Omgevingsdienst Brabant Noord jaarrekening 2025 incl. controleverklaring
Tekst van het document
ODBN Jaarstukken 2025
36
37
Juridische dienstverlening In de begroting 2025 merkten we op dat onze verwachting was dat de vraag om juridische dienstverlening door de ODBN in 2025 niet zal afnemen. Zoals verwacht, zagen we in 2025 inderdaad de effecten van een in toenemende mate gejuridiseerd omgevingsbeleid. Zo werden er veel nieuwe handhavingsverzoeken en vertegenwoordigden onze juristen de deelnemers steeds vaker in bezwaar- en beroepsprocedures. Ook kan worden gewezen op het aantal bestede uren aan het afhandelen van Woo-verzoeken over milieu-informatie voor deelnemers die deze taak aan ons hebben gemandateerd. Dit is gestegen van 322 uur in 2022 naar 1816 uur in 2025 (excl. bezwaar- en beroepsprocedures na het nemen van het Woo-besluit).
Wat heeft het gekost?
Met name op het onderdeel Natura2000 kunnen we inmiddels stellen dat sprake is van een structureel toegenomen werkvoorraad, ten opzichte van enkele jaren geleden. Milieu- en natuurorganisaties stellen vaker rechtsmiddelen in, sinds de PAS-uitspraak en de jurisprudentie die daaruit voortvloeide. In veel gevallen zijn dergelijke beroepen gegrond verklaard, omdat nog geen beleid is vastgesteld dat een goed antwoord geeft op voornoemde jurisprudentie, waarna nieuwe besluiten voorbereid moeten worden. De totale doorlooptijd van procedures kan daardoor erg lang zijn, waardoor het vaak niet lukt om een zaak definitief af te handelen.
PROGRAMMA INDIVIDUELE DIENST VERLENING
BEGROTING NA WIJZIGING 2025
REKENING 2024
BEGROTING 2025
19.029
20.637
19.699
20.272
429
130
130
563
TOTAAL LASTEN
19.459
20.767
19.829
20.835
Basistaken (werkprogramma)
16.335
18.627
18.194
18.549
Verzoektaken (werkprogramma)
11.699
13.664
13.339
12.500
Aanvullende verzoektaken
1.186
737
737
1.098
TOTAAL BATEN
29.220
33.029
32.271
32.146
SALDO
9.761
12.262
12.442
11.311
BEDRAGEN X €1.000 Inzet personeel Inzet bedrijfsmiddelen
REKENING 2025
Ten gevolge van bovengenoemde ontwikkelingen was het uitbreiden van de capaciteit van team juristen in 2025 noodzakelijk.
Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst
ODBN Jaarstukken 2025
38
1.3 Bedrijfsvoering
39
Inhoud programma Programma Bedrijfsvoering heeft betrekking op de bedrijfsvoering en is relevant voor u als eigenaar. De algemene organisatie betreffende trends worden toegelicht in dit programma. Waar mogelijk zijn deze vertaald in kritieke prestatie-indicatoren (KPI’s). De technische onderbouwingen worden elders in de begroting gegeven. Volgens het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) is in deze begroting ook een paragraaf gewijd aan bedrijfsvoering specifieke onderwerpen. In dit programma zijn de begrote baten en lasten van de interne financiering en de algemene dekkingsmiddelen opgenomen. Beleidskaders/richtlijnen OMSCHRIJVING
DATUM
EXPIRATIEDATUM
Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten
01-07-2019
Open
Gemeenschappelijke regeling ODBN
01-01-2025
Open
Nota weerstandsvermogen en risicomanagement
16-12-2020
Open
Financiële verordening ODBN
01-01-2025
Open
Treasurystatuut
28-12-2023
Open
Wat hebben we bereikt? Indicatoren bedrijfsresultaat Om een beeld te kunnen vormen over het bedrijfsmatig functioneren van de ODBN worden in onderstaande tabel de meest essentiële indicatoren gepresenteerd.
Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst
KPI'S ODBN (ALS BEDRIJF) KPI
NORM 2025
REALISATIE 2023
2024
TOELICHTING 2025
Productiviteit
1.392
1.415
1.390
1.401
Paragraaf 4.8.1
Declarabiliteit
1.294
1.297
1.261
1.269
Paragraaf 4.8.1
Structureel uurtarief
€ 117,60
€ 105,44
€ 109,16
€ 112,30
Paragraaf 3.5
Incidentele korting
€ 1,89
Geen korting
Geen korting
€ 1,80
Paragraaf 3.5
Incidenteel uurtarief
€ 115,71
n.v.t.
n.v.t.
€ 110,50
Paragraaf 3.5
Ziekteverzuim
5,5%
5,9%
6,4%
6,7%
Paragraaf 2.3
Formatie overhead
22%
22,7%
20%
20%
Paragraaf 2.3
Aandeel kosten overhead personeel
24%
29,2%
27,1%
21,7%
Paragraaf 3.5
Aandeel kosten overhead totaal
33%-35%
29,2%
27,1%
28,8%
Paragraaf 3.5
Weerstandsratio
1 - 1,5
1,07
0,91
1,13
Paragraaf 2.1
Flexschil
20%
19,6%
17,6%
13,4%
Paragraaf 2.3
ODBN Jaarstukken 2025
40
Wat hebben we daarvoor gedaan in 2025? Organisatie VIn de begroting van 2025 hebben we een aantal besparingen doorgevoerd. Met de nodige aanpassingen in de bedrijfsvoering hebben de begrote besparingen ook feitelijk gerealiseerd. Ondanks het positief rekeningresultaat, waarvan een deel incidenteel, staan diverse bedrijfsvoeringsbudgetten onder druk. Met name structurele lasten op het gebied van ICT, Business Intelligence en robotisering. Bij het vaststellen van de jaarrekening 2024 heeft het bestuur incidenteel budget gereserveerd om een extra impuls te geven aan de investering in het verder efficiënt inrichten van processen o.a. door middel van nieuwe technieken. In het najaar is deze reserve o.b.v. een gepresenteerde ambitie ook daadwerkelijk vrijgegeven. Met dit budget is binnen de administratieve ondersteuning (Procesadministratie) een extra impuls gegeven aan de robotisering (RPA). Dit leidt tot een efficiency voordeel voor onze deelnemers. Voor het onderdeel intake & verzending zijn minder uren in rekening gebracht. Behalve dat de administratieve last wordt teruggedrongen door RPA zijn we ook gestart met het onderzoeken hoe we het werk van de toezichthouders en vergunningverleners kunnen faciliteren. Zij moeten namelijk behoorlijk wat tijd investeren in het doorgronden van bestaande/ historische dossiers alvorens een inspectie of vergunningsproces op te kunnen starten.
Om hier meer efficiency te bereiken is een Pilot gestart om te onderzoeken in hoeverre AI dit procesonderdeel kan versnellen. De eerste resultaten zijn veelbelovend. De oplevering van de pilot zal Q1 2026 zijn. Dan kan ook de afweging gemaakt worden of het efficiency voordeel de structurele lasten rechtvaardigen.
Vanwege koppeling met het personeelssysteem was het niet mogelijk om het nieuwe Learning Management Systeem in 2025 al in te voeren. Dit systeem is al aanbesteed en invoering werd wel voorbereid in 2025, maar activering kan pas plaatsvinden na de start van het nieuwe personeelssysteem in 2026. Productiviteit en Declarabiliteit Productiviteit zijn alle uren die we in het primair proces maken in het belang van onze VTH-taken. Dit betreffen zowel declarabele uren als uren die niet direct te koppelen zijn aan een zaak of toe te wijzen zijn aan een opdrachtgever. Declarabele uren zijn uren die direct gerelateerd zijn aan een zaak of opdrachtgever en daar ook gedeclareerd worden. Door de inzet op digitalisering maar ook informatisering waaronder analyse tools, kennisdeling, (landelijke en regionale) afstemming, UHS en het risicomodel wordt de personele inzet minder zaak gerelateerd maar wel effectiever. Daarom presenteren we jaar ook de productiviteit. Dit zegt namelijk meer over de inzet van de ODBN dan de declarabele uren. De declarabiliteit zegt enkel iets over de financieringsvorm maar beperkt over de feitelijk inzet. In de tweede bestuursrapportage hebben we al gemeld dat de gemiddelde declarabiliteit lager lag dan de norm uit de begroting. Enerzijds zien we dat bijzondere verlofsoorten ons hier parten spelen, maar ook het inwerken van nieuwe collega’s.
Dit heeft ook financiële gevolgen (zie reserves en voorzieningen). Daarnaast hebben we afscheid genomen van diverse ZZP’ers en externe inhuurkrachten. Ook dit heeft een impact op het gemiddeld gerealiseerd aantal declarabele uren per fte, immers externe krachten schrijven geen ziekte- en verlof uren en nemen minder deel aan interne overleggen en zaak overstijgende activiteiten.
De keerzijde van deze efficiency voordelen zijn lagere inkomsten en daardoor een mindere dekking voor de overhead. In de loop van 2026/2027 moeten we een gaan kijken naar onze totale financiering en antwoord gaan vinden op dit structureel neveneffect. Naast de investering in de optimalisering van de processen in het Primair proces zijn we ook gestart om de kernbedrijfsprocessen te moderniseren door de aanschaf van een ERP-systeem (Enterprise Resource Planning). Dit is software die alle bedrijfsprocessen met elkaar verbindt in één database. Daarvoor heeft het bestuur incidenteel budget vrijgemaakt. In het tweede halfjaar van 2025 is de aanbestedingsprocedure doorlopen en is het e-HRM systeem geïmplementeerd. Per 1 januari 2026 is het nieuw e-HRM systeem succesvol live gegaan. In 2026 treffen we de voorbereidingen zodat ook financiën en inkoop over kunnen naar dit geïntegreerde systeem. Per boekjaar 2027 gaat Financiën live.
Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst
ODBN Jaarstukken 2025
41
42
CAO In de cao 2025-2026 zijn afspraken gemaakt over de stijging van de lonen. Bij het opstellen van de begroting 2025 gingen we nog uit van een index van 5,3% op basis van de prognoses van het CPB. De daadwerkelijke loonindexering in 2025 is lager dan deze 5,3%. Dit levert, zoals eerder al gemeld in de 2e bestuursrapportage, een incidenteel voordeel op van € 975.000.
Wat heeft het in 2025 gekost? REKENING 2024
BEGROTING 2025
BEGROTING NA WIJZIGING 2025
Personeel en inhuur
5.850
8.298
8.565
6.900
Opleiding en loopbaanbegeleiding
840
958
974
895
Dienstreizen & woon-werkverkeer
466
444
444
543
Overige personele kosten
539
536
556
575
Organisatie
260
261
239
164
Huisvesting
767
799
789
803
Kantoor
89
128
138
95
2.072
1.986
1.986
2.345
Vervoermiddelen
46
71
71
49
Extern onderzoek/ advies
46
291
291
96
Overige kosten
185
228
128
256
11.159
14.001
14.181
12.721
0
100
100
0
11.159
14.101
14.281
12.721
Rentebaten
785
562
562
512
Bijdrage personeel
292
0
0
570
Onttrekking voorzieningen personeel
117
0
0
507
Overige baten
-9
0
0
17
TOTAAL BATEN
1.186
562
562
1.606
SALDO
-9.973
-13.539
-13.719
-11.116
BEDRIJFSVOERING BEDRAGEN X €1.000
Daar staat wel een veel hoger uurtarief tegenover. Maar ook als we deze effecten corrigeren moeten we onderkennen dat de norm van 1.294 uren zeer ambitieus is en wellicht zelfs niet meer realistisch. Daar staat tegenover dat de feitelijke inzet (productieve uren) boven norm ligt. We constateren een verschuiving van declarabiliteit op zaak niveau naar inzet voor het breder belang. We gaan hier nader onderzoek naar doen in relatie tot het effect van de efficiency maatregelen. Prijsontwikkeling In de begroting 2025 hebben we rekening gehouden met de prijsontwikkeling van 2% volgens de Macro-Economische Verkenningen van het CPB. In de praktijk hebben we gezien dat de gerealiseerde prijsstijging iets hoger heeft gelegen. Vooral bij ICT en ICT-gerelateerde uitgaven zien we hogere indexeringen naar voren komen. Hogere ICT uitgaven Vooral grote softwareleveranciers voerden hogere prijsindexeringen door dan waarmee in de begroting rekening is gehouden; sommige partijen zelfs tot 6 à 7%. Het structureel effect hebben we meegenomen in de Kadernota 2027. Daarnaast is het personeelsbestand toegenomen, wat leidt tot een structureel grotere licentiebehoefte en de aanschaf van devices. Digitale dreigingen worden steeds complexer waar wij op moeten reageren waardoor de kosten voor digitale beveiliging gestaag toenemen.
Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst
Informatisering/ automatisering
SUBTOTAAL BEDRIJFSVOERING Onvoorzien TOTAAL LASTEN
REKENING 2025
ODBN Jaarstukken 2025
43
44
2 Paragrafen
45
2.1 Paragraaf Weerstandsvermogen & Risicobeheersing Algemeen De paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing geeft inzicht in de robuustheid van de financiële positie van de omgevingsdienst. In deze paragraaf wordt weergegeven in welke mate de dienst in staat is om onvoorziene, financiële tegenvallers op te vangen zonder dat daarvoor het bestaande beleid veranderd hoeft te worden. Om dit te kunnen beoordelen, is inzicht nodig in het beschikbare weerstandsvermogen en in de omvang en de achtergronden van de aanwezige risico’s. Inventarisatie weerstandscapaciteit De weerstandscapaciteit bestaat uit de middelen en mogelijkheden waarover de dienst beschikt om de onverwachte financiële tegenvallers te dekken zonder het bestaande beleid aan te moeten passen. Voor de ODBN geldt dat de beschikbare weerstandscapaciteit gevormd wordt door de Algemene reserve. Andere reserves worden niet meegenomen omdat deze door het Algemeen Bestuur voorzien zijn van een specifieke bestemming. Risicobeheersing De ODBN streeft ernaar om risico’s zoveel mogelijk te ondervangen door het treffen van beheersmaatregelen, de benodigde verzekeringen af te sluiten en/of buffers te vormen voor niet voorzienbare financiële tegenvallers. In het overzicht Reserves en Voorzieningen kunt u de diverse posten en hoogten van de bedragen lezen.
Inventarisatie risico’s Nieuw risico Bij het opstellen voor de jaarrekening 2025 maken we de doorkijk naar het lopende jaar 2026. Daarin voorzien we geen nieuwe risico’s. Gestegen risico’s Niet halen declarabiliteit De afgelopen jaren zien we een toenemende druk op het realiseren van de norm declarabiliteit in de organisatie. Vooral door het inwerken van nieuwe collega’s, opleidingen in het kader van kwaliteitscriteria en toegenomen verlofmogelijkheden daalt de organisatie brede declarabiliteit. Ook zien we dat er steeds meer zaak overstijgende activiteiten leiden tot minder declarabiliteit maar wel een gelijkblijvende productiviteit. Dergelijke activiteiten hangen samen met de toenemende digitalisering, dashboarding en verantwoording.
Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst
Daarnaast hebben we in vergelijking tot de definitieve begroting 2026 de risico’s aangepast naar het prijspeil van 2026. Dit leidt ertoe dat enkele risico’s een kleine stijging in het risicobedrag laten zien Verlaagde risico’s IIn 2025 zijn we erin geslaagd om de bezetting in overeenstemming te krijgen met de uit te voeren opdracht. Dit leidt tot een neerwaartse bijstelling van het risico Weerstandsratio De weerstandsratio wordt bepaald door de beschikbare weerstandscapaciteit te delen door de benodigde weerstandscapaciteit.
Totale omvang Netto-risico's
Weerstandsratio
Beschikbare weerstandscapaciteit
Benodigde weerstandscapaciteit
ODBN Jaarstukken 2025
NAAM
46
BEGROTING 2026
JAARREKENING 2025
Algemene reserve op 01-01
€ 2.061.559
€ 2.061.559
Risicoprofiel
€ 1.652.000
€ 1.821.000
1,25
1,13
WEERSTANDSRATIO
Door de vele ontwikkelingen per jaar kan het risicoprofiel van de ODBN fluctueren. Vanuit het principe zelf financieel duurzaam, zonder dat onnodig overheidsmiddelen worden vastgelegd, hebben we een afgesproken bandbreedte voor de weerstandsratio van 0,75 en 1,5. Wanneer de ratio onder de 1,0 zakt worden stappen benoemd om te groeien naar een gewenste streefwaarde van minimaal 1,0. Het weerstandsvermogen bij de jaarrekening 2025 is gelijk aan de vastgestelde begroting 2026. Het risicoprofiel is toegenomen ten opzichte van de vastgestelde begroting 2026. De weerstandsratio komt daarmee uit op 1,13, daarmee zit deze boven de gewenste streefwaarde van 1,0.
Financiële kengetallen In onderstaande paragraaf zijn de financiële kengetallen opgenomen die op grond van artikel 11 van het Besluit Begroting en Verantwoording moeten worden opgenomen. Kengetallen die voor de ODBN niet van toepassing zijn, zijn achterwege gelaten.
FINANCIËLE KENGETALLEN
VERLOOP FINANCIËLE KENGETALLEN REKENING 2023
REKENING 2024
REKENING 2025
BEGROTING 2025
Netto schuldquote
-25%
-22%
-25%
-22%
Netto schuldquote voor alle verstrekte leningen
-25%
-22%
-25%
-22%
Solvabiliteitsratio in %
46%
40%
49%
42%
Structurele exploitatieruimte
1,4%
0,6%
5,2%
0,3%
Grondexploitatie
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
Belastingcapaciteit
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
Netto schuldquote: De netto schuldquote geeft aan of de ODBN in staat is de schulden terug te betalen waarvoor zij volledig zelf aan de lat staat. De netto schuldquote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van de ODBN ten opzichte van de eigen middelen en geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. Hoe lager dit percentage is, hoe minder de schuldenlast op een organisatie drukt. De ODBN heeft geen langlopende leningen, alleen kortlopende openstaande crediteuren. Daarmee is er weinig druk op de exploitatieruimte voor het voldoen aan de schuldenverplichting en geeft het een indruk van de goede financiële uitgangspositie voor de ODBN. Solvabiliteitsratio: Deze ratio geeft weer in welke mate de ODBN in staat is op ‘langere’ termijn aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Dit wordt berekend op basis van het eigen vermogen en de bezittingen van de ODBN. Hoe hoger de solvabiliteitsratio, hoe groter de weerbaarheid van de ODBN. Voor de ODBN geldt dat er geen langlopende schulden zijn. Bedrijfsmatig wordt een bedrijf als financieel gezond gezien, wanneer de solvabiliteit tussen de 25% en 40% ligt. De ODBN valt met een solvabiliteit van 49% ruim boven deze richtlijn. Vooral de bestemmingsreserve ISV en voorzieningenpositie stortplaats Voorste Heide hebben positieve invloed op dit percentage.
Structurele exploitatieruimte: Dit kengetal geeft aan hoe groot de structurele exploitatieruimte is, door de structurele baten en structurele lasten te vergelijken met de totale baten. Een positief percentage betekent dat de structurele baten toereikend zijn om de structurele lasten te dekken. In 2024 was de realisatie 0,6%. De structurele exploitatieruimte in 2025 van 5,2% geeft aan dat de verhouding tussen structurele lasten en de structurele dekking hiervoor goed geregeld is. Conclusie Op basis van de financiële kengetallen is te stellen dat de financiële uitgangspositie van de ODBN als goed en stabiel te kwalificeren is.
Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst
ODBN Jaarstukken 2025
47
48
2.2 Paragraaf Financiering
Algemeen Bij de inwerkingtreding van de Wet Financiering decentrale overheden (FIDO) is het opnemen van een financieringsparagraaf in de begroting en in de jaarrekening voorgeschreven. Met deze paragraaf wordt beoogd de transparantie van het treasurybeleid en -beheer te vergroten en meer inzicht te geven in de (financierings-)risico’s en de beheersing daarvan. In het Besluit Begroting en Verantwoording is neergelegd dat de financieringsparagraaf in elk geval de beleidsvoornemens voor het risicobeheer van de financieringsportefeuille dient te bevatten. Onder risico’s worden in dit verband verstaan: renterisico’s, liquiditeitsrisico’s, koersrisico’s, kredietrisico’s en voor zover ter zake valutarisico’s.
Renterisico Het renterisico kan worden gedefinieerd als de mate waarin het saldo van de rentelasten en rentebaten verandert door wijziging in het rentepercentage op leningen en uitzettingen met een rente typische looptijd van één jaar of langer. Bij de inwerkingtreding van de Wet FIDO is het begrip ‘renterisico-norm’ ingevoerd. Uitgangspunt hierbij is om zoveel mogelijk spreiding in de looptijden van leningen aan te brengen. De wettelijk vastgestelde renterisico-norm van 20% houdt in dat in enig jaar de aflossing van de lange schuld niet hoger mag zijn dan 20% van het begrotingstotaal. De ODBN heeft op dit moment geen leningen met een looptijd van één jaar of langer. Hiermee voldoen wij automatisch aan de renterisico-norm. Ook geeft de huidige financieringspositie geen aanleiding om in de komende jaren langlopende geldleningen af te sluiten, zodat we in dat kader ook geen renterisico lopen. Ook voor de investeringen die we doen hebben we geen leningen nodig. Daarom worden er aan investeringen ook geen rente toegerekend.
Kasgeldlimiet Bij de financiering van de activiteiten van de ODBN worden alle activiteiten als één geheel beschouwd. Dit houdt in dat bij het bepalen van de financieringsbehoefte alle inkomsten en uitgaven betrokken worden. De achterliggende gedachte daarbij is dat tijdelijke overschotten van de ene activiteit een andere activiteit kunnen financieren. Deze wijze van financieren wordt ook wel aangeduid als ‘totaalfinanciering’. Hierdoor worden de rentekosten beperkt. Voor het bepalen van de liquiditeitspositie is de zogenaamde kasgeldlimiet belangrijk. Hieronder wordt verstaan het bedrag dat maximaal als kasgeld mag worden opgenomen. Dit bedrag wordt
Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst
berekend door middel van een door het Ministerie van Financiën vastgesteld percentage van 8,2% voor gemeenschappelijke regelingen, te vermenigvuldigen met het totaal van de jaarbegroting van de ODBN bij aanvang van het jaar. Bij overschrijding van deze limiet moet er in langlopende financieringsmiddelen worden voorzien. Voor de berekening van de kasgeldlimiet is een modelstaat voorgeschreven. Hieronder is deze staat volgens de laatst bekende gegevens ingevuld. Voor het kasgeldlimiet volgen wij in samenspraak met de accountant, de definities van de Wet FIDO. In de definitie komen enkel en alleen bank, kas en aanverwante liquide middelen terug. Voor de vlottende schuld hanteert de wet FIDO het volgende: 1. de opgenomen gelden met een oorspronkelijke rentetypische looptijd van korter dan één jaar; 2. de schuld in rekening-courant; 3. de voor een termijn van korter dan één jaar ter bewaring in de kas gestorte gelden van derden, en; 4. de overige geldleningen die geen onderdeel uitmaken van een vaste schuld. De ODBN heeft om deze reden geen vlottende schulden volgens de definitie van de wet FIDO in de berekening voor de kasgeldlimiet. KASGELDLIMIET | BEDRAGEN X € 1,UIT VOERINGSREGELING FINANCIERING DECENTRALE OVERHEDEN
VLOT TENDE SCHULD
NET TO VLOT TENDE SCHULD OF OVERSCHOT
VLOT TENDE MIDDELEN
A. Gemiddeld vlottend overschot Ultimo 1e kwartaal
€
0
€ 17.797.024,43
€ 17.797.024,43
Ultimo 2e kwartaal
€
0
€ 22.272.722,24
€ 22.272.722,24
Ultimo 3e kwartaal
€
0
€ 25.861.259,33
€ 25.861.259,33
Ultimo 4e kwartaal
€
0
€ 24.315.945,23
€ 24.315.945,23 € -22.561.737,81
B. Berekening kasgeldlimiet Begrotingstotaal bij aanvang van het jaar
38.053.939
Percentage regeling
8,20% €
3.120.423,00
C. Ruimte kasgeldlimiet Gemiddeld vlottend overschot (A)
€ 22.561.737,81
Kasgeldlimiet (B)
€
RUIMTE ONDER KASGELDLIMIET
€
3.120.423,00
25.682.160,81
ODBN Jaarstukken 2025
49
50
Renteresultaat treasury OMSCHRIJVING | BEDRAGEN X € 1,-
2.3 Paragraaf Bedrijfsvoering BEDRAG
Externe rentelasten over korte en lange financiering Externe rentebaten SALDO EXTERNE RENTELASTEN
795 512.238 511.443
Interne eigen rente
0
Toerekening rente via renteomslag
0
RENTERESULTAAT OP TAAKVELD TREASURY
51
511.443
Rentebaten In 2025 was in de primitieve begroting rekening gehouden met € 562.000 aan rentebaten. Bij de tweede bestuursrapportage is al aangegeven dat de rentebaten € 60.000 tot € 110.000 lager uitvallen dan begroot. Doordat het saldo in de schatkist hoger uitviel dan rekening mee was gehouden en het rentepercentage in de loop van het jaar stabiliseerde is het tekort op de rentebaten beperkt gebleven tot ongeveer € 50.000.
Mens & organisatie Afgelopen jaar is de organisatie verder aan de slag gegaan met de 3 HR-pijlers (proactieve arbeidsmarktbenadering, permanente educatie en Duurzame inzetbaarheid. In 2025 heeft dit zich verder doorontwikkeld. Voor de arbeidsmarktbenadering heeft er in 2025 een verdere doorontwikkeling plaats gevonden. Naast het effect van de landelijke campagne van ODNL, merken we vooral ook een goed resultaat van de eigen arbeidsmarktcampagne met specifieke acties die hierop zijn ingezet. Deze lijn wordt verder voortgezet. De implementatie van het Learning Management Systeem (LMS) heeft in 2025 enige vertraging opgelopen. Dit door de implementatie van het nieuwe personeelssysteem AFAS. Begin 2026 is deze implementatie verder opgepakt en deze wordt medio 2026 gerealiseerd. Voor Duurzame Inzetbaarheid is de onderlinge samenhang van de verschillende initiatieven in 2025 versterkt. Daarbij is ook de vindbaarheid van de thema's die hierbij horen gerealiseerd. Formatieomvang De gemiddelde bezetting in 2025 was 316,2 fte (2024: 309,1 fte), waarvan 42,5 fte inhuur (2024: 54,5 fte). Daarmee was de flexschil 13,4% (2024: 17,6%). Ziekteverzuim Vanaf 2026 is de behoefte om meer cijfermatig te sturen op verzuim gerealiseerd door de inrichting van het nieuwe personeelssysteem AFAS.
In dit systeem is gekozen voor direct inzicht bij de manager voor deze cijfers, waardoor zij directe inzage en stuurmogelijkheden hebben. Ook zijn de managers in 2025 verder getraind in gespreksvoering, door het ontwikkeltraject waar zij met elkaar aan deelnemen. Implementatie werkgeversmerk In 2025 is het nieuwe werkgeversmerk van de ODBN succesvol gelanceerd, samen met de nieuwe Werkenbij-website werkenbijodbn.nl. In nauwe samenwerking met team Mens & Organisatie (M&O) is het werkgeversmerk door vertaald in middelen, tone of voice en visuele identiteit. Een gerichte onlinecampagne ondersteunde de introductie en zorgde voor een brede zichtbaarheid van de ODBN als aantrekkelijke werkgever. De campagne is volledig met eigen mensen tot stand gekomen: medewerkers stonden centraal in de fotografie en video’s, wat niet alleen de authenticiteit van het werkgeversmerk versterkte, maar ook de interne trots verder heeft vergroot. De campagne behaalde duidelijke resultaten, waaronder 2.239.475 online impressies, 34.524 kliks naar de website en 37 sollicitaties. Hiermee heeft de campagne aantoonbaar bijgedragen aan zowel de positionering van het werkgeversmerk als de toegenomen zichtbaarheid onder potentiële kandidaten.
Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst
ODBN Jaarstukken 2025
52
Kwaliteitscriteria De ODBN heeft de ambitie dat elke medewerker volledig voldoet aan de criteria van diens deskundigheidsgebied. Daarmee wil de ODBN de kritieke massa vergroten om nog robuuster te zijn ten aanzien van de kwaliteitscriteria. Op 1 januari 2025 zijn de kwaliteitscriteria 3.0 van toepassing geworden. Hierdoor heeft in 2025 net als in 2024 een nulmeting plaatsgevonden. Geconcludeerd is dat de ODBN voldoet aan de kwaliteitscriteria waar een volledige validatie heeft plaatsgevonden. Voor enkele deskundigheidsgebieden kon geen volledige externe validatie plaatsvinden. De ODBN voldoet aan de hand van de kennis van de managers over de betreffende medewerkers ook aan deze deskundigheidsgebieden. Het eindrapport is te lezen op https://odbn.nl/pc-documenten.
Planning en control In 2025 zijn er geen bijzonderheden geweest met betrekking tot de Planning & Control-cyclus zoals we deze met elkaar hebben afgesproken. We hebben ingezet op verdere ontwikkeling van (digitale) verantwoordingsinformatie en op doorontwikkeling van de administratieve organisatie en de interne controle daarop.
Rechtmatigheidsverantwoording
53
Het Dagelijks Bestuur legt verantwoording af over de rechtmatigheid. In 2025 is verder ingezet op het verbeteren van het interne controleplan en zijn verbijzonderde controles structureel opgepakt en vastgelegd. Dit heeft geresulteerd in twee momenten waarop het Dagelijks Bestuur bijgepraat is over de bevindingen uit de interne controles. Hieronder worden de bevindingen rechtmatigheidsverantwoording vermeld waarbij de bevindingen boven de rapportagegrens van € 50.000 uitkomen. De daadwerkelijke verklaring van het bestuur is in hoofdstuk 6 opgenomen. 1a. Overschrijding lasten programma's OMSCHRIJVING BEDRAGEN X € 1.000 Regionale dienstverlening
BEGROTING AFWIJKING NA REKENING RESULTAAT IN % WIJZIGING 3.186
3.638
452
14,2%
MEE TE NEMEN 452
Daarnaast hebben we begin 2025 de beslissing genomen om over te gaan naar een nieuw geïntegreerd HR- en financieel systeem. De implementatie van het HR-gedeelte heeft in de tweede helft van 2025 plaatsgevonden. Dat is op 5 januari live is gegaan. In 2026 wordt ook de implementatie van het financiële systeem opgepakt.
Informatisering en automatisering
Individuele dienstverlening
19.829
20.836
1.007
5,1%
0
TOTAAL LASTEN EXPLOITATIE
23.015
24.473
1.458
0
452
In 2025 heeft de ODBN belangrijke stappen gezet in de verdere digitalisering van de organisatie. Het nieuwe HR-systeem is succesvol geïmplementeerd; de implementatie van het financiële volgt in 2026. De meeste aandacht ging uit naar deze transitie. Daarnaast is de digitale werkplek vernieuwd en is de grootschalige update naar Windows 11 afgerond. Hierdoor kan het gebruik van Citrix verder worden afgebouwd en wordt de nieuwe digitale werkplek optimaal benut. Op VTH-gebied zijn we in 2025 flink belemmerd door frequente storingen in het berichtenverkeer, wat de voortgang van de doorontwikkeling heeft vertraagd. Desondanks hebben we met de ingebruikname van de nieuwe VTH-applicatie een basis gelegd die ruimte biedt voor verdere ontwikkeling. De inspanningen waren vooral gericht op aanpassingen en verbeteringen die de nieuwe manier van werken onder de Omgevingswet ondersteunen.
Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst
TOELICHTING
Hoeft niet gemeld te worden, in artikel 27.1.a van de financiële verordening wordt een minimumafwijking van 10% genoemd. N.B. De overschrijding hier wordt hier vooral veroorzaakt door een hogere doorbelasting van de lonen agv extra inzet in het primair proces. In het totaal van de lonen blijft geld over, er is dus overall geen overschrijding.
De overschrijding van de lasten op Regionale dienstverlening worden veroorzaakt door: ➜ Hogere toegerekende personele lasten. Doordat er meer ingezet is op SPUK THE en SSiB ➜ Storting in de voorziening Voorste Heide. Deze storting is aangekondigd in de 2e bestuursrapportage en is daarmee tijdig gecommuniceerd met het Algemeen Bestuur. Per saldo is deze acceptabel.
ODBN Jaarstukken 2025
54
De overschrijding van de lasten op het programma individuele dienstverlening vallen binnen de spelregels van de 10% overschrijding en worden daarom niet meegenomen als onrechtmatige overschrijding. Ook hier gaat het vooral over een hogere toegerekende personeelskosten agv van de inzet, waarbij er op het totaal van de personeelskosten een onderschrijding is. De ODBN heeft geen apart beleid op het gebied van Misbruik & oneigenlijk gebruik. Deze is vanuit de Kadernota rechtmatigheid ook niet verplicht. Het aantal regelingen dat de ODBN heeft waar derden misbruik van kunnen maken is nihil. Hierdoor is de kans dat er misbruik plaatsvindt met financiële impact voor de organisatie beperkt. Wel is op diverse plaatsen in procesbeschrijvingen aandacht voor de mogelijkheid tot misbruik en oneigenlijk gebruik. Daar waar risico's zijn, zijn deze zo veel mogelijk gemitigeerd of worden controles uitgevoerd om de kans op misbruik te verminderen. In 2025 zijn geen constateringen of vermoedens van misbruik geweest. 1B. Overschrijding Kredieten In de jaarrekening 2025 zijn geen overschrijdingen op de toegekende kredieten geweest.
BEGROTING NA WIJZIGING
REKENING
ONT TREKKING AAN RESERVES
-116
-302
Onttrekking reserve ISV
116
OMSCHRIJVING BEDRAGEN X €1.000
Onttrekking Incidentele projecten: Implementatie HR-systeem Onttrekking Incidentele projecten: Onttrekking AI Poc (Robotisering & AI)
Baten BEGROTING NA WIJZIGING
REKENING
MEE TE NEMEN
REGIONALE DIENST VERLENING
-4.348
-5.160
0
Subsidie SSiB Behoud Boa capaciteit
0
246
Gemeld in de tweede bestuursrapportage
extra bijdrage SSiB PNB
0
217
Gemeld in stuurgroep SSiB en in jaarrekening 2025
Subsidie SSiB WPG Audit
0
14
Onder rapportagegrens én gemeld in jaarrekening
Extra inzet SPUK THE
0
113
Gemeld in tweede bestuursrapportage
Robuustheidssubsidie
0
222
Gemeld in tweede bestuursrapportage
-32.271
-32.146
0
-124
BEDRIJFSVOERING
-562
-1.606
Bijdrage personeel UWV
0
430
Gemeld in tweede bestuursrapportage & jaarrekening
overige baten
0
17
Gemeld in jaarrekening
OMSCHRIJVING BEDRAGEN X €1.000
INDIVIDUELE DIENST VERLENING
2. Reserve mutaties
0
0
91
86
105
VERSCHIL
-186
25
-86
-105
omzet individuele dienstverlening
MEE TE NEMEN
55
3. Mutaties Baten en/of lagere lasten
0 Bandbreedte gemeld in tweede bestuursrapportage 0
0
0
Besluit AB uit 2019, daarmee rechtmatig
0
Besluit bij jaarrekening 2024, daarmee rechtmatig
onderschrijding rentebaten
0
-50
0
Besluit bij jaarrekening 2024, daarmee rechtmatig
Gemeld in tweede bestuursrapportage & jaarrekening
vrijval van balanspost spaaruren
0
140
Gemeld in jaarrekening
Besluit bij jaarrekening 2021, daarmee rechtmatig
vrijval verlofvoorziening 2024
0
484
Gemeld in tweede bestuursrapportage & jaarrekening
Vrijval voorziening RVU
0
23
Gemeld in jaarrekening
-32.833
-32.020
Onttrekking egalisatiereserve SSiB
0
20
-20
0
STORTING IN RESERVES
0
0
0
0
-116
-302
-186
0
0
Voor alle onttrekkingen aan de reserve ligt een besluit van het Algemeen Bestuur aan ten grondslag. Daarmee zijn alle onttrekking rechtmatig.
Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst
ODBN Jaarstukken 2025
56
De hogere baten in programma regionale dienstverlening worden veroorzaakt door de subsidie van groene boa’s en de subsidie WPG-audit. Daarnaast zijn de overgebleven middelen uit voorgaande jaren ingezet als dekking voor de hogere kosten. Op de overige onderdelen binnen regionale dienstverlening is een voordeel aan de batenkant gerealiseerd. Dit wordt veroorzaakt door extra inkomsten uit de Robuustheidssubsidie en de specifieke uitkering THE. Deze afwijkingen zijn in overeenstemming met de spelregels in de financiële verordening tijdig gemeld en tellen niet mee in het onrechtmatig handelen. De lagere omzet in de individuele dienstverlening is in de tweede bestuursrapportage gemeld aan het bestuur. Daarmee past ook deze afwijking binnen de afgesproken kaders en is deze niet onrechtmatig.
OMSCHRIJVING BEDRAGEN X €1.000 REGIONALE DIENST VERLENING Crisisbeheersing
Voorste Heide
De afwijkingen in de baten binnen bedrijfsvoering zijn ontstaan door de UWV gecompenseerde bijzondere verlofsoorten zoals zwangerschapsverlof en geboorteverlof. De hoogte van deze inkomsten zijn lastig te prognosticeren omdat veel variabelen effect hebben op de hoogte en duur van de uitkeringen. Daarom is in de begroting geen rekening gehouden. Doordat deze afwijking in de tweede bestuursrapportage en deze jaarrekening vermeld zijn, zijn deze niet onrechtmatig. Lasten OMSCHRIJVING BEDRAGEN X €1.000
BEGROTING NA WIJZIGING
REKENING
MEE TE NEMEN
REGIONALE DIENST VERLENING
INDIVIDUELE DIENST VERLENING
BEDRIJFSVOERING Diverse afwijkingen binnen bedrijfsvoering
14.181
12.722
0
1.459
Gemeld in tweede bestuursrapportage & jaarrekening 2025
Binnen bedrijfsvoering ontstaat een voordeel op de lasten, deze worden vooral veroorzaakt door lagere loonlasten als gevolg van een lagere bezetting binnen bedrijfsvoering en een hogere doorberekening naar de programma’s. Daarnaast zijn er diverse posten niet volledig tot besteding gekomen, zie ook de toelichting in paragraaf 4.4. Doordat ze tijdig gemeld zijn, in de tweede bestuursrapportage en in de jaarrekening 2025 zijn ze binnen afgesproken kaders en daarmee rechtmatig.
Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst
AI POC
REALISATIE
WAARVAN ACCEPTABEL
-452
-436
437
-7
-7
7
Valt binnen 10% marge, zie artikel 27.1.a
86
Gemeld in de tweede bestuursrapportage blz. 23 & jaarrekening
93
Staan corresponderende baten tegenover uit onttrekking aan de reserve.
-86
-93
MEE NEMEN
-86
-93
TOELICHTING
SSiB
-162
-162
162
Staan extra baten tegenover, vrijval balans/ subsidies/onttrekking reserve
SPUK THE
-91
-91
91
Staan extra baten tegenover, extra omzet
INDIVIDUELE DIENST VERLENING
0
Niets te melden, zie 1a
BEDRIJFSVOERING
0
Niets te melden, zie 1a
MEE TE NEMEN IN TABEL
0
57
Onrechtmatig maar acceptabel
437
De onderschrijding van de lasten op bedrijfsvoering gaat voornamelijk over de personele lasten, hier is het bestuur in de bestuursrapportages al over geïnformeerd. Voorwaardencriterium Vanuit de meeste controles die uitgevoerd zijn, zijn geen bijzonderheden en/of onrechtmatigheden naar voren gekomen. Voor de controle op de inkopen is een Spendanalyse uitgevoerd. Hierbij is per leverancier gekeken wat de totalen aan uitgegeven middelen zijn. Uit de cijferanalyse is één leverancier naar voren gekomen die nader onderzocht is bij de jaarrekeningcontrole en waarvan is geconcludeerd dat het onduidelijk is of deze goed Europees is aanbesteed.
ODBN Jaarstukken 2025
58
LEVERANCIER
OPDRACHT
ONDUIDELIJK 2025
CENTRIC NETHERLANDS
CENTRIC LEEFOMGEVING
€ 183.623
Voor de applicatie Centric Leefomgeving hebben we niet kunnen aantonen dat de aanbesteding van deze applicatie via een Europese aanbesteding is gelopen. Hierdoor hebben we, in afstemming met de accountant, moeten concluderen dat het onduidelijk is of de uitgaven van € 183.623 in 2025 rechtmatig is besteed. Bij de jaarrekening ligt ook een voorstel voor het investeren rondom hyperautomation. In dit voorstel is de vervanging van deze applicatie opgenomen. Deze loopt in 2026/2027. Misbruik en oneigenlijk gebruik De ODBN heeft ervoor gekozen om vooralsnog geen apart beleid te maken voor het aanpakken van misbruik en oneigenlijk gebruik. Het aantal regelingen dat de ODBN heeft waar derden misbruik kunnen maken met een financiële impact voor de ODBN is nihil. In de uitgevoerde werkzaamheden en de verbijzonderde controles zijn ook geen zaken van misbruik en oneigenlijk gebruik geconstateerd. Verbeterpunten rechtmatigheidsverantwoording Vanuit de bevindingen zijn er 2 concrete verbeterpunten te benoemen die in 2026 opgepakt gaan worden. 1. Documentatie inkopen onder de Europese aanbestedingsgrens In de Kadernota rechtmatigheid 2025 is, net als in eerdere jaren opgenomen dat indien de normen uit de Gids Proportionaliteit veelvuldig niet nageleefd worden of slecht gedocumenteerd en/of gemotiveerd zijn, dan moet het Dagelijks Bestuur hierover rapporteren via de paragraaf bedrijfsvoering.
Hoewel we stappen gemaakt hebben met het verduidelijken en het herzien van het interne inkoopbeleid, hebben we hier nog stappen te zetten. Het nieuwe inkoopbeleid is vastgesteld door het Dagelijks Bestuur, dit is ook met de organisatie gecommuniceerd. Begin 2025 hebben we hier trainingen georganiseerd om medewerkers vertrouwd te maken met het nieuwe beleid en dit heeft geleid tot een groter bewustzijn rondom aanbesteden. Toch is er vooral nog winst te behalen in het tijdig starten van de inkooptrajecten waardoor het een en ander beter en soepeler verloopt.
2. Het niet consequent aanpassen van het functietarief bij personele mutaties Het financiële systeem van de ODBN is zo ingericht dat aan elke medewerker het functionele tarief hangt van de functie waarin de medewerker zijn werkzaamheden uitvoert. Het systeem kent daarin geen tijdvakken, er kan dus steeds maar een tarief aan een medewerker gekoppeld zijn. Dit geeft uitdagingen wanneer een collega binnen een boekjaar van functie wijzigt. Deze wijzigingen moeten leiden tot een handmatige aanpassing van het tarief, waarbij het systeem dan voor het hele boekjaar met dat tarief rekent. Hierop is een werkwijze ontwikkeld waardoor dit soort mutaties toch mogelijk zijn. Deze is zeer gevoelig en vraagt grote alertheid. In 2024 zijn uit deze controles diverse afwijkingen naar voren gekomen en deze is daarom ook opgenomen in de verantwoording in de jaarrekening. In 2025 hebben we hier op gehandeld door de controlefrequentie op te voeren naar maandelijks. Dit heeft geleid tot een daling van het aantal bevindingen. Er zijn nog 2 grotere bevindingen gedaan, die te maken hebben met een mutatie die met terugwerkende kracht is doorgevoerd. Deze afwijkingen konden handmatig in de eindopstelling gecorrigeerd worden en leiden daardoor niet tot een cijfermatig verschil in de jaarrekening.
Business Intelligence (BI) In overeenstemming met de begroting is er ingezet op meer data gedreven werken, met focus op datakwaliteit, automatiseringsmogelijkheden, samenhangende en efficiëntere applicaties en een toekomstbestendig informatielandschap, in lijn met ODNL-ontwikkelingen. Additioneel daaraan is AI een belangrijk thema geworden, waarbij we kiezen voor een nuchtere, praktische benadering en dus zorgvuldig verkennen welke concrete en verantwoorde ondersteuning AI kan bieden aan onze werkzaamheden en ambities.
Voor het inkopen van externe arbeidskrachten zijn de procedures en de richtlijnen in 2025 verder aangescherpt. Hierdoor zien we in deze inkopen dat dit beter geregeld en gedocumenteerd is.
Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst
ODBN Jaarstukken 2025
59
60
Informatieveiligheid In 2025 heeft de ODBN gericht geïnvesteerd in het op orde brengen van het basisniveau voor informatiebeveiliging, zodat deze voldoet aan de nieuwste standaarden. Deze investeringen waren noodzakelijk vanwege de toenemende en steeds complexere vormen van cybercriminaliteit. Naast technische maatregelen is er veel aandacht besteed aan het vergroten van de bewustwording onder medewerkers op het gebied van informatieveiligheid en privacybescherming. Voor managers was er specifieke aandacht voor hun veranderde rol binnen de kaders van de NIS2-richtlijn. Het Dagelijks Bestuur is gedurende het jaar geïnformeerd over de voortgang en de stand van zaken rondom informatieveiligheid binnen de organisatie. De ODBN heeft in 2025 te maken gehad met incidenten rondom informatieveiligheid, zoals phishing, hacks en datalekken. In het voorjaar van 2025 heeft er een hackaanval plaatsgevonden. Dit is door alert optreden van medewerkers snel gesignaleerd. De hackaanval kon daardoor met succes worden afgeslagen.
2.4
Paragraaf Openbaarheid
61
Inleiding De Wet open overheid (Woo) legt aan bestuursorganen een aantal verplichtingen op. Categorieën van informatieverplichtingen treden komende jaren in tranches in werking. Ontwikkelingen worden op de voet gevolgd. De wet vereist o.a. dat in de begroting en de jaarrekening wordt aangegeven hoe omgegaan wordt met de bepalingen uit de Woo. Woo contactfunctionaris Informatie over hoe ODBN invulling geeft aan de Woo is verzameld in de landelijke Wooindex. Er is een Woo-contactfunctionaris aangewezen die zowel telefonisch als per mail (Woocontactpersoon@ odbn.nl) bereikbaar is voor algemene vragen over de Woo. Passieve openbaarmaking De ODBN ontving de afgelopen jaren gemiddeld 1 à 2 Woo-verzoeken per jaar. In 2025 ontving ODBN één (doorgezonden) Woo-verzoek: Verzocht werd om openbaarmaking van alle stukken waaruit zou blijken dat buitengewoon opsporingsambtenaren (BOA's) aanwijzingen hebben ontvangen om het Handelingskader politie op mannen ontmoetingsplaatsen te negeren om daarmee de activiteiten op een homo-ontmoetingsplaats (HOP) te verstoren. Het verzoek werd afgewezen omdat ODBN niet beschikt over dergelijke documenten. ODBN heeft voor het actief openbaar maken van Woo-verzoeken binnen het publieksportaal voor bestuurlijke informatie een platform ingericht. Het geanonimiseerde Woo-verzoek en -besluit zijn daar voor eenieder in te zien.
Woo-verzoeken die wij in mandaat afhandelen namens onze deelnemers blijven in dit jaarverslag buiten beschouwing. Voor die Woo-verzoeken geldt namelijk dat niet het Dagelijks Bestuur van de ODBN het bevoegde bestuursorgaan is, maar het college van de deelnemer namens wie wij dit Woo-verzoek afhandelen. Actieve openbaarmaking Per 1 november 2024 is de eerste tranche van de Woo in werking getreden op grond waarvan overheidsorganisaties de eerste vijf informatiecategorieën verplicht openbaar moeten maken. Het gaat het om informatie over de organisatie, de werkwijze (waaronder de taken en bevoegdheden) en de bereikbaarheid van het bestuursorgaan en haar organisatieonderdelen. ODBN voldoet aan deze verplichtingen. De tweede tranche van de Woo is nog niet in werking getreden. ODBN heeft hierop in 2025 geanticipeerd door actieve bekendmaking van agenda’s en besluitenlijsten van de bestuursorganen (Algemeen Bestuur en Dagelijks Bestuur), begroting en jaarverslag en Woo-verzoeken en -besluiten. Ter voorbereiding op volgende tranches heeft ODBN in februari 2025 deelgenomen aan de Woomatch (georganiseerd door VNG, BHIC en gemeente Bernheze), met als doel de organisatie inzicht te geven of per Woo categorie de processen, personen en de techniek op orde zijn.
Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst
ODBN Jaarstukken 2025
62
PROGRAMMA 3 | BEDRIJFSVOERING 1. STICHTING BUREAU INKOOP EN AANBESTEDING ZUIDOOST-BRABANT
2.5 Paragraaf Verbonden Partijen
Bestuurlijk belang
Publiek Belang
Stichting Bizob ondersteunt diverse lokale overheden in NoordBrabant met het professioneel inkopen. Ze bieden expertise op het gebied van het inkoopproces, ondersteunen in het inkoopproces en initiëren samenwerking in aanbestedingen onderling. Via het ‘Gremium van belanghebbenden’ kan de ODBN invloed uitoefenen op de koers van de Bizob. Naast het publieke belang heeft de ODBN een contractrelatie met de stichting voor het afnemen van capaciteit.
Algemene visie op en beleidsvoornemens over inschakelen van de verbonden partij
Het interne inkoop- en aanbestedingsbeleid waarborgt de naleving van wet- en regelgeving, een doelmatige inkoop en bestuurlijke integriteit. Het inkoopbeleid gaat uit van de algemene beginselen van behoorlijk bestuur: openheid, objectiviteit en zorgvuldigheid. Door gebruik te maken van objectieve voorwaarden, kunnen gemeenten de keuze voor een leverancier verantwoorden. Deze helderheid biedt ook voordelen voor ondernemers, die weten waar ze aan toe zijn. In het interne inkoopbeleid gaat uit van het inschakelen van de expertise van Stichting Bizob bij inkopen vanaf € 50.000.
Partijen
Diverse gemeenten en andere publiekrechtelijke lichamen
Bestuurlijk belang
Een bestuurslid van de ODBN wordt aangewezen om ODBN te vertegenwoordigen in de vergadering van aangeslotenen van BIZOB.
Financieel belang
De ODBN draagt jaarlijks bij aan de exploitatie van Bizob via een bedrag per afgenomen dag. De bijdrage voor 2025 was € 79.907,50.
In deze paragraaf nemen we de verbonden partijen op waar de ODBN een bestuurlijk belang heeft. Dit wil zeggen dat er een mate van zeggenschap is door de ODBN, hetzij uit hoofde van vertegenwoordiging in het bestuur hetzij uit hoofde van stemrecht.
Financieel belang Betreft een aan de verbonden partij ter beschikking gesteld bedrag dat niet verhaalbaar is als de verbonden partij failliet gaat onderscheidenlijk het bedrag waarvoor aansprakelijkheid bestaat indien de verbonden partij haar verplichtingen niet nakomt. Bij deelname in een vennootschap betreft het financiële belang het bezit van aandelen en het ontvangen van bijbehorend dividend. De ODBN is per 1 juli 2019 aangesloten bij het Bureau Inkoop en Aanbesteding Zuidoost-Brabant (Bizob). Daarmee is Bizob, volgens de letter van de wet, de enige officiële verbonden partij van de ODBN. In onderstaande overzicht wordt nader ingegaan op de verbonden partij “Bizob”.
Eigen vermogen: per 1-1-2024 € 1.302.202 per 31-12-2024 € 1.943.604 Financiële informatie
Vreemd vermogen: per 1-1-2024: € 1.973.315 er 31-12-2024: € 1.831.769 Resultaat 2024: € 1.343.481
Eventuele risico's
Niet van toepassing
In bovenstaande tabel zijn de cijfers over 2024 opgenomen. De gegevens over 2025 zijn nog niet bekend. Daarnaast kent de ODBN de volgende organisaties waarmee een intensieve samenwerkingsrelatie wordt onderhouden:
Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst
ODBN Jaarstukken 2025
63
64
➜ De deelnemers van ODBN: de 10 gemeenten (Gemeente Bernheze, Gemeente Boekel, Gemeente Boxtel, Gemeente Maashorst, Gemeente Meierijstad, Gemeente Land van Cuijk, Gemeente Oss, Gemeente ’s-Hertogenbosch, Gemeente Sint-Michielsgestel en Gemeente Vught) in de regio Noordoost-Brabant en de provincie Noord-Brabant. ➜ De twee collega-omgevingsdiensten die actief zijn binnen Noord-Brabant; de Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant (OMWB) en de Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant (ODZOB). ➜ De deelnemers in het kader van Samen Sterk in Brabant (SSiB); te weten Natuurmonumenten, Staatsbosbeheer, Brabant Landschap, Brabant Water, Evides, Waterschap Aa en Maas, Waterschap De Dommel, Waterschap Brabantse Delta en Waterschap Rivierenland. ➜ Omgevingsdienst NL, dit is de vereniging van directeuren van omgevingsdiensten in Nederland. Voor het lidmaatschap wordt een contributie betaald, er wordt expertise ingewonnen bij de ODNL maar ook expertise geleverd, tevens zijn er projecten die voor de ODNL uitgevoerd worden. Verder lopen een aantal subsidiestromen via Omgevingsdienst NL naar de omgevingsdiensten. Er is een transitie in voorbereiding van een vereniging van directeuren naar een vereniging van omgevingsdiensten waarin de omgevingsdiensten zelf een rol gaan spelen. Indien besloten wordt tot de deelname, dan zal ODNL ook als verbonden partij opgenomen worden in bovenstaand overzicht.
Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst
2.6 Niet van toepassing zijnde paragrafen
65
Voor de ODBN zijn de onderstaande, in de het BBV voorgeschreven, paragrafen niet van toepassing: ➜ Paragraaf Lokale Heffingen ➜ Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen ➜ Paragraaf Grondbeleid.
ODBN Jaarstukken 2025
66
II Jaarrekening 2025
Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst
67
ODBN Jaarstukken 2025
68
3 Overzicht
69
De balans met toelichting geeft informatie over de omvang en samenstelling van het vermogen (verschil tussen bezittingen en schulden) van de ODBN aan het einde van dit boekjaar en de ontwikkelingen die hebben plaatsgevonden gedurende het jaar. De bezittingen en de vorderingen worden weergeven aan de activa zijde van de balans, die bestaat uit vaste en vlotte activa. Aan de passivazijde van de balans staan de schulden en het eigen vermogen.
3.1 Balans per 31 december 2025 Hieronder is de balans per 31 december 2025 opgenomen voor bestemming van het resultaat van 2025. 31-12-2025
31-12-2024
Materiële vaste activa
1.032
1.091
Investeringen met economisch nut
1.032
1.091
ACTIVA | BEDRAGEN IN € 1.000
31-12-2025
31-12-2024
Eigen vermogen
10.619
8.903
Algemene reserves
2.062
1.852
Bestemmingsreserves
6.539
6.091
Rekening resultaat
2.018
959
Voorzieningen
6.780
6.506
Langlopende schulden
0
0
Onderhandse leningen BWS
0
0
17.399
15.408
Schulden met een rente typische looptijd korter dan een jaar
1.675
5.768
Overige schulden (Crediteuren)
1.613
5.740
Overige schulden (rekening couranten)
0
0
Tussenrekeningen Salarissen
61
29
Overlopende passiva
2.546
1.279
Verplichtingen
2.410
667
Vooruit ontvangen bedragen EU en NL overheidslichamen
137
612
Overige vooruit ontvangen bedragen
0
0
TOTAAL VLOT TENDE PASSIVA
4.221
7.047
TOTAAL GENERAAL
21.620
22.456
VASTE PASSIVA | BEDRAGEN IN € 1.000 VASTE PASSIVA
VASTE ACTIVA TOTAAL VASTE PASSIVA
VLOT TENDE PASSIVA TOTAAL VASTE ACTIVA
1.032
1.091
VLOT TENDE ACTIVA 19.431
20.896
Vorderingen op openbare lichamen
1.029
1.061
Rekening-courantverhoudingen Rijk
18.402
19.835
Overige vorderingen
0
0
Liquide middelen
201
300
Banksaldi
201
300
Overlopende activa
956
168
Nog te ontvangen bedragen
660
1
Vooruitbetaalde bedragen
296
167
Te verrekenen bedragen
0
0
TOTAAL VLOT TENDE ACTIVA
20.588
21.365
TOTAAL GENERAAL
21.620
22.456
Uitzettingen met een rente typische looptijd korter dan een jaar
Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst
Voor een toelichting op de verschillende onderdelen van de balans verwijzen we naar 4.2.
ODBN Jaarstukken 2025
70
71
3.2 Baten en lasten OMSCHRIJVING BEDRAGEN X €1.000
REKENING 2024
BEGROTING 2025
BEGROTING NA WIJZIGING 2025
LASTEN Regionale dienstverlening en collectieve ontwikkelingen
3.933
3.186
3.186
3.638
Individuele dienstverlening
19.459
20.767
19.829
20.835
Bedrijfsvoering
11.159
14.001
14.181
12.721
0
100
100
0
34.551
38.054
37.296
37.194
Onvoorzien TOTAAL LASTEN EXPLOITATIE
OMSCHRIJVING BEDRAGEN X €1.000
REKENING 2024
BEGROTING 2025
REKENING 2024
BEGROTING 2025
BEGROTING NA WIJZIGING 2025
REKENING 2025
Totale lasten exploitatie
34.551
38.054
37.296
37.194
Totale baten exploitatie
35.185
37.938
37.180
38.912
RESULTAAT VOOR BESTEMMING
632
-116
-116
1.717
Onttrekking aan reserves
524
-116
116
302
Storting in reserves
-197
0
0
0
1.354
-231
0
2.018
OMSCHRIJVING BEDRAGEN X €1.000
REKENING 2025
RESULTAAT NA BESTEMMING
3.3 Recapitulatie resultaat
BEGROTING NA WIJZIGING 2025
REKENING 2025
REKENING 2024
BEGROTING 2025
BEGROTING NA WIJZIGING 2025
REKENING 2025
VERSCHIL
Totale lasten
34.551
38.054
37.296
37.194
102
V
Totale baten
35.185
37.938
37.180
38.912
1.731
V
SALDO VAN BATEN EN LASTEN
632
-116
-116
1.717
1.833
V
Storting in reserves
-197
0
0
0
0
V
Onttrekking uit reserves
524
-116
116
302
186
V
1.354
-231
0
2.018
2.018
V
0
0
0
0
0
V
1.354
-231
0
2.018
2.018
V
OMSCHRIJVING BEDRAGEN X €1.000
BATEN Regionale dienstverlening en collectieve ontwikkelingen
4.779
4.348
4.348
5.160
Individuele dienstverlening
29.220
33.029
32.271
32.146
Bedrijfsvoering
1.186
562
562
1.606
35.185
37.938
37.180
38.912
TOTAAL BATEN EXPLOITATIE
RESULTAAT VÓÓR BELASTING Vennootschapsbelasting (n.v.t.) RESULTAAT NA BELASTING
Het resultaat van de jaarrekening 2025 sluit met een positief incidenteel saldo van € 2.018.000. Dit betreft het saldo van alle baten en lasten, inclusief mutaties reserves zijn vermeld in de jaarrekening 2025.
Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst
ODBN Jaarstukken 2025
72
73
3.4 Onderverdeling lasten naar overhead en programma’s TOTAAL LASTEN BEDRAGEN X €1.000
REKENING 2024
BEGROTING 2025
BEGROTING NA WIJZIGING 2025
3.5 Tarief op basis van nacalculatie BEREKENING UURTARIEF 2025
REKENING 2025
PROGRAMMA’S
BEDRIJFS VOERING
Personeel en inhuur
27.685
31.431
30.760
30.034
23.134
6.900
Opleiding en loopbaanbegeleiding
933
1.041
1.057
951
760
191
Dienstreizen & woonwerkverkeer
466
444
444
543
434
109
Overige personele kosten
565
565
585
581
464
117
Organisatie
260
261
239
178
142
36
Huisvesting
767
789
789
803
0
803
Kantoor
89
138
138
95
0
95
Informatisering / automatisering
2.072
1.986
1.986
2.345
0
2.345
Vervoermiddelen
243
272
275
261
213
49
Extern onderzoek / advies
46
291
291
96
0
96
Overige kosten
1.308
736
632
1.306
1.049
256
SUBTOTAAL
34.434
37.954
37.196
37.194
26.196
10.490
0
100
100
0
0
0
34.434
38.054
37.296
37.194
26.196
10.490
Onvoorzien TOTAAL LASTEN
Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst
PROGRAMMA'S
OVERHEAD
Totaal lasten
26.196.999
10.997.184
37.194.183
Rentebaten
-409.467
-102.771
-512.238
Lasten/baten niet gedekt door uren
3.924.247
1.341.236
5.265.483
21.863.286
9.553.176
31.416.462
Gerealiseerde declarabele uren
284.305
284.305
GEMIDDELD TARIEF 2025
€ 76,90
€ 33,60
TOTAAL LASTEN TE DEKKEN VIA TARIEVEN
TOTAAL
€ 110,50
Op basis van het nacalculatorisch tarief komt het aandeel overhead uit op 30,4%. Dit is lager dan de vastgestelde KPI van 34%.
ODBN Jaarstukken 2025
74
4 Toelichting op den balans
4.1 Waarderingsgrondslagen jaarrekening Algemeen Wet- en regelgeving De jaarrekening is opgemaakt in overeenstemming met het ‘Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten’ (BBV) en de Financiële verordening Omgevingsdienst Brabant Noord 2025. In de financiële verordening zijn de uitgangspunten voor het financiële beleid, en ook de regels voor het financiële beheer en voor de inrichting van de financiële organisatie zijn vastgesteld. De in de onderhavige jaarrekening gehanteerde grondslagen voor waardering en resultaatbepaling zijn gebaseerd op de veronderstelling van continuïteit van de gemeenschappelijke regeling. Algemene grondslagen voor de Rechtmatigheidsverantwoording De in de jaarrekening opgenomen rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld op basis van de kaders zoals besloten in de financiële verordening en op basis van de kadernota rechtmatigheid. Dat betekent dat: ➜ De rechtmatigheidsverantwoording toeziet op de financiële rechtmatigheid van baten, lasten, balansmutaties, en ook de baten en lasten over de specifieke uitkeringen op grond van art.
17 Financiële-verhoudingswet; ➜ De financiële rechtmatigheid waaronder het voorwaardencriterium, het begrotingscriterium en het misbruik & oneigenlijk gebruik criterium omvat: - Voor het voorwaardencriterium bestaat de norm uit het normenkader zoals door het Algemeen Bestuur is vastgesteld op 5 november 2025; - Voor het begrotingscriterium geldt dat alle overschrijdingen van lasten en investeringskredieten onrechtmatig zijn, waarbij voor een aantal scenario’s in de financiële verordening is beschreven wanneer deze overschrijdingen acceptabel zijn. Voor over- en onderscheidingen van baten, onderschrijdingen van lasten en onderschrijdingen van investeringskredieten geldt dat deze als onrechtmatig zijn aangemerkt indien ze niet tijdig aan het Algemeen Bestuur zijn gemeld. - Ten aanzien van het M&O criterium is de memo M&O van onze organisatie leidend bij het voorkomen en opsporen van misbruik en oneigenlijk gebruik. Omdat alleen bij misbruik sprake is van een onrechtmatigheid zijn eventuele gevallen van misbruik (mits cumulatief met andere fouten of onduidelijkheden boven de verantwoordingsgrens) opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording.
Samen werken aan een schone en veilige leefomgeving, nu en in de toekomst
75
➜ De rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld binnen de kaders van de kadernota rechtmatigheid 2025 van de Commissie BBV en ook onze eigen financiële verordening. Dit betekent dat: - Een verantwoordingsgrens van 2% is gehanteerd waarboven cumulatieve fouten en onduidelijkheden in de rechtmatigheidsverantwoording worden opgenomen; - Een rapporteringstolerantie van € 50.000 is gehanteerd waarboven fouten en onduidelijkheden in de paragraaf bedrijfsvoering worden opgenomen. Waardering van activa en passiva De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats op basis van historische kosten.
Activa Vaste activa De activa zijn onder te verdelen in immateriële, materiële en financiële vaste activa. Immateriële vaste activa De ODBN bezit geen immateriële vaste activa. Materiële vaste Activa De materiële vaste activa worden gewaardeerd tegen verkrijgings- of vervaardigingsprijs, verminderd met de van derden ontvangen investeringsbijdragen en afschrijvingen. De verkrijgingprijs bestaat uit de inkoopprijs en de bijkomende kosten. De vervaardigingprijs omvat de aanschaffingskosten van het product of dienst en de overige kosten die rechtstreeks aan de vervaardiging kunnen worden toegekend. Afschrijving vindt lineair plaats op basis van de geschatte economische levensduur. Specifieke investeringsbijdragen van derden worden op de desbetreffende investering in mindering gebracht. In het jaar na afronden van de investering wordt de afschrijving gestart. In basis wordt afgeschreven naar een restwaarde van € 0. Voor het volledige afschrijvingsbeleid wordt doorverwezen naar de financiële verordening 2025.
ODBN Jaarstukken 2025
76
77
De volgende afschrijvingstermijnen zijn gehanteerd: TYPE ACTIVA
Als dergelijke indicaties aanwezig zijn, wordt de realiseerbare waarde van het actief geschat. De realiseerbare waarde is de hoogste van de bedrijfswaarde en de opbrengstwaarde. Als het niet mogelijk is de realiseerbare waarde te schatten voor een individueel actief, wordt de realiseerbare waarde bepaald van de kasstroom genererende eenheid waartoe het actief behoort.
AFSCHRIJVINGSTERMIJN
Voorzieningen aan gebouwen
10 jaar
Kantoormeubilair
10 jaar
ICT-hardware
5 jaar
Aanschaf laptops
3 jaar
Aanschaf telefoons
3 jaar
Wanneer de boekwaarde van een actief (of een kasstroom genererende eenheid) hoger is dan de realiseerbare waarde, wordt een bijzonder waardeverminderingsverlies verantwoord voor het verschil tussen de boekwaarde en de realiseerbare waarde. Indien sprake is van een bijzonder waardeverminderingsverlies van een kasstroom genererende eenheid, wordt het verlies allereerst toegerekend aan goodwill die is toegerekend aan de kasstroom genererende eenheid. Een eventueel restant verlies wordt toegerekend aan de andere activa van de eenheid naar rato van hun boekwaarden.
Investeringen in 2025
NAAM KREDIET
OORSPRONKELIJK KREDIET CF BEGROTING
OPENSTAAND KREDIET 2025
REALISATIE 2025
Aanschaf laptops 2025
50.000
50.000
49.678
322
Afsluiten
Aanschaf telefoons/ mobiele devices 2025
50.000
50.000
41.735
8.265
Afsluiten
Huisvesting: Audiovisuele middelen
75.000
54.017
53.500
517
Afsluiten
Huisvesting: Aanschaf Meubilair
70.000
70.000
63.322
6.678
Afsluiten
Vervanging vloerbedekking
50.000
4.508
1.472
3.036
Afsluiten
295.000
228.525
209.707
18.818
TOTAAL INVESTERINGEN
RESTANT 2025
AFSLUITEN OF OVERHEVELEN?
Financiële vaste activa De ODBN bezit geen financiële vaste activa. Bijzondere waardeverminderingen van vaste activa Voor vaste activa wordt op iedere balansdatum beoordeeld of er aanwijzingen zijn dat deze activa onderhevig zijn aan bijzondere waardeverminderingen.
Verder wordt op iedere balansdatum beoordeeld of er enige indicatie is dat een in eerdere jaren verantwoord bijzonder waardeverminderingsverlies is verminderd. Als een dergelijke indicatie aanwezig is, wordt de realiseerbare waarde van het betreffende actief (of kasstroom genererende eenheid) geschat. Terugneming van een eerder verantwoord bijzonder waardeverminderingsverlies vindt alleen plaats als sprake is van een wijziging van de gehanteerde schattingen bij het bepalen van de realiseerbare waarde sinds de verantwoording van het laatste bijzonder waardeverminderingsverlies. In dat geval wordt de boekwaarde van het actief (of kasstroom genererende eenheid) opgehoogd tot de geschatte realiseerbare waarde, maar niet hoger dan de boekwaarde die bepaald zou zijn (na afschrijvingen) als in voorgaande jaren geen bijzonder waardeverminderingsverlies voor het actief (of kasstroom genererende eenheid) zou zijn verantwoord.’