Bijlage 1 Omgevingsvisie Zin in 's-Hertogenbosch mei 2025 pdf
Tekst van het document
of om het watersysteem. We hebben elkaar nodig en kunnen bijvoorbeeld ruimtevragen uitwisselen. Door
staan we stil bij onze parels. Waarom kom je naar ’s-Hertogenbosch als bezoeker, als inwoner, als ondernemer
gezamenlijk te opereren, vergroten we onze betekenis en daarmee onze slagkracht. We werken nauw samen
en als student?
met onze regiopartners en blijven dat doen. Met de Regionale Energiestrategie (RES), in de verstedelijkingsstrategie NOVEX voor de Stedelijke Regio ’s-Hertogenbosch, met de waterschappen en met diverse partners
1.3.1 ’s-Hertogenbosch in een sterk netwerk
op het gebied van sociale en medische zorg en arbeidsmarkt.
De tijd dat steden alleen een rol hadden als centrumstad voor de omliggende regio is al lang verleden tijd. De interstedelijke en regionale connecties zijn intensief en divers. Wonen in ’s-Hertogenbosch, werken in
‘s-Hertogenbosch zelf is deel van Brabantstad. Dat is een krachtig samenwerkingsverband van de zeven
Boxtel, op bezoek in Lith, een avondstudie in Eindhoven en een concert in Tilburg: dit is geen uitzonderlijke
grootste steden in Brabant en de provincie. We hebben daarbinnen de meest intensieve relatie met Oss¹.
weekagenda. De toenemende verbondenheid en uitwisseling met aangrenzende steden en regio’s vraagt
Door samenwerking en complementaire ontwikkeling wint deze relatie verder aan belang. Dit versterkt ook
bijzondere aandacht. Waar concurreer je met elkaar en waar vul je elkaar aan? ‘s-Hertogenbosch wordt
onze positie in de driehoeksrelatie met Eindhoven-Helmond en Tilburg-Breda. Om de positie van het station
immers steeds meer één stedelijk systeem op het gebied van economie, arbeidsmarkt, tertiair onderwijs, zorg,
verder te versterken, ziet ’s-Hertogenbosch veel potentie in de stedelijke ontwikkeling op de lijn richting Oss
maatschappelijke en commerciële voorzieningen met Eindhoven, Tilburg en Oss. En op wat grotere afstand
met het spoor als ontwikkelbasis. De ligging op de hogere dekzandgronden is vanuit bodem en water gunstig
met Utrecht, Breda en Nijmegen. Dat vraagt om continue aandacht voor positionering en profilering.
en bevordert elkaars nabijheid, zonder de intentie om aan elkaar te groeien.
‘s-Hertogenbosch heeft een prominente rol in het netwerk van Brabantse steden, waarin de steden elkaar
de Randstad en Bandstad
vooral versterken omdat ze elkaar aanvullen. Voor de omliggende gemeenten en deels voor de regio Noord-
’s-Hertogenbosch is de poort naar de noordelijke Randstad met de economische kerngebieden Utrecht en
oost-Brabant heeft ’s-Hertogenbosch economisch, sociaal-maatschappelijk, cultureel en qua zorg en mobili-
Amsterdam. Onderlinge verbondenheid en uitwisseling met omliggende regio’s en steden op grotere afstand
teit een centrumfunctie, met een verzorgingsgebied van zo’n 500.000 inwoners. Voor al deze mensen is het
maken onlosmakelijk deel uit van het dagelijkse leven van de Bosschenaren. ‘s-Hertogenbosch kan zich dus
centrum van ’s-Hertogenbosch een belangrijke en betekenisvolle plek voor grootstedelijke voorzieningen en
enerzijds profileren voor een veel groter publiek dan alleen de eigen regio, en anderzijds gebruikmaken van
dient het als knooppunt voor de verbinding met de rest van Nederland. De regionale bereikbaarheid verster-
voorzieningen in andere regio’s.
ken we, om zo van betekenis te kunnen blijven voor alle inwoners. Op nationale schaal maakt ’s-Hertogenbosch deel uit van de Bandstad². De stedenband ligt boven de zee-
wederkerige relatie
spiegel om de Randstad heen. In dit netwerk liggen onder meer Zwolle, Deventer, Arnhem, Nijmegen en de
Andersom zijn de omliggende gebieden voor ‘s-Hertogenbosch van groot belang voor bijvoorbeeld recreatie,
Brabantse Stedenrij. Om de groei van Nederland in goede banen te leiden, moet dit netwerk sterker worden
rust, werkgelegenheid en landbouw. De relatie is dus wederkerig, zeker als het gaat om de energieopgave
en moeten de steden sterk groeien, zowel binnenstedelijk als door middel van grootschalige uitleglocaties.
Omgevingsvisie - Zin in ‘s-Hertogenbosch | 37
Daarbij is ook aandacht voor een betere balans tussen wonen en werken, zodat de dynamiek van Nederland beter verdeeld is over het land. Dat voorkomt dat Nederland één dominante metropool heeft. Voor ’s-Hertogenbosch biedt dit de kans om de bestaande ambities in de stad sneller waar te maken. In deze omgevingsvisie verkennen we de mogelijkheden om extra ruimte te creëren voor verstedelijking buiten de bestaande contouren, met bodem en water als onderlegger. Onze initiatieven en opgaven stoppen niet bij de gemeentegrens en we zijn ons bewust van onze rol in en de verbinding met de regio. In samenwerking met bedrijven, overheid, scholen en talent biedt ’s-Hertogenbosch een boeiende omgeving voor vernieuwende denkers, doeners en makers. Door de juiste partners, ervaringen en uitdagingen samen te brengen, vinden we nieuwe oplossingen. Oplossingen die zorgen voor een steeds slimmere en betere samenleving.
1.3.2 de Bossche parels Op het gebied van kunst, sport en evenementen onderscheidt ’s-Hertogenbosch zich duidelijk van de omliggende steden en regio. Bossche parels geven ’s-Hertogenbosch extra glans.
Jheronimus Bosch, en een beetje Vincent van Gogh De geschiedenis van ’s-Hertogenbosch is onlosmakelijk verbonden met de wereldberoemde kunstschilder uit de late middeleeuwen Jheronimus Bosch, kortweg Jeroen Bosch. Hij vormt een inspiratie voor diverse kunsten cultuurpodia, die medebepalend zijn voor de stedelijke cultuur. Gelukkig is de dagelijkse leefomgeving van Jeroen Bosch nog altijd grotendeels beleefbaar in de oude binnenstad. De meerwaarde van kunst als reflectie op het leven van alledag groeit al eeuwen mee met de Bosschenaren. Het is een voedingsbodem voor nieuwe zaailingen. Denk aan het Noordbrabants Museum, het Designmuseum
38 | Omgevingsvisie - Zin in ‘s-Hertogenbosch
en de kunstacademie Sint Joost School of Art & Design. En voor een cultuur van jonge en nieuwe makers in
topsport en evenementen
de hele stad die inspiratie halen uit het verleden en dat verbinden met het heden en de toekomst. Cultuur is
In ’s-Hertogenbosch staan net andere sporten en evenementen bovenaan de lijstjes dan in omringende ste-
belangrijk in ’s-Hertogenbosch en heeft aantrekkingskracht op toeristen en makers uit binnen- en buitenland.
den. Natuurlijk heeft ’s-Hertogenbosch met FC Den Bosch profvoetbal in huis. Maar op de hockeyvelden aan
Zoals het Theaterfestival Boulevard, het Internationaal Vocalisten Concours en November Music. Kunst en
de Oosterplas en binnen de basketballijnen van de Maaspoort spelen ze op Champions League-niveau. Ook
cultuur krijgen hier de ruimte, zowel in voorzieningen en evenementen als in de publieke ruimte. Waarbij het
hebben we een langjarige traditie van sportevenementen op de internationale sportkalender. Jaarlijks is er
niet gaat om meer van hetzelfde, maar om het verrijken van het palet.
een ATP-tennistoernooi op het Autotron en strijkt de hippische sport neer in de Brabanthallen. Minder frequent, maar met minstens evenveel impact, starten, passeren en/of finishen grote (inter)nationale wielereve-
Ook is in ’s-Hertogenbosch aandacht voor een andere grootmeester uit de provincie, Vincent van Gogh. Niet
nementen in de stad. Niet geheel vreemd als je bedenkt dat één van de meeste succesvolle profwielerploegen
als geboortestad of residentie, maar wel als schilder van het Brabantse land. Van Gogh was een liefhebber
zijn thuisbasis heeft in ’s-Hertogenbosch: team Visma-Lease a Bike.
van het landschap en heeft dit tot onderwerp gemaakt van een groot aantal van zijn vroege werken. Om hierop de aandacht te vestigen, is het Van Gogh Nationaal Park (VGNP) opgericht. Dit gebied reikt tot aan
Met de Brabanthallen op loopafstand van het station biedt ’s-Hertogenbosch daarnaast jaarrond een breed
’s-Hertogenbosch, waar zijn schilderijen in het Noordbrabants Museum te zien zijn, en spant zich verder op
aanbod beurzen, congressen, concerten, sportevenementen en andere grootschalige bijeenkomsten. Met een
tussen Nuenen, Zundert en de Kempen. Aan de Zuidwal geven dus niet alleen de stad en het landschap elkaar
soms regionale en vaak nationale oriëntatie. En dan is de Bossche jaaragenda ook nog eens gevuld met kleine
de hand, maar ook de wereld van Jeroen Bosch en Vincent van Gogh.
en grote evenementen, waarin de Bourgondische levenswijze volop op de aandacht krijgt. Het eigenzinnige profiel van ’s-Hertogenbosch heeft een brede aantrekkingskracht op bezoekers. Dat moeten
De partners van het VGNP-samenwerkingsverband werken aan het landschap van de 21ste eeuw. De focus
we koesteren, uitbouwen en meer verbinden met de maatschappelijke opgaven in de buurten, dorpen en
ligt op de ontwikkeling van natuur en landschap met een meerwaarde voor het ecologisch, economisch en
wijken. Bij het verdichten van de stad kunnen we (top)sport en evenementen, of eenvoudiger bewegen en
sociaal kapitaal van de streek, met oog voor de grote maatschappelijke opgaven. Met dit Nationaal Park nieu-
ontmoeten, vertalen naar ontwerp en inrichting door net even anders te denken en te doen. Bijvoorbeeld
we stijl beogen zij een hoogwaardig landschap van de toekomst. Een landschap dat geïnspireerd wordt door
door niet alleen een fietspadennetwerk dat belangrijke bestemmingen verbindt te ontwerpen, maar ook na
het lef en de verbeeldingskracht van Vincent van Gogh, met prachtige natuur en vitaal boerenland midden in
te denken hoe dit ook voor een wielrenner of hardloper een interessante ronde kan zijn. Wellicht door een
een economisch krachtige regio.
extra verbindingslusje aan te leggen, zodat er een mooie trainingsronde ontstaat
Omgevingsvisie - Zin in ‘s-Hertogenbosch | 39
1.4 Grote bewegingen Het verhaal van ‘s-Hertogenbosch voor de toekomst is niet compleet zonder een aantal maatschappelijke transities te benoemen met een grote invloed op de toekomstige stad en samenleving. De wereld is continu in beweging, maar sommige bewegingen hebben een grotere impact dan andere. We beperken ons hier tot de essentie van deze grote bewegingen en richten ons op de ruimtelijke impact hiervan. We weten ongeveer in welke richting het beweegt en dat we op de een of andere manier met de (verwachte) gevolgen om moeten gaan. We duiden er drie die van invloed zijn op de ruimtelijk ontwikkeling van stad en samenleving.
klimaat Vrijwel elk seizoen merken we dat het klimaat verandert. We breken regelmatig hitterecords, we hebben soms veel te weinig water en op andere momenten veel te veel. Voor de omgevingsvisie is het vooral zaak om met de feitelijke gevolgen om te kunnen gaan voor zover die ruimtelijk relevant zijn. ’s-Hertogenbosch is het meest kwetsbaar voor toevoer van te veel water in korte tijd. Of het nu om hevige buien in het stroomgebied van de Aa en Dommel gaat, om hoogwater op de Maas of in het ergste geval om een combinatie van beide. Water stroomt naar het laagste punt. Een heel groot deel van ’s-Hertogenbosch is een laag punt. Onze belangrijkste opgave is dan ook om droge voeten te houden. Dat doen we op de eerste plaats door het water dat in ‘s-Hertogenbosch valt zoveel mogelijk vast te houden in de bodem, groen- en blauwstructuren. Daarnaast werken we voortvarend aan de hoogwaterveiligheid: met waterbergingsgebieden voor water uit de regio en met dijkversterking aan de Maas. De kunst zal zijn om naast droge voeten te houden ook de woon- en leefkwaliteit te versterken.
schaarste Het kan bijna niemand ontgaan zijn dat we op veel vlakken te maken hebben met tekorten. Tekorten aan arbeidskrachten, grondstoffen en ruimte. Deze schaarste wordt in de toekomst nog nijpender. Voor arbeid betekent dit dat we nog slimmer moeten gaan werken om ondersteuning te bieden bij oplopende arbeidstekorten. Ruimtelijk moeten we inzetten op efficiënt en meervoudig gebruik van de ruimte. Onze grondstoffen zijn niet
40 | Omgevingsvisie - Zin in ‘s-Hertogenbosch
onuitputtelijk en voor fossiele energie zien we het eindpunt al aan de horizon verschijnen. We moeten dan
een bloeiende economie en een hoge levensstandaard.
ook van een lineaire samenleving naar een circulaire samenleving, waarin we grondstoffen zoveel mogelijk en liefst 100% hergebruiken.
Beide demografische verschijnselen hebben grote invloed op de samenstelling van de Bossche bevolking. Te weinig woningen bouwen kan leiden tot een sterk vergrijsde stad en samenleving, waarin ouderen blijven
In een circulaire samenleving worden bestaande materialen en producten zo lang mogelijk gedeeld, her-
zitten waar ze zitten. Jongeren en of minder kapitaalkrachtigen krijgen dan geen kansen om zich te vestigen
gebruikt, hersteld, opgeknapt en gerecycled om waarde te behouden, afval te voorkomen en het gebruik
of door te groeien. Dat komt door de hoge woningprijzen en -huren. Zij moeten noodgedwongen elders gaan
van grondstoffen te beperken. In ’s-Hertogenbosch is het vooral zaak om voldoende ruimte beschikbaar te
wonen. Het risico daarvan is dat de dynamiek van de stad afneemt en er te weinig werkenden overblijven.
houden voor het circulair samenleven in korte ketens, nu de ruimte steeds schaarser wordt. Dit zal met name
Langzaamaan verdwijnt dan het leven uit de stad. Dit vraagt om een proactieve houding in het ruimtelijk
ruimte voor bedrijvigheid en het opwekken en opslaan van energie zijn. Hoe de circulaire samenleving vorm
beleid om een evenwichtige en levendige gemeente in de toekomst te blijven.
krijgt? Daar is nog veel onderzoek en inspanning voor nodig. Maar we zetten al stappen. Door duurzaam of natuurinclusief te bouwen bijvoorbeeld. En door volop in te zetten op hernieuwbare energie.
demografie De samenleving verandert continu: de manier waarop we denken en doen, wat we vinden en de samenstelling van onze samenleving. In ’s-Hertogenbosch zien we een stevige vergrijzing naderen in de komende decennia en tegelijkertijd een aanhoudende migratie. De vergrijzing is een traag proces, redelijk voorspelbaar en heeft met name betrekking op de bestaande Bossche bevolking. We spreken van een dubbele vergrijzing. Dit omdat de grootte van de groep ouderen toeneemt en zij ook ouder worden dan vroeger. De vergrijzing heeft een grote impact op de welzijns- en zorgvraag, arbeidsmarkt, specifieke voorzieningen, mobiliteit en woningmarkt (immers, de verhuisgeneigdheid onder ouderen is zeer laag). Tegelijkertijd heeft de vergrijzing grote impact op het dagelijkse leven van zorgbehoevenden en hun omgeving als ze geen regie meer kunnen hebben over hun eigen keuzes, doordat ze bijvoorbeeld vastzitten in hun woonsituatie. De migratie is ook stevig, maar veel minder voorspelbaar dan de vergrijzing. Het gaat bij migratie om de trek naar de stad en om de aantrekkingskracht van Nederland door
Omgevingsvisie - Zin in ‘s-Hertogenbosch | 41
42 | Omgevingsvisie - Zin in ‘s-Hertogenbosch
2.
BOSSCHE ONTWIKKELLIJNEN Het Podium ’s-Hertogenbosch vormt het decor voor de alledaagse samenleving, het Circus Jeroen Bosch. Hier
Onze ambitie en opgaven zijn stevig en vragen om een handelingsperspectief. De route naar de stip op de
komt naar voren wie we zijn, wat we belangrijk vinden en hoe we naar onszelf en onze omgeving kijken. De
horizon is geen rechte lijn. Veel zaken die we onderweg tegenkomen, zijn nu nog onbekend. Met het hande-
groeiende en vergrijzende bevolking, het veranderende klimaat, tekorten aan arbeidskrachten, grondstoffen
lingsperspectief, zoals omschreven in tot besluit van elke ontwikkellijn, bieden we de samenleving en onze
en ruimte: dat allemaal leidt boven- en ondergronds tot een extra ruimtevraag óf om de bestaande ruimte
partners duidelijkheid over hoe we onze ambitie en opgaven willen waarmaken. En wat zij daarin van ons
anders te gebruiken. Niet alles wat we willen kan en past binnen de grenzen van de gemeente ’s-Hertogen-
kunnen verwachten. Het betreft de hoofdlijnen van ons ruimtelijk beleid dat we in omgevingsprogramma’s,
bosch. En we kunnen daarvoor niet (altijd) kijken naar de grond van de buren, dichtbij of ver weg. We moeten
omgevingsplannen, gebiedsontwikkelingen en projecten verder moeten uitwerken. De omgevingsvisie biedt
keuzes maken en de ruimte beter en efficiënter benutten vanuit een integraal perspectief. Dus: rekening
hiervoor het richtinggevend kader. De omgevingsvisie moet immers de tand des tijds kunnen doorstaan,
houdend met alle relevante aspecten in samenhang met elkaar. Met als doel een nog betere versie van
ruimte bieden voor bijstelling van de koers en nieuwe ontwikkelingen kunnen inpassen.
’s-Hertogenbosch in de toekomst te realiseren, die haalbaar en aantrekkelijk is. Voordat we dieper ingaan op de ontwikkellijnen, leggen we de nadruk op een drietal principes voor het
vier ontwikkellijnen
ordenen van de ruimte die als een rode draad zijn verweven in de ontwikkellijnen. Die zijn de voorgaande
In deze omgevingsvisie zetten we stevige piketpalen uit om de ruimtelijke opgaven en transities aan de hand
beschrijvingen al regelmatig de revue zijn gepasseerd.
van vier strategische ontwikkellijnen te begeleiden en verder vorm te geven. Deze ontwikkellijnen zijn actiegericht en samenhangend. Je kunt ze als doelen lezen: •
groots vergroenen;
•
bouwen aan generaties;
•
welvarend welzijn;
•
vorstelijk verbinden.
Deze Bossche ontwikkellijnen zijn verhalend beschreven. Want die manier doet het meest recht aan de wens om het samenhangende karakter van de opgaven en transities goed te kunnen vertellen. De ontwikkellijnen hebben een vergelijkbare opbouw. Vanuit een inleidende, maar niet uitputtende context beschrijven we de ambitie voor de ontwikkellijn. Vervolgens vertalen we die naar concrete, ruimtelijke opgaven. Met de Bossche ontwikkellijnen kunnen we de ruimtelijke ontwikkeling van ’s-Hertogenbosch vertellen. Het zijn lijnen die de toekomst van het Podium ‘s-Hertogenbosch en Circus Jeroen Bosch sturen én verrijken.
Omgevingsvisie - Zin in ‘s-Hertogenbosch | 43
44 | Omgevingsvisie - Zin in ‘s-Hertogenbosch
2.1 principes voor het ordenen van de ruimte De druk op de ruimte is groot, in én om stad. Er is ruimte nodig voor de gevolgen van de klimaatverandering,
nabij
voor nieuwe en andere vormen van landbouw en energieopwekking én voor het beschermen en versterken
De stedelijke ontwikkeling heeft lange tijd geleund op een scheiding van wonen, werken, voorzieningen en
van de kwetsbare natuur. Bovendien willen steeds meer inwoners het ommeland benutten voor recreatie,
recreëren. De noodzaak uit het verleden, hygiëne, overlast en gezondheid, is veelal verdampt. Het resultaat is
sport, beleving en rust. Ook in de stad is de druk hoog. Een groeiende bevolking vraagt om meer woningen,
een minder efficiënte stad. We kiezen met die reden voor nabijheid als ordenend principe. Zo verdichten we
meer voorzieningen en meer plekken om te werken, studeren en leven. De stad moet ook nog eens vergroe-
rond hoogdynamische locaties. Denk aan centra, knopen en langs hoofdroutes met een bestaande mix van
nen. Omdat het mooier is en groen fijne plekken biedt om te ontspannen, en omdat groen een antwoord is
functies. We kiezen voor een betere functiemix in monotone gebieden met een lage dynamiek. Dit leidt tot
op veel opgaven vanuit gezondheid, klimaat en biodiversiteit.
meer voorzieningen binnen minder minuten reistijd en stimuleert ontmoeting.
De omgevingsvisie brengt de wensen van de samenleving samen en schetst een inspirerend beeld voor de
meervoudig
toekomst: vooral en bovenal voor het ruimtelijk perspectief. Daar ligt in de Bossche ontwikkellijnen dan ook
Gebouwen en gebieden zijn vaak ontworpen voor één bepaald gebruik. In sommige gevallen is dat nodig
de nadruk op, zonder de samenleving als de gebruiker van de stad en het ommeland uit het oog te verliezen.
en kan het niet anders. Maar in veel gevallen is gebruik voor meerdere doelen goed mogelijk. Op verschil-
Om aan allebei recht te doen, hanteren we een drietal principes om de Bossche ruimte te ordenen: compact,
lende momenten op de dag of in de week en soms zelfs tegelijkertijd. We kiezen daarom voor meervoudig
nabij en meervoudig. Dit zijn principes die al eeuwen aantonen dat ze leiden tot goede straten, buurten,
ruimtegebruik als ordenend principe. Dat betekent dat we bij elke ontwikkeling in de stad, de dorpen of het
wijken, dorpen en steden.
buitengebied altijd onderzoeken hoe we gebouwen en gebieden voor meer functies in kunnen zetten.
compact De ruimte in en om ’s-Hertogenbosch is schaars, maar de vraag naar ruimte is ongekend hoog. De optelsom van de ruimtevraag voor wonen, werken, voorzieningen, recreatie, klimaat, landbouw, natuur en energie is groter dan de beschikbare ruimte. We kiezen dan ook voor een compacte stad en compacte dorpen als ordenend principe. De ruimtevraag voor nieuwe stedelijke functies, zoals wonen, werken en voorzieningen, vangen we zoveel mogelijk op binnen de bestaande stad en dorpen. Daartoe horen ook de gebieden die al in ontwikkeling zijn of die in deze omgevingsvisie als ontwikkelingsgebieden zijn aangewezen. Compact betekent dat we de ruimte efficiënt benutten.
Omgevingsvisie - Zin in ‘s-Hertogenbosch | 45
46 | Omgevingsvisie - Zin in ‘s-Hertogenbosch
2.2 de ontwikkellijn groots vergroenen In ’s-Hertogenbosch ontwaakt de Moerasdraak. Dat is meer dan een verhaal uit het verleden. De Moerasdraak
gen aan reserves ingeboet om een antwoord te hebben op hevige pieken en dalen in de dynamiek van de
is geleidelijk in kleine stappen getemd en in slaap gesust. Tot voor kort leek het moeraslandschap maakbaar.
delta. We hebben met techniek en innovatie alles gemaximaliseerd, maar niet per se geoptimaliseerd. Met
Om de stad en het ommeland klimaatadaptief te maken, de biodiversiteit te vergroten en de relatie tussen na-
wateroverlast, hittestress, verdroging en een zwakke staat van de bodem en natuur als gevolg. Nu de klimaat-
tuur en mens te herstellen nemen we de Moerasdraak weer als vertrekpunt. Onze geografische ligging biedt
verandering sneller gaat dan verwacht, is urgentie geboden. De tijd om ons aan te passen is beperkt. In een
kansen voor oplossingen die en functioneel zijn en ruimtelijke kwaliteit kunnen toevoegen in stad, dorpen en
steeds warmer en natter klimaat blijft het continu zoeken naar een betere balans tussen de techniek en de
ommeland. Daarmee staat de Moerasdraak niet alleen voor ons verleden, maar ook voor onze toekomst. De
natuurlijke staat. De maakbaarheid blijkt in elk geval eindig om ook voor toekomstige generaties een gezond,
Moerasdraak is weer wakker gekust! ’s-Hertogenbosch gaat groots vergroenen.
groen en klimaatbestendig landschap te bieden.
2.2.1 wat we zien
ruimte voor droge voeten
In een notendop zien we dat de maakbaarheid van het moeraslandschap niet onbeperkt is als antwoord op
In en om ’s-Hertogenbosch wateren de regionale watersystemen af op de Maas. Dat maakt de gemeente bij-
de klimaatverandering. En: het stadsgroen en de natuur zijn steeds vaker het toneel om te sporten, te bewe-
zonder gevoelig voor overstromingen, zowel vanuit de beekdalen als vanuit de Maas. De Maasdijk beschermt
gen, te ontmoeten en te vertoeven. Het stedelijk groen en de natuur zijn steeds vaker een vluchtplek als het
de stad in het noorden. Maar die moet over grote delen verhogen en verbreden om de grotere schommelin-
in de stad te warm wordt. Tegelijkertijd zien we dat flora en fauna de stedelijke omgeving opzoekt als woon-,
gen in het waterpeil van de Maas op te vangen.
schuil- en foerageerplek. Waterkeringen en waterbergingsgebieden beschermen de stad tegen overstromingen vanuit de stroomge-
de Moerasdraak ontwaakt
bieden van Aa, Dommel en Dieze. Dit watersysteem heet het regionale watersysteem. Ook dit systeem heeft
Door de forse groei van de stad hebben in de laatste eeuw de rivieren en beken steeds minder ruimte gekre-
steeds meer ruimte nodig voor piekafvoeren in korte tijd. Diverse waterbergingsgebieden zoals Het Bossche
gen. De opgehoogde gebieden klemden in de loop der tijd de rivieren in en later zijn ze bedijkt. De rivieren
Broek, de Gement en het dynamisch beekdal van de Aa zijn al gerealiseerd met een capaciteit van ruim 14
en beken leken bedwongen. Het gevolg daarvan is dat uitbreidingswijken zoals Maaspoort niet meer zo ver
miljoen kubieke meter water. Desondanks is er nog een zoektocht naar mogelijkheden om 36 miljoen kubieke
opgehoogd zijn als voorheen en dat gemalen de nieuwere wijken ontwaterden. Een set van technische oplos-
meter water in de regio op te vangen. Dit om het gewenste beschermingsniveau te halen met het programma
singen kon overstromingen en wateroverlast in de stad voorkomen.
van Hoogwater Aanpak Brabant Oost³ (HoWaBO II). Dit moet leiden tot een robuust watersysteem tijdens droge én natte periodes. Een systeem dat voldoende water (bovenstrooms) vasthoudt en ook kan bergen en
Steeds vaker zien we dat de oplossingen uit het verleden vandaag de dag niet meer toereikend zijn. Met
afvoeren.
name op de momenten dat het klimaat zich anders gedraagt dan voorheen: hevige buien, hete zomers en lange periodes van regen. De bodem, het watersysteem en de natuur hebben door alle technische oplossin-
Omgevingsvisie - Zin in ‘s-Hertogenbosch | 47
48 | Omgevingsvisie - Zin in ‘s-Hertogenbosch
Naast bescherming tegen overstromingen vanuit de rivieren moeten we de stad ook beschermen tegen overstromingen als gevolg van hevige neerslag. Het uitgangspunt hierbij is dat er wel hinder maar geen schade mag ontstaan.
natuur als dienst De natuur levert allerlei diensten aan de mens. Soms heel zichtbaar, zoals de productie van voedsel en hout. Vaak ook minder zichtbaar. Denk aan de zuivering van oppervlaktewater door een rietmoeras, de bestrijding van plagen in de landbouw met natuurlijke vijanden of verkoeling bieden op warme dagen. Deze diensten noemen we ecosysteemdiensten. Als samenleving maken we gebruik van verschillende ecosysteemdiensten. Om dit natuurlijk kapitaal blijvend te benutten, moeten we de balans tussen het gebruiken en beschermen ervan goed bewaren.
voorbeelden van ecosysteemdiensten in Nederland. Bron: PBL, WUR, CICES 2014.
De bodem is een voorbeeld van een minder zichtbare, maar voor ‘s-Hertogenbosch essentiële ecosysteem-
stad als ecologische vluchtheuvel
dienst. Een gezonde bodem werkt als spons voor waterbuffering, verdraagt hitte en droogte beter, slaat kool-
Het natuurlijke deel van de stad is even rusteloos, dynamisch en kosmopolitisch als het menselijke deel van
stof op, houdt stikstof vast en bevordert de biodiversiteit en waterkwaliteit. Vanzelfsprekend is een gezonde
de stad. In de stad gebeuren ongelofelijke dingen, maar die gebeuren ook vaak in scheuren in het asfalt of in
bodem ook van belang voor de agrarische sector.
achtertuinen in de buitenwijken. De stad zelf is een ecosysteem, dat qua soorten rijker is dan de monotone en intensief bewerkte cultuurgronden in het buitengebied4.
Natuur heeft haar eigen waarde. Met name zeldzame en kwetsbare natuur, zoals delen van Het Bossche
Steden veranderen snel, zoals ze altijd hebben gedaan. Op vergeten plekken die we ooit claimden, hebben
Broek, de Moerputten en de Gement, de Hooge Heide en Nulandse Heide, heeft bescherming en rust nodig.
zaden het vaak overleefd en bloeien ze op als we even niet kijken. Wilde dieren hebben hun weg gevonden
Tegelijkertijd zorgt de hoge druk op de ruimte ervoor dat het groen in en om de stad en dorpen én de natuur-
naar onze stad en geleerd om naast de mens te leven. De grens tussen stad en natuur vervaagt zo steeds
gebieden meervoudig worden gebruikt. Het zijn gewilde plekken voor ontspanning, ontmoeting, sporten en
meer. In ’s-Hertogenbosch zijn al veel groene gebieden. Maar er zijn tal van mogelijkheden om het groen nog
bewegen. Het groen in de stad is op veel plaatsen al het decor voor de belangrijkste fiets- en wandelroutes.
verder door te laten dringen. Als we het tenminste de kans geven om uit te groeien tot een actief, stedelijk
Een aantal parken wordt al intensief gebruikt, andere nodigen hier minder toe uit.
ecosysteem.
Omgevingsvisie - Zin in ‘s-Hertogenbosch | 49
uitbreiden stad aan banden
natuurontwikkeling. Denk haan de noodzakelijke 10% groenblauwe dooradering van het cultuurlandschap.
De Europese Commissie legt in de Bodemgezondheidswet de verdere aantasting van de bodemkwaliteit
De landbouw blijft in welke toekomstige vorm dan ook een belangrijke gebruiker en beheerder van het bui-
en ecosysteemdiensten aan banden. Eén van de manieren is door geleidelijk de rem te zetten op stedelijke
tengebied. De agrarische ondernemers hebben samen met onder meer natuurorganisaties, terreinbeheerders
uitbreiding ten koste van natuur- en landbouwgronden. Met in 2050 een geheel verbod op uitbreiding, onder
en andere (semi-)publieke partijen hierbij een belangrijke rol. Nabij natuurgebieden, of plekken waar de
de noemer no net land take. Dat jaartal is nog ver, maar vanaf 2030 moet het Rijk al verantwoording afleggen
grond arm is of klimaatadaptatie voorrang krijgt, is een ander (agrarisch) ondernemerschap nodig om groots
over verstedelijking in relatie tot ruimte voor groen en landbouw.
te vergroenen. Het vormgeven van de transitie naar een meer (bio)divers cultuurlandschap met verschillende accenten en profielen is een complexe en langjarige aangelegenheid.
Ondanks dat een aantal begrippen en definities nog niet voldoende gedefinieerd zijn, is wel duidelijk dat de wetgeving een extra druk op het bestaand verstedelijkt gebied gaat leggen. Het bestaand, stedelijk gebied
2.2.2 onze ambitie en opgaven
moeten we efficiënter en zorgvuldiger gebruiken. De Bossche verstedelijkingsstrategie en onderliggende or-
Onze ambitie voor de ontwikkellijn groots vergroenen leunt sterk op de ambities verwoord in recente besluit-
denende principes voor de ruimtelijke ordening leunen al sterk op het intensiever en efficiënter gebruiken van
vorming over groen, water en klimaatadaptatie. In deze omgevingsvisie ligt de focus op de ruimtelijke ver-
de bestaande stad en dorpen.
taling hiervan. Groots vergroenen in ’s-Hertogenbosch betekent ruimte in de stad, dorpen en het ommeland voor klimaatadaptatie, biodiversiteit, een gezonde bodem en leefomgeving een veerkrachtig stedelijk groen
ruimte voor natuurbeheer
en natuur. We nemen hiervoor zoveel mogelijk het natuurlijk systeem als basis en gebruiken techniek waar
Na de Tweede Wereldoorlog groeide de landbouw sterk onder het motto Nooit meer honger. Ruilverkave-
het nodig is. Een gezonde balans tussen mens en natuur en een perspectief dat vol te houden is voor het
lingen, schaalvergroting, normalisatie van beken en ontwatering maakten de eeuwenoude waterbeheersing
natuurlijk kapitaal, zijn hierbij leidend.
overbodig. Houtwallen en hagen verloren hun functie als perceelsgrenzen. Dat leidde tot een verlies aan
Om deze ambitie waar te kunnen maken, zien we zeven hoofdopgaven:
natuur en landschapskwaliteit. Vermesting, verdroging en verzuring deden hun intrede met een groot effect
•
op de oorspronkelijke biodiversiteit . Het hobbelige pad naar een nieuw evenwicht is al jaren geleden ingezet. Daarnaast ligt er nog veel werk in het verschiet om de kwaliteit van de natuur, de bodem en het water weer
• •
Maar ook hier moet er ruimte komen voor een verbetering van de bodem- en waterkwaliteit met ruimte voor
50 | Omgevingsvisie - Zin in ‘s-Hertogenbosch
We werken aan een gezonde bodem die het hemelwater beter kan vasthouden in natte en droge tijden en die de gebiedseigen biodiversiteit kan verbeteren en versterken;
Delen van het buitengebied blijven functioneren als een efficiënt productielandschap, waar het produceren van voedsel en gewassen centraal staat (meer informatie daarover bij de ontwikkellijn welvarend welzijn).
We maken ruimte voor de Maas, de beekdalen zodat stad en dorpen droge voeten houden in een steeds natter klimaat;
op niveau te krijgen. De landbouw staat in haar huidige vorm sterk onder druk en moet zich gaan aanpassen aan de omgeving.
We moeten een betere balans aanbrengen tussen de natuurlijke condities van water, bodem en natuur aan de ene kant en de techniek aan de andere kant om klimaatadaptief te worden;
5
•
We vergroenen stad en land voor een rijkere biodiversiteit, een gezond en klimaatadaptief woon-, werk- en leefklimaat en een aantrekkelijk ’s-Hertogenbosch;
• •
•
We bouwen verder aan een samenhangend netwerk van hoogwaardige natuurgebieden en
Het bestaande groen en water in ‘s-Hertogenbosch functioneert al deels als een natuurlijke klimaatbuffer en
groenblauwe structuren in en rond de stad onder de noemer De Groene Delta6;
heeft al een bijzondere waarde voor natuur en mens. Dat willen we zoveel mogelijk koesteren en vasthouden.
We verbeteren de bereikbaarheid inclusieve toegankelijkheid van het groen en het blauw in de stad
Rigoureus het roer om na een eeuw van maakbaarheidsgeloof en technische optimalisatie is niet realistisch
en het ommeland voor meer natuurbeleving, het bevorderen van ontmoeting, recreatief medegebruik,
en haalbaar. Daarom maken we onderscheid tussen ruimtelijk structurerende keuzes op het niveau van ver-
maar houden afstand tot het groen en blauw waar dat nodig is;
stedelijking en inrichtingskeuzes om de stad groots te vergroenen. We nemen het heden als vertrekpunt en
We benutten de ecosysteemdiensten in balans met de veerkracht van ons natuurlijk kapitaal.
nemen de lessen uit het verleden mee. Onze keuzes en ruimtelijke ingrepen moeten robuust zijn.
Deze opgaven kunnen in de tijd qua inhoud, proces en urgentie gaan bewegen en onderdeel zijn van de
structurerende keuzes voor verstedelijking
terugkerende actualisatie van de omgevingsvisie.
In ’s-Hertogenbosch hebben we met de keuzes voor een compacte stad en om het water de ruimte te geven buiten de stad, het principe water- en bodemsturend op structurerend niveau al omarmd. Voor nieuwe, ruim-
2.2.3 hoe we het willen doen
telijk structurerende keuzes is dit principe het vertrekpunt. Maar: de beste plek vanuit water en bodem bezien
Binnen de ontwikkellijn groots vergroenen zijn de opgaven urgent en tegelijkertijd een zaak van lange adem.
is niet altijd de meest wenselijke plek om aan de stad of het dorp te bouwen. Andere belangen sturen keuzes
Groots verwijst niet alleen naar de omvang en reikwijdte van de opgaven, maar ook naar de eeuwenoude
soms een andere kant op. Denk aan de nabijheid van scholen of van een sportvereniging, de bereikbaarheid
drijfveer om de dingen in ‘s-Hertogenbosch goed en met een hoge kwaliteit te doen. Het vergroenen omvat
van stations en wegen, de aansluiting op energie- en drinkwatersystemen of stedelijke dynamiek. Dat is niet
het brede spectrum van natuur, water, bodem, klimaat en landschap. We moeten voortvarend aan de slag
per se ongunstig voor water en bodem. Vanuit een brede scope kan bijvoorbeeld verdichting en intensiever
(blijven), want de transformatie naar een gezonde, groene klimaatbestendige stad neemt decennia in beslag.
gebruik rond stedelijke centra juist ruimte vrijhouden op andere plekken in de stad of het ommeland voor
De opgaven en investeringen zijn groot. Als we meer willen leunen op het natuurlijk systeem, dan moet het
een natuurlijke omgang met bodem en water. In ‘s-Hertogenbosch hebben we hier al de nodige ervaring mee.
ook de tijd krijgen om zichzelf in te regelen.
Door bijvoorbeeld hoogstedelijk te bouwen in de Spoorzone. En door rond de stad ruimte vrij te houden voor
We noemen vijf manieren hoe we de ambitie van de ontwikkellijn groots vergroenen willen waarmaken.
waterberging in Het Bossche Broek en de Gement, voor zover gelegen op het grondgebied van de gemeente ‘s-Hertogenbosch.
1. de Moerasdraak versterken vanuit het principe water- en bodemsturend ’s-Hertogenbosch omarmt in navolging van het Rijk en de provincie het principe water- en bodemsturend. In
inrichtingskeuzes in de openbare ruimte
onze keuzes moeten we beter luisteren naar wat het water en de bodem te vertellen hebben. En het gebruik
Voor de inrichtingskeuzes in de openbare ruimte geldt dat niet de stedenbouwkundige typologie, bouwpe-
en de inrichting beter afstemmen op de staat en kwaliteit van de ondergrond en de natuurlijke dynamiek van
riode, het technische vernuft of de ontwerpersvrijheid doorslaggevend is, maar de condities van het water-
het water.
systeem en de bodem. We gaan daarbij uit van de landschappelijke en/of technische eigenschappen van
Omgevingsvisie - Zin in ‘s-Hertogenbosch | 51
52 | Omgevingsvisie - Zin in ‘s-Hertogenbosch
een gebied. Zo onderscheiden we bijvoorbeeld zandwijken en -dorpen, polder- en rivierenwijken, rivier- en
opnemen én zuiveren dan de nu vaak schrale bodem in het openbaar groen of in de landbouwgebieden. Om
beekdalen, kleinschalige zandlandschappen en open polders. Het vertrekpunt daarbij is het heden. Veen-
de bodem van nature weer gezond te maken en te houden, zijn een rijke biodiversiteit, robuuste maatvoering
moeras dat opgehoogd is met zand uit de winplassen heeft water- en bodemeigenschappen van de hogere
van de groenstructuren en verbondenheid tussen de groene gebieden essentieel.
zandgronden. Daar spelen we op in bij het groen inrichten en vormgeven van de openbare ruimte.
‘s-Hertogenbosch moet opnieuw een sponsstad worden. Een sponsstad zet primair in op een natuurlijk bodem- en watersysteem in samenhang met een robuust, groenblauw netwerk. Een goede balans tussen
Veranderingen in het water- en bodemsysteem zijn voor de lange termijn, het zijn trage processen. Daarbij
het verwerken van overtollig (hemel)water en het vasthouden van water als voorraad voor droge perioden
geldt dat we om redenen van bijvoorbeeld veiligheid of financiën soms andere keuzes moeten maken.
is belangrijk.
cultuurhistorie, natuur en landschap als gids
De sponsstad is zo ontworpen dat neerslag die onder normale omstandigheden valt zoveel mogelijk lokaal
Het landschap zoals we dat dagelijks beleven, is een reflectie van wat de water- en bodemcondities mogelijk
wordt geïnfiltreerd. In droge perioden blijft dan voldoende grondwater beschikbaar voor bomen, planten en
maken, al dan niet geholpen door de techniek. Het landschap heeft een eigen identiteit; in het buitengebied
gewassen om te groeien. Door op deze manier met water om te gaan wordt ook verdroging tegengegaan.
en in de stad. Dat komt door de ligging op het kruispunt van hoog en laag én zand en klei, door de bijzondere
Lokaal moet daarvoor een goed bodemleven en voldoende bufferend volume aanwezig zijn zodat alleen
natuur die dit oplevert en de eeuwenoude patronen en relicten van bewoning, die nog altijd meer of minder
bij extreme neerslag vertraagd naar de omgeving afgevoerd hoeft te worden. Voor het zover is, zullen nog
herkenbaar zijn. Veel mensen koesteren de Bossche Buitens, zoals we het ommeland ook wel noemen. Ze zijn
technische systemen als kanalen, gemalen en stuwen nodig zijn en faciliteiten voor tijdelijk gebruik zoals
een belangrijke reden om in ‘s-Hertogenbosch te wonen, of om er een bezoek aan te brengen. Dit landschap,
wadi’s en retentiegebieden.
de cultuurhistorische waarden en bijzondere natuur zijn gidsend voor de ontwikkellijn groots vergroenen. Het verbeteren van de sponswerking kan en mag niet alleen beperkt blijven tot onze gemeente. Het zal ook
2. de stad als spons inzetten
in de steden, dorpen en het landelijk gebied bovenstrooms van de Aa en Dommel zoveel mogelijk moeten
Steden en dorpen bestaan voor een groot deel uit harde oppervlaktes, zoals steen, beton en asfalt. Water kan
worden doorgevoerd. Anders blijven de Aa en Dommel - en daarmee ’s-Hertogenbosch - kwetsbaar voor
hierdoor moeilijk in de bodem infiltreren. Bij hevige regenval staan straten en gebouwen blank. Het water
piekafvoeren en hoogwater. Het is onze uitdrukkelijke wens dat de opgave in het kader van hoogwater
stroomt oppervlakkig naar de lagergelegen gebieden met vaak hoogwater tot gevolg. Ook in het ommeland
máximaal 50 miljoen kubieke meter is. Bij voorkeur wordt dit verkleind door de inspanningen van gemeenten,
(met veel akkerbouw) spoelt regenwater direct af. Dit is een gevolg van verdichting van de bodem door ge-
provincie en waterschappen in de bovenstroomse gebieden. Dit sluit immers aan op de drietrapsstrategie
bruik van zware machines of door het technisch watersysteem, dat primair het agrarisch gebruik faciliteert.
vasthouden-bergen-afvoeren van de waterschappen.
Minder verharding, anders boeren en meer, beter en diverser groen is het begin van een oplossing, maar zeker niet voldoende. Een gezonde, natuurlijke bodem met veel bodemleven is cruciaal. Die kan veel meer water
Omgevingsvisie - Zin in ‘s-Hertogenbosch | 53
3. de 3-30-300 regel toepassen
De leef- of overlevingscondities voor planten en dieren zijn in de Brede Binnenstad met veel steen en beton
De 3-30-300 regel is eenvoudig, goed te begrijpen en goed te onthouden. De 3 staat voor 3 bomen zicht-
wezenlijk anders dan in de groene Maaspoort, in Het Bossche Broek of in Nuland. Niet alleen door de ver-
baar vanuit elke woning. De 30 staat voor de gewenste 30% beschaduwing van de openbare ruimte in de
schillen in het water- en bodemsysteem, maar ook door de bebouwing en inrichting die noodzakelijk is voor
warme maanden, wat ook deels kan met bebouwing. En de 300 staat voor de gewenste maximale afstand
het menselijk gebruik. Om de biodiversiteit te vergroten en te verrijken, benaderen we ’s-Hertogenbosch dan
van 300 meter tot een koele groene plek van minimaal een halve hectare (5.000 vierkante meter), zoals een
ook als een stad. Waar mensen, dieren en planten samenwerken door elkaar de ruimte te geven, weerbaar
verkoelend parkje.
te zijn en samen te leven in een gedeeld ecosysteem (symbiotische stad). Met andere woorden: we stellen de huidige gebiedscondities centraal en werken van daaruit aan een optimale, natuurrijke omgeving.
De basis voor de 3-30-300 regel komt uit de stadbosbouw. De overeenkomst met de traditionele bosbouw is dat je ook naar het stedelijk bos kijkt als één samenhangend ecosysteem, dat bepaalde diensten levert.
In de symbiotische stad weerspiegelt de biodiversiteit de typische gelaagdheid van de stedelijke omgeving.
Dat systeem biedt mens en dier een aaneengesloten structuur die verkoeling biedt op warme dagen, de lucht
Zo komt in de binnenstad de biodiversiteit eerder overeen met een droog en rotsachtig landschap, terwijl
zuivert, ruimte biedt voor ontspanning en sporten en de stad verbindt met het buitengebied. Voor dieren
‘s-Hertogenbosch oorspronkelijk op moerasgrond is gebouwd. Bij de inrichtingskeuze voor bomen en planten
biedt deze groenstructuur een samenhangend netwerk van stapstenen, lijnen en gebieden, die het leefgebied
kiezen we met het oog op biodiversiteit voor een rijke combinatie van gebiedseigen en klimaatbestendige
vergroten en robuust maken.
soorten. Soorten die zijn afgestemd op het onderliggende bodem- en watersysteem én op de condities die volgen uit de mate van verstedelijking.
Hoe intensiever het gebied wordt gebruikt, hoe lastiger het is om de 3-30-300 regel toe te passen. Dit is bijvoorbeeld het geval in de binnenstad of op bedrijventerreinen. Hoewel de regel niet in beton is gegoten,
Zo werken we in het stedelijke gebied aan een robuust, fijnmazig en samenhangend netwerk van parken,
biedt die houvast voor de verbetering van de groenstructuur in bestaande wijken en dorpen, bij projecten en
lanen, (spoor)bermen, begraafplaatsen, beken, oevers, zandwinplassen en allerlei kleinere groen- en wa-
in gebiedsontwikkelingen. Belangrijk is om de bodem, het watersysteem en de stedenbouwkundige opzet als
terstructuren. Daarmee is het een vergelijkbaar netwerk als bij de 3-30-300 regel, maar ligt in dit geval de
vertrekpunt te nemen bij (her)ontwerp. Lukt dat niet op buurtniveau, doe het dan op wijkniveau.
focus op de versterking van de biodiversiteit. Vaak zullen deze netwerken overlappen, soms vraagt dit om exclusiviteit en bescherming. We scheiden als het moet en combineren slim als het kan. Groene plekken die
4. de stad als groene rots zien
vooral bedoeld zijn voor verkoeling, moeten weerbaar zijn voor medegebruik door de mens. Andere plekken
De metafoor van de stad als groene rots weerspiegelt één van de meest uitdagende opgaven voor de ont-
kunnen hooguit extensieve vormen van medegebruik zoals wandelen of hardlopen verdragen. Verder zijn er
wikkellijn groots vergroenen: het vergroten van de biodiversiteit in een (hoog)stedelijk gebied. Waar verdere
plekken waar een robuuste instandhouding van de natuur vraagt om rust en stilte.
verdichting en intensivering van gebruik door de mens noodzakelijk is.
54 | Omgevingsvisie - Zin in ‘s-Hertogenbosch
In het ommeland draait het meer om het herstellen van de werking van de Moerasdraak op de overgang van
5. een mozaïek koesteren van groen, blauw, mens en dier
het hoge, droge zand naar de natte natuur van kwelgebieden, beekdalen en overstromingsvlakten. Buiten
De Bossche Buitens zijn volop in beweging. Het ommeland staat op veel plekken onder druk. De stad en
de stad is biodiversiteit gekoppeld aan deze groenblauwe structuren. Dit omvat onder meer het al deels
dorpen dijen uit en de recreatiedruk groeit. Ook de opgaven op het gebied van klimaatadaptatie, ener-
gerealiseerde netwerk van groen- en natuurgebieden van De Groene Delta en het oude cultuurlandschap, de
gietransitie, natuur en een toekomstbestendige agrarische sector vragen meer ruimte. Daarnaast ontstaan
stuifduinen en de bossen op de hogere zandgronden.
nieuwe vraagstukken die ruimte vragen met het oog op veiligheid en risicobeperking, zoals bosbranden en dijkdoorbraken. Tegelijkertijd willen we dat het landschap ook nog een beetje herkenbaar en attractief blijft.
De Groene Delta is meer dan een samenhangend gebied en natuur. Een groot aantal partners werkt onder
De veranderingsopgaven in het landelijk gebied zijn daarmee minstens even ingrijpend en complex als in het
die noemer integraal samen aan natuur en landschap, landbouw, cultuurhistorie en recreatie in en om
stedelijk gebied.
de stad. We blijven inzetten op een 10% groenblauwe dooradering, zoals opgenomen in het plan van
Het handelingsperspectief is dan ook altijd maatwerk en gebiedsgericht. We nemen de bodem en het wa-
aanpak van de provincie Noord-Brabant voor de Aanpak Landelijk Gebied7. Dat zetten we in om
tersysteem als vertrekpunt én erfgoed, natuur en landschap zijn gidsend. Maar als we uitzoomen, zien we
biodiversiteit in het agrarisch pro-ductielandschap een stevige en robuuste plek te geven en om in het
een mozaïeklandschap met daarbinnen gebieden met een hoge en lage dynamiek en snelheid. In sommige
oude cultuurlandschap het herstel van biodiversiteit te bevorderen. Het plan van aanpak biedt daarnaast
gebieden staan conservering en bescherming centraal, terwijl andere gebieden transformeren en een nieuwe
de eerste voorzichtige contouren voor structurerende keuzes voor het creëren van overgangsgebieden
betekenis krijgen. Een groots robuust netwerk van groen en blauw houdt die gebieden bij elkaar en scheidt
rondom stikstofgevoelige Natura 2000-ge-bieden, zoals Het Bossche Broek, de Moerputten en de Gement.
ze van elkaar. Dat levert een mozaïek op van water, natuur, (productie)bossen, agrarisch natuurbeheer, energieopwekking, bewoning en hoogproductieve landbouw, die door technologie en precisie de impact op de
Het landgebruik en waterpeil moeten een bijdrage leveren aan natuurherstel. Het maatregelenpakket hier-
natuur kan beperken.
voor omvat onder meer bufferzones langs beekdalen op de hoge zandgronden, de inpassing van extra areaal
Het netwerk is niet alleen robuust door de (beoogde) omvang, maar vooral ook door de veelheid van ver-
voor agrarische natuur, en nieuwe natuur en ruimte voor waterberging onder de noemer Hoogwater Aanpak
bindingen en alternatieven. Dit leidt tot een meer weerbare natuur, en tot de mogelijkheid om verschillende
Brabant Oost (HoWaBO II). Door deze opgaven slim te verbinden en te ontwerpen, dragen die ook maximaal
maatschappelijke vragen in te passen en ruimtes meervoudig te gebruiken. Niet alles kan overal, maar we
bij aan het versterken van de biodiversiteit als geheel.
halen er wel altijd het optimale uit voor mens en natuur. Of het nu gaat om het inpassen van waterberging
De overgang van stad naar landelijk gebied is vaak hard en vormt een barrière voor planten en dieren als
voor HoWaBO II, het bieden van zoekgebieden voor nieuwe bossen zoals in de Diezemonding en bij de
doorlopende verbindingen. Het is gewenst om de groenblauwe structuren tussen stad en land met elkaar te
Groote Wielen of het ontwikkelen van een landschapspark om de recreatieve druk van de stad op te vangen.
verbinden en verstoring - zoals licht en geluid - te minimaliseren. Met name de ring tussen de stedelijke en
Om het creëren van nieuw perspectief voor de droge, hoge zandgronden of het verbeteren van een Natura
landschappelijke wijken is kwetsbaar en verdient extra aandacht als Groene Gordel, die het stedelijk groen
2000-gebied aan hand van de Groenblauwe Gebiedsgerichte Aanpak (GGA) of via het Nationaal of Brabants
verbindt met de randen van de landschappelijke wijken en het landelijk gebied.
Programma Landelijke Gebied.
Omgevingsvisie - Zin in ‘s-Hertogenbosch | 55
56 | Omgevingsvisie - Zin in ‘s-Hertogenbosch
2.3 de ontwikkellijn bouwen aan generaties Wonen in ’s-Hertogenbosch is populair. Dit levert een grote dynamiek op voor de stad en een stevige taak
Grotendeels op eigen kracht, maar de laatste jaren ook steeds meer onder invloed van de sterke ontwikkeling
om voor iedereen een fijne plek te kunnen bieden. Het gaat immers niet om het bouwen van woningen al-
van steden en regio’s om ons heen, zoals de Brainport-regio (Eindhoven en Zuidoost-Brabant).
leen, maar over de dagelijkse woon- en leefomgeving van mensen. Bouwen van woningen en voorzieningen
Het einde van de groei is nog niet inzicht. ‘s-Hertogenbosch verwacht tot 2050 nog tienduizenden nieuwe
moet ontmoeting en sociale verbinding met de plek en de omgeving stimuleren. Met oog voor verschillende
Bosschenaren te mogen verwelkomen en groeit daarmee door richting 200.000 inwoners. Dat betekent ste-
perspectieven op de menselijke maat, in de behoefte voorzien van bijzondere doelgroepen en zorgen voor
vig doorbouwen aan de stad, waarbij we de ingezette groei van ongeveer 1.000 woningen per jaar doorzet-
afwisseling en diversiteit.
ten. En niet te vergeten: extra winkels, sportclubs, scholen, huisartsen, parken, werkgelegenheid, fietspaden enzovoorts. Deels kunnen de bestaande voorzieningen de extra vraag opvangen, maar we moeten tekorten
Bouwen in de bestaande stad en op uitleglocaties vereist daarom grote zorgvuldigheid. Niet alleen op de
in basisvoorzieningen voorkomen.
plek waar wordt gebouwd, maar juist in relatie tot de omgeving en de zachte waarden die het gevoel van
De groei heeft een enorme impact op de stad. We hebben er weinig tot niets aan als de groei leidt tot uitslui-
de stad en het ommeland weerspiegelen. Het vraagt van ons een meer gebiedsgerichte benadering van de
ting en meer van hetzelfde. ‘s-Hertogenbosch heeft een flinke instroom van jongeren. Maar als ze een gezin
opgave, door te denken en werken vanuit de plek, de inwoners en de gebruikers. Om zo de kwaliteit en
stichten, vertrekken ze vaak weer naar een andere plek in de regio. Terwijl deze groep inwoners ontzettend
diversiteit van de stad en de dorpen als geheel op de lange termijn te versterken en veel verder te kijken dan
belangrijk is om voorzieningen, faciliteiten en clubs te kunnen behouden. En belangrijk als onderdeel van
enkel het moment en de grenzen van het plangebied.
een sterke samenleving met een gemengde populatie, waarin mensen elkaar kunnen helpen en geholpen worden. Ook zien we dat Bossche jongeren moeilijk woonruimte kunnen vinden, omdat het inkomen en/
2.3.1 wat we zien
of vermogen steeds minder vaak toereikend is. Tegelijkertijd vergrijst de samenleving en ontstaat een om-
In een notendop zien we dat de samenstelling en de woonwensen van de Bossche samenleving snel verande-
vangrijke vraag naar nieuwe woonvormen, zoals wonen met zorg en een verscheidenheid aan collectieve
ren. Daar is de woningvoorraad nog niet genoeg op voorbereid. Buurten, wijken en dorpen bieden door het
woonvormen. Onder de leeftijdsgroep senioren en onder andere leeftijdsgroepen neemt het aantal een- en
gebrek aan draagkracht voor voorzieningen, door de afstand tot voorzieningen en door de mate van diver-
tweepersoonshuishoudens substantieel toe.
siteit in woningtypologie ongelijke kansen voor bewoners. Ook verdwijnen er steeds meer voorzieningen en faciliteiten door gebrek aan (financieel) draagvlak en maatschappelijke trends zoals digitalisering en indivi-
stedelijke verleiding, maar niet alles kan overal
dualisering. Dit maakt dat er in allerlei gebieden volop kansen zijn én ruimte is voor bijsturing en verbetering.
’s-Hertogenbosch heeft een drukke en diverse binnenstad met een hoge, stedelijke dynamiek. Daarbuiten vind je een aaneenschakeling van verschillende wijken waar deze dynamiek ontbreekt. In stedelijk gebied
groei van de stad
met een mix van functies combineren allerlei dagelijkse activiteiten met elkaar of vinden in elkaars directe
De stad is een plek van dynamiek, vrijheid en kansen. Succesvolle steden en regio’s hebben een magneet-
nabijheid plaats. Dit kan een enorme impuls voor de kwaliteit van leven bieden en is dienend aan tal van
werking op nieuwe bewoners uit alle windstreken. In ’s-Hertogenbosch is dit patroon al jaren zichtbaar.
andere opgaven. Dit is in de hedendaagse samenleving, waar het tempo hoog ligt en werk, zorg- en vrije tijd
Omgevingsvisie - Zin in ‘s-Hertogenbosch | 57
in elkaar overvloeien, heel welkom. Waarbij de (drukte van de) stad eerder een verrijking in het dagelijks leven is dan een hindernis, in plaats van dat inwoners steeds de auto moeten pakken voor dagelijkse voorzieningen. Met die voorzieningen dichtbij (om de hoek) op loop- en fietsafstand, ligt lokaal leven voor de hand. Dát is de stedelijke verleiding en bindt huishoudens. Het maakt de stad efficiënter en onderscheidend als woon- en leefmilieu. Het is echter niet wenselijk en realistisch om overal in ’s-Hertogenbosch deze stedelijke verleiding na te streven. Daar zijn simpelweg de ruimte en de middelen niet voor. En dat past ook niet altijd bij het karakter van het gebied. In Vinkel is een bioscoop of theater niet haalbaar. En in de binnenstad van ’s-Hertogenbosch is het niet mogelijk om te wonen in een vrijstaande woning in een rustige omgeving met grote tuin en oprit. Het is zoeken naar een balans tussen nabij en bereikbaar. Wat niet nabij is, moet zoveel mogelijk bereikbaar zijn en andersom.
het perspectief van generaties Wonen is geen consumptiegoed maar een basisbehoefte. Voor de meeste bewoners gaat het om een langjarige verbinding met een plek, een omgeving en medebewoners. Veel buurten en wijken zijn vooral een ruimtelijke vertaling van de wensen en eisen van de eerste bewoners en gebruikers van dat gebied. Zijn er bijvoorbeeld veel gezinswoningen gebouwd in een buurt, dan is er rekening gehouden met speelvoorzieningen en een basisschool. Vaak komen er dan na twintig jaar problemen met parkeren, omdat geen rekening is gehouden met thuiswonende kinderen met een eigen auto. Ook zien we dat de doorstroming na dertig tot veertig jaar stagneert. De eerste bewoners willen er graag blijven wonen. Niet per se in een grote gezinswoning, maar wel in de directe omgeving en het sociale weefsel. Door het veelal ontbreken van woningen voor een- en tweepersoonshuishoudens blijven ze wonen in de gezinswoning.
58 | Omgevingsvisie - Zin in ‘s-Hertogenbosch
Een woning en omgeving kennen een levenscyclus die meerdere fasen of generaties omvat. Dat gegeven vraagt erom te denken in generaties én te bouwen voor de verschillende generaties. Het perspectief van generaties betekent dat we anders naar buurten, wijken en dorpen kijken. De opgaven van nu zijn niet als enige leidend, we houden ook rekening met voorzienbare ontwikkelingen in de toekomst. We proberen zelfs flexibiliteit in te bouwen, zodat we ook ruimte houden voor onvoorziene ontwikkelingen.
over- en ondercapaciteit in de woningvoorraad De woningvoorraad van de toekomst is grotendeels de bestaande woningvoorraad. We verwachten binnen enkele decennia minstens 100.000 woningen nodig te hebben, waarvan er al 75.000 staan. Dat betekent dat we naast het focussen op het toevoegen van nieuwe woningen ook kritisch moeten kijken naar de bestaande voorraad. Alleen dan kunnen we de (veranderende) woonwensen van de nieuwe en bestaande Bosschenaren faciliteren. Een goed samenspel tussen de demografische veranderingen en de woningbouwprogrammering is meer dan ooit vereist en tegelijk complexer dan ooit tevoren. Veranderingen in de bevolkingssamenstelling en woonwensen voltrekken zich sneller dan veranderingen in de woningvoorraad. Vooralsnog is de diversiteit en samenstelling van de woningvoorraad in de dorpen en wijken nog te eenzijdig. Zo is een groter deel van de woningen in de stedelijke wijken een meergezinswoning en is het corporatiebezit hoger. Terwijl er in de landschappelijke wijken juist voornamelijk particulier bezit is en een hoog aandeel eengezinswoningen. Ook in groter perspectief zien we dit soort voorbeelden. In de bestaande woningvoorraad is een overcapaciteit van gezinswoningen als we dat vergelijken met de huishoudensgrootte. Toch blijft er een tekort aan woningen voor gezinnen.
Behouden we jonge gezinnen voor de stad dan door gezinswoningen met een tuin op grote afstand van voorzieningen te bouwen? Of stimuleren we de doorstroming van senioren naar kleinere woningen, zodat bestaande gezinswoningen beschikbaar komen? Of creëren we nieuwe woonvormen die het gezinsleven en stedelijk leven optimaal kunnen combineren? Of zetten we op alle drie deze opties in? de gezinsvriendelijke stad Bron: Urhahn Stedenbouw & Strategie
Omgevingsvisie - Zin in ‘s-Hertogenbosch | 59
We kunnen het niet uitstellen om hiermee aan de slag te gaan. Want het ontbreken van alternatieven heeft
diversiteit brengen en dat vraagt om maatwerk.
nadelige effecten voor inwoners, buurten, wijken en dorpen. Een voorbeeld daarvan is als ouderen blijven
Om succesvol te verdichten, is de kwaliteit van de openbare ruimte bepalend. Stedelijk georiënteerde huis-
wonen in een eengezinswoning. Omdat er geen alternatief is in de wijk en omdat ze de financiële ruimte
houdens zijn bereid om vierkante meters woonoppervlakte, buitenruimte of parkeerplaatsen in te leveren om
hebben om de woning aan te passen of onderhoudsdiensten af te nemen. Hierbij ligt eenzaamheid op de loer.
dichtbij het rijke en gevarieerde voorzieningenaanbod te kunnen wonen. Hoogwaardige en groene openbare
Daarnaast gaat het draagvlak voor voorzieningen in wijk achteruit. In de Bossche wijk Maaspoort is dit proces
ruimte moeten we dan ook beschouwen als essentiële voorzieningen, net als een supermarkt of huisarts.
zichtbaar. Het aantal inwoners daalde tussen 2012 en 2023 met bijna 1.200, het aandeel 65+’ers verdub-
Vergroenen en verdichten van de stad hoeven hierbij niet per se op gespannen voet met elkaar te staan. Een
belde van 10% naar 20%. En de eenzaamheid neemt toe in de oudere delen van de wijk . Netto betekent dit
goed ontworpen en onderhouden openbare ruimte kan immers ook meervoudige doelen dienen zonder meer
1.200 extra lege slaapkamers in de Maaspoort in ruim 10 jaar tijd.
ruimte nodig te hebben. Zoals sporten, bewegen, ontmoeten, meer stadsnatuur, verminderen hittestress en
8
bergen van overtollige water. Dit vraagt om een woningvoorraad die in de dynamiek van de bevolkingssamenstelling en woonwensen gemakkelijk meebeweegt. Zodat we de ongewenste gevolgen hiervan op individueel niveau en op buurt-,
steeds groter draagvlak nodig voor voorzieningen
wijk- en dorpsniveau zoveel mogelijk kunnen voorkomen.
In veel wijken en dorpen is het aanbod van (basis)voorzieningen de afgelopen decennia sterk teruggelopen. Of het nu gaat om winkels, persoonlijke dienstverlening, cultuur of maatschappelijke ondersteuning: in breed-
veel ruimte in de stad
te en in aantal zien we een terugloop. In sommige buurten en dorpen zijn dergelijke voorzieningen zelfs he-
Om het ommeland zoveel mogelijk te vrijwaren van ruimteclaims en van verstening, is het beter benutten van
lemaal verdwenen en zijn de gebouwen gesloopt of in gebruik genomen als woning. Een gemene deler voor
de ruimte in de bestaande stad en de dorpen het uitgangspunt. Dat doen we al jaren en dat staat niet gelijk
de verschraling is dat steeds meer consumenten, cliënten of bezoekers nodig zijn om een voorziening maat-
aan ondoordacht volbouwen of verdichten. Verdichten moet ontmoeting en sociale verbinding stimuleren, de