CConstaterende dat's-Hertogenbosch
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 Nota zienswijzen bestemmingsplan Brabantbad

Gemeenteraad 5 maart 2024, gemeente 's-HertogenboschBij agendapunt: Bestemmingsplan Brabantbad64.491 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 5 van 7

•

de gemeente anders dure bouwgrond moet afwaarderen naar goedkope parkgrond. De 120 (en niet 177 van dit ontwerpplan) wooneenheden zijn overal te realiseren, beginnend bij plan Station Oost. Vergeet ook niet dat er eerder al meer dan 2.400 bewoners middels een petitie aangegeven hebben het absoluut oneens te zijn met dit plan. Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’, punt 2 ‘Woonklimaat omgeving’ en punt 3 ‘Woonbehoefte en – programma’.

Reclamant 104 a. Er mogen geen woontorens (tot 60 meter hoog) aan de IJzeren Vrouw komen. Reclamant vindt dit een grove en blijvende aantasting van het karakter van het oudste park van Den Bosch. Groen verdwijnt en recreatie wordt beperkt. Het park is uniek en heel waardevol: open, groen en dicht bij de stad, tussen dichtbevolkte wijken. Steeds meer bewoners uit alle delen van de stad gebruiken het park om te ontspannen. De voorgestelde bebouwing met woontorens tot op 25 meter van het water gaat ten koste van natuur, recreatie, een ontspannen beleving en tenslotte de leefbaarheid van de stad. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’. b. Er is op slechts 750 meter afstand al een hele nieuwe wijk gepland met 2.100 woningen en hoogbouw, dat is voor deze wijk voldoende. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 3 ‘Woonbehoefte en –programma’. Reclamant 105 a. Volgens reclamant geeft de gemeente in haar documenten zelf aan dat het voornemen ruimtelijk gezien niet mogelijk is op basis van het geldende bestemmingsplan IJzeren Vrouw e.o. Dit bestemmingsplan is opgesteld ter bescherming van het park, openbaar groen en cultuurhistorische waarden van het park.

De redenering dat het belang van woningzoekenden boven het behoud van het historische Prins Hendrikpark gaat, is volgens reclamant niet charmant, onzorgvuldig en onvolledig, zeker wanneer je bedenkt dat in de buurt (de Vliert) ook woningen gebouwd gaan worden. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’ en punt 3 ‘Woonbehoefte en –programma’. b. Reclamant zet grote vraagtekens bij de gang van zaken en bij de bestuurlijke toetsing van dit plan. De betrokkenheid, wil en respect van de gemeente naar de mensen die het park willen behouden lijkt volgens reclamant te ontbreken. Vanaf het eerste moment is het niet gegaan over of hier wel gebouwd moet worden, maar alleen over hoe het plan gerealiseerd kan worden. Dat is volgens reclamant niet hoe het proces hoort te verlopen. • Wij zijn bekend met de bezwaren uit de omgeving en zijn daarom niet over 1 nacht ijs gegaan met dit plan. Het is een locatie die reeds planologisch bestemd is voor woningbouw. Bij het plan is een afweging gemaakt tussen de wens om te voorzien in de grote woningbehoefte en de impact van het plan op de omgeving. Daarbij hebben wij ook op verschillende manieren de reacties uit de omgeving betrokken bij de afweging (zie punt 5 ’Inspraak en omgevingsdialoog’). De voorstellen zoals opgenomen in het burgerinitiatief zijn door de raad afgewogen.

De raad heeft besloten niet in te stemmen met het burgerinitiatief. Ook is gekeken om de impact van het plan op de omgeving zo beperkt mogelijk te houden (zie punt 1 ‘Planopzet’). Met dit aangepaste plan hebben wij het vertrouwen dat de impact van het plan acceptabel is. c.

Dit plan beschadigt de identiteit van de omgeving doordat de flats in verhouding tot de omgeving veel te hoog zijn. Er is geen of onvoldoende onderzoek gedaan en te weinig rekening gehouden met de invloed van verkeer, wind, licht en schaduw. De druk op het verkeer en infrastructuur zal verder toenemen terwijl het historische groen in dit deel van de stad zal afnemen. Dat historische groen zal nergens in deze buurt gecompenseerd worden en daar lijkt volgens reclamant niet over nagedacht. Daarnaast lijkt de gemeente weinig geleerd te hebben van het niet zo succesvolle Amazoneplan (dorre verlaten strook en windtunneleffect). Nota van zienswijzen Bestemmingsplan ‘Brabantbad’ Pagina 61 van 109

•

Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’, punt 2 ‘Woonklimaat omgeving’ en punt 4 ‘Verkeer en parkeren’.

d. Elders in de gemeente staan functies zoals horeca, dienstverlening en maatschappelijke en culturele voorzieningen onder druk of verdwijnen. Reclamant vindt het ongeloofwaardig dat er hier dan wel behoefte aan zou zijn. • Er is gekozen voor het mogelijk maken van diverse functies in de plint om de levendigheid te stimuleren. Als er woonfuncties op de begane grond gesitueerd zouden zijn, zou het een afgesloten gevoel geven en dit geeft minder binding met het park. Door kleinschalige nietwoonfuncties ontstaat er meer verbinding en meer openheid van bebouwing. De totale maximale omvang van de niet-woonfuncties bedraagt 960 m² bvo. Gelet op de kleinschalige omvang van het programma in relatie tot de totale plancapaciteit voor de beoogde functies binnen de gemeente, is duurzame ontwrichting van de voorzieningenstructuur ten gevolge van leegstand uitgesloten. Zie verder ook paragraaf 4.1.3 van de toelichting op het bestemmingsplan voor een uitgebreide onderbouwing van de behoefte en effecten. Verder wordt verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’. e. Reclamant geeft aan dat een park een doel heeft en geen verloren ruimte is. Er dient rekening te worden gehouden met de natuurwaarden. In de afgelopen zomer kreunde Nederland onder de hitte. Het centraal gelegen stadspark is van vitaal belang voor de stad.

Steden als ‘sHertogenbosch waren door hun parken de ‘koelste’ steden en hadden door de parken een lagere (grond)temperatuur. De algemene conclusie is dat bomen en groen zorgen voor koelte. De nieuwbouw overschaduwt het park en beïnvloedt het ‘hitte-milieu’. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’. f.

•

Reclamant vindt het verhaal over parkeernormen (met gefingeerde getallen) lachwekkend, onzorgvuldig en ondoordacht. Niemand heeft 0,7 of 0,2 auto. Vroeg of laat zal volgens reclamant de gemeente tot het inzicht moeten komen dat er meer auto’s zijn dan parkeerplaatsen. Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 4 ‘Verkeer en parkeren’.

g. Reclamant geeft de gemeente in overweging om een inventarisatie uit te voeren van overeenkomstige kwetsbare locaties in deze gemeente en deze uit te sluiten van unsolid proposals (red.: ongevraagd voorstel, eigen initiatief) om in de toekomst een voor alle partijen demotiverend en kostbaar proces te voorkomen. • Bij iedere ontwikkeling wordt een afweging gemaakt of dat op de betreffende locatie wenselijk is. Op de locatie Brabantbad is geconcludeerd dat het plan ruimtelijk aanvaardbaar is. Er heeft al bebouwing gestaan en ten opzichte van het vigerende bestemmingsplan wordt de impact op de omgeving aanzienlijk verkleind door een kleinere footprint en meer openheid van het park. Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’. Op dit moment is de gemeente ’s-Hertogenbosch bezig met de eerste stappen om te komen tot een omgevingsvisie. In deze omgevingsvisie worden afwegingen gemaakt voor de toekomst van de gemeente ’s-Hertogenbosch tot 2050. In deze omgevingsvisie komen ook de ontwikkelmogelijkheden in de stad aan bod. Hieruit zullen perspectiefrijke en minder perspectiefrijke locaties volgen. Reclamant 106 a. Er mogen geen woontorens (tot 60 meter hoog) aan de IJzeren Vrouw komen. Reclamant vindt dit een grove en blijvende aantasting van het karakter van het oudste park van Den Bosch.

Groen verdwijnt en recreatie wordt beperkt. Het park is uniek en heel waardevol: open, groen en dicht bij de stad, tussen dichtbevolkte wijken. Steeds meer bewoners uit alle delen van de stad gebruiken het park om te ontspannen. De voorgestelde bebouwing met woontorens tot op 25 meter van het water gaat ten koste van natuur, recreatie, een ontspannen beleving en tenslotte de leefbaarheid van de stad. Nota van zienswijzen Bestemmingsplan ‘Brabantbad’ Pagina 62 van 109

•

Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’.

b. Er is op slechts 750 meter afstand al een hele nieuwe wijk gepland met 2.100 woningen en hoogbouw, dat is voor deze wijk voldoende. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 3 ‘Woonbehoefte en –programma’. Reclamant 107 a. Er mogen geen woontorens (tot 60 meter hoog) aan de IJzeren Vrouw komen. Reclamant vindt dit een grove en blijvende aantasting van het karakter van het oudste park van Den Bosch. Groen verdwijnt en recreatie wordt beperkt. Het park is uniek en heel waardevol: open, groen en dicht bij de stad, tussen dichtbevolkte wijken. Steeds meer bewoners uit alle delen van de stad gebruiken het park om te ontspannen. De voorgestelde bebouwing met woontorens tot op 25 meter van het water gaat ten koste van natuur, recreatie, een ontspannen beleving en tenslotte de leefbaarheid van de stad. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’. b. Er is op slechts 750 meter afstand al een hele nieuwe wijk gepland met 2.100 woningen en hoogbouw, dat is voor deze wijk voldoende. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 3 ‘Woonbehoefte en –programma’. Reclamant 108 a.

Door de crisis in de woningsector is het van absoluut belang dat er nieuwe woningen gebouwd worden en dat er extra veel woningen gebouwd worden. Een perfecte oplossing is daarom om in de hoogte te bouwen en woontorens zijn daarvoor ideaal. Als stad moeten we door blijven groeien en bloeien en daar dragen deze woontorens 100% aan bij. In de toekomst zal iedereen vol trots naar de woontorens kijken en het geeft Den Bosch een mooi aanzien. • De zienswijze wordt voor kennisneming aangenomen. Reclamant 109 a. Er mogen geen woontorens (tot 60 meter hoog) aan de IJzeren Vrouw komen. Reclamant vindt dit een grove en blijvende aantasting van het karakter van het oudste park van Den Bosch. Groen verdwijnt en recreatie wordt beperkt. Het park is uniek en heel waardevol: open, groen en dicht bij de stad, tussen dichtbevolkte wijken. Steeds meer bewoners uit alle delen van de stad gebruiken het park om te ontspannen. De voorgestelde bebouwing met woontorens tot op 25 meter van het water gaat ten koste van natuur, recreatie, een ontspannen beleving en tenslotte de leefbaarheid van de stad. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’. b. Er is op slechts 750 meter afstand al een hele nieuwe wijk gepland met 2.100 woningen en hoogbouw, dat is voor deze wijk voldoende.

• Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 3 ‘Woonbehoefte en –programma’. Reclamant 110 a. Reclamant spreekt steun uit voor het plan op basis van de volgende argumenten: − Het Brabantbad geeft met haar diverse woningaanbod (circa 170 eenheden), een broodnodig antwoord op het nijpende woningtekort in 's-Hertogenbosch. − Het project is – met respect voor het gebruik van het Prins Hendrikpark – in haar woonprogramma zeer divers opgezet. − Het aanbod van vrijesectorkoopwoningen, sociale huurwoningen en betaalbare koopwoningen biedt veel mensen de mogelijkheid een wooncarrière te starten of voort te zetten en levert een bijdrage in de broodnodige doorstroming van woningen in de stad.

Nota van zienswijzen Bestemmingsplan ‘Brabantbad’ Pagina 63 van 109

−

•

De commerciële en maatschappelijke ruimte onder de woontorens dragen bij aan de sociale cohesie. Als bewoner, als omwonende, of als gast kan je hier fijn toeven en verblijven met ruimte voor ontmoeting en ontspanning. − Het project Brabantbad moet er snel komen, reclamant wil er graag wonen. − Reclamant geeft aan dagelijks in het park te komen en ziet geen bezwaar in de bouw van de torens. De woontorens zijn een welkome aanvulling van het woningaanbod in de omgeving en geven mensen die willen doorstromen een goed alternatief voor de prijzige appartementen die in deze omgeving worden gerealiseerd. De zienswijze wordt voor kennisneming aangenomen.

Reclamant 111 a. Als D66 op 7 december 2021 in de gemeenteraad volgens reclamant beweert “dat er uit het vigerende bestemmingsplan juridische rechten en plichten voortvloeien” en er dus gebouwd moet gaan worden, gaat D66 voorbij aan de waarde die de plek vertegenwoordigt. Het klopt dat er in het verleden een sporthal en een overdekt zwembad hebben gestaan. Het klopt ook dat er in het vigerende bestemmingsplan woonbebouwing mogelijk is. Het gevolg van de sloop van het zwembad en de sporthal is dat een groot deel van het oorspronkelijke park wederom beschikbaar kwam voor de oorspronkelijke functie: recreatief gebruik. Dat gebruik is met de jaren steeds intensiever geworden. De ruimte, de omgeving, de ligging en oriëntatie maken de Brabantbadlocatie tot de hotspot van het park. Nu ervoor kiezen deze locatie te gaan bebouwen doet geen recht aan alle gebruikers van het park. Reclamant geeft aan dat bij de ontwikkeling van de plannen nooit onderzoek is gedaan naar het gebruik van het park (o.a. wie zijn de gebruikers, hoeveelheid gebruikers, moment van gebruik), de gevolgen van de ontwikkeling voor het gebruik en eventuele alternatieven. Reclamant roept op om het onderzoek naar gebruik te doen. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’.

De footprint van de geplande bebouwing is aanzienlijk kleiner dan de bebouwingscontouren uit het huidige bestemmingsplan. Omdat er meer ruimte is voor het park, geeft dat een verbetering van de gebruiksmogelijkheden van het park. b. Reclamant is van mening dat de parkfunctie geen stand houdt bij 3 dicht bij elkaar geplaatste ronde torens (van 50-60 meter hoog). Bouwen in een park kent ook geen precedenten. Reclamant draagt voorbeelden aan waar wonen en recreatie wel goed samen gaan. Ook is reclamant van mening dat de ruimtelijke kwaliteit ook gevonden kan worden binnen het vigerende bestemmingsplan. Daarvoor zal binnen de contouren onderzoek gedaan moeten worden en moet er een alternatief ontwerp komen voor de locatie. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’. Reclamant 112 a. Er mogen geen woontorens (tot 60 meter hoog) aan de IJzeren Vrouw komen. Reclamant vindt dit een grove en blijvende aantasting van het karakter van het oudste park van Den Bosch. Groen verdwijnt en recreatie wordt beperkt. Het park is uniek en heel waardevol: open, groen en dicht bij de stad, tussen dichtbevolkte wijken. Steeds meer bewoners uit alle delen van de stad gebruiken het park om te ontspannen.

De voorgestelde bebouwing met woontorens tot op 25 meter van het water gaat ten koste van natuur, recreatie, een ontspannen beleving en tenslotte de leefbaarheid van de stad. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’. b. Er is op slechts 750 meter afstand al een hele nieuwe wijk gepland met 2.100 woningen en hoogbouw, dat is voor deze wijk voldoende. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 3 ‘Woonbehoefte en –programma’. Reclamant 113 a. Het Prins Hendrikpark is een prachtig uniek park met veel oude bomen. Het is een plek van rust en groen tussen de dichte bebouwing van de omliggende wijken. Veel bewoners van de stad, waaronder reclamant, gebruiken het park om te ontspannen. Dit soort plekken moeten we koesteren en versterken. Bebouwing dient juist op andere plekken plaats te vinden, niet in de groene recreatieve zones van de stad. Dit geldt helemaal voor hoogbouw. De drie geplande Nota van zienswijzen Bestemmingsplan ‘Brabantbad’ Pagina 64 van 109

•

woontorens zijn zo hoog dat zij het hele park en de omgeving zullen domineren. Hoogbouw heeft een ingrijpend effect op de omgeving en daardoor dient extra goed te worden bekeken waar in de stad hoogbouw passend is. In het Prins Hendrikpark past hoogbouw niet. De plaatsing van de woontorens zou het karakter van het park voorgoed veranderen. Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’.

b. De woontorens hebben een aantal neveneffecten. Ze zorgen voor veel wind, schaduw en hebben waarschijnlijk ook nadelige effecten op de begroeiing en vele vogels in de omgeving. Deze effecten zijn naar mening van reclamant door de gemeente onvoldoende onderzocht, dan wel niet met de vereiste onafhankelijkheid. Reclamant verwijst daarbij naar de effecten bij de Amazones. Een ander neveneffect is dat het door de extra woningen veel drukker wordt in het park, terwijl het nu op sommige dagen al best druk is. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’ en punt 2 ‘Woonklimaat omgeving’. In het kader van dit bestemmingsplan is een quickscan flora en fauna uitgevoerd. In de quickscan zijn onder andere de mogelijke aanwezigheid van en de (potentiële) effecten van het plan op beschermde soorten onderzocht. De rapportage is opgenomen in bijlage 8 bij de toelichting op het bestemmingsplan. In paragraaf 5.14 van de toelichting zijn de conclusies opgenomen. De quickscan flora en fauna is in het kader van de vaststelling van het bestemmingsplan geactualiseerd. Hierbij zijn, mede naar aanleiding van de zienswijzen, enkele specifieke aanvullingen gedaan, waaronder een beoordeling van de potentiële lichthinder vanuit het plan.

Geadviseerd is om in verband met het mogelijk foerageergebied van vleermuizen, licht gericht en uitschijnend op het opgaand groen en water te vermijden. In de uitvoering (inrichtingsplan en uitwerking bouwplan) zal hiermee rekening worden gehouden. Er zijn geen belemmeringen ten aanzien van de uitvoerbaarheid van het plan. Ten aanzien van broedvogels dient, om overtreding op voorhand redelijkerwijs te voorkomen, het verwijderen van nestgelegenheid buiten het broedseizoen te worden uitgevoerd, of een controle moet de aanwezigheid van een broedgeval kunnen uitsluiten. Deze maatregelen zullen uitgevoerd worden bij het bouwrijp maken. Verder is de algemene zorgplicht te allen tijden van toepassing. c.

•

Reclamant begrijpt heel goed dat er sprake is van een woningtekort en dat er woningen bijgebouwd moeten worden. Dit kan echter beter op andere plekken in de stad gebeuren en dat gebeurt ook al in de omgeving. Bij Station Oost en omgeving is al een hele nieuwe wijk gepland met veel woningen en ook hoogbouw. Mocht er toch woningbouw nodig zijn in het park, dan verzoekt reclamant de gemeente te kijken naar laagbouw en zoveel mogelijk aan de rand van het park, zodat de gebouwen een afscherming vormen van het park. Dit kan eventueel op de plek van het tankstation aan de Van Grobbendoncklaan, dat ook niet passend is in het park. Reclamant is van mening dat de vele alternatieven die zijn aangedragen voor de woontorens, die wel in het huidige bestemmingsplan passen, onvoldoende (zorgvuldig) door de gemeente zijn onderzocht. Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’.

Reclamant 114 a. Reclamant is tegen bouwen in het park. Het park is een plek waar men zomer en winter kan recreëren en tot rust kan komen. Dit is een belangrijke functie van het park. Het feit dat hier gebouwd zou gaan worden verandert de functie van deze plek. Een van de argumenten die de gemeente gebruikt, is dat de stad moet worden ingebreid en dat er hier al voorzieningen liggen. Als een stad groeit, betekent het niet dat je groene zones, zoals een park, moet opgeven. Reclamant noemt een aantal voorbeelden van steden (New York, Breda en Utrecht) waar niet in een bestaand park gebouwd wordt, omdat men het belang van het groen herkend. Reclamant wijst i.v.m. het argument dat tegelijk met het plan ook het park wordt opgeknapt naar het plan van de Amazones. De Amazones staan een stuk verder van het water maar zorgen toch voor een soort windgat. Dit heeft een negatief effect op de bomen en volgens reclamant gaat dat ook bij dit nieuwe plan gaat gebeuren. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’. b. Als dan toch bestemmingsplan gewijzigd moet worden, wijzig het dan in het belang van het park. Een mooi gebaar zou zijn, nu de wijk de Muntel 100 jaar bestaat, om het te schenken aan de bewoners van de stad. Nota van zienswijzen Bestemmingsplan ‘Brabantbad’ Pagina 65 van 109

•

Er is een grote behoefte aan woningbouw en deze locatie is een aanvaardbare plek om woningbouw in de voorgestelde vorm te realiseren. mede gezien de huidige bestemming en eerdere bebouwing. Het plan zal met respect voor het park gerealiseerd worden. Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’.

c.

Reclamant roept op om een goed en grondig onderzoek te doen wat de inwoners van omliggende wijken willen, de lange termijn gevolgen van de bouw van de flats en het zoeken naar alternatieven. Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’.

•

Reclamant 115 a. In een tijdperk waarin wij allen zoveel nood hebben aan een groene en gezonde leefomgeving is het voor reclamant onbegrijpelijk dat de gemeente 's-Hertogenbosch het voornemen heeft om te gaan bouwen in een stadspark. Deze plek heeft een goede oriëntatie op de zon en wordt intensief gebruikt voor recreatie, sport en als ontmoetingsplek voor alle omliggende wijken. Juist op deze populaire bezoekersplek heeft men het voornemen een enorme bouwmassa met half verdiepte parkeergarage te gaan realiseren. Reclamant wijst er daarbij op dat er steeds gesproken wordt over een kleine voetprint van de drie woontorens, maar dat de impact van de hoogte en de half verdiepte parkeergarage niet worden benoemd. Ook al komt hier een plat grasdak overheen, het zal volgens reclamant nooit een gelijkwaardig verblijfsgebied worden. Dit zal het functioneren van het park zwaar onder druk zetten. Er is voor bezoekers geen alternatieve locatie voor ontmoeting, sport en recreatie. Daarom is reclamant een felle tegenstander van deze plannen. • Er is een grote behoefte aan woningbouw en deze locatie is een aanvaardbare plek om woningbouw in de voorgestelde vorm te realiseren, mede gezien de huidige bestemming en eerdere bebouwing. Het plan zal met respect voor het park gerealiseerd worden.

De parkeerbak zal halfverdiept aangelegd worden en wordt volledig gedekt door het groene begroeide landschap van het park met meerstammige struiken, gras en wilde bloemen. De parkeergarage zal daarom alleen als een zachte glooiing in het landschap te ervaren zal zijn. Dit stuk park is voor iedereen toegankelijk, een wandeling rond de plas blijft behouden. Het park loopt zo op een natuurlijke wijze tussen de woontorens door. Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’. b. Reclamant vindt dat de plannen niet overeenstemming zijn met de Visie ‘Groen en klimaatbestendig’: het groen wordt niet in stand gehouden of versterkt. Het Prins Hendrikpark maakt onderdeel uit van een groenblauw netwerk. Je zou hier eerder een extra bescherming van het park verwachten, dan het weghalen van groen ten behoeve van beton. • Er is een grote behoefte aan woningbouw en deze locatie is een aanvaardbare plek om woningbouw in de voorgestelde vorm te realiseren, mede gezien de huidige bestemming en eerdere bebouwing. Het plan zal met respect voor het park gerealiseerd worden. De footprint wordt verkleind ten opzichte van het huidige bestemmingsplan en de voormalige bebouwing. Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’. c.

•

Reclamant vindt het plan niet in overeenstemming met de Verordening bomen, water en groen en vindt de groennorm discutabel. Hoe kan een groenscore boven de groennorm komen als er groen/bomen worden weggehaald ten behoeve van beton (woningbouw, parkeren, parkeerkelder en infrastructuur)? Hoe geloofwaardig is het als er punten voor het grasveld op een verdiepte parkeergarage meetellen, terwijl hier bestaand groen/bomen moeten wijken? Reclamant wijst er in het kader van natuurinclusief bouwen op dat de nieuw te bouwen woningen ook een bijdrage kunnen leveren aan het behoud en versterken van de biodiversiteit door beplanting aan te brengen tegen gevels of op daken van de woontorens. Enkel nestkasten in de woontorens aanbrengen is volgens reclamant de meest magere vorm van natuurinclusief bouwen. In artikel 4.20, eerste lid van de Verordening bomen, water en groen ’s-Hertogenbosch 2021 staat dat bij meer dan 500 m² nieuwe verharding voldaan moet worden aan de groennorm en de kwalitatieve biodiversiteitsscore. De groennorm wordt ingevuld aan de hand van de kwantitatieve groenscore, zoals opgenomen in bijlage 4a van de Verordening en de kwalitatieve biodiversiteitsscore wordt bepaald aan de hand van bijlage 4b van de Verordening. De verordening zelf staat in de onderhavige procedure niet ter discussie. Nota van zienswijzen Bestemmingsplan ‘Brabantbad’ Pagina 66 van 109

De kwantitatieve groenscore wordt bepaald door de oppervlakte van het plangebied af te zetten tegen de oppervlakte van de bebouwing, de oppervlakte van het groen en water en de oppervlakte van (half)verharding. Aanvullende toetsingselementen betreffen het realiseren van een groen dak, groene gevels en het oppervlak kroonprojectie van grote bomen. De kwantitatieve groennorm wordt gesteld, omdat groen zorgt voor verkoeling door betere wateropvang, het leveren van schaduw en een hogere luchtvochtigheid. Ook draagt groen bij aan een aantrekkelijke en gezonde leefomgeving. In dat kader is het niet onlogisch dat een groen dak op bebouwing meetelt in de norm. Deze telt overigens niet voor de volledige oppervlakte mee, maar voor 75%. Het uitgangspunt van het plan is dat er zoveel mogelijk bomen behouden blijven. Daarvoor is ook uitgebreid onderzoek verricht, waaruit blijkt dat (ten minste) 71 van de 88 bomen binnen het plangebied behouden kunnen worden. Na de bouw zal dit deel van het park ook worden heringericht waarbij compensatie van deze bomen plaatsvindt. In het kader van het bestemmingsplan worden de kwantitatieve groenscore en de kwalitatieve biodiversiteitsscore getoetst op de haalbaarheid. Hieruit blijkt dat aan beide scores kan worden voldaan. Bij de planuitwerking zal opnieuw aan deze normen getoetst worden.

Er zullen voorzieningen worden getroffen aan de buitenzijden van de woontorens, daar waar met name vogels, insecten en andere kleine dieren leven. Hun aanwezigheid versterkt de fauna. Het aandeel blijft niet beperkt tot het aanbrengen van nestvoorzieningen. Het zal een integraal scala aan maatregelen zijn in het gebied/park die tevens zorgen voor voldoende beschutting (in hagen, struiken of anders) en voedsel, en tevens mogelijkheden biedt dat dieren er kunnen overwinteren. d. De gemeente geeft in haar beleid aan “dat men voorstander is van een soortenrijke stadsnatuur waar voldoende leefgebied is voor fauna en flora”. In het inrichtingsplan wordt de suggestie gewekt dat er heesters en bomen komen op het half verdiepte parkeerdek met glooiingen. Maar met een grondpakket van 50 cm groeit hier volgens reclamant alleen gras op. Dit heeft geen meerwaarde voor fauna en flora en is geen verbindende robuuste groenstructuur tussen en rondom de gebouwen. Deze schrijnende winderige grasvlaktes zijn ook gerealiseerd bij de Amazones en kan niet bestempeld worden als een verblijfsgebied voor mens, dier en plant. • Mede in verband met het windklimaat worden er tussen de torens meerstammige struiken geplant. Hiervoor wordt het daksubstraat ter hoogte van deze struiken opgehoogd tot 80 cm ten opzichte van bovenkant parkeerdek, zodat een dakpakket van voldoende dikte aanwezig zal zijn.

Verder wordt verwezen naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’ en punt 2 ’Woonklimaat omgeving’. e. Reclamant geeft op basis van het inrichtingsplan aan dat de half verdiepte parkeerkelder maximaal 1,35 meter boven maaiveld uit steekt. Daardoor zullen de doorkijklijnen en de interactie met de omgeving wel degelijk worden verstoord en belemmeren hierdoor de beleving. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘planopzet’ en punt 2 ’Woonklimaat omgeving’. In de situatie zoals deze in het huidige bestemmingsplan toegestaan wordt, zou de gehele doorkijk van de Van Grobbendoncklaan naar de IJzeren Vrouw belemmerd worden door bebouwing. Door de footprint van de torens te versmallen, verbetert het doorzicht aanzienlijk. f.

•

Bij nieuwe ontwikkelingen en projecten stimuleert de gemeente de aanleg van groen en natuurinclusief bouwen. Toch krijgen de woontorens geen groene gevels en groene daken. Reclamant is van mening dat juist bij het toevoegen van woningen in een park het een vereiste moet zijn om maximaal in te zetten op natuurinclusief bouwen. De ontwikkelaar Heijmans heeft een greenlabel samenwerking met NL Greenlabel en heeft hierin doelstellingen afgesproken om natuurinclusief te ontwikkelen als standaard onderdeel van de plannen. Dit zou moeten resulteren in een NL gebiedslabel A. Maar reclamant vraagt zich af wat hiervan in dit plan merkbaar is en op welke wijze, naast realisatie van nestkasten, er aandacht voor dit thema is en welke maatregelen worden getroffen om gebiedslabel A te halen. Natuurinclusief bouwen is onderdeel van de kwalitatieve biodiversiteitsscore en wordt dus in deze toetsing meegenomen. Het ontwerp zit echter nog niet in een zodanige fase dat kansen op het gebied van natuurinclusief bouwen al volledig kunnen worden onderzocht en zo nodig volledig worden uitgewerkt. Zie ook het gemeentelijk commentaar onder c. Nota van zienswijzen Bestemmingsplan ‘Brabantbad’ Pagina 67 van 109

g. Reclamant vindt de parkeernorm discutabel en vraagt zich af wat er gebeurt als ontwikkelaar niet via een businesscase en usecase de inzet van deelauto’s kan aantonen. Waar worden dan de extra parkeerplaatsen gerealiseerd, binnen het plangebied of in de omgeving? Omwonenden hebben recht op meer informatie voordat het bestemmingsplan verder gaat. Dit geldt ook voor het aantal fietsparkeerplaatsen. Wat als blijkt bij de omgevingsvergunning bouwen dan het aantal fietsparkeerplaatsen niet in de kelder gerealiseerd kan worden? • Het betreft hier een bestemmingsplan, dat de bouw van de 3 woontorens mogelijk maakt. In het kader van dit bestemmingsplan moet de haalbaarheid van het plan worden aangetoond. In de toelichting van het plan is aangetoond dat aan het gemeentelijk parkeernormenbeleid kan worden voldaan. Bij de aanvraag omgevingsvergunning zal, op basis van de ingediende aanvraag, de finale toetsing plaatsvinden. Hiervoor is in het bestemmingsplan ook een regeling opgenomen (artikel 8 van de planregels), zodat verzekerd is dat bij de aanvraag omgevingsvergunning aan de parkeernormen wordt voldaan. Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 4 ‘Verkeer en parkeren’. h.

Reclamant wijst op de passage in de toelichting van het bestemmingsplan ‘tussen de torens is lokaal sprake van een verslechtering van het windklimaat’ en vraagt zich af wat dit betekent voor de direct omwonenden. In het bestemmingsplan wordt er gesproken over verbeterende maatregelen door de begroeiing die tussen de woontorens wordt gerealiseerd, maar op een parkeerdek van 50 cm groeit enkel gras. Ook is het voor reclamant onduidelijk wat de windtoename voor direct omwonenden is. • Uit onderzoek blijkt dat in de huidige situatie het windklimaat goed tot matig is. Na de bouw van de woontorens zal de situatie langs de waterkant verbeteren. Tussen de torens wordt de situatie verbeterd via het planten van meerstammige struiken. Hiervoor wordt het daksubstraat ter hoogte van deze struiken opgehoogd tot 80 cm ten opzichte van bovenkant parkeerdek. Alleen tussen de torens is lokaal sprake van een verslechtering, dit heeft gezien de afstand tot de omliggende woningen (minimaal 110 meter) geen effect op de omwonenden. Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar op zienswijze 85 onder f en het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 2 ’Woonklimaat omgeving’. i.

•

j.

•

Reclamant maakt zich zorgen dat door de windoploop over de plas, die tegen de torens botst, onverwacht enorm krachtige windstoten geeft die de bestaande bomen niet gewend zijn. Dit kan als gevolg hebben dat er meer bomen kunnen omwaaien of beschadigen. Dit kan gevaarlijk zijn en het park wordt hierdoor onomkeerbaar aangetast in beeld. Er is onderzoek gedaan naar de effecten van de ontwikkeling op de bomen en er is advies ingewonnen (zie bijlage 1 bij de toelichting op het bestemmingsplan). Enkele bomen bevinden zich zonder gewijzigde omstandigheden in de grenszones wat betreft stabiliteit. Dit heeft met name te maken met een matige dikte-lengte verhouding van de bomen. Alle overige bomen blijven ruim binnen de veilige zones. Afhankelijk van welke bomen uiteindelijk geveld of verplant worden kan een snoeiingreep bij de risicobomen wenselijk zijn, vooral wanneer deze vrij komen te staan. Bij een snoei-ingreep waarbij het kroonvolume wordt gereduceerd, neemt de windvang af waardoor de bomen binnen de veilige zones kunnen vallen. Zie ook het gemeentelijk commentaar op zienswijze 85 onder n. Met de planontwikkeling neemt het verhard oppervlak toe.

Volgens reclamant is het prima om hemelwater te scheiden, maar waarom wordt het niet opgevangen in een ondergrondse opslagruimte zodat het kan worden hergebruikt? Bij het tegengaan van verdroging is het in eerste instantie belangrijk om zoveel mogelijk hemelwater opnieuw te gebruiken. Waarom kiest de gemeente ‘s-Hertogenbosch niet voor deze kans? Hergebruik vermindert de afhankelijkheid van waterbronnen en draagt zo bij aan een klimaatbestendige leefomgeving. Het afstromend hemelwater wordt gescheiden van het vuilwater en zal niet worden geloosd op de gemeentelijke vuilwaterriolering. Het afgekoppelde hemelwater zal via de hemelwatervoorzieningen (wadi's) in het park bovengronds naar de plas IJzeren vrouw nabij het plangebied afstromen. Op die manier wordt het water juist vertraagd afgevoerd, teruggegeven aan het gebied en hergebruikt voor o.a. groen, beplanting en de onderste waterlaag. Via de wadi's kan het hemelwater geleidelijk infiltreren in de grond of vertraagd naar de plas afvoeren. Eén van de doelen hiervan is het voorkomen van overlast door hevige neerslag en het tegengaan van verdroging als gevolg van klimaatveranderingen. Het gebied profiteert hiervan. Nota van zienswijzen Bestemmingsplan ‘Brabantbad’ Pagina 68 van 109

k. •

l.

•

Reclamant verwacht dat de plaatsing van de drie hoge woontorens met parkeergarage voor een onaangenaam leefklimaat zal zorgen in de omgeving (wind, parkeren schaduw). Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 2 ’Woonklimaat omgeving’ en punt 4 ‘Verkeer en parkeren’. Reclamant is van mening dat als de gemeente de plannen doorzet, zij al haar geloofwaardigheid verliest belang te hechten aan een groene en gezonde leefomgeving voor haar inwoners, fauna en flora. Een zorgvuldige inbreiding van woningbouw mag nooit plaatsvinden in parken en groenblauwe structuren. Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’. In het kader van dit bestemmingsplan is een quickscan flora en fauna uitgevoerd. In de quickscan zijn onder andere de mogelijke aanwezigheid van en de (potentiële) effecten van het plan op beschermde soorten onderzocht. De rapportage is opgenomen in bijlage 8 bij de toelichting op het bestemmingsplan. In paragraaf 5.14 van de toelichting zijn de conclusies opgenomen.

Reclamant 116 a. Er mogen geen woontorens (tot 60 meter hoog) aan de IJzeren Vrouw komen. Reclamant vindt dit een grove en blijvende aantasting van het karakter van het oudste park van Den Bosch. Groen verdwijnt en recreatie wordt beperkt. Het park is uniek en heel waardevol: open, groen en dicht bij de stad, tussen dichtbevolkte wijken. Steeds meer bewoners uit alle delen van de stad gebruiken het park om te ontspannen. De voorgestelde bebouwing met woontorens tot op 25 meter van het water gaat ten koste van natuur, recreatie, een ontspannen beleving en tenslotte de leefbaarheid van de stad. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’. b. Er is op slechts 750 meter afstand al een hele nieuwe wijk gepland met 2.100 woningen en hoogbouw, dat is voor deze wijk voldoende. De druk op de wijk en park wordt volgens reclamant veel te groot omdat de huidige en nieuwe omwonenden ook ergens moeten recreëren. Vanaf het jaar 2000 is rondom de IJzeren Vrouw voorzien in 3.200 extra woningen inclusief Station Oost. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’ en punt 3 ‘Woonbehoefte en –programma’. c. •

Tot slot vraagt reclamant zich af of alle noodzakelijke onderzoeken wel gedaan en actueel zijn? Alle benodigde onderzoeken zijn uitgevoerd en actueel. Zie hiervoor de plantoelichting en de bijbehorende bijlagen. In hoofdstuk 5 van de plantoelichting zijn alle milieuaspecten beoordeeld en indien nodig onderzocht. In paragraaf 5.2 is beoordeeld of er dusdanige milieueffecten zijn dat er een MER (milieueffectrapportage) of een m.e.r.-beoordeling plaats moet vinden. Aan de hand van een vormvrije m.e.r.-beoordeling is geconcludeerd dat er geen belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu zijn en dat een MER of een m.e.r.-beoordeling dus niet nodig is. Voor stikstofdepositie is een AERIUS-berekening uitgevoerd (zie bijlage 9). Deze is voor vaststelling van het bestemmingsplan geactualiseerd conform de meest recente versie van de AERIUS-calculator. Voor archeologie geldt dat het plangebied deels in een zone met een lage verwachtingswaarde ligt en deels binnen de contouren van de voormalige bebouwing. Ter plaatse is de grond dus al geroerd. Archeologisch onderzoek is daarom niet nodig. Voor de bomen is een bomeneffectanalyse uitgevoerd (zie bijlage 1). Er is een voldoende actueel verkennend bodemonderzoek uitgevoerd (3 april 2020, zie bijlage 6). Voor water is een watertoets doorlopen, deze is opgenomen in paragraaf 5.12 van de plantoelichting. Nader onderzoek is niet nodig.

Riolering is voor zover ruimtelijk relevant meegenomen in de watertoets. In paragraaf 3.3 heeft een analyse van de mobiliteitsaspecten (verkeer en parkeren) plaatsgevonden. In dat kader is ook onderzoek gedaan naar het effect op de verkeersafwikkeling op de twee meest nabijgelegen VRI-kruisingen (zie bijlage 10). Het onderzoek laat zien dat de impact van de te ontwikkelen woontorens op de verkeersafwikkeling verwaarloosbaar is. In de Nota Hoogbouw is als voorwaarde gesteld dat onevenredige schaduwhinder voor omwonenden moet worden voorkomen en hiervoor zijn normen opgenomen. In bijlage 2 is onder 9 een bezonningsstudie opgenomen. De conclusie is dat de hoogbouw geen negatieve schaduwwerking voor de omgeving heeft doordat de torens vrij solitair in het midden van het park staan, op grote afstand van de omliggende bebouwing. Nota van zienswijzen Bestemmingsplan ‘Brabantbad’ Pagina 69 van 109

Er heeft een toets plaatsgevonden met betrekking tot wegverkeerslawaai, indirecte hinder, railverkeerslawaai, industrielawaai en cumulatie van geluid. Zie hiervoor paragraaf 5.4 van de plantoelichting. Voor wegverkeerslawaai is een onderzoek uitgevoerd (zie bijlage 7). Dit onderzoek is voor de vaststelling van het bestemmingsplan geactualiseerd. Reclamant 117 a. Er mogen geen woontorens (tot 60 meter hoog) aan de IJzeren Vrouw komen. Reclamant vindt dit een grove en blijvende aantasting van het karakter van het oudste park van Den Bosch. Groen verdwijnt en recreatie wordt beperkt. Het park is uniek en heel waardevol: open, groen en dicht bij de stad, tussen dichtbevolkte wijken. Steeds meer bewoners uit alle delen van de stad gebruiken het park om te ontspannen. De voorgestelde bebouwing met woontorens tot op 25 meter van het water gaat ten koste van natuur, recreatie, een ontspannen beleving en tenslotte de leefbaarheid van de stad. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’. b. Er is op slechts 750 meter afstand al een hele nieuwe wijk gepland met 2.100 woningen en hoogbouw, dat is voor deze wijk voldoende. De druk op de wijk en park wordt volgens reclamant veel te groot omdat de huidige en nieuwe omwonenden ook ergens moeten recreëren.

Vanaf het jaar 2000 is rondom de IJzeren Vrouw voorzien in 3.200 extra woningen inclusief Station Oost. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’ en punt 3 ‘Woonbehoefte en –programma’. c. •

Tot slot vraagt reclamant zich af of alle noodzakelijke onderzoeken wel gedaan en actueel zijn? Alle benodigde onderzoeken zijn uitgevoerd en actueel. Zie hiervoor de plantoelichting en de bijbehorende bijlagen. In hoofdstuk 5 van de plantoelichting zijn alle milieuaspecten beoordeeld en indien nodig onderzocht. In paragraaf 5.2 is beoordeeld of er dusdanige milieueffecten zijn dat er een MER (milieueffectrapportage) of een m.e.r.-beoordeling plaats moet vinden. Aan de hand van een vormvrije m.e.r.-beoordeling is geconcludeerd dat er geen belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu zijn en dat een MER of een m.e.r.-beoordeling dus niet nodig is. Voor stikstofdepositie is een AERIUS-berekening uitgevoerd (zie bijlage 9). Deze is voor vaststelling van het bestemmingsplan geactualiseerd conform de meest recente versie van de AERIUS-calculator. Voor archeologie geldt dat het plangebied deels in een zone met een lage verwachtingswaarde ligt en deels binnen de contouren van de voormalige bebouwing. Ter plaatse is de grond dus al geroerd. Archeologisch onderzoek is daarom niet nodig. Voor de bomen is een bomeneffectanalyse uitgevoerd (zie bijlage 1). Er is een voldoende actueel verkennend bodemonderzoek uitgevoerd (3 april 2020, zie bijlage 6). Voor water is een watertoets doorlopen, deze is opgenomen in paragraaf 5.12 van de plantoelichting. Nader onderzoek is niet nodig.

Riolering is voor zover ruimtelijk relevant meegenomen in de watertoets. In paragraaf 3.3 heeft een analyse van de mobiliteitsaspecten (verkeer en parkeren) plaatsgevonden. In dat kader is ook onderzoek gedaan naar het effect op de verkeersafwikkeling op de twee meest nabijgelegen VRI-kruisingen (zie bijlage 10). Het onderzoek laat zien dat de impact van de te ontwikkelen woontorens op de verkeersafwikkeling verwaarloosbaar is. In de Nota Hoogbouw is als voorwaarde gesteld dat onevenredige schaduwhinder voor omwonenden moet worden voorkomen en hiervoor zijn normen opgenomen. In bijlage 2 is onder 9 een bezonningsstudie opgenomen. De conclusie is dat de hoogbouw geen negatieve schaduwwerking voor de omgeving heeft doordat de torens vrij solitair in het midden van het park staan, op grote afstand van de omliggende bebouwing. Er heeft een toets plaatsgevonden met betrekking tot wegverkeerslawaai, indirecte hinder, railverkeerslawaai, industrielawaai en cumulatie van geluid. Zie hiervoor paragraaf 5.4 van de plantoelichting. Voor wegverkeerslawaai is een onderzoek uitgevoerd (zie bijlage 7). Dit onderzoek is voor de vaststelling van het bestemmingsplan geactualiseerd.

Reclamant 118 a. Reclamant vraagt zich af waarom er niet geluisterd wordt naar de enquête waar 1.302 personen zich uitspreken tegen de bouw van de torens. Ook is er een petitie tegen de bouw van de torens getekend door 2.400 mensen en een burgerinitiatief met 507 handtekeningen, waar weer niet naar geluisterd is. Reclamant weer niet meer hoe er naast deze zienswijze zijn/haar onvrede voor dit plan kan uitspreken en dit baart reclamant zorgen. Nota van zienswijzen Bestemmingsplan ‘Brabantbad’ Pagina 70 van 109

•

Wij zijn bekend met de bezwaren uit de omgeving en zijn daarom niet over 1 nacht ijs gegaan met dit plan. Het is een locatie die reeds planologisch bestemd is voor woningbouw. Bij het plan is een afweging gemaakt tussen de wens om te voorzien in de grote woningbehoefte en de impact van het plan op de omgeving. Daarbij hebben wij ook op verschillende manieren de reacties uit de omgeving betrokken bij de afweging (zie punt 5 ’Inspraak en omgevingsdialoog’). De voorstellen zoals opgenomen in het burgerinitiatief zijn door de raad afgewogen. De raad heeft besloten niet in te stemmen met het burgerinitiatief. Ook is gekeken om de impact van het plan op de omgeving zo beperkt mogelijk te houden (zie punt 1 ‘Planopzet’). Met dit aangepaste plan hebben wij het vertrouwen dat de impact van het plan acceptabel is.

b. Het park moet de toenemende druk op de wijk verlagen. Naast alle huidige omwonenden moeten de nieuwe omwonenden (3.200 extra woningen sinds het jaar 2000 rondom de IJzeren Vrouw plus de plannen bij Station Oost) allemaal genoeg ruimte hebben in het park om tot rust te komen. Niet alle woningen hebben een tuin of balkon. Recreëren in het park en ‘het rondje park’ mogen niet worden geschonden. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’. De footprint van de geplande bebouwing is aanzienlijk kleiner dan de bebouwingscontouren uit het huidige bestemmingsplan. Omdat er meer ruimte is voor het park, geeft dat een verbetering van de gebruiksmogelijkheden van het park. c. •

De hoge torens leiden, net als bij de Amazones het geval is, tot veel wind en schaduw waardoor tussen of naast de torens het park onbruikbaar zal worden. Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’ en punt 2 ‘Woonklimaat omgeving’.

d. Het is niet de tijd voor het inkrimpen van het groen in stedelijke gebieden. De verandering in klimaat vraagt juist om meer vergroening voor verkoeling. Reclamant begrijpt dat bouwen noodzakelijk is i.v.m. de huidige wooncrisis maar pleit voor bouwplannen buiten het groen. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’. Reclamant 119 a. Reclamant is van mening dat geen zorgvuldig proces doorlopen is en het plan niet met de correcte onderzoeken is gestaafd. Zo was de gemeente afwezig bij de keukentafelgesprekken die Heijmans heeft georganiseerd. Reclamant is van mening dat Heijmans voor de burgers helemaal geen gesprekspartner is. Bovendien heeft Heijmans de verslaglegging van deze gesprekken enorm rooskleurig gemaakt en zijn opmerkingen niet of onvoldoende verwerkt. Ook hebben enorm veel mensen het burgerinitiatief getekend en heeft de gemeenteraad dit niet beargumenteerd naast zich neergelegd. De enquête die de gemeente heeft uitgezet is duidelijk heel negatief ingevuld door velen en dit resultaat is ontkend en vergeten. Ook zijn volgens reclamant bij het formeren van de nieuwe gemeenteraad bewust partijen, die tegen dit plan zijn, buitengesloten van formatie. • Wij zijn bekend met de bezwaren uit de omgeving en zijn daarom niet over 1 nacht ijs gegaan met dit plan.

Het is een locatie die reeds planologisch bestemd is voor woningbouw. Bij het plan is een afweging gemaakt tussen de wens om te voorzien in de grote woningbehoefte en de impact van het plan op de omgeving. Daarbij hebben wij ook op verschillende manieren de reacties uit de omgeving betrokken bij de afweging (zie punt 5 ’Inspraak en omgevingsdialoog’). De voorstellen zoals opgenomen in het burgerinitiatief zijn door de raad afgewogen. De raad heeft hier besloten niet in te stemmen met het burgerinitiatief. Ook is gekeken om de impact van het plan op de omgeving zo beperkt mogelijk te houden (zie punt 1 ‘Planopzet’). Met dit aangepaste plan hebben wij het vertrouwen dat de impact van het plan acceptabel is. Met de bewering van reclamant dat bij het formeren van de nieuwe gemeenteraad bewust partijen, die tegen dit plan zijn, buitengesloten zijn van formatie, wordt waarschijnlijk bedoeld de formatie van het college van burgemeester en wethouders. Gemeenteraadsleden worden immers gekozen door de burgers. In deze bewering van reclamant, die ook niet nader wordt onderbouwd, herkent het college zich niet. Bovendien is het de gemeenteraad die uiteindelijk de bevoegdheid heeft om het voorliggende bestemmingsplan vast te stellen. b. Het vigerende bestemmingsplan biedt voldoende ruimte om de 177 appartementen, die gewenst zijn, te realiseren.

Reclamant ziet geen noodzaak voor de gemeente om het bestemmingsplan te wijzigen. Nota van zienswijzen Bestemmingsplan ‘Brabantbad’ Pagina 71 van 109

• Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’ en punt 3 ‘Woonbehoefte en –programma’. c. In de toelichting wordt gesproken over horeca, commerciële of maatschappelijke functies. Reclamant vraagt zich af op basis van welk onderzoek er behoefte is aan deze functies, aangezien er veel leegstand is in de stad en omgeving. Tevens vraagt reclamant zich af uit welk onderzoek blijkt dat toevoeging van de genoemde functies de leefbaarheid en veiligheid wordt vergroot en waarom deze functies hier passend zijn (en dan niet onderbouwd vanuit financiën). Er wordt volgens reclamant nu al veel overlast ervaren van de gebruikers van het tankstation en de buurt is meer gebaat bij geen commerciële functies en activiteiten in de avond. Zonder het toevoegen van deze functies zou dit alweer twee lagen van de torens afhalen. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’. Er is gekozen voor het mogelijk maken van diverse functies in de plint om de levendigheid te stimuleren. Als er woonfuncties op de begane grond gesitueerd zouden zijn, zou het een afgesloten gevoel geven en dit geeft minder binding met het park. Door kleinschalige nietwoonfuncties ontstaat er meer verbinding en meer openheid van bebouwing.

De totale maximale omvang van de niet-woonfuncties bedraagt 960 m² bvo. Gelet op de kleinschalige omvang van het programma in relatie tot de totale plancapaciteit voor de beoogde functies binnen de gemeente, is duurzame ontwrichting van de voorzieningenstructuur ten gevolge van leegstand uitgesloten. Zie verder ook paragraaf 4.1.3 van de toelichting op het bestemmingsplan voor een uitgebreide onderbouwing van de behoefte en effecten. d. Reclamant geeft aan dat er toezeggingen zijn gedaan dat het tankstation zou verdwijnen. Waarom wordt er in de toelichting gesproken dat er een afscheiding tussen het tankstation met 24-uursshop en de woonfunctie moet worden gerealiseerd? En waar bestaat deze afscheiding dan uit? Reclamant vraagt zich af wat men hiervan gaat zien? • Er zijn geen toezeggingen gedaan dat het tankstation zal verdwijnen. Op dit moment is er nog behoefte aan fossiel tanken en dat zal op korte tot middellange termijn niet wijzigen. De kosten van uitkoop zijn hoog en stedenbouwkundig is dit niet de gewenste oplossing. Aankoop van het benzinestation in het kader van het plan op deze locatie, betekent dat dit plan niet langer financieel haalbaar is. Bovendien is ook met behoud van het benzinestation een stedenbouwkundig en milieutechnisch (waarborging goed woonklimaat) aanvaardbaar plan te realiseren.

Voorts wordt verwezen naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’. De afscheiding aan de zijde van het tankstation is bedoeld om het parkeerterrein verder in te kaderen als een parkeerhof. Daarnaast verzacht de afscheiding het beeld van en naar de Van Grobbendonklaan. De afscheiding zal ca. 1 m hoog worden maar de materialisering is nog niet bepaald. e. Reclamant verzoekt de tekst in de toelichting over ‘het transparante communicatieve karakter van de sokkels’ te corrigeren, aangezien hij het daar niet mee eens is. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’. f. Er wordt steeds herhaald dat de doorzichten zo belangrijk zijn, maar hoe verhoudt zich dit tot de half verdiepte parkeergarage, die dus ruim boven maaiveld uitsteekt en het doorzicht blokkeert. Bovendien geven de impressies in het bestemmingsplan geen beeld van de half verdiepte parkeergarage. Ook blijkt uit visualisaties dat er een ‘muur’ van torens ontstaat en dat de balkons het bouwvlak overschrijden en in een geluidbelaste zone liggen. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’ en punt 2 ’Woonklimaat omgeving’.

In de situatie zoals deze in het huidige bestemmingsplan toegestaan wordt, zou de gehele doorkijk vanaf de Van Grobbendoncklaan naar de IJzeren Vrouw belemmerd worden door bebouwing. Door de footprint van de torens te versmallen, verbetert het doorzicht aanzienlijk. Voor wat betreft de geluidbelasting op de torens wordt verwezen naar paragraaf 5.4 van de toelichting van het bestemmingsplan. g. Reclamant verzoekt een beperking van de openingstijden voor alle extra voorzieningen, inclusief de geplande horeca.

Nota van zienswijzen Bestemmingsplan ‘Brabantbad’ Pagina 72 van 109

• Ter plaatse is horeca in categorie 3 toegestaan, dit betekent dat er alleen daghoreca toegestaan is waarvan de openingstijden (in belangrijke mate) binnen de openingstijden van winkels vallen, zoals o.a. een lunchroom, koffiezaak, broodjeszaak en ijssalon. h. Reclamant vraagt zich af of de extra belasting van verkeer op de Van Grobbendoncklaan maar 34% is. Wat is het effect op de uitstoot door al het wachtende en remmende/optrekkende verkeer bij de oprit naar de torens? Deze extra belasting is volgens reclamant niet acceptabel. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 4 ‘Verkeer en parkeren’. De luchtkwaliteit en effecten van de verkeerstoename zijn beoordeeld (zie respectievelijk paragraaf 5.8 en paragraaf 3.3 van de plantoelichting en het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 4 ‘Verkeer en parkeren’). Hieruit blijkt dat het plan geen onevenredig nadelige gevolgen voor de luchtkwaliteit en de verkeersoverlast rondom het plangebied heeft. i. Volgens reclamant is de parkeerbehoefte enkel berekend op basis van toevoeging torens. De bestaande parkeerbehoefte vanuit gebruik park, tankstation, speeltuin en commerciële functies aan de Westenburgerweg worden niet meegenomen. Dit gaat zich verplaatsen naar de omliggende woonwijken waardoor hier parkeerhinder wordt ondervonden.

Reclamant verzoekt de cijfers te corrigeren en gevolgen uit te werken. In tegenstelling tot de conclusie van paragraaf 3.3 neemt de parkeerdruk op het openbaar gebied wel toe. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 4 ‘Verkeer en parkeren’. j. Reclamant vraagt zich af wat een moderne uitstraling van de bebouwing inhoudt en waarom er geen groene gevel wordt geëist als de parkachtige uitstraling behouden moet worden. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’. In het kader van de aanvraag omgevingsvergunning zal het bouwplan getoetst worden aan de redelijke eisen van welstand. k. Volgens reclamant zitten er verschillen qua windbelasting tussen de boomeffectrapportage en het windhinderonderzoek. • Om de windbelasting te bepalen op bomen, maar ook op gebouwen, wordt geen gebruik gemaakt van uurgemiddelde windsnelheden, zoals in een windklimaatonderzoek wel het geval is. Voor windbelasting zijn juist de vlaagsnelheden van belang om de piekbelasting te kunnen bepalen. Opgemerkt wordt dat in de normstelling voor windklimaatonderzoek impliciet wel rekening wordt gehouden met een realistische vlaagfactor. De in het windhinderonderzoek genoemde 22 m/s is afkomstig uit de windroos, en is een uurgemiddelde windsnelheid op 60 meter hoogte.

De genoemde 22,7 m/s tot 32 m/s uit de boomeffectrapportage betreft vlaagsnelheden ter plekke van de boom. De genoemde snelheden zijn dan ook niet in tegenspraak met elkaar. Verder wordt verwezen naar de aanvullende notitie van Peutz d.d. 25 augustus 2023 die als bijlage 4 bij de toelichting is bijgevoegd. l. Reclamant vraagt zich af hoe de niet-woonfuncties in de plinten van de torens kunnen zorgen voor controle en veiligheid. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar op zienswijze 119 onder c en het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’. m. Reclamant wijst erop dat soms wordt gesproken over ondergrondse parkeergarage en soms over een half verdiepte parkeergarage. Het is voor reclamant onduidelijk wat de impact is op maaiveld. • Het betreft een halfverdiepte parkeergarage die maximaal 1,35 m boven peil uitkomt. Het dak van de parkeergarage wordt voorzien van een flinke grondlaag, zodat het dak volledig begroeid wordt met groen (meerstammige struiken, gras en wilde bloemen). De parkeergarage zal daarom als een zachte glooiing in het landschap te ervaren zijn. Dit stuk park is voor iedereen toegankelijk, een wandeling rond de plas blijft behouden. Het park loopt zo op een natuurlijke wijze tussen de woontorens door. n.

Reclamant wijst erop dat in de toelichting is aangegeven dat de impact qua bezonning op omliggende woningen vrijwel nihil is. Reclamant concludeert daaruit dat er dus wel degelijk negatieve effecten zijn, en wel op de woningen aan de Van Grobbendoncklaan en vraagt zich af Nota van zienswijzen Bestemmingsplan ‘Brabantbad’ Pagina 73 van 109

wie de gederfde zon/energieopbrengst van zijn zonnepanelen compenseert. Ook vraagt reclamant wie hij kan benaderen voor deze planschade? • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 2 ’Woonklimaat omgeving’. Als er ten gevolge van de aanpassingen in dit bestemmingsplan ten opzichte van het vigerende bestemmingsplan een waardevermindering ontstaat, kan men mogelijk recht hebben op planschadevergoeding (vanaf 1 januari 2024 wordt dit onder de Omgevingswet nadeelcompensatie genoemd). Mocht u van mening zijn hier aanspraak op te maken, dan kunt u binnen 5 jaar nadat het besluit van kracht is geworden hiertoe een aanvraag indienen bij de gemeente (het college van B&W). o. Reclamant stelt dat de oppervlaktes die worden gehanteerd voor de groenscore (paragraaf 4.3.8) niet te controleren zijn en alleen het plangebied betreffen. Ook is de kwalitatieve biodiversiteitsscore niet transparant qua puntenscore. • Zie het gemeentelijk commentaar op zienswijze 115 onder c. In het kader van het bestemmingsplan wordt de haalbaarheid van het project getoetst. De definitieve score wordt bepaald bij de uitvoering. In de toelichting bij het bestemmingsplan is nader ingegaan op de kwalitatieve biodiversiteitsscore en de puntenscore.

Ook is een kaart in de toelichting opgenomen waarin de bij de groenscore gehanteerde oppervlaktes zijn weergegeven. De onderbouwing van dit onderdeel in de plantoelichting is voor de vaststelling van het bestemmingsplan aangevuld. p. Reclamant vraagt waar bij de daghoreca 100 m2 terras wordt gesitueerd, aangezien hij daarvoor geen ruimte ziet gereserveerd. Hij vraagt zich af of daarvoor park wordt opgeofferd. • Binnen de bestemmingen Gemengd en Groen zijn terrassen toegestaan tot een totaal maximum van 100 m² (artikel 3.1 onder i, artikel 3.4.4, artikel 4.1 onder i en artikel 4.4.1 van de planregels). q. Reclamant vraagt zich af wat er gebeurt als de maximale geluidsbinnenwaarde bij de aanvraag omgevingsvergunning niet wordt aangetoond? Wordt het plan dan aangepast? • De aanvraag omgevingsvergunning wordt getoetst aan het bestemmingsplan (dat onderdeel zal zijn van het tijdelijk deel van het omgevingsplan), het Besluit bouwwerken leefomgeving en de Omgevingswet. In de regels van het bestemmingsplan is opgenomen dat het bouwen van woningen uitsluitend is toegestaan indien met akoestisch onderzoek is aangetoond, dat wordt voldaan aan de voorwaarden, als bedoeld in de beschikking hogere waarde (die als bijlage bij de regels wordt opgenomen).

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13710824/1