CConstaterende dat's-Hertogenbosch
Koppel je AI →
Document · PDF

Notulen raadsvergadering 2025-04-01

Gemeenteraad 7 mei 2025, gemeente 's-HertogenboschBij agendapunt: Goedkeuring notulen van de openbare raadsvergadering van de gemeenteraad van 1 april 202530.115 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

worden. De heer HOEBEN: Dat klopt, maar de studentenverenigingen zijn daar niet bij betrokken. De onderwijsinstellingen misschien wel, dus ik zou toch pleiten om eerst het onderzoek af te wachten. Is dat niet verstandiger? Mevrouw LIPMAN: In dat opzicht begrijp ik niet waarom we het onderzoek… In dat opzicht lijkt het mij in ieder geval dat het onderzoek al is afgerond, en dat hier een ontwikkelkader voorligt wil natuurlijk nog niet zeggen dat we niet mogelijk een ander antwoord zouden kunnen krijgen op het onderzoek. De heer KAGIE: Ik ga ervan uit dat de wethouder dadelijk duidelijk maakt of dat onderzoek nu wel of niet afgerond is. Ik ga ervan uit dat het er is en als het afgerond is, maar ook als het nog niet afgerond is, horen we graag duidelijkheid: wanneer ligt het op tafel? Want dan kunnen we hier met elkaar verder een zinvolle discussie voeren zoals de collega van De Bossche Groenen bepleit. De VOORZITTER: Dat is geen vraag, dat is een feitelijke constatering, dus gaat u door mevrouw Lipman. Mevrouw LIPMAN: Dank u wel, en dank u wel Leefbaar ’s-Hertogenbosch daarvoor. Daarom horen we alsnog ook wel graag van de wethouder of de buurtkamer dan echt voor eenieder openstaat en niet enkel voor de buurtbewoners. Wat het CDA betreft, mocht het dan een buurtkamer worden, dan zou een multifunctioneel gebouw in onze ogen een goed idee zijn.

Mocht de studentensociëteit hier inderdaad niet landen, dan willen we alsnog zicht houden op een alternatieve locatie en dat is ook de reden dat we een motie hebben ingediend, omdat we het wel belangrijk vinden om te kijken, niet hier, is er wel een andere plek mogelijk in onze brede binnenstad? We hebben ook van de wethouder gehoord dat op dit moment in ieder geval de onderwijsinstellingen wel in gesprek zijn met in ieder geval de studentenvereniging waar we het toen over hadden en die ook hebben ingesproken, om te kijken of de Campus300 daar een geschikte locatie voor is. Dus in dit opzicht, dat wordt wel gedaan in samenspraak met de studentenvereniging. En mochten ze daar nu niet uitkomen, zouden we dan ook graag van het college, of roepen we het college dan ook op om in gesprek te gaan over alternatieve locaties in de brede Bossche binnenstad. De heer KAGIE: Een vraag richting de collega. Is de motie die u nu op tafel legt niet te vroeg als we nog geen kennis hebben genomen van het onderzoek, want dan kunnen we met elkaar een vruchtbaar gesprek hebben over eventuele alternatieven, maar we leggen ons niet neer bij het verloren gaan zonder dat we dat onderzoek hebben gezien. Mevrouw LIPMAN: Wij vinden het niet te vroeg en vinden het juist een belangrijk signaal, ook naar de studentenorganisaties en ook aan het college, dat we dit niet uit het oog verliezen.

En dan horen we inderdaad dadelijk van de wethouder wat de uitkomst is van het onderzoek, dat we het wel belangrijk vinden dat we dit in zicht houden, omdat in ieder geval uit de beantwoording in de commissievergadering het wel leek alsof de studentensociëteit hier in ieder geval niet zou landen. De heer VAN HATTEM: Ik heb op zich best sympathie voor een studentensociëteit op die plek, alleen is mijn vraag een beetje: wat is de strekking nu eigenlijk van die motie? Wat wordt, als deze motie wordt aangenomen concreet van de gemeente verwacht? Moeten wij dan echt actief op zoek naar een locatie, moeten wij iets gaan financieren? Wat komt er allemaal uit voort als deze motie wordt aangenomen want er wordt wel wat gevraagd. Mevrouw LIPMAN: In principe om te kijken naar geschikte locaties zeker, mocht de gemeente daar bepaalde locaties voor hebben, ik kan er ook een paar noemen, dan zou ik dat zeker een optie vinden. Kijk, zomaar een gebouw geven, dat wordt ook een lastige, dus dat is zeker niet wat de motie zomaar vraagt. Wij vinden verenigingen belangrijk, of het nu een studentenvereniging is of andere verenigingen. En we vinden dat we niet zomaar de ene vereniging boven de andere vereniging kunnen plaatsen, maar wel kijken: wat is er nu mogelijk, samen met de studentenvereniging waar het dan hier over gaat.

Mocht het niet lukken op de Campus300, zijn daar inderdaad misschien nog mogelijkheden dat ze middels een constructie een gebouw ofwel huren, en ik weet ook niet hoe Gremio Unio het natuurlijk gedaan heeft, maar dat daar eenzelfde soort constructie mogelijk zou zijn. Maar het is dus niet de bedoeling om zomaar een gebouw te geven. 15

De heer VAN SILFHOUT: Een beetje een nevenvraag, maar een groot probleem van de Onderwijsboulevard is natuurlijk dat studenten die niet verlaten en de binnenstad niet bezoeken waardoor ze niet verliefd kunnen worden op onze mooie stad. Een studentensociëteit op de campus gaat dat natuurlijk niet oplossen, dus hoe gaan wij nu nog samen ten strijde trekken met het CDA om ervoor te zorgen dat alle studenten toch in de binnenstad gaan komen? Mevrouw LIPMAN: Persoonlijk vind ik de afstand van de campus naar de binnenstad niet heel groot en denk ik zeker omdat de campus later open is dan we in eerste instantie gezegd hadden tijdens de commissievergadering en wat ik ook in eerste instantie dacht. Tot een uur of tien en dan naar de binnenstad lijkt mij juist een prima vervolg van stappen. Anderzijds begrijp ik het ook dat een locatie in de binnenstad net als Gremio Unio natuurlijk nog mooier zou zijn. En dat is dus ook dat we willen kijken: wat is daar mogelijk? Dan het parkeren. Ten tweede vindt het CDA het van belang dat bezoekers een plek kunnen vinden in het Bloemenkampkwartier. Denk bijvoorbeeld aan mantelzorgers die bij familie of vrienden zorg verlenen. En ten derde vinden we ook de bereikbaarheid in de verdere ontwikkeling van de plannen belangrijk en daarom dienen we ook met de VVD de motie in. Tot zover voorzitter.

De heer VAN CREIJ: We spreken nu over finetuning van een groots plan, het Bloemenkampkwartier. Het is uitvoerig besproken in de commissie. Daar hebben wij onze zorgen geuit over de bereikbaarheid en het parkeren. Met het parkeren doen we mee met de motie van de VVD. We hebben nog getracht om het uit te breiden, het parkeren zelf, maar het voldoet eigenlijk jammer genoeg, wil ik bijna zeggen, aan de parkeernota, dus die moeten we vlug updaten, dat er meer geparkeerd kan worden, om het zo maar even te zeggen. Onze motie gaat eigenlijk over het aan- en afvoeren van het emissieloze gebeuren dat aangenomen is. Wij willen eigenlijk dat dit opgerekt wordt, want als je kijkt, er is sprake van een overgangsregeling, maar de bouwtermijn van het Bloemenkampkwartier is tien jaar. De overgangsregeling om te maken dat het uitstel eventueel is, is tot 01-01-30, maar dan zijn de werkzaamheden nog lang niet afgerond op het Bloemenkampkwartier, dus dat gaat sowieso problemen opleveren denken wij. En ook vanwege het feit dat er veel sociale woningbouw gaat plaatsvinden, en dat vinden we allemaal heel belangrijk, maar het prijsopdrijvende effect van elektrische voertuigen vinden wij niet in de juiste verhouding staan.

En door een stukje van de Citadellaan eigenlijk buiten de emissieloze zone te houden, kan er door reguliere voertuigen aan- en afvoer van de bouwmaterialen gebeuren, dus vandaar onze motie om dat te bewerkstelligen. De heer VAN HATTEM: We moeten nog heel even iets finetunen op deze motie, want ik vind het een sympathieke motie, maar ik merk dan wel dat als er een project is dat door de gemeente wordt geïnstigeerd, de bouw van het Bloemenkampkwartier, dat er dan uitzonderingen kunnen worden gemaakt die bijvoorbeeld niet worden gemaakt voor bijvoorbeeld de marktkooplui. Krijgen de marktkooplui dan ook heel die periode mogelijkheden voor zulk soort uitzonderingen? Dat zou dan wel een eerlijke gevolgtrekking zijn van deze motie. Hoe kijkt de heer Van Creij tegen die consequentie aan? De heer VAN CREIJ: Ja, u weet, ik ben faliekant tegen die zero-emissiezone, om onder andere de marktkooplui uit te sluiten van dit soort dingen, maar dat is nu eenmaal jammer genoeg een gegeven, en over vijftig jaar is er toch geen markt meer. Maar dan zijn we hier nog wel bezig met dit plan. Mevrouw WELTEN: Ik sta hier voor de motie 'Openbaar parkeren in buurt Bloemenkampkwartier – Gastvrij voor bezoek'.

Het voorliggende voorstel prijzen wij ten aanzien van de enorme toename van woningen, vergroenen, het vergezelligen van hoeken die echt op dit moment niet gezellig zijn, dus wat dat betreft staan wij positief in het voorstel. Maar het parkeren vinden wij een zorgpunt. We zouden de VVD niet zijn om daar in ieder geval extra aandacht aan te besteden. Het aantal parkeerplekken willen wij graag gecompenseerd zien. Op dit moment ligt er het voorstel dat het aantal parkeerplekken wordt gecompenseerd door parkeerplekken voor bewoners die aan het openbare karakter worden onttrokken. Dat vinden wij niet de manier van werken. Wij verliezen daarom een aantal parkeerplekken met een openbaar karakter. De parkeerplaatsen op straat zouden verplaatst moeten worden naar bestaande parkeergarages, zodat ze ook door iedereen gebruikt kunnen worden. Ik denk dat dat voldoende is. Ik mag Joris vervangen, dat begrijpt u wel, dus ik ben een beetje minder goed voorbereid dan anders. Maar ik denk dat ik me duidelijk 16

heb gemaakt. Mevrouw SAMSHUIJZEN: Zoals we in de commissie ook aangegeven hebben vindt mijn fractie het ontwikkelkader Bloemenkampkwartier een mooi plan waar wij voorstander van zijn. Het is een flinke verbetering van het gebied. Veel meer woningen dan er nu staan, renovatie van omliggende sociale huurwoningen en ook veel flink veel toevoeging van sociale huurwoningen. En ja natuurlijk, dat moest ook wel, want in het Gasthuiskwartier is flink verzaakt op dat vlak. Qua groen wordt er ook flink verbeterd, zowel qua leefbaarheid en beleving als wel qua ecologische waarde. Om het plan dan nog wat mooier te maken vragen wij extra aandacht voor het duurzaam bouwen, dit met als doel om de duurzame ambities van het ontwikkelkader nog meer te expliciteren en waar te maken. Met de ingediende motie vragen wij dan samen met De Bossche Groenen en Volt om materiaalgebonden CO2-uitstoot, oftewel de CO2-uitstoot veroorzaakt door het maken van het bouwmateriaal expliciet mee te nemen in de tender. Ook vragen we om voor het voorgenomen gebruik van bakstenen waarbij bij de productie veel CO 2 vrijkomt dan zoveel mogelijk gebruik te maken van duurzame materialen, waarmee dan wel dezelfde uitstraling gecreëerd wordt als bij bakstenen. Zo worden ontwikkelaars bij hun voorstel uitgedaagd. Mevrouw HERNÁNDEZ: Ik heb een vraag met betrekking tot de bakstenen. U wilt duurzame bakstenen gebruiken.

Dat kan ik heel goed begrijpen. Maar ik vraag me af, als de bakstenen gemaakt zijn met groene stroom, met groene energie, zou u daarmee akkoord gaan? Mevrouw SAMSHUIJZEN: Het punt is dat de productie van reguliere bakstenen met heel hoge temperaturen gebeurt, dus dat kost heel veel energie, waar dan veel CO 2-uitstoot het gevolg van is. Natuurlijk zijn er tegenwoordig allerlei innovaties, dus wij pleiten ervoor om dus een duurzaam alternatief te vinden en ik weet dat een bepaalde partij ook laagtemperatuur bakstenen heeft tegenwoordig. Als dat soort mogelijkheden er zijn… Waar het ons om gaat is die grote uitstoot van CO2 bij de productie van reguliere bakstenen. Om dat te voorkomen, dus wanneer er laagtemperatuur bakstenen zijn, of helemaal circulaire materialen, dan zeg ik: gebruik dat, zodat we de uitstoot voorkomen. Beantwoordt dat voldoende uw vraag? Waar het ons om gaat is dat op die manier ontwikkelaars worden uitgedaagd bij hun voorstel om zo duurzaam mogelijk te bouwen, waarbij natuurlijk ook rekening gehouden wordt met de andere onderdelen van de tender zoals natuurlijk ook de betaalbaarheid die wij denk ik allemaal ook heel belangrijk vinden, want ook de PvdD vindt het heel belangrijk dat die hoeveelheid sociale huurwoningen hier gerealiseerd kan worden tegen een vaste prijs.

Ze vraagt dit dan toe te passen ten aanzien van het Bloemenkampkwartier en ten aanzien van andere en toekomstige gebiedsontwikkelingen waarvan de gemeente initiatiefnemer is, om dit soort uitvragen dus mee te nemen. Tot zover. De heer VAN HATTEM: Ik kan hier vrij kort over zijn. Het voornaamste bezwaar dat de PVVfractie bij dit voorstel heeft, is de lage parkeernorm. Als wij in het stuk zien dat er voorrang wordt gegeven aan lopen en fietsen, openbaar vervoer en deelmobiliteit ten opzichte van de automobilist en dat het aantal parkeerplekken wordt verminderd dan hebben wij daar heel grote moeite mee. Ondanks dat het op zichzelf een prima voorstel is om meer woningen en sociale huurwoningen te bouwen, als die straks totaal niet bereikbaar zijn met de auto wordt het toch wel heel problematisch. Dan zitten er nog allerlei plannen in voor zonnepanelen. Met de nodige netcongestie is dat al een probleem en dat wordt alleen maar erger gemaakt. En als we dan nog allerlei moties voorbij zien komen over duurzame bouwmaterialen, straks mogen er alleen maar van die kloostermoppen of van die steentjes die hier ook nog in de muur zitten uit de veertiende eeuw gebruikt worden, dan wordt het helemaal duur om nog te bouwen. En met al dat soort geneuzel wordt het toch wel een heel lastige operatie om in Nederland nog woningen te bouwen.

Gelet op het punt van parkeernormen hebben we de motie van de VVD en anderen mede ingediend. Die is voor ons ook heel belangrijk of we dit voorstel überhaupt kunnen steunen, want deze motie zet in op in ieder geval het alternatief bieden voor parkeergelegenheid. En zoals ik net al zei, de zero-emissiezone is heel problematisch, dus daarom wil ik in deze raad toch nog maar een keer de woorden van Cato de oudere parafraseren: Ceterum censeo zero-emissiezone esse delendam, oftewel: laten we zorgen dat de zero-emissiezone vernietigd zal worden. Dank u wel. De heer PETERS: Ik ga even wat locaties opnoemen, Groot Meerendonk, stadswijk De Vliert, de Van Herpensweide, Orthen-Links, het BrabantBad, de Groote Wielen, de Donken, de Bossche Stadsdelta. Voorzitter, ik kan nog wel even doorgaan met het opnoemen van alle locaties waar in de afgelopen jaren en in de komende jaren werk wordt gemaakt van veel meer betaalbare woningen. 17

Den Bosch bouwt en Den Bosch bouwt betaalbaar. En daar zijn de ontwikkelingen in het Bloemenkampkwartier waar we vandaag over spreken een goed voorbeeld van. Na jaren waarin we vooral bouwden voor de happy few, pijnlijk zichtbaar in het peperdure Gasthuiskwartier, zijn we als PvdA blij dat deze periode de volkshuisvesting weer is teruggekeerd in onze gemeente. Want iedereen verdient het om een betaalbaar en fijn thuis te hebben. Jongeren die tot hun dertigste thuis wonen omdat ze nergens terechtkunnen worden inmiddels meer regel dan uitzondering. Daarom is het goed dat we een inhaalslag maken en dat we op deze prachtlocatie in de Bossche binnenstad bijna alleen maar sociale huur en middenhuurwoningen bouwen. Essentieel om een stad te creëren waar plek is voor iedereen. En we snappen ook helemaal dat Leefbaar is gedraaid ten opzichte van de commissie en een stuk positiever is over deze plannen, maar hun amendement kunnen we helaas niet steunen. Het bouwen van woningen is namelijk geen exacte wetenschap en volgens mij hebben we duidelijke kaders waar we de wethouder ook op aan kunnen spreken. Als je deze planningen zo precies inzet, creëer je echter verkeerde verwachtingen. Je weet namelijk nooit of een fase door externe factoren sneller of langzamer gaat. Dan de moties.

Die van het CDA dienen we mee in, omdat ook wij het belangrijk vinden dat er ruimte moet komen voor een studentensociëteit, om ruim baan te geven aan de Bossche studentencultuur. En we snappen dat de VVD duidelijkheid wil over het parkeren en volgens ons past dit ook binnen de uitgangspunten van het plan, dus we kunnen deze motie steunen. De motie van de PvdD vinden we ook sympathiek en die sluit volgens mij ook goed aan bij de ambities om in Den Bosch duurzaam te bouwen. We zijn nog wel benieuwd naar het oordeel van de wethouder over de haalbaarheid van deze motie voor de huidige plannen. En als laatste de motie van gewoon ge-DREVEN, deze zullen we niet steunen aangezien bouwbedrijven op dit soort milieuregels inmiddels zijn ingesteld en ze ook voor bepaalde voertuigen als het echt nodig is ontheffingen aan kunnen vragen. Tot zover. De heer VAN CREIJ: Ontheffingen kunnen tot 01-01-2030. De bouwperiode is zoals nu geprognotiseerd tien jaar. Wat na die tijd? De heer PETERS: We zien op dit moment dat bouwbedrijven zelf al heel erg bezig zijn met die verduurzamingsslag, ook omdat zij juist heel erg emissieloos willen bouwen, dus daar zijn ze al volop mee aan de slag, ook in hun voertuigen om dat te verduurzamen, maar ook de manier hoe er dadelijk met zo weinig mogelijk overlast en zo duurzaam mogelijk gebouwd kan worden. De heer VAN CREIJ: Een aanvullende vraag.

Er wordt daar veel sociale woningbouw gepleegd, dat zijn we van plan. Deelt u onze mening dat het elektrificeren een prijsopdrijvend effect heeft? De heer PETERS: Nee, want je ziet over de hele breedte al dat bouwbedrijven daarmee bezig zijn. Als wij puur in Den Bosch bij het ene project zeggen: die milieuregels gelden niet. Dat is een ontwikkeling die al is ingezet. Volgens mij een goede ontwikkeling, waar bouwbedrijven ook gewoon mee door blijven gaan. De heer HOEBEN: Dank de heer Peters voor de campagneaftrap. We zijn begonnen, zou ik bijna zeggen. Laten we beginnen met motie 1 en ik had daar zojuist al wat opmerkingen over. Die motie vraagt om inzicht te houden op een studentensociëteit op Campus300. En als deze daar niet landt, dan ergens anders. En hoe sympathiek ook, en hoe goed bedoeld ook, we hebben het hier vanavond over het ontwikkelkader van het Bloemenkamp. En als we dan kijken wat daar nog aan moties openstaat, dat is een motie uit 12 mei 2020, voor de studentensociëteit, waar mevrouw Lipman ook al aan refereerde, in die Bloemenkamp een onderzoek doen en betrek de studenten. Die motie staat gewoon nog open. Er is nog geen inzage gegeven in de resultaten van het onderzoek. Mevrouw LIPMAN: De heer Hoeben zegt inderdaad: de motie staat nog open. Wat let de heer Hoeben, de motie blijft in principe nog steeds openstaan. De heer HOEBEN: Dan kom ik toch op het volgende.

Die motie staat nog open en die wordt voorgesteld om af te sluiten in de volgende commissie Sociaal. Ik kan me niet anders voorstellen dan dat dan eigenlijk ook gevraagd wordt: wat zijn dan de resultaten van het onderzoek. Want het onderzoek, of dat nu uitgevoerd is of niet, kan er zomaar toe leiden dat wij als raad besluiten: we willen graag toch een ander inzicht daarin hebben. We hebben daarvoor gekozen, we hebben een keuze gemaakt, en we willen op basis van de resultaten van het onderzoek toch kijken of het misschien mogelijk is, of dat we een andere locatie moeten zoeken. 18

Mevrouw LIPMAN: Maar dat kan toch nog steeds voorzitter? De heer HOEBEN: Dat kan helemaal niet. U neemt een voorschotje. Die motie staat dus nog open en eigenlijk rest de vraag, los van dat die de volgende keer op de nominatie staat om afgevoerd te worden, krijgen we nu dat onderzoek, ja dan nee? En dan is het inderdaad ook zo dat je als college een motie naast je neer kunt leggen. Dat kan nu eenmaal, maar dan wordt het helemaal vreemd, want op het moment dat het college het naast zich neerlegt, dan is het vreemd dat 24 oktober 2023 gewoon nog in de beantwoording staat dat ze weliswaar weinig heil zien in als het college zeg maar het voortouw neemt. Ze zeggen daarin eigenlijk: de verantwoordelijke zijn de onderwijsinstellingen, Maar ze zeggen daarbij ook dat ze actief worden betrokken bij het onderzoek over Bloemenkamp. Dus in het beantwoorden van de vragen zijn we nog steeds bezig met die motie. En als we het niet van plan waren om dat onderzoek uit te voeren, dan hadden we ook op dat moment die motie al ter afdoening voor kunnen leggen aan de commissie. En dat is allemaal niet gebeurd. Oftewel, de commissie kan nog steeds oordelen om die motie niet als afgedaan te beschouwen. Maar helaas maakt dat niet meer uit, en nu kom ik eigenlijk een beetje op het punt waar u over valt.

De heer VAN SILFHOUT: Ik ben toch benieuwd, want ik deel deels wat de heer Hoeben zegt, namelijk die stip op de horizon voor studenten in de binnenstad, die moet er nog steeds zijn. Dat neemt niet weg dat mogelijk een sociëteit, voor zover dat dezelfde sociëteit is als beoogd in de originele motie, op de campus landt, wel een goede zet kan zijn. Hoe kijkt de heer Hoeben daar nu tegenaan? De heer HOEBEN: Dat is ook het mooie, want in feite kwam tijdens de discussie in de commissie naar voren dat de wethouder zei: ik zie het veel meer landen in dat blok 300, ik weet niet precies hoe het heet, om te kijken of het daar plaatsvindt. En als het daar niet lukt, kunnen we nog kijken of het ergens anders kan. Maar dan hebben we het ontwikkelkader al vastgesteld, en daar zit een beetje mijn punt. We schrijven nu iets af terwijl we gevraagd hebben als raad om een onderzoek. En er is nooit meegedeeld: we beschouwen die motie als afgedaan want wij zien het niet zitten, want we vinden dat voor de onderwijsinstellingen. En als dat dan vier jaar lang openstaat, en iedere keer verwijst naar het ontwikkelkader Bloemenkamp, dan kun je het niet maken om tijdens de presentatie van het ontwikkelkader te zeggen: dat gaan we niet doen en we beschouwen hem als afgedaan. Dan laat je niet een motie vier jaar openstaan.

Dat is eigenlijk in de kern een beetje… Nou ja, hoe kan het toch dat we onze eigen verzoeken, die we als raad hebben, en we zeggen toch het hoogste orgaan en daar begin ik dan aan te twijfelen, want de wethouder doet een voorzetje en we plakken er gelijk een motie aan vast om dat maar over te nemen, alsof het dan toch ons eigen verzoek is. Maar dan wijs ik u op het volgende: ondertussen staan er 167 moties open over alle commissies, en dat is een onbeheersbaar aantal. Natuurlijk worden we onderhand een beetje, dat we onze eigen passen af staan te snijden, want de ene motie zegt dit… De VOORZITTER: Mijnheer Hoeben, volgens mij gaat het over Bloemenkampkwartier en het ontwikkelkader, dus daar wil ik u weer op focussen. De heer HOEBEN: Ja voorzitter, ik dien het verzoek in aan de indieners van motie 1: trek a.u.b. deze motie in. Want a: het is het onderwerp niet, zoals de voorzitter zojuist al aangeeft. We hebben het over blok 300. We hebben het over ontwikkelkader Bloemenkamp. Dat strookt niet met elkaar. En b: u elimineert op voorhand al een vier jaar lang openstaande motie zonder mening, inbreng van de juiste commissie of uitleg van de verantwoordelijke wethouder. En ik zou dan willen voorstellen om motie 1 om te bouwen naar een bespreekstuk voor in die commissie, zodat het ook op de juiste plek ligt.

En dan een verzoek aan de raad, want wij kunnen zonder een besluit te nemen over de kaders van Bloemenkampkwartier, zonder gehoor te geven aan het verzoek van de raad uit 2020, dat is ons eigen verzoek, leg het raadsvoorstel terug bij het college in afwachting van de bespreking en afhandeling van de motie te onderzoeken een studentensociëteit, studentenhuisvesting op locatie Stadsarchief. En als we dan onze eigen processen en democratie recht willen doen en onszelf serieus willen nemen, dan moeten we dat gewoon doen. En dan heel kort, aan- en afvoer bouwstoffen plannen. Ik snap dat dat gezegd wordt. Ook wij maken ons zorgen over de markt. Maar we denken toch: ja luister, wie A zegt moet ook B zeggen. We hebben nu eenmaal afgesproken dat dat zo gaat, en zo kunnen we ook wel inbrengen dat het heel erg raar is dat een bedrijf volgend jaar niet meer met een euronorm 6 de binnenstad in mag, terwijl Hannie en 19

Piet gewoon met een oude oldtimer of een camper of een oude diesel door de stad heen kunnen blijven gaan. Wij kunnen daar niet in meegaan. En motie 3, daar zijn we faliekant tegen. En motie 4, daar staan we op. En amendement 1 is akkoord en het voorstel is overigens ook akkoord voorzitter. Tot zover. De heer KOUWENBERG: Rosmalens Belang ziet het Bloemenkampkwartier als een mooie kans om de binnenstad te versterken met meer woningen, meer groen en een prettig leefklimaat dat recht doet aan de geschiedenis en toekomst van dit stukje ’s-Hertogenbosch. De ambities in het ontwikkelkader sluiten goed aan bij onze visie op een leefbare, bereikbare, fijne gemeente, waar bewoners en inwoners elkaar kunnen ontmoeten. Tegelijk zien we ook aandachtspunten. In het voorgestelde woningbouwprogramma is de nadruk sterk gelegd op sociale huur en middenhuur. Begrijpelijk, gezien de betrokken corporaties, maar ook een kans om meer balans te brengen. Daarom willen wij van het college weten hoe het college ervoor gaat zorgen dat ook het middeldure en dure segment in de stad voldoende aandacht blijft krijgen en welke andere projecten krijgen straks ruimte om juist die doelgroepen te bedienen, zodat we als gemeente blijven bouwen voor alle inwoners van deze gemeente, van starters door doorstromers? Dan naar de moties.

Mevrouw SAMSHUIJZEN: Volgens mij is dat ook al breder in het debat ter sprake gekomen, omdat er juist op het vlak van sociale huur gewoon echt een grote achterstand was in dit gebied. Maar mag ik wat u aangeeft dan zo begrijpen dat u wel die inhaalslag die er op sociale huur was, die noodzaak ervan wel onderschrijft, maar dat u ook op wat andere groepen aandacht vraagt, maar dat u het toch wel eens bent met dat er echt gecompenseerd moet worden op die echt betaalbare woningen? De heer KOUWENBERG: Wij horen ook graag de beantwoording van het college. Wij geloven ook heel erg in doorstroming, dat er voldoende huizen moeten zijn voor iedereen, dus daar zit onze zorg. Tegelijkertijd moeten er natuurlijk ook voldoende sociale woningen zijn. Zo is er bijvoorbeeld ook helemaal geen betaalbare koop opgenomen, dat zijn ook zorgen die we dan hebben. Dus de vraag aan het college is eigenlijk of er voor alle groepen voldoende aandacht is, dus ook voor de groep die u aanhaalt. Dan de moties. Over het parkeren zijn we helder. Bij een verdubbeling van het aantal woningen moet je kunnen uitleggen hoe de openbare ruimte wordt benut. Wij dienen daarom de motie van de VVD, die helderheid geeft over het compenseren, of vraagt over het compenseren van openbare parkeerplekken in de omgeving van het Bloemenkampkwartier, graag mee in.

Tevens vinden wij het belangrijk om oog te houden op het realiseren van een studentensociëteit. Die dienen wij ook graag mee in. Tot slot over duurzaam bouwen. Wij waarderen echt de inzet op circulariteit en klimaatbestendigheid en ik sluit me ook aan bij de woorden van de heer Peters dat de bouwbedrijven er zelf ook echt mee bezig zijn om circulair te kunnen bouwen. Maar wij geloven wel dat bouwen maatwerk is en dat die ruimte er ook moet blijven. De te gedetailleerde technische sturing waar deze motie ook om vraagt vanuit de raad zien wij echt als onwenselijk en daarom steunen wij die motie van bouwmaterialen niet. Wij stemmen voor het ontwikkelkader en doen dat met vertrouwen. Wel blijven we aandacht vragen voor een evenwichtige woningmarkt, waar iedereen, van jong tot oud, van huurder tot koper, een plek kan vinden. Tot zover. De heer VAN SILFHOUT: Er staat een mooi plan klaar in het Bloemenkampkwartier om uit te gaan voeren. En we hebben opgelet bij de hearing over de woonzorgvisie. We zijn heel blij dat hier een gebouw gaat landen waar jonge mensen gemengd gaan worden met mensen met heel veel levenservaring, om op die manier ook naar de toekomst te kijken hoe we nu verschillende groepen samen kunnen laten leven. Er ligt gewoon een heel goed plan. Toch zijn we wel licht teleurgesteld als we naar sommige moties kijken.

Ik dacht eindelijk met de VVD, we zijn eruit, we zijn het eens over parkeren. Bij de parkeervisie gaan we het hebben over parkeren in de binnenstad, dus wij hebben onze motie niet ingediend en dan dacht ik: dan doet de VVD haar motie niet. Maar helaas, hij staat er toch, om hier toch weer meer plekken te realiseren dan dat er in het plan beoogd zijn. Daar staan wij natuurlijk als Volt niet achter. Wij zeggen nog steeds: wacht op die discussie over de parkeervisie om dan integraal je kader aan te passen en ga niet op de postzegel er andere besluiten over nemen. We zijn dus tegen die motie. We hopen wel dat de inzet zoals die in de commissie werd gezegd natuurlijk naar de toekomst gewoon wordt doorgezet. Dan zijn we wel blij met de omarming van het amateurtoneel dat hier in de raad is gedaan door de fractie van Leefbaar, maar we zagen in de commissie eigenlijk Geert Wilders opstaan die tekeerging tegen het college en hier in de raad stond ineens Geert Milders te vertellen hoe goed het plan eigenlijk was van Leefbaar. Ja voorzitter, fijn dat cultuur nu ook een plek krijgt bij Leefbaar, maar laten we wel wezen, wij kunnen dat 20

amendement niet steunen. Daarnaast wil ik toch kort gezegd hebben, fase 3, 4 en 5 werden gewoon genoemd in het plan, dus dat dat er allemaal niet in stond was natuurlijk ook onzin. Voorzitter, dan over die studenten daar, de binnenstad. Studenten moeten de kans krijgen om verliefd te worden op al dat moois dat ’s-Hertogenbosch te bieden heeft. Deze studentensociëteit zoals die nu beoogd is op de campus kan een stap in die richting zijn, maar uiteindelijk is het niet het einddoel voor de studenten, namelijk al dat moois zien wat onze stad heeft. Dus voorzitter, we weten dat studenten dit graag willen en we weten ook dat hier gesprekken over gaande zijn en dat steunen we van harte. Daarom staan we ook onder de motie. Maar die stip op de horizon, dat wij studenten waarderen in deze stad en dat ze een plek hebben hier, die staat voor ons nog steeds als een paal boven water, dus die stip blijft staan. We staan wel achter het plan dat nu door het CDA wordt ingediend. Dan ten slotte, ik wist niet dat ik het ooit nog als citaat kon gebruiken, maar de Jeugd van Tegenwoordig zong in mijn jeugd 'Baksteen, de rest is geschiedenis'. Misschien is na vandaag de baksteen wel geschiedenis voorzitter. Ik ben heel blij met de motie van de PvdD, dat we het over bakstenen gaan hebben en dat dat niet meer duurzaam is tegenwoordig, daar staan we volledig achter.

Wethouder SLIKKER: Ik doe het bij afhandeling van de amendementen en de moties en hier en daar een opmerking tussendoor naar aanleiding van de opmerkingen van uw raad. Te beginnen met het amendement van de heer Kagie van Leefbaar en collega’s over de fasering. Ook de gemeente en de corporaties hechten natuurlijk aan voortvarende realisatie van de bouw in het Bloemenkampkwartier en zeker ook de betaalbare bouw die hartstikke hard wenselijk en nodig is. Daarin is de volgorde van de fasering uiteraard zeer van belang, omdat we willen bouwen voor de sloop uit, omdat we de entree van de Arenagarage moeten verleggen et cetera. Maar ik herhaal eigenlijk de woorden van uw collega van D66. Als wij per plan de exacte fasering in jaartallen gaan vastleggen, in deze omstandigheden zoals we die kennen, met alle moeilijkheden in de bouw, met stikstof, met netcongestie, dan bewijst u de stad geen dienst. Wij zijn voortvarend bezig om 10.000 woningen tot 2030 te realiseren. Daar lopen we zo snel mogelijk in op, maar gaat u nu alstublieft niet sturen per individueel project, per individuele bouwfase, dus daarom ontraden wij het amendement. De motie van CDA en anderen over de studentensociëteit.

Er werd gevraagd, niet om een onderzoek op te leveren aan uw raad over een studentensociëteit, nee, te onderzoeken in gesprek met studenten en onderwijsinstellingen of het mogelijk is om op de locatie van het Stadsarchief tot een studentensociëteit te komen. We hebben een paar partijen nodig die dat wenselijk vinden. Ten eerste de onderwijsinstellingen zelf, ten tweede de studenten. De heer HOEBEN: U zegt: er is niet gevraagd een onderzoek te doen maar te onderzoeken, maar er staat toch gewoon letterlijk: te onderzoeken of dit te combineren met het onderzoek of het realiseren van een studentensociëteit. Kunt u nu niet een klein beetje erin meegaan dat je dan ook resultaat daarbij moet leveren en terug moet komen naar de raad alvorens te zeggen: we gaan het niet doen? Wethouder SLIKKER: Dat zou mijn punt zijn. Ik ben nog bezig met de beantwoording. Kijk, om gestand te doen aan de motie, namelijk te onderzoeken of het mogelijk is om op deze locatie, de locatie Stadsarchief, een studentensociëteit te realiseren, hebben we een paar partijen nodig die dat wensen. Studenten, uw raad uiteraard, want u geeft de opdracht, de onderwijsinstellingen die deze voorziening met elkaar realiseren en de inwoners en belanghebbenden in het gebied die zeggen: wij vinden het ook wenselijk.

De constatering bij ons was, zowel naar aanleiding van de participatie als de gesprekken met de onderwijsinstellingen als met de studenten: de onderwijsinstellingen zien er geen brood in en de bewoners en belanghebbenden in het gebied willen het niet. Uiteraard kan uw raad dan nog steeds zeggen: wij willen per se een studentensociëteit op deze plek realiseren. Beseft u dan alleen wel: dan zult u er zelf de portemonnee voor moeten trekken. Dan gaat het ten koste van betaalbare woningen en dan krijgt u beroep en bezwaar omdat omwonenden het niet willen, terwijl we ondertussen in goed gesprek zijn met de onderwijsinstellingen over een alternatieve locatie, waar Animoso mee om tafel zit om op Campus300 een prachtige voorziening met elkaar te realiseren. En de motie van het CDA zegt: wacht dat nu eens rustig af. En als er dan nog steeds behoefte is in de stad aan een studentenvoorziening, onderzoek dan samen met de onderwijsinstellingen de mogelijkheden in de brede binnenstad en daar hebben wij geen enkel bezwaar tegen. De heer HOEBEN: Dan blijft mijn vraag staan: is het nu niet wijs dat dat eerst gewoon bij het afdoen van die motie gepresenteerd wordt aan de commissie, zoals wij de procesafspraken afgesproken hebben, dus in de procedures. Dat af te wachten en dan pas over te gaan naar de volgende stap.

Dat er iets gedaan moet worden is prima, maar u hoort ook al vanuit de raad hier dat 21

er verschillende partijen toch zeggen: dat is op de Onderwijsboulevard, ze moeten de binnenstad ingetrokken worden. Dat willen de studenten graag, dat wil de raad graag. Dat hebben ze al uitgesproken. Dus kunnen we nu niet iets meer doen met die vraag? Wethouder SLIKKER: Ik constateer twee dingen. Ten eerste dat we uitvoering hebben proberen te geven aan de wens van uw raad om te onderzoeken op deze locatie of het mogelijk is. Dat is niet zo. En twee, dat de onderwijsinstellingen zelf met Animoso in gesprek zijn over het realiseren van een voorziening en dat er een motie van uw raad is die zegt: wacht af of dat lukt, en lukt dat niet, kom dan nogmaals in beweging met de onderwijsinstellingen. En daar voldoen wij graag aan. Wilt u iets anders? Dan moet u een andere vraag stellen. De heer HOEBEN: Ik doe nog één poging, want dan gaat u voorbij… Natuurlijk vindt u dat een prima vraag, want dat poetst weg dat er al vier jaar lang een motie op de agenda staat te branden die dus vraagt om dat onderzoek te doen. En als u zegt: ik leg dat naast mij neer, dan is dat ook een antwoord, maar dan moet u dat terug rapporteren, maar dat hebben we niet gedaan. Wethouder SLIKKER: Wij leggen die motie niet naast ons neer, sterker nog, we hebben uitvoering gegeven aan die motie.

Wij zijn in deze periode voortvarend aan de slag gegaan met het Bloemenkampkwartier om te kijken hoe we daar zoveel mogelijk betaalbare woningbouw kunnen realiseren, waar inderdaad in de vorige raadsperiode veel woorden over gewisseld zijn. We hebben in een unieke samenwerking met Mooiland en BrabantWonen ervoor weten te zorgen dat er straks 465 nieuwe woningen weten te realiseren. Ondertussen zijn we ook het gesprek aangegaan met de onderwijsinstellingen: hoe ziet u nu de mogelijkheden om binnen dat gebied een studentensociëteit te realiseren? En de onderwijsinstellingen zeggen: die wens koesteren wij niet. En de omgeving zegt: dat willen wij niet. Daarom concluderen wij, en dat komt straks bij de afhandeling van de motie ook een keer in de stukken terug, dat het daar niet haalbaar is en krijgen we een oproep vanuit de raad, tenminste van het CDA en anderen, om te onderzoeken: als Animoso en Avans onverhoopt bij Campus300 niet uit zouden komen, kunnen we dan elders in die brede binnenstad weer een locatie vinden? En daartegen hebben wij geen bezwaar. De heer VAN SILFHOUT: De wethouder vroeg om een andere vraag. Daar komt-ie: als ik naar dit plan kijk, dan zeggen we: we gaan naar de campus. Maar het zou ook kunnen zijn dat we naar de campus gaan, dat dat gaat lukken, en dat alsnog geconcludeerd kan worden dat er ook nog wat in de binnenstad moet gebeuren.

Hoe ziet de wethouder dat in relatie tot de motie die er nu ligt? Wethouder SLIKKER: Hier staat volgens mij niet de wethouder studentensociëteit, maar de wethouder die Bloemenkampkwartier realiseert. We hebben hier naar eer en geweten naar gekeken. We hebben met de onderwijsinstellingen overlegd over: wat doet u elders? Daar komt dat gesprek over Campus300 vandaan en de haalbaarheidsonderzoeken zijn momenteel met Animoso voor die locatie doorlopen. De motie van het CDA vraagt van ons: kijk of dat een succes wordt, en als dat niet zo is, ga onderzoeken of er in de brede binnenstad iets anders kan. Als u zegt: wij willen iets anders, namelijk per definitie in de binnenstad in plaats van de brede binnenstad nog iets, dan zult u dat moeten voorstellen. Dan onderzoeken we dat ook. Zo gaat dat. De heer VAN SILFHOUT: De andere vraag is niet: lukt dat niet, wat gaan we dan doen? De andere vraag is: lukt dat wel, wat kunnen we dan nog steeds in die binnenstad doen? Dat is eigenlijk, en ik weet dat de verenigingen naar u als wethouder kijken en niet naar andere wethouders op dit onderwerp, dus het gaat echt om die stap naar de binnenstad. Studenten verliefd laten worden op deze stad. Daar moet misschien ook nog wat… De VOORZITTER: Mijnheer Van Silfhout, volgens mij ging de motie nu over het niet realiseren van de sociëteit in Bloemenkamp. Dat is het onderwerp van vandaag.

Daar is een motie voor ingediend. Die motie kunt u amenderen als u dat wilt. Maar u gaat nu weer een andere discussie aan, namelijk de haalbaarheid van een studentenvoorziening in de binnenstad en dat is een andere discussie. Dus ik wil wel zuiver houden wat wij hier bespreken. De heer VAN SILFHOUT: Nee voorzitter, ik wil even, want ik ben het grotendeels eens met wat de wethouder zegt, alleen lijkt er maar één wereld te bestaan en dat is dat het wel of niet gaat lukken op de campus en dat dat als enige conclusie heeft dat daar dan niets meer hoeft te gebeuren als het wel lukt. Maar volgens mij is de conclusie dat er ook nog van alles kan gebeuren als het lukt 22

op de campus, om ook in de binnenstad nog wat voor studenten te doen en daarvoor vraag ik de wethouder nog even... Wethouder SLIKKER: Er zit uiteraard geen enkel veto op, want deze stad ontwikkelt door en de studentenvoorzieningen ongetwijfeld ook. Ik constateer echter wel dat als we een studentensociëteit willen realiseren dat we ook de onderwijspartijen daarin nodig hebben en die zien er op deze locatie geen brood in, op Campus300 wel. En wat er in de toekomst nog voor prachtige muziek kan ontstaan, dat gaan wij allen zien. Voorzitter, motie 2 van gewoon ge-DREVEN en anderen. De heer VAN HATTEM: Nog even over die motie van die studentensociëteit. Er wordt nu aan alle kanten weer bepaalde uitleg en gevolg aan gegeven. Ik heb straks ook aan de indiener van de motie gevraagd: wat is de gevolgtrekking van deze motie? Hoe ziet de wethouder de gevolgtrekking van deze motie? Is die in lijn met wat de indiener heeft aangegeven of kijkt hij er anders tegenaan? Want een locatie in de binnenstad, dat is allemaal heel mooi maar dat is ook duur en schaars, zullen we maar zeggen. Dus hoe kijkt de wethouder aan tegen de gevolgtrekking van deze motie? Wethouder SLIKKER: Wat ik net zei, tegen deze motie koesteren wij geen bezwaar, en die motie vraagt: kijk of op Campus300 Avans en Animoso tot een studentenfaciliteit kunnen komen, studentenhoreca.

En mocht dat niet lukken, ga onderzoeken of in de brede binnenstad er alternatieven zijn, samen met de onderwijsinstellingen en de studenten. En dat doen wij graag. De motie van gewoon ge-DREVEN en anderen over de aanpassing van de milieuzone. Het is juist Bouwend Nederland en de bouwpartijen die zelf zeggen: wij willen zo snel mogelijk naar emissieloze bouw. Ongetwijfeld niet alleen vanwege het klimaat, ook omdat het gewoon een verstandig economisch model is en ook omdat emissieloze bouw noodzakelijk is om te zorgen dat je stikstof op dit moment weet op te lossen. Dus onze overtuiging is a: dat het kan, en b: expliciet voor sommige bijzondere voertuigen, waar geen alternatief voor is op elektriciteit, dan kunnen wij daar te allen tijde een ontheffing voor verlenen. Dus daarmee is hetgeen wat wij willen, namelijk emissieloos bouwen stimuleren we, en daar waar we onverhoopt tot problemen zouden komen kunnen we altijd een ontheffing verlenen. En daarmee is deze motie niet nodig en ontraden wij deze. De heer VAN CREIJ: Dan toch even terug naar de wethouder. U zegt: te allen tijde kunnen wij ontheffing verlenen, maar het gaat tot 01-01-2030. Daarna kunt u geen ontheffing meer verlenen. Wethouder SLIKKER: U heeft het over de reguliere ontheffingen voor de emissieloze zone. Hier gaat het over echt specifieke ontheffing. Ik noem maar een dwarsstraat.

Je hebt een heel zware bouwkraan nodig en die kan niet elektrisch aangedreven worden. Daar is technisch gewoon niet in voorzien, dat is niet mogelijk. Daar kunnen wij te allen tijde een ontheffing voor verlenen. Wat niet kan, is als iemand zegt: ik moet daar spulletjes afleveren en dat kan ik met een reguliere vrachtwagen en die reguliere vrachtwagen is ook gewoon geëlektrificeerd beschikbaar. Daar kunnen we geen ontheffing voor geven. Maar daarin voorzien we ook geen problemen, omdat de hele bouwstroom op dit moment in rap tempo omschakelt in emissieloos bouwen, inclusief het verkeer daarnaartoe. De heer VAN CREIJ: Deze discussie kunnen we voeren. Ik zou de wethouder toch willen aanraden: kijk eens even op RDW en ontheffingen, en dan lees je exact welke voertuigen wel en niet binnen de regels vallen en dan denk ik dat de wethouder toch iets anders ertegen aan gaat kijken. Wethouder SLIKKER: Ja, dat geldt volgens mij voor de reguliere emissieloze zone, maar deze hebben we juist ook naar aanleiding van die motie natuurlijk nog eens een keer goed technisch uitgezocht. Voor specifieke voertuigen waar geen geëlektrificeerd alternatief voor mogelijk is, kunnen we te allen tijde ontheffen. Motie 3, 'Gastvrij voor bezoek' van de VVD en anderen. In het ontwikkelkader staat ook de mogelijkheid om openbare parkeerplaatsen die vervallen te compenseren in het gebied.

Dan gaat het over het gebied P4 zoals de motie ook oproept. Onze verwachting is dat pas in fase 4 straks dat noodzakelijk is en dat vanaf dat moment die openbare parkeerplaatsen komen te vervallen. En dat geeft ons de kans om keurig per deelplan uit te werken welke behoefte er is en waar en hoe we dit kunnen compenseren. Dus tegen deze motie hebben wij geen bezwaar. Dat brengt mij bij de laatste motie, motie 4 van de PvdD, 'Duurzaam bouwen'. Ja, een belangrijk uitgangspunt, juist ook in dit ontwikkelkader. Uw dictum heeft twee punten. 1: neem de materiaalgebonden CO2-uitstoot mee in tenders. Die verbreed ik wel wat, want tenders is echt 23

daar waar we een ontwikkelende partij inschakelen, dat is hier alleen voor het koopgedeelte en dat is maar zeer klein. Het is ook een gunningscriterium bij aanbestedingen voor corporaties. Precies ook zoals u hem zegt, een van de gunningscriteria, zoals betaalbaarheid, haalbaarheid et cetera dat natuurlijk ook zijn. Tegen dat dictumpunt hebben we geen bezwaar. Die andere over de baksteen, daar ga ik een nuance bij vragen en dan kijk ik u of met mij meegaat en zo niet, dan moet ik hem ontraden. Het gaat er namelijk over als u zegt: wij willen per definitie niet dat er bakstenen gebruikt worden in de Bloemenkamp, dan lukt dat niet, omdat er één ding wel heel duurzaam is aan de baksteen en dat is de levensduur en de mate waarin hij recyclebaar is. Ze kunnen gewoon voor vierhonderd jaar toegepast worden, wat met steenstrips en alle alternatieven nog niet lukt. Dat betekent dat in de gebieden die intensief gebruikt worden, rondom de ontmoetingsplekken, openbare ruimte, we waarschijnlijk gewoon bakstenen zullen moeten gaan toepassen. Uw motie zegt strikt genomen: zoveel mogelijk, dus daarmee kunnen we uit de voeten en dan hebben we geen bezwaar. Maar ik wil u wel vergewissen dat dit de lezing is die ik eraan geef, waarop wij ermee uit de voeten kunnen. De heer HOEBEN: Het gaat eigenlijk nog over de uitleg van de vorige motie over de parkeernorm. Ik hoor u zeggen: geen bezwaar.

Maar druist de vraag die in de motie staat niet lijnrecht in tegen hetgeen we al afgesproken hebben over het parkeren in de binnenstad? Wethouder SLIKKER: Nee zeker niet. Er wordt sowieso voldaan aan de parkeernorm. En waar de motie om vraagt, is als er openbare parkeerplaatsen verdwijnen, kunnen die gecompenseerd worden in het gebied. Dat staat in het ontwikkelkader en is ook niet uitsluitend tot het beleid dat u hier met elkaar heeft vastgesteld. De heer HOEBEN: Maar we zijn bezig om die autoluwe binnenstad te realiseren. Daarin gaat het over openbare parkeerplaatsen, lees betaald parkeren. Zo kan ik het ook omschrijven, want we hebben die combi, o nee, dat is daar niet. Maar dan nog, om nu al te garanderen dat hetzelfde aantal terugkomt, dat zou toch geheel onverstandig zijn? Zeker als je in de tijd kijkt dat dit project loopt. Weet je nu wel zeker dat we dit moeten bestempelen als geen bezwaar? Wethouder SLIKKER: Ook in het bestuursakkoord hebben we afgesproken dat openbare parkeerplaatsen pas weggaan op het moment dat je een alternatief hebt in de garages. Daar wordt met de parkeervisie et cetera straks allemaal keurig aan gewerkt. Wij kunnen prima compenseren en dit vraagt compenseren als dat nodig is en dat kunnen wij keurig per deelplan bekijken vanaf fase 4 en daarom hebben wij geen bezwaar tegen deze motie.

Mevrouw SAMSHUIJZEN: Nog even een reactie op wat de wethouder aangaf op dictum 1 van onze motie. Ik waardeer het heel erg dat de wethouder aangeeft dat dus op sommige plekken het wel kan, kijken wat de alternatieven zijn. En de wethouder geeft aan: op sommige plekken gaat dat lastig worden. Dan kunnen we elkaar daar denk ik de hand schudden en zeggen: prima, dan gaan we dus de inspanning doen om het op die manier zoveel mogelijk te voorkomen. Wethouder SLIKKER: Dan had ik nog een vraag van Rosmalens Belang over veel betaalbaar in dit gebied, hoe zit het met de dure productie elders. Hier inderdaad compensatie van de eerdere fase van het Gasthuiskwartier en doordat je veel met corporaties doet. De wat duurdere bouw, daar zie je momenteel vertraging in doordat bij grote gebiedsontwikkelingen corporaties eerst instappen, maar uiteindelijk de bouwproductie die wij met elkaar hebben afgesproken in het bestuursakkoord, 30% sociaal, 30% middeldure huur, 10% betaalbare koop, 30% dure koop, die zit ook in onze totale plancapaciteit. Dus die wordt uiteindelijk uitgelopen, dus die komt. De VOORZITTER: Is er behoefte aan een tweede termijn? En dan zou ik voorstellen om die tweede termijn gewoon via de huidige plek te doen, dat is misschien het makkelijkst. De heer HOEBEN: Heel even kort, een studentensociëteit in de binnenstad en dat is eigenlijk ook het doel.

Ik vind het jammer dat we daar blijkbaar toch voor een deel afscheid van nemen. De Bloemenkamp is een goede mogelijkheid. Goed om op de kaart te zetten, dus om ergens anders te kijken voor alternatieven, maar wel op het juiste moment en dat stoort ons. Het is te vroeg. Het gaat om wat de raad wil en geeft aan dat we een sociëteit willen in de binnenstad, en niet om wat het college wil. En ik hoor de wethouder ook niet over wat de studenten willen. De strekking van de wens was duidelijk en teleurstellend dat de wethouder zich verschuilt achter een tekstueel puntje dat 24

er niet staat, terug te komen met een onderzoek. Het was wel degelijk de intentie en dan hoeven we er niet vier jaar lang op te wachten om dit soort afdoeningen... Daarnaast, over het laatste, het parkeren. Ik begrijp wat de wethouder zegt, maar toch raar dat als je een plan hebt dat over jaren gaat, en dat we dus heel erg ons best doen om parkeren van het maaiveld af te halen en betaald parkeren uit die binnenstad te halen om het in parkeergarages te doen. Dan is het eigenlijk vervelend te constateren dat we een motie die eigenlijk oproept: het moet wel bij hetzelfde blijven, hetzelfde aantal moet binnen dat plangebied opgelost worden, dat we daar voorbijgaan aan de doelstelling die we hebben en dat dat gewoon wordt overgenomen als zijnde geen bezwaar. Tot zover. De heer KAGIE: Mijn buurman gaf in zijn bijdrage net aan: fantastische zaak dat al die plannen de lucht in gezet worden. Herpense Weide, Station Oost, Groot Meerendonk en ga zo maar door. Het is nog mooier plannen te presteren. En dan is het goed dat bij de achter de schermen gehanteerde planningen, faseringen bij al die mooie plannen, de raad daarin wordt meegenomen en dan begin je op moment nul bij dit raadsbesluit met betrekking tot het Bloemenkampkwartier. Neem de planning op die achter de schermen gehanteerd wordt en dan kan het zijn dat je over twee of drie jaar moet zeggen: het loopt anders.

Maar dan kom je daar met een onderbouwing en gemotiveerd op terug naar de raad op de geëigende momenten. Mevrouw LIPMAN: Toch nog kort reagerend op wat er net gezegd is. Het CDA wil inderdaad die aantrekkelijke studentenstad. We zagen inderdaad een mooie kans in het Bloemenkampkwartier, zeker ook omdat het gebouw van de gemeente is. We snappen ook, en daarom is de motie ook ingediend, we begrijpen ook het uitgangspunt van de wethouder. Het lijkt nu niet te gaan gebeuren, in ieder geval niet te landen in het Bloemenkampkwartier. Maar we willen wel zicht houden op die studentensociëteit, en daarom hebben we de motie ook ingediend. Houd daar nu zicht op en kijk nu in die brede Bossche binnenstad om te kijken, houd die stip aan de horizon voor de studenten om onze binnenstad aantrekkelijk te maken. Amendement 1, Aanvulling Ontwikkelkader Bloemenkampkwartier met fasering inclusief opleverjaartallen, van Leefbaar ’s-Hertogenbosch, VOOR Den Bosch en gewoon ge-DREVEN, is door de gemeenteraad verworpen. De leden van de fracties van De Bossche Groenen (mw. Hendrickx, Hoeben, mw. Claessen), PVV (Van Hattem), SP (mw. Visscher, Roover), Leefbaar ’s-Hertogenbosch (Mees, Kagie), VOOR Den Bosch (Gersjes) en gewoon ge-DREVEN (Van Creij) hebben voor gestemd.

Motie 1, Motie Studentensociëteit: een ontmoetings- en verbindingsplek voor studenten, van CDA, Volt, PvdA, D66, Rosmalens Belang, VVD, GroenLinks en PvdD De heer VAN CREIJ (stemverklaring): We hebben geen behoefte aan deze motie. Wat ons betreft heeft de wethouder uitvoering gegeven aan de eerdere motie en als de mensen die erbij betrokken zijn niet willen, dan hoeft het niet. De heer HOEBEN (stemverklaring): Juist het tegenovergestelde. Wij zijn het eens met de motie, maar hij is te vroeg en we zullen daarom tegen stemmen, omdat we eerst de onderbouwing willen horen en de afdoening van de eerdere motie. Daar zijn we benieuwd naar. De heer MEES (stemverklaring): In lijn met wat de heer Hoeben net zei, ook Leefbaar vindt het te prematuur. We zien het hier eigenlijk met het verkeerde motief bij Bloemenkamp belanden en daarom zullen wij tegen stemmen. De heer VAN HATTEM (stemverklaring): Ik zal tegen de motie stemmen. Het is op zich een sympathiek initiatief, alleen met de uitleg van de wethouder gebeurt er al voldoende, dus de motie vind ik overbodig. Mevrouw HERNÁNDEZ (stemverklaring): Ik zal ook tegen stemmen en dat heeft ermee te maken dat ik vind dat het te vroeg is. Er staat nog een motie open, die moet nog afgedaan worden. De heer VAN SILFHOUT (stemverklaring): Uit gesprekken met studenten blijkt dat dit de stap is die ze nu willen zetten.

Het betekent niet dat die stip van de horizon is dat we studenten verliefd moeten laten worden op onze binnenstad en dat dat voor Volt boven water blijft staan, we zijn voor 25

deze motie. Motie 1 is door de gemeenteraad aangenomen. De leden van de fracties van De Bossche Groenen (mw. Hendrickx, Hoeben, mw. Claessen), PVV (Van Hattem), 50PLUS (mw. Hernández), gewoon ge-DREVEN (Van Creij), Leefbaar ’sHertogenbosch (Mees, Kagie), VOOR Den Bosch (Gersjes) hebben tegen gestemd. Motie 2, Aan en afvoer bouwstoffen plannen Bloemenkampkwartier, van gewoon ge-DREVEN en Leefbaar ’s-Hertogenbosch De heer VAN HATTEM (stemverklaring): Ik zal voor de motie stemmen, maar dergelijke ontheffingen moeten uiteraard ook voor onze marktkooplieden geleverd worden. Motie 2 is door de gemeenteraad verworpen. De leden van de fracties van PVV (Van Hattem), 50PLUS (mw. Hernández), gewoon ge-DREVEN (Van Creij), Leefbaar ’s-Hertogenbosch (Mees, Kagie) en VOOR Den Bosch (Gersjes) hebben voor gestemd. Motie 3, Openbaar parkeren in buurt Bloemenkampkwartier – Gastvrij voor bezoek, van VVD, Rosmalens Belang, gewoon ge-DREVEN, 50PLUS, VOOR Den Bosch, CDA en Bosch Belang De heer VAN SILFHOUT (stemverklaring): Ik sluit me aan bij de bijdrage van de heer Hoeben. Uiteindelijk zal deze motie worden ingehaald door de parkeervisie en daarmee wordt deze motie eigenlijk zonder gevolg, ook al lijkt die dat nu wel te hebben. Motie 3 is door de gemeenteraad aangenomen. De leden van de fracties van Volt (Van Silfhout), De Bossche Groenen (mw. Hendrickx, Hoeben en mw. Claessen) en PvdD (mw.

Samshuijzen) hebben tegen gestemd. Motie 4, Duurzaam bouwen op het Bloemenkampkwartier en daarbuiten, van PvdD, De Bossche Groenen en Volt De heer BOS (stemverklaring): Duurzaam bouwen moeten we steeds meer normeren en deze motie geeft daar een mooie stap in de goede richting voor, dus van harte steun. De heer VAN CREIJ (stemverklaring): We waren al niet voor de motie, maar de overweging die de wethouder aangeeft dat een baksteen vierhonderd jaar meegaat heeft ons helemaal gesterkt. De VOORZITTER: Dus u bent… De heer VAN CREIJ (stemverklaring): Tegen. Motie 4 is door de gemeenteraad verworpen. De leden van de fracties van GroenLinks (mw. Doğan, Bos, mw. Korver, Scholten), Volt (Van Silfhout), De Bossche Groenen (mw. Hendrickx, mw. Claessen, Hoeben), PvdD (mw. Samshuijzen) CDA (mw. Lipman, Van Genugten, Ploegmakers), SP (mw. Visscher, Roovers) en PvdA (Peters, mw. Hoekstra, Çifçi) hebben voor gestemd. Voorstel Ontwikkelkader Bloemenkampkwartier De heer HOEBEN (stemverklaring): We hebben er weinig woorden aan gewijd, maar het is natuurlijk een fantastisch voorstel. Zo willen we er meer zien. Dus voor dit voorstel.

De heer VAN HATTEM (stemverklaring): Ik zal voor het voorstel stemmen, ondanks dat ik er eerder negatief naar heb gekeken, maar met het aannemen van de motie over het openbaar parkeren kan ik het voorstel wel steunen omdat er toch enige ruimte wordt geboden voor de automobilist. Wel met inachtneming van de kritiek die ik eerder heb geuit, onder andere over de zonnepanelen en andere ontwikkelingen die wij niet zien zitten. Desondanks is het goed dat er woningbouwontwikkeling plaatsvindt.

26

Het voorstel is met algemene stemmen aangenomen. Schorsing LICHTE BESPREEKSTUKKEN (B) 10.

Ruimtelijk en functioneel kader De Donken

De VOORZITTER: Iedereen van harte welkom na de schorsing. Mevrouw Doğan heeft de vergadering verlaten, dus we zijn met 36 mensen voor de rest van deze avond. Ik ga verder met agendapunt 10, het ruimtelijk en functioneel kader voor het gebied De Donken. Dat is een B-stuk, dus daar is één motie over ingediend door de heer Van Silfhout. Die wordt gepitcht door de heer Van Silfhout, daarna reactie van het college en daarna stemming. De heer VAN SILFHOUT: Uiteindelijk liggen er meerdere kaders voor ons. Eentje is het ruimtelijk en functioneel kader, waarin een duidelijke segregatie zichtbaar is tussen sociale huur en vrije huur. In de grondexploitatie zien we dat die er niet is. Voor ons is het dus belangrijk dat we zeker weten dat we dat niet gaan doen, vandaar ook de motie. En dat dat eigenlijk ook het mogen samen hebben in één pand van sociale huur en middenhuur, ook een kader is waarmee wij onze bouwprojecten nu aanvliegen. Dus dat is ook richting de annex op de woonvisie natuurlijk iets waar we het met zijn allen over eens moeten zijn. Dus vandaar de motie. De onduidelijkheid weghalen over de twee kaders en daarmee ook bekrachtigen dat juist de woningcorporatie gezamenlijk sociale huur en middenhuur in één pand kan realiseren. Wethouder SLIKKER: Ja, dat is ons uitgangspunt, dus we willen gemengde Bossche buurten en in de dorpen uiteraard ook.

Dus ook hier in beide complexen, het A-complex en het B-complex is de doelstelling expliciet om middenhuur en sociale huur met elkaar te combineren. En omdat dat is wat wij beogen en het ook inderdaad in die bijlage 7 bij de grondexploitatie ook opgenomen is, is de motie zelf zonder gevolg, want dat is wat we doen, dus uitgangspunt hier en ook elders in de stad. Motie 1, Meer ontmoeten op De Donken, van Volt en VOOR Den Bosch, is door de gemeenteraad verworpen. De leden van de fracties van VVD (mw. Welten, Van Haren, mw. De Groot, Altenburg-Collin), Volt (Van Silfhout), De Bossche Groenen (mw. Hendrickx, mw. Claessen, Hoeben), PvdD (mw. Samshuijzen), Bosch Belang (Van der Krabben), 50PLUS (mw. Hernández), SP (mw. Visscher, Roovers) en VOOR Den Bosch (Gersjes) hebben voor gestemd. Voorstel Ruimtelijk en functioneel kader De Donken De heer HOEBEN (stemverklaring): Een prima plan, maar we hebben wel zorg over het verdwijnen van het aantal sportvelden. Nu weet ik wel, die stonden leeg, maar er is verderop in de stad enorm veel behoefte aan uitbreiding. Laten we in ieder geval afspreken dat we niet terug gaan in de sportvoorzieningen, maar juist omhooggaan, dus compensatie.

En twee, heel kort, de geluidswal, de gekunstelde manier waarbij we binnen de norm blijven baart ons zorgen, want er loopt ook een enorme lobby om dat knooppunt uit te breiden en zitten we dan nog wel binnen de norm? De heer VAN HATTEM (stemverklaring): Voor, met stemverklaring. Het is positief dat er niet gekozen is voor flexwoningen maar voor permanent bouwen. Nog wel enige zorgen over de parkeernorm, maar desondanks willen we deze ontwikkeling zeker niet tegenhouden, dus voor het voorstel. Het voorstel is met algemene stemmen door de gemeenteraad aangenomen. 11.

Integraal huisvestingsplan onderwijs 2026-2041

De VOORZITTER: Dan ga ik over naar het Integraal huisvestingsplan onderwijs 2026-2024. Dat is een B-stuk. Er is één amendement en er zijn vijf moties voor ingediend. Twee moties zijn te laat ingediend. Ze zijn inmiddels gepubliceerd, door de PVV over het budget klimaat en met betrekking tot azc-leerlingen. Ik geef aan alle indieners van moties en het amendement de mogelijkheid om te pitchen. Daarna reactie van het college en daarna stemming. Als eerste de heer 27

Van Silfhout voor het amendement. De heer VAN SILFHOUT: Uiteindelijk gaan we versnellen van één school naar anderhalve school per jaar en dat is een versnelling die we waarderen. Maar daar zit wel de kanttekening aan dat we daarbuiten niet heel veel keuze hadden om een ander scenario te kiezen omdat het volgende scenario drie scholen per jaar was. Dat voelde toch een beetje alsof we Postcodeloterij Miljoenenjacht speelden, waar de bank een heel laag bod doet en wij dan maar moeten accepteren wat er ligt. Vandaar het amendement, dat vraagt om over vier jaar juist op kleine stappen te kunnen sturen, zodat we gaan zitten tussen die anderhalf en die drie, en dat we dat ook inzichtelijk hebben bij de volgende keer dat we keuzes maken. De VOORZITTER: Dan ga ik over naar de heer Van Creij met twee moties. De heer VAN CREIJ: We hebben het voorstel in de commissie uitvoerig behandeld. Een voorstel van vier keer vier jaar, om het zo maar even te zeggen, en in het eerste tijdpad van vier jaar staan drie gymzalen, bewegingsonderwijs op de nominatie om gerenoveerd of verbouwd te worden. Er is € 6 miljoen voor beschikbaar. Even een rekensom, dat is drie keer € 2 miljoen, denk ik dan. Het zal niet helemaal kloppen dat ze allemaal even duur zijn, maar er is ook een wens in Vinkel en Nuland om te komen tot net iets meer dan een gymzaal.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15455518/1