RIS306977 Bijlage 1
Tekst van het document
De insteek van de gemeente Den Haag hierbij is om aan te sluiten bij de doelstellingen van de Gebiedsvisie Internationale Zone, maar met de wetenschap dat internationale instellingen zich met horten en stoten aandienen en dat dit mogelijk om flexibiliteit qua invulling vraagt. Eerste verkennende massastudies tonen dat op de locatie aan de Burgemeester Patijnlaan ongeveer een programma van 45.000 m2 BVO (inclusief de m2 van het monument en exclusief de ondergronds parkeergarage) gerealiseerd kan worden. Bij de architectonische uitwerking wordt wellicht meer of minder m2 gerealiseerd. Uitgangspunt is de bebouwingsenvelop zoals op de stedenbouwkundige randvoorwaardenkaart en de doorsneden zijn verbeeld. De uitgangspunten hebben als doel behoud van kwaliteit op
PUK BURGEMEESTER PATIJNLAAN 35 • 5 NOVEMBER 2020
•
• •
• •
•
en rondom de te ontwikkelen locatie zoals de (openbaar) toegankelijke buitenruimte rondom de gebouwen en rondom de overgang met de aangrenzende percelen en bijbehorende bebouwing. Ondergrondse programma bestaat (naast (auto)parkeren) uit functies als technische ruimten, opslag, fietsparkeren (met oplaadpunten). Het parkeerterrein aan het Alexanderveld wordt opgeheven en met groen ingericht. Tussen het Alexanderplein en de Burgemeester Patijnlaan wordt, parallel aan het monumentale gebouw een ruimte gerealiseerd geschikt voor een loop- en fietsroute en ontmoetingsplekken met groene inrichting. De herontwikkeling zet in op vergroening van de locatie en aangrenzend verhard gebied. Ondergeschikte functies als een koffiebar, kapper, restaurant en sportvoorzieningen zijn alleen voor intern gebruik door toekomstige eigenaar. Indien de eigenaar in de toekomst openstelling hiervan voor de wijk heroverweegt is de gemeente bereid om mee te werken aan het onderzoek naar de randvoorwaarden om dit mogelijk te maken.
6.2
Bouwregels
Vier zijden Omdat de locatie aan vier zijden aan bestaande bebouwing en openbare ruimte grenst vraagt dit aan iedere zijde om verschillende, specifieke spelregels om een goede inpassing te verkrijgen. •
•
Monument Het monument blijft als hoofdvolume ongewijzigd.
•
Op de hoek Burgemeester Alkemadelaan met de Burgemeester Patijnlaan is de goot- en bouwhoogte maximaal 15 meter. Met deze bouwhoogte wordt aansluiting gezocht met de naastgelegen bestaande bebouwing. Noordzijde: De vaste rooilijn aan de Burgemeester Patijnlaan anticipeert op de bovengrondse en ondergrondse stedenbouwkundige context. Het oostelijk deel betreft de doorgetrokken rooilijn van het appartementencomplex Burgemeester Patijnlaan 49-59. De goot- en bouwhoogte is hier maximaal 22 meter. Met deze bouwhoogte overstijgt de nieuwbouw het monument niet. Het westelijk deel van de vaste rooilijn reikt tot aan de buitenzijde van de bestaande parkeerkelder. Door de naar voren verspringende vaste rooilijn wordt aansluiting gezocht met het naastgelegen NIBC. Op de hoek Burgemeester van Karnebeeklaan met de Burgemeester Patijnlaan is de goot- en bouwhoogte maximaal 15 meter. Met deze bouwhoogte wordt aansluiting gezocht met de naastgelegen bestaande bebouwing. Een groene voorruimte is uitgangspunt waarbij de bomenstructuur wordt voortgezet. Oostzijde - noordelijk deel: de afstand tussen het monument en de nieuwbouw is minstens 22 meter. Om de overgang met de achterzijde van het monument te benadrukken en de lengte van de nieuwbouw te breken, wordt een deel van het bouwvolume terugspringend geplaatst.
Voor minimaal de helft van de gevellengte staat de voorgevel minimaal 2 meter of meer terugliggend geplaatst. Om de kwaliteit van de verblijfsruimte, gelegen tussen de verspringende gevel en het monument, te
Stedenbouwkundige randvoorwaardenkaart
PUK BURGEMEESTER PATIJNLAAN 35 • 5 NOVEMBER 2020
23
waarborgen is de hoeveelheid lichtinval en mogelijke zonuren (in de winterperiode) van belang. Een gedeeltelijke lagere bouwhoogte draagt hieraan bij. Voor maximaal de helft van de gevellengte is de maximale bouwhoogte 22 meter. De bouwhoogte voor het overige deel dient lager te zijn, maximaal 15 meter. •
•
Oostzijde - zuidelijk deel: ter hoogte van het Alexanderplein geldt een bouwhoogte van maximaal 15 meter. Met deze bouwhoogte wordt aansluiting gezocht met de naastgelegen bestaande bebouwing. Zuid- en westzijde: aan deze zijden, grenzend aan achtertuinen, is een 7 meter brede tuinzone gelegen waar hoofd-, aan- en bijgebouwen niet zijn toegestaan. De aansluitende zone is deels tuin. Deze zone is minimaal 40% onbebouwd (tuin) en voor maximaal 60% bebouwd. Voor voldoende lichttoetreding in de winterperiode en om een hoog gebouw in de achtertuin te voorkomen is geleidelijke opbouw van de bouwhoogte uitgangspunt. De bouwhoogte loopt geleidelijk op van 11 meter naar maximaal 22 meter.
Toetsing van nieuwbouw is te allen tijde noodzakelijk. Er is een bezonningstudie nodig om aan te tonen dat de bestaande (woon)bebouwing in de omgeving blijven voldoen aan de Haagse bezonningsnorm. Ook windhinderonderzoek is nodig om de veiligheid in openbaar gebied te waarborgen. Beide onderzoeken worden al in de SO-fase opgesteld om de impact van de modellen tijdig te kunnen toetsen. Een formeel bezonnings- en windhinderonderzoek wordt gevraagd bij de aanvraag omgevingsvergunning.
24
PUK BURGEMEESTER PATIJNLAAN 35 • 5 NOVEMBER 2020
Rooilijnen Er zijn drie typen rooilijnen: •
•
•
Een vaste rooilijn gelegen langs de Burgermeester Patijnlaan en het Alexanderplein. Het hoofdvolume dient hier in de rooilijn gebouwd te worden. Een uiterste rooilijn tegenover de achterzijde van het monument om een verspringing van het bouwvolume te waarborgen, een grotere groene verblijfsruimte te bewerkstelligen, de bezonning te bevorderen (in relatie met minimale en maximale bouwhoogten) en om de leesbaarheid van het complex te vergroten. Twee nader te bepalen rooilijnen. Hiermee wordt de locatie in een noordelijk en zuidelijk deel verdeeld en ontstaat de mogelijkheid om twee afzonderlijke complexen te realiseren. De twee delen die hierdoor ontstaan ronden samen het bouwblok met de bebouwing aan de Burgemeester van Karnebeeklaan en de Javastraat af. De afstand tussen deze parallel lopende rooilijnen is minimaal 15 meter. De gekozen maatvoering van nieuwe bebouwing bepalen de uiteindelijke positionering.
Verblijfsruimten Rondom de gebouwen bevinden zich diverse groen ingerichte verblijfsruimten. Het zijn openbare ruimten of openbaar toegankelijk ruimten, maar hebben allen ten doel de hoeveelheid verharding te verminderen, de ruimten te vergroenen, de kwaliteit te verhogen en daarmee een prettig verblijfsklimaat te realiseren. •
Alexanderveld: Onderzoek zal uitwijzen of het afwaarderen van het Alexanderveld en het Alexanderplein van 50 km/u naar 30 km/u mogelijk is met een inrichting waar de auto te gast is. De intensiteit zal naar verwachting gelijk blijven en voornamelijk bestaan uit bestemmingsverkeer voor o.a. ontsluiting van een aantal parkeerkelders. Bij een toekomstige herinrichting dient aandacht te worden besteed aan het versmallen van de rijbaan en de trottoirs ten gunste van groenstroken. Het privé
•
•
parkeerterrein wordt opgeheven en vervangen door een brede representatieve groenzone. Alleen rondom de hoofdentree en de tweede (noordelijke) entree is sprake van monumentale voorruimte. Burgemeester Patijnlaan. Deze groene ruimte blijft gehandhaafd. De verspringende vaste rooilijn voor nieuwbouw sluit aan de oostzijde aan op de verlengde rooilijn van het appartementgebouw aan de Burgemeester Patijnlaan 49-59 en aan de westzijde op de bebouwing van NIBC. Het profiel van de Burgemeester Patijnlaan wordt hiermee aan de zuidzijde grotendeels behouden en voortgezet. De groenzone biedt voldoende ruimte voor het planten van extra bomen en het aanhelen van de rij zoals deze in het noordoostelijk deel van de laan aanwezig is. De groene ruimte kan, (evenals in de bestaande situatie) ook deels gebruikt worden voor het ‘voorrijden’ van auto’s. Een verkeerskoppeling voor autoverkeer vanaf de Burgemeester Patijnlaan en/of vanaf de voorrijzone met het Alexanderplein is uitgesloten. Aan de westzijde van het monument, gelegen tussen de Burgemeerster Patijnlaan en het Alexanderplein, wordt een groen ingerichte verblijfsruimte beoogd. Hierdoor wordt een oude structuur hersteld en wordt de locatie steviger in de structuur van de stad verankerd. De verblijfsruimte wordt integraal met de nieuwbouw en het monument ontworpen. De nieuwbouw is tegenover de achterzijde van het monument gepositioneerd.
Reagerend op deze achterzijde krijgt de verblijfsruimte hier meer een uitstraling van een (groen) hof en de gevel van de nieuwbouw verspringt. Een hoogwaardige inrichting kan als ambitie worden nagestreefd waarbij ook de overgang van de gebouwen met de buitenruimte kan worden vormgegeven. Hierbij kan worden ingezet op groene overgangszones aan weerszijde bestaande uit elementen zoals plantenvakken, (lage) muren en zitranden. Deze elementen vormen dan een geheel met de architectuur van de gebouwen en de inrichting van de buitenuimte.
Impressie mogelijke inrichting Alexanderveld (aan deze impressie kunnen geen rechten worden ontleend)
PUK BURGEMEESTER PATIJNLAAN 35 • 5 NOVEMBER 2020
25
•
26
Het ontwerp van het gebouw en de inrichting van deze buitenruimte wordt integraal ontworpen. Met aandacht voor voldoende groeiruimte (zoals voldoende dekking bij aanwezigheid van een parkeerkelder) voor o.a. bomen en inpassing en bereikbaarheid van eventuele ondergrondse kabels en leidingen trajecten. Indien deze verblijfsruimte (deels) wijzigt naar openbaar gebied is voor deze delen het Handboek Openbare Ruimte uitgangspunt. Heldere afspraken over de begrenzing tussen privaat en openbaar zijn ook bepalend voor de verantwoordelijkheid aangaande beheer en worden in de loop van het ontwikkelproces gemaakt. Het hof is ook een toegangsgebied waar één of meerdere hoofdentrees aan gevestigd kunnen worden. Aan de zuidzijde van het hof (zijde Alexanderplein) kan de verblijfsruimte met de auto worden bereikt richting de inpandig (nieuw) te realiseren in- en uitrit van de parkeerkelder. De route naar deze in- en uitrit is zo kort mogelijk en beperkt zich tot het zuidelijk deel. Incidenteel kan expeditieverkeer of hoogwaardig bezoek door het verblijfsgebied rijden en via de Burgemeester Patijnlaan het verblijfsgebied verlaten. Haaks op het Alexanderplein wordt een verblijfsgebied voorgesteld van minimaal 15 meter breed waardoor dit deel van de locatie in twee delen wordt opgedeeld. De exacte positionering wordt nader bepaald.
Het is de ambitie om, in het verlengde van het verbijfsgebied, een verbinding richting de Burgemeester van Karnebeeklaan te realiseren. Dit biedt kansen om de nieuwe ontwikkelingen goed aan te sluiten op het Vredespaleis, de ov-halte Carnegieplein en het Zeeheldenkwartier waar diverse winkels, restaurants en lunchrooms zijn gevestigd. De realisatie van de verbinding met de Burgemeester van Karnebeeklaan is alleen mogelijk indien de brandweerkazerne bereid is te verhuizen. De route is dan ook een ambitie en het initiatief hiervoor ligt bij de toekomstige eigenaar.
PUK BURGEMEESTER PATIJNLAAN 35 • 5 NOVEMBER 2020
Oriëntatie
Plint
•
•
De gebouwen zijn alzijdig georiënteerd. Speciale aandacht wordt gevraagd voor de hoeken. De wijze waarop een gebouw de hoek omgaat of bouwvolumes in elkaar grijpen vraagt nadere studie.
•
Maximale bouwhoogte •
•
De Archipelbuurt is een homogene stadswijk met een gemiddelde bouwhoogte van (met name) 12 tot 15 meter. Boven dit dakenlandschap steken twee toren nadrukkelijk uit: de toren van het Vredespaleis en de appartemententoren aan het Monchyplein. Het monument bestaat uit een tussenmaat. Het hoofdvolume (inclusief dakrand) is ongeveer 23 meter hoog. Het is niet passend binnen de stedenbouwkundige opzet en ruimtelijk karakter van dit deel van de stad om hoogbouw en hoogte accenten die boven de algemene hoogte van het bouwblok uitspringen te ontwikkelen. Vanuit de stedenbouwkundige setting, om het monument te respecteren en om aan te sluiten in hoogte op de bebouwing langs de Burgemeester Patijnlaan (zoals het NIBC) is de maximale bouwhoogte voor nieuwbouw 22 meter. Indien een daktuin wordt toegepast wordt de dakopbouw (voor toegang tot de daktuin), evenals liftschachten en trappenhuizen, geïntegreerd in het hoofdvolume. In de basis mogen deze elementen de maximale bouwhoogte niet overschrijden. Wanneer dit voor de hoogste bouwdelen niet oplosbaar is binnen de maximale bouwhoogte, mag de hoogte met maximaal 1,5 meter worden overschreden.
Voorwaarde is dat het volume daarbij wordt ingezet als verbijzondering in het gevelbeeld (vergelijkbaar met een borstwering of andersoortige uit architectonische of esthetische overwegingen voorgestane dak-elementen, waaronder kroonlijsten en dergelijke) en onderdeel is van het ontwerp van het gevelbeeld. Of het volume wordt als een bijzonder dakopbouw zoals op het monument vormgegeven. Het volume dient ruimtelijk en in verhouding wel van voldoende proportie te zijn.
•
De plint heeft een verdiepingshoogte tussen de 3,6 en 7,2 meter. In de nieuwbouw sluit de begane grondvloer van de plint aan op gelijk niveau met de straat (maaiveld). Ophoging of verlaging van het aangrenzende (openbare) terrein is hiermee niet aan de orde. Lucht- en ventilatieroosters mogen niet in de openbare ruimte worden geplaatst.
Hoeken •
De hoeken van het bouwblok worden nadrukkelijk mee ontworpen vanwege de zichtbaarheid ervan. Dit betekent dat beide zijden met evenveel aandacht worden ontworpen. Dit komt tot uiting in bijvoorbeeld de aanwezigheid van gevelopeningen en rijkheid aan detaillering. Onderscheid in expressie en architectuur versterkt de positie van de geveldelen binnen het bouwplan en reageert op de stedenbouwkundige positie.
Hoofdentree • •
Voor de vormgeving van de hoofdentree(s) wordt extra aandacht gevraagd. Een hoofdentree kan worden georiënteerd aan de verblijfsruimte maar ook aan een aansluitende openbaar toegankelijke binnenruimte zoals een patio.
Brandweerkazerne Indien de toekomstige gebruiker de kans aangrijpt om een directe verbinding met het Vredespaleis, de nabijgelegen OVhalte aan het Carnegieplein en Zeeheldenkwartier te realiseren zal in overleg met de brandweer de mogelijkheid van inpassing van de kazerne onderzocht moeten worden. Hierbij kan gedacht worden aan een alternatieve locatie waarbij het goed voorstelbaar is dat deze wordt geplaatst binnen de locatie. Ook bij integratie van de brandweerkazerne binnen de locatie gelden de randvoorwaarden zoals omschreven in dit PUK (bijvoorbeeld dezelfde stedenbouwkundige randvoorwaarden zoals rooilijnen en maximale bouwhoogten.
22m
monument 45
15m 30 22m westzijde
Alexanderveld
Ruimtelijke opbouw verblijfsruimte achter het monument
22m
22m
monument 45
15m 27
30
8m
22m
7m Van Karnebeeklaan
oostzijde
westzijde
Alexanderveld
Ruimtelijke opbouw Burgemeester van Karnebeeklaan 22m
22m
22 m max. bouwhoogte BP
15m 27
24 19
30
8m
22m
7m
noordzijde
zuidzijde
monument 45
Van Karnebeeklaan
oostzijde
westzijde
Alexander
grens bouwvlak BP
Ruimtelijke opbouw Burgemeester Patijnlaan
Impressie mogelijke inrichting verblijfsfgebied gelegen tussen Burgemeester Patijnlaan en Alexanderplein (aan deze impressie kunnen geen rechten worden ontleend) PUK BURGEMEESTER PATIJNLAAN 35 • 5 NOVEMBER 2020
27
6.3
Ontsluiting en parkeren
Ontsluiting & bereikbaarheid Ontsluiting gebouwen Het bouwoppervlak kan bestaan uit één of meerdere gebouwen en/of één of meerdere internationale organisaties. De randen langs de Burgemeester Patijnlaan en de verblijfsruimten zijn geschikt om de hoofdentree(s) aan te koppelen.
Bereikbaarheid fiets De locatie is per fiets goed bereikbaar via de Laan van Meerdervoort/Javastraat en de Burgemeester Patijnlaan, beide wegen beschikken over fietsvoorzieningen. Het Alexanderveld is een 50 km/uur straat waarin auto en fietsverkeer is gemengd. Er wordt onderzocht of de straat mogelijk kan worden afgewaardeerd naar 30 km/uur. Gelet op de grootte van de locatie is het hebben van meerdere toegangen tot de kavel voor fietsers aan te bevelen. De kans bestaat anders dat gebruikers hun fiets bij de dichtstbijzijnde voetgangersentree parkeren in de publieke ruimte.
Bereikbaarheid OV De locatie is goed te bereiken via diverse tram- en buslijnen vanaf station Den Haag Centraal, die binnen een loopafstand van 250 meter gelegen zijn”.
Ontsluiting auto De locatie is vanaf de Centrumring te benaderen via de Burgemeester Patijnlaan en Laan van Meerdervoort/Javastraat. De ontsluiting van de parkeervoorziening op de locatie dient plaats te vinden via het Alexanderplein. Een rechtstreekse aansluiting op de Burgemeester Patijnlaan voor autoverkeer is alleen mogelijk via het Alexanderveld. Een tweede aansluiting is alleen voorstelbaar als een eventuele voorrijlus om mensen af te zetten of op te halen en om incidenteel expeditieverkeer of hoogwaardig bezoek te faciliteren. Een tweede aansluiting
28
PUK BURGEMEESTER PATIJNLAAN 35 • 5 NOVEMBER 2020
op de Burgemeester Patijnlaan via de achterzijde van het monument voor de ontsluiting van de parkeergarage is niet toegestaan.
groene inrichting. Mogelijk kan ook het aantal openbare parkeerplaatsen op het Alexanderveld worden verminderd. Hiervoor is een onderzoek naar de parkeerbehoefte noodzakelijk.
Autoparkeren en logistiek Het bestemmingsplan ‘Parapluherziening (fiets)parkeren’ is leidend voor het stallen van motorvoertuigen en fietsen. In dit bestemmingsplan wordt verwezen naar de ‘Nota parkeernormen Den Haag 2011’ plus de aanvulling uit 2016 (RIS291425). De daarin aangegeven normen voor het type programma in dit deel van de stad is leidend. De locatie ligt in zone 2 voor kantoren, bedrijven, voorzieningen. Ter indicatie, voor een programma van 45.000 m2 kantoren is volgens de huidige norm een parkeervoorziening van 450 parkeerplaatsen noodzakelijk. Uitgangspunt is dat alle parkeervoorzieningen ten gevolge van deze ontwikkelingen op eigen terrein voorzien worden, met dien verstande dat er geen parkeervoorzieningen in de diverse groen ingerichte verblijfsruimten worden gerealiseerd. Indien gebruik wordt gemaakt van de bestaande parkeergarage is maximaal 390 parkeerplaatsen uitgangspunt. Er zal dan, in samenwerking met de afdeling Mobiliteit, naar alternatieven gezocht moeten worden (zoals (deel)auto’s en -fietsen en OV-arrangementen) om de verblijfruimten rondom de gebouwen te vrijwaren van parkeerplaatsen op maaiveld. Een uitbreiding van de bestaande parkeergarage naar bijvoorbeeld twee lagen is voorstelbaar. Het benodigd en/of maximaal aantal parkeerplaatsen wordt bij nieuwbouw bepaald door de afdeling Mobiliteit.
Het verdient aanbeveling om op maaiveld niveau wel een aantal parkeerplaatsen voor mindervaliden op te nemen. Doorgaans zijn niet alle parkeergarages toegankelijk voor diverse type personenwagens ten behoeve van vervoer van rolstoelgebruikers. Het PUK beoogt het parkeerterrein aan het Alexanderveld op te heffen en te veranderen in een representatieve voorruimte voor het monument met een
Bij nieuwbouw is er mogelijk sprake van een kleine intensivering van het aantal auto’s. E.e.a. is afhankelijk van het uiteindelijk totaal aantal m2. Bezoekersparkeren is onderdeel van het parkeren op eigen terrein. Fietsparkeren •
6.4
Wat betreft het aantal fietsparkeerplaatsen moet worden voldaan aan de beleidsregels Fietsparkeren (RIS294386). Voor deze locatie betekent dit op grond van een indicatief programma van 45.000 m2 kantoor 675 fietsparkeerplaatsen. Deze plekken worden op eigen terrein, bij voorkeur inpandig voorzien. Bepaling aantal fietsparkeerplaatsen in overleg met de afdeling Mobiliteit.
Buitenruimte
•
De buitenruimte wordt integraal ontworpen, en zijn groen en klimaatbestendig. De inrichting van de buitenruimte c.q. de verblijfsruimte draagt bij aan de interactie in het gebied en wordt afgestemd op de gebruiker. Er moet worden gezocht naar straatprofielen met meer verblijfswaarde en voldoende ruimte voor fietsers, voetgangers en groen passend bij het toekomstige intensievere gebruik door de intensivering van het programma.
•
Het trottoir ter hoogte van de entrees moet voldoende breed zijn en worden ingericht als ontvangstdomein voor de aanwezig functie(s). Bij de nieuwbouw vormt het architectonisch ontwerp een geheel met de inrichting van de verblijfsruimte. Het ontwerp voor beiden gaat hand in hand. Speciale aandacht wordt gevraagd voor de inrichting rondom de hoofdingang en de tweede ingang van het monument, beiden aan het Alexanderveld gelegen. De inrichting van het groen vraagt alhier zorgvuldigheid en
•
Voorstel toekomstige verkeersstructuur
PUK BURGEMEESTER PATIJNLAAN 35 • 5 NOVEMBER 2020
29
•
•
•
• •
• • •
•
30
afstemming met o.a. de afdeling Monumentenzorg en Welstand. De inrichting van het maaiveld met openbaar karakter en grenzend aan openbare domein is conform de richtlijnen in ‘Kadernota’ en het ‘Handboek Openbare Ruimte’ (HOR) die op dat moment vigerend zijn en de ‘Nota Straten, Wegen, Lanen’ (RIS280303). Hierin staan de ontwerpeisen beschreven waaraan de gemeente toetst. De huidige ‘Kadernota Openbare Ruimte Den Haag’ geeft “residentiekwaliteit” aan als kwaliteit voor de openbare ruimte op deze locatie. Het realiseren van een hoger kwaliteitsniveau is toegestaan en zeer gewenst. (Meer)kosten voor inrichting en beheer van de openbare ruimte komen voor rekening van de toekomstige eigenaar. De toegankelijkheid van de gebouwen voor mindervaliden wordt vergroot door bij nieuwbouw de begane grond te laten aansluiten op het peil van de aansluitende buitenruimte. Bij het monument dient een passend ontwerp, in samenhang met de inrichting van de buitenruimte, te worden opgesteld. De toegang voor mindervaliden vraagt alhier zorgvuldigheid en afstemming met o.a. de afdeling Monumentenzorg en Welstand. Geen utilitaire functies voor afval en stalling in de buitenruimte. Deze worden inpandig opgelost. Bedrijven zijn zelf verantwoordelijk voor hun afvalinzameling. Afvalinzameling vindt gescheiden plaats, bij voorkeur circulair en grondstofgericht.
Hiervoor moet een inpandig ruimte worden gereserveerd in het bouwplan. De vormgeving, uitvoering en beheer van de buitenruimte moet duurzaam en kwalitatief hoogwaardig zijn. Waar mogelijk onderzoeken of hergebruik van bestaande materialen mogelijk is. Bij behoud van de bestaande parkeergarage is het uitgangspunt dat voor de bestaande hellingbaan (parallel aan het monument) een alternatieve locatie wordt gezocht met een inpandige in- en uitrit constructie. De verblijfskwaliteit van de buitenruimte komt hierdoor zowel functioneel als ruimtelijk het meest tot zijn recht. Indien er nieuw (semi-)openbaar gebied ontstaat dienen
PUK BURGEMEESTER PATIJNLAAN 35 • 5 NOVEMBER 2020
•
•
•
•
•
•
•
•
hiervoor beheer afspraken met de gemeente gemaakt te worden. Gelijktijdig bij de inrichting van het openbaar toegankelijk gebied dient er ook een ondergronds ontwerp opgesteld te worden met de positie van aan te leggen en eventueel te verplaatsen kabels en leidingen. Ook dient rekening gehouden te worden met extra ruimte, zodat bij de vraag t.z.t. naar bijvoorbeeld meer elektriciteit of warmtenetten ruimte is voor kabels en leidingen. De daken van de nieuwbouw worden ingericht met een groen dak. De verblijfsruimte wordt met hoogwaardig groen ingericht dat bijdraagt aan de biodiversiteit en een zichtbare groene uitstraling heeft. Ruimte voor groeiomstandigheden flora meenemen. Dat betekent voor bomen minimaal 100 cm en voor struiken 50 cm diepte in de verticale doorsnede vrijhouden. Deze voorwaarden gelden ook voor beplanting op daken en parkeergarages. Het (her)plaatsen van voorzieningen op het maaiveld, zoals (led)lichtmasten en verkeersborden is voor verantwoordelijkheid van de toekomstige eigenaar. Het programma van eisen wordt bepaald door de verantwoordelijke afdelingen binnen de gemeente. Het beheer en onderhoud van de openbaar toegankelijke verblijfsruimte moet in overleg met de gemeente gedaan worden. Dit om de doorstroming en veiligheid van lopenden fietsend verkeer te borgen.
Het project en de omliggende buitenruimte kunnen goed onderhouden worden (veegmachine en maaimachine moet erbij kunnen). Het openbare verlichtingsplan bespreken met de gemeente. De beheerparagraaf voorleggen aan de afdeling OVL. Trafo en/of andere nutsvoorzieningen zijn inpandig opgelost (zie ook Checklist Gezondheid in Planvorming (GGD Den Haag). Vooraf dient bij de nutsbedrijven, mede op basis van de te realiseren m2 en de energie behoefte e.d., afgestemd worden of dergelijke voorzieningen inpandig noodzakelijk zijn.
Verblijfsruimte met loop- en fietsroute en ontmoetingsplekken.
Verblijfsruimte in de vorm van een hof of patio
Ontvangstruimte
6.5
Veiligheidsmaatregelen
De inzet bij de herontwikkeling van de locatie Burgemeester Patijnlaan 35 is de komst van een internationaal georiënteerde organisatie. Afhankelijk van het type organisatie is er sprake van een lage of hogere categorie beveiliging. Den Haag kent de huisvesting van een groot aantal (inter)nationale instanties die in meer of mindere maten een beveiligingsprofiel kennen. Sinds geruime tijd zet de gemeente, in samenwerking met de instanties, in op hoogwaardige, ruimtelijk geïntegreerde veiligheidsmaatregelen die niet het straatbeeld domineren. Uitgangspunt is dat alle benodigde veiligheidsmaatregelen op eigen terrein en inpandig wordt opgelost. Erfscheidingen dienen een hoogwaardige uitstraling te hebben, in lijn met de architectonische expressie van de bebouwing en de stedenbouwkundige karakteristiek van de omgeving. Indien strikt noodzakelijk kunnen de veiligheidsmaatregelen worden mee ontworpen met de inrichting van de buitenruimte in de vorm van een aansluitende architectonische overgangszone. Gedacht kan worden aan bijvoorbeeld een zitrand, een lage muur of een plantenbak of door een samenspel met slim gepositioneerde verstevigde straatmeubilair. Voorstellen zoals een aan lange wand met hekwerk of een rij niet verzinkbare pollers zijn onacceptabel in deze hoogwaardige omgeving.
Inzinkbare palen
Erfscheiding met zitbanken
Straatmeubilair met verstevigde voet
Semi-openbaar toegankelijk hof
Hekwerk met verstevigde voet
Plantenvakken en randen
PUK BURGEMEESTER PATIJNLAAN 35 • 5 NOVEMBER 2020
31
6.6
Duurzaamheid
•
De gemeente heeft de ambitie dat de nieuwe bebouwing als geheel zal voldoen aan hoge duurzaamheidseisen. Het streven is om met nieuwbouw een duurzaam gebouw te realiseren dat vooruitloopt op het gebied van duurzaamheid en daardoor toekomstbestendig is. Algemeen: •
•
In het bestemmingsplan Archipelbuurt e.o. staat een volledig ingevulde en gemotiveerde duurzaamheidsparagraaf (Toelichting, hoofdstuk 4.9) conform het Gebiedsgericht milieubeleid (RIS127626). De herontwikkeling dient hieraan te voldoen. De toekomstige eigenaar wordt geadviseerd vroegtijdig een vormvrije M.E.R.- beoordeling te laten uitvoeren (in ieder geval vóór de aanvraag van de omgevingsvergunning).
Energie •
• •
•
De gemeente heeft de ambitie voor het nieuwe gebouw een GPR van minimaal 8 voor de thema’s milieu, gezondheid, gebruikskwaliteit en toekomstwaarde. Voor het thema energie is de norm 9. Voor meer informatie zie: www.gprgebouw.nl. Op gebouw- en gebiedsniveau geldt BREEAM-NL minimaal 4 sterren (excellent) of gelijkwaardig. De toekomstige eigenaar kan de ambitie nastreven om het LEED Platinum certificatie bij nieuwbouw en LEED Gold voor het monumentale gebouw te verkrijgen Gasloos bouwen is de norm. Per 1 juli 2018 is de verplichting om een bouwwerk aan te sluiten op een gasnet voor nieuw te bouwen bouwwerken vervallen (‘Gasaansluitingsplicht kleine verbruikers’) [1]. (Wijziging Warmtewet Tweede Kamer, vergaderjaar 2017–2018, 34 723, nr. 9).
[1] Tenzij het College van B&W hier om zwaar wegende redenen een uitzondering voor maakt.
32
PUK BURGEMEESTER PATIJNLAAN 35 • 5 NOVEMBER 2020
Conform de eisen die op dat moment gelden in het bouwbesluit (nu hoofdstuk 5 technische voorschriften nieuwbouw voor energiezuinigheid en milieu); voor woningbouw EPC = 0,4; op bouwaanvragen die vanaf 1 januari 2021 worden ingediend zijn de BENG-eisen (=Bijna Energieneutraal Gebouwen) van toepassing.
NB: LEED Platinum is gelijkwaardig aan BREEAM (Outstanding) of GPR met een 8,5. Sinds 1 januari 2018 is het binnen Europa (Nederland) te voldoen aan de Milieu Prestatie eisen voor Gebouwen (MPG). Dit is een verplicht onderdeel van de vergunningsaanvraag binnen het bouwbesluit. De MPG is een geïntegreerd onderdeel binnen Breeam en GPR gebouw. Bij LEED is dit niet het geval. Hier zal dus apart een onderbouwing voor moeten worden aangeleverd. (zie https:// www.milieudatabase.nl/).
•
Groen- en natuurinclusief gebouw en gebied •
Om opwarming te voorkomen is de ruimtelijk stedelijke opzet belangrijk, om verkoeling door de aanvoer van verse lucht en de afvoer van warme lucht mogelijk te maken. Daarnaast is het belangrijk om groen en bomen toe te voegen voor schaduw en verdamping.
•
Het groen areaal in de openbare ruimte kan worden vergroot door de toevoeging van een groene berm bij de herprofilering.
•
•
De bomenbalans is tenminste 0 of positief. Te kappen bomen (bijvoorbeeld op het bestaande binnenterrein) worden gecompenseerd binnen het plangebied indien verplaatsing niet mogelijk is. Hierbij moet rekening worden gehouden met voldoende groeiruimte nabij fundering en ondergrondse (parkeer)kelder(s) De groenbalans is minimaal positief. Op het perceel van Burgemeester Patijnlaan 35 verdwijnt door herontwikkeling mogelijk een deel van het groen op het binnenterrein. De zone grenzend aan de achtertuinen aan de west- en zuidzijde behoudt bij herinrichting zijn groene karakter. Het dak van het de nieuwbouw kan worden ingezet voor
vergroening i.c.m. voorzieningen voor opwekking van duurzame energie. Voor de vergroening van het perceel kunnen de volgende middelen worden ingezet: groene voortuin en natuurlijke erfafscheidingen, sedumdak, daktuin, bomen, etc. Hiermee wordt bijgedragen aan de biodiversiteiten en neemt het percentage groen op het perceel toe. Groene daken kunnen worden gecombineerd met PV-panelen en delen van het dak kunnen worden ingericht als daktuinen met verblijfskwaliteit. Voor de voorwaarden van groeiruimte: zie hoofdstuk 6.4. Toepassing van maatregelen op basis van het puntensysteem Groen- en natuurinclusief (RIS 301953) dat in 2019 is vastgesteld door het college en verplicht is bij ontwikkelingen van meer dan 2.000 m2 BVO om ruimte te bieden aan nieuwe natuur in de stad. Het puntensysteem biedt de mogelijkheid om de ambities die de toekomstige eigenaar mogelijk heeft op het gebied van het bevorderen van de biodiversiteit, omgevingskwaliteit en anticiperen op klimaatveranderingen inzichtelijk te maken. Het puntensysteem wordt stapsgewijs ingevoerd als verplichting bij nieuwe bouwplannen. Voor de locatie Burgemeester Patijnlaan 35 is het een verplichting.
Klimaatbestendigheid •
•
De inrichting van de buitenruimte bevat klimaatbestendige maatregelen en moet zo worden ingericht om voorbereid te zijn op extreme weersomstandigheden. De buitenruimte zo inrichten dat het optimaal kan blijven functioneren en beheerd kan worden bij veranderende klimaatomstandigheden, zoals hitte, droogte, wateroverlast en teruggang biodiversiteit. De inrichting en het niveau van de buitenruimte en de bebouwing, moet dusdanig worden afgestemd dat de schade door wateroverlast wordt beperkt. De vitale infrastructuur moet daarbij begaanbaar blijven voor nood- en hulpdiensten, in het geval van extreme water gebeurtenissen en calamiteiten.
•
•
•
Om wateroverlast te voorkomen is de ambitie regenwater vast te houden en vertraagd af te voeren, met als doel piekbelastingen op het rioolsysteem en het oppervlaktewater te voorkomen. Een extreme bui (70 mm in 1 uur) kan worden opgevangen binnen de ontwikkeling en in de openbare ruimte (50% in het rioolsysteem en 50% vertraagd in de ondergrond). Zie hiervoor ook het document Haagse ambitie en eisen Klimaatadaptatie. De lokale hittestress in dit project wordt verminderd door het toevoegen van groen, bijvoorbeeld door toepassing van groene daken. Waterberging is conform richtlijnen (watertoets) van het Hoogheemraadschap van Delfland en goedgekeurd om wateroverlast te beperken en voorkomen w.o. het standstill beginsel (Beleidsnota 10 juli 2014).
•
•
•
• •
Mobiliteit •
•
Er moet onderzoek gedaan worden naar de mogelijkheden voor deel- /elektrische auto’s, elektrische fietsen en natuurlijke ventilatie in de garage(s). Het gebruik van de fiets en het openbaar vervoer moet gestimuleerd worden. Het project heeft bij de parkeerplaatsen voor de fiets, de auto en de taxi, elektrische oplaadpunten.
•
en omgeving. De toekomstige eigenaar kan daarnaast ook de ambitie hebben om het sloopafval en de sloopimpact van de bestaande kantoor- en bijgebouwen te beperken. Materiaal en producten dienen een lage CO2-uitstoot te hebben, zoals bijvoorbeeld hout, groen/CEM III beton (betonakkoord 2018). Het toepassen van overmaat in de verdiepingshoogte waardoor flexibiliteit ontstaat om in de toekomst meerdere functies op te vangen. Houd rekening houden met veranderingen, aanpassingen, onderhoud en vervanging van verschillende bouwonderdelen. Tijdens de sloop en de bouw wordt op de bouwplaats afval gescheiden en materiaal hergebruikt. Actieplan Maatschappelijk verantwoord Inkopen (RIS299397): in principe geen gebruik van diesel aggregaten op de bouwplaats tijdens de sloop en de bouw. Bij bouwactiviteiten is gekeken naar duurzame bouwlogistiek.
•
Thema klimaat, water en groen Met o.a. aandacht voor klimaatadaptatie, stresstest wateroverlast, ecologisch onderzoek, ecologische meerwaarde (buitenruimte en daken), groen- en natuurinclusief bouwen (RIS301953), het zo vroeg mogelijk inschakelen van een ecologisch adviesbureau, kwalitatief hoogwaardige groene semi-openbare binnenterreinen.
•
Thema circulatie en grondstoffen Met o.a. aandacht voor het uitvoeren van een Life Cycle Analysis (LCA) voor de meest duurzame oplossing, het streven naar een hogere circulariteit door een MPG-eis na te streven, de verplichte MilieuPrestatie Gebouwen (MPG)
Ten aanzien van het gemeentelijk monument wordt aanbevolen eens te kijken naar de Haagse methode Warmbouwen: Dit is een methode voor bestaande gebouwen om in combinatie met lage temperatuur bronnen het energieverbruik zeer sterk te
Haags Duurzaamheidsteam (HDT)
reduceren. Deze methode is toegepast in het gemeentelijke gebouw ‘De Tempel’, waar de gemeentelijke afdeling
Om de kansen en mogelijkheden om het project duurzamer te ontwikkelen in beeld te brengen, is het planvoorstel ter advies
Archeologie is gevestigd, in de Prins Hendrikstraat 39 in het Zeeheldenkwartier.
voorgelegd aan het HDT. Het HDT-advies is adviserend van Flexibiliteit, materiaalgebruik en bouw •
Circulair bouwen: bij sloop, nieuwbouw en verbouw komen materialen vrij. Het hergebruik van deze materialen wordt gestimuleerd. Voor nieuwe bouwmaterialen worden materialenpaspoorten opgesteld, met de intentie dat deze materialen in de toekomst hergebruikt kunnen worden. In de materialenpaspoorten staat vastgelegd welke materialen, hoeveel en waar gebruikt zijn met de intentie dat deze materialen in de toekomst hergebruikt kunnen worden. De toekomstige eigenaar kan materialen en systemen selecteren op basis van hergebruik, CO2 footprint, toekomstbestendigheid en gezondheid van mens
aard.
Het is goed mogelijk dat, bij concrete (bouw)plannen, de initiatiefnemer nogmaals het HDT consulteert vanwege nieuw
Het advies richt zich op drie hoofdthema’s: •
toekomstig beleid en/of aanvullende aanbevelingen.
Thema energie Met o.a. aandacht voor het Ontwerp Stedelijk Energieplan (RIS305064), Collectieve warmte/koude opslag (WKO), EnergieRijk Den Haag (ERDH), koppeling met buurtgrid, energielabel C (verplichting vanaf 2023), energielabel utiliteitsgebouwen op basis van NTA 8800 (vanaf 2021) en toepassing zonthermie
PUK BURGEMEESTER PATIJNLAAN 35 • 5 NOVEMBER 2020
33
6.7
Beeldkwaliteit
De toekomstige ontwikkelingen langs de Burgemeester Patijnlaan bevinden zich binnen het Rijksbeschermd Stadsgezicht Archipelbuurt en Willemspark II. Uitgangspunt is dat de nieuwe ontwikkelingen de waardevolle karakteristieken niet verstoren. Bij het ontwerp en de aanvraag omgevingsvergunning is een onderbouwing gewenst op welke wijze rekening wordt gehouden met deze te beschermen waarden. De ontwikkelingen respecteren daarnaast het gemeentelijk monument aan het Alexanderveld. Beëindiging
Nieuwbouw betreft een toevoeging aan het gebouwensemble. Met eigentijdse architectuur wordt de relatie met het monument
22m
22m
aangetoond. 22 m
max. bouwhoogte BP
15m
De basis voor de gevels wordt gevormd door de klassieke
27
driedeling in: basement (plint) – middendeel – beëindiging. De gevels van het monumentale gebouw en de uitbreiding zijn beide voorzien van een horizontale en verticale geleding
7m
waartussen de verticale ramen zijn gepositioneerd. Deze
zuidzijde
8m
Van Karnebeeklaan
oostzijde
geleding en de diepe neggen dragen bij aan een plastische
grens bouwvlak gevel BP en wordt met zon versterkt door de schaduwwerking.
Deze opbouw maakt de gevels en de straatprofielen minder hard.
Middendeel
Beëindiging
Middendeel
Basement Klassieke driedeling
34
PUK BURGEMEESTER PATIJNLAAN 35 • 5 NOVEMBER 2020
Basement (plint)
westzijde
Er wordt een duidelijk onderscheid gemaakt tussen de gevels
Welstandsnota
Welstandscommissie
aan de Burgemeester Patijnlaan en de gevels langs de ‘uiterste’
Om te bepalen of een bouwplan voldoet aan redelijke eisen
Er wordt geadviseerd om in een vroeg stadium contact op te
rooilijn tegenover het monument. Deze gevels zijn afwijkend
van welstand, heeft de gemeente Den Haag welstandscriteria
nemen met de Welstandscommissie en het initiatief c.q. de
in bijvoorbeeld vlakverdeling, transparantie of vormgeving.
vastgesteld in de Welstandsnota. In deze nota staan alle
ontwerpen tijdig te bespreken.
Hiermee wordt de hiërarchie en leesbaarheid van het complex
welstandscriteria voor bouw en verbouw in de stad. Aanvragers
vergroot. Hier zal, vanwege de aangrenzende buitenruimte, ook
weten vooraf wat van hen verwacht wordt. De welstandsnota
De Welstandscommissie verwacht van de architect bij het
gezocht moeten worden naar architectuur en elementen die
Den Haag 2017 is in 2018 vastgesteld (RIS297760).
ontwerp een analyse van de beeldkwaliteit van de omgeving,
de overgang tussen het gebouw en de groene verblijfsruimte
waarin wordt onderbouwd waarom is gekozen voor een
versterken. Ondanks meerdere gebouwen, bouwvolumes en
bepaalde architectuurstijl en materiaalgebruik.
wisselende bouwhoogten is er een samenhang in architectuur zichtbaar. Het geheel is meer dan de som der delen. De hoeken, maar ook het inspringen van de bouwvolumes worden nadrukkelijk mee ontworpen vanwege de zichtbaarheid ervan. Dit komt tot uiting in bijvoorbeeld de aanwezigheid van gevelopeningen en rijkheid aan detaillering. De oude hoofdentree aan het Alexanderveld is prominent vormgegeven, passend bij de statuur van het politiebureau. De monumentale entree wordt nadrukkelijk ‘ingelijst’ en versterkt door de brede trappartij. De secundaire entree is kleiner van proportie en voorzien van een functionele trap en luifel. De nieuwe entree aan de Burgemeester Patijnlaan vormt een onderbreking van de gevelindeling en is minder monumentaal in zijn expressie. Bij grote complexen is de zichtbaarheid van de hoofdentree een op zichzelf staande opgave. Het bestaande daklandschap van het monument is voorzien van aantal opbouwen met diverse functies zoals een aula (met een panorama uitzicht) en een technische ruimte (onder een bijzondere dakvorm). De afronding van de bebouwing is daarmee ook een architectonisch opgave en onderdeel van het daklandschap bij nieuwe gebouwen.
Inspringen van bouwvolumes en verschillende gevels
Bouwvolumes met erschillende hoogten
PUK BURGEMEESTER PATIJNLAAN 35 • 5 NOVEMBER 2020
35
7. SECTORALE KADERS 7.1
Vigerend juridisch kader
7.2
Stedenbouw en planologie
Het vigerende bestemmingsplan is Archipelbuurt e.o.
Samen voor de stad
De panden van de politie aan de Burgemeester Patijnlaan
In het Coalitieakkoord 2019-2022 “Samen voor de Stad”
hebben allen de bestemming ‘maatschappelijk’.
(RIS 304121) is opgenomen dat voor stedelijke ontwikkelingen Agenda Ruimte voor de Stad leidend is. Er wordt hiermee
Het plangebied is aangewezen als Rijksbeschermd
ingezet op vergroening en verduurzaming. De locatie maakt
Stadsgezicht. De bestaande structuur en het karakter van
geen onderdeel uit van het CID, de Binckhorst of Den Haag
de bebouwing en openbare ruimte, wordt als zeer waardevol
Zuidwest waardoor er geen grootschalige gebiedsontwikkeling
beschouwd. De contouren van de bouwvlakken en de
is toegestaan. Kleinschalige nieuwbouw, passend bij de wijk, is
bouwhoogten zijn daarom gedetailleerd opgenomen in het plan.
het uitgangspunt voor deze locatie.
Het initiatief om na vertrek van de politie de functie te wijzigen
Den Haag is trots op haar erfgoed. De Archipelbuurt
naar kantoren van internationale organisaties past niet binnen
maakt onderdeel uit van het Rijksbeschermd Stadsgezicht
de regels van het bestemmingsplan. Een andere functie dan
Archipelbuurt/Willempark II. Er is oog voor het
maatschappelijk -1 past namelijk niet binnen de bestemming. Of
toekomstbestendig maken van markante gebouwen, zoals het
wel voldaan wordt aan de bebouwingsregels is afhankelijk van
hoofdbureau van politie gelegen aan Alexanderveld 125/126,
het scenario dat gekozen zal worden. Indien enkel sprake is
dat een gemeentelijk monument betreft. Belangrijk hierin is
van transformatie van de bestaande gebouwen, past dit binnen
dat er een goede herbestemming komt die recht doet aan de
de bouwregels. Indien bebouwing wordt toegevoegd zal dit niet
monumentale waarden van het pand en tegelijkertijd zorgt voor
passen binnen de bouwregels.
(langdurig) gebruiksperspectief. Het pand kan hierdoor goed onderhouden worden. Langdurige leegstand is, zeker voor
Op basis van de visie en de stedenbouwkundige
monumenten, zeer onwenselijk.
randvoorwaarden in hoofdstuk 4 en 5 in dit PUK wordt onderbouwd waarom afgeweken wordt van het
Den Haag is een groene, gezonde en leefbare stad. Er
bestemmingsplan qua functie, bouwvlak en eventueel voor wat
wordt hard gewerkt naar een klimaatneutrale stad in 2030.
betreft de bouwhoogte/bouwvlakken. Dit PUK dient deels om
Nieuwbouw en grootschalige renovatie moet klimaatneutraal
te onderbouwen dat dit overeenkomstig een Goede Ruimtelijke
worden opgeleverd. Er wordt fors geïnvesteerd in
Ordening (GRO) is, maar ook om de punten te formuleren
energietransitie en de verduurzaming van de gebouwde
waaraan de GRO moet voldoen. Oftewel de toetsingsgronden
omgeving en in klimaatadaptie.
voor de latere WABO aanvraag. Het PUK is geen vrijstelling voor andere verplichtingen rond wet- en regelgeving.
De groei van de stad mag niet leiden tot een hogere parkeerdruk in woonwijken. Bij nieuwbouwprojecten geldt als norm dat de parkeerdruk op straat niet hoger mag worden. Daarom moet bij deze projecten een parkeeroplossing
36
PUK BURGEMEESTER PATIJNLAAN 35 • 5 NOVEMBER 2020
worden aangeboden en worden er geen parkeervergunningen op straatniveau uitgegeven. Voor deze projecten kan de parkeernorm vervangen worden door een gebiedsgerichte mobiliteitsnorm. Hierbij heeft de ontwikkelaar de ruimte om deze met (deel)auto’s en -fietsen en OV-arrangementen in te vullen. Door aanwezigheid van de hoven en tribunalen en vele internationale organisaties, ngo’s en VN-organisaties staat Den Haag wereldwijd bekend als internationale stad van Vrede en Recht. In de gebiedsvisie Internationale Zone (hoofdstuk 4) is hier nader op ingegaan. Agenda Ruimte voor de Stad De Agenda Ruimte voor de stad (RIS 295016) is het richtinggevend document voor de ruimtelijke ontwikkeling van de stad. Met Agenda Ruimte voor de Stad kiest Den Haag voor ‘slim groeien’. Dit is nodig in een stad die volgens de prognoses tot 2040 groeit met zo’n 80.000 nieuwe inwoners, maar geen ruimte heeft voor uitbreiding buiten de bebouwde kom. Door slim te groeien wordt Den Haag aantrekkelijker, leefbaarder en duurzamer. Slim groeien betekent onder andere compacter bouwen in het centrum op goed bereikbare plekken, gecombineerd met meer groen in de buitenruimte en functiewijzigingen van leegstaande gebouwen naar andere functies. De uitgangspunten van de Agenda Ruimte voor de Stad zijn verdichten, vergroenen en verduurzamen.
De vijf hoofdopgaven die in de Agenda Ruimte voor de Stad benoemd worden zijn hieronder vertaald in opgaven die voor de planlocatie/omgeving van belang zijn.
Uitsnede verbeelding Bestemmingsplan Archipelbuurt e.o
PUK BURGEMEESTER PATIJNLAAN 35 • 5 NOVEMBER 2020
37
1. Ruimte voor de buitenruimte
Omgevingsbeleid Provincie Zuid-Holland
nieuwbouw, is regionale afstemming noodzakelijk. Hiervoor
•
Bij de inrichting van de buitenruimte wordt prioriteit
Met het oog op de invoering van de Omgevingswet heeft
heeft de provincie Zuid-Holland de regio’s gevraagd om hun
gegeven aan kwaliteit voor fietsers, voetgangers, OV en
de provincie Zuid-Holland al het provinciale beleid voor de
regionale visies te actualiseren.
ontmoetingsruimte.
fysieke leefomgeving gebundeld in een Omgevingsvisie,
Ondergrondse parkeervoorzieningen kunnen nodig zijn
Omgevingsverordening en bijbehorende programma’s.
•
Vergroenen van de openbare ruimte: meer verblijfsgroen
De provincie wil met haar omgevingsvisie een uitnodigend
onder andere de doorontwikkeling van het Nieuwe Werken en
en hoogwaardig groen.
perspectief bieden, zonder een beoogde eindsituatie te
de opkomst van flexkantoren en business centers met flexibele
schetsen. Daarom omvat de Omgevingsvisie geen eindbeeld
verhuur van kleinschalige units. Door de onzekerheid van
2. Ruimte voor stedelijk wonen
voor 2030 of 2050, maar wel ambities die voortkomen uit
verschillende trends is de kwantitatieve en kwalitatieve behoefte
•
Omdat er geen ruimte is voor woningbouw, wordt hier niet
actuele maatschappelijke opgaven. De provincie ziet zes
aan kantoorruimte lastig te voorspellen. De toekomstige vraag
nader op ingegaan.
richtinggevende ambities in de fysieke leefomgeving. Deze zijn:
naar kantoren kent een grote bandbreedte met een minimum
•
Naar een klimaatbestendige delta.
en maximum scenario. Zelfs bij het maximale scenario is de
3. Ruimte voor (nieuwe) economie en toerisme
•
Naar een nieuwe economie: the next level.
huidige kantorenvoorraad in Zuid-Holland kwantitatief genoeg
•
Investeren in ruimtelijke randvoorwaarden voor
•
Naar een levendige meerkernige metropool.
om in de toekomstige vraag te voorzien. Kwalitatief is er echter
economische vernieuwing en nieuwe werkgelegenheid.
•
Energievernieuwing.
een mismatch.
Doorontwikkeling van de Internationale Zone.
•
Best bereikbare provincie.
•
Gezonde en aantrekkelijke leefomgeving.
•
•
Over de gewenste locaties bestaat meer duidelijkheid. De kantorenmarkt is grillig en wordt tweekoppiger. Aan de ene
4. Ruimte voor duurzame mobiliteit Het stimuleren van vormen van vervoer die weinig ruimte
Voor een goede kantorenmarkt is het noodzakelijk dat vraag
kant is toevoeging van kwalitatief goed en modern aanbod van
vragen en duurzaam en gezond zijn: met name lopen,
en aanbod van kantoren kwalitatief en kwantitatief in balans
kantoorruimte nodig op de toplocaties in Zuid-Holland omdat
fietsen en OV.
is, er voldoende ruimte is voor kantoorwerkgelegenheid
hier een tekort is. Aan de andere kant is er te veel incourant
•
Schaalsprong OV.
op de juiste plekken. Dit vraagt aan de ene kant om een
aanbod en plancapaciteit op minder courante plekken. De
•
Het beter verbinden van de Scheveningse kust,
aantal sterke kantorenclusters en aan de andere kant ook
provincie hanteert daarom een kantorenstructuur die recht
Internationale Zone, CID en Binckhorst met de regio, RTH
(beperkte) ruimte voor kleine kantoren met een lokale
doet aan de eigenschappen van een bepaalde locatie. Zo
Airport, Schiphol, Utrecht en Amsterdam. Daarbij gaat het
reikwijdte. Het huidige kantorenbeleid is dan ook gericht op het
geeft de provincie meer ruimte voor uitbreiding voor de
om snelheid, gemak en comfort.
concentreren van kantoren op de juiste plek, het reduceren
toplocaties, beperkte uitbreiding voor kleinschalige en lokale
Voorrang geven aan de voetganger en de fietsers in de
van plancapaciteit op kansarme plekken en het bevorderen
vraag en streeft naar het terugdringen van overaanbod en
buitenruimte.
van transformatie van leegstaande kantoren. Transformatie
plancapaciteit op locaties met (sub)regionale reikwijdte. Voor
van kantoren op incourante locaties naar bijv. woningen is
uitzonderingskantoren die geen onderdeel uitmaken van de
5. Ruimte voor energietransitie en klimaatadaptatie
niet alleen goed voor de toename van het aantal woningen en
reguliere kantorenmarkt, zoals de Internationale Zone van
•
Inzetten op energietransitie en klimaatadaptie.
zorgvuldig ruimtegebruik, maar werkt ook versterkend voor de
Den Haag waarin de planlocatie is gelegen, moet vooral
•
Het benutten van platte daken en gevels voor zonne-
kantorenmarkt. De centra waar zich kantoren bevinden dienen
gekeken worden naar de groeiontwikkeling in combinatie met
energie installaties.
multimodaal goed bereikbaar te zijn.
de specifieke bestemming/doelgroepen voor deze locatie. Ze
•
•
opereren veelal op internationale schaal en passen daarmee in
•
Vergroenen van de buitenruimte.
•
Betere waterafvoer en groene daken om daarmee de kans
Voor een goede kwalitatieve en kwantitatieve match van vraag
op wateroverlast en hittestress door klimaatverandering te
en (plan- en bestaand) aanbod en tegengaan van ongewenste
verminderen.
38
De kantorenmarkt is een markt die sterk in ontwikkeling is en door zijn grilligheid lastig te voorspellen. Belangrijke trends zijn
voor de gewenste verdichting en vergroenen.
PUK BURGEMEESTER PATIJNLAAN 35 • 5 NOVEMBER 2020
de top van de kantorenstructuur.
7.3
Economie
Economische Visie Economische ontwikkeling is cruciaal voor een aantrekkelijke, leefbare, gezonde stad waarin iedereen mee kan doen. Met de kadernota Economische Visie uit 2020 (RIS 302017) wordt een extra impuls en stevige meerjarenkoers neergezet. Om op weg naar 2030 economisch beter te presteren richt Den Haag zich op: •
Een attractieve stad voor bewoners, bezoekers en bedrijven;
•
Een krachtige economische structuur;
•
Een excellent ondernemersklimaat;
•
Voldoende en aantrekkelijke ruimte voor bedrijven.
Ingezet wordt om de Haagse economie te rusten op meer verschillende krachtige sectoren. In de Internationale Zone zijn hiertoe de internationale organisaties rondom Vrede, Recht en Veiligheid geclusterd. Zonder voldoende huisvesting kan de economische groei niet geaccommodeerd worden. Er is meer grip op vastgoed nodig, om te kunnen sturen bij concurrerende ruimteclaims en marktontwikkeling te stimuleren. Interventies zijn nodig om een actieve rol te spelen in vastgoedontwikkelingen waar de markt niet automatisch zelf in voorziet, maar wel een duidelijke behoefte aan heeft. Kantorenbeleid Met de nota ‘Kantorenstrategie 2018-2025 De gebruiker centraal 2.0’ uit 2018 (RIS 300807) wil de gemeente regie voeren over de kantorenmarkt. De kantorenmarkt gaat in
instellingen. Er zijn vooral kleine kantoren beschikbaar en veiligheidseisen. Deze hebben onvoldoende veiligheidsbuffer naar (woon)omgeving en de weg en beschikken niet altijd over
Op basis van de kenmerken van de huidige kantoorpanden wordt aangegeven dat er een extra mismatch is met specifieke gebruikerseisen. De aangeboden kantoren in de Internationale
Flexibel genoeg om ruimte te laten voor experimenten en aanpassingen;
•
Authentiek met een sterke identiteit die doorbouwt op bestaande kwaliteiten.
twee aparte ontsluitingsroutes. Ook voldoen deze kantoren niet aan de eisen van een rechtbank/tribunaal, waarbij een grote
Breed voorzieningenpalet met specifieke voorzieningen voor
zaal aanwezig moet zijn zonder hinderlijke kolommen.
expats Naast de kantoorclusters zijn er in de Internationale Zone
In de strategie staat verder aangegeven dat de kantorenmarkt
internationale scholen en voorzieningen met hoge standaards
met horten en stoten zich ontwikkelt (anders dan lineaire
gevestigd. Om te zorgen dat de expats zich thuis (blijven)
ontwikkeling voor de woningmarkt). Daarom moeten er
voelen en de kantoorclusters met werkgelegenheid kan
zoeklocaties worden gereserveerd worden voor internationale
blijven groeien, moet Den Haag op velerlei terrein aan hoge
instellingen in de internationale zone met een metrage 4.000
standaards voldoen, zoals goed internationaal onderwijs
tot 20.000 m2 met grote veiligheidsbehoefte. De omgeving
en een ruim aanbod aan cultuur, sport en ‘shopping’. Dit
Vredespaleis en omgeving omschreven als een kantoorcluster
betekent voldoende expatvoorzieningen met specialistische
in de internationale zone. Voor de kantoorclusters is de inzet
medische voorzieningen, kinderopvang en doorontwikkeling
dat de internationale instellingen zich in de internationale zone
van internationaal onderwijs. Ook dient de openbare ruimte
kunnen doorontwikkelen. Er dient genoeg ruimte te zijn voor de
van de kantorenclusters op peil blijven en verbeterd te worden
vestiging van nieuwe instellingen en uitbreiding of verplaatsing
met onder meer horeca rondom het Churchillplein en moet
van bestaande instellingen. Er dient daarom zuinig te worden
er binnen de kantorenclusters voldoende ruimte zijn voor
omgegaan met potentiële locaties en inbreidingen.
dienstverlenende functies.
De kantorenstrategie geeft voor kwaliteitsbeeld een beschrijving
Veilig, smart, duurzaam met klasse
van de beoogde werkgebieden van de nieuwe economie, aan
Den Haag Internationale stad van Vrede en Recht kan
de hand van de volgende zeven voorwaarden:
voortbouwen door een goede score op betrouwbaarheid en
•
Multifunctioneel met een stedelijke mix;
veiligheid. Om op internationaal niveau te concurreren is het
•
Goed vormgegeven en geprogrammeerde
van belang te blijven streven naar hoge kwaliteit, waar het
interactiemilieus;
gaat om panden, omgeving, bereikbaarheid en beveiliging.
Gebaseerd op een omgeving waarin multinationals, scale-
Met HSD in huis kunnen de mogelijkheden worden benut
ups en startups elkaar gemakkelijk in het netwerk kunnen
om op veiligheid te excelleren en daarvoor innovatieve,
vinden;
gebiedsgerichte en in de stad inpasbare oplossingen te
Fysiek en qua netwerken goed aangesloten op de rest van
ontwikkelen. Daarnaast is de inzet om de gerechtshoven door
de wereld;
te ontwikkelen met smart buildings en te zorgen voor duurzame
Aanwezigheid van kleinschalige voorzieningen, horeca en
nieuwbouw voor AIVD. Hiermee kan de gemeente Den Haag
services;
een volgende stap maken.
•
op voldoende voorraad met de juiste pandkenmerken en aantrekkelijke kantoorgebieden.
•
de grootschalige kantoren die er zijn voldoen niet aan de
• •
Zone lijken niet te voldoen aan de eisen voor internationale
PUK BURGEMEESTER PATIJNLAAN 35 • 5 NOVEMBER 2020
39
7.4
Verkeer en parkeren
7.5
Duurzaamheid
Het verkeers- en vervoersbeleid van de gemeente Den Haag
Nota ‘Duurzaamheid. Schone energie in een groene stad’
voor de periode 2010 tot 2020 met een doorkijk tot 2030, is
Deze nota geeft richting aan het beleid voor vier belangrijke
vervat in de ‘Haagse Nota Mobiliteit’ (HNM) (RIS 180762). De
thema’s, namelijk die van energie, mobiliteit, leefomgeving
visie in de nota is erop gericht om van Den Haag een duurzaam
en grondstoffen. De aanpak voor elk van deze thema’s is op
bereikbare en een leefbare stad te maken. Dit door ervoor te
hoofdlijnen beschreven voor de periode van 2019-2022. In
zorgen dat reizigers een bewuste keuze kunnen maken voor
deze nota (RIS 301829) brengt de gemeente haar ambities
de vervoerwijze en de route die het beste bij hen past. Gerichte
voor deze thema’s bij elkaar. Tegelijkertijd wil het stadsbestuur
investeringen in het openbaar vervoer en de fiets, goede
samenwerken met mensen en bedrijven in de stad. Duurzaam
voorzieningen voor voetgangers en een bundeling en ordening
denken en doen is geen eenrichtingsverkeer: initiatieven in
van het autoverkeer, moeten ervvoor zorgen dat reizigers de
de stad kunnen (meer) ondersteuning gebruiken, succesvolle
juiste keuzes kunnen maken.
proefprojecten kunnen uitgebreid worden en mensen in de
Leefomgeving •
gemeente gaat de uitkomsten van de stresstesten uit 2019 vertalen in een stadsbrede aanpak om extreme hitte en wateroverlast te beperken. •
de gemeente zien en de weg daarnaartoe. De toekomstige
Het gemotoriseerde verkeer wil de gemeente zoveel mogelijk
eigenaar kan met de ontwikkelingen aan de Burgemeester
ordenen en concentreren op een stelsel van goed ingepaste
Patijnlaan bijdragen/deelnemen aan de onderstaande
stedelijke en regionale hoofdwegen (zie kaart “Hoofdstructuur
doelstellingen uit deze nota (ingedeeld per thema).
Natuurinclusief en klimaatbestendig bouwen: •
Dit puntensysteem wordt opgenomen in tenderdocumenten en gronduitgifte overeenkomsten. Waar mogelijk wordt het onderdeel van de BREEAM-gebiedseisen. •
Energie
Een vlotte doorstroming op de hoofdwegen zorgt ervoor dat
•
vlinder- en vogelvriendelijk ingericht en beheer. •
Openbare ruimte wordt klimaatbestendig: •
verkeersdruk op de woonwijken lager kan zijn. De hoofdwegen
•
“het regenwater vasthouden en infiltreren op de
Besparen en opwekken: Project duurzame daken. De ambitie is: ieder geschikt dak heeft zonnepanelen,
inpassing dat voldaan wordt aan de leefbaarheidseisen en
zonneboilers, is groen of anders wit.
welkom.
plek waar het valt”. We werken dit verder uit in de
Nieuwe energie: De realisatie van de energiebronnen en
(zie hoofdstuk 6.3) hebben een zodanige vormgeving en milieunormen. In de woonwijken is doorgaand autoverkeer niet
•
kadernota ‘Openbare Ruimte’ en het ‘Handboek Openbare Ruimte’. •
De gemeente ondersteunt initiatieven van wijkbewoners die zelf aan de slag zijn of willen
regenwater zoveel mogelijk in het gebied vastgehouden en benut. •
toekomstige eigenaar met omwonenden kan via
Uitgangspunt is de nota ‘Parkeernormen‘ (RIS 291425) of de op dat moment geldende normen. In dat beleid is rekening
deze weg worden ondersteund. •
De gemeente maakt afspraken met grote Haagse
gehouden met per gebied verschillen in ‘stedelijkheid’. Het
bedrijven over hun rol bij verduurzaming. Dat zijn
doel is het parkeren op de openbare weg te beperken. Voor dit
afspraken over hun eigen overstap naar schone
gebied gelden de parkeernormen voor gebied twee uit de nota
energie, over besparing, maar ook over het gebruik
‘Parkeernormen’ uit 2011.
van hun kennis en ondersteuning bij projecten in de wijken.
40
PUK BURGEMEESTER PATIJNLAAN 35 • 5 NOVEMBER 2020
In de openbare ruimte worden meer plekken gecreëerd voor wateropslag, zoals bij speeltuinen
met schone energie. Een samenwerking van de Parkeren
Bij rioolvervanging, nieuwbouw en gebiedsontwikkelingen wordt afstromend schoon
Samenwerken met de stad: •
Bij gemeentelijke herinrichting van de openbare ruimte is het uitgangspunt dat we inzetten op
bijhorende infrastructuur ligt bij externe partijen.
het verkeer als vanzelf deze hoofdwegen kiest, waardoor de
Ecologisch beheer wordt de norm. Plantsoenen en parken worden bijvoorbeeld zo veel mogelijk bij-;
wegverkeer” uit de ‘Haagse Nota Mobiliteit’). Dit met voldoende capaciteit om een optimale doorstroming te waarborgen.
Er wordt stapsgewijs een puntensysteem voor groen- en natuurinclusief bouwen ingevoerd.
stad kunnen zelf meer doen. Deze nota laat het einddoel van Autoverkeer
Iedere wijk een plan voor hitte en wateroverlast: De
en parken. •
De gemeente blijft bewoners en private partijen stimuleren om op eigen terrein waterbergende maatregelen te treffen, bijvoorbeeld door het “ontstenen” van tuinen (Operatie Steenbreek) en het vergroenen van daken en schoolpleinen (regeling groenblauwe schoolpleinen).
•
Schoner en stiller: •
•
Puntensysteem Groen- en Natuurinclusief bouwen (RIS
Afval / circulaire economie
We onderzoeken de mogelijkheden voor duurzame
301953)
•
energievoorzieningen bij bouwwerkzaamheden
Het College van Burgemeester en Wethouders wil groen- en
van de circulaire economie. Verspilling van grondstoffen
waarna deze kunnen worden toegepast in onze
natuurinclusief bouwen in de stad bevorderen. Het levert
wordt tegengegaan en er wordt voor maximaal hergebruik
opdrachten.
een bijdrage aan de instandhouding van soorten, aan
van materialen in en door de stad gezorgd. De gemeente
Ten aanzien van (ver)bouwprojecten van derden
de klimaatopgave door vermindering van hittestress en
helpt bij het inventariseren en koppelen van bedrijven
onderzoeken we welke middelen we kunnen
wateroverlast, aan de mogelijkheden voor natuurbeleving
die (samen) circulair kunnen werken. Er wordt ingezet op