Handelingen 22 mei 2025
Tekst van het document
Daarom zullen wij tegen deze motie stemmen. 47
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
De motie wordt met een digitale stemming verworpen met 12 tegen 27 stemmen, waarbij de fracties van Hart voor Delft, Onafhankelijk Delft, de SP en de VVD ervoor hebben gestemd. In stemming komt motie 7.5.2 (Geef sport de ruimte) van de VVD, Onafhankelijk Delft en Hart voor Delft. De VOORZITTER: Ik geef gelegenheid tot het afleggen van stemverklaringen. De heer TREFFERS (Volt): Voorzitter. Omdat er eigenlijk een voorschot op de uitkomst wordt genomen, zullen we tegen de motie stemmen, maar we zijn het er zeker mee eens dat de verenigingen een bestaansrecht hebben. De heer GOMMERS (STIP): Voorzitter. We sluiten ons aan bij de woorden van Volt. De motie wordt met een digitale stemming verworpen met 14 tegen 25 stemmen, waarbij de fracties van het CDA, Hart voor Delft, Onafhankelijk Delft, de SP en de VVD ervoor hebben gestemd. In stemming komt motie 7.5.3 (Geen onomkeerbare stappen ten aanzien van woningbouw in het sportcluster met ontwikkeling Schieoevers Noord in ogenschouw) van Onafhankelijk Delft en Hart voor Delft. De VOORZITTER: Ik geef gelegenheid tot het afleggen van stemverklaringen. De heer TREFFERS (Volt): Voorzitter. Ik denk dat u het mij niet toestaat om alle technische argumenten te geven. De VOORZITTER: Dat klopt. De heer TREFFERS (Volt): Wij staan achter de motie, maar zullen haar niet steunen.
Sorry, we staan achter de strekking van de motie, maar door technische argumenten gaan we haar niet steunen. De VOORZITTER: Meneer Valk, kunt u het ook zo helder verwoorden? De heer VALK (CDA): Voorzitter. Ik ga mijn best doen om het net zo helder als de heer Treffers te verwoorden. De motie is niet heel dwingend en denkt best alternatief en out of the box. Daarom zullen wij haar wel steunen. De motie wordt met een digitale stemming verworpen met 14 tegen 25 stemmen, waarbij de fracties van het CDA, Hart voor Delft, Onafhankelijk Delft, de SP en de VVD ervoor hebben gestemd. In stemming komt motie 7.5.4 (Goed om tafel met belanghebbenden) van D66, het CDA, de ChristenUnie, STIP, GroenLinks en Volt. 48
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
De VOORZITTER: Ik geef gelegenheid tot het afleggen van stemverklaringen. Mevrouw TIMMERMANS (Onafhankelijk Delft): Voorzitter. Onafhankelijk Delft wil kenbaar maken dat we absoluut achter het idee van deze motie staan. We hadden ook graag benaderd willen worden voor deze motie. We zullen voorstemmen. De heer VAN DER SLUIS (SP): Voorzitter. Aangezien de wethouder hier al veel over heeft gezegd, denk ik dat deze motie overbodig is. Het gaat immers alleen over "ga met die mensen in gesprek en doe er verder niet zoveel meer mee". Ik zou dus verwachten dat de wethouder zou zeggen dat de motie overbodig is. Als de SP de motie had ingediend, had ze dat zeker gezegd, maar je kan hier niet tegen zijn. We zullen dus voorstemmen. Mevrouw VAN DEN BERG (VVD): Voorzitter. Ik wil de indienende partijen inderdaad vragen om dit soort moties voortaan gewoon breed te delen, want in ieder geval de VVD is nu helemaal niet meegenomen. We hadden ook heel graag op deze motie gestaan. Wij zullen dus voorstemmen. Mevrouw DE JONGH SWEMER (Hart voor Delft): Voorzitter. Wij zullen hiertegen stemmen, omdat wij denken dat dit gebakken lucht gaat zijn, dat de sportverenigingen weer niet serieus genomen worden en dat dit alleen gebruikt gaat worden als een soort schaamlap: ja, we hebben met jullie gepraat, maar verder nemen we jullie niet serieus. Dat blijkt alweer uit wat hier vandaag gezegd is.
De motie wordt met een digitale stemming aangenomen met 34 tegen 5 stemmen, waarbij de fractie van Hart voor Delft ertegen heeft gestemd. In stemming komt motie 7.5.5 (Geen fietspad over de middenlijn) van de VVD, Onafhankelijk Delft en Hart voor Delft. De VOORZITTER: Ik geef gelegenheid tot het afleggen van stemverklaringen. De heer ANALIKWU (D66): Voorzitter. We vinden het voor nu een slecht idee om hier een fietspad aan te leggen. Daarom stemmen wij voor de motie, maar we laten ons in het vervolg toch graag overtuigen door het college. We wachten het dus wel gewoon af, maar voor nu steunen we de uitspraak van de raad. Mevrouw VAN DER VLIST (ChristenUnie): Voorzitter. Ook wij zijn voor nu tegen een fietspad over dit terrein, maar gezien de toezegging van de wethouder en het feit dat wij de informatie nu nog niet hebben, stemmen wij juist tegen. Mevrouw JANSSEN (PvdA): Voorzitter. Onze stemverklaring is precies andersom ten opzichte van die van de ChristenUnie: we zijn het eens met de toezegging van de wethouder en we steunen daarom deze motie. De VOORZITTER: Het kan allemaal. 49
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
De motie wordt met een digitale stemming aangenomen met 31 tegen 8 stemmen, waarbij de fracties van de ChristenUnie en GroenLinks ertegen hebben gestemd. In stemming komt motie 7.5.6 (Knus in het Kruithuis) van STIP, GroenLinks, D66, de PvdA en de ChristenUnie. De VOORZITTER: Ik geef gelegenheid tot het afleggen van stemverklaringen. De heer VALK (CDA): Voorzitter. Ik moest de wethouder een paar ingewikkelde vragen stellen. Dat komt ook een beetje doordat we niet betrokken waren bij deze motie. Het had allemaal keurig van tevoren uitgesproken kunnen worden. Maar de antwoorden stellen ons voldoende gerust en aangezien wij toch voor onzelfstandige woningen zijn, zullen wij voor deze motie stemmen. De heer TREFFERS (Volt): Voorzitter. Ook wij zullen voor de motie stemmen, eigenlijk met een vergelijkbare redenatie en de stellige oproep om niet tevreden te zijn met alleen STING, maar om echt bezig te zijn met het doel achter de motie, namelijk een verbonden studentencultuur. De motie wordt met een digitale stemming aangenomen met 32 tegen 7 stemmen, waarbij de fracties van Hart voor Delft en Onafhankelijk Delft ertegen hebben gestemd. In stemming komt motie 7.5.7 (Draagvlak voor azc op het terrein van Fortuna) van Hart voor Delft.
De motie wordt met een digitale stemming verworpen met 7 tegen 32 stemmen, waarbij de fracties van Hart voor Delft en Onafhankelijk Delft ervoor hebben gestemd. In stemming komt de gewijzigde motie 7.5.8 (De gouden middenweg) van de SP. De VOORZITTER: Ik geef gelegenheid tot het afleggen van stemverklaringen. De heer VALK (CDA): Voorzitter. Waardering voor de poging van de SP om in het midden uit te komen, maar het is voor ons toch onduidelijk waar we precies ja tegen zouden zeggen. Daarom zullen we toch tegenstemmen, ook omdat heel veel andere moties waaruit geknipt is, al zijn aangenomen. Mevrouw JANSSEN (PvdA): Voorzitter. Hetzelfde: lof voor de SP, want het is goed om dit experiment op dit moment uit te voeren. Misschien de volgende keer ietsje eerder, want dan hadden we de punten net iets meer kunnen nuanceren. Op dit moment gaan we toch tegenstemmen. De heer TREFFERS (Volt): Voorzitter. De motie is niet perfect; ik denk dat we kunnen raden waarom, maar wij zullen wel voor de motie stemmen, omdat we in 50
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
ieder geval achter het signaal van de motie staan. Het was mooi geweest als we de motie raadsbreed als signaal hadden gesteund. Mevrouw VAN DER VLIST (ChristenUnie): Voorzitter. Ik hoop dat nu duidelijk is geworden dat een proces van cocreatie tijd nodig heeft. Dat gun ik straks ook iedereen. De VOORZITTER: Dat is een wijs woord. Mevrouw VAN DER VLIST (ChristenUnie): Wij sluiten ons verder aan bij de woorden van Volt. De heer GOMMERS (STIP): Voorzitter. Fijn dat we net gemerkt hebben dat wat hier in het klein is geprobeerd, eigenlijk op ongeveer dezelfde motie uitkomt als met het proces dat we de afgelopen week samen met D66 hebben gevoerd. Deze motie zullen wij niet steunen, maar we zijn erg blij dat de vorige motie wel is aangenomen. Mevrouw VAN DEN BERG (VVD): Voorzitter. Ik vind het een prachtig en leuk experiment van de SP. Ik heb de foto's al op Instagram gezet. Er is dus ook een heel mooi kiekje van gemaakt. Namens de fractie ben ik het eens met de strekking van deze motie. Wij zullen haar dus steunen. De heer ANALIKWU (D66): Voorzitter. Ik sluit me aan bij de woorden van het CDA: het is voor ons nu totaal niet te volgen wat deze motie precies toevoegt en wat erin gebeurt. Wij stemmen dus tegen.
De gewijzigde motie wordt met een digitale stemming verworpen met 16 tegen 23 stemmen, waarbij de fracties van de ChristenUnie, Hart voor Delft, Onafhankelijk Delft, de SP, Volt en de VVD ertegen hebben gestemd. De VOORZITTER: Ik dank de mensen die dit debat vanaf de publieke tribune hebben gevolgd. Ik schors de vergadering voor een halve minuut. De vergadering wordt enige tijd geschorst. 65. Raadsvoorstel Integraal huisvestingsplan cultuur (2508101). De VOORZITTER: Er zijn enkele amendementen en moties aangekondigd. De heer VALK (CDA): Voorzitter. Ik begin met een verhaaltje. Er was eens een wethouder - dat kan in Delft zijn of ergens anders - die een toneelstuk geschreven had en allemaal topacteurs had geregeld om de hoofdrollen te spelen. De hele gemeenteraad was voor de première uitgenodigd. Ook iedereen die wat met cultuur had, zat bij de première in het theater, vol verwachting en vol spanning over wat het zou worden. Vlak voordat de voorstelling moest beginnen, kwam de wethouder erachter dat geen van de hoofdspelers was komen opdagen. Paniek natuurlijk; wat nu? Misschien had hij even overwogen om zelf op het podium te gaan staan en te 51
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
zeggen: "Dames en heren, excuses voor de overmacht, maar de voorstelling gaat vanavond helaas niet door." Maar de wethouder besloot om het doek gewoon open te doen, misschien in de hoop dat niemand zou merken dat er geen hoofdrolspelers waren of misschien in de hoop dat de zaal zou denken: ach, twee uur naar een leeg decor kijken en af en toe naar een figurant die voorbijkomt en een beetje in de lucht zit te praten is apart, maar best leuk; dat valt wel mee. Het IHP Cultuur is als een toneelstuk waarbij de hoofdrolspelers niet zijn komen opdagen. Er ligt natuurlijk wel wat, maar het valt gewoon tegen. We hadden meer van dit stuk verwacht. Wellicht waren onze verwachtingen te hoog en onrealistisch. Op basis van wat er nu ligt, kunnen we geen integrale afweging maken over huisvesting van cultuur. Daar was het allemaal voor bedoeld. Dat is een brug naar mijn amendement. In het raadsvoorstel staan drie voorstellen, dictums, besluiten. Allereerst wordt een koppeling gemaakt met iets wat in de Kadernota staat. De Kadernota hebben we inmiddels al ontvangen. Het is gek om in een raadsbesluit op te roepen iets in de Kadernota te zetten, terwijl die al is geschreven. Als het om de Kadernota van volgend jaar gaat, is dat nog veel te ver weg. Dat kun je ook niet op basis van dit stuk doen. Ons voorstel is dus om dat dictum te schrappen.
Het tweede dictum noemt vier projecten uit het IHP Cultuur, met "de hoogste urgentie", maar die hoogste urgentie blijkt nergens uit dit stuk. Dat is precies de moeite die ik met dit stuk heb. Neem bijvoorbeeld de bibliotheek in Tanthof. In hoofdstuk 5 wordt het project, bibliotheek Tanthof, als "beleidsuitgangspunt cultuur" genoemd. Mevrouw BRUSSAARD (Volt): Uit het betoog van het CDA is mij niet duidelijk waarom het CDA niet gewoon tegenstemt, want het amendement voegt niks toe. Het probleem was juist dat er geen opdracht vanuit de raad is gekomen voor een goed IHP. Waarom is er dan niet een wens voor de toekomst opgeschreven en waarom stelt u iets voor waardoor er voor de toekomst eigenlijk niks meer ligt? De heer VALK (CDA): Ik was van plan hiermee te eindigen. Als u het mij toestaat, eindig ik mijn betoog dus met het antwoord op deze vraag. Wat een goede vraag! Een van de vier projecten, de bibliotheek in Tanthof, wordt in hoofdstuk 5 als een soort input gebruikt in de zin van: dat doen we nu al en dat gebruiken we als input. In hoofdstuk 7, de normatieve programmatische analyse, wordt het project ineens "kansrijk" genoemd, zonder dat er een analyse is gedaan waarom het kansrijk zou zijn en wat "kansrijk" betekent.
In hoofdstuk 9, de conclusies, wordt het als conclusie "een kansrijk initiatief om in te investeren" genoemd, maar er is helemaal geen analyse van dit project gedaan. In het raadsvoorstel wordt het ineens een project "met de allerhoogste urgentie". We willen met dit amendement uitdrukkelijk geen uitspraak doen over de kansrijkheid of wenselijkheid van de bibliotheek in Tanthof, maar je kunt op basis van dit stuk gewoon niet concluderen dat het een kansrijk of zeer kansrijk project is met de hoogste urgentie. Dit geldt ook voor de andere projecten: ze zijn met niets vergeleken en ze zijn nergens geanalyseerd. De analyse gaat alleen over vierkante meters. Ja, een bibliotheek is een paar vierkante meter. 52
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
Dan kun je zeggen dat zij daarom voldoet aan het IHP, maar dat is heel kort door de bocht. Daarom het voorstel om ook dictum 2 te schrappen. Dan blijft alleen dictum 1 over. Ik ben het helemaal met mevrouw Brussaard eens: kennisnemen is normaal niet iets waartoe we zouden besluiten, maar er ligt nu eenmaal een raadsvoorstel voor. Dan kun je tegenstemmen, maar er moet vandaag wel iets besloten worden. Wij dachten dus: laten we dit dan maar even aanhouden: we nemen het gewoon ter kennisgeving aan, maar meer gaan we niet besluiten over dit stuk. De heer HOMBERGEN (PvdA): Het CDA begint met een mooi stukje theater. Dat is natuurlijk mooi bij dit onderwerp, maar eigenlijk zegt het CDA alleen: we nemen er kennis van en we bergen het op in een hele diepe la, waarna er niets meer gebeurt. Daarom de vraag of u op deze manier niet vooral stagnatie en een vacuüm creëert voor de cultuur in onze stad. De heer VALK (CDA): Daar kan ik natuurlijk helemaal niets aan doen. Het is niet mijn taak om zelf stukken te gaan schrijven en te verbeteren. Het is mijn taak om wat er ligt te beoordelen. Ik beoordeel dit gewoon als niet voldoende. We schrappen dus alles wat een besluit is en we zeggen: wethouder, doe op dit punt je huiswerk over. De heer HOMBERGEN (PvdA): Dat is een helder antwoord, maar het is natuurlijk ook een beetje min om niets van een voorstel te maken, zelfs geen procesvoorstel.
Ik denk dat de cultuur het verdient om een beetje perspectief te bieden voor de toekomst door te kijken wat de volgende stappen dan wél zouden kunnen zijn. De heer VALK (CDA): Met alle respect voor het werk van de heer Hombergen, die straks een amendement gaat introduceren dat het voorstel juist uitbreidt: ik vind dat niet aan ons; ik vind ook niet dat ik de kennis en de capaciteiten heb om het voorstel zomaar met een paar opdrachten uit te breiden. Dat kan ik gewoon niet. Daar hebben we ambtenaren voor die precies weten waarover ze het hebben. Die moeten met het voorstel komen. We moeten niet vanuit een soort coulance of medelijden met het college zelf maar wat punten gaan opschrijven en die dan aannemen. Wat ons betreft reduceren we het gewoon tot "kennisnemen van"; dat is het dan. Door de fractie van het CDA wordt amendement 7.1.A (Kennisnemen van Integraal Huisvestingsplan Cultuur) ingediend: "De gemeenteraad van Delft, in vergadering bijeen op 22 mei 2025 ter bespreking van het voorstel van het college voor het Integraal Huisvestingsplan Cultuur (2508101) BESLUIT: Beslispunten 2 en 3 2. De projecten uit het IHP Cultuur met de grootste urgentie (De Buurtfabriek, een cultuurfunctie in het Kabeldistrict, een bibliotheekfiliaal in Tanthof, het creëren van 53
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
ruimte voor cultuur in scholen en in wijkaccommodaties) te betrekken bij de integrale afweging in de Kadernota 2025; 3. Het opstellen van een investerings- en uitvoeringsplan cultureel vastgoed in relatie met het Ontwikkelperspectief Maatschappelijke Voorzieningen 2024 te betrekken bij de Kadernota 2025. te schrappen. Toelichting: Dit amendement schrapt de beslispunten 2 en 3, waardoor de raad alleen kennisneemt van het Integraal Huisvestingsplan Cultuur (IHP). Hoewel kennisnemen van een stuk normaal niet een raadsbesluit vereist, lijkt het indiener gezien het debat in de overlegvergadering een gepaste conclusie. Dit betekent dat de raad geen politieke uitspraak doet over de inhoud van dit plan. Beslispunt 2 wordt geschrapt, enkel en alleen omdat uit dit IHP nergens blijkt dat de vier genoemde projecten de grootste urgentie hebben of kansrijk zijn. De vier genoemde projecten zijn input voor het IHP omdat de ideeën al bestonden voordat het IHP werd gepubliceerd, maar nergens in dit IHP vindt een analyse plaats waarom deze projecten de grootste urgentie hebben (om die conclusie te kunnen trekken moet je ze vergelijken met andere voorstellen en dat gebeurt niet in dit IHP) of waarom deze projecten kansrijk zijn (om die conclusie te trekken moet je een diepere analyse doen dan in dit IHP gebeurt).
Indiener van dit amendement is van mening dat de raad op basis van deze versie van het IHP geen uitspraak kan doen over de urgentie, kansrijkheid of wenselijkheid van de vier genoemde projecten. Ze worden door dit amendement daarom losgekoppeld van dit IHP. Door dit amendement doet de gemeenteraad dus geen uitspraak over urgentie, wenselijkheid of haalbaarheid van deze vier projecten. We spreken ons dus uitdrukkelijk ook niet uit voor of tegen deze projecten! Het is aan de fracties in de gemeenteraad om op een ander moment een politiek oordeel over deze vier projecten te geven. Beslispunt 3 wordt geschrapt omdat de Kadernota inmiddels naar de raad is gestuurd. Het is nu aan de raad om daar een politiek oordeel over te vellen, maar we kunnen niet meer besluiten wat in deze Kadernota betrokken moet worden." De heer HOMBERGEN (PvdA): Voorzitter. Wat mij betreft wat minder theater, maar hopelijk wat meer inhoud in wat ik te bieden heb. Het IHP is aan ons gepresenteerd. We hebben het in de commissie bediscussieerd. Het algemene gevoel in deze raad was dat het om meerdere redenen niet voldeed aan onze verwachtingen. Door onze oogharen heen kijkend, misschien met een timmermansoog, denken wij toch dat we er een aantal lijnen uit kunnen halen die nog niet volmaakt of volwassen zijn, maar die het verdienen om verder bekeken te worden.
Naar ons idee zijn dat inderdaad de bibliotheek in Tanthof, die verder bekeken kan worden, de Buurtfabriek, een cultuurfunctie in het Kabeldistrict en de ruimte voor cultuur bij scholen en werkaccommodaties. Wat ons betreft zijn die gedachtes, die lijnen, het waard om ze verder te ontwikkelen, niet om nu al erover te besluiten, maar om er het komende jaar in elk geval verder aan te werken. Wij denken ook dat het goed is om dan een vervolgafspraak te maken, want hoe kunnen we dan met enige samenhang verder 54
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
kijken naar het proces? Nogmaals, cultuur verdient het om niet stilgelegd te worden en in een la te worden gestopt, maar om een stap verder te worden gebracht en dan met vereende krachten te kijken hoe we dat oppakken en hoe we dit in contact brengen met de andere opgaves wat betreft de ruimtelijke beperkingen in de stad. De VOORZITTER: Het punt over de inhoud heb ik maar even laten rusten, want ik zag een vrolijke meneer Valk aan de overkant. Daar liet ik het dus even bij, maar ik geef mevrouw Voogt de ruimte om te interrumperen. Mevrouw VOOGT (VVD): Ik hoor de heer Hombergen zeggen dat het stuk niet voldoet aan de verwachtingen, maar betekent dit amendement niet gewoon: wethouder, ga terug naar de tekentafel? Ik ben benieuwd. De heer HOMBERGEN (PvdA): Het amendement zegt in het eerste dictum: zie het als een eerste studie. Het geeft een beeld; het is nog niet voldragen, maar neem wel een volgende stap en kom bij ons terug met een verder uitgewerkt voorstel. Dat is precies wat het vierde dictum ons aanreikt. De heer VALK (CDA): Ik zal proberen een inhoudelijke interruptie te plaatsen. De VOORZITTER: Doe uw best. De heer VALK (CDA): Er worden in het stuk vier lijnen genoemd.
Die worden door de indiener van dit amendement een-op-een overgenomen, maar waarom geen andere ideeën? Waarom houdt u zo vast aan deze vier ideeën, die toevallig als input zijn gebruikt? Waarom bijvoorbeeld geen bibliotheek in Wippolder? Waarom sluit dit amendement dat uit? De heer HOMBERGEN (PvdA): Een uitstekende vraag, keurig op de inhoud; dank u wel. Dit lijstje is wat ons betreft niet limitatief, maar dit zijn de vier punten die naar boven kwamen en die wat ons betreft enige verdere uitwerking verdienen. In punt 4 kijken we of we volledig zijn of dat we meer kunnen bieden. Dan zouden die andere zaken inderdaad in een breder perspectief aan de orde kunnen komen, maar in ieder geval geen vacuüm of stagnatie, want dat is te jammer voor de cultuursector. De motie die we ook hebben uitgewerkt, zal door STIP verder worden ingeleid. Door de fracties van de PvdA, GroenLinks en STIP wordt amendement 7.1.B (IHPC uitwerken 4 bestendige lijnen) ingediend: "De gemeenteraad van Delft, in vergadering bijeen op 22 mei 2025 ter bespreking van het voorstel van het college voor het Integraal Huisvestingsplan Cultuur (2508101). WAS: BESLUIT: 55
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
1. Kennis te nemen van het Integraal Huisvestingsplan (IHP) Cultuur; 2. De projecten uit het IHP Cultuur met de grootste urgentie (De Buurtfabriek, een cultuurfunctie in het Kabeldistrict, een bibliotheekfiliaal in Tanthof, het creëren van ruimte voor cultuur in scholen en in wijkaccommodaties) te betrekken bij de integrale afweging in de Kadernota 2025; 3. Het opstellen van een investerings- en uitvoeringsplan cultureel vastgoed in relatie met het Ontwikkelperspectief Maatschappelijke Voorzieningen 2024 te betrekken bij de Kadernota 2025. Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 22 mei 2025. WORDT: BESLUIT: 1. Dit Integraal Huisvestingsplan Cultuur te bezien als een eerste studie naar de toekomstige huisvestingsopgave Cultuur voor de gemeente Delft; 2. Vanuit deze studie een viertal bestendige lijnen naar de toekomst te definiëren: een zekere culturele behoefte vertaald naar de Buurtfabriek in Buitenhof-Delft West, een cultuurfunctie in het Kabeldistrict, een bibliotheekfiliaal in Tanthof en het creëren en combineren van ruimte voor cultuur in scholen en wijkaccommodaties; 3.
Het college de opdracht te geven bij de volgende Kadernota (in 2026) een nadere update en uitwerking te geven, zodat de raad zich een nader oordeel kan vormen over wenselijkheid en haalbaarheid van elk van deze 4 lijnen, mede in relatie met het Ontwikkelperspectief Maatschappelijke Voorzieningen 2024; 4. Het college opdracht te geven uiterlijk in Q1 2026 in vervolg op dit IHP met een voorstel te komen over via welke stukken we een integrale afweging kunnen maken over het huisvesten van onze culturele voorzieningen; dit zowel ruimtelijk als financieel en in samenhang met sociale voorzieningen en onderwijsvoorzieningen. Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 22 mei 2025. Toelichting: bij de eerdere presentatie van dit IHP en bij de bespreking in de commissie bleek dat dit IHP voor veel raadsleden nog onvoldoende volledig beeld biedt om inzake de culturele huisvestingsbehoefte definitieve beslissingen te nemen over de in te zetten trajecten. Toch kunnen we een paar bestendige lijnen op basis van dit IHP definiëren. Middels dit amendement op het besluit voorkomen we stagnatie op de huisvesting, werken we elk van de 4 lijnen uit en beslissen we later over deze lijnen en de inpassing in het geheel." Mevrouw VERDUIJN (STIP): Voorzitter. Tijdens het commissiedebat is STIP al aardig kritisch geweest over het Integraal Huisvestingsplan Cultuur.
Het is niet het overzichtelijke stuk waar we zo lang op hebben gewacht. Maar ja, wat nu? Cultuur is inderdaad te belangrijk om die nu links te laten liggen. Daarom dienen we een motie in die vraagt om voor het einde van het jaar te komen met een duidelijk overzicht. Ook vragen we om een logische vervolgstap: hoe gaan we het hierna aanpakken? STIP wil stappen blijven zetten op cultuur. Dan maakt de vorm niet uit; dan gaat het om het doel. Om dezelfde reden staan we op het amendement van de PvdA en sluit 56
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
ik me aan bij de woorden van de heer Hombergen. De tweede motie die we indienen, gaat over de nachtcultuur. Mevrouw DIJK (D66): In de motie wordt een stappenplan omschreven. Mijn vraag heeft ook betrekking op de tweede motie, want daarin wordt de nachtcultuur omschreven. Ik vraag me af waarom de nachtcultuur bij het IHP wordt betrokken, want volgens mij is dat een ander domein. Ik ben benieuwd hoe STIP daarnaar kijkt. Mevrouw VERDUIJN (STIP): Ik kan alleen maar verbaasd reageren, want ik vind het heel gek dat D66 nachtcultuur geen cultuur vindt. Wij scharen dat zeker wél onder cultuur. De VOORZITTER: Dat is uitlokking. Mevrouw DIJK (D66): U verdraait mijn woorden een beetje, want dat zei ik helemaal niet. Ik zei dat nachtcultuur volgens mij onder een ander domein valt. Ik wil wel zeggen waar wij nachtcultuur onder scharen: wij vinden dat dat meer bij het domein Economie en evenementen hoort. Ik zeg dus helemaal niet dat nachtcultuur niet belangrijk is. Dan heeft u mij verkeerd begrepen. Mevrouw VERDUIJN (STIP): Ik heb ook nooit gezegd dat D66 het niet belangrijk vindt, maar wel dat nachtcultuur volgens D66 niet onder cultuur valt. Wij vinden dat het onder beide valt. Dus ja, het is cultuur. Er is ook een overlap met de economie, maar dat kunt u ook vinden in de motie over nachtcultuur. Ik ga verder met die motie. De nachtcultuur in Delft valt best wel tegen.
Ik denk dat velen van ons die mening echt delen. Dat is zonde voor zo'n jonge stad als Delft. De motie die we vandaag indienen, vraagt dus om uit te zoeken wat er nodig is om de nachtcultuur in Delft wél passend te maken. De heer VALK (CDA): Deze motie gaat heel erg uit van het in kaart brengen van de behoeftes van Delftenaren qua nachtcultuur, maar er zullen ook mensen zijn die geen behoefte hebben aan nachtcultuur. Mag dat ook in kaart gebracht worden of moet het college alleen gaan praten met mensen die wél nachtcultuur willen? Indien er ook gesproken mag worden met mensen die geen behoefte aan nachtcultuur hebben, hoe zou het college dat dan moeten meewegen in het uiteindelijke voorstel dat gedaan wordt? Wordt er ook geluisterd naar de mensen die dit gewoon niet in de straat willen of gaan we alleen luisteren naar mensen die graag nachtcultuur willen? Mevrouw VOOGT (VVD): Mijn vraag ligt in het verlengde van de vraag van de heer Valk. Ik heb ook gelijk een suggestie voor STIP. Er wordt opgedragen om een aantal onderwerpen mee te nemen. Wij zouden daaraan graag het onderwerp overlast en handhaving willen toevoegen. Wij zijn benieuwd of STIP dat zou willen overnemen. Mevrouw VERDUIJN (STIP): Als u kan lezen … Ja, u kan lezen; dat weten we, maar zoals u kan lezen … 57
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
De VOORZITTER: Het gaat helemaal goed komen. Mevrouw Verduijn bedoelde: als u even mee wil lezen … Mevrouw VERDUIJN (STIP): "Inwoners, ondernemers, makers en artiesten". Bij inwoners horen voor mij ook mensen die dit minder leuk vinden, maar het gaat er vooral om dat we nu niet in beeld hebben hoe het er eigenlijk voor staat met de nachtcultuur in Delft en dat dat eigenlijk best wel gek is. Wat betreft het in het rijtje opnemen hoe het met de veiligheid en de handhaving gaat: ik denk dat we nu vooral moeten bekijken wat de stand van zaken is en waar we op kunnen sturen in plaats van dat we helemaal een visie of een actieplan verwachten. De heer VALK (CDA): STIP geeft niet helemaal antwoord op mijn vraag. Er staat inderdaad "ga in gesprek met inwoners", maar in de overwegingen is al een beetje ingevuld wat de uitkomsten zijn: het gevoel heerst dat er te weinig te doen is in de nacht en dat dat afneemt en er heerst onder inwoners een breed gevoel dat het nachtleven beperkt is en verder afneemt. Dit suggereert een beetje dat er zal worden gesproken met inwoners die het volledig eens zijn met de overwegingen van deze motie. Dus nogmaals de vraag hoe het college het moet meewegen als mensen zeggen dat zij 's nachts gewoon behoefte hebben aan rust en geen overlast willen. De VOORZITTER: Ja, dat kan ook.
Mevrouw VERDUIJN (STIP): Ik ga natuurlijk niet invullen hoe het college dingen moet gaan interpreteren in de uitvoering, maar het gevoel heerst dat er weinig nachtcultuur is. Als u iets anders vindt, dan veel plezier zaterdagavond. De laatste motie is van de ChristenUnie. Hoewel we achter de intenties staan, staat in het dictum: "het spreekt vanzelf dat dit dient te gebeuren met een integrale afweging van alle belangen". Mijn vraag aan de ChristenUnie maar ook aan de wethouder is: zijn dit niet dingen die we afwegen bij een begroting en een Kadernota en wat zijn de gevolgen als we deze motie nu aannemen? Door de fracties van STIP en de PvdA wordt motie 7.1.1 (Stap 2: vervolg op het IHP) ingediend: "De gemeenteraad van Delft, in vergadering bijeen op 22 mei 2025 ter bespreking van het voorstel van het college aan de raad inzake Integraal Huisvestingsplan Cultuur, constaterende dat: -
een Integraal Huisvestingsplan (IHP) Cultuur bedoeld is om in kaart te brengen aan welke culturele voorzieningen behoeftes is en welke investeringen nodig zijn; in het IHP cultuur wordt aangegeven dat deze moet worden bijgewerkt;
overwegende dat: 58
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
-
met de groei van Delft de behoefte groeit aan ruimte aan culturele voorzieningen en dat een integraal plan van toegevoegde waarde is voor het krijgen van overzicht in de opgaven; de gemeenteraad de keuzes voor culturele investeringen in samenhang met elkaar moet kunnen afwegen; dit het eerste IHP Cultuur is dat voor Delft is opgesteld en dat met deze basis de ruimtelijke en financiële kansen en mogelijkheden verder kunnen worden uitgewerkt; dit IHP Cultuur niet het volledige cultuuraanbod in Delft omvat;
verzoekt het college: -
-
met een voorstel te komen voor een verdere uitwerking over het huisvesten van culturele voorzieningen, inclusief bijvoorbeeld een overzicht van: o cultureel bezit van derden, inclusief een beschrijving van de eigendomsstructuur (particulier, stichting, coöperatie, erfpacht, vereniging, etc.); o onderhoudsstatus van met name gemeentelijke voorzieningen; o nachtcultuur; dit voor 2026 aan de raad terug te koppelen; bij het opstellen hiervan in gesprek te gaan met belanghebbenden en partners uit de culturele sector,
en gaat over tot de orde van de dag." Door de fracties van STIP, Onafhankelijk Delft, de SP, Hart voor Delft en Volt wordt motie 7.1.2 (Stappen op nachtcultuur) ingediend: "De gemeenteraad van Delft, in vergadering bijeen op 22 mei 2025 ter bespreking van het voorstel van het college aan de raad inzake Integraal Huisvestingsplan Cultuur, constaterende dat: -
nachtcultuur alle kunst en cultuur omvat die tussen 22:00 uur en 6:00 uur wordt aangeboden, waaronder bijvoorbeeld nachtclubs, muziekpodia en ontmoetingsplaatsen die een sociale rol vervullen in het nachtleven; diverse steden, waaronder Utrecht, Haarlem, Rotterdam en Leiden, een visie of plan hebben op nachtcultuur, waar acties uit komen om nachtcultuur levendiger, inclusiever, bereikbaarder en veiliger te maken; er in Delft beleid is op het gebied van cultuur, horeca, inclusiviteit en veiligheid, maar nachtcultuur niet wordt benoemd of erkend in deze visies of beleid; er geen inzicht is in het aanbod en behoefte van nachtcultuur in Delft; er is toegezegd door het college dat uitgaansgelegenheden (nachthoreca) mee wordt genomen in de Horeca- en Retailvisie; 59
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
overwegende dat: -
Delft een jonge en groeiende stad is met behoefte aan nachtcultuur; het gevoel heerst in de stad dat er weinig te doen is in de nacht, en dit ook afneemt; er een breed gevoel heerst onder inwoners dat het nachtleven in Delft beperkt is en verder afneemt; de nachtcultuur een essentieel onderdeel is van een stad en bijdraagt aan de levendigheid, economie en aantrekkingskracht; het nachtleven een plek is waar mensen zich kunnen vermaken en waar mensen verbinden;
verzoekt het college: -
-
in gesprek te gaan met inwoners, ondernemers, makers en artiesten en hierbij te inventariseren wat de status is van de Delftse nachtcultuur en welke behoeftes er zijn; hierbij minstens de volgende onderwerpen op te nemen: o aanbod en ruimte; o inclusiviteit; o bereikbaarheid; o de link met andere domeinen zoals economie en vervoer; inzichtelijk te maken hoe de Delftse nachtcultuur kan worden verbeterd; de resultaten terug te rapporteren naar de raad in een vervolg op de huisvesting van culturele voorzieningen en op te nemen in een eventueel nieuwe Horeca- en Retailvisie,
en gaat over tot de orde van de dag." De heer VAN DER WOERD (ChristenUnie): Voorzitter. De ChristenUnie heeft best veel tijd besteed aan dit onderwerp. We hebben bekeken wat voor een besluit er eigenlijk voorligt. Een besluit is een officiële keuze van bijvoorbeeld een gemeente of een ander overheidsorgaan en heeft in principe gevolgen voor de rechten en plichten van inwoners en organisaties, maar volgens ons heeft het voorliggende voorstel juist geen invloed op die rechten en plichten. Hetzelfde geldt eigenlijk voor de amendementen. Daarom stemmen wij tegen de amendementen en tegen het voorstel zelf. Eerlijk gezegd was onze eerste route de route die het CDA heeft gevolgd, maar die leidt ertoe dat wij een zinloos of betekenisloos besluit nemen. Dat zouden we als raad echt niet moeten willen. Wat het college nu voorstelt, voelt veel meer als een motie dan als een echt besluit. Daarom hebben wij de motie Passende ruimte voor cultuur in Delft gemaakt. Die is volledig gebaseerd op de inbreng van ons commissielid mevrouw Schuurmans. Onze motie gaat ook net een beetje verder dan het voorstel van het college en het amendement van de Partij van de Arbeid, want we zeggen ook nog eens: als we tijdelijk geld niet omzetten in vast geld, verdwijnen initiatieven of is er een risico dat 60
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
initiatieven verdwijnen, zoals de Buurtfabriek en DOK in Tanthof; dat willen we niet. Daarom vragen we het college om in de begroting geld op te nemen om die zoektocht te beginnen, zodat deze plekken kunnen blijven bestaan. Dat geldt ook voor de plannen rondom het theater. Natuurlijk moeten we, als we met een begroting bezig zijn, alle belangen wegen, maar dan hebben we daar weer het gesprek over. De ChristenUnie wil ook niet wachten op weer een nieuw IHPC. Dat helpt de cultuursector in Delft nu niet. Eerst hebben we een route uitgestippeld, maar zonder kaart of met een slechte, onduidelijke kaart en helemaal zonder brandstof, zonder geld. Zo kom je inderdaad nergens. Dat is wat we nu eigenlijk zien gebeuren. We willen dus niet nog langer wachten. Daarom stemmen we niet mee met de moties van STIP, want voordat je het weet, zit je met een IHPC waar weinigen iets aan hebben, omdat er onbetaalbare zaken in staan. We zouden dan een IHPC krijgen dat - dat zeg ik met een knipoog - aan het bloemkolen is. De heer HOMBERGEN (PvdA): Ik heb goed geluisterd naar de inbreng van de ChristenUnie; waardering daarvoor. U zegt dat uw voorstel iets verder reikt dan ons amendement. Wellicht is dat op sommige punten zo, maar op sommige punten is uw voorstel juist wat minder, want u geeft geen perspectief voor verdere ontwikkeling van de cultuurbehoefte in Delft.
U zegt dat er geen nieuw IHPC komt, maar u zegt ook niet wat daar dan voor in de plaats komt om enige samenhang te brengen. Wat is dan uw gedachte daarover? De heer VAN DER WOERD (ChristenUnie): Daar hebben we zeker wel gedachten over, maar daar gaat het hier nu juist niet om. Er ligt een IHPC; dat hebben we al voor kennisgeving aangenomen en dat hebben we al behandeld. Daar kan het college dus gewoon op voortborduren, als het dat wil. De heer HOMBERGEN (PvdA): Begrijp ik het goed dat u het IHPC zoals dat er nu ligt, als basis ziet en dat we daarop verdergaan? De heer VAN DER WOERD (ChristenUnie): Je kan het "een basis" noemen, maar het is iets wat er nu wel ligt en waar het college over heeft besloten. Daar mag het college mee verdergaan. Door de fracties van de ChristenUnie, het CDA en de VVD wordt motie 7.1.3 (Passende/genoeg ruimte voor cultuur in Delft) ingediend: "De gemeenteraad van Delft, bijeen op 22 mei 2025, bespreekt het agendapunt Integraal Huisvestingsplan cultuur (2508101), stelt vast dat: • •
Delft weinig laagdrempelig cultuuraanbod heeft in de wijken; een bibliotheekfunctie in Delft Tanthof gaat starten met tijdelijk SPUK-geld;
61
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
• • •
het initiatief voor een Buurtfabriek in Delft West wordt gestart met tijdelijke middelen van het Nationale Programma Leefbaarheid en Veiligheid; de gemeente een voorkeur heeft uitgesproken voor het toewerken naar een nieuw stadstheater; het Cultuurkader 2021-2031 een langetermijnvisie biedt op cultuur als verbindende kracht in de stad en tot stand is gekomen in nauwe samenwerking met meer dan 40 culturele en maatschappelijke partners;
heeft nagedacht over en houdt er rekening mee dat: • •
•
cultuur fysieke ruimte nodig heeft om tot uiting te komen en dat het per cultuuruiting kan verschillen welke ruimte passend is of passend kan worden gemaakt; Delft het welzijnswerk, de inrichting van de sociale basis, de maatschappelijke voorzieningenaanbod en het beheer van buurthuizen allemaal de komende jaren gaat herzien en dat cultuur integraal verweven is met al deze functies en voorzieningen; de uitbreiding van het cultuurvastgoed om aan de toekomstige vraag te voldoen, wordt geschat op een investering van 27 miljoen euro. In tegenstelling tot cultuur zelf past cultuurvastgoed niet per se op cultuur die onafgebakend en subjectief is. Een onderhoudsplan (naar voorbeeld van Rotterdam) is wel goed om te hebben, zodat situaties zoals van Rietveld en Theater de Veste beter in beeld zijn;
vindt belangrijk dat: • •
flexibiliteit in middelen behouden blijft voor cultuurmakers om mee te kunnen bewegen met de tijd, met de behoefte van de stad en met het komen en gaan van talenten en initiatiefnemers; gebouwen/fysieke ruimte cultuur kunnen ondersteunen en niet andersom. De investering van de gemeente moet aansluiten bij de concrete behoefte die er is en moet niet met een kader/instrument (IHPC) middelen gaan stoppen in stenen waar een cultuurmaker voor moet worden gevonden;
en geeft het college de opdracht om: • •
•
fysieke ruimten als accommodaties met sociaal maatschappelijke functies in wijken mede te laten benutten voor culturele activiteiten, bijvoorbeeld scholen, buurthuizen e.d.; in de begroting op termijn rekening te houden met het structureel maken van de bibliotheek/multifunctionele ruimte in Delft Tanthof (met inachtneming van te leren lessen van de komende jaren). Het spreekt vanzelf dat dit dient te gebeuren met een integrale afweging van alle belangen; in de begroting op termijn rekening te houden met het structureel maken van de Buurtfabriek (met inachtneming van te leren lessen van de komende 62
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
•
jaren). Het spreekt vanzelf dat dit dient te gebeuren met een integrale afweging van alle belangen; op basis van de financiële strategie voor de Kadernota 2026 in de begroting vanaf 2028 rekening te gaan houden met de financiële strategie voor eventueel een nieuw stadstheater; het spreekt vanzelf dat dit dient te gebeuren met een integrale afweging van alle belangen,
en gaat over tot de orde van de dag." Mevrouw BRUSSAARD (Volt): Voorzitter. In de commissievergadering heb ik mijn zorgen gedeeld over hoe we in Delft omgaan met de cultuur. Wat Volt betreft mag cultuur niet steeds een sluitpost op de begroting zijn. Het is belangrijk dat we, zoals we ook deden bij de bespreking van de Kadernota in 2023, hier als raad veel meer integraal op gaan sturen en niet elke keer op losse projecten. Cultureel vastgoed is voor de gemeente echt een van de middelen om op het cultuurbeleid te kunnen sturen. Ik ben nog steeds blij dat de wethouder na de bespreking van de Kadernota zonder duidelijke opdracht van ons als raad aan de slag durfde te gaan met een IHP Cultuur. We hebben nu een stuk waar misschien niet iedereen tevreden over is … Nee, ik ga het anders zeggen. Een pessimist zou zeggen dat de moties allemaal vragen om een verbeterd IHP, aangeven wat er ontbreekt of aangeven dat het een theaterstuk is geweest en dat het dus een beetje voelt als mosterd na de maaltijd om met nieuwe ideeën te komen. Maar een optimist zou constateren dat er in de gemeenteraad duidelijk behoefte aan is om integraal op cultureel vastgoed te gaan sturen. Ik denk dat de wethouder daarmee met dit IHP toch echt wat heeft bereikt en dat we op basis van dit IHP met elkaar kunnen zeggen wat de dingen zijn waar het op dit moment aan schort in Delft.
Er is te weinig ruimte voor cultuur in de wijken. Er liggen kansen door het met andere voorzieningen te doen en met multifunctionaliteit. Er is behoefte aan een extra bibliotheek in Delft. Wij kunnen daarom meegaan met de moties die zeggen: de volgende keer zouden we dit misschien als opdracht meegeven. We kunnen ook meegaan met het voorstel van de ChristenUnie, dat eigenlijk een stap verder gaat door op basis van dit IHP al te zeggen wat de projecten zijn waarvoor we structureel geld moeten gaan vrijmaken in Delft. Tot slot de nachtcultuur. Daarvoor wil ik de credits aan STIP geven, want wij vonden het heel lastig om dit in een motie te gieten, maar door het verbinden met de Retailvisie, dat inderdaad aangeeft dat er overlap is met andere domeinen, is dit een kans om aan de slag te gaan met de nachtcultuur in Delft. Ook wij horen immers dat er daar te weinig van is en dat daar behoefte aan is. De heer VAN DER SLUIS (SP): Voorzitter. Ik heb niet veel tijd, maar ik ben het in principe eens met wat STIP heeft gezegd over nachtcultuur. Daarom hebben we die motie mede ingediend. Misschien is dit plan niet de droom die bepaalde partijen erover hadden, maar ik vind dit een goede start. Daar ben ik blij mee. Mevrouw WESSELS (GroenLinks): Voorzitter. We hebben de afgelopen week en met name de afgelopen dagen achter de schermen met verschillende mensen contact gehad.
We zien dat de algemene deler is dat het IHP Cultuur niet helemaal 63
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
de concreetheid heeft die we hadden verwacht. We zien wel dat het inzicht geeft in cultuurgebouwen die we zelf hebben, maar het is niet altijd even evident wat wel of niet cultuur is, juist ook als het van derden is. Sommige plekken huisvesten wel cultuur, maar ook allerlei andere functies. Ik ga helemaal terug naar de basis: waarom wilden we eigenlijk een IHP Cultuur? Dat is wat ons betreft om de beschikbaarheid van ruimtes en de goede huisvesting van culturele activiteiten inzichtelijk te maken en om overzichtelijk te maken waar we in bestaande en nieuwe ruimtes moeten investeren, zodat we dat integraal kunnen afwegen. Deze exercitie heeft wat ons betreft inzichtelijk gemaakt wat de opgaven op hoofdlijnen zijn. Het college heeft ook inzichtelijk gemaakt voor welke projecten er nu energie zit in de stad. Dat willen we in de toekomst graag goed kunnen blijven volgen. We geven ons inziens een heldere richting mee aan de stad. Veel cultuurorganisaties kijken nu met ons mee. Vandaar dat we het amendement van de PvdA mede hebben ingediend. Om dezelfde reden zullen we het amendement van het CDA niet steunen, omdat dat wat ons betreft te weinig sturing meegeeft voor "wat dan wel?", maar we herkennen wel de vergelijkbare zorg onder datgene wat er nu ligt: wat kunnen we hier nou op sturen? De motie betreft een nieuw plan en stuurt wat ons betreft te veel aan op een nieuw IHPC.
Wij vragen ons af of dat de juiste weg is. Daarom is amendement 7.1.B vooral gericht op hoe we in ons bestaande beleid maar ook bij de jaarstukken iedere keer terug kunnen blijven kijken naar die lijnen, zodat we daar goed op kunnen blijven sturen. We kunnen ons goed vinden in de motie Stappen op nachtcultuur. We vragen het college wel wat dit aan extra inzet vraagt. Je kunt dit heel groot en heel klein maken. Ik ben dus nog benieuwd hoe het college daarnaar kijkt. Met betrekking tot de motie van de ChristenUnie, Passende ruimte voor cultuur, herkennen we zeker de zorg over de financiën, maar we willen het ook integraal af kunnen wegen. Ook daarbij is de vraag aan het college dus wat het extra gaat doen als we deze motie aannemen. Mevrouw DIJK (D66): Voorzitter. Vandaag wordt ons niet gevraagd om in te stemmen met het IHP. Het staat fracties vrij of zij straks projecten meenemen in hun overwegingen bij de Kadernota. Dat vraagt geen besluit van deze raad. Een besluit waarin we formeel kennisnemen heeft op zichzelf geen betekenisvolle waarde. Daar stemmen wij dan ook niet voor. Tegen het voorstel stemmen of voor het amendement van het CDA heeft in die zin hetzelfde effect. Het amendement van de PvdA vraagt ons echter om vier projecten uit het IHP nu al vast te leggen, terwijl de wethouder ons alleen vroeg om er kennis van te nemen.
We hebben er kennis van genomen en we zien graag een volwaardig en volledig IHP Cultuur tegemoet met financiële dekking, dat ter besluitvorming aan de raad wordt voorgelegd. Onze tegenstem zegt dus niets over de inhoud van het IHP Cultuur, maar laat zien dat ons vandaag feitelijk niets wordt gevraagd. Dan de moties. Ik heb zojuist al mijn twijfels geuit over het stappenplan voor de nachtcultuur. Mijn vraag, misschien aan beide wethouders, is hoe dat eruitziet. Er 64
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
wordt ook gevraagd om een terugkoppeling, maar volgens mij stond al in de oplegger dat terugkoppeling aan de orde is. Wij steunen de motie van de ChristenUnie. Die gaat over bestaande afspraken. Volgens mij staat er ook in hoe we de Buurtfabriek in Delft-West verder gaan onderbouwen en dus een heldere lijn meegeven. Mevrouw TIMMERMANS (Onafhankelijk Delft): Voorzitter. Onafhankelijk Delft vindt dit eigenlijk gewoon een vaag plan. Nog vager is dat er nu met moties en amendementen moet worden gekomen die op basis van het plan dan maar invulling aan dit plan moeten geven. Nu moeten we het doen met teksten zoals: als aan de investeringsplannen uitvoering wordt gegeven per 2040 met een afschrijftermijn van 25 jaar, is er € 1.080.000 aan afschrijving. Onafhankelijk Delft denkt dan: laten we ezeltje strek je uit de Efteling halen en hier op de Markt plaatsen. Onafhankelijk Delft wil wel meegeven dat we weer geen nachtcultuur terugzien. Dat kan kloppen, want er is een hele mooie motie opgesteld, die we mede hebben ingediend, om de nachtcultuur hier in Delft hopelijk een beetje terug te krijgen. Hoogstwaarschijnlijk zal die worden opgenomen in de Horeca- en Retailvisie. Dat maakt dat we in de nabije toekomst in deze groeiende stad misschien toch nog één grote discotheek kunnen lokaliseren. Vroeger, toen ik hier nog kon stappen, had ik meerdere opties.
We overwegen om voor het amendement van het CDA te stemmen, nu we eigenlijk met z'n allen bezig zijn met al invulling geven aan een plan met inhoud uit dat plan. Als we voor het amendement van het CDA stemmen, komen we ook goed weg met de motie over nachtcultuur, want die wordt dan in een ander stuk opgenomen. Mevrouw VOOGT (VVD): Voorzitter. Er is al veel gezegd. Ik concludeer dat we weer een heel bijzonder proces aan het lopen zijn. Wat ons betreft ligt hier geen plan voor. Het is een ambitie op papier, zonder goede onderbouwing en zonder dekking. De VVD neemt kennis van het onderzoek, maar ook wij kunnen niet instemmen met het frame dat dit een plan is. Er is geen totaalbeeld, geen inzicht in de financiële samenhang en geen toetsing aan de behoefte van Delftenaren. Wij willen wel investeren in inspirerende bottom-upinitiatieven, zoals de Buurtfabriek, maar niet in vage plannen die ons eventueel miljoenen gaan kosten, zonder dat we weten waar het geld vandaan moet komen. Dromen zijn mooi, maar plannen zonder dekking zijn geen beleid. Wij zeggen: eerst de financiën op orde en dan pas investeren. Mevrouw BRUSSAARD (Volt): Een checkvraag, want we hebben ooit een motie voor een IHP Cultuur ingediend, juist omdat we een opdracht wilden geven voor een IHP.
Zou de VVD met terugwerkende kracht eigenlijk wel een integrale afweging willen kunnen maken? Is er in de toekomst en nu dus wel behoefte aan een IHP Cultuur? Mevrouw VOOGT (VVD): Ja, wellicht zou dat kunnen, maar dat is nu niet meer im Frage. Dit is waarmee we het moeten doen en dit is wat er nu ligt. Op basis daarvan constateer ik dat wat er ligt gewoon onvoldoende is. Daarom hebben wij het amendement van het CDA mede ingediend, want door het schrappen van de besluitpunten 2 en 3 wordt voorkomen dat de raad impliciet instemt met projecten 65
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
die niet financieel zijn onderbouwd en die inhoudelijk onvoldoende zijn onderzocht. Het voorkomt dat een aantal projecten ten onrechte als urgent of kansrijk worden gepresenteerd zonder vergelijkende analyse of financiële dekking. Hiermee houden wij als raad dus ruimte om op een later moment per project een strategische afweging te maken. Dat is volgens ons hoe goed bestuur werkt. Ook de motie van de ChristenUnie hebben wij mede ingediend, want ook wij zijn tegen ongedekte investeringen en blanco cheques. De motie stelt ons daartoe dus niet verplicht. Zij vraagt slechts om bij de komende begroting rekening te houden met dat wat werkt en om ruimte te maken voor cultuurmakers in wijken en in bestaande panden. Die richting past precies bij wat de VVD voorstaat: cultuur dicht bij mensen zonder dure stenen als uitgangspunt. Zolang elke stap financieel verantwoord blijft, zien wij deze motie als een verstandige procesmatige aanmoediging, zodat er niet vooraf wordt uitgegaan van miljoeneninvesteringen. Alle andere moties en het andere amendement zullen wij dan ook niet steunen. Mevrouw DE JONGH SWEMER (Hart voor Delft): Voorzitter. Hart voor Delft steunt de moties die dit plan als onvolledig bestempelen en die oproepen tot een volwaardig, inhoudelijk kloppend IHP: eerst de basis op orde, dan pas geld. Ook steunen we de motie over nachtcultuur. Na 23.00 uur is het stil in Delft.
Dat is funest voor levendigheid en horeca. Wethouder VAN VLIET: Voorzitter. Het IHP Cultuur zoals dat er ligt, met het voorstel erbij, heeft heel veel losgemaakt. Het begint er natuurlijk mee dat u als raad al in veel debatten en in het Cultuurkader heeft laten blijken dat u cultuur een heel warm hart toedraagt. Huisvesting is daarbij een heel belangrijk onderdeel, maar het ontbreekt aan overzicht over wat er is en wat we zouden moeten hebben en aan de mogelijkheid om daar integraal op te sturen. Dat maakt dat u met name met een voorstel van Volt gevraagd heeft om dat inzicht te bieden. U heeft ook nu de nodige vragen gesteld over het stuk en over de besluiten die worden voorgelegd. Daar heeft u de afgelopen weken heel veel over gesproken. Ik ben blij dat we hier vanavond met elkaar het debat daarover kunnen voeren. Heel veel mensen in de raad zijn op zoek geweest naar: hoe kunnen we de besluitvorming goed en zorgvuldig doen, goed voor de stad en vooral ook voor de culturele sector? Dat getuigt ook weer van uw grote betrokkenheid. Voordat ik inga op alle amendementen en moties, wil ik kort reflecteren op hoe we hier gekomen zijn.
Het begon met de vraag vanuit de raad, vanuit Volt, om recht te doen aan de ambities uit het Cultuurkader en inzicht te bieden in en helderheid te geven over de huisvesting van cultuur: hoe staan we ervoor en wat zou een stad als Delft eigenlijk moeten hebben aan cultuurhuisvesting, mede gebaseerd op dat Cultuurkader, om vervolgens integraal te kunnen sturen? Vervolgens hebben wij voor u dit IHP opgesteld. Wat dit IHP doet, is heel gestructureerd analyseren wat er is aan cultureel vastgoed, zodanig dat we dat ook kunnen vergelijken met andere steden. Daarbij is er ook nog eens een analyse gedaan van hoe het verspreid ligt over de stad, waar de nadruk op het punt van culturele huisvesting nu ligt en waar er tekorten zijn. Het college trekt een aantal belangrijke conclusies uit deze rapportage. De duidelijkste is 66
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
natuurlijk dat we met onze culturele voorzieningen in Delft ernstig tekortschieten. Dat sluit ook heel erg aan bij de nauwe gesprekken die wij regelmatig voeren met het veld, als je het vraagt aan mensen in de amateurkunst of in de popsector of aan mensen die graag een boek lenen in de bibliotheek of die een podium willen in de wijk: de stad snakt naar ruimte. Met dit stuk wordt ook cijfermatig onderbouwd dat dat een terecht gevoel is. De tweede conclusie is dat de plek vooral ontbreekt in de wijken. Wat er nu is, concentreert zich hier in en rond de binnenstad. In de wijken hebben wij een groot tekort. De derde conclusie is: als we daarin een been willen bijtrekken, vraagt dat stevige investeringen, waar je een plan voor kunt maken. Dit stuk geeft een aanzet voor hoe dat eruit zou kunnen zien. Als het college vervolgens reflecteert op waar we nu mee bezig zijn binnen de kaders van uw raad en op de projecten die in de stad zijn geïnitieerd en die al lopen binnen uw kaders bijvoorbeeld de Buurtfabriek, het initiatief van onze bibliotheek om in de Tanthof aan de slag te gaan of het initiatief om iets te doen in het Kabeldistrict, maar ook het beter gebruiken van de buurthuizen - dan is de conclusie dat zij eigenlijk heel goed invulling geven aan de aanpak van dat tekort. Deze bevindingen van het college hebben ertoe geleid dat wij een voorstel hebben gedaan.
Allereerst: wij hebben het stuk niet aan u voorgelegd ter vaststelling, want het stuk zoals dat er nu ligt, is echt een analyse. Het is echt een eerste stap, een analyse, en het doet suggesties voor hoe we het op orde kunnen krijgen, maar het is te vroeg om daarover echt een besluit te nemen als kader. We constateren dat de vier lijnen waar ik het over had, wel heel goed aansluiten. Voor nu stellen wij die lijnen dus niet ter discussie, want we zien dat zij daarbinnen passen. We gaan verder met partijen om die lijnen nader uit te werken. We constateren, net als de raad, dat we er nog niet zijn. Dit is weliswaar een eerste slag die we hebben gedaan, een analyse die we hebben gemaakt, maar u heeft nog veel meer vragen. Die vragen om een vervolgproces. Hoe gaan we verder? Het college ziet dat als volgt voor zich. We gaan door met de vier lijnen waar we het over hebben en waar we mee bezig zijn. Dat gaan we uitwerken tot voorstellen, zodat u als raad zich daarover een mening kunt vormen en ook kunt zien wat dat oplevert voor de stad maar ook wat dat kost voor de stad en of we dat kunnen realiseren. Het tweede wat het college voornemens is te doen, is dat u aan het eind van dit jaar van ons een procesvoorstel krijgt. Dat procesvoorstel gaat integraal over cultuurhuisvesting, over sociaal-maatschappelijke huisvesting, onder andere buurthuizen, en over onderwijs.
Wij zien dat het heel belangrijk is om die drie velden over elkaar heen te leggen. Het is goed om u duidelijkheid te bieden: als wij het in de toekomst hebben over huisvesting, hoe gaan we daar dan goed over besluiten, welke stukken horen daarbij en welke vraag wordt in welk stuk beantwoord? Dat procesvoorstel krijgt u voor het einde van het jaar van ons. Dat is wat het college van plan is te doen. Dan de reflectie op het debat. We constateren dat partijen hadden verwacht ook andere zaken in het IHP te lezen. Ik kan me dat voorstellen.
67
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
De heer VALK (CDA): Ik zit nog even te kauwen op wat de wethouder allemaal zegt. Een van de dingen die hij zei, was dat het helemaal niet de bedoeling is dat de raad dit stuk vaststelt, maar waarom zit er dan een raadsvoorstel bij? Wethouder VAN VLIET: Daar kom ik zeker op; nee, ik trek dat naar voren. Waarom zit er een voorstel bij? Wij trekken als college met dit hele brok nieuwe informatie de conclusie dat het, kijkend naar waar we mee bezig zijn binnen uw kaders, verstandig is om de dingen waar wij mee bezig zijn, door te zetten, omdat die juist invulling geven aan de lacune die uit dit stuk blijkt. Dan kunnen we als college zeggen: dat is prima; we kunnen gewoon binnen uw kaders door. Dat hadden we ook kunnen opschrijven als een constatering: wij gaan door; wij zien niet dat het nodig is om daarin iets aan te passen. Wij hebben overwogen dat het ook goed is om die conclusie gezamenlijk te trekken. Dat is de reden waarom dat besluit hier staat. We kunnen als college die conclusie trekken, maar we kunnen die conclusie ook met elkaar trekken, zodat wij gesteund door uw raad op dit pad verdergaan. Dat is de overweging geweest om dit op te nemen in een voorstel. Mevrouw BRUSSAARD (Volt): Ik heb een vraag over het procesvoorstel dat we aan het eind van het jaar kunnen verwachten.
Waarom kunnen we dat aan het einde van het jaar verwachten en bijvoorbeeld niet bij de begrotingsbespreking? De heer VAN DER WOERD (ChristenUnie): Als het toch niet de bedoeling was dat we dit zouden vaststellen, waarom heeft de wethouder het dan niet gewoon ter kennisgeving aan de raad gegeven en het aan de raad overgelaten om het te willen agenderen? Dan zouden we ook best een mooi debat hebben gehad. Wethouder VAN VLIET: Het antwoord op de vraag van mevrouw Brussaard is dat wij ook tijd nodig hebben om het op te stellen. Het is nieuw voor de gemeente dat we zo integraal deze drie beleidsterreinen met elkaar vervlechten en komen tot een voorstel voor hoe we daar in de toekomst op sturen. Daar hebben we tijd voor nodig. Dan het antwoord op de vraag van de ChristenUnie. Wij hebben u eerder bijvoorbeeld een evaluatie van het Cultuurkader gestuurd. Ook dat was een stuk gewoon ter informatie: we hebben een evaluatie gedaan; geachte raad, hier is de evaluatie. Een van de dingen die leden van de raad ons teruggaven, was: dat is nou ook wat; u geeft ons een stuk, maar wat gaat het college daar nou mee doen, welke conclusies trekt het college uit dit stuk en wat zijn de acties die u gaat doen? Dat is de reden waarom wij bij dit stuk hebben gezegd: wij maken wel degelijk een analyse, waarbij wij voor onszelf bepalen wat verstandig is om te doen, en wij betrekken de raad daarin.
Het voorstel is dus juist bedoeld om u in positie te brengen, terwijl wij misschien ook gewoon hadden kunnen doorgaan. De VOORZITTER: Ik stel voor dat de wethouder het betoog vervolgt. Er is straks ook nog een tweede termijn. Wethouder VAN VLIET: D66 en de VVD zeggen: we hebben een IHP, maar daar zit geen dekking bij. Dat snap ik natuurlijk ook wel. Ik wil benadrukken dat het vanaf het 68
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
allereerste begin niet de bedoeling is geweest om in deze fase al een IHP te maken met dekking. U bent dat gewend bij het IHP Onderwijs. Daarin staat: dit gaan we doen en dit is de dekking. Daarmee geeft u eigenlijk de opdracht om dit zo uit te voeren; dat doet u bij de begroting. In deze fase was dat voor dit IHP nog niet nodig. Het ging gewoon om de allereerste vraag: waar hebben we het over? Als we moeten investeren in cultuur, over welke omvang hebben we het dan? U moet zich ervan bewust zijn dat we dit alleen maar stap voor stap kunnen doen. Wij kunnen niet in één keer iets voorleggen en dan ook gelijk de dekking erbij hebben. Dat zou ik graag willen; ik zou dat toverstokje graag hebben, maar daarover beschikken wij niet. Mevrouw VOOGT (VVD): Maar tegelijkertijd ligt hier een voorstel op tafel om een aantal projecten met urgentie voorrang te geven, waarbij je als raad dus eigenlijk ook tegen de wethouder zegt: ga deze maar doen. Ik begrijp het antwoord van de wethouder dus niet helemaal. Wethouder VAN VLIET: Het bijzondere is dat wij daar binnen uw kaders al mee bezig zijn. Met de Buurtfabriek zijn wij in West natuurlijk bezig; u heeft daar stukken over gekregen. Wat het Kabeldistrict betreft, hebben wij een anterieure overeenkomst gesloten met een projectontwikkelaar, waarin staat dat hij vierkante meters cultuur moet maken. U heeft die opdracht dus al gegeven.
Het klopt dat u daar niet opnieuw opdracht voor zou moeten geven. Wij hebben alleen gezegd: wij gaan dat zo doen. We wilden u als raad in positie houden, maar we hadden dat niet zo expliciet hoeven te doen. Is het een toevallig lijstje? Nee, dit zijn expliciet projecten waarin energie zit in de stad, waarin mensen echt initiatief nemen op basis van de vraag uit de stad en waar wij graag op voortbouwen, ook omdat die financiën juist zo belangrijk zijn. Als hier partijen juist met elkaar aan de slag gaan en wij daar als gemeente alleen een bijdrage aan hoeven te doen, is dat natuurlijk veel mooier dan wanneer wij iets helemaal alleen zelf zouden moeten en willen ontwikkelen. Ik denk dat het goed is om naar de amendementen en de moties te gaan. Het college kan zich goed vinden in het amendement van de PvdA en GroenLinks, omdat dat feitelijk in aangepaste vorm weergeeft welk spoorboekje het college voor zich ziet. Het is mooi als we dat hier met elkaar bekrachtigen en als de raad zegt: wij kunnen ons als raad vinden in deze lijn. Dat zou een bekrachtiging zijn van de lijn die we met elkaar uitzetten. Dat is waarom het college minder gecharmeerd is van het amendement van het CDA, omdat daarmee ook de stad juist geen duidelijkheid wordt geboden over hoe we na het opstellen van dit stuk verdergaan. Wij willen ook de stad en de culturele sector daarin juist helderheid bieden.