CConstaterende dat's-Hertogenbosch
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 Nota zienswijzen bestemmingsplan Brabantbad

Gemeenteraad 5 maart 2024, gemeente 's-HertogenboschBij agendapunt: Bestemmingsplan Brabantbad64.491 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 7

Ad 2.: Het bureau dat het onderzoek heeft uitgevoerd betreft een gerenommeerd en onafhankelijk adviesbureau, is niet gelieerd aan de gemeente of ontwikkelaar en staat in voor de deugdelijkheid van uitgevoerde onderzoeken. Ad 3.: In het technisch inlegvel zijn, conform de norm NEN 8100, de uitgangspunten en randvoorwaarden van het onderzoek vastgelegd. De randvoorwaarde waar hiernaar wordt verwezen is dat de boven- en zijwanden van het rekendomein als gesloten en wrijvingsloos zijn gemodelleerd. Dit is een gangbare randvoorwaarde voor dit soort onderzoek. Opgemerkt wordt dat het hier nadrukkelijk gaat om de wanden van het rekendomein, die zich op een afstand van circa 500 meter van het plangebied bevinden. Dit heeft geen invloed op de resultaten in het plangebied. Op de geometrie van alle bebouwing en op de bodem van het rekenmodel is een gangbare ruwheid meegenomen, wat zorgt voor valide uitgangspunten voor de berekening. Uit het onderzoek zijn op het gebied van deze randvoorwaarden geen relevante zaken naar voren gekomen om op te nemen in de bestemmingsplanregels. Er is geen planologische borging noodzakelijk. Ad 4.: De NEN 8100: windhinder en windgevaar in de gebouwde omgeving is een vastgestelde norm die wordt gebruikt om het windklimaat in Nederland te beoordelen. Deze norm staat hier niet ter discussie.

In het windklimaatonderzoek voor deze locatie is het windklimaat voor diverse situaties onderzocht. Doordat naast de geplande situatie tevens het windklimaat in de bestaande situatie en de geplande situatie met begroeiing inzichtelijk is gemaakt kan de verandering van het windklimaat duidelijk worden bepaald. Uit deze resultaten blijkt dat, met name ten gevolge van de zeer open ligging van het plangebied aan het water, het windklimaat in de bestaande situatie al vrij ongunstig is. Deze resultaten plaatsen het resultaat voor de geplande situatie in perspectief. In de norm NEN 8100 wordt onderscheid gemaakt tussen windhinder en windgevaar. Een goed uitgevoerd windklimaatonderzoek wijst derhalve duidelijk uit of gevaarlijke situaties in de omgeving te verwachten zijn. In de norm is bovendien opgenomen dat een beoordeling gevaarlijk evident ontoelaatbaar is. Nota van zienswijzen Bestemmingsplan ‘Brabantbad’ Pagina 47 van 109

Om de windbelasting te bepalen op bomen, maar ook op gebouwen, wordt geen gebruik gemaakt van uurgemiddelde windsnelheden, zoals in een windklimaatonderzoek wel het geval is. Voor windbelasting zijn juist de vlaagsnelheden van belang om de piekbelasting te kunnen bepalen. Opgemerkt wordt dat in de normstelling voor windklimaatonderzoek impliciet wel rekening wordt gehouden met een realistische vlaagfactor. De genoemde 22 m/s is afkomstig uit de windroos, en is een uurgemiddelde windsnelheid op 60 meter hoogte. De genoemde 22,7 m/s tot 32 m/s uit het bomenonderzoek betreft vlaagsnelheden ter plekke van de boom. De genoemde snelheden zijn dan ook zeker niet in tegenspraak met elkaar. Ad 5.: De natuurlijke gebruiksmomenten van terrassen en verblijfsgebieden vallen doorgaans niet samen met ongunstige weersomstandigheden. Een groot deel van de windhinder treedt namelijk op in de winter en herfst. Hier wordt in de norm geen rekening gehouden, waardoor een gebied met een matig windklimaat voor de activiteit langdurig zitten in de zomerperiode bij gunstige weersomstandigheden toch vaak als comfortabele plek wordt ervaren. Desondanks wordt geadviseerd windgevoelige functies, zoals terrassen en verblijfsgebieden, te plaatsen op locaties met een goed windklimaat voor de activiteit slenteren, overeenkomend met een beoordeling goed of matig voor de activiteit langdurig zitten.

Hiermee wordt geenszins een slecht windklimaat voor recreatiegebieden weggewuifd. Overigens zal het windklimaat langs het water ten gevolge van de geplande nieuwbouw duidelijk verbeteren. Ook zonder de toekomstige begroeiing zorgt de geplande bebouwing gemiddeld genomen voor extra stromingsweerstand voor de wind, waardoor de hinderkans in veel gebieden afneemt. Verder wordt verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’ en punt 2 ‘Woonklimaat omgeving’ en naar de aanvullende notitie van Peutz d.d. 25 augustus 2023 die als bijlage 4 bij de plantoelichting is gevoegd. g. Reclamant draagt de volgende punten aan n.a.v. het uitgevoerde bezonningsonderzoek: Het bevreemdt reclamant dat de bezonningsstudie is uitgevoerd door de projectontwikkelaar. Dit zou moeten gebeuren door een onafhankelijke, gecertificeerd onderzoeksbureau. Reclamant is van mening dat het onderzoek matig is uitgevoerd. Zo wordt niet gesproken over een bezonningsstudie of -onderzoek, maar slechts over ‘bezonningsaspecten’. Het beperkt zich tot een aantal plaatjes zonder onderbouwing. Ook is onvoldoende aangetoond dat aan de bezonningsnorm wordt voldaan. De data 19 februari en 21 november zijn niet in de plaatjes opgenomen. Ook is niet gekeken naar het moment waarop de zonnestand 10 is.

Verder is de zonnestudie onvolledig, omdat er geen norm is bepaald voor de hoeveelheid zon die voor het gebruik van het park nodig is. Reclamant geeft aan dat uit het onderzoek ‘De IJzeren Vrouw, een impactanalyse van een residentieel ontwikkelingsplan in een stadspark’ (augustus 2019) van Breda University of Applied Sciences (BUAS), een compleet andere conclusie komt. Op zowel de directe omgeving naast en tussen de torens en bij de bewoning aan de Van Grobbendoncklaan is de schaduwwerking aanzienlijk en zal de recreatiefunctie zwaar worden aangetast. Het BUAS onderzoek is volgens reclamant genuanceerder en nauwkeuriger dan de aanpak van de projectontwikkelaar. • In het kader van de Nota Hoogbouw dient voor de woontorens een ruimtelijk onderzoek te worden uitgevoerd. Onderdeel daarvan is het in beeld brengen van de bezonningsaspecten. Het bezonningsonderzoek is aangevuld met de ontbrekende data. Het is overigens niet ongebruikelijk dat een ontwikkelaar opdracht geeft tot benodigde onderzoeken. In dit geval heeft de architect van het plan de schaduwwerking van de torens in beeld gebracht. De gemeente toetst vervolgens de uitgevoerde onderzoeken op juistheid. De conclusie van deze toetsing is dat de bezonningsaspecten juist in beeld zijn gebracht. De nieuwbouw is slechts in een deel van het park gesitueerd.

Dit betekent dat er op een bepaald moment van de dag altijd ergens bezonning zal zijn in het park. Het onderzoek van BUAS, waar reclamant aan refereert, is juist minder nauwkeurig dan het uitgevoerde onderzoek, omdat het de maximale schaduwwerking van de torens aangeeft op één dag in de verschillende seizoenen. De exacte schaduwwerking over het verloop van een dag wordt echter niet weergegeven. Verder wordt in dit onderzoek geconcludeerd dat de schaduwen van de gebouwen vooral in de winter een aanzienlijke invloed op de omgeving (oostkant van het park) hebben. Zoals blijkt uit het bezonningsonderzoek, dat als bijlage bij het bestemmingsplan is opgenomen, gaat het dan Nota van zienswijzen Bestemmingsplan ‘Brabantbad’ Pagina 48 van 109

voornamelijk om schaduw vanaf ca. 15.00 uur in de middag in de winterperiode, wanneer de kans op zon ook aanzienlijk kleiner is. De data 19 februari en 21 november zijn toegevoegd aan het bezonningsonderzoek. De zonnestand op de in beeld gebrachte data en tijdstippen is hoger dan 10 (met uitzondering van de momenten waarop de zon onder is uiteraard). Zie ook het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’ en punt 2 ‘Woonklimaat omgeving’ en de bijlage Notitie hoogbouw. h. Reclamant haalt aan dat de status van de financiële onderbouwing in het plan niet duidelijk en misleidend is. De onderbouwing is niet aangepast t.o.v. de presentatie in december 2021, terwijl de mix van woningen (sociaal/middelbaar vs. vrije sector) is aangepast, de grondstof- en bouwprijzen zijn toegenomen en bouwtermijn langer is (gezien tekorten aan grondstoffen, materiaal en krachten). Het lijkt een zekerheid dat het plan niet meer gerealiseerd kan worden tegen de genoemde prijzen. Waar landen de extra kosten? Betekent dit substantieel hogere huur/verkoopprijzen? Zijn die dalende prijzen op de woningmarkt nog in sociale huur/koop? Wat is het gemeentelijke beleid als de financiële casus opnieuw gedaan moet worden? • De economische haalbaarheid is bij iedere gebiedsontwikkeling een continu aandachtspunt; zo ook in het project Brabantbad.

Dit speelt zeker een rol indien er sprake is van een lange voorbereidings- en proceduretijd. In een dergelijke periode kunnen er wijzigingen ontstaan op het terrein van onder meer aanneemsommen en verhuur- en verkoopprijzen. Dit kan zowel een positief als negatief effect hebben op de grondexploitatie. Jaarlijks wordt de grondexploitatie Brabantbad in het kader van de jaarrekening van de gemeente geactualiseerd. Hierbij worden ook de risico’s en bijbehorende beheersmaatregelen meegenomen. Verwacht wordt dat de grondexploitatie sluitend is. Een eventueel negatief effect op de grondexploitatie kan ten laste worden gebracht van de algemene reserve van het grondbedrijf. Daarmee is dit plan financieel economisch haalbaar. i.

•

j.

•

k.

Reclamant stelt dat niet wordt aangetoond dat een kleinere footprint leidt tot meer kwalitatief en bruikbaar groen. Op welke wijze het park momenteel wordt gebruikt is nooit onderzocht. De ontwikkeling van de Badlocatie is gepaard gegaan met een grondige herinrichting van het prins Hendrikpark om de parkfunctie te versterken en een andere invulling van de geplande nieuwbouw moet die herinrichting niet tenietdoen. Reclamant is ook van mening dat niet overtuigend wordt onderbouwd op welke wijze de voorgestelde bebouwing daadwerkelijk meer doorzicht creëert. Zo wordt de ruimte tussen de torens voor 70% dichtgezet met beplanting van 1 – 1,5 meter boven het maaiveld (Van Grobbendoncklaan) en is de voorgestelde transparantie van de plint niet gegarandeerd (door het beoogde gebruik en de aanzienlijke vaste constructie elementen (kolommen en liften). Ook door de verhoging van de parkeergarage zullen de doorzichten voor de bewoners van de Van Grobbendoncklaan sterk verminderd worden. De footprint van de geplande bebouwing is aanzienlijk kleiner dan de bebouwingscontouren uit het huidige bestemmingsplan. Omdat er meer ruimte is voor het park, geeft dat een verbetering van de gebruiksmogelijkheden van het park. Verder wordt verwezen naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’ en onder punt 2 ‘Woonklimaat en omgeving’.

Reclamant geeft aan dat de gemeente in januari 2016 een stedenbouwkundige verkenning heeft gedaan en deze is gepresenteerd aan de beoogde ontwikkelaar. Deze stedenbouwkundige visie van de gemeente wordt nergens in de toelichting genoemd. Reclamant is van mening dat de toelichting van het bestemmingsplan niet strookt met de stedenbouwkundige visie uit 2016. Er is geen bestuurlijk vastgestelde stedenbouwkundige visie uit 2016. In 2016 is een stedenbouwkundige verkenning gedaan ten behoeve van de architectenselectie. Deze verkenning is doorontwikkeld naar voorliggend bestemmingsplan. Voor de stedenbouwkundige opzet wordt verwezen naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’. Reclamant geeft aan dat in de Nota Hoogbouw als aanleiding wordt benoemd om op deze plek tot 60 meter hoog te gaan bouwen. In de nota staat dat grotere ruimtelijke open vlakken in stedelijk weefsel, zoals recreatie/zandwinplassen bij uitstek geschikt zijn voor hogere accenten. Als voorbeeld wordt genoemd de IJzeren Vrouw, deels samenvallend met de verbindingsas Mgr. Diepenstraat. In het ontwerpbestemmingsplan wordt het ‘deels samenvallen met de verbindingsas Mgr. Diepenstraat’ nergens benoemd. Met de realisatie van de Amazones is er reeds hoogbouw Nota van zienswijzen Bestemmingsplan ‘Brabantbad’ Pagina 49 van 109

•

l. •

gerealiseerd aan de open plas. Een tweede hoger accent zou zich dus moeten verhouden tot het eerste. Daarnaast wijst reclamant erop dat bij het vigerende bestemmingsplan reeds een afweging heeft plaatsgevonden in het kader van de Nota hoogbouw en dat toen is besloten niet hoger dan 25 meter te bouwen (aansluiting op de hoogtes van de nieuwbouw in Hinthamerpoort Noord (inmiddels gerealiseerd) en op de hoogte van de volwassen bomen in het park). Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’. Voor de verhouding van het onderhavige plan met de Amazones wordt verwezen naar bijlage 2 bij de toelichting van het bestemmingsplan. Reclamant stelt dat de torens niet voldoen aan de slankheidseis die de Nota Hoogbouw stelt aan hoogbouw. Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’. In bijlage 2 bij de toelichting van het bestemmingsplan is aangegeven dat de slankheidscoëfficiënt van de drie torens, mede gezien het feit dat het gaat om drie ‘zustergebouwen’ met dezelfde diameter maar met verschillende hoogtes, goed is.

m. Reclamant geeft aan dat de Nota hoogbouw vraagt om maatwerk, een analyse van het bestaande stedelijke weefsel (=park). Daarbij wordt niet ingegaan op het effect dat de schaal van het gebouw heeft op een gebruiker (een gebouw dat 62,05 meter uittorent boven het wandelpad). Reclamant geeft aan dat hierover veel onderzoek is gedaan, dat aantoont dat de nabijheid van hogere gebouwen de verblijfskwaliteit van de omgeving negatief beïnvloed. Niet door alleen fysische aspecten als wind en schaduw, maar ook mentaal. Activiteiten die eerst wel ontplooid werden op de locatie, zullen door de onmiddellijke nabijheid van de bebouwing niet meer of elders plaatsvinden. Is er nog wel plek voor die activiteiten/recreatie, mede gelet op de geplande nieuwbouw rondom station Oost. Reclamant vraagt zich in dat kader ook af welke norm de gemeente voor groenvoorziening in de woonomgeving hanteert. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’ en punt 2 ‘Woonklimaat omgeving’. In bijlage 2 bij de toelichting van het bestemmingsplan is ingegaan op de schaal van de bebouwing in relatie tot de omgeving. Daarnaast geldt dat de locatie altijd bebouwd is geweest en in het huidige bestemmingsplan een woonbestemming heeft met een aanzienlijk grotere footprint dan in het onderhavige bestemmingsplan voorgesteld wordt.

Daar komt bij dat de torens wel hoger worden dan dat de huidige bouwregels toestaan, maar door de slanke vorm is de impact op maaiveldniveau beperkt. n. Reclamant draagt de volgende punten aan n.a.v. de uitgevoerde bomeneffect rapportage: 1. Op pagina 25 van de toelichting is aangegeven dat er 88 bomen in het plangebied bevinden, terwijl op de overzichtskaart van RFA Advies er 100 bomen zijn ingetekend. De bomen van het IJzeren Bos zijn niet meegenomen in het onderzoek. 2. Bij het onderzoek naar de veranderende windbelasting wordt geconcludeerd dat de risicozone zich, na realisatie, ten noordoosten van de geplande bebouwing bevindt. Deze conclusie strookt niet met de bevindingen van het windhinderonderzoek, die laat zien dat er ook grote veranderingen in het windregime optreden tussen de torens. Reclamant geeft aan dat de heersende windrichting misschien zuidwest is, maar dat niet elke harde windstoot ook daadwerkelijk uit het zuidwesten zal komen. Reclamant is van mening dat daarom minimaal de bomen 12, 13, 14, 15, 24, 25, 26, 27 en 28 ook onderzocht moeten worden op risico op breuk en/of windworp. 3. Ten aanzien van de gemaakte berekeningen is niet verklaard waarom de ‘factor boomhoogte x terreinruwheid’ in de toekomst 0.03 - 0.04 hoger is dan nu, en waarop de windsnelheid in de toekomstige situatie is gebaseerd.

Dat maakt de conclusie dat slechts enkele bomen zich ‘zonder gewijzigde omstandigheden in de grenszone bevinden wat betreft stabiliteit’ niet te controleren is. 4. Het is onduidelijk op welke manier de bomen, die als gevolg van het plan moeten verdwijnen, gecompenseerd worden en door wie. • Vooropgesteld wordt dat de bomeneffectrapportage is opgesteld door een deskundig gecertificeerd en onafhankelijk bureau (Pius Floris). Hieronder wordt op basis van de door dit bureau gebruikte informatie nader inzicht gegeven over de uitgangspunten, die in het onderzoek zijn gehanteerd. De gehanteerde uitgangspunten zijn naar onze visie in redelijkheid bepaald. Ad 1.: De bomen van het IJzeren Bos zijn ten tijde van de planontwikkeling van het geldende bestemmingsplan aangeplant door de omgeving (niet door de gemeente) uit protest tegen bebouwing op deze plek. Deze bomen zijn relatief klein van omvang (voor deze bomen is op Nota van zienswijzen Bestemmingsplan ‘Brabantbad’ Pagina 50 van 109

grond van de verordening Bomen, water en Groen ook geen omgevingsvergunning nodig voor het kappen ervan). Om deze redenen zijn ze in de bomeninventarisatie niet specifiek beschreven (o.a. hoogte, stamdiameter e.d.). De betreffende bomen zijn in de rapportage wel in de overzichtskaart opgenomen. De betreffende bomen kunnen niet gehandhaafd worden, aangezien deze staan op de locatie waar volgens het nieuwe bestemmingsplan de halfverdiepte parkeergarage is gesitueerd. Ook conform het geldende bestemmingsplan is hier al bebouwing toegestaan, waardoor handhaving van de bomen op dezelfde locatie niet aan de orde is. Overigens zal bij herinrichting van dit deel van het park wel getracht worden om zoveel mogelijk van deze bomen te herplanten in het park. Ad 2.: Het is het meest realistisch om de heersende windrichting te nemen. De directe invloed van de bouwwerken i.r.t. deze heersende windrichting is daarbij het uitgangspunt. Het is belangrijk te beseffen dat de wind te allen tijde onvoorspelbaar is. Het is onmogelijk om alle variabelen, die kunnen optreden, inzichtelijk te maken in een effectenstudie (bv. het effect van wervelingen die tussen, of direct achter gebouwen ontstaan en waarbij zuigende en stuwende krachten optreden). Om de voornaamste invloedzones (op basis van de heersende windrichting i.r.t.

de locatie van de woontorens) af te bakenen, is daarom gekozen voor het model zoals weergegeven in de afbeelding op pagina 22 van het rapport. Met deze werkwijze zijn de maatgevende omstandigheden onderzocht. Ad 3.: De terreinruwheid is gebaseerd op een uitwerking door Wieringa (Wieringa, J. & P.J. Rijkoort (1980). Windklimaat van Nederland, Staatsuitgeverij: Den Haag). Hierin worden de gewijzigde Davenport ruwheidsklassen uitgewerkt naar 8 klasses (van zee tot stad). Binnen het onderzoek is uitgegaan van een wijziging van ruwheidsklasse 5 (ruw) naar ruwheidsklasse 7 (gesloten). De definitie die bij ‘gesloten’ past is als volgt: ‘Bodem is regelmatig en volledig bedekt met vrij grote obstakels, met tussengelegen ruimten niet groter dan een paar obstakelhoogten. Bijvoorbeeld grote bossen, laagbouw in dorpen en kleine steden.’ Voor wat betreft de relatie tussen kroonhoogte en terreinruwheid hebben Van der Wiel & Geurts (Wiel van der, W.D. & C.P.W. Geurts (2007). Review Quantified Tree Risk Assessment, TNOrapport 2007-D-R0854/A, TNO) een factorschema opgesteld waarin de relatie tussen obstakelhoogte en de terreinruwheid verrekend wordt. In het onderzoek is gekozen om een ‘worstcase scenario’ te schetsen, waardoor afrondingen naar boven zijn gehanteerd. D.w.z. bij een boomhoogte van 12m is gekozen om de categorieën van 15m te nemen.

Van der Wiel & Geurts hebben in hun onderzoek tot een ruwheidslengte van 0,7 gewerkt. In dit onderzoek is tot een ruwheid van 0,7 gegaan. Ad 4.: De niet te handhaven bomen worden gecompenseerd door ruime aanplant van nieuwe bomen elders in het park. De gemeente is verantwoordelijk voor de herinrichting. In het kader van het voorliggende bestemmingsplan is van belang dat het plan in dit opzicht uitvoerbaar is. o. Reclamant heeft een ander geluidsbureau het uitgevoerde geluidsonderzoek laten beoordelen en komt op basis daarvan met de volgende kritiekpunten: 1. Bij de modellering van de bodemgebieden ontbreekt de parkeerplaats als hard gebied waardoor het berekende geluid te laag is. 2. Op blz 9 zijn de verkeersintensiteiten weergegeven. Op de Van Grobbendoncklaan en de Lagelandstraat zijn er in twee richtingen extreem verschillende verkeersintensiteit, terwijl dit geen éénrichtingsverkeer betreft. Een verklaring hiervoor ontbreekt. 3. Het aantal verkeersbewegingen voor de nieuwe te realiseren 177 woningen zijn in het onderzoek niet terug te vinden 4. De waarden in tabel 1 zijn in bijlagen en figuren niet te controleren, omdat ze niet genummerd dan wel meerdere delen eenzelfde naam hebben gekregen. 5.

De Van Grobbendoncklaan en de Graafseweg hebben elk meer dan drie rijstroken waardoor het onderzoeksgebied 350 meter is en het lijkt dat een te klein onderzoeksgebied is aangenomen (200 meter). 6. Reclamant is van mening dat geen grondige motivatie is gegeven, waarom wordt afgeweken van de criteria van het gemeentelijk geluidsbeleid voor het toekennen van een hogere grenswaarde. Reclamant stelt daarbij dat bronmaatregelen ook een grote invloed hebben op het stiller worden van de omgeving. Ook mist reclamant een (gebruikelijke) doelmatigheidstoets (van maatregelen) en wordt naar zijn mening voorbijgegaan aan het criterium zoals genoemd in het gemeentelijk beleid aangaande geluidsluwe gevels 7. Reclamant is van mening dat er bouwakoestisch onderzoek vereist is waaruit blijkt dat de binnenwaarden voldoen aan de geluidseisen van het Bouwbesluit 2012. Dit onderzoek Nota van zienswijzen Bestemmingsplan ‘Brabantbad’ Pagina 51 van 109

•

ontbreekt. Omdat het geluidsonderzoek nog niet verifieerbaar is, en de uitkomst daarom nog ter discussie staat, is een onderzoek naar geluidswering vooraf van belang. 8. Reclamant is van mening dat aan de voorwaarden voor geluidsbelasting van maximaal 53dB voor de buitenruimte, zoals opgenomen in de te verlenen hogere grenswaarden niet kan worden voldaan, omdat sommige appartementen geen balkon hebben, de torens alzijdig ontwerpen zijn en op de laagste verdiepingen 6 woningen hebben. Op basis van bovenstaande stelt reclamant dat het onderzoek niet voldoet aan de richtlijnen en geheel overgedaan moet worden. Op bovengenoemde punten wordt als volgt ingegaan: Ad 1.: Deze opmerking is terecht gemaakt. Het akoestisch onderzoek is op dit punt aangepast (bijlage 1 bij het akoestisch onderzoek). Ad 2.: De verkeersintensiteiten zijn in het akoestisch onderzoek aangepast en geüpdatet op basis van het meest recente verkeersmodel van de gemeente. Ook zijn de verkeerscijfers verduidelijkt. Ad 3.: Het aantal verkeersbewegingen als gevolg van het plan was wel meegenomen in de totale verkeersintensiteit, maar was in het onderzoek niet expliciet benoemd (wel in de toelichting van het ontwerpbestemmingsplan). In het aangepaste akoestisch onderzoek is de verkeersgeneratie vanwege het plan (1.490 motorvoertuigbewegingen per etmaal) nu ook specifiek benoemd (paragraaf 2.3 van het onderzoek).

Ad 4.: Zie het gemeentelijk commentaar ad 2. Dit is verduidelijkt in het aangepaste en geactualiseerde geluidsonderzoek. Ad 5.: Dit staat correct in par. 3.1.2 van het geluidsonderzoek. De Van Grobbendoncklaan bestaat uit tweemaal 2 rijstroken; de Graafseweg bestaat uit 2 rijstroken. Los daarvan nog is van belang dat de geluidzone hoe dan ook over de woontorens reikt, akoestisch onderzoek daarom noodzakelijk is en dit onderzoek is uitgevoerd. Ad 6.: De gemeente heeft de mogelijkheden tot het treffen van maatregelen onderzocht en integraal afgewogen. In de toelichting van het bestemmingsplan is de motivering op dit onderdeel nader aangevuld. Ad 7.: Het akoestisch onderzoek en de verleende hogere waarden richten zich op de gevels van de gebouwen. De in het onderzoek opgenomen afbeeldingen betreffen slechts een voorlopige indeling. Een bouwakoestisch onderzoek is nodig in het kader van de omgevingsvergunningaanvraag. Er is nog geen aanvraag omgevingsvergunning aan de orde in dit stadium. Die aanvraag zal o.a. getoetst worden aan het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) en aan de te verlenen definitieve beschikking hogere grenswaarde. In die laatste beschikking zijn voorwaarden opgenomen waaraan voldaan moet worden. Ad 8.: Pas bij nadere uitwerking van het bouwplan, in het kader van de omgevingsvergunning voor het bouwen, wordt getoetst hoe aan deze voorwaarden wordt voldaan.

Uit de toelichting bij het bestemmingsplan en uit het akoestisch onderzoek blijkt dat hier naar verwachting aan voldaan kan worden en dat een aanvaardbaar woon- en leefklimaat geborgd is.

p. Reclamant geeft voor wat betreft de toelichting op het parkeren aan dat de parkeerplaats momenteel openbaar toegankelijk is. Eerder waren er 24 parkeerplaatsen beschikbaar en nu zijn 96 parkeerplaatsen beschikbaar. Het aantal mensen dat gebruik maakt van deze parkeerplaats is naar alle waarschijnlijkheid vele malen hoger dan het aantal waarmee in de berekening rekening wordt gehouden, waardoor het onmogelijk is om te voldoen aan de parkeerbehoefte. Reclamant verwacht dat de gemeente dit in de definitieve plannen beter onderbouwt. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 4 ‘Verkeer en parkeren’. q. Reclamant draagt de volgende punten aan n.a.v. Duurzaamheid en groen: De opmerking in de toelichting dat de groene afdekking van de parkeergarage klimaat adaptief te noemen is, is slechts ten dele waar. Over het oppervlak van de parkeergarage kan in de nieuwe situatie geen hemelwater infiltreren in de bodem. De retentiefunctie van de ‘groene afdekking’ zal nooit zo groot zijn als de oorspronkelijke capaciteit. In de toelichting staat het bij dit project de ambitie is om in gezamenlijkheid te kijken om de MPG (Milieuprestatie Gebouwen) zo laag mogelijk te maken en tijdens de engineeringsfase wordt de ambitie exact bepaald.

Reclamant is van mening dat de gemeente de ambitie bepaalt en dat de projectontwikkelaar die ambitie moet waarmaken. Reclamant ziet graag dat hiervoor een schriftelijke garantie wordt afgegeven. Reclamant geeft aan dat in de toelichting ten behoeve van de groennorm wordt opgevoerd dat er binnen het plan grote bomen geplant worden met een kroonprojectie van cumulatief 1.805 Nota van zienswijzen Bestemmingsplan ‘Brabantbad’ Pagina 52 van 109

•

r.

•

m2. Indien de bomen nog aangeplant moeten worden dient er een nadere toelichting over de kroonprojectie van de bomen over 10 jaar te worden toegevoegd. Deze toelichting ontbreekt en toch zal de kwantitatieve groennorm gehaald worden. Het is reclamant onduidelijk hoe dat dan gerealiseerd wordt. Reclamant geeft aan dat om de kwalitatieve groenscore te halen wordt ingezet op nieuwe aanplant op het dak van de parkeergarage. Er is nergens vastgelegd aan welke kwaliteitseisen die moet voldoen. Voor een goed resultaat is de ondergrond erg belangrijk en zou minimaal een parkdak met opbouw van 450mm nodig zijn. Gezien de limitering van de hoogte van de constructie, die tot maximaal 7.350 boven NAP mag uitkomen, lijkt dat de ondergrond in het geding komt. Onderstaand wordt puntsgewijs op de genoemde punten ingegaan: Het dak van de nieuwe halfverdiepte parkeerstalling wordt voorzien van een forse laag grond (ter plaatse van de meerstammige struiken met een dikte van minimaal 80 cm), waarop beplanting komt. Voor deze “verharding” wordt geen compenserende waterberging gerealiseerd aangezien de groene bedekking met grondlaag zal zorgen voor de nodige bergingscapaciteit. Dit betreft dus geen verhard oppervlak dat leidt tot een versnelde afvoer van hemelwater. Het water dat boven het parkeerdek valt wordt via wadi’s naar de plas afgevoerd.

Daarbij zal de huidige parkeerplaats worden heringericht met grastegels zodat hemelwater beter kan infiltreren. De toetsing aan het Besluit bouwwerken leefomgeving – en daarmee aan de MPG-eis - is een verplichte toets bij aanvraag van de omgevingsvergunning voor bouwen. Op dat moment zal aangetoond moeten worden dat voldaan wordt aan de MPG-eis. Bij de verantwoording van de groennorm is alleen de kroonprojectie van de bestaande, te handhaven bomen meegenomen. Voor de bomen die verdwijnen vindt compensatie elders in het park plaats. Dit is niet meegenomen bij de bepaling van de groenscore. Zoals bovenstaand aangegeven wordt een grondlaag van minimaal 80 cm dikte op het dak van de halfverdiepte parkeergarage gerealiseerd. Deze grondlaag maakt overigens geen onderdeel uit van het bouwwerk en telt bij het bepalen van de hoogte van het bouwwerk dus niet mee. Deze ondergrond kan op basis van het bestemmingsplan dus gerealiseerd worden. Reclamant wijst erop dat bij de stikstofberekening gebruik is gemaakt van een verouderde versie van de AERIUS-calculator en dat daarbij ten onrechte is uitgegaan van de vrijstelling voor bouw-, aanleg- en sloopwerkzaamheden, nu de verwachting is dat deze vrijstelling na een uitspraak van de Raad van State zal verdwijnen.

Reclamant heeft zelf een Aerius-berekening gemaakt, waaruit blijkt dat de emissie ten gevolge van het wegverkeer in de gebruiksfase hoger is dan de berekening in het ontwerpbestemmingsplan, nl een depositie van 0,01 mol/ha/jr. Hierbij verwijst hij ter ondersteuning naar de bevindingen uit het rapport ‘Stikstofdepositie en woningbouwontwikkeling’, van Sweco. Daarin staat dat een woningbouwproject van 100 woningen bij een gemiddelde situatie wat betreft verkeersbewegingen in de gebruiksfase binnen een afstand van 3 km kan leiden tot een stikstofdepositie van meer dan 0,00 mol/ha/jaar. In een gemiddelde situatie zal de toename tijdens de gebruiksfase op een afstand van meer dan 750 meter minder dan 0,05 mol/ha/jr bedragen. De afstand tot het meest nabijgelegen Natura2000 gebied is circa 1,3 km. Ook geeft reclamant nog aan dat in de regels van het ontwerpbestemmingsplan het uitgangspunt ‘gasloos’ niet is gedefinieerd en vastgelegd. Om redelijkerwijs aan te nemen dat er geen stikstofuitstoot is in de gebruiksfase van het gebouw, moet dat wel gebeuren. Reclamant stelt dat het stikstofonderzoek gebreken bevat, maar heeft geen onderzoek/berekening van een onafhankelijke deskundige bijgevoegd. Daardoor kan een deel van de stellingen van reclamant niet worden onderbouwd. Ook wordt in de zienswijze niet aangegeven welke aannames in het stikstofonderzoek incorrect zouden zijn.

Er is een nieuw stikstofonderzoek uitgevoerd waarbij gebruik is gemaakt van het nieuwste AERIUS-model, versie november 2023. In dit onderzoek is ook de aanlegfase meegenomen als gevolg van het vervallen van de bouwvrijstelling. Uit dit onderzoek volgt dat het plan gerealiseerd kan worden, zonder dat er sprake is van optredende deposities >0,00 mol/ha/j op stikstofgevoelige habitats van Natura 2000gebieden. De inzet van elektrisch materieel in de aanlegfase is daarbij nodig. Het plan is uitvoerbaar. In het aangepaste onderzoek is worst case 20% extra voor filevorming meegenomen in lijn met het gestelde in de zienswijze (in plaats van 10% in het onderzoek bij het ontwerpbestemmingsplan). In het kader van de Gaswet is het per 1 juli 2018 niet meer toegestaan om een Nota van zienswijzen Bestemmingsplan ‘Brabantbad’ Pagina 53 van 109

omgevingsvergunning voor bouwen aan te vragen voor een nieuw bouwwerk met een gasaansluiting. Dit is dus al wettelijk geregeld en hoeft daarom niet in het bestemmingsplan geborgd te worden. s.

•

t.

•

Reclamant wijst op het feit dat in het ontwerpbestemmingsplan een aanduiding ‘archeologische waarden’ is verdwenen, terwijl er in het aansluitende plangebied ‘Graafsewijk – Aawijk 2017’ nog wel sprake is van archeologische waarde. Mogelijkerwijs dat er door de bodemverstoring geen archeologische vondsten te verwachten zijn (zoals de toelichting aangeeft), maar dan zal de archeologische verwachtingskaart op die bodemverstoring concreet aangepast moeten worden. Pas dan kan op basis van de voorgenomen bebouwing bepaald worden of en in welke vorm archeologisch onderzoek nodig is. Archeologische verwachtingskaarten laten zien waar archeologische sporen te verwachten zijn in 's-Hertogenbosch en omgeving. Deze kaart is richtinggevend en vormt dus niet het definitieve antwoord op de vraag of er ergens archeologische resten te verwachten zijn. Er zal daarom altijd op maat gekeken moeten worden. In dit geval is ook een dergelijke afweging op maat gemaakt, doordat de locatie van de gesloopte bebouwing en de bijkomende roering van de grond beoordeeld is. Hierbij zijn de contour van de nieuwbouw en de ontgraving van het voormalige Brabantbad zorgvuldig in beeld gebracht. Uit deze beoordeling blijkt dat de gronden van het onderhavige plangebied al dusdanig geroerd zijn dat er geen archeologische vondsten meer te verwachten zijn.

Wel is geconstateerd dat het gebied, waarin op basis van het bestemmingsplan grondwerkzaamheden kunnen worden verwachte, in figuur 5.3 van de toelichting niet correct is weergegeven. Dit wordt in par. 5.15 van de toelichting aangepast. Deze aanpassing leidt niet tot een andere conclusie. Daarbij is er op basis van de Erfgoedwet ook een gemeentelijke zorgplicht om (ook onverwachte) archeologische vondsten te beschermen en de vondsten, samen met de locatie waar ze zijn gevonden, aan te melden. Reclamant geeft aan dat de cultuurhistorische waarde van het park, zoals deze is opgenomen in de provinciale Cultuurhistorische waardenkaart, ten onrechte niet in de toetsing is meegenomen. Het park behoort tot de historische stedenbouwkundige structuur De Muntel en heeft daarin een recreatieve functie. Deze waarde verbiedt het bouwen van de woontorens. De provinciale Cultuurhistorische Waardenkaart (CHW) geeft niet aan dat deze plek vanuit cultuurhistorie van provinciaal belang is. Op de kaart is het park als onderdeel van de Muntel meegenomen onder het kopje Overige cultuurhistorische informatie. Het is daarbij geduid als ‘historische stedenbouw’. De wijk De Muntel is door het rijk aangewezen als Rijksbeschermd stadsgezicht, maar de plas en het park maken daar geen onderdeel van uit.

De duiding in de provinciale CHW tot historische stedenbouw betekent niet dat hierbinnen geen nieuwbouw kan worden gerealiseerd. De geplande nieuwbouw past goed in de bestaande stedenbouwkundige structuur, zie ook het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’. De onderbouwing van dit aspect wordt in paragraaf 5.15 van de toelichting bij het bestemmingsplan opgenomen.

u. Reclamant geeft aan dat, ondanks herhaaldelijk verzoek om te onderzoeken of iets gedaan kan worden met het Esso tankstation, hier geen enkele actie op is ondernomen. Reclamant verwijst hierbij ook naar het Burgerinitiatief. De raming van de gemeente om het tankstation uit kopen, naar schatting ook 5 miljoen, is nauwelijks onderbouwd. • De voorstellen zoals opgenomen in het burgerinitiatief zijn door de raad afgewogen. De raad heeft besloten niet in te stemmen met het burgerinitiatief. Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 5 ’Inspraak en omgevingsdialoog’. Voorts wordt verwezen naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’. Reclamant 86 a. Er mogen geen woontorens aan de IJzeren Vrouw komen. Er zijn al zo weinig parken in 'sHertogenbosch en nu wordt dit park nog kleiner terwijl het al overvol met recreanten zit op warme dagen. Nog meer mensen en bebouwing kan het park naar mening van reclamant niet aan. Met steeds meer hittegolven is het vinden van verkoeling in een mooi park steeds belangrijker. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’. Nota van zienswijzen Bestemmingsplan ‘Brabantbad’ Pagina 54 van 109

Reclamant 87 a. Er mogen geen woontorens (tot 60 meter hoog) aan de IJzeren Vrouw komen. Reclamant vindt dit een grove en blijvende aantasting van het karakter van het oudste park van Den Bosch. Groen verdwijnt en recreatie wordt beperkt. Het park is uniek en heel waardevol: open, groen en dicht bij de stad, tussen dichtbevolkte wijken. Steeds meer bewoners uit alle delen van de stad gebruiken het park om te ontspannen. De voorgestelde bebouwing met woontorens tot op 25 meter van het water gaat ten koste van natuur, recreatie, een ontspannen beleving en tenslotte de leefbaarheid van de stad. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’. b. Er is op slechts 750 meter afstand al een hele nieuwe wijk gepland met 2.100 woningen en hoogbouw, dat is voor deze wijk voldoende. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 3 ‘Woonbehoefte en –programma’. Reclamant 88 Ter ingeleide verzoekt reclamant te kijken naar het YouTube filmpje over het park en de IJzeren Vrouw (Ode aan de IJzeren Vrouw). a. Het veranderende klimaat vraagt om vergroening en verkoeling. Het Prins Hendrikpark is al decennia een groene long van de stad. Deze belangrijke functie wordt door dit plan zwaar benadeeld.

• Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’. b. De 3 reusachtige torens staan gepland in het belangrijkste en meest intensief gebruikte deel van het park. Daar krijg je dan dezelfde winderige en onaangename situatie als rondom de 3 veel kleinere woontorens ‘De Amazones’. Bij een beetje droogte is het ook al meteen woestijnachtig. Dit gebied wordt dan ook maximaal gemeden. Straks wil ook niemand meer vertoeven in het gebied tussen en rond de 3 woonsilo's. Hiermee gaat een belangrijk deel van de parkfunctie verloren. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’ en punt 2 ‘Woonklimaat omgeving’. c.

•

Ook komen de 3 woontorens massaal en overheersend over, deze horen niet in een park thuis. Als daar op die plek eerder geen zwembad en sporthal gestaan hadden, dan was niemand op het idee gekomen om daar wooneenheden te gaan bouwen. En nu 12 jaar later, met een aanzienlijk toegenomen behoefte aan een park in de nabijheid en een veel intensievere beleving door vele duizenden bezoekers, wordt een plan ingediend om nog veel meer wooneenheden te gaan bouwen (177 i.p.v. 120) op een manier die het park helemaal verziekt volgens reclamant. De parkfunctie zou juist verder versterkt moeten worden met o.a. meer bomen en groen. Reclamant vraagt de gemeente om wijs te zijn en verantwoordelijkheid te nemen en om de ontwikkelaar de 3 torens elders te laten bouwen. Hij verwijst daarbij ook naar de 2.400 ondertekenaars van de petitie, en nog vele meer. Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’.

Reclamant 89 a. Er mogen geen woontorens (tot 60 meter hoog) aan de IJzeren Vrouw komen. Reclamant vindt dit een grove en blijvende aantasting van het karakter van het oudste park van Den Bosch. Groen verdwijnt en recreatie wordt beperkt. Het park is uniek en heel waardevol: open, groen en dicht bij de stad, tussen dichtbevolkte wijken. Steeds meer bewoners uit alle delen van de stad gebruiken het park om te ontspannen. De voorgestelde bebouwing met woontorens tot op 25 meter van het water gaat ten koste van natuur, recreatie, een ontspannen beleving en tenslotte de leefbaarheid van de stad. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’. b. Er is op slechts 750 meter afstand al een hele nieuwe wijk gepland met 2.100 woningen en hoogbouw, dat is voor deze wijk voldoende. Nota van zienswijzen Bestemmingsplan ‘Brabantbad’ Pagina 55 van 109

•

Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 3 ‘Woonbehoefte en –programma’.

Reclamant 90 a. Er mogen geen woontorens (tot 60 meter hoog) aan de IJzeren Vrouw komen. Reclamant vindt dit een grove en blijvende aantasting van het karakter van het oudste park van Den Bosch. Groen verdwijnt en recreatie wordt beperkt. Het park is uniek en heel waardevol: open, groen en dicht bij de stad, tussen dichtbevolkte wijken. Steeds meer bewoners uit alle delen van de stad gebruiken het park om te ontspannen. De voorgestelde bebouwing met woontorens tot op 25 meter van het water gaat ten koste van natuur, recreatie, een ontspannen beleving en tenslotte de leefbaarheid van de stad. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’. b. Er is op slechts 750 meter afstand al een hele nieuwe wijk gepland met 2.100 woningen en hoogbouw, dat is voor deze wijk voldoende. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 3 ‘Woonbehoefte en –programma’. Reclamant 91 a. Er mogen geen woontorens (tot 60 meter hoog) aan de IJzeren Vrouw komen. Reclamant vindt dit een grove en blijvende aantasting van het karakter van het oudste park van Den Bosch. Groen verdwijnt en recreatie wordt beperkt. Het park is uniek en heel waardevol: open, groen en dicht bij de stad, tussen dichtbevolkte wijken.

Steeds meer bewoners uit alle delen van de stad gebruiken het park om te ontspannen. De voorgestelde bebouwing met woontorens tot op 25 meter van het water gaat ten koste van natuur, recreatie, een ontspannen beleving en tenslotte de leefbaarheid van de stad. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’. b. Er is op slechts 750 meter afstand al een hele nieuwe wijk gepland met 2.100 woningen en hoogbouw, dat is voor deze wijk voldoende. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 3 ‘Woonbehoefte en –programma’. Reclamant 92 a. Reclamant vindt het onbegrijpelijk dat de gemeente Den Bosch zo star vasthoudt aan afspraken die in een ver verleden zijn gemaakt over de bestemming van de grond Brabantbad, aangezien de inzichten rond bebouwing en inrichting van de steden dusdanig veranderd zijn dat niet honoreren van gemaakte afspraken verantwoord is. De nadruk ligt op het voorkomen van verder opwarmen van de steden en er zijn inmiddels inzichten die het belang van groen en groene longen in de steden benadrukken, lees o.a. behoud van parken en aanplanten van groen. Het is onbegrijpelijk dat men een prachtig park dat voorziet in die groenvoorziening voor een deel voor bebouwing wil gebruiken.

Het telkens aangehaalde woningtekort kan geen valide argument zijn om in het park te bouwen. Bouw dan aan de rand of elders in of rond Den Bosch, niet midden in een van de groene longen van de stad. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’ en punt 3 ‘Woonbehoefte en –programma’. b. In de voorliggende plannen wordt telkens gerept dat het ‘rondje plas’ in stand zal blijven. Maar dat is een zoethoudertje. Een van de geplande gebouwen komt dicht bij het water te staan waardoor je niet meer het gevoel hebt dat je in het groen wandelt/jogt, maar zowat over iemands terras of balkon loopt. Bovendien wordt de totale parkoppervlakte enorm verkleind en moet er met veel mensen gebruik van gemaakt gaan worden. Dit leidt tot een vertrapping van het overblijvende groen en doet aan het monumentale park enorm tekort. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’.

Nota van zienswijzen Bestemmingsplan ‘Brabantbad’ Pagina 56 van 109

Reclamant 93 a. Er mogen geen woontorens (tot 60 meter hoog) aan de IJzeren Vrouw komen. Reclamant vindt dit een grove en blijvende aantasting van het karakter van het oudste park van Den Bosch. Groen verdwijnt en recreatie wordt beperkt. Het park is uniek en heel waardevol: open, groen en dicht bij de stad, tussen dichtbevolkte wijken. Steeds meer bewoners uit alle delen van de stad gebruiken het park om te ontspannen. De voorgestelde bebouwing met woontorens tot op 25 meter van het water gaat ten koste van natuur, recreatie, een ontspannen beleving en tenslotte de leefbaarheid van de stad. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’. b. Er is op slechts 750 meter afstand al een hele nieuwe wijk gepland met 2.100 woningen en hoogbouw, dat is voor deze wijk voldoende. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 3 ‘Woonbehoefte en –programma’. Reclamant 94 a. Er mogen geen woontorens (tot 60 meter hoog) aan de IJzeren Vrouw komen. Reclamant vindt dit een grove en blijvende aantasting van het karakter van het oudste park van Den Bosch. Groen verdwijnt en recreatie wordt beperkt. Het park is uniek en heel waardevol: open, groen en dicht bij de stad, tussen dichtbevolkte wijken.

Steeds meer bewoners uit alle delen van de stad gebruiken het park om te ontspannen. De voorgestelde bebouwing met woontorens tot op 25 meter van het water gaat ten koste van natuur, recreatie, een ontspannen beleving en tenslotte de leefbaarheid van de stad. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’. b. Er is op slechts 750 meter afstand al een hele nieuwe wijk gepland met 2.100 woningen en hoogbouw, dat is voor deze wijk voldoende. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 3 ‘Woonbehoefte en –programma’. Reclamant 95 a. Er mogen geen woontorens (tot 60 meter hoog) aan de IJzeren Vrouw komen. Reclamant vindt dit een grove en blijvende aantasting van het karakter van het oudste park van Den Bosch. Groen verdwijnt en recreatie wordt beperkt. Het park is uniek en heel waardevol: open, groen en dicht bij de stad, tussen dichtbevolkte wijken. Steeds meer bewoners uit alle delen van de stad gebruiken het park om te ontspannen. De voorgestelde bebouwing met woontorens tot op 25 meter van het water gaat ten koste van natuur, recreatie, een ontspannen beleving en tenslotte de leefbaarheid van de stad. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’. b.

Er is op slechts 750 meter afstand al een hele nieuwe wijk gepland met 2.100 woningen en hoogbouw, dat is voor deze wijk voldoende. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 3 ‘Woonbehoefte en –programma’. Reclamant 96 a. Vanaf het jaar 2000 zijn in en rond het groene gebied van de IJzeren Vrouw maar liefst 3.200 woningen gerealiseerd en gepland. Daarnaast zijn er nog tijdelijke woningen gebouwd op de Aartshertogenlaan, nabij Stadion De Vliert en het kruispunt Aartshertogenlaan/Bruistenlaan. Ook zijn er op de hoek Bruistensingel/Hervensebaan (oud KPN gebouw) momenteel nog eens honderden mensen uit Oekraïne ondergebracht. Deze nieuwe bewoners maken samen met bewoners van omliggende straten en wijken veelvuldig gebruik van het park. Het gebruik zit daarmee al bijna aan zijn grenzen, zeker als men bedenkt dat bij het thans waar te nemen gebruik, de bewoners van de te bouwen 2.100 woningen nog niet zijn meegeteld. Wie bedenkt het dan om uitgerekend in dit park bijna tot aan de waterkant drie 60 meter hoge woontorens te willen bouwen. Reclamant geeft aan om niet verder aan het park te komen en het zijn functie te laten behouden die het nu vervult. Het park is nu al vol. Nota van zienswijzen Bestemmingsplan ‘Brabantbad’ Pagina 57 van 109

•

Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’.

b. Het genot om nog een ‘rondje park’ te lopen, zal alleen al tenietgedaan worden door de windwerking die ook al als gevaarlijk hinderlijk wordt ervaren bij de Amazones. De mensen worden daar letterlijk van de fiets af geblazen. Dat effect is dus zeker te verwachten wanneer er nog drie woontorens in het park gesitueerd worden en niet een eind buiten het park. Reclamant geeft aan dat dit effect beslist niet onderschat of genegeerd mag worden. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’ en punt 2 ‘Woonklimaat omgeving’. c.

•

Reclamant acht de voorgenomen plannen in flagrante strijd met klimaat-, stikstof- en fijnstofbeleid van de landelijke en regionale politiek. Hij wijst daarbij op van alle gemotoriseerd verkeer, eveneens in het park gepland in de hoedanigheid van een parkeerkelder deels onder, maar deels ook boven de grond. Ook wijst hij op de enorme verkeersoverlast richting de binnenstad wanneer er 2.100 woningen rond station oost gerealiseerd gaan worden en daar nog eens het verkeer van de drie woontorens bijkomen. Er is geen sprake van strijdigheid met nationaal en/of regionaal beleid. Voor stikstofdepositie is een AERIUS-berekening uitgevoerd (zie bijlage 9), waaruit blijkt dat er geen significante effecten zijn op Natura 2000-gebieden. Deze is voor vaststelling van het bestemmingsplan geactualiseerd conform de meest recente versie van de AERIUS-calculator. Er heeft een berekening van de luchtkwaliteit plaatsgevonden waaruit blijkt dat de verkeersgeneratie van dit plan niet in betekenende mate bijdraagt. Er is geen extra onderzoek nodig. In paragraaf 3.3 van de plantoelichting heeft een analyse van de mobiliteitsaspecten (verkeer en parkeren) plaatsgevonden. In dat kader is ook onderzoek gedaan naar het effect op de verkeersafwikkeling op de twee meest nabijgelegen VRI-kruisingen (zie bijlage 10).

Het onderzoek laat zien dat de impact van de te ontwikkelen woontorens op de verkeersafwikkeling verwaarloosbaar is. Voorts wordt verwezen naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 4 ‘Verkeer en parkeren’. De ontwikkeling bij Station Oost maakt geen onderdeel uit van dit plan, dit zal te zijner tijd in het kader van een aparte procedure onderbouwd moeten worden.

d. Reclamant verwijst uitdrukkelijk naar het rapport van 1 oktober 2021, waarin het burgerinitiatief zo krachtig en prachtig onderbouwd ter kennis is gebracht. • Wij zijn bekend met de bezwaren uit de omgeving en zijn daarom niet over 1 nacht ijs gegaan met dit plan. Het is een locatie die reeds planologisch bestemd is voor woningbouw. Bij het plan is een afweging gemaakt tussen de wens om te voorzien in de grote woningbehoefte en de impact van het plan op de omgeving. Daarbij hebben wij ook op verschillende manieren de reacties uit de omgeving betrokken bij de afweging (zie punt 5 ’Inspraak en omgevingsdialoog’). De voorstellen zoals opgenomen in het burgerinitiatief zijn door de raad afgewogen. De raad heeft besloten niet in te stemmen met het burgerinitiatief. Ook is gekeken om de impact van het plan op de omgeving zo beperkt mogelijk te houden (zie punt 1 ‘Planopzet’). Met dit aangepaste plan hebben wij het vertrouwen dat de impact van het plan acceptabel is. Reclamant 97 a. Reclamant is het er niet mee eens dat appartementen gebouwd worden op een plek die vroeger een publieke functie had. Dit is een inbreuk op het park dat met velen gedeeld en van gehouden wordt. De torenflats zijn glimmend en lelijk die niets te zoeken hebben in het park. Deze zouden een andere plek moeten krijgen buiten het park.

Denk na hoe het er over 15-20 jaar eruitziet met 3 torenflats bij het water van de IJzeren vrouw. Dit is werkelijk geen goed idee. Zoek een andere plek hiervoor maar niet in het park, alstublieft. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’. Reclamant 98 a. Er mogen geen woontorens (tot 60 meter hoog) aan de IJzeren Vrouw komen. Reclamant vindt dit een grove en blijvende aantasting van het karakter van het oudste park van Den Bosch. Groen verdwijnt en recreatie wordt beperkt. Het park is uniek en heel waardevol: open, groen en dicht bij de stad, tussen dichtbevolkte wijken. Steeds meer bewoners uit alle delen van de stad gebruiken het park om te ontspannen. De voorgestelde bebouwing met woontorens tot op 25 meter van het Nota van zienswijzen Bestemmingsplan ‘Brabantbad’ Pagina 58 van 109

•

water gaat ten koste van natuur, recreatie, een ontspannen beleving en tenslotte de leefbaarheid van de stad. Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’.

b. Er is op slechts 750 meter afstand al een hele nieuwe wijk gepland met 2.100 woningen en hoogbouw, dat is voor deze wijk voldoende. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 3 ‘Woonbehoefte en –programma’. Reclamant 99 a. Er mogen geen woontorens (tot 60 meter hoog) aan de IJzeren Vrouw komen. Reclamant vindt dit een grove en blijvende aantasting van het karakter van het oudste park van Den Bosch. Groen verdwijnt en recreatie wordt beperkt. Het park is uniek en heel waardevol: open, groen en dicht bij de stad, tussen dichtbevolkte wijken. Steeds meer bewoners uit alle delen van de stad gebruiken het park om te ontspannen. De voorgestelde bebouwing met woontorens tot op 25 meter van het water gaat ten koste van natuur, recreatie, een ontspannen beleving en tenslotte de leefbaarheid van de stad. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’. b. Er is op slechts 750 meter afstand al een hele nieuwe wijk gepland met 2.100 woningen en hoogbouw, dat is voor deze wijk voldoende. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 3 ‘Woonbehoefte en –programma’. Reclamant 100 a. Er mogen geen woontorens (tot 60 meter hoog) aan de IJzeren Vrouw komen.

Reclamant vindt dit een grove en blijvende aantasting van het karakter van het oudste park van Den Bosch. Groen verdwijnt en recreatie wordt beperkt. Het park is uniek en heel waardevol: open, groen en dicht bij de stad, tussen dichtbevolkte wijken. Steeds meer bewoners uit alle delen van de stad gebruiken het park om te ontspannen. De voorgestelde bebouwing met woontorens tot op 25 meter van het water gaat ten koste van natuur, recreatie, een ontspannen beleving en tenslotte de leefbaarheid van de stad. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’. b. Er is op slechts 750 meter afstand al een hele nieuwe wijk gepland met 2.100 woningen en hoogbouw, dat is voor deze wijk voldoende. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 3 ‘Woonbehoefte en –programma’. Reclamant 101 a. Er komen 2.000 nieuwe woningen bij rondom Station Oost, allemaal hoogbouw. Deze mensen zullen in hete zomers en mooie herfstdagen naar buiten willen. Daarvoor heb je voldoende ruimte nodig in het Prins Hendrikpark. Door het bouwen van de torens en half bovengrondse garage gaat er een substantieel deel van het park verloren. Steeds wordt het argument aangehaald dat er een woonbestemming zit op het deel van het park dat nu bebouwd moet gaan worden.

Wist u dat op het Bossche Broek ooit ook een woonbestemming zat? Wat zijn we nu blij dat daar nooit gebouwd is, Dat er een bestemming op zit hoeft niet te betekenen dat er ook gebouwd moet worden. Het park dat zich heeft ontwikkeld tot oase in hete zomers voor bewoners van de stad. Een plek om te sporten, te spelen et cetera. Dat doe je niet naast drie mega hoge torens. Ga maar eens naast de Amazones staan. Het zou beter zijn om niet te bouwen en het park juist aantrekkelijker te maken om in te verblijven, voor alle nieuwe en huidige omwonenden. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’. b. Waarom niet het Esso-station weghalen en daar woningen bouwen? Daarmee bespaar je het park en ben je van overlast bij het tankstation af. Tanken kan prima op de Bruistensingel of in Zuid. Binnenkort rijden we toch allemaal elektrisch. Nota van zienswijzen Bestemmingsplan ‘Brabantbad’ Pagina 59 van 109

•

Op dit moment is er nog behoefte aan fossiel tanken en dat zal op korte tot middellange termijn niet wijzigen. De kosten van uitkoop zijn hoog en stedenbouwkundig is dit niet de gewenste oplossing. Aankoop van het benzinestation in het kader van het plan op deze locatie, betekent dat dit plan niet langer financieel haalbaar is. Bovendien is ook met behoud van het benzinestation een stedenbouwkundig en milieutechnisch (waarborging goed woonklimaat) aanvaardbaar plan te realiseren. Voorts wordt verwezen naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’.

c.

De wethouder benoemt deze torens als onderdeel van de bouwopgave, maar dat is feitelijk onwaar. Deze woningen zijn ‘extra’ boven op de bouwopgave die er al is. Focus eerst op die plekken. Zorg dat daar volume komt en laat de parken met rust. Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 3 ‘Woonbehoefte en –programma’.

•

Reclamant 102 a. Er mogen geen woontorens (tot 60 meter hoog) aan de IJzeren Vrouw komen. Reclamant vindt dit een grove en blijvende aantasting van het karakter van het oudste park van Den Bosch. Groen verdwijnt en recreatie wordt beperkt. Het park is uniek en heel waardevol: open, groen en dicht bij de stad, tussen dichtbevolkte wijken. Steeds meer bewoners uit alle delen van de stad gebruiken het park om te ontspannen. De voorgestelde bebouwing met woontorens tot op 25 meter van het water gaat ten koste van natuur, recreatie, een ontspannen beleving en tenslotte de leefbaarheid van de stad. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 1 ‘Planopzet’. b. Er is op slechts 750 meter afstand al een hele nieuwe wijk gepland met 2.100 woningen en hoogbouw, dat is voor deze wijk voldoende. • Verwezen wordt naar het gemeentelijk commentaar onder I Algemene onderdelen zienswijzen onder punt 3 ‘Woonbehoefte en –programma’. Reclamant 103 a. In 2010 werd nog gedacht dat vanwege eerdere bebouwing (sporthal en zwembad) herbebouwing voor woonbestemming mogelijk moest zijn. Maar in 12 jaar tijd is er ten aanzien van de parkfunctie enorm veel veranderd en hierdoor past het bouwen van wooneenheden hier niet meer. Bovendien is het nieuwe plan nog veel slechter dan het bestaande plan uit 2010.

Reclamant geeft hiervoor de volgende redenen: − Vanwege de doorzettende klimaatverandering heeft het park de functie van ‘groene oase’ gekregen waar de temperatuur onder de bomen bij hoge zomerse temperaturen nog enigszins draaglijk is. Het Prins Hendrikpark zorgt ook voor een lagere stadstemperatuur door de unieke combinatie van een groot watervolume (diepte tot 20 meter) en een grote hoeveelheid omringende oude bomen. De hittebestendigheid met de nieuwe bebouwing is een aanzienlijke verslechtering. In plaats van woontorens horen er bomen geplant te worden. − Reeds voor, maar zeker ook tijdens de Corona-periode hebben velen de parkfunctie meer leren waarderen als aangename plaats om te recreëren in de open lucht. De parkfunctie wordt met name op de plaats waar de torens gepland staan het meest verziekt, terwijl dit juist het belangrijkste deel is van park, omdat dit het grootste en breedste deel van het park is en ideaal gelegen is qua bezonning. Hier komen ook de meeste parkbezoekers samen. In de nabijheid van 3 joekels van torens (met hoogtes van 48, 54 en 60 meter) is het niet prettig toeven en dit zal een enorme negatieve impact hebben. − Door het toenemend aantal bewoners zonder eigen tuin is het park steeds meer verworden tot ‘onze gemeenschappelijke tuin’.

Hiervan is geen sprake meer als je weet dat 177x1,5= 265 paar ogen op je gericht zijn, in de schaduw moet zitten en gehinderd wordt door de forse luchtstromen rond de torens. Dit zijn belangrijke ervaringen van “de Amazones” aan de overzijde van de IJzeren Vrouw. Reclamant concludeert dat indien er eerder geen bebouwing zou zijn geweest, werkelijk niemand op het idee zou komen om hier woningen te gaan bouwen. Den Bosch mag trots zijn op dit mooie historische park, gelegen dicht bij de binnenstad en daar hoort ook een zorgplicht bij. Reclamant roept beslissers op een juist historisch besluit te nemen ten faveure van deze groene diamant en haar duizenden bezoekers en genieters van dit nu nog weldadige park. Niet omdat er in het verleden afspraken met Heijmans gemaakt zijn om dit bouwplan te ontwikkelen en ook niet omdat Nota van zienswijzen Bestemmingsplan ‘Brabantbad’ Pagina 60 van 109

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13710824/1