CConstaterende dat's-Hertogenbosch
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 - Ontwikkelkader Bloemenkampkwartier inclusief bijlagen

Gemeenteraad 1 april 2025, gemeente 's-HertogenboschBij agendapunt: Ontwikkelkader Bloemenkampkwartier26.761 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

Afbeelding 5.11 Het dek verbindt belangrijke plekken in het Bloemenkampkwartier en omgeving

ONTWIKKELKADER BLOEMENKAMPKWARTIER

42

De pleinen, routes en ontmoetingsplekken worden begeleid door de nieuwbouw. De begane grond sluit direct aan op het dek en de overige openbare ruimte. Dit is niet alleen goed voor de toegankelijkheid maar ook voor de beleving van het gebied. De voorgevels zijn gericht op de openbare ruimte en hebben veel voordeuren en ramen. Er is goed zicht vanuit de woningen op de openbare ruimte, zowel vanaf de begane grond als vanaf de hoger gelegen verdiepingen. De sociale veiligheid wordt sterk verbeterd. Daarbij is er ook aandacht voor de parkeerruimte onder het dek.

Afbeelding 5.12 Meer voordeuren en zicht op de openbare ruimte

Een plek voor de buurt We verbinden niet alleen plekken maar ook mensen, en stimuleren ontmoeting en samenleven. Dit draagt bij aan een fijn woon- en leefklimaat en sociale veiligheid. De nieuwe pleinen en routes hebben hierbij een belangrijke functie. Hier loop je de woonbuurt in en ontmoet je je buurtbewoners. Naast de openbare pleinen en routes komen ook beschuttere plekken die meer gericht zijn op de verblijfskwaliteit van de bewoners. Op het nieuwe dek, tussen de woningen aan de buitenrand en de nieuwbouw ‘de Stoel’, komt een binnenhof. Er is ruimte voor ontmoetingsplekken, speelplekken en/of een gemeenschappelijke tuin maar ook voortuintjes en bankjes. Bij de kleinere bouwvelden komen besloten binnentuinen.

ONTWIKKELKADER BLOEMENKAMPKWARTIER

Afbeelding 5.13 De openbare ruimte wordt begeleid door de nieuwbouw (copywright Jeroen Musch)

43

Elke plek een eigen sfeer en karakter Het dwaalgebied van de Bossche binnenstad kenmerkt zich door heel verschillende pleinen, routes en ontmoetingsplekken die met elkaar zijn verbonden. Dit willen we doorzetten in het Bloemenkampkwartier. Elke plek heeft een eigen sfeer en karakter. Je wordt verrast wat je tegenkomt: van publieke ruimtes met een gezellige drukte, plekken met weelderig groen of verblijfsplekken die meer zijn gericht op de bewoners. De inrichting van de openbare ruimte en de aangrenzende bebouwing maken duidelijk wat voor soort plek het is, hierdoor voel je je verbonden met deze plek. We zorgen voor prettige, sociaal veilige plekken.

Afbeelding 5.14 Visiekaart Samenleven

Centrale plein Op het centrale plein komen alle langzaam verkeersroutes in het Bloemenkamp samen. Dit wordt het hart van de woonbuurt. Hier is het meeste reuring: bewoners, werkers en bezoekers komen elkaar hier tegen. Het wordt een prettige plek om elkaar te ontmoeten, in het voorbijgaan, op een bankje of in de nieuwe ontmoetingsruimte. In de plinten langs het plein (de begane grond van de woonblokken) is ruimte voor niet-woonfuncties.

ONTWIKKELKADER BLOEMENKAMPKWARTIER

44

Het nieuwe Carolushof Het nieuwe dek en de nieuwbouw van ‘de Stoel’ zorgen voor een intiem nieuw Carolushof. Door de voordeuren, voortuintjes, speel- en verblijfsplekken of een gemeenschappelijke tuin kom je je buren vaak tegen en leer je ook andere buurtbewoners kennen. Ook bezoekers zijn welkom. Het binnenhof heeft veel groen en verblijfskwaliteit. De bestaande waardevolle bomen worden zoveel mogelijk behouden, het dek gaat om de bomen heen.

Afbeelding 5.15 Schets centrale plein

Tuinplein Tussen de nieuwbouw op de locatie Zusterflat en de Mathildastraat staan een aantal prachtige bomen. Deze bomen zijn de inspiratie voor het tuinplein, een lusthof met veel beplanting op het plein maar ook tegen en op de aangrenzende bebouwing. Een prettige plek om buiten te lunchen of even de koelte op te zoeken op een warme zomerdag.

ONTWIKKELKADER BLOEMENKAMPKWARTIER

Afbeelding 5.16 Sfeerbeeld Carolushof

45

Binnentuinen De drie overige bouwvelden krijgen elk een binnen­tuin dat volledig is gericht op de bewoners van de aangrenzende woningen. De binnentuinen zijn gemeenschappelijke buitenruimtes met veel rust, groen en verblijfskwaliteit. De inrichting van elke plek wordt afgestemd op de behoeftes van de bewoners: een gemeenschappelijke tuin, jeu de boulesbaan, een fijne plek om een boek te lezen of elkaar te ontmoeten, het kan allemaal.

de Tolbrugstraat wil BrabantWonen hun nieuwe kantoor inpassen. De huurders van BrabantWonen kunnen hier terecht met vragen en de beheerders van het Bloemenkampkwartier krijgen hier een plek. Ook in het binnengebied is ruimte voor kleinschalige functies die ontmoeting, samenleven en levendigheid versterken, waaronder een nieuwe ontmoetingsruimte voor de buurt. Het Tolhuis aan Mathildastraat wordt gesloopt en er is behoefte aan een fijne, nieuwe plek. Op een strategische plek, ter versterking van het centrale plein of langs een belangrijke route, is kleinschalige horeca toegestaan. De horeca moet passen in de woonfunctie, moet ontmoeting tussen bewoners stimuleren en moet onderscheidend en aanvullend zijn op het huidige aanbod in de binnenstad. Het Bloemenkampkwartier is geen uitbreiding van het winkelhart van ‘s-Hertogenbosch, extra detailhandel is uitgesloten. Een eventuele uitruil van detailhandel uit de directe omgeving is voorstelbaar, dat kan in de toekomst mogelijk verder worden uitgewerkt. Omdat de nieuwbouw in het Bloemenkampkwartier niet in een keer wordt gebouwd, is er binnen het plan ruimte voor tijdelijke voorzieningen en placemaking, passend in deze stedelijke woonbuurt. Deze tijdelijke functies kunnen worden ingepast in bestaande bebouwing, in de nieuwbouw of in tijdelijke bebouwing.

Afbeelding 5.17 In de kleinere bouwvelden komen rustige, groene binnentuinen

Meer dan wonen Op belangrijke plekken in de openbare ruimte passen we ook andere functies in dan wonen. Hierdoor verweven we de woonbuurt beter met de rest van de binnenstad en wordt het dwaalgebied versterkt. Op de locatie Zusterflat, langs

ONTWIKKELKADER BLOEMENKAMPKWARTIER

46

Afbeelding 5.18 Schets routes, pleinen en plekken

Routes, pleinen en plekken • Het Bloemenkampkwartier wordt onderdeel van het stedelijk weefsel van de binnenstad, door het inpassen van logische, prettig ingerichte pleinen, ontmoetingsplekken en langzaam verkeersroutes (zie visiekaart). • In het plangebied komen minimaal twee pleinen: een centraal gelegen plein waar de langzaam verkeersroutes met de omgeving samenkomen en een plein op de locatie Zusterflat. • In elk bouwveld wordt minimaal één gezamenlijke buitenplek met verblijfskwaliteit ingepast, zoals een binnentuin of binnenhof. • De inrichting van de openbare ruimte wordt afgestemd op de gewenste sfeer en het karakter van de betreffende plek (zie beschrijving onder ‘Elke plek een eigen sfeer en karakter’’). • De toekomstige openbare ruimte in het binnengebied sluit qua maaiveldhoogte goed aan op de buitenranden van het plangebied. De bestaande hoogteverschillen blijven echter zichtbaar op meerdere plekken in het gebied.

ONTWIKKELKADER BLOEMENKAMPKWARTIER

47

Meer zicht, meer veiligheid • De pleinen, ontmoetingsplekken en routes begeleid door voorgevels met zoveel mogelijk voordeuren en entrees. • Vanuit de woningen en de plintfuncties is er goed zicht op de openbare ruimte en de gezamenlijke binnenhoven/tuinen. Gesloten gevels of dichtgeplakte plinten worden voorkomen. • De begane grond van de nieuwbouw sluit aan op het maaiveldniveau van de aangrenzende openbare ruimte. Souterrains of halfverdiepte garages worden zoveel mogelijk voorkomen. • De openbare ruimte wordt sociaal veilig ingericht en is goed toegankelijk voor mindervaliden.

ONTWIKKELKADER BLOEMENKAMPKWARTIER

Functies in de plinten • Op de locatie Zusterflat mag maximaal 1.200 m² bruto vloeroppervlak (BVO) kantoor worden ingepast, waarvan minimaal 500 m² op de begane grond en de rest eventueel op de verdieping (zie visiekaart). Maximaal 300 m² (van de totaal 1.200 m²) mag ook ingezet voor (andere) niet-woonfuncties dan kantoor. • In het binnengebied mag maximaal 350 m² BVO niet-woonfuncties worden ingepast, in de plinten langs bijzondere plekken in de openbare ruimte (zie visiekaart). • In het plangebied komt (minimaal) één ontmoetingsruimte voor de buurt. • De volgende niet-woonfuncties zijn toegestaan: – Maatschappelijke voorzieningen en dienstver­lening; – Lichte bedrijvigheid en kleinschalige werkplekken; – Kleinschalige sportfuncties; – Kleinschalige horeca categorie 2 en 3: totaal maximaal 140 m2 BVO; – Onderwijs. • Binnen het plangebied worden geen extra m2 detailhandel toegevoegd. • Binnen het hele plangebied is ruimte voor tijdelijke voorzieningen en placemaking, passend in de stedelijke woonbuurt Bloemenkampkwartier. Daarbij zijn de bovenstaande niet-woonfuncties toegestaan.

48

Een leefbare en bereikbare woonbuurt Ambities op het gebied van mobiliteit Het Bloemenkampkwartier ligt op steenworp afstand van de Markt. Winkels, horeca, culturele en maatschappelijke voorzieningen liggen op loop- en fietsafstand, en het gebied is goed bereikbaar met het openbaar vervoer. We zetten dan ook volop in op de ambities die we in de Brede Binnenstad nastreven: we maken het gebied aantrekkelijk, groen en bereikbaar. Bij de aanpak van de mobiliteit hanteren we het STOMP-principe: We geven voorrang aan Stappen en Trappen, daarna Openbaar vervoer, Mobility as a service en ten slotte de Personenauto. De openbare ruimte wordt zorgvuldig vormgegeven met veel ruimte voor verblijven, groen, lopen en fiets. Tegelijkertijd wordt een passende autobereikbaarheid met geconcentreerde parkeervoorzieningen gegarandeerd. Autoverkeer naar de binnenstad wordt zoveel mogelijk via de Zuid-Willemsvaart afgewikkeld. Dit past in de visie Leefbare, gastvrije en bereikbare Brede Binnenstad - Verkeersstructuur 2030.

Afbeelding 5.19 Visiekaart Plinten

Afbeelding 5.20 Duurzame mobiliteit wordt gestimuleerd

We stellen voetgangers en fietsers centraal De inrichting van de openbare ruimte is vooral gericht op voetgangers en fietsers. Het gebied is goed toegankelijk voor langzaam verkeer. Vanuit vrijwel alle richtingen kun je tot de voordeur van je woning komen, en vanuit je woning ben je snel bij de voorzieningen in de buurt. Dichtbij de woningen en de andere functies in het gebied komen voldoende goede stallingsplekken en laadpunten voor de fiets. ONTWIKKELKADER BLOEMENKAMPKWARTIER

49

Daarbij wordt het gemeentelijk parkeerbeleid toegepast. Vooral in het binnengebied is de auto straks niet of nauwelijks meer in beeld, die verdwijnt onder het dek. In de rest van het gebied is de auto te allen tijde te gast. De beleving en vooral het woon- en leefklimaat van het Bloemenkampkwartier is leidend. Ook in de omliggende straten is straks meer ruimte voor langzaam verkeer. Dat wordt vooral zichtbaar in de Tolbrugstraat.

Afbeelding 5.21 De voetganger en fietser staat centraal

ONTWIKKELKADER BLOEMENKAMPKWARTIER

Autoverkeer naar de Zuid-Willemsvaart De Tolbrugstraat wordt ingericht tot een straat waar groen, lopen en fietsen de prioriteit heeft boven het autoverkeer. De bestaande in- en uitritten van de openbare parkeergarage Arena verplaatsen we naar de Zuid-Willemsvaart en komt onder de nieuwbouw op de locatie Zusterflat. Het wordt gecombineerd met de entree naar de stallingsgarage voor de bewoners en werkers van de nieuwbouw en wordt voldoende breed om al het verkeer te kunnen opvangen. We zien erop toe dat er een verbetering in de doorstroom naar de parkeergarage Arena plaatsvindt. Dit doen we door een maximale opstelruimte te maken voor zowel de openbare parkeergarage Arena als de stallingsgarage van de Zusterflat. Door de toegangspoortjes zoveel mogelijk naar binnen te verplaatsen kunnen we de hellingbaan naar de parkeergarage inzetten voor een mogelijke wachtrij aan auto’s. Het wachtend verkeer wordt hiermee als het ware naar binnen getrokken in plaats van dat het op de Zuid-Willemsvaart staat. Ook zetten we in op een zo efficiënt mogelijk systeem van toegang/uitgang verlenen. Dit willen we doen door het realiseren van drie poortjes aan het einde van de hellingbaan, waarvan de middelste flexibel kan worden ingezet op de richting (in dan wel uit de parkeergarage) waar het op dat moment het drukste is.

Daarbij zien we veel ontwikkelingen op het gebied van systemen die steeds efficiënter toegang/uitgang verlenen tot parkeergarages De entree tot de Tolbrugstraat, en daarmee dit stukje binnenstad, wordt op termijn geregeld met een Selectief Toegang Systeem, waarbij niet iedereen op elk moment van de dag met elk voertuig hierin kan rijden. De Tolbrugstraat wordt een groene loper naar het Zuid-Willemspark. Ook de Pastoor de Kroonstraat krijgt meer kwaliteit door het noordelijk deel van de Pastoor de Kroonstraat in te richten als autoluw, en bij voorkeur autovrij parkje. De autotoegang naar het parkeerterrein bij Carolushof verplaatsen we van de Pastoor de Kroonstraat naar de ZuidWillemsvaart. De omgeving blijft bereikbaar met de auto via het zuidelijk deel van de Pastoor de Kroonstraat en de Sint Geertruikerkhof.

50

bied. Dit wordt een gezamenlijke parkeervoorziening voor de bewoners van het Bloemenkampkwartier en vergunninghouders. Indien wenselijk passen we hier ook de particuliere parkeerplekken in. Het bestaande parkeerdek waarop deze particuliere parkeerplaatsen zijn gesitueerd, wordt tijdens de ontwikkeling van Fase 4 gesloopt. Voor een nadere toelichting op de parkeersituatie wordt verwezen naar bijlage 3: Memo parkeren Bloemenkampkwartier.

Afbeelding 5.22 Visiekaart Mobiliteit

Dubbelgebruik van parkeerplaatsen In het Bloemenkampkwartier wordt het heel verleidelijk om geen eigen auto meer te bezitten. De fiets staat immers dicht bij de voordeur en het station en bushaltes liggen op loopafstand. De benodigde autoparkeerplaatsen passen we zo efficiënt mogelijk in, door dubbelgebruik van parkeerplaatsen en aanbod van deelmobiliteit. Op de locatie Zusterflat komt een ondergrondse stallingsgarage voor de bewoners en werkers van de nieuwbouw. De parkeercapaciteit is voldoende groot om een (klein) deel van de parkeerbehoefte van de aangrenzende nieuwbouw op te lossen. De parkeerbehoefte van de overige nieuwbouw in het Bloemenkampkwartier wordt opgelost onder het nieuwe dek in het binnenge-

ONTWIKKELKADER BLOEMENKAMPKWARTIER

51

Een leefbare binnenstad In het plangebied zijn nu veel gereguleerde parkeerplaatsen. Het grootste deel daarvan ligt in het Carolushof: totaal circa 80 vergunning-parkeerplaatsen en, onder het bestaande parkeerdek, circa 35 betaalde openbare parkeerplaatsen. In de Pastoor de Kroonstraat zijn 10 betaalde openbare parkeerplaatsen plus 4 vergunning-parkeerplaatsen, waarvan 1 parkeerplaats voor een deelauto. Tot slot zijn er in de Tolbrugstraat 4 gehandicaptenparkeerplaatsen. Vanuit sociale veiligheid heeft het de voorkeur om de gezamenlijke parkeervoorziening onder het nieuwe dek af te sluiten voor bezoekers en onbevoegden. Alleen bewoners en werkers van het Bloemenkampkwartier en vergunningshouders krijgen toegang tot het binnengebied. Om dit mogelijk te maken, vervallen de betaalde openbare parkeerplaatsen in het Carolushof. Ze kunnen geheel of gedeeltelijk worden gecompenseerd door in de omgeving bestaande vergunningparkeerplaatsen om te zetten naar betaalde openbare parkeerplaatsen. De vergunning-parkeerplaatsen die hierdoor in de omgeving vervallen, kunnen in het Bloemenkampkwartier worden gecompenseerd door de uitbreiding en/of het efficiënter gebruik van het vergunningparkeren. Deze afweging moet in een breder perspectief worden bepaald, namelijk in de nog op stellen Parkeervisie voor de Brede Binnenstad.

In het nieuwe profiel van de Tolbrugstraat passen we voldoende gehandicaptenparkeerplaatsen in. We denken daarbij aan 2 à 4 parkeerplaatsen. Om een klimaatbestendig plan te kunnen realiseren, met veel groene verblijfskwaliteit willen we een parkje realiseren in het noordelijk deel van de Pastoor de Kroonstraat. Om dit mogelijk te maken willen we de 14 bestaande parkeerplaatsen graag laten vervallen en een knip maken voor het autoverkeer. Het zuidelijk deel van de Pastoor de Kroonstraat (tussen de Arena en de Sint Geertruikerkhof) blijft toegankelijk voor het autoverkeer. Elders in de Pastoor de Kroonstraat kunnen 9 particuliere parkeerplaatsen worden omgezet naar betaalde openbare parkeerplaatsen.

Afbeelding 5.23 Ruimte voor een mooi buurtparkje tussen het water en de bestaande, te handhaven woningen

ONTWIKKELKADER BLOEMENKAMPKWARTIER

52

Bereikbaarheid • De bereikbaarheid is vooral gericht op het langzaam verkeer en het openbaar vervoer. Er zijn prettige loop- en fietsroutes die goed aansluiten op het stedelijk weefstel van de binnenstad. • De Tolbrugstraat wordt smaller, groener en leefbaarder. Hiervoor wordt de bestaande in- en uitrit naar de parkeergarage Arena verplaatst naar de ZuidWillemsvaart. • Het Bloemenkampkwartier is met de auto bereikbaar via de Zuid-Willemsvaart. De bestaande toegang aan de Pastoor de Kroonstraat komt te vervallen. • Het noordelijke deel van de Pastoor de Kroonstraat, langs het water, wordt ingericht als parkje en wordt bij voorkeur autovrij. • In het binnengebied is de auto te gast, zo mogelijk wordt (een deel van) dit gebied autovrij. • De Arena kan goed worden bevoorraad en er worden voldoende laad/ losplaatsen voor bezorgdiensten ingepast. Duurzame mobiliteit • Dichtbij de woningen en de andere functies worden voldoende, goede fietsparkeerplekken ingepast, conform het gemeentelijk parkeerbeleid. Er zijn voldoende laadpunten en er is ruimte voor bredere fietsen en scootmobiels. • De toegangen naar de fietsvoorzieningen zijn goed bereikbaar en zichtbaar vanuit het openbaar gebied. De voorzieningen worden sociaal veilig ingericht. • In de openbare ruimte wordt voldoende, goede fietsparkeerplekken voor bezoekers ingepast, conform het gemeentelijk parkeerbeleid.

• We geven ruimte aan deelauto’s en stimuleren het gebruik daarvan. • Er worden voldoende laadpunten voor elektrisch vervoer ingepast.

ONTWIKKELKADER BLOEMENKAMPKWARTIER

Autoparkeren • De parkeerbehoefte van de nieuwbouw is integraal onderdeel van de ontwikkeling. Daarbij wordt het gemeentelijk parkeerbeleid gehanteerd. • Het uitgangspunt is een efficiënte parkeeroplossing met dubbelgebruik. • Er worden voldoende parkeerplekken voor deelauto’s en elektrische laadpalen ingepast, die naar behoefte kunnen worden uitgebreid. • De bestaande particuliere parkeerplekken krijgen (indien gewenst) een nieuwe plek binnen het plangebied. • Het bestaande aantal vergunning-parkeerplaatsen in het Carolushof (circa 80 pp) wordt ingepast in de gezamenlijke parkeervoorziening onder het nieuwe dek. Zo nodig wordt dit aantal uitgebreid. • Vanwege sociale veiligheid wordt de gezamenlijke parkeervoorziening afsluitbaar en niet meer toegankelijk voor bezoekers. De (circa 35) betaalde openbare parkeerplaatsen in het Carolushof worden opgeheven. Deze parkeerplaatsen worden geheel of gedeeltelijk gecompenseerd in de omgeving. De rest van de bezoekers parkeren in de openbare parkeergarages, een van de transferia aan de randen van de stad of op een betaalde openbare parkeerplaats elders in de binnenstad. • Om een parkje te kunnen realiseren in het noordelijk deel van de Pastoor de Kroonstraat worden de 10 betaalde openbare parkeerplaatsen en de 4 vergunning-parkeerplaatsen en deelauto opgeheven. De parkeerplaats voor de deelauto wordt in de omgeving gecompenseerd.

• De (9) particuliere parkeerplaatsen in de Pastoor de Kroonstraat worden omgezet in betaalde openbare parkeerplaatsen. • Aan de buitenranden van het plangebied worden voldoende parkeerplaatsen voor gehandicapten ingepast.

53

Integrale visiekaart Ontwikkelkader

ONTWIKKELKADER BLOEMENKAMPKWARTIER

Afbeelding 5.24 Visiekaart Bloemenkampkwartier

54

Sturen op ruimtelijke samenhang en kwaliteit De gefaseerde ontwikkeling van het Bloemenkampkwartier over een periode van ruim 10 jaar vergt een sturing op samenhang en (leef-, verblijfs- en beeld)kwaliteit waarbij kan worden meebewogen met toekomstige ontwikkelingen en (woon) wensen. In dit hoofdstuk leggen we de essentie van het plan en het toetsingskader voor de beeldkwaliteit vast. Hiermee geven we richting maar bieden we tevens ruimte voor de uitwerking van de bouwplannen en de inrichting van de openbare ruimte. Identiteit van het Bloemenkampkwartier Per deelfase worden de vastgelegde beeldcriteria nader uitgewerkt in een programma van eisen en wensen. Dit gebeurt voor de start van de planontwikkeling en architectenkeuze van de betreffende deelfase. Hiermee kan goed worden ingespeeld op toekomstige ontwikkelingen en de specifieke kenmerken van het betreffende plandeel. Fase 1: de ontwikkeling van de locatie Zusterflat is hierop een uitzondering. De voortgang van dit plandeel is belangrijk. Hiermee maken we het mogelijk dat bestaande bewoners kunnen doorverhuizen binnen het Bloemenkampkwartier. De architect van dit plandeel is geselecteerd en er is gestart met het ontwerp van het bouwplan. Dit gebeurt in goed overleg met de leden van het Q-team. Ook wordt rekening gehouden met de uitgangspunten en kaders in het ontwikkelkader.

Deze werkzaamheden doen zij op basis van de toetsingscriteria die zijn vastgelegd in hoofdstuk 5 van het ontwikkelkader. Het Q-team bestaat uit de stedenbouwkundige / landschapsontwerper van West 8, de stedenbouwkundige en de landschapsontwerper van de gemeente ’s-Hertogenbosch. Ook kan er naar behoefte een adviseur worden ingeschakeld in het Q-team zoals een adviseur bouwhistorie (afdeling Erfgoed) of incidenteel, een lid van de Adviescommissie Omgevingskwaliteit van de gemeente ’s-Hertogenbosch. De Adviescommissie Omgevingskwaliteit behoudt hun onafhankelijke rol. Zij geven advies bij het programma van eisen en wensen van elke deelfase en de architectenkeuze. Zij toetsen de bouwplannen aan de toetsingscriteria beeldkwaliteit als bedoeld dit deel ‘Sturen op ruimtelijke samenhang en kwaliteit’.

Q-team Om de ruimtelijke kwaliteit en samenhang van het Bloemenkampkwartier te versterken, hebben we een Q-team (beeldkwaliteitsteam) samengesteld. Het team stuurt op de gewenste ruimtelijke kwaliteit en samenhang tussen de bouwplannen en de openbare ruimte. Daarnaast geeft het Q-team een (zwaarwegend) advies aan: – de opdrachtgever(s) van de bouwplannen over de architectenkeuze; – de betrokken architecten over de ruimtelijke uitgangspunten; – de adviescommissie Omgevingskwaliteit bij de toetsing van de aanvragen voor een omgevingsvergunning. ONTWIKKELKADER BLOEMENKAMPKWARTIER

55

Toetsingskader beeldkwaliteit Het vernieuwde Bloemenkampkwartier krijgt een eigen identiteit Naast de bestaande, te renoveren bebouwing komt er nieuwe bebouwing en openbare ruimte die ervoor zorgen dat de buurt een antwoord geeft op de huidige opgaves: een prettige, sociaal veilige en klimaatbestendige woonbuurt waarbij zoveel mogelijk mensen betaalbaar kunnen wonen. Met de nieuwe bebouwing die vooral uit sociale en middeldure huurwoningen bestaat en openbare ruimte voegen we een nieuwe tijdslaag toe. Tegelijkertijd willen we een aantal kenmerken en kwaliteiten van de historische binnenstad doorzetten en de geschiedenis van de locatie nieuw leven inblazen. Kenmerken die in de beeldkwaliteit zichtbaar zullen worden, zijn: een sterke relatie tussen de openbare ruimte en de bebouwing, veel diversiteit en contrasten en een groen, duurzaam en levensbestendige kwaliteit. Een sterke relatie tussen openbare ruimte en bebouwing Herkenbare plekken waar mensen zich thuis voelen De openbare ruimte wordt bepalend in het Bloemenkampkwartier. Door het maken van prettige en logische langzaam verkeersroutes worden de verschillende pleinen en plekken in en buiten het plangebied aan elkaar verbonden. Het Bloemenkampkwartier wordt onderdeel van het stedelijk weefstel en het dwaalgebied van de Bossche binnenstad. Elke nieuwe route, plein en plek krijgt een eigen sfeer en karakter.

Dit is beschreven in hoofdstuk 5. Kaders en uitgangspunten Bloemenkampkwartier, onder: Verbinden van plekken en mensen. Het zorgt voor herkenbare plekken waar mensen zich thuis voelen. Vooral de binnenhoven en -tuinen spelen daarbij een belangrijke rol. Op deze prettige, groene plekken ontmoet je je buren, kunnen kinderen spelen en kun je samen aan de slag in de collectieve moestuin. Ook de bebouwing wordt herkenbaar, zodat duidelijk is waar je woont en waar gezamenlijke functies zijn. Er komen verschillende woningtypes en collectieve functies zoals daktuinen krijgen een fijne, bij voorkeur prominente plek in het beeld.

ONTWIKKELKADER BLOEMENKAMPKWARTIER

Afbeelding 5.25 Visiekaart Samenleven

Kwaliteit van de Bossche binnenstad De Bossche binnenstad is een inspiratiebron voor het Bloemenkampkwartier. Dit wordt zichtbaar in de openbare ruimte maar ook in de sterke relatie tussen de openbare ruimte en de bebouwing. De bebouwing begeleidt en versterkt de verschillende routes, pleinen en plekken. Hoe? Door de maat en schaal van de bebouwing af te stemmen op de aangrenzende openbare ruimte, door de bebouwing langs bijzondere plekken in de openbare ruimte een accent of contrast te geven, maar vooral door voorgevels te maken met veel ramen,voordeuren en voldoende diversiteit voor een aantrekkelijk straatbeeld. Hierdoor worden plekken gemaakt die ontmoeting stimuleren en er is meer zicht en sociale veiligheid. 56

De geschiedenis van de plek als inspiratiebron Ook de geschiedenis van de plek is een inspiratiebron. Het Bloemenkampkwartier is van oudsher een uniek stukje binnenstad, een laaggelegen, drassig gebied dat lange tijd niet kon worden bebouwd en werd gebruikt als weidegrond, bleekveld en tuinen. Het gebied is deels opgehoogd maar er zijn nog steeds forse hoogteverschillen tussen het binnengebied en de buitenrand van het Bloemenkampkwartier. Op dit moment levert dit echter weinig kwaliteit op, het versterkt het gevoel van onveiligheid. De hoogteverschillen worden behouden maar op een andere manier dan nu. Boven het parkeerterrein komt een dek, een tweede maaiveld dat onderdeel wordt van het dwaalmilieu van de binnenstad. Naast het dek wordt de openbare ruimte deels opgehoogd om beter aan te sluiten op de omgeving en om waterberging mogelijk te maken. Op bijzondere plekken in openbare ruimte, bijvoorbeeld waar bestaande bomen worden ingepast, blijft het oude maaiveldniveau zichtbaar. Dit vraagt om specifieke oplossingen om de hoogteverschillen zichtbaar te houden en daarmee het gebied extra kwaliteit te geven. Afbeelding 5.25 Visiekaart Samenleven

De geschiedenis heeft ook bijzondere bebouwing opgeleverd. Deze bebouwing heeft qua maat en schaal een eigen positie binnen de Bossche binnenstad. Dit levert onder meer contrast en verrassing op en zorgt ervoor dat het Bloemenkampkwartier een minder gepolijst deel van de binnenstad is. Door een deel van de bebouwing te laten staan en de nieuwe bebouwing daar met voldoende contrasten en schaalsprongen op aan te laten sluiten ontstaat een nieuwe invulling van dit minder gepolijste deel van de binnenstad. Hier mag net wat meer contrast of verschil tussen bebouwing in volume of uitstraling zijn dan in andere delen van de Bossche binnenstad.

Afbeelding 5.27: Vanuit de woning is veel zicht op de openbare ruimte

ONTWIKKELKADER BLOEMENKAMPKWARTIER

57

Afbeelding 5.28: Hoogteverschillen blijven zichtbaar

Toetsingscriteria: een sterke relatie tussen openbare ruimte en bebouwing • Elke route, plein en plek krijgt een eigen sfeer en karakter: – De inrichting van de openbare ruimte wordt afgestemd op de gewenste sfeer en het karakter van de betreffende plek (zie hoofdstuk 5 onder alinea ‘Elke plek een eigen sfeer en karakter’). Dit wordt per deelplan nader uitgewerkt. – Er wordt rekening gehouden met de bestaande hoogteverschillen in het gebied. Deze hoogteverschillen zijn zichtbaar en voegen kwaliteit toe, onder andere op plekken waar bestaande, waardevolle bomen worden ingepast. • De openbare ruimte is leidend voor de uitwerking van de bebouwing: De opbouw en de architectuur van de bebouwing wordt afgestemd op het karakter van de aangrenzende openbare ruimte. – De publieke routes, pleinen en plekken worden begeleid door voorgevels van verschillende bouwblokken en/of geveldelen. Ze vormen samen een wand. Deze wand staat niet in een lange rooilijn maar er zijn verspringingen, staan soms iets naar voren, naar achter of gedraaid. Langs de meer besloten binnen-

ONTWIKKELKADER BLOEMENKAMPKWARTIER

hoven en de binnentuinen is de gevel rustiger opgebouwd, met wat minder variatie. – Bij panden met een zijgevel loopt de plint de hoek om. Hoekgebouwen worden ‘overhoeks’ ontworpen: de gevel gaat de hoek om, waardoor de voor- en zijgevel dezelfde kwaliteit krijgen. Op sommige plekken leidt de situatie van het terrein tot specifieke plattegronden van hoekgebouwen of een bijzonder programma. – Poorten naar binnenhoven en binnentuinen worden in het bouwblok opgenomen. • De bebouwing draagt bij aan ontmoeting, levendigheid en sociale veiligheid: – De routes, pleinen en ontmoetingsplekken worden begeleid door voorgevels met zoveel mogelijk ramen en voordeuren. – De begane grond van de nieuwbouw (de plinten) hebben een hogere verdiepingshoogte dan een standaard woonverdieping en sluiten aan op het maaiveldniveau van de aangrenzende openbare ruimte. Souterrains en dichtgeplakte plinten worden voorkomen. – Vanuit de woningen en de plintfuncties is er goed zicht op de openbare ruimte en de gezamenlijke binnenhoven/tuinen. – Gevels langs belangrijke openbare routes en publieke pleinen en plekken hebben in principe geen balkons. Een uitzondering zijn gemeenschappelijke balkons en balkons die bijdragen aan variatie en contrast. In de binnenhoven en tuinen zijn balkons wel toegestaan, mits ze bijdragen aan de gewenste sociale veiligheid en woonkwaliteit.

Een stedelijke bebouwing met variatie en contrast Contrast en verrassing De verschillende functies in het gebied, van klooster, fabriek, ziekenhuis, zusterflat tot arbeiderswoningen, zorgden door de geschiedenis heen voor contrasten. Zowel in de bouwblokken als tussen de bouwblokken waren contrasten in bouwhoogtes, maat en schaal en waren bijzondere accenten zoals entrees, poorten, torentjes, ed.. Deze contrasten en accenten zijn in het Bloemenkampkwartier vrijwel geheel verdwenen en willen we opnieuw zichtbaar maken. De bebouwing langs bijzon-

58

dere plekken in de openbare ruimte krijgt een accent of contrast, bijvoorbeeld op belangrijke hoekpunten en zichtlijnen, poorten naar binnenhoven, centrale entrees, ed.. Dit kan op verschillende manieren, bijvoorbeeld door een flinke sprong in hoogte of schaal of een andere architectuur. Ook een afwijkend materiaal- en/of kleurgebruik kan daarbij ondersteunen.

Dit gebeurt niet alleen bij bijzondere plekken in de openbare ruimte, maar langs alle routes, plein en plekken. In het nieuwe Bloemenkampkwartier komt een grote variatie in en tussen de bebouwing, zowel in bouwhoogte en schaal als in architectuur en kleur- en materiaalgebruik.

Afbeelding 5.29: Accenten en contrasten zorgen voor bijzondere plekken met een eigen karakter

Afbeelding 5.30 Afwisseling en variatie worden kenmerkend voor het Bloemenkampkwartier

Afwisseling in maat en schaal De maat en schaal van de huidige bebouwing heeft niet de kleinschalige opbouw van de historische binnenstad, maar is vrij grof en bestaat uit een mix van losse bouwblokken en een gesloten buitenrand. Dit maakt de stedenbouwkundige structuur en de openbare ruimte onhelder en zorgt voor een vrij anonieme woonbuurt. Het nieuwe plan krijgt een stedelijk karakter, maar we zorgen ervoor dat de woonbuurt ook een menselijke maat en schaal krijgt. Het wordt een overgang tussen de fijnmazige schaal van de historische binnenstad en het Gasthuiskwartier en de grotere schaal van de Arena en de woonblokken aan de buitenrand van het gebied. Binnen het gebied wordt een grotere bouwhoogte of schaal afgewisseld met een duidelijk herkenbaar kleinere hoogte of schaal.

ONTWIKKELKADER BLOEMENKAMPKWARTIER

Ontwerp op ooghoogte Het beeld op ooghoogte is heel belangrijk voor de beleving van de woonbuurt. Hier wordt de kwaliteit van het nieuwe Bloemenkampkwartier echt zichtbaar: warm, uitnodigend en met een hoogwaardige beeldkwaliteit. Poorten naar binnenhoven en binnentuinen krijgen extra aandacht. Ze worden in het bouwblok ingepast, niet tussen bouwblokken. De doorgangen hebben een goede ruimtelijke kwaliteit en zijn sociaal veilig. Het doel is een prettige woonbuurt, met herkenbare plekken waar mensen zich thuis voelen.

59

Afbeelding 5.31: Extra aandacht voor entrees en doorgangen

Toetsingscriteria: stedelijke bebouwing met variatie en contrast • De maat en schaal van de bebouwing is stedelijk, en past bij een nieuw woongebied in de Bossche binnenstad. • Er is veel variatie in de massaopbouw, hoogtes en uitstraling van de bebouwing. – Een grotere bouwhoogte en/of schaal wordt afgewisseld met een (aanzienlijk) kleinere maat en schaal. – De verschillende bouwblokken vormen samen een wand die is opgebouwd uit meerdere, onderscheidende geveldelen en daken, met variatie in architectuur, kleuren en materialen. –De gevels hebben een driedeling met een plint, middendeel en gevelbeëindiging. Vooral de plinten zijn gericht op de menselijke maat en schaal. Ze krijgen een warme, uitnodigende uitstraling en een hoogwaardige kwaliteit in architectuur, materiaalgebruik en detaillering. – De bebouwing heeft verschillende kappen, goothoogtes en/of terugspringende bouwdelen. Ze vormen samen een dakenlandschap. • Op bijzondere plekken in de openbare ruimte zijn contrasten of accenten. in maat, schaal en uitstraling van de bebouwing, bijvoorbeeld ter plekke van poorten, belangrijke entrees of zichtlijnen. • Ook binnen de architectuur kunnen specifieke programma's en gezamenlijke functies een bijzondere plek krijgen in de architectuur en massaopbouw van de bebouwing. Oplossingen hiervoor kunnen zich onderscheiden en mogen zich duidelijk profileren in de bebouwing.

ONTWIKKELKADER BLOEMENKAMPKWARTIER

Groen, duurzaam en levensbestendig Een groene woonbuurt Het Bloemenkampkwartier is van oudsher een uniek stukje binnenstad, een laaggelegen, drassig gebied dat lange tijd niet kon worden bebouwd en werd gebruikt als weidegrond, bleekveld en tuinen. Deze geschiedenis en de opgave om het gebied klimaatbestendig te maken, is de inspiratie om zoveel groen in te passen. Dit doen we op een manier die past bij de gewenste verdichting en woningbouwopgave. Het gewenste groen en aantal woningen worden op een slimme manier gecombineerd waarbij zoveel mogelijk bestaande waardevolle bomen worden ingepast. Maar groen betekent meer dan bomen, in het gebied komt zoveel mogelijk groen, in alle vormen en op (bijna) alle plekken. Naast bomen komen er bijvoorbeeld plantvakken, gemeenschappelijke tuinen, pergola’s, gevelgroen, daktuinen en groene daken. In en tegen de bebouwing komen voorzieningen om het groen duurzaam in te passen en te behouden.

Afbeelding 5.32 Groen in alle vormen

Klimaatbestendig Om de gevolgen van hevige regenval, droogte en hittestress het hoofd te kunnen bieden, zetten we in het Bloemenkampkwartier volop in op klimaatadaptatie. Dit vraagt niet alleen om veel groen maar ook om een goed bodem- en watersysteem. Delen van het gebied worden opgehoogd om waterberging mogelijk te maken. Het hemelwater dat op de daken, het dek en andere delen van de openbare ruimte valt, wordt in het gebied hergebruikt, geborgen en daarna afgevoerd.

60

Hittestress wordt zoveel mogelijk voorkomen door passieve, zichtbare maatregelen om de woningen en woonomgeving in de zomer te verkoelen. Daarbij denken we bijvoorbeeld aan luifels, overstekken en pergola’s. Duurzaam en langdurig mooi Duurzaamheid is een belangrijk uitgangspunt in het Bloemenkampkwartier. De bebouwing en de openbare ruimte worden dan ook op een duurzame manier gebouwd, verbouwd en aangelegd. Verspilling wordt tegengegaan en er worden zoveel mogelijk bouwmethoden en materialen toegepast die het milieu niet of nauwelijks belasten. Dit betekent niet dat duurzame en circulaire materialen prominent in beeld komen. Wel zal dit zorgvuldig ingepast worden binnen de architectuur van de bebouwing. Daarbij denken we vooral aan de binnenhoven/ tuinen en op bijzondere plekken in de openbare ruimte. Dit gebeurt op een manier die past bij de historische binnenstad: met een hoogwaardige uitstraling en oog voor materiaal, kleur en detaillering. Veroudering en weersinvloeden mogen geen/ of nauwelijks negatieve gevolgen hebben voor het uiterlijk. De bebouwing en openbare ruimte kunnen goed worden onderhouden en ze blijven lang mooi. Vanwege hun hoge levensbestendigheid hebben materialen zoals baksteen, natuursteen en hout de voorkeur maar ook andere duurzame materialen zijn toegestaan. Het doel is een duurzaam en kwalitatief hoogwaardig woonbuurt.

Afbeelding 5.33 In de binnenhoven en tuinen is meer ruimte voor zichtbaar duurzame en/ of circulaire materialen

ONTWIKKELKADER BLOEMENKAMPKWARTIER

61

• Veroudering en weersinvloeden hebben geen/nauwelijks negatieve gevolgen voor het uiterlijk en de materialen kunnen goed worden onderhouden. Materialen zoals baksteen, natuursteen en hout hebben de voorkeur, maar ook andere duurzame en/of circulaire materialen zijn toegestaan. • Het kleurgebruik moet passen binnen de uitstraling van de binnenstad. Ingetogen, natuurlijke en/of historisch verantwoorde kleuren hebben de voorkeur. Ook andere kleuren zijn toegestaan, onder andere op plekken waar contrast wordt nagestreefd. • De detaillering van de bebouwing is zorgvuldig uitgewerkt. Het draagt bij aan het duurzame behoud van de materialen en een kwalitatief hoogwaardige uitstraling. Algemeen Nuts- en afvalvoorzieningen zijn goed ingepast en onderdeel van de architectuur. Ze worden bij voorkeur inpandig opgelost.

Afbeelding 5.34 Randvoorwaarde: levenslang mooi Toetsingscriteria: groen, duurzaam en levensbestendig • Het beeld van de nieuwe buurt wordt (heel) groen – Er worden zoveel mogelijk bomen en beplanting ingepast, in verschillende vormen en plekken in de openbare ruimte, privé-buitenruimte en op/tegen de gevels, balkons/loggia’s en daken. – In de openbare ruimte en op/tegen de bebouwing worden voorzieningen opgenomen om het groen duurzaam in stand te houden. • In de openbare ruimte en bebouwing zijn zichtbare maatregelen die het gebied klimaatbestendig maken. • Het materiaalgebruik is hoogwaardig, duurzaam en bij voorkeur circulair, en is afgestemd op de kwaliteit van de architectuur. Het kan worden toegepast op zorgvuldig uitgekozen plekken in de openbare ruimte en de binnenhoven/ tuinen.

ONTWIKKELKADER BLOEMENKAMPKWARTIER

62

Energie en duurzaamheid Toetsen aan actueel gemeentelijk beleid De gemeentelijke ambities en uitgangspunten op het gebied van energie en duurzaamheid zijn onder andere vastgelegd in het Bestuursakkoord 2022-2026, de nota Duurzaam ’s-Hertogenbosch’ 2019 en het Energietransitie-programma 20162020. Ook heeft de gemeente heeft het Schone Luchtakkoord en het Convenant Schoon en Emissieloos Bouwen (SEB) ondertekend. De gemeente zet in op een duurzaam ’s-Hertogenbosch. Met maatregelen in de nieuwbouw, openbare ruimte en mobiliteit dragen we bij aan belangrijke opgaves. We streven naar een groen, klimaatbestendig en CO2 neutraal Bloemenkampkwartier, waardebehoud van grondstoffen en duurzame mobiliteit. Dit is integraal onderdeel van de ontwikkeling van het Bloemenkampkwartier, en daarmee ook onderdeel van het Ontwikkelkader. Het Bloemenkampkwartier wordt gefaseerd ontwikkeld over een periode van ruim 10 jaar. De bouwplannen worden getoetst aan het gemeentelijk beleid dat van toepassing is op het moment van de aanvraag omgevingsvergunning. Afspraken en ambities corporaties De gemeente en de woningcorporaties hebben ambities en afspraken op het gebied van energie en duurzaamheid vastgelegd in het Duurzaamheidsakkoord 2021-2025, de Meerjarige Prestatieafspraken 2021-2025 en de Uitvoeringsagenda Prestatieafspraken 2024.

Daarin is de volgende ambitie vastgelegd: “In 2050 zijn in ’s-Hertogenbosch de woonwijken (woningen én woonomgeving) CO2- en energieneutraal, circulair en klimaatbestendig”. Deze hoofdambitie is vertaald naar de ambities en inzet voor 2025 op de thema’s energie, circulariteit, klimaatadaptatie en biodiversiteit en de mens. Deze ambities en afspraken, en de vervolgafspraken over dit thema, zijn leidend voor het Bloemenkampkwartier en onderdeel van het toetsingskader.

ONTWIKKELKADER BLOEMENKAMPKWARTIER

63

tiesysteem en de toepassing van zonnepanelen. We onderzoeken de mogelijkheid van een WKO-systeem. Ook bij de renovatie van de bestaande woningen wordt het energie- en met name gasgebruik zoveel mogelijk teruggebracht. Daarbij wordt gestreefd om zoveel mogelijk bestaande woningen (bijna) gasloos te maken.

Afbeelding 5.35 De gemeente en de corporaties willen een toekomstbestendige en duurzame woningvoorraad

Afbeelding 5.36 De nieuwbouw wordt gasloos en CO2-neutraal

CO2-neutraal De aanpak van het Bloemenkampkwartier levert een enorme vooruitgang op in het energieverbruik en de CO2-uitstoot. Bestaande, slecht isolerende panden uit de jaren ’60-’80 met blokverwarming worden vervangen door nieuwbouw. De nieuwbouw wordt gasloos en minimaal BENG. We streven naar energieneutraal. Dit betekent dat het energiegebruik zo laag mogelijk is, en de energie die nodig is duurzaam wordt opgewekt. De manier waarop we dat gaan doen wordt nader uitgewerkt, maar we denken daarbij aan een zeer goede isolatie, een zuinig ventila-

ONTWIKKELKADER BLOEMENKAMPKWARTIER

64

Waardebehoud van materialen We gaan bewust om met materialen waarbij afval zoveel mogelijk wordt voorkomen. Ons gezamenlijk vertrekpunt in het plan is om alle bouwstoffen en materialen die vrijkomen bij onderhoud, renovaties en sloop te hergebruiken. Bij de nieuwbouw en renovatie worden hoogwaardige materialen en installatiesystemen gekozen, met kwaliteitseisen voor het onderhoud en de levensduur. Dit draagt bij aan het waardebehoud van grondstoffen. De uitwerking in het plan gebeurt per fase, bij de ontwikkeling van de bouwplannen en de inrichtingsplannen voor de openbare ruimte en buitenruimte. Het materiaalgebruik leggen we vast in een materialenpaspoort. Groen en klimaatbestendig In het plan houden we rekening met veranderingen in het klimaat met meer extreme buien en hete zomers. Een te grote opwarming van woningen in de zomer wordt zoveel mogelijk voorkomen. Dit doen we bij voorkeur met passieve maatregelen zoals het beperken van zontoetreding met overstekken, zonwering of zonwerend glas. Daarnaast zorgen we voor een veilig watersysteem en een groene omgeving. De uitgangspunten voor dit thema zijn beschreven in het hoofdstuk ‘Vergroenen met betekenis voor de buurt’ van het Ontwikkelkader. Duurzame mobiliteit Het Bloemenkampkwartier is bij uitstek geschikt voor de inzet van duurzame mobiliteit.

De ambities die we voor de Brede Binnenstad hebben, kunnen hier worden waargemaakt. Deze kans grijpen we met beide handen aan. Het is een van de pijlers van onze visie, beschreven in de pijler ‘Verbinden’. De uitgangspunten voor dit thema zijn beschreven in het hoofdstuk ‘Een leefbare en bereikbare buurt’ van het Ontwikkelkader.

ONTWIKKELKADER BLOEMENKAMPKWARTIER

Een gezonde en veilige woonbuurt We vinden de gezondheid van bewoners, werkers en bezoekers van het Bloemenkampkwartier belangrijk. We willen een positieve gezondheid stimuleren door een gezonde leefomgeving te realiseren, door gezonde keuzes logisch en makkelijk te maken en door de sociale binding en het prettig samenleven te versterken. Deze ambitie is sterk verweven met de visie en uitgangspunten voor het Bloemenkampkwartier. Een gezonde omgeving In het plan nemen we maatregelen die bijdragen aan een gezonde leefomgeving: • Bewoners hebben keuze tussen verschillende rustplekken: in de openbare ruimte, de gemeenschappelijke buitenruimte of op het eigen balkon. De woningen voldoen aan het gemeentelijk geluidbeleid. • De buurt wordt een sociaal veilige omgeving om te wonen en te verblijven en de verkeersveiligheid wordt verbeterd door voorrang te geven aan voetgangers en fietsers. • Door vergroening en schaduwplekken wordt hittestress tegengegaan/ verminderd. • De biodiversiteit van het gebied wordt versterkt door natuurinclusief bouwen en het zoveel mogelijk toepassen van ecologisch waardevolle beplanting. • Het regenwater wordt zo lang mogelijk vastgehouden, en vervuiling in de bodem voorkomen. • We houden rekening met mogelijke milieuhinder zoals geluid, luchtkwaliteit.

65

Fysieke gezondheid In het plan nemen we maatregelen die positief bijdragen aan de fysieke gezondheid: • Het is aantrekkelijk om te lopen en te fietsen. De voorzieningen zijn dichtbij en we maken prettige, veilige loop- en fietsroutes en fietsvoorzieningen. De auto verdwijnt uit het zicht, en een groot deel van het gebied wordt autoluw. • We stimuleren sport en bewegen door in het gebied aantrekkelijke groene buitenruimtes te maken en deze plekken te verbinden met andere groenvoorzieningen in de omgeving. • Het is fijn om buiten te zijn. In de openbare ruimte passen we ontmoetingsplekken en speelvoorzieningen in. In de binnenhoven/tuinen is ook ruimte voor voortuintjes en/of een gemeenschappelijke tuin waar mensen in kunnen werken. Afbeelding 5.37 De nieuwbouw wordt natuurinclusief

Afbeelding 5.38 Ecologisch waardevolle beplanting ONTWIKKELKADER BLOEMENKAMPKWARTIER

Afbeelding 5.39 In het nieuwe Carolushof komen speelvoorzieningen en andere voorzieningen om te bewegen

66

Mentale gezondheid In het plan nemen we maatregelen die positief bijdragen aan de mentale gezondheid: • De openbare ruimte en de toegangen naar de woningen en plintfuncties zorgen ervoor dat buurtbewoners elkaar vaker zien en ontmoeten. Mensen komen elkaar op een vanzelfsprekende manier tegen, op prettige, sociaal veilige plekken. Dit versterkt de sociale binding en verkleint het gevoel van eenzaamheid. • In de nieuwbouw is ruimte voor kleinschalige woonvormen en samenleven, met gemeenschappelijke voorzieningen. De woningen zijn inclusief en divers. • In het gebied komt een gemeenschappelijke ontmoetingsruimte voor alle bewoners van het Bloemenkampkwartier. • In de openbare ruimte, de gemeenschappelijke buitenruimtes en in/op/tegen de bebouwing wordt veel groen ingepast. Dit draagt bij aan het welzijn van de bewoners.

Gezond milieu Bedrijven en milieuzonering Het Bloemenkampkwartier ligt aan de rand van de historische binnenstad, een gemengd stedelijk gebied met mix van verschillende functies. Dit betekent dat rekening moet worden gehouden met de mogelijke milieueffecten van niet-woonfuncties. In de directe omgeving staat het winkelcentrum Arena met daaronder een openbare parkeergarage. De in- en uitritten van de parkeergarage zijn nu nog gelegen in de Tolbrugstraat maar worden verplaatst naar de Zuid-Willemsvaart, onder de nieuwbouw op de locatie Zusterflat. In het plan houden we rekening met de milieueffecten ten gevolge van het laden en lossen, de aanwezige installaties en de nieuwe in- en uitritten. De overige niet-woonfuncties in de omgeving zijn (door voldoende afstand en/of de aard van de functie) niet belastend voor de nieuwbouw. Nieuwe functies binnen het plangebied in de plinten van de nieuwbouw moeten passend zijn in de woonomgeving. Geluid Spoorweggeluid is niet aan de orde, het plangebied ligt buiten de geluidzones van het spoor. Er is wel sprake van weggeluid. Het plangebied wordt begrensd door twee wegen met een vrij hoge verkeersintensiteit: de Zuid-Willemsvaart en de Tolbrugstraat. Dit is aanleiding voor een quick scan naar de geluidbelasting op de toekomstige gevels van de nieuwe woningen.

Daarbij is rekening gehouden met het extra verkeer op de Zuid-Willemsvaart ten gevolge van de nieuwbouw, de nieuwe in- en uitritten van de parkeergarage Arena en het vervallen van de autotoegang in de Pastoor de Kroonstraat naar het binnengebied van het Bloemenkampkwartier. Ook is rekening gehouden met de herinrichting van de Zuid-Willemsvaart tot Kanaalboulevard. Zowel de Zuid-Willemsvaart als de Tolbrugstraat worden 30 km/h wegen.

Afbeelding 5.40 Meer ontmoetingsplekken in de openbare ruimte en de nieuwbouw

ONTWIKKELKADER BLOEMENKAMPKWARTIER

Het weggeluid blijkt vooral relevant voor de locatie Zusterflat dat direct aan de Zuid-Willemsvaart en Tolbrugstraat grenst. Het geluidniveau valt binnen de categorie ‘onrustig’. Op deze locatie moet rekening worden gehouden met enkele

67

geluidmaatregelen die zorgen voor een goed woon- en leefklimaat. Hierbij wordt het gemeentelijk geluidbeleid gevolgd. De overige nieuwbouw wordt afgeschermd door de bestaande, te handhaven bebouwing en de nieuwbouw op de locatie Zusterflat. Het geluidniveau van het binnengebied valt binnen de categorie ‘rustig’, zowel de woningen als de openbare ruimte worden niet/nauwelijks belast door weggeluid. Wel moet plaatselijk rekening worden gehouden met het geluid ten gevolge van het winkelcentrum Arena. Externe veiligheid Het plangebied ligt op grote afstand van risicobronnen, maar binnen het gifwolk-aandachtsgebied van het spoor. Er zijn geen beperkingen omtrent de kwetsbaarheid van gebouwen vanuit het beleidskader externe veiligheid. Wel geldt de randvoorwaarde dat de ventilatie van de nieuwbouw moet kunnen worden uitgeschakeld bij gifwolkincidenten. Wanneer de gebouwen voldoen aan de eisen uit het Besluit bouwwerken leefomgeving is er voldoende waarborg voor een veilig verblijf van personen tijdens een incident op het spoor met gevaarlijke stoffen. De veiligheid van personen is hierbij gericht op het langdurig inpandig verblijf.

Bodem en ondergrond Bodemkwaliteit Het plangebied is gelegen in de binnenstad. In de gehele binnenstad, en ook in het plangebied, is sprake van een “binnenstedelijke ophooglaag” van enkele meters. Vanaf de 12e eeuw is de binnenstad opgehoogd met grond, puin, stadsvuil en bagger. De (gemiddelde) bodemkwaliteit is licht tot matig verontreinigd (klasse “industrie”, Regionale bodemkwaliteitskaart, 2019). Lokaal kan sprake zijn van sterk verontreinigde, niet-toepasbare grond. In en direct grenzend aan het plangebied hebben in het verleden diverse mogelijk bodembedreigende bedrijfsactiviteiten plaatsgevonden, met name gerelateerd aan het voormalige ziekenhuis (wasserij, werkplaatsen en opslag stookolie) en daarnaast een voormalige garage (benzinetanks) en opslagplaats voor oude metalen. Deze verdachte locaties zijn onderzocht in de periode 2005-2006 (locatie A en B). De conclusie was enerzijds dat er geen sprake was van een saneringsnoodzaak. Anderzijds dat mogelijk wel sterk verontreinigde grond (zonder risico's bij toenmalig gebruik) aanwezig zou kunnen zijn. Verder zijn twee onderzoeken (locatie C en D) uitgevoerd op onverdachte terreingedeelten (in kader van grondtransacties), waaronder de locatie bij de Zusterflat (locatie D). Bij dit laatste onderzoek (2017) is een verhoogd gehalte aan xyleen in de ondergrond aangetroffen.

In nader onderzoek (2023) is de aanwezigheid van xylenen bevestigd in het grondwater. Voor het overige bevestigen deze onderzoeken de aanwezigheid van de "binnenstedelijke ophooglaag”.

Afbeelding 5.41 Uitsnede uit de signaleringskaart externe veiligheid met ligging Bloemenkampkwartier ONTWIKKELKADER BLOEMENKAMPKWARTIER

Naar verwachting is de bodemkwaliteit in het gebied geschikt voor niet-grondgebonden wonen.Bij grondverzet en grondafvoer moet rekening gehouden worden met de mogelijke aanwezigheid van sterk verontreinigde grond en mogelijk hoge kosten. Nagenoeg het hele terrein moet onderzocht worden, om de geschiktheid voor toekomstige bestemming te verifiëren (bijvoorbeeld ten aanzien van xylenen) en in geval van grondverzet om inschatting te maken van (financiële) gevolgen. Bij de planontwikkeling is nader bodemonderzoek dan ook van belang.

68

Afbeelding 5.42 Onderzoekslocaties indicatief geprojecteerd op het plangebied

Ondergrondse ordening Er zijn binnen de gehele ontwikkeling diverse functies die een ondergrondse ruimteclaim vergen. Het is daarom van belang de ondergrondse ordening vroegtijdig aandacht te geven. Met name de inpassing van alle (boven- en) ondergrondse energieinfra (warmte en elektriciteit) en de vergroeningsopgave vraagt om een vroegtijdige planvorming. Dit kan door voor de gehele gebiedsontwikkeling een masterplan ondergrond op te stellen. Hiermee kan ook worden geborgd dat de verschillende ontwikkelingsfases goed op elkaar afgestemd worden en dat ingrepen in de ondergrond een latere deelontwikkeling niet in de weg zitten.

ONTWIKKELKADER BLOEMENKAMPKWARTIER

69

Gezonde stadsbodem Binnen de gebiedsontwikkeling is expliciet aandacht voor klimaatbestendigheid. Voor klimaatbestendig groen is een klimaatrobuuste bodem met een goede ‘sponswerking’ essentieel. Dit vraagt om een bodemsysteem dat niet alleen gericht is op waterafvoer, maar juist ook op het vasthouden van water in droge tijden. Daar waar gekozen wordt voor (diep wortelend) groen in de volle grond is voor klimaatbestendig groen mogelijk een kwaliteitsverbetering nodig, bijvoorbeeld door het creëren van een open (luchtige) bodem en het toevoegen van organisch stof. Ook het bieden van voldoende ruimte in de ondergrond voor wortelend groen is hierbij van belang.

In het verleden is er archeologisch onderzoek uitgevoerd ter plekke van de Arena en deels onder het bouwblok aan de Mathildastraat. Daarbij zijn sporen van een overkluisde Diezetak, sporen van het Elisabeth Bloemenkampklooster en sporen van de Tolbrugkazerne aangetroffen. Daarnaast zijn er op andere plekken in het plangebied losse vondsten aangetroffen. Uit het onderzoek bleek dat er ook in diepere lagen in de bodem archeologisch sporenniveaus kunnen worden aangetroffen, tot zeker wel 4 meter onder het maaiveld. Het archeologisch onderzoek voor de ontwikkeling van het Bloemenkampkwartier dient vanwege de mogelijke impact op de bouwmethode en planning tijdig te worden voorbereid in overleg met de afdeling Erfgoed.

Bodemenergie De bodem is goed geschikt voor het toepassen van zowel gesloten als open bodemenergie. In de omgeving van het projectgebied zijn diverse bodemenergiesystemen aanwezig. Nieuwe systemen dienen dusdanig gedimensioneerd te worden dat er geen negatieve interferentie optreedt ten opzichte van bestaande systemen. De maximale aanlegdiepte van (gesloten en open) bodemsystemen is beperkt tot de bovenzijde van de eerste scheidende laag, hier aanwezig op circa 80 meter beneden maaiveld. Archeologie Het (hele) plangebied heeft een hoge archeologische verwachting. Conform het omgevingsplan is archeologisch onderzoek verplicht bij bodemingrepen van 25 m2 of meer die de bodem dieper dan 50 cm onder het maaiveld zullen verstoren. Uitgangspunt is om in een vroege fase van de planontwikkeling rekening te houden met de archeologische verwachtingen.

Afbeelding 5.43 Bestaande onderzoekslocaties archeologie

ONTWIKKELKADER BLOEMENKAMPKWARTIER

70

Luchtkwaliteit De stoffen in de lucht die schadelijk kunnen zijn voor onze gezondheid zijn onder andere fijnstof en stikstofoxiden. In de Omgevingswet is de belangrijkste wet- en regelgeving voor het milieuaspect luchtkwaliteit vastgelegd. De gemeentelijke ambitie is om de luchtkwaliteit te verbeteren. Hiertoe heeft de gemeente ’s-Hertogenbosch in 2020 het Schone lucht akkoord ondertekend en in 2023 het Convenant Schoon en Emissieloos bouwen. Bij het aanbesteden van werkzaamheden in het openbare gebied hanteert de gemeente duurzaamheidseisen, die resulteren in een lagere uitstoot van luchtverontreiniging. In het plan worden een aantal maatregelen genomen die de luchtkwaliteit verbeteren. Met het vervangen oude, bestaande panden en de renovatie van een fors aantal woningen in de buitenrand verdwijnen uitstootbronnen. Ook de inzet op duurzame mobiliteit, waarbij lopen en fietsen en het gebruik van (elektrisch) openbaar vervoer en deelmobiliteit wordt gestimuleerd, levert een positieve bijdrage aan de luchtkwaliteit. De openbare ruimte in het binnengebied wordt autoluw. Ook zorgen we voor een goede luchtkwaliteit onder het nieuwe dek Natuur en ecologie Natuur De historische vestingstad van ’s-Hertogenbosch is gebouwd op een zanddonk en wordt gekenmerkt door een overwegend versteend oppervlak.

De binnenstad kent een hoge dichtheid aan bebouwing en zowel op privaat als publiek terrein is een beperkte hoeveelheid groen aanwezig. Dit geldt ook voor het Bloemenkampkwartier. Het plangebied maakt geen onderdeel uit van het NNN (Natuurnetwerk Nederland), wel ligt het dicht bij het natuurgebied ZuidWillemsvaart.

ONTWIKKELKADER BLOEMENKAMPKWARTIER

Afbeelding 5.44 Ligging Bloemenkampkwartier t.o.v. Natuurnetwerk Nederland

De primaire ambassadeursoorten voor de historische vestingstad zijn gekoppeld aan gebouwen, muren en stenige straten. Het gaat dan om huis- en gierzwaluw, huismus en enkele andere soorten die afhankelijk zijn van ‘holle ruimtes’ zoals dakpannen, spleten en nissen, maar ook nestkasten. De historische vestingstad, en in het bijzonder de Binnendieze, is ook van groot belang voor vleermuizen als laatvlieger, dwerg- en grootoorvleermuis. Het gaat daarbij om donkere, rustige geïsoleerde holtes of kasten als zomer en winterverblijf. Muurplanten moeten groeiplaatsen hebben in straten, overhoekjes, oude muren en profiteren van het gebruik van specifieke mortel. Het (gevel)groen langs wateren, in parkjes en de bomen zijn belangrijk voor algemene soorten of groepen vlinders, vogels en planten. In de parken en grotere binnenplaatsen staan grote bomen. De versnipperde groenstructuren vormen losse stapstenen of verblijfsplekken voor vogels en vleermuizen. Platte daken worden nog nauwelijks benut als groen dak, waardoor bloemrijk grasland of ruigten zich beperken tot randjes in parken en straten.

71

Soortenbescherming Aanwezige soorten moeten conform de wet- en regelgeving beschermd worden. Een flora- en faunaonderzoek dient hiertoe uitgevoerd te worden. Aanwezige soorten moeten conform de wet- en regelgeving beschermd worden. Een flora- en faunaonderzoek dient hiertoe uitgevoerd te worden. Afhankelijk van de resultaten van dit onderzoek worden de eventuele vervolgstappen bekend. Voor de locatie Zusterflat en de te renoveren woningen en omgeving zijn reeds flora- en faunaonderzoeken verricht. Daarbij zijn verblijfsplaatsen en paarterritoria van de gewone dwergvleermuis aangetroffen. Ten behoeve van de sloop en nieuwbouw op de locatie Zusterflat zijn inmiddels mitigerende en compenserende maatregelen getroffen en is er een ontheffing in het kader van de Wet natuurbescherming verleend. Afhankelijk van de sloopwerkzaamheden worden beschermde doelsoorten al dan niet verstoord, zo nodig worden er maatregelen getroffen. Tevens dient per initiatief aangetoond te worden hoe het bijdraagt aan de actieve soortbescherming. Deze is gericht op het actief sturen op essentiële condities en natuurlijke processen, zoals het beschermen, herstellen en in stand houden van biotopen en leefgebieden voor soorten in voldoende gevarieerdheid en omvang, ook buiten de Natura 2000-gebieden.

In combinatie met de ambities uit de gebiedspaspoorten dient het gebied ontwikkeld te worden op basis van de habitateisen van de ambassadeurssoorten. In het bijzonder dient het plan bij te dragen aan de gebouwbewonende soorten (zoals bijv. vleermuizen, huismussen en zwaluwen) door middel van natuurinclusief bouwen. Natuurinclusieve woonomgeving Het Bloemenkampkwartier wordt niet alleen groener en klimaatbestendiger, ook maken we een natuurinclusieve omgeving. Dit gaat verder dan enkel het ophangen van nestkastjes, of het maken van groene daken en gevels. Het gaat om een leefmilieu waarin planten, dieren en mensen samen floreren. Het inpassen van goede vestigings- en foerageerplaatsen voor planten, dieren en insecten zijn een volwaardig en integraal onderdeel van het plan, zowel voor de openbare ruimte als de bebouwing. Het gaat hierbij om duurzame en robuuste oplossingen. Ook in het

ONTWIKKELKADER BLOEMENKAMPKWARTIER

beheer wordt rekening gehouden met het behoud, en mogelijk versterken van de ecologische waarde. Natura 2000 Nabij het Bloemenkampkwartier is het Natura 2000-gebied Vlijmens Ven, Moerputten & Bossche Broek gelegen, de minimale afstand bedraagt circa 800 meter. Dit Natura 2000-gebied is overbelast qua stikstofdepositie: de huidige achtergronddepositie op verschillende habitats is hoger dan de kritische depositiewaarde (KDW) van dat habitat. Derhalve dient aangetoond te worden dat het plan geen significant negatieve gevolgen heeft op de instandhoudingsdoelstellingen van Natura 2000-gebieden. Gebruiksfase Op basis van de uitgangspunten van dit ontwikkelkader blijkt een toename van het aantal woningen en daarmee ook een toename van het aantal plaatsvindende transportbewegingen. Door het autoverkeer zoveel mogelijk via de Zuid-Willemsvaart af te wikkelen, wordt het verkeer echter efficiënter afgewikkeld. Voor wat betreft het gasverbruik is te concluderen dat dit ten gevolge van de ontwikkelingen zeer sterk afneemt. Oude, slecht geïsoleerde gasgestookte bebouwing wordt vervangen door nieuwbouw, energiezuinig en gasloos. Daarnaast worden 178 bestaande woningen grondig gerenoveerd en verduurzaamd. Daarbij wordt gestreefd naar gasloos. Hierdoor verdwijnt een zeer bepalende en relevante stikstofbron.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15130438/1