Overzicht Technische vragen Jaarrekening 2022 - versie 27062022
Tekst van het document
80
p 27 Tabel 1:De toelichting bij de tabel noemt het percentage hernieuwbare elektriciteit, maar die staat hier niet toegelicht in de tabel. Waarom is dit niet opgenomen?
De toelichting over de indicator percentage hernieuwbare elektriciteit is opgenomen in het beleidsprogramma. Alle BBV-indicatoren worden opgenomen in de bijlage. Gemeenten zijn verplicht BBV-indicatoren te rapporteren.
81
p 27 Tabel 1:In de Jaarstukken 2021 staat dat we -36% CO2uitstoor nastreefden in 2022. Nu staat er -22%. Zijn de ambities naar beneden bijgesteld of is er een andere reden voor deze aanpassing? p 28 Alinea 1:Wat zijn de effecten van de energiehulpen? Hoeveel huishoudens hebben zij geholpen?
Zie antwoord op vraag 79.
82
Begin juli komt de evaluatie van energiehulpen afgelopen winter naar de raad, en de aanpak voor de aankomende najaarscampagne. Vanuit de SPUK is de volgende aanpak opgestart: •1.500 huishoudens helpen met energiehulp. De aanpak is gestart op 1 december 2022 met 3 teams energiehulpen. Na 4 maanden (december 2022 maart 2023) zijn 315 huishoudens geholpen. •500 huishoudens helpen door verouderd witgoed met hoog elektriciteitsverbruik te vervangen. Eind Q1 zijn er 46 vouchers hiervoor verzilverd. •Met 3 VVE’s is gewerkt aan een pilot om verduurzaming te versnellen. We werken nu aan aanpassingen in de werkwijze zodat we sneller meer huishoudens bereiken, in samenwerking met de woningcorporaties. Doel is om ten minste 2 extra teams energiehulpen op te starten gedurende de zomer en op 1 september met de nieuwe aanpak te starten.
83
p 29 Alinea 4:Gaat dit om wilde bijen of honingbijen? @stadsecoloog? Is dit een probleem?
Het gaat niet goed met bijen en andere bestuivende insecten. De bijenburchten en heuvels maken onderdeel uit van het bijenlandschap provincie ZuidHolland 2030 en zijn specifiek bedoeld voor wilde bijen. Overigens zijn er nu al zandbijen en dikkopbloed- en groefbijen waargenomen. https://www.zuid-holland.nl/onderwerpen/natuur-landschap/natuurrijk-zuid/bloeibijenlandschap/#:~:text=Bijenlandschap%20Zuid%2DHolland%202030,vogels%20die%20deze%20insecten%20eten.
84
p 29 Alinea 4:Hoe staat het met de strijd tegen blauwalg?
Naar aanleiding van de Motie 4.1.19 “Ondersteun de werkgroep gemeente, PZH, HHD” wordt een overzicht opgesteld van de maatregelen die zijn genomen in de Delftse Hout, wat het effect is geweest en welke potentiële oplossingsrichtingen ingezet zouden kunnen worden voor het beperken van blauwalg in de Grote Plas in de Delftse Hout. De analyse wordt in overleg met het Hoogheemraadschap van Delfland opgesteld. In de uitvoeringsagenda van de Strategische Samenwerking Agenda Water op pag 39 onder punt P.4 is dit als volgt benoemd: •Monitoring effect getroffen maatregelen. •Verkenning mogelijke toekomsWge maatregelen. Een raadsinformatiebrief over dit onderwerp wordt op het ogenblik opgewerkt
85
p 32 Alinea 1:Hoe komt het dat we, bij de indicatoren, het streven niet halen voor fiets- en OV verplaatsingen?
De maatregelen uit de COVID-periode hebben nog steeds impact op het openbaar vervoer, bijvoorbeeld door personeelstekorten bij de vervoersbedrijven. Deze maatregelen hebben effect op het gebruik van het openbaar vervoer. De streefwaarde voor fietsverkeer blijft met 4% procentpunten achter op de gewenste minimale waarde van 46%. De streefwaarde voor verplaatsingen te voet overtreft met 33% de verwachtingen met 6 procentpunten. Per saldo zijn de langzaam verkeersbewegingen te voet en met de fiets verbeterd. Hoewel de streefindicator voor fietsen niet is gehaald, is de doelstelling voor het stimuleren van niet-gemotoriseerd verkeer ruimschoots overtroffen door het aandeel fietsen en de toename van het aandeel voetgangers in de stad.
86
p 32 Alinea 1:De indicatoren zijn ten opzichte van 2021 onveranderd, maar de tekst stelt dat er een verschuiving van verplaatsingen zichtbaar blijft. Waaruit wordt dat zichtbaar, als het niet blijkt uit onze indicatoren?
87
p 32 Alinea4:Hoeveel bewoners hebben dit aanbod gekregen? Is Om een alternatief te bieden voor het verdwijnen van parkeerplaatsen op straat als gevolg van de geplande uitbreiding van het autoluw-plusgebied is 250 veel of weinig? Is dit in lijn van verwachting van het college? ruimte gereserveerd in de parkeergarages voor maximaal 525 abonnementen voor bewoners uit de binnenstad. Alle bewoners met een straatparkeervergunning binnenstad (parkeergebied B) hebben de mogelijkheid gehad om de bestaande straatvergunning over te zetten naar een abonnement voor de parkeergarage. Het aantal uitgegeven abonnementen is in lijn met de verwachting van het college. Voor het maken van voldoende ruimte in de binnenstad zijn er, gezien het aantal tot nu toe uitgegeven bewonersabonnementen van circa 250 stuks, echter nog een aantal stappen te zetten. De totale opgave voor het verleiden van meer geparkeerde auto’s in de parkeergarages en minder op straat ligt namelijk op circa 500 auto’s. Voor de resterende uit te geven abonnementen krijgen bewoners van het autoluw-plusgebied prioriteit.
88
p 33 Alinea 6:De jaarstukken stellen dat de parkeerregulering op Het uitgangspunt is dat het parkeren op de TU Campus buiten collegetijden gratis blijft. Op de betreffende webpagina van de TU Delft staat de volgende de TU-campus openbaar toegankelijk blijft, en het tekst opgenomen waar het gaat om het parkeren: “bezoekers van de campus kunnen van maandag tot en met vrijdag tussen 8.00 en 18.00 tegen oorspronkelijke onttrekkingsbesluit stelt dat de stallingen buiten betaling gebruikmaken van de parkeervoorzieningen op de campus van de TU Delft. Buiten deze tijden en op weekend- en feestdagen is het campustijden vooralsnog gratis blijven. Echter lees ik toegangssysteem (slagbomen) wel in werking, maar is parkeren vooralsnog voor iedereen gratis.” bijvoorbeeld hier (https://www.tudelft.nl/over-tu-delft/contact- Vanuit de TU Delft zijn geen signalen ontvangen dat dit uitgangspunt veranderd zou zijn. Met de TU Delft is uitdrukkelijk afgesproken dat zij de gemeente enactief op de hoogte stelt van voornemens tot wijzigingen in het parkeerbeleid. Het is namelijk van belang dat de regulering op de TU Campus aansluit bij campus/parkeerbeleid#:~:text=Je%20kan%20van%20maandag% de gemeentelijke parkeerregulering. 20t,%E2%82%AC10%2C00%20per%20dag.) dat het buiten ma-vr 08-18 betaald wordt. Waarom is dat veranderd?
89
p 37 Alinea 1/tabel:In de tekst wordt er gezegd dat er geen cijfers zijn voor klantwaardering cultuur, maar in de tabel staat wel een cijfer. Wat is het en wat betekent het cijfer dat er staat dan?
90
p 38 Alinea 8:Hoe komt het verschil tussen de 800 woningen die Het verschil tussen de feitelijke realisatie en de achteraf gezien meer optimistische prognose heeft te maken met de weerbarstige uitvoeringspraktijk die opgeleverd zou worden en de daadwerkelijke 675 woningen die we nu kennen. Belemmeringen die momenteel in algemene zin spelen zijn bijvoorbeeld een gebrek aan personeel (zowel planvorming als uitvoeringstechnisch en intern als extern), schaarste aan bouwmaterialen, stijgende prijzen, betaalbaarheidsproblematiek en stikstofproblematiek. zijn opgeleverd?
91
p 44 Tabel 1:Waarom is de KPI voor een veilig gevoel in de buurt U hebt gelijk, dat betreft een omissie, dit moet ook op pag. 44 geel zijn. Dit wordt gecorrigeerd via het erratum op het jaarverslag 2022. groen als we ons doel niet hebben gehaald? (Op pagina 87 is hij wel geel)
92
p 53 Alinea 2:Zijn de housing first plekken er al? En is er niet veel Nee, de Housing First plekken zijn er nu nog niet. De methodiek Housing First willen we regionaal binnen de DWO-regio aanbieden. Onlangs is hier meer nodig om een verschil te maken? binnen de DWO-regio een verdeelsleutel over afgesproken en vastgesteld. Ondertussen is er in samenwerking met Delft Support, KCC Daklozenloket en de woningcorporaties gewerkt aan de implementatie van de methodiek. In Delft bevinden we ons momenteel in de laatste fase van de implementatie waarna de plaatsingen kunnen gaan plaatsvinden. Naar verwachting zullen de eerste plaatsingen in of na de zomer 2023 gerealiseerd worden. Is er niet veel meer nodig om een verschil te maken? Ja er is zeker meer nodig. Daarom wordt ook ingezet op preventie van dakloosheid. Naast het inzetten van Housing First zijn we binnen het sociaal domein breed bezig met preventie dakloosheid. De woningcorporaties en gemeente doen er alles aan om woningontruimingen en daarmee dakloosheid zoveel mogelijk te voorkomen. Om deze woningontruimingen daadwerkelijk te kunnen voorkomen, wordt zowel preventief als curatief ingezet.
Er vindt daarom een nauwe samenwerking plaats met heldere werkafspraken tussen alle partijen die een rol spelen bij het voorkomen van woningontruimingen waaronder woningcorporaties, Delft Support/ Meldpunt Bezorgd, Financiële Winkel van Delft en EMMA (Eerder Melden Minder Achterstanden). Ook andere instrumenten die we inzetten helpen mee in het voorkomen van dakloosheid. Voorbeelden hiervan zijn: -Convenant Bemoeizorg: Het convenant maakt het mogelijk om op een zo vroeg mogelijk moment te kunnen anWciperen wanneer er zorgen zijn of overlast is over een inwoner van Delft die nog niet in zorg is. Dit convenant geeft partijen de mogelijkheid informatie met elkaar te delen en zo snel en gezamenlijk de best passende zorg in te zetten. -Vangnet in de Wijk: samenwerking tussen organisaWes op het gebied van wonen, zorg, welzijn, veiligheid en de buurtbewoners die ervoor zorgt dat er korte lijnen zijn om dergelijke signalen direct op te pakken. -Pilot met GGZ Delfland waarbij zij samen met de sociaal beheerder van de woningcorporaWe een kijkje achter de voordeur nemen om te bepalen of dergelijke begeleiding nodig is. -OpzeVen van Jongeren InformaWe Punten: laagdrempelige voorziening waar jongeren terecht kunnen met vragen.
De tekst stelt dat er een verschuiving van auto verplaatsingen naar andere modaliteiten plaats vindt. Het aandeel autoverplaatsingen binnen Delft is afgenomen van 20% naar 18%. In de ingezette mobiliteitstransitie (Mobiliteitsprogramma Delft 2040) sturen we op verlaging van het aandeel autoverplaatsingen, het autobezit en het ruimtebeslag van de auto in de stad. Door verandering van het mobiliteitssysteem willen we dat Delft de komende decennia bereikbaar, leefbaar en verkeersveilig blijft. De ruimte voor de infrastructuur in de stad wordt beter benut door voorrang te geven aan schone, slimme en veilige mobiliteit die de ruimte efficiënt gebruikt.
Het cijfer wat getoond wordt is van het peiljaar 2021, zoals staat toegelicht in de tabel. Zoals toegelicht in de programmabegroting 2023 is er sprake van een 2-jaarlijkse meting. Dit is de consequentie van eerdere politieke keuzes; zie ook het antwoord op vraag 98.
93
p 58 Tabel 1:De indicatoren op schoolverlaters en het bereik VVE Voor wat betreft de indicator op schoolverlaters zijn per abuis in de jaarstukken voor het % voortijdig schoolverlaters twee verschillende monitorbronnen doelgroeppeuters zijn flink verslechterd. Hoe kan dit? gebruikt. De KIS-monitor, door CBS beschikbaar gesteld (2.9%) en de DUO/OCW monitor (2.24%). Het %VSV is altijd een voorlopig percentage op eind 2021 en wordt pas 1 jaar later definitief (oktober). https://duo.nl/open_onderwijsdata/middelbaar-beroepsonderwijs/publicaties/voortijdig-schoolverlaten-rmc.jsp In vervolg worden de DUO/OCW monitor cijfers gepresenteerd in plaats van DUO/CBS. De cijfers van DUO/OCW zijn goed onderbouwd. In de KIS-monitor ontbreekt die onderbouwing. Ook de continuïteit (historische reeks) en vergelijkbaarheid (met andere gemeenten) is beter te volgen. Ook communiceert het ministerie van OCW als NJI de cijfers die uit DUO/OCW monitor komen. Van een verslechtering is dus geen sprake. Beantwoording bereik VVE-peuters De behaalde resultaten gaan over peildatum 2021. Dit zijn de meest actuele cijfers met betrekking tot het bereik van de VVE peuters. Bereik gaat hier over geïndiceerde peuters die ook daadwerkelijk naar een VVE opvang gaan. 69 % heeft betrekking op 211 van de 308 peuters die naar een voorschoolse voorziening gaan waar VVE wordt aangeboden.
Dit is een lager bereik dan in 2019 (streefcijfer 72% is hierop gebaseerd) en is te verklaren door de pandemie waarbij minder ouders gebruik maakten van de kinderopvang. De verwachting is dat het bereik in 2022 hoger zal zijn.
94
p 60 Alinea -1:Als het ministerie de bekostiging van lokale media Delft ontvangt momenteel een bedrag in het gemeentefonds voor de bekostiging van de lokale omroep. Dit betreft een bedrag van ongeveer € 80.000 opzich gaat nemen. Krijgen we dan als Delft minder middelen of (afhankelijk van het aantal huishoudens en een normbedrag per huishouden). Als het ministerie de bekostiging van de Omroep op zich zal nemen, dan ontvangen we momenteel geen budget voor lokale media? zal er een hoger bedrag beschikbaar komen. Dit wordt dan direct verleend aan Omroep Delft, zonder tussenkomst van de gemeente (zodat er geen sprake meer is van afhankelijkheid tussen lokale media en gemeenten). Het ministerie gaat dan structureel € 16 miljoen extra investeren. Er worden wel zwaardere eisen gesteld aan de omroepen, zoals het verzorgen van uitzendingen met beeld.
95
p 61 Alinea 2:Hoe wordt de raad betrokken bij de onderwijsagenda? Kunnen wij inhoudelijk meedenken/invloed hebben?
Er hebben 2 stedelijke bijeenkomsten (thema kansengelijkheid november 2022 en op weg naar inclusiever onderwijs februari 2023) plaats gevonden waarbij de Raad ook is uitgenodigd. De vaststelling van de Delftse Educatieve Agenda is een collegebevoegdheid. Om de Raad te betrekken organiseren we een beeldvormende sessie voor de Raad op donderdag 31 augustus.
96
p 62 Alinea 6:Kunnen wij het rapport 'referentienormen maatschappelijke voorzieningen delft' krijgen? Of in elk geval zicht op wat er nodig is de komende jaren aan maatschappelijke voorzieningen
De maatschappelijke en ruimtelijk opgave van de gemeente Delft is groot. Delft groeit de komende 10-15 jaar. In 2035 is het aantal inwoners in Delft naar verwachting met 15.000 gegroeid. Daarnaast zijn er veranderingen en ontwikkelingen (Denk aan de samenstelling van de bevolking en toenemende tweedeling en segregatie, maar ook aan de digitalisering, individualisering en vergrijzing van de samenleving) waar we met maatschappelijke voorzieningen op willen inspelen. Het rapport ‘Referentienormen voor Maatschappelijke Voorzieningen’ laat op basis van kengetallen zien hoe de huidige beschikbare capaciteit in m2 zich verhoudt tot de huidige en toekomstige vraag in m2 naar maatschappelijke voorzieningen. De referentienormen zijn kwantitatieve uitgangspunten en geen harde eisen voor de realisatie van maatschappelijke voorzieningen, maar vormen een richtinggevend instrument om de groei van de stad te faciliteren en de leefbaarheid te bewaken. De uitkomsten worden geanalyseerd waarna een afgewogen opgave voor het te realiseren aantal vierkante meters maatschappelijke voorzieningen wordt meegenomen bij (nieuwe) ontwikkelingen.
Over het algemeen kan geconcludeerd worden dat zowel op stedelijk als op buurtniveau er over de volle breedte van maatschappelijke voorzieningen voor onderwijs, zorg, welzijn, sport, recreatie en cultuur in de toekomst een (theoretisch) tekort is en dat er met name voor unieke voorzieningen/functies, met een grote ruimtelijke impact, er beperkt ruimte beschikbaar is. In navolging op het rapport ‘Referentienormen voor Maatschappelijke Voorzieningen’ heeft de gemeente recent opdracht verstrekt aan het externe adviesbureau Hospitality Group om een ‘Koersdocument voor maatschappelijke Voorzieningen’ op te stellen. Dit koersdocument geeft onder andere een beschrijving van de overkoepelende visie op maatschappelijke voorzieningen, prioritering in de opgaven en de rol en verantwoordelijkheid van de gemeente ten aanzien van de verschillende maatschappelijke voorzieningen. Het koersdocument is naar verwachting eind 2023/begin 2024 gereed. In Q1 2024 verwachten we hierover de raad te informeren.
97
p 65 Alinea 5:Er wordt 30000 voor cultuur marketing omgezet naar geld voor maatregelen coronacrisis. Betekent dit dat dit geld nog steeds wel uitgegeven gaat worden aan de cultuursector?
Ja, deze middelen worden ingezet bij Delft Marketing om een campagne te lanceren om de Uitagenda te laten doorgroeien en hier meer mensen mee te bereiken. Hier profiteert de culturele sector van.
98
p 70 Tabel 1:Als dit onderzoek niet beschikbaar is, wordt er dan nieuwe indicatoren genomen? Waarom is dit nog niet gedaan?
Stimulansz maakte altijd een inschatting van aantal (kinderen in) huishoudens in armoede. Zij leveren deze cijfers echter niet meer op, en daarom raadplegen we voor het aantal kinderen in armoede nu CBS data en die lopen een jaar achter (meest recent beschikbaar nu 2021). Doordat het onderzoek van Stimulansz niet meer beschikbaar is, konden we voor 2022 geen vergelijk met voorgaande streefwaarden geven. Voor de volgende jaarrekening zullen we (op basis van CBS cijfers) herijkte streefwaarde presenteren.
99
p 80 Tabel 1:In de Jaarstukken 2021 staat een streefcijfer van 7,5 Er is geen sprake van een afschaling. Er blijkt sprake van een vergissing; abusievelijk is het originele streefcijfer van 7,0 uit het Bestuursprogramma 2018voor de klantwaardering dienstverlening burgers. In deze 2022 opgenomen. N.a.v. een aangenomen motie is het streefcijfer in jaarverslag 2021 verhoogd naar 7,5. Dat geldt uiteraard ook voor 2022. Het actuele Jaarstukken staat 7,0. Waarom heeft de gemeente dit met een streefcijfer 7,5 zal daarom via het erratum ook in het jaarverslag 2022 worden opgenomen. half punt afgeschaald?
100
p 84 Tabel 3:De kosten voor raad en raadscommissies zijn bijna 3x zoveel vergeleken met vorig jaar. Waarom is dat zo?
Ik denk dat de tabel verkeerd gelezen wordt. In de derde tabel op pagina 84 staan niet de totale lasten maar de verschillen tussen begroting en realisatie, uitgesplitst. Als je dat bedrag (63.000 euro) vergelijkt met 2021 (20.000 euro) kom je op ruim drie keer zo’n groot bedrag uit. Daaruit kun je dus niet afleiden dat de totale kosten voor Raad en raadscommissies ten opzichte van 2021 zijn verdriedubbeld, maar wel dat de afwijking ten opzichte van de begroting ruim drie keer zo groot is. Dit betreft overigens een voordeel.
101
p 142 Tabel 1:Ondanks een groot percentage jongeren heeft de gemeente maar weinig mensen onder 25 in dienst, waarom is dat? Wat weerhoudt de gemeente ervan om ook jongeren een start van hun carrière aan te bieden?
Het percentage jongeren (onder de 25) dat in dienst is bij de gemeente Delft is 2%, dit laat zich (conform de Personeelsmonitor over 2022) goed vergelijken van het gemiddelde van 100.000+ gemeenten (eveneens 2%). De voornaamste reden hiertoe is dat wij een regiegemeente zijn waarbij wij veel uitvoerende taken bij derde partijen hebben belegd. Dit betekent dat er meer regisserende en adviserende functies in onze organisatie aanwezig zijn. Voor deze functies wordt veelal een hbo of wo opleidingsniveau gevraagd. Over het algemeen zijn de young professionals die een hbo en/of wo studie volgen gemiddeld ouder wanneer zij hun studie hebben afgerond dan de young professionals met een mbo opleiding.
102
Algemeen :Ik kom best vaak tegen dat er gezegd wordt dat er Zie bovenstaande toelichtingen/verduidelijkingen en het antwoord op vraag 103 hieronder. De stelling dat dit "vaak" zou voorkomen wordt niet herkend. een goede verschuiving is qua indicatoren, of dat targets gehaald De toelichtingen zijn vanzelfsprekend naar eer en geweten opgesteld. zijn, terwijl de indicatoren een ander verhaal vertellen. Waarom komt de tekst niet overeen met de indicatoren?
103
De vraag lijkt uit te gaan van een veronderstelling dat zaken (bewust) worden weggelaten. Dat is een misvatting. De landelijke BBV-indicatoren staan Algemeen :De leesbaarheid van deze jaarstukken ten opzichte van vorig jaar is erg verslechterd. Waarom is er, ten opzichte van tegenwoordig verzameld (op pag. 216) in het boekwerk opgenomen, aangezien deze realisatie-uitkomsten geen Delftse streefdoelen (gerelateerd aan de de vorige jaarstukken, zoveel aan info en indicatoren 3 W-vragen) maar slechts vergelijkingsdoeleinden hebben . Op deze manier zijn deze in één totaaloverzicht aan te treffen. De actualiteit van de BBVindicatoren die gebaseerd zijn op vergelijkingen met NL-gemiddelden is niet door Delft te beïnvloeden. De vergelijkingscijfers zijn beschikbaar zodra een weggelaten? vrijgegeven Nederlands gemiddelde voorhanden is. Door laat ter beschikking komende uitkomsten van andere gemeenten kan dit ook soms een voorliggend jaar betreffen. In het overzicht wordt dat dan transparant aangegeven. T.a.v. lokale effectindicatoren (op de programma's): evenals in voorliggende bestuursperiodes, is in de bestuursperiode 2018-2022 voor diverse lokale indicatoren de politieke keuze gemaakt 2-jaarlijkse metingen uit te voeren. Consequentie van de gemaakte keuze is dat niet voor elke indicator elk jaar een nieuwe uitkomst ter beschikking is.
De reden waarom in bepaalde gevallen cijfers niet beschikbaar zijn, is in het jaarverslag zoveel mogelijk toegelicht. T.a.v. het verzoek om ook in te gaan op (veronderstelde) illustraties van de stelling in de vraag, het volgende. Mobiliteits-kpi's; in de tabel staat toegelicht dat het om peiljaar 2021 gaat (dat is de reden waarom cijfers niet gewijzigd zijn), cultuurwaardering: wordt 2-jaarlijks gemeten via DIP (zie ook toelichting daarover in PB2023). Kwaliteitsniveau openbare ruimte: i.t.t. de stelling scoort de indicator met 97% wel boven het streven van 88%. Er is noch in 2021 noch in 2022 een streefcijfer klantwaardering hulpverleners, omdat daartoe niet is besloten in het Bestuursprogramma 2018-2022. Samenwerkingspartners per programma: is vervallen vanwege de wens vanuit de raad tot compactere jaarstukken is én het verzoek tot vermijding van dubbele vermeldingen (in de par. verbonden partijen zijn ook al verwijzingen opgenomen naar programma(s) waaraan wordt bijgedragen). Meerjarige uitkomsten voor nieuwe indicatoren van deze bestuursperiode worden vanaf jaarverslag 2023 weer opgebouwd. Zelfredzaamheidsscore: in de voorbij bestuursperiode 2018-2022 is daarvoor geen nulmeting vastgesteld maar werd de keuze gemaakt (gedifferentieerd) realisatiecijfers bij te houden. Een toelichting op die politieke keuze is in 2022 ook aan de nieuwe raad gezonden.
Verbonden partijen: hoewel het college sterk inzet op tijdige ontvangst is een 100% score niet te garanderen; dat is andere gemeente niet anders. Het jaarverslag is daarmee niet "onvolledig", het gaat in de voorkomende gevallen immers niet om in het resultaat te consolideren organisaties. Het gaat verder om een kleine minderheid van 3 van de 18 verbonden partijen, hetgeen o.i. niet overeenkomt met de stelling "een hoop verbonden partijen".
104
ParkerenDelft activiteitenverslag p 8 Alinea 4:Wat is de stand van zaken van de pilot voor het gebruik van ParkBee?
De samenwerking met Parkbee is (nog) niet tot stand gekomen omdat Parkbee de afgelopen periode de noodzakelijke (IT) technische aanpassingen nog niet heeft kunnen realiseren.
105
Omgevingsdienst Haaglanden ODH Ontwerp jaarstukken p 8 Alinea 2 t/m 3:Tot wanneer loopt het investeringskrediet en In 2022 is een investeringskrediet ICT van € 2.000.000 beschikbaar gesteld en een investeringskrediet van € 500.000 voor huisvesting en inventaris. De wordt er verwacht hiervan meer uit te geven? investering in ICT heeft een looptijd van 5 jaar en die van huisvesting en inventaris 10 jaar. Doordat er steeds meer in de ‘cloud’ wordt gewerkt zal steeds minder een beroep op het investeringskrediet ICT worden gedaan met als gevolg dat er een verschuiving plaatsvindt van kapitaallasten naar exploitatielasten. De verwachting is dat t.z.t. het investeringskrediet naar beneden moet worden bijgesteld dan wel worden afgeraamd.
106
p 13/14 Alinea 3:De reden voor meer overlastmeldingen en meer Er worden twee trends aangegeven handhaving wordt veelal toegewijd aan thuiswerken tijdens 1. Over het algemeen herstelt het niveau van overlastmeldingen naar het niveau van voor COVID-19. COVID-19. Wordt er verwacht dat de handhaving nu weer wordt 2. Er zijn echter een paar uitzonderingen, bepaalde overlastvormen worden meer gemeld. Het gaat met name om geluidsoverlast. Vermoedelijk komt dat afgebouwd? Er staat ook dat het 'niet onevenredig' tot ingrijpen doordat de geluidsbelasting voor COVID-19 op de eigen woning weliswaar hetzelfde was, maar niet zo werd ervaren omdat thuiswerken veel minder heeft geleid. Wat is de precieze stijging in effectieve handhaving voorkwam. op overlast? De verwachting is dat door de tweede trend het aantal overlastmeldingen en het toezicht naar aanleiding daarvan niet helemaal zal afbouwen tot het niveau van voor COVID-19. De precieze stijging van de effectieve handhaving, uitgedrukt in aantallen handhavingsbesluiten, betreft concernbreed: - Aantal handhavingsbesluiten 2021 : 187 - Aantal handhavingsbesluiten 2022 : 227 (+21%) Het aantal handhavingsbesluiten in 2022 bevindt zich in de bandbreedte waarbinnen de jaarlijkse aantallen varieerden voor COVID-19.
107
p 49-56 :In de realisatie van de programma’s van de In Delft zijn geen voor 2022 geen intensiveringen van (delen van) de programma’s of additionele opdrachten voor specifieke projecten van toepassing Omgevingsdienst Haaglanden staan alleen projecten in andere geweest. De resultaten vanuit de VTH-taken milieu voor Delft geven daar geen aanleiding voor. Daarbij is een nuance dat vanuit Delft al structureel extra gemeenten benoemd. Zijn er ook programma's gerealiseerd voor inspanningen worden verricht door de ODH op de thema’s geluid bij evenementen, geluid bij incidentele en collectieve festiviteiten en beleidsadvisering Delft? bij grote ontwikkelingen. Vanaf het begin is daarvoor (beperkt) ruimte aanwezig in de opdracht aan de ODH, omdat dat toen belangrijke prioriteiten waren en nog steeds zijn. Zolang dat binnen het beschikbare budget past, zijn daarvoor dus geen intensiveringen of additionele opdrachten nodig en komt dat ook niet als zodanig in de jaarstukken naar voren.
108
p Algemeen :In eerdere zienswijzen heeft de gemeente erop gewezen dat we graag besparingen zien bij de ODH. Zijn er naar aanleiding van onze zienswijze besparingen gedaan? Zo niet, waarom niet?
109
Avalex Jaarstukken p 3 :Waarom zet Avalex overal vinkjes bij ‘Avalex in cijfers’? Is Avalex overal tevreden over (die indruk maakt het wel op me)?
Nee, er zijn geen besparingen gepleegd naar aanleiding van de zienswijzen. In haar reactie op de zienswijze heeft ODH geschreven: “Wij houden de verhouding tussen kosten en opbrengsten scherp in de gaten en sturen zo nodig bij. Wij zullen ook nauwgezet kijken naar eventuele besparingsmogelijkheden met als uitgangspunt dat dit niet mag leiden tot een vermindering van kwaliteit van de dienstverlening. De ODH zal in dan in nauw overleg met de deelnemers de huidige taakuitvoering nader moeten beschouwen om te kijken welke mogelijkheden er eventueel zijn. Echter de landelijke ontwikkelingen met als doel het versterken van het stelsel van omgevingsdiensten (m.n. rapport van Aartsen) in combinatie met de bestuurlijke opdracht tot meer samenwerking in Zuid-Holland (zes sporen) en de toenemende vraag voor ondersteuning vanuit de dienst i.v.m. de komst van de Omgevingswet zorgen tegelijkertijd voor een opwaartse druk van de inzet van de omgevingsdienst die haaks staat op de wens tot bezuinigen.”
De vinkjes zijn hier gebruikt als opsommingsteken. Het mag geïnterpreteerd worden als kwaliteitscontrole, namelijk dat de cijfers kloppen maar het betreft geen waardeoordeel of beoordeling anderszins.
110
p 10 Alinea 3.2:Waarom is het totaal aan afval zover boven begroot uitgekomen? Het verschil in pmd komt niet volledig terug in restafval.
Op p.10 (blz. nr. 9) is in Tabel 3.2 de verschillende afvalstromen aangegeven en niet de totaalhoeveelheid van alle stromen. In tekst eronder staat dat er overall in 2022 een daling is ten opzichte van de realisatie in 2021, wat voor elk van de stromen individueel ook geldt, behalve voor ‘pmd’ wat is toegelicht (uitrol HNI, minder afkeur, nascheiding). In tegenstelling tot de vraag is het restafval sneller in omvang gedaald en dus lager uitgekomen dan begroot: in 2021 was gerealiseerd 69 kton, en begroot voor 2022 64 kton en gerealiseerd is 61 kton in 2022. Deze extra daling hangt samen met betere scheiding en dus meer pmd dan begroot.
111
p 20/26 :Avalex spreekt over hun AVG-maatregelen. In hoeverre heeft het college zicht op hoe privacygevoelig ze te werk gaan? Neemt Avalex de maatregelen die de gemeente zelf neemt ook over? Idem met WOO.
Avalex heeft een functionaris gegevensbescherming (FG) en neemt alle noodzakelijke maatregelen in het kader van de AVG. Waar nodig is er overleg tussen Avalex en haar gemeenten over bijvoorbeeld verwerkersovereenkomsten en eventuele audits. Op p.20 is in het kader van preventieve maatregelen voor de risico’s extra toelichting hierover te vinden. Voor de Wet Open Overheid is een uitgebreide toelichting te vinden in par 5.5 op p.26 (blz. nr. 25).
112
p 20 Alinea 5.1:Avalex benoemt bij de bedrijfsrisico’s hoe ze hiermee omgaan. Eentje valt negatief uit, welke conclusies worden hieruit meegenomen?
Risico’s zijn potentiële gebeurtenissen met een negatieve impact op de doelen van de organisatie. Het jaarverslag meldt vlak boven het overzicht van bedrijfsrisico’s dat zich geen grote risico’s zich hebben voorgedaan waar het weerstandsvermogen voor moest worden aangesproken. Ook is aangegeven dat het risico van inflatie zich wel heeft voorgedaan. Dit is geen aanleiding geweest om lessen te trekken. Voor zover de vraag betrekking heeft op het risico van het niet halen van de scheidingsdoelstellingen. Daarvoor is Avalex continu in gesprek met de gemeenten hoe de VANG-doelstellingen gerealiseerd kunnen worden. Op bladzijde 9 van de jaarrekening is te lezen dat een gemeenschappelijk basis document voor nieuw afval- en grondstoffenbeleid is opgesteld waar elke gemeente nu mee aan de slag kan gaan.
113
p 21 Alinea 5.2:Waarom zijn er kentallen zonder invulling?
De kengetallen grondexploitatie en belastingcapaciteit zijn niet van toepassing omdat Avalex niet aan belastingheffing doet en ook niet aan grondexploitaties. Ze zijn wel voorgeschreven in de regelgeving en daarom opgenomen. De risico’s waren niet gekwantificeerd in de begroting 2022. Dan is het ook niet mogelijk om een weerstandsratio te berekenen. In de ontwerpbegroting 2023 zijn de risico’s wel gekwantificeerd.
114
BNG p 16/19/... :Ik kan slecht peilen of de resultaten in lijn liggen met Deze constatering begrijpen wij. De impactmeting zoals BNG Bank die uitvoert is door BNG Bank zelf ontwikkeld en gericht op de specifieke rol/functie de verwachtingen. Hoe staat dat met elkaar in verhouding? van BNG Bank. De meting is daardoor ook enigszins experimenteel van karakter. De eerste impactmeting gold voor ons als nulmeting en startpunt. Toen de bank met impactmeting begon, heeft zij de doelstelling van 10% impactstijging ten opzichte van het jaar 2021 enigszins arbitrair als een stip op de horizon geformuleerd, zonder precies te weten hoe realistisch/haalbaar dat is en in de verwachting dat zij zelf al doende meer inzicht zou verwerven. Dat proces is nog in volle gang en op dit moment wij zijn blij met de gemeten/gerapporteerde impactstijging, zonder een specifieke oordeel te hebben over het exacte percentage.
115
p 16 :Mooie CO2-reductie. Is er behaald wat het doel was? Zaten De CO2e-uitstoot die kan worden verbonden aan de kredietportefeuille van BNG Bank is primair gericht op het meten van de uitstoot en monitoring van er dingen deze reductie in de weg? de ontwikkeling ervan van jaar op jaar. Voor de reductie van de CO2e-uitstoot van de kredietportefeuille als zodanig heeft BNG Bank geen specifieke doelstelling; de reductie van deze uitstoot wordt meegenomen in de impactmeting van de bank. Zoals u op blz. 12 van het jaarverslag kunt lezen, is de doelstelling van BNG Bank om in 2023 een stijging van de impact van haar klanten te realiseren van 10% ten opzichte van het jaar 2021. De duiding van de ontwikkeling van de CO2e-uitstoot die kan worden verbonden aan de kredietportefeuille is (nog) heel moeilijk, ook omdat sprake kan zijn van elkaar tegenwerkende ontwikkelingen. In de PCAF-rapportage over de CO2-uitstoot staat hierover het volgende: “Many factors play a role in explaining why this development is taking place. It can be due to changes at the side of the bank, such as changes in clients, changes in the outstanding loans, changes in the total balance sheet of the clients, and changes in the ratio outstanding loans / total balance sheet. It can also be due to a change in absolute CO2 equivalent emissions by the clients due to several possible factors.
If a decrease is seen, this can be a result of the fact that more and more investments are made to make real estate more sustainable. There is more attention for energy savings, but there is also more invested in renewable energy. Another important factor is the influence of the weather. A mild winter often results in lower natural gas use. The most recent data used for this report is 2019 or 2020. The winter of 2019/2020 was the second warmest since recording began.4 Another factor that may have influenced the results of reporting year 2021 is the worldwide COVID crisis that started in the beginning of 2020. Various measures were taken to control this crisis. More people worked at home which resulted in less traffic on the roads and due to this probably less natural gas was used to heat offices. But on the other hand, more natural gas was used to heat homes. Nevertheless, the absolute and relative decrease of GHG emissions is a positive development. By monitoring the CO2 footprint of the bank’s loan portfolio longitudinal, the results will show whether the reduction is temporary or a long term positive development.”.
116
p 47/48 :Echter, de CO2-emissies lijken ook juist weer te hebben Op blz. 47/48 rapporteert BNG Bank over de CO2-uitstoot van de eigen bedrijfsvoering. Deze staat los van de CO2-uitstoot die kan worden verbonden aan toegenomen. Hoe kijkt BNG hierop terug? Welke stappen de kredietportefeuille. De stijging is het gevolg van het einde van de COVID-19 pandemie, waarna werken op kantoor, binnenlandse bezoeken aan worden gezet? klanten en internationale reizen weer zijn toegenomen, zij het niet naar het niveau van vóór de pandemie. Bij deze voorziene ontwikkeling blijft BNG Bank werken aan verbetering van de eigen bedrijfsvoering. De COVID-19 periode heeft ons geleerd dat er meer mogelijk is dan we voorheen dachten. Voor buitenlandse beleggers worden wereldwijd waar mogelijk digitale roadshows gehouden. Waar face-to-face contact toch nodig/wenselijk is worden vliegreizen zoveel mogelijk vermeden en wordt binnen Europa waar mogelijk gereisd per trein. De renovatie van het BNG-kantoor, volgend jaar, zal leiden tot een verbetering van het energielabel.
117
p 61/62/98 :BNG spreekt over ICT-risico’s. In hoeverre heeft het college zicht op hoe privacygevoelig ze te werk gaan? Neemt BNG de maatregelen die de gemeente zelf neemt ook over? Zeker aangezien een van de materiële onderwerpen ‘dataveiligheid’ was, en blijft.
118
MRDH jaarstukken p 25 Alinea 3:Heeft de gemeente de training van de MRDH gevolgd over het gemeentelijk beleid deelmobiliteit? En wat is daar uitgekomen wat voor Delft nuttig kan zijn?
BNG Bank houdt zich uiteraard aan alle privacy-wet- en regelgeving. Voor (de reputatie van) een dataverwerkende instelling als BNG Bank is het van cruciaal belang om op dit punt haar zaken op orde te hebben en hier geen steken te laten vallen. Net als iedere bank moet ook BNG Bank blijven investeren om te waarborgen dat zij binnen haar risicobereidheid voor security opereert. Stilstand op dit punt zou (onverantwoorde) achteruitgang betekenen.
De gemeente heeft de training van de MRDH gevolgd over het gemeentelijk beleid deelmobiliteit. In de training is kennis gedeeld over de ontwikkelingen van deelmobiliteit in Nederland. Daarnaast zijn verschillende voorbeelden van beleid in Nederland toegelicht. De kennis wordt gebruikt in beleid van Delft, waaronder het Beleidsaanpak deeltweewielers in Delft, Uitvoeringsbesluit deeltweewielers 2022 en Uitgangspunten en randvoorwaarden voor deelmobiliteit bij bouwontwikkelingen.
119
p Algemeen :Voor welke projecten heeft de MRDH subsidie verleend aan Delft op gebied van mobiliteit?
120
p 41 Tabel: Hebben er ook fieldlabs in Delft plaatsgevonden waar De MRDH heeft aan drie Delftse fieldlabs een bijdragen geleverd: Internet of Things (IoT), Quantum en aan Mobility Innovation Centre. de MRDH aan heeft meegewerkt? En zo ja, welke?
Voor de volgende projecten is subsidie verleend: -Tramhalte Martinus Nijhofflaan -Fietspad Buitenwatersloot -Fietspad Colijnlaan -Verkeersmaatregelen Delflandplein -Verkeersmaatregelen Noordeindseweg - Duurzaam veilig inrichting Weteringlaan - iVRI’s - Westplantsoen - Gelatinebrug: gesprekken zijn gaande over de hoogte van de subsidie en voorwaarden
121
RBG Jaarverslag p 12/13 :Er wordt veel aandacht gegeven aan wat er op het Als gemeenschappelijke regeling met de RBG voldoen aan de eisen die de Baseline Informatiebeveiliging Overheden (BIO) stelt. Deze geldt ook voor gebied van informatiebeveiliging gedaan gaat worden, maar gemeenten. De RBG voldoet aan de BIO. weinig over de stand van zaken. Is die in orde? Is die op dezelfde lijn als de voorwaarden die Delft stelt aan haar informatiebeveiliging?
122
p 18 :Is de stand van zaken omtrent de WOO op dezelfde lijn als De eisen en verplichtingen uit de WOO gelden in gelijke mate voor gemeenschappelijke regelingen zoals de RBG, als voor gemeenten. de voorwaarden die Delft stelt?
123
p 12 :Er is geen wettelijke grondslag voor de RBG om aan vroegsignalering te doen. Zijn er andere vormen of wegen waarmee ze daar wel in kunnen bijdragen, afwachtend op de uitslag van de pilot?
124
125
In de pilot zijn goede resultaten en ervaringen opgedaan over het omgaan met problematische schulden. De pilot is inmiddels afgerond en de daarin ontwikkelde werkwijze is overgenomen in de reguliere uitvoering. Het omgaan met problematische schulden is een constant aandachtspunt.
ParkerenDelft activiteitenverslag p 12: Op welke manieren wordt ervoor gezorgd dat de scanauto Kentekens met een parkeerrecht worden direct verwijderd. Na beoordeling van de kentekens worden alleen de kentekens doorgegeven van de alleen de nodige informatie ziet, en niet een inbreuk is op de voertuigen die geen parkeerrecht hebben. privacy van de inwoners? Toegang tot de beelden is alleen mogelijk door bevoegde medewerkers. De beelden worden ver binnen de wettelijke termijn weer gewist. De gegevens worden niet gebruikt voor andere doeleinden en ook niet ter beschikking gesteld aan andere partijen.
GGD/VT Haaglanden p 3 :In 2022 is in opdracht van de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd een verbeterplan opgesteld. In afstemming met medewerkers en met de inspectie is, in aanvulling op het reeds ingezette verbetertraject, een plan van aanpak opgesteld en uitgewerkt. zijn hier al uitkomsten van? Hoe wordt de werkdruk ervaren? Voelen medewerkers zich gesteund?
In de afgelopen periode zijn er veel verbeteracties uitgevoerd gericht op de verschillende sporen uit de verbeteraanpak. Belangrijk aandachtspunt is de werkdruk bij medewerkers. De afgelopen periode is onder meer sterk ingezet op het werven en inhuren van externe medewerkers en het inwerken en opleiden zodat ze ingezet kunnen worden. Dat heeft tot gevolg dat er de komende periode meer mensen beschikbaar zijn om het werk dat er ligt binnen VTH op te pakken. Dit heeft een positief effect op de gevoelde werkdruk. Daarnaast is ook geïnvesteerd in het vergroten van de onderlinge verbinding binnen VTH, medewerkers hebben aangeven hier tevreden over te zijn. Ook is er geïnvesteerd in de ontwikkeling van medewerkers. Voor de verschillende functies zijn medewerkers leerlijnen en een scholingsaanbod gerealiseerd en is mogelijkheid tot individuele scholingsverzoeken gecreëerd.
126
p 15: Wat is de impact van de preventieve ouderengezondheidszorg? Is dit vergelijkbaar met wat hiervoor was bedacht?
GGD Haaglanden wil het ouderengezondheidsbeleid op gemeentelijk niveau versterken door de inzet van activiteiten, opdat ouderen zo zelfredzaam mogelijk, met eigen regie en een goede kwaliteit van leven, kunnen deelnemen aan de samenleving. De effecten van een aantal van deze activiteiten (waaronder het Café Positief Gezond, het Bankjesproject en Rookvrije Speeltuintjes waar ouderen ook bij betrokken zijn) wordt op interventieniveau gemeten. Wat de impact is van de preventieve ouderengezondheidszorg in het algemeen wordt door GGD Haaglanden echter niet gemeten.
127
p 16 :Is de regeling onverzekerden ook beschikbaar voor uitgeprocedeerde asielzoekers?
Nee, uitgeprocedeerde asielzoekers hebben geen geldige verblijfsvergunning en vallen hierdoor onder de groep onverzekerbare vreemdelingen. Toch zijn er op het gebied van medische zorg voor deze groep regelingen getroffen zodat ook zij gebruik kunnen maken van medisch noodzakelijke zorg. Het uitgangspunt van de regeling onverzekerbare vreemdelingen is dat de patiënt (de onverzekerbare vreemdeling) in eerste instantie zelf de kosten voor medische zorg moet betalen. In de praktijk zal echter blijken dat de meeste vreemdelingen niet de financiële middelen hebben om de rekening van een dokter, ziekenhuis of apotheek te betalen. In de regeling is daarom opgenomen dat bepaalde zorgaanbieders onder voorwaarden 80 procent van de kosten kunnen declareren bij het Centraal Administratie Kantoor (CAK).
128
129
130
Delft Support B.V. p 9 :De kosten voor inhuur van tijdelijk personeel zijn met meer dan een miljoen euro toegenomen. Waar komt deze enorme stijging vandaan?
p Algemeen :De jaarrekening is tot in de puntjes beleidsarm. Volgt er ook nog een jaarverslag met conclusies en evaluaties?
De stijging van extra kosten aan inhuur worden veroorzaakt doordat er in 2022 ten opzichte van het jaar 2021 voor 200.000 euro meer is ingehuurd voor incidentele extra projecten en pilots die zijn uitgevoerd in opdracht van de gemeente Delft. De totale projectgelden over 2022 bedroegen 1,6 miljoen Euro. Daarnaast was er sprake van een hoger verzuim in 2022 (zie ook pagina 30 van ons jaarverslag) en was er vanaf het tweede kwartaal een grote golf aan uitdiensttreding mede omdat medewerkers na corona weer de vleugels uitsloegen en een nieuwe uitdaging zochten. Om de dienstverlening aan inwoners niet in de knel te laten komen, hebben we ook hier gebruik gemaakt van externe inhuur. Inmiddels hebben we een plan opgesteld met als doel om de inhuur voor de vaste werkzaamheden omlaag te brengen. Tegelijkertijd zijn we realistisch dat de arbeidsmarkt krap is.
Het jaarverslag van Delft Support wordt binnenkort de raad toegezonden met toelichtend schrijven en is ook te vinden op de website van Delft Support
Stedin p Algemeen :STIP diende twee jaar geleden de motie ‘Rijk garant Op het moment zijn de onderhandelingen in een ver gevorderd stadium tussen Stedin, het Rijk en de huidige aandeelhouders om het rijk als voor Stedin’ in. In maart 2022 hoorden we dat: “Er is een project aandeelhouder toe te laten treden voor een bedrag van € 500 miljoen. gestart waarin het Rijk diverse opties onderzoekt voor een De verwachting is dat voor het einde van dit jaar of begin 2024 de huidige aandeelhouders formeel toestemming zal worden gevraagd om het Rijk te eventuele bijdrage, zoals een aandelenparticipatie, een lening of laten toetreden als aandeelhouder. een garantstelling." Hoe staat het ervoor? En blijft het college Zie hiervoor de stukken op RIS over de lange termijn financiering energietransitie Stedin: deze oproep uitdragen in de verschillende verbanden? https://delft.raadsinformatie.nl/modules/1/Ingekomen%20stukken/817985
131
p Algemeen: Hoe verloopt de samenwerking met Stedin rondom De samenwerking met Stedin en Evides in de binnenstad is goed. Zoals in elke samenwerking zijn er verschillende belangen die tegenstrijdig aan elkaar de werk-met-werk en de afstemming daarvan? Is Stedin bereid kunnen zijn. Stedin en Evides zijn zeker bereid dingen in afstemming te doen, voor de vervanging van gas is er echter een door staatstoezicht op de mijnen opgelegde termijn waar Stedin zich aan moet houden. Hierbij is het risicoprofiel van de gasleidingen van Stedin in grote mate bepalend voor wat tot goede afstemming met onze werkzaamheden en bereid concessies te doen? wanneer wordt uitgevoerd. Net zoals dat een slechte staat van onze eigendommen ook reden kan zijn om zaken naar voren te halen.
132
p Algemeen: Haalt Stedin met de investeringen die ze doen ook Deze vraag staat uit bij Stedin. Wij hebben hier nog geen antwoord op ontvangen. de duurzaamheidsdoelen op dit moment of zijn ze nog bezig met het maken van een inhaalslag?
133
134
GGD/VT Haaglanden p Algemeen: Bij Veilig Thuis is niet het volledige begrote budget Het budget bij Veilig Thuis is niet volledig gebruikt omdat het door de krappe arbeidsmarkt niet lukt om het personeelsbudget volledig uit te nutten. gebruikt, komt dit omdat er minder gevallen waren om te behandelen of omdat er niet genoeg mensen behandeld konden worden? Servicebureau Jeugdzorg Haaglanden p 5 :‘Aandacht is gegeven aan de vraag hoe de nieuwe afspraak De 5% rendementsregel is ingegaan per 1 januari 2022. Op dit moment worden de jaarrekeningen over 2022, die uiterlijk 1 juni 2023 aangeleverd moeten over begrenzing van de winst – vastgelegd in de herzieningen worden door jeugdhulpaanbieders, verwerkt en kan het servicebureau bepalen welke jeugdhulpaanbieders meer dan 5% rendement (na belasting) voor 2022 – voor de best mogelijke maatschappelijke waarde hebben gerealiseerd. Hieruit volgt het proces om te komen tot de mogelijke herinvestering. Volledigheidshalve: de verplichting om jaarrekeningen aan te (die er kort samengevat op neerkomt dat winst boven de 5% leveren volgt uit de Jeugdwet. geïnvesteerd dient te worden in de kwaliteit van de jeugdhulp) in de praktijk vorm te geven.’ - wat is hieruit gekomen?
135
p Algemeen :Er staat eigenlijk niets over de kwaliteit van de geleverde zorg. Is het servicebureau daar tevreden mee? Waar moeten verbeterslagen worden gemaakt? Lukt het het servicebureau om de gemeente daar goed in bij te staan of problemen vroegtijdig aan te kaarten?
De kwaliteit van zorg wordt cijfermatig gemeten middels managementrapportages die aanbieders ieder kwartaal aanleveren. Daarnaast ontvangt het servicebureau signalen van de gemeenten over jeugdhulpaanbieders. Hierna wordt een (contract)gesprek gevoerd met desbetreffende jeugdhulpaanbieder door gemeenten en het servicebureau. Op casusniveau mag het servicebureau niet met aanbieders overleg plegen (privacywetgeving) en doet de SKJ/BIG-geregistreerde medewerker van de toegang dit. Op dit moment wordt een nieuw systeem uitgerold m.b.t. het meten van outcome-criteria.
136
p 9 :‘Prognoses verbeteren door data-sturing op zorg en verwachte maatschappelijke effecten. ’ - hoe wil het servicebureau hiermee aan de slag gaan?
Op dit moment wordt een nieuw systeem uitgerold met betrekking tot het meten van outcome-criteria. De resultaten hiervan worden in de tweede helft van 2023 verwacht. Het proces om te komen tot data-sturing op zorg kent een aantal aspecten waarvoor momenteel naar behoeften van gemeenten een aanpak wordt ontwikkeld.
Evides p Algemeen :Goed om erachter te komen hoe het gaat met de watervoorziening. Staat deze onder druk? Hoe zit het met de kwaliteit van het water?
"Het drinkwater van Evides voldoet aan alle zeer strenge kwaliteitseisen van de Nederlandse Drinkwaterwet en de Europese drinkwaterrichtlijn. Ook in 2022 heeft Evides de klanten continu voorzien van voldoende en een goede kwaliteit drinkwater en industriewaterdiensten. En dat blijven we ook in de toekomst doen.
137
Het leveren van drinkwater staat onder druk door de beschikbaarheid van bronnen. Evides maakt echter zich vooral zorgen over de waterkwaliteit van de bronnen. Onze belangrijkste oppervlaktewaterbron is de Maas. Ook voor de inwoners van Delft wordt drinkwater gemaakt van de bron de Maas. De waterstand bij ons innamepunt Bergsche Maas is altijd voldoende hoog om water in te nemen. Echter, bij laag water is de rivier extra kwetsbaar voor incidenten of (industriële) lozingen, omdat verontreinigingen minder worden verdund en ook nauwelijks worden afgevoerd. Dit kan ertoe leiden dat we eerder genoodzaakt zijn om tijdelijke te stoppen met de inname van Maaswater. Uit het onderzoek van RIWA-Maas blijkt dat een lage afvoer van de Maas steeds vaker zal voorkomen in alle klimaatscenario’s. De Maas verdient daarom een goede bescherming voor de volksgezondheid, welvaart en welzijn. Lozingen van ongewenste stoffen in het oppervlaktewater zouden moeten verminderen of zelfs stoppen. De overheden die de vergunningen daarvoor afgeven en moeten handhaven, spelen daarbij een grote rol. Denk aan het per direct toetsen van bestaande vergunningen op de inmiddels strengere eisen van stoffen die geloosd mogen worden. En ook het handhaven van bestaande lozingsvergunningen moet hoger op de prioriteitenlijst. Wat er niet in komt, hoeven wij er namelijk niet uit te halen.
Ook het behalen van de doelen van de Kaderrichtlijn Water zou prioriteit moeten krijgen. Naast dat andere partijen zich meer zouden moeten inspannen voor een betere waterkwaliteit van de bron, zorgt Evides er uiteraard voor dat het proces om drinkwater te maken zo robuust mogelijk is. Daarvoor kijken we langjarig vooruit en doen op basis van die inzichten investeringen. Het nieuwe innamepompstation aan de Bergsche Maas dat we in 2021 in gebruik namen, is daar een voorbeeld van. Maar ook hebben we bijvoorbeeld een pilotinstallatie op Baanhoek om inzicht te krijgen in de zuiveringsinstallatie van de toekomst en om die uitkomsten toe te passen zuiveringsinstallaties die aan vervanging toe zijn."
Nr. 138
Technische vragen bij de jaarstukken van de gemeente Delft 2022 - D66 p. 8: Duurzame stad: Wat is er tot nu toe precies uitgevoerd van de motie energieklussers en vanaf wanneer? Hoeveel geld besteden we aan huidig loon en materialen energieklussers? Hoeveel SPUK-gelden, bestemd voor dit doel is (nog) niet uitgegeven? Tot wanneer is dit geld te gebruiken?
Antwoord Begin juli komt de evaluatie van energiehulpen afgelopen winter naar de raad, en de aanpak voor de aankomende najaarscampagne. Vanuit de SPUK is de volgende aanpak opgestart: • 1.500 huishoudens helpen met energiehulp. De aanpak is gestart op 1 december 2022 met 3 teams energiehulpen. Na 4 maanden (december 2022 maart 2023) zijn 315 huishoudens geholpen. • 500 huishoudens helpen door verouderd witgoed met hoog elektriciteitsverbruik te vervangen. Eind Q1 zijn er 46 vouchers hiervoor verzilverd. • Met 3 VVE’s is gewerkt aan een pilot om verduurzaming te versnellen. We werken nu aan aanpassingen in de werkwijze zodat we sneller meer huishoudens bereiken, in samenwerking met de woningcorporaties. Doel is om ten minste 2 extra teams energiehulpen op te starten gedurende de zomer en op 1 september met de nieuwe aanpak te starten. De SPUK is ontvangen in twee tranches van in totaal €1.428.256,-. Deze gelden kunnen worden uitgegeven t/m 31 december 2024. Het budget ziet er als volgt uit: • Energiehulpen € 342.786,• Energiebesparende materialen € 250.000,• Witgoed € 250.000,• Pilot Verenigingen van Eigenaren € 15.000,• Interne capaciteit € 150.000,• Nog beschikbaar: € 420.470,-. Dit zal worden ingezet op de nieuwe aanpak vanaf 1 september zoals hierboven benoemd.
Bij de behandeling van de begroting 2023-2026 is door de Raad Motie 4_1_36 ‘Meer Energieklussers Tegen Energiearmoede’ aangenomen. De raad heeft hiermee aangegeven het aantal Energiehulpen te willen verdubbelen om meer Delftenaren met energiearmoede te ondersteunen. Al snel bleek dat de teams energiehulpen het aantal aanvragen binnen korte tijd kon afhandelen. Uitbreiding van het aantal hulpen in februari 2023 zou niet doelmatig zijn geweest. Hierop is besloten om met de uitvoering van de motie te wachten tot de evaluatie. Zoals hierboven genoemd zullen voor de najaarscampagne naast de 3 bestaande teams zeker 5 nieuwe teams gevormd worden. Het resultaat dat in de motie werd gevraagd is bereikt, deze middelen zijn gereserveerd voor energiehulpen. Energieklussen noemen we inmiddels energiehulpen.
139
p. 32: Bereikbare en leefbare stad: Motie Gasthuisplaats van De motie betreft de definitieve groene inrichting van de Gasthuisplaats. Dit is een waardevolle vergroening van de binnenstad. Voor de vergroening is nog oktober vroeg om een openbaar groen park op de geen budget opgenomen (investering en beheer en onderhoud). Gasthuisplaats. Zijn er budgettaire toewijzingen gedaan voor de Na gereedkomen van het inrichtingsplan voor de zuidwestelijke binnenstad starten we met de visievorming voor de Gasthuisplaats. Het ontwerp van de realisatie van het groene park? Hoeveel is er toegewezen en hoe Gasthuisplaats wordt in 2024 opgesteld in nauwe samenspraak met bewoners en belanghebbenden. Dan is er ook meer duidelijkheid over wanneer de wordt dit budget besteed? Wat is het verwachte tijdschema voor uitvoering kan plaatsvinden en hoelang deze duurt. Daarbij is er een relatie met de invoering van autoluw-plus en het daarmee opheffen van de de uitvoering van het plan en wanneer kunnen de inwoners van parkeerplaatsen op de Gasthuisplaats. Delft het groene park op de Gasthuisplaats verwachten?
140
p.. 10: Er is sprake van een beperkt aantal voordelen in het De voorstellen tot bestemmingen staan gerecapituleerd in het raadsvoorstel bij het jaarverslag 2022. Het restant gaat naar de Algemene reserve. De laatste kwartaal van 2022. Na het voorstel tot bestemming van hierop geactualiseerde stand van de Algemene reserve is betrokken bij de voorstellen in de Kadernota. het resultaat van € 7,9 miljoen blijft een voordelig saldo over van € 7,8 miljoen. -> E 7,9 mil. waarvoor bestemd?
141 142
p. 19: Ruimte voor investeringen Er is geen vraag gesteld. p. 27: 10.000 bonnen verzilverd -> tijd voor nieuw incidenteel De cadeaubonnen voor kleine energiebesparende maatregelen hebben bijzondere geschiedenis: de Klimaatzaak van stichting Urgenda tegen de budget? – gaat om energiebesparing maar tegengaan van hitte? Nederlandse Staat. Deze gaat over het verminderen van de uitstoot van broeikasgassen in 2020 met 25% ten opzichte van 1990. In 2015 gaf de Rechtbank Den Haag Urgenda gelijk, in 2019 werd dit definitief bevestigd door de Hoge Raad. Hierop heeft het Rijk twee regelingen gestart om op korte termijn de uitstoot van broeikasgas te verlagen: Regeling Reductie Energie (RRE) en vervolgens Regeling Reductie Energie Woningen (RREW). Gemeente Delft heeft beide regelingen aangevraagd en uitgevoerd in samenwerking met Platform Energietransitie Delft en Deelstroom Delft. Vanuit de RREW zijn er 10.000 cadeaubonnen verzilverd. Inmiddels heeft het Rijk de volgende stappen gezet om de gebouwde omgeving te verduurzamen. Er zijn diverse subsidieregelingen en leningen voor particuliere woningeigenaren. Gemeenten hebben regelingen ontvangen om energiearmoede tegen te gaan en om het Nationaal Isolatieprogramma uit te voeren. Delft voert deze regelingen uit. We zien nu niet de noodzaak om gemeentelijk budget in te zetten voor een volgende stadsbrede cadeaubon actie.
We prioriteren de gemeentelijke middelen zoals aangegeven in de beantwoording van motie Energie in de wijken. Hiermee dragen we bij aan verduurzaming door inwoners middels drie projecten: isolatieplan, warmte uitvoeringsplannen en het open warmtenet.
143
p. 30: Hoeveel van de kosten voor grondwateronttrekking is doorgeschoven naar 2023? En waardoor was onderhoud niet meer nodig? Komen deze kosten dan niet alsnog later?
Er is circa 15k euro doorgeschoven naar 2023. Na inspectie bleek dat de onderhoudsstaat van de grondwateronttrekkingsinstallatie binnen de marges lag waardoor we in 2022 een onderhoudsbeurt konden overslaan.
144
p. 30: Waardoor is de afwijking op Energietransitie van €92.000 Deze afwijking zit in diverse projecten en heeft niet één oorzaak. De energietransitie is een programma dat continu in ontwikkeling is en sterke groei ontstaan? Er staat alleen dat er hogere lasten en baten zijn, maar heeft doorgemaakt. Dit maakt het – nu en in de komende jaren - lastig om een zeer precies budget van tevoren vast te stellen. De afwijking die we in bijvoorbeeld de SPUK energiearmoede zou dekkend moeten zijn. 2022 hebben behaald, beschouwen we als klein.
145
p. 44: Wat zijn de kosten bv per m2 voor onderhoudsniveau B en Het is lastig om een beeld te geven van de kosten per m2 waarna een specifieke locatie in gedachten wordt gehouden. C? -> Poptahofpark upgrade naar B? De oorzaak hiervan zit in de locatie en de invloed van het inrichtings(niveau), gebruik(druk) en beheerniveau. Het onderhoudsniveau verhogen van c naar b is ca 33% duurder. Over heel de stad gaat het om een bedrag van ca. 2,2 miljoen euro per jaar voor het verhogen van het niveau. Voor wat betreft Poptahofpark is de verwachting dat het verhogen van het onderhoudsniveau ca. €20.000 per jaar extra kost.
146
p. 52: Het is nog niet gelukt het aantal vervoersbewegingen terug Op dit moment is het opzetten van een nieuwe vorm van vrijwilligersvervoer nog niet gerealiseerd. Hierdoor is het aantal ritten vanuit de regiotaxi nog te brengen door vervoer door vrijwilligers te bevorderen. niet verminderd. We gaan verder in gesprek met partners in de stad en er wordt onderzocht of er op een andere manier een oproep gedaan kan worden Waarom niet, is hier aanvullende inzet nodig en welke middelen voor iemand die kan meehelpen om vrijwilligersvervoer op te zetten. Wanneer het vrijwilligersvervoer is opgezet, kan het ook zijn dat dit extra ritten reserveert men hiervoor? genereert. Dit omdat deze vorm van vervoer laagdrempeliger is, vanwege de buurtbewoners die rijden met een persoonlijke benadering. Er zijn geen middelen hiervoor gereserveerd, behalve de besparing die het in de toekomst gaat opleveren.
147
p. 53: Het project ‘iedereen onder een dak’ heeft flinke De capaciteitsuitbreiding is erop gebaseerd dat de noodopvang getransformeerd kan worden naar een eenpersoonskamer voorziening én dat deze bij capaciteitsuitbreiding opgeleverd. Is dit passend gebleken, wordt uitzondering wordt ingezet. We streven er binnen de DWO-regio naar om de cliënten z.s.m. in een individuele woning toe te laten werken aan herstel. Als het benut of is er een wachtlijst? deze, incl. de capaciteitsuitbreiding, allen benut worden, dan kan men in afwachting van plaatsing gebruik maken van de eenpersoonskamer noodvoorziening. Tot op heden is het aantal dakloze cliënten die gebruik maken van de maatschappelijke opvang niet afwijkend van het aantal waarop de capaciteitsuitbreiding is gebaseerd. Stand van zaken in het kader van Iedereen onder een dak: • Per 1 mei jl. is de Jongerenopvang in Delft geopend. Dit is een aparte eenpersoonskamer opvangvoorziening specifiek voor dakloze jongeren tot 23 jaar. De eerste jongeren hebben hier reeds hun intrek genomen. • Wordt er in samenwerking met Limor, Leger des Heils, Delft Support, KCC Daklozenloket en de woningcorporaties gewerkt aan de implementatie van de methodiek Housing First. In Delft bevinden we ons momenteel in de laatste fase van de implementatie waarna de plaatsingen kunnen gaan plaatsvinden.
De cliënten zijn geselecteerd en de eerste woningen staan klaar. • Wordt er binnen de DWO-regio conform verdeelsleutel i.s.m. de woningcorporaties hard gewerkt aan de realisatie van de overige 25 flexplekken.
148
p. 55: Eenzaamheid: Welke laagdrempelige activiteiten worden er georganiseerd, worden de mensen bereikt die zich eenzaam voelen. Wat is het haakje met cultuur hierin?
149
p. 55: Er wordt in de media veel gesproken over de In de media wordt meestal gesproken over de rol van de GGD in de hoedanigheid van crisisorganisatie die het hoofd moeten bieden aan grote uitbraken kwetsbaarheid van de GGD en de wijze waarop deze organisaties zoals infectieziekten/pandemieën zoals de coronacrisis waar we de afgelopen jaren mee te maken hebben gehad. De rijksoverheid gaat over de opnieuw ingericht moeten worden, Delft houdt over op de pandemische paraatheid van de GGD’en. Op landelijk niveau wordt hier al actie genomen en worden het gesprek met de GGD’en gevoerd hoe ze hiertoe bijdrage. Is dit te verklaren? toegerust zijn.