Overzicht Technische vragen Jaarrekening 2022 - versie 27062022
Tekst van het document
Nr. 1
Technische vragen bij de jaarstukken van de gemeente Delft 2022 - CDA P.9: Inleiding (Evenementen). Er zijn eenmalig evenementen ondersteund vanuit een subsidieregeling voor coronamaatregelen. Betreft dit een gemeentelijke regeling of zijn dit financiële middelen vanuit het Rijk? Hoeveel geld is er in totaal besteed vanuit deze regeling en wat gebeurt er met het evt. restant in 2023?
Antwoord In 2022 was sprake van de tijdelijke corona-subsidieregeling voor maatschappelijke en culturele organisaties en dit betrof een gemeentelijke regeling. Het budget hiervoor bedroeg € 325.000 en de totale uitgaven waren € 335.000, waarbij het meerdere gedekt kon worden omdat ook nog incidenteel budget voor een inhaalslag op subsidies ter beschikking stond. Binnen de subsidieregeling is in totaal € 110.000 beschikbaar gesteld voor in totaal vier evenementen in 2022. Er was dus geen restant op de subsidieregeling.
2
P.14: Financieel resultaat 2022. Er is €5,750 miljoen meer Dit betreft een storting in de reserve kapitaallasten ten behoeve van gevel-tot-gevel. toegevoegd aan de reserves dan begroot na wijziging. Betekent Doordat deze storting van € 5,5 mln. wel in de realisatie is geboekt, maar abusievelijk niet in de raming 2022 is verwerkt, ontstaat dit verschil tussen dit dat er na wijziging €5,750 miljoen “vrij” was om uit te geven begroot en realisatie. of zijn dit uitgaven waar in totaal €5,750 miljoen meer voor nodig bleek te zijn?
3
P.18: Stadsschuld. De netto rentelasten zijn gestegen van €5,3 miljoen in 2021 naar €8,3 miljoen in 2022. In hoeverre zijn de rentelasten gestegen door meer te lenen en in hoeverre juist door de (aanzienlijke) rentestijging in 2022?
4
P.18: Stadsschuld. De verplichte BBV-indicatoren voor de Nee, er zijn geen interne streefwaarden vastgesteld. Volstaan wordt met de landelijk door de VNG voorgestelde signaalwaarden. De mate waarin de stadsschuld zijn geen streefwaarden, maar gelden als maximum. scores onder de signaalwaarden blijven is input voor de beoordeling van de financiële positie en voor de integrale afweging over de financiële ruimte Worden er intern wel streefwaarden gehanteerd en zo ja, wat enerzijds en begrotingsvoorstellen anderzijds. vindt de gemeente gezonde waarden voor de netto schuldquote en de netto rentequote?
5
P.21: Investeringen. “De vertraging in de uitvoering van investeringsprojecten zorgt voor een lagere financieringsbehoefte.” Die lagere financieringsbehoefte geldt op korte termijn, maar op lange termijn blijft die in principe hetzelfde. Hoe wordt omgegaan met stijgende kosten (inflatie, evt. hogere rentes) die ervoor zorgen dat de totale financieringsbehoefte door de vertraging zelf hoger wordt op langere termijn?
Met de stijgende kosten van investeringen houden we rekening door bij de herfasering van het investeringsprogramma (o.b.v. de realisatie 2022) aanvullend rekening te houden met prijsstijgingen a.g.v. inflatie die het investeringsvolume verhogen. In de Kadernota 2023 is hiermee reeds rekening gehouden voor de gebiedsontwikkeling Schieoevers en voor het Integrale HuisvestingsPlan voor onderwijs. Ook is in de Kadernota 2023 een actualisatie van netto rentelasten verwerkt. Als gevolg van de stijgende rente is vanaf 2027 rekening gehouden met hogere lasten.
6
P.52: Sterk en sociaal (toelichting). Er is in de programmabegroting 2022 geen streven vastgesteld voor de indicator zelfredzaamheidsscore. Wordt dit in de toekomst wel vastgesteld? En zo ja, wat is de reden dat dit nog niet was vastgesteld? Zo niet, waarom niet?
In de voorbij bestuursperiode 2018-2022 is hiervoor geen nulmeting vastgesteld maar werd de keuze gemaakt (gedifferentieerde) realisatiecijfers bij te houden. Een toelichting hierop met cijfermatige info over de diverse realisatiecijfers is in 2022 ook aan de nieuwe raad gezonden.
7
P.52: Sterk en sociaal (Wmo-voorzieningen). Wanneer is de verwachting dat het aantal vervoersbewegingen (zowel met de regiotaxi, als totaal) weer het oude niveau gaat bereiken?
Op dit moment is het aantal vervoersbewegingen met de regiotaxi in Delft ongeveer 65% ten opzichte van het aantal voor corona. Ook landelijk is te zien dat vervoersvolumes na corona blijvend zijn afgenomen. Er wordt in de regio Haaglanden een onderzoek uitgevoerd om meer zicht te krijgen op de oorzaken van de volumedaling in het vervoer. De uitkomsten van dit onderzoek vormen belangrijke input voor prognoses van de te verwachten volumes.
8
P.55: Sterk en sociaal (Eenzaamheid). Goed om te zien dat er zoveel inzet is om eenzaamheid tegen te gaan met zo’n grote coalitie. Heeft de gemeente een beeld van hoe groot de groep eenzame inwoners is die nu nog niet worden bereikt?
We hebben ingezet om zo veel mogelijk organisaties te betrekken bij de coalitie rondom het thema eenzaamheid. De coalitie breidt zich steeds uit met organisaties die nieuwe groepen bereiken. Op deze manier bereiken we met een groter netwerk steeds meer mensen. De preventieve werking van de inzet van deze organisaties op het ontstaan van (ernstige) eenzaamheid is moeilijk te meten. Net als te bepalen welke groepen of hoeveel personen we nog niet bereiken met deze aanpak.
9
P.56: Sterk en sociaal (Jeugd lokaal). Hoe verlopen de gesprekken met het Rijk over een eventuele compensatie voor de twee onvoorziene casussen?
We zijn nog in gesprek over een op te zetten compensatieregeling waar een Delftse casus onder kan vallen.
10
P.59: Solide maatschappelijke basis (Mediafonds Delft). “Dit komt onder meer door een toenemende bekendheid van het fonds.”. Promoot de gemeente dit fonds actief bij potentiële gebruikers?
Er is geen sprake van actieve promotie door de gemeente. Wel merkt het Mediafonds dat het steeds meer bekendheid krijgt. Dit komt met name doordat simpelweg meer mensen met de resultaten van het Mediafonds in aanraking komen, door de publicaties en door de verschillende formats waarmee het Mediafonds naar buiten treedt.
11
P.61: Solide maatschappelijke basis (onderwijsbeleid en Nee het betreft dezelfde indicator. Per abuis is in de jaarstukken voor het % voortijdig schoolverlaters twee verschillende monitorbronnen gebruikt. De ondersteuning). “Zowel het streefcijfer voor het voorkomen van KIS-monitor, door CBS beschikbaar gesteld (2.9%) en de DUO/OCW monitor (2.36%). voortijdig schoolverlaten (2,4%) en het aantal jongeren met een Het %VSV is altijd een voorlopig percentage op eind 2021 en wordt pas 1 jaar later definitief (oktober). startkwalificatie (91%) is behaald.” Bij de indicatoren aan het https://duo.nl/open_onderwijsdata/middelbaar-beroepsonderwijs/publicaties/voortijdig-schoolverlaten-rmc.jsp begin van dit programmahoofdstuk staat dat de stand in 2022 In vervolg worden de DUO/OCW monitor cijfers gepresenteerd in plaats van DUO/CBS. De cijfers van DUO/OCW zijn goed onderbouwd. In de KIS-monitor 2,9% is (% schoolverlaters) en dus niet is gehaald. Zijn dit twee ontbreekt die onderbouwing. Ook de continuïteit (historische reeks) en vergelijkbaarheid (met andere gemeenten) is beter te volgen. Ook communiceert andere indicatoren? het ministerie van OCW als NJI de cijfers die uit DUO/OCW monitor komen.
12
P.65: Solide maatschappelijke basis (Sportaccommodaties). Baten: De 587K euro betreffen de hogere baten dan begroot. Dit bestaat uit een voordeel 756K euro uit de rijksbijdrage SPUK Sport. En 125K euro minder “Voor de extra kosten kunnen gemeenten een aanvraag voor opbrengst verhuur. En 42K euro overig. compensatie indienen bij het Rijk.”. Is de compensatie de gehele De SPUK Sport regeling betreft de hele compensatie van de BTW over de sport (die eerder geheel in het BTW compensatiefonds zat). €587K aan baten? En is deze rijksbijdrage ongeveer net zo groot Echter, zit er een maximum (plafond) aan het totaal van de SPUK Sport die wordt uitgekeerd door het Rijk. als de btw-verrekening van voor 2019? In de praktijk is het in de aanvraag (op basis van begroting) vaak zo dat een deel (circa 65%) wordt toegewezen, bij de definitieve afrekening valt de realisatie Nederland breed vaak lager uit en is de uitkering vaak richting de 100% compensatie van de BTW.
13
P.66: Solide maatschappelijke basis (Gezond en wel). Er is €44K Het Delfts Sportakkoord wordt in lijn met het Nationaal Sportakkoord doorgezet voor de periode 2023 – 2026. Daarmee kunnen samenwerkingspartners minder besteed doordat er minder aanvragen zijn ingediend dan binnen het Delfts Sportakkoord doorgaan op de ingeslagen weg en activiteiten ontwikkelen/opzetten om meer Delftenaren te laten sporten en verwacht. Is de verwachting dat de vraag naar deze gelden in bewegen. De verwachting is dat de vraag naar uitvoeringsbudget voor het Delfts Sportakkoord steeds meer zal worden, maar is natuurlijk ook afhankelijk 2023 meer op gang zal komen? wat maatschappelijke partners, sportverenigingen en haar vrijwilligers aan kunnen.
14
P.69: Solide maatschappelijke basis (Reserve Maatregelen coronacrisis). Er wordt voorgesteld om in totaal €56K terug te storten in de reserve maatregelen coronacrisis. In hoeverre is deze reserve nog relevant nu het ergste van de pandemie/coronacrisis over lijkt te zijn?
De relevantie van de genoemde reserve is nagenoeg verdwenen. Daar anticiperen we op in de kadernota door voor te stellen deze reserve te laten vrijvallen ten gunste van de Algemene reserve. Daarmee wordt de reserve Maatregelen coronacrisis opgeheven.
15
P.70: Economische zelfstandigheid (Werk, …, Schuldhulpverlening). “Het aantal mensen met een uitkering is daarmee 35 lager ten opzichte van een jaar eerder. De totale uitstroom uit de bijstand was 726. De instroom bedroeg 691 personen.”. Is er een beeld hoeveel van de 691 personen uit de instroom eerder al eens een uitkering hebben gehad?
De vraag zoals gesteld is niet compleet te beantwoorden, aangezien in de beschikbare gegevens iemand als nieuwe instroom wordt aangemerkt als hij na 12 maanden opnieuw instroomt. Als we onder her-instromers de 6 maanden grens hanteren is het antwoord op de vraag dus 83 herinstromers (12% van de eerder gerapporteerde 691). Als we onder her-instromers de 12 maanden grens hanteren is het antwoord op de vraag 124 herinstromers (18% van de eerder gerapporteerde 691).
16
P.70: Economische zelfstandigheid (Werk, …, Onder duurzame uitstroom verstaan we 12 maanden. Voor de uitstroom in 2022 zijn de gegevens over herinstroom binnen 12 maanden nog niet Schuldhulpverlening). “De Jongerenacademie begeleidt hen naar beschikbaar. Voor informatie over herinstroom in 2022 verwijzen wij naar het antwoord op vraag 15. een passende opleiding, dagelijkse begeleiding of werk. In totaal zijn er 338 mensen met een bijstandsuitkering weer aan het werk gegaan of naar school.” Hoeveel van deze uitstroom is duurzaam?
17
P.71: Economische zelfstandigheid (Actieplan Sociaal Domein). “Bij bewindvoering is de samenwerking tussen rechtbank, bewindvoerders en de gemeente verbeterd, maar heeft dit (vooralsnog) niet geleid tot de verwachte besparing.”. Welke andere niet-financiële voordelen/besparingen heeft dit opgeleverd (voor zover deze er zijn)? Graag een reflectie.
In het jaarverslag 2022 is een onjuist bedrag voor de rentelasten opgenomen dat met een erratum zal worden gecorrigeerd. Het juiste bedrag is € 4,8 miljoen (i.p.v. € 8,3 miljoen). Hiermee is sprake van een daling van de rentelasten van 2021 naar 2022. Deze daling hangt samen met een afname van de leningenportefeuille door reguliere aflossingen en de gestegen rentebaten door de stijging van de rente van een negatief percentage de laatste jaren naar ruim boven de 2 procent de laatste twee kwartalen van 2022 (zie ook paragraaf Financiering).
De maatregel ‘Kostenbesparing bewindvoering’ heeft gedurende de looptijd van het Actieplan Sociaal Domein, niet de gewenste besparing opgeleverd. De kosten bijzondere bijstand voor bewindvoering zullen ook niet op korte termijn worden gereduceerd. Echter, heeft de investering in een projectleider wel geleid tot de volgende kwalitatieve resultaten: - Inzicht in data m.b.t. de aantallen en looptijden van de verschillende maatregelen (schulden/toestands-) bewind, curatele en mentorschap en verschillende grondslagen bewind. Dit komt doordat de manier van vastlegging is gewijzigd. - Het werkproces rondom verlengingsverzoeken bijzondere bijstand voor de kosten bewindvoering wordt gewijzigd. Consulenten die deze aanvragen beoordelen krijgen door deze wijziging meer handvatten om een passend tarief toe te kennen. - Een goede relatie met de Rechtbank Den Haag. - Een betere en nauwere samenwerking met bewindvoerders. Periodieke bewindvoerdersbijeenkomsten en (caseload)gesprekken leiden tot: o Inzicht in de situatie van inwoners die al langer onder schuldenbewind staan en niet zijn aangemeld voor schuldhulpverlening. o Inzicht per wanneer inwoners met (langlopend) schuldenbewind met schuldhulpverlening kunnen starten. Doorgaans is ongeveer een jaar nodig om een financiële situatie te stabiliseren. Afhankelijk van de omstandigheden worden hier per casus afspraken over gemaakt.
Wij streven ernaar dat 80% van de schuldenbewinden binnen de gestelde termijn voor schuldhulpverlening worden aangemeld. o Kennisdeling over hoe en wanneer de Financiële Winkel van Delft inwoners kan helpen. Als de kennis van bewindvoerders up to date is, kunnen inwoners (afhankelijk van de situatie) sneller worden aangemeld voor schuldhulpverlening. - Het adviesrecht bij schuldenbewind is geïmplementeerd. Hierdoor hebben we meer inzicht in de noodzaak van nieuwe schuldenbewinden. Een bijkomend positief gevolg van het adviesrecht is dat we meer zicht hebben op alle vanaf 2023 toegekende schuldenbewinden en de voortgang goed kunnen monitoren. NB. Tot op heden heeft de gemeente alleen conform geadviseerd. Dit is in lijn met landelijke ‘resultaten' van het adviesrecht. In 2023 wordt de kennis die is opgedaan binnen deze maatregel verder geïmplementeerd in een regulier werkproces. Binnen de Financiële Winkel van Delft wordt hiervoor een bewindvoerdersdesk opgezet. De bewindvoerdersdesk wordt een loket speciaal voor bewinddossiers. Een reflectie geven betreft een politieke vraag.
18
P.71: Economische zelfstandigheid (Oekraïne). “De gemeente Er is nog 1 gezin ondergebracht op de camping. Deze verhuizen eind juni naar een flexwoning aan de Mozartlaan. Delft heeft snel opvang geregeld via hotels en camping en al snel ook in verschillende leegstaande panden, met name voormalige ouderenhuisvesting.”. Zijn er momenteel nog Oekraïense vluchtelingen die worden opgevangen in hotels en campings (ook met het oog op de verlengde termijn van opvang)?
19
P.72: Economische zelfstandigheid (Loonkostensubsidie LKS). “Daarom wordt extra ingezet op het LKS om een groter deel uit het LKS-budget te ontvangen.”. Waarom werd dit voorheen relatief weinig ingezet, als nu blijkt dat die extra inzet nodig is?
Twee redenen: 1) Werkse! heeft een Toolbox beschikbaar bestaande uit zeer veel verschillende re-integratie instrumenten, die allen effectief zijn bij de re-integratie van werkzoekenden. Consulenten zetten het meest geschikte en effectieve instrument in. LKS werd met name specifiek ingezet voor kandidaten voor beschut werk en de banenafspraak (burgers met een grote afstand tot de arbeidsmarkt). Met de invoering van de Participatiewet is de gemeente echter ook verantwoordelijk geworden voor de groep die voorheen aanspraak maakte op de Wsw en de Wajong. Dat betekent dat langzaamaan het Participatiewet bestand steeds meer gaat bestaan uit burgers met een grote afstand tot de arbeidsmarkt. LKS wordt dan, anders dan voorheen, een steeds belangrijker en effectief re-integratie instrument voor deze groep en wordt dus steeds meer ingezet. 2) Tweede belangrijke reden is dat de financiering van de Participatiewet en de LKS in 2022 is gewijzigd. Tot eind 2021 werden de middelen voor de LKS verdisconteerd in de gehele gebundelde uitkering (het BUIG-budget). Omdat het Rijk de inzet van LKS wil stimuleren is vanaf januari 2022 een apart macrobudget voor het LKS-deel ingesteld. Het Rijk raamt dit budget op basis van realisatie. Dat betekent dat hoe meer LKS de gemeente verstrekt, hoe meer budget we hiervoor uit dit macrobudget kunnen ontvangen.
Tot en met 2020 bleef de gemeente Delft achter in de toekenning van LKS ten opzichte van andere gemeenten. Hierdoor lopen we belangrijke financiering mis, die nodig is om het gehele bestand van een goed re-integratie instrumentarium te blijven voorzien. Aan Werkse! is daarom gevraagd om een extra impuls te geven aan de inzet van LKS om zo snel mogelijk in de pas te lopen met het landelijk gemiddelde. Het landelijke gemiddelde volume LKS van het volume BUIG = 11%. Volume LKS Delft is gestegen van 7,5 % naar 10%. De extra impuls van Werkse! is onderdeel van de prestatieovereenkomst 2023.
20
P.75: Stad in bedrijf (Overnachtingen toeristen). De gemiddelde De stijging is daar niet naartoe te schrijven. De stijging is toe te schrijven naar herstel na de coronapandemie die de sector in 2021 nog volop in zijn greep kamerbezetting over 2022 ligt op 66% t.o.v. 55% in 2021. In had. hoeverre is deze stijging toe te schrijven naar een eventuele daling van het totaal aantal kamers waarover de kamerbezetting wordt berekend?
21
P.82: Stad en bestuur (Bestuur – vrijval … wethouders). Volgt de Ter inleiding: er zit geen lokale keuze in de indexatie; de Algemene pensioen- en uitkeringswet politieke ambtsdragers (Appa) is van toepassing. indexatie van deze pensioenen altijd de CPI? En welke acties zijn Verwezen wordt naar deze toelichting in de Appa-brochure van pensioenuitvoerder APG: intern in gang gezet om een beter tussentijds beeld te vormen? “Indexatie Appa-pensioen De indexatie van de Appa-pensioenen vindt plaats in overeenstemming met de aanpassing van de ABP pensioenen, een slecht beleggingsresultaat en/of onderdekking leidt derhalve tot een lagere (geen) of zelfs negatieve indexering.” Normaal gesproken ontvangen gemeenten, voor de bepaling van de benodigde omvang van de voorziening, slechts eens per jaar een totaalbeeld van de pensioenuitvoerder (bij het opstellen van de jaarrekening). De ingang gezette actie bestaat hieruit dat we vanuit de gemeente Delft APG hebben verzocht om voortaan eerder, voorafgaand aan het opstellen van de Najaarsrapportage, ook al een tussentijds totaalbeeld toe te zenden. Dit met het doel afwijkingen in het rekeningresultaat zoveel mogelijk te beperken.
Renteontwikkelingen en/of andere mutaties in het laatste deel van het jaar kunnen daarbij overigens nog steeds afwijkingen opleveren, maar de verwachting is dat deze geringer zullen zijn dan via de jaarlijkse informatievoorziening.
22
P.85: Raad (Toelichting). “Over 2022 is op het programma Raad Het voordeel is verwerkt in het uiteindelijke totale resultaat van de gemeente. sprake van een totaal incidenteel voordeel van € 136.000, waarvan € 47.000 op het onderdeel Delftse Rekenkamer.”. Wat is het voorstel voor de resterende €89K?
23
P.86: Beleidsindicatoren (Bereikbare en leefbare stad). De Bedankt voor het compliment. beleidsindicatoren over auto, fiets, OV en lopen verplaatsingen zijn gekwantificeerd, waar ik vorig jaar bij Tafeltjesavond voor de PB 2023-2026 naar heb gevraagd. Geen vraag, maar wel blij om te zien dat dit is gespecificeerd!
24
P.86: Beleidsindicatoren. Algemene noot: het zou fijn zijn als juist bij zulke indicatoren ook de stand van JR 2021 te zien zou zijn. Of in ieder geval iets om mee te vergelijken en stijgingen/dalingen te zien. Is het mogelijk dit bij de volgende jaarstukken toe te voegen?
25
P.92: Algemene dekkingsmiddelen en overhead De aanbesteding is gegund, het contract moet nog worden ondertekend. De gemaakte kosten voor de aanbesteding bedroegen € 59.000. (Reclamecontracten). “Om een nieuwe contractant te vinden is een aanbesteding opgestart; hiervoor zijn kosten gemaakt.”. Om hoeveel kosten gaat het en is er al een nieuwe contractant gevonden?
26
PP.108-109: Risicoprofiel. Wordt er per risico bijgehouden hoeveel er daadwerkelijk is uitgekomen in euro’s om een inschatting te kunnen maken hoeveel van de risico’s uit het risicoprofiel gemiddeld ook daadwerkelijk uitkomen?
Ja, dit wordt op twee manieren bijgehouden. Wanneer de omvang van een risico in de loop der tijd wijzigt, dan is dat inzichtelijk in de vergelijkingstabel van de risicoparagraaf. Wanneer een risico uitkomt of anderszins ophoudt te bestaan dan wordt daar, naast cijfermatig inzicht in voornoemde tabel, ook een inhoudelijk verklarende tekstuele toelichting over opgenomen in de risicoparagraaf.
27
P.124: Financiële positie (Financiële kengetallen). Het verschil tussen de geraamde (PB 2022) en gerealiseerde (JR 2022) netto schuldquote en gecorrigeerde netto schuldquote is resp. 30 en 25 procentpunt. Wat is de oorzaak van dit grote verschil?
De belangrijkste verschillen zijn de toegenomen omvang van de balanspost Vorderingen, met name verstrekte kasgeldleningen en de rekeningcourant verhouding met het Rijk (schatkistbankieren). Daarnaast is sprake van een noemereffect omdat de baten hoger zijn dan geraamd in de begroting.
28
P. 130: Onderhoud kapitaalgoederen. Op basis waarvan worden De met de raad afgesproken onderhoudsniveaus liggen vast in de door de raad vastgestelde beheervisie openbare ruimte Delft. de technische en beeldkwaliteitsniveaus vastgesteld op CROW niveau ‘B’ of ‘C’?
29
P.141: Bedrijfsvoering (HR en organisatieontwikkeling). “Sinds De complexiteit in de voorgaande organisatiestructuur maakte dat er veel afstemming nodig was. Het laten vervallen van de functie van programmeur september 2022 zijn de programmeurs als functie opgeheven en (en daarmee het opheffen van een matrixstructuur) zorgt voor eenvoud in de aansturing. Het wordt daarmee helderder wie waarvoor verantwoordelijk is. We kunnen heldere communicatielijnen creëren. We verwachten dat dit zorgt voor minder onnodige ruis en minder werkdruk. is de verantwoordelijkheid over zowel de inhoud als de De taken en verantwoordelijkheden van de functie programmeur zijn belegd in de afdelingen. Om ruimte te maken om de taken van deze functie op te mensen/middelen/methoden bij de vangen in de afdelingen, zijn er vier oplossingen geboden. Op volgorde van zwaarte zijn dat: lijnmanagers/afdelingshoofden gebracht.”. Dit klinkt als een verdubbeling van het werk voor lijnmanagers. Hoe wordt -Ten eerste wordt er geïnvesteerd in het ambtelijk vakmanschap van de medewerkers. We willen de zelfstandigheid van medewerkers vergroten Iedere medewerker is verantwoordelijk voor de inhoud en afstemming van zijn werk. voorkomen dat zij hierdoor een (te) hoge werkdruk ervaren? -Ten tweede worden de taken verdeeld over bestaan de rollen in de afdelingen zoals coördinatoren en senioren.
-Ten derde is de mogelijkheid geboden om de rol van opdrachtgever en opdrachtnemer te versterken en in te richten. Bijvoorbeeld met een ambtelijk opdrachtgever onder verantwoordelijkheid van het afdelingshoofd. -De vierde en laatste oplossing die geboden is, is om het management van de afdeling te versterken met een extra teamleder of adjunct-afdelingshoofd. Voor elke afdeling is bepaald wat de impact was van het overdragen van taken en verantwoordelijkheden van de programmeursfunctie en is besloten welke aanpassingen nodig waren. De functie van de afdelingshoofden is door deze organisatiewijziging niet dusdanig verandert, dat dat vraagt om een nieuwe indeling in HR21. Wat de impact van de wijziging is op de functie afdelingshoofd in de praktijk is, wordt door een externe partij (Leeuwendaal) geëvalueerd in de periode juli – oktober 2023.
30
P.142: Bedrijfsvoering (HR en organisatieontwikkeling). Het De verwachting is dat dit een eenmalige uitschieter is. ziekteverzuimpercentage bij Directie en Programmeurs/Directie is in 2022 gestegen naar 9,3% t.o.v. 1,1% in 2021. Is dit een eenmalige uitschieter of is er een andere oorzaak voor deze grote stijging?
31
P.196: Toelichting op de jaarrekening (WNT). “Voor de niettopfunctionarissen met een dienstbetrekking is de bezoldiging niet genormeerd. De (WNT) wet schrijft echter wel voor dat bezoldigingsgegevens gepubliceerd moeten worden in de jaarrekening als deze het algemeen bezoldigingsmaximum overschrijden.”. Waren er niet-topfunctionarissen in dienst die wel in de buurt kwamen van het algemeen bezoldigingsmaximum zonder deze te overschrijden?
Dit wordt opgepakt.
Dat is juist. Er waren geen niet-topfunctionarissen in dienst die wel in de buurt kwamen van het algemeen bezoldigingsmaximum.
32
33
GGD Haaglanden P.7: “De GGD handelt proactief als er zorgen zijn over een opvanglocatie.”. Zijn er in 2022 zorgen geweest over bepaalde opvanglocaties? Zo ja, hoe is de GGD opgetreden in deze gevallen? P.14: “Deze taak hebben we slechts gedeeltelijk kunnen uitvoeren in 2022”. Is deze taak inmiddels wel weer volledig opgepakt?
In 2022 zijn er over de opvanglocaties in Delft geen zorgen geweest op het gebied van technische hygiënezorg. Er lopen goede contacten tussen de GGD en de locatieverantwoordelijken op dit gebied. Indien er vragen of zorgen zijn over een locatie kan er snel worden geschakeld en, indien nodig, een extra bezoek worden gebracht aan deze locatie. Sinds april 2022 zijn de GGD’en geadviseerd om de meldingen uit het GGD GHOR databuffet richting gemeenten stop te zetten wegens gebrek aan (voldoende) wettelijke basis voor het beschikbaar stellen van persoonsgegevens. GGD Haaglanden heeft dit advies overgenomen. In de besluitvorming hieromtrent is tot nu toe niets veranderd. Het wachten is nu op nieuwe landelijke richtlijnen en nieuwe wetgeving hiervoor. Verwachting is dat er pas in 2025 nieuwe wetgeving zal zijn op grond waarvan uitwisseling van dit type persoonsgegevens mogelijk is. E.e.a. hoeft geen invloed te hebben op de zorg aan onverzekerden. De zorg aan onverzekerden kan namelijk gewoon gedeclareerd worden bij het CAK, zonder dat deze nog langer eerst verplicht gemeld moet worden aan het GGD GHOR databuffet. Gemeenten ontvangen alleen sinds april 2022 geen informatie van de GGD over de verleende zorg aan onverzekerden. Dit extra vangnet om mensen zonder zorgverzekering in het vizier te krijgen is hiermee komen te vervallen.
34
P.20: “Doordat de vraag naar reizigersvaccinaties nog niet terug is op het niveau van voor corona, en door de inzet van de GGD voor de vaccinatiecampagne voor zowel corona als monkeypox, is het aantal consulten en gegeven vaccinaties lager uitgevallen dan voor de coronacrisis en dan begroot voor 2022.”. Is er bij de GGD een beeld op de oorzaak van de uitblijvende vraag naar reizigersvaccinaties? Komt dit door daadwerkelijk minder reizen of bijv. doordat reizigers minder snel zichzelf laten vaccineren sinds de pandemie?
In het eerste kwartaal van 2022 waren er nog coronamaatregelen waardoor er weinig spreekuren voor reizigerszorg hebben plaatsgevonden. Er werden minder reizen gemaakt. Na het eerste kwartaal kwam de reismarkt weer langzaam op gang. Vervolgens was er in de zomer sprake van een Monkeypox uitbraak in Nederland waarop het personeel van de afdeling infectieziektebestrijding en reizigerszorg is ingezet. Mede hierdoor was er minder personeel beschikbaar om reizigersspreekuren uit te voeren. In het najaar van 2022 is de reismarkt verder aangetrokken en zijn er meer spreekuren weer uitgevoerd. Wij herkennen niet het beeld dat mensen zich minder snel zouden laten vaccineren als gevolg van de Coronapandemie.
35
P.21: “Nog niet bij alle gemeenten inspecteert de GGD jaarlijks alle gastouderopvanglocaties. Per 1 januari 2023 is verplicht dat minimaal 50% van deze locaties jaarlijks geïnspecteerd wordt.”. Hoeveel procent van de gastouderopvanglocaties zijn er in 2022 geïnspecteerd?
In de gemeente Delft is in 2022 voldaan aan de 50% norm. Er staan 43 locaties geregistreerd. Hiervan zijn 23 locaties geïnspecteerd door de GGD.
36
P.22: “De GGD heeft in 2022 de nieuwe Europese richtlijn voor tatoeëren en permanente make-up geïmplementeerd in de inspecties.”. Heeft deze nieuwe Europese richtlijn financieel effect gehad?
Met de komst van deze nieuwe Europese richtlijn voor tatoeëren en permanente make-up is er geen wijziging geweest in de tarieven voor de inspecties. De GGD heeft geen significante verhoging van het aantal herinspecties gemerkt. Of deze nieuwe Europese richtlijn financieel effect heeft gehad voor de ondernemers is niet bekend bij de GGD.
37
P.24: “Ook is de GGD gestart om te onderzoeken of de huidige organisatiestructuur nog aanpassingen nodig heeft en zo ja welke, zodat de ambities die in de visie worden genoemd beter en effectiever bereikt kunnen worden.”. Zijn er n.a.v. dit onderzoek (tot nu toe) al enige aanbevelingen over de huidige organisatiestructuur?
Bestuurlijk bezien is GGD Haaglanden een Gemeenschappelijke Regeling, waarvan de uitvoeringsorganisatie is ondergebracht bij de gemeente Den Haag. De vraag is hier gericht op de organisatiestructuur van de uitvoeringsorganisatie . Er is een onderzoek gedaan naar de interne organisatiestructuur van de uitvoeringsorganisatie, wat uitwees dat majeure interventies in de interne structuur van GGD Haaglanden niet noodzakelijk zijn. Wel is geadviseerd over een aantal gerichte aanpassingen in de sturing en over de positionering van enkele (clusters van) taken. Dit zal bijdragen aan meer focus op het primaire proces, slagvaardigheid en duidelijkheid in de interne organisatie van GGD Haaglanden. Een proces om hiertoe te komen is in gang gezet.
38
P.25: “Er is begeleiding geboden aan 6 reguliere coschappen, 4 keuze coschappen, 9 AIOS in diverse richtingen, 2 deskundigen infectiepreventie, 3 trainees en diverse stages.”. Aan hoeveel studenten is een stageplek aangeboden in 2022? Wat was de verdeling tussen mbo-, hbo- en wo-studenten?
De coschappen, AIOS en trainees betreffen WO-stages (dus totaal 22), De DI betreft HBO-stage (2). De overige stages zijn van diverse richtingen, mbo, hbo en wo.
39
P.30: “VTH had gedurende heel 2022 te maken met een fors personeelstekort in het primaire proces.”. Wat betekent het forse personeelstekort bij VTH in de praktijk voor de dienstverlening?
In de praktijk betekent dit dat er onvoldoende capaciteit is om de diensten (onderzoeken en voorwaarden en vervolg) direct te starten. De diensten kunnen pas later gestart worden waardoor de doorlooptijd van 10 weken in veel gevallen niet gehaald wordt. Het heeft geen effect gehad op tijdigheid van de veiligheidsbeoordelingen aan de voorkant van het proces, omdat hier de prioriteit aan gegeven is.
40
Algemeen GGD: Kunt u een reflectie geven op het Als gevolg van de inzet op Corona is er heel veel extern personeel aangetrokken. Dit aantal is in de loop van 2022 en in 2023 aanzienlijk afgebouwd. personeelsverloop bij de GGD Haaglanden in 2022? Op welke Op het personeel van GGD Haaglanden is als uitvoeringsorganisatie het personeelsbeleid van de Gemeente Den Haag van toepassing). manier borgt de GGD Haaglanden aantrekkelijk werkgeverschap? Het verloop van medewerkers voor reguliere werkzaamheden wijkt niet noemenswaardig af van de ontwikkelingen in vergelijkbare organisaties. Ook uit het in 2022 uitgevoerde medewerkerstevredenheidsonderzoek blijken geen bijzonderheden over het werkgeverschap, behalve dan dat de betrokkenheid groot is en werkdruk en herstelbehoefte aandachtspunten zijn. De GGD beoogt een aantrekkelijke organisatie te zijn om voor te werken, door inzet op opleiding en training, samenwerking en brede informatievoorziening. We merken bij de GGD dat er sprake is van een krappe arbeidsmarkt, met name voor medisch geschoold personeel of functies waar specifieke deskundigheid voor vereist is. De gemeente Den Haag is een integraal programma “arbeidsmarkt en zorg” is gestart. De uitvoeringsorganisatie GGD is hierbij betrokken.
41
Servicebureau Jeugdhulp Haaglanden P.16: “Daarom is er een nieuwe systematiek ingericht, onder de noemer Cont(r)actgesprek.”. Complimenten dat er met een kritisch oog binnen de organisatie wordt gekeken naar de bestaande praktijk. Hoe bevalt de nieuwe systematiek van Cgesprekken?
De eerste ervaringen met de nieuwe systematiek is positief. Relatief kleine Jeugdhulpaanbieders worden gesproken. Nieuwe ideeën worden eerder ontdekt, die daarna besproken en besproken kunnen worden tijdens de Ontwikkeltafel. De Ontwikkeltafel is een bijeenkomst en een plek waar jeugdhulpaanbieders, het servicebureau, gemeenten en ervaringsdeskundigen gezamenlijk ontwikkelen. Daarmee wordt direct een groter publiek bereikt. Dit was het implementeren van de nieuwe systematiek minder het geval, omdat met ‘kleine’ aanbieders alleen gesproken werd als er signalen waren. Een voorbeeld hiervan is de aanpak rondom dyslexie en de wijze waarop de contractgesprekken worden gevoerd. Namelijk gezamenlijk met alle dyslexie aanbieders. Dat is niet alleen effectief, maar ook worden alle ideeën rondom dyslexie doorgenomen. Aan de andere kant worden ‘stabiele’ relatief grote aanbieders minder frequent bezocht (niet ieder kwartaal). Hierdoor zijn de gesprekken geen herhalingen van het voorgaande kwartaal, maar worden de gesprekken gericht op de actuele inhoud gevoerd.
42
P.18: “Dit heeft tijdelijk geleidt tot een grote toename van de aantallen declaratieregels en is tevens de oorzaak dat de norm van 90% afwikkeling binnen 10 werkdagen niet is behaald.”. Is het de verwachting dat deze norm in 2023 wel weer wordt gehaald? Zijn er nog verwachte obstakels om de norm van 90% weer te halen?
De verwachting is dat dit jaar de norm weer gehaald wordt. Met name de wijziging in het berichtenverkeer 3.1 (invoering controle op de ingangsdatum en de einddatum van de declaratieregel) heeft geleid tot het niet halen van de norm in 2022. De enige obstakels die op dit moment zichtbaar zijn, zijn de restant achterstanden bij twee grote aanbieders. Dit kan leiden tot enige vertraging in de afwikkeling van de door hen ingediende declaraties. De overige zorgaanbieders mogen immers geen nadelige gevolgen ondervinden vanwege deze specifiek achterstanden.
43
P.25: In de tabel bovenaan de pagina is te zien dat de solvabiliteitsratio een halve procentpunt is gedaald, maar nog steeds boven de signaalwaarde van 5% staat. Welke inzet wordt gepleegd om dit weer onder de signaalwaarde te krijgen?
Feitelijk is dit een rechtstreeks gevolg van de tekst onder aan pagina 24: De verhouding tussen de weerstandscapaciteit met het gewenste weerstandsvermogen (bepaald door het gemiddelde risico SbJH) = 32,6% (€ 222k : € 681k) en derhalve niet toereikend. Dit wordt opgevangen door artikel 23 lid 2 van de Gemeenschappelijke Regeling Servicebureau Jeugdhulp Haaglanden, waarin staat dat de gemeenten verantwoordelijk zijn voor eventuele tekorten op de uitgaven voor de instandhouding van het SbJH. De gemeenten hebben ervoor gekozen dat het SbJH geen eigen vermogen mag opbouwen om dit risico af te dekken en daarmee feitelijk besloten dat de schuldquote onder de norm mag liggen.
44
P.27: “Al met al is de werkdruk onverminderd hoog waardoor Het traject loopt nog, maar een eerste ‘grote’ winst is dat er beter prioriteiten worden gesteld bij (nieuwe) ontwikkelingen en projecten. Daarmee risico op uitval van collega’s blijft bestaan. In dat kader is eind worden de consequenties helder. Het Servicebureau werkt daardoor meer planmatig. Op termijn verwachten het Servicebureau nog meer resultaten 2022 een start gemaakt met een traject voor procesbegeleiding aangezien het traject nog volop onderhanden is. voor de teams binnen het servicebureau, waaraan ook een mogelijkheid tot individuele coaching is gekoppeld.”. Fijn dat er wordt nagedacht over het verminderen van werkdruk! Merkt u dat de werkdruk sinds het opstarten van dit traject al enigszins is verminderd?
45
Werkse! BV (Jaarrekening) P.13: Hoeveel van de 325 mensen die zijn uitgestroomd naar werk zijn duurzaam uitgestroomd?
De werkwijze van Werkse! is bij alle plaatsingen gericht op duurzame uitstroom. Daarbij bieden wij, naast de zorgvuldige plaatsing, ook nazorg bij de geplaatste kandidaat-werknemers. Dus alle 325 uitgestroomde kandidaten zijn duurzaam geplaatst. Omdat duurzaam betekent dat een kandidaat langer dan een jaar uit de uitkering blijft kunnen we over deze groep nog niet veel zeggen. Wel kunnen we een beeld geven over 2022. In 2022 hebben we de herinstroom in de uitkering gemeten over de uitgestroomde kandidaten van 2021. Dit was 17,6%. Ter vergelijk: In 2017 was de herinstroom nog 26%.
46
P.15: “Mensen kunnen zich nu online inschrijven voor In 2022 zijn er 235 inschrijvingen geweest voor een training basisvaardigheden of een taaltraining. verschillende opleidingen en cursussen”. Hoeveel inschrijvingen waren er voor de opleidingen en cursussen?
47
P.19: “Werkse! heeft reserveringen gedaan voor de huur van Dit heeft een tweetal redenen: extra vierkante meters, waarmee ze ook de komende periode 1) Voor corona was er al te weinig werk en productieruimte aan de Gantel voor alle activiteiten van Werkse!. Na corona is daarom besloten een werken op 1,5 meter afstand kan blijven garanderen.”. Wat is de beperkter gedeelte van de locatie Vulcanusweg aan te houden. Op deze locatie is nu ons bedrijfsonderdeel Digitalisering geplaatst. Dit bedrijfsonderdeel reden dat er nog steeds extra vierkante meters zijn gereserveerd is qua aantal mensen langzaam aan het groeien en vereist een rustige werkomgeving. om op 1,5 meter afstand te werken? 2) Tevens werken de verschillende multidisciplinaire en wijk re-integratie teams hier om de beurt. De locatie is zeer laagdrempelig en toegankelijk voor de kandidaten. Het is direct in hun woonomgeving en ze kunnen daar lopend naar toe. Regelmatig komen er ook spontaan mensen binnenlopen.
48
P.21: “In 2022 is zowel het werkproces zelf alswel het Werkse! is al vele jaren bezig met het verder optimaliseren van haar werkprocessen. Deze zijn gebaseerd op Lean en vereisen ook een continue verkoopproces strakker getrokken. Dit moet een vervolg krijgen onderhoud. De werkprocessen overstijgen de diverse afdelingen en hierin kunnen we nog steeds verbeterslagen maken. Dit vooral ook op de opgedane in 2023.”. Kunt u een paar concrete acties toelichten? ervaring de afgelopen jaren. Ditzelfde geldt voor het verkoopproces. Werkse! heeft een grote hoeveelheid van relaties. Wij willen deze relaties op een professionele manier bedienen. Ook hiervoor kunnen CRM en verkoopprocessen steeds verbeterd worden. Concrete voorbeelden a.Het werkproces voor de indienstname van iemand met een ontwikkelbaan. Gaat over afdelingen heen en dient goed ingeregeld te zijn. b.Dit heeU o.a. betrekking op het verkoopproces voor digitalisering. Dit betreU de volgende zaken : 1)inzet van een strategisch accountmanagemenVeam. Waardoor op een beter niveau de verschillende leads en huidige klanten benaderd worden. 2)In combinaWe met het strategisch accountmanagement wordt er meer en gerichter de markt benaderd. 3)Er is een markeWngcampagne gedraaid op dit bedrijfsonderdeel. De data uit die campagne is weer benut in de opvolging van leads.
4)Het offertetraject bij opdrachtgevers is geprofessionaliseerd als het gaat vastlegging, opvolging en facturering.
49
P.21: Kunt u het verschil in personeelsbestand in fte’s tussen 2022 begroot (364) en 2022 feit (351) nader toelichten?
50
Delft Support BV Algemeen Delft Support: Wat is reden dat er over 2022 is gekozen geen jaarverslag mee te sturen?
Het gaat hier om de uitstroom van medewerkers met een wsw-indicatie. Voor een deel laat de sterkere uitstroom zich verklaren door externe omstandigheden zoals WIA-trajecten, doorstroom naar dagbesteding, verhuizing, overlijden en ontslag op eigen verzoek. Een andere factor is de nieuwe landelijke cao voor de Wsw. In de nieuwe cao is een gunstigere regeling opgenomen voor vervroegde pensionering in vergelijking met de oude cao. Medewerkers kunnen dan twee jaar eerder met pensioen terwijl ze voor 90% nog krijgen betaald. Hier heeft een aantal medewerkers gebruik van gemaakt.
Het jaarverslag van 2022 is door Delft Support naar de gemeente Delft gestuurd om het via het College aan de Raad te sturen.
51
P.8: Wat is de reden om chromebooks te huren i.p.v. in te kopen?
Het huren van Chromebook is in overleg met gemeente en onderdeel van onze Dienstverleningsovereenkomst (DVO) met ID van de gemeente Delft. In 2023 is het project Nieuwe Werkplek gestart bij de gemeente Delft. Wij zijn actief betrokken bij dit traject en gaan vanaf juni 2023 mee in de implementatie van de werkplekken cf dit project (inclusief laptops).
52
P.9: De ziektegelduitkering is gestegen van €131K in 2021 naar €196K in 2022. Kunt deze stijging nader toelichten?
We hebben te maken gehad met een aantal langdurig (niet werk gerelateerde) zieken, daarnaast was er ook sprake van een stijging van kortdurend verzuim. We hebben hierop geacteerd door halverwege 2022 en een tijdelijke verzuim coördinator aan te stellen. We zien nu een daling van het ziekteverzuim. Verder neemt deze coördinator ook de preventie voor haar rekening zodat we actief kunnen interveniëren op verzuim.
53
Metropoolregio Rotterdam Den Haag (MRDH) P.14: “Echter de reizigerswaardering is volgens de klantenbarometer 2022 vrijwel gelijk gebleven.”. Is er een streefwaarde voor de reizigerswaardering? Zo ja, hoe verhoudt zich de waardering in 2022 met de streefwaarde?
Voor de Concessie Haaglanden Streek (2019-2030) waar Delft onder valt, geldt dat in de eerste drie jaar van de Concessie de reizigerswaardering ten minste een 7,5 bedraagt, in de daaropvolgende drie jaar van de Concessie ten minste een 7,6 bedraagt, en zo verder oplopend met 0,1 punt per drie jaar. De score van EBS (concessie Haaglanden Streek) voor de reizigerswaardering was in 2022 een 8,0. Dus is de streefwaarde gehaald.
54
P.24: “Vanwege langdurige onzekerheid over de beschikbaarheid Uitstel van de instroom van zero emissie bussen van HTM met 8 maanden heeft geen negatieve invloed op het behalen van de doelstelling in 2030. van aanvullende stallingsruimte voor elektrische bussen en In 2025 is de concessie Haaglanden stad (HTM) 100% zero emissie. bijbehorende laadinfrastructuur is de start van de aanbesteding voor elektrificering van de busvloot van HTM vertraagd met 8 maanden. Hierdoor zullen de elektrische bussen nu gemiddeld instromen eind 2024.”. Heeft dit nog serieuze gevolgen voor het behalen van de doelstelling voor 2030?
55
PP.70-71: Er wort gestreefd naar een weerstandsvermogen ratio Nee, daar wordt niet naar gestreefd. Het betreft hier de theoretische bandbreedte om de weerstandscapaciteit als ‘voldoende’ te waarderen. De MRDH van minimaal 1 tot 1,4 en is momenteel precies gelijk aan 1. hanteert daarnaast het uitgangspunt dat er geen onnodige reservevorming plaatsvindt binnen gemeenschappelijke regelingen. Wordt komende jaren geprobeerd om een ratio van 1,4 te halen? Graag een toelichting.
56
P.91: (Algemeen informatiebeveiliging) Er is weinig capaciteit op ICT-gebied bij de MRDH. Welke risico’s ziet de MRDH op dit gebied als belangrijkst om te mitigeren en welke concrete acties worden hiervoor uitgevoerd?
57
58
59
60
61
62
Als gevolg van de kleine bezetting op ICT-gebied, huurt de MRDH de benodigde expertise in bij partners zoals Rotterdam en Den Haag. De MRDH heeft diverse risico’s geïnventariseerd en op basis hiervan is de prioritering bepaald. De risico's liggen met name op het gebied van ongewenste toegang, continuïteit en autorisatiebeheer. De focus voor 2023 ligt dan ook op deze risico's. Acties die o.a. lopen zijn een back-up en recovery test, een penetratietest op de MRDH-omgeving en een regelmatige update/check van de verleende autorisaties. De voortgang zal worden opgenomen in de twee Bestuursrapportages van de MRDH.
Regionale Belasting Groep (RBG) P.13: “In 2022 is het betaalgedrag van de klanten wederom goed In 2022 zijn er geen gevolgen geconstateerd in het betaalbedrag vanwege de energiecrisis gebleven”. Heeft de RBG n.a.v. de energiecrisis nog verandering gezien in het betaalgedrag van klanten? Zijn er meer/minder betalingsregelingen getroffen in 2022? P.26: (Reserve “Tegengaan problematische schud”) Het project wordt medio 2023 afgerond. Wat betekent dit voor nieuwe groepen klanten vanaf 2023 die problematische schulden hebben? Gemeenschappelijke Regionale Bedrijfsvoering (GRB) DelftRijswijk P.6: “In 2022 is gestart met het inzichtelijk maken van de kostenallocatie van de GRB en de kostenverdeelsleutels te herzien en geschikt te maken voor de huidige omstandigheden. Dit zal resulteren in een aangepaste Bijdrage verordening, zoals bedoeld in Artikel 13, lid 3 van de gemeenschappelijke regeling bedrijfsvoering Delft Rijswijk.”. Wanneer kunnen we de aangepaste Bijdrage verordening verwachten?
Evides BV P.10: De bedrijfskosten zijn in 2022 bijna gehalveerd. Kunt u dit verder toelichten?
Stedin Netbeheer BV P.30: De uitvalduur van elektriciteit en gas zijn gestegen van 19 min en 26 sec resp. in 2021 naar 22 min en 50 sec resp. Is het duidelijk wat de oorzaken waren van deze uitvallen?
NV Bank voor Nederlandsche Gemeenten (BNG) P.45: “Het beloningsbeleid ontmoedigt het nemen van meer risico dan aanvaardbaar is en gaat prikkels voor niet-integer gedrag tegen.”. Kunt u hier nog wat uitgebreider op in gaan?
Het project Tegengaan problematische schulden is inmiddels afgerond en deze werkwijze is ingevoerd als de reguliere werkwijze bij problematische schulden, dus ook voor nieuwe groepen klanten.
De aangepaste Bijdrage verordening, zoals bedoeld in Artikel 13, lid 3 van de gemeenschappelijke regeling bedrijfsvoering Delft Rijswijk, is in de bestuursvergadering van 8 mei 2023 vastgesteld en treedt per 1 januari 2024 in werking.
Ten opzichte van 2021 zijn de bedrijfskosten van B.V. GBE gedaald van € 76.425 naar € 48.120 in 2022. De incidenteel hoge kosten in 2021 hangen samen met de wervingskosten voor een nieuwe directeur van GBE (effect: € 9k) en juridische advieskosten (effect: € 14k). De juridische advisering houdt verband met de overdracht van de Evides-aandelen van PZEM naar haar achterliggende aandeelhouders en de wijziging van statuten en reglement door GBE.
Ten opzichte van 2021 uitvalduur elektriciteit toegenomen met 3 minuten (van 19 naar 22) en uitvalduur gas bijna verdubbeld (van 29 naar 50), wat zijn de onderliggende oorzaken? En betreffen dit incidenten of zijn dit gevolgen van de veroudering van het net? Er is nog geen onderzoek naar de twee stijgingen gedaan en is er dus ook geen klip en klaar antwoord op de gestelde vraag. Voor wat betreft de stijging van de gemiddelde uitvalsduur in het elektriciteitsnet over alle aangeslotenen (SAIDI) denken we dat dit te wijten is aan één grote 10kV storing in Spijkenisse op 6 januari 2022. Hierbij zijn +/- 17k klanten gedurende 1,5 uur á 11,5 uur zonder spanning hebben gezeten. Een storing van dergelijke aard hebben we in 2021 niet gehad en dus zie je dat de SAIDI meteen lager is. (In 2020 hebben we wel één storing van een iets groter kaliber gehad en dus zag je de SAIDI ook weer hoger was) Voor wat betreft de stijging van de gemiddelde uitvalsduur in het gasnet over alle aangeslotenen denken we dat dit mede te wijten is aan een grote storing in Berkenwoude op 20 augustus 2022. Door een lekkage in een hoge druk leiding moesten voor de reparatie afsluiters dichtgedraaid worden waardoor het hele dorp zonder gas kwam te zitten. Uiteindelijk zijn er 427 klanten getroffen die ieder 18:34hr zonder gas hebben gezeten. Het cijfer 'uitvalsduur’ wordt beïnvloed door 3 factoren, t.w..
aantal storingsminuten, aantal getroffen klanten en totaal aantal klanten.
Zoals verderop in de tekst toegelicht, kent BNG Bank geen variabele beloning (vaak ook aangeduid als bonus). Als gevolg daarvan zijn voor bestuurders en medewerkers geen financiële prikkels aanwezig om voor gewin op de korte termijn te gaan. Er is immers geen sprake van een bonus die men zou kunnen mislopen.
Nr. 63
Technische vragen bij de jaarstukken van de gemeente Delft 2022 - PvdA Bij de jaarstukken van STEDIN valt op dat het eigen vermogen van Stedin fors is versterkt door de Rijksoverheid, om investeringen in het electriciteitsnetwerk mogelijk te maken. Dit komt onder andere naar boven in de tijdlijn op pagina 7, de tekst op pagina 19, en de SWOT-analyse op pagina 22.
Antwoord Het rijk heeft aangegeven dat ze voornemens zijn € 500 miljoen aan Eigen Vermogen te storten. Hiervoor krijgen zij aandelen. Als dit besloten is en een goedkeuring heeft van de huidige aandeelhouders dan zullen de aandelen van de aandeelhouders “verwateren”. Dit heeft tot gevolg dat ons huidig stemrecht van 2,44 % naar verwachting rond de 2,15% zal komen te liggen. Voor het eventuele dividend in de toekomst zal dit inhouden dat het dividend ook lager zal zijn( 2,44% naar 2,15% van de totale dividend uitkering) voor de komende jaren houden we geen rekening met dividend in de begroting.
Kan dit ook financiële gevolgen hebben voor Delft, als verbonden partij?
Nr. 64
Technische vragen bij de jaarstukken van de gemeente Delft Antwoord 2022 - ChristenUnie P. 19/P.21 Ruimte voor investeringen/Investeringen. “53,2% Daar hebben wij geen totaaloverzicht op. Dat is afhankelijk van de doorlooptijd van elk project. Bij de aanstaande Najaarsrapportage 2023 en de realisatie ten opzichte van de primaire begroting”. Er is t.o.v. de Programma worden zoals gebruikelijk nieuwe faseringen betrokken. primaire begroting veel minder geïnvesteerd in 2022. Is er zicht op hoeveel hiervan vanwege uitvoering vertraging in 2023 wordt geïnvesteerd?
65
P. 54/55 Preventieve gezondheid. Hoe wordt er gemonitord of de interventies de juiste (ongezondere) doelgroepen bereiken?
Met Positieve Gezondheid in de wijk sluiten we aan op de behoefte van de mensen ten aanzien van het verbeteren van hun gezondheid en we motiveren mensen die tot de doelgroep behoren om mee te doen aan interventies. De monitor die we hebben opgezet vliegen we aan op drie niveaus van interventies die we hebben uitgevoerd. We hebben aan hand van wijk analyses in cijfers en interviews die zijn uitgevoerd bewust gekozen voor inzet van Positieve Gezondheid in de wijk Voorhof en buitenhof. In deze wijken is de meeste gezondheidswinst te halen. Café positief gezond staat in de wijk en is hierdoor laagdrempelig te bereiken voor mensen met gezondheidsachterstanden. We monitoren ook op de deelnemers aan de interventies zoals Café Positief Gezond, het skatepark, voedingsworkshops, het gezondheidsfestival en mensen uit de wijk die erop afkomen Hieronder de opzet van de monitor: - We hebben interventies die met groepen mensen worden uitgevoerd. De monitor op dit onderdeel is ook gericht op deze groep. - We hebben ook interventies die gaan over bijv. de rookvrije omgeving. Dan meten we in de omgeving of er gerookt wordt. - Daarnaast hebben ook het Delftse internetpanel (DIP) op stadsniveau waarbij we iedere twee jaar positieve gezondheid monitoren.
66
P. 75 Toelichting, Banen. Op welke manieren worden bedrijven op de hoogte gesteld dat er meer bedrijfsruimte beschikbaar komt door nieuwe ontwikkelingen?
Dit gebeurt op verschillende manieren. Op www.delft.nl staat een overzicht van alle lopende projecten waarbij ook wordt verwezen naar werkruimte. Soms schrijft de gemeente zelf tenders uit voor invulling in bepaalde bouwprojecten met een economisch karakter. Maar het komt ook voor dat partijen zelf aandacht geven aan ontwikkelingen in de media. Aanbieders van ruimtes en partijen die een ruimte zoeken proberen we te matchen tijdens de bijeenkomsten van Delft MAAKT ruimte.
67
P. 75 Toelichting, M2 Bedrijfsruimte toevoegen (industrie). Is er zicht of toegevoegde bedrijfsruimte voldoende is voor de bedrijven die zich in Delft willen vestigen of binnen Delft willen doorgroeien?
De vraag naar bedrijfsruimte is momenteel groter dan het beschikbare aanbod. Naar verwachting zal dit de komende jaren blijven. Er wordt volop ingezet op economische ruimte binnen nieuwe gebiedsontwikkelingen, maar die zijn niet op korte termijn gerealiseerd.
68
P. 79 Investeringen, Toelichting, betreft de toelichting beide investeringen of alleen de inrichting Willem van Oranje?
Het betreft de investering Willem van Oranje.
69
P. 92 Gemeentefonds, Wordt er voor de komende jaren ook rekening gehouden met eventuele nabetalingen? Of zijn nabetalingen m.b.t. het gemeentefonds zeer incidenteel?
Nabetalingen zijn elk jaar aan de orde, maar laten zich niet voorspellen, variëren in omvang en zijn altijd incidenteel. Sinds dit jaar kiezen we ervoor om die te verwerken bij de eerstvolgende circulaire. Zo is in de bestuurlijke reactie op de decembercirculaire 2022 rekening gehouden met een aanvullend bedrag van € 4,068 miljoen.
70
P. 109 Risicoprofiel. Kunt u toelichting geven op de hoogte van het operationeel risicoprofiel? Is dit in vergelijking met andere, op Delft lijkende, gemeenten, vergelijkbaar? Of is deze relatief hoog of laag?
Risicoprofielvergelijking: Er is ons geen landelijke vergelijking van hoogten van risicoprofielen bekend. Een check van de jaarstukken van twee middelgrote steden in Westen van het land geeft het volgende beeld: Dordrecht risicoprofiel van € 30,9 miljoen en Leiden € 64,0 miljoen (ongewogen). Het beleid in Delft is dat risicobewustzijn van groot belang is en dat het tijdig benoemen en bespreken van wat er mis kan gaan helpt in het verminderen van het optreden van risico’s. Maar door meer bewustzijn van de risico’s zouden meer risico’s in beeld kunnen komen en daarmee zou de hoogte van het risicoprofiel kunnen toenemen. Dus het is lastig objectief betekenis te geven aan de hoogte van het risicoprofiel. Zaken die evenwel een belangrijke indicaties hiervoor kunnen geven: • de accountant heeft eerder aangegeven de Delftse bepaling van risico’s als adequaat te bestempelen; • de Provincie Zuid-Holland heeft enkele jaren geleden de Delftse risicoparagraaf als een “best practice” voor gemeenten beoordeeld.
71
P. 109 Risicoprofiel. Kunt u toelichten op welke basis de kans impact is gebaseerd per onderwerp? Is dit op basis van expert judgement/ervaring of is hier een specifiek kader voor gevolgd? Of verschilt dit per risico?
Methodiek. Voor alle risico’s geldt dat een inschatting is gemaakt door de betrokken medewerkers en verantwoordelijken, in de vorm van een expert judgement. Daarnaast worden deze opgaven ook nog bezien door de afdeling Control. In voorkomend geval vindt een aanvullend gesprek plaats om een zo optimaal mogelijke inschatting van het risico te maken. Voor de grondexploitaties wordt een uitgebreidere methodiek gevolgd en weging toegepast met behulp van de methodiek die in de paragraaf Grondbeleid wordt toegelicht; zie ook het MPG (Meerjarenprogramma Grondontwikkeling) en het TMPG (Tussentijds Meerjarenprogramma Grondontwikkeling).
72
P. 118 Overige operationele risico’s PM. Niet alle risico’s in deze paragraaf zijn in het risicoprofiel financieel verantwoord. Kunt u toelichten waarom hier geen bedrag aan gekoppeld is en hoe deze risico’s financieel geborgd worden?
In het risicoprofiel zijn ook risico’s benoemd waar de betrokken experts geen redelijke kwantificering konden maken van het risico. Deze zijn als overige risico’s opgenomen als PM-post. Daarnaast zijn er enkele strategische risico’s en kerndossiers waarvan de risico-omvang ook (nog) niet exact is te kwantificeren. Doordat de uitkomst van de weerstandsratio ruim uitkomt boven de 1,0 (=grenswaarde voor classificering “voldoende”) is er voldoende marge in het weerstandsvermogen voor deze overige risico’s.
73
Doordat ook de opbrengsten meegenomen worden in de berekening lijkt het alsof er minder onderhoud is uitgevoerd dan werkelijk is uitgevoerd. Bij de P. 131 Wegen, straten en pleinen. “Er is op dit moment geen sprake van achterstallig onderhoud”, toch is er 591.000 minder daadwerkelijk gemaakte kosten vs. begroot is een klein tekort ontstaan. uitgegeven dan begroot aan regulier onderhoud. Wat is de reden dat er met zoveel minder geld wel het gewenste resultaat is geboekt?
74
P. 157 Inkomende subsidies. In 2022 is er minder subsidie binnengekomen dan in de vorige twee jaren. Is de oorzaak hiervan duidelijk?
Het succes is afhankelijk van de mogelijkheden en openstellingen van regelingen. In 2020 was het subsidieniveau hoog door een grote toegekende aanvraag vanuit de Woningbouw Impuls (>7mln). De afgelopen 2 jaar zijn verschillende grote subsidieaanvragen ingediend, maar helaas niet gehonoreerd. O.a. Regiodeal(24mln), Proeftuin Aardgasvrije Wijken(4,5mln), etc. Gedurende 2023 zijn er al verscheidene grote subsidieaanvragen ingediend en toegekend, en de verwachting is dat daar nog een aantal grote bij gaan komen. Delft ziet dus zeker kansen en grijpt deze ook aan, maar is daarbij ook afhankelijk van de mogelijkheden uiteraard.
75
P. 161 Kwijtschelding. Er is minder kwijtgescholden dan begroot De kwijtschelding blijft over 2022 in lijn met voorgaande jaren. De praktijk leert dat ook na 31 december nog een beperkt aantal aanvragen wordt in 2022. Is er zicht waarom er minder kwijtscheldingen verleend toegekend. Met de huidige lage werkloosheid is het beeld dat er geen groei is van het aantal mensen dat onder de inkomensgrens voor kwijtschelding zijn dan begroot/verwacht? raakt.
76
P. 215 Voorstel tot bestemming van het resultaat. Wat is de betekenis van ‘niet van toepassing’ in deze tabel bij kolom 2 en 4? Hoe is dit anders dan wanneer er ‘nee’ had gestaan?
Nvt is niet aan de orde. Nee: past niet de werkplanning en lager dan een klein bedrag
Nr. 77
Technische vragen bij de jaarstukken van de gemeente Delft 2022 - STIP p 9 Alinea 8:Wat zijn de effecten van het opvoedsteunpunt?
Antwoord Ouders kunnen iedere week laagdrempelig terecht bij (jeugd)professionals vanuit verschillende disciplines (sociaal, medisch en praktisch). Hier worden vragen over onderwerpen zoals gezondheid, gedrag, contact met school en praktische vragen, zonder indicatie beantwoord. In de opstartfase van half oktober tot en met december 2022 zijn er 19 ouders die gebruik hebben gemaakt van het opvoedsteunpunt. De effecten zijn nu nog niet meetbaar.
78
p 13 Tabel 1:Waarom zijn de grafiek van de stadsschuld en de 'staat van Delft verdwenen uit de Jaarstukken?
79
p 27 Alinea 1:De indicator stelt dat de reductie in 2022 met 22% Het rapporteren van reductie van CO2 emissie is niet simpel. Er spelen meerdere complexiteiten door elkaar heen: is gedaald ten opzichte van 2013, en de tekst geeft aan dat dat in a. De data van CO2-uitstoot komt met een vertraging beschikbaar waardoor de uitstoot van 2020 wordt gerapporteerd in het jaarverslag 2022. Dus de 2020 hetzelfde getal was. Hebben we in twee jaar tijd helemaal indicator die 22% aangeeft is inderdaad de uitstoot van 2020. De uitstoot van 2021 en 2022 was afgelopen januari nog onbekend. niks bereikt op dit doel? Liggen we op koers? b. Meet- en rekenmethoden van CO2 ontwikkelen zich, dit is gemeld in de jaarstukken 2021: “Meet- en rekenmethoden van CO2 ontwikkelen zich en hierdoor is de data - op nationaal niveau - met terugwerkende kracht aangepast. Stand 2020 is met de vernieuwde methodiek niet -0,5% maar -17%.” Let op dat dit de uitstoot was van 2019 door bovengenoemde vertraging. c. Delft heeft tot en met 2022 de reductie van CO2 emissie gemonitord ten opzicht van 2013 maar doelen gesteld t.o.v. 1990. In de programmabegroting 2021-2025 staan de doelen, blz. 45: “Tussentijdse doelstellingen zijn in 2030 50% minder CO2-uitstoot dan in 1990 en 25% duurzame energie, en in 2022 38% minder CO2-uitstoot dan in 1990.” De behaalde 22% reductie is t.o.v. 2013.
Dit geeft geen goed beeld of we op koers liggen. Om die reden hebben we in 2022 de CO2 uitstoot in 1990 laten inschatten. Dat laat zien dat we 44% reductie hebben gerealiseerd t.o.v. 1990.
In verband met de wens vanuit de raad voor een compactere jaarrekening zijn minder relevante grafieken niet meer opgenomen. Een vergelijking van drie ratio's i.r.t. de stadsschuld t.o.v.. vorig jaar is te vinden op pag. 18. De "Staat van Delft" is in het jaarverslag komen te vervallen vanwege het nieuwe IBT (Inter Bestuurlijk Toezicht), dat voorziet in spoediger beschikbaarstellling en commissiebehandeling van de informatie dan via het jaarverslag (is al behandeld in de R&A-cie. van april 2023). Over de nieuwe werkwijze is de raad tijdens het inwerkprogramma in 2022 geïnformeerd.
Er wordt gevraagd of we op koers liggen en 44% reductie t.o.v. 1990 suggereert dat we goed op koers liggen. De opgave die nog voor ons ligt is complex. We vinden het dus niet gepast om het statement te maken dat we op koers liggen. Dit jaar wordt de Routekaart 2050 opgesteld en hierna zal de voortgang jaarlijks in meer details worden gemonitord. Dat gaat meer grip geven of de vraag of we op koers liggen.