Bijlage 1. Voortgangsrapportage veiligheid 2020
Tekst van het document
Samen voor veilig en de inzet van politie doen we op basis van voorspellingen en analyses. Er zijn spiegelhangers beschikbaar en opkopers in de autobranche blijven herinnerd worden aan het Digitaal Opkopers Register (DOR).
30
Afbeelding 33: Aantal misdrijven van diefstal uit/vanaf motorvoertuigen per 1.000 inwoners
20 15 11,1 8,3
10 5
Doel 2022 ê
5,8
5,1
4,6
2018
2019
2020
0 2016
2017
Bron: Politie
Afbeelding 34: Aantal misdrijven van diefstal uit/vanaf motorvoertuigen per maand
2019
100
2020
80 60 40 20 0 jan
feb
mrt
apr
mei
jun
jul
aug
sep
okt
nov
Bron: Politie
Afbeelding 35: Aantal misdrijven van diefstal uit/vanaf motorvoertuigen per 1.000 inwoners per buurt (2020)
Bron: Politie
31
dec
Diefstal van motorvoertuigen
ü
In 2022 zijn er maximaal 1,3 diefstallen van motorvoertuigen per 1.000 inwoners.
Sinds 2017 neemt het aantal diefstallen van motorvoertuigen af. Tussen 2019 en 2020 is het aantal diefstallen met 23 procent afgenomen, van 121 naar 93 diefstallen. Dat komt neer op 0,6 diefstallen van motorvoertuigen per 1.000 inwoners (zie afbeelding 36). Hiermee voldoen we momenteel al aan de doelstelling. We zien geen opvallende ontwikkelingen gedurende de coronapandemie. In de meeste maanden is het aantal misdrijven lager of vergelijkbaar met dezelfde maand in 2019 (zie afbeelding 37). Bij de registraties van diefstallen van motorvoertuigen wordt onderscheid gemaakt naar verschillende type voertuigen. Hieruit blijkt dat in 2020 personenauto’s (69%) het meest zijn gestolen, gevolgd door vrachtauto’s/bestelauto’s (20%) en motoren (11%). Afbeelding 36: Aantal misdrijven van diefstal van motorvoertuigen per 1.000 inwoners
5 4 3 1,8
1,7
2
1,3 0,8
1
0,6 0 2016
2017
2018
2019
2020
Bron: Politie
Afbeelding 37: Aantal misdrijven van diefstal van motorvoertuigen per maand
2019
50
2020
40 30 20 10 0 jan
feb
mrt
apr
mei
jun
jul
Bron: Politie
32
aug
sep
okt
nov
dec
Doel 2022 ê
Diefstal bromfietsen Sinds 2018 neemt het aantal diefstallen van bromfietsen en snorfietsen af. Tussen 2019 en 2020 is het aantal diefstallen met 40 procent afgenomen, van 277 naar 165 diefstallen. Dat komt neer op 1,1 diefstallen van bromfietsen en snorfietsen per 1.000 inwoners (zie afbeelding 38). In alle maanden in 2020 waren er minder diefstallen dan in 2019 (zie afbeelding 39). Afbeelding 38: Aantal misdrijven van diefstal bromfiets/snorfiets per 1.000 inwoners
10 8 6 4 2,0
1,9
1,2
2
1,8
1,1
0 2016
2017
2018
2019
2020
Bron: Politie
Afbeelding 39: Aantal misdrijven van diefstal bromfiets/snorfiets per maand
2019
50
2020
40 30 20 10 0 jan
feb
mrt
apr
mei
jun
jul
Bron: Politie
33
aug
sep
okt
nov
dec
Fietsendiefstal Het aantal geregistreerde diefstallen van (elektrische) fietsen is al enkele jaren ongeveer hetzelfde. In 2020 zijn er 663 gestolen fietsen geregistreerd. Dit komt neer op 4,3 fietsendiefstallen per 1.000 inwoners (zie afbeelding 40). We zien geen opvallende ontwikkelingen gedurende de coronapandemie (zie afbeelding 41). Op een kaart wordt weergegeven in welke mate fietsendiefstallen in de verschillende buurten in 2020 hebben plaatsgevonden (zie afbeelding 42). Met blauwe en oranje kleuren wordt aangegeven of een buurt gunstig of ongunstig scoort. Relatief de meeste diefstallen zijn geregistreerd in de buurten het Zand, Orthenpoort en Rosmalen centrum. In deze buurten werden minimaal 20 fietsendiefstallen per 1.000 inwoners geregistreerd. Ook in Binnenstad centrum zijn relatief veel fietsen gestolen (19 per 1.000 inwoners). Het fietsendiefstalpreventieteam speelt onder andere actief in op de hotspots die in beeld zijn vanuit aangifteoverzichten. Daarnaast zijn zij actief op plekken waar veel fietsen worden gestald. Naast het actief zoeken naar gestolen fietsen houden zij ook toezicht. In de Binnenstad zijn vier gratis bewaakte fietsenstallingen. De huidige stallingen kennen een goede bezetting en worden ook met name goed gebruikt tijdens evenementen.
Mensen die een tweedehands fiets willen kopen kunnen via het RDW controleren of deze als gestolen geregistreerd staat. De gemeente verwijst hiernaar op haar website. Handelaren in tweedehands fietsen zijn inmiddels allemaal aangemeld in het Digitaal Opkopers Register (DOR) waardoor zij kunnen controleren of een iemand een gestolen fiets aanbiedt en/of achteraf gezien kan worden of zij een gestolen fiets in voorraad hebben. Hiermee proberen we de handel in gestolen fietsen moeilijker te maken.
34
Afbeelding 40: Aantal misdrijven van diefstal fiets per 1.000 inwoners
10 8 5,8
5,4
6
4,5
4,0
4,3
2019
2020
4 2 0 2016
2017
2018
Bron: Politie
Afbeelding 41: Aantal misdrijven van diefstal fiets per maand
2019
100
2020
80 60 40 20 0 jan
feb
mrt
apr
mei
jun
jul
aug
sep
Bron: Politie
Afbeelding 42: Aantal misdrijven van diefstal fiets per 1.000 inwoners per buurt (2020)
Bron: Politie
35
okt
nov
dec
Diefstal af/uit/van andere motorvoertuigen In 2020 registreerde de politie 222 diefstallen af, uit of van andere motorvoertuigen. Dit komt neer op 1,4 diefstallen per 1.000 inwoners. Dit is 17 procent minder dan in 2019 (zie afbeelding 43). Als we kijken naar de ontwikkelingen per maand, dan zien we dat er vooral in de zomerperiode minder misdrijven waren dan in 2019 (zie afbeelding 44). Afbeelding 43: Aantal misdrijven van diefstal af/uit/van overige voertuigen per 1.000 inwoners
10 8 6 4 2
1,5
1,7
1,5
1,7
1,4
2016
2017
2018
2019
2020
0
Bron: Politie
Afbeelding 44: Aantal misdrijven van diefstal af/uit/van overige voertuigen per maand
2019
50
2020
40 30 20 10 0 jan
feb
mrt
apr
mei
jun
jul
Bron: Politie
36
aug
sep
okt
nov
dec
3.2.3
Geweldsmisdrijven
Onder High Impact Crimes verstaan we woninginbraken (zie § 3.2.1), straatroven, overvallen en andere geweldsmisdrijven. Dit zijn delicten met een grote impact op het slachtoffer, diens directe omgeving en het veiligheidsgevoel in de maatschappij. In deze paragraaf gaan we in op de geweldsmisdrijven. Hierbij maken we onderscheid tussen een aantal varianten van geweld: bedreiging, mishandeling, openlijk geweld, straatroof en overval. Bedreiging Het aantal geregistreerde bedreigingen is tussen 2019 en 2020 met 19 procent toegenomen, van 350 naar 415 bedreigingen. Dat komt neer op 2,7 bedreigingen per 1.000 inwoners in 2020 (zie afbeelding 45). Als we kijken naar de ontwikkelingen in 2020, dan zien we eerst in het begin van de coronapandemie een toename van het aantal bedreigingen; in maart en april waren er 70 procent meer bedreigingen dan in dezelfde maanden in 2019. Vervolgens is het aantal misdrijven in de meeste maanden vergelijkbaar of (iets) hoger in vergelijking met dezelfde maand in 2019 (+17%) (zie afbeelding 46). Op een kaart wordt weergegeven in welke mate bedreigingen in de verschillende buurten in 2020 hebben plaatsgevonden (zie afbeelding 47). Met blauwe en oranje kleuren wordt aangegeven of een buurt gunstig of ongunstig scoort. Relatief de meeste bedreigingen zijn geregistreerd in de buurten het Zand, Orthenpoort, Willemspoort en Ertveld.
In deze buurten werden minimaal 10 bedreigingen per 1.000 inwoners geregistreerd. Mishandeling De afgelopen jaren waren er weinig ontwikkelingen op het gebied van mishandeling. Het afgelopen jaar is er wel sprake van een ontwikkeling; tussen 2019 en 2020 daalde het aantal mishandelingen met 21 procent, van 498 naar 391. Dat komt neer op 2,5 mishandelingen per 1.000 inwoners in 2020 (zie afbeelding 48). Als we kijken naar de ontwikkelingen in 2020, dan zien we eerst in het begin van de coronapandemie een afname van het aantal mishandelingen. In maart waren er 61 procent minder mishandelingen en in mei 66 procent minder. Dit valt deels samen met de sluiting van horecagelegenheden van half maart tot 1 juni. Vervolgens is het aantal mishandelingen van juni tot en met oktober vergelijkbaar of iets minder in vergelijking met dezelfde maand in 2019. Vanaf half oktober sluit de horeca opnieuw, en zien we weer opnieuw een daling van het aantal mishandelingen. In november en december waren er 47 procent minder mishandelingen in vergelijking met november en december 2019 (zie afbeelding 49). Op een kaart wordt weergegeven in welke mate mishandelingen in de verschillende buurten in 2020 hebben plaatsgevonden (zie afbeelding 50). Met blauwe en oranje kleuren wordt aangegeven of een buurt gunstig of ongunstig scoort.
Relatief de meeste mishandelingen zijn geregistreerd in de buurten Binnenstad centrum, Binnenstad oost, het Zand, Abdijenbuurt en Willemspoort. In deze buurten werden minimaal 8 mishandelingen per 1.000 inwoners geregistreerd.
37
Afbeelding 45: Aantal misdrijven van bedreiging per 1.000 inwoners
10 8 6 4
2,8
2,4
1,9
2,3
2018
2019
2,7
2 0 2016
2017
2020
Bron: Politie
Afbeelding 46: Aantal misdrijven van bedreiging per maand
2019
50
2020
40 30 20 10 0 jan
feb
mrt
apr
mei
jun
jul
aug
Bron: Politie
Afbeelding 47: Aantal misdrijven van bedreiging per 1.000 inwoners per buurt (2020)
Bron: Politie
38
sep
okt
nov
dec
Afbeelding 48: Aantal misdrijven van mishandeling per 1.000 inwoners
10 8 6 3,7
4
3,4
3,2
3,2
2018
2019
2,5
2 0 2016
2017
2020
Bron: Politie
Afbeelding 49: Aantal misdrijven van mishandeling per maand
2019
100
2020
80 60 40 20 0 jan
feb
mrt
apr
mei
jun
jul
aug
sep
Bron: Politie
Afbeelding 50: Aantal misdrijven van mishandeling per 1.000 inwoners per buurt (2020)
Bron: Politie
39
okt
nov
dec
Openlijk geweld Tussen 2019 en 2020 daalde het aantal openlijke geweldplegingen van 90 naar 50 misdrijven (zie afbeelding 51). Sinds de start van de coronapandemie zien we een afname van het aantal openlijke geweldplegingen (zie afbeelding 52). De afname komt (deels) door de (gedeeltelijke) sluiting van horeca- en uitgaansgelegenheden. Afbeelding 51: Aantal misdrijven van openlijk geweld
90
100 80
75
80
72 50
60 40 20 0 2016
2017
2018
2019
2020
Bron: Politie
Afbeelding 52: Aantal misdrijven van openlijk geweld per maand
2019
50
2020
40 30 20 10 0 jan
feb
mrt
apr
mei
jun
jul
aug
sep
okt
nov
dec
Bron: Politie
In de Binnenstad vinden doorgaans relatief veel geweldsdelicten plaats, zoals mishandeling en openlijke geweldpleging. Dit heeft te maken met de concentratie van mensen, vooral op uitgaansavonden en evenementen, waarbij in veel gevallen alcohol en/of drugs in het spel is. In hoofdstuk 4 gaan we in op de ontwikkelingen van (uitgaans)geweld in de Binnenstad (zie H4). Overvallen en straatroven In 2020 waren er 7 overvallen in de gemeente ’s-Hertogenbosch. Dit zijn er 4 minder dan in 2019 (zie afbeelding 53). In 2020 waren 3 overvallen op woningen, 1 overval op een geld/waardetransport en 3 overvallen op overige objecten. Sinds 2018 zijn er weinig ontwikkelingen op het aantal geregistreerde straatroven. In 2020 gaat het in totaal om 17 straatroven. De meeste straatroven vonden plaats in de wijken Binnenstad (5) en West (4).
40
Afbeelding 53: Aantal misdrijven van straatroof en overval
Straatroof
50 35
40
Overval
31
30 20
17
18
17
10 5
10
10
11
2016
2017
2018
2019
0
7 2020
Bron: Politie
3.2.4
Preventie en repressie
In deze paragraaf worden enkele preventieve en repressieve middelen beschreven, waarmee we woninginbraken en andere vormen van criminaliteit willen voorkomen. Dit doen we samen met inwoners en andere veiligheidspartners. Er wordt bijvoorbeeld actief ingezet op burgerparticipatie onder de noemer ‘Samen zien we meer’. Daarnaast werken we informatiegestuurd. Bijvoorbeeld door BOA’s op basis van actuele politiegegevens preventief te laten surveilleren op hotspots en kansen op auto inbraak te delen met particuliere parkeergarages als Q park. Brandgangen en achterpaden De gemeente, BrabantWonen, Zayaz en Woonstichting Joost krijgen regelmatig vragen over het vergroten van de veiligheid van brandgangen en achterpaden bij woningen. Bijvoorbeeld door het plaatsen van poorten of het aanbrengen van verlichting. De gemeente en corporaties denken met bewoners mee hoe zij de brandgang bij hun woning veiliger kunnen maken. Dit kan zijn het plaatsen van verlichting, spiegels, lage hekjes aan de buitenzijde, een hek in het midden van het achterpad of afsluiting van het achterpad door middel van poorten aan de buitenzijde. Dit gebeurt alleen bij voldoende draagvlak onder bewoners. In 2020 zijn er 4 initiatieven gerealiseerd. Bossche Buurttent De ‘Bossche Buurttent’ wordt ingezet in buurten waar in de week ervoor is ingebroken.
In de Buurttent ontvangen bewoners onder andere informatie en advies om inbraken te voorkomen. In 2020 werd de Buurttent slechts een aantal keer ingezet in verband met de coronapandemie. Buurt Informatie Netwerk (BIN) Het BIN is een netwerk van buurtgenoten die elkaar en de politie informeren over verdachte situaties. Het vergroot het veiligheidsgevoel en de betrokkenheid van de inwoners. En het helpt misdrijven te voorkomen. Het BIN wordt georganiseerd door een vrijwilligersnetwerk. BIN-leden ontvangen per e-mail informatie van politie en gemeente, bijvoorbeeld als er in hun buurt is ingebroken. Het BIN telt bijna 10.000 abonnees. Buurtapps Met een buurtapp(groep) kunnen bewoners makkelijk onderling communiceren over onveilige en ongewenste situaties in de wijk. Het succes van een buurtapp valt of staat met de betrokkenheid van bewoners. In de gemeente zijn diverse initiatieven van buurtapps. Bijna iedereen gebruikt WhatsApp, maar er zijn ook andere kant en klare buurtapps.
41
Burgernet Burgernet vraagt de hulp van burgers bij spoedsituaties, zoals vermiste personen en inbraak. Of doorrijden na een aanrijding in de buurt. Deelnemers ontvangen een spraak-, sms- of appbericht met de vraag uit te kijken naar een persoon of voertuig. Buurtpreventieteams De buurtpreventieteams hebben een rol in het signaleren van criminaliteit of onveiligheid in de wijk. Inwoners gaan samen de wijk in. Hierdoor zijn er extra ogen en oren in de wijk. Buurtpreventie is een vorm van burgerparticipatie waarbij inwoners zich organiseren om een bijdrage te leveren aan de leefbaarheid en veiligheid van een buurt/wijk. Dit gaat in samenwerking met de gemeente, politie en eventuele derden. Dankzij de ervaringen van het buurtpreventieteam zijn de politie, buurtbewoners en gemeente beter op de hoogte van de ontwikkelingen in een buurt. De actieve teams zijn terug te vinden op onze website “samen zien we meer”. Daar is ook een kaart te vinden met de grenzen van de werkgebieden per buurtpreventieteam. In 2020 is samen met een aantal buurtpreventieteams gekeken naar de mogelijkheden voor gebruik van een ondersteunde app. Deze zal naar verwachting in 2021 gereed zijn. Daarnaast is in overleg tussen buurtpreventieteams, politie en gemeente gewerkt aan verdere verbetering van de samenwerking.
Persoonsgerichte aanpak Met de Top X wordt bedoeld een aanpak op de meest in het oog springende plegers van High Impact Crimes. Het doel van een Top X aanpak is: · Het terugdringen van recidive · Het beperken van nieuwe aanwas door ook de broertjes en zusjes van de top X- leden mee te nemen in de persoonsgebonden aanpak. Deze geprioriteerde casuïstiek wordt onder procesregie van het Zorg- en Veiligheidshuis opgepakt. Samen met partners wordt voor de geprioriteerde casus een persoonsgerichte aanpak ontwikkeld. In 2020 is de nieuwe werkwijze verder uitgewerkt en is een regiegroep aangesteld. Een belangrijk element wat genoemd moet worden is dat we afstappen van de benaming TOP X. Reden hiervoor is dat er verschillende routes zijn om complexe casuïstiek bij het Zorg- en Veiligheid huis aan te melden. Dit geeft verwarring. Daarom is de insteek van de gemeente om deze aanpakken, waarbij de procesregie binnen ZVH is belegd, onder één noemer namelijk Persoons Gerichte Aanpak (PGA). Kortom we stappen af van termen als TOP X en gebruiken hiervoor de term PGA. We stellen een dynamische lijst op die gemaximeerd wordt op vijf. Met andere woorden het maximum aantal casussen blijft vijf. Bij het afdoen van één of meer casussen voegen we even zoveel casussen toe. Van belang is dat de casus die we toevoegen er toe doet.
Niet omdat de persoon toevallig bovenaan een lijst staat, maar omdat we gezamenlijk (politie, OM en gemeente) vinden dat we die persoon gericht moeten aanpakken en daaraan ook prioriteit en capaciteit willen geven. Het aandragen van een nieuwe casus voor de PGA lijst, van de driehoek(regiegroep), komt voort uit verschillende bronnen. Denk hierbij aan wijkagenten, leden van toegang en regieteams, procesregisseurs Zorg en Veiligheid, het OM en OOV. Hierbij moet gebruik worden gemaakt van het momentum (actualiteit en noodzaak) en er moet (zorg) perspectief zijn. · Vervolgens kiest de regiegroep de casus(sen) die er het meest toe doet/doen.
42
· · ·
Zodra de lijst is vastgesteld (geprioriteerd) wordt deze bij de Zorg- en Veiligheidshuis aangemeld. Het betreffende PGA traject zal dan conform ZVH richtlijnen opstarten. PGA aanpak wordt twee keer per jaar op de agenda van de driehoek gezet (monitoring en verantwoording).
Bureau Nazorg Ex-gedetineerden Bureau Nazorg Ex-gedetineerden helpt iedereen die uit detentie komt om het leven weer op de rit te krijgen. Veel mensen die in detentie komen, hebben problemen. Bureau Nazorg helpt om deze problemen aan te pakken. Op het gebied van werk, woonruimte, zorg, schulden en ID bewijs. Het is een laagdrempelige ingang voor antwoord op praktische vragen van (ex-)gedetineerden. Dit met het doel om recidive zoveel mogelijk te voorkomen. In 2020 zijn er 135 personen gedetineerd geraakt en zijn er 133 personen vrijgekomen uit detentie (dit betreft 95 unieke personen). Dit betekent een halvering van de instroom ten opzichte van 2019. Echter, de toegenomen complexiteit van de doelgroep zorgt voor een toenemende belasting op de capaciteit. Gezien de coronapandemie is de instroom van gedetineerden door DJI bewust laag gehouden. We verwachten na het einde van de coronapandemie dat er een inhaalslag gemaakt zal worden en het aantal detentiemeldingen zal gaan stijgen. Daarbij verwachten we ook een piek in de criminaliteit, waardoor de recidivecijfers omhoog gaan. Er zullen uiteindelijk weer (veel) meer mensen richting PI gaan.
Degene die we niet hebben kunnen bezoeken (gezien de coronamaatregelen), zonder onze bemiddeling vrij is gekomen en niet preventief is geholpen, zal voor meer druk op straat zorgen bij Politie, CvTB, Zorg & Veiligheid en Maatschappelijke Opvang. Digitaal opkopersregister en digitaal opkopersloket Heling wordt aangepakt middels het digitaal opkopersregister en het digitaal opkopersloket. Ondernemers die tweedehands goederen in- en verkopen moeten aan strenge eisen voldoen. Zo moeten zij alles wat ze inkopen controleren op diefstal en registreren in het Digitaal Opkoper Register (DOR). Het sanctioneringsbeleid geeft mogelijkheid om naast het strafrecht ook bestuursrechtelijk op te treden. Zo volgt niet alleen straf, maar ook maatregelen om de openbare orde te herstellen. Een sluiting zorgt er bijvoorbeeld voor dat criminelen gestolen spullen niet meer kunnen verkopen in dat pand. Donkere dagen offensief In de wintermaanden slaan criminelen veelvuldig hun slag, vaak met een piek voor de feestdagen. Een donkere dagen offensief zet in deze periode extra maatregelen in tegen overvallen, straatroven, woning- en auto-inbraken. In 2019 hebben we hierop ingezet tijdens carnaval en de kerstperiode. Fysieke inrichting, onderhoud en beheer Bij (her)inrichting wordt het uitgangspunt ‘Veilig Ontwerp’ toegepast.
Hiermee worden sociaal onveilige plekken aangepakt door bijvoorbeeld groenonderhoud en aanpassen verlichting. Dit is mede onderdeel van de wijkaanpakken.
43
3.3
Wijkgerichte aanpak
Voor wijken en buurten waar verschillende bedreigingen bij elkaar komen, voeren we een integrale, gebiedsgerichte aanpak. Veiligheid is daarbij één van de componenten, naast onder meer zorg en welzijn, openbare ruimte, inrichting/infrastructuur en economie. Vanuit het veiligheidsbeleid worden veiligheidsonderdelen ingebracht en uitgevoerd voor deze programmatische aanpak. Betreffende wijken worden geselecteerd op basis van de tweejaarlijkse wijk- en buurtmonitor. Naast deze gebiedsgerichte intensivering voor twee à drie wijken zetten we in alle wijken en buurten van ’s-Hertogenbosch ‘op maat’ op veiligheid en leefbaarheid in. Daartoe stellen we wijkveiligheidsplannen op. Op basis daarvan bepalen we wat nodig is per wijk. Belangrijk vertrekpunt van de inzet in elke wijk is goede samenwerking tussen wijkprofessionals en tussen professionals en inwoners. We funderen deze samenwerking in vaste uitgangspunten en werkwijzen. En sluiten aan op de reeds bestaande ‘Leefbaarheidsteams’ in de wijken; in deze teams participeren onder meer de politie (wijkagenten), woningcorporaties en Stadstoezicht. Speciale aandacht hebben we hierbij voor de wisselwerking met de teams Toegang & Regie en gebiedsteams (Wmo, Jeugdwet). We zorgen dat we als professionals met één mond praten en verstevigen zo onze betrouwbaarheid én effectiviteit.
Doelstelling 2022: Door maatwerk, scherpte en integraliteit in onze aanpak voor alle wijken en buurten een tenminste aanvaardbaar en stabiel veiligheids- en leefbaarheidsniveau in stand houden en waar nodig bewerkstelligen. We werken hierbij vanuit een solide informatiepositie en zijn als gemeente zichtbaar, aanspreekbaar en betrouwbaar voor de burger. Beleving leefbaarheid tijdens de coronapandemie Van oktober tot en met december 2020 heeft het inwonersonderzoek Leefbaarheid uitgestaan. Deze vragenlijst is door ruim 2.600 personen ingevuld. In de vragenlijst zijn onder andere vragen gesteld over de veranderingen in leefbaarheid sinds de coronamaatregelen van kracht zijn. Allereerst is respondenten gevraagd of er sinds de start van de coronapandemie iets is verslechterd in de leefbaarheid in hun buurt. Bijna een kwart van de respondenten geeft aan dat dit het geval is. In afbeelding 54 staan de antwoorden die door minimaal 25 respondenten zijn genoemd. Een groot deel van de antwoorden heeft betrekking op sociale contacten. De respondenten geven aan dat zij geen of minder (fysieke) sociale contacten hebben, waaronder ook minder contact met buurtgenoten. Dit contact is vaak minder doordat bijvoorbeeld (buurt)activiteiten niet doorgaan en (lokale) horeca gesloten is. Bij de veelgenoemde antwoorden worden ook verschillende overlastsituaties genoemd.
Zo wordt er bijvoorbeeld meer zwerfvuil ervaren. Zoals mondkapjes, lege blikjes en andere voedselverpakkingen. Dit wordt zowel ervaren op straat in woonwijken als in het buitengebied/natuurgebied. Daarnaast zijn er bij dit punt ook opmerkingen over illegale stort en bijplaatsingen bij ondergrondse containers. Andere overlastproblemen die worden ervaren betreffen hangjeugd, samenscholing, geluidsoverlast, parkeerproblemen, vuurwerkoverlast en te hard rijden. Daarnaast hebben verschillende antwoorden betrekking op maatregelen rondom corona. Zoals de sluiting van verschillende ontmoetingsgelegenheden, zoals horeca en sportscholen, maar bijvoorbeeld ook buurthuizen en de ‘ouderensoos’. Andere mensen geven weer aan er moeite mee te hebben dat niet iedereen zich aan de regels houdt, zoals afstand houden en het dragen
44
van een mondkapje. Anderen geven weer aan veel binnen te blijven, onder andere door het thuiswerken. Dit heeft veel invloed op het sociale leven. Aan de respondenten is ook gevraagd of er sinds maart iets is verbeterd in de leefbaarheid in de buurt. 15 procent van de respondenten geeft aan dat dit het geval is. In afbeelding 55 staan de antwoorden die door minimaal 25 respondenten zijn genoemd. Hierbij wordt regelmatig genoemd dat er meer contact is met buurtgenoten; doordat men meer thuis is door de coronamaatregelen is het contact met buurtgenoten toegenomen. Ook ervaren veel mensen meer saamhorigheid in hun buurt, zoals buren die elkaar helpen. Andere verbeteringen die worden ervaren is minder verkeer(soverlast) en dat het rustiger is op straat. Afbeelding 54: Vanaf maart hebben de coronamaatregelen veel invloed op ons dagelijks leven. Is er sindsdien iets verslechterd in de leefbaarheid in uw buurt? (aantal keer genoemd)
Minder of geen contacten Vies, rommel, afval Gesloten, alles is dicht, horeca dicht, sportscholen dicht Hangjongeren, samenscholing Geluidsoverlast Geen activiteiten Parkeerproblemen Algemeen verslechterd Mensen moeten regels naleven (afstand, mondkapjes) Vuurwerkoverlast Te hard rijden door de straten Binnen blijven 0
50
100
150
Bron: Inwonersonderzoek Leefbaarheid (2020)
Afbeelding 55: Is er sinds maart iets verbeterd in de leefbaarheid in uw buurt? (aantal keer genoemd)
Meer contact Minder verkeer Elkaar helpen Rustiger Meer saamhorigheid 0
50
100
Bron: Inwonersonderzoek Leefbaarheid (2020)
45
150
Wijkveiligheidsplannen In 2019 is de gemeente van start gegaan met het opstellen van wijkveiligheidsplannen. De wijkveiligheidsplannen geven een beeld van hoe het gaat met de veiligheid in wijken, dorpen en buurten in ’s-Hertogenbosch. Door het voeren van gesprekken met inwoners, ondernemers, maatschappelijke organisaties en professionals in wijken en dorpen willen we een meer gedetailleerd beeld krijgen van wat er speelt op het gebied van overlast en criminaliteit in de verschillende wijken en dorpen van onze gemeente en om een zo groot mogelijk draagvlak te creëren. We maken hierbij ook gebruik van beschikbare onderzoeken en –data, waaronder de veiligheidsmonitor. Per wijk of dorp wordt een wijkveiligheidsplan gemaakt. Op basis van de wijkveiligheidsplannen worden per wijk of dorp veiligheidsagenda’s opgesteld. De wijkveiligheidsplannen voor Maaspoort, Empel en Engelen zijn gereed en West is opgestart. In 2020 is de planning gewijzigd in verband met vertraging door de coronapandemie. Verwachting is wel dat alle Wijkveiligheidsplannen binnen de huidige bestuursperiode worden afgerond. ‘Gestelse buurt werkt’ In de Gestelse buurt staan de leefbaarheid en veiligheid onder druk en worden lager beoordeeld dan in de rest van de stad. Ook is er een bovengemiddelde sociale problematiek op het gebied van vooral armoede en jeugdzorg.
Daarnaast gaat woningcorporatie BrabantWonen de komende 10 jaar een zestal sterk verouderde flats slopen en vervangen door nieuwbouw. Om deze verschillende, vaak elkaar versterkende problemen terug te dringen, alsmede de kansen te benutten die sloop-nieuwbouw biedt, is een integrale aanpak nodig. Gemeente, politie, BrabantWonen en Farent hebben daarom de handen ineengeslagen. Samen hebben ze het plan 'Gestelse buurt werkt' gemaakt. Omdat de Gestelse buurt vooral in sociaal opzicht én vanuit openbare orde en veiligheid een zorgenkind is, richt de aanpak van de problematiek zich met prioriteit op de bewoners. Het bieden van perspectief en het bevorderen van zelfredzaamheid en weerbaarheid van bewoners is van essentieel belang in de aanpak. Met betrekking tot het verstevigen van de aanpak van ondermijnende criminaliteit in de wijk willen we de vooraanstaande families (wijkkoningen) aanpakken, gaan we norm overschrijdend gedrag (overlast) aanpakken en zetten we in op schoon ondernemerschap in de winkelstrip en in de buurt. Onze aanpak richt zich vooral op de bewoners ‘achter de voordeur’. Door de gecombineerde en integrale inzet van middelen en instrumenten uit het sociale-, veiligheids- en fysieke domein wint de aanpak aan kracht.
46
4.
Veilig uitgaan en veilige evenementen
Als gemeente hebben we een krachtig uitgaans- en evenementenprofiel. Dit betreft zonder twijfel een belangrijke kwaliteit van onze gemeente. In het veiligheidsbeleid ligt de focus op het bewaken en waar nodig verbeteren van de veiligheidscondities rond uitgaan en evenementen. Zodat we als gemeente en samenleving optimaal en duurzaam kunnen blijven profiteren van deze cruciale economische pijler. Doelstelling 2022: Een zodanige combinatie van procedures en veiligheidschecks en –instrumenten enerzijds en samenwerking met én initiatief van ondernemers anderzijds dat de veiligheid rond uitgaan en evenementen duurzaam beheersbaar zijn. We zorgen ervoor dat veiligheid op het eerste plan blijft staan bij keuzes over uitgaan en evenementen. De coronapandemie heeft veel invloed op het uitgaansleven en evenementen. Van half maart tot 1 juni waren eet- en drinkgelegenheden gesloten. Daarna mochten zij onder voorwaarden weer open. Half oktober viel opnieuw de beslissing om eet- en drinkgelegenheden te sluiten. Discotheken, nachtclubs en vergelijkbare dansgelegenheden zijn sinds half maart niet meer open gegaan. Ook zijn veel evenementen afgelast of aangepast. Dit heeft vanzelfsprekend ook invloed op bijvoorbeeld overlast en criminaliteit in de Binnenstad, zoals uitgaansgeweld. Totaal aantal misdrijven Veruit de meeste misdrijven vinden doorgaans plaats in de Binnenstad.
In de Binnenstad zorgt de concentratie van veel mensen in een relatief klein gebied met uiteenlopende functies, zoals winkels en horeca, voor een hoger incidentenpatroon als het gaat om overlast en criminaliteit. Door de coronapandemie waren er minder bezoekers in de Binnenstad. Dit kwam onder andere door de oproep om zoveel mogelijk thuis te blijven en de (tijdelijke) sluiting van bijvoorbeeld horecagelegenheden en publiek toegankelijke locaties zoals musea, theaters en bioscopen. De daling van het aantal misdrijven in de Binnenstad was dan ook groter dan in voorgaande jaren. In 2020 waren er 17 procent minder misdrijven in de Binnenstad dan in 2019. Gemiddeld in de gemeente nam het aantal misdrijven met 3 procent af (zie afbeelding 56). Afbeelding 56: Aantal misdrijven per 1.000 inwoners, Binnenstad en gemeente ’s-Hertogenbosch
250
Gemeente 218,8
Binnenstad
203,8 176,6
200
178,1 146,3
150 100 50
69,5
64,2
57,6
58,9
57,0
2016
2017
2018
2019
2020
0
Bron: Politie
47
Doel 2022 ê
4.1
Geweldsmisdrijven
In § 3.2.3 werd ingegaan op het aantal geweldsmisdrijven in de gemeente. Doorgaans vindt een relatief groot deel van de geweldsmisdrijven plaats in de Binnenstad. Dit heeft te maken met de concentratie van mensen, vooral op uitgaansavonden en evenementen, waarbij in veel gevallen alcohol en/of drugs in het spel is. Zo bleek uit de monitor veilig uitgaan 2019 dat ongeveer de helft van alle geweldsmisdrijven in het centrum plaatsvindt tijdens uitgaansavonden10. Om de huidige ontwikkelingen van veilig uitgaan en veilige evenementen in beeld te brengen, worden op de volgende pagina de ontwikkelingen van geweldsmisdrijven voor de totale gemeente en voor de Binnenstad gepresenteerd. Hierbij wordt gekeken naar alle dagen van de week; er wordt niet ingezoomd op uitgaansavonden. Openlijke geweldpleging Tussen 2019 en 2020 daalde het aantal openlijke geweldplegingen in de totale gemeente van 90 naar 50 misdrijven. Dit komt neer op 0,3 misdrijven per 1.000 inwoners. In de Binnenstad nam het aantal openlijke geweldplegingen met 31 procent af van 36 naar 25 misdrijven. Dit komt neer op 1,9 misdrijven per 1.000 inwoners (zie afbeelding 57). Mishandeling Het afgelopen jaar daalde het aantal mishandelingen in de gemeente met 21 procent, van 498 naar 391. Dat komt neer op 2,5 mishandelingen per 1.000 inwoners. In de Binnenstad is de afname van 35 procent sterker dan gemiddeld in de gemeente.
Hier neemt het aantal mishandelingen af van 173 naar 113. Dat komt neer op 8,6 mishandelingen per 1.000 inwoners in 2020 (zie afbeelding 58). In § 3.2.3 zijn ook de ontwikkelingen per maand te zien. In afbeelding 49 zien we eerst in het begin van de coronapandemie een afname van het aantal mishandelingen. In maart waren er 61 procent minder mishandelingen en in mei 66 procent minder. Dit valt deels samen met de sluiting van horecagelegenheden van half maart tot 1 juni. Vervolgens is het aantal mishandelingen van juni tot en met oktober vergelijkbaar of iets minder in vergelijking met dezelfde maand in 2019. Vanaf half oktober sluit de horeca opnieuw en zien we weer een daling van het aantal mishandelingen. In november en december waren er 47 procent minder mishandelingen in vergelijking met november en december 2019. Bedreiging Het aantal geregistreerde bedreigingen is tussen 2019 en 2020 met 19 procent toegenomen, van 350 naar 415 bedreigingen. Dat komt neer op 2,7 bedreigingen per 1.000 inwoners in 2020. Ook in de Binnenstad nam het aantal bedreigingen toe. Tussen 2019 en 2020 steeg het aantal bedreigingen met 38 procent, van 4,3 naar 5,9 bedreigingen per 1.000 inwoners (zie afbeelding 59). Ruzie/twist Naast de al eerder besproken geweldsmisdrijven registreert de politie ook nog incidenten van ‘ruzie/twist’.
Dit is geen fysiek geweld, maar betreft bijvoorbeeld scheldpartijen, ruzies en andere conflicten. Gemiddeld in de gemeente nam het aantal incidenten van ruzie/twist tussen 2019 en 2020 met acht procent toe, van 14,5 naar 15,6 incidenten per 1.000 inwoners. Daarentegen zien we dat het aantal incidenten van ruzie/twist in de Binnenstad met 18 procent afneemt in deze periode, van 34,8 naar 28,5 incidenten per 1.000 inwoners (zie afbeelding 60).
10
Bron: Monitor veilig uitgaan 2019. Afdeling Onderzoek & Statistiek ’s-Hertogenbosch (juni 2020)
48
Afbeelding 57: Aantal misdrijven van openlijk geweld per 1.000 inwoners, Binnenstad en gemeente ’s-Hertogenbosch
Gemeente
10
Binnenstad
8 6 3,2
4
2,7
3,1
2,8 1,9
2 0
0,5
0,3
2016
2017
2018
2019
2020
Bron: Politie
Afbeelding 58: Aantal misdrijven van mishandeling per 1.000 inwoners, Binnenstad en gemeente ’s-Hertogenbosch
Gemeente
25 20
Binnenstad
17,5 15,5
14,4
15
13,3 8,6
10 5 0
3,7
3,4
3,2
3,2
2,5
2016
2017
2018
2019
2020
Bron: Politie
Afbeelding 59: Aantal misdrijven van bedreiging per 1.000 inwoners, Binnenstad en gemeente ’s-Hertogenbosch
Gemeente
10 8
6,5
5,8
6
Binnenstad
5,9
5,2 4,3
4 2
2,8
2,4
0 2016
2017
1,9
2,3
2018
2019
Bron: Politie
49
2,7 2020
Afbeelding 60: Aantal incidenten van ruzie/twist per 1.000 inwoners, Binnenstad en gemeente ’s-Hertogenbosch
Gemeente
50 40 30
Binnenstad
34,8
31,2
31,0
13,5
12,6
13,7
14,5
15,6
2016
2017
2018
2019
2020
27,1
28,5
20 10 0
Bron: Politie
Afbeelding 61: Aantal incidenten van drugs/drankoverlast per 1.000 inwoners, Binnenstad en gemeente ’s-Hertogenbosch
25 20
17,0 14,9
Gemeente
Binnenstad
18,6
18,2
4,1
4,2
2019
2020
15,5
15 10 5 0
3,6 2016
3,2 2017
3,3 2018
Bron: Politie
Afbeelding 62: Aantal incidenten van geluidshinder per 1.000 inwoners, Binnenstad en gemeente ’s-Hertogenbosch
Gemeente
50 40 30
26,5
27,4
Binnenstad
31,4 25,1 18,0
20 10
13,3
10,3
11,4
10,6
9,0
2016
2017
2018
2019
0
Bron: Politie
50
2020
4.2
Overlast
Uitgaan en evenementen kunnen gepaard gaan met overlast, zoals luidruchtig uitgaanspubliek, al dan niet onder invloed van alcohol of drugs. In deze paragraaf gaan we in op enkele overlastthema’s die aan uitgaan en evenementen kunnen worden gerelateerd. Om de huidige ontwikkelingen van veilig uitgaan en veilige evenementen in beeld te brengen, worden ook hier weer de ontwikkelingen van incidenten voor de totale gemeente en voor de Binnenstad gepresenteerd. Alcohol- en drugsoverlast Het afgelopen jaar is er weinig veranderd is het aantal geregistreerde incidenten van alcohol- en drugsoverlast. Dit geldt voor zowel de totale gemeente als voor de Binnenstad (zie afbeelding 61). In § 3.1.1 zagen we ook dat er weinig ontwikkelingen zijn van alcohol- en drugsoverlast gedurende de coronapandemie. Wel bleek dat er relatief veel incidenten van alcohol- en drugsoverlast zijn in de Binnenstad (zie afbeelding 22). In de Binnenstad vindt ruim vier keer zoveel alcohol- en drugsoverlast plaats dan gemiddeld in de gemeente. Geluidshinder Overlast en evenementen kunnen gepaard gaan met luidruchtig (uitgaans)publiek. Door de (gedeeltelijke) sluiting van horeca en afgelaste / aangepaste evenementen, zou een afname van het aantal incidenten van geluidshinder verwacht kunnen worden.
Echter, zowel voor de totale gemeente (+49%) als voor de Binnenstad (+75%) zijn er het afgelopen jaar meer incidenten van geluidshinder geregistreerd (zie afbeelding 62). In de Binnenstad zijn in 2020 ruim twee keer zoveel incidenten van geluidshinder geregistreerd als gemiddeld in de gemeente. Bij de meeste incidenten van geluidshinder gaat het om ‘overige’ geluidshinder. Maar de politie registreert ook geluidshinder door horeca en geluidshinder door evenementen. Hierbij zien we wel een afname van het aantal incidenten. Tussen 2019 en 2020 daalde het aantal incidenten van geluidshinder door horeca van 24 naar 18 incidenten, en geluidshinder door evenementen van 14 naar 8 incidenten.
4.3
Maatregelen
Kwaliteitsmeter Veilig Uitgaan De Kwaliteitsmeter Veilig Uitgaan (KVU) helpt de gemeente, politie en horecaondernemers samen de veiligheid in het uitgaansgebied te verbeteren. Een uitgaansgebied met aandacht voor veiligheid komt de werkomgeving van het horecapersoneel en de politie ten goede. De maatregelenmatrix KVU is een meerjarig, dynamisch stramien voor publiek-private inzet op veilig uitgaan. Accenten liggen onder meer op de toepassing van ZSM (Zo snel mogelijksnelrecht), gebiedsontzegging en collectieve horeca-ontzegging. De maatregelenmatrix wordt voortgezet en actueel gehouden. In 2020 heeft vanwege de coronapandemie geen update plaatsgevonden van de maatregelenmatrix. Cameratoezicht In 's-Hertogenbosch zijn meerdere gebieden waar cameratoezicht in het kader van artikel 151c Gemeentewet wordt ingezet. Hieronder vallen de Binnenstad, de buurt Boschveld, voor- en achterplein Centraal Station en de fietstunnel Klokkenlaan A59. Daarnaast bestaat de optie om tijdelijk cameratoezicht in te zetten, waar ook gebruik van gemaakt wordt als dat nodig is om de openbare orde te handhaven. In ieder gebied is de inzet gericht op het handhaven van de openbare orde (denk aan evenementen, demonstraties, bijeenkomsten en horeca/uitgaansgebieden) en daarmee gepaard het voorkomen van strafbare feiten. Per gebied
51
is het maatwerk om onder andere te kunnen beslissen waar, hoe, wanneer en hoe lang de camera's gebruikt worden. De cameratoezichtruimte (CTR) biedt centrale regie op de uitvoering. Hier komen de camerabeelden via een digitale omgeving binnen en worden de beelden bekeken. Door de realisatie van de CTR innoveert de gemeente 's-Hertogenbosch en worden nieuwe technieken centraal en grootschaliger toegepast. Zo worden er bijvoorbeeld bezoekersstromen geteld en kunnen de smart camera's geweld op openbare plaatsen detecteren. Horecakwaliteitskring De Horecakwaliteitskring is een permanent overlegplatform van de gemeente, politie, KHN afdelingen ’s-Hertogenbosch en Rosmalen en bewonersverenigingen BLB en Rosmalen. Binnen de Horecakwaliteitskring is er een subgroep, die zich richt op het toezicht en de aanpak van overlast en geweld in de horeca/tijdens het uitgaan. De subgroep komt in ieder geval samen rondom carnaval, maar ook themagericht zoals op alcohol- en drugsgerelateerd uitgaansgeweld. Vanuit evenementen wordt bekeken of er aanvullende maatregelen nodig zijn rond problematiek als overlast, geweld en drugsgebruik. Politie en gemeente stemmen samen af hoe ze dit onderwerp het beste kunnen aanpakken. Veilige evenementen Bij grootschalige evenementen worden aan de organisatie van evenementen eisen gesteld om de veiligheid van personen en goederen te garanderen.
Deze eisen betreffen onder andere het creëren van vluchtwegen, het reguleren van bezoekersstromen, de bereikbaarheid voor hulpdiensten en de aanwezigheid van EHBO en beveiliging. Aandacht voor crowd management speelt hierbij tegenwoordig een grote rol. De gemeente blijft extra aandacht besteden aan crowd management bij evenementen als carnaval, 11/11, Koningsdag en Bevrijdingsfestival. Het crowd management systeem is voor carnaval uitgebreid en we blijven nieuwe ontwikkelingen monitoren. Er zijn vaste draaiboeken voor grote evenementen als carnaval, Koningsdag en oud op nieuw. Voor locaties waar regelmatig evenementen plaatsvinden is een profiel gemaakt. Deze profielen worden ieder jaar opnieuw vastgesteld en zijn onderdeel van het evenementenbeleid. Aan de hand van dit profiel kunnen organisatoren op voorhand weten wat op deze locatie al dan niet mogelijk is. Ook voor omwonenden en andere belanghebbenden is het duidelijker wat er op een bepaalde locatie mag en wat er niet mag. We zien in de afgelopen jaren een toename van het aantal evenementen in de stad, en met name in de Binnenstad. Vanwege de coronapandemie hebben de evenementen in 2020 grotendeels stil gelegen. In 2021 pakken we de draad zo goed als kan weer op.
52
5.
Problematische jeugd en jeugdgroepen
Jeugd is enerzijds oorzaak, ‘dader’ van onveiligheid, anderzijds slachtoffer. Deze ambivalentie is onontkoombaar en het noodzakelijke kompas van onze aanpak. Aan de ‘daderkant’ zien we overlast en criminaliteit, soms geconcentreerd op specifieke locaties. Groepen kunnen daadwerkelijk intimiderend richting omgeving en professionals zijn. Sommige jongeren ‘groeien door’, komen in aanraking met criminele groepen. Aan de ‘slachtofferkant’ zien we kwetsbaarheid door problematische omstandigheden op school en thuis, mogelijk GGZcomponenten, alcohol- en drugsvraagstukken. Ook sexting en loverboyproblematiek kunnen een rol spelen. Essentie: er is altijd een integrale, groeps- én persoonsgerichte aanpak nodig met zowel preventieve als repressieve componenten, strafrechtelijke én zorgcomponenten. Een aanpak die zich richt op het individu in de groep, maar ook op het individu thuis, op school en werk, bij sport en bij het uitgaan. We hebben deze aanpak deels ‘staan’ maar zijn er nog niet. Doelstelling 2022: Via integrale sets van maatregelen, met zorg en veiligheidscomponenten en zowel persoons- als groepsgericht, in samenwerking met partners en in wisselwerking met ander gemeentelijk beleid, zodanig investeren in problematische jeugd dat ongewenst gedrag ‘duurzaam’ vermindert en de focus meer komt te liggen op perspectief en inclusie.
5.1
Jongerenoverlast
O
In 2022 zijn er maximaal 4,8 incidenten van overlast jeugd per 1.000 inwoners.
Het afgelopen jaar is het aantal incidenten van jongerenoverlast fors gestegen. Tussen 2019 en 2020 steeg het aantal geregistreerde incidenten van 5,5 naar 10,4 incidenten per 1.000 inwoners. Dit is een toename van 91 procent (zie afbeelding 63). In totaal gaat het in 2020 om 1.621 meldingen van overlast jeugd. In de eerste twee maanden van 2020 zijn er nauwelijks verschillen in het aantal incidenten van jongerenoverlast in vergelijking met 2019. Vanaf maart zien we een toename van het aantal incidenten van jongerenoverlast. Vooral in de eerste maanden van de coronapandemie zien we meer incidenten in vergelijking met dezelfde maand in 2019. In de periode maart tot en met juni waren er 182 procent meer incidenten dan in dezelfde periode in 2019. Maar ook daarna vinden nog steeds meer incidenten plaats dan in 2019. Vanaf juli vonden er gemiddeld 60 procent meer incidenten plaats in vergelijking met dezelfde maand in 2019 (zie afbeelding 64). Sinds 16 maart kunnen jongeren (gedeeltelijk) niet naar school. Doordat jongeren meer thuis zijn, zie je ze op sommige plekken meer op straat, bijvoorbeeld om bij te kletsen of voor een potje voetbal. Soms met de nodige overlast en tot ergernis van buurtbewoners. Het gaat echter niet altijd gepaard met ‘echte overlast’.
De politie nuanceert daarom het aantal meldingen van jongerenoverlast en geeft aan dat een deel van de meldingen gaat om het niet houden van 1,5 meter afstand of samenscholen. Ook de inschatting van professionals is dat de stijging van het aantal registraties van jongerenoverlast grotendeels te verklaren is door de coronapandemie. Enerzijds doordat meldingen van het overtreden van coronaregels werden geregistreerd als jongerenoverlast. Anderzijds doordat jeugd meer op straat was dan voor de coronapandemie (bijvoorbeeld door sluiting van scholen en andere voorzieningen). Dit leidt tot meer overlast, maar vindt de oorsprong wel in corona.
53
Afbeelding 63: Aantal incidenten van overlast jeugd per 1.000 inwoners
20 15 10,4 10
6,7
5,9
4,8
5,5
2018
2019
Doel 2022 ê
5 0 2016
2017
2020
Bron: Politie
Afbeelding 64: Aantal incidenten van overlast jeugd per maand
2019
250
2020
200 150 100 50 0 jan
feb
mrt
apr
mei
jun
jul
aug
sep
Bron: Politie
Afbeelding 65: Aantal incidenten van overlast jeugd per 1.000 inwoners per buurt (2020)
Bron: Politie
54
okt
nov
dec
Op een kaart wordt weergegeven in welke mate incidenten van jongerenoverlast plaatsvonden in de verschillende buurten in 2020 (zie afbeelding 65). Met blauwe en oranje kleuren wordt aangegeven of een buurt gunstig of ongunstig scoort. In de buurten Vlietdijk, Empel oost, de Reit, de Hambaken, de Sprookjesbuurt, Abdijenbuurt en Lokeren werden het afgelopen jaar minimaal 20 incidenten van jongerenoverlast per 1.000 inwoners geregistreerd.
5.2
Aanpak jongerenoverlast
Het jaar 2020 stond vooral in het teken van de coronapandemie. We hebben ons met name bezig gehouden met het contact behouden met jongeren. Enerzijds omdat er zorgen zijn over hun mentale en sociale gezondheid. Anderzijds omdat ze de coronamaatregelen niet altijd goed in acht nemen. Dit leverde een intensivering op in de samenwerking met alle professionals op straat. Er was een goede afstemming nodig tussen het preventieve gesprek en handhaven. Door deze intensivering in de samenwerking is het vertrouwen tussen het preventieve en repressieve veld gegroeid. Dit geeft een mooie boost om verder te werken aan de integrale aanpak van jeugdoverlast. De integrale aanpak van jeugdoverlast en –criminaliteit wordt doorontwikkeld op basis van het landelijke 7-stappenmodel (zie afbeelding 66). We leggen de accenten op de balans tussen ‘zorg, veiligheid en participatie’, aanhaking Teams Toegang & Regie in verband met persoonsgerichte aanpak/individuele problematiek en het betrekken van maatschappelijke partners en in het bijzonder ouders. Afbeelding 66: 7 stappenmodel aanpak problematische jeugdgroepen en groepsgedrag
Straatcoaches Sinds 2010 zet de gemeente straatcoaches in. De straatcoach houdt toezicht en is speciaal bedoeld om jongeren aan te spreken op hun (ontoelaatbare) gedrag. Straatcoaches hebben geen speciale bevoegdheden, maar opereren op basis van hun uitstraling, natuurlijk gezag en sociale vaardigheden. De straatcoaches kennen de jongerencultuur, spreken straattaal en durven (groepen) jongeren die zich intimiderend gedragen aan te spreken en aan te pakken. Ze werken in koppels en werken ook in de avonduren. De straatcoaches worden informatie gestuurd ingezet in de hele gemeente.
55
PowerUp073 PowerUp073 is een netwerkorganisatie die Bossche jongeren uitdaagt om het beste uit zichzelf te halen. Vier jongerenwijkteams met jongerenwerkers, sportwerkers en JPP jeugdpreventiewerkers (Farent) zetten zich in voor talentontwikkeling, jongerenparticipatie en individuele begeleiding in de gebieden Noord, Zuid-Oost, West en Rosmalen-Nuland-Vinkel. PowerUp073 focust zich niet alleen op jongeren, maar ook op het versterken van de kracht van de ouders en de sociale omgeving. De focus van PowerUp073 ligt op het stimuleren en activeren van de jeugd en signaleren en doorgeleiden van overlastsituaties en individuele problematiek. Jongerentafels en stedelijke tafel In 2020 zijn er twee van de vier jongerentafels in gericht en een stedelijke tafel. Er is begonnen met de wijken waar de meeste overlast plaatsvindt, West en Noord. Zuid, Oost en de stedelijke tafel volgen in 2021. Onder regie van de beleidsverantwoordelijke vanuit OOV wordt lokale jongerenproblematiek besproken met partners als politie, stadstoezicht, straatcoaches en power-up073. Het doel is om op tactisch en operationeel niveau de lokale jeugdproblematiek aan te pakken en samen op te trekken. De politie heeft in iedere wijk jeugdagenten aangesteld en THOR is bezig met het aanstellen van jeugdboa's. De lijnen zijn kort zodat de samenwerking optimaal verloopt.
Daar waar nodig schalen we op naar de Driehoek voor bestuurlijke commitment vanuit gemeente, OM en politie. Overkoepelende thema's zoals alcohol- en drugsgebruik of het aanpakken van wapenbezit onder jongeren schalen we op naar de stedelijke tafel.
56
6.
Ondermijning
Fenomenen als drugsproductie en –handel, fraude en witwassen, mensenhandel, cybercrime, gaan óók aan ’s-Hertogenbosch niet voorbij. De precieze aard en omvang zijn, zoals gebruikelijk bij deze fenomenen, niet goed vast te stellen. Er zijn fijnmazige, diffuse verbindingen met de lokale samenleving en economie. Georganiseerde criminaliteit werkt ondermijnend als de werking van overheidsinstrumenten erdoor aangetast wordt, de integriteit en veiligheid van publieke taken onder druk staan en de democratische rechtsorde in het geding is. We hebben in afgelopen jaren al belangrijke stappen gezet om de ondermijnende criminaliteit aan te pakken, de speelruimte te ontnemen. Vervolgstappen zijn echter nodig. We kunnen de activiteiten en invloed van criminele netwerken nog effectiever ontregelen. We blijven werken volgens de systematiek van de Taskforce Brabant-Zeeland. Doelstelling 2022: Via consequente inzet van de bestuurlijke instrumenten, in samenwerking met onze partners de speelruimte en invloed van criminele netwerken/fenomenen verder verkleinen. We zijn bestuurlijk weerbaar en ondersteunen maatschappelijke weerbaarheid. Gezamenlijk werpen we een dam op tegen de criminele industrie.11 Ondermijning In 2020 is ondermijning verder aangepakt door de ‘Lokale Stuurtafel Ondermijning’ (gemeente, politie, OM en belastingdienst).
De verschillende partners bereiden op ambtelijk niveau samen met het RIEC-dossiers voor. Aan de hand van de voorbereide dossiers wordt de prioriteit binnen de Lokale Stuurgroep Ondermijning (LSO) bepaald. In 2020 zijn er 10 casussen in behandeling geweest, waarvan er 5 succesvol zijn afgerond. Iedere casus heeft een projectleider die, samen met de basisteam programmaleider, sturing geeft aan de casus. De Lokale Stuurtafel fungeert als bestuurlijk opdrachtgever. Het ambtelijk ondermijningsteam (AVO) vergadert eens per twee weken. Binnen het AVO van het basisteam 's-Hertogenbosch werd in 2020 ook gewerkt conform de 'fastlane' aanpak. Via deze aanpak zorgt de politie dat men specifiek rechercheert op strafbare feiten met een ondermijnend effect en/of het gericht verstoren van strafbare feiten waarbij subjecten uit ’s-Hertogenbosch betrokken zijn (dus ook buiten het basisteam). Hierdoor kan in het AVO, waar de lijnen kort zijn, sneller overgegaan worden tot integrale actie. Deze acties hebben tot gevolg het verstoren van ondermijnende activiteiten middels strafrechtelijke-, bestuursrechtelijke- en fiscale interventies. Hierdoor is onder andere voorkomen dat crimineel verkregen geld terugstroomt naar ’s-Hertogenbosch. Een bijkomende winst is dat de fastlane aanpak ook leidt tot meer en betere signalen. De politie acteert snel en kijkt vervolgens of er integrale kansen zijn.
In 2020 zijn er vanuit het AVO 147 integrale controles uitgevoerd. De aard en omvang van de acties verschilt sterk van elkaar. Een mooi aantal acties dat voor een groot deel te relateren is aan de gekozen fastlane aanpak en het organiseren van acties naast bestaande RIECcasuïstiek. Vanwege de coronapandemie hebben acties in het begin van 2020 tijdelijk stilgelegen. Gelukkig zijn door aanpassingen (minder mensen per controle) de controles in de maanden daarna hervat, uiteraard conform de geldende coronamaatregelen.
11
Goede kwantitatieve indicatoren voor het meten van de effecten van onze aanpak ontbreken bij dit thema. We evalueren onze resultaten vooral kwalitatief, aan de hand van onder meer de ondermijningsbeelden van het RIEC.
57
Afbeelding 67: Inzet en opbrengst ondermijning
Begin december 2020 is het ondermijningsartikel toegepast op de winkelstip aan de Churchilllaan als onderdeel van een brede aanpak ter verbetering van de leefbaarheid en veiligheid hier. Met de toepassing van het artikel geldt een vergunningplicht op grond van de APV voor alle bedrijven die normaal gesproken geen vergunning nodig zouden hebben. Hiermee versterken we de aanpak van ondermijning en stimuleren we een gezond ondernemersklimaat. Drugsbezit en -handel Het aantal geregistreerde misdrijven van drugsbezit/-handel steeg tussen 2016 en 2019 van 92 naar 192 misdrijven. Vervolgens nam het aantal misdrijven af naar 155 in 2020. Dit is een afname van 19 procent (zie afbeelding 68). De afname komt vooral door een afname van bezit van harddrugs. In andere jaren worden hier bijvoorbeeld relatief veel misdrijven van geregistreerd tijdens Masters of Hardcore. Dit evenement vindt doorgaans in maart plaats in de Brabanthallen in het Veemarktkwartier. In maart 2019 werden er 24 misdrijven van drugsbezit geregistreerd in deze buurt. Door de coronapandemie is Masters of Hardcore in 2020 niet doorgegaan. Dit effect is terug te zien bij de ontwikkelingen per maand (zie afbeelding 69). Afbeelding 68: Aantal misdrijven van drugsbezit/-handel
500 400 300 192 200 92
121
125
2017
2018
155
100 0 2016
2019
2020
Bron: Politie
Afbeelding 69: Aantal misdrijven van drugsbezit/-handel per maand
2019
50
2020
40 30 20 10 0 jan
feb
mrt
apr
mei
jun
jul
Bron: Politie
58
aug
sep
okt
nov
dec
De gemeente past het Damocles-beleid toe. Volgens artikel 13b van de Opiumwet heeft de burgemeester voor de handhaving van de handel in drugs in panden de mogelijkheid bestuursdwang toe te passen. In de praktijk is dit feitelijk sluiting van een pand. Het gaat in dit geval om het aantreffen van verdovende middelen uit Lijst 1 en 2 Opiumwet. Het doel hiervan is om drugshandel en –productie te stoppen en de openbare orde te herstellen. In 2020 zijn 20 woningen gesloten en 4 maal werd volstaan met een waarschuwing wegens omstandigheden. In 1 woning werd harddrugs en softdrugs aangetroffen. In 3 woningen werden er materialen aangetroffen ter voorbereiding van een hennepkwekerij. In de overige 16 woningen werd alleen hennep aangetroffen. De sluitingen en waarschuwingen geschiedde conform het Damoclesbeleid. Bibob De Wet Bibob is een (preventief) bestuursrechtelijk instrument. Als er een ernstig gevaar dreigt dat bijvoorbeeld een vergunning wordt misbruikt, kan het bevoegde bestuursorgaan de aanvraag weigeren of de afgegeven vergunning intrekken. Zo wordt voorkomen dat de overheid criminele activiteiten faciliteert en wordt bovendien de concurrentiepositie van bonafide ondernemers beschermd. Om de mate van gevaar te bepalen, kan het bestuursorgaan een advies aanvragen bij het Bureau Bibob. In 2020 zijn er gemeentelijk 46 Bibob-toetsen uitgevoerd.
Dit waren er minder dan in andere jaren aangezien door de coronapandemie er minder aanvragen waren voor horecavergunningen en doordat capaciteit anders is ingezet vanwege de pandemie. In januari 2019 is het gehele Bibob-beleid herzien op het gebied van alle vergunningen voor onder andere bouwen, milieu, horeca, prostitutie en evenementen. Ook is beleid ontwikkeld op het gebied van vastgoed en aanbestedingen. Het Bibob-beleid rondom subsidies is in het tweede kwartaal van 2019 vastgesteld. Horizontale fraude Horizontale fraude is een fraudevorm die is gericht tegen burgers, bedrijven en financiële instellingen. Denk hierbij aan fraude met betaalproducten of online handel, identiteitsfraude of online oplichting via WhatsApp. Het aantal misdrijven van horizontale fraude neemt sinds 2018 toe. Tussen 2019 en 2020 nam het aantal misdrijven met 50 procent toe, van 832 naar 1.221 misdrijven. Dit komt neer op 8,1 misdrijven per 1.000 inwoners in 2020 (zie afbeelding 70). In de eerste twee maanden van 2020 zijn er slechts kleine verschillen in het aantal misdrijven van horizontale fraude in vergelijking met 2019. Vanaf maart zien we een toename van het aantal misdrijven. Vooral in de eerste maanden waren er meer misdrijven in vergelijking met dezelfde maanden in 2019. In april en mei waren er 143 procent meer misdrijven dan in april en mei 2019 (zie afbeelding 71).
Op een kaart wordt weergegeven in welke mate misdrijven van horizontale fraude plaatsvinden in de verschillende buurten in 2020 (zie afbeelding 72). Met blauwe en oranje kleuren wordt aangegeven of een buurt gunstig of ongunstig scoort. In de buurten Binnenstad centrum, Binnenstad oost, Vughterpoort, de Bossche Pad, Orthenpoort, Vlietdijk, de Hambaken en Willemspoort werden het afgelopen jaar minimaal 12 misdrijven van horizontale fraude per 1.000 inwoners geregistreerd.
59
Afbeelding 70: Aantal misdrijven van horizontale fraude per 1.000 inwoners
10 8,1 8 5,4
6 4,1
3,9
3,8
2016
2017
2018
4 2 0 2019
2020
Bron: Politie
Afbeelding 71: Aantal misdrijven van horizontale fraude per maand
2019
150
2020
125 100 75 50 25 0 jan
feb
mrt
apr
mei
jun
jul
aug
sep
Bron: Politie
Afbeelding 72: Aantal misdrijven van horizontale fraude per 1.000 inwoners per buurt (2020)
Bron: Politie
60
okt
nov
dec
Cybercrime Ook het aantal misdrijven van cybercrime is het afgelopen jaar sterk gestegen. In 2019 waren er 21 misdrijven van cybercrime in de gemeente, dit is gestegen naar 87 misdrijven in 2020 (zie afbeelding 73). Ook landelijk blijkt er een sterke toename van het aantal cybercrime delicten te zijn. Afbeelding 73: Aantal misdrijven van cybercrime
100 84
80 60 40 20
13
21
21
2018
2019
9
0 2016
2017
2020
Bron: Politie
In het Regionaal Veiligheidsplan (RVP) is cybercrime een geprioriteerd thema. De focus ligt op: Het vergroten van kennis en kunde bij politie, Openbaar Ministerie en gemeenten ten aanzien van cybercrime en informatieveiligheid; · Het vergroten van de bewustwording, kennis en weerbaarheid bij burgers (met een extra focus op kwetsbare doelgroepen als jongeren en ouderen) en bedrijven; · Het verbeteren van de informatiepositie van gemeenten, politie en OM (intelligence); · Het versterken van de informatieveiligheid. Om dit te bereiken wordt ingezet op het voorlichten van burgers, bedrijven en eigen organisaties, worden nieuwe publiek-private samenwerkingsverbanden aangegaan en worden gezamenlijke instrumenten op het gebied van informatieveiligheid en informatie-uitwisseling ontwikkeld. De bestuurlijke werkgroep cyber neemt de uitvoering ter hand. Het regionale Platform veilig ondernemen heeft hierin een ondersteunende rol.
61
7.
Overige strategische thema’s
Naast de prioriteiten hebben we zeven overige strategische veiligheidsthema’s benoemd. Op deze thema’s willen we consolideren ofwel het veiligheidsniveau vasthouden en de lopende aanpak voortzetten.
7.1
Veilig winkelgebied, veilige bedrijventerreinen
Winkelgebieden en bedrijventerreinen zijn belangrijk voor onze gemeente. Maar dit gaat ook gepaard met bepaalde vormen van onveiligheid. Hierbij kan het gaan om het veiligheidsgevoel van winkelend publiek en ondernemers. Maar ook om het concreet plaatsvinden van delicten, zoals zakkenrollen, winkeldiefstal en bedrijfsinbraken. Zakkenrollen Het aantal misdrijven van zakkenrollen neemt al enkele jaren op rij af. Ook het afgelopen jaar daalde het aantal voorvallen met 34 procent; dit is een sterkere afname dan het jaar ervoor. In totaal werden er in 2020 110 misdrijven van zakkenrollen geregistreerd (zie afbeelding 74). Als we kijken naar de ontwikkelingen per maand, dan zien we een piek in februari. Toen vonden er relatief veel incidenten van zakkenrollen plaats tijdens carnaval. Dit waren meer incidenten dan tijdens carnaval een jaar eerder (maart 2019), maar weer minder dan tijdens carnaval in 2018. In de beginperiode van de coronapandemie zien we een afname van het aantal misdrijven van zakkenrollen. In de periode juli tot en met oktober was het aantal misdrijven redelijk vergelijkbaar met dezelfde periode in 2019. In november en december waren er weer minder incidenten dan een jaar eerder. Het lijkt erop dat er minder misdrijven waren van zakkenrollen in de maanden dat er strengere maatregelen golden voor het terugdringen van de coronapandemie (zie afbeelding 75).
Het afgelopen jaar vond ruim zeventig procent van de misdrijven plaats in de Binnenstad van de gemeente. Volgens de politie was er in 2020 relatief veel zakkenrollerij op zondagmiddag en avond, veroorzaakt door zakkenrollers op carnavalszondag. Verder was er geen sprake van ‘hottimes’, maar van veel spreiding door de week. Winkeldiefstal Het aantal geregistreerde winkeldiefstallen is tussen 2019 en 2020 met 10 procent afgenomen naar 373 diefstallen (zie afbeelding 76). Als we kijken naar de ontwikkeling van het afgelopen jaar, dan zien we eerst een afname van het aantal winkeldiefstallen in het begin van de coronapandemie. In maart en april waren er 66 procent minder winkeldiefstallen dan in dezelfde maanden in 2019. Vervolgens is het aantal winkeldiefstallen vergelijkbaar met of iets hoger dan dezelfde maand een jaar eerder (zie afbeelding 77). Ongeveer de helft van de winkeldiefstallen vindt plaats in de Binnenstad. De overige winkeldiefstallen vinden voornamelijk plaats in buurten met grote winkelcentra/-gebieden, zoals Graafsebuurt noord, Orthenpoort en de Schutskamp. Er zijn de afgelopen jaren diverse maatregelen ingezet om het aantal winkeldiefstallen terug te dringen. Zo is de ‘Collectieve Winkel Ontzegging’ ingevoerd om personen te kunnen weren die strafbare feiten hebben gepleegd of zich niet houden aan de huisregels.