CConstaterende datDen Haag
Koppel je AI →
Document · PDF

RIS306977 Bijlage 1

Gemeenteraad 21 januari 2021, gemeente Den HaagBij agendapunt: Brief wethouder Financien en Stadsontwikkeling inzake Planuitwerkingskader Burgemeester Patijnlaan22.326 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

inzetten, bijvoorbeeld via overleg met particuliere

in de stad en daarmee samenhangend aan het welzijn en

maximale en hoogwaardige bronscheiding. Deze locatie

opdrachtgevers.

de gezondheid van mensen. Het puntensysteem wordt

zal bij de (verbouw en) nieuwbouw kunnen bijdragen aan

stapsgewijs ingevoerd als verplichting bij nieuwe bouwplannen.

circulair bouwen.

Voor de locatie aan de Burgemeester Patijnlaan is het een

Mobiliteit •

verplichting. Doordat de toekomstige eigenaar zich op het

Dieren(-welzijn)

Eigenaren van parkeervoorzieningen in (openbare)

gebied van duurzaamheid wil profileren, is het toepassen

•

parkeergarages, op VvE-terreinen, P&R-locaties

van het puntensysteem (‘Puntensysteem Groen- en

en bij bedrijven, worden gestimuleerd om voor

natuurinclusief bouwen’ (RIS 301953) een manier om de

voldoende laadplekken te zorgen.

duurzaamheidsambitie op een relatief eenvoudige manier te

Algemene aanbevelingen:

Onderzocht wordt of E-taxi’s een eigen plek

vergroten.

•

Voor uitleg over de maatregelen zie bijlage C van het rapport.

•

Zorg voor robuust groen.

•

Raadpleeg de Natuurkaart Den Haag.

Groene en klimaatbestendige stad

•

Koppel meerdere doelen mee.

•

Doordat het weerpatroon grilliger wordt, zullen neerslag,

•

Maak een plan voor meerjarig beheer en onderhoud.

Waar dat mogelijk is, brengen we de

harde wind en hitte vaker voorkomen. Voor het behoud

•

Zorg voor borging en behoud van het groen bij (eventuele)

maximumsnelheid in woonwijken naar 30

en versterken van een goed leefklimaat in de stad,

km/uur.

komt er meer ruimte voor groen en water in de stad. Bij

De gemeente onderzoekt de kansen

gebiedsontwikkelingen staat voorop dat de openbare

voor elektrische vrachtauto’s en meer

ruimte “klimaatadaptief” is. Bomen vormen ons groene

elektrische bussen.

kapitaal. De gemeente gaat zeer terughoudend om met

Elektrisch vervoer: •

•

De gemeente geeft samen met de grote

•

Schoon vervoer: •

•

Samenwerking met een ecoloog en/of landschapsarchitect gedurende het hele bouw(plan)proces.

werkgevers in Den Haag het goede voorbeeld door alleen nog elektrische taxi’s in te huren.

Er wordt ingezet op natuurinclusief bouwen, bijvoorbeeld door nestkastjes in gevels en daken te plaatsen.

kunnen krijgen op standplaatsen. •

De komende jaren blijft Den Haag voorloper op het gebied

verkoop van het pand.

het afgeven van kapvergunningen. Deze Collegeperiode Grondstoffen •

Van afval naar grondstoffen •

komen er fors meer (straat)bomen bij. Ook wil de gemeente meer natuurlijke beplanting, groene daken,

Samen met andere gemeenten en marktpartijen

verticaal groen en geveltuintjes creëren, met name in de

onderzoeken we of het mogelijk is een consortium

meest versteende wijken. Operatie ‘Steenbreek’ wordt

op te richten dat zich richt op het hergebruik van

uitgebouwd, net als de subsidieregeling voor groenedaken.

restafval.

Deze locatie zal bijdragen aan de bovengenoemde doelen.

PUK BURGEMEESTER PATIJNLAAN 35 • 5 NOVEMBER 2020

41

7.6

Milieuaspecten

De Omgevingsdienst Haaglanden toetst de milieuaspecten bij de aanvraag omgevingsvergunning.

7.6.1 Waterparagraaf

2016-2021’. Het doel van de watertoets is waarborgen

7.6.2 Riolering

dat waterhuishoudkundige doelstellingen expliciet en op evenwichtige wijze in beschouwing worden genomen. Dit moet

Uitgangspunt voor het rioleringsbeleid is het ‘Gemeentelijk

gebeuren bij alle waterhuishoudkundig relevante ruimtelijke

Rioleringsplan 2016-2020’. Werken aan duurzaamheid betekent

plannen en besluiten. Het HHD heeft hiervoor voor gemeenten

voor de riolering dat meer rekening gehouden dient te worden

de ’Handreiking Watertoets’ opgesteld. In de Handreiking

met:

Watertoets (www.hhdelfland.nl/watertoets) worden de

•

Het voorkomen dan wel het scheiden van

Waterbeheerplan 2016-2021 Strategie richting een

randvoorwaarden en uitgangspunten voor een plan per thema

toekomstbestendig en samenwerkingsgericht waterschap

toegelicht en op welke wijze deze in het plan dienen te worden

•

Meer oog te hebben voor hergebruik,

In het Waterbeheerplan heeft het Hoogheemraadschap

verwerkt.

•

Het terugdringen van energiegebruik,

•

Het voorkomen dat schoon water vuil wordt.

Delfland (HHD) de ambities en doelstellingen voor de komende

afvalwaterstromen aan de bron,

jaren vastgelegd. Voor de zorgplicht voor “droge voeten”,

Op niveau van het plangebied is de ambitie waar mogelijk de

“stevige dijken” en “schoon water”, zijn meerjarenprogramma’s

buitenruimte van de Burgemeester Patijnlaan en Alexanderveld

Hierbij is het gebruik van schadelijke stoffen voor het

opgesteld die doorlopen in de planperiode tot 2027. Het HHD

verder te vergroenen.

oppervlaktewater, zoals koper, zink en bitumineuze dakbedekking, niet toegestaan.

zet in op stedelijk waterbeheer en samen met gemeenten werken zij aan klimaatadaptatie. Het plangebied valt binnen

Bij de herontwikkeling van de Burgemeester Patijnlaan is de

Duurzaam denken en doen komt zo terug in het ontwerp, de

het beheersgebied van het HHD. Belangrijk uitgangspunt is dat

weg aan de west- en zuidzijde een groenzone gedefinieerd.

aanleg, het beheer en het gebruik van de riolering. Afkoppelen

de waterhuishouding door ruimtelijke veranderingen niet mag

Parallel daaraan is een zone aanwezig dat gedeeltelijk mag

van hemelwater is een voorbeeld van een aanpak, waarmee

verslechteren (het standstill beginsel).

worden bebouwd en ruimte biedt aan een groene herinrichting.

zoveel mogelijk bij de bron wordt voorkomen dat water vuil

Aanvullende waterberging kan meegenomen worden in

wordt, dat water wordt vastgehouden op de plaats waar het

In het plangebied is ruimte voor extra vergroening door het

de ontwerpopgave. Het bestaande binnenterrein bestaat

valt en waarmee gemalen en zuiveringsinstallaties niet onnodig

parkeerterrein aan het Alexanderveld op te heffen en delen van

direct onder maaiveld uit een grootschalige parkeerkelder

worden belast met het verwerken van schoon hemelwater.

het verharde terrein te transformeren. Dit biedt de mogelijkheid

van één laag en met een beperkte leeflaag erboven.

om het extra groen toe te voegen.

Waterberging is in de bestaande situatie beperkt mogelijk. Ter

7.6.3 Bezonning en windklimaat

compensatie kunnen groene daken zorgen voor aanvullende Indien de verharding van het perceel (op maaiveldniveau) toe

bergingscapaciteit. Hiervoor dient wel een type groen dak

Bezonning

neemt, zal deze gecompenseerd moeten worden. Eventuele

worden gekozen dat aan deze beoogde bergingscapaciteit kan

Voor het initiatief moet een bezonningsonderzoek worden

toename van verharding moet in de nieuwe situatie (in principe)

voldoen zoals bijvoorbeeld een polderdak.

gedaan om te kunnen beoordelen wat de invloed is van de nieuwe bebouwing op de bezonning van omliggende

volledig gecompenseerd worden op eigen terrein door middel Waterbergingsvisie Den Haag

bebouwing en de buitenruimte. Hierbij moet voor de woningen

Volgens de Waterbergingsvisie Den Haag (RIS 149032a)

voldaan worden aan de ‘Haagse Bezonningsnorm’. Afhankelijk

Watertoets

is dit zuid-westelijkdeel van de Archipel onderdeel van

van de te doorlopen procedure, moet bij de aanvraag van de

Eén van de instrumenten om het nieuwe waterbeleid voor

Scheveningen en het hier aanwezige boezemgebied (indeling

omgevingsvergunning via een onderzoek onderbouwd worden

de 21e eeuw vorm te geven is de watertoets. Het HHD toetst

HHD). Afgesproken is dat in bestaand stedelijk gebied in

dat wordt voldaan aan de Haagse normen (RIS170509), of de

bouwinitiatieven en herinrichtingsplannen aan het nationaal

Scheveningen geen extra waterberging hoeft te worden

op dat moment geldende normen.

waterbeleid en het ‘Provinciaal Waterplan Zuid-Holland

gerealiseerd, maar deze ook niet mag afnemen

van groen.

42

PUK BURGEMEESTER PATIJNLAAN 35 • 5 NOVEMBER 2020

Windklimaat

Het Besluit en de Regeling ‘niet in betekenende mate’, bevatten

onderzoek te doen naar de gevolgen van de toename van de

Voor windhinder wordt een windklimaat nagestreefd zoals

criteria waarmee kan worden bepaald of een project wel of niet

verkeersbewegingen op de geluidsbelasting op de gevels van

genoemd is in de NEN 8100 voor de betreffende activiteiten

als ‘in betekenende mate’ moet worden beschouwd. NIBM-

de woningen, langs de toegangsroute(s) en aangrenzende

en minimaal na te streven de kwalificatie ‘matig’. Voor het

projecten kunnen - juridisch gezien - zonder toetsing aan

straten van de locatie.

toekomstig plan moet een windonderzoek uitgevoerd worden

de grenswaarden, voor wat betreft het aspect luchtkwaliteit,

om aan te tonen dat de kwaliteit van het windklimaat voldoende

uitgevoerd worden. Het betreft onder andere de onderstaande

wordt gewaarborgd.

gevallen, waarbij een project als NIBM wordt beschouwd:

7.6.4 Lucht- en geluidkwaliteit

Woningbouw:

(Wbb) in werking getreden. Vertrekpunt van de nieuwe

•

1.500 woningen (netto) bij minimaal 1 ontsluitingsweg.

Wbb is dat in het merendeel van de gevallen van

•

3.000 woningen bij minimaal 2 ontsluitingswegen met een

bodemverontreiniging, de daadwerkelijke bodemsanering wordt

gelijkmatige verkeersverdeling.

meegenomen in de ontwikkeling, dan wel herontwikkeling

7.6.5 Bodem Op 1 januari 2006 is de wijziging van Wet bodembescherming

Luchtkwaliteit In de Wet milieubeheer (Wm) zijn kwaliteitseisen voor

van het plangebied of de projectlocatie. De wettelijke

de buitenlucht opgenomen. In artikel 5.16 van de Wm is vastgelegd dat voor een plan dat ‘niet in betekenende mate’

Kantoorlocaties:

doelstelling is functiegericht. De gewijzigde wet houdt rekening

(NIBM) bijdraagt aan de luchtkwaliteit, geen uitgebreid

•

100.000 m2 bruto vloeroppervlakte bij minimaal 1

met het gebruik van de bodem en de (im)mobiliteit van de

ontsluitingsweg.

verontreiniging. De volgende uitgangspunten overheersen:

luchtkwaliteit onderzoek uitgevoerd hoeft te worden en het plan doorgang kan vinden. Met andere woorden, draagt een project niet of niet in betekenende mate bij aan luchtverontreiniging,

•

200.000 m2 bruto vloeroppervlakte bij minimaal 2 ontsluitingswegen met een gelijkmatige verkeersverdeling.

•

De ontwikkelingen aan de Burgemeester Patijnlaan kan worden

•

dan is er geen belemmering.

Het geschikt maken van de bodem voor het voorgenomen gebruik; Het beperken van blootstelling aan en de verspreiding van

De Wet luchtkwaliteit maakt onderscheid tussen grote en

gezien als een project van ‘in niet betekenende mate’. Er is

kleine ruimtelijke projecten. Een project is klein als het

sprake van een ontwikkeling van circa 45.000 m2 kantoren,

slechts in geringe mate, ofwel ‘niet in betekenende mate’

met eventueel een aantal kleinschalige commerciële functies

(NIBM), leidt tot een verslechtering van de luchtkwaliteit. De

die alleen voor intern gebruik bedoeld zijn. Ze vallen daarmee

Saneringsverplichtingen zijn gekoppeld aan ontoelaatbare

grens ligt bij een verslechtering van maximaal 3% van de

ook binnen de bestemming kantoor. De ontwikkellocatie

risico’s, die samenhangen met het huidige en toekomstige

grenswaarden voor de luchtkwaliteit. Grotere projecten die

Burgemeester Patijnlaan is vanaf twee zijden bereikbaar.

gebruik van de bodem. Voor die delen van het plangebied

‘in betekenende mate’ bijdrage, kunnen worden opgenomen

Gelet hierop draagt het plan ‘niet in betekende mate’ bij aan de

waar herinrichting en/of nieuwbouw plaatsvindt en waar nog

in het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit

verslechtering van de luchtkwaliteit. Er hoeft geen berekening te

geen onderzoek en/of sanering heeft plaatsgebonden, zal

(NSL). Dit als is aangetoond dat de effecten van dat project

worden uitgevoerd.

bodemonderzoek moeten worden uitgevoerd en eventueel

worden weggenomen door de maatregelen van het NSL. Met

de verontreiniging; •

Het wegnemen van actuele risico’s.

gesaneerd moeten worden. De noodzaak van onderzoek is

projecten die ‘niet in betekenende mate’ bijdragen aan de

Geluid

afhankelijk van het plan. Wanneer de bodem wordt geroerd of

luchtverontreiniging is rekening gehouden in de autonome

De Wet geluidhinder (Wgh) stelt eisen met betrekking tot de

grond wordt verzet, bijvoorbeeld voor een nieuwe fundering is

ontwikkeling van de luchtkwaliteit.

geluidsbelasting van geluidsgevoelige objecten. Kantoren zijn

bodemonderzoek noodzakelijk.

geen geluidsgevoelige objecten. Hoewel het geen verplichting is, wordt geadviseerd om in het kader van de communicatie met de buurt en de aanvraag omgevingsvergunning een

PUK BURGEMEESTER PATIJNLAAN 35 • 5 NOVEMBER 2020

43

7.6.6 Flora en Fauna

van het Couperusduin complex en het Monchyplein. Nabij

eens kan worden uitgegeven. Is de depositie als gevolg van

de zuidwest-hoek van de Archipelbuurt sluit het Willemspark

dit initiatief lager dan de grenswaarde van 0,00 mol (0,004

De ‘Agenda Groen voor de Stad 2016’ (RIS 294705) stelt dat

en de tuin van het Vredespaleis aan op deze grotere groene

of lager) per hectare per jaar, dan hoeft de initiatiefnemer

de algemene leef kwaliteit in de stad, met het groen in het

haarvaten. De Archipelbuurt is over het algemeen een stadswijk

geen vergunning aan te vragen. De concentratie dient tot 3

bijzonder, soms onder druk komt te staan door de toenemende

met smalle rechte straten en onderbroken rijen bomen. Aan de

decimalen berekend te worden. Bij 0,01 mol (0,006 of hoger)

bevolking en het bijbehorende ruimtebeslag. Daarnaast zal

noordzijde grenst de wijk aan de Scheveningse Bosjes waar

is een vergunning vereist en zijn compenserende maatregelen

in de toekomst de stad sterk beïnvloed worden door o.a. de

de rijen woningen zijn ingewisseld voor villa bebouwing. Het

aan de orde.

klimaatopgave, de verandering in mobiliteit en de toenemende

groen rondom het Couperusduincomplex en het Monchyplein

impact van informatietechnologie. Om ervoor te zorgen dat Den

vormen een ruimtelijke eenheid met het stedenbouwkundige

Haag een aantrekkelijke stad blijft voor bewoners, bezoekers

ensemble. Voor de Burgemeester Patijnlaan ligt er een kans

en bedrijven, zullen er daarom strategische keuzes gemaakt

om het groen te versterken en te vergroten en de aanwezige

Het plan ligt buiten het invloedsgebied van stationaire

moeten worden op het gebied van verdichting, vergroening en

haarvaten aan te vullen. Doormiddel van groene verblijfsruimten

risicobronnen (bijvoorbeeld LPG-tankstations), alsmede

verduurzaming. De ambitie van Den Haag is het stimuleren

aan beide zijde van het monument. Daarnaast is er de ambitie

buisleidingen. Het plan grenst daarnaast niet aan een

van de kwalitatieve ontwikkeling van het Haagse groen, waarbij

om de verharde middenberm van de Burgemeester Patijnlaan

transportroute gevaarlijke stoffen

ruimte ontstaat voor verandering, initiatief en ontwikkelingen,

te transformeren naar een groene inrichting en de monumentale

en het groen toekomstbestendig wordt vormgegeven. Voor

bomenrij voort te zetten.

het Haagse Groen kunnen globaal drie zones worden

Er zijn geen risicobronnen of buisleidingen aanwezig of geprojecteerd waarvan de veiligheidscontouren op grond van

onderscheiden: de dichte stad, de halfopen stad en gebieden

Verder biedt de ontwikkeling kansen voor de vergroening van

het Besluit externe veiligheid inrichtingen en de bijbehorende

rondom de stad. Elk gebied kent zijn eigen stedelijke leef

de bebouwing en verdere vergroening van de openbare ruimte.

regeling geheel of gedeeltelijk in het plangebied zijn gelegen.

kwaliteit en is afhankelijk van gebiedskenmerken zoals

De vergroening van de daken en het natuurinclusief bouwen

Er is geen noodzaak tot het uitvoeren van onderzoek naar het

bebouwingsgraad, de aanwezigheid van infrastructuur en het

draagt bij aan de biodiversiteit in het gebied. De initiatiefnemer

groepsrisico.

gebruik van de ruimte (wonen, werken, recreatie, natuur).

wordt geadviseerd een quickscan flora en fauna uit te voeren, waaruit blijkt of de locatie geen verplichtingen heeft vanwege

Net buiten het plangebied, op Burgemeester Patijnlaan 12

De Burgemeester Patijnlaan ligt in de Archipelbuurt en is

de aan/afwezigheid van zowel flora en fauna, als ligging in

bevindt zich een gasdrukregel- en meetstation Eneco 19-95-

daarmee onderdeel van zone 1: groen in de dichte stad. In

beschermde gebieden daarvoor.

18 Districtstation. Het gasstation ligt op ruime afstand van het

de dichte stad is de bebouwing dominant. Het groen is er

44

7.6.7 Externe veiligheid

plangebied (veiligheidscontour van 15 m).

schaars en vormt een (aangenaam) contrast met de gebouwde

Natura 2000 / stikstofdepositie

omgeving. Het aanwezige groen bestaat voornamelijk uit

Op de locatie is géén regelgeving met betrekking tot de ‘externe

straatbomen, pleinen en buurtparken. Dit groen vormt de

werking’ Natura 2000 van toepassing. De initiatiefnemer

‘haarvaten’ van het stedelijke stelsel: kleinschalig, maar daarom

is verplicht om de stikstofeffecten van het project door te

niet minder belangrijk. De omgeving van de Burgemeester

laten rekenen met het rekenmodel AERIUS voor zowel de

Patijnlaan 35 is, ten opzichte van de rest van de Archipelbuurt,

aanleg- als de gebruiksfase. De ODH gebruikt AERIUS bij het

rijk aan iets grotere haarvaten. Deels openbaar en deels

beoordelen van de aanvraag. Toegedeelde ontwikkelingsruimte

semi-openbaar zoals de Joodse begraafplaats, het groen

wordt geregistreerd in AERIUS Register, zodat deze niet nog

PUK BURGEMEESTER PATIJNLAAN 35 • 5 NOVEMBER 2020

Uitsnede Stedelijke Groene Hoofdstructuur ‘Kernkwaliteiten’ (bron: Agenda Groen voor de Stad)

PUK BURGEMEESTER PATIJNLAAN 35 • 5 NOVEMBER 2020

45

7.7

Welstand en monumenten

Voor de ontwikkeling is een welstandstoets verplicht. De Welstandscommissie heeft in de Welstandsnota aangegeven dat van de architect een analyse van het omliggende gebied wordt verwacht. In dit PUK worden in hoofdstuk 5 beeldkwaliteitsuitgangspunten vastgelegd. Archipelbuurt De locatie is gelegen in Rijksbeschermd Stadsgezicht Archipelbuurt/Willemspark II. Het ruimtelijk karakter van de Archipelbuurt wordt bepaald door de opgezet als een woonwijk voor diverse sociale klassen. Woningen voor de middenklasse zijn te vinden in de smallere straten, terwijl langs de brede straten herenhuizen voor de hogere inkomensgroepen verrezen. Arbeiders en kleine zelfstandigen vestigden zich in de talrijke hofjescomplexen. Het bouwproces voltrok zich niet in één keer volgens één architectonisch ontwerp maar kende talloze particuliere bouwplannen, waarmee een straat gaandeweg werd volgebouwd. Hierdoor werd binnen een straatwand een verscheidenheid aan ontwerpen, merendeels bestaande uit delen van twee of meer huizen achter een symmetrische gevel, gerealiseerd. Voor ieder ontwerp was meestal een andere aannemer of architect verantwoordelijk, zodat per straat uiteindelijk een groot aantal aannemers/architecten bij de bouw betrokken is geweest. De wijk wordt met uitzondering van de open bebouwingsstructuur van het Prinsevinkenpark in hoofdzaak gekenmerkt door gesloten en halfopen bouwblokken.

Hoekpanden zijn vaak voorzien van een speciaal accent (diagonaal/erker/torentje of een winkel op de begane grond). De huizen bezitten twee of drie bouwlagen (vier bouwlagen is uitzonderlijk) met kapverdiepingen. Souterrains komen

46

PUK BURGEMEESTER PATIJNLAAN 35 • 5 NOVEMBER 2020

incidenteel voor en de hoogte van de bouwlagen varieert. Deze

Architect Van de Erve zag de taak van de politie in de eerste

bouwhoogten zijn ten aanzien van de eerste twee bouwlagen

plaats als vermanend en bestraffend, en daar paste het

te onderscheiden in de volgende typen: hoog/hoog, hoog/laag,

beste een streng ogend gebouw bij, wat hij bereikte door

laag/hoog.

strakke lijnen en koele kleuren te gebruiken. In de gevel heeft de architect een onderscheid gemaakt tussen het

Stilistisch overheerst het late eclecticisme met aan de

werkgedeelte (bekleed met schokbeton-raamelementen) en

Renaissance, de Lodewijkstijlen, het Empire en het

het representatieve deel (bekleed met bakstenen van een

Neoclassicisme ontleende motieven. Langs de straten, die

speciaal gerekte vorm). In het representatieve deel bevindt zich

vanaf het midden van de jaren tachtig van de 19de eeuw zijn

de hoofdingang, een enorme glazen ingangspartij die omlijst

aangelegd gaat de neorenaissance het bebouwingsbeeld

wordt door een hoge betonnen luifel met aan de binnenzijde

meer en meer overheersen. Kenmerkend is de afwisseling van

reliëfs. De reliëfs hebben betrekking op de taak van de politie

schoon metselwerk en gepleisterde gevelonderdelen, alsmede

(handhaving van het gezag en bescherming van de burgers) in

de vaak rijke ornamentering van kozijnen en kroonlijsten.

de verschillende periodes sinds de Egyptenaren. Het ontwerp is

In het eclectische bebouwingsbeeld overheerst de rechte

van R.D.E. Oxenaar en J.H. Kuiper.

gevelbeëindiging terwijl de neo-renaissance veelal wisselende beëindigingen laat zien. Die versterken het schilderachtige

In het verlengde van de hoofdentree is het gebouw voorzien

karakter van deze bouwstijl.

van een trapeziumvormige uitbouw aan de achterzijde, waardoor een monumentale hal over drie lagen is ontstaan,

Bebouwing met een monumentaal karakter is te vinden aan

die ook voor bijeenkomsten gebruikt kan worden. Het heeft

het Nassauplein, de Surinamestraat, de Riouwstraat, het

een hoogwaardig interieur met verschillende decoratieve

Bankaplein, de Laan Copes van Cattenburch, de Burgemeester

elementen: twee poorten met geabstraheerde basreliëfs, een

Patijnlaan en de Burgemeester van Karnebeeklaan.

achterwand met reliëfs in vorm van gestileerde vissen en

.

vogels, wandbekleding met opengewerkte betonstenen en een

Hoofdbureau van politie - Alexanderveld 125/126 (1959)

met serpentino beklede trap.

Het hoofdbureau van politie, gebouwd 1952-1959 naar ontwerp van architect W.S. van der Erve, gelegen aan Alexanderveld

Een tweede grote ruimte bevindt zich helemaal bovenin, de film-

125/126 betreft een gemeentelijk monument. De bescherming

en instructiezaal, zo hoog dat de zaal boven het dak uitsteekt.

beperkt zich tot het oorspronkelijke ontwerp van Van der

Het is een trapeziumvormige zaal die door zijn hellende dak

Erve aan het Alexanderveld. De latere uitbreiding aan de

en daardoor oplopende ramen een prachtige ruimtewerking

Burgemeester Patijnlaan valt buiten de bescherming.

heeft. Zowel de hal als de film- en instructiezaal zijn nog vrijwel

Het uit 1959 stammende hoofdgebouw is een langwerpig

origineel. Dat geldt ook voor het trappenhuis, dat met zijn

volume met een skeletconstructie van gewapend beton. De

karakteristieke ijzeren spijlen en bonte tegelvloer helemaal

eind jaren zeventig gerealiseerde uitbreiding heeft weinig te

de sfeer van de sobere jaren vijftig uitstraalt. De rest van het

maken met de oorspronkelijke opzet, en valt derhalve buiten het

gebouw heeft voor het grootste gedeelte een traditionele

beschermingsvoorstel.

kantoorindeling: een middengang met aan weerszijden kantoorruimtes. De kantoorstructuur wordt doorbroken door enkele trappenhuizen, die in de achtergevel zichtbaar zijn.

W.S. van de Erve (1914-1994) is één van de belangrijkste Haagse architecten uit de naoorlogse periode. Het gebouw betreft een persoonlijke verwerking van modernistische en traditionele architectonische middelen, waarbij de invloed van Le Corbusier merkbaar is. Het politiebureau is van algemeen belang door de architectuurhistorische waarde als hoogtepunt in het oeuvre van de architect W.S. van de Erve, waarvan reeds enkele karakteristieke gebouwen zijn gesloopt. Bovendien waardevol als representatief en gaaf bewaard voorbeeld van kantoorbouw uit de wederopbouwperiode. Tevens van kunsthistorische

Voorgevel met hoofdentree

Metselwerk kopgevel

Hoofdentree

Entreehal (achterzijde)

Sculptuur boven hoofdentree

Film- en instructiezaal

waarde vanwege de aanwezigheid van kunstwerken die een eenheid vormen met het gebouw, kenmerkend voor wederopbouwarchitectuur van (openbare) gebouwen. Randvoorwaarde is dat het beschermde monument niet gesloopt wordt. Het gehele gebouw is gemeentelijk monument. Niet alleen het exterieur en de beschreven onderdelen, maar ook de niet genoemde onderdelen. Geadviseerd wordt om in een zo vroeg mogelijk stadium contact op te nemen met de afdeling Monumenten en Welstand en de geldende uitgangspunten vanuit Monumentenzorg tijdig af te stemmen inzake het monument. Hoofdbureau van politie - Burgemeester Patijnlaan 35 (1981) De uitbreiding is ook van de hand van architect W.S. van der Erve. De uitbreiding is een grijs betonnen gebouw waarin de regelmatige over de gevels verdeelde ramen diep uitgesneden zijn. Het gebouw wordt door Monumentenzorg gewaardeerd als jonge bouwkunst uit de periode 19650-1995 en is opgenomen in het document ‘Post65 architectuur in Den Haag’. Het document heeft geen status, maar vraagt aandacht voor een grotere waardering en wellicht voor (gedeeltelijk) behoud.

PUK BURGEMEESTER PATIJNLAAN 35 • 5 NOVEMBER 2020

47

7.8

Archeologie

7.9

Kabels en Leidingen

De locatie is in het verleden afgezand, waarbij mogelijk

Wettelijk is het verplicht om vooraf van graafwerkzaamheden

aanwezige archeologische vindplaatsen zijn verdwenen. Het

een KLIC-melding te doen zodat duidelijk is waar eventuele

plangebied heeft daarom geen archeologische verwachting

kabels en leidingen liggen en hiermee rekening gehouden

op de gemeentelijke Archeologische Waarden- en

kan worden bij graafwerkzaamheden. De kabels &

Verwachtingenkaart (in groen op bijgaande kaartuitsnede)

leidingen bevinden zich vooral voor het hoofdgebouw (zijde

en geen dubbelbestemming Waarde-Archeologie in het

Alexanderveld). Het zijn voornamelijk leidingen voor de

bestemmingsplan Archipelbuurt e.o. Archeologisch onderzoek is

openbare verlichting. Op straat en aan de gevel staan ook

voor deze locatie niet nodig.

lichtarmaturen. De bruine leiding over het terrein is riolering. Waarschijnlijk van een hemelwaterafvoer.

Archeologische verwachtingswaarde (bron: webgis)

Globaal overzicht kabels en leidingen

48

PUK BURGEMEESTER PATIJNLAAN 35 • 5 NOVEMBER 2020

8. FINANCIERING EN UITVOERINGSASPECTEN 8.1

Financiering

De door de initiatiefnemer beoogde ontwikkeling betreft een bouwplan in de zin van art. 6.2.1 van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro). Hiermee is afdeling 6.4 Wet ruimtelijke ordening (Wro) van toepassing en is de gemeente verplicht het kostenverhaal te verzekeren. Hierbij is het uitgangspunt dat partijen een anterieure overeenkomst sluiten. Mochten de partijen niet tot overeenstemming komen, zal de gemeente conform wet- en regelgeving een exploitatieplan vaststellen. Het project is voor de gemeente een facilitair project, waarbij de gemeente de initiatiefnemer ondersteund en faciliteert, maar

Voorbehoud gemeente

Indien slechts sprake is van een functiewijziging

Tegen vaststelling van bestemmingsplannen,

binnen de bestaande bebouwing, kan hiervoor de

omgevingsvergunningen en andere besluiten in de zin van de

kruimelontheffing worden toegepast. Hiervoor is de reguliere

Algemene wet bestuursrecht kan beroep worden ingesteld.

vergunningsprocedure van 8 weken van toepassing. De

Eventuele gerechtelijke procedures, (gewijzigd) bestuurlijk

aanvraag dient wel voldoende ruimtelijk onderbouwd te

besluitvormingsproces en externe omstandigheden kunnen,

zijn waaruit blijkt dat er sprake is van een goede ruimtelijke

ondanks de inspanningen van de gemeente voor de plannen

ordening.

van de initiatiefnemer, het nieuwe juridisch-planologische regime beïnvloeden. Hiervoor is de gemeente niet

Wanneer tevens sprake is van uitbreiding of sloop/nieuwbouw

aansprakelijk.

kan het zijn dat een uitgebreide afwijkingsprocedure gevolgd zal moeten worden. Dat hangt echter af van de aard van

8.2

Juridisch-planologische procedure

niet risicodragend participeert in het project. De (mogelijke)

Op basis van dit PUK kan de initiatiefnemer zijn planvoorstel

openbaar toegankelijke en/of openbare ruimte binnen het

verder uitwerken. De initiatiefnemer is er zelf voor

plangebied en direct daaromheen functioneert in de huidige

verantwoordelijk dat zijn planuitwerking voldoet aan de

vorm goed en is van goede technische staat. Binnen de context

kaders uit het PUK en voor het opstellen van een ruimtelijke

van het project is de gemeente echter bereid om samen met

onderbouwing van de verschillende afwijkingen van het

initiatiefnemer te kijken naar een andere inrichting van de

vigerende bestemmingsplan en waarin tevens de effecten

openbare ruimte. De eventuele kosten die hieraan verbonden

hiervan op de omgeving in beeld worden gebracht. Uiteraard

zijn maken onderdeel uit van de te verhalen kosten.

blijft de initiatiefnemer ook zelf verantwoordelijk voor al die aspecten die niet in dit PUK zijn geregeld. De vigerende wet- en

De kosten die op de initiatiefnemer verhaald worden in het kader van het kostenverhaal, staan los van eventuele additionele plan gerelateerde kosten. Zoals leges en eventuele vergoedingen waaronder, maar niet uitsluitend, planschade. Korting leges Het plan kan in aanmerking komen voor korting op de leges indien voldaan wordt aan de voorgeschreven GPR-scores. De ‘Regeling verminder leges Den Haag 2020’ kent een verruiming van de korting op de leges van duurzame bouwprojecten. De korting per project is verhoogd en kent een getrapt maximum. Afhankelijk van het aantal woningen en het aantal m2 vloeroppervlak kan dit oplopen tot €200.000.

regelgeving blijven van toepassing. Voor de vergunningsaanvraag voor het slopen in het beschermde Stadsgezicht is in beginsel de reguliere procedure van toepassing, tenzij het slopen gevolgen heeft voor beschermde plant- en diersoorten of gebieden waarvoor een vergunning of ontheffing op grond van de

de bouwwerkzaamheden (een (kleine) uitbreiding kan in veel gevallen met een kruimel, voor sloop/nieuwbouw is de uitgebreide procedure van toepassing). Een uitgebreide Waboprocedure kent een proceduretijd van 26 weken. In geval van een afwijking van de bouwregels van het vigerende bestemmingsplan, is het wenselijk om hiervoor voorafgaande aan het formele vergunningentraject een beginselplanprocedure te doorlopen. Deze dient als vroegtijdige toetsing door de gemeente, bij plannen die niet in het huidige bestemming passen. Een beginseluitspraak helpt om in een vroegtijdig stadium mogelijke risico’s en knelpunten duidelijk te krijgen en de nodige adviezen te verzamelen, die bij de verdere planuitwerking kunnen worden gebruikt. De doorlooptijd van deze procedure is gemiddeld 4 maanden vanaf het moment dat de hiervoor vereiste stukken formeel bij de handelende dienst zijn aangeleverd.

Wet natuurbescherming vereist is en deze vergunning of ontheffing niet is aangevraagd voorafgaand aan de aanvraag om omgevingsvergunning voor het slopen. In dat geval is de uitgebreide voorbereidingsprocedure van toepassing en kan de omgevingsvergunning niet eerder worden verleend dan nadat de Provincie een Verklaring van geen bedenkingen (Vvgb) heeft afgegeven. Indien deze verklaring niet wordt gegeven moet de omgevingsvergunning worden geweigerd.

PUK BURGEMEESTER PATIJNLAAN 35 • 5 NOVEMBER 2020

49

Tegen het bestuurlijke besluit over een aanvraag omgevingsvergunning staat voor belanghebbenden de mogelijkheid open om bezwaar bij de gemeente in te dienen en vervolgens beroep en hoger beroep aan te tekenen bij de rechtbank en de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State (of direct beroep bij de rechtbank in geval van een uitgebreide afwijkingsprocedure). De gemeente wijst de initiatiefnemer erop dat, ondanks alle inspanningen die van gemeentelijke zijde ten behoeve van de planvorming zullen worden verricht, de gerechtelijke procedures de werking van een omgevingsvergunning negatief kunnen beïnvloeden.

8.4

Bouwveiligheidsplan

Bij de aanvraag van een omgevingsvergunning, zowel bij (gedeeltelijke) sloop als bij nieuwbouw, moet o.a. een bouwveiligheidsplan en toegankelijkheid van de bouwplaats (voor het toetsen aan de voorschriften van de Bouwverordening) worden toegevoegd. In het plan worden de maatregelen, om onveilige situaties tijdens werkzaamheden te voorkomen, beschreven.

8.5

BVC plan

Als het bouwveiligheidsplan leidt tot het langdurig afsluiten

8.3

Planning en fasering

De politie is voornemens om begin 2024 te verhuizen naar de Binckhorst. Vanaf dat moment zal het pand aan de Burgemeester Patijnlaan beschikbaar komen voor een nieuwe eigenaar. De planning voor het afronden van de transformatie dan wel sloop/nieuwbouw is afhankelijk van de plannen van de toekomstige eigenaar. Uitloop van de nieuwbouw op de Binckhorst zal vanzelfsprekend leiden tot een latere uithuizing van het huidige kantoor.

van wegen, of grootschalige transportbewegingen en/of het bus, tramregeling aangepast moet worden, is een BVC (Bereikbaarheid, Verkeersveiligheid en Communicatie) plan noodzakelijk. Zo betreft de Burgemeester Patijnlaan een S100 route. Afspraken met o.a. de afdeling Verkeersmanagement zijn daarbij van toepassing. Er dient zo snel mogelijk een BVC-hoofdlijnen plan ingediend te worden bij de Bereikbaarheidsregie van de gemeente Den Haag. Minimaal geldt een periode van 18 maanden voorafgaand aan het werk om een geschikt tijdsslot voor de uitvoering te kunnen bepalen.

50

PUK BURGEMEESTER PATIJNLAAN 35 • 5 NOVEMBER 2020

B. BIJLAGE •

Bijlage 1: Reactie bewonersorganisaties Archipel/Willemspark

PUK BURGEMEESTER PATIJNLAAN 35 • 5 NOVEMBER 2020

51

Colofon Gemeente Den Haag Dienst Stedelijke Ontwikkeling Afdeling Stedenbouw & Planologie

5 november 2020

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9498574/1