CConstaterende datDelft
Koppel je AI →
Document · PDF

Handelingen raadsvergadering 16 mei 2023

Raadsvergadering 15 juni 2023, gemeente DelftBij agendapunt: Handelingen van de gemeenteraadsvergadering van 16 mei 2023 + erratum34.108 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

Realiseert u zich dat u het dan volledig in handen van de wethouder of een toekomstige wethouder legt om te bepalen wat voor soort sociale woning er komt? Dat vraag ik omdat u zegt dat we als raad willen kunnen sturen, maar dat geeft u met het schrappen van dit punt juist uit handen, want de wethouder bepaalt dan. De heer TREFFERS (Volt): Waar mijn probleem ligt … Misschien kan de heer Dag mij straks helpen, maar het probleem is dat we dat percentage niet vast willen stellen. Of wij het nou vaststellen als raad of dat de wethouder het vaststelt, ik wil het niet vastgesteld hebben. Ik wil dat er op een goede manier over na wordt gedacht. Volgens mij doet uw voorstel ontzettend veel goede handreikingen om daar grip op te krijgen, maar persoonlijk ben ik ertegen dat we daarvoor van te voren een vast percentage bepalen. Volgens mij gaat meneer Dag me helpen. De heer DAG (STIP): Ik schiet graag te hulp. Het gaat eigenlijk om datgene waar de heer Treffers mee eindigde. Wat deze nota heel mooi doet, is de wethouder aan de slag laten gaan met wat die voorwaarden zijn en hoe wij in de Doelgroepenverordening gaan kijken hoe we invulling willen geven aan "sociaal moet sociaal blijven". Het lastige van opdraging 7 is dat er eigenlijk wordt gesuggereerd dat we daarop vooruitlopen en dat we denken dat die verhouding een goed middel is om dat vast te leggen. Dat zien wij in principe niet.

Dat neemt niet weg dat de wethouder bij de Doelgroepenverordening tot de conclusie kan komen dat die verhouding een mooi middel is, maar laten we dat niet van tevoren met z'n allen gaan vastleggen, want daar zitten heel grote risico's aan. De heer TREFFERS (Volt): Ik wil nog toevoegen dat als wij deze opdraging niet opschrijven, we natuurlijk niet zeggen dat dit niet meer mag. Ik zie op dit moment dat we de wethouder opdragen een verhouding vast te stellen waarvan we twijfelen of dat een goed idee is. Met andere woorden: als de wethouder heel graag een verhouding wil neerzetten, kan dat, maar niet per se van ons. Mevrouw VAN ROSSUM (SP): Voorzitter. Het CDA wil er iets aan doen dat sociale huurwoningen bij private verhuurders tot extra hoge kosten leiden. Dat juichen we bij de SP toe. Sowieso complimenten voor dit initiatiefvoorstel. Het is heel goed dat dingen die in de 42

HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2023

stad spelen, hier in de raad geagendeerd worden in plaats van dat wij met z'n allen maar zitten te wachten tot het college ergens mee komt. Sociale huurwoningen zijn bedoeld om volkshuisvesting en betaalbaar goed wonen te bieden en niet om er geld aan te verdienen. De SP staat er dus volledig achter dat voortaan bij nieuwbouwprojecten van sociale huurwoningen het uitgangspunt is dat die door corporaties worden gebouwd en verhuurd en dat, mochten er toch private woningen worden gebouwd, er dan geen hoge extra kosten in rekening gebracht mogen worden bij huurders. Dat is een heel goed idee. Het amendement van STIP en andere fracties steunen wij niet, inderdaad omdat zij willen schrappen dat de gemeente een uitspraak doet over wat de verhouding tussen private huurders en corporatiewoningen moet zijn. Dat vindt de SP juist zo belangrijk omdat wij graag een minimumpercentage zien voor corporatiewoningen, omdat we vinden dat er daar genoeg van moeten zijn. Daarbovenop mogen er natuurlijk altijd coöperatieve woonvormen zijn. Daar zijn wij niet per se tegen, maar laten we in elk geval zeggen dat we willen zorgen dat er in Delft voldoende corporatiewoningen overblijven. Dat heeft de heer Valk zojuist ook uitgelegd. De heer TREFFERS (Volt): Ik heb een verduidelijkende vraag, want ik begrijp het niet helemaal.

Als u het percentage wil vastleggen en als er daarbovenop coöperatiewoningen mogen komen, dan verandert het percentage toch weer? Als er dan een coöperatie bij komt, gaat het percentage naar beneden en dat zou dan soms niet kunnen, als ik u goed begrijp. Mevrouw VAN ROSSUM (SP): Alles kan. Dat is natuurlijk het voordeel van het gemeentebestuur: we kunnen het vastleggen zoals wij het willen. Volgens mij kun je dus zeggen dat wij minimaal zoveel corporatiewoningen en zoveel sociale huur willen en dat we daarnaast ook toestaan dat er coöperatieve woonvormen zijn. Die komen daar dan bovenop. Daar ben ik niet tegen. De heer TREFFERS (Volt): U bent het dus eigenlijk met mij eens dat we beter een aantal woningen kunnen doen en dan daarbovenop groeien dan een percentage, omdat we dan vastleggen wat er privé gebeurt. Mevrouw VAN ROSSUM (SP): Het wordt op deze manier heel technisch en ik wil eigenlijk tijd overhouden. Ik zeg u dus dat het volgens mij wél kan met een percentage en dat wij het amendement dus niet steunen. Mevrouw VOOGT (VVD): Voorzitter. Veel dank aan het CDA voor het aansnijden van dit belangrijke onderwerp en punt. Ook de VVD vindt het in lijn met het vijfpuntenplan van de oppositie erg belangrijk dat sociale woningen echt sociaal dienen te zijn en te blijven. Zoals in de commissie aangekondigd heb ik een klein aandachtspunt.

Dat is al eerder aangestipt en we hebben het amendement mede ingediend. Wij vinden het namelijk belangrijk om niet op voorhand vast te zetten wie de woningen exploiteert. De raad gaat over het wat. Dat is wat ons betreft de dienst of het product "sociale huurwoning", hoe je dat ook zou willen noemen. Daar moeten goede voorwaarden, regels en eisen aan gesteld worden. Als raad moeten wij niet op de stoel van beleidsmakers gaan zitten door op voorhand te zeggen wie in Delft in welke verhouding sociale huur mag bouwen. Wij willen het college stimuleren om aan de voorkant per project verschillende mogelijkheden te verkennen en vervolgens de voor Delft best passende partij te kiezen en voor te leggen aan de raad, want naast woningbouwcorporaties zijn er zoveel verschillende opties en mogelijkheden die ook kunnen bijdragen aan het realiseren van kwalitatief goede sociale huurwoningen en er ook voor zorgen dat ze sociaal blijven. Dat gaat van coöperatie tot private partijen. Al die verschillende mogelijkheden zou de VVD met het oog op de toekomst open willen houden. 43

HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2023

Mevrouw Brussaard van Volt verwoordde het in de commissie ontzettend mooi: zij schetste hoe sociaal ondernemer Van Marken de eerste sociale huurwoningen bouwde. Het is belangrijk dat wij leren van het verleden, ook omdat we nog niet weten wat de toekomst ons gaat brengen. Dat is een wijsheid die ik zou willen omarmen. Daarom hebben we dit amendement mede ingediend, omdat we die opties voor de toekomst vooral open willen houden. Mevrouw JANSSEN (PvdA): Voorzitter. Ook wij danken het CDA nogmaals voor het initiatiefvoorstel. Wij vinden het extreem belangrijk dat huurwoningen die gebouwd worden voor mensen met een kleine portemonnee, ook sociaal beschikbaar blijven. Wij denken dat het initiatiefvoorstel daar ernstig aan bijdraagt. Dat steunen we dus heel erg. We vinden het ook heel mooi dat andere partijen hebben meegedacht over hoe we dit initiatiefvoorstel eventueel kunnen optimaliseren. De toevoeging van coöperaties vind ik een hele goede. Die zouden we dus zeker willen steunen. Wat betreft het sturen op een percentage en de vraag of punt 7 eruit moet, kijken we eigenlijk vooral naar de reactie van de wethouder.

Ik lees het zo dat we er niet echt per se heel strikt op gaan sturen, maar dat de wethouder eigenlijk meer wordt uitgenodigd om uit te spreken dat zij mogelijk een voorkeur heeft voor het realiseren van die woningen door woningcorporaties om te voorkomen dat situaties zoals met de Pauwmolen ontstaan. Ik wacht dus graag de reactie van de wethouder daarop af, maar wij danken nogmaals het CDA en de andere indieners van het amendement. Mevrouw VAN VELZEN (D66): Voorzitter. Er is al heel veel gezegd. Allereerst dank aan meneer Valk voor het opstellen van het initiatiefvoorstel. Wij hebben het amendement mede ingediend. Daar is al heel veel over gezegd, maar de grootste reden voor ons om dat te doen, is dat in beslispunt 2 de opdraging "corporatie, tenzij" staat. Dat zou dan leiden tot de ideale verhouding van 100:0, maar het zou ook 90:10 kunnen zijn. Het vooraf vaststellen van het percentage dat dan ideaal zou zijn, is volgens mij dus helemaal niet handig. Als je het ter vaststelling aan de raad stuurt, moet je je daar vervolgens ook aan houden, want je hebt iets vastgesteld, terwijl zich best een situatie zou kunnen voordoen waarin iets is gebeurd waardoor we daarvan moeten afwijken. Dan moeten we het daar weer met z'n allen over gaan hebben, terwijl we in beslispunt 2 al hebben afgesproken: "corporatie, tenzij". Wij zien de meerwaarde daarvan dus gewoon niet in.

Sterker nog: het lijkt ons complicerend. Vandaar dat we dit amendement mede hebben ingediend. De heer VALK (CDA): Voorzitter. Ik zal alleen reageren op het amendement. Het idee om een coöperatie toe te voegen is hartstikke leuk. Dat heb ik al gezegd in de commissievergadering. Er is geen enkele reden om dat niet te doen. Dat ondersteun ik dus van harte. Wat beslispunt 7 betreft: het oordeel is uiteindelijk natuurlijk aan de collega's, maar ik heb dat heel bewust opgenomen in de nota, omdat we de raad meer sturing geven op wat nu een collegebevoegdheid is. Nu bepaalt het college eigenlijk met wie het een anterieure overeenkomst sluit en wie het gaat doen. Juist door met elkaar het debat aan te gaan - willen we meer corporaties, meer privaat of meer coöperaties? - geven we de raad een extra stuurmiddel. Dat was de reden om het politieke debat met elkaar te voeren en om de raad daar controle op te geven. Nergens staat dat het percentage tot in de eeuwigheid vastligt. De heer DAG (STIP): Ik heb een vraag over het schrappen van opdraging 7. Is het CDA het niet met ons eens dat we, wanneer de wethouder invulling geeft aan deze nota en wij hier bijvoorbeeld in het kader van de Doelgroepenverordening weer met elkaar over komen te spreken, dan nog een moment hebben om het over die verhoudingen te hebben en dat u 44

HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2023

zich er dus geen zorgen over hoeft te maken dat we dat niet gaan doen met de raad? Volgens mij kunt u het amendement dus gewoon steunen. De heer VALK (CDA): Ik heb dit in deze nota opgenomen omdat het mijns inziens logisch past in de hele stroom: wat leg je als verantwoordelijkheid bij de raad neer, wat leg je als verantwoordelijkheid bij het college en wat wil je uiteindelijk bereiken? Het gaat mij niet om corporaties of private verhuurders, maar om de huurders, die uiteindelijk hiermee beschermd worden: hoe bedienen we die het beste? De heer DAG (STIP): Toch nog een vraag: is het CDA het met me eens dat u nu op de zaken vooruitloopt? Want volgens mij kunnen we het bij de Doelgroepenverordening, een discussie die we nog gaan voeren wanneer de wethouder daarmee naar ons toe komt, best nog met z'n allen gaan hebben over die verhoudingen. U zegt al bij voorbaat: dat is de manier. Ik weet niet waaruit dat blijkt en ik zie alleen maar risico's. De heer VALK (CDA): Ik denk dat het nooit te vroeg is om vooruit te lopen op nota's die nog in ontwikkeling zijn. Ik denk dat we met deze nota ook gewoon input geven aan de Doelgroepenverordening en aan de Woonvisie die gaat komen en daarmee die discussie voeren. Het beslispunt geldt natuurlijk zolang de raad niet anders besloten heeft.

Als in de Doelgroepenverordening uiteindelijk een andere werkwijze gevonden wordt, hebben we het daarover. Het gaat erom dat het naar onze mening gewoon logisch past in de flow van dit verhaal. We willen daarmee voorkomen dat de deur voor private partijen helemaal dicht is. Aan de andere kant willen we ook voorkomen dat er alleen private partijen zijn. Dat is juist het voeren van dat debat, zoals ik al zei. Het schrappen van dat beslispunt vind ik dus wat minder gelukkig. Mevrouw VAN VELZEN (D66): Eigenlijk had ik dit zojuist moeten zeggen, maar ik moet er nu weer aan denken: voor mij maakt punt 7 de rest van uw nota ingewikkelder, ook kijkend naar beslispunt 3. Daar staat namelijk dat er gekozen wordt voor sociale woningbouw en dat we, als er dan niemand is, met de raad nog een keer gaan praten over de vraag of een particulier het dan mag doen. Eigenlijk stel je dus zelf de hele tijd de ideale samenstelling vast als de corporatie niet wil. Punt 2 en punt 3 worden dus een beetje minder waard door punt 7. Volgens mij maakt het het dus alleen maar moeilijker als we het van tevoren vaststellen, waarna je jezelf gaat controleren met een ander beslispunt uit de nota. Het lijkt in tegenspraak met elkaar. De heer VALK (CDA): Het is zeker niet in tegenspraak bedoeld. Het idee is dat we met elkaar in de raad het debat hebben over wat we gewenst vinden en wat we ideaal vinden.

We geven de wethouder de opdracht om daarnaar te sturen. Dat kan een zwaarwegende reden zijn om op een gegeven moment voor het volgende project een private partij te gaan zoeken omdat we te veel afwijken van de door de raad uitgesproken gewenste verhouding. Zo zie ik dus de samenhang tussen beslispunt 7 en de beslispunten 2 en 3. Mevrouw VAN VELZEN (D66): Maar als je zegt dat we dan een particuliere partij moeten vinden omdat je van tevoren hebt gezegd dat het 20:80 of 30:70 moet worden of waar we dan ook op uitkomen, ontneem je jezelf toch wat je jezelf opdraagt in punt 3, namelijk dat je dan nog een keer gaat kijken? Misschien is die particuliere partij er helemaal niet of misschien is de situatie daar helemaal niet geschikt voor. Je wilt het per situatie bekijken, want dat schrijft u in de punten 2 en 3. De VOORZITTER: Meneer Valk, de laatste poging.

45

HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2023

De heer VALK (CDA): Ja, want ik denk dat dit heel technisch wordt. Punt 3 is zo bedoeld: als het college zegt dat een corporatie het moet gaat verhuren maar als er om welke reden dan ook geen corporatie blijkt te zijn die dat wil doen, dan kun je wel blijven wachten, maar punt 3 zegt: nee, ga dan terug naar de raad en dan gaan we alsnog kijken of we het alsnog privaat doen of dat we iets anders gaan neerzetten. Zo is punt 3 bedoeld. Dat is dus eigenlijk een heel ander discussiepunt om te voorkomen dat je in een deadlock komt. Gezien de spreektijd - want we hebben nog een paar leuke onderwerpen - laat ik het hierbij. Ik ben ook benieuwd naar de reactie van de wethouder op het schrappen van punt 7, maar wij zijn daar niet heel enthousiast over. Mevrouw GROBBEN (Hart voor Delft): Voorzitter, goedenavond. Na deze uitstekende debatten heb ik eigenlijk heel weinig toe te voegen, behalve het uitspreken van dank aan het CDA en STIP voor het opstellen van het amendement. Mevrouw ROMEIJNDERS (GroenLinks): Voorzitter. Met enthousiasme spreekt GroenLinks zijn steun uit voor het initiatiefvoorstel Sociaal ook echt sociaal van het CDA. Het is een prachtig voorstel dat zich richt op het behoud van sociale woningen en het waarborgen van eerlijke en rechtvaardige huisvesting voor iedereen. GroenLinks sluit zich graag aan bij de woorden van de PvdA over het amendement.

We wachten graag af hoe de wethouder het amendement interpreteert. Wethouder SCHREDERHOF: Voorzitter. We hebben het in de commissie al hierover gehad, maar ook mijn complimenten voor dit mooie stuk, dat met heel veel toewijding en heel veel kennis gemaakt is. Ik pel het van voren naar achter af. Volgens mij hebben we het over drie verschillende groepen woningbouw die we zouden willen toelaten: de sociale huursector van de corporatie, de sociale huursector van een particuliere partij, met in ieder geval een huurprijs die kloppend is, en de coöperatie. Ik wil u meegeven dat u daar heel andere verwachtingen in mag hebben. Als u een woning door een corporatie laat bouwen, krijgt u naast een huur die altijd betaalbaar is op langere termijn, ook sociaal beheer erbij. U krijgt daar ook bij dat we afspraken kunnen maken over huurverlaging en doelgroepenbeleid en dat er ook leefbaarheids- en veiligheidsinvesteringen zijn. Dat is de kant van de corporatie. Naast het pakket van de woning is daar dus een veel breder pakket. Zestig jaar exploitatie of langer is daar vrij normaal. Ik heb u al gezegd dat ten aanzien van de particuliere sociale huursector de minister zich ook in de definitie aan het begeven is. Ik denk dat de minister zal komen met de definitie dat het voor 25 jaar betaalbaar moet blijven en toegewezen moet worden aan de doelgroep van de sociale huursector.

Dat is best lastig te controleren, maar dat moet wel gebeuren. De uitvoering is altijd een beetje een ding als het Rijk iets bedenkt. Tegelijkertijd zult u alle randvoorwaarden die u bij de corporatie heeft, daar niet vinden. Bij een coöperatie is het weer anders, want een coöperatie heeft vaak haar eigen toewijzingsbeleid. Dat is logisch, want ze zijn met een club gestart. De transparantie in de toewijzing, die u bij de corporatie heeft, is daar echt wezenlijk anders. Volgens mij is het goed om dat altijd in uw achterhoofd te houden. Er zal een definitie van het Rijk komen. Een sociale corporatie is per definitie sociaal. Ik denk dat de minister komt met "particulier sociaal". De coöperatie zie ik daar nog niet zo snel in voorkomen, maar dat is wel een instrument dat we kunnen inzetten. We hebben het erover gehad hoe je dit soort dingen kunt regelen. Dat kan via het bestemmingsplan, via een anterieure overeenkomst - we hebben ze straks allemaal nodig via een Doelgroepenverordening en deels, als het over gereguleerde voorraad gaat en als wij voorrang willen, via de Huisvestingsverordening. Dat is het kader. Tegelijkertijd hebben we gezegd dat het heel goed is om de uitvoering hiervan - op welk moment beslis je wat en 46

HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2023

wie is bevoegd? - uit te werken in de raadswerkgroep Leefomgeving en om met elkaar ook te komen tot een goede Doelgroepenverordening, waarin je precies de door u gemaakte driedeling tussen een reguliere corporatie, een corporatie van een particulier en een coöperatie maar wellicht zelfs een lijn in je betaalbare koop kunt regelen. Ik denk dat dat heel essentieel is. Daarmee heb je een deel van de punten die in punt 7 staan, ondervangen, want in je Doelgroepenverordening kan je daar ook over nadenken: hoe vaak komt dat voor, welke vraag hebben we in onze stad en waar denken we de komende tijd aan? Dat is de hoofdlijn die je daaruit zou kunnen halen. Ik denk dat het ook lastig is om ten aanzien van punt 7 bijna tot in detail aan te geven wat voor percentages je zou willen hebben. Ik deel dus die visie. Ik denk ook dat je dit in de Doelgroepenverordening kwijt kan, maar ik denk dat het wel goed is dat we met elkaar een soort gevoel krijgen: als je het bijvoorbeeld over een coöperatie hebt, hoe vaak komt dat dan voor en hoeveel plek moeten we daarvoor bieden? Dat kan ook in de Doelgroepenverordening. Ik denk dat dat op hoofdlijnen mijn reactie is. Ik ben heel blij met het stuk. In principe willen wij ook heel graag met een corporatie werken. Die zijn hier ook voor in het leven geroepen, maar af en toe is het anders.

Als een corporatie het niet doet, geldt dat wij zelf onze woningmarktregio hebben aangegeven. Dat is een bevoegdheid van de gemeente. In die woningmarktregio mogen corporaties nieuwbouw bouwen. Dat is daarin echt beschermd. Dat is hier én Haaglanden én Rijnmond. We zijn dus wel wat corporaties verder voordat we van iedereen een nee hebben gekregen. De kans dat dit zich voordoet, is dus niet zo stevig aanwezig, maar dan zal je met elkaar over een alternatief moeten nadenken. Dus nogmaals: wat mij betreft is dit echt een heel fijn en goed stuk en kunnen we in de Doelgroepenverordening ook handgrepen geven voor de verschillende categorieën. Dat is eigenlijk de hoofdlijn. Voor mij is vooral belangrijk dat het zo'n ongelofelijk mooi en helder stuk is. De VOORZITTER: Lof voor de initiatiefnemer dus; heel mooi. Er is geen behoefte aan een tweede termijn. Dan heeft de wethouder alles heel adequaat beantwoord, denk ik. Ik constateer dat ik de beraadslaging kan sluiten. In stemming komt amendement 7.5.A (Schiet niet je doel voorbij) van STIP, Volt, de VVD, Hart voor Delft en D66. De VOORZITTER: Ik geef gelegenheid tot het afleggen van stemverklaringen. De heer VALK (CDA): Voorzitter.

Als het was gesplitst, hadden we zeker voor de coöperatie gestemd, maar ik denk dat uit mijn betoog van zojuist en uit mijn eerdere stemverklaring al duidelijk werd dat het ook gaat om de vraag waar je verantwoordelijkheid neerlegt. Die leggen wij het liefst bij de raad neer: het primaat bij de raad. Daarom zullen we helaas toch tegen dit amendement stemmen, met dank aan de indieners voor het meedenken. Het wordt in de Doelgroepenverordening sowieso geregeld. Mevrouw ROMEIJNDERS (GroenLinks): Voorzitter. GroenLinks deelt de mening van het CDA: als het alleen over coöperaties was gegaan, hadden we graag voor het amendement gestemd, maar aangezien punt 7 er ook uit wordt gehaald, doen we dat niet. We zullen dus tegenstemmen. Mevrouw VAN DIJK (ChristenUnie): Voorzitter. Wij sluiten ons aan bij de stemverklaring van het CDA en GroenLinks. Mevrouw JANSEN (PvdA): Voorzitter. Wij ook. 47

HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2023

De VOORZITTER: Mevrouw Wattel, stemt u mee met de fractie? Dat is het geval. U stemt dus tegen. Het amendement wordt met een digitale stemming aangenomen met 23 tegen 14 stemmen, waarbij de fracties van GroenLinks, het CDA, de PvdA, de ChristenUnie en de SP ertegen hebben gestemd en waarbij ook mevrouw Wattel geacht wordt ertegen te hebben gestemd. In stemming komt het initiatiefvoorstel. De VOORZITTER: Ik geef gelegenheid tot het afleggen van stemverklaringen. De heer DAG (STIP): Voorzitter. Ik wil kort benoemen dat we heel blij zijn dat het amendement is aangenomen en dat er daarmee echt een heel mooie nota ligt. Wij stemmen hier dus voor. De VOORZITTER: Mevrouw Wattel, wat gaat het worden? Vóór. Het initiatiefvoorstel wordt met een digitale stemming aangenomen met algemene stemmen. De VOORZITTER: Gefeliciteerd, meneer Valk en het CDA! (Applaus) De VOORZITTER: Mooi zo, well done! Met een hele warme verwelkoming door de wethouder, die vandaag behoorlijk wat tijd hierin heeft gestoken; dat kan ik naar eer en geweten zeggen. Het is mooi teamwork tussen raad en college en in de raad zelf. Mevrouw VAN VELZEN (D66): Voorzitter. Zouden we misschien een paar minuten kunnen schorsen? De VOORZITTER: Een paar minuten dan. De vergadering wordt enige tijd geschorst. 68. Brief van het college inzake Beleidslijnen Woonvisie 2023-2030 (nr. 2316217).

De VOORZITTER: Er worden zes moties ingediend: de motie Bied Delftse jongeren toekomstperspectief van de heer Dag van STIP c.s., motie 7.6.2 (Gescheiden; en nu?) van de heer Van der Sluis, motie 7.6.3 (Meer betaalbare woningen in Delft), ook van de heer Van der Sluis, motie 7.6.4 (Meer sociale huurwoningen in Delft), ook van de heer Van der Sluis, motie 7.6.5 (Meer ruimte voor alternatieve woonvormen en coöperatieve woonprojecten in Delft) van de heer Treffers, mede namens de VVD, en de motie Bied werkenden met een middeninkomen en gezinnen ook een woning in Delft van mevrouw Voogt, mede namens een aantal andere fracties. Ik geef het woord aan de eerste indieners. Vervolgens kijk ik rond wie nog meer het woord wil voeren. De heer DAG (STIP): Voorzitter. Leuk dat ik bij dit belangrijke agendapunt weer het spits af mag bijten, namelijk de beleidslijn van de Woonvisie. STIP is echt te spreken over het debat dat we in de commissie hebben gevoerd. Er zijn goede ideeën ingebracht en voor vele Delftenaren is aandacht gevraagd. Iedere partij doet dat natuurlijk op haar manier. Volgens STIP is er echter één groep die echt buiten de boot valt en die niet alleen onze aandacht 48

HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2023

verdient, maar echt een plan van aanpak voor hoe we dit gaan aanpakken. Niet-studerende Delftse jongeren vallen echt buiten de boot. Ze hebben te maken met lange wachttijden en krijgen geen contract voor een studentenwoning bij DUWO. Niet voor niets hebben zij de laagste slaagkans van Delft en neemt de dakloosheid onder jongeren flink toe. Kortom, een schrijnend toekomstperspectief. Dat vraagt om actie. Daarom dienen we samen met veel andere fracties een motie in om met een plan van aanpak te komen en dat dan heel goed te verwerken in de Woonagenda en de Woonvisie die we nog met elkaar gaan opstellen. Dank aan alle partijen voor het fijne contact van de afgelopen weken bij het opstellen van deze motie. Ik ga nu naar de motie Middenhuur van de VVD. STIP deelt de oproep in deze motie. Er ontbreekt gewoon een betaalbaar middensegment in Delft, specifiek voor starters. In de beleidslijn staat echter dat we werk gaan maken van gemengde wijken met een gedifferentieerd aanbod en we hebben al een Actieplan middenhuur. Dat is mooi, maar het gaat ons erom dat we echt actie gaan ondernemen. Daarom zijn we vooral benieuwd wat het Actieplan middenhuur tot nu toe heeft gedaan en gaat doen.

Daarom zouden we de wethouder echt willen vragen om daarmee naar de raad te komen: wat hebben we gedaan en wat gaan we doen? Mevrouw VOOGT (VVD): De heer Dag heeft het over het Actieplan middenhuur, maar dat gaat echt alleen over huurwoningen. Deze motie roept ook echt op om te kijken naar goedkope en betaalbare koopwoningen. Zou u dat dan kunnen steunen? De heer DAG (STIP): We zijn benieuwd hoe de wethouder dat verwoordt, want in de beleidslijnen staat al dat we hiermee aan de slag gaan. Ik wil graag van de wethouder horen wat zij, los van het middenhuurstukje, gaat doen om invulling te geven aan de plekken waar de tekorten liggen, waaronder uiteraard de jongerenwoningen. STIP denkt dat de motie Gescheiden; en nu? van de SP niet uitvoerbaar is. We hebben te maken met een bestaand urgentiesysteem waar we volgens mij niet zomaar van kunnen afwijken, maar we zijn benieuwd hoe de wethouder daarop reageert. Wel vraagt de motie ook om veel onderzoek. Daar zitten we een beetje mee, want we vragen echt om actie. We hebben genoeg beleidsdocumenten en genoeg papier. Laten we aan de slag gaan; onderzoek is er genoeg. STIP stemt ook tegen de amendementen van de SP; dat zijn moties geworden. Over de bestaande plannen heeft de gemeente ook al veel afspraken gemaakt in het kader van grondexploitaties en anterieure overeenkomsten.

Het lijkt ons heel onwenselijk en onbetrouwbaar om daar nu van af te gaan wijken. De heer VAN DER SLUIS (SP): Begrijp ik nou dat we niks kunnen doen omdat dit een voortraject is voor de echte Woonvisie en omdat we zelfs in dat voortraject al verplicht zijn om dingen te doen omdat er afspraken gemaakt zijn met concrete partijen? Waarom zitten we hier dan nog? De heer DAG (STIP): Bij de huidige planvoorraad gaat het om wat we al gedaan hebben. Met de Woonvisie gaan we echt invulling geven aan wat we gaan doen. Dan moeten we sturen. Ik heb geen tijd meer. De VOORZITTER: Daar bent u heel eerlijk in; u heeft inderdaad nog 12 seconden.

49

HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2023

Door de fracties van STIP, Hart voor Delft, de PvdA, Onafhankelijk Delft, het CDA, D66, Volt en de VVD wordt motie 7.6.1 (Bied Delftse jongeren toekomstperspectief) ingediend: "De gemeenteraad van Delft, in vergadering bijeen op 16 mei 2023 ter bespreking van Beleidslijnen Woonvisie 2023-2030, constaterende dat: -

de gemiddelde inschrijfduur voor Delftse jongeren 48 maanden is; Delftse jongeren tussen de 23 en 26 jaar met 10,9% veruit de laagste slaagkans op een sociale woning hebben; het aantal dakloze jongeren in Nederland in 2021 met 50% is toegenomen; niet-studerende jongeren geen contract kunnen krijgen voor een studentenwoning bij DUWO; er specifieke jongerencontracten bestaan voor niet-studerende jongeren, waarbij hun wachttijd bij Woonnet Haaglanden na afloop van het contract niet vervalt; de huidige Woonvisie met geen enkel woord spreekt over Delftse jongeren;

overwegende dat: -

de gemeente Delft moet voorkomen dat het aantal dakloze jongeren toeneemt; het schrijnende toekomstperspectief van Delftse jongeren op een woning niet expliciet is benoemd in de Beleidslijnen Woonvisie 2023-2030; het bieden van toekomstperspectief voor niet-studerende Delftse jongeren in de nieuwe Woonvisie én Woonagenda niet mag ontbreken; het bijbouwen van woningen met een jongerencontract een directe manier is om specifiek niet-studerende Delftse jongeren sneller aan een woning te helpen;

draagt het college op een plan van aanpak op te stellen voor woningen met een jongerencontract voor niet-studerende jongeren en dit plan van aanpak op te nemen in: - de nieuwe Woonagenda, inclusief aantallen in Delft te realiseren jongerenwoningen inspelend op de huidige tekorten; - de nieuwe Woonvisie, inclusief een paragraaf over het schrijnende perspectief van Delftse jongeren op een woning en wat de gemeente Delft gaat doen om dit op te lossen, en gaat over tot de orde van de dag." De heer VAN DER SLUIS (SP): Voorzitter. Ik moet verklappen dat ik van de SPfractievoorzitter, Lieke van Rossum, die hier naast me zit, flink wat commentaar heb gekregen toen ze de motie zag die ik indien. In de motie staat immers dat we "maar" 4.000 extra sociale woningen in Delft willen bouwen en dan ook nog eens tot 2040 in plaats van in vijf jaar 5.000 woningen, zoals in ons verkiezingsprogramma staat, terwijl die 5.000 woningen wel nodig zijn. Iedereen met een inkomen tot € 48.000 bruto per jaar komt in aanmerking voor een sociale huurwoning. Het gemiddelde inkomen in Delft is € 27.600. Dat van de nieuw te bouwen woningen slechts 17% sociale huur is, is eigenlijk schandalig. Maar je moet ook je knopen tellen. De SP heeft nog geen meerderheid in deze raad.

Ik heb dus twee heel bescheiden moties opgesteld: minstens 1.050 extra sociale woningen erbij in de komende achttien jaar, maar dan ook minstens 1.050 extra woningen voor de betaalbare verhuur en koop; VVD, luisteren jullie mee? De voorstellen houden eigenlijk in dat we geen onverkoopbare dure woningen gaan bouwen, maar woningen waar wél vraag naar is. Want naar dure woningen, maar dan niet grondgebonden, is echt niet zoveel vraag als de 50

HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2023

projectontwikkelaars je willen doen geloven. Ik refereer nog maar eens aan de appartementen die naast het station worden gebouwd. Al anderhalf jaar staan die in de verkoop, van € 400.000 tot € 1,6 miljoen. Slechts 9 van de 51 appartementen zijn verkocht. Dat zijn niet toevallig de goedkoopste appartementen. 9 verkocht van de 51, en die stonden ook al in de verkoop toen de huizenprijzen nog in de wolken stegen. Ik wil dus graag van andere partijen horen dat ze onze motie steunen. Zo niet, dan hoor ik graag waarom niet, want dat snap ik echt niet. De motie van de VVD om te onderzoeken of er meer goedkope woningen nodig zijn, lijkt mij vragen naar de bekende weg, maar beweegt wel in de goede richting. Die steunen we dan ook, hoewel ons concrete voorstel gewoon beter is. En dan de derde SP-motie, de motie Gescheiden; en nu? Er is nu geen regeling voor mensen die na een scheiding of een vergelijkbaar probleem onverwacht geen plek meer hebben om te wonen. In deze motie vraagt de SP de wethouder of zij kan nadenken over een mogelijke oplossing. Kunnen we kleine eenpersoonswoningen achterhouden die we speciaal inzetten voor deze groep? We vragen de wethouder om te kijken of dit kan binnen het huidige urgentiebeleid of, als dat niet kan, daar een aparte regeling voor op te zetten.

Het zou fijn zijn als we de komende jaren een oplossing kunnen bieden voor deze mensen, althans wat hun problemen op het punt van woonruimte betreft. Ik moet ook iets zeggen over de motie Perspectief voor jongeren. Een groot aantal net afgestudeerden in Delft komt in problemen als hun campuscontract afloopt, waar de SP zich altijd sterk tegen verzet heeft. Om dat probleem nu op te gaan lossen door met nóg een tijdelijk contract te komen maar dan gebaseerd op leeftijd, vindt de SP geen oplossing. Landelijk is net besloten om de tijdelijke contracten aan banden te gaan leggen. Laten we in Delft nou niet tegen die trend ingaan. Door de fractie van de SP wordt motie 7.6.2 (Gescheiden, en nu?) ingediend: "De gemeenteraad van Delft, in vergadering bijeen op 16 mei 2023 ter bespreking van de beleidslijnen Woonvisie 2023 2030, constaterende dat: • •

het helaas veel voorkomt dat Delftenaren in acute woonproblemen komen na problemen in de persoonlijke sfeer door een scheiding, ruzie met ouders of andere huisgenoten; het ook voorkomt dat mensen uit hun huis gezet worden in verband met problemen met het contract;

overwegende dat: • •

er tot op heden geen goede oplossing is voor mensen die van de ene op de andere dag een woning nodig hebben; deze mensen al geholpen zijn met zeer kleine eenpersoonswoningen;

draagt het college op: •

om bij de Woonvisie een plan uit te werken met een oplossing voor Delftenaren die door omstandigheden per direct een woonruimte nodig hebben; 51

HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2023

• • •

daarbij de optie mee te nemen om kleine eenpersoonswoningen te bouwen of om de tijdelijke containerwoningen te gebruiken; te onderzoeken of dit binnen het huidige systeem van urgentieverklaringen mogelijk is of dat er een eigen urgentiesysteem voor opgezet moet worden; te onderzoeken of het nodig en wenselijk is om hiervoor ook een aantal kleine woningen achter de hand te houden,

en gaat over tot de orde van de dag." Door de fractie van de SP wordt motie 7.6.3 (Meer betaalbare woningen in Delft) ingediend: "De gemeenteraad van Delft, in vergadering bijeen op 16 mei 2023 ter bespreking van de beleidslijnen Woonvisie 2023 2030, constaterende dat: • • • •

er in Delft weinig plaats is voor grondgebonden nieuwbouw; de afgelopen jaren vooral veel dure woningen zijn bijgebouwd in Delft, voortvloeiend uit de vorige Woonvisie; er in Delft en omstreken een enorm gebrek is aan betaalbare woningen; jongeren (na hun studie) en starters de stad in groten getale verlaten in verband met het gebrek aan woonruimte;

overwegende dat: • • • • • •

de vraag naar dure woningen toch vaak bestaat uit vraag naar grondgebonden woningen, iets wat Delft niet kan bieden; het aanbod van dure maar niet grondgebonden woningen in Delft groot is en het moeite kan gaan kosten om daar nog kopers voor te vinden; mensen prima in een kleinere of goedkopere woning kunnen gaan wonen dan wat hun budget toelaat, maar dat dat andersom niet te doen is; we zo veel mogelijk mensen moeten gaan huisvesten op een klein oppervlak; het voor Delft dus verstandig zou zijn om meer goedkopere woningen te bouwen dan in het topsegment; op de plaats van een dure woning meerdere goedkopere woningen gebouwd kunnen worden;

draagt het college op om bij de uitwerking van de woonvisie niet uit te gaan van de huidige aantallen die genoemd worden als planvoorraad in de bijlage bij de beleidslijnen, maar uit te gaan van aantallen die als volgt zijn aangepast: • het aantal woningen in de categorie 'overige koop > € 355.000' wordt met een kwart verlaagd. Over de hele periode gaat het over een aantal van 1.050 woningen; • het aantal extra woningen dat daardoor extra gebouwd kan worden, wordt gelijkmatig verdeeld over de categorieën: 'middenhuur > € 808 - € 1.000', 'dure huur > € 1.000', 'betaalbare koop < € 355.000', en gaat over tot de orde van de dag." Door de fractie van de SP wordt motie 7.6.4 (Meer sociale huurwoningen in Delft) ingediend:

52

HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2023

"De gemeenteraad van Delft, in vergadering bijeen op 16 mei 2023 ter bespreking van de beleidslijnen Woonvisie 2023 2030, constaterende dat: • • •

er in Delft weinig plaats is voor grondgebonden nieuwbouw; de afgelopen jaren vooral veel dure woningen zijn bijgebouwd in Delft, voortvloeiend uit de vorige Woonvisie; er in Delft en omstreken een enorm gebrek is aan sociale huurwoningen;

overwegende dat: • • • • • •

de vraag naar dure woningen toch vaak bestaat uit vraag naar grondgebonden woningen, iets wat Delft niet kan bieden; het aanbod van dure maar niet grondgebonden woningen in Delft groot is en het moeite kan gaan kosten om daar nog kopers voor te vinden; mensen prima in een kleinere of goedkopere woning kunnen gaan wonen dan wat hun budget toelaat, maar dat dat andersom niet te doen is; we zo veel mogelijk mensen moeten gaan huisvesten op een klein oppervlak; het voor Delft dus verstandig zou zijn om meer goedkopere woningen te bouwen dan in het topsegment; op de plaats van een dure woning meerdere goedkopere woningen gebouwd kunnen worden;

draagt het college op om bij de uitwerking van de Woonvisie niet uit te gaan van de huidige aantallen die genoemd worden als planvoorraad in de bijlage bij de beleidslijnen, maar uit te gaan van aantallen die als volgt zijn aangepast: • het aantal woningen in de categorie 'overige koop > € 355.000' worden met een kwart verlaagd. Over de hele periode gaat het over een aantal van 1.050 woningen; • daarvoor in de plaats worden minstens 1.050 woningen extra gebouwd in de categorie sociale huur < € 808, en gaat over tot de orde van de dag." De heer TREFFERS (Volt): Voorzitter. In de commissievergadering hebben we het college al lof gegeven voor de beleidslijnen, maar hebben we toch ook een aantal wensen uitgesproken. Volgens mij is de collectie van moties daar een mooie afspiegeling van. Ik zal me nu vooral concentreren op de motie waarvan wij de eerste indiener zijn. De afgelopen jaren is er een opkomst van nieuwe woonvormen zoals collectief wonen, bijvoorbeeld de coöperaties. Dit is het derde alternatief tussen huur en koop, dat mogelijk is sinds de aanpassing van de Woningwet in 2015. Ook in Delft wordt deze coöperatieve manier de laatste jaren aangemoedigd.

Volt ziet dit als een positieve ontwikkeling, een stap in de richting van een nieuwe economie, een gemeenschapseconomie, waarin niet de individuele vraag "hoe wil ik wonen?" maar het gezamenlijk vormgeven aan de vraag hoe we willen samenleven leidend is. Dat is in het kort de toelichting op onze motie. Voor de rest hebben wij de motie over toekomstperspectief voor jongeren mede ingediend. Ontzettend veel dank voor het opstellen daarvan. Wij zijn van plan om de motie over de werkende middenklasse te steunen. De SP-moties vinden wij ook ontzettend mooi. Wij zijn benieuwd naar de antwoorden van de wethouder, maar we staan er zeker positief tegenover. Wij hebben nog wel wat praktische vragen over de motie Gescheiden; en nu? In 53

HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2023

een bijzinnetje staat iets over containerwoningen. Wij denken dat het ontzettend belangrijk is om, ook al maak je tijdelijke huisvesting en ook al is dat klein en bedoeld om tijdelijk te zijn voor mensen in een noodsituatie, wel na te denken over hoe we daar een leefbare plek van maken en of we dat niet beter kunnen mengen met andere plekken. Ik ben bang dat het voorbeeld van containerwoningen niet het voorbeeld is waarnaar we als raad op zoek zijn. De heer VAN DER SLUIS (SP): Ter toelichting: die containerwoningen staan erin omdat we die al hebben en misschien kunnen gebruiken. Het is niet zo dat ik nu iedereen toewens om in zo'n containerwoning te wonen, hoewel je met alles blij bent als je in deze situatie terechtkomt. De heer TREFFERS (Volt): Zo heb ik het ook opgevat. Tegelijkertijd merk ik dat de motie, als ik dit lees, dat beeld bij mij oproept. Ik ben dus ook ontzettend benieuwd naar de reactie van de wethouder. Door de fracties van Volt en de VVD wordt motie 7.6.5 (Meer ruimte voor alternatieve woonvormen en coöperatieve woonprojecten in Delft) ingediend: "De gemeenteraad van Delft, in vergadering bijeen op 16 mei ter bespreking van Beleidslijnen Woonvisie 2023-2030, constaterende dat: -

-

de laatste jaren de druk op de woningmarkt snel is toegenomen; het hierdoor steeds moeilijker is geworden voor sociale en middeninkomens om binnen Delft een huur- of koopwoning te vinden en dat dit naar verwachting de komende tijd zo zal blijven; er in Nederland steeds meer initiatieven ontstaan rondom wooncorporaties en collectief particulier opdrachtgeverschap (cpo);

overwegende dat: -

-

-

de tijd rijp is voor meer wooncoöperaties, omdat ze een extra keuzemogelijkheid zijn tussen sociale huur en dure koop, namelijk een nieuwe vorm om meer maatschappelijk woonbezit te creëren; andere steden actief huurders ondersteunen die zich verenigen in een wooncoöperatie en zelf hun huis bouwen en beheren. Zij doen dit door belemmeringen weg te nemen, regels te verhelderen en wooncoöperaties meer mogelijkheden te bieden in de financiering; beschikbare ruimte één van de belangrijkste knelpunten is voor coöperatief particulier opdrachtgeverschap; regie over de eigen woon- en leefomgeving voor veel inwoners belangrijk is; wooncoöperaties en coöperatief particulier opdrachtgeverschap bijdragen aan de sociale cohesie in dergelijke woonvormen; in de beleidslijnen voor de Woonvisie wordt geschreven over oog voor collectieve voorzieningen en de voorwaarden daaraan, maar nog niets over het actief stimuleren ervan;

draagt het college op:

54

HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2023

-

-

inzichtelijk te maken welke instrumenten de gemeente Delft heeft en zou kunnen inzetten om wooncoöperaties en collectief particulier opdrachtgeverschap te stimuleren en de uitkomsten van dit onderzoek op te nemen in de nieuwe Woonvisie; hierbij ook te kijken naar goede voorbeelden van instrumenten die andere Europese steden inzetten om wooncoöperaties te stimuleren; de raad te informeren over wat de mogelijke locaties voor wooncoöperatie ontwikkelprojecten in Delft zouden zijn en deze te delen met de raad en de Delftse inwoners,

en gaat over tot de orde van de dag." Mevrouw VOOGT (VVD): Voorzitter. In eerste instantie schrok ik eigenlijk best van de beleidslijnen bij de Woonvisie, omdat zij bijvoorbeeld oproepen om gezinnen naar de regio te verwijzen en naar onze zin iets te weinig aandacht hebben voor de middeninkomens. Maar gelukkig kregen we in de commissie de toezegging dat de zin waarmee gezinnen naar de regio worden verwezen, wordt geschrapt en dat in de verdere uitwerking van de Woonvisie extra inkleuring wordt gegeven aan de mogelijkheden voor het toevoegen van gezinswoningen. Wij gaan ervan uit dat hiermee voldoende geborgd is dat deze woningen echt gerealiseerd worden, zodat Delft geen stad wordt voor alleen jongeren en senioren met kleine woningen. Dat neemt niet weg dat er nog een groep overblijft waar ik in de commissie ook een lans voor brak, namelijk de groep samenwonenden en gezinnen die net te veel verdienen voor een sociale huurwoning en te weinig voor een dure huur- of koopwoning. Slechts 12% van de huidige woningen - dat zijn er ongeveer 3.700 - is een middeldure huur- of goedkope koopwoning, terwijl 18.000 mensen in Delft op zoek zijn naar een dergelijke woning. Daarom dien ik een motie in die oproept tot het maken van een plan van aanpak voor het toevoegen van deze woningen van een redelijke grootte en dit te borgen in de Woonvisie en de Woonagenda.

Wij hebben de motie voor het realiseren van woningen voor niet-werkende jongeren mede ingediend. De heer VAN DER SLUIS (SP): Ik ben heel benieuwd wat mevrouw Voogt vindt van ons voorstel om gewoon 1.000 extra woningen te reserveren voor precies die groep. Mevrouw VOOGT (VVD): Daar kom ik straks op wanneer ik de moties langsloop. Ik hou u dus nog heel even in spanning. Met uw goedkeuring ga ik verder. Wij willen heel graag dat ook jongeren in Delft die niet studeren, in aanmerking komen voor woningen, want het is erg jammer dat zij daarvoor nu niet in aanmerking komen vanwege de wachtlijsten en de DUWO-woningen. Er waren jongerenwoningen, maar die zijn overgegaan naar DUWO en zijn daarmee eigenlijk alleen beschikbaar gekomen voor jongeren die studeren aan de universiteit, mbo of hbo en niet voor deze groep. Daarom is het echt nodig om hiervoor een plan van aanpak op te stellen, maar wat ons betreft het liefst binnen de bestaande voorraad, zodat zij uiteindelijk ook de mogelijkheid krijgen om op eigen benen te staan. Omdat we dit in het bijzonder vinden zouden we de wethouder ook willen vragen of zij zou kunnen toezeggen dat zij nog eens extra onder de aandacht kan brengen dat de campuscontracten ook opengesteld zijn voor hbo- en mbo-studenten. Ik heb namelijk het idee dat dit bij de jongeren niet heel bekend is.

In ieder geval de jongeren die ik spreek, wisten niet dat zij ook bij DUWO kunnen wonen. Dat zou dus een suggestie kunnen zijn. Ik ben benieuwd of de wethouder daarop kan reageren. 55

HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2023

Ook de motie van Volt hebben wij mede ingediend. Wij vinden het belangrijk dat bij het realiseren van woningen zoals huur en koop ook gekeken en gedacht wordt buiten de gebaande paden en de bekende spelers. Er is zoveel meer mogelijk. De moties van de SP, van de heer Van der Sluis, vinden wij erg sympathiek, vooral de moties over het vergroten van het aandeel betaalbare koopwoningen en over het bieden van woningen voor Delftenaren die na een scheiding in problemen raken. Daarbij wil ik wel de kanttekening maken dat natuurlijk niet iedereen die gaat scheiden, in aanmerking komt voor een sociale huurwoning, maar dit is wel een belangrijke doelgroep. Juist daarom zijn die middeldure en betaalbare huur- en koopwoningen nodig. Wij zijn heel benieuwd naar de reactie van de wethouder op de moties, ook met betrekking tot de mate van uitvoerbaarheid daarvan. Door de fracties van de VVD, Onafhankelijk Delft, Hart voor Delft en het CDA wordt motie 7.6.6 (Bied werkenden met een middeninkomen en gezinnen ook een woning Delft) ingediend: "De gemeenteraad van Delft, in vergadering bijeen op 16 mei 2023 ter bespreking van Beleidslijnen Woonvisie 2023-2030, constaterende dat: -

-

-

in 2022 Delft 52.130 woningen telt; daarbij o.a. 2.585 huurwoningen zijn met een gemiddelde huurprijs en 1.182 goedkope koopwoningen; er 18.066 woningenzoekenden zijn die te veel verdienen voor een sociale huurwoning en te weinig verdienen om een dure huur- of koopwoning te kunnen huren of kopen; de huidige Woonvisie als ambitie heeft het aandeel middeldure huurwoningen in 2030 20% te laten zijn; in de Beleidslijnen Woonvisie 2023-2030 die ambitie voor middeldure huur- en goedkope koopwoningen, in tegenstelling tot die van sociale huurwoningen, niet concreet wordt gemaakt; in de Beleidslijnen Woonvisie 2023-2030 een aantal keren wordt gesproken over woningen met klein oppervlakte en het woord 'middelduur' geen enkele keer wordt genoemd;

overwegende dat: -

niet is onderzocht hoe groot het tekort aan grotere gezinswoningen en middeldure huur- en betaalbare koopwoningen is; de ambitie in de Beleidslijnen Woonvisie 2023-2030 een passende woning voor iedereen is; de ambitie uit de huidige Woonvisie, het realiseren van 20% middeldure woningen, nog niet is gerealiseerd; het aandeel middeldure woningen niet expliciet is benoemd in de Beleidslijnen Woonvisie 2023-2030; het voor de doorstroming belangrijk is om middeldure en ook grotere woningen te bouwen omdat Delft al relatief veel kleine woningen telt;

56

HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2023

-

-

ten behoeve van de sociale cohesie en diversiteit in alle wijken er voldoende woningen moeten zijn voor gezinnen en mensen die op basis van een middeninkomen niet in aanmerking komen voor een sociale huurwoning; voorkomen moet worden dat Delft een stad wordt met alleen kleine huizen voor alleenstaanden, jongeren en senioren; het bieden van woningen voor gezinnen en voor mensen met een middeninkomen in de nieuwe Woonvisie én Woonagenda niet mag ontbreken; het bijbouwen van middeldure huur- en koopwoningen tot € 355.000 een directe manier is om de wijken in balans te houden en de sociale cohesie en diversiteit te stimuleren;

draagt het college op: -

in kaart te brengen hoe groot het tekort aan middeldure huur- en betaalbare koopwoningen is; een concreet plan te maken voor het realiseren van middeldure huur- en koopwoningen voor gezinnen en mensen met een gemiddeld inkomen (die op basis van hun inkomen niet in aanmerking komen voor een sociale huurwoning) en dit plan op te nemen in: o de nieuwe Woonagenda, inclusief aantallen in Delft te bouwen middeldure huur- en koopwoningen, woningen inspelend op de huidige tekorten, daarbij advies in te winnen over de hoeveelheid vierkante meter per woning, zodat rekening gehouden wordt met samenwonende stellen en gezinnen; o de nieuwe Woonvisie, inclusief een paragraaf over het schrijnende perspectief van gezinnen en mensen die (op basis van hun inkomen) niet in aanmerking komen voor een sociale huurwoning, dure huur- of koopwoning en wat de gemeente Delft gaat doen om dit op te lossen,

en gaat over tot de orde van de dag." Mevrouw GROBBEN (Hart voor Delft): Voorzitter. Hart voor Delft beperkt zich vanavond tot de moties, want het hoofddocument is in de commissievergadering al voldoende besproken en wij gaan de commissievergadering natuurlijk niet overdoen. De motie van STIP, de motie Bied Delftse jongeren toekomstperspectief, hebben wij mede ingediend, omdat Hart voor Delft ook vindt dat er niet voldoende gedaan wordt voor de Delftse jongeren en omdat deze motie een flinke stap in de goede richting is. Hart voor Delft spreekt waardering uit voor de inzet van de heer Dag en voor zijn betrokkenheid bij de Delftse jongeren en de daklozen. De motie Meer betaalbare woningen in Delft van de SP zullen wij steunen, omdat wij elke gelegenheid willen aangrijpen om woningen in de categorie middenhuur en betaalbare koop aan het aanbod toe te voegen. De motie Bied werkenden met een middeninkomen en gezinnen ook een woning in Delft hebben wij, met dank aan mevrouw Voogt, om dezelfde redenen mede ingediend. Zoals aangegeven in de commissievergadering moeten wij ervoor waken dat Delft vergrijst of verjongt en dat het midden verdwijnt omdat gezinnen en mensen met een middeninkomen vertrokken zijn omdat zij nergens anders kunnen wonen. De heer VISSER (CDA): V oorzitter.

In de commissie heeft het CDA al aangegeven dat we het belangrijk vinden dat de middengroep in Delft kan blijven wonen. Delft moet voor hen een thuis zijn en blijven. Wij denken daarbij vooral aan de startende gezinnen. Die groep is juist nodig voor de leefbaarheid in onze stad. Ze zijn actief bij verenigingen, op de school 57

HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2023

van de kinderen en in de wijk en dragen natuurlijk ook bij aan de economische slagkracht van de stad. Zoals we al in de commissie hebben verwoord, moeten we hen vooral omarmen. De door mevrouw Voogt al genoemde toezegging van de wethouder om de tamelijk wezenlijke zin uit de beleidslijn te schrappen, juichen wij toe. Om hier verder gestalte aan te geven, hebben we de motie van de VVD mede ingediend. Het kan natuurlijk ook gebeuren dat mensen in een hele nare situatie terechtkomen en acuut problemen hebben. Wij hopen uiteraard dat die situatie weinig of niet aan de orde is, maar als die wel aan de orde is, zijn de gevolgen vaak groot. Het is goed dat de SP dit punt adresseert met de motie Gescheiden; en nu? Aandacht voor dit naar onze smaak soms weinig direct zichtbare vraagstuk is raadzaam. We zullen deze motie daarom steunen. Een ander punt waarvan het raadzaam is om het in te brengen, is de positie van de nietstuderende jongeren. Daar wordt naar onze smaak te weinig over gesproken in deze zaal. Ook zij horen uitdrukkelijk bij onze stad en moeten dat gevoel ook hebben. Bovendien neemt het aantal dakloze jongeren toe, zoals eind vorig jaar bleek uit de berichtgeving van het Leger des Heils; mevrouw Grobben refereerde daar al aan in haar termijn. Daarom is het goed dat de heer Dag deze handschoen heeft opgepakt. Hopelijk helpt de motie ook bij het bestrijden van de dakloosheid.

Daarom hebben we deze motie van harte mede ingediend. Tot slot een opmerking over de motie van Volt en de VVD over alternatieve woonvormen. Volgens ons is dit een goede verrijking en stimuleert dit onderlinge ontmoeting. Ook die motie zullen wij steunen. Mevrouw VAN VELZEN (D66): Voorzitter. Er is heel veel gezegd, ook al in de commissievergadering. Ik denk dat dat goed is. Ik heb in ieder geval best wel wat toezeggingen meegenomen vanuit de commissie. Ik ga er dan ook van uit dat heel veel wensen van D66 en van heel veel andere partijen meegenomen worden naar het definitieve document. Dan heb ik het vooral over de woningen voor gezinnen, waar we veel over hebben gesproken. Ik sluit me ook aan bij de heer Visser en mevrouw Voogt, die daar van alles over hebben gezegd. Ik ben ook blij dat die zin is verwijderd. Wat de door ons mede ingediende motie van STIP betreft: ik ben hoopvol dat ook dat een toezegging zou kunnen zijn. Volgens mij is dit in de commissie deels ook al toegezegd. Ik hoop dat we dat nog even kunnen bevestigen. Dat geldt volgens mij ook voor motie 7.6.6 van de VVD. Ook dat zou volgens mij prima toegezegd kunnen worden, want dat is volgens mij deels al gebeurd. Ik wil even stilstaan bij motie 7.6.2 van de SP.

Ik vind het eigenlijk best een sympathieke motie, maar ik ben een beetje op zoek, niet alleen naar wat de wethouder daarvan vindt - zij zal de motie ongetwijfeld ook sympathiek vinden - maar ook naar ten koste van wie dat gaat. Als je een woning achter de hand houdt, betekent dat immers wellicht dat iemand anders daar niet kan wonen. En sommige mensen die gescheiden zijn, hebben misschien drie kinderen. Ik ben dus op zoek naar hoe we daar invulling aan gaan geven. Daar gaan wij wellicht niet over, maar misschien kan de wethouder daar iets over zeggen. Dat ga ik dus even afwachten. De heer VAN DER SLUIS (SP): Ik ga een kort antwoord geven op de vraag van mevrouw Voogt. Als je gaat scheiden en kinderen hebt, is er een urgentieverklaring. Het gaat dus om de partner die geen kinderen in huis heeft. Het andere punt weet ik niet meer, maar dat doet niet zo ter zake.

58

HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2023

De VOORZITTER: Misschien weet de wethouder dat. Zij weet hier veel van, weten we uit ervaring. Mevrouw WESSELS (GroenLinks): Voorzitter. Ik hou het kort, want volgens mij hebben we afgelopen donderdag echt een prachtige discussie in deze zaal gehad. De moties, zoals de moties over het toekomstperspectief voor jongeren, de alternatieve woonvormen en het bieden van woonruimte voor de middenklasse en gezinnen, zijn afgelopen donderdag allemaal ontzettend mooi bediscussieerd. Ik vraag me met mijn fractie echt af waarom dit ook nog in de vorm van moties moet langskomen in deze raad, want dit zijn beleidslijnen. Er wordt input opgehaald in de commissie en die wordt verder uitgewerkt in de Woonvisie. Daar kijk ik echt naar uit, want naast de moties die nu ingediend zijn of de input die wordt gevraagd, is er een veel breder palet aan input geleverd. Volgens mij gaat het erom dat dat hele brede palet meegenomen wordt. Daarnaast gaat er nog een gesprek gevoerd worden in de stad. Daar worden ook allerlei dingen opgehaald. Volgens mij zitten er moties tussen waarvan ik denk: die zijn relevant als we de Woonvisie voor onze neus hebben, maar nu zijn ze te vroeg. Wat ons betreft geldt dat ook voor de moties van de SP. Mevrouw JANSSEN (PvdA): Voorzitter.

Ik ben het ermee eens dat de kwaliteit van de discussie en het overleg afgelopen donderdag goed was en dat veel van deze punten al zijn besproken. Wij hebben de motie over de jongeren echter toch mede ingediend, omdat dat punt wat ons betreft onvoldoende belicht is gebleven. Dat betreft met name de jongeren die niet studeren. Dat wilden we dus nog actief meegeven voor de uitvoering van de Woonvisie. Voor de rest sluit ik me eigenlijk aan bij de woorden van GroenLinks: het meeste is natuurlijk al meegegeven en besproken. Dat gaan we uiteindelijk bekijken wanneer de echte Woonvisie er ligt. Ik zal de moties langsgaan. De SP-motie om te kijken naar mensen met een extreme urgentie, die ongeveer van de ene op de andere dag dakloos zijn, vind ik heel sympathiek. Wij moeten dan echter echt een nieuw urgentiesysteem optuigen. We hebben al een urgentiesysteem en we hebben al woningen die hiervoor beschikbaar zijn. Ik denk dat dit de uitvoering lastig maakt: wie laat je onder welke categorie vallen? Val je nou onder extreme spoed of onder net iets minder spoed en welke woning mag je dan hebben? Dat lijkt me allemaal lastig. Bovendien werd al eerder gezegd dat het achter de hand houden van woningen, die je dus niet gebruikt zodat je ze kan gebruiken in gevallen van extreme nood, in de huidige situatie niet kan. Daar zijn gewoon te weinig woningen voor.

Over de motie van de VVD en Volt over alternatieve woonvormen is volgens mij ook al een toezegging gedaan. Die ondersteunen we heel erg, want dit moet meegenomen worden in de Woonvisie. Voor betaalbare koop en middeldure huur geldt hetzelfde. We zijn ook benieuwd naar de update van het actieplan. Misschien kunnen we die al iets eerder krijgen dan de nieuwe Woonvisie en op die manier een beetje op de hoogte blijven. De motie over een andere verdeling van de categorie nieuw te bouwen woningen in Delft zullen wij niet steunen, omdat juist ook doorstroming vanuit sociale huur heel belangrijk is. Mevrouw GAAL (Onafhankelijk Delft): Voorzitter. Gelukkig gaan wij de Woonvisie samen met de stad, belanghebbenden en beleidsrichtingen verder invullen, aanvullen en aanscherpen. Ook op rijksniveau is nieuw beleid in voorbereiding. Samen met de stad kunnen wij dan in het verdere proces de beleidslijnen nog een beetje bijschaven. Wij zullen daarom de moties van de SP zeker steunen. We hebben ook twee moties mede ingediend. 59

HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2023

Wij willen met betrekking tot de motie over alternatieve woonvormen nog opmerken dat ik daar in het stuk wel iets over heb gelezen, maar dat het benoemen van de diverse woonvormen wat ons betreft tot voordeel strekt, want dan weet je waar je het over hebt. Een heleboel mensen hebben immers geen idee welke vormen van wonen er eigenlijk zijn. Wethouder SCHREDERHOF: Voorzitter. Ik zal heel kort herhalen wat we tot op heden met elkaar hebben gedaan en ook in de raadscommissie hebben besproken. De beleidslijn van de Woonvisie moet natuurlijk nog verder uitgewerkt worden, zoals een aantal van u al zeiden. Wat we in de huidige Woonvisie al als instrumentarium ontwikkeld hebben, staat niet in de beleidslijn, maar is er natuurlijk wel. Dat zetten we door. Dat gaat over onze agenda Langer en weer thuis en op hoe je stuurt op de bestaande woningvoorraad, maar er zijn ook het Actieprogramma middenhuur en een motie over goedkope, betaalbare woningen. Die nemen wij in het vervolg mee. Voor de middenhuur zijn op locaties al afspraken gemaakt. Het is goed dat we dat laten zien in de Woonmonitor, die gelijk meekomt met de Woonvisie. Er zijn ook afspraken gemaakt over verduurzaming. We gaan dit nu verder uitwerken. Daarvoor zijn we met u in gesprek en hebben we bewonersavonden - de eerste is al geweest - en woontafels om daar veel meer op te halen en om concreter te worden.

Daarin gaan we aangeven voor wie we bouwen, wijkgericht, in welke categorie en hoe dat per wijk verschilt, afhankelijk van de vraag in die wijk. We hebben immers met elkaar afgesproken dat we uiteindelijk specifieker per gebied aan de slag gaan. Maar we gaan ook aan de slag met nieuwe woonconcepten; dat staat ook al in de beleidslijn. Dat kan de coöperatie zijn; dat kan een cpo zijn, maar het kunnen ook woningen voor jongeren zijn. Het mooie is dat een heel groot deel van uw moties ook over die uitwerking gaat. Ik noem ze nog maar eventjes. De motie van de VVD gaat over werkende gezinnen; die zullen we daarin oppakken. De motie van Volt gaat over coöperatieve woonvormen; die zullen we daarin oppakken. De motie van STIP gaat over de Delftse jongeren, met specifieke contracten, waarin nu net toegevoegd wordt dat het natuurlijk niet alleen om nieuwbouw gaat maar ook om bestaande voorraden. Die zullen we dus netjes meenemen in de verdere uitwerking. Als u mij vraagt wat ik van de moties vind, denk ik dus dat die overbodig zijn, want ik ga dit verder oppakken. De twee moties van de SP gaan over majeure aanpassingen in het programma. Bij de beleidslijn zit een overzicht van de verschillende programma's die we op dit moment hebben voor concrete locaties.

Als beide voorstellen worden opgeteld, wordt van de woningen boven € 355.000 gezegd dat we de helft daarvan - twee keer 25% - anders moeten gaan inrichten. Daar zitten natuurlijk gewoon gebieds- en grondexploitaties onder. Daar zomaar generiek van zeggen dat we dat niet gaan doen, leidt er dus toe dat we in heel ingewikkelde discussies komen en dat er stagnatie van planontwikkeling ontstaat. De SP geeft aan dat het zou kunnen zijn dat woningen boven € 355.000 de komende tijd lastig verkoopbaar of bouwbaar zullen zijn. Dat zijn momenten waarop we met elkaar in discussie gaan, maar zomaar generiek daar 50% uitnemen leidt tot tekorten op die gebieds- en grondexploitaties. De andere motie van de SP hoort eigenlijk niet in de Woonvisie thuis, want die gaat heel erg over de Huisvestingsverordening. Daar hebben we het net met elkaar over gehad. De contouren van de Huisvestingsverordening met regionale en lokale voorrang heeft u als raad vastgesteld: regionaal is dat gebeurd in de regio en lokaal heeft u dat gedaan. Daarin hebben we in de vorige aanpassing, dus niet in de huidige, met elkaar gezegd dat we zo ontzettend veel mensen met urgentie hadden dat reguliere woningzoekenden eigenlijk niet meer aan een woning kwamen. Je hebt daar een verhouding van 70:30 voor nodig. De discussie die de SP aanzwengelt, is dus relevant, maar hoort thuis bij de Huisvestingsverordening.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12897539/1