Bijlage 1 Nota zienswijzen bestemmingsplan Brabantbad
Tekst van het document
Uit de toelichting bij het bestemmingsplan en uit het daarbij behorende akoestisch onderzoek blijkt dat het haalbaar is om een acceptabel binnenniveau in de woningen te realiseren. r. Reclamant vraagt zich af hoe een appartement een luwe zijde heeft in een rond gesloten gebouw? • Een aanwezige luwe gevel (of geveldeel) is als verplichting opgenomen in het ‘besluit hogere grenswaarde’. Bij een eenzijdig georiënteerd appartement met een balkon, kan de luwe zijde (van waaruit een woning zonder lawaai kan worden gespuid/geventileerd) zich bevinden direct aan/achter het inpandige balkon. Met maatregelen - zoals een gesloten borstwering van voldoende hoogte en eventueel geluidsabsorberend stucwerk binnen het balkondeel - kan het invallend geluid op de gevel achter het balkon tot onder de voorkeursgrenswaarde uitkomen. Dit alles maakt deze gevel dan luw. Indien een eenzijdig georiënteerd appartement geen balkon heeft, is het mogelijk om een luw geveldeel te realiseren. Bijvoorbeeld via een voorzetvoorziening voor de openen delen, zodat de daar achter liggende verblijfsruimte geluidluw (zonder lawaai) gespuid kan worden zodat een goed woon – en leefklimaat gewaarborgd wordt. De gemeente heeft deze voorwaarden gesteld ten gunste van het woon- en leefklimaat. Het is aan de ontwerper van het woonpand om aan deze voorwaarden te voldoen in het uiteindelijke ontwerp/bouwwerk. s.
Hoe wordt aangetoond dat er door de komst van de torens geen verhoogde geluidshinder is voor de bestaande bebouwing aan de Van Grobbendoncklaan? Het geluid kan nu verdwijnen in het park, straks stuit het op drie harde torens en komt terug naar de overzijde. • De eventuele reflectie van geluid is verwerkt in par. 4.4 van het akoestisch onderzoek. De berekende toename van 0,4 dB is een combinatie van de extra verkeersgeneratie vanwege het Nota van zienswijzen Bestemmingsplan ‘Brabantbad’ Pagina 74 van 109
plan (1.490 voertuigbewegingen per etmaal) en de nieuwe situatie in het plangebied (de woontorens die voor mogelijke reflectie zorgen). Dit aspect is dus onderzocht en afgewogen. t. Op dit moment is het park in de avond donker. In de nieuwe situatie staan er drie volledig verlichte torens in het park. Natuurlijk is dit volgens reclamant een negatief effect (lichtvervuiling) op vliegroutes van vleermuizen en vogels. Reclamant verzoekt het negatieve effect op het gehele park in kaart te brengen. • De quickscan flora en fauna is in het kader van de vaststelling van het bestemmingsplan geactualiseerd en aangevuld. Hierin is expliciet ook het door reclamant aangehaalde effect onderzocht. Uit het aangepaste onderzoek blijkt dat dit een aandachtspunt bij de uitvoering c.q. verdere uitwerking van het plan is, maar geen belemmering voor de uitvoerbaarheid vormt. u. Reclamant vraag zich af waar de archeologische waarde in de bodem is gebleven, die in het oude bestemmingsplan nog wel op deze plek rustte? In het bodemonderzoek lijkt hier geen aandacht aan geschonken te zijn. • Archeologische verwachtingskaarten laten zien waar archeologische sporen te verwachten zijn in 's-Hertogenbosch en omgeving. Deze kaart is richtinggevend en vormt dus niet het definitieve antwoord op de vraag of er ergens archeologische resten te verwachten zijn. Er zal daarom altijd op maat gekeken moeten worden.
In dit geval is ook een dergelijke afweging op maat gemaakt, doordat de locatie van de gesloopte bebouwing en de bijkomende roering van de grond beoordeeld is. Hierbij zijn de contour van de nieuwbouw en de ontgraving van het voormalige Brabantbad zorgvuldig in beeld gebracht. Uit deze beoordeling blijkt dat de gronden van het onderhavige plangebied al dusdanig geroerd zijn dat er geen archeologische vondsten meer te verwachten zijn. Wel is geconstateerd dat het gebied, waarin op basis van het bestemmingsplan grondwerkzaamheden kunnen worden verwachte, in figuur 5.3 van de toelichting niet correct is weergegeven. Dit wordt in par. 5.15 van de toelichting aangepast. Deze aanpassing leidt niet tot een andere conclusie. Daarbij is er op basis van de Erfgoedwet ook een gemeentelijke zorgplicht om (ook onverwachte) archeologische vondsten te beschermen en de vondsten, samen met de locatie waar ze zijn gevonden, aan te melden. v. Reclamant is het niet eens met de aanleg van wadi's voor afvoer van hemelwater, omdat dit naast de woontorens nog meer oppervlak van het park afneemt. Volgens reclamant moet dit binnen het eigen plangebied worden opgelost, zoals andere ontwikkelingen dat ook moeten doen. • Hemelwater wordt binnen het plangebied opgevangen en vervolgens via de wadi’s vertraagd afgevoerd naar de waterplas. De wadi’s maken deel uit van het park.
De functie van het park blijft hier behouden. Gedurende het grootste deel van de tijd staan de wadi’s leeg en het betreft geen diepe wadi’s. De parkfunctie gaat hierdoor niet verloren. w. Reclamant vindt dat het plan de leefomgeving in geen enkel opzicht gezonder maakt dan dat de locatie nu is. • Een goede ruimtelijke ordening vereist niet dat een nieuw plan de leefomgeving gezonder maakt, maar beoordeeld moet worden of het plan leidt tot onevenredig negatieve effecten. Uitvoerig is onderbouwd dat dit niet het geval is. Het thema gezondheid vormt daarin één van de onderdelen, die in de belangenafweging zijn meegenomen. De gemeente vindt dit een belangrijk thema en daarom is voor de ontwikkeling juist als randvoorwaarde opgenomen dat de ruimtelijke impact op het park zo beperkt mogelijk wordt gehouden. De parkfunctie wordt behouden, wat hieraan bijdraagt. x. Reclamant is het er niet mee eens dat de groene afdekking van de parkeervoorziening wordt omschreven als ‘extra stuk park’. Op die plek is momenteel al een park, een mooiere weergave van een onware situatie volgens reclamant. • Er wordt een halfverdiepte parkeergarage gerealiseerd. Dit wordt volledig gedekt door het groene begroeide landschap van het park met meerstammige struiken, gras en wilde bloemen. De parkeergarage zal daarom alleen als een zachte glooiing in het landschap te ervaren zal zijn.
Dit stuk park is voor iedereen toegankelijk, een wandeling rond de plas blijft behouden. Het park loopt zo op een natuurlijke wijze tussen de woontorens door. Nota van zienswijzen Bestemmingsplan ‘Brabantbad’ Pagina 75 van 109
Daarnaast wordt verwezen naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’. y. Reclamant geeft aan dat compensatie van bomen binnen de eigen planlocatie dient te gebeuren en niet in het park. • Het is geen vereiste dat de bomencompensatie binnen het plangebied moet plaatsvinden. Het uitgangspunt van compensatie moet zijn dat er voldoende wordt gecompenseerd en dat deze compensatie een meerwaarde heeft voor, in dit geval, het park waar de bomen verdwijnen. De compensatie vindt dan ook plaats in het park. Voor de compensatie is daarom gekeken naar de waarde van het park als geheel. Deze gronden zijn in eigendom van de gemeente. z. In de toelichting is weergegeven dat de sokkels onder de woontorens zorgen voor natuurlijke zitmogelijkheden en zo zorgt voor actief gebruik, een algemene bijdrage aan een gezonde leefomgeving. Reclamant vraagt zich af hoe de sokkels hier een bijdrage aan leveren? • Belangrijke elementen voor een gezonde leefomgeving zijn uitnodigen tot bewegen (wandelen, fietsen, spelen), elkaar ontmoeten, ontspannen, een goede milieukwaliteit (onder andere lucht) en een groene omgeving. Een gezonde leefomgeving biedt ook toegang tot voorzieningen, denk aan horeca of winkels. De beoogde lichte faciliteiten en zitmogelijkheden in en om de sokkels dragen bij aan het bedoelde ontmoeten en ontspannen.
Het zal de sociale cohesie van bewoners in en om het park in meer of mindere mate doen vergroten. De faciliteiten in de sokkel nodigen uit tot bewegen, middels een kort bezoekje te voet of op de fiets. Dit alles in een groene setting. Kortom: het draagt in zijn algemeenheid op deze onderdelen bij aan een gezonde leefomgeving. aa. Reclamant geeft aan dat in de figuur in paragraaf 5.15 het plan in de blauwe weergave incorrect is ingetekend. Volgens reclamant ligt deze veel meer in het archeologisch gebied dat is weergegeven. • In de toelichting bij het bestemmingsplan is een geactualiseerde figuur opgenomen waarin de contouren van de nieuwe woontorens en halfverdiepte parkeervoorziening zijn ingetekend. bb. Reclamant geeft aan dat de bezonningsaspecten onafhankelijk uitgevoerd dienen te worden en niet door de architect en ontwikkelaar van het plan. • In het kader van de Nota Hoogbouw dient voor de woontorens een ruimtelijk onderzoek te worden uitgevoerd. Onderdeel daarvan is het in beeld brengen van de bezonningsaspecten. Het is niet ongebruikelijk dat een ontwikkelaar opdracht geeft tot benodigde onderzoeken. In dit geval heeft de architect van het plan de schaduwwerking van de torens in beeld gebracht. De gemeente toetst vervolgens de uitgevoerde onderzoeken op juistheid. De conclusie van deze toetsing is dat de bezonningsaspecten juist in beeld zijn gebracht. Reclamant 120 a.
Er mogen geen woontorens (tot 60 meter hoog) aan de IJzeren Vrouw komen. Reclamant vindt dit een grove en blijvende aantasting van het karakter van het oudste park van Den Bosch. Het park biedt bescherming tegen de toenemende klimaatverandering en is ook een plaats van recreatie in de natuur, veel kikkers, wilde vogels, insecten en andere dieren. Groen verdwijnt en recreatie wordt beperkt. Het park is uniek en heel waardevol: open, groen en dicht bij de stad, tussen dichtbevolkte wijken. Steeds meer bewoners uit alle delen van de stad gebruiken het park om te ontspannen. De voorgestelde bebouwing met woontorens tot op 25 meter van het water gaat ten koste van natuur, recreatie, een ontspannen beleving en tenslotte de leefbaarheid van de stad. Reclamant geeft aan dat de gemeente en beleidsmakers hun verantwoordelijkheid moeten nemen en de financiële aspecten van dit bouwproject niet boven de levenskwaliteit van zoveel bewoners en levende wezens moeten stellen. Het bouwproject kan ook op andere locaties iets verder buiten Den Bosch worden gerealiseerd, waardoor de verkoopprijzen van de flats volgens reclamant ook voor nieuwkomers en mensen met een laag inkomen veel haalbaarder worden en de infrastructuur beter is afgestemd op meer bewoners met een auto. Onze stad is al vol genoeg met auto’s.
• Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’ en punt 4 ‘Verkeer en parkeren’. Nota van zienswijzen Bestemmingsplan ‘Brabantbad’ Pagina 76 van 109
b. Er is op slechts 750 meter afstand al een hele nieuwe wijk gepland met 2.100 woningen en hoogbouw, dat is voor deze wijk voldoende. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 3 ‘Woonbehoefte en –programma’. Reclamant 121 a. Reclamant is van mening dat de ondergrondse parkeergarage te ver van de doorgaande weg is gepland (dit probleem ervaart reclamant als bewoner van de Amazones nu ook). Dit zorgt voor geen of slechte bereikbaarheid voor ziekenwagen, huisarts, taxi, begrafenisondernemer en bewoners om te laden en lossen. Reclamant voorziet qua bereikbaarheid een hoop ongemak. Reclamant pleite ervoor de plannen te wijzigen en bebouwing meer naar de Van Grobbendoncklaan te verplaatsen, te zorgen voor goede bereikbaarheid van de wooneenheden, meer laagbouw met beperkte hoogbouw te realiseren en desnoods het tankstation weg te saneren. Reclamant lijkt het plan wat er nu ligt een zeer onpraktisch plan. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’ en punt 4 ‘Verkeer en parkeren’. Reclamant 122 a. Er mogen geen woontorens (tot 60 meter hoog) aan de IJzeren Vrouw komen. Reclamant vindt dit een grove en blijvende aantasting van het karakter van het oudste park van Den Bosch. Groen verdwijnt en recreatie wordt beperkt.
Het park is uniek en heel waardevol: open, groen en dicht bij de stad, tussen dichtbevolkte wijken. Steeds meer bewoners uit alle delen van de stad gebruiken het park om te ontspannen. De voorgestelde bebouwing met woontorens tot op 25 meter van het water gaat ten koste van natuur, recreatie, een ontspannen beleving en tenslotte de leefbaarheid van de stad. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’. b. Er is op slechts 750 meter afstand al een hele nieuwe wijk gepland met 2.100 woningen en hoogbouw, dat is voor deze wijk voldoende. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 3 ‘Woonbehoefte en –programma’. Reclamant 123 a. Reclamant geeft aan dat hij positief is over de woontorens, maar niet positief over het plan. Hij verwijst daarbij naar de Amazones, die verder van het park af liggen, maar waarbij het parkeren wel volledig verdiept is opgelost. Bij het Brabantbad liggen de torens in het park, waarbij de helft van de parkeerplaatsen maar verdiept worden opgelost. Meer dan 100 parkeerplaatsen worden maaiveld parkeren. Reclamant begrijpt dat sociale en middeldure woningen niet passen bij verdiept parkeren, maar wanneer je op één van de mooiste plekken van onze stad bouwt, dan moet je gaan voor kwaliteit.
Oftewel, los al het parkeren op in een parkeerkelder. Reclamant verwijst daarvoor ook nog omliggende steden zoals Tilburg (stationszone) en Eindhoven (StrijpS), waar men op dit soort locaties niet meer parkeert op maaiveld. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’ en punt 3 ‘Woonbehoefte en –programma’. Reclamant 124 a. Reclamant spreekt steun uit voor het plan op basis van de volgende argumenten: Het Brabantbad geeft met haar diverse woningaanbod (circa 170 eenheden), een broodnodig antwoord op het nijpende woningtekort in 's-Hertogenbosch. Het project is – met respect voor het gebruik van het Prins Hendrikpark – in haar woonprogramma zeer divers opgezet. Het aanbod van vrijesectorkoopwoningen, sociale huurwoningen en betaalbare koopwoningen biedt veel mensen de mogelijkheid een wooncarrière te starten of voort te zetten en levert een bijdrage in de broodnodige doorstroming van woningen in de stad. De commerciële en maatschappelijke ruimte onder de woontorens dragen bij aan de sociale cohesie. Als bewoner, als omwonende, of als gast kan je hier fijn toeven en verblijven met ruimte voor ontmoeting en ontspanning. • De zienswijze wordt voor kennisneming aangenomen. Nota van zienswijzen Bestemmingsplan ‘Brabantbad’ Pagina 77 van 109
Reclamant 125 a. Reclamant is voorstander van het plan en dient een zienswijze om tegenwicht te bieden aan de door de Stichting IJzeren Vrouw georganiseerde weerstand tegen de bouw van deze woontorens op basis van de volgende argumenten: Er is een groot tekort aan woningen, het draagt bij om het tekort deels op te lossen. Het plan neemt veel minder ruimte in dan de alternatieve plannen van de Stichting IJzeren Vrouw en nog veel minder ruimte dan de eerdere bebouwing (Brabantbad/Vinkenkamp).. In tegenstelling tot de Stichting is reclamant niet van mening dat hier sprake is “kolossale hoogbouw”. Het is volgens reclamant juist belangrijk om goed om te gaan met de weinig beschikbare ruimte in de stad. Gebouwen van 48 t/m 60 meter zijn bescheiden qua hoogte, ook op deze locatie. • De zienswijze wordt voor kennisneming aangenomen. Reclamant 126 a. Reclamant is van mening dat het een mooi plan is, dat gezien het grote woningtekort door moet gaan. • De zienswijze wordt voor kennisneming aangenomen. Reclamant 127 a. Reclamant verwijst naar het op 26 januari 2010 vastgestelde bestemmingsplan, waaraan een langdurig en zorgvuldig proces van besluitvorming ten grondslag heeft gelegen, en waarin inpassing van bebouwing in het park en de menselijke maat een belangrijk onderdeel was. Dat plan behelsde 120 woningen met een hoogte variërend tussen 13 en 25 meter.
De afstand tussen bebouwing en het water zou minimaal 50 meter bedragen, waardoor de grote behoefte aan recreatie aan die zijde van het park niet in gevaar zou komen. De daaropvolgende jaren wordt er niet gebouwd en vervolgens worden er ineens nieuwe plannen ontwikkeld voor de bouw van drie woontorens die veel dichter bij het water komen te liggen (één zelfs op minder dan 15 meter van het water). Een plan met veel meer negatieve impact op het park en de bezoekers. Reclamant vindt deze gang van zaken uiterst curieus, aangezien de projectontwikkelaar na verlening van de bouwvergunning zo had kunnen beginnen met bouwen. De analyse van reclamant is dat de projectontwikkelaar de financiële opbrengst van het oude plan niet interessant genoeg vond. De drang naar winstmaximalisatie, daarbij gesteund door de gemeente, heeft geleid tot het ontwerpen van een nieuw, financieel waarschijnlijk veel interessanter plan en tot vernietiging van een deel van het Prins Hendrikpark op de Brabantbadlocatie • De stelling van reclamant klopt niet; de kleinste afstand tussen water en bebouwing in het bestemmingsplan ‘IJzeren Vrouw e.o.’ waar reclamant aan refereert, bedraagt ruim 28 meter. Ook de stelling dat de nieuwe bebouwing op minder dan 15 meter afstand van het water zou komen te liggen klopt niet. Deze kleinste afstand (gemeten op maaiveld) bedraagt minimaal 28 meter.
Op hogere hoogte (waar de toren uitkraagt) is de kleinste afstand nagenoeg 25 meter (excl. balkons). Voorts wordt verwezen naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’. b. Reclamant vindt dat de communicatie met en participatie van de burgers ondeugdelijk is geweest. De uitkomst van de keukentafelgesprekken was glashelder volgens reclamant. Iedereen bij die gesprekken was tegen de door Heijmans gepresenteerde plannen. Misleidend is dat gesuggereerd wordt dat naar aanleiding van de gesprekken het plan verder verbeterd zou zijn. Dat de hoogte van de torens als gevolg van de keukentafelgesprekken is aangepast van 60 meter naar 60-54 en 48 meter klopt niet. De variatie in hoogte van de torens bestond altijd al. Uit de begin 2021 gevoerde omgevingsdialoog blijkt dat 2/3 van de 1.737 bewoners tegen de betreffende bouwplannen zijn. Het is volgens reclamant onaanvaardbaar dat er met deze uitkomst niets is gedaan. Het voldoet niet aan de participatieverplichting van de gemeente. Vervolgens is er in juni 2021 een petitie van omwonenden en gebruikers van het park, ondertekend door 2.241 mensen aan de gemeenteraad en het college aangeboden. Ook met deze petitie is verder niets gedaan door het gemeentebestuur.
Nota van zienswijzen Bestemmingsplan ‘Brabantbad’ Pagina 78 van 109
•
c.
•
In november 2021 heeft de Stichting IJzeren Vrouw een burgerinitiatief ingediend. Hier stonden 507 (495 ingeleverd) handtekeningen onder. Reclamant is van mening dat het college een eerlijke gang van zaken rondom de beoordeling van dit burgerinitiatief heeft gedwarsboomd door tegelijkertijd een eerste niet officiële versie van het huidige ontwerpbestemmingsplan (inclusief onderzoeken) aan de gemeenteraad ter informatie te sturen. Reclamant vindt dat het college hiermee in strijd met de beginselen van behoorlijk bestuur heeft gehandeld. Reclamant vindt dat het burgerinitiatief als integraal onderdeel van deze zienswijze moet worden aangemerkt en als zodanig moet worden betrokken. Wij zijn bekend met de bezwaren uit de omgeving en zijn daarom niet over 1 nacht ijs gegaan met dit plan. Het is een locatie die reeds planologisch bestemd is voor woningbouw. Bij het plan is een afweging gemaakt tussen de wens om te voorzien in de grote woningbehoefte en de impact van het plan op de omgeving. Daarbij hebben wij ook op verschillende manieren de reacties uit de omgeving betrokken bij de afweging (zie punt 5 ’Inspraak en omgevingsdialoog’). De voorstellen zoals opgenomen in het burgerinitiatief zijn door de raad afgewogen. De raad heeft besloten niet in te stemmen met het burgerinitiatief.
Ook is gekeken om de impact van het plan op de omgeving zo beperkt mogelijk te houden (zie punt 1 ‘Planopzet’). Met dit aangepaste plan hebben wij het vertrouwen dat de impact van het plan acceptabel is. Reclamant stelt dat er nooit een reactie is gekomen op het onderzoeksrapport ‘De IJzeren Vrouw, een impactanalyse van een residentieel ontwikkelingsplan in een stadspark’ van studenten van Breda University of Applied Scienes. Doel is de effecten van de voorgestelde bebouwing te onderzoeken. Volgens het rapport is het volgende van belang: Er wordt verwezen naar een gemeentelijke beleidsnota over de toekomst van de groene en blauwe ruimte in relatie tot de stad en het veranderende klimaat. Nieuwe plekken om overtollig water te bergen moeten worden gerealiseerd. Een van deze plekken is de IJzeren Vrouw, het enige grote waterlichaam midden in de stad. Het Prins Hendrikpark heeft ook een andere vitale functie. Het park is de enige niet-bebouwde ruimte in het gebied ten noorden van het stadscentrum en zorgt daardoor voor koeling. Geen plaats hebben om af te koelen kan een groot effect hebben op de gezondheid van de burgers. Hoewel de torens een kleinere voetafdruk hebben dan het huidige bestemmingsplan zijn de torens twee à drie keer zo hoog en wordt door hun plaatsing de openbaarheid van de ruimte tussen de waterkant en de gebouwen verstoord.
De hoogte en het uiterlijk van de torens passen niet in de context van hun omgeving. Bovendien heeft het uiterlijk geen architectonische of esthetische relatie met de andere gebouwen. Dit schept een breuk tussen de verschillende stijlen van de omliggende wijken. Daarnaast ondermijnen de moderne torens de historische betekenis van het park en de omringende gebouwen in plaats van die identiteit te behouden en erop voor te bouwen en een visueel samenhangende ruimte te creëren. De schaduwen van de gebouwen hebben een aanzienlijke invloed op de omgeving. In het winterseizoen zal de schaduw over een groot deel van het park en de IJzeren Vrouw draaien. In de lente- en herfstperiode blijft de schaduw binnen de grenzen van het park en heeft een kleine invloed op de omgeving. Hoewel de ruimte rond de torens ‘openbaar’ mag zijn, zullen gebruikers deze ruimte waarnemen als ‘private’ ruimte, hetgeen van invloed is op het gebruik ervan. De conclusie in het rapport is dat door de hoogte en de plaatsing van de torens een groter deel van de parkruimte beïnvloed wordt dan wanneer de torens lager zouden zijn en rond de buitenrand van het park zouden zijn geplaatst. Zowel gemeente als projectontwikkelaar zijn op geen enkele wijze ingegaan op dit rapport. De functie van de IJzeren Vrouw als waterbergend lichaam wordt niet aangetast door het plan.
Het park en de IJzeren Vrouw blijven toegankelijk voor burgers. Ten opzichte van het huidige bestemmingsplan wordt de gebruiksruimte van het park juist vergroot. Door lagere torens te bouwen rond de buitenrand van het park kan de gewenste woonkwaliteit niet behaald worden. Bovendien kan met lagere torens niet voldoende tegemoet gekomen worden aan de woningbehoefte. Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’ en punt 2 ‘Woonklimaat omgeving’. Nota van zienswijzen Bestemmingsplan ‘Brabantbad’ Pagina 79 van 109
De nieuwbouw is slechts in een deel van het park gesitueerd. Dit betekent dat er op een bepaald moment van de dag altijd ergens bezonning zal zijn in het park. Het onderzoek van BUAS, waar reclamant aan refereert, is juist minder nauwkeurig dan het uitgevoerde onderzoek, omdat het de maximale schaduwwerking van de torens aangeeft op één dag in de verschillende seizoenen. De exacte schaduwwerking over het verloop van een dag wordt echter niet weergegeven. Verder wordt in dit onderzoek geconcludeerd dat de schaduwen van de gebouwen vooral in de winter een aanzienlijke invloed op de omgeving (oostkant van het park) hebben. Zoals blijkt uit het bezonningsonderzoek, dat als bijlage bij het bestemmingsplan is opgenomen, gaat het dan voornamelijk om schaduw vanaf ca. 15.00 uur in de middag in de winterperiode, wanneer de kans op zon ook aanzienlijk kleiner is. Zie ook het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’ en punt 2 ‘Woonklimaat omgeving’. d. Tegelijkertijd met het ontwerpbestemmingsplan heeft de gemeente een aanvraag ingediend om de toegestane grenswaarde voor het geluid te verhogen van 48 dB naar 63 dB, omdat de bewoners van de torens daar mee te maken krijgen. Door het toepassen van geluid reducerend wegdek kan de geluidbelasting met maximaal 3 dB worden verlaagd.
Reclamant is het niet eens met de conclusie van de gemeente dat het vervangen van het wegdek niet doelmatig is, aangezien dit een halvering van het geluid betekent. Verder vraagt reclamant zich af waarom de grenswaarde tot 63 dB moet worden opgehoogd als de hoogste geluidbelasting 54 dB bedraagt. • In het kader van de Wet geluidhinder is de geluidbelasting ten gevolge van de Van Grobbendoncklaan, de Graafseweg en de Lagelandstraat inzichtelijk gemaakt. Dit akoestisch onderzoek is in het kader van de vaststelling van het bestemmingsplan geactualiseerd, De berekende geluidbelasting ten gevolge van de Graafseweg en de Lagelandstraat respecteren de voorkeursgrenswaarde van 48 dB. Ten gevolge van de Van Grobbendoncklaan bedraagt de geluidbelasting ten hoogste 54 dB voor gebouw 3, 52 dB voor gebouw 2 en 53 dB voor gebouw 1. De voorkeursgrenswaarde van 48 dB uit de Wet Geluidhinder wordt overschreden. De maximale ontheffingswaarde wordt wel gerespecteerd. Per gebouw bedraagt de ongecorrigeerde gecumuleerde geluidbelasting, inclusief nietzoneplichtige wegen maximaal: 59 dB voor gebouw 1 57 dB voor gebouw 2 59 dB voor gebouw 3 De geluidsbelasting wordt dus een stuk lager dan de genoemde 63 dB, die het wettelijke maximum betreft. In het hogere waardenbesluit zijn voorwaarden gesteld waar aan voldaan moet worden.
Bovendien dient in het kader van de voorgenomen ontwikkeling bij de omgevingsvergunningaanvraag nader onderzoek naar de geluidwering van de gevel te worden uitgevoerd, op basis van de berekende gecumuleerde geluidbelastingen. Daarnaast wordt verwezen naar het gemeentelijk commentaar op zienswijze 85, onder o. e. Nu er zo dicht tegen de IJzeren Vrouw aan gebouwd gaat worden, moet volgens reclamant eerst onderzocht worden of dit geen gevaarlijke gevolgen voor de één of meerdere in de IJzeren Vrouw gelegen V-1 bommen uit de Tweede Wereldoorlog teweeg kan brengen. Dit is volgens reclamant tot op heden niet gebeurd. Hij verwijst daarbij naar een in 2016 door AVG Explosieven Opsporing Nederland verricht historisch vooronderzoek en naar de website www.vergeltungswaffen.nl. • In de plantoelichting wordt een aanvullende paragraaf ‘Explosieven’ opgenomen, waarin op dit aspect wordt ingegaan. Het is correct dat de omgeving van het plangebied verdacht is op achtergebleven munitie. Recent is een nieuw gemeentebreed vooronderzoek uitgevoerd en is de Nota Ontplofbare Oorlogsresten vastgesteld. De bodem in een gedeelte van het plangebied is naoorlogs al geroerd. Een gedeelte van het plangebied is op basis van de nieuwe Nota als onverdacht te beschouwen, maar binnen een ander deel van het plangebied bestaan nog risico’s op het aantreffen van ontplofbare oorlogsresten.
Voor bouwwerkzaamheden in dat gebied moet worden gewerkt met het protocol aantreffen ontplofbare oorlogsresten. Dit vormt geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van het plan.
Nota van zienswijzen Bestemmingsplan ‘Brabantbad’ Pagina 80 van 109
f.
•
Tussen het conceptbestemmingsplan en het ontwerpbestemmingsplan heeft de gemeente een korte passage toegevoegd over het type woningen (sociale huur, middelduur, vrije sector) en het percentage vrijesectorwoningen verlaagd met 25%. Volgens reclamant is het uitermate ongeloofwaardig dat een dergelijke ingrijpende wijziging niet ook gevolgen heeft voor een aantal onderzoeken dat van de oude verdeling uitgaat. Reclamant noemt als voorbeelden het onderzoek naar de parkeernormen en stikstofdepositie. In het kader van het bestemmingsplan wordt de haalbaarheid van het plan onderzocht. In het bestemmingsplan is een onderbouwing opgenomen en er wordt een separate parkeernotitie toegevoegd als bijlage bij het bestemmingsplan. Hierin wordt getoetst aan het gemeentelijke parkeerbeleid (Nota Parkeernormering 2021). De parkeerberekening in het bestemmingsplan is aangepast op basis van het maximale programma, waarbij rekening is gehouden met sociale huurwoningen en met het maximaal aantal woningen, zoals in de bestemmingsplanregels is vastgelegd. Uit de parkeerberekening blijkt dat de parkeerbehoefte op het maatgevende moment 266 parkeerplaatsen bedraagt. Na toepassing van het maatwerkkader uit de Nota Parkeernormering 2021 bedraagt het te realiseren aantal parkeerplaatsen 205. Voor meer informatie wordt verwezen naar paragraaf 3.3 van de toelichting, alsmede de Notitie parkeren in bijlage 5.
In het kader van het bestemmingsplan is aangetoond dat aan de parkeernormen kan worden voldaan. De definitieve toets aan de Nota Parkeernormering vindt pas plaats bij de aanvraag omgevingsvergunning. Wat betreft stikstof heeft een aanpassing in het type woningen ook niet direct gevolgen. Wel is het stikstofonderzoek geactualiseerd, aangezien de bouw- en sloopvrijstelling door een uitspraak van de Raad van State is vervallen. In deze actualisatie is ook het maximale aantal woningen dat in het bestemmingsplan is vastgelegd meegenomen.
g. Reclamant vindt het ongeloofwaardig dat de economische uitvoerbaarheid tussen concept en ontwerpbestemmingsplan niet is gewijzigd, ondanks het verlagen van het percentage vrijesectorwoningen van 75% naar 49%. Ook benoemt reclamant een voor hem curieuze zin, waarin wordt verwezen naar een reeds getroffen voorziening ten laste van de algemene reserve van het grondbedrijf. De financiële paragraaf is volgens reclamant volstrekt onvoldoende en behoeft een uitgebreide nadere toelichting voordat beoordeeld kan worden of het bestemmingsplan economisch uitvoerbaar is. • De economische haalbaarheid is bij iedere gebiedsontwikkeling een continu aandachtspunt; zo ook in het project Brabantbad. Dit speelt zeker een rol indien er sprake is van een lange voorbereidings- en proceduretijd. In een dergelijke periode kunnen er wijzigingen ontstaan op het terrein van onder meer aanneemsommen en verhuur- en verkoopprijzen. Dit kan zowel een positief als negatief effect hebben op de grondexploitatie. Jaarlijks wordt de grondexploitatie Brabantbad in het kader van de jaarrekening van de gemeente geactualiseerd. Hierbij worden ook de risico’s en bijbehorende beheersmaatregelen meegenomen. Verwacht wordt dat de grondexploitatie sluitend is. Een eventueel negatief effect op de grondexploitatie kan ten laste worden gebracht van de algemene reserve van het grondbedrijf.
Daarmee is dit plan financieel economisch haalbaar. h. Reclamant is van mening dat de halfverdiepte parkeergarage gezien moet worden als een gebouw met een groen dak en niet kan worden aangemerkt als groenbestemming. Deze half verdiepte parkeergarage is een parkeerbak die 1,35 meter boven het maaiveld uitkomt, waardoor vanaf de Van Grobbendoncklaan geen zicht meer is op de IJzeren Vrouw en er vanaf de IJzeren Vrouw een muur van 1,35 meter hoogte tussen de torens ontstaat. Deze bak met een oppervlakte van 2.800 m2 wordt stelselmatig niet als bebouwingsoppervlakte meegeteld. • Tussen de woontorens komt een halfverdiepte parkeergarage met daar bovenop een glooiend parklandschap met meerstammige struiken en wilde bloemen. Aangezien dit gebied een voornamelijk groene uitstraling en parkachtige functie heeft, is er voor een groenbestemming gekozen. Op die manier wordt geborgd dat de hoofdfunctie groen moet blijven. Voor de parkeergarage is een aanduiding opgenomen, met daaraan een specifieke regeling gekoppeld. Verder wordt verwezen naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’ en punt 2 ‘Woonklimaat omgeving’. Nota van zienswijzen Bestemmingsplan ‘Brabantbad’ Pagina 81 van 109
i.
•
j.
•
k.
•
l.
•
Reclamant geeft aan dat op de halfverdiepte parkeergarage vrijwel niets zal groeien. In het plan zelf en in de onderliggende onderzoeksrapporten staan volstrekt misleidende foto’s, waarbij allerlei begroeiing (zelfs bomen) op dit parkeerdek worden ingetekend. De wortels van de betreffende begroeiing kunnen niet diep genoeg in de grond komen. Door windval zal het terrein, net als tussen de Amazones, geen aantrekkelijke plek zijn. In het concept inrichtingsplan zijn o.a. meerstammige struiken gepland op de halfverdiepte parkeergarage. Het dak-substraat ter hoogte van deze meerstammige struiken zal worden aangeheuveld tot 80 cm (t.o.v. de bovenkant van het dek). Verder wordt verwezen naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’ en punt 2 ‘Woonklimaat omgeving’. Reclamant is van mening dat de afwijzing door de gemeente van aangedragen alternatieven voor de parkeergarage (gesitueerd onder de speeltuin of helemaal ondergronds) beter onderbouwd en onderzocht moet worden. Ook moet volgens reclamant de positie en de toekomst van het Esso tankstation worden meegenomen in dit bestemmingsplan. Op dit moment is er nog behoefte aan fossiel tanken en dat zal op korte tot middellange termijn niet wijzigen. De kosten van uitkoop zijn hoog en stedenbouwkundig is dit niet de gewenste oplossing.
Aankoop van het benzinestation in het kader van het plan op deze locatie, betekent dat dit plan niet langer financieel haalbaar is. Bovendien is ook met behoud van het benzinestation een stedenbouwkundig en milieutechnisch (waarborging goed woonklimaat) aanvaardbaar plan te realiseren. Voorts wordt verwezen naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’, waarin is ingegaan op de aangedragen alternatieven. In het ontwerpbestemmingsplan wordt de cultuurhistorische waarde van het park ten onrechte niet in de toetsing meegenomen. De IJzeren Vrouw behoort tot de historische stedenbouwkundige structuur De Muntel. De waarde van het park brengt met zich mee dat op deze plaats geen drie woontorens gebouwd mogen worden, omdat het gebied nu een recreatieve functie heeft. De provinciale Cultuurhistorische Waardenkaart (CHW) geeft niet aan dat deze plek vanuit cultuurhistorie van provinciaal belang is. Op de kaart is het park als onderdeel van de Muntel meegenomen onder het kopje Overige cultuurhistorische informatie. Het is daarbij geduid als ‘historische stedenbouw’. De wijk De Muntel is door het rijk aangewezen als Rijksbeschermd stadsgezicht, maar de plas en het park maken daar geen onderdeel van uit. De duiding in de provinciale CHW tot historische stedenbouw betekent niet dat hierbinnen geen nieuwbouw kan worden gerealiseerd.
De geplande nieuwbouw past goed in de bestaande stedenbouwkundige structuur, zie ook het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’. Dit aspect is derhalve voldoende onderbouwd. De stikstofberekening is niet met de meest recente versie van de AERIUS-calculator uitgevoerd. Sinds 13 januari 2022 is een nieuwe versie van toepassing. In het kader van het definitieve bestemmingsplan zou hier mee gerekend moeten worden en dan zou zowel de gebruiks-als de bouwfase moeten worden meegenomen. In het kader van de vaststelling van het bestemmingsplan is het stikstofonderzoek geactualiseerd. Hierbij is de meest recente versie van de AERIUS-calculator (november 2023) gehanteerd. Ook is de bouwfase toegevoegd. Uit het onderzoek blijkt dat er geen deposities >0,00 mol/ha/j optreden.
m. Reclamant heeft een aantal losse opmerkingen die verduidelijking behoeven: 1. Waarom omvat het plangebied ook een deel van de IJzeren Vrouw? 2. Hoe verhoudt het nieuwe plangebied zich tot het huidige bestaande bestemmingsplan IJzeren Vrouw e.o. 3. Figuur 3.2 in de toelichting is misleidend en onjuist, aangezien de voorgestelde bebouwing veel verder van het water is gelegen dan dat er uiteindelijk is gekozen. 4. De welstandscommissie heeft in beginsel ingestemd met het plan. Graag krijgt reclamant inzage in het rapport en de criteria waarop is beoordeeld. 5. Reclamant vraagt zich af wat de gevolgen zijn van de toepassing warmte-koude-opslag middels aquathermie met de IJzeren Vrouw voor het water in de plas en de visstand. En is het waterschap hiervan op de hoogte en wat was hun reactie? Nota van zienswijzen Bestemmingsplan ‘Brabantbad’ Pagina 82 van 109
•
6. Volgens het bomenonderzoek moeten 2 rijen van 17 historische platanen wijken. Wat komt hiervoor terug en welke normen worden daarvoor gehanteerd? 7. Reclamant vraagt zich af hoe het kan dat uit het verkennend bodemonderzoek blijkt dat er hoge concentraties lood zijn aangetroffen, maar dat dit toch geen probleem is. 8. Reclamant vraagt zich af waarom er in het bestemmingsplan niks wordt gemeld over de noodzakelijke infrastructuur, riolering en elektriciteitsvoorziening. Hoe wordt dit opgelost? Puntsgewijze reactie : Ad 1.: Het plangebied omvat ook een deel van de IJzeren Vrouw om de voorziening voor warmte koude opslag (planologisch) mogelijk te maken. Deze warmte koude opslag is verbonden middels Aquathermie met de plas IJzeren Vrouw. Doordat deze opslag wordt gerealiseerd is geen aardgas nodig voor de verwarming van nieuwe woningen. In de zomer wordt koelte uit de plas gehaald om passieve koeling voor de appartementen te generen en in de winter wordt warmte uit de bodem en plas getrokken om appartementen te voorzien van warmte. Ad 2.: Het onderhavige bestemmingsplan overschrijft het plangebied van het huidige bestemmingsplan voor zover dit samenvalt. Daarmee wordt nieuwe bebouwing mogelijk en komen de bouwmogelijkheden van het vigerende bestemmingsplan te vervallen. Voor de rest van het park blijft het vigerende bestemmingsplan gelden.
Ad 3.: Figuur 3.2 betreft een indicatie van de vergelijking van het stedenbouwkundig concept van het vigerende bestemmingsplan t.o.v. het onderhavige bestemmingsplan. Figuur 3.2 is niet op schaal. De verbeelding van een bestemmingsplan is leidend en geeft duidelijk aan waar de torens worden gesitueerd. Ad 4.: De tekst in paragraaf 4.3.5 van de toelichting van het ontwerpbestemmingsplan bevat een omissie in dit opzicht. De tekst is aangepast. In het kader van de aanvraag omgevingsvergunning zal het bouwplan getoetst worden aan de redelijke eisen van welstand. Ad 5.: De quickscan flora en fauna is in het kader van de vaststelling van het bestemmingsplan geactualiseerd en aangevuld. Hierin is expliciet ook het door reclamant aangehaalde effect onderzocht. Uit het aangepaste onderzoek blijkt dat dit een aandachtspunt bij de uitvoering c.q. verdere uitwerking van het plan is, maar geen belemmering voor de uitvoerbaarheid vormt. Het is wenselijk dat een specialistische deskundige (ervaren aquatisch ecoloog) bij deze nadere uitwerking betrokken wordt om de exacte effecten nader te beoordelen. Ad 6.: Uit de Bomen Effect Analyse en het onderzoek naar de windbelasting blijkt dat 71 van de 88 bomen in ieder geval behouden kunnen worden. De conclusie van reclamant dat de 17 bomen die mogelijk niet te behouden zijn allemaal historische platanen zijn, is niet juist.
Hierbij zitten ook andere soorten en jonge bomen. Bomen die niet behouden kunnen worden, worden in het park gecompenseerd. De exacte locatie, soort en grootte van de compensatiebomen wordt bepaald bij de uitvoering. Ad 7.: Het bodemonderzoek is uitgevoerd om vast te stellen of er milieuhygiënische bezwaren zijn voor herontwikkeling op de planlocatie van het voormalig Brabantbad. Het uitgevoerde bodemonderzoek heeft aangetoond dat de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem, herontwikkeling niet in de weg hoeft te staan. Daar waar noodzakelijk kunnen aanvullende maatregelen nodig zijn om de bodem volledig geschikt te maken voor de toekomstige functie. Er is op de planlocatie geen sprake van sterk verhoogd aangetroffen lood concentraties. Op twee plaatsen van de ontwikkeling locatie zijn bij het verkennend en nader bodemonderzoek licht verhoogde concentraties lood aangetroffen in de bodem. De aangetroffen concentraties voldoen aan de norm en geven op dit moment geen aanleiding tot het nemen van verdere maatregelen, zoals bijvoorbeeld sanerende maatregelen. Ad 8.: Dit zijn aspecten die in beginsel geen rol spelen in het kader van de bestemmingsplanprocedure. Het plan moet niettemin uitvoerbaar zijn in dit opzicht. De nadere technische uitwerking vindt plaats in de omgevingsvergunningfase.
Zoals in de toelichting van het ontwerpbestemmingsplan is beschreven, vindt de ontsluiting van het plan rechtstreeks op de Van Grobbendoncklaan plaats. Voor de realisatie van kabels en leidingen (riolering, elektra, e.d.) is het uitgangspunt dat zoveel mogelijk wordt aangesloten op de bestaande voorzieningen/structuur. Er zijn geen belemmeringen te verwachten in dit opzicht.
Reclamant 128 a. Reclamant is voorstander van de bouw van de torens. Nota van zienswijzen Bestemmingsplan ‘Brabantbad’ Pagina 83 van 109
•
De zienswijze wordt voor kennisneming aangenomen.
Reclamant 129 a. Reclamant spreekt steun uit voor het plan op basis van de volgende argumenten: Het Brabantbad geeft met haar diverse woningaanbod (circa 170 eenheden), een broodnodig antwoord op het nijpende woningtekort in 's-Hertogenbosch. Het project is – met respect voor het gebruik van het Prins Hendrikpark – in haar woonprogramma zeer divers opgezet. Het aanbod van vrijesectorkoopwoningen, sociale huurwoningen en betaalbare koopwoningen biedt veel mensen de mogelijkheid een wooncarrière te starten of voort te zetten en levert een bijdrage in de broodnodige doorstroming van woningen in de stad. De commerciële en maatschappelijke ruimte onder de woontorens dragen bij aan de sociale cohesie. Als bewoner, als omwonende, of als gast kan je hier fijn toeven en verblijven met ruimte voor ontmoeting en ontspanning. Het project Brabantbad moet er snel komen, reclamant wil er graag wonen. • De zienswijze wordt voor kennisneming aangenomen. Reclamant 130 a. Het Prins Hendrikpark en de IJzeren Vrouw vormt een prachtig groene ontmoetingsplaats voor de stad. De gemeente 's-Hertogenbosch heeft hier enkele jaren geleden geweldig in geïnvesteerd en dat heeft zijn vruchten afgeworpen, want daarna werd het park veel meer gebruikt. Een stad moet ook groen zijn, zeker in het licht van het veranderde klimaat en de leefbaarheid.
Dat dreigt voor een groot deel verloren te gaan door de bouwplannen zoals die ter inzage zijn gelegd. Een grote hoeveelheid groen gaat verdwijnen en de mogelijkheid om in het groen te sporten en elkaar te ontmoeten tijdens een rondwandeling om de IJzeren Vrouw zullen ernstig worden beperkt. Er wordt nu met name gesport op de plek waar deze torens gepland zijn en er zijn weinig alternatieve plaatsen in of bij het Prins Hendrikpark. Daarbij maakt reclamant zich ook zorgen over het grotere aantal mensen dat gebruik zal gaan maken van de kleinere recreatieruimte in het Prins Hendrikpark. Een rondje IJzeren Vrouw is straks niet meer aantrekkelijk, omdat zulke hoge torens op slechts 10 of 20 meter afstand van het wandelpad je het gevoel geven dat je vlak langs de torens loopt. Zelf wanneer er een zgn transparante of smallere plint aan de torens wordt gemaakt, blijven het immense torens, die zeer bepalend zijn voor de beleving van het park en die afbreuk doen aan het woongenot van vele mensen in de buurt en de mensen die elkaar ontmoeten in het park. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’. b. De wethouder gaf aan dat de torens zo dicht bij het water moeten staan omdat ze anders te dicht bij de drukke Van Grobbendoncklaan zouden staan en bewoners van de torens daar te veel overlast van zouden hebben.
Dit argument is volgens reclamant niet valide om o.a. de volgende redenen: gebouwen en wegen kunnen worden voorzien van geluidsisolerende maatregelen de Van Grobbendoncklaan kan worden versmald (zoals dat met meer wegen in 'sHertogenbosch gebeurt) geluidsoverlast wordt in nabije toekomst minder vanwege elektrische auto's en brommers (over 10 jaar rijdt iedereen elektrisch, maar de torens staan er voor een veel langere periode) het tankstation zal op niet al te lange termijn verdwijnen vanwege teruglopende vraag naar brandstof. • In het kader van het bestemmingsplan is onderzoek gedaan naar de geluidsbelasting van o.a. wegverkeer op de woontorens. In dat kader zijn de mogelijkheden tot het treffen van maatregelen onderzocht en integraal afgewogen. In de toelichting van het bestemmingsplan (paragraaf 5.4.1) is de motivering op dit onderdeel beschreven. c.
Het is ons uiteraard bekend dat er een grote behoefte is aan woningen en dat er veel belangstelling is om in deze torens te gaan wonen. De locatie is voor de bewoners natuurlijk prachtig. Maar dat wil niet zeggen dat er geen rekening hoeft te worden gehouden met de mensen die in de omgeving wonen. Nota van zienswijzen Bestemmingsplan ‘Brabantbad’ Pagina 84 van 109
•
Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 2 ’Woonklimaat omgeving’.
d. Reclamant vindt dat de architectuur totaal niet past in de omgeving, qua bouwmassa, vorm, hoogte, façade, materiaalgebruik en kleurgebruik. Verdichten betekent niet dat er geen aandacht hoeft te worden geschonken aan de context en kwaliteit van architectuur. • De welstandstoets vindt definitief plaats in het kader van de omgevingsvergunningaanvraag. Bij deze toetsing wordt onder andere beoordeeld of de torens passen in de omgeving. Verder wordt verwezen naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’. Reclamant 131 a. Brabantbad woontorens is een supermooi bedacht project en in deze tijd van woning schaarste een welkome aanvulling!!! Ook met het oog op de toekomst van onze kinderen. • De zienswijze wordt voor kennisneming aangenomen. Reclamant 132 a. De bouw van 3 hoge torens leidt tot grove en blijvende aantasting van het karakter van het oudste park van de stad. Het is volgens reclamant een historische vergissing als dit bouwproject wordt gerealiseerd. Reclamant roept met klem op om deze fout niet te maken en moed te hebben om terug te komen op de gemaakte afspraken in het Bestuursakkoord. De impact op het park van drie hoge woontorens is massief en onherstelbaar. Reclamant beschrijft de waarde van het Prins Hendrikpark door het gebruik dat velen ervan maken (‘de benen strekken’, recreëren, sporten en gewoon genieten).
Vaak wordt het park ook genoemd als belangrijke reden voor mensen om in de wijk te komen wonen. Het is, kortom, een fijne plek en van groot belang voor de leefbaarheid van de wijk en de wijde omgeving. Reclamant benadrukt het belang van groen in de stad (voor onder meer het milieu, de waterberging, de verkoeling, luchtkwaliteit, geluidshinder en het welbevinden van de bewoners) en verwijst daarbij naar rapporten van vooraanstaande instituten. Zelfs Bouwend Nederland benadrukt het belang om náást woningbouw ook meer groen en parken te realiseren teneinde de leefbaarheid te behouden en in dat kader heeft men ook het platform ‘Klimaat adaptief bouwen met de natuur’ gelanceerd. Den Bosch is nu al een stad met weinig groen, en reclamant vindt het dan ook onbegrijpelijk dat de gemeente het oudste park van de stad wil aantasten door er massieve bebouwing toe te staan. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’. b. Reclamant gaat in op het argument van de gemeente dat er woningnood is en er dus gebouwd moet worden. Reclamant erkent dat er sprake is van woningnood en dat er gebouwd moet worden, maar hij is van mening dat woningbouw van deze massaliteit en hoogte beter past in het nieuwe ontwikkelingsplan rondom station Oost. En door deze geplande nieuwbouw zou het groen juist moeten worden uitgebreid i.p.v.
het park te verkleinen. De bewoners van de geplande nieuwe woonwijk moeten ook ergens recreëren, en het is alleszins redelijk te veronderstellen dat de forse uitbreiding rond station Oost de druk op het park zal doen laten toenemen. Reclamant wijst erop dat het park feitelijk een heel klein park is en dat bebouwing daarin al snel zeer impactvol is. Reclamant geeft aan dat de gemeente vaak verwijst naar het succes van de Amazones, maar deze staan niet in het park. Zouden de drie Amazones aan de parkkant van de Mgr. Diepenstraat zijn gebouwd, dan zou de impact op het park dodelijk zijn geweest. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’ en punt 3 ‘Woonbehoefte en –programma’. c.
De gemeente geeft aan dat er ter plekke al bebouwing stond (Brabantbad en Vinkenkamp) en het dus grond die als bouwgrond gebruikt kan worden. Reclamant wijst erop dat deze bebouwing meer dan 20 jaar geleden is afgebroken en dat het park daarna zo goed mogelijk is hersteld en weer volop wordt gebruikt voor sport en ontspanning. De klimaatverandering vraagt om een nieuwe kijk op groen en op ruimte voor bouwen en parken zijn cruciaal om zware neerslag en Nota van zienswijzen Bestemmingsplan ‘Brabantbad’ Pagina 85 van 109
•
hittegolven zo goed mogelijk te beheersen. Parken zijn van belang voor groen, biodiversiteit, vermindering van luchtvervuiling, waterberging, demping van geluidshinder en verkoeling in warme perioden. Volgens reclamant doet zich nu de kans voor om fouten uit het verleden te herstellen. Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’ en punt 3 ‘Woonbehoefte en –programma’.
d. Reclamant is van mening dat het argument van de gemeente dat met het plan meer groen wordt gecreëerd flauwekul is. De facto wordt het huidige park een flink stuk kleiner gemaakt. Het is daarbij belangrijk om niet alleen te kijken naar de footprint, maar ook naar het effect van die torens op de omgeving. Een groot deel wordt ongeschikt gemaakt voor recreatief gebruik, nog los van het feit dat tientallen oude platanen zullen moeten worden gekapt. Ook leiden de torens tot windhinder en schaduwwerking waardoor het geplande park tussen de torens onbruikbaar is. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’ en punt 2 ‘Woonklimaat omgeving’. e. Reclamant is het niet eens met het argument dat de aanslag op het park minimaal is. Het bouwoppervlak mag dan geringer zijn, de impact van de bebouwing is dat geenszins. Reclamant wijst daarbij op de forse impact op het parkgevoel en op de groene omgeving. Bovendien betekent een kleinere footprint niet automatisch dat de overgebleven ruimte van voldoende kwaliteit is. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’ en punt 2 ‘Woonklimaat omgeving’. f.
•
Mocht de gemeente desondanks toch willen doorgaan met dit onzalige plan, dan dringt reclamant erop aan om: De bebouwing meer naar achteren te plaatsen, zodat de impact op het groen enigszins wordt beperkt. De bebouwing fors lager te maken en de bebouwing qua uitstraling meer te laten aansluiten bij de huidige bebouwing (baksteen ipv glimmende spiegelende torens). Te verkennen of een ander ontwerp met meer groen in de hoogbouw zelf mogelijk is. De parkeervoorziening volledig ondergronds te bouwen, bijvoorbeeld onder de huidige speeltuin. Te wachten met de bouw tot de pacht van het Essostation verloopt. Dit is over enkele jaren al het geval. Dan kan de bouw waarschijnlijk zonder problemen naar de rand van het park verschoven worden. Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’.
g. Reclamant vraagt zich af of alle noodzakelijke onderzoeken wel zijn gedaan en actueel zijn en doelt specifiek op de onderzoeken: stikstofdepositie (bouwfase) archeologische onderzoek de kwantitatieve groenscore de verkeersintensiteit als gevolg van de sterke groei van het aantal woningen het aantal geplande parkeerplaatsen (volgens reclamant is deze onder de norm en zal dit vooroverlast in de buurt zorgen effect van hoge torens op de windhinder en schaduwwerking. de geluidswaarde en voldoen de bouwplannen aan de voorwaarden voor ontheffing? ( • Alle benodigde onderzoeken zijn uitgevoerd en actueel. Zie hiervoor de plantoelichting en de bijbehorende bijlagen. In hoofdstuk 5 van de plantoelichting zijn alle milieuaspecten beoordeeld en indien nodig onderzocht. In paragraaf 5.2 is beoordeeld of er dusdanige milieueffecten zijn dat er een MER (milieueffectrapportage) of een m.e.r.-beoordeling plaats moet vinden. Aan de hand van een vormvrije m.e.r.-beoordeling is geconcludeerd dat er geen belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu zijn en dat een MER of een m.e.r.-beoordeling dus niet nodig is. Voor stikstofdepositie is een AERIUS-berekening uitgevoerd (zie bijlage 9). Deze is voor vaststelling van het bestemmingsplan geactualiseerd conform de meest recente versie van de Nota van zienswijzen Bestemmingsplan ‘Brabantbad’ Pagina 86 van 109
AERIUS-calculator. Voor archeologie geldt dat het plangebied deels in een zone met een lage verwachtingswaarde ligt en deels binnen de contouren van de voormalige bebouwing. Ter plaatse is de grond dus al geroerd. Archeologisch onderzoek is daarom niet nodig. Voor de bomen is een bomeneffectanalyse uitgevoerd (zie bijlage 1). Er is een voldoende actueel verkennend bodemonderzoek uitgevoerd (3 april 2020, zie bijlage 6). Voor water is een watertoets doorlopen, deze is opgenomen in paragraaf 5.12 van de plantoelichting. Nader onderzoek is niet nodig. Riolering is voor zover ruimtelijk relevant meegenomen in de watertoets. In paragraaf 3.3 heeft een analyse van de mobiliteitsaspecten (verkeer en parkeren) plaatsgevonden. In dat kader is ook onderzoek gedaan naar het effect op de verkeersafwikkeling op de twee meest nabijgelegen VRI-kruisingen (zie bijlage 10). Het onderzoek laat zien dat de impact van de te ontwikkelen woontorens op de verkeersafwikkeling verwaarloosbaar is. In de Nota Hoogbouw is als voorwaarde gesteld dat onevenredige schaduwhinder voor omwonenden moet worden voorkomen en hiervoor zijn normen opgenomen. In bijlage 2 is onder 9 een bezonningsstudie opgenomen. De conclusie is dat de hoogbouw geen negatieve schaduwwerking voor de omgeving heeft doordat de torens vrij solitair in het midden van het park staan, op grote afstand van de omliggende bebouwing.
Er heeft een toets plaatsgevonden met betrekking tot wegverkeerslawaai, indirecte hinder, railverkeerslawaai, industrielawaai en cumulatie van geluid. Zie hiervoor paragraaf 5.4 van de plantoelichting. Voor wegverkeerslawaai is een onderzoek uitgevoerd (zie bijlage 7). Dit onderzoek is voor de vaststelling van het bestemmingsplan geactualiseerd. Reclamant 133 a. Reclamant geeft aan zich aan te sluiten bij de zienswijze die is ingediend door Stichting IJzeren Vrouw. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar op zienswijze 85. b. Reclamant vindt het hoogst verwonderlijk dat de bestemming van sport /recreatie wordt gewijzigd naar wonen. De plannen om te bouwen in de groene longen van de stad moeten herzien worden, omdat groen en blauw een positief effect hebben op het fysieke en mentale welzijn van de mensen. Daarbij wijst hij op het effect van groen op de gezondheid (minder depressie). Bovendien biedt groen ontmoetingsplekken, verkoeling, bescherming tegen de zon en nodigt uit tot bewegen. Reclamant verwijst in dat kader naar meerdere onderzoeken en publicaties. Reclamant is van mening dat je als gemeente de wettelijke en morele verplichting hebt deze adviezen te volgen. Reclamant benoemt ook de inspanning vanuit de Provincie om Brabant klimaatbestendiger te maken.
Men roept burgers op om hier ook aan bij te dragen (minder bestrating of waterdoorlatende verharding, vergroening van dak, (gevel)tuin of balkon en dergelijke). Reclamant vraagt zich of hoe zich dit verhoudt tot bouwen in een park, waarbij bomen juist worden weggehaald en verharding wordt aangebracht. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’. c. •
Waarom luistert de gemeente niet naar de 1.737 ondertekenaars van de enquête over de plannen (75% tegen), de 2.400 petitie ondertekenaars en de 507 ondertekenaars van het Burgerinitiatief? Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 5 ’Inspraak en omgevingsdialoog’.
d. Reclamant is van mening dat de ruimte tussen de torens als park niet bruikbaar blijft. Hoge torens leiden tot veel windhinder en schaduwwerking waardoor de ruimte tussen de torens onbruikbaar is. Je gaat niet voor iemands voordeur zitten, in wind en schaduw, om te recreëren. Ook de horeca of andere voorzieningen in de onderste lagen zal niet bijdragen aan een openbare plek om te sporten en te recreëren. Als voorbeeld wordt verwezen naar ruimte bij de Amazones, waar niemand recreëert. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’ en punt 2 ‘Woonklimaat omgeving’. e. De druk op de wijk en het park worden veel te groot omdat de huidige en nieuwe omwonenden ook ergens moeten recreëren. Vanaf het jaar 2000 is rondom de IJzeren Vrouw voorzien in 3.200 extra woningen (incl. station Oost). Het bruikbare park mag niet nog kleiner worden. Ook om de Nota van zienswijzen Bestemmingsplan ‘Brabantbad’ Pagina 87 van 109
•
f.
•
voorzieningen te kunnen treffen op basis van de beweegrichtlijn van de gezondheidsraad (NNGB) heb je met meer bewoners per oppervlakte eerder meer ruimte nodig om te sporten dan minder. Minder plek om in je directe omgeving te kunnen recreëren betekent meer ‘vervoersbewegingen’, in het ergste geval met de auto, om elders te recreëren. Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’. Reclamant stelt voor om recreatiegebied te behouden en leegstaande gebieden/gebouwen beter en eerder te benutten. Als voorbeeld noemt reclamant het gebied bij de Rosmalense plas waar nu distributiecentra en kantoren zijn gepland, maar dat ook gebruikt had kunnen worden voor woningbouw. Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’.
Reclamant 134 a. Reclamant spreekt steun uit voor het plan op basis van de volgende argumenten: Het Brabantbad geeft met haar diverse woningaanbod (circa 170 eenheden), een broodnodig antwoord op het nijpende woningtekort in 's-Hertogenbosch. Het project is – met respect voor het gebruik van het Prins Hendrikpark – in haar woonprogramma zeer divers opgezet. Het aanbod van vrijesectorkoopwoningen, sociale huurwoningen en betaalbare koopwoningen biedt veel mensen de mogelijkheid een wooncarrière te starten of voort te zetten en levert een bijdrage in de broodnodige doorstroming van woningen in de stad. De commerciële en maatschappelijke ruimte onder de woontorens dragen bij aan de sociale cohesie. Als bewoner, als omwonende, of als gast kan je hier fijn toeven en verblijven met ruimte voor ontmoeting en ontspanning. Het project Brabantbad moet er snel komen, reclamant wil er graag wonen. • De zienswijze wordt voor kennisneming aangenomen. Reclamant 135 a. Reclamant erkent dat er woningnood is en dat er stevig gebouwd zal moeten worden, maar voor bouwen zonder oog te hebben voor wáár er wordt gebouwd zal weinig draagvlak zijn. Reclamant geeft aan dat dat hier aan de hand is met het plan om drie woontorens te bouwen in het Prins Hendrikpark. Bouwen in een park is gelet op de klimaatverandering onverstandig.
Reclamant geeft hierover aan dat onderzoekers van onder meer Wageningen University & Research (WUR) aangeven dat groen essentieel is voor een klimaatbestendige en duurzame omgeving in de stad. Behalve dat groen het milieu verbetert, voor minder luchtvervuiling zorgt, voor waterberging zorgt, en geluidshinder dempt, koelt groen de stad in warme perioden. Bebouwen van parken is volledig achterhaald en reclamant vindt het daarom ook onbegrijpelijk dat de gemeente stug vast wil blijven houden aan bouwen in het Prins hendrikpark. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’. b. Het argument van de gemeente dat er vroeger ook bebouwing was in het park en dat er daarom nu dus ook in het park gebouwd mag worden, duidt volgens reclamant niet alleen op een enorme kortzichtigheid, maar is zelfs ronduit lachwekkend. Het legitimeren van bouwen in het park met dit argument, is ongeveer hetzelfde als het nu uitkopen van een grote uitstoter van stikstof om vervolgens na 24 jaar op diezelfde plek weer een grote stikstofuitstoot toe te staan. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’ en punt 3 ‘Woonbehoefte en –programma’. c.