Notulen raadsvergadering 2025-01-28
Tekst van het document
In de uitvraag kunnen wij binnen de wet- en regelgeving uiteraard wel de formulering en de voorwaarden scheppen die ervoor zorgen dat er een goede aanbieder uitkomt, maar we mogen niet aan de voorof achterkant op rechtsvorm selecteren. Dan motie 3 van het CDA over toekomstbestendige markten. Ja voorzitter, wij vinden de markt enorm belangrijk, die moeten ook toekomstbestendig zijn en we gaan graag samen met de partijen die dat op veel plekken doen kijken wat daar mogelijk is, dus daar geen bezwaar tegen. De laatste over de zero emissie. Zero emissie gaat per verkeersbesluit en niet via een marktverordening, daarom ontraden wij ook die motie. Het punt Duurzaamheid gaat erover dat, als er meerdere inschrijvingen zijn, we dus punten moeten scoren en daarbij winnaars moeten kiezen, je meer punten krijgt op het moment dat je meer aan duurzaamheid doet. Dat is hoe het systeem werkt. Zero emissie gaat echt via verkeersbesluiten. Motie 1, Herbeoordeling looptijd van de huidige vergunningen voor marktstandplaatsen na uitslag lopend onderzoek door ministerie van Economische Zaken, van VOOR Den Bosch, Rosmalens Belang, PVV, CDA, gewoon ge-DREVEN en Bosch Belang. De heer VAN SILFHOUT (stemverklaring): Ja voorzitter wat ons betreft... Als we de vergunningstermijn gaan verlengen dan is de kans voor nieuwe mensen om toe te treden ook kleiner en daarom stemmen wij tegen deze motie.
Motie 1 is door de gemeenteraad aangenomen. Het lid van de fractie Volt (Van Silfhout) heeft tegen gestemd. Motie 2, Non-profit verzelfstandigde markten, van SP. De heer VAN CREIJ (stemverklaring): Ik zal tegen deze motie stemmen. Private instellingen kunnen ook goed werk leveren. Motie 2 is door de gemeenteraad verworpen. De leden van de fracties van De Bossche Groenen (mw. Claessen, mw. Hendrickx, Hoeben), SP (Roovers, mw. Visscher) en PvdD (mw. Samshuijzen) hebben voor gestemd. Motie 3, Op weg naar toekomstbestendige warenmarkten, van CDA, VVD, Bosch Belang, D66, Rosmalens Belang, VOOR Den Bosch, PvdA en GroenLinks. De heer VAN CREIJ (stemverklaring): Ik zal tegen deze motie stemmen. Wij vinden hem eigenlijk te schijnheilig want als je ziet welke ondertekenaars eronder staan en ook met zeroemissiezone denken wij van… Ondanks dat hij het gaat halen, zijn wij tegen. De VOORZITTER: Schijnheilig. Ik zou wel de scheiding tussen kerk en staat in deze raad willen. Mevrouw Samshuijzen. Mevrouw SAMSHUIJZEN (stemverklaring): Wij zullen tegen deze motie stemmen want ondanks dat wij het een hele sympathieke motie vinden, kunnen we ons niet in de doelen ervan vinden.
Bijvoorbeeld het aantrekken van meer consumenten is voor ons geen doel op zich en lang verhaal kort zien wij vanuit de motie en de genoemde doelen geen aanleiding om vanuit de gemeente dan daar middelen in te gaan investeren. 14
De heer VAN HATTEM (stemverklaring): Ik zal voor de motie stemmen, ondanks dat het een motie is waarbij men de put dempt als het kalf verdronken is omdat inderdaad, zoals de heer Van Creij al terecht zei, door de zero-emissiezone het leed al is geschied. Desondanks kan ik de insteek van deze motie wel ondersteunen. Motie 3 is door de gemeenteraad aangenomen. De leden van de fracties van gewoon ge-DREVEN (Van Creij) en PvdD (mw. Samshuijzen) hebben tegen gestemd. Motie 4, Geen zero-emissie eisen voor geprivatiseerde markten, van PVV. Mevrouw HENDRICKX (stemverklaring): Wij maken ons hele grote zorgen ook over de warenmarkten en vandaar ook onze steun voor de voorgaande motie. Dank aan de coalitie daarvoor, maar goed we rekenen erop dat er goede regelingen zijn om de marktkooplui tegemoet te treden op het moment dat er grote problemen zijn rondom het vervangen van de auto's en daarom stemmen wij tegen deze motie. Motie 4 is door de gemeenteraad verworpen. De leden van de fracties van Leefbaar 's-Hertogenbosch (Mees), PVV (Van Hattem) en gewoon geDREVEN (Van Creij) hebben voor gestemd.
Voorstel Wijzigen marktverordening ’s-Hertogenbosch 2021 De heer VAN HATTEM (stemverklaring): Ondanks dat de motie zojuist is verworpen, ga ik er met de uitleg van de wethouder van uit dat er ook daadwerkelijk via dit stelsel geen zero-emissieeisen zullen worden opgelegd bij de beoordeling van de duurzaamheidscriteria zoals door de wethouder geschetst. Het voorstel is door de gemeenteraad unaniem aangenomen. 10.
Motie vreemd aan de orde van de dag Schone lucht en goede gezondheid: beperk overlast gevende houtstook
De VOORZITTER: Dan ga ik over naar agendapunt 10. De motie vreemd aan de orde van de dag 'Schone lucht en goede gezondheid: beperk overlast gevende houtstook'. Ik begrijp dat er iets is aangepast, heb ik dat goed gezien? Mevrouw Samshuijzen, aan u het woord. Mevrouw SAMSHUIJZEN: Dank u wel voorzitter. Houtstook is slecht voor de gezondheid en het milieu en het draagt bij aan klimaatverandering, dat is allemaal geen nieuws meer voor u. Mensen ondervinden ernstige gezondheidsklachten als gevolg van houtstook, mensen kunnen als gevolg daarvan astma, COPD, chronische bronchitis en longkanker krijgen. Daarnaast zorgt fijnstof ook voor hart- en vaatziekten, het kan dat veroorzaken of verergeren en mensen die al longproblemen hebben, kunnen daardoor meer klachten krijgen. In dat kader hebben we in de commissie u het voorstel gedaan om in navolging van bijvoorbeeld Eindhoven en Amersfoort de mogelijkheid in de Omgevingswet om houtstook te verbieden op momenten dat mensen daar het meest last van hebben, te benutten, wanneer de Stookwijzer code oranje of rood aangeeft, maar helaas merkten wij dat daar op dit moment in ieder geval nog te weinig draagvlak voor is.
We zijn wel blij dat we hebben gehoord dat er bij een groot deel van de collega's in ieder geval wel overeenstemming over de zorgen is, dat de zorgen worden gedeeld en dat men daar volgens mij echt wel iets mee wil, dat we toch wel de common ground hebben dat we daar iets mee moeten doen, maar goed dan meer ingezet op de lijn van informeren. Daarom dienen wij vandaag samen met De Bossche Groenen en Volt de motie 'Schone lucht en goede gezondheid: beperk overlast gevende houtstook' in. Die is inderdaad iets gewijzigd en als het goed is, is of wordt de nieuwe versie nu geüpload op NotuBiz. Met die motie verzoeken we het college om een actieve informatieve campagne te voeren over de stookwijzer en houtstook, de problematiek die er speelt in beeld te brengen zodat we daar een duidelijker beeld van krijgen, te kijken wat die werkwijze van ons doet en ook hoe ze dat in andere gemeenten doen, gewoon dat in beeld te brengen en hier over een jaartje bij ons op terug te komen. Daarmee trachten we een stap te zetten en elkaar te vinden in het hoe want we vinden het allemaal belangrijk en laten we dan hier wat meer tot elkaar komen om te kijken hoe we daar handen en voeten aan kunnen geven om daar vandaag gezamenlijk stappen in te 15
zetten om de gezondheid van inwoners te beschermen. Dus ik vraag u dan ook om die stap vooruit gezamenlijk te zetten, om die uitgestoken hand van ons allen om gezamenlijk de problematiek aan te pakken aan te nemen en dan natuurlijk ook voor deze motie te stemmen. Tot zover. De heer VAN HATTEM: In reactie op de motie zoals die is ingediend door de PvdD. Op zich positief dat het punt van de energiearmoede is meegenomen, wij hebben in de commissievergadering terecht aangekaart dat mensen soms niet anders kunnen dan kiezen voor houtstook als alternatief voor de hoge energieprijzen, maar als ik kijk naar de strekking van deze motie dan zie ik toch wel een paar dingen. Als PVV-fractie zijn we er niet voor om houtstook te verbieden en wat nu wordt voorgesteld is om bij overlast van houtstook meldingen in beeld te brengen en burgers erop te wijzen dat ze het kunnen melden. Daar heb ik wel een probleem mee want het is lastig om hierop te handhaven. De gemeente Heusden, onze buurgemeente, heeft bijvoorbeeld onlangs gezegd dat ze er niet op kan handhaven en dat ze dat ook niet kan gaan doen. Hier in Den Bosch zal dat niet anders zijn en als je daar een meldpunt voor gaat instellen dan wek je bij burgers de onterechte verwachting dat ze bij overlast van houtstook wel bij de gemeente terechtkunnen.
Ik zou zeggen, wek geen onterechte verwachtingen, geen valse verwachtingen, bij melders en zet daar ook geen onnodige ambtelijke capaciteit op in als je daar verder qua handhaving niets mee kunt doen. Mevrouw SAMSHUIJZEN: Even ter verduidelijking, om onduidelijkheid te voorkomen, we vragen niet om een nieuw meldpunt op te zetten, er is gewoon een meldpunt en de stookwijzer bestaat al. Het gaat er niet per se om om iets nieuws op te richten of om daarop te gaan handhaven. Collega Van Hattem, in dat licht begrijpt u de intentie van de motie, dus geen extra zaken oprichten. De heer VAN HATTEM: Ik zag in ieder geval wel de melding in beeld brengen, maar ook de burgers attenderen op de mogelijkheden om te melden en dat wekt mijns inziens wel een verwachting. Dan meer in zijn algemeenheid. Wat kan er wel als sprake is van echt structurele overlast? Dan kan wel worden gekeken of een stookinstallatie voldoet aan het Bouwbesluit en de bouwverordening als die van toepassing is, in ieder geval is de stookinstallatie volgens de regels aangelegd? Daar zitten vaak problemen in.
Het tweede is, als sprake is van structurele overlast dan hebben we nog iets als het Burenrecht, boek 5, titel 4 van het Burgerlijk Wetboek, op grond waarvan mensen kunnen procederen, die kunnen altijd nog naar de rechter stappen als mensen echt ernstige overlast voor hun buren veroorzaken en dat lijkt me voldoende zonder dat wij hier als gemeente weer van alles moeten gaan regelen om het onnodig complex te maken. Tot zover voorzitter, we zullen de motie niet steunen. De heer VAN SILFHOUT: Eigenlijk is dit voor mij grotendeels een stemverklaring, maar ik weet dat ik als mede-indiener gedoe krijg als ik het straks vanaf daar doe en vandaar dat ik hierheen kom. Als het over houtstook gaat, maken wij ons vooral zorgen over de gezondheid van onze kinderen en dat die opgroeien en steeds vaker zaken als astma ontwikkelen. We willen dan ook met klem zeggen 'jongens, houd daar nou rekening mee'. Wij zijn blij met deze stap in de goede richting die de PvdD initieert, we zijn ook gewoon blij met deze motie en we hopen dat de raad die breed gaat omarmen en dat we in de toekomst in ieder geval een gezondere leefomgeving, als het gaat over fijnstof, voor onze kinderen kunnen creëren. Wethouder VERMIN: Zoals u weet, ben ik ook altijd druk bezig met het streven naar een gezonde leefomgeving en wat meer aandacht voor de gevolgen van houtstook is prima.
Een aantal zaken in de motie doen we al, zoals dat bewoners al bij ons melden, net zoals dat ze last hebben van kapotte lantaarnpalen melden ze overlast van houtstook in de buurt. We zijn deze winter ook al een klein beetje begonnen met het bekendmaken van de campagne Stookwijzer. Dus geen bezwaar tegen deze motie met dien verstande dat we geen resultaten van ons stookbeleid hebben, maar dat laat onverlet dat we natuurlijk bij elkaar kunnen brengen wat her en der in het land gebeurt en dan is het volgens mij aan u als raad om verder te wegen wat u daarmee wilt. Dus geen bezwaar. Mevrouw VISSCHER (stemverklaring): De SP is voor omdat er ook rekening wordt gehouden met de noodzaak van houtstook ten gevolge van energiearmoede. Er wordt in de motie gevraagd om die in beeld te brengen en wij willen u ook vragen om daar dan ook daadwerkelijk een oplossing of een alternatief bij het bedenken en het niet alleen in beeld te brengen. Met dien verstande kunnen wij voor zijn.
16
De heer BOS (stemverklaring): GroenLinks stemt voor deze motie aangezien onderzoek en voorlichting een eerste stap zijn naar het verminderen van overlast van houtstook en mogelijk dat later de tijd rijp is voor verdergaande maatregelen. De heer GERSJES (stemverklaring): Wij zullen tegen de motie stemmen want wij vinden het monitoren van Amersfoort op dit moment voldoende. Een stookverbod is daar pas in oktober jl. ingegaan en wij vinden het nog te jong voor evaluatie hier. Dus we zullen tegen stemmen. De heer VAN CREIJ (stemverklaring): Ik zal ook tegen de motie stemmen. Gewoon geDREVEN is voor de gezondheid van mens en dier, maar de motie zoals die nu is ingediend, gaat te ver en wij denken dat landelijk beleid moet worden gevolgd. De heer PLOEGMAKERS (stemverklaring): Wat het CDA betreft, als je praat over de houtstook vinden we eigenlijk dat dit landelijk geregeld zou moeten worden, dan is het voor iedereen duidelijk en krijg je geen onderscheid tussen gemeenten. Wat betreft een gedragscampagne, daar kunnen wij ons in vinden en wij zullen dan ook voor deze motie stemmen. De heer KOUWENBERG (stemverklaring): Wij zullen tegen deze motie stemmen omdat wij eigenlijk vinden dat de gemeente hier al uitstekend werk op levert en dat het verder ook landelijk moet worden geregeld. De heer PETERS (stemverklaring): Wij zullen voor stemmen.
We waren kritisch over een verbod, maar we vinden het goed dat er nu goed is geluisterd naar de discussie in de commissie en omtrent voorlichting en onderzoek, daar kunnen wij ons wel in vinden, dus wij zullen daarom voor de motie stemmen De motie vreemd aan de orde van de dag is door de gemeenteraad aangenomen. De leden van de fracties van VVD (Broekmeulen, mw. De Groot, Van Haren, mw. Welten), Bosch Belang (Van der Krabben), Rosmalens Belang (Huibers, mw. Van der Kallen, Kouwenberg, mw. Verreijt), Leefbaar 's-Hertogenbosch (Mees), PVV (Van Hattem), gewoon ge-DREVEN (Van Creij) en VOOR Den Bosch (Gersjes) hebben tegen gestemd. DEBATSTUKKEN (C) 8.
Wensen en bedenkingen op concept-Omgevingsvisie ’s-Hertogenbosch
De VOORZITTER: Dan ga ik over naar de behandeling van de Omgevingsvisie. Daar hebt u goed uw best op gedaan, 31 moties die ten grondslag liggen aan de wensen en bedenkingen rondom de Omgevingsvisie. Om de discussie wat ordentelijk te laten verlopen heb ik wel de volgende suggesties richting u. Er is een aantal, en dat gaat onder andere over de moties 1, 2, 13, 15, 18, 19, 22, 23, 25, 26 en 27, dat ging snel maar dan hebt u in ieder geval een beeld dat het over een groot deel van de moties gaat, waarbij de Omgevingsvisie wel de aanleiding is maar het niet rechtstreeks een wens of bedenking op de Omgevingsvisie is. Dus mijn voorstel is, als u daar een zwaar debat over wilt voeren, dat u dat dan eventueel agendeert of meeneemt naar een commissie of naar een ander moment of het moet rechtstreeks regarderen aan de wensen en bedenkingen voor de Omgevingsvisie want anders gaan we twee discussies in één keer voeren. Ik geef een voorbeeld. De heer Van Creij doet een Oostelijke ontsluiting 's-Hertogenbosch en vraagt iets anders dan een zienswijze op de Omgevingsvisie, maar vraagt daar een debat over en dan is de vraag… We kunnen dat debat een keer voeren, maar niet vanavond anders hebben we het vandaag inhoudelijk over de Oostelijke ontsluitingsroute. Dat even, want anders gaan we 31 discussies voeren. We kunnen wel gewoon stemmen over het voorstel, daar is geen misverstand over.
Om dat in ieder geval ordentelijk te laten verlopen, het gaat vandaag over de zienswijze, wensen en bedenkingen voor de Omgevingsvisie. Het tweede punt. Als de Omgevingsvisie gereed is, komt die in juni a.s. terug in uw raad, dus weet dat dit in aansluiting is. Dan is de vraag of de wensen en bedenking voldoende zijn meegenomen bij de uiteindelijke visie die er in juni ligt, dan is er ook nog mogelijkheid. Een derde punt is dat ik u zou willen wijzen op het feit dat we in 's-Hertogenbosch ook een tweede termijn kennen en u dus niet meteen hoeft te interrumperen, u kunt ook zeggen de reacties dadelijk op de moties, omdat het er 31 zijn, ook voor het overzicht voor de publieke tribune en voor de mensen thuis, kijk of je bijvoorbeeld de reacties op de verschillende moties kunt leveren, niet via een interruptie maar via een reguliere tweede termijn. Dat is een suggestie en het is aan u om u daaraan te houden, maar ik doe wat suggesties om deze discussie over 31 moties een beetje ordentelijk te 17
laten verlopen. Dat is het voorstel. Mevrouw Hendrickx, een ordevoorstel? Mevrouw HENDRICKX: Ja, over uw voorstel. Ik ben blij dat u dit zo uitlegt, maar ik had die uitleg graag aan de voorkant willen hebben want ik vond zelf, maar goed ik kijk ook naar anderen, de wijze waarop dit wordt aangeboden wel de moeite waard om te evalueren, ook binnen het presidium want ik denk dat wij met zijn allen enorm hebben geworsteld, kijk naar de 31 moties, met wat we er nou precies mee moeten. Dus een oplegger met enigszins een richting waarlangs wij met elkaar uitspraken zouden moeten doen had geholpen bij het meer trechteren van opinies, het ophalen voor het college, maar aan de andere kant ook richtinggevende moties. Om het maar heel praktisch te houden, ik kan me voorstellen dat uw voorstel houtsnijdt maar dan moet u wel even kijken over welke moties we het dan hebben want ik heb ze van tevoren ook gewoon zo gemaakt en het is nu de eerste keer dat ik er iets over hoor, dus laten we even doorlopen welke dat zijn en als u zegt 'dat kan beter op een ander moment' dan is dat misschien waardevol om te overwegen, maar dan moet ik even weten welke moties dat zijn. De VOORZITTER: Prima, maar even voor de helderheid, ze kunnen vandaag gewoon in stemming worden gebracht, de vraag is alleen of inhoudelijk de discussie moet plaatsvinden over dat soort moties.
Dat is het verschil, dus de moties kunnen gewoon in stemming worden gebracht om het te agenderen als thema en volgens mij moeten we vanavond geen discussie voeren over een Oostelijke ontsluitingsweg, maar gaat het meer over de vorm van agendering. Even voor de helderheid, op 27 januari jl. waren alle moties pas bekend, dus ik kon bijna niet eerder reageren. De moties waar het om gaat en die dus niet rechtstreeks regarderen aan wensen en bedenkingen zijn moties nummer 1, motie nummer 2 die gaat over de HOV, motie nummer 13 die gaat over het versterken en opschudden van het Bossche nachtleven, 15 Behoud en versterking van karakter in dorpen en wijken, 18 'Van wensen naar doen', 19 'Onderzoek naar haalbaarheid van een regionale lightrail', 22, 23, 25, 26 en 27. Dus daar gaat het puur over de agendering van de thema's en die kunt u gewoon vandaag agenderen, maar een inhoudelijk debat over bijvoorbeeld een lightrail is volgens mij niet uw insteek van de behandeling van de motie, maar gaat het meer over: vinden we dit een interessante optie ja of nee. Dat is eigenlijk de insteek. Voldoende? Mevrouw HENDRICKX: Nee, toch nog een aanvullende vraag, want ik vind het toch een beetje gek dat we daar kennelijk niet over kunnen debatteren.
Het is mij niet helemaal helder want wij hebben een voorstel over een lightrail of een andere HOV-verbinding en ik kan me voorstellen dat er de behoefte is om daarover te wisselen voordat je gaat stemmen. De VOORZITTER: Nee, maar even voor de helderheid. Wat ik u aangeef is: u doet een suggestie, bijvoorbeeld een lightrail en dan is de vraag of we vandaag een inhoudelijke discussie over een lightrail gaan voeren want dan moeten we alle details rondom de lightrail kennen en die kent niet iedereen. Dan zou de vraag zijn... Het onderzoek doen naar een lightrail kan best interessant zijn en dan zou de motie vandaag gewoon ter besluitvorming kunnen liggen en dat betekent dat we het inhoudelijke debat over de lightrail wel op een latere termijn krijgen, maar niet vanavond. Anders krijgen we vanavond voor of tegen een lightrail zonder dat mensen kennis hebben van wat precies een lightrail betekent en het zijn geen wensen en bedenkingen voor de Omgevingsvisie, dat is wat ik daarmee bedoel. Ja, mevrouw Welten. Mevrouw WELTEN: Ja dank u voorzitter. Wat uw ordevoorstel betreft, ik denk dat u een hoop duidelijkheid verschaft. Er wordt een beroep gedaan op de beheersing qua inhoud, dat is wat u voorstelt en ik denk dat het goed is om gewoon...
Het is voor of tegen, die vrijheid hebben we allemaal om wat te vinden, het wordt wel of niet verwerkt in de definitieve Omgevingsvisie en dan is er nog alle ruimte om daar met elkaar het gesprek over te voeren Dank u wel. De heer GERSJES: Betekent dit dat de wethouder bezwaar tegen al die genoemde moties heeft? De VOORZITTER: Nee, want het gaat puur over het agenderen van de motie en dat kunt u… De vraag is alleen om er geen zwaar inhoudelijk debat over te voeren omdat niet iedereen de details kent van wat u precies met die acht moties allemaal bedoelde, daar zit het grote probleem. Dus het gaat gewoon verder in het traject, als u ze aanneemt dan komt er een vervolg op en dat is de invulling. De heer Van Hattem.
18
De heer VAN HATTEM: Ja voorzitter, ik kan me er in principe in vinden om er niet uitgebreid bij stil te staan, maar bij de moties die hiertussen zitten en die van mijn hand zitten wel een paar waar gewoon in staat 'daarbij te kijken naar de nadere uitwerking in de Omgevingsvisie'. Dat is gewoon de insteek, dus ik snap dan niet goed waarom die dan niet binnen dat stramien van het debat zouden passen. De VOORZITTER: De moties die rechtstreeks regarderen als wensen en bedenkingen voor de Omgevingsvisie, dat heeft de griffie bekeken en daar voldoen de moties die ik net noemde niet aan, de rest wel. Het is een suggestie. De heer Van der Krabben. De heer VAN DER KRABBEN: Ja voorzitter, er wordt vanavond een beroep op u gedaan, u moet bij al die nummers van deze moties kijken waar de grens ligt. De VOORZITTER: Maar dat begint bij de eigen verantwoordelijkheid zoals mevrouw Welten noemde en daar doe ik even een beroep op. Tot zover. Ik stel voor dat wij beginnen bij de heer Van Creij. De heer VAN CREIJ: Ja dank voorzitter. Ik zal mijn verhaaltje een beetje aanpassen, dat snapt u. Ja, de Omgevingsvisie zoals die hier lag, is in feite een hoog-over verhaal voor de lange toekomst van onze gemeente, de stip aan de horizon en deze visie… Zo hebben wij het in elk geval bekeken, dat het hoofdzakelijk gaat om ruimtelijke ontwikkelingen van die stip aan de horizon.
Het is goed, dat bleek ook in het debat in de commissie, dat het geen vast stuk gaat worden, het blijft een dynamisch stuk zodat aanpassingen kunnen worden gedaan, en dat niet allemaal in beton gegoten is. Als gewoon ge-DREVEN hebben wij heel specifiek de nadruk gelegd op deze ruimtelijke ontwikkelingen, op prettig wonen in de buurt, wijk, dorp in een levensloopbestendige leefomgeving. Buurt, wijk, dorp die voor alle verkeersdeelnemers ook bereikbaar moeten zijn. Inhoudelijk is er lang over gesproken in de commissie van 14 januari jl. en dat gaan we hier niet overdoen. Wat voor ons toen niet duidelijk was en eigenlijk nog steeds niet duidelijk is, is de samenhang tussen alle onderwerpen die in de Omgevingsvisie genoemd staan, is wonen leidend, is klimaat leidend, is infrastructuur leidend? Dit noem ik gewoon eventjes als voorbeeld, als we bijvoorbeeld wonen met een prettig en gezond leefklimaat leidend laten zijn dan kunnen er geen windmolens komen. Dus wat is de balans, wat is er het belangrijkst? Als ik dan lees, en u hebt zojuist eigenlijk voorgesteld om een aantal moties niet te behandelen… De VOORZITTER: U mag ze behandelen, als u maar niet inhoudelijk de discussie aangaat.
De heer VAN CREIJ: Als ik in het raadsvoorstel zelf kijk dan staat daarin op een gegeven moment 'we zien eigenlijk een motie of misschien meerdere moties tegemoet' en als ik hier dan 31 zie dan is dat toch wel uit de hand gelopen. Motie 1 over de Oostelijke ontsluitingsweg, u hebt daar zojuist aan gerefereerd. Inhoudelijk hoeven we die discussie niet te voeren, ik denk dat duidelijk is wat onze strekking daarvan is en hetzelfde eigenlijk voor de HOV-lijn naar De Groote Wielen. Wij zijn gewoon van mening dat die buslijn er daadwerkelijk moet zijn voordat er iets wordt gebouwd, elke persoon die erin zit, is meegenomen om op termijn te maken dat mensen moeten switchen, op pagina 93 staat letterlijk 'buslijn niet pas openen als die commercieel interessant is'. Wat dat betreft... Dat is voor ons de crux. Dan voorzitter... Ik zie daar een... Mevrouw VERREIJT: Ja sorry, ik zat al heel even met mijn hand omhoog. Het gaat wel even inhoudelijk over de Oostelijke ontsluiting, maar ik heb even een verduidelijkende vraag. Zoals u weet zijn wij ook groot voorstander van de Oostelijke ontsluiting, maar wat ik niet zo goed snap is... Er wordt nu onderzoek gedaan naar de gevolgen van de stillegging MIRT A2 en de bereikbaarheid van de oostelijke gemeentedelen en wat dit voor De Groote Wielen betekent.
Kan de heer Van Creij dit onderzoek afwachten of wil de heer Van Creij ergens ook ondoordacht te werk gaan? De heer VAN CREIJ: Dank voor de verduidelijkende vraag. In dit stuk van de Omgevingsvisie staat daar helemaal niets over vermeld en wij willen nu net hebben dat daar wel de nadruk op ligt want dit is een stip aan de horizon voor 2045-2050, dat we daar ergens uit willen komen en als we het nu niet benoemen is straks het momentum misschien weg. Vandaar dat wij hem wel blijven opvoeren. Dan ga ik verder voorzitter. De doorgetrokken Klompstraat, dan heb ik het over motie 3, gaat zorgen voor minder verkeersontlasting voor de kom van Nuland en het wij denken dat dit ook een mooie aanleiding is om de gemeentegrens tussen Nuland, Den Bosch eigenlijk, en Oss te 19
markeren en de Schotsheuvel bij wijze van spreken al van het zware vrachtverkeer te ontlasten. Dan de rondweg Vinkel, een wens van de bewoners en de dorpsraad, we hebben op 27 januari jl. ook in het jaarverslag van de dorpsraad kunnen lezen dat ze er echt voor gaan om rondom de kern van Vinkel een nieuwe weg aan te leggen om tot zover eigenlijk een uitbreidingsmogelijkheid te markeren. Dan voorzitter motie 10, Droge voeten. Ik zie daar een… De heer VAN HATTEM: Ik heb ook kennisgenomen van de ideeën over een rondweg om Vinkel, maar ik vraag me wel heel erg af van waar tot waar die moet gaan lopen en in hoeverre dit een probleem echt oplost of dat dit alleen voor een verschuiving van verkeersstromen in het dorp gaat zorgen. Dat is eigenlijk een grote bedenking die ik bij deze motie heb. Kan de heer Van Creij misschien nader toelichten wat precies de bedoeling van die rondweg gaat worden en waar die dan ongeveer zou moeten komen te liggen want daar heb ik totaal geen beeld van. De heer VAN CREIJ: Even een reactie op de heer Van Hattem. De afgelopen keer is globaal getekend waar die moet komen, maar het gaat er eigenlijk om om de Brugstraat, de Lindenlaan en de Vinkelsestraat eigenlijk te ontlasten van verkeer dat er niet hoeft te zijn.
We doen ook geen voorstel in de zin van dat we al een pennenstreek hebben getrokken van waar die moet komen en wat ik zojuist zei, bij de Dorpsstraat leeft nadrukkelijk de wens om te markeren waar eigenlijk straks de bebouwde grens ophoudt met inbreidingslocaties. Mevrouw SAMSHUIJZEN: Ik lees in de motie van gewoon ge-DREVEN dat het ook wel gewoon om de verkeersveiligheid gaat, dat de vrachtwagens niet meer midden door de dorpen heen gaan en dat begrijpen we heel goed. Ik denk dat het heel belangrijk is om daarvoor een oplossing te zoeken, maar is dan de logische stap om direct de stap naar een extra stuk asfalt eromheen te zetten of zouden we een stapje er voor kunnen zetten en kijken hoe we gewoon eerst de hoe gaan onderzoeken? De heer VAN CREIJ: Ook dank voor deze vraag. Ik zei het zojuist richting de heer Van Hattem ook al, het is de wens van de dorpsraad en de bewoners om een duidelijke lijn in Vinkel te markeren tot waar eventuele uitbreidingslocaties zijn en om andere wegen te ontlasten, vandaar dat daar eigenlijk de wens leeft: kom nu eens met een gedachtegang om die weg daar aan te leggen. Wat ik zojuist eigenlijk bij de Oostelijke ontsluitingsweg aangaf, missen wij dit in de concept-Omgevingsvisie en zet nu die stap naar de horizon. Hetzelfde als bij de doorgetrokken Klompstraat, je kunt het nu beter markeren dan hem er straks nog een keer in te moeten fietsen.
Mevrouw SAMSHUIJZEN: Collega Van Creij geeft dat markeren aan en volgens mij gaat het om die verkeersveiligheid. Zou u er ook iets in zien om de verkeersveiligheid, te verbeteren, om daarop in te zetten zonder direct naar de hoe te gaan en de stap van hoe de weg en dat er een extra weg moet komen nog even achterwege te laten, zodat we dat nog even kunnen gaan onderzoeken. De heer VAN CREIJ: Nee, die mening deel ik niet. Er is eigenlijk duidelijk een lijn waar de bewoners van Vinkel aan toe zijn om te zeggen 'tot zover komt straks eventueel de bebouwing' en daar is zo'n weg ook een natuurlijk momentum voor. De heer HOEBEN: Ik probeer het zo kort mogelijk te houden. De heer Van Creij hoorde zojuist de vragen, bent u nou niet van mening dat het misschien wel handig zou zijn als u de hoe even zou schrappen omdat best wel een aantal partijen genegen zijn mee te gaan in het idee om het vrachtverkeer en de verkeersveiligheid op te krikken, maar dat de hoe nu net te ver gaat, zeker in het licht van... De heer VAN CREIJ: Daar wil ik straks best over nadenken, maar dan gaan we het mogelijkerwijs zo afzwakken dat er niets meer overblijft en dan denk ik van ja… Ik zeg al, ik wil daar best eventjes… Voorzitter, motie 10, 'Droge voeten' zou eigenlijk door...
De heer VAN HATTEM: Ik heb steeds meer het beeld dat je misschien een weg van niks naar nergens gaat krijgen want aan de ene kant kun je niet om het dorp heen want dan zit je bij de molen en bij een ecologische verbindingszone et cetera en aan de andere kant bij het water en bij de Grote Wetering. Dan kom je tegen woonwijken aan en dan kom je uiteindelijk misschien ergens midden in de Koksteeg uit, maar daar is geen echte aansluiting voor een weg. Dus ik vraag me heel erg af wat er moet gebeuren en wat het voor klandizie van de winkels in het dorp betekent. 20
De VOORZITTER: Mijnheer Van Hattem, we hebben net gezegd dat we het vandaag wel over de visie gaan hebben, anders gaan we het nu bijna over de aanleg van de weg hebben. Volgens mij gaat het er alleen maar over of we een randweg rond Vinkel willen en hoe die dan loopt, is een vervolg want dat is een inhoudelijk debat. Dus de vraag die de heer Van Creij opwerpt… De heer VAN HATTEM: Mijn vraag is of er überhaupt ruimte voor een randweg is want die zie ik eigenlijk praktisch niet. De VOORZITTER: Dat is niet de vraag die wij vandaag hoeven te beantwoorden, de vraag is of er een wenselijkheid is om dat wel of niet te onderzoeken. Daarvan heeft de heer Hoeben gezegd: is het wenselijk in de zin van verkeersveiligheid of is het wenselijk vanwege de dorpsraad? Daar heeft de heer Van Creij op geantwoord. Volgens mij is dat de kern van de zaak en gaat het nu om de vraag of we die in de visie willen meenemen ja of nee, dat is de portee van motie 3. De heer VAN CREIJ: Ja dank u voorzitter. Dan heel kort. Motie10, 'Droge voeten', zou eigenlijk door de heer Kagie worden ingediend, maar omdat de heer Kagie afwezig is, dienen wij hem in. Er moet bij hoog water 36 miljoen m3 water ergens in de gemeente blijven en wat dat betreft die motie. Dan nog kort over de andere moties.
Veel moties gaan over groen en volgens ons is groen eigenlijk al heel goed beschreven in de conceptvisie, dus daar zullen we niet voor stemmen. Tot zover. De heer ROOVERS: Deze gemeente gebruikt al een aantal jaren het begrip de Bossche Mix en in normale mensentaal betekent dit zoveel als streven dat iedereen in iedere buurt kan wonen, ongeacht inkomen en zorgen dat er een goede mix aan woningaanbod is qua betaalbaarheid en qua eigendomsvorm, oftewel tegengaan van segregatie. Dat zou nauwelijks een controversieel standpunt moeten zijn, maar ik heb het gevoel dat dit het toch wel is. Het is op zichzelf een mooie deal, maar alleen als we het echt serieus nemen en wat mijn fractie toch te veel ziet gebeuren, is dat in naam van zo'n mix goede sociale huurwoningen worden gesloopt of verkocht, voorbeelden daarvan zijn in de motie opgenomen, maar dat echt beleid om de beweging ook andersom te maken, dus om in wijken met veel koopwoningen ook huurwoningen toe te voegen, ontbreekt. Als dat zo is, betekent dat simpelweg het nog verder onder druk zetten van het aantal huurwoningen terwijl, zo zegt ook de Woonvisie van deze coalitie, de druk verreweg het grootst is in de betaalbare middenhuur en vooral in de sociale huur.
Onze motie vraagt het college hier dus kleur op te bekennen, neemt het college het tegengaan van segregatie serieus, hoe gaan we dan de villawijken ook betaalbaar maken, zeker omdat het college zelf ook in de visie schrijft 'meer betaalbare woningen en een balans tussen sociale huur- en koopwoningen draagt bij aan het ontwikkelen van een hoogwaardige leefomgeving'. Onze motie vraagt eigenlijk die uitspraak in de definitieve Omgevingsvisie verder uit te werken. Er zijn veel moties ingediend, dit was mijn eigen motie en ik ga niet op iedereen in. Motie 1 dienen we mee in, dat is station Maaspoort. Bij grotere afhankelijkheid van ov ontkomen we er wat de SP betreft niet aan dat we extra stations bouwen, zeker niet in het noorden van de stad waar we zoveel uitbreiden. Hoewel ik niet op iedere motie kan ingaan, denk ik dat de rode draad van het verhaal, ook van mijn eigen partij in de commissie, de rol van de gemeente in het in stand houden en het versterken van voorzieningen is. Dan wil ik toch even stilstaan bij de motie van het CDA want ik heb in het geval van de motie van mevrouw Lipman ook al het verschil gemaakt tussen ontmoetingsruimten en ontmoetingsvoorzieningen en ik vind het eigenlijk wel positief dat dit ook in de overweging van die motie staat, mevrouw Lipman noemt de bankjes, de buurtkamers, de sportvelden, bibliotheken en kerken.
Helemaal mee eens, maar dan is de vraag, misschien richting de voorjaarsnota, daar hoef ik nu niet direct antwoord op, of we dan als gemeente in staat zijn om daar dan ook de portemonnee voor te trekken en om ervoor te zorgen dat we die buurtvoorzieningen gaan versterken, we bijvoorbeeld ook weer gaan denken aan een locatie van een bibliotheek in Noord wat de bewoners daar nog steeds willen, naar het versterken en het vermeerderen van het aantal buurtvoorzieningen. Dat zou de vraag over de motie Ontmoeten zijn. Tot zover voorzitter. Mevrouw SAMSHUIJZEN: Ik beperk me omwille van de tijd tot het indienen en toelichten van de vier moties waarvan wij zelf eerste indiener zijn en heeft u over andere moties vragen aan mij dan nodig ik u uit om die vragen te stellen. Ik begin met motie 5 over dieren in de Omgevingsvisie. In de concept-Omgevingsvisie wordt het belang van dieren aangegeven. Er wordt ook aandacht besteed aan de soortenrijkdom, maar vervolgens wordt in de visie ook gesproken over bouwen aan 21
generaties, vorstelijk verbinden, wat betekent dat voor mensen, hoe moeten wij naar die toekomst toe werken, maar we zien niet terug wat dat voor dieren inhoudt en dat is wel relevant voor het voortbestaan van dieren en de ontwikkeling van gezonde robuuste populaties. Het is heel erg belangrijk dat dieren zich veilig kunnen verplaatsen en huisvesten en daarom vragen wij samen met De Bossche Groenen en Volt in de motie ook voor dieren vorstelijk verbinden en bouwen aan generaties, om dan in de Omgevingsvisie ook aandacht te besteden aan het versterken van die ruimtelijke verbinding en habitats, de ambitie op te nemen om in beeld te brengen op welke locaties dan gericht die verbindingen tussen de habitats wenselijk zijn en daar in de toekomst ook werk van te maken. Dan over de natuur, motie 7. Wij zijn heel blij te lezen dat de natuur veel waarde toegekend krijgt in de Omgevingsvisie en dat ook de link met landbouw wordt gemaakt. Dat is heel erg relevant, maar om de ambities ten aanzien van landbouw te realiseren, is het wel van belang om expliciet rekening te houden met natuurwaarden en de extensivering en die transitie dan ook wat verder te concretiseren.
Ook zien we ten aanzien van landbouw dat er meer een omgevingswens dan een visie wordt uitgesproken want er worden geen rol of acties vanuit de gemeente beschreven en om daar dan wel werk van te maken, om van wens naar visie te gaan, dienen wij samen met De Bossche Groenen en Volt de motie 'Werk maken van balans tussen productie en ecosystemen' in. Vervolgens verder over de natuur. Er is ook in de commissie veel over groen en natuur gesproken, veel moties gaan daar ook over en daarom dienen wij motie 18 in want er is groot draagvlak voor kwalitatief groen en daar zijn wij heel blij mee. Gelukkig zijn in de gebiedspaspoorten die we in 2024 hebben vastgesteld al tal van groene ambities vastgelegd, maar het uitvoeringsprogramma is er nog niet en ook de financiële dekking is er nog niet. Daarom vragen we nu samen met De Bossche Groenen in de motie 'Van wensen naar doen' middelen om de groene ambitie waar te maken, maar ook op korte termijn met het uitvoeringsprogramma en een dekkingsvoorstel voor wat we eigenlijk al hebben afgesproken te komen. Ik zie een interruptie. De heer BOS: Ik ga even terug in het verhaal van mevrouw Samshuijzen, naar motie nummer 7 want daarin verzoekt ze ook die actieve rol van de gemeente op te pakken.
Zou ze dat iets meer kunnen toelichten, wat ziet ze dan voor zich als het gaat om een actieve rol? Mevrouw SAMSHUIJZEN: Dan hebt u het over motie 7, over de landbouw. Wij zien een actieve rol in bijvoorbeeld gewoon kijken wat de rol van de gemeente is en wat wij daarin kunnen doen. Ik denk dat dit een vraag is die we onszelf moeten stellen, ook in het kader van bijvoorbeeld meerdere stikstofuitspraken die zijn gedaan, bijvoorbeeld met andere belanghebbenden die er ook zijn, in ieder geval het gesprek aan te gaan. Op dit moment worden er mooie wensen uitgesproken, maar ik denk dat het dan wel terecht is om ons af te vragen wat de rol van de gemeente daarin is en wat wij daarin dan willen gaan doen. Laten we het wat meer concretiseren, dan weten we ook wat de verwachtingen mogen zijn naar de toekomst toe. Beantwoordt dat uw vraag? De VOORZITTER: Gaat u verder. Mevrouw SAMSHUIJZEN: Ik had het over dat dekkingsvoorstel, gebiedspaspoorten. Als u nou ook die mooie groene ambities die er eigenlijk al liggen wilt omzetten in concrete uitvoering dan nodig ik u uit om voor dat voorstel te stemmen. Tot slot over de rafelranden van onze stad, motie 6.
We lezen in de visie dat plekken met pioniersruimte in principe altijd tijdelijk zijn en dit wordt omschreven als, ik citeer, "een nieuwe ontwikkeling zet deze gebieden even in de spotlights, precies zoals een reizend circus een bepaalde regio voor een korte tijd in de spotlight zet om daarna weer door te gaan om een volgende plek als smaakmaker op te fleuren. Kenmerkend voor de plekken is dat ze tijdelijk beschikbaar zijn". Ik ben er bijna voorzitter. De PvdD vindt het rechtvaardig om creatieve pioniers die onaantrekkelijke gebieden aantrekkelijk maken ook de vruchten van hun werk te laten plukken, rafelranden en pioniersruimte zijn belangrijk om ruimte te bieden aan creativiteit en culturele ontwikkeling. Mevrouw LIPMAN: Ik ben benieuwd wat mevrouw Samshuijzen heeft bedacht of bedoelt met 'daar de vruchten van plukken', kan ze dat nader toelichten? Mevrouw SAMSHUIJZEN: Dat zij profijt van hun werk mogen hebben, wat ik net citeerde, dan weer doortrekken naar een andere plek. Even heel platvloers gezegd, dan heb je het lekker opgefleurd en dan word je vriendelijk bedankt en verzocht om weer te vertrekken ja. Als je daar je werk, je tijd, je energie en je passie in steekt, mag je er dan ook iets meer dan een schouderklopje voor krijgen. 22
Mevrouw LIPMAN: Ja, dan nog één vraag. Bij veel van deze projecten is vooraf bekend inderdaad… Je zit daar om iets te ontwikkelen, je krijgt daar de ruimte en dan is het inderdaad wel de bedoeling dat je dan weer plaatsmaakt en begrijp ik het dan goed dat mevrouw Samshuijzen dat dan aan de voorkant niet meer wil doen, dat het echt is: je blijft daar en plukt daar dan ook de vruchten van als je daar ontwikkelt? Mevrouw SAMSHUIJZEN: We vragen in de motie natuurlijk wel om in ieder geval één of meerdere plekken wel tot permanente rafelranden te maken en dat betekent niet dat dit overal zo moet zijn maar, dat is waar ik ook nog kom met een zin, het is wel van belang dat we die ruimte ook permanent bieden. Dat betekent niet dat het overal kan, maar die ambitie moet er wel zijn. Nu wordt eigenlijk op ieder gebied gezegd 'het is tijdelijk' en daar zijn wij het niet mee eens. Wij vinden het ook eigenlijk geen recht doen aan de doelgroep om creatieve pioniers een reizend circus te noemen. Met de motie over rafelranden en creatieve pioniers vragen wij samen met De Bossche Groenen en Volt precies die punten die ik net noemde aan te passen en in de Omgevingsvisie op te nemen. Dus collega's koestert u die creatieve pioniers, dan roep ik u ook op om voor deze motie te stemmen. Tot zover. Mevrouw LIPMAN: De concept-Omgevingsvisie zoals die hier voorligt, stemt ons tevreden.
Een van onze sterkste kwaliteiten en onderscheidende krachten in onze gemeente is gekozen als leidraad voor dit document, ons erfgoed, en dat erfgoed is divers en stroomt zoals de Binnendieze als hart door dit document. We zien echter ook enkele verbeteringen voor ons. Een van de rode draden van de Omgevingsvisie is ontmoeten en ontmoeten is er elke dag, soms vluchtig zoals in het contact met je buurman, al is het maar een goedemorgen, en soms ook intensiever contact met collega's of met ontmoeten hier in de raadzaal. Dit ontmoeten is essentieel, maar wordt vaak onderschat in onze samenleving en dat terwijl ontmoeten zo belangrijk is. Het staat aan de basis van sociale verbinding van gemeenschappen die voor elkaar zorgen en van wijken waarin iedereen zich thuis en veilig voelt. In een tijd waarin individualisering en polarisatie steeds vaker de norm lijken te worden, is het onze verantwoordelijkheid als gemeente om plekken en situaties te creëren waarin ontmoeting wordt gestimuleerd want ontmoeting maakt milder, zorgt dat we meer omzien naar elkaar en gaat eenzaamheid tegen. Dit begint al bij de openbare ruimte, hoe richten we die in en is er voldoende ruimte, maar ontmoeten gaat verder dan alleen fysieke plekken, het gaat ook over hoe we de buurten en wijken ontwerpen en over de principes die wij hanteren bij nieuwe ontwikkelingen en herontwikkelingen.
Als gemeente hebben we de kans en de plicht om ervoor te zorgen dat de ontmoeting niet aan het toeval wordt overgelaten, maar in ons beleid wordt verankerd en dat is belangrijk want in de strijd om die dure vierkante meters delven ontmoetingsplekken zoals speeltuinen en parken vaak het onderspit. Daarom pleiten wij als CDA voor het opstellen van grondbeginselen voor ontmoeting. Deze grondbeginselen kunnen dienen als richtlijn en toetsingskader voor hoe wij ontmoeting borgen in onze plannen. Daarbij denken we aan aandacht voor toegankelijkheid, zijn die ontmoetingsplekken bereikbaar en bruikbaar voor iedereen, ongeacht leeftijd of beperking, maar ook aan veiligheid, voelen mensen zich veilig en welkom op deze plekken en het comfort, zijn er voldoende zitplekken, schaduw, groen en andere voorzieningen die uitnodigen tot verblijven want ontmoeten in het groen dat doet goed, zoals in de groene loper in de Bossche Stadsdelta. Het is belangrijk dat we niet alleen groen toevoegen, maar dat dit groen ook een plek van ontmoeting wordt en daarom kunnen wij de motie van Rosmalens Belang omarmen, maar ook de faciliteiten, is er bijvoorbeeld ruimte voor sport, spel en culturele activiteiten die mensen samenbrengen. Dit kan bijvoorbeeld door het samenbrengen van functies in wijkgebouwen zodat multifunctionele gebouwen ontstaan.
Dit zal ook een rol spelen indien we in Nuland gaan bouwen, ik zeg niet dat het gaat… De ontwikkelingslocatie in Nuland. Hoe zorg je ervoor dat de gemeenschap die daar is opgebouwd ook blijft bestaan? Dit komt wat het CDA betreft ook terug in deze grondbeginselen, maar om dit extra kracht bij te zetten, dienen wij de motie van Rosmalens Belang hierover mee in. Al deze elementen dragen niet alleen bij aan de sociale cohesie, maar ook aan het welzijn en de leefbaarheid in onze gemeente. Het welzijn van onze inwoners is waar we hier allen voor staan en vandaar dat we ook de motie van GroenLinks over een gezond voedselaanbod mee indienen. Ik ben ervan overtuigd dat investeren in ontmoeting een investering is in de kracht van onze gemeenschap, laten we samenwerken aan een gemeente waar ontmoeting geen bijzaak is, maar een vanzelfsprekend fundament onder ons beleid. Tot zover. Daarnaast wil ik ook nog zeggen dat De Bossche Groenen en de PvdD ook onder de motie mogen. De heer ROOVERS: Ik heb mevrouw Lipman even haar verhaal laten afmaken, maar ik wil 23
eigenlijk de vraag herhalen die ik in mijn eerste termijn stelde. Ik ben het absoluut helemaal eens met het verhaal van mevrouw Lipman. We zijn het erover eens dat de gemeente ook een taak heeft in voeden van gemeenschappen, maar dan is wel de vraag 'wat als het geld moet kosten?' Is mevrouw Lipman, is het CDA, dan ook bereid om richting bijvoorbeeld de voorjaarsnota ook naar middelen te kijken want we moeten toch constateren dat de voorbeelden van ontmoetingsruimten die ze in haar eigen motie noemt toch wel onder druk staan en de laatste tientallen jaren al toch wel zijn afgenomen. Mevrouw LIPMAN: Zeker en bedankt ook voor de vraag. Wij willen er zeker naar kijken, maar ik wil er niet op vooruitlopen of er middelen aan ten grondslag moeten liggen. Zeker de voorzieningen staan onder druk en daar hebben we dus ook een taak. Anderzijds zou ik eerst eens willen kijken waar we behoefte aan hebben, wat kunnen die beginselen zijn, voordat we daar eventueel geld aan koppelen. De heer BOS: We leggen met de Omgevingsvisie de beginselen vast waaraan we de toekomstplannen voor de ruimtelijke inrichting van onze gemeente moeten toetsen, een belangrijk document voor de verdere ontwikkeling van onze gemeente voorzitter en GroenLinks ziet dat verhaal als het gaat om ruimtelijke ontwikkeling graag tegemoet.
Er ligt een mooi begin, een mooie conceptversie en GroenLinks ziet twee belangrijke aanvullingen op die conceptversie. De eerste is op het thema gezondheid. De concept-Omgevingsvisie is de stip op de horizon voor 2050, we hebben dan te maken met een uitdijende bevolking, letterlijk, twee derde van onze inwoners zal dan met overgewicht kampen. In de concept-Omgevingsvisie wordt nu ingezet op het stimuleren van sporten, maar alleen dat is onvoldoende. De Omgevingswet geeft een instrumentarium om ook het voedselaanbod te sturen en dat zouden we met beide handen moeten aangrijpen. Andere gemeenten, zoals de gemeenten Den Haag en Almere, hanteren bijvoorbeeld een afstandsnorm rondom onderwijsinstellingen, sportverenigingen en jongerencentra waarbinnen zich geen nieuwe fastfood- of frituurzaken mogen vestigen en bij gevestigde zaken die geen opvolging hebben, wordt gekeken of de vergunning kan worden aangepast om een gezonder voedselaanbod te creëren. Voorzitter, als gemeente zouden wij ook de regie in handen moeten nemen omdat de consequenties van overgewicht ook de gemeente zullen raken. Vandaar dat GroenLinks komt met de motie 'Gezond voedselaanbod: liever gezond dan te rond', motie nummer 9. Ten tweede de vergroening van onze historische binnenstad.
We hebben een prachtige historische binnenstad en in zowel de concept-Omgevingsvisie als de gebiedspaspoorten en in de discussie van december jl. over het Binnenstadsfonds is het belang van vergroening door deze hele raad bevestigd, maar GroenLinks ziet daarentegen dat andere gemeenten met vergelijkbare historische binnensteden grootschaliger vergroenen dan de boombakken die wij de afgelopen jaren hebben geplaatst. In andere gemeenten wordt bij het dilemma tussen bekabeling en mogelijk historische waarde in de grond enerzijds en kansen voor vergroening anderzijds sneller en vaker gekozen voor vergroening en met de hittestress waarmee onze versteende binnenstad momenteel heeft te maken zou dit voor ons ook geen keuze meer mogen zijn. GroenLinks zou daarom graag een toezegging van de wethouder willen hebben dat hij deze keuze ook voor onze gemeente inzichtelijk maakt met daarbij onderbouwd aangegeven welke keuzes het college voornemens is ten aanzien van vergroening en het versnellen van vergroening in onze binnenstad. Kan het college daar een toezegging op doen? Daarnaast dienen we ook een aantal moties mee in.
GroenLinks is voor hoogwaardig ov en we zijn blij met het opnemen van station Nieuwland in de concept-Omgevingsvisie, maar we kunnen ons ook helemaal vinden in station Maaspoort als stip op de horizon in de verdere ontwikkeling van ons treinverkeer en daarom dienen we motie nummer 11 van D66 mee in. Mevrouw Lipman zei het net al, ontmoeten komt uitgebreid aan bod in de concept-Omgevingsvisie en niet zonder reden. We dienen dan ook motie nummer 8 en nummer 16 van het CDA en Rosmalens Belang over ontmoeten, al dan niet in het groen, van harte mee in. Dat geldt ook voor motie nummer 12, ook van D66, over de visie op hoogbouw. Verdichten is de meest snelle manier om de wooncrisis te overkomen en we creëren tegelijkertijd ook nieuwe vormen of nieuwe kansen op nieuwe vormen door duurzame energieopwekking zoals wind op dak toe te passen waarvoor GroenLinks bij de begroting ook aandacht heeft gevraagd. Voorzitter, tot slot. We zien in de concept-Omgevingsvisie ook rond Nuland een relatief grote plus in het toevoegen van woningen en mijn fractie kan erin meegaan dat dit impact heeft op het dorp zoals het nu is. Daarbij wil ik ook expliciet de positieve impact benoemen, als het gaat over bereikbaarheid met het toevoegen van station Nuland, maar ook de toekomstbestendigheid van de voorzieningen in het dorp die nu onder druk komen te staan.
Toch zul je in opgaven zoals deze ook heel goed de bewoners moeten meenemen, zodat het kenmerkende karakter van dorpen en wijken behouden blijft en daarom staan wij ook voor motie nummer 15 van 24
Rosmalen Belang. Voorzitter, afrondend. Voor de andere moties wacht mijn fractie nog de reactie van de wethouder af of stemmen we tegen en ik zou graag willen afsluiten met de wens dat we als raad ook het goede voornemen mogen hebben om meer met elkaar samen te werken want 31 moties laat zien dat we daar dit jaar nog niet in zijn geslaagd. De heer ROOVERS: Ik heb toch een vraag over de voedselmotie van GroenLinks, ik heb toch wel wat vragen over hoe ik die precies moet lezen. Volgens mij is het probleem overgewicht heel erg veelzijdig. We hebben een voedselindustrie die ons eten ongezond maakt met zout, suiker en vet en het vaak ook nog goedkoper maakt dan de gezonde varianten. We hebben sportverenigingen die minder toegankelijk worden vanwege de hoge kosten en we hebben de techbedrijven die onze kinderen aan telefoons verslaafd laten maken, zodat ze niet meer buitenspelen. Volgens mij is het heel erg veelzijdig en kunnen we die problemen als gemeente ook niet helemaal oplossen, maar als ik het toch platsla, dan is volgens mij het antwoord van GroenLinks daarop 'haal dan de snackbar maar weg'. Ik vraag me af in welke mate dit symbolisch is, kan de heer Bos daar misschien op reflecteren? De heer BOS: Ik kan in een heel groot deel van de vraag van de heer Roovers meegaan. Overgewicht is een veelkoppig monster dat op veel plekken moet worden opgelost.
Wij zien een concrete link met de Omgevingsvisie om ook te kijken hoe we het voedselaanbod gezonder kunnen maken en dat betekent niet dat we tegelijkertijd zeggen 'alle fastfoodzaken de gemeente uit', totaal niet want ook een snackbar is een vorm van ontmoeten, daar komen ook veel mensen samen. We zijn er wel waakzaam op de trend die we zien, er zijn de afgelopen jaren heel veel extra fastfoodketens en frituurzaken toegevoegd en tegelijkertijd zien we dat in 2050, die stip op de horizon waar ook de Omgevingsvisie voor staat, twee derde van onze inwoners met overgewicht heeft te maken. We kunnen wachten tot het rijk met maatregelen komt, maar ook het doorrekenen van het Nationaal Preventieakkoord laat zien dat het dan nog niet voldoende is. We kunnen daar ook als gemeente actie op ondernemen en dan zien we concreet een link met de Omgevingsvisie. Dus er zit hier een link en er zijn er nog veel meer, maar ik hoop dat u het ook met ons eens bent dat we iets tegen overgewicht moeten doen en dat we ook hier stappen moeten zetten. De heer ROOVERS: Absoluut, ik vind dat we daar iets tegen moeten doen, maar ik vind wel dat we dat wat veelzijdiger moeten aanpakken dan wat GroenLinks hier voorstelt. GroenLinks, de heer Bos, zegt het eigenlijk zelf al, die snackbar, die frietzaak heeft vaak ook een sociale functie, we hebben het vanavond over ontmoeten gehad, ja absoluut.
Nu ben ik mijn verhaal kwijt voorzitter. Om het dan even zo samen te vatten, in welke mate is het symbolisch en snapt de heer Bos ook dat het gevoel dat mensen hebben dat de overheid dingen van hen wegneemt en geen alternatieven biedt ook het draagvlak voor dingen als preventiebeleid ondergraaft? De heer BOS: Deze motie is geenszins symbolisch bedoeld want we moeten overwicht en de risico's die daarmee te maken hebben zeer serieus nemen. We kunnen wachten tot we een ramp in slow motion voor ons zien, maar ik denk dat we ook echt actie moeten ondernemen en GroenLinks ziet concreet een haakje in de Omgevingsvisie om ook op dat voedselaanbod te sturen. Ik herinner me ook de discussie in deze raad bijvoorbeeld ten aanzien van Paleiskwartier waar we eigenlijk allemaal flink verontwaardigd waren dat zich daar juist en McDonald's zou vestigen omdat op deze plek ook veel jongeren samen zouden komen en we waren het er eigenlijk ook wel over eens dat dit misschien niet de beste horecazaak was om zich daar te laten vestigen. De heer VAN HATTEM: Ik vraag me toch een beetje af in hoeverre deze motie überhaupt uitvoerbaar is want er wordt gevraagd om een gezonder voedselaanbod te creëren, maar je krijgt natuurlijk ook mensen die van alles bestellen.
Gaan we dan ook bijvoorbeeld koffieautomaten verbieden waar havermelk in zit dat bol staat van de suiker? Hoe uitvoerbaar is deze motie en wil de heer Bos dat ook? De heer BOS: Zoals ik ook in de overwegingen heb opgenomen, zijn er inderdaad veel haakjes met landelijke discussies die hieraan ten grondslag liggen over inderdaad de definitie van een gezond voedselaanbod en er zijn ook verschillende overleggen tussen het rijk, de VNG en bepaalde City Deals gaande, dus ik denk dat dit zeker uitvoerbaar is en dat we als gemeente zeker moeten aanhaken om ook die ontwikkeling hier in onze gemeente mee te pakken naar de kant van… De VOORZITTER: Laten we een beetje bij de hoe-vraag wegblijven, het gaat vandaag over 25
de wat-vraag want het is een visie. De heer VAN HATTEM: Ja, maar ook bij een visie moet je er toch wel rekening mee houden of iets überhaupt uitvoerbaar is. Er kan een heel verhaal komen over een landelijke aanpak en dergelijke, maar als hier lokaal staat 'een gezonder voedselaanbod creëren' en dat via de Omgevingsvisie dan vind ik dat eigenlijk toch wel een beetje vergezocht en dan vraag ik me wel af hoe je dit dan gaat doen, zeker als het ook om het aanbod gaat, mag dan ook niemand meer met een telefoon een bestelling bij een fastfoodzaak doen? Ik noem maar wat. De heer BOS: We zijn hier zeker geen koploper in, er zijn al gemeenten ons voorgegaan, er lopen al experimenten en er is ook veel onderzoek, bijvoorbeeld van de UvA, die kijkt naar welke mogelijkheden er überhaupt in de Omgevingswet zitten en ik denk dat we daar prima op kunnen aanhaken, dus qua uitvoerbaarheid zie ik geen problemen. De heer VAN DEN KERKHOF: Het voelt inderdaad met 31 moties of we vanavond een begroting behandelen, maar ik zie dat niet als een zwakte, ik zie dat wel als iets moois. Ik heb het even opgezocht, de laatste keer dat de Bossche raad hier zo uitgebreid over een Structuurvisie of noem het een Omgevingsvisie sprak is zelfs voor mijn tijd, dat was in januari 2014.
Het mooie van deze Omgevingsvisie die voorligt, is dat het waarschijnlijk niet meer zo lang gaat duren mijnheer Van der Krabben, voordat we er weer over gaan spreken want als het goed is, gaan we nu iedere raadsperiode over deze Omgevingsvisie spreken en dan zal het aantal moties misschien ook wel wat afnemen en weten we elkaar misschien ook wat beter te vinden. De heer VAN DER KRABBEN: Ik heb maar één korte vraag. U hebt teruggekeken naar 2014 toen het is behandeld, hebt u ook gekeken naar nu, wat ervan terecht is gekomen want daar draait het om. Als ik al die 31 moties lees en men zegt dat we moeten samenwerken, wij hebben er geen ingediend omdat we willen samenwerken. Je moet er een paar hoofdpunten uithalen waarvan je eigenlijk zegt… De heer VAN DEN KERKHOF: Daar heb ik zeker naar gekeken en er was in januari 2014 zeker een vooruitziende blik, maar bijvoorbeeld Nuland en Vinkel waren nog niet in de visie opgenomen. Dus we hebben nu tien jaar lang Nuland en Vinkel als onderdeel van onze gemeente, maar er ligt nog geen visie op wat wij als gemeente Den Bosch met die fysieke ruimte willen. Dus we staan in 2025 ook niet zomaar voor een besluit, we gaan een Omgevingsvisie vaststellen en dat is hét sturingsinstrument voor de raad als het gaat om de fysieke omgeving.
Dus ik denk dat het goed is dat… Het is ook heel breed, alles past erin, het is integraal, dus die 31 moties zijn mijns inziens goed te verklaren. Ook complimenten aan het college überhaupt dat we die kans nu al krijgen en dat we het later in 2025 gaan hebben over de vaststelling van de visie. Voorzitter, ik richt mij in mijn betoog nu in de eerste termijn enkel op de moties die wij als D66 als hoofdindiener indienen en dat is allereerst treinstation Maaspoort. Dat is natuurlijk een ambitie die in Den Bosch al decennia meegaat en ik denk echt dat de aanhouder wint. In 2016 is er een quickscan geweest en toen kwamen er nog bedragen als € 100 miljoen uit en was het voor partijen niet rendabel, maar werd wel gezegd dat dit op de lange termijn best een goede optie kan zijn, want op de lange termijn zijn er misschien technieken die het goedkoper maken en die het dus ook voor partijen als NS en ProRail, het is wel een voorwaarde dat ook die partijen tegen die tijd gaan meedoen, echt wel een interessante optie maken. Laten we hem, dat is waartoe deze motie oproept, letterlijk weer op de kaart van de Omgevingsvisie zetten, laten we die ambitie in Den Bosch warm houden en daar komt de ambitie van een ander treinstation bij die we ook omarmen en dat is treinstation Nuland. De heer VAN HATTEM: Ik vind het op zich vrij makkelijk om te zeggen 'wij hebben er een ambitie voor'.
Ik vraag me dan ook af of de betrokken staatssecretaris daar ook het budget voor heeft, ik ben bang van niet. Ik wil toch vragen: dit voorstel voor treinstations, in hoeverre moet dit dan in de plaats komen van mogelijkheden voor ontsluitingen met de auto of is dit enkel aanvullend? De heer VAN DEN KERKHOF: Dit is aanvullend op een pakket maatregelen dat ook al in deze visie zit en dit gaat ook over de langere termijn. Wij zijn ook wel zo realistisch dat hier waarschijnlijk niet voor 2030 echt concrete stappen voor worden gezet, maar voor de lange termijn, we stellen hier een visie tot 2050 vast of die stellen we nu niet vast maar die stellen we later in 2025 vast, en daar hoort deze ambitie wat ons betreft echt wel op de kaart te staan. Het betekent ook, dat is ook in de motie opgenomen, dat we aldaar niet alleen een station moeten toevoegen, maar ook een 26
hoogstedelijk zoekgebied daaromheen om ook wat verdichting te creëren, zodat het ook realistischer wordt om daar een station te realiseren, maar ook zodat het de doorstroming in bijvoorbeeld de Maaspoort kan gaan bevorderen als het gaat om de woningbouwopgave. Voorzitter, dat wat betreft de motie Maaspoort die wij met heel veel partijen mee indienen. Ook dank voor de vele steun die we al aan de voorkant daarvoor hebben ontvangen. Voorzitter, een ander punt dat we ook in de commissie al hebben gemaakt, maar niet alleen in de commissie, de afgelopen jaren natuurlijk, is een visie op hoogbouw. We hebben de afgelopen jaren vaak het debat in deze raad gehad over hoger bouwen in de stad, niet alleen voor de woningbouwopgave, daar is hij belangrijk voor, meer woningen toevoegen op een beperkter oppervlak biedt ook meer ruimte om groen toe te voegen. Dus daarom, maar ook om de stedelijke allure van Den Bosch vorm te geven. We leunen eigenlijk al die tijd op een nota Hoogbouw uit 2003. Dat was natuurlijk een hele andere tijd dan de tijd waarin we nu leven en als je die nota Hoogbouw erbij pakt dan zie je dat alle plekken die in de nota Hoogbouw zijn opgenomen inmiddels al zijn volgebouwd dan wel dat de raad gebiedsvisies heeft vastgesteld.