Handelingen 6 maart 2025
Tekst van het document
4.480 huishoudens in Delft met schulden leven; het hebben van schulden stress, gezondheidsproblemen, school/werkverzuim, opvoedproblemen met zich mee brengt; de gemeente Delft momenteel schuldeiser is van 1.520 inwoners; de gemeente in de Nota Schuldhulpverlening stelt dat 'de gemeente als schuldeiser meewerkt aan het voorkomen van het ontstaan en oplopen van schulden. Inwoners met (problematische) schulden die hulp zoeken, zijn erbij gebaat dat er snel schuldenrust komt en zicht op nieuw perspectief. Om hieraan bij te dragen, is het belangrijk dat wij schuldregeling niet in de weg staan en de totstandkoming hiervan bespoedigen';
heeft nagedacht over en houdt er rekening mee dat: 23
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
volgens Bijbelse traditie elke zeven jaar een 'sabbatsjaar' wordt gehouden, een periode van rust en herstel voor het land. Dit sabbatsjaar diende niet alleen om de akkers en de bodem te laten herstellen, maar ook om alle schulden kwijt te schelden; naast directe schulden aan de gemeente sommige inwoners ook schulden hebben bij verbonden partijen waarin de gemeente volledig aandeelhouder is, zoals Parkeren Delft; schuldsituaties heel verschillend kunnen zijn in oorzaak en passende aanpak; de gemeente met deze Nota Schuldhulpverlening meer in gaat zetten op saneringskredieten, waarbij de gemeentelijke kredietbank als enige schuldeiser in beeld is; er landelijk binnen de wettelijke kaders mogelijkheden zijn om een 'pauzeknop' of 'schuldenrust' toe te passen, maar dit in het Delftse beleid niet expliciet wordt benoemd; met het toevoegen van deze maatregel mensen zich ook eerder aanmelden voor schuldhulpverlening.
vraagt specifiek aandacht voor:
onderzoek en pilots met bewijs dat geldzorgen/schulden wegnemen positief hebben op schoolprestaties (o.a. het JPF van Delft zelf en Helmond en Arnhem);
en geeft het college de opdracht om: 1. een schuldenrust als maatregel toe te voegen aan het schuldhulpverleningsbeleid en de professionals (van o.a. de Financiële Winkel) en vrijwilligers toe te rusten in het toepassen daarvan; 2. in gesprek te gaan met andere schuldeisers (w.o. Parkeren Delft en Regionale Belasting Groep) over sociaal incasseren en schuldenrust en hiermee als gemeente het goede voorbeeld te geven en andere schuldeisers uit te nodigen om hieraan mee te doen; 3. in de monitoring en evaluatie van het beleid schuldhulpverlening expliciet bij te houden hoe vaak en in welke situaties de schuldenrust wordt toegepast en wat de ervaringen zijn. Met deze punten benadrukt de raad het belang van een leven zonder financiële stress, en gaat over op de orde van de dag." De heer STOOP (Hart voor Delft): Voorzitter. Ik zal hier eerst nog maar niet reageren. Ik had een mailtje van de heer Van der Woerd gekregen en ik wacht de reactie van de wethouder af, maar waarschijnlijk heeft de heer Van der Woerd haar al gesproken. Ik heb de wethouder immers vanmiddag aan de telefoon gehad en toen hoorde ik hetzelfde verhaal. Maar goed, het maakt ook niet uit: de motie ligt er. 24
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
De heer VAN DER WOERD (ChristenUnie): Het hoeft de heer Stoop toch niet te verbazen dat ik, als ik meer wil weten met betrekking tot een motie, elke wethouder die daarin een rol speelt, zal vragen wat de wethouder van die motie vindt en dat ik dat dan gebruik in mijn termijn? De heer STOOP (Hart voor Delft): Daar heb ik ook niks van gezegd. Dat moet u vooral doen. Ik heb niet gezegd dat u dat niet mag doen. U moet goed luisteren, meneer Van der Woerd. Ik heb geconstateerd dat u dat gedaan heeft. Nou, dat is toch goed gedaan? Daar ben je politicus voor. Ja, toch? De VOORZITTER: Meneer Stoop, gaat uw gang, hoor. De heer STOOP (Hart voor Delft): De motie spreekt voor zich. Wij lazen het stuk over de schuldhulpverlening. De Adviesraad Sociaal Domein zegt niet: ik vind het jammer. Nee, de Adviesraad Sociaal Domein betreurt dat er geen terugblik in staat in de zin van: wat gaat er nou goed en wat gaat er nou fout? Ik heb altijd gezegd, net als meerdere partijen binnen de gemeenteraad, dat we een advies van een onafhankelijk orgaan zoals de Adviesraad Sociaal Domein wel serieus nemen. Daarnaast heeft Hart voor Delft al een aantal keren gevraagd om terugblikken. Denk maar aan het welzijnswerk: waar blijft de evaluatie? Het is beleid op beleid maken.
Dan kan je natuurlijk zeggen, zoals de wethouder in de commissie zei, dat wij de jaarverslagen krijgen, maar als ik alle jaarverslagen van alle organisaties moet gaan lezen, mag ik er wel een baantje bij nemen. Het enige wat wij vragen, is een korte terugblik op de afgelopen jaren als we zo'n beleidsstuk krijgen: wat is er nou goed gegaan, wat er is nou fout gegaan en - niet te vergeten - wat kunnen we verbeteren? Daarnaast is er bijvoorbeeld een tevredenheidsonderzoek bij de cliënten van de schuldhulpverlening: wat gaat er goed? Ik weet dat echt niet. Wat daar staat, nemen wij voor kennisgeving aan. Wij kunnen natuurlijk niet tegen die nota's stemmen, want wat daarin staat, zal wel kloppen. Daar ga je van uit, maar ik weet niet wat er nou zo succesvol is geweest, welke maatregelen er genomen zijn en wat er effectief is geweest en wat niet. Als er nu gezegd wordt dat dit weer ambtelijke capaciteit kost, zoals de wethouder tegen mij zei, en dat zij geen zin heeft om die daarvoor in te zetten, wijs ik op de titel van de motie: graag een compleet beeld. Ik als gemeenteraadslid en onze fractie hebben het gevoel dat wij niet voldoende worden geïnformeerd als wij geen terugblik hebben op de dingen die gebeuren. Dan kan je wijzen op het jaarverslag, maar dat wordt door dezelfde belanghebbende partijen gemaakt.
En moeten wij hier dan gaan bespreken of een jaarverslag van een partij wel of niet klopt? Ik heb altijd gezegd dat wij over de kaders gaan, maar die wil ik hier wel goed duidelijk hebben. Dat kan alleen door een terugblik. Daar vragen wij in de motie om. Meneer Van der Woerd zei het al: misschien kan de wethouder met iets komen wat zij kan verbeteren of iets dergelijks. Maar ga alsjeblieft niet zeggen dat de motie overbodig is, want ik heb het concept van de motie drie weken geleden gemaakt en ingeleverd en vandaag zijn we pas geëindigd met de definitieve motie. Een aantal partijen zijn hier dus wel degelijk mee bezig geweest.
25
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
Door de fracties van Hart voor Delft en de VVD wordt motie 6.2.2 (Graag een compleet beeld) ingediend: "De gemeenteraad van Delft, bijeen in vergadering op 6 maart 2025 ter bespreking van de Nota Schuldhulpverlening, constaterende dat:
de Nota Schuldhulpverlening 2025-2028 geen evaluatie bevat met de resultaten van eerdere beleidsnota's daarvan; de Adviesraad Sociaal Domein het ook betreurt dat een terugblik van eerdere beleidsnota's ontbreekt; het college aangeeft dat ontwikkelingen op het gebied van schuldhulpverlening jaarlijks worden gedeeld via het jaarverslag schuldhulpverlening; de raad in een discussie al meerdere malen heeft aangegeven dat een duidelijke terugblik bij behandeling van onderwerpen als schuldhulpverlening wenselijk is;
overwegende dat:
een terugblik met resultaten bij de behandeling van schuldhulpverlening het debat en de besluitvorming ten goede komt; politiek gevoelige onderwerpen als schuldhulpverlening op een manier besproken moeten worden die een volledig beeld biedt, inclusief evaluatie van eerder beleid; er nu geen compleet beeld is omdat het college vindt dat we het met een jaarverslag moeten doen, als het gaat om een terugblik; de gemeenteraad hierdoor niet alleen zijn kaderstellende rol beter kan vervullen, maar ook zijn controlerende taak effectiever kan uitvoeren; het huidige jaarverslag Schuldhulpverlening onvoldoende inzicht biedt in de lessen die uit eerdere beleidsmaatregelen zijn getrokken;
draagt het college op:
bij nieuwe beleidsnota's, zoals de Nota Schuldhulpverlening, standaard een terugblik toe te voegen, waarin wordt weergegeven hoe het beleid in grote lijnen verloopt; duidelijk te maken welke maatregelen succesvol waren en welke minder effectief, of de beoogde doelen zijn gerealiseerd of waarom die niet zijn behaald, zodat de raad beter geïnformeerd besluiten kan nemen; de raad te informeren over hoe en op welke wijze deze terugblik structureel wordt opgenomen in toekomstige beleidsnota's."
De heer VISSER (CDA): Voorzitter. Schulden zorgen voor stress en wanhoop en belemmeren mensen in het actief mee kunnen doen in de samenleving. Die belemmeringen wil het CDA tegengaan. Actief meedoen ondersteunt immers onze 26
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
inzet om te bouwen aan een sterke samenleving. Tegen die achtergrond, die ik ook heb verwoord in de commissie, zal het CDA kort stilstaan bij de ingediende moties en het amendement. Ik begin bij de motie van de heer Van der Woerd van de ChristenUnie, die in zijn motie een toevoeging aan het instrumentarium voorstelt. Wat ons betreft past dat helemaal in de lijn van het verminderen van de stress en het stimuleren dat mensen actief kunnen meebouwen aan een sterke samenleving. Een mooie bijvangst is in onze optiek dat de motie een mooi voorbeeld is van hoe geloof en politiek samen kunnen komen. Vanzelfsprekend zullen we deze motie straks bij de stemmingen dus steunen. Dan het amendement van Volt over de BKR-registratie. Met de nadere toelichting op de periode van zes maanden, ook in het amendement, en ook na de eerdere telefonische uitwisseling met mevrouw Brussaard eerder deze week denk ik dat dit een goed amendement is, dat ook bijdraagt aan het zojuist door mij geschetste kader. We zullen ook dat amendement steunen. Tot slot de motie van de heer Stoop van Hart voor Delft, die graag een compleet beeld wenst. Ik heb in de commissie al aangegeven dat verbetering of verrijking van nieuwe beleidsinzet kan worden gevoed door lessons learned.
Grote evaluaties of zulke dingen hoeven wat mij betreft dus niet, maar ik kan me wel iets voorstellen bij de term "terugblik", die in de motie wordt gebruikt, want dat zou volgens mij ook het vertrekpunt moeten zijn voor de volgende nota. In die zin heb ik dus begrip voor wat de heer Stoop inbracht. Wat mij betreft ligt dit ook in het verlengde van wat ik in de commissie heb aangegeven. Ook die motie zullen wij dus steunen als zij in stemming wordt gebracht. Mevrouw OSEPA (GroenLinks): Voorzitter. Er is al veel gezegd. Dat zal ik niet herhalen. Ik wil wel inbrengen dat wij graag een proactievere houding van het college hadden gezien om de BKR-registratie te verkorten. Nu lijkt het er meer op dat we hier pas naar kijken wanneer de VNG een oproep doet. We zijn er om mensen te helpen. Dat kunnen we dus zeker doen. We zijn mede-indiener van de motie Schuldenrust. We denken dat het vooral in het geval van life events heel belangrijk is dat mensen weer een balans kunnen vinden. De motie van Hart voor Delft lijkt ons overbodig, want wij hebben in het betoog nog niet de toegevoegde waarde van een terugblik kunnen vinden. Mevrouw VAN VELZEN (D66): Voorzitter. Er is al veel gezegd. Wat de motie van Hart voor Delft betreft, de motie Graag een compleet beeld, wil ik mij aansluiten bij de woorden van de heer Van der Woerd, maar deels ook bij de woorden van de heer Visser.
Ik kan de oproep van de heer Stoop op zich begrijpen, maar ik hoor eigenlijk dat hij een soort samenvatting wil van al die jaarverslagen om te kijken wat de rode draad in de jaarverslagen is waardoor we het beleid verder zetten. Ik heb u dus niet "een grote evaluatie" horen zeggen, maar misschien heb ik het verkeerd gehoord.
27
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
De heer STOOP (Hart voor Delft): Nee, we vragen een korte terugblik. Ik neem aan dat het college c.q. het ambtelijk apparaat de zaak monitort. Het gaat gewoon om een korte terugblik, zodat wij als raadsleden kunnen lezen wat er goed is gegaan, wat er fout is gegaan, wat er beter kan of dat er nog iets ontbreekt. Een korte terugblik; ik denk dat één A4'tje genoeg is. Mevrouw VAN VELZEN (D66): Dan hoor ik graag van de wethouder wat het verschil is tussen dit en een oplegger of iets wat we al krijgen. Ik wacht die reactie dus af. Met betrekking tot het amendement moet mij alleen van het hart dat de oproep van de VNG op het moment van de commissievergadering twee weken oud was. We zullen dus nooit weten wat de wethouder had gedaan. Ik ken de VNG als een heel degelijke, slimme vereniging. Als zij daartoe oproept, geloof ik dus dat zij ook onderzoek heeft gedaan naar de vragen die ik had, namelijk: waarom zes maanden, is dat niet heel kort en moeten we dan de nazorg verlengen? Ik ga er een beetje van uit dat de VNG dit heeft uitgezocht, maar daarvan krijg ik graag een bevestiging. Om er met betrekking tot de motie Schuldenrust een paar jeukwoorden in te gooien: ik ga ervan uit dat dit een soort nieuw instrument is in de toolkit van de gemeente. Als ik dat op die manier correct heb gelezen, kunnen wij die motie steunen. Mevrouw GAAL (Onafhankelijk Delft): Voorzitter.
De Nota Schuldhulpverlening richt zich voornamelijk op mensen met schulden, de aanpak van schulden, een goede en snelle financiële aanpak om problemen bij burgers op te lossen. We weten allemaal dat schulden enorm kunnen leiden tot andere problemen, zoals ziek worden. Mensen vereenzamen, verstoppen zich achter de voordeur, doen de gordijnen dicht enzovoort. Voor ons liggen een aantal moties. Van twee moties zijn wij medeindiener. Wij hebben gezien dat de coronatijd, de toeslagenaffaire, de hoge inflatie en tussendoor ook nog even een energiecrisis de poppen aan het dansen hebben gebracht. In de commissie hebben we dit onderwerp naar hartenlust besproken. Wij vinden alleen nog een kleine opmerking op haar plek: heel veel mensen die moeten bellen met instanties omdat ze in de schuldhulpverlening zitten, kunnen alleen een prepaidkaart kopen. Zo'n prepaidkaart van € 10 is, geloof me, na één belletje gewoon op. Als het beperken van de BKR tot een halfjaar al zou helpen om mensen gewoon meer mobiel te kunnen maken zodat ze met instanties kunnen bellen en weer mens kunnen zijn en mee kunnen doen, dan is dat het ons al waard. De heer KRISHNASING (VVD): Voorzitter. Als Delftse VVD willen we inwoners met schuldenproblematiek niet verder op kosten jagen en niet onnodig stress bezorgen.
Schuldhulpverlening biedt juist specifieke aandacht voor de mentale gezondheid van Delftenaren en voor de menselijke maat. We begrijpen de gedachte achter de motie Schuldenrust. Toch hebben we een aantal vragen aan het college, aan de wethouder. Hoe gaat dit uiteindelijk tot uitwerking komen? Worden de schulden eerder kwijtgescholden? Wordt de periode opgeschort? Die hete adem van de schulden blijft in de nek van de inwoners hijgen. Zijn er rapportages gemaakt en is er onderzoek gedaan naar hoe inwoners daarop reageren? En wat is de financiële 28
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
impact voor de gemeentebegroting? Hebben inwoners ook een keuze in de schuldenrust? We horen graag de reactie van de wethouder. Volgens mij heeft de heer Stoop genoeg gezegd over de korte terugblik. Het hoeft echt niet lang te zijn; gewoon de lessons learned. Als de Adviesraad Sociaal Domein dit ook meegeeft, welke waarde hecht het college dan aan dat advies? Misschien heeft u het al gehoord in onze interrupties richting Volt: wij willen graag de menselijke maat en het maatwerk behouden waarbij een inwoner van Delft een eigen verantwoordelijkheid neemt en vervolgens dus ook laat zien dat hij zijn leven weer op orde heeft, waardoor zijn BKR-registratie ook eerder vervalt. Mevrouw JANSSEN (PvdA): Voorzitter. Een kleine 4.500 huishoudens in Delft leven in schulden. Wie in de schulden terechtkomt, komt daar moeilijk weer uit. Dit komt doordat het hebben van schulden veel geld kost, maar ook energie en mentale draagkracht. Prestaties op school en werk en de maatschappelijke participatie verminderen. De mensen die te maken hebben met schuldenproblematiek, presteren op al deze punten minder goed, terwijl het risico om in schulden te komen, lang niet voor iedereen gelijk is en veel mensen ook buiten hun schuld om en door domme pech in schulden komen.
We mogen niet accepteren dat levens hierdoor stil worden gezet en dat de kwaliteit van leven hierdoor dramatisch vermindert; dat is gewoon niet eerlijk. Vandaar dat wij een motie en het amendement mede hebben ingediend. Gemotiveerde mensen die hebben laten zien dat ze hun schuldenproblematiek willen oplossen door een heel moeilijk schuldhulpverleningstraject af te ronden, verdienen het om na een halfjaar een nieuwe kans te krijgen, nadat ze begeleid worden en verdere ondersteuning krijgen, en zonder BKR-registratie door het leven te gaan, hun leven weer op te bouwen en weer zelfstandig dingen te kunnen organiseren. Daarom hebben we het amendement mede ingediend. Nog even voor de VVD: het is natuurlijk hartstikke goed om dingen los en per individuele casus te kijken, maar dat kost enorm veel ambtelijke capaciteit. Als we gewoon zeggen dat iedereen die het heeft afgerond, in ieder geval gemotiveerd is en een kans krijgt, kunnen we misschien nog wel individueel toetsen bij mensen die het traject niet afronden maar daar goede redenen voor hebben. Dan zijn er al heel veel minder gevallen die ambtelijk getoetst moeten worden. Daarmee is dat efficiënter. Daar kan de VVD volgens mij niet tegen zijn. De heer KRISHNASING (VVD): Mevrouw Janssen begint over efficiency en zegt dat iemand die zijn best heeft gedaan, vervolgens van zijn BKR-registratie af zou moeten komen.
Daar zijn we ook niet tegen, maar we zijn er wel tegen dat iedereen automatisch van de BKR-registratie afkomt en automatisch die zes maanden krijgt als hij het schuldhulpverleningstraject afrondt. Dat staat namelijk letterlijk in de motie: iemand die zijn schuldhulpverlening afrondt, krijgt vervolgens automatisch na zes maanden een vervalling. Hoe rijmt mevrouw Janssen dat met efficiency? Mevrouw JANSSEN (PvdA): Dank voor de verduidelijkende vraag. Het is echt heel moeilijk om een schuldhulpverleningstraject af te ronden. Daarom is een succesvolle 29
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
afronding daarvan juist een goede toets van de motivatie. Het afronden van het traject mag wat ons betreft beloond worden door een nieuwe kans en door het na zes maanden kwijtschelden van de BKR-registratie. Als je dan vervolgens weer helemaal in de penarie belandt, krijg je het gewoon weer opnieuw; dan kan het gewoon weer opnieuw. Het is niet zo dat iemand dan levenslang geen BKRregistratie meer kan krijgen. Het is alleen zo dat we iemand een nieuwe kans gunnen als hij een traject heeft afgerond. Bovendien moet iedereen die het traject afrondt en die de registratie niet wil omdat hij al een nieuw leven wil opbouwen, nu individueel ambtelijk worden getoetst. Dat zijn heel veel toetsingen. Dat aantal gaat naar beneden als iedereen die het traject succesvol afrondt, na zes maanden een vrijwaring krijgt. Mensen die het niet lukt om het traject af te ronden, kunnen er nog steeds om vragen, maar dat moet dan individueel worden getoetst. Ik ga verder met de motie. Dit jaar is het sabbatsjaar, zoals dat heel mooi in de motie staat. Dat is om de zeven jaar. Dit jaar is een bijzonder jaar, want je hebt zeven keer zeven een sabbatsjaar. Het vijftigste jaar is het jubeljaar. Dit jaar is het jubeljaar. Dat lijkt mij een extra belangrijke reden om schulden kwijt te schelden. Een schuldenrust geeft mensen ademruimte - ja, VVD - en geen hete adem, maar echt een jaar pauze van de schulden.
Je hebt dan echt even de tijd om rustig regelingen te treffen en rustig de financiële stress te reduceren en daarmee escalatie te voorkomen. De heer KRISHNASING (VVD): Met "hete adem" bedoel ik dat de schulden vervolgens niet zijn verdwenen. Het zou voor die persoon heel fijn en heel mooi zijn als die schulden opeens zijn verdwenen, maar als het hele traject vervolgens een jaar op pauze staat, betekent dat niet dat na dat jaar alles opeens weer koek en ei is. Nee, die persoon moet vervolgens zijn of haar best doen om die schulden af te betalen. Dat bedoel ik met "hete adem"; die is niet weg. Ziet de PvdA dat ook? Mevrouw JANSSEN (PvdA): Ja, dat zie ik zeer zeker. Dat is ook waarom die BKRregistratie ook rust geeft; dat is wel iets wat definitief rust geeft. Dit zorgt ervoor dat je een jaar zeker weet dat de kosten op dat moment niet oplopen doordat je niet kan betalen. Je hoeft een jaar niet af te lossen en de rente komt er een jaar niet bovenop. Je hebt dus een jaar de kans om regelingen te treffen om te kijken hoe je het gaat doen. Daarmee wordt escalatie juist voorkomen. Je voorkomt dat rente op rente op rente komt doordat je jezelf geen kans en tijd geeft om het goed uit te zoeken. Dat is belangrijk, want dat zorgt er juist voor dat de schulden niet escaleren.
Dat is eigenlijk een win-winsituatie, want daardoor kunnen mensen makkelijker een goed plan maken om hun schulden af te lossen. Dat is volgens mij dus iets wat we met z'n allen alleen maar heel erg moeten steunen en waarin we als gemeente het goede voorbeeld moeten geven, zodat ook andere instanties dat gaan doen. Tot slot de motie van Hart voor Delft. Uiteraard zijn we heel erg voor het zo goed mogelijk implementeren van hulp bij schulden, zoals ik net al aangaf, maar we wachten graag de reactie van de wethouder af om te kijken hoe zij dit ziet. Mevrouw VERDUIJN (STIP): Voorzitter. Er waren in de commissievergadering veel vragen hierover, maar we zijn blij dat er veel is opgehelderd. We staan achter de 30
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
nota die nu voorligt. Ik wil eerst kijken naar de moties. Er is al veel gezegd over de motie van de ChristenUnie over de schuldenrust. Ook STIP vindt het belangrijk dat we als gemeente erkennen dat geldproblemen en schulden allerlei andere problemen met zich meebrengen. Met maatwerk, zoals de schuldenrust, kunnen we mensen ademruimte geven. Ik sluit me graag aan bij de woorden van de PvdA over het amendement van Volt. Daar staan we dus ook achter. Dan de motie van Hart voor Delft over een extra evaluatie. Wij denken dat wij met de jaarverslagen die al worden gemaakt, goed vooruit kunnen. Extra evalueren lijkt ons niet nodig. We steken ons geld en onze tijd liever in meer preventie en betere vroegsignalering. De heer STOOP (Hart voor Delft): Ik wil de mevrouw van STIP erop attenderen dat wij niet vragen om een evaluatie, maar om een korte terugblik. Mevrouw VERDUIJN (STIP): Volgens mij is een terugblik een evaluatie. We hebben al jaarcijfers, die ook al een terugblik op het hele jaar zijn. Die kan u er elk jaar bij pakken. Dan zijn we ook weer op de hoogte. Mevrouw KOK (SP): Voorzitter. Wat het amendement over de BKR-registratie en de motie Graag een compleet beeld betreft wil de SP de reactie van de wethouder afwachten. Ik wil wel iets zeggen over de motie Schuldenrust.
Het toevoegen van een pauzeknop voor mensen met schulden door middel van een schuldenrust is echt een prima maatregel. Toch vindt de SP het jammer dat dit op grond van een Bijbelse traditie moet gebeuren. Hierdoor lijkt de motie voort te komen uit liefdadigheid. Wij als raad hebben de plicht om ervoor te zorgen dat eenieder in Delft een goede levensstandaard heeft. Graag verwijs ik naar de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens, waarin in artikel 25 staat dat eenieder recht heeft op een levensstandaard die hoog genoeg is voor de gezondheid en het welzijn van zichzelf en zijn gezin, waaronder inbegrepen voeding, kleding, huisvesting en geneeskundige verzorging en de noodzakelijke sociale diensten, alsmede het recht op voorziening in geval van werkloosheid, ziekte, invaliditeit, overlijden van een echtgenoot, ouderdom of een ander gemis aan bestaansmiddelen, ontstaan ten gevolge van omstandigheden onafhankelijk van zijn wil. Het is een mondvol, maar dit is er wel. Dit betekent dat wij als raad moeten zorgen dat mensen die in problemen zijn gekomen, geholpen worden, niet vanuit liefdadigheid of barmhartigheid maar vanuit hun recht en onze plicht. Daarom zitten wij hier. Dat gezegd hebbende steunt de SP de motie Schuldenrust. De heer VAN DER WOERD (ChristenUnie): Ik zou de SP willen vragen of de SP weet waarop de Verklaring van de Rechten van de Mens is gebaseerd.
Mevrouw KOK (SP): Ik zou de heer Van der Woerd willen vragen of hij mij dat wil uitleggen, want dat weet ik niet precies. Maar ik neem aan dat dit over de hele 31
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
wereld voor verschillende mensen met verschillende geloven of zonder geloof zo geregeld is. De heer VAN DER WOERD (ChristenUnie): Het antwoord moeten we verder maar buiten deze raad bespreken. De VOORZITTER: O, dat is jammer. Ik denk dat meer mensen dat wilden weten. Dat komt misschien op een ander moment. Wethouder GOOIJER: Voorzitter. We hebben een mooi debat gehad in de commissie en ook vanavond. Uit de inbrengen blijkt de betrokkenheid van de mensen in deze zaal bij het thema en bij mensen die onverhoopt in schulden zijn gekomen en die wij een nieuwe kans proberen te geven om zich weer actief te kunnen inzetten in de samenleving. Ik ga eerst in op het amendement en de twee moties. Daarna heb ik voor zover nodig nog wat andere opmerkingen. Het amendement vraagt om in deze nota ook de BKR-registratieverkorting op te nemen. We hebben uitgelegd dat dat inderdaad te maken had met het feit dat we gewacht hebben op het VNG-advies. Daarbij is natuurlijk ook heel zorgvuldig nagedacht over belangen tussen schuldeisers en mensen die schulden hebben, tussen mensen die graag zonder die registratie verder willen en mensen die erdoor beschermd worden. Er is goed over nagedacht. We hechten ook aan uniformiteit. Dat is de reden waarom we dat toch hebben afgewacht, maar we vinden het een heel goed idee als de raad vanavond het amendement aanneemt om dat alsnog aan de nota toe te voegen.
In die zin is het advies dus heel positief. We stellen nu immers het beleid voor de komende jaren vast en we willen dit op die manier gaan toepassen. Maar wel graag uniform, dus zo veel mogelijk in lijn met hoe dit ook elders gebeurt. Vandaar dat we dit al deden in maatwerk, maar nog niet heel hard zijn gaan rennen voordat de VNG, die er ook niet voor niks is, met haar advies naar de gemeenten kwam. Tot zover het amendement. Dan de motie Schuldenrust. Ik wil een aantal dingen wegnemen. Het is niet een "schuldenrustjaar". Er wordt natuurlijk ook gesproken over een sabbatsjaar en dat soort zaken. Het is een pauzeknop die je in kan duwen. Vaak stop je een maand of zes of acht. Zo kun je even rust geven. Schuldeisers gaan dan niet invorderen, zodat mensen alles even op een rij kunnen krijgen doordat je hen daarbij gaat helpen. Daarom kun je een pauzeknop inzetten. Het is geen verplichting. Als mensen gewoon door willen gaan met afbetalen en aflossen, kan dat dus, maar als je als schuldhulpverlener denkt dat het op een bepaald moment niet handig is om te blijven vorderen, kun je dit inzetten. Je kunt andere schuldeisers ook vragen om die rust even in te bouwen, zeker als dit gaat - zoals de motie ook vraagt - om mensen die wijzelf heel dichtbij hebben, zoals Parkeren Delft of de regionale belastinggroep. Daar gebeurde dit al, maar niet standaard.
We gaan het nu expliciet toevoegen als instrument. Het stond er niet expliciet als instrument. We hadden het wel, maar met deze motie wordt het explicieter een onderdeel van ons instrumentarium. In de jaarverslagen, waarover straks meer, zullen we ook rapporteren en vertellen wat dit met mensen doet. 32
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
Dan de motie Graag een compleet beeld. Ik snap de intentie erachter. Ik snap heel goed dat je, zoals meneer Stoop zegt, niet alle jaarverslagen door gaat worstelen voordat je zelf een compleet beeld kunt hebben. Het is wel zo dat bij de bespreking van dit nieuwe beleid het jaarverslag van 2023 is gevoegd. In tegenstelling tot wat mevrouw Brussaard zei in reactie op een interruptie, namelijk dat een jaarverslag alleen een monitoring op cijfers is - hoeveel mensen en hoeveel mensen in welke fase? - is het jaarverslag echt een beleidsinhoudelijke evaluatie van hoe het beleid tot dan gaat. Bijvoorbeeld in het jaarverslag van 2023, het meest recente jaar waarover een verslag is gestuurd, kunt u lezen hoe het gaat met het Jongerenperspectieffonds. Daaruit kun je opmaken dat we tevreden zijn over hoe het daarmee gaat en hoe dat jongeren aan een nieuwe start helpt. In deze nota zie je dus een voorstel om het JPF te continueren en om dat tot standaardbeleid te maken, waar het in de vorige beleidsnota nog een pilot was. Hetzelfde geldt voor vroegsignalering: die is in de vorige beleidsnota gestart als een pilot. In elk jaarverslag zijn we ingegaan op hoe het met vroegsignalering gaat. Je ziet nu in deze nota dat we dat gewoon opnemen als standaardbeleid. Dus ja, natuurlijk had in deze nota een korte terugblik gegeven kunnen worden.
Ik wil wel een beetje aan verwachtingenmanagement doen: als je begint met dit domein is dat best wel een klus, ook het debat in de raad gehoord hebbend over hoeveel dit gaat: hoeveel situaties, hoeveel soorten schuldeisers, hoeveel schuldenregelingen. Zoals de motie nu luidt ... Tot vandaag vroeg de motie echt om een losse evaluatie en om dan pas nieuw beleid te maken. Een korte terugblik had wellicht gekund. Ik vind dit voor nu echt niet veel toevoegen. Er staat gewoon duidelijk waarvan we vinden dat het nog niet succesvol was. Daarom ga je dingen voortzetten of nog intensiever doen. Dat proef je eigenlijk uit alles in deze nota. Ik vind de motie dus overbodig en daarom wordt zij ontraden. De heer KRISHNASING (VVD): Dan is de vraag nog wel wat de wethouder vindt van het advies van de Adviesraad Sociaal Domein, die in zijn advies aangeeft dat een terugblik wél toegevoegde waarde heeft. Dat is de eerste vraag. Met de tweede vraag refereer ik aan de woorden van meneer Van der Woerd: als dit al onderdeel is van onze cyclus, kunnen we dit dan niet concreter en specifieker maken door dit heel kort in de oplegger te benoemen? Wethouder GOOIJER: Natuurlijk hebben wij het advies van de ASD gelezen en hebben wij die opmerking gezien.
Ik heb ook bedacht dat ik de eerstvolgende keer dat we bestuurlijk met hen spreken, nog even wat dieper hierop zal ingaan omdat ik deze visie, die ik ook met de commissie heb gedeeld, met hen wil bespreken: wij zien het jaarlijkse jaarverslag als een continue evaluatie. Dat is wat ons betreft voldoende. Als ik het mij goed herinner, vroegen zij overigens echt om een evaluatie, niet om een korte terugblik. Dat is dus wel iets anders. Ik ga hierover dus graag met hen in gesprek. Hun adviezen nemen we altijd ter harte, maar we volgen niet altijd elk advies op. Of je dit in de oplegger kunt benoemen … Ik snap dat punt. Dat kan; opleggers zijn altijd voor verbetering vatbaar. Met dit in het hoofd zullen we daar de volgende keer natuurlijk expliciet naar kijken: voldoet dit voldoende? Wat ons betreft geldt het jaarverslag als een evaluatie. We kunnen hier natuurlijk even naar kijken. 33
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
Ik wil ook aangeven dat als de raad beleid vaststelt, dat vaak het moment is om na te denken over hoe de raad de komende periode wil worden meegenomen in monitoring en evaluatie. In principe is er op het punt van schuldhulpverlening de stille afspraak met de raad, die we ook gewoon gaan doorzetten, dat we elk jaar een jaarverslag sturen en dat we volgens de wet eraan gehouden zijn om eens in de zoveel tijd het beleid te herzien. Dat blijven we dus in principe gewoon doen. Als de raad bij de jaarverslagen informatie mist of de informatie te cijfermatig en te weinig beleidsinhoudelijk vindt, kan de raad daar vragen over stellen en waar mogelijk bijsturen. Die uitnodiging voor het vervolg geef ik de raad dus graag. D66 vroeg of de verkorting van de BKR-registratie verstandig is. Je moet inderdaad een belangenafweging maken. Daar heeft de VNG goed over nagedacht. Het idee is juist dat je tijdens het traject de begeleiding zo biedt dat mensen echt financieel zelfredzaam worden. Je zorgt dus niet alleen dat de schulden worden opgelost, maar ook dat ze op eigen benen kunnen staan en dat je nazorg biedt en contact opneemt om de situatie stabiel te houden. Op die manier houd je de vinger aan de pols en kijk je of het echt gaat zoals het moet gaan.
Ik denk dus wel dat het verstandig is en dat het in veel situaties echt een nieuwe start geeft die er in het verleden, zonder dat je dat wilde, niet was. Mevrouw Gaal gaf daar een heel mooi voorbeeld van. Volgens mij heb ik nu op alles gereageerd. De VOORZITTER: En anders merken we dat vast in de tweede termijn. Mevrouw BRUSSAARD (Volt): Voorzitter. Ik heb misschien inderdaad iets te snel gezegd dat er alleen een cijfermatige terugkoppeling is. Dat is inderdaad zeker niet waar. Ik zie ook in de nieuwe nota staan dat we meer gaan monitoren en dat het eigenlijk ook het landelijk beleid is om meer te gaan kijken of datgene wat we met betrekking tot schulden doen, wel werkt. In de nota zie ik ook dat we dat heel erg volgen. Mijn vraag, die ik ook tijdens de presentatie van de gemeentesecretaris over de organisatieontwikkeling heb gesteld, was eigenlijk meer of we in Delft kennisgedreven werken en hoe we dat als raad dan kunnen zien. Ik zie ook de motie van Hart voor Delft in die context. Zou dat nog duidelijker kunnen in die terugkoppeling? Want het is inderdaad misschien wel te herleiden uit jaarverslagen, maar dat moet je wel kunnen. Dat is ook een specialisme als je niet heel erg thuis bent in de schuldhulp. Dat wil ik graag meegeven voor de volgende rapportages. De heer STOOP (Hart voor Delft): Voorzitter.
De wethouder geeft aan dat we, als we de jaarverslagen hebben, kunnen aangeven of er dingen zijn waar we het niet mee eens zijn. Dat is precies wat ik nu doe: ik mis een terugblik. Dan wordt er gezegd dat die terugblik in het jaarverslag staat en dat wij dat kunnen lezen. Daar missen we dat gewoon in. Dat is het punt: je geeft het aan en vervolgens gebeurt er nog niks mee, want dan wordt die vraag overbodig geacht. Ik vind dat dat niet met elkaar strookt.
34
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
Wethouder GOOIJER: Voorzitter. Ik heb vooral een oproep van Volt gehoord om in het vervolg duidelijker in de rapportages terug te zien hoe we kennisgedreven werken. Ik wil nog meegeven hoe het traject van het opstellen van deze nota is gegaan, namelijk op basis van de kennis van de praktijk, overleg met partners in de stad en met onze eigen Financiële Winkel, wat je merkt in waarom het niet werkt en waarom sommige mensen uitvallen en wat landelijk ontdekt en gestuurd wordt om de schuldhulpverlening te verbeteren. Dat is eigenlijk juist honderd procent de reden waarom de nota wat langer heeft geduurd maar ook waarom zij eruitziet zoals zij eruitziet, namelijk heel erg op basis van de ervaringen en de kennis die er liggen. Dus ja, dat doen we en ik hoor de oproep om dit de volgende keer nog wat duidelijker expliciet te maken. De VOORZITTER: Volgens mij kunnen we tot de afronding van de beraadslaging komen. Dat is het geval. Ik sluit de beraadslaging. In stemming komt amendement 6.2.A (Verwijdering van BKR-registratie na 6 maanden in Delft) van Volt, de ChristenUnie, Onafhankelijk Delft, GroenLinks en de PvdA. Het amendement wordt met een digitale stemming aangenomen met 36 tegen 3 stemmen, waarbij de fractie van de VVD ertegen heeft gestemd.
In stemming komt motie 6.2.1 (Schuldenrust, schulden met sabbatical) van de ChristenUnie, Volt, GroenLinks, de PvdA, STIP en Onafhankelijk Delft. De motie wordt met een digitale stemming aangenomen met 34 tegen 5 stemmen, waarbij de fractie van Hart voor Delft ertegen heeft gestemd. In stemming komt motie 6.2.2 (Graag een compleet beeld) van Hart voor Delft en de VVD. De VOORZITTER: Ik geef gelegenheid tot het afleggen van stemverklaringen. Mevrouw JANSSEN (PvdA): Voorzitter. Wij denken dat het heel belangrijk is om zo goed mogelijk te kijken hoe je efficiënt beleid indeelt. We vinden het ook heel belangrijk dat Hart voor Delft het met ons allemaal eens is dat we dat zo goed mogelijk moeten doen, maar wij kunnen ons vinden in de verklaring van de wethouder en ook in mogelijke optimalisaties die zijn toegezegd. Wij zullen dus tegen deze motie stemmen. De motie wordt met een digitale stemming verworpen met 14 tegen 25 stemmen, waarbij de fracties van het CDA, Hart voor Delft, Onafhankelijk Delft, Volt en de VVD ervoor hebben gestemd. In stemming komt het geamendeerde voorstel.
35
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
Het geamendeerde voorstel wordt met een digitale stemming aangenomen met algemene stemmen. De VOORZITTER: De wethouder kijkt even achterom naar de ambtenaren, want het is natuurlijk altijd teamwork. Het is mooi dat dit hier nu vastgesteld is. 35. Voorstel van het college aan de raad inzake Integraal Huisvestingsplan Onderwijs (IHP) 2025-2041 (2449669). De VOORZITTER: Er is een amendement aangekondigd van de heer Visser. De heer VISSER (CDA): Mevrouw de voorzitter. Ik benadruk dat het CDA blij is met de toezegging die wethouder Schrederhof in de commissievergadering deed aan onze fractie. De informatievoorziening over de financiële ontwikkeling inzake onderwijshuisvesting wordt daardoor omgedraaid, dus niet achteraf maar proactief en zo veel mogelijk vooraf. Dat geeft ons de overtuiging dat de raad beter kan sturen en dat het budgetrecht van de raad meer gerespecteerd wordt. In de commissie heb ik het amendement al aangekondigd. De omissie rondom de Delftse Educatieve Agenda lijkt een detail, maar is voor ons principieel. Dit raakt namelijk de vraag welk bestuursorgaan waarvoor verantwoordelijk is.
Zeker tegen de achtergrond van eerdere debatten in deze gemeenteraad over bevoegdheden van raad en college bijvoorbeeld het eerdere debat over de parkeertarieven - is het belangrijk dat we hierin accuraat zijn en dat de raad dus daadwerkelijk verantwoordelijk is voor datgene waarover in de raad gestemd wordt. Dit amendement herstelt dit dus in het IHP. Dat is één, maar we zien in dit amendement ook een aanmoediging voor het college om hierin accurater te zijn. Daarom dienen we dit amendement in. Door de fracties van het CDA, Hart voor Delft en de VVD wordt amendement 6.3.A (Wie doet wat?) ingediend: "De gemeenteraad van Delft, in vergadering bijeen op 6 maart 2025 ter bespreking van het raadsvoorstel inzake het Integraal Huisvestingsplan Onderwijs (IHP) 20252041 (nr. 2449669), Besluit: Het raadsbesluit behorend bij het raadsvoorstel inzake het Integraal Huisvestingsplan Onderwijs (IHP) 2025-2041 (nr. 2449669) als volgt te wijzigen: Het beslispunt:
Het Integraal Huisvestingsplan Onderwijs 2025-2041 vast te stellen
wordt gewijzigd in:
Het Integraal Huisvestingsplan Onderwijs 2025-2041 gewijzigd vast te stellen, met de volgende wijziging: 36
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
De tekst op pagina 9, te weten: 'De looptijd van de strategische onderwijsagenda 2019-2023 eindigde per 1 januari 2024. Er is een nieuwe Delftse Educatieve Agenda 2024-2027 vastgesteld door de raad.' wordt gewijzigd in: 'De looptijd van de strategische onderwijsagenda 2019-2023 eindigde per 1 januari 2024. Er is een nieuwe Delftse Educatieve Agenda 2024-2027 vastgesteld door het college.' Toelichting De Delftse Educatieve Agenda 2024-2027 is niet door de gemeenteraad vastgesteld zoals de nota beweert, maar door het college, zoals is weergegeven in de oplegger die bij de Delftse Educatieve Agenda 2024-2027 van 14 november 2023 is gevoegd. Hoewel deze omissie een detail lijkt, raakt zij wel een principieel punt volgens de indieners, namelijk welk bestuursorgaan waarvoor verantwoordelijk is. Zeker tegen de achtergrond van eerdere debatten in de Delftse gemeenteraad over bevoegdheden van raad en college is het belangrijk om hier accuraat in te zijn. De indieners van dit amendement menen daarom dat het raadzaam is om dit te herstellen in het voorliggende plan en zien in dit amendement eveneens een aanmoediging voor het college hier nauwkeurig(er) in te zijn." De VOORZITTER: Dat was kort en krachtig. De heer KRISHNASING (VVD): Voorzitter.
De Delftse VVD wil zich graag aansluiten bij de mooie woorden van het CDA, van de heer Visser, maar we hebben wel een vraag over de financiële impact. Mijn collega Van den Berg heeft het al aan de wethouder gevraagd, maar we willen nog een keer expliciet vragen of het college bij de Kadernota duidelijke keuzes of opties voor de € 30 miljoen kan laten zien waar de raad daadwerkelijk een keuze in heeft. Hoe ziet de wethouder dit? Kan de wethouder toezeggen dat de raad straks echt grip op die € 30 miljoen heeft, een keuze kan maken en opties krijgt? Mevrouw GROBBEN (Hart voor Delft): Voorzitter. Zoals in de commissie al verwoord vindt Hart voor Delft dat het Integraal Huisvestingsplan Onderwijs mooie ambities bevat, maar dat de uitvoering te wensen overlaat. Sommige scholen moeten jarenlang wachten op investeringen, terwijl andere direct worden gefaciliteerd. Wij pleiten voor een eerlijke verdeling van onderwijsgeld. Stop met blind investeren in nieuwe initiatieven, terwijl bestaande scholen niet eens de basis op orde hebben. Omdat ik weet dat u, voorzitter, van kort en krachtig houdt, zeg ik dat wij om deze reden tegen deze plannen zullen stemmen en dat wij daarom geen tweede termijn nodig hebben. Maar het amendement Wie dat wat? van het CDA hebben wij mede ingediend, omdat het belangrijk is dat bestuurlijke verantwoordelijkheden correct worden weergegeven.
De Delftse Educatieve Agenda is door het college vastgesteld 37
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
en niet door de raad. Dit amendement herstelt deze fout en zorgt voor meer bestuurlijke zorgvuldigheid. De VOORZITTER: Ik zal het toch even zeggen: dat was kort en krachtig. Mevrouw KOK (SP): Voorzitter. De SP wil alleen naar voren brengen dat wij een groot voorstander zijn van openbaar onderwijs voor iedereen in plaats van een enorme diversiteit aan onderwijsconcepten. Het Integraal Huisvestingsplan maakt pijnlijk duidelijk hoe lastig alles in te passen is. De huisvesting van zoveel verschillende stromingen in het onderwijs maakt alles zeer gecompliceerd en heeft polarisatie tot gevolg. Dit is een algemeen landelijk probleem, zodat wij in Delft hier niet een-twee-drie een oplossing voor hebben. Toch wil ik hierop blijven hameren: het voorkomen van ongelijkheid begint met gelijke kansen in het onderwijs. De VOORZITTER: Dat ben ik van harte met u eens, mevrouw Kok. Mevrouw BRUSSAARD (Volt): Voorzitter. Wij willen kort iets zeggen over het Integraal Huisvestingsplan, omdat wij als raad best wel goed zijn meegenomen in het hele proces en ook in hoe ingewikkeld het eigenlijk was om deze plannen voor de komende jaren te maken, ook gezien de kosten hiervan en het feit dat we vanuit het Rijk eigenlijk te weinig geld voor onderwijshuisvesting krijgen om dit goed uit te voeren in de stad.
We nemen best wel een aantal mooie nieuwe stappen in hoe we het willen gaan aanpakken met de scholenschuif. Ik vind het heel gaaf dat Delft daarin iets nieuws gaat proberen. Het amendement Wie doet wat? sluit heel mooi aan bij wat wij eerder hebben geprobeerd aan te geven met de motie Wie zijn wij? Daarom zullen we het amendement steunen. De VOORZITTER: Voordat er een verkeerde gedachte over mij de wereld ingaat: ik gaf mevrouw Kok zojuist gelijk, maar dat betrof alleen haar laatste zin, namelijk dat onderwijs erg belangrijk is voor gelijkheid en een gelijke start. Daarvóór schijnt nog van alles gezegd te zijn. Dat had ik even gemist; excuus. Mevrouw JANSSEN (PvdA): Voorzitter. De PvdA is voor bestuurlijke zorgvuldigheid. We zullen het amendement dus steunen. De PvdA is ook voor goede onderwijshuisvesting. We zullen dus ook het plan steunen. Wethouder SCHREDERHOF: Voorzitter. Gelet op de vragen denk ik dat ik het kort kan houden. Ik denk dat het heel goed is dat we de correctie doen met het amendement, omdat dat gewoon zorgvuldig en ook de feitelijkheid is. Natuurlijk zullen wij, als wij richting de Kadernota met een aanvraag voor € 30 miljoen komen, daar hele concrete locaties bij hebben en zullen wij ook aangeven wat we daarmee zouden willen en hoe zij in de tijd geplaatst zijn. Die keuze krijgt u dus in optima forma aangeleverd. Wij vinden het ook onze plicht om dat te doen.
38
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
Het ging zojuist om het investeringsgeld. Dat is keurig afgestemd tussen de scholen onderling. Over investeren wordt in LOKABEL, het overleg met zowel het basisonderwijs als het voortgezet onderwijs, de afspraak gemaakt die u in het IHP terugleest. Daar zit dus geen onderlinge frustratie. Het reguliere onderhoud van de scholen is een verantwoordelijkheid van de scholen zelf. Daar komt op termijn wellicht andere wetgeving over, maar dat pakken de scholen zelf op. Er werd ook ingegaan op het feit dat we twee nieuwe scholen hebben gekregen. Die hebben zich bij het Rijk gemeld. Daar hebben we simpelweg ook huisvesting voor te bieden. Ook dat gaat via het LOKABEL. De VOORZITTER: Er is behoefte aan een tweede termijn. De heer KRISHNASING (VVD): Voorzitter. Dank aan de wethouder voor de toezegging. We kijken uit naar het gesprek en de keuzes. De VOORZITTER: Verder zijn er geen punten meer. Dan neemt de wethouder hier in dankbaarheid kennis van. Ik sluit de beraadslaging. In stemming komt amendement 6.3.A (Wie doet wat?) van het CDA, Hart voor Delft en de VVD. Het amendement wordt met een digitale stemming aangenomen met algemene stemmen. De VOORZITTER: Mevrouw De Jongh Swemer is er niet. Nou, ik denk dat mevrouw De Jongh Swemer wordt geacht voor het amendement te hebben gestemd. In stemming komt het geamendeerde voorstel.
Het geamendeerde voorstel wordt met een digitale stemming aangenomen met 34 tegen 4 stemmen, waarbij de fractie van Hart voor Delft ertegen heeft gestemd. De VOORZITTER: Mevrouw De Jongh Swemer wordt wederom geacht te hebben ingestemd. O nee, zij wordt geacht tegen te hebben gestemd. Neem me niet kwalijk. 36. Collegebrief beantwoording schriftelijke vragen van de fracties GL en Volt aan de MRDH inzake fossiele reclame (2451702). De VOORZITTER: Er is een motie aangekondigd. Ik geef het woord aan de eerste indiener, mevrouw Wessels. Mevrouw WESSELS (GroenLinks): Voorzitter. In de commissievergadering hadden we een mooi debat over het verbieden van fossiele reclames, maar in dat debat kwam ook duidelijk naar voren dat de wens was om meer dan alleen fossiele reclames te verbieden in onze openbare ruimte. Wij wilden graag gehoor geven aan deze oproep. Daar hebben we samen met de mede-indienende partijen woorden aan gegeven in deze motie. De motie vraagt om een aanpassing van het beleid 39
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
inzake reclame-uitingen die ons eigen beleid eigenlijk ondermijnen. Daarbij is het goed om ook te kijken naar wat andere gemeenten hierover al in regels voor hun beleid hebben opgenomen, zoals in Den Haag, maar ook in Haarlem, Wageningen en Utrecht, die in hun reclamebeleid al dingen hebben opgenomen. De heer VALK (CDA): In de commissie ging het over fossiele reclame in abri's, dus in bushokjes; dat was heel duidelijk. Nu gaat het over alle reclame. Ik ben heel benieuwd welke definitie van "reclame" de initiatiefnemers hanteren. Valt sponsoring van een sportclub of een logo in een etalageruit daaronder? Wilt u aangeven wat u met deze motie wel wilt verbieden en wat niet? Mevrouw WESSELS (GroenLinks): Het gaat om de reclame-uitingen in de openbare ruimte. Dat gaat over de bushokjes, de A0-borden en de lichtreclames, dus de reclamedingen waarover we afspraken met derde partijen maken. Met een aantal partijen hebben we al privaatrechtelijke afspraken. De MRDH geeft heel duidelijk aan dat dit in ons beleid vastgelegd moet worden. Daar is deze motie eigenlijk voor, namelijk om te zorgen dat het daar landt, zodat de MRDH en, mocht dat op andere plekken aan de orde zijn, ook andere derde partijen zich daaraan kunnen houden. Er zijn verschillende manieren waarop dit beleid verankerd is bij verschillende gemeenten.
De ene heeft een reclamebeleid en de andere heeft dit in het APV vastgelegd, in de lokale wet. Den Haag is een voorbeeld waar beide vormen zijn toegepast. Op de APV-versie zijn nu juridische procedures gaande die mogelijk ook relevant zijn om daar goed van te kunnen leren. Mocht dat een reden zijn waarom het niet lukt om eind 2025 het beleid echt te hebben aangepast, dan vragen we om hier met de MRDH afspraken over te maken en een terugkoppeling te geven over de manier waarop het college deze regels wil gaan borgen. Mevrouw VOOGT (VVD): Het klinkt natuurlijk heel sympathiek, maar ik ben benieuwd hoe mevrouw Wessels dit denkt te gaan handhaven en waar voor de indieners de grens ligt. Dit gaat nogal ver: van mentale gezondheid tot schulden. Welke reclame mag wel en welke mag niet? Mag McDonald's bijvoorbeeld wel reclame maken voor salade, maar niet voor hamburgers? Ik ben benieuwd hoe dit er in de praktijk uit gaat zien. Mevrouw WESSELS (GroenLinks): Het gaat ook erg om kijken wat elders in het land en in de wereld al gebeurt. Er zijn verschillende voorbeelden op het gebied van duurzaamheid en fossiele reclames en ook op het gebied van gezonde voeding. Londen is daar een voorbeeld van; daar zijn hier al stappen in gezet.
Het is dus gewoon goed om te kijken naar voorbeelden van wat elders al gebeurt, die voorbeelden te verzamelen en terug te komen bij de raad, zodat we hier met elkaar een vervolggesprek over kunnen voeren. De heer VALK (CDA): Als we naar andere gemeenten kijken: 99,9% van de andere gemeenten heeft geen beleid. Als we kijken naar de buitenwereld, moeten we dat dus volgen. Het gaat juist om een uitzondering. Ik vind de vraag van mevrouw Voogt heel terecht. Daar wil ik toch graag een duidelijk antwoord op. Mag Shell nog wel 40
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
reclame maken voor haar bronwater of mag Shell helemaal geen reclame meer maken in Delft? Wat betekent dit bijvoorbeeld voor de Makro, die ook benzine verkoopt? Dat moet duidelijk zijn voordat we überhaupt over deze motie kunnen gaan praten. Mevrouw VOOGT (VVD): Ik heb een aanvullende vraag. Al deze restricties brengen natuurlijk ook met zich mee dat de keuzevrijheid van mensen wordt ingeperkt. We nemen heel veel keuzes weg voor mensen; we gaan hun vertellen wat goed is. Ik ben benieuwd hoe mevrouw Wessels en de andere indieners hiertegen aankijken, want het is nogal neerbuigend om te stellen dat Delftenaren deze keuzes niet zelf mogen maken. Mevrouw WESSELS (GroenLinks): U heeft het over keuzevrijheden. We halen geen keuzevrijheden weg om producten aan te schaffen of diensten af te nemen. Je kunt ook stellen dat reclame eigenlijk een vorm van beperking van keuzevrijheid is. We noemen het "verleiden", maar het zijn eigenlijk grote bedrijven die veel geld neerleggen om juist te zorgen dat we bepaalde producten gaan kopen. Dit is dus eerder een vorm om eraan mee te helpen dat reclames die onze beleidslijnen eigenlijk ondermijnen, niet meer de ruimte krijgen. Als jij producten koopt waar geen reclame voor wordt gemaakt, heb je daar alle vrijheid toe. Het is dus geen inperking van vrijheid. Het is gewoon een beperking van de reclamemogelijkheden.
Mevrouw DE JONGH SWEMER (Hart voor Delft): Ik hoor mevrouw Wessels zeggen dat grote bedrijven investeren. Dat is juist de bedoeling van het verdienmodel van de MRDH, namelijk dat er geld binnenkomt. Daar gaat u nu voor liggen. De heer VALK (CDA): Volgens mij heb ik nog steeds geen antwoord op de vraag van de VVD en van ons: mag Shell straks nog reclame voor bronwater maken of mag Shell helemaal geen reclame meer maken? Mag McDonald's reclame maken voor salade of niet? Wat wilt u verbieden en wat niet? Mevrouw WESSELS (GroenLinks): Welke reclames wel of niet mogen: Shell lijkt mij een goed voorbeeld van een bedrijf dat geen reclame meer mag maken. Shell heeft genoeg andere manieren om hun producten aan de man te krijgen, maar niet in de openbare ruimte. Het lijkt me dat voor McDonald's hetzelfde verhaal geldt, maar ik denk dat het goed is om ook te kijken naar wat er elders in het land aan voorbeelden is en hoe daarmee wordt omgegaan. De heer VALK (CDA): Ook de Makro verkoopt ontzettend veel benzine. Als je consequent bent, mag de Makro dus ook geen reclame meer maken.
Waar willen de initiatiefnemers de grens leggen? Mevrouw WESSELS (GroenLinks): Door te leren van de ervaringen bij gemeenten elders in het land waar al afspraken zijn gemaakt, daar de goede voorbeelden van mee te nemen en dan met een voorstel naar de raad te komen, waarna we een vervolgdebat kunnen hebben over de vraag of we daar nog aanpassingen in willen 41
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
maken. In de discussie ben ik de vraag van mevrouw De Jongh Swemer kwijtgeraakt; excuses. De VOORZITTER: Vervolg gerust uw betoog, want u moet uw verhaal af kunnen maken. Gaat u dus weer verder met uw betoog. Mevrouw WESSELS (GroenLinks): Mijn betoog was afgerond. De VOORZITTER: O, u was al klaar. Mevrouw VOOGT (VVD): Ik heb toch nog een interruptie. Ik wil mevrouw Wessels vragen of zij een voorbeeld kan geven van een reclame die zij zou willen verbieden, want ik heb nog niet echt een goed voorbeeld gehoord. Ik ben ook benieuwd hoe mevrouw Wessels aankijkt tegen de mogelijke economische schade als gevolg van het beperken van reclamevrijheid. Het kan innovatie belemmeren en nieuwe spelers op de markt krijgen minder de kans om zich te profileren, wat uiteindelijk tot minder keuzevrijheid leidt. Ik ben benieuwd hoe mevrouw Wessels daartegen aankijkt. Mevrouw WESSELS (GroenLinks): Ik hou het heel kort, want ik wil ook mijn collega nog wat ruimte geven. Shell-reclames zijn duidelijke voorbeelden die we dan niet meer willen. U had ook nog een andere vraag. De VOORZITTER: Mevrouw Voogt, kunt u het laatste deel van uw vraag herhalen? Mevrouw VOOGT (VVD): Ik bedoelde inderdaad een voorbeeld. Shell hebben we nu gehoord, maar ik bedoelde meer een consumentenvoorbeeld, misschien iets met gezondheid of met andere dingen.
Mijn andere vraag ging over de economische schade als gevolg: het beperken van de vrijheid van reclame kan effecten hebben op onze economie, op de keuzevrijheid van Delftenaren en nieuwe spelers op de markt. Mevrouw WESSELS (GroenLinks): Ik wil mijn mede-indieners vriendelijk vragen hier wat uitgebreider op terug te komen, omdat zij meer tijd hebben. Door de fracties van GroenLinks, Volt, de PvdA en de ChristenUnie wordt motie 6.4.1 (Reclame in lijn met ons beleid) ingediend: "Deze motie wordt besproken door de gemeenteraad van Delft op de vergadering van donderdag 6 maart 2025 bij de bespreking van collegebrief beantwoording schriftelijke vragen van de fracties van GroenLinks en Volt aan de MRDH inzake fossiele reclame (2451702). We stellen vast dat: -
Delft op verschillende manieren beleid en programma’s heeft om de uitstoot van CO2 terug te dringen, gezond eten en drinken aan te moedigen, armoede en verslaving tegen te gaan en circulaire economie te bevorderen; 42
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
-
er in de buitenreclame in onze gemeente nog volop reclame wordt gemaakt voor producten en diensten die niet bijdragen aan de doelen die we hebben vastgesteld; de MRDH de contractafspraken voor reclame in de bushokjes in onze gemeente doet en dit contract met de exploitant eind 2026 afloopt.
We hebben nagedacht over en houden er rekening mee dat: -
-
meerdere onderzoeksinstituten (waaronder onderzoek op verzoek van de Tweede Kamer) aantonen dat een verbod op klimaatbelastende reclame een strategisch belangrijke maatregel is om een duurzame transitie te bevorderen en te versnellen; een dergelijk verbod een verleiding tot niet-duurzaam en niet-gezond gedrag wegneemt; in o.a. Londen is aangetoond dat het verbieden van reclame uitingen, in geval van Londen voor fastfood, niet leidt tot terugloop van reclame-inkomsten; meerdere Nederlandse gemeenten al stappen zetten om klimaatbelastende en ongezonde reclame te verbieden.
Wij vinden dat: -
-
het vreemd is dat we wél klimaatdoelen hebben, schulden helpen voorkomen en gezond leven willen stimuleren, maar nog steeds reclameruimte toestaan voor producten en diensten die het klimaat en de gezondheid schaden of oproepen tot gokken en het aangaan van onverantwoorde leningen; een nationaal verbod het beste zou zijn, maar dit op dit moment niet wordt opgepakt en we op lokaal niveau onze verantwoordelijkheid kunnen nemen.
We geven het college opdracht om: -
in het beleid van onze gemeente beperkingen op te nemen tegen reclame die onze beleidslijnen voor duurzaamheid en mentale en fysieke gezondheid ondermijnt; ontwikkelingen in andere gemeenten zoals Den Haag, Amsterdam en Tilburg te volgen en de lessen die daaruit voortkomen mee te nemen in het Delftse reclamebeleid; eind 2025 terug te komen bij de raad met een aangepast beleid waarin het bovenstaande is gewaarborgd met een toelichting; als dit niet haalbaar is, omdat de juridische procedures elders nog niet tot leerbaar resultaat hebben geleid, met de MRDH afspraken te maken over de beperkingen zoals genoemd in het eerste dictum en hierover eind 2025 terugkoppeling te geven met een aangepaste planning voor het aangepaste beleid,
en we gaan over tot de orde van de dag." De VOORZITTER: Dat brengt mij bij de tweede indiener, mevrouw Brussaard. 43
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
Mevrouw BRUSSAARD (Volt): Voorzitter. In de commissie is al veel gezegd. Er waren ook veel argumenten en vragen over het voorstel. We stellen voor om beleid te maken op reclame die niet in strijd is met ons andere gemeentelijke beleid. Dat zegt op zich dus nog niet dat we partijen uitsluiten, maar het zegt wel dat we geen reclame willen die in strijd is met beleid. Je kan dat op Europees niveau doen, maar je kan het ook op lokaal niveau doen, omdat we hier in Delft op lokaal niveau met elkaar duidelijke klimaatdoelstellingen hebben vastgesteld. Daarom denken we dat het ook op lokaal niveau zin heeft om dit te doen. Ik hoorde de vraag of dit de vrijheid van keuze beperkt. Ik vind het interessant dat het zo wordt geframed, want als inwoner heb je meer vrijheden. De vraag is of je hiermee de vrijheid van inwoners, namelijk voor een gezond leven door een gokverslaving te voorkomen, niet juist beschermt tegen de vrijheden die de markt op dit moment heeft. Dat wilde ik nog toevoegen. Ik hoop iedereen hiermee te hebben overtuigd. Mevrouw VOOGT (VVD): Naar aanleiding van wat mevrouw Brussaard zegt over de keuzevrijheid: is dat dan echt iets wat je lokaal zou moeten organiseren of is dat iets wat je landelijk zou moeten organiseren? Mevrouw BRUSSAARD (Volt): Landelijk zijn er bijvoorbeeld wetten over de vrijheid van meningsuiting.
De wet zegt heel duidelijk dat die vrijheid niks te maken heeft met reclame of dat soort zaken. Daarin zegt de wet dus eigenlijk al dat dit niks met keuzevrijheid of vrijheid van meningsuiting te maken heeft. Er is dus eigenlijk al een landelijke richtlijn dat we hier op lokaal niveau dingen over mogen zeggen. De VOORZITTER: Dat brengt mij bij de volgende indiener, de PvdA. De heer VAN DER STEEG (PvdA): Voorzitter. Ik wist niet dat eerst alle indieners het woord zouden krijgen. Volgens mij zouden we na de eerste indiener een rondje doen, maar ik vind het prima. Er is al heel veel gezegd over de motie. Wij zijn medeindiener van de motie, omdat wij denken dat het tegengaan van je eigen beleid heel vreemd zou zijn. Het gaat helemaal niet over verbieden van wat mensen doen. Het gaat over niet verleiden in de openbare ruimte. Dat lijkt ons niet meer dan logisch. De heer VAN DER WOERD (ChristenUnie): Voorzitter. Hier is al heel veel over gezegd. Wat ik daar namens de ChristenUnie nog aan wil toevoegen, is dat veel veranderingen in de wereld, ook in Nederland, op straat zijn gestart. Hier gaat het over buitenreclames die vanaf de straat zichtbaar zijn. Onderzoek heeft aangetoond dat als ongeveer 25% erachter kan staan, we een kantelpunt hebben bereikt. Dan gaat het daarna de kant op die eigenlijk iedereen wil. De heer MARUF (D66): Voorzitter.
In de commissievergadering heb ik toegelicht hoe D66 aankijkt tegen het initiatief van de indieners. Laat ik duidelijk zijn: D66 staat pal achter het doel van deze motie. Kort gezegd: we zijn tegen links praten en rechts vullen. Dat is bijvoorbeeld je wél druk maken over nieuw duurzaamheidsbeleid en tegelijkertijd geld verdienen met reclames die daar recht tegen ingaan. Als reactie op 44