat er geen millimeter zou worden gebouwd in de ecologische verbindingszone; ▪ het plan zonder bebouwing in de ecologische verbindingszone in 2018 is vastgesteld door de raad (RIS298576); ▪ met het voorliggende plan wordt afgeweken van deze uitgangspunten; ▪ deze ecologische verbinding achteruitgaat, doordat een gebouw op de plek van de verbindingszone komt. Verzoekt het college: ▪ het bestemmingsplan in te trekken en te komen met een aangepast plan waarin de ecologische verbindingszone niet wordt aangetast. En gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging.
81
William de Blok (Hart voor Den Haag/Groep de Mos). Voorzitter. Ik sluit mij gemakshalve aan bij de inbreng van collega Barker. Lesley Arp (SP). Voorzitter. De ondernemers van de Kazerne hangt al jaren een sloopkogel boven het hoofd. Elke keer worden de plannen uitgesteld, maar elke keer hebben ze te maken met hetzelfde probleem: als de Kazerne sluit kunnen ze nergens anders geschikte bedrijfsruimte vinden. Het wrange is dat de afgelopen drie jaar bij elk uitstel van de bouwplannen aan de Assumburgweg het college aangaf dat dit echt de laatste verlenging zou zijn en dat er te weinig tijd was om een alternatief te realiseren. Want dat is wat de ondernemers willen: eenzelfde soort locatie in de wijk waar ze dichtbij hun boterhammen kunnen verdienen. De weigering om mee te werken aan een alternatief voor de Kazerne en een minimale inzet om de ondernemers aan een andere, vervangende bedrijfsruimte te helpen, heeft het vertrouwen van de ondernemers in de gemeente tot een dieptepunt doen dalen. Maar er gloort hoop. Er is nu een alternatief voor de Kazerne, het nieuwe bedrijfsverzamelgebouw aan de Twickelstraat, dat eerst anderhalf jaar een tijdelijke invulling zou krijgen waarna het definitief als bedrijfsverzamelgebouw zou worden ingezet.
Mijn fractie wil het college oproepen om samen met de ondernemers van de Kazerne een traject in te gaan waarbij de mogelijkheden voor een verhuizing naar de Twickelstraat worden onderzocht. Daarom een motie met het volgende dictum: roept het college op om samen met een delegatie van vertegenwoordigers van de Kazerne te inventariseren welke ondernemers interesse hebben om naar de Twickelstraat te verhuizen, rekening houdend met de (on)mogelijkheden die de ruimte aan de Twickelstraat biedt, te onderzoeken hoe de tijdelijke huurcontracten voor de Twickelstraat kunnen aansluiten op de behoeften van de ondernemers wat betreft het aantal te huren vierkante meters, een inspanning te leveren om een eventuele overgang zo soepel mogelijk te laten verlopen, waarbij de inzet is dat de ondernemers geen dag op straat hoeven te staan, met de ondernemers die niet in de Twickelstraat terechtkunnen te blijven meedenken over alternatieve huisvesting, en de raad over de uitkomsten te informeren. Deze motie is meeondertekend door de heer Grinwis van de ChristenUnie/SGP, de heer Bos van de Haagse Stadspartij, mevrouw Vavier van GroenLinks, de heer Scheper van D66 en de heer Mahmood van NIDA. De voorzitter. Door mevrouw Arp, daartoe gesteund door de heer Grinwis, de heer Bos, mevrouw Vavier, de heer Scheper en de heer Mahmood, wordt de volgende motie (Bestemmingsplan Kop Assumburgweg.4 SP) ingediend:
Motie Bestemmingsplan Kop Assumburgweg.4 SP De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 16 december 2020, ter bespreking van Voorstel van het college inzake Vaststelling bestemmingsplan “Kop Assumburgweg” (RIS306859). Constaterende, dat: ▪ er in de Twickelstraat kleinschalige bedrijfsruimte gerealiseerd zal worden; ▪ onderzocht wordt of het te behouden deel van Twickelstraat 5 vooruitlopend op de definitieve plannen middels leegstandsbeheer kan worden ingezet voor tijdelijke bedrijvigheid; ▪ er met de ontwikkeling aan de Assumburgweg het tijdelijke bedrijfsverzamelgebouw De Kazerne zal worden gesloopt; ▪ het misschien mogelijk is dat een deel van de ondernemers van het te slopen bedrijfsverzamelgebouw De Kazerne naar de tijdelijke bedrijfshuisvesting aan de Twickelstraat zouden kunnen verplaatsen. Overwegende, dat: ▪ de zoektocht naar vervangende bedrijfsruimte voor de ondernemers van De Kazerne tot nu toe een helletocht is geweest door het gigantische gebrek aan kleinschalige bedrijfsruimte in onze stad; ▪ de Twickelstraat door haar locatie net een paar straten verderop het ideale alternatief vormt voor veel ondernemers van De Kazerne;
82
▪
er wel de disclaimer geldt dat het ruimtelijk gezien niet mogelijk is om alle ondernemers uit de Kazerne een tijdelijke plek te geven in de Twickelstraat, omdat de Twickelstraat niet geschikt is voor de auto-gerelateerde functies en het ‘kantoren’-gedeelte van de Kazerne groter is dan de beschikbare ruimte van de Twickelstraat.
Van mening, dat: ▪ het stadsbestuur zuinig moet zijn op deze groep ondernemers die in de armste wijk van Den Haag hun boterham verdienen; Roept het college op: ▪ samen met een delegatie van vertegenwoordigers van De Kazerne: o te inventariseren welke ondernemers interesse hebben om naar de Twickelstraat te verhuizen, rekening houdend met de (on)mogelijkheden die de ruimte aan de Twickelstraat biedt; o te onderzoeken hoe de tijdelijke huurcontracten voor de Twickelstraat kunnen aansluiten op de behoeften van de ondernemers wat betreft het aantal te huren m2; o een inspanning te leveren om een eventuele overgang zo soepel mogelijk te laten verlopen, waarbij de inzet is dat de ondernemers geen dag op straat hoeven te staan; o met de ondernemers die niet in de Twickelstraat terecht kunnen, te blijven meedenken over alternatieve huisvesting; ▪ de raad over de uitkomsten te informeren. En gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Mikal Tseggai (PvdA). Voorzitter. Ik kan het kort houden. Mijn fractie is tevreden over het nu voorliggende bestemmingsplan. Ook ik had een klein betoogje willen houden over de Kazerne, maar dat doe ik nu niet omwille van de spreektijd. Ik kan mij aansluiten bij de vragen van mevrouw Arp daarover en wij steunen ook haar motie. Peter Bos (HSP). Voorzitter.
Wij sluiten ons aan bij de betogen van de heer Barker en mevrouw Arp. Wij hebben nog wel een motie, waarvan het dictum luidt: verzoekt het college om iedere aantasting of wijziging van de Stedelijke Groene Hoofdstructuur in een raadsbesluit voor te leggen aan de raad en daarbij de exacte wijzigingen van de begrenzing van de Stedelijke Groene Hoofdstructuur in kaartmateriaal bij te voegen. Dit laatste is overigens een wijziging ten opzichte van een eerder rondgestuurde versie. Ik dien deze motie in samen met de heer Barker van de Partij voor de Dieren. De voorzitter. Door de heer Bos, daartoe gesteund door de heer Barker, wordt de volgende motie (Bestemmingsplan Kop Assumburgweg.3 HSP) ingediend:
Motie Bestemmingsplan Kop Assumburgweg.3 HSP De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 16 december 2020, ter bespreking van het Voorstel van het college inzake Vaststelling bestemmingsplan “Kop Assumburgweg” (RIS306859). Constaterende, dat: • in de beantwoording van de technische vragen over de Nota Stadsnatuur het college het volgende heeft gesteld: Bouwen in een ecologische verbindingszone is alleen mogelijk indien de gemeenteraad bij meerderheid daartoe besluit. • met het bouwplan voor de Kop Assumburgweg gebouwd wordt in de Erasmuszone, een ecologische zone die onderdeel uitmaakt van de Stedelijke Groene Hoofdstructuur; 83
•
met het aanwijzen van de Stedelijke Groene Hoofdstructuur het college zich heeft verplicht om deze op eenduidige en herkenbare wijze duurzaam in stand te houden en waar mogelijk te versterken.
Overwegende, dat: • er voor de Kop Assumburgweg geen expliciet raadsbesluit voorligt om te bouwen in de ecologische zone; • het college de grenzen van de ecologische zone wijzigt zonder de gemeenteraad daarover te laten besluiten; Van mening, dat: • ingrepen in de Stedelijke Groene Hoofdstructuur grote gevolgen kunnen hebben voor de biodiversiteit, de natuur en het milieu. Verzoekt het college: • om iedere aantasting of wijziging van de Stedelijke Groene Hoofdstructuur in een raadsbesluit voor te leggen aan de raad; • daarbij de exacte wijzigingen van de begrenzing van de Stedelijke Groene Hoofdstructuur in kaartmateriaal bij te voegen. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Mariëlle Vavier (GroenLinks). Voorzitter. Dank aan de wethouder voor zijn brief met de antwoorden op technische vragen die in de commissie zijn gesteld over de ecologische verbindingszone en het groen. Ik ben nog wel benieuwd naar de reactie van de wethouder op de inspraak van mevrouw De Jong van de AVN van vanmorgen. In de commissie hebben we het ook vaak gehad over de Kazerne en de ondernemers die daar zitten en over hoe die locatie, zij het tijdelijk, voorziet in een behoefte aan betaalbare bedrijfsruimte. Het is wat GroenLinks betreft echt wel belangrijk dat dergelijke bedrijfsruimte beschikbaar blijft in de stad en het liefst ook meer.
Het is mooi dat de huidige ondernemers terecht lijken te kunnen in de Twickelstraat. Waarschijnlijk is dat ook tijdelijk maar dat geeft nog steeds even mooi lucht. Daarom hebben we de motie van de SP ook meeondertekend. Arnoud van Doorn (PvdE). Voorzitter. Waar het gaat om de Kazerne zijn we er als raad inmiddels al een aantal jaren mee bezig. Ik heb eigenlijk weinig toe te voegen aan wat mevrouw Arp van de SP zoeven heeft ingebracht. Dat steunen wij en en dat geldt vanzelfsprekend ook voor haar motie. Ik druk me nog voorzichtig uit als ik zeg dat het geen schoonheidsprijs verdient hoe er met deze ondernemers is omgegaan de afgelopen jaren. De heer Ҫetinkaya zal op dit punt nog een motie indienen. De motie die de Partij van de Eenheid ook voornemens was in te dienen, is inmiddels samengevoegd met die van de Islam Democraten op dit punt, want, ja, we werken tegenwoordig heel goed samen. Ten slotte zijn we echt benieuwd hoe het college deze ondernemers nu gaat helpen, waarbij we hopen dat deze tijdelijke locatie uiteindelijk een permanente locatie zal worden. Pieter Grinwis (ChristenUnie/SGP). Voorzitter. Niet alle ondernemers en maatschappelijke organisaties uit de Kazerne zijn geherhuisvest.
Voor betaalbare bedrijfshuisvesting zet het college zich inmiddels in, maar betaalbare huisvesting voor maatschappelijke organisaties blijft lastig, terwijl deze juist van grote waarde zijn voor de wijk, zeker voor kwetsbare wijken. Daarom een motie met collega Mahmood van NIDA met als dictum: verzoekt het college zich, vergelijkbaar met de inzet voor sociale bedrijfshuisvesting, in te spannen voor de huisvesting van maatschappelijke en religieuze organisaties in Zuidwest en deze organisaties waar nodig te helpen bij het vinden van een geschikte locatie. Waar mijn fractie zich nog wel zorgen over maakt is het groen. We hebben de inspraak hierover allemaal gehoord. Ik hoop dat de wethouder wil garanderen dat er voldoende groen
84
gecompenseerd wordt en dat de ecologische zone zo veel mogelijk intact blijft. Verder sluit ik mij aan bij alles wat collega Arp heeft gezegd. De voorzitter. Door de heer Grinwis, daartoe gesteund door de heer Mahmood, wordt de volgende motie (Bestemmingsplan Kop Assumburgweg.1 CU/SGP) ingediend:
Motie Bestemmingsplan Kop Assumburgweg.1 CU/SGP De raad van de gemeente Den Haag, in vergadering bijeen op 16 december 2020, ter bespreking van het Voorstel van het college inzake Vaststelling bestemmingsplan “Kop Assumburgweg” (RIS 306859), constaterende, dat: ▪ in de Kazerne niet alleen ondernemers ondernemen, maar ook maatschappelijke en religieuze organisaties gehuisvest zijn; overwegende, dat: • deze organisaties van grote waarde hebben voor de wijk en haar inwoners, maar nog niet allemaal een passende vervangende plek in de stad hebben gevonden; • de Raad heeft uitgesproken dat het college zich dient “in te spannen voor de realisatie van voldoende goedkope huisvesting, bijvoorbeeld door middel van ‘sociale bedrijfshuisvesting.”2 verzoekt het college: • zich, vergelijkbaar met de inzet voor sociale bedrijfshuisvesting, in te spannen voor de huisvesting van maatschappelijke en religieuze organisaties in Zuidwest en deze organisaties waar nodig te helpen bij het vinden van een geschikte locatie, en gaat over tot de orde van de dag. De motie maakt onderdeel uit van de verdere beraadslaging. Tahsin Çetinkaya (Islam Democraten). Voorzitter. Culturele instellingen en sportverenigingen die ruimte huren van de gemeente wordt op dit moment hun huurverplichtingen kwijtgescholden. Dat is een goede zet geweest van de gemeente die we dan ook ondersteunen.
We dienen instellingen te beschermen tegen de gevolgen van de coronacrisis. Er zijn echter gemeentelijke panden die worden gehuurd door ondernemers maar wier huur niet wordt kwijtgescholden. Dit is het geval bij de Kazerne Moerwijk. Deze ondernemers vragen om hulp, want zonder onze hulp kunnen ze het hoofd moeilijk boven water houden. Het is bovendien niet eerlijk dat bepaalde groepen wel een kwijtschelding krijgen en andere groepen niet die ook huurders zijn van gemeentelijke panden. Om deze ongelijkheid een halt toe te roepen dien ik de motie 'Kwijtschelden huur Kazerne Moerwijk' in, met als dictum: verzoekt het college primair om te onderzoeken of het mogelijk is om de huurders van de Kazerne Moerwijk kwijt te schelden voor de huurverplichtingen, subsidiair een huurverlaging te bewerkstelligen ter compensatie en de raad hierover te informeren. Ten slotte spreek ik onze steun uit voor de motie van de SP. De voorzitter. Door de heer Ҫetinkaya wordt de volgende motie (Bestemmingsplan Kop Assumburgweg.5 ID) ingediend: