CConstaterende dat's-Hertogenbosch
Koppel je AI →
Document · PDF

Notulen raadsvergadering 2025-05-21

Gemeenteraad 3 juni 2025, gemeente 's-HertogenboschBij agendapunt: Goedkeuring notulen van de openbare raadsvergaderingen van de gemeenteraad van 7, 8, 20 en 21 mei 202524.109 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Uiteraard hebben wij ook gezien dat het rapport van Urgenda beschikbaar is, u hebt daar ook artikel 71-vragen over gesteld en we zullen u de antwoorden daarop medio juni a.s. doen toekomen. De heer KAGIE: De heer Roy Geers is ook wethouder Verkeer en op 20 mei jl. kwam ook de stand der dingen als het gaat over de verkeersluwe en bereikbare binnenstad met moties van de heer Verbruggen en de heer Van Genugten als grondslag van 2020 en 2021… Een vraag. Is het selectieve toegangssysteem operationeel zoals u dat hebt toegezegd in de vergadering van 16 april 2024? Wethouder ROY GEERS: We hebben in januari 2025 de eerste bebording neergezet en aangegeven dat we dat systeem invoeren. We hebben ook gezegd dat dit na de winkeltijden van 14

toepassing is. We zijn inmiddels bezig met de werking van het systeem en het versturen van de waarschuwingsbrieven. Binnenkort wordt de volgende fase ingezet, waarin we ook de beboeting inzetten. De heer KAGIE: En dat binnenkort is? Wethouder ROY GEERS: Dat vind ik een technische vraag, maar in mijn beleving is dat op 6 juni a.s. De heer VAN CREIJ: Ik heb in mijn bijdrage op 20 mei jl. gevraagd wat de stand van zaken met betrekking tot de oostelijke ontsluitingsweg is omdat we daarin buiten wat we al in de begroting hebben gedaan nu toch weer € 150.000 extra investeren. Dus wat is de stand van zaken? Wethouder ROY GEERS: Excuus, ik heb die vraag op 20 mei jl. niet gehoord, ik dacht dat u toen een ander betoog hield. De stand van zaken is dat we, zoals we u ook recent in het raadsinformatiebulletin hebben geïnformeerd, de verschillende varianten via de expertteamoverleggen en de omgevingsdialogen uitwerken en dat we rond de zomer met een zomerbericht bij u terugkomen. De PLV. VOORZITTER: U was klaar? Mevrouw Van der Sloot. We hebben nog ongeveer zes minuten voor twee wethouders. Wethouder VAN DER SLOOT: Dat komt helemaal goed voorzitter want deze twee wethouders kregen allebei één vraag en dat is helemaal mooi. Die van mij ging over voetbal. Ik ben altijd blij als er ook voetballiefhebbers in deze raad zijn. Dat zagen we op 20 mei jl.

ook of juist niet, maar fijn dat u er vanavond weer bent. Het is een spannend voetbalseizoen hier in onze gemeente. We weten niet of OJC kan handhaven en bij Nulandia was het het afgelopen weekend 0-0, dat weet u allemaal, geen kampioenschap. Wat dat betreft is het wel wat spannend. Dordrecht heeft net gewonnen van Willem II, daar bent u ook van op de hoogte en anders vertel ik het nu. Met andere woorden, het is best spannend hoe het met onze eigen jongens van FC Den Bosch zal gaan en dat zullen we op 23 mei a.s. weten als we ook de wedstrijd tegen Telstar hebben gespeeld. Het was natuurlijk 0-0 toen wij hier op 20 mei jl. tot laat zaten en wij gaan er zeker van zijn dat onze jongens dat gaan winnen. Anders worden het penalty's en dat wordt ook spannend, maar goed ik kan hier nog een avond over doorpraten. Ik begrijp heel goed dat de heer Van Hattem net zo'n groot supporter en fan is als ik en dat doet mij goed. Uw vraag was ook: wat als het goed gaat? Ik ga ervan uit dat het goed gaat en daarom zijn wij als gemeente al in gesprek. We zijn overigens goed in gesprek en ook in verbinding met de club en vertegenwoordigers van de aandeelhouders, dat zijn we al langere tijd, dat heeft niets te maken met deze positieve berichten. Uiteraard onderzoeken we alle scenario's die er zijn richting de promotie tot de huldiging en de platte kar aan toe.

U kunt er zeker van zijn dat wij daarmee bezig zijn. De heer VAN HATTEM: Mevrouw was heel specifiek en goed om te horen dat het college daarmee bezig is, maar we bespreken natuurlijk de voorjaarsnota en ook de financiële vooruitblik. We zitten met een stadion waarvan de oost-tribune best gedateerd is, om het enigszins eufemistisch uit te drukken. Is er gelet op de voorjaarsnota van de gemeente een investering te verwachten waar wij als raad gewoon rekening mee zouden moeten houden, is daar al iets over te zeggen of is dat volstrekt niet aan de orde? Dan weten we ook hoe daar... Wethouder VAN DER SLOOT: Ik denk dat het dan ook goed is om dingen te splitsen. Als je het echt hebt over noodzakelijke investeringen die je moet doen als je promoveert, dan moet er weer gras in komen, dan moeten dat soort zaken gebeuren en daar zijn we nu ook daadwerkelijk over in gesprek. Als u het hebt over een tribune dan maakt het niet uit of je promoveert of niet en u hebt gelijk, daar moet ook wat mee gebeuren. Het goede nieuws is dat we ook daarover in gesprek zijn en als er een vraag naar deze zaal zou moeten komen dan komen we daar zeker mee langs, maar op dit moment zijn we vooral echt nog goed met de FC aan het onderzoeken en aan het spreken over de scenario's. De PLV. VOORZITTER: Bent u klaar met uw bijdrage mevrouw Van der Sloot? Dan heeft de heer Slikker nog vier minuten.

15

Wethouder SLIKKER: Die verwacht mijnheer Slikker niet nodig te hebben. Over een minder leuk onderwerp dan over de promotie van de FC, namelijk over Q-koorts, de terechte vraag van de fractie van het CDA. Zeventien jaar geleden brak Q-koorts uit, ook in Den Bosch, en honderden inwoners hebben daar last van, je ziet dat mensen tot op de dag van vandaag echte forse klachten in hun energie en in hun gezondheid ondervinden. De vraag was wat we in de ondersteuning doen en of er eventueel wat meer kan. We hebben deze periode weer de jaarlijkse bijeenkomst met Qsupport en de inwoners die zijn getroffen in het leven geroepen, ik heb hen twee maanden geleden weer gesproken. We hebben de WMO-consulenten van deze stad erbij om met hen het gesprek aan te gaan over wat er beter kan in het maatwerk in de WMO of het nou kinderopvang, huishoudelijke hulp of mantelzorgondersteuning en dergelijke betreft. We zijn met Question in gesprek over het rapport van de Ombudsman, wij zijn een van de gemeenten die bij de landelijke lobby betrokken is en recent waren we in gesprek met een wetenschappelijk onderzoeksbureau dat voor twee gemeenten, te weten Den Haag en Den Bosch, gaat kijken hoe we het beter kunnen doen voor zowel de groep die is getroffen door Long COVID als de groep die is getroffen door Q-koorts.

De Ombudsman zegt terecht dat de overheid een ereschuld heeft naar de getroffen inwoners die niet wisten wat hen overkwam. De overheid heeft echt niet altijd goed gehandeld, dat moeten het rijk en gemeenten nog steeds beter doen. Daarin zetten we echt een stap vooruit, maar daarbij hebben we ook het rijk nog steeds nodig. De heer VAN GENUGTEN: Ik ben blij te horen wat er allemaal gebeurt. Ik richtte me in mijn betoog niet alleen tot de Q-koortspatiënten, maar ook tot de Long COVID-gevallen. Geldt daar iets soortgelijks voor? Kunt u daar misschien nog iets meer over zeggen? Wethouder SLIKKER: Ook voor de Long COVID-groep geldt natuurlijk dat we in de WMO maatwerk betrachten en ook daar gaat het onderzoek nou juist over: waar zien we de maatschappelijke uitval van Long COVID? Iets waarin Brabant natuurlijk optrekt met juist die Qkoortsslachtoffers omdat ze een vergelijkbare aandoening en klachten hebben. Dus hierin trekken we met elkaar op. Mevrouw MULLER: Ik heb nog een vraag over de jeugdzorg omdat we zorgen hebben over de kosten die blijven toenemen en omdat we natuurlijk niet weten wat er in de toekomst met het advies van de commissie-Van Ark gaat gebeuren.

Wanneer is het moment aangebroken waarop u zegt 'we moeten een scenario gaan voorbereiden waarin we minder financiële middelen en minder personeel hebben of we moeten een afwerkingskader gaan maken', wanneer is dat moment voor het college daar? Wethouder SLIKKER: Ik heb een flashback naar het debat in 2024, toen zei ik ook al dat dit moment eigenlijk al is geweest. We zijn ons aan het voorbereiden op een scenario waarin het rijk ons te weinig geld geeft om de taken in de jeugdzorg uit te voeren, gecombineerd met het feit dat we het in de jeugdzorg echt anders willen doen, een voorliggende voorziening, beschikkingsloos aanbod, gewoon in wijken, gewoon op scholen. Dat zijn we aan het doen met groen, met de gezinsadvocaat en met de Bossche scholen. Daar zien we ook de resultaten van en daarmee komen we in het najaar van 2025 terug naar de raad. We zijn ook in gesprek met de werkgroep bij de commissie Sociaal, ook weer een werkbezoek aan het organiseren voor groen voor u. De cijfers over het rapport Van Ark zijn inmiddels al wel langzaamaan bekend. We hoopten natuurlijk, dat was de inzet van de VNG, dat van kaft tot kaft inclusief de euro's zou worden overgenomen, maar dat is niet gebeurd. Het rijk heeft gezegd dat er tot 2028 financiële middelen bij de jeugdzorg komen, maar daarna staat nog steeds een stevige bezuiniging in de boeken.

Dat betekent dat we het in Den Bosch, collega Van der Geld zei het al, financieel solide doen, dat we tot 2028 in het Sociaal Domein nog steeds positieve cijfers schrijven, maar vanaf 2028 rode cijfers in de wetenschap dat weer aan de commissie-Van Ark is gevraagd om in 2027 een nieuw advies inclusief de financiën uit te brengen. We staan eigenlijk weer op hetzelfde punt want het rijk doet weer wat het de vorige keer ook deed, het blikje vooruitschoppen. Mevrouw MULLER: We doen van alles en dat weet ik ook, maar de vraag is: is dat genoeg omdat de kosten blijven stijgen en het Sociaal en Zorgfonds gaat leeglopen? Wethouder SLIKKER: We kunnen die vraag onmogelijk beantwoorden omdat we niet weten wat de rijksfinanciering doet. We kennen wel de inzet van alle Nederlandse gemeenten, we kennen het stevige rapport van de deskundige commissie-Van Ark en ik kan maar één ding concluderen, het 16

rijk heeft dat niet opgevolgd. Daar wordt nog steeds in Den Haag het debat gevoerd en we weten niet welke middelen we na 2028 zullen krijgen. Dan zitten we in een nieuwe kabinetsperiode, dan hebben we een nieuw advies van Van Ark en intussen zijn we stevig bezig om die voorzieningen aan de voorkant betaalbaarder en eerder te realiseren. Mevrouw MULLER: Moeten we er niet toch op anticiperen omdat het nog onduidelijk is, wanneer breekt het moment aan waarop we zeggen 'we gaan daar toch…'? Wethouder SLIKKER: Volgens mij is er één ding wat uw raad niet wil en wat deze wethouder ook niet wil. Ik noem maar eens een voorbeeld, budgetplafonds voor specialistische jeugdzorg instellen. Als het rijk stelselmatig te weinig geld geeft voor taken die gemeenten wel hebben dan kom je natuurlijk op hele pijnlijke scenario's uit. De enige manier om dat te voorkomen, is de jeugdzorg op een andere manier inrichten, dichter bij mensen zelf en niet individueel beschikt, maar collectief aanbod dat betaalbaarder is en jongeren eerder helpt. Daar zetten we massief op in en u bent een van de raden in Nederland die daar ook stevig geld voor heeft uitgetrokken. Ik zie een heleboel andere gemeenten waar ze nu al rode cijfers schrijven en dat soort aanpakken niet hebben. Daar moeten we het echt van hebben.

Ik wilde dat ik u kon beloven dat alles na 2028 goedkomt, maar dat hangt ook af van het succes van onze lokale aanpak en of het rijk, aangevuurd door de commissieVan Ark en met een beetje hulp van de mensen die in Den Haag het werk doen, voldoende centen voor de jeugdzorg uittrekt. Mevrouw SAMSHUIJZEN: Ik stelde de vraag op 20 mei jl. ook richting collega Van Genugten toen hij het had over Q-koorts en Long COVID en daarom vraag ik het nu ook aan de wethouder want ik weet dat de wethouder echt aandacht voor Q-koorts en Long COVID heeft. Dat is heel goed, maar we willen natuurlijk liever voorkomen dan genezen voor zover dat binnen onze macht ligt. Wat doet de wethouder om zoönose naar de toekomst toe te voorkomen voor zover dat binnen onze macht ligt natuurlijk? Wethouder SLIKKER: Sinds 2007, dat is zeventien jaar geleden, is de wet- en regelgeving rondom bijvoorbeeld geitenboerderijen stevig verscherpt. Daar zit op dit moment echt de zorg van de Q-koortspatiënten niet, de grote zorg zit echt bij duurzame uitval die je ziet bij mensen die inmiddels zeventien jaar lang de ziekte onder de leden hebben. Daar zit voor dit college echt de prioriteit. Mevrouw SAMSHUIJZEN: Niet alleen ten aanzien van Q-koorts, maar natuurlijk ook mogelijke toekomstige zoönose. Er zijn heel veel zorgen onder experts over vogelgriep en de ontwikkelingen daarin, ik noem maar even een voorbeeld.

Liever voorkomen dan genezen, wat kunnen we en wat doen we daarin? Wethouder SLIKKER: Dit is voor een groot deel toch echt een taak van het rijk en de provincie. Het is niet zo dat wij een uitgebreid programma hebben om zoönose te voorkomen, maar op het moment dat mensen getroffen worden dan staan wij als lokale overheid via de WMO en de welzijnsondersteuning ook echt aan de lat om te zorgen dat mensen de zorg krijgen die ze verdienen. Dat is de primaire taak van uw lokale overheid. De PLV. VOORZITTER: Oké, ik kijk nog even rond. Alle wethouders zijn geweest en we hebben een uitgebreide beantwoording van de eerste termijn gehad. Ik zou even naar de klok willen kijken, even schorsen of pauzeren. Dan gaan we daarna door naar de tweede termijn. Ik wil tot 21.40 uur even een pauze doen. Ja? Oké, tot zo. Schorsing De PLV. VOORZITTER: Oké, dank u wel allemaal voor het terugkomen naar de zaal voor het tweede deel van deze avond, de tweede termijn voor de fracties. U hoeft daar natuurlijk niet allemaal gebruik van te maken. Ik heb best een uitgebreide beantwoording en een debatje met de wethouder toegestaan, ook een beetje om de tweede termijn wat in te korten, wat beperkter te kunnen houden. Het staat u natuurlijk vrij om wel gebruik van de tweede termijn te maken. Daar hebt u drie minuten per fractie voor en daarna zullen de wethouders opnieuw antwoord op uw vragen kunnen geven.

Dan is er natuurlijk over twee weken opnieuw een raadsvergadering waar u aan de hand van moties het gesprek hier in deze raad gaat voeren, dan hebt u nog een keer de gelegenheid om uw punt te maken maar goed, nu eerst de tweede termijn op fractiegrootte. Ik heb even rondgekeken en ik wil 17

eigenlijk D66 als eerste het woord geven want de fractie voor u heeft geen inbreng in de tweede termijn. Mevrouw Craste. Mevrouw CRASTE: Ik dacht nog even voorbereidingstijd te hebben mijnheer Hoeben, ik ben direct van mijn à propos. Ik houd het kort hoor voorzitter. Ik heb in de eerste termijn al veel gezegd over de waardering die mijn partij heeft voor het college en de stappen die worden gezet. Ik wil als onderwijspartij ook nog even zeggen dat we heel blij zijn met die Rijke Schooldag, met TOP-tijd, dat kinderen naast onderwijs ook kennismaken met cultuur, sport en huiswerkbegeleiding. Ik hoor nog wel graag van het college wat de volgende stappen zijn want we wachten wel op de uitrol naar andere scholen. D66 pleit al heel lang voor inclusief onderwijs en we zijn dan ook heel blij met de extra investering in de mytylschool en de hub. Dat staat ergens in de voorjaarsnota en daar zijn wij heel blij mee. Er komt een soort fonds dat kinderen helpt om bijvoorbeeld met een aangepast bureau of met een spraakcomputer ook stage te kunnen lopen of de stap naar regulier onderwijs te kunnen zetten en dat juichen wij heel erg toe. Ik zag dat er schriftelijke vragen over de situatie op scholen en de kwaliteit van het onderwijs zijn gesteld. D66 staat er altijd voor open om de kwaliteit van het onderwijs te vergroten.

We zijn benieuwd naar de antwoorden op de vragen en dan praten we graag verder. Mijnheer Kagie triggerde mij op 20 mei jl. wel met het 'korrigieren' en daar wil ik toch nog even iets over zeggen. Ik heb een zoon van 16 die net op het mbo zit en die zich ietwat te veel vrijheid had gepermitteerd. Ik denk met name 's ochtends, hij wilde liever in bed blijven liggen dan naar school gaan. Ik werd opgeroepen voor een gesprek met de leerplichtambtenaar, ik zat hier in overleg en ik moest de walk of shame naar de andere kant doen om daar bij een leerplichtambtenaar te komen. Ik kan u eerlijk zeggen mijnheer Kagie dat dit het beste gesprek was dat ik kon krijgen en wat mijn zoon kon krijgen, hele grote complimenten. Die leerplichtambtenaar wist niet dat ik een raadslid was en dat heb ik ook niet gezegd. Ik zou het ieder kind dat zich af en toe wat te veel vrijheid permitteert, gunnen om bij zo'n leerplichtambtenaar te komen en inderdaad te worden 'gekorrigierd', maar ook gestimuleerd, dat is misschien nog wel belangrijker. Daar wil ik het bij laten voorzitter, dank u wel. De heer KAGIE: (Er gebeurt iets buiten de microfoon.) Dank u wel mijnheer Hoeben, toch in de notulen. Kort voorzitter. We zijn op 20 mei jl. niet aan de bedrijfsvoering in het jaarverslag toegekomen.

Daarin lezen we 'in 2024 hebben we belangrijke stappen gezet om de veiligheid en het welzijn van onze medewerkers beter te waarborgen', een goede zaak. Het lijkt ons goed dat we direct na het zomerreces worden geïnformeerd en bijgepraat over de concrete stand van zaken met betrekking tot dit vraagstuk. Dan even een paar punten. Het verhaal voor de stad, we hebben er al over gesproken en we hebben er echt behoefte aan om daar in juni a.s. wat over door te praten, te doorproeven wat aan het papier is toevertrouwd en te bevorderen dat die tekst een mobiliserende werking naar de partners in de stad heeft. Als je die tekst nu leest, denk je 'ja heel mooi, maar dan'. We moeten met zo'n stuk mensen ook uitdagen en daar horen ook de problemen van de stad bij. Dan kom ik bij het punt over de wijken in het rood, de wethouder heeft daar net bij stilgestaan. Ik denk dat het goed is om de wijken in het rood, het materiaal dat eronder ligt, dat erachter zit, de ontwikkelingen in negatieve zin en de vraagstukken over samenleven en niet samenleven, niet prettig met elkaar omgaan, te agenderen. Wij nemen met enkele andere fracties het voortouw daartoe. Dan de verkeershufteraanpak, lik-op-stukbeleid wat ons betreft. Ik vraag u de antwoorden op technische vragen van Leefbaar 's-Hertogenbosch over de fatbike-aanpak te lezen, die is echt beschamend. Wij komen daar ook agenderend op terug.

De burgemeester is er niet en wij komen separaat terug op het optrekkende intimidatieklimaat in de stad en dorpen en dan hebben we het niet alleen over Cobra 6, maar ook over andere verschijnselen. De heer VAN GENUGTEN: Gewoon om even wat duidelijkheid te hebben. De heer Kagie zegt dat hij agenderend terugkomt, bedoelt u dat u in de volgende raad met moties komt of dat u op een later moment met discussienotities komt. De heer KAGIE: We komen voor de vakantie op enkele van deze onderwerpen terug en met betrekking tot de aanpak van de wijken in het rood, dus initiatief nemend, daarop komen we in september a.s. na een hoorzitting met professionals terug. De PLV. VOORZITTER: Ik denk dat de vraag is: komt u in de raad of komt u met een bespreeknotitie in de commissie? De heer KAGIE: Agenderend in de commissie. 18

De PLV. VOORZITTER: Een commissiebespreking. De heer KAGIE: De wethouder sjouwt en sjort eraan en het is niet gering dat we eindelijk te horen krijgen dat hij bijna rond is met het zakendoen als het gaat over de Edison Groep. De buurman op de Tramkade, de ontwikkelaar aldaar, moet samen met de gemeente als ontwikkelaar van de Tramkade sec optreden en dan is het goed om te horen dat bijna zaken met de Edison Groep zijn gedaan, dat ze er bijna uit zijn en het is helemaal goed om te horen dat de eerste kavel voor de woningbouw binnenkort wordt of al is vrijgegeven. Wij komen met enkele moties en dat is het. De PLV. VOORZITTER: Dat was de heer Kagie. Even kijken wie de volgende op het lijstje is, de VVD-fractie. Mevrouw WELTEN: Ik dank u voor de gelegenheid, maar wij zijn efficiënt en wij vinden dat we voldoende hebben gezegd. De PLV. VOORZITTER: U hebt over twee weken weer een kans en een mogelijkheid, dat begrijpen we. Ik kijk naar de SP. De heer Roovers, u hebt het woord. De heer ROOVERS: Ik ben niet efficiënt, we zijn hier nu toch en dan kunnen we net zo goed proberen nog iets te zeggen. Ik ga het niet hebben over de hele voorjaarsnota of over met wat voor moties wij komen, dat heb ik op 20 mei jl. ook aangekondigd en ik ga het ook niet over het verhaal voor de stad hebben.

Aangezien de wethouder zegt 'we gaan wel op basis van het document afspraken met partners in de stad maken', ben ik wel benieuwd wat die afspraken precies worden. Ik ben ook benieuwd wat de wethouder en het college precies in dat stuk lezen want ik heb op 20 mei jl. één ding gemerkt en dat is dat iedereen een beetje in dat stuk kan lezen wat ze zelf graag willen lezen, dus ik ben heel benieuwd naar de lezing van het college en dan hebben wij er ook nog wel iets over te zeggen. Ik wil even doorgaan op het interruptiedebatje met de wethouder over het tarief van de milieustraat. Mijn fractie ziet een probleem en dat probleem is dat het tarief de afgelopen jaren heel snel is gestegen, 240% in vier jaar tijd, een ongelooflijke toename. Op basis van gesprekken in de stad concludeert mijn fractie dat dit voor veel mensen een onmogelijke drempel is en dat is niet 'oh wat vervelend, het is duur geworden', maar het niet kunnen betalen. Dat is een verschil en tegelijkertijd, dat staat ook in de brief van het college, is het aantal bijplaatsingen van grofvuil toegenomen. Ik kan in ieder geval op basis van de brief het verband niet aantonen, maar ik zie in vergelijking met sommige jaren een toename van het aantal bijzettingen van 100 ton en tegelijkertijd een hele snelle stijging van het tarief voor de milieustraat.

Mijn vraag aan de wethouder is heel simpel, is hij het eens met de probleemanalyse van de SP dat het tarief eigenlijk te hoog is, in ieder geval voor een gedeelte van de Bossche samenleving en is hij bereid… Ik heb drie verschillende varianten gesuggereerd waarmee we daar een vorm in zouden kunnen vinden, dan kunnen we het gaan hebben over de kosten, dan kunnen we het gaan hebben over de vorm en dan kunnen we het gaan hebben over de doelgroep, maar is de wethouder in beginsel bereid dat gesprek aan te gaan? Mijn fractie gaat over twee weken een ander soort motie indienen op het moment dat het gesprek mogelijk is dan op het moment dat het gesprek niet mogelijk is. Ik kijk uit naar de beantwoording van het college. Mevrouw KORVER: Ik heb in mijn eerste termijn duidelijk gemaakt dat we wat GroenLinks betreft moeten blijven investeren in de toekomst van mens en natuur. Investeren doen we op vele manieren en meestal komt daar ook geld bij kijken. Ik zal daarom nog kort iets zeggen over de financiën want dat heb ik op 20 mei jl. niet gedaan. In de jaarstukken 2024 zitten wat ons betreft naast het theater en de Afvalstoffendienst geen noemenswaardige bijzonderheden. Over het theater hebben we onlangs gesproken en besluiten genomen. Over de Afvalstoffendienst is op 19 mei jl. gesproken en daar hebben we al een motie aangekondigd. Daarnaast hebben we nog wel een vraag aan de wethouder.

We zien een positief resultaat van € 4,5 miljoen bij BUIG en een negatief resultaat van € 2,7 miljoen bij de pensioenen. Kan de wethouder aangeven wat de toekomstverwachting van deze twee posten is en wat wij tot 2028 nog kunnen verwachten? Investeren in de toekomst. Wat GroenLinks belangrijk vindt, doet ook het college met het verhaal voor 's-Hertogenbosch en ik ga daar toch nog iets over zeggen want er is ons gevraagd om daar bij deze voorjaarsnota op te reageren en dat heb ik wel voorbereid. Het verhaal voor 's-Hertogenbosch is bedoeld om de identiteit van onze gemeente explicieter te maken en om handvatten te geven voor 19

de toekomstkoers. Een zorg die wij bij de identiteit hebben is of die identiteit uitsluit wat er niet in past, hoe inclusief zijn we dan? Voor de fractie van GroenLinks is dat, zoals ik op 20 mei jl. al aangaf, van heel groot belang. Als het verhaal ruimte laat voor iedereen die dat wil om in onze mooie gemeente te leven, en ik bedoel niet iedereen in aantallen, die 200.000, maar wel iedereen in de verschillende mensen die er zijn en zoals al die mensen zichzelf identificeren, dan is dat wat ons betreft een pluspunt. Natuurlijk lezen wij dat iedereen zich welkom in onze gemeenschap mag voelen, maar we lezen vooral veel voorwaarden waaraan je in onze gemeente moet voldoen. Onder andere in de drie kernwaarden en de vijf toekomstpijlers en dat roept bij ons nog een vraag op of er ook iets buiten de kernwaarden en toekomstpijlers mag vallen. Als het verhaal slechts richting geeft, maar geen rechte snelweg is, het ook kronkelige hobbelpaadjes langs het pad toelaat en niemand uitsluit dan hebben we er geen moeite mee, al zien wij de toegevoegde waarde er ook nog niet helemaal van, zeker nog niet op dit moment. Tot zover het verhaal voor 's-Hertogenbosch, investeren in de toekomst van de fractie van GroenLinks. Mevrouw SAMSHUIJZEN: Op 20 mei jl.

stelde de PvdD samen met de SP, De Bossche Groenen, Volt, GroenLinks en de PvdA vragen aan het college, wij vroegen het college om het goede voorbeeld van burgemeester Halsema te volgen en de Nederlandse regering op te roepen sancties tegen de Israëlische regering in te stellen om de genocide die de Israëlische regering in Gaza pleegt te stoppen. Mijn fractie is teleurgesteld in de reactie van de burgemeester want het is nogal wiedes dat de beelden uit Gaza ook bij de burgemeester door merg en been gaan. Het is natuurlijk prima dat hij dat aangeeft, maar zet dat gevoel van de burgemeester en vele Bosschenaren dan ook om in actie, in een oproep tot actie naar de regering. Die regering kijkt structureel weg voor de massamoorden en de gruwelijke mensenrechtenschendingen. De burgemeester gaf aan dat hij de gevoelens die in de Bossche samenleving spelen aan het kabinet overbrengt wanneer de gelegenheden er zijn. Het is mij onduidelijk wat de burgermeester dan daadwerkelijk in woorden aan het kabinet overbrengt en los daarvan wat hebben de mensen die nu collectief worden uitgemoord eraan dat over gevoelens wordt gepraat zonder dat we daadwerkelijk iets doen.

Wanneer we mensen aan hun lot overlaten in plaats van hen te helpen, wat zegt dat dan over het bestuur en wat doet dat met het vertrouwen in de politiek? Neutraliteit bestaat niet in dezen en zwijgen is toestemmen, niets doen is medeplichtig zijn. Is dat echt wat we doen als Bosschenaren die anders altijd met onze grote scheur overal vooraan staan? Ik, en met mij vele mensen, schaam me de ogen uit mijn kop om Nederlander te zijn en dat dit mijn regering is. Laat ons alsjeblieft wel trots kunnen zijn en kunnen zeggen 'ik ben een Bosschenaar' omdat we in Den Bosch niet wegkijken en we in Den Bosch alles doen wat binnen onze mogelijkheden ligt om de misdaden tegen de mensheid te stoppen. Waardig bestuur vraagt soms om stellingname, geen woorden, maar daden omdat geen mens ondergeschikt is aan een ander mens en omdat geen mensenleven meer waard is dan een ander. Daarom komt mijn fractie met een motie waarin we het college oproepen om onze wegkijkende regering tot de orde te roepen, om de regering op te roepen om daadwerkelijk tegen deze volkerenmoord te handelen. Ik nodig alle partijen in deze raad uit om zich bij die motie aan te sluiten en sterker nog, ik reken op u. Ik reken op u dat u niet wegkijkt en ik reken op u dat u stelling durft te nemen, ik reken op u dat u mensenlevens wilt redden. Geen woorden, maar daden.

De heer VAN HATTEM: Ik hoorde eigenlijk toch wel bizarre woorden van mevrouw Samshuijzen van PvdD die allerlei zaken zoals volkerenmoord noemt en zegt 'niets doen is medeplichtig zijn'. Dus als we straks deze motie niet zouden steunen dan zijn wij medeplichtig aan volkerenmoord, dan moeten we ons straks voor een tribunaal verantwoorden of zo als het aan mevrouw Samshuijzen ligt. Is dit nou echt de bedoeling? Ik zou zelf zeggen: ik sta vierkant achter Israël die op een schandalige manier door Hamas is aangevallen. De PLV. VOORZITTER: Mijnheer Van Hattem, het is de bedoeling dat u een vraag stelt en niet dat u een persoonlijk statement maakt. De heer VAN HATTEM: Ik wil toch wel even aangeven dat wat hier aan verwijten richting de raad wordt gemaakt, als niets doen gelijk staat aan volkerenmoord en misdaden tegen de menselijkheid, toch wel van absurde proporties is en dan hoor ik graag van mevrouw Samshuijzen hoe ze erbij komt zoiets te poneren terwijl wij hier allemaal toch in vrijheid onze eigen afweging maken? Mevrouw SAMSHUIJZEN: De PVV is natuurlijk vrij om voor of tegen de motie te zijn en om daar een eigen afweging in te maken. Wat ik op 20 mei jl. bij de vraag ook heb aangegeven, ik 20

benoem de feiten, het genocidale geweld dat door instanties is vastgesteld en ik benoem dat we dit toestaan wanneer we niets doen. Dat bedoel ik, dat zeg ik en wat de PVV daarmee wil doen of niet mee wil doen, is natuurlijk volledig aan de PVV. De heer VAN HATTEM: Niets doen, kijk we zitten hier als gemeenteraad voor de gemeente 'sHertogenbosch, voor de inwoners van 's-Hertogenbosch en niet om het conflict in het MiddenOosten op te lossen. Ik vind dat hier eigenlijk nogal een bizar verwijt in onze richting in zijn algemeenheid wordt gemaakt. Überhaupt hier een motie over dit onderwerp neerleggen, is eigenlijk al… Wat mij betreft zou het zelfs überhaupt buiten de orde van deze raad moeten zijn. Dit ligt bij het ministerie van Buitenlandse Zaken, dit is niet aan ons en ik hoor toch graag waarom dit in een gemeenteraad moet worden behandeld. Wij gaan niet over het Midden-Oosten, wij gaan over het grondgebied van Bokhoven tot Vinkel en niet verder. Mevrouw SAMSHUIJZEN: Zoals ik ook in mijn bijdrage heb benoemd, zeg ik: alles doen wat binnen onze mogelijkheden ligt, de oproep doen aan de regering. Zoals collega Roovers op 20 mei jl. heel mooi verwoordde, komen deze dingen normaliter inderdaad niet in een gemeenteraad ter sprake, maar dit is wel zo'n uitzonderlijke en heftige situatie die ook zijn weerslag op de Bossche samenleving heeft dat de burgemeester op 20 mei jl.

ook aangaf dat wij wel degelijk vinden dat wij wat binnen onze mogelijkheden ligt… Nogmaals, ik heb niet de illusie dat wij in Den Bosch hier in één keer volledig het buitenlandbeleid gaan veranderen en directe invloed op de genocide hebben, maar we zijn verplicht te doen wat we kunnen doen en daarom kaarten we dit hier aan. De heer VAN HATTEM: Er wordt hier ook al meteen van uitgegaan dat sprake is van een genocide et cetera. Dit is ook voor een stuk Hamaspropaganda en ik pas ervoor om daarin mee te gaan. Ik zou eigenlijk willen vragen: wat nou als deze motie wordt aangenomen, wat gaan we hiermee aan de wereld veranderen, wat heeft het voor zin om als gemeenteraad zulke oproepen te doen? Ik zou zeggen, schoenmaker waarom blijft u niet gewoon bij uw leest? Mevrouw SAMSHUIJZEN: Wat al in veel meer gemeenten gebeurt, er wordt een oproep aan de Nederlandse regering gedaan, de oproep: regering u verzaakt, wij verzoeken u tot concrete effectieve actie. Nogmaals, wij willen geen woorden maar daden van de regering, dat is wat wij vragen. De heer VAN GENUGTEN: Vooropgesteld dat de hele situatie in het Midden-Oosten en in Gaza mij en onze fractie ook ernstig bezighoudt.

Gezien het debat dat hier plaatsvindt, hoop ik dat er een motie op tafel kan komen, als u dat overweegt, die niet zozeer een splijtzwam in deze raad brengt, maar dat we met elkaar… Eigenlijk een verzoek om een bepaalde toon in de motie, zodat we deze breed zouden kunnen steunen. Volgens mij leeft deze problematiek ook breed in onze samenleving, iedereen houdt volgens mij continu ook Oekraïne en Rusland, maar ook het Heilige Land of Gaza in de gaten. Dat doet wat met ons mensen en mijn oproep aan u is: als u een dergelijke motie overweegt, bent u dan bereid uw toon zo te kiezen dat er brede steun voor is? De laatste vraag, voorzitter. Waarom vraag ik dit? Omdat ik niet zou willen dat een motie die oproept tot vrede, tot het stoppen van geweld, tot het stoppen van het doden van burgerslachtoffers zou moeten leiden tot een splijtzwam of tot een politiek instrument dat juist hier tot tweespalt leidt. Mevrouw SAMSHUIJZEN: Ik ben heel erg blij met de vraag van collega Van Genugten en ook met de handreiking die hij doet, dat hij aangeeft dat hij ook is geïnteresseerd in die oproep tot vrede en het redden van mensenlevens. Dat is ook wat ik in de afsluiting van mijn bijdrage zei, daar gaat het om en wat ik ook op 20 mei jl.

bij de mondelinge vragen toelichtte, wat burgemeester Halsema heel mooi zei: het is tijd om voorbij de politieke verschillen te kijken, het is tijd om mensenlevens te redden. We zitten op die lijn. Mevrouw CRASTE: Het is voor mij niet helemaal duidelijk, wilt u deze motie aankondigen voor de vergadering van 3 juni a.s.? Mevrouw SAMSHUIJZEN: Ja. Mevrouw HOEKSTRA: Ik wil u in ieder geval heel erg bedanken voor de mooie en emotionele woorden. Zoals mijnheer Van Genugten al aangaf, denk ik dat het inderdaad veel emotie in onze samenleving oproept en dus ook bij de mensen hier. Veel waardering voor het feit dat u hiertoe 21

oproept en ik sluit me aan bij de oproep van de heer Van Genugten, laten we proberen te komen tot een tekst in een motie waarmee we gezamenlijk iets kunnen uitstralen over de veroordeling van dit verschrikkelijke geweld in de wereld. Mevrouw SAMSHUIJZEN: Wij gaan graag met de collega's met de motie aan de slag en ons dan richten op concrete actie gericht op het redden van levens. De PLV. VOORZITTER: Dat gaat u samen ter voorbereiding op 3 juni a.s. bespreken. Dan gaan we naar de volgende spreker, Rosmalens Belang. Wilt u het woord voeren? De heer HUIBERS: Wij zien er ook vanaf. Wij komen nog wel met een motie, maar dat kan ook een toezegging van de wethouder worden. Voor nu even voldoende. De heer VAN SILFHOUT: Ik wil het over drie onderwerpen hebben. Allereerst het gat in het Structuurfonds. Wij hadden jarenlang de gedachte dat we ons Structuurfonds met behulp van woningbouw kunnen vullen, maar uiteindelijk zijn het de jongeren, de starters, de mensen die een woning zoeken die onze grote ambities betalen. Dat moeten we als stad gaan betalen, we moeten daar anders over gaan denken en ik hoor nu zeggen 'we hebben andere ambities, dus we worden gedwongen anders te denken', maar eigenlijk betalen we allemaal mee aan die ambities van degenen die er baat bij hebben dat deze stad zich ontwikkelt.

Als dat de basislijn is waarop we gaan voortbouwen, betekent dit dat er gewoon structureel meer geld in moet omdat we het anders in de toekomst allemaal niet meer kunnen betalen. Dan een onderwerp waarvoor ik in mijn eerste termijn geen tijd heb gehad, nog even over klimaat. We zagen het afgelopen jaar al een sterke inzet op het vervangen van zieke bomen en het plaatsen van nieuwe bomen. Er zijn ook nog heel veel plantenvakken in de stad die het zwaar hebben, onder andere in de Kruiskamp, het Paleiskwartier en ook in Rosmalen zijn heel veel plantenvakken met heel veel planten die afsterven. We willen graag dat er meer op wordt ingezet om daar ook nog wat te vergroenen. Wij zullen richting de raadsvergadering met een voorstel komen om ervoor te zorgen dat het groen in de openbare ruimte gezond blijft. Het laatste onderwerp waarover ik het nog wil hebben, is eigenlijk het onderwerp waar het net over ging, over Gaza. Volt is ook teleurgesteld over dat het college niet in actie komt. Volt gelooft in politiek van onderop, van onderop wordt nu een rode lijn in de samenleving getrokken. Te veel mensen in Nederland hebben het gevoel dat de rechten er wel voor anderen, maar niet voor hen zijn, ze krijgen in toenemende mate te maken met racisme en discriminatie en hebben het gevoel dat de rechtsstaat in dit land er niet voor hen is.

Daarom trekken zovelen ook in Nederland nu een rode streep, daarom trekken zoveel mensen in Den Bosch nu ook een rode streep. We zijn met velen in Den Bosch, in Brabant, in Nederland en in Europa zijn we met heel erg veel en we kijken niet weg. Het niet toelaten van noodhulp brengt miljoenen mensen in levensgevaar. Wij vragen het college niet om een kant in het conflict te kiezen, maar wel om voor mensenrechten te kiezen. Op dit moment doet de regering Netanyahu verschrikkelijke zaken in de Gazastrook. Daarom dienen we de motie om de oproep van burgemeester Halsema te steunen mee in. De heer VAN HATTEM: De Israëlische regering heeft zojuist honderd trucks met hulpgoederen tot de Gazastrook toegelaten, dus ze zijn wel degelijk bezig om het leed daar te verzachten, terwijl Hamas de bevolking juist uithongert. Is de heer Van Silfhout ermee bekend dat Israël honderd trucks met hulpgoederen heeft toegelaten terwijl Hamas juist de eigen bevolking onderdrukt? De heer VAN SILFHOUT: De mensenrechtenorganisaties zijn kritisch op de hulp die Israël nu binnenlaat, die is te beperkt en niet genoeg om miljoenen mensen te voeden. Daarnaast zegt de regering van Israël dat ze de hele Gazastrook gaan bezetten om ervoor te zorgen dat mensen niet verhongeren. Deze termen passen niet bij een regering zoals wij die voor ons zien, die voor mensenrechten staat, ook voor haar eigen bevolking.

Ik ken ontzettend veel mensen uit Israël die ook kritisch op de eigen regering zijn en ik hoorde zelfs de minister van Buitenlandse Zaken, minister Veldkamp, zeggen dat de noodhulp die nu op gang komt niet voldoende is. Ik ben me er zeer bewust van, maar het is natuurlijk een heel makkelijk argument om te gebruiken terwijl de heer Van Hattem donders goed weet dat het niet genoeg is. Mevrouw KORVER: Ik wil de heer Van Silfhout vragen of hij ook heeft begrepen dat de regering Netanyahu heeft aangegeven dat de hulpgoederen vooral door buitenlandse druk van bondgenoten of in ieder geval andere landen worden toegelaten, dus dat het juist heel goed zou zijn 22

om de oproep te steunen, omdat het effect heeft. De heer VAN SILFHOUT: Jazeker, dat is precies waarom de motie er komt, omdat we vinden dat we dit met zijn allen dit moeten steunen, om ervoor te zorgen dat de internationale druk steeds groter wordt. De heer VAN HATTEM: Ik vind hoe hiermee wordt omgegaan wel heel erg perfide ten aanzien van de gijzelaars die daar al sinds 7 oktober 2023 worden vastgehouden. Daar wordt met geen woord over gesproken in deze raad, dus ik wil ook… De PLV. VOORZITTER: Mijnheer Van Hattem, ik wil u onderbreken. U begint nu weer met een heel betoog en ik snap dat u er iets van vindt maar het is de bedoeling dat u een vraag stelt. De heer VAN HATTEM: Ik vraag aan de heer Van Silfhout: als je dan toch over het onderwerp wilt spreken, waarom dan geen woord over de gijzelaars die door Hamas worden vastgehouden? De heer VAN HAREN: Een punt van orde. Ik begrijp heel goed dat twee fracties een motie indienen of een bijdrage leveren op basis van de woorden die de burgemeester op 20 mei jl. heeft uitgesproken. Dat snap ik, maar nu worden er dingen uit nieuwsberichten bijgehaald waarvan wij met zijn allen geen kennis hebben kunnen nemen en wat geen onderdeel van de orde van deze vergadering is. Ik vind het prima om het over het onderwerp te hebben zolang het gaat over de woorden van de burgemeester van 20 mei jl.

en ik verzoek u, voorzitter, om de orde van de vergadering daartoe te beperken. De PLV. VOORZITTER: We worstelen hier ook een beetje mee, maar goed het is een motie die natuurlijk wel gaat over het ondersteunen van... Volgens mij is het signaal helder, misschien kunt u er even kort op reageren en dat we het onderwerp dan misschien gewoon afsluiten, dan kunt u er over twee weken, als die motie er ligt, het woord over voeren. Kort misschien en dan het volgende onderwerp. De heer VAN SILFHOUT: Dit is uiteindelijk de kern van mijn betoog, dat we niet voor een kant moeten kiezen, maar voor mensenrechten. Als Hamas mensenrechten schendt, veroordelen we Hamas en op het moment dat de regering Netanyahu mensenrechten schendt, veroordelen we de regering Netanyahu. We zullen als samenleving altijd de kant van mensenrechten moeten blijven kiezen. De heer VAN GENUGTEN: Ik heb het zo voorbereid dat ik in de tweede termijn nog wat zeg over het verhaal voor 's-Hertogenbosch. Ik denk dat dit goed is, zeker ook nadat we de discussie vanavond hebben gehoord. Ik heb mijn verhaal daar inmiddels enigszins op aangepast, maar goed… als dit, hoewel het bijlage 7 bij de voorjaarsnota was, erbij zit dan is het denk ik toch belangrijk genoeg om daar goed bij stil te staan.

Dat doen we waarschijnlijk uitgebreider als daar een amendement of iets voor wordt ingediend op een later moment, maar dat weerhoudt mij er niet van om nu toch nog enkele punten te maken. Ik denk dat we in de politiek wel een dergelijk verhaal over lange lijnen nodig hebben, een richtinggevend verhaal dat niet begint bij regels en cijfers, maar bij wie we zijn en waar we samen naartoe willen. Daar is niks mis mee. We waarderen dan ook dat dit verhaal wil aansluiten op het DNA van onze stad en dorpen. Daar zijn drie termen aan gegeven, dat hoeft geen loze poëzie te zijn, dat zouden herkenbare termen kunnen zijn en ik denk dat het in een tijd van verharding en versnippering ook goed is dat we een gezamenlijke lijn hebben, een juist houvast, dat kan zorgen voor nabijheid en verbondenheid, maar er zijn ook andere termen te noemen die desnoods ook met een V beginnen. Het tweede dat wij kunnen waarderen is dat wordt gekozen voor een langetermijnkoers richting 2050. Dat verdient waardering, niet alles hoeft morgen af te zijn maar we moeten wel vandaag bouwen aan wat overmorgen nodig is. Er is net al iets gezegd over de timing van dit document, moet dat niet pas bij de verkiezingen komen? Ik denk het niet, want daarmee wordt het een heel politiek document.

Het is wat het CDA betreft geen probleem als het ergens halverwege of nu komt, maar laten we daar wel het goede gesprek over voeren. Het derde punt waar we blij mee zijn, is dat dit verhaal niet vanuit de ivoren toren komt, maar dat het verder in samenwerking met inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties wordt ingekleurd, die slag heeft het wel nodig. Een gemeente waarin de nadruk ligt op gemeenschapszin vraagt ook dat je dit in gezamenlijkheid met de samenleving oppakt. Ik sluit me helemaal aan bij de woorden van collega Roovers van de SP, een verhaal biedt inspiratie maar die inspiratie kun je ook 23

vanuit verschillende perspectieven lezen en uitleggen. Dat geldt eigenlijk ook voor deze kernwaarden die wat mij betreft nog vrij beperkt in dit stuk worden geduid. Dat behoeft uitwerking en vraagt ook om inkleuring, dan kun je verder kijken dan het strategische en abstractieniveau dat dit document nu nog heeft. Wat betekenen deze waarden dan voor de toekomst van onze gemeente, voor de grote opgaven, maar ook voor de lobby vanuit en samen met onze gemeente en wat betekenen deze waarden voor de strategische samenwerking op regionaal niveau of bijvoorbeeld de propositie richting Brainport, wat betekenen dan de termen 'verenigen', 'verbeelden' en 'vieren'? Voorzitter, ook nog een… De PLV. VOORZITTER: U bent over uw drie minuten heen. De heer VAN GENUGTEN: Dan zal ik afsluiten met mijn… Ik kan mijn kritische punten ook tot een volgend moment bewaren. Tot zover, voorzitter. Mevrouw HOEKSTRA: Ik zou nog graag een aantal zaken kort willen benoemen. Op dit moment is er ondanks grote inzet van de gemeente en politie bij stadsparken in een aantal Bossche wijken sprake van veel overlast van jongeren op fatbikes en wij denken dat een gerichte aanpak van het jongerenwerk hier op zijn plek is. We kennen de successen van ons jongerenwerk en weten dat die een hele belangrijke brugfunctie tussen de samenleving en de jongeren kan zijn. Ik zie een interruptie.

De heer VAN HATTEM: Ik vraag me dan af… De successen van het jongerenwerk waar mevrouw Hoekstra van de PvdA het over heeft… Die overlast ontstaat ondanks die successen van het jongerenwerk, dus wat is dan het succes van het jongerenwerk als daar al jarenlang in is geïnvesteerd en die overlast van al die jongeren op fatbikes toch plaatsvindt? Mevrouw HOEKSTRA: Ik ben het helemaal niet met u eens dat dit door het jongerenwerk zou zijn veroorzaakt. Mijn partij ziet juist dat het jongerenwerk een grote bijdrage heeft geleverd aan het feit dat jongeren een plek vinden en een zinvolle dagbesteding hebben. Die mening delen wij niet. De heer VAN HATTEM: Ik zeg niet 'door het jongerenwerk', maar dat die overlast ondanks al die investeringen in dat jongerenwerk nog steeds plaatsvindt. Dus hoe succesvol is dat jongerenwerk dan als er toch nog al die overlast in die parken is en die jongeren zich helemaal geen bal van het jongerenwerk aantrekken? Mevrouw HOEKSTRA: Daar hebt u kennelijk een andere opvatting over dan ik. Ik heb daar de opvatting over dat dit wel een hele mooie positieve bijdrage levert. Dat verschil van mening hebben we wel vaker, dat u een wat negatieve kijk op zaken hebt en ik wat positiever. De heer VAN HATTEM: De positieve bijdrage is dat er nu overlast is in die parken.

Dat is blijkbaar het resultaat van veertig-vijftig jaar lang jongerenwerk dat totaal niet effectief is. Als jongeren op fatbikes daar voor overlast zorgen, ik noem hen gewoon tuig, is het dan niet gewoon tijd om hen gewoon keihard aan te pakken en daar gewoon stevig op te handhaven in plaats van er nog meer jongerenwerkers tegenaan te gooien wat al jarenlang niet effectief is? Mevrouw HOEKSTRA: Jazeker, ik ben het helemaal met de heer Van Hattem eens dat de politie moet ingrijpen als jongeren daar strafbare feiten plegen. Dat zijn we helemaal met elkaar eens, maar soms gaat het volgens mij ook over ander gedrag waar juist gesprekken, een zinvolle besteding van je dag en even het contact leggen een hele mooie bijdrage kunnen leveren. Volgens mij gaan wij dat bereiken met niet alleen repressie en inzet van politie, maar juist ook met jongerenwerk. We kennen de successen van het jongerenwerk en het zou goed zijn om juist hen ook de ruimte te geven om op de vindplekken van deze jongeren aanwezig te zijn, ook na schooltijd, en daarover zullen we met een motie komen, misschien wel samen met Leefbaar 's-Hertogenbosch. Daarnaast vindt mijn partij dat we best wat trotser mogen zijn op al die mbo'ers, van niveau 1 tot niveau 4, die hier studeren.

De heer VAN HAREN: Naar aanleiding van het vorige punt van mevrouw Hoekstra ben ik zoekende naar wat een motie… Wat mevrouw Hoekstra beschrijft, klinkt als iets wat het jongerenwerk gewoon morgen kan gaan doen en ik vraag me af welk verschil de motie daarin gaat maken. 24

Mevrouw HOEKSTRA: Ik denk dat we daar nog best wel wat in kunnen aanscherpen als het gaat over zijn op vindplekken, als het gaat over er ook echt zijn op de momenten dat de overlast wordt veroorzaakt. Ik denk dat we daar best iets extra's ten opzichte van wat het jongerenwerk nu doet, kunnen vragen. De heer VAN SILFHOUT: Is iets extra's ook gewoon meer geld om meer jongerenwerkers aan te nemen? De PLV. VOORZITTER: Laten we in overleg kijken wat nodig is, misschien meer geld, misschien een ander soort inzet of aanpak. Dat zou ik nu nog niet exact willen duiden, daar komen we op terug. De heer HOEBEN: Mevrouw Hoekstra, ik kan me helemaal in uw verhaal vinden, het jongerenwerk is succesvol, maar bepaalde partijen ervaren hier en daar toch overlast. Zou het niet goed zijn om juist daar meer in te investeren? Ik bedoel om juist extra budget te vragen, want er is jarenlang op jongerenwerk bezuinigd, om daar weer een extra impuls aan te geven, dat is blijkbaar nodig. Mevrouw HOEKSTRA: Hetzelfde antwoord als dat op de vraag van mijnheer Van Silfhout, het zou inderdaad kunnen dat dit nodig is. Ik kijk graag in nader overleg met elkaar naar waar we om moeten vragen om ook echt die bijdrage te leveren aan wat daar maatschappelijk aan de hand is. De heer KAGIE: Ik denk dat voorop staat dat we eens moeten kijken hoe die aanpak er nu uitziet.

Ik wil u toch echt wijzen op technische vraag 91 van onze fractie en de beschamende nonprestatie als het gaat over de aanpak van de fatbikeproblematiek, dat is een ware plaag. Ik stel voor dat we niet met een motie komen want dat is eigenlijk ook weer tekenen voor onmacht, maar dat we het onderwerp agenderen en daaraan voorafgaand een hoorzitting met de professionals houden. Waarom wordt er geen doeltreffende slag gemaakt met betrekking tot deze guppenjong? Is dat een idee, mevrouw Hoekstra? Mevrouw HOEKSTRA: Ik vind dat een goed idee en ik denk dat het hartstikke goed is om samen te kijken hoe we met die overlast omgaan, maar als u alleen voor een aanpak die bestaat uit repressie bent, daar geloof ik niet zo in. Het zou wat mij betreft wel in de combinatie met ook inzet van het jongerenwerk zitten en als u daartoe bereid bent dan kunnen we daar volgens mij best iets moois op organiseren. De heer KAGIE: Ik heb bewust gezegd 'niet de makkelijke weg van de motie, maar eerst een hoorzitting met de professionals'. Waar schort het aan dat die doeltreffende slag in handhaving, stimuleren en 'corrigeren' niet van de grond komt? Laten we een hoorzitting houden en het vervolgens voor de raad agenderen. Mevrouw HOEKSTRA: Ik was bij het mbo gebleven, dat we best wat trotser mogen zijn op onze mbo'ers, van niveau 1 tot niveau 4 die hier studeren.

Ze leveren een prachtige bijdrage aan al die sectoren waar we het verschil maken, in de zorg, de ICT, de techniek of onze eigen gemeentelijke organisatie. Zij zijn onze toekomst en we denken dan ook eventueel samen met D66 graag mee over het bekrachtigen van die plek van al onze studenten in ons Den Bosch. We zijn ook blij dat we de mooiste club van Nederland een supportershome gunnen. Wij maken ons al langer zorgen over de positie van de makers in de De Gruyter Fabriek. De positie van ons maatschappelijk vastgoed en hoe we hiernaar kijken mag wat ons betreft wel eens onder de loep worden genomen. We zullen op korte termijn komen met een discussienotitie over de meer maatschappelijke rol die we graag zien voor het beheer van ons vastgoed. Tot slot, we kunnen het niet vaak genoeg herhalen, iedereen doet ertoe, iedereen mag zoenen in onze prachtige gemeente. Het was afgelopen weekend groot feest. Met dank aan onder andere onze oud-collega Jolanda en haar compagnon Anja is een prachtig evenement neergezet en wij hopen dat er nog vele zullen volgen. We weten echter ook dat het helaas niet altijd voor iedereen in de regenboogcommunity een feestje is, straatintimidatie is helaas aan de orde van de dag en hier komt mijn fractie bij de behandeling van de Diversiteitsagenda graag op terug. Zoals wij op 20 mei jl.

al zeiden, is het verhaal voor Den Bosch een herkenbare kapstok, laten we er vooral mee voortgaan.

25

De heer HOEBEN: Toch even terug naar de De Gruyter Fabriek, want u triggert mij een beetje. We hebben daar nu al een aantal keren een debat over gehad, we hebben het een aantal keren geagendeerd. Er is eigenlijk heel erg uitgelegd hoe het college daarin staat, wat de lijn is die het volgt. Wat wilt u nu precies nog met de makers in de De Gruyter Fabriek doen, welke mogelijkheden hebben we daar volgens u nog? Mevrouw HOEKSTRA: We hebben vragen gesteld, maar die zijn nog niet beantwoord en ik wacht de beantwoording van die vragen door het college graag even af zodat we ook helderheid hebben over de specifieke makers in de De Gruyter Fabriek waarnaar u verwijst. Die zitten in een vrij uitzonderlijke situatie, een individuele situatie. Ik wil de beantwoording van de vragen hierover even afwachten, maar ik denk dat we in breder perspectief een bepaalde kijk op ons maatschappelijk vastgoed hebben.

De BIM doet het beheer daarvan en ik denk dat het goed is als wij als raad een keer de discussie voeren over hoe we eigenlijk naar de invulling van ons maatschappelijk vastgoed kijken: wat mag dat kosten, wanneer mag het ook de samenleving wat kosten omdat we vinden dat iets een hele goede maatschappelijke betekenis heeft en daarmee misschien niet per se winstgevend is, maar wel een plek in een van onze gemeentelijke gebouwen inneemt? De heer HOEBEN: Ik ben het eigenlijk helemaal met u eens, maar daar hebben we al antwoorden op gekregen en ik vraag me echt af wat deze discussie opnieuw aanwakkeren… Ondanks dat ik het helemaal met u eens ben, maar waarom deze discussie opnieuw aanwakkeren terwijl we ook voor andere oplossingen zouden kunnen kiezen? Mevrouw HOEKSTRA: Ik weet niet naar welke oplossingen u verwijst. Ik denk dat het heel erg goed is als we de discussie voeren over welke opdracht wij de BIM meegeven want daar gaan wij als raad over en ook over het budget dat we daarvoor over hebben. Dat kondig ik aan. De heer VAN HATTEM: Op zich terecht dat mevrouw Hoekstra van de PvdA een punt maakt van de risico's voor de, ik noem het maar eventjes, regenboogcommunity om heel veel letters te besparen, dat daar straatintimidatie plaatsvindt.

Tegelijkertijd heeft ze het over diversiteit en wordt die straatintimidatie niet vooral veroorzaakt door een probleem dat voorkomt uit die zogenaamde diversiteit? Mevrouw HOEKSTRA: Ik heb werkelijk geen idee waar u op doelt. De heer VAN HATTEM: Mevrouw Hoekstra doet alsof ze het niet weet, maar het is genoegzaam bekend dat heel veel mensen uit de regenboogcommunity of zo u wilt LHBTIQ-plus, en nog wat afkortingen, worden geïntimideerd door groepen met een bepaalde achtergrond, vaak een Islamitische achtergrond die deze groep gewoon principieel niet accepteert en dientengevolge op straat aanvallen en hen het leven onmogelijk maken. Is dat dan niet een probleem dat uit die zogenaamde diversiteitsambities voortkomt? Mevrouw HOEKSTRA: Iedere groep die een andere groep in onze Bossche samenleving niet accepteert voor wie die is en hoe die zich wil uiten op straat en niet accepteert dat iemand hier gewoon zichzelf wil zijn, moeten we keihard veroordelen en keihard aanpakken. Dat is een herkenbare kapstok. Laten we ermee vooruitgaan, laten we het vooral aandurven om ons eraan te committeren en over een langere periode te varen op een visie voor onze gemeente. Het helpt ons vooruit in ons denken, maar bovenal hopelijk ook in ons doen. Tot zover.

De heer VAN SILFHOUT: Toch even in het licht van wat de wethouder heeft gezegd over dat dit verhaal geen formele status heeft en dat het kaderstellend eigenlijk niet heel veel gaat doen. Hoe ziet dat committeren dat mevrouw Hoekstra wil doen eruit? Mevrouw HOEKSTRA: Volgens mij is dat de hele discussie die we net hebben gevoerd, die zou ik niet willen overdoen en ik kan het ook niet beter verwoorden dan de wethouder net heeft gedaan. Ik denk dat het heel erg goed is dat er een niet-politiek stuk ligt dat over de lijnen van een bestuursperiode heen kijkt, dat ons dat gaat helpen ook in de gesprekken met een aantal maatschappelijke partners, dat het goed voor onze gemeente is en dat we dat zouden moeten doen. Is dat een antwoord op uw vraag? De PLV. VOORZITTER: Dan gaan we naar de volgende spreker. 26

De heer VAN CREIJ: Ik heb in eerste instantie voldoende tijd gehad. De heer VAN HATTEM: Het lijkt me goed om in deze tweede termijn ook nog eventjes stil te staan bij de inhoud van de jaarstukken. Daarbij zit zoals ieder jaar ook het subsidieregister en een ding valt me op bij het subsidieregister. Er zitten heel wat stukken in over subsidies die worden uitgekeerd voor het stimuleren van activiteiten op het gebied van integratie, emancipatie en maatschappelijke participatie. Ik heb in januari jl. raadsvragen gesteld over een onderwerp dat aan integratie raakt en er kwam een duidelijk antwoord van het college, namelijk 'er is in 'sHertogenbosch geen lokaal integratiebeleid'. Dan vraag ik toch aan het college hoe het dan kan dat er toch allerlei subsidies voor integratie worden uitgekeerd. Daar krijg ik toch wel graag een duidelijk antwoord op. Het waren vragen die gingen over het bewust scheiden van mannen en vrouwen waarbij ik een aantal voorbeelden van moskeeën aanhaalde. Het laffe antwoord van het college was een verwijzing naar orthodoxe synagogen maar die hebben we niet eens in deze stad sinds de verschrikkingen van de Tweede Wereldoorlog. Daar wil ik zeker vanavond toch wel eventjes bij stilstaan. Dan nog een aantal punten.

Ik heb in de eerste termijn ook veiligheid aangehaald, maar daar heb ik het college in zijn termijn eigenlijk helemaal niet meer over gehoord en er is toch nog genoeg te doen op veiligheidsgebied. Ik hoor toch graag wat er wordt gedaan, ook gelet op de komst van het azc. We hebben op 20 mei jl. weer gezien dat in steden als Utrecht ontzettende overlast van jonge Syriërs is en we hebben net over de grens in Duitsland, in Bielefeld, een steekpartij gepleegd door een Syrische statushouder gezien. Kortom, wat gaat het college nog meer doen op het gebied van veiligheid en met name rond het azc? We hebben op 20 mei jl. ook specifiek gevraagd welke veiligheidsgaranties er te bieden zijn. Ik heb één vraag die ik in de eerste termijn heb gesteld, die nog niet duidelijk is beantwoord en die ging over natuurversterkend ontwikkelen. Waarom hier lokaal het wiel uitvinden en niet eerst kijken wat er landelijk in het stikstofdossier als garen op de klos komt en hoe zich dit tot elkaar gaat verhouden? Ik heb in de eerste termijn ook duidelijk aangegeven dat dit college heel sterk bezig is met over het graf heen regeren en ik daag het college nogmaals uit te laten zien of sprake is van over het graf heen regeren door met al die toekomstplannen en mijlpalen zaken alvast voor de volgende raadsperiode in te vullen.

Tot slot misschien toch nog een beetje richting de Omgevingsvisie, daar hebben we het ook nog weinig over gehad. We zien allerlei afwegingen in ruimtelijk ontwikkelingen. Eén fractie noemde in de eerste termijn bijvoorbeeld Maliskamp waar nog altijd een discussie is over de locatie bij de boerderij van Peer Smulders. Ik vind dat er in onze gemeente een beetje willekeur is wat betreft sommige ontwikkellocaties, een Duurzame Polder, een windpark, kan wel doorgaan, woningbouw in dat gebied niet en er lijkt een beetje willekeur in sommige ruimte-voor-ruimtelocaties te zijn. Hoe gaan we nou ervoor zorgen dat bepaalde ontwikkelingen gewoon op een zuivere manier kunnen landen en initiatiefnemers in de stad een eerlijk antwoord krijgen over wat wel en niet kan? Ik noem het voorbeeld van Maliskamp, maar ook in andere situaties is een beetje onduidelijk of het ook zijn beslag kan krijgen wanneer iemand een initiatief neemt. Tot zover in de tweede termijn. De heer GERSJES: Ik kom even terug, daar had ik gezien de tijd die ik maar had op 20 mei jl. geen tijd voor... In 2024 hadden we een evaluatie van de afvalpilot 2023 en er is toen een aantal acties besproken, onder andere voor de bewuste overtreders, om de oorzaak van waarom ze dat doen te verkleinen. Er zou een campagne komen en ik wil even weten of die er is geweest en hoe het erbij staat.

Verder was er een pilotwijk, Noord en West, losgelaten en er zou breder worden gekeken naar eventuele inzet van afval-boa's in de wijken waarvoor nu geen aandacht is. Graag even een update. Dan voorzitter, en dan neem ik direct het standpunt dat 50PLUS hanteert mee, dat hanteer ik ook,… We hadden op 8-9 mei jl. Samen Slim Ouder worden, dat ging over slimme technologie, en BrabantZorg, JADS, de Bossche wijkcentra en vele anderen waren daarbij betrokken. Dat kostte € 100.000 en het was geen succes. Ik vergelijk het maar even met de € 250.000 die in 2024 aan seniorenorganisaties is uitgekeerd of is gegeven. Dat vind ik toch wel een lastige, in hoeverre wordt hiernaar teruggekeken? Wethouder, in hoeverre gaat u verder met het project dat nu achter u ligt en niet zo een succes was, wat gaan we in de toekomst doen om meer mensen te bereiken, niet meer dit of is er iets anders? Verder wil ik het nog even over de WMO hebben. Wij vinden dat ouderen passende zorg en huisvesting verdienen want de vergrijzing van onze bevolking en daarmee ook de druk op de WMO neemt toe en bijna drie op de vier hulpbehoevende ouderen zullen de komende vijftien jaar geen plek in een verpleeghuis vinden.

Tegelijkertijd neemt het tekort aan zorgpersoneel toe, ouderen moeten steeds langer thuis blijven wonen, maar er is ook een tekort van 250.000 geschikte seniorenwoningen en in 's-Hertogenbosch is de wachttijd voor een seniorenhuurwoning twaalf jaar. De gemeente moet niet alleen bouwen, 27

maar ook bestaande woningen versneld aanpassen. De WMO staat ook onder druk door stijgende kosten en krimpende budgetten. Het college waarschuwt voor tekorten in 2026, maar die tekorten zijn er nu al. We roepen het college op om zijn verantwoordelijkheid te nemen en niet naar het rijk te wijzen. VOOR Den Bosch en 50PLUS vinden dat ouderen recht hebben op zorg, welzijn en veiligheid. Wachten is geen optie. Graag een reflectie of een visie op deze mening dan wel standpunt van ons. Tot slot een conclusie. VOOR Den Bosch staat voor een gemeente waarin de gezondheid, leefbaarheid en veiligheid van onze inwoners vooropstaat, we willen verbeteringen bij de Afvalstoffendienst zonder extra lasten voor onze inwoners, we pleiten voor passende zorg en huisvesting voor ouderen en voor een zorgvuldige planning van grote projecten. Laten we samen werken aan een gemeente waarin visie, verbinding en verantwoordelijkheid de norm zijn. Wethouder VAN DER GELD: Volgens mij een viertal thema's. Eerst de vraag van de heer Van Hattem over natuurversterkend ontwikkelen, waarom doen we dat zelf, nemen we een initiatief en laten we dat niet aan het rijk over? Heel simpel, daar gebeurt gewoon veel te weinig en dat gaat veel te langzaam. Dat is de reden dat wij nu ook zelf een stap bijzetten. Dan de vraag over het ravijnregeren.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15615429/1