Notulen raadsvergadering 2024-11-13
Tekst van het document
De overstap naar de nieuwe Omgevingswet betekent dat we dit type verordening dan pas weer actualiseren omdat ze dan in het Omgevingsplan worden opgenomen en daarmee is dit op dit moment niet logisch om te doen, dus die zal ik ontraden. Dat was het blokje Openbare ruimte en dan ga ik naar afval. Misschien nog wel meer dan andere thema's is afval hét thema van het afgelopen jaar. Er gebeurt veel in de zin dat de organisatie hard aan het werk is om op orde te komen, om de veiligheid goed te krijgen en ook om vooruit te kunnen kijken. Dat betekent ook dat wij aan het nieuwe afdelingshoofd hebben gevraagd: ga nou niet aan de slag met een standaardondernemingsplan, maar kom met een verbeterplan waarin we die grote opgaves aanpakken. Dat is in de afrondende fase en daaruit volgt ook voor ons intern een aantal opgaven als dat financiële consequenties heeft. Er komt een stuk naar uw raad over de impact op de investeringen, de afvalstoffenheffing et cetera. Dat heb ik u al eerder toegezegd, dat wil ik graag nakomen en daarmee ontraad ik amendement 1, omdat ik erg blij ben dat u de gedachte erachter dat we moeten investeren in de veiligheid en de toekomstbestendigheid van de Afvalstoffendienst onderschrijft en ik dat echt als steun in de rug voel.
We moeten wel eerst in beeld hebben wat de opgave is en hoe we die qua investeringen en exploitatie doen, zodat er een voorstel is waarover u kunt beslissen en daarmee gaan we volgens de juiste financiële route aan de slag. De heer KAGIE: Richting de portefeuillehouder, over twee tot drie maanden is er een verbeterplan inclusief een soort investeringsplan waarin staat wat ons staat te doen. We kennen de waslijst van het managementteam van de afgelopen anderhalf jaar met ook een enorm investeringsprogramma voor wagens en materieel. Over twee tot drie maanden staan we daar dan en dan hebben we geen pocket money buiten de middelen van € 2,2 miljoen en de komende jaren € 1,6 miljoen per jaar. Even uw inschatting, is daarmee wat ons in het verbeterplan te wachten staat gedekt? Een indicatie van uw kant. Wethouder RALPH GEERS: Ik verwacht dat daar nog aanvullende middelen voor nodig zijn, maar ik kan op dit moment geen inschatting geven van hoeveel dat is en in de zuiverheid van de afspraken die we hebben, is dit nu het voorstel en ik kom na overleg met de collega van Financiën met onze financiële afspraken naar uw raad. Wij kiezen er in de begroting die het college nu voorlegt niet voor om daar nu iets voor te reserveren, behalve de reguliere investering. 53
De heer KAGIE: Even een punt. Anderhalf jaar lang komen het investeringsplan en de noodzaak van die investeringen keer op keer in het managementteam, in vijftien vergaderingen, aan de orde, de hoogste urgentie, letterlijke teksten, elektrificeren van diesel naar elektrische wagens. U komt in februari-maart a.s. met een verbeterplan/ondernemingsplan/investeringsplan en ik wil van u een indicatie hebben, zitten we dan miljoenen buiten de bandbreedte die nodig is, binnen de bandbreedte dan wel buiten de bandbreedte, hebben we het over miljoenen die er aanvullend nodig zijn of niet? Miljoenen wil zeggen niet € 1 miljoen. Wethouder RALPH GEERS: Nu chargeert u wel een beetje wat er de afgelopen anderhalf tot twee jaar is gebeurd, maar er is wel het een en ander bij de Afvalstoffendienst gebeurd en er zijn zaken die op orde moeten worden gebracht. Er zijn urgente problemen, denk aan de overslaghal en aan alle andere interventies op het gebied van veiligheid, et cetera. Er is heel hard gewerkt om te zorgen dat we daar steeds meer op orde en in control komen en tegelijkertijd hebben we keuzes gemaakt in hoe we naar de Afvalstoffendienst kijken, we hebben onder andere een contract met twee gemeenten opgezegd en dat heeft ook invloed op het aantal wagens dat wij moeten vervangen en het vergt een aanpassing op de rekensom.
Vandaar dat wij zeggen: we hebben dat verbeterplan dat ambtelijk wordt opgeleverd en vervolgens komen we van daaruit met een vraag naar u. Ja, dat zal een fors bedrag zijn, u weet ook dat die wagens niet goedkoop zijn, maar ik ga nu geen bandbreedte geven, over welke getallen we het hebben, omdat ik die getallen op dit moment nog niet heb. De heer KAGIE: U zegt dat het een fors bedrag zal zijn, maar u komt in februari-maart a.s. met een verbeterplan inclusief het investeringsprogramma en de mensen van het Afvalstoffenbedrijf moeten driekwart jaar wachten op een besluit in het kader van de begroting van 2026 om geld vrij te maken. Wethouder RALPH GEERS: Volgens mij weet de heer Kagie met zijn jarenlange ervaring prima hoe je ook gedurende een jaar vooruitlopend op investeringen iets kunt doen. Het verbeterplan wordt aan ons opgeleverd en vervolgens leggen we de financiële claim die daaruit gaat komen beredeneerd aan uw raad voor en ook hoe en op welke termijn we dat gaan invullen. De heer VAN DER KRABBEN: Ik wil eigenlijk het volgende aan de wethouder meegegeven. Als wij begin 2025 dat plan krijgen en we over die auto's praten… Er werden nettobedragen genoemd, wilt u ook eens kijken of lease mogelijk is? Zo'n auto kost meer dan € 125.000 als je er 25 nodig hebt, reken maar uit.
In de schriftelijke vragen van Bosch Belang is gevraagd te kijken naar samenwerking met andere gemeenten zodat je ook geld van andere gemeenten kunt krijgen om die hele stap te kunnen zetten, staat dat straks ook in het plan dat u presenteert? Wethouder RALPH GEERS: Wij huren nu ook af en toe wagens om te zorgen dat al onze wagens storingsvrij zijn en veilig de weg op kunnen. Ik kan wel inzichtelijk maken wat het verschil is tussen kopen en leasen, ik weet niet of daar een verschil in zit. Er is antwoord op uw vragen over de toekomst van de Afvalstoffendienst gegeven en ook mevrouw Hernández heeft daarop gehint. De gemeentelijke Afvalstoffendienst bestaat 125 jaar, laten we dat niet vergeten. Ja, we gaan een gesprek voeren over de toekomst daarvan: hoe ga je massa organiseren, zowel in afval dat wordt aangeleverd als in slagkracht aan de bovenkant. We hebben wel te maken met mensen die bij ons werken en ik wil dit zorgvuldig doen, vandaar dat we technische elementen verkennen, we ook intern gesprekken gaan voeren en we kijken hoe andere gemeenten naar de toekomst van hun afval kijken. Je kunt verschillende varianten bedenken en ik ben het wel met enkele mensen eens dat je in steeds meer gemeenten ziet dat de markt geen interesse in het ophalen van huishoudelijk afval heeft.
Dus hoe liberaal ik af en toe ook ben, ik vind zomaar privatiseren in dit geval niet goed omdat deze basisdienstverlening er wel moet staan, maar dat is geen onderdeel van het verbeterplan, het verbeterplan gaat over hoe we zorgen dat de Afvalstoffendienst zoals die nu is op orde komt. Dat leveren we op korte termijn op en dat andere traject loopt daarbij, maar we wachten niet op die conclusie. Het is ook een raar verhaal naar andere gemeenten als wij zeggen 'u moet direct aan de lat', wij nemen onze eigen verantwoordelijkheid. De heer VAN CREIJ: Ik haak even aan op waar de wethouder zojuist stopte, privatisering is geen onderdeel van het verbeterplan. We hebben het contract met twee gemeenten opgezegd en wilt u in het verbeterplan wel opnemen hoe de afvalverwerking daar momenteel loopt en of dat goedkoper of duurder is dan toen het in de gemeente Den Bosch was. Dan kunnen wij die afweging maken. Ik 54
heb het uit de afvalstoffenheffing van Heusden niet op kunnen maken want daar is men diftar gaan gebruiken en daar ligt een hele andere rekensom onder. Wilt u daar meer cijfers over aanleveren zodat we duidelijke keuzes kunnen maken? Wethouder RALPH GEERS: Ik gebruik de vraag van heer Van Creij om een bruggetje te maken omdat het verbeterplan puur gaat over hoe we zorgen dat we investeren in de huidige operatie, de huidige veiligheid en de huidige organisatie. Tegelijkertijd proefde ik in de commissie heel erg de behoefte om over het afvalbeleid en de verschillende varianten te spreken. Dat begon al in de commissie Bestuur over de variant op de afvalstoffenheffing tot aan bronscheiding en nascheiding, daarover hoorde ik de VVD, en andere vraagstukken waarmee u aan de slag wilt. Ik heb toen toegezegd rond de zomer van 2025 met een discussienotitie te komen om daar iets over te kunnen vinden. Motie 1 bij de belastingvoorstellen van Volt heeft dan ook geen bezwaar omdat dit u helpt om de goede discussie te kunnen voeren. Dan pak ik even motie 27 bij de begroting, de motie van de PvdD over het Burgerberaad. Die zou ik in deze vorm willen ontraden.
Niet omdat ik participatie niet belangrijk vind en ik de kansen daarvan niet zie, maar omdat een Burgerberaad, volgens mij kijkt collega Slikker daar ook naar met betrekking tot de Woonzorgvisie… Dat was echt een thema waarover de politiek zei 'hier hebben wij nog geen mening over en wij staan open voor alles wat wordt ingebracht'. Als ik zie wat er alleen al in de afgelopen commissie is genoemd dan heeft uw raad voldoende inhoudelijke doelen die de openheid van een Burgerberaad niet meer passend maken want u kleurt al veel in en wat blijft er dan over voor het Burgerberaad om dan nog vrij te kunnen adviseren? Ik heb u ook een discussie horen voeren met de heer Vossen van PvdA over andere vormen van participatie en misschien kunnen we een variant vinden, maar ik denk dat het Burgerberaad zo sec en zo groot niet past bij het gepolitiseerde item dat afval is geworden. De heer VAN SILFHOUT: Ongeacht wat ik op die motie ga stemmen, wil ik de wethouder meegeven dat juist een Burgerberaad kan worden gebruikt bij een onderwerp dat zo politiek beladen is dat wij er niet uitkomen. Daar is het juist ook een heel effectief voor en ik zou graag willen dat de wethouder daarop reflecteert. Wethouder RALPH GEERS: Ik schat in dat u hier wel met elkaar uit kunt komen en dat wij nog niet in de situatie zitten dat u er niet met elkaar uitkomt.
De heer HOEBEN: Toch even terug naar A1, we storten € 4,8 miljoen ten behoeve van het ravijnjaar 2026, we doen € 8,5 miljoen naar het Structuurfonds en toch zegt u nu 'we hoeven nergens rekening mee te houden, dat komt wel op het moment dat…'. Rekenen we ons dan rijk of is dit de normale manier van het behandelen van zo'n voorstel? We willen eigenlijk een reserve opnemen en niet zomaar iets parkeren, terwijl we straks weer een discussie krijgen over waar we dat uit gaan betalen. Wethouder RALPH GEERS: Volgens mij liggen er vanuit uw raad ook uitspraken om de projecten uit het Structuurfonds uit te voeren en te financieren. Daar hebben we rekening mee te houden en ik vind wel dat, als het college een claim op een bepaald bedrag legt, het moet onderbouwen of dat een redelijk bedrag is. We kunnen die inschatting op dit moment niet geven omdat het verbeterplan nog in ontwikkeling is en daarom vind ik het niet zuiver om nu een claim zonder onderbouwing bij uw raad neer te leggen, ik vind het zuiverder om dat te doen als we die claim wel kunnen leggen en we de knoppen kunnen geven waarmee uw raad bijvoorbeeld kan zeggen 'ik wil meer stijging van de afvalstoffenheffing en minder investeren' of andersom of 'ik wil iets meer of iets minder ambitie'.
Als dat opties zijn en u aan die knop kunt draaien dan zullen we de raad ook in stelling brengen en dan kunt u iets vinden over een gefundeerd voorstel. De heer HOEBEN: Hoor ik het dan goed dat u zegt 'we staan er minder rooskleurig voor dan we u eigenlijk voorhouden'? Wethouder RALPH GEERS: Ik heb niet het idee dat ik hier iets rooskleurig of met heel grijze wolken voorhoud. Ik zeg alleen dat we weten dat we in de toekomst noodzakelijke investeringen in de Afvalstoffendienst moeten doen en dat op dit moment de laatste hand wordt gelegd aan het verbeterplan over wat dat betekent waarbij we moeten kijken wat het betekent voor onze interne organisatie en voor een budgetvraag waarvoor we naar de gemeenteraad moeten. Zodra dat helder is, kom ik naar uw raad. Als ik het te rooskleurig had ingeschat, had ik gezegd 'u hoort niets meer van mij'. Ik ben gewoon realistisch, maar ik kan nog geen getallen geven en ik vind het ook niet fair om 55
hypothetische bedragen te noemen. Nog twee moties over afval. Ik vind motie 6 van VOOR Den Bosch een beetje tegenstrijdig in die zin dat ik de oproep dat wij moeten weten waar die container staan heel goed snap. Omdat wij de gechipte containers hebben, moet deze laatste worden verwisseld zoals de rest van onze gemeente dat ook succesvol heeft gedaan. Ik denk dat de heer Gersjes het uiteindelijk best met mij eens is dat het een kleine actie is om daarmee te zorgen dat we precies weet waar alles staat. Feitelijk is het verzoek zonder gevolg. De heer GERSJES: Het zit iets ingewikkelder in elkaar dan u nu hier schetst. Wethouder RALPH GEERS: Ik ben altijd bereid om in de kantlijn nog iets over de techniek te vinden als het over de techniek gaat. Ten slotte motie 19 over het gratis ophaalmoment van grofvuil. Ik snap ergens wat de heer Roovers in zijn bijdrage zei, maar tegelijkertijd bestaat gratis niet, zijn er altijd kosten en gaat het er ook om bij wie je die neerlegt, dat als tussenopmerking. Het onderzoek dat er ligt, om daar een scan op te maken, wat de opties zijn, heeft geen bezwaar. We presenteren u de varianten die eruit komen graag en als dat kosten met zich meebrengt, is dat onderdeel van de integrale afweging die uw raad moet maken, daarop ga ik niet vooruitlopen. Voorzitter, ik denk dat de collega's nog twaalf seconden over hebben.
De heer ROOVERS: Ik snap dat u daar nu nog niet op kunt vooruitlopen, maar ziet de wethouder ook dat deze motie wordt ingediend om de te grote last van de afvalstoffenheffing op mensen te verlichten en dat we een beetje ons doel voorbijstreven als we een maatregel bekostigen uit de verhoging van het tarief van de milieustraat. Daar is de wethouder het toch mee eens? Wethouder RALPH GEERS: Ik vind het wel een hele interessante motie omdat die inderdaad vanuit die goede kant beredeneert hoe we daarvoor kunnen zorgen en misschien kunnen we uit de variant met Vindingrijk of Weener XL in het kader van hergebruik en circulariteit een soort meerwaarde halen in plaats van dat dit allemaal restafval wordt. Ik snap het idee erachter en vandaar dat de motie geen bezwaar heeft. De heer VAN DER KRABBEN: Ik praat niet over een motie, maar over een besluit, punt 3. U bent van Personeel & Organisatie en bij punt 3 staat de pilot voor de griffie, dus eigenlijk voor een nieuw onderkomen. Die discussie heeft in de commissie plaatsgevonden en u zei dat u bereid bent een oplossing te vinden als de raad een besluit heeft genomen en dat besluit zou negatief kunnen uitvallen. Wilt u dat hier herhalen omdat mijn water aangeeft waar het vermoedelijk straks naartoe gaat.
Wethouder RALPH GEERS: Ik merkte in de commissie al dat men een interpretatie gaf aan mijn woorden en ik heb het verslag goed nagelezen. Ik heb gezegd: op het moment dat u als raad een besluit hebt genomen of kijkt naar alternatieven, betrek ons dan want dan willen wij vanuit Facilitair kijken wat wel en niet mogelijk is. Dat heb ik daar gezegd en daar sta ik nog steeds achter, maar het initiatief ligt bij uw raad en als uw raad het überhaupt niet nodig vindt dat er zo'n voorziening komt dan gaan wij niets doen en als uw raad vraagt om naar alternatieven te zoeken, dat is een andere vraag, dan spelen wij natuurlijk ook onze rol vanuit de kennis en expertise die wij daarover hebben . Wethouder VERMIN: Mevrouw Craste vroeg om een onderzoek naar knelpunten met betrekking tot ventilatie en klimaatbeheersing van onze BBS'en na 2010. Deels hebben we hier natuurlijk in het bestuursakkoord al middelen voor vrijgemaakt, maar als er signalen zijn dat een en ander niet op orde is, ga ik dat met liefde na en informeer ik de raad hierover, die toezegging hebt u van mij. Ik zie dat ik daarmee een handje van mevrouw Muller wegneem, zo snel kan het soms gaan en ik had nog twaalf seconden dus dat moet ook.
Mevrouw Samshuijzen vraagt in motie 25 om steun voor een initiatief waarin inclusie, diversiteit en gelijkwaardigheid kan worden gevierd, zoals de insprekers bij I&O verzochten, in de vorm van Iedereen Mag Zoenen. Met dien verstande dat we ons niet vastpinnen op één specifiek initiatief wil ik deze suggestie graag meenemen naar de nieuwe Inclusie Agenda. Indachtig uw eigen overweging dat iedereen mag zoeken, ga ik ook graag het gesprek aan met de initiatiefnemers voor het jaar 2025. Dus geen bezwaar op deze motie. Daarnaast heeft mevrouw Samshuijzen ook nog motie 28. De heer VAN HAREN: Een verwondering vanuit ons. Ik ben in verband met de Inclusie Agenda die wij binnenkort gaan bespreken even zoekende naar of een festival zoals het Iedereen Mag Zoenen Festival nog steeds als middel wordt gezien of dat we goed naar een doel gaan kijken voor 56
een integrale discussie. Is de wethouder met deze motie geholpen of kunnen we beter tegen die tijd over een inclusievere gemeente spreken? Wethouder VERMIN: Volgens mij is het en-en, we bespreken de Inclusie Agenda in het voorjaar van 2025 en dan moeten daar ook nog activiteiten en middelen aan worden gehangen. Ik wil het structurele verhaal meenemen in die Inclusie Agenda en die suggestie met u bespreken. Ik wil me inspannen om voor het jaar 2025 te kijken welke mogelijkheden er intussen zijn. De heer VAN HAREN: Wij zijn op zoek naar het volgende. Wij willen die inclusieve samenleving en daarvoor stellen we die agenda op, maar die willen we ook inclusief en er moet wel een totaalplaatje bestaan. Ondanks het goede initiatief van het festival voelt het voor ons daarom op dit moment niet goed om dat initiatief er nu uit te lichten. Ik vraag me af hoe de wethouder daar nu echt naar kijkt bij het opstellen van die agenda. Wethouder VERMIN: De heer Van Haren vraagt terecht: licht u dat nu uit vooruitlopend op…? Daarom zeg ik heel expliciet dat ik de suggestie voor een activiteit als deze meeneem. Volgens mij staat in de motie niet dat het Iedereen Mag Zoenen moet zijn, dat is echt een belangrijk verschil en daarmee kan het volgens mij een middel zijn om die inclusieve samenleving te ondersteunen/bereiken, maar hoeft dat niet per se Iedereen Mag Zoenen te zijn.
Dat kan betekenen dat er in 2025 niets is en daarvoor ga ik graag het gesprek aan met deze insprekers om te kijken of daar toch enige vorm aan valt te geven. De heer HUIBERS: Even twee snelle vragen en echt niet om flauw te doen, maar ik hoor heel veel 'kan' en 'zullen'. Zijn er misschien aan de voorkant al zaken die u uitsluit voor die Inclusie Agenda? Wethouder VERMIN: Het zou heel gek zijn om in een Inclusie Agenda al bij voorbaat dingen uit te sluiten. Ik weet niet waar u naar zoekt. De heer HUIBERS: U zegt 'we nemen het mee', maar volgens mij gaan we het debat daarover nog voeren en nemen we als het goed is alles mee en daar zit ook ons vraagteken in dezen. Het festival is hartstikke sympathiek en dat kunnen we echt wel steunen, maar wij maken ons er zorgen over dat we nu al een voorstap zetten op een discussie die we nog gaan voeren en we daarmee wellicht ook een grote claim leggen op het beperkte budget voor deze agenda. Wethouder VERMIN: Volgens mij is daarop eigenlijk hetzelfde antwoord als ik net richting de VVD gaf van toepassing. In de motie staat niet dat het expliciet Iedereen Mag Zoenen moet zijn. Ik vind het idee van een soortgelijk initiatief, een festivalachtig iets waar je inclusie, diversiteit en gelijkwaardigheid kunt vieren, charmant, dat ga ik in de totale context van de Inclusie Agenda bekijken en die gaan we dan bespreken.
Als u dan van mening bent dat ik totale onzin voorleg dan hoor ik dat graag en als u het een briljant idee vindt dan kunt u wellicht nog tegen mevrouw Samshuijzen zeggen dat het een briljant idee was. De heer MEES: Hoe sympathiek organisaties ook kunnen zijn, daar doen wij geen uitspraak over, zij komen hier inspreken, dat wordt opgepikt en vervolgens wordt het eruit gepikt. Als we nu deze motie aannemen, wekken we verwachtingen en dat vind ik niet terecht naar allerlei andere organisaties die misschien ook om geld komen. Ik vind dat we op de zaken vooruitlopen, vandaar dat wij hier tegen zullen stemmen. De heer VAN DER KRABBEN: Kunt u mij uitleggen hoe ik aan iemand moet uitleggen wat dit agendapunt betekent? Als ik moet zeggen 'het is een agendapunt, dat gaat over Iedereen Mag Zoenen', legt u eens in vijf woorden uit hoe dat ik dat buiten op straat aan iemand uitleg. Wethouder VERMIN: Dat zou ik eerder aan de indiener van de motie vragen. Ik kan er van alles over zeggen, maar dat is misschien iets moois voor mevrouw Samshuijzen om in de tweede termijn mee te nemen. Mevrouw Samshuijzen heeft ook motie 28 over schone schepen ingediend en daar kan ik vrij kort over zijn. Volgens mij is het altijd goed als wij als gemeente kijken waar we stappen kunnen zetten in verduurzaming en schone lucht.
We verkennen graag met een onderzoek welke mogelijkheden er op en aan het water zijn om daar ook stappen in te zetten, dus geen bezwaar.
57
De heer VAN HATTEM: Ik vind het bijzonder dat de wethouder hier geen bezwaar op geeft want het is heel onduidelijk wat nu precies het kader van deze motie is. Er zijn geen duidelijke criteria als het gaat om schone en duurzame schepen en ik hoor graag wat hij verstaat onder schone en duurzame schepen waar onderzoek naar wordt gedaan, is bijvoorbeeld een bootje met een motor van twee cilinders en 16 pk een schoon schip of niet, waar moeten in dat kader we aan denken? De meeste recreatievaart heeft een hele kleine motor en ik hoor graag wat daar de kaders voor zijn. Wethouder VERMIN: Volgens mij vraagt de motie om een onderzoek naar de mogelijkheden en dat kan van alles zijn, daar kom ik met alle liefde bij de raad op terug en dan kunnen we daar het gesprek over voeren. De heer VAN HATTEM: Wat gaat de wethouder dan precies onderzoeken en wat wordt hier precies verstaan onder schoon en duurzaam? Dat is volstrekt onduidelijk. Wethouder VERMIN: Daar kunnen we ook nog allerlei discussies over voeren, maar het gaat hier om uitstoot waarvan onze burgers last hebben, dus in het kader van het Schone Lucht Akkoord, en bij duurzaam gaat het wat mij betreft over de brandstof waarmee de voertuigen zich verplaatsen of aan de wal liggen en volgens mij is daar wel wat op te onderzoeken.
De heer VAN HATTEM: Wordt dan ook gekeken naar beschikbare en betaalbare alternatieven want die zijn er op dit moment gewoon heel erg weinig als je daarnaar kijkt. Wethouder VERMIN: Ja, het lijkt me dat we dat ook in ogenschouw nemen bij een dergelijk onderzoek. De heer VAN CREIJ: Toch nog even over de schone schepen. De motie vraagt dat te onderzoeken, maar u kunt toch geen hek om de gemeente Den Bosch zetten? Als een schip met een met een benzinemotor vanuit Veghel hiernaartoe komt varen om dan bij Den Dungen te zeggen 'u mag Den Bosch niet binnen en u mag aan de andere kant bij de Maas er wel uit'. Is een onderzoek niet totaal overbodig omdat u geen hek om de gemeente kunt zetten? Wethouder VERMIN: Op het gevaar af dat ik een hele andere discussie open, dat is misschien ook met auto's zo en daar kunnen we van alles van vinden, maar volgens mij kunnen we gewoon in een onderzoek kijken naar de mogelijkheden op en aan onze wateren. Dan kom ik bij u terug en dan hebben we daar een mooi gesprek over. Mevrouw HERNÁNDEZ: Ik wil een opmerking maken en een vraag aan de wethouder stellen. Als wij deze motie aannemen, betekent dat in de praktijk dat wij boven de landelijke wetten en misschien de internationale wet gaan werken. Beseft u dat? Wethouder VERMIN: Ik besef van alles en daarom gaan we eerst onderzoeken wat de mogelijkheden zijn en komen we bij u in de raad terug.
De heer Van Genugten deed in het kader van de Week van Respect een oproep voor meer respect. Dat kan ik alleen maar onderstrepen. Gelukkig kan ik u vertellen dat de heer Altenburg-Collin daar vandaag nog aan heeft gewerkt door een bezoek te brengen aan Kindcentrum De Groote Wielen en dat mevrouw Doğan dit op 15 november a.s. gaat doen en ik nodig u allen uit om dat in 2025 ook te doen. Meer respect voor elkaar en verbinding met elkaar, ik ga graag met hem in gesprek om daar een vervolg aan te geven. De heer VAN GENUGTEN: Ik heb aangegeven geen motie te hebben ingediend, maar de discussie vanavond in de raad vraagt volgens mij wel extra aandacht voor respect. We zijn goed op weg met het bestuursakkoord en het punt van de interruptie is dan de vraag. In het bestuursakkoord staat nadrukkelijk dat we de Week van Respect in samenwerking met het onderwijs, het bedrijfsleven en de maatschappelijke partners breed bij onze inwoners willen laten landen en mijn vraag aan u is: pakt u dit voor 2025 op? Wethouder VERMIN: Dank u wel. Ja, we hebben al allerlei scholen, ik noemde net al even twee voorbeelden van raadsleden die bij scholen langsgaan.
Er gebeurt ook het een en ander op onderwijs, dus er speelt al van alles en nogmaals, ik ga graag met de heer Van Genugten in gesprek om te kijken wat daar nog meer bij kan en waar we meerwaarde hebben, zodat we dat respect goed weten terug te brengen. 58
Wethouder ROY GEERS: We zijn inmiddels wat warm gedraaid in de zero emissie, maar dan op het water en we gaan nu verder naar de zero emissie op de weg in de Bossche binnenstad. Er ligt een amendement van de PVV met als opdracht de zero-emissiezone niet uit te voeren. Zoals u zult verwachten, zullen wij dit amendement ontraden. Wij zijn uitgebreid in gesprek met de ondernemers in onze stad en we merken ook dat wij hen goed kunnen begeleiden naar de landelijke ontheffingen die er zijn, maar ook dat we hen in de gevallen dat ze niet in aanmerking kan voor een van de landelijke ontheffingen ook gewoon goed kunnen helpen met de lokale ontheffingen die we hebben vanuit hardheidsclausule en economisch bedrijfsbelang, oftewel het maatwerk en de coulance zoals uw raad dat ook heeft gevraagd. Dat zorgt ervoor dat we, ook als we kijken naar marktkooplui, iedereen die zich op dit moment bij ons heeft gemeld een heel eind op weg kunnen helpen zodat iedereen zich goed heeft voorbereid en ja, een enkeling moet nog een maatregel nemen. Dus wij zullen het amendement ontraden.
De heer VAN HATTEM: Als we een maatregel nemen, moeten we kijken of die effectief bijdraagt en nu zien we dat deze maatregel een verwaarloosbaar effect heeft, maar wel zeer verstrekkende gevolgen voor marktkooplui en die zullen waarschijnlijk voor een deel zeggen 'dank u wel, maar de Bossche markt is voor ons niet meer de markt van onze toekomst'. Als dat gaat gebeuren, is het waarschijnlijk te laat en is het niet zaak om af te wachten wat er landelijk gaat gebeuren, of daar misschien toch meer mogelijkheden komen en vanuit het idee dat het een verwaarloosbaar milieueffect heeft toch een pas op de plaats te maken? Wethouder ROY GEERS: We hebben hier niet te maken met een verwaarloosbaar milieueffect, maar met een flinke stap in schone lucht. Ook als we kijken naar met ons vergelijkbare gemeenten die daar een rekensom aan hebben toegevoegd hebben dan constateren zij dat in 2030 dit uitstoot die gelijk staat aan de capaciteit voor 100.000 bomen voorkomt. Dat is zeker niet een nietverwaarloosbaar effect. De VOORZITTER: De heer Van Hattem nog, maar we gaan niet de discussie over de zeroemissiezone overdoen. U dient nu een motie in op basis van de procedure… De heer VAN HATTEM: Het heeft wel een verwaarloosbaar effect.
De wethouder spreekt over een berekening die uitkomt op 100.000 bomen en hier hebben we het over marktkooplui die één keer en soms twee keer per week een paar 100 meter naar de markt moeten rijden. Heeft de wethouder een berekening waaruit blijkt dat er een significant effect is als dit via een zero-emissiezone aan banden wordt gelegd of hebt u die berekening niet en als u die berekening wel hebt dan zie ik die graag. Wethouder ROY GEERS: Zoals ik zojuist aangaf, is dat een berekening van een andere gemeente die wel vergelijkbaar is en heeft dat effect op de volledige zero-emissiezone. Daarmee constateer ik dat de invoering van een zero-emissiezone, waarbij we in 2030 zero emissie zijn en we in die tijd een zorgvuldige procedure met overgangsregelingen, ontheffingen en vrijstellingen hebben, in de praktijk voor heel veel ondernemers goed behapbaar is en dat ondernemers zich ook goed hebben voorbereid. Ik denk dat we daarmee een regeling hebben die succesvol kan zijn en ook effect heeft. De heer GERSJES: U zegt 'heel veel ondernemers', kunt u een indicatie geven van hoeveel ondernemers door deze maatregel afhaken? Wethouder ROY GEERS: Ik gaf zojuist aan dat wij met veel ondernemers in gesprek zijn.
Wij hebben contact met veel ondernemers en wij kunnen alle ondernemers die op dit moment dat contact met ons hebben en ons vragen welke ontheffing ze nodig hebben gewoon helpen in dat landelijke loket met ontheffingen, zij worden via dat loket ook gewoon geholpen. Degenen die daar niet voor in aanmerking komen, hebben wij tot nu toe gewoon kunnen voorzien van het maatwerk en de coulance die we toepassen en ook zij zijn voorlopig vrijgesteld omdat ze binnen de regeling vallen. De heer GERSJES: Dus de Bossche markt kan voor eeuwig zoals hij nu is blijven bestaan. Wethouder ROY GEERS: Er zijn geen signalen dat invoering van de zero-emissiezone daar een streep doorheen zet. 59
De heer VAN DER KRABBEN: Dit is wel een belangrijk punt voor die marktkooplieden. De hele raad stond op zijn achterste benen en ik vind het een compliment aan het college waard dat het dit heeft weten te bereiken. Ik heb het in de wandelgangen ook al vernomen, maar zou u dat nog eens extra naar die mensen willen communiceren en ook naar de samenleving die wil weten waar ze ongeveer staan. Wethouder ROY GEERS: Wij zijn continu in contact met de ondernemers in de binnenstad, inclusief de marktkooplui, dat dragen wij ook uit en we zien ook dat bij verschillende ondernemers weer het juiste toekomstperspectief ontstaat. De VOORZITTER: Mijnheer Van Hattem, u hebt al driemaal op dit thema geïnterpelleerd. Er zijn wel grenzen aan interrupties, anders blijven we aan de gang. De heer VAN HATTEM: Nog één korte vraag. De VOORZITTER: Als dat voorkomt dat u een tweede termijn hebt, is het misschien… De heer VAN HATTEM: Dat hangt van het antwoord af. De VOORZITTER: Ja, dat is het risico dat u neemt. De heer VAN HATTEM: Ik hoorde de wethouder iets zeggen waarover ik één korte vraag wil stellen. Als de wethouder zegt dat de marktkooplui allemaal zijn voorzien van hun wensen, is hij dan ook bereid om bijvoorbeeld op zaterdag 16 november a.s.
of in ieder geval zeer binnenkort een keer over de Bossche markt te lopen, ik wil graag meegaan, en dan met de marktkooplui in gesprek te gaan om aan te horen of ze inderdaad zo tevreden zijn als de wethouder aangeeft? Wethouder ROY GEERS: Ik ben enige tijd geleden met mijn collega Geers specifiek bij alle marktkooplui langs geweest, toen hebben we daar ook over gesproken, hebben we hun zorgen gehoord en hebben we ervoor gezorgd dat deze regeling er komt. Ik kom zelf ook regelmatig op de markt, ik heb het er ook met ondernemers over en ik zie dat dit ook gebeurt. Dus dat hebben we al uitgevoerd. Dan amendement 5 van de PVV. Ik zie dat de PVV hier een voorschot neemt op het standpunt van de PVV in het debat dat u in december a.s. naar aanleiding van het raadsvoorstel over de verkeersstructuur gaat voeren. Dat mag natuurlijk, maar u kunt zich voorstellen dat het college het amendement zal ontraden omdat het heel belangrijk is dat we juist wel stappen zetten om de bereikbaarheid in de toekomst ook goed te kunnen borgen. Als u het hebt over de alternatieven en het vooral inzetten op handhaving dan verwijs ik graag naar pagina 24 van de studie waarin dat wordt benoemd. Dus dit amendement ontraden wij.
Dan nog een andere motie over mobiliteit, dat is motie 2 van gewoon ge-DREVEN waarin wordt gevraagd om een concreet voorstel te doen voor de realisatie van twee fietsverbindingen richting Kruisstraat. Dat is prematuur. We hebben natuurlijk de afgelopen jaren meerdere malen gekeken naar de route via Bruggen om het zo maar even te zeggen en daar is op basis van doelmatigheid uitgekomen dat dit in ieder geval steeds niet een stap verder komt. Bovendien hebben we nu de F59 als een snelle route en het Sprokkelbosch als recreatieve route. De route naar De Groote Wielen is ook niet opgenomen in het Fietsnetwerk 3.0 en dat geldt voor die andere wel. We zullen nog een keer naar de doelmatigheid daarvan kijken, maar er komt geen concreet voorstel naar u toe. Er komt in het eerste deel van 2025 wel een terugkoppeling wat betreft het Fietsnetwerk 3.0, dus ook deze motie zullen wij ontraden. De heer VAN CREIJ: U zegt nu dat u deze motie moet ontraden en dat u met een voorstel over een Fietsnetwerk 3.0 komt. Komt er in die notitie wel iets over hoe het sportveld bij Kruisstraat, ook richting de uitbreiding van De Groote Wielen, daarin wordt opgenomen? Wethouder ROY GEERS: Zoals ik zojuist bedoelde, wordt de route via Bruggen nog een keer herbeoordeeld vanuit het Fietsnetwerk 3.0, maar er komt geen concreet voorstel om daar verbeteringen uit te voeren.
De route naar De Groote Wielen zit niet in het Fietsnetwerk 3.0 en dat noemt het Fietsnetwerk dan ook niet. Dan motie 12 over het buurtschap tussen Vinkel en Nuland. Volgens mij vroeg De Bossche Groenen of het college dit ook ziet als een visie en een kans ziet. Wij zien dat zeker als een visie en een kans, maar geen hele goede visie en ook een kans om het onze voorzieningen echt heel ingewikkeld te maken. Wat wij wel als visie hebben en ook al jaren uitdragen 60
is dat je moet inbreiden vanuit de bestaande kernen en uitbreiden aan bestaande kernen. Dan zorg je ervoor dat je de voorzieningen die er zijn verder versterkt in plaats van dat je een nieuw buurtschap met nieuwe voorzieningen realiseert. Ook deze motie zullen wij ontraden. Dan heb ik nog amendement 4. Dit voorstel is heel kort in de commissie benoemd als zijnde 'we kondigen een amendement aan', maar er is geen vraag of discussie over geweest. Ik heb het amendement gelezen en in de overweging wordt eigenlijk aangegeven dat we tekortkomen op het achterstallige onderhoud, maar dat is een onjuiste conclusie. Er is in de begroting 2024 € 500.000 opgenomen om achterstallig huurdersonderhoud in te halen en in de begroting 2025 doen we dat nogmaals, waardoor we twee keer die € 500.000 ter beschikking stellen om dat volledige achterstallige huurdersonderhoud en verbeteringen aan de accommodaties recht te trekken. Het is niet zo dat we voor de accommodaties echt nog steeds geld tekortkomen, dat is hierbij opgelost. Daarnaast trekken we €100.000 uit voor extra ruimte in de exploitatie voor 2025, onderzoeken we de mogelijkheden om hen meer exploitatieruimte te geven en zullen we de verduurzaming verder naar voren trekken om ze ook nog verder te helpen.
De heer MEES: Wij lezen op pagina 257 van de begroting toch echt dat het investeringsbudget onvoldoende is om al het achterstallige onderhoud op te lossen en de inrichting aantrekkelijk te maken voor toekomstig gebruik. We kunnen dit even niet plaatsen. Wethouder ROY GEERS: Ik heb naar aanleiding van uw amendement nog even in de teksten gekeken en die tekortkoming op dat achterstallig onderhoud slaat op de investering die we over 2024 hebben genoemd en daarom doen we in 2025 een extra investering. De heer MEES: Is die tekst in de begroting dan onhandig opgeschreven of percipiëren wij het zo ongelukkig? Wethouder ROY GEERS: Zoals ik het nu ervaar, is er in ieder geval sprake van een miscommunicatie. De heer MEES: Met andere woorden, het komt allemaal goed, er is voldoende geld om al het onderhoud te plegen dat in de komende twee jaar nu nodig is. Wethouder ROY GEERS: We hebben inderdaad in 2024 een pot van € 500.000 opgenomen voor het achterstallig huurdersonderhoud, om dat in te halen en de buurthuizen te verbeteren. Dat was niet voldoende, daarom doen we dat in 2025 nog een keer en daarmee verwachten wij dat wij voldoende hebben. Wethouder VAN DER SLOOT: Ik heb zeven moties en we kunnen kiezen: veel en lang of kort en goed. Ik heb er zes met geen bezwaar en over een moeten we het nog even hebben. Ja, kort en goed. Dan ga naar motie 3, 'Scenario's voor seksuele gezondheid'.
Dat heeft de gemoederen lang beziggehouden en die motie heeft geen bezwaar, motie 3 geen bezwaar. Dan ga ik door naar motie 4, 'Versimpelde armoederegelingen'. Dat vinden wij ook een belangrijk punt en daarom geen bezwaar. Motie 8, 'Fusie Nulandia en Be Quick'. Daar hebben we ook meer dan uitgebreid over gesproken in allerlei settings en die motie heeft ook geen bezwaar. Dan ga ik door met het andere rijtje goed nieuws, motie 22, 'Deelname aan het Global Network for Age-friendly Cities and Communities'. Zolang het een onderzoek is, maar dat staat ook in de motie, heeft motie 22 ook geen bezwaar. Dat geldt ook voor motie 30, 'Een extra logeerbed voor respijtzorg ter ontlasting van mantelzorgers'. Dat vinden wij ook belangrijk, geen bezwaar. Dan hebben we motie 13, 'Zandstraat 58 Nuland opnemen in het monumentenbestand'. Die heeft ook geen bezwaar. Dan heb ik nog eentje over, dat is motie 16, 'Geef motorcross de ruimte', daar had u al een gesprekje over. Het lastige is dat dit onder de rechter is en we hebben natuurlijk een historie met motorcross, een mooie en goede sport en fijn ook dat die op één plek is geconcentreerd, maar ik zit een beetje met deze motie omhoog.
De heer VAN HATTEM: Ik snap dat de wethouder ook gegeven de omstandigheden rond de rechtszaak misschien een beetje met deze motie wordt overvraagd en ik wil meegaan met de suggestie die eerder door de VVD-fractie werd gedaan om hem op dit moment aan te houden. We zullen hem aanhouden en er in de commissie op terugkomen. Wethouder VAN DER SLOOT: Dan ben ik klaar, dank u wel.
61
De VOORZITTER: Nou mijnheer Slikker. Wethouder SLIKKER: Vroeger was het bij het CDA eerst het zuur dan het zoet, maar nu is het eerst het zoet en dan het zuur. Ik heb er vijf en ik moet de eerste vier helaas ontraden. Eerst motie 10 van De Bossche Groenen. Daarover is in de commissie een goed debat gevoerd, namelijk over welke positie je als gemeente zelf bij het realiseren van middenhuur pakt. We zijn het eens over de ambitie, mensen die net te veel verdienen voor sociale huur en net te weinig om zelf aan de bak te kunnen op de huidige woningmarkt verdienen perspectief. Wij geloven in de route die we in het bestuursakkoord hebben afgesproken, intensiveren met de corporaties en met de marktpartijen. De corporaties wilden ooit 500 tot 1000 woningen realiseren en we zitten al op ruim 900. Het zelf doen levert ons precies dezelfde belemmeringen op als de marktpartijen en de corporaties hebben en een enorme verschuiving van tijd, energie en aandacht die wij liever in de realisatie steken. Daarom ontraden wij deze motie. Mevrouw HENDRICKX: Ik wil er toch iets over zeggen want u daagt mij een beetje uit. Het levert mij precies dezelfde problemen op als projectontwikkelaars.
Dat is natuurlijk niet waar, u weet toch ook dat bij projectontwikkelaars het financiële aspect vaak een rol speelt en als je als gemeente zelf gaat bouwen, heb je natuurlijk dat voorbehoud niet want dan hoeft het niet altijd per se binnen een bepaald termijn te zijn terugverdiend omdat je er ook een maatschappelijk probleem mee oplost. Dus de keuzes zijn anders en wij denken juist dat je een versnelling kunt maken. Dan de tweede vraag, wat gaat u doen als de markt het laat liggen? U zegt 'ik ga in gesprek', maar de midterm review laat zien dat het stagneert en welke kansen ziet u dan zelf nog om die versnelling daar te brengen? Wethouder SLIKKER: Volgens mij hebben we dit debat in de commissie vrij goed gevoerd. Twee dingen. Eén, we hebben voor die betaalbare middenhuur met de corporaties afgesproken dat ze daar positie in pakken. Dat was 500 tot 1000 woningen en we hebben inmiddels bij de corporaties 900 in portefeuille, dus dat gaat hartstikke goed. De hoop was natuurlijk dat je daar een enorme plus mee zou kunnen zetten, maar je ziet dat met name op de beleggersmarkt men inderdaad terug stapt omdat ze financieel lastig zijn te realiseren. U hebt de Grondprijzenbrief ook gehad, recent zijn de grondprijzen ook verlaagd en er zijn gesprekken tussen de ontwikkelaars en de corporaties om eventueel portefeuilles over te nemen.
Daar zitten we vol in de realisatie en het duurt altijd even, 2027-2028 komen de eerste plannen los waarbij we ook in deze collegeperiode extra hebben ingezet op die middenhuur. U ziet straks ook in de Bloemenkamp, Weener XL, de Bossche Stadsdelta en De Donken stevige middenhuurportefeuilles en wij denken echt dat met de inzet die we plegen, ook de ambitie op middenhuur op termijn wordt gerealiseerd en we geloven er wat minder in om dat zelf te gaan doen. Motie 17 van de PVV over de sobere opvanglocaties. Het college handelt conform de uitgangspunten van de raad, de taakstelling behalen en streven naar humane opvang met kwaliteit en gespreid over de wijken omdat dat dit aan de ene kant goed is voor de draagkracht van de wijken en aan de andere kant voor de integratie van de nieuwkomers. Het rijk heeft wetgeving in voorbereiding, maar die is er nog niet en die kennen we ook nog niet en daarom ontraden wij de motie en houden we het bij de uitgangspunten die we nu van uw raad kennen. De heer VAN HATTEM: Het punt is juist dat, als de raad hierbij kaders kan meegeven, ik nu het kader wil meegeven om juist te kiezen voor een meer sobere vorm van opvang, zoals in bijvoorbeeld de gemeente Castricum wordt gedaan. De wethouder zegt het landelijke beleid te blijven volgen, maar we kunnen de wijze van opvang hier lokaal bepalen.
Hoe kijkt u naar dat aspect met als voorbeeld de gemeente Castricum? Wethouder SLIKKER: Het college staat achter de uitgangspunten die uw raad ons heeft meegegeven, humane opvang met kwaliteit en spreiding en als uw raad daar een andere uitspraak over doet dan doet uw raad daar een andere uitspraak over, maar wij staan achter die uitspraak. Ik ga door naar motie 20 van de SP over sloop en nieuwbouw. De heer Roovers zei terecht dat dit bijzonder ingrijpend is, er zal je maar worden verteld dat je je spulletjes moet oppakken en je je leven elders moet voortzetten. Dat doen corporaties zeker niet lichtzinnig, maar alleen bij uiterste noodzaak, dus op het moment dat woningen echt technisch niet meer kunnen of er ingrijpend gerenoveerd en verduurzaamd moet worden en dat een kans voor verdichting meebrengt. Er spelen meerdere maatschappelijke belangen, belangen van de zittende huurders, belangen van toekomstige huurders en belangen over de kwaliteit van de wijk en de kwaliteit van de woningen. Vanwege dat grote palet aan maatschappelijke belangen ontraden wij dan ook deze motie.
62
De heer ROOVERS: Natuurlijk begrijpt mijn partij dat het in sommige gevallen technisch onmogelijk is om sloop te voorkomen, maar dat is lang niet altijd het geval. Soms is het ook gewoon een kostenafweging, dus ook een afweging en dan snap ik niet, en misschien kan de wethouder dat uitleggen, waarom in de ene wijk wel gebruik wordt gemaakt van stemming en in de andere wijk niet. Kan de wethouder dat uitleggen? Wethouder SLIKKER: Er staat in de wet dat corporaties bij renovatie het instemmingsvereiste hebben en bij sloop en nieuwbouw niet. U refereert aan De Haren, daar was het een combinatie: óf renovatie en als je daar niet voor kiest dan wordt het sloop en nieuwbouw. Daarom zat dit daar in, maar we zien dat dit op dit moment bij andere projecten niet gebeurt. We snappen ook de afweging van de corporaties om te doen wat ze doen, goed het gesprek aangaan met de huidige huurders, een ruimhartige verhuisregeling, terugkeergaranties en als het kan een treintje waardoor je een-op-een over kunt, maar er spelen ook die andere belangen, namelijk de belangen van alle mensen die op dit moment nauwelijks een stem hebben in het debat, namelijk de woningzoekenden die bij de corporaties ingeschreven staan en de kwaliteit van de woningen en de gezondheid die er ook af en toe bij gebaat is. Vandaar dat wij deze motie ontraden. De heer ROOVERS: Volgens mij is dit mijn laatste vraag.
Ziet de wethouder dan met de manier die hij voorstaat, namelijk zonder inspraak van huurders, dat huurders een redelijk zwakke onderhandelingspositie hebben ten opzichte van een corporatie en hoe ziet hij de rol van het college in het beschermen van de huurders tegen soms ook willekeurig beleid van de corporaties als het om sloop gaat? Wethouder SLIKKER: Ik herken dat beleid van willekeur niet. Ik zie in alle gesprekken die ik met de corporaties voer over sloop en nieuwbouw, wat hun besluit is, ook de pijn aan de kant van corporaties omdat ze tegen mensen moeten zeggen dat het soms niet meer gaat op de plek waar ze zitten en aan de andere kant ook, en die voelen wij hier in deze raad ook allemaal, die enorme worsteling met het ook plek willen bieden aan al die andere woningzoekenden en hoe je dat in balans brengt als het gaat over verouderde panden die ze soms in hun bezit hebben. Motie 29 van het CDA en anderen over de Groote Stroom. Die is in 1962 gedempt bij de realisatie van het Burgemeester Loeffplein, hij loopt er nog maar nu in een rioolpijp. Uw raad heeft in 2009 al een motie aangenomen waarin wordt uitgesproken: kijk of we die ooit weer een keer terug kunnen brengen.
Dit is inderdaad het goede moment om hier plannen voor te maken want ze zijn natuurlijk fors bezig in het Gasthuiskwartier, bij het Bloemenkampkwartier, in het middengebied en straks ook bij de Tolbruggarage. Ook kijken waar we koppelkansen hebben, ruimtelijk, financieel en technisch kijken naar Europese subsidies et cetera want de heer Roovers zegt terecht dat dit ook dingen zijn die een kostenplaatje met zich meebrengen en dus ook een afweging van uw raad, maar het is goed dat u ons nu in positie brengt om dat in kaart te brengen want het zou wel iets prachtigs voor de stad zijn als we dat zouden kunnen brengen. De heer VAN HATTEM: Ook een kleine vraag bij deze motie. Is al 100% zeker dat de Tolbruggarage wordt gesloopt of is er nog een slag om de arm? Wethouder SLIKKER: We hebben in het bestuursakkoord afspraken gemaakt over de parkeerplekken voor het hotelparkeren, die blijven sowieso in stand en verder zoeken we naar een ontwikkeling waarbij we woningbouw op de plek van de Tolburggarage kunnen toestaan. Daar zijn momenteel de gesprekken over en er komt te zijner tijd een ontwikkelkader naar uw raad. Dan heb ik tot slot motie 33 van mevrouw Hernández over de LongCOVID- en de Q-koortspatiënten in de stad, u vraagt daar terecht aandacht voor.
We hebben veel gesprekken met zowel de individuele mensen als de belangengroepen, Q-Support et cetera die voor hen opkomen omdat ze kampen met een heftige chronische ziekte die niet beter wordt en waar vaak te weinig begrip voor en kennis van was. Er lopen drie sporen voor het expertisecentrum en daarom zal ik de motie helaas toch moeten ontraden. Het rijk heeft gezegd dit te willen koppelen aan een academisch ziekenhuis en daar de financiering op te willen doen en die hebben wij niet in 's-Hertogenbosch. De provincie heeft gezegd een lobby richting minister Agema te voeren om dat expertisecentrum bij Bernhoven gevestigd te krijgen en het JBZ heeft zelf aangegeven dat die hierin voor zichzelf geen rol ziet. Ik ben er zeer voor om vanuit Den Bosch de lobby te steunen om ervoor te zorgen dat zo'n type expertisecentrum in de bereikbaarheid van Den Bosch komt en dat die er extra bij komt, maar het lijkt ons onhandig om de lobby voor het JBZ te starten als die dat zelf niet wil, de provincie een andere lobby voert en het rijk een andere positie kiest en daarom moeten we deze motie helaas ontraden. 63
De VOORZITTER: Ik vraag aan mevrouw Hendrickx om het voorzitterschap even over te nemen. De PLV. VOORZITTER: Ja dank u wel. Twee moties. Ik zal even kort voorzitten, waarbij ik nu direct het woord aan de portefeuillehouder geef. Portefeuillehouder MIKKERS: Dank u wel. Er zijn drie vragen aan mij gesteld en daar wil ik toch even op reageren. We zijn hard bezig met het meten van de temperatuur in de gemeente. We hebben de afgelopen weken naar aanleiding van de incidenten in Amsterdam en de situatie die daar speelt een verkenning in de stad gedaan. Er is een projectteam in de gemeentelijke organisatie en zowel wethouder Vermin als ondergetekende zijn bezig om te kijken hoe we met de verschillende partijen in de stad gesprekken kunnen aangaan en hoe we mensen bij elkaar kunnen brengen want in deze stad willen we het graag samen in plaats van tegenover elkaar doen en daar is inzet op.
De heer VAN SILFHOUT: Ik snap dat u daarmee bezig bent, maar ziet de burgemeester ook dat de spanning in de gemeente op dit moment toeneemt? Portefeuillehouder MIKKERS: Ja, als ik naar de afgelopen week kijk dan kan ik dat niet ontkennen, daarom is het van belang dat mensen een ventiel hebben om er met ons over te spreken en te kijken wat we daaraan kunnen doen en te zorgen dat wij onze blik open hebben en met mensen in gesprek blijven om alle perspectieven van de samenleving te blijven zien en samen ook 'sHertogenbosch te vormen. Dan van de fractie van Leefbaar 's-Hertogenbosch en die van de PVV over de veiligheid in wijken en buurten, dat is ook een zorgpunt van ons. Zoals u beiden aangeeft, zien we ook de problemen die ontstaan en de irritaties die daarbij spelen. De heer Huibers zei dat het in bepaalde wijk ook goed gaat. Ja, maar het gaat in sommige wijken ook niet goed, daar hebben we extra inzet op en ik hoop in het eerste kwartaal van 2025 daar een keer met u over te spreken om te kijken of we daar extra inzet voor nodig hebben. Ik zal u daarover bijpraten en ik heb u ook al uitgenodigd voor een bijeenkomst over jongeren en veiligheid in een vertrouwelijke setting om u daar even bij te praten over de ontwikkelingen, waarmee we worstelen en waar de uitdagingen voor ons als bestuur liggen.
Dan de Cobra 6 en dat heet dan vuurwerk, maar ik noem dat geen vuurwerk, maar ik noem het gewoon explosieven. Daar zijn we hard mee bezig. Een van de problemen dat daarbij speelt is dat er in oude bunkers van de Tweede Wereldoorlog net over de grens in Duitsland veel opslaglocaties voor Cobra 6 zijn en dat zorgt voor een kort logistiek proces omdat dit maar 40 km vanaf onze stad is. Dat is een probleem en voor de politie is het nu een van de grootste prioriteiten om dat aan te gaan want dat is wel het middel dat ook wordt gebruikt bij de explosieven zoals we die de afgelopen maanden in onze stad hebben gekend. Dat waren de drie vragen, dan heb ik nog twee moties. De heer VAN HATTEM: Ik stelde bij het laatste onderwerp specifiek de vraag of de portefeuillehouder een optie in preventief fouilleren ziet en daar misschien ook de lobby op wil zetten om dat soort vormen zeer zwaar vuurwerk onder de Wet wapens en munitie te kunnen plaatsen. Wat betreft de wijken en de buurten is de vraag of de portefeuillehouder behalve daar met ons als raad over te spreken ook zelf naar de wijken en de buurten gaat om te kijken wat de mensen daar zelf ervaren en of daar ook opties te bieden zijn. Portefeuillehouder MIKKERS: Zeker. Ik fiets regelmatig met de wijkmanagers door de wijken en dat staat meestal niet op social media.
Ik ben daar ook in gesprek, dat is het leukste van mijn werk en dat doe ik graag. Met betrekking tot de Cobra 6 en het preventief fouilleren, daar ben ik niet zo enthousiast over en dat moeten we met het Openbaar Ministerie afstemmen, maar ik ben ook via de VNG-commissie Bestuur en Veiligheid wel hard bezig met de lobby rondom Cobra 6, om die onder de Wet wapens en munitie te brengen. We hebben in die commissie over dit thema gesproken want dit zijn gewoon wapens. Uw staatssecretaris kan mij daar zeer bij helpen mijnheer. De heer VAN SILFHOUT: De landelijke overheid is voornemens grenscontroles in te voeren en u kunt een lobby starten om bij die grenscontroles vooral auto's met vuurwerk en Cobra 6 tegen te houden om ervoor te zorgen dat die niet meer de gemeente in komen. Kunt u zich daarin vinden en kunt u dat bij de minister belobbyen?
64
Portefeuillehouder MIKKERS: Toen ik nog op de plek van mevrouw Hendrickx zat, zei ik 'laten we het terug naar Den Bosch brengen' en het gaat wel heel ver als ik in Den Bosch moet zorgen voor grenscontroles. De heer VAN DER KRABBEN: Een korte aanvullende vraag in het kader van veiligheid. Het aantal autobranden in zijn totaliteit neemt af, hebt u dat weer onder controle? Portefeuillehouder MIKKERS: Nee, het is nu twee weken rustig maar het is de vraag of dat zo blijft en we zijn nog steeds met een volledig team aan de slag om dit tegen te gaan. Twee moties en ik begin met de motie over de Bossche dwangarbeiders. Ik ben het helemaal met de heer Van Hattem eens dat deze vergeten groep… Zo kwam het ook uit het boek van Henk van der Linden naar voren en daarom heb ik ook besloten om dat boek zelf in ontvangst te nemen, zodat we ook gastvrijheid hebben getoond door hier in het stadhuis met familieleden van dwangarbeiders een bijeenkomst rondom dat boek te hebben en dat kan in de toekomst een vervolg krijgen. Deze groep moet zeker niet worden vergeten, we vinden het van belang dat deze boodschap doorgaat want zoals u zei, zijn ze toen ze terugkwamen uit de fabrieken in Duitsland inderdaad toch een beetje als melaats omdat ze als overlopers werden beschouwd terwijl dat absoluut niet zo was. Wij ondersteunen deze motie. Dan de motie over Brainport.
Ook die ondersteunen we, maar wel met de kanttekening die ook mevrouw Hendrickx aangaf, ik denk dat de zorg die mevrouw Hendrickx en anderen uitspraken terecht is. We hebben in de relatie met Brainport namelijk vier scenario's, we kunnen het negeren, het accepteren, erop anticiperen of integreren en samen Brainport vormen. Als dat met synergie wordt bedoeld dan vind ik dat het verkeerde woord omdat dit zou betekenen dat wij geen zeggenschap meer hebben over een krachtige stad en een krachtige regio die juist vanuit zijn eigen economische propositie het voorstel kan doen. Als synergie betekent hoe we aanvullend op elkaar zijn en welke voorzieningen wij in deze stad hebben om dat op een goede manier te doen dan zijn er gigantisch veel mogelijkheden, denk aan de Brabanthallen, onze musea, onze horeca en onze retail, dat zijn mooie toegevoegde waarden die ook voor de Brainport toegankelijk zijn. Ik wil niet, en volgens mij ook uw raad niet, dat wij vanuit onze eigen kracht gaan anticiperen op de Brainportagenda.
Zo zie ik ook het begrip propositie, we gaan onszelf niet aan Brainport verkopen, maar we laten zien wat het wenkend perspectief van deze stad is en hoe we dat het beste kunnen invullen in samenwerking met de sterk groeiende regio rond Eindhoven, maar wel uitgaande van onze eigen kracht en vanuit onze eigen waarden die we in onze stad hebben waarbij verbeelding, verenigen en het vieren centraal staan. Wij kunnen deze motie ondersteunen. De heer HOEBEN: Toch nog een kort vraagje daarover. De raad heeft al een aantal malen aangehaald dat u daar al mee bezig zou zijn. Is dat zo en had dat niet van tevoren met de raad moeten worden overlegd? Portefeuillehouder MIKKERS: Volgens mij hebt u ons de opdracht gegeven om te kijken hoe we het beste voor onze stad kunnen doen. Ik heb aangegeven in een economische visie, maar ook in de propositie van onze stad en hoe we omgaan met andere regio's, hoe we daar een goede propositie op voeren. Ik denk, dat gaf ik net aan, dat we uitgaan van onze kracht en de visie die we op onze stad en onze kernen hebben, dat dit centraal moet staan en dat we onszelf niet aan Brainport verkopen. Dat is volgens mij waarover iedereen in deze raad het over eens is. De VOORZITTER: Ik ben weer mezelf, dank u wel. Daarmee is de termijn van het college geweest.
Ik stel voor dat wij een kwartiertje pauzeren en daarna zal ik inventariseren of er nog behoefte is aan een tweede termijn of dat we kunnen overgaan tot een gedegen behandeling van de moties, waarbij ook de mogelijkheid is tot een stemverklaring. Ik stel een pauze voor, maar ik begrijp dat er een verzoek is om geen pauze te houden. Is er behoefte aan een tweede termijn? De heer Van Hattem als enige? En mevrouw Samshuijzen. Kort. Dan doe ik daarna nog een inventarisatie en als er dan behoefte aan pauze is dan doen we dat en als we dat niet doen dan gaan we direct stemmen. Mevrouw Samshuijzen, tweede termijn. Mevrouw SAMSHUIJZEN: Ik wil het niet te lang maken. Ik ben in de dynamiek van de eerste termijn één motie vergeten toe te lichten. Ik hoorde net bij de beantwoording van de wethouder dat daar wat vragen over waren en daarom wil ik hem nog even kort toelichten en naar aanleiding van de beantwoording door de wethouder willen we ook nog enkele zaken heel kort toelichten. Allereerst motie 28 over de schone lucht. Mijn partij wil graag schone lucht en daarom willen wij het vandaag ook hebben over de scheepvaart en met name de uitstoot van de pleziervaart. Ook in het kader van de 65
zero emissie in de binnenstad willen we kijken welke andere uitstoot we hebben en welke mogelijkheden er zijn. De toename van het waterverkeer leidt tot toename van vervuilende uitstoot en daarom roepen we in motie 28 het college op om aanvullende milieumaatregelen voor de wateren en de havens in onze gemeente te onderzoeken, bijvoorbeeld een heffing, een differentiatie van de havengelden en minimale eisen waaraan schepen moeten voldoen om te mogen aanmeren. Gewoon als eerst in beeld te brengen wat de mogelijkheden zijn, wat we daaraan kunnen doen, zodat we als raad keuzes kunnen maken. De heer VAN CREIJ: Even richting de PvdD. Volgens mij zei de wethouder dat hij deze motie uitvoert, waarom houdt u er dan nu nog een heel betoog over, is dat niet een beetje raar? Hij heeft geen bezwaar tegen de motie. Mevrouw SAMSHUIJZEN: Ik wilde de motie nog even toelichten omdat ik dat in mijn eerste termijn niet heb gedaan. Ik merkte dat de raad er ook vragen over had, daarom wilde ik nog even toelichten wat de strekking van de motie is. Mocht u daar nog vragen over hebben dan kunt u die nog stellen. Ik denk dat het een beetje gek is om er als indiener niets over te hebben gezegd. De heer VAN HATTEM: Het is natuurlijk wel een vrij ingrijpende motie want vrijwel alle pleziervaart vaart op brandstofmotoren, elektrisch is daar nog niet of nauwelijks, er is alleen een enkel experiment.
Betekent de strekking van deze motie dat brandstofmotoren voor de pleziervaart hiermee geheel buiten de schoon-en-duurzaamhoek vallen, hoe moet dit worden gelezen? Mevrouw SAMSHUIJZEN: Zoals waartoe de motie oproept en ik het nu toelicht, kiezen we nog helemaal niet hoe we het gaan doen. We vragen om de mogelijkheden in beeld te brengen, zodat we daarmee het goede inhoudelijke debat kunnen voeren. De vragen die u stelt zijn heel terecht en ik hoorde ook vragen richting de wethouder: wat is er wettelijk toegestaan? Als we dat soort zaken in beeld hebben, kunnen we de keuzes maken. De heer VAN HATTEM: Op dit moment zijn alle pleziervaartuigen met alle motoren wettelijk toegestaan, dus dat is niet zo ingewikkeld. We gaan nu heel veel in Sluis 0 investeren, juist om pleziervaart mogelijk te maken en als straks alleen nog elektrische vaartuigen worden toegelaten, voorspel ik dat hier nul tot misschien één schip in de drie jaar binnenkomt. Is dat de investering van Sluis 0 nog waard? Het moet in die verhouding worden gezien. Mevrouw SAMSHUIJZEN: Volgens mij hebben we het debat over Sluis 0 al gevoerd, dat wil ik nu niet opnieuw doen. We zien dat de pleziervaart toeneemt en daarom is het juist relevant om het te hebben over wat we daarmee kunnen om stappen te zetten met betrekking tot de doelstellingen ten aanzien van schone lucht en een duurzame gemeente.
Dat begint bij dat we weten wat juridisch is toegestaan en wat er mogelijk is om daarop te kunnen sturen. Wij willen niet over één nacht ijs gaan en juist gedegen besluitvorming mogelijk maken. Dan wethouder Ralph Geers over de motie over de bomenkap gehoord hebbende. Alle begrip daarvoor, daar zit geen onwelwillendheid in. Natuurlijk vinden wij het jammer dat we nu niet direct stappen kunnen zetten om die compensatie bij bomenkap te kunnen verbeteren, maar ook gehoord hebbende dat het Omgevingsplan toch leidend is, hebben wij een kleine wijziging op de motie gedaan om in ieder geval in de opmaat naar het Omgevingsplan te kijken welke mogelijkheden er zijn, zodat we dan de mogelijkheid tot verbetering kunnen toepassen. Ik zal het dictum nu niet voorlezen want dan neem ik meer tijd in beslag, die gewijzigde motie is ingestuurd en die staat als het goed is in NotuBiz. Dan over afval, gehoord hebbende wat ons doel is en ook het debatje dat ik met collega Vossen daarover had. Wat is het doel van die motie? Dat is de participatie en de inspraak, het gaat erom dat afval letterlijk van de inwoners komt en wij daar gedragen beslissingen over willen nemen. Dat doel najagende is er een kleine wijziging op het dictum om ervoor te zorgen dat die actieve participatie wel kan worden meegenomen in de besluitvorming die wij hier gaan doen. Dat is de gewijzigde motie 27.