CConstaterende dat's-Hertogenbosch
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 - Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen Omgevingsvisie 's-Hertogenbosch en Omgevingseffectrapportage (OER)

Gemeenteraad 9 september 2025, gemeente 's-HertogenboschBij agendapunt: Omgevingsvisie 'Zin in 's-Hertogenbosch'36.212 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 5

geluidbelasting op de gevel. Wegverkeer heeft effecten op de luchtkwaliteit, door diverse maatregelen aan de bronkant wordt de luchtkwaliteit elk jaar beter. Op dit moment voldoet onze gemeente aan alle luchtkwaliteitseisen, zoals wettelijk bepaald en proberen we door onder andere deelname aan het Schone luchtakkoord en het Schoon en Emissieloos Bouwen de luchtkwaliteit nog beter te maken. Er is geen aanleiding te veronderstellen dat overschrijding van de norm voor trillinghinder op de Maastrichtseweg aan de orde is. Dat komt onder andere door het feit dat het een vlakke weg is zonder drempels en de woningen op een afstand van tenminste 15 meter van de weg zijn gelegen. Evenmin is er reden om te veronderstellen dat niet aan de geldende geluidsnormen wordt voldaan. 9f.

Samenvatting

De kansen die indieners zien passen volgens hen goed in de visies en plannen die de gemeente eerder heeft gemaakt. Indieners vragen waarom de gemeente nu niet de keuze maakt om de stad te ontsluiten vanaf de zuidzijde van de Zuid-Willemsvaart in de geplande gebiedsontwikkeling daar. Ook vragen zij waarom de gemeente nu niet de keuze maakt om het Zuid-Willemspark door te trekken tot aan de Oosterplas. Daarnaast vragen indieners waarom de gemeente nu niet de keuze om de fietsverbinding naar de Oosterplas, naar bedrijventerrein De Brand en verder richting Veghel de upgrade te geven die het verdient? Antwoord Het Zuid-Willemspark is een inspiratiekader met een lange horizon, die we niet binnen enkele jaren kunnen realiseren. Het biedt inspiratie voor ruimtelijke ontwikkelingen in en om de ZuidWillemsvaart tot aan de Oosterplas en verder. De door indieners beschreven kansen worden door de omgevingsvisie niet onmogelijk gemaakt en kunnen bij de planvorming en gebiedsontwikkelingen in en om de Zuid-Willemsvaart worden betrokken. In het mobiliteitsbeleid zijn vooralsnog geen wijzigingen van de Maastrichtseweg en omliggende wegen voorzien. Of ontwikkelingen op de locatie Meerendonk, aan de overzijde van de ZuidWillemsvaart, op den duur effecten op de Maastrichtseweg zullen hebben, zal moeten blijken bij de nadere uitwerking van de plannen. 9g.

Samenvatting

Indieners zien veel kansen. Zij hebben deze ook laten horen tijdens de bewonersavonden, maar zijn van mening dat dit niet is verwerkt in de omgevingsvisie. En indieners missen het directe contact met de gemeente en haar ambtelijke organisatie. Indieners zien kansrijke plekken voor wandelen, fietsen, recreëren, voldoen aan de parkeernorm, schoneluchtakkoord, en aaneengesloten groenstructuren. Als indieners mogen dromen, zien zij een profiel voor de deur, zoals op het gedeelte Maastrichtseweg van Sluis 0 tot Lambooijbrug. Zij roepen de gemeente op een relatie te leggen met de nieuwe Stadscamping. Indieners zien een tekort aan ligplekken voor bootjes in de stad. Leg die bij indieners voor de deur. De roeivereniging is volgens indieners van harte welkom op dit gedeelte van de Zuid-Willemsvaart. Indieners dromen ervan dat de verkeersader Lambooijbrug wordt verplaatst richting A2. Indieners geven aan verbonden te willen worden met het water van de Zuid-Willemsvaart. Indieners hopen dat dit deel van de Maastrichtseweg de verbinding mag zijn tussen Citadel en Oosterplas. En dat ze verlost worden van de geur- en geluidsoverlast en trillingen. Antwoord Wij vinden het positief dat indieners de kansen die worden gezien, met ons delen. Wij leiden hieruit af dat indieners positieve beelden hebben bij de Maastrichtseweg als schakel tussen stad en buitengebied.

Daarbij merken wij op dat deze beelden niet los gezien kunnen worden van de bestaande situatie, waarin de Maastrichtseweg een belangrijke, logische rol voor het autoverkeer vervult. Toekomstige ontwikkelingen in de omgeving kunnen aanleiding geven om Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen Omgevingsvisie ’s-Hertogenbosch en Omgevingseffectrapportage (OER) Pagina 21 van 80

de bestaande situatie te veranderen, waarbij een momentum ontstaat om de nu door indiener geschetste kansen en mogelijk andere ideeën nader vorm te geven. Eerlijkheid gebiedt te zeggen dat daar op dit moment nog geen sprake van is. Bevindingen en doorwerking De zienswijze wordt niet overgenomen en leidt niet tot een aanpassing van de omgevingsvisie. Desalniettemin sluiten een aantal van de beschreven kansen en ideeën aan op de plannen voor het Zuid-Willemspark en vormen die interessante perspectieven voor nog uit te werken plannen en projecten. We nodigen indieners van harte uit om dit in toekomstige participatietrajecten voor deze plannen en projecten te blijven delen. 10.

Friesland Campina 10a.

Samenvatting

FrieslandCampina heeft aangekondigd de bedrijfsactiviteiten aan de Pieter Langendijksingel 2 te staken. Dat betekent dat er mogelijkheden liggen voor een nieuwe invulling van het gebied. Friesland Campina wil deze locatie als ontwikkellocatie voor woningbouw overwegen. Volgens Friesland Campina is snelheid, duidelijkheid en zekerheid over de mogelijkheden van de locatie en het omliggende gebied voor een nieuwe invulling naar een hoogwaardig stedelijk woonmilieu op korte termijn noodzakelijk. Antwoord FrieslandCampina is samen met een aantal andere bedrijven gelegen op Bedrijventerrein Zuid. Op de lange termijn zien we dit gebied transformeren naar een plek voor een meer gemengd gebruik met onder andere (hoog)stedelijke woonvormen in aansluiting op de gebiedsontwikkeling Groot Meerendonk. We gaan graag met FrieslandCampina in gesprek om de toekomstige mogelijkheden samen te verkennen. De milieubelasting van omliggende bedrijfsactiviteiten heeft invloed op de mogelijkheden van transformatie. Met het oog op zorgvuldigheid en in balans met de andere gebruikers en eigenaren in de omgeving, zijn verwachtingen over duidelijkheid en zekerheid op korte termijn dan ook niet realistisch. Bevindingen en doorwerking De zienswijze wordt ter kennisgeving aangenomen en gaan graag met FrieslandCampina in gesprek. 11.

Dorpsraad Vinkel 11a.

Samenvatting

De Dorpsraad Vinkel complimenteert de gemeente met de omgevingsvisie als schets van de ontwikkelingsrichting van de fysieke leefomgeving in onze gemeente voor de komende 25 jaar. Veel punten die de Dorpsraad Vinkel tijdens de participatie-activiteiten heeft aangedragen, vindt zij nu terug in deze omgevingsvisie. Antwoord Wij danken de Dorpsraad voor de complimenten en nemen deze ter kennisgeving aan. 11b.

Samenvatting

De Dorpsraad Vinkel is van mening dat in de omgevingsvisie voor de toekomstige woningbouwlocaties de ontsluiting in relatie tot de bestaande infrastructuur onderbelicht is. Temeer de verkeersafhandeling in en rond Vinkel als gevolg van toenemend sluipverkeer door Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen Omgevingsvisie ’s-Hertogenbosch en Omgevingseffectrapportage (OER) Pagina 22 van 80

filedruk op de A59 en de veronderstelde toename van verkeer door de realisatie van het bedrijventerrein Heesch-West. Gevraagd wordt om dit concreter als aandachtspunt op te nemen als voorwaarde voor de ontwikkeling en groei van Vinkel. Antwoord In de omgevingsvisie beschrijven we op hoofdlijnen welke ruimte we bieden voor diverse ontwikkelingen, waaronder ruimte voor woningbouw. We onderschrijven dat dit impact en effect heeft op de verkeersafwikkeling. In geval van een nadere uitwerking wordt dit integraal opgepakt, waarin we ook de effecten op mobiliteit in beeld brengen. De ambitie van de omgevingsvisie is erop gericht dat alle modaliteiten (of verkeersvormen) op een evenwichtige manier gebruikt (of ingepast) kunnen worden. Voor wat betreft de aanname dat door de realisatie van bedrijventerrein Heesch-West er sprake is van een verkeerstoename door de kern van Vinkel verwijzen we ook naar de doorlopen procedure voor bestemmingsplan Heesch-West en ook naar het recent genomen herstelbesluit van dit bestemmingsplan (raadsbesluit 7 mei 2025). Als onderdeel hiervan is onderzoek gedaan naar de effecten op het verkeer. Deze blijken beperkt te zijn, vanwege de directe aansluiting op de snelweg. Afgesproken is dat tijdens de aanlegfase en na de realisatie hiervoor aandacht zal zijn in de vorm van monitoring.

Bevindingen en doorwerking De zienswijze wordt niet overgenomen en leidt niet tot een aanpassing van de omgevingsvisie. 12.

Waterschap Aa en Maas en Waterschap De Dommel 12a.

Samenvatting

Waterschap Aa en Maas en Waterschap De Dommel zijn van mening dat de omgevingsvisie veel aandacht besteedt aan de waterbelangen en met name klimaatadaptatie. Het is volgens de waterschappen positief dat de visie het belang hecht aan het landschap, zodat de ecologische waarden en het natuurlijke watersysteem een robuuste basis hebben om op voort te borduren. De waterschappen zijn positief over het voornemen om de komende jaren actief te werken aan het verbeteren van de sponswerking in het stedelijk gebied. Daarnaast geven de waterschappen complimenten voor het meenemen van de uitgangspunten van water en bodem sturend. Meermaals wordt benoemd dat ontwikkelingen hieraan getoetst worden. Antwoord Wij danken de waterschappen voor de positieve waardering. Wij nemen deze ter kennisgeving aan. 12b.

Samenvatting

De waterschappen geven aan dat in de omgevingsvisie staat dat water en bodem sturend niet altijd het meest wenselijke uitgangspunt is om de stad of het dorp te bouwen. Enkele genoemde woningbouwplannen liggen volgens de waterschappen in een gebied wat op de signaleringskaart als oranje is aangeduid. Deze locaties vereisen volgen de waterschappen op sommige plekken extra aandacht wat betreft de waterhuishouding vanuit het principe 'bodem en water sturend'. Afhankelijk van de uitwerking betekent dit extra maatregelen met bijbehorende kosten om de waterbelangen goed te borgen bij ontwikkelingen in deze gebieden. De waterschappen zien graag hoe de gemeente ’s-Hertogenbosch deze afweging gaat maken en hoe er omgegaan wordt met de consequenties voor het ontwikkelen op deze locaties. Vandaar dat de waterschappen graag nauw betrokken blijven bij het onderzoeken

Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen Omgevingsvisie ’s-Hertogenbosch en Omgevingseffectrapportage (OER) Pagina 23 van 80

van uitbreidingsmogelijkheden. Om vervolgens gezamenlijk op basis van onder andere de klimaatonderlegger en klimaatstresstesten de juiste vervolgkeuzen te kunnen maken. Antwoord De watersignaleringskaart is voor nagenoeg het gehele grondgebied van 's-Hertogenbosch oranje of rood gekleurd. Mede daarom zetten we maximaal in om te bouwen binnen bestaand stedelijk gebied. Hierdoor kan onder andere ruimte geboden worden voor water en klimaatadaptatie. Door de autonome groei van onze stad en dorpen en de wens om die te omarmen, ontkomen we er niet aan om ook in 'oranje gekleurde' gebieden te ontwikkelen. We beschouwen de aanduiding op de watersignaleringskaart dan ook als een gespreksstarter met u als waterschappen, zoals u deze zelf ook hebt geduid. Graag gaan we daar met u op een zo vroeg mogelijk moment in de planvorming over in gesprek. We zijn ons ervan bewust dat de ontwikkeling van deze locaties mogelijk extra maatregelen vergt. 12c.

Samenvatting

De waterschappen willen de gemeente graag bedanken voor de constructieve manier van samenwerken en de manier waarop onze adviezen zijn meegenomen in het ontwerp dat er nu ligt. De waterschappen kijken uit naar de verdere samenwerking om de gezamenlijke ambities vorm te geven. Antwoord Graag zetten wij onze onderlinge samenwerking voort. Bevindingen en doorwerking De zienswijze wordt ter kennisgeving aangenomen. Graag blijven we met de waterschappen de goede en constructieve samenwerking voortzetten, mede op basis van de omgevingsvisie.

13.

Gemeente Vught 13a.

Samenvatting

Allereerst wil de gemeente Vught de gemeente ’s-Hertogenbosch complimenteren met de integrale benadering van vraagstukken en de, soms sterk richtinggevende keuzes in de omgevingsvisie. Antwoord Wij danken u voor uw positieve waardering. Wij nemen deze ter kennisgeving aan. 13b.

Samenvatting

De gemeente Vught geeft aan dat op pagina 85 van de omgevingsvisie staat dat ‘pleisterplekken en nieuwe bestemmingen in het buitengebied van belang zijn. Door bijzondere plekken met interessante verhalen te maken die deel uitmaken van recreatieve routes of lijnen, zoals de Linie 1629, ontstaat meer waardering voor het rijke cultuurlandschap’. Volgens de gemeente Vught hebben de genoemde ambities ook betrekking op inwoners van het grondgebied van Vught. Op dit grondgebied rusten al diverse claims, waaronder ook het beschermen van cultuurhistorische waarden. De gemeente Vught is blij met de aandacht van ’s-Hertogenbosch voor de wederkerige relatie (op pagina 40) met ‘de omliggende gebieden’. De gemeente Vught wil met de gemeente ’s-Hertogenbosch samenwerken om in onderling overleg de doelstellingen van beide gemeenten te bereiken. De gemeente Vught mist in de visie het besef dat doelen in de visie niet stoppen bij de grenzen van de gemeente. De gemeente Vught stelt dat pagina 40 een logische plaats is om hier een Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen Omgevingsvisie ’s-Hertogenbosch en Omgevingseffectrapportage (OER) Pagina 24 van 80

aanvulling over op te nemen. Met eventueel als voorbeeld de pleisterplekken en nieuwe bestemmingen van pagina 85. Of, de beoogde landschapsparken (zie pagina 123, 125). Antwoord We onderschrijven uw analyse dat landschappen niet ophouden bij gemeentegrenzen en dat deze grenzen weinig relevant zijn voor de dagelijkse patronen van onze en uw inwoners. In de door u aangehaalde passage op pagina 40 benadrukken we dan ook dat we de samenwerking en wederkerigheid hoog in het vaandel hebben staan. We hebben allerminst de intentie om claims te leggen op gebieden buiten de gemeentegrenzen. We nemen uw handreiking graag aan – voor zover deze niet al op diverse manieren bestaat - om aan grensoverschrijdende opgaven samen nader vorm te geven ten gunste van onze en uw inwoners. In onze omgevingsvisie hebben we er echter voor gekozen om eenmaal de wens en noodzaak te benoemen om samen te werken, ten gunste van een leesbaar en enigszins compact document. 13c.

Samenvatting

De gemeente Vught vraagt aandacht voor de wijze waarop de Gement meerdere keren in de omgevingsvisie wordt genoemd. Benadrukt wordt dat de Gement, met uitzondering van een heel klein deel, Vughts grondgebied is. De gemeente Vught wijst erop dat De Gement deels een Natura-2000 gebied is en in de overgangszone daarvan in de overgangszone is gelegen. De gemeente Vught wijst erop dat de overgangszone een weidevogelgebied is dat Vught wil beschermen. De gemeente Vught stelt dat de gemeente ‘s-Hertogenbosch over de Gement geen zelfstandige ambities kan uiten. De gemeente Vught verwacht ten aanzien van de Gement een aanpassing van de omgevingsvisie op diverse plaatsen in de tekst. De gemeente Vught vindt het opvallend dat in de OER de Gement niet wordt genoemd. Antwoord De Gement is in de omgevingsvisie alleen genoemd in combinatie met het Bossche Broek en de Moerputten vanuit de gewoonte de deelgebieden als één gebied te benoemen, zoals in het kader van het Natura-2000 gebied. Het is geenszins onze intentie om zelfstandige ambities te uiten voor het Vughter deel. We beschrijven vooral het gebruik en belang voor de samenleving. Dit gaat over gemeentegrenzen heen.

Om verwarring voor de lezer te voorkomen hebben we in de tekst in paragraaf 2.2.3, waarin we ambities voor het groots vergroenen hebben opgenomen, eenmalig aangegeven dat zelfstandige ambities alleen voor het Bossche grondgebied van toepassing zijn en we graag de samenwerking opzoeken om die met de Vughtse ambities te verenigen. De Gement is als onderdeel van Natura-2000 gebied Vlijmens Ven, Moerputten, Bossche Broek wel degelijk meegenomen in het OER en de Passende Beoordeling. 13d.

Samenvatting

De gemeente Vught vraagt ’s-Hertogenbosch verder te kijken dan de gemeentegrenzen. Vught stelt dat in de verkeersstudie Brede Binnenstad van mei 2024, de verbonden Brede Binnenstad terugkomt en ’s-Hertogenbosch de verkeerseffecten toont van maatregelen die ’sHertogenbosch kan gaan treffen. Het verzoek van de gemeente Vught om verder te kijken dan de gemeentegrens, heeft concreet betrekking op de effecten die ’s-Hertogenbosch in deze verkeersstudie toont. Zo schrijft de gemeente niet(s) over de effecten buiten de gemeentegrenzen en worden ze ook niet op pagina 41 getoond, aldus de gemeente Vught. Vught vraagt om een reactie over het effect van het streven naar een verbonden Brede Binnenstad op de verkeerssituatie in de gemeente Vught. Mocht blijken dat er negatieve gevolgen zijn, dan is de gemeente Vught geïnteresseerd in hoe ’s-Hertogenbosch hier tegenaan kijkt. Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen Omgevingsvisie ’s-Hertogenbosch en Omgevingseffectrapportage (OER) Pagina 25 van 80

Antwoord We zijn inderdaad bezig met diverse bereikbaarheidsstudies. Deze maken echter geen onderdeel uit van of vormen een onderlegger voor de omgevingsvisie. Uiteraard zijn wij bereid om onderzoeksresultaten toe te lichten. Daarbij merken wij op dat wij in regioverband Noordoost Brabant overleg voeren, waarin verstedelijkings- en mobiliteitsvraagstukken regelmatig aan de orde komen. 13e.

Samenvatting

De gemeente Vught is van mening dat de omgevingsvisie terecht aandacht besteedt aan de mobiliteit per fiets en te voet. Echter, Vught veronderstelt dat het ‘wishful thinking’ is, dat automobiliteit bij vorstelijk verbinden niet meer belangrijk is. De gemeente Vught vindt dit aspect onderbelicht, waarbij, zoals gezegd, dit verkeer niet ophoudt bij de grens. Antwoord Anders dan door u wordt verondersteld, staan wij niet op het standpunt dat automobiliteit niet meer belangrijk is. We willen alleen extra benadrukken, dat er op het vlak van fietsen en openbaar vervoer een flinke sprong gemaakt moet worden om de stad bereikbaar en leefbaar te houden. Dit staat los van de inspanningen die we moeten verrichten om het autoverkeer in goede banen te blijven leiden. Hiervoor verwijzen we ook naar de beantwoording van de motie '(Omgevings)Visie op veiligheid en betere bereikbaarheid' van 28 januari 2025. 13f.

Samenvatting

De gemeente ’s-Hertogenbosch beoogt volgens de gemeente Vught te bouwen in het buitengebied, waaronder ook voor het invullen van haar energieopgave. De meeste van de beoogde gebieden liggen niet aan de Vughtse zijde van de gemeente ‘s-Hertogenbosch. Toch vraagt de gemeente Vught aandacht voor de gevolgen van vermindering van het areaal buitengebied in relatie tot de toename van het aantal inwoners. Vught veronderstelt dat ’sHertogenbosch hierdoor meer groene ruimte met schaduw in bebouwd gebied kan creëren volgens de 3 – 30 – 300 regel, of door een landschapspark binnen de ring. De gemeente Vught betoogt dat een deel van de inwoners het ommeland opzoekt, waarvan ’sHertogenbosch de bereikbaarheid vanuit de stad wil verbeteren (onder verwijzing naar pagina 55). Vught stelt dat het stadsbalkon als harde overgang naar de Gement impliceert dat inwoners in de Gement gaan recreëren. De gemeente Vught wil daarom met de gemeente ’sHertogenbosch het concept ‘landschapspark’ uitdiepen, ervan uitgaande dat het gedrag van inwoners zich niet aan gemeentegrenzen houdt. Antwoord In de omgevingsvisie wordt in heel beperkte mate een nieuwe ruimtelijke claim op het buitengebied gelegd voor woningbouw, werklandschappen- en energie-opgaven. De woningbouwopgave is grotendeels binnen het bestaand stedelijk gebied voorzien of zoals bij de Groote Wielen binnen de contouren van bestaande plannen.

Alleen rond de dorpen bieden we beperkt uitbreidingsruimte onder voorwaarden, onlosmakelijk verweven met landschappelijke en ruimtelijke structuren. Daarnaast hebben we een zoekgebied voor woningbouw aangewezen ten noordoosten van Nuland, die we alleen verder onderzoeken en mogelijk activeren als we een extra woonopgave op autonome groei moeten accommoderen. Voor de werklandschappen gaat het ook vooral over beter gebruiken van bestaande binnen bestaand stedelijk gebied en is alleen bij de Kruisstraat een kleine uitbreiding voorzien. De Brand II en Heesch-West zijn reeds bestaande plannen. Voor het opwekken van duurzame energie zijn in de omgevingsvisie geen nieuwe ruimteclaims opgenomen, hierin is het bestaande kader 'Visie Energielandschap' (2020) ongewijzigd overgenomen. Bij dergelijke Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen Omgevingsvisie ’s-Hertogenbosch en Omgevingseffectrapportage (OER) Pagina 26 van 80

initiatieven hanteren we altijd het vertrekpunt dat de ontwikkeling moet leiden tot ruimtelijke kwaliteit van het gebied. Graag gaan we verder met u in gesprek over het Landschapspark conform de uitvoeringsafspraken in het kader van de Verstedelijkingsstrategie NOVEX Stedelijk Brabant. We zetten aan de hand van onze gebiedspaspoorten ook stevig in op vergroenen en recreëren in de Spoorzone – binnenstedelijk - en de Diezemonding als stedelijk uitloopgebied. Maar we maken ons geen illusies over de stuurbaarheid van alleen recreëren binnen de eigen gemeentegrenzen. Er is sprake van functionele netwerken die de gemeentegrenzen overschrijden. 13g.

Samenvatting

Tot slot wil de gemeente Vught graag concrete informatie over het Zoekgebied (hoog)stedelijke woonvormen bij de Gement, mede in samenhang met de plannen bij het Jeroen Bosch Ziekenhuis. Antwoord De aanduiding 'zoekgebied (hoog)stedelijke woonvormen' heeft in dit gebied betrekking op de ontwikkeling van Willemspoort Zuid, zoals deze bij u reeds geruime tijd bekend is. Wij hebben geen concrete informatie over andere plannen voor woningbouw bij het Jeroen Bosch Ziekenhuis. Maar we sluiten niet uit dat dit gebied in de toekomst intensiever kan worden gebruikt met het oog op verdichting. Mocht er in navolging van de omgevingsvisie planvorming plaatsvinden, dan zullen we actief de samenwerking opzoeken. 13h.

Samenvatting

Uit de zienswijze blijkt dat de gemeente Vught graag met de gemeente ‘s-Hertogenbosch wil samenwerken. Als goede buur wil Vught echter wel proactief benaderd worden en vroegtijdig met de gemeente ‘s-Hertogenbosch in overleg over ontwikkelingen die Vught raken. Antwoord We werken ook graag proactief samen, deze wens bestaat wederzijds. Bevindingen en doorwerking De zienswijze wordt deels overgenomen en leidt tot een aanvulling van de omgevingsvisie in paragraaf 2.2.3 om te verduidelijken dat wij geen zelfstandige ambities hebben voor gebieden buiten de gemeentegrenzen. Verder nemen we de uitnodiging om samen te blijven werken op diverse thema's en in gebieden van harte aan. 14.

Diverse besloten vennootschappen (perceeleigenaren) in Noordoosthoek van de Groote Wielen 14a.

Samenvatting

De grondeigenaren die deze zienswijze hebben ingediend, zijn van mening dat in ieder geval een deel van hun percelen een ideale locatie vormt om te voorzien in de woningbouwnoodzaak in de gemeente in de periode tot 2040 en daarna. De omgevingsvisie staat echter in de weg aan de realisatie van woningen op de Percelen, aangezien de Percelen in de omgevingsvisie worden aangeduid worden als 'de Duurzame Polder'. De grondeigenaren c.s. kunnen zich hier niet in vinden. De grondeigenaren zijn van mening dat de in omgevingsvisie en de OER onjuiste uitgangspunten worden gehanteerd. Als onjuist uitgangspunt wordt benoemd dat de omgevingsvisie uitgaat van de realisatie van de Duurzame Polder als een gegeven. Pas recent heeft het ontwerp Programma Duurzame Polder met bijbehorend plan-MER ter inzage gelegen. Grondeigenaren hebben op 24 januari Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen Omgevingsvisie ’s-Hertogenbosch en Omgevingseffectrapportage (OER) Pagina 27 van 80

2024 een zienswijze ingediend tegen dit ontwerp Programma. In hun zienswijze wordt verzocht het huidige plan voor de Duurzame Polder te herzien, waarbij 1. in het algemeen belang aandacht wordt besteed aan de woningbouwopgave; 2. rekening wordt gehouden met de gezondheid van (toekomstige) bewoners van (het centrum van) De Groote Wielen en Noordoosthoek en; 3. meer in het bijzonder rekening wordt gehouden met de concrete gebiedsvisie van de grondeigenaren en - in ieder geval- de afstanden in acht te nemen die nodig zijn om woningbouw te kunnen realiseren op de Percelen. De grondeigenaren verzoeken om die zienswijze als herhaald en ingelast te beschouwen. Antwoord De indiener heeft op 24 januari 2025 een zienswijze ingediend op het ontwerp Programma voor de Duurzame Polder. Verwezen wordt naar de (ontwerp) zienswijzennota voor het ontwerp Programma voor de Duurzame Polder voor een samenvatting en beantwoording van deze (deels overeenkomstige) zienswijze. Hierna wordt specifiek ingegaan op de argumenten en opmerkingen, die de indiener in het kader van de omgevingsvisie en het OER ingebracht heeft. 14b.

Samenvatting

De grondeigenaren zijn van mening dat in de omgevingsvisie en het OER ten onrechte het uitgangspunt wordt gehanteerd dat hun percelen getransformeerd zullen worden naar 'de Duurzame Polder' als bedoeld in het ontwerp Programma. De uitvoerbaarheid van het Programma is nog geen gegeven en het is de vraag of dit in deze vorm kan worden vastgesteld. De grondeigenaren zijn hierom van mening dat de omgevingsvisie en het OER onzorgvuldig tot stand gekomen zijn. Antwoord De keuze om het gebied te ontwikkelen als Duurzame Polder is niet gebaseerd op het ontwerp Programma Duurzame Polder. De keuze is gemaakt met verschillende raadsbesluiten in de afgelopen jaren, zoals het besluit over de Duurzame Polder van 6 oktober 2020 en het besluit tot vaststelling van de Visie Energielandschap op 7 juli 2020. Ook is de realisatie van 16 windturbines afgesproken in het Bestuursakkoord 2022-2026. Het ontwerp Programma Duurzame Polder kent verder haar eigen besluitvormingstraject. Het is de verwachting dat het Programma na de behandelingen in de gemeenteraden van Oss en ’s-Hertogenbosch kan worden vastgesteld. De omgevingsvisie is in overeenstemming met de keuzes in het ontwerp Programma Duurzame Polder. 14c.

Samenvatting

De grondeigenaren benadrukken dat er op dit moment binnen de regering discussie bestaat over de inwerkingtreding van het Besluit Windturbines leefomgeving, dat de wettelijke normen (waaronder afstandsgrenzen tot woningen) voor windturbines wettelijk vastlegt. Gesteld wordt dat hierdoor de uitvoerbaarheid van het ontwerp Programma Duurzame Polder niet vaststaat. Antwoord De uitvoerbaarheid van het Programma Duurzame Polder is geen onderdeel van de omgevingsvisie. 14d.

Samenvatting

De grondeigenaren zijn van mening dat de voorbereiding en afstemming van de omgevingsvisie en de OER gebrekkig heeft plaatsgevonden, als gevolg waarvan de belangen van de grondeigenaren zijn miskend en niet zijn betrokken bij de totstandkoming van de Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen Omgevingsvisie ’s-Hertogenbosch en Omgevingseffectrapportage (OER) Pagina 28 van 80

omgevingsvisie. De grondeigenaren hebben meermaals en uitgebreid aan de gemeente kenbaar gemaakt wat hun ontwikkelvisie is voor de percelen en waarom de percelen naar hun mening zeer geschikt zijn daarvoor. Dat deze kennis bekend is bij de gemeente, volgt echter niet uit de omgevingsvisie. Er kan daardoor ook niet als vaststaand feit aangenomen worden dat ter plaatse van hun grondeigendom windmolens gerealiseerd zullen worden. Dit is een onzorgvuldige handelswijze. Antwoord De wensen en belangen van deze eigenaren/partijen waren bekend. Voor de inhoudelijke toelichting verwijzen we naar antwoord 14e. De procesmatige voorbereiding lichten we hieronder toe. In het kader van de voorbereiding van de omgevingsvisie en de OER heeft uitgebreide participatie plaatsgevonden. We verwijzen primair naar de beschrijving hierover in hoofdstuk 4 van deel B van de omgevingsvisie. In dat participatieproces is op veel momenten met inwoners, eigenaren en andere belanghebbenden gesproken en overlegd. Daarnaast heeft in het kader van ontwerpend onderzoek en het ontwerp Programma Duurzame Polder op een aantal momenten specifieke afstemming plaatsgevonden met indieners.

Op 11 mei 2023 is vanuit de gemeente aan Brabant Wonen (een van de indieners van de zienswijze) een e-mail gestuurd waarin de (on)mogelijkheden ten aanzien van woningbouw in de Duurzame Polder zijn geschetst, naar aanleiding van een vraag van Brabant Wonen van 8 mei 2023. Een passage uit deze e-mail: “Gelet op de bestuurlijke kaders uit het Bestuursakkoord 2022-2026 van ’s-Hertogenbosch (mei 2022) en het concept koersdeel van de Omgevingsvisie (juli 2022), die van na deze datum (2020) zijn, zal in het ontwerpend onderzoek (t.b.v. de Duurzame Polder) geen scenario over woningbouwontwikkeling (zo ook niet t.b.v. (flex)woningen) worden opgenomen. Een dergelijk scenario is niet verenigbaar met deze bestuurlijke kaders, omdat deze zich nadrukkelijk richten op hoofdzakelijk binnenstedelijk bouwen.” Op 11 maart 2024 heeft een online-gesprek plaatsgevonden met Brabant Wonen en de gemeente ’s-Hertogenbosch. Daarin is duidelijk gemaakt dat woningbouw op de locaties bij de Grintweg niet past in het bestaande beleid van de gemeente 's-Hertogenbosch en dat het project Duurzame Polder ideeën over toekomstige woningbouw op deze locaties niet meeneemt als belemmering voor het aangeven van plaatsingszones voor windturbines (het Voorkeursalternatief).

Conclusie van Brabant Wonen was dat de “waarde van de strategische gronden afgewaardeerd moeten worden” en dat dit met collega’s zou worden besproken. Ook zijn in het proces van het ontwerpend onderzoek van de Duurzame Polder brieven gestuurd naar alle eigenaren in het gebied (juni 2023). Eigenaren hadden de kans om reacties te geven online of andersoortig. Daarnaast is met vaste regelmaat via de digitale nieuwsbrief voor de Duurzame Polder gecommuniceerd met belanghebbenden. De voorbereiding en afstemming van het ontwerp Programma Duurzame Polder, dat volledig in lijn is met voorliggende omgevingsvisie, was gelet op bovenstaande zorgvuldig. Daarmee is voor dit onderdeel in de ontwerp-omgevingsvisie ook het voorbereidingsproces zorgvuldig geweest. 14e.

Samenvatting

De belangen van de grondeigenaren zijn volgens hen op geen enkele wijze kenbaar meegewogen. Dit had, zo stellen zij, wel gemoeten, omdat de omgevingsvisie ernstige Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen Omgevingsvisie ’s-Hertogenbosch en Omgevingseffectrapportage (OER) Pagina 29 van 80

negatieve gevolgen heeft voor de grondeigenaren. Dit is volgens de grondeigenaren een onvolledige en onrechtmatige belangenafweging. Met de komst van de Duurzame Polder wordt woningbouw op hun percelen voor de toekomst juridisch en feitelijk onmogelijk gemaakt, zo stellen zij. Antwoord De belangen van de indieners/eigenaren zijn wel meegewogen. Eerder is echter al de keuze gemaakt om in dit gedeelte van de Duurzame Polder geen ruimte te bieden voor grootschalige woningbouw. Er is geen sprake van een onzorgvuldige handelswijze. Het is een bewuste keuze om het gebied aan te wijzen voor grootschalige opwek van windenergie en niet voor woningbouw. De gemeenteraden van de gemeenten 's-Hertogenbosch en Oss hebben ervoor gekozen om in de Duurzame Polder realisatie van windturbines mogelijk te maken. Door deze keuze, is er geen ruimte voor woningbouwontwikkeling in de polder (inclusief de randen van de polder (de 1 km-zone tot de bebouwde kom). Ook in lijn met de bestuurlijke kaders uit het Bestuursakkoord 2022-2026 van ’s-Hertogenbosch is geen woningbouwontwikkeling op de gronden ten westen van de Grintweg voorzien. Een dergelijk scenario is niet verenigbaar met deze bestuurlijke kaders, omdat deze zich nadrukkelijk richten op hoofdzakelijk binnenstedelijk bouwen en ruimte voor energieopwekking in de polder.

In de omgevingsvisie heeft een integrale afweging van belangen plaatsgevonden. Woningbouw is inderdaad een van de belangen. De gemeente ’s-Hertogenbosch gaat zorgvuldig om met nieuwe ontwikkelingen. Een belangrijke basis voor het maken van afwegingen vormt Podium ’s-Hertogenbosch, waarin de landschappelijke onderlegger de basis is. Belangrijk uitgangspunt is het principe ‘Bodem, water en cultuurhistorie sturend', waarbij we in beginsel geen ruimte voor uitleglocaties meer zien op de lagergelegen (klei)gronden. Ruimte voor woningbouw ziet de gemeente 's-Hertogenbosch op de hoger gelegen overgangs- en zandgronden. Compact, nabij en meervoudig zijn hierbij de belangrijke principes. Dit betekent dat het accent voor woningbouw vooral ligt bij verdichting in bestaand stedelijk gebied en op locaties die goed ontsloten (kunnen) worden met het openbaar vervoer. In de ontwikkellijn bouwen voor generaties heeft de gemeente de ambities beschreven en geduid, waarbij de gemeente inzet op (hoog)stedelijke woonvormen en het beter benutten van bestaande woongebieden. Voor de kernen op de zandgronden en de locatie de Bunders wordt met de aanduiding landschappelijk wonen ruimte geboden voor woningbouw. Ruimte voor zogenaamde uitleglocaties wordt niet geboden, uitzondering hierop vormt het zoekgebied extra woonopgave Bandstad, ten oosten van Nuland.

Dit zoekgebied sluit aan op het principe ‘Bodem, water en cultuurhistorie sturend’, ligt op de hoger gelegen overgangs- en zandgronden en nabij openbaar vervoer (spoor). Dit zoekgebied biedt ruimte voor een extra woonopgave (3.000 tot 5.000 woningen) in het kader van Bandstad boven op de autonome groei (huidige opgave plus de NOVEX-afspraken) en past niet meer binnen de ruimte in het bestaand stedelijk gebied, De Groote Wielen en de kleinschalige uitbreidingslocaties. Het toestaan van nieuwe woonwijken ten westen van de Grintweg perkt bovendien de mogelijkheden voor het realiseren van windturbines ten oosten van Grintweg in. Het behalen van de woningbouwopgave komt daarmee niet in het gevaar. In binnenstedelijk gebied, en in combinatie met de nog af te ronden, forse woningbouwontwikkeling in de Groote Wielen, zijn nog veel mogelijkheden voor woningbouw. De keuze is gemaakt om energie-opwek boven woningbouw in dit gebied van de Duurzame Polder te laten prevaleren.

Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen Omgevingsvisie ’s-Hertogenbosch en Omgevingseffectrapportage (OER) Pagina 30 van 80

14f.

Samenvatting

Gezien het feit dat de belangen van de grondeigenaren bij de gemeente bekend zijn en deze niet meegenomen zijn, maakt dat zij van mening zijn dat het participatietraject ondeugdelijk is geweest. Antwoord We verwijzen naar de beantwoording onder 14e. 14g.

Samenvatting

De grondeigenaren zijn van mening dat de omgevingsvisie verschillende tegenstrijdigheden bevat. Enerzijds stelt de omgevingsvisie dat de groeiende bevolking vraagt om meer woningen, waarvoor nieuwe locaties gevonden moeten worden. Waarbij aangegeven wordt dat de gemeente veel waarde hecht aan de kwaliteit van wonen en leven. Grondeigenaren stellen dat dit in strijd is met het realiseren van windmolens in de Duurzame Polder, op zeer korte afstand van bestaande (en te ontwikkelen) woonwijken. Verwezen wordt naar door het RIVM onderschreven gezondheidsrisico's van een windmolenpark en de gevolgen ervan voor flora en fauna (waarbij verwezen wordt naar de plan-MER bij het ontwerpprogramma voor de Duurzame Polder). Ook wordt benoemd dat de Duurzame Polder niet ten goede komt aan de cultuurhistorische, natuurlijke en landschappelijke kwaliteiten van het gebied. Dit aspect is volgens de grondeigenaren onderbelicht in de omgevingsvisie en de OER. Antwoord In het ontwerp Programma Duurzame Polder, het bijbehorende planMER en de onderliggende onderzoeken zijn mogelijke significante negatieve effecten van de windturbines onderzocht en beschreven voor milieu, natuur, leefomgeving (waaronder gezondheid) en landschap (waaronder cultuurhistorie).

Wij zijn van mening dat de gezondheidsrisico's op het strategische niveau van het planMER bij het ontwerp Programma Duurzame Polder voldoende zijn onderzocht. We verwijzen naar dat planMER voor meer informatie over de uitgevoerde onderzoeken. Op projectniveau van de Duurzame Polder worden deze risico's nader onderzocht. In de onderzoeken en bij het bepalen van de op de lokale situatie toegesneden normen wordt altijd uitgegaan van de meest recente wetgeving en de beschikbare, algemeen aanvaarde wetenschappelijke inzichten. Hierdoor wordt zorgvuldig omgegaan met de kwaliteit van wonen en leven. Het ontwerp Programma Duurzame Polder bindt gemeente 's-Hertogenbosch om nauwlettend toe te zien op deze gevolgen bij de toekomstige vergunningaanvragen. In het ontwerp Programma zijn ook uitgangspunten opgenomen om te zorgen dat de plannen voor windturbines op een integrale wijze worden vormgegeven en afgewogen. Initiatiefnemers voor windturbines dienen een integraal ruimtelijk plan in te dienen, waarbij een kwaliteitsimpuls voor het landschap benodigd is. Het plan moet ook passen binnen de Ontwikkelperspectieven. De uitgangspunten in de omgevingsvisie en het OER zijn volledig in overeenstemming met de keuzes in het ontwerp Programma Duurzame Polder. 14h.

Samenvatting

De grondeigenaren benadrukken dat rekening gehouden moet worden met het voorzorgsbeginsel. Op basis hiervan moet de gemeente binnen de toekomende beleidsruimte, maatregelen nemen om onomkeerbare negatieve gevolgen voor het milieu, de natuur en de menselijke gezondheid uit te stellen, als aannemelijk is dat deze gevolgen kunnen intreden door een activiteit, maar hierover nog geen wetenschappelijke zekerheid bestaat. De gemeente heeft hieraan niet voldaan. Hierdoor is volgens de grondeigenaren sprake van strijd met artikel 3.3 Omgevingswet. Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen Omgevingsvisie ’s-Hertogenbosch en Omgevingseffectrapportage (OER) Pagina 31 van 80

Antwoord Met het hanteren van een afstandsnorm van minimaal 1 km tot aan woonkernen in het Programma Duurzame Polder komt de gemeente juist tegemoet aan het voorzorgsbeginsel. De zienswijze heeft verder betrekking op de besluitvorming van de Duurzame Polder en niet op de omgevingsvisie. 14i.

Samenvatting

De omgevingsvisie benoemt dat netcongestie sturend is bij ontwikkelingen. De grondeigenaren stellen dat daarom ook niet valt in te zien op welke manier de Duurzame Polder kan worden ingepast. Antwoord In de omgevingsvisie wordt in paragraaf 2.5.3 wordt toegelicht dat tijdelijk ongemak, zoals netcongestie of beperkte beschikbaarheid van drinkwater niet de ontwikkeling van de stad en het buitengebied bepalen. Hoewel de verandering en groei druk zetten op infrastructuur en ondergrond, streven we ernaar om steden, dorpen, wijken, buurten, straten en gebouwen te bouwen voor de generaties na ons. Het is niet zo dat daar een minder goede locatiekeuze bij past, alleen maar vanwege de directe beschikbaarheid van stroom en drinkwater. Locatiekeuzes voor ruimtelijke ontwikkelingen – waaronder een windmolenpark - maken we altijd op basis van een evenwichtige afweging van factoren, zoals bodem- en watercondities, beoogde stedelijkheid, nabijheid van voorzieningen, mobiliteit, te beschermen waarden, inpasbaarheid binnen milieukundige wet- en regelgeving én de beschikbaarheid van nutsvoorzieningen. Netcongestie is dus niet sturend.

De verwarring bij indiener kan zijn ontstaan door een passage in paragraaf 2.4.3 die betrekking heeft op de werklandschappen, waar de noodzaak voor zware aansluiting de ontwikkelmogelijkheden beperkt en momenteel sturend is voor individuele ondernemers om bijvoorbeeld te kiezen voor vernieuwing of uitbreiding op de huidige locatie. 14j.

Samenvatting

Uit de omgevingsvisie volgt dat de open- en weidsheid van de Rosmalense en Nulandse polder een kwaliteit is die beschermd moet worden in het Bossche buitengebied. Wanneer 24 windmolens gerealiseerd worden, wordt deze kwaliteit niet behouden, zo stellen de grondeigenaren. Daarnaast valt niet in te zien op welke manier verbreding van de agrarische bedrijfsvoering middels creatieve concepten kan worden gerealiseerd wanneer het windmolenpark gerealiseerd wordt. Iedere vorm van agrarische bedrijfsuitbreiding wordt immers ernstig gehinderd door de beperkende contouren van de windmolens op meerdere aspecten, zoals externe veiligheid en geluid, maar ook door cumulatie van negatieve hinder voor beschermde natuurwaarden. Antwoord Het is duidelijk dat windturbines in de Duurzame Polder impact zullen hebben op het landschap en de leefomgeving. Dit belang is, in samenhang met de aanwezige agrarische functies, meegenomen in de integrale belangenafweging binnen de planvorming van de Duurzame Polder. In de omgevingsvisie is voor het polderlandschap vooral een doorontwikkeling van de agrarische sector voorzien, die toeziet op een optimalisatie van de agrarische productie op basis van de bodem en watercondities en tegelijkertijd de ecologische condities verbeteren. Voor het zandlandschap wordt inderdaad ruimte geboden aan eventuele verbreding van activiteiten op het agrarisch perceel.

Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen Omgevingsvisie ’s-Hertogenbosch en Omgevingseffectrapportage (OER) Pagina 32 van 80

Deze ambities zijn niet strijdig met de ontwikkeling van een windmolenpark. 14k.

Samenvatting

Door de grondeigenaren wordt verzocht om de omgevingsvisie niet in de huidige vorm vast te stellen. Verzocht wordt om rekening te houden met de ontwikkelvisie van de grondeigenaren voor hun percelen. Gevraagd wordt om de omgevingsvisie en het OER op dit punt aan te passen. Antwoord De zienswijze en ontwikkelvisie van indieners vormen geen aanleiding om de omgevingsvisie niet aan de gemeenteraad aan te bieden, danwel de omgevingsvisie of OER bij te stellen. We verwijzen naar bovenstaande beantwoording. De zienswijze wordt niet overgenomen en leidt niet tot een aanpassing van de omgevingsvisie. 15.

Woningstichting BPD (bouwfonds gebiedsontwikkeling) en woonstichting Joost 15a.

Samenvatting

BPD, indiener van deze zienswijze die daarnaast wordt onderschreven door woonstichting Joost, is eigenaar van de percelen gelegen achter de Berlicumseweg 5 - 7 te Rosmalen. BPD heeft het voornemen om deze gronden in ontwikkeling te brengen ten behoeve van woningbouw. BPD verzoekt om deze locatie in de omgevingsvisie op te nemen als locatie voor woningbouw en andere opgaven zoals natuur en landschap. BPD geeft aan dat de betreffende percelen niet eenduidig zijn opgenomen in de omgevingsvisie en de gebiedsvisies en derhalve onvoldoende aanknopingspunten biedt voor de beoogde herontwikkeling. Antwoord De locatie achter de Berlicumseweg 5-7 is niet in beeld als uitleglocatie voor woningbouw of andere vormen van verstedelijking. Vanuit de landschappelijke onderlegger, Podium 'sHertogenbosch en de lijn bodem, water en cultuurhistorie sturend ligt deze locatie niet voor de hand. De woningbouwopgave is grotendeels binnen het bestaand stedelijk gebied voorzien of, zoals bij de Groote Wielen, binnen de contouren van bestaande plannen en bij de eerder aangewezen locatie van de Bunders. Alleen rond de dorpen op de zandgronden bieden we beperkt uitbreidingsruimte, verweven met landschappelijke en ruimtelijke structuren. Daarnaast hebben we een zoekgebied voor grootschalige woningbouw aangewezen ten noordoosten van Nuland.

Vanuit de landschappelijke kwaliteiten van onze Bossche Buitens is het wenselijk dat aan deze zijde van de Grote Wetering voldoende ruimte is voor een landschappelijke overgang richting de sluis in het Maximakanaal. We juichen het toe dat de kwaliteit van het landschap hier versterkt kan worden. In de voorbereiding op de omgevingsvisie is ingezoomd op vier deelgebieden, waarvoor een participatietraject is doorlopen. De uitkomsten hiervan zijn opgeschreven in de gebiedsvisies. Deze gebiedsvisies vormen samen met het koersdocument belangrijke bouwstenen voor de omgevingsvisie. De verschillende bouwstenen (waaronder bijvoorbeeld ook het geldende beleid) zijn tijdens het omgevingsvisieproces in samenhang afgewogen. Dit betekent dat niet alle onderdelen uit de afzonderlijke bouwstenen in de omgevingsvisie opgenomen zijn. De omgevingsvisie is leidend en toont onze hoofdkeuzes en de wenselijke ontwikkelrichting voor de integrale opgaven en voor de verschillende deelgebieden.

Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen Omgevingsvisie ’s-Hertogenbosch en Omgevingseffectrapportage (OER) Pagina 33 van 80

Bevindingen en doorwerking De zienswijze wordt niet overgenomen en leidt niet tot een aanpassing van de omgevingsvisie. De zienswijze heeft ons onbedoeld wel gewezen op een foutieve aanduiding op de kaarten van de omgevingsvisie. De bedrijvenstrip aan de Kloosterstraat in Rosmalen heeft de aanduiding ‘landschappelijke wijken’ en zal worden gewijzigd naar ‘bestaand stedelijk productielandschap’. 16.

Inwoner van ’s-Hertogenbosch 16a.

Samenvatting

Indiener pleit ervoor om de bestaande structuren binnen de stad (die van oudsher zorgen voor openheid, groen en verbinding) explicieter te benoemen in de omgevingsvisie. Met name de kwaliteiten van het kleinschalige dorpslint Orthen dat loopt van de Heinis naar de Diezemonding. Het dijklint staat al op de kaart op pagina 10. Vervolgens indiener is deze echter summier aangegeven op de overige kaarten. Op bijvoorbeeld pagina 60 en 86 wordt het dijklint met een lichtgrijze kleur aangegeven, maar is de aanduiding niet in de legenda opgenomen. Om belangrijke gebieden als deze te beschermen moeten ze op zijn minst in de legenda worden geborgd, aldus indiener. Volgens indiener is het nog belangrijker om de bestaande kwaliteiten van het dorpslint te beschermen en waar mogelijk te versterken. De kwaliteiten van het Orthense dijklint verdienen daarmee een prominentere plek in de omgevingsvisie dan nu het geval is (o.a. in Groots Vergroenen en Vorstelijk Verbinden). Antwoord Het belang van kenmerkende structuren als het kleinschalige dorpslint Orthen onderschrijven we in de omgevingsvisie. In paragraaf 1.1 van de omgevingsvisie, op de kaart van het Podium ’s-Hertogenbosch, staat het dijklint Orthen aangegeven als beschermd dorpsgezicht. Fort Orthen is een rijksmonument en ook Linie 1629 staat op deze kaart.

Het vormt daarmee een uitgangspunt in het kader van de waardenstelling van de bestaande omgeving, waarbij bodem, water en cultuurhistorie sturende elementen zijn. Dit wordt uitgewerkt voor projecten in de tabula scripta, een gedegen analyse van de bestaande waarden. Dit dient als basis voor verdere bescherming, uitwerking en inspiratie in eventuele projecten. Daarmee zijn deze onderdelen voldoende opgenomen en geborgd in de omgevingsvisie, maar naar aanleiding van deze zienswijze hebben we het dorpslint nadrukkelijker benoemd in paragraaf 3.2. Het benoemde stukje valt niet formeel onder het beschermd dorpsgezicht, een eventuele toewijzing is een eigenstandige procedure buiten de omgevingsvisie om. Bevindingen en doorwerking De zienswijze wordt deels overgenomen en leidt tot een tekstuele verduidelijking van de omgevingsvisie op het punt van tabula scripta en doorwerking ervan in paragraaf 3.2. Ook is het dorpslint specifiek benoemd binnen de stedelijke wijken.

17.

Onbeperkt 073 en WAC-Den Bosch 17a.

Samenvatting

Onbeperkt 073 is een platform van ervaringsdeskundigen en professionals die streven naar een samenleving waarin iedereen, ongeacht beperking of chronische aandoening, volwaardig kan deelnemen. WAC-Den Bosch (Woonadviescommissie ’s-Hertogenbosch) beoordeelt bouwplannen op toegankelijkheid en bruikbaarheid, en adviseert gemeenten, Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen Omgevingsvisie ’s-Hertogenbosch en Omgevingseffectrapportage (OER) Pagina 34 van 80

woningcorporaties en projectontwikkelaars om woningen en woonomgevingen inclusiever te maken. De omgevingsvisie biedt volgens Onbeperkt 073 en WAC Den Bosch onvoldoende concrete handvatten voor toegankelijkheid en inclusie in de woonomgeving. Het perspectief vanuit inwoners met een beperking die het dagelijks leven beïnvloedt, ontbreekt volgens hen. De omgevingsvisie erkent volgens Onbeperkt 073 en WAC Den Bosch het belang van doorstroming en nieuwe woonvormen, maar mist aandacht voor een solide basis: toegankelijke woningen waar iedereen baat bij heeft. Volgens hen moet een inclusieve woonomgeving aansluiten op de behoeften van verschillende generaties en levensfasen. Woningen worden volgens Onbeperkt 073 en WAC Den Bosch nog vaak ontworpen voor de ‘gemiddelde mens’ – iemand zonder fysieke of zintuiglijke beperkingen. Hierdoor sluiten veel woningen volgens hen mensen met een handicap of psychische kwetsbaarheid uit. Antwoord De omgevingsvisie is een visie die op hoofdlijnen richting biedt. Inclusiviteit verwijst naar de samenleving als geheel, dit houdt in dat niet alle verschillende typen, doelgroepen, bijzonderheden expliciet genoemd worden. Diversiteit en inclusiviteit in de voorzieningen, woningtypen en woonomgeving komt in de visie terug in bijvoorbeeld de ontwikkellijn bouwen in generaties.

Toegankelijkheid en inclusie wordt geconcretiseerd in meer specifieke beleidsstukken en uitvoeringsregels. Zo bevat de woonzorgvisie ‘Fijn oud worden in de gemeente ’s-Hertogenbosch, hoe gaan we hier samen voor zorgen?‘ (die binnenkort zal worden vastgesteld) en ook het woningbouwprogramma handvatten en sturing, onder andere op toegankelijkheid van woningen en de te realiseren woningtypologieën. Het beleidsplan DIG (diversiteit, inclusie en gelijkwaardigheid) sluit hier ook op aan, waarbij benadrukt wordt dat inclusie begint bij de fysieke en sociale inrichting van de leefomgeving. Ook wordt in het beleidsplan onderstreept dat het betrekken van ervaringsdeskundigen essentieel is bij het ontwikkelen van toegankelijke woonoplossingen. Inclusie moet bovendien geen apart beleidsterrein zijn, maar als integraal principe door alle gemeentelijke opgaven heen lopen, waaronder wonen en gebiedsontwikkeling. De omgevingsvisie biedt voldoende basis. Wel voegen we de term ‘inclusie’ toe aan de ambitie en opgaven in de ontwikkellijn ‘bouwen aan generaties’ om het belang hiervan iets sterker te benadrukken (paragraaf 2.3.2), al leidt dat wellicht tot een dubbeling in termen. De gevraagde uitwerking komt verder terug in specifiekere beleidsstukken en projecten. 17b.

Samenvatting

De Wet gelijke behandeling op grond van handicap of chronische ziekte bepaalt dat mensen met een beperking dezelfde toegang tot woonruimte moeten hebben als ieder ander. Om dit recht te waarborgen, is het noodzakelijk om te bouwen volgens toegankelijkheidsnormen en ervaringsdeskundigheid te betrekken. De nieuwe NEN 9120-norm biedt een uitgebreide set technische voorschriften voor integraal toegankelijke gebouwen. Er zijn diverse maatregelen die de gemeente kan nemen om toegankelijkheid structureel te verankeren in beleid en praktijk. Antwoord Zoals aangegeven in het antwoord op 17a wordt de uitwerking van inclusiviteit geborgd in specifieke beleidsstukken en projecten. Bevindingen en doorwerking De zienswijze wordt deels overgenomen en leidt tot een aanvulling van de omgevingsvisie. In paragraaf 2.3.2 is de tekst aangescherpt. 18.

Inwoner van ’s-Hertogenbosch Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen Omgevingsvisie ’s-Hertogenbosch en Omgevingseffectrapportage (OER) Pagina 35 van 80

18a.

Samenvatting

In de omgevingsvisie ontbreekt volgens indiener perspectief op toegankelijke en inclusieve woonomgeving grotendeels. Er zijn onvoldoende concrete handvatten aanwezig ten aanzien van toegankelijkheid en inclusie in de woonomgeving. De woning en woonomgeving moeten ondersteunend zijn aan het dagelijks leven en ruimte bieden voor zelfredzaamheid en maatschappelijke participatie. Het valt indiener op dat woningen nog vaak ontworpen worden voor de ‘gemiddelde mens’ – iemand zonder fysieke of zintuiglijke beperkingen. Hierdoor sluiten veel woningen mensen met een handicap of psychische kwetsbaarheid uit. De Wet gelijke behandeling op grond van handicap of chronische ziekte bepaalt dat mensen met een beperking dezelfde toegang tot woonruimte moeten hebben als ieder ander. Met bovenstaande in gedachten is het belangrijk om toegankelijkheid op te nemen in de woonvisie, woonzorgvisie en prestatieafspraken met woningcorporaties en andere partners. Ook is het belangrijk om de toegankelijkheid van de openbare ruimte bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen te borgen. Tot slot stelt indiener voor om een actieve bewonersparticipatie in de ontwikkeling van toegankelijk woonbeleid na te streven. Antwoord We verwijzen naar het antwoord onder 17a. Deze principes zijn daarnaast voldoende verwoord in de woon(zorg)visies.

Nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen dienen in overeenstemming te zijn met de gemeentelijke beleidsstukken en geldende wet -en regelgeving. Bevindingen en doorwerking De zienswijze wordt deels overgenomen en leidt tot een aanvulling van de omgevingsvisie. In paragraaf 2.3.2. is de tekst aangescherpt.

19.

Wijkvereniging De Herven 19a.

Samenvatting

Vanuit de wijk zijn diverse zienswijzen ingediend in de procedure van het Ontwikkelkader van station Oost (De Vliert, Vliertpoort). Bewoners vinden de toename aan verkeer door de ontwikkeling zorgelijk. De Bruistensingel, Balkweg en Hervensebaan zijn volgens hen nu al erg druk en nauwelijks oversteekbaar te voet of met de fiets. Met de toename van woningen in het gebied rondom station Oost zal het verkeer op deze wegen alleen maar toenemen, zo stellen zij. De betreffende wegen zouden berekend zijn op de toename van het hoeveelheid verkeer. Indiener zou graag de rekenmodellen willen inzien om deze te begrijpen. Daarbij kan indiener zien of er rekening gehouden is met de oversteekbaarheid. Indiener vraagt de gemeenteraad dan ook om als uitvoering van de omgevingsvisie een aantal overwegingen mee te nemen met betrekking tot de verdere verkeerstoename op de wegen rondom De Vliert/Vliertpoort. Hierbij stelt indiener het volgende voor: • • •

Geen transferium voor stadsbezoekers in het parkeerhuis bij de Vliert, maar alleen nog transferia aan de (daadwerkelijke) randen van de stad; Snelheid op de Balkweg en Hervensebaan omlaag brengen naar 30 km/uur en de inrichting van de wegen hier op aan te passen. Oversteekbaarheid van langzaam verkeer faciliteren, bijvoorbeeld door middel van extra oversteekplaatsen. De (fiets)brug over de Bruistensingel is bijvoorbeeld onvoldoende omdat deze geen goede verbinding met zijn omgeving heeft.

Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen Omgevingsvisie ’s-Hertogenbosch en Omgevingseffectrapportage (OER) Pagina 36 van 80

Antwoord Over het transferium is op 9 maart 2021 door de gemeenteraad besloten dat het transferium voor stadsbezoekers in het parkeerhuis bij de Vliert zit. Reden daarvoor is, dat er op dit moment een transferium ter plaatse aanwezig is en dat het wenselijk is dat deze wordt behouden. De indiener gaat verder specifiek in op details die in het ontwikkelkader van De Vliert benoemd worden en heeft ter besluitvorming in de raad van 7 mei 2025 gelegen. Op het niveau van de omgevingsvisie zijn dit te gedetailleerde punten die in het ontwikkelkader besproken en behandeld zijn. 19b.

Samenvatting

Op zowel de overzichtskaart als de themakaart ‘groots vergroenen’ op pagina 50 en op de kaart op pagina 65 is er sprake van een groter natuurgebied De Heinis dan nu het geval is. De Balkweg tussen de Bruistensingel en Eerste Hervendreef lijkt te komen te vervallen. Met meer woningen in dit deel van ’s-Hertogenbosch, gelet op de ontwikkelingen in De Vliert/Vliertpoort, is er ook meer behoefte aan natuur- en recreatiegebieden. Indiener is benieuwd wanneer en hoe de gemeente dit gaat uitvoeren en welke gevolgen het opheffen van dit deel van de Balkweg heeft voor de verkeersstromen op de andere wegen. Verder is er op de kaart van de Gebiedsvisie Stedelijke Wijken een nieuwe fietsverbinding dwars door de Heinis en de wijk onder het spoor door richting De Vliert/Vliertpoort te zien. Indiener is benieuwd naar de invulling van dit idee en vraagt zich af of de nieuwe route vanaf het spoor richting het noorden niet bestaande fietsroutes volgen. Samenvattend zijn er meerdere ontwikkelingen rondom de Heinis waarin indiener geïnteresseerd is en die mogelijk invloed hebben op de leefbaarheid van zijn wijk. Indiener vraagt zich daarom af wanneer hier meer duidelijkheid over komt en wordt hierover graag geïnformeerd. Antwoord Niet alle bestaande wegen zijn op de kaart weergegeven, vanwege het globale karakter van de omgevingsvisie. Er zijn echter geen plannen om de Balkweg te laten vervallen.

Het groen is doorgetrokken op de kaart om aan te geven dat structuren doorlopen en dominant zijn. Binnen het groen zijn, zoals op veel meer plaatsen op de kaart, ook wegen en bebouwing aanwezig. Om onduidelijkheid te voorkomen is de wegenstructuur opgenomen in de ondergrond van de kaarten bij de ontwikkellijnen. Wat betreft de vraag over de nieuwe fietsverbinding: het klopt dat dit een nieuwe verbinding is die niet bestaande fietsroutes volgt. Het gaat hier om een interwijkverbinding die bijdraagt aan een fijnmazig fietsnetwerk door de hele stad. Daarbij wordt ook juist naar verbindingen gezocht die niet direct naast de hoofdwegen voor autoverkeer liggen (dat is wel het geval bij de bestaande fietsroute daar). De scope van de omgevingsvisie richt zich verder niet op het detailniveau van precieze wegaanpassingen. Voor het overige wordt verwezen naar (de besluitvorming over) het ontwikkelkader De Vliert: het ontwikkelkader is op 7 mei 2025 door de gemeenteraad vastgesteld. 19c.

Samenvatting

De wijk De Herven valt onder de categorie ‘stedelijke wijken’. Toch verschilt deze wijk volgens indiener sterk van sommige andere wijken die in dezelfde categorie vallen. Op pagina 64 staat een omschrijving van ‘stedelijke wijken’ die wat indiener betreft niet klopt voor de Herven: “Zo is een groter deel van de woningen in stedelijke wijken een meergezinswoning en is het corporatiebezit hoger. Terwijl er in de landschappelijke wijken juist voornamelijk particulier bezit is en een hoger aandeel eensgezinswoningen”. Verderop deze pagina staat dat de bestaande ruimte beter benut zou moeten worden. In de beschrijving komen veel Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen Omgevingsvisie ’s-Hertogenbosch en Omgevingseffectrapportage (OER) Pagina 37 van 80

eigenschappen terug die indiener ook herkent in haar wijk: ruim opgezet en éénlaags bebouwing. De gedachten die daar worden beschreven zouden van grote invloed kunnen zijn op de wijk, vandaar dat indiener ook hiervoor veel interesse heeft. Indiener vraagt zich af hoe de typering van de Herven als stedelijke wijk tot stand gekomen is en wat hiervan de mogelijke consequenties voor de wijk. Graag zou indiener daar meer duidelijkheid over willen krijgen. Antwoord Wij hebben als bouwsteen voor de omgevingsvisie vier gebiedsvisies gemaakt, daarvoor hebben wij de gemeente in vier delen opgesplitst die ruimtelijk overeenkomsten bevatten. De Herven valt onder het gebied stedelijke wijken. De Herven heeft ruimtelijke kenmerken vergelijkbaar met de landschappelijke wijken, maar is qua ligging van een andere orde doordat deze binnen de ring van snelwegen ligt en daarmee ook dichter bij de stedelijke voorzieningen. De stedelijke wijken bevat een kleurrijk palet aan buurten (zie par. 3.2 stedelijke wijken van de omgevingsvisie). De wijken en buurten zijn divers, waarbij weliswaar een groot deel eengezinswoningen in corporatiebezit is, maar een deel zoals de Herven ook niet. Op pagina 110 van de omgevingsvisie is te lezen dat maatwerk nodig zal zijn in de diverse buurten.

In het onderdeel ‘aan de slag in de stedelijke wijken’ staat ook dat we werken aan de doorontwikkeling op basis van de identiteit en kwaliteit. 19d.

Samenvatting

Op p. 86 zijn gebieden met een hoge dynamiek weergegeven. Dit zijn de centrum -en stationslocaties, met een uitgebreide ring van invloed er omheen. Hiervan is niet duidelijk wat de gevolgen zijn voor de wijk, aldus indiener. Er staat: “In de gebieden met een hoge dynamiek, en elders in de stad, moeten er alternatieven voor de auto komen om de wegen niet vast te laten lopen. Dat is beter voor de doorstroming en voor de leefbaarheid.” Hoe verhoudt zich dat tot het Ontwikkelkader voor De Vliert/Vliertpoort? Antwoord In het ontwikkelkader De Vliert wordt ingezet op deze vormen van vervoer: lopen, fietsen, het openbaar vervoer en het gebruik van deelmobiliteit. Desondanks neemt de automobiliteit in de omgeving toe. Dit is nader onderzocht en daaruit is gebleken dat de wegen in de omgeving dit kunnen afhandelen. Voor het overige wordt verwezen naar (de besluitvorming over) het ontwikkelkader De Vliert. Bevindingen en doorwerking De zienswijze wordt deels overgenomen en leidt tot een verduidelijking van de kaarten bij de ontwikkellijnen. 20.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15706214/5